Whirlpool | WBA43982 NFC IX | Instruction for Use | Whirlpool WBA4327 NF W AQUA Instruction for Use

DEUTSCH
Gebrauchsanweisung
ENGLISH
Instructions for use
FRANÇAIS
Mode d’emploi
NEDERLANDS
Gebruiksaanwijzing
ESPAÑOL
Instrucciones para el uso
PORTUGUÊS
Manual de utilização
ITALIANO
Istruzioni per l’uso
ΕΛΛΑΣ
Οδηγίες χρήοης
SVENSKA
Bruksanvisning
NORSK
Bruksanvisning
DANSK
Brugsanvisning
SUOMI
Käyttöohje
POLSKI
Instrukcje użytkowania
ČESKY
Návod k použití
SLOVENSKY
Návod na použitie
MAGYAR
Használati utasítás
РУCCКИЙ
Инcтpyкции по экcплyaтaции
Инcтpyкция зa yпoтpeбa
БЪЛГAРCКИ
ROMANA
Instrucţiuni de utilizare
УКРАЇНСЬКА Інструкції щодо установлення
3
Seite 4
Page 18
Page 32
Pagina 46
Página 60
Página 74
Pagina 88
Σελίδα 102
Sidan 116
Side 130
Side 144
Sivu 158
Strona 172
Strana 186
Strana 200
Oldal 214
Cтpaницa 228
Cтpaницa 242
Pagina 256
Сторінка 270
GEBRUIKSAANWIJZING
ALVORENS HET APPARAAT TE GEBRUIKEN47
MILIEUTIPS47
ALGEMENE VOORZORGSMAATREGELEN EN ADVIEZEN
48
DE BEWAARCAPACITEIT VAN DE VRIEZER
VERGROTEN
49
FUNCTIONS 49
GEBRUIK EN ONDERHOUD VAN52
WATERDISPENSER EN -FILTER (indien aanwezig)
VOEDSEL BEWAREN IN HET APPARAAT 53
TWIST IJSMAKER54
AANBEVELINGEN WANNEER HET APPARAAT55
NIET WORDT GEBRUIKT
TIPS VOOR ENERGIESBESPARING55
REINIGING EN ONDERHOUD56
SYSTEEM MET LEDVERLICHTING56
STORINGEN OPSPOREN57
KLANTESERVICE59
46
ALVORENS HET APPARAAT TE GEBRUIKEN
• Het apparaat dat u zojuist gekocht heeft, is
ontworpen voor huishoudelijk gebruik en voor het
gebruik in:
- keukens van werkplekken, winkels en/of
kantoren
- op boerderijen
- in hotels, motels, residences, bed & breakfast
voor het gebruik door de verschillende klanten.
Voor een optimaal gebruik van uw apparaat is
het raadzaam de gebruiksaanwijzing aandachtig
door te lezen, hierin vindt u een beschrijving van
het apparaat en adviezen voor het conserveren
van voedingsmiddelen.
1. Controleer na het uitpakken van het apparaat of
het niet beschadigd is en of de deur goed sluit.
Uw leverancier dient binnen 24 uur vanaf de
levering van het product van eventuele schade op
de hoogte te worden gesteld.
2. Het is raadzaam minstens twee uur te wachten
alvorens het apparaat in werking te stellen,
om het koelcircuit perfect te kunnen laten
functioneren.
3. Zorg ervoor dat de installatie en de elektrische
aansluiting door een gekwalificeerd
technicus worden verricht overeenkomstig de
aanwijzingen van de fabrikant en de plaatselijke
veiligheidsvoorschriften.
4. Reinig de binnenkant van het product alvorens
het in gebruik te nemen.
Bewaar dit boekje zodat u het naderhand nog
eens kunt raadplegen.
MILIEUTIPS
Informatie:
Dit apparaat bevat geen CFK’s. Het koelcircuit bevat
R134a (HFC) of R600a (HC) (zie het typeplaatje
in het apparaat). Voor apparaten met isobutaan
(R600a): isobutaan is een natuurlijk gas dat geen
schadelijke invloed heeft op het milieu, maar wel
ontvlambaar is. Controleer daarom altijd of de
leidingen van het koelcircuit niet beschadigd zijn.
Dit product bevat mogelijk broeikasgassen met
fluorverbindingen die vallen onder het Kyotoprotocol; het koelgas bevindt zich in een hermetisch
gesloten systeem. Koelgas: R134a heeft een
aardopwarmingsvermogen (GWP) van 1300.
