Sony | MZ-RH1 | Sony MZ-RH1 Gebruiksaanwijzing

2-669-084-61 (1)
Gebruiksaanwijzing
MZ-RH1
Hi-MD Walkman®
Portable
MD Recorder
"WALKMAN" en het logo van "WALKMAN" zijn
gedeponeerde handelsmerken van Sony Corporation.
© 2006 Sony Corporation
WAARSCHUWING
Stel het apparaat niet bloot aan regen
of vocht om brand en elektrische
schokken te voorkomen.
Plaats het apparaat niet in een gesloten
ruimte, zoals een boekenrek of
ingebouwde kast.
Om de kans op brand te verkleinen mag u
de ventilatieopeningen van het apparaat niet
blokkeren met een krant, tafelkleed, gordijn,
enz. Plaats ook geen brandende kaarsen op
het apparaat.
Om de kans op brand of een elektrische
schok te verkleinen, mag u geen voorwerpen
met een vloeistof erin, zoals een bloemenvaas, op het apparaat zetten.
Afgedankte batterijen dient u mee te geven
met het klein chemisch afval.
Neem voor meer informatie contact op met
de betrokken gemeentelijke dienst.
LET OP! — ONZICHTBARE
LASERSTRALING INDIEN GEOPEND
VERMIJD BLOOTSTELLING AAN DE
LASERSTRAAL
LET OP! — ONZICHTBARE
LASERSTRALING VAN DE KLASSE 1M
INDIEN GEOPEND
GEBRUIK GEEN OPTISCHE
INSTRUMENTEN VOOR
RECHTSTREEKS AFLEZEN
LET OP!
Gevaar van explosie als de batterij door
een ongeschikt type batterij is vervangen.
Vervang uitsluitend door hetzelfde type of
een overeenkomend type.
2
Informatie
DE VERKOPER IS IN GEEN ENKEL
GEVAL AANSPRAKELIJK VOOR
ENIGE DIRECTE OF INDIRECTE
SCHADE VAN WELKE AARD DAN
OOK, OF VOOR ONGEVALLEN,
BESCHADIGINGEN OF ONKOSTEN
DIE WORDEN VEROORZAAKT
DOOR EEN DEFECT APPARAAT OF
DOOR HET GEBRUIK VAN WELK
PRODUCT DAN OOK.
Voor de klanten in Nederland
Gooi de batterij niet weg
maar lever deze in als klein
chemisch afval (KCA).
Denk eraan dat u geen wijzigingen of
aanpassingen uitvoert die niet uitdrukkelijk
in deze gebruiksaanwijzing worden vermeld.
Anders voldoet het apparaat wellicht niet
meer aan de gestelde limieten, waardoor u
het niet langer mag gebruiken.
De CE-markering is alleen geldig in de
landen waar deze wettelijk bindend is, zoals
voornamelijk in de EEA-landen (landen
van de Europese economische zone).
Verwijdering van oude elektrische en
elektronische apparaten (Toepasbaar
in de Europese Unie en andere
Europese landen met gescheiden
ophaalsystemen)
Het symbool op het product
of op de verpakking wijst
erop dat dit product niet als
huishoudelijk afval mag
worden behandeld. Het moet
echter naar een plaats worden
gebracht waar elektrische en elektronische
apparatuur wordt gerecycled. Als u ervoor
zorgt dat dit product op de correcte manier
wordt verwijderd, voorkomt u voor mens
en milieu negatieve gevolgen die zich
zouden kunnen voordoen in geval van
verkeerde afvalbehandeling. De recycling
van materialen draagt bij tot het vrijwaren
van natuurlijke bronnen. Voor meer details
in verband met het recyclen van dit product,
neemt u contact op met de gemeentelijke
instanties, het bedrijf of de dienst belast met
de verwijdering van huishoudafval of de
winkel waar u het product hebt gekocht.
Van toepassing zijnde accessoires:
afstandsbediening, oortelefoon
3
Inhoud
Kennisgeving voor gebruikers .............6
Wat u allemaal kunt doen met dit
product ..................................................8
Voorbereidingen
De meegeleverde accessoires
controleren ...........................................9
Onderdelen en
bedieningselementen .........................12
Opnemen op een schijf ......................31
Weergegeven items tijdens het
opnemen .............................................35
Opnemen vanaf een extern
aangesloten apparaat ........................37
Een schijf afspelen
Een voedingsbron voorbereiden .......14
Een schijf afspelen .............................39
De soorten schijven die u kunt
gebruiken ............................................17
Items op het display tijdens het
afspelen ..............................................41
De bedieningsmodi van de
recorder...............................................17
De afspeelmodus selecteren ..............43
Tracks afspelen in de geselecteerde
afspeelmodus ...........................................43
Alleen naar geselecteerde tracks luisteren
(Bookmark Play) .....................................43
Tracks herhaaldelijk afspelen
(Repeat Play) ...........................................44
Herhaaldelijk naar een gedeelte van een
track luisteren (A-B Repeat) ....................44
De recorder met een computer
gebruiken
Wat u kunt doen via verbinding met
een computer .....................................18
De SonicStage/MD Simple Burnersoftware installeren............................19
Systeemvereisten ......................................19
SonicStage/MD Simple Burner op uw
computer installeren ................................20
De recorder op uw computer
aansluiten ...........................................21
SonicStage gebruiken ........................23
Audiogegevens importeren .......................23
Audiogegevens van uw computer
overdragen naar de recorder ....................24
Audiogegevens overdragen van de
recorder naar uw computer ......................25
SonicStage Help weergeven .....................26
MD Simple Burner gebruiken .............27
Opnemen met behulp van de recorder
(Eenvoudige modus) ................................27
Opnemen met behulp van de computer
(Standaardmodus) ....................................28
4
Opnemen op een schijf
Andere gegevens opslaan op een
schijf ....................................................30
Het geluid instellen .............................45
Het virtuele geluid wijzigen om
verschillende akoestische effecten te
creëren (Virtual-Surround) ......................45
De geluidskwaliteit selecteren (6-Band
Equalizer) ................................................45
Het geluidsniveau voor afspelen
automatisch normaliseren (Dynamic
Normalizer) .............................................46
Bewerken
Een track splitsen (Divide) .................47
Het opsplitspunt aanpassen voordat een
track wordt gesplitst
(Divide Rehearsal) ...................................47
Samenvoegen van tracks
(Combine) ...........................................48
Het menu gebruiken
Het menu gebruiken ...........................49
Menu's voor opnemen ........................50
Het opnameniveau handmatig instellen ....52
Menu voor afspelen ............................53
Menu's voor bewerken ........................54
Menu's op de recorder ..............................54
Menu's op de afstandsbediening ...............54
Een track op een schijf verplaatsen ..........56
De volgorde van een groep op een schijf
wijzigen ...................................................56
Titels toevoegen (titelinvoer) ....................57
Optiemenu's ........................................58
Klok instellen ...........................................61
Problemen oplossen
Problemen oplossen ...........................62
Berichten .............................................71
Aanvullende informatie
Voorzorgsmaatregelen........................75
Specificatie ..........................................78
Toelichting ...........................................80
Index ....................................................85
5
Kennisgeving voor
gebruikers
Informatie over de meegeleverde
SonicStage/MD Simple Burnersoftware
• Copyrightwetten verbieden het
gedeeltelijk of geheel reproduceren van de
software of de bijbehorende handleiding,
of het verhuren van de software zonder
toestemming van de copyrighthouder.
• SONY zal in geen geval aansprakelijk zijn
voor financiële schade of winstderving
met inbegrip van claims van derden
die voortvloeien uit het gebruik van de
software die bij deze recorder wordt
geleverd.
• Als zich met de software problemen
voordoen die het resultaat zijn van
fabricagefouten, zal SONY de software
vervangen. SONY is verder echter niet
aansprakelijk.
• De software die bij deze recorder wordt
geleverd, kan alleen worden gebruikt met
de aangegeven apparaten.
• Houd er rekening mee dat de
softwarespecificaties zonder kennisgeving
kunnen veranderen ten gevolge
van ons voortdurende streven naar
kwaliteitsverbetering.
• Als u deze recorder gebruikt met andere
software dan de meegeleverde, vervalt de
garantie.
• Het hangt af van het op uw PC
geïnstalleerde besturingssysteem in welke
talen u de software kunt gebruiken. Voor
betere resultaten dient u ervoor te zorgen
dat het geïnstalleerde besturingssysteem
geschikt is voor de gewenste taal.
– Wij garanderen niet dat alle talen correct
kunnen worden weergegeven in uw
software.
– Door de gebruiker gemaakte tekens
en bepaalde speciale tekens worden
mogelijk niet weergegeven.
6
• Afhankelijk van het type tekst en tekens
wordt de tekst in de software mogelijk
niet correct weergegeven op het apparaat.
Dit is te wijten aan:
– De mogelijkheden van het aangesloten
apparaat.
– Het niet correct functioneren van het
apparaat.
Proefopname
Voordat u iets gaat opnemen dat direct goed
moet zijn, is het raadzaam een proefopname
te maken om te zien of de recorder goed
functioneert.
Geen compensatie voor
opnamefouten
Sony kan geen compensatie bieden voor
opnamefouten als gevolg van een storing in
deze recorder of van de opnamemedia, etc.
Waarschuwing over copyright
Televisieprogramma's, films, videobanden
en ander beeldmateriaal kunnen door het
auteursrecht zijn beschermd. Het zonder
toestemming opnemen van dergelijk
materiaal kan derhalve strafbaar zijn.
Handelsmerken
• SonicStage is een handelsmerk of een
gedeponeerd handelsmerk van Sony
Corporation.
• MD Simple Burner, OpenMG,
"MagicGate", "MagicGate Memory
Stick", "Memory Stick", Hi-MD, Net MD,
ATRAC, ATRAC3, ATRAC3plus en de
bijbehorende logo's zijn handelsmerken
van Sony Corporation.
• Microsoft, Windows, Windows NT en
Windows Media zijn handelsmerken
of gedeponeerde handelsmerken van
Microsoft Corporation in de Verenigde
Staten en/of andere landen.
• IBM en PC/AT zijn gedeponeerde
handelsmerken van International Business
Machines Corporation.
• Macintosh is een handelsmerk van Apple
Computer, Inc.
• Pentium is een handelsmerk of een
gedeponeerd handelsmerk van Intel
Corporation.
• MPEG Layer-3 audio coding-technologie
en octrooien in licentie van Fraunhofer
IIS en Thomson.
• Alle andere handelsmerken en
gedeponeerde handelsmerken zijn
handelsmerken of gedeponeerde
handelsmerken van hun respectievelijke
houders.
• In deze handleiding zijn ™- en ®symbolen weggelaten.
• CD and music-related data from
Gracenote, Inc., copyright © 20002004 Gracenote. Gracenote CDDB®
Client Software, copyright 2000-2004
Gracenote. This product and service may
practice one or more of the following
U.S. Patents: #5,987,525; #6,061,680;
#6,154,773, #6,161,132, #6,230,192,
#6,230,207, #6,240,459, #6,330,593, and
other patents issued or pending. Services
supplied and/or device manufactured
under license for following Open Globe,
Inc. United States Patent 6,304,523.
Gracenote is a registered trademarks
of Gracenote. The Gracenote logo
and logotype, and the "Powered by
Gracenote" logo are trademarks of
Gracenote.
Programma © 2001, 2002, 2003, 2004, 2005
Sony Corporation
Documentatie © 2006 Sony Corporation
7
Wat u allemaal kunt doen met dit product
U kunt niet alleen muziekgegevens opnemen en afspelen op deze recorder, maar ook
audiogegevens overdragen van een computer naar de recorder met behulp van de meegeleverde
SonicStage-software. Bovendien kunt u audiogegevens die u rechtstreeks heeft opgenomen op de
recorder of op een ander MD-apparaat, overdragen naar de computer en de gegevens vervolgens
beheren op de computer.
Opnemen ( pagina 31)
Afspelen ( pagina 39)
Opnemen met microfoon
Digitaal opnemen
Analoog opnemen
De meegeleverde/optionele koptelefoon/
oortelefoon, luidsprekers, stereosysteem, etc.
Muziekgegevens die zijn
opgenomen op de recorder
of een ander MD-apparaat,
overdragen van de recorder
naar de computer
Audiogegevens overdragen
naar de recorder
(LinearPCM/ATRAC/MP3)
Audio-CD's, Internet,
muziekbestanden, etc.
(U kunt ook niet-audiogegevens,
zoals tekstgegevens, beeldgegevens,
etc. overdragen naar de recorder.)
De recorder samen met een computer gebruiken
( pagina 18)
8
Voorbereidingen
De meegeleverde
accessoires
controleren
• Gebruiksaanwijzing (deze handleiding)
• Gebruiksaanwijzing (Hi-MD Music
Transfer for Mac)
1)
2)
• USB-kabel
• Afstandsbediening2) • Oortelefoon
• LIP-4WM Lithium- • Batterijhouder voor
ion oplaadbare
oplaadbare batterijen
batterij
• Optische kabel (voor de modellen voor
Europa, Azië en Chili)
• Draagtasje
• Ferrietkern (klein)
– Drie voor de modellen voor Europa, Azië
en Chili
– Twee voor de modellen voor NoordAmerika en Latijns-Amerika
• 1 GB Hi-MD-schijf (niet voor modellen
voor Europa, Azië en Chili)
• CD-ROM3)
(Windows: SonicStage/MD Simple Burner,
Macintosh: Hi-MD Music Transfer for Mac)
3)
Voorbereidingen
• Netspanningsadapter • Netsnoer1)
(100 V - 240 V)
De vorm van de stekker kan afwijken, afhankelijk
van de regio waar de recorder is gekocht. Twee
snoeren met verschillend gevormde stekkers
worden meegeleverd met de modellen voor
Europa, Azië en Chili. Gebruik de stekker die
overeenkomt met het stopcontact in de regio
waarin de recorder wordt gebruikt.
Bij modellen voor Noord-Amerika en LatijnsAmerika wordt een afstandsbediening met een
ferrietkern geleverd.
Speel geen CD-ROM af in een audio-CD-speler.
Raadpleeg het instructieblad dat is meegeleverd
met deze recorder voor meer informatie over "HiMD Music Transfer for Mac".
Opmerking
Probeer tijdens het gebruik van deze recorder de
onderstaande voorzorgsmaatregelen te volgen om te
voorkomen dat de behuizing beschadigd raakt of dat
er storingen optreden in de recorder.
• Let erop dat u niet gaat zitten met de recorder in
uw achterzak.
• Als u de recorder in een tas stopt met het snoer
van de afstandsbediening of de koptelefoon/
oortelefoon er omheen gewikkeld, zorg er dan
voor dat de tas niet in de verdrukking komt.
9
Gebruik van de meegeleverde ferrietkern
Deze recorder wordt geleverd met
ferrietkernen voor verbinding met de
meegeleverde afstandsbediening, de optionele
stereomicrofoon en de optionele lijnkabel.
(Volgens de van toepassing zijnde EMCnormen dient u de ferrietkernen te gebruiken.)
Bevestig de ferrietkernen wanneer u de
recorder met een computer gebruikt. Wanneer
u de recorder niet met een computer gebruikt,
hoeft u de ferrietkernen niet te bevestigen.
1 Maak de ferrietkern open.
Voor de modellen voor Europa, Azië en Chili:
ESD-SR-110 voor
de meegeleverde
afstandsbediening en de
optionele stereomicrofoon
Raadpleeg stap 2 voor de
afstand tot de stekker die wordt
aangesloten op de recorder.
3 Sluit de ferrietkern. Zorg dat de helften
volledig in elkaar grijpen.
2017-0930 voor de optionele
lijnkabel
Voor de modellen voor Noord-Amerika en
Latijns-Amerika:
ESD-SR-110 voor de optionele
stereomicrofoon en de
optionele lijnkabel
10
2 Wind het snoer als volgt om de
ferrietkernen.
Voor de modellen voor Europa, Azië en
Chili:
• Voor de meegeleverde
afstandsbediening: wind het snoer
eenmaal om de ferrietkern - ca. 4 cm
vanaf de stekker.
• Voor de optionele stereomicrofoon:
wind het snoer tweemaal om de
ferrietkern - ca. 1 cm vanaf de stekker.
• Voor de optionele lijnkabel: wind het
snoer eenmaal om de ferrietkern - ca.
1 cm vanaf de stekker.
Voor de modellen voor Noord-Amerika en
Latijns-Amerika:
• Voor de optionele stereomicrofoon: wind
het snoer tweemaal om de ferrietkern - ca.
1 cm vanaf de stekker.
• Voor de optionele lijnkabel: voer het snoer
door de ferrietkern - ca. 1 cm vanaf de
stekker.
De clip in de tegenovergestelde richting
bevestigen:
1 Verwijder de clip.
2 Bevestig de clip in de tegenovergestelde
richting.
Afzonderlijk verkrijgbare
accessoires
Voorbereidingen
• Optische kabel POC-15B, POC-15AB
• Lijnkabel RK-G129, RK-G136
• Stereomicrofoons ECM-MS907,
ECM-719
• Stereokoptelefoon/-oortelefoon MDR-serie*
• Actieve luidsprekers SRS-serie
• Onbespeelde MD's ES-serie
• Hi-MD-schijf HMD1GA van 1 GB
• LIP-4WM Lithium-ion oplaadbare batterij
* Als u een afzonderlijk verkrijgbare
koptelefoon/oortelefoon gebruikt, moet
u er een met stereoministekkers kiezen.
Gebruik geen koptelefoon/oortelefoon met
microstekkers.
Gebruik van onderstaande accessoires is niet
mogelijk.
• Rotary commander RM-WMC1
• MD-etikettenprinter MZP-1
• IC-geheugen / zelflerend systeem MDbedieningseenheid RPT-M1
Het is mogelijk dat uw dealer enkele
van de genoemde accessoires niet kan
leveren. Raadpleeg uw dealer voor meer
informatie over de accessoires die in uw land
verkrijgbaar zijn.
11
Onderdelen en
bedieningselementen
Recorder
12
Afstandsbediening
 OPEN-toets ( pagina's 31, 39)
 LINE IN (OPT)-aansluiting
 Aansluiting voor USB-kabel ( pagina's
14, 21, 37)
( pagina 37)
 MIC (PLUG IN POWER)*-aansluiting
( pagina 31)
  (oortelefoon)/LINE OUT-aansluiting
( pagina's 39, 59)
 Batterijcompartiment ( pagina 14)
 Recorder: toetsen voor VOL +*/–
 SOUND-toets ( pagina's 45, 58)
 Display ( pagina's 35, 41)
 HOLD-schakelaar ( pagina 15)
 Recorder:  (stop) · CANCEL-toets
( pagina's 22, 33, 40, 49)
Afstandsbediening:  (stop)-toets
( pagina's 40, 49)
(groep) toets +/– ( pagina's 40, 58)
 Clip ( pagina 10)
 P MODE/ (herhalen)-toets
( pagina's 43, 58)
* Toets heeft een voelbare punt.
Voorbereidingen
( pagina's 39, 61)
Afstandsbediening: bedieningsknop voor
VOL +/– ( pagina's 39, 46)
 Recorder: • DISPLAY/ MENU-toets
( pagina's 32, 35, 41, 49)
Afstandsbediening: DISPLAY-toets
( pagina's 36, 42, 49)
 Bedieningslampje ( pagina's 33,
35, 41)

De toetsen vergrendelen (HOLD)
Schuif de HOLD-schakelaar  op de
recorder of op de afstandsbediening in de
richting van de pijl.
Hiermee vergrendelt u de toetsen en voorkomt
u dat per ongeluk een toets wordt ingedrukt
wanneer u de recorder met u meedraagt. U
kunt de HOLD-functie voor de recorder en de
afstandsbediening los van elkaar gebruiken.
Wanneer bijvoorbeeld de HOLD-functie
op de recorder is geactiveerd, kunt u nog
steeds de recorder met de afstandsbediening
gebruiken, tenzij u de HOLD-functie ook op
de afstandsbediening activeert.
  (pauze)-toets ( pagina's 33, 40, 48)
 REC-schakelaar ( pagina's 27, 33)
 T MARK-toets ( pagina's 33, 47)
 Recorder: keuzehendel (  (afspelen)/
ENT*, FF (AMS, snel vooruitspoelen),
FR (AMS, snel terugspoelen))
( pagina's 39, 47, 49)
FF
FR
Draaien (FF/FR)
Drukken (/ENT)
Afstandsbediening: keuzehendel (
(afspelen, pauzeren)/ENT,  (AMS,
snel terugspoelen),  (AMS, snel
vooruitspoelen)) ( pagina's 39, 49)
13
Een voedingsbron
voorbereiden
4
Sluit het netsnoer en de USB-kabel
aan op de netspanningsadapter.
USB-kabel
Laad de oplaadbare batterij op voordat u deze
voor de eerste keer gebruikt of wanneer deze
leeg is.
Tijdens het opladen kunt u de recorder of de
afstandsbediening gewoon gebruiken.
1
Schuif het deksel van het
batterijcompartiment open in de
richting van de pijl.
Netspanningsadapter
5
Sluit het andere eind van de USBkabel aan op de recorder en het
netsnoer op een stopcontact.
Naar een
stopcontact
Recorder
2
Plaats de oplaadbare batterij.
Plaats de batterij met de polen  en 
als eerste.
Naar de aansluiting
voor USB-kabel
6
Plaats de batterij met
het etiket naar boven.
3
14
Sluit het deksel.
Netsnoer
Controleer of het opladen is gestart.
Wanneer het opladen begint, worden
en de oplaadtijd ("Charging --min
left") aan het begin van het opladen
weergegeven. Wanneer de oplaadtijd
verdwijnt, eindigt het opladen en is de
batterij voldoende opgeladen. Het duurt
ongeveer een uur voordat een geheel lege
batterij dit punt bereikt, waarna de batterij
voor ongeveer 80% is opgeladen. Voor
100% opladen moet de batterij twee uur
langer worden opgeladen.
Als de indicatie voor de oplaadtijd na
korte tijd verdwijnt, houdt dit in dat de
batterij voldoende is opgeladen.
Opmerkingen
• Wanneer de recorder is aangesloten op de computer
en de computer overgaat naar de slaapstand, wordt
de stroomvoorziening van de computer naar de
recorder gestopt.
• Wanneer u de oplaadbare batterij gaat opladen,
dient u de batterij in de recorder te plaatsen vóórdat
u de USB-kabel aansluit. Als u eerst de USB-kabel
aansluit en dan pas de batterij plaatst, wordt de
batterij mogelijk niet opgeladen.
• Laad de oplaadbare batterij op bij een temperatuur
van +5 °C tot +35 °C. De oplaadtijd is afhankelijk
van de staat waarin de recorder verkeert en de
omgevingstemperatuur.
• Door herhaald opnieuw opladen wordt de capaciteit
van de oplaadbare batterij na verloop van tijd
minder. Als gevolg hiervan wordt de weergegeven
oplaadtijd korter naarmate de batterij langer wordt
gebruikt.
• Stop de recorder voordat u de oplaadbare batterij
vervangt.
• Als u de recorder lange tijd gaat gebruiken, zoals bij
het opnemen, is het raadzaam om de recorder aan te
sluiten op een stopcontact.
• U kunt de recorder of de afstandsbediening blijven
gebruiken wanneer u de batterij oplaadt met de
netspanningsadapter. Wanneer u de batterij oplaadt
via USB-stroom, kunt u ook de computer blijven
gebruiken. In beide gevallen zal de oplaadtijd echter
langer zijn.
• Als u de USB-kabel aansluit op de recorder, zorg er
dan voor dat u de keuzehendel of de toetsen op de
recorder niet aanraakt. Als de keuzehendel of andere
toetsen worden ingedrukt op het moment dat u de
USB-kabel aansluit, is het mogelijk dat het opladen
van de batterij niet begint.
De resterende batterijlading controleren
De resterende batterijlading wordt aangegeven
in het display, zoals hieronder wordt
weergegeven. Als het zwarte indicatorgedeelte
afneemt, wordt de resterende lading steeds
kleiner.




