PG-LX2000/LS2000 Operation-Manual NL

Inleiding
DATA-PROJECTOR
PG-LX2000
PG-LS2000
Installatie
Aansluitingen
Basisbediening
Handige
voorzieningen
Aanhangsel
(alleen voor PG-LX2000)
Eenvoudig starten
MODEL
GEBRUIKSAANWIJZING
BELANGRIJK
• Vul het model- en serienummer in, dat
staat aangegeven op het achterpaneel
van de projector. Deze informatie heeft u
nodig in geval van verlies of diefstal.
• Controleer of alle meegeleverde
accessoires, zoals beschreven onder
“Bijgeleverde accessoires” op blz. 3 van
deze gebruiksaanwijzing, inderdaad in de
doos aanwezig zijn voor u de verpakking
recyclet.
Modelnummer:
Serienummer:
SPECIAL NOTE FOR USERS IN THE U.K.
The mains lead of this product is fitted with a non-rewireable (moulded) plug incorporating
a 10A fuse. Should the fuse need to be replaced, a BSI or ASTA approved BS 1362 fuse
marked or
and of the same rating as above, which is also indicated on the pin face
of the plug, must be used.
Always refit the fuse cover after replacing the fuse. Never use the plug without the fuse
cover fitted.
In the unlikely event of the socket outlet in your home not being compatible with the plug
supplied, cut off the mains plug and fit an appropriate type.
DANGER:
The fuse from the cut-off plug should be removed and the cut-off plug destroyed immediately and disposed of in a safe manner.
Under no circumstances should the cut-off plug be inserted elsewhere into a 13A socket
outlet, as a serious electric shock may occur.
To fit an appropriate plug to the mains lead, follow the instructions below:
WARNING:
THIS APPARATUS MUST BE EARTHED.
IMPORTANT:
The wires in this mains lead are coloured in accordance with the following code:
Green-and-yellow : Earth
Blue
: Neutral
Brown
: Live
As the colours of the wires in the mains lead of this apparatus may not correspond with
the coloured markings identifying the terminals in your plug proceed as follows:
x The wire which is coloured green-and-yellow must be connected to the terminal in the
or coloured green
plug which is marked by the letter E or by the safety earth symbol
or green-and-yellow.
x The wire which is coloured blue must be connected to the terminal which is marked
with the letter N or coloured black.
x The wire which is coloured brown must be connected to the terminal which is marked
with the letter L or coloured red.
IF YOU HAVE ANY DOUBT, CONSULT A QUALIFIED ELECTRICIAN.
Geautoriseerde vertegenwoordiger in de Europese Unie
SHARP ELECTRONICS (Europe) GmbH
Sonninstraße 3, D-20097 Hamburg
ii
ALLEEN E.U.-LANDEN
Inleiding
WAARSCHUWING:
Inleiding
Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door voordat u de projector in gebruik
neemt.
NEDERLANDS
Zeer sterke lichtbron. Kijk niet rechtstreeks in de lichtbundel. Let
er vooral op dat kinderen niet rechtstreeks in de lichtbundel kijken.
WAARSCHUWING: Stel het apparaat niet bloot aan regen of vocht om brand
of een gevaarlijke elektrische schok te voorkomen.
LET OP
GEVAARLIJKE SPANNINGEN.
GEEN SCHROEVEN VERWIJDEREN,
BEHALVE DE VOORGESCHREVEN GEBRUIKER-ONDERHOUDSSCHROEVEN.
LET OP: OM DE KANS OP EEN ELEKTRISCHE SCHOK TE VERMINDEREN, MAG DE
BEHUIZING NIET WORDEN GEOPEND.
ER ZIJN GEEN DOOR DE GEBRUIKER REPAREERBARE ONDERDELEN IN HET
APPARAAT, BEHALVE DE LAMPEENHEID.
LAAT ONDERHOUD EN REPARATIE OVER AAN BEVOEGD ONDERHOUDSPERSONEEL.
WAARSCHUWING:
Een bliksemsymbool in een gelijkzijdige
driehoek maakt de gebruiker attent op
de aanwezigheid van niet-geïsoleerde
“gevaarlijke spanningen” in het
inwendige van het apparaat, die zo
groot kunnen zijn dat zij een ernstige
elektrische schok kunnen veroorzaken.
Een uitroepteken in een gelijkzijdige
driehoek maakt de gebruiker attent
op belangrijke bedienings- en onderhoudsinformatie in de documentatie die
bij het apparaat wordt geleverd.
Dit is een Klasse A-product. Het is mogelijk dat dit product in
de huiselijke omgeving radiostoringen veroorzaakt waartegen
de gebruiker afdoende maatregelen dient te nemen.
1
INDIEN U HET PRODUCT WILT WEGDOEN
Dit product gebruikt een lamp die een kleine hoeveelheid kwik bevat. Het
verwijderen van deze materialen kan aan diverse voorschriften zijn
onderworpen op basis van milieu-overwegingen. Voor informatie
betreffende verwijderen of recycling kunt u contact opnemen met de
plaatselijke autoriteiten, de Electronics Industries Alliance: www.eiae.org, de
lamp recycling organisatie www.lamprecycle.org of neem contact op met
SHARP via 1-800-BE-SHARP.
ALLEEN VOOR DE V.S.
Belangrijke informatie betreffende het vervangen van de lamp
■ In deze projector wordt een hogedruk-kwiklamp gebruikt. Wanneer de lamp doorbrandt, hoort u
mogelijk een luid geluid. De lamp kan defect raken als gevolg van diverse oorzaken zoals: harde
schokken, onvoldoende afkoelen, krassen op de lamp of overschrijding van de levensduur.
De periode tot het defect raken van de lamp varieert afhankelijk van de lamp en/of de toestand en
frequentie van gebruik. Houd er rekening mee dat de lamp bij het defect raken vaak zal barsten.
■ Wanneer de lampvervangingsindicator en het beeldscherm-pictogram branden, raden wij u aan de
lamp meteen door een nieuwe te vervangen, ook wanneer de lamp normaal lijkt te werken.
■ Mocht de lamp barsten, dan bestaat de kans dat er glassplinters in het inwendige van de projector
verspreid worden. In dat geval verdient het aanbeveling contact op te nemen met uw dichtstbijzijnde
officiële Sharp projectordealer of servicecentrum om de beschadigde lamp te laten verwijderen
zodat een veilige werking gewaarborgd is.
■ Mocht de lamp barsten, dan kunnen de glassplinters in het lamphuis verspreid worden of het gas
dat in de lamp is kan via de uitlaatopening in de kamer terechtkomen. Aangezien het gas dat in deze
lamp is kwik bevat, moet u de ruimte goed ventileren wanneer de lamp barst en tevens blootstelling
aan het ontsnapte gas voorkomen. Indien u toch aan het gas wordt blootgesteld, dient u meteen de
hulp van een arts in te roepen.
Voorzichtig
• Verwijder de lamp niet meteen nadat u de projector hebt gebruikt. De lamp zal zeer heet zijn en kan
brandwonden of ander letsel veroorzaken.
• Wacht minstens één uur nadat de stekker uit het stopcontact is getrokken zodat het oppervlak van
de lampeenheid helemaal kan afkoelen alvorens de lampeenheid te verwijderen.
• Raak niet het glas van het lamphuis of onderdelen in het inwendige van de projector aan.
• Draai geen andere schroeven los dan die van het lamphuisdeksel en het lamphuis.
• De lamptimer mag alleen na het vervangen van de lamp worden teruggesteld. Als u de lamptimer
terugstelt en dan dezelfde lamp blijft gebruiken, kan de lamp beschadigd worden of exploderen.
■ Vervang de lamp door de volgende aanwijzingen nauwkeurig op blz. 56 tot 58.
* U kunt de lamp ook bij uw dichtstbijzijnde officiële Sharp projectordealer of servicecentrum
laten vervangen.
* Als de nieuwe lamp niet brandt nadat u deze aangebracht hebt, dient u de projector voor reparatie naar uw
dichtstbijzijnde officiële Sharp projectordealer of servicecentrum te brengen.
2
Inleiding
Accessoires
Bijgeleverde accessoires
Twee LR03 batterijen
(“AAA” formaat, UM/SUM-4,
HP-16 of gelijkwaardig)
RGB kabel
(6' (1,8 m))
<QCNWGA173WJPZ>
Afstandsbediening
<RRMCGB015WJSA>
Netsnoer*
(1)
(2)
Voor de Verenigde
Voor Europa, behalve
Staten, Canada enz.
Groot-Brittannië
(6' (1,8 m))
(6' (1,8 m))
<QACCDA083WJPZ> <QACCVA025WJPZ>
(3)
(4)
Voor Groot-Brittannië
en Singapore
(6' (1,8 m))
<QACCBA105WJPZ>
Voor Australië, NieuwZeeland en Oceanië
(6' (1,8 m))
<QACCLA056WJPZ>
* Welke netsnoeren meegeleverd worden met uw projector hangt af van de regio. Gebruik het
netsnoer dat bedoeld is voor het stopcontact in uw land.
• Initiële installatiegids <TINS-F443WJZZ>
• CD-ROM <UDSKAA137WJZZ>
Opmerking
• Codes tussen “< >” zijn onderdeelnummers voor vervangbare onderdelen.
Los verkrijgbare accessoires
■ Lampeenheid
■ Plafond-montage adapter
■ Plafondmontagebeugel
■ Plafond-montage unit
■ Plafondgemonteerde verlengbuis
■ 3 RCA naar 15-pins mini D-sub-kabel (10 n (3,0 m))
AN-LX20LP
AN-60KT
AN-XRCM30 (alleen voor de V.S.)
AN-TK201 <voor AN-60KT>
AN-TK202 <voor AN-60KT>
AN-EP101B <voor AN-XRCM30>
(alleen voor de V.S.)
AN-C3CP2
Opmerking
• Het is mogelijk dat sommige van deze los verkrijgbare accessoires niet in uw land worden verkocht. Neem
contact op met uw dichtstbijzijnde officiële Sharp projectordealer of servicecentrum voor verdere informatie.
3
Inhoudsopgave
Voorbereiding
Inleiding
Handige voorzieningen
Accessoires ...........................................3
Inhoudsopgave .......................................4
BELANGRIJKE
VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN..........6
Benaming en functie van de
onderdelen .........................................10
Gebruik van de afstandsbediening.......30
Bovenkant .............................................. 10
Voorkant ................................................. 10
Achterkant (Aansluitingen) ...................... 11
Plaatsen van de batterijen....................... 13
Bedieningsbereik .................................... 13
Eenvoudig starten
Eenvoudig starten ................................14
Installatie en projectie ............................. 14
Installatie
Instellen van de projector .....................16
Instellen van de video ............................. 16
Instellen van de projector ........................ 16
Standaard opstelling (projectie van voren) .... 16
Schermformaat en projectie-afstand ....... 17
Projectie-instellingen ............................... 18
Installatie plafondmontage ...................... 18
Aansluitingen
De projector aansluiten op andere
apparatuur..........................................19
Aansluiten van het netsnoer .................21
Bedienen van de projector via een
computer ............................................22
Gebruik
Basisbediening
In/uitschakelen van de projector ..........23
De projector inschakelen ........................ 23
De projector uitschakelen
(de projector in de ruststand zetten) ..... 23
Beeldprojectie ......................................24
Betreffende de Installatiegids .................. 24
Instellen van het geprojecteerde beeld .... 24
Corrigeren van de trapeziumvervorming .... 26
Kiezen van de ingangsfunctie ................. 27
Instellen van het volume ......................... 27
Weergeven van een zwart scherm en
tijdelijk uitschakelen van het geluid ....... 27
Grootte Aanpassen functie ..................... 28
4
Weergeven en instellen van de pauzetimer .... 30
De cursor weergeven ............................. 30
De Spot functie gebruiken ...................... 30
In- en uitschakelen van de Eco+stille
modus ................................................. 30
Automat. sync. (Automatische
synchronisatie) ..................................... 31
Een bewegend beeld stilzetten ............... 31
Kiezen van de beeldmodus .................... 31
Weergeven van een vergroot deel van
een beeld ............................................. 31
Menu-onderdelen .................................32
Gebruik van het menuscherm ..............35
Menu-selecties (Snelstartmenu) .............. 35
Snelstartmenu......................................... 36
Menu-selecties (Menu Voltooien) ............. 36
Beeldinstellingen (“Beeld” menu) ........38
Kiezen van de beeldmodus .................... 38
Instellen van het beeld ............................ 39
Instellen van de kleurtemperatuur ........... 39
Instellen van de kleuren .......................... 39
De filmfunctie selecteren ......................... 40
Afbeeldingsruis verminderen (DNR) ......... 40
Eco+Stil.................................................. 40
Signaalinstelling (“SIG-INS” menu) ......41
Het computerbeeld instellen ................... 41
Instellen van de resolutie ......................... 41
De instelling signaaltype.......................... 41
Het dynamische bereik selecteren .......... 41
Instellen van het videosysteem ............... 42
Video-instelling ....................................... 42
Controleren van het ingangssignaal ........ 42
Instellen van het geprojecteerde beeld
(“SCH-INS” menu) .............................43
Instellen van de Grootte Aanpassen
functie ................................................. 43
Instellen van de beeldpositie ................... 43
Trapeziumvorm-correctie ........................ 43
De overscan instellen. ............................. 44
In/uitschakelen van het beeldschermdisplay ... 44
Closed caption ....................................... 44
Kiezen van het achtergrondbeeld ........... 45
Selecteren van de Installatiegids ............. 45
De geprojecteerde beelden draaien/in
spiegelbeeld weergeven ...................... 45
Selecteren van de wandkleur .................. 45
Kiezen van de taal voor de
beeldscherm-aanduidingen (OSD) ....... 45
Instellen van de projectorfunctie
(“PRJ-INS1/2” menu) .........................46
Automat. sync. (Automatische
synchronisatie-instelling) ...................... 46
Inleiding
Auto Power Off functie (Automatische
uitschakelfunctie) ................................. 46
Automatisch Herstarten Functie.............. 46
Luidspreker-instelling .............................. 46
Ventilatormodus-instelling ....................... 46
Systeemvergrendeling-functie ................. 47
Toetsvergrendeling ................................. 48
Selecteren van het snelstartmenu ........... 49
Instellen van de werking van de
FUNCTION-knop ................................. 49
STANDBY-modus ................................... 49
DLP® LinkTM ............................................ 49
DLP® LinkTM Omkeren ............................. 49
Terugkeren naar de
standaardinstellingen ........................... 49
Controleren van de levensduur van
de lamp ............................................... 49
Stereoscopische 3D-beelden
bekijken ..............................................50
Voorzorgen om stereoscopische
3D-beelden te bekijken ........................ 50
Informatie over de 3D-projectiefunctie .... 51
Bijlage .................................................... 51
3D-weergavemodus gebruiken ............... 52
Referentie
Aanhangsel
Onderhoud ...........................................53
Onderhoudsindicators ..........................54
Betreffende de lamp .............................56
Lamp...................................................... 56
Belangrijke opmerkingen
betreffende de lamp ............................. 56
Vervangen van de lamp .......................... 56
Verwijderen en aanbrengen van de
lampeenheid ........................................ 57
Terugstellen van de lamptimer ................ 58
RS-232C technische gegevens en
commando-instellingen .....................59
Compatibiliteitskaart ............................64
Problemen oplossen.............................66
Voor assistentie van SHARP ................69
Technische gegevens ...........................70
Afmetingen ...........................................71
Index .....................................................72
• De afbeeldingen en schermaanduidingen in deze gebruiksaanwijzing zijn vereenvoudigd om de
uitleg te vergemakkelijken en kunnen enigszins afwijken van de feitelijke aanduidingen die u ziet.
De voorbeelden in deze handleiding zijn gebaseerd op het PG-LX2000 model.
5
BELANGRIJKE VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
LET OP: Lees al deze instructies door alvorens dit apparaat in gebruik te
nemen en bewaar ze voor later gebruik.
Met elektrische energie kunt u heel wat nuttige functies uitvoeren. Dit apparaat is zodanig
ontworpen en vervaardigd dat uw persoonlijke veiligheid wordt gevrijwaard. ONJUIST GEBRUIK
KAN EVENWEL LEIDEN TOT EEN EVENTUELE ELEKTRISCHE SCHOK OF BRANDGEVAAR. Om
de ingebouwde veiligheidsvoorzieningen van dit apparaat niet teniet te doen, dient u de volgende
basisregels goed in acht te nemen bij de installatie, het gebruik en het onderhoud van de projector.
1. Lees de gebruiksaanwijzing
Lees alle veiligheids- en bedieningsinstructies
in de gebruiksaanwijzing voordat u het
apparaat gebruikt.
2. Bewaar de gebruiksaanwijzing
Bewaar de gebruiksaanwijzing voor het geval
u deze in de toekomst nogmaals nodig heeft.
3. Neem alle waarschuwingen in acht
Neem alle waarschuwingen op het product
en in de gebruiksaanwijzing in acht.
4. Volg alle instructies op
Alle bedieningsinstructies e.d. moeten
nauwgezet worden opgevolgd.
5. Reinigen
Trek de stekker uit het stopcontact voordat u
begint met schoonmaken. Gebruik geen
vloeibare reinigingsmiddelen of sprays. Reinig
het apparaat uitsluitend met een vochtige doek.
6. Hulpstukken
Voorkom problemen en gebruik geen
hulpstukken die niet door de fabrikant van
het apparaat worden aanbevolen.
7. Water en vocht
Gebruik het apparaat niet in de buurt van
water; bijvoorbeeld in de buurt van een
bad, wastafel, aanrecht, wasmachine,
zwembad of in een vochtige kelder enz.
8. Accessoires
Plaats het apparaat niet op een wankel rek,
karretje, statief, steunbeugel of tafel. Het
apparaat zou kunnen vallen en een kind of
volwassene ernstig kunnen verwonden, en
tevens kan het apparaat zelf zwaar worden
beschadigd. Gebruik uitsluitend een rek,
karretje, statief, steunbeugel of tafel die door
de fabrikant wordt aanbevolen of die bij het
apparaat wordt verkocht. Volg voor
eventuele montagewerkzaamheden altijd de
instructies van de fabrikant op en gebruik
ook uitsluitend montage-accessoires die
door de fabrikant worden aanbevolen.
9. Transport
Als het apparaat op een
verplaatsbaar rek is gezet,
dient dit voorzichtig te
worden verplaatst. Het rek
kan namelijk omvallen bij
plotseling stoppen, te
hard duwen of rijden over
een ongelijke ondergrond.
6
10. Ventilatie
In de behuizing van het apparaat zijn gleuven en
openingen die dienen voor de ventilatie. Voor een veilige
werking en bescherming tegen oververhitting mogen de
ventilatie-openingen nooit worden geblokkeerd of
afgedekt door het apparaat op een bed, divan, dik
vloerkleed e.d. te zetten. Het apparaat mag ook niet in
een afgesloten ruimte, zoals een boekenkast, worden
geplaatst, tenzij voor een goede ventilatie wordt gezorgd
of alle instructies van de fabrikant zijn opgevolgd.
11. Voeding
Het apparaat mag uitsluitend op de
stroomvoorzieningsbron worden gebruikt die op het
typelabel is vermeld. Raadpleeg uw dealer of het
plaatselijke elektriciteitsbedrijf indien u niet zeker bent
van het type stroomvoorziening in uw huis. Voor
apparaten die gebruikt worden op batterijen of op
andere stroombronnen wordt verwezen naar de
gebruiksaanwijzing die bij het apparaat wordt geleverd.
12. Uitvoering van de netstekker
Dit apparaat is uitgerust met één van de
volgende soorten stekkers. Als de stekker
niet in het stopcontact past, neemt u contact
op met uw elektricien.
Negeer de veiligheidsvoorziening van de
stekker niet.
a. Tweedraads (net)stekker.
b. Driedraads geaarde (net)stekker met
aardingspen.
Deze stekker past alleen in een geaard
stopcontact.
13. Bescherming van het netsnoer
Leg het netsnoer zodanig dat er niet
gemakkelijk iemand op gaat staan of dat het
snoer door een voorwerp wordt platgedrukt.
Let hier vooral goed op in de buurt van de
stekkers, bij het stopcontact en op de plaats
waar het snoer uit het apparaat komt.
14. Bliksem
Om veiligheidsredenen dient u bij bliksem of
wanneer u het apparaat langere tijd niet
denkt te gebruiken, de stekker van het
netsnoer uit het stopcontact te trekken. Dit
om beschadiging van het apparaat te
voorkomen als gevolg van blikseminslag of
plotselinge stroompieken in de stroomleiding.
Bij de volgende omstandigheden moet u de
stekker uit het stopcontact trekken en het
apparaat door erkend onderhoudspersoneel
laten repareren:
a. Als het netsnoer of de netstekker is
beschadigd.
b. Als er vloeistof of een voorwerp in het
apparaat terecht is gekomen.
c. Als het apparaat blootgesteld is
geweest aan regen of water.
d. Als de normale aanwijzingen worden
opgevolgd, maar het apparaat niet juist
functioneert. Gebruik alleen de
bedieningsorganen die in de
gebruiksaanwijzing worden aangegeven.
Bij een onjuiste instelling van andere
bedieningsorganen kan het apparaat
mogelijk beschadigd worden, met tot
gevolg dat reparatiewerkzaamheden
voor een juiste werking van het apparaat
door erkend onderhoudspersoneel
moeilijker en duurder kunnen worden.
e. Als het apparaat is gevallen of de
behuizing is beschadigd.
f. Als het apparaat duidelijk minder goed
functioneert. Dit duidt erop dat het tijd is
voor onderhoud.
Inleiding
15. Overbelasting
Zorg dat de stopcontacten, verlengsnoeren
en stekkerdozen niet overbelast worden,
want dit kan resulteren in brand of een
elektrische schok.
16. Binnendringen van voorwerpen en
vloeistoffen
Duw nooit voorwerpen via de openingen
in de behuizing van het apparaat naar
binnen, omdat deze dan onderdelen die
onder hoogspanning staan kunnen raken
of kortsluiting kunnen veroorzaken, met
brand of een elektrische schok tot gevolg.
Let tevens op dat er nooit vloeistof op het
apparaat wordt gemorst.
17. Reparaties
Probeer het apparaat nooit zelf te
repareren. Bij het openen of verwijderen
van de afdekplaten stelt u zich bloot
aan een ernstige elektrische schok en
andere gevaren. Laat reparatie over aan
erkend onderhoudspersoneel.
18. Beschadigingen die reparatie
vereisen
19. Vervangingsonderdelen
Wanneer onderdelen vervangen moeten
worden, zorg er dan voor dat het
onderhoudspersoneel uitsluitend
onderdelen gebruikt die door de fabrikant
worden aanbevolen of die dezelfde
eigenschappen hebben als de originele
onderdelen. Het gebruik van andere
onderdelen kan brand, een elektrische
schok of andere problemen veroorzaken.
20. Veiligheidscontrole
Vraag het onderhoudspersoneel om na de
onderhouds- of reparatiewerkzaamheden
een veiligheidscontrole uit te voeren, zodat
u zeker weet dat het apparaat juist en veilig
functioneert.
21. Wand- of plafondmontage
Dit apparaat mag uitsluitend volgens de
aanbevelingen van de fabrikant aan een
wand of het plafond worden bevestigd.