1. Verpakking
Het verpakkingsmateriaal is volledig recyclebaar,
zoals wordt aangegeven door het recyclingsymbool.
Houd u bij het weggooien ervan aan de plaatselijke
voorschriften. Het verpakkingsmateriaal (plastic
zakken, stukken polystyreen enz.) moet buiten het
bereik van kinderen worden gehouden, omdat het
een bron van gevaar kan vormen.
2. Afdanken/Afvalverwerking
Het apparaat is vervaardigd van materiaal dat kan
worden gerecycled. Dit apparaat is voorzien van het
merkteken volgens de Europese richtlijn 2002/96/
EG inzake Afgedankte Elektrische en Elektronische
apparatuur (AEEA). Door ervoor te zorgen dat
dit apparaat correct wordt afgedankt, helpt u
mogelijke schadelijke gevolgen voor het milieu en de
gezondheid te voorkomen.
Verklaring van overeenstemming
• Dit apparaat is ontworpen voor het bewaren
van levensmiddelen en is gefabriceerd in
overeenstemming met Verordening (EG) Nr.
1935/2004.
Het symbool
op het apparaat of op de
begeleidende documentatie geeft aan dat dit
apparaat niet als huishoudelijk afval behandeld mag
worden, maar naar een speciaal verzamelpunt voor
recycling van elektrische en elektronische apparatuur
moet worden gebracht.
Maak het apparaat op het moment dat het wordt
afgedankt onbruikbaar door de voedingskabel door
te snijden en de deuren en schappen te verwijderen,
zodat kinderen niet gemakkelijk in het apparaat
kunnen kruipen en opgesloten kunnen raken. Volg
bij het afdanken van het apparaat de plaatselijke
voorschriften voor afvalverwerking en breng het naar
een speciaal afvalverwerkingscentrum, en laat het
niet onbewaakt achter, ook niet voor slechts een
paar dagen, aangezien het voor kinderen een bron
van gevaar kan opleveren. Voor nadere informatie
over de behandeling, terugwinning en recycling van
dit apparaat wordt u verzocht contact op te nemen
met uw gemeentehuis, uw afvalophaaldienst of de
winkel waar u het apparaat heeft gekocht.
• Dit apparaat is ontwikkeld, geproduceerd en in de
handel gebracht in overeenstemming met:
- de veiligheidsvoorschriften van de
“Laagspanningsrichtlijn” 2006/95/EG (die 73/23/
EEG en latere amendementen vervangt);
- de beschermingsvereisten van de “EMC”richtlijn 2004/108/EG.
De elektrische veiligheid van het apparaat is alleen
gegarandeerd wanneer het op de juiste wijze op
een efficiënt werkende installatie is aangesloten, die
volgens de wettelijke voorschriften is geaard.
47
ALGEMENE VOORZORGSMAATREGELEN
EN ADVIEZEN
• Bewaar of gebruik geen benzine of andere
gassen en licht ontvlambare stoffen in de buurt
van het apparaat of van andere elektrische
huishoudelijke apparatuur. De dampen kunnen
brand of explosies veroorzaken.
• Gebruik geen mechanische, elektrische of
chemische middelen die het ontdooiproces
versnellen behalve die door de fabrikant zijn
aanbevolen.
• Gebruik of plaats geen elektrische apparaten in
de vakken van het apparaat, als hiervoor geen
uitdrukkelijke toestemming door de fabrikant is
gegeven.
• Dit apparaat is niet bedoeld voor gebruik door
personen (waaronder kinderen) met beperkte
lichamelijke, zintuiglijke of verstandelijke
vermogens, of gebrek aan ervaring en kennis,
tenzij ze onder toezicht staan of instructies met
betrekking tot het gebruik van het apparaat
hebben gekregen van een persoon die
verantwoordelijk is voor hun veiligheid.
• Om het risico op verstikking en opsluiting
te vermijden, mag het kinderen niet worden
toegestaan in het apparaat te spelen of zich erin
te verstoppen.
• Slik de (niet-giftige) vloeistof uit de
vrieselementen niet in (bij enkele modellen).
• Eet geen ijsblokjes of waterijsjes die net
uit de vriezer komen, aangezien deze
vriesbrandwonden kunnen veroorzaken.
INSTALLATIE
• Het apparaat moet door twee of meerdere
personen worden verplaatst en geïnstalleerd.
• Let erop dat u de vloeren (bijv. parket) niet
beschadigt wanneer u het apparaat verplaatst.
• Zorg ervoor dat het apparaat tijdens de installatie
de voedingskabel niet beschadigt.
