Sony | DSC-W290 | Sony DSC-W290 W290 Digitale compactcamera Gebruiksaanwijzing

Inhoud
Zoeken op
bediening
Zoeken in MENU/
Instellingen
Index
Cyber-shot-handboek
DSC-W270/W275/W290
© 2009 Sony Corporation
4-125-475-72(1)
NL
Gebruik van dit handboek
Inhoud
Klik op een toets in de rechterbovenhoek om naar de betreffende pagina te verspringen.
Dit is handig wanneer u een functie zoekt waarover u wilt lezen.
Inhoud
Zoeken naar informatie op functie.
Zoeken in MENU/
Instellingen
Zoeken naar informatie in een lijst met
MENU/Instellingen.
Markeringen en notatie gebruikt in dit handboek
Zoeken in MENU/
Instellingen
Index
Zoeken naar informatie op trefwoord.
Zoeken op
bediening
Zoeken op
bediening
Zoeken naar informatie op bediening.
Index
In dit handboek wordt de volgorde van de
bedieningen aangegeven door pijlen (t).
Bedien de camera in de aangegeven
volgorde. Markeringen worden afgebeeld
zoals ze worden verschijnen in de
standaardinstellingen van de camera.
De standaardinstelling wordt aangegeven
met .
Dit geeft voorzorgen en beperkingen aan
die betrekking hebben op de correcte
bediening van de camera.
Dit geeft informatie aan die nuttig is om te
weten.
2NL
"Memory Stick": U kunt
geen "Memory Stick"
gebruiken met de camera.
Opmerkingen over het LCD-scherm en
de lens
• Het LCD-scherm is vervaardigd met behulp van
uiterste precisietechnologie zodat meer dan
99,99% van de beeldpunten effectief werkt.
Echter, enkele kleine zwarte en/of heldere
punten (wit, rood, blauw of groen) kunnen
zichtbaar zijn op het LCD-scherm. Deze punten
zijn een normaal gevolg van het productieproces
en hebben géén invloed op de opnamen.
• Voor verdere informatie over de "Memory Stick
Duo", zie pagina 139.
"Memory Stick
Duo"-adapter
Opmerkingen over de accu
• Laad de accu (bijgeleverd) op voordat u de
camera voor het eerst gebruikt.
• U kunt de accu opladen ook als deze niet
volledig leeg is. Bovendien, zelfs als de accu
niet volledig is opgeladen, kunt u de
gedeeltelijke lading van de accu gebruiken.
• Als u de accu gedurende een lange tijd niet
denkt te gaan gebruiken, verbruikt u de
resterende acculading, haalt u de accu uit de
camera, en bewaart u de accu op een koele,
droge plaats. Dit dient om de functies van de
accu te behouden.
• Voor verdere informatie over bruikbare accu’s,
zie pagina 141.
• Als het LCD-scherm of de lens langdurig wordt
blootgesteld aan direct zonlicht, kan dit tot
defecten leiden. Wees voorzichtig wanneer u de
camera bij een venster of buiten neerzet.
• Druk niet op het LCD-scherm. Het scherm kan
dan verkleuren, waardoor een storing wordt
veroorzaakt.
• In een koude omgeving kunnen de beelden op
het LCD-scherm nasporen vertonen. Dit is geen
defect.
• Wees voorzichtig dat u niet tegen de
beweegbare lens stoot en let erop dat er geen
kracht op wordt uitgeoefend.
Index
Bij gebruik van een "Memory Stick
Duo" in een "Memory Stick"compatibel apparaat
U kunt de "Memory Stick Duo" gebruiken
door deze in de "Memory Stick Duo"-adapter
(los verkrijgbaar) te steken.
Zwarte, witte, rode, blauwe
of groene puntjes
Zoeken in MENU/
Instellingen
Andere geheugenkaarten kunnen niet
worden gebruikt.
Zoeken op
bediening
Opmerkingen over de typen "Memory
Stick" die u kunt gebruiken (los
verkrijgbaar)
"Memory Stick Duo": U kunt
een "Memory Stick Duo"
gebruiken met de camera.
Inhoud
Opmerkingen over het gebruik
van de camera
De beelden in dit handboek
De beelden die in dit handboek gebruikt worden
als voorbeeld, zijn gereproduceerde beelden die
niet daadwerkelijk met de camera zijn opgenomen.
Over de afbeeldingen
De afbeeldingen in dit handboek zijn van de
DSC-W290, behalve indien anderszins vermeld.
Carl Zeiss-lens
De camera is uitgerust met een lens van Carl Zeiss
die in staat is scherpe beelden met een uitstekend
contrast te reproduceren.
De lens van de camera is geproduceerd onder een
kwaliteitsborgingssysteem dat is gecertificeerd
door Carl Zeiss in overeenstemming met de
kwaliteitsnormen van Carl Zeiss in Duitsland.
3NL
Inhoud
Inhoud
Opmerkingen over het gebruik van de
camera
Zoeken op
bediening
Zoeken in MENU/
Instellingen
Gebruik van dit handboek ····································· 2
Opmerkingen over het gebruik van de camera ····· 3
Zoeken op bediening············································· 7
Zoeken in MENU/Instellingen······························ 10
Plaats van de onderdelen ··································· 14
De functiekeuzeknop gebruiken·························· 15
De DISP (schermweergave-)instelling
veranderen ·························································· 16
Het interne geheugen gebruiken························· 18
Index
Opnemen
Slim automatisch instellen··································· 19
Scènekeuze ························································ 20
Eenvoudig opnemen ··········································· 22
Bewegende beeldn ············································· 24
Autom. Programma ············································· 25
Lach-sluiter·························································· 26
Zoom ··································································· 27
Zelfontsp. ···························································· 28
Macro ·································································· 29
Flitser ·································································· 30
Weergeven
Stilstaande beelden weergeven ·························· 31
Weergavezoom ··················································· 32
Beeldindex ·························································· 33
Wissen ································································ 34
Bewegende beelden weergeven························· 35
4NL
Inhoud
MENU (Opnemen)
MENU-onderdelen (Opnemen) ··························· 10
MENU (Weergeven)
Instellingen
Televisie
Beelden weergeven op een televisie ················ 103
Zoeken in MENU/
Instellingen
Instellingen ·························································· 12
Zoeken op
bediening
MENU-onderdelen (Weergeven)························· 11
Index
Computer
Werken met uw Windows-computer ················· 106
De software (bijgeleverd) installeren················· 108
Over "PMB (Picture Motion Browser)"
(bijgeleverd) ······················································ 109
Van de beelden genieten op een computer ······ 110
"Music Transfer" (bijgeleverd) gebruiken ·········· 114
Uw Macintosh-computer gebruiken··················· 115
"Geavanceerde Cyber-shot-handleiding"
weergeven························································· 118
Afdrukken
Stilstaande beelden afdrukken·························· 119
Rechtstreeks beelden afdrukken op een
PictBridge-compatibele printer ·························· 120
Beelden afdrukken in een winkel ······················ 122
5NL
Inhoud
Problemen oplossen
Problemen oplossen ········································· 123
Foutcodes en meldingen··································· 133
Index
Index ································································· 143
Zoeken in MENU/
Instellingen
Uw camera in het buitenland gebruiken —
Stroomvoorziening ············································ 138
Informatie over de "Memory Stick Duo" ············ 139
Informatie over de accu····································· 141
Informatie over de acculader····························· 142
Zoeken op
bediening
Overige
Index
6NL
Zoeken op bediening
Soft Snap ······························································· 20
Schemer-portret ··················································· 20
Lach-sluiter ···························································· 26
Scèneherkenning················································· 49
Gezichtsherkenning ············································ 52
Dichte-ogenvermindering ·································· 55
Rode-ogeneffect ·················································· 56
Opnemen van voedsel Voedsel··································································· 20
Macro ······································································ 29
Opnemen van
bewegende
onderwerpen
Bewegende beeldn ············································· 24
Burst ········································································ 40
Opnemen zonder
wazige beelden
Hoge gevoeligheid ·············································· 20
Zelfontspanner met een vertraging van
2 seconden ···························································· 28
ISO ··········································································· 42
SteadyShot ···························································· 59
Opnemen met
tegenlicht
Altijd flitsen ···························································· 30
Scèneherkenning················································· 49
Opnemen op donkere
plaatsen
Hoge gevoeligheid ·············································· 20
Langz. synchro (Flitser aan) ····························· 30
ISO ··········································································· 42
Index
Opnemen dichtbij
onderwerpen
Zoeken in MENU/
Instellingen
Opnemen van
portretten
Zoeken op
bediening
Slim automatisch instellen ································ 19
Scènekeuze ·························································· 20
Scèneherkenning················································· 49
Inhoud
De instellingen
overlaten aan de
camera
7NL
Beeldformaat
veranderen
Beeldformaat ························································ 37
Beelden wissen
Wissen ······························································ 34, 73
Formatteren··························································· 95
Vergrote beelden
weergeven
Weergavezoom ···················································· 32
Trimmen ································································· 69
Beelden bewerken
Bijwerken ······························································· 69
Formaat wijzigen·················································· 72
Een serie beelden op
volgorde weergeven
Diavoorstelling ······················································ 60
Opnemen/weergeven
met gemakkelijk
afleesbare indicators
Eenvoudig opnemen··········································· 22
Index
Scherpstellen ························································ 46
Gezichtsherkenning ············································ 52
Zoeken in MENU/
Instellingen
Scherpstellingspositie
veranderen
Zoeken op
bediening
Histogram ······························································ 17
EV ············································································ 41
Inhoud
Belichting instellen
Beelden afdrukken met Het "PMB (Picture Motion Browser)"
(plakboek) gebruiken ······································· 109
de datum erop
Datum- en
tijdinstellingen
veranderen
Tijdzone instellen ··············································· 101
Datum/tijd instellen ············································ 102
Instellingen
terugstellen
Initialiseren ···························································· 87
Beelden afdrukken
Afdrukken ····························································· 119
8NL
Beelden weergeven op een televisie ··········· 103
Informatie over
optionele accessoires
"Geavanceerde Cyber-shot-handleiding" ··· 118
Inhoud
Weergeven op een
televisie
Zoeken op
bediening
Zoeken in MENU/
Instellingen
Index
9NL
Zoeken in MENU/Instellingen
Inhoud
MENU-onderdelen (Opnemen)
U kunt de diverse opnamefuncties eenvoudig selecteren met de MENU-toets.
1 Druk op de MENU-toets om het menuscherm af
te beelden.
Besturingstoetsen
Zoeken op
bediening
2 Selecteer het gewenste menuonderdeel met v/V/
b/B op de besturingsknop.
3 Druk op de MENU-toets om het menuscherm te
verlaten.
In de onderstaande tabel geeft een functie aan die beschikbaar is, en geeft — een functie aan
die niet beschikbaar is. De onderstaande pictogrammen [ ] en [ ] geven de beschikbare
functies aan.
Functiekeuzeknop
Menuonderdelen
Scènekeuze
—
—
Bewegende bldn. opnemen
—
—
—
—
—
—
—
Beeldformaat
Flitser
—
Opn.functie
—
EV
—
—
—
ISO
—
—
Witbalans
—
—
Witbalans onderwater
—
—
Scherpstellen
—
—
Lichtmeetfunctie
—
—
—
Scèneherkenning
—
—
Lach-herkenn.gevoeligheid
—
—
Gezichtsherkenning
—
—
Flitsniveau
—
—
Dichte-ogenvermindering
—
—
Rode-ogeneffect
—
—
—
—
—
—
—
—
—
—
—
—
Kleurfunctie
—
—
—
—
—
(Instellingen)
—
—
DRO
SteadyShot
Index
—
Zoeken in MENU/
Instellingen
MENU-toets
—
—
Opmerking
• Alleen de onderdelen die beschikbaar zijn voor een functie worden op het scherm afgebeeld.
10NL
MENU-onderdelen (Weergeven)
1 Druk op de
(weergave-)toets om over te
schakelen naar de weergavefunctie.
Besturingstoetsen
3 Selecteer het gewenste menuonderdeel met v/V/
b/B op de besturingsknop.
4 Druk op z op de middenknop van de
besturingsknop.
een functie aan die beschikbaar is, en geeft — een functie aan
Weergavefunctie
Menuonderdelen
Intern
geheugen
"Memory Stick Duo"
Datumweergave
Favorieten
Mapweergave
Mapweergave
—
—
—
—
—
—
—
(Diavoorstelling)
(Datumlijst)
(Lijst met
gebeurtenissen)
—
(Weergavefunctie)
Index
Weerg. per
gebeurt.
Zoeken in MENU/
Instellingen
In de onderstaande tabel geeft
die niet beschikbaar is.
(weergave-)toets
MENU-toets
Zoeken op
bediening
2 Druk op de MENU-toets om het menuscherm af
te beelden.
Inhoud
U kunt de diverse weergavefuncties eenvoudig selecteren met de MENU-toets.
—
(Filteren op gezicht)
(Favorieten toevoegen/
verw.)
—
—
—
—
(Bijwerken)
(Formaat wijzigen)
(Wissen)
—
(Beveiligen)
DPOF
—
(Afdrukken)
(Roteren)
(Map kiezen)
—
—
—
—
(Instellingen)
Opmerkingen
• Alleen de onderdelen die beschikbaar zijn voor een functie worden op het scherm afgebeeld.
• Wanneer de functiekeuzeknop in de stand
(Eenvoudig opnemen) staat, en u op MENU drukt, wordt
het scherm Wissen afgebeeld. U kunt [Enkel beeld wissen] of [Alle beelden wissen] selecteren.
11NL
Instellingen
(Instellingen).
1 Druk op de MENU-toets om het menuscherm af
te beelden.
Besturingstoetsen
3 Selecteer de gewenste categorie met v/V, druk
daarna op B om ieder onderdeel te selecteren, en
druk tenslotte op z.
MENU-toets
Zoeken in MENU/
Instellingen
4 Selecteer de gewenste instelling en druk daarna op z.
Categorieën
Opname-instellingn
Zoeken op
bediening
2 Selecteer
(Instellingen) met V op de
besturingsknop, en druk daarna op z op de
middenknop van de besturingsknop om het
instelscherm af te beelden.
Inhoud
U kunt de instellingen veranderen op het scherm
Onderdelen
AF-verlicht.
Stramienlijn
Digitale zoom
Conversielens
Autom. Oriëntatie
Index
Auto Review
Hoofdinstellingen
Pieptoon
Language Setting
Functiegids
Initialiseren
Demonstratiefunctie
COMPONENT
Video-uit
Breed-zoombeeld
USB-aansluiting
Downl. muz.
Format. muz.
"Memory Stick"-tool
Formatteren
Opnamemap maken
Opnamemap wijz.
Opn.map wissen
Kopiëren
Bestandsnummer
Intern geheugen-tool
Formatteren
Bestandsnummer
Klokinstellingen
Tijdzone instellen
Datum/tijd instellen
12NL
Wordt vervolgd r
Opmerkingen
Inhoud
• [Opname-instellingn] wordt alleen afgebeeld als het instelscherm is opgeroepen vanuit de
opnamefunctie.
• ["Memory Stick"-tool] wordt alleen afgebeeld als een "Memory Stick Duo" in de camera is geplaatst, en
[Intern geheugen-tool] wordt alleen afgebeeld als geen "Memory Stick Duo" is geplaatst.
Zoeken op
bediening
Zoeken in MENU/
Instellingen
Index
13NL
Plaats van de onderdelen
B
(lach-)knop (26)
Inhoud
A Ontspanknop
C Flitser
D ON/OFF (aan/uit-)toets
E Luidspreker
G Zelfontspannerlampje/Lach-sluiterlamp/
AF-verlichting
H Lens
Zoeken op
bediening
F Microfoon
I LCD-scherm
K Functiekeuzeknop (15)
L Oog voor polsriem
M
N
(weergave-)toets (31)
Zoeken in MENU/
Instellingen
J Voor opnemen: W/T-zoomknop (27)
Voor weergeven:
(weergavezoom-)toets/
(index-)toets (32, 33)
(Wissen-)toets (34)
O MENU-toets (10)
Index
P Besturingstoetsen
Menu inschakelen: v/V/b/B/z
Menu uitschakelen: DISP/ / /
Q Multifunctionele aansluiting
R Schroefgat voor statief
S Accu/"Memory Stick Duo"-deksel
T Gleuf voor de "Memory Stick Duo"
U Toegangslampje
V Accu-uitwerphendel
W Accu-insteekgleuf
14NL
De functiekeuzeknop gebruiken
Inhoud
Zet de functiekeuzeknop op de gewenste functie.
Functiekeuzeknop
Zoeken op
bediening
Voor opnemen van bewegende beelden met geluid (pagina 24).
(Autom. Programma)
Hiermee kunt u opnemen met automatisch ingestelde belichting
(zowel de sluitertijd als de diafragmawaarde) (pagina 25). U kunt
diverse functies instellen met behulp van het menu.
(Slim automatisch
instellen)
Hiermee kunt u opnemen met automatisch gemaakte instellingen
(pagina 19).
(Eenvoudig
opnemen)
Hiermee kunt u stilstaande beelden opnemen/weergeven met
gemakkelijk afleesbare indicators (pagina 22).
(Scènekeuze)
Index
Hiermee kunt u opnemen met vooraf gemaakte instellingen,
afhankelijk van de scène (pagina 20).
Zoeken in MENU/
Instellingen
(Bewegende beeldn)
15NL
Inhoud
De DISP (schermweergave-)instelling
veranderen
1 Druk op DISP (schermweergave) op de besturingsknop.
2 Selecteer de gewenste functie met de besturingsknop.
(Helder +
Histogram)
Hiermee kunt u het scherm helderder maken en
een grafiek weergeven van de helderheid van
het beeld.
De beeldinformatie wordt ook afgebeeld tijdens
het weergeven.
Hiermee kunt u het scherm helderder maken en
de informatie weergeven.
(Normaal)
Hiermee kunt u het scherm instellen op de
standaard helderheid en de informatie
weergeven.
Index
(Helder)
Zoeken in MENU/
Instellingen
Hiermee kunt u het scherm helderder maken en
alleen het beeld weergeven.
Zoeken op
bediening
(Helder +
alleen Beeld)
Opmerking
• Als u beelden weergeeft in helder zonlicht buiten, stelt u de helderheid van het scherm hoger in. De
acculading kan in dat geval echter sneller opraken.
16NL
Histogram
Inhoud
Een histogram is een grafiek die de helderheid van een beeld weergeeft. De grafiek duidt op een
helder beeld wanneer de rechterkant ervan hoog is, en op een donker beeld wanneer de
linkerkant ervan hoog is.
A Aantal pixels
B Helderheid
B
Donker
Helder
Opmerkingen
Index
• Het histogram kan tevens worden afgebeeld bij weergave van een enkelbeeld, doch u kunt de belichting
hiervan niet instellen.
• Het histogram wordt niet weergegeven tijdens het opnemen van bewegende beelden, en het weergeven
van bewegende beelden, verticale beelden en geroteerde beelden.
• Er kan een groot verschil optreden tussen de histogrammen die worden afgebeeld tijdens het opnemen en
tijdens het weergeven, wanneer:
– de flitser afgaat.
– de sluitertijd lang of kort is.
• Het histogram wordt misschien niet afgebeeld voor beelden opgenomen op andere camera’s.
Zoeken in MENU/
Instellingen
1 Druk op DISP (schermweergave) op de besturingsknop, en selecteer
daarna [Helder + Histogram].
Zoeken op
bediening
A
17NL
Het interne geheugen gebruiken
B
Intern
geheugen
Als geen "Memory Stick Duo" is geplaatst
[Opnemen]: De beelden worden in het interne geheugen
opgenomen.
[Weergaven]: De beelden die in het interne geheugen zijn
opgeslagen worden weergegeven.
[Menu, Instellingen, enz.]: Diverse functies kunnen
worden toegepast op de beelden die in het interne geheugen
zijn opgeslagen.
Index
Over beeldgegevens die in het interne geheugen
zijn opgeslagen
Zoeken in MENU/
Instellingen
B
Zoeken op
bediening
Als een "Memory Stick Duo" is geplaatst
[Opnemen]: De beelden worden op de "Memory Stick Duo"
opgenomen.
[Weergaven]: De beelden op de "Memory Stick Duo"
worden weergegeven.
[Menu, Instellingen, enz.]: Diverse functies kunnen
worden toegepast op de beelden op de "Memory Stick Duo".
Inhoud
De camera heeft een intern geheugen van ongeveer 11 MB. Dit geheugen kan niet uit de camera
worden verwijderd. Zelfs als geen "Memory Stick Duo" in de camera is geplaatst, kunt u beelden
opnemen in dit interne geheugen.
Wij adviseren u altijd een reservekopie (back-up) te maken van de beeldgegevens met behulp
van een van de onderstaande methoden.
Een reservekopie (back-up) maken op de vaste schijf van de computer
Volg de procedure op pagina’s 110 t/m 111 zonder dat een "Memory Stick Duo" in de camera is
geplaatst.
Een reservekopie (back-up) maken op een "Memory Stick Duo"
Bereid een "Memory Stick Duo" voor met voldoende vrije geheugencapaciteit en volg
vervolgens de procedure beschreven onder [Kopiëren] (pagina 99).
Opmerkingen
• U kunt beeldgegevens op een "Memory Stick Duo" niet overbrengen naar het interne geheugen.
• Door een USB-verbinding tot stand te brengen tussen de camera en een computer met behulp van de
kabel voor de multifunctionele aansluiting, kunt u de beeldgegevens die in het interne geheugen zijn
opgeslagen overbrengen naar een computer. U kunt beeldgegevens echter niet overbrengen van de
computer naar het interne geheugen.
18NL
Slim automatisch instellen
1 Zet de functiekeuzeknop in de stand
Inhoud
Hiermee kunt u stilstaande beelden opnemen terwijl de instellingen automatisch worden
aangepast.
(Slim automatisch instellen).
2 Neem op met de ontspanknop.
• De flitserfunctie is ingesteld op [Flitser automatisch] of [Flitser uit].
zOver de scèneherkenning
Pictogram van scèneherkenning
Index
De camera herkent (Schemer),
(Schemer-portret),
(Schemeropn. met statief),
(Tegenlichtopname),
(Portretopn. met tegenlicht),
(Landschap), (Macro) en
(Portretopname), en beeldt een pictogram af op het LCD-scherm nadat de scène is
herkend.
Voor verdere informatie, zie pagina 49.
Zoeken in MENU/
Instellingen
De scèneherkenning werkt in de intelligente automatische instelfunctie. In deze functie
herkent de camera automatisch de opnameomstandigheden en neemt het beeld automatisch
op.
Zoeken op
bediening
Opmerking
zEen stilstaand beeld opnemen van een onderwerp
waarop moeilijk scherpgesteld kan worden
• De minimale opnameafstand is ongeveer 10 cm (W-kant), 50 cm (T-kant) (vanaf de lens).
• Als de camera niet automatisch op het onderwerp kan scherpstellen, verandert de AE/AFvergrendelingsindicator naar langzaam knipperen en klinkt geen pieptoon. Stel de opname opnieuw
samen of verander de scherpstellingsinstelling (pagina 46).
In de volgende situaties kan het moeilijk zijn scherp te stellen:
– Als het donker is en het onderwerp ver weg is.
– Als het contrast tussen het onderwerp en de achtergrond slecht is.
– Als het onderwerp door glas wordt opgenomen.
– Als het onderwerp snel beweegt.
– Bij reflecterend licht of glimmende oppervlakken.
– Als het onderwerp van achteren wordt belicht of als er een zwaailicht in de buurt is.
19NL
Scènekeuze
Inhoud
Voor opnemen met vooraf gemaakte instellingen, afhankelijk van de scène.
1 Zet de functiekeuzeknop in de stand
(Scènekeuze).
2 Selecteer de gewenste scènekeuzefunctie t z op de besturingsknop.
Als u wilt overschakelen naar een andere scènekeuzefunctie, drukt u op de MENU-toets.
Zoeken op
bediening
(Hoge
gevoeligheid)
Hiermee kunt u beelden opnemen
zonder flitser onder zwakke belichting
met minder wazigheid.
Hiermee kunt u beelden opnemen in een zachtere sfeer
voor portretopnamen, bloemen, enz.
(Landschap)
Hiermee kunt u ver verwijderde scènes eenvoudig
opnemen door scherp te stellen in de verte. U kunt zo
een levendig blauwe lucht en prachtige bloemenkleuren
opnemen.
(Schemerportret)
(Voedsel)
(Strand)
(Sneeuw)
(Vuurwerk)
(Onderwater)
Hiermee kunt u scherpe beelden opnemen van mensen
met een nachtscène in de achtergrond zonder de
atmosfeer geweld aan te doen.
Index
(Schemer)
Zoeken in MENU/
Instellingen
(Soft Snap)
Hiermee kunt u nachtscènes van veraf opnemen met
behoud van de donkere atmosfeer van de omgeving.
Hiermee kunt u overschakelen naar de macrofunctie
zodat u opnamen van voedsel kunt maken met
verrukkelijke en felle kleuren.
Hiermee kunt u de blauwe kleur van het water helder
vastleggen bij het opnemen van zee- en waterscènes.
Hiermee kunt u scherpe beelden opnemen en ingezakte
kleuren voorkomen in sneeuwscènes of op ander
plaatsen waarbij het hele scherm wit lijkt.
Hiermee kunt u vuurwerkscènes opnemen in al hun
pracht.
Hiermee kunt u opnemen onderwater met natuurlijke
kleuren in een behuizing (onderwaterset, enz.).
20NL
Wordt vervolgd r
Opmerking
Inhoud
• Als u beelden opneemt in de
(Schemer-portret), (Schemer) of
(Vuurwerk) functie, is de
sluitertijd langer en worden de beelden eerder wazig. Om wazige beelden te voorkomen, adviseren wij u
een statief te gebruiken.
Functies die u kunt gebruiken in een
scènekeuzefunctie
Flitser
Gezichtsherkenning Burst/
/LachBracket
sluiter
—
*
—
—
Rodeogeneffect
*1
—
Dichteogenver- SteadyShot
mindering
—
—
—
—
—
—
—
—
—
—
—
—
—
—
—
—
—
—
—
—
—
—
—
—
—
*
3
—
—
—
—
—
Index
—
2
Witbalans
Zoeken in MENU/
Instellingen
Macro
aan
Zoeken op
bediening
Om afhankelijk van de scène, het beeld op de juiste wijze op te nemen, bepaalt de camera de
meest geschikte combinatie van functie-instellingen. geeft aan dat een functie beschikbaar is,
en — geeft aan dat een functie niet beschikbaar is. De onderstaande pictogrammen [Flitser]
geven de beschikbaar flitserfuncties aan.
Sommige functies kunnen niet worden ingesteld, afhankelijk van de gekozen scènekeuzefunctie.
*1 [Flitser] kan niet worden geselecteerd voor [Witbalans].
*2 [Uit] kan niet worden geselecteerd voor [Gezichtsherkenning].
*3 U kunt [Witbalans onderwater] gebruiken in plaats van [Witbalans].
21NL
Eenvoudig opnemen
1 Zet de functiekeuzeknop in de stand
Inhoud
Hiermee kunt u stilstaande beelden opnemen met de minimaal benodigde functies.
De instellingen die u kunt veranderen zijn [Beeldformaat], [Flitser] en [Zelfontsp.].
De tekst wordt groter en de indicators zijn gemakkelijker te zien.
(Eenvoudig opnemen).
Opmerking
• De acculading wordt sneller opgebruikt omdat de helderheid van het scherm automatisch toeneemt.
Zoeken op
bediening
2 Neem op met de ontspanknop.
zDe instelling van het beeldformaat, de flitser en de
Beeldformaat:
MENU t [Beeldformaat] t z op de besturingsknop t
gewenste functie t z
Selecteer het beeldformaat [Groot] of [Klein].
Zelfontsp.:
op de besturingsknop t gewenste functie
Selecteer de functie [Zelfontsp. 10 sec] of [Zelfontspanner Uit].
Flitser:
op de besturingsknop t gewenste functie
Selecteer de functie [Flitser automatisch] of [Flitser uit].
Index
MENU t [Flitser] t z op de besturingsknop t gewenste
functie t z
Selecteer de functie [Autom.] of [Uit].
Zoeken in MENU/
Instellingen
zelfontspanner veranderen
zOver de scèneherkenning
Scèneherkenning werkt in de eenvoudig-opnemen-functie. In deze functie herkent de
camera automatisch de opnameomstandigheden en neemt het beeld automatisch op.
Pictogram van scèneherkenning
De camera herkent (Schemer),
(Schemer-portret),
(Schemeropn. met statief),
(Tegenlichtopname),
(Portretopn. met tegenlicht),
(Landschap), (Macro) en
(Portretopname), en beeldt een pictogram af op het LCD-scherm nadat de scène is
herkend.
Voor verdere informatie, zie pagina 49.
22NL
Wordt vervolgd r
zOver de eenvoudig-weergeven-functie
(Wissen)-toets
• De weergavefunctie is ingesteld op [Mapweergave]. Als u de functiekeuzeknop in een andere stand
zet dan
(Eenvoudig opnemen), en vervolgens beelden weergeeft, worden de beelden
weergegeven in de eerder geselecteerde weergavefunctie.
