Sony | NEX-F3 | Sony NEX-F3 Handleiding

Sony NEX-F3 Handleiding
4-423-275-71(1)
Digitale camera met
verwisselbare lens
α-handboek
Inhoudsopgave
Voorbeeldfoto
Menu
Index
© 2012 Sony Corporation
NEX-F3
NL
Opmerkingen over het gebruik van de camera
Inhoudsopgave
Zo gebruikt u dit handboek
Klik op een knop bovenaan rechts op de omslag en op een bepaalde bladzijde als u naar
de overeenkomende bladzijde wilt springen.
Dit is handig wanneer u zoekt naar een functie die u wilt gebruiken.
Voorbeeldfoto
Zoeken naar informatie op
functie.
Zoeken naar informatie op
voorbeeldfoto's.
Zoeken naar informatie in
een lijst van menu-items.
Menu
Zoeken naar informatie op
sleutelwoord.
Index
Merktekens en notaties die in dit handboek
worden gebruikt
In dit handboek wordt de volgorde van
handelingen getoond door middel van
pijlen (t). Bedien de camera in de
aangegeven volgorde.
De standaardinstelling wordt aangeduid
door .
Duidt aanwijzingen en beperkingen aan
die relevant zijn voor de juiste bediening
van de camera.
De foto's die als voorbeeldfoto's in deze
handleiding worden gebruikt, zijn
gereproduceerde afbeeldingen en niet de
werkelijke afbeeldingen die met deze
camera zijn gemaakt.
z Duidt informatie aan die nuttig is te
weten.
2NL
Inhoudsopgave
Inhoudsopgave
Voorbeeldfoto
Opmerkingen over het gebruik van de
camera
Zo gebruikt u dit handboek····································2
Voorbeeldfoto ························································6
Onderdelen herkennen········································12
Lijst van pictogrammen op het scherm················16
Menu
Eenvoudige bedieningshandelingen
Index
De camera bedienen ···········································19
Menu ···································································21
Beelden opnemen ···············································27
Beelden weergeven·············································29
Beelden wissen ···················································31
Functies gebruiken met de draaiknop
DISP (Inhoud weergeven) ···································39
(Belicht.comp.) ···············································42
(Transportfunctie) ······································43
(Beeldindex) ···················································49
Werken met de functie Creatief met foto's
Creatief met foto's ···············································32
Achtergrond onscherp ·········································33
Helderheid ···························································34
Kleur ····································································35
Levendigheid ·······················································36
Foto-effect ···························································37
3NL
Vervolg r
Inhoudsopgave
Functies in het menu gebruiken
Voorbeeldfoto
Opn.modus··························································21
Camera································································22
Beeldformaat ·······················································23
Helderheid/kleur ··················································23
Afspelen ······························································24
Instellingen ··························································24
Aansluiten op andere apparatuur
Menu
Beelden bekijken op een tv ·······························168
Met uw computer ···············································171
De software gebruiken ······································173
De camera op de computer aansluiten ·············176
Een filmschijf maken ·········································178
Stilstaande beelden afdrukken ··························182
Index
Problemen oplossen
Problemen oplossen··········································183
Waarschuwingsberichten ··································189
Overige
De camera in het buitenland gebruiken·············192
Geheugenkaart··················································193
"InfoLITHIUM"-accu···········································195
Accu wordt opgeladen ·······································197
Montage-adapter ···············································198
Elektronische zoeker ·········································200
AVCHD-formaat ················································201
Reiniging ···························································202
4NL
Vervolg r
Inhoudsopgave
Index
Index··································································203
Voorbeeldfoto
Menu
Index
5NL
Inhoudsopgave
Voorbeeldfoto
"Dit is de scène die ik wil vastleggen in een foto, maar hoe moet ik dat doen?"
U vindt misschien het antwoord door de voorbeeldfoto's die hier worden gegeven, door
te lopen. Klik op de voorbeeldfoto van uw keuze.
Voorbeeldfoto
Foto's maken van mensen (bladzijde 7)
Macrofoto's maken (bladzijde 8)
Landschapsopnamen maken (bladzijde 9)
Opnamen maken van zonsondergang/nachtelijke taferelen (bladzijde 10)
Opnamen maken van snel bewegende onderwerpen (bladzijde 11)
Menu
Als u op een foto klikt, springt het scherm naar de bladzijde die de functie beschrijft die
wordt aanbevolen voor het vastleggen van een dergelijke foto.
Raadpleeg die beschrijvingen in aanvulling op de opnametips die op het scherm van de
camera worden weergegeven.
Nadere bijzonderheden over de bediening vindt u op de tussen haakjes vermelde
bladzijden.
Klik!
Index
6NL
Vervolg r
Inhoudsopgave
Foto's maken van mensen
Een persoon wordt scherp afgebeeld terwijl
de achtergrond onscherp is (33)
Dezelfde scène met verschil in helderheid
(48)
75
55
Een blije glimlach (75)
Bij kaarslicht (55)
53
88
Een persoon voor een nachtelijk vergezicht
(53)
Een bewegend persoon (88)
46
65
Een groepsfoto (46, 47)
Een persoon die van achter wordt belicht
(65)
Menu
48
Voorbeeldfoto
33
Index
78
Met zachte huidtinten (78)
7NL
Vervolg r
Inhoudsopgave
Macrofoto's maken
De kleur aanpassen aan het licht
binnenshuis (89)
53
93
Bloemen (53)
De hoeveelheid flitslicht verminderen (93)
66
42
Handmatig scherpstellen (66)
Bij grotere helderheid (42)
88
42
De camera stilhouden bij opnamen
binnenshuis (88)
Eten er aantrekkelijk laten uitzien (42)
Index
De achtergrond onscherp maken (33)
Menu
89
Voorbeeldfoto
33
8NL
Vervolg r
Inhoudsopgave
Landschapsopnamen maken
De lucht in levendige kleuren (42)
Stromend water (62)
98
98
Levendige groene kleuren (98)
Gekleurde bladeren (98)
Menu
62
Voorbeeldfoto
42
56
Panoramafoto's (56)
Index
94
94
Omgeving met een breed
helderheidsbereik (94)
Licht buiten opgenomen vanuit een donker
interieur (94)
33
113
De achtergrond onscherp maken (33)
Uw opname recht houden (113)
9NL
Vervolg r
De camera in de hand houden (53)
Prachtige foto's maken van het rode licht
van de zonsondergang (53)
61
65
Vuurwerk (61)
Lichtspoor (65)
48
33
De achtergrond onscherp maken (33)
Index
Dezelfde scène met verschil in helderheid
(48)
Menu
53
Voorbeeldfoto
53
Inhoudsopgave
Opnamen maken van zonsondergang/nachtelijke
taferelen
46
De camera stilhouden (46)
10NL
Vervolg r
Een bewegend onderwerp volgen (69)
Krachtige actie uitdrukken (62)
66
45
Met het onderwerp dat de camera nadert
(66)
Het beste moment vastleggen (45)
Menu
62
Voorbeeldfoto
69
Inhoudsopgave
Opnamen maken van snel bewegende
onderwerpen
Index
11NL
Inhoudsopgave
Onderdelen herkennen
H Microfoon 2)
I Lens
J Lensvatting
M
Voorbeeldfoto
K Beeldsensor 3)
L Contactpunten van de lens 3)
(flitser pop-up)-knop (65)
N
(Weergave)-knop (29)
O MOVIE-knop (27)
P Soft-key A (20)
Wanneer de lens is
verwijderd
Q Soft-key B (20)
R Soft-key C (20)
S Draaiknop (19)
Accessoires voor de Handige
Accessoiresaansluiting kunnen ook worden
bevestigd.
2)
Bedek dit deel niet tijdens het opnemen van
films.
3) Raak dit onderdeel niet rechtstreeks aan.
Menu
1)
Index
Nadere bijzonderheden over de bediening
vindt u op de tussen haakjes vermelde
bladzijden.
A Flitslicht
B ON/OFF (Aan/Uit)-schakelaar
C Ontspanknop (27)
D AF-hulplicht/Zelfontspannerlampje/
Lach-sluiterlampje
E Lensontgrendelingsknop
F
Positiemarkering beeldsensor (66)
G Handige Accessoiresaansluiting 2 1)
12NL
Vervolg r
• Gebruik een statief met een schroeflengte
van minder dan 5,5 mm. Het zal u niet
lukken een camera stevig vast te zetten op
een statief dat een schroef heeft die langer is
dan 5,5 mm en u zult misschien de camera
beschadigen.
I Batterijvak
• Gebruik deze wanneer u een AC-PW20
netspanningsadapter (los verkrijgbaar)
gebruikt. Plaats de aansluitplaat in het
batterijvak en leid vervolgens het snoer door
de afdekking van de aansluitplaat, zoals
hieronder wordt getoond.
Menu
• Let erop dat het snoer niet bekneld raakt
wanneer u de batterijklep sluit.
Voorbeeldfoto
J Afdekking aansluitplaat
Inhoudsopgave
H Schroefgat voor statief
K Toegangslampje
L Insteeksleuf geheugenkaart
M Geheugenkaartklep
Index
A LCD-scherm
• U kunt de stand van het LCD-scherm
aanpassen zodat het in een gemakkelijk te
bekijken hoek staat, bijvoorbeeld voor het
maken van opnamen uit een laag
standpunt. Kantel het LCD-scherm
ongeveer 180 graden omhoog wanneer u
een zelfportret maakt. De 3 secondenzelfontspanner wordt standaard
automatisch geselecteerd (bladzijde 118).
B Luidspreker
C Laadlampje
D
(USB)-aansluiting (176)
E HDMI-aansluiting (168)
F Accuklep
G Bevestigingsoog voor de schouderriem
13NL
Vervolg r
Inhoudsopgave
Lens
E18 – 55 mm F3.5-5.6 OSS (geleverd bij NEX-F3D/F3K/F3Y)
A Markeringen voor kap
B Scherpstelring
E Markeringen voor brandpuntsafstand
F Contactpunten van de lens*
G Montagemarkeringen
* Raak dit onderdeel niet rechtstreeks aan.
Voorbeeldfoto
C Zoomring
D Schaal voor brandpuntsafstand
Menu
Index
E16 mm F2.8 (geleverd bij NEX-F3D)
A Conversie-index*
B Scherpstelring
C Contactpunten van de lens**
D Montagemarkeringen
* Een converter is los verkrijgbaar.
** Raak dit onderdeel niet rechtstreeks aan.
14NL
Vervolg r
Inhoudsopgave
E55 – 210 mm F4.5-6.3 OSS (geleverd bij NEX-F3Y)
Voorbeeldfoto
Menu
B Zoomring
C Schaal voor brandpuntsafstand
Index
A Scherpstelring
D Markeringen voor brandpuntsafstand
E Contactpunten van de lens*
F Montagemarkeringen
* Raak dit onderdeel niet rechtstreeks aan.
15NL
Opname-standby
Weergave
Voorbeeldfoto
Pictogrammen worden op het scherm weergegeven om de status van de camera aan te
duiden.
U kunt de weergave op het scherm wijzigen met DISP (Inhoud weergeven) op de
draaiknop (bladzijde 39).
Inhoudsopgave
Lijst van pictogrammen op het
scherm
Menu
A
Grafisch scherm
Scherm
Indicatie
Opn.modus
Index
PASM
Scènekeuze
Films opnemen
Scèneherkenning
Beeldverhouding van
stilstaande beelden
16M 14M 8.4M
7.1M 4M 3.4M
Beeldformaat van
stilstaande beelden
RAW RAW+J
FINE STD
Beeldkwaliteit van
stilstaande beelden
100
Aantal opneembare
stilstaande beelden
16NL
Vervolg r
Indicatie
60i/50i
60i/50i
24p/25p
24p/25p
Opnamestand van films
B
Scherm
ZOOM
Indicatie
Soft-keys (MENU/
Opnamestand/Zoom/
Wissen/Vergroot)
Inhoudsopgave
Scherm
C
Scherm
Indicatie
Flitsfunctie/Rode ogen
verm.
123Min.
Resterende opnametijd
van films
±0.0
Transportfunctie
Eco-stand
100%
Flitscompensatie
Voorbeeldfoto
Geheugenkaart/
Uploaden
Resterend
accuvermogen
Helder Beeld Zoom
Lichtmeetfunctie
Digitale zoom
Menu
Zelfontspanner voor
zelfportret
Smart Zoom
Scherpstelfunctie
Flitser bezig op te laden
AF-hulplicht
Neemt geen geluid op
tijdens het opnemen van
films
Gezichtsherkenning
Witbalans
AWB
Index
Functie voor
scherpstelgebied
Live-weergave
SteadyShot/SteadyShot
waarschuwing
7500K A7 G7
Elektronische zoeker
(los verkrijgbaar)
aansluitfout
Zachte-huideffect
Elektronische zoeker
(los verkrijgbaar)
waarschuwing voor
oververhitting
DRO/Auto HDR
Waarschuwing voor
oververhitting
Databasebestand vol/
Databasebestandsfout
Automatische
portretomkadering
Creatieve stijl
Lach-sluiter
Weergavefunctie
Foto-effect
101-0012
Afspeelmap –
Bestandsnummer
Beveiligen
Afdrukvolgorde
17NL
Vervolg r
Indicatie
Gevoeligheidsindicator
lachdetectie
Scherm
Indicatie
z
Scherpstelstatus
1/125
Sluitertijd
F3.5
Diafragmawaarde
±0.0
ISO400
Gemeten handmatig
Belichtingscompensatie
ISO-gevoeligheid
Menu
±0.0
Voorbeeldfoto
D
Inhoudsopgave
Scherm
AE-vergrendeling
Sluitertijdindicatie
Diafragma-indicatie
Opnametijd van de film
(m:s)
2012-1-1 9:30AM
Vastgelegde datum/tijd
van het beeld
12/12
Beeldnummer/Aantal
beelden in de
weergavefunctie
Index
OPNAME 0:12
Verschijnt wanneer
HDR niet heeft gewerkt
op het beeld.
Verschijnt wanneer
Foto-effect niet heeft
gewerkt op het beeld.
Histogram
18NL
Eenvoudige bedieningshandelingen
Inhoudsopgave
De camera bedienen
Met de draaiknop en de soft-keys kunt u diverse functies
van de camera gebruiken.
Draaiknop
Wanneer u opnamen maakt, worden de functies DISP (Inhoud weergeven),
(Belicht.comp.) en
(Transportfunctie) aan de draaiknop toegewezen. Bij het
weergeven van opnamen, zijn de functies DISP (Inhoud weergeven) en
(Beeldindex)
aan de draaiknop toegewezen.
U kunt de functies toewijzen aan de rechtertoets op de draaiknop (bladzijde 137).
Menu
Draaiknop
Voorbeeldfoto
Soft-keys
Index
19NL
Vervolg r
Menu
Wanneer opties op het scherm worden
weergegeven, kunt u die doorlopen
door aan de rechter-/linker-/boven-/
onderzijde van de draaiknop te draaien
of erop te drukken. Druk op het midden
als u uw keuze wilt maken.
Voorbeeldfoto
De pijl duidt aan dat u de draaiknop kunt
draaien.
Inhoudsopgave
Wanneer u aan de boven-/onder-/rechter-/linkerzijde van de draaiknop draait of erop
drukt (volgens aanwijzingen op het scherm) kunt u het instellen van items selecteren. Uw
selectie wordt bepaald wanneer u op het midden van de draaiknop drukt.
Index
Soft-keys
De soft-keys vervullen verschillende rollen, afhankelijk van de context.
De rol (functie) die aan elk van de soft-keys is toegewezen, wordt op het scherm
getoond.
Als u de functie wilt gebruiken die in de rechterbovenhoek van het scherm wordt weergegeven,
drukt u op soft-key A. Als u de functie wilt gebruiken die in de rechteronderhoek van het
scherm wordt weergegeven, drukt u op soft-key B. Als u de functie die in het midden wordt
getoond, wilt gebruiken, drukt u op het midden van het instelwiel (Soft-key C).
U kunt de functies toewijzen aan de soft-keys B en C (bladzijde 137).
In dit handboek worden de soft-keys aangeduid door het pictogram of door de functie die
op het scherm wordt getoond.
A
C
B
In dit geval werkt de soft-key A
als de MENU (Menu)-knop en
de soft-key B als de ZOOMknop (Zoom). Soft-key C werkt
als de MODE (Opn.modus)knop.
20NL
Functies in het menu gebruiken
U kunt de basisinstellingen instellen voor de camera als geheel of functies uitvoeren
zoals opnamen maken, afspelen of andere bedieningshandelingen.
Inhoudsopgave
Menu
Voorbeeldfoto
1 Selecteer MENU.
3 Volg de instructies op het scherm en
selecteer het item van uw keuze en
druk op het midden van de draaiknop
als u uw keus wilt maken.
Menu
2 Selecteer het item van uw keuze door
op de boven-/onder-/rechter-/linkerzijde van de draaiknop te drukken en
daarna op het midden te drukken.
MENU
Index
Draaiknop
Opn.modus
Hiermee kunt u de opnamemodus selecteren, zoals de belichtingsstand, panoramisch,
Scènekeuze.
Slim automatisch
De camera evalueert het onderwerp en voert de juiste
instellingen uit. U kunt automatisch opnamen maken met de
juiste instellingen.
Superieur automatisch
Maak opnamen met een breder assortiment van
opnamefuncties dan die van Slim Automatisch opnemen.
Herkent en evalueert de opnamecondities automatisch, voert
Auto HDR uit en kiest de beste opname.
Scènekeuze
Maakt opnamen met vooraf-gekozen instellingen uitgaande
van het onderwerp of de omstandigheden.
Anti-bewegingswaas
Zorgt ervoor dat de camera minder beweegt wanneer u
opnamen van een wat donkere scène binnenshuis of een
teleopname maakt.
Panorama d. beweg.
Maakt opnamen met een panoramische afmeting.
3D-panor. d. beweg.
Maakt 3D panoramische beelden die worden gebruikt voor
weergave op een televisietoestel dat geschikt is voor 3D.
Handm. belichting
Past het diafragma en de sluitertijd aan.
21NL
Vervolg r
Past de sluitertijd aan zodat de beweging van het onderwerp
tot uitdrukking komt.
Diafragmavoorkeuze
Past het scherpstelbereik aan of maakt de achtergrond
onscherp.
Autom. programma
Automatisch opnamen maken waarbij u de instellingen kunt
aanpassen, behalve de belichting (sluitertijd en diafragma).
U kunt de opnamefuncties instellen, zoals ononderbroken opnamen, zelfontspanner en
flitslicht.
Transportfunctie
Selecteert de transportfunctie, zoals ononderbroken
opnamen, zelfontspanner of bracketopnamen.
Selecteert de methode die wordt gebruikt voor het flitsen.
AF/MF-selectie
Selecteert automatische scherpstelling of handmatige
scherpstelling.
AF-gebied
Selecteert het gebied waarop moet worden scherpgesteld.
Selecteert de methode voor autofocus.
Object volgen
Houdt het onderwerp scherp in beeld terwijl het wordt
gevolgd.
Zoom
Stelt de zoom-schaal in van de [Zoom]-functie van de
camera.
Gezichtsherkenning
Detecteert automatisch de gezichten van mensen en past
scherpstelling en belichting aan de gezichten aan.
Gezichtsregistratie
Registreert of wijzigt de persoon die prioriteit krijgt bij de
scherpstelling.
Lach-sluiter
Iedere keer dat de camera een glimlach detecteert, stelt de
camera automatisch de sluiter in werking.
Aut. portretomkad.
Analyseert de scène bij het vastleggen van een gezicht en
slaat nog een afbeelding op met een Indrukwekkender
compositie.
Zachte-huideffect
Maakt met de functie Gezichtsherkenning de huid glad in de
opname.
Lijst met opnametips
Geeft u toegang tot alle opnametips.
LCD-scherm (DISP)
Geeft andere informatie weer op het LCD-scherm.
Zoeker (DISP)
Geeft andere informatie weer op de Elektronische zoeker
(los verkrijgbaar).
DISP-knop (scherm)
Hiermee kunt u het soort informatie selecteren dat op het
LCD-scherm moet worden weergegeven wanneer u op de
knop DISP drukt.
Index
Autom. scherpst.
Menu
Flitsfunctie
Voorbeeldfoto
Camera
Inhoudsopgave
Sluitertijdvoorkeuze
22NL
Vervolg r
Inhoudsopgave
Beeldformaat
Biedt u de mogelijkheid het beeldformaat en de beeldverhouding in te stellen.
Stilstaand beeld
Selecteert het beeldformaat.
Beeldverhouding
Selecteert de beeldverhouding.
Kwaliteit
Selecteert de compressie-indeling.
3D-panorama
Beeldformaat
Selecteert het beeldformaat van de panoramische 3D-beelden.
Panoramarichting
Selecteert de richting voor het pannen van de camera
wanneer u panoramische 3D-beelden maakt.
Voorbeeldfoto
Beeldformaat
Panorama
Selecteert het beeldformaat van panoramische beelden.
Panoramarichting
Selecteert de richting voor het pannen van de camera
wanneer u panoramische beelden opneemt.
Film
Bestandsindeling
Selecteert AVCHD of MP4.
Opname-instelling
Selecteert het beeldformaat, beeldfrequentie en
beeldkwaliteit van films.
Hiermee kunt u de instellingen voor de helderheid maken, zoals de lichtmeetfunctie en
de kleureninstellingen zoals de witbalans.
Belicht.comp.
Corrigeert de helderheid van het totale beeld.
ISO
Stelt de ISO-gevoeligheid in.
Witbalans
Past de kleurtemperatuur aan aan de lichtomstandigheden
van de omgeving.
Lichtmeetfunctie
Selecteert de methode die wordt gebruikt voor het meten
van de helderheid.
Flitscompensatie
Past de hoeveelheid flitslicht aan.
DRO/Auto HDR
Corrigeert automatisch de helderheid of het contrast.
Foto-effect
Maakt opnamen met de gewenste effecten zodat een unieke
sfeer ontstaat.
Creatieve stijl
Selecteert de beeldverwerkingsmethode.
Index
Helderheid/kleur
Menu
Beeldformaat
23NL
Vervolg r
Inhoudsopgave
Afspelen
Hiermee kunt u de weergavefuncties instellen.
Wissen
Verwijdert afbeeldingen.
Speelt beelden automatisch af.
Weergavefunctie
Biedt u de mogelijkheid te bepalen hoe u de weer te geven
beelden wilt groeperen.
Beeldindex
Selecteert het aantal afbeeldingen dat op het indexscherm
moet worden getoond.
Roteren
Roteert beelden.
Beveiligen
Beveiligt beelden of annuleert de beveiliging.
3D-weergave
Brengt de verbinding tot stand met een televisietoestel dat
geschikt is voor 3D en laat u 3D-beelden zien.
Vergroot
Voorbeeldfoto
Diavoorstelling
Vergroot het beeld.
Stelt het geluidsvolume in van films.
Printen opgeven
Selecteert de af te drukken beelden of maakt instellingen
voor het afdrukken.
Inhoud
Tijdens weergeven
weergave
Wisselt tussen informatie die op het weergavescherm moet
worden weergegeven.
Hiermee kunt u meer gedetailleerde opname-instellingen maken of de instellingen van
de camera wijzigen.
Index
Instellingen
Menu
Volume-instellingen
Opname-instellingen
AF-hulplicht
Hiermee wordt het AF-hulplicht ingesteld ter ondersteuning
van het automatisch scherpstellen op minder goed verlichte
plaatsen.
Rode ogen verm.
Geeft een voorflits voorafgaand aan de opname met de
flitser, ter voorkoming van rode ogen.
Inst. FINDER/LCD
Stelt in hoe u kunt overschakelen tussen de Elektronische
zoeker (los verkrijgbaar) en het LCD-scherm.
LiveView-weergave
Biedt u de mogelijkheid te kiezen of u de waarde van de
belichtingscompensatie, enz. op het scherm wilt tonen of niet.
Autom.weergave
Hiermee wordt de weergavetijd ingesteld van de afbeelding
direct na het maken van de opname.
Stramienlijn
Schakelt de stramienlijn in die u helpt de beeldcompositie
aan te passen.
Reliëfniveau
Accentueert de contouren van scherpstelbereiken met een
geselecteerde kleur.
Reliëfkleur
Hiermee wordt de kleur ingesteld die wordt gebruikt voor de
peaking-functie.
Helder Beeld Zoom
Zoomt in op een afbeelding met een hogere kwaliteit dan
Digitale Zoom.
24NL
Vervolg r
Zelfontsp. v. zelfportret
Hiermee wordt ingesteld of de opnamestand wordt ingesteld
op de zelfontspanner met een vertraging van 3 seconden of
niet, wanneer het LCD-scherm ongeveer 180 graden
omhoog wordt gekanteld.
Sup. aut. Beeld extractie
Hiermee wordt ingesteld of alle afbeeldingen die zonder
onderbreking zijn opgenomen in de stand Superieur
automatisch, worden opgeslagen of niet.
Hiermee wordt ingesteld hoe lang de afbeelding zal worden
getoond in een uitgebreide vorm.
Kleurenruimte
Wijzigt het bereik van de kleurreproductie.
SteadyShot
Hiermee wordt de correctie ingesteld ter voorkoming van
bewegingsonscherpte.
Opn. zonder lens
Hiermee wordt ingesteld of de sluiter al dan niet in werking
moet worden gesteld wanneer er geen lens op de camera is
geplaatst.
Eye-Start AF
Hiermee wordt ingesteld of automatisch scherpstellen wel of
niet wordt gebruikt wanneer u door een Elektronische
zoeker (los verkrijgbaar) kijkt.
Sluitergordijn voorzijde
Hiermee wordt ingesteld of de functie voor het elektronische
sluitergordijn voorzijde wordt gebruikt of niet.
NR lang-belicht
Hiermee wordt de ruisreductieverwerking ingesteld voor
opnamen met een lange belichtingstijd.
NR bij hoge-ISO
Hiermee wordt de ruisreductieverwerking ingesteld voor
opnamen met een hoge ISO-gevoeligheid.
Lenscomp.: schaduw
Corrigeert de donkere hoeken van het scherm.
Lenscomp.: chrom. afw.
Vermindert de kleurafwijking van de hoeken van het scherm.
Lenscomp.: vervorming
Corrigeert de vervorming van het scherm.
Gezichtsprioriteit volgen
Hiermee wordt ingesteld of een gezicht bij voorkeur wordt
gevolgd of niet wanneer de camera dat gezicht ontdekt
tijdens het volgen van een object.
Filmgeluid opnemen
Hiermee wordt het geluid ingesteld voor het opnemen van films.
Windruis reductie
Vermindert windgeruis tijdens het opnemen van films.
AF-microafst.
Voert een fijnafstelling uit van de automatisch
scherpgestelde positie wanneer de LA-EA2 Montageadapter (los verkrijgbaar) wordt gebruikt.
Index
Toont een vergroot beeld wanneer u handmatig scherpstelt.
MF-hulptijd
Menu
MF Assist
Voorbeeldfoto
Zoomt in op een afbeelding met een hogere vergroting dan
Helder Beeld Zoom. Deze functie kan ook beschikbaar zijn
bij het opnemen van film.
Inhoudsopgave
Digitale zoom
Hoofdinstellingen
Menustartpositie
Selecteert een menu dat het eerst wordt weergegeven uit het
hoofdmenu of het laatste menuscherm.
Eigen toetsinstellingen
Wijst functies toe aan de soft keys, de rechtertoets van de
draaiknop, enz.
Pieptoon
Selecteert het geluid dat wordt geproduceerd wanneer u de
camera bedient.
Taal
Selecteert de taal die op het scherm wordt gebruikt.
Vervolg r
25NL
Hiermee wordt de datum en tijd ingesteld.
Tijdzone instellen
Selecteert het gebied waar u de camera gebruikt.
Help-scherm
Schakelt het Help-scherm in of uit.
Eco-stand
Hiermee wordt het niveau van de energiebesparingsfunctie
ingesteld.
Stroombesparing
Hiermee wordt de tijd ingesteld waarna de camera de modus
stroombesparing inschakelt.
Kleur weergeven
Selecteert de kleur van het LCD-scherm.
Breedbeeld
Selecteert een methode voor het weergeven van
groothoekbeelden.
Afspeelweergave
Selecteert de methode die wordt gebruikt voor het
weergeven van portretbeelden.
HDMI-resolutie
Hiermee wordt de resolutie ingesteld bij aansluiting op de
HDMI-tv.
CTRL.VOOR HDMI
Hiermee wordt ingesteld of de camera kan worden bediend
met de afstandsbediening van een televisietoestel dat
geschikt is voor "BRAVIA" Sync.
USB-verbinding
Selecteert de methode die wordt gebruikt voor een USBverbinding.
Reinigen
Zo kunt u de beeldsensor reinigen.
Versie
Toont de versies van de camera en van de lens/montageadapter.
Demomodus
Hiermee wordt ingesteld of de demonstratie wordt
weergegeven bij films of niet.
Terugstellen
Reset de camera naar de instellingen af-fabriek.
Index
Hiermee wordt de helderheid van de Elektronische zoeker
(los verkrijgbaar) ingesteld.
Menu
Hiermee wordt de helderheid van het LCD-scherm ingesteld.
Helderheid zoeker
Voorbeeldfoto
LCD-helderheid
Inhoudsopgave
Datum/tijd instellen
Geheugenkaartprogramma
Formatteren
Formatteert de geheugenkaart.
Bestandsnummer
Selecteert de methode voor het toewijzen van
bestandsnummers aan beelden.
Mapnaam
Selecteert de indeling van de mapnaam.
Opnamemap kiezen
Selecteert de opnamemap.
Nieuwe map
Maakt een nieuwe map aan.
Beeld-DB herstellen
Repareert het beeld-databasebestand wanneer
onregelmatigheden worden aangetroffen.
Kaartruimte weerg.
Toont de resterende opnametijd van films en het aantal op te
nemen stilstaande beelden op de geheugenkaart.
Eye-Fi instellen*
Inst. uploaden
Stelt de uploadfunctie van de camera in wanneer een
Eye-Fi-kaart wordt gebruikt.
* Verschijnt wanneer een Eye-Fi-kaart (los verkrijgbaar) in de camera wordt gezet.
26NL
Hier wordt uitgelegd hoe u opnamen maakt met de instellingen die golden toen u de
camera kocht.
De camera neemt beslissingen die geschikt zijn voor de situatie en past de instellingen
aan.
De functie Scèneherkenning begint te werken.
2 Als u stilstaande beelden wilt maken, drukt u de ontspanknop half in, stelt
u scherp op uw onderwerp en maakt u vervolgens de opname door de
ontspanknop geheel in te drukken.
Wanneer de camera een gezicht waarneemt en er een opname van maakt, wordt het
vastgelegde beeld automatisch bijgesneden voor een geschikte compositie. Het
oorspronkelijke maar ook het bijgesneden beeld worden opgeslagen (bladzijde 77).
Menu
Druk op de MOVIE-knop als u films wilt opnemen.
Druk nogmaals op de MOVIE-knop als u het opnemen wilt stoppen.
Voorbeeldfoto
1 Pas de hoek van het LCD-scherm aan en houd de camera vast.
Inhoudsopgave
Beelden opnemen
Opmerking
• U kunt maximaal 29 minuten zonder onderbreking een film opnemen en u kunt een film in een MP4indeling tot maximaal 2 GB opnemen. De opnametijd kan korter zijn afhankelijk van de
omgevingstemperatuur of opnamecondities.
Index
z Over Scèneherkenning
Met de functie Scèneherkenning kan de camera automatisch de
opnamecondities herkennen en kunt u de opname maken met
de juiste instellingen.
Pictogram en aanwijzingen
Scèneherkenning
• De camera herkent (Nachtscène),
(Nachtscène m. statief),
(Nachtportret),
(Tegenlichtopname),
(Portret m. tegenlicht),
(Portretopname),
(Landschap),
(Macro),
(Spotlight), (Duister) of
(Kind) en geeft het bijbehorende
pictogram en aanwijzingen weer op het LCD-scherm, wanneer de scène wordt herkend.
27NL
Vervolg r
waarop u moeilijk kunt scherpstellen
Wanneer de camera niet automatisch op het onderwerp kan
scherpstellen, knippert de scherpstellingsindicator. Maak
opnieuw een compositie van de opname of kies een andere
instelling voor het scherpstellen.
Scherpstellingsindicator
Status
z brandt
Scherpstelling vergrendeld.
Scherpstelling is bevestigd. Het scherpstelpunt beweegt doordat
het een bewegend onderwerp volgt.
brandt
Nog bezig met scherpstellen.
z knippert
Kan niet scherpstellen.
Menu
brandt
Voorbeeldfoto
Scherpstellingsindicator
Inhoudsopgave
z Als u een stilstaand beeld maakt van een onderwerp
• Scherpstellen kan moeilijk zijn in de volgende situaties:
Het is donker en het onderwerp is ver weg.
Er is weinig contrast tussen het onderwerp en de achtergrond.
Het onderwerp is zichtbaar door glas heen.
Het onderwerp beweegt snel.
Het onderwerp reflecteert licht, bijvoorbeeld een spiegel of heeft glimmende oppervlakken.
Het onderwerp knippert.
Het onderwerp wordt van achteren belicht.
Index
–
–
–
–
–
–
–
28NL
Inhoudsopgave
Beelden weergeven
Geeft de vastgelegde beelden weer.
1 Druk op de
(Weergave)-knop.
2 Selecteer het beeld met de draaiknop.
Tijdens het weergeven van films
Bediening van de draaiknop
Onderbreken/hervatten
Druk op het midden.
Druk op rechts of draai naar rechts.
Snel terug
Druk op links of draai naar links.
Vooruit langzaam afspelen
Draai naar rechts in pauzestand.
Terug langzaam afspelen*
Draai naar links in de pauzestand.
Geluidsvolume aanpassen
Druk op de onderzijde t bovenzijde/onderzijde.
Menu
Snel vooruit
Voorbeeldfoto
3 Druk op het midden van de draaiknop als u panoramische beelden of
films wilt weergeven.
* De film wordt beeld-voor-beeld afgespeeld.
Opmerking
• Panoramische beelden die met andere camera's zijn genomen, worden mogelijk niet goed weergegeven.
U kunt een map van uw keuze selecteren door de balk
links van het beeldindexscherm (bladzijde 49) te
selecteren en vervolgens op het boven-/ondergedeelte van
de draaiknop te drukken. U kunt de weergavefunctie
aanpassen door op het midden van de draaiknop te
drukken.
Index
z Een map van uw keuze weergeven
29NL
Vervolg r
Een gedeelte van een stilstaand beeld kan worden vergroot zodat u het beter kunt
bekijken tijdens de weergave. Dit is handig om de scherpstelling van een vastgelegd
stilstaand beeld te bekijken. U kunt de weergegeven beelden vergroten vanuit het menu
(bladzijde 105).
2 Pas de schaal aan door de draaiknop te
draaien.
3 Selecteer het gedeelte dat u wilt vergroten
door op de boven-/onder-/rechter-/linkerzijde
van de draaiknop te drukken.
Menu
4 U kunt de vergrote weergave annuleren door
te selecteren.
Voorbeeldfoto
1 Geef het beeld weer dat u wilt vergroten en
selecteer vervolgens (Vergroot).
Inhoudsopgave
Vergrote weergave
Opmerkingen
• U kunt de functie voor de vergrote weergave niet gebruiken bij films.
• Als u panoramische beelden wilt vergroten, onderbreekt u eerst de weergave en drukt u vervolgens
op
(Vergroot).
Het weergavezoombereik is als volgt.
Beeldformaat
Weergavezoombereik
L
Ongev. ×1,0 – ×13,6
M
Ongev. ×1,0 – ×9,9
S
Ongev. ×1,0 – ×6,8
Index
z Weergavezoombereik
30NL
Inhoudsopgave
Beelden wissen
U kunt het weergegeven beeld wissen.
1 Geef het beeld weer dat u wilt wissen en
selecteer
(Wissen).
Selecteer
afsluiten.
Voorbeeldfoto
2 Selecteer OK.
als u de bedieningshandeling wilt
(Wissen)
Menu
OK
Opmerkingen
• U kunt beveiligde beelden niet wissen.
• Wanneer u eenmaal een beeld hebt gewist, kunt u dit niet herstellen. Controleer van tevoren of u het beeld
wilt wissen of niet.
Selecteer MENU t [Afspelen] t [Wissen] als u bepaalde beelden tegelijkertijd wilt
selecteren en wissen.
Index
z Een aantal beelden wissen
31NL
Werken met de functie Creatief met foto's
Met Creatief met foto's kunt u met gemakkelijke bedieningshandelingen opnamen
maken van een onderwerp en gemakkelijk creatieve foto's maken.
1 MENU t [Opn.modus] t [Slim
automatisch] of [Superieur automatisch].
(Creatief met foto's).
Menu
3 Selecteer het item dat u wilt instellen uit de
items die aan de onderzijde van het scherm
worden weergegeven.