• Installeer het apparaat niet in de buurt van een
warmtebron.
• Laat een vrije ruimte aan de zijkanten en
boven het apparaat om een goede ventilatie te
garanderen. De afstand tussen de achterkant
van het apparaat en de wand achter het apparaat
moet 50 mm bedragen. Een kleinere afstand leidt
tot een hoger energieverbruik van het apparaat.
• Houd de ventilatie-openingen van het apparaat
vrij van obstakels.
• Beschadig de leidingen van het koelcircuit van
het apparaat niet.
• Installeer het apparaat waterpas op een vloer
die het gewicht kan dragen en in een ruimte die
geschikt is voor de afmetingen en het gebruik van
het apparaat.
• Plaats het apparaat in een droge en goed
geventileerde ruimte. Het apparaat is afgesteld
om te werken in ruimten waarin de temperatuur
binnen de volgende waarden ligt, afhankelijk
van de klimaatklasse die op het typeplaatje is
vermeld. Het is mogelijk dat het apparaat niet
goed functioneert als het lange tijd in een ruimte
staat bij een hogere of lagere temperatuur dan
het genoemde bereik.
Klimaatklasse
SN
N
ST
T
Omg. temp. (°C)
Van 10 tot 32
Van 16 tot 32
Van 16 tot 38
Van 16 tot 43
GEBRUIK
• Trek de stekker uit het stopcontact of sluit de
stroomtoevoer af voordat u met reinigings- of
onderhoudswerkzaamheden begint.
• Alle apparaten met een automatische ijsmaker
en waterdispenser moeten worden aangesloten
op een waterleiding die uitsluitend drinkwater
levert (met een waterleidingdruk van tussen de
0,17 en 0,81 Mpa (1,7 en 8,1 bar)). Automatische
ijsmakers en/of waterdispensers die niet
rechtstreeks op de waterleiding zijn aangesloten
mogen uitsluitend met drinkwater gevuld worden.
• Gebruik het koelvak alleen voor het bewaren van
verse levensmiddelen en het vriesvak alleen voor
het bewaren van ingevroren levensmiddelen het
invriezen van levensmiddelen en het maken van
ijsblokjes.
• Bewaar geen dranken in glas in het vriesvak,
omdat het glas dan kan breken.
• Leg geen onverpakt voedsel direct op de
binnenoppervlakken van de koelkast of het
vriesvak.
De fabrikant kan niet aansprakelijk worden
gesteld, indien bovenstaande adviezen
en voorzorgsmaatregelen niet in acht zijn
genomen.
Omg. temp. (°F)
Van 50 tot 90
Van 61 tot 90
Van 61 tot 100
Van 61 tot 110
• Controleer of de spanning op het typeplaatje
overeenkomt met de netspanning in uw woning.
• Gebruik geen verloopstekkers of verlengkabels.
• Gebruik voor de aansluiting op de waterleiding de
bij het nieuwe apparaat geleverde slang en niet
die van het vorige apparaat.
• De voedingskabel mag alleen door gekwalificeerd
personeel of door de Klantenservice worden
gewijzigd of vervangen.
• Het moet mogelijk zijn het apparaat van het
elektriciteitsnet af te koppelen door de stekker
uit het stopcontact te halen of via een tweepolige
netschakelaar die bovenstrooms van het
stopcontact is geplaatst.
VEILIGHEID
• Bewaar geen explosieve stoffen zoals
spuitbussen met ontvlambare drijfgassen in dit
apparaat.
48
• Tenzij anders gespecificeerd zijn de accessoires
van het apparaat niet geschikt om afgewassen te
worden in de afwasmachine.
• Nadat u levensmiddelen hebt geplaatst, moet
u ervoor zorgen dat de deuren van het koel- en
vriesvak goed sluiten, vooral de deur van het
vriesvak.
• Hoe groter de afstand tussen de achterkant
van het apparaat en de muur, hoe hoger de
energiebesparing.
Opmerkingen:
• Blokkeer het luchtuitlaatgebied (op de
achterwand) niet met levensmiddelen
• Als de vriezer voorzien is van een klep, dan kan
de opbergruimte vergroot worden door de klep te
verwijderen (door hem te buigen).
• Alle schappen, kleppen en korven zijn
uitneembaar.
• De binnentemperatuur van het apparaat
kan beïnvloed worden door de
omgevingstemperatuur, hoe vaak de deur wordt
geopend en de plaats van het apparaat. Bij het
instellen van de temperatuur moet rekening
gehouden worden met deze factoren.
