XG-SV100W/SV200X Operation-Manual NL

Inleiding
DATA-PROJECTOR
XG-SV100W
XG-SV200X
Eenvoudig starten
MODEL
Installatie
GEBRUIKSAANWIJZING
Aansluitingen
Basisbediening
Handige
voorzieningen
Aanhangsel
BELANGRIJK
• Vul het model- en serienummer in, dat
staat aangegeven op het achterpaneel
van de projector. Deze informatie heeft u
nodig in geval van verlies of diefstal.
• Controleer of alle meegeleverde
accessoires, zoals beschreven onder
“Bijgeleverde accessoires” op blz. 11 van
deze gebruiksaanwijzing, inderdaad in de
doos aanwezig zijn voor u de verpakking
recyclet.
ii
Modelnummer:
Serienummer:
SPECIAL NOTE FOR USERS IN THE U.K.
The mains lead of this product is fitted with a non-rewireable (moulded) plug incorporating
a 10A fuse. Should the fuse need to be replaced, a BSI or ASTA approved BS 1362 fuse
marked or
and of the same rating as above, which is also indicated on the pin face
of the plug, must be used.
Always refit the fuse cover after replacing the fuse. Never use the plug without the fuse
cover fitted.
In the unlikely event of the socket outlet in your home not being compatible with the plug
supplied, cut off the mains plug and fit an appropriate type.
DANGER:
The fuse from the cut-off plug should be removed and the cut-off plug destroyed immediately and disposed of in a safe manner.
Under no circumstances should the cut-off plug be inserted elsewhere into a 13A socket
outlet, as a serious electric shock may occur.
To fit an appropriate plug to the mains lead, follow the instructions below:
WARNING:
THIS APPARATUS MUST BE EARTHED.
IMPORTANT:
The wires in this mains lead are coloured in accordance with the following code:
Green-and-yellow : Earth
Blue
: Neutral
Brown
: Live
As the colours of the wires in the mains lead of this apparatus may not correspond with
the coloured markings identifying the terminals in your plug proceed as follows:
• The wire which is coloured green-and-yellow must be connected to the terminal in the
plug which is marked by the letter E or by the safety earth symbol
or coloured green
or green-and-yellow.
• The wire which is coloured blue must be connected to the terminal which is marked
with the letter N or coloured black.
• The wire which is coloured brown must be connected to the terminal which is marked
with the letter L or coloured red.
IF YOU HAVE ANY DOUBT, CONSULT A QUALIFIED ELECTRICIAN.
Geautoriseerde vertegenwoordiger in de Europese Unie
SHARP ELECTRONICS (Europe) GmbH
Sonninstraße 3, D-20097 Hamburg
ALLEEN E.U.-LANDEN
iii
The supplied CD-ROM contains operation instructions in English, German, French, Spanish,
Italian, Dutch, Swedish, Portuguese, Chinese, Korean and Arabic. Carefully read through the
operation instructions before operating the projector.
Die mitgelieferte CD-ROM enthält Bedienungsanleitungen in Englisch, Deutsch, Französisch,
Spanisch, Italienisch, Niederländisch, Schwedisch, Portugiesisch, Chinesisch, Koreanisch
und Arabisch. Bitte lesen Sie die Bedienungsanleitung vor der Verwendung des Projektors
sorgfältig durch.
Le CD-ROM fourni contient les instructions de fonctionnement en anglais, allemand, français,
espagnol, italien, néerlandais, suédois, portugais, chinois, coréen et arabe. Veuillez lire attentivement ces instructions avant de faire fonctionner le projecteur.
El CD-ROM suministrado contiene instrucciones de operación en inglés, alemán, francés,
español, italiano, holandés, sueco, portugués, chino, coreano y árabe. Lea cuidadosamente
las instrucciones de operación antes de utilizar el proyector.
Il CD-ROM in dotazione contiene istruzioni per l’uso in inglese, tedesco, francese, spagnolo,
italiano, olandese, svedese, portoghese, cinese, coreano e arabo. Leggere attentamente le
istruzioni per l’uso prima di usare il proiettore.
De meegeleverde CD-ROM bevat handleidingen in het Engels, Duits, Frans, Spaans,
Italiaans, Nederlands, Zweeds, Portugees, Chinees, Koreaans en Arabisch. Lees de
handleiding zorgvuldig door voor u de projector in gebruik neemt.
Den medföljande CD-ROM-skivan innehåller bruksanvisningar på engelska, tyska, franska,
spanska, italienska, holländska, svenska, portugisiska, kinesiska, koreanska och arabiska.
Läs noga igenom bruksanvisningen innan projektorn tas i bruk.
O CD-ROM fornecido contém instruções de operação em Inglês, Alemão, Francês,
Espanhol, Italiano, Holandês, Sueco, Português, Chinês, Coreano e Árabe. Leia
cuidadosamente todas as instruções de operação antes de operar o projetor.
iv
Inleiding
WAARSCHUWING:
Inleiding
Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door voordat u de projector in gebruik
neemt.
NEDERLANDS
Zeer sterke lichtbron. Kijk niet rechtstreeks in de lichtbundel. Let
er vooral op dat kinderen niet rechtstreeks in de lichtbundel kijken.
WAARSCHUWING: Stel het apparaat niet bloot aan regen of vocht om brand
of een gevaarlijke elektrische schok te voorkomen.
LET OP
GEVAARLIJKE SPANNINGEN.
GEEN SCHROEVEN VERWIJDEREN,
BEHALVE DE VOORGESCHREVEN GEBRUIKER-ONDERHOUDSSCHROEVEN.
LET OP: OM DE KANS OP EEN ELEKTRISCHE SCHOK TE VERMINDEREN, MAG DE
BEHUIZING NIET WORDEN GEOPEND.
ER ZIJN GEEN DOOR DE GEBRUIKER REPAREERBARE ONDERDELEN IN HET
APPARAAT, BEHALVE DE LAMPEENHEID.
LAAT ONDERHOUD EN REPARATIE OVER AAN BEVOEGD ONDERHOUDSPERSONEEL.
WAARSCHUWING:
Een bliksemsymbool in een gelijkzijdige
driehoek maakt de gebruiker attent op
de aanwezigheid van niet-geïsoleerde
“gevaarlijke spanningen” in het
inwendige van het apparaat, die zo
groot kunnen zijn dat zij een ernstige
elektrische schok kunnen veroorzaken.
Een uitroepteken in een gelijkzijdige
driehoek maakt de gebruiker attent
op belangrijke bedienings- en onderhoudsinformatie in de documentatie die
bij het apparaat wordt geleverd.
Dit is een Klasse A-product. Het is mogelijk dat dit product in
de huiselijke omgeving radiostoringen veroorzaakt waartegen
de gebruiker afdoende maatregelen dient te nemen.
1
INDIEN U HET PRODUCT WILT WEGDOEN
Dit product gebruikt een lamp die een kleine hoeveelheid kwik bevat. Het
verwijderen van deze materialen kan aan diverse voorschriften zijn
onderworpen op basis van milieu-overwegingen. Voor informatie
betreffende verwijderen of recycling kunt u contact opnemen met de
plaatselijke autoriteiten, de Electronics Industries Alliance: www.eiae.org, de
lamp recycling organisatie www.lamprecycle.org of neem contact op met
SHARP via 1-800-BE-SHARP.
ALLEEN VOOR DE V.S.
Belangrijke informatie betreffende het vervangen van de lamp
■ In deze projector wordt een hogedruk-kwiklamp gebruikt. Wanneer de lamp doorbrandt, hoort u
mogelijk een luid geluid. De lamp kan defect raken als gevolg van diverse oorzaken zoals: harde
schokken, onvoldoende afkoelen, krassen op de lamp of overschrijding van de levensduur.
De periode tot het defect raken van de lamp varieert afhankelijk van de lamp en/of de toestand en
frequentie van gebruik. Houd er rekening mee dat de lamp bij het defect raken vaak zal barsten.
■ Wanneer de lampvervangingsindicator en het beeldscherm-pictogram branden, raden wij u aan de
lamp meteen door een nieuwe te vervangen, ook wanneer de lamp normaal lijkt te werken.
■ Mocht de lamp barsten, dan bestaat de kans dat er glassplinters in het inwendige van de projector
verspreid worden. In dat geval verdient het aanbeveling contact op te nemen met uw dichtstbijzijnde
officiële Sharp projectordealer of servicecentrum om de beschadigde lamp te laten verwijderen
zodat een veilige werking gewaarborgd is.
■ Mocht de lamp barsten, dan kunnen de glassplinters in het lamphuis verspreid worden of het gas
dat in de lamp is kan via de uitlaatopening in de kamer terechtkomen. Aangezien het gas dat in deze
lamp is kwik bevat, moet u de ruimte goed ventileren wanneer de lamp barst en tevens blootstelling
aan het ontsnapte gas voorkomen. Indien u toch aan het gas wordt blootgesteld, dient u meteen de
hulp van een arts in te roepen.
Let op
• Verwijder de lamp niet meteen nadat u de projector hebt gebruikt. De lamp zal zeer heet zijn en kan
brandwonden of ander letsel veroorzaken.
• Wacht minstens één uur nadat de stekker uit het stopcontact is getrokken zodat het oppervlak van
de lampeenheid helemaal kan afkoelen alvorens de lampeenheid te verwijderen.
• Raak niet het glas van het lamphuis of onderdelen in het inwendige van de projector aan.
• Draai geen andere schroeven los dan die van het lamphuisdeksel en het lamphuis.
• De lamptimer mag alleen na het vervangen van de lamp worden teruggesteld. Als u de lamptimer
terugstelt en dan dezelfde lamp blijft gebruiken, kan de lamp beschadigd worden of exploderen.
■ Vervang de lamp door de volgende aanwijzingen nauwkeurig op blz. 72 tot 74.
* U kunt de lamp ook bij uw dichtstbijzijnde officiële Sharp projectordealer of servicecentrum
laten vervangen.
* Als de nieuwe lamp niet brandt nadat u deze aangebracht hebt, dient u de projector voor reparatie naar uw
dichtstbijzijnde officiële Sharp projectordealer of servicecentrum te brengen.
2
Inleiding
Hoe u deze gebruiksaanwijzing moet lezen
■ De technische gegevens verschillen een weinig, afhankelijk van het model. U kunt echter alle
modellen op dezelfde wijze aansluiten en bedienen.
• De afbeeldingen en schermaanduidingen in deze gebruiksaanwijzing zijn vereenvoudigd om de
uitleg te vergemakkelijken en kunnen enigszins afwijken van de feitelijke aanduidingen die u ziet.
Gebruik van het menuscherm
RETURN toets
• Druk op RETURN om terug te keren
naar het vorige scherm wanneer het
menu wordt weergegeven.
ENTER toets
Insteltoetsen (P/R/O/Q)
MENU toets
MENU toets
ENTER toets
Insteltoetsen
(P/R/O/Q)
RETURN toets
• Druk op RETURN om terug
te keren naar het vorige
scherm wanneer het menu
wordt weergegeven.
Toetsen die in deze
bedieningsstap
gebruikt worden
Menu-selecties (Afstellingen)
Voorbeeld: Instellen van “Helder”.
• U kunt de bedieningshandelingen ook uitvoeren met de toetsen op de projector.
1
Voorbeeld: “Beeld” menuscherm
Menu-onderdeel
Druk op MENU.
• Het “Beeld” menuscherm voor de gekozen
ingangsfunctie verschijnt.
Beeld
2
Druk op Q of O en selecteer
“Beeld” om afstellingen te maken.
Audio
SIG
Beeldmodus
Contrast
Helder
Kleur
Tint
Scherpte
Rood
Blauw
Kleurtmp
BrilliantColor™
C.M.S.1
C.M.S.2
Ruisonderdr.
Eco + Stil
Reset
SEL/INS
Terug
SCH
PRJ
Toetsen die bij
deze bediening
gebruikt worden
Netw
Standaard
0
0
0
0
0
0
0
0
1
Beeldschermdisplay
Uit
Uit
Niveau 2
Uit
ENTER
END
46
Info ................... Hier worden veiligheidsmaatregelen gegeven voor het gebruik van de
projector.
Opmerking ..... Hier wordt extra informatie verschaft voor de instelling en
bediening van de projector.
Belangrijke bladzijden
Onderhoud
Blz. 69
Problemen oplossen
Blz. 81 tot 83
Index
Blz. 87
3
Inhoudsopgave
Voorbereiding
Inleiding
Hoe u deze gebruiksaanwijzing moet lezen ..3
Inhoudsopgave .......................................4
BELANGRIJKE
VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN..........6
Toegang krijgen tot de
PDF-gebruiksaanwijzingen ................10
Accessoires ..........................................11
Benaming en functie van de onderdelen ...12
Zijaanzicht .............................................. 12
Bovenkant .............................................. 12
Voorkant................................................. 12
Achterkant (Aansluitingen) ...................... 13
Plaatsen van de batterijen....................... 15
Bedieningsbereik .................................... 15
Eenvoudig starten
Eenvoudig starten ................................16
Installatie en projectie ............................. 16
Installatie
Instellen van de projector .....................18
Instellen van de video ............................. 18
Instellen van de projector ........................ 18
Standaard opstelling (projectie van voren) .. 18
Schermformaat en projectie-afstand ....... 19
Projectie-instellingen ............................... 21
Installatie plafondmontage ...................... 21
Aansluitingen
De projector aansluiten op andere
apparatuur..........................................22
Bedienen van de projector via een
computer ............................................25
Aansluiten van het netsnoer .................26
Gebruik
Basisbediening
In/uitschakelen van de projector ..........27
De projector inschakelen ........................ 27
De projector uitschakelen
(de projector in de ruststand zetten) ..... 27
Beeldprojectie ......................................28
De lens verstellen ................................... 28
Gebruik van de stelvoetjes ...................... 29
Scherpstellen van het beeld .................... 30
Afstellen van de geprojecteerde
beeldgrootte ........................................ 30
Correctie van perspectivische vervorming .. 31
De ingangsfunctie omschakelen ............. 34
Instellen van het volume ......................... 35
4
Weergeven van een zwart scherm en
tijdelijk uitschakelen van het geluid ....... 35
Grootte Aanpassen functie ..................... 36
Handige voorzieningen
Gebruik van de afstandsbediening.......40
Weergeven en instellen van de pauzetimer ... 40
De cursor weergeven ............................. 40
De Spot functie gebruiken ...................... 40
In- en uitschakelen van de Eco+Stil modus ... 40
Automat. sync.
(Automatische synchronisatie) .............. 41
Een bewegend beeld stilzetten ............... 41
Kiezen van de beeldmodus .................... 41
Weergeven van een vergroot deel
van een beeld ...................................... 41
Gebruik van de afstandsbediening
als draadloze muis ............................... 42
Menu-onderdelen .................................43
Gebruik van het menuscherm ..............46
Menu-selecties (Afstellingen) .................... 46
Beeldinstellingen (“Beeld” menu) ........48
Kiezen van de beeldmodus .................... 48
Instellen van het beeld ............................ 48
Instellen van de kleurtemperatuur ........... 49
Instellen van de kleuren .......................... 49
Afbeeldingsruis verminderen (DNR) ......... 50
Eco+Stil.................................................. 50
Geluidsinstellingen (“Audio” menu) ......51
Luidsprekerinstellingen ........................... 51
Audio-ingang .......................................... 51
Het audiouitvoertype instellen ................. 51
Instellen van het geluid ........................... 51
Signaalinstelling (“SIG” menu)..............52
Het computerbeeld instellen ................... 52
Instellen van de resolutie......................... 52
Instellen van de automatische
synchronisatie ...................................... 52
De instelling signaaltype.......................... 52
Instellen van het videosignaal.................. 53
Video-instelling ....................................... 53
Het dynamische bereik selecteren .......... 53
Controleren van het ingangssignaal ........ 53
Scherm-instelling (“SCH” menu) ..........54
Instellen van de grootte aanpassen-functie ... 54
Selecteren van de wandkleur .................. 54
De overscan instellen .............................. 54
Instellen van het on-screen display ......... 54
Closed caption ....................................... 55
Kiezen van een starten achtergrondbeeld .. 55
De geprojecteerde beelden omkeren/
weergeven in spiegelbeeld ................... 55
Kiezen van de taal voor de
beeldscherm-aanduidingen (OSD) ....... 55
Nuttige, tijdens installatie ingestelde
functies (“PRJ” menu) ........................56
Automatische uitschakeling .................... 56
Inleiding
Automatisch Herstarten Functie.............. 56
COMPUTER2 Selecteren........................ 56
STANDBY-modus .................................. 56
De transmissiesnelheid selecteren
(RS-232C) ........................................... 56
Ventilatormodus-instelling ....................... 57
Systeemvergrendeling-functie................. 57
Toetsvergrendeling ................................. 58
DLP® LinkTM ............................................ 58
DLP® LinkTM Omkeren............................. 58
Geheugenmenu ...................................... 59
Roteer indicator ...................................... 59
Terugkeren naar de standaardinstellingen .. 60
Controleren van de resterende
levensduur van de lamp ....................... 60
Instellen van de netwerkomgeving
van de projector (“Netw” menu).........61
Instellen van een wachtwoord................. 61
Instelling voor DHCP Client ..................... 62
TCP/IP instelling ..................................... 62
Terugkeren naar de standaardinstellingen
(Netwerk) ............................................. 62
Functie netwerk herstarten ..................... 62
Controleren van de projectorinformatie ... 63
Stereoscopische 3D-beelden bekijken ...64
Voorzorgen om stereoscopische
3D-beelden te bekijken ........................ 64
Informatie over de 3D-projectiefunctie .... 66
3D-weergavemodus gebruiken ............... 67
Bijlage .................................................... 68
Referentie
Aanhangsel
Onderhoud ...........................................69
Onderhoudsindicators ..........................70
Betreffende de lamp .............................72
Lamp...................................................... 72
Belangrijke opmerkingen betreffende
de lamp ............................................... 72
Vervangen van de lamp .......................... 72
Verwijderen en aanbrengen van de
lampeenheid ........................................ 73
Terugstellen van de lamptimer ................ 74
Compatibiliteitskaart ............................75
De roteermodule met plafondbevestiging
(AN-SV100T) bevestigen ......................77
De aansluitklep op de module
bevestigen..........................................78
De plafondbevestiging aan het
plafond bevestigen ............................79
Problemen oplossen ............................81
Voor assistentie van SHARP ................84
Technische gegevens...........................85
Afmetingen ...........................................86
Index .....................................................87
5
BELANGRIJKE VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
LET OP: Lees al deze instructies door alvorens dit apparaat in gebruik te
nemen en bewaar ze voor later gebruik.
Met elektrische energie kunt u heel wat nuttige functies uitvoeren. Dit apparaat is zodanig
ontworpen en vervaardigd dat uw persoonlijke veiligheid wordt gevrijwaard. ONJUIST GEBRUIK
KAN EVENWEL LEIDEN TOT EEN EVENTUELE ELEKTRISCHE SCHOK OF BRANDGEVAAR. Om
de ingebouwde veiligheidsvoorzieningen van dit apparaat niet teniet te doen, dient u de volgende
basisregels goed in acht te nemen bij de installatie, het gebruik en het onderhoud van de projector.
1. Lees de gebruiksaanwijzing
Lees alle veiligheids- en bedieningsinstructies
in de gebruiksaanwijzing voordat u het
apparaat gebruikt.
2. Bewaar de gebruiksaanwijzing
Bewaar de gebruiksaanwijzing voor het geval
u deze in de toekomst nogmaals nodig heeft.
3. Neem alle waarschuwingen in acht
Neem alle waarschuwingen op het product
en in de gebruiksaanwijzing in acht.
4. Volg alle instructies op
Alle bedieningsinstructies e.d. moeten
nauwgezet worden opgevolgd.
5. Reinigen
Trek de stekker uit het stopcontact voordat u
begint met schoonmaken. Gebruik geen
vloeibare reinigingsmiddelen of sprays. Reinig
het apparaat uitsluitend met een vochtige doek.
6. Hulpstukken
Voorkom problemen en gebruik geen
hulpstukken die niet door de fabrikant van
het apparaat worden aanbevolen.
7. Water en vocht
Gebruik het apparaat niet in de buurt van
water; bijvoorbeeld in de buurt van een
bad, wastafel, aanrecht, wasmachine,
zwembad of in een vochtige kelder enz.
8. Accessoires
Plaats het apparaat niet op een wankel rek,
karretje, statief, steunbeugel of tafel. Het
apparaat zou kunnen vallen en een kind of
volwassene ernstig kunnen verwonden, en
tevens kan het apparaat zelf zwaar worden
beschadigd. Gebruik uitsluitend een rek,
karretje, statief, steunbeugel of tafel die door
de fabrikant wordt aanbevolen of die bij het
apparaat wordt verkocht. Volg voor
eventuele montagewerkzaamheden altijd de
instructies van de fabrikant op en gebruik
ook uitsluitend montage-accessoires die
door de fabrikant worden aanbevolen.
9. Transport
Als het apparaat op een
verplaatsbaar rek is gezet,
dient dit voorzichtig te
worden verplaatst. Het rek
kan namelijk omvallen bij
plotseling stoppen, te
hard duwen of rijden over
een ongelijke ondergrond.
6
10. Ventilatie
In de behuizing van het apparaat zijn gleuven en
openingen die dienen voor de ventilatie. Voor een veilige
werking en bescherming tegen oververhitting mogen de
ventilatie-openingen nooit worden geblokkeerd of
afgedekt door het apparaat op een bed, divan, dik
vloerkleed e.d. te zetten. Het apparaat mag ook niet in
een afgesloten ruimte, zoals een boekenkast, worden
geplaatst, tenzij voor een goede ventilatie wordt gezorgd
of alle instructies van de fabrikant zijn opgevolgd.
11. Voeding
Het apparaat mag uitsluitend op de
stroomvoorzieningsbron worden gebruikt die op het
typelabel is vermeld. Raadpleeg uw dealer of het
plaatselijke elektriciteitsbedrijf indien u niet zeker bent
van het type stroomvoorziening in uw huis. Voor
apparaten die gebruikt worden op batterijen of op
andere stroombronnen wordt verwezen naar de
gebruiksaanwijzing die bij het apparaat wordt geleverd.
12. Uitvoering van de netstekker
Dit apparaat is uitgerust met één van de
volgende soorten stekkers. Als de stekker
niet in het stopcontact past, neemt u contact
op met uw elektricien.
Negeer de veiligheidsvoorziening van de
stekker niet.
a. Tweedraads (net)stekker.
b. Driedraads geaarde (net)stekker met
aardingspen.
Deze stekker past alleen in een geaard
stopcontact.
13. Bescherming van het netsnoer
Leg het netsnoer zodanig dat er niet
gemakkelijk iemand op gaat staan of dat het
snoer door een voorwerp wordt platgedrukt.
Let hier vooral goed op in de buurt van de
stekkers, bij het stopcontact en op de plaats
waar het snoer uit het apparaat komt.
14. Bliksem
Om veiligheidsredenen dient u bij bliksem of
wanneer u het apparaat langere tijd niet
denkt te gebruiken, de stekker van het
netsnoer uit het stopcontact te trekken. Dit
om beschadiging van het apparaat te
voorkomen als gevolg van blikseminslag of
plotselinge stroompieken in de stroomleiding.
Bij de volgende omstandigheden moet u de
stekker uit het stopcontact trekken en het
apparaat door erkend onderhoudspersoneel
laten repareren:
a. Als het netsnoer of de netstekker is
beschadigd.
b. Als er vloeistof of een voorwerp in het
apparaat terecht is gekomen.
c. Als het apparaat blootgesteld is
geweest aan regen of water.
d. Als de normale aanwijzingen worden
opgevolgd, maar het apparaat niet juist
functioneert. Gebruik alleen de
bedieningsorganen die in de
gebruiksaanwijzing worden aangegeven.
Bij een onjuiste instelling van andere
bedieningsorganen kan het apparaat
mogelijk beschadigd worden, met tot
gevolg dat reparatiewerkzaamheden
voor een juiste werking van het apparaat
door erkend onderhoudspersoneel
moeilijker en duurder kunnen worden.
e. Als het apparaat is gevallen of de
behuizing is beschadigd.
f. Als het apparaat duidelijk minder goed
functioneert. Dit duidt erop dat het tijd is
voor onderhoud.
Inleiding
15. Overbelasting
Zorg dat de stopcontacten, verlengsnoeren
en stekkerdozen niet overbelast worden,
want dit kan resulteren in brand of een
elektrische schok.
16. Binnendringen van voorwerpen en
vloeistoffen
Duw nooit voorwerpen via de openingen
in de behuizing van het apparaat naar
binnen, omdat deze dan onderdelen die
onder hoogspanning staan kunnen raken
of kortsluiting kunnen veroorzaken, met
brand of een elektrische schok tot gevolg.
Let tevens op dat er nooit vloeistof op het
apparaat wordt gemorst.
17. Reparaties
Probeer het apparaat nooit zelf te
repareren. Bij het openen of verwijderen
van de afdekplaten stelt u zich bloot
aan een ernstige elektrische schok en
andere gevaren. Laat reparatie over aan
erkend onderhoudspersoneel.
18. Beschadigingen die reparatie
vereisen
19. Vervangingsonderdelen
Wanneer onderdelen vervangen moeten
worden, zorg er dan voor dat het
onderhoudspersoneel uitsluitend
onderdelen gebruikt die door de fabrikant
worden aanbevolen of die dezelfde
eigenschappen hebben als de originele
onderdelen. Het gebruik van andere
onderdelen kan brand, een elektrische
schok of andere problemen veroorzaken.
20. Veiligheidscontrole
Vraag het onderhoudspersoneel om na de
onderhouds- of reparatiewerkzaamheden
een veiligheidscontrole uit te voeren, zodat
u zeker weet dat het apparaat juist en veilig
functioneert.
21. Wand- of plafondmontage
Dit apparaat mag uitsluitend volgens de
aanbevelingen van de fabrikant aan een
wand of het plafond worden bevestigd.
22. Hitte
Houd het apparaat uit de buurt van
warmtebronnen zoals verwarmingsradiators,
haarden, kachels en andere voorwerpen
(inclusief versterkers) die warmte afgeven.
• DLP® en het DLP-logo zijn gedeponeerde handelsmerken van Texas Instruments, en
BrilliantColor™ en DLP® Link™ zijn handelsmerken van Texas Instruments.
• Microsoft® en Windows® zijn gedeponeerde handelsmerken van Microsoft Corporation in
de Verenigde Staten en/of in andere landen.
• PC/AT is een gedeponeerd handelsmerk van International Business Machines Corporation
in de Verenigde Staten.
• Adobe® Reader® is een handelsmerk van Adobe Systems Incorporated.