Voorbeeldfoto
2 Selecteer
Inhoudsopgave
Creatief met foto's
U kunt de instelitems van Creatief met foto's
tegelijkertijd gebruiken.
Index
4 Selecteer de instelling van uw keuze.
5 Druk de sluiterknop in als u stilstaande
beelden wilt maken.
Start, als u films wilt opnemen, de opnamen
door op de knop MOVIE te drukken.
Als u wilt terugkeren naar [Slim automatisch] of
[Superieur automatisch], selecteert u
.
Achterg. onsch. (bladzijde 33)
Past de onscherpte van de achtergrond aan.
Helderheid (bladzijde 34)
Past de helderheid aan.
Kleur (bladzijde 35)
Past de kleur aan.
Levendigheid (bladzijde 36)
Past de levendigheid aan.
Foto-effect (bladzijde 37)
Selecteert de effectfilter van uw keuze voor het maken van
opnamen.
Opmerkingen
• De functie Creatief met foto's is alleen beschikbaar wanneer een lens met een Montagestuk E op het toestel is
gezet.
• De functie Creatief met foto's is alleen beschikbaar wanneer [Opn.modus] is ingesteld op [Slim
automatisch] of [Superieur automatisch].
• De functie Lach-sluiter gebruiken is niet mogelijk.
• Wanneer de stand Creatief met foto's is geactiveerd, worden verscheidene items die in het menu zijn
ingesteld, ongeldig.
• Wanneer de camera weer op [Slim automatisch] of [Superieur automatisch] wordt gezet, of wordt
uitgeschakeld, worden de instellingen gereset naar de standaardinstellingen.
• U kunt [Achterg. onsch.] alleen aanpassen tijdens het maken van filmopnamen met de functie Creatief
met foto's.
• Als u de functie Creatief met foto's inschakelt terwijl [Superieur automatisch] is geactiveerd, maakt de
camera geen composite-afbeelding.
32NL
Met Creatief met foto's kunt u gemakkelijk de achtergrond onscherp maken zodat het
onderwerp vrij in het beeld komt te staan, en u kunt het effect van het onscherp maken
controleren op het LCD-scherm. U kunt een film opnemen met een waarde die is
aangepast met het onscherpte-effect.
Inhoudsopgave
Achtergrond onscherp
Voorbeeldfoto
1 MENU t [Opn.modus] t [Slim automatisch] of [Superieur automatisch].
2 Selecteer
(Creatief met foto's).
4 Maak de achtergrond onscherp.
: Scherpstellen
: Onscherp maken
Selecteer AUTO als u de oorspronkelijke status wilt herstellen.
Menu
3 Selecteer [Achterg. onsch.].
Opmerkingen
Index
• Welk bereik beschikbaar is voor het onscherp stellen hangt af van de lens die wordt gebruikt.
• Het effect van het onscherp stellen zal misschien niet waarneembaar zijn, dat kan afhankelijk zijn van de
afstand van het onderwerp of de lens die wordt gebruikt.
z Voor een beter resultaat van Achtergrond onscherp
maken
• Ga dichter naar het onderwerp toe.
• Vergroot de afstand tussen het onderwerp en de achtergrond.
33NL
U kunt de helderheid gemakkelijk aanpassen in Creatief met foto's.
2 Selecteer
(Creatief met foto's).
3 Selecteer [Helderheid].
Voorbeeldfoto
1 MENU t [Opn.modus] t [Slim automatisch] of [Superieur automatisch].
Inhoudsopgave
Helderheid
4 Selecteer de helderheid van uw keuze.
Menu
: Afbeeldingen helderder maken
: Afbeeldingen donkerder maken
Selecteer AUTO als u de oorspronkelijke status wilt herstellen.
Index
34NL
U kunt de kleur gemakkelijk aanpassen in Creatief met foto's.
2 Selecteer
(Creatief met foto's).
3 Selecteer [Kleur].
Voorbeeldfoto
1 MENU t [Opn.modus] t [Slim automatisch] of [Superieur automatisch].
Inhoudsopgave
Kleur
4 Selecteer de kleur van uw keuze.
Menu
: De kleur warm maken
: De kleur koel maken
Selecteer AUTO als u de oorspronkelijke status wilt herstellen.
Index
35NL
U kunt de levendigheid gemakkelijk aanpassen in Creatief met foto's.
2 Selecteer
(Creatief met foto's).
3 Selecteer [Levendigheid].
Voorbeeldfoto
1 MENU t [Opn.modus] t [Slim automatisch] of [Superieur automatisch].
Inhoudsopgave
Levendigheid
4 Selecteer de levendigheid van uw keuze.
Menu
: Afbeeldingen levendig maken
: Afbeeldingen zwakker maken
Selecteer AUTO als u de oorspronkelijke status wilt herstellen.
Index
36NL
U kunt Foto-effect gemakkelijk instellen in Creatief met foto's. Selecteer het effectfilter
van uw keuze voor een meer pakkende en artistieke uitdrukking.
2 Selecteer
(Creatief met foto's).
Voorbeeldfoto
1 MENU t [Opn.modus] t [Slim automatisch] of [Superieur automatisch].
Inhoudsopgave
Foto-effect
3 Selecteer [Foto-effect].
4 Selecteer het de effect van uw keuze.
(Uit)
Menu
Selecteer AUTO als u de oorspronkelijke status wilt herstellen.
Maakt geen gebruik van de functie Beeldeffect.
Creëert het beeld van een foto van een
(Speelgoedcamera) speelgoedcamera met vervaagde hoeken en
geprononceerde kleuren.
Index
(Hippe kleuren) Creëert een levendig uiterlijk door
kleurtinten te accentueren.
(Posterisatie:
kleur)
Creëert een abstract beeld met veel contrast
doordat de primaire kleuren sterk worden
benadrukt.
(Posterisatie:
Z-W)
Creëert een abstract beeld met veel contrast
in zwart-wit.
(Retrofoto)
Creëert het uiterlijk van een oude foto met
sepia kleurtinten en vervaagd contrast.
37NL
Vervolg r
(Deelkleur:
groen)
Creëert een beeld waarin de kleur groen
wordt behouden, maar de andere kleuren
worden omgezet in zwart-wit.
(Deelkleur:
blauw)
Creëert een beeld waarin de kleur blauw
wordt behouden, maar de andere kleuren
worden omgezet in zwart-wit.
(Deelkleur:
geel)
Creëert een beeld waarin de kleur geel
wordt behouden, maar de andere kleuren
worden omgezet in zwart-wit.
(Hg. contr.
monochr.)
Creëert een beeld met veel in zwart-wit.
Index
Creëert een beeld waarin de kleur rood
wordt behouden, maar de andere kleuren
worden omgezet in zwart-wit.
Menu
(Deelkleur:
rood)
Voorbeeldfoto
Creëert een beeld met een aangewezen
sfeer: helder, transparant, vluchtig, teer,
zacht.
Inhoudsopgave
(Zachte felle
kleuren)
Opmerkingen
• Wanneer [Deelkleur] is geselecteerd, zullen beelden afhankelijk van het onderwerp misschien niet de
geselecteerde kleur behouden.
• Het aantal beschikbare beeldeffecten wordt beperkt met Creatief met foto's. Ook is de fijnafstelling niet
beschikbaar. U kunt meer beeldeffecten gebruiken en een fijnafstelling uitvoeren met Option. Selecteer
MENU t [Helderheid/kleur] t [Foto-effect] (bladzijde 96).
38NL
Functies gebruiken met de draaiknop
De draaiknop gebruiken:
1 Druk herhaaldelijk op DISP (Inhoud weergeven) op de draaiknop en kies
de gewenste stand.
1 Tijdens het maken van opnamen, MENU t [Camera] t [LCD-scherm
(DISP)]/[Zoeker (DISP)].
Tijdens weergave, MENU t [Afspelen] t [Inhoud weergeven].
2 Selecteer de stand van uw keuze.
Voorbeeldfoto
Het Menu gebruiken:
Inhoudsopgave
DISP (Inhoud weergeven)
Opmerkingen
Menu
• U kunt [Zoeker (DISP)] instellen wanneer een Elektronische zoeker (los verkrijgbaar) op de camera is
bevestigd.
• Histogram wordt niet weergegeven tijdens de volgende bewerkingen.
– Film opnemen/weergeven
– Panorama opnemen/weergeven
– Diavoorstelling
Tijdens het maken van opnamen
Index
LCD-scherm (DISP)
Graf. weerg.
Toont eenvoudige informatie over het maken
van opnamen.
Geeft een grafische weergave van de
sluitertijd en de diafragmawaarde, behalve
wanneer [Opn.modus] is ingesteld op
[Panorama d. beweg.] of [3D-panor. d.
beweg.].
Alle info
weergeven
Toont opname-informatie.
Grote letters
Toont alleen grotere items in groter formaat.
Geen info
Toont geen opname-informatie.
39NL
Vervolg r
Voor zoeker
Toont alleen opname-informatie op het
scherm (geen beeld). Selecteer deze optie
wanneer u een opname maakt met behulp van
een zoeker (los verkrijgbaar).
Voorbeeldfoto
Toont de luminantieverdeling grafisch.
Inhoudsopgave
Histogram
Zoeker (DISP)
Toont elementaire opname-informatie in de
zoeker.
Histogram
Toont de luminantieverdeling grafisch.
Menu
Basisinfo wrg.
z Voor het instellen van de weergavestanden die
U kunt met [DISP-knop (scherm)] selecteren welke weergavestanden van het LCD-scherm
in de opnamestand kunnen worden geselecteerd (bladzijde 80).
Index
beschikbaar moeten zijn
Tijdens weergave
Info weergeven
Toont opname-informatie.
Histogram
Toont de luminantieverdeling grafisch, naast
de opname-informatie.
Geen info
Toont geen opname-informatie.
40NL
Vervolg r
Het histogram geeft de luminantieverdeling weer die aangeeft hoeveel pixels van een
bepaalde helderheid er voorkomen in het beeld. Een helderder beeld zal het gehele
histogram naar de rechterkant, en een donkerder beeld zal het gehele histogram naar de
linkerkant doen verschuiven.
R (rood) Luminantie
• Als het beeld een sterk belicht of zwak belicht deel
bevat, knippert dat gedeelte in de histogramweergave
(luminantielimietwaarschuwing).
Voorbeeldfoto
Flitslicht
Inhoudsopgave
z Wat is een histogram?
G (groen) B (blauw)
Menu
Index
41NL
U kunt de belichting aanpassen in stappen van 1/3 EV in het bereik van –3,0 EV tot +3,0 EV.
1
Opmerkingen
Menu
• U kunt [Belicht.comp.] niet gebruiken in combinatie met de volgende functies:
– [Slim automatisch]
– [Superieur automatisch]
– [Scènekeuze]
– [Handm. belichting]
• U kunt voor films de belichting aanpassen in een bereik van –2,0 EV tot +2,0 EV.
• Als u een onderwerp vastlegt in uiterst heldere of donkere omstandigheden, of wanneer u de flitser
gebruikt, zult u misschien niet een bevredigend resultaat kunnen bereiken.
• U kunt de belichting aanpassen tussen –3,0 EV en +3,0 EV, maar op het scherm verschijnt slechts een
waarde tussen –2,0 EV en +2,0 EV met de bijbehorende beeldhelderheid. Als u een belichting instelt die
buiten dit bereik valt, toont de helderheid op het scherm het effect niet, maar dat wordt wel weergegeven
in het vastgelegde beeld.
Voorbeeldfoto
(Belicht.comp.) op de draaiknop t gewenste waarde.
Of, MENU t [Helderheid/kleur] t [Belicht.comp.] t waarde van uw
keuze.
Inhoudsopgave
Belicht.comp.
z De belichting aanpassen voor mooiere beelden
m
Index
Overbelichting = te veel licht
Witachtig beeld
Stel [Belicht.comp.] in naar –.
Juiste belichting
M
Stel [Belicht.comp.] in naar +.
Onderbelichting = te weinig licht
Donkerder beeld
• Stel, als u opnamen van onderwerpen wilt maken in helderder tinten, een
belichtingscompensatie in aan de +-zijde.
Als u foto's van voeding er aantrekkelijker wilt laten uitzien, maak de opname dan wat
helderder dan gebruikelijk en gebruik als dat kan een witte achtergrond.
• Wanneer u opnamen maakt van een blauwe lucht, maakt een belichtingscorrectie aan
de –-zijde dat u de lucht in levendige kleuren kunt vastleggen.
42NL
U kunt de transportfunctie instellen, zoals ononderbroken opnamen, zelfontspanner of
bracket-opnamen.
1
Legt 1 stilstaand beeld vast. Normale opnamestand.
(Continue
opname)
Legt beelden ononderbroken vast zolang u de ontspanknop
ingedrukt houdt (bladzijde 44).
(Snelh.
continutr.)
Legt beelden ononderbroken bij hoge snelheid vast zolang u de
ontspanknop ingedrukt houdt (bladzijde 45). Instellingen voor
scherpstelling en helderheid van de eerste opname worden
gebruikt voor de volgende opnamen.
Legt een beeld vast na 10 of 2 seconden (bladzijde 46).
(Zelfontspanner)
Menu
(Enkele
opname)
Voorbeeldfoto
(Transportfunctie) op de draaiknop t stand van uw keuze.
Of MENU t [Camera] t [Transportfunctie] t stand van uw keuze.
Inhoudsopgave
Transportfunctie
Legt beelden ononderbroken vast na 10 seconden (bladzijde 47).
(Zelfontsp.(Cont.))
(Bracket:
continu)
Legt 3 beelden vast wanneer u de ontspanknop ingedrukt houdt,
elk met verschillende helderheid (bladzijde 48).
Index
Opmerking
• U kunt de instelling niet wijzigen wanneer u de volgende functies gebruikt:
– [Schemeropn. uit hand] in [Scènekeuze]
– [Anti-bewegingswaas]
– [Panorama d. beweg.]
– [3D-panor. d. beweg.]
– [Auto HDR]
– [Soft focus], [HDR-schilderij], [Mono. m. rijke tonen], [Miniatuur] in [Foto-effect]
– [Zelfontsp. v. zelfportret] is ingesteld op [Aan]
43NL
Legt beelden ononderbroken vast zolang u de ontspanknop ingedrukt houdt.
1
(Transportfunctie) op de draaiknop t [Continue opname].
Of MENU t [Camera] t [Transportfunctie] t [Continue opname].
Voorbeeldfoto
Opmerking
• U kunt [Continue opname] niet gebruiken in combinatie met de volgende functies:
– [Scènekeuze], behalve [Sportactie]
– [Anti-bewegingswaas]
– [Panorama d. beweg.]
– [3D-panor. d. beweg.]
– [Lach-sluiter]
– [Auto HDR]
– [Zelfontsp. v. zelfportret] is ingesteld op [Aan]
Inhoudsopgave
Continue opname
Menu
Index
44NL
De camera gaat door met opnamen maken zolang u de sluiterknop ingedrukt houdt. De
opnamen worden scherp gesteld en de helderheid wordt ingesteld bij de eerste
afbeelding. U kunt ononderbroken opnamen maken met een hogere frequentie dan die
van [Continue opname] (met een maximum van ongeveer 5,5 beelden per seconden).
(Transportfunctie) op de draaiknop t [Snelh. continutr.].
Of MENU t [Camera] t [Transportfunctie] t [Snelh. continutr.].
Opmerkingen
Menu
• U kunt [Snelh. continutr.] niet gebruiken in combinatie met de volgende functies:
– [Scènekeuze], behalve [Sportactie]
– [Anti-bewegingswaas]
– [Panorama d. beweg.]
– [3D-panor. d. beweg.]
– [Lach-sluiter]
– [Auto HDR]
– [Zelfontsp. v. zelfportret] is ingesteld op [Aan]
• De snelheid van ononderbroken opnamen wordt geschat met gebruikmaking van uw criteria. De snelheid
van ononderbroken opnamen kan afhankelijk van de opnamecondities (Beeldgrootte, ISO-instelling, NR
bij Hoge ISO of de instelling van [Lenscomp.: vervorming]), lager zijn.
Voorbeeldfoto
1
Inhoudsopgave
Snelh. continutr.
Index
45NL
1
(Transportfunctie) op de draaiknop t [Zelfontspanner].
Of MENU t [Camera] t [Transportfunctie] t [Zelfontspanner].
2 Option t stand van uw keuze.
(Transportfunctie) en selecteer [Enkele opname] als u de timer wilt
(Zelfontspanner:
10 sec.)
Stelt de zelfontspanner met 2 seconden vertraging in.
Dit vermindert het trillen van de camera dat wordt veroorzaakt
door het indrukken van de opnameknop.
Menu
(Zelfontspanner:
2 sec.)
Stelt de zelfontspanner met 10 seconden vertraging in.
Wanneer u de ontspanknop indrukt, knippert het lampje van de
zelfontspanner en klinkt een akoestisch signaal totdat de sluiter
werkt.
Druk op
(Transportfunctie) op de draaiknop als u de
zelfontspanner wilt annuleren.
Voorbeeldfoto
Druk op
annuleren.
Inhoudsopgave
Zelfontspanner
Opmerking
Index
• U kunt [Zelfontspanner] niet gebruiken in combinatie met de volgende functies:
– [Schemeropn. uit hand] in [Scènekeuze]
– [Anti-bewegingswaas]
– [Panorama d. beweg.]
– [3D-panor. d. beweg.]
– [Lach-sluiter]
– [Auto HDR]
– [Zelfontsp. v. zelfportret] is ingesteld op [Aan]
• Wanneer het LCD-scherm ongeveer 180 graden omhoog wordt geklapt met [Zelfontsp. v. zelfportret]
ingesteld op [Aan], knippert het zelfontspannerlampje niet.
46NL
Maakt na 10 seconden zonder onderbreking het aantal opnamen dat u hebt ingesteld. U
kunt de beste opname kiezen uit de opnamen die zijn gemaakt.
1
2 Option t stand van uw keuze.
Druk op
annuleren.
(Transportfunctie) en selecteer [Enkele opname] als u de timer wilt
(Zelfont.
(cont.): 10 sec.
3 blden.)
Menu
(Zelfont.
(cont.): 10 sec.
5 blden.)
Maakt na 10 seconden 3 of 5 stilstaande beelden.
Wanneer u de ontspanknop indrukt, knippert het lampje van de
zelfontspanner en klinkt een akoestisch signaal totdat de sluiter
werkt.
Druk op
(Transportfunctie) op de draaiknop als u de
zelfontspanner wilt annuleren.
Voorbeeldfoto
(Transportfunctie) op de draaiknop t [Zelfontsp.(Cont.)].
Of MENU t [Camera] t [Transportfunctie] t [Zelfontsp.(Cont.)].
Inhoudsopgave
Zelfontsp.(Cont.)
Opmerking
Index
• U kunt [Zelfontsp.(Cont.)] niet gebruiken in combinatie met de volgende functies:
– [Schemeropn. uit hand] in [Scènekeuze]
– [Anti-bewegingswaas]
– [Panorama d. beweg.]
– [3D-panor. d. beweg.]
– [Lach-sluiter]
– [Auto HDR]
– [Zelfontsp. v. zelfportret] is ingesteld op [Aan]
• Wanneer het LCD-scherm ongeveer 180 graden omhoog wordt geklapt met [Zelfontsp. v. zelfportret]
ingesteld op [Aan], knippert het zelfontspannerlampje niet.
47NL
Maakt 3 opnamen terwijl automatisch de belichting wordt verschoven van normale
belichting, naar donkerder en vervolgens naar lichter. Houd de opnameknop ingedrukt
totdat de bracket-opname is voltooid.
U kunt na het maken van de opnamen het beeld kiezen dat het beste overeenkomt met uw
bedoeling.
Inhoudsopgave
Bracket: continu
Voorbeeldfoto
1
2 Option t stand van uw keuze.
Druk op
annuleren.
(Transportfunctie) en selecteer [Enkele opname] als u bracketing wilt
(Bracket:
continu: 0,3 EV)
Menu
(Transportfunctie) op de draaiknop t [Bracket: continu].
Of MENU t [Camera] t [Transportfunctie] t [Bracket: continu].
Beelden worden vastgelegd met een ingestelde waarde voor de
afwijking (stappen) vanaf de basisbelichting.
Index
(Bracket:
continu: 0,7 EV)
Opmerkingen
• U kunt [Bracket: continu] niet gebruiken in combinatie met de volgende functies:
– [Slim automatisch]
– [Superieur automatisch]
– [Scènekeuze]
– [Anti-bewegingswaas]
– [Panorama d. beweg.]
– [3D-panor. d. beweg.]
– [Lach-sluiter]
– [Auto HDR]
– [Zelfontsp. v. zelfportret] is ingesteld op [Aan]
• De laatste opname wordt getoond in de automatische weergave.
• In [Handm. belichting] wordt de belichting verschoven doordat de sluitertijd wordt aangepast.
• Bij aanpassing van de belichting, wordt de belichting verschoven aan de hand van de gecompenseerde
waarde.
48NL
Functies in het menu gebruiken
Toont meerdere beelden tegelijkertijd.
1 Druk op de
(Weergave)-knop als u naar de weergavestand wilt
overschakelen.
(Beeldindex) op de draaiknop.
De index van 6 beelden wordt weergegeven.
U kunt overschakelen naar de index van 12 beelden; MENU t [Afspelen] t [Beeldindex].
3 U kunt terugkeren naar de weergave van één enkel beeld door de
afbeelding van uw keuze te selecteren en op het midden van de
draaiknop te drukken.
Voorbeeldfoto
2 Druk op
Inhoudsopgave
Beeldindex
z Een map van uw keuze weergeven
Menu
U kunt een map van uw keuze selecteren door de balk
links van het beeldindexscherm te selecteren en
vervolgens op het boven-/ondergedeelte van de draaiknop
te drukken. U kunt de weergavefunctie aanpassen door op
het midden van de draaiknop te drukken.
Index
49NL
De camera analyseert het onderwerp en biedt u de mogelijkheid een opname te maken
met de juiste instellingen.
1 MENU t [Opn.modus] t [Slim
automatisch].
Wanneer de camera de scène herkent, verschijnen het
pictogram van Scèneherkenning en aanwijzingen op het
scherm.
De camera herkent (Nachtscène),
(Nachtscène m.
statief),
(Nachtportret),
(Tegenlichtopname),
(Portret m. tegenlicht),
(Portretopname),
(Landschap),
(Macro),
(Spotlight),
(Duister) of
(Kind).
Pictogram en aanwijzingen
Scèneherkenning
Menu
3 Stel scherp en fotografeer het onderwerp.
Voorbeeldfoto
2 Richt de camera op het onderwerp.
Inhoudsopgave
Slim automatisch
Opmerkingen
• [Flitsfunctie] is ingesteld op [Automatisch flitsen] of [Flitser uit].
• U kunt ook een opname maken als de camera de scène niet heeft herkend.
• Wanneer [Gezichtsherkenning] is ingesteld op [Uit], worden de scènes [Portretopname], [Portret m.
tegenlicht], [Nachtportret] en [Kind] niet herkend.
Index
De voordelen van automatisch opnamen maken
In de stand Superieur automatisch maakt de camera opnamen met een hogere kwaliteit
dan in de stand Slim automatisch en er worden composite-opnamen gemaakt, als dat
nodig is.
In de stand Autom. programma maakt de camera opnamen met diverse functies, zoals
witbalans, ISO, enz., aangepast.
Opnamemodus
(Slim automatisch)
Uw doel
• Gemakkelijk de scène herkennen ononderbroken opnamen
maken.
(Superieur
automatisch)
(bladzijde 52)
• Scènes vastleggen onder moeilijke omstandigheden, zoals bij
weinig licht of met tegenlicht.
• Een beeld vastleggen van hogere kwaliteit dan Slim automatisch
biedt.
(Autom. programma)
(bladzijde 64)
• Opnamen maken met diverse andere functies dan met
aangepaste belichting (sluitertijd en diafragma).
Opmerking
• In de stand Superieur automatisch duurt het opnameproces langer, omdat de camera een composite-beeld
moet maken.
50NL
Vervolg r
Wanneer u op het midden van de draaiknop drukt in de stand [Slim automatisch] of
[Superieur automatisch], krijgt u toegang tot het menu Creatief met foto's. In dit menu kunt
u de instellingen wijzigen met gemakkelijke bedieningshandelingen en creatieve fotografie
beoefenen (bladzijde 32).
waarop u moeilijk kunt scherpstellen
Wanneer de camera niet automatisch op het onderwerp kan
scherpstellen, knippert de scherpstellingsindicator. Maak
opnieuw een compositie van de opname of kies een andere
instelling voor het scherpstellen.
Scherpstellingsindicator
Status
z brandt
Scherpstelling vergrendeld.
Scherpstelling is bevestigd. Het scherpstelpunt beweegt doordat
het een bewegend onderwerp volgt.
brandt
Nog bezig met scherpstellen.
z knippert
Index
brandt
Menu
Scherpstellingsindicator
Voorbeeldfoto
z Als u een stilstaand beeld maakt van een onderwerp
Inhoudsopgave
z Creatief met foto's
Kan niet scherpstellen.
• Scherpstellen kan moeilijk zijn in de volgende situaties:
–
–
–
–
–
–
–
Het is donker en het onderwerp is ver weg.
Er is weinig contrast tussen het onderwerp en de achtergrond.
Het onderwerp is zichtbaar door glas heen.
Het onderwerp beweegt snel.
Het onderwerp reflecteert licht, bijvoorbeeld een spiegel of heeft glimmende oppervlakken.
Het onderwerp knippert.
Het onderwerp wordt van achteren belicht.
51NL
De camera herkent en evalueert automatisch de opnamecondities en de bijbehorende
instellingen worden automatisch gekozen. De camera maakt opnamen met een breder
assortiment van opnamefuncties dan wat Intelligent Auto te bieden heeft, bijvoorbeeld
Auto HDR, en het beste beeld wordt gekozen.
Merkteken herkende scène
2 Richt de camera op het onderwerp.
Opnamefunctie
Het aantal keren dat de sluiter is
bediend
Menu
Wanneer de camera de opnamecondities herkent en
aanpassingen maakt, wordt de volgende informatie
weergegeven: merkteken herkende scène, bijbehorende
opnamefunctie, het aantal keren dat de sluiter is bediend.
Herkende scène: (Nachtscène),
(Nachtscène m.
statief),
(Schemeropn. uit hand),
(Nachtportret),
(Tegenlichtopname),
(Portret m. tegenlicht),
(Portretopname),
(Landschap),
(Macro),
(Spotlight), (Duister) of
(Kind).
Opnamefunctie: Auto HDR, Langz.flitssync.,
Daglichtsynchr., Lange sluitert.
Voorbeeldfoto
1 MENU t [Opn.modus] t [Superieur
automatisch].
Inhoudsopgave
Superieur automatisch
3 Stel scherp en fotografeer het onderwerp.
Wanneer de camera meerdere beelden vastlegt, kiest het toestel automatisch het meest
geschikte beeld en slaat dat op. U kunt ook alle beelden opslaan door de optie [Sup. aut.
Beeld extractie] in te stellen (bladzijde 119).
Index
Opmerkingen
• [Flitsfunctie] is ingesteld op [Automatisch flitsen] of [Flitser uit].
• U kunt ook een opname maken als de camera de scène niet heeft herkend.
• Wanneer [Gezichtsherkenning] is ingesteld op [Uit], worden de scènes [Portretopname],
[Portret m. tegenlicht], [Nachtportret] en [Kind] niet herkend.
• Wanneer [Kwaliteit] is ingesteld op [RAW] of [RAW en JPEG], worden [Schemeropn. uit hand] en
[Auto HDR] niet herkend.
z Wat is het verschil tussen Superieur automatisch en
Slim automatisch?
In de stand Superieur automatisch maakt de camera ononderbroken opnamen uitgaande van
de scène die wordt herkend en maakt een composite-beeld (Composite-opnamen). Hierdoor
kan de camera automatisch tegenlichtcompensatie en ruisonderdrukking uitvoeren en ook
een beeld van hogere kwaliteit verkrijgen dan Slim automatisch.
Maar wanneer een composite-beeld wordt gemaakt, duurt het opnameproces langer dan normaal.
z Creatief met foto's
Wanneer u op het midden van de draaiknop drukt in de stand [Slim automatisch] of
[Superieur automatisch], krijgt u toegang tot het menu Creatief met foto's. In dit menu kunt
u de instellingen wijzigen met gemakkelijke bedieningshandelingen en creatieve fotografie
beoefenen (bladzijde 32).
52NL
Biedt u de mogelijkheid opnamen te maken met vooraf-ingestelde instellingen die
afhankelijk zijn van de scène.
1 MENU t [Opn.modus] t [Scènekeuze] t stand van uw keuze.
(Landschap)
Maakt een scherpe opname van het hele
landschap met levendige kleuren.
(Macro)
Opnamen maken van dichtbij, zoals van
bloemen, insecten, gerechten of kleine
voorwerpen.
(Sportactie)
Legt een bewegend onderwerp vast met een
snelle sluitertijd zodat het lijkt of het
onderwerp stilstaat. De camera neemt continu
beelden op zolang u de ontspanknop
ingedrukt houdt.
Menu
Legt het onderwerp scherp vast tegen een
onscherpe achtergrond. Huidtinten worden
zacht weergegeven.
Voorbeeldfoto
(Portret)
Inhoudsopgave
Scènekeuze
Index
(Zonsondergang)
Maakt een prachtige opname van het rood van
de zonsondergang.
(Nachtportret)
Maakt portretten in nachtelijke taferelen.
(Nachtscène)
Maakt een opname van nachtelijke taferelen
zonder dat de donkere atmosfeer verloren
gaat.
53NL
Vervolg r
Menu
• In de stand [Nachtscène] en [Nachtportret] is de sluitersnelheid lager, dus is het aan te bevelen een statief
te gebruiken om te voorkomen dat het beeld onscherp wordt.
• In de modus [Schemeropn. uit hand] klikt de sluiter 6 keer en wordt een beeld vastgelegd.
• Selecteert u [Schemeropn. uit hand] bij [RAW] of [RAW en JPEG], dan wordt de beeldkwaliteit tijdelijk
[Fijn].
• Zelfs in [Schemeropn. uit hand] lukt het minder goed onscherpte te voorkomen wanneer u opnamen
maakt van:
– Onderwerpen die onvoorspelbare bewegingen maken.
– Onderwerpen die zich te dicht bij de camera bevinden.
– Onderwerpen met een zich herhalend patroon zoals tegels en onderwerpen met te weinig contrast zoals
de lucht, een zandstrand of een gazon.
– Onderwerpen die constant veranderen zoals de golven of een waterval.
• In het geval van [Schemeropn. uit hand] kan er zich blokvormige ruis voordoen wanneer u een lichtbron
gebruikt die knippert, zoals TL-verlichting.
• De minimale afstand waarop u een onderwerp kunt benaderen, verandert niet, ook niet als u [Macro]
selecteert. Zie voor het minimale scherpstelbereik, de minimale afstand van de lens die op de camera is
gezet.
Voorbeeldfoto
Opmerkingen
Inhoudsopgave
(Schemeropn. Maakt opnamen van nachtelijke taferelen met
uit hand)
minder ruis en onscherpte zonder dat u een
statief gebruikt. Er wordt een hele reeks
opnamen gemaakt en beeldverwerking wordt
toegepast zodat onscherpte van het
onderwerp, bewegingsonscherpte en ruis
worden verminderd.
Index
54NL
Dit is geschikt voor opnamen binnenshuis zonder flitser, het maakt dat onscherpte van
het onderwerp wordt verminderd.
1 MENU t [Opn.modus] t [Anti-bewegingswaas].
De camera combineert 6 opnamen bij een hoge gevoeligheid tot 1 stilstaand beeld, zodat
bewegingsonscherpte wordt verminderd en ruis wordt voorkomen.
Opmerkingen
Menu
• Selecteert u [Anti-bewegingswaas] bij [RAW] of [RAW en JPEG], dan wordt de beeldkwaliteit tijdelijk
[Fijn].
• De sluiter klikt 6 keer en er wordt een beeld vastgelegd.
• Het lukt minder goed onscherpte te voorkomen wanneer u opnamen maakt van:
– Onderwerpen die onvoorspelbare bewegingen maken.
– Onderwerpen die zich te dicht bij de camera bevinden.
– Onderwerpen met een zich herhalend patroon zoals tegels en onderwerpen met te weinig contrast zoals
de lucht, een zandstrand of een gazon.
– Onderwerpen die constant veranderen zoals de golven of een waterval.
• Wanneer u een lichtbron gebruikt die knippert, zoals TL-verlichting, kan er zich blokvormige ruis
voordoen.
Voorbeeldfoto
2 Maak een opname door de ontspanknop in te drukken.
Inhoudsopgave
Anti-bewegingswaas
Index
55NL
Biedt u de mogelijkheid een panoramisch beeld te creëren uit samengestelde beelden.
Inhoudsopgave
Panorama d. beweg.
Voorbeeldfoto
1 MENU t [Opn.modus] t [Panorama d. beweg.].
2 Richt de camera op de rand van het
onderwerp en druk vervolgens de
ontspanknop volledig in.
Menu
Dit gedeelte wordt niet vastgelegd.
3 Pan de camera naar het einde, volgens de
aanwijzingen op het LCD-scherm.
Index
Aanwijzingsbalk
Opmerkingen
• Als u niet binnen de gegeven tijd met de camera langs het gehele onderwerp kunt pannen, ontstaat er een
grijs gebied in het samengestelde beeld. Als dit gebeurt, kunt u alleen een volledig panoramisch beeld
vastleggen als u de camera snel beweegt.
• Wanneer u [Breed] selecteert in [Beeldformaat], zult u de camera misschien niet in de gegeven tijd over
het gehele onderwerp kunnen pannen. In dergelijke gevallen adviseren wij u [Standaard] in
[Beeldformaat] te selecteren.
• De camera gaat verder met het maken van opnamen tijdens de [Panorama d. beweg.]-opname en de
sluiter blijft klikken tot het einde van de opname.
• Omdat een aantal beelden aan elkaar worden gezet, zal het aangezette deel niet gelijkmatig worden
vastgelegd.
• Onder omstandigheden met weinig licht kunnen panoramische beelden onscherp zijn.
• Bij verlichting die knippert, zoals TL-licht, zal de helderheid of de kleuren van het gecombineerde beeld
misschien niet altijd gelijk zijn.
• Wanneer de gehele beeldhoek van de panoramische opname en de beeldhoek waarin u de scherpstelling
en belichting hebt vergrendeld met AE/AF-vergrendeling, erg veel van elkaar verschillen in helderheid,
kleur en scherpte, zal de opname niet goed lukken. Als dat zo is, neem dan een andere vergrendelde
beeldhoek en maak de opnamen opnieuw.
• [Panorama d. beweg.] is niet geschikt wanneer u opnamen maakt van:
– Onderwerpen in beweging.
– Onderwerpen die zich te dicht bij de camera bevinden.
– Onderwerpen met een zich herhalend patroon zoals tegels en onderwerpen met te weinig contrast zoals
de lucht, een zandstrand of een gazon.
– Onderwerpen die constant veranderen zoals de golven of een waterval.
– Onderwerpen met de zon of elektrische lichten, enz. die veel helderder zijn dan de omgeving.
56NL
Vervolg r
z Tips voor het vastleggen van een panoramisch
beeld
Verticale richting
Horizontale richting
Index
• Wanneer u een zoomlens gebruikt, kunt u deze het beste met de W-zijde gebruiken.
• Bepaal de scène en druk de ontspanknop half in, zodat u de scherpstelling, belichting en
witbalans kunt vergrendelen. Druk vervolgens de ontspanknop geheel in en pan de
camera.
• Als een gedeelte met zeer gevarieerde vormen of een zeer gevarieerd landschap is
geconcentreerd langs de rand van het scherm, zal de beeldcompositie misschien niet
lukken. Pas in een dergelijk geval de compositie van het kader zo aan dat het gedeelte zich
in het midden van het beeld bevindt en maak vervolgens opnieuw een opname.
• U kunt de richting selecteren door MENU t [Beeldformaat] t [Panoramarichting] te
selecteren. U kunt het beeldformaat selecteren door MENU t [Beeldformaat] t
[Beeldformaat] te selecteren.
Menu
Straal zo kort mogelijk
Voorbeeldfoto
'Pan' de camera in een boog met constante snelheid en in dezelfde richting als op het LCDscherm wordt aangegeven. [Panorama d. beweg.] is geschikter voor stillevens en in mindere
mate voor bewegende beelden.
Inhoudsopgave
• [Panorama d. beweg.] kan in de volgende situaties worden gestopt:
– U pant de camera te snel of te langzaam.
– De camera wordt te veel bewogen.
z Panoramische beelden weergeven door te scrollen
U kunt panoramische beelden van begin tot eind scrollen door op het midden van de
draaiknop te drukken terwijl de panoramische beelden worden getoond. Druk opnieuw als u
wilt pauzeren.
• Panoramische beelden die zijn opgenomen met andere
camera's zullen misschien niet goed kunnen worden
weergegeven of gescrold.