DE BEWAARCAPACITEIT
VAN DE VRIEZER VERGROTEN
• de voedselproducten rechtstreeks op de
schappen van de vriezer te leggen.
• de Twist IJsmaker (apart) of samen met het
dockingstation te verwijderen.
U kunt de bewaarcapaciteit van de vriezer vergroten
door:
• de korven / kleppen te verwijderen (door ze te
buigen) zodat u grote producten kunt bewaren.
FUNCTIONS
ECO NIGHT-FUNCTIE
(NACHTTARIEF)
Met de functie Nachttarief kunt u het energieverbruik
van het apparaat concentreren tijdens de daluren
(gewoonlijk ‘s nachts), wanneer energie in grote
hoeveelheden beschikbaar is en minder kost dan
overdag (alleen in bepaalde landen met een systeem
met meerdere tarieven op basis van piek- en daluren
- vraag naar de tarieven bij uw energiemaatschappij).
op het moment
Druk op de knop Nachttarief
dat de daluren beginnen (naargelang uw specifieke
tariefplan) om deze functie in te schakelen. Als de
daluren bijvoorbeeld om 20:00 uur starten, dan moet
u op dat tijdstip op de knop drukken.
Wanneer het pictogram Nachttarief
AAN is, is
de functie ingeschakeld. Nadat u de functie heeft
ingeschakeld begint het apparaat het energieverbruik
automatisch aan te passen aan het tijdstip, d.w.z.
verbruikt het minder energie overdag dan ‘s nachts.
6th SENSE FRESH CONTROL
GREEN INTELLIGENCE PROFRESH
Met deze functie kunt u snel optimale
bewaarcondities (voor wat betreft temperatuur en
vochtigheid) in het apparaat bereiken. Voor een
correcte werking moet ook de ventilator ingeschakeld
zijn. De functie “6th Sense Fresh Control”/ “Green
Intelligence ProFresh” is standaard ingeschakeld.
Om de functie handmatig uit te schakelen houdt u de
Nachttarief 3 seconden
toetsen Vriesvak °C en
ingedrukt: u hoort een geluidssignaal en het symbool
“6th Sense Fresh Control “ /”Green Intelligence
ProFresh”
igaat uit ter bevestiging dat de functie
uitgeschakeld is.
De functie kan weer worden ingeschakeld door
dezelfde procedure te herhalen: u hoort een
geluidssignaal en het symbool “6th Sense Fresh
Control” /”Green Intelligence ProFresh”
gaat weer branden ter bevestiging dat de functie
ingeschakeld is.
Na een stroomuitval of na het omschakelen van
Stand-by naar de normale modus, wordt de
status van de functies “6th Sense Fresh Control” /
“Green Intelligence ProFresh” gereset naar de
standaardwaarde, d.w.z. ingeschakeld.
BELANGRIJK: Om op een goede manier te kunnen
werken moet de functie zowel ‘s nachts als overdag
actief zijn.
49
De functie blijft actief tot u deze uitschakelt (of als er
een stroomstoring optreedt, of als het apparaat wordt
uitgeschakeld). Om de functie uit te schakelen, drukt
u op de knop
Nachttarief. Wanneer het pictogram
UIT is, is de functie uitgeschakeld.
Nachttarief
ALARM DEUR OPEN
Het
Alarmsymbool gaat branden en er klinkt een
geluidsalarm. Het alarm wordt geactiveerd als de
deur langer dan 2 minuten open blijft staan. Om de
deuralarmen uit te schakelen sluit u de deur of drukt
om het
u éénmaal op de knop Alarm stoppen
geluidsalarm te stoppen.
AAN/STAND-BY
Deze functie dient om zowel de koelkast als
het vriesvak Aan of in Stand-by te zetten. Om
het product in Stand-by te zetten, houdt u de
knop & Aan/Stand-by
3 seconden ingedrukt.
Alle symbolen wordt uitgeschakeld, behalve de
achtergrondverlichting van het symbool Aan/
Stand-by , om aan te duiden dat het apparaat in
Stand-by staat. Als het apparaat in Stand-by staat,
werkt de binnenverlichting van de koelkast niet.
Bedenk wel dat het apparaat op deze manier niet
van de elektrische voeding wordt afgekoppeld.
Om het apparaat weer in te schakelen houdt u de
knop Aan/Stand-by
3 seconden ingedrukt.
