Gebruikershandleiding
Gefeliciteerd met uw keuze voor de Roland Percussion Sound Module TD-6KV.
Lees, alvorens u dit apparaat in gebruik neemt, zorgvuldig de hoofdstukken
“HET APPARAAT OP EEN VEILIGE MANIER GEBRUIKEN” (p.2) en “BELANGRIJKE OPMERKINGEN” (p.4). Deze hoofdstukken bevatten belangrijke informatie
omtrent correct gebruik van het apparaat. Echter, om uzelf ervan te verzekeren
een goed inzicht in alle functies en mogelijkheden van uw nieuwe apparaat te
verkrijgen, dient u de gehele handleiding te lezen. De handleiding dient onder
handbereik als een praktisch naslagwerk te worden bewaard.
* Alle productnamen in deze handleiding zijn geregistreerde handelsmerken van
de respectievelijke eigenaren.
202
Copyright © 2004 ROLAND CORPORATION
Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden
gereproduceerd op welke wijze ook zonder de schriftelijke toestemming
van ROLAND CORPORATION.
USING THE UNIT SAFELY
HET APPARAAT OP EEN VEILIGE MANIER GEBRUIKEN
INSTRUCTIES OM BRAND, ELEKTRISCHE SCHOK OF LICHAMELIJK LETSEL TE VOORKOMEN
Over
WAARSCHUWING en
WAARSCHUWING
VOORZICHTIG
VOORZICHTIG opmerkingen
Over de symbolen
Het
symbool wijst de gebruiker op belangrijke
instructies of waarschuwingen. De specifieke betekenis
van het symbool wordt bepaald door het teken, dat zich
binnen de driehoek bevindt. Het symbool, dat zich in dit
geval aan de linkerkant bevindt, betekent dat dit teken
voor algemene voorzorgsmaatregelen, waarschuwingen,
of aanduidingen van gevaar wordt gebruikt.
Wordt gebruikt bij instructies, waarbij
de gebruiker attent gemaakt wordt op
het risico van overlijden of zwaar letsel,
wanneer het apparaat niet op juiste
wijze gebruikt wordt.
Wordt gebruikt bij instructies, waarbij
de gebruiker attent gemaakt wordt op
het risico van letsel of materiële schade,
wanneer het apparaat niet op juiste
wijze gebruikt wordt.
Het
symbool wijst de gebruiker op onderdelen, die
nooit verplaatst mogen worden (verboden). De
specifieke handeling, die niet uitgevoerd mag worden,
wordt aangegeven door het symbool, dat zich binnen
de cirkel bevindt. Het symbool, dat zich in dit geval aan
de linkerkant bevindt, betekent dat het apparaat nooit
uit elkaar gehaald mag worden.
* Materiële schade verwijst naar schade
of andere ongunstige effecten, die ten
aanzien van het huis en al het
aanwezige meubilair, en tevens aan
huisdieren kunnen optreden.
Het
wijst de gebruiker op onderdelen, die verwijderd
moeten worden. De specifieke handeling, die uitgevoerd
moet worden, wordt door het symbool binnen de cirkel
aangegeven. Het symbool, dat zich in dit geval aan de
linkerkant bevindt, geeft aan dat het netsnoer uit de
daarvoor bestemde aansluiting getrokken moet worden.
NEEM ALTIJD HET VOLGENDE IN ACHT
WAARSCHUWING
WAARSCHUWING
001
005
• Lees, voordat u dit apparaat in gebruik neemt, eerst
de onderstaande instructies en de handleiding.
• Dit apparaat dient alleen gebruikt te worden met
een door Roland aanbevolen houder of standaard.
................................................................................................
................................................................................................
002c
006
• Open of wijzig (op welke wijze ook) dit apparaat of
de adapter niet.
• Als het apparaat gebuikt wordt met een door
Roland aanbevolen houder of standaard, moet de
houder of standaard nauwkeurig geplaatst worden
, zodat deze recht en stabiel staat. Als u geen
houder of standaard gebruikt, dient u echter ook
een plaats uit te kiezen om het apparaat neer te
zetten met een voldoende vlak oppervlak, dat het
apparaat goed ondersteunt en wiebelen voorkomt.
................................................................................................
003
• Probeer niet om het apparaat te repareren of
inwendige onderdelen te vervangen (tenzij deze
handleiding specifieke instructies geeft om dit wel
te doen). Laat al het onderhoud over aan uw
verkoper, het dichtstbijzijnde Roland Service Center
of een erkend Roland dealer, zoals beschreven op
de “Informatie” pagina.
................................................................................................
004
• Gebruik of stal het apparaat nooit op plaatsen die:
• Bloot staan aan extreme temperaturen (bijv., in
direct zonlicht in een afgesloten voertuig,
dichtbij een verwarmingsbuis, bovenop een
warmte producerend apparaat); of waar
• Dampvorming plaatsvindt (bijv., baden,
wasruimtes, op natte vloeren); of die
• Vochtig zijn; of die
• Bloot staan aan regen; of die
• Stoffig zijn; of die
• Bloot staan aan zware trillingen.
................................................................................................
2
................................................................................................
008c
• Gebruik alleen de meegeleverde adapter.
Controleer ook of de netspanning overeen komt
met de op de adapter weergegeven ingangspanning. Andere adapters kunnen een andere
polariteit gebruiken of ontworpen zijn voor een
ander voltage, wat kan leiden tot schade, onjuist
functioneren of een elektrische schok.
................................................................................................
009
• Buig of draai de stroomdraad niet extreem en plaats
er geen zware dingen op. Dit kan schade veroorzaken aan het snoer en leiden tot zwakke plekken
en kortsluiting. Beschadigde snoeren geven branden schokgevaar!
................................................................................................
WAARSCHUWING
WAARSCHUWING
010
101b
• Dit apparaat, zowel alleen als in combinatie met een
versterker,een koptelefoon of speakers, kan geluidsniveaus produceren die permanente gehoorschade
kunnen opleveren. Gebruik het daarom niet
gedurende lange tijd op een hoog volumeniveau of
op een niveau dat oncomfortabel is. Als u enige
vorm van gehoorverlies of suizen in de oren
ervaart, dient u onmiddellijk te stoppen met het
gebruik van het apparaat en een audioloog te
raadplegen.
• Het apparaat en de adapter dienen zo geplaatst te
worden, dat geen belemmering van hun ventilatie
optreedt.
................................................................................................
011
• Voorkom dat objecten (bijv., ontvlambaar materiaal,
muntjes, spijkers) of vloeistoffen (water, frisdrank,
etc) het apparaat binnendringen.
................................................................................................
012c
• Schakel onmiddellijk de stroom uit, trek de adapter
uit het stopcontact en raadpleeg uw verkoper, het
dichtstbijzijnde Roland Service Center of een
erkend Roland dealer, zoals beschreven op de
“Informatie” pagina, als:
• De adapter of de stroomdraad is beschadigd;
• Rook of een vreemde geur ontstaat;
• Objecten in of vloeistoffen over het apparaat zijn
gevallen;
• Het apparaat heeft blootgestaan aan regen (of
op een andere manier nat is geworden);
• Het apparaat niet normaal lijkt te werken of een
typische functieverandering heeft ondergaan.
................................................................................................
013
• In een huishouden met kleine kinderen dient een
volwassene toezicht te houden , totdat het kind in
staat is alle regels te hanteren die essentieel zijn
voor veilig gebruik van het apparaat.
................................................................................................
add3
• Om ongelukken te voorkomen mogen kinderen niet
in de buurt van het drumstel spelen.
................................................................................................
014
• Bescherm het apparaat tegen zware stoten.
(Laat het niet vallen!)
................................................................................................
101c
• Gebruik deze TD-3 alleen met een Roland
standaard. Het gebruik van andere standaards kan
leiden tot instabiliteit en mogelijk letsel.
................................................................................................
102d
• Pak altijd alleen de plug of de behuizing van de
adapter vast bij het in- of uitpluggen in het apparaat
of een stopcontact.
................................................................................................
103b
• Haal met enige regelmaat de adapter uit het
stopcontact en reinig deze met een droge doek om
zo alle stof en andere ophopingen uit de kieren te
vegen. Verwijder ook de stekker uit het stopcontact
als het apparaat lange tijd niet gebruikt gaat
worden. Iedere vorm van stofophoping tussen de
stekker en het stopcontact kan resulteren in slechte
isolatie en leiden tot brand.
................................................................................................
104
• Probeer te voorkomen dat snoeren en kabels in de
knoop raken. Ook dienen alle snoeren en kabels
buiten het bereik van kinderen geplaatst te worden.
................................................................................................
106
• Klim nooit bovenop het apparaat en plaats er geen
zware dingen op.
................................................................................................
107d
• Raak nooit de behuizing van de adapter of de
stekkers aan met natte handen bij het in- of
uitpluggen in een stopcontact of dit apparaat.
................................................................................................
108b, 108d: Selection
• Maak, alvorens u het apparaat verplaatst, de
adapter en alle draden afkomstig van externe
apparaten los.
Vraag iemand om hulp als u het drumstel wilt
verplaatsen. Zorg bij het verplaatsen, dat het
drumstel horizontaal blijft. Houd het drumstel
stevig vast, zodat u zich niet kunt bezeren of het
drumstel kunt beschadigen.
1
• Controleer of de schroeven van het drumstel
vastzitten. Maak ze anders alsnog vast.
................................................................................................
015
• Sluit het apparaat niet aan op een stopcontact,
samen met overdreven veel andere apparaten.
Wees vooral voorzichtig met verlengsnoeren - het
gezamenlijke vermogen van alle, op het verlengsnoer aangesloten, apparaten mag nooit meer zijn
dan het vermogensbereik (watt/ampère) van het
verlengsnoer. Door overbelasting kan de draad
warm worden en uiteindelijk doorbranden.
................................................................................................
016
• Raadpleeg, als u het apparaat in het buitenland wilt
gaan gebruiken, eerst uw verkoper, het dichtstbijzijnde Roland Service Center of een erkend Roland
dealer, zoals beschreven op de “Informatie” pagina.
................................................................................................
................................................................................................
109b
• Zet, voordat u het apparaat reinigt, de stroom uit en
haal de adapter uit het stopcontact (p. 22).
................................................................................................
110b
• Haal de adapter uit het stopcontact als er onweer
wordt verwacht bij u in de omgeving.
................................................................................................
118
• Mocht u schroeven verwijderen bij het bevestigen
van de drumstandaard, zorg er dan voor dat u ze
op een veilig plek legt, buiten het bereik van
kinderen, zodat ze niet per ongeluk ingeslikt kunnen
worden.
................................................................................................
3
BELANGRIJKE OPMERKINGEN
291a
Lees alstublieft het volgende als toevoeging op de onderwerpen onder “HET APPARAAT OP EEN VEILIGE
MANIER GEBRUIKEN” op pagina 2 -3:
Voedingsbron
Onderhoud
• Gebruik dit apparaat niet op hetzelfde stroomcircuit met
een apparaat dat ruis zal genereren (zoals een elektrische
motor of variabele lichtsystemen).
• Gebruik voor het dagelijks schoonmaken van het apparaat
een zacht, droog doekje of doekje dat licht vochtig is.
Gebruik voor het verwijderen van hardnekkig vuil een
doekje dat vochtig is gemaakt met een mild schoonmaakmiddel. Veeg het vervolgens goed droog met een zacht,
droog doekje.
• De adapter zal na langdurig opeenvolgend gebruik
warmte genereren. Dit is normaal en niet zorgwekkend.
• Zorg voor het aansluiten van dit apparaat op andere
apparaten, dat alle stroomknoppen uit staan. Dit zal helpen
defecten en/of beschadigingen aan speakers en andere
apparaten te voorkomen.
Plaatsing
• Het gebruik van dit apparaat in de buurt van versterkers
(of andere benodigdheden, die grote stroom transformators bevatten) kan een brom veroorzaken. Verander ter
verlichting van dit probleem de positie van dit apparaat of
verplaats het apparaat verder weg van de bron.
• Bij het gebruik van draadloze communicatiesystemen in de
nabijheid van dit apparaat, zoals mobiele telefoons, kan er
ruis geproduceerd worden. Dit geruis zou kunnen
voorkomen bij het ontvangen of inzetten van een telefoongesprek of tijdens een telefoongesprek. Mocht u zulke
problemen ondervinden, zult het draadloze toestel verder
van dit apparaat moeten verplaatsen of uitzetten.
•
Stel dit apparaat niet bloot aan direct zonlicht, plaats het
niet bij hittegenerende apparaten, laat het niet in een
gesloten voertuig achter en onderwerp het niet aan hoge
temperaturen. Overmatige hitte kan het apparaat
misvormen of verkleuren.
• Bij het verplaatsen van het apparaat van locatie, waar de
temperatuur en/of vochtigheid veel verschilt, kan er zich
condens aan de binnenkant vormen. Beschadiging of
defecten kunnen ontstaan, mocht u in deze conditie het
apparaat gebruiken. Mocht er condens optreden, laat het
apparaat dan enkele uren staan tot de condens volledig is
verdampt.
• Laat geen rubber, vinyl of andere gelijksoortige materialen
voor langere tijd op het apparaat liggen. Zulke objecten
kunnen het uiterlijk verkleuren of nadelig aantasten.
• Gebruik dit apparaat niet in een natte omgeving, zoals een
omgeving, die blootstaat aan regen of andere vochtigheid.
Dit ter voorkoming van defecten.
• Leg niets wat water bevat (bijv. een bloemenvaas) op het
apparaat. Vermijd tevens het gebruik van insecticiden,
parfums, alcohol, nagellak, spuitbussen, etc, bij het
apparaat. Verwijder vloeistof dat op het apparaat is
gemorst voorzichtig met een droog doekje.
4
• Gebruik ter vermijding van verkleuring of misvorming
nooit benzine, verdunners, alcohol of oplosmiddelen.
Reparatie en data
• Wees er van bewust, dat alle data in het geheugen van het
apparaat verloren kan gaan als het apparaat wordt weggebracht voor reparatie. Belangrijke data moet u altijd als
back-up opslaan in een ander MIDI apparaat (bijv. een
sequencer) of schrijf het ergens op (als dat mogelijk is).
Tijdens reparatie wordt er voorzichtig omgegaan met de
data om verlies ervan te vermijden. Het kan echter zijn, dat
in sommige gevallen (zoals bij defect aan het circuit gerelateerd aan het geheugen) het niet meer mogelijk is dat de
data in het geheugen bewaard blijft Roland neemt bij dit
soort verlies van data geen verantwoordelijkheid.
Geheugen back-up
• Dit apparaat bevat een batterij dat het geheugen circuit van
het apparaat voedt als de stroom uitstaat. Als de batterij
zwak wordt, zal het onderstaande bericht in het scherm
verschijnen. Vervang bij het zien van dit bericht zo spoedig
mogelijk de batterij om het verlies van data in het
geheugen te voorkomen. Om de batterij vervangen, kunt u
een muziekwinkel raadplegen of het dichtstbijzijnde
Roland Service Center of een officiële Roland distributeur,
die aangegeven staan op de toegevoegde “Informatie”
kaart.
Aanvullende
voorzorgsmaatregelen
• Wees ervan bewust, dat de gegevens in het geheugen
onherroepelijk verloren kunnen gaan bij defecten of bij
onjuist gebruik van dit apparaat. Maak ter bescherming
van het verliezen van data regelmatig een back-up in een
ander MIDI apparaat (bijv. een sequencer) van belangrijke
data, die u in het geheugen van het apparaat heeft
opgeslagen.
• Helaas kan het onmogelijk zijn om data vanuit een ander
MIDI apparaat te herstellen, als het al is verloren. Roland
Corporation neemt hiervoor geen verantwoordelijkheid.
• Wees zorgvuldig bij het gebruik van de knoppen, schuiven
en ander controllers en bij het gebruik van de aansluitingen
en de snoeren. Grof gebruik kan defecten veroorzaken.
• Druk nooit hard op het scherm.
• Gebruik bij het aansluiten of loskoppelen van snoeren
altijd de plug. Trek nooit aan de kabel. Op deze manier zult
u defecten aan de kabel weten te voorkomen.
• Gebruik het apparaat op redelijke volume instellingen,
zodat uw buren geen last van u hebben. U zou kunnen
overwegen een koptelefoon te gebruiken, zodat u geen
zorgen hoeft te maken met degenen om u heen (zeker ’s
avonds laat).
• Geluidsvibraties kunnen door vloeren en muren meer
overlast veroorzaken dan u denkt. Zorg ervoor dat het de
buren niet stoort. Hoewel de drumpads en pedalen zo zijn
gemaakt, dat ze zo min mogelijk geluid maken wanneer ze
vast zitten, kan rubber meer geluid maken dan gaas. U
kunt bijgeluiden van de pads effectief verminderen door
over te stappen op gaasvellen.
• Gebruik bij het vervoeren van het apparaat de doos
(inclusief het vulkussen) waar het in zat. Gebruik anders
gelijksoortig verpakkingsmateriaal.
• Gebruik Roland kabels bij het maken van de verbinding.
Mocht u andere kabels gebruiken, let dan alstublieft op de
volgende voorzorgsmaatregelen.
• Sommige kabels gebruiken weerstanden. Gebruik deze
kabels niet. Het gebruik van kabels met weerstanden
kan ervoor zorgen, dat het geluidsvolume extreem laag
is of zelfs onmogelijk te horen is. Voor informatie over
kabelspecificaties neem contact op met de fabrikant van
de desbetreffende kabel.
5
Inhoud
HET APPARAAT OP EEN VEILIGE MANIER GEBRUIKEN.....................4
BELANGRIJKE OPMERKINGEN...............................................................6
Inhoud.......................................................................................................12
Kenmerken ...............................................................................................12
Hoe deze handleiding te gebruiken .......................................................14
Samenstelling van deze handleiding ..................................................................................... 14
Termen gebruikt in deze handleiding .................................................................................... 14
Instellingsgids ................................................ 15
Paneelbeschrijving..................................................................................16
Voorpaneel ............................................................................................................................ 16
Achterpaneel ......................................................................................................................... 18
Het maken van instellingen ....................................................................19
Het plaatsen van de TD-6V op de standaard ........................................................................ 19
Het aansluiten van de pads en de pedalen ........................................................................... 20
Het aansluiten van twee pads aan de trigger ingangen 5/6 (TOM2/AUX)
en 7/8 (TOM3/4) .................................................................................................................. 21
Het aansluiten van koptelefoon, audio-apparatuur, versterkers en andere apparaten ......... 22
Aan/uitzetten van de stroom ..................................................................23
Het uitzetten van de stroom .................................................................................................. 24
Herstel van fabrieksinstellingen (Factory Reset) .................................25
Luisteren naar de demo songs ..............................................................27
Selecteren van pad type .........................................................................29
Aanpassen van de padgevoeligheid......................................................31
Over de pads............................................................................................33
Trigger ingangen van pads die u kunt gebruiken .................................................................. 33
Trigger ingang functies......................................................................................................... 33
Combinaties tussen pad en trigger type ............................................................................ 34
Aan te raden parameters voor de pads .............................................................................. 35
Spelen op de pads ................................................................................................................ 36
Head-shots en rim-shots op de pads .................................................................................. 36
Cross-stick............................................................................................................................... 36
Bekken bow-shots/edge-shots/bell-shots......................................................................... 37
Cymbal choke......................................................................................................................... 38
Hi-hat bedieningspedaal........................................................................................................38
6
Inhoud
Snelle start..................................................... 39
Kiezen van een drumkit ..........................................................................40
Spelen met de metronoom/Click............................................................41
Aan- en uitzetten van de click ............................................................................................... 41
Regelen van het click volume (level) ..................................................................................... 42
Regelen van het click tempo ................................................................................................. 43
Meespelen met songs .............................................................................44
Het kiezen en afspelen van een song ................................................................................... 44
Kiezen van een song.............................................................................................................. 44
Afspelen van een song .......................................................................................................... 45
Regelen van het songvolume ................................................................................................ 46
Instellen van het begeleidingsvolume (melodische instrumenten) ............................... 46
Instellen van volume van de drums en percussie. ........................................................... 46
Tijdelijk veranderen van het tempo van een song ................................................................. 47
Dempen van de voorgeprogrammeerde drums in songs ...................................................... 48
Gebruik van de pads om songs af te spelen ........................................50
Meespelen met CD, Cassette of MD (met gebruik van de
MIX IN ingang)..........................................................................................51
Het gebruik van de TD-6V als een General MIDI geluidsmodule ........52
Gevorderd gebruik ........................................ 53
Hoofdstuk 1 Het creëren van je eigen drumkit (Kit Edit) .....................54
Over drumkits en het drumkit scherm.................................................................................... 54
Over de drumkits .................................................................................................................. 54
Over het drumkit scherm ..................................................................................................... 55
Het kiezen van een drumkit ................................................... (Drum Kit).............................. 55
Kiezen van een pad om te bewerken .................................................................................... 55
Kiezen van een pad door het aan te slaan.......................................................................... 55
Kiezen op de TD-6V .............................................................................................................. 56
Notatie gebruikt in het scherm............................................................................................... 56
Hulpvolle bewerkfuncties.......................................................................................................56
Luisteren naar een INST (Instrument) verbonden aan
een pad ............................................................................... (Preview) .................................. 56
Vastzetten van het instellingenscherm, onderwijl
het bewerken van
een instrument ................................................................. (Note Chase) ............................ 57
Kiezen van een instrument .................................................................................................... 57
Over de instrumenten ........................................................................................................... 57
Kiezen uit de groep namen ............................................ (Inst Group).............................. 57
Kiezen van een instrument ............................................. (Inst) .......................................... 58
IInstrumentinstellingen .......................................................... (INST).................................... 58
7
Inhoud
Veranderen van het volume van een pad .................... (Level) ....................................... 59
Instellen van pan positie ................................................. Pan)............................................ 59
Aanpassen van de toonhoogte ( ..................................... Pitch) ......................................... 59
Aanpassen van decay (lengte van het geluid) ............. (Decay) ...................................... 59
Ambiance instellingen ........................................................... (AMBIENCE) ......................... 60
Ambiance aan/uitzetten ................................................. (Ambience switch) .................. 60
Ambience Sw .................................................................... (Ambience Switch): off, on..... 60
Kies een locatie waar de drums gespeeld wordt ........ (Studio Type) ........................... 60
Verander van muur materiaal ....................................... (Wall Type)............................... 61
Stel de kamergrootte vast ............................................... (Room Size) .............................. 61
Overall ambiance van het gehele drumstel aanpassen (Ambience Level).................... 61
Equalizer instellingen ( ........................................................... EQUALIZER)......................... 62
Equalizer aan/uitzetten .................................................. (Master equalizer switch)....... 62
Aanpassen van het geluid .............................................. (high gain, low gain)............... 62
Instellingen voor verschillende functies ................................. (CONTROL) .......................... 62
Afspelen van een song door het aanslaan van een pad .. (Pad Pattern)...............................63
Bedien het “Level” het Pattern door dynamisch te
spelen ( ............................................................................... Pad Pattern Velocity) .............. 63
Pitch control met het hi-hat bedieningspedaal
aan/uit voor elke pad ..................................................... (Pitch Control Assign) ............ 64
MIDI nootnummer voor elke pad ................................. (Note Number) ........................ 64
MIDI gate tijd voor elke pad ........................................... (Gate Time)............................... 65
Algemene drumkit instellingen .............................................. (COMMON) ........................... 66
Algemeen drumkit volume ............................................ (Master Volume)...................... 66
Aanpassen van het volume van het hi-hat
pedaal geluid .................................................................... (Pedal Hi-hat Volume) ........... 66
Instellen van het toonhoogte bereik met het hi-hat
bedieningspedaal ............................................................. (Pedal pitch control range) .... 66
Benoemen van de drumkit (............................................ Kit Name) ................................. 67
Kopiëren van een drumkit ..................................................... (COPY).................................. 67
Herstellen van fabrieksinstellingen voor een bewerkte drumkit ................................... 68
Drumkit kopieer functie ....................................................................................................... 68
Factory reset functie .............................................................................................................. 68
Veranderen van volgorde van drumkits ................................. (EXCHANGE)........................ 68
Hoofdstuk 2 Het maken van pad en trigger
instellingen ........................................................... (SETUP/TRIG)..........69
Over het scherm .................................................................................................................... 69
Notatie gebruikt in het scherm ............................................................................................ 69
Over de ingang indicator...................................................................................................... 69
Selecteren van pad type ........................................................ (Trigger type)......................... 69
Instelling van pad gevoeligheid en andere instellingen ......... (TRIGGER BASIC)................ 71
Aanpassen van de pad gevoeligheid ............................ (Sensitivity) .............................. 71
Instellen van de minimale niveaus voor de pads ....... (Threshold)............................... 72
Volume veranderingen door dynamisch spel ............. (Trigger Curve)........................ 72
Elimineer crosstalk tussen pads .................................... (Crosstalk Cancel) ................... 73
Fijn afstellingvan de trigger parameter instellingen ............... (TRIGGER ADVANCED) ...... 73
Aanpassen van het triggersignaal detectietijd ............ (Scan Time)............................... 74
Detecteren van triggersignaal verzwakking en annuleren van
incorrecte triggering ........................................................ (Retrigger Cancel) ................... 74
8
Inhoud
Voorkomen van dubbel triggeren ................................. (Mask Time) ............................. 74
Instellen van randgevoeligheid op de PD-80R, PD-105, PD-120
en PD-125 (......................................................................... Rim Sens).................................. 75
Gebruiken van de TD-6V met akoestische triggers............................................................... 75
Hoofdstuk 3 Algemene instellingen voor de TD-6V ... (SETUP/UTILITY,
Factory Reset).........76
Maken van de algemene instellingen .................................... (UTILITY) .............................. 76
Schermcontrast aanpassing ............................................ (LCD Contrast) ........................ 76
Percussiepartij volumeregeling (.................................... Percussion Part Level) ............ 76
Volumeregeling achtergrond–instrumenten ............... (Backing Level) ........................ 76
Dempen van partijen in een song .................................. (Mute)........................................ 77
Tuning the TD-6V (........................................................... Master Tune)............................ 77
Preview Volume Control ................................................ (Preview Velocity)................... 77
Controleren van de resterende hoeveelheid geheugen ..... (Available Memory) .................... 78
Herstellen van de fabrieksinstellingen ................................... (Factory Reset) ..................... 78
Hoofdstuk 4 Instellen van de metronoom ......... (Click Edit) ...............79
Aan/uitzetten van de klik ....................................................... (Click) .................................... 79
Tempo aanpassing ................................................................ (Tempo)................................. 79
Instellen van de klank van de klik ......................................................................................... 79
Volumeregeling ............................................................... (Click Level) ............................. 79
Instellen van maatsoort ................................................... (Time Signature)...................... 80
Instellen van interval ....................................................... (Interval) ................................... 80
Klikgeluid selecteren ....................................................... (Inst) .......................................... 80
Stereo Position .................................................................. (Pan) .......................................... 80
Toevoegen van een tel voor het afspelen of opnemen ... (Play Count In, Rec Count In) . 80
Hoofdstuk 5 Bewerken van songs .................... (SONG Edit) .............81
Over songs en het song scherm ........................................................................................... 81
Over songs .............................................................................................................................. 81
Over het song scherm ........................................................................................................... 82
Kiezen van een song ............................................................................................................. 83
Kiezen vanuit een categorie ........................................... (Song Category)....................... 83
Kiezen van een song ....................................................... (Song) ........................................ 83
Afspelen van een song ..........................................................................................................83
Handige functies voor het afspelen .................................................................................... 83
Aanpassen van het songvolume ........................................................................................... 84
Dempen van een geselecteerde partij ................................... (Part Mute) ............................ 84
Algemene songinstellingen ................................................... (COMMON) ........................... 85
Instellen van het tempo .................................................. (Tempo) .................................... 85
Selecteren, hoe de song wordt afgespeeld
(LOOP, 1SHOT, TAP) ..................................................... (Play Type) ............................... 85
Afspelen van de song vanaf de eerste
noot/gebeurtenis ............................................................. (Quick Play) ............................. 86
Tijd opnieuw zetten bij het gebruik van
Tap Playback .................................................................... (Reset Time) ............................. 86
Voorkomen van het stapelen van geluiden in
Tap Playback .................................................................... (Tap Exclusive Switch) ........... 86
Beschermen van User songinstellingen ........................ (Song Lock) .............................. 86
Benoemen van een song ................................................. (Song Name) ............................ 87
9
Inhoud
Partij instellingen ................................................................... (PART) ..................................87
Kiezen van een percussieset en instrumenten ............. (Percussion Set, Inst)............... 88
Regelen van het partijvolume ........................................ (Level) ....................................... 88
Bepalen van de stereo positie ......................................... (Pan) .......................................... 89
Bepalen van de hoeveelheid ambiance ......................... (Ambiance Send Level) .......... 89
Bepalen van het bend bereik .......................................... (Bend Range)............................ 89
Kopiëren van een song ......................................................... (COPY).................................. 89
Deleten van een song ........................................................... (DELETE).............................. 90
Wissen van uitvoeringsdata in een song ................................ (ERASE)................................ 91
Hoofdstuk 6 Opnemen van een song ...................(Realtime Recording) ..92
Voorbereiding voor opname................................................................................................ 92
Bij het opnemen van pad uitvoeringen .............................................................................. 92
Uitvoeringen opnemen via externe MIDI apparaten ....................................................... 92
Hoe op te nemen ................................................................... (RECORDING STANDBY).... 93
Instellen van de maatsoort ............................................. (Time Signature)...................... 93
Instellen van het aantal maten ....................................... (Length) .................................... 93
Instellen van het song tempo ......................................... (Tempo) .................................... 93
Quantize tijdens het opnemen ....................................... (Quantize)................................. 94
Selecteren van de opnamemanier (
Loop all, loop1, loop2, replace) ...................................... (Recording Mode) ................... 94
Opname starten met een pad of pedaaltrigger ........... (Hit Pad Start) .......................... 94
Hoofdstuk 7 Maken van MIDI instellingen ......... (SETUP/MIDI,
BULK DUMP) ...........95
Over MIDI .............................................................................................................................. 95
MIDI aansluiting.................................................................................................................... 95
MIDI kanalen en meerstemmige geluidsmodules............................................................ 95
Hoe de interne sequencer werkt.......................................................................................... 96
Maken van MIDI instellingen ................................................. (MIDI COMMON) .................. 96
Automatisch wisselen van instellingsschermen van
instrumenten .................................................................... (Note Chase) ............................ 97
Bij het gebruik als MIDI regelaar voor een extern
MIDI apparaat ................................................................. (Local Control)......................... 97
Synchroniseren met een extern MIDI apparaat .......... (Sync Mode) ............................. 98
Prioriteit instellen voor het bespelen van drums
en percussie ...................................................................... (Channel 10 Priority) .............. 98
Data reductie van het hi-hat bedieningspedaal .......... (Pedal Data Thin) .................... 99
Wissel naar de GM (General MIDI) modus ................. (GM Mode)............................... 99
Voorkomen dat de TD-6V naar GM (General MIDI)
modus wisselt ................................................................... (Rx GM ON) ........................... 100
Mixen van in MIDI IN binnenkomende MIDI signalen
met realtime uitvoeringen op de pads .......................... (Soft Thru) .............................. 100
Stel het apparaat ID in .................................................... (Device ID) ............................. 101
Instellen van de TD-6V, zodat programmaveranderingen
niet verzonden worden ................................................... (Tx PC Sw).............................. 101
Instellen van de TD-6V, zodat programmaveranderingen niet
worden ontvangen .......................................................... (Rx PC Sw).............................. 101
MIDI kanaalinstellingen voor een partij ................................. (MIDI PART)........................ 102
Stopfunctie voor MIDI berichten voor specifieke partijen in GM
(General MIDI) modus ........................................................... (GM PART) ......................... 102
10
Inhoud
Opslaan van data op een extern MIDI apparaat ................... (BULK DUMP)..................... 103
Terugkeren van opgeslagen data naar de TD-6V ........................................................... 104
Datacompatibiliteit tussen de TD-6 en de TD-6V ........................................................... 104
Hoofdstuk 8 Gebruik van MIDI en instelling voorbeelden .................105
Over het verzenden/ontvangen van programmaveranderingen .......................................... 105
Triggeren van een extern geluidsapparaat door het bespelen van de TD-6V..................... 105
Combineren met een externe MIDI sequencer ................................................................... 106
Importeren van sequencedata van een extern MIDI apparaat naar
de interne sequencer van de TD-6V.................................................................................. 106
Uw uitvoering op een externe sequencer opnemen ....................................................... 106
Gebruik van de TD-6V als geluidsmodule ........................................................................... 107
Appendix ..................................................... 109
Probleemoplosser .................................................................................110
Geen geluid ......................................................................................................................... 110
Geen geluid/laag volume van het apparaat aangesloten op de MIX IN ingang .................. 112
Drumkit klinkt niet zoals bedoeld ......................................................................................... 113
Pad klinkt niet zoals bedoeld ............................................................................................... 113
Song klinkt niet zoals bedoeld ............................................................................................. 114
Geluid is vervormd .............................................................................................................. 114
Problemen met bedienen van de TD-6V ............................................................................. 115
Scherm is te licht of te donker ............................................................................................. 115
Berichten en foutmeldingen .................................................................116
Systeem en batterij foutmeldingen ...................................................................................... 116
Berichten en foutmeldingen met betrekking tot sequencers en songs ................................ 116
Berichten en foutmeldingen met betrekking tot MIDI .......................................................... 117
Drum Kit lijst ..........................................................................................118
Drum onderdelen lijst............................................................................120
Percussie lijst ........................................................................................124
Achtergrondinstrumenten lijst .............................................................126
Voorgeprogrammeerde nummer lijst ..................................................128
Parameter lijst........................................................................................130
MIDI Implementatiekaart .......................................................................135
TD-6V Block Diagram ............................................................................138
Specificaties ..........................................................................................139
Index .......................................................................................................140
11
Kenmerken
Volledig palet van interne geluiden voor alle
gebruiken, van de oefenruimte tot aan live
optredens
■ Bevat 99 verschillende Drumkits
U kunt onmiddellijk beginnen te spelen op één van de vele drumkits, door er een te selecteren.
Deze kits zijn te gebruiken in vele verschillende situaties, van de oefenruimte tot aan live
optredens.
■ 1024 Drum instrumenten
U kunt verschillende drum instrumenten uit verschillende muzikale genres combineren om zo uw
eigen originele drumkit samen te stellen
■ 170 Verschillende Preset songs
Om meteen met oefenen te beginnen, hoeft u alleen maar een Preset song te selecteren. Vervolgens
kunt u de drumpartij spelen door eenvoudig de drumpartij van de Preset song te dempen. U kunt
tevens 100 interne songs gebruiken voor het opnemen van uw eigen drumpartij (User songs).
■ 262 Begeleidingsinstrumenten
De TD-6V’s overvloed aan begeleidingsinstrumenten staan u toe op te nemen in een uiteenlopende
reeks van muzikale genres.
Klankrijke expressie
■ Compatible met V-PAD gaasvellen
Roland’s V-PAD gaasvellen, die bekend staan om hun natuurlijke drumgevoel, kunnen worden
gebruikt met de TD-6V en zijn tevens compatible met de dual tom trigger.
■ Crossstick techniek beschikbaar (p.36)
■ Speel Rim-shots (p.36), Cymbal-edge-shots (p.37) en gebruik
Cymbal-choking (p.38)
■ Toonhoogte bediening beschikbaar met het hi-hat
bedieningspedaal (p.64)
U kunt het hi-hat bedieningspedaal gebruiken om de toonhoogte van de pad instrumenten te
veranderen.
■ Compatible met dual tom triggers
12
Kenmerken
Functie en bediening uitstekend voor live
optredens
■ Flattop ontwerp voor goed zicht
■ Knoppen lichten op voor makkelijke bediening, zelfs op het
podium
■ Grote [+] en [-] knoppen, die zelfs met drumsticks bediend
kunnen worden
Gemakkelijke functies voor het oefenen
■ Bevat metronoom (Click) (p.79)
■ Bevat Part Mute functie voor het dempen van specifieke
stukken tijdens het spelen met Preset songs (p.48, p.77)
Uitbreidingsmogelijkheden/compatibiliteit
■ Tevens compatible met
Pads (PD-6, PD-7, PD-80, PD-80R, PD-100, PD-120)
Bekkens (CY-6, CY-12H, CY-12R/C, CY-14C, CY-15R)
Kick trigger apparaten (KD-7, KD-80, KD-120)
Hi-Hat bedieningspedalen (FD-7, FD-8)
■ Gebruik de TD-6V als een MIDI sound module met een externe
sequencer (p.106)
■ Ondersteund General MIDI (p.52, p.99)
De TD-6V heeft een GM functie, die GM partituren kan afspelen.
Deze modus bevat een functie, die u toestaat tot het dempen van geluid van een specifiek gedeelte
tijdens het afspelen van GM partituren. Dit is zeer handig voor gebruik met oefenen en meespelen.
General MIDI (
) System
General MIDI bestaat uit een set instructies en voorstellen om de beperkingen van eigen
ontwerp tegen te gaan, en de MIDI mogelijkheden van geluidsgeneratoren te
standariseren. Alle geluid genererende apparaten en muziek Files, aangepast aan General
MIDI zijn van dit logo (
) voorzien.
Om dezelfde muzikale uitvoering op een apparaat uit te voeren met het General MIDI logo
is dan mogelijk.
13
Hoe deze handleiding te gebruiken
Samenstelling van deze
handleiding
tijdens gebruik een foutmelding verschijnt, raadpleeg dan “Berichten en foutmeldingen” en neem dan de gepaste maatregelen. Dit
gedeelte biedt u ook verschillende lijsten en de MIDI implementatiekaarten.
Deze gebruikershandleiding is als volgt samengesteld:
Instellingsgids (p.15)
Dit gedeelte legt, voor diegenen die de TD-6V voor het eerst
gebruiken, uit welke voorbereidingen er nodig zijn voor het spelen, inclusief hoe de standaarden op te zetten, pad instellingen te
maken en de stroom van de TD-6V aan te zetten. Tevens bevat dit
gedeelte uitleg over hoe de TD-6V te combineren met andere
optionele pads voor optimaal gebruik van de functies van de
TD-6V.
Snelle start (p.39)
Dit gedeelte bevat uitleg over het spelen met de talrijke interne
drumkits en Preset songs.
Gevorderd gebruik (p.5 9)
De TD-6V staat u toe van favoriete drumkits nieuwe drumkits te
creëren en songs te schrijven uit het opgenomen materiaal, dat u
heeft ingespeeld. Dit gedeelte bevalt gedetailleerde uitleg van alle
TD-6V functies.
• Hoofdstuk 1 Functies voor het creëren van drumkits
(p.54)
Hier staan de instellingen voor het creëren van geluiden.
• Hoofdstuk 2 Functies voor het juist gebruiken van
de pads (p.69)
Hier worden de instellingen beschreven, die nodig zijn
om de creativiteit uit de TD-6V en de pads te halen.
• Hoofdstuk 3 TD-6V instellingen (p.76)
Dit gedeelte bevat instellingen als scherm contrast en
song volume, die voor de TD-6V in het algemeen gelden.
• Hoofdstukken 4-6 Het gebruik van de sequencer en
gerelateerde functies (p.79)
Hier vindt u instellingen voor zowel metronoom instellingen als song uitvoeringen, opnames, bewerking en
andere instellingen voor sequencers.
• Hoofstukken 7-8 MIDI instellingen en voorbeelden,
hoe MIDI gebruikt wordt (p.95)
Dit hoofdstuk legt uit, hoe u MIDI gebruikt, zowel voor
het opslaan van data naar een extern apparaat als voor
het gebruiken van de TD-6V als General MIDI geluidsmodule.
Appendix (p.109)
Mocht u tegen problemen aanlopen, raadpleeg dan “Probleemoplosser” om er zeker van te zijn, dat de instellingen juist zijn. Als er
14
Termen gebruikt in deze
handleiding
• Knopnamen staan tussen vierkante haken “ [ ]” , zoals
de [KIT] knop.
• (p.**) indiceert naar een pagina.
• Stappen in handelingen kunnen als volgt verkort worden.
[KIT] ➝ [EDIT]
1.
Druk op [KIT]
2. Druk op [EDIT]
[SHIFT] + [KIT]
1.
Houd [SHIFT] ingedrukt en druk vervolgens
op [KIT]
• De functies van sommige knoppen, zoals [EDIT
(SETUP)], veranderen als [SHIFT] ingedrukt wordt
gehouden. De functie, die vrij komt als [SHIFT] ingedrukt wordt gehouden, verschijnt tussen haakjes.
• Symbolen, die verschijnen aan het begin van zinnen in
de handleiding, hebben de volgende betekenissen.
Dit indiceert een waarschuwende aantekening.
Zorg dat u deze leest.
Dit zijn memo’s die informatie bevatten omtrent
instellingen en functies. Lees dit als het nodig is.
Dit zijn nuttige hints voor het gebruik. Lees dit
als het nodig is.
Deze verwijst naar informatie. Lees dit als het
nodig is.
Dit zijn beschrijvingen van terminologie. Lees dit
als het nodig is.
* De uitleg in deze handleiding bevat illustraties, die laten zien wat
het scherm zou moeten weergeven. Het kan zijn, dat het apparaat
een nieuwere, verbeterde versie van het systeem bevat (bv.
nieuwere geluiden). Daardoor zou het kunnen zijn, dat er een
verschil is tussen wat er op uw scherm staat en wat de handleiding
laat zien.
Instellingsgids
Instellingsgids
15
Paneelbeschrijving
Voorpaneel
fig.P-022
Scherm
Het scherm geeft informatie weer, zoals de
drumkit naam, song naam, instellingen, etc.
VOLUME knop
Regelt het volume van de TD-6V (p.24). Zelfs als
er een koptelefoon is aangesloten, zal er geluid
worden komen uit de verschillende uitgangen.
Sequencer gedeelte
• CLICK (TEMPO) knop
Zet de klik aan/uit (p.41).
Wanneer u de [SHIFT] knop ingedrukt houdt,
en vervolgens op de [CLICK(TEMPO)] drukt,
zullen de tempo instellingen in het scherm
verschijnen (p.43, p.47).
• REC
knop
Roept het opname-instellingen scherm op
(Stand-by opnemen; p.93).
• STOP
16
knop
Stop het afspelen van een song (p.45).
Wanneer u dit indrukt nadat de song gestopt
is, dan zal de song terugkeren naar het begin.
• PLAY
knop
Weergave van de song (p.45).
Begint met opnemen nadat hij ingedrukt is in
de TD-6V stand-by opname modus (p.93).
• PART MUTE knop
Dempt het geluid van bepaalde partijen
(p.48).
Paneelbeschrijving
Bewerkingsgedeelte
Roept het basis songinstellingen scherm op
(p.82).
KIT knop
Roept het basis drumkitinstellingen scherm
op (p.55).
• EXIT knop
Gaat terug naar het vorige scherm. Wanneer
deze knop een aantal keer wordt ingedrukt,
gaat het scherm terug naar het Drum Kit
scherm of het Song scherm.
•
worden ingedrukt als het scherm “ ” of “ ”
laat zien.
U kunt de trigger input selecteren door de
[SHIFT] knop ingedrukt te houden, en
SHIFT knop
Wordt in combinatie met andere knoppen
gebruikt.
Gebruik
[SHIFT] + [KIT]
Functie
Geeft een preview van het
geluid van het instrument, dat
is toegewezen aan de
geselecteerde pad (Preview;
p.56)
[SHIFT] +
[
], [
]
• Selecteert de trigger input
(Trigger Selectie; p.56)
• Voegt toe en verwijdert
tekens bij het instellen van
drumkit namen en song
namen (p.67, p.87)
[SHIFT] +
[CLICK (TEMPO)]
[SHIFT] +
[EDIT (SETUP)]
Geeft het tempo-instellingen
scherm weer (p.43, p.47)
Voor het algemeen instellen
van de TD-6V (Instellen; p.69,
p.76, p.92)
Geeft het volume-instellingen
scherm weer voor
begeleidingsinstrument
(melodische en andere
instrumenten) (p.46)
Terwijl de song aan het
afspelen is, lichten de
knoppen, die corresponderen
aan de percussie pad drum
geluiden, op.
Springt naar songs, die nog
niet zijn gebruikt (new User
songs) (p.92)
Geeft het instellingenscherm
weer voor het dempen van
partijen (p.77)
• Voor het maken van meerder veranderingen tegelijk
in waardes en instellingen
• Verandert instrumentengroepen en songcategorieën (p.57, p.83)
• Verandert van hoofdletters, kleine letters en symbolen bij het instellen van
drumkit namen en song
namen (p.67, p.87)
[SHIFT] + [SONG]
[SHIFT] +
[PLAY
]
[SHIFT] +
[STOP
]
[SHIFT] +
[PART MUTE]
[SHIFT] +
[+], [-]
,
knop
Veranderen van scherm, als deze knoppen
vervolgens op [[
] of [
] te drukken
(p.56).
In het SONG scherm kunt u per maat
terugspoelen en vooruitspoelen. U kunt een
drumkit selecteren in het KIT scherm.
• EDIT(SETUP) knop
Geeft het drumkit,- of songinstellingen
scherm weer. Met het ingedrukt houden van
de [SHIFT] knop en het drukken op de
[EDIT(SETUP)] knop kunt u algemene
instellingen voor de TD-6V instellen.
• ENTER
knop
Wisselt van scherm als hierop wordt gedrukt
als “
” in het scherm staat.
+ (Verhoging) knop,
- (Vermindering) knop
•
•
•
•
Deze worden gebruikt om te wisselen van
drumkits en songs, en voor het aanmaken van
waarde instellingen.
Door het drukken op de [+] knop verhoogt
de waarde, door de [-] knop vermindert de
waarde.
Bij het maken van een aan/uit instelling, zal
[+] de instellingen aanzetten en [-] de
instelling uitzetten.
Als [SHIFT] ingedrukt wordt gehouden, en
er op [+] of [-] wordt gedrukt, zullen de
instellingswaarden verhoogd of verminderd
worden.
Als [+] ingedrukt wordt gehouden, en er
vervolgens op [-] wordt gedrukt, zullen
instellingen versneld vergroten. Als [DEC/+]
wordt ingehouden, en vervolgens op [-]
wordt gedrukt, zullen de instellingen
versneld verminderen.
17
Instellingsgids
SONG knop
Paneelbeschrijving
Achterpaneel
fig.P-023
POWER knop
Schakelt de stroom aan/uit (p.23).
Snoer bevestiging
Bevestigt het stroomsnoer (p.22).
adapter aansluiting
Sluit de bijgeleverde adapter aan op deze
aansluiting (p.22).
OUTPUT aansluiting (L (MONO), R)
Sluit deze aan op uw versterker of audio
systeem. Voor een mono ouput sluit u het snoer
dan aan op de L/MONO aansluiting (p.22).
MIX IN aansluiting
Sluit deze aan op uw CD, MD, cassettedeck of
gelijkwaardige apparatuur (p.51).
Het geluid, dat via deze aansluiting binnenkomt,
zal naar buiten geleid via de OUTPUT en de
PHONES aansluitingen worden.
PHONES aansluiting
Hier kan een stereokoptelefoon op aangesloten
worden (p.22).
Zelf als de koptelefoon is aangesloten, zullen de
output aansluitingen signaal afgeven.