Toont het getoonde gebied
van het gehele panoramische
beeld.
57NL
Biedt u de mogelijkheid een 3D-beeld te creëren uit samengestelde beelden.
3D-beelden die in de stand [3D-panor. d. beweg.] van deze camera zijn opgenomen,
kunnen alleen worden weergegeven op een 3D-televisietoestel. De opgenomen beelden
worden weergegeven als normale stilstaande beelden op het LCD-scherm van deze
camera en op een niet-3D-televisietoestel.
Inhoudsopgave
3D-panor. d. beweg.
Voorbeeldfoto
1 MENU t [Opn.modus] t [3D-panor. d. beweg.].
2 Richt de camera op de rand van het
onderwerp en druk vervolgens de
ontspanknop volledig in.
Dit gedeelte wordt niet vastgelegd.
Menu
3 Pan de camera naar het einde, volgens de
aanwijzingen op het LCD-scherm.
Aanwijzingsbalk
Vervolg r
Index
Opmerkingen
• U zult misschien onprettige symptomen voelen zoals vermoeidheid van de ogen, misselijkheid of een
vermoeid gevoel, tijdens het kijken naar 3D-beelden die zijn vastgelegd met de camera, op monitors die
geschikt zijn voor 3D. Wij adviseren u regelmatig een pauze in te lassen, wanneer u naar 3D-beelden kijkt.
Hanteer uw eigen standaarden, omdat de behoefte aan pauzes en de frequentie daarvan van persoon tot
persoon varieert. Als u zich niet lekker voelt, kijk dan niet langer naar 3D-beelden en raadpleeg zo nodig
een arts. Raadpleeg ook de bedieningsinstructies van het aangesloten toestel of van de software die bij de
camera is gebruikt. Het gezichtsvermogen van een kind is altijd kwetsbaar (speciaal voor kinderen jonger
dan 6). Vraag advies aan een deskundige, zoals een kinderarts of een oogarts, voordat u hen toestaat naar
3D-beelden te kijken. Let erop dat uw kinderen de hierboven genoemde voorzorgsmaatregelen volgen.
• Als u niet binnen de gegeven tijd met de camera langs het gehele onderwerp kunt pannen, ontstaat er een grijs
gebied in het samengestelde beeld. Wij adviseren u voor het verkrijgen van betere resultaten de camera binnen
ongeveer 8 seconden over 180 graden te pannen wanneer u een E18 – 55 mm lens in de groothoekstand
(18 mm) gebruikt. U moet de camera langzamer pannen wanneer u het telegedeelte van de lens gebruikt.
• Wanneer u [Breed] selecteert in [Beeldformaat], zult u de camera misschien niet in de gegeven tijd over
het gehele onderwerp kunnen pannen. In dergelijke gevallen adviseren wij u [Standaard] of [16:9] in
[Beeldformaat] te selecteren.
• Als u 3D-beeld opneemt met het telegedeelte van een zoomlens, kan vaker grijs gebied ontstaan of kan de
opname stoppen. Het wordt aanbevolen het W-gedeelte (groothoek) van de zoomlens te gebruiken.
• De camera gaat verder met het maken van opnamen tijdens de [3D-panor. d. beweg.]-opname en de
sluiter blijft klikken tot het einde van de opname.
• Omdat een aantal beelden aan elkaar worden gezet, zal het aangezette deel niet gelijkmatig worden
vastgelegd.
• Onder omstandigheden met weinig licht kunnen panoramische 3D-beelden onscherp zijn.
• Bij verlichting die knippert, zoals TL-licht, zal de helderheid of de kleuren van het gecombineerde beeld
misschien niet altijd gelijk zijn.
• Wanneer de gehele beeldhoek van de panoramische 3D–opname en de beeldhoek waarin u de
scherpstelling en belichting hebt vergrendeld (AE/AF-vergrendeling) door de ontspanknop half in te
drukken, erg veel van elkaar verschillen in helderheid, kleur en scherpte, zal de opname niet goed lukken.
Als dat zo is, neem dan een andere vergrendelde beeldhoek en maak de opnamen opnieuw.
58NL
3D-beeld
Index
• Maak een opname van een stilstaand onderwerp.
• Houd voldoende afstand aan tussen het onderwerp en de
achtergrond.
• Maak opnamen in 3D op een helder verlichte plaats,
bijvoorbeeld buitenshuis.
• Bepaal de scène en druk de ontspanknop half in, zodat u de
scherpstelling, belichting en witbalans kunt vergrendelen.
Druk vervolgens de ontspanknop geheel in en pan de camera.
• Wanneer u een zoomlens gebruikt, kunt u deze het beste met
de W-zijde gebruiken.
• U kunt de richting selecteren door MENU t [Beeldformaat] t [Panoramarichting] te
selecteren. U kunt het beeldformaat selecteren door MENU t [Beeldformaat] t
[Beeldformaat] te selecteren.
Menu
Pan de camera in een kleine boog op een
constante snelheid in de richting die wordt
aangeduid op het LCD-scherm en houd daarbij
rekening met de volgende punten. U moet
pannen op ongeveer half de snelheid van het
maken van beelden in normale Panorama door
beweging.
Voorbeeldfoto
z Tips voor het vastleggen van een panoramisch
Inhoudsopgave
• [3D-panor. d. beweg.] is niet geschikt wanneer u opnamen maakt van:
– Onderwerpen in beweging.
– Onderwerpen die zich te dicht bij de camera bevinden.
– Onderwerpen met een zich herhalend patroon zoals tegels en onderwerpen met te weinig contrast zoals
de lucht, een zandstrand of een gazon.
– Onderwerpen die constant veranderen zoals de golven of een waterval.
– Onderwerpen met de zon of elektrische lichten, enz. die veel helderder zijn dan de omgeving.
• [3D-panor. d. beweg.] kan in de volgende situaties worden gestopt:
– U pant de camera te snel of te langzaam.
– De camera wordt te veel bewogen.
• U kunt de camera alleen in de horizontale richting pannen wanneer u 3D-panor. d. beweg.-beelden
opneemt.
z Bestandsnaam van het 3D-beeld
Een 3D-beeld bestaat uit zowel JPEG- als MPO-bestanden.
Als u beelden op een computer importeert die zijn opgenomen in de modus [3D-panor. d.
beweg.] worden de volgende 2 beeldgegevens in dezelfde map op de computer opgeslagen.
• DSC0ssss.JPG
• DSC0ssss.MPO
Als u het JPEG- of het MPO-bestand, die samen het 3D-beeld vormen, wist, zal dat
3D-beeld misschien niet worden weergegeven.
59NL
U kunt een opname met de gewenste belichtingsinstelling maken door wijziging van
zowel de sluitertijd als het diafragma.
1 MENU t [Opn.modus] t [Handm. belichting].
Voorbeeldfoto
2 Selecteer de sluitertijd of het diafragma door
herhaaldelijk op de onderzijde van de
draaiknop te drukken.
Inhoudsopgave
Handm. belichting
Schermen voor de aanpassing van sluitertijd en
diafragma wisselen elkaar af.
Sluitertijd
Menu
Diafragma (F-waarde)
3 Selecteer de waarde van uw keuze door de
draaiknop te draaien.
Gemeten handmatig
Index
Controleer de belichtingswaarde bij "MM" (gemeten
handmatig).
Naar +: Beelden worden helderder.
Naar –: Beelden worden donkerder.
0: Juiste belichting geanalyseerd door de camera
4 Stel scherp en fotografeer het onderwerp.
U kunt de sluitertijd en diafragmawaarde ook aanpassen tijdens het opnemen van films.
Opmerkingen
• U kunt niet [Flitser uit] en [Automatisch flitsen] selecteren in [Flitsfunctie]. Wanneer u de flitser wilt
gebruiken, drukt u op de (flitser pop-up)-knop om de flitser te activeren. Wanneer u de flitser niet wilt
gebruiken, duwt u de flitser omlaag.
• De indicator
(waarschuwing SteadyShot) wordt niet weergegeven in de stand voor
handmatige belichting.
• De ISO-instelling [ISO AUTO] is in de stand voor handmatige belichting ingesteld op [ISO 200]. Stel de
ISO-gevoeligheid naar behoefte in.
• De helderheid van het beeld op het LCD-scherm kan verschillen van die van het beeld dat in
werkelijkheid wordt vastgelegd.
• Wanneer u een lens met een Montagestuk A gebruikt (los verkrijgbaar) kunt u de sluitertijd en het
diafragma aanpassen wanneer u met de hand scherpstelt tijdens het opnemen van films.
60NL
Vervolg r
Met een lange belichtingstijd kunt u lichtsporen vastleggen. BULB is geschikt voor het
vastleggen van lichtsporen van bijvoorbeeld vuurwerk.
Voorbeeldfoto
1 MENU t [Opn.modus] t [Handm. belichting].
2 Selecteer de sluitertijd door op het midden van de draaiknop te drukken.
Inhoudsopgave
BULB
3 Draai de draaiknop naar links totdat [BULB]
wordt aangegeven.
Menu
[BULB]
4 Druk de ontspanknop tot halverwege in zodat u de scherpstelling kunt
aanpassen.
Zolang u de ontspankop ingedrukt houdt, blijft de sluiter geopend.
Index
5 Houd de ontspanknop ingedrukt zolang de opname duurt.
Opmerkingen
• Omdat een lange sluitertijd wordt gebruikt en het moeilijker wordt de camera stil te houden, kunt u het
beste een statief gebruiken.
• Hoe langer de belichtingstijd, des te opvallender de ruis op het beeld.
• Na de opname wordt de ruisonderdrukking (NR lang-belicht) uitgevoerd gedurende dezelfde tijd dat de
sluiter geopend was. Tijdens de ruisonderdrukking kunt u verder geen opnamen maken.
• Wanneer de functie [Lach-sluiter] of [Auto HDR] is geactiveerd, kunt u de sluitersnelheid niet op
[BULB] zetten.
• Als u de functie [Lach-sluiter] of [Auto HDR] gebruikt met de sluitertijd op [BULB], wordt de sluitertijd
tijdelijk op 30 seconden gezet.
61NL
U kunt de beweging van een bewegend onderwerp op diverse manieren tot uitdrukking
brengen door de sluitertijd aan te passen, bijvoorbeeld, de beweging 'bevriezen' met een
snelle sluitertijd of een spoor van beweging achter het onderwerp aan vastleggen met een
langzame sluitertijd. U kunt de sluitertijd ook aanpassen tijdens het opnemen van films.
2 Selecteer de waarde van uw keuze met de draaiknop.
3 Stel scherp en fotografeer het onderwerp.
Het diafragma wordt automatisch aangepast om tot een juiste belichting te komen.
Opmerkingen
Menu
Index
• U kunt niet [Flitser uit] en [Automatisch flitsen] selecteren in [Flitsfunctie]. Wanneer u de flitser wilt
gebruiken, drukt u op de (flitser pop-up)-knop om de flitser te activeren. Wanneer u de flitser niet wilt
gebruiken, duwt u de flitser omlaag.
• De
-indicator (waarschuwing SteadyShot) wordt niet weergegeven in de stand voor
sluitertijdvoorkeuze.
• Wanneer de sluitertijd 1 seconde of meer is, wordt na de opname ruisonderdrukking (NR lang-belicht)
uitgevoerd gedurende dezelfde tijd die de sluiter geopend is geweest. Tijdens de ruisonderdrukking kunt
u verder geen opnamen maken.
• Als na het instellen een juiste belichting niet haalbaar is, knippert de diafragmawaarde. U kunt zo wel een
opname maken, maar u kunt beter een andere instelling kiezen.
• De helderheid van het beeld op het LCD-scherm kan verschillen van die van het beeld dat in
werkelijkheid wordt vastgelegd.
• Wanneer u een lens met een Montagestuk A gebruikt (los verkrijgbaar), kunt u de sluitertijd aanpassen
wanneer u met de hand scherpstelt tijdens het opnemen van films.
Voorbeeldfoto
1 MENU t [Opn.modus] t [Sluitertijdvoorkeuze].
Inhoudsopgave
Sluitertijdvoorkeuze
z Sluitertijd
Wanneer u een snellere sluitertijd gebruikt, lijkt het of een
bewegend onderwerp, zoals een hardloper, auto's of de
branding van de zee, is stilgezet.
Wanneer u een langzamere sluitertijd gebruikt wordt een achter
het onderwerp aan slepend spoor van de beweging vastgelegd
waardoor een natuurlijker en dynamischer beeld ontstaat.
62NL
Maakt personen en voorwerpen voor en achter het onderwerp scherp of onscherp. U kunt
de diafragmawaarde ook aanpassen tijdens het opnemen van films.
1 MENU t [Opn.modus] t [Diafragmavoorkeuze].
Kleinere F-waarde: Het onderwerp is scherp, maar personen en voorwerpen voor en achter
het onderwerp zijn onscherp.
Grotere F-waarde: Het onderwerp en de voor- en achtergrond zijn allemaal scherp.
3 Stel scherp en fotografeer het onderwerp.
De sluitertijd wordt automatisch aangepast om tot een juiste belichting te komen.
Voorbeeldfoto
2 Selecteer de waarde van uw keuze met de draaiknop.
Inhoudsopgave
Diafragmavoorkeuze
Opmerkingen
Kleinere F-waarde (het diafragma wordt groter) verkleint het
gebied dat scherp is. Zo kunt u scherpstellen op het onderwerp
en voorwerpen en personen voor en achter het onderwerp
onscherp maken. (Er ontstaat minder scherptediepte.)
Index
z Diafragma
Menu
• U kunt niet [Flitser uit] en [Automatisch flitsen] selecteren in [Flitsfunctie]. Wanneer u de flitser wilt
gebruiken, drukt u op de (flitser pop-up)-knop om de flitser te activeren. Wanneer u de flitser niet wilt
gebruiken, duwt u de flitser omlaag.
• Als na het instellen een juiste belichting niet haalbaar is, knippert de sluitertijd. U kunt zo wel een
opname maken, maar u kunt beter een andere instelling kiezen.
• De helderheid van het beeld op het LCD-scherm kan verschillen van die van het beeld dat in
werkelijkheid wordt vastgelegd.
• Wanneer u een lens met een Montagestuk A gebruikt (los verkrijgbaar), kunt u het diafragma aanpassen
wanneer u met de hand scherpstelt tijdens het opnemen van films.
Grotere F-waarde (het diafragma wordt kleiner) vergroot het
gebied dat scherp is. Hierdoor kunt u de diepte van de
omgeving weergeven. (Er ontstaat meer scherptediepte.)
63NL
De belichting wordt automatisch door de camera aangepast, maar u kunt opnamefuncties
instellen, zoals ISO-gevoeligheid, Creatieve stijl en Dynamisch-Bereikoptimalisatie.
1 MENU t [Opn.modus] t [Autom. programma].
3 Stel scherp en fotografeer het onderwerp.
Opmerking
• U kunt niet [Flitser uit] en [Automatisch flitsen] selecteren in [Flitsfunctie]. Wanneer u de flitser wilt
gebruiken, drukt u op de (flitser pop-up)-knop om de flitser te activeren. Wanneer u de flitser niet wilt
gebruiken, duwt u de flitser omlaag.
Voorbeeldfoto
2 U kunt de opnamefuncties instellen op de gewenste instellingen.
Inhoudsopgave
Autom. programma
z Programma Versch.
Menu
U kunt de combinatie van sluitertijd en diafragma
(F-waarde) wijzigen zonder dat u de ingestelde belichting
wijzigt, wanneer u niet de flitser gebruikt.
Selecteer door de draaiknop te draaien de combinatie van
sluitertijd en diafragma (F-waarde).
• De indicator van de opnamestand verandert van P in P*.
Index
64NL
Inhoudsopgave
Flitsfunctie
(flitser pop-up)-knop
1 MENU t [Camera] t [Flitsfunctie] t stand van uw keuze.
2 Wanneer u de flitser wilt gebruiken, drukt u op de
om de flitser te activeren.
(Automatisch
flitsen)
(Invulflits)
(flitser pop-up)-knop
De flitser werkt niet, zelfs niet als deze is uitgeklapt.
De flitser gaat af wanneer het donker is of wanneer de opname met
tegenlicht wordt gemaakt.
Menu
(Flitser uit)
Voorbeeldfoto
Met de flitser kunt u het onderwerp op donkere plaatsen
helder vastleggen, en het voorkomt tevens
camerabeweging. Wanneer u een opname tegen de zon
in maakt, kunt u de flitser gebruiken om een helder
beeld van het aan de achterzijde belichte onderwerp te
krijgen.
Elke keer als u de ontspanknop indrukt, wordt er geflitst.
Elke keer als u de ontspanknop indrukt, wordt er geflitst. U kunt met de
langzame-flitssynchronisatieopname een helder beeld van het onderwerp
maar ook van de achtergrond maken door een langere sluitertijd te gebruiken.
(Eindsynchron.)
Steeds wanneer u de ontspanknop indrukt, wordt er geflitst net voordat
de belichting is voltooid. Met eindsynchronisatie kunt u een
natuurlijke foto maken van het spoor van een bewegend onderwerp,
zoals een rijdende auto of een wandelaar.
Index
(Langz.flitssync.)
Opmerkingen
•
•
•
•
Van de opnamestand hangt af wat de standaardinstelling is.
Van de opnamestand hangt af welke flitsstanden beschikbaar zijn.
U kunt de flitser niet gebruiken wanneer u films opneemt.
Wanneer een externe flitser (los verkrijgbaar) is aangesloten op de Handige Accessoireaansluiting 2,
heeft de staat van de externe flitser prioriteit boven de instelling van de camera. Zelfs als u [Flitsfunctie]
instelt op [Invulflits] met de externe flits gesloten, wordt de externe flits niet gebruikt.
• Wanneer een externe flitser (los verkrijgbaar) op de Handige Accessoiresaansluiting 2 is aangesloten, kan
de ingebouwde flitser niet uitklappen in de juiste stand. Verwijder de externe flitser van de Handige
Accessoiresaansluiting 2 of duw de ingebouwde flitser omlaag.
• Het licht van de flitser kan worden geblokkeerd door de bevestigde lens. Wanneer dit het geval is, wordt
het aanbevolen dat u een externe flitser bevestigt (los verkrijgbaar).
z Tips voor het maken van opnamen met de flitser
• De zonnekap kan het licht van de flitser blokkeren. Verwijder de zonnekap wanneer u de
flitser gebruikt.
• Maak, wanneer u de flitser gebruikt, een opname van het onderwerp op een afstand van
1 m of meer.
• Selecteer [Invulflits] wanneer u een onderwerp met tegenlicht vastlegt. De flitser zal zelfs
bij helder daglicht werken en ervoor zorgen dat gezichten helderder worden weergegeven.
65NL
Inhoudsopgave
AF/MF-selectie
Selecteert automatische scherpstelling of handmatige scherpstelling.
1 MENU t [Camera] t [AF/MF-selectie] t stand van uw keuze.
(D. handm.
sch.)
Stelt automatisch scherp.
U kunt na de automatische scherpstelling zelf handmatig de
scherpstelling nauwkeurig aanpassen (Directe Handmatige
Scherpstelling).
(H. scherpst.) Past de scherpstelling handmatig aan. Draai de scherpstelring
naar rechts of naar links zodat het onderwerp duidelijker wordt.
Voorbeeldfoto
(Aut.
scherpst.)
Opmerking
Menu
• Draait u aan de scherpstelring wanneer [D. handm. sch.] of [H. scherpst.] is geselecteerd, dan wordt het
beeld automatisch vergroot zodat u gemakkelijker het scherpstelgebied kunt controleren. U kunt
voorkomen dat het beeld wordt vergroot door MENU t [Instellingen] t [MF Assist] t [Uit] te
selecteren.
z Handmatig scherpstellen effectief gebruiken
Index
"Scherpstelling fixeren" is handig wanneer u de afstand tot het
onderwerp kunt voorspellen. Met "Scherpstelling fixeren" kunt
u de scherpstelling van tevoren vastzetten op de afstand waarop
het onderwerp voorbij zal komen.
z De juiste afstand tot een onderwerp nauwkeurig
meten
De
-markering toont de locatie van de beeldsensor*. Wanneer u de exacte afstand meet
tussen de camera en het onderwerp, kijk dan naar de positie van de horizontale lijn. De
afstand van het lenscontactoppervlak tot de beeldsensor is ongeveer 18 mm.
* De beeldsensor is het onderdeel van de camera dat fungeert als de film.
• Als het onderwerp dichterbij is dan de minimale opnameafstand van de gebruikte lens, kan de
scherpstelling niet worden bevestigd. Zorg voor voldoende afstand tussen het onderwerp en de
camera.
18 mm
66NL
Vervolg r
1 MENU t [Camera] t [AF/MF-selectie] t [D. handm. sch.].
2 Druk de ontspanknop half in en stel automatisch scherp.
Opmerking
• [Autom. scherpst.] is vast ingesteld op [Enkelv. AF].
Voorbeeldfoto
3 Houd de ontspanknop half ingedrukt, draai de scherpstelring van de lens
zodat de juiste scherpstelling ontstaat.
Inhoudsopgave
D. handm. sch. (Directe Handmatige
Scherpstelling)
Menu
Index
67NL
Selecteert het scherpstelgebied. Gebruik deze functie wanneer het moeilijk is goed
scherp te stellen in de stand voor automatische scherpstelling.
1 MENU t [Camera] t [AF-gebied] t stand van uw keuze.
(Midden)
De camera gebruikt uitsluitend het AFgebied in het midden.
Menu
De camera bepaalt welke van de 25
AF-gebieden wordt gebruikt voor het
scherpstellen.
Wanneer u de ontspanknop half indrukt in
de stand voor het maken van stilstaande
beelden, wordt een groen kader getoond
Kader AF-bereikzoeker
rond het gebied dat scherp is.
• Wanneer de functie
Gezichtsherkenning actief is, werkt AF
met gezichten als prioriteit.
Voorbeeldfoto
(Multi)
Inhoudsopgave
AF-gebied
Kader AF-bereikzoeker
U kunt het scherpstelgebied verplaatsen
naar een klein onderwerp of smal gebied
door op de boven-/onder-/rechter-/
linkerzijde van de draaiknop te drukken.
Index
(Flexibel
punt)
Kader AF-bereikzoeker
Opmerkingen
• Wanneer deze functie niet is ingesteld op [Multi], kunt u de functie [Gezichtsherkenning] niet gebruiken.
• [Multi] wordt geselecteerd bij gebruik van de volgende functies:
– [Slim automatisch]
– [Superieur automatisch]
– [Scènekeuze]
– [Anti-bewegingswaas]
– [Panorama d. beweg.]
– [3D-panor. d. beweg.]
– [Lach-sluiter]
• [Multi] is geselecteerd tijdens het opnemen van films. Als u echter een lens met een Montagestuk E
gebruikt en tijdens het opnemen de ontspanknop half indrukt, wordt het scherpstelgebied voor
automatische scherpstelling gebruikt dat u hebt ingesteld voordat u de opnamen hebt gestart.
• Wanneer het AF-hulplicht wordt gebruikt, is de instelling van [AF-gebied] ongeldig en wordt het AFbereik aangeduid met een gestippelde lijn. AF werkt met als prioriteit het centrale gebied en daaromheen.
68NL
Selecteert de scherpstelmethode die geschikt is voor de beweging van het onderwerp.
1 MENU t [Camera] t [Autom. scherpst.] t stand van uw keuze.
(Enkelv. AF)
(Continue AF) De camera blijft scherpstellen zolang u de ontspanknop half
ingedrukt houdt. Gebruik deze functie wanneer het onderwerp in
beweging is.
Voorbeeldfoto
De camera voert de scherpstelling uit en de scherpstelling wordt
vergrendeld wanneer u de ontspanknop half indrukt. Gebruik
deze functie wanneer het onderwerp stilstaat.
Inhoudsopgave
Autom. scherpst.
Opmerkingen
Menu
Index
• [Enkelv. AF] wordt geselecteerd bij gebruik van de volgende functies:
– [Slim automatisch]
– [Superieur automatisch]
– [Zelfontspanner]
– [Scènekeuze], behalve [Sportactie]
– [Anti-bewegingswaas]
– [Panorama d. beweg.]
– [3D-panor. d. beweg.]
– [Lach-sluiter]
• [Continue AF] is geselecteerd wanneer de belichting is ingesteld op de stand [Sportactie] in
[Scènekeuze].
• In de stand [Continue AF] klinken geen akoestische signalen wanneer het onderwerp scherp is.
69NL
Inhoudsopgave
Object volgen
Houdt het onderwerp scherp in beeld terwijl het wordt gevolgd.
1 MENU t [Camera] t [Object volgen].
Er verschijnt een doelkader.
De camera begint het onderwerp te volgen.
Selecteer
als u deze volgfunctie wilt annuleren.
Doelkader
3 Maak een opname van het onderwerp.
Voorbeeldfoto
2 Plaats het doelkader over het te volgen
onderwerp en selecteer OK.
Opmerkingen
Menu
Index
• Het volgen van een onderwerp zal misschien moeilijk zijn in de volgende situaties:
– Het onderwerp beweegt te snel.
– Het onderwerp is te klein of te groot.
– Er is weinig contrast tussen het onderwerp en de achtergrond.
– Het is donker.
– Het omgevingslicht verandert.
• Wanneer [Object volgen] is geactiveerd, is de aangepaste instelling van soft-key B ongeldig.
• U kunt [Object volgen] niet gebruiken in combinatie met de volgende functies:
– [Schemeropn. uit hand] in [Scènekeuze]
– [Anti-bewegingswaas]
– [Panorama d. beweg.]
– [3D-panor. d. beweg.]
– [H. scherpst.]
– De [Zoom]-functie van de camera
z Het gezicht volgen waarvan u een opname wilt
maken
De camera stopt met het volgen van een onderwerp wanneer het onderwerp van het scherm
beweegt. Wanneer [Gezichtsherkenning] is ingesteld op [Aan] en het te volgen onderwerp
een gezicht is, stelt de camera weer scherp op dat gezicht als het van het scherm verdwijnt
terwijl de camera het volgt en vervolgens weer terugkeert op het scherm.
• Als u Lach-sluiter inschakelt terwijl een gezicht wordt gevolgd, wordt het gezicht het doel
van de functie Lachdetectie.
• Als u [Object volgen] instelt op [Aan], kan de camera het lichaam volgen wanneer het
gezicht niet zichtbaar is op het LCD-scherm.
70NL
Met de [Zoom]-functie van de camera, kunt u met de camera het beeld vergroten met een
hogere zoom-vergrotingsfactor dan de optische zoom-factor van de zoom-lens. Wat de
maximale zoom-schaal is die met de [Zoom]-functie van de camera kan worden
ingesteld, hangt af van de instelling van [Beeldformaat] (bladzijde 81), [Helder Beeld
Zoom] (bladzijde 116), of [Digitale zoom] (bladzijde 117).
2 MENU t [Camera] t [Zoom]t waarde van uw keuze.
De [Zoom]-functies die beschikbaar zijn met deze camera
Zoom-schaal (laag)
Menu
De [Zoom]-functie van de camera biedt een hogere zoom-vergrotingsfactor doordat de
diverse zoom-functies worden gecombineerd. Het pictogram dat op het LCD-scherm
wordt weergegeven verandert als volgt, afhankelijk van de zoom-functie die is
geselecteerd.
Voorbeeldfoto
1 Wanneer u een zoom-lens gebruikt, vergroot u het beeld met de zoom-ring.
Inhoudsopgave
Zoom
Zoom-schaal (hoog)
: De [Zoom]-functie van de camera wordt niet gebruikt (×1,0 wordt aangeduid).
Smart Zoom: U kunt beelden vergroten door ze licht bij te snijden. (Alleen beschikbaar
wanneer [Beeldformaat] is ingesteld op M of S.)
3
Helder Beeld Zoom: U kunt beelden vergroten met een hoogwaardig beeldproces.
4
Digitale zoom: U kunt beelden vergroten met een beeldproces.
1
2
Helder DigiBeeld tale
Zoom zoom
Zoomt in op beelden
Uit
door ze bij te snijden in
het beschikbare bereik
(zonder vermindering
van de beeldkwaliteit).
Uit
Geeft beeldkwaliteit
prioriteit wanneer op
beelden wordt
ingezoomd.
Uit
Aan
Index
Uw doel
Beeld- Zoom-schaal met optische zoom
formaat
L
–
M
Ongeveer
1,4×
S
Ongeveer
2×
L
Ongeveer
2×*
M
Ongeveer
2,8×
S
Ongeveer
4×
71NL
Vervolg r
Aan
Aan
L
Ongeveer
4×
M
Ongeveer
5,6×
S
Ongeveer
8×
Opmerkingen
Omdat op het beeld wordt ingezoomd door middel van digitale verwerking in [Helder Beeld Zoom] en
[Digitale zoom], gaat de kwaliteit van het beeld achteruit in vergelijking met het beeld voordat zoom
werd gebruikt. Als u een zoomlens gebruikt, raden wij u aan eerst volledig op het beeld in te zoomen en
vervolgens de [Zoom]-functie van de camera te gebruiken als u verder wilt inzoomen.
Index
z De kwaliteit van de [Zoom]-functie van de camera
Menu
• U kunt dit item niet gebruiken in combinatie met de volgende functies:
– [Schemeropn. uit hand] in [Scènekeuze]
– [Anti-bewegingswaas]
– [Panorama d. beweg.]
– [3D-panor. d. beweg.]
– [Lach-sluiter]
– [RAW] of [RAW en JPEG] in [Kwaliteit]
• U kunt [Helder Beeld Zoom] niet gebruiken wanneer de transportfunctie is ingesteld op ononderbroken
opnamen of bracket-opnamen.
• U kunt Smart Zoom of de functie [Helder Beeld Zoom] niet gebruiken bij films. Als u op de knop
MOVIE drukt tijdens het in- of uitzoomen, blijft de camera binnen het bereik van [Digitale zoom].
• Wanneer u [Zoom]-functie van de camera gebruikt, is de instelling van [AF-gebied] ongeldig en wordt
het AF-bereik aangeduid met een stippellijn. AF werkt met als prioriteit het centrale gebied en
daaromheen.
Voorbeeldfoto
* Zoom-schaal in de standaardinstelling
Inhoudsopgave
Geeft meer vergroting
prioriteit wanneer op
beelden wordt
ingezoomd.
72NL
Herkent de gezichten van uw onderwerpen en past de instellingen voor de scherpstelling,
de belichting en de flitser aan en voert automatisch de beeldverwerking aan. U kunt een
gezicht selecteren waar u bij voorkeur op wilt scherpstellen.
Gezichtsherkenning-kader (grijs/magenta)
Dit kader verschijnt op een waargenomen gezicht dat niet het gezicht is
dat prioriteit heeft voor scherpstelling. Het magenta kader verschijnt op
een gezicht dat is geregistreerd met [Gezichtsregistratie].
(Aan (ger.
gezicht.))
Menu
1 MENU t [Camera] t [Gezichtsherkenning] t stand van uw keuze.
Voorbeeldfoto
Gezichtsherkenning-kader (wit)
Wanneer de camera meer dan 1 onderwerp detecteert, beoordeelt de
camera wat het belangrijkste onderwerp is en stelt daar bij voorkeur op
scherp. Het Gezichtsherkenning-kader voor het hoofdonderwerp wordt
wit. Het kader waarop wordt scherpgesteld wordt groen als u de
ontspanknop half indrukt.
Inhoudsopgave
Gezichtsherkenning
Stelt scherp op gezichten die zijn geregistreerd voor prioriteit.
Selecteert het gezicht waarop de camera automatisch moet
scherpstellen.
(Uit)
Maakt geen gebruik van de functie Gezichtsherkenning.
Index
(Aan)
Opmerkingen
• U kunt [Gezichtsherkenning] niet gebruiken in combinatie met de volgende functies:
– [Panorama d. beweg.]
– [3D-panor. d. beweg.]
– [H. scherpst.]
– De [Zoom]-functie van de camera
• U kunt [Gezichtsherkenning] alleen selecteren wanneer [AF-gebied] is ingesteld op [Multi] en
[Lichtmeetfunctie] ook is ingesteld op [Multi].
• Er kunnen maximaal 8 gezichten van uw onderwerpen worden herkend.
• Tijdens het maken van opnamen met [Lach-sluiter] wordt [Gezichtsherkenning] automatisch ingesteld op
[Aan (ger. gezicht.)], ook als [Uit] is ingesteld.
73NL
Detecteert gezichten waarvoor informatie van tevoren is geregistreerd, wanneer
[Gezichtsherkenning] is ingesteld op [Aan (ger. gezicht.)].
1 MENU t [Camera] t [Gezichtsregistratie] t stand van uw keuze.
Registreert een nieuw gezicht.
Volgorde wijzigen
Wijzigt de prioriteit van gezichten die eerder zijn geregistreerd.
Wissen
Wist een geregistreerd gezicht. Selecteer een gezicht en druk op OK.
Alles verwijderen
Wist alle geregistreerde gezichten.
Voorbeeldfoto
Nieuwe registratie
Inhoudsopgave
Gezichtsregistratie
Nieuwe registratie
Menu
1 MENU t [Camera] t [Gezichtsregistratie] t [Nieuwe registratie].
2 Plaats het geleidingskader over het te registreren gezicht en druk op de
ontspanknop.
3 Selecteer OK wanneer een bevestigingsbericht verschijnt.
Opmerkingen
Index
• Er kunnen maximaal 8 gezichten worden geregistreerd.
• Maak een opname van het gezicht van voren op een helder verlichte plaats. Het gezicht wordt misschien
niet goed geregistreerd als het wordt verborgen met een hoed, een masker, een zonnebril, enz.
• De geregistreerde gezichten worden niet gewist door [Terugstellen]. Zelfs wanneer u de gezichten wist
door [Wissen] te selecteren, blijven de gezichtsgegevens opgeslagen in de camera. Als u de
gezichtsgegevens volledig uit de camera wilt verwijderen, selecteert u [Alles verwijderen].
Volgorde wijzigen
1 MENU t [Camera] t [Gezichtsregistratie]
t [Volgorde wijzigen].
2 Selecteer een gezicht waarvoor u de
prioriteit wilt wijzigen.
3 Selecteer het prioriteitsniveau.
Hoe kleiner het getal van de positie, des te hoger de
prioriteit.
74NL
Wanneer de camera een glimlach waarneemt, wordt de sluiter automatisch geopend.
1 MENU t [Camera] t [Lach-sluiter] t
[Aan].
3 Wacht tot er een glimlach wordt
waargenomen.
Gezichtsherkenningkader (oranje)
Lachdetectie-indicator
Menu
Wanneer het glimlachniveau het b-punt op de indicator
overschrijdt, maakt de camera automatisch beelden.
Als u op de ontspanknop drukt tijdens het maken van
Lach-sluiter-opnamen, maakt de camera de opname en
keert vervolgens terug naar de modus Lach-sluiter.
4 De stand Lach-sluiter afsluiten, MENU t
[Camera] t [Lach-sluiter] t [Uit].
(Uit)
(Aan)
Voorbeeldfoto
2 De gevoeligheid voor het waarnemen van
een glimlach instellen, Option t instelling
van uw keuze.
Inhoudsopgave
Lach-sluiter
Gebruikt de Lach-sluiter niet.
Gebruik de Lach-sluiter.
(Schaterlach)
Neemt een schaterlach waar.
(Normale lach)
Neemt een normale glimlach waar.
(Glimlach)
Neemt zelfs een geringe glimlach waar.
Index
U kunt de gevoeligheid voor het waarnemen van een glimlach instellen met Option.
Opmerkingen
• U kunt [Lach-sluiter] niet gebruiken in combinatie met de volgende functies:
– [Schemeropn. uit hand] in [Scènekeuze]
– [Anti-bewegingswaas]
– [Panorama d. beweg.]
– [3D-panor. d. beweg.]
– [H. scherpst.]
• Als u [Lach-sluiter] instelt op [Aan] terwijl de [Zoom]-functie van de camera wordt gebruikt, wordt de
[Zoom]-functie van de camera geannuleerd.
• Het maken van opnamen met Lach-sluiter eindigt automatisch wanneer de geheugenkaart vol raakt.
• Afhankelijk van de omstandigheden zal een lach misschien niet goed worden waargenomen.
• De transportfunctie gaat automatisch over naar [Enkele opname].
75NL
Vervolg r
• De sluiter treedt in werking wanneer bij iemand een glimlach wordt waargenomen.
• Als een gezicht is geregistreerd, neemt de camera alleen de glimlach van dat gezicht waar.
• Als een glimlach niet wordt waargenomen, stel dan de gevoeligheid in met Option.
Voorbeeldfoto
1 Bedek de ogen niet met haar (pony), enz.
Verberg het gezicht niet met een hoed, een masker, een
zonnebril, enz.
2 Probeer het gezicht op de camera gericht te houden en houd
het gezicht zo recht mogelijk.
Houd de ogen een beetje dicht.