ALARM TEMPERATUUR
Het geluidssignaal klinkt en alle 5 de
temperatuurlampjes van het vriesvak knipperen. Het
alarm wordt geactiveerd als:
• Het apparaat weer op het elektriciteitsnet wordt
aangesloten nadat het een periode niet is
gebruikt
• De temperatuur van het vriesvak te hoog is
• De hoeveelheid verse levensmiddelen die in de
vriezer is gezet, groter is dan aangegeven op het
typeplaatje
• De deur van de vriezer lange tijd open heeft
gestaan.
• Druk om het alarmsignaal te stoppen éénmaal op
de knop Reset .
• Het
alarmsymbool wordt automatisch
uitgeschakeld zodra de temperatuur in
het vriesvak onder de -10 °C komt en de
temperatuurlampjes van het vriesvak stoppen
met knipperen en de gekozen instelling wordt
weergegeven.
Opmerking: het energieverbruik van het apparaat is
vermeld met de functie Nachttarief uitgeschakeld.
BLACKOUT-ALARM
Na een stroomuitval is uw apparaat zodanig
ontworpen dat de temperatuur in het vriesvak
automatisch bewaakt wordt tot de stroomtoevoer
hersteld is. Als de temperatuur in het vriesvak boven
het diepvriesniveau ligt, wordt op het moment dat
de stroom terugkeert het
Blackout-symbool
verlicht, knippert het
alarmsymbool en klinkt het
geluidssignaal. Druk, om het alarm uit te schakelen,
éénmaal op de knop Reset Alarm .
In geval van een Blackout-alarm, worden de
volgende handelingen aanbevolen:
• Als het voedsel in de vriezer niet bevroren maar
nog wel koud is, breng het dan over naar de
koelkast en eet het binnen 24 uur op.
• Als het voedsel in de vriezer bevroren is, betekent
dit dat het voedsel ontdooid was en weer werd
ingevroren toen de stroomtoevoer hersteld
werd, de smaak, kwaliteit en voedingswaarde is
verminderd en het voedsel kan zelfs bedorven
zijn. Het wordt geadviseerd om dit voedsel niet op
te eten en de hele inhoud van het vriesvak weg te
gooien.
Het systeem “Blackout-alarm” heeft tot doel om
informatie te verstrekken over de kwaliteit van de
voedingsmiddelen die in het vriesvak aanwezig
zijn bij een stroomuitval Dit systeem garandeert de
kwaliteit van het voedsel niet en consumenten wordt
geadviseerd hun gezonde verstand te gebruiken bij
het controleren van de kwaliteit van het voedsel in de
vries- en koelvakken.
VENTILATOR
De ventilator verbetert de temperatuurverdeling
in de koelkast, waardoor het voedsel beter
geconserveerd wordt. De ventilator is standaard
ingeschakeld. Geadviseerd wordt om de ventilator
ingeschakeld te houden, zodat de “6th Sense Fresh
Control” / “Green Intelligence ProFresh”-functie
correct kan werken, en ook als de luchttemperatuur
in de omgeving boven de 27 ÷ 28 °C komt, als er
waterdruppels op de glazen schappen liggen of
als er sprake is van een hoge luchtvochtigheid.
Vergeet niet dat als de ventilator is ingeschakeld,
deze niet continu zal werken. De ventilator start/
stopt met werken afhankelijk van de temperatuur en/
of de vochtigheidsgraad in de koelkast. Het is dus
helemaal normaal als de ventilator niet werkt ook al
is hij ingeschakeld.
Opmerking:
Blokkeer het gebied van de luchtinlaat niet met
levensmiddelen.
Om de juiste werking bij een lagere
omgevingstemperatuur (kouder dan 18 °C) te
garanderen en het energieverbruik zo laag mogelijk
te houden, schakelt u de ventilator uit. Druk op de
knop van de ventilator om deze uit te schakelen.
50
Als het apparaat voorzien is van de ventilator, kan
het ook uitgerust worden met het antibacteriële
filter.
De instructies voor de vervanging vindt u in de doos
van het filter.
Haal het filter uit de doos in de crisperlade en plaats
het in de afdekking van de ventilator.
SLIM DISPLAY
Deze optionele functie kan gebruikt worden
om energie te besparen. Om de functie Slim
Display in te schakelen, houdt u de knoppen
Vriesvak °C tegelijkertijd 3 seconden ingedrukt
tot het geluidssignaal klinkt. Twee seconden na
inschakeling van het Slimme Display gaat het
display uit, behalve het symbool “6th Sense Fresh
Control”/ “Green Intelligence ProFresh”. Om de
temperatuur aan te passen of andere functies
te gebruiken moet het display weer geactiveerd
worden. Druk hiervoor op een willekeurige toets.