, "LOW BATTERY"
Opmerkingen
Voorbereidingen
De batterij opladen via een verbinding met
de computer (USB-stroom)
U kunt de oplaadbare batterij van de recorder
opladen door de recorder aan te sluiten op
de USB-poort van een computer. Als u de
recorder op de computer aansluit, begint
de stroom (van de bus) van de computer de
oplaadbare batterij van de recorder op te
laden.
Een volledig lege batterij is na een uur voor
ongeveer 80% opgeladen. Voor 100% opladen
moet de batterij twee uur langer worden
opgeladen.
Raadpleeg "De recorder op uw computer
aansluiten" ( pagina 21) voor meer
informatie over het aansluiten op de
computer.
• Op het display wordt een schatting van de
resterende batterijlading weergegeven.
• Afhankelijk van de manier waarop het apparaat
wordt gebruikt, kan de weergave toe- of afnemen
ten opzichte van de werkelijk resterende
batterijlading.
Voordat u de recorder gebruikt
Zorg ervoor dat de recorder niet is
vergrendeld ( pagina 13). Schuif de
HOLD-schakelaar op de recorder of op de
afstandsbediening in de tegengestelde richting
van de pijl.
HOLD-schakelaar
HOLD-schakelaar
15
Levensduur van de batterij 1)
Deze waarde is afhankelijk van de wijze waarop de recorder wordt gebruikt.
Bij onafgebroken opnemen/afspelen in Hi-MD-modus
Bij
Opnemen
Afspelen
(eenheid: geschat aantal uren)
Soort schijf
Hi-MD-schijf van 1 GB
LinearPCM
6
Hi-SP
9
Hi-LP
10,5
MP32)
—3)
Standaardschijf van
60/74/80 minuten
5
9
10,5
—3)
Hi-MD-schijf van 1 GB
10
15,5
19
16,5
Standaardschijf van
60/74/80 minuten
8
14,5
18,5
16
Bij onafgebroken opnemen/afspelen in MD-modus
(eenheid: geschat aantal uren)
Bij
Opnemen
Soort schijf
SP
Standaardschijf van 60/74/80 minuten 8,5
LP2
10,5
LP4
12
Afspelen
Standaardschijf van 60/74/80 minuten 15,5
17,5
19
Meetwaarden conform de JEITA-standaard (Japan Electronics and Information Technology
Industries Association).
1)
2)
3)
Gemeten met een volledig opgeladen lithium-ion oplaadbare batterij, en met "EL Light" in het menu ingesteld
op "Auto Off" ( pagina 59).
Bij een overdrachtsnelheid van 128 kbps.
De recorder kan niet opnemen in MP3-modus. MP3-audiogegevens kunt u overdragen met behulp van de
meegeleverde SonicStage-software ( pagina 24).
Opmerking
Door herhaald opnieuw opladen wordt de capaciteit van de oplaadbare batterij na verloop van tijd minder. Als
gevolg hiervan wordt de levensduur van de batterij korter, naarmate de batterij langer wordt gebruikt. Vervang de
batterij wanneer de levensduur van de batterij ongeveer half zo lang is als de tijd die hierboven wordt vermeld.
16
De soorten schijven die u kunt gebruiken
Deze recorder ondersteunt de volgende schijven:
Standaardschijf
van 60/74/80
minuten
Voorbereidingen
Hi-MD-schijf van 1 GB
De bedieningsmodi van de recorder
De recorder heeft twee bedieningsmodi, "Hi-MD-modus" en "MD-modus".
De bedieningsmodus wordt automatisch herkend zodra er een schijf wordt geplaatst.
Hi-MD-schijf van 1 GB
Gebruik de schijf zoals deze is
Standaardschijf van 60/74/80 minuten
De schijf bevat
materiaal dat
is opgenomen
in Hi-MDmodus
Lege schijf
De schijf
bevat
materiaal dat
is opgenomen
in MD-modus
Gebruik de schijf zoals deze is
Selecteer Hi-MD-modus
Selecteer de bedieningsmodus
in de instelling "Disc Mode"
( pagina 59) van het
recordermenu, of de instelling
voor de bedieningsmodus van de
meegeleverde software.
Selecteer MD-modus
Gebruik de schijf zoals deze is
Hi-MD-modus
U kunt gebruikmaken van de
Hi-MD-functies.
Een schijf die is opgenomen
in Hi-MD-modus kan niet
worden gebruikt op een
MD-speler of MD Walkman
die de Hi-MD-modus niet
ondersteunt.
MD-modus
Een schijf die is opgenomen in
MD-modus, kan ook worden
gebruikt op een MD-speler of
MD Walkman die de Hi-MDmodus niet ondersteunt. De
Hi-MD-functies kunnen echter
niet worden gebruikt.
17
De recorder met een computer gebruiken
Wat u kunt doen via
verbinding met een
computer
De meegeleverde software gebruiken
• Audiogegevens overdragen tussen
de computer en de recorder
Met de meegeleverde SonicStage-software
kunt u audiogegevens overdragen tussen
de recorder en de computer. U kunt
audiogegevens overdragen van de computer
naar de recorder, of audiogegevens die
u hebt opgenomen op de recorder of een
ander MD-apparaat overdragen naar de
computer. Raadpleeg de SonicStage Help
voor een gedetailleerde uitleg.
• Rechtstreeks van een CD op een MD
opnemen
Met de meegeleverde MD Simple Burnersoftware kunt u een CD in het CD-ROMstation van de computer rechtstreeks op een
schijf in de recorder opnemen.
De schijf in de recorder als
opslagapparaat gebruiken
Als u de recorder in Hi-MD-modus gebruikt,
wordt de recorder in Windows Explorer
als een extern station weergegeven, zodat
u niet-audiogegevens zoals tekst- en
afbeeldingsbestanden kunt overdragen.
Raadpleeg "Andere gegevens opslaan op een
schijf" ( pagina 30) voor meer informatie.
De oplaadbare batterij van de recorder
opladen (USB-stroom)
U kunt de oplaadbare batterij opladen terwijl
de recorder op een computer is aangesloten.
Bij gebruik van een Macintosh-computer
Raadpleeg het instructieblad "Hi-MD Music
Transfer for Mac" dat met deze recorder is
meegeleverd.
18

Als u audiobestanden afspeelt met de meegeleverde
software, komt het geluid uit
• de luidsprekers van de computer als een schijf in
Hi-MD-modus wordt geplaatst; of
• uit de apparatuur zoals oortelefoons die op de
recorder zijn aangesloten wanneer een schijf in
MD-modus wordt geplaatst.
Opmerking
Als de ruimte waarin u de batterij oplaadt te
koud of te warm is, knippert de batterij-indicator
(
) in het display en is opladen via USB-stroom
niet mogelijk. De batterij moet worden opgeladen
binnen een temperatuurbereik van +5 °C tot +35 °C.
De SonicStage/MD Simple Burner-software
installeren
Systeemvereisten
De volgende systeemomgeving is vereist om de SonicStage/MD Simple Burner-software te
kunnen gebruiken.
Computer
IBM PC/AT of daarmee compatibele PC
Overige
• CD-ROM-station (met functie voor digitaal afspelen via WDM)
(Een CD-R/RW-station is noodzakelijk om naar CD's te schrijven)
• Geluidskaart
• USB-poort
Besturingssysteem
Geïnstalleerd bij aanschaf:
Windows XP Media Center Edition 2005/Windows XP Media Center Edition
2004/Windows XP Media Center Edition/Windows XP Professional/Windows
XP Home Edition/Windows 2000 Professional (Service Pack 3 of hoger)/
Windows Millennium Edition/Windows 98 Second Edition
Display
Hoge kleuren (16-bits) of hoger, 800 × 600 pixels of meer (1.024 × 768 pixels
of meer wordt aanbevolen)
Overige
• Internettoegang voor on line registratie en CDDB-gebruik
• Internettoegang en Microsoft Internet Explorer (versie 5.5 of hoger) voor
gebruik van EMD-diensten
• Windows Media Player (versie 7.0 of hoger) voor het afspelen van WMAbestanden
De recorder met een computer gebruiken
• CPU: Pentium III 450 MHz of sneller
• Beschikbare ruimte op de vaste schijf: 200 MB of meer (1,5 GB of meer
wordt aanbevolen) (De hoeveelheid ruimte varieert per Windows-versie en
het aantal muziekbestanden dat is opgeslagen op de vaste schijf.)
• RAM: 128 MB of meer
De software wordt alleen ondersteund door de hierboven genoemde besturingssystemen. De
software wordt niet ondersteund door zelfgebouwde PC's, upgrades van het oorspronkelijk in
de fabriek geïnstalleerde systeem, omgevingen met multi-boot-voorzieningen, omgevingen met
meerdere monitoren en Macintosh-computers.
Opmerkingen
• Sony kan niet garanderen dat de software zonder problemen werkt op computers die voldoen aan de
systeemvereisten.
• De NTFS-indeling van Windows XP en Windows 2000 Professional kan alleen worden gebruikt met de
standaardfabrieksinstellingen.
• Sony garandeert ook niet dat de systeemfuncties voor slaapstand (suspend, sleep of hibernation) op alle
computers zonder problemen werken.
19
SonicStage/MD Simple Burner op uw computer
installeren
Zorg ervoor dat u het stuurprogramma voor deze recorder installeert vanaf de meegeleverde CDROM. Als SonicStage, Net MD Simple Burner of OpenMG Jukebox al is geïnstalleerd, wordt de
oudere versie van de software overschreven door de nieuwe versie. De functies en muziekgegevens
van de oudere versie blijven bewaard.
1
Sluit alle Windows-programma's.
De volgende omstandigheden kunnen een succesvolle installatie verhinderen. Controleer of
deze omstandigheden al dan niet van toepassing zijn wanneer u de software installeert.
• U hebt u niet aangemeld als "Administrator" of "Computer Administrator" (wanneer u
gebruikmaakt van Windows 2000/Windows XP)
• Er is een virusscanner geactiveerd. (Dergelijke software neemt gewoonlijk grote
hoeveelheden systeembronnen in beslag.)
2
Plaats de meegeleverde CD-ROM in het CD-ROM-station.
Het installatieprogramma wordt automatisch gestart en het installatiescherm wordt geopend.
3
Wanneer het scherm [Region Selection] wordt weergegeven, selecteert u de regio
waarin de SonicStage software wordt gebruikt en klikt u vervolgens op [Next].
Wanneer het scherm [Region Selection] niet wordt weergegeven, slaat u deze stap over.
4
Klik op [Install SonicStage and MD Simple Burner] en volg vervolgens de
aanwijzingen op het scherm.
Lees de instructies aandachtig door.
[Install SonicStage and MD Simple Burner]
De installatie neemt ongeveer 20 tot 30
minuten in beslag, afhankelijk van de
systeemomgeving.
Zorg dat u de computer pas opnieuw opstart
nadat de installatie is voltooid.
20
De recorder op uw computer aansluiten
Sluit de recorder als volgt op uw computer aan.
De voeding (busaansluiting) wordt geleverd door de USB-poort van de computer, zodat de
recorder kan worden gebruikt zonder batterijvoeding.
Computer
USB-kabel
Naar de
aansluiting voor
USB-kabel
Naar de USB-poort
1
Plaats een schijf in de recorder.
2
Zorg dat de recorder is gestopt en dat HOLD is losgelaten.
3
Sluit de recorder aan op de computer met behulp van de USB-kabel.
4
Controleer de aansluitingen.
Als alle aansluitingen op de juiste manier zijn gemaakt, geeft het display het volgende aan.
De recorder met een computer gebruiken
Opmerking
Bij gebruik van Windows ME of Windows 98SE
• Als u de recorder aansluit op de computer terwijl de schijfmodus op de recorder staat ingesteld op "Hi-MD"
(fabrieksinstelling), en vervolgens een standaardschijf van 60/74/80 minuten plaatst, kan de bedieningsmodus
van de schijf automatisch worden gewijzigd in Hi-MD-modus, zelfs als u niets opneemt.
• Als u de USB-kabel loskoppelt, wordt het bericht "Unsafe Removal of Device" weergegeven op het
beeldscherm van uw computer. Dit duidt niet op een probleem. Klik op "OK" om het bericht te laten
verdwijnen.
"Hi-MD" of "MD" wordt weergegeven, afhankelijk van de bedieningsmodus.
21
Als u de USB-kabel uit de computer verwijdert
Zorg dat u de recorder op de juiste manier verwijdert. Anders kunnen de gegevens beschadigd
raken.
1 Controleer of het bedieningslampje op de recorder niet snel knippert.
2 Druk op  · CANCEL op de recorder.
Zorg dat het bedieningslampje op de recorder niet brandt.
Op het display wordt "EJECT DISC OK" weergegeven.
Afhankelijk van de omstandigheden kan het enige tijd duren voordat "EJECT DISC OK" op
het display wordt weergegeven.
3 Verwijder de USB-kabel uit de computer.
Als u de schijf uit de recorder verwijdert
1 Volg de bovenstaande stappen 1 en 2 in "Als u de USB-kabel uit de computer verwijdert".
2 Verwijder de schijf uit de recorder.

Deze recorder ondersteunt Hi-Speed USB*.
* Compatibel met USB 2.0-specificatie.
Opmerkingen
• Sluit de USB-kabel niet aan terwijl de recorder werkt. Hierdoor kan de recorder defect raken, of kan er ruis in
de opname optreden.
• Het kan enige tijd duren voordat de recorder wordt herkend door de computer. Dit is afhankelijk van
de verbinding. Als u de recorder of de computer bedient voordat de recorder wordt herkend, wordt
"RECONNECT USB" in het display weergegeven. Sluit de USB-kabel opnieuw aan indien dit gebeurt.
• Koppel de USB-kabel niet los als het bedieningslampje snel knippert. Hierdoor kan de recorder defect raken of
kunnen audiogegevens worden vernietigd.
• Als u de recorder gebruikt terwijl deze is aangesloten op de computer, is het aan te raden een volledig
opgeladen oplaadbare batterij te plaatsen voor het geval de stroom uitvalt, de USB-kabel wordt losgekoppeld
of in geval van andere onvoorziene omstandigheden. Sony kan niet instaan voor de resultaten bij onjuiste
bediening, overdrachtsfouten of vernietiging van audiogegevens die te wijten zijn aan onvoorziene
omstandigheden.
• Als u de USB-kabel loskoppelt van de recorder, dient u minstens twee seconden te wachten voordat u de kabel
weer aansluit.
• Zorg dat de recorder op een stabiele, trillingsvrije plaats staat tijdens het opnemen.
• Sluit de recorder niet op uw computer aan als de recorder bezig is met opnemen of afspelen.
• Het systeem werkt misschien niet correct als de computer overgaat naar de slaapstand terwijl deze op de
recorder wordt aangesloten. U kunt de slaapstand het beste uitschakelen.
• Zorg dat u de recorder en de computer niet via een USB-hub aansluit.
• Als de recorder is aangesloten op een computer, wordt de stroom aan de recorder geleverd via de USB-poort
van de computer. Als de computer door een accu wordt gevoed (bijvoorbeeld een laptop), kan deze aansluiting
ertoe leiden dat de accu van de computer leegraakt. Het is dus raadzaam een computer te gebruiken met een
netspanningsadapter.
• Sony kan niet garanderen dat de software zonder problemen werkt op computers die voldoen aan de
systeemvereisten.
22
SonicStage gebruiken
Audiogegevens importeren
Audiogegevens van een audio-CD kunnen worden opgenomen en opgeslagen in My Library van
SonicStage.
Als u automatisch CD-informatie (zoals track of naam van de artiest) wilt verkrijgen, is het
noodzakelijk dat de computer wordt aangesloten op Internet. Raadpleeg SonicStage Help voor
meer informatie over het opnemen of importeren van muziek vanaf Internet of vanaf de vaste
schijf van uw computer.
[ Music Source]
De recorder met een computer gebruiken
Opmerking
Alleen audio-CD's met de markering
kunnen worden gebruikt met SonicStage. Normale werking wordt
niet gegarandeerd als u tegen kopiëren beveiligde CD's gebruikt.
[CD Info]
1
Dubbelklik op
(pictogram [SonicStage]) op het bureaublad.
SonicStage wordt gestart.
2
Plaats de audio-CD waarvan u wilt opnemen in het CD-ROM-station van de
computer.
3
Wijs  in [ Music Source] aan en klik op [Import a CD].
4
Klik op
.
Het opnemen wordt gestart.
Stoppen met opnemen
Klik op
.

• Als u de indeling, opnamemodus en bitsnelheid voor het opnemen van audio-CD's wilt wijzigen, klikt u op
voordat u klikt op
in stap 4 en stelt u de indeling en de bitsnelheid in.
• Indien CD-informatie niet automatisch kon worden verkregen, klikt u op [CD Info] voordat u klikt op
in
stap 4. Wanneer u dit doet, moet uw computer zijn aangesloten op Internet.
23
Audiogegevens van uw computer overdragen naar de
recorder
Audiogegevens die zijn opgeslagen in My Library van SonicStage kunnen worden overgedragen
naar de recorder.
Overgedragen audiogegevens bevat trackinformatie zoals de naam van de artiest en de naam van
het album.
[Transfer ]
De lijst My
Library
1
Plaats een schijf in de recorder en sluit de recorder aan op uw computer
( pagina 21).
2
Wijs  in [Transfer ] aan en klik op [Hi-MD] of [Net MD].
3
Klik op de tracks die u wilt overdragen in de lijst My Library.
4
Klik op
.
Het bedieningslampje op de recorder gaat rood branden en de overdracht van de geselecteerde
track begint.
De overdracht beëindigen
Klik op
.

Als u de indeling en de bitsnelheid wilt wijzigen, klikt u op
indeling en de bitsnelheid in.
voordat u klikt op
in stap 4 en stelt u de
Opmerking
Koppel de USB-kabel niet los en verwijder de oplaadbare batterij niet terwijl u audiogegevens overdraagt.
24
Audiogegevens overdragen van de recorder naar uw
computer
Audiogegevens die zijn overgedragen van uw computer en opgeslagen op een MD of opgenomen
op deze recorder of op een ander MD-apparaat, kunnen worden overgedragen naar My Library van
SonicStage op uw computer.
Informatie zoals albumnaam of tracknaam kan worden verkregen via Internet, nadat
audiogegevens zijn overgedragen. Raadpleeg de SonicStage Help voor meer informatie.
[Transfer ]
1
Plaats een schijf in de recorder en sluit de recorder aan op uw computer
( pagina 21).
2
Wijs  in [Transfer ] aan en klik op [Hi-MD] of [Net MD].
3
Klik in de lijst rechts in het scherm (Hi-MD of Net MD) om de tracks te selecteren
die u wilt overbrengen naar uw computer.
4
Klik op
.
De overdracht van de in stap 3 geselecteerde tracks begint.
De recorder met een computer gebruiken
Lijst met tracks
op de schijf
De overdracht beëindigen
Klik op
.

Wanneer tracks die zijn opgenomen op MD-apparaten op een schijf worden vastgelegd, wordt er een
dialoogvenster weergegeven waarin wordt bevestigd of deze tracks moeten worden opgeslagen in WAV-indeling.
Als u de tracks wilt opslaan als muziekbestanden in WAV-indeling, schakelt u het selectievakje in naast "Save in
WAV format when importing". Klik vervolgens op de knop Browse en specificeer een bestemmingsmap zoals
noodzakelijk. Klik daarna op de knop [OK].
25
Opmerkingen
• Wanneer een schijf die wordt gebruikt in Hi-MD-modus, in de recorder wordt geplaatst, en het
beveiligingsnokje tegen opnemen van de schijf open is, kunnen audiogegevens niet worden overgedragen naar
de computer. Zorg dat het beveiligingsnokje tegen opnemen van de schijf is gesloten ( pagina 76).
• Tracks die zijn overgedragen van de computer in de "Net MD"-modus of tracks die zijn gekocht via EMDdiensten en die zijn overgedragen naar de recorder, kunnen alleen worden overgedragen naar dezelfde
computer waarvan de tracks oorspronkelijk afkomstig zijn.
• Wanneer u tracks die zijn opgenomen in LinearPCM op de recorder overdraagt naar een computer om te
worden bewerkt (scheiden ( pagina 47) of combineren ( pagina 48)) in My Library, kan het bewerken
lang duren, afhankelijk van de lengte van de tracks en van de mogelijkheden van uw computer. Dit komt door
een beperking in het MiniDisc-systeem. Als u lange tracks wilt bewerken die zijn opgenomen in LinearPCM,
is het raadzaam deze eerst op de recorder te bewerken, en vervolgens de bewerkte gegevens naar een computer
over te brengen.
SonicStage Help weergeven
SonicStage Help biedt meer informatie over het gebruik van SonicStage.
Klik op [Help] – [SonicStage Help], terwijl SonicStage is gestart.
[SonicStage Help]
26
MD Simple Burner gebruiken
Met MD Simple Burner kunt u tracks van een audio-CD in het CD-ROM-station van uw computer
rechtstreeks opnemen op een schijf zonder eerst de tracks op te slaan op de vaste schijf van de
computer.
Er zijn twee modi voor het opnemen vanaf een audio-CD: Eenvoudige modus (opnemen met
behulp van de recorder) en Standaardmodus (opnemen met behulp van de computer).
Opmerking
Alleen audio-CD's met de markering
kunnen worden gebruikt met MD Simple Burner. Normale werking
wordt niet gegarandeerd als u tegen kopiëren beveiligde CD's gebruikt.
1
Plaats een schijf in de recorder en sluit de recorder aan op uw computer
( pagina 21).
2
Plaats de audio-CD waarvan u wilt opnemen in het CD-ROM-station van de
computer.
3
Druk op REC en verschuif deze knop op de recorder.
Het bedieningslampje op de recorder knippert rood en het opnemen begint. Alle tracks op
de CD worden als een nieuwe groep opgenomen. Koppel de USB-kabel pas los wanneer het
opnemen is beëindigd.
De recorder met een computer gebruiken
Opnemen met behulp van de recorder (Eenvoudige
modus)
Het opnemen beëindigen
Klik op
in het computerscherm.
U kunt ook stoppen met opnemen door te drukken op  · CANCEL op de recorder.