Zoeken op
bediening
MENU-toets
U kunt het huidig weergegeven beeld wissen.
Selecteer [OK] t z.
U kunt het huidig weergegeven beeld wissen met [Enkel beeld
wissen], en u kunt alle beelden in de map wissen met [Alle beelden
wissen].
Inhoud
Als u op de
(weergave-)toets drukt terwijl de functiekeuzeknop in de stand
(Eenvoudig opnemen) staat, wordt de tekst op het weergavescherm groter en
gemakkelijker te lezen. Bovendien kunnen minder functies worden gebruikt.
Zoeken in MENU/
Instellingen
Index
23NL
Bewegende beeldn
1 Zet de functiekeuzeknop in de stand
(Bewegende beeldn).
Inhoud
Voor opnemen van bewegende beelden met geluid.
2 Druk de ontspanknop helemaal in.
Zoeken op
bediening
3 Om met het opnemen te stoppen, drukt u de ontspanknop nogmaals
helemaal in.
Zoeken in MENU/
Instellingen
Index
24NL
Autom. Programma
1 Zet de functiekeuzeknop in de stand
Inhoud
Hiermee kunt u opnemen met automatisch ingestelde belichting (zowel de sluitertijd als de
diafragmawaarde). U kunt ook de diverse instellingen kiezen op het menu.
(Autom. Programma).
2 Neem op met de ontspanknop.
Zoeken op
bediening
Zoeken in MENU/
Instellingen
Index
25NL
Lach-sluiter
1 Druk op
Inhoud
Wanneer de camera een lachende mond herkent, kunt u hiermee de sluiter automatisch
ontspannen.
(lach-)knop.
2 Wacht terwijl een lach wordt herkend.
Gezichtsherkenningskader
Lachherkenningsgevoeligheidindicator
Opmerkingen
zTips voor het goed herkennen van een lachende
Index
• Het opnemen in de lach-sluiterfunctie eindigt automatisch wanneer de "Memory Stick Duo" of het
interne geheugen vol raakt.
• Het is mogelijk dat een lach niet goed wordt herkend, afhankelijk van de omstandigheden.
• U kunt de digitale-zoomfunctie niet gebruiken.
• Als
(Landschap), (Schemer), (Voedsel), (Vuurwerk) of
(Onderwater) is geselecteerd als
de scènekeuzefunctie, kunt u de lach-sluiterfunctie niet gebruiken.
Zoeken in MENU/
Instellingen
3 Om met het opnemen te stoppen, drukt u
nogmaals op de
(lach-)knop.
Zoeken op
bediening
Wanneer het lachniveau hoger wordt dan het b niveau op de
indicator, neemt de camera de beelden automatisch op.
Als u in de lach-sluiterfunctie op de ontspanknop drukt, neemt
de camera het beeld op en keert daarna terug naar de lachsluiterfunctie.
mond
Bedek de ogen niet met uw pony.
Bedek het gezicht niet met een hoed, masker, zonnebril,
enz.
2 Probeer het gezicht naar de camera te richten en kijk
recht vooruit. Houd de ogen toegeknepen.
3 Lach duidelijk en met een open mond. De lach is
gemakkelijker te herkennen wanneer de tanden
zichtbaar zijn.
1
• De sluiter wordt ontspannen zodra een persoon waarvan het gezicht is herkend begint te lachen.
• U kunt het onderwerp dat voorrang heeft bij de gezichtsherkenning selecteren of registreren met
[Gezichtsherkenning]. Als het geselecteerde gezicht in het geheugen van de camera is geregistreerd,
wordt de gezichtsherkenning alleen uitgevoerd voor dat gezicht. Om de gezichtsherkenning toe te
passen op een ander gezicht, verandert u het gezicht dat voorrang heeft met z op de besturingsknop
(pagina 52).
• Als geen lach wordt herkend, stelt u [Lach-herkenn.gevoeligheid] in op het instelmenu.
26NL
Zoom
1 Druk op de W/T-zoomknop.
Inhoud
U kunt een beeld vergroten voordat u het opneemt. De optische zoomfunctie van de camera kan
beelden tot 5× vergroten.
T-kant
Druk op de T-kant van de W/T-zoomknop om in te zoomen, en
op de W-kant om uit te zoomen.
W-kant
• U kunt de zoomvergrotingsfactor niet veranderen tijdens het opnemen van bewegende beelden.
Zoeken in MENU/
Instellingen
Opmerking
Zoeken op
bediening
• Wanneer de zoomvergroting hoger wordt dan 5×, raadpleegt u
pagina 80.
Index
27NL
Zelfontsp.
(Zelfontsp.) op de besturingsknop.
2 Selecteer de gewenste functie met de besturingsknop.
Inhoud
1 Druk op
Hiermee kunt u het gebruik van de zelfontspanner uitschakelen.
(Zelfontsp.
10 sec)
Hiermee kunt u de zelfontspanner instellen op een vertraging van
2 seconden.
Opmerking
• In de Eenvoudig opnemen-functie kunt u alleen [Aan] (10 sec) of [Uit] selecteren.
Zoeken in MENU/
Instellingen
(Zelfontspanner
2 sec)
Hiermee kunt u de zelfontspanner instellen op een vertraging van
10 seconden.
Als u op de ontspanknop drukt, knippert het zelfontspannerlampje
en klinkt een pieptoon totdat de sluiter wordt ontspannen.
Druk nogmaals op om te annuleren.
Zoeken op
bediening
(Zelfontspanner
Uit)
zDe kans op wazige beelden verkleinen met de
2-seconden zelfontspanner
Index
• Gebruik de zelfontspanner met een vertraging van 2 seconden om wazige beelden te voorkomen.
2 seconden nadat u op de ontspanknop hebt gedrukt wordt de sluiter ontspannen, waardoor
camerabeweging als gevolg van het drukken op de ontspanknop wordt verminderd.
28NL
Macro
1 Druk op
Inhoud
Gebruik deze instelling om prachtige close-upbeelden op te nemen van kleine onderwerpen
zoals insecten of bloemen.
(Macro) op de besturingsknop.
2 Selecteer de gewenste functie met de besturingsknop.
Hiermee kunt u automatisch scherpstellen op ver verwijderde
onderwerpen tot onderwerpen dichtbij.
• Zet de camera normaal gesproken in deze functie.
(Macro aan)
Hiermee kunt u scherpstellen met voorrang op onderwerpen
dichtbij. Schakel de macrofunctie in wanneer u onderwerpen
dichtbij opneemt.
Opmerkingen
• De snelheid van de automatische scherpstelling wordt lager bij het opnemen van beelden in de
macrofunctie.
• De macrofunctie ligt vast op [Autom.] als de camera in de intelligente automatische instelfunctie staat en
bij het opnemen van bewegende beelden.
Zoeken in MENU/
Instellingen
• Wij adviseren de zoom in te stellen op de uiterste groothoekstand (W).
Zoeken op
bediening
(Autom.)
Index
29NL
Flitser
(Flitser) op de besturingsknop.
2 Selecteer de gewenste functie met de besturingsknop.
(Flitser
automatisch)
(Langz.
synchro (Flitser
aan))
(Flitser uit)
De flitser gaat af wanneer er onvoldoende belichting of tegenlicht
is.
De flitser gaat altijd af.
De flitser gaat altijd af.
Op donkere plaatsen is de sluitertijd lang om de achtergrond die
buiten het bereik van het flitslicht valt toch helder op te nemen.
Zoeken op
bediening
(Flitser aan)
Inhoud
1 Druk op
De flitser gaat niet af.
•
•
•
•
De flitser gaat tweemaal af. De eerste keer is om de lichthoeveelheid in te stellen.
Tijdens het opladen van de flitser wordt
afgebeeld.
U kunt de flitser niet gebruiken tijdens opnemen in de burstfunctie of bracketfunctie.
[Flitser aan] en [Langz. synchro (Flitser aan)] zijn niet beschikbaar wanneer de camera in de intelligente
automatische instelfunctie staat.
• In de Eenvoudig opnemen-functie kunt u alleen [Flitser automatisch] of [Flitser uit] selecteren.
Zoeken in MENU/
Instellingen
Opmerkingen
zWanneer "witte, ronde vlekken" verschijnen in
Dit wordt veroorzaakt door deeltjes (stof, pollen, enz.) die dichtbij de lens zweven. Wanneer
deze worden belicht door het flitslicht van de camera, worden ze zichtbaar als witte, ronde
vlekken.
Index
flitsopnamen
Camera
Onderwerp
Deeltjes (stof, pollen, enz.) in
de lucht
Hoe kunt u de "witte, ronde vlekken" tegengaan?
• Verlicht het vertrek en neem het onderwerp zonder flitser op.
• Selecteer
(Hoge gevoeligheid) als de scènekeuzefunctie. ([Flitser uit] wordt automatisch
geselecteerd.)
• Ondanks dat u (Hoge gevoeligheid) hebt geselecteerd als de scènekeuzefunctie, kan de sluitertijd
langer zijn bij zwakke belichting of op donkere plaatsen. In dergelijke gevallen gebruikt u een
statief of houdt u uw armen stevig tegen uw zij gedrukt nadat u op de ontspanknop hebt gedrukt.
30NL
Stilstaande beelden weergeven
Inhoud
1 Druk op de
(weergave-)toets om over te schakelen naar de
weergavefunctie.
2 Selecteer een beeld met de besturingsknop.
Opmerkingen
andere camera
Het scherm waarop u een weergavemethode kunt selecteren wordt afgebeeld wanneer u een
"Memory Stick Duo" in deze camera plaatst waarop zowel beelden staan die met deze
camera zijn opgenomen, als beelden die met een andere camera zijn opgenomen.
"Alleen geregist. beelden weergeven": De beelden worden weergegeven in de
geselecteerde Weergavefunctie. Sommige beelden die met een andere camera zijn
opgenomen, worden mogelijk niet weergegeven.
Index
"Alles weergeven met mapweergave": De camera schakelt over naar Mapweergave
en geeft alle beelden weer.
Zoeken in MENU/
Instellingen
zBeelden weergeven die zijn opgenomen met een
Zoeken op
bediening
• Het kan onmogelijk zijn sommige beelden weer te geven die zijn opgenomen op een andere camera. Geef
dergelijke beelden weer in de mapweergave (MENU t [Weergavefunctie] t [Mapweergave]).
• Als de functiekeuzeknop in de stand
(Eenvoudig opnemen) staat, worden de beelden weergegeven
in de mapweergavefunctie, en kunnen minder functies worden gebruikt. Als u alle weergavefuncties wilt
gebruiken, zet u de functiekeuzeknop in een andere stand dan
.
31NL
Weergavezoom
Inhoud
U kunt de beelden vergroot weergeven.
1 Druk tijdens het weergeven van stilstaande beelden
op de
(weergavezoom-)knop.
2 Selecteer het weergegeven gedeelte van het totale
beeld met behulp van de besturingsknop.
3 Verander de zoomvergroting met behulp van de W/Tzoomknop.
zVergrote beelden opslaan
U kunt een vergroot beeld opslaan door de trimfunctie te gebruiken.
Druk op MENU t [Bijwerken] t [Trimmen].
Zoeken in MENU/
Instellingen
Druk op de T-kant ( ) van de knop om in te zoomen, en op de Wkant om uit te zoomen.
Druk op z om de weergavezoom te annuleren.
Geeft het
weergegeven gebied
aan binnen het
volledige beeld
Zoeken op
bediening
Het beeld wordt vergroot tot tweemaal de voorgaande grootte vanuit
het midden van het beeld.
Index
32NL
Beeldindex
1 Druk op de
(weergave-)toets om over te schakelen naar de
weergavefunctie.
2 Druk op de
Inhoud
U kunt meerdere beelden tegelijkertijd weergeven.
(index-)knop om het indexweergavescherm weer te geven.
3 Om terug te keren naar het enkelbeeldweergavescherm, selecteert u een
beeld met de besturingsknop, en drukt u daarna op z.
Opmerking
(Eenvoudig opnemen), kunt u geen beelden weergeven in
zBeelden weergeven van een gewenste datum/
gebeurtenis/map
Selecteer de linkerzijbalk met behulp van de besturingsknop, en
selecteer daarna de datum/gebeurtenis/map met v/V.
Zoeken in MENU/
Instellingen
• Als de functiekeuzeknop is ingesteld op
de indexweergavefunctie.
Zoeken op
bediening
Druk nogmaals op de knop om een indexscherm met nog meer beelden weer te geven.
Index
33NL
Wissen
Inhoud
U kunt ongewenste beelden selecteren om te wissen. U kunt ook beelden wissen met de MENUtoets (pagina 73).
1 Druk op de
(weergave-)toets om over te schakelen naar de
weergavefunctie.
(Wissen-)toets t gewenste functie t z op de besturingsknop
Dit beeld
Hiermee kunt u het huidig weergegeven beeld in de
enkelbeeldweergavefunctie wissen.
Meerdere beelden
Hiermee kunt u meerdere beelden selecteren om te wissen.
Voer de volgende handelingen uit na stap 2.
2MENU t [OK] t z
Alle in deze map
Hiermee kunt u alle beelden in de geselecteerde map,
Alle beelden in datumbereik datumbereik of gebeurtenisgroep tegelijkertijd wissen.
Alle in gebeurtenis
Druk op [OK] t z na stap 2.
Sluiten
Zoeken in MENU/
Instellingen
1Selecteer een beeld en druk daarna op z.
Herhaal de bovenstaande stappen tot u geen beelden
meer wilt wissen. Selecteer een beeld met een
markering om de
markering op te heffen.
Zoeken op
bediening
2
Hiermee kunt u het wissen annuleren.
• Wanneer de functiekeuzeknop in de stand
(Eenvoudig opnemen) staat, kunt u alleen het huidig
weergegeven beeld wissen.
• Als [Weergavefunctie] is ingesteld op [Favorieten], kunt u geen beelden wissen.
Index
Opmerkingen
zU kunt wisselen tussen de indexweergavefunctie en
de enkelbeeldweergavefunctie tijdens het
selecteren van beelden
Druk in de indexweergavefunctie op de T-kant ( ,
weergavezoom) van de knop om terug te keren naar de
enkelbeeldweergavefunctie, en druk op de W-kant ( , index)
van de knop om terug te keren naar de indexweergavefunctie.
• U kunt ook wisselen tussen de indexweergavefunctie en de
enkelbeeldweergavefunctie bij [Favorieten toevoegen/verw.],
[Beveiligen] of [DPOF].
34NL
Bewegende beelden weergeven
Inhoud
1 Druk op de
(weergave-)toets om over te schakelen naar de
weergavefunctie.
2 Selecteer bewegende beelden met de besturingsknop.
3 Druk op z.
Weergavefunctie
z
Pauze
B
Vooruitspoelen
b
Achteruitspoelen
V
Beeldt het volumeniveau-instelscherm af. Stel het
volumeniveau in met v/V.
Opmerking
• Het kan onmogelijk zijn sommige beelden weer te geven die zijn opgenomen op een andere camera.
Zoeken in MENU/
Instellingen
Besturingstoets
Zoeken op
bediening
De weergave van de bewegende beelden begint.
Index
35NL
Bewegende bldn. opnemen
1 Zet de functiekeuzeknop in de stand
2 MENU t
Inhoud
U kunt bewegende beelden opnemen met vooraf gemaakte instellingen, afhankelijk van de
scène.
(Bewegende beeldn).
(Bewegende bldn. opnemen) t gewenste functie
Hiermee kunt u de instellingen automatisch instellen.
(Hoge
gevoeligheid)
Hiermee kunt u bewegende beelden opnemen met een hoge
gevoeligheid onder een zwakke belichting.
(Onderwater)
Hiermee kunt u onderwater opnemen met natuurlijke kleuren als u
gebruik maakt van een waterdichte behuizing (onderwaterset, enz.).
Zoeken op
bediening
(Autom.)
Zoeken in MENU/
Instellingen
Index
36NL
Beeldformaat
Zoeken op
bediening
1 MENU t
(Beeldformaat) t gewenst formaat
Bij opname van stilstaande beelden
Aanwijzingen voor gebruik
(4000×3000) Voor afdrukken tot max. A3+-formaat
Aantal
beelden
Afdrukken
Minder
Fijn
Meer
Grof
(4000×2672) Beeldverhouding 3:2, net als
afgedrukte foto’s en ansichtkaarten.
Minder
Fijn
(4000×2248) Voor weergeven op een highdefinitiontelevisie
Minder
Fijn
Meer
Grof
(3264×2448) Voor afdrukken tot max. A3-formaat
Zoeken in MENU/
Instellingen
Beeldformaat
Inhoud
Het beeldformaat bepaalt de grootte van het beeldbestand dat wordt opgenomen wanneer u een
beeld opneemt.
Hoe groter het beeldformaat, hoe nauwkeuriger de gereproduceerde details bij het afdrukken op
een groot papierformaat. Hoe kleiner het beeldformaat, hoe meer beelden opgenomen kunnen
worden. Selecteer het beeldformaat aan de hand van de manier waarop u de beelden later wilt
bekijken.
(2592×1944) Voor afdrukken tot max. A4-formaat
Index
(2048×1536) Voor afdrukken tot max. L/2L-formaat
(640×480)
Voor e-mailbijlagen
(1920×1080)
Opmerking
• Als u beelden afdrukt die zijn opgenomen met beeldverhouding 16:9, kunnen beide zijranden worden
afgeknipt.
37NL
In de eenvoudig-opnemen-functie
De beelden worden opgenomen in het beeldformaat [12M].
Klein
De beelden worden opgenomen in het beeldformaat [3M].
Inhoud
Groot
Bij opname van bewegende beelden
Videoformaat
Aanwijzingen voor gebruik
9 Mbps
Bewegende beelden in hoogste kwaliteit
opnemen voor weergeven op een HDTV
1280x720 (Standaard) 6 Mbps
Bewegende beelden in
standaardkwaliteit opnemen voor
weergeven op een HDTV
VGA
Opnemen op beeldformaat geschikt
voor uploaden op web
3 Mbps
Zoeken in MENU/
Instellingen
1280x720 (Fijn)
Gemiddelde
bitsnelheid
Zoeken op
bediening
Hoe groter het beeldformaat, hoe hoger de beeldkwaliteit. Hoe groter de hoeveelheid gegevens
die per seconde worden vastgelegd (gemiddelde bitsnelheid), hoe vloeiender het weergavebeeld.
De bewegende beelden die met deze camera worden opgenomen, worden opgenomen in MPEG4, ongeveer 30 fps, progressief, AAC- of mp4-formaat.
Opmerkingen
Index
• Een telefotobeeld wordt verkregen wanneer het [VGA]-beeldformaat is geselecteerd voor bewegende
beelden.
• Bewegende beelden waarvan het formaat is ingesteld op [1280×720] kunnen alleen worden opgenomen
op een "Memory Stick PRO Duo". Als u een ander opnamemedium gebruikt dan de "Memory Stick PRO
Duo", stelt u het beeldformaat van de bewegende beelden in op [VGA].
zOver "beeldkwaliteit" en "beeldformaat"
Een digitaal beeld is samengesteld uit een groot aantal kleine puntjes, genaamd pixels.
Als een beeld uit veel pixels bestaat, zal het beeld groot zijn, meer geheugenruimte in beslag
nemen, en met scherpe details worden weergegeven. Het "Beeldformaat" wordt aangegeven
met het aantal pixels. Ondanks dat u op het scherm van de camera het verschil niet kunt
zien, verschillen de kleine details en de verwerkingstijd wanneer het beeld wordt afgedrukt
of weergegeven op een computerscherm.
Beschrijving van de pixels en het beeldformaat
Beeldformaat: 12M
4000 pixels × 3000 pixels = 12.000.000 pixels
2 Beeldformaat: VGA
640 pixels × 480 pixels = 307.200 pixels
1
Pixels
Pixel
Veel pixels
(Hoge beeldkwaliteit en groot bestand)
Weinig pixels
(Lage beeldkwaliteit en klein bestand)
38NL
Flitser
1 Zet de functiekeuzeknop in de stand
(Eenvoudig opnemen).
Inhoud
In de eenvoudig-opnemen-functie kunt u de flitserfunctie ook selecteren met de MENU-toets.
2 MENU t [Flitser] t z op de besturingsknop
3 Selecteer daarna de gewenste functie t z.
De flitser gaat af wanneer er onvoldoende belichting of tegenlicht
is.
Uit
De flitser gaat niet af.
Zoeken op
bediening
Autom.
Zoeken in MENU/
Instellingen
Index
39NL
Opn.functie
1 MENU t
(Opn.functie) t gewenste functie
Hiermee wordt een enkel beeld opgenomen.
(Burst)
Hiermee wordt maximaal 100 beelden achter elkaar opgenomen
wanneer u de ontspanknop ingedrukt houdt.
Zoeken op
bediening
(Normaal)
Inhoud
U kunt de opnamefunctie kiezen uit Normaal (enkelbeeld), Burst of Exposure Bracket.
Opmerkingen
Hiermee wordt een serie van drie beelden opgenomen met de
belichtingswaarden automatisch iets verschoven (Exposure
Bracket). Als u de juiste belichting niet kunt kiezen, neemt u op in
de Exposure Bracket-functie waarin de belichtingswaarde wordt
verschoven. U kunt het beeld met de beste belichting later kiezen.
Hoe groter de bracket-stapwaarde, hoe groter de verschuiving van
de belichtingswaarde.
Index
BRK±0,3EV
BRK±0,7EV
BRK±1,0EV
Zoeken in MENU/
Instellingen
• Burst-opname is niet beschikbaar tijdens de eenvoudig-opnemenfunctie, het opnemen van bewegende beelden, en de lach-sluiterfunctie.
• De flitser wordt ingesteld op [Flitser uit].
• Als u opneemt met de zelfontspanner, wordt een serie van maximaal vijf
beelden opgenomen.
• Het opname-interval wordt langer afhankelijk van de instelling van het
beeldformaat.
• Als de acculading laag is, of wanneer het interne geheugen of de
"Memory Stick Duo" vol is, stopt de Burst-functie.
• De scherpstelling, witbalans en belichting worden voor het eerste beeld
ingesteld, en deze instellingen worden ook gebruikt voor de andere
beelden.
Opmerkingen
• De Exposure Bracket-functie is niet beschikbaar tijdens de intelligente
automatische instelfunctie, eenvoudig-opnemen-functie, het opnemen
van bewegende beelden, en de lach-sluiterfunctie.
• De flitser wordt ingesteld op [Flitser uit].
• De scherpstelling en de witbalans worden ingesteld voor het eerste beeld
en deze instellingen worden tevens gebruikt voor de andere beelden.
• Als u de belichting handmatig instelt wordt de belichting verschoven
gebaseerd op de ingestelde helderheid.
• Het opname-interval wordt langer afhankelijk van de
opnameomstandigheden.
• Als het onderwerp te helder of te donker is, kan het onmogelijk zijn
goede opnamen te maken met de geselecteerde bracket-stapwaarde.
• Het beeldformaat [VGA] wordt ingesteld tijdens het opnemen in het
interne geheugen.
40NL
EV
1 MENU t
Inhoud
U kunt de belichting handmatig instellen in stapjes van 1/3 EV binnen het bereik van –2,0 EV
t/m +2,0 EV.
(EV) t gewenste EV-instelling
Opmerkingen
zDe belichting instellen voor mooiere beelden
Belichting:
Sluitertijd = De tijdsduur gedurende welke het licht in de
camera valt
Diafragma = De grootte van de opening waardoor het licht in
de camera valt
Zoeken in MENU/
Instellingen
U kunt diverse beelden creëren door de belichting en de ISO-gevoeligheid in te stellen.
Belichting is de hoeveelheid licht die door de lens in de camera valt wanneer u de
ontspanknop indrukt.
Zoeken op
bediening
• In de eenvoudig-opnemen-functie kan de EV-instelling niet worden veranderd.
• Als u een onderwerp opneemt onder extreem heldere of donkere omstandigheden, of als u de flitser
gebruikt, is het mogelijk dat de belichtingsinstelling niet effectief is.
ISO-gevoeligheid (aanbevolen-belichtingsindex)
= Gevoeligheid van het opnamemedium
Index
Overbelicht = te veel licht
Te licht beeld
Lagere EV-instelling –
Juiste belichting
Hogere EV-instelling +
Onderbelicht = te weinig licht
Te donker beeld
41NL
ISO
1 Zet de functiekeuzeknop in de stand
(Scènekeuze) t
(Onderwater).
2 MENU t
(ISO) t gewenste functie
/
/
/
/
Stelt de ISO-gevoeligheid automatisch in.
/
U kunt voorkomen dat beelden opgenomen op donkere plaatsen of
van bewegende onderwerpen wazig worden door de ISOgevoeligheid te verhogen (een hogere waarde in te stellen).
• Een andere ISO-instelling dan [ISO AUTO], [ISO 80] tot en met [ISO 800] kan niet worden geselecteerd
wanneer de opnamefunctie is ingesteld op de Burst-functie of Exposure Bracket-functie, of wanneer
[DRO] is ingesteld op [DRO plus].
zISO-gevoeligheid aanpassen (aanbevolenbelichtingsindex)
Hoge ISO-gevoeligheid
Neemt een helder beeld op, zelfs op donkere plaatsen, door een
kortere sluitertijd in te stellen om onderwerpbeweging tegen te gaan.
Het beeld wordt echter korrelig.
Index
De ISO-gevoeligheid is een snelheidswaarde voor opnamemedia die gebruik maken van een
beeldsensor die het licht opvangt. Zelfs wanneer de belichting hetzelfde is, zullen de
beelden verschillen afhankelijk van de ISO-gevoeligheid.
Zoeken in MENU/
Instellingen
Opmerking
Zoeken op
bediening
(Autom.)
/
(Autom. Programma) of
Inhoud
Hiermee stelt u de lichtgevoeligheid in.
Lage ISO-gevoeligheid
Neemt een vloeiender beeld op.
Echter, als de belichting onvoldoende is, kan het beeld donkerder
worden.
42NL
Witbalans
1 MENU t
Inhoud
Hiermee kunt u de kleurtinten instellen overeenkomstig het omgevingslicht. Gebruik deze
functie als de beeldkleuren onnatuurlijk lijken.
(Witbalans) t gewenste functie
(Autom.)
Hiermee wordt gecompenseerd voor
omstandigheden buitenshuis op een mooie dag,
avondscènes, nachtscènes, neonreclame,
vuurwerk, enz.
(Bewolkt)
Hiermee wordt gecompenseerd voor een
bewolkte lucht of een schaduwrijke plaats.
(Fluorescerend
licht 1)
(Fluorescerend
licht 3)
[Fluorescerend licht 1]: Hiermee wordt
gecompenseerd voor witte, fluorescerende
verlichting.
[Fluorescerend licht 2]: Hiermee wordt
gecompenseerd voor natuurlijk witte,
fluorescerende verlichting.
[Fluorescerend licht 3]: Hiermee wordt
gecompenseerd voor dagwitte, fluorescerende
verlichting.
n (Gloeilamp)
Hiermee wordt gecompenseerd voor plaatsen
onder een gloeilamp of onder felle verlichting,
zoals in een fotostudio.
(Flitser)
Hiermee wordt gecompenseerd voor de flitser.
Index
(Fluorescerend
licht 2)
Zoeken in MENU/
Instellingen
(Daglicht)
Zoeken op
bediening
Hiermee wordt de witbalans automatisch ingesteld zodat de kleuren
natuurlijk lijken.
Opmerkingen
• [Witbalans] kan niet worden ingesteld in de intelligente automatische instelfunctie of eenvoudigopnemen-functie.
• In de scènekeuzefunctie kunt u de witbalansinstelling alleen veranderen in de stand
(Hoge
gevoeligheid) of (Voedsel).
• Voor het opnemen van bewegende beelden of wanneer de scènekeuzefunctie is ingesteld op
(Hoge
gevoeligheid), kan bij [Witbalans] het onderdeel [Flitser] niet worden geselecteerd.
• Onder fluorescerende verlichting die flikkert, is het mogelijk dat de witbalans niet correct functioneert,
ondanks dat u [Fluorescerend licht 1], [Fluorescerend licht 2] of [Fluorescerend licht 3] hebt ingesteld.
• Bij het opnemen met de flitser ingesteld op een andere instelling dan [Flitser], wordt de [Witbalans]
ingesteld op [Autom.].
• Wanneer de flitserfunctie is ingesteld op [Flitser aan], kan de witbalans worden ingesteld op [Autom.] of
[Flitser].
Wordt vervolgd r
43NL
De natuurlijke kleur van het onderwerp wordt beïnvloed door de
belichtingsomstandigheden.
De kleurtinten worden automatisch ingesteld in de intelligente automatische instelfunctie,
maar u kunt de kleurtinten ook handmatig instellen met behulp van de witbalansfunctie.
Daglicht
Bewolkt
Fluorescerend
Gloeilamp
Eigenschappen
van het licht
Wit (standaard)
Blauwachtig
Groengetint
Roodachtig
Zoeken op
bediening
Weer/lichtbron
Inhoud
zEffecten van de belichtingsomstandigheden
Zoeken in MENU/
Instellingen
Index
44NL
Witbalans onderwater
1 MENU t
(Onderwater) of
Inhoud
U kunt de kleurtinten instellen wanneer de camera is ingesteld op
(Onderwater) in geval van bewegende beelden.