Het display gaat na ongeveer 15 seconden zonder
handeling weer uit en alleen het symbool “6th Sense
Fresh Control” / “Green Intelligence ProFresh” blijft
zichtbaar. Wanneer de functie uitgeschakeld is,
wordt het normale display hersteld. Het slimme
display wordt automatisch uitgeschakeld na een
stroomuitval. Deze functie sluit het apparaat niet
af van de netvoeding, maar vermindert alleen het
energieverbruik door het externe display.
Zie de gebruiksaanwijzing voor het in- en
uitschakelen van de functie.
Opmerking: Het energieverbruik van het apparaat in
de verklaring verwijst naar de werking met de functie
Slim Display ingeschakeld.
Wanneer de functie “6th Sense Fresh Control” /
“Green Intelligence ProFresh” uitgeschakeld wordt,
dan wordt het Slimme Display ingeschakeld - alle
lampjes op het display gaan dan uit.
TOETSENBLOKKERING
Als deze functie is ingeschakeld, kunnen de
instellingen niet per ongeluk gewijzigd worden
en kan het apparaat niet per ongeluk uitgezet
worden. Om de toetsen te blokkeren houdt de
3 seconden ingedrukt tot
knop Alarm stoppen
het symbool Toetsenblokkering
op het display
wordt weergegeven en er een geluidssignaal klinkt
ter bevestiging dat de functie is geselecteerd. Na
uit.
3 seconden gaat het symbool
Als deze functie geactiveerd is, dan klinkt er
een geluidssignaal en knippert het symbool
Toetsenvergrendeling
wanneer u op de andere
toetsen (behalve de toets Alarm stoppen) drukt. Elk
alarm kan gedeactiveerd worden wanneer de functie
Toetsenvergrendeling actief is.
Om de toetsen te deblokkeren volgt u dezelfde
procedure tot het symbool Toetsenblokkering op het display wordt weergegeven en er een
geluidssignaal klinkt ter bevestiging dat de functie
uitgeschakeld is. Na 1 seconde gaat het symbool
uit.
51
GEBRUIK EN ONDERHOUD VAN
WATERDISPENSER EN -FILTER (indien aanwezig)
Waterdispenser
Eerste gebruik
De eerste keer dat u de waterdispenser gebruikt of na een lange periode zonder gebruik, wast u het reservoir
en het filter met water.
De waterdispenser biedt vers, gefilterd water, zonder dat u de deur van de koelkast hoeft te openen. Zo
wordt de deur minder vaak geopend, waardoor het energieverbruik van het product daalt.
Filter met actieve koolstof plaatsen en vervangen
Het waterfilter moet uit de zak worden gehaald (in de crisperlade (item 7)). Volg de instructies bij het filter.
Let op: Als het filter lange tijd droog blijft, is het mogelijk dat het minder goede prestaties levert. Dompel het
filter een paar seconden onder in water zodat het opnieuw optimale prestaties levert.
Draai de dop in de richting
van de pijl om het reservoir
te vullen
Reservoir
Afb. 1
Stop
Druppelopvangbakje
Activeringslipje
Afb. 2
Afb. 3
Afb. 4
Afb. 5
Afb. 6
Afb. 8
Afb. 9
Waterreservoir (afb. 1)
Het waterreservoir is gemaakt van antibacterieel materiaal. Dit voorkomt en beperkt de vorming
van bacteriën. Een interne houder, met een filter met actieve koolstof, filtert het water. Het
reservoir vullen: draai de waterinlaat naar u toe en vul deze met water. Gebruik hiervoor een
kan of een andere geschikte houder. Als het reservoir vol is, sluit u de waterinlaat door deze
terug in de oorspronkelijke positie te draaien.
Gebruik alleen drinkwater: andere vloeistoffen kunnen de prestaties van het product
beperken.
Gefilterd water verkrijgen (afb. 2)
Nadat het reservoir is gevuld, is het mogelijk dat het water niet onmiddellijk beschikbaar is.
Dat komt omdat het filterproces een paar minuten in beslag kan nemen (afhankelijk van de
hoeveelheid water in het reservoir). Water verdelen: houd de deur van de koelkast gesloten en
druk met het glas op het lipje van de waterdispenser.
Als de levering van water om veiligheidsredenen moet worden voorkomen, drukt u gewoon op
de stop aan de achterkant van het lipje. Om de levering van water vrij te geven, zet u de stop
terug in de oorspronkelijke positie. Het is raadzaam om het water dat door de dispenser wordt
geleverd binnen de 6 uur te drinken.