Voordat u begint met opnemen kunt u de volgende instellingen toepassen door met de rechtermuisknop te klikken
op het pictogram
MD Simple Burner in het systeemvak op het computerbeeldscherm.
• U kunt de opnamemodus selecteren door [recording mode] te selecteren.
— [Net MD]: [LP2] of [LP4]
— [Hi-MD]: [PCM], [Hi-SP], [Hi-LP], of [48kbps]
• U kunt uitsluitend de eerste track opnemen door [Recording settings] – [Record 1st Track Only] te selecteren.
• U kunt de instelling selecteren wanneer de CDDB meer dan één item met informatie bevat door [CDDB(r)]
– [Multiple Matches] te selecteren.
— [User Selection]: er wordt een selectievenster weergegeven
— [No Resolve]: er worden geen CD-gegevens gedownload
— [First Choice]: het eerste item is gedownload
Opmerking
U kunt niet in eenvoudige modus opnemen terwijl de MD Simple Burner in standaardmodus of OpenMG
software (SonicStage, OpenMG Jukebox, etc.) actief is.
27
Opnemen met behulp van de computer (Standaardmodus)
1
Plaats een schijf in de recorder en sluit de recorder aan op uw computer
( pagina 21).
2
Dubbelklik op
(pictogram [MD Simple Burner]) op het bureaublad.
MD Simple Burner wordt gestart.
3
Plaats de audio-CD waarvan u wilt opnemen in het CD-ROM-station van de
computer.
U kunt MD Simple Burner bedienen vanaf de volgende twee displays.
Het venster om alle tracks op te nemen die op de CD staan
[REC/STOP]
Klik hier om alle tracks op de CD als een nieuwe groep op te gaan nemen.
Klik op [STOP] om het opnemen te stoppen.
CD-pictogram
Totale tijd van
de geselecteerde
tracks op de CD
Albumnaam (CD)
Naam artiest (CD)
28
[Open]
Klik hier om het scherm
dat op  pagina 29 is
afgebeeld, weer te geven.
MD-pictogram
Schijfnaam (MD)
Resterende opnametijd
voor de geplaatste schijf
Keuzemenu opnamemodus
Net MD: LP2/LP4
Hi-MD: PCM/Hi-SP/Hi-LP/48 kbps
Het venster voor het opnemen van geselecteerde tracks van een audio-CD
[CONFIG]
Klik hier om het volgende te doen:
— Het CD-ROM-station instellen
— Versie-informatie voor MD Simple Burner bekijken
— In de CDDB geregistreerde CD-informatie bevestigen
Trackgegevens (CD)
Naam artiest
Totale tijd van de
geselecteerde tracks op de CD
[REC/STOP]
Schijfnaam
(MD)
De recorder met een computer gebruiken
Albumtitel
Trackgegevens (MD)
U kunt de naam en het
nummer van de track
wijzigen.
[New Group]
[Get CD Info]
De gegevens van een audio-CD
(albumnaam, tracktitel, etc.)
staan in de tracklijst.
Keuzemenu
opnamemodus
[Close]
Klik hier om het scherm dat op
 pagina 28 is afgebeeld, te sluiten.
CD-besturingselementen
Gebruik deze besturingselementen om te bevestigen welke
tracks op een audio-CD opgenomen moeten worden.
Klik hier om alle tracks te deselecteren.
Klik hier om alle tracks te selecteren.
Selectievakjes
Schakel het selectievakje in van de track die u wilt opnemen.
[Erase]
[All Erase]
Resterende tijd voor de geplaatste schijf
29
Andere gegevens opslaan op een schijf
Als u de recorder op een computer aansluit met een schijf in Hi-MD-modus, wordt de schijf
door Windows Explorer herkend als opslagmedium zodat u andere gegevens zoals tekst- of
beeldgegevens kunt opslaan.
Voor informatie over de opslagruimte voor elke schijf raadpleegt u "De opslagruimte voor elke
schijf (geformatteerd met de recorder/SonicStage)" hieronder.
1
Plaats een schijf in Hi-MD-modus in de recorder en sluit de recorder aan op de
computer ( pagina 21).
De recorder wordt herkend als een extern apparaat en kan worden bekeken in Windows
Explorer. U kunt de recorder op dezelfde manier gebruiken als andere apparaten.
Opmerkingen
• Als de SonicStage-software actief is, wordt de recorder niet herkend als een apparaat voor gegevensopslag.
• Als u een schijf op de computer formatteert, dient u dat te doen met de SonicStage-software.
• Verwijder in géén geval de map en het bestand voor bestandsbeheer (de map HMDHIFI en het bestand HIMD.IND) uit Windows Explorer.
De opslagruimte voor elke schijf (geformatteerd met de recorder/SonicStage)
De opslagruimte hangt af van het type schijf.
Totale grootte
Ruimte voor
bestandsbeheer *
Beschikbare ruimte
Hi-MD-schijf van
1 GB
964 MB
1,65 MB
Standaardschijf
van 80 minuten
291 MB
1,65 MB
Standaardschijf
van 74 minuten
270 MB
1,65 MB
Standaardschijf
van 60 minuten
219 MB
1,65 MB
963 MB
290 MB
268 MB
217 MB
* Deze ruimte wordt gebruikt voor het beheer van de bestanden op de schijf. De grootte van de ruimte voor
schijfbeheer hangt af van de manier waarop uw computer wordt gebruikt en andere omstandigheden. De
werkelijk beschikbare ruimte kan daardoor kleiner zijn dan in Windows Explorer wordt aangegeven.
30
Opnemen op een schijf
Opnemen op een schijf
In dit gedeelte wordt de procedure beschreven voor het opnemen met een stereomicrofoon. Zorg
dat de oplaadbare batterij voldoende is opgeladen voordat u begint met opnemen. Raadpleeg
"Afzonderlijk verkrijgbare accessoires" ( pagina 11) voor meer informatie over de optionele
stereomicrofoon.
1
Sluit de stereomicrofoon aan op MIC (PLUG IN POWER).
Stereomicrofoon
Naar MIC (PLUG IN POWER)
Druk op OPEN om het deksel te openen (). Plaats een schijf in de richting van
de pijl () en sluit het deksel.
 OPEN
Opnemen op een schijf
2
 met het etiket naar boven
Vervolg 
31
3
Bevestig de bedieningsmodus.
Deze recorder heeft twee bedieningsmodi, "Hi-MD-modus" en "MD-modus". De
bedieningsmodus wordt automatisch herkend zodra er een schijf wordt geplaatst. Controleer
de bedieningsmodus op het display van de recorder nadat u een schijf hebt geplaatst. U kunt
ook de instelling van de opnamemodus controleren ("REC Mode" in het menu). Wijzig indien
nodig de opnamemodus ( pagina 50).
"Hi-MD" wordt weergegeven wanneer de bedieningsmodus Hi-MD-modus is.
"MD" wordt weergegeven wanneer de bedieningsmodus MD-modus is.
Opnamemodus
• Als u een Hi-MD-schijf van 1 GB gebruikt, is alleen de bedieningsmodus Hi-MD
beschikbaar.
• Als u een standaardschijf gebruikt (60/74/80 minuten), kan de bedieningsmodus als volgt
worden ingesteld.
Toestand van de schijf
Lege schijf
Bedieningsmodus
De modus die is ingesteld voor de "Disc Mode"* in het menu.
Stel "Disc Mode" in op "Hi-MD" of "MD".
Deze schijf bevat materiaal dat is Hi-MD
opgenomen in Hi-MD-modus
Deze schijf bevat materiaal dat is MD
opgenomen in MD-modus
* Raadpleeg  pagina 59 voor "Disc Mode" in het menu.
4
Druk herhaaldelijk op DISPLAY/MENU en bevestig de instelling voor het
opnameniveau (REC-gegevens).
De weergegeven indicatie is afhankelijk van de instelling voor het "REC Level" ( pagina
50) in het menu.
• "REC Auto": "REC Level" is ingesteld op "REC (AGC)". De recorder past het
opnameniveau automatisch aan.
• "REC XX": "REC Level" is ingesteld op "Manual". Het laatst ingestelde opnameniveau
wordt weergegeven.
U kunt tegelijkertijd ook de instelling voor microfoonopname ("MIC Sens" of "MIC AGC" in
het menu) controleren. Wijzig indien nodig de instelling ( pagina 50).
"REC Auto" wordt weergegeven wanneer
"REC Level" is ingesteld op "Auto (AGC)".
Microfoongevoeligheid ("MIC Sens")
• "High": Hoge gevoeligheid ("Sens High")
• "Low": Lage gevoeligheid ("Sens Low")
Automatisch aanpassen van microfoonopnameniveau ("MIC AGC")
• (geen): Standaardmodus ("Standard")
• " ": Muziekmodus ("For Music")
32
5
Bevestig dat het bedieningslampje uit is (), druk vervolgens op REC op de
recorder () en verschuif deze knop.
Het bedieningslampje gaat rood branden en het opnemen begint.
Als u een schijf plaatst waarop al is opgenomen, begint de opname na de bestaande inhoud.
 Het bedieningslampje
 REC
Basishandelingen voor het opnemen
Handeling
Stoppen
Druk op  · CANCEL. (Het bedieningslampje gaat uit.)
Pauzeren
Druk op *. (Het bedieningslampje knippert rood.) Druk nogmaals op 
om de opname te hervatten.
De schijf verwijderen
Druk op  · CANCEL en open het deksel. (Het deksel gaat pas open als
"SystemFILE WRITING" niet meer op het display wordt weergegeven en
het bedieningslampje stopt met knipperen.)
Trackmarkeringen
toevoegen
Druk op T MARK. (Het bedieningslampje brandt een paar tellen niet.)
Opnemen op een schijf
Doel
* Als u nogmaals op  drukt om na de pauze de opname te hervatten, wordt een nieuwe track toegevoegd.
De rest van de track wordt vervolgens als een nieuwe track beschouwd.
33
Opmerkingen
• Zorg dat de recorder op een stabiele, trillingsvrije
plaats staat tijdens het opnemen.
• Als u begint met opnemen voordat het
bedieningslampje uit is, is het mogelijk dat de
eerste paar seconden van het materiaal niet wordt
opgenomen. Controleer op de recorder of het
bedieningslampje uit is, voordat u begint met
opnemen.
• De recorder kiest automatisch een invoersignaal in
deze volgorde: optische ingang, microfooninvoer,
analoge ingang. Het is niet mogelijk om een
opname via de microfoon te maken zolang er
een optische kabel is aangesloten op de LINE IN
(OPT)-aansluiting.
• Het is mogelijk dat de microfoon
bedieningsgeluiden van de recorder zelf opneemt.
Houd in zo'n geval de microfoon uit de buurt van
de recorder. De geluiden van de recorder kunnen
worden opgenomen door de microfoon als u
gebruikmaakt van een korte microfoonkabel.
• Bij gebruik van een monomicrofoon wordt alleen
het geluid van het linkerkanaal opgenomen.
• Sluit de USB-kabel niet aan terwijl de recorder
werkt. Hierdoor kan de recorder defect raken, of
kan ruis optreden.
• Raak de microfoon en de microfoonstekker
niet aan als u opneemt terwijl de recorder is
aangesloten op een stopcontact. Er kan anders ruis
op de opname hoorbaar zijn.
• Zorg ervoor dat u de recorder niet beweegt of
aanstoot of de voedingsbron loskoppelt terwijl u
aan het opnemen bent, of terwijl "DATA SAVE"
of "SystemFILE WRITING" ("DATA SAVE" of
"SYSTEM WRITE" op de afstandsbediening)
wordt weergegeven. Als u dat wel doet, wordt het
materiaal dat tot dan toe is opgenomen, niet op
de schijf opgeslagen, of de gegevens op de schijf
kunnen beschadigd raken.
• Opname kan niet plaatsvinden als er niet genoeg
vrije ruimte is op de schijf.
• Als de stroomvoorziening wordt onderbroken
(bijvoorbeeld als de batterij wordt verwijderd
of leegraakt of als de netspanningsadapter
wordt losgekoppeld) tijdens een opname of
een bewerking, of terwijl "DATA SAVE" of
"SystemFILE WRITING" ("DATA SAVE" of
"SYSTEM WRITE" op de afstandsbediening)
wordt weergegeven, kan het deksel pas worden
geopend als de stroomvoorziening is hersteld.
34

• Als u een "plug-in power"-microfoon gebruikt, kan
de microfoon ook worden gebruikt als de voeding is
uitgeschakeld. De voeding wordt namelijk geleverd
door de recorder zelf.
• U kunt de modus voor het aanpassen van de
microfoongevoeligheid of de modus voor
automatische opnameniveauregeling selecteren die
het beste past bij de geluidsbron ( pagina 50).
• De recorder is bij aflevering ingesteld om een
nieuwe groep te maken zodra de opname is
voltooid. Als u geen groep wilt maken, stelt u
"Group REC" in op "Off" ( pagina 51).
• Wilt u vanuit een specifiek punt op de schijf
opnemen, pauzeer dan de recorder op het gewenste
punt en begin van daaruit op te nemen.
• Tijdens de opname kunt u het geluid controleren.
Als u het volume wijzigt, is dit niet van invloed op
het opnameniveau.
• Zodra de klok is ingesteld, worden de tracks
automatisch voorzien van de opnamedatum
en -tijd ( pagina 61).
• Wanneer u de recorder lang achter elkaar gebruikt
(bijv. bij het opnemen), kunt u de recorder het
beste aansluiten op het stopcontact.
Weergegeven items
tijdens het opnemen
Het display op de recorder
Het display op de recorder wijzigen
Druk enkele malen op DISPLAY/MENU.
Elke keer dat u op de toets drukt, wijzigt het
display als volgt. (Opnameniveaumeter wordt
op het informatiedisplay 1 weergegeven (
in de linkerkolom van deze pagina) terwijl u
aan het opnemen bent.)
Tijdens het opnemen/zodra het
opnemen is gestopt
 Groepsnummer, tracknummer en verstreken tijd
 Batterij-indicator ( pagina 15)

Groepsnummer, tracknummer, resterende
opnametijd en resterende vrije ruimte1)

Aantal tracks na de huidige track en resterende
tijd na de huidige positie op de schijf2)

REC-gegevens (huidige opname-instellingen,
zoals opnameniveau, microfooninstelling, etc.)
( pagina 32)
 Informatiedisplay 1
• Niveaumeter (bovenstaande illustratie)
• Bedieningsmodus (voorbeeld: Hi-MD)
• Opnamemodus (voorbeeld: Hi-SP)
• Indicatie synchroonopname (SYNC)
 Informatiedisplay 2
Raadpleeg "Het display op de recorder
wijzigen" ( volgende paragraaf).
Huidige datum en tijd
Opnemen op een schijf
 Bedieningslampje
• Tijdens het opnemen: brandt (rood)
• Tijdens een opnamepauze: knippert
(rood)
• Wanneer de resterende opnametijd op de
schijf minder dan drie minuten bedraagt:
knippert langzaam (rood)
• Tijdens het opnemen met de microfoon:
knippert overeenkomstig het
geluidsniveau (stemindicatie) (rood)


Spectrumanalyse (standaard)2)3)

Spectrumanalyse (puntvormig)2)3)
1)
2)
3)
Resterende vrije ruimte wordt alleen weergegeven
als de schijf wordt gebruikt in Hi-MD-modus en
de recorder is gestopt.
Wordt alleen weergegeven als de recorder is
gestopt.
Toont het niveau van elk van de volgende frequenties
voor zowel het L-kanaal als het R-kanaal: 100 Hz,
250 Hz, 630 Hz, 1,6 kHz, 4 kHz, 10 kHz.
35
Display op de afstandsbediening
 Schijfindicatie
 Tracknummer/Totaal aantal tracks op een
schijf
Het display op de afstandsbediening
wijzigen
Druk enkele malen op DISPLAY. Elke keer
dat u op de toets drukt, wijzigt het display
als volgt.
Tijdens het opnemen/zodra het
opnemen is gestopt
 Tracknummer en verstreken tijd
 Informatiedisplay
Raadpleeg "Het display op de
afstandsbediening wijzigen" ( volgende
paragraaf).

Tracknummer, resterende opnametijd en
resterende vrije ruimte1)
 Batterij-indicator

Aantal tracks op de schijf, de afspeelmodus en
verwante informatie2)3)
Huidige datum en tijd
1)
2)
3)

Resterende vrije ruimte wordt alleen weergegeven
als de schijf wordt gebruikt in Hi-MD-modus en
de recorder is gestopt.
Wordt alleen weergegeven als de recorder is
gestopt.
De items die worden weergegeven, verschillen per
geselecteerde afspeelmodus. (Voorbeeld: wanneer
de afspeelmodus is ingesteld op "Group", worden
"Group" en "
: Group name" weergegeven.)
Opmerkingen
• Soms kunt u bepaalde aanduidingen niet
selecteren of worden de aanduidingen verschillend
weergegeven. Dit is afhankelijk van het al
dan niet gebruiken van de groepsfunctie, de
gebruiksomstandigheden en de schijfinstellingen.
• Wanneer een schijf die wordt gebruikt in Hi-MDmodus in de recorder wordt geplaatst, wordt de
vrije ruimte weergegeven als "2.0MB", zodra de
resterende opnametijd "R 00:00"("–00:00" op
de afstandsbediening) wordt weergegeven. Dit
is een beperking van het systeem; "2.0MB" is de
capaciteit van het reservedomein.
36
Opnemen vanaf een
extern aangesloten
apparaat
3
U kunt digitale opnamen maken met behulp
van een optische kabel die is aangesloten op
een CD-speler, digitale TV of andere digitale
apparatuur. Zorg dat u een optische kabel
gebruikt voor deze procedure.
1
Sluit het netsnoer en de USB-kabel
aan op de netspanningsadapter.
USB-kabel
Sluit de optische kabel aan op de
recorder en een extern apparaat.
Raadpleeg "Afzonderlijk verkrijgbare
accessoires" ( pagina 11) voor
meer informatie over de optionele
stereomicrofoon.
CD-speler, MD-speler,
DVD-speler, videospeler, etc.
Naar een digitale
(optische) uitgang
Optische
ministekker
Optische
stekker
Netspanningsadapter
2
Opnemen op een schijf
Optische
kabel
Netsnoer
Sluit het andere eind van de USBkabel aan op de recorder en het
netsnoer op een stopcontact.
Naar een
stopcontact
Recorder
Naar LINE IN (OPT)
Naar de aansluiting
voor USB-kabel
4
Druk op OPEN om het deksel te
openen en plaats een schijf in de
recorder.
5
Bevestig de instellingen van
de bedieningsmodus en het
opnameniveau.
Raadpleeg stappen 3 en 4 van "Opnemen
op een schijf" ( pagina 32).
6
Zet de geluidsbron waarvan u wilt
opnemen op pauze en controleer op
de recorder of het bedieningslampje
uit is.
Vervolg 
37
7
Druk op REC en verschuif deze
knop op de recorder. Speel
vervolgens de geluidsbron af
waarvan u wilt opnemen.
Trackmarkeringen worden automatisch
toegevoegd op dezelfde punten als in de
geluidsbron.
Tijdens analoog opnemen
U kunt opnemen vanaf apparatuur met
analoge uitvoer, zoals een cassetterecorder,
radio of TV.
1 Sluit de LINE IN (OPT)-aansluiting
van de recorder met behulp van een
optionele aansluitkabel (RK-G129, etc.)
aan op een LINE OUT-aansluiting van de
cassetterecorder, TV of een ander extern
apparaat.
Verbind het uiteinde van de aansluitkabel
met de ferrietkern van de recorder.
2 Druk op REC en verschuif deze knop.
3 Begin met het afspelen van de
geluidsbron.

• De recorder is bij aflevering ingesteld om een
nieuwe groep te maken zodra de opname is
voltooid. Als u geen groep wilt maken, stelt u
"Group REC" in op "Off" ( pagina 51).
• Raadpleeg "Afzonderlijk verkrijgbare accessoires"
( pagina 11) voor meer informatie over de
optionele stereomicrofoon.
38
Een schijf afspelen
Een schijf afspelen
1
Druk op OPEN om het deksel te openen (). Plaats een schijf in de richting van
de pijl () en sluit het deksel.
Sluit de oortelefoon vooraf via de afstandsbediening aan op de recorder.
Oortelefoon bij de
afstandsbediening
Naar de /LINE
OUT-aansluiting
 OPEN
2
 met het etiket naar
boven
Druk op de keuzehendel (/ENT) om af te spelen (). Druk op VOL +/– () om
het volume aan te passen.
Het volumeniveau wordt op het display aangegeven.
 VOL +/–
Een schijf afspelen
 Keuzehendel (/ENT)
Op de afstandsbediening
Druk op de keuzehendel (/ENT). Het afspelen begint. U kunt het volume regelen door aan de
toets VOL +/– te draaien.
Bedieningsknop voor
VOL +/–
Keuzehendel (/ENT)
39
Basishandelingen voor het afspelen
Bediening op de recorder (bediening op de afstandsbediening staat
tussen haakjes)
Doel
Afspelen
Stoppen
Zoeken
Afspelen vanaf het
punt waar u de
recorder eerder hebt
gestopt
Druk op de keuzehendel (/ENT). Het afspelen begint vanaf het
punt waar u het laatst met afspelen bent opgehouden. (Druk op de
keuzehendel (/ENT).)
Afspelen vanaf de
eerste track op een
schijf
Houd vanaf stop de keuzehendel (/ENT) ingedrukt totdat het
afspelen begint. (Houd de keuzehendel ingedrukt (/ENT).)
Pauzeren/hervatten
van het afspelen na
een pauze
Druk op . (Druk op de keuzehendel (/ENT).)
Het afspelen stoppen
Druk op  · CANCEL. (Druk op .)
Verplaats de keuzehendel eenmaal naar FR, of verplaats de
keuzehendel herhaaldelijk naar FR, totdat u het begin van de gewenste
track bereikt.
(Verplaats de keuzehendel eenmaal naar , of verplaats de
keuzehendel herhaaldelijk naar .)
Verplaats de keuzehendel eenmaal naar FF. (Verplaats de keuzehendel
eenmaal naar .)
Zoeken naar het
begin van de huidige
track of vorige tracks
Het begin van de
volgende track
vinden
Achteruit of vooruit
gaan
Verplaats de keuzehendel tijdens het afspelen of in de pauzestand naar
FR/FF en houd de keuzehendel ingedrukt. (Verplaats de keuzehendel
naar / en houd de keuzehendel ingedrukt.)
Naar de volgende of
vorige groep gaan
terwijl er een groep
wordt afgespeeld*
(Group skip)
Druk herhaaldelijk op
De schijf verwijderen
+/– op de afstandsbediening.
Druk op  · CANCEL en open het deksel**. (Druk op  en open het
deksel.)
* Springt naar het begin van elke 10e track tijdens het afspelen van de schijf zonder groepsinstellingen.
** Zodra u het deksel opent, wordt het startpunt voor afspelen ingesteld op het begin van de eerste track.
Opmerkingen
• Sluit de USB-kabel niet aan terwijl de recorder werkt. Hierdoor kan de recorder defect raken, of kan ruis
optreden.
• In de volgende gevallen kan het geluid tijdens het afspelen overslaan:
— de recorder wordt blootgesteld aan hevige, herhaalde schokken.
— er wordt een vuile of bekraste schijf afgespeeld.
Bij gebruik van een schijf in de Hi-MD-modus kan het geluid maximaal 12 seconden wegvallen.
40
Items op het display
tijdens het afspelen
Het display op de recorder
Het display op de recorder wijzigen
Druk enkele malen op DISPLAY/MENU.
Elke keer dat u op de toets drukt, wijzigt het
display als volgt.
Tijdens het afspelen
 Groepsnummer, tracknummer en verstreken tijd

Groepsnummer, tracknummer en resterende tijd
van de huidige track
 Batterij-indicator ( pagina 15)

Aantal tracks na de huidige track en resterende
tijd na de huidige positie op de schijf
 Bedieningslampje
Na het uitvoeren van een bewerking
tijdens het afspelen of een pauze: knippert
langzaam (rood)
 Informatiedisplay 1
Niveaumeter (bovenstaande illustratie)

Datum en tijd van de opname*

Spectrumanalyse (standaard)**

Spectrumanalyse (puntvormig)**
Een schijf afspelen
 Informatiedisplay 2
Raadpleeg "Het display op de recorder
wijzigen" ( volgende paragraaf).
*
Datum en tijd van de opname worden
weergegeven als ze zijn opgenomen op de track.
** Toont het niveau van elk van de volgende
frequenties voor zowel het L-kanaal als het
R-kanaal: 100 Hz, 250 Hz, 630 Hz, 1,6 kHz,
4 kHz, 10 kHz.
41
Display op de afstandsbediening
Tracknummer en albumnaam (Hi-MD) /
Schijfnaam (MD)

Aantal tracks op de schijf, afspeelmodus en
1)
verwante informatie
 Schijfindicatie
 Tracknummer/Totaal aantal tracks op een
schijf

Tracknummer, datum en tijd van de opname2)
 Informatiedisplay
Raadpleeg "Het display op de
afstandsbediening wijzigen" ( volgende
paragraaf).