MIDI aansluitingen (IN, OUT/THRU)
Gebruik deze aansluitingen als u een MIDI
sequencer, MIDI keyboard of ander MIDI
apparaat gebruikt om geluiden met de TD-6V te
spelen, die via een externe MIDI
geluidsgenerator via de TD-6V of de pads wordt
18
gespeeld. Tevens gebruikt u deze aansluitingen,
wanneer u TD-6V instellingen wilt opslaan op
een MIDI sequencer of gegevens laadt vanaf een
MIDI sequencer.
HH CTRL (Hi-Hat Control)
aansluiting
Bevestig hier een hi-hat bedieningspedaal (FD-8)
aan. (p.20)
TRIGGER ingangen
Gebruik deze ingangen voor het aansluiten van
optionele pads, bekkens en kick trigger
apparaten aan de TD-6V (p.20).
Voor meer gedetailleerde informatie over elke
aparte trigger ingang kunt u kijken bij “ Trigger
ingangen, en de pads die u kunt gebruiken”
(p.33).
Veiligheidsgleuf (
)
http://www.kensington.com/
Het plaatsen van de TD-6V op de standaard
1
Bevestig de standaardhouder (bijgeleverd met de optionele
drumstandaard) aan de TD-6V.
Bevestig de houder aan het apparaat met behulp van de schroeven, die aan
het onderpaneel vastzitten, zodat het apparaat gericht is, zoals het is laten
zien in het diagram.
Gebruik de 8mm schroeven (M5x8), die met de TD-6V zijn meegeleverd.
Gebruik van andere schroeven kunnen resulteren in schade aan het
apparaat.
fig.P-009.e
• Bij het op zijn kop zetten
van het apparaat kunt u
een stapel kranten, tijdschriften pakken en
onder de vier hoeken
plaatsen om schade aan
het bedieningspaneel te
voorkomen. Tevens, zou
u het apparaat zo moeten richten, dat het
bedieningspaneel geen
schade ondervindt.
• Wees voorzichtig bij het
op zijn koppen zetten
van het apparaat, zodat
het niet valt.
Smal
Breed
2
Bevestig de TD-6V en de standaardhouder aan de drumstandaard
(zoals de optionele MDS-3C, MDS-8C of MDS-20).
Voor details over het assembleren van de drumstandaard en het bevestigen
van de TD-6V, verwijzen we naar de gebruikershandleiding van de
drumstandaard.
Om de TD-6V aan een bekkenstandaard of iets dergelijks te bevestigen, zou de
optionele APC-33 klem
kunnen gebruiken voor de
standaardhouder. Deze
kan bevestigd worden aan
een pijp met een diameter
van 10,5 mm tot 30 mm.
19
Instellingsgids
Het maken van instellingen
Het maken van instellingen
Het aansluiten van de pads en de
pedalen
Sluit de pads, de bekkenpads, het hi-hat bedieningspedaal en het kick trigger
apparaat aan met de bijgeleverde snoeren.
Verwijs zorgvuldig naar de nummers, die in de illustratie te zien zijn, en sluit
de juiste TRIGGER INPUT aansluiting aan op het achterpaneel.
Zorg voor een juiste
instelling van de spanning,
voordat u de pads met
Instellingsvoorbeeld
gaasvellen (PD-60, PD-
fig.P-011.e
80R, PD-100, PD-105, PD120, PD-125, KD-80, KD-
TRIGGER INPUT jacks
120 of RP-2) gebruikt.
Wanneer u op een vel met
een te lage spanning slaat,
zou dit de sensor kunnen
beschadigen. Voor meer
informatie over het
aanpassen van de
spanning van het vel
verwijzen wij u naar de
gebruikershandleiding van
de desbetreffende pad.
Voor de meest complete
uitvoeringsexpressie kunt
u gebruiken maken van
Roland’s exclusieve lijn
van optionele pads (PD-6,
PD-7, PD-9, PD-80, PD80R, PD-100, PD-120 en
RP-2), bekkens (CY-6, CY12H, CY-12R/C, CY-14C
en CY-15R) en kick trigger
apparaten (KD-7, KD-80 en
KD-120).
20
Het maken van instellingen
Met de optionele kabel (PCS-31) of een standaard tussenkabel kunt u twee
pads aansluiten aan de trigger ingangen 5/6 (TOM2/AUX) en 7/8 (TOM3/
4).
Voor instructies over deze instellingen, kijk op p. 69.
Wanneer u de optionele
kabel (PCS-31) of een
standaard tussenkabel
(stereo naar twee mono
fig.P-012.e
TD-6V Achterpaneel
aansluitingen) gebruikt
voor het aansluiten van
twee pads aan 1 ingang (5/
6 of 7/8), zijn rim-shots
niet meer mogelijk.
Wanneer u een enkele pad
(met rim-shot functie) via
een stereokabel gebruikt,
dan zijn rim-shots
uiteraard wel mogelijk.
PD-8
21
Instellingsgids
■ Het aansluiten van twee pads aan de trigger
ingangen 5/6 (TOM2/AUX) en 7/8 (TOM3/4)
Het maken van instellingen
Het aansluiten van koptelefoon, audioapparatuur, versterkers en andere apparaten
fig.P-010
R
L
Miniatuur stereo koptelefoon type
Miniatuur stereo koptelefoon type
1
Sluit de stroom af van alle apparaten, voordat u ze gaat aansluiten.
921
Om storingen en/of defecten aan speakers en andere apparatuur te
voorkomen, zorg dat het volume altijd laag staat en zorg dat de stroom van
alle apparaten uitstaat voor het aansluiten.
2
3
4
22
Gebruik de
snoerbevestiging, zoals
laten zien in de illustratie,
om onbedoeld uitvallen
van de stroom naar uw
apparaat te voorkomen
(als de plug per ongeluk
eruit zou worden
getrokken), en om
onbedoelde spanning aan
het snoer te voorkomen.
Verbind de bijgesloten adaptor met de adaptor ingang.
Verbind de OUTPUT L(MONO) en R ingangen op het achterpaneel met
uw audio-systeem of versterker. Wanneer u een koptelefoon gebruikt,
verbind deze dan met de PHONES ingang.
Stop de adapter in een stopcontact.
Door het gebruik van de
MIX IN ingang van de
TD-6V kunt u met een CD
of iets dergelijks
meespelen (p.51).
Aan/uitzetten van de stroom
Instellingsgids
941
Zet de stroom aan van uw apparaten in de juiste volgorde als al de
verbindingen zijn gemaakt (p.22). Door het in de verkeerde volgorde aanzetten
van uw apparaten riskeert u storingen of defecten aan speakers en andere
apparatuur.
fig.P-001
1, 5
3
5
1
Dit apparaat is uitgerust
met een veiligheidscircuit.
Draai de [VOLUME] knop volledig naar links om het volume naar het
minimale niveau te brengen.
2
Draai het volume uit van de verbonden versterker of het audio-systeem.
3
Druk op de [POWER] knop om de stroom aan te zetten.
Voorzorg bij het aanzetten van de stroom
Nadat de stroom is aangezet, verschijnt de drumkit naam in het
scherm. Druk NIET op een pad of pedaal, totdat [KIT] oplicht.
fig.P-002ai
Een klein moment (paar
seconden) is nodig, nadat
de stroom is aangezet om
het apparaat normaal te
laten functioneren.
Als het hi-hat bedieningspedaal ingedrukt is tijdens
het aanzetten van de
stroom, zal de bediening
van het openen en dichtmaken van de hi-hat niet
juist werken. Wanneer er
tijdens het aanzetten van
de stroom op de pads
wordt geslagen, zal de
respons van de pads verminderen als ze licht worden aangeslagen.
23
Aan/uitzetten van de stroom
4
5
Zet de stroom van de aangesloten versterker of het aangesloten audiosysteem aan.
Druk op [SHIFT] + [KIT] (PREVIEW) of sla op de pad, draai vervolgens
terwijl u luistert de [VOLUME] knop open om het volume te veranderen.
Draai tevens het volume van de aangesloten versterker of het audio-systeem
op een geschikt niveau.
Geen geluid, zelfs bij het indrukken van [SHIFT] + [KIT]
(PREVIEW)
Controleer de volgende punten.
Bij het gebruik van versterker of audio-systeem
• Is de volume-instelling van de versterker of van het audio-systeem
correct?
• Is de versterker of het audio-systeem op de juiste manier verbonden
met de TD-6V?
• Is er een probleem met een verbindingskabel?
• Zijn de juiste input selectie instellingen van de versterker of het
audio-systeem gemaakt?
Bij het gebruik van koptelefoon:
• Is de koptelefoon verbonden aan de [PHONES] ingang?
Het uitzetten van de stroom
1
24
Draai het volume van de TD-6V en van de aangesloten externe
apparaten volledig uit.
2
Zet de stroom van alle externe apparaten uit.
3
Druk op de [POWER] knop van de TD-6V om de stroom uit te zetten.
Waarschuwing wat
betreft volume
Als het volume bij het
aanslaan van de pads,
onveranderd blijft bij het
afspelen van demo songs
of andere songs, kan het
volume opeens verhogen.
Dit kan oorpijn of defecten
aan speakers veroorzaken.
Draai voor het afspelen
van songs de [VOLUME]
knop naar een lager
volumeniveau om
vervolgens tijdens het
afluisteren het volume op
gepaste wijze te verhogen.
Dit herstelt de pad en instrument instellingen, song data en andere
informatie opgeslagen in de TD-6V naar de originele fabrieksinstellingen.
Door het uitvoeren van
fig.P-003
1
2
deze operatie gaan alle
data en instellingen
opgeslagen in de TD-6V
verloren. Gebruik de “Bulk
Dump” functie om cruciale
data en instellingen op een
extern MIDI apparaat op te
slaan (SETUP/BULK
DUMP/Bulk Dump;
p.103).
Kijk voor meer informatie
over data compatibiliteit
tussen de TD-6 en de TD6V op p.103.
4
1
3, 5, 6
Houd [SHIFT] ingdrukt, druk vervolgens op [EDIT (SETUP)].
[EDIT (SETUP)] brandt.
houdt bij het aanzetten van
de stroom, springt het
scherm naar het Factory
fig.P-004ai
2
Als u [SHIFT] en
[EDIT(SETUP)] ingedrukt
Druk op [
] om “FactoryReset” te selecteren.
Reset scherm. Bij het
uitvoeren van Factory
Reset, lees verder vanaf
stap 4.
fig.P-005_50
3
Druk op [ENTER
].
Het Factory Reset scherm verschijnt.
fig.P-006_50
25
Instellingsgids
Herstel van fabrieksinstellingen (Factory Reset)
Herstel van fabrieksinstellingen (Factory Reset)
4
Druk op [+] of [-] om de parameter te selecteren, die u wilt herstellen
naar de fabrieksinstellingen.
Selecteer hier “ALL” om alle instellingen naar de originele
fabrieksinstellingen te herstellen.
ALL:
Alle interne instellingen worden hersteld naar de originele
fabrieksinstellingen.
THIS DRUM KIT:
Alleen de instellingen van de geselecteerde drumkit worden hersteld
naar de fabrieksinstellingen.
ALL DRUM KITS:
De instellingen van alle interne drumkits van de TD-6V worden
hersteld naar de fabrieksinstellingen.
ALL SONGS:
Alle interne song data van de TD-6V wordt hersteld naar de
fabrieksinstellingen.
5
Druk op [ENTER
].
Het bevestigingsscherm verschijnt.
Druk op [EXIT] om de
operatie te annuleren.
fig.P-007_50
6
7
fig.P-008_50
26
Als u gereed bent om verder te gaan, druk dan op [ENTER
Factory Reset functie zal worden uitgevoerd.
] en de
Als de Factory Reset is uitgevoerd, zal het Completed scherm
verschijnen
Luisteren naar de demo songs
Instellingsgids
De TD-6V bevat vijf demo songs, die de geluiden en expressieve capaciteiten
van de TD-6V demonsteren.
De drums op de demo songs zijn real time via een sequencer
ingespeeld.
fig.P-029
4 3
1
5
2
1
Houd [KIT] ingedrukt, en druk op [SONG].
Het “DEMONSTRATION” scherm verschijnt.
fig.P-030_50
• Alle rechten zijn gereserveerd.
Ongeautoriseerd gebruik van dit materiaal
in welke vorm ook,
anders dan privé en persoonlijk plezier, is in
strijd met de wet.
• Geen data voor de
muziek, die wordt afgespeeld zal uit de MIDI
OUT ingangen komen.
27
Luisteren naar de demo songs
2
Druk op [+] of [-] of druk op [
af te spelen.
] of [
] om een song te selecteren en
1. How Now
Copyright © 2003, Roland Corporation
Gebruikte drumkit: #11 “PopKit X”
2. TC R&B
Copyright © 2003, Roland Corporation
Gebruikte drumkit: #80 “AcuStick”
Waarschuwing wat
betreft het volume
Als het volume bij het
aanslaan van de pads,
onveranderd blijft bij het
3. CREOLET1
Copyright © 2003, Roland Corporation
Gebruikte drumkit: #1 “RoseWood”
afspelen van demo songs
of andere songs, kan het
volume opeens verhogen.
Dit kan oorpijn of defecten
4. CREOLET2
Copyright © 2003, Roland Corporation
Gebruikte drumkit: #17 “Natural”
3
aan speakers veroorzaken.
Draai voor het afspelen
van songs de [VOLUME]
5. SNAG LTN
Copyright © 2003, Roland Corporation
Gebruikte drumkit: #13 “Groove”
knop naar een lager
volumeniveau om
vervolgens tijdens het
Druk op [PLAY
afluisteren het volume op
gepaste wijze aan te
passen.
].
Het afspelen van de demo songs begint. De vijf demo songs worden achter
elkaar afgespeeld.
4
5
28
Als het u het afspelen wilt stoppen, druk dan op [STOP
].
Als u klaar bent met het luisteren naar de demo song, druk dan op
[KIT], [SONG] of [EXIT].
Maak de instellingen voor het soort pad (trigger type) om te verzekeren, dat
de TD-6V precies ontvangt, wat er op de pads gespeeld wordt. Stel elke
trigger ingang in, zoals hieronder wordt beschreven.
Geoptimaliseerde instellingen voor de TD-6V zijn meegeleverd in de
fabrieksinstellingen van de TD-6V.
fig.P-014
8
1
De volgende parameters
zijn automatisch ingesteld
tot de meest efficiënte
waarden voor elke pad, als
u het trigger type selecteert.
Instelling van pad
gevoeligheid; p.71)
• Sensitivity
• Threshold
• TrigCurve
Fijn afstelling trigger
parametersn; p.73)
• Scan Time
• Retrig Cancel
• Mask Time
• Rim Sens
De trigger parameters
moeten zodanig worden
aangepast om ze gelijk te
stellen aan uw configuratie
en de omgeving, waarin
het wordt gebruikt.
6
1
3
2
Houd [SHIFT] ingedrukt, en druk op [EDIT(SETUP)].
[EDIT(SETUP)] brandt.
fig.P-015ai
2
Druk op [
] om ‘TRIG BASIC” te selecteren.
fig.SETUP-BASIC_50 (SETUP-BASIC)
3
Druk op [ENTER
].
fig.P-016_50
29
Instellingsgids
Selecteren van pad type
Selecteren van pad type
4
Sla op de pad, die u wenst in te stellen
U kunt tevens de selectie
Het instellingenscherm voor de aangeslagen pad verschijnt.
maken door op[SHIFT] +
[
] of [SHIFT] + [
]
(Trigger Select) te drukken.
5
Selecteer het best passende trigger type voor een pad die u gebruikt
uit de volgende lijst:
Pad
PD-8
PD-6
PD-7
PD-9
RP-2
PD-80
PD-80R
PD-100
PD-120
6
7
8
Trigger Type
PD-8
PD Type
PD-80R
Pad
PD-105
PD-125
KD-8
KD-7
KD-80
KD-120
CY-8
Trigger Type
PD-125
KD-8
KD Type
CY-8
PD-120
Pad
CY-6
CY-12H
CY-12R/C
CY-14C
CY-15R
RT-7K
RT-5S
RT-3T
RIM Edge
Trigger Type
CY Type
RT-7K
RT-5S
RT-3T
RIM
Druk op [+] of [-] om het trigger type te selecteren.
Herhaal Stappen 4-6 om het trigger type voor elke pad in te stellen.
rand.
Druk op [KIT].
[KIT] brandt, en het Drum Kit scherm verschijnt.
fig.P-017ai
9
Sla op de pads en druk de pedalen in om het volgende te controleren.
• Wordt er geluid geproduceerd door de pads en de pedalen?
• Komt het juiste instrumentgeluid uit de juiste pad?
Als het juiste geluid niet wordt geproduceerd, controleer dan nogmaals de
pad instellingen, en kijk anders bij “Probleemoplosser” (p.110).
30
Deze instellingen zijn van
pas op zowel het vel als de
U kunt de gevoeligheid van de pads aanpassen naar uw eigen smaak en
speelstijl. Door het aanpassen van de gevoeligheid van de TD-6V kunt u de
correlatie tussen uw speelsnelheid (kracht), de respons en het volume van het
geluid veranderen.
fig.P-018
De gevoeligheidsinstellingen zijn automatisch ingesteld op de meest efficiënte
waarden voor elke pad als
8
1
u het trigger type selecteert
(p.29). U kunt dit naar
wens aanpassen.
6
1
3
2, 4
Druk op [EDIT(SETUP)], terwijl u [SHIFT] ingedrukt houdt.
[EDIT(SETUP)] brandt.
fig.P-019ai
2
Druk op [
] om “TRIG BASIC” te selecteren.
fig.SETUP-BASIC_50 (SETUP-BASIC)
3
Druk op [ENTER
].
31
Instellingsgids
Aanpassen van de padgevoeligheid
Aanpassen van de padgevoeligheid
4
Druk op [
] om “Sensitivity” te selecteren.
fig.P-020_50
U kunt tevens de selectie
maken door op [SHIFT] +
[
] of [SHIFT] + [
]
(Trigger Select) te drukken.
5
Sla op de pad, die u wilt instellen.
Het instellingscherm van de aangeslagen pad veschijnt.
Deze instellingen zijn van
pas op zowel het vel als de
rand.
6
Druk op [+] of [-] om de gevoeligheid van de pads aan te passen.
Hier kunt u een instelling van 1 – 16 maken.
Hogere instellingen resulteren in hogere gevoeligheid, hierdoor zal de pad
een luid volume produceren, zelfs als het zacht wordt aangeslagen.
Lagere instellingen resulteren in lagere gevoeligheid, hierdoor zal de pad een
zacht volume produceren, zelfs als het hard wordt aangeslagen.
Het instellen van het algemene mikpunt
Stel de gevoeligheid zo in, dat de indicator de maximale positie bereikt als u
met maximale dynamiek speelt. Er verschijnt een vlag zodra de indicator de
maximale positie bereikt (
).
fig.P-020aai.e
Indicator
Met elektronische drumkits is het totaal volume
ook een belangrijk element. Door het luisteren
op een laag volume kan
Maximum indicatie
7
8
Indicator (Maximum)
Herhaal stappen 5 en 6 voor het maken van andere nodige pad
gevoeligheidsinstelllingen.
Druk op [KIT].
[KIT] brandt, en het Drum Kit scherm verschijnt.
fig.P-021ai
32
het lijken alsof er te weinig verandering in volume
is, waardoor u misschien
nodeloos de gevoeligheid
hoger instelt. Zorg ervoor
het volume van de versterkers of de koptelefoon op
gepast niveau in te stellen,
zodat u de juiste instellingen kunt maken.
Over de pads
Instellingsgids
Trigger ingangen van pads die u kunt
gebruiken
Hoewel u eerdere modellen van pads, kick trigger apparaten en andere
apparaten met de TD-6V kunt gebruiken, kan het zijn dat pads en trigger
ingangen niet combineerbaar zijn, wat betekent dat u niet kunt spelen op
sommige pads.
■ Trigger ingang functies
Het volgende laat de beschikbare trigger ingang functies zien.
fig.P-024.e
3
HI-HAT
2
SNARE
1
KICK
Head 3
Head 2
Head 1
Rim 3
Rim 2
Gebruik de met de pad
meegeleverde kabel om de
pad met de TD-6V te
verbinden. Het rand
geluid wordt onbeschikbaar als u een mono kabel
gebruikt om een pad, die
beschikbaar is voor het
spelen van rim-shots en
11
RIDE
10
CRASH2
9
CRASH1
7
TOM3
5
TOM2
4
TOM1
Head 11
Head 10
Head 9
Head 7
Head 5
Head 4
Rim 11
Rim 10
Rim 9
Rim 7
Rim 5
Rim 4
8
TOM4
6
AUX
Head 8
Head 6
*1
*1:
chokes, te verbinden.
*1
Door het gebruik van een optionele kabel (de PCS-31) of een standaard
tussenkabel kunt u twee pads toewijzen aan een enkele trigger ingang.
In dit geval worden de rand geluiden van “Trigger Input 5 (TOM2)” en
“Trigger Input 7 (TOM3)” niet bruikbaar. Voor meer informatie over de
nodige verbindingen kunt u kijken op p.21.
33
Over de pads
■ Combinaties tussen pad en trigger type
Om plezier te hebben van alle functionaliteit, die de TD-6V en uw pads u biedt, kunt u de
volgende lijst nalopen en de pads selecteren, die het meest geschikt zijn voor uw toepassing.
fig.P-024a.e
Pads
Kick Trigger Units
Trigger Input Jacks
2
(SNR)
3
(HH)
4
(T1)
5
(T2)
6
(AUX)
7
(T3)
8
(T4)
9
(CR1)
10
(CR2)
11
(RD)
KD-7
KD-8
KD-80
Head
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
KD-120
Head
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
PD-6
PD-100
Head
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
Head
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
PD-7
PD-8
PD-9
PD-80
RP-2
Cymbals
1
(KIK)
Rim, Choke
O
Head
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
PD-80R
PD-120
PD-105
PD-125
Head
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
X
X
X
X
X
X
CY-6
CY-8
CY-12H
CY-14C
Head (Bow)
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
Rim
O
Rim (Edge),
Choke
Head (Bow)
CY-12R/C
CY-15R Rim (Edge/Bow),
Choke
*1
O
X
O
O
O
O
O
O
O
O
*2
O:
X:
Slash:
*1:
*2:
34
Kan worden gebruikt.
Kan niet worden gebruikt.
Deze trigger ingangen kunnen geen rand geluiden aan.
Wanneer choking op de CY-12R/C of de CY-15R wordt toegepast , kunt u zowel
Edge Shots spelen als Bell Shots.
TRIGGER INPUTS 6 (AUX) and 8 (TOM) kunnen alleen worden gebruikt met
gebruik van de optionele kabel (PCS-21) of een standaard tussenkabel om twee
pads met een enkele trigger ingang te verbinden.
Voor meer gedetailleerde informatie kunt u vorige gedeelten bekijken.
Over de pads
■ Aan te raden parameters voor de pads
Pad
Pad
PD-8
PD-6
PD-7
PD-9
RP-2
PD-80
PD-80R
PD-100
PD-120
PD-105
PD-125
Kick Trigger Unit
KD-8
KD-7
KD-80
KD-120
Cymbal
CY-8
CY-6
CY-12H
CY-12R/C
CY-14C
CY-15R
Acoustic Drum Trigger RT-7K
RT-5S
RT-3T
Rim
Rim Edge
Instellingsgids
De trigger parameters (behalve de Xtalk Cancel) zijn automatisch ingesteld op de meest
efficiënte waarden voor elke pad als u het trigger type selecteert.
De trigger parameters zouden het nodige moeten worden aangepast om aan uw actuele
instellingen te voldoen en om te voldoen aan de omgeving, waarin het wordt gebruikt.
Maak de instellingen voor de parameters als het nodig is (Basis trigger parameters: p.71;
Gevorderde trigger parameters: p.73).
Trigger Type
PD-8
PD Type
PD-80R
PD-120
PD-125
KD-8
KD Type
CY-8
CY Type
RT-7K
RT-5S
RT-3T
RIM
De “Xtalk Cancel (Crosstalk Cancel)” waarde verandert niet als het trigger type wordt
veranderd. Het moet worden aangepast om aan uw actuele instellingen te voldoen en om
te voldoen aan de omgeving, waarin het wordt gebruikt (SETUP/ TRIG BASIC/Xtalk
Cancel; p.73).
• Gebruik de “RT-7K”, de “RT-5S” of de “RT-3T” instelling als u akoestische drums
gebruikt. Voor meer details kunt u kijken bij “De TD-6V gebruiken met akoestische
triggers” (p.75).
35
Over de pads
Spelen op de pads
■ Head-shots en rim-shots op de pads
Wanneer u een head-shot uitvoert, bespeelt u de kop van het instrument.
Rim-shots produceren geluid met de rand van het instrument.
Om een rim-shot te spelen, moet u het vel en de rand van de pad tegelijk
aanslaan.
PD-7, PD-9, PD-80R, PD-105, PD-120, PD-125:
Zowel head-shots als rim-shots zijn beschikbaar.
PD-6, PD-80, PD-100, RP-2:
Alleen head-shots zijn beschikbaar.
Bij het gebruik van rimshots op de PD-80R, PD105 of PD-125, verbindt
dan de pad aan TRIGGER
INPUT 2(SNARE).
fig.P-025.e
Head Shot
Rim Shot
Head
Head
Rand
Head
Head
Rand
■ Cross-stick
Als u een cross-stick uitvoert, wordt de rand van het instrument bespeeld.
Bij het spelen van een cross-stick op de PD-80R of de PD-120 moet u alleen de
rand (uiterste randje) van de pad bespelen. Door het plaatsen van uw hand
op de kop (midden gebied) van de pad zorgt ervoor, dat het cross-stick geluid
niet goed doorkomt.
• Bij het gebruiken van
rim-shots op de PD-80R,
PD-105 of PD-125, verbindt dan de pad aan
TRIGGER INPUT
2(SNARE).
• Cross-stick wordt ook
wel “close rim-shot”
genoemd.
fig.P-025a.e
Rand
Rand
36
Door het selecteren van
instrumenten waarvan de
naam eindigt op “XS”
geeft het spelen van een
rim-shot het geluid van
een rim-shot en het spelen
van een cross-stick geeft
een afgebroken tik.
Over de pads
■ Bekken bow-shots/edge-shots/bell-shots
CY-6, CY-12H, CY-14C:
Beschikken over bow-shots en edge-shots
CY-12R/C, CY-15R:
Als toevoeging op bow-shots kunnen tevens zowel edge-shots als
bell-shots gespeeld worden.
Bell-shots worden gespeeld door de bel met de schouder van de stok
ietwat krachtig aan te slaan.
fig.P-026.e
Bow Shot
Edge Shot
Instellingsgids
Als u een bow-shot uitvoert bespeelt u de welving van het instrument; edgeshots en bell-shots produceren geluid aan de rand van het instrument.
Als u edge-shots met de
CY-12R/C of CY-15R toepast, gebruik dan de
BOW/EDGE uitgang.
Voor bell-shots gebruikt u
de BOW/BELL uitgang.
Welving
Rand
Bell Shot
Bel
CY-12R/C
CY-15R
37
Over de pads
■ Cymbal choke
Door het aanslaan van een pad en vervolgens de rand van de pad vast te
grijpen, kunt u een noot dempen, terwijl deze nog doorklinkt. Deze techniek
wordt choking genoemd.
fig.P-027.e
Hi-hat bedieningspedaal
Door het aansluiten van een hi-hat bedieningspedaal (FD-8) verkrijgt u
achtereenvolgend controle over het openen en sluiten van de hi-hat.
fig.P-028.e
FD-8
Geopende hi-hat:
Sla de hi-hat aan, zonder het pedaal ingedrukt te houden.
Gesloten hi-hat:
Sla de hi-hat aan met het pedaal ingedrukt.
Voet geopend:
Druk het pedaal volledig in.
Voet gesloten:
Druk het pedaal in, en laat het vervolgens onmiddellijk los.
38
Snelle start
Snelle start
39
Kiezen van een drumkit
De TD-6V wordt met 99 preset drumkits geleverd. Het is nu waarschijnlijk
tijd geworden om de drumkits uit te proberen door ze te selecteren en te
bespelen.
fig.Q-001
1
Om te zien, welke drumkits er geselecteerd kunnen
worden, kunt u kijken bij
de “Drumkit lijst” (p.118).
Een drumkit berstaat uit
een verzameling
instellingen, waaronder de
pad instellingen, effecten
enz. Kijk op pag. 54 voor
meer informatie.
Een drumkit optreden is
opgenomen in preset song
2
1
Druk op [KIT].
#1 “DRUMS”. Door het
veranderen van drumkit
tijdens het afspelen van
preset song #1 (p.44) kunt
u verschillende drumkits
beluisteren en vergelijken.
[KIT] brandt, en het “DRUM KIT” scherm verschijnt.
fig.Q-002ai
U kunt ook
en
in
het “DRUM KIT” scherm
gebruiken om een drumkit te selecteren.
2
Druk op [+] en [-] om een drumkit te selecteren.
Voorbeeld wordt onbedoeld afgespeeld bij het aanslaan
van pad
Drumkits bezitten een instelling, die het afspelen van een song beginnen bij
het aanslaan van een pad (Pad pattern functie; p.63).
• Het stoppen van een song, die aan het afspelen is:
Druk op de [STOP ] knop op het paneel (het [PLAY
] licht gaat uit).
• Het stoppen van het afspelen van de song als de pad wordt
aangeslagen.
Zet de Pad Pattern functie uit (KIT/CONTROL/PadPtn; p.63).
40
Om te zien, welke drumkit de Pad Pattern functie
gebruikt, kunt u kijken bij
de “Drumkit Lijst” (p.118).
Spelen met de metronoom/Click
Aan- en uitzetten van de click
Probeer de metronoom (click)..
U kunt de click aan- en uitzetten door [CLICK] in te drukken.
[CLICK] brandt als de functie aanstaat.
fig.Q-003.e
Click speelt
Click speel niet
U kunt het instrumentgeluid en de beat, dat
wordt gebruikt voor de
click, selecteren. Voor
details kijkt u op p.79.
Niet verlicht
Snelle start
Verlicht
fig.Q-004a
1
1
Druk op [CLICK].
[CLICK] brandt, en het click geluid begint te spelen.
fig.Q-006
41
Spelen met de metronoom/Click
Regelen van het click volume (level)
fig.Q-004
2
4
1
5
1, 3
Zorg dat [EDIT] niet is opgelicht.
Als [EDIT] opgelicht is, kunt u op [KIT] en [SONG] drukken om het uit te
zetten.
fig.Q-005
2
Druk op [CLICK].
[CLICK] brandt, en het click geluid begint te spelen.
fig.Q-006
3
Druk op [EDIT].
[EDIT] brandt, en het click volume scherm verschijnt.
fig.Q-007_50
4
5
42
Druk op [+] of [-] om het volume te selecteren.
Als u klaar bent met het maken van de instellingen, drukt u op [EXIT]
om de procedure te beëindigen.
Spelen met de metronoom/Click
Regelen van het click tempo
fig.Q-008
2
4
Snelle start
1
3
1
Druk op [CLICK].
[CLICK] brandt, en het click geluid begint te spelen.
fig.Q-006
2
Druk op [CLICK(TEMPO)], terwijl u [SHIFT] ingedrukt houdt.
Het Tempo scherm verschijnt.
fig.Q-009_50
3
4
Druk op [+] of [-] om het tempo te selecteren.
Als u klaar bent met het maken van de instellingen, drukt u op [EXIT]
om de procedure te beëindigen.
Het “Tempo” scherm verdwijnt.
43
Meespelen met songs
Het kiezen en afspelen van een song
De TD-6V bevat een sequencer, die begeleidingstracks en drum nummers
kan opnemen en afspelen.
Deze sequencer komt met 170 preset (voorgeprogrammeerde) songs.
fig.Q-010
4
3
1
U kunt zelf songs opnemen. Voor details kijkt u
op p.92.
De song stopt opeens bij
het bespelen van de pads.
Het aanslaan van een pad
met de pad pattern functie,
terwijl een song aan het
afspelen is, zorgt ervoor
dat de afspeelfunctie een
nieuwe geselecteerde
songs gaat afspelen.
Sommige songs zijn erg
kort, een paar noten of zelf
een akkoord. Hierdoor kan
het “opeens” stoppen
2
■ Kiezen van een song
1
[SONG] brandt en het [SONG] scherm verschijnt.
44
songs.
Voor meer informatie over
deze functie kunt u kijken
op p.63 en p.114.
Druk op [SONG].
fig.Q-011ai
2
veroorzaakt worden door
het per ongeluk triggeren
van één van deze korte
Druk op [+] of [-] om een song te selecteren.
Om te zien, welke songs er
geselecteerd kunnen worden, kunt u kijken bij de
“Preset song lijst” (p.128).
Door het drukken op [+] of
[-]. terwijl u [SHIFT]
inhoudt, kunt u de song
categorie selecteren.
Meespelen met songs
■ Afspelen van een song
3
Druk op de [PLAY
[PLAY
] knop, en de song begint te spelen.
] brandt.
fig.Q-012
Om het afspelen van een song te stoppen, drukt up op [STOP
Het [PLAY
].
Snelle start
4
] licht gaat uit.
fig.Q-013
Als het afspelen van een song is gestopt, kunt u het volgende doen.
• Door op [STOP ] te drukken, gaat u terug naar het begin van de
song.
• Door het drukken op [
] gaat u naar de volgende maat.
• Door het drukken op [
] gaat u naar de vorige maat.
Handige functie voor afspelen
Tijdens het afspelen van een Preset song, kunt u de knoppen
corresponderend aan de drumkit laten oplichten.
U kunt, zelfs terwijl de drumklanken uitstaan, de knoppen laten oplichten; dit is handig om met
de voorgeprogrammeerde songs te oefenen.
1. Houd [SHIFT] ingedrukt, en druk op [PLAY
].
Afspelen van de song begint, en de knoppen corresponderend aan het
nummer van de percussiepartijen lichten op.
Hi-Hat
High Tom
Mid Tom
Low Tom
Voor details kijkt u op
p.83.
Deze functie is niet
beschikbaar met songs,
waar een drumpartij overheen is opgenomen (p.83).
U kunt deze functie niet
gebruiken bij Preset song
#1 “Drums”.
Snare
Kick
Cymbals
2. Om afspelen te stoppen, drukt u op [STOP
].
45
Meespelen met songs
Regelen van het songvolume
U kunt het songvolume bijstellen om de balans met het drumkit volume te
corrigeren. Songvolume bestaat uit de volgende twee delen.
Begeleidingsvolume:
Regelt het volume van melodische instrumenten etc. anders dan
percussie.
Percussiepartij volume:
Regelt het volume van de drums en de percussiegeluiden.
De volume instellingen
hier zijn van toepassing op
alle songs.
fig.Q-016
5
1
3
2, 4
■ Instellen van het begeleidingsvolume (melodische
instrumenten)
1
Druk op [SONG], terwijl u [SHIFT] ingedrukt houdt.
Het scherm voor het instellen van het volume van de melodische
instrumenten verschijnt.
fig.Q-018_50
2
Druk op [+] of [-] om het volume te selecteren.
■ Instellen van volume van de drums en percussie.
3
Druk op [
].
Het scherm voor het instellen van het volume van de drums en percussie
verschijnt.
46
• De volumebalans tussen de partijen kan worden geregeld in het
“Level” (SONG/PART/
Level; p.88).
• Hier regelt u het volume
van de percussiepartijen. Hoewel de drums
in de Preset songs zijn
opgenomen op het percussie gedeelte (behalve
preset song #1
“DRUMS”), zullen de
drums die u zelf
opneemt bij het creëren
van uw eigen songs
worden opgenomen in
het drumkit gedeelte.
Het volume van de
drumkit partij is te regelen in “MasterVolume”
(master volume) (KIT/
COMMON/MasterVolume; p.66).
Meespelen met songs
fig.Q-017_50
4
5
Druk op [+] of [-] om het volume te selecteren.
Als u klaar bent met het maken van de instellingen, drukt u op [SONG]
om te procedure te beëindigen.
Tijdelijk veranderen van het tempo van een song
Snelle start
U kunt tempo van een song tijdelijk veranderen, terwijl het wordt afgespeeld.
De song zal naar zijn preset tempo terugkeren als een andere song wordt
geselecteerd.
fig.Q-014
1
3
2
1
Houd [SHIFT] ingedrukt, en druk op [CLICK(TEMPO)].
Het tempo instellingen scherm verschijnt.
fig.Q-015_50
2
3
Druk op [+] of [-] om het tempo te selecteren.
Als u klaar bent met het maken van de instellingen, drukt u op [EXIT]
om te procedure te beëindigen.
47
Meespelen met songs
Dempen van de voorgeprogrammeerde
drums in songs
U kunt in een song alleen de drums dempen. Hierdoor kunt u meespelen.
Probeer dit met song #8, “FUNK ROK”.
Partij dempen instellingen
blijven intact, zelfs als er
fig.Q-019
3
1
van song is gewisseld.
Nootnummers voor
gedempte drumsound zijn
vooraf vastgesteld en
kunnen niet worden
veranderd.
Kijk op p.125 voor een lijst
met gedempte nootnummers.
4, 5
1
2
Druk op [SONG].
[SONG] brandt, en het SONG scherm verschijnt.
fig.Q-020ai
2
fig.Q-021_50
48
Druk op [+] of [-] om song #8 te selecteren.
Meespelen met songs
3
Druk op de [PLAY
[PLAY
] knop, en de song begint met afspelen.
] brandt.
fig.Q-022
4
Druk op [PART MUTE].
Met de fabrieksinstellingen
zal het drukken op [PART
5
MUTE] alleen de drumtonen van het percussiegedeelte gedempt worden.
Om de drums te horen, drukt u nogmaals op [PART MUTE].
Het [PART MUTE] licht gaat uit.
fig.Q-023a
Door [SHIFT] + [PART
MUTE] in te drukken, kunt
u veranderen van partij die
u wilt dempen (SETUP/
UTILITY/Mute;p.77).
49
Snelle start
[PART MUTE] brandt, en het drums geluid is gedempt.
fig.Q-023
Gebruik van de pads om songs af te spelen
De pads kunnen worden ingesteld om het afspelen van songs in te zetten,
zodra ze worden aangeslagen (Pad pattern functie).
Deze functie is alleen beschikbaar met elektronische drums.
De Pad pattern functie is al geselecteerd in drumkit #8, “1ManBand+” .
Gebruik deze drumkit om de functie uit te proberen..
fig.Q-024
1
• Maak de volgende
instellingen als u de Pad
Pattern functie zelf
selecteert.
“Pad Ptn (Pad Pattern” (KIT/CONTROL/
Pad Ptn; p.63), “Pad Ptn
Velo (Pad Pattern Velocity)” (KIT/CONTROL/Pad Ptn
Velo;p.63)
De volgende zijn hulpfuncties, die beschikbaar zijn als u songs
gebruikt waar Tap Playback of One Shot Playback is gespecifeerd:
“Quick Play” (SONG/
COMMON/Quick
Play;p.86), “Reset
Time” (SONG/COMMON/Reset Time;p. 86),
“Tap Exc Sw (Tap
Exclusive Switch)”
(SONG/COMMON/
Tap Exc Sw; p.86)
2
1
De volgende drumkits
gebruiken de Pad Pattern
Druk op [KIT].
[KIT] brandt, en het “DRUM KIT” scherm verschijnt.
fig.Q-025ai
2
Druk op [+] of [-] om drumkit #14 te selecteren.
fig.Q-026_50
3
50
Afspelen van songs begint, zodra de volgende pads worden
aangeslagen.
1 KICK: U kunt de baslijn noot voor noot (stap voor stap) met uw kickdrum
spelen.
9 CRASH1 Rim: De akkoorden veranderen wanneer u een pad aanslaat.
functie:
• #5 ”LtnPerc+”
• #7 “TblaTun+”
• #8 “1ManBnd+”
• #10 “Guitars+”
Kijk bij de “Drumkit lijst”
(p.118) om andere
drumkits te vinden.
(Kitnamen met “+”
gebruiken de Pad Pattern
functie.
Meespelen met CD, Cassette of MD
(met gebruik van de MIX IN ingang)
Het gebruik van de MIX IN ingang van de TD-6V staat u toe mee te spelen
met een CD of andere externe audiobronnen.
921
1
Om defecten en/ of
beschadigingen aan
Maak de verbindingen, zoals hieronder getoond.
speakers en andere
apparaten te voorkomen,
fig.Q-027.e
Koptelefoon,
audio apparatuur, versterker, etc.
CD/MD speler, cassettedeck, etc.
CD/MD speler,
cassettedeck, etc.
zult u altijd het volume en
andere apparaten uit
moeten zetten voor het
Snelle start
maken van verbindingen.
OUTPUT jack
Gebruik de plug die
correspondeert aan
het apparaat waar u
op afluistert.
Stereo tulpstekker
MIX IN jack
TD-6V
2
Als u begint met het afspelen van een CD-speler of ander apparaat, dan
is het geluid hoorbaar door de koptelefoon, audio apparatuur of ander
apparaten.
Stel het volume van het
afspeelapparaat bij om de
balans tussen de externe
geluidsbron en de drumkit te corrigeren.
51
Het gebruik van de TD-6V als een General MIDI
geluidsmodule
De TD-6V bezit een GM modus, die toestaat om GM partijen (muziek data
voor GM geluidsgeneratoren) vanaf een externe sequencer af te spelen. De
TD-6V heeft een functie, die u toestaat om alleen de drums uit de GM modus
te dempen. Voor details kunt u kijken bij “Verander naar de GM (General
MIDI) modus (GM Modus)” (p.99) en bij “ MIDI berichten stop functie voor
specifieke partijen in GM (General MIDI) modus (GM PART)” (p.102).
Wanneer u de TD-6V als een GM geluidsmodule gebruikt
(p.99)
• De TD-6V functioneert als een 16-stemmig multi-timbre
geluidsmodule.
• De interne sequencer is uitgeschakeld.
• Drumkit partijen kunnen niet worden gespeeld met gebruik van
MIDI signalen, die vanaf een extern apparaat worden gestuurd. Ze
kunnen alleen gespeeld worden door het bespelen van de pads
verbonden aan de TD-6V.
52
De TD-6V kan tevens
gebruikt worden als
geluidsmodule samen met
MIDI keyboards en MIDI
sequencers (p.107).
Gevorderd gebruik
Gevorderd gebruik
53
Hoofdstuk 1 Het creëren van je eigen
drumkit (Kit Edit)
Parameters, die hier ingesteld
kunnen worden
• Veranderde instellingen worden automatisch opgeslagen.
fig.01-002.e
fig.01-001.e
KIT
Drum Kit #99
INST (Instrument instellingen) (p. 60)
Inst
Level
Pan
Drum Kit #1
Pad instellingen
Pitch
KICK
SNARE
HI-HAT
TOM1
Decay
Head1
Head2
Head3
Head4
Rim2
Rim3
Rim4
TOM2
AUX
TOM3
TOM4
Head5
Head6
Head7
Head8
AMBIENCE (Ambience instellingen) (p. 62)
Ambience Switch
Ambience Send Level
Studio Type
Rim7
Rim5
Wall Type
Room Size
Ambience Level
EQUALIZER (Equalizer instellingen) (p. 64)
CRASH1
CRASH2
RIDE
Head9
Head10
Head11
Rim9
Rim10
Rim11
Master Equalizer Switch
High Gain
Low Gain
CONTROL (Instellingen voor verschillende functies) (p. 64)
Pad Pattern
Pad Pattern Velocity
Pitch Control Assign
Instrument instellingen
Inst, Level, Pan, Pitch, Decay
Instellingen voor verschillende functies
Pad Pattern Function Settings,
Pitch Control Function Settings,
MIDI Note Number,
MIDI Gate Time
Note Number
Gate Time
COMMON (Algemene drumkit instellingen) (p. 68)
Master Volume
Ambience instellingen
On/Off, Performance Space, Wall Surface,
Room Size, Amount of Ambience
Pedal Hi-Hat Volume
Pitch Control Range
Drum Kit Name
COPY (kopiëren van drumkits) (p. 69)
Equalizer instellingen
On/Off, High Gain, Low Gain
EXCHANGE (Uitwisselen van drumkits) (p. 70)
Algemene drumkit instellingen
Over drumkits en het drumkit
scherm
Over de drumkits
Een drumkit is een verzameling van instellingen, waaronder
die van de klank van elke pad, effect instellingen, hi-hat bedieningspedaal instellingen, etc.
• Er zijn in totaal 99 drumkits.
• U kunt de drumkits, die u leuk vindt, veranderen om
nieuwe drumkits te creëren.
54
Overall Drum Kit Volume, Drum Kit Name,
Hi-Hat Control Pedal
Hoofdstuk 1 Het creëren van je eigen drumkit (Kit Edit)
Over het drumkit scherm
fig.01-004_50
Het scherm, dat verschijnt bij het indrukken van [KIT], wordt
het drumkit scherm genoemd.
fig.01-003ai
2. Druk op [+] of [-] om de drumkit te selecteren.
4
Drum Kit: 1–99
1
1
2
Kiezen van een pad om te
bewerken
3
Drumkit nummer
Laat het nummer van de huidig geselecteerde drumkit zien.
2
Drumkit naam
Laat de naam van de huidig geselecteerde drumkit zien.
3
Om een pad te selecteren, waarvoor u instellingen wilt maken,
kunt u de volgende twee methodes gebruiken.
Kiezen van een pad door het aan
te slaan
1. Druk op [KIT], daarna op [EDIT].
Huidig geselecteerde pad
[KIT] en [EDIT] lichten op.
fig.KIT-INST_50
1
Het trigger ingangnummer voor de geselecteerde pad wordt
hier getoond. “H” verschijnt, wanneer een vel wordt geselecteerd en “R” verschijnt, wanneer de rand wordt geselecteerd.
Voor instructies over het selecteren van pads kunt u kijken op
p.55.
4
2. Druk op [ENTER
].
3. Sla op de in te stellen pad.
Het instellingenscherm voor de aangeslagen pad verschijnt.
GM modus aan/uit
fig.01-006ai.e
Als u zich in de GM functie bevindt, verschijnt “
het scherm.
” in
Trigger ingangnummer
van de aangeslagen pad
Anders, in normale functie, verschijnt er niets. Voor meer
gedetailleerde informatie over de GM functie kunt u kijken op
p.99.
GM functie staat normaalgesproken uit als de stroom wordt
aangezet.
Het kiezen van een drumkit
(Drum Kit)
Wanneer een drumkit wordt geselecteerd veranderen de pad
instellingen, ambiance, EQ instellingen etc.
U kunt door middel van instellingen voorkomen dat het
scherm wisselt naar het instrumenten instellingenscherm,
zelfs als een pad wordt aangeslagen. Als de TD-6V zo is ingesteld, dat het scherm niet wisselt, dan verschijnt het trigger
ingangnummer tussen haakjes ([ ]). Voor meer gedetailleerde
informatie kunt u kijken bij “Vastzetten van het instellingenscherm, onderwijl het bewerken van een instrument (Note
Chase)” (p.57).
fig.01-007ai
Om te zien wat voor drumkits met fabrieksinstellingen u tot
uw beschikking heeft, kunt u kijken bij de ‘Drumkit lijst”
(p.118).
1. Druk op [KIT].
[KIT] brandt, en het Drum Kit scherm verschijnt.