Het waterreservoir reinigen (afb. 3-4-5-6-7-8-9)
Reinig het waterreservoir regelmatig met stromend water. Geadviseerd wordt om de eenheid
tweemaal per jaar schoon te maken met specifieke producten op basis van verdund chloor die
de eigenschappen van het materiaal niet veranderen en daarna af te spoelen met stromend
water. Ga als volgt te werk om het reservoir te reinigen:
- (afb. 3) maak het bakje bovenaan de deur los en verwijder het
- (afb. 4) maak het waterreservoir los en verwijder het door het op te tillen en naar u toe te
trekken. Plaats het reservoir op een vlak oppervlak, verwijder en was het
deksel.
Opmerking: het reservoir moet zo snel mogelijk terug op zijn plaats
worden gezet, om te voorkomen dat de koelkast oververhit raakt.
- (afb. 5a - 5b) verwijder de interne houder en het filter, en was ze apart.
Gebruik alleen zuiver water om het filter te reinigen (zonder wasmiddel
of scherp gereedschap). Neem het schijffilter eerst uit de houder om het te
reinigen.
- (afb. 6) voor een grondigere reiniging verwijdert u de dop van de klep (de
aansluiting tussen het reservoir en de koelkast) door deze linksom te draaien.
Reinig de dop. Belangrijk: trek niet aan het klephuis (afb. 7).
- (afb. 8) vervang de dop van de klep door deze linksom te draaien.
Afb. 7
- (afb. 9) zet het reservoir terug op zijn plaats door het tussen de zijgeleiders
van de deur te plaatsen en het op zijn plaats te duwen, waarbij u ervoor zorgt
dat de klep terug in de oorspronkelijke zitting past. Controleer of er geen
openingen meer zijn tussen de rubberen afdichting van het reservoir en de
deur.
Suggestie vervanging filter bij standaard gebruik van:
3,0 l/dag 4 maanden
4,5 l/dag 3 maanden
6,0 l/dag 2 maanden
De vervanging van het filter valt niet onder de productgarantie. Om nieuwe patronen voor het
waterfilter te bestellen, neemt u contact op met de klantenservice.
52
VOEDSEL BEWAREN IN HET APPARAAT
KOELKAST
Indeling van de ingevroren levensmiddelen
De ingevroren producten opbergen en indelen in de
vriezer. De bewaardatum moet op de verpakking
worden aangegeven, zodat het voedsel tijdig
geconsumeerd wordt.
De koelkast is de ideale bewaarplaats voor kanten-klare maaltijden, taarten en gebak, ingemaakt
voedsel, gecondenseerde melk, harde kaas, fruit en
groenten die gevoelig zijn voor koude en tropisch
fruit. De natuurlijke luchtcirculatie in de koelkast
resulteert in zones met verschillende temperaturen.
De koudste zone is direct boven de groenteladen
en bij de achterwand. De warmste zone is aan de
voorkant bovenin de koelkast.
Tips voor het bewaren van diepvriesproducten
Bij de aankoop van diepvriesproducten moet u op de
volgende punten letten:
• De verpakking moet onbeschadigd zijn
(diepvriesproducten in een beschadigde
verpakking kunnen bedorven zijn). Als de
verpakking bol staat of als er vochtplekken
op zitten, is het product niet onder optimale
omstandigheden bewaard en kan het al
gedeeltelijk ontdooid zijn.
Opmerking: Onvoldoende ventilatie leidt tot een
stijging van het energieverbruik en een vermindering
van de koelprestaties.
Tips voor het bewaren van vers voedsel
• Gebruik recyclebare plastic, metalen, aluminium
en glazen bakjes en vershoudfolie om het
voedsel in te verpakken.
• Gebruik altijd gesloten houders voor vloeistoffen
en voor voedsel dat geuren of smaken kan
afgeven of kan bederven door geuren of smaken
van andere producten, of dek het af.
• Voedselproducten die een grote hoeveelheid
ethyleengas afgeven en producten die gevoelig
zijn voor dit gas, zoals fruit, groenten en salade,
moeten altijd gescheiden worden bewaard of
verpakt worden zodat de houdbaarheid niet
achteruitgaat; bewaar bijvoorbeeld geen tomaten
samen met kiwi’s of kool.
• Bewaar voedsel niet te dicht tegen elkaar, zodat
er voldoende luchtcirculatie mogelijk is.
• Om te zorgen dat flessen niet omvallen: verplaats
de flessenhouder.