3 Glimlach duidelijk met open mond.
De glimlach is gemakkelijker waar te nemen wanneer de
tanden zichtbaar zijn.
Inhoudsopgave
z Tips voor het beter vastleggen van glimlachen
Menu
Index
76NL
Wanneer de camera een gezicht waarneemt en er een opname van maakt, wordt het
vastgelegde beeld automatisch bijgesneden voor een geschikte compositie. Het
oorspronkelijke maar ook het bijgesneden beeld worden opgeslagen. Het bijgesneden
beeld wordt vastgelegd met hetzelfde beeldformaat als dat van het oorspronkelijke beeld.
Inhoudsopgave
Aut. portretomkad.
Voorbeeldfoto
1 MENU t [Camera] t [Aut. portretomkad.] t stand van uw keuze.
(Uit)
Maakt geen gebruik van de functie Automatische
portretomkadering.
(Automatisch)
Gebruikt de functie Automatische portretomkadering.
Index
Opmerkingen
• U kunt [Aut. portretomkad.] niet gebruiken in combinatie met de volgende functies:
– [Schemeropn. uit hand], [Sportactie] in [Scènekeuze]
– [Anti-bewegingswaas]
– [Panorama d. beweg.]
– [3D-panor. d. beweg.]
– [Soft focus] [HDR-schilderij] [Mono. m. rijke tonen] [Miniatuur] in [Foto-effect]
– [RAW] of [RAW en JPEG] in [Kwaliteit]
– [Auto HDR] in [DRO/Auto HDR]
– De [Zoom]-functie van de camera
– Wanneer [Gezichtsherkenning] is ingesteld op [Uit]
• Het bijgesneden beeld zal, afhankelijk van de opnameomstandigheden misschien niet de optimale
compositie zijn.
Menu
wordt groen wanneer de camera vaststelt dat de bijsnijdfunctie beschikbaar is.
Een kader dat het bijgesneden gebied laat zien, wordt na de opname aangeduid op het scherm
voor automatische weergave.
77NL
Stelt het effect in dat wordt gebruikt voor het gelijkmatig opnemen van de huid in de
functie Gezichtsherkenning.
1 MENU t [Camera] t [Zachte-huideffect] t [Aan].
(Aan)
(Uit)
Gebruikt de functie Zachte-huideffect.
Maakt geen gebruik van de functie Zachte-huideffect.
Voorbeeldfoto
2 De intensiteit van het Zachte-huideffect, Option t instelling van uw
keuze.
Inhoudsopgave
Zachte-huideffect
U kunt de intensiteit van het effect instellen Zachte-huideffect met Option.
Stelt Zachte-huideffect in op hoog.
(Gemiddeld)
Stelt Zachte-huideffect in op middel.
(Laag)
Stelt Zachte-huideffect in op laag.
Menu
(Hoog)
Opmerkingen
Index
• U kunt [Zachte-huideffect] niet gebruiken in combinatie met de volgende functies:
– Films opnemen
– [Continue opname]
– [Snelh. continutr.]
– [Bracket: continu]
– [Zelfontsp.(Cont.)]
– [Sportactie] in [Scènekeuze]
– [Panorama d. beweg.]
– [3D-panor. d. beweg.]
– [RAW] in [Kwaliteit]
• Deze functie zal afhankelijk van uw onderwerp misschien niet werken.
78NL
Biedt u de mogelijkheid alle opnametips in de camera te doorzoeken.
Gebruik deze optie wanneer u opnametips wilt bekijken die u al eerder hebt gezien.
2 Zoeken naar de opnametip van uw keuze.
Voorbeeldfoto
1 MENU t [Camera] t [Lijst met opnametips].
Inhoudsopgave
Lijst met opnametips
Blader omhoog en omlaag door de tekst door de draaiknop te draaien.
U kunt een tip openen vanuit de [Inhoud].
Menu
Index
79NL
Biedt u de mogelijkheid te selecteren welke weergavestanden voor het scherm kunnen
worden geselecteerd met [Inhoud weergeven] (bladzijde 39) in de opnamestand.
1 MENU t [Camera] t [DISP-knop (scherm)].
De items die zijn gemarkeerd met
, zijn beschikbaar.
Toont eenvoudige informatie over het maken van
opnamen.
Geeft een grafische weergave van de sluitertijd en
de diafragmawaarde, behalve wanneer
[Opn.modus] is ingesteld op [Panorama d. beweg.]
of [3D-panor. d. beweg.].
Alle info
weergeven
Toont opname-informatie.
Grote letters
Toont alleen grotere items in groter formaat.
Geen info
Toont geen opname-informatie.
Histogram
Toont de luminantieverdeling grafisch.
Voor zoeker
Toont alleen opname-informatie op het scherm
(geen beeld). Selecteer deze optie wanneer u een
opname maakt met behulp van een zoeker (los
verkrijgbaar).
Menu
Graf. weerg.
Voorbeeldfoto
2 Selecteer de stand van uw keuze.
Inhoudsopgave
DISP-knop (scherm)
Index
80NL
Het beeldformaat bepaalt de omvang van het beeldbestand dat wordt vastgelegd wanneer
u een beeld vastlegt.
Hoe groter het beeldformaat, des te meer details zullen worden gereproduceerd wanneer
het beeld wordt afgedrukt op een groot formaat papier. Hoe kleiner het beeldformaat, des
te meer beelden kunnen worden vastgelegd.
Stilstaand beeld
Voorbeeldfoto
1 MENU t [Beeldformaat] t [Beeldformaat] t stand van uw keuze.
Inhoudsopgave
Beeldformaat
Beeldformaat wanneer [Beeldverhouding] Richtlijnen voor gebruik
is 3:2
4912 × 3264 pixels
Voor afdrukken tot A3+-formaat
M:8.4M
3568 × 2368 pixels
Voor afdrukken tot A4-formaat
S:4.0M
2448 × 1624 pixels
Voor afdrukken op L/2L-formaat
Menu
L:16M
Beeldformaat wanneer [Beeldverhouding] Richtlijnen voor gebruik
is 16:9
4912 × 2760 pixels
M:7.1M
3568 × 2000 pixels
S:3.4M
2448 × 1376 pixels
Voor weergave op een High-Definition-tv
Index
L:14M
Opmerkingen
• Wanneer u stilstaande beelden afdrukt die zijn vastgelegd met 16:9-beeldverhouding, zullen de beide
randen misschien wegvallen.
• Wanneer u een RAW-beeld selecteert met [Kwaliteit], komt het beeldformaat overeen met L.
3D-panor. d. beweg.
(16:9)
Neemt beelden op met een formaat dat geschikt is voor highdefinition-tv.
Horizontaal: 1920 × 1080
(Standaard)
Maakt beelden in standaardformaat.
Horizontaal: 4912 × 1080
(Breed)
Maakt beelden in breed formaat.
Horizontaal: 7152 × 1080
81NL
Vervolg r
De beelden worden, afhankelijk van de geselecteerde stand, anders weergegeven.
Standaard
Breed
Wanneer [Standaard] of [Breed] is geselecteerd, worden de beelden gescrold wanneer u op
het midden van de draaiknop drukt.
Het beeldformaat varieert afhankelijk van de instelling [Panoramarichting].
Maakt beelden in standaardformaat.
Verticaal: 3872 × 2160
Horizontaal: 8192 × 1856
(Breed)
Maakt beelden in breed formaat.
Verticaal: 5536 × 2160
Horizontaal: 12416 × 1856
Index
(Standaard)
Menu
Panorama d. beweg.
Voorbeeldfoto
16:9
Inhoudsopgave
z Tips voor het selecteren van het beeldformaat
Opmerking
• Wanneer u panoramische beelden afdrukt, worden de beide zijkanten misschien afgesneden.
82NL
Stelt de beeldverhouding in van stilstaande beelden.
1 MENU t [Beeldformaat] t [Beeldverhouding] t stand van uw keuze.
Standaard-beeldverhouding. Geschikt voor afdrukken.
16:9
Voor weergave op een High-Definition-tv.
Opmerking
• U kunt dit item niet gebruiken in combinatie met de volgende functies:
– [Panorama d. beweg.]
– [3D-panor. d. beweg.]
Voorbeeldfoto
3:2
Inhoudsopgave
Beeldverhouding
Menu
Index
83NL
Selecteert het compressieformaat van stilstaande beelden.
1 MENU t [Beeldformaat] t [Kwaliteit] t stand van uw keuze.
Bestandsindeling: RAW (Legt opnamen vast in de RAWcompressie-indeling.) + JPEG
Er worden tegelijkertijd een RAW-beeld en een JPEG-beeld
gemaakt. Dit is handig wanneer u 2 beeldbestanden nodig hebt:
een JPEG voor weergave en een RAW voor bewerking.
• De beeldkwaliteit is vastgelegd op [Fijn] en het beeldformaat
is vastgelegd op [L].
FINE (Fijn)
Bestandsindeling: JPEG
Het beeld wordt bij de opname gecomprimeerd in de JPEGindeling. Omdat de compressieverhouding van [Standaard]
hoger is dan die van [Fijn], is de bestandsgrootte van [Standaard]
kleiner dan die van [Fijn]. Hiermee kunnen meer bestanden
worden opgenomen op 1 geheugenkaart, maar de kwaliteit wordt
lager.
• Wanneer u niet beelden gaat wijzigen op uw computer,
adviseren wij u [Fijn] of [Standaard] te selecteren.
STD (Standaard)
Index
RAW+J (RAW en
JPEG)
Menu
Bestandsindeling: RAW (Legt opnamen vast in de RAWcompressie-indeling.)
Bij deze bestandsindeling kunt u geen digitale verwerking op de
beelden uitvoeren. Selecteer deze indeling als u beelden op een
computer wilt verwerken voor professionele doelen.
• Het beeldformaat ligt vast op de maximale omvang. Het
beeldformaat wordt niet weergegeven op het LCD-scherm.
Voorbeeldfoto
RAW (RAW)
Inhoudsopgave
Kwaliteit
Opmerkingen
• U kunt dit item niet gebruiken in combinatie met de volgende functies:
– [Panorama d. beweg.]
– [3D-panor. d. beweg.]
• U kunt geen DPOF-registratie (afdrukopdracht) toevoegen aan beelden in RAW-indeling.
• U kunt [Auto HDR] niet gebruiken met [RAW]- en [RAW en JPEG]-beelden.
z RAW-beelden
Het bestand in RAW-indeling zijn de ruwe gegevens die nog een digitale bewerking moeten
ondergaan. Een RAW-bestand verschilt van een meer algemeen gebruikte bestandsindeling
zoals JPEG, dat wil zeggen, het is ruw materiaal dat nog moet worden verwerkt voor
professionele doeleinden.
U hebt het softwareprogramma "Image Data Converter" nodig, dat op de CD-ROM
(bijgeleverd) staat, als u een RAW-beeld wilt openen dat met deze camera is vastgelegd.
Met behulp van dit softwareprogramma kan een RAW-beeld worden geopend en
geconverteerd naar een meer algemeen gebruikt bestandsindeling, zoals JPEG of TIFF, en
kunnen de witbalans, de kleurverzadiging, het contrast, enz., worden aangepast.
84NL
Stelt de richting in voor het pannen van de camera wanneer u 3D-panor. d. beweg.- of
Panorama d. beweg.-beelden maakt.
1 MENU t [Beeldformaat] t [Panoramarichting] t stand van uw keuze.
(Rechts)
'Pan' de camera van links naar rechts.
(Links)
'Pan' de camera van rechts naar links.
Voorbeeldfoto
3D-panor. d. beweg.
Inhoudsopgave
Panoramarichting
Panorama d. beweg.
'Pan' de camera in de richting die u hebt ingesteld.
Menu
(Rechts)
(Links)
(Naar boven)
(Naar beneden)
Index
85NL
Selecteert de bestandsindeling voor films.
1 MENU t [Beeldformaat] t [Bestandsindeling] t stand van uw keuze.
AVCHD
MP4
Maakt mp4-films (AVC). Deze indeling is geschikt voor
webuploads, e-mailbijlagen enzovoort.
z Controle uitvoeren op 60i of 50i
Index
• Films worden opgenomen in MPEG-4-indeling bij ongeveer
30 beeldjes/seconde, met het progressive scanning-systeem,
AAC-audio en de mp4-indeling.
• Een kunt geen schijf maken van de films die zijn vastgelegd in deze
indeling met de bijgeleverde software "PlayMemories Home".
Menu
• 60i-/50i-films worden vastgelegd bij respectievelijk 60 velden/
seconde en bij 50 velden/seconde. Zowel 60i- als 50i-films maken
gebruik van het interlace scanning-systeem, Dolby Digital-audio en de
AVCHD-indeling.
• 24p-/25p-films worden vastgelegd bij respectievelijk 24 beeldjes/
seconde en bij 25 beeldjes/seconde. Zowel 24p- als 25p-films maken
gebruik van het progressive scanning-systeem, Dolby Digital-audio en
de AVCHD-indeling.
Voorbeeldfoto
Legt 60i-/50i-films of 24p-/25p-films vast in de indeling
AVCHD. Deze bestandsindeling is geschikt voor weergave van
de film op een H-D-TV-toestel. U kunt een Blu-ray Disc, een
AVCHD-opnameschijf of een DVD-Video-schijf maken met de
bijgeleverde software "PlayMemories Home".
Inhoudsopgave
Bestandsindeling
Als u wilt nagaan of uw camera een toestel is dat geschikt is voor 1080 60i of 1080 50i-, kijk
dan of u de volgende merktekens vindt op de onderzijde van de camera.
Toestel geschikt voor 1080 60i: 60i
Toestel geschikt voor 1080 50i: 50i
z Films afspelen op één van beide toestellen
Deze camera gebruikt MPEG-4 AVC/H.264 High Profile voor opnamen in AVCHDindeling.
Films vastgelegd in AVCHD-indeling met deze camera kunnen niet worden afgespeeld door
de volgende toestellen.
– Toestellen geschikt voor andere AVCHD-indelingen die niet geschikt zijn voor High
Profile
– Toestellen die niet geschikt zijn voor de AVCHD-indeling
Deze camera gebruikt MPEG-4 AVC/H.264 Main Profile voor opnamen in MP4-indeling.
Om deze reden kunnen films die met deze camera zijn vastgelegd in de MP4-indeling, niet
worden afgespeeld op toestellen die MPEG-4 AVC/H.264 niet ondersteunen.
86NL
Selecteert het beeldformaat, beeldfrequentie en beeldkwaliteit voor het vastleggen van
films. Hoe hoger de gegevensfrequentie (gemiddelde bit-frequentie) per seconde, des te
hoger de beeldkwaliteit.
Inhoudsopgave
Opname-instelling
1 MENU t [Beeldformaat] t [Opname-instelling] t stand van uw keuze.
Gemiddelde Opnemen
bit-frequentie
24 Mbps
Neemt films op in hoge beeldkwaliteit van
1920 × 1080 (60i/50i).
60i 17M(FH)*
50i 17M(FH)**
17 Mbps
Neemt films op in standaard
beeldkwaliteit van 1920 × 1080 (60i/50i).
24p 24M(FX)*
25p 24M(FX)**
24 Mbps
Neemt films op in hoge beeldkwaliteit van
1920 × 1080 (24p/25p). Dit geeft een sfeer
als in een bioscoop.
24p 17M(FH)*
25p 17M(FH)**
17 Mbps
Neemt films op in standaard
beeldkwaliteit van 1920 × 1080 (24p/25p).
Dit geeft een sfeer als in een bioscoop.
[Bestandsindeling]: [MP4]
Menu
60i 24M(FX)*
50i 24M(FX)**
Voorbeeldfoto
[Bestandsindeling]:
[AVCHD]
Gemiddelde Opnemen
bit-frequentie
12 Mbps
Neemt films op van 1440 × 1080.
VGA 3M
3 Mbps
Neemt films op van VGA-formaat.
* Toestel geschikt voor 1080 60i
** Toestel geschikt voor 1080 50i
Index
1440×1080 12M
Opmerkingen
• Films die zijn opgenomen met de instelling [60i 24M(FX)/50i 24M(FX)]/[24p 24M(FX)/25p 24M(FX)]
in [Opname-instelling], worden door "PlayMemories Home" geconverteerd voor een AVCHD-schijf.
Deze conversie kan veel tijd in beslag nemen. U kunt geen schijf maken met de originele beeldkwaliteit.
Als u de originele beeldkwaliteit wilt behouden, moet u uw films opslaan op een Blu-ray Disc.
• U kunt 24p/25p-films alleen bekijken op een TV-toestel, dat geschikt is voor 24p/25p. Als u een tvtoestel gebruikt dat niet geschikt is, worden de films geconverteerd naar 60i/50i en uitgestuurd naar het
tv-toestel.
z Controle uitvoeren op 60i of 50i
Als u wilt nagaan of uw camera een toestel geschikt is voor 1080 60i of 1080 50i-, kijk dan
of u de volgende merktekens vindt op de onderzijde van de camera.
Toestel geschikt voor 1080 60i: 60i
Toestel geschikt voor 1080 50i: 50i
87NL
Stelt de lichtgevoeligheid in.
1 MENU t [Helderheid/kleur] t [ISO] t instelling van uw keuze.
(ISO AUTO)
Stelt automatisch de ISO-gevoeligheid in.
Stelt de gevoeligheid voor licht in van de beeldsensor. Hogere
gevoeligheden maken snellere sluitertijden en/of kleinere
diafragma's (hogere F-waarden) mogelijk. Hoe hoger de
gevoeligheid, des te meer beeldruis zichtbaar kan worden.
Opmerkingen
Menu
Index
• [ISO AUTO] wordt geselecteerd bij gebruik van de volgende functies:
– [Slim automatisch]
– [Superieur automatisch]
– [Scènekeuze]
– [Anti-bewegingswaas]
– [Panorama d. beweg.]
– [3D-panor. d. beweg.]
• Hoe hoger het getal, des te hoger het ruisniveau is.
• Wanneer de belichtingsstand wordt ingesteld op [Autom. programma], [Diafragmavoorkeuze],
[Sluitertijdvoorkeuze] en [ISO] wordt ingesteld op [ISO AUTO], wordt de ISO-waarde automatisch
ingesteld op een waarde tussen ISO200 en ISO3200.
• U kunt hoogstens ISO3200 selecteren voor het opnemen van films. Wanneer u films opneemt met een
ISO van hoger dan 3200, wordt ISO automatisch 3200 en wordt na afloop van de opname de vorige
waarde opnieuw ingesteld.
• De [ISO AUTO]-instelling is niet beschikbaar in de [Handm. belichting]. Als u de belichtingsstand
wijzigt in [Handm. belichting] met de instelling [ISO AUTO], wordt deze omgezet naar 200. Stel de ISO
in in overeenstemming met uw opname-omstandigheden.
Voorbeeldfoto
200/400/800/1600/
3200/6400/12800/
16000
Inhoudsopgave
ISO
z De ISO-gevoeligheid (aanbevolen belichtingsindex)
aanpassen
ISO-instelling (snelheid) is de lichtgevoeligheid van opname-media die een beeldsensor die
licht ontvangt, omvatten. Ook als de belichting hetzelfde is, verschillen beelden afhankelijk
van de ISO-instelling.
Hoge ISO-gevoeligheid
Met hoge ISO-gevoeligheid zullen beelden worden vastgelegd
met de juiste helderheid, zelfs bij onvoldoende belichting.
Wanneer u echter de ISO-gevoeligheid hoger maakt, zal dat
ruis in de afbeeldingen veroorzaken.
Lage ISO-gevoeligheid
U kunt fraaie beelden vastleggen. De compensatie voor de
lagere ISO-gevoeligheid zal echter zijn dat de sluitertijd
langer wordt. U moet daarom ook rekening houden met
bewegingsonscherpte of beweging van onderwerpen.
88NL
Past de kleurtemperatuur aan aan de lichtomstandigheden van de omgeving.
Gebruik deze functie als de kleurtemperatuur van het beeld er niet uitziet zoals u
verwachtte, of als u doelbewust de kleurtemperatuur wilt veranderen voor een
fotografisch effect.
U kunt de kleurtemperatuur nauwkeurig aanpassen met Option.
Zie de uitleg bij de verschillende standen voor informatie over het aanpassen van de
witbalans aan een specifieke lichtbron.
AWB (Aut. witbalans)
(Daglicht)
Bij de selectie van een optie die geschikt is voor een
bepaalde lichtbron, wordt de kleurtemperatuur aangepast
aan de lichtbron (vooraf ingestelde witbalans).
(Bewolkt)
(Gloeilamp)
Menu
(Schaduw)
De camera neemt automatisch een lichtbron waar en past
de kleurtemperatuur erop aan.
Voorbeeldfoto
1 MENU t [Helderheid/kleur] t [Witbalans] t stand van uw keuze.
Inhoudsopgave
Witbalans
(TL-licht: warm wit)
(TL-licht: koel wit)
Index
(TL-licht:
daglichtwit)
(TL-licht: daglicht)
(Flitslicht)
(Kl.temp./Filter)
Past de kleurtemperatuur aan afhankelijk van de
lichtbron. Bereikt het effect van CC-filters voor
fotografie (CC - Color Compensation
(Kleurcompensatie)).
(Eigen)
Maakt gebruik van de witbalansinstelling mogelijk die
wordt behouden door [Eigen instelling].
(Eigen instelling)
Slaat de witte basiskleur op in het geheugen (Eigen
witbalans).
Opmerking
• [Aut. witbalans] wordt geselecteerd bij gebruik van de volgende functies:
– [Slim automatisch]
– [Superieur automatisch]
– [Scènekeuze]
89NL
Vervolg r
De zichtbare kleur van het onderwerp wordt beïnvloed door de verlichtingscondities.
De kleurtemperatuur wordt automatisch aangepast, maar u kunt kleurtemperatuur handmatig
aanpassen met de functie [Witbalans].
Daglicht
Bewolkt
Eigenschappen
van het licht
Wit (standaard) Blauwachtig
TL-licht
Gloeilamp
Groengetint
Roodachtig
Voorbeeldfoto
Weer/
verlichting
Inhoudsopgave
z Effecten van verlichtingscondities
Menu
De kleurtemperatuur nauwkeurig aanpassen
1 MENU t [Helderheid/kleur] t [Witbalans] t stand van uw keuze.
2 Als het nodig is, kunt u met Option t de kleurtemperatuur aanpassen
door op de boven-/onder-/rechter-/linkerzijde van de draaiknop te
drukken of de grafiek op het scherm aan te raken.
Index
U kunt de kleurtemperatuur aanpassen in de richting van G (groen), M (magenta), A (oranje)
of B (blauw).
Kl.temp./Filter
1 MENU t [Helderheid/kleur] t [Witbalans] t [Kl.temp./Filter].
2 Option t selecteer de gewenste kleurtemperatuur door de draaiknop te
draaien.
Hoe hoger het getal is, des te roder het beeld wordt, en hoe lager het getal is, des te blauwer
het beeld wordt.
3 Pas de kleurtemperatuur aan door op de boven-/onder-/rechter-/
linkerzijde van de draaiknop te drukken.
Eigen witbalans
1 MENU t [Helderheid/kleur] t [Witbalans] t [Eigen instelling].
2 Houd de camera zo dat het witte gebied het AF-gebied in het midden
volledig bedekt en druk vervolgens op de ontspanknop.
De sluiter klikt en de geijkte waarden (kleurtemperatuur en kleurfilter) worden weergegeven.
3 De eigen witbalansinstelling oproepen, MENU t [Helderheid/kleur] t
[Witbalans] t [Eigen].
U kunt de kleurtemperatuur nauwkeurig aanpassen met Option.
90NL
Vervolg r
Inhoudsopgave
Opmerkingen
• Als de flitser afgaat wanneer op de ontspanknop wordt gedrukt, wordt een eigen witbalansinstelling
opgeslagen waarbij rekening wordt gehouden met het flitslicht. Gebruik bij latere opnamen ook de flitser.
• Het bericht "Fout eigen witbalans" geeft aan dat de waarde het verwachte bereik overschrijdt. (Wanneer
de flitser wordt gebruikt bij een onderwerp dat zich dichtbij bevindt, of bij een subject met een heldere
kleur zich in het kader bevindt.) Als u deze waarde registreert, wordt de
-indicator geel op het scherm
met opname-informatie. U kunt nu een opname maken, maar het wordt aanbevolen dat u de witbalans
opnieuw instelt voor een nauwkeurigere witbalanswaarde.
Voorbeeldfoto
Menu
Index
91NL
Selecteert de lichtmeetfunctie die instelt welk deel van het onderwerp moet worden
gemeten voor het bepalen van de belichting.
1 MENU t [Helderheid/kleur] t [Lichtmeetfunctie] t stand van uw
keuze.
(Midden)
Meet de gemiddelde helderheid van het hele scherm, terwijl de
nadruk ligt op het middengedeelte van het scherm
(Middengewogen meting).
(Spot)
Meet alleen het middengedeelte
(Spotmeting). Deze functie is nuttig
wanneer het onderwerp van achteren
wordt belicht of wanneer er een sterk
contrast is tussen het onderwerp en de
achtergrond.
Menu
Het licht wordt op elk veld gemeten na opdeling van het totale
gebied in meerdere velden en zo wordt de juiste belichting van het
gehele scherm bepaald (Multi-patroonmeting).
Voorbeeldfoto
(Multi)
Inhoudsopgave
Lichtmeetfunctie
De kruisdraden van de
spotmeting worden op
het onderwerp
geplaatst.
Index
Opmerkingen
• Als u [Lichtmeetfunctie] anders instelt dan op [Multi], kunt u de functie [Gezichtsherkenning] niet
gebruiken.
• [Multi] wordt geselecteerd bij gebruik van de volgende functies:
– Films opnemen
– [Slim automatisch]
– [Superieur automatisch]
– [Scènekeuze]
– De [Zoom]-functie van de camera
– [Lach-sluiter]
92NL
Past de hoeveelheid flitslicht aan in stappen van 1/3 EV in het bereik van –2,0 EV tot
+2,0 EV.
Flitscompensatie verandert alleen de hoeveelheid flitslicht. Belichtingscompensatie
verandert de hoeveelheid flitslicht in combinatie met de verandering van de sluitertijd en
het diafragma.
(flitserknop) om de flitser te activeren.
2 MENU t [Helderheid/kleur] t [Flitscompensatie] t waarde van uw keuze.
Hogere waarde kiezen (+-zijde) verhoogt het flitsniveau en maakt beelden helderder. Lagere
waarde kiezen (–-zijde) verlaagt het flitsniveau en maakt beelden donkerder.
Voorbeeldfoto
1 Druk op
Inhoudsopgave
Flitscompensatie
Opmerkingen
u opnamen van mensen maakt
Index
z Tips voor het aanpassen van de helderheid wanneer
Menu
• U kunt [Flitscompensatie] niet gebruiken in combinatie met de volgende functies:
– [Slim automatisch]
– [Superieur automatisch]
– [Scènekeuze]
– [Anti-bewegingswaas]
– [Panorama d. beweg.]
– [3D-panor. d. beweg.]
• Het kan zijn dat het hogere flitseffect niet zichtbaar is, omdat de beschikbare hoeveelheid flitslicht
beperkt is als het onderwerp zich buiten het maximumbereik van de flitser bevindt. Als het onderwerp
zich erg dichtbij bevindt, is het mogelijk dat het lagere flitseffect niet zichtbaar is.
• Het is belangrijk dat u de helderheid van mensen in
nachtelijke portretten uitbalanceert tegen de donkere
achtergrond. U kunt de helderheid van mensen dicht bij de
camera aanpassen door de intensiteit van het flitslicht te
wijzigen.
• Als het onderwerp ver weg staat van de flitser en ook na
aanpassing nog te donker is, ga dan dichter naar uw
onderwerp toe.
93NL
Corrigeert de helderheid of het contrast.
1 MENU t [Helderheid/kleur] t [DRO/Auto HDR] t stand van uw keuze.
(Uit)
(Auto HDR)
Gebruikt [DRO/Auto HDR] niet.
Door het beeld op te delen in kleine velden, analyseert de camera
het contrast van licht en schaduw tussen het onderwerp en de
achtergrond, en produceert een beeld waarin de helderheid en
gradatie optimaal is.
Maakt 3 beelden met verschillende belichting en legt dan het
heldere gebied van het onderbelichte beeld over het donkere
gebied van het overbelichte beeld, zodat een beeld ontstaat met
een rijke gradatie. Er wordt 1 beeld met een juiste belichting en
1 opgelegd beeld vastgelegd.
Voorbeeldfoto
(D.bereikopt.)
Inhoudsopgave
DRO/Auto HDR
Menu
Opmerking
• U kunt [DRO/Auto HDR] alleen selecteren in de volgende standen:
– [Handm. belichting]
– [Sluitertijdvoorkeuze]
– [Diafragmavoorkeuze]
– [Autom. programma]
Index
D.-bereikopt.
Corrigeert de helderheid van het beeld (DRO: Dynamic Range Optimizer - Dynamischbereikoptimalisatie).
1 MENU t [Helderheid/kleur] t [DRO/Auto HDR] t [D.-bereikopt.].
2 Option t waarde van uw keuze.
(Automatisch) Corrigeert automatisch de helderheid.
Lv1 – Lv5
Optimaliseert de gradaties van een vastgelegd beeld in elk van
de gebieden van het beeld. Selecteer het optimale niveau tussen
Lv1 (zwak) en Lv5 (krachtig).
Opmerkingen
• [Automatisch] wordt geselecteerd bij gebruik van de volgende functies:
– [Slim automatisch]
– [Superieur automatisch]
– [Portret], [Landschap], [Macro], [Sportactie] in [Scènekeuze]
• Bij het opnemen met de Dynamisch-bereikoptimalisatie kan het beeld ruis bevatten. Selecteer het juiste
niveau door het vastgelegde beeld te controleren, vooral wanneer u het effect laat toenemen.
94NL
Vervolg r
Verbreedt het bereik (gradaties) zodat u in de juiste helderheid beelden kunt opnemen
van heldere delen tot in donkere delen (Auto High Dynamic Range). Er wordt 1 beeld
met een juiste belichting en 1 opgelegd beeld vastgelegd.
1 MENU t [Helderheid/kleur] t [DRO/Auto HDR] t [Auto HDR].
(Auto HDR:
belichtingsver.
auto)
Corrigeert automatisch het belichtingsverschil.
1,0 EV – 6,0 EV
Stelt het belichtingsverschil in op basis van het contrast van het
onderwerp. Selecteer het optimale niveau tussen 1,0 EV (zwak)
en 6,0 EV (krachtig).
Menu
Opmerkingen
Index
• U kunt pas beginnen met de volgende opname als het proces van het vastleggen na de opname is voltooid.
• U kunt deze functies niet gebruiken met [RAW]- en [RAW en JPEG]-beelden.
• Aangezien de sluiter 3 keer wordt geopend voor 1 opname, dient u op het volgende te letten:
– Gebruik deze functie wanneer het onderwerp niet beweegt en niet knippert.
– Componeer het beeld niet opnieuw.
• U krijgt misschien, afhankelijk van het luminantieverschil van een onderwerp en de
opnameomstandigheden, niet het gewenste effect.
• Wanneer de flitser wordt gebruikt, heeft deze functie weinig effect.
• Wanneer de scène weinig contrast heeft, de opname aanzienlijk bewegingsonscherp is of het onderwerp
van de opname wazig is, zult u misschien geen goede HDR-beelden krijgen. Als de camera een dergelijke
situatie waarneemt, wordt
aangeduid op het vastgelegde beeld zodat u weet wat er aan de hand is.
Maak nog een opname, maak een nieuwe beeldcompositie en besteed aandacht aan de onscherpte.
Voorbeeldfoto
2 Option t waarde van uw keuze.
Inhoudsopgave
Auto HDR
95NL
U kunt diverse patronen verkrijgen door opnamen te maken met een effectfilter.
1 MENU t [Helderheid/kleur] t [Foto-effect] t stand van uw keuze.
(Uit)
Maakt geen gebruik van de functie Beeldeffect.
(Hippe
kleuren)
Voorbeeldfoto
Creëert het beeld van een foto van een
(Speelgoedcamera) speelgoedcamera met vervaagde hoeken
en geprononceerde kleuren.
U kunt de kleurtint instellen met
Option.
Inhoudsopgave
Foto-effect
Creëert een levendig uiterlijk door
kleurtinten te accentueren.
Menu
Creëert een hoog contrast, abstract
uiterlijk doordat de primaire kleuren
worden geaccentueerd, of in zwart-wit.
U kunt primaire kleuren of zwart-wit
selecteren met Option.
(Retrofoto)
Creëert het uiterlijk van een oude foto
met sepia kleurtinten en vervaagd
contrast.
(Zachte felle
kleuren)
(Deelkleur)
(Hg. contr.
monochr.)
Index
(Posterisatie)
Creëert een beeld met een aangewezen
sfeer: helder, transparant, vluchtig, teer,
zacht.
Creëert een beeld waarin een bepaalde
kleur wordt behouden, maar de andere
kleuren worden omgezet in zwart-wit.
U kunt een kleur selecteren met Option.
Creëert een hoog contrast, een abstract
beeld in zwart-wit.
96NL
Vervolg r
Creëert een beeld dat is gevuld met een
zacht verlichtingseffect.
U kunt de intensiteit van het effect
instellen met Option.
Creëert het uiterlijk van een schilderij,
waarbij de kleuren en details worden
geaccentueerd.
De camera ontspant de sluiter 3 keer.
U kunt de intensiteit van het effect
instellen met Option.
(Mono. m.
rijke tonen)
Creëert een beeld in zwart-wit met een
rijke gradatie en de reproductie van
details. De camera ontspant de sluiter
3 keer.
Index
Creëert een beeld waarbij het
onderwerp levendig wordt
geaccentueerd en de achtergrond
aanzienlijk onscherp wordt gemaakt.
Dit effect kan vaak worden aangetroffen
in afbeeldingen van miniatuurmodellen.
U kunt het gebied dat scherp moet zijn,
selecteren met Option. De
scherpstelling op beide gebieden wordt
in hoge mate verminderd.
Menu
(Miniatuur)
Voorbeeldfoto
(HDRschilderij)
Inhoudsopgave
(Soft focus)
Opmerkingen
• U kunt [Foto-effect] alleen selecteren in de volgende standen:
– [Handm. belichting]
– [Sluitertijdvoorkeuze]
– [Diafragmavoorkeuze]
– [Autom. programma]
• U kunt [Foto-effect] niet gebruiken met [RAW]- en [RAW en JPEG]-beelden.
• De effecten [Speelgoedcamera] en [Miniatuur] zullen misschien niet beschikbaar zijn bij de [Zoom]functie van de camera.
• Wanneer [Deelkleur] is geselecteerd, zullen beelden afhankelijk van het onderwerp misschien niet de
geselecteerde kleur behouden.
• U kunt de volgende effecten niet controleren op het opnamescherm, omdat de camera nog bezig is het
beeld dat zojuist is opgenomen, te verwerken. Ook kunt u pas een ander beeld opnemen als de
beeldverwerking is voltooid. U kunt deze effecten bij films gebruiken.
– [Soft focus]
– [HDR-schilderij]
– [Mono. m. rijke tonen]
– [Miniatuur]
• In het geval van [HDR-schilderij] en [Mono. m. rijke tonen] wordt de sluiter 3 maal geopend voor
1 opname. Let vooral op het volgende:
– Gebruik deze functie wanneer het onderwerp niet beweegt en niet knippert.
– Componeer het beeld niet opnieuw.
Wanneer de scène weinig contrast heeft, de opname aanzienlijk bewegingsonscherp is of het onderwerp van
de opname wazig is, zult u misschien geen goede HDR-beelden krijgen. Als de camera een dergelijke
situatie waarneemt, wordt
/
aangeduid op het vastgelegde beeld zodat u weet wat er aan de
hand is. Maak nog een opname, maak een nieuwe beeldcompositie en besteed aandacht aan de onscherpte.
97NL
Biedt u de mogelijkheid de gewenste beeldverwerking te selecteren.
U kunt de belichting aanpassen (sluitertijd en diafragma), als u dat wilt met [Creatieve
stijl], maar niet met [Scènekeuze] waar de camera de belichting aanpast.
Inhoudsopgave
Creatieve stijl
1 MENU t [Helderheid/kleur] t [Creatieve stijl] t stand van uw keuze.
Voor het maken van opnamen van verschillende scènes met rijke
gradaties en fraaie kleuren.
(Levendig)
De verzadiging en het contrast worden verhoogd voor het
opnemen van opvallende beelden van kleurrijke scènes en
onderwerpen, zoals bloemen, lentegroen, een blauwe hemel of
vergezichten over zee.
(Portret)
Voor het vastleggen van huidkleur met een zachte tint, ideaal
geschikt voor het maken van portretten.
Menu
(Standaard)
Voorbeeldfoto
2 Wanneer u contrast, verzadiging of scherpte wilt aanpassen, Option t
gewenste instelling.