55
Hoofdstuk 1 Het creëren van je eigen drumkit (Kit Edit)
Kiezen op de TD-6V
1. Druk op [KIT], daarna op [EDIT].
[KIT] en [EDIT] lichten op.
fig.KIT-INST_50
Notatie gebruikt in het scherm
Trigger ingangnummers en namen zijn aangeduid in het
instrumenten instellingenscherm.
fig.KIT-INST_50
2. Druk op [ENTER
].
Het instrumentenselectie scherm verschijnt.
fig.01-008_50
3. Houd [SHIFT] ingedrukt, en druk op [
] of [
]
om het trigger ingangsnummer voor de padt e
selecteren.
Het geselecteerde trigger ingangsnummer voor een in te
stellen pad wordt rechtsboven in het scherm getoond.
De trigger ingangsnummers staan in deze volgende volgorde:
H01 ➝ H02 ➝ R02 ➝ H03 ➝ R03 ➝ H04 ➝ R04 ➝ H05 ➝
H06 ➝ H07 ➝ H08 ➝ H09 ➝ R09 ➝ H10 ➝ R10 ➝ H11 ➝
R11
fig.01-009ai.e
Selecteren van het trigger ingangsnummer
Screen
Name
Screen
Name
KIK
KICK
T3
TOM3
SNR
SNARE
T4
TOM4
HH
HI-HAT
CR1
CRASH1
T1
TOM1
CR2
CRASH2
T2
TOM2
RD
RIDE
AUX
AUX
Hulpvolle bewerkfuncties
Luisteren naar een INST
(Instrument) verbonden aan een
pad (Preview)
Zelfs wanneer er geen pad aan de TD-6V is verbonden, kunt u
trigger ingangnummers selecteren en instellingen maken, terwijl u instrumentgeluiden beluistert.
• Instellingsschermen voor trigger ingangen waar geen pad
aan is verbonden en voor rand trigger ingangen waar de
verbonden pads geen randgeluiden kunnen produceren
worden ook getoond.
• Trigger ingangen 6 (AUX) en 8 (TOM) kunnen alleen
worden gebruikt als er twee pads zijn verbonden aan de
trigger ingangen 5/6 (TOM2/AUX) en 7/8 (TOM3/4)
(p.21). In dit geval kunt u trigger ingangen 5 (TOM2) en 7
(TOM3) niet gebruiken. Alleen de nummers voor de
gebruikte trigger ingangen of R05 of H06, en R07 of H08
zijn zichtbaar.
56
De preview snelheid staat ingesteld in “Preview Velo (Preview velocity)” (SETUP/UTILITY/Preview Velo; p.78).
1. Houd [SHIFT] ingedrukt, en druk op [
] of
[
] om het trigger ingangnummer te selecteren.
Het trigger ingangnummer voor een geselecteerde pad
wordt rechtsboven in het scherm aangeduid.
2. Houd [SHIFT] ingedrukt, en druk op [KIT].
U kunt instrumenten tonen.
Hoofdstuk 1 Het creëren van je eigen drumkit (Kit Edit)
Vastzetten van het instellingenscherm, onderwijl het bewerken van
een instrument (Note Chase)
Note Chase is een functie, waarin een pad wordt geselecteerd
door het aanslaan van een pad of als er MIDI data, dat aan die
pad correspondeert wordt ontvangen. Het scherm wisselt
Kiezen van een instrument
Over de instrumenten
De TD-6V bevat 1024 verschillende instrumenten, die zijn
automatisch naar het instellingen scherm als de pad instellin-
gecategoriseerd in 13 aparte groepen, zoals KICK, SNARE en
TOM.
gen gemaakt zijn.
U kunt individueel Level, Pan, Pitch en Decay instellingen
Om te voorkomen, dat het instellingen scherm wisselt als u
een andere pad aanraakt, terwijl u instellingen aan het maken
aanpassen voor de aan de pads verbonden instrumenten.
bent, kunt dit uitzetten: “OFF”.
Kiezen uit de groep namen (Inst
Group)
Vind en selecteer instrumenten uit de groep namen.
Als u andere pads wilt instellen, terwijl deze instelling op
“OFF” staat, kunt u wisselen van instellingsschermen door
] of [
] in te drukken
om het trigger ingangnummer te selecteren.
1. Houd [SHIFT] ingedrukt, en druk op [EDIT
(SETUP)].
[EDIT] brandt.
2. Druk op [
ren.
] om “ MIDI COMMON” te selecte-
1. Bevestig dat [CLICK] niet opgelicht is.
Als dit opgelicht is, druk dan op [CLICK] om dit uit te
zetten.
2. Druk op [KIT], vervolgens op [EDIT].
[KIT] en [EDIT] lichten op.
fig.KIT-INST_50
fig.SETUP-MIDICMN_50
3. Druk op [ENTER
Om te zien welke instrumentengroepen geselecteerd kunnen
worden, kijkt u bij de “Drum instrumenten lijst” (p.120)
1
[SHIFT] ingedrukt te houden en [
].
fig.01-010_50
3. Druk op [ENTER
].
4. Sla op de pad, die u wenst in te stellen.
Het instellingenscherm voor de aangeslagen pad verschijnt.
4. Druk op [-] om ”OFF” te selecteren.
Zelfs wanneer een andere pad wordt aangeslagen, zal het
fig.01-012ai.e
Instrumentengroep
Trigger ingangnummer
pad instellingen scherm niet wisselen.
fig.01-011_50
Instrumentnummer
5. Als u klaar bent met het maken van instellingen,
drukt u op [KIT] om de procedure te beëindigen.
Als “Note Chase” op “OFF” staat, zal het trigger ingangnummer tussen haakjes verschijnen ([ ]).
fig.01-011aai.e
Instrumentnaam
5. Houd [SHIFT] ingedrukt, en druk op [+] of [-] om
de instrumentengroep te selecteren.
Inst Group:
KICK, SNARE, TOM, HI-HAT, CRASH, RIDE,
PERC, SPECIAL, MELODIC, VOICES, REVERSE,
FIXED HI-HAT, OFF
57
Hoofdstuk 1 Het creëren van je eigen drumkit (Kit Edit)
Kiezen van een instrument (Inst)
Selecteer het instrument, dat u wilt horen als de pad wordt
aangeslagen.
Instrumentinstellingen (INST)
I
U kunt Level, Pan, Pitch en Decay instellingen aanpassen voor
elk instrument, dat aan een pad verbonden is.
1. Bevestig dat [CLICK] niet opgelicht is.
Om te zien welke instrument geselecteerd kunnen worden,
Als deze is opgelicht, druk dan op [CLICK] om het uit te
kunt u kijken bij “ Drum instrumenten lijst” (p.120).
zetten.
2. Druk op [KIT], vervolgens op [EDIT].
Er komt geen geluid als een pad wordt bespeeld en staat inge-
[KIT] en [EDIT] lichten op.
fig.KIT-INST_50
steld met het instrument “1023 OFF”.
• Als de “HI-HAT” instrumentengroep geselecteerd is voor
een pad, dan kunt u het hi-hat bedieningspedaal gebruiken voor het openen en sluiten van de hi-hat.
• Als het hi-hat pedaal wordt ingedrukt, zal de hi-hat
pedaaltoon automatisch wisselen, conform het instrument dat ingesteld is voor trigger ingang 3 (HI-HAT). De
gesloten hi-hat (voet) kan niet apart worden veranderd.
3. Druk op [ENTER
].
4. Druk op [
] of [
] om de in te stellen parameters te selecteren.
fig.01-015ai.e
1. Bevestig dat [CLICK] niet opgelicht is.
Als deze is opgelicht, druk dan op [CLICK] om het uit te
zetten.
2. Druk op [KIT], vervolgens op [EDIT].
[KIT] en [EDIT] lichten op.
In te stellen parameter
5. Sla op het in te stellen pad.
Het instellingenscherm voor de aangeslagen pad verschijnt.
6. Druk op [+] of [-] om de instelling te maken.
fig.KIT-INST_50
fig.01-016ai.e
3. Druk op [ENTER
].
Waarde
4. Sla op de in te stellen pad.
Het instellingenscherm voor de aangeslagen pad verschijnt.
fig.01-012ai.e
Instrumentengroep
Instrumentnummer
Trigger ingangnummer
Instrumentnaam
5. Druk op [+] of [-] om het instrument te selecteren.
U kunt de instrumentengroep selecteren door [SHIFT]
ingedrukt te houden en op [+] of [-] te drukken (p.57).
Inst: 1–1024
58
7. Als u met het maken van instellingen klaar bent,
drukt u op [KIT] om de procedure te beëindigen.
Hoofdstuk 1 Het creëren van je eigen drumkit (Kit Edit)
Veranderen van het volume van een
pad (Level)
Aanpassen van de toonhoogte
(Pitch)
Verandert het volume van het instrument. Verhogen van de
Past de toonhoogte van het instrument aan. De toonhoogte
waarde zal het volume verhogen. Met de instelling “0” zal er
geen geluid worden geproduceerd.
verhoogt als de waarde wordt verhoogd. Als het op “0” staat
de toonhoogte op de standaardwaarde.
Maak de veranderingen hier om de balans in volume tussen
de instrumenten aan te passen.
Voor sommige instrumenten kan het verhogen of verlagen
van de waarde geen verdere verandering ten gevolge hebben.
Het hi-hat pedaal volume is ingesteld in “Pedal HH (Pedal HiHat Volume)” (KIT/COMMON/Pedal HHVol; p.66).
fig.01-019_50
fig.01-017_50
Pitch: -480–+480
Instellen van pan positie (Pan)
Dit verandert de pan instellingen van het instrument (de
waargenomen positie van het geluid tussen de linker en rech-
Aanpassen van decay (lengte van
het geluid) (Decay)
Verandert de decay van het geluid van het instrument. Als het
op “0” staat het op de standaardwaarde.
1
Level: 0–127
ter speaker).
• Pan instellingen zijn van toepassing op zowel vel als
rand. De rand instellingen waarde verschijnt tussen aan-
Voor sommige instrumenten kan het verhogen of verlagen
van de waarde geen verdere verandering ten gevolge hebben.
fig.01-020.e
Volume
halingstekens. Als de instellingen van het vel of de rand
worden veranderd, zijn de instellingen voor de ander ook
automatisch veranderd.
fig.01-017a_50
-31
• Deze instellingen is ook van toepassing bij verbinding in
stereo.
0 +31
Decay
Tijd
fig.01-021_50
fig.01-018_50
Decay: -31–+31
Pan:
L15-center-R15, random, alternate
L15:
Geluid is uiterst links gepositioneerd.
Center:
Geluid is in het midden gepositioneerd.
R15:
Geluid is uiterst recht gepositioneerd.
Random:
De panning verandert willekeurig, telkens als
een pad wordt aangeslagen.
Alternate:
De panning wisselt steeds van links naar
rechts elke keer als de pad wordt aangeslagen.
59
Hoofdstuk 1 Het creëren van je eigen drumkit (Kit Edit)
Ambiance instellingen
(AMBIENCE)
Ambience Sw (Ambience Switch):
off, on
Ambiance “send” niveau voor elk instrument (ambience send
Hier kunt u (per drumkit) de locatie kiezen, de kamer grootte,
het muurmateriaal, etc.
U kunt het ambiance niveau per instrument individueel aanpassen. Het ambiance effect wordt dieper naarmate de waarde
1. Druk op [KIT], vervolgens op [EDIT].
wordt verhoogd. Als het op “0” ingesteld staat, is er geen
[KIT] en [EDIT] lichten op.
2. Druk op [
level)
] om “AMBIENCE” te selecteren.
fig.KIT-AMB_50
ambiance toegepast.
Sla een pad aan om het te selecteren, maak vervolgens de
instelling.
3. Druk op [ENTER
].
De overall ambiancediepte over de gehele drumkit wordt
ingesteld in “Amb Level (Ambience Level)” (KIT/
4. Druk op [
] of[
ter te selecteren.
] om de in te stellen parame-
AMBIENCE/Amb Level; p.61).
fig.01-022ai.e
fig.01-025_50
In te stellen parameter
5. Druk op [+] of [-] om de instelling te maken.
AmbSendLevel (Ambience Send Level):0–127
fig.01-023ai.e
Kies een locatie waar de drums
gespeeld wordt (Studio Type)
Waarde
6. Als u klaar bent met het instellen, drukt u op
[KIT] om te procedure te beginnen.
Ambiance aan/uitzetten (Ambience
switch)
De TD-6V bevat negen verschillende interne Studio Types, die
u kunt selecteren voor de drum locatie. Selecteer een basis
omgeving waarin u gaat spelen, voordat u gedetailleerde
instellingen gaat maken.
fig.01-026_50
Dit zet de ambiance aan en uit.
fig.01-024_50
Ambience Sw (Ambience Switch): OFF, ON
60
LIVING (woonkamer),
BATHROOM (badkamer),
STUDIO (opnamestudio),
GARAGE, LOCKER (kleedkamer),
THEATER, CAVE, GYM (gymzaal),
STADIUM (stadion)
Hoofdstuk 1 Het creëren van je eigen drumkit (Kit Edit)
Verander van muur materiaal
(Wall Type)
Selecteer het oppervlakte materiaal van de muren in de kamer,
Overall ambiance van het gehele
drumstel aanpassen (Ambience
Level)
waarin de drums worden bespeeld.
Past het overall ambiance niveau voor het gehele drumstel
aan. Het ambiance effect wordt dieper naarmate de waarde
wordt verhoogd. Als het op “0” is ingesteld, wordt geen ambi-
fig.01-027_50
ance toegepast.
WallType (Wall Type): WOOD, PLASTER, GLASS
Wood:
Het ambiance niveau voor elk individueel instrument wordt
ingesteld in “Amb Snd Lvl (Ambience Send Level)” (KIT/
AMBIENCE/AmbSendLevel; p.60).
Simuleert het geluid van een kamer met houten muren, die
een warm geluid produceren.
fig.01-029_50
Plaster:
Simuleert het geluid van een kamer met gipsmuren, die een
meer “natuurlijk live” geluid produceren.
Glass:
Simuleert het geluid van een kamer met glazen muren, die een
zeer heldere ambiance produceren.
Amb Level (Ambience Level): 0–127
1
Stel de kamergrootte vast (Room Size)
Selecteer de grootte van de kamer, waarin de drums worden
bespeeld.
fig.01-028_50
Room Size: SMALL, MEDIUM, LARGE
Ambience
Send Level
Ambience
x 19
Drum Kit
Head x 11
Master
Level Volume
Pan
Studio
Wall Type
Room Size
Amb Level
Equalizer
Rim x 8
x 19
x 19
Ambience
Send Level
Part
High Gain
Low Gain
x4
Level
Pan
Part1–4
x4
x4
Ambience
Send Level
Level
Percussion
61
Hoofdstuk 1 Het creëren van je eigen drumkit (Kit Edit)
Equalizer instellingen
(EQUALIZER)
Aanpassen van het geluid (high
gain, low gain)
Stel de hoeveelheid versterking of verzwakking in (GAIN) in
Om het geluid van elke drumkit aan te passen, wordt een 2bands equalizer gebruikt (voor hoge en lage frequenties).
het hoge (HIGH) en lage (LOW) frequentiegebied. Verhoog
om het geluid te versterken en verlaag het om te verzwakken.
Een equalizer versterkt of verzwakt gespecificeerde frequentiepunten om een toon aan te passen. U kunt aparte instellin-
De equalizer heeft geen effect als “GAIN” helemaal op “0”
staat.
gen maken voor de hoeveelheid versterking of verzwakking
(gain) in de hoge en lage frequentiegebieden.
fig.01-033_50 (KIT EDIT-HighGain)
1. Bevestig dat [CLICK] niet is opgelicht.
Als het wel oplicht, druk dan op [CLICK] om het uit te
zetten.
High Gain: -12dB–+12dB
2. Druk op [KIT], vervolgens op [EDIT].
[KIT] en [EDIT] lichten op.
fig.01-034_50 (KIT EDIT-LowGain)
3. Druk op [
] om “EQUALIZER” te selecteren.
fig.KIT-EQ_50
Low Gain: -12dB–+12dB
4. Druk op [ENTER
].
5. Druk op [
] of[
ter te selecteren.
] om de in te stellen parame-
Instellingen voor verschillende
functies (CONTROL)
fig.01-030ai.e
Dit zijn instellingen voor verschillende functies, zoals het starten van een song door het aanslaan van een pad (Pad pattern
In te stellen parameter
6. Druk op [+] of [-] om de instelling te maken.
functie: p.63) en een functie, waarbij u het hi-hat bedieningspedaal gebruikt om toonhoogte van instrumenten te besturen
(Pitch Control; p.64), samen met MIDI Note Number en MIDI
Gate Time instellingen.
fig.01-031ai.e
1. Bevestig, dat [CLICK] niet opgelicht is.
Als het wel oplicht, druk dan op [CLICK] om het uit te
zetten.
Waarde
7. Als u klaar bent met instellen, drukt u op [KIT]
om de procedure te beëindigen.
2. Druk op [KIT], vervolgens op [EDIT].
[KIT] en [EDIT] lichten op.
3. Druk op [
] om “CONTROL” te selecteren.
fig.KIT-CTRL_50 (KIT EDIT-CTRL)
Equalizer aan/uitzetten (Master
equalizer switch)
Schakelt de equalizer aan en uit.
fig.01-032_50
4. Druk op [ENTER
].
5. Druk op [
] of [
] om de in te stellen parameter te selecteren.
fig.01-035ai.e
Master EQ Sw (Master Equalizer Switch):
OFF, ON
62
In te stellen parameter
Hoofdstuk 1 Het creëren van je eigen drumkit (Kit Edit)
6. Sla op de in te stellen pad.
Het instellingsscherm voor de aangeslagen pad verschijnt.
7. Druk op [+] of [-] om de instelling te maken.
fig.01-036ai.e
Waarde
8. Als u klaar bent met het instellen, drukt u op
[KIT] om de procedure te beëindigen.
Afspelen van een song door het aanslaan van een pad (Pad Pattern)
De Pad Pattern functie is een functie, die u een compleet
nummer of vooraf vastgestelde song laat afspelen door het
aanslaan van de pads. Deze functie is zeer handig om songs
tijdens live optredens of tijdens het oefenen te gebruiken.
Song instellingen “LOOP” of “ONE SHOT”
• U kunt de song categorie selecteren door [SHIFT] ingedrukt te houden, en op [+] of [-] te drukken.
• U kunt een preview van een song beluisteren door
[SHIFT] ingedrukt te houden, en vervolgens op [KIT] te
drukken.
• Om het geluid van instrument verbonden aan een pad
onhoorbaar te maken, kunt u het instrument “Level” op
“0” zetten (KIT/INST/Level;p.59)
• U kunt een krachtigere respons krijgen, als u de pads
aanslaat, met de snelheid veranderd in de afgespeelde
song (KIT/CONTROL/Pad Ptn Velo;p.63).
• De TD-6V bevat hulpfuncties voor een song, ingesteld
met One Shot en Tap afspeelfunctie. Voor meer details
kunt u kijken op:
“Quick Play” (SONG/COMMON/Quick Play; p.86),
“Reset Time” (SONG/COMMON/Reset Time; p.86) en
“Tap Exc Sw (Tap Exclusive Switch)” (SONG/COMMON/Tap Exc Sw;p.86).
fig.01-037ai.e
Afspeeltype
ONE SHOT: Afspelen stopt als het einde van de song bereikt
is. Elke keer als de pad wordt aangeslagen, springt de song
naar het begin en wordt het opnieuw afgespeeld.
Bij het triggeren/spelen van een song, die is ingesteld in de
“LOOP” of “ONE SHOT” modus, en u bespeelt een pad , die
ook verbonden is aan een song met “LOOP” of “ONE SHOT”
functie, dan heeft de laatste song voorrang. Vergeet niet, dat
sommige songs erg kort zijn, soms een paar noten of een
akkoord. Dus plotselinge stops kunnen ontstaan door het per
ongeluk triggeren van een korte song. Controleer altijd de Pad
Pattern instellingen.
Songnummer
1
LOOP: Nadat de song helemaal is afgespeeld, herhaalt het
zich vanaf het begin.
Songnaam
Pad Ptn (Pad Pattern): OFF, 1–270
Bedien het “Level” het Pattern
door dynamisch te spelen (Pad
Pattern Velocity)
Bij het uitvoeren met de Pad Pattern functie, kunt u de snel-
Als u naar een song met ander instrument instellingen heeft
gewisseld, kan er een klein moment stilte optreden.
heid van afspelen van de song veranderen door de kracht
waarmee u de pads bespeelt. Als dit op “off” staat, wordt de
Song instelling “Tap”
song afgespeeld op de ingestelde snelheid, ongeacht de kracht
waarmee u slaat.
• Deze instelling werkt niet in de GM modus (p.99).
• Als “Pad Ptn (Pad Pattern)” op “OFF” staat, verschijnt er
De geluiden worden in volgorde afgespeeld, elke keer dat de
pad wordt aangeslagen.
Als u een song met “LOOP” of “ ONE SHOT” afspeelt en vervolgens een song met de TAP afspeelfunctie kiest, dan kunt u
ze beide tegelijk gebruiken/beluisteren.
een horizontale lijn (
) en kunt u deze instelling niet
uitvoeren. Kijk naar het voorgaande gedeelte, maak dan
na het selecteren van de song de instelling.
fig.01-037a_50
• Om te zien, welke songs er geselecteerd kunnen worden,
kunt u kijken bij “Preset song lijst” (p.128).
• Voor het afspeeltype van de song kunt u kijken op p.85.
fig.01-038_50
• Deze instelling kan niet gemaakt worden in de GM
modus (p.99).
• Nummers met gebruik van de Pad Pattern functie kunnen niet worden opgenomen op sequencers.
Pad Ptn Velo (Pad Pattern Velocity): OFF, ON
63
Hoofdstuk 1 Het creëren van je eigen drumkit (Kit Edit)
Pitch control met het hi-hat
bedieningspedaal aan/uit voor
elke pad (Pitch Control Assign)
MIDI nootnummer voor elke pad
(Note Number)
Pitch Control is een functie, die u de toonhoogte van een
elke pad ontvangen/verstuurd kunnen worden .
instrument, verbonden aan een pad, laat regelen, door het
indrukken van het bedieningspedaal. Bij het loslaten van het
Maak de instelling voor de hi-hat alleen voor nootnummer
voor de open hi-hat (standaard instelling is 46 (A#2)). Met
pedaal keert het instrument terug naar de originele toon-
deze instelling veranderen de gesloten hi-hat (standaard
hoogte.
instelling waarde van 42 (F#2)) en de pedaal hi-hat (standaardwaarde van 44 (G#2)) samen met de open instelling.
Maak de Pitch Control aan/uit instelling voor elke pad. Als
het op “OFF” staat, blijft de toonhoogte van het instrument
In elke drumkit kunt u MIDI nootnummers instellen, die door
onveranderd.
Het bereik, waarin de toonhoogte verandert, is ingesteld in
“PchCtrlRange (Pitch Control Range)” (KIT/COMMON/
Deze instelling kan niet uitgevoerd worden in de GM modus
(p.99).
PchCtrlRange;p.66).
Als het open hi-hat nummer op “60 (C4)” staat, wordt het
nummer voor de gesloten hi-hat “56 (G#3)” en het nummer
• Om te voorkomen, dat het hi-hat pedaal geluid klinkt als
het pedaal wordt ingedrukt, stel dan “Pedal HH Vol
(Pedal Hi-hat Volume)” in op “0” (KIT/COMMON/
Pedal HH Vol;p.66).
• Om toonhoogte veranderingen soepeler te laten lopen,
stel dan “PdlDataThin (Pedal Data Thin)” in op “0” of
“OFF” (SETUP/MIDI COMMON/PdlDataThin;p.99).
voor de pedaal hi-hat wordt “58 (A#3)”.
Voor informatie over de fabrieksinstellingen van de nootnummers kunt u kijken bij “Drumkit nootnummers”p.125) in de
“Preset percussie instellingen lijst”.
fig.01-041_50
fig.01-039_50
Note No. (Note Number): 0 (C -) –127 (G 9)
Pitch Ctrl (Pitch Control Assign): OFF, ON
Afspelen van een extern MIDI apparaat door het bespelen van de pads
verbonden aan de TD-6V
Specificeer de nootnummers (toetsnummer op een keyboard)
die verzonden worden door de TD-6V als de pads worden
aangeslagen.
Stel dit in, naar het nootnummer dat u op de externe geluidsmodule of sampler wenst te spelen.
Gebruik van een extern MIDI apparaat om TD-6V drumkit geluiden af te
spelen (TD-6V als geluidsmodule
gebruikt)
Specificeer het nootnummer corresponderend aan de pad. Als
de TD-6V dit nootnummer ontvangt, wordt het instrument
verbonden aan de pad afgespeeld.
64
Hoofdstuk 1 Het creëren van je eigen drumkit (Kit Edit)
De drumkit partij en de percussie partij kunnen op de TD-6V
MIDI gate tijd voor elke pad
(Gate Time)
tegelijk op kanaal 10 ingesteld worden.
Voor elke pad kunt u vaststellen, hoelang de noot bij het ver-
Als twee partijen op kanaal 10 staan, zou u tevens
“CH10Priority (Channel 10 priority)” in moeten stellen om
zenden vanaf de MIDI OUT gaat klinken.
vast te stellen welk instrument (drums of percussie) afge-
Percussie geluidsmodules produceren gewoonlijk alleen
geluid in antwoord op “Note on” boodschappen, en negeren
speeld moet worden als het nootnummer ontvangen wordt
(SETUP/MIDI COMMON/CH10Priority; p.98).
“Note off” boodschappen. Daarentegen ontvangen algemene
Instellen van meerdere pads op hetzelfde nootnummer
is de Gate Time op het minimum ingesteld, omdat een drum
Wanneer u een extern MIDI apparaat gebruikt om TD-6V
drumkits te bespelen, hoort u , als er overlappende nootnummer worden ontvangen, het instrument verbonden aan het
laagste nummer.
Als nootnummers voor het vel en de rand verdubbeld zijn,
dan wordt het vel gespeeld.
geluidsmodules en samplers deze boodschap wel, en reageren
daarop door het geluid uit te zetten. Bij de fabrieksinstellingen
geluidsmodule hier waarschijnlijk geen gebruik van zal
maken. Als een geluidsmodule deze data ontvangt net als bij
het ontvangen van een Note OFF boodschap, dan zal het interval te kort zijn, en zullen de meeste geluiden niet worden
gespeeld (of zal het als nauwelijks hoorbare herrie klinken).
Om dit probleem te vermijden, kunt u de gate tijd voor elke
pad, die bespeeld wordt langer instellen.
Als een pad wordt aangeslagen, wordt het nootnummer dat
ingesteld is voor de pad verzonden.
1
Deze instelling kan in de GM modus niet gemaakt worden
(p.99).
Als hetzelfde nootnummer verbonden is aan meer dan één
pad verschijnt “ ” in het instellingsscherm van de pad die
niet klinkt, zelfs als het nootnummer ontvangen is.
fig.01-045_50
fig.01-040ai
Gate Time: 0.1–8.0 sec (0.1 sec. steps)
Het volgende verschijnt in het scherm als “38 (D2)” is gespecificeerd voor het vel (H02) en de rand (R02) van trigger ingang
2 (SNARE) en het vel (H04) van trigger ingang 4 (TOM1).
fig.01-042ai.e
Trigger Input 2 (SNARE) Head
Trigger Input 2 (SNARE) Rim
Trigger Input 4 (TOM1) Head
In dit geval, als het nootnummer 38 (D2) wordt ontvangen,
wordt het instrument verbonden aan het VEL van TRIGGER
INGANG 2 (SNARE) gespeeld.
65
Hoofdstuk 1 Het creëren van je eigen drumkit (Kit Edit)
Algemene drumkit instellingen
(COMMON)
Maak de instelling voor elke drumkit.
1. Bevestig dat [CLICK] niet opgelicht is.
MasterVolume (Master Volume): 0–127
Aanpassen van het volume van het
hi-hat pedaal geluid (Pedal Hi-hat
Volume)
Als dit wel zo is, druk dan op [CLICK] om het uit te zet-
Voor elke drumkit kunt u het volume van het hi-hat pedaal
ten.
aanpassen (als het hi-hat bedieningspedaal wordt ingedrukt).
Hoe hoger de waarde, hoe hoger het volume. Met een instel-
2. Druk op [KIT], vervolgens op [EDIT].
ling van “0” wordt er geen geluid geproduceerd.
[KIT] en [EDIT] lichten op.
3. Druk op [
] om “COMMON” te selecteren.
Stel het volumeniveau van de andere pads in bij “Level”
(KIT/INST/Level; p. 59).
fig.KIT-CMN_50
4. Druk op [ENTER
fig.01-049_50 (KIT-COMMON-Pedal-Hat)
].
5. Druk op [
] of [
] om de te bewerken parameter te selecteren.
fig.01-046ai.e
Pedal HH Vol (Pedal Hi-Hat Volume): 0–15
Instellen van het toonhoogte
bereik met het hi-hat bedieningspedaal (Pedal pitch control range)
In te stellen parameter
6. Druk op [+] of [-] om in te stellen.
Pitch Control is een functie, die u de toonhoogte van een
instrument, dat verbonden is aan een pad, laat veranderen
door de mate van het indrukken van het hi-hat bedieningspedaal.
fig.01-047ai.e
Waarde
7. Als u klaar bent met het instellen, drukt u op
[KIT] om de procedure te beëindigen.
Algemeen drumkit volume (Master
Volume)
U kunt het totale volume van de drumkit aanpassen, terwijl de
volumebalans tussen de pads behouden blijft. Hoe hoger de
waarde, hoe hoger het volume. Met een instelling van “0”
wordt er geen geluid geproduceerd.
De volumebalans tussen de pads kan worden aangepast in
“Level” (KIT/INST/Level; p,59).
Loslaten van het pedaal zorgt ervoor, dat het instrument
terugkeert naar de originele toonhoogte. De mate, waarin de
toonhoogte veranderd als het pedaal wordt ingedrukt, is ingesteld op halve-toon veranderingen van -24 (twee octaven
omlaag) tot + 24 (twee octaven omhoog). Wanneer het op “0”
staat, is er geen verandering in toonhoogte.
Pitch Control wordt aan en uit gezet in de “Pitch Ctrl (Pitch
Control)” instelling (KIT/CONTROL/Pitch Ctrl; p. 64).
• Om te verkomen, dat het hi-hat pedaal klinkt bij het
indrukken van het pedaal, stel dan “Pedal HH Vol (Pedal
Hi-Hat Volume)” in op “0” (KIT/COMMON/Pedal HH
Vol;p.66).
• Om de veranderingen in toonhoogte soepel te laten verlopen, stel dan “PdlDataThin (Pedal Data Thin)” in op “1”
of “OFF” (SETUP/MIDI COMMON/PdlDataThin; p.99).
fig.01-048_50
fig.01-050_50
66
Hoofdstuk 1 Het creëren van je eigen drumkit (Kit Edit)
PchCtrlRange (Pedal Pitch Control Range):
-24–+24
[KIT] en [EDIT] lichten op.
3. Druk op [
] om “COPY” te selecteren.
fig.KIT-COPY_50
Benoemen van de drumkit (Kit Name)
Aan elke kit kan een naam gegeven worden tot 8 tekens.
Druk op [
] of [
] om de cursor (onder de regel) te ver-
plaatsen naar het teken, dat u wenst te veranderen. Druk vervolgens op [+] of [-] om het teken te selecteren.
4. Druk op [ENTER
].
5. Druk op [+] of [-] om de kopiebron drumkit te
selecteren.
fig.01-052ai.e
• Door het ingedrukt houden van [SHIFT] en [+] in te drukken, wisselt u door de volgende volgorde: hoofdletters
alfabet ➝ kleine letters alfabet ➝ 0 ➝ ! ➝ spatie. Door het
ingedrukt houden van [SHIFT] en [-] in te drukken, kiest
u voor de omgekeerde volgorde.
• Door het ingedrukt houden van [SHIFT] en op [
] te
drukken, verwijdert u het teken op de cursor positie en
dicht u de ontstane ruimte door de volgende tekens op te
laten schuiven.
• Door het ingedrukt houden van [SHIFT] en op [
] te
Drumkit nummer
6. Druk op [
Drumkit naam
].
Het kopiedoel drumkitscherm verschijnt.
7. Druk op [+] of [-] om de kopiedoel drumkit te
selecteren.
fig.01-053ai.e
1
drukken, voegt u een spatie toe aan het teken op de cursor positie.
Drumkit nummer
fig.01-051_50
8. Druk op [ENTER
Drumkit naam
].
Druk op [EXIT] om de procedure te annuleren.
fig.01-054_50
KitName (Drum Kit Name): 8 tekens
De volgende tekens kunnen worden gebruikt.
fig.lettersai.e
9. Druk op [ENTER
voeren.
] om de procedure uit te
Als u klaar bent met het kopiëren van de drumkit, verschijnt het Completed scherm.
space
Kopiëren van een drumkit
(COPY)
U kunt het volgende kopiëren: instrument, ambiance, equalizer en alle andere instellingen in een drumkit.
Bij het uitvoeren van deze procedure verliest u de gegevens
van de plek, waar u naartoe kopieert. Dus controleer alle
instellingen zorgvuldig, voordat u dit uitvoert.
1. Bevestig dat [CLICK] niet is opgelicht.
Als het wel is opgelicht, druk dan op [CLICK] om het uit
te zetten.
fig.01-055_50
10. Als u klaar bent met kopiëren, druk dan op [KIT]
om de procedure te beëindigen.
Src (Copy Source):
P01–P99 (Factory Setting Drum Kits),
U01–U99 (Drum Kits)
Selecteer een drumkit gemarkeerd met “ ” als kopiebron
(P01-P99) om de originele fabrieksinstellingen te herstellen.
2. Druk op [KIT], vervolgens op [EDIT].
67
Hoofdstuk 1 Het creëren van je eigen drumkit (Kit Edit)
7. Druk op [+] of [-] om de (tweede) te verwisselen
drumkit te selecteren.
Dst (Copy Destination):
U01–U99 (Drum Kits)
fig.01-057ai.e
Herstellen van fabrieksinstellingen
voor een bewerkte drumkit
U kunt bewerkte drumkits herstellen naar de originele
Drumkit nummer
fabrieksinstellingen.
8. Druk op [ENTER
Drumkit kopieer functie
Drumkit naam
].
Druk op [EXIT] om te annuleren.
fig.01-058_50
Volg de procedure beschreven op p.67 om een drumkit
gemarkeerd met “
” (P01-P99) als kopiebron te selecteren.
9. Druk op [ENTER
voeren.
Factory reset functie
1. Selecteer de drumkit, die wilt herstellen naar de
fabrieksinstellingen.
2. Volg de procedure voor Factory Reset (p.78) om
“THIS DRUM KIT” te selecteren.
Veranderen van volgorde van
drumkits (EXCHANGE)
U kunt veranderen (verwisselen) van volgorde tussen twee
willekeurige drumkits.
1. Bevestig dat [CLICK] niet is opgelicht.
Als dit wel zo is, druk dan op [CLICK] om het uit te zetten.
2. Druk op [KIT], daarna op [EDIT].
[KIT] en [EDIT] lichten op.
3. Druk op [
] om “EXCHANGE” te selecteren.
fig.KIT-XCHG_50
4. Druk op [ENTER
].
5. Druk op [+] of [-] om de (eerste) te verwisselen
drumkit te selecteren
fig.01-056ai.e
Drumkit nummer
6. Druk op [
68
].
Drumkit naam
] om de procedure uit te
Als u klaar bent met het verwisselen van de drumkits,
verschijnt het Completed scherm.
fig.01-059_50
10. Als u klaar bent met verwisselen, druk dan op
[KIT] om de procedure te beëindigen.
Src (Exchange Source):
U01–U99 (Drum Kits)
Dst (Exchange Destination):
U01–U99 (Drum Kits)
Hoofdstuk 2 Het maken van pad en trigger instellingen
(SETUP/TRIG)
Parameters, die ingesteld kunnen
worden
fig.02-001.e
SETUP
Selecteren van pad type
(Trigger type)
Specificeer het trigger type (het type van de pads die gebruikt
TRIGGER BASIC (Pad gevoeligheid instellingen) (p. 72)
Trigger Type
Sensitivity
worden) om er zeker van te zijn, dat de TD-6V nauwkeurig de
signalen ontvangt, die vanaf een pad verstuurd worden.
Stel elke trigger ingang in, zoals hier beneden wordt beschreven.
Threshold
Trigger Curve
Retrigger Cancel
Door het instellen van het trigger type kan de TD-6V nauwkeurig detecteren hoe hard de pads worden aangeslagen en
wordt het tweevoudig klinken van een pad (retriggering) vermeden. U kunt deze instelling ook gebruiken voor de PD-80R
Mask Time
en PD-120 rim-shots.
Crosstalk Cancel
TRIGGER ADVANCED (Gedetailleerde pad instellingen) (p. 74)
Scan Time
Rim Sensitivity
Bij het instellen van Trigger Type zijn de volgende parameters
automatisch ingesteld op de meest efficiënte waarde. Ze moe-
Over het scherm
Notatie gebruikt in het scherm
Trigger ingangnummers en namen zijn weergegeven in het
pad en trigger instellingenscherm.
ten als nodig worden aangepast om ze gelijk te stellen naar de
actuele staat van uw configuratie en de omgeving, waarin het
gebruikt wordt.
Basic Trigger Parameter
(SETUP/TRIG BASIC; p. 71)
2
fig.SETUP-BASIC
• Sensitivity
• Threshold
• TrigCurve
Screen
Name
Screen
Name
KIK
SNR
HH
KICK
SNARE
HI-HAT
T3
T4
CR1
TOM3
TOM4
CRASH1
T1
T2
TOM1
TOM2
CR2
RD
CRASH2
RIDE
AUX
AUX
Over de ingang indicator
Advanced Trigger Parameter
(SETUP/TRIG ADVNCD; p. 73)
• Scan TIme
• Retrig Cancel
• Mask Time
• Rim Sens
De ingang indicator is in het pad en trigger instellingenscherm
als volgt weergegeven. Een vlag verschijnt als de indicator zijn
Trigger parameters anders dan Trigger Type beïnvloeden
zowel het vel als de rand.
maximale positie (
1. Houd [SHIFT] ingedrukt, en druk op
[EDIT(SETUP)].
) bereikt.
fig.P-020aai.e
Indicator
[EDIT] brandt.
2. Druk op [
] om “TRIG BASIC” te selecteren.
fig.SETUP-BASIC_50
Maximum indicatie
Indicator (Maximum)
69
Hoofdstuk 2 Het maken van pad en trigger instellingen (SETUP/TRIG)
3. Druk op [ENTER
6. Druk op [+] of [-] om de instelling te maken.
].
fig.02-002ai.e
Als de rand is geselecteerd, dan wordt “Rim” de in te
4. Sla op de pad, die u wenst in te stellen.
Het instellingenscherm voor de aangeslagen pad verschijnt.
gen. Het gebruik van AUX en TOM4 heeft de rand instellingen van TOM2 en TOM3 nodig.
U kunt ook een selectie maken door [SHIFT] in te houden
en [
stellen waarde, en kunnen er geen instellingen worden
gemaakt. Selecteer het vel en maak daarvoor de instellin-
] of [
] in te drukken.
Deze instelling is van toepassing op zowel het vel als de
rand.
5. Vind het trigger type voor de pad die u gebruikt
in het volgende schema.
Pad
PD-8
PD-6
PD-7
PD-9
RP-2
PD-80
PD-80R
PD-100
PD-120
PD-105
PD-125
KD-8
fig.02-003ai.e
Trigger Type
Pad
PD-8
KD-7
PD Type
KD-80
KD-120
CY-8
PD-80R
CY-6
CY-12H
CY-12R/C
CY-14C
PD-120
CY-15R
PD-125
RT-7K
RT-5S
KD-8
RT-3T
Rim Edge
Trigger Type
KD Type
CY-8
CY Type
RT-7K
RT-5S
RT-3T
Rim
Waarde
7. Als u klaar bent met instellen, druk dan op [KIT]
of [SONG] om de procedure te beëindigen.
TrigTyp (Trigger Type):
PD-8, PD Type, PD-80R, PD-120, PD-125, KD-8,
KD Type, CY-8, CY Type, RT-7K, RT-5S, RT-3T,
RIM
Aansluiten van twee pads aan trigger ingang 5/6 (TOM2/AUX) en 7/8
(TOM3/4)
1. Met één pad aangesloten aan elke trigger
ingang, voert u de stappen 1 – 3 uit, zoals hierboven beschreven.
2. Selecteer een pad door de rand van de pad aan
te slaan.
Als u trigger ingang 5/6 (TOM2/AUX) gebruikt, selecteert u TOM2 rand, om 7/8 (TOM3/4) te gebruiken selec-
• Gebruik de “RT-7K”, “RT-5S” of “RT-3T” instelling als u
akoestische drums gebruik om de TD-6V hoorbaar te
maken. Voor details kunt u kijken bij “Gebruiken van de
TD-6V met akoestische triggers” (p.75).
Het is mogelijk, dat er geen verbetering van de condities
optreedt als er geen Roland pads gebruikt worden, zelfs
na het veranderen van de trigger parameter instellingen.
Voor de meest volledige expressie in het bespelen, raden
wij u het exclusieve gebruik van Roland pads aan.
70
teert u de TOM3 rand.
U kunt ook selecties maken door [SHIFT] ingedrukt te
houden en [
] of [
] in te drukken.
3. Druk op [-] om het trigger ingangsnummer en
naam te veranderen naar “AUX:H06” of
“TOM4:H08” en AUX en TOM4 in te schakelen.
Hoofdstuk 2 Het maken van pad en trigger instellingen (SETUP/TRIG)
4. Verwijder de verbonden kabel. Sluit vervolgens
twee pads aan op TRIGGER INPUT 5/6 en 7/8
met gebruik van de optionele kabel (PCS-31).
fig.02-004ai.e
Bij het aansluiten van de pads kunt u voor instructies kijken bij “Aansluiten van twee pads op trigger ingang 5/7
(TOM2/AUX) en 7/8 (TOM3/4)” (p.21).
5. Druk op [+] en [-] om het trigger type in te stellen voor de pads gebruikt voor AUX en TOM2.
In te stellen parameter
5. Sla op de in te stellen pad.
Het instellingenscherm voor de aangeslagen pad verschijnt, en de ingangsindicator golft heen en weer.
6. Druk op [+] of [-] op in te stellen.
fig.02-005ai.e
Om de randen van TOM2 en TOM3 weer te activeren, stel
dan het AUX en TOM4 trigger type in op “Rim”.
rim-shots en zal de dynamische respons niet correct. Verander de instellingen terug naar “Rim”.
U kunt verschillende instrumenten toewijzen aan TOM2
en AUX, en TOM3 en TOM4.
Instelling van pad gevoeligheid en andere instellingen
(TRIGGER BASIC)
U kunt meer gedetailleerde instellingen maken voor het pad
type en de gevoeligheid.
De volgende parameters (Basic Trigger Parameters behalve de
“Xtalk Cancel”) zijn automatisch ingesteld naar de meest efficiënte waarden voor elke pad als u “TrigTyp (Trigger Type)”
selecteert (SETUP/BASIC/TrigTyp; p.69).
Maak de instellingen, zonodig voor elke parameter.
1. Houd [SHIFT] ingedrukt, en druk op
[EDIT(SETUP)].
waarde
7. Als u klaar bent met instellen, druk dan op [KIT]
of [SONG] om de procedure te beëindigen.
Aanpassen van de pad gevoeligheid
(Sensitivity)
Pas de gevoeligheid van de pad aan op de pad respons te
reguleren. Hogere instelllingen resulteren in hogere gevoeligheid, hierdoor zal de pad een luid volume produceren, zelfs
als ze zacht worden aangeslagen.
Pas de “Sensitivity” waarde aan, zodat de hardste aanslagen
ervoor zorgen dat de ingangsindicator (p.69) bijna het maximale niveau bereikt.
fig.02-006_50
Sensitivity: 1–16
[EDIT] brandt.
2. Druk op [
] om “TRIG BASIC” te selecteren.
fig.SETUP-BASIC_50
3. Druk op [ENTER
].
4. Druk op [
] of [
] om de in te stellen parameter te selecteren.
71
2
Als u een rim-shot slaat VOORDAT u dit heeft ingesteld
en terwijl een PD-8 of andere pad aangesloten, zullen de
AUX en TOM4 klinken in plaats van TOM2 en TOM3
Hoofdstuk 2 Het maken van pad en trigger instellingen (SETUP/TRIG)
Instellen van de minimale niveaus
voor de pads (Threshold)
Volume veranderingen door
dynamisch spel (Trigger Curve)
Deze instelling zorgt ervoor dat het trigger signaal alleen
Deze instelling laat u de relatie tussen de snelheid (kracht van
wordt ontvangen, als de pad harder wordt aangeslagen dan
een gespecificeerde kracht. Dit kan gebruikt worden om te
aanslaan) en veranderingen in volume (dynamische curve)
regelen. Pas deze curve aan, totdat de respons zo natuurlijk
voorkomen dat een pad hoorbaar wordt door vibraties van
mogelijk aanvoelt.
andere pads. In het volgende voorbeeld zal B klinken en A en
C niet.
fig.02-009_50
fig.02-007.e
Drempel
A
B
C
TrigCurve (Trigger Curve):
LINEAR, EXP1, EXP2, LOG1, LOG2, SPLINE,
LOUD1, LOUD2
Linear:
Indien ingesteld op een hogere waarde, zal er geen geluid
hoorbaar zijn als de pad lichtjes wordt aangeslagen. Verhoog
de “Threshold” waarde geleidelijk tijdens het aanslaan van de
pad. Controleer dit en pas dit geleidelijk aan. Herhaal deze
handelingen, totdat u de perfecte instelling krijgt voor uw
Dit is de standaard instelling. Het produceert de meest
natuurlijke gevoel tussen de kracht van het aanslaan en de
verandering in volume.
fig.02-010.e
Volume
speelstijl.
fig.02-008_50
Kracht van aanslaan
LINEAR
Exp1, exp2.
Threshold: 0–15
Vergeleken met LINEAR zal een krachtige aanslag een grotere
verandering produceren.
fig.02-011.e
Volume
Volume
Kracht van aanslaan
EXP1
EXP2
LOG1,LOG2:
Vergeleken met LINEAR zal een zachte aanslag een grotere
verandering produceren.fig.
02-012.e
Volume
Volume
Kracht van aanslaan
LOG1
72
LOG2
Hoofdstuk 2 Het maken van pad en trigger instellingen (SETUP/TRIG)
SPLINE:
Extreme veranderingen als gevolg van de kracht, die wordt
gebruikt voor het aanslaan.
Het instellingenscherm van de pad is niet ingeschakeld als “Note
fig.02-013.e
Chase” op “OFF” staat (SETUP/MIDI COMMON/Note
Chase;p.57, p.97).