• Macintosh® is een gedeponeerd handelsmerk van Apple Computer, Inc. in de Verenigde
Staten en/of in andere landen.
• HDMI, het HDMI-logo en High-Definition Multimedia Interface zijn handelsmerken of
gedeponeerde handelsmerken van HDMI Licensing LLC.
• PJLink is een gedeponeerd handelsmerk of een applicatiehandelsmerk in Japan, de
Verenigde Staten, Canada, de E.U., China en/of andere landen/regio's.
• Alle andere namen van firma's of producten zijn handelsmerken of gedeponeerde
handelsmerken van de respectievelijke ondernemingen.
• Sommige IC-chips in dit apparaat bevatten vertrouwelijke informatie en/of handelsgeheimen die
toebehoren aan Texas Instruments. U mag de inhoud ervan dan ook niet kopiëren, wijzigen,
aanpassen, vertalen, verspreiden, omgekeerd ontwikkelen of assembleren of decompileren.
7
Neem de volgende veiligheidsinformatie in acht wanneer
u de projector gaat installeren.
Belangrijke informatie betreffende de lamp
■ Als de lamp gesprongen is, kunnen de
glassplinters een bijzonder gevaarlijke situatie
veroorzaken. Wanneer de lamp springt, moet
u contact opnemen met uw dichtstbijzijnde
officiële Sharp projectordealer of
servicecentrum voor een
nieuwe lamp.
Zie “Betreffende de lamp” op
blz. 72.
Belangrijke informatie voor het
opstellen van de projector
■ Voor minimaal onderhoud en het behouden van een
optimale beeldkwaliteit beveelt SHARP aan deze
projector in een ruimte te installeren die niet vochtig,
stoffig en rokerig is. Bij gebruik van de projector in
dit soort ruimten moeten de ventilatieopeningen en
de lens vaker dan normaal worden gereinigd.
Gebruik van de projector in dit soort ruimten zal de
levensduur van de projector niet verkorten mits u de
projector regelmatig reinigt. Het reinigen van het
inwendige gedeelte van de projector mag uitsluitend
door een officiële Sharp projectordealer of
servicecentrum worden gedaan.
Laat uw ogen af en toe rusten.
■ Langdurig ononderbroken naar het scherm
kijken kan resulteren in vermoeidheid van de
ogen. U moet uw ogen regelmatig laten rusten.
Zet de projector niet op een plaats die
blootgesteld staat aan direct zonlicht
of een andere sterke lichtbron.
■ Plaats het scherm zodanig dat dit niet in direct
zonlicht staat of aan andere sterke verlichting is
blootgesteld. Licht dat rechtstreeks op het
scherm valt, zal de kleuren flets maken waardoor
het kijken moeilijker wordt. Sluit de gordijnen en
dim de verlichting wanneer het scherm in een
erg zonnige of heldere kamer wordt opgesteld.
Belangrijke informatie voor het opstellen
van de projector
■ Plaats de projector op een horizontale
ondergrond binnen het afstelbereik (9
graden) van het stelvoetje.
■ Wanneer de projector de eerste maal wordt
ingeschakeld, kan er een vreemde geur via de
ventilator naar buiten komen. Dit is normaal en
duidt niet op een storing. De geur zal verdwijnen
nadat de projector een poosje is gebruikt.
8
Gebruik van de projector op grote
hoogte, zoals in de bergen (hoogten
van meer dan 1.500 meter (4.900 voet))
■ Wanneer u de projector op grote hoogte
gebruikt waar de lucht ijl is, dient u de
“Ventilatormodus” op “Hoog” te zetten. Indien
dit wordt verzuimd, kan dit de levensduur van
het optische systeem nadelig beïnvloeden.
■ Gebruik de projector op hoogtes van 2.300
meter (7.500 voet) of minder.
Waarschuwing betreffende het opstellen
van de projector op een hoge plaats
■ Als u de projector op een hoge plaats
opstelt, moet u er goed op letten dat de
projector stevig staat, om te voorkomen
dat de projector letsel veroorzaakt
wanneer deze zou vallen.
Stel de projector niet aan harde stoten
en/of hevige trillingen bloot.
■ Wees voorzichtig met de lens zodat u deze
niet beschadigt of er hard tegen stoot.
Vermijd plaatsen die blootgesteld
staan aan extreme temperaturen.
■ Het bereik voor de beschijfstemperatuur
van de projector loopt van 41°F tot 95°F
(+5°C tot +35°C).
■ Het bereik voor de opslagtemperatuur van
de projector loopt van –4°F tot 140°F
(–20°C tot +60°C).
Blokkeer de uitlaat- en inlaatopeningen niet.
■ Houd minimaal 11 13/16" (30 cm) ruimte vrij
tussen de uitlaatopening en de
dichtstbijzijnde muur of ander obstakel.
■ Zorg dat de inlaat- en uitlaatopeningen niet
zijn afgedekt.
■ Als de koelventilator geblokkeerd wordt, zal
een veiligheidsvoorziening ervoor zorgen
dat de projector automatisch in de
ruststand (standby) wordt gezet, om
beschadiging als gevolg van oververhitting
te voorkomen. Dit duidt niet op een storing.
(Zie blz. 70 en 71.) Trek de stekker van het
netsnoer uit het stopcontact en wacht
tenminste 10 minuten. Zet de projector
vervolgens op een plaats waar de inlaat- en
uitlaatopeningen niet geblokkeerd worden,
steek de stekker weer in het stopcontact en
schakel de projector in. De projector zal
vervolgens weer normaal werken.
Gebruik van de projector in andere
landen
■ Als u de projector lange tijd niet gebruikt, of als
u de projector verplaatst, ontkoppel dan het
snoer voor netspanning van het stopcontact en
ontkoppel alle andere kabels.
■ Draag de projector niet aan de lens.
■ Bevestig het lenskapje op de lens van de
projector wanneer u de projector opbergt.
■ Stel de projector niet bloot aan direct
zonlicht en plaats deze ook niet in de buurt
van een hittebron. Dit kan namelijk
resulteren in verkleuring van de behuizing
of vervorming van de plastic afdekking.
■ De netspanning en de uitvoering van de
netstekker kunnen variëren, afhankelijk van
het gebied of het land waar de projector
wordt gebruikt. Als u de projector in het
buitenland gebruikt, zorg dan dat deze op de
juiste netspanning en met het voorgeschreven
netsnoer wordt aangesloten.
Aansluiten van andere apparatuur
■ Wanneer u een computer of andere
audiovisuele apparatuur op de projector
aansluit, mag u de aansluitingen pas
maken NADAT u het netsnoer van de
projector uit het stopcontact hebt gehaald
en de apparatuur die wordt aangesloten
hebt uitgeschakeld.
■ Lees de gebruiksaanwijzing van de projector
en van de apparatuur die wordt aangesloten
voor nadere bijzonderheden betreffende de
aansluitingen.
Inleiding
Belangrijke informatie betreffende het
gebruik van de projector
Temperatuur-verklikkerfunctie
■ Als de temperatuur binen de projector
stijgt, door blokkade van de luchtgaten, of
door de lokatie, zal de temperatuurwaarschuwingsindicator gaan knipperen.
Als de temperatuur blijft stijgen, zal
“
” gaan branden in de hoek
linksonder vanhet beeld met het knipperen
van de temperatuur-waarschuwingsindicator. Als deze situatie voortduurt, zal
de lamp uitgaan, de ventilator zal gaan
draaien en de projector zal in standby
modus gaan staan. Zie “Onderhoudsindicators” op blz. 70 en 71 voor verdere
informatie.
Info
• De koelventilator regelt de inwendige
temperatuur automatisch. Daarom kan het
geluid van de ventilator veranderen tijdens
het gebruik van de projector. Dit duidt niet
op een storing.
9
Toegang krijgen tot de PDF-gebruiksaanwijzingen
Op de bijgeleverde CD-ROM staan PDF-gebruiksaanwijzingen in diverse talen.
Om die gebruiksaanwijzingen te kunnen lezen, moet het Adobe® Reader ®
programma op uw computer (Windows® of Macintosh®) zijn geïnstalleerd.
U kunt het Adobe® Reader® programma downloaden vanaf internet (http://www.adobe.com).
Openen van de PDF-gebruiksaanwijzingen
Voor Windows®:
1 Steek de CD-ROM in het CD-ROM-station.
2 Dubbelklik op het “Deze computer” pictogram.
3 Dubbelklik op het “CD-ROM” station.
4 Wanneer u de gebruiksaanwijzing wilt
lezen
1) Dubbelklik op de map “MANUALS”.
2) Dubbelklik op de taal (naam van de
map) waarin u de gebruiksaanwijzing
wilt lezen.
3) Dubbelklik op het pdf-bestand voor
toegang tot de gebruiksaanwijzingen
van de projector.
Wanneer u de INSTELGIDS wilt lezen
1) Dubbelklik op de map “SETUP”.
2) Dubbelklik op de taal (naam van de
map) waarin u de gebruiksaanwijzing
wilt lezen.
3) Dubbelklik op het pdf-bestand voor
toegang tot de INSTELGIDS.
Voor Macintosh®:
1 Steek de CD-ROM in het CD-ROMstation.
2 Dubbelklik op het “CD-ROM” station.
3 Wanneer u de gebruiksaanwijzing wilt
lezen
1) Dubbelklik op de map “MANUALS”.
2) Dubbelklik op de taal (naam van de
map) waarin u de gebruiksaanwijzing
wilt lezen.
3) Dubbelklik op het pdf-bestand voor
toegang tot de gebruiksaanwijzingen
van de projector.
Wanneer u de INSTELGIDS wilt lezen
1) Dubbelklik op de map “SETUP”.
2) Dubbelklik op de taal (naam van de
map) waarin u de gebruiksaanwijzing
wilt lezen.
3) Dubbelklik op het pdf-bestand voor
toegang tot de INSTELGIDS.
Opmerking
• Als u het gewenste pdf-bestand niet kunt openen door dubbelklikken met de muis, dient u eerst het
Adobe® Reader ® programma op te starten en daarna het gewenste bestand op te geven via het “File”
(Bestand), “Open” (Openen) menu.
INSTELGIDS
Zie de “INSTELGIDS” op de meegeleverde CD-ROM voor verdere informatie.
Toewijzing van de aansluitpinnen ··············································· 2
RS-232C technische gegevens en commando-instellingen ····· 4
Bedienen van de projector via het PJLinkTM-protocol ············· 10
Instellen van de netwerkomgeving van de projector ··············· 11
Controleren van de projector via een LAN ······························· 17
De lamptimer van de projector terugstellen via LAN ·············· 22
Oplossen van problemen·························································· 24
10
Inleiding
Accessoires
Bijgeleverde accessoires
Twee R-6 batterijen
(“AA” formaat, UM/SUM-3,
HP-7 of gelijkwaardig)
RGB kabel
(10 n (3,0 m))
<QCNWGA161WJPZ>
Afstandsbediening
<RRMCGA960WJSA>
Aansluitklep
<CCOVAE119WEF0>
Netsnoer*
(1)
(2)
Voor de Verenigde
Voor Europa, behalve
Staten, Canada enz.
Groot-Brittannië
(6 n (1,8 m))
(6 n (1,8 m))
<QACCDA082WJPZ> <QACCVA024WJPZ>
(3)
(4)
Voor Groot-Brittannië
en Singapore
(6 n (1,8 m))
<QACCBA104WJPZ>
Voor Australië, NieuwZeeland en Oceanië
(6 n (1,8 m))
<QACCLA055WJPZ>
* Welke netsnoeren meegeleverd worden met uw projector hangt af van de regio. Gebruik het netsnoer dat
bedoeld is voor het stopcontact in uw land.
• Gebruiksaanwijzingen (dit boekje <TINS-F099WJZZ> en CD-ROM <UDSKAA132WJZZ>)
Opmerking
• Codes tussen “< >” zijn onderdeelnummers voor vervangbare onderdelen.
Los verkrijgbare accessoires
■ Lampeenheid
■ Roteermodule met plafondbevestiging
■ Plafond-montage adapter
■ Plafondmontagebeugel
■ Plafond-montage unit
■ Plafondgemonteerde verlengbuis
AN-SV10LP
AN-SV100T
AN-60KT
AN-XGCM55 (alleen voor de V.S.)
AN-TK201 <voor AN-60KT>
AN-TK202 <voor AN-60KT>
AN-EP101B <voor AN-XGCM55>
(alleen voor de V.S.)
Opmerking
• Het is mogelijk dat sommige van deze los verkrijgbare accessoires niet in uw land worden verkocht. Neem
contact op met uw dichtstbijzijnde officiële Sharp projectordealer of servicecentrum voor verdere informatie.
11
Benaming en functie van de onderdelen
De nummers aangegeven in Z verwijzen naar de bladzijde in deze
gebruiksaanwijzing waar het betreffende onderwerp hoofdzakelijk wordt behandeld.
1
2
3
4
5
6
7
8
9 10 11
12
13
14
19
15
16
17 18 19
Zijaanzicht
10
AUTO SYNC toets 41
Voor het automatisch instellen van het beeld
wanneer de projector op een computer is
aangesloten.
11
ECO+QUIET toets 40
Voor het reduceren van het geluid van de
koelventilator en het verlengen van de
levensduur van de lamp.
1 STANDBY/ON toets 27
2
Voor het in- en uitschakelen (standby) van
de projector.
LENS toets
Om te schakelen tussen de
menuschermen voor instellingen van de
lens (LENS SHIFT, FOCUS, ZOOM, enz.).
3 RETURN toets 46
Voor terugkeren naar het vorige menuscherm
tijdens menubediening.
4 ENTER toets 46
Voor het invoeren van de selecties of
instellingen die in het menu zijn gemaakt.
5 INPUT toetsen (R/P) 34
Voor het kiezen van de ingangsfunctie.
6 Insteltoetsen (P/R/O/Q) 46
Bovenkant
12
13
14
Voor het weergeven van de
instelschermen.
9 KEYSTONE toets 31
Voor het inschakelen van de
trapeziumvorm-correctiefunctie.
12
Lampindicator 70
Temperatuur-waarschuwingsindicator 70
15
Roteer indicator 59
Gaat branden of knipperen wanneer de
roteermodule met plafondbevestiging
(AN-SV100T) is aangesloten.
16
17
18
19
20
Luidspreker 51
7 VOL –/+ toetsen (O/Q) 35
8 MENU toets 46
Spanningsindicator 70
Voorkant
Voor het selecteren van de menu-onderdelen.
Voor het instellen van de geluidssterkte van
de luidspreker.
20
Uitlaatopening 69
Stelvoetje 29
Afstandsbedienings-sensor 15
Lenskapje 69
2
10
3
4
5
6
7
8
Inleiding
1
9
11
12
13 14 15
16
17
Achterkant (Aansluitingen)
1 LAN-aansluiting 26
Aansluiting voor het via een netwerk bedienen
van de projector vanaf een computer.
2 USB-aansluiting 42
Aansluiting voor aansluiting op de USBpoort van de computer om de meegeleverde
afstandsbediening als computermuis te
kunnen gebruiken.
3 S-VIDEO ingangsaansluiting 23
Aansluitbus voor videoapparatuur die is
uitgerust met een S-video-aansluiting.
4 AUDIO 2 ingangsaansluiting 24
5 AUDIO 1 ingangsaansluiting 24
6 COMPUTER/COMPONENT 1
ingangsaansluiting 22, 23
Aansluiting voor computer RGB- en
componentsignalen.
9 HDMI-aansluiting 22, 23
Aansluiting voor HDMI-invoer.
10 RS-232C aansluiting 25
Aansluiting voor de bediening van de
projector met behulp van een computer.
11 VIDEO ingangsaansluiting 23
Aansluitbus voor videoapparatuur.
12
13
14
15
16
Uitlaatopening 69
Achterste stelvoetje 29
Inlaatopening 69
Kensington standaard veiligheidsaansluiting
Afstandsbedienings-sensor 15
17 Netstroom-aansluiting 26
Sluit hierop het bijgeleverde netsnoer aan.
7 AUDIO OUT aansluiting 24
Audio uitgangsaansluiting van apparaat
aangesloten op audio ingangsaansluiting.
8 MONITOR OUT* aansluiting 24
(Uitgangsaansluiting voor computer RGBen componentsignalen)
Aansluitbus voor een monitor.
COMPUTER/COMPONENT 2*
ingangsaansluiting 22, 23
Aansluiting voor computer RGB- en
componentsignalen.
Gebruik van het Kensington slot
• Deze projector is uitgerust met een
Kensington standaard veiligheidsaansluiting
voor gebruik met een Kensington MicroSaver
beveiligingssysteem. Raadpleeg de
documentatie die bij het beveiligingssysteem
wordt geleverd voor instructies betreffende
het beveiligen van de projector.
* U moet de instelling schakelen afhankelijk of u de
aansluiting voor MONITOR OUT of COMPUTER/
COMPONENT 2 ingang gebruikt.
13
Benaming en functie van de onderdelen (vervolg)
De nummers aangegeven in Z verwijzen naar de bladzijde in deze
gebruiksaanwijzing waar het betreffende onderwerp hoofdzakelijk wordt behandeld.
1
10 L-CLICK/EFFECT toets 42, 40
• Voor het links klikken bij gebruik van de USBpoort (met behulp van een USB-kabel).
• Voor het wijzigen van de cursor of het spotlicht
gebied.
2
3
11 Botones ZOOM 30
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
Para ajustar el tamaño de la imagen proyectada.
16
17
18
19
20
21
22
23
24
25
26
27
12 ROTATE toets
13
14
15
16
17
18
1
2
3
4
5
ON toets 27
Voor het inschakelen van de stroom.
STANDBY toets 27
Om de projector in de ruststand (standby) te zetten.
MEMORY (1-8) toetsen 59
Voor het weergeven van elk scherm
“Geheugen laden” van “Geheugenmenu”.
MEMORY MENU toets 59
Voor het weergeven van het scherm
Geheugenmenu.
HDMI, COMPUTER 1/2, S-VIDEO en VIDEO
toetsen 34
Om te wisselen tussen de verschillende ingangsmodi.
KEYSTONE toets 31
Voor het inschakelen van de trapeziumvormcorrectiefunctie.
6
AUTO SYNC toets 41
Voor het automatisch instellen van het beeld wanneer de
projector op een computer is aangesloten.
7
FREEZE toets 41
Voor het stilzetten van het beeld.
8
POINTER toets 40
Om de cursor weer te geven.
9
MOUSE/insteltoetsen (P/R/O/Q) 42, 46
• Voor het verplaatsen van de cursor van de
computer bij gebruik van de USB-poort (met
behulp van een USB-kabel).
• Voor het selecteren van de menu-onderdelen.
14
19
20
Voor het instellen van de rotatiehoek van de
projector wanneer de roteermodule met
plafondbevestiging (AN-SV100T) is aangesloten.
MAGNIFY toetsen 41
Voor het vergroten/verkleinen van een deel van
het beeld.
PICTURE MODE toets 41
Voor het kiezen van het juiste beeld.
BREAK TIMER toets 40
Voor het weergeven van de pauzetijd.
RESIZE toets 36
Voor het omschakelen van het schermformaat
(NORMAAL, 16:9 enz.).
MENU toets 46
Voor het weergeven van de instelschermen.
AV MUTE toets 35
Voor het tijdelijk weergeven van een zwart
scherm en het uitschakelen van het geluid.
SPOT toets 40
Om het spotlicht weer te geven.
ENTER toets 46
Voor het invoeren van de selecties of
instellingen die in het menu zijn gemaakt.
21 R-CLICK/RETURN toets 42, 46
• Voor het rechts klikken bij gebruik van de USBpoort (met behulp van een USB-kabel).
• Voor terugkeren naar het vorige menuscherm
tijdens menubediening.
22 H&V SHIFT toets 29
De lens horizontaal en verticaal verstellen.
23 FOCUS toetsen 30
Voor het scherpstellen van het geprojecteerde beeld.
24 PAGE UP/PAGE DOWN toetsen 42
Hetzelfde als de [Page Up] en [Page Down] toetsen
op het toetsenbord van een computer, bij gebruik
van de USB-poort (met behulp van een USB-kabel).
25 VOL +/– toetsen 35
Voor het instellen van de geluidssterkte van de
luidspreker.
26 ECO+QUIET toets 40
Voor het reduceren van het geluid van de
koelventilator en het verlengen van de
levensduur van de lamp.
27 3D MODE toets 67
Weergeven van het 3D-modus menuscherm.
Plaatsen van de batterijen
Druk het lipje op het deksel omlaag en verwijder
het deksel in de richting van de pijl.
2
Plaats de batterijen.
3
Steek het bovenste lipje van het deksel in de
opening en druk het deksel omlaag totdat het
deksel vastklikt.
Inleiding
1
• Plaats de batterijen met de m en n pool overeenkomstig de
aanduidingen in de batterijhouder.
Bij verkeerd gebruik kunnen de batterijen lekken of ontploffen. Neem
de volgende voorzorgsmaatregelen in acht.
Let op
• De batterij kan ontploffen als deze verkeerd wordt geplaatst.
Alleen vervangen door alkaline of magnesium batterijen.
• Plaats de batterijen met de m en n pool overeenkomstig de aanduidingen in de batterijhouder.
• Batterijen van een verschillend type hebben verschillende eigenschappen. Gebruik daarom niet gelijktijdig
batterijen van een verschillend type.
• Meng geen nieuwe en oude batterijen door elkaar.
Dit kan resulteren in een kortere levensduur van de nieuwe batterijen of de oude batterijen kunnen gaan lekken.
• Neem de batterijen uit de afstandsbediening wanneer deze leeg zijn, want anders kunnen ze gaan lekken.
De vloeistof uit lekkende batterijen is schadelijk voor de huid, dus veeg bij lekkage de batterijen met een
doek af en verwijder de batterijen daarna ook met de doek.
• De batterijen die bij deze projector zijn geleverd kunnen een kortere levensduur hebben dan normaal, afhankelijk
van hoe lang ze opgeslagen zijn geweest. Vervang de batterijen zo spoedig mogelijk door nieuwe batterijen.
• Neem de batterijen uit de afstandsbediening als u de afstandsbediening geruime tijd niet denkt te gebruiken.
• Neem de plaatselijke wetgeving (voorschriften) in acht wanneer u de batterijen weggooit.
Bedieningsbereik
Afstandsbedienings-sensor
Met de afstandsbediening kan de projector
binnen het aangegeven bereik worden bediend.
Opmerking
• Andere afstandsbedienings-sensoren
bevinden zich aan de achter- en bovenkant
van de projector. (Zie blz. 12 en 13.)
• U kunt het signaal van de afstandsbediening
via het scherm laten weerkaatsen om de
bediening te vereenvoudigen. Het effectieve
bedieningsbereik zal verschillen afhankelijk
van het materiaal van het scherm.
30°
33 n (10 m)
30°
Bij gebruik van de afstandsbediening
• Laat de afstandsbediening niet vallen en stel deze
ook niet aan vocht en hoge temperaturen bloot.
• De afstandsbediening kan foutief functioneren
als deze onder het licht van een tl-lamp wordt
gebruikt. In dit geval moet u de projector
verder van de tl-lamp vandaan plaatsen.
Zender van de
afstandsbediening
Afstandsbediening
15
Eenvoudig starten
In dit hoofdstuk wordt de basisbediening beschreven (projector aansluiten op een computer). Zie
het bladzijdenummer dat bij elke bedieningsstap vermeld staat voor verdere informatie.
Installatie en projectie
In dit hoofdstuk wordt de aansluiting van de projector op een computer aan de hand van een
voorbeeld beschreven.
3, 8 STANDBY/ON toets
6, 7 ENTER toets
6 R/P toetsen, 7 INPUT toetsen
6 O/Q toetsen
8 STANDBY toets
3 ON toets
7 HDMI, COMPUTER
1/2, S-VIDEO en
VIDEO toetsen
6 KEYSTONE
toets
4, 6 Insteltoetsen
(P/R/O/Q)
6 ENTER toets
3 H&V SHIFT toets
5 FOCUS toetsen
5 ZOOM toetsen
1. Plaats de projector zodanig dat deze naar een wand of scherm is gericht
_Blz. 18
2. Sluit de projector op de computer aan en steek de stekker
van het netsnoer in de netstroomaansluiting
Zie blz. 23 en 24 wanneer u andere apparatuur dan een
computer aansluit.
_Blz. 22, 25, 26
3. Schakel de projector in
Druk op STANDBY/ON van de projector of op ON van de afstandsbediening.
_Blz. 27
16
4. Stel de projectiehoek in
De projectiehoek afstellen:
• De lens horizontaal en verticaal instellen.
1 Druk op H&V SHIFT op de afstandsbediening.
2 Druk op P, R, O of Q op de afstandsbediening.
• Stel de projectiehoek in door aan de stelvoetjes
te draaien.
Eenvoudig starten
_Blz. 29
5. Stel het beeld scherp en stel de beeldgrootte in
1
2
Druk op FOCUS +/– op de afstandsbediening om het beeld scherp te stellen.
Druk op ZOOM +/– op de afstandsbediening om in of uit te zoomen.
_Blz. 30
6. De beeldvervorming als gevolg van de projectiehoek aanpassen
1 Druk op KEYSTONE op de projector of op de afstandsbediening.
2 Druk op ENTER op de projector of op de afstandsbediening.
3 Druk op P, R, O of Q om de positie van de linkerbovenhoek van het beeld te verstellen.
4 Druk op ENTER om de positie in te stellen.
5 Herhaal dezelfde procedure voor de rechterbovenhoek, rechterbenedenhoek en
linkerbenedenhoek van het beeld.
• Na het instellen van de linkerbenedenhoek is de aanpassing
voltooid en verdwijnt het scherm.
_Blz. 31
7. Kies de ingangsfunctie
Op de projector
Druk op INPUT R/P voor het weergeven van de INGANG-lijst. Gebruik INPUT R/P voor het selecteren
van de ingangsfunctie, en gebruik O/Q voor het selecteren van de aansluiting voor audio-invoer.
Op de
projector
INGANG-lijst
INGANG
Audio
Op de
afstandsbediening
1 COMPUTER1
2 MONITORUITGANG
H
HDMI
Op de afstandsbediening
Druk op HDMI, COMPUTER 1/2, S-VIDEO of VIDEO
voor het selecteren van de ingangsfunctie.
_Blz. 34
8. Uitschakelen van de projector
Druk op STANDBY/ON van de projector of op STANDBY van de afstandsbediening en
druk dan nog een keer op die toets terwijl de bevestigingsmelding wordt aangegeven om
de projector in de ruststand (standby) te zetten.