Tracknummer en informatie over audio3)
indeling
 Informatie over afspeelmodus en
herhaalmodus ( pagina's 43, 44)
 Geluidsinstelling ( pagina 45)
 Batterij-indicator
1)
Het display op de afstandsbediening
wijzigen
Druk enkele malen op DISPLAY. Elke keer
dat u op de toets drukt, wijzigt het display
als volgt.
Tijdens het afspelen
 Tracknummer en verstreken tijd

Tracknummer en resterende tijd van de huidige
track

Tracknummer en tracknaam

Tracknummer en naam van artiest (Hi-MD) /
Groepsnaam (MD)

42
2)
3)
De items die worden weergegeven, verschillen per
geselecteerde afspeelmodus. (Voorbeeld: wanneer
de afspeelmodus is ingesteld op "Group", worden
"Group" en "
: Group name" weergegeven.)
Datum en tijd van de opname worden weergegeven
als ze zijn opgenomen op de track.
Informatie over de opnamemodus, codec en
bitsnelheid worden weergegeven voor schijven
die worden gebruikt in Hi-MD-modus. Informatie
over de opnamemodus wordt weergegeven voor
schijven die worden gebruikt in MD-modus.
Opmerkingen
• Soms kunt u bepaalde aanduidingen niet
selecteren of worden de aanduidingen verschillend
weergegeven. Dit is afhankelijk van het al
dan niet gebruiken van de groepsfunctie, de
gebruiksomstandigheden en de schijfinstellingen.
• Wanneer u een VBR (Variable Bit Rate)
MP3-audiotrack afspeelt, kan de weergegeven
bitsnelheid verschillen van de bitsnelheid die
wordt weergegeven in de SonicStage-software.
• Wanneer de Virtual-Surround, 6-Band Equalizer
en Dynamic Normalizer zijn geactiveerd,
worden de instellingen ervan weergegeven in de
spectrumanalyse.
De afspeelmodus
selecteren
3
Deze functie kan alleen op de
afstandsbediening worden ingesteld.
• Als u "Group", "Artist" of "Album"
selecteert
Herhaal de procedure in stap 2 om
de gewenste groep, artiest of het
gewenste album te selecteren, en herhaal
vervolgens opnieuw de procedure in stap
2 om de gewenste track te selecteren.
De geselecteerde track begint te spelen.
Tracks afspelen in
de geselecteerde
afspeelmodus
1
Druk twee seconden of langer op P
MODE/ .
2
Verplaats de keuzehendel naar
/ om de gewenste
afspeelmodus te selecteren, en druk
vervolgens op de keuzehendel.
Wanneer u de keuzehendel verplaatst,
verandert , en wanneer u op de
keuzehendel drukt, wordt  in het
display weergegeven.
Afspeelmodus
Normal/—
Alle tracks na de
geselecteerde track worden
afgespeeld.
Group/
Tracks in een opgegeven
groep worden afgespeeld.
Artist/
Tracks van een opgegeven
artiest worden afgespeeld.
*
Album/
Bookmark/
*
Tracks in een opgegeven
album worden afgespeeld.
• Als u "Bookmark" selecteert
Raadpleeg "Alleen naar geselecteerde
tracks luisteren (Bookmark Play)"
( volgende paragraaf).
Alleen naar geselecteerde
tracks luisteren (Bookmark
Play)
U kunt tracks op een schijf markeren en alleen
die stukken afspelen. De volgorde van de
gemarkeerde tracks kan niet worden gewijzigd.
1
Houd tijdens het afspelen van de
track die u wilt markeren met een
bladwijzer de keuzehendel minstens
twee seconden ingedrukt.
"ON" wordt weergegeven en " "
knippert langzaam in het display.
2
Herhaal stap 1 om de overige tracks
te markeren.
3
Voer stap 1 uit en selecteer
"Bookmark" in stap 2 van "Tracks
afspelen in de geselecteerde
afspeelmodus" ( deze pagina).
4
Verplaats de keuzehendel
naar / om een track te
selecteren, en druk vervolgens op
de keuzehendel om uw keuze in te
bevestigen.
De recorder speelt van de geselecteerde
gemarkeerde track tot de laatste
gemarkeerde track.
Gemarkeerde tracks worden
afgespeeld.
*Wordt alleen weergegeven voor schijven die
worden gebruikt in Hi-MD-modus.
Een schijf afspelen
Display /
• Als u "Normal" selecteert
Herhaal de procedure in stap 2 om de
gewenste track te selecteren.
De geselecteerde track begint te spelen.
43
Markeringen wissen
Tijdens het afspelen van de track die u wilt
wissen, houdt u de keuzehendel minstens
twee seconden ingedrukt.
Tracks herhaaldelijk
afspelen (Repeat Play)
Als u "Repeat Play" selecteert, kunt u op
verschillende manieren luisteren naar tracks
die in de afspeelmodus zijn geselecteerd.
1
Druk herhaaldelijk op P MODE/
om de gewenste herhaalmodus te
selecteren.
Elke keer dat u op de toets drukt,
verandert het display als volgt.
Display
Herhaalmodus
All tracks repeat (Alle
tracks op de schijf
worden herhaaldelijk
afgespeeld.)
1
Single-track repeat (De
geselecteerde track wordt
herhaaldelijk afgespeeld.)
SHUF
Shuffle repeat (Alle
tracks op de schijf
worden herhaaldelijk in
willekeurige volgorde
afgespeeld)
A- (A-B
44
)
A-B Repeat play (tracks
tussen de geselecteerde
punten A en B worden
herhaaldelijk afgespeeld.)
Herhaaldelijk naar een
gedeelte van een track
luisteren
(A-B Repeat)
U kunt herhaaldelijk naar een specifiek
gedeelte in een track luisteren door startpunt
A en eindpunt B te selecteren. Zorg dat A en
B zich binnen dezelfde track bevinden.
1
Druk tijdens het afspelen
herhaaldelijk op P MODE/
totdat "A-" in het display wordt
weergegeven.
"A" (beginpunt) knippert in het display.
2
Druk op de keuzehendel bij het
beginpunt (A).
Punt "A" licht op en punt "B" knippert in
het display.
3
Druk op de keuzehendel bij het
eindpunt (B).
"A-B" en " " worden weergegeven en
het gedeelte tussen punt A en punt B
wordt herhaaldelijk afgespeeld.

U kunt A en B opnieuw instellen door de
keuzehendel te verplaatsen naar  tijdens A-B
Repeat Play.
Repeat Play annuleren
Druk herhaaldelijk op P MODE/ totdat
niet meer in het display wordt weergegeven.
Het geluid instellen
De volgende drie effecten kunnen worden
geselecteerd.
• V-SUR (Virtual-Surround VPT Acoustic
Engine):
Hiermee hebt u de beschikking over
4 soorten virtuele surround-omstandigheden.
• 6-BAND EQUALIZER:
Hiermee hebt u de beschikking over
6 verschillende geluidskwaliteiten.
• DYNAMIC NORMALIZER:
Normaliseert het geluidsniveau automatisch.
Deze functie kan alleen op de
afstandsbediening worden ingesteld.
Het virtuele geluid
wijzigen om verschillende
akoestische effecten te
creëren (Virtual-Surround)
Druk tijdens het afspelen
herhaaldelijk op SOUND, totdat
"SUR" in het display wordt
weergegeven.
2
Druk twee seconden of langer op
SOUND.
3
Verplaats de keuzehendel naar
/ om de surround-modus te
selecteren.
Telkens als u de keuzehendel verplaatst,
veranderen  en  als volgt.


Studio
SUR S
Live
SUR L
Club
SUR C
Arena
SUR A
Druk op de keuzehendel om de
selectie in te voeren.
De instelling annuleren
Druk herhaaldelijk op SOUND totdat
"Normal" in het display wordt weergegeven.
De geluidskwaliteit
selecteren (6-Band Equalizer)
1
Druk tijdens het afspelen
herhaaldelijk op SOUND, totdat
"SND" in het display wordt
weergegeven.
2
Druk twee seconden of langer op
SOUND.
3
Verplaats de keuzehendel naar
/ om de geluidsmodus te
selecteren.
Telkens als u de keuzehendel verplaatst,
veranderen  en  als volgt.
Een schijf afspelen
1
4
Niveau van elke frequentie wordt afwisselend
weergegeven.
(100 Hz, 250 Hz, 630 Hz, 1,6 kHz, 4 kHz, 10 kHz)


Heavy
SND H
Pops
SND P
Jazz
SND J
Unique
SND U
Custom 1
SND 1
Custom 2
SND 2
4
Druk op de keuzehendel om de
selectie in te voeren.
De instelling annuleren
Druk herhaaldelijk op SOUND totdat
"Normal" in het display wordt weergegeven.
45
Geluidskwaliteit aanpassen
U kunt het geluid aanpassen en de resultaten
opslaan in "Custom1" en "Custom2".
1 Voer stappen 1 tot en met 3 van "De
geluidskwaliteit selecteren (6-Band
Equalizer)" ( pagina 45) uit, en
selecteer "Custom1" of "Custom2".
2 Druk op de keuzehendel.
3 Verplaats de keuzehendel herhaaldelijk
naar / om het frequentiebereik te
selecteren.
Het geluidsniveau voor
afspelen automatisch
normaliseren (Dynamic
Normalizer)
Met deze functie normaliseert u automatisch
het geluidsniveau van het opgenomen
materiaal, voor comfortabel luisteren tijdens
het afspelen.
1
Druk tijdens het afspelen
herhaaldelijk op SOUND, totdat
"D-Normal" in het display wordt
weergegeven.
"d" verschijnt bij .
2
Draai de bedieningsknop VOL +/–
om het volume aan te passen.
Frequentiebereik (100 Hz)
Er zijn zes frequentiebereiken.
100 Hz, 250 Hz, 630 Hz, 1,6 kHz, 4 kHz, 10 kHz
4 Draai de bedieningsknop VOL +/–
herhaaldelijk om het geluidsvolume te
selecteren.
Niveau (+10 dB)
U kunt kiezen uit zeven niveaus.
–10 dB, –6 dB, –3 dB, 0 dB, +3 dB, +6 dB, +10 dB
5 Herhaal stappen 3 en 4 om de resterende
frequentiebereiken aan te passen.
6 Druk op de keuzehendel om de selectie in
te voeren.

• Omdat deze functie automatisch het geluidsniveau
in balans brengt, worden problematische
volumeaanpassingen geminimaliseerd, vooral in
het geval van schijven die tracks bevatten met zeer
verschillende geluidsniveaus.
• Met behulp van deze functie kunt u zachte
geluiden horen op plaatsen waar het omringende
geluid hard is, zonder dat u het volume te hoog
hoeft te zetten.
De instelling annuleren
Druk herhaaldelijk op SOUND totdat
"Normal" in het display wordt weergegeven.
46
Bewerken
Een track splitsen
2
(Divide)
Opmerking
U kunt een track niet opsplitsen als:
• de track vanaf een computer is overgebracht;
• de track is opgenomen in Hi-MD-modus met
behulp van de MD Simple Burner-software;
• het opsplitspunt aan het begin of einde van de
track is;
• de splitsing ervoor zou zorgen dat het totaal aantal
tracks op de schijf het maximum overschrijdt
(2.047 tracks voor een schijf in Hi-MD-modus of
254 tracks voor een schijf in MD-modus).
1
Druk tijdens het afspelen of
pauzeren op T MARK op het punt
dat u wilt markeren.
Het opsplitspunt
aanpassen voordat een
track wordt gesplitst
(Divide Rehearsal)
U kunt de positie van de trackmarkering
nauwkeurig afstellen voordat u de
uiteindelijke opsplitsing maakt.
1
Druk tijdens het afspelen of
pauzeren twee seconden of langer
op T MARK.
Vanaf het punt waar op T MARK is
gedrukt, worden vier seconden van de
track herhaald afgespeeld.
Het punt T MARK
wordt ingedrukt
in stap 1.
Bewerken
Tijdens het afspelen kunt u een track
opsplitsen met een trackmarkering, waardoor
u een nieuwe track maakt vanaf het gedeelte
dat volgt op de trackmarkering. Deze functie
kan alleen worden ingesteld op de recorder.
Verplaats de keuzehendel naar
FF/FR om het opsplitspunt aan te
passen.
Door de keuzehendel te verplaatsen,
verplaatst u het opsplitspunt naar voren
of naar achteren. Het opsplitspunt kan
maximaal acht seconden vooruit of
achteruit worden verplaatst vanaf het punt
waar op T MARK is gedrukt in stap 1.
Het opsplitspunt wordt
maximaal 8 seconden vooruit
of terug verschoven.
Het verplaatste interval van vier seconden
wordt meerdere malen afgespeeld.
3
Druk op de keuzehendel om het
opsplitspunt in te voeren.
"MARK ON" wordt in het display
weergegeven en de track is opgesplitst.

U kunt de functie Speed Control ( pagina 53)
gebruiken bij de functie Divide Rehearsal. Hierbij
kunt u de afspeelsnelheid vertragen, zodat u de track
nauwkeuriger kunt splitsen.
Opmerking
Het wordt aanbevolen de recorder te gebruiken
wanneer u lange tracks wilt splitsen die zijn
opgenomen in LinearPCM. Het kan erg lang duren
om dergelijke tracks eerst op een computer over te
zetten en vervolgens daarop te splitsen.
Het punt T MARK wordt ingedrukt.
Vier seconden van de track worden
meerdere malen afgespeeld.
47
Samenvoegen van
tracks (Combine)
U kunt een trackmarkering wissen om zo de
tracks die zich voor en na deze markering
bevinden, samen te voegen.
Deze functie kan alleen worden ingesteld op
de recorder.
Opmerking
U kunt geen tracks combineren als:
• een van de twee tracks of beide tracks zijn
overgebracht van de computer;
• een van de twee tracks of beide tracks zijn
opgenomen in Hi-MD-modus m.b.v. de MD
Simple Burner-software;
• de tracks zijn opgenomen in verschillende
opnamemodi.
48
1
Speel de track af waarin zich de
trackmarkering bevindt die u wilt
wissen. Druk vervolgens op  om te
pauzeren.
2
Zoek de trackmarkering op door de
keuzehendel een stukje naar FR te
verplaatsen.
Zoek als u bijvoorbeeld de derde
trackmarkering wilt wissen het begin op
van de derde track. "00:00" wordt op het
display weergegeven. "MARK" wordt
gedurende enige seconden op het display
weergegeven.
3
Druk op T MARK om de markering
te wissen.
"MARK OFF" wordt in het display
weergegeven. De trackmarkering wordt
gewist en de beide tracks worden
samengevoegd.

Als er een trackmarkering wordt gewist bij het
samenvoegen van twee tracks, worden de titel en de
datum van de tweede track gewijzigd naar die van
de eerste track.
Opmerkingen
• Als u een trackmarkering wist tussen twee
opeenvolgende tracks die zijn toegewezen aan
verschillende groepen, wordt de tweede track aan
de groep van de eerste track toegewezen. En als
u een track die bij een groep hoort, combineert
met een track die niet bij een groep hoort (twee
opeenvolgende tracks), wordt de tweede track met
dezelfde instellingen als de eerste track aan de
desbetreffende groep toegevoegd.
• Het wordt aanbevolen de recorder te gebruiken
wanneer u lange tracks wilt combineren die zijn
opgenomen in LinearPCM. Het kan erg lang duren
om dergelijke tracks eerst op een computer over te
zetten en vervolgens daarop te combineren.
Het menu gebruiken
Het menu gebruiken
DISPLAY/MENU
 · CANCEL
Keuzehendel
(FF, FR, /ENT)
2
3
4
Druk twee seconden of langer op DISPLAY/MENU.
Verplaats de keuzehendel herhaaldelijk in de richting van FF/FR om het item te
selecteren.
Het menu gebruiken
1
Druk op de keuzehendel (/ENT).
Herhaal stappen 2 en 3.
De instelling wordt toegepast.
Op de afstandsbediening
Sommige menu-items voor afspelen en
bewerken kunnen ook worden ingesteld op de
afstandsbediening.
DISPLAY
Terugkeren naar de vorige instelling
Druk op  · CANCEL ( op de
afstandsbediening).
De bewerking annuleren
Druk op twee seconden of langer op  ·
CANCEL ( op de afstandsbediening).
Keuzehendel
(, , /ENT)
1 Druk twee seconden of langer op
DISPLAY.
2 Verplaats de keuzehendel herhaaldelijk in
de richting van / om het item te
selecteren.
3 Druk op de keuzehendel (/ENT).
4 Herhaal stappen 2 en 3.
49
Menu's voor opnemen
Selecteer "REC Settings" in het menu. Menu's die betrekking hebben op opnemen, kunnen alleen
worden ingesteld op de recorder.
Items
REC Mode
Opties (: standaardinstellingen)
Opnametijd is ongeveer 28 minuten op een standaardschijf van
PCM1)
80 minuten, en ongeveer 1 uur en 34 minuten op een 1 GB HiMD-schijf (LinearPCM-opname).
Opnametijd is ongeveer 2 uur en 20 minuten op een
Hi-SP 1)
standaardschijf van 80 minuten, en ongeveer 7 uur en 55
minuten op een 1 GB Hi-MD-schijf.
Opnametijd is ongeveer 10 uur en 10 minuten op een
Hi-LP1)
standaardschijf van 80 minuten, en ongeveer 34 uur op een
1 GB Hi-MD-schijf.
Opnametijd is ongeveer 1 uur en 20 minuten op een
SP 2)
standaardschijf van 80 minuten.
Opnametijd is ongeveer 2 uur en 40 minuten op een
LP22)3)
standaardschijf van 80 minuten.
Opnametijd is ongeveer 5 uur en 20 minuten op een
LP42)3)
standaardschijf van 80 minuten.
REC Level
Auto (AGC) 
Manual
MIC AGC
Standard 
For Music
MIC Sens
Sens High 
Sens Low
Time Mark
Off 
On
50
Time 01 min Time 60 min
De recorder past het opnameniveau automatisch aan.
U kunt het opnameniveau handmatig aanpassen ( pagina 52).
Hiermee kan het opnameniveau voor de microfoon bij o.a. het
opnemen van gesprekken worden aangepast. Het opnameniveau
wordt automatisch aangepast om geluidsvervorming te
onderdrukken en om heldere opnamen te produceren. Kan
worden geselecteerd terwijl "REC Level" is ingesteld op "Auto
(AGC)".
Hiermee kan het opnameniveau voor de microfoon bij o.a.
het opnemen van muziekconcerten of jamsessies worden
aangepast. Het opnameniveau wordt automatisch aangepast
om geluidsvervorming maximaal te onderdrukken en om
natuurlijke volumeovergangen te creëren die dicht bij het
oorspronkelijke geluid liggen. Kan worden geselecteerd terwijl
"REC Level" is ingesteld op "Auto (AGC)".
De gevoeligheid van de microfoon bij opnamegeluiden met een
normaal volume, zoals een gesprek.
De gevoeligheid van de microfoon bij het opnemen van harde
geluiden of van geluiden van dichtbij, zoals een muziekconcert.
Als er trackmarkeringen voorkomen in de geluidsbron, worden
deze automatisch toegevoegd.
Trackmarkeringen worden na gespecificeerde intervallen
toegevoegd. Dit interval kan worden ingesteld in eenheden van
1 minuut tot maximaal 60 minuten.
Items
Group REC
SYNC REC
Opties (: standaardinstellingen)
Off
De recorder maakt geen nieuwe groep bij het begin van het
opnemen.
De recorder maakt een nieuwe groep bij het begin van het
On 
opnemen.
Off 
On
Er wordt een normale opname uitgevoerd.
Er wordt een synchroonopname uitgevoerd (het opnemen
start en stopt synchroon met de geluidsbron tijdens digitaal
opnemen).
Wordt alleen weergegeven voor schijven die worden gebruikt in Hi-MD-modus. Audioapparaten die voorzien
zijn van de logo's
of
, ondersteunen de opnamemodi "PCM", "Hi-SP" en "Hi-LP".
2)
Wordt alleen weergegeven voor schijven die worden gebruikt in MD-modus.
3)
Audioapparaten die voorzien zijn van de logo's
"LP4".
Instelling voor microfoonopname ("MIC
AGC")