(Witbalans onderwater) t gewenste functie
Hiermee kunt u de kleurtinten onderwater automatisch instellen
zodat deze natuurlijk lijken.
(Onderwater 1)
Hiermee houdt de camera rekening met de situatie dat blauw
onderwater sterker is.
(Onderwater 2)
Hiermee houdt de camera rekening met de situatie dat groen
onderwater sterker is.
• Afhankelijk van de kleur van het water is het mogelijk dat de witbalans onderwater niet goed werkt
ondanks dat u [Onderwater 1] of [Onderwater 2] hebt ingesteld.
• [Witbalans onderwater] kan niet worden geselecteerd wanneer de flitserfunctie is ingesteld op [Flitser
aan].
Zoeken in MENU/
Instellingen
Opmerkingen
Zoeken op
bediening
(Autom.)
Index
45NL
Scherpstellen
2 MENU t
(Autom. Programma) of
Zoeken op
bediening
1 Zet de functiekeuzeknop in de stand
(Bewegende beeldn).
(Scherpstellen) t gewenste functie
(Multi-AF)
AF-bereikzoekerframe
(Alleen voor stilstaande
beelden)
Index
Hiermee wordt automatisch scherpgesteld
op een onderwerp in het midden van het
zoekerframe. Door tezamen met de AFvergrendelingsfunctie te gebruiken, kunt u
het beeld naar wens samenstellen.
Zoeken in MENU/
Instellingen
Hiermee wordt automatisch scherpgesteld
op een onderwerp in alle bereiken van het
zoekerframe.
Als u in de stilstaand-beeldopnamefunctie
de ontspanknop tot halverwege indrukt,
wordt een groen kader afgebeeld rondom het
gebied waarop is scherpgesteld.
• Wanneer de gezichtsherkenningsfunctie is
ingeschakeld, werkt de automatische
scherpstelling met voorrang voor gezichten.
• Wanneer de scènekeuzefunctie is ingesteld op
(Onderwater), wordt
met het scherpstellen rekening gehouden met het feit dat onderwater
wordt opgenomen. Nadat is scherpgesteld terwijl de ontspanknop tot
halverwege is ingedrukt, wordt een groot, groen kader afgebeeld.
(Midden-AF)
Inhoud
Met deze instelling kunt u de scherpstellingsmethode veranderen. Gebruik het menu als het
moeilijk is goed scherp te stellen met de automatische-scherpstellingsfunctie.
AF is de afkorting van "Auto Focus" (automatische scherpstelling), een functie die het beeld
automatisch scherpstelt.
AF-bereikzoekerframe
(Punt-AF)
0.5 m/1.0 m/
3.0 m/7.0 m/
(oneindige
afstand)
Hiermee wordt automatisch scherpgesteld
op een extreem klein onderwerp of een smal
gebied. Door tezamen met de AFvergrendelingsfunctie te gebruiken, kunt u
het beeld naar wens samenstellen. Houd de
camera stil zodat het onderwerp niet uit het
AF-bereikzoekerframe raakt.
AF-bereikzoekerframe
Hiermee wordt automatisch en snel scherpgesteld op het gebied
rond een vooraf ingestelde afstand (semi-handmatig). Deze functie
is handig wanneer u herhaaldelijk een onderwerp op dezelfde
afstand opneemt. Gebruik "semi-handmatig" als het moeilijk is
scherp te stellen met de automatische scherpstelling, zoals bij het
opnemen van een onderwerp door een net of ruit.
• U kunt semi-handmatig scherpstellen op een onderwerp in alle bereiken
van het zoekerframe.
46NL
Wordt vervolgd r
Opmerkingen
Zoeken op
bediening
zScherpstellen op onderwerpen aan de rand van het
Inhoud
• Als u de [Digitale zoom] of [AF-verlicht.] gebruikt, is het AF-bereikzoekerframe uitgeschakeld en wordt
met een stippellijn afgebeeld. In dit geval zal de camera scherpstellen op de onderwerpen rondom het
midden van het scherm.
• Wanneer de scherpstellingsfunctie is ingesteld op iets anders dan [Multi-AF], kunt u de
gezichtsherkenningsfunctie niet gebruiken.
• Voor het opnemen van bewegende beelden is alleen [Multi-AF] of
(oneindige afstand) beschikbaar.
Wanneer de bewegend-beeldopnamefunctie is ingesteld op [Onderwater], ligt de scherpstellingsfunctie
vast op [Multi-AF].
• De scherpstellingsfunctie ligt vast op [Multi-AF] zolang de lach-sluiterfunctie is ingeschakeld.
• De semi-handmatige afstandsinstelling bevat een foutmarge en deze foutmarge wordt groter wanneer de
zoomknop naar de T-kant wordt gehouden of de lens omhoog of omlaag wordt gekanteld.
scherm
AFbereikzoekerframe
AE/AFvergrendelingsindicator
1Stel het op te nemen beeld opnieuw samen zodat
het onderwerp zich in het midden van de AFbereikzoeker bevindt, en druk de ontspanknop tot
halverwege in om scherp te stellen op het
onderwerp (AF-vergrendeling).
• Zolang u de ontspanknop niet helemaal indrukt, kunt u
deze handeling zo vaak herhalen als u wilt.
Index
2Wanneer de indicator van de AE/AFvergrendeling stopt met knipperen en aan blijft,
keert u terug naar het voorheen samengestelde
beeld en drukt u de ontspanknop helemaal in.
Zoeken in MENU/
Instellingen
Als het onderwerp niet is scherpgesteld, gaat u als volgt te werk:
47NL
Lichtmeetfunctie
1 Zet de functiekeuzeknop in de stand
(Bewegende beeldn).
(Autom. Programma) of
(Lichtmeetfunctie) t gewenste functie
Hiermee wordt het beeld onderverdeeld in meerdere delen en wordt
op ieder deel een lichtmeting uitgevoerd. De camera bepaalt een
goed afgewogen belichting (lichtmeting met meerdere patronen).
(Midden)
Hiermee wordt het midden van het beeld gemeten en wordt de
belichting bepaald aan de hand van de helderheid van dat deel van
het onderwerp (lichtmeting met nadruk op het midden).
(Punt)
Hiermee wordt slechts een deel van het
onderwerp gemeten (puntlichtmeting).
Deze functie is handig wanneer het
onderwerp van achteren wordt belicht
of wanneer er een sterk contrast is
tussen het onderwerp en de
achtergrond.
Zoeken in MENU/
Instellingen
(Multi)
Zoeken op
bediening
2 MENU t
Inhoud
Met deze instelling kunt u de lichtmeetfunctie kiezen die bepaalt welk deel van het onderwerp
wordt gemeten voor de berekening van de belichting.
Dradenkruis van de
puntlichtmeting
Plaats dit op het onderwerp
Index
Opmerkingen
• Voor het opnemen van bewegende beelden, kan [Punt] niet worden geselecteerd.
• Als de lichtmeetfunctie is ingesteld op iets anders dan [Multi], kan de gezichtsherkenningsfunctie niet
worden gebruikt.
• De lichtmeetfunctie ligt vast op [Multi] zolang de lach-sluiterfunctie is ingeschakeld.
48NL
Scèneherkenning
Inhoud
De camera herkent de opnameomstandigheden automatisch en maakt vervolgens de opname.
Wanneer een gezicht is herkend, wordt de ISO-gevoeligheid verhoogd overeenkomstig de
bewegingen van het gezicht om de onderwerpbewegingen te verminderen
(gezichtsbewegingherkenning).
Pictogram van scèneherkenning
(Schemer),
(Schemer-portret),
(Schemeropn. met statief),
(Tegenlichtopname),
(Portretopn. met tegenlicht),
(Landschap),
(Portretopname)
(Macro),
1 Zet de functiekeuzeknop in de stand
2 MENU t
(Geavanceerd)
(Slim automatisch instellen).
(Scèneherkenning) t gewenste functie
Wanneer de camera de scène herkent, worden automatisch de
optimale instellingen gemaakt en het beeld opgenomen.
Wanneer de camera de scène herkent, worden automatisch de
optimale instellingen gemaakt. Wanneer de camera (Schemer),
(Schemer-portret),
(Schemeropn. met statief),
(Tegenlichtopname) of (Portretopn. met tegenlicht) herkent,
verandert hij automatisch de instelling en neemt nog een beeld op.
Index
(Autom.)
Zoeken in MENU/
Instellingen
Voorbeeld van een beeld waarvoor
(Tegenlichtopname) werd
ingeschakeld.
Zoeken op
bediening
De camera herkent de volgende soorten scènes. Nadat de camera de optimale scène heeft
bepaald, wordt het bijbehorende pictogram afgebeeld.
• Als 2 beelden worden opgenomen, wordt
van
(Geavanceerd)
groen.
• Als 2 beelden zijn opgenomen, beeldt Auto Review ze verticaal
gerangschikt af.
• Als [Dichte-ogenvermindering] wordt afgebeeld, worden automatisch 2
beelden opgenomen en wordt het beeld weergegeven waarop de ogen
geopend zijn. Voor meer informatie over de dichteogenverminderingsfunctie, zie "Wat is de dichteogenverminderingsfunctie?".
Opmerkingen
• De scèneherkenningsfunctie werkt niet bij gebruik van de digitale-zoomfunctie.
• Wanneer de opnamefunctie is ingesteld op Burst, of wanneer de lach-sluiterfunctie is ingeschakeld, ligt
de scèneherkenningsfunctie vast op [Autom.].
• De beschikbare flitserinstellingen zijn [Flitser automatisch] en [Flitser uit].
•
(Schemeropn. met statief)-scènes worden soms niet herkend in een omgeving waarin trillingen
worden doorgegeven aan de camera ondanks dat deze op een statief is bevestigd.
• Soms wordt een lange sluitertijd gebruikt als een scène wordt herkend als een
(Schemeropn. met
statief). Houd de camera stil tijdens het maken van de opname.
• Het pictogram van de scèneherkenning wordt afgebeeld ongeacht de schermweergave-instelling.
• Mogelijk worden deze scènes niet herkend, afhankelijk van de omstandigheden.
Wordt vervolgd r
49NL
Als [Geavanceerd] is ingesteld en de camera
(Portretopname) herkent, neemt de camera
automatisch 2 beelden* op wordt het beeld waarop de ogen geopend zijn automatisch
gekozen. Als op beide beelden het onderwerp de ogen dicht heeft, wordt de mededeling
"Dichte ogen gedetecteerd" afgebeeld, en wordt alleen het eerste beeld in het geheugen
geschreven.
Inhoud
zWat is de dichte-ogenverminderingsfunctie?
* Behalve wanneer de flitser afgaat of de lange-sluitertijdfunctie is geactiveerd.
Zoeken op
bediening
Zoeken in MENU/
Instellingen
Index
50NL
Lach-herkenn.gevoeligheid
1 MENU t
(Lach-herkenn.gevoeligheid) t gewenste functie
Een schaterlach wordt herkend.
(Normale lach)
Een normale lach wordt herkend.
(Glimlach)
Zelfs een glimlachje wordt herkend.
Opmerkingen
Zoeken in MENU/
Instellingen
• Het is mogelijk dat een lach niet goed wordt herkend, afhankelijk van de omstandigheden.
• [Lach-herkenn.gevoeligheid] kan niet worden ingesteld in de eenvoudig-opnemen-functie en voor het
opnemen van bewegende beelden.
• U kunt de lach-herkenningsgevoeligheid instellen wanneer
(Hoge gevoeligheid),
(Soft Snap),
(Schemer-portret),
(Strand) of (Sneeuw) is geselecteerd als de scènekeuzefunctie.
Zoeken op
bediening
(Schaterlach)
Inhoud
U kunt de gevoeligheid van de lach-sluiterfunctie voor het herkennen van een lach instellen.
Index
51NL
Gezichtsherkenning
Wanneer de camera meer dan één gezicht herkent, beoordeelt de camera welke het
primaire gezicht is en stelt daarop scherp. Het gezichtsherkenningskader rond het
hoofdonderwerp is oranje. Het gezichtsherkenningskader waarop wordt scherpgesteld
wordt groen wanneer de ontspanknop tot halverwege wordt ingedrukt.
Zoeken op
bediening
Gezichtsherkenningskader (oranje)
Inhoud
U kunt selecteren of de gezichtsherkenningsfunctie moet worden gebruikt of niet, en u kunt
tevens de onderwerpen selecteren die voorrang moeten krijgen bij het scherpstellen wanneer de
functie wordt gebruikt.
Met deze instelling herkent de camera de gezichten van uw onderwerpen en stelt automatisch de
scherpstelling, flitser, belichting, witbalans en rode-ogeneffectvermindering in.
Gezichtsherkenningskader (wit)
(Gezichtsherkenning) t gewenste functie
(Uit)
(Autom.)
De gezichtsherkenningsfunctie wordt niet gebruikt.
Selecteert het gezicht waarop de camera automatisch moet
scherpstellen.
Herkent de gezichten van kinderen en neemt deze met voorrang
op.
(Voorkeur
voor
volwassenen)
Herkent de gezichten van volwassenen en neemt deze met
voorrang op.
Index
(Voorkeur
voor kinderen)
Zoeken in MENU/
Instellingen
1 MENU t
Opmerkingen
• [Gezichtsherkenning] kan niet worden geselecteerd in de eenvoudig-opnemen-functie en voor het
opnemen van bewegende beelden.
• U kunt [Gezichtsherkenning] alleen selecteren wanneer de scherpstellingsfunctie is ingesteld op [MultiAF] en de lichtmeetfunctie is ingesteld op [Multi].
• De gezichtsherkenningsfunctie werkt niet tijdens gebruik van de digitale-zoomfunctie.
• Maximaal 8 gezichten van uw onderwerpen kunnen worden herkend. Echter, slechts maximaal 4
gezichten van de onderwerpen kunnen worden herkend wanneer de
(Soft Snap)-functie is
geselecteerd als de scènekeuzefunctie.
• Afhankelijk van de omstandigheden is het mogelijk dat de gezichten van kinderen en volwassenen niet
juist worden herkend.
• Tijdens het opnemen in de lach-sluiterfunctie, wordt [Gezichtsherkenning] automatisch ingesteld op
[Autom.], ook als dit ingesteld is op [Uit].
52NL
Wordt vervolgd r
zHet gezicht met voorrang registreren (geselecteerdNormaal gesproken selecteert de camera automatisch het gezicht waarop wordt
scherpgesteld aan de hand van de [Gezichtsherkenning]-instelling, maar u kunt ook zelf een
gezicht selecteren en registreren dat voorrang moet krijgen.
2Iedere keer wanneer u op z drukt, verspringt het gezicht met voorrang één gezicht naar
rechts. Druk herhaaldelijk op z totdat het oranje kader ( ) rond het gezicht wordt
afgebeeld dat u wilt registreren.
3Om het registreren van gezichten uit te schakelen, verplaatst u eerst het oranje kader naar
het meest rechtse gezicht, en drukt u daarna nogmaals op z.
Index
• Als u de accu uit de camera haalt, wordt de registratie van het gezicht met voorrang teruggesteld.
• Als het geregistreerde gezicht zich buiten het LCD-scherm beweegt, keert de camera terug naar de
instelling geselecteerd door [Gezichtsherkenning]. Wanneer het geregistreerde gezicht weer binnen
het LCD-scherm terugkeert, stelt de camera scherp op het geregistreerde gezicht.
• Het kan onmogelijk zijn het geregistreerde gezicht juist te herkennen afhankelijk van de helderheid
van de omgeving, de haardracht van het onderwerp, enz. In dat geval registreert u het gezicht
opnieuw onder dezelfde omstandigheden waarin het beeld zal worden opgenomen.
• Wanneer de lach-sluiterfunctie wordt gebruikt terwijl een gezichtsherkenningskader is
geregistreerd, wordt de lach-herkenning alleen uitgevoerd voor het geregistreerde gezicht.
• In de eenvoudig-opnemen-functie kan het gezicht dat voorrang moet krijgen niet worden
geregistreerd.
Zoeken in MENU/
Instellingen
1Druk op z op de besturingsknop tijdens de gezichtsherkenning. Het meest linkse gezicht
wordt geregistreerd als het gezicht met voorrang en het kader verandert van
in een
oranje kader ( ).
Zoeken op
bediening
Gezichtsherkenning-prioriteitskader uit
Inhoud
gezichtgeheugen)
zGezichten gemakkelijker te herkennen maken
• Zorg voor voldoende belichting.
• Zorg ervoor dat het gezicht van de onderwerpen niet wordt
verborgen door hoeden, gezichtsmaskers, zonnebrillen, enz.
• Zorg ervoor dat de onderwerpen naar de camera kijken.
53NL
Flitsniveau
1 Zet de functiekeuzeknop in de stand
2 MENU t
(Autom. Programma).
(Flitsniveau) t gewenste functie
Hiermee wordt het flitsniveau lager.
(Standaard)
Hiermee wordt het flitsniveau hoger.
Opmerking
Zoeken in MENU/
Instellingen
• Soms zijn de effecten niet zichtbaar wanneer het onderwerp dat wordt opgenomen te helder of te donker
is.
Zoeken op
bediening
(–)
(+)
Inhoud
Hiermee kunt u de hoeveelheid flitslicht instellen.
Index
54NL
Dichte-ogenvermindering
1 Zet de functiekeuzeknop in de stand
Inhoud
Wanneer de scènekeuzefunctie is ingesteld op
(Soft Snap) en het onderwerp met de ogen
knippert op het moment dat een opname wordt gemaakt, neemt de camera automatisch nog een
beeld op. Als in het tweede beeld de ogen wel geopend zijn, wordt alleen het tweede beeld in het
geheugen geschreven.
(Scènekeuze).
(Soft Snap).
3 MENU t
(Dichte-ogenvermindering) t gewenste functie
Als de gezichtsherkenningsfunctie is ingeschakeld, werkt de dichteogenverminderingsfunctie zodat beelden worden opgenomen
waarop het onderwerp de ogen open heeft.
(Uit)
De dichte-ogenverminderingsfunctie wordt niet gebruikt.
Opmerkingen
Index
• De dichte-ogenverminderingsfunctie werkt niet in de volgende situaties:
– Tijdens het gebruik van de flitser
– Tijdens opnemen in de burst- of bracketfunctie
– Wanneer de gezichtsherkenningsfunctie niet werkt
– Wanneer de lach-sluiterfunctie is ingeschakeld
• Soms werkt de dichte-ogenverminderingsfunctie niet, afhankelijk van de situatie.
• Wanneer de dichte-ogenverminderingsfunctie is ingesteld op [Autom.], maar alleen beelden zijn
opgenomen waarop het onderwerp de ogen dicht heeft, wordt de mededeling "Dichte ogen gedetecteerd"
afgebeeld op het LCD-scherm. Maak zo nodig de opname opnieuw.
Zoeken in MENU/
Instellingen
(Autom.)
Zoeken op
bediening
2 Selecteer
55NL
Rode-ogeneffect
(Rode-ogeneffect) t gewenste functie
Als de gezichtsherkenningsfunctie is ingeschakeld, gaat hiermee de
flitser automatisch af om het rode-ogeneffect te verminderen.
(Aan)
Hiermee gaat de flitser altijd af om het rode-ogeneffect te
verminderen.
(Uit)
Hiermee wordt de rode-ogeneffectvermindering niet gebruikt.
Opmerkingen
Index
• [Rode-ogeneffect] kan niet worden geselecteerd tijdens de eenvoudig-opnemen-functie, het opnemen van
bewegende beelden, en de lach-sluiterfunctie.
• Om wazige beelden te voorkomen, moet u de camera stevig vasthouden totdat de sluiter is ontspannen.
Dit duurt normaal gesproken een seconde nadat u op de ontspanknop hebt gedrukt. Zorg er tevens voor
dat het onderwerp niet beweegt gedurende deze periode.
• Het is mogelijk dat de rode-ogeneffectvermindering niet het gewenste resultaat oplevert. Dit is
afhankelijk van individuele verschillen en omstandigheden, zoals de afstand tot het onderwerp, en of het
onderwerp weg keek van de voorflits.
• Als u de gezichtsherkenningsfunctie niet gebruikt, werkt de rode-ogeneffectvermindering niet, ook niet
wanneer u [Autom.] instelt.
Zoeken in MENU/
Instellingen
(Autom.)
Zoeken op
bediening
1 MENU t
Inhoud
De flitser gaat twee of meer keer af voordat de opname wordt gemaakt om het rode-ogeneffect
dat optreedt bij het gebruik van de flitser te verminderen.
zHoe ontstaat het rode-ogeneffect?
Pupillen worden groter in een donkere omgeving. Het flitslicht wordt gereflecteerd door de
bloedvaten op de achterkant van het oog (het netvlies) waardoor het "rode-ogeneffect"
optreedt.
Camera
Oog
Netvlies
Andere manieren om het rode-ogeneffect te verminderen
• Selecteer
(Hoge gevoeligheid) als de scènekeuzefunctie. (De flitser wordt automatisch ingesteld
op [Flitser uit].)
• Als de ogen van het onderwerp in het beeld rood zijn, corrigeert u het beeld met behulp van
[Bijwerken] t [Rode-ogen-correctie] op het weergavemenu, of met behulp van het bijgeleverde
softwareprogramma "PMB".
56NL
DRO
1 Zet de functiekeuzeknop in de stand
(Autom. Programma).
(DRO) t gewenste functie
(Uit)
(DRO
standard)
Hiermee kunt u de helderheid en het contrast van de beelden
automatisch instellen.
Hiermee kunt u de helderheid en het contrast van de beelden
automatisch en sterk instellen.
Opmerkingen
• Afhankelijk van de opnameomstandigheden, kan het onmogelijk zijn het beeld te corrigeren.
• Als [DRO plus] is ingesteld, kan de ISO-gevoeligheid alleen worden ingesteld op [ISO AUTO] en
waarden van [ISO 80] tot en met [ISO 800].
Zoeken in MENU/
Instellingen
(DRO plus)
Hiermee wordt niets ingesteld.
Zoeken op
bediening
2 MENU t
Inhoud
De camera analyseert de opnamescène en corrigeert de helderheid en het contrast automatisch
om de beeldkwaliteit te verhogen.
DRO is de afkorting van "Dynamic Range Optimizer" (optimalisatie van dynamisch bereik), een
functie die automatisch het verschil tussen lichte en donkere delen van een beeld optimaliseert.
Index
57NL
Kleurfunctie
1 Zet de functiekeuzeknop in de stand
(Bewegende beeldn).
2 MENU t
(Autom. Programma) of
Inhoud
Door toepassing van kleureffecten kunt u de kleurinstelling van het beeld veranderen.
(Kleurfunctie) t gewenste functie
Hiermee krijgt het beeld heldere en diepe
kleuren.
(Sepia)
Hiermee wordt het beeld ingesteld op sepiakleuren
(Z-W)
Hiermee wordt het beeld ingesteld op zwart-wit.
Index
(Levendig)
Zoeken in MENU/
Instellingen
Hiermee wordt het beeld ingesteld op de
standaardkleur.
Zoeken op
bediening
(Normaal)
Opmerking
• Bij het opnemen van bewegende beelden kunnen alleen [Normaal], [Sepia] en [Z-W] worden
geselecteerd.
58NL
SteadyShot
1 MENU t
(SteadyShot) t gewenste functie
Hiermee wordt de antiwaasfunctie ingeschakeld als de ontspanknop
tot halverwege ingedrukt wordt.
(Continu)
Hiermee is de antiwaasfunctie altijd ingeschakeld. Stabiele beelden
zijn mogelijk, zelfs als er ingezoomd is op een ver verwijderd
onderwerp.
(Uit)
Hiermee wordt de antiwaasfunctie niet gebruikt.
Zoeken op
bediening
(Opnemen)
Inhoud
Hiermee kunt u de antiwaasfunctie selecteren.
Opmerkingen
Zoeken in MENU/
Instellingen
• In de intelligente automatische instelfunctie, de eenvoudig-opnemen-functie of als de scènekeuzefunctie
is ingesteld op (Voedsel), ligt [SteadyShot] vast op [Opnemen].
• [SteadyShot] ligt vast op [Continu] zolang de lach-sluiterfunctie is ingeschakeld.
• Voor bewegende beelden kunt u alleen[Continu] of [Uit] instellen. De standaardinstelling voor
bewegende beelden is [Continu].
• De acculading wordt sneller opgebruikt in de [Continu]-functie dan in de [Opnemen]-functie.
zTips om wazige beelden te voorkomen
Index
De camera werd per ongeluk bewogen toen u een beeld opnam. Dit heet de
"camerabeweging". Het kan ook zijn dat het onderwerp bewoog toen u het beeld opnam. Dit
heet dan "onderwerpbeweging". Bovendien treden camerabewegingen en
onderwerpbewegingen vaak op bij zwakke belichting of lange sluitertijden, zoals die
optreden wanneer
(Schemer-portret) of (Schemer) is gekozen als de
scènekeuzefunctie. In dergelijke gevallen houdt u bij het opnemen de onderstaande tips in
gedachten.
Camerabeweging
Uw hand of lichaam bewoog terwijl u de
camera vasthield en op de ontspanknop drukte,
waardoor het gehele beeld wazig is geworden.
• Gebruik een statief of plaats de camera op een
vlakke ondergrond zodat de camera stevig staat.
• Neem op met een zelfontspanner met een
vertraging van 2 seconden en stabiliseer de camera door uw armen stevig tegen uw zij te drukken
nadat u op de ontspanknop hebt gedrukt.
Onderwerpbeweging
Ondanks dat de camera stil wordt gehouden,
kan het onderwerp bewegen tijdens de
belichtingstijd nadat op de ontspanknop is
gedrukt, waardoor het onderwerp wazig wordt
opgenomen. De camerabewegingen worden
automatisch verminderd met behulp van de
antiwaasfunctie. Deze functie vermindert echter niet de onderwerpbewegingen effectief.
• Selecteer
(Hoge gevoeligheid) als de scènekeuzefunctie.
• Selecteer een hogere ISO-gevoeligheid om de sluitertijd korter te maken, en druk op de
ontspanknop voordat het onderwerp beweegt.
59NL
Diavoorstelling
1 Druk op de
(weergave-)toets om over te schakelen naar de
weergavefunctie.
2 MENU t
Inhoud
Beelden worden automatisch achter elkaar weergegeven tezamen met effecten en muziek.
(Diavoorstelling) t z op de besturingsknop
4 [Start] t z
5 Druk op z om de diavoorstelling af te sluiten.
Zoeken op
bediening
3 Selecteer de gewenste instelling.
Opmerkingen
Beeld
U kunt de groep beelden selecteren die moet worden vertoond.
Geeft een diavoorstelling weer van alle stilstaande beelden op
volgorde.
Deze datum
Geeft een diavoorstelling weer van de stilstaande beelden binnen
het huidig geselecteerde datumbereik in het geval de
weergavefunctie
(Datumweergave) is.
Index
Alle beelden
Zoeken in MENU/
Instellingen
• U kunt bewegende beelden niet weergeven.
• Andere instellingen dan [Beeld] worden opgeslagen tot ze de volgende keer worden veranderd.
Deze gebeurtenis Geeft een diavoorstelling weer van de stilstaande beelden in de
huidig geselecteerde gebeurtenisgroep in het geval de
weergavefunctie
(Weerg. per gebeurt.) is.
Favorieten 1 – 6
Geeft een diavoorstelling weer van alleen de stilstaande beelden in
het huidig geselecteerde favorietennummer in het geval de
weergavefunctie
(Favorieten) is.
Map
Geeft een diavoorstelling weer van de stilstaande beelden in de
huidig geselecteerde map in het geval de weergavefunctie
(Mapweergave) is.
Opmerking
• Deze instelling ligt vast op [Map] wanneer het interne geheugen wordt gebruikt om beelden op te nemen.
60NL
Effecten
Een eenvoudige diavoorstelling met een vooraf ingesteld interval
tussen de stilstaande beelden.
Het weergave-interval is instelbaar bij [Interval] zodat u volledig
kunt genieten van uw beelden.
Nostalgisch
Een stemmige diavoorstelling die de sfeer van een filmscène
oproept.
Stijlvol
Een stijlvolle diavoorstelling die op een middelmatige snelheid
uitgevoerd wordt.
Actief
Een snelle diavoorstelling die geschikt is voor actieve scènes.
U kunt de muziek instellen die tijdens de diavoorstelling moet worden afgespeeld. U kunt meer
dan één track voor achtergrondmuziek selecteren. Druk op V op de besturingsknop om het
volumeregelingsscherm af te beelden, en druk daarna op v/V om het volumeniveau in te stellen.
Hiermee wordt de achtergrondmuziek niet gebruikt.
Music1
De standaardinstelling voor een [Simpel]-diavoorstelling.
Music2
De standaardinstelling voor een [Nostalgisch]-diavoorstelling.
Music3
De standaardinstelling voor een [Stijlvol]-diavoorstelling.
Music4
De standaardinstelling voor een [Actief]-diavoorstelling.