Volume
fig.02-025_50
Kracht van aanslaan
SPLINE
LOUD1, LOUD2:
Veranderingen zijn miniem in antwoord op de kracht, waardoor er een volume niveau blijft waar fijn mee kan worden
gespeeld. Als u drum triggers gebruikt, helpen deze instellingen om de niveaus stabiel te houden.
fig.02-014.e (LOUD)
Volume
Volume
Xtalk Cancel (Crosstalk Cancel):
OFF, 20, 25, 30, 35, 40, 45, 50, 55, 60, 65,
70, 75, 80
Fijn afstellingvan de trigger
parameter instellingen
(TRIGGER ADVANCED)
De volgende parameters (Advanced Trigger Parameters) zijn
automatisch ingesteld op de meest efficiënte waarde voor elke
LOUD2
Elimineer crosstalk tussen pads
(Crosstalk Cancel)
Als twee pads op dezelfde standaard zijn gemonteerd, dan
kan de vibratie, die de aangeslagen pad veroorzaakt, per
pad als u TRIGGER TYPE (SETUP/TRIG BASIC/TrigTyp;p.69) selecteert, en behoeven geen aanpassing, tenzij u
problemen beleeft, die hieronder worden besproken.
1. Houd [SHIFT] ingedrukt, en druk op [EDIT(SETUP)].
2
Kracht van aan
LOUD1
[EDIT] brandt.
2. Druk op [
ren.
] om “TRIG ADVNCD” te selecte-
fig.SETUP-ADVNCD_50 (SETUP-ADVNCD)
ongeluk geluid triggeren van een andere pad (dit wordt
crosstalk genoemd). U kunt dit probleem vermijden door
Crosstalk Cancel toe te passen op de pad die onbedoeld klinkt.
Als de waarde te hoog wordt ingesteld, zal bij het aanslaan
3. Druk op [ENTER
van beide pads, de pad die met de minste kracht wordt aangeslagen niet klinken. Wees dus voorzichtig, en stel deze parameter zo minimaal mogelijk in om crosstalk te voorkomen.
4. Druk op [
] of [
] om de in te stellen parameter te selecteren.
]
fig.02-017ai.e
Met de “OFF” instelling werkt het crosstalk voorkomen niet.
In te stellen parameter
In sommige gevallen kunt u crosstalk voorkomen, door de
afstand tussen de pads wat te vergroten.
5. Sla op de in te stellen pad.
Voorbeeld:
Bij het slaan van de snare pad klinkt het hi-hat bekken ook mee
6. Druk op [+] of [-] om de instelling te maken.
Stel “Xtalk Cancel (Crosstalk Cancel)” in voor de pad die
gebruikt wordt voor de hi-hat, terwijl u de snare aanslaat. Verhoog de “CROSSTALK” instelling voor het hi-hat bekken, terwijl u de snare aanslaat, van “OFF” naar “20”, “25”….. totdat
crosstalk niet meer optreedt. Als deze waarde is verhoogd, zal
de hi-hat pad ook minder crosstalk van andere pads ontvangen.
Het instellingenscherm voor de aangeslagen pad verschijnt, en de ingang indicator golft heen en weer.
fig.02-018ai.e
Waarde
7. Als u klaar bent met het instellen, druk dan op
[KIT] of [SONG] om de procedure te beëindigen.
73
Hoofdstuk 2 Het maken van pad en trigger instellingen (SETUP/TRIG)
Aanpassen van het triggersignaal
detectietijd (Scan Time)
De stijgtijd van de golfvorm van het triggersignaal kan licht
verschillen, afhankelijk van de karakteristieken van elke pad
of akoestische drum trigger (drum pickup), waardoor u zult
retriggering. Hoewel het hoog instellen van deze waarde
retriggering voorkomt, wordt het wel makkelijker voor bijgeluiden als de drums snel gespeeld worden (roffel etc.). Stel dit
zo laag mogelijk in om te verzekeren dat er geen retriggering
optreedt.
opmerken dat dezelfde slagen (velocity) op verschillende
volumes kunnen klinken. Als dit gebeurt kunt u de “SCAN
TIME” aanpassen, zodat de velocity van uw spel preciezer
gedetecteerd kan worden. Als de waarde hoger wordt gezet,
zal het langer duren, voordat geluid zal produceren.
fig.02-019.e
Scantijd
U kunt dit probleem ook elimineren met de Mask Time instelling. Mask Time detecteert niet het triggersignaal niet als het
binnen een bepaalde tijd gebeurt, nadat het vorige triggersignaal is ontvangen. Retrigger Cancel detecteert de verzwakking
van het triggersignaal, en triggert het geluid.
Maken van instellingen
Tijd
Verhoog tijdens het aanslaan de “Retrig Cancel” waarde, totdat retriggering niet meer optreedt.
fig.02-022_50
Maken van de instellingen
Verhoog de Scan Time waarde langzaam van 0msec, terwijl u
de pad met constante kracht aanslaat, totdat het volume zich
op het hoogste niveau stabiliseert. Probeer dan krachtige en
zachte slagen uit om er zeker van te zijn, dat de volume veran-
Retrig Cancel (Retrigger Cancel): 1–16
deringen geschikt zijn.
Voorkomen van dubbel triggeren
(Mask Time)
fig.02-020_50
Het kan zijn, dat er per ongeluk twee keer wordt getriggert;
“double trigger” (twee geluiden in plaats van één), bijvoorbeeld door het terugstuiteren van het bassdrumpedaal op het
Scan Time: 0–4.0 (ms) (0.1ms steps)
vel. De Mask Time instelling helpt u deze problemen te voorkomen. Als een pad wordt aangeslagen, dan zal elke bijkomende trigger, die binnen de bepaalde “MASKTIME” (0-
Detecteren van triggersignaal
verzwakking en annuleren van
incorrecte triggering (Retrigger
Cancel)
64msec) wordt ontvangen, worden genegeerd.
Het bespelen van snaredrum pads en andere apparatuur met
bijgevoegde akoestische drum triggers kan resulteren in veranderende golfvormen, wat tevens onbedoelde geluiden kan
veroorzaken in Punt A van het volgende figuur.
fig.02-021.e
Wanneer u deze waarde hoog instelt, wordt het makkelijker
om bijgeluiden te krijgen. Stel deze waarde zo laag mogelijk
in.
fig.02-023.e
Mask Time
Tijd
A
Niet geproduceerd geluid
Tijd
Als er twee of meer geluiden klinken als u de pad maar een
keer heeft aangeslagen, pas dan Retrigger Cancel aan.
Dit gebeurt vooral in het dalende gedeelte van de golfvorm.
Retrigger Cancel detecteert zulke vervorming, en voorkomt
74
Hoofdstuk 2 Het maken van pad en trigger instellingen (SETUP/TRIG)
Maken van de instellingen
Verhoog de Mask Time waarde, terwijl u op de kick drukt, totdat er geen bijgeluiden klinken (door het terugstuiteren van
de klopper).
Gebruiken van de TD-6V met
akoestische triggers
Bevestig ten eerste een RT-serie drum trigger (of commercieel
beschikbare akoestische drum trigger) aan de akoestische drums.
Als u klaar bent, vervolg dan met de volgende instellingen.
fig.02-024_50
1. Stel het trigger type in op “RT-3T”, “RT-5S” of
“RT-7K”.
(SETUP/TRIG BASIC/Trig Type; p.69)
Instellen van randgevoeligheid op
de PD-80R, PD-105, PD-120 en PD125 (Rim Sens)
Als een PD80R, PD-105, PD-120 of PD-125 wordt gebruikt
voor TRIGGER INPUT 2 (SNARE) , dan kunt u de randgevoeligheid aanpassen.
Als u deze waarde hoger instelt is het makkelijker om geluiden met de rand te produceren. Als dit op “OFF” staat, zal het
spelen van een rim-shot het vel van het instrument doen klinken. Het overmatig verhogen van deze waarde kan ervoor
zorgen, dat de rand ook bij het aanslaan van het vel klinkt.
• Dit kan alleen aangepast worden als Trigger Input 2
“Trigger Type(Trig Type)” ingesteld is op “PD-80R”,
“PD-120” of “PD-125” (SETUP/TRIG BASIC/Trig Type;
p.69).
• Als het trigger type op iets anders staat ingesteld of als
een andere trigger ingang is gebruikt, verschijnt er een
horizontale lijn (
) in het scherm, en kunt u niets
instellen.
fig.02-015_50
• U kunt de randgevoeligheid niet instellen op de PD-7 en
PD-9. Zowel rand als vel gebruiken hier dezelfde waarde.
fig.02-016_50
Rim Sens (Rim Sensitivity): OFF, 1–15
2. Stel “Threshold” in op “0” als referentiewaarde.
(SETUP/TRIG BASIC/Threshold; p.72)
3. Stel “TrigCurve (Trigger Curve)” in op
“LINEAR” als referentiewaarde.
(SERUP/TRIG BASIC/TrigCurve; p.72)
4. Stel de “Sensitivity” in.
(SETUP/TRIG BASIC/Sensitivity; p.71)
5. Stel de “Scan Time” in.
(SETUP/TRIG ADVNCD/Scan Time; p.74)
Sla op het vel meerdere malen met dezelfde kracht en pas
deze parameter aan als het volume onevenwichtig is.
6. Stel “Retrig Cancel (Retrigger Cancel)” in.
(SETUP/TRIG ADVNCD/Retrig Cancel; p.74)
Dit voorkomt het klinken van meerdere tonen als een
drum maar een enkele keer is aangeslagen (voornamelijk
bij snaredrum en toms).
7. Stel “Mask Time” in.
(SETUP/TRIG ADVNCD/Mask Time; p.74)
Bij een kickdrum voorkomt dit het tweemaal klinken van
één bedoelde klank.
8. Stel “Xtalk Cancel (Crosstalk Cancel)” in.
(SETUP/TRIG BASIC/Xtalk Cancel; p.73)
Het voorkomt het meeklinken van andere instrumenten
met drum triggers als een drum met trigger wordt aangeslagen. Als een hogere waarde wordt ingesteld, en als er
twee pads tegelijk worden aangeslagen, zal de minst
krachtig aangeslagen pad niet hoorbaar zijn. Stel deze
waarde zo laag mogelijk in.
9. Stel de “Threshold” in.
(SETUP/TRIG BASIC/Threshold; p.72)
Als er tonen onbedoeld klinken, zelfs nadat u de
“CROSSTALK” instelling heeft aangepast, pas dan
“THRESHOLD” aan. Hogere waardes voorkomen, dat
een pad klinkt als het zacht wordt aangeslagen. Stel deze
waarde zo laag mogelijk in.
10. Stel de “TrigCurve(Trigger Curve)” in.
(SETUP/TRIG BASIC/TrigCurve; p.72)
Als het dynamisch spelen geen natuurlijke verandering
in volume oplevert, stel dan deze parameter in.
75
2
Mask Time: 0–64ms (4ms steps)
Hoofdstuk 3 Algemene instellingen voor de TD-6V
(SETUP/UTILITY, Factory Reset)
Parameters, die hier kunnen worden
ingesteld
fig.03-001.e
Schermcontrast aanpassing
(LCD Contrast)
Het schermcontrast wordt sterk beïnvloed door de locatie van
SETUP
de TD-6V en de belichting van de kamer, waarin de TD-6V
staat. Pas deze parameter zo nodig aan. Een hogere waarde
UTILITY (algemene instellingen) (p. 77)
LCD Contrast
resulteert in een helderder scherm.
Percussion Part Level
Backing Level
Mute
fig.03-004_50
Master Tune
Preview Velocity
Available Memory
Factory Reset (Herstellen van de fabrieksinstellingen) (p. 79)
Maken van de algemene
instellingen (UTILITY)
LCD Contrast: 1–16
Percussiepartij volumeregeling
(Percussion Part Level)
Deze past het volume van de percussiepartij aan.
Verhogen van de waarde zal het volume verhogen. Met de
Overall instellingen gelden voor de gehele TD-6V
1. Houd [SHIFT] ingedrukt, en druk op [EDIT].
instelling op “0” wordt er geen geluid geproduceerd.
[EDIT] brandt.
fig.SETUP-GENERAL_50
• Deze instelling kan niet worden gemaakt in de GM
modus (p.99).
2. Druk op [ENTER
• Deze volume instelling geldt voor alle songs. Zelfs als de
songs worden veranderd, zal de instelling niet
veranderen.
].
3. Druk op [
] of [
] om de in te stellen
parameter te selecteren.
fig.03-002ai.e
Het volumeniveau van de drumkitpartij wordt geregeld in
“MasterVolume (Master Volume)” (KIT/COMMON/
MasterVolume; p.66).
In te stellen parameter
4. Druk op [+] of [-] om de instelling te maken.
fig.03-004a_50
fig.03-003ai.e
PercPrtLevel (Percussion Part Level): 0–127
Waarde
5. Als u klaar bent met instellen, druk dan op [KIT]
of [SONG] om de procedure te beëindigen.
Volumeregeling achtergrond–
instrumenten (Backing Level)
Dit past het volume aan van de achtergrondpartijen (Parts
1-4). Verhogen van de waarde zal het volume verhogen. Met
de instelling op “0” wordt er geen geluid geproduceerd.
76
Hoofdstuk 3 Algemene instellingen voor de TD-6V (SETUP/UTILITY, Factory Reset)
• Uitvoeringen met gebruik van de TD-6V en pads worden
in een drumkitpartij opgenomen.
•
Deze instelling kan niet in de GM modus (p.99) worden
gemaakt.
• Deze volume instelling geldt voor alle songs. Zelfs als de
fig.03-006_50
songs worden veranderd, zal de instelling niet
veranderen.
• Het volumeniveau van de drumkitpartij wordt geregeld
in “MasterVolume (Master Volume)” (KIT/COMMON/
MasterVolume; p.66).
• Regel het volume van elke partij om de volumebalans te
corrigeren (SONG/PART/Level; p.88).
• Houd [SHIFT] ingedrukt, en druk op [SONG] om naar dit
scherm te springen.
fig.03-005_50
Mute:
SongDrum, SongDrm/Prc, UserDrmPart, Part1,
Part2, Part3, Part4, Part1-4
Dempt alleen de druminstrumenten in de percussiepartij
(percussie-instrumenten klinken alsnog door). Dit is handig
bij het uitvoeren van Preset songs.
SongDrm/Prc:
Alle percussiepartij instrumenten worden gedempt.
UserDrmPart:
Dempt de uitvoering, die in de drumkitpartij is opgenomen.
Dit is handig als u wilt meespelen met songs, die u zelf heeft
opgenomen.
Part1, Part2, Part3, Part4:
De individuele partijen worden gedempt.
Dempen van partijen in een song
(Mute)
Selecteer de partij, die gedempt moet worden als [PART
MUTE] ingedrukt is. [PART MUTE] brandt als het dempen
Part1-4:
Partij 1-4 worden gedempt.
Tuning the TD-6V (Master Tune)
Dit stemt partijen 1- 4 als een geheel.
3
BackingLevel (Backing Level): 0–127
De referentietoon is 440.0 Hz.
uitgevoerd wordt.
Deze instelling kan niet in de GM modus (p.99) worden
Stemmen van de drumkit partij en de percussiepartij
instrumenten worden niet beïnvloed door deze instelling.
gemaakt.
fig.03-007_50 (SETUP-GENERAL-MasterTune)
Houd [SHIFT] ingedrukt, en druk op [PART MUTE] om naar
dit scherm te springen.
MasterTune (Master Tune):
415.3–466.2 (Hz) (0.1 Hz steps)
• Deze instelling houdt stand als van song wordt gewisseld
en als de TD-6V wordt gebruikt om data van een extern
MIDI apparaat af te spelen.
• Alle percussie-instrumenten in de Preset songs (behalve
Preset song #1 “DRUMS”) zijn op de percussiepartijen
opgenomen.
• Nootnummers voor gedempte druminstrumenten zijn
vooraf vastgesteld, en kunnen niet worden veranderd.
Voor meer informatie over het dempen van
nootnummers kijkt u bij “Preset Percussieset lijst” (p.124).
Preview Volume Control
(Preview Velocity)
Dit stelt de velocity in, die gebruikt wordt als een instrument
vooraf wordt bekeken. Verhogen van de waarde zal het
volume verhogen. Met een instelling van “0” wordt er geen
geluid geproduceerd.
77
Hoofdstuk 3 Algemene instellingen voor de TD-6V (SETUP/UTILITY, Factory Reset)
Het Factory Reset scherm verschijnt.
fig.03-008_50
4. Druk op [+] of [-] om de parameter te selecteren,
die u naar de fabrieksinstellingen wilt herstellen.
fig.P-006_50
Preview Velocity: 0–127
Controleren van de resterende
hoeveelheid geheugen (Available
Memory)
U kunt de resterende hoeveelheid geheugen controleren.
Waarde
5. Druk op [ENTER
].
Druk op [EXIT] om de procedure te annuleren.
Het bevestigingsscherm verschijnt.
fig.P-007_50
fig.03-009_50
6. Als u klaar bent om verder te gaan, druk op
AvailMemory (Available Memory): 0–100%
[ENTER
] en de Factory Reset functie zal
worden uitgevoerd.
Herstellen van de
fabrieksinstellingen (Factory
Reset)
7. Als Factory Reset is uitgevoerd, dan verschijnt
het Completed scherm.
fig.P-008_50
Dit herstelt de pad en instrumentinstellingen, song data en
andere informatie opgeslagen in de TD-6V, en brengt het
terug naar de fabrieksinstellingen.
Alle data en instellingen, die in de TD-6Vopgeslagen zijn,
gaan verloren bij het uitvoeren van deze functie. Gebruik de
“Bulk Dump” functie om cruciale data en instellingen naar
een extern MIDI apparaat te verzenden (SETUP/BULK
DUMP/Bulk Dump; p.103).
Als [SHIFT] en [EDIT(SETUP)] worden ingehouden, als de
stroom aanstaat, dan springt het scherm naar het Factory
Reset scherm. Bij het uitvoeren van Factory Reset, lees vanaf
stap 4.
1. Houd [SHIFT] ingedrukt, en druk op
[EDIT(SETUP)].
[EDIT(SETUP)] brandt.
2. Druk op [
] om “FactoryReset” te selecteren
fig.P-005_50
3. Druk op [ENTER
78
].
Reset (Factory Reset):
ALL, THIS DRUM KIT, ALL DRUM KITS,
ALL SONGS
ALL:
Alle interne instellingen worden naar de fabrieksinstellingen
hersteld.
THIS DRUM KIT:
Alleen de instellingen voor de huidig geselecteerde drumkit
worden naar de fabrieksinstellingen hersteld.
ALL DRUM KITS:
De instellingen voor alle interne TD-6V drumkits worden
naar de fabrieksinstellingen hersteld.
ALL SONGS:
Alle interne TD-6V songs worden naar de fabrieksinstellingen
hersteld.
Hoofdstuk 4 Instellen van de metronoom
(Click Edit)
Parameters, die ingesteld kunnen
worden
fig.04-004_50
fig.04-001.e
CLICK (klik instellingen) (p. 80)
TEMPO: 20–260
Click Level
Time Signature
Interval
Instellen van de klank van
de klik
Inst
Pan
Play Count In
Instellingen die vaststellen hoe de klik klinkt, wat het volume
is, wat de maatsoort is etc.
Rec Count In
Aan/uitzetten van de klik (Click)
U kunt het klikgeluid aan en uitzetten door op [CLICK] te
drukken. [CLICK] brandt als het klikgeluid op afspelen
Als dit wel zo is, druk dan op [KIT] of [SONG] om het uit
te zetten.
2. Druk op [CLICK].
[CLICK] brandt, en het klikgeluid begint te spelen.
ingesteld staat.
fig.04-002.e
Klik speelt
1. Bevestig, dat [EDIT] niet is opgelicht.
Klik speelt niet
3. Druk op [EDIT].
4. Druk op [
] of [
] om de in te stellen
parameter te selecteren.
fig.04-005ai.e
Brandt
Brandt niet
In te stellen parameter
Click kan niet in de GM modus (p.99) worden aangepast .
5. Druk op [+] of [-] om de instelling te maken.
4
C
fig.04-006ai.e
Tempo aanpassing (Tempo)
Voor elke geselecteerde song verandert het tempo van de klik
naar gelang de song.
1. Druk op [CLICK].
[CLICK] brandt, en het klikgeluid begint af te spelen.
2. Houd [SHIFT] ingedrukt, en druk op
[CLICK(TEMPO)].
Het “TEMPO” scherm verschijnt.
fig.04-003_50
3. Druk op [+] of [-] om het tempo te selecteren.
Waarde
6. Als u klaar bent met instellen, druk dan op [KIT]
of [SONG] om de procedure te beëindigen.
Volumeregeling (Click Level)
Regelt het volume van het klikgeluid. Verhogen van de
waarde zal het volume verhogen. Met een instelling van “0”
wordt er geen geluid geproduceerd.
fig.04-007_50
4. Als u klaar bent met instellen, druk dan op
[EXIT] om de procedure te beëindigen.
Het “TEMPO” scherm verdwijnt.
Click Level: 0–127
79
Hoofdstuk 4 Instellen van de metronoom (Click Edit)
Instellen van maatsoort (Time
Signature)
Stereo Position (Pan)
Specificeer de maatsoort van het klikgeluid. Als de teller op
lokaliseren.
U kunt de metronoomklik binnen het stereo geluidsveld
“0” staat, wordt er geen accent aan de eerste tel toegevoegd.
Het metronoom klikgeluid speelt dan op een vast volume.
Het hier ingestelde effect kan alleen worden toegepast als het
in stereo ingesteld staat.
Het is niet mogelijk om de maatsoort van de metronoom te
veranderen, terwijl de song afspeelt. De klikken van de
metronoom corresponderen aan de maatsoort van de song.
fig.04-011_50
fig.04-008_50 (CLICK-Time Signature)
Pan: L15–Center–R15
L15:
Time Sig (Time Signature):
0–13/2, 0–13/4, 0–13/8, 0–13/16
Instellen van interval (Interval)
Instellen, hoe het geluid klinkt (interval).
fig.04-009_50
Geluid bevindt zich uiterst links.
CENTER: Geluid bevindt zich in het midden.
R15:
Geluid bevindt zich uiterst rechts.
Toevoegen van een tel voor het
afspelen of opnemen (Play Count
In, Rec Count In)
U kunt een tel (klik) toevoegen, voordat het afspelen of
opnemen begint.
fig.04-012_50
Interval:
1/2 (halve noot), 3/8 (gepunteerde
kwartnoot), 1/4 (kwartnoot), 1/8 (achtste
noot), 1/12 (twaalfde noot), 1/16 (zestiende
noot)
PlyCountIn (Play Count In):
OFF, 1MEAS, 2MEAS
fig.04-013_50
Klikgeluid selecteren (Inst)
U kunt het geluid van de klik van de metronoom kiezen. Als
de parameter op “VOICE” staat, wordt het klikgeluid een
menselijke stem.
fig.04-010_50
RecCountIn (Rec Count In):
OFF, 1MEAS, 2MEAS
OFF:
Afspelen/opnemen begint zonder aftellen.
1MEAS:
Afspelen/opnemen begint na aftellen van 1 maat.
Inst:
VOICE, CLICK, BEEP, METRONOME, CLAVES,
WOOD BLOCK, STICKS, cross-stick, TRIANGLE,
COWBELL, CONGA, TALKING DRM, MARACAS,
CABASA, CUICA, AGOGO, TAMBOURINE,
SNAPS, 909 SNARE, 808 COWBELL
80
2MEAS:
Afspelen/opnemen begint na aftellen van 2 maten.
Hoofdstuk 5 Bewerken van songs
(SONG Edit)
Parameters, die hier ingesteld
kunnen worden
fig.05-001a.e
Drum uitvoeringen in de Preset songs (behalve song #1
SONG
“DRUMS”) zijn op de percussiepartij opgenomen.
COMMON (Algemene instellingen) (p. 86)
Tempo
Play Type
Quick Play
Reset Time
Tap Exclusive Switch
Song Lock
Song Name
PART (pad instellingen) (p. 88)
Percussion Set/Inst
Gebruiken van preset songs
U kunt geen veranderingen in instellingen in de preset songs
bewaren. Hoewel u wel tijdelijke verandering kunt maken op
deze instellingen, zullen ze weer terugkeren naar de originele
instellingen, zodra een andere song is geselecteerd. Verder
kunnen preset songs niet worden bewerkt of opgenomen.
• Het volgende verschijnt in het scherm, als u probeert de
instellingen te veranderen. Druk op [EXIT] om de boodschap weg te sturen.
Level
Pan
Ambience Send Level
Bend Range
COPY (Kopiëren van songs) (p. 90)
DELETE (Deleten van songs) (p. 91)
• Het volgende wordt getoond als [REC
] wordt ingedrukt als er een Preset song is geselecteerd, en er wordt
automatisch een nieuwe user song geselecteerd.
ERASE (Wissen van songs) (p. 92)
Als u preset song instellingen wilt veranderen, bewerken of
opnemen, kopieer ze dan naar een user song (p.89). Als user
song instellingen worden veranderd, wordt dit automatisch
opgeslagen.
Over songs
Over preset song copyright
De TD-6V sequencer organiseert de muziek in zes partijen. De
De geluiden, frases en songs in dit product zijn geluidsopnamen
die beschermd zijn door copyright. Roland staat hierbij kopers
van dit product toe om de geluidsopnamen in dit product te
gebruiken voor de creatie en opname van origineel muzikaal
werk. Waarbij gezegd moet worden, dat de geluidsopnamen in
dit product niet mogen worden gesampled, gedownload of
anders opgenomen, zowel als geheel of gedeeltes, voor welk doel
dan ook, waaronder tevens (maar niet alleen) de transmissie van
gehele of gedeeltelijke geluidsopnamen via internet of andere
digitale of analoge manieren van transmissie valt en/of de
productie of verkoop van een collectie van gesamplede geluiden,
frases of delen op CD-ROM of gelijkwaardige producten.
De geluidsopnamen in dit product is het originele werk van
Roland Corporation. Roland is niet verantwoordelijk voor het
gebruik van de geluidsopnamen in dit product, en neemt geen
wettelijke verantwoordelijkheid op zich voor overtreding van
copyright van een derde partij, dat ontstaat uit het gebruik van
geluiden, frases of gedeelten uit dit product.
drumkit partij wordt gebruikt voor het opnemen/afspelen
van wat er op de pads word gespeeld. Verder zijn Partij
(Part)1, 2, 3, 4 de vier achtergrondinstrument partijen, en verder is er nog een Percussiepartij.
Het collectieve uitvoeren van deze zes partijen wordt een
song genoemd.
De sequencer kan in de GM modus (p.99) niet worden
gebruikt.
Preset (interne) songs (Songs 1 –170)
Wat de verschillende partijen spelen, is al opgenomen. De
Preset uitvoeringen kunnen niet worden veranderd, verwijderd of opgenomen worden. Deze songs zijn handig voor
begeleiding tijdens het drums oefenen of tijdens live optredens.
81
5
Over songs en het song
scherm
Hoofdstuk 5 Bewerken van songs (SONG Edit)
User Songs (Songs 171–270)
Over het song scherm
Er zijn songs, die kunnen worden opgenomen en bewerkt. U
Dit scherm verschijnt als [SONG] wordt ingedrukt, is het Song
kunt uitvoeringen opnemen, precies zoals ze bespeeld worden
op de pads of via een extern MIDI keyboard (Realtime Recor-
scherm.
fig.05-002ai.e
4
ding; p.92).
5
Veranderingen in User song instellingen worden automatisch
opgeslagen.
fig.05-001.e
Song #250
1
Song #1
1
3
2
6
7
Song Category
De categorie van de geselecteerde song wordt aangeduid.
Algemene instellingen
Tempo, Play Type, Song Lock, Song Name
2
Song Number
Het nummer van de geselecteerde song wordt aangeduid.
Part Settings
Drum Kit Part (p. 56)
3
Percussion Part
Song Name
De naam van de geselecteerde song wordt aangeduid.
Backing Part
Part1
Part2
Part3
4
Beat
5
Playback Method Setting (p. 85)
Dit geeft het afspeeltype van de song aan.
Part4
6
Part Settings
Inst, Level, Pan*,
Ambience Send Level, Bend Range*
Het huidige maatnummer wordt aangeduid. Door op
[PLAY
*: Deze instelling kan niet worden
uitgevoerd voor de percussiepartij
] te drukken, begint het afspelen vanaf het begin
van de hier aangeduide maat dat hier wordt aangeduid.
7
Uitvoeringsdata
Drum Kit Part
Measure Number
Pad
Beat
De huidige tel wordt aangeduid.
fig.05-003ai.e
8
Percussion Part
Part1
Part2
Extern
MIDI apparaat
Part3
9
Part4
8
Song Lock Setting
“ ” verschijnt bij User songs die Song Lock (p.86) op “ON”
hebben staan.
Alleen de uitvoeringsdata wordt op de drumkitpartij opgenomen. Als de song wordt afgespeeld, worden de instellingen
(instrumenten, effecten, etc) van de huidig geselecteerde
drumkit gebruikt.
82
9
“
New User Song
” duidt een nieuwe User song aan.
Hoofdstuk 5 Bewerken van songs (SONG Edit)
Kiezen van een song
Partij instellingen worden gewisseld als een song wordt
Als het afspelen van een song wordt gestopt, kunt u het vol-
geselecteerd.
gende doen.
• Door op [STOP
] te drukken, keert u terug naar het
begin van de song.
Om te zien welke songs er hier geselecteerd kunnen worden,
kunt u kijken bij “Preset song lijst” (p.128).
Kiezen vanuit een categorie (Song
Category)
Selecteer songs door het zoeken in categorienamen.
• Door op [
• Door op [
] te drukken, gaat u naar de volgende maat.
] te drukken, gaat u naar de vorige maat.
• Om tijdelijk het tempo van de song te veranderen, houdt
u [SHIFT] ingedrukt en drukt u op [CLICK] (p.85).
• Om een tel voor het afspelen van de song in te voegen, stel
dan “PlyCountInt (Play Count In)” in (CLICK/PlCountIn;
1. Druk op [SONG].
[SONG] brandt, en het SONG scherm verschijnt.
p.80).
fig.05-005_50
Handige functies voor het afspelen
SONG CATEGORY:
DRUMS, ROCK, METAL, BALLAD, R&B, BLUES,
POPS, R&R, COUNTRY, JAZZ, FUSION, DANCE,
REGGAE, LATIN, BRAZIL, BASICPTN, LOOP,
1SHOT, TAP, USER
Kiezen van een song (Song)
1. Druk op [SONG].
[SONG] brandt en het SONG scherm verschijnt.
fig.05-004_50
Tijdens het afspelen van een song kunt u de knoppen, die
corresponderen aan de drums die gespeeld worden in de
percussiepartij, laten branden.
U kunt tevens in Part Mute (p.84) de knoppen laten branden,
wat dit een handige functie maakt voor het oefenen met Preset
songs..
Druminstrument
Kick
Snare
Knop brandt
Nootnummer
[PART MUTE] 35, 36
37, 38, 39, 40
[PLAY
]
Low Tom
Hi-Hat
[KIT]
[REC]
41, 43
42, 44, 46
Mid Tom
Hi Tom
[SONG]
[CLICK]
45, 47
48, 50
Cymbal
[EDIT]
49, 51, 52, 53, 55, 57, 59
Hi-Hat
High Tom
Mid Tom
Low Tom
5
2. Houd [SHIFT] ingedrukt, en druk op [+] of [-]
om de songcategorie te selecteren.
2. Druk op [+] of [-] om de song te selecteren.
SONG: 001–270
Afspelen van een song
1. Selecteer de song, die u wenst af te spelen
(vorige paragraaf).
2. Druk op [PLAY
[PLAY
].
] brandt en het afspelen van de song begint.
Snare
Kick
Cymbals
Zelfs als “9 Perc Only” of “10 Special” is geselecteerd voor de
percussie, dan zullen de knoppen nog steeds branden volgens
de nootnummers.
3. Om het afspelen van de song te stoppen, druk
op [STOP
].
Het [PLAY
] licht gaat uit, en de song keert terug naar
• De overeenkomst tussen de brandende knoppen en de
nootnummers is vooraf vastgesteld, en kan niet worden
het begin van de gespeelde maat.
83
Hoofdstuk 5 Bewerken van songs (SONG Edit)
veranderd.
• Deze functie kan niet worden gebruikt met songs waar de
drums opgenomen zijn in de drumkit partij.
5. Als u klaar bent met instellen, druk op [SONG]
om de procedure te beëindigen.
1. Selecteer de af te spelen song (p.83).
fig.05-008_50
2. Houd [SHIFT] ingedrukt, en druk op [PLAY
].
Afspelen van de song begint en de knoppen die overeenkomen met de uitvoering van de drums op de percussiepartij lichten op.
3. Om afspelen te stoppen, druk op [STOP
BackingLevel (Backing Level): 0–127
].
fig.05-009_50
Aanpassen van het
songvolume
U kunt het volume van de song regelen in de achtergrondpartijen (parts 1 –4 ) en in de percussiepartij.
Verhogen van de waarde zal het volume doen verhogen. Met
de instelling op “0” wordt er geen geluid geproduceerd.
Deze volume instelling is van toepassing op alle songs.
PercPrtLevel (Percussion Part Level): 0–127
Dempen van een geselecteerde
partij (Part Mute)
Elke keer als [PART MUTE] wordt ingedrukt, wordt het dempen aan of uitgeschakeld. [PART MUTE] brandt als het dempen aan staat. Bij de fabrieksinstellingen, worden alleen de
percussiepartij drums gedempt.
• Hoewel de drumuitvoeringen in de Preset songs zijn
opgenomen op de “percussiepartij”, zijn uw eigen
fig.05-010.e
Gedempt
Niet gedempt
Brandt
Brandt niet
gecreëerde songs en wat u daarbij op de pads speelt,
opgenomen op de “drumkit partij”. Het volume van de
drumkit partij wordt geregeld in “MasterVolume” (Master Volume) (KIT/CO MMON/MasterVolume;p.66).
• Regel het volume van elke partij om de volumebalans
tussen de partijen te corrigeren (SONG/PART/Level;
p.88).
1. Houd [SHIFT] ingedrukt, en druk op [SONG].
Het scherm voor de volume instellingen van de achtergrondpartijen verschijnt.
De te dempen partij wordt hier geselecteerd in “Mute”
(SETUP/UTILITY/Mute; p.77). Houd [SHIFT] ingedrukt, en
druk op [PART MUTE] om het instellingenscherm te laten
verschijnen.
fig.05-006_50
2. Druk op [+] of [-] om de instelling te maken.
3. Druk op [
].
Het scherm voor de volume instellingen van de percussiepartij verschijnt.
fig.05-007_50
4. Druk op [+] of [-] om de instelling te maken.
84
Instellingen voor gedempte partijen zijn van toepassing op
alle songs.
Hoofdstuk 5 Bewerken van songs (SONG Edit)
Algemene songinstellingen
(COMMON)
Maak de instellingen voor elke song.
• Als u veranderingen bij Preset songinstellingen wilt
bewaren, kopieer de song dan eerst naar een User Song,
voordat u veranderingen gaat maken (SONG/
COPY;p.89). Gemaakte veranderingen in een Preset song
zijn tijdelijk, als u een andere song selecteert, keert de
song terug naar de originele instellingen. Veranderingen
in Preset songs kunnen niet bewaard worden.
• Instellingen in partijen waar de Song Lock (SONG/COMMON/Song Lock; p.86) functie op “ON” staat, kunnen
niet worden veranderd. Zet dit eerst op “OFF” om instellingen te maken.
1. Bevestig dat [CLICK] niet brandt.
fig.05-013_50
Tempo: 20–260
Tijdelijk veranderen van het tempo
van een song tijdens het afspelen
U kunt tijdelijk het tempo van een song veranderen tijdens het afspelen. Als een andere song wordt geselecteerd, keert het tempo (SONG/COMMON/Tempo) terug
naar het preset tempo voor de song. Dit is handig tijdens
het oefenen of voor andere keren, dat u het tempo tijdelijk tijdens het afspelen wilt veranderen.
1. Houd [SHIFT] ingedrukt, en druk op [CLICK].
Als dit wel zo is, druk dan om [CLICK] om het uit te zetten.
Het Tempo scherm verschijnt.
fig.05-014_50
2. Druk op [SONG], vervolgens op [EDIT].
[SONG] en [EDIT] branden.
fig.SONG-CMN_50
2. Druk op [+] of [-] om de instelling te maken.
3. Druk op [ENTER
].
4. Druk op [
] of [
] om de te bewerken parameter te selecteren.
fig.05-011ai.e
Selecteren, hoe de song wordt afgespeeld (LOOP, 1SHOT, TAP) (Play
Type)
Dit specificeert, hoe songs zullen worden afgespeeld. Als op
[PLAY
] wordt gedrukt of als er een pad met de Pad Pattern functie (p.63) wordt aangeslagen, wordt de song afgespeeld.
5. Druk op [+] of [-] om de instelling te maken.
fig.05-012ai.e
Value
6. Als u klaar bent met het instellen, drukt u op
[SONG] om de procedure te beëindigen.
• User songs die met “Quantize” (p.94) op “OFF” zijn
opgenomen, zouden niet correct met Tap Playback kunnen worden afgespeeld .
• Nieuwe songs kunnen niet worden ingesteld op “Tap”.
Verander dit pas na eerst iets op de song opgenomen te
hebben.
fig.05-015_50
Instellen van het tempo (Tempo)
U kunt het tempo voor elke individuele song instellen. Als u
dan een song selecteert, staat uw tempo automatisch ingesteld. Veranderingen in een Preset song zijn tijdelijk en als u
een andere song selecteert, zullen de instellingen naar hun originele staat terugkeren.
PLAY TYPE: LOOP, 1SHOT, TAP
LOOP (
):
Nadat het patroon tot het eind is afgespeeld, zal het afspelen
herhalen, beginnend bij het begin van de song. Afspelen blijft
doorgaan, totdat op [STOP
] wordt gedrukt.
1SHOT (ONE SHOT) (
):
Afspelen stopt zodra het einde van de song is bereikt.
85
5
Parameter to set
Hoofdstuk 5 Bewerken van songs (SONG Edit)
Als het op de Pad Pattern functie (p.63) staat ingesteld, zal de
song elke keer als de pad wordt aangeslagen naar het begin
terugkeren en opnieuw afgespeeld worden.
TAP (
):
De geluiden in de song worden één voor één in volgorde afgespeeld elke keer als [PLAY
fig.05-017_50
Reset Time: OFF, 0.1–8.0s (0.1 sec steps)
] wordt ingedrukt.
Als het op Pad Pattern (p.63) staat ingesteld, worden de geluiden afgespeeld elke keer als de pad wordt aangeslagen.
Afspelen van de song vanaf de
eerste noot/gebeurtenis (Quick Play)
Dit is een hulpfunctie, die beschikbaar is als “LOOP” of
“1SHOT” is gespecificeerd als het Play Type voor de song
(SONG/COMMON/Play Type; vorige gedeelte).
Quick Play begint met afspelen van het patroon vanaf de eerste noot (eerste gebeurtenis), zelf als u iets heeft opgenomen,
waarbij u een kleine pauze aan het begin hoort. Bijvoorbeeld
Voorkomen van het stapelen van
geluiden in Tap Playback (Tap
Exclusive Switch)
Dit is een hulpfunctie, die beschikbaar is als “TAP” gespecificeerd is als het Play Type voor de song (SONG/COMMON/
Play Type; p.85). Als u in Tap Playback een geluid heeft ingesteld, terwijl een ander geluid nog niet klaar is, dan laat deze
instelling u of het voorgaande geluid te stoppen en het volgende af te spelen (ON) of de twee geluiden te stapelen (OFF).
fig.05-018_50
als u gewoon vrijuit heeft gespeeld/ opgenomen, zonder de
tempoklok in de gaten te hebben gehouden.
Tap Exc SW (Tap Exclusive Switch): OFF, ON
Als “Quick Play” op “ON” staat, keert u de song terug naar
het begin, zodra het is gestopt.
OFF:
Het voorgaande geluid speelt door tot het eind, terwijl het volgende geluid er bovenop gelegd wordt.
Het blanco gedeelte wordt gespeeld, als u naar het begin van
de song terugkeert in Loop Playback.
fig.05-016_50
ON:
Het voorgaande geluid stopt, en het volgende geluid begint te
spelen.
Beschermen van User
songinstellingen (Song Lock)
Om het per ongeluk wissen of bewerken te voorkomen, kunt u
Quick Play: OFF, ON
Tijd opnieuw zetten bij het gebruik
van Tap Playback (Reset Time)
Dit is een hulpfunctie, die beschikbaar is als “TAP” gespecificeerd is als Play Type voor de song (SONG/COMMON/Play
Type; p.85). Deze functie brengt u automatisch naar het begin
van de song, als tijdens Tap Playback de song niet binnen een
bepaalde tijd wordt afgespeeld. Deze waarde stelt de tijd in
vanaf het punt waarop de song voor het laatst is afgespeeld.
Als de ingestelde tijd overschreden wordt, keert het terug naar
het begin, voordat het weer wordt afgespeeld.
Als u met de Pat Pattern functie optreedt, zal de song terugkeren naar het begin als u het afspelen begint door een pad aan
te slaan en vervolgens niet binnen een bepaalde tijd dezelfde
pad weer aanslaat. Als dit op “OFF” staat, zal deze functie
worden uitgeschakeld.
86
de User songs vergrendelen. Als u probeert instellingen van
een song met deze functie op “ON” te veranderen, verschijnt
er een waarschuwingsscherm en kunt u de instellingen niet
veranderen.
U kunt dit niet selecteren tijdens het opnemen van een song of
als er een nieuwe User song wordt geselecteerd door [SHIFT]
+ [STOP
] in te drukken. Omdat u ook ongebruikte User
songs kunt vergrendelen, is het een goed idee, als u de TD-6V
als geluidsmodule gebruikt, om song te vergrendelen, zodat u
de instellingen kunt bewaren. [ ] verschijnt in het Song
scherm als een User song vergrendeld is.
fig.05-018aai
Hoofdstuk 5 Bewerken van songs (SONG Edit)
Partij instellingen (PART)
Het instellingenscherm verschijnt niet als een Preset song is
Stel de achtergrondpartijen (Parts 1-4) en de percussiepartij in
geselecteerd.
voor elke song.
fig.05-019_50
• Veranderingen in een Preset song zijn tijdelijk, als u een
andere song selecteert, keert de song terug naar de originele instellingen. Als u veranderingen in Preset songinstellingen wilt bewaren, kopieer dan eerst de song een
Song Lock: OFF, ON
User song, voordat u de verandering gaat maken
(SONG/COPY; p.89).
Benoemen van een song (Song
Name)
U kunt tot acht tekens gebruiken voor het benoemen van een
User song. Druk op [
] of [
] om de cursor (onder de
regel) te bewegen naar het teken, dat u wenst te veranderen,
en druk vervolgens op [+] of [-] om het teken te selecteren.
Het instellingenscherm verschijnt niet als een Preset song is
geselecteerd.
• Instellingen van partijen, die de Song Lock functie
(SONG/COMMON/Song Lock; p.86) op “ON” hebben
staan, kunnen niet veranderd worden. Maak de instellingen na dit op “OFF” te hebben gezet.
Voor de drumkitpartij instellingen, kunt u kijken bij Hoofdstuk 1.
1. Bevestig, dat [CLICK] niet brandt.
Als dit wel zo is, druk dan op [CLICK] om het uit te zetten.
2. Druk op [SONG], vervolgens op [EDIT].
• Door het ingedrukt houden van [SHIFT] en [+] in te drukken wisselt u door de volgende volgorde: hoofdletters
alfabet ➝ kleine letters alfabet ➝ 0 ➝ ! ➝ spatie. Door het
ingedrukt houden van [SHIFT] en [-] in te drukken gaat u
in omgekeerde volgorde langs alle tekens.
• Door het ingedrukt houden van [SHIFT] en op [
[SONG] en [EDIT] branden.
3. Druk op [
] of [
te selecteren.
] om de in te stellen partij
fig.05-021ai.e
] te
drukken, verwijdert u het teken op de cursor positie en
dicht de ruimte door de tekens die volgen op te schuiven.
drukken, voegt u een spatie toe aan het teken op de cursor positie.
fig.05-020_50
In te stellen partij
] te
4. Druk op [ENTER
5
• Door het ingedrukt houden van [SHIFT] en op [
].
5. Druk op [
] of [
] om de te bewerken parameter te selecteren.
fig.05-022ai.e
SngName (Song Name): 8 tekens
De volgende tekens kunnen worden gebruikt.
fig.lettersai.e
In te stellen parameter
6. Druk op [+] of [-] om de instelling te maken.
fig.05-023ai.e
space
Waarde
7. Als u klaar bent met instellen, druk dan op
[SONG] om de procedure te beëindigen.
87
Hoofdstuk 5 Bewerken van songs (SONG Edit)
Kiezen van een percussieset en
instrumenten (Percussion Set, Inst)
Selecteer een percussieset voor de percussiepartij en instrumenten voor Parts 1-4.
Variatietoon
Dit is een toon, die licht varieert van het instrumentnummer.
Het aantal variatietonen verschilt met de instrumentnummers.
Percussiepartij
De TD-6V bezit tien Preset percussiesets, die klaar zijn voor
fig.05-024ai.e
Hoofdgeluiden
gebruik.
Instrumentnummer
U kunt niet de inhoud van de Preset percussiesets veranderen.
Instrumentnaam
Om te zien welke percussiesets geselecteerd kunnen worden,
kunt u kijken bij de “Preset Percussiesets” lijst (p.124).
Percussion Set:
Een verzameling van percussie instrumenten. Ieder percussie
instrument is gekoppeld aan een nootnummer, zodat er verschillende instrumenten tegelijkertijd gebruikt kunnen worden.
Variatiegeluiden
Verschijnt als er een
variatietoon wordt gebruikt
Backing Inst: 1–128
Regelen van het partijvolume (Level)
Bepaald het volume op elk punt. Verhogen van waarde, zal
het volume verhogen. Ingesteld op “0” wordt er geen geluid
geproduceerd.
fig.05-025ai.e
Percussieset nummer
Percussieset naam
Bepaal hier de balans in volume tussen de verschillende partijen.
fig.05-026_50
Set (Percussion Set): 1–10
Partijen 1 – 4
U kunt alle interne klanken in volgorde selecteren, inclusief
variatietonen.
U kunt wisselen tussen instrumentgroepen en achtergrondinstrumenten door [SHIFT] ingedrukt te houden en op [+] of [-]
te drukken.
Om te zien welke achtergrondinstrumenten en instrumentengroepen geselecteerd kunnen worden, kunt u kijken bij “Achtergrondinstrumenten Lijst” (p.126).
Instrumentnummers corresponderen aan de programmanummers (1 – 128).
88
LEVEL: 0–127
Hoofdstuk 5 Bewerken van songs (SONG Edit)
Bepalen van de stereo positie (Pan)
Bepaalt de pan (instrument (de waargenomen positie van het
Bepalen van het bend bereik (Bend
Range)
geluid tussen de linker en rechter speaker).
Dit bepaalt de mate, waarin de toonhoogte van het geluid kan
worden veranderd, als de maximale toonhoogte bend van een
extern MIDI apparaat wordt ontvangen.
Het hier ingestelde effect is alleen van toepassing als het stereo
Dit kan van “0” tot “24” (twee octaven) in halvetoons stappen
verbonden is.
ingesteld worden. Als dit op “0” staat, ontstaat er geen verandering.
Percussiepartijen bevatten geen Pan instelling.
Percussiepartijen beschikken niet over de Bend instelling.
fig.05-027_50
fig.05-029_50
L15:
Geluid is uiterst links gepositioneerd.
Center:
Geluid is in het midden gepositioneerd.
R15:
Geluid is uiterst recht gepositioneerd.