Wanneer het geluid dat wordt opgenomen
(bijvoorbeeld muziek) een laag volume heeft en het
omringende geluid een hoog volume heeft (geluid
van publiek, applaus, etc.), kunt u beter de instelling
"Standard" in het menu "MIC AGC" gebruiken.
Opmerking
U kunt de instelling "MIC AGC" niet aanpassen als
de recorder is ingesteld op het handmatig aanpassen
van het opnameniveau (terwijl "REC Level" in het
menu is ingesteld op "Manual") ( pagina 52).
of
, ondersteunen de opnamemodi "LP2" en
Instelling voor het toevoegen van
trackmarkeringen ("Time Mark")
Het menu gebruiken
1)
De tijdmarkering gebruiken om
trackmarkering toe te voegen tijdens
de opname
• Als de verstreken opnametijd langer is dan
het tijdsinterval voor de tijdmarkering:
De recorder voegt een trackmarkering
toe op het moment dat u het tijdsinterval
instelt. Vanaf dat punt voegt de recorder een
trackmarkering toe op elk moment dat het
tijdsinterval verstrijkt.
Voorbeeld: Acht minuten opnametijd zijn voltooid
wanneer het tijdsinterval voor de tijdmarkering op
5 minuten wordt ingesteld.
Er wordt een trackmarkering toegevoegd na het
punt voor 8 minuten (na het begin van de opname)
en na elk volgend interval van 5 minuten.
• Wanneer het tijdsinterval voor de
tijdmarkering de verstreken opnametijd
overschrijdt:
De recorder voegt trackmarkeringen toe
wanneer het ingesteld tijdsinterval voor de
tijdmarkering is verstreken.
Voorbeeld: Drie minuten opnametijd zijn voltooid
wanneer het tijdsinterval voor de tijdmarkering op
5 minuten wordt ingesteld.
Er wordt een trackmarkering toegevoegd na het
punt voor 5 minuten (na het begin van de opname)
en na elk volgend interval van 5 minuten.
51

Er wordt een "T" vóór de tijdweergave voor
trackmarkeringen weergegeven die worden
toegevoegd met behulp van de "Time Mark"instelling.
Het opnameniveau
handmatig instellen
Zo nodig kunt u zowel tijdens analoge
als digitale opnamen het opnameniveau
handmatig instellen.
Opmerkingen
• "Time Mark" kan alleen worden ingesteld wanneer
wordt opgenomen via de analoge ingang of via een
microfoon.
• Als u tijdens het opnemen een trackmarkering
toevoegt door te drukken op T MARK of 
(pauze), etc., voegt de recorder vanaf dat punt
automatisch trackmarkeringen toe na regelmatige
tijdsintervallen, zoals ingesteld met behulp van
"Time Mark".
• "Time Mark" wordt geannuleerd als u een digitale
optische kabel aansluit op de recorder.
1
Stop of pauzeer de opname op de
recorder en selecteer in het menu
( pagina 49) "REC Settings"
– "REC Level" – "Manual".
2
Druk op REC en verschuif deze
knop, terwijl u drukt op .
Het bedieningslampje knippert rood en de
recorder is nu gereed om op te nemen.
Instelling voor synchroonopname ("SYNC
REC")
3
Speel de bron af.
4
Terwijl u de niveaumeter op het
display in de gaten houdt, regelt
u het opnameniveau door de
keuzehendel te verplaatsen in de
richting van FF/FR.
Stel het niveau zo in dat de niveaumeter
oplicht rond "–12 dB". Als het
geluidsniveau zodanig hoog is dat het
segment "OVER" (" ") oplicht, verlaagt
u het opnameniveau.
5
Druk normaals op  om de opname
te starten.
Neemt u op van extern aangesloten
apparatuur, speel dan voordat u begint met
opnemen de bron af tot het begin van het
op te nemen geluidsmateriaal.

Wanneer er tijdens de synchroonopname meer dan
drie seconden geen geluid wordt ontvangen van de
aangesloten speler, schakelt de recorder automatisch
over op de wachtstand. Zodra de speler weer geluid
produceert, hervat de recorder de synchroonopname.
Als de recorder 5 minuten of langer in de wachtstand
staat, stopt de recorder automatisch.
Opmerkingen
• Tijdens synchroonopname is het niet mogelijk om
de pauzefunctie handmatig in of uit te schakelen.
• Wijzig de instelling "SYNC REC" niet tijdens het
opnemen. De opname kan dan mislukken.
• Zelfs wanneer de geluidsbron geen geluid
meer produceert, kan het zijn dat er tijdens
de synchroonopname niet automatisch wordt
gepauzeerd als gevolg van ruis die door de
geluidsbron wordt uitgezonden.
• Als tijdens een synchroonopname een stil gedeelte
van ongeveer 2 seconden wordt gedetecteerd,
afkomstig van een geluidsbron anders dan
een CD of een MD, wordt er automatisch een
trackmarkering toegevoegd op het punt waar het
stille gedeelte eindigt.
52

• U kunt het opnameniveau tijdens het opnemen
instellen door de keuzehendel te verplaatsen.
• Zelfs nadat het opnemen is beëindigd, blijft het
opnameniveau hetzelfde, totdat het opnieuw wordt
aangepast.
Opmerkingen
Het menu gebruiken
• U kunt de niveaus voor het linker- en
rechterkanaal niet afzonderlijk regelen.
• Als u het opnameniveau handmatig wilt aanpassen
tijdens synchroonopname, voer dan stappen 1 tot
4 van de procedure in dit gedeelte uit. Zorg ervoor
dat "SYNC REC" hierbij is ingesteld op "Off".
Stel daarna "SYNC REC" in op "On" en begin
met opnemen ( pagina 51).
Menu voor afspelen
Het menu voor afspelen kan alleen worden ingesteld met de afstandsbediening.
Items
SpeedCtrl
Opties
+100% - –50%,
Wijzigt de afspeelsnelheid. De normale afspeelsnelheid kan
worden ingesteld in 15 stappen.
Terugkeren naar normale snelheid
Stel de afspeelsnelheid in op 0%.

Als u een andere afspeelsnelheid dan 0% instelt,
wordt "SC" links van de tijdweergave in het display
van de afstandsbediening weergegeven.
Opmerkingen
• Als u Speed Control selecteert, is het mogelijk dat
u ruis of een echo hoort bij het afspelen.
• De functies Virtual Surround, 6-Band Equalizer en
Dynamic Normalizer zijn uitgeschakeld wanneer
Speed Control is geselecteerd.
53
Menu's voor bewerken
Menu's die betrekking hebben op bewerken, kunnen hetzij op de recorder, hetzij op de
afstandsbediening worden gebruikt.
Voordat u begint met bewerken
Beweeg of verschuif de recorder niet en schakel de stroomvoorziening niet uit terwijl u aan
het bewerken bent of zolang "SystemFILE WRITING" wordt weergegeven. Als u dit wel doet,
kunnen de gegevens die tot dan toe zijn bewerkt, verloren gaan, of kunnen gegevens op de schijf
beschadigd raken.
Menu's op de recorder
Selecteer "Edit" in het menu.
Items
Move
Opties
Track Move
Wijzigt de trackvolgorde op de schijf ( pagina 56).
Group Move
Erase
Format*
Wijzigt de groepsvolgorde op de schijf ( pagina 56).
Wist een track. Kan worden gebruikt als de track die u wilt
wissen, wordt afgespeeld.
Group Erase
Wist een groep en alle tracks in een groep. Kan worden gebruikt
als een track in de groep die u wilt wissen, wordt afgespeeld.
All Tr Erase
Wist de hele schijf. Kan worden gebruikt zodra de recorder is
gestopt.
Hiermee formatteert u een schijf zodat deze in dezelfde staat verkeert als bij
aanschaf.
Track Erase
* Wordt alleen weergegeven voor schijven die worden gebruikt in Hi-MD-modus.
Menu's op de afstandsbediening
Items
Title
( pagina 57)
Opties
Track
Group
Artist*
Album*
Disc
Voegt een tracknaam toe.
Voegt een groepsnaam toe.
Voegt een artiestennaam toe aan een track.
Voegt een albumnaam toe aan een track.
Voegt een schijfnaam toe.
* Wordt alleen weergegeven voor schijven die worden gebruikt in Hi-MD-modus
54
De functie Format ("Format")
Als u een track of groep verwijdert
Denk eraan dat wanneer een opgenomen item
is gewist, het niet kan worden teruggehaald.
Zorg dat u de inhoud van het geselecteerde
item bevestigt voordat u het wist.
Als u een schijf formatteert
Als een schijf wordt geformatteerd, heeft dit
op de volgende manier invloed op het aantal
overdrachtverificaties voor de overgedragen
tracks.
• Voor 1 GB Hi-MD-schijven wordt het aantal
overdrachtverificaties voor de overgedragen
tracks hersteld wanneer de schijf wordt
geplaatst en de recorder wordt aangesloten
op de computer.
• Voor standaardschijven van
60/74/80 minuten wordt het aantal
overdrachtverificaties voor overgedragen
tracks met één verminderd. Als u deze
reductie wilt voorkomen, herstelt u de
overdrachtsverificatie door de tracks weer
naar de computer over te brengen voordat u
de schijf formatteert.
Als u tracks verwijdert die van de
computer zijn overgebracht
Als u tracks probeert te verwijderen die
zijn overgedragen vanaf de computer,
worden "TRACK FROM PC" en "ERASE
OK?" in het display weergegeven. Als
u tracks hebt verwijderd die van de
computer zijn overgebracht, verloopt de
overdrachtsverificatie van de tracks als volgt.
• Als de tracks werden overgebracht in HiMD-modus, wordt de overdrachtsverificatie
van de tracks automatisch hersteld zodra
u de schijf in de recorder plaatst en
vervolgens de recorder op de computer
aansluit.
• Als de tracks werden overgebracht in
MD-modus, is de overdrachtsverificatie
van de tracks gewist. Als u de
overdrachtsverificatie wilt behouden, dient
u de verificatie te herstellen door de tracks
weer naar de computer over te brengen
alvorens ze te wissen.
Het menu gebruiken
De functie Erase ("Erase")
Opmerking
Tijdens het formatteren van een schijf worden
alle gegevens (inclusief gegevens die geen
audiogegevens zijn) gewist. Denkt u dat een schijf
dergelijke gegevens bevat, plaats dan de schijf in de
recorder en sluit de recorder op een computer aan
om de inhoud ervan te controleren.
Een deel van een track wissen
Voeg trackmarkeringen toe aan het begin
en aan het einde van het gedeelte dat u wilt
wissen. Wis vervolgens het betreffende deel
( pagina 47).
Opmerkingen
• U kunt de functie "Erase" niet gebruiken voor
het verwijderen van andere gegevens dan
audiogegevens (zoals tekst- of beeldgegevens) op
een schijf die wordt gebruikt in Hi-MD-modus.
• Als alle tracks in een groep worden verwijderd
met behulp van de functie "Track Erase", wordt
die groep automatisch verwijdert van de schijf.
55
Een track op een schijf
verplaatsen
3
U kunt een track van de ene groep naar
de andere verplaatsen of uit een groep
verplaatsen. Wanneer u tracks verplaatst,
worden de tracknummers automatisch
opnieuw genummerd. Deze functie kan alleen
worden ingesteld op de recorder.
1
Als de recorder is gestopt of
als u de track afspeelt die u wilt
verplaatsen, opent u het menu
( pagina 49) en selecteert u
"Edit" – "Move" – "Track Move".
Als de geselecteerde track zich in de
groep bevindt, wordt het nummer van
de groep waartoe de op dat moment
geselecteerde track behoort, weergegeven
in het display.
Verplaats de keuzehendel naar FF/
FR om het gewenste tracknummer
te selecteren, en druk vervolgens op
de keuzehendel om de selectie in te
voeren.
Selecteer het gewenste tracknummer.
(Voorbeeld: wanneer u de geselecteerde track
verplaatst naar tracknummer 10 in de groep 02)
Opmerking
Als alle tracks uit de groep zijn verplaatst, verdwijnt
de groep automatisch van de schijf.
De volgorde van een groep
op een schijf wijzigen
Deze functie kan alleen worden ingesteld op
de recorder.
Als de geselecteerde track zich niet in
de groep bevindt, wordt het huidige
geselecteerde tracknummer weergegeven
in het display.
2
Als de recorder is gestopt of een
track afspeelt binnen een groep
waarvan u de volgorde wilt
wijzigen, open dan het menu
( pagina 49) en selecteer
"Edit" – "Move" – "Group Move".
Het groepsnummer waartoe de huidige
geselecteerde track behoort, wordt
weergegeven in het display.
2
Verplaats de keuzehendel naar FF/
FR om het gewenste groepsnummer
te selecteren, en druk vervolgens op
de keuzehendel om de selectie in te
voeren.
• Als u een track in een groep uit
de groep verplaatst, of als er geen
groep op een schijf bestaat, gaat u
als volgt te werk:
Sla deze stap over.
• Als u een track verplaatst binnen
dezelfde groep
Druk op de keuzehendel, terwijl het
groepsnummer waartoe de huidige
geselecteerde track behoort, wordt
weergegeven.
• Als u een track naar een andere
groep verplaatst
Verplaats de keuzehendel naar FF/FR
om het gewenste groepsnummer te
selecteren, en druk vervolgens op de
keuzehendel.
Selecteer het gewenste groepsnummer.
56
1
Selecteer het gewenste groepsnummer.
(Voorbeeld: wanneer u "Group01" verplaatst naar
de tweede groep (Group 02))
Titels toevoegen
(titelinvoer)
Beschikbare tekens
Hoofdletters en kleine letters van het alfabet
voor het Engels en Europese talen*
De cijfers 0 t/m 9
Symbolen**
*
Europese alfabetten worden alleen weergegeven
voor schijven die worden gebruikt in Hi-MDmodus.
** De beschikbare symbolen verschillen voor de
Hi-MD-modus en de MD-modus.
Maximumaantal tekens per naam
Tracknamen, groepsnamen, namen van
artiesten, namen van albums en schijfnaam:
ca. 200 elk (bevat een mix van alle
beschikbare tekens)
* Het aantal titels dat kan worden opgeslagen op
een schijf hangt af van het aantal tekens dat u
invoert voor namen van tracks, groepen, albums en
schijven.
Opmerking
Als u in schijfnamen gebruikmaakt van het symbool
"//", zoals in "abc//def", kan het zijn dat u de
groepsfunctie niet kunt gebruiken (alleen in MDmodus).
1
Open het menu ( pagina 49),
selecteer "Title" en selecteer
vervolgens een van de volgende
mogelijkheden:
Titel
Tracknaam
Display
Track
Groepsnaam
Group
Naam van artiest
(op een track)*
Artist
Naam van album
(op een track)*
Album
Schijfnaam
Disc
Het menu gebruiken
U kunt titels toevoegen terwijl de recorder
tracks afspeelt of is gestopt.
• Een tracknaam, artiestennaam of
albumnaam toevoegen aan een track:
Voeg de titel toe terwijl u de track afspeelt
die u wilt benoemen, of terwijl de recorder
is gestopt.
• Een groepsnaam toevoegen:
Voeg de titel toe terwijl u een track afspeelt
in de groep die u wilt benoemen, of terwijl
de recorder is gestopt.
Deze functie kan alleen op de
afstandsbediening worden toegepast.
Maximumaantal tekens dat per schijf kan
worden ingevoerd*
In Hi-MD-modus:
een maximum van ongeveer 55.000 tekens
In MD-modus:
een maximum van ongeveer 1.700 tekens
* Wordt alleen weergegeven voor schijven die
worden gebruikt in Hi-MD-modus.
Vervolg 
57
2
Draai de bedieningsknop VOL +/–
om een letter te selecteren en druk
op de keuzeknop om uw keuze in te
voeren.
De geselecteerde letter verschijnt en de cursor
wordt verplaatst naar de volgende invoerpositie.
3
Herhaal stap 2 en voer vervolgens
alle tekens van de naam in.
4
Houd de keuzehendel twee
seconden of langer ingedrukt om de
titel in te voeren.
Opmerkingen
Hieronder volgt een overzicht van de
toetsen en bedieningsknoppen die bij
het invoeren van letters kunnen worden
gebruikt en de bijbehorende functies.
Functies
De cursor naar
links of rechts
verplaatsen.
Bediening
Verplaats de
keuzehendel naar
/.
• De recorder is in staat om Japanse "Katakana"tekens weer te geven, maar u kunt deze niet
gebruiken bij het benoemen.
• De recorder kan geen tracknaam, groepsnaam,
naam van een artiest, albumnaam of schijfnaam
van meer dan 200 letters hernoemen die werd
gemaakt door een ander apparaat (in MD-modus).
Een teken invoeren. Druk op de
keuzehendel (/
ENT).
Wisselen tussen
Druk op P MODE/
hoofdletters,
.
kleine letters en
cijfers/markeringen
(Aa0).
Wisselen tussen
hoofdletters en
kleine letters.
(Aa)
Druk op SOUND.
Een spatie invoeren. Druk op
Een teken wissen.
Druk op
+.
–.
Optiemenu's
Selecteer "Option" in het menu. Optiemenu's kunnen zowel worden gebruikt op de recorder als op
de afstandsbediening.
Items
Opties (op afstandsbediening weergegeven item staat tussen haakjes vermeld)
(: standaardinstellingen)
AVLS1)
Off
(AVLS Off) 
Het volume wordt aangepast zonder het volumeniveau te beperken.
On
(AVLS On)
Het volume wordt beperkt om geluidslekken of geluidsdruk op de
oren te minimaliseren. Als het volume te hoog staat, wordt "AVLS
NO VOL OPERATION" weergegeven en wordt het geluid op een
gematigd volume gehouden.
Off (Beep Off)
De pieptoon is uitgeschakeld.
Beep
58
On (Beep On)  De pieptoon klinkt wanneer u de recorder bedient.
Opties (op afstandsbediening weergegeven item staat tussen haakjes vermeld)
(: standaardinstellingen)
EL Light2)
Auto Off
Wanneer de recorder 10 seconden lang niet is bedient, wordt het
display donker. Als er gedurende nog eens 5 minuten geen bediening
plaatsvindt, wordt het display automatisch uitgeschakeld om de
batterijen te sparen (alleen de indicatie voor het batterijniveau blijft
verlicht).
On 
Het venster blijft verlicht zolang de recorder werkt.
Auto 
De achtergrondverlichting op de afstandsbediening wordt
ingeschakeld wanneer de recorder of de afstandsbediening wordt
gebruikt. Als gedurende een paar seconden geen bediening
plaatsvindt, wordt de achtergrondverlichting automatisch weer
uitgeschakeld.
On
De achtergrondverlichting blijft aan terwijl de recorder werkt.
Off
De achtergrondverlichting blijft uit.
Off
(Quick Off)
Als u de recorder enige tijd niet bedient, wordt de recorder
automatisch uitgeschakeld om te voorkomen dat de batterij leeg
raakt.
On
(Quick On) 
De recorder wordt niet automatisch uitgeschakeld. Het afspelen
begint snel nadat op de toets voor afspelen is gedrukt.
Hi-MD 
Wanneer u een standaardschijf van 60/74/80 minuten plaatst die
geen audiogegevens of gegevens zoals afbeeldingen bevat, wordt de
schijfmodus ingesteld op de Hi-MD-modus.
MD
Wanneer u een standaardschijf van 60/74/80 minuten plaatst die
geen audiogegevens of gegevens zoals afbeeldingen bevat, wordt
de schijfmodus ingesteld op de MD-modus. Als u de schijf die is
opgenomen op deze recorder wilt gebruiken op een ander apparaat
dat Hi-MD niet ondersteunt, neem dan de schijf op met "Disc Mode"
ingesteld op "MD."
Selecteer deze optie wanneer u de meegeleverde afstandsbediening
aansluit op de /LINE OUT-aansluiting op de recorder of wanneer
u de koptelefoon of oortelefoon direct aansluit op de /LINE OUTaansluiting.
Backlight3)
Quick Mode
Disc Mode
Audio Out2)
Headphone 
Line Out
Selecteer deze optie wanneer u een optionele audioverbindingskabel
gebruikt om de /LINE OUT-aansluiting op de recorder aan te
sluiten op een extern apparaat voor geluidsuitvoer.
Clock Set2)
Hiermee stelt u de datum en tijd in ( pagina 61).
FW Version2)
Geeft de versie van de firmware in de recorder weer.
1)
2)
3)
Het menu gebruiken
Items
AVLS staat voor "Automatic Volume Limiter System".
Kan alleen met de recorder worden ingesteld.
Kan alleen met de afstandsbediening worden ingesteld.
59
Instelling voor het display van de recorder
("EL Light")
Opmerkingen
• Zelfs wanneer "EL Light" wordt ingesteld op
"Auto Off", wordt het display niet uitgeschakeld
wanneer:
— de recorder wordt gebruikt met de
netspanningsadapter;
— de oplaadbare batterij wordt opgeladen;
— de recorder is aangesloten op de computer;
— een menuopdracht wordt geselecteerd;
— de recorder snel vooruit- of terugspoelt of AMS
gebruikt;.
— de functie Divide Rehearsal wordt uitgevoerd;
— berichten worden weergegeven.
• Als de batterij zwakker wordt tijdens het
opnemen (batterij-indicator wordt weergegeven als
), wordt het display donker om de batterijen te
sparen, ongeacht de instelling "EL Light".
• Het bedieningslampje wordt zelfs niet
uitgeschakeld wanneer "EL Light" is ingesteld op
"Auto Off".
Instelling voor snelle modus ("Quick
Mode")
Opmerking
Wanneer "Quick Mode" is ingesteld op "On"
("Quick On" op de afstandsbediening), verbruikt
de recorder nog steeds stroom, zelfs wanneer de
recorder niet wordt gebruikt. De stroom wordt
automatisch uitgeschakeld als de batterijen
leegraken.
Instelling voor schijfmodus ("Disc Mode")
Opmerkingen
• Zelfs als u "MD" selecteert als de instelling "Disc
Mode", kan de bedieningsmodus alleen "Hi-MD"
zijn wanneer gebruik wordt gemaakt van een 1 GB
Hi-MD-schijf.
• De bedieningsmodus die in het menu "Disc
Mode" is ingesteld, wordt toegepast op een lege
standaardschijf van 60/74/80 minuten die op de
recorder wordt gebruikt. Dit is ook het geval als
er een andere bedieningsmodus is geselecteerd
in de SonicStage-software of als er een andere
bedieningsmodus werd weergegeven op het
display na het formatteren van de schijf door de
SonicStage-software.
60
Instelling voor de /LINE OUT-aansluiting
("Audio Out")
Opmerkingen
• Als "Audio Out" is ingesteld op "Line Out", zullen
Virtual Surround, 6-Band Equalizer of Dynamic
Normalizer niet werken.
• "Audio Out" kan niet worden ingesteld op "Line
Out" wanneer de afstandsbediening is aangesloten.
• Wanneer u de koptelefoon/oortelefoon rechtstreeks
aansluit op de recorder, stelt u "Audio Out" in op
"Headphone".
• Als "Audio Out" is ingesteld op "Line Out", sluit
u de koptelefoon/oortelefoon niet aan. Het geluid
van de koptelefoon/oortelefoon zal erg hard zijn.
• Als de recorder is aangesloten op een apparaat
zoals een actieve luidspreker en "Audio Out" is
ingesteld op "Headphone", stelt u "Beep" in op
"Off" ("Beep Off" op de afstandsbediening).
Klok instellen
Zodra de klok is ingesteld, legt de recorder
automatisch de opnametijd en opnamedatum
vast voor elke opgenomen track. Deze functie
kan alleen worden ingesteld op de recorder.
Wanneer de recorder is gestopt,
opent u het menu ( pagina 49) en
selecteert u "Option" – "Clock Set".
2
Wijzig het huidige jaar door te
drukken op VOL +/–, en druk
vervolgens op de keuzehendel.
Het cijfer van de maand gaat knipperen.
3
Herhaal stap 2 om de maand, de dag,
het uur en de minuten in te voeren.
Zodra u op de keuzehendel drukt om de
minuten in te voeren, begint de klok te lopen.
Het menu gebruiken
1
Opmerkingen
• Zorg dat de tijd juist is ingesteld als u wilt dat de
tijdmarkering bij belangrijke opnamen correct
wordt opgenomen.
• Onder normale omstandigheden kan de klok
ongeveer 3 minuten per maand afwijken.
• Overgebrachte tracks bevatten geen opgenomen
datuminformatie, zelfs als de klok is ingesteld.
• Wanneer de computer overgaat naar de slaapstand
terwijl de recorder is aangesloten, stopt de levering
van (bus)stroom naar de recorder. Daardoor zal de
klokinstelling van de recorder verloren gaan, als
de oplaadbare batterij leeg is of niet in de recorder
is geplaatst.
De huidige tijd weergeven
Zodra de recorder is gestopt of bezig is
met opnemen, drukt u meerdere malen
op DISPLAY/MENU (DISPLAY op de
afstandsbediening).
De 24-uurs- of 12-uursklok selecteren
Druk op DISPLAY/MENU terwijl u de klok
instelt.
De juiste tijd bewaren
Als u de klok eenmaal hebt ingesteld, blijft
de juiste tijd bewaard zolang de recorder
is aangesloten op een stroombron, zoals de
oplaadbare batterij of het netvoeding. Als er
echter geen stroombron is aangesloten, of als
de oplaadbare batterij leeg raakt, wordt de
klokinstelling na drie minuten teruggezet naar
de fabrieksinstelling.