Index
Geen geluid
Zoeken in MENU/
Instellingen
Muziek
Zoeken op
bediening
Simpel
Inhoud
U kunt de weergavesnelheid en atmosfeer van de diavoorstelling selecteren.
Interval
U kunt het interval instellen waarmee de dia’s moeten worden verwisseld. De instelling ligt vast
op [Autom.] wanneer [Simpel] niet is geselecteerd bij [Effecten].
1 sec
3 sec
Hiermee stelt u het weergave-interval in van beelden voor een
diavoorstelling met effectinstelling [Simpel].
5 sec
10 sec
Autom.
Hiermee wordt het interval zodanig ingesteld dat het geschikt is
voor het geselecteerde onderdeel bij [Effecten].
Herhalen
U kunt het herhalen van de diavoorstelling in- of uitschakelen.
Aan
Hiermee geeft u de beelden weer in een continu herhaalde
weergave.
Uit
Hiermee eindigt de diavoorstelling nadat alle beelden eenmaal zijn
weergegeven.
61NL
Wordt vervolgd r
zDe achtergrondmuziek selecteren
Zoeken op
bediening
• U kunt maximaal vier muziekstukken kopiëren naar de camera (de 4 vooraf ingestelde
muziekstukken (Music1 t/m Music4) kunnen worden vervangen door de gekopieerde
muziekstukken).
• De maximumlengte van ieder muziekbestand dat door de camera kan worden afgespeeld, is
ongeveer 5 minuten.
• Als u een muziekbestand niet kunt weergeven als gevolg van beschadiging of ander defect van het
bestand, voert u [Format. muz.] (pagina 94) uit en brengt u de muziekbestanden nogmaals over naar
de camera.
Inhoud
U kunt een gewenst muziekstuk kopiëren vanaf een cd of MP3-bestand naar de camera om
af te spelen tijdens een diavoorstelling. Om muziek te kunnen kopiëren, installeert u eerst
het softwareprogramma "Music Transfer" (bijgeleverd) op uw computer. Voor meer
informatie, zie de pagina’s 114 en 117.
Zoeken in MENU/
Instellingen
Index
62NL
Datumlijst
Inhoud
U kunt in de datumweergave de datum selecteren die moet worden weergegeven.
Stap 2 is overbodig wanneer [Datumweergave] reeds is ingesteld.
1 Druk op de
(weergave-)toets om over te schakelen naar de
weergavefunctie.
3 MENU t
(Datumweergave) t z op de
(Datumlijst) t z
4 Selecteer de datum die u wilt weergeven t z.
Zoeken op
bediening
2 MENU t
(Weergavefunctie) t
besturingsknop
Opmerking
zOp het scherm Datumlijst
• Selecteer de maand die u wilt weergeven met / .
• Om de Datumlijst te verlaten, selecteert u
met de
besturingsknop en drukt u daarna op z.
Zoeken in MENU/
Instellingen
• Dit onderdeel wordt niet afgebeeld wanneer het interne geheugen wordt gebruikt om beelden op te
nemen.
Index
63NL
Lijst met gebeurtenissen
2 MENU t
(Weergavefunctie) t
de besturingsknop
(Lijst met gebeurtenissen) t z
4 Selecteer de gebeurtenisgroep die u wilt weergeven t z.
Opmerking
• Dit onderdeel wordt niet afgebeeld wanneer het interne geheugen wordt gebruikt om beelden op te
nemen.
Zoeken in MENU/
Instellingen
3 MENU t
(Weerg. per gebeurt.) t z op
Zoeken op
bediening
1 Druk op de
(weergave-)toets om over te schakelen naar de
weergavefunctie.
Inhoud
U kunt in de weergave per gebeurtenis de gebeurtenisgroep selecteren die moet worden
weergegeven.
U kunt voor iedere groep de zelfbedachte naam van een gebeurtenis invoeren met behulp van het
softwareprogramma "PMB" (bijgeleverd). Voor meer informatie over het invoeren van de naam
van de gebeurtenis, zie de "Gids voor PMB".
Stap 2 is overbodig wanneer [Weerg. per gebeurt.] reeds is ingesteld.
zOp het scherm Gebeurtenissenlijst
Index
• De maandindicator aan de rechterkant van het scherm geeft de
gebeurtenissenmaand aan die bovenaan het scherm wordt
weergegeven. Selecteer de gebeurtenissenmaand die u wilt
weergeven met / .
• Om de Gebeurtenissenlijst te verlaten, selecteert u
met de
besturingsknop en drukt u daarna op z.
64NL
Weergavefunctie
1 Druk op de
(weergave-)toets om over te schakelen naar de
weergavefunctie.
Geeft beelden op datum weer.
(Datumweergave) Selecteer [Datumlijst] op het menu om een specifieke datum te
selecteren in de kalenderweergave.
(Favorieten)
Geeft beelden weer die zijn geregistreerd
als favorieten. Selecteer het nummer van
de favorieten die u wilt weergeven.
De beelden worden afgebeeld, georganiseerd in mappen.
Wanneer reeds een opnamemap is aangemaakt, selecteert u [Map
kiezen] op het menu om een map te selecteren waarvan u de
beelden wilt weergeven.
Index
(Mapweergave)
Analyseert de datums, opnamen en frequenties, organiseert
automatisch de beelden in groepen en geeft deze weer.
Selecteer [Lijst met gebeurtenissen] op het menu om de
gebeurtenisgroep te selecteren die u wilt weergeven.
Zoeken in MENU/
Instellingen
(Weerg. per
gebeurt.)
Zoeken op
bediening
2 MENU t
(Weergavefunctie) t gewenste functie t z op de
besturingsknop
Inhoud
U kunt de schermindeling selecteren voor het gelijktijdig weergeven van meerdere beelden.
Opmerkingen
• Als u het interne geheugen gebruikt, wordt de weergavefunctie ingesteld op [Mapweergave].
• Wanneer beelden opgenomen op een andere camera niet kunnen worden weergegeven op deze camera,
geeft u de beelden weer in de [Mapweergave].
zBeelden weergeven die zijn opgenomen met een
andere camera
Het scherm waarop u een weergavemethode kunt selecteren wordt afgebeeld wanneer u een
"Memory Stick Duo" in deze camera plaatst waarop zowel beelden staan die met deze
camera zijn opgenomen, als beelden die met een andere camera zijn opgenomen.
"Alleen geregist. beelden weergeven": De beelden worden weergegeven in de
geselecteerde Weergavefunctie. Sommige beelden die met een andere camera zijn
opgenomen, worden mogelijk niet weergegeven.
"Alles weergeven met mapweergave": De camera schakelt over naar Mapweergave
en geeft alle beelden weer.
65NL
Wordt vervolgd r
zOver het [Weerg. per gebeurt.]
Inhoud
[Weerg. per gebeurt.] is de functie waarin de camera de datums, opnamen en frequenties
analyseert, de beelden automatisch in groepen organiseert en deze weergeeft. U kunt aan
iedere gebeurtenis een handige naam geven als u het bijgeleverde softwareprogramma
"PMB" gebruikt.
Opnamen van huisdieren
Zoeken op
bediening
Opnamen op vakanties
Opnamen op bruiloften
Gebeurtenis
Gebeurtenis
Gebeurtenis
Huisdier
* Geen opnamen gemaakt
Vakantie
Bruiloft
Zoeken in MENU/
Instellingen
Tijdverloop
Index
66NL
Filteren op gezicht
1 Druk op de
(weergave-)toets om over te schakelen naar de
weergavefunctie.
(Uit)
Hiermee worden de beelden niet gefilterd.
(Alle mensen)
Hiermee worden de beelden gefilterd aan de hand van specifieke
criteria en vervolgens weergegeven.
(Kinderen)
(Lachend)
Opmerkingen
• Dit onderdeel wordt niet afgebeeld wanneer het interne geheugen wordt gebruikt om beelden op te
nemen.
• Wanneer de weergavefunctie is ingesteld op [Mapweergave], kunt u de filteren-op-gezicht-functie niet
gebruiken.
• Soms worden beelden per ongeluk weergegeven of juist niet.
• Soms is filteren niet mogelijk bij beelden opgenomen op een andere camera.
Zoeken in MENU/
Instellingen
(Baby's)
Zoeken op
bediening
2 MENU t
(Filteren op gezicht) t gewenste functie t z op de
besturingsknop
Inhoud
U kunt beelden filteren en vervolgens weergeven.
Index
67NL
Favorieten toevoegen/verw.
2 MENU t
(Favorieten toevoegen/verw.) t gewenste functie t z op
de besturingsknop
3 Selecteer het favorietengroepnummer t z.
Zoeken op
bediening
1 Druk op de
(weergave-)toets om over te schakelen naar de
weergavefunctie.
Inhoud
Selecteer uw favoriete beelden en voeg deze toe aan groepen, of verwijder deze uit groepen als
favoriet.
Het
merkteken wordt afgebeeld op geregistreerde beelden.
4 MENU t [OK] t z
(Meerdere
beelden)
Hiermee kunt u het huidig weergegeven beeld toevoegen aan of
verwijderen uit de favorieten.
Hiermee kunt u meerdere beelden selecteren en toevoegen aan of
verwijderen uit de favorieten.
Voer de volgende handelingen uit na stap 3.
1Selecteer een beeld en druk daarna op z.
Herhaal de bovenstaande stappen to u geen beelden meer wilt
toevoegen/verwijderen. Selecteer een beeld met een
markering om de
markering op te heffen.
(Alle in
datumbereik toev.)
(Alle in
gebeurtenis
toevoeg.)
Hiermee kunt u alle beelden binnen het geselecteerde datumbereik
of gebeurtenisgroep in de indexweergavefunctie tegelijkertijd aan
de favorieten toevoegen.
(Alle in
datumbereik verw.)
(Alle in deze
gebeurt. verwijd)
(Alle in
Favorieten
verwijder.)
Hiermee kunt u alle beelden in de indexweergavefunctie
tegelijkertijd uit de favorieten verwijderen.
Index
2MENU t [OK] t z
Zoeken in MENU/
Instellingen
(Dit beeld)
Opmerkingen
• Dit onderdeel wordt niet afgebeeld wanneer het interne geheugen wordt gebruikt om beelden op te
nemen.
• Wanneer de weergavefunctie is ingesteld op [Mapweergave], kunt u geen beelden toevoegen aan of
verwijderen uit de favorieten.
68NL
Bijwerken
2 MENU t
(Bijwerken) t gewenste functie t z op de
besturingsknop
3 Voer het bijwerken uit volgens de bedieningsmethode van de betreffende
functie.
Zoeken in MENU/
Instellingen
(Trimmen)
Hiermee neemt u het ingezoomde
weergavebeeld op.
Druk op de T-kant ( ) van de
knop om in te zoomen, en op de
W-kant om uit te zoomen.
2 Stel het zoompunt in met de
besturingsknop.
3 MENU t selecteer een
beeldformaat om op te slaan t z
4 [OK] t z
• De beeldkwaliteit van getrimde
beelden kan verslechteren.
• Het beeldformaat dat u kunt
trimmen kan verschillen
afhankelijk van het beeld.
1
Index
(Rode-ogencorrectie)
Zoeken op
bediening
1 Druk op de
(weergave-)toets om over te schakelen naar de
weergavefunctie.
Inhoud
Met deze instelling kunt u effecten toevoegen aan of correcties aanbrengen in een opgenomen
beeld en dit opnemen als een nieuw bestand.
Het oorspronkelijke beeld blijft behouden.
Hiermee corrigeert u het rodeogeneffect dat wordt veroorzaakt
door de flitser.
Selecteer [OK] met de
besturingsknop t z.
• Het is mogelijk dat het rodeogeneffect niet geheel kan worden
gecorrigeerd, afhankelijk van het
beeld.
1
(Onscherpte
repareren)
Hiermee maakt u het beeld
scherper binnen een gekozen
kader.
Selecteer het gebied (frame) van
het gewenste beeld dat u wilt
bijwerken, met de besturingsknop
t MENU.
2 [OK] t z
• Afhankelijk van het beeld is het
mogelijk dat niet voldoende
reparatie kan worden verkregen en
de beeldkwaliteit verslechtert.
1
69NL
Wordt vervolgd r
Hiermee maakt u de omgeving
van een gekozen punt in het beeld
wazig om een onderwerp eruit te
laten springen.
Inhoud
(Lagere
beeldscherpte)
Selecteer het middelpunt van het
gewenste beeld dat u wilt
bijwerken met de besturingsknop
t MENU.
2 Selecteer het gewenste niveau
waarmee het beeld moet worden
bijgewerkt t z.
3 Stel het gewenste gebied in dat u
wilt bijwerken met de W/Tzoomknop t [OK] t z.
1
Zoeken op
bediening
(Gedeeltelijk
kleur)
Zoeken in MENU/
Instellingen
Hiermee wordt de omgeving van
een gekozen punt monochroom
weergegeven om een onderwerp
eruit te laten springen.
Selecteer het middelpunt van het
gewenste beeld dat u wilt
bijwerken met de besturingsknop
t MENU.
2 Stel het gewenste gebied in dat u
wilt bijwerken met de W/Tzoomknop t [OK] t z.
1
Hiermee past u een
vissenoogeffect toe rondom een
gekozen punt.
Index
(Vissenooglens)
Selecteer het middelpunt van het
gewenste beeld dat u wilt
bijwerken met de besturingsknop
t MENU.
2 Selecteer het gewenste niveau
waarmee het beeld moet worden
bijgewerkt t z.
3 [OK] t z
1
(Stereffect)
Hiermee voegt u een stereffect toe
aan de lichtbronnen in het beeld.
Selecteer het gewenste niveau
waarmee het beeld moet worden
bijgewerkt met de besturingsknop
t z.
2 Stel het gewenste gebied in dat
moet worden bijgewerkt met de
W/T-zoomknop t [OK] t z.
1
(Radiale
waas)
Hiermee bepaalt u het middelpunt
vanwaaruit de beweging in het
stilstaande beeld voelbaar is.
Selecteer het middelpunt van het
gewenste beeld dat u wilt
bijwerken met de besturingsknop
t MENU.
2 Stel het gewenste gebied in dat u
wilt bijwerken met de W/Tzoomknop t [OK] t z.
1
70NL
Wordt vervolgd r
(Retro)
Selecteer het gewenste niveau
waarmee het beeld moet worden
bijgewerkt met de besturingsknop
t z.
2 Stel het gewenste gebied in dat u
wilt bijwerken met de W/Tzoomknop t [OK] t z.
Inhoud
Het beeld wordt zachter door de
beeldscherpte te verminderen en
het omgevingslicht te verlagen
zodat het lijkt alsof het beeld is
opgenomen met een oude camera.
1
Hiermee kunt u een lach op het
gezicht van een persoon maken.
Selecteer het gewenste niveau
waarmee het beeld moet worden
bijgewerkt met de besturingsknop
t z.
2 [OK] t z
• Bijwerken kan onmogelijk zijn
afhankelijk van het beeld.
Zoeken op
bediening
(Lachen)
1
Zoeken in MENU/
Instellingen
Opmerking
• Bewegende beelden kunnen niet worden bijgewerkt.
Index
71NL
Formaat wijzigen
2 MENU t
(Formaat wijzigen) t gewenste functie t z op de
besturingsknop
3 Zoom naar het gebied dat u wilt trimmen met de W/T-zoomknop.
Zoeken op
bediening
1 Druk op de
(weergave-)toets om over te schakelen naar de
weergavefunctie.
Inhoud
Met deze instelling kunt u de beeldverhouding en het beeldformaat van de opgenomen beelden
veranderen en deze vervolgens opnemen als nieuwe bestanden.
U kunt het beeldformaat van beelden veranderen naar 16:9 voor high-definitionweergave, en
naar het VGA-formaat voor opname in een blog of verzenden als e-mailbijlage.
4 Geef het gebied aan dat u wilt trimmen met de besturingsknop.
(HDTV)
(Blog / Email)
Hiermee kunt u de
beeldverhouding veranderen van
4:3 of 3:2 naar 16:9, en het beeld
opslaan op 2M-formaat.
Index
Hiermee kunt u de
beeldverhouding veranderen van
16:9 of 3:2 naar 4:3, en het beeld
opslaan op VGA-formaat.
Zoeken in MENU/
Instellingen
5 MENU t [OK] t z
Opmerkingen
• U kunt het beeldformaat van bewegende beelden niet veranderen.
• U kunt het beeldformaat niet veranderen van VGA naar [HDTV].
• Door het beeld te vergroten of het formaat te wijzigen kan de beeldkwaliteit achteruit gaan.
72NL
Wissen
Inhoud
U kunt ongewenste beelden selecteren om te wissen. U kunt ook beelden wissen met de
(Wissen-)toets (pagina 34).
1 Druk op de
(weergave-)toets om over te schakelen naar de
weergavefunctie.
(Wissen) t gewenste functie t z op de besturingsknop
3 [OK] t z
(Dit beeld)
Hiermee kunt u meerdere beelden selecteren om te wissen.
Voer de volgende handelingen uit na stap 2.
1Selecteer een beeld en druk daarna op z.
Herhaal de bovenstaande stappen tot u geen beelden meer wilt
wissen. Selecteer een beeld met een
markering om de
markering op te heffen.
2MENU t [OK] t z
Hiermee kunt u alle beelden in de geselecteerde map, datumbereik
of gebeurtenisgroep tegelijkertijd wissen.
Index
(Alle in deze
map)
(Alle beelden in
datumbereik)
(Alle in
gebeurtenis)
Zoeken in MENU/
Instellingen
(Meerdere
beelden)
Hiermee kunt u het huidig weergegeven beeld in de
enkelbeeldweergavefunctie wissen.
Zoeken op
bediening
2 MENU t
Opmerkingen
• Als de functiekeuzeknop in de stand
(Eenvoudig opnemen) staat, kunt u [Enkel beeld wissen] of
[Alle beelden wissen] selecteren.
• Als de weergavefunctie is ingesteld op [Favorieten], kunt u geen beelden wissen.
73NL
Beveiligen
Inhoud
U kunt opgenomen beelden beveiligen tegen per ongeluk wissen.
Het
merkteken wordt afgebeeld op geregistreerde beelden.
1 Druk op de
(weergave-)toets om over te schakelen naar de
weergavefunctie.
(Dit beeld)
Hiermee kunt u meerdere beelden selecteren om te beveiligen.
Voer de volgende handelingen uit na stap 2.
1Selecteer een beeld en druk daarna op z.
Herhaal de bovenstaande stappen tot u geen beelden meer wilt
beveiligen. Selecteer een beeld met een
markering om de
markering op te heffen.
2MENU t [OK] t z
Zoeken in MENU/
Instellingen
(Meerdere
beelden)
Hiermee kunt u het huidig weergegeven beeld in de
enkelbeeldweergavefunctie beveiligen.
Zoeken op
bediening
2 MENU t
(Beveiligen) t gewenste functie t z op de
besturingsknop
zDe beveiliging annuleren
Index
Selecteer het beeld waarvan u de beveiliging wilt opheffen en ontgrendel het door op de
besturingsknop op z te drukken volgens dezelfde procedure als bij het instellen van de
beveiliging.
De indicator gaat uit en de beveiliging is opgeheven.
74NL
DPOF
2 MENU t
(Dit beeld)
Hiermee kunt u het huidig weergegeven beeld in de
enkelbeeldweergavefunctie registreren voor afdrukken.
Hiermee kunt u meerdere beelden selecteren om te registreren voor
afdrukken.
Voer de volgende handelingen uit na stap 2.
1Selecteer een beeld en druk daarna op z.
Herhaal de bovenstaande stappen tot u geen beelden meer wilt
registreren. Selecteer een beeld met een
markering om de
markering op te heffen.
2MENU t [OK] t z
Zoeken in MENU/
Instellingen
(Meerdere
beelden)
t gewenste functie t z op de besturingsknop
Zoeken op
bediening
1 Druk op de
(weergave-)toets om over te schakelen naar de
weergavefunctie.
Inhoud
DPOF (Digital Print Order Format) is een functie waarmee u beelden op de "Memory Stick
Duo" kunt registreren die u later wilt afdrukken.
De
-afdrukmarkering wordt afgebeeld op geregistreerde beelden.
Opmerkingen
Index
• De
-afdrukmarkering kan niet wordt aangebracht op bewegende beelden of op beelden in het
interne geheugen.
• U kunt de
-afdrukmarkering aanbrengen op maximaal 999 beelden.
zDe DPOF-afdrukmarkering verwijderen
Selecteer een geregistreerd beeld waarvan u de DPOF-afdrukmarkering wilt verwijderen en
druk op de besturingsknop op z volgens dezelfde procedure als bij het registreren van de
DPOF-afdrukmarkering.
De
-afdrukmarkering gaat uit en de registratie voor afdrukken is opgeheven.
75NL
Map kiezen
2 MENU t
(Weergavefunctie) t
besturingsknop
3 MENU t
(Mapweergave) t z op de
(Map kiezen) t z
Zoeken op
bediening
1 Druk op de
(weergave-)toets om over te schakelen naar de
weergavefunctie.
Inhoud
Wanneer meerdere mappen zijn aangemaakt op een "Memory Stick Duo", kunt u de map
selecteren waarin het beeld zit dat u wilt weergeven.
Stap 2 is overbodig wanneer [Mapweergave] reeds is ingesteld.
4 Selecteer de map met b/B.
Opmerking
• Dit onderdeel wordt niet afgebeeld wanneer het interne geheugen wordt gebruikt om beelden op te
nemen.
zBeelden uit meerdere mappen bekijken
Index
Wanneer meerdere mappen zijn aangemaakt, worden de volgende indicators afgebeeld op
het eerste en laatste beeld in de map.
: U kunt naar de voorgaande map gaan
: U kunt naar de volgende map gaan
: U kunt naar de voorgaande of volgende mappen gaan
Zoeken in MENU/
Instellingen
5 [OK] t z
76NL
Roteren
2 MENU t
Zoeken op
bediening
1 Druk op de
(weergave-)toets om over te schakelen naar de
weergavefunctie.
Inhoud
Met deze instelling kunt u een stilstaand beeld roteren. Gebruik deze functie om een beeld met
een horizontale oriëntatie, verticaal weer te geven.
(Roteren) t z op de besturingsknop
4 [OK] t z
Opmerkingen
• U kunt bewegende beelden en beveiligde stilstaande beelden niet roteren.
• Beelden die met andere camera’s zijn opgenomen, kunnen soms niet worden geroteerd.
• Wanneer u beelden op een computer weergeeft, is het afhankelijk van de gebruikte software mogelijk dat
de beeldrotatie-informatie niet tot uitdrukking komt.
Zoeken in MENU/
Instellingen
3 Roteer het beeld met [ / ] t b/B.
Index
77NL
AF-verlicht.
2 MENU t
(Instellingen) t
(Opname-instellingn) t [AF-verlicht.]
t gewenste instelling t z op de besturingsknop
Hiermee wordt de AF-verlichting gebruikt.
Uit
Hiermee wordt de AF-verlichting niet gebruikt.
Opmerkingen
Index
• De camera kan scherpstellen zolang het licht van de AF-verlichting het onderwerp bereikt, ongeacht of
het licht het midden van het onderwerp al of niet kan bereiken.
• U kunt de AF-verlichting niet gebruiken wanneer:
– [Scherpstellen] is ingesteld op de semi-handmatig-functie.
– [Conversielens] is ingesteld op een andere functie dan [Uit].
–
(Landschap), (Schemer) of (Vuurwerk) is geselecteerd als de scènekeuzefunctie.
• Als u de AF-verlichting gebruikt, is het normale AF-bereikzoekerframe uitgeschakeld en wordt met een
stippellijn een nieuw AF-bereikzoekerframe afgebeeld. De automatische scherpstelling werkt met
voorrang op onderwerpen die zich dichtbij het midden van het frame bevinden.
• De AF-verlichting zendt zeer helder licht uit. Ondanks dat er geen gezondheidsrisico’s bestaan, mag u
niet van dichtbij rechtstreeks in de AF-verlichtingslamp kijken.
Zoeken in MENU/
Instellingen
Autom.
Zoeken op
bediening
1 Stel de camera in op de opnamefunctie.
Inhoud
De AF-verlichting levert vullicht om gemakkelijker te kunnen scherpstellen op een onderwerp in
een donkere omgeving.
De AF-verlichting werpt rood licht uit zodat de camera gemakkelijk kan scherpstellen zodra de
ontspanknop tot halverwege ingedrukt wordt gehouden totdat de scherpstelling is vergrendeld.
Op dat moment wordt de
indicator afgebeeld.
78NL
Stramienlijn
Inhoud
Met behulp van de rasterlijnen kunt u het onderwerp gemakkelijker in een horizontale/verticale
stand brengen.
1 Stel de camera in op de opnamefunctie.
Aan
Beeldt de rasterlijnen af. De rasterlijnen worden niet opgenomen.
Uit
Beeldt de rasterlijnen niet af.
Zoeken op
bediening
2 MENU t
(Instellingen) t
(Opname-instellingn) t [Stramienlijn]
t gewenste functie t z op de besturingsknop
Zoeken in MENU/
Instellingen
Index
79NL
Digitale zoom
Inhoud
Met deze instelling kunt u de digitale-zoomfunctie instellen. De camera vergroot het beeld met
behulp van optische zoom (max. 5×). Wanneer de schaalverdeling van de zoom wordt
overschreden, gebruikt de camera de slimme-zoomfunctie of precisie-digitale-zoomfunctie.
1 Stel de camera in op de opnamefunctie.
Slim (
)
Uit
)
Hiermee worden alle beeldformaten vergroot met de totale
zoomvergroting van ongeveer 10×, inclusief de optischezoomvergroting van 5×. Merk echter op dat de beeldkwaliteit
verslechtert wanneer de optische-zoomvergroting wordt
overschreden (precisie-digitale-zoomfunctie).
Hiermee wordt de digitale-zoomfunctie niet gebruikt.
Opmerkingen
Index
• De digitale zoomfunctie werkt niet tijdens het opnemen van bewegende beelden of tijdens het gebruik
van de lach-sluiterfunctie.
• De slimme-zoomfunctie is niet beschikbaar wanneer het beeldformaat is ingesteld op [12M], [3:2(11M)]
of [16:9(9M)].
• De gezichtsherkenningsfunctie werkt niet tijdens gebruik van de digitale-zoomfunctie.
Zoeken in MENU/
Instellingen
Nauwkeurig (
Vergroot het beeld digitaal binnen het bereik waarin het beeld niet
wordt vervormd, overeenkomstig het beeldformaat (slimmezoomfunctie).
Zoeken op
bediening
2 MENU t
(Instellingen) t
(Opname-instellingn) t [Digitale
zoom] t gewenste functie t z op de besturingsknop
Totale zoomvergroting bij gebruik van de slimmezoomfunctie (inclusief 5× optische zoom)
De ondersteunde zoomvergroting verschilt afhankelijk van het beeldformaat.
Formaat
Totale zoomvergroting
8M
Ong. 6,1×
5M
Ong. 7,7×
3M
Ong. 9,8×
VGA
Ong. 31×
16:9(2M)
Ong. 10×
80NL
Conversielens
Inhoud
Deze instelling zorgt voor een juiste scherpstelling wanneer een conversielens (los verkrijgbaar)
is bevestigd. Bevestig eerst de lensadapter (los verkrijgbaar) en daarna de conversielens.
1 Stel de camera in op de opnamefunctie.
Telefoto (
Groothoek (
Uit
)
Voor als een telefoto-conversielens is bevestigd.
)
Voor als een groothoek-conversielens is bevestigd.
Voor als geen conversielens is bevestigd.
Index
• Bij gebruik van de ingebouwde flitser, kan het flitslicht worden geblokkeerd waardoor een schaduw in
het beeld wordt geworpen.
• Een weerkaatst beeld van de lens kan in het beeld verschijnen als gevolg van de weerkaatsing tussen deze
lens en de conversielens.
• De macro-instelling ligt vast op [Autom.].
• Het beschikbare zoomgebied is beperkt.
• Het beschikbare scherpstelveld is beperkt.
• De AF-verlichting brandt niet.
• U kunt semi-handmatig niet selecteren.
• Als u beelden opneemt met een teleconversielens, kan de camera ook scherpstellen op onderwerpen
dichtbij in de standen
(Landschap) en (Schemer).
• Als u beelden opneemt met een conversielens, is het mogelijk dat u geen beelden in de stand
(Vuurwerk) kunt opnemen met een optimaal effect.
• Raadpleeg ook de gebruiksaanwijzing van de conversielens.
Zoeken in MENU/
Instellingen
Opmerkingen
Zoeken op
bediening
2 MENU t
(Instellingen) t
(Opname-instellingn) t
[Conversielens] t gewenste functie t z op de besturingsknop
81NL
Autom. Oriëntatie
Inhoud
Wanneer de camera wordt gedraaid (verticaal) om een portretopname te maken, neemt de
camera deze positiewijziging op en geeft het beeld weer in de portretoriëntatie.
1 Stel de camera in op de opnamefunctie.
Aan
Hiermee neemt u een beeld op in de juiste oriëntatie.
Uit
Hiermee wordt automatische oriëntatie niet gebruikt.