Beeldschermdisplay
Op de
projector
Op de
afstandsbediening
_Blz. 27
17
Instellen van de projector
Instellen van de video
Als u deze projector buiten de V.S. gebruikt, verander dan de instelling in “0 IRE” bij Instellen van
de video. (Zie blz. 53.)
Instellen van de projector
Voor een optimaal beeld moet de projector loodrecht ten opzichte van het scherm worden
geplaatst met de voetjes van de projector vlak en horizontaal. Er hoeft dan geen trapeziumvormcorrectie te worden uitgevoerd en u kunt genieten van het beste beeld. (Zie blz. 31 tot 33.)
Standaard opstelling (projectie van voren)
■ Zet de projector op de juiste afstand van het scherm voor de door u gewenste beeldgrootte.
(Zie blz. 19 en 20.)
Relatie tussen de projectiebeeldgrootte en de projectie-afstand
XG-SV200X
(Voorbeeld: 4:3 Invoersignaal (Normaal-stand))
Beeldgrootte
500" (1270 cm)
200" (508 cm)
100" (254 cm)
80" (203 cm)
60" (152cm)
400
"
(101 ×300"
6 cm
× 76
160
2 cm
"×12
0"
(406
)
cm
80"×
× 30
60"
5
(203
c
m
)
64"×
c
48" m × 152
cm)
(1
48"× 63 cm × 1
22 cm
36"
)
(122 cm
× 91 cm
)
5'
(1 11
,8 "m 11
7'
– '11
3, "
(2 11
6
,4 "m
m 15
)
– '10
9'
4, "
1
8
(3 1
m
,0 "m 19 )
'
– 10
19
6, "
0
(6 '1
m
,0 0"
)
m -3
– 9'8
12 "
49
,1
(1 '6
5, "m
1 99
)
m '2
– "
30
,2
m
)
Projectieafstand
XG-SV100W
(Voorbeeld: 16:10 Invoersignaal (Normaal-stand))
Beeldgrootte
500" (1270 cm)
200" (508 cm)
100" (254 cm)
80" (203 cm)
Projectieafstand
6'
(1 5",9 12
m '1
– 0"
3,
8'
9
m
(2 6"
)
,6 -1
7
m '1
"
–
10
5,
(3 '8
2
,2 "m
2
)
m 1
– '4"
21
6,
5
(6 '4
m
,5 ")
m 42
'
– 8"
13
53
,0
(1 '3
m
6, "2 10
)
m 6
'
8
– "
32
,5
m
)
60" (152cm)
424
"
(107 ×265"
7 cm
× 67
170
3 cm
"×
(431 106"
)
c
85"×
m×
2
5
69 c
(215 3"
m)
68"×
cm ×
4
135
(17 2"
cm)
51"× 2 cm × 10
3
8 cm
(129 c 2"
)
m × 81
cm)
18
Schermformaat en projectie-afstand
[Voor XG-SV200X]
4:3 Invoersignaal (Normaal-stand)
Beeldgrootte (schermgrootte)
Breedte
1016 cm (400")
813 cm (320")
610 cm (240")
508 cm (200")
406 cm (160")
305 cm (120")
244 cm (96")
203 cm (80")
163 cm (64")
142 cm (56")
122 cm (48")
81 cm (32")
Hoogte
Minimaal [L1]
762 cm (300") 15,1 m (49' 6")
610 cm (240") 12,1 m (39' 7")
457 cm (180") 9,1 m (29' 8")
381 cm (150") 7,5 m (24' 9")
305 cm (120") 6,0 m (19' 10")
229 cm (90")
4,5 m (14' 10")
183 cm (72")
3,6 m (11' 11")
152 cm (60")
3,0 m (9' 11")
122 cm (48")
2,4 m (7' 11")
107 cm (42")
2,1 m (6' 11")
91 cm (36")
1,8 m (5' 11")
61 cm (24")
1,2 m (4' 0")
Maximaal [L2]
30,2 m (99' 2")
24,2 m (79' 4")
18,1 m (59' 6")
15,1 m (49' 7")
12,1 m (39' 8")
9,1 m (29' 9")
7,3 m (23' 10")
6,0 m (19' 10")
4,8 m (15' 10")
4,2 m (13' 11")
3,6 m (11' 11")
2,4 m (7' 11")
Afstand van het
Afstand vanaf het midden van de lens
midden van de lens
tot de onderrand van het beeld [H]
tot aan het midden
Onderste [H1] Bovenste [H2] van het beeld [W]
-762 cm (-300")
0 cm (0")
±254 cm (±100")
-610 cm (-240")
0 cm (0")
±203 cm (±80")
-457 cm (-180")
0 cm (0")
±152 cm (±60")
-381 cm (-150")
0 cm (0")
±127 cm (±50")
-305 cm (-120")
0 cm (0")
±102 cm (±40")
-229 cm (-90")
0 cm (0")
±76 cm (±30")
-183 cm (-72")
0 cm (0")
±61 cm (±24")
-152 cm (-60")
0 cm (0")
±51 cm (±20")
-122 cm (-48")
0 cm (0")
±41 cm (±16")
-107 cm (-42")
0 cm (0")
±36 cm (±14")
-91 cm (-36")
0 cm (0")
±30 cm (±12")
-61 cm (-24")
0 cm (0")
±20 cm (±8")
Installatie
Diagonaal [ χ ]
500" (1270 cm)
400" (1016 cm)
300" (762 cm)
250" (635 cm)
200" (508 cm)
150" (381 cm)
120" (305 cm)
100" (254 cm)
80" (203 cm)
70" (178 cm)
60" (152 cm)
40" (102 cm)
Projectie-afstand [L]
16:9 Invoersignaal (16:9-stand)
Beeldgrootte (schermgrootte)
Diagonaal [ χ ]
500" (1270 cm)
400" (1016 cm)
300" (762 cm)
250" (635 cm)
200" (508 cm)
150" (381 cm)
120" (305 cm)
100" (254 cm)
80" (203 cm)
60" (152 cm)
40" (102 cm)
Breedte
1107 cm (436")
886 cm (349")
664 cm (261")
553 cm (218")
443 cm (174")
332 cm (131")
266 cm (105")
221 cm (87")
177 cm (70")
133 cm (52")
89 cm (35")
Projectie-afstand [L]
Hoogte
Minimaal [L1] Maximaal [L2]
623 cm (245") 16,4 m (53' 11") 32,9 m (108' 1")
498 cm (196") 13,2 m (43' 2") 26,4 m (86' 5")
374 cm (147") 9,9 m (32' 4") 19,8 m (64' 10")
311 cm (123") 8,2 m (27' 0") 16,5 m (54' 0")
249 cm (98")
6,6 m (21' 7") 13,2 m (43' 3")
187 cm (74")
4,9 m (16' 2")
9,9 m (32' 5")
149 cm (59")
3,9 m (12' 11") 7,9 m (25' 11")
125 cm (49")
3,3 m (10' 9")
6,6 m (21' 7")
100 cm (39")
2,6 m (8' 8")
5,3 m (17' 3")
75 cm (29")
2,0 m (6' 6")
4,0 m (13' 0")
50 cm (20")
1,3 m (4' 4")
2,6 m (8' 8")
Afstand van het
Afstand vanaf het midden van de lens
midden van de lens
tot de onderrand van het beeld [H]
tot aan het midden
Onderste [H1] Bovenste [H2] van het beeld [W]
-726 cm (-285 62/63") 104 cm (40 6/7") ±277 cm (±108 20/21")
-581 cm (-228 25/32") 83 cm (32 11/16") ±221 cm (±87 5/32")
-436 cm (-171 19/32") 62 cm (24 33/64") ±166 cm (±65 3/8")
-363 cm (-143")
52 cm (20 27/64") ±138 cm (±54 15/32")
-291 cm (-114 25/64") 42 cm (16 11/32") ±111 cm (±43 37/64")
±83 cm (±32 11/16")
-218 cm (-85 51/64") 31 cm (12 1/4")
-174 cm (-68 41/64") 25 cm (9 13/16")
±66 cm (±26 9/64")
-145 cm (-57 13/64") 21 cm (8 11/64")
±55 cm (±21 51/64")
-116 cm (-45 3/4")
17 cm (6 17/32")
±44 cm (±17 7/16")
-87 cm (-34 5/16")
12 cm (4 29/32")
±33 cm (±13 5/64")
-58 cm (-22 7/8")
8 cm (3 17/64")
±22 cm (±8 23/32")
Wanneer de projector wordt gebruikt met schermformaten die niet in bovenstaande tabellen staan, berekent u de
waarden volgens de formules.
4:3 signaal
16:9 signaal
[m/cm]
[m/cm]
[Voet/duim]
[Voet/duim]
L1: Minimale projectie-afstand (m/voet)
L2: Maximale projectie-afstand (m/voet)
H1: Onderste afstand van het midden van de lens
tot aan de onderkant van het beeld (cm/duim)
H2: Bovenste afstand van het midden van de lens
tot aan de onderkant van het beeld (cm/duim)
W: Afstand van het midden van de lens tot aan het
midden van het beeld (cm/duim)
0,03018χ
0,06047χ
0,03018χ / 0,3048
0,06047χ / 0,3048
0,03288χ
0,06588χ
0,03288χ / 0,3048
0,06588χ / 0,3048
-1,524χ
-1,524χ / 2,54
-1,45281χ
-1,45281χ / 2,54
0χ
0χ / 2,54
0,20754χ
0,20754χ / 2,54
±0,508χ
±0,508χ / 2,54
±0,55345χ
±0,55345χ / 2,54
χ : Diagonale afmeting van het beeld : 40"-500"
Opmerking
• In de waarden in de bovenstaande diagrammen moet u rekening houden met een kleine foutenmarge.
• Wanneer de afstand vanaf het midden van de lens tot de onderrand van het beeld [H] een negatief getal
is, dan betekent dit dat de onderkant van het beeld lager is dan het midden van de lens.
19
Instellen van de projector (vervolg)
[Voor XG-SV100W]
16:10 Invoersignaal (Normaal-stand)
Beeldgrootte (schermgrootte)
Diagonaal [ χ ]
500"
400"
300"
250"
200"
150"
120"
100"
80"
60"
40"
(1270 cm)
(1016 cm)
(762 cm)
(635 cm)
(508 cm)
(381 cm)
(305 cm)
(254 cm)
(203 cm)
(152 cm)
(102 cm)
Breedte
1077 cm
862 cm
646 cm
538 cm
431 cm
323 cm
258 cm
215 cm
172 cm
129 cm
86 cm
(424")
(339")
(254")
(212")
(170")
(127")
(102")
(85")
(68")
(51")
(34")
Hoogte
673 cm
538 cm
404 cm
337 cm
269 cm
202 cm
162 cm
135 cm
108 cm
81 cm
54 cm
Afstand van het
Afstand vanaf het midden van de lens
midden van de lens
tot de onderrand van het beeld [H]
tot aan het midden
Minimaal [L1] Maximaal [L2] Onderste [H1] Bovenste [H2] van het beeld [W]
16,2 m (53' 3") 32,5 m (106' 8") -673 cm (-265")
0 cm (0")
±255 cm (±100 7/16")
13,0 m (42' 7") 26,0 m (85' 4") -538 cm (-212")
0 cm (0")
±204 cm (±80 23/64")
9,7 m (32' 0") 19,5 m (64' 0") -404 cm (-159")
0 cm (0")
±153 cm (±60 17/64")
8,1 m (26' 8") 16,3 m (53' 4") -337 cm (-132 1/2")
0 cm (0")
±128 cm (±50 7/32")
6,5 m (21' 4") 13,0 m (42' 8") -269 cm (-106")
0 cm (0")
±102 cm (±40 11/64")
4,9 m (16' 0")
9,8 m (32' 0") -202 cm (-79 1/2")
0 cm (0")
±77 cm (±30 9/64")
3,9 m (12' 9")
7,8 m (25' 7") -162 cm (-63 19/32")
0 cm (0")
±61 cm (±24 7/64")
3,2 m (10' 8")
6,5 m (21' 4") -135 cm (-53")
0 cm (0")
±51 cm (±20 3/32")
2,6 m (8' 6")
5,2 m (17' 1") -108 cm (-42 13/32")
0 cm (0")
±41 cm (±16 5/64")
0 cm (0")
±31 cm (±12 3/64")
1,9 m (6' 5")
3,9 m (12' 10") -81 cm (-31 51/64")
0 cm (0")
±20 cm (±8 1/32")
1,3 m (4' 3")
2,6 m (8' 6")
-54 cm (-21 13/64")
Projectie-afstand [L]
(265")
(212")
(159")
(132")
(106")
(79")
(64")
(53")
(42")
(32")
(21")
4:3 Invoersignaal (Normaal-stand)
Beeldgrootte (schermgrootte)
Diagonaal [ χ ]
500"
400"
300"
250"
200"
150"
120"
100"
80"
70"
60"
40"
(1270 cm)
(1016 cm)
(762 cm)
(635 cm)
(508 cm)
(381 cm)
(305 cm)
(254 cm)
(203 cm)
(178 cm)
(152 cm)
(102 cm)
Breedte
1016 cm
813 cm
610 cm
508 cm
406 cm
305 cm
244 cm
203 cm
163 cm
142 cm
122 cm
81 cm
(400")
(320")
(240")
(200")
(160")
(120")
(96")
(80")
(64")
(56")
(48")
(32")
Hoogte
762 cm
610 cm
457 cm
381 cm
305 cm
229 cm
183 cm
152 cm
122 cm
107 cm
91 cm
61 cm
Afstand van het
Afstand vanaf het midden van de lens
midden van de lens
tot de onderrand van het beeld [H]
tot aan het midden
Minimaal [L1] Maximaal [L2] Onderste [H1] Bovenste [H2] van het beeld [W]
18,4 m (60' 4") 36,8 m (120' 9") -762 cm (-300")
0 cm (0")
±289 cm (±113 5/7")
14,7 m (48' 3") 29,5 m (96' 8") -610 cm (-240")
0 cm (0")
±231 cm (±90 31/32")
11,0 m (36' 2") 22,1 m (72' 6") -457 cm (-180")
0 cm (0")
±173 cm (±68 7/32")
9,2 m (30' 2") 18,4 m (60' 5") -381 cm (-150")
0 cm (0")
±144 cm (±56 55/64")
7,4 m (24' 1") 14,7 m (48' 4") -305 cm (-120")
0 cm (0")
±116 cm (±45 31/64")
5,5 m (18' 1") 11,0 m (36' 3") -229 cm (-90")
0 cm (0")
±87 cm (±34 7/64")
4,4 m (14' 6")
8,8 m (29' 0") -183 cm (-72")
0 cm (0")
±69 cm (±27 19/64")
3,7 m (12' 1")
7,4 m (24' 2") -152 cm (-60")
0 cm (0")
±58 cm (±22 47/64")
2,9 m (9' 8")
5,9 m (19' 4") -122 cm (-48")
0 cm (0")
±46 cm (±18 3/16")
2,6 m (8' 5")
5,2 m (16' 11") -107 cm (-42")
0 cm (0")
±40 cm (±15 59/64")
2,2 m (7' 3")
4,4 m (14' 6")
-91 cm (-36")
0 cm (0")
±35 cm (±13 41/64")
1,5 m (4' 10")
2,9 m (9' 8")
-61 cm (-24")
0 cm (0")
±23 cm (±9 3/32")
Projectie-afstand [L]
(300")
(240")
(180")
(150")
(120")
(90")
(72")
(60")
(48")
(42")
(36")
(24")
Wanneer de projector wordt gebruikt met schermformaten die niet in bovenstaande tabellen staan, berekent u de
waarden volgens de formules.
16:10 signaal
4:3 signaal
[m/cm]
[m/cm]
[Voet/duim]
[Voet/duim]
L1: Minimale projectie-afstand (m/voet)
L2: Maximale projectie-afstand (m/voet)
H1: Onderste afstand van het midden van de lens
tot aan de onderkant van het beeld (cm/duim)
H2: Bovenste afstand van het midden van de lens
tot aan de onderkant van het beeld (cm/duim)
W: Afstand van het midden van de lens tot aan het
midden van het beeld (cm/duim)
0,03247χ
0,06504χ
0,03247χ / 0,3048
0,06504χ / 0,3048
0,03676χ
0,07363χ
0,03676χ / 0,3048
0,07363χ / 0,3048
-1,3462χ
-1,3462χ / 2,54
-1,524χ
-1,524χ / 2,54
0χ
0χ / 2,54
0χ
0χ / 2,54
±0,51026χ
±0,51026χ / 2,54
±0,57765χ
±0,57765χ / 2,54
χ : Diagonale afmeting van het beeld : 40"-500"
Opmerking
• In de waarden in de bovenstaande diagrammen moet u rekening houden met een kleine foutenmarge.
• Wanneer de afstand vanaf het midden van de lens tot de onderrand van het beeld [H] een negatief getal
is, dan betekent dit dat de onderkant van het beeld lager is dan het midden van de lens.
20
Projectie-instellingen
Er zijn vier projectie-instellingen, zoals aangegeven in de onderstaande afbeeldingen. Kies de
instelling die het meest geschikt is voor de manier waarop de projector wordt gebruikt. (Het
onderdeel Projectie is in het “SCH” menu. Zie blz. 55.)
■ Aan het plafond, naar voren projecteren
[Menu-onderdeel ➞ “Plafond + voor”]
■ Op de tafel, naar achteren projecteren
(met een doorzichtig scherm)
[Menu-onderdeel ➞ “Achter”]
■ Aan het plafond, naar achteren projecteren
(met een doorzichtig scherm)
[Menu-onderdeel ➞ “Plafond + achter”]
a Installatie plafondmontage
De optionele Sharp plafond-montage adapter en unit wordt aanbevolen voor deze installatie.
Neem contact op met uw dichtstbijzijnde officiële Sharp projector- dealer of servicecentrum
voordat u de projector monteert om de plafond-montage adapter en unit te verkrijgen (wordt
los verkocht).
21
Installatie
■ Op de tafel, naar voren projecteren
[Menu-onderdeel ➞ “Voor”]
De projector aansluiten op andere apparatuur
Voordat u begint met de aansluitingen moet u het netsnoer van de projector uit het stopcontact
halen en de apparatuur die wordt aangesloten uitschakelen. Nadat alle aansluitingen zijn
gemaakt, kunt u de projector en daarna de andere apparatuur inschakelen. Bij het aansluiten
van een computer moet u deze als laatste aansluiten nadat alle aansluitingen zijn voltooid.
• Raadpleeg de gebruiksaanwijzing van de apparatuur die u aansluit voor verdere informatie
betreffende de aansluitingen en de geschikte kabels.
• Het is mogelijk dat u nog andere kabels e.d. nodig hebt, die hieronder niet staan vermeld.
Aansluitingen op de projector
Apparatuur
Aansluiting op aan te
sluiten apparatuur
Kabel
RGB-kabel (meegeleverde)
Computer
RGBuitgangsaansluiting
HDMI-kabel (los verkrijgbaar)
HDMIuitgangsaansluiting
Aansluiting op de
projector
COMPUTER/
COMPONENT 1, 2
HDMI
Opmerking
• Afhankelijk van de specificaties van de videoapparatuur of de DVIÙHDMI digitalekabel kan het zijn
dat het signaal niet goed wordt overgebracht. (De HDMI-specificatie ondersteunt niet alle
verbindingen met videoapparatuur met digitale HDMI-uitgangsaansluiting met gebruik van een
DVIÙHDMI digitalekabel.)
• U kunt de COMPUTER/COMPONENT 2 aansluiting ook als de MONITOR OUT aansluiting gebruiken.
Om deze aansluiting als een invoeraansluiting te gebruiken, stelt u “COMPUTER2 Selecteren” op
“Ingang” voor het aansluiten van de externe apparatuur. (Zie blz. 56.)
• Zie “Compatibiliteitskaart” op blz. 75 voor een lijst met computersignalen waarvoor de projector
geschikt is. Bij gebruik van andere computersignalen is het mogelijk dat sommige functies van de
projector niet werken.
• Het is mogelijk dat u voor sommige Macintosh computers een Macintosh adapter nodig hebt. Neem
contact op met uw dichtstbijzijnde Macintosh handelaar.
• Afhankelijk van de computer die u gebruikt, kan het gebeuren dat er geen beeld wordt
weergegeven, tenzij de externe uitgangspoort van de computer is ingeschakeld (druk
bijvoorbeeld de “Fn” en “F5” toetsen gelijktijdig in bij gebruik van een SHARP notebookcomputer). Raadpleeg de handleiding van de computer voor het activeren van de externe
uitgangspoort van de computer.
22
Apparatuur
Videoapparatuur
Aansluiting op aan te
sluiten apparatuur
Kabel
HDMI-kabel (los verkrijgbaar)
HDMIuitgangsaansluiting
3 RCA naar 15-pins mini D-sub-kabel
Componentvideouitgangsaansluiting
Aansluiting op de
projector
HDMI
COMPUTER/
COMPONENT 1, 2
S-videokabel (los verkrijgbaar)
S-videouitgangsaansluiting
S-VIDEO
Videokabel (los verkrijgbaar)
Videouitgangsaansluiting
VIDEO
Kabels voor een camera of videospel/3 RCA
naar 15-pins mini D-sub-kabel
Componentvideouitgangsaansluiting
COMPUTER/
COMPONENT 1, 2
Aansluitingen
Fotocamera/videospel
RCA adapterstekker
(los verkrijgbaar)
Kabels voor een camera of videospel
S-VIDEO
Kabels voor een camera of videospel
VIDEO
S-videouitgangsaansluiting
Videouitgangsaansluiting
Opmerking
• Afhankelijk van de specificaties van de videoapparatuur of de DVIÙHDMI digitalekabel kan het zijn dat
het signaal niet goed wordt overgebracht. (De HDMI-specificatie ondersteunt niet alle verbindingen met
videoapparatuur met digitale HDMI-uitgangsaansluiting met gebruik van een DVIÙHDMI digitalekabel.)
• HDMI (High-Definition Multimedia Interface) is een digitaal AV protocol dat hoog-definitie video,
multikanaals audio en een tweerichtings besturingssingaal kan leveren, allemaal in een kabel.
• Omdat het uitwisselbaar is met het HDCP (High-bandwidth Digital Content Protection) systeem,
degradeert het digitale video signaal niet wanneer het doorgestuurd wordt en kan er genoten worden
van een kwalitatief hoogstaand beeld met een simpele aansluiting.
• U kunt de COMPUTER/COMPONENT 2 aansluiting ook als de MONITOR OUT aansluiting gebruiken.
Om deze aansluiting als een invoeraansluiting te gebruiken, stelt u “COMPUTER2 Selecteren” op
“Ingang” voor het aansluiten van de externe apparatuur. (Zie blz. 56.)
• Gebruik een in de handel verkrijgbare kabel die past op de te gebruiken projector-aansluiting
wanneer u video-apparatuur met een 21-pins RGB-uitgang (Euro-scart) op de projector aansluit.
• De projector ondersteunt geen RGBC-signalen via de Euro-scart.
23
De projector aansluiten op andere apparatuur (vervolg)
Apparatuur
Audio apparatuur
Aansluiting op aan te
sluiten apparatuur
Kabel
ø3,5 mm
ø3,5 mm stereo- of mono- audiokabel (in de
audiohandel verkrijgbaar of verkrijgbaar als Sharp
uitgangsaansluiting serviceonderdeel QCNWGA038WJPZ)
Aansluiting op de
projector
AUDIO 1
RCARCA-audiokabel (los verkrijgbaar)
audiouitgangsaansluiting
AUDIO 2
Kabels voor een camera of videospel
Audiouitgangsaansluiting
Monitor
RGBingangsaansluiting
Versterker
ø3,5 mm
audioingangsaansluiting
RCAaudioingangsaansluiting
RGB-kabel (meegeleverd of los verkrijgbaar)
MONITOR OUT
ø3,5 mm stereo- of mono- audiokabel
(in de handel verkrijgbaar of verkrijgbaar als
Sharp serviceonderdeel QCNWGA038WJPZ)
AUDIO OUT
ø3,5 mm stereo-ministekker naar RCAaudiokabel (los verkrijgbaar)
Opmerking
• U kunt de MONITOR OUT aansluiting ook als de COMPUTER/COMPONENT 2 aansluiting gebruiken.
Om deze aansluiting als een uitvoeraansluiting te gebruiken, stelt u “COMPUTER2 Selecteren” op
“Monitoruitvoer” voor het aansluiten van de externe apparatuur. (Zie blz. 56.)
• Bij gebruik van een ø3,5 mm mono-audiokabel zal het volumeniveau de helft zijn vergeleken met het
gebruik van een ø3,5 mm stereo-audiokabel.
• In het menu “Audio” kunt u voor “Audio-ingang” kiezen uit “Audio 1”, “Audio 2” of “HDMI”. (Zie blz. 51.)
• RGB-signalen en componentsignalen kunnen naar de monitor worden uitgevoerd.
Deze projector is in staat om de volgende signalen te verwerken wanneer
aangesloten op HDMI apparatuur:
• Video signaal: Voor details, zie “Digitale ondersteuning” in de lijst “Compatibiliteitskaart” op bladzijde 75.
• Audio signaal: Lineair PCM audio
• Sample frequentie: 48kHz/44,1kHz/32kHz
24
Bedienen van de projector via een computer
Wanneer de RS-232C aansluiting van de projector met behulp van een RS-232C seriële
bedieningskabel (cross-type, los verkrijgbaar) op een computer wordt aangesloten, kan de
computer gebruikt worden om de projector te bedienen en de status van de projector te
controleren. Raadpleeg de “INSTELGIDS” op de meegeleverde CD-ROM voor details over “RS232C technische gegevens en commando-instellingen”.
Aansluiten op een computer met een RS-232C seriële bedieningskabel
Naar de RS-232C aansluiting
Computer
Naar de RS-232C aansluiting
Aansluitingen
RS-232C seriële bedieningskabel (cross-type, los verkrijgbaar)
Opmerking
• De RS-232C functie werkt niet als uw computer-aansluiting niet juist is ingesteld. Zie de handleiding
van de computer voor verdere informatie.
• Zie blz. 2 tot 9 van de “INSTELGIDS” op de meegeleverde CD-ROM voor “Toewijzing van de
aansluitpinnen” en “RS-232C technische gegevens en commando-instellingen”.
Info
• Sluit de RS-232C kabel niet op een andere poort dan de RS-232C poort van de computer aan. Dit
om beschadiging van de computer of projector te voorkomen.
• De RS-232C seriële bedieningskabel mag niet op de computer worden aangesloten of ervan worden
losgemaakt wanneer de computer ingeschakeld is. Dit om beschadiging van de computer te voorkomen.