22. Hitte
Houd het apparaat uit de buurt van
warmtebronnen zoals verwarmingsradiators,
haarden, kachels en andere voorwerpen
(inclusief versterkers) die warmte afgeven.
• DLP® en het DLP-logo zijn gedeponeerde handelsmerken van Texas Instruments, en
BrilliantColor™ en DLP® Link™ zijn handelsmerken van Texas Instruments.
• PC/AT is een gedeponeerd handelsmerk van International Business Machines Corporation
in de Verenigde Staten.
• Macintosh® is een gedeponeerd handelsmerk van Apple Computer, Inc. in de Verenigde
Staten en/of in andere landen.
• HDMI, het HDMI-logo en High-Definition Multimedia Interface zijn handelsmerken of
gedeponeerde handelsmerken van HDMI Licensing LLC.
• Alle andere namen van firma's of producten zijn handelsmerken of gedeponeerde
handelsmerken van de respectievelijke ondernemingen.
• Sommige IC-chips in dit apparaat bevatten vertrouwelijke informatie en/of handelsgeheimen die
toebehoren aan Texas Instruments. U mag de inhoud ervan dan ook niet kopiëren, wijzigen,
aanpassen, vertalen, verspreiden, omgekeerd ontwikkelen of assembleren of decompileren.
7
Neem de volgende veiligheidsinformatie in acht wanneer
u de projector gaat installeren.
Belangrijke informatie betreffende de lamp
■ Als de lamp gesprongen is, kunnen de
glassplinters een bijzonder gevaarlijke situatie
veroorzaken. Wanneer de lamp springt, moet
u contact opnemen met uw dichtstbijzijnde
officiële Sharp projectordealer of
servicecentrum voor een
nieuwe lamp.
Zie “Betreffende de lamp” op
blz. 56.
Belangrijke informatie voor het
opstellen van de projector
■ Voor minimaal onderhoud en het behouden van een
optimale beeldkwaliteit beveelt SHARP aan deze
projector in een ruimte te installeren die niet vochtig,
stoffig en rokerig is. Bij gebruik van de projector in
dit soort ruimten moeten de ventilatieopeningen en
de lens vaker dan normaal worden gereinigd.
Gebruik van de projector in dit soort ruimten zal de
levensduur van de projector niet verkorten mits u de
projector regelmatig reinigt. Het reinigen van het
inwendige gedeelte van de projector mag uitsluitend
door een officiële Sharp projectordealer of
servicecentrum worden gedaan.
Laat uw ogen af en toe rusten.
■ Langdurig ononderbroken naar het scherm
kijken kan resulteren in vermoeidheid van de
ogen. U moet uw ogen regelmatig laten rusten.
Zet de projector niet op een plaats die
blootgesteld staat aan direct zonlicht
of een andere sterke lichtbron.
■ Plaats het scherm zodanig dat dit niet in direct
zonlicht staat of aan andere sterke verlichting is
blootgesteld. Licht dat rechtstreeks op het
scherm valt, zal de kleuren flets maken waardoor
het kijken moeilijker wordt. Sluit de gordijnen en
dim de verlichting wanneer het scherm in een
erg zonnige of heldere kamer wordt opgesteld.
Belangrijke informatie voor het opstellen
van de projector
■ Plaats de projector op een horizontale
ondergrond binnen het afstelbereik (9
graden) van het stelvoetje.
■ Wanneer de projector de eerste maal wordt
ingeschakeld, kan er een vreemde geur via de
ventilator naar buiten komen. Dit is normaal en
duidt niet op een storing. De geur zal verdwijnen
nadat de projector een poosje is gebruikt.
8
Gebruik van de projector op grote
hoogte, zoals in de bergen (hoogten
van meer dan 1.500 meter (4.900 voet))
■ Wanneer u de projector op grote hoogte
gebruikt waar de lucht ijl is, dient u de
“Ventilatormodus” op “Hoog” te zetten. Indien
dit wordt verzuimd, kan dit de levensduur van
het optische systeem nadelig beïnvloeden.
■ Gebruik de projector op hoogtes van 2.300
meter (7.500 voet) of minder.
Waarschuwing betreffende het opstellen
van de projector op een hoge plaats
■ Als u de projector op een hoge plaats
opstelt, moet u er goed op letten dat de
projector stevig staat, om te voorkomen
dat de projector letsel veroorzaakt
wanneer deze zou vallen.
Stel de projector niet aan harde stoten
en/of hevige trillingen bloot.
■ Wees voorzichtig met de lens zodat u deze
niet beschadigt of er hard tegen stoot.
Vermijd plaatsen die blootgesteld
staan aan extreme temperaturen.
■ Het bereik voor de beschijfstemperatuur
van de projector loopt van 41°F tot 95°F
(+5°C tot +35°C).
■ Het bereik voor de opslagtemperatuur van
de projector loopt van –4°F tot 140°F
(–20°C tot +60°C).
Blokkeer de uitlaat- en inlaatopeningen niet.
■ Houd minimaal 11 13/16" (30 cm) ruimte vrij
tussen de uitlaatopening en de
dichtstbijzijnde muur of ander obstakel.
■ Zorg dat de inlaat- en uitlaatopeningen niet
zijn afgedekt.
■ Als de koelventilator geblokkeerd wordt, zal
een veiligheidsvoorziening ervoor zorgen
dat de projector automatisch in de
ruststand (standby) wordt gezet, om
beschadiging als gevolg van oververhitting
te voorkomen. Dit duidt niet op een storing.
(Zie blz. 54 en 55.) Trek de stekker van het
netsnoer uit het stopcontact en wacht
tenminste 10 minuten. Zet de projector
vervolgens op een plaats waar de inlaat- en
uitlaatopeningen niet geblokkeerd worden,
steek de stekker weer in het stopcontact en
schakel de projector in. De projector zal
vervolgens weer normaal werken.
■ Als u de projector lange tijd niet gebruikt, of als
u de projector verplaatst, ontkoppel dan het
snoer voor netspanning van het stopcontact en
ontkoppel alle andere kabels.
■ Draag de projector niet aan de lens.
■ Stel de projector niet bloot aan direct
zonlicht en plaats deze ook niet in de buurt
van een hittebron. Dit kan namelijk
resulteren in verkleuring van de behuizing
of vervorming van de plastic afdekking.
Aansluiten van andere apparatuur
■ Wanneer u een computer of andere
audiovisuele apparatuur op de projector
aansluit, mag u de aansluitingen pas
maken NADAT u het netsnoer van de
projector uit het stopcontact hebt gehaald
en de apparatuur die wordt aangesloten
hebt uitgeschakeld.
■ Lees de gebruiksaanwijzing van de projector
en van de apparatuur die wordt aangesloten
voor nadere bijzonderheden betreffende de
aansluitingen.
Gebruik van de projector in andere
landen
Temperatuur-verklikkerfunctie
Inleiding
Belangrijke informatie betreffende het
gebruik van de projector
■ Als de temperatuur binen de projector
stijgt, door blokkade van de luchtgaten, of
door de lokatie, zal de temperatuurwaarschuwingsindicator gaan knipperen.
Als de temperatuur blijft stijgen, zal
“
” gaan branden in de hoek
linksonder vanhet beeld met het knipperen
van de temperatuur-waarschuwingsindicator. Als deze situatie voortduurt, zal
de lamp uitgaan, de ventilator zal gaan
draaien en de projector zal in standby
modus gaan staan. Zie “Onderhoudsindicators” op blz. 54 en 55 voor verdere
informatie.
Info
• De koelventilator regelt de inwendige
temperatuur automatisch. Daarom kan het
geluid van de ventilator veranderen tijdens
het gebruik van de projector. Dit duidt niet
op een storing.
■ De netspanning en de uitvoering van de
netstekker kunnen variëren, afhankelijk van
het gebied of het land waar de projector
wordt gebruikt. Als u de projector in het
buitenland gebruikt, zorg dan dat deze op de
juiste netspanning en met het voorgeschreven
netsnoer wordt aangesloten.
9
Benaming en functie van de onderdelen
De nummers aangegeven in Z verwijzen naar de bladzijde in deze
gebruiksaanwijzing waar het betreffende onderwerp hoofdzakelijk wordt behandeld.
1
2
11
12
3
8
4
5
9
13
10
14
6
7
15
Bovenkant
1
2
3
4
Temperatuur-waarschuwingsindicator 54
5 ENTER toets 35
Voor het invoeren van de selecties of
instellingen die in het menu zijn gemaakt.
6 VOL (Volume) toetsen (–O/Q+) 27
Voor het instellen van de geluidssterkte
van de luidspreker.
7 AUTO SYNC toets 31
Voor het automatisch instellen van het
beeld wanneer de projector op een
computer is aangesloten.
8 Insteltoetsen (P/R/O/Q) 35
Voor het selecteren van de menuonderdelen.
9 INPUT toetsen (P/R) 27
Voor het kiezen van de ingangsfunctie.
10
10
Voorkant
11
Zoomring 25
Voor het vergroten/verkleinen van het
beeld.
12
Scherpstelring 24
Voor het scherpstellen van het beeld.
Lampindicator 54
Spanningsindicator 54
STANDBY/ON toets 23
Voor het in- en uitschakelen (standby) van
de projector.
MENU toets 35
Voor het weergeven van de
instelschermen.
16 17
13
14
15
16
17
Inlaatopening 53
Veiligheidsbalk
HEIGHT ADJUST hendel 25
Stelvoetje 25
Afstandsbedienings-sensor 13
2
3
4
Inleiding
1
5
6
7
8
9
10
Achterkant (Aansluitingen)
1 HDMI-aansluiting
(alleen voor PG-LX2000) 19, 20, 21
Aansluiting voor HDMI-invoer.
2 AUDIO ingangsaansluiting 21
3 VIDEO ingangsaansluiting 20
Aansluitbus voor videoapparatuur.
4 COMPUTER/COMPONENT
ingangsaansluiting 19, 20
Aansluiting voor computer RGB- en
componentsignalen.
5 RS-232C aansluiting 22
Aansluiting voor de bediening van de
projector met behulp van een computer.
6 Uitlaatopening 53
7 Luidspreker 46
8 Kensington standaard
veiligheidsaansluiting
9 Achterste stelvoetje 25
10 Netstroom-aansluiting 21
Gebruik van het Kensington slot
• Deze projector is uitgerust met een
Kensington standaard veiligheidsaansluiting
voor gebruik met een Kensington MicroSaver
beveiligingssysteem. Raadpleeg de
documentatie die bij het beveiligingssysteem
wordt geleverd voor instructies betreffende
het beveiligen van de projector.
Sluit hierop het bijgeleverde netsnoer aan.
11
Benaming en functie van de onderdelen (vervolg)
De nummers aangegeven in Z verwijzen naar de bladzijde in deze
gebruiksaanwijzing waar het betreffende onderwerp hoofdzakelijk wordt behandeld.
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
8
POINTER toets 30
Om de cursor weer te geven.
13
14
9
Insteltoetsen (P/R/O/Q) 35
Voor het selecteren van de menuonderdelen.
15
16
17
18
10
EFFECT toets 30
Voor het wijzigen van de cursor of het
spotlicht gebied.
11
KEYSTONE toets 26
Voor het inschakelen van de
trapeziumvorm-correctiefunctie.
19
20
21
12
FUNCTION toets 49
Voor bediening en uitvoering van een functie,
toegewezen aan “FUNCTION knop”.
13
VOL +/– (Volume) toetsen 27
Voor het instellen van de geluidssterkte
van de luidspreker.
14
INPUT toetsen (P/R) 27
Voor het kiezen van de ingangsfunctie.
15
PICTURE MODE toets 31
Voor het kiezen van het juiste beeld.
16
AUTO SYNC toets 31, 46
Voor het automatisch instellen van het beeld wanneer
de projector op een computer is aangesloten.
17
RESIZE toets 28
Voor het omschakelen van het
schermformaat (NORMAAL, 16:9 enz.).
18
MENU toets 35
Voor het weergeven van de instelschermen.
19
ENTER toets 35
Voor het invoeren van de selecties of
instellingen die in het menu zijn gemaakt.
20
RETURN toets 35
Voor terugkeren naar het vorige
menuscherm tijdens menubediening.
21
ECO+QUIET toets 30
Voor het reduceren van het geluid van de
koelventilator en het verlengen van de
levensduur van de lamp.
22
3D MODE toets 52
Weergeven van het 3D-modus menuscherm.
22
12
1 ON toets 23
Voor het inschakelen van de stroom.
2 STANDBYtoets 23
Om de projector in de ruststand (standby)
te zetten.
3 MAGNIFY toetsen 31
Voor het vergroten/verkleinen van een deel
van het beeld.
4 FREEZE toets 31
Voor het stilzetten van het beeld.
5 BREAK TIMER toets 30
Voor het weergeven van de pauzetijd.
6
AV MUTE toets 27
Voor het tijdelijk weergeven van een zwart
scherm en het uitschakelen van het geluid.
7 SPOT toets 30
Om het spotlicht weer te geven.
12
Inleiding
Plaatsen van de batterijen
1
Druk het lipje op het deksel omlaag en verwijder
het deksel in de richting van de pijl.
2
Plaats de batterijen.
3
Steek het onderste lipje van het deksel in de
opening en druk het deksel omlaag totdat het
deksel vastklikt.
• Plaats de batterijen met de m en n pool overeenkomstig de
aanduidingen in de batterijhouder.
Bij verkeerd gebruik kunnen de batterijen lekken of ontploffen. Neem
de volgende voorzorgsmaatregelen in acht.
LET OP
• De batterij kan ontploffen als deze verkeerd wordt geplaatst.
Alleen vervangen door alkaline of magnesium batterijen.
• Plaats de batterijen met de m en n pool overeenkomstig de aanduidingen in de batterijhouder.
• Batterijen van een verschillend type hebben verschillende eigenschappen. Gebruik daarom niet gelijktijdig
batterijen van een verschillend type.
• Meng geen nieuwe en oude batterijen door elkaar.
Dit kan resulteren in een kortere levensduur van de nieuwe batterijen of de oude batterijen kunnen gaan lekken.
• Neem de batterijen uit de afstandsbediening wanneer deze leeg zijn, want anders kunnen ze gaan lekken.
De vloeistof uit lekkende batterijen is schadelijk voor de huid, dus veeg bij lekkage de batterijen met een
doek af en verwijder de batterijen daarna ook met de doek.
• De batterijen die bij deze projector zijn geleverd kunnen een kortere levensduur hebben dan normaal,
afhankelijk van hoe lang ze opgeslagen zijn geweest. Vervang de batterijen zo spoedig mogelijk door
nieuwe batterijen.
• Neem de batterijen uit de afstandsbediening als u de afstandsbediening geruime tijd niet denkt te gebruiken.
• Neem de plaatselijke wetgeving (voorschriften) in acht wanneer u de batterijen weggooit.
Afstandsbedieningssensor
Bedieningsbereik
Met de afstandsbediening kan de projector
binnen het aangegeven bereik worden bediend.
Opmerking
• U kunt het signaal van de afstandsbediening
via het scherm laten weerkaatsen om de
bediening te vereenvoudigen. Het effectieve
bedieningsbereik zal verschillen afhankelijk
van het materiaal van het scherm.
Bij gebruik van de afstandsbediening
• Laat de afstandsbediening niet vallen en stel deze
ook niet aan vocht en hoge temperaturen bloot.
• De afstandsbediening kan foutief functioneren
als deze onder het licht van een tl-lamp wordt
gebruikt. In dit geval moet u de projector
verder van de tl-lamp vandaan plaatsen.
30°
30°
33 n (10 m)
Zender van de
afstandsbediening
Afstandsbediening
13
Eenvoudig starten
In dit hoofdstuk wordt de basisbediening beschreven (projector aansluiten op een computer). Zie
het bladzijdenummer dat bij elke bedieningsstap vermeld staat voor verdere informatie.
Installatie en projectie
In dit hoofdstuk wordt de aansluiting van de projector op een computer aan de hand van een
voorbeeld beschreven.
3
8
STANDBY/ON
toets
8 STANDBY toets
3 ON toets
6 O/Q toetsen
6 INPUT toetsen
6 INPUT toetsen
4 Zoomring
4
Scherpstelring
5
6
Insteltoetsen
(P/R/O/Q)
5 KEYSTONE toets
4 HEIGHT ADJUST
hendel
1. Plaats de projector zodanig dat deze naar een wand of scherm is gericht
BBlz. 16
2. Sluit de projector op de computer aan en steek de stekker
van het netsnoer in de netstroomaansluiting
Zie blz. 20 en 21 wanneer u andere apparatuur dan een
computer aansluit.
BBlz. 19, 21
3. Schakel de projector in
Druk op STANDBY/ON van de projector of op ON van de afstandsbediening.
BBlz. 23
14
4. Stel het geprojecteerde beeld in met de Installatiegids
1
De Installatiegids wordt weergegeven wanneer de projector wordt ingeschakeld.
(Wanneer “Installatiegids” is ingesteld op “Aan”. Zie blz. 45.)
2
Volg de stappen in de Installatiegids en stel de beeldscherpte, de hoogte (hoek) en het
schermformaat in.
3
Nadat de scherpstelling, de hoogte (hoek) en het schermformaat zijn ingesteld, drukt u
op ENTER om de Installatiegids te verlaten.
BBlz. 24
5. Corrigeer de trapeziumvervorming
Voer de trapeziumvorm-correctie uit met behulp van de trapeziumvorm-correctiefunctie.
Samendrukken
van bovenkant.
Op de afstandsbediening
Samendrukken
van onderkant.
Installatie
BBlz. 26
6. Kies de INGANG functie
Druk op INPUT P/R voor het weergeven van de INGANG-lijst. Gebruik INPUT P/R voor het selecteren
van de invoermodus.
Op de
Op de
projector afstandsbediening
INGANG-lijst (bijv. PG-LX2000)
INGANG
Audio
COMPUTER
H
HDMI
V
VIDEO
[Alleen PG-LX2000]
Wanneer u HDMI-ingang selecteert, gebruik dan O/Q om de aansluiting van de audioingang te selecteren (HDMI of AUDIO).
BBlz. 27
7. Schakel de computer in
8. Uitschakelen van de projector
Druk op de STANDBY/ON toets van de projector of op de STANDBY toets van de
afstandsbediening en druk dan nog een keer op die toets terwijl de bevestigingsmelding
wordt aangegeven om de projector in de ruststand (standby) te zetten.
Beeldschermdisplay
Op de
projector
Op de
afstandsbediening
BBlz. 23
15
Instellen van de projector
Instellen van de video
Als u deze projector buiten de V.S. gebruikt, verander dan de instelling in “0 IRE” bij Instellen van
de video. (Zie blz. 42.)
Instellen van de projector
Voor een optimaal beeld moet de projector loodrecht ten opzichte van het scherm worden
geplaatst met de voetjes van de projector vlak en horizontaal. Er hoeft dan geen trapeziumvormcorrectie te worden uitgevoerd en u kunt genieten van het beste beeld. (Zie blz. 26.)
Standaard opstelling (projectie van voren)
■ Zet de projector op de juiste afstand van het scherm voor de door u gewenste beeldgrootte.
(Zie blz. 17.)
Relatie tussen de projectiebeeldgrootte en de projectie-afstand
Voorbeeld: 4:3 Invoersignaal (Normaal-stand)
Beeldgrootte
300" (762 cm)
200" (508 cm)
100" (254 cm)
32"×
2
(81 cm 4"
× 61 c
m)
Projectieafstand
5'
(1 2"
,6 –6
m '2
"
12 – 1
,
9
(3 '1
m
,9 1
m "–1 )
– 5'
4, 6"
25
7
(7 '1
m
,9 0
)
"
m –3
– 0'
38
(1 '9 9,4 11
"
1, "–
m
8 4
)
m 6'
– 5"
14
,2
m
)
40" (102 cm)
240
"
(610 ×180"
cm
× 45
160
7 cm
"×12
)
0"
(406
cm
80"×
×
3
6
05 c
(203 0"
m)
cm ×
152
cm)
16
Schermformaat en projectie-afstand
Scherm
Opmerking
• In de waarden in de onderstaande
diagrammen moet u rekening houden met een
kleine foutenmarge.
H
Midden van de lens
L
4:3 Invoersignaal (Normaal-stand)
Installatie
Beeldgrootte (schermgrootte)
Projectie-afstand [L]
Afstand vanaf het midden van de lens
Diagonaal [ Ȥ ]
Breedte
Hoogte
Minimaal [L1] Maximaal [L2] tot de onderrand van het beeld [H]
300" (762 cm) 610 cm (240") 457 cm (180") 11,8 m (38' 9") 14,2 m (46' 5")
17 cm (6 23/32")
250" (635 cm) 508 cm (200") 381 cm (150") 9,9 m (32' 4") 11,8 m (38' 8")
14 cm (5 19/32")
200" (508 cm) 406 cm (160") 305 cm (120") 7,9 m (25' 10") 9,4 m (30' 11")
11 cm (4 31/64")
150" (381 cm) 305 cm (120") 229 cm (90")
5,9 m (19' 5") 7,1 m (23' 3")
9 cm (3 23/64")
120" (305 cm) 244 cm (96")
183 cm (72")
4,7 m (15' 6") 5,7 m (18' 7")
7 cm (2 11/16")
100" (254 cm) 203 cm (80")
152 cm (60")
3,9 m (12' 11") 4,7 m (15' 6")
6 cm (2 15/64")
80" (203 cm) 163 cm (64")
122 cm (48")
3,2 m (10' 4") 3,8 m (12' 5")
5 cm (1 51/64")
70" (178 cm) 142 cm (56")
107 cm (42")
2,8 m (9' 1")
3,3 m (10' 10")
4 cm (1 9/16")
60" (152 cm) 122 cm (48")
91 cm (36")
2,4 m (7' 9")
2,8 m (9' 3")
3 cm (1 11/32")
40" (102 cm) 81 cm (32")
61 cm (24")
1,6 m (5' 2")
1,9 m (6' 2")
2 cm (57/64")
16:9 Invoersignaal (16:9-stand)
Beeldgrootte (schermgrootte)
Diagonaal [ Ȥ ]
Breedte
Afstand vanaf het midden
Instelbereik van de
van de lens tot de onderrand
beeldpositie [S]
Minimaal [L1] Maximaal [L2]
van het beeld [H]
Projectie-afstand [L]
Hoogte
300" (762 cm) 664 cm (261")
374 cm (147") 12,9 m (42' 3") 15,4 m (50' 7")
250"
200"
150"
120"
100"
80"
60"
40"
311 cm
249 cm
187 cm
149 cm
125 cm
100 cm
75 cm
50 cm
(635 cm)
(508 cm)
(381 cm)
(305 cm)
(254 cm)
(203 cm)
(152 cm)
(102 cm)
553 cm
443 cm
332 cm
266 cm
221 cm
177 cm
133 cm
89 cm
(218")
(174")
(131")
(105")
(87")
(70")
(52")
(35")
(123") 10,7 m (35' 3")
(98")
8,6 m (28' 2")
(74")
6,4 m (21' 2")
(59")
5,2 m (16' 11")
(49")
4,3 m (14' 1")
(39")
3,4 m (11' 3")
(29")
2,6 m (8' 5")
(20")
1,7 m (5' 8")
81 cm (31 53/64")
12,8 m (42' 2") 67 cm (26 17/32")
10,3 m (33' 9") 54 cm (21 7/32")
7,7 m (25' 3") 40 cm (15 59/64")
6,2 m (20' 3") 32 cm (12 47/64")
5,1 m (16' 10") 27 cm (10 39/64")
4,1 m (13' 6") 22 cm (8 31/64")
3,1 m (10' 1") 16 cm (6 23/64")
2,1 m (6' 9")
11 cm (4 1/4")
±62 cm (±24 33/64")
±52 cm (±20 27/64")
±42 cm (±16 11/32")
±31 cm (±12 1/4")
±25 cm (±9 13/16")
±21 cm (±8 11/64")
±17 cm (±6 17/32")
±12 cm (±4 29/32")
±8 cm (±3 17/64")
Wanneer de projector wordt gebruikt met schermformaten die niet in bovenstaande tabellen staan, berekent u de
waarden volgens de formules.