Zoeken op
bediening
2 MENU t
(Instellingen) t
(Opname-instellingn) t [Autom.
Oriëntatie] t gewenste functie t z op de besturingsknop
Opmerkingen
zBeelden roteren na het opnemen
Zoeken in MENU/
Instellingen
• Aan de linker- en rechterkant van verticaal georiënteerde beelden wordt een zwarte rand afgebeeld.
• Afhankelijk van de opnamehoek van de camera, is het mogelijk dat de oriëntatie van het beeld niet juist
wordt opgenomen.
• U kunt de automatische oriëntatie niet gebruiken wanneer de stand
(Onderwater) is geselecteerd als
de scènekeuzefunctie, of bij het opnemen van bewegende beelden.
• Als de oriëntatie van een beeld niet juist is, kunt u [Roteren] op het menuscherm gebruiken om het
beeld in de portretpositie weer te geven.
Index
82NL
Auto Review
Inhoud
Met deze instelling kunt u het opgenomen beeld, onmiddellijk nadat een stilstaand beeld is
opgenomen, gedurende twee seconden op het scherm afbeelden.
1 Stel de camera in op de opnamefunctie.
Aan
Hiermee wordt de Auto Review gebruikt.
Uit
Hiermee wordt de Auto Review niet gebruikt.
• Wanneer u de ontspanknop tot halverwege indrukt, gaat de weergave van het opgenomen beeld uit
en kunt u onmiddellijk een volgend beeld opnemen, ook als Auto Review is ingesteld op [Aan].
zHet beeld van Auto Review blijven weergeven
Zoeken in MENU/
Instellingen
zEen volgend beeld opnemen zonder vertraging
Zoeken op
bediening
2 MENU t
(Instellingen) t
(Opname-instellingn) t [Auto
Review] t gewenste functie t z op de besturingsknop
• Wanneer u na het opnemen de ontspanknop ingedrukt blijft houden, blijft het beeld van Auto
Review weergegeven worden zolang u de ontspanknop ingedrukt houdt.
Index
83NL
Pieptoon
1 MENU t
(Instellingen) t
(Hoofdinstellingen) t [Pieptoon] t
gewenste functie t z op de besturingsknop
Hiermee wordt het sluitergeluid, dat klinkt als u de ontspanknop
indrukt, ingeschakeld.
Hoog
Laag
Hiermee schakelt u de pieptoon/het sluitergeluid in dat klinkt
wanneer u op de besturingsknop/ontspanknop drukt.
Als u het volumeniveau wilt verlagen, selecteert u [Laag].
Uit
Hiermee worden de pieptoon en het sluitergeluid uitgeschakeld.
Zoeken op
bediening
Sluiter
Inhoud
U kunt het geluidssignaal dat klinkt wanneer u de camera bedient, selecteren of uitschakelen.
Zoeken in MENU/
Instellingen
Index
84NL
Language Setting
Inhoud
Selecteert de taal waarin de menuonderdelen, waarschuwingen en meldingen moeten worden
afgebeeld.
1 MENU t
(Instellingen) t
(Hoofdinstellingen) t [Language
Setting] t gewenste functie t z op de besturingsknop
Zoeken op
bediening
Zoeken in MENU/
Instellingen
Index
85NL
Functiegids
1 MENU t
(Instellingen) t
(Hoofdinstellingen) t [Functiegids] t
gewenste functie t z op de besturingsknop
Hiermee wordt het afbeelden van de functiegids ingeschakeld.
Uit
Hiermee wordt het afbeelden van de functiegids uitgeschakeld.
Zoeken op
bediening
Aan
Inhoud
U kunt selecteren of de functiegids wordt afgebeeld of niet tijdens het bedienen van de camera.
Zoeken in MENU/
Instellingen
Index
86NL
Initialiseren
Inhoud
Met deze instelling kunt u alle instellingen terugstellen op de standaardinstellingen.
Zelfs als u deze functie uitvoert, blijven de beelden behouden.
1 MENU t
(Instellingen) t
(Hoofdinstellingen) t [Initialiseren] t
[OK] t z op de besturingsknop
Zoeken op
bediening
Opmerking
• Let erop dat de camera niet wordt uitgeschakeld tijdens het initialiseren.
Zoeken in MENU/
Instellingen
Index
87NL
Demonstratiefunctie
2 Zet de functiekeuzeknop in de stand
(Slim automatisch instellen).
Aan
Geeft een demonstratie van de lach-sluiterfunctie en
scèneherkenningsfunctie.
Uit
Geeft geen demonstratie.
1 Richt de camera op het onderwerp.
Wanneer de scèneherkenning wordt uitgevoerd, wordt het pictogram en een beschrijving van
de herkende scène afgebeeld op het scherm.
Zoeken in MENU/
Instellingen
Een demonstratie van de
scèneherkenningsfunctie bekijken
Zoeken op
bediening
1 MENU t
(Instellingen) t
(Hoofdinstellingen) t
[Demonstratiefunctie] t gewenste functie t z op de besturingsknop
Inhoud
U kunt instellen of een demonstratie van de lach-sluiterfunctie en scèneherkenningsfunctie moet
worden gegeven.
Als geen demonstratie hoeft te worden gegeven, stelt u dit in op [Uit].
2 Druk op de ontspanknop.
Het beeld wordt opgenomen als een normale opname.
1 Druk op
Index
Een demonstratie van de lach-sluiterfunctie
bekijken
(lach-)knop.
2 Richt de camera op het onderwerp.
De camera ontspant de sluiter automatisch wanneer een lachend gezicht wordt herkend, maar
er wordt geen beeld opgenomen.
3 Druk nogmaals op
(lach-)knop om de demonstratiefunctie te verlaten.
Opmerkingen
• [Auto Review] ligt vast op [Aan].
• Tijdens de demonstratie van de scèneherkenningsfunctie ligt de instelling van de scèneherkenning vast
op [Autom.].
• Ondanks dat u de sluiter kunt ontspannen in de lach-sluiter-demonstratiefunctie, wordt geen beeld
opgenomen.
88NL
COMPONENT
HD(1080i)
Selecteer deze instelling wanneer u de camera aansluit op een highdefinitiontelevisie compatibel met 1080i-signalen.
SD
Selecteer deze instelling om de camera aan te sluiten op een
televisie die niet compatibel is met HD(1080i)-signalen.
Zoeken in MENU/
Instellingen
Opmerking
• Wanneer u bewegende beelden opneemt terwijl de camera is aangesloten op een televisie met behulp van
een HD-uitgangsadapterkabel (los verkrijgbaar), wordt het beeld dat wordt opgenomen niet weergegeven
op het televisiescherm.
Zoeken op
bediening
1 MENU t
(Instellingen) t
(Hoofdinstellingen) t [COMPONENT]
t gewenste instelling t z op de besturingsknop
Inhoud
U kunt het type video-uitgangssignaal selecteren uit SD en HD(1080i) wanneer u de camera
aansluit op een televisie met behulp van een HD-uitgangsadapterkabel (los verkrijgbaar),
overeenkomstig de aangesloten televisie. Gebruik een Type2b-compatibele HDuitgangsadapterkabel.
Index
89NL
Video-uit
Hiermee wordt het video-uitgangssignaal ingesteld op de NTSCfunctie (bijv. voor de VS en Japan).
PAL
Hiermee wordt het video-uitgangssignaal ingesteld op PAL-functie
(bijv. voor Europa en China).
Zoeken in MENU/
Instellingen
NTSC
Zoeken op
bediening
1 MENU t
(Instellingen) t
(Hoofdinstellingen) t [Video-uit] t
gewenste functie t z op de besturingsknop
Inhoud
Met deze instelling kunt u de videosignaaluitgang instellen overeenkomstig het
televisiekleursysteem van het aangesloten videoapparaat. Het kleursysteem van de televisie
verschilt afhankelijk van het land of gebied.
Om de beelden op het televisiescherm te kunnen bekijken, controleert u het kleursysteem van de
televisie in het land of gebied waarin u zich bevindt (pagina 105).
Index
90NL
Breed-zoombeeld
Televisiescherm met breedzoombeeld
Aan
Weergave met beeldverhouding 16:9.
Uit
Het breed-zoombeeld wordt niet gebruikt.
Opmerkingen
Index
• Breed-zoombeeld is niet mogelijk voor bewegende beelden, 16:9-beelden en (verticale) portretbeelden.
• Het beeld dat op het LCD-scherm van de camera wordt weergegeven verandert niet.
• Breed-zoombeeld is niet beschikbaar wanneer de camera met behulp van de kabel voor de
multifunctionele aansluiting (bijgeleverd) is aangesloten op een televisie.
Zoeken in MENU/
Instellingen
1 MENU t
(Instellingen) t
(Hoofdinstellingen) t [Breedzoombeeld] t gewenste functie t z op de besturingsknop
Zoeken op
bediening
LCD-scherm van de
camera
Inhoud
Met deze instelling kunt u stilstaande beelden met beeldverhouding 4:3 en 3:2 weergegeven met
beeldverhouding 16:9 op een high-definitiontelevisie. In dit geval wordt van de boven- en
onderrand van het beeld een klein stukje afgesneden.
91NL
USB-aansluiting
Hiermee herkent de camera de USB-verbinding automatisch en
stelt de communicatie met een computer of PictBridge-compatibele
printer.
PictBridge
Hiermee wordt de camera aangesloten op een PictBridgecompatibele printer.
PTP/MTP
Wanneer u de camera aansluit op een computer, wordt de wizard
‘AutoPlay’ afgebeeld en worden de stilstaande beelden in de
opnamemap in de camera geïmporteerd in de computer. (met
Windows Vista/XP, Mac OS X)
Mass Storage
Hiermee wordt een Mass Storage-verbinding tot stand gebracht
tussen de camera en een computer of ander USB-apparaat.
Zoeken in MENU/
Instellingen
Autom.
Zoeken op
bediening
1 MENU t
(Instellingen) t
(Hoofdinstellingen) t [USBaansluiting] t gewenste functie t z op de besturingsknop
Inhoud
U kunt de USB-functie selecteren wanneer de camera met behulp van kabel voor de
multifunctionele aansluiting is aangesloten op een computer of een PictBridge-compatibele
printer.
Opmerkingen
Index
• Als u de camera niet kunt aansluiten op een PictBridge-compatibele printer in de instelling [Autom.],
selecteert u [PictBridge].
• Als u de camera niet kunt aansluiten op een computer of een USB-apparaat in de instelling [Autom.],
selecteert u [Mass Storage].
• Als [USB-aansluiting] is ingesteld op [PTP/MTP], kunt u geen bewegende beelden exporteren naar een
computer. Om bewegende beelden te exporteren naar een computer, stelt u [USB-aansluiting] in op
[Autom.] of [Mass Storage].
92NL
Downl. muz.
1 MENU t
(Instellingen) t
t z op de besturingsknop
Inhoud
U kunt het softwareprogramma "Music Transfer" op de cd-rom (bijgeleverd) gebruiken om
achtergrondmuziekbestanden te veranderen.
(Hoofdinstellingen) t [Downl. muz.]
2 Breng een USB-verbinding tot stand tussen de camera en een computer,
en start het softwareprogramma "Music Transfer" op.
3 Volg de instructies op het scherm om muziekbestanden te veranderen.
Zoeken op
bediening
De melding "Aansluiten op computer" wordt afgebeeld.
Zoeken in MENU/
Instellingen
Index
93NL
Format. muz.
zDe muziekbestanden herstellen die vooraf in de
fabriek werd ingesteld in de camera
1Breng een USB-verbinding tot stand tussen de camera en een computer.
2Start "Music Transfer" en herstel daarna de standaardmuziekbestanden.
• Voor meer informatie over "Music Transfer", zie de helpfunctie van "Music Transfer".
Zoeken in MENU/
Instellingen
U kunt het softwareprogramma "Music Transfer" op de cd-rom (bijgeleverd) gebruiken om
de muziekbestanden te herstellen die vooraf in de fabriek werden ingesteld.
Zoeken op
bediening
1 MENU t
(Instellingen) t
(Hoofdinstellingen) t [Format. muz.]
t [OK] t z op de besturingsknop
Inhoud
U kunt alle achtergrondmuziekbestanden wissen die in de camera zijn opgeslagen. Dit is handig
in het geval bijvoorbeeld een achtergrondmuziekbestand beschadigd is en niet meer kan worden
afgespeeld.
Index
94NL
Formatteren
Inhoud
U kunt de "Memory Stick Duo" of het interne geheugen formatteren. Een in de handel
verkrijgbare "Memory Stick Duo" is reeds geformatteerd en kan onmiddellijk worden gebruikt.
1 MENU t
(Instellingen) t
("Memory Stick"-tool) of
(Intern
geheugen-tool) t [Formatteren] t [OK] t z op de besturingsknop
Zoeken op
bediening
Opmerking
• Vergeet niet dat het formatteren alle gegevens permanent zal wissen, inclusief de beveiligde beelden.
Zoeken in MENU/
Instellingen
Index
95NL
Opnamemap maken
Opmerkingen
zOver mappen
• Nadat een nieuwe map is aangemaakt, kunt u de bestemmingsmap voor het opslaan van de
opgenomen beelden veranderen (pagina 97) en de map selecteren voor het weergeven van de
beelden (pagina 76).
Zoeken in MENU/
Instellingen
• Dit onderdeel wordt niet afgebeeld wanneer het interne geheugen wordt gebruikt om beelden op te
nemen.
• Wanneer u een "Memory Stick Duo" die op een ander apparaat werd gebruikt in de camera plaatst en
beelden opneemt, wordt automatisch een nieuwe opnamemap aangemaakt.
• Maximaal 4.000 beelden kunnen in een map worden opgeslagen. Wanneer de capaciteit van de map is
opgebruikt, wordt automatisch een nieuwe map aangemaakt.
Zoeken op
bediening
1 MENU t
(Instellingen) t
("Memory Stick"-tool) t [Opnamemap
maken] t [OK] t z op de besturingsknop
Inhoud
U kunt een map op de "Memory Stick Duo" voor het opnemen van beelden aanmaken.
De beelden worden opgenomen in de nieuw aangemaakte map totdat u een andere map
aanmaakt of een andere opnamemap selecteert.
Index
96NL
Opnamemap wijz.
1 MENU t
wijz.]
(Instellingen) t
Inhoud
U kunt de map op de "Memory Stick Duo" die op dit moment wordt gebruikt voor het opnemen
van beelden veranderen.
("Memory Stick"-tool) t [Opnamemap
3 [OK] t z
Opmerkingen
Zoeken in MENU/
Instellingen
• Dit onderdeel wordt niet afgebeeld wanneer het interne geheugen wordt gebruikt om beelden op te
nemen.
• De volgende map kan niet worden geselecteerd als een opnamemap.
– de map "100"
– een map met een nummer dat alleen bestaat uit "sssMSDCF" of "sssMNV01".
• U kunt opgenomen beelden niet verplaatsen naar een andere map.
Zoeken op
bediening
2 Selecteer een map met b/B op de besturingsknop.
Index
97NL
Opn.map wissen
1 MENU t
wissen]
(Instellingen) t
("Memory Stick"-tool) t [Opn.map
Inhoud
U kunt de map op de "Memory Stick Duo" voor het opnemen van beelden wissen.
2 Selecteer een map met b/B op de besturingsknop.
Opmerkingen
Zoeken in MENU/
Instellingen
• Dit onderdeel wordt niet afgebeeld wanneer het interne geheugen wordt gebruikt om beelden op te
nemen.
• Als u de map die is ingesteld als de opnamemap wist met [Opn.map wissen], wordt de map met het
hoogste mapnummer geselecteerd als de volgende opnamemap.
• U kunt alleen lege mappen wissen. Als een map beelden of bestanden bevat die niet door de camera
kunnen worden weergegeven, moet u deze beelden en bestanden eerst wissen, en daarna de map wissen.
Zoeken op
bediening
3 [OK] t z
Index
98NL
Kopiëren
Inhoud
Met deze instelling kunt u alle beelden die in het interne geheugen zijn opgeslagen kopiëren naar
een "Memory Stick Duo".
1 Plaats een "Memory Stick Duo" met voldoende vrije geheugencapaciteit
in de camera.
Opmerkingen
Zoeken in MENU/
Instellingen
• Gebruik een volledig opgeladen accu. Als u probeert beeldbestanden te kopiëren met de accu als voeding
terwijl slechts weinig acculading resteert, kan de accu tijdens het kopiëren leeg raken, waardoor het
kopiëren mislukt en/of de gegevens beschadigd raken.
• De beelden kunnen niet afzonderlijk worden gekopieerd.
• De oorspronkelijke beelden blijven ook na het kopiëren bewaard in het interne geheugen. Om de inhoud
van het interne geheugen te wissen, haalt u na het kopiëren de "Memory Stick Duo" uit de camera, en
formatteert u het interne geheugen ([Formatteren] in [Intern geheugen-tool]).
• Een nieuwe map wordt aangemaakt op de "Memory Stick Duo" en alle gegevens worden ernaar
gekopieerd. U kunt niet een bepaalde map kiezen en er beelden naar kopiëren.
Zoeken op
bediening
2 MENU t
(Instellingen) t
("Memory Stick"-tool) t [Kopiëren] t
[OK] t z op de besturingsknop
Index
99NL
Bestandsnummer
1 MENU t
(Instellingen) t
("Memory Stick"-tool) of
(Intern
geheugen-tool) t [Tijdzone instellen] t gewenste functie t z op de
besturingsknop
Terugstellen
Hiermee begint het bestandsnummer vanaf 0001 iedere keer
wanneer de opnamemap wordt veranderd. (Wanneer in de
opnamemap een bestand zit, wordt aan een nieuwe opname een
bestandsnummer toegewezen dat 1 hoger is dan het hoogste
nummer.)
Zoeken in MENU/
Instellingen
Hiermee worden de bestandsnummers op volgorde toegewezen,
zelfs wanneer de opnamemap of de "Memory Stick Duo" wordt
veranderd. (Wanneer op de teruggeplaatste "Memory Stick Duo"
een bestand staat met een hoger nummer dan het laatst toegewezen
nummer, wordt aan een nieuwe opname een bestandsnummer
toegewezen dat 1 hoger is dan het hoogste nummer.)
Zoeken op
bediening
Reeks
Inhoud
U kunt de methode selecteren voor het toewijzen van bestandsnummers aan de beelden.
Index
100NL
Tijdzone instellen
1 MENU t
(Instellingen) t
(Klokinstellingen) t [Tijdzone
instellen] t gewenste instelling t z op de besturingsknop
Hiermee kunt u de camera in uw gebied gebruiken.
Wanneer het huidig ingestelde gebied anders is dan uw thuisgebied,
moet u het gebied opnieuw instellen.
Bestemming
Hiermee kunt u de camera gebruiken met de tijd ingesteld op de tijd
van uw bestemming.
Stel het gebied van de bestemming in.
Door een veelvuldig bezochte bestemming in te stellen kunt u de tijd eenvoudig aanpassen
wanneer u die bestemming bezoekt.
Index
Pictogram zomertijd
Als [Zomertijd] is ingesteld
op [Aan], wordt het
pictogram wit.
Zoeken in MENU/
Instellingen
zDe instelling van het gebied veranderen
Zoeken op
bediening
Thuis
Inhoud
U kunt de tijd instellen op de lokale tijd van een geselecteerd gebied.
1Selecteer een gebiedsnaam bij [Bestemming] en druk daarna op z op de besturingsknop.
2Selecteer een gebied met b/B op de besturingsknop en selecteer de zomertijd met v/V.
101NL
Datum/tijd instellen
1 MENU t
(Instellingen) t
(Klokinstellingen) t [Datum/tijd
instellen] t gewenste instelling t z op de besturingsknop
Inhoud
U kunt de datum en tijd opnieuw instellen.
2 [OK] t z op de besturingsknop
Hiermee kunt u het weergaveformaat van de datum en tijd
selecteren.
Zomertijd
Hiermee kunt u de zomertijd in- en uitschakelen.
Datum en tijd
Hiermee kunt u de datum en tijd instellen.
• De camera heeft geen functie om de datum op beelden te projecteren. Door "PMB" op de cd-rom
(bijgeleverd) te gebruiken kunt u beelden met de datum erop geprojecteerd opslaan en afdrukken.
Zoeken in MENU/
Instellingen
Opmerking
Zoeken op
bediening
Datum/tijd-notatie
Index
102NL
Inhoud
Beelden weergeven op een
televisie
U kunt beelden bekijken op een televisiescherm door de camera aan te sluiten op een televisie.
De aansluiting verschilt afhankelijk van het type televisie dat is aangesloten op de camera.
Raadpleeg ook de gebruiksaanwijzing van de televisie.
Zoeken op
bediening
Beelden bekijken door de camera aan te sluiten
op een televisie met behulp van de bijgeleverde
kabel voor de multifunctionele aansluiting
1 Schakel zowel de camera als de televisie in.
VIDEO AUDIO
1 Naar de audio/videoingangsaansluitingen
Rood
Wit
(weergave-)toets
Index
Geel
Zoeken in MENU/
Instellingen
2 Sluit de camera aan op de televisie met behulp van de kabel voor de
multifunctionele aansluiting (bijgeleverd).
Kabel voor de
multifunctionele
aansluiting
(bijgeleverd)
2 Naar de multifunctionele aansluiting
3 Schakel de televisie in en stel de ingangsbron in.
4 Druk op
(weergave-)toets om de camera in te schakelen.
De beelden die met de camera zijn opgenomen worden op het televisiescherm weergegeven.
Selecteer het gewenste beeld met de besturingsknop.
Opmerkingen
• Als u de camera in het buitenland gebruikt, kan het noodzakelijk zijn het video-uitgangssignaal te
veranderen overeenkomstig de gebruikte televisie (pagina 90).
• Het opnamebeeld wordt niet weergegeven op de televisie wanneer de bewegende beelden worden
opgenomen terwijl de camera is aangesloten op de televisie.
• Bij uitvoer naar de televisie is de eenvoudig-weergeven-functie niet beschikbaar.
103NL
U kunt een beeld bekijken dat is opgenomen op de camera door de camera aan te sluiten op een
HD-televisie (high-definitiontelevisie) met behulp van een HD-uitgangsadapterkabel (los
verkrijgbaar). Gebruik een Type2b-compatibele HD-uitgangsadapterkabel.
Inhoud
Beelden bekijken door de camera aan te sluiten
op een HD-televisie
1 Schakel zowel de camera als de televisie in.
Groen/blauw/rood
1 Naar de audio/
video-ingangsaansluitingen
Wit/rood
(weergave-)toets
2 Naar de multifunctionele
aansluiting
Index
HD-uitgangsadapterkabel
(los verkrijgbaar)
Zoeken in MENU/
Instellingen
COMPONENT AUDIO
VIDEO IN
Zoeken op
bediening
2 Sluit de camera aan op een HD-televisie (high-definitiontelevisie) met
behulp van een HD-uitgangsadapterkabel (los verkrijgbaar).
3 Schakel de televisie in en stel de ingangsbron in.
4 Druk op
(weergave-)toets om de camera in te schakelen.
De beelden die met de camera zijn opgenomen worden op het televisiescherm weergegeven.
Selecteer het gewenste beeld met de besturingsknop.
Opmerkingen
• Stel [COMPONENT] in op [HD(1080i)] (pagina 89).
• Wanneer u bewegende beelden opneemt terwijl de camera is aangesloten op een televisie met behulp van
een HD-uitgangsadapterkabel (los verkrijgbaar), wordt het beeld dat wordt opgenomen niet weergegeven
op het televisiescherm.
• Beelden opgenomen op beeldformaat [VGA] kunnen niet worden weergegeven in HD-formaat.
• Als u de camera in het buitenland gebruikt, kan het noodzakelijk zijn het video-uitgangssignaal te
veranderen overeenkomstig de gebruikte televisie (pagina 90).
• Bij uitvoer naar de televisie is de eenvoudig-weergeven-functie niet beschikbaar.
104NL
Wordt vervolgd r
zBeelden met een ander beeldformaat dan 16:9
zOver het "PhotoTV HD"
• PhotoTV HD maakt een uiterst gedetailleerde, foto-achtige weergave mogelijk van subtiele texturen
en kleuren.
• De instellingen moeten ook op de televisie worden gemaakt. Voor meer informatie raadpleegt u de
gebruiksaanwijzing van de televisie.
Zoeken in MENU/
Instellingen
Deze camera is compatibel met de "PhotoTV HD"-norm.
Door Sony-apparaten die compatibel zijn met PhotoTV HD op elkaar aan te sluiten met
behulp van een HD-uitgangsadapterkabel (los verkrijgbaar), kan een compleet nieuwe
wereld aan foto’s worden bekeken in de adembenemende ‘Full HD’-kwaliteit.
Zoeken op
bediening
• Als u op het instelmenu [Formaat wijzigen] selecteert, kan de beeldverhouding worden veranderd
naar 16:9 en kan het beeld worden opgeslagen als een nieuw bestand op een HD-televisie
(high-definitiontelevisie).
• U kunt een beeld weergeven met beeldverhouding 16:9 met behulp van [Breed-zoombeeld] op het
weergavemenu.
Inhoud
(
,
) weergeven op het volledige scherm
van een HD-televisie (high-definitiontelevisie)
Televisiekleursystemen
Index
Als u de beelden op een televisiescherm wilt weergeven, hebt u een televisie nodig met een
video-ingangsaansluiting en de kabel voor de multifunctionele aansluiting. Het kleursysteem van
de televisie moet overeenkomen met dat van de digitale camera. Raadpleeg de onderstaande
lijsten voor het televisiekleursysteem van het land of gebied waarin u de camera gebruikt.
NTSC-systeem
Bahama-eilanden, Bolivia, Canada, Chili, Colombia, Ecuador, Filippijnen, Jamaica, Japan,
Korea, Mexico, Midden-Amerika, Peru, Suriname, Taiwan, Venezuela, Verenigde Staten, enz.
PAL-systeem
Australië, België, China, Denemarken, Duitsland, Finland, Hongarije, Hongkong, Italië,
Koeweit, Maleisië, Nederland, Nieuw-Zeeland, Noorwegen, Oostenrijk, Polen, Portugal,
Singapore, Slowakije, Spanje, Thailand, Tsjechië, Verenigd Koninkrijk, Zweden, Zwitserland,
enz.
PAL-M-systeem
Brazilië
PAL-N-systeem
Argentinië, Paraguay, Uruguay
SECAM-systeem
Bulgarije, Frankrijk, Guyana, Irak, Iran, Monaco, Oekraïne, Rusland, enz.
105NL
Inhoud
Werken met uw Windowscomputer
Voor informatie over het gebruik van een Macintosh-computer,
leest u "Uw Macintosh-computer gebruiken" (pagina 115).
• Met "PMB" en "Music Transfer" kunt u de volgende bedieningen
uitvoeren:
– Beelden importeren in een computer
– Beelden exporteren naar de camera
– Een gewenste gebeurtenisnaam invoeren op de [Lijst met
gebeurtenissen] in de camera
– Beelden bewerken
– De opnamelocaties van stilstaande beelden afbeelden op online
landkaarten (dit vereist een internetverbinding)
– Een disc maken met de opgenomen beelden (dit vereist een cdschrijver of dvd-schrijver)
– Stilstaande beelden afdrukken of opslaan met de datum
– Beelden uploaden naar een mediaservice (dit vereist een internetverbinding)
– Muziek aan een diavoorstelling toevoegen/veranderen (met "Music Transfer")
Index
De camera aansluiten op de computer
(pagina 110)
Zoeken in MENU/
Instellingen
• Installeer de volgende software:
– "PMB"
– "Music Transfer"
Zoeken op
bediening
Installeer eerst de software (bijgeleverd)
(pagina 108)
Extra informatie over dit product en antwoorden op veelgestelde vragen vindt u op de
Sony Customer Support-website voor klantenondersteuning.
http://www.sony.net/
106NL
Aanbevolen computeromgeving
Overige
Voor het
importeren van
beelden
Microsoft Windows 2000
Professional SP4,
Windows XP*1 SP3/
Windows Vista SP1*2
USB-aansluiting: Dient tot de
standaarduitrusting te behoren
64-bit versies en Starter (Edition) worden niet ondersteund.
(Edition) wordt niet ondersteund.
Index
*1
Zoeken in MENU/
Instellingen
Microsoft Windows XP*1 CPU: Intel Pentium III 800 MHz of
SP3/Windows Vista SP1*2 sneller (voor weergeven/bewerken van
high-definitionvideo’s: Intel Pentium 4
2,8 GHz of sneller/ Intel Pentium D
2,8 GHz of sneller/ Intel Core Duo
1,66 GHz of sneller/ Intel Core 2 Duo
1,20 GHz of sneller)
Geheugen: 512 MB of meer (voor
weergeven/bewerken van highdefinitionvideo’s: 1 GB of meer)
Vaste schijf: Vrije schijfruimte
benodigd voor installatie—ongeveer
500 MB
Computerscherm: Schermresolutie:
1.024 × 768 pixels of meer
Videogeheugen: 32 MB of meer
(Aanbevolen: 64 MB of meer)
Zoeken op
bediening
Voor het gebruik
van "PMB" en
"Music Transfer"
Inhoud
Besturingssysteem
(voorgeïnstalleerd)
*2 Starter
Opmerkingen
• De computeromgeving moet tevens voldoen aan de vereisten van het besturingssysteem.