25
Bedienen van de projector via een computer (vervolg)
Bij aansluiting op LAN-aansluiting met behulp van een netwerkkabel
LINK LED (groen)
Licht op als er een verbinding is.
TX/RX LED (geel)
Licht op wanneer gegevens worden verzonden/ontvangen.
* Sluit om veiligheidsredenen geen kabels zoals een
telefoonlijn op de LAN-aansluiting aan; dit kan
overmatige spanning tot gevolg hebben.
HUB
of
Computer
Naar LAN-aansluiting
Netwerkkabel (Categorietype 5,
in de handel verkrijgbaar)
Opmerking
• Gebruik bij aansluiting op een hub een rechte kabel van Categorietype 5 (CAT.5) (in de handel
verkrijgbaar).
• Gebruik bij aansluiting op een computer een gekruiste kabel van Categorietype 5 (CAT.5) (in de
handel verkrijgbaar).
Aansluiten van het netsnoer
Sluit het bijgeleverde netsnoer op de
netstroomaansluiting aan de achterkant
van de projector aan. Sluit het netsnoer
vervolgens op een stopcontact aan.
Netstroomaansluiting
Netsnoer (meegeleverde)
Naar een stopcontact
26
In/uitschakelen van de projector
Info
De projector inschakelen
Voordat u de onderstaande aanwijzingen
uitvoert, moet u eerst alle externe
apparatuur aansluiten en de stekker in het
stopcontact steken. (Zie blz. 22 tot 26.)
Druk op STANDBY/ON van de
projector of op ON van de
afstandsbediening.
• Wanneer “Automatisch herstarten” op “Aan” staat:
Als het netsnoer niet in het stopcontact zit of de
schakelaar staat uit wanneer de projector aan
staat, dan gaat de projector automatisch aan
wanneer u het netsnoer in het stopcontact steekt
of wanneer de schakelaar aanstaat. (Zie blz. 56.)
• Bij het verlaten van de fabriek is de taal op
Engels ingesteld. Als u een andere taal voor
het beeldschermdisplay wilt instellen, moet u
de taal wijzigen zoals beschreven op blz. 55.
• De spanningsindicator licht groen op.
• Na het oplichten van de lampindicator is de
projector klaar voor bediening.
STANDBY/ON toets
Spanningsindicator
Lampindicator
Opmerking
• Betreffende de lampindicator
De lampindicator geeft de status van de lamp aan.
Groen: De lamp is aan.
Knippert groen: De lamp is aan het opwarmen.
Rood: De lamp wordt op een abnormale
wijze uitgeschakeld of de lamp
moet vervangen worden.
• Wanneer de projector wordt ingeschakeld, kan het
beeld enigszins flikkeren gedurende de eerste
minuut dat de lamp is ingeschakeld. Dit is normaal
en wordt veroorzaakt door de regelcircuits van de
lamp die de uitgangskarakteristieken van de lamp
stabiliseren. Dit verschijnsel duidt niet op een defect.
• Als de projector in de ruststand (standby) wordt
gezet en dan meteen weer wordt ingeschakeld,
kan het even duren voordat de lamp gereed is
om te beginnen met projecteren.
• Wanneer de systeemvergrendeling is ingesteld,
verschijnt een invoervakje voor de toegangscode.
Om de toegangscode-instelling te annuleren, voert
u de toegangscode in die u reeds hebt ingesteld.
Zie blz. 57 voor nadere bijzonderheden.
Basisbediening
STANDBY
toets
ON toets
Beeldschermdisplay (bevestigingsmelding)
De projector uitschakelen (de
projector in de ruststand zetten)
Druk op STANDBY/ON van de
projector of op STANDBY van de
afstandsbediening en druk dan nog
een keer op die toets terwijl de
bevestigingsmelding wordt
aangegeven om de projector in de
ruststand (standby) te schakelen.
Info
• Direct Uit functie:
U kunt de stekker uit het stopcontact halen
ook als de koelventilator nog draait.
• De projector kan niet aangezet worden tijdens het
koelen.
27
Beeldprojectie
De lens verstellen
In aanvulling op de zoomfunctie en het instellen van de projectiehoek met de stelvoetjes,
kunt u de projectiepositie aanpassen met de functie LENS SHIFT.
Deze functie is bijvoorbeeld nuttig als u het scherm niet kunt verplaatsen.
Bij omhoog of omlaag bewegen
Bij naar links of naar rechts bewegen
Instelbereik
Instelbereik
Instelbereik
Instelbereik
• Het instelbereik wordt hieronder getoond.
Horizontaal bereik: ±25% (XG-SV200X)/±23% (XG-SV100W)
Verticaal bereik: ±50%
Zelfs binnen het hierboven getoonde bereik kent het instelbereik beperkingen.
• Het beeld kan worden ingesteld zoals op de afbeelding getoond wordt.
• Houd rekening met een foutmarge in de waarde.
XG-SV100W
XG-SV200X
Plaats van het beeld wanneer het beeld
gecentreerd is, zowel horizontaal als verticaal,
in lens shift.
Plaats van het beeld wanneer het beeld
gecentreerd is, zowel horizontaal als verticaal,
in lens shift.
0,5V
0,5V
1V
1V
0,5V
0,23H
0,5V
0,25H
V: Hoogte van het beeld
H: Breedte van het beeld
28
1H
0,25H
V: Hoogte van het beeld
H: Breedte van het beeld
1H
0,23H
1
Druk op H&V SHIFT op de
afstandsbediening.
• Druk op ENTER op de projector of op de
afstandsbediening om het testbeeld weer te
geven. Voor nauwkeurigere afstelling is het
nuttig het testbeeld te controleren.
RBeeldschermdisplay
ENTER toets
LENS SHIFT
END
Insteltoetsen
(P/R/O/Q)
LENS SHIFT
TESTBEELD
LENS MIDDEN
RETURN toets
2
H&V SHIFT toets
Druk op P, R, O of Q op de
projector of de afstandsbediening
om de beeldpositie af te stellen.
Opmerking
• Wanneer RETURN (ongedaan maken) ingedrukt
wordt, het scherm om lens shift te resetten wordt
weergegeven. Lens shift kan gereset worden naar
de standaard fabrieksinstelling met dit scherm.
Basisbediening
Gebruik van de stelvoetjes
• Als u de positie van het geprojecteerde beeld met de
functie ‘lens shift’ niet kunt instellen, kunt u met
behulp van de stelvoetjes de projectiehoek instellen.
• U kunt de hoogte van de projector instellen met de
stelvoetjes als het scherm zich op grotere hoogte dan
de projector bevindt, het scherm gekanteld is of als
de installatielocatie niet helemaal waterpas is.
• Installeer de projector zo recht mogelijk voor het scherm.
1
Draai de voetjes om de geprojecteerde hoek aan te passen.
• De projector is ten opzichte van de standaard
positie ongeveer 9 graden verstelbaar aan de
voorkant en ongeveer ±2 graden aan de achterkant.
Stelvoetjes
Waarschuwing!
• Pak de lens en het lenskapje niet vast
wanneer de projector hoek aangepast wordt.
• Wees voorzichtig en let er op dat uw vinger
niet bekneld raakt in de ruimte tussen het
aanpassingsvoetje en de projector wanneer
de projector hoek verlaagd wordt.
Omlaag
Omhoog
Omhoog
Omlaag
29
Beeldprojectie (vervolg)
Scherpstellen van het beeld
Druk op FOCUS +/– op de
afstandsbediening om het beeld
scherp te stellen.
RBeeldschermdisplay
FOCUS
TESTBEELD
Info
ZOOM toetsen
• Het wordt aanbevolen om de focus aan te
passen nadat de projector voor ten minste 30
minuten opgewarmd is.
Afstellen van de
geprojecteerde beeldgrootte
Druk op ZOOM +/– op de
afstandsbediening om het geprojecteerde beeldformaat aan te
passen.
RBeeldschermdisplay
ZOOM
TESTBEELD
Opmerking
• Nadat u FOCUS of ZOOM op de
afstandsbediening hebt ingedrukt, kunt u het
testbeeld weergeven door op ENTER te
drukken. Het testbeeld is nuttig voor een
nauwkeurigere afstelling.
• Voor nauwkeurige afstelling kunt u H&V
SHIFT, FOCUS of ZOOM ca. 1 seconde
indrukken om het geprojecteerde beeld in de
gewenste richting te bewegen. Houd de
toetsen inged-rukt om het geprojecteerde
beeld over een grote afstand te bewegen.
30
FOCUS toetsen
Correctie van perspectivische vervorming
Wanneer het beeld vanaf de bovenkant of de onderkant onder een hoek op het scherm wordt
geprojecteerd, treedt een trapeziumvormige (perspectivische) vertekening van het beeld op.
De functie voor de correctie van perspectivische vervorming verhelpt dit probleem.
Er zijn twee types trapeziumcorrectie.
1) “GEOMETRISCHE INSTELLING” voor het corrigeren van een beeld door de
hoek van het geprojecteerde beeld aan te geven
2) “H&V TRAPEZIUM” voor het corrigeren van een beeld door de horizontale en
verticale assen aan te geven
KEYSTONE toets
Het type correctie kiezen
Kies het type trapeziumcorrectie.
ENTER toets
Druk op KEYSTONE op de projector
of op de afstandsbediening.
Insteltoetsen
(P/R/O/Q)
• “GEOMETRISCHE INSTELLING” verschijnt.
• Telkens als er op KEYSTONE wordt gedrukt,
verandert het display als volgt:
GEOMETRISCHE
INSTELLING
H&V TRAPEZIUM
Het display wordt blanco.
RETURN toets
RETURN toets
ENTER toets
Insteltoetsen (P/R/O/Q)
Voor het corrigeren van
een beeld door de hoek
van het geprojecteerde
beeld aan te geven.
H&V TRAPEZIUM
Voor het corrigeren van
een beeld door de
horizontale of verticale
as aan te geven.
KEYSTONE toets
Basisbediening
GEOMETRISCHE
INSTELLING
31
Beeldprojectie (vervolg)
GEOMETRISCHE INSTELLING
1
Druk een aantal malen op
KEYSTONE op de projector of
op de afstandsbediening totdat
“GEOMETRISCHE INSTELLING”
verschijnt.
2
Druk op P, R, O of Q om de positie
van de linkerbovenhoek van het
beeld te verstellen.
3
Druk op ENTER om de positie in
te stellen.
4
Herhaal dezelfde procedure voor
de rechterbovenhoek,
rechterbenedenhoek en
linkerbenedenhoek van het
beeld.
RBeeldschermdisplay
GEOMETRISCHE INSTELLING
H&V TRAPEZIUM
INSTEL
VOLGENDE
RESET
Geometrische instelling
Linksboven
Rechtsboven
• Druk nu op RETURN op de projector of
op de afstandsbediening om terug te
keren naar het vorige scherm.
• Na het instellen van de
linkerbenedenhoek is de aanpassing
voltooid en verdwijnt het scherm.
Linksonder
32
Rechtsonder
H&V TRAPEZIUM
1
Druk een aantal malen op
KEYSTONE op de projector of
op de afstandsbediening totdat
“H&V TRAPEZIUM” verschijnt.
Druk op P of R om de linker- en
de rechterkant van het
geprojecteerde beeld ten
opzichte van elkaar parallel te
zetten.
3
Druk op O of Q om de boven- en
de onderkant van het
geprojecteerde beeld ten
opzichte van elkaar parallel te
zetten.
4
Druk op KEYSTONE om de
positie in te stellen.
H&V TRAPEZIUM
H:0
END
INSTEL
STOP TESTBEELD
RESET
V:0
Verticale trapeziumcorrectie
(Instellen met ' / ")
Horizontale trapeziumcorrectie
(Instellen met \ / |)
Basisbediening
2
RBeeldschermdisplay
33
Beeldprojectie (vervolg)
De ingangsfunctie
omschakelen
Selecteer voor het aangesloten apparaat
de gewenste ingangsfunctie.
Druk op HDMI, COMPUTER 1/2,
S-VIDEO of VIDEO op de
afstandsbediening om de
ingangsfunctie te selecteren.
■ Wanneer u de ingangsfunctie selecteer
met INPUT R/P op de projector:
• Wanneer R/P wordt ingedrukt, verschijnt
de INGANG-lijst. Volg onderstaande
procedure om de ingangsfunctie te
wijzigen terwilj de INGANG-lijst
weergegeven wordt.
INGANG-lijst
INGANG
Audio
1 COMPUTER1
2 MONITORUITGANG
H
HDMI
S
S-VIDEO
V
VIDEO
– Druk op R/P om de ingangsfunctie te
wisselen en druk dan ENTER.
• De projector schakelt naar de gekozen
ingangsfunctie in een paar seconden als u
niet op ENTER drukt.
Opmerking
• Als er geen signaal wordt ontvangen, verschijnt
de melding “GEEN SIGNAAL”. Als er een nietondersteund signaal wordt ontvangen, verschijnt
de melding “OUGELDIG”.
34
HDMI, COMPUTER 1/2,
S-VIDEO en VIDEO
toetsen
Instellen van het volume
Druk op VOL +/– van de
afstandsbediening of van de projector
om het volume in te stellen.
Opmerking
• Druk op VOL– om het volume te verlagen.
• Druk op VOL+ om het volume te verhogen.
• Als de projector op externe apparatuur is
aangesloten, zal het volume van de externe
apparatuur veranderen overeenkomstig het
volumeniveau van de projector. Zet het
volume van de projector op het laagste niveau
wanneer u de projector in/uitschakelt of een
ander ingangssignaal kiest.
• Als u geen geluid via de luidspreker van de
projector wilt weergeven wanneer de projector
op externe apparatuur is aangesloten, moet u
het onderdeel “Luidspreker” in het “Audio”
menu op “Uit” zetten. (Zie blz. 51.)
AV MUTE toets
VOL +/– toetsen
Beeldschermdisplay
Basisbediening
Weergeven van een zwart
scherm en tijdelijk
uitschakelen van het geluid
Druk op AV MUTE van de
afstandsbediening om tijdelijk een
zwart scherm weer te geven en het
geluid uit te zetten.
Beeldschermdisplay
Opmerking
• Wanneer u nog een keer op AV MUTE drukt,
zal het geprojecteerde beeld weer verschijnen.
35
Beeldprojectie (vervolg)
Grootte Aanpassen functie
Gebruik deze voorziening om de weergavefunctie aan te passen of te wijzigen om het ontvangen
beeld te verbeteren. Afhankelijk van het ingangssignaal kunt u het gewenste beeld kiezen.
Druk op RESIZE.
• Zie blz. 54 voor het maken van de instellingen op het menuscherm.
RESIZE
toets
[Voor XG-SV200X]
COMPUTER
Standaardresolutie
NORMAAL
VOLLEDIG
DOT BY DOT
SVGA (800 × 600)
4:3 beeldverhouding
XGA (1024 × 768)
SXGA (1152 × 864)
1024 × 768
—
—
1152 × 864
UXGA (1600 × 1200)
Andere
beeldverhoudingen
16:9
768 × 576
1024 × 576
1600 × 1200
SXGA (1280 × 1024)
968 × 768
1280 × 1024
1280 × 720
1024 × 576
1280 × 720
—
—
1360 × 768
1024 × 578
1360 × 768
—
—
1366 × 768
1024 × 576
1366 × 768
—
1280 × 768
1024 × 614
1280 × 768
960 × 576
1280 × 800
1024 × 640
1280 × 800
922 × 576
Ingangssignaal
Computer
KADER
800 × 600
Beeldtype
1024 × 768
Voor een 4:3 scherm
NORMAAL
VOLLEDIG
720 × 576
—
1024 × 576
Voor een 16:9 scherm
DOT BY DOT
KADER
16:9
—*1
—*1
Lagere resolutie
dan XGA
—*1
XGA
Hogere resolutie
dan XGA
—*1
4:3 beeldverhouding
SXGA (1280 × 1024)
5:4 beeldverhouding
1280 × 720
1360 × 768
1366 × 768
16:9 beeldverhouding
1280 × 768
1280 × 800
16:10 beeldverhouding
: Afgesneden deel waarin geen beelden kunnen worden geprojecteerd
: Gebied waar de signalen zich buiten het scherm bevinden
*1 Zelfde als NORMAAL modus.
36
[Voor XG-SV200X]
VIDEO/DTV
Ingangssignaal
Video/DTV
Beeldtype
Voor een 4:3 scherm
NORMAAL
GEBIED ZOOM. V-OPREKKEN
Voor een 16:9 scherm
KADER
16:9
—*1
—*1
4:3 beeldverhouding
480I, 480P,
576I, 576P,
NTSC, PAL,
SECAM
Compressie
Letterbox
720P, 1035I,
1080I, 1080P
16:9 beeldverhouding
16:9 beeldverhouding
540P
(4:3 beeldverhouding
in 16:9 scherm)
Basisbediening
: Afgesneden deel waarin geen beelden kunnen worden geprojecteerd
: Deel waarop het beeld niet in de oorspronkelijke signalen zit
*1 Zelfde als NORMAAL modus.
37
Beeldprojectie (vervolg)
[Voor XG-SV100W]
COMPUTER
Standaardresolutie
NORMAAL
VOLLEDIG
DOT BY DOT
4:3 beeldverhouding
XGA (1024 × 768)
SXGA (1152 × 864)
1024 × 768
1068 × 800
1152 × 864
SXGA+ (1400 × 1050)
1280 × 800
1000 × 800
1280 × 720
1280 × 720
—
1360 × 768
1280 × 722
1360 × 768
1366 × 768
1280 × 720
1366 × 768
1280 × 768
1280 × 768
1280 × 800
1280 × 800
Beeldtype
1280 × 1024
—
—
Ingangssignaal
Computer
1280 × 720
1400 × 1050
SXGA (1280 × 1024)
Andere
beeldverhoudingen
16:9
800 × 600
SVGA (800 × 600)
—
1280 × 720
Weergavebeeld
NORMAAL
VOLLEDIG
DOT BY DOT
16:9
XGA Resolutie
en lager
Hogere
resolutie
dan XGA
*2
4:3 beeldverhouding
SXGA
(1280 × 1024)
5:4 beeldverhouding
1280 × 720
—*1
16:9 beeldverhouding
—*1
1360 × 768
1366 × 768
16:9 beeldverhouding
1280 × 768
15:9 beeldverhouding
1280 × 800
—*1
—*1
16:10 beeldverhouding
: Afgesneden deel waarin geen beelden kunnen worden geprojecteerd
: Gebied waar de signalen zich buiten het scherm bevinden
*1 Zelfde als NORMAAL modus.
*2 In geval van SXGA+ invoer.
38
[Voor XG-SV100W]
VIDEO/DTV
Ingangssignaal
Video/DTV
Beeldtype
Weergavebeeld
NORMAAL
GEBIED ZOOM.
V-OPREKKEN
16:9
4:3 beeldverhouding
480I, 480P,
576I, 576P,
NTSC, PAL,
SECAM
Compressie
Letterbox
720P, 1035I,
1080I, 1080P
16:9 beeldverhouding
16:9 beeldverhouding
—*1
16:9 beeldverhouding
540P
: Afgesneden deel waarin geen beelden kunnen worden geprojecteerd
: Deel waarop het beeld niet in de oorspronkelijke signalen zit
*1 Zelfde als NORMAAL modus.
Betreffende auteursrechten
• Bij gebruik van de GROOTTE AANPASSEN functie voor het kiezen van een beeldgrootte met
een andere beeldverhouding dan het TV-programma of het videobeeld, zal het beeld er anders
uitzien dan in de oorspronkelijke verschijning. Houd hiermee rekening wanneer u een beeldgrootte
kiest.
• Het gebruik van de Grootte Aanpassen of Corrigeren van de trapeziumvervorming functie
voor het comprimeren of uitrekken van beelden voor commerciële doeleinden/weergave op
openbare plaatsen, zoals in een café, hotel enz., kan inbreuk betekenen op de auteursrechten
van de auteursrechthouders en in strijd zijn met de wet. Houd hiermee terdege rekening.
39
Basisbediening
16:9 beeldverhouding
(4:3 beeldverhouding
in 16:9 scherm)
Gebruik van de afstandsbediening
AUTO SYNC toets
FREEZE toets
POINTER toets
De cursor weergeven
Insteltoetsen (P/R/O/Q)
Druk op POINTER en druk op P/
R/O/Q op de afstandsbediening
om de cursor te verplaatsen.
RETURN toets
• Druk op EFFECT om het cursor icoontje
te wijzigen (5 typen).
SPOT toets
1
Ster
EFFECT toets
Vinger1
Vinger2
Hart
Onderstreept
MAGNIFY toetsen
PICTURE MODE toets
ECO+QUIET toets
2
Druk nogmaals op POINTER.
• De cursor zal verdwijnen.
BREAK TIMER toets
Weergeven en instellen van
de pauzetimer
1
De Spot functie gebruiken
1
Druk op BREAK TIMER.
• De timer begint af te tellen vanaf 5
minuten.
Druk op SPOT en druk op P/R/O/
Q op de afstandsbediening om het
gebied waarop u de aandacht wilt
vestigen te verplaatsen.
• Druk op EFFECT om de grootte van het
spotlicht gebied te wijzigen (3 typen).
Beeldschermdisplay
1/9
2
Druk op P/R/O/Q om de lengte
van de pauzetijd in te stellen.
• Verlengen met P of Q
5 minuten ➞ 6 minuten ➞ 60 minuten
• Verkorten met O of R
2
1/25
1/8
Druk nogmaals op SPOT.
• Het aandachtsgebied zal verdwijnen.
4 minuten ➞ 3 minuten ➞ 1 minuut
• De pauzetijd kan in eenheden van 1 minuut
worden ingesteld (tot maximaal 60 minuten).
Uitschakelen van de weergave van de pauzetijd
Druk op BREAK TIMER.
Opmerking
• De pauzetimer is niet beschikbaar wanneer de
projector de volgende functies aan het
uitvoeren is.
- Automat.sync.
- Vastleggen
- AV Demping
In- en uitschakelen van de
Eco+Stil modus
Druk op ECO+QUIET om de Eco+Stil
modus beurtelings in en uit te schakelen.
• Wanneer Eco+Stil is ingesteld op “AAN”, dan
menen het geluid van de koelventilator en het
stroomverbruik af en wordt de levensduur van de
lamp verlengt.
Opmerking
• Zie de “Eco+Stil” op blz. 50 voor details.
40
Automat. sync.
(Automatische synchronisatie)
Weergeven van een vergroot
deel van een beeld
De automatische synchronisatiefunctie werkt
alleen wanneer een ingangssignaal gedetecteerd
wordt nadat de projector is ingeschakeld.
Grafieken, tabellen en andere delen van
geprojecteerde beelden kunnen worden
uitvergroot. Dit is bijvoorbeeld nuttig wanneer
u een gedetailleerde uitleg geeft.
Druk op AUTO SYNC voor handmatige
afstelling met de automatische
synchronisatiefunctie.
1
Druk op
MAGNIFY op de
afstandsbediening.
• Vergroot het beeld.
• Door te drukken op
of
MAGNIFY
vergroot of verkleint u het geprojecteerde
beeld.
Opmerking
• Wanneer met automatische synchronisatie
geen optimaal beeld wordt verkregen, moet u
de instellingen handmatig maken. (Zie blz. 52.)
Opmerking
Druk op
×1 ×2 ×3 ×4 ×9
Een bewegend beeld stilzetten
Druk op
1
Druk op FREEZE.
2
Druk nog een keer op FREEZE om
weer een bewegend beeld van het
aangesloten apparaat te tonen.
.
.
• U kunt de plaats van het vergrote beeld
wijzigen met P, R, O of Q.
• Het geprojecteerde beeld wordt stilgezet.
2
Druk op RETURN op de
afstandsbediening om de
bediening te annuleren.
• De vergrotingsfactor wordt opnieuw ×1.
Kiezen van de beeldmodus
Druk op PICTURE MODE.
• Bij indrukken van PICTURE MODE verandert de
beeldmodus als volgt:
STANDAARD
PRESENTATIE
CINEMA
SPEL
sRGB*
Opmerking
• Zie blz. 48 voor verdere informatie betreffende
de beeldmodus.
* “sRGB” wordt alleen getoond wanneer een RGBsignaal wordt ontvangen.
Handige
voorzieningen
U kunt een geschikte beeldmodus kiezen voor het
geprojecteerde beeld, zoals een speelfilm of videospel.
Opmerking
• De te selecteren vergrotingen verschillen
afhankelijk van het ingangssignaal.
• Deze functie is niet beschikbaar voor
de 3D-modus.
• In de volgende gevallen zal het beeld
naar de normale grootte terugkeren (×1).
- wanneer de ingangsstand wordt veranderd.
- wanneer u op RETURN drukt.
- wanneer het ingangssignaal gewijzigd
wordt.
- wanneer u de resolutie en de
verversingsratio (verticale frequentie)
van het ingangssignaal wijzigt.
- wanneer de Grootte aanpassen functie
is gewijzigd.
- wanneer u de “DLP® LinkTM” schakelt
tussen “Aan” en “Uit”.
41
Gebruik van de afstandsbediening (vervolg)
Gebruik van de afstandsbediening als draadloze muis
Wanneer de projector met behulp van een USB-kabel op een computer wordt
aangesloten, dan kunt u de afstandsbediening gebruiken als muis.
Aansluiting met een USB-kabel
Computer
Naar USB-aansluiting
Naar USB-aansluiting
USB-kabel
(in de handel verkrijgbaar of verkrijgbaar als
Sharp serviceonderdeel QCNWGA014WJPZ)
Na aansluiting kan de muisaanwijzer als volgt worden bestuurd.
MOUSE/insteltoetsen
(P/R/O/Q)
■ Voor het verplaatsen van de cursor
Druk op de MOUSE/insteltoetsen (P/R/O/Q).
■ Voor de linkermuisknop
Druk op L-CLICK.
■ Voor de rechtermuisknop
Druk op R-CLICK.
R-CLICK toets
■ Wanneer de computer slechts één muisknop
ondersteunt (zoals een Macintosh)
Druk op L-CLICK of R-CLICK.
L-CLICK en R-CLICK hebben een
gemeenschappelijke functie.
L-CLICK toets
■ Bij gebruik van de [Page Up] of [Page
Down] toetsen
Hetzelfde als de [Page Up] en [Page Down]
toetsen van het toetsenbord van de computer.
Druk op PAGE UP of PAGE DOWN.
PAGE UP/
PAGE DOWN toetsen
Opmerking
• Deze functie werkt alleen met besturingsprogramma’s van Microsoft® Windows® OS en Mac OS® die
USB ondersteunen.
• U kunt deze functie niet gebruiken wanneer het menuscherm wordt weergegeven.
• Controleer of de computer de USB-aansluiting herkent.