(Landschap) De verzadiging, het contrast en de scherpte worden verhoogd
voor het vastleggen van levendige, scherp getekende
landschappen. Ook landschappen in de verte worden scherper
afgebeeld.
(Zwart-wit)
Voor het vastleggen van de prachtige rode kleur van de
ondergaande zon.
Voor het vastleggen van zwart-witbeelden.
(Contrast),
(Verzadiging) en
Creatieve stijl-item.
(Scherpte) kunnen worden aangepast voor ieder
(Contrast)
Hoe hoger de geselecteerde waarde, des te meer het verschil in
licht en schaduw wordt geaccentueerd en een beeld verandert.
(Verzadiging)
Hoe hoger de geselecteerde waarde, des te levendiger de kleur.
Als er een lagere waarde wordt geselecteerd, is de kleur van het
beeld meer ingehouden en omfloerst.
(Scherpte)
Index
(Zonsondergang)
Past de scherpte aan. Hoe hoger de geselecteerde waarde, des te
meer worden de contouren geaccentueerd en hoe lager de
geselecteerde waarde, des te meer worden de contouren
verzacht.
Opmerkingen
• Wanneer [Zwart-wit] is geselecteerd, kunt u de verzadiging niet aanpassen.
• [Standaard] wordt geselecteerd wanneer u de volgende functies gebruikt:
– [Slim automatisch]
– [Superieur automatisch]
– [Scènekeuze]
– [Foto-effect] (behalve [Uit])
98NL
Biedt u de mogelijkheid beelden die u niet wilt bewaren, te wissen.
1 MENU t [Afspelen] t [Wissen] t stand van uw keuze.
Hiermee worden de geselecteerde beelden gewist. Druk op het
midden van de draaiknop om OK te selecteren.
Alles in map
Wist alle stilstaande beelden in de geselecteerde map, of alle
AVCHD-films.
Alle
AVCHDweergavebest.
Voorbeeldfoto
Meerdere bldn.
Inhoudsopgave
Wissen
Opmerking
• U kunt tot wel 100 beelden selecteren.
Menu
z Een beeld wissen
Het is gemakkelijker een beeld dat op het scherm wordt weergegeven, te wissen door
(Wissen) van soft-key te selecteren (bladzijde 31).
Index
99NL
Speelt beelden automatisch af.
Geeft 3D-beelden alleen weer in Diavoorstelling op het 3D-televisietoestel dat op de
camera is aangesloten.
Inhoudsopgave
Diavoorstelling
1 MENU t [Afspelen] t [Diavoorstelling] t stand van uw keuze t OK.
Aan
Geeft beelden weer in een ononderbroken lus.
Uit
Wanneer alle beelden zijn weergegeven, eindigt de
diavoorstelling.
Voorbeeldfoto
Herhalen
Interval
1 sec.
Stelt de weergave-interval van beelden in.
Menu
3 sec.
5 sec.
10 sec.
30 sec.
Beeldtype
Geeft alle stilstaande beelden weer als normale beelden.
All. 3D weerg.
Geeft alleen 3D-beelden weer.
Index
Alles
Opmerkingen
• U kunt de diavoorstelling niet onderbreken. U kunt de diavoorstelling stoppen door op het midden van de
draaiknop te drukken.
• U kunt alleen afbeeldingen afspelen in een Diavoorstelling wanneer [Weergavefunctie] is ingesteld op
[Mapweergave (stilstaand)].
• Een panoramisch beeld wordt in z'n geheel getoond. Druk, als u een panoramisch beeld wilt scrollen, op
het midden van de draaiknop wanneer het beeld wordt weergegeven.
100NL
Selecteert de eenheid van afbeeldingen om af te spelen.
1 MENU t [Afspelen] t [Weergavefunctie] t stand van uw keuze.
Toont stilstaande beelden per map.
Mapweergave
(MP4)
Toont films (MP4) per map.
AVCHDweergave
Toont AVCHD-films.
Voorbeeldfoto
Mapweergave
(stilstaand)
Inhoudsopgave
Weergavefunctie
Menu
Index
101NL
Selecteert het aantal beelden dat op de index moet worden getoond.
1 MENU t [Afspelen] t [Beeldindex] t stand van uw keuze.
Toont 6 beelden.
12 beelden
Toont 12 beelden.
U kunt een map van uw keuze selecteren door de balk
links van het beeldindexscherm te selecteren en
vervolgens op het boven-/ondergedeelte van de draaiknop
te drukken. U kunt de weergavefunctie aanpassen door op
het midden van de draaiknop te drukken.
Menu
z Een map van uw keuze weergeven
Voorbeeldfoto
6 beelden
Inhoudsopgave
Beeldindex
Index
102NL
Draait een stilstaand beeld naar links. Gebruik dit als u een horizontaal beeld verticaal
wilt weergeven. Wanneer u het beeld eenmaal hebt geroteerd, wordt het weergegeven in
de geroteerde positie, zelfs wanneer u het toestel uitschakelt.
Voorbeeldfoto
1 MENU t [Afspelen] t [Roteren].
Inhoudsopgave
Roteren
2 Druk op het midden van de draaiknop.
Het beeld draait linksom. Het beeld draait wanneer u op het midden drukt.
Menu
Opmerkingen
• U kunt de volgende bestanden niet roteren:
– Films
– Beveiligde beelden
– 3D-beelden
• Misschien zal het niet lukken beelden die met andere camera's zijn gemaakt, te roteren.
• Wanneer u de beelden weergeeft op een computer, zal de informatie over het roteren van het beeld,
afhankelijk van de software, misschien niet worden aangeduid.
Index
103NL
Beveiligt vastgelegde beelden tegen het per ongeluk wissen.
Het merkteken
wordt getoond voor geregistreerde beelden.
1 MENU t [Afspelen] t [Beveiligen] t stand van uw keuze.
Alle beelden
annuleren
Heft de beveiliging op van alle stilstaande beelden.
Alle MP4-films
annuleren
Heft de beveiliging op van alle films (MP4).
Alle AVCHDweerg. ann.
Heft de beveiliging op van alle AVCHD-films.
Opmerking
Menu
Past beveiliging toe op de geselecteerde beelden of annuleert
deze. Druk op het midden van de draaiknop om OK te
selecteren.
Voorbeeldfoto
Meerdere bldn.
Inhoudsopgave
Beveiligen
• U kunt tot wel 100 beelden in één keer beveiligen.
Index
104NL
U kunt controleren of een beeld scherp is door een deel van het weergegeven beeld te
vergroten.
1 MENU t [Afspelen] t [
Vergroot].
3 Selecteer de positie die u wilt zien door op de boven-/onder-/rechter-/
linkerzijde van de draaiknop te drukken.
4 U kunt de vergrote weergave annuleren door
te selecteren.
Opmerkingen
Voorbeeldfoto
2 Pas de schaal aan door de draaiknop te draaien.
Inhoudsopgave
Vergroot
• U kunt de films niet vergroten.
• Onderbreek eerst de weergave van panoramische beelden en vergroot daarna het beeld.
Het weergavezoombereik hangt af van het beeldformaat.
Weergavezoombereik
L
Ongev. ×1,0 – ×13,6
M
Ongev. ×1,0 – ×9,9
S
Ongev. ×1,0 – ×6,8
Index
Beeldformaat
Menu
z Weergavezoombereik
105NL
Past het geluidsvolume van films in 8 stappen aan.
1 MENU t [Afspelen] t [Volume-instellingen] t waarde van uw keuze.
Het scherm [Volume-instellingen] verschijnt wanneer u op de onderzijde van de draaiknop
drukt tijdens het afspelen van films.
U kunt het volume aanpassen, terwijl u naar het weergegeven geluid luistert.
Voorbeeldfoto
z Het volume aanpassen tijdens weergave
Inhoudsopgave
Volume-instellingen
Menu
Index
106NL
U kunt opgeven welke van de stilstaande beelden die u op de geheugenkaart hebt
vastgelegd, later wilt afdrukken.
Het merkteken
(Afdrukopdracht) wordt getoond voor geregistreerde beelden
(DPOF: Digital Print Order Format).
DPOF instellen
Selecteert beelden voor een afdrukopdracht.
1 Selecteer een beeld en druk op het midden van de draaiknop.
Selecteer het met gemarkeerde beeld opnieuw als u de
keuze van het beeld wilt annuleren.
2 Herhaal de bedieningshandeling voor alle beelden die u wilt
afdrukken.
Alles annuleren
Wist alle DPOF-merktekens.
Datum afdrukken
Aan
Uit
Menu
Meerdere bldn.
Voorbeeldfoto
1 MENU t [Afspelen] t [Printen opgeven] t instelling van uw keuze.
Inhoudsopgave
Printen opgeven
Bepaalt of beelden met DPOF-markering al dan niet worden
gedateerd bij het afdrukken.
Opmerkingen
Index
• U kunt het DPOF-merkteken niet toevoegen aan de volgende bestanden:
– Films
– RAW-beelden
• U kunt het DPOF-merkteken toevoegen aan wel 999 beelden.
• DPOF-registratie wordt na het afdrukken niet gewist. U kunt het merkteken het beste wissen nadat u de
stilstaande beelden hebt afgedrukt.
107NL
Het AF-hulplicht geeft een invullicht zodat gemakkelijker op een onderwerp kan worden
scherpgesteld in een donkere omgeving.
Met het rode AF-hulplicht kan de camera gemakkelijk scherpstellen wanneer u de
ontspanknop half indrukt, totdat de scherpstelling wordt vergrendeld.
Automatisch
Maakt gebruik van het AF-hulplicht.
Uit
Maakt geen gebruik van het AF-hulplicht.
Opmerkingen
Menu
• U kunt het AF-hulplicht niet gebruiken wanneer:
– [Autom. scherpst.] is ingesteld op [Continue AF].
– [Landschap], [Nachtscène] of [Sportactie] in [Scènekeuze] is geselecteerd.
– [Panorama d. beweg.] is geselecteerd.
– [3D-panor. d. beweg.] is geselecteerd.
– U films maakt.
– U werkt met een lens met Montagestuk A (los verkrijgbaar).
• Wanneer het AF-hulplicht wordt gebruikt, is de instelling van [AF-gebied] ongeldig en wordt het AFbereik aangeduid met een gestippelde lijn. AF werkt met als prioriteit het centrale gebied en daaromheen.
Voorbeeldfoto
1 MENU t [Instellingen] t [AF-hulplicht] t instelling van uw keuze.
Inhoudsopgave
AF-hulplicht
Index
108NL
Wanneer u de flitser gebruikt, geeft deze 2 keer of vaker een flits vóór opname om het
rode-ogenfenomeen te verminderen.
1 MENU t [Instellingen] t [Rode ogen verm.] t instelling van uw keuze.
De flitser werkt altijd om het verschijnsel van de rode ogen te
verminderen.
Uit
Gebruikt Rode ogen verm. niet.
Opmerkingen
Voorbeeldfoto
Aan
Inhoudsopgave
Rode ogen verm.
• U kunt Rode ogen verm. niet gebruiken met [Lach-sluiter].
• Rode ogen verm. levert mogelijk niet de gewenste effecten op. Dat hangt af van individuele verschillen
en omstandigheden, zoals de afstand tot het onderwerp of als het onderwerp niet in de lens keek bij de
eerste lichtimpulsen.
Menu
z Wat veroorzaakt het verschijnsel van de rode ogen?
Pupillen worden wijder in een donkere omgeving. Het flitslicht wordt weerkaatst door de
bloedvaten aan de achterzijde van het oog (netvlies) waardoor het verschijnsel "rode-ogen"
ontstaat.
Index
Camera
Oog
Netvlies
109NL
Wanneer een Elektronische zoeker (los verkrijgbaar) op de camera is bevestigd, kunnen
sensoren in de Elektronische zoeker waarnemen of er gebruik van wordt gemaakt en
schakelt de camera over op de andere weergave.
Automatisch
Wanneer u in de Elektronische zoeker kijkt, wordt de weergave
automatisch naar de Elektronische zoeker overgeschakeld.
Handmatig
U kunt overschakelen tussen de Elektronische zoeker en het
LCD-scherm met behulp van de knop van de Elektronische
zoeker.
Voorbeeldfoto
1 MENU t [Instellingen] t [Inst. FINDER/LCD] t instelling van uw
keuze.
Inhoudsopgave
Inst. FINDER/LCD
Menu
Index
110NL
Stelt in of beelden die zijn bewerkt met de effecten van de belichtingscompensatie,
witbalans, Creatieve stijl of Foto-effect, op het LCD-scherm worden weergegeven.
1 MENU t [Instellingen] t [LiveView-weergave] t instelling van uw
keuze.
Toont beelden met toegepaste effecten.
Instelling effect uit Toont beelden niet met toegepaste effecten.
Met deze instelling kunt u zich concentreren op de compositie
van het onderwerp, omdat het onderwerp op het scherm
verschijnt zoals het is.
De beelden worden met de gepaste helderheid weergegeven in
de modus [Handm. belichting].
Menu
Opmerking
Voorbeeldfoto
Instelling effect
aan
Inhoudsopgave
LiveView-weergave
• U kunt [Instelling effect uit] alleen selecteren in de volgende opnamestanden:
– [Handm. belichting]
– [Sluitertijdvoorkeuze]
– [Diafragmavoorkeuze]
– [Autom. programma]
Index
111NL
U kunt het opgenomen beeld direct na de opname controleren op het LCD-scherm. U
kunt de weergaveduur wijzigen.
1 MENU t [Instellingen] t [Autom.weergave] t instelling van uw keuze.
5 sec.
Toont gedurende de ingestelde tijd.
Door (Vergroot) te selecteren, kunt u het vergrote beeld
controleren.
2 sec.
Uit
Wordt niet getoond.
Voorbeeldfoto
10 sec.
Inhoudsopgave
Autom.weergave
Opmerkingen
Menu
• In de automatische weergave wordt het beeld niet in de verticale positie weergegeven, zelfs niet als
[Afspeelweergave] is ingesteld op [Autom.roteren].
• Ook als [Stramienlijn] is ingesteld op andere instelling dan [Uit] wanneer u [3D-panor. d. beweg.] of
[Panorama d. beweg.]-beelden maakt, verschijnt de stramienlijn niet in de automatische weergave.
• Voordat het beeld wordt weergegeven zal misschien, afhankelijk van de instelling, bijvoorbeeld
[DRO/Auto HDR], [Zachte-huideffect], [Lenscomp.: vervorming], tijdelijk een onverwerkt beeld worden
weergegeven.
Index
112NL
Stelt in of de stramienlijn wordt getoond of niet. De stramienlijn helpt u de
beeldcompositie aan te passen.
1 MENU t [Instellingen] t [Stramienlijn] t instelling van uw keuze.
Door de hoofdonderwerpen dicht bij één van de stramienlijnen te
plaatsen die het beeld in drieën verdelen, ontstaat een goed
uitgebalanceerde compositie.
Vierkantsraster
Met vierkante rasters kunt u gemakkelijker het horizontale
niveau van hun compositie controleren. Dit is een geschikte
methode om de kwaliteit van de compositie te bepalen wanneer
u een opname van een landschap of een close-up maakt of
wanneer u beelden kopieert.
Uit
Toont de stramienlijn niet.
Menu
Diag. + vierkantsr. Door een onderwerp op een diagonale lijn te plaatsen kunt u een
opwekkend en krachtig gevoel uitdrukken.
Voorbeeldfoto
Driedelingsraster
Inhoudsopgave
Stramienlijn
z Het kader controleren voor het opnemen van film
Index
Kader voor film
Het kader dat verschijnt wanneer [Stramienlijn] is
ingesteld op een andere instelling dan [Uit], laat zien in
hoeverre het onderwerp binnen het kader staat. Dit biedt
u de mogelijkheid de compositie aan te passen door
dichter bij uw onderwerp te gaan staan of meer afstand te
nemen.
113NL
Accentueert bij handmatig scherpstellen de contouren van scherpstelbereik met een
bepaalde kleur. Met behulp van deze functie kunt u de scherpstelling gemakkelijk
controleren.
Inhoudsopgave
Reliëfniveau
1 MENU t [Instellingen] t [Reliëfniveau] t instelling van uw keuze.
Stelt het reliëfniveau in op hoog.
Gemiddeld
Stelt het reliëfniveau in op gemiddeld.
Laag
Stelt het reliëfniveau in op laag.
Uit
Maakt geen gebruik van de reliëffunctie.
Voorbeeldfoto
Hoog
Opmerkingen
Menu
• Omdat de camera beoordeelt dat scherpe gebieden scherpgesteld zijn, verschilt het reliëfniveau
afhankelijk van het onderwerp, de opnameomstandigheden of de lens die wordt gebruikt.
• De contouren van scherpstelbereiken worden niet geaccentueerd wanneer de camera is aangesloten met
een HDMI-kabel.
Index
114NL
Stelt de kleur in die bij handmatig scherpstellen wordt gebruikt voor de reliëffunctie.
1 MENU t [Instellingen] t [Reliëfkleur] t instelling van uw keuze.
Reliëf versterkt in wit.
Rood
Reliëf versterkt in rood.
Geel
Reliëf versterkt in geel.
Opmerking
• Dit item kan niet worden ingesteld wanneer [Reliëfniveau] is ingesteld op [Uit].
Voorbeeldfoto
Wit
Inhoudsopgave
Reliëfkleur
Menu
Index
115NL
Stelt in of Helder Beeld Zoom moet worden gebruikt, wanneer de [Zoom]-functie van de
camera wordt gebruikt (bladzijde 71). Zoomt in op een afbeelding met een hogere
kwaliteit dan Digitale zoom.
Aan
Gebruikt de functie Helder Beeld Zoom.
Uit
Maakt geen gebruik van de functie Helder Beeld Zoom.
Voorbeeldfoto
1 MENU t [Instellingen] t [Helder Beeld Zoom] t instelling van uw
keuze.
Inhoudsopgave
Helder Beeld Zoom
Opmerking
Menu
• U kunt [Helder Beeld Zoom] niet gebruiken in combinatie met de volgende functies:
– [Schemeropn. uit hand] in [Scènekeuze]
– [Anti-bewegingswaas]
– [Panorama d. beweg.]
– [3D-panor. d. beweg.]
– [Lach-sluiter]
– [RAW] of [RAW en JPEG] in [Kwaliteit]
Index
116NL
Stelt in of Digitale zoom moet worden gebruikt of niet, wanneer de [Zoom]-functie van
de camera wordt gebruikt (bladzijde 71).
Zoomt in op een afbeelding met meer vergroting dan Helder Beeld Zoom. Deze functie
kan ook beschikbaar zijn bij het opnemen van film.
Aan
Gebruikt de functie Digitale zoom.
Als u ondanks een verslechtering van de beeldkwaliteit een
sterkere vergroting wilt gebruiken, stelt u deze in op [Aan].
Uit
Maakt geen gebruik van de functie Digitale zoom.
Voorbeeldfoto
1 MENU t [Instellingen] t [Digitale zoom] t instelling van uw keuze.
Inhoudsopgave
Digitale zoom
Opmerking
Menu
• U kunt [Digitale zoom] niet gebruiken in combinatie met de volgende functies:
– [Schemeropn. uit hand] in [Scènekeuze]
– [Anti-bewegingswaas]
– [Panorama d. beweg.]
– [3D-panor. d. beweg.]
– [Lach-sluiter]
– [RAW] of [RAW en JPEG] in [Kwaliteit]
Index
117NL
Hiermee wordt ingesteld of de opnamestand wordt ingesteld op de zelfontspanner met
een vertraging van 3 seconden of niet, wanneer het LCD-scherm ongeveer 180 graden
omhoog wordt gekanteld.
Inhoudsopgave
Zelfontsp. v. zelfportret
1 MENU t [Instellingen] t [Zelfontsp. v. zelfportret] t [Aan].
De zelfontspanner wordt ingesteld met een vertraging
van 3 seconden.
De sluiter wordt na 3 seconden in werking gesteld.
Hiermee wordt de opnamestand automatisch ingesteld op de
zelfontspanner met een vertraging van 3 seconden, wanneer het
LCD-scherm ongeveer 180 graden omhoog wordt gekanteld.
Uit
Selecteert de opnamestand op basis van de transportfunctie.
Selecteer deze optie wanneer u de zelfontspanner niet gebruikt
en stel de transportfunctie in op [Enkele opname].
Index
Aan
Menu
3 Druk op de sluiterknop.
Voorbeeldfoto
2 Kantel het LCD-scherm ongeveer
180 graden omhoog.
Opmerkingen
• U kunt [Zelfontsp. v. zelfportret] niet gebruiken in combinatie met de volgende functies:
– Tijdens het opnemen van film
– [Schemeropn. uit hand] in [Scènekeuze]
– [Anti-bewegingswaas]
– [Panorama d. beweg.]
– [3D-panor. d. beweg.]
– [Lach-sluiter]
– [Auto HDR] in [DRO/Auto HDR]
– [Soft focus], [HDR-schilderij], [Mono. m. rijke tonen], [Miniatuur] in [Foto-effect]
• Wanneer een accessoire op de Handige Accessoiresaansluiting 2 is bevestigd, zult u het LCD-scherm
misschien niet ongeveer 180 graden omhoog kunnen kantelen. Verwijder de accessoire als dat het geval
is.
• Als de flitser of het AF-hulplicht te fel is tijdens het fotograferen, duw dan de flitser omlaag en wijzig de
instelling van [AF-hulplicht].
118NL
Hiermee wordt ingesteld of alle afbeeldingen die zonder onderbreking zijn opgenomen
in de stand Superieur automatisch, worden opgeslagen of niet.
1 MENU t [Instellingen] t [Sup. aut. Beeld extractie] t instelling van uw
keuze.
Slaat 1 geschikt beeld op dat is geselecteerd door de camera.
Uit
Slaat alle beelden op.
Opmerkingen
Menu
• Zelfs wanneer u [Sup. aut. Beeld extractie] instelt op [Uit] waarbij [Schemeropn. uit hand] is geselecteerd
uit herkende scène, wordt 1 gecombineerd beeld opgeslagen.
• Wanneer de functie Automatische portretomkadering is geactiveerd, worden 2 beelden opgeslagen, ook
als u [Automatisch] instelt.
Voorbeeldfoto
Automatisch
Inhoudsopgave
Sup. aut. Beeld extractie
Index
119NL
Vergroot automatisch het beeld op het scherm zodat het handmatig scherpstellen
gemakkelijker wordt. Dit werkt in de stand [H. scherpst.] of [D. handm. sch.].
1 MENU t [Instellingen] t [MF Assist] t instelling van uw keuze.
Het beeld wordt 4,8 maal vergroot. U kunt het beeld ook 9,5 maal vergroten.
• In D. handm. sch. (Direct Manual Focus: directe handmatige scherpstelling) draait u de
scherpstelring met de ontspanknop half ingedrukt nadat het beeld is scherpgesteld met automatische
scherpstelling.
Aan
Vergroot het beeld. U kunt de duur van de vergroting instellen
met [MF-hulptijd]. Als u het vergroten van het beeld wilt
voltooien, selecteert u
.
Uit
Vergroot het beeld niet.
Menu
Opmerkingen
Voorbeeldfoto
2 Pas de scherpstelling aan door de scherpstelring te draaien.
Inhoudsopgave
MF Assist
• U kunt niet [MF Assist] gebruiken tijdens het opnemen van film.
• Wanneer een lens met Montagestuk A (los verkrijgbaar) op het toestel is gezet, kunt u het beeld vergroten
door op
(softkey) te drukken.
Index
120NL
Stelt in hoe lang het beeld voor de functie [MF Assist] zal worden getoond in een
uitgebreide vorm.
1 MENU t [Instellingen] t [MF-hulptijd] t instelling van uw keuze.
Vergroot de weergave totdat
5 sec.
Vergroot het beeld gedurende 5 seconden.
2 sec.
Vergroot het beeld gedurende 2 seconden.
wordt geselecteerd.
Opmerking
Voorbeeldfoto
Geen beperk.
Inhoudsopgave
MF-hulptijd
• Dit item kan niet worden ingesteld wanneer [MF Assist] is ingesteld op [Uit].
Menu
Index
121NL
De wijze waarop kleuren worden voorgesteld met behulp van combinaties van nummers
of het bereik van de kleurenreproductie wordt "kleurenruimte" genoemd. U kunt de
kleurenruimte wijzigen, afhankelijk van uw doel.
Inhoudsopgave
Kleurenruimte
1 MENU t [Instellingen] t [Kleurenruimte] t instelling van uw keuze.
Dit is de standaardkleurenruimte van de digitale camera.
Gebruik sRGB bij normale opnamen, bijvoorbeeld als u van plan
bent de beelden zonder wijziging af te drukken.
AdobeRGB
Dit heeft een breder bereik van kleurreproductie. Als een groot
deel van het onderwerp levendig groen of rood is, is Adobe RGB
effectief.
De bestandsnaam van het beeld begint met "_DSC".
Menu
Opmerkingen
• Adobe RGB is voor toepassingen of printers die kleurbeheer en de DCF2.0-kleurruimteoptie
ondersteunen. Wanneer u toepassingen of printers gebruikt die deze niet ondersteunen, kan dat beelden
opleveren waarin kleuren niet natuurgetrouw worden gereproduceerd.
• Beelden worden met een lage verzadiging weergegeven als deze op de camera zijn vastgelegd met Adobe
RGB, of op apparaten die Adobe RGB niet ondersteunen.
Voorbeeldfoto
sRGB
Index
122NL
Hiermee stelt u in of u de SteadyShot-functie van de lens wel of niet gebruikt.
1 MENU t [Instellingen] t [SteadyShot] t instelling van uw keuze.
Gebruikt SteadyShot.
Uit
Gebruikt SteadyShot niet. Deze instelling wordt aanbevolen
wanneer u een statief gebruikt.
Opmerkingen
• [Aan] wordt geselecteerd bij gebruik van de volgende functies:
– [Schemeropn. uit hand] in [Scènekeuze]
– [Anti-bewegingswaas]
• U kunt [SteadyShot] niet instellen wanneer de naam van de bevestigde lens geen "OSS" bevat, zoals
"E16 mm F2.8", of wanneer u een lens met een Montagestuk A wordt gebruikt (los verkrijgbaar).
Voorbeeldfoto
Aan
Inhoudsopgave
SteadyShot
Menu
Index
123NL
Stelt in of de sluiter kan worden ontspannen wanneer er geen lens is bevestigd.
1 MENU t [Instellingen] t [Opn. zonder lens] t instelling van uw keuze.
De sluiter kan worden ontspannen als er geen lens is bevestigd.
Selecteer dit wanneer u de camera bevestigt op een
astronomische telescoop enzovoort.
Uitschakelen
De sluiter kan alleen worden ontspannen als er een lens is
bevestigd.
Opmerking
Voorbeeldfoto
Inschakelen
Inhoudsopgave
Opn. zonder lens
• Een juiste lichtmeting is niet mogelijk wanneer u lenzen gebruikt die geen lenscontact hebben, zoals de
lens van een astronomische telescoop. Pas in dergelijke gevallen de belichting handmatig aan door deze
op het vastgelegde beeld te controleren.
Menu
Index
124NL
Hiermee wordt ingesteld of automatisch scherpstellen wel of niet wordt gebruikt
wanneer u door een Elektronische zoeker (los verkrijgbaar) kijkt, die op de camera is
bevestigd.
Inhoudsopgave
Eye-Start AF
1 MENU t [Instellingen] t [Eye-Start AF] t instelling van uw keuze.
Automatisch scherpstellen begint wanneer u door de
Elektronische zoeker kijkt.
Uit
Automatisch scherpstellen begint niet wanneer u door de
Elektronische zoeker kijkt.
Voorbeeldfoto
Aan
Opmerking
• Dit item is alleen beschikbaar wanneer de LA-EA2-Montage-adapter (los verkrijgbaar) is bevestigd.
Menu
Index
125NL
De functie voor het elektronische sluitergordijn voorzijde bekort de tijdsvertraging
tussen sluiterontspanningen.
1 MENU t [Instellingen] t [Sluitergordijn voorzijde] t instelling van uw
keuze.
Gebruikt de functie elektronisch sluitergordijn voorzijde.
Uit
Gebruikt de functie elektronisch sluitergordijn voorzijde niet.
Opmerkingen
Menu
• Wanneer u een opname maakt met een hoge sluitersnelheid en met een grote diameter lens bevestigd,
kunnen, afhankelijk van het onderwerp of de opnamecondities schaduwvorming of wazige gebieden zich
voordoen. Zet in zulke gevallen deze instelling op [Uit].
• Zet deze optie op [Uit] wanneer een lens die door een andere fabrikant is vervaardigd (bijvoorbeeld een
Minolta/Konica-Minolta-lens), wordt gebruikt. Als u dit instelt op [Aan], zult u niet de juiste belichting
krijgen, of zal de helderheid ongelijkmatig zijn.
Voorbeeldfoto
Aan
Inhoudsopgave
Sluitergordijn voorzijde
Index
126NL
De ruisonderdrukking wordt ingeschakeld voor de duur dat de sluiter open is als u de
sluitertijd instelt op een seconde of langer (opname met lange belichting). Dit gebeurt om
de korrelige ruis die typisch is voor een lange belichting, te verminderen.
Inhoudsopgave
NR lang-belicht
1 MENU t [Instellingen] t [NR lang-belicht] t instelling van uw keuze.
Activeert ruisonderdrukking zolang de sluiter open staat. Er
wordt een bericht weergegeven als de ruisonderdrukking wordt
uitgevoerd. U kunt dan niet nog een foto maken. Selecteer dit als
u de beeldkwaliteit prioriteit wilt geven.
Uit
Activeert ruisonderdrukking niet. Selecteer dit als u de
opnametiming prioriteit wilt geven.
Voorbeeldfoto
Aan
Opmerkingen
Menu
Index
• [NR lang-belicht] is ingesteld op [Uit] in de volgende standen:
– [Continue opname]
– [Snelh. continutr.]
– [Bracket: continu]
– [Sportactie], [Schemeropn. uit hand] in [Scènekeuze]
– [Anti-bewegingswaas]
– [Panorama d. beweg.]
– [3D-panor. d. beweg.]
• [NR lang-belicht] is ingesteld op [Aan] in de volgende standen:
– [Slim automatisch]
– [Superieur automatisch]
– [Scènekeuze] (behalve [Sportactie], [Schemeropn. uit hand])
127NL
De camera verlaagt de ruis die meer opvalt als de gevoeligheid van de camera hoog is
wanneer er opnamen worden gemaakt met de hoge ISO. Als de ruisonderdrukking wordt
uitgevoerd, kan een bericht worden weergegeven. U kunt dan niet nog een foto maken.
Inhoudsopgave
NR bij hoge-ISO
1 MENU t [Instellingen] t [NR bij hoge-ISO] t instelling van uw keuze.
Activeert normale hoge-ISO-ruisonderdrukking.
Laag
Activeert gematigde hoge-ISO-ruisonderdrukking. Selecteer dit
als u de opnametiming prioriteit wilt geven.
Opmerking
Menu
• Ruisonderdrukking is niet beschikbaar in de volgende standen:
– [Slim automatisch]
– [Superieur automatisch]
– [Scènekeuze]
– [Anti-bewegingswaas]
– [Panorama d. beweg.]
– [3D-panor. d. beweg.]
– RAW-beelden
Voorbeeldfoto
Normaal
Index
128NL
Corrigeert de donkere hoeken van het scherm, die worden veroorzaakt door bepaalde
karakteristieken van de lens.
1 MENU t [Instellingen] t [Lenscomp.: schaduw] t instelling van uw
keuze.
Corrigeert de donkere hoeken van het scherm automatisch.
Uit
Corrigeert de donkere hoeken van het scherm niet.
Opmerking
Voorbeeldfoto
Automatisch
Inhoudsopgave
Lenscomp.: schaduw
• Dit item is alleen beschikbaar met een lens met een Montagestuk E.
Menu
Index
129NL
Vermindert de kleurafwijking van de hoeken van het scherm, die wordt veroorzaakt door
bepaalde karakteristieken van de lens.
1 MENU t [Instellingen] t [Lenscomp.: chrom. afw.] t instelling van uw
keuze.
Vermindert de kleurafwijking automatisch.
Uit
Corrigeert de kleurafwijking niet.
Opmerking
Voorbeeldfoto
Automatisch
Inhoudsopgave
Lenscomp.: chrom. afw.
• Dit item is alleen beschikbaar met een lens met een Montagestuk E.
Menu
Index
130NL
Corrigeert de vervorming van het scherm, die wordt veroorzaakt door bepaalde
karakteristieken van de lens.
1 MENU t [Instellingen] t [Lenscomp.: vervorming] t instelling van uw
keuze.
Corrigeert de vervorming van het scherm automatisch.
Uit
Corrigeert de vervorming van het scherm niet.
Opmerking
Voorbeeldfoto
Automatisch
Inhoudsopgave
Lenscomp.: vervorming
• Dit item is alleen beschikbaar met een lens met een Montagestuk E.
Menu
Index
131NL
Hiermee wordt ingesteld of een gezicht bij voorkeur wordt gevolgd of niet wanneer de
camera dat gezicht ontdekt tijdens het volgen van een object.
1 MENU t [Instellingen] t [Gezichtsprioriteit volgen] t instelling van uw
keuze.
Uit
Volgt het gezicht niet bij voorkeur.
Als u het gezicht instelt als doel, volgt de camera het lichaam
wanneer het gezicht niet zichtbaar is, ook wanneer
[Gezichtsprioriteit volgen] ingesteld is op [Uit]. Als de bedoelde
persoon van het scherm verdwijnt terwijl de camera hem/haar
volgt, en vervolgens weer op het scherm verschijnt, richt de
camera zich weer op dat gezicht.
Menu
Volgt het gezicht bij voorkeur.
Wanneer het gezicht niet zichtbaar is op het LCD-scherm, volgt
de camera het lichaam, maar wanneer het gezicht zichtbaar is,
volgt de camera het gezicht. Als de bedoelde persoon van het
scherm verdwijnt terwijl de camera hem/haar volgt, en
vervolgens weer op het scherm verschijnt, richt de camera zich
weer op dat gezicht.
Voorbeeldfoto
Aan
Inhoudsopgave
Gezichtsprioriteit volgen
Opmerking
Index
• Wanneer [Gezichtsherkenning] is ingesteld op [Uit], staat [Gezichtsprioriteit volgen] op [Uit] en kan dit
niet worden gereset.
132NL
Stelt in of u geluid opneemt tijdens het vastleggen van film of niet.
1 MENU t [Instellingen] t [Filmgeluid opnemen] t instelling van uw
keuze.
Neemt geluid op (stereo).
Uit
Neemt geen geluid op.
Opmerking
• Het geluid van de lens en de camera in bedrijf zullen ook worden opgenomen wanneer u [Aan] hebt
geselecteerd.
Voorbeeldfoto
Aan
Inhoudsopgave
Filmgeluid opnemen
Menu
Index
133NL
Stelt in of tijdens het vastleggen van film windgeruis wordt verminderd of niet.
1 MENU t [Instellingen] t [Windruis reductie] t instelling van uw
keuze.
Vermindert windgeruis.
Uit
Vermindert windgeruis niet.
Opmerkingen
• Stelt u dit in op [Aan] op een plaats waar de wind niet hard genoeg waait, dan kan dat ertoe leiden dat het
normale geluid met te weinig volume wordt opgenomen.
• Wanneer u een microfoon (los verkrijgbaar) gebruikt, wordt vermindering van het windgeruis niet
uitgevoerd, ook niet als u deze functie op [Aan] hebt gezet.
Voorbeeldfoto
Aan
Inhoudsopgave
Windruis reductie
Menu
Index
134NL
Hiermee kunt u een automatisch scherpgestelde positie voor elke lens registreren
wanneer u een lens met Montagestuk A gebruikt met de LA-EA2-Montage-adapter (los
verkrijgbaar).
Inhoudsopgave
AF-microafst.
1 MENU t [Instellingen] t [AF-microafst.].
3 [hoeveelheid] t waarde van uw keuze t OK.
Inst. voor aanp. AF Stelt in of de functie [AF-microafst.] wordt gebruikt of niet. Selecteer
[Aan] als u de functie wilt gebruiken.
Biedt u de mogelijkheid een optimale waarde te selecteren tussen –20
en +20.
Wanneer u een grotere waarde selecteert, wordt de positie voor
automatische scherpstelling weg van de camera geschoven. Wanneer u
een kleinere waarde selecteert, wordt de positie voor automatische
scherpstelling dichter naar de camera toe geschoven.
Wissen
Wist de waarde die u hebt ingesteld.
Menu
hoeveelheid
Voorbeeldfoto
2 [Inst. voor aanp. AF] t [Aan].
Opmerkingen
Index
• Aanbevolen wordt de positie onder werkelijke opnameomstandigheden aan te passen.
• Wanneer u een lens op het toestel zet waarvoor u al een waarde hebt geregistreerd, verschijnt de
geregistreerde waarde op het scherm. [±0] wordt weergegeven voor een lens waarvoor nog geen waarde
is geregistreerd.