• De juiste werking kan niet worden gegarandeerd in een computeromgeving die is opgewaardeerd tot een
van de bovenstaande besturingssystemen of in een computeromgeving met meerdere besturingssystemen
(multi-boot).
• Voor alle bovenstaande aanbevolen computeromgevingen kan een juiste werking niet worden
gegarandeerd.
• Als u twee of meer USB-apparaten tegelijkertijd aansluit op een enkele computer, is het mogelijk dat
sommige apparaten, waaronder de camera, niet werken, afhankelijk van de typen USB-apparaten die zijn
aangesloten.
• Bij gebruik van een USB-hub kan een juiste werking niet worden gegarandeerd.
• Door de camera aan te sluiten via een USB-interface die compatibel is met Hi-Speed USB (voldoet aan
USB 2.0) wordt geavanceerde overdracht (overdracht op hoge snelheid) mogelijk aangezien de camera
compatibel is met Hi-Speed USB (voldoet aan USB 2.0).
• Er zijn vier functies voor een USB-verbinding bij aansluiten op een computer: de [Autom.]-functie
(standaardinstelling), de [Mass Storage]-functie, de [PictBridge]-functie en de [PTP/MTP]-functie. In dit
gedeelte worden de functies [Autom.] en [Mass Storage] als voorbeeld beschreven. Voor meer informatie
over de [PictBridge]-functie en [PTP/MTP]-functie, zie pagina 92.
• Na herstel van een computer vanuit een stand-by- of slaapstand, is het mogelijk dat de communicatie
tussen de camera en de computer niet op hetzelfde moment wordt hersteld.
107NL
Inhoud
De software (bijgeleverd)
installeren
U kunt de bijgeleverde softwareprogramma’s (PMB, Music Transfer) installeren door de
onderstaande procedure te volgen.
Het installatie-menuscherm wordt afgebeeld.
• Als het niet wordt afgebeeld, dubbelklikt u op [Computer] (in Windows XP, [Deze computer]) t
(SONYPICTUTIL).
• Nadat het scherm AutoPlay wordt afgebeeld, selecteert u "Install.exe uitvoeren" en volgt u de
instructies die op het scherm worden afgebeeld om de installatie uit te voeren.
Het scherm "Choose Setup Language" (Kies taal voor installatie) verschijnt.
3 Selecteer de gewenste taal en klik daarna op [Volgende].
Het scherm "License Agreement" (Licentieovereenkomst) verschijnt.
4 Lees de licentieovereenkomst aandachtig door. Als u ermee akkoord
gaat, klikt u op de keuzeknop ( verandert in ) en vervolgens op
[Volgende].
Zoeken in MENU/
Instellingen
2 Klik op [Installeren].
Zoeken op
bediening
1 Schakel de computer in en plaats de cd-rom (bijgeleverd) in het cd-romstation.
5 Volg de aanwijzingen op het scherm om het installeren te voltooien.
Index
• Wanneer de bevestigingsmelding voor opnieuw opstarten wordt afgebeeld, start u de computer
opnieuw op aan de hand van de aanwijzingen op het scherm.
• Het is mogelijk dat DirectX wordt geïnstalleerd, afhankelijk van de systeemomgeving van de
computer.
6 Haal de cd-rom eruit nadat de installatie voltooid is.
Snelkoppelingspictogrammen van "
PMB" en "
Gids voor PMB" worden op het
bureaublad geplaatst. Dubbelklik op deze pictogrammen om het softwareprogramma op te
starten.
Opmerking
• Log in als beheerder.
108NL
Inhoud
Over "PMB (Picture Motion
Browser)" (bijgeleverd)
Door de software volledig te benutten kunt u beter dan ooit gebruik maken van de stilstaande en
bewegende beelden van de camera. Hieronder wordt "PMB" in het kort beschreven. Voor meer
informatie, zie "Gids voor PMB".
Met "PMB" kunt u het volgende doen:
1 Dubbelklik op de snelkoppeling
Index
"Gids voor PMB" opstarten
Zoeken in MENU/
Instellingen
• U kunt beelden die zijn opgenomen met de camera importeren in de computer en deze weergeven op het
computerscherm.
• U kunt beelden in een computer exporteren naar een "Memory Stick Duo", en deze weergeven op de
camera.
• U kunt de gewenste gebeurtenisnaam invoeren op de [Lijst met gebeurtenissen] in de camera, en deze
weergeven op de camera.
• U kunt de beelden in de computer op een kalender op opnamedatum rangschikken en weergeven.
• U kunt bijwerken (Rode-ogen-correctie, enz.), zoeken naar gezichten, afdrukken, stilstaande beelden als
versturen e-mailbijlage, en de opnamedatum veranderen.
• U kunt informatie afbeelden op de posities op een landkaart waar u de beelden hebt opgenomen. (Dit
vereist een internetverbinding.)
• U kunt de stilstaande beelden met de datum erop afdrukken of opslaan.
• U kunt een datadisc maken met behulp van een cd-schrijver of dvd-schrijver.
• U kunt de beelden uploaden naar een mediaservice. (Dit vereist een internetverbinding.)
Zoeken op
bediening
Overzicht van "PMB"
(Gids voor PMB) op het bureaublad.
Om de "Gids voor PMB" te openen vanuit het menu Start, klikt u op [start] t [Alle
programma’s] t [Sony Picture Utility] t [Help] t [Gids voor PMB].
"PMB" opstarten en afsluiten
1 Dubbelklik op de snelkoppeling
(PMB) op het bureaublad.
Of via het menu Start: Klik op [start] t [Alle programma’s] t [Sony Picture Utility] t
[PMB].
Wanneer "PMB" voor de eerste keer wordt opgestart, wordt de bevestigingsmelding van de
informatiefunctie op het scherm afgebeeld. Selecteer [start].
• Deze functie informeert u over nieuws, zoals software-updates. U kunt de instelling later weer
veranderen.
2 Klik op
in de rechterbovenhoek van het venster om "PMB" af te sluiten.
109NL
Inhoud
Van de beelden genieten op een
computer
Voor meer informatie over de functies van het softwareprogramma "PMB", zie de "Gids voor
PMB".
Als u beelden vanuit het interne geheugen wilt importeren in de computer, is stap 1 overbodig.
1 Plaats een "Memory Stick Duo" met daarop opgenomen beelden in de
camera.
• Gebruik een Type2b-compatibele USB/AV/DC IN-kabel.
3 Schakel de computer in en druk daarna op de
(weergave-)toets.
Zoeken in MENU/
Instellingen
2 Plaats een voldoende opgeladen accu in de camera, of sluit de camera
via de netspanningsadapter (los verkrijgbaar) en de USB/AV/DC IN-kabel
voor de multifunctionele aansluiting (los verkrijgbaar) aan op een
stopcontact.
Zoeken op
bediening
De camera aansluiten op de computer
4 Sluit de camera aan op de computer.
"Maakt verbinding…" verschijnt op het scherm van de camera.
Index
• Als een USB-verbinding voor het eerst tot stand wordt gebracht, draait de computer automatisch een
programma om de camera te herkennen. Wacht een poosje.
1 Naar de USBaansluiting
2 Naar de
multifunctionele
Kabel voor de multifunctionele
aansluiting
aansluiting
Opmerkingen
• Als u beelden in/naar de computer importeert/exporteert terwijl er weinig lading in de accu zit, kan het
overbrengen mislukken of kunnen de beeldgegevens vervormd worden wanneer de accu voortijdig leeg
raakt.
•
wordt op het scherm afgebeeld tijdens een communicatiesessie. Bedien de computer niet terwijl de
indicator wordt afgebeeld. Nadat de indicator is veranderd in
, mag u de computer weer bedienen.
• Als "Mass Storage" niet wordt afgebeeld, stelt u [USB-aansluiting] in op [Mass Storage] (pagina 92).
110NL
Beelden importeren in een computer
Het scherm [Mediabestanden importeren] van "PMB" wordt automatisch afgebeeld.
• Als de wizard AutoPlay wordt afgebeeld, sluit u deze.
Inhoud
1 Breng een USB-verbinding tot stand tussen de camera en een computer.
2 Klik op de knop [Importeren] om beelden te importeren.
De computer begint de beelden te importeren.
3 Geef de beelden weer op de computer.
Als het importeren voltooid is wordt de "PMB"
opgestart. Miniaturen van de geïmporteerde beelden
worden weergegeven.
zBeelden weergeven met "PMB"
Beelden op de computer organiseren op een kalender op
opnamedatum voor weergave. Voor informatie over het
softwareprogramma "PMB", zie de "Gids voor PMB".
Index
Voorbeeld:
Maandweergavescherm
Zoeken in MENU/
Instellingen
• De map "Afbeeldingen" (in Windows XP/2000: "Mijn
afbeeldingen") is ingesteld als de standaardmap in
"Weergegeven mappen".
Zoeken op
bediening
• Standaard worden de beelden geïmporteerd in een map aangemaakt in "Afbeeldingen" (in Windows
XP: "Mijn afbeeldingen") met als naam de gebeurtenisnaam van [Lijst met gebeurtenissen].
Beelden naar een computer importeren zonder "PMB"
Als de wizard AutoPlay wordt afgebeeld in stap 1, klikt u op [Map openen en bestanden
weergeven] t [OK] t [DCIM] t kopieer de gewenste beelden naar de computer.
111NL
U kunt beelden in een computer exporteren naar een "Memory Stick Duo", en deze weergeven
op de camera. Dit deel beschrijft de procedure voor het automatisch selecteren en exporteren van
beelden die niet zijn geëxporteerd naar een "Memory Stick Duo" in de camera.
1 Breng een USB-verbinding tot stand tussen de camera en een computer.
• Als de wizard AutoPlay wordt afgebeeld, sluit u deze.
2 Dubbelklik op (PMB) op het bureaublad om het softwareprogramma
"PMB" op te starten.
bovenaan het scherm.
Het scherm Easy Export (Eenvoudig exporteren) wordt afgebeeld.
4 Klik op [Exporteren].
• Wanneer u geëxporteerde beelden weergeeft op deze camera, wordt het pictogram
het LCD-scherm.
afgebeeld op
Opmerkingen
Index
• Sommige beelden kunnen niet worden weergegeven, afhankelijk van het beeldformaat.
• Wij kunnen weergave op deze camera niet garanderen voor beelden die op een computer werden bewerkt
en voor beelden die op een andere camera werden opgenomen.
• Deze methode kan niet worden gebruikt om bewegende beelden te exporteren. Bewegende beelden
moeten handmatig naar de camera worden geëxporteerd.
Zoeken in MENU/
Instellingen
3 Klik op
Zoeken op
bediening
De beelden kunnen ook handmatig worden geëxporteerd.
Voor meer informatie, zie "Gids voor PMB".
Inhoud
Beelden exporteren om op de camera weer te
geven
De USB-verbinding verwijderen
Volg de procedures vanaf stap 1 t/m 3 hieronder voordat u de volgende handelingen uitvoert:
•
•
•
•
Loskoppelen van de kabel voor de multifunctionele aansluiting.
Eruit halen van een "Memory Stick Duo".
Een "Memory Stick Duo" in de camera plaatsen na het kopiëren van beelden uit het interne geheugen.
Uitschakelen van de camera.
1 Dubbelklik op het verwijderingspictogram in het
systeemvak.
2 Klik op (USB-apparaat voor massaopslag)
t [Stoppen].
3 Controleer of het juiste apparaat wordt
aangegeven in het bevestigingsvenster en klik
op [OK].
Windows Vista
Windows XP
Verwijderingspictogram
112NL
De beeldbestanden die met de camera zijn opgenomen, Voorbeeld: mappen bekijken in
Windows Vista
zijn gegroepeerd als mappen op de "Memory Stick
Duo" of in het interne geheugen.
Zoeken op
bediening
AEen map met beeldgegevens die zijn opgenomen met
een camera zonder de map-aanmaakfunctie.
BMap waarin de stilstaand-beeldgegevens zijn
opgeslagen die zijn opgenomen met de camera.
CMap waarin bewegend-beeldgegevens zijn
opgeslagen die zijn opgenomen met de camera.
Inhoud
Beeldbestand-geheugenlocaties en
bestandsnamen
Zoeken in MENU/
Instellingen
Opmerkingen
Index
• U kunt geen beelden opnemen in de mappen "100MSDCF" en "100MNV01". De beelden in deze
mappen kunnen alleen worden bekeken.
• U kunt geen beelden opnemen of weergeven in de map "MISC".
• Beeldbestandsnamen worden als volgt weergegeven:
– Stilstaande-beeldbestanden: DSC0ssss.JPG
– Bewegende-beeldbestanden
1280×720: M4H0ssss.MP4
VGA: M4V0ssss.MP4
– Indexbeeldbestanden die worden opgenomen wanneer u bewegende beelden opneemt
1280×720: M4H0ssss.THM
VGA: M4V0ssss.THM
ssss betekent ieder willekeurig nummer van 0001 t/m 9999. Het numerieke deel van de bestandsnaam
van bewegende beelden opgenomen in de bewegende-beelden-opnamefunctie is hetzelfde als dat van het
bijbehorende indexbeeldbestand.
113NL
Inhoud
"Music Transfer" (bijgeleverd)
gebruiken
U kunt de muziekbestanden die in de fabriek vooraf zijn ingesteld, vervangen door eigen
muziekbestanden met behulp van "Music Transfer" op de cd-rom (bijgeleverd). U kunt deze
bestanden ook op elk moment verwijderen of toevoegen.
De geluidsbestandsformaten die u met "Music Transfer" kunt kopiëren zijn hieronder
aangegeven:
1 MENU t
(Instellingen) t
(Hoofdinstellingen) t [Downl. muz.]
2 Druk op z op de besturingsknop.
De melding "Aansluiten op computer" wordt afgebeeld.
3 Breng een USB-verbinding tot stand tussen de camera en de computer.
Zoeken in MENU/
Instellingen
• MP3-bestanden die zijn opgeslagen op de vaste schijf van uw computer
• Muziekbestanden van cd’s
• Vooraf ingestelde muziek die op de camera is opgeslagen
Zoeken op
bediening
Muziek veranderen met "Music Transfer"
4 Start "Music Transfer" op.
5 Volg de instructies op het scherm om muziekbestanden te veranderen.
fabriek werd ingesteld in de camera
Index
zDe muziekbestanden herstellen die vooraf in de
Voer [Restore to Preset Tracks] in stap 5 uit.
Alle door de fabriek ingestelde muziekbestanden worden hersteld en [Muziek] in het menu
[Diavoorstelling] wordt ingesteld op [Geen geluid].
• U kunt de vooraf ingestelde muziekbestanden herstellen met behulp van [Initialiseren] (pagina 87),
maar dan worden de andere instellingen ook teruggesteld.
• Voor meer informatie over "Music Transfer", zie de helpfunctie van "Music Transfer".
114NL
Aanbevolen computeromgeving
Overige
Voor het kopiëren
van beelden
Mac OS 9.1/9.2/
Mac OS X (v10.1 t/m
v10.5)
USB-aansluiting: Dient tot de
standaarduitrusting te behoren
Voor het gebruik
van "Music
Transfer"
Mac OS X (v10.3 t/m
v10.5)
Geheugen: 64 MB of meer (128 MB of
meer wordt aanbevolen)
Vaste schijf: Vrije schijfruimte
benodigd voor installatie—ongeveer
50 MB
• Voor alle bovenstaande aanbevolen computeromgevingen kan een juiste werking niet worden
gegarandeerd.
• Als u twee of meer USB-apparaten tegelijkertijd aansluit op een enkele computer, is het mogelijk dat
sommige apparaten, waaronder de camera, niet werken, afhankelijk van de typen USB-apparaten die zijn
aangesloten.
• Bij gebruik van een USB-hub kan een juiste werking niet worden gegarandeerd.
• Door de camera aan te sluiten via een USB-interface die compatibel is met Hi-Speed USB (voldoet aan
USB 2.0) wordt geavanceerde overdracht (overdracht op hoge snelheid) mogelijk aangezien de camera
compatibel is met Hi-Speed USB (voldoet aan USB 2.0).
• Er zijn vier functies voor een USB-verbinding bij aansluiten op een computer: de [Autom.]-functie
(standaardinstelling), de [Mass Storage]-functie, de [PictBridge]-functie en de [PTP/MTP]-functie. In dit
gedeelte worden de functies [Autom.] en [Mass Storage] als voorbeeld beschreven. Voor meer informatie
over de [PictBridge]-functie en [PTP/MTP]-functie, zie pagina 92.
• Na herstel van een computer vanuit een stand-by- of slaapstand, is het mogelijk dat de communicatie
tussen de camera en de computer niet op hetzelfde moment wordt hersteld.
Index
Opmerkingen
Zoeken in MENU/
Instellingen
Besturingssysteem
(voorgeïnstalleerd)
Zoeken op
bediening
U kunt beelden importeren in een Macintosh-computer. Het softwareprogramma "PMB" is niet
compatibel met Macintosh-computers.
Wanneer beelden naar de "Memory Stick Duo" zijn geëxporteerd, geeft u deze weer in de
mapweergavefunctie (pagina 65).
Inhoud
Uw Macintosh-computer
gebruiken
Extra informatie over dit product en antwoorden op veelgestelde vragen vindt u op de
Sony Customer Support-website voor klantenondersteuning.
http://www.sony.net/
115NL
Als u beelden vanuit het interne geheugen wilt importeren in de computer, is stap 1 overbodig.
Inhoud
Beelden op een computer importeren en
weergeven
1 Plaats een "Memory Stick Duo" met daarop opgenomen beelden in de
camera.
(weergave-)
4 Sluit de camera aan op de computer.
1 Naar de USB-aansluiting
Index
2 Naar de
multifunctionele
aansluiting
Kabel voor de multifunctionele aansluiting
Zoeken in MENU/
Instellingen
3 Schakel de Macintosh-computer in en druk daarna op de
toets van de camera.
Zoeken op
bediening
2 Plaats een voldoende opgeladen accu in de camera, of sluit de camera
via de netspanningsadapter (los verkrijgbaar) en de USB/AV/DC IN-kabel
voor de multifunctionele aansluiting (los verkrijgbaar) aan op een
stopcontact.
5 Dubbelklik op het nieuw herkende pictogram t [DCIM] t de map waarin
de beelden die u wilt importeren zijn opgeslagen.
6 Sleep de beeldbestanden naar het pictogram van de vaste schijf en zet ze
erop neer.
De beeldbestanden worden naar de vaste schijf gekopieerd.
• Voor informatie over de opslaglocatie van de beelden en de bestandsnamen, zie pagina 113.
7 Dubbelklik op het pictogram van de vaste schijf t het gewenste
beeldbestand in de map waarin de gekopieerde bestanden zitten.
Opmerking
• Gebruik een Type2b-compatibele USB/AV/DC IN-kabel (los verkrijgbaar).
De USB-verbinding verwijderen
Sleep het pictogram van het station of het pictogram van de "Memory Stick Duo" naar het
pictogram "Trash" (Prullenbak) en laat het erin vallen, voordat u de onderstaande procedures
volgt of de camera loskoppelt van de computer.
•
•
•
•
Loskoppelen van de kabel voor de multifunctionele aansluiting.
Eruit halen van een "Memory Stick Duo".
Een "Memory Stick Duo" in de camera plaatsen.
Uitschakelen van de camera.
116NL
Muziek veranderen met "Music Transfer"
1 Schakel de Macintosh-computer in en plaats de cd-rom (bijgeleverd) in
het cd-rom-station.
2 Dubbelklik op
(SONYPICTUTIL).
De installatie van de software begint.
(Instellingen) t
(Hoofdinstellingen) t [Downl. muz.]
5 Druk op z op de besturingsknop.
De melding "Aansluiten op computer" wordt afgebeeld.
6 Breng een USB-verbinding tot stand tussen de camera en de Macintoshcomputer.
Zoeken in MENU/
Instellingen
3 Dubbelklik op het [MusicTransfer.pkg]-bestand in de [Mac]-map.
4 MENU t
Zoeken op
bediening
• MP3-bestanden die zijn opgeslagen op de vaste schijf van uw computer
• Muziekbestanden van cd’s
• Vooraf ingestelde muziek die op de camera is opgeslagen
Inhoud
U kunt de muziekbestanden die in de fabriek vooraf zijn ingesteld, vervangen door eigen
muziekbestanden met behulp van "Music Transfer" op de cd-rom (bijgeleverd). U kunt deze
bestanden ook op elk moment verwijderen of toevoegen.
De geluidsbestandsformaten die u met "Music Transfer" kunt kopiëren zijn hieronder
aangegeven:
7 Start "Music Transfer" op.
Opmerkingen
Index
8 Volg de instructies op het scherm om muziekbestanden te veranderen.
• Sluit alle softwareprogramma’s af die geopend zijn voordat u "Music Transfer" installeert.
• Om deze software te installeren moet u ingelogd zijn als beheerder.
zDe muziekbestanden herstellen die vooraf in de
fabriek werd ingesteld in de camera
Voer [Restore to Preset Tracks] in stap 8 uit.
Alle door de fabriek ingestelde muziekbestanden worden hersteld en [Muziek] in het menu
[Diavoorstelling] wordt ingesteld op [Geen geluid].
• U kunt de vooraf ingestelde muziekbestanden herstellen met behulp van [Initialiseren] (pagina 87),
maar dan worden de andere instellingen ook teruggesteld.
• Voor meer informatie over "Music Transfer", zie de helpfunctie van "Music Transfer".
117NL
Inhoud
"Geavanceerde Cyber-shothandleiding" weergeven
"Geavanceerde Cyber-shot-handleiding" beschrijft in groter detail het gebruik van de camera en
de optionele accessoires.
Wanneer u het "Cyber-shot-handboek" installeert, wordt tevens de "Geavanceerde Cyber-shothandleiding" geïnstalleerd.
1 Dubbelklik op
Zoeken op
bediening
Weergeven op een Windows-computer
(Geavanceerde handleiding) op het bureaublad.
Weergeven op een Macintosh-computer
1 Kopieer de map [stepupguide] in de map [stepupguide] naar de computer.
Index
2 Selecteer [stepupguide], [language] en daarna de map [NL] op de cd-rom
(bijgeleverd), en kopieer alle bestanden in de map [NL] naar de map [img]
in de map [stepupguide] die u in stap 1 naar de computer hebt
gekopieerd. (Overschrijf de bestanden in de map [img] met de bestanden
in de map [NL].)
Zoeken in MENU/
Instellingen
Om de "Geavanceerde handleiding" te openen vanuit het menu Start, klikt u op [start] t
[Alle programma’s] t [Sony Picture Utility] t [Geavanceerde handleiding].
3 Nadat het kopiëren klaar is, dubbelklikt u op "stepupguide.hqx" in de map
[stepupguide] om het gecomprimeerde bestand uit te pakken, en
dubbelklikt u tenslotte op het resulterende bestand "stepupguide".
Opmerking
• Als op de computer geen softwareprogramma is geïnstalleerd om het HQX-bestand uit te pakken,
installeert u Stuffit Expander.
118NL
Stilstaande beelden afdrukken
Inhoud
U kunt stilstaande beelden op de volgende manieren afdrukken.
Rechtstreeks beelden afdrukken op een
PictBridge-compatibele printer (pagina 120)
U kunt beelden rechtstreeks afdrukken op een "Memory Stick"-compatibele
printer.
Voor meer informatie leest u de gebruiksaanwijzing van de printer.
Zoeken in MENU/
Instellingen
Rechtstreeks beelden afdrukken op een "Memory
Stick"-compatibele printer
Zoeken op
bediening
U kunt beelden afdrukken door de camera rechtstreeks aan te sluiten op een
PictBridge-compatibele printer.
Beelden afdrukken met behulp van een computer
Index
U kunt beelden importeren in een computer met behulp van het bijgeleverde
softwareprogramma "PMB" en de beelden afdrukken.
U kunt de datum in het beeld invoegen en deze afdrukken. Voor meer
informatie, zie "Gids voor PMB".
Beelden afdrukken in een winkel (pagina 122)
U kunt een "Memory Stick Duo", met daarop beelden die met de camera
zijn opgenomen, meenemen naar een winkel met fotoafdrukservice. U kunt
van tevoren de markering
(afdrukmarkering) aanbrengen op de
beelden die u later wilt afdrukken.
Opmerking
• Als u beelden afdrukt die zijn opgenomen in de [16:9] functie, kunnen beide zijranden worden afgeknipt.
119NL
"PictBridge" voldoet aan de CIPA-norm. (CIPA: Camera & Imaging Products
Association)
Opmerking
• U kunt bewegende beelden niet afdrukken.
Bereid de camera voor op USB-aansluiting op de printer met behulp van de kabel voor de
multifunctionele aansluiting.
1 Plaats een voldoende opgeladen accu in de camera.
Zoeken in MENU/
Instellingen
De camera voorbereiden
Zoeken op
bediening
Zelfs als u geen computer hebt, kunt u de beelden die u hebt opgenomen met uw camera
afdrukken door de camera rechtstreeks aan te sluiten op een PictBridge-compatibele printer.
Inhoud
Rechtstreeks beelden afdrukken
op een PictBridge-compatibele
printer
2 Sluit de camera aan op de printer.
1 Naar de USB-aansluiting
Index
2 Naar de
multifunctionele
aansluiting
Kabel voor de multifunctionele aansluiting
3 Schakel de printer in.
indicator
Nadat de verbinding tot stand is gebracht, wordt de
indicator
afgebeeld op het scherm.
Als de
indicator knippert op het scherm van de camera
(foutmelding), controleert u de aangesloten printer.
Opmerking
• Als het niet mogelijk was om verbinding te maken met de printer, controleert u of bij
(Hoofdinstellingen) het onderdeel [USB-aansluiting] is ingesteld op [PictBridge].
120NL
Afdrukken
Hiermee kunt u het huidig weergegeven beeld in de
enkelbeeldweergavefunctie afdrukken.
Meerdere beelden
Hiermee selecteert u meerdere beelden om af te drukken.
Voer de volgende handelingen uit na stap 1.
1Selecteer een beeld en druk daarna op z.
Herhaal de bovenstaande stappen tot u geen beelden meer wilt
registreren.
2MENU t [OK] t z
Aantal
Hiermee selecteert u het aantal kopieën van het gemarkeerde beeld
dat u wilt afdrukken.
• Het is mogelijk dat, afhankelijk van het aantal beelden, niet alle beelden
op één vel passen.
Hiermee selecteert u het aantal beelden dat u naast elkaar wilt
afdrukken op één vel.
Formaat
Hiermee selecteert u de grootte van het afdrukvel.
Datum
Hiermee selecteert u [Datum] of [Dag&Tijd] om de datum en tijd
op de beelden te projecteren.
• Als u [Datum] selecteert, wordt de datum ingevoegd in het formaat dat u
hebt ingesteld bij [Datum/tijd instellen] op de camera. Het is mogelijk
dat deze functie niet beschikbaar is, afhankelijk van de printer.
Index
Opmaak
Zoeken in MENU/
Instellingen
2 Gewenst onderdeel t [OK] t z
Zoeken op
bediening
Dit beeld
Inhoud
1 MENU t
(Afdrukken) t gewenste functie t z op de
besturingsknop
Opmerking
• Koppel de kabel voor de multifunctionele aansluiting niet los terwijl de
indicator op het scherm wordt afgebeeld.
(PictBridge aangesloten)
121NL
Beelden afdrukken in een winkel
Inhoud
U kunt een "Memory Stick Duo", met daarop beelden die met de camera zijn opgenomen,
meenemen naar een winkel met fotoafdrukservice. Als de winkel het afdrukken van foto’s
volgens de DPOF-norm ondersteunt, kunt u van tevoren op het weergavemenu
afdrukmarkeringen aanbrengen op de beelden.
Opmerkingen
Zoeken op
bediening
Zoeken in MENU/
Instellingen
• U kunt de beelden die in het interne geheugen zijn opgeslagen niet rechtstreeks vanuit de camera
afdrukken in winkel met fotoafdrukservice. Kopieer de beelden eerst naar een "Memory Stick Duo" en
neem de "Memory Stick Duo" daarna mee naar de afdrukwinkel (pagina 99).
• Vraag aan de winkel met fotoafdrukservice welke typen "Memory Stick Duo" ze kunnen verwerken.
• Als een "Memory Stick Duo" niet wordt ondersteund door uw winkel met fotoafdrukservice, kopieert u
de beelden die u wilt afdrukken naar een ander medium, zoals een cd-r en neemt u deze mee naar de
winkel.
• De "Memory Stick Duo"-adapter (los verkrijgbaar) kan nodig zijn. Vraag dit aan de winkel met
fotoafdrukservice.
• Voordat u beeldgegevens meeneemt naar een winkel, maakt u altijd eerst een (reserve) kopie ervan op
een vaste schijf.
• U kunt het aantal afdrukken niet instellen.
• Als u de datum op de beelden wilt projecteren, vraagt u dit aan het personeel in de winkel met
fotoafdrukservice.