42
Menu-onderdelen
Hieronder ziet u de menu-onderdelen die op de projector kunnen worden ingesteld.
“Beeld” menu
“Audio” menu
Hoofdmenu
Beeld
Bladzijde 48
Submenu
Standaard
Presentatie
Cinema
Spel
sRGB
Beeldmodus
Bladzijde 48
Hoofdmenu
Audio
Bladzijde 51
Submenu
Luidspreker [Aan/Uit]
Bladzijde 51
Audio-ingang
Bladzijde 51
Contrast
-30
+30
Helder
-30
+30
Kleur
-30
+30
Tint
-30
+30
Audio uitgang
Bladzijde 51
Hoge toon
Scherpte
-30
+30
Rood
-30
+30
Blauw
-30
+30
-30
Audio 1
Audio 2
HDMI
Vast
Variabel
+30
Bladzijde 51
Lage toon
-30
+30
Bladzijde 51
Bladzijde 48
Kleurtmp
-2
+2
Bladzijde 49
BrilliantColor™
0
2
Bladzijde 48
C.M.S.1
Bladzijde 49
Kleur inst.
Kleurschakering
Verzadiging
Waarde
Effect
C.M.S.1 [Aan/Uit]
Reset
Terug
C.M.S.2
Bladzijde 49
Kleur inst.
Kleurschakering
Verzadiging
Waarde
Effect
C.M.S.2 [Aan/Uit]
Reset
Bladzijde 50
Eco + Stil [Aan/Uit]
Bladzijde 50
Reset
Uit
Niveau 1
Niveau 2
Niveau 3
Handige
voorzieningen
Terug
Ruisonderdr.
43
Menu-onderdelen (vervolg)
“Signaalinstelling (SIG)” menu
Hoofdmenu
SIG
Bladzijde 52
Submenu
Klok
Fase
-150
+150
-30
+30
H-Pos
-150
+150
V-Pos
-60
+60
“Scherm-instelling (SCH)” menu
Hoofdmenu
SCH
Bladzijde 54
Submenu
Grootte Aanpassen
Bladzijde 54
Reset
Bladzijde 52
Wandkleur
Bladzijde 54
Resolutie
Bladzijde 54
Automat.sync. [Aan/Uit]
OSD Display [Aan/Uit]
Bladzijde 52
Bladzijde 52
Videosysteem
Bladzijde 53
Video-ops.
Bladzijde 53
Dynamisch bereik
Bladzijde 53
Signaal info
Bladzijde 53
44
Uit
zwartbord
witbord
Overscan [Aan/Uit]
Bladzijde 52
Signaaltype
Normaal
Volledig
Dot By Dot
Gebied zoomen
V-oprekken
Kader
16:9
Bladzijde 54
Auto
RGB
YPbPr
Auto
PAL
SECAM
NTSC4.43
NTSC3.58
PAL-M
PAL-N
PAL-60
Closed caption
Bladzijde 55
Achtergrond
Bladzijde 55
Projectie
Bladzijde 55
0 IRE
7.5 IRE
Taal(Language)
Auto
Standaard
Verbeterd
Bladzijde 55
Uit
CC1
CC2
Logo
Blauw
Geen
Voor
Plafond+voor
Achter
Plafond+achter
English
Deutsch
Español
Nederlands
Français
Italiano
Svenska
Português
polski
Magyar
Türkçe
Tiếng Việt
“Projector-instelling (PRJ)” menu
Hoofdmenu
PRJ
Bladzijde 56
Submenu
Auto Power Off [Aan/Uit]
Bladzijde 56
Bladzijde 61
Bladzijde 56
Bladzijde 56
RS-232C
Bladzijde 56
Ventilatormodus
Bladzijde 57
Wachtwoord [Aan/Uit]
Bladzijde 61
DHCP Client [Aan/Uit]
Bladzijde 62
Bladzijde 56
STANDBY-modus
Submenu
Hoofdmenu
Netw
Automatisch herstarten
[Aan/Uit]
COMPUTER2 Selecteren
“Netwerk (Netw)” menu
Ingang
Monitoruitvoer
TCP/IP
Bladzijde 62
Standaard
Eco
Netwerkinstelling terugzetten
9600bps
38400bps
115200bps
Netwerk herstarten
Normaal
Hoog
IP adres
Subnet Mask
Gateway
Bladzijde 62
Bladzijde 62
IP adres
Bladzijde 63
MAC-adres
Syst.vergrend. [Aan/Uit]
Bladzijde 63
Bladzijde 57
Projector
DLP® Link™ [Aan/Uit]
Bladzijde 63
Bladzijde 58
DLP® Link™ Omkeren
Bladzijde 58
Geheugenmenu
Bladzijde 59
Roteer Indicator [Aan/Uit]
Bladzijde 59
Alles terugstellen
Bladzijde 60
Lamptimer (duur)
Bladzijde 60
Geheugen laden
Bladzijde 59
Geheugen opslaan
Bladzijde 59
Naam geheugen
Bladzijde 59
Bladzijde 59
Dempen [Aan/Uit]
Bladzijde 59
Geheug. blok. [Aan/Uit]
Bladzijde 59
Terug
Geheugen 2
Geheugen 3
Geheugen 4
Geheugen 5
Geheugen 6
Geheugen 7
Geheugen 8
Handige
voorzieningen
Geheugen wissen
Geheugen 1
45
Gebruik van het menuscherm
RETURN toets
• Druk op RETURN om terug te keren
naar het vorige scherm wanneer het
menu wordt weergegeven.
ENTER toets
Insteltoetsen (P/R/O/Q)
MENU toets
MENU toets
ENTER toets
Insteltoetsen
(P/R/O/Q)
RETURN toets
• Druk op RETURN om terug
te keren naar het vorige
scherm wanneer het menu
wordt weergegeven.
Menu-selecties (Afstellingen)
Voorbeeld: Instellen van “Helder”.
• U kunt de bedieningshandelingen ook uitvoeren met de toetsen op de projector.
1
Druk op MENU.
• Het “Beeld” menuscherm voor de gekozen
ingangsfunctie verschijnt.
Voorbeeld: “Beeld” menuscherm
Menu-onderdeel
Beeld
2
Druk op Q of O en selecteer
“Beeld” om afstellingen te maken.
Audio
Beeldmodus
Contrast
Helder
Kleur
Tint
Scherpte
Rood
Blauw
Kleurtmp
BrilliantColor™
C.M.S.1
C.M.S.2
Ruisonderdr.
Eco + Stil
Reset
SEL/INS
Terug
46
SIG
SCH
PRJ
Standaard
0
0
0
0
0
0
0
0
1
Uit
Uit
Niveau 2
Uit
ENTER
END
Netw
3
Druk op P of R en selecteer “Helder”
om afstellingen te maken.
• Het geselecteerde onderdeel wordt met
omgekeerd contrast aangegeven.
Beeld
Audio
SIG
Beeldmodus
Contrast
Helder
Kleur
Tint
Scherpte
Rood
Blauw
Kleurtmp
BrilliantColor™
C.M.S.1
C.M.S.2
Ruisonderdr.
Eco + Stil
Reset
SCH
PRJ
Netw
Standaard
0
0
0
0
0
0
0
0
1
Uit
Uit
Niveau 2
Uit
SEL/INS
Terug
ENTER
END
Onderdelen voor afstelling
Instellen van het geprojecteerde beeld terwijl
u ernaar kijkt
Druk op ENTER.
• Het gekozen onderdeel (bijv. “Helder”)
wordt afzonderlijk onderaan op het
scherm aangegeven.
• Als u op P of R drukt, zal het volgende
onderdeel (“Kleur” na “Helder”) aangegeven
worden.
Beeld
Audio
SIG
• Druk nog een keer op ENTER om naar
het vorige scherm terug te keren.
4
Druk op O of Q om het
geselecteerde onderdeel af te
stellen.
• De afstelling wordt opgeslagen.
Druk op MENU.
• Het menuscherm verdwijnt.
Netw
Het onderdeel wordt afzonderlijk aangegeven
Beeld
0
SEL/INS
Terug
Beeld
Audio
Beeldmodus
Contrast
Helder
Kleur
Tint
Scherpte
Rood
Blauw
Kleurtmp
BrilliantColor™
C.M.S.1
C.M.S.2
Ruisonderdr.
Eco + Stil
Reset
SEL/INS
Terug
ENTER
END
SIG
SCH
PRJ
Netw
Standaard
0
15
0
0
0
0
0
0
1
Uit
Uit
Niveau 2
Uit
ENTER
END
Handige
voorzieningen
5
PRJ
Druk op ENTER.
Helder
Opmerking
SCH
0
0
0
0
Klok
Fase
H-Pos
V-Pos
Reset
Opmerking
• De MENU-toets is niet beschikbaar als de projector bezig is met:
- Automat.sync./Pauzetijd/Vastleggen/AV Demping
47
Beeldinstellingen (“Beeld” menu)
Menubediening n Blz. 46
Beeld
Audio
Beeldmodus
Contrast
Helder
Kleur
Tint
Scherpte
Rood
Blauw
Kleurtmp
BrilliantColor™
C.M.S.1
C.M.S.2
Ruisonderdr.
Eco + Stil
Reset
SEL/INS
Terug
SIG
SCH
PRJ
Netw
• Wanneer “sRGB” geselecteerd is, kan het
geprojecteerde beeld donker worden, maar dit
duidt niet op een defect.
2 Instellen van het beeld
Uit
Uit
Niveau 2
Uit
Beschrijving
Standaard
Voor een standaard beeld
Presentatie
Maakt donkere partijen van het beeld
helderder voor een meer levendige
presentatie.
Cinema
Geeft scherpte aan het
geprojecteerde beeld.
Spel
Geeft scherpte aan het geprojecteerde beeld.
*sRGB
Voor een waarheidsgetrouwe weergave
van de beelden van een computer.
• “sRGB” wordt alleen getoond wanneer een RGBsignaal wordt ontvangen.
• U kunt elk onderdeel in het “Beeld” menu naar eigen
voorkeur instellen of afstellen. Eventuele aangebrachte
wijzigingen worden in het geheugen opgeslagen.
Opmerking
• U kunt ook op PICTURE MODE van de
afstandsbediening drukken om de
beeldmodus te kiezen. (Zie blz. 41.)
*sRGB is een internationale norm voor
kleurweergave opgesteld door de IEC
(International Electrotechnical Commission).
Aangezien het vaste kleurengebied bepaald is
door de IEC, zullen de beelden worden
weergegeven in een natuurlijke tint die
gebaseerd is op een origineel beeld, wanneer
“sRGB” geselecteerd is.
Voor verdere informatie betreffende de sRGB functie
kunt u de website “http://www.srgb.com/” bezoeken.
U kunt de onderdelen “Rood”, “Blauw”,
“Kleurtmp”, “BrilliantColorTM”, “C.M.S.1” en
“C.M.S.2” niet instellen wanneer “sRGB”
geselecteerd is.
48
Beschikbare
onderdelen
Contrast
Helder
ENTER
END
1 Kiezen van de beeldmodus
Beschikbare
instellingen
Info
Standaard
0
0
0
0
0
0
0
0
1
Kleur*1
Tint*1
Scherpte
Rood*1
Blauw*1
BrilliantColor™*1 *2
O toets
Q toets
Voor minder
contrast.
Voor minder
helderheid.
Voor minder
intense kleuren.
Om de huidtinten
wat paarser te
maken.
Voor minder
scherpte.
Voor minder
rood.
Voor minder
blauw.
Voor het
verzwakken van
het effect.
Voor meer
contrast.
Voor een
helderder beeld.
Voor meer
intense kleuren.
Om de huidtinten
wat groener te
maken.
Voor een
scherper beeld.
Voor meer rood.
Voor meer
blauw.
Voor het
versterken van
het effect.
*1 Niet instelbaar/selecteerbaar wanneer “sRGB”
geselecteerd is.
*2 BrilliantColor™ maakt gebruik van Texas Instruments'
BrilliantColor™ technologie. Wanneer het BrilliantColor™
niveau wordt verhoogd, zal het beeld helderder worden
terwijl de kleurweergave op een hoog niveau blijft.
Opmerking
• “Kleur”, “Tint”, “Rood”, “Blauw”, “BrilliantColorTM”
en “Kleurtmp” kunnen niet worden ingesteld
wanneer “sRGB” geselecteerd is.
• Om alle onderdelen terug te stellen, selecteert
u “Reset” en drukt dan op ENTER.
Menubediening n Blz. 46
• Als er wel data voor de opgeslagen
gecorrigeerde kleur is, wordt het C.M.S.
kleurbijstelscherm weergegeven. (Ga naar
stap 3.)
3 Instellen van de
kleurtemperatuur
Beschikbare
instellingen
Beschrijving
–2
Een lagere kleurtemperatuur voor warme,
roodachtige en gedempte beelden.
C.M.S.1
Kleur inst.
Kleurschakering
Verzadiging
Waarde
Effect
C.M.S.1
Reset
Terug
0
0
0
0
Aan
0
+2
Een hogere kleurtemperatuur voor
koele, blauwachtige en heldere beelden
SEL/INS
Terug
ENTER
END
Opmerking
• De waarden bij “Kleurtmp” zijn alleen voor
algemene toepassingen.
• “Kleurtmp” kan niet worden ingesteld
wanneer “sRGB” geselecteerd is.
4 Instellen van de kleuren
U kunt de kleur van het geprojecteerde beeld selecteren
om dat te corrigeren en vervolgens de gewenste kleur
bijstellen met de instellingen “Kleurschakering”,
“Verzadiging”, “Waarde”, en “Effect”.
2
Selecteer d.m.v. de schermpen
de kleur van het geprojecteerde
beeld dat gecorrigeerd dient te
worden. De schermpen kan
bediend worden door de
insteltoesten (P/R/O/Q) op de
afstandsbediening.
• Door het geprojecteerde beeld te
vergroten d.m.v.
of
MAGNIFY,
kunnen nog fijnere bijstellingen worden
uitgevoerd.
Opmerking
• Voer voorbereidingen uit bij het beeld dat
bijgesteld dient te worden voordat u
daadwerkelijk met het bijstellen gaat beginnen.
• U kunt deze instellingen gemakkelijker uitvoeren
bij een stilbeeld dan bij een bewegend beeld.
1
• Als er geen data voor de opgeslagen gecorrigeerde
kleur is, worden het kleurselectiescherm en de
schermpen getoond. (Ga naar stap 2.)
Schermpen
• Door de insteltoesten (P/R/O/Q),
ingedrukt te houden, bweegt de
schermpen met hogere snelheid.
Na het selecteren van de te corrigeren
kleur van het geprojecteerde beeld image,
druk op ENTER. Het C.M.S.
kleurbijstelscherm wordt getoond. (Ga
naar stap 3.)
Handige
voorzieningen
Selecteer “C.M.S.1” of “C.M.S.2”
(C.M.S.: Color Management
System = kleurbeheersysteem)
en druk vervolgens op ENTER.
Schermpen
49
Beeldinstellingen (“Beeld” menu) (vervolg)
Menubediening n Blz. 46
3
Stel elk item in of bij in het C.M.S.
kleurbijstelscherm.
C.M.S.1
Kleur inst.
Kleurschakering
Verzadiging
Waarde
Effect
C.M.S.1
Reset
Terug
4
Selecteer “Terug” en druk op
ENTER om de C.M.S.
kleurbijstelling te voltooiden.
0
0
0
0
Aan
Opmerking
SEL/INS
Terug
ENTER
END
C.M.S. color kleurbijstelscherm:
Beschikbare
instellingen
Beschrijving
Kleur inst.
Begint de selectie van de te
corrigeren kleur overnieuw.
Kleurschakering
Stelt de kleurschakering van
de hoofdkleuren in.
Verzadiging
Stelt de verzadiging van de
hoofdkleuren in.
Waarde
Stelt de waarde van de hoofdkleuren in.
Effect*1
Specifeert het bereik van de
kleurcorrectie.
C.M.S.1*2
(of C.M.S.2)
Controleert hoe het geprojecteerde beeld er uit ziet na
de hier boven gemaakte
correctie.
Reset
Terug
Stelt “Kleurschakering”, “Verzadiging”, “Waarde”, en “Effect” in
op hun standaardwaarden.
Voltooit de correctie en sluit
het C.M.S. kleurbijstelscherm.
*1 Selecteer “Effect” en druk op O of Q om het
bereik van de kleurcorrectie te specificeren.
O toets
Specifeert een klein bereik.
Q toets
Specifeert een groter bereik.
*2 Selecteert “C.M.S.1” (of “C.M.S.2”) en stel
“Aan” of “Uit” in om te controleren hoe het
geprojecteerde beeld er uit.
50
Aan
Hoe het geprojecteerde beeld
er uit ziet na de hier boven
gemaakte kleurbijstelling kan
worden gecontroleerd.
Uit
Hoe het geprojecteerde beeld
er uit ziet voor de eerder
genoemde kleurbijstelling kan
worden gecontroleerd.
• De C.M.S. kleurenbijstelling kan d.m.v. “C.M.S.1”
en “C.M.S.2” elk bij één kleur worden uitgeoefend.
• “C.M.S.1” en “C.M.S.2” kunnen niet worden
ingesteld wanneer “sRGB” geselecteerd is.
5 Afbeeldingsruis
verminderen (DNR)
Digitale videoruisonderdrukking (DNR) levert
afbeelding van hoge kwaliteit met een minimale
stippelbeweging en kruiskleurruis.
Beschikbare
instellingen
Uit
Beschrijving
De DNR-functie is niet geactiveerd.
Niveau 1
Niveau 2
Niveau 3
Stelt het DNR-niveau in voor het
bekijken van een helderdere
afbeelding.
Opmerking
Stel “Ruisonderdr.” in op “Uit” in de
volgende gevallen:
• Wanneer de afbeelding vaag is.
• Wanneer de contouren en kleuren van
bewegende afbeeldingen langzaam gaan.
• Wanneer TV-uitzendingen met zwakke
signalen worden geprojecteerd.
6 Eco+Stil
Beschikbare
Helderheid
instellingen
Aan
Ca. 80%
Laag
Uit
Normal
100%
Ventilatorgeluid
Levensduur
van lamp
Ca. 2.500
uur
Ca. 1.500
uur
Opmerking
• U kunt zowel de ECO+QUIET op de afstandsbediening
als die op de projector gebruiken om de Eco+Stil
modus in of uit te schakelen. (Zie blz. 40.)
Geluidsinstellingen (“Audio” menu)
Menubediening n Blz. 46
Beeld
Audio
Luidspreker
Audio-ingang
Audio uitgang
Hoge toon
Lage toon
SIG
SCH
PRJ
Netw
Aan
Audio 1
Vast
0
0
3 Het audiouitvoertype instellen
Deze functie bepaalt of het geluidsniveau dat
via de AUDIO-uitgangsaansluiting wordt
uitgevoerd, een vaste of variabele en aan de
VOLUME-regelaar gekoppelde sterkte heeft.
Beschikbare
instellingen
SEL/INS
Terug
ENTER
END
1 Luidsprekerinstellingen
Met deze functie kunt u de ingebouwde
luidspreker “Aan” of “Uit” zetten, dit laatste
bijvoorbeeld wanneer de projector is
aangesloten op een externe versterker.
Beschikbare
instellingen
Beschrijving
Aan
De ingebouwde luidspreker is
ingeschakeld.
Uit
De ingebouwde luidspreker is
uitgeschakeld.
2 Audio-ingang
Deze functie stelt u in staat een juiste
combinatie van audio ingangsaansluitingen te
kiezen voor elke invoer modus.
Beschikbare
instellingen
Beschrijving
Vast (Vaste
audiouitvoer)
Audio-uitvoer die niet varieert in
sterkte met het volumeniveau van de
bronprojector.
Variabel
(Variabele
audiouitvoer)
Audio-uitvoer die in sterkte varieert
met het volumeniveau van de
bronprojector.
Info
• Wanneer “Audio uitgang” op “Variabel” is gezet,
moet u het volume van de projector verlagen
voordat u de netspanning uitschakelt of naar een
andere ingangsbron overschakelt.
4 Instellen van het geluid
Met deze functie kunt u de geluidsinstellingen
van de projector aanpassen.
Beschikbare
instellingen
\ toets
Hoge toon
Voor minder hoge
tonen
Voor meer hoge
tonen
Lage toon
Voor minder lage
tonen
Voor meer lage
tonen
| toets
Beschrijving
De AUDIO 1 ingangsaansluiting wordt
gebruikt als audio ingangsaansluiting.
Audio 2
De AUDIO 2 ingangsaansluiting wordt
gebruikt als audio ingangsaansluiting.
HDMI
De HDMI-aansluiting wordt gebruikt als
audio ingangsaansluiting. (Dit
onderdeel is beschikbaar met HDMIingang.)
Handige
voorzieningen
Audio 1
51
Signaalinstelling (“SIG” menu)
Menubediening n Blz. 46
Beeld
Audio
Klok
Fase
H-Pos
V-Pos
Reset
Resolutie
Automat.sync.
Signaaltype
Videosysteem
Video-ops.
Dynamisch bereik
SIG
SCH
SEL/INS
Terug
Netw
0
0
0
0
1024 x 768
Aan
Auto
Auto
0 IRE
Standaard
Signaal info : 1024 x 768
H
48.3 kHz / V
PRJ
60.0
3 Instellen van de automatische
synchronisatie
Wordt gebruikt om een computerbeeld
automatisch in te stellen.
Beschikbare
instellingen
Aan
De automatische synchronisatie vindt
plaats wanneer de projector wordt
ingeschakeld of als de ingangssignalen
worden veranderd wanneer de
projector is aangesloten op een
computer.
Uit
De automatische synchronisatie wordt
niet automatisch uitgevoerd.
Hz
ENTER
END
1 Het computerbeeld instellen
Indien de optimale beeldkwaliteit niet door middel
van automatische synchronisatie (Automat.sync.)
kan worden verkregen, gebruik dan de functie SIG.
Beschikbare
instellingen
Beschrijving
Klok
De verticale ruis regelen.
Fase
De horizontale ruis regelen (vergelijkbaar
met tracking op uw videorecorder).
H-Pos
Het beeld op het scherm centreren door
het naar links of naar rechts te verplaatsen.
V-Pos
Het beeld op het scherm centreren door het
naar boven of naar onder te verplaatsen.
Opmerking
• Om alle instelbare onderdelen terug te stellen,
kiest u “Reset” en drukt u op ENTER.
• Het instelbereik van en “H-Pos” en “V-Pos” kan
verschillen afhankelijk van de schermresolutie
van de computer.
2 Instellen van de resolutie
Normaal gesproken wordt het soort ingangssignaal
gedetecteerd en wordt de juiste resolutie
automatisch ingesteld. Bij sommige signalen kan het
echter nodig zijn om de optimale resolutieinstelling te
kiezen in “Resolutie”, in overeenstemming met de
weergavefunctie van de computer.
Opmerking
• Zie “Controleren van het ingangssignaal” op
bladzijde 53 voor informatie over het huidige
geselecteerde ingangssignaal.
52
Beschrijving
Opmerking
• De automatische synchronisatie wordt
eveneens uitgevoerd wanneer op AUTO
SYNC op de projector of op de
afstandsbediening wordt gedrukt.
• De instelling van de automatische
synchronisatie kan even duren, afhankelijk van
het beeld van de computer die op de
projector is aangesloten.
4 De instelling signaaltype
Deze functie maakt het mogelijk om het type
RGB of component ingangssignaal voor
COMPUTER/COMPONENT 1, 2 te selecteren.
Beschikbare
instellingen
Beschrijving
Auto
Ingangssignalen worden automatisch
herkend als RGB of component.
RGB
Instelling voor ontvangst van RGBsignalen.
YPbPr
Instelling voor ontvangst van
component-signalen.
Menubediening n Blz. 46
5 Instellen van het videosignaal
De standaardinstelling voor het videosysteem
is “Auto”; het is echter mogelijk dat u geen
duidelijk beeld kunt ontvangen van de
aangesloten audiovisuele apparatuur omwille
van verschillen in het signaal. In dat geval
wijzigt u het videosignaal.
Beschikbare instellingen
Auto
PAL
SECAM
*NTSC4.43
NTSC3.58
PAL-M
PAL-N
PAL-60
7 Het dynamische bereik
selecteren
Een optimale afbeelding kan wellicht niet
worden weergegeven als een outputsignaal
van een apparaat dat compatibel is met HDMI,
niet overeenstemt met de inputsignaalsoort
van de projector. Mocht dit voorvallen,
schakel dan om naar “Dynamisch bereik”.
Beschikbare
instellingen
Auto
Standaard
Verbeterd
Beschrijving
Wanneer de zwartniveaus banden
vertonen of zwakker lijken, selecteer
dan het item dat de beste
afbeeldingskwaliteit oplevert. (Onder
de meeste omstandigheden moet
“Standaard” worden geselecteerd.)
* Bij weergave van NTSC-signalen met PALvideoapparatuur.
Opmerking
Opmerking
• Het videosignaal kan alleen in de VIDEO of SVIDEO functie worden ingesteld.
• Wanneer “Auto” is ingesteld voor het
“Videosysteem”, is het mogelijk dat u geen
duidelijk beeld kunt ontvangen vanwege
verschillen in het signaal. In dat geval dient u
handmatig over te schakelen naar het
videosysteem van het bronsignaal.
6 Video-instelling
Beschikbare
instellingen
• Het Dynamisch bereik kan alleen worden
geselecteerd wanneer de “HDMI”
ingangsmodus is geselecteerd.
8 Controleren van het
ingangssignaal
Deze functie stelt u in staat om de informatie
betreffende het huidige ingangssignaal te
controleren.
Beschrijving
Stelt het zwartniveau in op 0 IRE.
7.5 IRE
Stelt het zwartniveau in op 7.5 IRE.
Opmerking
• Deze functie is beschikbaar voor de volgende
signalen.
Met COMPUTER/COMPONENT 1 of 2 invoer:
- 480I
Met S-VIDEO of VIDEO invoer:
- NTSC3.58
Handige
voorzieningen
0 IRE
53
Scherm-instelling (“SCH” menu)
Menubediening n Blz. 46
Beeld
Audio
Grootte Aanpassen
Wandkleur
Overscan
OSD Display
Closed caption
Achtergrond
Projectie
Taal(Language)
SIG
SCH
PRJ
Netw
Normaal
Uit
Aan
Aan
Uit
Logo
Voor
Nederlands
3 De overscan instellen
Deze functie stelt u in staat het overscan gebied
(weergave gebied) in te stellen.
Beschikbare
instellingen
Aan
Het invoer gebied wordt weergegeven
zonder de schermranden.