• Terwijl u de klok instelt, kunt u het item selecteren
dat u wilt instellen (jaar, maand, datum, etc.) door
de keuzehendel naar FF/FR te verplaatsen.
• Als u de recorder aansluit op een computer
en SonicStage activeert, wordt de klok op de
recorder automatisch afgestemd op de klok van
de computer (alleen wanneer de bedieningsmodus
van de recorder "Hi-MD-modus" is).
61
Problemen oplossen
Problemen oplossen
Als zich een probleem voordoet tijdens het werken met de recorder, volgt u de hieronder
beschreven stappen voordat u een Sony-dealer raadpleegt. Noteer eventuele foutberichten.
1 Controleer of het probleem wordt vermeld in dit hoofdstuk "Problemen oplossen".
Zoek ook onder "Berichten" ( pagina 71) naar het probleem.
2 Als u het probleem niet kunt verhelpen nadat u stap 1 hebt uitgevoerd, neem dan contact op
met een Sony-dealer bij u in de buurt.
Tijdens het opladen
62
Probleem
De oplaadbare batterij begint
niet met opladen. De oplaadbare
batterij kan niet volledig worden
opgeladen.
Oorzaak en/of oplossing
De oplaadbare batterij is leeg
geraakt, ook al is de recorder een
tijdje niet gebruikt.
 "Quick Mode" was ingesteld op "On" ("Quick On" op de
afstandsbediening) ( pagina 59). Als u de "Quick Mode"
instelt op "On" ("Quick On" op de afstandsbediening), wordt de
recorder nog steeds van stroom voorzien, ook al gebruikt u deze
niet. De oplaadbare batterij zal daardoor sneller leeg zijn. Als de
oplaadbare batterij niet volledig is opgeladen, kan deze na een
tijdje leegraken. Als dit gebeurt, laadt u de oplaadbare batterij
opnieuw op.
Ook als de batterij volledig is
opgeladen, gaat de batterij
nog maar half zo lang mee als
normaal. De resterende oplaadtijd
bedraagt ongeveer de helft van de
gebruikelijke tijd.
 De capaciteit van de oplaadbare batterij is afgenomen, omdat de
batterij het einde van zijn levensduur heeft bereikt. Vervang de
oplaadbare batterij door een nieuwe (optioneel).
De recorder wordt heet tijdens het
opladen.
 Dit brengt geen gevaar met zich mee.
 De oplaadbare batterij is onjuist geplaatst of de
netspanningsadapter, het netsnoer of de USB-kabel is onjuist
aangesloten. Plaats de oplaadbare batterij op de juiste wijze of
sluit de netspanningsadapter, het netsnoer of de USB-kabel op de
juiste wijze aan.
 Er is geen oplaadbare batterij geplaatst. Plaats de oplaadbare
batterij ( pagina 14).
 De oplaadbare batterij is leeg. Laad de oplaadbare batterij op.
Nadat u de USB-kabel hebt aangesloten op de recorder, duurt
het één minuut voordat de indicator wordt weergegeven en het
opladen begint. Als het opladen ook na een minuut niet begint,
sluit u de USB-kabel opnieuw aan op de recorder.
 De omgevingtemperatuur is te hoog of te laag ("CHARGE +5°C
– +35°C/41F–95F" wordt op het display weergegeven). Laad de
batterij op bij een temperatuur van +5 °C tot +35 °C.
 Het opladen van de batterij duurt langer als u de recorder bedient
terwijl de batterij via de netspanningsadapter wordt opgeladen,
of als u op de computer werkt terwijl de batterij via USB-stroom
wordt opgeladen. Gebruik de recorder niet als u de batterij sneller
wilt opladen.
 U drukte op de keuzehendel of op een van de toetsen op de
recorder op het moment dat u de USB-kabel aansloot.
Terwijl de recorder op de computer is aangesloten
Probleem
De computer herkent de recorder
niet.
 De USB-kabel is niet goed aangesloten. Sluit de USB-kabel goed
aan op de recorder en de computer ( pagina 21). Als de recorder
nog altijd niet wordt herkend, koppel dan de USB-kabel los,
start de computer opnieuw op en sluit vervolgens de USB-kabel
opnieuw aan.
 Er wordt een USB-hub gebruikt. Sluit de USB-kabel direct aan op
de USB-poort van de computer.
 De netwerkcommunicatie kan niet plaatsvinden. Koppel de
USB-kabel los, wacht minstens twee seconden en sluit de kabel
opnieuw aan. Als de recorder nog altijd niet wordt herkend,
koppelt u de USB-kabel los, start u de computer opnieuw op en
sluit u vervolgens de USB-kabel opnieuw aan.
 Als u met Windows 2000 Professional werkt en een USB-kabel
loskoppelt nadat u de computer inschakelt of opnieuw start, is
het mogelijk dat de computer de recorder niet herkent wanneer
u de USB-kabel opnieuw aansluit. Ontkoppel in dit geval de
USB-kabel, start de computer opnieuw op en sluit vervolgens de
USB-kabel opnieuw aan. Probeer ook uw besturingssysteem bij te
werken.
 Er is geen schijf in de recorder geplaatst. Controleer of er een
schijf is geplaatst in de recorder.
 De installatie van de software is mislukt. Koppel de recorder los
en installeer de software opnieuw ( pagina 20).
 De geplaatste schijf wordt opgenomen in MD-modus. Plaats een
schijf die is opgenomen in Hi-MD-modus.
 Er is een lege standaardschijf van 60/74/80 minuten geplaatst,
terwijl "Disc Mode" in het menu is ingesteld op "MD". Stel "Disc
Mode" in op "Hi-MD" ( pagina 59).
Hoewel de USB-kabel is gebruikt
om de recorder aan te sluiten,
geeft het display op de recorder
niet aan dat de recorder is
aangesloten.
 Het duurt even voordat SonicStage wordt herkend. Een ogenblik
geduld.
 Het andere softwareprogramma wordt uitgevoerd. Sluit de USBkabel na enige tijd opnieuw aan. Als de computer de recorder
nog steeds niet herkent, koppel dan de USB-kabel los, start de
computer opnieuw op en sluit de USB-kabel opnieuw aan.
"RECONNECT USB" wordt in het
display weergegeven.
 U bediende de recorder of de computer, voordat de recorder werd
herkend door de computer. Sluit de USB-kabel opnieuw aan
( pagina 21).
Opladen via USB-stroom is niet
mogelijk.
 Het deksel van het batterijcompartiment is niet goed gesloten.
Plaats de oplaadbare batterij opnieuw en zorg dat het deksel van
het batterijcompartiment volledig is gesloten.
 De temperatuur van de omgeving waarin de batterij wordt
opgeladen, is te hoog of te laag. Laad de oplaadbare batterij op
binnen een temperatuurbereik van +5 °C tot +35 °C.
Vervolg 
Storingen verhelpen
De recorder wordt niet herkend als
een extern apparaat in Windows
Explorer.
Oorzaak en/of oplossing
63
64
Probleem
De oplaadbare batterij kan niet
voldoende worden opgeladen via
de USB-stroom.
Oorzaak en/of oplossing
De installatie is mislukt.
 U gebruikt een besturingssysteem dat deze software niet
ondersteunt ( pagina 19).
 Er zijn nog programmavensters geopend. Als u begint met
installeren terwijl andere programma's actief zijn, kunnen
fouten optreden. Dit geldt met name voor programma's die veel
systeembronnen verbruiken, zoals virusscanners.
 Er is onvoldoende ruimte op uw vaste schijf. U hebt 200 MB of
meer vrije ruimte op uw vaste schijf nodig.
De installatie lijkt te zijn
afgebroken voordat deze is
voltooid.
 Kijk of er een foutbericht onder het installatievenster wordt
weergegeven. Druk op de [Alt]-toets of de [Tab]-toets om elk
bericht dat is verschenen weer te geven en volg de instructies op
het scherm. De installatie wordt hervat. Als er geen foutbericht
staat, is de installatie nog steeds bezig. Wacht nog wat langer.
De voortgangsindicatiebalk
verandert niet of het
toegangslampje heeft al een paar
minuten niet gebrand tijdens de
installatie.
 De voortgang van de installatie is normaal. Een ogenblik geduld.
De installatie kan een half uur of langer duren, afhankelijk van uw
CD-ROM-station of uw systeemomgeving.
U kunt geen audiogegevens
opnemen wanneer u op de
REC-schakelaar drukt en deze
verschuift, terwijl u gebruikmaakt
van de MD Simple Burnersoftware.
 De recorder is niet goed aangesloten op de computer. Sluit de
recorder met de USB-kabel op de juiste wijze aan op de computer.
 Er is geen audio-CD in het CD-ROM-station van de computer
geplaatst. Plaats een audio-CD.
 De capaciteit van de schijf is onvoldoende. Plaats een andere
schijf.
De recorder werkt niet normaal
alhoewel de computer hem wel
herkent.
 Er wordt een USB-hub gebruikt. Sluit de USB-kabel direct aan op
de USB-poort van de computer.
 U gebruikt de recorder op een plaats waar trillingen voorkomen.
Zet de recorder op een plaats waar geen trillingen plaatsvinden.
De recorder mag niet worden
gebruikt als opslagapparaat.
 De SonicStage- of MD Simple Burner-software is actief. Sluit de
SonicStage- of MD Simple Burner-software.
De afspeeltijd voor een
overgebrachte track wijkt af van
de tijd die op de computermonitor
wordt aangegeven
 Dit komt door een verschil in berekening tussen de recorder en de
computer.
 Als u de recorder bedient terwijl deze is aangesloten op een
computer, duurt het enige tijd voordat de oplaadbare batterij
voldoende is opgeladen via USB-stroom. Gebruik de recorder
niet als u de batterij sneller wilt opladen.
Probleem
U kunt geen audiogegevens van
uw computer overbrengen die de
resterende opnametijd op de schijf
opvullen.
Oorzaak en/of oplossing
Op de computer wordt een ander
schijfformaat aangegeven dan op
de schijf.
 Het verschil wordt veroorzaakt door het feit dat het schijfformaat
op de computer volgens het binaire stelsel wordt aangegeven en
op de schijf ( pagina 30) en andere opnamemedia volgens het
decimale stelsel.
U kunt de recorder niet bedienen.
 U kunt de recorder niet bedienen, terwijl deze is aangesloten op de
computer.
Het deksel gaat niet open.
 Dit gebeurt wanneer u de USB-kabel loskoppelt tijdens
gegevensoverdracht, opname of bewerking op de computer en
de oplaadbare batterij leeg is of niet in de recorder is geplaatst.
Sluit de USB-kabel opnieuw aan of plaats een volledig opgeladen
oplaadbare batterij in de recorder en druk op  · CANCEL.
 Wegens de beperkingen van het systeem worden geluidsbestanden
opgenomen in stappen van enkele seconden. Als u dus veel korte
tracks opneemt, neemt de totale opnametijd wel toe maar komt
deze niet overeen met de resterende opnametijd.
Probleem
De resterende opnametijd wordt
weergegeven als "R 00:00" en
opname kan niet plaatsvinden, ook
al wordt de beschikbare ruimte
aangegeven met 2,0 MB.
De recorder maakt altijd een
nieuwe groep tijdens het opnemen.
Oorzaak en/of oplossing
De eerste paar seconden van een
track worden niet opgenomen.
 Als u begint met opnemen voordat de bedieningsmodus wordt
weergegeven en het bedieningslampje uit is, worden er geen
gegevens opgenomen op de eerste paar seconden van de eerste
track. Wacht totdat de bedieningsmodus wordt weergegeven en het
bedieningslampje uit is voordat u begint met opnemen.
Er kan geen nieuwe groep worden
gemaakt.
 Dit wordt veroorzaakt door een beperking van het MiniDiscsysteem (alleen MD-modus). Als het totaal aantal tekens dat wordt
gebruikt op een schijf (voor tracknamen en namen van artiesten,
albums, groepen en schijven) meer dan ongeveer 1.700 bedraagt,
kunt u geen nieuwe groep meer maken.
 Dit is een beperking van het systeem. 2,0 MB is de capaciteit van
het reservedomein.
Storingen verhelpen
Tijdens het opnemen
 De groepsopname ("Group REC") is ingesteld op "On". (U kunt
geen tracks overschrijven.) Stel de instelling voor het opnemen
van groepen in op "Off" ( pagina 51).
Vervolg 
65
66
Probleem
Het opnemen kan niet correct
worden uitgevoerd.
Oorzaak en/of oplossing
Het deksel gaat niet open na het
opnemen.
 Het deksel gaat niet open zolang "SystemFILE WRITING" op het
display staat.
"TRACK FULL" verschijnt al voordat
de schijf de maximale opnametijd
heeft bereikt. Er kan niet worden
opgenomen.
 Dit wordt veroorzaakt door een beperking van het systeem.
Wanneer er 2.047 tracks (op een schijf in Hi-MD-modus) of 254
tracks (op een schijf in MD-modus) zijn opgenomen op de schijf,
wordt "TRACK FULL" weergegeven, ongeacht de verstreken
opnametijd. Er kunnen niet meer dan 2.047 of 254 tracks op de
schijf worden opgenomen. Als u wilt doorgaan met opnemen,
dient u overbodige tracks te wissen.
Hoewel er vele korte tracks zijn
gewist, neemt de resterende
opnametijd niet toe.
 Dit wordt veroorzaakt door een beperking van het MiniDiscsysteem (alleen in MD-modus). Opnames die korter duren dan 12
seconden (in SP-modus), 24 seconden (in LP2-modus of mono)
of 48 seconden (in LP4-modus) worden niet meegeteld, zodat
het wissen ervan niet resulteert in een toename van de resterende
opnametijd.
 De audiobronnen zijn wellicht niet goed aangesloten. Koppel de
audiobronnen los en sluit deze opnieuw aan ( pagina's 31, 37).
 De draagbare CD-speler zendt geen digitaal signaal uit. Als u een
digitale opname maakt vanaf een draagbare CD-speler, gebruikt u
een netspanningsadapter en schakelt u de stabiliseerfunctie op de
CD-speler (bijvoorbeeld ESP) uit.
 De analoge opname is gemaakt via een aansluitkabel met
een signaalverzwakker. Gebruik een aansluitkabel zonder
signaalverzwakker ( pagina 11).
 Het opnameniveau is te laag om op te nemen (als u het
opnameniveau handmatig afstelt). Pauzeer de recorder en stel het
opnameniveau in ( pagina 52).
 De recorder is aangesloten op de computer. Ontkoppel de recorder
van de computer tijdens het opnemen.
 De voedingsbron was losgekoppeld of er heeft zich tijdens het
opnemen een stroomstoring voorgedaan. Het opnameresultaat is
niet op de schijf vastgelegd. Maak de opname opnieuw.
 Opname kan niet plaatsvinden als de resterende opnametijd op
de schijf 48 seconden of minder bedraagt ("DISC FULL" wordt
weergegeven). Vervang de schijf.
Probleem
De totale opnametijd en resterende
opnametijd tezamen blijven onder
de maximale opnametijd van de
schijf (van 60, 74 of 80 minuten).
Oorzaak en/of oplossing
"TRACK FULL" wordt weergegeven
nog voordat de schijf het
maximale aantal tracknummers of
opnametijd heeft bereikt.
 Dit wordt veroorzaakt door een beperking van het MiniDiscsysteem. Herhaaldelijk opnemen en wissen kan fragmentatie
en verspreiding van gegevens tot gevolg hebben. Hoewel deze
verspreide gegevens kunnen worden gelezen, wordt ieder
fragment aangemerkt als een track. Op deze manier kan het
aantal van 2.047 tracks worden bereikt (op een schijf in Hi-MDmodus), of het aantal van 254 tracks (op een schijf in MD-modus)
waardoor verder opnemen niet mogelijk is. Als u wilt doorgaan
met opnemen, dient u overbodige tracks te wissen.
 Dit wordt veroorzaakt door een beperking van het MiniDiscsysteem (alleen in MD-modus). Normaal gesproken wordt er
opgenomen in minimale eenheden van ongeveer 2 seconden (in
SP-modus), 4 seconden (in LP2-modus of mono) of 8 seconden
(in LP4-modus). Wanneer de opname stopt, verbruikt de laatst
opgenomen eenheid altijd deze complete eenheid van 2, 4 of
8 seconden, ook al duurt de daadwerkelijke opname minder
lang. Ook wanneer de opname na een stop wordt hervat, voegt
de recorder automatisch een lege ruimte van 2, 4 of 8 seconden
in voordat de nieuwe opname begint. (Dit wordt gedaan om te
voorkomen dat een voorgaande track per ongeluk wordt gewist
wanneer er een nieuwe opname wordt gestart). Telkens wanneer
een opname wordt gestopt, neemt de potentiële opnametijd dus af
met maximaal 6, 12 of 24 seconden.
Probleem
Een schijf wordt niet normaal
afgespeeld.
Oorzaak en/of oplossing
Een schijf wordt niet afgespeeld
vanaf de eerste track.
 Het afspelen van de schijf is gestopt voordat de laatste track
is bereikt. Druk twee seconden of langer op de keuzehendel
(/ENT) (/ENT op de afstandsbediening) om te beginnen
met afspelen ( pagina 40).
Het geluid slaat over bij het
afspelen.
 De recorder bevindt zich op een plaats waar deze aan trillingen is
blootgesteld. Zet de recorder op een stabiele plaats.
 Bij een zeer korte track kan het geluid overslaan.
Er klinkt kortstondig een bijgeluid.
 Door de speciale digitale audiocompressietechnologie die bij LP4modus wordt gebruikt, kan in zeer zeldzame gevallen bij bepaalde
geluidsbronnen kortstondige ruis klinken.
Storingen verhelpen
Tijdens het afspelen
 Herhaald afspelen is geselecteerd. Schakel terug naar de normale
afspeelstand ( pagina 44).
 De afspeelmodus is gewijzigd. Schakel terug naar "Normal"
( pagina 43).
Vervolg 
67
Probleem
Het geluid bevat veel statische
ruis.
Oorzaak en/of oplossing
Het volume van de opgenomen
track is laag.
 De track werd opgenomen in analoge modus of u gebruikte
een aansluitkabel met een signaalverzwakker. Gebruik een
aansluitkabel zonder signaalverzwakker.
 Het opnameniveau is laag. Stel het opnameniveau tijdens het
opnemen handmatig in ( pagina 52).
Het volume kan niet worden
opgevoerd.
 "AVLS" is ingesteld op "On" ("AVLS On" op de
afstandsbediening). Stel "AVLS" in op "Off" ("AVLS Off" op de
afstandsbediening) ( pagina 58).
 De stekker van de oortelefoon is niet goed aangesloten. Sluit de
stekker van de oortelefoon goed aan op de recorder.
 De stekker is vuil. Reinig de stekker.
Er komt geen geluid uit de
oortelefoon.
68
 De werking van de speler wordt verstoord door sterke magnetische
velden van televisietoestellen e.d. Houd de recorder uit de buurt
van een bron met sterke magnetische velden.
De schijf kan niet op een ander
apparaat worden afgespeeld.
 Het apparaat ondersteunt geen Hi-MD. Hi-MD-schijven kunnen
alleen worden afgespeeld op apparaten die Hi-MD ondersteunen.
Tijdens het zoeken kan bij de
bewerkte tracks geluidsuitval
optreden.
 Dit wordt veroorzaakt door een beperking van het MiniDiscsysteem. Door de fragmentatie van gegevens kan er tijdens het
zoeken geluidsuitval optreden, omdat de tracks dan op een hogere
snelheid worden afgespeeld dan normaal.
Er is geen R-kanaalgeluid
hoorbaar wanneer een track wordt
afgespeeld die is opgenomen met
een cassettedeck of een versterker,
of bij het luisteren naar een track
via een aangesloten cassettedeck
of via een versterker.
 Er is geen R-kanaalgeluid hoorbaar wanneer de recorder is
aangesloten op een cassettedeck of een versterker met een
monokabel. Zorg ervoor dat u een stereo-aansluitkabel gebruikt.
U kunt geen MP3-audiotrack
afspelen.
 Het type MP3 dat wordt ondersteund door deze recorder is
MPEG-1 Audio Layer-3, overgedragen door de SonicStagesoftware, met een aftastfrequentie van 32, 44,1 of 48 kHz.
Datum en tijd van de opname
worden niet weergegeven.
 Datum en tijd van de opname worden weergegeven als ze zijn
opgenomen. Wanneer een audiotrack wordt overgedragen vanaf
de computer, worden de opnamedatum en opnametijd niet
weergegeven.
Het bedieningslampje knippert
langzaam tijdens het afspelen.
 Het bedieningslampje knippert langzaam wanneer de inhoud van
een bewerking die tijdens afspelen of pauzeren wordt uitgevoerd,
gereed is om naar een schijf te worden weggeschreven. Wanneer
het afspelen op de recorder is gestopt, wordt de bewerkte inhoud
naar de schijf weggeschreven en wordt het bedieningslampje
uitgeschakeld.
Tijdens het bewerken
Probleem
Het deksel gaat niet open.
Oorzaak en/of oplossing
U kunt geen bewerkingsfuncties
uitvoeren.
 U hebt de voedingsbron losgekoppeld of er heeft zich tijdens
het bewerken een stroomstoring voorgedaan. Voer de bewerking