• Als [–] verschijnt, zijn meer dan 30 lenzen geregistreerd. Als u nog een lens wilt registreren, moet u eerst
een waarde wissen. Bevestig een lens waarvan u de waarde wilt wissen en selecteer [±0]. Selecteer
[Wissen], als u alle geregistreerde waarden wilt wissen.
• Gebruik [AF-microafst.] alleen met Sony-, Minolta- en Konika-Minolta-lenzen. Als u [AF-microafst.]
gebruikt met lenzen van andere merken, kan dat gevolgen hebben voor de geregistreerde waarde.
• U kunt niet [AF-microafst.] afzonderlijk instellen voor een Sony-, Minolta- en Konika-Minolta-lens met
dezelfde specificaties.
135NL
Hiermee kunt u selecteren of u altijd het eerste scherm van het menu wilt weergeven of
het scherm van het item dat u het laatst hebt ingesteld.
1 MENU t [Instellingen] t [Menustartpositie] t instelling van uw keuze.
Geeft altijd het eerste scherm van het menu weer.
Vorige menu
Geeft het laatste ingestelde item weer. Dit maakt het
gemakkelijker om het laatste item dat u eerder hebt ingesteld,
snel terug te stellen.
Voorbeeldfoto
Hoofdmenu
Inhoudsopgave
Menustartpositie
Menu
Index
136NL
Door functies toe te wijzen aan diverse toetsen kunt u de bediening versnellen door op
een toegewezen toets op het opname-informatiescherm te drukken.
1 MENU t [Instellingen] t [Eigen
toetsinstellingen] t instelling van uw keuze.
Inhoudsopgave
Eigen toetsinstellingen
Voorbeeldfoto
Softkey C
Rechtertoets
Menu
Softkey B
Rechtertoetsinstell.
ISO
Opnametips
Witbalans
AF/MF-selectie
Lichtmeetfunctie
Autom. scherpst.
DRO/Auto HDR
AF-gebied
Foto-effect
Index
Opn.modus
Object volgen
Creatieve stijl
Zoom
Flitsfunctie
Gezichtsherkenning
Flitscompensatie
Lach-sluiter
MF Assist
Aut. portretomkad.
AEL-wisselen (bladzijde 140)
Zachte-huideffect
Niet ingesteld
Kwaliteit
Instelling soft-key B
Opn.modus
Witbalans
Opnametips
Lichtmeetfunctie
Autom. scherpst.
DRO/Auto HDR
Object volgen
Foto-effect
Zoom
Creatieve stijl
Gezichtsherkenning
Flitsfunctie
Lach-sluiter
Flitscompensatie
137NL
Vervolg r
MF Assist
Zachte-huideffect
AEL-wisselen (bladzijde 140)
Kwaliteit
Niet ingesteld
ISO
Instelling soft-key C
Roept een opnamemodus op.
Eigen
Roept een functie op die is toegewezen aan [Eigen 1],
[Eigen 2], [Eigen 3], [Eigen 4] of [Eigen 5].
Eigen 1 tot 5
AF/MF-selectie
Voorbeeldfoto
Opn.modus
Inhoudsopgave
Aut. portretomkad.
Autom. scherpst.
AF-gebied
Menu
Gezichtsherkenning
Lach-sluiter
Aut. portretomkad.
Zachte-huideffect
Kwaliteit
ISO
[Eigen 2]
Witbalans
Index
[Eigen 1]
Lichtmeetfunctie
[Eigen 3]
DRO/Auto HDR
Foto-effect
Creatieve stijl
Flitsfunctie
[Eigen 4]/[Eigen 5]
Niet ingesteld
Opmerkingen
• [Eigen toetsinstellingen] is beschikbaar bij de volgende opnamestanden. Een functie die is toegewezen
aan de rechtertoets, softkey B en softkey C op de draaiknop, wordt alleen opgeroepen in de volgende
opnamemodus.
– [Handm. belichting]
– [Sluitertijdvoorkeuze]
– [Diafragmavoorkeuze]
– [Autom. programma]
• De instelling of [Instelling soft-key B] is ongeldig:
– wanneer de functie Object volgen is geactiveerd.
– wanneer [AF-gebied] is ingesteld op [Flexibel punt]
• U hoeft niet alle [Eigen 1], [Eigen 2], [Eigen 3], [Eigen 4] en [Eigen 5]-items in te stellen.
138NL
Vervolg r
1 Druk op softkey C wanneer
CUSTOM (Eigen) wordt weergegeven.
Voorbeeldfoto
2 Selecteer [Eigen 1], [Eigen 2], [Eigen 3],
[Eigen 4] of [Eigen 5] door op het rechter-/
linkergedeelte van de draaiknop te drukken.
Inhoudsopgave
Een functie oproepen die is toegewezen aan
[Eigen] van softkey C
Menu
Index
139NL
Wanneer het moeilijk is een juiste belichting voor het onderwerp te verkrijgen, kunt u
met deze functie de belichting vergrendelen door scherp te stellen op een gebied dat de
gewenste helderheid heeft en erop scherpstellen.
2 Selecteer [AEL-wisselen].
De rechtertoets of softkey B wordt de AEL-knop.
3 Richt de camera op een gebied waarop u de belichting wilt afstemmen.
De belichting wordt ingesteld.
4 Druk op de AEL-knop.
De belichting wordt vergrendeld en
Voorbeeldfoto
1 MENU t [Instellingen] t [Eigen toetsinstellingen] t
[Rechtertoetsinstell.] of [Instelling soft-key B].
Inhoudsopgave
AEL-wisselen
(AE-vergrendeling) licht op.
5 Stel scherp op uw onderwerp en maak opnamen.
Menu
6 U kunt de belichtingsvergrendeling opheffen door weer op de AEL-knop
te drukken.
Index
140NL
Selecteert het geluid dat wordt geproduceerd wanneer u de camera bedient.
1 MENU t [Instellingen] t [Pieptoon] t instelling van uw keuze.
Schakelt de akoestische signalen in wanneer u op de draaiknop
of de softkeys drukt.
Uit
Schakelt het akoestische signaal uit.
Voorbeeldfoto
Aan
Inhoudsopgave
Pieptoon
Menu
Index
141NL
Selecteert de taal voor de menu-items, waarschuwingen en mededelingen.
1 MENU t [Instellingen] t [
Taal] t taal van uw keuze.
Inhoudsopgave
Taal
Voorbeeldfoto
Menu
Index
142NL
Stelt de datum en tijd opnieuw in.
1 MENU t [Instellingen] t [Datum/tijd
instellen].
3 Selecteer OK.
Selecteert [ON] of [OFF].
Datumformaat:
Selecteert de weergave-indeling van datum en tijd.
Opmerking
Menu
Zomertijd:
Voorbeeldfoto
2 Selecteer een item door op het rechter- of
linkerdeel van de draaiknop te drukken en
selecteer de instelling van uw keuze door te
drukken op de boven- of onderzijde.
Inhoudsopgave
Datum/tijd instellen
• De camera heeft geen functie voor het plaatsen van datums op beelden. Met behulp van "PlayMemories
Home" op de cd-rom (bijgeleverd) kunt u beelden afdrukken of opslaan met de datum.
Index
143NL
Stelt het gebied in waar u de camera gebruikt. Hiermee kunt u de tijdzone instellen
wanneer u de camera in het buitenland gebruikt.
1 MENU t [Instellingen] t [Tijdzone
instellen] t instelling van uw keuze.
Voorbeeldfoto
2 Selecteer een tijdzone door op de rechter- of
linkerzijde van de draaiknop te drukken.
Inhoudsopgave
Tijdzone instellen
Menu
Index
144NL
U kunt selecteren of het Help-scherm al dan niet wordt weergegeven wanneer u de
camera bedient.
1 MENU t [Instellingen] t [Help-scherm] t instelling van uw keuze.
Toont het Help-scherm.
Uit
Toont het Help-scherm niet.
Voorbeeldfoto
Aan
Inhoudsopgave
Help-scherm
Menu
Index
145NL
U kunt de wachttijd bekorten tot de camera wordt uitgeschakeld wanneer het toestel niet
wordt bediend, zo voorkomt u dat de accu leegraakt.
1 MENU t [Instellingen] t [Eco-stand] t instelling van uw keuze.
Stelt [Stroombesparing] in op [10 sec.] en de helderheid van
het LCD-scherm neemt af. Als u de camera een opgegeven
periode niet gebruikt, wordt de helderheid van het LCDscherm verminderd.
Standaard
Volgt de instelling van [Stroombesparing].
Voorbeeldfoto
Max
Inhoudsopgave
Eco-stand
Opmerking
Menu
• Wanneer de netspanningsadapter AC-PW20 (los verkrijgbaar) wordt gebruikt, kan deze optie niet worden
ingesteld op [Max].
Index
146NL
U kunt verschillende tijdsintervallen voor de camera instellen voor het overschakelen
naar de stroombesparingsstand. Wanneer u de ontspanknop half indrukt, laat u de camera
terugkeren naar de opnamefunctie.
Inhoudsopgave
Stroombesparing
1 MENU t [Instellingen] t [Stroombesparing] t instelling van uw keuze.
5 min.
Schakelt over naar de stroombesparingsstand na een ingestelde
tijd.
1 min.
20 sec.
Voorbeeldfoto
30 min.
10 sec.
Menu
Opmerking
• Schakel de camera uit wanneer u het toestel lang niet gebruikt.
Index
147NL
U kunt de helderheid van het LCD-scherm aanpassen.
1 MENU t [Instellingen] t [LCD-helderheid] t instelling van uw keuze.
Hiermee kunt u de helderheid aanpassen binnen een bereik van
–2 tot +2.
Zonnig weer
Stelt de helderheid in aan de hand van de
opnameomstandigheden buiten.
Voorbeeldfoto
Handmatig
Inhoudsopgave
LCD-helderheid
Menu
Index
148NL
Wanneer een Elektronische zoeker (los verkrijgbaar) is bevestigd, wordt de helderheid
van de Elektronische zoeker automatisch aangepast aan de verlichtingsomstandigheden
van de omgeving.
Inhoudsopgave
Helderheid zoeker
1 MENU t [Instellingen] t [Helderheid zoeker]
Automatisch
De helderheid automatisch aanpassen.
Handmatig
Hiermee kunt u de helderheid aanpassen binnen een bereik van
–1 tot +1.
Voorbeeldfoto
2 Kijk door de zoeker en selecteer de instelling van uw keuze.
Menu
Index
149NL
Selecteert de kleur van het LCD-scherm.
1 MENU t [Instellingen] t [Kleur weergeven] t instelling van uw keuze.
Zwart
Blauw
Roze
Schakelt de geselecteerde kleur in.
Voorbeeldfoto
Wit
Inhoudsopgave
Kleur weergeven
Menu
Index
150NL
Selecteert de methode die wordt gebruikt voor het tonen van brede beelden.
1 MENU t [Instellingen] t [Breedbeeld] t instelling van uw keuze.
Toont de brede beelden over het gehele
scherm.
Normaal
Toont de brede beelden en de
bedieningsinformatie op het scherm.
Voorbeeldfoto
Voll. scherm
Inhoudsopgave
Breedbeeld
Menu
Index
151NL
Selecteert de beeldrichting bij de weergave van stilstaande beelden die zijn opgenomen
in de portretpositie.
1 MENU t [Instellingen] t [Afspeelweergave] t instelling van uw keuze.
Weergave in staande positie.
Handm.roteren
Weergave in liggende positie.
Voorbeeldfoto
Autom.roteren
Inhoudsopgave
Afspeelweergave
Menu
Index
152NL
Wanneer u de camera aansluit op een HD-tv (High Definition) met HDMI-uitgangen met
behulp van een HDMI-kabel (los verkrijgbaar), kunt u HDMI-resolutie selecteren voor
het uitvoeren van beelden naar de tv.
Inhoudsopgave
HDMI-resolutie
1 MENU t [Instellingen] t [HDMI-resolutie] t instelling van uw keuze.
De camera herkent een HD-tv (High Definition) automatisch en
stelt de uitgangsresolutie in.
1080p
Hiermee voert u signalen uit in HD-beeldkwaliteit (1080p).
1080i
Hiermee voert u signalen uit in HD-beeldkwaliteit (1080i).
Voorbeeldfoto
Automatisch
Opmerking
Menu
• Als u het beeld niet goed kunt weergeven met de instelling [Automatisch], selecteert u [1080i] of [1080p]
afhankelijk van de televisie die is aangesloten.
Index
153NL
Wanneer u de camera aansluit op een tv die compatibel is met "BRAVIA" Sync met
behulp van een HDMI-kabel (los verkrijgbaar), kunt u beelden op uw camera afspelen
door de afstandsbediening van de tv op de tv te richten. Zie pagina 169 over "BRAVIA"
Sync.
Aan
Bedient de camera met de afstandsbediening van de tv.
Uit
Bedient de camera niet met de afstandsbediening van de tv.
Voorbeeldfoto
1 MENU t [Instellingen] t [CTRL.VOOR HDMI] t instelling van uw
keuze.
Inhoudsopgave
CTRL.VOOR HDMI
Opmerking
Menu
• U kunt de camera bedienen met de afstandsbediening van uw tv door uw camera op een tv aan te sluiten
die compatibel is met "BRAVIA" Sync.
Index
154NL
Selecteert de methode die wordt gebruikt voor een USB-verbinding.
1 MENU t [Instellingen] t [USB-verbinding] t instelling van uw keuze.
Massaopslag
Brengt een massaopslag-verbinding tot stand tussen de camera,
een computer en andere USB-apparaten.
MTP
Brengt een MTP-verbinding tot stand tussen de camera, een
computer en andere USB-apparaten. Windows 7-computers
worden aangesloten op MTP en de unieke functies ervan worden
ingeschakeld voor gebruik. In het geval van andere computers
(Windows Vista/XP, Mac OS X) verschijnt de wizard
Automatisch afspelen en worden de stilstaande beelden in de
opnamemap op de camera overgezet naar de computer.
Menu
Brengt automatisch een massaopslag-verbinding of MTPverbinding tot stand, in overeenstemming met een computer en
andere USB-apparaten die moeten worden aangesloten.
Windows 7-computers worden verbonden met MTP en de
unieke functies ervan worden ingeschakeld voor gebruik.
Voorbeeldfoto
Automatisch
Inhoudsopgave
USB-verbinding
Opmerkingen
Index
• Deze verbinding kan lange tijd in beslag nemen wanneer [Automatisch] wordt geselecteerd.
• Stel [USB-verbinding] in op [Massaopslag], als de camera niet wordt herkend door een computer.
155NL
Zo kunt u de beeldsensor reinigen.
1 MENU t [Instellingen] t [Reinigen] t OK.
Het bericht "Na het reinigen, camera uitschakelen. Doorgaan?" verschijnt.
Inhoudsopgave
Reinigen
2 Selecteer OK.
4 Neem de lens van de camera.
5 Reinig met behulp van het blaaskwastje het
oppervlak van de beeldsensor en het
omliggende gebied.
Voorbeeldfoto
De stofverwijderingsfunctie wordt automatisch geactiveerd.
3 Zet de camera uit.
6 Bevestig de lens.
Menu
Opmerkingen
Index
• Er wordt niet een blaaskwastje bij de camera geleverd. Gebruik een in de handel verkrijgbaar
blaaskwastje.
• Het reinigen kan alleen worden uitgevoerd wanneer het accuniveau
(3 resterende
accupictogrammen) of meer is. Het gebruik van een AC-PW20-netspanningsadapter (los verkrijgbaar)
wordt aanbevolen.
• Gebruik geen spuitbus met perslucht omdat hierdoor waterdruppels in het camerahuis terecht kunnen
komen.
• Steek de punt van het blaaskwastje niet in de holte voorbij de vatting, omdat de punt van het blaaskwastje
de beeldsensor niet mag raken.
• Houd de camera met de lensvatting omlaag gericht om te voorkomen dat stof weer neerdaalt in het
camerahuis.
• Stel de camera tijdens het reinigen niet bloot aan mechanische schokken.
• Blaas niet te hard wanneer u de beeldsensor schoonmaakt met een blaaskwastje.
156NL
Toont de versie van uw camera en lens. Controleer de versie wanneer er een firmwareupdate uitkomt.
1 MENU t [Instellingen] t [Versie].
Voorbeeldfoto
Opmerking
• Een update kan alleen worden uitgevoerd wanneer het accuniveau
(3 resterende accupictogrammen)
of meer is. We adviseren u de accu voldoende op te laden of een AC-PW20-netspanningsadapter (los
verkrijgbaar) te gebruiken.
Inhoudsopgave
Versie
Menu
Index
157NL
De functie [Demomodus] toont automatisch de films op de geheugenkaart
(demonstratie) wanneer de camera enige tijd niet heeft gewerkt.
Selecteer normaal [Uit].
Inhoudsopgave
Demomodus
1 MENU t [Instellingen] t [Demomodus] t instelling van uw keuze.
De demonstratie begint automatisch wanneer de camera
ongeveer 1 minuut lang niet wordt gebruikt. Alleen beveiligde
AVCHD-films zijn verkrijgbaar.
Uit
Toont de demonstratie niet.
Voorbeeldfoto
Aan
Opmerkingen
Menu
• U kunt dit item alleen instellen wanneer de camera wordt gevoed door middel van de AC-PW20netspanningsadapter (los verkrijgbaar).
• De camera start geen demonstratie wanneer er geen film is opgeslagen op de geheugenkaart, ook al is
[Aan] geselecteerd.
• Wanneer [Aan] is geselecteerd, schakelt de camera niet over naar de spaarstand.
Index
158NL
Initialiseert de instelling van de standaardwaarden.
Ook als u [Terugstellen] activeert, blijven de beelden bewaard.
1 MENU t [Instellingen] t [Terugstellen] t OK.
Voorbeeldfoto
Opmerkingen
• Zet vooral de camera niet uit tijdens het terugstellen.
• De volgende instellingen worden niet teruggesteld:
– [Datum/tijd instellen]
– [Tijdzone instellen]
– Gezichten geregistreerd met [Gezichtsregistratie]
– De waarden die zijn geregistreerd met [AF-microafst.]
Inhoudsopgave
Terugstellen
Menu
Index
159NL
Formatteert de geheugenkaart. Wanneer u voor het eerst een geheugenkaart met deze
camera gebruikt, wordt het aanbevolen dat u de kaart formatteert voordat u de camera
gebruikt. Zo garandeert u dat de kaart stabiel werkt. Permanent formatteren wist alle
gegevens op de geheugenkaart en is onherstelbaar. Sla kostbare gegevens op een
computer of dergelijk apparaat op.
Opmerkingen
• Permanent formatteren wist alle gegevens, ook de beveiligde beelden.
• Tijdens het formatteren brandt het toegangslampje. U mag de geheugenkaart niet uitnemen zolang het
toegangslampje brandt.
• Formatteer de geheugenkaart in de camera. Als u de geheugenkaart op een computer formatteert, kunt u
deze mogelijk niet in deze camera gebruiken, afhankelijk van het type formattering dat is uitgevoerd.
• U kunt een geheugenkaart niet formatteren wanneer het resterende accuniveau minder 1 % is.
Voorbeeldfoto
1 MENU t [Instellingen] t [Formatteren] t OK.
Inhoudsopgave
Formatteren
Menu
Index
160NL
Selecteert de methode voor het toewijzen van bestandsnummers aan beelden.
1 MENU t [Instellingen] t [Bestandsnummer] t instelling van uw
keuze.
De camera stelt de nummers niet terug en wijst geen
opeenvolgende nummers aan bestanden toe totdat het nummer
"9999" wordt bereikt.
Terugstellen
De camera stelt nummers terug wanneer een bestand wordt
vastgelegd in een nieuwe map en wijst nummers toe aan
bestanden vanaf "0001". Wanneer de opnamemap een bestand
bevat, wordt het eerstvolgende nummer toegewezen.
Voorbeeldfoto
Serie
Inhoudsopgave
Bestandsnummer
Menu
Index
161NL
Stilstaande beelden die u maakt, worden vastgelegd in een map die automatisch wordt
aangemaakt in de DCIM-map op de geheugenkaart. U kunt de vorm van de mapnaam
wijzigen.
Inhoudsopgave
Mapnaam
1 MENU t [Instellingen] t [Mapnaam] t instelling van uw keuze.
De vorm van de mapnaam is als volgt: mapnummer + MSDCF.
Voorbeeld: 100MSDCF
Datumformaat
De vorm van de mapnaam is als volgt: mapnummer + J (laatste
cijfer)/MM/DD.
Voorbeeld: 10020405 (Mapnummer: 100, datum: 04/05/2012)
Voorbeeldfoto
Standaardform.
Opmerking
Menu
• De naam van de filmmap staat vast op "mapnummer + ANV01". U kunt deze naam niet wijzigen.
Index
162NL
Wanneer de standaardnotatie voor de mapnaam is geselecteerd en er 2 of meer mappen
bestaan, kunt u de opnamemap selecteren die moet worden gebruikt om stilstaande
beelden in op te slaan.
Inhoudsopgave
Opnamemap kiezen
1 MENU t [Instellingen] t [Opnamemap kiezen] t map van uw keuze.
Voorbeeldfoto
Opmerkingen
• U kunt de map niet selecteren wanneer u de instelling [Datumformaat] selecteert.
• Filmbestanden (MP4) worden vastgelegd in een map voor films die hetzelfde nummer heeft als
geselecteerde map voor stilstaande beelden.
Menu
Index
163NL
Maakt een map aan op de geheugenkaart voor het vastleggen van beelden.
Beelden worden vastgelegd in de nieuwe map totdat u een andere map aanmaakt of een
andere opnamemap selecteert.
Inhoudsopgave
Nieuwe map
1 MENU t [Instellingen] t [Nieuwe map].
Opmerkingen
Menu
• Er worden tegelijkertijd een map voor stilstaande beelden en een map voor MP4-film aangemaakt, die
hetzelfde nummer hebben.
• Wanneer u een geheugenkaart in de camera zet die in andere apparatuur is gebruikt, en u maakt opnamen,
dan zal misschien automatisch een nieuwe map worden aangemaakt.
• Er kunnen in totaal tot wel 4.000 beelden worden opgeslagen in de mappen voor stilstaande beelden of
film met hetzelfde nummer. Wanneer de capaciteit van de map wordt overschreden, wordt automatisch
een nieuwe map aangemaakt.
Voorbeeldfoto
Er wordt een nieuwe map aangemaakt met een nummer dat 1 cijfer hoger is dan het hoogste
nummer dat dan wordt gebruikt.
Index
164NL
Wanneer er onregelmatigheden worden aangetroffen in het beelddatabasebestand, die
worden veroorzaakt door de verwerking van bestanden op computers en dergelijke
apparaten, worden beelden op de geheugenkaart niet in deze vorm afgespeeld. Als dit
gebeurt, repareert de camera het bestand.
Het scherm [Beeld-DB herstellen] wordt getoond en de camera repareert het bestand.
Wacht totdat de reparatie is voltooid.
Opmerking
• Gebruik een accu die voldoende is opgeladen. Als het vermogen van de accu te veel afneemt tijdens het
repareren, kunnen de gegevens beschadigd raken.
Voorbeeldfoto
1 MENU t [Instellingen] t [Beeld-DB herstellen] t OK.
Inhoudsopgave
Beeld-DB herstellen
Menu
Index
165NL
Toont de opnametijd op de geheugenkaart die nog resteert voor het opnemen van film.
Het aantal stilstaande beelden dat nog kan worden vastgelegd wordt ook getoond.
1 MENU t [Instellingen] t [Kaartruimte weerg.].
Inhoudsopgave
Kaartruimte weerg.
Voorbeeldfoto
Menu
Index
166NL
Stelt in of u de uploadfunctie gebruikt of niet wanneer u gebruik maakt van een Eye-Fikaart (in de handel verkrijgbaar). Dit item verschijnt wanneer u een Eye-Fi-kaart in de
camera zet.
Inhoudsopgave
Inst. uploaden
1 MENU t [Instellingen] t [Inst. uploaden] t instelling van uw keuze.
Schakelt de uploadfunctie in. Het pictogram op het scherm
verandert naar de communicatiestatus van de camera.
Standby. Er zijn geen beelden te verzenden.
Bezig met verbinding maken.
Upload-standby.
Bezig met uploaden.
Fout
Uit
De uploadfunctie uitschakelen.
•
•
•
•
Index
De functie Eco-stand werkt niet zolang de camera bezig is met het uploaden van beelden.
Eye-Fi-kaarten worden verkocht in de VS, Canada, Japan en sommige landen in de EU (vanaf maart 2012).
Neem voor informatie rechtstreeks contact op met de fabrikant of de leverancier.
Eye-Fi-kaarten kunnen alleen worden gebruikt in landen/regio's waar zij worden aangeschaft. Gebruik
Eye-Fi-kaarten in overeenstemming met de wet van de landen/regio's waar u de kaart hebt aangeschaft.
• Gebruik een Eye-Fi-kaart die in de camera is gezet, niet in een vliegtuig. Als er een Eye-Fi-kaart in de
camera is ingevoerd, stelt u [Inst. uploaden] in op [Uit].
wordt op het scherm weergegeven als [Inst.
uploaden] is ingesteld op [Uit].
Menu
Opmerkingen
Voorbeeldfoto
Aan
Beelden verzenden met behulp van een Eye-Fikaart
1 Stel uw Wi-Fi-netwerk of bestemming in op de Eye-Fi-kaart.
Raadpleeg voor nadere bijzonderheden de handleiding die bij de Eye-Fi-kaart wordt geleverd.
2 Plaats de Eye-Fi-kaart die u hebt geïnstalleerd, in de camera en maak
stilstaande beelden.
Beelden worden automatisch via het Wi-Fi-netwerk naar uw computer enzovoort verzonden.
Opmerkingen
• Wanneer u een splinternieuwe Eye-Fi-kaart voor de eerste keer gebruikt, kopieer dan het installatiebestand
van Eye-Fi-manager dat op de kaart is vastgelegd, naar uw computer voordat u de kaart formatteert.
• Gebruik een Eye-Fi-kaart wanneer u de firmware hebt geüpdatet naar de laatste nieuwe versie. Raadpleeg
voor meer informatie de bedieningsinstructies bij de Eye-Fi-kaart.
• De functie voor stroombesparing van de camera werkt niet zolang beelden worden verplaatst.
• Als
(fout) op het scherm wordt getoond, neem de geheugenkaart dan uit en voer deze weer in, of zet
het toestel uit en weer aan. Als
weer verschijnt, is de Eye-Fi-kaart misschien beschadigd.
• Wi-Fi-netwerkcommunicatie kan misschien invloed ondervinden van andere communicatieapparaten.
Als de communicatiestatus niet goed is, ga dan dichter naar het toegangspunt van het Wi-Fi-netwerk toe.
• Raadpleeg voor nadere gegevens over de bestandstypen die kunnen worden geüpload, de
gebruiksaanwijzing die bij de Eye-Fi-kaart wordt geleverd.
• Dit product ondersteunt niet de "Endless Memory Mode" van Eye-Fi. Controleer dat op de Eye-Fikaarten die u in dit product zet, de "Endless Memory Mode" is uitgeschakeld.
167NL
Aansluiten op andere apparatuur
Als u de beelden die u met de camera hebt gemaakt, op een tv-toestel wilt bekijken, hebt
u een HDMI-kabel (los verkrijgbaar) en een HD-tv-toestel met HDMI-aansluiting nodig.
Raadpleeg ook de gebruiksaanwijzing die bij de tv is geleverd.
Inhoudsopgave
Beelden bekijken op een tv
1 Schakel zowel de camera als de tv uit.
3 Zet de tv aan en kies een ander
ingangssignaal.
Voorbeeldfoto
2 Sluit de camera met een HDMI-kabel
(los verkrijgbaar) op het tv-toestel aan.
1 Naar de HDMIaansluiting
HDMI-kabel
4 Zet de camera aan en selecteer de
weergavestand door op
(de
weergaveknop) te drukken.
Menu
De beelden die met de camera zijn opgenomen,
verschijnen op het tv-scherm.
Selecteer het beeld van uw keuze met de draaiknop.
2 Naar de HDMIaansluiting
Opmerkingen
Index
• Sommige apparaten zullen mogelijk niet goed werken.
• Er klinkt alleen geluid tijdens het opnemen of afspelen van films wanneer de camera is aangesloten met
een HDMI-kabel.
• Gebruik een HDMI-kabel met het HDMI-logo.
• Gebruik een HDMI-miniaansluiting aan het ene einde (voor de camera) en een stekker die geschikt is
voor de aansluiting op uw tv aan het andere einde.
• Sluit de uitgangsconnector van het apparaat niet aan op de HDMI-aansluiting op de camera. Dit kan een
storing veroorzaken.
• Zelfs als de reliëffunctie is geactiveerd, worden de contouren van een scherpstelbereik niet geaccentueerd
wanneer de camera is aangesloten met een HDMI-kabel.
z Over "PhotoTV HD"
Deze camera is compatibel met de norm "PhotoTV HD".
Als u Sony's voor PhotoTV HD geschikte apparaten aansluit met een HDMI-kabel
(los verkrijgbaar), kunt u genieten van een compleet nieuwe wereld van foto's in
adembenemende Full HD-kwaliteit.
"PhotoTV HD" biedt een zeer gedetailleerde uitdrukking van subtiele patronen en kleuren,
zoals op foto's. Raadpleeg de bij de tv geleverde gebruiksaanwijzing voor meer informatie.
168NL
Vervolg r
Door de camera met een HDMI-kabel (los verkrijgbaar) aan te sluiten op een tv die
"BRAVIA" Sync ondersteunt, kunt u de camera bedienen met de afstandsbediening van
de tv.
1 Sluit een tv op de camera aan die "BRAVIA" Sync ondersteunt.
2 Druk op de SYNC MENU-knop op de afstandsbediening van de tv.
3 Gebruik de bedieningsknoppen op de afstandsbediening van de tv.
Item
Bediening
Diavoorstelling
Speelt beelden automatisch af.
Speel 1 beeld af
Keert terug naar het scherm met een enkel beeld.
Schakelt over naar het beeldindexscherm.
3D-weergave
3D-beelden weergeven op een 3D-tv-toestel.
Weergavefunctie
Biedt u de mogelijkheid te bepalen hoe u de weer te geven
beelden wilt groeperen.
Wissen
Wist het beeld.
Menu
Beeldindex
Voorbeeldfoto
Het ingangssignaal wordt automatisch omgeschakeld en het beeld dat met de camera is
opgenomen, verschijnt op het tv-scherm.
Inhoudsopgave
Werken met "BRAVIA" Sync
Opmerkingen
Index
• De beschikbare bedieningshandelingen zijn beperkt als de camera met een HDMI-kabel op een tv is
aangesloten.
• Alleen tv's die "BRAVIA" Sync ondersteunen, bieden SYNC MENU-bedieningshandelingen. De SYNC
MENU-bedieningshandelingen verschillen afhankelijk van de tv die is aangesloten. Raadpleeg de bij de
tv geleverde gebruiksaanwijzing voor meer informatie.
• Als de camera onnodige bedieningshandelingen uitvoert als reactie op de afstandsbediening van het
TV-toestel wanneer de camera met een HDMI-aansluiting op een TV-toestel van een andere fabrikant is
aangesloten, gaat u als volgt te werk: MENU t [Instellingen] t [CTRL.VOOR HDMI] t [Uit].
169NL
Ga als volgt te werk als u panoramische 3D-beelden vastgelegd op de camera wilt
weergeven op een 3D-tv-toestel.
1 Sluit de camera met een HDMI-kabel
(los verkrijgbaar) op het 3D-tv-toestel aan.
HDMI-kabel
Panoramische 3D-beelden die met de camera zijn
opgenomen, verschijnen op het tv-scherm.
Wanneer [Standaard] of [Breed] is geselecteerd, kunt u
de panoramische 3D-beelden scrollen door op het
midden van de draaiknop te drukken.
Voorbeeldfoto
2 MENU t [Afspelen] t [3D-weergave] t
OK.
1 Naar de HDMIaansluiting
Inhoudsopgave
3D-weergave
2 Naar de HDMIaansluiting
Menu
Opmerkingen
Index
• Wanneer u [3D-weergave]-modus selecteert, worden alleen 3D-beelden weergegeven.
• Sluit de camera en de aan te sluiten apparatuur niet aan via de uitgangen. Wanneer de camera en het tvtoestel worden aangesloten via de uitgangen, worden geen video en geluid geproduceerd. Een dergelijke
aansluiting kan ook problemen veroorzaken met de camera en/of de aangesloten apparatuur.
• Deze functie zal met sommige tv-toestellen misschien niet goed werken. U zult bijvoorbeeld niet een
videobeeld op uw tv-toestel kunnen weergeven, geen signaal kunnen uitsturen in de 3D-stand of geluid
horen uit het tv-toestel.
• Gebruik een HDMI-kabel met het HDMI-logo.
• Gebruik een HDMI-miniaansluiting aan het ene einde (voor de camera) en een stekker die geschikt is
voor de aansluiting op uw tv aan het andere einde.
z Normale stilstaande beelden weergeven op een tv-
toestel
Als u [3D-weergave] selecteert, worden alleen 3D-beelden op het tv-toestel weergegeven.
Als u normale stilstaande beelden wilt weergeven, beëindigt u [3D-weergave] door op de
onderzijde van de draaiknop te drukken.
Als u wilt terugkeren naar 3D, drukt u weer op de onderzijde van de draaiknop.
Selecteer MENU t [Afspelen] t [Beeldindex] als u de beeldindex wilt weergeven.
170NL
Opmerkingen
Voorbeeldfoto
De volgende toepassingen staan op de cd-rom (bijgeleverd) en bieden een veelzijdiger
gebruik van beelden die u met uw camera hebt geschoten.
• "Image Data Converter"
U kunt beeldbestanden in RAW-formaat openen.
• "PlayMemories Home"
U kunt stilstaande beelden of films die zijn opgenomen met de camera importeren op
uw computer zodat u ze kunt bekijken en u kunt met diverse handige functies de
beelden die u hebt vastgelegd, verfraaien.
Zie voor uitgebreide informatie over de installatie ook bladzijde 173.
Inhoudsopgave
Met uw computer
• RAW-beelden weergeven met "Image Data Converter".
• "PlayMemories Home" is niet geschikt voor Mac-computers. Gebruik, wanneer u beelden weergeeft op
Mac-computers, de juiste toepassingssoftware die bij de Mac-computer wordt geleverd.
Menu
Aanbevolen computeromgeving (Windows)
De volgende computeromgeving wordt aanbevolen wanneer u de bijgeleverde software
gebruikt en beelden importeert via een USB-verbinding.
Microsoft Windows XP* SP3/Windows Vista** SP2/Windows 7
SP1
"PlayMemories Home" CPU: Intel Pentium III 800 MHz of sneller
Voor het afspelen/bewerken van de High Definition-films: Intel
Core Duo 1,66 GHz of sneller/Intel Core 2 Duo 1,66 GHz of
sneller (Intel Core 2 Duo 2,26 GHz of sneller (AVC HD (FX/
FH)))
Geheugen: Windows XP 512MB of meer (1 GB of meer wordt
aanbevolen), Windows Vista/Windows 7 1 GB of meer
Vaste schijf: Vrije schijfruimte benodigd voor installatie:
ongeveer 500 MB
Computerscherm: Schermresolutie: 1024 × 768 beeldpunten
of meer
"Image Data
Converter Ver.4"
Index
Besturingssysteem
(vooraf geïnstalleerd)
CPU/geheugen: Pentium 4 of sneller/1 GB of meer
Computerscherm: 1024 × 768 beeldpunten of meer
* 64-bits edities en Starter Edition worden niet ondersteund. Windows Image Mastering API (IMAPI)
Ver. 2.0 of later is vereist voor de functie voor het maken van schijven.
** Starter Edition wordt niet ondersteund.
171NL
Vervolg r
De volgende computeromgeving wordt aanbevolen wanneer u de bijgeleverde software
gebruikt en beelden importeert via een USB-verbinding.
USB-verbinding: Mac OS X v10.3 – v10.7
"Image Data Converter Ver.4": Mac OS X v10.5, v10.6
(Snow Leopard), v10.7 (Lion)
"Image Data
Converter Ver.4"
CPU: Intel-processors, zoals Intel Core Solo/Core Duo/
Core 2 Duo
Geheugen: 1 GB of meer wordt aanbevolen
Computerscherm: 1024 × 768 beeldpunten of meer
Opmerkingen
Menu
• De juiste werking kan niet worden gegarandeerd in een computeromgeving die is opgewaardeerd tot een
van de bovenstaande besturingssystemen of in een computeromgeving met meerdere besturingssystemen
(multi-boot).
• Als u 2 of meer USB-apparaten tegelijkertijd op een computer aansluit, is het mogelijk dat sommige
apparaten, waaronder de camera, niet zullen werken afhankelijk van de typen USB-apparaten die zijn
aangesloten.