L1: Minimale projectie-afstand (m/voet)
L2: Maximale projectie-afstand (m/voet)
4:3 signaal
[Voet/duim]
0,03941F / 0,3048
0,04717F / 0,3048
0,04717F
[m/cm]
0,03941F
H: Afstand vanaf het midden van de lens tot de onderrand van het beeld (cm/duim)) 0,05689F
S: Instelbereik van de beeldpositie (cm/duim) Zie blz. 43.
—
[m/cm]
0,04294F
0,05139F
16:9 signaal
[Voet/duim]
0,04294F / 0,3048
0,05139F / 0,3048
0,05689F / 2,54
0,26952F
0,26952F / 2,54
—
±0,20754F
±0,20754F / 2,54
F : Diagonale afmeting van het beeld : 40''-300''
17
Instellen van de projector (vervolg)
Projectie-instellingen
Er zijn vier projectie-instellingen, zoals aangegeven in de onderstaande afbeeldingen. Kies de
instelling die het meest geschikt is voor de manier waarop de projector wordt gebruikt. (Het
onderdeel Projectie is in het “SCH-INS” menu. Zie blz. 45.)
■ Op de tafel, naar voren projecteren
[Menu-onderdeel ➞ “Voor”]
■ Aan het plafond, naar voren projecteren
[Menu-onderdeel ➞ “Plafond + voor”]
■ Op de tafel, naar achteren projecteren
(met een doorzichtig scherm)
[Menu-onderdeel ➞ “Achter”]
■ Aan het plafond, naar achteren projecteren
(met een doorzichtig scherm)
[Menu-onderdeel ➞ “Plafond + achter”]
a Installatie plafondmontage
De optionele Sharp plafond-montage adapter en unit wordt aanbevolen voor deze installatie.
Neem contact op met uw dichtstbijzijnde officiële Sharp projector- dealer of servicecentrum
voordat u de projector monteert om de plafond-montage adapter en unit te verkrijgen (wordt
los verkocht).
18
De projector aansluiten op andere apparatuur
Voordat u begint met de aansluitingen moet u het netsnoer van de projector uit het stopcontact
halen en de apparatuur die wordt aangesloten uitschakelen. Nadat alle aansluitingen zijn
gemaakt, kunt u de projector en daarna de andere apparatuur inschakelen. Bij het aansluiten
van een computer moet u deze als laatste aansluiten nadat alle aansluitingen zijn voltooid.
BELANGRIJK:
Vergewis u ervan dat de juiste invoermodus is geselecteerd op de projector voordat
u aangesloten apparatuur inschakelt.
• Raadpleeg de gebruiksaanwijzing van de apparatuur die u aansluit voor verdere informatie
betreffende de aansluitingen en de geschikte kabels.
• Het is mogelijk dat u nog andere kabels e.d. nodig hebt, die hieronder niet staan vermeld.
Aansluitingen op de projector
Computer
Aansluiting op aan te
sluiten apparatuur
RGBuitgangsaansluiting
Kabel
RGB-kabel (meegeleverde)
HDMI-kabel (los verkrijgbaar)
HDMIuitgangsaansluiting
Aansluitingen
Apparatuur
Aansluiting op de
projector
COMPUTER/
COMPONENT
HDMI
is alleen voor PG-LX2000.
Opmerking
• Afhankelijk van de specificaties van de videoapparatuur of de DVIÙHDMI digitalekabel kan het zijn dat het
signaal niet goed wordt overgebracht. (De HDMI-specificatie ondersteunt niet alle verbindingen met
videoapparatuur met digitale HDMI-uitgangsaansluiting met gebruik van een DVIÙHDMI digitalekabel.)
• Zie “Compatibiliteitskaart” op blz. 64 voor een lijst met computersignalen waarvoor de projector geschikt is.
Bij gebruik van andere computersignalen is het mogelijk dat sommige functies van de projector niet werken.
• Het is mogelijk dat u voor sommige Macintosh computers een Macintosh adapter nodig hebt. Neem
contact op met uw dichtstbijzijnde Macintosh handelaar.
• Afhankelijk van de computer die u gebruikt, kan het gebeuren dat er geen beeld wordt weergegeven,
tenzij de externe uitgangspoort van de computer is ingeschakeld (druk bijvoorbeeld de “Fn” en “F5”
toetsen gelijktijdig in bij gebruik van een SHARP notebook-computer). Raadpleeg de handleiding van
de computer voor het activeren van de externe uitgangspoort van de computer.
19
De projector aansluiten op andere apparatuur (vervolg)
Apparatuur
Videoapparatuur
Aansluiting op aan te
sluiten apparatuur
HDMIuitgangsaansluitin
Kabel
HDMI-kabel (los verkrijgbaar)
Aansluiting op de
projector
HDMI
3 RCA naar 15-pins mini D-sub-kabel
Component(optioneel, AN-C3CP2)
videouitgangsaansluiting
COMPUTER/
COMPONENT
VideoVideokabel (los verkrijgbaar)
uitgangsaansluiting
VIDEO
Fotocamera/videospel
Componentvideouitgangsaansluiting
Kabels voor een camera of videospel/3 RCA
naar 15-pins mini D-sub-kabel (optioneel, ANC3CP2)
COMPUTER/
COMPONENT
RCA adapterstekker
(los verkrijgbaar)
Kabels voor een camera of videospel
VIDEO
Videouitgangsaansluiting
is alleen voor PG-LX2000.
Opmerking
• Afhankelijk van de specificaties van de videoapparatuur of de DVIÙHDMI digitalekabel kan het zijn dat het
signaal niet goed wordt overgebracht. (De HDMI-specificatie ondersteunt niet alle verbindingen met
videoapparatuur met digitale HDMI-uitgangsaansluiting met gebruik van een DVIÙHDMI digitalekabel.)
• HDMI (High-Defi nition Multimedia Interface) is een digitaal AV protocol dat hoog-defi nitie video,
multikanaals audio en een tweerichtings besturingssingaal kan leveren, allemaal in een kabel.
• Omdat het uitwisselbaar is met het HDCP (High-bandwidth Digital Content Protection) systeem,
degradeert het digitale video signaal niet wanneer het doorgestuurd wordt en kan er genoten worden
van een kwalitatief hoogstaand beeld met een simpele aansluiting.
• De HDMI aansluiting ondersteunt het CEC signaal niet.
• Gebruik een in de handel verkrijgbare kabel die past op de te gebruiken projector-aansluiting wanneer
u video-apparatuur met een 21-pins RGB-uitgang (Euro-scart) op de projector aansluit.
• De projector ondersteunt geen RGBC-signalen via de Euro-scart.
20
Apparatuur
Audio apparatuur
Aansluiting op aan te
sluiten apparatuur
Aansluiting op de
projector
Kabel
ø3,5 mm
ø3,5mm stereo-ministekker naar RCAaudioaudiokabel (los verkrijgbaar)
uitgangsaansluiting
AUDIO
RCARCA-audiokabel (los verkrijgbaar)
audiouitgangsaansluiting
Kabels voor een camera of videospel
Audiouitgangsaansluiting
HDMI-kabel (los verkrijgbaar)
HDMIuitgangsaansluiting
HDMI
Aansluitingen
is alleen voor PG-LX2000.
Opmerking
• U kunt HDMI of AUDIO in de INGANG-lijst selecteren. (Zie blz. 27.)
Deze projector is in staat om de volgende signalen te verwerken wanneer
aangesloten op HDMI apparatuur:
• Video signaal: Voor details, zie “Digitale ondersteuning” in de lijst “Compatibiliteitskaart” op bladzijde 64.
• Audio signaal: Lineair PCM audio
• Sample frequentie: 48kHz/44,1kHz/32kHz
Aansluiten van het netsnoer
Sluit het bijgeleverde netsnoer op de
netstroomaansluiting aan de achterkant
van de projector aan. Sluit het netsnoer
vervolgens op een stopcontact aan.
Netstroomaansluiting
Naar een stopcontact
Netsnoer
(meegeleverde)
21
Bedienen van de projector via een computer
Wanneer de RS-232C aansluiting van de projector met behulp van een RS-232C seriële
bedieningskabel (cross-type, los verkrijgbaar) op een computer wordt aangesloten, kan de
computer gebruikt worden om de projector te bedienen en de status van de projector te
controleren. Zie blz. 59 voor nadere bijzonderheden.
Aansluiten op een computer met een RS-232C seriële bedieningskabel
Naar de RS-232C
aansluiting
Naar de RS-232C
aansluiting
RS-232C seriële bedieningskabel
(cross-type, los verkrijgbaar)
Computer
Opmerking
• De RS-232C functie werkt niet als uw computer-aansluiting niet juist is ingesteld. Zie de handleiding
van de computer voor verdere informatie.
Info
• Sluit de RS-232C kabel niet op een andere poort dan de RS-232C poort van de computer aan. Dit
om beschadiging van de computer of projector te voorkomen.
• De RS-232C seriële bedieningskabel mag niet op de computer worden aangesloten of ervan worden
losgemaakt wanneer de computer ingeschakeld is. Dit om beschadiging van de computer te voorkomen.
RS-232C aansluiting: 9-pins D-sub mannetjesstekker
1
6
5
9
Pinnr.
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
8.
9.
Signaal Naam
I/U
RD
SD
Data ontvangen
Data zenden
Ingang
Uitgang
SG
Signaalaarde
RS
CS
Verzoek voor zenden
Toestemming om te
zenden
Referentie
Niet aangesloten
Aangesloten op interne circuit
Aangesloten op interne circuit
Niet aangesloten
Aangesloten op interne circuit
Niet aangesloten
Aangesloten op CS in interne circuit
Aangesloten op RS in interne circuit
Niet aangesloten
Aanbevolen aansluiting RS-232C kabel: 9-pins D-sub contrastekker
5
9
1
6
Pinnr.
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
8.
9.
Signaal
CD
RD
SD
ER
SG
DR
RS
CS
CI
Pinnr.
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
8.
9.
Signaal
CD
RD
SD
ER
SG
DR
RS
CS
CI
Opmerking
• Afhankelijk van het gebruikte bedieningsapparaat, kan het nodig zijn om pin
4 en pin 6 op het bedieningsapparaat (bijv. een computer) aan te sluiten.
22
Projector
Pinnr.
4
5
6
Computer
Pinnr.
4
5
6
In/uitschakelen van de projector
Info
De projector inschakelen
Voordat u de onderstaande aanwijzingen
uitvoert, moet u eerst alle externe
apparatuur aansluiten en de stekker in het
stopcontact steken. (Zie blz. 19 tot 21.)
Druk op STANDBY/ON van de
projector of op ON van de
afstandsbediening.
• Wanneer “Automatisch herstarten” op “Aan” staat:
Als het netsnoer niet in het stopcontact zit of de
schakelaar staat uit wanneer de projector aan
staat, dan gaat de projector automatisch aan
wanneer u het netsnoer in het stopcontact steekt
of wanneer de schakelaar aanstaat. (Zie blz. 46.)
• Bij het verlaten van de fabriek is de taal op
Engels ingesteld. Als u een andere taal voor
het beeldschermdisplay wilt instellen, moet u
de taal wijzigen zoals beschreven op blz. 45.
• De spanningsindicator licht groen op.
• Na het oplichten van de lampindicator is de
projector klaar voor bediening.
Spanningsindicator
Lampindicator
STANDBY/ON toets
Opmerking
• Betreffende de lampindicator
De lampindicator geeft de status van de lamp aan.
Groen: De lamp is aan.
Knippert groen: De lamp is aan het opwarmen.
Rood: De lamp wordt op een abnormale
wijze uitgeschakeld of de lamp
moet vervangen worden.
• Wanneer de projector wordt ingeschakeld, kan het
beeld enigszins flikkeren gedurende de eerste
minuut dat de lamp is ingeschakeld. Dit is normaal
en wordt veroorzaakt door de regelcircuits van de
lamp die de uitgangskarakteristieken van de lamp
stabiliseren. Dit verschijnsel duidt niet op een defect.
• Als de projector in de ruststand (standby) wordt
gezet en dan meteen weer wordt ingeschakeld,
kan het even duren voordat de lamp gereed is
om te beginnen met projecteren.
• Wanneer de systeemvergrendeling is ingesteld,
verschijnt een invoervakje voor de toegangscode.
Om de toegangscode-instelling te annuleren, voert
u de toegangscode in die u reeds hebt ingesteld.
Zie blz. 47 voor nadere bijzonderheden.
Basisbediening
STANDBY
toets
ON toets
Beeldschermdisplay (bevestigingsmelding)
De projector uitschakelen (de
projector in de ruststand zetten)
Druk op STANDBY/ON van de
projector of op STANDBY van de
afstandsbediening en druk dan nog
een keer op die toets terwijl de
bevestigingsmelding wordt
aangegeven om de projector in de
ruststand (standby) te schakelen.
Info
• Direct Uit functie:
U kunt de stekker uit het stopcontact halen
ook als de koelventilator nog draait.
• De projector kan niet aangezet worden tijdens het
koelen.
23
Beeldprojectie
Betreffende de Installatiegids
Wanneer u de projector inschakelt,
verschijnt het Installatiegids-scherm dat
u helpt bij het maken van de instellingen
voor de projector.
Gidsfunctie onderdelen
1 FOCUS
2 HEIGHT ADJUST
3 ZOOM
Druk op ENTER om het Installatiegidsscherm te sluiten.
Opmerking
• Het Installatiegids-scherm selecteert
automatisch de onderdelen in de
onderstaande volgorde:
1 FOCUS
4 ENTER
2 HEIGHT ADJUST
3 ZOOM
U kunt de scherpstelling, hoogte (hoek) of
zoom echter wijzigen, ongeacht het onderdeel
dat automatisch geselecteerd is.
• Als u de Installatiegids de volgende keer niet
wilt laten verschijnen, zet u “Menu” - “SCHINS” - “Installatiegids” op “Uit”. (Zie blz. 45.)
Instellen van het
geprojecteerde beeld
1 Scherpstellen
U kunt scherpstellen met de
scherpstelring op de projector.
Draai aan de scherpstelring om
scherp te stellen terwijl u naar het
geprojecteerde beeld kijkt.
• Het gebruik van de knop op de focusring maakt
het aanpassen gemakkelijker.
24
ENTER toets
Scherpstelring
2 Instellen van de hoogte
De hoogte van de projector kan gewijzigd
worden met het stelvoetje aan de voorkant
en de achterkant van de projector.
Wanneer het scherm hoger is dan de
projector, kunt u de stand van de projector
wijzigen om het beeld hoger te projecteren.
1
2
Til de projector omhoog om de
hoogte in te stellen terwijl u de
HEIGHT ADJUST hendel
omhooghaalt.
Maak kleine
afstellingen.
HEIGHT ADJUST hendel
Neem uw hand van de HEIGHT
ADJUST hendel van de projector
nadat de hoogte nauwkeurig is
ingesteld.
• De projectiehoek kan worden ingesteld tot
9 graden ten opzichte van het oppervlak
waarop de projector is geplaatst.
Achterste stelvoetje
Gebruik het achterste stelvoetje
om de projector meer horizontaal
te zetten.
• De projector kan tot ±2 graden ten opzichte
van de standaardpositie worden versteld.
Opmerking
• Bij het afstellen van de hoogte van de projector
zal er trapeziumvervorming optreden. Volg de
aanwijzingen in Trapeziumvorm-correctie om
de vervorming te corrigeren. (Zie blz. 26 en 43.)
Basisbediening
3
Info
• Oefen niet te veel druk op de projector uit
wanneer het voorste stelvoetje naar buiten staat.
• Wanneer u de projector laat zakken, moet u
voorzichtig zijn dat uw vingers niet klem komen
te zitten tussen het stelvoetje en de projector.
• Houd de projector stevig vast wanneer u
deze omhoogtilt of draagt.
• Pak de projector niet bij het lensgedeelte vast.
3 Instellen van de schermgrootte
U kunt de schermgrootte instellen met de
zoomring op de projector.
Draai aan de zoomring om het scherm
groter of kleiner te maken.
Zoomring
• Het gebruik van de knop op de zoomring maakt
het aanpassen gemakkelijker.
25
Beeldprojectie (vervolg)
Corrigeren van de
trapeziumvervorming
Insteltoetsen
(P/R/O/Q)
Wanneer het beeld van beneden of van
boven onder een hoek op het scherm
wordt geprojecteerd, kan het beeld
vervormd worden als gevolg van
trapeziumvorm-vertekening. Gebruik deze
functie om dit soort vervorming, Keystone
genaamd, te corrigeren.
RETURN toets
Opmerking
• De trapeziumvorm-correctie kan worden ingesteld
tot een hoek van ongeveer ±40 (PG-LX2000)/±20
(PG-LS2000) graden en het scherm kan ook
worden opgesteld tot een hoek van ongeveer ±40
(PG-LX2000)/±20 (PG-LS2000) graden (Wanneer
de Grootte Aanpassen functie is ingesteld op
“NORMAAL” (zie blz. 28)).
1
2
KEYSTONE toets
Beeldschermdisplay
(Trapeziumvorm-correctiefunctie)
TRAPEZIUM
INSTEL
Druk op KEYSTONE om de
trapeziumvorm-correctiefunctie
in te schakelen.
Druk op P/Q of O/R om de
trapeziumvorm-correctie in te
stellen.
0
END
Samendrukken van bovenkant.
(Verplaats de schuifbalk in de + richting.)
Samendrukken van onderkant.
(Verplaats de schuifbalk in de - richting.)
Opmerking
• Druk op RETURN terwijl het display van de
trapeziumvorm-correctiefunctie op het
scherm wordt getoond om terug te keren naar
de standaardinstelling.
3
26
Druk op KEYSTONE.
• Het beeldschermdisplay van de
trapeziumvorm-correctie verdwijnt.
Info
• Tijdens het instellen van het beeld met de
trapeziumvorm-correctiefunctie kunnen de
rechte lijnen en de randen van het beeld
gekarteld worden weergegeven.
Kiezen van de ingangsfunctie
VOL +/– (Volume)
toetsen
Kies de juiste ingangsfunctie voor de
aangesloten apparatuur.
Druk op INPUT P/R voor het
weergeven van de INGANG-lijst.
Gebruik INPUT P/R voor het selecteren
van de invoermodus.
INPUT toetsen
AV MUTE toets
O/Q toetsen
[Alleen PG-LX2000]
Wanneer u HDMI-ingang selecteert,
gebruik dan O/Q om de aansluiting
van de audio-ingang te selecteren
(HDMI of AUDIO).
Instellen van het volume
Druk op VOL +/– van de afstandsbediening
of op –O/Q+ van de projector om het
volume in te stellen.
Beeldschermdisplay
Opmerking
Basisbediening
• Druk op VOL–/–O om het volume te verlagen.
• Druk op VOL+/Q+ om het volume te
verhogen.
Weergeven van een zwart
scherm en tijdelijk
uitschakelen van het geluid
Druk op AV MUTE van de
afstandsbediening om tijdelijk een
zwart scherm weer te geven en het
geluid uit te zetten.
Beeldschermdisplay
Opmerking
• Wanneer u nog een keer op AV MUTE drukt,
zal het geprojecteerde beeld weer verschijnen.
27
Beeldprojectie (vervolg)
Grootte Aanpassen functie
Gebruik deze voorziening om de weergavefunctie aan te passen of te wijzigen om het ontvangen
beeld te verbeteren. Afhankelijk van het ingangssignaal kunt u het gewenste beeld kiezen.
Druk op RESIZE.
RESIZE
toets
• Zie blz. 43 voor het maken van de instellingen op het menuscherm.
COMPUTER
Standaardresolutie
SVGA (800 × 600)
XGA (1024 × 768)
PG-LX2000
968 × 768
1280 × 800
1024 × 640
XGA (1024 × 768)
—
1024 × 768
800 × 600
SXGA (1280 × 1024)
750 × 600
1280 × 800
800 × 500
Ingangssignaal
VOLLEDIG
1024 × 768
SXGA (1280 × 1024)
SVGA (800 × 600)
PG-LS2000
NORMAAL
—
800 × 600
DOT BY DOT
800 × 600
—
KADER
16:9
768 × 576
1280 × 1024
720 × 576
1280 × 800
922 × 576
1024 × 576
—
1024 × 768
600 × 450
800 × 450
1280 × 1024
1280 × 800
Voor een 4:3 scherm
720 × 450
Voor een 16:9 scherm
Computer
Beeldtype
NORMAAL
VOLLEDIG
DOT BY DOT
—*2
—*2
KADER
16:9
PG-LX2000 PG-LS2000
Resolutie
lager dan
XGA
XGA
Resolutie
hoger dan
XGA
Resolutie
lager dan
SVGA
SVGA
*1, *3
*1
Resolutie 4:3 beeldverhouding
hoger dan
SVGA
SXGA (1280 × 1024)
5:4 beeldverhouding
*1
1280 × 720
—*2
1360 × 768
1366 × 768
1280 × 768
1280 × 800
—*2
16:9
beeldverhouding
*1
*1
*1
16:10 beeldverhouding
: Afgesneden deel waarin geen beelden kunnen worden geprojecteerd
: Gebied waar de signalen zich buiten het scherm bevinden
*1 De functie Bldverschuiv. kan voor deze beelden worden gebruikt.
*2 Zelfde als NORMAAL modus.
*3 Voor model PG-LS2000, kan “Kader” niet geselecteerd worden bij bepaalde resoluties waarvan de horizontale beeldverhouding
minder is dan 4:3 (zoals 1280 × 1024, onder andere).
28
VIDEO/DTV
Ingangssignaal
Video/DTV
Beeldtype
Voor een 4:3 scherm
NORMAAL
GEBIED ZOOM. V-OPREKKEN
Voor een 16:9 scherm
KADER
16:9
*1
*1
*1
*1
*1
*1
4:3 beeldverhouding
480I, 480P,
576I, 576P,
NTSC, PAL,
SECAM
Compressie
Letterbox
720P, 1035I,
1080I, 1080P
*1
16:9 beeldverhouding
—*2
16:9 beeldverhouding
—*2
*1
540P
(4:3 beeldverhouding
in 16:9 scherm)
Basisbediening
: Afgesneden deel waarin geen beelden kunnen worden geprojecteerd
: Deel waarop het beeld niet in de oorspronkelijke signalen zit
*1 De functie Bldverschuiv. kan voor deze beelden worden gebruikt.