opnieuw uit.
Andere niet-audiogegevens
kunnen niet worden gewist.
 Andere gegevens kunnen niet worden gewist met de functie
Erase. Bevestig de inhoud door de recorder op uw computer aan
te sluiten. Als de inhoud verwijderd mag worden, koppelt u de
recorder los van de computer. Gebruik vervolgens de functie
Format ( pagina 54).
U kunt tracks niet combineren.
 Dit wordt veroorzaakt door een beperking van het MiniDiscsysteem. Als de tracks verspreid zijn en alle tracks kort zijn, kunt u
de tracks mogelijk niet combineren.
Tracks van de volgende lengte kunnen mogelijk niet worden
gecombineerd.
Hi-MD-modus
LinearPCM: 9 seconden of minder
Hi-SP: 8 seconden of minder
Hi-LP: 32 seconden of minder
MD-modus
SP: 12 seconden of minder
LP2/Monaural: 24 seconden of minder
LP4: 48 seconden of minder
 Het is niet mogelijk om tracks die in verschillende opnamemodi
zijn opgenomen te combineren, bijvoorbeeld een track die in
stereo is opgenomen en een track die in mono is opgenomen; ook
kunt u een track die is opgenomen met een digitale aansluiting,
niet combineren met een track die met een analoge aansluiting is
opgenomen.
De schijf kan niet op een ander
apparaat worden bewerkt.
 Het apparaat ondersteunt geen Hi-MD. Voer de bewerking uit op
een ander apparaat dat Hi-MD wel ondersteunt.
 De recorder is bezig met het opslaan van bewerkingsgegevens. Het
deksel gaat pas open als "SystemFILE WRITING" niet meer op
het display wordt weergegeven.
Storingen verhelpen
69
Overige
70
Probleem
De recorder werkt niet of matig.
Oorzaak en/of oplossing
Het display gaat niet aan.
 U hebt geprobeerd de recorder te bedienen met behulp van de
afstandsbediening, terwijl "EL Light" is ingesteld op "Auto Off"
( pagina 59). Gebruik de toetsen en knoppen op de recorder.
De bedieningsmodus van
de lege standaardschijf van
60/74/80 minuten verschilt van
de modus na het formatteren of
de in de SonicStage-software
geselecteerde modus.
 Als u een lege standaardschijf van 60/74/80 minuten in de recorder
gebruikt, wordt de bedieningsmodus toegepast die in het menu
"Disc Mode" is ingesteld. Gebruik het menu "Disc Mode" om de
gewenste bedieningsmodus in te stellen.
 De oplaadbare batterij is niet opgeladen. Laad de oplaadbare
batterij op.
 Het volume is laag. Zet het volume hoger.
 Er is geen schijf geplaatst. Plaats een bespeelde schijf.
 De HOLD-functie is ingeschakeld. Schakel HOLD uit door de
HOLD-schakelaar tegen de richting van de pijl in te schuiven
( pagina 15).
 Het deksel is niet goed gesloten. Sluit het deksel totdat deze
vastklikt.
 Er kan condensatie in de recorder zijn opgetreden als de recorder
direct vanuit een koude naar een warme locatie is verplaatst. Haal
de schijf eruit en laat de recorder enkele uren op een warme plaats
liggen totdat het vocht is verdampt ( pagina 78).
 De netspanningsadapter, het netsnoer of de USB-kabel is niet goed
aangesloten. Sluit deze goed aan.
 De oplaadbare batterij is zwak ("LOW BATTERY" knippert of er
wordt niets weergegeven). Laad de oplaadbare batterij op
( pagina 14) of sluit de recorder aan op een stopcontact.
 De schijf is beschadigd of bevat niet de juiste opname- of
bewerkingsgegevens. Plaats de schijf opnieuw. Maak nieuwe
opnamen op de schijf. Vervang de schijf door een andere als het
foutbericht opnieuw wordt weergegeven.
 Er is een ingebouwde storing in het systeem. De recorder is
tijdens het opnemen blootgesteld aan een mechanische schok, te
veel statische energie, een abnormale spanning ten gevolge van
bliksem, enz. Sluit alle voedingsbronnen af en koppel de USBkabel los. Laat de recorder een halve minuut staan en sluit de
voedingsbron aan.
Berichten
Bericht
ACCESS
Oorzaak en/of oplossing
ACCESS ERROR
 De recorder kan geen toegang krijgen tot de schijf in de recorder, terwijl de
recorder is aangesloten op de computer. Sluit de recorder opnieuw aan op
de computer of plaats de schijf opnieuw.
AUDIO FILE ERROR
 Er is een schijf in de recorder geplaatst die niet kan worden opgenomen
of afgespeeld. Het bestand met geluidsgegevens of het bestand voor
schijfbeheer is beschadigd. Plaats een andere schijf.
AVLS
NO VOL OPERATION
 "AVLS" is ingesteld op "On" ("AVLS On" op de afstandsbediening) en
daarom kan het volume niet hoger worden ingesteld. Stel "AVLS" in op
"Off" ("AVLS Off" op de afstandsbediening) ( pagina 58).
 Er is een lege schijf geplaatst.
BUSY WAIT A
MOMENT
 De recorder verzamelt schijfinformatie. U hebt geprobeerd de recorder te
bedienen, terwijl deze bezig was de opgenomen gegevens te lezen. Wacht
tot het bericht weer verdwijnt (in zeldzame gevallen kan dit ongeveer een
minuut duren).
CANNOT EDIT
 U hebt geprobeerd tracks te combineren die in verschillende opnamemodi
zijn opgenomen.
 U hebt geprobeerd een track te wissen, terwijl u de eerste track op de schijf
selecteerde.
 U hebt geprobeerd trackmarkeringen te overschrijven.
 U hebt geprobeerd trackmarkeringen te combineren met een gezamenlijke
lengte van 999 minuten en 59 seconden.
 U hebt "Edit" in het recordermenu of "Title" in het menu van de
afstandsbediening geselecteerd, terwijl u aan het opnemen bent.
 U hebt "Format" in het menu geselecteerd, terwijl de recorder nog niet is
gestopt.
 U hebt geprobeerd een titel te wijzigen die tekens bevat die de recorder niet
kan bewerken.
CANNOT OPERATE
 U hebt op  of T MARK op de recorder of op P MODE/ op de
afstandsbediening gedrukt tijdens een synchroonopname.
 U hebt op SOUND op de afstandsbediening gedrukt, terwijl de functie
Speed Control in gebruik is.
 U hebt twee seconden of langer op T MARK op de recorder gedrukt, terwijl
u een titel (een andere naam dan een schijfnaam) bewerkte op een schijf die
wordt gebruikt in MD-modus, of terwijl u een titel bewerkte op een schijf
die wordt gebruikt in Hi-MD-modus.
CANNOT PLAY
 U hebt geprobeerd een track af te spelen waarvoor afspeelrestricties gelden.
 U hebt geprobeerd een MP3-audiotrack af te spelen die de recorder niet
kan afspelen. Het type MP3 dat wordt ondersteund door deze recorder is
MPEG-1 Audio Layer-3, overgedragen door de SonicStage-software, met
een aftastfrequentie van 32, 44,1 of 48 kHz.
Vervolg 
Storingen verhelpen
BLANKDISC
 De recorder schrijft gegevens weg naar de schijf of de computer leest
gegevens op de schijf, terwijl de recorder is aangesloten op de computer.
Wacht tot dit proces is voltooid.
71
72
Bericht
CANNOT SET
Oorzaak en/of oplossing
CHARGE
+5°C–+35°C/41F–95F
 U hebt geprobeerd de oplaadbare batterij op te laden bij een temperatuur
die buiten het opgegeven bereik voor de recorder valt. Laad de batterij op
bij een temperatuur tussen de +5°C en +35°C.
DATA SAVE
 De recorder schrijft gegevens weg naar het systeembestand, bijvoorbeeld
opgenomen gegevens of bewerkingsgegevens. Wacht tot dit proces
is voltooid. (Zorg dat de recorder niet wordt blootgesteld aan fysieke
schokken en dat de stroomvoorziening niet wordt onderbroken.)
DC IN TOO HIGH
 De spanning van de voedingsvoorziening is te hoog (er is geen gebruik
gemaakt van de meegeleverde netspanningsadapter of van het netsnoer).
Maak gebruik van de meegeleverde netspanningsadapter of het netsnoer.
DISC FULL
 U hebt geprobeerd op te nemen op een schijf waarop niet genoeg ruimte
beschikbaar is.
END
 De recorder bereikte het eind van de laatste track in de geselecteerde
afspeelmodus, terwijl u een het afspelen bent of de keuzehendel verplaatst
naar FF ( op de afstandsbediening). U hebt op de keuzehendel
(/ENT) (/ENT op de afstandsbediening) gedrukt aan het eind van de
laatste track op de schijf.
ERROR
 Er is een ingebouwde storing in het systeem. De recorder is tijdens het
opnemen blootgesteld aan een mechanische schok, te veel statische
energie, een abnormale spanning als gevolg van bliksem, enz. Sluit alle
voedingsbronnen af en koppel de USB-kabel los. Laat de recorder een halve
minuut staan en sluit de voedingsbron aan.
FORMAT
ERROR DISC
 Er is een schijf geplaatst met een indeling die niet door de recorder wordt
ondersteund. Plaats een standaard-MD of een schijf voor de Hi-MD-modus.
 Er is een schijf geplaatst die werd geformatteerd op de computer zonder dat
gebruik is gemaakt van de SonicStage-software. Gebruik de SonicStagesoftware als u met de computer een schijf formatteert.
HOLD
 De recorder is vergrendeld. Schuif de HOLD-schakelaar tegen de richting
van de pijl in om de recorder te ontgrendelen ( pagina 15).
IN MENU
 U maakt gebruik van de afstandsbediening, terwijl u een menu hebt
geselecteerd op de recorder. Pas de instelling toe op de recorder. U maakt
gebruik van de recorder, terwijl u een menu hebt geselecteerd op de
afstandsbediening. Pas de instelling toe op de afstandsbediening.
 U hebt "REC Mode" of "Group REC" in het recordermenu of "SpeedCtrl"
in het menu van de afstandsbediening geselecteerd, terwijl u aan het
opnemen was of tijdens een opnamepauze.
 U hebt "Time Mark" in het menu geselecteerd tijdens digitaal opnemen of
tijdens een opnamepauze.
 U hebt "REC Level" in het menu geselecteerd, terwijl de synchroonopname
op de recorder gepauzeerd is.
 U hebt "REC Level" geselecteerd, terwijl de recorder nog niet is gestopt, of
terwijl de opname gepauzeerd is.
 U hebt "MIC AGC" geselecteerd, terwijl "REC Level" in het menu is
ingesteld op "Manual".
Bericht
LINE OUT
NO VOL OPERATION
Oorzaak en/of oplossing
LOW BATTERY
 De oplaadbare batterij is bijna leeg. Laad de oplaadbare batterij op
( pagina 14).
MEMORY OVER
 U hebt geprobeerd op te nemen, terwijl de recorder zich op een plaats
bevindt waar de recorder continu aan trillingen wordt blootgesteld. Zet de
recorder op een stabiele plaats en begin opnieuw met opnemen.
NO
BookmarkedTRACK
 U hebt gekozen voor het afspelen van gemarkeerde tracks zonder
markeringen in te stellen. Stel markeringen in ( pagina 43).
NO DIGITAL COPY
 U hebt geprobeerd op te nemen van een schijf die is beveiligd door het
Serial Copy Management System. Maak een analoge opname ( pagina
38).
NO DISC
 U hebt geprobeerd af te spelen of op te nemen zonder dat er een schijf in de
recorder zit. Plaats een schijf.
NO GROUP
 U hebt "Group Erase" of "Group Move" in het menu op de recorder
geselecteerd, of "Title" – "Group" in het menu op de afstandsbediening
geselecteerd, terwijl u gebruikmaakt van een schijf zonder ingestelde
groepen.
NO INPUT SIGNAL
 De recorder heeft geen digitale invoersignalen kunnen waarnemen. Zorg
dat de bron goed is aangesloten ( pagina 37). Als u een analoge opname
maakt, kunt u het bericht negeren.
NON GROUPED TRACK
 U hebt "Group Erase" of "Group Move" in het menu op de recorder
geselecteerd, of "Title" – "Group" in het menu op de afstandsbediening
geselecteerd, terwijl u een track selecteerde die niet tot een groep behoort.
NO TRACK
 U hebt geprobeerd een schijf zonder opgenomen tracks af te spelen die
wordt gebruikt in Hi-MD-modus.
P/B ONLY DISC
 U hebt geprobeerd om op te nemen op een voorbespeelde schijf of
geprobeerd deze te bewerken (P/B staat voor "playback" (afspelen)). Plaats
een onbespeelde schijf.
PC--MD
 U hebt de recorder of de afstandsbediening bediend, terwijl de recorder is
aangesloten op de computer. Koppel de recorder los van de computer
( pagina 22).
PLAY MODE
 U hebt de recorder bediend, terwijl u de afspeelmodus op de
afstandsbediening hebt geselecteerd.
PROTECTED DISC
 U hebt geprobeerd op te nemen op een schijf die tegen opnemen is
beveiligd, of u hebt geprobeerd deze schijf te bewerken. Schuif het
beveiligingsnokje terug ( pagina 76).
PUSH STOP BUTTON
 U hebt het deksel van de recorder proberen te openen terwijl schijfgegevens
werden opgeslagen en de recorder was aangesloten op een computer. Wacht
totdat "SystemFILE WRITING" uit het display is verdwenen, nadat u op
 · CANCEL hebt gedrukt.
READ ERROR
 De recorder kan de schijfgegevens niet goed lezen. Plaats de schijf
opnieuw.
REC ERROR
 De opname is niet op de juiste wijze gemaakt. Zet de recorder op een plaats
waar geen trillingen plaatsvinden en maak de opname opnieuw.
 De schijf is vuil (vet of vingerafdrukken), bevat krassen of is geen
standaardschijf. Probeer een opname te maken met een andere schijf.
 U hebt geprobeerd het volume te wijzigen, terwijl "Audio Out" in het menu
is ingesteld op "Line Out". Stel "Audio Out" in op "Headphone"
( pagina 59).
Storingen verhelpen
73
74
Bericht
RECONNECT USB
Oorzaak en/of oplossing
REHEARSAL
 U hebt geprobeerd de afstandsbediening te gebruiken, terwijl u de functie
Divide Rehearsal uitvoerde ( pagina 47). Pas de instelling toe op de
recorder.
SORTING
 De recorder sorteert informatie, nadat u "Artist" of "Album" in de
afspeelmodus hebt geselecteerd.
SOUND
 U hebt de recorder bediend terwijl u de functie Sound ( pagina 45)
op de afstandsbediening hebt ingesteld. Pas de instelling toe op de
afstandsbediening.
STANDBY
 Dit bericht wordt weergegeven wanneer de recorder, terwijl deze is
aangesloten op de computer, eenmaal gegevens heeft weggeschreven
naar de schijf en gereed is om onmiddellijk nogmaals gegevens weg te
schrijven. Als u gegevens probeert weg te schrijven naar de schijf terwijl
"STANDBY" niet wordt weergegeven, kan het even duren voordat het
schrijven begint.
SystemFILE
WRITING
 De recorder is bezig om informatie (begin- en eindpunten van tracks) vanuit
het geheugen op de schijf op te nemen. ( pagina 80). Wacht tot dit proces
is voltooid.
TEMP OVER REC STOP
 Er heeft zich te veel warmte in de recorder opgehoopt. Laat de recorder
afkoelen.
TitleFULL
 U hebt geprobeerd meer tekens in te vullen dan maximaal is toegestaan
voor een titel (ongeveer 200 tekens).
 U hebt geprobeerd meer dan het maximumaantal tekens voor een schijf
(ongeveer 55.000 tekens in Hi-MD-modus of 1.700 tekens in MD-modus)
in te vullen.
TOC DATA ERROR
 De recorder kan de schijfgegevens niet goed lezen. Plaats een andere schijf.
TRACK FROM PC NO
EDIT
 U hebt geprobeerd tracks samen te voegen of te splitsen die vanuit de
computer werden overgebracht of die werden opgenomen in Hi-MD-modus
met behulp van de MD Simple Burner-software.
TRACK FROM PC NO
REC
 U hebt geprobeerd midden in een beveiligde track op te nemen die is
overgebracht vanuit een computer of u hebt geprobeerd midden in een track
op te nemen die is opgenomen in Hi-MD-modus met behulp van de MD
Simple Burner-software.
TRACK FULL
 U hebt geprobeerd meer dan 2.047 tracks op te nemen op een schijf in
Hi-MD-modus of meer dan 254 tracks op een schijf in MD-modus. Wis
overbodige tracks ( pagina 54).
 U hebt geprobeerd de recorder of de computer te bedienen, voordat de
recorder werd herkend door de computer. Sluit de USB-kabel opnieuw aan.
Aanvullende informatie
Voorzorgsmaatregelen
Veiligheid
• Steek geen vreemde voorwerpen in de
aansluiting voor de USB-kabel.
• Raak de optische afleeslens op de recorder
niet aan en houd de lens schoon. Als u de
optische afleeslens aanraakt, kan de lens
beschadigd raken en werkt de recorder niet
goed. Om te voorkomen dat er stof in de
recorder komt, dient u ervoor te zorgen dat
het deksel gesloten blijft, behalve wanneer u
schijven in de recorder plaatst of eruit haalt.
Voedingsbronnen
Warmtevorming
Wanneer de recorder langere tijd achtereen
wordt gebruikt, kan zich warmte ophopen in
het apparaat. Dit is echter geen storing.
Opmerking over
mechanische bijgeluiden
Als de recorder in werking is, worden er
mechanische bijgeluiden geproduceerd.
Deze worden veroorzaakt door het
energiebesparingssysteem van de recorder en
vormen geen probleem.
Opstelling
• Als u de recorder gebruikt op een plaats met
veel statische of elektrische ruis, wordt de
opname mogelijk niet goed uitgevoerd of
gaan de opgenomen gegevens verloren.
• Gebruik de recorder niet onder
omstandigheden met extreem veel licht,
warmte, vocht of trillingen.
• Wikkel de recorder niet ergens in
als deze wordt gebruikt met een
netspanningsadapter. Er hoopt zich dan
warmte op waardoor er storingen of schade
kunnen ontstaan.
Aanvullende informatie
• Gebruik het lichtnet of een oplaadbare
batterij.
• Sluit de netspanningsadapter of het netsnoer
aan op een gemakkelijk toegankelijk
stopcontact. Als de netspanningsadapter
of het netsnoer niet normaal functioneert,
verbreekt u onmiddellijk de aansluiting op
het stopcontact.
• De recorder wordt van netspanning
voorzien zolang deze op het stopcontact
is aangesloten, zelfs als de recorder is
uitgeschakeld.
• Als u deze recorder lange tijd niet gebruikt,
koppel dan de stroomvoorziening los
(verwijder het netsnoer of de oplaadbare
batterij). Pak de adapterstekker zelf beet en
trek nooit aan het snoer als u het netsnoer
uit het stopcontact haalt.
• Maak de recorder zorgvuldig schoon
wanneer u de recorder hebt gebruikt aan het
strand of op andere stoffige locaties. Als u
dit niet doet, kan corrosie van de metalen
onderdelen optreden door de zoute lucht,
of kan stof binnendringen in de recorder,
waardoor een storing kan optreden.
Recorder
• Schud de recorder niet en sla er niet
tegenaan. Dit kan leiden tot storingen, de
schijf kan onbruikbaar worden of gegevens
kunnen beschadigd raken of verloren gaan.
• Zorg ervoor dat de recorder niet nat wordt.
Als u de recorder in de regen gebruikt, of
onder soortgelijke omstandigheden, zorg er
dan voor dat de recorder niet nat wordt.
• De recorder is ontworpen voor gebruik
binnen een temperatuurbereik van 0 °C
en 40 °C. Opnemen in extreem koude of
hete plaatsen die dit temperatuurbereik
overschrijden, wordt niet aanbevolen.
75
Opladen
De MiniDisc-behuizing
• Gebruik de meegeleverde
netvoedingsadapter, het netsnoer of de
USB-kabel niet om andere batterijen op te
laden behalve de meegeleverde batterij of de
batterij die ervoor bestemd is (LIP-4WM).
• Zorg dat u gebruikmaakt van de
meegeleverde netspanningsadapter, het
netsnoer of de USB-kabel.
• Laad de oplaadbare batterij op bij een
temperatuur van +5 °C tot +35 °C.
De oplaadtijd is afhankelijk van de
omgevingstemperatuur. (Bij een lage
omgevingstemperatuur moet de batterij
langer worden opgeladen. Dit is een
kenmerk van de ingebouwde lithiumionbatterij.)
• Gebruikt u de recorder een lange periode
niet, haal dan het netsnoer uit het stopcontact,
verwijder de oplaadbare batterij uit de
recorder en bewaar deze in een koele, droge
omgeving. Voorkom dat de kwaliteit van de
oplaadbare batterij achteruit gaat en berg de
oplaadbare batterij niet op als deze volledig
leeg of volledig opgeladen is.
• De recorder wordt warm tijdens het opladen.
Dit brengt echter geen risico's met zich mee.
• Als de capaciteit van de oplaadbare batterij
minder wordt dan de helft van de normale
capaciteit, is het tijd om de batterij te
vervangen.
• Verwijder de oplaadbare batterij, verwijder