• Wanneer u de camera aansluit met behulp van een USB-interface die geschikt is voor Hi-Speed USB
(USB 2.0), is geavanceerde gegevensoverdracht (High Speed) mogelijk omdat de camera geschikt is voor
Hi-Speed USB (USB 2.0).
• Wanneer de computer ontwaakt uit de waak- of slaapstand, is het mogelijk dat de communicatie tussen de
camera en uw computer zich niet op hetzelfde moment herstelt.
Voorbeeldfoto
Besturingssysteem
(vooraf geïnstalleerd)
Inhoudsopgave
Aanbevolen computeromgeving (Mac)
Index
172NL
Inhoudsopgave
De software gebruiken
De software installeren (Windows)
Meld aan als beheerder.
Het scherm met het installatiemenu verschijnt.
• Als het niet verschijnt, dubbelklikt u op [Computer] (Voor Windows XP: [Deze computer]) t
(PMHOME) t [Install.exe].
• Als het scherm Automatisch afspelen verschijnt, selecteert u "Install.exe uitvoeren" en volgt u de
instructies die op het scherm verschijnen voor het vervolg van de installatie.
Voorbeeldfoto
1 Zet de computer aan en plaats de cd-rom (bijgeleverd) in het cd-romstation.
2 De camera op de computer aansluiten (bladzijde 176).
3 Klik op [Installeren].
• Wanneer het bevestigingsbericht voor het opnieuw opstarten verschijnt, start u de computer opnieuw
op volgens de instructies op het scherm.
• DirectX zal misschien worden geïnstalleerd afhankelijk van de systeemomgeving van uw computer.
Menu
Controleer dat zowel "Image Data Converter" en "PlayMemories Home" zijn aangevinkt en
volg de instructies op het scherm.
4 Verwijder de cd-rom nadat de installatie is voltooid.
Index
De volgende software is geïnstalleerd en er verschijnen snelkoppelingspictogrammen op het
bureaublad.
"Image Data Converter"
"PlayMemories Home"
"PlayMemories Home help-gids"
Opmerking
• Als "PMB" (Picture Motion Browser), dat bij een camera is geleverd die voor 2011 is aangeschaft, al op
de computer is geïnstalleerd, wordt "PMB" overschreven door "PlayMemories Home" en zult u sommige
functies van "PMB" misschien niet kunnen gebruiken.
De software installeren (Mac)
Meld aan als beheerder.
1 Zet de Mac-computer aan en plaats de cd-rom (bijgeleverd) in het
cd-rom-station.
2 Dubbelklik op het pictogram van de cd-rom.
3 Kopieer het bestand [IDC_INST.pkg] in de map [MAC] naar het pictogram
van de vaste schijf.
4 Dubbelklik op het bestand [IDC_INST.pkg] in de
kopieerbestemmingsmap.
Volg de aanwijzingen op het scherm en voltooi de installatie.
173NL
Vervolg r
Voorbeeldfoto
Met "Image Data Converter" kunt u onder meer het volgende doen:
• Beelden, opgenomen in RAW-indeling, bewerken door verschillende correcties toe te
passen, zoals tooncurve en beeldscherpte.
• Beelden aanpassen met witbalans, belichting en Creatieve stijl enzovoort.
• De beelden die worden getoond en bewerkt op een computer, opslaan.
U kunt het beeld opslaan als RAW-indeling of in de algemene bestandsindeling.
• RAW-beelden en JPEG-beelden die met deze camera zijn vastgelegd, op het scherm
tonen en vergelijken.
• Beelden classificeren in 5 klassen.
• Kleurlabel enzovoort aanbrengen.
Inhoudsopgave
"Image Data Converter" gebruiken
z "Image Data Converter" gebruiken
Menu
Raadpleeg Help.
Klik op [start] t [Alle programma's] t [Image Data Converter] t [Help] t [Image
Data Converter Ver.4].
"Image Data Converter"-ondersteuningspagina (alleen Engels)
http://www.sony.co.jp/ids-se/
Met "PlayMemories Home" kunt u onder meer het volgende doen:
• Beelden instellen die met de camera zijn opgenomen en deze op de computer
weergeven.
• De beelden op de computer op een kalender rangschikken op opnamedatum voor
weergave.
• Stilstaande beelden bewerken (rode-ogencorrectie enzovoort), afdrukken en als
e-mailbijlage versturen, de opnamedatum veranderen en meer.
• Stilstaande beelden afdrukken of opslaan met de datum.
• Een Blu-ray Disc of DVD maken van AVCHD-films die zijn geïmporteerd op een
computer. (Een internetverbinding is nodig wanneer u voor de eerste keer een Blu-ray
Disc/DVD-schijf maakt.)
Index
"PlayMemories Home" gebruiken
Opmerkingen
• "PlayMemories Home" is niet geschikt voor Mac-computers. Gebruik, wanneer u beelden weergeeft op
Mac-computers, de juiste toepassingssoftware die bij de Mac-computer wordt geleverd.
• Films die zijn opgenomen met de instelling [60i 24M(FX)/50i 24M(FX)]/[24p 24M(FX)/25p 24M(FX)]
in [Opname-instelling], worden door "PlayMemories Home" geconverteerd voor een AVCHD-schijf.
Deze conversie kan veel tijd in beslag nemen. U kunt geen schijf maken met de originele beeldkwaliteit.
Als u de originele beeldkwaliteit wilt behouden, moet u uw films opslaan op een Blu-ray Disc.
174NL
Vervolg r
Raadpleeg "PlayMemories Home help-gids".
Dubbelklik op de snelkoppeling van
(PlayMemories Home help-gids) op het
bureaublad. Of klik op [start] t [Alle programma's] t [PlayMemories Home] t
[PlayMemories Home help-gids].
Voorbeeldfoto
"PlayMemories Home"-ondersteuningspagina (alleen Engels)
http://www.sony.co.jp/pmh-se/
Inhoudsopgave
z "PlayMemories Home" gebruiken
Menu
Index
175NL
1 Plaats een voldoende opgeladen accu in de
camera of sluit de camera via de AC-PW20netspanningsadapter (los verkrijgbaar) aan
op het stopcontact.
1 Naar een USB-aansluiting
van de computer
Voorbeeldfoto
2 Zet de camera en de computer aan.
USB-kabel
(bijgeleverd)
3 Sluit de camera op uw computer aan.
Inhoudsopgave
De camera op de computer aansluiten
Wanneer er voor de eerste keer een USB-verbinding tot
stand wordt gebracht, start uw computer automatisch
een programma om de camera te herkennen. Wacht
even.
2 Naar de USB-aansluiting
Menu
Beelden importeren op de computer (Windows)
"PlayMemories Home" biedt u de mogelijkheid gemakkelijk beelden te importeren.
Meer informatie over functies van "PlayMemories Home" vindt u in de "PlayMemories
Home help-gids".
Wanneer de wizard Automatisch afspelen verschijnt nadat u een USB-verbinding tot
stand hebt gebracht tussen de camera en een computer, klikt u op [Map openen en
bestanden weergeven] t [OK] t [DCIM] of [MP_ROOT] t kopieert u de beelden
van uw keuze naar de computer.
Index
Beelden importeren op de computer zonder "PlayMemories Home"
te gebruiken
Opmerkingen
• Gebruik voor bedieningshandelingen zoals het importeren van AVCHD-films op de computer
"PlayMemories Home".
• Wanneer de camera op de computer is aangesloten, kunnen beelden beschadigd raken of mogelijk niet
worden afgespeeld als u met AVCHD-films of mappen werkt vanaf de aangesloten computer. AVCHDfilms mogen niet worden verwijderd of gekopieerd op de geheugenkaart vanaf de computer. Sony is niet
aansprakelijk voor de gevolgen van deze handelingen via de computer.
Beelden importeren op de computer (Mac)
1 Sluit de camera eerst op uw Mac-computer aan. Dubbelklik op het pas
herkende pictogram op het bureaublad t de map waarin de beelden die
u wilt importeren, zijn opgeslagen.
2 Sleep de beeldbestanden naar het pictogram van de vaste schijf.
De beeldbestanden worden naar de vaste schijf gekopieerd.
3 Dubbelklik op het pictogram van de vaste schijf t het gewenste
beeldbestand in de map die de gekopieerde bestanden bevat.
Het beeld wordt weergegeven.
176NL
Vervolg r
Ga voor meer informatie over andere software voor Mac-computers naar de volgende URL:
http://www.sony.co.jp/imsoft/Mac/
Voer de procedures uit vanaf stap 1 tot 2 hieronder voordat u het volgende wilt doen:
• De USB-kabel loskoppelen.
• De geheugenkaart verwijderen.
• De camera uitzetten.
1 Dubbelklik op het ontkoppel-pictogram op de
taakbalk.
• Klik voor Windows 7 op
en klik vervolgens op
Voorbeeldfoto
De USB-verbinding wissen
Inhoudsopgave
z De software voor Mac-computers
Windows Vista
.
Ontkoppel-pictogram
Menu
2 Klik op
(USB-apparaat voor massaopslag
veilig verwijderen).
Opmerkingen
Index
• Sleep het pictogram van de geheugenkaart of het stationspictogram van tevoren naar het pictogram
"Prullenbak" wanneer u een Mac-computer gebruikt en de camera wordt losgekoppeld van de computer.
• Met Windows 7 zal het pictogram voor het verbreken van de aansluiting misschien niet worden
weergegeven. In dergelijke gevallen kunt u de aansluiting verbreken zonder de hierboven vermelde
procedure te volgen.
• Verbreek de aansluiting van de USB-kabel niet wanneer het toegangslampje brandt. De gegeven kunnen
dan beschadigd raken.
177NL
Van het type schijf is afhankelijk op welke apparaten kan worden afgespeeld. Selecteer
de methode die het best past bij uw speler.
Hier worden 2 manieren voor het maken van een schijf beschreven, een schijf maken met
een computer met "PlayMemories Home" of een schijf maken met andere apparaten dan
een computer, bijvoorbeeld een recorder.
Beschikbare opnameinstelling
FX
FH
Blu-ray Disc Weergave
apparaten
(Sony Blu-ray Disc-speler,
PlayStation®3, enz.)
–*
–*
Gewone DVDweergaveapparaten
(DVD-speler, computer die
DVD' s, enz. kunnen
afspelen)
Index
–*
Standaard-beeldkwaliteit (STD)
behouden
AVCHD-indeling
weergaveapparaten
(Sony Blu-ray Disc-speler,
PlayStation®3, enz.)
Menu
High-Definition-beeldkwaliteit
(HD) behouden
High-Definition-beeldkwaliteit
(HD) behouden (AVCHDopnameschijf)
Speler
Voorbeeldfoto
Type schijf/gebruik
Inhoudsopgave
Een filmschijf maken
* Wanneer u een schijf maakt met "PlayMemories Home", kunt u dat doen door voor de beeldkwaliteit een
lagere instelling te kiezen.
178NL
Vervolg r
Type schijf/gebruik
Speler
Op een Blu-ray Disc kunt u films in high definitionbeeldkwaliteit (HD) van langere duur vastleggen dan op
DVD-schijven.
High-Definition-beeldkwaliteit
(HD) (AVCHD-opnameschijf)
Een film in high definition-beeldkwaliteit (HD) kan
worden vastgelegd op DVD-media, zoals DVD-Rschijven, en er wordt een schijf in high definitionbeeldkwalititeit (HD) gemaakt.
• U kunt een schijf van high definition-beeldkwaliteit
(HD) afspelen op afspeelapparaten voor AVCHDindeling, zoals een Sony Blu-ray Disc-speler en een
PlayStation®3. U kunt de schijf niet afspelen op
gewone DVD-spelers.
Home"
Index
z Schijven die u niet gebruiken met "PlayMemories
Menu
Een film in standard definition-beeldkwaliteit (STD) die
is geconverteerd van een film high definitionbeeldkwaliteit (HD) kan worden vastgelegd op DVDmedia, zoals DVD-R-schijven, en er wordt een schijf in
Standaard-Definitie beeldkwaliteit
standaardbeeldkwalititeit (STD) gemaakt.
(STD)
Voorbeeldfoto
High-Definition-beeldkwaliteit
(HD)
Inhoudsopgave
Karakteristieken van de verschillende typen schijf
U kunt de volgende 12 cm-schijven gebruiken met "PlayMemories Home". Zie voor Blu-ray
Disc bladzijde 180.
Schijftype
Kenmerken
DVD-R/DVD+R/DVD+R DL
Niet-herschrijfbaar
DVD-RW/DVD+RW
Herschrijfbaar
• Zorg er altijd voor dat uw PlayStation®3 de nieuwste versie van de PlayStation®3-systeemsoftware
gebruikt.
• De PlayStation®3 is misschien in sommige landen/regio's niet leverbaar.
179NL
Vervolg r
U kunt een schijf van High-Definition-beeldkwaliteit (HD) in AVCHD-formaat maken
van AVCHD-films die zijn geïmporteerd naar een computer met de software
"PlayMemories Home".
(Discs aanmaken).
2 Selecteer [AVCHD (HD)] uit de snelkeuzelijst die wordt gebruikt voor het
selecteren van een schijf.
3 Selecteer de AVCHD-films die u wilt schrijven.
4 Klik op [Toevoegen].
Voorbeeldfoto
1 Start [PlayMemories Home] en klik op
Inhoudsopgave
Een schijf in High-Definition beeldkwaliteit (HD)
maken (AVCHD-opnameschijf)
• U kunt ook films toevoegen door te slepen en neer te zetten.
5 Maak een schijf door de instructies op het scherm te volgen.
Index
z Een AVCHD-opnameschijf afspelen op een computer
Menu
Opmerkingen
• Installeer "PlayMemories Home" van tevoren.
• Bestanden van stilstaande beelden en MP4-films kunnen niet worden vastgelegd op de AVCHDopnameschijf.
• Het maken van een schijf kan lange tijd in beslag nemen.
• Films die zijn opgenomen met de instelling [60i 24M(FX)/50i 24M(FX)]/[24p 24M(FX)/25p 24M(FX)]
in [Opname-instelling], worden door "PlayMemories Home" geconverteerd voor een AVCHD-schijf.
Deze conversie kan veel tijd in beslag nemen. U kunt geen schijf maken met de originele beeldkwaliteit.
Als u de originele beeldkwaliteit wilt behouden, moet u uw films opslaan op een Blu-ray Disc.
U kunt de schijven afspelen met "PlayMemories Home". Selecteer het DVD-station waar de
schijf zich bevindt en klik op [Player for AVCHD] op "PlayMemories Home".
Zie "PlayMemories Home help-gids" voor informatie.
• Afhankelijk van de computeromgeving zullen films misschien niet gelijkmatig worden afgespeeld.
Maken - een Blu-ray Disc
U kunt een Blu-ray Disc maken met AVCHD-films die eerder op een computer zijn
geïnstalleerd. Uw computer moet het maken van een Blu-ray Disc ondersteunen.
BD-R-media (niet-herschrijfbaar) en BD-RE-media (herschrijfbaar) kunnen worden
gebruikt voor het maken van een Blu-ray Disc. U kunt bij geen van beide typen schijf
materiaal toevoegen wanneer de schijf eenmaal is gemaakt.
U kunt alleen Blu-ray Disc's maken met "PlayMemories Home" als u fabrikantspecifieke
aanvullende software installeert. Ga voor meer informatie naar de volgende URL:
http://support.d-imaging.sony.co.jp/BDUW/
Zie "PlayMemories Home help-gids" voor informatie.
180NL
Vervolg r
U kunt een schijf van Standard Definition-beeldkwaliteit (STD) maken van AVCHDfilms die zijn geïmporteerd naar een computer met de bijgeleverde software
"PlayMemories Home".
(Discs aanmaken).
2 Selecteer [DVD-Video (STD)] uit de snelkeuzelijst die wordt gebruikt voor
het selecteren van een schijf.
3 Selecteer de AVCHD-films die u wilt schrijven.
4 Klik op [Toevoegen].
Voorbeeldfoto
1 Start [PlayMemories Home] en klik op
Inhoudsopgave
Een schijf van standard definition-beeldkwaliteit
(STD) op een computer maken
• U kunt ook films toevoegen door te slepen en neer te zetten.
5 Maak een schijf door de instructies op het scherm te volgen.
Index
Een filmschijf maken met een ander apparaat dan
een computer
Menu
Opmerkingen
• Installeer "PlayMemories Home" van tevoren.
• MP4-filmbestanden kunnen niet worden vastgelegd op een schijf.
• Het maken van een schijf neemt meer tijd in beslag omdat AVCHD-films worden geconverteerd naar
films van standard definition-beeldkwaliteit (STD).
• Een internetverbinding is nodig wanneer u voor de eerste keer een DVD-Video (STD) maakt.
U kunt een schijf maken met een Blu-ray Disc-recorder, enz.
Van het gebruikte apparaat hangt af welk schijftype u kunt gebruiken.
Apparaat
Schijftype
Blu-ray Disc-recorder: Voor het
maken van een Blu-ray Disc of
DVD met standaard beeldkwaliteit
(STD)
High-Definition- Standaardbeeldkwaliteit
Definitie
(HD)
beeldkwaliteit
(STD)
HDD-recorder enzovoort: Voor
het maken van een DVD met
standaardbeeldkwaliteit (STD)
Standaard-Definitie beeldkwaliteit
(STD)
Opmerking
• Raadpleeg voor meer informatie over het maken van een schijf de gebruiksaanwijzing die bij het
gebruikte apparaat wordt geleverd.
181NL
Menu
Opmerkingen
Index
• U kunt geen RAW-beelden afdrukken.
• Wanneer u beelden die zijn opgenomen in de stand [16:9] afdrukt, worden de beide zijkanten misschien
afgesneden.
• U kunt afhankelijk van de printer misschien panoramische beelden niet afdrukken.
• Wanneer u afdrukken maakt in de winkel, let dan op het volgende.
– Vraag in de fotoafdrukservicewinkel met welke typen geheugenkaarten zij overweg kunnen.
– Een geheugenkaart-adapter (los verkrijgbaar) zal misschien nodig zijn. Vraag advies in uw
fotoafdrukservicewinkel.
– Maak altijd eerst een kopie (back-up) van uw gegevens op een schijf, voordat u met beeldgegevens
naar de winkel gaat.
– U kunt niet het aantal afdrukken instellen.
– Als u data op beelden wilt afdrukken, vraag dan advies in uw fotoafdrukservicewinkel.
• De camera is niet geschikt voor "PictBridge".
Voorbeeldfoto
U kunt stilstaande beelden afdrukken met de volgende methoden.
• Direct afdrukken met een printer die uw type geheugenkaart ondersteunt
Raadpleeg de bij de printer geleverde gebruiksaanwijzing voor meer informatie.
• Afdrukken met behulp van een computer
U kunt beelden importeren op een computer met de "PlayMemories Home"-software
en de beelden afdrukken. U kunt de datum op het beeld zetten en afdrukken. Zie de
"PlayMemories Home help-gids" voor meer informatie.
• Afdrukken in een winkel
U kunt een geheugenkaart met daarop de beelden die met de camera zijn geschoten,
naar een winkel brengen die foto's afdrukt. Als de winkel maar fotoafdrukservices
ondersteunt die voldoen aan DPOF, kunt u van tevoren in de weergavestand een
markering (Afdrukopdracht) op beelden zetten, zodat u ze niet opnieuw hoeft te
selecteren wanneer u ze in de winkel afdrukt.
Inhoudsopgave
Stilstaande beelden afdrukken
182NL
Problemen oplossen
Als u problemen ondervindt met de camera, probeer dan de volgende oplossingen.
1 Controleer de punten op de bladzijden 183 tot 188.
3 Stel de instellingen terug (bladzijde 159).
Menu
4 Neem contact op met uw Sony-dealer of de plaatselijke
technische dienst van Sony.
Voorbeeldfoto
2 Verwijder de accu, wacht ongeveer 1 minuut, plaats de accu
weer en zet de camera aan.
Inhoudsopgave
Problemen oplossen
Accu en voeding
Het lukt niet de accu te plaatsen.
De indicator van het resterend accuvermogen is onjuist, of voldoende resterend
accuvermogen wordt aangegeven, maar de accu raakt te snel leeg.
Index
• Verschuif bij het plaatsen van de accu met de punt van de accu de vergrendelingshendel.
• U kunt alleen een NP-FW50-accu gebruiken. Controleer of uw accu een NP-FW50-accu is.
• Dit doet zich voor wanneer u de camera op een zeer warme of koude plaats gebruikt.
• De accu is leeg. Plaats een opgeladen accu.
• De accu is niet meer bruikbaar. Vervang de accu door een nieuwe.
De camera kan niet worden ingeschakeld.
• Plaats de accu op de juiste wijze.
• De accu is leeg. Plaats een opgeladen accu.
• De accu is niet meer bruikbaar. Vervang de accu door een nieuwe.
De camera schakelt plotseling uit.
• Wanneer de camera of de accu te warm is, toont de camera een waarschuwingsbericht en schakelt
zichzelf uit om de camera te beschermen.
• Als de camera gedurende een bepaalde tijdsduur niet wordt bediend, wordt de camera in de
stroombesparingsstand gezet. U kunt de stroombesparingsstand opheffen door de camera te bedienen,
bijvoorbeeld door de ontspanknop half in te drukken (bladzijde 147).
Het laadlampje op de camera knippert tijdens het opladen van de accu.
• U kunt alleen een NP-FW50-accu gebruiken. Controleer of uw accu een NP-FW50-accu is.
• Als u een accu oplaadt die lang niet is gebruikt, zal het laadlampje op de camera misschien knipperen.
• Het laadlampje knippert op twee manieren: snel (met tussenpozen van ongeveer 0,3 seconde) en langzaam
(met tussenpozen van ongeveer 1,3 seconde). Knippert het snel, neem de accu dan uit en zet dezelfde accu
weer stevig in, of verbreek de aansluiting en sluit de USB-kabel weer aan. Als het laadlampje dan weer
Vervolg r
183NL
De accu is niet opgeladen, ook al is het Laadlampje op de camera uitgeschakeld.
De accu is leeg.
• Wanneer de accu niet wordt opgeladen (laadlampje brandt niet) terwijl u de juiste oplaadprocedure
volgt, verwijdert u de accu en plaatst u die terug of koppelt u de USB-kabel los en sluit u deze weer aan.
Voorbeeldfoto
• Dit doet zich voor wanneer u de camera op een zeer warme of koude plaats gebruikt. Laad de accu op
bij geschikte temperaturen tussen 10 °C en 30 °C.
Inhoudsopgave
snel knippert, kunt u vermoeden dat er iets niet goed is met de accu, netspanningsadapter (bijgeleverd) of
de USB-kabel. Langzaam knipperen duidt erop dat het laden wordt opgeschort omdat de
omgevingstemperatuur buiten het geschikte bereik is voor het opladen van de accu. Het laden zal worden
hervat en het Laadlampje zal branden wanneer de omgevingstemperatuur terugkeert binnen het geschikte
temperatuurbereik. Laad de accu op bij geschikte temperaturen tussen 10 °C en 30 °C.
Beelden opnemen
U hebt de camera ingeschakeld, maar er verschijnt niets op het LCD-scherm.
Menu
• Als de camera gedurende een bepaalde tijdsduur niet wordt bediend, wordt de camera in de
stroombesparingsstand gezet. U kunt de stroombesparingsstand opheffen door de camera te bedienen,
bijvoorbeeld door de ontspanknop half in te drukken (bladzijde 147).
De sluiter wordt niet ontspannen.
Index
• U gebruikt een geheugenkaart met een schrijfbeveiligingsschakelaar en de schakelaar staat in de
LOCK-stand. Zet de schrijfbeveiligingsschakelaar in de stand voor opnemen.
• Controleer de vrije opslagcapaciteit van de geheugenkaart.
• U kunt tijdens het opladen van de flitser geen beelden opnemen.
• De lens is niet goed op het toestel gezet. Zet de lens goed op het toestel.
Het opnemen duurt erg lang.
• De ruisonderdrukkingsfunctie is ingeschakeld (bladzijden 127, 128). Dit is geen storing.
• U maakt opnamen in de stand RAW (bladzijde 84). Omdat een RAW-gegevensbestand groot is, zal
het maken van opnamen in de RAW-stand misschien meer tijd in beslag nemen.
• De Auto HDR is bezig een beeld te verwerken (bladzijde 95).
Het beeld is onscherp.
• Het onderwerp bevindt zich te dichtbij. Controleer de minimale afstand waarop de lens kan
scherpstellen.
• U maakt opnamen in de stand voor handmatig scherpstellen. Stel [AF/MF-selectie] in op
[Aut. scherpst.] (bladzijde 66).
• Er is onvoldoende omgevingslicht.
• Voor het onderwerp is mogelijk speciale scherpstelling vereist. Met de [Flexibel punt] (bladzijde 68)
of de functie voor handmatige scherpstelling (bladzijde 66).
De flitser werkt niet.
• Druk op (flitserknop) om de flitser de activeren.
• U kunt geen flitser gebruiken in de volgende opnamestand:
– [Bracket: continu]
– [Panorama d. beweg.]
– [3D-panor. d. beweg.]
– [Nachtscène] en [Schemeropn. uit hand] in [Scènekeuze]
– [Anti-bewegingswaas]
– Films opnemen
184NL
Vervolg r
• Het flitslicht is weerkaatst door deeltjes in de lucht (stof, pollen enzovoort) en dat is op het beeld te
zien. Dit is geen storing.
Het duurt te lang voordat de flitser opnieuw is opgeladen.
Een foto die met de flitser is gemaakt, is te donker.
• Als het onderwerp zich buiten het flitserbereik (de afstand die door het flitslicht kan worden bereikt)
bevindt, zullen de beelden donker zijn omdat het flitslicht het onderwerp niet bereikt. Als de ISOgevoeligheid wordt veranderd, verandert tevens het flitserbereik.
Voorbeeldfoto
• De flitser is binnen een korte tijd meerdere keren gebruikt. Als de flitser meerdere keren achter elkaar
is gebruikt, kan het opladen langer duren dan gebruikelijk omdat moet worden voorkomen dat de
camera te heet wordt.
Inhoudsopgave
Wazige ronde witte vlekken zijn te zien op beelden die met de flitser zijn gemaakt.
De datum en tijd worden onjuist vastgelegd.
De diafragmawaarde en/of de sluitertijd knipperen/knippert.
Menu
• Stel de juiste datum en tijd in (bladzijde 143).
• Het gebied dat is geselecteerd met [Tijdzone instellen] verschilt van het feitelijke gebied. Stel het
feitelijke gebied in door MENU t [Instellingen] t [Tijdzone instellen] te selecteren.
• Omdat het onderwerp te helder of te donker is, ligt het buiten het beschikbare bereik van de camera.
Pas de instellingen opnieuw aan.
Het beeld is witachtig (schittering).
Er verschijnt een lichtwaas op het beeld (Schaduwbeeld).
Index
• De foto is genomen onder een sterke lichtbron waarbij veel te veel licht in de lens is gevallen.
Bevestig een lenskap wanneer u de zoomlens gebruikt.
De hoeken van de foto zijn te donker.
• Als een filter of lenskap wordt gebruikt, neem deze dan van de lens en maak de opname opnieuw.
Door de dikte van het filter en een onjuiste bevestiging van de lenskap kan het filter of de lenskap
gedeeltelijk zichtbaar zijn in het beeld. De optische eigenschappen van bepaalde lenzen kunnen ertoe
leiden dat de rand van het beeld te donker lijkt (onvoldoende licht). U kunt dit verschijnsel corrigeren
met [Lenscomp.: schaduw] (bladzijde 129).
De ogen van het onderwerp zijn rood.
• Activeer de functie Rode ogen verm. (pagina 109).
• Ga dicht naar het onderwerp toe en maak de opname binnen het flitserbereik met de flitser.
Punten verschijnen en blijven op het LCD-scherm.
• Dit is geen storing. Deze punten worden niet vastgelegd.
Het beeld is wazig.
• De foto is zonder flitser gemaakt op een donkere locatie, waardoor bewegingsonscherpte is ontstaan.
Het gebruik van een statief of de flitser wordt aanbevolen (bladzijde 65). [Schemeropn. uit hand] in
[Scènekeuze] (bladzijde 53) en [Anti-bewegingswaas] (bladzijde 55) zijn ook effectief bij het
verminderen van onscherpte.
De belichtingswaarde knippert op het LCD-scherm of de zoeker.
• Het onderwerp is te fel verlicht of te donker voor het lichtmeetbereik van de camera.
185NL
Vervolg r
• Wanneer het LCD-scherm ongeveer 180 graden omhoog wordt geklapt met [Zelfontsp. v. zelfportret]
ingesteld op [Aan], knippert het zelfontspannerlampje niet.
Beelden weergeven
Inhoudsopgave
Het zelfontspannerlampje knippert niet.
Het lukt niet beelden weer te geven.
Voorbeeldfoto
• De map-/bestandsnaam is veranderd op de computer.
• Wanneer een beeldbestand is verwerkt door een computer of wanneer het beeldbestand is vastgelegd
op een ander model dan dat van uw camera, is niet gegarandeerd dat het beeldbestand op uw camera
kan worden weergegeven.
• De camera staat in de USB-stand. Wis de USB-verbinding (bladzijde 177).
• Geef beelden die op een computer zijn opgeslagen, weer met "PlayMemories Home" met deze
camera.
Beelden wissen/bewerken
Menu
Het lukt niet het beeld de wissen.
• Hef de beveiliging op (bladzijde 104).
Het beeld is per ongeluk gewist.
• Wanneer u eenmaal een beeld hebt gewist, kunt u dit niet herstellen. We adviseren u de beelden die u
niet wilt wissen, te beveiligen (bladzijde 104).
Index
U kunt het DPOF-merkteken niet zetten.
• U kunt geen DPOF-markering op RAW-beelden zetten.
Computers
Het is niet zeker of het besturingssysteem geschikt is voor de camera.
• Zie "Aanbevolen computeromgeving" (bladzijde 171).
De computer herkent de camera niet.
• Controleer of de camera aan staat.
• Wanneer de accu bijna leeg is, plaatst u een opgeladen accu of sluit u de netspanningsadapter (los
verkrijgbaar) aan.
• Gebruik de USB-kabel (bijgeleverd) voor aansluiting.
• Koppel de USB-kabel los en sluit deze daarna weer stevig aan.
• Stel [USB-verbinding] in op [Massaopslag] (bladzijde 155).
• Koppel alle apparatuur behalve de camera, het toetsenbord en de muis los van de USB-aansluitingen
van uw computer.
• Sluit de camera rechtstreeks aan op de computer en niet via een USB-hub of ander apparaat.
Het lukt niet beelden te kopiëren.
• Breng de USB-verbinding tot stand door de camera goed aan te sluiten op uw computer (bladzijde 176).
• Volg de aangeduide kopieerprocedure voor uw besturingssysteem.
• Het kan voorkomen dat u de beeldbestanden van een geheugenkaart die op een computer is
geformatteerd, niet naar een computer kunt kopiëren. Maak een opname met een geheugenkaart die
op uw camera is geformatteerd.
Vervolg r
186NL
• Als u "PlayMemories Home" gebruikt, raadpleeg dan de "PlayMemories Home help-gids".
• Vraag advies aan de fabrikant van de computer of de software.
Het beeld en het geluid worden onderbroken door ruis wanneer u een film op een
computer bekijkt.
Nadat u een USB-verbinding tot stand hebt gebracht, wordt "PlayMemories
Home" niet automatisch gestart.
• Breng de USB-verbinding tot stand nadat de computer is opgestart (bladzijde 176).
Voorbeeldfoto
• U speelt de film af rechtstreeks van de geheugenkaart. Importeer de film op uw computer met
"PlayMemories Home" en speel de film af.
Inhoudsopgave
Het lukt niet beelden weer te geven op een computer.
Geheugenkaart
Het lukt niet een geheugenkaart te plaatsen.
Menu
• De richting waarin de geheugenkaart is geplaatst, is verkeerd. Plaats de geheugenkaart in de juiste
richting.
Het lukt niet een opname te maken op een geheugenkaart.
• De geheugenkaart is vol. Wis beelden die u niet wilt bewaren (bladzijden 31, 99).
• Er is een onbruikbare geheugenkaart geplaatst.
De geheugenkaart is per ongeluk geformatteerd.
Index
• Alle gegevens op de geheugenkaart zijn door het formatteren gewist. U kunt deze niet meer herstellen.
Afdrukken
Het lukt niet beelden af te drukken.
• RAW-beelden kunnen niet worden afgedrukt. Als u RAW-beelden wilt afdrukken, moet u ze eerst
naar JPEG-beelden converteren met "Image Data Converter" op de bijgeleverde cd-rom.
Het beeld heeft een vreemde kleur.
• Bij het afdrukken van beelden die opgenomen zijn in de stand Adobe RGB op sRGB-printers die niet
geschikt zijn voor Adobe RGB (DCF2.0/Exif2.21 of later), worden de beelden met een lagere
verzadiging afgedrukt.
Bij de afdruk van de beelden worden beide randen afgesneden.
• Afhankelijk van uw printer, kunnen de randen links, rechts, boven of onder van het beeld worden
afgesneden. Vooral wanneer u een beeld afdrukt dat werd opgenomen met de beeldverhouding [16:9],
kunnen de zijkanten van het beeld worden afgesneden.
• Wanneer u beelden afdrukt met uw eigen printer, moet u de instellingen voor bijsnijden of randloos
afdrukken van de printer annuleren. Vraag de fabrikant van de printer of de printer deze functies heeft.
• Wanneer u beelden laat afdrukken bij een fotoafdrukservice, vraag dan of de beelden kunnen worden
afgedrukt zonder dat beide randen worden afgesneden.
187NL
Vervolg r
• Met "PlayMemories Home" kunt u beelden afdrukken met de datum.
• De camera heeft geen functie voor het plaatsen van datums op beelden. Maar omdat de beelden die
met de camera zijn opgenomen, informatie over de opnamedatum bevatten, kunt u beelden afdrukken
met de datum op het beeld als de printer of de software Exif-informatie kan herkennen. Vraag aan de
fabrikant van de printer of van de software advies over compatibiliteit met Exif-informatie.
• Wanneer u beelden laat afdrukken in een winkel, kunnen de beelden op verzoek ook worden
afgedrukt met de datum.
De lens raakt beslagen.
• Er is condensvorming opgetreden. Zet de camera uit en laat het toestel ongeveer een uur liggen
voordat u het weer gebruikt.
Voorbeeldfoto
Overige
Inhoudsopgave
Het lukt niet de beelden af te drukken met de datum.
Het bericht "Gebied/datum/tijd instellen" verschijnt wanneer u de camera aanzet.
Menu
• De camera is enige tijd niet gebruikt terwijl er een zwakke accu of geen accu in zat. Laad de accu op
en stel de datum opnieuw in (bladzijde 143). Als het bericht steeds verschijnt wanneer u de accu
oplaadt, is de interne oplaadbare accu misschien niet meer goed. Neem contact op met uw Sonydealer of de plaatselijke technische dienst van Sony.
De datum en tijd worden onjuist vastgelegd.
• Corrigeer of controleer de ingestelde datum en tijd door MENU t [Instellingen] t [Datum/tijd
instellen] te selecteren.
• Dit komt doordat de compressieverhouding en het beeldformaat na compressie veranderen
afhankelijk van het beeld, wanneer u een JPEG-beeld opneemt.
Index
Het aantal op te nemen beelden neemt niet af of neemt met 2 beelden tegelijk af.
De instelling wordt teruggesteld zonder de terugstelbewerking.
• De accu is verwijderd terwijl de Aan/Uit-schakelaar op ON stond. Zorg er bij het verwijderen van de
accu voor dat de camera is uitgeschakeld en het toegangslampje niet brandt.
De camera werk niet goed.
• Zet de camera uit. Haal de accu uit de camera en plaats hem weer terug. Als de camera heet is, haalt u
de accu uit het toestel en laat u deze afkoelen voordat u deze corrigerende handeling uitvoert.
• Als er een netspanningsadapter (los verkrijgbaar) wordt gebruikt, koppelt u de voedingskabel los.
Sluit de voedingskabel aan en zet de camera weer aan. Neem contact op met uw Sony-dealer of het
erkende Sony-servicecentrum bij u in de buurt als de camera niet werkt nadat u deze maatregelen hebt
uitgevoerd.
"--E-" wordt op het scherm aangeduid.
• Verwijder de geheugenkaart en plaats deze terug. Als de aanduiding niet verdwijnt na deze procedure,
moet u de geheugenkaart formatteren (bladzijde 160).
188NL
Als één van de onderstaande berichten verschijnt, voert u de onderstaande instructies uit.
Accu is ongeschikt. Gebruik het juiste type.
• U gebruikt een accu die niet geschikt is voor het toestel.
• Stel de datum en tijd in. Laad de interne oplaadbare accu op, als u de camera lange tijd niet hebt
gebruikt.
Onvoldoende acculading.
• U hebt geprobeerd de beeldsensor te reinigen (Reinigen) terwijl de accu onvoldoende was opgeladen.
Laad de accu op of gebruik een netspanningsadapter (los verkrijgbaar).