Het volledige invoergebied wordt
weergegeven.
Uit
SEL/INS
Terug
Opmerking
• Zie blz. 36 tot 39 voor nadere bijzonderheden
betreffende de Grootte Aanpassen-functie.
• U kunt ook op RESIZE van de
afstandsbediening drukken om de gewenste
instelling voor de Grootte Aanpassen-functie
te maken. (Zie blz. 36.)
2 Selecteren van de wandkleur
Met deze functie kunt u de afbeelding op een
gekleurd (wit of donkergroen) oppervlak of
wand zonder scherm projecteren.
Beschikbare
instellingen
54
Opmerking
ENTER
END
1 Instellen van de grootte
aanpassen-functie
Beschrijving
Uit
De functie wandkleur is niet
geactiveerd.
zwartbord
Projecteert afbeeldingen op een
zwartbord (donkergroen).
witbord
Projecteert afbeeldingen op een
witbord.
Beschrijving
• Deze functie is beschikbaar voor de volgende
signalen.
Met COMPUTER/COMPONENT 1 of 2 invoer:
- 480P
- 540P
- 576P
- 720P
- 1035I
- 1080I/1080P
• Als er ruis verschijnt aan de schermranden
wanneer “Uit” is gekozen, zet de functie dan
op “Aan”.
• Zie ook “Betreffende auteursrechten” op blz. 39.
4 Instellen van het
on-screen display
Met deze functie kunt u de berichten die op
het scherm verschijnen, in- en uitschakelen.
Beschikbare
instellingen
Beschrijving
Aan
Alle schermberichten worden
getoond.
Uit
INGANG/VOLUME/AV DEMPING/
VASTLEGGEN/AUTOMAT. SYNC./
GROOTTE AANPASSEN/
BEELDMODUS/ECO + STIL/
VERGROTEN/ “U hebt een ongeldige
toets ingedrukt.” worden niet
weergegeven.
Menubediening n Blz. 46
5 Closed caption
<Alleen voor Amerika>
6 Kiezen van een starten achtergrondbeeld
Beschikbare
instellingen
Info
• Deze functie is beschikbaar voor NTSC3.58
signaal.
• De functie werkt mogelijk niet afhankelijk van de
modus “Grootte aanpassen”.
• “Closed caption” is een systeem wat het mogelijk
maakt om conversatie, commentaar en
geluidseffecten in TV programma’s (niet in alle
regio’s) en videos te zien als ondertiteling op het
scherm.
• Niet alle programma’s en videos hebben “Closed
caption”. Let op het
symbool om er zeker van
te zijn dat ondertiteling getoond zal worden.
• Twee kanalen zijn beschikbaar: CC1 en CC2.
Beschikbare
instellingen
Beschrijving
Uit
—
CC1
Closed caption mode voor data CH1
CC2
Closed caption mode voor data CH2
Opmerking
• “Closed caption” kan niet goed werken (witte
blokken, vreemde karakters etc.) als de
signaalcondities slecht zijn of als er problemen
zijn bij de uitzendingsbron. Dit is niet
noodzakelijk een problem van de projector.
Logo
Beschrijving
SHARP standaardbeeld
Blauw
Blauw scherm
Geen
Zwart scherm
7 De geprojecteerde
beelden omkeren/
weergeven in spiegelbeeld
Deze projector is voorzien van een functie om
het geprojecteerde beeld om te keren of weer
te geven in spiegelbeeld, wat handig is voor
diverse toepassingen.
Beschikbare
instellingen
Beschrijving
Voor
Normaal beeld (geprojecteerd
vanaf de voorkant van het scherm)
Plafond + voor
Omgekeerd beeld (geprojecteerd
vanaf de voorkant van het scherm
met een omgekeerde projector)
Achter
Spiegelbeeld (geprojecteerd vanaf
de achterkant van het scherm of
met een spiegel)
Plafond + achter Omgekeerd spiegelbeeld
(geprojecteerd met een spiegel)
Opmerking
• Zie de “Projectie-instellingen” op blz. 21 voor
details.
Er zijn 18 talen beschikbaar voor de
beeldschermdisplay-aanduidingen.
Handige
voorzieningen
8 Kiezen van de taal
voor de beeldschermaanduidingen (OSD)
55
Nuttige, tijdens installatie ingestelde functies (“PRJ” menu)
Menubediening n Blz. 46
Beeld
Audio
SIG
T
Z
Auto Power Off
Automatisch herstarten
COMPUTER2 Selecteren
STANDBY-modus
RS-232C
Ventilatormodus
Syst.vergrend.
DLP® Link™
DLP® Link™ Omkeren
Geheugenmenu
Roteer Indicator
Alles terugstellen
H
Lamptimer (duur)
SEL/INS
Terug
[
SCH
PRJ
Netw
Aan
Aan
Monitoruitvoer
Standaard
9600bps
Normaal
Uit
Uit
Aan
0]u
[
0] min ( 100%)
Uit
De Auto Power Off-functie wordt
uitgeschakeld.
Opmerking
• Wanneer de automatische uitschakelfunctie
ingesteld is op “Aan”, zal 5 minuten voordat de
projector in standby wordt geschakeld het
bericht “Inschakeling STANDBY-modus over X
min.” op het scherm verschijnen om de
resterende minuten aan te geven.
2 Automatisch Herstarten Functie
Beschikbare
instellingen
Aan
Uit
56
Beschikbare
Beschrijving
instellingen
Ingang
De aansluiting kan worden gebruikt
als invoeraansluiting (COMPUTER/
COMPONENT 2).
Monitoruitvoer De aansluiting kan worden gebruikt als
uitvoeraansluiting (MONITOR OUT).
Opmerking
• Stel dit in voordat externe apparatuur wordt
aangesloten.
• De instelling kan niet worden gewijzigd wanneer
de invoermodus “COMPUTER 2” is.
Beschrijving
De standbyfunctie van de projector
wordt automatisch ingeschakeld
wanneer er gedurende tenminste 15
minuten geen ingangssignaal wordt
gedetecteerd.
Aan
U kunt de MONITOR OUT aansluiting ook als de COMPUTER/
COMPONENT 2 aansluiting gebruiken. Selecteer of de aansluiting moet worden gebruikt als aansluiting voor invoer of uitvoer.
ENTER
END
1 Automatische uitschakeling
Beschikbare
instellingen
3 COMPUTER2 Selecteren
Beschrijving
Als het netsnoer niet in het stopcontact
zit of de schakelaar staat uit wanneer
de projector aan staat, dan gaat de
projector automatisch aan wanneer u
het netsnoer in het stopcontact steekt
of wanneer de schakelaar aanstaat.
De projector gaat niet automatisch
aan wanneer het netsnoer in het
stopcontact wordt gestoken of de
schakelaar aan staat.
4 STANDBY-modus
Wanneer u “Eco” instelt, wordt het stroomverbruik
gereduceerd in ruststand (standby) modus.
Beschikbare
instellingen
Beschrijving
Eco
De monitor uitvoer, RS-232C en netwerk functies
zijn uitgeschakeld in ruststand (standby) modus.
Standaard
De monitor uitvoer, RS-232C en netwerk
functies zijn geactiveerd zelfs als de
projector in ruststand (standby) modus.
5 De transmissiesnelheid
selecteren (RS-232C)
Controleer of de projector en de computer op
dezelfde baud rate zijn ingesteld.
Beschikbare
instellingen
9600 bps
Beschrijving
De transmissiesnelheid is laag.
38400 bps
115200 bps
De transmissiesnelheid is hoog.
Opmerking
• Raadpleeg de “INSTELGIDS” op de
meegeleverde CD-ROM voor details over RS232C specificaties en opdrachten.
• Raadpleeg de handleiding van de computer voor details
over het instellen van de baud rate van de computer.
Menubediening n Blz. 46
6 Ventilatormodus-instelling
3
Gebruik deze functie om de draaisnelheid van
de ventilator te veranderen.
Beschikbare
instellingen
• Wanneer de toegangscode de eerste maal
wordt ingesteld, moet u viermaal op R van
de projector drukken.
Beschrijving
Normaal
Geschikt voor een normale omgeving.
Hoog
Selecteer deze instelling wanneer u de
projector op een hoogte van meer
dan 1.500 meter (4.900 voet) gebruikt.
PRJ
Syst.vergrendeling instellen
Oude code
Nieuwe code
Herbevestigen
Wanneer “Ventilatormodus” is ingesteld op “Hoog”,
zal de draaisnelheid van de ventilator hoger zijn en is
er ook meer lawaai van de ventilator.
7 Systeemvergrendeling-functie
• Als u uw toegangscode verliest of vergeet, neem
dan contact op met uw dichtstbijzijnde officiële
Sharp projectordealer of servicecentrum (zie blz.
84). Zelfs wanneer het apparaat nog onder de
garantie is, zal het terugstellen van de
toegangscode in rekening worden gebracht.
a Instellen/wijzigen van de
toegangscode
Opmerking
Selecteer “Syst.vergrend.” en
druk dan op ENTER of Q.
2
Selecteer “Volgend”, en druk dan
op ENTER.
• Het scherm voor het invoeren van de
toegangscode verschijnt.
4
Druk op vier toetsen van de
afstandsbediening of de projector
om de nieuwe toegangscode in
“Nieuwe code” in te voeren.
Opmerking
• U kunt niet de volgende toetsen voor de
toegangscode gebruiken: STANDBY/
ON, ON, STANDBY, ENTER, L-CLICK/
EFFECT, R-CLICK/RETURN, MENU,
ECO+QUIET, BREAK TIMER, ZOOM,
FOCUS, H&V SHIFT, ROTATE, LENS,
MEMORY MENU en MEMORY (1-8)
• De systeemvergrendeling-functie
herkent elke toets op de
afstandsbediening of op de projector
als een afzonderlijke toets, ook als
deze dezelfde toetsnaam hebben. Als
u de toetsen op de projector hebt
gebruikt voor het instellen van de
toegangscode, kan de toegangscode
niet met de afstandsbediening
geannuleerd worden.
Handige
voorzieningen
1
– – – –
– – – –
– – – –
• Als u een verkeerde toegangscode
invoert, zal de cursor terugkeren naar
de eerste positie van de “Oude code”.
• De vooringestelde toegangscode is 4 R
toetsen op de projector. Als u viermaal
op de R toets drukt, zal het
toegangscode-invoerscherm verdwijnen.
Deze functie voorkomt ongeoorloofd gebruik
van de projector. Wanneer deze functie
geactiveerd is, moet de gebruiker de juiste
toegangscode invoeren telkens wanneer de
projector wordt ingeschakeld. Wij raden u aan
de toegangscode op een veilige plaats te
noteren.
Info
Druk op de juiste vier toetsen van de
afstandsbediening of de projector
om de bestaande toegangscode in
“Oude code” in te voeren.
PRJ
Syst.vergrendeling instellen
Oude code
Nieuwe code
Herbevestigen
****
– – – –
– – – –
57
Nuttige, tijdens installatie ingestelde functies
(“PRJ” menu) (vervolg)
Menubediening n Blz. 46
5
Voer dezelfde toegangscode in
“Herbevestigen” in.
Uitschakelen van de Toetsvergrendeling
Houd ENTER op de projector ongeveer 5
seconden ingedrukt.
Beeldschermdisplay
Opmerking
Toetsvergrendeling UIT
Annuleren van de toegangscode die u
reeds hebt ingesteld
• Druk viermaal op R van de projector in de
bovenstaande stappen 4 en 5.
Wanneer de systeemvergrendeling is ingesteld
• Wanneer de systeemvergrendeling geactiveerd is, verschijnt
er een invoervakje voor de toegangscode nadat het apparaat
is ingeschakeld. U moet in dit vakje de juiste toegangscode
invoeren om de projector te kunnen gebruiken.
Input screen for keycode
Syst.vergrend.
– – – –
Toetsvergrendeling
Gebruik deze functie om de bedieningstoetsen
op de projector te vergrendelen.
Vergrendelen van de bedieningstoetsen
1
Houd ENTER op de projector
ongeveer 5 seconden ingedrukt
terwijl de projector ingeschakeld is.
• Het functiescherm voor toetsvergrendeling
wordt weergegeven.
Gebruik deze functie om de bedieningsknop
op de projector te vergrendelen.
(Behalve STANDBY/ON knop)
Opm: U kunt de functievergr. Opheffen door
op de proj. ongev. 5 sec. op ENTER te drukken.
Terug
Aan
SEL/INS
Terug
2
ENTER
END
Selecteer “Aan”, en druk dan op
ENTER.
Beeldschermdisplay
Toetsvergrendeling AAN
• De toetsvergrendelingsfunctie heeft geen invloed
op de toetsen van de afstandsbediening.
• U kunt de toetsvergrendelingsfunctie niet gebruiken
wanneer de projector aan het opwarmen is.
58
Info
• Ook als de functie toetsvergrendeling op “Aan”
staat, kan STANDBY/ON op de projector worden
gebruikt om de stroomtoevoer aan of uit te zetten.
• De toetsvergrendelingsfunctie is niet instelbaar
in de volgende gevallen: tijdens weergave van
de “Menu” schermen, in de ruststand (standby),
tijdens opwarmen, bij veranderen van het
ingangssignaal, bij gebruik van de Automat.
sync., in de Vastleggen modus of bij het “Syst.
vergrend.” scherm tijdens opwarmen.
®
TM
8 DLP Link
Zie “3D-weergavemodus gebruiken” op blz.
67 voor details.
®
TM
9 DLP Link Omkeren
Zie “3D-weergavemodus gebruiken” op blz.
67 voor details.
Menubediening n Blz. 46
0 Geheugenmenu
U kunt de instellingen van de “lens shift” van de
projector (ZOOM, FOCUS) en andere (zoals
INGANG, BEELDMODUS, GROOTTE AANPASSEN,
Wandkleur, Projectie en TRAPEZIUM) opslaan, of de
opgeslagen instellingen activeren.
U kunt ook de rotatiehoek opslaan wanneer u
de roteermodule met plafondbevestiging (ANSV100T) aan de projector bevestigt.
Het scherm “Geheugenmenu” kan ook
worden geopend door het indrukken van
MEMORY MENU op de afstandsbediening.
a Geheugen laden
Selecteer het onderdeel waar de onderdelen zijn
opgeslagen om de gewenste instellingen te activeren.
Opmerking
a Geheugen opslaan
Selecteer een onderdeel waar u de instelling wilt opslaan.
Selecteer het onderdeel waar de instellingen
staan opgeslagen die u wilt wissen. In dit
geval wordt de geheugennaam die u gewijzigd
hebt, teruggezet naar de standaardinstelling.
Opmerking
• Door het selecteren van “Alles wissen” worden
alle opgeslagen instellingen gewist.
a Dempen
Beschikbare
instellingen
Aan
Geeft geen melding terwijl de
projector bezig is met de functie
“Geheugen laden”.
Uit
Toont afbeeldingen zolang de
projector bezig is met activeren.
a Geheug. blok.
Beschikbare
instellingen
a Naam geheugen
Selecteer het onderdeel dat u wilt wijzigen. Gebruik
O/Q om de te wijzigen tekens te kiezen en P/R om
de tekens te selecteren die ingevuld moeten worden.
Beschrijving
Aan
Beschermt de opgeslagen
geheugens.
Uit
Uit beschermt de opgeslagen
geheugens niet.
Roteer indicator
Deze functie zet de roteer indicator op de projector Aan/Uit.
Beschikbare
instellingen
Beschrijving
Aan
De roteer indicator gaat branden
wanneer de roteermodule met
plafondbevestiging (AN-SV100T) is
aangesloten. De indicator knippert
zolang de projector aan het roteren is.
Uit
De roteer indicator gaat niet branden.
Opmerking
• Wanneer u een onderdeel selecteert waar al een
instelling in is opgeslagen, zal de opgeslagen
instelling worden overschreven en gewist worden.
Beschrijving
Handige
voorzieningen
• Het indrukken van een toets terwijl de projector bezig is
met de functie “Geheugen laden” zorgt voor de melding:
– “STOP”: stopt het activeren van de functie
“Geheugen laden”.
– “DOORGAAN”: hiermee gaat de projector
naar de al eerder ingestelde positie.
– “Naar de oorspronkelijke positie terugkeren.”: hiermee
keert de projector terug naar de oorspronkelijke positie.
• Het bevestigingsscherm “Geheugen laden”
wordt ook weergegeven door het indrukken
van MEMORY(1-8) op de afstandsbediening.
Druk nogmaals op MEMORY (1-8) om de
functie “Geheugen laden” uit te voeren.
• Het geheugen heeft een foutmarge van ongeveer
±2% (Houd een foutmarge van ongeveer ±1,5
graden aan wanneer de roteermodule met
plafondbevestiging (AN-SV100T) is bevestigd).
Gebruik de afstandsbediening voor het uitvoeren
van de fijnafstellingen.
a Geheugen wissen
Opmerking
• Deze functie werkt alleen wanneer de
roteermodule met plafondbevestiging aan de
projector is bevestigd.
59
Nuttige, tijdens installatie ingestelde functies
(“PRJ” menu) (vervolg)
Menubediening n Blz. 46
Terugkeren naar de
standaardinstellingen
Met deze functie kunt u de gemaakte projectorinstellingen initialiseren.
Opmerking
De volgende instellingen kunnen niet worden
geïnitialiseerd.
• Menu “SIG”
Resolutie
• Menu “SCH”
Taal
• Menu “PRJ”
Lamptimer (duur)
Syst.vergrend
COMPUTER2 Selecteren
Geheugenmenu
Controleren van de resterende
levensduur van de lamp
U kunt de totale gebruikstijd en de resterende
levensduur van de lamp (percentage) controleren.
Lampgebruiksstatus
“duur”(Levensduur)
Resterende levensduur van lamp
100%
5%
Werkt alleen als
“Eco + Stil” op “Aan”
staat.
ongeveer
2.500 uren
ongeveer
125 uren
Werkt alleen als
“Eco + Stil” op “Uit”
staat.
ongeveer
1.500 uren
ongeveer
75 uren
Opmerking
• Wij raden u aan de lamp te vervangen
wanneer de resterende levensduur is
teruggelopen tot 5%.
• De levensduur van de lamp is afhankelijk van
de gebruiksomstandigheden.
60
Instellen van de netwerkomgeving van de
projector (“Netw” menu)
Menubediening n Blz. 46
Beeld
Audio
SIG
SCH
Wachtwoord
DHCP Client
TCP/IP
Netwerkinstelling terugzetten
Netwerk herstarten
IP adres
MAC-adres
Projector
PRJ
Netw
Uit
Uit
1
Als u niet wilt dat anderen de instelling voor het “Netw”
menu veranderen, moet u een wachtwoord instellen.
a Instellen van een wachtwoord
Selecteer “Wachtwoord” en druk
dan op Q.
• Het scherm voor het invoeren van het
wachtwoord verschijnt.
Netw
Wachtwoord instellen
Oud wachtwrd
Nieuw wachtw
Herbevestigen
– – – –
– – – –
– – – –
Voer met P, R, Q en O het
wachtwoord in bij “Oud wachtwrd”
en druk dan op ENTER.
3
Voer met P, R, Q en O het
wachtwoord in bij “Nieuw
wachtwrd” en druk dan op ENTER.
4
Voer met P, R, Q en O hetzelfde
wachtwoord opnieuw in bij
“Herbevestigen” en druk dan op
ENTER.
Druk op P of R tom het eerste cijfer in “Nieuw
wachtw” in te stellen en druk dan op Q.
3
Voer de resterende 3 cijfers in en
druk dan op ENTER.
• Om terug te keren naar het vorige cijfer,
drukt u op O.
Voer hetzelfde wachtwoord in bij
“Herbevestigen” en druk dan op ENTER.
• De status voor het “Wachtwoord”
verandert naar “Aan”.
Opmerking
Opmerking
• Als u de wachtwoordbeveiliging niet meer nodig
hebt voor de instellingen van het “Netw” menu,
druk dan op ENTER zonder een nieuw
wachtwoord in te voeren in de stappen 3 en 4.
• Druk op RETURN om de
wachtwoordinstellingen te annuleren.
Als u het wachtwoord vergeet
Als u het wachtwoord vergeet, volg dan
de onderstaande aanwijzingen op om het
wachtwoord te wissen en stel daarna een
nieuw wachtwoord in.
Op de projector drukt u op:
.
Opmerking
• Als ENTER langer dan 5 seconden
ingedrukt wordt gehouden, zullen de
bedieningstoetsen op de projector
vergrendeld worden. (Zie blz. 58.)
• U kunt de toetsen op de
afstandsbediening niet gebruiken om het
wachtwoord te wissen.
Handige
voorzieningen
2
4
2
ENTER
END
1 Instellen van een wachtwoord
1
Selecteer “Wachtwoord” en druk
dan op Q.
• Het scherm voor het invoeren van het
wachtwoord verschijnt.
XXX.XXX.XXX.XXX
XX:XX:XX:XX:XX:XX
XX-XXXX
SEL/INS
Terug
a Veranderen van het wachtwoord
• Nadat het wachtwoord is ingesteld, moet u het
wachtwoord invoeren om de instellingen van
het “Netw” menu te kunnen veranderen.
61
Instellen van de netwerkomgeving van de
projector (“Netw” menu) (vervolg)
Menubediening n Blz. 46
2 Instelling voor DHCP Client
Sluit de LAN-kabel aan voordat u de projector
inschakelt. Als u dit niet doet, zal de DHCP
Client functie niet werken.
Beschikbare
instellingen
Beschrijving
Aan
Haalt automatisch de
configuratieparameters voor het TCP/
IP netwerk op.
Uit
Stelt de TCP/IP handmatig in.
Selecteer “Aan” voor “DHCP Client” .
“Ophalen van IP adres...” verschijnt en daarna
ziet u het menuscherm. Controleer de
parameters van het IP adres, Subnet Mask en
Gateway op het TCP/IP scherm.
Als de DHCP server niet beschikbaar is, zal
“Kon het IP adres niet ophalen.” verschijnen.
In dit geval moet de TCP/IP handmatig worden
ingesteld. (Zie onderdeel 3.)
3 TCP/IP instelling
Stel de TCP/IP handmatig in.
1
Selecteer “Uit” voor “DHCP Client”
en druk dan op ENTER.
2
Selecteer “TCP/IP” en druk dan op
ENTER.
3
Voer met P, R, Q en O, het “IP
Adres” in en druk dan op ENTER.
Netw
TCP/IP instellen
IP Adres
Subnet Mask
Gateway
62
1 9 2 . 1 6 8 . 1 5 0 . 0 0 2
2 5 5 . 2 5 5 . 2 5 5 . 0 0 0
0 0 0 . 0 0 0 . 0 0 0 . 0 0 0
4
Voer met P, R, Q en O, het
“Subnet Mask” in en druk dan op
ENTER.
5
Voer met P, R, Q en O, de
“Gateway” in en druk dan op
ENTER.
Beschikbare
instellingen
Beschrijving
IP Adres
Standaardinstelling:
192.168.150.002
Voer een IP adres in dat geschikt is
voor het netwerk.
Subnet
Mask
Standaardinstelling:
255.255.255.000
Stel de instelling van het subnet mask
hetzelfde in als van de computer en
de apparatuur op het netwerk.
Gateway
Standaardinstelling:
000.000.000.000
* Instellen op “000.000.000.000”
wanneer u deze niet gebruikt.
Opmerking
• Controleer het segment (IP adres groep) van
het bestaande netwerk om te vermijden dat u
een IP adres instelt dat reeds in gebruik is bij
andere netwerkapparatuur of computers. Als
“192.168.150.002” niet gebruikt wordt in het
netwerk met een IP adres “192.168.150.XXX”
dan hoeft u het IP adres van de projector niet
te wijzigen.
• Neem contact op met uw netwerkbeheerder
voor details aangaande de verschillende
instellingen.
4 Terugkeren naar de
standaardinstellingen
(Netwerk)
Met deze functie kunt u de netwerkinstellingen
initialiseren die u in de projector heeft ingesteld.
Opmerking
• Als de waarden voor het IP adres, subnet
mask of gateway van de projector gewijzigd
zijn, kan de computer mogelijk niet op de
projector worden aangesloten afhankelijk van
de instellingen van het computer netwerk.
5 Functie netwerk herstarten
Herstart de netwerkinstelling.
Voer deze functie uit wanneer de projector niet
via een netwerk kan worden bediend.
Menubediening n Blz. 46
6 Controleren van de
projectorinformatie
U kunt de volgende onderdelen bevestigen.
Beschikbare
instellingen
Beschrijving
IP adres
Het IP-adres van de projector wordt
weergegeven.
MAC-adres
Het MAC-adres dat voor de projector
is ingesteld, verschijnt.
Projector
De projectornaam wordt
weergegeven.
Opmerking
• Zie “INSTELGIDS” op de bijgeleverde CD-ROM
voor het veranderen van de projectornaam.
Handige
voorzieningen
63
Stereoscopische 3D-beelden bekijken
Voorzorgen om stereoscopische 3D-beelden te bekijken
Lees deze sectie zorgvuldig voordat u stereoscopische 3D-beelden bekijkt.
WAARSCHUWING
■ Onder normale omstandigheden is het bekijken van stereoscopische 3D-beelden veilig voor
de duur net als u normaal naar uw scherm zou kijken. Sommige mensen kunnen echter
ongemakken ondervinden. De volgende voorzorgen worden aanbevolen om het potentieel
van visuele problemen of andere nadelige symptomen te ondervinden tot een minimum te
beperken.
■ Neem geregeld een pauze, ten minste van 5 tot 15 minuten na iedere 30 tot 60 minuten van
stereoscopisch 3D kijken.
* Gebaseerd op de richtlijnen opgesteld door het 3D Consortium, herzien op 10 december, 2008.
■ Houd u op een gepaste afstand van het scherm. Van te dichtbij kijken kan uw ogen
overbelasten. Als u oogvermoeidheid ondervindt, moet u onmiddellijk stoppen met kijken.
Als u een van de volgende symptomen ondervindt tijdens het kijken:
– misselijkheid
– walging/duizeligheid
– hoofdpijn
– wazig zicht of dubbel zicht dat langer duurt dan enkele seconden
Onderneem geen potentieel gevaarlijke activiteit (bijvoorbeeld, een voertuig besturen) tot uw
symptomen volledig zijn verdwenen. Als de symptomen blijven, het gebruik onderbreken en
het bekijken van stereoscopische 3D-weergave niet hervatten tot u de symptomen met een
arts bespreekt.
• Naargelang het bekijken van stereoscopische 3D-beelden comfortabeler wordt:
• De parallax op de 3D-video afspeelapparatuur instellen. (Op sommige modellen van de
apparatuur kunt u de parallal niet instellen.)