*2 Zelfde als NORMAAL modus.
Betreffende auteursrechten
• Bij gebruik van de GROOTTE AANPASSEN functie voor het kiezen van een beeldgrootte met
een andere beeldverhouding dan het TV-programma of het videobeeld, zal het beeld er
anders uitzien dan in de oorspronkelijke verschijning. Houd hiermee rekening wanneer u een
beeldgrootte kiest.
• Het gebruik van de Grootte Aanpassen of Corrigeren van de trapeziumvervorming functie
voor het comprimeren of uitrekken van beelden voor commerciële doeleinden/weergave op
openbare plaatsen, zoals in een café, hotel enz., kan inbreuk betekenen op de auteursrechten
van de auteursrechthouders en in strijd zijn met de wet. Houd hiermee terdege rekening.
29
Gebruik van de afstandsbediening
MAGNIFY toetsen
FREEZE toets
PICTURE MODE toets
AUTO SYNC toets
De cursor weergeven
1
BREAK TIMER toets
Druk op POINTER en druk op P/
R/O/Q op de afstandsbediening
om de cursor te verplaatsen.
• Druk op EFFECT om het cursor icoontje
te wijzigen (5 typen).
SPOT toets
Ster
Vinger1
Vinger2
Hart
Onderstreept
Insteltoetsen
(P/R/O/Q)
EFFECT toets
ECO+QUIET toets
2
Druk nogmaals op POINTER.
• De cursor zal verdwijnen.
POINTER toets
Weergeven en instellen van
de pauzetimer
1
De Spot functie gebruiken
1
Druk op BREAK TIMER.
• De timer begint af te tellen vanaf 5
minuten.
Druk op SPOT en druk op P/R/O/
Q op de afstandsbediening om het
gebied waarop u de aandacht wilt
vestigen te verplaatsen.
• Druk op EFFECT om de grootte van het
spotlicht gebied te wijzigen (3 typen).
Beeldschermdisplay
1/9
2
Druk op P/R/O/Q om de lengte
van de pauzetijd in te stellen.
• Verlengen met P of Q
5 minuten ➞ 6 minuten ➞ 60 minuten
2
1/25
1/8
Druk nogmaals op SPOT.
• Het aandachtsgebied zal verdwijnen.
• Verkorten met O of R
4 minuten ➞ 3 minuten ➞ 1 minuut
• De pauzetijd kan in eenheden van 1 minuut
worden ingesteld (tot maximaal 60 minuten).
Uitschakelen van de weergave van de pauzetijd
Druk op BREAK TIMER.
Opmerking
• De pauzetimer is niet beschikbaar wanneer de
projector de volgende functies aan het
uitvoeren is.
- Automat.sync.
- Vastleggen
- AV Demping
- Invoer zoeken
30
In- en uitschakelen van de
Eco+stille modus
Druk op ECO+QUIET om de Eco+stille
modus beurtelings in en uit te schakelen.
• Wanneer de Eco+stille modus is ingesteld op
“AAN”, dan menen het geluid van de
koelventilator en het stroomverbruik af en wordt
de levensduur van de lamp verlengt.
Opmerking
• Zie de “Eco+Stil” op blz. 40 voor details.
Automat. sync.
(Automatische synchronisatie)
Weergeven van een vergroot
deel van een beeld
De automatische synchronisatiefunctie werkt
alleen wanneer een ingangssignaal gedetecteerd
wordt nadat de projector is ingeschakeld.
Grafieken, tabellen en andere delen van
geprojecteerde beelden kunnen worden
uitvergroot. Dit is bijvoorbeeld nuttig wanneer
u een gedetailleerde uitleg geeft.
Druk op AUTO SYNC voor handmatige
afstelling met de automatische
synchronisatiefunctie.
1
Druk op
MAGNIFY op de
afstandsbediening.
• Vergroot het beeld.
• Door te drukken op
of
MAGNIFY
vergroot of verkleint u het geprojecteerde
beeld.
Opmerking
• Wanneer met automatische synchronisatie
geen optimaal beeld wordt verkregen, moet u
de instellingen handmatig maken. (Zie blz. 41.)
Opmerking
Drup op
×1 ×2
Een bewegend beeld stilzetten
×3
Drup op
1
Druk op FREEZE.
2
Druk nog een keer op FREEZE om
weer een bewegend beeld van het
aangesloten apparaat te tonen.
.
×4
.
• U kunt de plaats van het vergrote beeld
wijzigen met P, R, O of Q.
• Het geprojecteerde beeld wordt stilgezet.
2
Druk op RETURN op de
afstandsbediening om de
bediening te annuleren.
• De vergrotingsfactor wordt opnieuw u1.
Kiezen van de beeldmodus
Druk op PICTURE MODE.
• Bij indrukken van PICTURE MODE verandert de
beeldmodus als volgt:
STANDAARD
PRESENTATIE
CINEMA
SPEL
sRGB*
Opmerking
• Zie blz. 38 voor verdere informatie betreffende
de beeldmodus.
Handige
voorzieningen
U kunt een geschikte beeldmodus kiezen voor het
geprojecteerde beeld, zoals een speelfilm of videospel.
Opmerking
• De te selecteren vergrotingen verschillen
afhankelijk van het ingangssignaal.
• In de volgende gevallen zal het beeld
naar de normale grootte terugkeren (u1).
- wanneer de ingangsstand wordt veranderd.
- wanneer u op RETURN drukt.
- wanneer het ingangssignaal gewijzigd
wordt.
- wanneer u de resolutie en de
verversingsratio (verticale frequentie)
van het ingangssignaal wijzigt.
- wanneer de Grootte aanpassen functie
is gewijzigd.
* “sRGB” wordt alleen getoond wanneer een RGBsignaal wordt ontvangen.
31
Menu-onderdelen
Hieronder ziet u de menu-onderdelen die op de projector kunnen worden ingesteld.
“Snelstartmenu”
Hoofdmenu
Snelstartmenu
“Beeld” menu
Submenu
Zoekopdr. invoer starten
Hoofdmenu
Beeld
Bladzijde 36
Bladzijde 38
Submenu
Standaard
Presentatie
Cinema
Spel
sRGB
Beeldmodus
Bladzijde 38
Resolutie
Bladzijde 36
Grootte Aanpassen
Normaal
Volledig
Dot By Dot
Gebied zoomen
V-oprekken
Kader
16:9
Contrast
-30
+30
Helder
-30
+30
Kleur
-30
+30
Tint
-30
+30
Trapezium
Scherpte
-30
+30
-80
-40
Rood
-30
+30
Blauw
-30
+30
Bladzijde 36
+80 *1
+40 *2
Bladzijde 36
Bladzijde 39
Eco+Stil [Aan/Uit]
Bladzijde 36
Taal (Language)
Bladzijde 36
English
Deutsch
Español
Nederlands
Français
Italiano
Svenska
Português
polski
Magyar
Türkçe
Kleurtmp
Tiếng Việt
BrilliantColor™
-1
1
Bladzijde 39
0
2
Bladzijde 39
C.M.S. Instelling [Aan/Uit]
Informatie
Bladzijde 36
Ga naar het menu Voltooien
Bladzijde 36
*1 Instelbereik voor de PG-LX2000.
*2 Instelbereik voor de PG-LS2000.
Bladzijde 39
C.M.S.
Bladzijde 39
Filmfunctie
Auto
Uit
Bladzijde 40
Ruisonderdr.
Niveau 1
Niveau 2
Niveau 3
Bladzijde 40
Eco+Stil [Aan/Uit]
Bladzijde 40
Reset
C.M.S.-Kleurschakering
Bladzijde 39
C.M.S.-Verzadiging
Bladzijde 39
C.M.S.-Waarde
Bladzijde 39
R
-30
+30
GE
-30
+30
GR
-30
+30
C
-30
+30
B
-30
+30
M
-30
+30
Reset
Reset
Terug
32
“Signaalinstelling (SIG-INS)” menu
Hoofdmenu
SIG-INS
Bladzijde 41
Submenu
Klok
Fase
-150
+150
-30
+30
H-Pos
-150
+150
V-Pos
-60
+60
Bladzijde 43
Bladzijde 41
Bladzijde 42
+96 *1
+75 *2
Normaal
Volledig
Dot By Dot
Gebied zoomen
V-oprekken
Kader
16:9
Bladzijde 43
Trapezium
-80
-40
Bladzijde 41
Videosysteem
Bladzijde 43
-96
-75
Resolutie
Bladzijde 41
Submenu
Grootte Aanpassen
Bldverschuiv.
Bladzijde 41
Dynamisch bereik
Hoofdmenu
SCH-INS
Reset
Signaaltype
“Scherm-instelling (SCH-INS)” menu
+80 *1
+40 *2
Bladzijde 43
Auto
RGB
YPbPr
Overscan [Aan/Uit]
Auto
Standaard
Verbeterd
OSD Display [Aan/Uit]
Auto
PAL
SECAM
NTSC4.43
NTSC3.58
PAL-M
PAL-N
PAL-60
Bladzijde 44
Bladzijde 44
Closed caption
Bladzijde 44
Achtergrond
Bladzijde 45
Uit
CC1
CC2
Logo
Blauw
Geen
Installatiegids [Aan/Uit]
Video-ops.
Bladzijde 42
Signaal info
Bladzijde 42
0 IRE
7.5 IRE
Bladzijde 45
Projectie
Bladzijde 45
Wandkleur
Bladzijde 45
Taal (Language)
Bladzijde 45
Voor
Plafond + voor
Achter
Plafond + achter
Uit
zwartbord
witbord
English
Deutsch
Español
Nederlands
Français
Italiano
Svenska
Português
polski
Magyar
Türkçe
Tiếng Việt
Handige
voorzieningen
33
Menu-onderdelen (vervolg)
“Projector-instelling (PRJ-INS1/2)” menu
Hoofdmenu
PRJ-INS1
Bladzijde 46
Submenu
Automat. sync. [Aan/Uit]
Bladzijde 46
Auto Power Off [Aan/Uit]
Bladzijde 46
Automatisch herstarten
[Aan/Uit]
Bladzijde 46
Luidspreaker [Aan/Uit]
Bladzijde 46
Ventilatormodus
Bladzijde 46
Normaal
Hoog
Syst.vergrend. [Aan/Uit]
Bladzijde 47
functievergrendeling [Aan/Uit]
Bladzijde 48
Hoofdmenu
PRJ-INS2
Bladzijde 46
Submenu
Snelstartmenu [Aan/Uit]
Bladzijde 49
FUNCTION knop
Bladzijde 49
STANDBY-modus
Bladzijde 49
DLP® LinkTM [Aan/Uit]
Bladzijde 49
DLP® LinkTM Omkeren
Bladzijde 49
Alles terugstellen
Bladzijde 49
Lamptimer (duur)
Bladzijde 49
34
Invoer zoeken
Audio stil
Bldverschuiv.
Signaal info
Snelstart
Eco
Gebruik van het menuscherm
Selecteer vanuit het snelstartmenu, wat een verzameling van de meest gebruikte functies is,
of het menu Voltooien, waarmee geavanceerde instellingen en aanpassingen mogelijk zijn.
Insteltoetsen (P/R/O/Q)
ENTER toets
MENU toets
MENU toets
ENTER toets
Insteltoetsen
(P/R/O/Q)
RETURN toets
• Druk op RETURN om terug
te keren naar het vorige
scherm wanneer het menu
wordt weergegeven.
Menu-selecties (Snelstartmenu)
• U kunt de bedieningshandelingen ook uitvoeren met de toetsen op de projector.
1
2
Voorbeeld
• Het “Snelstartmenu” scherm voor de
gekozen ingangsfunctie verschijnt.
Druk op P of R voor het
selecteren van het gewenste
item, en druk op ENTER.
Druk op P/R/O/Q om het
geselecteerde item aan te passen
en druk vervolgens op ENTER.
Info
Snelstartmenu
Zoekopdr. invoer starten
Resolutie
Grootte Aanpassen
Trapezium
Eco+Stil
Taal(Language)
Informatie
1024×768
Normaal
0
Handige
voorzieningen
3
Druk op MENU.
Uit
Nederlands
Ga naar het menu Voltooien…
SEL/INS
ENTER
END
• Voor het weergeven van de geavanceerde
instellingen en aanpassingen weer te geven,
selecteert u “Ga naar het menu Voltooien”.
Druk op ENTER voor het weergeven van het
menuscherm Voltooien.
• Als u het Snelstartmenu niet wilt weergeven
stelt u “Ga naar het menu Voltooien” - “PRJINS2” - “Snelstartmenu” op “Uit”. (Zie blz. 49.)
35
Gebruik van het menuscherm (vervolg)
Snelstartmenu
De volgende items kunnen via het snelstartmenu worden ingesteld.
Beschikbare instellingen
Zoekopdr. invoer starten
Resolutie
Grootte Aanpassen
Trapezium
Eco+Stil
Taal(Language)
Informatie
Ga naar het menu Voltooien
Beschrijving
Zoekt automatisch en schakelt naar de geschikte invoermodus.
Door tijdens het zoeken op een bedieningsknop te drukken wordt het zoeken
geannuleerd.
Wijzig handmatig de resolutie.
Gebruik deze functie wanneer het beeld en het schermformaat niet
overeenkomen met de automatisch geselecteerde resolutie. (Zie blz. 41.)
Wijzigt de Resize-modus (modus voor Grootte aanpassen).
Gebruik deze functie om het beeld verticaal of horizontaal uit te rekken of
wanneer de randen van het beeld niet zichtbaar zijn. (Zie blz. 43.)
Corrigeert de trapeziumvervorming van geprojecteerde afbeeldingen.
Gebruik deze functie voor het corrigeren van de trapeziumvervorming van
afbeeldingen die veroorzaakt wordt als afbeeldingen in een hoek op het
scherm geprojecteerd worden. (Zie blz. 43.)
Wanneer deze is ingesteld op “Aan”, vermindert deze functie het geluid van de
koelventilator en het stroomverbruik, zodat de levensduur van de lamp wordt
verlengd. (Zie blz. 40.)
Selecteert de taal die op het scherm is weergegeven. (Zie blz. 45.)
Geeft de invoersignalen, de gebruikstijd van de lamp, de resterende
levensduur van de lamp enz. weer.
Het menu Voltooien voor geavanceerde instellingen en aanpassingen weer.
Opmerking
• Het instellen van de modus voor Grootte Aanpassen wordt onafhankelijk gemaakt voor elke invoermodus.
• Het instellen van de modus voor Eco+Stil wordt onafhankelijk gemaakt voor elke invoermodus en elke beeldmodus.
Menu-selecties (Menu Voltooien)
Voorbeeld: Instellen van “Helder”.
• U kunt de bedieningshandelingen ook uitvoeren met de toetsen op de projector.
1
Druk op MENU.
2
Druk op P of R om “Ga naar het
menu Voltooien” te selecteren.
3
• Het “Snelstartmenu” scherm verschijnt.
Druk op Q of O en selecteer
“Beeld” om afstellingen te maken.
Info
• Wanneer “PRJ-INS2” - “Snelstartmenu” is
ingesteld op “Aan”, wordt door het drukken op
MENU het snelstart menuscherm weergegeven.
36
Voorbeeld: “Beeld” menuscherm voor
COMPUTER (RGB)-ingang
Menu-onderdeel
Beeld
SIG
Beeldmodus
Contrast
Helder
Rood
Blauw
Kleurtmp
BrilliantColor TM
C.M.S. Instelling
C.M.S.
Ruisonderdr.
Eco+Stil
Reset
SEL/INS
SCH
PRJ1
PRJ2
Standaard
0
0
0
0
0
1
Aan
Niveau 2
Uit
ENTER
END
4
Druk op P of R en selecteer “Helder”
om afstellingen te maken.
• Het geselecteerde onderdeel wordt met
omgekeerd contrast aangegeven.
Beeld
SIG
SCH
PRJ1
Beeldmodus
Contrast
Helder
Rood
Blauw
Kleurtmp
BrilliantColor TM
C.M.S. Instelling
C.M.S.
Ruisonderdr.
Eco+Stil
Reset
SEL/INS
PRJ2
Standaard
0
0
0
0
0
1
Aan
Niveau 2
Uit
Enkele INS
END
Onderdelen voor afstelling
Instellen van het geprojecteerde beeld terwijl
u ernaar kijkt
Beeld
SIG
SCH-INS
Grootte Aanpassen
Bldverschuiv.
Trapezium
PRJ1
PRJ2
Normaal
0
0
Druk op ENTER.
• Het gekozen onderdeel (bijv. “Helder”)
wordt afzonderlijk onderaan op het
scherm aangegeven.
• Als u op P of R drukt, zal het volgende
onderdeel (“Rood” na “Helder”) aangegeven
worden.
Opmerking
Druk op ENTER.
Het onderdeel wordt afzonderlijk aangegeven
Beeld
Helder
SEL/INS
0
Rtn.-menu
END
• Druk nog een keer op ENTER om naar
het vorige scherm terug te keren.
5
Druk op O of Q om het geselecteerde
onderdeel af te stellen.
• De afstelling wordt opgeslagen.
Druk op MENU.
• Het menuscherm verdwijnt.
SIG
SEL/INS
SCH
PRJ1
PRJ2
Standaard
0
15
0
0
0
1
Handige
voorzieningen
6
Beeld
Beeldmodus
Contrast
Helder
Rood
Blauw
Kleurtmp
BrilliantColor TM
C.M.S. Instelling
C.M.S.
Ruisonderdr.
Eco+Stil
Reset
Aan
Niveau 2
Uit
Enkele INS
END
Opmerking
• De MENU-toets is niet beschikbaar als de projector bezig is met:
- Automat.sync./Pauzetijd/Vastleggen/AV Demping/Invoer zoeken
37
Beeldinstellingen (“Beeld” menu)
Menubediening n Blz. 36
Q PAGINA1
Q PAGINA2
Beeld
1
2
SIG
Beeldmodus
Contrast
Helder
Kleur
Tint
Scherpte
Rood
Blauw
SEL/INS
SCH
PRJ1
PRJ2
Beeld
Standaard
0
0
0
0
0
0
0
ENTER
SIG
SCH
PRJ1
Beeldmodus
3
2
4
5
6
7
END
PRJ2
Standaard
0
1
Kleurtmp
BrilliantColor TM
C.M.S. Instelling
C.M.S.
Filmfunctie
Ruisonderdr.
Eco+Stil
Reset
SEL/INS
Aan
Auto
Niveau 2
Uit
ENTER
END
1 Kiezen van de beeldmodus
Beschikbare
instellingen
Beschrijving
De standaardinstellingen van elk onderdeel wanneer
Beeldmodus wordt geselecteerd
Kleurtmp
BrilliantColorTM
Eco+Stil
Standaard
Voor een standaard beeld
0
1
Uit
Presentatie
Maakt donkere partijen van het
beeld helderder voor een meer
levendige presentatie.
0
2
Uit
Cinema
Geeft een natuurlijke tint aan
het geprojecteerde beeld.
–1
0
Aan
Spel
Geeft scherpte aan het
geprojecteerde beeld.
0
1
Uit
*sRGB
Voor een waarheidsgetrouwe
weergave van de beelden van
een computer.
–
–
Uit
• “sRGB” wordt alleen getoond wanneer een RGB-signaal wordt ontvangen.
• U kunt elk onderdeel in het “Beeld” menu naar eigen voorkeur instellen of afstellen. Eventuele aangebrachte
wijzigingen worden in het geheugen opgeslagen.
Opmerking
• U kunt ook op PICTURE MODE van de afstandsbediening drukken om de beeldmodus te kiezen. (Zie blz. 31.)
• *sRGB is een internationale norm voor kleurweergave opgesteld door de IEC (International Electrotechnical
Commission). Aangezien het vaste kleurengebied bepaald is door de IEC, zullen de beelden worden
weergegeven in een natuurlijke tint die gebaseerd is op een origineel beeld, wanneer “sRGB” geselecteerd is.
U kunt de onderdelen “Rood”, “Blauw”, “Kleurtmp”, “BrilliantColorTM” en “C.M.S.” niet instellen wanneer
“sRGB” geselecteerd is.
Info
• Wanneer “sRGB” geselecteerd is, kan het geprojecteerde beeld donker worden, maar dit duidt niet
op een defect.
38
Menubediening n Blz. 36
2 Instellen van het beeld
Beschikbare
onderdelen
Contrast
Helder
Kleur*1
Tint*1
Scherpte*1
Rood*2
Blauw*2
BrilliantColor™*2 *3
O toets
Q toets
Voor minder
contrast.
Voor minder
helderheid.
Voor minder
intense kleuren.
Om de huidtinten
wat paarser te
maken.
Voor minder
scherpte.
Voor minder
rood.
Voor minder blauw.
Voor het verzwakken
van het effect.
Voor meer
contrast.
Voor een
helderder beeld.
Voor meer
intense kleuren.
Om de huidtinten
wat groener te
maken.
Voor een
scherper beeld.
Voor meer rood.
Voor meer blauw.
Voor het versterken
van het effect.
*1 Wordt niet aangegeven bij de RGB ingangsfunctie.
*2 Niet instelbaar/selecteerbaar wanneer “sRGB”
geselecteerd is.
*3 BrilliantColor™ maakt gebruik van Texas Instruments'
BrilliantColor™ technologie. Wanneer het BrilliantColor™
niveau wordt verhoogd, zal het beeld helderder worden
terwijl de kleurweergave op een hoog niveau blijft.
Opmerking
• Om alle onderdelen terug te stellen, selecteert
u “Reset” en drukt dan op ENTER.
Instellen van de
kleurtemperatuur
Beschrijving
–1
Een lagere kleurtemperatuur voor warme,
roodachtige en gedempte beelden.
0
1
Een hogere kleurtemperatuur voor
koele, blauwachtige en heldere beelden
Opmerking
• De waarden bij “Kleurtmp” zijn alleen voor
algemene toepassingen.
Met deze functie kunnen de zes hoofdkleuren
die het kleurenwiel vormen worden afgesteld,
door de “Kleurschakering”, “Verzadiging” en
“Waarde” van de kleuren te wijzigen.
Beschikbare
instellingen
Beschrijving
C.M.S.Kleurschakering
Voor het instellen van de tint van
de hoofdkleuren.
C.M.S.Verzadiging
Voor het instellen van de
verzadiging van de hoofdkleuren.
C.M.S.-Waarde
Voor het instellen van de
helderheid van de hoofdkleuren.
Reset
De “Kleurschakering”,
“Verzadiging” en “Waarde”
instellingen voor alle kleuren
worden teruggezet op de
fabrieksinstellingen.
Terug
Keert terug naar het menuscherm
“Beeld”.
Instellen van “Kleurschakering”, “Verzadiging”
of “Waarde”
1
Selecteer “Aan” voor “C.M.S. Instelling” in het
“Beeld” menu en druk dan ENTER.
2
Selecteer “C.M.S.” in het “Beeld” menu en druk dan
ENTER.
3
Druk op P of R om “Kleurschakering”, “Verzadiging”
of “Waarde” te selecteren en druk dan op ENTER.
4
Selecteer met P of R de kleur die ingesteld moet
worden en stel de kleur dan met O of Q in.