Bepalen van de hoeveelheid
ambiance (Ambiance Send Level)
U kunt het ambiance niveau per partij aanpassen. Het ambiance effect wordt dieper, naarmate de waarde wordt verhoogd. Als het op “0” ingesteld staat, is er geen ambiance
toegepast.
De bepaalde ambiance is van toepassing op de huidig geselecteerde drumkit. Om te horen, hoe het effect klinkt, selecteer
dan een drumkit waar de ambiance op “ON” staat. (KIT/
AMBIENCE/Ambience; p.60)
Bend Range: 0–24
Kopiëren van een song
(COPY)
Dit wordt gebruikt om Preset songs en User songs naar andere
User songs te kopiëren.
Partij instrumenten, volume en andere instellingen worden
ongewijzigd gekopieerd.
Uitvoeren van deze procedure verwijderd de inhoud van het
kopieerdoel. Dus controleer zorgvuldig alle inhoud voor het
uitvoeren hiervan.
1. Bevestig dat [CLICK] niet brandt.
Als dit wel zo is, druk dan op [CLICK] om het uit te zetten.
2. Druk op [SONG], vervolgens op [EDIT].
[SONG] en [EDIT] branden.
fig.05-028_50
3. Druk op [
] om “COPY” te selecteren.
fig.SONG-COPY_50
AmbSendLevel: 0–127
4. Druk op [ENTER
5. Druk op [
] of [
te selecteren.
].
] om de song- kopieerbron
fig.05-030ai.e
Kopieerbron song
89
5
Pan: L15–Center–R15
Hoofdstuk 5 Bewerken van songs (SONG Edit)
6. Druk op [
Deleten van een song (DELETE)
].
Het kopieerdoel song selectiescherm verschijnt.
7. Druk op [+] of [-] om het song-kopieerdoel te
selecteren.
Dit verwijdert alle songinstellingen, en maakt de song een
nieuwe User song.
1. Bevestig dat [CLICK] niet brandt.
Als dit wel zo is, druk dan op [CLICK] om het uit te zet-
U kunt een nog niet gebruikte song selecteren door
[SHIFT] ingedrukt te houden en op [STOP
ken. Nieuwe User songs worden met “
] te druk-
” in het scherm
aangegeven.
ten.
2. Druk op [SONG], vervolgens op [EDIT].
[SONG] en [EDIT] branden.
3. Druk op [
fig.05-031ai.e
] om “DELETE” te selecteren.
fig.SONG-DEL_50
Kopieerdoel song
4. Druk op [ENTER
8. Druk op [ENTER
].
Druk op [EXIT] om de procedure te annuleren.
fig.05-032_50
].
5. Druk op [+] of [-] om de te verwijderen song te
selecteren.
fig.05-034ai.e
9. Druk op [ENTER
voeren.
] om de procedure uit te
Als u klaar bent met het kopiëren van de song, verschijnt
het Completed scherm.
Song die verwijderd wordt
6. Druk op [ENTER
Druk op [EXIT] om de procedure te annuleren.
fig.05-033_50
fig.05-035_50
10. Als u klaar bent met kopiëren, druk dan op
[SONG] om de procedure te beëindigen.
7. Druk op [ENTER
voeren.
Src (Copy Source): 001–270
].
] om de procedure uit te
Als u klaar bent met het verwijderen van de song, verschijnt het Completed scherm.
fig.05-036_50
Dst (Copy Destination): 171–270
8. Als u klaar bent met verwijderen, druk dan op
[SONG] om de procedure te beëindigen.
SONG (Delete Song): 171–270
90
Hoofdstuk 5 Bewerken van songs (SONG Edit)
Wissen van uitvoeringsdata
in een song (ERASE)
10. Als u klaar bent met het wissen, druk dan op
[SONG] om de procedure te beëindigen.
Dit wist de User song. Alleen de uitvoeringsdata wordt gewist
SONG (Erase Song): 171–270
en de beat. De maatlengte, partijen en andere songinstellingen
blijven intact. U kunt tevens specifieke partijen wissen.
1.
Bevestig dat [CLICK] niet brandt.
Part (Erase Part):
ALL, KIT, PERC, PART1, PART2, PART3, PART4
ALL:
Als dit wel zo is, druk dan op [CLICK] om het uit te zet-
De uitvoeringsdata van alle partijen wordt gewist.
ten.
KIT:
De uitvoeringsdata van de drumpartij wordt gewist.
2. Druk op [SONG], vervolgens op [EDIT].
[SONG] en [EDIT] branden.
3. Druk op [
] om “ERASE” te selecteren.
fig.SONG-ERASE_50
PERC:
De uitvoeringsdata van de percussiepartij wordt gewist.
PART1:
De uitvoeringsdata van partij 1 wordt gewist.
PART2:
De uitvoeringsdata van partij 2 wordt gewist.
4. Druk op [ENTER
].
5. Druk op [+] of [-] om de te wissen partij te selecteren.
PART3:
De uitvoeringsdata van partij 3 wordt gewist.
PART4:
De uitvoeringsdata van partij 4 wordt gewist.
fig.05-037ai.e
Song die gewist wordt
6. Druk op [
].
7. Druk op [+] of [-] om de te wissen partij te selecteren.
5
fig.05-038ai.e
Partij die gewist wordt
8. Druk op [ENTER
].
Druk op [EXIT] om de procedure te annuleren.
fig.05-039_50
9. Druk op [ENTER
voeren.
] om de procedure uit te
Als u klaar bent met het wissen van de song of de partij,
verschijnt het Completed scherm.
fig.05-040_50
91
Hoofdstuk 6 Opnemen van een song
(Realtime Recording)
Parameters, die hier ingesteld kunnen worden
fig.06-001.e
RECORDING STANDBY (Opname instellingen) (p. 94)
Time Signature
Length
Tempo
Quantize
Als er geen nieuwe User songs beschikbaar zijn, kunt u
onnodige songs verwijderen (SONG/DELETE;p.90)
2. Neem op met het gebruik van de procedure, die
beschreven wordt in “Hoe op te nemen (Recording Standby)” (p.93).
Recording Mode
Hit Pad Start
Wat er op de pads of op een extern MIDI keyboard wordt
gespeeld, kan worden opgenomen (Realtime Recording).
De uitvoering van het hi-hat bedieningspedaal wordt ook
opgenomen.
• De sequencer kan niet worden gebruikt in GM modus (p.99)
• De hoeveelheid, die op de TD-6V opgenomen kan worden, is beperkt. Houd er rekening mee, dat hoewel er 100
user songs zijn, de hoeveelheid beschikbare geheugen
wordt vastgesteld door de hoeveelheid data opgenomen
in songs.
• Opnemen van de uitvoering van het hi-hat bedieningspedaal vergt een grote hoeveelheid geheugen. Maak de
instellingen gerelateerd aan het opnemen van uitvoeringsdata in “PdlDataThin (Pedal Data Thin)” (SETUP/
MIDI COMMON/ PdlDataThin; p.99).
• U kunt de hoeveelheid beschikbare geheugen controleren
in “AvailMemory (Available Memory)” (SETUP/UTILITY/AvailMemory; p.78).
Voorbereiding voor opname
Maak voordat u gaat opnemen de instellingen voor MIDI, de
partij en andere instellingen.
Bij het opnemen van pad
uitvoeringen
Alleen de uitvoeringsdata wordt in de drumpartij opgenomen. Als de song afgespeeld wordt, zullen de instellingen van
de instrumenten en de effecten van de huidig geselecteerde
drumkit gebruikt worden.
1. Selecteer de op te nemen User Song (p.83).
U kunt een nieuwe User song selecteren door [SHIFT]
ingedrukt te houden en op [STOP
] te drukken als u in
het Song scherm bent.
Nieuw User songs worden aangegeven door een “ ” in
het scherm.
92
Uitvoeringen opnemen via externe
MIDI apparaten
1. Vergelijk het transmissiekanaal van het externe
MIDI apparaat met het MIDI kanaal van de op te
nemen partij.
(SETUP/MIDI PART Part CH; p. 102)
Part
Fabriekspreset
MIDI kanaal
Drum Kitpartij
Percussiepartij
CH10
CH10
Partij 1
Partij 2
CH1
CH2
Partij 3
Partij 4
CH3
CH4
2. Selecteer CH10 om de drumpartij en de percussiepartij te stapelen. Als u vanaf een extern MIDI
apparaat opneemt, stel dan “CH10Priority
(Channel 10 Priority)” in om vast te stellen of de
drumpartij of de percussiepartij wordt opgenomen.
(SETUP/MIDI COMMON/CH10Priority; p.98)
3. Selecteer de op te nemen User song (p.83).
U kunt een nieuwe User song selecteren door [SHIFT]
ingedrukt te houden en op [STOP
het Song scherm bent.
] te drukken als u in
Nieuw User songs worden aangegeven door een “
het scherm.
” in
Als er geen nieuwe User songs beschikbaar zijn, kunt u
onnodige songs verwijderen (SONG/DELETE;p.90)
4. Selecteer het op te nemen partij-instrument of
de percussieset (SONG/PART/Inst; p.88).
Program Change en Bank Select berichten, die vanaf een
extern MIDI apparaat worden verzonden, worden niet
Hoofdstuk 6 Opnemen van een song (Realtime Recording)
opgenomen door de sequencer. Gebruik de TD-6V om de
fig.06-004aai
partij-instrumenten te kiezen.
5. Maak andere instellingen voor de op te nemen
partij. (SONG/PART; p.87)
6. Neem op met het gebruik van de procedure, die
beschreven wordt in “Hoe op te nemen (Recording Standby)” (p.93).
7. Druk op [STOP
1. Bereid u voor het opnemen voor, door de procedure te lezen die beschreven wordt in “Voorbereiding voor opname” (p.92).
[PLAY
].
] knippert terwijl [SONG], [REC
“RecCountIn (Recording Count In)” (CLICK/
RecCountIn; p.80) in.
6. Bespeel de pads of MIDI keyboards, die worden
opgenomen.
Hoe op te nemen
(RECORDING STANDBY)
2. Druk op [SONG] ➝[REC
Om een tel voor het opnemen toe te voegen, stel dan
De [PLAY
] om het opnemen te stoppen.
] en[REC
] lichten gaan uit.
Instellen van de maatsoort (Time
Signature)
Dit stelt de beat van de op te nemen song vast.
] en
[CLICK] branden.
• Als een Preset song is geselecteerd als op[REC
] drukt,
dan wordt er automatisch een nieuwe User song geselecteerd. In dit geval kunnen User songs, die Song Lock
(SONG/COMMON/Song Lock; p.86) op “ON” hebben
staan, niet geselecteerd worden.
De maatsoort kan niet worden veranderd als u extra materiaal
opneemt over een voorgaand opgenomen song.
fig.06-005_50
• Als er geen nieuwe User songs beschikbaar zijn, kunt u
onnodige songs verwijderen (SONG/DELETE;p.90)
• Om het opnemen te annuleren, druk dan op [STOP
]
of [EXIT].
3. Druk op [
] of [
] om de te bewerken parameter te selecteren.
fig.06-003ai.e
Time Sig (Time Signature):
1–13/2, 1–13/4, 2–13/8, 4–13/16
Instellen van het aantal maten
(Length)
6
Dit stelt het aantal maten van de op te nemen song vast.
In te stellen parameter
4. Druk op [+] of [-] om de instelling te maken.
fig.06-004ai.e
Als “REPLACE” als opnamemodus is vastgesteld (SONG/
REC/RecModus;p.94), dan is de maatlengte instelling onnodig. De opgenomen maatlengte wordt automatisch als
“Length” vastgesteld.
fig.06-006_50
Waarde
5. Druk op [PLAY
nen.
[PLAY
] om het opnemen te begin-
] stopt met knipperen en blijft branden. Het
Length: 1–999
opnemen begint.
Instellen van het song tempo (Tempo)
Het volgende verschijnt linksboven in het scherm tijdens
het opnemen.
Dit stelt het gebruikte tempo vast voor het opnemen en afspelen van de song
93
Hoofdstuk 6 Opnemen van een song (Realtime Recording)
Selecteren van de opnamemanier
(Loop all, loop1, loop2, replace)
(Recording Mode)
fig.06-007_50
Selecteert, hoe de opname plaats zal vinden.
Tempo: 20–260
Quantize tijdens het opnemen
(Quantize)
fig.06-010_50
“Quantize” is een functie, die fouten of afwijkingen in timing
van de uitvoering corrigeert.
Timing problemen komen bijna altijd voor bij het opnemen
van uitvoeringen met gebruik van de pads, een MIDI keyboard en andere instrumenten. Deze functie corrigeert timing
fouten en staat u toe opnames te maken met accurate timing.
fig.06-008.e
Eerste tel
Tweede tel
RecMode (Recording Mode):
REPLACE, LOOP ALL, LOOP 1, LOOP 2
REPLACE:
Opname gaat door, totdat [STOP
] wordt ingedrukt. Alle
voorheen opgenomen data in de partijen wordt gewist.
LOOP ALL:
De hele song wordt herhaald en nieuw materiaal wordt op
de voorgaande uitvoering gestapeld.
LOOP1:
De maat waar de opname begint wordt herhaald, en nieuw
materiaal wordt op de voorgaande uitvoering gestapeld.
Echte uitvoering
Opgenomen uitvoering
Dit is meestal ingesteld voor de kortste noot, die in de op te
nemen frase verschijnt. Als dit op “OFF” staat, dan wordt het
LOOP2:
De twee maten waar de opname begint worden herhaald, en
nieuw materiaal wordt op de voorgaande uitvoering gestapeld.
patroon opgenomen met de timing, die gebruikt wordt tijdens de uitvoering.
HINT
Voer quantize uit bij het opnemen van een song met gebruik
van Tap Playback. Het zou kunnen, dat u de song niet correct
kunt afspelen met Tap Playback als quantize ingesteld staat op
“OFF” als de song wordt opgenomen.
Opname starten met een pad of
pedaaltrigger (Hit Pad Start)
Deze functie start het opnameproces op het moment, dat u een
pad of pedaal aanslaat.
De “RecCountIn (Recording Count In)” instelling wordt genegeerd (CLICK/RecCountIn; p.80).
fig.06-009_50
fig.06-011_50
Quantize:
(8ste noot),
(8ste noot triolen),
(16de noot),
(16de noot triolen),
(32ste noot),
(32ste noot triolen),
(64ste noot), OFF
94
HitPadStart (Hit Pad Start): OFF, ON
Hoofdstuk 7 Maken van MIDI instellingen
(SETUP/MIDI, BULK DUMP)
Parameters, die hier ingesteld kunnen worden
fig.07-005.e
SETUP
MIDI COMMON (MIDI instellingen) (p. 97)
Note Chase
Local Control
Sync Mode
Channel 10 Priority
Pedal Data Thin
GM Mode
Rx GM ON
Soft Thru
MIDI OUT/THRU aansluitingsfunctie
MIDI berichten worden vanaf deze aansluiting naar externe
MIDI apparaten verstuurd. De TD-6V verstuurd pad en
sequencer uitvoeringsdata vanaf de MIDI OUT/THRU aansluiting. U kunt ook verschillende instellingen, songs en
andere data versturen, die u wilt opslaan op een ander apparaat (Bulk Dump;p.103). De TD-6V MIDI OUT en MIDI THRU
aansluitingen zijn in één aansluiting gecombineerd. Deze
functie wordt geselecteerd in de “Soft Thru” instelling
(SETUP/MIDI COMMON/Soft Thru; p.100). Als “Soft Thru”
op “ON” staat, worden pad en sequencer uitvoeringsdata naar
een extern apparaat verstuurd, terwijl er berichten door de
MIDI IN aansluiting worden ontvangen.
Device ID
Tx PC Switch
Rx PC Switch
Zoals het uit de fabriek komt, staat het ingesteld op MIDI OUT.
MIDI PART (MIDI kanaalinstellingen voor een partij) (p. 102)
GM PART
(MIDI berichten stop functie in GM modus) (p. 103)
BULK DUMP
(Opslaan van data op een extern MIDI apparaat) (p.103)
Over MIDI
MIDI kan verschillende data over een enkele MIDI kabel verzenden. Dit wordt mogelijk gemaakt door MIDI kanalen.
MIDI kanalen staan berichten, die voor een bepaald instrument bedoeld zijn, toe om zich van berichten voor een ander
instrument te onderscheiden. In bepaalde opzichten zijn MIDI
kanalen gelijk aan televisiekanalen. Door het veranderen van
kanalen op een televisie kunt u verschillende programma’s
bekijken van verschillende televisiestations. Dit komt omdat
de televisie is ingesteld om alleen informatie over te brengen
van één bepaald station. Op dezelfde manier kiest een apparaat door MIDI om de informatie, die voor dat apparaat
bedoeld is, uit een brei van informatie te selecteren.
fig.07-002.e
De antennekabel bevat de televisiesignalen
van verschillende uitzendstations.
Station A
Station B
7
MIDI (Musical Instrument Digital Interface) is een norm, die
u toestaat om uitvoeringsdata en andere informatie uit te wisselen tussen elektronische muziekinstrumenten en computers. Door met een MIDI kabel MIDI apparaten met MIDI
aansluitingen aan elkaar te verbinden, kunt u o.a. meerdere
instrumenten met één keyboard bespelen, meerdere MIDI
instrumenten in een ensemble te laten spelen, instellingen programmeren die, terwijl de song afspeelt, veranderen etc.
Als u alleen de pads met de TD-6V gebruikt, heeft u geen
gedetailleerde informatie over MIDI nodig. Voor diegenen,
die MIDI keyboards willen gebruiken om stukken op de TD6V op te nemen, of die het gebruiken als geluidsmodule met
externe sequencers of diegenen die de TD-6V op een meer
gevorderd niveau willen leren, zal het volgende één en ander
uitleggen over MIDI.
MIDI kanalen en meerstemmige
geluidsmodules
MIDI aansluiting
De TD-6V heeft de volgende MIDI aansluitingen.
fig.07-001
Station C
De televisie staat ingesteld op het kanaal
van het station, dat u wilt bekijken.
Er zijn 16 MIDI kanalen, genummerd 1 – 16. Stel het ontvangende apparaat zo in, dat het alleen het benodigde kanaal ontvangt.
Voorbeeld:
MIDI IN aansluitingsfunctie
Deze ontvangt MIDI berichten, die door een extern MIDI apparaat worden verzonden. Als de TD-6V MIDI boodschappen
ontvangt, dan onderneemt de TD-6V acties als het afspelen van
geluiden, wisselen van drumkits en andere instrumenten.
Stel de TD-6V in, zodat het Kanaal 1 en Kanaal 2 verstuurd.
Stel vervolgens geluidsmodule A in om alleen Kanaal 1 te ontvangen en geluidsmodule B om alleen Kanaal 2 te ontvangen.
Op deze manier zal module A de gitaarpartij laten klinken en
module B de baspartij.
95
Hoofdstuk 7 Maken van MIDI instellingen (SETUP/MIDI, BULK DUMP)
Voor het afspelen wordt de uitvoeringsdata, die opgenomen is
op de sequencer, verzonden naar de geluidsmodule, die het
geluid produceert. De data voor elke sequencerpartij zorgt
ervoor, dat de corresponderende partij in de interne geluidsmodule wordt afgespeeld. Als uitvoeringsdata wordt opgenomen, dan wordt de data van de pads en MIDI keyboards naar
de sequencer verzonden. De data, die hier wordt opgenomen,
wordt vervolgens verzonden naar de geluidsmodule voor het
afspelen.
fig.07-003.e
MIDI OUT
MIDI
Keyboard
Verzend kanaal: 1, 2
MIDI THRU
Sound
Module A
MIDI IN
Als u een drumpartij of een percussiepartij opneemt, dan
wordt de uitvoeringsdata naar de drumpartij en percussiepartij verzonden, naar gelang van de instelling van de prioriteit
van kanaal 10 (SETUP/MIDI COMMON/CH10Priority; p.98).
Ontvang kanaal: 1
Sound
Module B
MIDI IN
Ontvang kanaal: 2
Als de TD-6V als een geluidsmodule wordt gebruikt, dan kan
het tot zes van de zestien MIDI kanalen ontvangen (16 kanalen
in de GM modus). Geluidsmodules, die meerdere MIDI kanalen tegelijk kunnen ontvangen, zoals de TD-6V worden “meerstemmige geluidsmodules” genoemd.
Hoe de interne sequencer werkt
Een sequencer is een elektronisch instrument, dat gebruikt
wordt voor opnemen en afspelen van uitvoeringen. De TD-6V
bevat zo’n sequencer functie. De TD-6V wordt geleverd met
150 verschillende ingebouwde songs (Preset songs), die
gebruikt kunnen worden voor drumoefeningen of andere toepassingen. U kunt tevens uw eigen songs creëren.
fig.07-004.e
Externe geluidsmodule
TD-6V
Interne sequencer
Drum Kit Part
Als u de TD-6V als GM geluidsmodule gebruikt, wordt de
interne sequencer uitgeschakeld.
Maken van MIDI instellingen
(MIDI COMMON)
Maak de MIDI instellingen voor de TD-6V.
1. Houd [SHIFT] ingedrukt, en druk op
[EDIT(SETUP)].
[EDIT] brandt.
2. Druk op [
ren.
] om “MIDI COMMON” te selecte-
fig.SETUP-MIDICMN_50
3. Druk op [ENTER
].
4. Druk op [
] of [
] om de te bewerken parameter te selecteren.
fig.07-006ai.e
Pad
Percussion Part
Part 1
In te stellen parameter
MIDI Keyboard
Part 2
5. Druk op [+] of [-] om de instelling te maken.
fig.07-007ai.e
Part 3
Part 4
Waarde
Interne
geluidsgenerator
96
6. Als u klaar bent met instellen, druk dan op [KIT]
of [SONG] om de procedure te beëindigen.
Hoofdstuk 7 Maken van MIDI instellingen (SETUP/MIDI, BULK DUMP)
Automatisch wisselen van instellingsschermen van instrumenten
(Note Chase)
Note Chase is een functie, waarin en pad wordt geselecteerd
door erop te slaan of door het ontvangen van MIDI data, dat aan
die pad correspondeert.
Als dit op “OFF” staat, dan zal het instellingsscherm van de pad
niet gewisseld, zelfs als MIDI data voor een pad wordt ontvangen. Hier zal het trigger ingangsnummer tussen haakjes verschijnen ([ ]). Als u andere pads wilt instellen met de instelling nog
steeds op “OFF”, kunt u van schermen wisselen door [SHIFT]
ingedrukt te houden en op [
] of [
ger ingangsnummer te selecteren.
fig.07-009.e
Pad
Trigger ingang
TD-6V
Interne
sequencer
Trigger MIDI
omzetter
OUT/THRU
] te drukken om het trigLocalControl:
OFF
fig.07-008_50
IN
OUT
IN
Interne geluidsgenerator
Note Chase: OFF, ON
Externe MIDI sequencer
een pad selecteren, waar het trigger type niet van is ingesteld.
Kijk tevens bij “Aansluiten van twee pads aan trigger ingang
5/6 (TOM2/AUX) en /8 (TOM3/4)” (p.70).
Bij het gebruik als MIDI regelaar
voor een extern MIDI apparaat
(Local Control)
Deze instelling wordt geëist als u uw pads en interne sequencer
uitvoering op een externe MIDI sequencer wilt opnemen. De uitvoeringsdata van de pads en interne sequencer wordt eerst verzonden naar de externe sequencer en vervolgens naar de
geluidsmodule van de TD-6V, in plaats van direct naar de
geluidsmodule sectie (Local Control Off).
• Het instellingenscherm verschijnt niet in de GM modus.
• Als u aansluit en opneemt met de instelling Local On,
dan zullen gedupliceerde noten opnieuw naar de TD-6V
verzonden worden en niet correct worden afgespeeld.
fig.07-010_50
LocalControl (Local Control): OFF, ON
OFF:
De pads en interne sequencer worden van de interne geluidsgenerator van de TD-6V losgekoppeld. Aanslaan van pads
heeft geen geluidsproductie door de interne geluidsgenerator
tot gevolg.
ON:
De pads en interne sequencer worden aan de interne geluidsgenerator van de TD-6V gekoppeld. Geluid wordt door de
interne geluidsgenerator geproduceerd, als de pads worden
aangeslagen.
97
7
U kunt alleen de TOM2 rand of AUX en alleen de TOM3 rand
of TOM4 gebruiken. U kunt geen enkele triggeringang voor
Hoofdstuk 7 Maken van MIDI instellingen (SETUP/MIDI, BULK DUMP)
Synchroniseren met een extern
MIDI apparaat (Sync Mode)
Dit gedeelte bespreekt de instellingen die toestaan om een
externe MIDI sequencer en de sequencer van de TD-6V te synchroniseren. Het apparaat dat afspeelt, wordt “master”
genoemd en het apparaat dat naar het afspelen synchroniseert wordt “slaaf” genoemd.
Het instellingenscherm verschijnt niet in de GM modus.
fig.07-011_50
fig.07-012.e
CH10
Percussion
Part
Std 1 T2
Med16 Cr
Std 1 T1
Pop Rd
China18”
Pop Rdb
Tambrn 1
Splsh12”
Cowbell1
Quik16Cr
VibraSlp
Pop Rde
R8Bng Hi
R8Bng Lo
Conga Mt
Conga Sl
Conga Op
Note No.
48
C3
49
50
52
53
51
Drum Kit
Part
4/TOM1
9/CRASH1
4/TOM1 Rim
11/RIDE
10/CRASH2 Rim
11/RIDE Rim
54
9/CRASH1 Rim
55
56
57
10/CRASH2
58
59
60 C4
61
62
63
64
Sync Mode: INT, EXT, REMOTE
INT (INTERNAL):
De tempo-instelling van de TD-6V wordt voor afspelen en
CH10 Priority
opnemen gebruikt.
EXT (EXTERNAL):
De sequencer van de TD-6V werkt volgens de externe tempodata.
REMOTE:
Afspelen begint, pauzeert en stopt volgens de data van het
externe apparaat. Maar het tempo van de TD-6V wordt
gebruikt als afspeeltempo.
Prioriteit instellen voor het bespelen
van drums en percussie (Channel 10
Priority)
Deze instelling is noodzakelijk als zowel de drumpartij als de
percussiepartij tegelijkertijd aan Kanaal 10 zijn toegewezen.
Als er nootnummers, verbonden aan percussiepartij instrumenten (18(F#0)-96(C7)), aan de pads zijn toegewezen, selecteer dan welk instrumentgeluid afgespeeld moet worden als
het nootnummer ontvangen wordt.
Bij het opnemen van MIDI keyboard uitvoeringen (p.92) of het
laden van externe sequencer data naar de TD-6V (p.106) wordt
de data op de klinkende partij volgens deze instelling opgeslagen.
98
PERC
KIT
Note No.
Std 1 T2
Med16 Cr
Std 1 T1
Pop Rd
China18”
Pop Rdb
Tambrn 1
Splsh12”
Cowbell1
Quik16Cr
VibraSlp
Pop Rde
R8Bng Hi
R8Bng Lo
Conga Mt
Conga Sl
Conga Op
48
C3
49
50
52
53
51
54
55
56
57
58
59
60 C4
61
62
63
64
4/TOM1
9/CRASH1
4/TOM1 Rim
11/RIDE
10/CRASH2 Rim
11/RIDE Rim
Tambrn 1
9/CRASH1 Rim
Cowbell1
10/CRASH2
VibraSlp
Pop Rde
R8Bng H
R8Bng Lo
Conga Mt
Conga Sl
Conga Op
Hoofdstuk 7 Maken van MIDI instellingen (SETUP/MIDI, BULK DUMP)
partijdata (muziekbestanden voor General MIDI geluidsmodule) af te spelen.
Het instellingenscherm verschijnt niet in de GM modus.
fig.07-013_50
Voor meer over het GM systeem kunt u kijken op p.13.
Om verzekerd te zijn van het goed afspelen van GM partijen,
stel dan de TD-6V in op GM modus.
CH10Priorty (Channel 10 Priority): KIT, PERC
KIT (Drum Kit Part):
Bij het overlappen van ontvangen nootnummers, zal de drumkit partij (het pad instrument)klinken.
PERC (Percussion Part):
De percussiepartij wordt altijd gespeeld.
Als u dit op “ON” zet, initialiseert u de interne geluidsgenerator van de TD-6V voor het gebruik met GM, terwijl de percussieset van het GM systeem (Standard Set) wordt toegewezen
aan Partij 10 en Piano 1 aan alle andere partijen toegewezen
wordt.
De TD-6V verandert naar de GM modus op de volgende
punten:
• Bij het wisselen naar de GM modus
Data reductie van het hi-hat bedieningspedaal (Pedal Data Thin)
Deze functie voorkomt het overmatig versturen van data
vanaf het pedaal naar de interne sequencer of via de MIDI
• Als het een GM System On bericht van een extern MIDI
apparaat ontvangt.
• Als de TD-6V een GM System On bericht ontvangt als
gevolg van het afspelen, op een extern MIDI apparaat,
van een song, die een GM System On bericht bevat.
OUT.
Als u met het hi-hat bedieningspedaal geleidelijke veranderingen in de toonhoogte wilt maken, stel dit dan in op “1” of
Om specifieke partijen in de GM modus te dempen, kunt u de
juiste instelling maken voor “GM PART” (SETUP/GM PART/
Part Rx Sw; p.102).
Het instellingenscherm verschijnt niet in de GM modus.
fig.07-014_50
PdlDataThin (Pedal Data Thin): OFF, 1, 2
OFF:
Verzonden data vanaf het pedaal wordt niet gereduceerd.
1:
Dit reduceert de data, die vanaf het pedaal verzonden wordt.
“Gewoonlijk” wordt “1” geselecteerd.
2:
De reduceert de data, die vanaf het pedaal verzonden wordt.
Deze instelling resulteert in nog minder data, dan wanneer
“1” wordt geselecteerd.
Wissel naar de GM (General MIDI)
modus (GM Mode)
De TD-6V bevat een GM modus; een handige manier om GM
• U kunt de TD-6V niet gebruiken voor het maken van veranderingen in de partij-instellingen. Verander de instellingen door het versturen van de Control Change Bank
Select (CC0#, CC32#) en Progam Change (PC) van een
extern MIDI apparaat.
• Als de stroom aan wordt gezet, staat de GM modus
gewoonlijk op “OFF”.
• Drumkit partijen kunnen niet worden gespeeld met
gebruik van MIDI berichten, die verzonden worden
vanaf een extern apparaat. Ze kunnen alleen gespeeld
worden door het bespelen van de pads verbonden aan de
TD-6V.
• Sequencers kunnen niet worden gebruikt in de GM
modus. De [SONG], [PLAY
], [STOP ],[REC ],
[CLICK] en [PART MUTE] knoppen zijn uitgeschakeld.
Tevens kan [SHIFT] + [CLICK(TEMPO)] niet worden
gebruikt.
• Sommige parameters kunnen niet worden ingesteld in de
GM modus. Voor gedetailleerde informatie kunt u kijken
bij de “Parameter lijst” (p.130).
• Programmaveranderingen in de GM modus zijn vooraf
vastgesteld, en kunnen dus niet worden veranderd.
Gebruik de programmaveranderingen in de “Preset Percussieset lijst” (p.124) en “Achtergrondinstrumenten lijst”
(p.126).
99
7
“OFF”.
Hoofdstuk 7 Maken van MIDI instellingen (SETUP/MIDI, BULK DUMP)
• De pan van de percussieset is gebaseerd op hoe de set
klinkt van waar de drums bespeeld worden. Wees ervan
bewust dat de aanbevolen panning met General MIDI is
omgekeerd.
Mixen van in MIDI IN binnenkomende MIDI signalen met realtime
uitvoeringen op de pads (Soft Thru)
Deze instelling zorgt ervoor, dat data (behalve System Exclu-
Als u in de GM modus bent, verschijnt “
” in het drum-
kit scherm.
fig.07-015aai
sive berichten) in MIDI IN wordt ontvangen, en verzonden
door de MIDI OUT/THRU aansluiting, samen met de pad en
sequencer uitvoeringsdata.
fig.07-016a.e
Pad
MIDI Compatible Pad
fig.07-015_50
GM Mode: OFF, ON
Trigger
ingang
IN
OUT/THRU
OUT
Voorkomen dat de TD-6V naar GM
(General MIDI) modus wisselt (Rx
GM ON)
Deze instelling voorkomt dat de TD-6V naar de GM modus
wisselt, zelfs als er een “GM System ON” bericht van een
TD-6V
Soft Thru: ON
extern MIDI apparaat wordt ontvangen.
fig.07-016_50
RX GM ON: OFF, ON
Externe MIDI sequencer
Als deze instelling niet wordt gebruikt, laat het dan op “OFF”
staan, zodat de trigger respons van de pads sneller zijn.
fig.07-017_50
OFF:
Zelfs als er een “GM System ON” bericht wordt ontvangen,
wisselt de TD-6V niet naar de GM modus. Als u wilt wisselen
naar de GM modus, volg dan de procedure beschreven in de
vorige paragraaf om handmatig te wisselen.
ON:
Als een “GM System ON” bericht wordt ontvangen, wisselt de
TD-6V naar de GM modus.
GM System On bericht
Dit is een bericht dat een apparaat doet wisselen naar een
besturingssysteem dat compatible is met het GM systeem of om een geluidsgenerator te initialiseren, zodat
het compatible wordt met het GM systeem.
Als “RX GM ON” op “OFF” staat, zal het het GM System
ON bericht negeren.
100
Soft Thru: OFF, ON
OFF:
Alleen pad en sequencer uitvoeringsdata wordt via de MIDI
OUT/THRU aansluiting verzonden.
ON:
Data, die in de MIDI IN ingang wordt ontvangen, wordt
samen met de pad en sequencer uitvoeringsdata vanaf de
MIDI OUT/THRU aansluiting verzonden.
Hoofdstuk 7 Maken van MIDI instellingen (SETUP/MIDI, BULK DUMP)
Stel het apparaat ID in (Device ID)
De instelling, die hier beschreven wordt, is alleen noodzakelijk
als u data wenst te verzenden naar twee of meer TD-6V apparaten tegelijkertijd. Verander deze instelling in een ander
geval niet.
Instellen van de TD-6V, zodat
programmaveranderingen niet
verzonden worden (Tx PC Sw)
De TD-6V verstuurd een Program Change bericht naar externe
apparaten als van drumkit wordt gewisseld. Als dit op “OFF”
staat, zullen programmaveranderingen niet worden verzonden.
Bij het fabrieksinstelling staat het apparaat ID op “17”.
Voorbeeld:
Als u data opslaat met gebruik van Bulk Dump (p.103), sla
dan op met gebruik van “17” als het TD-6V apparaat ID. Als u
deze data terugstuurt naar de TD-6V, zal het niet ontvangen
worden als dit op iets anders dan “17” ingesteld staat, zelfs als
De programmanummers van de TD-6V drumkits zijn altijd
hetzelfde als de drumkitnummers. Deze relatie staat vast en
kan niet worden veranderd.
u een andere TD-6V aangesloten heeft staan.
Het instellingsscherm verschijnt niet in de GM modus.
fig.07-018.e (ID 16 17)
Verzend data (Device ID:17)
fig.07-020_50
MIDI IN
MIDI OUT
Tx PC Sw (Tx PC Switch): OFF, ON
OFF:
Program Change berichten worden niet verzonden, zelfs als er
van drumkit wordt gewisseld.
ON:
Externe MIDI sequencer
MIDI IN
Niet ontvangen
TD-6V
Device ID: 16
Als u de instelling van het apparaat ID, dat gebruikt is om
data via Bulk Dump op te slaan , zal het niet meer mogelijk
zijn om de opgeslagen bulkdata te herladen.
fig.07-019_50
Programmaveranderingen worden verstuurd als er van drumkit wordt gewisseld.
Instellen van de TD-6V, zodat
programmaveranderingen niet
worden ontvangen (Rx PC Sw)
De TD-6V wordt gewisseld als een Program Change bericht
wordt ontvangen van een extern MIDI apparaat. Als dit op
“OFF” staat, zullen de drumkits niet veranderen, zelfs als er
een Program Change bericht wordt ontvangen.
De programmanummers van de TD-6V drumkits zijn altijd
hetzelfde als de drumkitnummers. Deze relatie staat vast en
kan niet worden veranderd.
Het instellingenscherm verschijnt niet in de GM modus.
fig.07-021_50
Device ID: 1–32
101
7
TD-6V
Device ID: 17
Hoofdstuk 7 Maken van MIDI instellingen (SETUP/MIDI, BULK DUMP)
Rx PC Sw (Rx PC Switch): OFF, ON
fig.07-022ai.e
OFF:
De drumkits worden niet gewisseld, zelfs als er Program
Change berichten worden ontvangen van een extern MIDI
Selecteer partij
apparaat.
ON:
5. Druk op [+] of [-] om in te stellen.
De drumkits worden verwisseld als er Program Change
berichten worden ontvangen van een extern MIDI apparaat.
6. Als u klaar bent met instellen, druk op [KIT] of
[SONG] om de procedure te beëindigen.
MIDI kanaalinstellingen voor
een partij (MIDI PART)
fig.07-023ai.e
Voor elke partij kunt u het kanaal specificeren, waar de TD-6V
MIDI berichten zal ontvangen en versturen.
Bij een instelling van “1” tot “16” zullen MIDI berichten op dat
kanaal worden verstuurd en ontvangen. Als het op “OFF”
staat, zullen MIDI berichten voor die partij niet worden verzonden.
Drumkit partijen en percussiepartijen kunnen over elkaar
heen geplakt worden op “CH 10”. Stel “CH10Priorty (Channel
10 Priority)” in om vast te leggen welke van de twee moeten
klinken als er MIDI berichten ontvangen worden (SETUP/
MIDI COMMON/CH10Priorty; p.98).
In de GM modus (p.99) is het kanaal van de partij vooraf vastgesteld, en kan dus niet worden veranderd.
1. Houd [SHIFT] ingedrukt, en druk op
[EDIT(SETUP)].
[EDIT] brandt.
2. Druk op [
Waarde
Part CH (Part Tx Rx Channel): CH 1–CH16, OFF
Stopfunctie voor MIDI berichten
voor specifieke partijen in GM
(General MIDI) modus (GM PART)
In de GM modus kunt u instellingen maken, die vastleggen of
MIDI berichten wel of niet voor elke individuele partij ontvangen moeten worden.
Als dit op “OFF” staat, worden de MIDI berichten van de partij niet ontvangen.
1. Houd [SHIFT] ingedrukt, en druk op [EDIT
(SETUP)].
[EDIT] brandt.
2. Druk op [
] om “GM PART” te selecteren.
fig.SETUP-GMPRT_50 (SETUP-MIDI PART)
] om “MIDI PART” te selecteren.
fig.SETUP-MIDIPRT_50
Als “GM Mode” op “ON” staat, verschijnt “GM PART”
en kunt u de instelling niet maken. Stel dit in, nadat u
“GM Mode” op “OFF” heeft gezet (SETUP/MIDI COMMON/GM Mode; p.99).
3. Druk op [ENTER
].
Als “GM Mode” op “ON” staat, verschijnt “GM PART” en kunt
u de instelling niet maken. Stel dit in nadat u “GM Mode” op
“OFF” heeft gezet (SETUP/MIDI COMMON/GM Mode; p.99).
3. Druk op [ENTER
4. Druk op [
] of [
te selecteren.
].
] om de in te stellen partij
fig.07-024ai.e
4. Druk op [
] of [
te selecteren.
] om de in te stellen partij
Selecteer partij
102
Hoofdstuk 7 Maken van MIDI instellingen (SETUP/MIDI, BULK DUMP)
5. Druk op [+] of [-] om de instelling te maken.
fig.07-026.e
fig.07-025ai.e
MIDI OUT
MIDI IN
Waarde
6. Als u klaar bent met instellen, druk op [KIT] om
de procedure te beëindigen.
TD-6V
Part Rx Sw (Part Rx Switch): OFF, ON
Opslaan van data op een extern
MIDI apparaat (BULK DUMP)
U kunt drumkits, songs, algemene instellingen, etc, van de
TD-6V in een externe MIDI sequencer opslaan.
Gebruik de externe sequencer, zoals u die zou gebruiken voor
het opnemen van muzikale data, en voer de volgende stappen
uit op de TD-6V.
Externe MIDI sequencer
2. Houd [SHIFT] ingedrukt, en druk op
[EDIT(SETUP)].
[EDIT] brandt.
3. Druk op [
] om “BULK DUMP” te selecteren.
fig.SETUP-BULK_50 (SETUP-BULK DUMP)
4. Druk op [ENTER
].
5. Druk op [+] of [-] om de inhoud te selecteren,
die u wilt opslaan.
Bulk Dump is een System Exclusive bericht. Wees er zeker van
een externe MIDI sequencer te gebruiken, die System Exclu-
fig.07-027ai.e
sive berichten ondersteunt. Bevestig bovendien dat de sequencer niet op “Do not receive System Exclusive messages” staat
ingesteld.
Inhoud wordt opgeslagen
6. Start het opnameproces naar de externe
sequencer.
Instellen van het apparaat ID (SETUP/MIDI COMMON/
DeviceID; p.101) maakt de operatie handiger als er meerdere
TD-6V’s aangesloten zijn.
7. Druk op [ENTER
].
Druk op [EXIT] om de procedure te annuleren.
fig.07-028_50
Voor meer gedetailleerde informatie over externe MIDI appa-
1. Gebruik een MIDI kabel om de MIDI OUT van de
TD-6V aan te sluiten op de MIDI IN van de
externe sequencer.
8. Druk op [ENTER
starten.
] om de datatransmissie te
fig.07-029_50
7
raten zou u de handleiding van de desbetreffende apparaten
moeten lezen.
9. Als u met de transmissie klaar bent, verschijnt
het Completed scherm.
fig.07-030_50
10. Stop de opname op de externe sequencer.
103
Hoofdstuk 7 Maken van MIDI instellingen (SETUP/MIDI, BULK DUMP)
Bulk Dump:
ALL, SETUP, ALL SONGS, ALL KITS,
KIT 01–KIT 99
ALL:
Alle data, inclusief instelling (trigger, pad en andere instellingen), drumkits en User songs, worden verzonden.
SETUP:
Datacompatibiliteit tussen de
TD-6 en de TD-6V
Hoewel het mogelijk is om bulk data tussen de TD-6V en
de TD-6 te ontvangen en te verzenden, let op de volgende
punten in datacompatibiliteit.
Alle instellingsdata wordt verzonden.
ALL SONGS:
Verzonden
data
Van TD-6 naar TD-6V
Van TD-6V naar TD-6
Alle data voor User songs 171- 270 wordt verzonden.
ALL
*1 *2
*1
ALL KITS:
SETUP
*1
*1
Alle data voor drumkits 1 –99 wordt verzonden.
KIT 01–KIT 99:
Alleen de data voor de geselecteerde drumkit wordt verzonden.
Terugkeren van opgeslagen data
naar de TD-6V
Dit keert instellingen, die op een sequencer of ander extern
MIDI apparaat zijn opgeslagen terug naar de TD-6V.
ALL SONGS
ALL KIT
*2
KIT01–99
*2
1 Als gevolg van verschillen in triggertypes van de TD-6V
en de TD-6 kunnen er verschillen ontstaan tussen de
verzonden en ontvangen berichten.
Als dit gebeurt, corrigeer dan de triggertypes handmatig
nadat de data ontvangen is (TRIGGER BASIC,
TRIGGER ADVANCED).
*2 De TOM2 RAND en TOM3 RAND parameter van de
TD-6V is gereset, waardoor het niet zal gaan klinken.
Reset zonodig de parameters voor deze pads.
Op dit moment wordt de data van de TD-6V overschreven.
Sla benodigde data op naar een extern MIDI apparaat voordat
u deze operatie uitvoert.
Stel het apparaat ID (SETUP/MIDI COMMON/Device ID;
p.101) in als de bulk data is opgeslagen.
1. Gebruik een MIDI kabel om de MIDI OUT van de
TD-6V aan te sluiten op de MIDI IN van de
externe sequencer.
fig.07-031.e (IN -> OUT)
MIDI OUT
Externe MIDI sequencer
MIDI IN
TD-6V
2. Verzend de instellingsdata van de externe
sequencer naar de TD-6V.
De verzonden instellingen worden hergeproduceerd.
104
Hoofdstuk 8 Gebruik van MIDI en instelling voorbeelden
Over het verzenden/
ontvangen van
programmaveranderingen
Drumkit
Triggeren van een extern
geluidsapparaat door het
bespelen van de TD-6V
Dit stelt de TD-6V zo in, dat de externe geluidsmodule klinkt
als de pad worden bespeeld.
De programmanummers van de drumkits zijn altijd hetzelfde
als de drumkit nummers. Deze relatie staat vast en kan niet
worden veranderd.
Percussieset
Percussieset programmanummers zijn vooraf vastgesteld. Kijk
bij de “Preset percussieset lijst” (p.124).
Achtergrond instrumenten (Part 1 –4)
Met deze instelling kunnen de TD-6V en de externe
geluidsmodule tegelijk klinken.
1. Gebruik een MIDI kabel om de MIDI OUT van de
TD-6V aan te sluiten op de MIDI IN van het
externe MIDI apparaat.
fig.08-001.e
De programmanummers van de instrumenten en regelnummers 0 en 32 staan vast. Kijk bij “Achtergrond instrumenten
lijst” (p.126).
MIDI OUT
Als er toonveranderingen op een extern MIDI apparaat zijn
gemaakt, zullen de instrumenten van de TD-6V zijn
Externe MIDI Sound Module,
Sampler etc.
TD-6V
2. Vergelijk het MIDI kanaal van de TD-6V voor het
verzenden van data en het MIDI kanaal dat door
het externe MIDI apparaat voor het ontvangen
van de data wordt gebruikt.
(SETUP/MIDI PART/CH; p.102)
3. Specificeer het nootnummer van elke pad, dat
verzonden wordt. (KIT/CONTROL/Note No; p.64)
Stel dit in op het nootnummer, dat u wilt horen op de
externe MIDI geluidsmodule of sampler.
4. Stel de MIDI Gate Time in.
(KIT/CONTROL/Gate Time; p.65)
8
verwisseld, maar de verandering wordt niet opgenomen door
de sequencer.
MIDI IN
U kunt verschillende pad nootnummers en gate time
instellingen per drumkit gebruiken.
105
Hoofdstuk 8 Gebruik van MIDI en instelling voorbeelden
Combineren met een externe
MIDI sequencer
(SETUP/MIDI COMMON/Sync Mode)
5. Selecteer één van de nieuwe User songs van de
TD-6V (p.83).
U kunt een nieuwe User song selecteren door [SHIFT]
Importeren van sequencedata van
een extern MIDI apparaat naar de
interne sequencer van de TD-6V
U kunt op andere sequencer gecreëerde data laden vanaf de
MIDI IN aansluiting, en de data op de sequencer van de TD6V opnemen om vervolgens de data als een song te gebruiken.
De achtergrondpartijen (partijen 1 – 4), de percussiepartij en
de drumkit partij kunnen gelijktijdig geïmporteerd worden.
ingedrukt te houden en op [STOP
] te drukken, terwijl
u in het Song scherm bent.
Nieuwe User songs worden aangegeven door “
” in het
scherm.
6. Maak de instelling voor de partijen op de TD-6V.
(SONG/PART; p.87)
Specificeer de instrumenten van de partijen,
percussiesets, volumeniveaus, etc.