• Het geprojecteerde beeld instellen op de meest comfortabele beeldgrootte door te
zoomen.
(Beelden projecteren op de kleinst of grootst mogelijke schermgrootte kan het
stereoscopische effect elimineren en uw ogen overbelasten.)
• Gebruik de DLP® Link™ Invert-functie om de video gepast in te stellen voor uw linker- en
rechteroog. (Voor details over het gebruik van “DLP® Link™ Omkeren”, zie de sectie over
zijn bediening in deze gebruiksaanwijzing.)
64
WAARSCHUWING
■ De volgende mensen moeten het bekijken van stereoscopische 3D-beelden beperken:
– Kinderen onder de 6 jaar (om het proces van de ooggroei te beschermen)
– Mensen met antecedenten van lichtgevoeligheid
– Mensen met een hartziekte
– Mensen met een zwakke gezondheid
– Mensen met een tekort aan slaap
– Mensen die fysiek vermoeid zijn
– Mensen onder invloed van drugs of alcohol
■ Epilepsie
Een klein percentage van de bevolking kan epileptische aanvallen ondervinden bij het
bekijken van bepaalde typen van beelden die knipperende lichtpatronen bevatten.
ALS U OF EEN FAMILIELID ANTECEDENTEN VAN EPILEPSIE HEEFT
De volgenden mensen moeten een arts raadplegen vooraleer stereoscopische 3Dbeelden te bekijken.
– Iedereen met antecedenten van epilepsie, of iemand die een familielid heeft met
antecedenten van epilepsie
– Kinderen onder de 6 jaar
– Iedereen die epileptische aanvallen heeft gehad of zintuiglijke stoornissen veroorzaakt
door knipperende lichteffecten
BEPAALDE LICHTPATRONEN KUNNEN LEIDEN TOT AANVALLEN BIJ PERSONEN
ZONDER VOORGAANDE ANTECEDENTEN OF EPILEPSIE
Onderbreek het gebruik als u een van de volgende symptomen ondervindt bij het
bekijken van stereoscopische 3D-beelden.
– Onvrijwillige bewegingen, oog- of spiertrekkingen
– Spierkrampen
– Misselijkheid, duizeligheid of walging
– Krampen
– Desoriëntatie, verwarring of verlies van bewustzijn van uw omgeving
Handige
voorzieningen
65
Stereoscopische 3D-beelden bekijken (vervolg)
Informatie over de 3D-projectiefunctie
• Om 3D-beelden weer te geven vereist deze projector:
WAT U NODIG HEBT
1) Bronapparatuur die het volgrasterformaat ondersteunt
– Voor details over de ondersteunde signalen, zie de compatibiliteitskaart in deze
gebruiksaanwijzing.
2) 3D LCD sluiterbril die het DLP® Link™* systeem ondersteunt
– Neem contact op met uw dichtstbijzijnde officiële Sharp projectordealer voor
aankoopdetails.
* DLP® Link™ is een handelsmerk van Texas Instruments.
• Het geprojecteerde beeld kan donker worden bij gebruik van de 3D-projectiefunctie (met
“DLP® Link™” instelling op “Aan”).
• Wanneer “DLP® Link™” is ingesteld op “Aan” werken de volgende functies mogelijk niet
volledig of zijn helemaal niet beschikbaar.
– Trapezium
– Grootte Aanpassen
– Vergroten
• 3D-formaten, behalve voor de volgrastermethode, zoals die gebruikt voor Blu-ray 3D of DVD
voorverpakte media zijn niet compatibel met deze projector. (Vanaf februari 2011)
• Als het vermogen van uw linker- en rechteroog erg verschillen en u een oog vooral gebruikt
om beelden te bekijken, zullen de beelden niet in 3D verschijnen.
Bovendien kan het moeilijk zijn om in 3D te bekijken of beelden worden niet gezien in 3D
afhankelijk van het individu of de inhoud die wordt weergegeven.
Het stereoscopische effect varieert naargelang de persoon.
• Bekijken van 3D is mogelijk binnen het bereik waarin de 3D LCD-sluiterbril lichtsignalen kan
ontvangen die door het scherm worden gereflecteerd. Maar de meeste 3D-beelden worden
geproduceerd om te worden bekeken recht vooraan het scherm, dus wordt aangeraden om
3D zo recht mogelijk voor het scherm te bekijken.
– Het bereik om signalen te ontvangen is afhankelijk van de 3D LCD-sluiterbril. Voor details,
zie de gebruiksaanwijzing van uw 3D LCD-sluiterbril.
• 3D-beelden worden mogelijk niet juist afgespeeld op uw computer.
66
6
3D-weergavemodus gebruiken
Gebruik de volgende procedure om 3Dbeelden te projecteren.
Voor bediening van de 3D LCD-sluiterbril
en de 3D-videoafspeelapparatuur, zie de
overeenkomstige gebruiksaanwijzing.
O/ Q toetsen
ENTER toets
Info
• Als “U hebt een ongeldige toets ingedrukt.”
Wordt weergegeven, komt er geen geschikt
3D-invoersignaal binnen. Controleer het
uitvoersignaal op de afspeelapparatuur.
7
Druk op Q om “DLP® Link™” op
“Aan” te zetten.
8
Druk op ENTER om de modus te
veranderen en natuurlijker
3D-beeldweergave te activeren.
Waarschuwing!
3D MODE toets
• Als de projector, 3D-videoafspeelapparatuur
en 3D LCD-sluiterbril niet juist zijn ingesteld
ondervindt u mogelijk oogvermoeidheid
naast het feit dat u niet in staat bent om de
beelden in 3D te bekijken.
3D-beelden projecteren
1
2
Schakel de projector in.
Schakel de 3Dvideoafspeelsapparatuur in.
• Stel de 3D-videoafspeelapparatuur zo in
dat ze een van de signalen uitzendt uit de
lijst in de compatibiliteitskaart in deze
gebruiksaanwijzing.
Schakel de ingangsmodus in van
de projector om invoer van 3Dvideosignalen mogelijk te maken.
4
Bedien de 3Dvideoafspeelapparatuur en speel
de 3D-inhoud af.
Schakel de 3D LCD-sluiterbril in
en plaats hem over uw ogen.
9
Druk op 3D MODE.
• Het 3D-modusmenu verdwijnt.
Opmerking
• Herhaal de stappen 6 tot 8 als de beelden niet
worden weergegeven in 3D.
• U kunt ook “DLP® Link™” en “DLP® Link™
Omkeren” in het menuscherm gebruiken om
de 3D-instelling te wijzigen.
3D-projectie beëindigen
1
Druk op 3D MODE op de
afstandsbediening om het 3Dmodusmenu weer te geven.
2
Druk op O om “DLP® Link™” op
“Uit” te zetten.
3
Handige
voorzieningen
3
5
Druk op 3D MODE op de
afstandsbediening om het 3Dmodusmenu weer te geven.
Druk op 3D MODE.
• Het 3D-modusmenu verdwijnt.
67
Stereoscopische 3D-beelden bekijken (vervolg)
Bijlage
■ Hoe de 3D-projectiefunctie (DLP Link™) werkt
De 3D-projectiefunctie van deze projector is compatibel met het DLP® Link™ systeem. Om
3D-beelden te bekijken, gebruik een 3D LCD-sluiterbril die de geprojecteerde beelden
afwisselend voor het linker- en rechteroog weergeeft en gesynchroniseerd is met een
controle (licht)signaal.
Sluiterbril controle
lichtsignaal*
* Het controle lichtsignaal wordt verzonden van de lens van de projector, weerspiegeld door
het scherm en ontvangen door de ontvangstsensor van het licht op de 3D LCD-sluiterbril.
Daarom varieert het bereik van de 3D-weergave afhankelijk van de specificaties van de 3D
LCD-sluiterbril (ontvangstgevoeligheid van lichtsignaal).
Voor details, zie de gebruiksaanwijzing van uw 3D LCD-sluiterbril.
■ Voor meer informatie over de functie voor 3D-projectie
Nieuwe informatie over de functie voor 3D-projectie zal op de volgende website worden
geplaatst:
http://www.sharp-world.com/projector/
68
Onderhoud
Reinigen van de projector
■ Haal de stekker uit het stopcontact voordat u
begint met het reinigen van de projector.
■ De behuizing en ook het bedieningspaneel zijn
gemaakt van plastic. Gebruik geen benzeen of
witte spiritus want deze middelen kunnen de
afwerking van het apparaat aantasten.
■ Gebruik geen sterke chemische middelen
zoals insectenverdelgingsmiddelen in de
buurt van de projector.
Bevestig niet voor langere tijd rubber of
plastic voorwerpen aan de projector.
De middelen die in het plastic e.d. worden
gebruikt, kunnen namelijk de afwerking van
de projector aantasten.
■ Veeg het vuil voorzichtig met een zachte
flanellen doek van de projector.
Het gebruik van een chemische doek (nat/droog
doekje, enz.) kan leiden tot vervorming van de
onderdelen van de kast of barsten veroorzaken.
■ Door het afvegen met een harde doek of
door het gebruik van veel kracht kunnen er in
het oppervlak van de kast krassen ontstaan.
■ Voor het verwijderen van hardnekkig vuil kunt
u de doek met een zacht reinigingsmiddel,
verdund met water, bevochtigen. Wring de
doek goed uit en veeg de projector schoon.
Sterke chemische reinigingsmiddelen kunnen
verkleuring, kromtrekken of andere beschadiging
van de afwerking van de projector veroorzaken.
Test het reinigingsmiddel dat u gaat gebruiken
op een verborgen gedeelte van de projector om
te controleren of er geen beschadigingen
worden veroorzaakt.
Reinigen van de lens of het lenskapje
■ Reinig de lens met een in de handel
verkrijgbaar blaaskwastje of met
lensreinigingspapier (voor brillen en voor
camera lenzen) voor het reinigen van de lens
of het lenskapje. Gebruik geen vloeibare
reinigingsmiddelen, aangezien deze de
beschermlaag op het lensoppervlak van de
lens of het lenskapje kunnen aantasten.
■ Gezien het oppervlak van de lens of het
lenskapje gemakkelijk kan beschadigd
raken, zorg ervoor de lens of het lenskapje
niet te krassen of te stoten.
Reinigen van de uitlaat- en inlaatopeningen
■ Gebruik een stofzuiger om stof te verwijderen
van de uitlaat- en inlaatopeningen.
del
mid
ings
inig
ht re
Zac
Zacht reinigingsmiddel
verdund met water
Aanhangsel
Boenwas
Info
• Als u de ventilatieopeningen van de projector
wilt reinigen, moet u altijd eerst op STANDBY/
ON van de projector of op STANDBY van de
afstandsbediening drukken om de projector in
de ruststand (standby) te zetten. Nadat de
koelventilator is gestopt, kunt u beginnen met
het reinigen van de ventilatieopeningen.
Witte
spiritus
69
Onderhoudsindicators
■ De waarschuwingslampjes (spanningsindicator, lampindicator en temperatuurwaarschuwingsindicator) op de projector kunnen een probleem in de projector aangeven.
■ Als er een probleem optreedt, zal de temperatuur-waarschuwingsindicator of de lampindicator
rood oplichten en komt de projector in de ruststand (standby) te staan. Nadat de projector in
de ruststand (standby) is komen te staan, volgt u de hierna gegeven aanwijzingen.
Bovenkant
Temperatuur-waarschuwingsindicator
Lampindicator
Spanningsindicator
Betreffende de temperatuur-waarschuwingsindicator
Als de temperatuur binen de projector stijgt, door blokkade van de luchtgaten, of door de lokatie, zal de
temperatuur-waarschuwingsindicator gaan knipperen. Als de temperatuur blijft stijgen, zal
” gaan branden in de hoek linksonder vanhet beeld met het knipperen van de temperatuur“
waarschuwingsindicator. Als deze situatie voortduurt, zal de lamp uitgaan, de ventilator zal gaan draaien en
de projector zal in standby modus gaan staan. Als u merkt dat het temperatuur waarschuwingslampje
knippert, neem dan de maatregelen beschreven op blz. 71.
Betreffende de lampindicator
■ Wanneer de resterende levensduur van de lamp 5% of minder wordt, verschijnen de aanduidingen
(geel) en “Vervang de lamp.” op het scherm. Als het aangegeven percentage 0% wordt,
verandert de aanduiding in (rood), waarna de lamp wordt uitgeschakeld en de projector
automatisch in de ruststand (standby) komt te staan. De lampindicator zal dan rood oplichten.
■ Als u de vierde maal probeert om de projector in te schakelen zonder dat de lamp
vervangen is, kan de projector niet meer ingeschakeld worden.
Indicators op de projector
Spanningsindicator Brandt rood
Brandt groen
Knippert rood
Knippert groen
Lampindicator
Brandt groen
Knippert groen
Brandt rood
TemperatuurUit
waarschuwingsindicator Brandt rood/
Knippert rood
70
Normaal (ruststand)
Normaal (ingeschakeld)
Abnormaal (Zie blz. 71.)
Normaal (afkoelen)
Normaal
De lamp is aan het opwarmen.
De lamp wordt op een abnormale wijze uitgeschakeld of
moet vervangen worden. (Zie blz. 71.)
Normaal
De temperatuur in het inwendige is erg hoog. (Zie blz. 71.)
Onderhoudsindicator
Normaal
Temperatuurwaarschuwingsindicator
Lampindicator
Spanningsindicator
Uit
Brandt
groen
(Knippert
groen
wanneer
de lamp
aan het
opwarmen
is.)
Brandt
groen/
brandt
rood
Knippert
groen
(afkoelen)
Abnormaal
Probleem
Knippert
De temperatuur
rood
in het inwendige
(inschakelen)/ is erg hoog.
Brandt rood
(standby)
Brandt
rood
Brandt
rood
(standby)
Knippert
rood
De lamp brandt
niet.
Oorzaak
Mogelijke oplossing
• Temperatuur rond
de projector is
hoog.
• Ventilatieopening
geblokkeerd
• Gebruik de projector in een
ruimte met een temperatuur
lager dan 95°F (+35ºC).
• Zet de projector op een
plaats waar een goede
doorstroming van lucht
mogelijk is. (Zie blz. 8.)
• Koelventilator
defect
• Interne circuit
defect
• Ventilatieopening
verstopt
• Breng de projector naar uw
dichtstbijzijnde officiële
Sharp projectordealer of
servicecentrum (zie blz. 84)
om het apparaat te laten
repareren.
• Haal de stekker van het
• De lamp wordt op
netsnoer uit het stopcontact
een abnormale
en steek deze daarna weer in
wijze uitgeschakeld.
het stopcontact.
De lamp moet
• Resterende
• Vervang de lamp
vervangen worden.
levensduur van de
voorzichtig. (Zie blz. 72.)
lamp is 5% of minder. • Breng de projector naar uw
dichtstbijzijnde officiële
• Lamp is
De lamp brandt
Sharp projectordealer of
doorgebrand
niet.
servicecentrum (zie blz. 84)
• Lampcircuit defect
om het apparaat te laten
repareren.
• Ga uiterst voorzichtig te
werk wanneer u de lamp
vervangt.
• Breng het deksel stevig aan.
De
• De stoffilterhouder
spanningsindicator
of het deksel van
knippert rood
het lamphuis is
terwijl de projector
open.
ingeschakeld is.
• Als de spanningsindicator in
het rood knippter zelfs als de
lampkap goed vastzit, neem
dan contact op met uw
dichtstbijzijnde officiële
Sharp projectordealer of
servicecentrum (zie blz. 84)
voor advies.
Info
Aanhangsel
• Als de temperatuur-waarschuwingsindicator oplicht en de projector in de ruststand (standby) komt te
staan, neemt u de hierboven beschreven maatregelen en wacht dan totdat de projector volledig is
afgekoeld voordat u het netsnoer weer aansluit en het apparaat opnieuw inschakelt. (Ten minste 10
minuten.)
• Als tijdens het gebruik van de projector de stroomvoorziening even onderbroken wordt als gevolg van
het uitvallen van de stroom of een andere oorzaak en de stroomvoorziening dan weer meteen hersteld
wordt, zal de lampindicator rood oplichten en is het mogelijk dat de projectorlamp niet brandt. In dit
geval moet u de stekker uit het stopcontact halen en dan weer in het stopcontact steken, waarna u het
apparaat opnieuw inschakelt.
• De koelventilator regelt de inwendige temperatuur automatisch en zorgt ervoor dat deze op een constante
waarde blijft. Het geluid van de koelventilator kan veranderen tijdens het gebruik van de projector omdat de
snelheid van de ventilator verandert, maar dit is geen defect.
71
Betreffende de lamp
Lamp
■ Wij raden u aan de lamp (los verkrijgbaar) te vervangen wanneer de resterende levensduur van de lamp
5% of minder wordt of wanneer u een aanzienlijke vermindering van de beeld- en kleurkwaliteit vaststelt.
De levensduur van de lamp (percentage) kan gecontroleerd worden op het beeldschermdisplay. (Zie blz. 60.)
■ Koop een vervangingslamp van het type AN-SV10LP in de winkel waar u het apparaat hebt gekocht of
bij uw dichtstbijzijnde officiële Sharp projectordealer of servicecentrum.
BELANGRIJKE INFORMATIE VOOR DE KLANTEN IN DE VERENIGDE STATEN:
De lamp die in deze projector wordt gebruikt, heeft een 90-dagen durende garantie
op onderdelen en arbeidskosten. Alle onderhoud aan deze projector die onder de
garantie valt, inclusief het vervangen van de lamp, moet door een officiële Sharp
projectordealer of servicecentrum worden uitgevoerd. Voor de naam van uw
dichtstbijzijnde officiële Sharp projectordealer of servicecentrum kunt u het volgende
nummer bellen (gratis): 1-888-GO-SHARP (1-888-467-4277).
ALLEEN VOOR DE VS
Belangrijke opmerkingen betreffende de lamp
■ In deze projector wordt een hogedruk-kwiklamp gebruikt. Wanneer de lamp doorbrandt, hoort u
mogelijk een luid geluid. De lamp kan defect raken als gevolg van diverse oorzaken zoals: harde
schokken, onvoldoende afkoelen, krassen op de lamp of overschrijding van de levensduur.
De periode tot het defect raken van de lamp varieert afhankelijk van de lamp en/of de toestand en
frequentie van gebruik. Houd er rekening mee dat de lamp bij het defect raken vaak zal barsten.
■ Wanneer de lampvervangingsindicator en het beeldscherm-pictogram branden, raden wij u aan de
lamp meteen door een nieuwe te vervangen, ook wanneer de lamp normaal lijkt te werken.
■ Mocht de lamp barsten, dan bestaat de kans dat er glassplinters in het inwendige van de projector
verspreid worden. In dat geval verdient het aanbeveling contact op te nemen met uw dichtstbijzijnde
officiële Sharp projectordealer of servicecentrum om de beschadigde lamp te laten verwijderen zodat
een veilige werking gewaarborgd is.
■ Mocht de lamp barsten, dan kunnen de glassplinters in het lamphuis verspreid worden of het gas dat in
de lamp is kan via de uitlaatopening in de kamer terechtkomen. Aangezien het gas dat in deze lamp is
kwik bevat, moet u de ruimte goed ventileren wanneer de lamp barst en tevens blootstelling aan het
ontsnapte gas voorkomen. Indien u toch aan het gas wordt blootgesteld, dient u meteen de hulp van
een arts in te roepen.
Vervangen van de lamp
Let op
• Verwijder de lamp niet meteen nadat u de projector hebt gebruikt. De lamp zal zeer heet zijn en kan
brandwonden of ander letsel veroorzaken.
• Wacht minstens één uur nadat de stekker uit het stopcontact is getrokken zodat het oppervlak van de
lampeenheid helemaal kan afkoelen alvorens de lampeenheid te verwijderen.
■ Vervang de lamp door de volgende aanwijzingen nauwkeurig op te volgen.
* U kunt de lamp ook bij uw dichtstbijzijnde officiële Sharp projectordealer of servicecentrum
laten vervangen.
* Als de nieuwe lamp niet brandt nadat u deze aangebracht hebt, dient u de projector voor reparatie naar uw
dichtstbijzijnde officiële Sharp projectordealer of servicecentrum te brengen.
72
Verwijderen en aanbrengen
van de lampeenheid
Waarschuwing!
• Verwijder de lamp niet meteen nadat u de
projector hebt gebruikt. De lamp en de
omringende onderdelen zullen zeer heet zijn
en kunnen brandwonden of ander letsel
veroorzaken.
Los
verkrijgbaar
accessoire
Lampeenheid
AN-SV10LP
Info
• Raak niet het glas van het lamphuis of onderdelen
in het inwendige van de projector aan.
• Volg de onderstaande aanwijzingen nauwkeurig
op om letsel en beschadiging van de lamp te
voorkomen.
• Draai geen andere schroeven los dan die van
het lamphuisdeksel en het lamphuis.
1
Druk op STANDBY/ON van de
projector of op STANDBY van de
afstandsbediening om de projector
in de ruststand (standby) te zetten.
2
Maak het netsnoer los.
3
• Haal de stekker van het netsnoer uit de
netstroomaansluiting.
• Laat de lamp volledig afkoelen (ongeveer 1
uur).
STANDBY/ON
toets
Netstroomaansluiting
Verwijder het deksel van het
lamphuis.
• Draai de onderhoudsschroef (1) los
waarmee het deksel van het lamphuis is
bevestigd. Verwijder het deksel van het
lamphuis (2).
Aanhangsel
Onderhoudsschroef
(voor deksel van lamphuis)
73
Betreffende de lamp (vervolg)
4
Verwijder het lamphuis.
5
Steek het nieuwe lamphuis naar binnen.
6
Breng het deksel van het lamphuis
weer aan.
Bevestigingsschroeven
• Draai de bevestigingsschroeven van het
lamphuis los. Pak het lamphuis bij de
handgreep vast en trek dit in de richting van de
pijl naar buiten. Houd het lamphuis bij het
verwijderen horizontaal en kantel dit niet schuin.
• Druk het lamphuis stevig in de lamphuishouder.
Draai de bevestigingsschroef vast.
Handgreep
• Lijn het lipje op het deksel van het
lamphuis uit (1) en sluit deze (2). Pas op
dat het koordje niet in de klep komt vast te
zitten. Draai daarna de onderhoudsschroef
voor de gebruiker (3) aan om de klep van
de projectorlamp vast te zetten.
Info
• Als het lamphuis en het deksel niet juist
zijn aangebracht, kan de projector niet
worden ingeschakeld, ook al is het
netsnoer op de projector aangesloten.
Terugstellen van de lamptimer
Stel de lamptimer terug wanneer u de lamp vervangt.
Info
• De lamptimer mag alleen na het vervangen
van de lamp worden teruggesteld. Als u de
lamptimer terugstelt en dan dezelfde lamp
blijft gebruiken, kan de lamp beschadigd
worden of exploderen.
Netstroomaansluiting
STANDBY/ON toets
ENTER toets
74
1
Sluit het netsnoer aan.
2
Stel de lamptimer terug.
• Sluit het netsnoer op de netstroomaansluiting
van de projector aan.
• Tijdens het gelijktijdig indrukken van
MENU, ENTER en R op de projector,
druk op STANDBY/ON op de projector en
houd alle vier de toetsen ingedrukt totdat
het lampindicator groen begint te
knipperen.
• De “LAMP 0000H” aanduiding verschijnt
om aan te geven dat de lamptimer is
teruggesteld.
R toets
MENU toets
Compatibiliteitskaart
Computer
• Meervoudige signaalondersteuning
Horizontale frequentie: 15-110 kHz,
Verticale frequentie: 45-85 Hz,
PC/MAC
Modus
VGA
SVGA
Resolutie
640 × 480
800 × 600
XGA
1024 × 768
WXGA
1280 × 800
WXGA+
1360 × 768
1366 × 768
1440 × 900
PC
1280 × 720
1280 × 768
1152 × 864
SXGA
1280 × 960
1280 × 1024
MAC 13"
MAC 16"
MAC 19"
MAC 21"
SXGA+
1400 × 1050
WSXGA+
UXGA
VGA
SVGA
XGA
1680 × 1050
1600 × 1200
640 × 480
832 × 624
1024 × 768
SXGA
1152 × 870
Beeldpuntklok: 12-165 MHz
Synchronisatiesignaal: Compatibel met TTL niveau
• Compatibel met synchronisatie op groen signaal
Horizontale
frequentie (kHz)
Verticale frequentie
(Hz)
Analoge
ondersteuning
26,2
31,5
34,7
37,9
37,5
43,3
31,3
35,2
37,9
46,6
48,1
46,9
53,7
40,3
48,4
56,5
60,0
68,7
45,0
47,8
49,7
62,8
47,7
47,8
55,9
55,0
66,2
67,5
60,0
75,0
64,0
80,0
64,0
65,3
65,3
75,0
34,9
49,7
60,2
50
60
70
72
75
85
50
56
60
70
72
75
85
50
60
70
75
85
60
60
60
75
60
60
60
60
70
75
60
75
60
75
60
60
60
60
67
75
75
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
68,7
75
✔
Digitale
ondersteuning
Display
XG-SV100W
XG-SV200X
✔
✔
✔
Upscale
✔
✔
Upscale
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
TRUE
TRUE
✔
✔
Intelligente
compressie
✔
Intelligente
compressie
✔
✔
✔
✔
Upscale
Intelligente
compressie
Upscale
TRUE
Intelligente
compressie
Opmerking
• U verkrijgt een optimale beeldkwaliteit door de uitgangsresolutie van uw computer aan te passen aan
de resolutie die overeenkomt met “TRUE” in de kolom “Display” hierboven weergegeven.
• Volg de hieronder beschreven procedures wanneer de “Beeldschermresolutie” van de computer afwijkt
van de weergaveresolutie van het geprojecteerde beeld.
– Zie “Resolutie” in het “SIG” menu en kies de zelfde resolutie als in de “Beeldschermresolutie” van de
computer.
– Afhankelijk van de computer die u gebruikt, kan het zijn dat het uitvoersignaal niet gelijk is aan de
“Beeldschermresolutie” aanpassing. Controleer de instellingen voor de signaaluitvoer van de computer.
Als de instellingen niet gewijzigd kunnen worden is het aan te raden om de resolutie in te stellen op
een die overeenkomt met “TRUE” in de kolom “Display”.
Aanhangsel
75
Compatibiliteitskaart (vervolg)
3D ondersteunde signalen
Signaal
Horizontale frequentie (kHz)
SVGA
800 × 600
XGA
1024 × 768
1280 × 800
WXGA
1280 × 720
37,9
77,1
48,4
98,6
49,7
101,6
45,0
92,6
Verticale frequentie (Hz)
60
120
60
120
60
120 *1
60
120
Analoge
ondersteuning
✔
✔
✔
✔
Digitale
ondersteuning
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
*1 Gereduceerde beeldonderdrukking
Opmerking
• De grafische kaart van de computer moet in staat zijn om stereoscopische 3D-beelden weer te geven.