Voorbeeld van het afstellen van de “Kleurschakering”
Hoofdkleuren
O toets
Q toets
R (Rood)
Dichter naar magenta Dichter naar geel
GE (Geel)
Dichter naar rood
Dichter naar groen
GR (Groen)
Dichter naar geel
Dichter naar cyaan
C (Cyaan)
Dichter naar groen Dichter naar blauw
B (Blauw)
Dichter naar cyaan Dichter naar magenta
M (Magenta) Dichter naar blauw Dichter naar rood
Handige
voorzieningen
Beschikbare
instellingen
4 Instellen van de kleuren
• Wanneer “Verzadiging” wordt geselecteerd,
wordt de geselecteerde kleur
O: lichter. Q: intenser.
• Wanneer “Waarde” wordt geselecteerd, wordt
de geselecteerde kleur
O: donkerder. Q: helderder.
• Om alle instellingen van de kleuren op de
fabrieksinstellingen terug te zetten, selecteert
u “Reset” en drukt dan op ENTER.
39
Beeldinstellingen (“Beeld” menu)
(vervolg)
Menubediening n Blz. 36
5 De filmfunctie selecteren
Deze functie levert hoge afspeelkwaliteit van
afbeeldingen die oorspronkelijk worden
geprojecteerd met 24 fps, zoals films op DVD.
Beschikbare
instellingen
Beschrijving
Auto
Films worden automatisch waargenomen.
Uit
Films worden niet waargenomen.
Opmerking
• Deze functie is beschikbaar voor de volgende
signalen.
Met COMPUTER/COMPONENT invoer:
- 480I
- 576I
Met VIDEO invoer:
- Alle signalen
6 Afbeeldingsruis
verminderen (DNR)
Digitale videoruisonderdrukking (DNR) levert
afbeelding van hoge kwaliteit met een minimale
stippelbeweging en kruiskleurruis.
Beschikbare
instellingen
Beschrijving
Niveau 1
Niveau 2
Stelt het DNR-niveau in voor het bekijken
van een helderdere afbeelding.
Niveau 3
Opmerking
• Deze functie is niet beschikbaar voor sommige
signalen.
40
7 Eco+Stil
Beschikbare
instellingen
Helderheid en stroomverbruik
Aan
Ca. 75%
Uit
100%
Opmerking
• Wanneer “Eco+Stil” op “Aan” staat, is het
geluid van de ventilator en de stroomconsumptie lager dan wanneer “Uit” is
gekozen. (De projectiehelderheid is lager zoals
aangegeven in de tabel.)
Signaalinstelling (“SIG-INS” menu)
Menubediening n Blz. 36
Beeld
1
2
3
4
5
6
7
SIG–INS
Klok
Fase
H-Pos
V-Pos
Reset
Resolutie
Signaaltype
Dynamisch bereik
Videosysteem
Video-ops.
H
SCH
PRJ1
PRJ2
0
0
0
0
1024 x 768
Auto
Standaard
Auto
0 IRE
Signaal info 1024 x 768
48.3 kHz / V
60.0
SEL/INS
1 Het computerbeeld instellen
Indien de optimale beeldkwaliteit niet door
middel van automatische synchronisatie
(Automat.sync.) kan worden verkregen,
gebruik dan de functie SIG-INS.
Beschikbare
Beschrijving
instellingen
Klok
De verticale ruis regelen.
De horizontale ruis regelen (vergelijkbaar
Fase
met tracking op uw videorecorder).
Het beeld op het scherm centreren
H-Pos
door het naar links of naar rechts te
verplaatsen.
Het beeld op het scherm centreren
V-Pos
door het naar boven of naar onder te
verplaatsen.
Opmerking
• Om alle instelbare onderdelen terug te stellen,
kiest u “Reset” en drukt u op ENTER.
• Het instelbereik van en “H-Pos” (H-Position) en
“V-Pos” (V-Position) kan verschillen afhankelijk
van de schermresolutie van de computer.
Normaal gesproken wordt het soort ingangssignaal
gedetecteerd en wordt de juiste resolutie
automatisch ingesteld. Bij sommige signalen kan het
echter nodig zijn om de optimale resolutieinstelling
te kiezen in “Resolutie”, in overeenstemming met de
weergavefunctie van de computer.
Opmerking
Hz
END
3 De instelling signaaltype
Deze functie maakt het mogelijk om het type
RGB of component ingangssignaal voor
COMPUTER/COMPONENT te selecteren.
Beschikbare
Beschrijving
instellingen
Auto
Ingangssignalen worden automatisch
herkend als RGB of component.
RGB
Instelling voor ontvangst van RGBsignalen.
YPbPr
Instelling voor ontvangst van
component-signalen.
4 Het dynamische bereik selecteren
Een optimale afbeelding kan wellicht niet
worden weergegeven als een outputsignaal
van een apparaat dat compatibel is met HDMI,
niet overeenstemt met de inputsignaalsoort
van de projector. Mocht dit voorvallen,
schakel dan om naar “Dynamisch bereik”.
Beschikbare
Beschrijving
instellingen
Auto
Onder de meeste omstandigheden
moet “Auto” worden geselecteerd.
Standaard
Wanneer de zwartniveaus banden
vertonen of zwakker lijken, selecteer
Verbeterd
dan het item dat de beste
afbeeldingskwaliteit oplevert.
Handige
voorzieningen
2 Instellen van de resolutie
ENTER
Opmerking
• Het Dynamisch bereik kan alleen worden
geselecteerd wanneer de “HDMI” ingangsmodus
is geselecteerd.
• Zie “Controleren van het ingangssignaal” op
bladzijde 42 voor informatie over het huidige
geselecteerde ingangssignaal.
41
Signaalinstelling (“SIG-INS” menu)
(vervolg)
Menubediening n Blz. 36
5 Instellen van het
6 videosysteem
De standaardinstelling voor het videosysteem
is “Auto”; het is echter mogelijk dat u geen
duidelijk beeld kunt ontvangen van de
aangesloten audiovisuele apparatuur omwille
van verschillen in het signaal.
In dat geval wijzigt u het videosignaal.
6 Video-instelling
Beschikbare
instellingen
Beschrijving
0 IRE
Stelt het zwartniveau in op 0 IRE.
7.5 IRE
Stelt het zwartniveau in op 7.5 IRE.
Opmerking
Beschikbare instellingen
Auto
PAL
SECAM
*NTSC4.43
• Deze functie is beschikbaar voor de volgende
signalen.
Met COMPUTER/COMPONENT invoer:
- 480I
Met VIDEO invoer:
- NTSC3.58
NTSC3.58
PAL-M
PAL-N
PAL-60
* Bij weergave van NTSC-signalen met
PAL-videoapparatuur.
Opmerking
• Het videosignaal kan alleen in de VIDEO
functie worden ingesteld.
• Wanneer “Auto” is ingesteld voor het
“Videosysteem”, is het mogelijk dat u geen
duidelijk beeld kunt ontvangen vanwege
verschillen in het signaal. In dat geval dient u
handmatig over te schakelen naar het
videosysteem van het bronsignaal.
42
7 Controleren van het
6 ingangssignaal
Deze functie stelt u in staat om de informatie
betreffende het huidige ingangssignaal te
controleren.
Instellen van het geprojecteerde beeld
(“SCH-INS” menu)
Menubediening n Blz. 36
Beeld
1
2
3
4
5
6
7
8
9
0
SIG
SCH-INS
Grootte Aanpassen
Bldverschuiv.
Trapezium
Overscan
OSD Display
Closed caption
Achtergrond
Installatiegids
Projectie
Wandkleur
Taal(Language)
SEL/INS
1 Instellen van de Grootte
Aanpassen functie
Gebruik deze functie om het beeld verticaal of
horizontaal uit te rekken of wanneer de randen
van het beeld niet zichtbaar zijn.
PRJ1
PRJ2
Normaal
0
0
Aan
Aan
Uit
Logo
Aan
Voor
Uit
Nederlands
ENTER
END
3 Trapeziumvorm-correctie
Wanneer het beeld van beneden of van boven
onder een hoek op het scherm wordt
geprojecteerd, kan het beeld vervormd
worden als gevolg van trapeziumvormvertekening. Gebruik deze functie om dit soort
vervorming, Keystone genaamd, te corrigeren.
Opmerking
• Zie blz. 28 en 29 voor nadere bijzonderheden
betreffende de Grootte Aanpassen functie.
• U kunt ook op RESIZE van de afstandsbediening
drukken om de gewenste instelling voor de
Grootte Aanpassen functie te maken. (Zie blz. 28.)
Selecteer “Trapezium” in het “SCHINS” menu en kies de gewenste
instelling met de schuifbalk.
Zie blz. 26 voor verdere informatie over de
trapeziumvorm-correctie.
Q toets
O toets
2 Instellen van de
beeldpositie
U kunt het geprojecteerde beeld in verticale
richting verschuiven.
Opmerking
Q toets
Handige
voorzieningen
O toets
• De trapeziumvorm-correctie kan worden
ingesteld tot een hoek van ongeveer ±40
(PG-LX2000)/±20 (PG-LS2000) graden
(Wanneer de Grootte Aanpassen functie is
ingesteld op “NORMAAL”).
• U kunt ook op KEYSTONE drukken op de
afstandsbediening om het beeld te corrigeren
voor trapeziumvorm-correctie.
Opmerking
• Deze functie is alleen beschikbaar bij sommige
Grootte Aanpassen functies. (Zie blz. 28 en 29.)
43
Instellen van het geprojecteerde beeld
(“SCH-INS” menu) (vervolg)
Menubediening n Blz. 36
4 De overscan instellen
Deze functie stelt u in staat het overscan gebied
(weergave gebied) in te stellen.
Beschrijving
Het invoer gebied wordt weergegeven
zonder de schermranden.
Het volledige invoergebied wordt
weergegeven.
Uit
Opmerking
• Deze functie is beschikbaar voor de volgende
signalen.
Met COMPUTER/COMPONENT of HDMI*
invoer:
- 480P
- 540P
- 576P
- 720P
- 1035I
- 1080I/1080P
* Alleen voor PG-LX2000
• Als er ruis verschijnt aan de schermranden
wanneer “Uit” is gekozen, zet de functie dan
op “Aan”.
• Zie ook “Betreffende auteursrechten” op blz. 29.
5 In/uitschakelen van het
beeldschermdisplay
Beschikbare
instellingen
44
<Alleen voor Amerika>
Info
Beschikbare
instellingen
Aan
6 Closed caption
• Deze functie is beschikbaar voor NTSC3.58
signaal.
• Deze functie werkt niet wanneer de schaalmode
op “Kader” staat.
• Deze functie is alleen in de volgende gevallen
beschikbaar:
Schaalmode
Keystone correctie
Normaal
Gebied Zoomen
V-oprekken
-40 − +40
16:9
-12 − +12
• “Closed caption” is een systeem wat het mogelijk
maakt om conversatie, commentaar en
geluidseffecten in TV programma’s (niet in alle
regio’s) en videos te zien als ondertiteling op het
scherm.
• Niet alle programma’s en videos hebben “Closed
caption”. Let op het
symbool om er zeker van
te zijn dat ondertiteling getoond zal worden.
• Twee kanalen zijn beschikbaar: CC1 en CC2.
Beschikbare
instellingen
Beschrijving
Uit
—
CC1
Closed caption mode voor data CH1
CC2
Closed caption mode voor data CH2
Beschrijving
Aan
Alle beeldschermdisplays worden
weergegeven.
Uit
VOLUME/AV DEMPING/
VASTLEGGEN/AUTOMAT. SYNC./
GROOTTE AANPASSEN/
BEELDMODUS/ECO + STIL/
VERGROTING/Invoer zoeken/Audio
stil/ “U hebt een ongeldige toets
ingedrukt.” worden niet aangegeven.
Opmerking
• “Closed caption” kan niet goed werken (witte
blokken, vreemde karakters etc.) als de
signaalcondities slecht zijn of als er problemen
zijn bij de uitzendingsbron. Dit is niet
noodzakelijk een problem van de projector.
• Als een knop ingedrukt wordt om het
schermmenu weer te geven terwijl u een
uitzending met gesloten ondertiteling bekijkt,
zullen gesloten ondertitelingen verdwijenen.
Menubediening n Blz. 36
7 Kiezen van het
achtergrondbeeld
Beschikbare
instellingen
Logo
Blauw
Geen
Beschrijving
Sharp logoscherm
Blauw scherm
—
8 Selecteren van de Installatiegids
Beschikbare
instellingen
De Installatiegids wordt
weergegeven wanneer de
projector wordt ingeschakeld.
Uit
De Installatiegids wordt niet
weergegeven.
9 De geprojecteerde
beelden draaien/in
spiegelbeeld weergeven
Plafond + voor
Achter
Beschikbare
instellingen
Beschrijving
Uit
De functie wandkleur is niet
geactiveerd.
zwartbord
Projecteert afbeeldingen op een
zwartbord (donkergroen).
witbord
Projecteert afbeeldingen op een
witbord.
Beschrijving
Normaal beeld (geprojecteerd
vanaf de voorkant van het scherm)
Omgekeerd beeld (geprojecteerd
vanaf de voorkant van het scherm
met een omgekeerde projector)
Spiegelbeeld (geprojecteerd
vanaf de achterkant van het
scherm of met een spiegel)
Omgekeerd spiegelbeeld
(geprojecteerd met een spiegel)
Zie blz. 18 voor verdere informatie over de projectieinstellingen (onderdeel Projectie).
Kiezen van de taal voor
de beeldschermaanduidingen (OSD)
Er zijn 18 talen beschikbaar voor de
beeldschermdisplay-aanduidingen.
English
Deutsch
Español
Nederlands
Français
Italiano
Svenska
Português
polski
Magyar
Türkçe
Tiếng Việt
Handige
voorzieningen
Plafond + achter
Met deze functie kunt u de afbeelding op een
gekleurd (wit of donkergroen) oppervlak of
wand zonder scherm projecteren.
Beschrijving
Aan
Beschikbare
instellingen
Voor
0 Selecteren van de wandkleur
45
Instellen van de projectorfunctie (“PRJ-INS1/2” menu)
Menubediening n Blz. 36
Q PRJ-INS2
Q PRJ-INS1
Beeld
SIG
SCH
PRJ-INS1
Beeld
PRJ2
1
2
3
4
Automat. sync.
Auto Power Off
Automatisch herstarten
Luidspreker
Aan
Aan
Aan
Aan
5
6
7
Ventilatormodus
Syst.vergrend.
functievergrendeling
Normaal
Uit
Uit
SIG
ENTER
Aan
9
0
FUNCTION knop
STANDBY-modus
Invoer zoeken
Snelstart
DLP® Link TM
DLP® Link TM Omkeren
Alles terugstellen
Uit
Beschikbare
Beschrijving
instellingen
Aan
De automatische synchronisatie wordt
uitgevoerd wanneer de projector wordt
ingeschakeld of als een ander ingangssignaal
wordt gekozen, indien het apparaat op een
computer is aangesloten.
Uit
De automatische synchronisatie wordt
niet uitgevoerd.
Opmerking
• Automatische synchronisatie kan ook worden
uitgevoerd door op AUTO SYNC te drukken.
• Het uitvoeren van de automatische synchronisatie
kan even duren, afhankelijk van het beeld van de
computer die op de projector is aangesloten.
• Wanneer met automatische synchronisatie
geen optimaal beeld wordt verkregen, moet u
de instellingen handmatig maken. (Zie blz. 41.)
2 Auto Power Off functie
(Automatische uitschakelfunctie)
Beschikbare
Beschrijving
instellingen
De projector komt automatisch in de ruststand
Aan
(standby) te staan wanneer er langer dan 15
minuten geen ingangssignaal wordt ontvangen.
Uit
De Auto Power Off functie is geïnactiveerd.
Opmerking
• Wanneer de Auto Power Off functie (automatische
uitschakelfunctie) is ingesteld op “Aan”, verschijnt 5 minuten
voordat de projector in de ruststand (standby) komt te staan
het bericht “Inschakeling STANDBY-modus over X min.” op
het scherm om het resterende aantal minuten aan te geven.
46
SEL/INS
END
1 Automat. sync. (Automatische
synchronisatie-instelling)
PRJ-INS2
Snelstartmenu
Lamptimer (duur)
SEL/INS
PRJ1
SCH
8
0 u
0 min 100%
ENTER
END
3 Automatisch Herstarten Functie
Beschikbare
instellingen
Beschrijving
Aan
Als het netsnoer niet in het stopcontact
zit of de schakelaar staat uit wanneer de
projector aan staat, dan gaat de projector
automatisch aan wanneer u het netsnoer
in het stopcontact steekt of wanneer de
schakelaar aanstaat.
Uit
De projector gaat niet automatisch aan
wanneer het netsnoer in het stopcontact
wordt gestoken of de schakelaar aan staat.
4 Luidspreker-instelling
Beschikbare
Beschrijving
instellingen
Aan
Het geluid wordt via de interne
luidspreker weergegeven.
Uit
Het geluid wordt niet via de interne
luidspreker weergegeven.
5 Ventilatormodus-instelling
Gebruik deze functie om de draaisnelheid van
de ventilator te veranderen.
Beschikbare
Beschrijving
instellingen
Normaal
Geschikt voor een normale omgeving.
Hoog
Selecteer deze instelling wanneer u de
projector op een hoogte van meer dan
1.500 meter (4.900 voet) gebruikt.
Wanneer “Ventilatormodus” is ingesteld op “Hoog”, zal
de draaisnelheid van de ventilator hoger zijn en is er
ook meer lawaai van de ventilator.
Menubediening n Blz. 36
6 Systeemvergrendeling-functie
4
Deze functie voorkomt ongeoorloofd gebruik
van de projector. Wanneer deze functie
geactiveerd is, moet de gebruiker de juiste
toegangscode invoeren telkens wanneer de
projector wordt ingeschakeld. Wij raden u
aan de toegangscode op een veilige plaats
te noteren.
Opmerking
• U kunt niet de volgende toetsen voor
de toegangscode gebruiken:
STANDBY/ON, ON, STANDBY,
ENTER, RETURN en MENU
• De systeemvergrendeling-functie
herkent elke toets op de
afstandsbediening of op de
projector als een afzonderlijke
toets, ook als deze dezelfde
toetsnaam hebben. Als u de
toetsen op de projector hebt
gebruikt voor het instellen van de
toegangscode, kan de
toegangscode niet met de
afstandsbediening geannuleerd
worden.
Info
• Als u uw toegangscode verliest of vergeet, neem
dan contact op met uw dichtstbijzijnde officiële
Sharp projectordealer of servicecentrum (zie blz.
69). Zelfs wanneer het apparaat nog onder de
garantie is, zal het terugstellen van de
toegangscode in rekening worden gebracht.
a Instellen/wijzigen van de toegangscode
1
Druk op vier toetsen van de
afstandsbediening of de projector
om de nieuwe toegangscode in
“Nieuwe code” in te voeren.
Selecteer “Syst. vergrend.” en
druk dan op ENTER of Q.
PRJ-INS1
2
Syst.vergrendeling instellen
Selecteer “Volgend” en druk dan
op ENTER.
Oude code
Nieuwe code
Herbevestigen
• Het scherm voor het invoeren van de
toegangscode verschijnt.
3
Druk op de juiste vier toetsen van de
afstandsbediening of de projector
om de bestaande toegangscode in
“Oude code” in te voeren.
• Wanneer de toegangscode de eerste maal
wordt ingesteld, moet u viermaal op R van
de projector drukken.
PRJ-INS1
Oude code
Nieuwe code
Herbevestigen
– – – –
– – – –
– – – –
Opmerking
• Als u een verkeerde toegangscode invoert, zal
de cursor terugkeren naar de eerste positie
van de “Oude code”.
• De vooringestelde toegangscode is 4 R
toetsen op de projector. Als u viermaal op de
R toets drukt, zal het toegangscodeinvoerscherm verdwijnen.
Voer dezelfde toegangscode in
“Herbevestigen” in.
Opmerking
Annuleren van de toegangscode die u reeds
hebt ingesteld
• Druk viermaal op R van de projector in de
bovenstaande stappen 4 en 5.
Wanneer de systeemvergrendeling is
ingesteld
• Wanneer de systeemvergrendeling geactiveerd
is, verschijnt er een invoervakje voor de
toegangscode nadat het apparaat is
ingeschakeld. U moet in dit vakje de juiste
toegangscode invoeren om de projector te
kunnen gebruiken.
Handige
voorzieningen
Syst.vergrendeling instellen
5
****
– – – –
– – – –
Invoerscherm voor toegangscode
Syst.vergrend.
– – – –
47
Instellen van de projectorfunctie (“PRJ-INS1/2” menu)
(vervolg)
Menubediening n Blz. 36
Uitschakelen van de Toetsvergrendeling
7 Toetsvergrendeling
Gebruik deze functie om de bedieningstoetsen
op de projector te vergrendelen.
Deze functie kan worden ingesteld met behulp
van het menuscherm of ENTER op de projector.
Houd ENTER op de projector ongeveer 5
seconden ingedrukt.
Beeldschermdisplay
Toetsvergrendeling UIT
a Instellen met het menuscherm
Info
Beschikbare
instellingen
Beschrijving
Aan
Alle toetsen op de projector, behalve
STANDBY/ON, zijn vergrendeld.
Uit
Zet de functie voor toetsvergrendeling
uit.
a Instellen met de projectortoetsen
Vergrendelen van de bedieningstoetsen
1
Houd ENTER op de projector
ongeveer 5 seconden ingedrukt
terwijl de projector ingeschakeld is.
• Het functiescherm voor toetsvergrendeling
wordt weergegeven.
PRJ-INS1
Gebruik deze functie om de bedieningsknop
op de projector te vergrendelen.
(Behalve STANDBY/ON knop)
Opm: U kunt de functievergr. Opheffen door
op de proj. ongev. 5 sec. op ENTER te drukken.
Terug
Aan
SEL
2
ENTER
END
Selecteer “Aan”, en druk dan op
ENTER.
Beeldschermdisplay
Toetsvergrendeling AAN
• De toetsvergrendelingsfunctie heeft geen invloed
op de toetsen van de afstandsbediening.
• U kunt de toetsvergrendelingsfunctie niet gebruiken
wanneer de projector aan het opwarmen is.
48
• Ook als de functie toetsvergrendeling op “Aan”
staat, kan STANDBY/ON op de projector
worden gebruikt om de stroomtoevoer aan of uit
te zetten.
• De toetsvergrendelingsfunctie is niet instelbaar
in de volgende gevallen: tijdens weergave van
de “Installatiegids” of “Menu” schermen, in de
ruststand (standby), tijdens opwarmen, bij
veranderen van het ingangssignaal, bij gebruik
van de Automat. sync. of Functie “Invoer
zoeken”, in de Vastleggen modus of bij het
“Syst.vergrend.” scherm tijdens opwarmen.
Menubediening n Blz. 36
8 Selecteren van het
snelstartmenu
Beschikbare
instellingen
Aan
Uit
Beschrijving
Drukken op MENU geeft het
scherm Snelstartmenu weer.
Drukken op MENU geeft het
menuscherm Voltooien weer.
9 Instellen van de werking
van de FUNCTION-knop
U kunt een van de volgende functies aan de
FUNCTION-toets op de afstandsbediening
toewijzen. De toegewezen functie kan worden
uitgevoerd door het indrukken van FUNCTION.