• De geheugenkaart is geformatteerd op een computer en de bestandsindeling is gewijzigd. Selecteer
OK en formatteer vervolgens de geheugenkaart. U kunt de geheugenkaart daarna opnieuw gebruiken,
maar alle eerder opgenomen gegevens op de geheugenkaart zijn gewist. Het formatteren kan enige
tijd in beslag nemen. Vervang de geheugenkaart als het bericht toch nog wordt weergegeven.
Menu
Geheugenkaart onbruikbaar. Formatteren?
Voorbeeldfoto
Gebied/datum/tijd instellen
Inhoudsopgave
Waarschuwingsberichten
Geheugenkaartfout
• Er is een ongeschikte geheugenkaart geplaatst of het formatteren is mislukt.
Index
Plaats geheugenkaart opnieuw.
• De geplaatste geheugenkaart kan niet worden gebruikt in uw camera.
• De geheugenkaart is beschadigd.
• Het contactgedeelte van de geheugenkaart is vuil.
Op deze geheugenkaart kunt u mogelijk niet normaal opnemen en afspelen.
• De geplaatste geheugenkaart kan niet worden gebruikt in de camera.
Verwerkt...
• Er wordt ruisonderdrukking bij lange belichting of bij hoge ISO uitgevoerd. Tijdens de
ruisonderdrukking kunt u verder geen opnamen maken. U kunt de functie voor ruisonderdrukking bij
lange belichtingstijden uitschakelen.
Beeldweergave onmogelijk.
• Het is mogelijk dat beelden die zijn vastgelegd met een andere camera of beelden die zijn gewijzigd
op een computer, niet worden weergegeven.
Lens niet herkend. Goed aanbrengen.
• De lens is niet of niet goed op het toestel gezet. Als het bericht verschijnt terwijl er een lens op het
toestel zit, zet de lens dan opnieuw op het toestel. Als het bericht vaak verschijnt, controleer dan of de
contacten van de lens en de camera wel schoon zijn.
• Als u de camera op een astronomische telescoop of iets dergelijks bevestigt, stelt u [Opn. zonder lens]
in op [Inschakelen] (bladzijde 124).
189NL
Vervolg r
Geen beelden beschikbaar.
• Er staat geen beeld op de geheugenkaart.
Inhoudsopgave
• De functie SteadyShot werkt niet. U kunt doorgaan met opnamen maken, maar de functie SteadyShot
zal niet werken. Schakel de camera uit en weer in. Als dit pictogram niet verdwijnt, neem dan contact
op met uw Sony-dealer of met de erkende technische dienst van Sony bij u in de buurt.
Beeld is beveiligd.
Voorbeeldfoto
• U hebt geprobeerd beveiligde beelden te wissen.
Afdrukken onmogelijk.
• U hebt geprobeerd RAW-beelden te markeren met een DPOF-merkteken.
Camera te warm. Laat camera afkoelen.
• De camera is heet geworden omdat u zonder onderbreking opnamen hebt gemaakt. Zet de camera uit.
Laat de camera afkoelen en wacht totdat het toestel weer klaar is voor gebruik.
Menu
• U hebt lang achtereen films opgenomen, de temperatuur van de camera is opgelopen. Stop met het
maken van opnamen totdat de camera is afgekoeld.
• Er zijn meer beelden dan het databeheer van de camera aankan in een databasebestand.
Index
• Het lukt niet het databasebestand te registreren. Importeer alle beelden op een computer met
"PlayMemories Home" en herstel de geheugenkaart.
Camerafout
• Zet de camera uit, haal de accu eruit en plaats de accu weer terug in het toestel. Als deze mededeling
vaak verschijnt, neem dan contact op met uw Sony-dealer of met de erkende technische dienst van
Sony bij u in de buurt.
Fout in beelddatabasebestand.
• Er is iets niet goed gegaan in het Beelddatabasebestand. Selecteer [Instellingen] t [Beeld-DB
herstellen] t OK.
Fout van beelddatabasebestand. Herstellen?
• U kunt geen AVCHD-films opnemen of afspelen omdat het Beelddatabasebestand is beschadigd.
Volg de aanwijzingen op het scherm die u helpen de gegevens te herstellen.
Opnemen niet beschikbaar in dit filmformaat.
• Stelt [Bestandsindeling] in [MP4].
Beeldvergroting onmogelijk.
Beeldrotatie onmogelijk.
• Beelden die met andere camera's zijn opgenomen, zullen mogelijk niet kunnen worden vergroot of
geroteerd.
190NL
Vervolg r
• U hebt geprobeerd beelden te wissen zonder dat u beelden hebt opgegeven.
Geen beelden gewijzigd.
• U hebt geprobeerd DPOF uit te voeren zonder dat u beelden hebt opgegeven.
Inhoudsopgave
Geen beelden geselecteerd.
Kan geen mappen meer maken.
Voorbeeldfoto
• Er staat een map met een naam die begint met "999" op de geheugenkaart. Als dat het geval is, kunt u
geen mappen maken.
Menu
Index
191NL
Overige
Opmerking
• Een elektronische spanningsomvormer is niet nodig en gebruik ervan kan een storing veroorzaken.
Over tv-kleursystemen
Voorbeeldfoto
U kunt de netspanningsadapter (bijgeleverd) en de netspanningsadapter AC-PW20 (los
verkrijgbaar) gebruiken in elk land of gebied met een stroomvoorziening van 100 V tot
240 V wisselstroom van 50 Hz/60 Hz.
Inhoudsopgave
De camera in het buitenland
gebruiken
De camera neemt automatisch waar wat het kleursysteem is van het aangesloten
videoapparaat en past zich daarbij aan.
Bahama's, Bolivia, Canada, Chili, Colombia, Ecuador, Filippijnen, Jamaica, Japan,
Korea, Mexico, Midden-Amerika, Peru, Suriname, Taiwan, Venezuela, Verenigde
Staten, enzovoort.
Menu
NTSC-systeem
PAL-systeem
Index
Australië, België, China, Denemarken, Duitsland, Finland, Hongarije, Hongkong, Italië,
Indonesië, Koeweit, Kroatië, Maleisië, Nederland, Nieuw-Zeeland, Noorwegen,
Oostenrijk, Polen, Portugal, Roemenië, Singapore, Slowakije, Spanje, Thailand,
Tsjechië, Turkije, Verenigd Koninkrijk, Vietnam, Zweden, Zwitserland, enzovoort.
PAL-M-systeem
Brazilië
PAL-N-systeem
Argentinië, Paraguay, Uruguay
SECAM-systeem
Bulgarije, Frankrijk, Griekenland, Guyana, Irak, Iran, Monaco, Oekraïne, Rusland,
enzovoort.
192NL
U kunt de volgende geheugenkaarten in deze camera gebruiken: "Memory Stick PRO
Duo", "Memory Stick PRO-HG Duo", SD-geheugenkaart, SDHC-geheugenkaart en
SDXC-geheugenkaart. Een MultiMedia Card kunt u niet gebruiken.
Inhoudsopgave
Geheugenkaart
Opmerkingen
Voorbeeldfoto
Menu
Index
• De juiste werking in deze camera van geheugenkaarten die op een computer zijn geformatteerd, kan niet
worden gegarandeerd.
• De lees-/schrijfsnelheid van gegevens verschilt afhankelijk van de combinatie van de geheugenkaart en
de apparatuur die wordt gebruikt.
• Verwijder niet de geheugenkaart terwijl gegevens worden gelezen of weggeschreven.
• Gegevens kunnen beschadigd raken in de volgende gevallen:
– Wanneer de geheugenkaart uit de camera wordt verwijderd of het toestel wordt uitgezet tijdens het
lezen of wegschrijven van gegevens
– Wanneer de geheugenkaart wordt gebruikt op locaties waar veel statische elektriciteit of elektrische
ruis is
• We raden u aan belangrijke gegevens op te slaan op bijvoorbeeld de harde schijf van een computer.
• Plak niet een etiket op de geheugenkaart zelf en ook niet op de geheugenkaartadapter.
• Raak niet de contactpunten van de geheugenkaart aan met uw hand of met een metalen voorwerp.
• Zorg dat u de geheugenkaart nergens tegenaan stoot, niet verbuigt en niet laat vallen.
• Demonteer de geheugenkaart niet en breng er geen wijzigingen in aan.
• Stel de geheugenkaart niet bloot aan water.
• Laat de geheugenkaart niet liggen binnen het bereik van kleine kinderen. Zij zouden deze per ongeluk
kunnen inslikken.
• De geheugenkaart kan als deze pas lang is gebruikt, heet zijn. Wees voorzichtig als u de kaart vastpakt.
• Gebruik of bewaar de geheugenkaart niet in de volgende omstandigheden:
– Plaatsen waar een hoge temperatuur heerst, zoals in een auto die in de zon is geparkeerd en waarin het
erg heet is
– Plaatsen die zijn blootgesteld aan direct zonlicht
– Op vochtige plaatsen of plaatsen waar zich bijtende stoffen bevinden
• Beelden die zijn vastgelegd op een SDXC-geheugenkaart kunnen worden geïmporteerd of afgespeeld op
computers of AV-apparaten die niet geschikt zijn voor exFAT. Controleer of het apparaat geschikt is
voor exFAT voordat u het op de camera aansluit. Als u uw camera op een ongeschikt apparaat aansluit,
zult u misschien worden gevraagd de kaart te formatteren. Formatteer nooit de kaart als reactie op deze
melding, omdat alle gegevens op de kaart zullen worden gewist, als u dat doet. (exFAT is het
bestandssysteem dat wordt gebruikt op SDXC-geheugenkaarten.)
"Memory Stick"
De typen "Memory Stick" die met deze camera kunnen worden gebruikt, worden in de
onderstaande tabel vermeld. Er kan echter niet worden gegarandeerd dat alle functies van
de "Memory Stick" naar behoren werken.
"Memory Stick PRO Duo"1) 2) 3)
Beschikbaar bij uw camera
"Memory Stick PRO-HG Duo"1) 2)
"Memory Stick Duo"
Niet beschikbaar bij uw camera
"Memory Stick" en "Memory
Stick PRO"
Niet beschikbaar bij uw camera
193NL
Vervolg r
1)
• Dit product is geschikt voor "Memory Stick Micro" ("M2"). "M2" is een afkorting van
"Memory Stick Micro".
• Wanneer u "Memory Stick Micro" in de camera wilt gebruiken, is het belangrijk dat u
de "Memory Stick Micro" in een "M2"-adapter steekt ter grootte van Duo-formaat. Als
u een "Memory Stick Micro" in de camera plaatst zonder een "M2"-adapter van Duoformaat, kunt u de Memory Stick misschien niet meer uit de camera halen.
• Houd "Memory Stick Micro" buiten bereik van kleine kinderen. Zij zouden deze per
ongeluk kunnen inslikken.
Voorbeeldfoto
Opmerkingen over het gebruik van "Memory Stick Micro"
(los verkrijgbaar)
Inhoudsopgave
Voorzien van de functie MagicGate. MagicGate is technologie voor copyright-beveiliging die gebruik
maakt van encryptie-technologie. Het opnemen/afspelen van gegevens waarvoor functies van
MagicGate zijn vereist, is met deze camera niet mogelijk.
2)
Ondersteunt zeer snelle gegevensoverdracht door middel van een parallelle interface.
3) Wanneer u "Memory Stick PRO Duo" gebruikt voor het opnemen van films, kunnen alleen die met het
merkteken Mark2 worden gebruikt.
Menu
Index
194NL
Over het opladen van de accu
U kunt de accu het beste opladen bij een omgevingstemperatuur tussen 10 °C en 30 °C.
De accu zal misschien niet goed worden opgeladen bij temperaturen buiten dit bereik.
Voorbeeldfoto
Uw camera werkt alleen met een "InfoLITHIUM"-accu van het type NP-FW50. U kunt
geen andere accu's gebruiken. "InfoLITHIUM"-accu's van de W-serie hebben de
markering
.
Een "InfoLITHIUM"-accu is een lithium-ion accu die functies heeft voor het met de
camera uitwisselen van informatie over de bedieningsomstandigheden.
De "InfoLITHIUM"-accu berekent het stroomverbruik uitgaande van de
omstandigheden waaronder uw camera wordt gebruikt en toont de resterende accugebruikstijd in percentages.
Inhoudsopgave
"InfoLITHIUM"-accu
Effectief gebruik van de accu
Menu
Index
• Bij lage temperaturen presteert de accu minder goed. Dus in de kou is de bedrijfstijd
van de accu korter. U kunt ervoor zorgen dat de accu langer zijn werk doet, door deze
in een zak van uw kleding dicht op uw lichaam op te warmen en in de camera te
plaatsen kort voordat u opnamen gaat maken.
• De accu zal snel leeg raken als u de flitser vaak gebruikt of vaak films opneemt.
• Wij adviseren u reserveaccu's paraat te hebben en proefopnamen te maken voordat u
de werkelijke opnamen maakt.
• Laat de accu niet nat worden. De accu is niet bestand tegen water.
• Laat de accu niet liggen op zeer warme plaatsen, zoals in een voertuig of in direct
zonlicht.
Over de indicator van resterend vermogen van de accu
• U kunt het niveau controleren met de volgende indicatoren en percentages die worden
weergegeven op het LCD-scherm.
"Accu leeg"
Accuniveau
Hoog
laag
U kunt geen beelden meer
opnemen.
• Wanneer de camera zichzelf uitschakelt ook al duidt de indicator van het resterend
vermogen van de accu aan dat u nog voldoende vermogen heeft voor het maken van
opnamen, moet u de accu volledig opnieuw opladen. Het resterend vermogen van de
accu zal nu goed worden aangeduid. Bedenk echter wel dat de accu-indicatie niet zal
worden hersteld als de accu lange tijd bij hoge temperaturen is gebruikt, als u de accu
nadat u die volledig hebt opgeladen, opbergt of wanneer de accu vaak wordt gebruikt.
Gebruik de aanduiding van het resterend vermogen van de accu alleen als een ruwe
richtlijn.
195NL
Vervolg r
Over levensduur van de accu
• De levensduur van de accu is beperkt. De capaciteit van de accu neemt na verloop van
tijd en door herhaald gebruik af. Als de gebruikstijd tussen oplaadbeurten aanzienlijk
afneemt, is het waarschijnlijk tijd de accu te vervangen door een nieuwe.
• De levensduur van de accu wordt bepaald door de manier waarop deze wordt
opgeborgen en door de omstandigheden en omgeving waarin de accu wordt gebruikt.
Voorbeeldfoto
• Ontlaad de accu volledig voordat u deze op een koele droge plaats opbergt. U kunt de
accu blijven gebruiken als u deze ten minste eens per jaar oplaadt en volledig ontlaadt
in de camera.
• U kunt het vermogen van de accu opgebruiken door de camera in de stand voor de
diavoorstelling te laten staan totdat het toestel zichzelf uitschakelt.
• Voorkom dat de contactpunten vuil worden, worden kortgesloten enzovoort en
gebruik daarom een plastic zakje om contact met metalen materialen te vermijden
wanneer u de accu bij u draagt of opbergt.
Inhoudsopgave
Zo bewaart u de accu
Menu
Index
196NL
Voorbeeldfoto
Menu
Index
• Alleen accu's van het type NP-FW50 kunnen worden opgeladen (en geen andere). Als
u andere accu's dan de bijgeleverde accu probeert op te laden, kunnen deze gaan
lekken, oververhit raken of exploderen, waardoor gevaar van letsel als gevolg van
elektrische schok en brandwonden ontstaat.
• Neem de netspanningsadapter uit het stopcontact of koppel de USB-kabel los van de
camera. De levensduur van de accu kan afnemen als u de accu opgeladen in de camera
laat zitten.
• De Laadlamp die zich opzij van de camera bevindt, kan op twee manieren knipperen:
Snel: Het lampje gaat regelmatig aan en uit met tussenpozen van ongeveer
0,3 seconde.
Langzaam: Het lampje gaat regelmatig aan en uit met tussenpozen van ongeveer
1,3 seconde.
• Wanneer het laadlampje snel knippert, verwijdert u de accu die wordt opgeladen en
plaatst u dezelfde accu vervolgens weer stevig in de camera, of verbreek de aansluiting
van de USB-kabel en sluit de USB-kabel weer aan. Wanneer het laadlampje weer snel
knippert, kan dit wijzen op een storing van de accu of op een verwisseling van de accu
van het aangewezen type met een andere accu, of kan erop wijzen dat er iets mis is met
de netspanningsadapter of de USB-kabel. Controleer dat de accu van het opgegeven
type is en dat de netspanningsadapter of de USB-kabel in orde is. Als de accu van het
opgegeven type is, verwijdert u de accu, vervangt u deze door een nieuwe of een
andere en controleert u dat de accu goed wordt opgeladen. Als de accu nu wel goed
wordt opgeladen, kan er sprake zijn geweest van een storing van de accu. Als een
andere accu ook niet goed wordt opgeladen, kan het zijn dat de netspanningsadapter of
de USB-kabel beschadigd is. Vervang de netspanningsadapter of de USB-kabel door
een andere en controleer dat de accu goed wordt opgeladen.
• Wanneer het laadlampje langzaam knippert, is dit een indicatie dat de camera het laden
tijdelijk op stand-by zet. De camera stopt met laden en gaat automatisch naar de status
stand-by als de temperatuur buiten de aanbevolen bedrijfstemperatuur komt te liggen.
Wanneer de temperatuur weer binnen het normale bereik komt, gaat de camera verder
met laden en gaat het laadlampje weer branden. U kunt de accu het beste opladen bij
een omgevingstemperatuur tussen 10 °C en 30 °C.
Inhoudsopgave
Accu wordt opgeladen
197NL
Met een Montage-adapter (los verkrijgbaar), kunt u een lens met een Montagestuk A (los
verkrijgbaar) op uw camera zetten. Zie voor meer informatie de bedieningsinstructies die
worden geleverd bij de Montage-adapter.
Inhoudsopgave
Montage-adapter
Voorbeeldfoto
Menu
Welke functies beschikbaar zijn hangt af van het type Montage-adapter.
Functies
LA-EA1
LA-EA2
Aut. scherpst.
Alleen beschikbaar met de
SAM/SSM-lens*
Beschikbaar
Contrast AF
Fase-detectie AF
AF/MF-selectie
Omschakelbaar op de lens
SAM-lens: omschakelbaar op
de lens
SSM-lens: omschakelbaar op
de lens en op het menu wanneer
de schakelaar op de lens is
ingesteld op AF
Andere lenzen: omschakelbaar
in het menu
AF-gebied
Multi/Midden/Flexibel punt
Groothoek/Spot/Lokaal
Autom. scherpst.
Enkel
Enkel/Doorlopend
Index
AF-systeem
* De snelheid van de automatische scherpstelling zal lager zijn dan wanneer een lens met een Montagestuk
E op het toestel is gezet. (Wanneer een lens met een Montagestuk A is bevestigd, zal de snelheid van de
automatische scherpstelling ongeveer 2 seconden tot 7 seconden zijn, wanneer u opnamen maakt onder
Sony-meetcondities. De snelheid kan variëren afhankelijk van het onderwerp, het omgevingslicht, enz.)
198NL
Vervolg r
LA-EA1
De camera bepaalt welk van de 25 AF-gebieden wordt gebruikt
voor het scherpstellen.
(Midden)
De camera gebruikt uitsluitend het AF-gebied in het midden.
(Flexibel punt)
U kunt het scherpstelgebied verplaatsen naar een klein
onderwerp of smal gebied door op de boven-/onder-/rechter-/
linkerzijde van de draaiknop te drukken.
LA-EA2
De camera bepaalt welk van de 15 -gebieden wordt gebruikt
voor het scherpstellen.
(Punt)
De camera gebruikt uitsluitend het AF-gebied in het midden.
(Lokaal)
Kies met de draaiknop het gebied waarvoor u de scherpstelling
wilt activeren uit 15 AF-gebieden.
Menu
(Breed)
Voorbeeldfoto
(Multi)
Inhoudsopgave
Welke instellingen van [AF-gebied] beschikbaar zijn hangt af van het type Montageadapter.
Opmerkingen
Index
• U kunt met sommige lenzen de Montage-adapter mogelijk niet gebruiken. Neem contact op met uw
Sony-dealer of de plaatselijke technische dienst van Sony en vraag informatie over de lenzen die geschikt
zijn.
• Druk, wanneer u de Montage-adapter gebruikt en films opneemt, de ontspanknop half in als u
automatische scherpstelling wilt gebruiken.
• U kunt het AF-hulplicht niet gebruiken wanneer u een lens met een Montagestuk A gebruikt.
• Het geluid van de lens en de camera in bedrijf kan worden opgenomen tijdens het maken van films. U
kunt dit voorkomen door MENU t [Instellingen] t [Filmgeluid opnemen] t [Uit] te selecteren.
• Het kan lang duren voordat de camera scherpstelt of het scherpstellen kan moeilijk verlopen, afhankelijk
van de lens die wordt gebruikt of het onderwerp.
• Het licht van de flitser kan worden geblokkeerd door de bevestigde lens.
199NL
Voorbeeldfoto
Wanneer u een Elektronische zoeker (los verkrijgbaar) op de Handige
Accessoiresaansluiting 2 van de camera bevestigt, kunt u opnamen maken terwijl u door
de Elektronische zoeker kijkt.
Zet de camera uit wanneer u een Elektronische zoeker bevestigt of verwijdert.
Zie voor meer informatie de bedieningsinstructies die bij de Elektronische zoeker
worden geleverd.
Inhoudsopgave
Elektronische zoeker
Menu
Lijst van pictogrammen
Index
Alleen de belangrijkste opties worden in de Elektronische zoeker getoond. Zie bladzijde
16 voor wat alle pictogrammen aanduiden.
Opmerkingen
• Het LCD-scherm wordt uitgeschakeld wanneer u de Elektronische zoeker gebruikt.
• Als u de Elektronische zoeker lang achtereen gebruikt, kan de Elektronische zoeker warm worden. De
camera geeft dan
weer en schakelt automatisch over op weergave op het LCDscherm.
• Wanneer
verschijnt, kunt u de Elektronische zoeker weer aansluiten.
200NL
Menu
Vastleggen op en afspelen met uw camera
Voorbeeldfoto
Het AVCHD-formaat is een High Definition-formaat voor de digitale videocamera dat
met behulp van efficiënte coderingstechnologie voor gegevenscompressie wordt
gebruikt voor het vastleggen van een High Definition-signaal (HD) van de 1080ispecificatie1) of de 720p-specificatie2). Het MPEG-4 AVC/H.264-formaat wordt ingezet
voor het comprimeren van videogegevens en het Dolby Digital- of het Linear PCMsysteem wordt gebruikt voor het comprimeren van audiogegevens.
Het MPEG-4 AVC/H.264-formaat kan beelden efficiënter comprimeren dan de
conventionele beeldcompressieformaat. Met het MPEG-4 AVC/H.264-formaat kan een
High Definition-videosignaal dat is opgenomen met een digitale videocamcorder, op
8-cm DVD's, een vaste schijf, flashgeheugen, geheugenkaart, enz. worden vastgelegd.
Schijven die zijn opgenomen met HD-beeldkwaliteit (high definition), kunnen alleen
worden afgespeeld op apparaten die geschikt zijn voor het AVCHD-formaat. DVDspelers of -recorders kunnen geen schijven van HD-beeldkwaliteit afspelen omdat ze
ongeschikt zijn voor het AVCHD-formaat. Het is bovendien mogelijk dat DVD-spelers
of -recorders schijven met opnamen in HD-beeldkwaliteit niet kunnen uitwerpen.
Inhoudsopgave
AVCHD-formaat
Op basis van het AVCHD-formaat maakt uw camera opnamen in de High Definition
beeldkwaliteit (HD), die hieronder wordt genoemd.
Index
Videosignaal3): Toestel geschikt voor 1080 60i
MPEG-4 AVC/H.264 1920 × 1080/60i, 1920 × 1080/24p
Toestel geschikt voor 1080 50i
MPEG-4 AVC/H.264 1920 × 1080/60i, 1920 × 1080/25p
Audiosignaal: Dolby Digital 2ch
Opnamemedia: Geheugenkaart
1)
1080i-specificatie
Een high definition-specificatie die gebruik maakt van 1.080 effectieve scanlijnen en het interlacesysteem.
2) 720p-specificatie
Een high definition-specificatie die gebruik maakt van 720 effectieve scanlijnen en het progressivesysteem.
3) Gegevens vastgelegd in een ander AVCHD-formaat dan de hierboven genoemde, kunnen niet op uw
camera worden afgespeeld.
201NL
De camera reinigen
* Gebruik niet een spuitbus met perslucht. Hierdoor kan een storing optreden.
• Maak de buitenkant van de camera schoon met een zachte doek bevochtigd met water
en veeg het oppervlak daarna droog met een droge doek. Gebruik de onderstaande
middelen niet, omdat deze de afwerking of het camerahuis kunnen beschadigen.
– Chemische stoffen, zoals thinner, wasbenzine, alcohol, wegwerpreinigingsdoeken,
insectenspray, zonnebrandcrème, insekticiden enzovoort.
– Raak de camera niet aan met bovenstaande middelen aan uw handen.
– Laat de camera niet langdurig in contact met rubber of vinyl.
Index
• Gebruik geen reinigingsvloeistof die organische oplosmiddelen bevat, zoals thinner of
benzine.
• Reinig het lensoppervlak met een in de handel verkrijgbaar blaasborsteltje. Als het vuil
vastzit op het oppervlak, veegt u dit eraf met een zachte doek of tissue die licht
bevochtigd is met lensreinigingsvloeistof. Veeg met spiraalbewegingen vanuit het
midden naar de rand. Spuit de lensreinigingsvloeistof niet rechtstreeks op het
lensoppervlak.
Menu
Reiniging van de lens
Voorbeeldfoto
• Raak de binnenkant van de camera, zoals de lenscontactpunten, niet aan. Blaas stof
weg van binnen de vatting met een in de handel verkrijgbaar blaasborsteltje*. Meer
informatie over het reinigen van de beeldsensor vindt u op de bladzijde 156.
Inhoudsopgave
Reiniging
202NL
Index
Cijfers
C
3D-panor. d. beweg. ........................................... 58
Computer ..........................................................171
3D-weergave .................................................... 170
Aanbevolen omgeving ................................171
Inhoudsopgave
Index
Continue opname ................................................44
Contrast ...............................................................98
Aansluiting
Creatief met foto's ...............................................32
Computer .................................................... 176
Creatieve stijl ......................................................98
Tv ............................................................... 168
CTRL.VOOR HDMI ........................................154
AdobeRGB ....................................................... 122
D
AEL-knop ........................................................ 140
D. handm. sch. ....................................................66
AF/MF-selectie .................................................. 66
D.-bereikopt. .......................................................94
Afdrukken ........................................................ 182
Datum/tijd instellen ..........................................143
AF-gebied .......................................................... 68
Datumformaat ...................................................143
AF-hulplicht ..................................................... 108
Demomodus ......................................................158
Afspeelweergave .............................................. 152
Diafragma ...........................................................63
Anti-bewegingsonscherpte ................................. 55
Diafragmavoorkeuze ..........................................63
Aut. scherpst. ..................................................... 66
Diavoorstelling .................................................100
Auto HDR .......................................................... 95
Digitale Zoom ...................................................117
Directe handmatige scherpstelling .....................66
Autom. programma ............................................ 64
Disk-creatie .......................................................178
Autom. scherpst. ................................................ 69
DISP ...................................................................39
Autom.weergave .............................................. 112
DISP-knop (scherm) ...........................................80
Automatisch flitsen ............................................ 65
DPOF ................................................................107
AVCHD ..................................................... 86, 201
Draaiknop ...........................................................19
B
DRO/Auto HDR .................................................94
Beeld-DB herstellen ......................................... 165
E
Beeldformaat ...................................................... 81
Eco-stand ..........................................................146
Beeldindex ................................................. 49, 102
Eigen toetsinstellingen ......................................137
Beeldverhouding ................................................ 83
Eigen witbalans ..................................................90
Belicht.corr. ....................................................... 42
Eindsynchron. .....................................................65
Bestandsindeling ................................................ 86
Enkelv. AF ..........................................................69
Bestandsnummer .............................................. 161
Eye-Fi-kaart ......................................................167
Beveiligen ........................................................ 104
Eye-Start AF .....................................................125
Bracket: continu ................................................. 48
Index
Auto Port. Kadering ........................................... 77
Menu
AEL schakelen ................................................. 140
Voorbeeldfoto
A
"BRAVIA" Sync .............................................. 169
F
Breedbeeld ....................................................... 151
Filmgeluid opnemen .........................................133
BULB ................................................................. 61
Flexibel punt .......................................................68
Flitscompensatie .................................................93
Flitser uit .............................................................65
Flitsfunctie ..........................................................65
Flitslicht ..............................................................65
203NL
Vervolg r
Lenscomp.: schaduw ........................................129
Foto-effect .................................................... 37, 96
Lenscomp.: vervorming ....................................131
G
Levendigheid ......................................................36
Lichtmeetfunctie .................................................92
Geheugenkaart ................................................. 193
Lijst opnametips .................................................79
Gezichtsherkenning ........................................... 73
LiveView-weergave .........................................111
Inhoudsopgave
Formatteren ...................................................... 160
Gezichtsprioriteit volgen .................................. 132
M
Mac ...................................................................173
Macro ..................................................................53
H. scherpst. ........................................................ 66
Mapnaam ..........................................................162
Handm. belichting .............................................. 60
Menu ...................................................................21
HDMI-resolutie ................................................ 153
Beeldformaat .................................................23
Helder Beeld Zoom .......................................... 116
Camera ..........................................................22
Helderheid .......................................................... 34
Helderheid/kleur ...........................................23
Helderheid zoeker ............................................ 149
Instellingen ....................................................24
Help-scherm ..................................................... 145
Opn.modus ....................................................21
Weergave ......................................................24
Menustartpositie ...............................................136
Image Data Converter ...................................... 174
MF Assist ..........................................................120
"InfoLITHIUM"-accu ...................................... 195
MF-hulptijd .......................................................121
Inhoud weergeven .............................................. 39
Midden ..........................................................68, 92
Inst. FINDER/LCD .......................................... 110
MP4 ....................................................................86
Inst. uploaden ................................................... 167
Multi .............................................................68, 92
Installeren ......................................................... 173
Instellingen ......................................................... 24
N
Invulflits ............................................................. 65
Nachtportret ........................................................53
ISO ..................................................................... 88
Nachtscène ..........................................................53
J
Nieuwe map ......................................................164
NR bij hoge-ISO ...............................................128
JPEG .................................................................. 84
NR lang-belicht ................................................127
K
O
Kaartruimte weerg. .......................................... 166
Object volgen ......................................................70
Kleur .................................................................. 35
Onderdelen herkennen ........................................12
Kleur weergeven .............................................. 150
Opn. zonder lens ...............................................124
Kleurenruimte .................................................. 122
Opname ...............................................................27
Kleurfilter ........................................................... 90
Film ...............................................................27
Kleurtemp. ......................................................... 90
Stilstaand beeld .............................................27
Kwaliteit ............................................................. 84
Opname-instelling ..............................................87
L
Index
I
Menu
H
Voorbeeldfoto
Gezichtsregistratie ............................................. 74
Opnamemap kiezen ..........................................163
Lach-sluiter ........................................................ 75
P
Landschap .......................................................... 53
Panorama ............................................................56
Langz.flitssync. .................................................. 65
Panorama d. beweg. ............................................56
LCD-helderheid ............................................... 148
Panoramarichting ................................................85
204NL
Lenscomp.: Chrom. afw. .................................. 130
Vervolg r
V
Pieptoon ........................................................... 141
Vergroot ............................................................105
PlayMemories Home ....................................... 174
Vergrote weergave ..............................................30
Portret ................................................................. 53
Versie ................................................................157
Printen opgeven ............................................... 107
Verzadiging ........................................................98
Problemen oplossen ......................................... 183
Volume-instellingen .........................................106
Inhoudsopgave
Pictogrammen .................................................... 16
Programma Versch. ........................................... 64
W
Waarschuwingsberichten ..................................189
Weergave ............................................................29
Reinigen ........................................................... 156
Weergave op tv .................................................168
Reliëfkleur ....................................................... 115
Weergave scrollen ..............................................57
Reliëfniveau ..................................................... 114
Weergave zoomen ..............................................30
Rode ogen verm. .............................................. 109
Weergavefunctie ...............................................101
Roteren ............................................................. 103
Windows ...........................................................173
S
Windruis reductie .............................................134
S. Auto Image Extract. ..................................... 119
Wissen ..........................................................31, 99
Witbalans ............................................................89
Scèneherkenning .......................................... 27, 50
Z
Schemeropn. uit hand ........................................ 54
Zachte-huideffect ................................................78
Scherpte ............................................................. 98
Zelfontsp.(Cont.) ................................................47
Slim automatisch ................................................ 50
Zelfontspanner ....................................................46
Sluitergordijn voorzijde ................................... 126
Zelfportret Zelfontspanner ................................118
Sluitertijd ........................................................... 62
Zomertijd ..........................................................143
Sluitertijdvoorkeuze ........................................... 62
Zonsondergang ...................................................53
Snelh. continutr. ................................................. 45
Zoom ...................................................................71
Index
Scènekeuze ......................................................... 53
Menu
RAW .................................................................. 84
Voorbeeldfoto
R
Soft-keys ............................................................ 20
Software ........................................................... 173
Sportactie ........................................................... 53
Spot .................................................................... 92
sRGB ................................................................ 122
SteadyShot ....................................................... 123
Stramienlijn ...................................................... 113
Stroombesparing .............................................. 147
Superieur Auto ................................................... 52
T
Taal .................................................................. 142
Terugstellen ..................................................... 159
Tijdzone instellen ............................................. 144
Transportfunctie ................................................. 43
U
USB-verbinding ............................................... 155
205NL
Index
Over toegepaste GNU GPL/LGPL-software
Menu
DIT PRODUCT HEEFT DE LICENTIE KRACHTENS DE AVCOCTROOIPORTEFEUILLE-LICENTIE VOOR HET PERSOONLIJKE EN NIETCOMMERCIËLE GEBRUIK VAN EEN CONSUMENT VOOR HET
(i) CODEREN VAN VIDEO IN OVEREENSTEMMING MET DE AVC-NORM
("AVC-VIDEO")
EN/OF
(ii) HET DECODEREN VAN AVC-VIDEO DIE IS GECODEERD DOOR EEN
CONSUMENT IN HET KADER VAN EEN PERSOONLIJKE EN NIETCOMMERCIËLE ACTIVITEIT EN/OF VERKREGEN VAN EEN VIDEOPROVIDER DIE EEN LICENTIE HEEFT AVC-VIDEO AAN TE BIEDEN.
ER WORDT GEEN LICENTIE VERLEEND OF GEÏMPLICEERD VOOR ENIG
ANDER GEBRUIK.
AANVULLENDE INFORMATIE KAN WORDEN VERKREGEN VAN MPEG LA,
L.L.C.
ZIE
HTTP://WWW.MPEGLA.COM
Voorbeeldfoto
"C Library"-, "zlib"- en "libjpeg"-software wordt bij de camera geleverd. Wij leveren
deze software op basis van licentieovereenkomsten met de eigenaren van het
auteursrecht. Op basis van verzoeken van de eigenaren van het auteursrecht van deze
softwareapplicatie, hebben wij de verplichting u van het volgende in kennis te stellen.
Wij verzoeken u de volgende gedeelten te lezen.
Lees "license3.pdf" in de "License"-map op de cd-rom. U vindt daar de licenties (in het
Engels) van "C Library"-, "zlib"- en "libjpeg"-software.
Inhoudsopgave
Opmerkingen over de licentie
De software die in aanmerking komt voor de volgende GNU General Public License
(hierna te noemen "GPL") of GNU Lesser General Public License (hierna te noemen
"LGPL"), is in de camera opgenomen.
Dit brengt u ervan op de hoogte dat u het recht hebt broncode te openen, te wijzigen en
opnieuw te distribueren voor deze softwareprogramma's krachtens de condities van de
geleverde GPL/LGPL (Algemene Openbare Licentie/Mindere Algemene Openbare
Licentie).
Broncode wordt aangeboden op het WWW. U kunt deze downloaden met behulp van de
volgende URL.
http://www.sony.net/Products/Linux/
Wij willen liever niet dat u contact met ons opneemt over de inhoud van de broncode.
Lees "license2.pdf" in de "License"-map op de cd-rom. U vindt daar de licenties (in het
Engels) van "GPL"-, en "LGPL"-software.
Als u de PDF wilt inzien, hebt u Adobe Reader nodig. Als het programma niet op uw
computer is geïnstalleerd, kunt u het downloaden van de volgende Adobe Systemswebpagina:
http://www.adobe.com/
206NL
Was this manual useful for you? yes no
Thank you for your participation!

* Your assessment is very important for improving the work of artificial intelligence, which forms the content of this project

Download PDF

advertising