Index
122NL
Problemen oplossen
1 Controleer de punten op pagina’s 124 t/m 132.
Inhoud
Als u problemen ondervindt met de camera, probeert u de onderstaande oplossingen.
Als een code zoals "C/E:ss:ss" op het scherm wordt afgebeeld,
raadpleegt u pagina 133.
4 Neem contact op met uw Sony-dealer of het plaatselijke
erkende Sony-servicecentrum.
Index
Tijdens de reparatie van camera’s met een intern geheugen of opgenomen muziekbestanden,
kunnen de gegevens in de camera, uitsluitend voor zover noodzakelijk, worden gecontroleerd
om de storingssymptomen te bevestigen en verhelpen. Sony zal dergelijke gegevens niet
kopiëren of bewaren.
Zoeken in MENU/
Instellingen
3 Stel de instellingen terug op de standaardinstellingen
(pagina 87).
Zoeken op
bediening
2 Haal de accu eruit, wacht ongeveer een minuut, plaats de
accu weer terug, en schakel vervolgens de camera in.
Extra informatie over deze camera en antwoorden op veelgestelde vragen vindt u op
onze Customer Support-website voor klantenondersteuning.
http://www.sony.net/
Klik op een van de volgende onderdelen om te verspringen naar de pagina waarop het symptoom
en de oorzaken of de te nemen corrigerende handeling worden beschreven.
Accu en spanning .......................... 124
Intern geheugen ............................. 130
Stilstaande beelden/bewegende
beelden opnemen .......................... 125
Afdrukken ....................................... 130
Beelden bekijken ........................... 127
Wissen ............................................ 128
PictBridge-compatibele printer .... 131
Overige............................................ 132
Foutcodes en meldingen............... 133
Computers ...................................... 128
"Memory Stick Duo" ...................... 129
123NL
Accu en spanning
• Plaats de accu op de juiste wijze door de accu-uitwerphendel in te duwen.
Inhoud
De accu kan niet worden geplaatst.
De camera kan niet worden ingeschakeld.
Zoeken op
bediening
• Nadat de accu in de camera is geplaatst, kan het enkele momenten duren voordat de camera van
stroom wordt voorzien.
• Plaats de accu op de juiste wijze.
• De accu is leeg. Plaats een opgeladen accu.
• De accu is niet meer bruikbaar (pagina 141). Vervang deze door een nieuwe.
• Gebruik een aanbevolen type accu.
De camera schakelt plotseling uit.
De resterende-acculadingindicator is onjuist.
Index
• De acculading zal snel opgebruikt zijn en de werkelijk resterende acculading zal lager zijn dan wordt
aangegeven in de volgende gevallen:
– Wanneer u de camera gebruikt op een zeer hete of koude plaats.
– Wanneer u de flitser of zoom veelvuldig gebruikt.
– Wanneer u de camera herhaaldelijk in- en uitschakelt.
– Wanneer u de schermhelderheid hoger instelt met behulp van de DISP (schermweergave-)instelling.
• Er is een verschil opgetreden tussen de resterende-acculadingindicator en de daadwerkelijk resterende
acculading. Ontlaad de accu eenmaal volledig en laad deze daarna op om de aanduiding van de
resterende-acculadingindicator te corrigeren.
• De accu is leeg. Plaats een opgeladen accu.
• De accu is niet meer bruikbaar (pagina 141). Vervang deze door een nieuwe.
Zoeken in MENU/
Instellingen
• Afhankelijk van de camera- en accutemperatuur kan de voeding automatisch worden uitgeschakeld
om de camera te beschermen. In dat geval wordt een mededeling op het LCD-scherm afgebeeld
voordat de voeding wordt uitgeschakeld.
• Als u de camera gedurende drie minuten niet bedient terwijl deze is ingeschakeld, wordt de camera
automatisch uitgeschakeld om te voorkomen dat de accu leeg raakt. Schakel de camera weer in.
• De accu is niet meer bruikbaar (pagina 141). Vervang deze door een nieuwe.
De accu kan niet worden opladen.
• U kunt de accu niet opladen met behulp van een netspanningsadapter (los verkrijgbaar). Gebruik de
acculader om de accu op te laden.
Het CHARGE-lampje knippert tijdens het opladen van de accu.
• Haal de accu uit de acculader en plaats hem op de juiste wijze weer terug.
• De temperatuur kan ongeschikt zijn voor opladen. Probeer de accu opnieuw op te laden binnen het
bedrijfstemperatuurbereik (10 °C t/m 30 °C).
• Raadpleeg pagina 142 voor meer informatie.
124NL
Beelden kunnen niet worden opgenomen.
• Er wordt geen beeld opgenomen als geen lachend gezicht wordt herkend.
• [Demonstratiefunctie] is ingesteld op [Aan]. Stel [Demonstratiefunctie] in op [Uit] (pagina 88).
Zoeken in MENU/
Instellingen
De lach-sluiterfunctie werkt niet.
Zoeken op
bediening
• Controleer de resterende opslagcapaciteit van het interne geheugen of de "Memory Stick Duo". Als
deze vol is, doet u een van de volgende dingen:
– Wis overbodige beelden (pagina 34).
– Plaats een andere "Memory Stick Duo".
• Tijdens het opladen van de flitser kunt u geen beelden opnemen.
• Zet voor het opnemen van stilstaande beelden de functiekeuzeknop in een andere stand dan
(Bewegende beeldn).
• Zet de functiekeuzeknop op
(Bewegende beeldn) wanneer u bewegende beelden wilt opnemen.
• Bewegende beelden waarvan het formaat is ingesteld op [1280×720] kunnen alleen worden
opgenomen op een "Memory Stick PRO Duo". Als u een ander opnamemedium gebruikt dan de
"Memory Stick PRO Duo", stelt u het beeldformaat van de bewegende beelden in op [VGA].
• De camera staat in de lach-sluiter-demonstratiefunctie. Stel [Demonstratiefunctie] in op [Uit].
Inhoud
Stilstaande beelden/bewegende beelden
opnemen
Het onderwerp is niet zichtbaar op het scherm.
• De camera staat in de weergavefunctie. Druk op
opnamefunctie.
(weergave) om over te schakelen naar de
Index
De antiwaasfunctie werkt niet.
• De antiwaasfunctie werkt niet wanneer
wordt afgebeeld op het display.
• Het is mogelijk dat de antiwaasfunctie niet goed werkt tijdens het opnemen van nachtscènes.
• Maak de opname nadat u de ontspanknop tot halverwege ingedrukt hebt gehouden. Druk de
ontspanknop niet plotseling helemaal in.
• Controleer of de instelling [Conversielens] correct is (pagina 81).
Het opnemen duurt erg lang.
• Als de sluitertijd onder zwakke belichting langer wordt dan een bepaalde tijdsduur, treedt
automatische NR (ruisonderdrukking) lange-sluitertijdfunctie in werking om de beeldruis te
verminderen. Onder dergelijke omstandigheden, duurt het opnemen lang.
• De dichte-ogenverminderingsfunctie is ingeschakeld. Stel [Dichte-ogenvermindering] terug op [Uit]
(pagina 55).
Het beeld is onscherp.
• Het onderwerp bevindt zich te dichtbij. Zorg ervoor dat tijdens het opnemen de lens van de camera
verder verwijderd is van het onderwerp dan de minimale opnameafstand van (ongeveer 10 cm (Wkant) of 50 cm (T-kant) tussen lens en onderwerp).
• (Schemer),
(Landschap) of (Vuurwerk) is geselecteerd als de scènekeuzefunctie voor het
opnemen van stilstaande beelden.
• De semi-handmatig-functie is geselecteerd. Kies de automatische scherpstellingsfunctie (pagina 46).
• Controleer of de instelling [Conversielens] correct is (pagina 81).
125NL
De zoomfunctie werkt niet.
Inhoud
• U kunt de slimme-zoomfunctie niet gebruiken afhankelijk van het beeldformaat (pagina 80).
• U kunt de digitale-zoomfunctie niet gebruiken wanneer:
– U bewegende beelden opneemt.
– De lach-sluiterfunctie is ingeschakeld.
Kan de gezichtsherkenningsfunctie niet selecteren.
De flitser werkt niet.
Wazige, witte, ronde vlekken verschijnen in beelden opgenomen met de flitser.
• Deeltjes (stof, pollen, enz.) in de lucht weerkaatsten het flitslicht en werden zichtbaar in het beeld. Dit
is geen defect.
Zoeken in MENU/
Instellingen
• U kunt de flitser niet gebruiken wanneer:
– [Opn.functie] is ingesteld op [Burst] of Exposure Bracket (pagina 40).
–
(Hoge gevoeligheid), (Schemer) of (Vuurwerk) is geselecteerd als de scènekeuzefunctie.
– U bewegende beelden opneemt.
• Stel de flitser in op (Flitser aan) (pagina 30) als de scènekeuzefunctie is ingesteld op
(Landschap), (Voedsel),
(Strand), (Sneeuw) of
(Onderwater).
Zoeken op
bediening
• U kunt de gezichtsherkenningsfunctie alleen selecteren wanneer de scherpstellingsfunctie is ingesteld
op [Multi-AF] en de lichtmeetfunctie is ingesteld op [Multi].
De close-up-opnamefunctie (Macro) werkt niet.
Index
•
(Landschap), (Schemer) of (Vuurwerk) is geselecteerd als de scènekeuzefunctie.
• De macrofunctie is ingesteld op [Autom.] als de camera in de intelligente automatische instelfunctie
staat en bij het opnemen van bewegende beelden.
De macrofunctie kan niet worden uitgeschakeld.
• Er is geen mogelijkheid om de macrofunctie gedwongen uit te schakelen. In de [Autom.] functie
kunnen telefoto-opnamen gemaakt worden, ondanks dat de macrofunctie is ingeschakeld.
De datum en tijd worden niet afgebeeld op het LCD-scherm.
• Tijdens het opnemen worden de datum en tijd niet afgebeeld. Deze worden alleen tijdens weergave
afgebeeld.
Kan de datum niet op het beeld projecteren.
• Deze camera heeft geen functie om de datum op beelden te projecteren. Door "PMB" te gebruiken
kunt u beelden met de datum erop geprojecteerd opslaan en afdrukken (pagina 109).
De F-waarde en de sluitertijd knipperen wanneer u de ontspanknop tot
halverwege indrukt.
• De belichting is niet goed. Stel de belichting goed in (pagina 41).
Het LCD-scherm is te donker of te helder.
• Stel de helderheid van de achterverlichting in (pagina 16).
Het beeld is te donker.
• U neemt een onderwerp met een lichtbron erachter op. Kies de lichtmeetfunctie (pagina 48) of stel de
belichting in (pagina 41).
126NL
Het beeld is te licht.
De kleuren van het beeld zijn niet juist.
Inhoud
• Stel de belichting in (pagina 41).
• Stel [Kleurfunctie] in op [Normaal] (pagina 58).
• Stel de witbalans in (pagina 43).
• Het smeereffect treedt op en witte, zwarte, rode, paarse en andere strepen verschijnen in het beeld. Dit
verschijnsel duidt niet op een defect.
In het beeld verschijnt ruis wanneer u op een donkere plaats naar het scherm
kijkt.
De ogen van het onderwerp zijn rood.
• Stel [Rode-ogeneffect] in op [Autom.] of [Aan] (pagina 56).
• Neem het beeld op met behulp van de flitser vanaf een afstand korter dan het flitsbereik.
• Verlicht het vertrek en neem het onderwerp op.
• Werk het beeld bij met behulp van [Bijwerken] t [Rode-ogen-correctie] op het weergavemenu
(pagina 69), of bewerk het beeld met behulp van het softwareprogramma "PMB".
• Dit is geen defect. Deze punten worden niet opgenomen.
Index
Punten verschijnen en blijven op het scherm.
Zoeken in MENU/
Instellingen
• De camera probeert de zichtbaarheid van het scherm te verhogen door het beeld tijdelijk helderder te
maken onder omstandigheden met een slechte verlichting. Dit is niet van invloed op het opgenomen
beeld.
Zoeken op
bediening
Bij het opnemen van een zeer helder onderwerp verschijnen er verticale strepen.
Beelden kunnen niet continu worden opgenomen.
• Het interne geheugen of de "Memory Stick Duo" is vol. Wis overbodige beelden (pagina 34).
• De accu is bijna leeg. Plaats een opgeladen accu.
Hetzelfde beeld wordt meerdere keren opgenomen.
• [Opn.functie] staat op [Burst] (pagina 40). Of [Scèneherkenning] is ingesteld op [Geavanceerd]
(pagina 49).
Beelden bekijken
Kan geen beelden weergeven.
• Druk op de
(weergave-)toets.
• De map-/bestandsnaam is veranderd op de computer.
• Wij kunnen weergave op deze camera niet garanderen voor beelden die op een computer werden
bewerkt en voor beelden die op een andere camera werden opgenomen.
• De camera staat in de USB-functie. Verwijder de USB-verbinding (pagina 112).
• Het kan onmogelijk zijn sommige beelden weer te geven die op de "Memory Stick Duo" staan en zijn
opgenomen op een andere camera. Geef dergelijke beelden weer in de mapweergave (pagina 65).
• Dit wordt veroorzaakt door beelden op de computer te kopiëren naar een "Memory Stick Duo" zonder
gebruik te maken van "PMB". Geef dergelijke beelden weer in de mapweergave (pagina 65).
127NL
De datum en tijd worden niet afgebeeld.
Onmiddellijk nadat de weergave is begonnen, ziet het beeld er grof uit.
Inhoud
• De schermweergave is ingesteld op het weergeven van alleen beelden. Druk op de DISP
(schermweergave-)toets om de scherminformatie weer te geven (pagina 16).
• Dit kan gebeuren als gevolg van de beeldverwerking. Dit is geen defect.
Langs de linker- en rechterzijkanten van het scherm zijn zwarte banden zichtbaar.
Kan geen beelden in de indexweergavefunctie weergeven.
• De functiekeuzeknop staat in de stand
(Eenvoudig opnemen). Zet de functiekeuzeknop in een
andere stand om de beelden weer te geven.
• Kopieer de muziekbestanden naar de camera met "Music Transfer" (pagina 114).
• Controleer dat de instellingen van het volumeniveau en de diavoorstelling correct zijn (pagina 60).
Het beeld wordt niet weergegeven op de televisie.
Index
• Controleer [Video-uit] om te bevestigen dat het video-uitgangssignaal van de camera is ingesteld op
het kleursysteem van de televisie (pagina 90).
• Controleer of de aansluiting juist is (pagina 103).
• Als de USB-stekker van de kabel voor de multifunctionele aansluiting is aangesloten op een ander
apparaat, koppelt u deze los (pagina 112).
• Wanneer u bewegende beelden opneemt terwijl de camera is aangesloten op een televisie met behulp
van een HD-uitgangsadapterkabel (los verkrijgbaar), wordt het beeld dat wordt opgenomen niet
weergegeven op het televisiescherm.
Zoeken in MENU/
Instellingen
Er is geen muziek hoorbaar tijdens een diavoorstelling.
Zoeken op
bediening
• [Autom. Oriëntatie] staat op [Aan] (pagina 82).
Wissen
Beelden kunnen niet worden gewist.
• Annuleer de beveiliging (pagina 74).
Computers
De compatibiliteit van deze camera met het besturingssysteem van de computer
is onbekend.
• Controleer "Aanbevolen computeromgeving" op pagina 107 voor Windows, en op pagina 115 voor
Macintosh.
De "Memory Stick PRO Duo" wordt niet herkend door een computer met een
"Memory Stick"-gleuf.
• Controleer dat de computer en de "Memory Stick"-lezer/schrijver "Memory Stick PRO Duo"
ondersteunen. Gebruikers van computers en "Memory Stick"-lezers/schrijvers gemaakt door andere
fabrikanten dan Sony dienen contact op te nemen met die fabrikanten.
• Als de "Memory Stick PRO Duo" niet wordt ondersteund, sluit u de camera aan op de computer
(pagina’s 110 en 116). De computer herkent de "Memory Stick PRO Duo".
128NL
De computer herkent de camera niet.
Nadat de USB-verbinding tot stand is gekomen, start "PMB" niet automatisch op.
• Breng de USB-verbinding tot stand nadat de computer is opgestart.
Beelden kunnen niet worden weergegeven op de computer.
Zoeken in MENU/
Instellingen
• Sluit de camera goed aan op de computer door middel van een USB-verbinding (pagina 110).
• Als u beelden opneemt op een "Memory Stick Duo" die op een computer is geformatteerd, kan het
onmogelijk zijn de beelden te importeren in een computer. Neem op met behulp van een "Memory
Stick Duo" die in deze camera is geformatteerd (pagina 95).
Zoeken op
bediening
Kan geen beelden importeren.
Inhoud
• Wanneer de accu bijna leeg is, plaatst u een opgeladen accu of gebruikt u een netspanningsadapter
(los verkrijgbaar).
• Stel [USB-aansluiting] in op [Autom.] of [Mass Storage] (pagina 92).
• Gebruik de kabel voor de multifunctionele aansluiting (bijgeleverd).
• Koppel de kabel voor de multifunctionele aansluiting los van zowel de computer als de camera, en
sluit deze daarna weer stevig aan.
• Koppel alle apparatuur, behalve de camera, het toetsenbord en de muis, los van de USB-aansluitingen
van de computer.
• Sluit de camera rechtstreeks aan op de computer en niet via een USB-hub of ander apparaat.
• Wanneer u "PMB" gebruikt, raadpleegt u de "Gids voor PMB" (pagina 109).
• Raadpleeg de fabrikant van de computer of de software.
• U geeft de bewegende beelden rechtstreeks weer vanuit het interne geheugen of vanaf de "Memory
Stick Duo". Importeer de bewegende beelden in de vaste schijf van de computer, en geef daarna de
bewegende beelden weer vanaf de vaste schijf (pagina 110).
Index
Wanneer u bewegende beelden op een computer bekijkt, worden beeld en geluid
onderbroken door storing.
Beelden kunnen niet worden afgedrukt.
• Zie de gebruiksaanwijzing van de printer.
Beelden die eenmaal naar een computer zijn geëxporteerd, kunnen niet meer op
de camera worden weergegeven.
• Exporteer ze naar een map die door de camera wordt herkend, zoals "101MSDCF" (pagina 113).
• Als u een ander softwareprogramma dan "PMB" gebruikt, wordt de informatie mogelijk niet juist
bijgewerkt waardoor beelden blauw kunnen worden of anderszins niet goed worden weergegeven.
Dit is geen defect.
• Wanneer blauwe beelden worden weergegeven, bekijkt u deze in de mapweergavefunctie of wist u ze
met de camera.
"Memory Stick Duo"
De "Memory Stick Duo" kan niet worden geplaatst.
• Plaats de "Memory Stick Duo" in de juiste richting.
129NL
U hebt een "Memory Stick Duo" per ongeluk geformatteerd.
Intern geheugen
Inhoud
• Alle gegevens op de "Memory Stick Duo" zijn gewist door het formatteren. U kunt deze niet meer
herstellen.
U kunt geen beelden weergeven of beelden opnemen met behulp van het interne
geheugen.
De beeldgegevens in het interne geheugen kunnen niet worden gekopieerd naar
de "Memory Stick Duo".
Zoeken op
bediening
• Er zit een "Memory Stick Duo" in de camera. Haal deze eruit.
• De "Memory Stick Duo" is vol. Kopieer naar een "Memory Stick Duo" van voldoende capaciteit.
• Deze functie is niet beschikbaar.
Afdrukken
Zoeken in MENU/
Instellingen
Kan de beeldgegevens op de "Memory Stick Duo" of de computer niet kopiëren
naar het interne geheugen.
Zie "PictBridge-compatibele printer" tezamen met de onderstaande punten.
• Afhankelijk van de printer kunnen alle randen van het beeld worden afgesneden. Met name wanneer
u een beeld afdrukt dat is opgenomen met het beeldformaat ingesteld op [16:9], kunnen de zijranden
van het beeld worden bijgesneden.
• Wanneer u beelden afdrukt op uw printer, annuleert u de instellingen van bijsnijden en afdrukken
zonder randen. Vraag de fabrikant van de printer of de printer deze functies heeft of niet.
• Als u de beelden laat afdrukken in een winkel met fotoafdrukservice, vraagt u aan het
winkelpersoneel of ze de beelden kunnen afdrukken zonder dat de randen worden afgesneden.
Index
De beelden worden afgedrukt met beide randen afgesneden.
U kunt geen beelden afdrukken met de datum erop geprojecteerd.
• Met "PMB" kunt u beelden afdrukken met daarop de datum geprojecteerd (pagina 109).
• De camera heeft geen functie om de datum op beelden te projecteren. Echter, omdat de beelden
opgenomen op deze camera informatie bevatten over de opnamedatum, kunt u de beelden afdrukken
met daarop de datum geprojecteerd als de printer of de software deze Exif-informatie kan herkennen.
Voor eventuele compatibiliteit met Exif-informatie, neemt u contact op met de fabrikant van de
printer of van de software.
• Als u gebruik maakt van een fotoafdrukservice, vraagt u het winkelpersoneel de datum op de beelden
te projecteren.
130NL
PictBridge-compatibele printer
Beelden kunnen niet worden afgedrukt.
Zoeken in MENU/
Instellingen
• Controleer of de camera op de juiste wijze met behulp van de kabel voor de multifunctionele
aansluiting op de printer is aangesloten.
• Schakel de printer in. Voor meer informatie raadpleegt u de gebruiksaanwijzing van de printer.
• Als u tijdens het afdrukken [Sluiten] selecteert, is het mogelijk dat de beelden niet worden afgedrukt.
Koppel de kabel voor de multifunctionele aansluiting los en sluit deze weer aan. Als u de beelden nog
steeds niet kunt afdrukken, koppelt u de kabel voor de multifunctionele aansluiting los, schakelt u de
printer uit en weer in, en sluit u de kabel voor de multifunctionele aansluiting weer aan.
• Bewegende beelden kunnen niet afgedrukt worden.
• Beelden die op een andere camera werden opgenomen, of beelden die op een computer zijn bewerkt,
kunnen misschien niet worden afgedrukt.
Zoeken op
bediening
• De camera kan niet rechtstreeks op een printer worden aangesloten die niet compatibel is met
PictBridge. Vraag de fabrikant van de printer of uw printer compatibel is met PictBridge of niet.
• Controleer of de printer is ingeschakeld en op de camera kan worden aangesloten.
• Stel [USB-aansluiting] in op [PictBridge] (pagina 92).
• Koppel de kabel voor de multifunctionele aansluiting los en sluit deze weer aan. Bij het verschijnen
van een foutmelding op de printer, moet u de gebruiksaanwijzing van de printer raadplegen.
Inhoud
Het is niet mogelijk een verbinding tot stand te brengen.
De afdrukopdracht is geannuleerd.
• Controleer dat de kabel voor de multifunctionele aansluiting is losgekoppeld voordat de
(PictBridge aangesloten) indicator uitgaat.
Index
In de indexweergavefunctie kan de datum niet worden geprojecteerd en kunnen
de beelden niet worden afgedrukt.
• De printer heeft deze functies niet. Vraag de fabrikant van de printer of de printer deze functies heeft
of niet.
• Afhankelijk van de printer kan de datum in de indexweergavefunctie niet geprojecteerd worden.
Vraag het de fabrikant van de printer.
In plaats van de datum wordt "---- -- --" afgedrukt op het beeld.
• Bij het beeld zit geen opnamedatum-informatie zodat de datum niet erop kan worden geprojecteerd.
Stel [Datum] in op [Uit] en druk het beeld opnieuw af (pagina 121).
Het afdrukformaat kan niet worden ingesteld.
• Vraag de fabrikant van de printer of het gewenste afdrukformaat beschikbaar is op de printer.
Het beeld kan niet op het ingestelde formaat worden afgedrukt.
• Als u papier van een ander formaat gebruikt nadat de printer op de camera is aangesloten, koppelt u
de kabel voor de multifunctionele aansluiting los en sluit u deze daarna weer aan.
• De afdrukinstelling van de camera is anders dan die van de printer. Verander de instelling van de
camera (pagina 121) of de printer.
De camera kan niet worden bediend nadat het afdrukken is geannuleerd.
• Wacht enige tijd terwijl de printer de annuleerbediening uitvoert. Dit kan, afhankelijk van de printer,
enige tijd duren.
131NL
Overige
• Er is condensvorming opgetreden. Schakel de camera uit en laat deze gedurende ongeveer een uur
liggen voordat u deze weer gebruikt.
Inhoud
De lens raakt beslagen.
De camera wordt uitgeschakeld met uitgeschoven lens.
De camera wordt warm wanneer u deze gedurende een lange tijd gebruikt.
• Dit is geen defect.
Zoeken op
bediening
• De accu is leeg. Vervang deze door een opgeladen accu en schakel daarna de camera opnieuw in.
• Probeer niet met kracht zelf de lens te bewegen als deze niet door de camera wordt bewogen.
Het klok-instelscherm wordt afgebeeld nadat de camera is ingeschakeld.
U wilt de datum of tijd veranderen.
• Verander de instellingen op MENU t [Instellingen] t [Klokinstellingen] t [Datum/tijd
instellen].
Zoeken in MENU/
Instellingen
• Stel de datum en tijd opnieuw in (pagina 102).
• De ingebouwde, oplaadbare reservebatterij is leeg. Plaats een opgeladen accu en laat de camera
gedurende 24 uur of langer uitgeschakeld liggen.
De datum of tijd is onjuist.
Index
• Gebied is ingesteld op een andere locatie dan uw huidige positie. Verander de instelling op MENU
t [Instellingen] t [Klokinstellingen] t [Tijdzone instellen].
132NL
Foutcodes en meldingen
C:32:ss
Zoeken op
bediening
Als een code wordt afgebeeld die begint met een letter uit het alfabet, is de zelfdiagnosefunctie
in werking getreden. De laatste twee cijfers (hieronder aangeduid met twee blokjes ss)
verschillen afhankelijk van de toestand van de camera.
Als u de fout niet kunt verhelpen, zelfs niet nadat u de corrigerende handeling enkele keren hebt
uitgevoerd, kan het noodzakelijk zijn de camera te laten repareren.
Neem contact op met uw Sony-dealer of de plaatselijke technische dienst van Sony.
Inhoud
Zelfdiagnosefunctie
• Er is een storing opgetreden in de hardware van de camera. Schakel de camera uit en daarna weer in.
• De camera kan geen gegevens lezen vanaf of schrijven op de "Memory Stick Duo". Probeer de
camera uit en weer in te schakelen, of probeer de "Memory Stick Duo" er meerdere keren uit te halen
en weer in te plaatsen.
• Het interne geheugen heeft een formatteringsfout begaan, of een niet-geformatteerde "Memory Stick
Duo" is geplaatst. Formatteer het interne geheugen of de "Memory Stick Duo" (pagina 95).
• De geplaatste "Memory Stick Duo" kan niet worden gebruikt in deze camera, of de gegevens zijn
beschadigd. Plaats een nieuwe "Memory Stick Duo".
E:62:ss
Index
E:61:ss
Zoeken in MENU/
Instellingen
C:13:ss
E:91:ss
• Er is een storing opgetreden in de camera. Stel alle instellingen terug op de standaardinstellingen van
de camera (pagina 87) en schakel deze daarna weer in.
Meldingen
Als een van de onderstaande meldingen wordt afgebeeld, voert u de vermelde instructies uit.
• De accu is bijna leeg. Laad de accu onmiddellijk op. Afhankelijk van de gebruiksomstandigheden of
het soort accu, kan de indicator knipperen ondanks dat er nog voor 5 tot 10 minuten acculading over
is.
Gebruik uitsluitend een geschikte batterij
• De geplaatste accu is geen NP-BG1 (bijgeleverd)/NP-FG1 (los verkrijgbaar) accu.
Systeemfout
• Schakel de camera uit en weer in.
133NL
• De temperatuur in de camera is opgelopen. De voeding kan automatisch worden uitgeschakeld of het
kan onmogelijk zijn bewegende beelden op te nemen. Laat de camera liggen op een koele plaats
totdat de temperatuur in de camera is gezakt.
Inhoud
De camera is oververhit
Laat de camera eerst afkoelen
Fout van intern geheugen
• Schakel de camera uit en weer in.
• Plaats de "Memory Stick Duo" op de juiste wijze.
• De geplaatste "Memory Stick Duo" kan niet worden gebruikt in deze camera (pagina 139).
• De "Memory Stick Duo" is beschadigd.
• De aansluitpunten van de "Memory Stick Duo" zijn vuil.
• De geplaatste "Memory Stick Duo" kan niet worden gebruikt in deze camera (pagina 139).
Met "Memory Stick" is opnemen en weergeven misschien onmogelijk
• De geplaatste "Memory Stick Duo" kan niet worden gebruikt in deze camera (pagina 139).
Zoeken in MENU/
Instellingen
Verkeerd type "Memory Stick"
Zoeken op
bediening
Plaats de "Memory Stick" opnieuw
Geen toegang "Memory Stick"
Toegang geweigerd
Fout bij formatteren intern geheugen
Fout bij formatteren "Memory Stick"
Index
• U gebruikt een "Memory Stick Duo" met beperkte toegang.