Beschikbare
instellingen
Invoer zoeken
Audio stil
Bldverschuiv.
Signaal info
Beschrijving
Zoekt automatisch en schakelt
naar de geschikte invoermodus.
Voor het tijdelijk uitzetten van het
geluid. Druk nogmaals op FUNCTION
om het geluid weer aan te zetten
Voor het verticaal verplaatsen
van de geprojecteerde
afbeelding. (Zie blz. 43.)
Informatie van het invoersignaal
wordt weergegeven.
Terugkeren naar de
standaardinstellingen
Met deze functie kunt u de gemaakte
projectorinstellingen initialiseren.
Opmerking
• De volgende instellingen kunnen niet worden
geïnitialiseerd.
- Resolutie
- Taal(Language)
- Lamptimer (duur)
- Syst.vergrend
Controleren van de
levensduur van de lamp
U kunt de totale gebruikstijd van de lamp en
de resterende levensduur van de lamp
(percentage) controleren.
Gebruiksomstandigheid
van lamp
“Duur” (Levensduur)
Resterende levensduur
van de lamp
100%
5%
Gebruik met “Eco+Stil”
altijd ingesteld op “Aan”
Ca. 5.000
uur
Ca. 250 uur
Gebruik met “Eco+Stil”
altijd ingesteld op “Uit”
Ca. 3.000
uur
Ca. 150 uur
0 STANDBY-modus
Beschikbare
instellingen
Opmerking
Beschrijving
Stroomverbruik wordt minder in
standby-modus.
Snelstart
De opstartperiode is korter.
DLP® LinkTM
Zie “3D-weergavemodus gebruiken” op blz.
52 voor details.
Handige
voorzieningen
Eco
• Wij raden u aan de lamp te vervangen
wanneer de resterende levensduur van de
lamp 5% is geworden.
• De levensduur van de lamp kan variëren
afhankelijk van de gebruiksomstandigheden.
DLP® LinkTM Omkeren
Zie “3D-weergavemodus gebruiken” op blz.
52 voor details.
49
Stereoscopische 3D-beelden bekijken
Voorzorgen om stereoscopische 3D-beelden te bekijken
Lees deze sectie zorgvuldig voordat u stereoscopische 3D-beelden bekijkt.
WAARSCHUWING
■ Onder normale omstandigheden is het bekijken van stereoscopische 3D-beelden veilig voor de
duur net als u normaal naar uw scherm zou kijken. Sommige mensen kunnen echter ongemakken
ondervinden. De volgende voorzorgen worden aanbevolen om het potentieel van visuele
problemen of andere nadelige symptomen te ondervinden tot een minimum te beperken.
■ Neem geregeld een pauze, ten minste van 5 tot 15 minuten na iedere 30 tot 60 minuten van
stereoscopisch 3D kijken.
* Gebaseerd op de richtlijnen opgesteld door het 3D Consortium, herzien op 10 december, 2008.
■ Houd u op een gepaste afstand van het scherm. Van te dichtbij kijken kan uw ogen overbelasten.
Als u oogvermoeidheid ondervindt, moet u onmiddellijk stoppen met kijken.
Als u een van de volgende symptomen ondervindt tijdens het kijken:
• misselijkheid, walging/duizeligheid, hoofdpijn, wazig zicht of dubbel zicht dat langer duurt dan
enkele seconden
Onderneem geen potentieel gevaarlijke activiteit (bijvoorbeeld, een voertuig besturen) tot uw
symptomen volledig zijn verdwenen. Als de symptomen blijven, het gebruik onderbreken en het
bekijken van stereoscopische 3D-weergave niet hervatten tot u de symptomen met een arts bespreekt.
• Naargelang het bekijken van stereoscopische 3D-beelden comfortabeler wordt:
• De parallax op de 3D-video afspeelapparatuur instellen. (Op sommige modellen van de
apparatuur kunt u de parallal niet instellen.)
• Het geprojecteerde beeld instellen op de meest comfortabele beeldgrootte door te zoomen.
(Beelden projecteren op de kleinst of grootst mogelijke schermgrootte kan het stereoscopische
effect elimineren en uw ogen overbelasten.)
• Gebruik de DLP® Link™ Invert-functie om de video gepast in te stellen voor uw linker- en
rechteroog. (Voor details over het gebruik van “DLP® Link™ Omkeren”, zie de sectie over zijn
bediening in deze gebruiksaanwijzing.)
■ De volgende mensen moeten het bekijken van stereoscopische 3D-beelden beperken:
– Kinderen onder de 6 jaar (om het proces van de ooggroei te beschermen)
– Mensen met antecedenten van lichtgevoeligheid
– Mensen met een hartziekte
– Mensen met een zwakke gezondheid
– Mensen met een tekort aan slaap
– Mensen die fysiek vermoeid zijn
– Mensen onder invloed van drugs of alcohol
■ Epilepsie
Een klein percentage van de bevolking kan epileptische aanvallen ondervinden bij het bekijken
van bepaalde typen van beelden die knipperende lichtpatronen bevatten.
ALS U OF EEN FAMILIELID ANTECEDENTEN VAN EPILEPSIE HEEFT
De volgenden mensen moeten een arts raadplegen vooraleer stereoscopische 3D-beelden te bekijken.
– Iedereen met antecedenten van epilepsie, of iemand die een familielid heeft met
antecedenten van epilepsie
– Kinderen onder de 6 jaar
– Iedereen die epileptische aanvallen heeft gehad of zintuiglijke stoornissen veroorzaakt door
knipperende lichteffecten
BEPAALDE LICHTPATRONEN KUNNEN LEIDEN TOT AANVALLEN BIJ PERSONEN
ZONDER VOORGAANDE ANTECEDENTEN OF EPILEPSIE
Onderbreek het gebruik als u een van de volgende symptomen ondervindt bij het bekijken van
stereoscopische 3D-beelden.
– Onvrijwillige bewegingen, oog- of spiertrekkingen
– Spierkrampen
– Misselijkheid, duizeligheid of walging
– Krampen
– Desoriëntatie, verwarring of verlies van bewustzijn van uw omgeving
50
Informatie over de 3D-projectiefunctie
•
Om 3D-beelden weer te geven vereist deze projector:
WAT U NODIG HEBT
1) Bronapparatuur die het volgrasterformaat ondersteunt
– Voor details over de ondersteunde signalen, zie de compatibiliteitskaart in deze
gebruiksaanwijzing.
2) 3D LCD sluiterbril die het DLP® Link™* systeem ondersteunt
– Neem contact op met uw dichtstbijzijnde officiële Sharp projectordealer voor aankoopdetails.
* DLP® Link™ is een handelsmerk van Texas Instruments.
•
Het geprojecteerde beeld kan donker worden bij gebruik van de 3D-projectiefunctie (met “DLP®
Link™” instelling op “Aan”).
•
Wanneer “DLP® Link™” is ingesteld op “Aan” werken de volgende functies mogelijk niet volledig of
zijn helemaal niet beschikbaar.
– Trapezium/Grootte Aanpassen/Vergroten
•
3D-formaten, behalve voor de volgrastermethode, zoals die gebruikt voor Blu-ray 3D of DVD
voorverpakte media zijn niet compatibel met deze projector. (Vanaf maart 2012)
•
Als het vermogen van uw linker- en rechteroog erg verschillen en u een oog vooral gebruikt om
beelden te bekijken, zullen de beelden niet in 3D verschijnen.
Bovendien kan het moeilijk zijn om in 3D te bekijken of beelden worden niet gezien in 3D
afhankelijk van het individu of de inhoud die wordt weergegeven.
Het stereoscopische effect varieert naargelang de persoon.
•
Bekijken van 3D is mogelijk binnen het bereik waarin de 3D LCD-sluiterbril lichtsignalen kan
ontvangen die door het scherm worden gereflecteerd. Maar de meeste 3D-beelden worden
geproduceerd om te worden bekeken recht vooraan het scherm, dus wordt aangeraden om 3D zo
recht mogelijk voor het scherm te bekijken.
– Het bereik om signalen te ontvangen is afhankelijk van de 3D LCD-sluiterbril. Voor details, zie de
gebruiksaanwijzing van uw 3D LCD-sluiterbril.
•
3D-beelden worden mogelijk niet juist afgespeeld op uw computer.
Bijlage
■ Hoe de 3D-projectiefunctie (DLP Link™) werkt
De 3D-projectiefunctie van deze projector is compatibel met het DLP® Link™ systeem. Om 3Dbeelden te bekijken, gebruik een 3D LCD-sluiterbril die de geprojecteerde beelden afwisselend
voor het linker- en rechteroog weergeeft en gesynchroniseerd is met een controle (licht)signaal.
Sluiterbril controle
lichtsignaal*
Handige
voorzieningen
* Het controle lichtsignaal wordt verzonden van de lens van de projector, weerspiegeld door het
scherm en ontvangen door de ontvangstsensor van het licht op de 3D LCD-sluiterbril. Daarom
varieert het bereik van de 3D-weergave afhankelijk van de specificaties van de 3D LCD-sluiterbril
(ontvangstgevoeligheid van lichtsignaal).
Voor details, zie de gebruiksaanwijzing van uw 3D LCD-sluiterbril.
51
Stereoscopische 3D-beelden bekijken (vervolg)
6
3D-weergavemodus gebruiken
Gebruik de volgende procedure om 3Dbeelden te projecteren.
Voor bediening van de 3D LCD-sluiterbril
en de 3D-videoafspeelapparatuur, zie de
overeenkomstige gebruiksaanwijzing.
Druk op 3D MODE op de
afstandsbediening om het 3Dmodusmenu weer te geven.
Info
• Als “U hebt een ongeldige toets ingedrukt.”
Wordt weergegeven, komt er geen geschikt
3D-invoersignaal binnen. Controleer het
uitvoersignaal op de afspeelapparatuur.
ENTER toets
O/Q toetsen
7
Druk op Q om “DLP® Link™” op
“Aan” te zetten.
8
Druk op ENTER om de modus te
veranderen en natuurlijker
3D-beeldweergave te activeren.
3D MODE toets
Waarschuwing!
• Als de projector, 3D-videoafspeelapparatuur
en 3D LCD-sluiterbril niet juist zijn ingesteld
ondervindt u mogelijk oogvermoeidheid
naast het feit dat u niet in staat bent om de
beelden in 3D te bekijken.
3D-beelden projecteren
1
Schakel de projector in.
2
Schakel de 3Dvideoafspeelsapparatuur in.
9
• Stel de 3D-videoafspeelapparatuur zo in
dat ze een van de signalen uitzendt uit de
lijst in de compatibiliteitskaart in deze
gebruiksaanwijzing.
3
Schakel de ingangsmodus in van
de projector om invoer van 3Dvideosignalen mogelijk te maken.
4
Bedien de 3Dvideoafspeelapparatuur en speel
de 3D-inhoud af.
5
Schakel de 3D LCD-sluiterbril in
en plaats hem over uw ogen.
Opmerking
• Herhaal de stappen 6 tot 8 als de beelden niet
worden weergegeven in 3D.
• U kunt ook “DLP® Link™” en “DLP® Link™
Omkeren” in het menuscherm gebruiken om
de 3D-instelling te wijzigen.
3D-projectie beëindigen
1
Druk op 3D MODE op de
afstandsbediening om het 3Dmodusmenu weer te geven.
2
Druk op O om “DLP® Link™” op
“Uit” te zetten.
3
52
Druk op 3D MODE.
• Het 3D-modusmenu verdwijnt.
Druk op 3D MODE.
• Het 3D-modusmenu verdwijnt.
Onderhoud
Reinigen van de projector
■ Haal de stekker uit het stopcontact voordat u
begint met het reinigen van de projector.
■ De behuizing en ook het bedieningspaneel zijn
gemaakt van plastic. Gebruik geen benzeen of
witte spiritus want deze middelen kunnen de
afwerking van het apparaat aantasten.
■ Gebruik geen sterke chemische middelen
zoals insectenverdelgingsmiddelen in de
buurt van de projector.
Bevestig niet voor langere tijd rubber of
plastic voorwerpen aan de projector.
De middelen die in het plastic e.d. worden
gebruikt, kunnen namelijk de afwerking van
de projector aantasten.
■ Veeg het vuil voorzichtig met een zachte
flanellen doek van de projector.
Het gebruik van een chemische doek (nat/droog
doekje, enz.) kan leiden tot vervorming van de
onderdelen van de kast of barsten veroorzaken.
■ Door het afvegen met een harde doek of
door het gebruik van veel kracht kunnen er in
het oppervlak van de kast krassen ontstaan.
■ Voor het verwijderen van hardnekkig vuil kunt
u de doek met een zacht reinigingsmiddel,
verdund met water, bevochtigen. Wring de
doek goed uit en veeg de projector schoon.
Sterke chemische reinigingsmiddelen kunnen
verkleuring, kromtrekken of andere beschadiging
van de afwerking van de projector veroorzaken.
Test het reinigingsmiddel dat u gaat gebruiken
op een verborgen gedeelte van de projector om
te controleren of er geen beschadigingen
worden veroorzaakt.
Reinigen van de lens
■ Maak de lens met een los verkrijgbaar
blaasborsteltje of met lensreinigingspapier
(voor een bril en cameralens) schoon.
Gebruik geen vloeibare reinigingsmiddelen
want deze kunnen de afwerkingslaag op het
oppervlak van de lens aantasten.
■ Het oppervlak van de lens kan gemakkelijk
beschadigd raken, dus let erop dat u niet
tegen de lens stoot of er krassen op maakt.
Voorzichtig
• Gebruik geen glasreiniger om de lens schoon te
maken.
• Raak de lens niet aan met de handen om
vingerafdrukken op de lens te vermijden en
schade aan de lensoppervlakte te voorkomen.
Reinigen van de uitlaat- en inlaatopeningen
■ Gebruik een stofzuiger om stof te verwijderen
van de uitlaat- en inlaatopeningen.
del
mid
ings
inig
ht re
Zac
Zacht reinigingsmiddel
verdund met water
Info
• Als u de ventilatieopeningen van de projector
wilt reinigen, moet u altijd eerst op STANDBY/
ON van de projector of op STANDBY van de
afstandsbediening drukken om de projector in
de ruststand (standby) te zetten. Nadat de
koelventilator is gestopt, kunt u beginnen met
het reinigen van de ventilatieopeningen.
Aanhangsel
Boenwas
Witte
spiritus
53
Onderhoudsindicators
■ De waarschuwingslampjes (spanningsindicator, lampindicator en temperatuurwaarschuwingsindicator) op de projector kunnen een probleem in de projector aangeven.
■ Als er een probleem optreedt, zal de temperatuur-waarschuwingsindicator of de lampindicator
rood oplichten en komt de projector in de ruststand (standby) te staan. Nadat de projector in
de ruststand (standby) is komen te staan, volgt u de hierna gegeven aanwijzingen.
Bovenkant
Temperatuur-waarschuwingsindicator
Lampindicator
Spanningsindicator
Betreffende de temperatuur-waarschuwingsindicator
Als de temperatuur binen de projector stijgt, door blokkade van de luchtgaten, of door de lokatie, zal de
temperatuur-waarschuwingsindicator gaan knipperen. Als de temperatuur blijft stijgen, zal
“
” gaan branden in de hoek linksonder vanhet beeld met het knipperen van de temperatuurwaarschuwingsindicator. Als deze situatie voortduurt, zal de lamp uitgaan, de ventilator zal gaan draaien en
de projector zal in standby modus gaan staan. Als u merkt dat het temperatuur waarschuwingslampje
knippert, neem dan de maatregelen beschreven op blz. 55.
Betreffende de lampindicator
■ Wanneer de resterende levensduur van de lamp 5% of minder wordt, verschijnen de aanduidingen
(geel) en “Vervang de lamp” op het scherm. Als het aangegeven percentage 0% wordt,
verandert de aanduiding in (rood), waarna de lamp wordt uitgeschakeld en de projector
automatisch in de ruststand (standby) komt te staan. De lampindicator zal dan rood oplichten.
■ Als u de vierde maal probeert om de projector in te schakelen zonder dat de lamp
vervangen is, kan de projector niet meer ingeschakeld worden.
Indicators op de projector
Spanningsindicator Brandt rood
Brandt groen
Knippert rood
Knippert groen
Lampindicator
Brandt groen
Knippert groen
Brandt rood
TemperatuurUit
waarschuwingsindicator Brandt rood/
Knippert rood
54
Normaal (ruststand)
Normaal (ingeschakeld)
Abnormaal (Zie blz. 55.)
Normaal (afkoelen)
Normaal
De lamp is aan het opwarmen.
De lamp wordt op een abnormale wijze uitgeschakeld of
moet vervangen worden. (Zie blz. 55.)
Normaal
De temperatuur in het inwendige is erg hoog. (Zie blz. 55.)
Onderhoudsindicator
Normaal
Temperatuurwaarschuwingsindicator
Lampindicator
Spanningsindicator
Uit
Brandt
groen
(Knippert
groen
wanneer
de lamp
aan het
opwarmen
is.)
Brandt
groen/
brandt
rood
Knippert
groen
(afkoelen)
Abnormaal
Probleem
Knippert
De temperatuur
rood
in het inwendige
(inschakelen)/ is erg hoog.
Brandt rood
(standby)
Brandt
rood
Brandt
rood
(standby)
Knippert
rood
De lamp brandt
niet.
Oorzaak
Mogelijke oplossing
• Temperatuur rond
de projector is
hoog.
• Ventilatieopening
geblokkeerd
• Gebruik de projector in een
ruimte met een temperatuur
lager dan 95°F (+35ºC).
• Zet de projector op een
plaats waar een goede
doorstroming van lucht
mogelijk is. (Zie blz. 8.)
• Koelventilator
defect
• Interne circuit
defect
• Ventilatieopening
verstopt
• Breng de projector naar uw
dichtstbijzijnde officiële
Sharp projectordealer of
servicecentrum (zie blz. 69)
om het apparaat te laten
repareren.
• Haal de stekker van het
• De lamp wordt op
netsnoer uit het stopcontact
een abnormale
en steek deze daarna weer in
wijze uitgeschakeld.
het stopcontact.
De lamp moet
• Resterende
• Vervang de lamp
vervangen worden.
levensduur van de
voorzichtig. (Zie blz. 56.)
lamp is 5% of minder. • Breng de projector naar uw
dichtstbijzijnde officiële
• Lamp is
De lamp brandt
Sharp projectordealer of
doorgebrand
niet.
servicecentrum (zie blz. 69)
• Lampcircuit defect
om het apparaat te laten
repareren.
• Ga uiterst voorzichtig te
werk wanneer u de lamp
vervangt.
• Breng het deksel stevig aan.
De
• De stoffilterhouder
spanningsindicator
of het deksel van
knippert rood
het lamphuis is
terwijl de projector
open.
ingeschakeld is.
• Als de spanningsindicator in
het rood knippter zelfs als de
lampkap goed vastzit, neem
dan contact op met uw
dichtstbijzijnde officiële
Sharp projectordealer of
servicecentrum (zie blz. 69)
voor advies.
Info
Aanhangsel
• Als de temperatuur-waarschuwingsindicator oplicht en de projector in de ruststand (standby) komt te
staan, neemt u de hierboven beschreven maatregelen en wacht dan totdat de projector volledig is
afgekoeld voordat u het netsnoer weer aansluit en het apparaat opnieuw inschakelt. (Ten minste 10
minuten.)
• Als tijdens het gebruik van de projector de stroomvoorziening even onderbroken wordt als gevolg van
het uitvallen van de stroom of een andere oorzaak en de stroomvoorziening dan weer meteen hersteld
wordt, zal de lampindicator rood oplichten en is het mogelijk dat de projectorlamp niet brandt. In dit
geval moet u de stekker uit het stopcontact halen en dan weer in het stopcontact steken, waarna u het
apparaat opnieuw inschakelt.
• De koelventilator regelt de inwendige temperatuur automatisch en zorgt ervoor dat deze op een constante
waarde blijft. Het geluid van de koelventilator kan veranderen tijdens het gebruik van de projector omdat de
snelheid van de ventilator verandert, maar dit is geen defect.
55
Betreffende de lamp
Lamp
■ Wij raden u aan de lamp (los verkrijgbaar) te vervangen wanneer de resterende levensduur van de lamp
5% of minder wordt of wanneer u een aanzienlijke vermindering van de beeld- en kleurkwaliteit vaststelt.
De levensduur van de lamp (percentage) kan gecontroleerd worden op het beeldschermdisplay. (Zie blz. 49.)
■ Koop een vervangingslamp van het type AN-LX20LP in de winkel waar u het apparaat hebt gekocht of
bij uw dichtstbijzijnde officiële Sharp projectordealer of servicecentrum.
BELANGRIJKE INFORMATIE VOOR DE KLANTEN IN DE VERENIGDE STATEN:
De lamp die in deze projector wordt gebruikt, heeft een 90-dagen durende garantie
op onderdelen en arbeidskosten. Alle onderhoud aan deze projector die onder de
garantie valt, inclusief het vervangen van de lamp, moet door een officiële Sharp
projectordealer of servicecentrum worden uitgevoerd. Voor de naam van uw
dichtstbijzijnde officiële Sharp projectordealer of servicecentrum kunt u het volgende
nummer bellen (gratis): 1-888-GO-SHARP (1-888-467-4277).
ALLEEN VOOR DE VS
Belangrijke opmerkingen betreffende de lamp
■ In deze projector wordt een hogedruk-kwiklamp gebruikt. Wanneer de lamp doorbrandt, hoort u
mogelijk een luid geluid. De lamp kan defect raken als gevolg van diverse oorzaken zoals: harde
schokken, onvoldoende afkoelen, krassen op de lamp of overschrijding van de levensduur.
De periode tot het defect raken van de lamp varieert afhankelijk van de lamp en/of de toestand en
frequentie van gebruik. Houd er rekening mee dat de lamp bij het defect raken vaak zal barsten.
■ Wanneer de lampvervangingsindicator en het beeldscherm-pictogram branden, raden wij u aan de
lamp meteen door een nieuwe te vervangen, ook wanneer de lamp normaal lijkt te werken.
■ Mocht de lamp barsten, dan bestaat de kans dat er glassplinters in het inwendige van de projector
verspreid worden. In dat geval verdient het aanbeveling contact op te nemen met uw dichtstbijzijnde
officiële Sharp projectordealer of servicecentrum om de beschadigde lamp te laten verwijderen zodat
een veilige werking gewaarborgd is.
■ Mocht de lamp barsten, dan kunnen de glassplinters in het lamphuis verspreid worden of het gas dat in
de lamp is kan via de uitlaatopening in de kamer terechtkomen. Aangezien het gas dat in deze lamp is
kwik bevat, moet u de ruimte goed ventileren wanneer de lamp barst en tevens blootstelling aan het
ontsnapte gas voorkomen. Indien u toch aan het gas wordt blootgesteld, dient u meteen de hulp van
een arts in te roepen.
Vervangen van de lamp
Voorzichtig
• Verwijder de lamp niet meteen nadat u de projector hebt gebruikt. De lamp zal zeer heet zijn en kan
brandwonden of ander letsel veroorzaken.
• Wacht minstens één uur nadat de stekker uit het stopcontact is getrokken zodat het oppervlak van de
lampeenheid helemaal kan afkoelen alvorens de lampeenheid te verwijderen.