de USB-kabel uit de recorder en verwijder
het netsnoer uit het stopcontact als u de
recorder lange tijd niet gebruikt.
• U kunt een MiniDisc in het bijbehorende
doosje vervoeren of opbergen.
• Verbreek de sluiting van de behuizing niet.
• Leg de MiniDisc niet op plaatsen waar deze
aan licht, extreme hitte, vocht of stof wordt
blootgesteld.
• Bevestig het meegeleverde schijflabel alleen
op de hiervoor bestemde plaats op de schijf.
Bevestig het niet op een ander deel van het
oppervlak.
Een opgenomen schijf
beveiligen
Open het nokje aan de zijkant van de schijf
om deze tegen opnemen te beveiligen. In
deze stand kan er niet op de schijf worden
opgenomen en kan de schijf niet worden
bewerkt. Als u weer wilt opnemen/bewerken,
zet u het nokje terug zodat het nokje weer
zichtbaar is.
Nokje
Achterkant van
schijf
Opgenomen/bewerkt
materiaal is beveiligd.
Opgenomen/bewerkt
materiaal is niet
beveiligd.
Neem contact op met de dichtstbijzijnde
Sony-dealer als u vragen of problemen hebt
met betrekking tot uw recorder. (Het wordt
aanbevolen om de schijf in het apparaat te
laten zitten wanneer u contact opneemt met
de Sony-dealer als het probleem zich heeft
voorgedaan terwijl de schijf zich in recorder
bevond. De oorzaak van het probleem kan dan
namelijk beter worden achterhaald.)
76
Het gebruik van de
oortelefoon
Verkeersveiligheid
Gebruik geen oortelefoon tijdens het
autorijden of fietsen of wanneer u een
gemotoriseerd voertuig bestuurt. Hierdoor
kunnen verkeersongevallen ontstaan.
Bovendien is dit in veel landen verboden.
Ook kan het gevaarlijk zijn om tijdens het
lopen uw recorder met een hoog volume af
te spelen, met name bij voet-gangers-oversteek-plaatsen. U dient in deze gevallen
uiterst voorzichtigheid te zijn of de recorder
te stoppen bij situaties die gevaarlijk kunnen
zijn.
Rekening houden met anderen
Houd het geluid op een gematigd volume. U
bent dan in staat om geluiden van buiten op te
vangen en u houdt dan rekening met anderen.
Het gebruik van de
afstandsbediening
De meegeleverde afstandsbediening is
uitsluitend voor deze recorder ontworpen. De
recorder kan niet worden bediend met een
afstandsbediening die voor een ander apparaat
is bestemd.
• Reinig de behuizing van de recorder met
een zachte doek die licht is bevochtigd
met water of een oplossing met een mild
schoonmaakmiddel. Gebruik in geen
geval schuursponsjes, schuurpoeder of
oplossingen met alcohol of benzeen,
aangezien hierdoor de afwerking van de
behuizing kan worden aangetast.
• Verwijder vuil van de MiniDisc-behuizing
met een droge doek.
• Stof op de lens kan het goed functioneren
van het apparaat belemmeren. Zorg er
daarom voor dat u het deksel van het
schijfgedeelte altijd sluit na het plaatsen of
uitwerpen van een schijf.
• Veeg de stekkers van de hoofd-/oortelefoon
of de afstandsbediening af met een droge
doek voor een optimale geluidskwaliteit.
Vuile stekkers kunnen het geluid
vervormen of onderbrekingen in het geluid
veroorzaken.
• Maak de contactpunten op de oplaadbare
batterij schoon met een wattenstaafje of een
zachte doek zoals wordt afgebeeld.
Aanvullende informatie
Gehoorbeschadiging voorkomen
Gebruik de oortelefoon niet met een hoog
geluidsvolume. Gehoorexperts raden af om
regelmatig gedurende langere tijd naar harde
muziek te luisteren. Als u merkt dat uw oren
suizen, stel de recorder dan in op een lager
volume of schakel deze uit.
Reinigen
Batterij
Bij onjuist gebruik van de batterijen kan
er lekkage van batterijvloeistof ontstaan
of kunnen de batterijen scheuren. Om
dit te voorkomen, dient u de volgende
voorzorgsmaatregelen in acht te nemen:
• Plaats de batterij met de + en - polen in de
juiste positie.
• Verwijder de batterij als de recorder
gedurende langere tijd niet wordt gebruikt.
77
Vochtcondensatie
Als de recorder van een koude naar een
warme omgeving wordt gebracht, of in een
erg vochtige kamer wordt geplaatst, kan er
vocht condenseren in of buiten de recorder.
Als dit gebeurt, werkt de recorder niet goed.
Vochtcondensatie treedt eenvoudig op
wanneer:
• De recorder van een koude locatie, zoals
een skihelling, in een warme kamer wordt
gebracht.
• De recorder vanuit een kamer met
airconditioning of vanuit een auto in de
warme buitenlucht wordt gebracht, etc.
Vochtcondensatie vermijden
Verpak de recorder in een plastic zak en laat
de recorder gedurende enige tijd (ongeveer
een uur) acclimatiseren wanneer u de recorder
vanuit een koude naar een warme locatie
brengt.
In geval van vochtcondensatie
Schakel de recorder uit en wacht ongeveer
een uur, totdat het vocht is verdampt. Zorg
ervoor dat het vocht is verdampt voordat u de
recorder gebruikt.
Specificatie
Audioafspeelsysteem
Digitaal audiosysteem MiniDisc
Systemen
MiniDisc-systeem, Hi-MD-systeem
Laserdiode-eigenschappen
Emissieduur: continu
Laservermogen: minder dan 44,6 µW
(Deze waarde is gemeten op een afstand van
200 mm van het lensoppervlak op de optische
afleeseenheid met een opening van 7 mm.)
Opname- en afspeelduur
Zie "Opnametijd voor elke schijf" ( pagina 81)
Omwentelingen
ca. 350 tot 3 600 toeren/min. (constante lineaire
snelheid)
Foutcorrectie
Hi-MD:
LDC (Long Distance Code)/BIS (Burst Indicator
Subcode)
MD:
ACIRC (Advanced Cross Interleave Reed Solomon
Code)
Aftastfrequentie
44,1 kHz
Aftastfrequentie-converter
Optische (digitale) ingang: 32 kHz/44,1 kHz/48 kHz
78
Audio-indelingen die door deze recorder
worden ondersteund
Opnemen:
LinearPCM (44,1 kHz/16-bits)
ATRAC3plus (Hi-SP, Hi-LP)
ATRAC3 (LP2, LP4)
ATRAC (SP)
Afspelen:
LinearPCM
ATRAC3plus
ATRAC3
ATRAC
MP3 (alleen voor afspelen) (MPEG-1 Audio Layer3, aftastfrequentie 32/44,1/48 kHz, bitsnelheid
32-320 kHZ (vaste/variabele bitsnelheid))
ATRAC staat voor Adaptive TRansform Acoustic
Coding.
Modulatiesysteem
Hi-MD:
1-7RLL (Run Length Limited)/PRML (Partial
Response Maximum Likelihood)
MD:
EFM (Eight to Fourteen Modulation)
Frequentiebereik (bij digitale en analoge ingang)
Ingangen*
MIC (PLUG IN POWER): stereoministekker
(minimaal ingangsniveau 0,13 mV)
LINE IN (OPT): stereoministekker voor analoge
ingang (minimaal ingangsniveau 49 mV)/optische
(digitale) ministekker voor optische (digitale) ingang
Uitgang
Sony netspanningsadapter DC 5 V AC 100 V - 240 V,
50/60 Hz
Oplaadbare lithium-ionbatterij
LIP-4WM, 3,7 V, 370 mAh, Li-ion
Bedrijfstemperatuur
+5 °C tot +35 °C
Gebruiksduur batterij**
Zie "Levensduur van de batterij" ( pagina 16)
Afmetingen
Ca. 83,8 × 84,4 × 14,7 mm (b/h/d)
(exclusief uitstekende delen en bedieningsknoppen)
Gewicht
Ca. 96 g (alleen de recorder)
Ca. 106 g (inclusief de oplaadbare batterij)
* De LINE IN (OPT)-aansluiting wordt gebruikt
om een digitale (optische) kabel of een analoge
(lijn)kabel aan te sluiten.
** Gemeten conform de JEITA-standaard.
Octrooien in de Verenigde Staten en in andere landen
vallen onder de licentie van Dolby Laboratories.
Wijzigingen in ontwerp en technische gegevens
voorbehouden zonder voorafgaande kennisgeving.
Aanvullende informatie
20 tot 20 000 Hz ±3 dB
Voeding
/LINE OUT: stereoministekker (speciale
aansluiting voor afstandsbediening) / gereguleerde
uitvoer 194 mV (10 kΩ)
Maximale uitvoer (DC)
Koptelefoon:
4,5 mW + 4,5 mW (16 Ω ) (Europees model)
5 mW + 5 mW (16 Ω ) (andere modellen)
79
Toelichting
Hi-MD
"Hi-MD" is een nieuwe MiniDisc-indeling. Hi-MD bevat de nieuwe ATRAC3plus audiocompressietechnologie en heeft een nieuwe opname-indeling met langere opnametijden dan standaard
MD-schijven. Hi-MD-schijven kunnen tevens worden gebruikt als een opslagmedium voor andere
gegevens dan audiogegevens, zoals tekst en afbeeldingen.
ATRAC
ATRAC (Adaptive TRansform Acoustic Coding) is een generieke term voor een audiocompressietechnologie die zowel een hoge geluidskwaliteit als hoge compressiepercentages bewerkstelligt.
Er zijn drie versies in gebruik: ATRAC (SP-modus (normale MD-indeling)), ATRAC3 (LP2- en LP4modi) en ATRAC3plus (Hi-SP- en Hi-LP-modi). Vergeleken met een CD is het compressiepercentage
voor ATRAC3 ongeveer 10 keer hoger, en voor ATRAC3plus ongeveer 20 keer hoger.
"Hi-MD-modus" en "MD-modus"
Deze recorder heeft twee bedieningsmodi, "Hi-MD-modus" en "MD-modus" die automatisch
worden herkend zodra een schijf wordt geplaatst.
Schijf
Modus
Hi-MD-schijf van 1 GB
Standaardschijf van
Lege schijf
60/74/80 minuten
Hi-MD
De bedieningsmodus die in het menu
"Disc Mode" ( pagina 59) is ingesteld
wordt toegepast.
Hi-MD
Schijf die muziek bevat
in Hi-MD-modus
Schijf die muziek bevat
in MD-modus
MD
LinearPCM
LinearPCM is een digitaal, niet-gecomprimeerd coderingssysteem. Bij deze modus kunt u genieten
van geluid van hoogwaardige kwaliteit die vergelijkbaar is met geluid van CD-kwaliteit.
De betekenis van "no sound"
"No sound" geeft een situatie aan waarbij het ingangsniveau van de recorder bij analoge ingang
ongeveer 4,8 mV bedraagt, of minder is dan –89 dB bij optische (digitale) ingang (met 0 dB als
maximum (het maximale opnameniveau van een MiniDisc)).
Systeembestand
Het systeembestand is de ruimte op een schijf waarop andere gegevens worden bewaard dan
geluidsbestanden; bijvoorbeeld tracknummers.
Als de MiniDisc een boek was, dan was het systeembestand de inhoudsopgave of de index. De
recorder overschrijft het systeembestand telkens wanneer een bewerking heeft plaatsgevonden
zoals het opnemen, toevoegen of verwijderen van trackmarkeringen, of het verplaatsen van
tracks. ("SYSTEM FILE WRITING" wordt in het display weergegeven als de recorder in het
systeembestand schrijft.) Terwijl de recorder schijfinformatie schrijft, dient u ervoor te zorgen dat de
recorder niet wordt verplaatst en dat de voedingsbron aangesloten blijft. Doet u dit niet, dan bestaat
het gevaar dat de gegevens onjuist worden opgenomen of dat de inhoud van de schijf verloren gaat.
80
Opnametijd voor elke schijf (bij benadering)
De opnametijd varieert, afhankelijk van schijftype, schijfmodus, codec en bitsnelheid.
Bij gebruik van een schijf in Hi-MD-modus:
Bij het opnemen op de recorder
Codec/
Bitsnelheid
LinearPCM/
1,4 Mbps
ATRAC
Opnametijd*
Opnamemodus Hi-MD-schijf
op de recorder van 1 GB
PCM
1 uur en
34 minuten
Standaardschijf Standaardschijf Standaardschijf
van 80 minuten van 74 minuten van 60 minuten
28 minuten
26 minuten
21 minuten
Hi-SP
7 uur en
55 minuten
34 uur
2 uur en
20 minuten
10 uur en
10 minuten
Hi-MD-schijf
van 1 GB
1 uur en
34 minuten
Standaardschijf Standaardschijf Standaardschijf
van 80 minuten van 74 minuten van 60 minuten
28 minuten
26 minuten
21 minuten
ATRAC3plus/192 kbps
5 uur en
30 minuten
7 uur en
55 minuten
11 uur
ATRAC3plus/64 kbps
34 uur
ATRAC3plus/48 kbps
45 uur
ATRAC3/132 kbps
16 uur en
30 minuten
20 uur en
40 minuten
32 uur en
40 minuten
17 uur
1 uur en
35 minuten
2 uur en
20 minuten
3 uur en
10 minuten
10 uur en
10 minuten
13 uur en
30 minuten
4 uur en
50 minuten
6 uur en
10 minuten
9 uur en
50 minuten
5 uur
ATRAC3plus/
256 kbps
ATRAC3plus/
64 kbps
Hi-LP
Bij overdracht vanaf de computer
Codec/bitsnelheid
LinearPCM/1,4 Mbps
ATRAC
ATRAC3plus/352 kbps
ATRAC3/105 kbps
ATRAC3/66 kbps
MP3**/128 kbps
1 uur en
40 minuten
7 uur en
40 minuten
Opnametijd*
1 uur en
30 minuten
2 uur en
10 minuten
3 uur
9 uur en
20 minuten
12 uur en
30 minuten
4 uur en
30 minuten
5 uur en
40 minuten
9 uur
4 uur en
30 minuten
1 uur en
10 minuten
1 uur en
40 minuten
2 uur en
20 minuten
7 uur en
40 minuten
10 uur
Aanvullende informatie
ATRAC3plus/256 kbps
2 uur en
10 minuten
9 uur en
20 minuten
3 uur en
40 minuten
4 uur en
40 minuten
7 uur en
20 minuten
3 uur en
30 minuten
* Bij het overdragen van tracks van 4 minuten
**MP3-bestandsindelingen zijn als volgt: MPEG-1 Audio Layer-3/aftastfrequentie 44,1 kHz/vaste bitsnelheid.
Vervolg 
81
Bij gebruik van een schijf in MD-modus:
Bij het opnemen op de recorder
Codec/bitsnelheid
Opnametijd*
Opnamemodus
op de recorder
Standaardschijf
van 80 minuten
Standaardschijf
van 74 minuten
Standaardschijf
van 60 minuten
ATRAC/292 kbps
SP
LP2
ATRAC3/66 kbps
LP4
1 uur en
14 minuten
2 uur en
28 minuten
4 uur en
56 minuten
1 uur
ATRAC3/132 kbps
1 uur en
20 minuten
2 uur en
40 minuten
5 uur en
20 minuten
Standaardschijf
van 80 minuten
Standaardschijf
van 74 minuten
Standaardschijf
van 60 minuten
1 uur en
20 minuten
2 uur en
40 minuten
5 uur en
20 minuten
1 uur en
14 minuten
2 uur en
28 minuten
4 uur en
56 minuten
1 uur
ATRAC
Bij overdracht vanaf de computer
Codec/bitsnelheid
ATRAC
ATRAC (stereo)/292 kbps
ATRAC3/132, 105 kbps
ATRAC3/66 kbp
2 uur
4 uur
Opnametijd*
2 uur
4 uur
* Bij het overdragen van tracks van 4 minuten
Afspelen van opgenomen schijven op andere MD-apparaten
De mogelijkheid van een MD-apparaat om schijven af te spelen die bestaan uit tracks die
rechtstreeks op de recorder zijn opgenomen of die zijn overgedragen vanaf de computer, hangt af
van het schijftype en de audio-indeling die zijn gebruikt voor het opnemen. Raadpleeg de volgende
tabel voor meer informatie.
Soort schijf
Formatteren
Apparaat dat wordt gebruikt om af te spelen
Apparaat dat
Hi-MD* ondersteunt
Hi-MD-schijf van 1 GB
Hi-MD
Standaardschijf van
60/74/80 minuten
Hi-MD
MDLP
MD
* Audioapparaten die voorzien zijn van het logo
of
**Audioapparaten die uitsluitend voorzien zijn het logo
82
of
Apparaat dat
MDLP** ondersteunt
Apparaat dat MDLP
niet ondersteunt
Opmerking over digitaal opnemen
Deze recorder maakt gebruik van het Serial Copy Management System, waarmee van
voorbespeelde schijven slechts één keer een digitale kopie kan worden gemaakt. Wanneer u een
zelfopgenomen schijf kopieert, kan dat alleen via de analoge aansluitingen (lijnuitgang).
Voorbespeelde software zoals CD's of MD's.
Microfoon, platenspeler, tuner, enz.
(met analoge uitgangen).
Analoog opnemen
Digitaal opnemen
Zelfopgenomen schijf
Zelfopgenomen Geen
schijf
digitale
opname
Onbespeelde
schijf
Digitaal opnemen
Onbespeelde
schijf
Beperkingen voor het bewerken van tracks die van de computer zijn overgebracht
Dit apparaat is zodanig ontworpen dat de bewerkingsfuncties (trackmarkeringen toevoegen en
trackmarkeringen wissen) niet functioneren wanneer tracks van de computer zijn overgebracht.
Anders zou de overdrachtsverificatie door de overgebrachte tracks verloren kunnen gaan. Als u
deze tracks wilt bewerken, dient u ze eerst terug te zetten op de computer. Bewerk vervolgens de
tracks op de computer.
Aanvullende informatie
Onbespeelde Geen digitale
schijf
opname
Informatie over DSP TYPE-S voor ATRAC/ATRAC3
Deze recorder ondersteunt DSP TYPE-S, een technologie voor hoogwaardige Sony MiniDiscdecks die zijn uitgerust met digitale signaalprocessoren (DSP). Met deze technologie kan de
recorder geluid van een hoogwaardige kwaliteit produceren bij tracks die zijn opgenomen
in MDLP-modus. Omdat de DSP TYPE-R-ondersteuning behouden blijft, levert de recorder
kwalitatief zeer goede resultaten tijdens het afspelen in SP-modus (normale stereo).
Het overslaan van geluid onderdrukken (G-PROTECTION)
De G-PROTECTION-functie is ontwikkeld om een betere schokbestendigheid te bieden dan de
bestaande spelers.
83
Het verschil tussen een digitale (optische) ingang en een analoge (lijn)ingang
De ingang van deze recorder werkt zowel digitaal als analoog. Sluit de recorder aan op een CDspeler of een cassettedeck via de digitale (optische) ingang of analoge (lijn)ingang. Raadpleeg
"Opnemen via extern aangesloten apparatuur" ( pagina 37) voor het opnemen via de digitale
(optische) ingang, en "Analoog opnemen" ( pagina 38) voor het opnemen via de analoge
(lijn)ingang.
Verschil
Geschikte bron
Digitale (optische) ingang
Apparatuur met een digitale (optische)
uitgang (CD-speler, DVD-speler, enz.)
Analoge (lijn)ingang
Apparatuur met een analoge
(lijn-)uitgang (cassettedeck, radio,
platenspeler, enz.)
Geschikte
aansluitkabel
Optische kabel (met een optische stekker of
een optische ministekker) ( pagina 37)
Lijnkabel (met 2 audiostekkers of een
stereoministekker) ( pagina 38)
Signaal van de
bron
Digitaal
Analoog
Zelfs als een digitale bron (zoals een
CD) is aangesloten, wordt een analoog
signaal naar de recorder verzonden.
Trackmarkeringen Worden automatisch gemarkeerd
(gekopieerd)
• op dezelfde posities als in de bron (als de
bron een CD of een MD is);
• als langer dan 2 seconden geen geluid
( pagina 80) of een zwak geluid wordt
doorgegeven (als de bron geen CD of MD
is).
• wanneer de recorder is onderbroken
(3 seconden geen geluid tijdens
synchroonopname).
Worden automatisch gemarkeerd
• als langer dan 2 seconden geen
geluid ( pagina 80) of een zwak
geluid wordt doorgegeven.
• als de recorder is onderbroken
tijdens het opnemen.
Opgenomen
geluidsniveau
Automatisch ingesteld (afhankelijk
van de instelling voor het
opnameniveau).
Kan ook handmatig worden ingesteld
("Het opnameniveau handmatig
instellen",  pagina 52).
Gelijk aan de bron.
Kan ook handmatig worden ingesteld
(digitale opnameniveauregeling) ("Het
opnameniveau met de hand regelen",
 pagina 52).
Opmerking
Trackmarkeringen kunnen foutief worden gekopieerd:
• als u via de digitale (optische) ingang opneemt van bepaalde CD-spelers of CD-wisselaars;
• als de bron tijdens het opnemen via de digitale (optische) ingang gebruikmaakt van shuffle- of
geprogrammeerd afspelen. Speel in dat geval af in de normale afspeelmodus;
• als programma's met audio die digitaal worden uitgezonden (bijv. digitale TV), worden opgenomen via de
digitale (optische) ingang.
84
Index
I
Importeren 23
Installeren 20
Cijfers
K
6-Band Equalizer 45
Klok instellen 61
A
L
A-B Repeat 44
Aansluiten 14, 21, 31
Achtergrondverlichting 59
Afspeelmodus 43
Afspeelsnelheid 53
Afzonderlijk verkrijgbare accessoires 11
Analoog opnemen 38
ATRAC 80
Audio-indeling 79
AVLS 58
Levensduur batterij 16
LinearPCM 80
B
Opladen 14
Opnamemodus 50
Opnameniveau 32, 50, 52
Opnameniveau voor microfoon (MIC AGC) 50
Opnametijd 81
Opslagruimte 30
Overdragen 24
Basishandelingen 33, 40
Bedieningslampje 33
Bedieningsmodi 17, 32, 80
Beep 58
Bookmark Play 43
Combine 48
D
Digitaal opnemen 37
Disc Mode 59
Display 35
Divide 47
Divide Rehearsal 47
DSP TYPE-S 83
Dynamic Normalizer 46
E
Eenvoudige modus (MD Simple Burner) 27
EL Light 59
Erase 54
F
Ferrietkern 10
Firmware (FW Version) 59
Format 54
G
Gegevensopslag 30
Groepsopname 51
H
Hi-MD 17, 80
HOLD 13, 15
MD Simple Burner 19, 27
Meegeleverde accessoires 9
Menu 49
Microfoongevoeligheid 50
Microfoonopname 31
O
Q
Quick Mode 59
R
Reinigen 77
Repeat Play 44
S
Schijftype 17
SonicStage 19, 23
SonicStage Help 26
Standaardmodus (MD Simple Burner) 28
Synchroonopname 51
Systeembestand 80
Systeemvereisten 19
Aanvullende informatie
C
M
T
Titelinvoer 57
Trackmarkering 33, 50
Tracks/groepen verplaatsen 56
U
USB-stroom 15
V
Virtual-Surround 45
Vocht 78
85
Printed in Malaysia
* 2 6 6 9 0 8 4 6 1 * (1)
Download PDF