• Formatteer het medium opnieuw (pagina 95).
"Memory Stick" vergrendeld
• U gebruikt een "Memory Stick Duo" met een schrijfbeveiligingsschakelaar terwijl de
schrijfbeveiligingsschakelaar in de stand LOCK staat. Zet de schrijfbeveiligingsschakelaar in de
stand voor opnemen.
Geen geheugenruimte in de "Memory Stick"
Geen geheugenruimte in het intern geheugen
• Wis overbodige beelden of bestanden (pagina 34).
Geheugen voor alleen-lezen
• De camera kan geen beelden opnemen of wissen op deze "Memory Stick Duo".
Geen beelden beschikbaar
• Er zijn geen beelden die weergegeven kunnen worden opgenomen in het interne geheugen.
• Er zijn geen beelden die weergegeven kunnen worden opgeslagen in deze map van de "Memory Stick
Duo".
• Wanneer beelden opgenomen op een andere camera niet kunnen worden weergegeven op deze
camera, geeft u de beelden weer in de mapweergavefunctie (pagina 65).
134NL
Er zijn geen stilstaande beelden
Bestand gevonden dat niet herkend werd
Inhoud
• De geselecteerde map bevat geen bestand dat kan worden weergegeven in een diavoorstelling.
• Er zijn geen beelden die kunnen worden gefilterd op gezicht.
• U probeert een map te wissen waarin een bestand zit dat niet kan worden weergegeven met deze
camera. Wis het bestand met behulp van een computer en wis daarna de map.
• U probeert een stilstaand of bewegend beeld te wissen dat wordt weergegeven terwijl de
weergavefunctie is ingesteld op Favorieten. Verander eerst de weergavefunctie omdat u niet kunt
wissen in de weergavefunctie Favorieten.
Zoeken op
bediening
Ongeldige bediening
Mapfout
Kan geen mappen meer maken
• Op de "Memory Stick Duo" staat een map waarvan de naam begint met "999". U kunt in dat geval
geen mappen meer aanmaken.
Zoeken in MENU/
Instellingen
• Een map met dezelfde drie cijfers aan het begin van de naam bestaat reeds op de "Memory Stick Duo"
(bijvoorbeeld: 123MSDCF en 123ABCDE). Kies een andere map of maak een andere map
(pagina’s 96 en 97).
Inhoud map weggooien
Index
• U probeert een map te wissen waarin één of meerdere bestanden zitten. Wis eerst alle bestanden en
wis daarna de map.
Geen map beschikbaar
• U probeert een map te wissen die niet bestaat.
Map is beschermd
• U probeert op een computer of een ander apparaat een map te wissen die werd aangemaakt op de
camera en is ingesteld op alleen-lezen.
Bestandsfout
• Tijdens het weergeven van het beeld is een fout opgetreden.
Wij kunnen weergave op deze camera niet garanderen voor beelden die op een computer werden
bewerkt en voor beelden die op een andere camera werden opgenomen.
Deze map heeft het kenmerk Alleen lezen.
• U hebt een map geselecteerd die niet kan worden ingesteld als de opnamemap op de camera.
Selecteer een andere map (pagina 97).
Bestandsbeveiliging
• Schakel de beveiliging uit (pagina 74).
Te groot beeldformaat
• U probeert een beeld weer te geven met een formaat dat niet kan worden weergegeven op de camera.
135NL
Kan gezicht voor bewerken niet vinden
(Trillingswaarschuwing-indicator)
Inhoud
• Het kan onmogelijk zijn het beeld bij te werken afhankelijk van het beeld.
• Door onvoldoende licht, is de camera gevoelig voor beweging. Gebruik de flitser, schakel de
antiwaasfunctie in, of bevestig de camera op een statief om de camera vast te zetten.
Schakel uit en weer in
Maximumaantal beelden geselecteerd
Onvoldoende acculading
• Gebruik een volledig opgeladen accu bij het kopiëren van een beeld opgenomen in het interne
geheugen naar de "Memory Stick Duo".
Index
Printer bezet
Papierfout
Geen papier
Inktfout
Inkt bijna op.
Inkt helemaal op.
Zoeken in MENU/
Instellingen
• Maximaal 100 bestanden kunnen worden geselecteerd bij gebruik van [Meerdere beelden].
• Maximaal 999 bestanden kunnen worden geselecteerd bij gebruik van [Alle beelden in datumbereik],
[Alle in gebeurtenis], [Alle in Favorieten] of [Alle in deze map].
• Maximaal 999 bestanden kunnen worden geregistreerd als favorieten, en u kunt
afdrukmarkeringen toevoegen aan maximaal 999 bestanden. Annuleer de selectie.
Zoeken op
bediening
• De lens is defect.
• Controleer de printer.
Printerfout
• Controleer de printer.
• Controleer of het beeld dat u wilt afdrukken beschadigd is.
• Het is mogelijk dat de gegevensoverdracht naar de printer nog niet voltooid is. Koppel de kabel voor
de multifunctionele aansluiting niet los.
Verwerkt…
• De printer annuleert de huidige afdruktaak. U kunt niet afdrukken totdat dit klaar is. Dit kan,
afhankelijk van de printer, enige tijd duren.
Muziekfout
• Wis het muziekbestand of vervang het door een niet-vervormd muziekbestand.
• Voer [Format. muz.] uit en download daarna een nieuw muziekbestand.
Muziekgeheugen-formatteringsfout
• Voer [Format. muz.] uit.
136NL
Bediening kan niet worden uitgevoerd voor bestand met bew. bldn.
Bediening kan niet worden uitgevoerd voor niet-onderst. bestanden
Inhoud
• U hebt een functie geselecteerd die niet beschikbaar is voor bewegende beelden.
• Verwerking en andere bewerkingsfuncties van de camera kunnen niet worden uitgevoerd voor
beeldbestanden die zijn bewerkt op een computer, of beelden die werden opgenomen op een andere
camera.
• Sommige functies zijn aan beperkingen onderhevig terwijl de camera is aangesloten op een
PictBridge-compatibele printer.
Bezig met herstellen van het beeldbeheerbestand…
• Het aantal beelden is hoger dan het aantal waarvoor gegevens- of gebeurtenissenbeheer door de
camera mogelijk is. Wis beelden vanuit de datumweergave of gebeurtenisweergave.
Geen ruimte meer in interne geheugen
Beelden wissen?
Fout van beeldbeheerbestand
Herstellen niet mogelijk
Index
• Het interne geheugen is vol. Om in het interne geheugen te kunnen opnemen, selecteert u [Ja] en wist
u overbodige beelden.
Zoeken in MENU/
Instellingen
• De camera herstelt de datuminformatie, enz., in gevallen waarin beelden werden gewist op een
computer, enz.
Zoeken op
bediening
Bediening kan niet worden uitgevoerd bij een PictBridge-verbinding
• Importeer alle beelden in de computer met behulp van "PMB", en formatteer de "Memory Stick Duo"
of het interne geheugen (pagina 95).
Als u niet alle beelden in de computer kunt importeren met "PMB", importeert u alle beelden in de
computer zonder gebruik te maken van "PMB" (pagina 111). Om de beelden weer op de camera weer
te geven, exporteert u de geïmporteerde beelden naar de camera met behulp van "PMB".
Opnamefunctie is niet beschikbaar vanwege hoge interne temperatuur
• De temperatuur in de camera is opgelopen. U kunt geen beelden opnemen totdat de temperatuur in de
camera is gezakt.
Het opnemen is gestopt vanwege verhoogde temperatuur in camera
• Het opnemen is gestopt omdat tijdens het opnemen van bewegende beelden de temperatuur in de
camera is opgelopen. Wacht totdat de temperatuur in de camera is gezakt.
• Wanneer u gedurende een langere tijd bewegende beelden opneemt, loopt de temperatuur in de
camera op. Stop in dat geval met het opnemen van bewegende beelden.
137NL
Inhoud
Uw camera in het buitenland
gebruiken — Stroomvoorziening
U kunt de camera, de acculader (bijgeleverd) en de netspanningsadapter AC-LS5K (los
verkrijgbaar) in ieder land of gebied gebruiken met een stroomvoorziening van
100 V t/m 240 V wisselstroom van 50/60 Hz.
• Gebruik geen elektronische transformator (reistrafo), omdat hierdoor een storing kan optreden.
Zoeken op
bediening
Opmerking
Zoeken in MENU/
Instellingen
Index
138NL
"Memory Stick"-type
Opnemen/weergeven
a*1
a*2
MagicGate Memory Stick Duo
Memory Stick PRO Duo
a*1*2
a*2*3
Memory Stick PRO-HG Duo
a*2*3*4
*1 Hoge gegevensoverdrachtsnelheid via een parallelle interface wordt niet ondersteund.
*2 "Memory Stick Duo", "MagicGate Memory Stick Duo" en "Memory Stick PRO Duo" zijn uitgerust met
MagicGate-functies. MagicGate is een technologie ter bescherming van auteursrechten waarbij gebruik
wordt gemaakt van versleutelingstechnologie. Deze camera kan geen gegevens opnemen/weergeven
waarbij MagicGate-functies zijn vereist.
*3 Bewegende beelden kunnen worden opgenomen in beeldgrootte [1280×720].
*4 Deze camera biedt geen ondersteuning voor 8-bit parallelle gegevensoverdracht. De camera voert
dezelfde 4-bit parallelle gegevensoverdracht uit als de "Memory Stick PRO Duo".
Zoeken in MENU/
Instellingen
Memory Stick Duo (zonder MagicGate)
Memory Stick Duo (met MagicGate)
Zoeken op
bediening
Een "Memory Stick Duo" is een compact, draagbaar IC-opnamemedium. De typen "Memory
Stick Duo" die kunnen worden gebruikt in deze camera worden vermeld in de onderstaande
tabel. Een goede werking kan echter niet worden gegarandeerd voor alle functies van de
"Memory Stick Duo".
Inhoud
Informatie over de "Memory Stick
Duo"
Opmerkingen
Wordt vervolgd r
Index
• Dit apparaat is compatibel met "Memory Stick Micro" ("M2"). "M2" is de afkorting van "Memory Stick
Micro".
• Wij kunnen niet garanderen dat een "Memory Stick Duo" die op een computer is geformatteerd, in deze
camera werkt.
• De lees-/schrijfsnelheid van de gegevens verschilt afhankelijk van de gebruikte "Memory Stick Duo" en
apparatuur.
• De "Memory Stick Duo" mag niet worden verwijderd terwijl deze bezig is met het lezen of wegschrijven
van gegevens.
• De gegevens kunnen in de volgende gevallen beschadigd zijn:
– wanneer de "Memory Stick Duo" uit de camera wordt gehaald of de camera wordt uitgeschakeld
tijdens het lezen of schrijven van gegevens
– wanneer de "Memory Stick Duo" wordt gebruikt op plaatsen met statische elektriciteit of elektrische
ruis
• Wij raden u aan van belangrijke gegevens een reservekopie te maken.
• Druk niet hard wanneer u in het aantekeningenvak schrijft.
• Plak geen stickers op de "Memory Stick Duo" zelf of op de "Memory Stick Duo"-adapter.
• Wanneer u de "Memory Stick Duo" draagt of bewaart, plaatst u deze terug in de houder die erbij geleverd
werd.
• Raak de aansluitingen van de "Memory Stick Duo" niet aan met uw hand of een metalen voorwerp.
• Sla niet op de "Memory Stick Duo", verbuig hem niet en laat hem niet vallen.
• Demonteer of verander de "Memory Stick Duo" niet.
• Stel de "Memory Stick Duo" niet bloot aan water.
• Laat de "Memory Stick Duo" niet liggen binnen het bereik van kleine kinderen. Zij kunnen deze per
ongeluk inslikken.
• Steek niets anders dan een "Memory Stick Duo" in de "Memory Stick Duo"-gleuf. Als u dit toch doet, zal
een storing worden veroorzaakt.
• Gebruik of bewaar de "Memory Stick Duo" niet op de volgende plaatsen:
– plaatsen met een hoge temperatuur, zoals in een hete auto die in de zon is geparkeerd
– plaatsen die zijn blootgesteld aan direct zonlicht
– vochtige plaatsen of plaatsen waar zich corrosieve stoffen bevinden
139NL
Een "Memory Stick PRO Duo" met een opslagcapaciteit tot 16 GB is goedgekeurd voor gebruik in deze
camera.
Opmerking over het gebruik van de "Memory Stick Micro" (los
verkrijgbaar)
Index
• Om in de camera een "Memory Stick Micro" te kunnen gebruiken, moet u de "Memory Stick Micro" in
een "M2"-adapter ter grootte van een Duo steken. Als u een "Memory Stick Micro" in de camera plaatst
zonder een "M2"-adapter ter grootte van een Duo te gebruiken, kan het onmogelijk zijn deze vervolgens
weer uit de camera te halen.
• Laat de "Memory Stick Micro" niet liggen binnen het bereik van kleine kinderen. Zij kunnen deze per
ongeluk inslikken.
Zoeken in MENU/
Instellingen
Opmerking over het gebruik van de "Memory Stick PRO Duo"
(los verkrijgbaar)
Zoeken op
bediening
• Als u een "Memory Stick Duo" in een "Memory Stick"-compatibel apparaat wilt gebruiken, moet u de
"Memory Stick Duo" eerst in een "Memory Stick Duo"-adapter steken. Als u een "Memory Stick Duo"
zonder een "Memory Stick Duo"-adapter in een "Memory Stick"-compatibel apparaat steekt, kan het
onmogelijk zijn om hem weer uit het apparaat te halen.
• Wanneer u een "Memory Stick Duo" in een "Memory Stick Duo"-adapter steekt, let u er goed op dat de
"Memory Stick Duo" in de juiste richting erin wordt gestoken, en steek deze daarna er helemaal in. In de
verkeerde richting insteken kan tot een defect leiden.
• Wanneer u een "Memory Stick Duo", die in een "Memory Stick Duo"-adapter is gestoken, in een
"Memory Stick"-compatibel apparaat gebruikt, moet u er goed op letten dat de "Memory Stick Duo"adapter in de juiste richting wordt geplaatst. Merk op dat door onjuist gebruik het apparaat kan worden
beschadigd.
• Plaats nooit een "Memory Stick Duo"-adapter in een "Memory Stick"-compatibel apparaat zonder een
"Memory Stick Duo" erin. Als u dit toch doet, kan een storing in het apparaat optreden.
Inhoud
Opmerkingen over het gebruik van de "Memory Stick Duo"adapter (los verkrijgbaar)
140NL
Informatie over de accu
Aanbevolen wordt om de accu op te laden bij een omgevingstemperatuur van 10 °C t/m 30 °C. Het is
mogelijk dat de accu niet effectief wordt opgeladen buiten dit temperatuurbereik.
Inhoud
Opladen van de accu
Doeltreffend gebruik van de accu
• Ontlaad de accu volledig voordat u deze opbergt en bewaar de accu op een koele, droge plaats. Om de
werking van de accu tijdens bewaring te behouden, laadt u de accu minstens eenmaal per jaar volledig op
en verbruikt u de lading volledig in de camera.
• Als u de acculading volledig wilt opgebruiken, laat u de camera in de diavoorstelling-weergavefunctie
staan totdat de camera wordt uitgeschakeld.
• Om te voorkomen dat de aansluitingen vuil worden, er kortsluiting ontstaat, enz., moet u de bijgeleverde
accuhouder gebruiken voor transport en bewaring.
Index
Levensduur van de accu
Zoeken in MENU/
Instellingen
Bewaren van de accu
Zoeken op
bediening
• Bij lage temperaturen verminderen de prestaties van de accu. Op koude plaatsen zal de gebruiksduur van
de accu dus korter zijn. Wij bevelen het volgende aan om de accu langer mee te laten gaan:
– Doe de accu in een zak zo dicht mogelijk tegen uw lichaam om deze op te warmen, en plaats de accu
vlak voordat u gaat opnemen terug in de camera.
• De accu zal snel leeg raken als u de flitser of zoom vaak gebruikt.
• Wij bevelen u aan om extra accu’s voor twee- tot driemaal de verwachte opnameduur bij de hand te
houden, en om proefopnamen te maken alvorens u de eigenlijke opnamen gaat maken.
• Laat de accu niet nat worden. De accu is niet waterdicht.
• Laat de accu niet liggen op zeer warme plaatsen, zoals in een voertuig of in direct zonlicht.
• De levensduur van de accu is beperkt. De capaciteit van de accu neemt na verloop van tijd en na herhaald
gebruik af. Als de gebruiksduur na opladen aanzienlijk korter is geworden, is het waarschijnlijk tijd de
accu te vervangen door een nieuwe.
• De levensduur van de accu wordt mede bepaald door de manier waarop deze wordt bewaard, alsmede de
omstandigheden en omgeving waarin de accu wordt gebruikt.
Compatibele accu’s
• De NP-BG1 accu (bijgeleverd) kan alleen worden gebruikt in Cyber-shot-modellen die compatibel zijn
met accu’s van het type G.
• Als u de NP-FG1 accu (los verkrijgbaar) gebruikt, worden tevens de minuten afgebeeld achter de
resterende-acculadingindicator (
60 Min).
141NL
Informatie over de acculader
Inhoud
Zoeken op
bediening
Zoeken in MENU/
Instellingen
• Alleen accu’s van de typen NP-BG en NP-FG (en geen andere) kunnen worden opgeladen in de
acculader (bijgeleverd). Als u andere accu’s dan de opgegeven accu’s probeert op te laden, kunnen deze
gaan lekken, oververhit raken of exploderen, waardoor gevaar van letsel als gevolg van elektrocutie en
brandwonden ontstaat.
• Haal de opgeladen accu uit de acculader. Als u de opgeladen accu in de acculader laat zitten, kan de
levensduur van de accu korter worden.
• Het CHARGE-lampje van de bijgeleverde acculader knippert op één van de volgende manieren:
– Snel knipperen: Het lampje schakelt herhaaldelijk aan en uit met een interval van 0,15 seconden.
– Langzaam knipperen: Het lampje schakelt herhaaldelijk aan en uit met een interval van 1,5 seconden.
• Als het CHARGE-lampje snel knippert, haalt u de accu die wordt opgeladen uit de acculader en plaatst u
dezelfde accu stevig terug in de acculader. Als het CHARGE-lampje opnieuw snel knippert, kan dit
duiden op een storing in de accu of is een verkeerd type accu geplaatst. Controleer of de geplaatste accu
van het opgegeven type is. Als de accu van het correcte type is, haalt u de accu uit de acculader, vervangt
u hem door een nieuwe of een andere, en controleert u of de acculader goed laadt. Als de acculader nu
wel goed werkt, kan een accufout zijn opgetreden.
• Als het CHARGE-lampje langzaam knippert, geeft dit aan dat de acculader tijdelijk is gestopt met laden
en standby staat. De acculader stopt automatisch met laden en wordt in de standby-stand gezet wanneer
de temperatuur ervan buiten het bedrijfstemperatuurbereik komt. Nadat de temperatuur weer binnen het
bedrijfstemperatuurbereik ligt, hervat de acculader het laden en gaat het CHARGE-lampje weer aan.
Aanbevolen wordt om de accu op te laden bij een omgevingstemperatuur van 10 °C t/m 30 °C.
Index
142NL
Index
D
Aansluiten
Datum ..................................................................................121
Computer ....................................................................110
Datum/tijd instellen .......................................................102
Printer ...........................................................................120
Datumlijst.............................................................................63
Diafragma ............................................................................41
Acculader ...........................................................................142
Diavoorstelling ..................................................................60
AF-bereikzoekerframe ...................................................46
Dichte-ogenvermindering .......................................50, 55
Afdrukken ....................................................................75, 119
Digitale zoom .....................................................................80
Afdrukmarkering ..............................................................75
DISP .......................................................................................16
AF-verlicht. .........................................................................78
Downl. muz.........................................................................93
Auto Review .......................................................................83
DRO .......................................................................................57
Autom. Oriëntatie .............................................................82
Autom. Programma .........................................................25
E
Eenvoudig opnemen ........................................................22
Eenvoudig-weergeven-functie ....................................23
Beelden exporteren ........................................................112
Elektronische transformator .......................................138
Beeldformaat ......................................................................37
EV ...........................................................................................41
Beeldindex ...........................................................................33
EV aanpassen .....................................................................41
Belichting .............................................................................41
Exposure Bracket..............................................................40
Bestandsnummer.............................................................100
Besturingssysteem ..................................................107, 115
F
Besturingstoetsen ..............................................................14
Favorieten toevoegen/verw. .........................................68
Beveiligen ............................................................................74
Filteren op gezicht ............................................................67
Bewegende beeldn ...........................................................24
Flitser ...............................................................................30, 39
Bewegende bldn. opnemen ..........................................36
Flitsniveau ...........................................................................54
Bijwerken .............................................................................69
Formaat wijzigen ..............................................................72
Breed-zoombeeld ..............................................................91
Format. muz. .......................................................................94
BRK ........................................................................................40
Formatteren .........................................................................95
Burst .......................................................................................40
Foutcodes en meldingen ..............................................133
Index
B
Zoeken in MENU/
Instellingen
Demonstratiefunctie ........................................................88
Zoeken op
bediening
Televisie ......................................................................103
Accu .....................................................................................141
Inhoud
A
Functiegids ..........................................................................86
C
Functiekeuzeknop.............................................................15
COMPONENT ..................................................................89
Computer ............................................................................106
G
Aanbevolen omgeving ..................................107, 115
Gebruik van de camera in het buitenland .............138
Beelden importeren ........................................111, 116
Gedeeltelijk kleur .............................................................70
Macintosh ...................................................................115
Gezichtsherkenning .........................................................52
Windows .....................................................................106
Conversielens .....................................................................81
H
HD(1080i) ............................................................................89
Histogram.............................................................................17
Hoge gevoeligheid ...........................................................20
143NL
N
Initialiseren ..........................................................................87
Normaal weergeven .........................................................31
Installeren...........................................................................108
NTSC .....................................................................................90
Instellingen ..........................................................................12
Intern geheugen .................................................................18
O
ISO ....................................................................................41, 42
Onderwater ..........................................................................20
Inhoud
I
Onscherpte repareren ......................................................69
Opn.functie ..........................................................................40
Kleurfunctie ........................................................................58
Opn.map wissen ................................................................98
Klokinstellingen ..............................................................102
Opnamemap maken .........................................................96
Kopiëren ...............................................................................99
Opnamemap wijz..............................................................97
Opnemen
L
Zoeken op
bediening
K
Bewegende beelden ..................................................24
Stilstaand beeld ..........................................................19
Lach-herkenn.gevoeligheid ..........................................51
Optische zoom .............................................................27, 80
Lach-sluiter .........................................................................26
P
Landschap ............................................................................20
PAL.........................................................................................90
Language Setting ..............................................................85
PictBridge ....................................................................92, 120
Langz. synchro (Flitser aan) ........................................30
Pieptoon ................................................................................84
LCD-scherm .......................................................................16
Pixel ........................................................................................38
Lichtmeetfunctie ...............................................................48
Plaats van de onderdelen ...............................................14
Lichtmeting met meerdere patronen ........................48
PMB .....................................................................................109
Lichtmeting met nadruk op het midden ..................48
Precisie-digitale-zoom ....................................................80
Lijst met gebeurtenissen ................................................64
Problemen oplossen .......................................................123
Index
Lagere beeldscherpte ......................................................70
Zoeken in MENU/
Instellingen
Lachen ...................................................................................71
PTP .........................................................................................92
M
Punt lichtmeting ................................................................48
Macintosh-computer .....................................................115
Punt-AF.................................................................................46
Macro .....................................................................................29
Map
R
Aanmaken .....................................................................96
Radiale waas .......................................................................70
Selecteren......................................................................76
Rechtstreeks afdrukken ................................................120
Wijzigen ........................................................................97
Retro .......................................................................................71
Wissen ............................................................................98
Rode-ogen-correctie ........................................................69
Map kiezen ..........................................................................76
Rode-ogeneffect ................................................................56
Mass Storage ......................................................................92
Roteren ..................................................................................77
"Memory Stick Duo" ....................................................139
MENU ...................................................................................10
Menuscherm .......................................................................10
Midden-AF ..........................................................................46
MTP ........................................................................................92
Multi-AF...............................................................................46
Multifunctionele aansluiting ..............103, 110, 116, 120
Music Transfer .........................................................114, 117
144NL
Z
Scèneherkenning ...............................................................49
Zelfdiagnosefunctie .......................................................133
Scènekeuze ..........................................................................20
Zelfontsp. .............................................................................28
Schemer ................................................................................20
Zoom ......................................................................................27
Schemer-portret .................................................................20
Inhoud
S
Scherm...................................................................................16
Scherpstellen.......................................................................46
Semi-handmatig ................................................................46
Slim automatisch instellen ............................................19
Slimme-zoomfunctie .......................................................80
Sluitertijd ..............................................................................41
Zoeken op
bediening
SD ............................................................................................89
Sneeuw ..................................................................................20
Software ..............................................................108, 109, 114
SteadyShot ...........................................................................59
Stereffect ..............................................................................70
Stramienlijn .........................................................................79
Strand .....................................................................................20
Zoeken in MENU/
Instellingen
Soft Snap ..............................................................................20
T
Televisie .............................................................................103
Trimmen ...............................................................................69
Index
Tijdzone instellen ...........................................................101
U
USB-aansluiting ................................................................92
V
Veranderen, het weergavescherm..............................16
VGA .......................................................................................37
Video-uit...............................................................................90
Vissenooglens ....................................................................70
Voedsel .................................................................................20
Vuurwerk .............................................................................20
W
Weergavefunctie ...............................................................65
Weergavezoom ..................................................................32
Windows-computer .......................................................106
Wissen .............................................................................34, 73
Witbalans .............................................................................43
Witbalans onderwater .....................................................45
145NL
Informatie over de licentie
Index
Over softwareprogramma’s waarop GNU GPL/LGPL van
toepassing is
Zoeken in MENU/
Instellingen
ER ZAL GEEN LICENTIE WORDEN TOEGEKEND OF GEÏMPLICEERD VOOR ENIG
ANDER GEBRUIK. U KUNT AANVULLENDE INFORMATIE, WAARONDER
INFORMATIE OVER PROMOTIONEEL, INTERN EN COMMERCIEEL GEBRUIK EN
BIJBEHORENDE LICENTIES, VERKRIJGEN BIJ MPEG LA, LLC.
ZIE
HTTP://WWW.MPEGLA.COM
Zoeken op
bediening
DIT PRODUCT IS GEDEPONEERD ONDER DE MPEG-4-VISUEELPATENTENPORTFOLIOLICENTIE VOOR HET PERSOONLIJKE EN NIETCOMMERCIËLE GEBRUIK VAN EEN GEBRUIKER OM
(i)VIDEO TE CODEREN OVEREENKOMSTIG DE MPEG-4-VISUEEL-NORM ("MPEG-4
VIDEO")
EN/OF
(ii)MPEG-4-VIDEO TE DECODEREN DIE WAS GECODEERD DOOR EEN GEBRUIKER
MET BETREKKING TOT EEN PERSOONLIJKE EN NIET-COMMERCIËLE ACTIVITEIT
EN/OF WERD VERKREGEN VAN EEN VIDEO-LEVERANCIER GEAUTORISEERD
DOOR MPEG LA OM MPEG-4-VIDEO TE LEVEREN.
Inhoud
De softwareprogramma’s "C Library", "Expat" en "zlib" worden in de camera meegeleverd. Wij
leveren deze softwareprogramma’s op grond van een licentieovereenkomst met de copyrighthouders ervan. Op grond van een verzoek van de copyright-houders van deze
softwareprogramma’s zijn wij verplicht u te informeren over het volgende. Lees a.u.b. de
onderstaande tekst.
Lees "license1.pdf" in de map "License" op de cd-rom. Hierin vindt u de licenties (in het Engels)
van de softwareprogramma’s "C Library", "Expat" en "zlib".
De software die geschikt is voor de volgende GNU General Public License (hierna "GPL"
genoemd) of GNU Lesser General Public License (hierna "LGPL" genoemd) worden bij de
camera geleverd.
U bent hiermee geïnformeerd dat u het recht hebt op toegang tot de broncode van deze
softwareprogramma’s, en het recht hebt de broncode aan te passen en opnieuw te distribueren
onder de voorwaarden van GPL/LGPL.
De broncode is beschikbaar op het internet. U kunt deze downloaden vanaf de volgende URL:
http://www.sony.net/Products/Linux/
Wij stellen het op prijs als u geen contact met ons opneemt over de inhoud van de broncode.
Lees "license2.pdf" in de map "License" op de cd-rom. Hierin vindt u de licenties (in het Engels)
van de softwareprogramma’s "GPL" en "LGPL".
Om het pdf-bestand te kunnen lezen hebt u het softwareprogramma Adobe Reader nodig. Als dit
niet op uw computer geïnstalleerd is, kunt u het downloaden vanaf de website van Adobe
Systems:
http://www.adobe.com/
De licentie voor "Music Transfer" vindt u in de map op de cdrom (bijgeleverd).
MPEG Layer-3 audio coding technology and patents licensed from Fraunhofer IIS and
Thomson.
146NL
Download PDF