Controleer de technische gegevens van uw computer/grafische kaart of bel uw computerfabrikant om
zeker te zijn van deze capaciteit.
DTV
Horizontale
Signaal frequentie
(kHz)
15,7
480I
480P
31,5
540P
33,8
15,6
576I
576P
31,3
720P
37,5
720P
45,0
33,8
1035I
76
Verticale
frequentie (Hz)
60
60
60
50
50
50
60
60
Analoge
Digitale
Horizontale
ondersteuning ondersteuning Signaal frequentie (kHz)
28,1
✔
1080I
33,8
✔
✔
1080I
1080P
27,0
✔
1080P
28,1
✔
1080P
33,8
✔
✔
1080P
56,3
✔
✔
1080P
67,5
✔
✔
✔
Verticale
frequentie (Hz)
50
60
24
25
30
50
60
Analoge
Digitale
ondersteuning ondersteuning
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
De roteermodule met plafondbevestiging
(AN-SV100T) bevestigen
1
Druk op STANDBY/ON van de
projector of op STANDBY van de
afstandsbediening om de projector
in de ruststand (standby) te zetten.
Sluit maak het netsnoer los.
2
Plaats de projector
ondersteboven op een vlakke
ondergrond. Verwijder de
aansluitklep.
3
Plaats de roteermodule met
plafondbevestiging op de
onderkant van de projector zodat
deze past op de
bevestigingsgaten in de
projector. (Zorg dat er drie
pennen op de module voor de
positie-instellingen in de
betreffende gaten van de
projector zijn gestoken.)
4
Maak de module met
plafondbevestiging met de
bijgeleverde bouten vast aan de
projector. Schroef alle vier de
bouten eerst losjes vast en draai
ze daarna gelijkmatig stevig aan.
Aanhangsel
77
De aansluitklep op de module bevestigen
78
1
Maak de haken van van de
aansluitkleppen vast ( ) en
plaats de kleine uitsteeksels op
de kleppen in de sleuven van de
roteermodule met
plafondbevestiging (AN-SV100T)
( ).
2
Zet de aansluitkleppen op de
twee punten vast met de
meegeleverde schroeven.
Schroeven
De plafondbevestiging aan het plafond bevestigen
Indien geïnstalleerd met de
AN-TK201
1
Maak de plafondbevestiging aan
het plafond vast.
• Draai als eerste voorzichtig een
bevestigingsbout in het kleinste gat
en
ga daarna verder met dezelfde handeling
voor de gaten ,
en . Draai na het
bepalen van de positie alle vier de bouten
gelijkmatig stevig vast.
• Gebruik bouten van het type M8. (De type
bouten kunnen verschillen afhankelijk van
de installatiemethode.)
• Gebruik de borgringen die met de
plafondbevestiging zijn meegeleverd.
2
Borgring
Bevestigingsbout (type M8)
Maak de stang voor het afstellen
van de hoogte vast aan de
plafondbevestiging.
1. Steek de stang voor afstellen van de
hoogte
in de plafondbevestiging.
2. Zet de stang vast met de manchet en de
stangbout , conform de hoogte van het
scherm.
3. Vergrendel de bout met de moer .
4. Schroef de twee stabilisatieschroeven er
in .
5. Draai de vergrendelmoer
stevig aan en
plaats de pen
in het gat van de
bevestigingsbout van de stang.
Pengat
Manchet
Let op
Aanhangsel
• Vraag uw dealer of onderhoudsmonteur de
plafondbevestiging aan te brengen. Sharp
aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid als
onjuiste installatie er de oorzaak van is dat uw
projector of onderdelen door vallen defect raken.
79
De plafondbevestiging aan het plafond
bevestigen (vervolg)
Indien geïnstalleerd met de
AN-TK202
1
Maak de plafondbevestiging aan
het plafond vast.
• Schroef eerst een bout in het gat
(kleinste gat) en draai de bout voldoende
vast om het geheel op zijn plaats te
houden. Doe daarna hetzelfde voor de
gaten ,
en .
Breng de vier hoeken in de juiste positie en
draai alle bouten stevig aan.
• Gebruik bouten van het type M8. (De type
bouten kunnen verschillen afhankelijk van
de installatiemethode.)
• Gebruik de borgringen die met de
plafondbevestiging zijn meegeleverd.
Let op
• Vraag uw dealer of onderhoudsmonteur de
plafondbevestiging aan te brengen. Sharp
aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid als
onjuiste installatie er de oorzaak van is dat uw
projector of onderdelen door vallen defect raken.
80
Problemen oplossen
Probleem
Controle
Het netsnoer van de projector is niet in het stopcontact gestoken.
De aangesloten apparatuur is niet ingeschakeld.
De verkeerde ingangsfunctie is gekozen.
De functie AV Demping werkt.
De kabels zijn verkeerd op de projector aangesloten.
De batterij van de afstandsbediening is leeg.
De externe uitgang is niet ingesteld bij aansluiting op een notebook-computer.
Het deksel van het lamphuis is niet juist aangebracht.
De kabels zijn verkeerd op de projector aangesloten.
Het onderdeel “Helder” staat in de minimumstand.
Afhankelijk van de computer die u gebruikt, kan het gebeuren dat er geen
beeld wordt weergegeven als de uitgangssignaal-instelling van de computer
niet op de externe uitgang is ingesteld. Raadpleeg de handleiding van de
computer voor het omschakelen van de uitgangssignaal-instelling.
• Is “Aan” geselecteerd in “DLP® LinkTM”?
•
•
•
•
•
•
Geen beeld en geen geluid •
of de projector start niet. •
•
•
•
Blz.
26
–
34
35
22–26
15
22
73, 74
22–26
48
–
67
Wel beeld maar geen geluid
(of het beeld is erg donker).
Donker of blauwachtig beeld • Controleer of “Wandkleur” goed is ingesteld.
54
• De beeldinstellingen zijn niet juist gemaakt.
48
• Stel “Kleur” en “Tint” in “Beeldmodus” in en verlaag de “BrilliantColorTM”
waarde.
(Alleen voor S-video-, video-ingang)
• Het video-ingangssysteem is verkeerd ingesteld.
53
(Alleen voor COMPUTER/COMPONENT 1, 2-ingang)
• Het ingangssignaaltype (RGB/Component) is verkeerd ingesteld.
52
Kleuren zijn flets
of niet goed.
Beeld is wazig;
met storingen.
Wel beeld maar geen
geluid.
• Stel het beeld scherp.
• De projectie-afstand is groter dan het scherpstelbereik.
• Er is condens op de lens. Als de projector van een koude naar een warme
ruimte wordt gebracht, of als de ruimte plotseling sterk wordt verwarmd, kan
er condens op het oppervlak van de lens ontstaan en zal het beeld wazig
zijn. Laat de projector in dit geval minimaal een uur acclimatiseren voordat u
het apparaat gebruikt. Mocht er toch condens ontstaan, haal dan de stekker
uit het stopcontact en wacht totdat alle condens verdwenen is.
(Alleen voor computeringang)
• Configuur de “SIG”-instellingen (“Klok” en “Fase” instelling).
• Afhankelijk van de computer kunnen er soms storingen zijn.
• De kabels zijn verkeerd op de projector aangesloten.
• Het volume staat in de minimumstand.
• Als de projector op een extern apparaat is aangesloten en het volume
in de minimumstand staat, zal er geen geluid worden uitgevoerd, ook
wanneer u het volume op het externe apparaat verhoogt.
30
19, 20
–
• “Luidspreker” is ingesteld op “Uit”.
51
52
–
22–26
35
• Maak de noodzakelijke instellingen voor ieder onderdeel in het menu “SIG”. 52
• Afhankelijk van de computer die u gebruikt kan de resolutie van het
–
uitvoersignaal anders zijn dan die u ingesteld heeft. Voor details raadpleegt
u de handleiding van uw computer.
–
Er komen soms vreemde • Als het beeld normaal is, kunnen deze geluiden veroorzaakt worden
door inkrimping van de behuizing als gevolg van veranderingen in de
geluiden vanuit de
kamertemperatuur. Dit heeft geen invloed op de werking of prestatie
behuizing.
van het apparaat.
Aanhangsel
Databeeld is niet
gecentreerd.
81
Problemen oplossen (vervolg)
Probleem
Controle
De onderhoudsindicator • Zie “Onderhoudsindicators”.
op de projector brandt of
knippert rood.
• Wijzig de instelling voor het ingangssignaaltype.
Het beeld is groen bij
COMPUTER (YPbPr).
Blz.
70
52
Het beeld is roze
(niet groen) bij
COMPUTER (RGB).
Het beeld is te helder en • De beeldinstellingen zijn niet juist gemaakt.
erg wit.
De koelventilator maakt
veel geluid.
De lamp brandt niet
nadat de projector is
ingeschakeld.
48
• Wanneer de temperatuur in het inwendige van de projector oploopt,
gaat de koelventilator sneller draaien.
8, 9
69, 70, 71
• De lampindicator licht rood op.
Vervang de lamp.
70, 73, 74
De lamp gaat tijdens het
projecteren plotseling uit
Het beeld flikkert soms.
Het aangaan van de
lamp duurt erg lang.
Het beeld is donker.
De afstandsbediening
werkt niet.
De roteer indicator gaat
niet branden.
De functie lens shift
functioneert niet.
82
• De kabels zijn verkeerd op de projector aangesloten of de aangesloten 22–26
apparatuur werkt niet juist.
• Als dit vaak gebeurt, moet u de lamp vervangen.
73
• De lamp zal uiteindelijk vervangen moeten worden.
73
Vervang de lamp voordat deze het einde van de levensduur heeft
bereikt.
• Gebruik de afstandsbediening terwijl u deze naar de afstandsbedieningssensor
op de projector richt.
• De afstand tussen de afstandsbediening en de projector is te groot.
• Wanneer u de roteermodule met plafondbevestiging (AN-SV100T)
gebruikt en de projector roteert, is het mogelijk dat, afhankelijk van de
rotatiehoek van de projector, de signaaloverdracht naar de sensor niet
goed functioneert.
• Als er rechtstreeks zonlicht of het licht van een sterke fluorescerende
lamp op de afstandsbedieningssensor van de projector valt, moet u de
projector verplaatsen zodat er geen sterk licht meer op valt.
• De batterijen zijn uitgeput of verkeerd geplaatst. Controleer of de batterijen
juist geplaatst zijn of gebruik nieuwe batterijen.
• Is “Uit” geselecteerd in “Roteer Indicator”?
• Controleer de koppeling tussen de roteermodule met plafondbevestiging
(AN-SV100T) en de projector.
• Het lenskapje is niet goed bevestigd.
15
–
15
59
–
12
Probleem
Controle
3D-beelden knipperen bij • De beelden kunnen knipperen wanneer het licht van een
het bekijken in een kamer. fluorescerende lamp of omgevingslicht in uw gezichtsbereik komt.
– Schakel de lichten uit.
– Blokkeer alle omgevingslicht.
®
Echobeeld (een dubbel • Controleer of u de 3D LCD sluiterbril gebruikt die het DLP Link™
systeem ondersteunt.
beeld) doet zich voor
®
zonder dat het beeld in 3D – Zorg ervoor de 3D LCD sluiterbril te gebruiken die het DLP Link™
systeem ondersteunt.
verschijnt.
• Controleer of de sluiters op de 3D LCD sluiterbril goed werken.
– Schakel de 3D LCD sluiterbril uit en daarna weer aan.
– Controleer de batterijen van de 3D LCD sluiterbril.
– Controleer of de 3D LCD sluiterbril in de 3D-weergavemodus is
ingesteld.
Sommige 3D LCD-brillen zijn uitgerust met een speciale
weergavemodus (zoals “dubbele weergavemodus”) naast de normale
3D-weergavemodus. Voor details, zie de gebruiksaanwijzing van uw
3D LCD sluiterbril.
• Controleer de instellingen van de projector.
– Schakel de DLP® Link™ functie “Aan”.
– Gebruik “DLP® Link™ Omkeren” om de instelling te wijzigen.
• Controleer of geen signaal wordt ingevoerd dat niet ondersteund
wordt.
– Configureer uw 3D-toepassing aan de juiste resolutie en vernieuw de
verhouding.
Zorg ervoor dat uw 3D-toepassing in resoluties wordt uitgevoerd die
3D ondersteunen. Om 3D te ondersteunen moet uw 3D-toepassing
worden geconfigureerd om de juiste instellingen uit te voeren voor
deze projector.
Voor details over de ondersteunde signalen, zie “3D ondersteunde
signalen” in de compatibiliteitskaart.
• Als de projector is aangesloten op een computer voor het afspelen van
3D-beelden, controleer dat een stereoscopisch geactiveerde
toepassing wordt gebruikt.
– Gebruik de toepasselijke software.
– Stel de toepasselijke software in in het volgrasterformaat.
• Controleer dat er geen obstakels staan tussen het scherm en de 3D
LCD sluiterbril.
– Verwijder alle obstakels.
Obstakels kunnen er de oorzaak van zijn dat de bril niet goed werkt
waardoor de lenzen knipperen of uitschakelen. Plaats uw hand of
andere voorwerpen niet voor het 3D-controlesignaalsensor op de
bril.
• Controleer of er een sterke lichtbron dichtbij is.
– Blokkeer het licht of schakel het uit.
Een sterke lichtbron kan de communicatie tussen de 3D LCD
sluiterbril en het scherm bemoeilijken met geknipper als resultaat.
• Controleer of twee of meer projectoren tegelijkertijd 3D-beelden
projecteren.
– Gebruik slechts een projector tegelijkertijd.
Blz.
–
–
–
–
76
–
–
–
–
Aanhangsel
Dit apparaat is uitgerust met een microprocessor. De prestatie van het apparaat kan worden aangetast
door een onjuiste bediening of interferentie. Indien dit gebeurt, koppel het apparaat los en steek het terug
in het stopcontact na meer dan 5 minuten.
83
Voor assistentie van SHARP
Als u problemen ondervindt tijdens de installatie of bediening van deze projector,
raadpleegt u eerst het deel “Problemen oplossen” op blz. 81 tot 83. Als deze
gebruiksaanwijzing geen oplossing biedt voor uw probleem, neemt u contact op
met de hieronder vermelde SHARP serviceafdelingen.
Verenigde Staten Sharp Electronics Corporation
1-888-GO-SHARP (1-888-467-4277)
lcdsupport@sharpsec.com
http://www.sharpusa.com
Canada
Sharp Electronics of Canada Ltd.
(905) 568-7140
http://www.sharp.ca
Mexico
Sharp Electronics Corporation
Mexico Branch
(525) 716-9000
http://www.sharp.com.mx
Latijns-Amerika Sharp Electronics Corp. Latin
American Group
(305) 264-2277
www.servicio@sharpsec.com
http://www.sharpla.com
Benelux
SHARP Electronics Benelux BV
0900-SHARPCE (0900-7427723)
Nederland
9900-0159 Belgium
http://www.sharp.nl
http://www.sharp.be
http://www.sharp.lu
Australië
Sharp Corporation of Australia Pty.
Ltd.
1300-135-022
http://www.sharp.net.au
Nieuw-Zeeland Sharp Corporation of New Zealand
Telefoon: (09) 573-0111
Fax: (09) 573-0112
http://www.sharp.net.nz
Singapore
Sharp-Roxy Sales (S) Pte. Ltd.
65-226-6556
ckng@srs.global.sharp.co.jp
http://www.sharp.com.sg
Hongkong
Sharp-Roxy (HK) Ltd.
(852) 2410-2623
dcmktg@srh.global.sharp.co.jp
http://www.sharp.com.hk
Sharp Electronics (Italy) S.P.A.
(39) 02-89595-1
http://www.sharp.it
Taiwan
Sharp Corporation (Taiwan)
0800-025111
http://www.sharp-scot.com.tw
Frankrijk
Sharp Electronics France
01 49 90 35 40
hotlineced@sef.sharp-eu.com
http://www.sharp.fr
Maleisië
Sharp-Roxy Sales & Service Co.
(60) 3-5125678
V.A.E.
Spanje
Sharp Electronica Espana, S.A.
93 5819700
sharplcd@sees.sharp-eu.com
http://www.sharp.es
Sharp Middle East Fze
971-4-81-5311
helpdesk@smef.global.sharp.co.jp
Thailand
Sharp Thebnakorn Co. Ltd.
02-236-0170
svc@stcl.global.sharp.co.jp
http://www.sharp-th.com
Korea
Sharp Electronics Incorporated of
Korea
(82) 2-3660-2002
lcd@sharp-korea.co.kr
http://www.sharpkorea.co.kr
India
Sharp Business Systems (India)
Limited
(91) 11- 6431313
service@sharp-oa.com
Duitsland
Sharp Electronics (Europe) GMBH
01805-234675
http://www.sharp.de
Ver. Koninkrijk
Sharp Electronics (U.K.) Ltd.
08705 274277
http://www.sharp.co.uk/customersupport
Italië
Zwitserland
Sharp Electronics (Schweiz) AG
0041 1 846 63 11
cattaneo@sez.sharp-eu.com
http://www.sharp.ch
Zweden
Sharp Electronics ( Nordic ) AB
(46) 8 6343600
vision.support@sen.sharp-eu.com
http://www.sharp.se
Oostenrijk
Sharp Electronics (Europe) GMBH
Branch Office Austria
0043 1 727 19 123
pogats@sea.sharp-eu.com
http://www.sharp.at
84
Technische gegevens
Model
Weergaveapparaten
Resolutie
Lens
F-nummer
Zoom
Focus
IngangsHDMI
aansluitingen
Computer/Component
(15-pins mini D-sub)
S-Video (4-pins mini-DIN)
Video (RCA)
Audio (ø3,5 mm stereo-ministekker)
Audio (RCA)
Computer/Component
Uitgangs(15-pins mini D-sub)
aansluitingen
Audio (ø3,5 mm stereo-ministekker)
Bediening en
LAN (RJ-45)
communicatie USB (B-type)
ingangen
RS-232C (9-pins mini DIN)
Luidspreker
Projectielamp
Stroomvoorziening
Nominale frequentie
Ingangsstroom
Stroomverbruik
Stroomverbruik
(STANDBY-modus)
100 V wisselstroom
240 V wisselstroom
100 V wisselstroom
Eco+Stil
Aan
240 V wisselstroom
Standaard 100 V wisselstroom
240 V wisselstroom
100 V wisselstroom
Eco
240 V wisselstroom
Eco+Stil
Uit
Bedrijfstemperatuur
Behuizing
Afmetingen (alleen de hoofdbehuizing)
[B × H × D]
Gewicht (ca.)
XG-SV100W
XG-SV200X
0,65" DLP®-chip ×1
0,7" DLP®-chip ×1
WXGA (1280 × 800)
XGA (1024 × 768)
F 2,5 – 3,7
Spanning, ×2,0 (f = 21,2 – 42,0 mm)
Spanning
×1
×2
×1
×1
×1
×1 (L/R)
×1
(Gedeeld met COMPUTER/COMPONENT 2; schakelbaar)
×1 (Variabele audio-uitgang)
×1
×1
×1
10 W (Mono)
400 W
100–240 V wisselstroom
50/60 Hz
5,2 A
516 W
495 W
396 W
383 W
12,2 W
12,8 W
0,35 W
0,70 W
41ºF tot 95ºF (+5ºC tot +35ºC)
Plastic
15 61/64" × 4 33/64" × 16"
(405 × 114,5 × 406,5 mm)
16,5 lbs. (7,5 kg)
Als onderdeel van een beleid van doorlopende verbetering houdt SHARP zich het recht voor om
veranderingen aan te brengen in ontwerp en technische gegevens ten behoeve van verbetering van het
product zonder voorafgaande berichtgeving. De aangegegeven cijfers voor de technische gegevens
aangaande prestaties zijn nominale waarden voor productie-eenheden. Er kunnen zich enkele
afwijkingen van deze waarden voordoen bij afzonderlijke eenheden.
Aanhangsel
Deze SHARP projector is uitgerust met een DLP®-chip. Dit bijzonder ingenieuze paneel bevat 1.024.000
(XG-SV100W) of 786.432 (XG-SV200X) pixels (microspiegels). Evenals bij andere hoogwaardige
elektronische apparatuur zoals TV's met grote beeldschermen, videosystemen en videocamera's,
gelden er bepaalde tolerantiegrenzen waarbinnen de prestaties van de apparatuur moeten vallen.
Dit apparaat kan enkele niet actieve pixels hebben binnen de aanvaardbare tolerantiegrenzen,
wat kan resulteren in niet actieve puntjes op het beeldscherm. Dit heeft echter geen invloed
op de beeldkwaliteit of de levensduur van het apparaat.
85
86
1 1/ 2
(38)
4 11/32 (110)
6
3 1/2 (89)
13 5/16 (338)
21/64 (160,5)
M4
M4
M4
M4
M4
M4
M4
1 5/8
(41,25)
2 61/64
(75)
3 3/4 (95)
11 63/64 (304)
7 31/64 (190)
7 31/64 (190)
2 9/64
(54)
(10)
25/64
5 5/16 (134,5)
4 33/64 (114,5)
2 25/64
(60,5)
7 63/64 (202,5)
3 3/4 (95)
2 59/64
(74)
16 (406,5)
Afmetingen
Eenheid: duim (mm)
15 61/64 (405)
ø68
M4
Index
Luidspreker·······································································51
MAC-adres ·······································································63
MAGNIFY toetsen ····························································41
MENU toets ······································································46
MEMORY (1-8) toetsen ····················································59
MEMORY MENU toets ·····················································59
MONITOR OUT aansluiting ··············································24
MOUSE/insteltoetsen ·················································42, 46
Netsnoer ···········································································26
Netstroomaansluiting ·······················································26
Netwerk ············································································61
Netwerk herstarten ···························································62
Netwerkinstelling terugzetten ···········································62
NORMAAL ·································································· 36-39
ON toets ···········································································27
OSD Display ·····································································54
Overscan ··········································································54
PAGE DOWN toets ···························································42
PAGE UP toets ·································································42
PDF···················································································10
PICTURE MODE toets ······················································41
POINTER toets ·································································40
PRJ ···················································································56
Projectie ·····································································21, 55
R-CLICK/RETURN toets·············································42, 46
RESIZE toets ····································································36
Resolutie···········································································52
RGB-kabel ········································································22
Rood ·················································································48
RS-232C aansluiting·························································25
ROTATE toets···································································14
Roteer Indicator ································································59
Ruisonderdr. ·····································································50
Schermformaat en projectie-afstand ·························19, 20
Scherpte ···········································································48
SCH ··················································································54
SIG····················································································52
Signaal Info·······································································53
Signaaltype ·······································································52
Spanningsindicator···························································70
SPOT toets ·······································································40
STANDBY-modus ····························································56
STANDBY/ON toets ·························································27
STANDBY toets ································································27
Stelvoetje ··········································································29
S-VIDEO aansluiting ·························································23
Systeemvergrendeling ······················································57
Taal (taal voor de beeldscherm-aanduidingen) ················55
TCP/IP ··············································································62
Temperatuur-waarschuwingsindicator ·····························70
Tint····················································································48
Toegangscode··································································57
Toetsvergrendeling ···························································58
Trapeziumvorm-correctie ·················································31
Uitlaatopening ······················································12, 13, 69
USB-aansluiting································································42
Ventilatormodus ·······························································57
Vervangen van de lamp ··············································72, 73
Verzadiging ·······································································50
VIDEO aansluiting ·····························································23
Video-ops. ········································································53
Videosysteem ···································································53
VOLLEDIG ··································································36, 38
VOL toetsen······································································35
V-OPREKKEN·····························································37, 39
V-Pos ················································································52
Waarde ·············································································50
Wachtwoord ·····································································61
Wandkleur ········································································54
ZOOM toetsen ··································································30
87
Aanhangsel
16:9············································································· 36-39
3D MODE toets ································································67
Achtergrond······································································55
Afstandsbediening····························································14
Afstandsbedieningssensor ···············································15
Alles terugstellen ······························································60
AUDIO 1, 2 aansluitingen ·················································24
Audio-ingang ····································································51
Audio uitgang ···································································51
AUDIO OUT aansluiting ····················································24
Automatisch herstarten ····················································56
Automat. sync. (Automatische synchronisatie) ··········41, 52
Auto Power Off (Automatische uitschakelfunctie) ············56
AUTO SYNC toets ····························································41
AV MUTE toets ·································································35
Batterijen ··········································································15
Beeldinstellingen ······························································48
Beeldmodus ·······························································41, 48
Beeldverhouding ························································36, 38
Bijgeleverde accessoires··················································11
Blauw················································································55
BREAK TIMER toets ·························································40
BrilliantColor™ ·································································48
Closed caption ·································································55
C.M.S. ··············································································49
COMPUTER2 Selecteren···················································56
COMPUTER/COMPONENT1, 2 ingangsaansluitingen ···22, 23
Contrast ············································································48
DHCP Client ·····································································62
DLP® LinkTM ······································································67
DLP® LinkTM Omkeren·······················································67
DOT BY DOT ······························································36, 38
Dynamisch bereik ·····························································53
ECO+QUIET toets ····························································40
Eco+Stil ······································································40, 50
Effect ················································································50
ENTER toets ·····································································46
Fase ··················································································52
FOCUS toetsen ································································30
FREEZE toets ···································································41
GEBIED ZOOM. ··························································37, 39
Geheugenmenu ································································59
Geometrische instelling ····················································32
Grootte Aanpassen ····················································36, 54
H&V SHIFT toets ······························································29
H&V TRAPEZIUM ·····························································33
Helder ···············································································48
HDMI-aansluiting ························································22, 23
Hoge toon·········································································51
H-Pos ···············································································52
Ingangsfunctie ··································································34
Inlaatopening ······························································13, 69
Insteltoetsen ·····································································46
IP adres ············································································63
KADER········································································36, 37
Kensington standaard veiligheidsaansluiting ···················13
KEYSTONE toets······························································31
Kleur ·················································································48
Kleur inst ··········································································50
Kleurtmp (Kleurtemperatuur) ············································49
Kleurschakering ································································50
Klok ··················································································52
Lage toon ·········································································51
Lamp ················································································72
Lampeenheid ····································································73
Lampindicator ··································································70
Lamptimer (Levensduur)···················································60
LAN-aansluiting ································································26
L-CLICK/EFFECT toets ··············································42, 40
LENS toets ·······································································12
Los verkrijgbare accessoires ············································11