■ Vervang de lamp door de volgende aanwijzingen nauwkeurig op te volgen.
* U kunt de lamp ook bij uw dichtstbijzijnde officiële Sharp projectordealer of servicecentrum
laten vervangen.
* Als de nieuwe lamp niet brandt nadat u deze aangebracht hebt, dient u de projector voor reparatie naar uw
dichtstbijzijnde officiële Sharp projectordealer of servicecentrum te brengen.
56
Verwijderen en aanbrengen
van de lampeenheid
Waarschuwing!
• Verwijder de lamp niet meteen nadat u de
projector hebt gebruikt. De lamp en de
omringende onderdelen zullen zeer heet zijn
en kunnen brandwonden of ander letsel
veroorzaken.
Los
verkrijgbaar
accessoire
Lampeenheid
AN-LX20LP
Info
• Raak niet het glas van het lamphuis of onderdelen
in het inwendige van de projector aan.
• Volg de onderstaande aanwijzingen nauwkeurig
op om letsel en beschadiging van de lamp te
voorkomen.
• Draai geen andere schroeven los dan die van
het lamphuisdeksel en het lamphuis.
STANDBY/ON toets
1
Druk op STANDBY/ON van de
projector of op STANDBY van de
afstandsbediening om de projector
in de ruststand (standby) te zetten.
2
Maak het netsnoer los.
3
• Haal de stekker van het netsnoer uit de
netstroomaansluiting.
• Laat de lamp volledig afkoelen (ongeveer 1
uur).
Netstroomaansluiting
Verwijder het deksel van het
lamphuis.
• Draai de onderhoudsschroef (1) los
waarmee het deksel van het lamphuis is
bevestigd. Schuif het deksel van het
lamphuis in de richting van de pijl en til het
daarna omhoog (2).
Aanhangsel
Onderhoudsschroef
(voor deksel van lamphuis)
57
Betreffende de lamp (vervolg)
4
5
6
Verwijder het lamphuis.
• Draai de bevestigingsschroef van het
lamphuis los. Pak het lamphuis en trek dit
in de richting van de pijl naar buiten. Houd
het lamphuis bij het verwijderen horizontaal
en kantel dit niet schuin.
Bevestigingsschroef
Steek het nieuwe lamphuis naar binnen.
• Druk de lamp stevig in de lamphouder om de
lampaansluitingen op elkaar af te stemmen.
Draai de bevestigingsschroef vast.
Breng het deksel van het lamphuis
weer aan.
• Schuif het deksel van het lamphuis
horizontaal op zijn plaats terug en stem de
tabs op elkaar af (1). Draai vervolgens de
onderhoudsschroef (2) vast om het deksel
van het lamphuis stevig te bevestigen.
Info
• Als het lamphuis en het deksel niet juist
zijn aangebracht, kan de projector niet
worden ingeschakeld, ook al is het
netsnoer op de projector aangesloten.
Terugstellen van de lamptimer
Stel de lamptimer terug wanneer u de lamp vervangt.
Info
• De lamptimer mag alleen na het vervangen
van de lamp worden teruggesteld. Als u de
lamptimer terugstelt en dan dezelfde lamp
blijft gebruiken, kan de lamp beschadigd
worden of exploderen.
58
1
Sluit het netsnoer aan.
2
Stel de lamptimer terug.
• Sluit het netsnoer op de netstroomaansluiting
van de projector aan.
• Tijdens het gelijktijdig indrukken van
MENU, ENTER en R op de projector,
druk op STANDBY/ON op de projector en
houd alle vier de toetsen ingedrukt totdat
het lampindicator groen begint te
knipperen.
• De “LAMP 0000H” aanduiding verschijnt
om aan te geven dat de lamptimer is
teruggesteld.
Netstroomaansluiting
STANDBY/ON
toets
ENTER toets
MENU toets
R toets
RS-232C technische gegevens en commando-instellingen
Computer-gestuurde bediening
Een computer kan worden gebruikt voor het bedienen van de projector door
aansluiting van een RS-232C seriële bedieningskabel (kruiskabel, los verkrijgbaar)
op de projector. (Zie bladzijde 22.)
Voorwaarden voor communicatie
Stel de seriële poort op de computer in overeenkomstig de tabel.
Signaalformaat: Voldoet aan RS-232C norm.
Parity bit: Geen
Baud rate: 9.600 bps
Stop bit: 1 bit
Datalengte: 8 bits
Flow control: Geen
Basisformaat
Opdrachten van de computer worden in de volgende volgorde verzonden: opdracht,
parameter en return code. Nadat de projector de opdracht van de computer heeft
verwerkt, stuurt hij een responscode naar de computer.
Opdrachtformaat
C1
C2
C3
C4
Viercijferige opdracht
P1
P2
K
P4
Return code (0DH)
Parameter, viercijferig
Responscodeformaat
Normale respons
O
P3
Probleemrespons (communicatiefout of onjuiste opdracht)
Return code (0DH)
E
R
R
Return code (0DH)
Info
• Bij bediening van de projector met behulp van de RS-232C commando's van een computer, moet u
minimaal 30 seconden wachten nadat de stroom is ingeschakeld voordat u begint met het zenden
van de commando's.
• Nadat een opdracht voor de ingangskeuze of beeldinstelling is verzonden en een “OK”
responscode is ontvangen, kan de verwerking van de opdracht door de projector enige tijd duren.
Wanneer een tweede opdracht wordt verzonden terwijl de projector de eerste opdracht nog moet
verwerken, dan kan een “ERR” responscode het resultaat zijn. Probeer de tweede opdracht
nogmaals te verzenden wanneer dit gebeurt.
• Als meer dan 1 code wordt verzonden, moet u elk commando pas versturen nadat de
antwoordcode voor het voorgaande commando is geverifieerd.
• “POWR????”, “TABN _ _ _ 1”, “TLPS _ _ _ 1”, “TPOW _ _ _ 1”, “TLPN _ _ _ 1”, “TLTT _ _ _ 1”,
“TLTM _ _ _ 1”, “TLTL _ _ _ 1”, “TNAM _ _ _ 1”, “MNRD _ _ _ 1”, “PJN0 _ _ _ 1”
− Wanneer de projector de hierboven genoemde speciale opdrachten ontvangt:
* Het beeldschermdisplay zal niet verdwijnen.
* De “Auto Power Off” timer zal niet worden teruggesteld.
− Er zijn speciale opdrachten beschikbaar voor toepassingen waarvoor constante polling nodig is.
Opmerking
Aanhangsel
• Als er in de parameterkolom een onderstrepingsteken (_) staat, moet u een spatie invoeren.
• Als er in de parameterkolom een sterretje (*) staat, vult u een waarde in binnen het bereik dat tussen
haakjes aangegeven staat onder UIT TE VOEREN BEDIENING.
59
RS-232C technische gegevens en commando-instellingen
(vervolg)
Commando's
Voorbeeld: Wanneer u de projector inschakelt, maakt u de volgende instelling.
Computer
P
O
W
R
_
Projector
_
_
o
m
1
O
K
TERUGKEREN
UIT TE VOEREN BEDIENING
Spanning
Naam
Wijzig invoer
Trapezium
AV Demping
Vastleggen
Automat. sync.
Grootte Aanpassen
60
Inschakelen
Ruststand
(of 30-seconden opstarttijd)
P
P
P
T
O
O
O
A
W
W
W
B
R
R
R
N
_
_
_
_
_
_
?
_
?
_
?
_
Status
T
L
P
S
_
_
_
1 0: Uit, 1: Aan, 2: Nogmaals
0: Uit, 4: Lampfout
3: Wachten, 4: Lampfout
O
W _
N _
T _
M _
L _
M _
D _
_
_
1 1: Aan, 2: Aan het afkoelen 0: Standby
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
1
1
1
1
1
1
*
OK of ERR
OK
1
0: Normaal
1: Temperatuur hoog
8: Levensduur van lamp
5% of minder
16: Lamp doorgebrand
32: Lamp brandt niet
T
Aantal
Tijd in gebruik (Uren)
Tijd in gebruik (Minuten)
Leeftijd (Percentage)
Controle modelnaam
Controle modelnaam
Instelling projectornaam 1
(eerste vier letters) *1
T L P
T L T
T L T
T L T
T N A
M N R
P J N
1
*
*
*
Instelling projectornaam 2
(middelste vier letters) *1
Instelling projectornaam 3
(laatste vier letters) *1
Controle modelnaam
COMPUTER
HDMI *2
VIDEO
Controle RGB-INGANG
P
J
N
2
*
*
*
* OK of ERR
P
J
N
3
*
*
*
* OK of ERR
P
I
I
I
J N 0
R G B
R G B
V E D
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
1
1
2
1
I
R G B
?
?
?
?
I
I
I
V E D
M O D
C H K
?
?
?
?
?
?
?
?
?
?
?
?
Volume(0 – 60)
Volume verhogen / verlagen(-10 – +10)
-80 – +80 (XGA)/-40 – +40 (SVGA)
Aan
Uit
Aan
Uit
Start
COMPUTER
Normaal
16:9
Dot By Dot
Volledig
Kader
Gebied Zoom.
V-Oprekken
HDMI *2
Normaal
16:9
Dot By Dot
Volledig
Kader
Gebied Zoom.
V-Oprekken
V
V
K
I
I
F
F
A
R
R
R
R
R
R
R
R
R
R
R
R
R
R
P
1
0
?
1
Spanningsstatus
Controle video-INGANG
Controle ingangsfunctie
Controle INGANG
Volume
PARAMETER
Aan
Uit
Status
Toestand van de projector
Lamp
OPDRACHT
O
O
E
M
M
R
R
D
A
A
A
A
A
A
A
B
B
B
B
B
B
B
L
U
Y
B
B
E
E
J
S
S
S
S
S
S
S
S
S
S
S
S
S
S
A
D
S
K
K
Z
Z
S
R
R
R
R
R
R
R
R
R
R
R
R
R
R
_
_
*
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
*
*
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
*
*
*
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
1
1
_
_
_
_
_
1
1
*
*
*
1
0
1
0
1
1
2
3
5
6
0
1
1
2
3
5
6
0
1
OK
OK of ERR
0
0: Normaal
1: Temperatuur hoog
2: Ventilatorfout
4: Deksel open
8: Levensduur van lamp
5% of minder
16: Lamp doorgebrand
32: Lamp brandt niet
64: Temperatuur abnormaal hoog
1
0 – 9999(Integer)
0, 15, 30, 45
0% – 100%(Integer)
PGLX2000/PGLS2000
PG-LX2000/PG-LS2000
OK of ERR
Projectornaam
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
1: COMPUTER
2: HDMI *2, ERR
1: VIDEO, ERR
1: RGB, 2: VIDEO
(XGA) 1: COMPUTER,
2: HDMI, 3: VIDEO
(SVGA) 1: COMPUTER,
2: VIDEO
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
TERUGKEREN
UIT TE VOEREN BEDIENING
Grootte Aanpassen
Alles terugstellen
COMPUTER-ingang
VIDEO
Beeldmodus
Contrast
Helder
Rood
Blauw
Kleur
Tint
Scherpte
Kleurtmp
BrilliantColor™
Filmfunctie
Ruisonderdr.
Herstel beeld
Signaaltype
HDMI-ingang *2
Beeldmodus
Contrast
Helder
Rood
Blauw
Kleur
Tint
Scherpte
Kleurtmp
BrilliantColor™
Ruisonderdr.
OPDRACHT
Normaal
16:9
Kader
Gebied Zoom.
V-Oprekken
Standaard
Presentatie
Cinema
Spel
sRGB
-30 – +30
-30 – +30
-30 – +30
-30 – +30
-30 – +30
-30 – +30
-30 – +30
-1 – +1
0 – +2
Auto
Uit
Niveau 1
Niveau 2
Niveau 3
Auto
RGB
YPbPr
Standaard
Presentatie
Cinema
Spel
sRGB
-30 – +30
-30 – +30
-30 – +30
-30 – +30
-30 – +30
-30 – +30
-30 – +30
-1 – +1
0 – +2
Niveau 1
Niveau 2
Niveau 3
Herstel beeld
Signaaltype
Audio-ingang
Dynamisch
bereik
Auto
RGB
YPbPr
AUDIO
HDMI
Auto
Standaard
Verbeterd
R A S
R A S
R A S
R A S
R A S
A L R
R A P
R A P
R A P
R A P
R A P
R A P
R A B
R A R
R A B
R A C
R A T
R A S
R A C
R A W
R A F
R A F
R A N
R A N
R A N
R A R
I A S
I A S
I A S
R B P
R B P
R B P
R B P
R B P
R B P
R B B
R B R
R B B
R B C
R B T
R B S
R B C
R B W
R B N
R B N
R B N
R B R
I B S
I B S
I B S
R B A
R B A
H M B
H M B
H M B
V
V
V
V
V
E
S
S
S
S
S
I
R
D
E
O
I
H
T
E
M
M
R
R
R
E
I
I
I
S
S
S
S
S
I
R
D
E
O
I
H
T
E
R
R
R
E
I
I
I
I
I
D
D
D
PARAMETER
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
*
*
*
*
*
*
*
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
1
1
_
1
1
1
1
1
*
*
*
*
*
*
*
*
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
1
2
3
0
1
1
0
1
2
3
4
*
*
*
*
*
*
*
*
*
0
1
1
2
3
1
0
1
2
0
1
2
3
4
*
*
*
*
*
*
*
*
*
*
*
*
*
*
*
_
1
1
1
1
1
*
*
*
*
*
*
*
*
_
_
_
*
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
1
2
3
1
0
1
2
1
2
0
1
2
Inschakelen
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
Ruststand
(of 30-seconden opstarttijd)
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
Aanhangsel
61
TERUGKEREN
UIT TE VOEREN BEDIENING
VIDEO-ingang
Beeldmodus
Contrast
Helder
Rood
Blauw
Kleur
Tint
Scherpte
Kleurtmp
BrilliantColor™
Filmfunctie
Ruisonderdr.
OPDRACHT
Standaard
Presentatie
Cinema
Spel
-30 – +30
-30 – +30
-30 – +30
-30 – +30
-30 – +30
-30 – +30
-30 – +30
-1 – +1
0 – +2
Auto
Uit
Niveau 1
Niveau 2
Niveau 3
Herstel beeld
C.M.S. Instelling
C.M.S.
Klok
Fase
H-Pos
V-Pos
Fijn Sync. Instelling resetten
Bldverschuiv.
Overscan
OSD Display
Videosysteem
Achtergrond
Eco+Stil
62
Aan
Uit
Kleurschakering Rood
Geel
Groen
Cyaan
Blauw
Magenta
Reset
Verzadiging
Rood
Geel
Groen
Cyaan
Blauw
Magenta
Reset
Waarde
Rood
Geel
Groen
Cyaan
Blauw
Magenta
Reset
Herstel C.M.S. volledig
-150 – +150
-30 – +30
-150 – +150
-60 – +60
-96 – +96 (XGA)/-75 – +75 (SVGA)
Aan
Uit
Aan
Uit
Auto
PAL
SECAM
NTSC4.43
NTSC3.58
PAL-M
PAL-N
PAL-60
Logo
Blauw
Geen
Aan
Uit
V
V
V
V
V
V
V
V
V
V
V
V
V
V
V
V
V
V
V
C
C
C
C
C
C
C
C
C
C
C
C
C
C
C
C
C
C
C
C
C
C
C
C
I
I
I
I
I
L
O
O
I
I
M
M
M
M
M
M
M
M
I
I
I
T
T
A
A
A
A
A
A
A
A
A
A
A
A
A
A
A
A
A
A
A
M
M
M
M
M
M
M
M
M
M
M
M
M
M
M
M
M
M
M
M
M
M
M
M
N
N
A
A
A
N
V
V
M
M
E
E
E
E
E
E
E
E
M
M
M
H
H
P
P
P
P
P
B
R
B
C
T
S
C
W
F
F
N
N
N
R
C
C
H
H
H
H
H
H
R
S
S
S
S
S
S
R
V
V
V
V
V
V
R
R
C
P
H
V
R
D
S
S
D
D
S
S
S
S
S
S
S
S
B
B
B
M
M
S
S
S
S
I
R
D
E
O
I
H
T
E
M
M
R
R
R
E
S
S
R
Y
G
C
B
M
E
R
Y
G
C
B
M
E
R
Y
G
C
B
M
E
E
L
H
P
P
E
S
N
N
I
I
Y
Y
Y
Y
Y
Y
Y
Y
G
G
G
D
D
PARAMETER
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
*
_
*
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
*
*
*
*
*
*
*
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
1
1
1
1
*
*
*
*
*
*
*
*
_
_
_
_
_
_
_
*
*
*
*
*
*
_
1
0
*
*
*
*
*
*
_
*
*
*
*
*
*
_
*
*
*
*
*
*
_
*
*
*
*
*
*
_
_
*
*
*
*
*
*
_
_
*
*
*
*
_
*
*
*
*
_
*
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
*
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
0
1
2
3
*
*
*
*
*
*
*
*
*
0
1
1
2
3
1
1
0
*
*
*
*
*
*
2
*
*
*
*
*
*
3
*
*
*
*
*
*
4
1
*
*
*
*
1
*
1
0
1
0
1
2
3
4
5
6
7
8
1
3
4
1
0
Inschakelen
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
Ruststand
(of 30-seconden opstarttijd)
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
TERUGKEREN
UIT TE VOEREN BEDIENING
Automat. sync.
Auto Power Off
Automatisch herstarten
STANDBY-modus
Projectie
Aan
Uit
Aan
Uit
Aan
Uit
Snelstart
Eco
Terug
Spiegelen
Taal
OPDRACHT
Aan
Uit
Aan
Uit
A
A
A
A
A
A
M
M
I
I
I
I
A
A
P
P
R
R
O
O
M
M
M
M
D
D
O
O
E
E
U
U
R
R
I
I
J
J
W
W
S
S
T
T
E
E
N
N
PARAMETER
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
1
0
1
0
1
0
1
0
1
0
1
0
Ruststand
(of 30-seconden opstarttijd)
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
OK of ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
ERR
English
M E
L
A
_
1 OK of ERR
ERR
M E
L
A
_
_
_
2 OK of ERR
ERR
A
_
_
_
3 OK of ERR
ERR
A
_
_
_
4 OK of ERR
ERR
_
_
_
Nederlands
M E
M E
L
L
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
Deutsch
Español
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
_
Inschakelen
Français
M E
L
A
5 OK of ERR
ERR
Italiano
M E
L
A
_
_
_
6 OK of ERR
ERR
A
_
_
_
7 OK of ERR
ERR
A
_
_
_
8 OK of ERR
ERR
A
_
_
_
9 OK of ERR
ERR
_
Svenska
M E
M E
Português
M E
L
M E
L
A
1
0 OK of ERR
ERR
M E
L
A
_
_
1
1 OK of ERR
ERR
A
_
_
1
2 OK of ERR
ERR
A
_
_
1
3 OK of ERR
ERR
A
_
_
1
4 OK of ERR
ERR
_
ERR
M E
Türkçe
L
_
M E
polski
L
M E
L
L
L
M E
L
A
_
1
5 OK of ERR
M E
L
A
_
_
1
6 OK of ERR
ERR
_
1
7 OK of ERR
ERR
1
_
8 OK of ERR
ERR
1 OK of ERR
ERR
Magyar
M E
L
A
_
L
A
_
_
E
G U
_
_
TiӃng ViӋt
M E
Installatiegids
Aan
S
Uit
S
E
G U
_
_
_
0 OK of ERR
ERR
Interne luidspreker
Aan
A
S
P
K
_
_
_
1 OK of ERR
ERR
Uit
A
S
P
K
_
_
_
0 OK of ERR
ERR
RGB Frequentie Controle
Horizontaal
T
F
R Q
_
_
_
1 kHz(***.* of ERR)
ERR
Verticaal
T
F
R Q
_
_
_
2 Hz(***.* of ERR)
ERR
Ventilatormodus
Normaal
Hoog
H
L
M D
_
_
_
0 OK of ERR
ERR
H
L
M D
_
_
_
1 OK of ERR
ERR
Invoer zoeken *3
Start
I
S
E
_
_
_
1 OK of ERR
ERR
ERR
Video-ops.
Wandkleur
Snelstartmenu
DLP ® LinkTM
0 IRE
V
I
S
U
_
_
_
0 OK of ERR
7.5 IRE
V
I
S
U
_
_
_
1 OK of ERR
ERR
Uit
W L
C O
_
_
_
0 OK of ERR
ERR
zwartbord
W L
C O
_
_
_
1 OK of ERR
ERR
witbord
W L
C O
_
_
_
2 OK of ERR
ERR
Aan
Q
S M N
_
_
_
0 OK of ERR
ERR
Uit
Q
S M N
_
_
_
1 OK of ERR
ERR
Uit
3
D
E
N
_
_
_
0 OK of ERR
ERR
Aan
3
D
E
N
_
_
_
1 OK of ERR
ERR
3
D
I
V
_
_
_
1 OK of ERR
ERR
C
L
C
A
_
_
_
0 OK of ERR
ERR
DLP® LinkTM Omkeren
Closed caption
(Alleen voor Amerika)
S
Uit
CC1
C
L
C
A
_
_
_
1 OK of ERR
ERR
CC2
C
L
C
A
_
_
_
2 OK of ERR
ERR
Terugstelling van lamptimer *4
L P R E 0 0 0 1 ERR
OK of ERR
Aanhangsel
*1 Voor het instellen van de projectornaam stuurt u de commando's in de volgorde PJN1, PJN2 en PJN3.
*2 Deze optie is alleen beschikbaar voor de PG-LX2000.
*3 Wanneer de volgende opdracht is verstuurd tijdens het zoeken naar invoer, kunt u een “ERR”-melding krijgen
en wordt het zoeken naar invoer geannuleerd.
*4 De opdracht voor terugstelling van de lamptimer is alleen beschikbaar in de standby-modus.
63
Compatibiliteitskaart
Computer
• Meervoudige signaalondersteuning
Horizontale frequentie: 15-110 kHz,
Verticale frequentie: 45-85 Hz,
PC/MAC
Modus
Resolutie
Verticale frequentie
(Hz)
60
72
75
85
56
60
72
75
85
60
70
75
85
60
60
60
75
60
60
60
60
70
75
60
75
60
75
60
60
60
60
67
75
75
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
75
✔
SXGA+
1400 × 1050
MAC 13”
MAC 16”
MAC 19”
WSXGA+
UXGA
VGA
SVGA
XGA
1680 × 1050
1600 × 1200
640 × 480
832 × 624
1024 × 768
MAC 21”
SXGA
1152 × 870
68,7
640 × 480
SVGA
800 × 600
XGA
1024 × 768
1280 × 720
1280 × 768
PC
WXGA
1280 × 800
WXGA+
1360 × 768
1366 × 768
1440 × 900
1152 × 864
SXGA
1280 × 960
1280 × 1024
Digitale
Analoge
ondersteuning ondersteuning *1
Horizontale
frequentie (kHz)
31,5
37,9
37,5
43,3
35,2
37,9
48,1
46,9
53,7
48,4
56,5
60,0
68,7
45,0
47,8
49,7
62,8
47,7
47,8
55,9
55,0
66,2
67,5
60,0
75,0
64,0
80,0
64,0
65,3
65,3
75,0
34,9
49,7
60,2
VGA
Beeldpuntklok: 12-165 MHz
Synchronisatiesignaal: Compatibel met TTL niveau
• Compatibel met synchronisatie op groen signaal
Display
PG-LX2000
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
PG-LS2000
Upscale
Upscale
TRUE
TRUE
✔
✔
✔
✔
✔
Intelligente
compressie
Intelligente
compressie
✔
✔
✔
✔
✔
Upscale
TRUE
Intelligente
compressie
Upscale
Intelligente
compressie
*1 Alleen voor PG-LX2000
Opmerking
• U verkrijgt een optimale beeldkwaliteit door de uitgangsresolutie van uw computer aan te passen aan
de resolutie die overeenkomt met “TRUE” in de kolom “Display” hierboven weergegeven.