Als de instrumenten van de TD-6V vanaf een extern MIDI
apparaat veranderd zijn, dan wordt de verandering niet
opgenomen door de sequencer van de TD-6V. Gebruik de
TD-6V om de instellingen van elke partij te maken.
7. Druk op [REC ]. Stel dan de opnameinstellingen in (p.93).
Time Sig: Stel de maatsoort in, zodat het samenloopt
met de geladen data.
Rec Mode: Stel dit in op “REPLACE”.
Voor meer over handelingen met een extern MIDI apparaat,
kunt u kijken in de handleidingen van de desbetreffende
apparaten.
8. Start het afspelen van het externe MIDI
apparaat.
De TD-6V begint automatisch met opnemen.
1. Gebruik een MIDI kabel om de MIDI OUT van de
TD-6V aan te sluiten op de MIDI IN van het
externe MIDI apparaat.
9. Als u klaar bent met opnemen, stop de opname
van het externe MIDI apparaat dan.
De TD-6V stopt automatisch met opnemen.
fig.08-002.e
MIDI OUT
MIDI IN
Uw uitvoering op een externe
sequencer opnemen
Deze instelling zorgt ervoor, dat uw uitvoering op de pads
door een externe MIDI sequencer opgenomen wordt.
1. Gebruik een MIDI kabel om de aansluitingen
van de TD-6V en de MIDI sequencer te
verbinden, zoals in het volgende figuur.
Externe MIDI sequencer
TD-6V
2. Vergelijk het MIDI kanaal dat de TD-6V gebruikt
voor het verzenden van data en het MIDI kanaal,
dat door het externe MIDI apparaat wordt
gebruikt voor het ontvangen van de data.
(SETUP/MIDI PART/CH; p.102)
3. Stel zonodig “CH10Priorty (Channel 10
Priority)” in als u drum en percussiepartijen
opneemt.
(SETUP/MIDI COMMON/CH10Priorty; p.98)
4. Stel “Sync Mode” in op “EXT” om de TD-6V met
de externe sequencer te synchroniseren.
106
fig.08-003.e
IN
OUT
TD-6V
OUT
IN
Externe MIDI sequencer
Hoofdstuk 8 Gebruik van MIDI en instelling voorbeelden
2. Zet Local Control op “OFF”.
(SETUP/MIDI COMMON/LocalControl; p.97)
3. Vergelijk het MIDI kanaal, dat de TD-6V gebruikt
voor het verzenden van data en het MIDI kanaal
dat door het externe MIDI apparaat wordt
gebruikt voor het ontvangen van de data.
(SETUP/MIDI PART/CH; p.102)
4. Start het opnameproces van de externe MIDI
sequencer.
5. De uitvoeringen op de pads worden
opgenomen, zoals ze bespeeld worden.
6. Als u met spelen klaar bent, stop dan de
opname op de externe MIDI sequencer.
4. Selecteer één van de nieuwe User songs van de
TD-6V (p.83).
U kunt een nieuwe User song selecteren door [SHIFT]
ingedrukt te houden, en op [STOP
] te drukken,
terwijl u in het Song scherm bent.
Nieuwe User songs worden aangegeven door “
” in het
scherm.
5. Maak de instelling voor de partijen op de TD-6V.
(SONG/PART; p.87)
Specificeer de instrumenten van de partijen,
percussiesets, volumeniveaus, etc.
7. Als het afspelen van de MIDI sequencer begint,
dan is de TD-6V bespeeld.
Als u de TD-6V als geluidsmodule gebruikt, moeten de
geselecteerde geluiden gekoppeld zijn aan een SONG, dit
Gebruik van de TD-6V als
geluidsmodule
omdat de song parameters de geluiden die u gebruikt
opslaan. Als u eenmaal een nieuwe User song selecteert
en instelt, dan kunt u deze instellingen oproepen door
Hier wordt de TD-6V gebruikt als geluidsmodule. U kunt een
externe MIDI sequencer aansluiten om af te spelen of een
deze song te selecteren. U kunt tevens opnamen of
veranderingen aan de instellingen voorkomen door
“Song Lock” op “ON” te zetten (SONG/COMMON/
Song Lock; p.86).
MIDI-compatible keyboard of pads voor uitvoeringen
gebruiken.
1. Gebruik een MIDI kabel om de MIDI OUT van de
TD-6V aan te sluiten op de MIDI IN van het
externe MIDI apparaat.
6. Als u het externe MIDI apparaat bespeelt, zal de
TD-6V klinken.
fig.08-004.e
MIDI OUT
MIDI IN
TD-6V
MIDI Keyboard, Pad
8
2. Vergelijk het MIDI kanaal dat de TD-6V voor het
verzenden van data gebruikt, en het MIDI kanaal
dat door het externe MIDI apparaat wordt
gebruikt voor het ontvangen van de data.
(SETUP/MIDI PART/CH; p.102)
3. Stel zonodig “CH10Priorty (Channel 10
Priority)” in als u drum en percussiepartijen
met een externe MIDI sequencer bespeelt.
(SETUP/MIDI COMMON/CH10Priorty; p.98)
107
MEMO
Appendix
Appendix
109
Probleemoplosser
Dit gedeelte bespreekt tal van problemen en de mogelijke
Staat het instrument op #1024 (OFF) ingesteld?
oplossing.
(KIT/INST; p.58)
➝ #1024 (OFF) is een instelling, die gebruikt wordt om te
Geen geluid
voorkomen, dat er geluid klinkt. Selecteer een instrument
van 1 – 1023.
Geen geluid
Is [VOLUME] verlaagd?
➝ Draai aan de [VOLUME] knop om het te controleren.
Kan geen rim-shot spelen/ rimshot klinkt niet
Heeft u een pad, die rim-shots kan produceren
en is die verbonden aan een ingang die rim-
Staat Local Conrol op “OFF”?
(SETUP/MIDI COMMON/LocalControl; p.97)
➝ Local Control zou op “ON” moeten staan als er geen
externe sequencer gebruikt wordt.
shots aankan? (p.33)
➝ Als u de PD-80R, PD-05, PD-120 of PD-125 voor rim-shots
gebruikt, sluit het dan aan op Trigger Input 2 (SNARE).
➝ Als u de PD-7, PD-8, PD-9, CY-6, CY-8, CY-12H, CY-12R/C,
CY-14C of CY-15R gebruikt voor rim-shots (of edge/bell-
Geen drumkit geluid
shots) of choking, sluit het dan aan op Trigger Input 2
Is het algemene drumkit volumeniveau
(CRASH2) of 11 (RIDE).
omlaag gedraaid? (KIT/COMMON/
MasterVolume: p.66)
(SNARE), 3 (HI-HAT), 4 (TOM1), 9 (CRASH1), 10
➝ De PD-6, PD-80, PD-100 en RP-2 kunnen geen rim-shots
produceren.
➝ Druk op [+] of [-] om het volume in te stellen
Geen geluid van één pad of
meerdere pads
Staat Rim Sensitivy op “0”?
(SETUP/TRIG ADVNCD/Rim Sens;
p.75)
➝ Druk op [+] of [-] om in te stellen.
Is het volumeniveau van een instrument
verlaagd? (KIT/INST/Level; p/59)
➝ Sla op de pad, die geen geluid produceert om naar het
instellingenscherm te springen. Druk op [+] of [-] om het
volume in te stellen.
Is de pad correct aangesloten? (p.20, p.33)
➝ Controleer of de pad correct is aangesloten en dat elke pad
aan de juiste aansluiting zit.
➝ Gebruik alleen de meegeleverde kabels om de pads aan te
sluiten.
110
Om rim-shots te spelen, dient u “Rim Sens” in te stellen bij
gebruik van de PD-80R, PD-105, PD-120 of PD-125.
Probleemoplosser
Geen geluid van de pads, die
verbonden zijn aan Trigger Inputs
6 (AUX) en 8 (TOM4)
Heeft u de juiste trigger instellingen gemaakt?
(SETUP/TRIG TYPE; p.69)
➝ Verander de instellingen als u twee pads aan trigger
Voorzorgsmaatregelen bij het aanzetten van de stroom
Als de TD-6V wordt aangezet, worden de pads
gecontroleerd. Als u een pad aanslaat of een pedaal
indrukt tijdens dit proces, dan kunnen de pads niet juist
gecontroleerd worden, wat kan resulteren in het incorrect
functioneren van de pads.
ingangen 5/6 (TOM2/AUX) en 7/8 (TOM3/4) verbonden
heeft.
Kan geen cross-sticks uitvoeren/
cross-sticks klinken niet
Heeft u een pad, die cross-sticks ondersteunt,
verbonden aan een trigger ingang? (p.33)
➝ Als u de PD-80R, PD-105, PD-120 of PD-125 gebruikt voor
Volumeniveaus voor de randen
van TOM2 en TOM3 veranderen
niet
Heeft u de juiste instellingen gemaakt voor
AUX en Tom4? (SETUP/TRIG TYPE; p.69)
➝ Om de randen van TOM2 en TOM3 te gebruiken, stelt u de
triggertypes van AUX en TOM4 in op “Rim”.
cross-sticks, sluit deze dan aan op Trigger Input 2
(SNARE).
Is het instrument, dat gebruikt kan worden
Geen geluid als [SHIFT] + [KIT]
(Preview) wordt ingedrukt
voor cross-sticks, geselecteerd? (KIT/INST;
Is de velocity van de [PREVIEW] knop ingesteld
p.58, Druminstrumenten lijst; p.120)
op “0”? (SETUP/UTILITY/Preview Velo; p.78)
➝ Gebruik het instrument met de “XS”.
➝ Druk op [+] of [-] om in te stellen.
Voert u de cross-stick correct uit? (p.36)
➝ Zorg ervoor, dat bij een cross-stick uw hand of stok niet het
vel aanraakt.
Geen klik/metronoom geluid
Brandt [CLICK]? (p.79)
➝ Druk op [CLICK] om het te laten branden.
Geen geluid als een pad zacht
wordt aangeslagen
Staat het klik volumeniveau op “0”? (CLICK/
Click Level; p.79)
Heeft u een pad aangeslagen of het pedaal
ingedrukt ergens tussen het moment, dat u de
➝ Druk op [+] of [-] om in te stellen.
kitnaam in het scherm verscheen?
➝ Volg de procedure op p.23. Zet de stroom opnieuw aan
Song speelt niet af
zonder het bespelen van de pads of pedalen tijdens het
Staat de GM modus op “ON”? (SETUP/MIDI
opwarmen van de TD-6V.
COMMON/GM Mode; p.99)
➝ Druk op [+] of [-] om dit op “OFF” te zetten. De sequencerfunctie werkt niet als de TD-6V in GM modus staat.
111
Appendix
stroom aanzette en het moment dat de
Probleemoplosser
Externe sequencer klinkt niet, zelfs
tijden het bespelen van de TD-6V
en de pads
Speelt u een nieuwe User song af?
➝ Speel een song af, die geen uitvoeringsdata bevat.
Nieuwe User songs worden aangegeven met een “
” in
het scherm.
Is het MIDI kanaal van de partij correct? Of
staat het op “OFF”?
(SETUP/MIDI PART/Part CH; p.102)
Staat het volume van de achtergrondpartijen
en de percussiepartij op “0”?
➝ Druk op [+] of [-] om in te stellen.
(SETUP/UTILITY/PercPartLevel, BackingLevel;
p.76, p.77)
➝ Druk op [+] of [-] om in te stellen.
In GM modus klinkt een specifieke
partij in een uitvoering niet
Staat het ingesteld om geen MIDI berichten te
Druk op [SHIFT] + [SONG] om naar het scherm te
springen met de achtergrondpartij volume instellingen.
ontvangen?
(SETUP/GM PART/Part Rx Sw; p.102)
➝ Druk op [+] of [-] om in te stellen.
Specifieke partij in een song klinkt
niet
➝ Druk op [PART MUTE] om het uit te zetten.
Geen geluid/laag volume van
het apparaat aangesloten op
de MIX IN ingang
Staat het volume voor elke partij op “0”?
Zou het kunnen zijn, dat u een kabel met een
(SONG/PART/Level; p.88)
weerstand gebruikt?
➝ Druk op [+] of [-] om in te stellen.
➝ Gebruik een kabel zonder weerstand.
Brand [PART MUTE]? (p.84)
TD-6V klinkt niet, zelfs bij gebruik
van externe sequencer of
keyboard
Staat het volume van het aangesloten
apparaat helemaal uit?
➝ Raadpleeg de handleiding van het apparaat, stel dan het
volume in.
Is het MIDI kanaal van de partij correct? Of
staat het kanaal op “OFF”? (SETUP/MIDI
PART/ Part CH; p.102)
➝ Druk op [+] of [-] om in te stellen.
Staat het volume voor elke partij op “0”?
(SONG/PART/Level;p.88)
➝ Druk op [+] of [-] om de instelling te maken.
112
Probleemoplosser
Drumkit klinkt niet zoals
bedoeld
Equalizer is niet toegepast
Staat de Equalizer op “OFF”?
(KIT/EQUALIZER/Master EQ Sw; p.62)
Drukken op [SHIFT] + [KIT]
(Preview) start het afspelen van de
song
Is de Pad Pattern (een functie, die een song
start als een pad wordt aangeslagen)
➝ Druk op [+] om het op “ON” te zetten.
Staat de Gain op “)”?
(KIT/EQUALIZER/High Gain, Low Gain; p.62)
➝ Druk op [+] of [-] om in te stellen.
gespecificeerd voor de geselecteerde pad?
(KIT/CONTROL/Pad Ptn; p.63)
Pad klinkt niet zoals bedoeld
➝ Druk op [-] om dit op “OFF” te zetten.
Pad klinkt niet correct
Om het afspelen van een song te stoppen, druk op
[STOP
].
Is de instelling voor triggertype correct?
(SETUP/TRIG BASIC/Trig Type; p.69)
Geen Ambience toegepast
➝ Druk op [+] of [-] om in te stellen.
Staat Ambience op de drumkit op “OFF”? (KIT/
Is de instelling voor de padgevoeligheid
AMBIENCE/Amb Sw: p.60)
correct?
➝ Druk op [+] of [-] om in te stellen.
(SETUP/TRIG BASIC/Sensitivity; p.71)
➝ Druk op [+] of [-] om in te stellen.
Staat de overall Ambience van de drumkit op
“0”? (KIT/AMBIENCE/Amb Level; p.61)
➝ Druk op [+] of [-] om in te stellen.
Voor de meest volledige expressie in uitvoering raden wij
alleen Roland pads aan.
Is het Ambience niveau voor de individuele
Is het vel van de KD-80, KD-120, PD-80,
instrumenten verlaagd? (KIT/AMBIENCE/
PD-80R, PD-100, PD-120 of RP-2 gelijkmatig
AmbSendLevel; p.60)
gespannen?
➝ Sla op de pad, waar de Ambience niet ingesteld staat, om
➝ Raadpleeg de gebruiksaanwijzing voor de door u gebruikte
het instellingenscherm voor dat pad te laten verschijnen.
pad,. Stel dan de spanning bij.
Als het volume of ander onderdeel van de pad onstabiel is,
stel de velspanning wat strakker bij om stabiliteit te
verbeteren.
113
Appendix
Druk op [+] of [-] om in te stellen.
Probleemoplosser
Het verkeerde geluid klinkt
Song stopt plotseling bij het
bespelen van de pads
Is er een fout in de selectie van vel en rand?
(p.55)
➝ Met sommige parameters kunt u aparte instellingen maken
voor het vel en de rand. Bevestig het triggertype dat
rechtsboven in het scherm verschijnt. Maak vervolgens de
instelling.
Gebruikt u de Pad Pattern functie?
(KIT/CONTROL/Pad Ptn; p.63)
➝ Als dit zo is, bekijk dan de instellingen, of kijk op p.63.
Bij het triggeren/spelen van een song, die ingesteld staat
op “LOOP” of “ONE SHOT” en u triggert een andere song,
Voert u de rim-shot (p.36) en de cross-stick
(p.36) correct uit?
➝ Om rim-shots te spelen, sla het vel en de rand gelijktijdig
aan. Wees bij cross-sticks er zeker van, dat uw hand of stok
dan zal de laatste song voorrang krijgen. Vergeet niet dat
sommige songs erg kort zijn, een paar noten of zelfs een
akkoord. Dus “plotselinge” stops kunnen veroorzaakt
worden door het per ongeluk triggeren van een van deze
korte songs. Controleer altijd de Pad Pattern instelling.
het vel niet aanraakt.
Song klinkt niet zoals
bedoeld
Geluid is vervormd
Geluid in koptelefoon is vervormd
Zijn de partij instellingen veranderd? (SONG/
PART; p.87)
Soms kunnen bepaalde tonen, door de output
➝ Druk op [+] of [-] om in te stellen.
van de koptelefoon te hard te zetten, ervoor
zorgen, dat het geluid wat vervormd
overkomt.
Afspelen stopt onmiddellijk na het
beginnen
➝ Draai [VOLUME] volledig uit. Dit verlicht de vervorming.
Is het afspeeltype van de song ingesteld op
Output geluid is vervormd
“TAP”?
(SONG/COMMON/Play Type; p.85)
Geluiden kunnen door sommige instrument en
➝ Druk op [-] om dit op “LOOP” of “1SHOT” in te stellen.
equalizer instellingen wat vervormd worden.
“TAP” is om de afspeelfunctie in Pad Pattern handiger te
maken (aanslaan van de pad zorgt ervoor, dat de song
wordt afgespeeld).
➝ Verlaag het instrumentvolume van de pad.
(KIT/INST/Level; p.59)
➝ Instellen van de Pan (positiebepaling) in of dichtbij het
midden kan de vervorming onderdrukken. (KIT/INST/
Pan; p.59)
114
Probleemoplosser
Problemen met bedienen van
de TD-6V
Kan Bulk Dump niet uitvoeren
Is de MIDI aansluiting gebruikt om de MIDI
kabel correct aan te sluiten? (p.95)
Aanslaan van pads zorgt niet voor het
wisselen van instellingssschermen
Is het instellingenscherm van de pad
➝ Als u een bulk dump op een extern apparaat wilt opslaan,
sluit dan de MIDI OUT/THRU van de TD-6V aan op de
MIDI IN van de externe sequencer.
vergrendeld?
(SETUP/MIDI COMMON/Note Chase; p.57,
Zou het externe MIDI apparaat zo kunnen zijn
p.97)
ingesteld, dat het MIDI Exclusive berichten
➝ Druk op [+] om dit op “ON” te zetten.
weigert te ontvangen?
➝ Raadpleeg de handleiding van het externe MIDI apparaat
en stel het vervolgens zo in, dat het apparaat ontvangsten
U kunt op [SHIFT] + [
] of [
] drukken om naar het
instellingenscherm van een andere pad te wisselen.
Songscherm verschijnt niet
Staat de GM modus op “ON”?
(SETUP/MIDI COMMON/GM Mode; p.99)
➝ Druk op [-] om dit op “OFF” te zetten. De sequencerfunctie
werkt niet als de TD-6V in de GM modus werkt.
Kan User Song niet opnemen of
bewerken
Staat Song Lock op “ON”?
van MIDI Exclusive berichten ondersteunt.
System Exclusive data is data, uniek voor individuele
apparaten. Controleer dus alle instellingen.
Scherm is te licht of te donker
Is het schermcontrast juist aangepast?
(SETUP/UTILITY/LCD Contrast; p.76)
➝ Druk op [+] of [-] om in te stellen.
Het zicht op het scherm zal veranderen afhankelijk van de
zichthoek en de conditie van de kamerverlichting.
(SONG/COMMON/Song Lock; p.86)
Appendix
➝ Druk op [-] om dit op “OFF” te zetten.
115
Berichten en foutmeldingen
Dit gedeelte legt de betekenis uit van de verschillende
Backup Battery Low!
foutmeldingen en andere berichten, die op de TD-6V kunnen
verschijnen en beschrijft de te nemen maatregelen voor als
fig.e-004_50
deze verschijnen.
fig.e-001_50
De interne batterij van de TD-6V (een batterij, die data uit het
user geheugen bewaart) is leeggelopen.
Neem contact op met uw dealer of het dichtstbijzijnde Roland
service center om de batterij te vervangen.
Systeem en batterij
foutmeldingen
Berichten en foutmeldingen
met betrekking tot
sequencers en songs
System Error!
fig.e-002_50
DATA OVERLOAD!
fig.e-008_50
Een probleem is verschenen met het interne syteem. Consulteer uw Roland dealer of het dichtstbijzijnde Roland Service
Center.
Song bevat een overmatige hoeveelheid data en kan als resultaat niet vanaf de MIDI OUT worden verzonden.
Backup NG! Execute Reset All!
Probeer een track met teveel data te elimineren.
fig.e-003_50
999 Measure Maximum!
fig.e-009_50
Data in het geheugen van de TD-6V kan onbetrouwbaar zijn.
De interne batterij van de TD-6V (de batterij die gebruikt
wordt voor het opslaan van User geheugen data) is volledig
uitgeput. Interne data is verloren gegaan.
Consulteer uw dealer of het dichtstbijzijnde Roland servicestation om de batterij te vervangen.
U kunt de TD-6V tijdelijk gebruiken door het volgen van de
instructies in het beeldscherm.
1. Druk op [ENTER
Not Enough Memory!
fig.e-010_50
].
Song opname of bewerking kan niet worden uitgevoerd, vanwege te weinig intern geheugen.
fig.e-003a_50
2. Druk nogmaals op [ENTER
].
Factory Reset is uitgevoerd, waardoor u de TD-6V
tijdelijk weer kunt gebruiken.
Door het uitvoeren van Factory Reset verwijdert u alle huidige
data en instellingen van de TD-6V, en keert u terug naar de
originele fabrieksinstellingen.
116
Het maximale aantal maten voor één song is bereikt en er kan
als resultaat niets meer op de song opgenomen worden.
Probeer songs, die niet meer nodig zijn, te verwijderen
(SONG/DELETE; p.90).
Changes Not Saved! Preset Song!
fig.e-011_50
Dit is een Preset Song.Veranderingen aan instellingen kunnen
niet bewaard worden.
Berichten en foutmeldingen
fig.e-012_50
Berichten en foutmeldingen
met betrekking tot MIDI
Song Lock staat aan voor deze song. Het kan dus niet worden
MIDI Offline!
Song Lock ON!
bewerkt of opgenomen. Zet Song Lock op “OFF” (SONG/
COMMON/Song Lock; p.86).
fig.e-005_50
Empty Song!
Iets heeft een breuk in de communicatie met het externe MIDI
apparaat veroorzaakt.
fig.e-013_50
Controleer of de MIDI kabels niet uitgevallen of kapot zijn.
Deze song bevat geen uitvoeringsdata. Het kan niet worden
bewerkt.
Checksum Error!
fig.e-006_50
No Empty Song!
De controlesom waarde van een system exclusive bericht was
incorrect.
fig.e-014_50
Corrigeer de controlesom waarde.
Er zijn geen lege songs voor opname.
Probeer song te verwijderen, die niet meer nodig zijn (SONG/
New User Song Selected!
fig.e-015_50
Selecteer automatisch een nieuwe User song.
Dit verschijnt als de volgende procedures gevolg worden.
• Als u [SHIFT]+[STOP
MIDI Buffer Full!
fig.e-007_50
DELETE; p.90).
Een grote hoeveelheid MIDI berichten is ontvangen en kan
niet goed worden verwerkt. Bevestig dat het externe MIDI
apparaat juist is aangesloten (p.105). Als dit het probleem niet
oplost, verminder dan de hoeveelheid MIDI berichten, die
door de TD-6V verstuurd worden.
Data Transmitting... Please, Wait.
fig.e-017_50
] indrukt in het songscherm of
het scherm, waarin u het kopieerdoel selecteert.
Bulk data wordt verzonden als antwoord op een externe aanvraag voor transmissie.
Preset Song!
Bulk Data Transmit Aborted!
fig.e-015_50
fig.e-018_50
Dit is de preset song. De instellingen kunnen niet worden
veranderd.
Bulk dump is geannuleerd.
Appendix
• Als [REC
] wordt ingedrukt, terwijl een Preset song
geselecteerd is.
Data Receiving... Please, Wait.
fig.e-019_50
Bulk data wordt ontvangen. Zet de stroom niet uit.
117
Drum Kit lijst
No.
Drum Kit Name
Remark
Featured Kits
No.
Drum Kit Name
Rock Kits
1
2
RoseWood
BeeBop X
3
4
Yo Yo
RokCncrt
5
LtnPerc+
6
Orch Set
7
TblaTun+
Pad Pattern (RD_H,RD_R)
41
RockBnd+
8
1ManBnd+
Pad Pattern
(KIK,CR1_R,CR2_R)
42
“A”Team+
9
10
Scary
Guitars+
x-stick
Pad Pattern
(SNR_H,CR1_R)
PopKit X
Brushes
13
14
Groove
Rock It!
15
16
Birch
Ballad X
17
18
Natural
SteelSnr
19
TKO
Percussion Kits
36
37
HevyRock
DenkiRok
38
39
Rocker X
HevyMetl
40
Wt Room
Pad Pattern (HH_H)
43
SynBass+
44
DrmSolo+
45
BIGBand+
46
47
Ksnowki+
RimSong+
48
Drm’nBs+
x-stick
x-stick
49
Tabla+
Far Away
TmbleKit
50
LtnSqnc+
22
23
BongoKit
CongaKit
51
808Mix+
24
Melody
Voice Kits
25
26
TR-808
Tekno
27
28
Mexi-Mix
Electro
29
30
TR-909
909Mix
31
32
808...9!
Jungle
33
ElecBoom
34
35
Science!
Aco&Elec
118
Pad Pattern
(T2_R, AUX, T4)
Pad Pattern (CR1_R)
Sequence Kits
20
21
Electronic Kits I
x-stick
Rock Melodic Kits
Acoustic Drum Kits I
11
12
Remark
52
Voices
53
“Scat”
Effect Kits
54
55
SlowTape
LowFi
56
Kids
57
PedalEFX
58
59
Gate
JunkYard
60
Cartoon
Pad Pattern
(KIK, CR1_H, CR1_R,
CR2-H, RD_H)
Pad Pattern
(KIK, T1_R, T2-R, T3_R)
Pad Pattern
(KIK, CR1_H,
CR1_R, CR2_R, AUX)
Pad Pattern (CR1_R)
Pad Pattern
(T1_R, T2_R, T3_R,
CR1_R, CR2_R, AUX)
Pad Pattern
(CR2_H, CR2_R)
Pad Pattern
(CR1_R, RD_H)
Pad Pattern
(CR1_R, CR2_R)
Pad Pattern (CR2_R)
Drum Kit lijst
No.
Drum Kit Name
Remark
Jazz Kits
No.
Drum Kit Name
Acoustic Drum Kits II
61
BrshSwel
78
DoubleHH
62
63
64
Jazz
Sizzle
JazzOne
79
80
81
AJ Fusn
AcuStick
AppleStr
82
Crack!
Buzz
Ringer
Electronic Kits II
65
HipHop
83
84
66
R&B1
85
Slip
67
68
R&B2
Dance808
86
87
88
Fibre
Oyster
Gospel
89
CopprSnr
90
91
92
BrassSnr
BrikHous
Studio1
93
94
Studio2
Roto Kit
95
96
97
Standrd1
Standrd2
Room
98
99
Power
User Kit
Funk Kits
69
JazzFunk
70
71
PowrFusn
Pocket
Ambience Kits
72
Dome
73
74
JzThet X
TileRoom
75
76
GigaHall
Cave
77
Dry&Wet
Remark
x-stick
No.:
Drum Kit Number (Program Number)
+:
Pad Pattern:
The pad pattern function (p. 63) is set for the pads within the parentheses ( ).
(KIK = Kick, SNR = Snare, HH = Hi-Hat, T = Tom, CR = Crash, RD = Ride, H = Head, R = Rim)
x-stick:
A velocity switching “snare rim” sound, that when played softly produces a cross-stick sound, and when played harder
produces a rim shot sound.
You can use cross-sticks when using a rim-capable pad (PD-80R, PD-105, PD-120 or PD-125) for the snare (Trigger Input 2).
No62 Jazz, No.95 Standrd1– No.98 Power:
This kit has the instruments in each percussion set assigned to the pads.
Appendix
No.99 User Kit:
Parameters including volume etc. are set to standard values.
Use this when creating a kit from scratch.
You can restore an edited drum kit to its factory settings. For more information, refer to “Herstellen van
fabrieksinstellingen voor een bewerkte drumkit” (p. 68).
119
Drum onderdelen lijst
No.
Name
KICK
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
25
26
27
28
29
30
31
32
33
34
35
36
37
38
39
40
41
42
43
44
45
46
47
48
49
50
51
52
53
54
55
56
57
58
59
60
61
62
63
DblHeadK
Sharp K
Acous K
Meat
K
R8 Low K
R8 Dry K
WdBeatrK
Open
K
VintageK
26"DeepK
ThickHdK
Round K
Medium K
BigRoomK
Big
K
BigLow K
Studio1K
Studio2K
Studio3K
Studio4K
Studio5K
Studio6K
Studio7K
Studio8K
Buzz 1 K
Buzz 2 K
Buzz 3 K
Buzz 4 K
Buzz 5 K
Room 1 K
Room 2 K
Room 3 K
Room 4 K
Room 5 K
Room 6 K
Room 7 K
Amb 1 K
Amb 2 K
Amb 3 K
Amb 4 K
Solid1 K
Solid2 K
Solid3 K
Jazz 1 K
Jazz 2 K
18"JazzK
BrshHitK
Wood 1 K
Wood 2 K
Wood 3 K
Wood 4 K
Maple1 K
Maple2 K
Oak
K
Birch K
RoseWodK
OnePly K
Oyster K
Dry
K
DryMed K
DryHardK
DeepDryK
Fusion K
120
Remark
64
65
66
67
68
69
70
71
72
73
74
75
76
77
78
79
80
81
82
83
84
85
86
87
88
89
90
91
92
93
94
95
96
97
98
99
100
101
102
103
104
105
106
107
108
109
110
111
112
113
114
115
116
117
118
119
120
121
122
123
124
125
126
127
128
129
SandBagK
BsktBalK
Mondo K
MdVrb1 K
MdVrb2 K
Sizzle K
Box
K
Ninja K
Dance K
House K
Pillow K
Rap
K
TR808 K
808HardK
808BoomK
808NoizK
TR909 K
909WoodK
909HdAtK
ElephntK
Cattle K
Door
K
Punch K
MachineK
Broken K
BendUp K
HrdNoizK
R8SolidK
ThinHedK
Tight K
Chunk K
Gate
K
Giant K
Inside K
Std1 1 K
Std1 2 K
Std2 1 K
Std2 2 K
Room 8 K
Room 9 K
Power K1
Power K2
Jazz 3 K
Jazz 4 K
Brush K
Elec 1 K
Elec 2 K
ElBend K
Plastk1K
Plastk2K
Gabba K
Gabba2 K
Tail
K
Jungle K
HipHop K
LoFi 1 K
LoFi 2 K
LoFi 3 K
LoFi 4 K
Noisy K
Splat K
Scrach1K
Scrach2K
Hi-Q
K
Space K
SynBassK
SNARE
130
131
132
133
134
135
136
137
138
139
140
141
142
143
144
145
146
147
148
149
150
151
152
153
154
155
156
157
158
159
160
161
162
163
164
165
166
167
168
169
170
171
172
173
174
175
176
177
178
179
180
181
182
183
184
185
186
187
188
189
190
191
192
193
194
195
Custom S
Cstm RS
CstmBr S
CstmBrRS
CstmSt S
CstmStRS
Picolo1S
Pco1 RS
Pco1Br S
Pco1BrRS
Pco1St S
Pco1StRS
Picolo2S
Pco2 RS
Pco2Br S
Pco2BrRS
Pco2St S
Pco2StRS
Picolo3S
Pco3 RS
Pco3Br S
Pco3BrRS
Pco3St S
Pco3StRS
Medium1S
Med1 RS
Med1 XS *x-stick
Med1Br S
Med1BrRS
Med1BrXS *x-stick
Med1St S
Med1StRS
Med1StXS *x-stick
Medium2S
Med2 RS
Med2Br S
Med2BrRS
Med2St S
Med2StRS
Medium3S
Med3 RS
Med3Br S
Med3BrRS
Med3St S
Med3StRS
Medium4S
Med4 RS
Med4Br S
Med4BrRS
Med4St S
Med4StRS
Fat1
S
Fat1 RS
Fat1Br S
Fat1BrRS
Fat1St S
Fat1StRS
Fat2
S
Fat2 RS
Fat2Br S
Fat2BrRS
Fat2St S
Fat2StRS
AcusticS
Acus RS
AcusBr S
196
197
198
199
200
201
202
203
204
205
206
207
208
209
210
211
212
213
214
215
216
217
218
219
220
221
222
223
224
225
226
227
228
229
230
231
232
233
234
235
236
237
238
239
240
241
242
243
244
245
246
247
248
249
250
251
252
253
254
255
256
257
258
259
260
261
262
263
AcusBrRS
AcusSt S
AcusStRS
VintageS
Vntg RS
VntgBr S
VntgBrRS
VntgSt S
VntgStRS
Comp
S
Comp RS
CompBr S
CompBrRS
CompSt S
CompStRS
Jazz
S
Jazz RS
Jazz XS *x-stick
JazzBr S
JazzBrRS
JazzBrXS *x-stick
JazzSt S
JazzStRS
JazzStXS *x-stick
Dirty S
Drty RS
DrtyBr S
DrtyBrRS
DrtySt S
DrtyStRS
13"
S
13"
RS
Birch S
Birch RS
TD7Mpl S
TD7MplRS
Ballad S
Brush1 S
Brush2 S
Brush3 S
Brsh Tap
Brsh Slp
Brsh Swl
BrshTmbS
MIDIBr1S
MIDIBr2S
MIDIBr3S
Boston S
BostonRS
Bronze S
Brnz RS
Bronze2S
Brnz2 RS
Birch2 S
Copper S
Copper2S
10"
S
L.A.
S
London S
Ring
S
Ring RS
Rock
S
Rock RS
R8MapleS
R8Mpl RS
BigShotS
Std1 1 S
Std1 2 S
Drum onderdelen lijst
Std2 1 S
Std2 2 S
Room 1 S
Room 2 S
Power1 S
Power2 S
Gate
S
Jazz 2 S
Jazz 3 S
Funk
S
Funk RS
Bop
S
Bop
RS
Picolo5S
Pco5 RS
Picolo6S
Pco6 RS
Medium5S
Med5 RS
Medium6S
Med6 RS
Medium7S
Med7 RS
Medium8S
Med8 RS
Fat3
S
Fat3 RS
Fat4
S
Fat4 RS
DynamicS
Dynmc RS
Roll
S
Buzz
S
Dopin1 S
Dopin2 S
Reggae S
Cruddy S
Dance1 S
Dance2 S
House S
HousDpnS
Clap! S
Whack S
TR808 S
TR909 S
Elec 1 S
Elec 2 S
Elec 3 S
ElNoiz S
HipHop1S
HipHop2S
LoFi
S
LoFi RS
Radio S
CrsStk 1
CrsStk 2
CrsStk 3
CrsStk 4
CrsStk 5
CrsStk 6
808Crstk
TOM
325
326
327
328
329
330
331
332
OysterT1
OysterT2
OysterT3
OysterT4
Comp T1
Comp T2
Comp T3
Comp T4
333
334
335
336
337
338
339
340
341
342
343
344
345
346
347
348
349
350
351
352
353
354
355
356
357
358
359
360
361
362
363
364
365
366
367
368
369
370
371
372
373
374
375
376
377
378
379
380
381
382
383
384
385
386
387
388
389
390
391
392
393
394
395
396
397
398
399
400
401
402
403
404
Fibre T1
Fibre T2
Fibre T3
Fibre T4
Dry1 T1
Dry1 T2
Dry1 T3
Dry1 T4
Dry2 T1
Dry2 T2
Dry2 T3
Dry2 T4
Maple T1
Maple T2
Maple T3
Maple T4
Rose T1
Rose T2
Rose T3
Rose T4
SakuraT1
SakuraT2
SakuraT3
SakuraT4
Jazz1 T1
Jazz1 T2
Jazz1 T3
Jazz1 T4
Jazz2 T1
Jazz2 T2
Jazz2 T3
Jazz2 T4
Buzz1 T1
Buzz1 T2
Buzz1 T3
Buzz1 T4
Buzz2 T1
Buzz2 T2
Buzz2 T3
Buzz2 T4
Buzz3 T1
Buzz3 T2
Buzz3 T3
Buzz3 T4
Buzz4 T1
Buzz4 T2
Buzz4 T3
Buzz4 T4
NatralT1
NatralT2
NatralT3
NatralT4
Natrl2T1
Natrl2T2
Natrl2T3
Natrl2T4
StudioT1
StudioT2
StudioT3
StudioT4
Slap T1
Slap T2
Slap T3
Slap T4
Room1 T1
Room1 T2
Room1 T3
Room1 T4
Room2 T1
Room2 T2
Room2 T3
Room2 T4
405
406
407
408
409
410
411
412
413
414
415
416
417
418
419
420
421
422
423
424
425
426
427
428
429
430
431
432
433
434
435
436
437
438
439
440
441
442
443
444
445
446
447
448
449
450
451
452
453
454
455
456
457
458
459
460
461
462
463
464
465
466
467
468
469
470
471
472
473
474
475
476
Room3 T1
Room3 T2
Room3 T3
Room3 T4
Room4 T1
Room4 T2
Room4 T3
Room4 T4
Room5 T1
Room5 T2
Room5 T3
Room5 T4
Big
T1
Big
T2
Big
T3
Big
T4
Rock T1
Rock T2
Rock T3
Rock T4
Punch T1
Punch T2
Punch T3
Punch T4
Oak
T1
Oak
T2
Oak
T3
Oak
T4
Balsa T1
Balsa T2
Balsa T3
Balsa T4
VintgeT1
VintgeT2
VintgeT3
VintgeT4
Brsh1 T1
Brsh1 T2
Brsh1 T3
Brsh1 T4
Brsh2 T1
Brsh2 T2
Brsh2 T3
Brsh2 T4
Dark T1
Dark T2
Dark T3
Dark T4
AttackT1
AttackT2
AttackT3
AttackT4
Hall T1
Hall T2
Hall T3
Hall T4
Birch T1
Birch T2
Birch T3
Birch T4
Beech T1
Beech T2
Beech T3
Beech T4
Micro T1
Micro T2
Micro T3
Micro T4
Bend T1
Bend T2
Bend T3
Bend T4
477
478
479
480
481
482
483
484
485
486
487
488
489
490
491
492
493
494
495
496
497
498
499
500
501
502
503
504
505
506
507
508
509
510
511
512
513
514
515
516
517
518
519
520
521
522
523
524
525
526
527
528
529
530
531
532
533
534
535
536
537
538
539
540
541
542
543
544
545
546
547
548
Bowl T1
Bowl T2
Bowl T3
Bowl T4
Dirty T1
Dirty T2
Dirty T3
Dirty T4
Std 1 T1
Std 1 T2
Std 1 T3
Std 1 T4
Std 1 T5
Std 1 T6
Std 2 T1
Std 2 T2
Std 2 T3
Std 2 T4
Std 2 T5
Std 2 T6
Room6 T1
Room6 T2
Room6 T3
Room6 T4
Room6 T5
Room6 T6
Power T1
Power T2
Power T3
Power T4
Power T5
Power T6
Jazz3 T1
Jazz3 T2
Jazz3 T3
Jazz3 T4
Jazz3 T5
Jazz3 T6
Brsh3 T1
Brsh3 T2
Brsh3 T3
Brsh3 T4
Brsh3 T5
Brsh3 T6
Gate T1
Gate T2
Gate T3
Gate T4
LoFi T1
LoFi T2
LoFi T3
LoFi T4
ElBendT1
ElBendT2
ElBendT3
ElBendT4
ElBnd2T1
ElBnd2T2
ElBnd2T3
ElBnd2T4
ElBnd3T1
ElBnd3T2
ElBnd3T3
ElBnd3T4
ElNoisT1
ElNoisT2
ElNoisT3
ElNoisT4
ElDualT1
ElDualT2
ElDualT3
ElDualT4
Appendix
264
265
266
267
268
269
270
271
272
273
274
275
276
277
278
279
280
281
282
283
284
285
286
287
288
289
290
291
292
293
294
295
296
297
298
299
300
301
302
303
304
305
306
307
308
309
310
311
312
313
314
315
316
317
318
319
320
321
322
323
324
121
Drum onderdelen lijst
No.
Name
549
550
551
552
553
554
555
556
557
558
559
560
Elec
Elec
Elec
Elec
Elec
Elec
TR808
TR808
TR808
TR808
TR808
TR808
Remark
T1
T2
T3
T4
T5
T6
T1
T2
T3
T4
T5
T6
HI-HAT
561
562
563
564
565
566
567
568
569
570
571
572
573
574
575
576
577
578
579
580
581
582
583
584
585
586
587
588
589
590
591
592
593
594
595
596
597
598
Pure HH
PureEgHH
BrightHH
BritEgHH
Jazz HH
JazzEgHH
Thin HH
ThinEgHH
Heavy HH
HevyEgHH
Light HH
LigtEgHH
Dark HH
DarkEgHH
12"
HH
12"Eg HH
13"
HH
13"Eg HH
14"
HH
14"Eg HH
15"
HH
15"Eg HH
Brush1HH
Brush2HH
SizzleHH
Sizle2HH
Voice HH
HandC HH
TambrnHH
MaracsHH
TR808 HH
TR909 HH
CR78 HH
Mtl808HH
Mtl909HH
Mtl78 HH
LoFi1 HH
LoFi2 HH
CRASH
599
600
601
602
603
604
605
606
607
608
609
610
611
612
Med14 Cr
Med16 Cr
Med18 Cr
Quik16Cr
Quik18Cr
Thin16Cr
Thin18Cr
Brsh1 Cr
Brsh2 Cr
SzlBr Cr
Swell Cr
Splsh 6"
Splsh 8"
Splsh10"
122
613
614
615
616
617
618
619
620
621
622
623
624
625
626
627
628
629
630
631
632
633
634
PERCUSSION
Splsh12"
Cup
4"
Cup
6"
HdSpl 8"
HdSpl10"
China10"
China12"
China18"
China20"
SzlChina
SwlChina
PgyzBack
PgyCrsh1
PgyCrsh2
PgyCrsh3
PgSplsh1
PgSplsh2
PhaseCym
Elec Cr
TR808 Cr
LoFi1 Cr
LoFi2 Cr
RIDE
635
636
637
638
639
640
641
642
643
644
645
646
647
648
649
650
651
652
653
654
655
656
657
658
659
660
661
662
663
664
665
666
667
668
669
670
671
672
673
674
675
676
677
678
679
Jazz Rd
Jazz RdE
Jazz RdB
Jazz RdX
Pop Rd
Pop RdE
Pop RdB
Pop RdX
Rock Rd
Rock RdE
Rock RdB
Rock RdX
Lite Rd
Lite RdE
Lite RdB
Lite RdX
CrashRd
CrashRdE
DkCrsRd
DkCrsRdE
Brsh1 Rd
Brsh2 Rd
SzlBr Rd
Szl1 Rd
Szl1 RdE
Szl1 RdB
Szl1 RdX
Szl2 Rd
Szl2 RdE
Szl2 RdB
Szl2 RdX
Szl3 Rd
Szl3 RdE
Szl3 RdB
Szl3 RdX
Szl4 Rd
Pgy Rd1
Pgy Rd1B
Pgy Rd1X
Pgy Rd2
Pgy Rd2B
Pgy Rd2X
LoFi Rd
LoFi RdE
LoFi RdB
*Bow/Bell
*Bow/Bell
*Bow/Bell
*Bow/Bell
*Bow/Bell
*Bow/Bell
*Bow/Bell
*Bow/Bell
*Bow/Bell
680
681
682
683
684
685
686
687
688
689
690
691
692
693
694
695
696
697
698
699
700
701
702
703
704
705
706
707
708
709
710
711
712
713
714
715
716
717
718
719
720
721
722
723
724
725
726
727
728
729
730
731
732
733
734
735
736
737
738
739
740
741
742
743
744
745
746
747
748
749
R8Bng Hi
R8Bng Lo
R8Bng2Hi
R8Bng2Lo
Bongo Hi
Bongo Lo
Bongo2Hi
Bongo2Lo
R8Cng Mt
R8Cng Hi
R8Cng Lo
Conga Mt
Conga Sl
Conga Op
Conga Lo
CngMt VS
CngSl VS
Cowbell1
Cowbell2
CowblDuo
Claves
GiroLng1
GuiroSht
GiroLng2
Guiro VS
Maracas
Shaker
SmlShakr
Tambrn 1
Tambrn 2
Tambrn 3
Tambrn 4
Tmbl1 Hi
Tmbl1 Rm
Tmbl1 Lo
Paila
Tmbl2 Hi
Tmbl2 Lo
VibraSlp
Agogo Hi
Agogo Lo
Agogo2Hi
Agogo2Lo
CabasaUp
CabasaDw
CabasaVS
CuicaMt1
Cuica Op
Cuica Lo
CuicaMt2
PandroMt
PandroOp
PandroSl
PandroVS
SurdoHMt
SurdoHOp
SurdoHVS
SurdoLMt
SurdoLOp
SurdoLVS
Whistle
Whisl Sh
Caxixi
Tabla Na
TablaTin
TablaTun
Tabla Te
Tabla Ti
Baya Ge
Baya Ka
750
751
752
753
754
755
756
757
758
759
760
761
762
763
764
765
766
767
768
769
770
771
772
773
774
775
776
777
778
779
780
781
782
783
784
785
786
787
788
789
790
791
792
793
794
795
796
797
798
799
800
801
802
803
804
805
806
807
808
809
810
Baya Gin
Baya Sld
Pot Drum
PotDr Mt
PotDr VS
TalkinDr
ThaiGong
ThaiGng2
BellTree
TinyGong
Gong
TemplBel
Wa-Daiko
Taiko
Sleibell
TreeChim
TringlOp
TringlMt
TringlVS
R70TriOp
R70TriMt
R70TriVS
Castanet
WdBlk Hi
WdBlk Lo
ConcrtBD
ConBD Mt
Hand Cym
HndCymMt
TimpaniG
TimpaniC
TimpaniE
PercHit1
PercHit2
Orch Maj
Orch Min
Orch Dim
Kick/Rol
Kick/Cym
OrchRoll
OrchChok
Hit Roll
Finale
808Clap
808Cwbl1
808Cwbl2
808Marcs
808Clavs
808Conga
909RIM
909CLAP
78Cowbel
78Guiro
78GiroSt
78Maracs
78MBeat
78Tambrn
78Bongo
78Claves
78Rim
55Claves
SPECIAL
811
812
813
814
815
816
817
818
Applause
Encore
Bird
Dog
Bubbles
Heart Bt
Telephon
Punch
Drum onderdelen lijst
KungFoo
Pistol
Gun Shot
Glass
Hammer
Bucket
Barrel
TrashCan
Af Stomp
Bounce
CuicaHit
Monster
AirDrive
Car Door
Car Cell
CarEngin
Car Horn
Helicptr
Thunder
Bomb
Sticks
Click
Tamb FX
Tek Clik
Beep Hi
Beep Low
MetroBel
MetroClk
Snaps
Clap
NoizClap
Tek Noiz
Mtl Slap
R8 Slap
Vocoder1
Vocoder2
Vocoder3
DynScrch
Scrach 1
Scrach 2
Scrach 3
Scrach 4
Scrach 5
Scrach 6
ScrchLP
Phil Hit
LoFi Hit
Hi-Q
Hoo...