• Volg de hieronder beschreven procedures wanneer de “Beeldschermresolutie” van de computer
afwijkt van de weergaveresolutie van het geprojecteerde beeld.
– Zie “Resolutie” in het “SIG-INS” menu en kies de zelfde resolutie als in de “Beeldschermresolutie”
van de computer.
– Afhankelijk van de computer die u gebruikt, kan het zijn dat het uitvoersignaal niet gelijk is aan de
“Beeldschermresolutie” aanpassing. Controleer de instellingen voor de signaaluitvoer van de
computer. Als de instellingen niet gewijzigd kunnen worden is het aan te raden om de resolutie in te
stellen op een die overeenkomt met “TRUE” in de kolom “Display”.
64
3D ondersteunde signalen
Signaal
Horizontale frequentie (kHz)
Verticale frequentie (Hz)
Analoge
ondersteuning
Digitale
ondersteuning *1
77,1
98,6
120
120
✔
✔
✔
✔
800 × 600
1024 × 768
SVGA
XGA
*1 Het formaat van het ondersteunde signaal is alleen het formaat veld sequentieel. Geen ondersteuningsformaat “HDMI
3D”. (alleen PG-LX2000)
Opmerking
• De grafische kaart van de computer moet in staat zijn om stereoscopische 3D-beelden weer te geven.
Controleer de technische gegevens van uw computer/grafische kaart of bel uw computerfabrikant om
zeker te zijn van deze capaciteit.
DTV
Horizontale
Signaal frequentie
(kHz)
480I
480P
540P
576I
576P
720P
720P
1035I
Verticale
frequentie (Hz)
15,7
31,5
33,8
15,6
31,3
37,5
45,0
33,8
60
60
60
50
50
50
60
60
Analoge
Digitale
Horizontale
ondersteuning ondersteuning *1 Signaal frequentie (kHz)
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
1080I
1080I
1080P
1080P
1080P
1080P
1080P
28,1
33,8
27,0
28,1
33,8
56,3
67,5
Verticale
frequentie (Hz)
50
60
24
25
30
50
60
Analoge
Digitale
ondersteuning ondersteuning *1
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
✔
*1 Alleen voor PG-LX2000
Aanhangsel
65
Problemen oplossen
Probleem
Geen beeld en geen
geluid of de projector
start niet.
Controle
Het netsnoer van de projector is niet in het stopcontact gestoken.
De aangesloten apparatuur is niet ingeschakeld.
De verkeerde ingangsfunctie is gekozen.
De functie AV Demping werkt.
De kabels zijn verkeerd op de projector aangesloten.
De batterij van de afstandsbediening is leeg.
De externe uitgang is niet ingesteld bij aansluiting op een notebook-computer.
Het deksel van het lamphuis is niet juist aangebracht.
Blz.
21
–
27
27
19–22
13
19
57, 58
• De kabels zijn verkeerd op de projector aangesloten.
• Het onderdeel “Helder” staat in de minimumstand.
• Afhankelijk van de computer die u gebruikt, kan het gebeuren dat er geen
beeld wordt weergegeven als de uitgangssignaal-instelling van de computer
niet op de externe uitgang is ingesteld. Raadpleeg de handleiding van de
computer voor het omschakelen van de uitgangssignaal-instelling.
• Is “Aan” geselecteerd in “DLP® LinkTM”?
19–22
39
–
•
•
•
•
•
•
•
•
52
Wel beeld maar geen
geluid (of het beeld is
erg donker).
Donker of blauwachtig beeld • Controleer of “Wandkleur” goed is ingesteld.
45
• De beeldinstellingen zijn niet juist gemaakt.
39
• Stel “Kleur” en “Tint” in “Beeldmodus” in en verlaag de “BrilliantColorTM”
waarde.
(Alleen voor video-ingang)
• Het video-ingangssysteem is verkeerd ingesteld.
42
(Alleen voor COMPUTER/COMPONENT-ingang)
• Het ingangssignaaltype (RGB/Component) is verkeerd ingesteld.
41
Kleuren zijn flets
of niet goed.
Beeld is wazig;
met storingen.
Wel beeld maar geen
geluid.
Databeeld is niet
gecentreerd.
66
• Stel het beeld scherp.
• De projectie-afstand is groter dan het scherpstelbereik.
• Er is condens op de lens. Als de projector van een koude naar een warme
ruimte wordt gebracht, of als de ruimte plotseling sterk wordt verwarmd, kan
er condens op het oppervlak van de lens ontstaan en zal het beeld wazig
zijn. Laat de projector in dit geval minimaal een uur acclimatiseren voordat u
het apparaat gebruikt. Mocht er toch condens ontstaan, haal dan de stekker
uit het stopcontact en wacht totdat alle condens verdwenen is.
(Alleen voor computeringang)
• Configuur de “SIG-INS”-instellingen (“Klok” en “Fase” instelling).
• Afhankelijk van de computer kunnen er soms storingen zijn.
• De kabels zijn verkeerd op de projector aangesloten.
• Het volume staat in de minimumstand.
• Als de projector op een extern apparaat is aangesloten en het volume
in de minimumstand staat, zal er geen geluid worden uitgevoerd, ook
wanneer u het volume op het externe apparaat verhoogt.
24
17
–
• “Luidspreker” is ingesteld op “Uit”.
• De functie Audio stil werkt.
46
49
41
–
19–22
27
41
• Maak de noodzakelijke instellingen voor ieder onderdeel in het menu
“SIG-INS”.
• Afhankelijk van de computer die u gebruikt kan de resolutie van het
–
uitvoersignaal anders zijn dan die u ingesteld heeft. Voor details raadpleegt
u de handleiding van uw computer.
Probleem
Controle
Er komen soms vreemde • Als het beeld normaal is, kunnen deze geluiden veroorzaakt worden
door inkrimping van de behuizing als gevolg van veranderingen in de
geluiden vanuit de
kamertemperatuur. Dit heeft geen invloed op de werking of prestatie
behuizing.
van het apparaat.
De onderhoudsindicator • Zie “Onderhoudsindicators”.
op de projector brandt of
knippert rood.
• Wijzig de instelling voor het ingangssignaaltype.
Het beeld is groen bij
COMPUTER (YPbPr)/
HDMI (YPbPr).
Blz.
–
54
41
Het beeld is roze
(niet groen) bij
COMPUTER (RGB)/
HDMI (YPbPr).
Het beeld is te helder en • De beeldinstellingen zijn niet juist gemaakt.
erg wit.
De koelventilator maakt
veel geluid.
De lamp brandt niet
nadat de projector is
ingeschakeld.
39
• Wanneer de temperatuur in het inwendige van de projector oploopt,
gaat de koelventilator sneller draaien.
8, 9
53, 54, 55
• De lampindicator licht rood op.
Vervang de lamp.
54, 57, 58
De lamp gaat tijdens het
projecteren plotseling uit
Het beeld flikkert soms.
Het aangaan van de
lamp duurt erg lang.
Het beeld is donker.
De afstandsbediening
werkt niet.
• De kabels zijn verkeerd op de projector aangesloten of de aangesloten 19–22
apparatuur werkt niet juist.
• Als dit vaak gebeurt, moet u de lamp vervangen.
57
57
• De lamp zal uiteindelijk vervangen moeten worden.
Vervang de lamp voordat deze het einde van de levensduur heeft
bereikt.
• Gebruik de afstandsbediening terwijl u deze naar de afstandsbedieningssensor 13
op de projector richt.
• De afstand tussen de afstandsbediening en de projector is te groot.
• Als er rechtstreeks zonlicht of het licht van een sterke fluorescerende
lamp op de afstandsbedieningssensor van de projector valt, moet u de
projector verplaatsen zodat er geen sterk licht meer op valt.
• De batterijen zijn uitgeput of verkeerd geplaatst. Controleer of de batterijen 13
juist geplaatst zijn of gebruik nieuwe batterijen.
Aanhangsel
67
Problemen oplossen (vervolg)
Probleem
Controle
3D-beelden knipperen bij • De beelden kunnen knipperen wanneer het licht van een
het bekijken in een kamer. fluorescerende lamp of omgevingslicht in uw gezichtsbereik komt.
– Schakel de lichten uit.
– Blokkeer alle omgevingslicht.
®
Echobeeld (een dubbel • Controleer of u de 3D LCD sluiterbril gebruikt die het DLP Link™
systeem ondersteunt.
beeld) doet zich voor
®
zonder dat het beeld in 3D – Zorg ervoor de 3D LCD sluiterbril te gebruiken die het DLP Link™
systeem ondersteunt.
verschijnt.
• Controleer of de sluiters op de 3D LCD sluiterbril goed werken.
– Schakel de 3D LCD sluiterbril uit en daarna weer aan.
– Controleer de batterijen van de 3D LCD sluiterbril.
– Controleer of de 3D LCD sluiterbril in de 3D-weergavemodus is
ingesteld.
Sommige 3D LCD-brillen zijn uitgerust met een speciale
weergavemodus (zoals “dubbele weergavemodus”) naast de normale
3D-weergavemodus. Voor details, zie de gebruiksaanwijzing van uw
3D LCD sluiterbril.
• Controleer de instellingen van de projector.
– Schakel de DLP® Link™ functie “Aan”.
– Gebruik “DLP® Link™ Omkeren” om de instelling te wijzigen.
• Controleer of geen signaal wordt ingevoerd dat niet ondersteund
wordt.
– Configureer uw 3D-toepassing aan de juiste resolutie en vernieuw de
verhouding.
Zorg ervoor dat uw 3D-toepassing in resoluties wordt uitgevoerd die
3D ondersteunen. Om 3D te ondersteunen moet uw 3D-toepassing
worden geconfigureerd om de juiste instellingen uit te voeren voor
deze projector.
Voor details over de ondersteunde signalen, zie “3D ondersteunde
signalen” in de compatibiliteitskaart.
• Als de projector is aangesloten op een computer voor het afspelen van
3D-beelden, controleer dat een stereoscopisch geactiveerde
toepassing wordt gebruikt.
– Gebruik de toepasselijke software.
– Stel de toepasselijke software in in het volgrasterformaat.
• Controleer dat er geen obstakels staan tussen het scherm en de 3D
LCD sluiterbril.
– Verwijder alle obstakels.
Obstakels kunnen er de oorzaak van zijn dat de bril niet goed werkt
waardoor de lenzen knipperen of uitschakelen. Plaats uw hand of
andere voorwerpen niet voor het 3D-controlesignaalsensor op de
bril.
• Controleer of er een sterke lichtbron dichtbij is.
– Blokkeer het licht of schakel het uit.
Een sterke lichtbron kan de communicatie tussen de 3D LCD
sluiterbril en het scherm bemoeilijken met geknipper als resultaat.
• Controleer of twee of meer projectoren tegelijkertijd 3D-beelden
projecteren.
– Gebruik slechts een projector tegelijkertijd.
Blz.
–
–
–
–
65
–
–
–
–
Dit apparaat is uitgerust met een microprocessor. De prestatie van het apparaat kan worden aangetast
door een onjuiste bediening of interferentie. Indien dit gebeurt, koppel het apparaat los en steek het terug
in het stopcontact na meer dan 5 minuten.
68
Voor assistentie van SHARP
Als u problemen ondervindt tijdens de installatie of bediening van deze projector,
raadpleegt u eerst het deel “Problemen oplossen” op blz. 66 tot 68. Als deze
gebruiksaanwijzing geen oplossing biedt voor uw probleem, neemt u contact op
met de hieronder vermelde SHARP serviceafdelingen.
Verenigde Staten Sharp Electronics Corporation
1-888-GO-SHARP (1-888-467-4277)
lcdsupport@sharpsec.com
http://www.sharpusa.com
Canada
Sharp Electronics of Canada Ltd.
(905) 568-7140
http://www.sharp.ca
Mexico
Sharp Electronics Corporation
Mexico Branch
(525) 716-9000
http://www.sharp.com.mx
Latijns-Amerika Sharp Electronics Corp. Latin
American Group
(305) 264-2277
www.servicio@sharpsec.com
http://www.siempresharp.com
Benelux
SHARP Electronics Benelux BV
0900-SHARPCE (0900-7427723)
Nederland
9900-0159 Belgium
http://www.sharp.nl
http://www.sharp.be
http://www.sharp.lu
Australië
Sharp Corporation of Australia Pty.
Ltd.
1300-135-022
http://www.sharp.net.au
Nieuw-Zeeland Sharp Corporation of New Zealand
Telefoon: (09) 573-0111
Fax: (09) 573-0112
http://www.sharp.net.nz
Sharp-Roxy Sales (S) Pte. Ltd.
65-226-6556
ckng@srs.global.sharp.co.jp
http://www.sharp.com.sg
Hongkong
Sharp-Roxy (HK) Ltd.
(852) 2410-2623
dcmktg@srh.global.sharp.co.jp
http://www.sharp.com.hk
Sharp Electronics (Italy) S.P.A.
(39) 02-89595-1
http://www.sharp.it
Taiwan
Sharp Corporation (Taiwan)
0800-025111
http://www.sharp-scot.com.tw
Frankrijk
Sharp Electronics France
01 49 90 35 40
hotlineced@sef.sharp-eu.com
http://www.sharp.fr
Maleisië
Sharp-Roxy Sales & Service Co.
(60) 3-5125678
V.A.E.
Spanje
Sharp Electronica Espana, S.A.
93 5819700
sharplcd@sees.sharp-eu.com
http://www.sharp.es
Sharp Middle East Fze
971-4-81-5311
helpdesk@smef.global.sharp.co.jp
Thailand
Sharp Thebnakorn Co. Ltd.
02-236-0170
svc@stcl.global.sharp.co.jp
http://www.sharp-th.com
Korea
Sharp Electronics Incorporated of
Korea
(82) 2-3660-2002
lcd@sharp-korea.co.kr
http://www.sharpkorea.co.kr
India
Sharp Business Systems (India)
Limited
(91) 11- 6431313
service@sharp-oa.com
Sharp Electronics (Europe) GMBH
01805-234675
http://www.sharp.de
Ver. Koninkrijk
Sharp Electronics (U.K.) Ltd.
08705 274277
http://www.sharp.co.uk/customersupport
Italië
Zwitserland
Sharp Electronics (Schweiz) AG
0041 1 846 63 11
cattaneo@sez.sharp-eu.com
http://www.sharp.ch
Zweden
Sharp Electronics ( Nordic ) AB
(46) 8 6343600
vision.support@sen.sharp-eu.com
http://www.sharp.se
Oostenrijk
Sharp Electronics (Europe) GMBH
Branch Office Austria
0043 1 727 19 123
pogats@sea.sharp-eu.com
http://www.sharp.at
Aanhangsel
Singapore
Duitsland
69
Technische gegevens
Model
Weergaveapparaten
Resolutie
Lens
F-nummer
Zoom
Focus
Ingangsaansluitingen
HDMI
Computer/Component
(15-pins mini D-sub)
Video (RCA)
Audio (RCA)
RS-232C (9-pins D-sub)
Bediening en
communicatie
ingangen
Luidspreker
Projectielamp
Stroomvoorziening
Nominale frequentie
Ingangsstroom
Stroomverbruik
Eco+Stil
Uit
Eco+Stil
Aan
Stroomverbruik
(STANDBY-modus)
Snelstart
Eco
100 V wisselstroom
240 V wisselstroom
100 V wisselstroom
240 V wisselstroom
100 V wisselstroom
240 V wisselstroom
100 V wisselstroom
240 V wisselstroom
Bedrijfstemperatuur
Behuizing
Afmetingen (alleen de hoofdbehuizing)
[B × H × D]
Gewicht (ca.)
PG-LX2000
0,55" DLP®-chip ×1
XGA (1024 × 768)
F 2,5 – 2,7
Met de hand, ×1,2
Met de hand
f = 21,8 – 25,6 mm
×1
×1
PG-LS2000
SVGA (800 x 600)
—
×1
×1 (L/R)
×1
2 W (Mono)
210 W
100–240 V wisselstroom
50/60 Hz
2,7 A
267 W
254 W
218 W
207 W
1,9 W
2,3 W
0,5 W
0,85 W
41ºF tot 95ºF (+5ºC tot +35ºC)
Plastic
12 3/32" × 3 45/64" × 9 21/32"
(307 × 94 × 245 mm)
5,1 lbs. (2,3 kg)
Als onderdeel van een beleid van doorlopende verbetering houdt SHARP zich het recht voor om
veranderingen aan te brengen in ontwerp en technische gegevens ten behoeve van verbetering van het
product zonder voorafgaande berichtgeving. De aangegegeven cijfers voor de technische gegevens
aangaande prestaties zijn nominale waarden voor productie-eenheden. Er kunnen zich enkele
afwijkingen van deze waarden voordoen bij afzonderlijke eenheden.
Deze SHARP projector is uitgerust met een DLP®-chip. Dit bijzonder ingenieuze paneel
bevat 786.432 (PG-LX2000)/480.000 (PG-LS2000) pixels (microspiegels). Evenals bij andere
hoogwaardige elektronische apparatuur zoals TV's met grote beeldschermen, videosystemen
en videocamera's, gelden er bepaalde tolerantiegrenzen waarbinnen de prestaties van de
apparatuur moeten vallen.
Dit apparaat kan enkele niet actieve pixels hebben binnen de aanvaardbare tolerantiegrenzen,
wat kan resulteren in niet actieve puntjes op het beeldscherm. Dit heeft echter geen invloed
op de beeldkwaliteit of de levensduur van het apparaat.
70
Afmetingen
9 21/32 (245)
Eenheid: duim (mm)
(15,5)
5/ 8
1 7/8
(47,6)
3 45/64 (94)
12 3/32 (307)
3 5/32 (80)
1 23/32
(43,5)
M4
4 1/16 (103)
3 25/64 (86)
M4
1 1/ 4
(31,5)
2 5/32
(54,5)
4 3/64 (102,5)
(5)
1 61/64
(49,5)
13/64
M4
4 31/32 (126)
•
•
•
•
Aanhangsel
5 3/32 (129)
Schroefgat specs: 75 mm × 104 mm
Diepte van montagegaten: 8 mm
Standaard schroef: M4 (spoed 0,7 mm)
Aantal: 3
71
Index
16:9·············································································28, 29
3D MODE toets ································································52
Accessoires ········································································3
Achtergrond······································································45
Afstandsbediening····························································12
Afstandsbedieningssensor ···············································13
Alles terugstellen ······························································49
AUDIO aansluiting ····························································21
Audio-ingang ····································································27
Audio stil ···········································································49
Automatisch herstarten ····················································46
Automat. sync. (Automatische synchronisatie) ··········31, 46
Auto Power Off (Automatische uitschakelfunctie) ············46
AUTO SYNC toets ····························································31
AV MUTE toets ·································································27
Batterijen ··········································································13
Beeldinstellingen ······························································38
Beeldmodus ·······························································31, 38
Beeldverhouding ······························································28
Beeldverschuiving ····························································43
Bijgeleverde accessoires····················································3
Blauw················································································39
BREAK TIMER toets ·························································30
BrilliantColor™ ·································································39
Closed caption ·································································44
C.M.S. ··············································································39
COMPUTER/COMPONENT ingangsaansluiting ············19, 20
Contrast ············································································39
DLP® LinkTM ······································································52
DLP® LinkTM Omkeren·······················································52
DOT BY DOT ····································································28
Dynamisch bereik ·····························································41
ECO+QUIET toets ····························································30
Eco+Stil ······································································30, 40
EFFECT toets ···································································30
ENTER toets ·····································································35
Fase ··················································································41
Filmfunctie ········································································40
FREEZE toets ···································································31
FUNCTION toets ······························································12
GEBIED ZOOM. ································································29
Grootte Aanpassen ····················································28, 43
HDMI-aansluiting ························································ 19-21
HEIGHT ADJUST hendel ··················································25
Helder ···············································································39
H-Pos ···············································································41
Informatie ·········································································36
Ingangsfunctie ··································································27
Inlaatopening ······························································10, 53
Installatiegids······························································24, 45
Instellen van de FUNCTION-knop ····································49
Insteltoetsen ·······························································35, 36
KADER········································································28, 29
Kensington standaard veiligheidsaansluiting ···················11
KEYSTONE toets······························································26
Kleur ·················································································39
Kleurtmp (Kleurtemperatuur) ············································39
Klok ··················································································41
Lamp ················································································56
Lampeenheid ····································································57
Lampindicator ··································································54
Lamptimer (Levensduur)···················································49
Los verkrijgbare accessoires ··············································3
Luidspreker·······································································46
72
MAGNIFY toetsen ····························································31
MENU toets ······································································35
Menu Voltooien ································································36
Netsnoer ···········································································21
Netstroomaansluiting ·······················································21
NORMAAL ··································································28, 29
ON toets ···········································································23
OSD Display ·····································································44
Overscan ··········································································44
PICTURE MODE toets ······················································31
POINTER toets ·································································30
PRJ-INS1/2 ······································································46
Projectie ·····································································18, 45
RESIZE toets ····································································28
Resolutie···········································································41
RETURN toets ··································································35
RGB-kabel ········································································19
Rood ·················································································39
RS-232C aansluiting·························································22
Ruisonderdr. ·····································································40
Schermformaat en projectie-afstand ·······························17
Scherpstelring ··································································24
Scherpte ···········································································39
SCH-INS ···········································································43
SIG-INS ············································································41
Signaal Info·······································································42
Signaaltype ·······································································41
Snelstartmenu ··································································36
Spanningsindicator···························································54
SPOT toets ·······································································30
STANDBY-modus ····························································49
STANDBY/ON toets ·························································23
STANDBY toets ································································23
Stelvoetje ··········································································25
Systeemvergrendeling ······················································47
Taal (taal voor de beeldscherm-aanduidingen) ················45
Temperatuur-waarschuwingsindicator ·····························54
Tint····················································································39
Toegangscode··································································47
Toetsvergrendeling ···························································48
Trapeziumvorm-correctie ···········································26, 43
Uitlaatopening ····························································11, 53
Veiligheidsbalk··································································10
Ventilatormodus ·······························································46
Vervangen van de lamp ··············································56, 57
VIDEO aansluiting ·····························································20
Video-ops. ········································································42
Videosysteem ···································································42
VOLLEDIG ········································································28
VOL (Volume) toetsen ·······················································27
V-OPREKKEN···································································29
V-Pos ················································································41
Wandkleur ········································································45
Zoekopdr. invoer starten ··················································36
Zoomring ··········································································25