DaoDrill
Scrape
Martian
CoroCoro
CoroBend
Burt
874
875
876
877
878
879
880
881
882
883
884
885
886
887
888
Boing 1
Boing 2
TeknoBrd
Nantoka!
ElecBird
MtlBend1
MtlBend2
MtlNoise
MtlPhase
Laser
Mystery
TimeTrip
Kick Amb
SnareAmb
Tom Amb
MELODIC
889
890
891
892
893
894
895
896
897
898
899
900
901
902
903
904
905
906
907
908
909
910
911
912
913
914
915
916
917
918
919
920
Kalimba
Steel Dr
Glcknspl
Vibraphn
Marimba
Xylophon
Tublrbel
Celesta
Saw Wave
TB Bass
SlapBass
Gt Slide
GtScrach
GuitDist
GuitBs 1
GuitBs 2
CutGtDwn
CutGtUp
FletNoiz
Bs Slide
WahGtDw1
WahGtUp1
WahGtDw2
WahGtUp2
Shami VS
Brass VS
StrngsVS
Pizicato
TeknoHit
FunkHit1
FunkHit2
FunkHit3
VOICE
921
922
923
Lady Ahh
Aoouu!
Hooh!
924
925
926
927
928
929
930
931
932
933
934
935
936
937
938
939
940
941
942
943
944
945
946
947
948
949
950
951
952
953
954
955
956
957
958
959
960
961
962
963
964
965
966
967
968
969
970
971
Haa!
SayYeah!
Yeah
Ahhh
Haaa
Achaa!
Nope!
Bap
Dat
BapDatVS
Doot
DaoFall1
DaoFall2
DaoFall3
DaoFall4
DoDat VS
DoDao VS
Scat1 VS
Scat2 VS
Scat3 VS
Scat4 VS
Scat5 VS
Voice K
VoiceLoK
Voice S
Voice T1
Voice T2
Voice T3
Voice T4
Voice Cr
Count 1
Count 2
Count 3
Count 4
Count 5
Count 6
Count 7
Count 8
Count 9
Count 10
Count 11
Count 12
Count 13
CountAnd
Count E
Count A
Count Ti
Count Ta
REVERSE
972
973
974
975
976
RvsKick1
RvsKick2
RvsSnr 1
RvsSnr 2
RvsTom
977
978
979
980
981
982
983
984
985
986
987
988
989
RvsCrsh1
RvsCrsh2
RvsChina
RvsBelTr
Rvs Hi-Q
RvsMFaze
RvsAirDr
RvsBoin1
RvsBoin2
Rvs Bend
RvsVocod
RvsCarcl
RvsEngin
FIXED HI-HAT
990
991
992
993
994
995
996
997
998
999
1000
1001
1002
1003
1004
1005
1006
1007
1008
1009
1010
1011
1012
1013
1014
1015
1016
1017
1018
1019
1020
1021
1022
1023
Std1
Std1
Std1
Std1
Std1
Std2
Std2
Std2
Std2
Room
Room
Room
Room
Room
Powr
Powr
Powr
Powr
Brsh
Brsh
Brsh
Brsh
Elec
Elec
Elec
808
808
808
808
808
LoFi
LoFi
LoFi
LoFi
CH
ECH
OH
EOH
PdH
CH
ECH
OH
PdH
CH
ECH
OH
EOH
PdH
CH
ECH
OH
PdH
CH
ECH
OH
PdH
CH
OH
PdH
CH
ECH
OH
EOH
PdH
CH
OH
EOH
PdH
OFF
1024 OFF
*x-stick (XS):
A velocity switching “snare rim” sound, that when played softly produces a cross-stick sound, and when played
harder, produces a rim shot sound.
Appendix
819
820
821
822
823
824
825
826
827
828
829
830
831
832
833
834
835
836
837
838
839
840
841
842
843
844
845
846
847
848
849
850
851
852
853
854
855
856
857
858
859
860
861
862
863
864
865
866
867
868
869
870
871
872
873
*Bow/Bell (RdX):
A “cross-faded” type of sounds. With velocity, you can control “bow” and “bell” sound.
RS:
Rim shot sound
VS:
Velocity switching sound
Inst Group “FIXED HI-HAT”:
These are hi-hat sounds that cannot be controlled by the hi-hat control pedal.
123
Percussie lijst
Note No.
18
19
20
21
22
23
C1 24
25
26
28
29
31
27
30
32
33
35
C2 36
34
37
38
40
41
43
39
42
44
45
47
C3 48
46
49
50
52
53
55
51
54
56
57
59
C4 60
58
61
62
64
65
67
63
66
68
69
71
C5 72
70
73
74
76
77
79
75
78
80
81
83
C6 84
82
85
86
88
89
91
87
90
92
93
95
94
C7 96
124
1. Stndard 1
PC100 Voices
2. Stndard 2
PC101
3. Room
PC102
4. Power
PC103
5. Electronic
PC104
6. 808/909
PC105
Bs Slide
GtScrach
Gt Slide
CutGtDwn
CutGtUp
WahGtDw1
WahGtUp1
WahGtDw2
WahGtUp2
Hi-Q
Mtl Slap
Scrach 3
Scrach 2
Sticks
Click
MetroClk
MetroBel
Std1 2 K
Std1 1 K
CrsStk 3
Std1 1 S
Clap
Std1 2 S
Std 1 T6
Std1 CH
Std 1 T5
Std1 PdH
Std 1 T4
Std1 EOH
Std 1 T3
Std 1 T2
Med16 Cr
Std 1 T1
Pop Rd
China18"
Pop RdB
Tambrn 1
Splsh12"
Cowbell1
Quik16Cr
VibraSlp
Pop RdE
R8Bng Hi
R8Bng Lo
Conga Mt
Conga Sl
Conga Op
Tmbl1 Rm
Tmbl1 Lo
Agogo Hi
Agogo Lo
CabasaUp
Maracas
Whisl Sh
Whistle
GuiroSht
GiroLng1
Claves
WdBlk Hi
WdBlk Lo
CuicaMt1
Cuica Op
TringlMt
TringlOp
Shaker
Sleibell
BellTree
Castanet
SurdoLMt
SurdoLOp
OFF
R8Cng Hi
TinyGong
Gong
PandroMt
PandroOp
PandroSl
TreeChim
Caxixi
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
Std2 2 K
Std2 1 K
←
Std2 1 S
←
Std2 2 S
Std 2 T6
Std2 CH
Std 2 T5
Std2 PdH
Std 2 T47
Std2 OH
Std 2 T3
Std 2 T2
←
Std 2 T1
Jazz Rd
←
Jazz RdB
←
←
Cowbell2
←
←
Jazz RdE
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
Room 9 K
Room 8 K
CrsStk 1
Room 1 S
←
Room 2 S
Room6 T6
Room CH
Room6 T5
Room PdH
Room6 T4
Room EOH
Room6 T3
Room6 T2
←
Room6 T1
Pop Rd
←
Pop RdB
←
←
←
←
←
Pop RdE
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
Power K2
Power K1
←
Power1 S
←
Power2 S
Power T6
Powr CH
Power T5
Powr PdH
Power T4
Powr OH
Power T3
Power T2
←
Power T1
Jazz Rd
←
Jazz RdB
←
←
←
←
←
Jazz RdE
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
Elec 2 K
Elec 1 K
CrsStk 3
Elec 1 S
←
Gate
S
Elec T6
Elec CH
Elec T5
Elec PdH
Elec T4
Elec OH
Elec T3
Elec T2
←
Elec T1
Pop Rd
RvsCrsh2
Pop RdB
←
←
Cowbell1
←
←
Pop RdE
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
TR909 K
TR808 K
808Crstk
TR808 S
808Clap
TR909 S
TR808 T6
808 ECH
TR808 T5
808 PdH
TR808 T4
808 EOH
TR808 T3
TR808 T2
TR808 CR
TR808 T1
←
China18”
←
78Tambrn
←
808Cwbl1
←
←
←
78Bongo
78Bongo
808Conga
808Conga
808Conga
←
←
←
←
←
808Marcs
←
←
78GiroSt
78Guiro
808Clavs
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
2
1
1
1
1
1
1
1
1
1
2
1
1
1
1
1
1
2
2
1
3
1
4
2
2
2
1
2
1
2
2
2
2
2
1
1
1
1
1
2
1
1
2
2
2
2
2
2
2
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
3
2
0
2
1
1
1
2
1
1
1
Percussie lijst
C1 24
25
26
28
29
31
27
30
32
33
35
C2 36
34
37
38
40
41
43
39
42
44
45
47
C3 48
46
49
50
52
53
55
51
54
56
57
59
C4 60
58
61
62
64
65
67
63
66
68
69
71
C5 72
70
73
74
76
77
79
75
78
80
81
83
C6 84
82
85
86
88
89
91
87
90
92
93
95
C7 96
94
7. Jazz
PC106
8. Brush
PC107
9. Perc Only
PC108
10. Special
PC109
Bs Slide
GtScrach
Gt Slide
CutGtDwn
CutGtUp
WahGtDw1
WahGtUp1
WahGtDw2
WahGtUp2
Hi-Q
Mtl Slap
Scrach 3
Scrach 2
Sticks
Click
MetroClk
MetroBel
Jazz 4 K
Jazz 3 K
CrsStk 3
Jazz 2 S
Clap
Jazz 3 S
Jazz3 T6
Std1 CH
Jazz3 T5
Std1 PdH
Jazz3 T4
Std1 EOH
Jazz3 T3
Jazz3 T2
Med16 Cr
Jazz3 T1
Jazz Rd
China18"
Jazz RdB
Tambrn 1
Splsh12"
Cowbell2
Quik16Cr
VibraSlp
Jazz RdE
R8Bng Hi
R8Bng Lo
Conga Mt
Conga Sl
Conga Op
Tmbl1 Rm
Tmbl1 Lo
Agogo Hi
Agogo Lo
CabasaUp
Maracas
Whisl Sh
Whistle
GuiroSht
GiroLng1
Claves
WdBlk Hi
WdBlk Lo
CuicaMt1
Cuica Op
TringlMt
TringlOp
Shaker
Sleibell
BellTree
Castanet
SurdoLMt
SurdoLOp
OFF
R8Cng Hi
TinyGong
Gong
PandroMt
PandroOp
PandroSl
TreeChim
Caxixi
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
Std2 2 K
Brush K
←
Brsh Tap
Brsh Slp
Brsh Swl
Brsh3 T6
Brsh CH
Brsh3 T5
Brsh PdH
Brsh3 T4
Brsh OH
Brsh3 T3
Brsh3 T2
Brsh1 Cr
Brsh3 T1
Brsh1 Rd
←
←
←
←
←
Brsh1 Cr
←
Jazz Rd
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
←
R8Bng2Hi
R8Bng2Lo
Bongo Hi
Bongo Lo
Bongo2Hi
Bongo2Lo
R8Cng Mt
R8Cng Hi
R8Cng Lo
CowblDuo
Tambrn 2
Tambrn 3
Tmbl2 Hi
Tmbl2 Lo
Paila
Tabla Na
TablaTin
TablaTun
Tabla Te
Tabla Ti
Baya Ge
Baya Ka
Baya Gin
Baya Sld
Pot Drum
PotDr Mt
TalkinDr
ThaiGng2
TinyGong
Gong
TemplBel
Wa-Daiko
Taiko
R70TriOp
R70TriMt
TimpaniG
TimpaniG
TimpaniG
TimpaniG
TimpaniG
TimpaniC
TimpaniC
TimpaniC
ThaiGong
ThaiGong
ThaiGong
ThaiGong
PercHit1
PercHit2
Orch Maj
Orch Min
Orch Dim
Kick/Rol
Kick/Cym
OrchRoll
OrchChok
Hit Roll
Finale
Applause
Encore
TreeChim
808Clap
808Cwbl1
808Cwbl2
808Marcs
808Clavs
808Conga
909RIM
909CLAP
78Cowbel
78Guiro
78GiroSt
78Maracs
78MBeat
78Tambrn
78Bongo
78Claves
78Rim
55Claves
FunkHit2
FunkHit2
FunkHit2
FunkHit2
FunkHit3
FunkHit3
FunkHit3
FunkHit3
FunkHit1
FunkHit1
FunkHit1
FunkHit1
TeknoHit
TeknoHit
TeknoHit
TeknoHit
Heart Bt
Glass
Pistol
ScrchLP
Phil Hit
LoFi Hit
Boing 1
Monster
Count
Count
Count
Count
Count
Bomb
Thunder
Car Door
Car Cell
CarEngin
Car Horn
Helicptr
Gt Slide
GtScrach
GuitDist
GuitBs 1
GuitBs 2
FletNoiz
Shami VS
Brass VS
StrngsVS
StrngsVS
StrngsVS
Pizicato
RvsKick1
RvsSnr 2
RvsCrsh2
RvsChina
Lady Ahh
Aoouu!
Hooh!
Haa!
SayYeah!
Yeah
Ahhh
Haaa
Achaa!
Nope!
Bap
Dat
Scat3 VS
Doot
DaoFall1
DaoFall2
DaoFall3
DaoFall4
DoDat VS
DoDat VS
DoDat VS
DoDao VS
Scat1 VS
Scat2 VS
Scat2 VS
Scat2 VS
Scat4 VS
Mute
Drum Kit
Note Numbers
The note numbers assigned
to each trigger inputs
TRIG 3 (HI-HAT)CLOSE RIM
TRIG 3 (HI-HAT)OPEN RIM
TRIG 8 (TOM4)
TRIG 6 (AUX)
*
*
*
*
*
*
*
*
*
*
*
*
*
*
*
*
*
*
*
TRIG 1 (KICK1)
TRIG 2 (SNARE)
TRIG 2 (SNARE) RIM
TRIG 7 (TOM3)
TRIG 3 (HI-HAT) CLOSED
TRIG 3 (HI-HAT) PEDAL
TRIG 5 (TOM2)
TRIG 3 (HI-HAT) OPEN
TRIG
TRIG
TRIG
TRIG
TRIG
TRIG
4 (TOM1)
9 (CRASH1)
4 (TOM1) RIM
11 (RIDE)
10 (CRASH2) RIM
11 (RIDE) RIM
*
TRIG 9 (CRASH1) RIM
*
TRIG 10 (CRASH2)
*
PC: Program Number
←: Same as the left
Voices:
Number of voice used
*:
Note number for muted
drum sounds when
muting only the drum
instruments of the
percussion part.
In GM Mode, “Standard
1” is assigned.
Appendix
Note No.
18
19
20
21
22
23
125
Achtergrondinstrumenten lijst
PC
CC0 Name
PIANO
1
0
8
16
Piano 1
Piano 1w
Piano 1d
1
2
1
2
0
8
Piano 2
Piano 2w
1
2
3
0
8
Piano 3
Piano 3w
1
2
4
0
8
Honky-tonk
Honky-tonk w
2
2
E. PIANO
5
6
0
8
24
64
65
0
64
E.Piano 1
Detuned EP 1
60’s E.Piano
FM+SA EP
Hard Rhodes
E.Piano 2
Bright FM EP
1
2
1
2
2
8
0
8
16
21
Church Org.1
Church Org.2
Church Org.3
1
2
2
0
Reed Organ
1
22
0
8
Accordion Fr
Accordion It
2
2
23
0
Harmonica
1
24
0
Bandoneon
2
25
0
Nylon-str.Gt
1
26
0
8
64
Steel-str.Gt
12-str.Gt
Nylon+Steel
1
2
2
27
0
8
Jazz Gt.
Hawaiian Gt.
1
1
28
0
8
Clean Gt.
Chorus Gt.
1
2
0
64
65
66
67
0
64
Muted Gt.
Muted Gt.2
Pop Gt.
Funk Gt.
Funk Gt.2
Overdrive Gt
Fdbk.Odrv.Gt
1
2
1
1*
1*
1
2
0
8
64
65
66
67
DistortionGt
Feedback Gt.
Heavy Gt.
Fdbk. Hvy.Gt
Muted Dis.Gt
Rock Rhythm
1
2
1
2
1
2
0
8
Gt.Harmonics
Gt. Feedback
1
1
29
30
0
8
16
24
Harpsichord
Coupled Hps.
Harpsi.w
Harpsi.o
1
2
2
2
0
64
Clav.
Funk Clav.
1
2
SYN. BASS
39
0
1
8
64
65
66
Synth Bass 1
SynthBass101
Synth Bass 3
TB303 Bs 1
TB303 Bs 2
TB303 Bs 3
1
1
1
1
1
1
40
0
16
64
65
66
67
Synth Bass 2
Rubber Bass
SH101 Bs 1
SH101 Bs 2
SH101 Bs 3
Modular Bass
2
2
1
1
1
2
GUITAR
2
2
CLAVI
7
20
Voices
31
32
CHROMATIC PERCUSSION
ORCHESTRA
41
0
8
Violin
Slow Violin
1
1
42
0
Viola
1
43
0
Cello
1
44
0
Contrabass
1
45
0
Tremolo Str
1
46
0
PizzicatoStr
1
47
0
Harp
1
48
0
Timpani
1
STRINGS
49
0
8
Strings
Orchestra
1
2
50
0
Slow Strings
1
51
0
8
64
65
Syn.Strings1
Syn.Strings3
Syn.Strings4
OB Strings
1
2
2
2
52
0
Syn.Strings2
2
53
0
32
Choir Aahs
Choir Aahs 2
1
1
*: VELOCITY SWITCH
The tone switches at velocity 116.
9
0
Celesta
1
10
0
Glockenspiel
1
11
0
Music Box
1
BASS
12
0
8
Vibraphone
Vib.w
1
2
33
0
64
Acoustic Bs.
Elctrc.Ac.Bs
2
2
54
0
Voice Oohs
1
13
0
Marimba
1
34
SynVox
1
0
Xylophone
1
56
0
OrchestraHit
2
0
8
9
Tubular-bell
Church Bell
Carillon
1
1
1
1
2
2
0
15
Fingered Bs.
Funk Bass
Reggae Bass
55
14
0
64
65
35
Santur
1
Picked Bs.
Mute PickBs1
Mute PickBs2
1
1
1
BRASS
0
0
64
65
57
0
Trumpet
1
36
0
Fretless Bs.
1
58
37
0
64
65
66
Slap
Slap
Reso
Slap
1
1
1
1
0
1
Trombone
Trombone 2
1
2
59
0
Tuba
1
60
0
MutedTrumpet
1
1
61
0
1
French Horn
Fr.Horn 2
2
2
62
0
8
Brass 1
Brass 2
1
2
16
ORGAN
17
0
8
16
32
64
65
Organ 1
Detuned Or.1
60's Organ 1
Organ 4
SC88 Organ 4
Even Bar
1
2
1
2
1
2
18
0
8
32
Organ 2
Detuned Or.2
Organ 5
1
2
2
19
0
Organ 3
2
126
38
0
Bass 1
Bass 3
Slap
Bass 4
Slap Bass 2
Achtergrondinstrumenten lijst
63
64
SYN. PAD
0
8
16
64
65
66
67
Synth Brass1
Synth Brass3
AnalogBrass1
Synth Brass5
Poly Brass
Quack Brass
Octave Brass
2
2
2
2
2
2
2
0
8
16
64
65
66
Synth Brass2
Synth Brass4
AnalogBrass2
Soft Brass
Velo Brass 1
Velo Brass 2
2
1
2
2
2
2
REED
Fantasia
2
119
0
64
65
Warm Pad
Thick Pad
Horn Pad
1
2
2
0
8
9
Synth Drum
808 Tom
Elec Perc.
1
1
1
120
0
Reverse Cym.
1
91
0
64
Polysynth
80's PolySyn
2
2
92
0
Space Voice
1
93
0
Bowed Glass
2
94
0
64
Metal Pad
Panner Pad
2
2
95
0
Halo Pad
2
96
0
64
65
Sweep Pad
Polar Pad
Converge
1
1
1
1
66
0
Alto Sax
1
67
0
Tenor Sax
1
68
0
Baritone Sax
1
97
0
69
0
Oboe
1
98
70
0
English Horn
1
71
0
Bassoon
1
72
0
Clarinet
1
Piccolo
1
74
0
Flute
1
75
0
Recorder
1
76
0
Pan Flute
1
77
0
Bottle Blow
2
78
0
Shakuhachi
2
79
0
Whistle
1
80
0
Ocarina
1
0
1
8
Square Wave
Square
Sine Wave
2
1
1
82
0
1
8
64
65
Saw Wave
Saw
Doctor Solo
Big Lead
Waspy Synth
2
1
2
2
2
83
0
Syn.Calliope
2
84
0
Chiffer Lead
2
85
0
64
65
66
Charang
Dist. Lead 1
Dist. Lead 2
Funk Lead
2
2
2
2
GUITAR BASS FX
121
0
1
64
65
66
67
Gt.FretNoise
Gt.Cut Noise
Wah Brush Gt
Gt. Slide
Gt. Scratch
Bass Slide
1
1
1
1
1
1
122
0
1
Breath Noise
Fl.Key Click
1
1
123
0
1
2
3
5
Seashore
Rain
Thunder
Wind
Bubble
1
1
1
1
2
124
0
1
3
Bird
Dog
Bird 2
2
1
1
125
0
1
3
5
Telephone 1
Telephone 2
Door
Wind Chimes
1
1
1
2
126
0
2
9
64
Helicopter
Car-Stop
Burst Noise
Space Tri.
1
1
2
1
127
0
3
Applause
Punch
2
1
128
0
2
3
Gun Shot
Lasergun
Explosion
1
1
2
SFX
SYN. SFX
Ice Rain
2
0
64
65
Soundtrack
Ancestral
Prologue
2
2
2
99
0
1
Crystal
Syn Mallet
2
1
100
0
Atmosphere
2
101
0
Brightness
2
102
0
Goblin
2
103
0
1
2
64
65
66
Echo Drops
Echo Bell
Echo Pan
Echo Pan 2
Big Panner
Reso Panner
1
2
2
2
2
2
104
0
Star Theme
2
ETHNIC MISC
105
0
1
Sitar
Sitar 2
1
2
106
0
Banjo
1
107
0
Shamisen
1
108
0
8
Koto
Taisho Koto
1
2
109
0
Kalimba
1
110
0
Bagpipe
1
111
0
Fiddle
1
112
0
Shanai
1
SYN. LEAD
81
1
1
0
Soprano Sax
0
Melo. Tom 1
Melo. Tom 2
90
0
73
0
8
89
65
PIPE
118
PERCUSSIVE
113
0
Tinkle Bell
1
114
0
Agogo
1
86
0
Solo Vox
2
115
0
Steel Drums
1
87
0
64
5th Saw Wave
Big Fives
2
2
116
0
8
Woodblock
Castanets
1
1
88
0
64
65
Bass & Lead
Big & Raw
Fat & Perky
2
2
2
117
0
8
Taiko
Concert BD
1
1
PC:
Program Number
(Instrument Number)
CC:
Value of control change
number 0
Voices: Number of voices used
• To switch instruments from the
external MIDI device, send “0”
on the CC32# (Control Change
Bank Select) from the external
MIDI device to the TD-6V.
• The value of the CC32# (Control
Change Bank Select) that the
TD-6V transmits is always “0.”
127
Appendix
SYN. BRASS
Voorgeprogrammeerde nummer lijst
No.
Song Name
Time Sig Length
Tempo
Type
DRUMS
4/4
8
124
LOOP
US ROCK
ACO ROCK
8BT'ROK1
8BT'ROK2
MED ROK
SHFL ROK
FUNK ROK
SLOW ROK
URBAN
UPBEAT
TRIPLETS
16BT'ROK
CYBER
HARDROCK
FNKYHR
BOOGIE
HARD POP
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
35
26
36
30
24
26
32
20
29
33
35
31
30
22
20
48
38
128
120
114
140
109
126
100
72
113
100
105
86
129
195
100
216
175
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
DRUMS
1
METAL
19
20
EARLYMTL
THRASH
4/4
4/4
24
32
120
195
1SHOT
1SHOT
6/8
4/4
4/4
4/4
4/4
28
24
24
15
29
50
65
64
65
75
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
BALLAD
21
22
23
24
25
6/8BLD
POPBLD
ROCK BLD
PIANOBLD
16BT'BLD
Song Name
Time Sig Length
Tempo
Type
ROCKABLY
ROCKIN'
SURF ROK
4/4
4/4
4/4
21
32
24
96
170
150
1SHOT
1SHOT
1SHOT
BLUEGRSS
CNTRYBLD
CNTRYROK
4/4
4/4
4/4
22
36
37
142
104
125
1SHOT
1SHOT
1SHOT
SWING1
SWING2
JAZZ WLZ
JAZZ BLD
LATINJAZ
6/8 JAZZ
SMTHJAZZ
BIGBAND
4/4
4/4
3/4
4/4
4/4
6/8
4/4
4/4
39
37
51
42
37
35
39
32
200
192
110
110
167
93
183
130
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
3/4
4/4
4/4
18
29
22
27
37
41
24
46
25
25
95
96
85
86
130
120
112
123
82
100
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
37
35
34
24
23
25
20
24
24
24
23
90
132
122
105
113
102
102
125
86
96
118
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
22
29
20
24
27
96
142
132
125
192
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
R&R
ROCK
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
No.
45
46
47
COUNTRY
48
49
50
JAZZ
51
52
53
54
55
56
57
58
FUSION
59
60
61
62
63
64
65
66
67
68
FUSE
ACID FS
SLOW FS
MED SHFL
UP SHFL
FUNK FS1
FUNK FS2
3/4 FS
BGM FS
CTMP'FS
DANCE
R&B
26
27
28
29
30
31
32
33
34
OLD R&B1
OLD R&B2
OLD R&B3
OLD R&B4
R&B SHFL
R&B HOP1
R&B HOP2
SMTH GRV
SHFL GRV
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
27
28
25
22
23
35
42
24
26
154
148
150
82
112
96
93
73
96
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
BLUES1
BLUES2
BLUES3
4/4
4/4
4/4
30
36
21
67
113
55
1SHOT
1SHOT
1SHOT
BGM POP
REFRESH
DANCEPOP
POP ROCK
ACOUSPOP
ELEC POP
POP WLTZ
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
3/4
27
25
25
38
20
25
26
88
89
120
123
89
100
120
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
69
70
71
72
73
74
75
76
77
78
79
HIPHOP
EUROBEAT
HOUSE
FUNK1
FUNK2
FUNK3
808HPHOP
JAZZFUNK
ACIDFUNK
HPHPJAZZ
TEKPOP
BLUES
35
36
37
POPS
38
39
40
41
42
43
44
128
REGGAE
80
81
82
83
84
REGGAE1
REGGAE2
REGGAE3
REGGAE4
SKA
Voorgeprogrammeerde nummer lijst
No.
Song Name
Time Sig Length
Tempo
Type
LATIN1
LATIN2
LATIN3
MAMBO
MERENGUE
SALSA1
SALSA2
SALSA3
SONGO
TJANO
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
41
41
33
36
36
30
25
47
24
24
120
108
130
182
207
115
102
165
109
89
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
4/4
4/4
4/4
27
20
28
85
152
136
1SHOT
1SHOT
1SHOT
8BEAT1
8BEAT2
8BEAT3
SHUFFL1
SHUFFL2
SLOW1
SLOW2
R&B1
R&B2
BLUES
POP X
DIXIE
FUNK1
FUNK2
16BEAT1
16BEAT2
HIPHOP2
AMBIENT1
AMBIENT2
TRANCE
RAVE
REGGAE5
BOSSA BT
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
8
16
8
8
8
4
8
8
8
12
8
8
8
8
4
4
4
8
8
8
8
8
4
118
140
113
120
108
69
64
100
104
120
124
162
90
106
120
112
101
96
120
132
132
122
120
LOOP
LOOP
LOOP
LOOP
LOOP
LOOP
LOOP
LOOP
LOOP
LOOP
LOOP
LOOP
LOOP
LOOP
LOOP
LOOP
LOOP
LOOP
LOOP
LOOP
LOOP
LOOP
LOOP
4/4SHAKR
6/8SHAKR
LATN PTN
CLAVES
TABLA
SITRDRON
4/4
6/8
4/4
4/4
4/4
4/4
1
1
2
1
2
1
86
120
120
120
128
89
LOOP
LOOP
LOOP
LOOP
LOOP
LOOP
DRUMFILL
DBL BASS
ROLL T1
ROLL T2
ROLL T3
LATNFILL
ROLLBNGO
SPANISH
BRS FALL
ENCORE
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
1
1
1
1
1
2
1
2
1
7
120
130
130
130
130
120
117
123
120
120
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
1SHOT
LATIN
85
86
87
88
89
90
91
92
93
94
BOSSA
SAMBA1
SAMBA2
BASICPTN
98
99
100
101
102
103
104
105
106
107
108
109
110
111
112
113
114
115
116
117
118
119
120
Song Name
Time Sig Length
Tempo
Type
SAMBA
ACO BASS
BRS SECT
GRV BASS
GRV PAD
GRV CHRD
ADLBSOLO
JAZZEND1
JAZZEND2
FUNK BRK
FUNKEND1
FUNKEND2
SITARRAG
SANTUR
STRINGS
RESOBASS
SYNCHRD1
SYNCHRD2
A_GTRTAP
E_GTRTAP
D_GTRTAP
C_GTRTAP
G_GTRTAP
A_STRUM
GTRCHRD1
GTRCHRD2
PAD&BASS
ACO GTR
WAH GTR
CUT GTR
VOICES
ANLGPERC
SFX TAP
CAR CELL
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
4/4
120
160
160
120
120
120
120
60
100
130
130
130
100
128
128
120
120
120
120
120
120
120
120
120
120
120
80
86
120
120
120
120
120
120
TAP
TAP
TAP
TAP
TAP
TAP
TAP
TAP
TAP
TAP
TAP
TAP
TAP
TAP
TAP
TAP
TAP
TAP
TAP
TAP
TAP
TAP
TAP
TAP
TAP
TAP
TAP
TAP
TAP
TAP
TAP
TAP
TAP
TAP
TAP
BRAZIL
95
96
97
No.
137
138
139
140
141
142
143
144
145
146
147
148
149
150
151
152
153
154
155
156
157
158
159
160
161
162
163
164
165
166
167
168
169
170
1
4
5
2
2
1
16
6
4
1
2
3
17
3
8
2
3
3
3
3
3
3
3
3
1
1
8
6
1
1
2
1
5
3
LOOP
121
122
123
124
125
126
127
128
129
130
131
132
133
134
135
136
Appendix
1SHOT
129
Parameter lijst
Drum Kit Parameters
KIT
Parameter
Drum Kit (p. 55)
Drum Kit
Value
1–99
KIT/INST
Parameter
Inst (p. 58)
Inst Group (p. 57)
Instrument
Instrument Group
Level (p. 59)
Pan (p. 59)
Pitch (p. 59)
Decay (p. 59)
Level
Pan
Pitch
Decay
Value
1–1024
KICK, SNARE, TOM, HI-HAT, CRASH, RIDE, PERC,
SPECIAL, MELODIC, VOICES, REVERSE,
FIXED HI-HAT, OFF
0–127
L15–CENTER–R15, RANDOM, ALTERNATE
-480–+480
-31–+31
KIT/AMBIENCE
Parameter
Ambience Sw (p. 60)
AmbSendLevel (p. 60)
Studio (p. 60)
Ambience Switch
Ambience Send Level
Studio Type
WallType (p. 61)
Room Size (p. 61)
Amb Level (p. 61)
Wall Type
Room Size
Ambience Level
Value
OFF, ON
0–127
LIVING, BATHROOM, STUDIO, GARAGE, LOCKER,
THEATER, CAVE, GYM, STADIUM
WOOD, PLASTER, GLASS
SMALL, MEDIUM, LARGE
0–127
Master Equalizer Switch
High Gain
Low Gain
Value
OFF, ON
-12dB–+12dB
-12dB–+12dB
Pad Pattern
Pad Pattern Velocity
Pitch Control Assign
Note Number
Gate Time
Value
OFF, 1–270
OFF, ON
OFF, ON
0 (C -)–127 (G 9)
0.1sec–8.0sec (0.1 sec steps)
KIT/EQUALIZER
Parameter
Master EQ Sw (p. 62)
High Gain (p. 62)
Low Gain (p. 62)
KIT/CONTROL
Parameter
Pad Ptn (p. 63)
Pad Ptn Velo (p. 63)
Pitch Ctrl (p. 64)
Note No. (p. 64)
Gate Time (p. 65)
+:
This setting cannot be made in GM mode.
KIT/COMMON
Parameter
MasterVolume (p. 66)
Pedal HH Vol (p. 66)
PchCtrlRange (p. 66)
KitName (p. 67)
Master Volume
Pedal Hi-Hat Volume
Pitch Control Range
Drum Kit Name
Value
0–127
0–15
-24–+24
8 characters (*1)
*1:
space
130
+
+
+
+
Parameter lijst
KIT/COPY
Parameter
Src (p. 67)
Dst (p. 67)
Copy Source
Copy Destination
Value
P01–P99, U01–U99
U01–U99
Exchange Source
Exchange Destination
Value
P01–P99, U01–U99
U01–U99
KIT/EXCHANGE
Parameter
Src (p. 68)
Dst (p. 68)
Song Parameters
SONG
Parameter
Song (p. 83)
Song Category (p. 83)
+:
Song
Song Category
Value
001–270
DRUMS, ROCK, METAL, BALLAD, R&B, BLUES, POPS,
R&R, COUNTRY, JAZZ, FUSION, DANCE, REGGAE,
LATIN, BRAZIL, BASICPTN, LOOP, 1SHOT, TAP, USER
+
+
This setting cannot be made in GM mode.
SONG/COMMON
Parameter
Tempo (p. 85)
Play Type (p. 85)
Quick Play (p. 86)
Reset Time (p. 86)
Tap Exc Sw (p. 86)
Song Lock (p. 86)
SngName (p. 87)
Tempo
Play Type
Quick Play
Reset Time
Tap Exclusive Switch
Song Lock
Song Name
Value
20–260
LOOP, 1SHOT, TAP
OFF, ON
OFF, 0.1s–8.0s (0.1 sec steps)
OFF, ON
OFF, ON
8 characters (*1)
+
+
+
+
+
#
#
+: This setting cannot be made in GM mode.
#: This setting cannot be made when the preset song is selected.
*1:
space
SONG/PART:Perc
Parameter
Set (p. 88)
Level (p. 88)
AmbSendLevel (p. 89)
+:
Percussion Set
Level
Ambience Send Level
Value
1–10
0–127
0–127
+
+
+
Value
1–128
0–127
L15–CENTER–R15
0–127
0–24
+
+
+
+
+
This setting cannot be made in GM mode.
Parameter
Inst (p. 88)
Level (p. 88)
Pan (p. 89)
AmbSendLevel (p. 89)
Bend Range (p. 89)
+:
Instrument
Level
Pan
Ambience Send Level
Bend Range
This setting cannot be made in GM mode.
131
Appendix
SONG/PART:Part1–Part4
Parameter lijst
SONG/COPY
Parameter
Src (p. 89)
Dst (p. 89)
+:
Copy Source
Copy Destination
Value
001–270
171–270
+
+
Value
171–270
+
Value
171–270
ALL, KIT, PERC, PART1, PART2, PART3, PART4
+
+
This setting cannot be made in GM mode.
SONG/DELETE
Parameter
Song (p. 90)
+:
Delete Song
This setting cannot be made in GM mode.
SONG/ERASE
Parameter
Song (p. 91)
Part (p. 91)
+:
Erase Song
Erase Part
This setting cannot be made in GM mode.
Instelling parameters
SETUP/UTILITY
+:
Parameter
LCD Contrast (p. 76)
PercPrtLevel (p. 76)
Backing Level (p. 77)
Mute (p. 77)
LCD Contrast
Percussion Part Level
Backing Level
Mute
Master Tune (p. 77)
Preview Velo (p. 77)
AvailMemory (p. 78)
Master Tune
Preview Velocity
Available Memory
Value
1–16
0–127
0–127
SongDrum, SongDrm/Prc, UserDrmPart, Part1, Part2,
Part3, Part4, Part1-4
415.3–466.2 (0.1 Hz steps)
0–127
0–100% (check only)
This setting cannot be made in GM mode.
SETUP/TRIG BASIC
Parameter
TrigTyp (p. 69)
Trigger Type
Secsitivity (p. 71)
Threshold (p. 72)
TrigCurve (p. 72)
Sensitivity
Threshold
Trigger Curve
Xtalk Cancel (p. 73)
Crosstalk Cancel
Value
PD-8, PD Type, PD-80R, PD-120, PD-125, KD-8, KD Type,
CY-8, CY Type, RT-7K, RT-5S, RT-3T, RIM
1–16
0–15
LINEAR, EXP1, EXP2, LOG1, LOG2, SPLINE, LOUD1,
LOUD2
OFF, 20–80 (5 steps)
Scan Time
Retrigger Cancel
Mask Time
Rim Sensitivity
Value
0–4.0ms (0.1 ms steps)
1–16
0–64ms (4ms steps)
OFF, 1–15
SETUP/TRIG ADVNCD
Parameter
Scan Time (p. 74)
Retrig Cancel (p. 74)
Mask Time (p. 74)
Rim Sens (p. 75)
132
+
+
+
Parameter lijst
SETUP/MIDI COMMON
Parameter
Note Chase (p. 97)
Local Control (p. 97)
Sync Mode (p. 98)
CH10Priorty (p. 98)
PdlDataThin (p. 99)
GM Mode (p. 99)
Rx GM ON (p. 100)
Soft Thru (p. 100)
Device ID (p. 101)
Tx PC Sw (p. 101)
Rx PC Sw (p. 101)
+:
Note Chase
Local Control
Sync Mode
Channel 10 Priority
Pedal Data Thin
GM Mode
Rx GM On
Soft Thru
Device ID
Tx PC Switch
Rx PC Switch
Value
OFF, ON
OFF, ON
INT, EXT, REMOTE
KIT, PERC
OFF, 1, 2
OFF, ON
OFF, ON
OFF, ON
1–32
OFF, ON
OFF, ON
+
+
+
+
+
+
This setting cannot be made in GM mode.
SETUP/MIDI PART
Parameter
KitPart CH (p. 102)
PercPart CH (p. 102)
Part1 CH (p. 102)
Part2 CH (p. 102)
Part3 CH (p. 102)
Part4 CH (p. 102)
+:
Drum Kit Part MIDI Channel
Percussion Part MIDI Channel
Part 1 MIDI Channel
Part 2 MIDI Channel
Part 3 MIDI Channel
Part 4 MIDI Channel
Value
1–16, OFF
1–16, OFF
1–16, OFF
1–16, OFF
1–16, OFF
1–16, OFF
+
+
+
+
+
+
Value
OFF, ON
OFF, ON
OFF, ON
OFF, ON
OFF, ON
OFF, ON
OFF, ON
OFF, ON
OFF, ON
OFF, ON
OFF, ON
OFF, ON
OFF, ON
OFF, ON
OFF, ON
OFF, ON
-
This setting cannot be made in GM mode.
SETUP/GM PART
Parameter
Part1 Rx Sw (p. 102)
Part2 Rx Sw (p. 102)
Part3 Rx Sw (p. 102)
Part4 Rx Sw (p. 102)
Part5 Rx Sw (p. 102)
Part6 Rx Sw (p. 102)
Part7 Rx Sw (p. 102)
Part8 Rx Sw (p. 102)
Part9 Rx Sw (p. 102)
Part10 Rx Sw (p. 102)
Part11 Rx Sw (p. 102)
Part12 Rx Sw (p. 102)
Part13 Rx Sw (p. 102)
Part14 Rx Sw (p. 102)
Part15 Rx Sw (p. 102)
Part16 Rx Sw (p. 102)
-:
Part 1 Rx Switch
Part 2 Rx Switch
Part 3 Rx Switch
Part 4 Rx Switch
Part 5 Rx Switch
Part 6 Rx Switch
Part 7 Rx Switch
Part 8 Rx Switch
Part 9 Rx Switch
Part 10 Rx Switch
Part 11 Rx Switch
Part 12 Rx Switch
Part 13 Rx Switch
Part 14 Rx Switch
Part 15 Rx Switch
Part 16 Rx Switch
This setting can be made in GM mode only.
SETUP/BULK DUMP
Parameter
Bulk Dump (p. 103)
Bulk Dump
Value
ALL, SETUP, ALL SONGS, ALL KITS, KIT 01–KIT 99
Factory Reset
Value
ALL, THIS DRUM KIT, ALL DRUM KITS, ALL SONGS
Parameter
Reset (p. 78)
Appendix
SETUP/FactoryReset
133
Parameter lijst
Click Parameters
CLICK
+:
Parameter
Click Level (p. 79)
Time Sig (p. 80)
Interval (p. 80)
Inst (p. 80)
Click Level
Time Signature
Interval
Inst
Pan (p. 80)
PlyCountIn (p. 80)
RecCountIn (p. 80)
Pan
Play Count In
Recording Count In
Value
0–127
0–13/2, 0–13/4, 0–13/8, 0–13/16
1/2, 3/8, 1/4, 4/8, 1/12, 1/16
VOICE, CLICK, BEEP, METRONOME, CLAVES,
WOOD BLOCK, STICKS, cross-stick, TRIANGLE,
COWBELL, CONGA, TALKING DRM, MARACAS,
CABASA, CUICA, AGOGO, TAMBOURINE, SNAPS, 909
SNARE, 808 COWBELL
L15–CENTER–R15
OFF, 1MEAS, 2MEAS
OFF, 1MEAS, 2MEAS
+
+
+
+
+
+
+
This setting cannot be made in GM mode.
Song opname
Recording Standby
+:
Parameter
Time Sig (p. 93)
Length (p. 93)
Tempo (p. 93)
Quantize (p. 94)
Time Signature
Length
Tempo
Quantize
Rec Mode (p. 94)
HitPadStart (p. 94)
Recording Mode
Hit Pad Start
Value
1–13/2, 1–13/4, 1–13/8, 1–13/16
1–999
20–260
(8th note),
(8th note triplets),
(16th note),
(16th note triplets),
(32nd note),
(32nd note triplets),
(64th note), OFF
REPLACE, LOOP ALL, LOOP 1, LOOP 2
OFF, ON
+
+
+
+
+
+
This setting cannot be made in GM mode.
Tempo
Tempo
Parameter
Tempo (p. 79, p. 85)
+:
Tempo
This setting cannot be made in GM mode.
134
Value
20–260
+
MIDI Implementation Chart
PERCUSSION SOUND MODULE (NORMAL MODE (Expect SEQUENCER SECTION))
MIDI Implementatiekaart
Verzonden
Functie...
Herkend
Basic
Channel
Default
Changed
1–16, OFF
1–16, OFF
1–16, OFF
1–16, OFF
Mode
Default
Messages
Altered
Mode 3
X
Mode 3
X
**************
**************
0–127
0–127
0–127
0–127
O 9nH, v = 1–127
O 8nH, v = 64
Note
Number : True Voice
Velocity
Note On
Note Off
O 9nH, v = 1–127
O 8nH, v = 64
After
Touch
Key's
Channel's
O
X
Pitch Bend
0, 32
1
4
6
7
10
11
64
91
100, 101
Control
Change
*1
*1
X
O
*3
X
X
O
X
X
X
X
X
X
X
O
X
O
O
O
O
X
O
O
O
*3
*1
O
0–127
System Exclusive
O
O
: Song Position
System
: Song Select
Common
: Tune Request
X
X
X
X
X
X
: Clock
System
Real Time : Commands
X
X
X
X
: True Number
X
: All Sound Off
: Reset All Controllers X
Aux
X
: Local On/Off
Messages : All Notes Off
X
O
: Active Sensing
X
: System Reset
Notes
Mode 1 : OMNI ON, POLY
Mode 3 : OMNI OFF, POLY
Memorized (Non-Volatile)
O
X
O
0–127
Program
Change
Opmerkingen
*1
*3
*2
*3
*3
*2
*3
Bank select
Modulation
Foot control
Data entry
Volume
Panpot
Expression
Hold 1
Effect 1 (Reverb Send Level)
RPN LSB, MSB
Program No. 1–128
O (120, 126, 127)
O
X
O (123–127)
O
X
Appendix
Model TD-6V
* 1 Drum kit part only.
* 2 Percussion part and backing part only.
* 3 Backing part only.
Mode 2 : OMNI ON, MONO
Mode 4 : OMNI OFF, MONO
O : Ja
X : Nee
135
PERCUSSION SOUND MODULE (NORMAL MODE (SEQUENCER SECTION))
MIDI Implementatiekaart
Model TD-6V
Verzonden
Functie...
Herkend
Basic
Channel
Default
Changed
1–16, OFF
1–16, OFF
1–16, OFF
1–16, OFF
Mode
Default
Messages
Altered
Mode 3
X
X
X
**************
**************
0–127
0–127
0–127
0–127
Note
Number : True Voice
Velocity
Note On
Note Off
O 9nH, v = 1–127
O 8nH, v = 64
O 9nH, v = 1–127
O 8nH, v = 64
After
Touch
Key's
Channel's
X
X
X
X
Pitch Bend
0, 32
1
4
6
7
10
11
64
91
100, 101
Control
Change
Program
Change
: True Number
O
*3
O
O
X
O
O
O
O
X
O
O
O
*3 *4 *5
*3
*2 *4
*3
X
X
O
X
X
X
X
O
X
X
O
0–127
*4 *5
X
*1
*3
*2 *4
*3 *4
O
O (do not record)
: Song Position
System
: Song Select
Common
: Tune Request
X
X
X
X
X
X
: Clock
System
Real Time : Commands
O
O
X
X
Mode 1 : OMNI ON, POLY
Mode 3 : OMNI OFF, POLY
136
*3
*1
*3
Bank select
Modulation
Foot control
Data entry
Volume
Panpot
Expression
Hold 1
Effect 1 (Reverb Send Level)
RPN LSB, MSB
*6
*7
O
O
X
O (123–127)
O (do not record)
X
X
: All Sound Off
: Reset All Controllers X
Aux
X
: Local On/Off
Messages : All Notes Off
X
O
: Active Sensing
X
: System Reset
*1
*2
*3
*4
Memorized (Non-Volatile)
Program No. 1–128
System Exclusive
Notes
Opmerkingen
Drum kit part only.
*5 Transmits when instruments are selected for parts.
Percussion part and backing part only. *6 Receives when Sync Mode setting is "EXT".
Backing part only.
*7 Receives when Sync Mode setting is
Transmits when song is selected.
"EXT" or "REMOTE".
Mode 2 : OMNI ON, MONO
Mode 4 : OMNI OFF, MONO
O : Ja
X : Nee
PERCUSSION SOUND MODULE (General MIDI MODE)
MIDI Implementatiekaart
Verzonden
Functie...
Herkend
Basic
Channel
Default
Changed
X
X
1–16, OFF
1–16, OFF
Mode
Default
Messages
Altered
X
X
Mode 3
X
**************
**************
Note
Number : True Voice
X
**************
0–127
0–127
Opmerkingen
Memorized (Non-Volatile)
Velocity
Note On
Note Off
X
X
O 9nH, v = 1–127
O 8nH, v = 64
After
Touch
Key's
Channel's
X
X
X
O
*1
X
O
*1
X
X
X
X
X
X
X
X
X
X
X
O
X
O
O
O
O
O
O
O
X
**************
O
0–127
System Exclusive
O
O
: Song Position
System
: Song Select
Common
: Tune Request
X
X
X
X
X
X
: Clock
System
Real Time : Commands
X
X
X
X
X
: All Sound Off
: Reset All Controllers X
Aux
X
: Local On/Off
Messages : All Notes Off
X
O
: Active Sensing
X
: System Reset
O
O
X
O
O
X
Pitch Bend
0, 32
1
4
6
7
10
11
64
91
100, 101
Control
Change
Program
Change
: True Number
Notes
Mode 1 : OMNI ON, POLY
Mode 3 : OMNI OFF, POLY
*1
*1
*1
*1
*1
Bank select
Modulation
Foot control
Data entry
Volume
Panpot
Expression
Hold 1
Effect 1 (Reverb Send Level)
RPN LSB, MSB
Program No. 1–128
Appendix
Model TD-6V
*1 Not received on Channel 10
Mode 2 : OMNI ON, MONO
Mode 4 : OMNI OFF, MONO
O : Ja
X : Nee
137
138
Inst
Part4
CLICK
Inst
CLICK/
Inst
Perc Set
Inst
Part3
Percussion
Inst
Part2
SONG/
PART/
Level
SONG/
PART/
Inst,
Perc Set
Level
CLICK/
Click Level
Level
Level
Level
Level
Level
Level
Level
Level
Level
Level
Level
Level
Level
Level
Level
Level
Level
Level
Level
Level
Level
Level
Level
Level
KIT/
INST/
Level
Inst
Inst
Inst
Inst
Inst
Inst
Inst
Inst
Inst
Inst
Inst
Inst
Inst
Inst
Inst
Inst
Inst
Inst
Inst
Inst
Rim
Head
Rim
Head
Rim
Head
Head
Rim
Head
Head
Rim
Head
Rim
Head
Rim
Head
Rim
Head
Head
KIT/
INST/
Inst
Part1
11 RIDE
10 CRASH2
9 CRASH1
8 TOM4
7 TOM3
6 AUX
5 TOM2
4 TOM1
3 HI-HAT
2 SNARE
1 KICK
Drum Kit
PercPart
Level
Backing
Level
SETUP/
COMMON/
BackingLevel,
PercPrtLevel
Master
Volume
KIT/
COMMON/
MasterVolume
Amb Send Level
Amb Send Level
Amb Send Level
Amb Send Level
Amb Send Level
SONG/
PART/
AmbSendLevel
Amb Send Level
Amb Send Level
Amb Send Level
Amb Send Level
Amb Send Level
Amb Send Level
Amb Send Level
Amb Send Level
Amb Send Level
Amb Send Level
Amb Send Level
Amb Send Level
Amb Send Level
Amb Send Level
Amb Send Level
Amb Send Level
Amb Send Level
Amb Send Level
Amb Send Level
KIT/
AMBIENCE/
AmbSendLevel
CLICK/Pan
SONG/PART/Pan
Studio
Wall Type
Room Size
Level
Ambience
KIT/AMBIENCE
KIT/
INST/
Pan
High Gain
Low Gain
Master
Equalizer
KIT/
EQUALIZER
PHONES
R
OUTPUT
L(MONO)
TD-6V
Block Diagram
Volume
MIX IN
TD-6V Block Diagram
Specificaties
TD-6V: Percussion Sound Module (conform General MIDI System)
Maximale polyphony
Stroomvoorziening
64 stemmen
Adapter (DC 9 V)
Instruments
Stroomafname
Drum instrumenten:
1024
Backing instrumenten:
262
1,000 mA
Afmetingen
Drum Kits
266 (W) x 199 (D) x 75 (H) mm
99
Gewicht
Effect Types
1.1 kg (zonder Adapter)
Ambience
2-Band Master Equalizer
Accessiores
Handleiding, Adapter (ACI/ACB Series),
Schroeven (M5 x 8) x 4
Sequencer
Preset Songs:
170
User Songs:
100
Parts:
6
Speelfuncties:
One shot, Loop, Tap
Tempo:
20–260
Resolutie:
192 ticks per kwart noot
Opnamemethode:
Realtime Recording
Maximum noot opslag:
aca. 12,000 Notes
Opties
Pads (PD-6, PD-7, PD-8, PD-9, PD-80, PD-80R, PD-100,
PD-105, PD-120, PD-125, RP-2)
Cymbals (CY-6, CY-8, CY-12H, CY-12R/C, CY-14C, CY15R)
Kick Trigger Units (KD-7, KD-8, KD-80, KD-120)
Hi-Hat Control Pedals (FD-7, FD-8)
Stands (MDS-3C, MDS-6, MDS-8C, MDS-10, MDS-20)
Scherm
Cymbal Mounts (MDY-7U, MDY-10U)
Pad Mounts (MDH-7U, MDH-10U)
20 characters, 2 lines (backlit LCD)
Aansluitingen
Trigger Input Jacks: 9 (11 Inputs)
Hi-Hat Control Jack
962a
984
*
In het belang van productverbetering zijn de specificaties en/of
het uiterlijk van dit apparaat aan wijzigingen onderhevig,
zonder voorafgaande berichtgeving.
Output Jacks (L/MONO, R)
Appendix
Koptelefoon Jack (stereo tulpstekker)
Mix in Jack (stereo tulpstekker
MIDI Connectors (IN, OUT/THRU)
Uitgangsimpedantie
1.0 k ohm
139
Index
A
D
Aanbevolen parameters voor de pads................................... 35
Decay ........................................................................................ 59
adapter aansluiting..................................................................... 8
Achtergrond instrumenten lijst .............................................. 26
Demo Songs ............................................................................... 27
Drum Instrumenten Lijst ....................................................... 120
Achtergrond partij .................................................................... 77
Drumkit .......................................................................... 40, 54–55
Achtergrondniveau (Backing Level) ...................................... 77
Achterpaneel ............................................................................... 8
Drumkit Lijst ........................................................................... 118
Drumkit naam ........................................................................... 67
Afspeeltype ................................................................................ 85
Drumkit scherm ........................................................................ 55
Afspelen ..................................................................................... 83
Aftellen ...................................................................................... 80
Duur ........................................................................................... 93
Akoestische drumtrigger ........................................................ 75
Amb Level (Ambiance niveau) .............................................. 61
AMBIANCE .............................................................................. 60
E
Ambience Sw (Ambience Switch) .......................................... 60
AmbSendLevel (Ambience Send Level)
Drum Instrument ................................................................ 60
Part1–Part4 ........................................................................... 89
Percussie part 8...................................................................... 9
Apparaat ID ............................................................................. 101
AvailMemory (beschikbaar geheugen) ................................. 78
B
Basis trigger parameter ............................................................ 71
Bell Shots .................................................................................... 37
Bend bereik ................................................................................ 89
Bericht....................................................................................... 116
BEVEILIGINGSLOT ................................................................. 18
Bow Shots................................................................................... 37
Bulk Dump
Ontvangen.......................................................................... 104
Versturen ............................................................................ 103
C
CH10Priorty (Channel 0 Priority) ......................................... 98
Channel 0 Priority..................................................................... 98
CLICK (TEMPO) knop ............................................................... 6
COMMON
Drumkit ................................................................................ 66
Song....................................................................................... 85
cross-stick ................................................................................... 36
Crosstalk Cancel........................................................................ 73
Cymbal Choke........................................................................... 38
140
Edge Shots ................................................................................... 7
EDIT (SETUP) knop.................................................................. 17
ENTER knop................................................................................ 7
EQUALIZER.............................................................................. 62
EXIT knop .................................................................................. 17
F
Fabrieksherstelling ............................................................ 25, 78
Foutmelding ............................................................................ 116
G
Gain ........................................................................................... 62
Gate tijd ...................................................................................... 65
Geavanceerde trigger parameter ............................................ 73
General MIDI systeem ............................................................. 13
Gevoeligheid.......................................................................... 1, 71
GM Modus (General MIDI Mode) ......................................... 99
GM Partij .................................................................................. 102
GM System On bericht ........................................................... 100
H
Head Shots .................................................................................. 6
Herstellen van fabrieksinstellingen.................................. 25, 78
HH CTRL aansluiting .............................................................. 18
High Gain................................................................................... 62
Hi-Hat bedieningspedaal .......................................................... 8
HitPadStart (Hit Pad Start)...................................................... 94
I
M
INC/+, DEC/- knop................................................................... 7
Mask Tijd .................................................................................. 74
INST ............................................................................................ 58
Inst Groep................................................................................... 57
Master EQ Sw (Master Equalizer Switch) ............................. 62
Master Tune............................................................................... 77
Instrument
Klik ........................................................................................ 80
Drumkit ................................................................................ 58
Part1–Part4 ........................................................................... 88
Instrumenten
Drumkit ................................................................................ 57
Master Volume (Master Volume)........................................... 66
Interne Sequencer ..................................................................... 96
Interval ....................................................................................... 80
Metronoom ................................................................................ 41
MIDI............................................................................................ 95
MIDI Aansluitingen............................................................ 18, 95
MIDI COMMON....................................................................... 96
MIDI Instellingen...................................................................... 96
MIDI kanaal ............................................................................. 102
MIDI PARTIJ ........................................................................... 102
MIX IN ingang....................................................................... 8, 51
K
Mute................................................................................ 48, 77, 84
Kabelhaak................................................................................... 18
Kamer grootte ........................................................................... 61
N
KIT knop .................................................................................... 17
Kit Name (Drumkit naam) ...................................................... 67
KIT
AMBIANCE ......................................................................... 60
COMMON............................................................................ 66
CONTROL............................................................................ 62
EQUALIZER ........................................................................ 62
INST ...................................................................................... 58
KOPIEER .............................................................................. 67
UITWISSELEN..................................................................... 68
Klik aan/ uit ........................................................................ 41, 79
Naam
Drumkkit .............................................................................. 67
Song....................................................................................... 87
Note Chase........................................................................... 57, 97
Note No. (Noot Nummer) ....................................................... 64
O
OUTPUT aansluitingen ............................................................. 8
Klik niveau........................................................................... 42, 79
Kopieer
Drumkit ................................................................................ 67
Song....................................................................................... 89
L
LCD Contrast ........................................................................... 76
Lijst
Achtergrondinstrument ................................................... 126
Drum instrument ................................................................ 20
Drumkit .............................................................................. 118
Parameter ........................................................................... 130
Preset Percussieset ............................................................ 124
Preset Song ......................................................................... 128
LocalControl (Local Control) .................................................. 97
Low Gain.................................................................................... 62
141
Index
Index
Index
P
S
Pad Pattern ......................................................................... 50, 63
Scan tijd .................................................................................... 74
Pad Ptn (Pad Pattern) ............................................................... 63
Pad Ptn Velo (Pad Pattern Velocity) ...................................... 63
Scherm .......................................................................................... 6
Set (Percussieset)....................................................................... 88
Pan
Druminstrument ................................................................. 59
Klik 8 ....................................................................................... 0
Part1–Part4 ........................................................................... 89
Parameter Lijst......................................................................... 130
SETUP
BULK DUMP ..................................................................... 103
Fabrieks reset ...................................................................... 78
GM PARTIJ .......................................................................... 02
MIDI COMMON ................................................................. 96
MIDI PARTIJ...................................................................... 102
TRIG ADVNCD................................................................... 73
TRIG BASIC ......................................................................... 71
UTILITY................................................................................ 76
SHIFT knop................................................................................ 17
PART........................................................................................... 87
Part CH (Part Tx Rx kanaal) .................................................. 102
PART MUTE knop...................................................................... 6
Part Rx Sw (Part Rx Switch) .................................................. 102
PchCtrlRange (Pedal Pitch Control Range) .......................... 66
PdlDataThin (Pedal Data Thin) .............................................. 99
Pedal Data Thin......................................................................... 99
Pedal HH Vol(Pedal Hi-Hat Volume) ................................... 66
Pedal Pitch Control Range....................................................... 66
PercPrtLevel (Percussion Part Level)..................................... 76
Percussiepartij niveau .............................................................. 76
Percussieset................................................................................ 88
PHONES ingang ....................................................................... 18
Pitch Ctrl (Pitch Control Assign) ............................................ 64
PLAY knop................................................................................... 6
PlyCountIn (Play Count In)..................................................... 80
POWER knop............................................................................. 18
Preset Percussieset Lijst ......................................................... 124
Preset Song................................................................................. 81
Preset Songlijst ........................................................................ 128
Preview....................................................................................... 56
Preview Velo (Preview Velocity)............................................ 78
Probleemoplosser.................................................................... 110
Program Change
Versturen/ontvangen Program Changes...................... 105
Snel afspelen ............................................................................. 86
SngName (Song Naam) ........................................................... 87
Soft Thru................................................................................... 100
Song ...................................................................................... 44, 81
Song Categorie .......................................................................... 83
SONG knop................................................................................ 17
Song Lock................................................................................... 86
Song Naam................................................................................. 87
Song Scherm .............................................................................. 82
SONG
COMMON............................................................................ 85
KOPIEER .............................................................................. 89
VERWIJDEREN .................................................................. 90
WISSEN ................................................................................ 91
PARTIJ .................................................................................. 87
Standaard ................................................................................... 19
STOP knop ................................................................................. 16
Stroom
Uitzetten ............................................................................... 24
Aanzetten ............................................................................. 23
Studio Type................................................................................ 60
Sync Mode.................................................................................. 98
Q
Quantize ................................................................................... 94
R
Randgevoeligheid ..................................................................... 75
REC knop ..................................................................................... 6
RecCountIn (Rec Count In) ..................................................... 80
RecMode (Recording Mode) ................................................... 94
Reset (Fabrieksherstelling) ...................................................... 78
Reset Tijd ................................................................................... 86
Retrig Cancel (Retrigger Cancel) ............................................ 74
Rim Shots ................................................................................... 36
Rx GM On ................................................................................ 100
Rx PC Sw (Rx PC Switch) ...................................................... 101
142
Index
T
X
Tap Exc Sw (Tap Exclusive Switch) ..................................... 86
Xtalk Cancel (Crosstalk Cancel) ............................................ 73
Index
Tempo
Klik ................................................................................. 43, 79
Song........................................................................... 47, 85, 93
Threshold ................................................................................... 72
Time Sig (Maatsoort)
Klik ....................................................................................... 80
Song....................................................................................... 93
Toonhoogte ............................................................................... 59
TRIG ADVNCD ........................................................................ 73
TRIG BASIC ............................................................................... 71
TrigCurve (Trigger Curve) ...................................................... 72
Trigger Input Functies.............................................................. 33
TRIGGER INPUTS.................................................................... 18
TrigTyp (Trigger Type) ...................................................... 29, 69
Tx PC Sw (Tx PC Switch)....................................................... 101
U
Uitwisselen................................................................................. 68
User Song ................................................................................. 81
UTILITY...................................................................................... 76
V
Variatietoon .............................................................................. 88
Verwijderen ............................................................................... 90
Vlaggetje............................................................................... 32, 69
VOLUME knop ......................................................................... 16
Volume
Achtergrondpartij ......................................................... 46, 77
Druminstrument ................................................................. 59
Klik ....................................................................................... 42
Part1–Part4 ........................................................................... 88
Percussiepartij................................................................ 46, 76
Preview ................................................................................. 78
Song....................................................................................... 46
Volumeniveau
Achtergrond partij ........................................................ 46, 77
Drum instrument ................................................................ 59
Klik ................................................................................. 42, 79
Part1–Part4 ........................................................................... 88
Percussiepartij................................................................ 46, 76
Percussieset .......................................................................... 88
Preview ................................................................................. 78
Voorpaneel................................................................................... 6
W
WallType (Muurtype) ............................................................ 61
Wissen ........................................................................................ 91
143
Voor EU-Landen
Dit product voldoet aan de voorwaarden van Europese Richtlijnen EMC 89/336/EEC en LVD 73/23/EEC.
For the USA
FEDERAL COMMUNICATIONS COMMISSION
RADIO FREQUENCY INTERFERENCE STATEMENT
This equipment has been tested and found to comply with the limits for a Class B digital device, pursuant to Part 15 of the
FCC Rules. These limits are designed to provide reasonable protection against harmful interference in a residential
installation. This equipment generates, uses, and can radiate radio frequency energy and, if not installed and used in
accordance with the instructions, may cause harmful interference to radio communications. However, there is no guarantee
that interference will not occur in a particular installation. If this equipment does cause harmful interference to radio or
television reception, which can be determined by turning the equipment off and on, the user is encouraged to try to correct the
interference by one or more of the following measures:
— Reorient or relocate the receiving antenna.
— Increase the separation between the equipment and receiver.
— Connect the equipment into an outlet on a circuit different from that to which the receiver is connected.
— Consult the dealer or an experienced radio/TV technician for help.
This device complies with Part 15 of the FCC Rules. Operation is subject to the following two conditions:
(1) This device may not cause harmful interference, and
(2) This device must accept any interference received, including interference that may cause undesired operation.
Unauthorized changes or modification to this system can void the users authority to operate this equipment.
This equipment requires shielded interface cables in order to meet FCC class B Limit.
For Canada
NOTICE
This Class B digital apparatus meets all requirements of the Canadian Interference-Causing Equipment Regulations.
AVIS
Cet appareil num rique de la classe B respecte toutes les exigences du R glement sur le mat riel brouilleur du Canada.
Gebruikershandleiding
Gefeliciteerd met uw keuze voor de Roland Dual Trigger Pad PD-8/Dual Trigger Cymbal
Pad CY-8/Kick Trigger Pad KD-8/HH Control Pedal FD-8.
Voor ingebruikname van de PD-8/CY-8/KD-8/FD-8, dient u
de percussion sound module (p. 12) volgens de instellingswaarden in te stellen.
Lees voor ingebruikname
van de pads en pedaal,
zorgvuldig de gedeelten
met als titel: ‘HET APPARAAT OP EEN VEILIGE
MANIER GEBRUIKEN’ en
‘BELANGRIJKE OPMERKINGEN’ (p. 2-3).
Deze gedeelten verstrekken belangrijke informatie over een goede
werking van de pads en
pedaal.
Om er zeker van te zijn
dat u voldoende begrip
verworven hebt met
betrekking tot elke mogelijkheid waarin uw
nieuwe eenheid voorziet,
dient u de gebruikshandleiding in zijn geheel
door te nemen.
U kunt voor het gemak
het beste de handleiding
binnen handbereik
bewaren.
Copyright © 2004 ROLAND CORPORATION
Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze publicatie mag zonder
schriftelijke toestemming van ROLAND CORPORATION op generlei wijze
gereproduceerd worden.
HET APPARAAT OP EEN VEILIGE MANIER GEBRUIKEN
HET APPARAAT OP EEN VEILIGE MANIER GEBRUIKEN
INSTRUCTIES OM BRAND, ELEKTRISCHE SCHOK OF LICHAMELIJK LETSEL TE VOORKOMEN
Over
WAARSCHUWING en
WAARSCHUWING
VOORZICHTIG
VOORZICHTIG opmerkingen
Over de symbolen
Het
symbool wijst de gebruiker op belangrijke
instructies of waarschuwingen. De specifieke betekenis
van het symbool wordt bepaald door het teken, dat zich
binnen de driehoek bevindt. Het symbool, dat zich in dit
geval aan de linkerkant bevindt, betekent dat dit teken
voor algemene voorzorgsmaatregelen, waarschuwingen,
of aanduidingen van gevaar wordt gebruikt.
Wordt gebruikt bij instructies, waarbij
de gebruiker attent gemaakt wordt op
het risico van overlijden of zwaar letsel,
wanneer het apparaat niet op juiste
wijze gebruikt wordt.
Wordt gebruikt bij instructies, waarbij
de gebruiker attent gemaakt wordt op
het risico van letsel of materiële schade,
wanneer het apparaat niet op juiste
wijze gebruikt wordt.
Het
symbool wijst de gebruiker op onderdelen, die
nooit verplaatst mogen worden (verboden). De
specifieke handeling, die niet uitgevoerd mag worden,
wordt aangegeven door het symbool, dat zich binnen
de cirkel bevindt. Het symbool, dat zich in dit geval aan
de linkerkant bevindt, betekent dat het apparaat nooit
uit elkaar gehaald mag worden.
* Materiële schade verwijst naar schade
of andere ongunstige effecten, die ten
aanzien van het huis en al het
aanwezige meubilair, en tevens aan
huisdieren kunnen optreden.
Het
wijst de gebruiker op onderdelen, die verwijderd
moeten worden. De specifieke handeling, die uitgevoerd
moet worden, wordt door het symbool binnen de cirkel
aangegeven.
NEEM ALTIJD HET VOLGENDE IN ACHT
WAARSCHUWING
001
• Lees voor de ingebruikneming van de pads
en pedaal eerst onderstaande aanwijzingen,
en de gebruikershandleiding.
................................................................................................
002a
• Open onder geen voorwaarde de pads en
pedaal of breng er een wijziging in aan.
................................................................................................
003
• Probeer de pads en pedaal niet te repareren,
of interne delen te vervangen (behalve
wanneer deze handleiding voorziet in specifieke aanwijzingen). Ga voor al het onderhoud naar
uw dealer, het dichtstbijzijnde Roland Service
Center of een gemachtigde Roland distributeur,
zoals te lezen op het bijvoegde informatievel.
................................................................................................
004
• Gebruik of berg de pads en pedaal nooit op
in:
• ruimtes, die blootgesteld zijn aan extreme
temperaturen (bijvoorbeeld direct zonlicht,
in de besloten ruimte van een voertuig,
vlakbij een verwarmingsafvoer, bovenop
warmte producerende apparatuur) of
• vochtige ruimtes (bijvoorbeeld badkamers, de
wc, op natte vloeren of
• natte ruimtes of
• ruimtes die zijn blootgesteld aan regen of
• stoffige ruimtes of
• ruimtes die onderhevig zijn aan sterke trillingen.
................................................................................................
2
WAARSCHUWING
005
• De pads en pedaal mogen alleen gebruikt
worden met een door Roland aanbevolen rek
of standaard.
................................................................................................
• Bij gebruik van de pads en pedaal met een
door Roland aanbevolen rek of standaard,
moet het rek of standaard zorgvuldig
waterpas geplaatst worden, zodat stabiliteit
gewaarborgd is. Bij gebruik zonder rek of
standaard moet u er toch voor zorgen dat welke
plaats u ook kiest voor de pads en pedaal, deze
voorzien is van een vlakke, goed dragende ondergrond, waardoor wiebelen uitgesloten wordt.
................................................................................................
007
• Wees er zeker van dat u de pads en pedaal
altijd zodanig heeft geplaatst dat een
waterpas opstelling en stabiliteit blijvend
verzekerd is. Plaats hem nooit op een
standaard die zou kunnen gaan wiebelen of op
hellende vlakken.
................................................................................................
011
• Voorkom dat voorwerpen (bijvoorbeeld
brandbare materialen, munten, spelden) of
vloeistoffen (water, frisdranken, etc.) de pads
en pedaal binnendringen.
................................................................................................
013
• In huishoudens met kleine kinderen zou een
volwassene toezicht moeten houden tot het
kind alle regels kan opvolgen, die essentieel
zijn voor de veilige werking van de pads en
pedaal.
................................................................................................
014
WAARSCHUWING
005
• Bescherm de pads en pedaal tegen schokken
of stoten. (Laat de unit niet vallen!)
................................................................................................
VOORZICHTIG
104
• Probeer te voorkomen dat snoeren en kabels
verstrikt raken. Bovendien moeten alle
snoeren en kabels buiten bereik van kinderen
gehouden worden.
................................................................................................
VOORZICHTIG
118
• Wees er bij het verwijderen van moeren,
ringen, schroeven, veiligheidsschroeven, etc.
zeker van dat ze op een veilige plaats, buiten
het bereik van kinderen opgeborgen worden,
zodat ze niet per ongeluk ingeslikt kunnen
worden.
106
• Plaats geen zware voorwerpen op de pads en
pedaal.
................................................................................................
BELANGRIJKE OPMERKINGEN
291a
In aanvulling op de onderwerpen die genoemd worden onder “HET APPARAAT OP EEN VEILIGE MANIER
GEBRUIKEN” op pagina 2, wordt u verzocht het volgende te lezen en te bekijken:
Plaatsing
• Stel de pads en pedaal niet bloot aan direct zonlicht,
noch plaats hem in de buurt van apparaten die
warmte afgeven. Laat de pads en pedaal niet achter
in een afgesloten voertuig of een andere plaats waar
extreme temperaturen heersen. Voorkom eveneens
plaatsing nabij verlichtingsapparatuur, zoals een
lichtbron die heel dichtbij het apparaat wordt
geplaatst (zoals een pianolichtje), of krachtige spots,
die gedurende langere tijd op hetzelfde gebied
gericht zijn. Buitensporige hitte kan de pads en
pedaal doen vervormen of verkleuren.
• Bij verplaatsing tussen locaties met een groot
verschil in temperatuur en/of luchtvochtigheid, kan
er zich in de pads en pedaal condens vormen.
Daarom dient u de pads en pedaal voor gebruik
enkele uren te laten acclimatiseren, zodat condens
de kans krijgt volledig te verdampen.
• Voorkom dat rubber, vinyl of soortgelijke materialen
gedurende langere tijd op de pads en pedaal blijven
liggen. Dergelijke voorwerpen kunnen de afwerking
doen verkleuren of op een andere manier aantasten.
Onderhoud
• Maak de pads en pedaal voor dagelijks onderhoud
schoon met een zachte doek, die eventueel met
water licht bevochtigd is. Gebruik voor het verwijderen van hardnekkig vuil een doek geïmpregneerd
met een mild niet-schurend schoonmaakmiddel.
Zorg ervoor dat u de pads en pedaal daarna goed
afneemt met een zachte droge doek.
• Gebruik nooit benzine, verdunner, alcohol of welk
soort oplosmiddel dan ook, teneinde verkleuring
en/of vervorming te voorkomen.
Extra
voorzorgmaatregelen
• Behandel de knoppen, schuifregelaars of andere
regelaars van de pads en pedaal met de nodige zorg.
Dat geldt ook voor het gebruik van pluggen en
stekkers. Een ruwe behandeling kan leiden tot
storingen.
• Pak alleen de stekkers beet om kabels in de
apparatuur te steken of eruit te trekken – trek nooit
aan de kabels. Zo voorkomt u kortsluiting of schade
aan de inwendige delen van de kabel.
• Aangezien geluidstrillingen door vloeren en muren
hoorbaar zijn, dient men te voorkomen dat deze
geluiden overlast bij de buren veroorzaken, vooral
bij gebruik ’s nachts en bij gebruik van een koptelefoon.
• Het rubber van het padoppervlak kan verbleken,
maar dit heeft geen invloed op het functioneren
ervan.
3
PD-8
Kenmerken
Een opstelling maken
• Dit pad is te gebruiken met dubbele triggers voor
gescheiden head- en rimsounds.
Het bevestigen van het pad aan een
standaard
• Het aanslaggevoelige pad voorziet in vele variaties
en mogelijkheden.
Bevestig de PD-8 aan een drumstandaard.
• Het compacte 8.5-inch pad zorgt voor een grotere
veelzijdigheid binnen een opstelling.
• Bij gebruik samen met een percussie sound module
met galm instellingen, kan men verschillen in toon
krijgen door de plaats van aanslag op het pad te
variëren.
Zorg er bij bevestiging van de PD-8 aan het padmontuur voor,
dat de bevestigingsschroef voor de standaard goed aangedraaid wordt. Als hij los blijft zitten, kan het pad eraf vallen.
Vastdraaien
Raadpleeg voor details over de galm instellingen de documentatie over de gebruikte percussion sound module.
Losdraaien
Inhoud van de
verpakking
Staaf
❑ PD-8 (pad unit)
❑ Verbindingskabel (stereo)
Steek de staaf door de pijp binnenin de houder.
■ Gebruikershandleiding (deze handleiding)
Paneelbeschrijving
Bevestigingsschroef
voor standaard
Speelvlak (Head)
Bevestigingsschroef
voor standaard
Aansluiting voor jackplug
Controleer bij bevestiging van de PD-8 aan een tomstandaard
eerst de afmetingen van de staaf. De mogelijkheid of onmogelijkheid van bevestiging van het pad aan de standaard hangt
af van de maten van deze staaf.
Acceptabele staafdiameters: 8.5–11.5 (3/8 tot 1/2 inch).
Bevestiging aan een Percussie
Sound Module
Draai ter voorkoming van storingen en/of beschadiging van
luidsprekers of andere apparatuur, altijd het volume laag, en
zet alle apparaten uit alvorens ze onderling te verbinden.
1. Gebruik de meegeleverde verbindingskabel, en
verbind de uitgang van de PD-8 met de trigger
ingang van de percussie sound module.
Verbind de L-vormige plug van de meegeleverde kabel
met de PD-8. Dit voorkomt belasting van de verbinding
met de PD-8.
4
PD-8
2. Verzorg de trigger instellingen van de percussion sound module. Voor de aanbevolen instellingswaarden, zie pag. 12.
Wanneer u de instellingen van de percussion sound
module niet juist uitvoert, kunnen de volgende problemen ontstaan:
• Soms is er geen sprake van een strak geluid (oneven
volume)
• Het volume is te laag (verminderde gevoeligheid)
Raadpleeg de documentatie over de door u gebruikte
percussion sound module voor informatie over het veranderen van de parameters.
Specificaties
PD-8: Pad
Pad diameter: 8.5 inches
Trigger:
2 (Head, Rim)
Afmetingen:
Gewicht:
Accessoires:
226 (breedte) x 280 (lengte) x 54 (hoogte) mm
1250 g/2 lbs 13 oz
Gebruikershandleiding, verbindingskabel
Opties:
Pad monturen (MDH-7U, MDH-10), Drum
standaards (MDS-3C, MDS-6, MDS-8C, MDS10, MDS-20)
In het belang van productverbetering zijn de specificaties en/
of uitvoeringen van deze pad onderhevig aan veranderingen
zonder waarschuwing vooraf.
5
CY-8
Eigenschappen
1. Gebruik een stelsleutel uit de winkel om de
bout, die aan de stopper zit, vast te draaien.
• Het aanslaggevoelige cymbalpad voorziet in vele
variaties en mogelijkheden.
• Speciaal ontworpen voor cymbalen biedt het pad
een ideaal speelgevoel. De geluidskarakteristiek van
dit pad geeft op een realistische wijze beweging
weer met een voor een bekken kenmerkende swing.
• U kunt bow shots, edge shots en chokingtechnieken
gebruiken.
De stopper voorkomt draaien van het cymbal pad en het blijven haken of het verstrikt raken van de kabels aan de standaard.
Stopper
Verzeker u van een
juiste positionering.
Draai de bout vast met
een stelsleutel uit de winkel
Inhoud van de doos
❑ CY-6 (cymbal pad unit)
❑ Verbindingskabel (stereo)
2. Bevestig de CY-8 zodanig, dat het logo zich aan
de andere kant van het speelgebied bevindt.
❑ Vleugelmoer
3. Maak de vleugelmoer dermate vast, dat de
gewenste ruimte bereikt wordt.
❑ Viltring
Gebruik de meegeleverde vilten ring en de vleugelmoer.
❑ Stopper
Vleugel moer
■ Gebruikershandleiding
(deze handleiding)
Viltring
Paneelbeschrijving
Pad oppervlak
welving (bow)
rand (rim)
Zorg ervoor, dat de kabels niet in aanraking komen met delen
van de cymbal en/of de standaard. Een kabel die een cymbal
unit of een standaard raakt, veroorzaakt een dubbele klank of
een ander ongewenst effect.
Bevestiging aan een Percussion
Sound Module
Aansluiting voor een jackplug
De opstelling
Het bevestigen van de cymbal pad
aan een standaard
Bevestig de CY-8 aan een bekken houder.
6
921
Draai ter voorkoming van storingen en/of beschadiging van
luidsprekers of andere apparatuur, altijd het volume laag, en
zet alle apparaten uit alvorens ze onderling te verbinden.
1. Gebruik de meegeleverde verbindingskabel en
verbind de jackplug aansluiting van de CY-8
met de jackplug trigger ingang van de percussion sound module.
Verbind de L-vormige plug, die aan de meegeleverde kabel
zit, met de CY-8. Dit voorkomt belasting van de verbinding
met de CY-8.
CY-8
Edge shot
Om edge shot en chokingspeeltechnieken uit te kunnen
voeren, is het nodig een verbinding te leggen met een
jackplug trigger ingang van een percussion sound
Deze speelwijze houdt in, het raken van de rand van het bekken met het midden van de stick. Dit correspondeert met het
geluid van de ‘rimside’ van de aangesloten triggeringang.
module, die de mogelijkheid biedt rim shots te maken.
2. Geef de kabel wat speling, zodat er niet aan getrokken wordt door de bewegingen van de CY-8 bij het
bespelen.
fig.CY04a.e
Om gebruik te maken van de mogelijkheid tot het produceren van een edge shot, is het nodig een verbinding te
leggen met een jackplug op de trigger ingang van een
percussion sound module waar rim shots op ingesteld
kunnen worden.
Rand
Houd wat speling
in de kabel
3. Verzorg de trigger instellingen van de percussion
sound module. Raadpleeg pag. 12 voor de aanbevolen waarden.
Wanneer u de instellingen van de percussion sound
module niet juist uitvoert, kunnen de volgende problemen ontstaan:
• Soms is er geen sprake van een strak geluid (oneven
volume)
• Het volume is te laag (verminderde gevoeligheid)
Choking
Dempen van het geluid (afknijpen) met de hand aan de rand
van het bekken, onmiddellijk nadat het bekken geraakt wordt,
doet het geluid verstommen.
Om gebruik te kunnen maken van choking speel-technieken, is het nodig een verbinding te leggen met een jackplug op de trigger ingang van een percussion sound
module waar rim shots op ingesteld kunnen worden.
Raadpleeg de documentatie over de door u gebruikte
percussion sound module voor informatie over het veranderen van de parameters.
Spelen op de CY-8
Bow shot
Dit is de meest gangbare speelwijze, spelen op de zadel van het
bekken. Dit correspondeert met het geluid van de ‘head-side’
van de aangesloten triggeringang.
Rand
Specificaties
CY-8:
Cymbal Pad
Pad diameter: 12 inches
Triggers:
2 (Head, Rim)
Afmetingen: 290 (breedte) x295 (lengte) x 45 (hoogte) mm
Gewicht:
650 g
Accessoires: Gebruikershandleiding, verbindingskabel,
vleugelmoer, viltring, stopper
Opties:
Cymbal Mounts (MDY-7U, MDY-10)
Drum standaards (MDS-3C, MDS-6, MDS-8C,
MDS-10, MDS-20)
In het belang van productverbetering kunnen de specificaties
en/of uitvoering van deze unit zonder waarschuwing vooraf
worden gewijzigd.
7
KD-8
Eigenschappen
• Het aanslag gevoelige pad voorziet in vele variaties
en mogelijkheden.
• Een verticaal trigger oppervlak voor extreem rustige
prestaties. Ook te gebruiken met dubbele pedalen.
2. Trek de standaard uit in de richting aangegeven
door de pijl, totdat hij volledig uitgeklapt is.
Inhoud van de doos
❑ KD-8 (pad unit)
❑ Mono verbindingskabel
❑ Schroeven (bevestigd aan het bodempaneel)
■ Gebruikershandleiding
* Deze pad wordt geleverd zonder kick pedal en beater.
Gebruik de pad met een in de winkel verkrijgbare kick
pedal and beater.
3. Gebruik een stelsleutel uit de winkel om de in
Stap 1 verwijderde schroeven vast te zetten,
zodat de standaard stevig geborgd wordt.
Paneelbeschrijving
Aansluiting voor
jackplug
Head
Standaard
4. Bevestigd het kickpedaal.
Veiligheidsschroef
Breng de beater zodanig in stelling, dat het hoofd in het midden
geraakt wordt. Zet het kickpedaal en de PD-8 daarna stevig op
z’n plaats vast.
Beater
Voetplaat
Plaats het kickpedaal
zorgvuldig.
Een opstelling maken
Draai ter voorkoming van storingen en/of beschadiging van
luidsprekers of andere apparatuur altijd het volume laag, en
zet alle apparaten uit, alvorens ze onderling te verbinden.
1. Verwijder de aan de achterkant van de KD-8
trigger bevestigde schroeven.
8
De hoogte van de voetplaat
afstellen
Het hangt van uw kickpedaal af of hij stabiel aan de KD-8
bevestigd kan worden. Zorg ervoor dat het gehele oppervlak
van de pedaal met de vloer in aanraking is.
KD-8
Beater
Kickpedaal (apart verkrijgbaar)
* Stel de hoogte zo in, dat het gehele
pedaal contact maakt met de vloer.
1. Maak de veiligheidsschroeven los en verwijder
de voetplaat.
• Plaats het voetpedaal nauwkeurig.
• Pas op, dat uw vingers niet bekneld raken.
• De punten van de veiligheidsschroeven zijn scherp. Ga er
voorzichtig mee om.
• Zorg er bij het verplaatsen van de opstelling voor de
schroeven te verwijderen en de standaard in te klappen.
Vervoer van de KD-8, terwijl hij uitgeklapt staat, stelt de
standaard bloot aan buitensporige spanningen en resulteert in beschadiging van de standaard.
Bevestigen van de veiligheidsschroeven
Stel de veiligheidsschroeven bij gebruik van het kickpedaal op
tapijt of vloerbedekking zodanig in, dat ze enigszins buiten de
plaat uitsteken, en het pedaal zo op z’n plaats vast zetten. Toch
kunnen veiligheidsschroeven op vloermateriaal beschadigingen veroorzaken. Bevestig de veiligheidsschroeven correct.
Bevestigen van de veiligheidsschroeven
2. Plaats het kickpedaal zo, dat het gehele grondvlak de vloer raakt.
3. In de meeste gevallen staat de standaard wat
zweverig. Haal de veiligheidsschroeven stevig
aan om de standaard en voetplaat aan elkaar te
bevestigen.
Deze hoogte zal wat variëren,
afhankelijk van uw kickpedaal.
Bij gebruik op tapijt
Bij gebruik op de vloer
• De uiteinden van de veiligheidsschroeven zijn scherp. Ga
er voorzichtig mee om.
Bij gebruik van een twinpedal
Bevestig de slagbolletjes zo, dat ze
zich bevinden als getoond in de
linker figuur. U kunt tot de conclusie
komen, dat het gebruik van een
twinpedal resulteert in een lagere
gevoeligheid dan bij gebruik van één
pedaal. Verhoog in zo’n geval de
gevoeligheid op de sound module tot
het vereiste niveau.
9
KD-8
Aansluiten aan een percussion
sound module
1. Gebruik de meegeleverde verbindingskabel, en
verbind de jackaansluiting van de KD-8 met de
trigger jackingang van de percussion sound
module.
Verbind de L-vormige plug van de meegeleverde kabel
met de KD-8. Dit voorkomt belasting van de verbinding
met de PD-8.
2. Bepaal de trigger instellingen van de percussion sound module. Raadpleeg pag. 12 voor de
aanbevolen waarden.
Wanneer u de instellingen van de percussion sound
module niet juist uitvoert, kunnen de volgende problemen ontstaan:
• Soms is er geen sprake van een strak geluid (oneven
volume)
• Het volume is te laag (verminderde gevoeligheid)
Raadpleeg de documentatie over de door u gebruikte
percussion sound module voor informatie over het veranderen van de parameters.
Specificaties
KD-8: Kick Trigger Unit
Afmetingen:
Gewicht:
272 (breedte) x 260 (diepte) x 405 (hoogte) mm
2.9 kg
Accessoires:
Gebruikershandleiding, verbindingskabel,
schroeven.
In het belang van productverbetering kunnen de specificaties
en/of uitvoeringen van de pads en pedaal onderhevig zijn aan
veranderingen zonder waarschuwing vooraf.
10
FD-8
Kenmerken
Afstellen van de reikwijdte van de pedaal
Dit hi-hat controle pedaal heeft als kenmerken vrij verstelbare pedaalplaat hoek en spanning.
Het voorziet in open, gesloten en half-open geluiden, en
traploos instelbare besturing van volledig geopend tot
gesloten positie ter verbreding van een muzikaal resultaat met rijke expressiviteit.
Maak de moer los met de bijgevoegde stelsleutel
Geringe uitslag
Schuif aan de arm
Forse uitslag
Inhoud van de doos
Pedaal plaat
Inhoud van de verpakking
❑ FD-8 (pad unit)
❑ Mono-verbindingskabel
■ Gebruikershandleiding
Paneel beschrijving
Jack uitgang
Het bevestigen van de veiligheidsschroeven
(bij gebruik op tapijt)
Pedaal plaat
Veiligheidsschroef
Veiligheidsschroef
Veer voor veiligheidsschroef
Aansluitjack
Specificaties
FD-8: Hi-Hat Controle Pedaal
Uitgangsjack:
Afmetingen:
Accessoires:
1
130 (breedte) x 396 (lengte) x 103 (hoogte)
mm
Gewicht: 1.3 kg
Gebruikershandleiding, verbindingskabel,
stelsleutel
962a
In het belang van productverbetering kunnen de specificaties
en/of uitvoeringen van de pads en pedaal onderhevig zijn aan
veranderingen zonder waarschuwing vooraf.
Een opstelling maken
Draai ter voorkoming van storingen en/of beschadiging van
luidsprekers of andere apparatuur altijd het volume laag, en
zet alle apparaten uit alvorens ze onderling te verbinden.
• De punten van de veiligheidsschroeven zijn scherp. Ga er
voorzichtig mee om.
• Bij gebruik op vloerbedekking kunnen de veiligheidsschroeven de vloer beschadigen. Bevestig de veiligheidsschroeven dan niet.
• Als de FD-8 langere tijd buiten gebruik is, beweeg de arm
om hem vast te zetten, teneinde een grotere vrije slag van
het pedaal mogelijk te maken.
• Laat de FD-8 niet gedurende langere tijd met de pedaal
ingedrukt staan, ter voorkoming van schade.
Aansluiten aan een percussion
sound module
1. Gebruik de bijgevoegde verbindingskabel en
verbind de uitgangsjack van de FD-8 met de hihat control jack van de percussion sound
module.
Verbind de L-vormige plug van de bijgevoegde kabel met
de FD-8. Dit voorkomt dat de kabel te strak verbonden is
met de FD-8.
11
Aanbevolen instellingen voor een Percussion sound module
Dit zijn de aanbevolen instellingen van de trigger parameters voor het gebruik van de PD-8/CY-8/KD-8
met verschillende percussie sound modules.
•
De trigger parameters dienen te worden aangepast aan de status van uw configuratie, en de omgeving waarin de PD-8/
CY-8/KD-8 wordt gebruikt.
TD-10 (TDW-1 V-Cymbal Control, TDW-1)
Trigger Type
Sensitivity
Threshold
Curve
Scan Time
Retrigger Cancel
Mask Time
Xtalk Cancel
Mount Type
PD-8
P9A
5
2
Linear
0.8
4
8
(40)
Pad Mount
CY-8
CrB
8
3
Linear
2.0
10
8
(40)
CymMount
KD-8
KD7
10
5
LoG1
0.8
4
4
(OFF)
Separate
PD-8
PD9
3
1
Linear
0.8
1
8
(30)
CY-8
PD9
5
1
Linear
2.0
8
8
(30)
KD-8
KD7
7
3
Linear
0.8
1
12
(OFF)
PD-8
PD-6
6
3
LINEAR
0.6
3
4
(30)
CY-8
CY1
10
3
LINEAR
2.0
8
8
(30)
KD-8
KD7
7
3
LINEAR
1.2
6
12
(30)
PD-8
PD6
7
3
LINEAR
(50)
1.0
3
4
CY-8
CY6
10
3
LINEAR
(60)
2.0
3
8
KD-8
KD7
9
3
LINEAR
(20)
2.0
3
8
PD-8
6
0
Pd9
0
00
2
8
(40)
---
CY-8
12
1
Pd5
0
20
6
12
(50)
---
KD-8
11
0
Kd7
1
08
7
12
(OFF)
---
TD-10 (Non expanded)
Trigger Type
Sensitivity
Threshold
Curve
Scan Time
Retrigger Cancel
Mask Time
Xtalk Cancel
TD-8
Trigger Type
Sensitivity
Threshold
Curve
Scan Time
Retrig Cancel
Mask Time
Xtalk Cancel
TD-6
TrigType
Sensitivity
Threshold
TrigCurve
Xtalk Cancel
Scan Time
Retrig Cancel
Mask Time
SPD-20
Trig Sens
Trig Threshold
Trig Type
Trig Curve
Scan Time
Retrigger Cancel
Mask Time
Cross Talk Cancel
Rim Sensitivity
12
SPD-S
InputMode
Type
Sensitivity
Threshold
VeloCrv
Scan Time
RegrigCancel
Mask Time
XtalkCancel
Rim Sens
Rim Gain
PD-8
HD&RM
PD
7
3
LINEAR
0.8
3
8
(30)
--1.4
CY-8
HD&RM
CY-6
9
3
LINEAR
2.0
4
8
(30)
--1.1
KD-8
TRGx2
KD
9
4
LINEAR
0.8
6
8
(30)
-----
PD-8
HD/RM
PD-7
9
Linear
3
1ms
2
6ms
OFF
---
CY-8
HD/RM
PD-5
11
Linear
3
2ms
9
8ms
OFF
---
KD-8
TRIGx2
KD-7
10
Linear
6
1ms
4
6ms
(40%)
---
PD-8
H-2
Pd
3
8
LG1
06
2
(30)
8
---
CY-8
KD-8
H-2
Kd
4
11
Lnr
06
7
(off)
8
---
PD-8
CY-8
KD-8
3
8
Pd
0.8
3
8
(30)
3
10
Cy
2.0
3
8
(30)
3
10
Kd
0.8
2
8
(30)
HPD-15
Input Mode
Trig Type
Trig Sens
Curve
Threshold
Scan Time
Retrig Cancel
Mask Time
X-Talk Rate
Rim Sens
RM-2
Input Mode
Trigger Type
Threshold
Sensitivity
Velocity Curve
Scan Time
Retrigger Cancel
Crosstalk Cancel
Mask Time
Rim Sensitivity
TMC-6
Threshold
Sensitivity
Trig Type
Scan Time
Retrig Cancel
Mask Time
XTalk Cancel
* Wanneer u parameters wijzigt, dient u eerst het trigger type in te stellen.
* De HPD-15 en SPD-S ondersteunen het gebruik van edge shots met de
CY-8 en de PD-8, maar zij ondersteunen geen choking technieken.
* De RM-2 ondersteunt geen gebruik van rim shots met de PD-8.
MDS-3C
Gebruiksaanwijzing
Lees eerst zorgvuldig de secties getiteld “VEILIG GEBRUIK VAN HET APPARAAT” en “BELANGRIJKE
AANDACHTSPUNTEN”. In deze secties staat belangrijke informatie over de juiste bediening van dit
apparaat. Om zeker te zijn dat u alle functies van uw apparaat voldoende kent en beheerst, dient u de
handleiding in haar geheel te lezen. Bewaar deze handleiding voor latere referentie.
�����
����������������������
������������������������������
Accessoires
����������������������������
����������������������������������
�����
�����
�����
Copyright © 2004 Roland Benelux.
Alle rechten voorbehouden. Het geheel of gedeeltelijk reproduceren van dit document is verboden zonder schriftelijke
toelating van Roland Benelux NV.
Wijzigingen aan de specificaties en/of het uiterlijk voorbehouden zonder voorafgaande kennisgeving.