Geadviseerd wordt om het voedsel als volgt te
rangschikken:
• Op de schappen van de koelkast: gebakken
producten, kant-en-klare maaltijden, fruit en
groenten die gevoelig zijn voor kou, kleine pakjes.
• In de koudere zone: zuivelproducten, vlees en worst.
• In de fruit- en groentecrisper: groenten, salade, fruit.
• In de deur (van boven naar beneden): boter, kaas,
eieren, tubes, kleine flessen, melk, pakken sap.
• De diepvriesproducten moeten als laatste worden
gekocht en in isolerende tassen worden vervoerd.
Let op:
MAANDEN
VRIESVAK
In het vriesvak kunt u diepvriesproducten bewaren,
ijsblokjes maken en vers voedsel invriezen
De maximale hoeveelheid verse levensmiddelen in
kilogram die in 24 uur kan worden ingevroren staat
aangegeven op het typeplaatje (...kg/24u).
Vries ontdooid voedsel niet opnieuw in.
VOEDINGSMIDDELEN
In de tabel hiernaast kunt u zien hoeveel
maanden verse, ingevroren levensmiddelen
bewaard kunnen worden.
53
TWIST IJSMAKER
IJSBLOKJES MAKEN
U kunt de volledige Twist IJsmaker verwijderen
(houd de hendel (1) aan de linkerkant ingedrukt
en duw hem (2) naar u toe) of u kunt alleen het
ijsblokjesbakje verwijderen door het naar u toe te
trekken (3).
IJSBLOKJES UIT DE IJSMAKER HALEN
1. Zorg ervoor dat de opvangbak op zijn plaats zit
onder het ijsblokjesbakje. Schuif hem zo nodig op
zijn plaats.
2. Draai een van de hendels stevig naar rechts tot
het bakje licht kantelt. De ijsblokjes vallen in de
opvangbak.
of
Vul het bakje met drinkwater (tot maximaal 2/3 van
de inhoud vullen)
3. Herhaal stap 2 voor de andere helft van het
bakje, indien nodig. U kunt ijsblokjes maken (zie
het hoofdstuk “IJSBLOKJES MAKEN”) en ze
bewaren in de opvangbak en deze naar u toe
trekken.
4. Om ijsblokjes te krijgen tilt u de opvangbak een
beetje op en trekt u hem naar u toe.
Opmerking: als u wilt kunt u de gehele Twist
IJsmaker uit het apparaat verwijderen om de
ijsblokjes er op een handige plaats uit te halen
(bijvoorbeeld direct aan tafel).
of
Plaats de Twist IJsmaker terug in het apparaat of
plaats het ijsblokjesbakje terug in de Twist IJsmaker.
Kijk uit dat u geen water morst.
of
Wacht tot de ijsblokjes bevroren zijn (geadviseerd
wordt om ongeveer 4 uur te wachten met de
snelvriesfunctie ingeschakeld).
Opmerking: De Twist IJsmaker is uitneembaar.
Hij kan horizontaal overal in het vriesvak worden
geplaatst, of uit het apparaat worden verwijderd als u
geen ijsblokjes nodig heeft.
54
AANBEVELINGEN WANNEER HET
APPARAAT NIET WORDT GEBRUIKT
Korte afwezigheid
De koelkast hoeft niet van het elektriciteitsnet
te worden afgekoppeld als u korter dan drie
weken afwezig bent. Consumeer de bederfelijke
voedingsmiddelen en vries de andere
voedingsmiddelen in.
Stroomuitval
Als de stroom uitvalt dient u zich tot het plaatselijke
elektriciteitsbedrijf te wenden om te vragen hoe lang
de stroomuitval zal duren
Opmerking: Houd er rekening mee dat een vol
vriesvak langer koud blijft dan een halfvol vak.
Als er op de voedingsmiddelen ijskristallen zichtbaar
zijn, kunnen ze zonder enig risico opnieuw worden
ingevroren, ook al zullen de smaak en het aroma
waarschijnlijk anders zijn.
Wanneer het voedsel duidelijk in een slechte staat
verkeert kunt u het beter weggooien.
Als de stroomuitval korter dan 24 uur duurt.
1. Houd beide deuren van het apparaat gesloten.
Op deze manier blijven de levensmiddelen in de
koelkast zo lang mogelijk koud.
Als de stroomuitval langer dan 24 uur duurt.
1. Haal al het bevroren voedsel uit het vriesvak
en zet het in een draagbare vriezer. Als dit
type vriezer niet voorhanden is en als er geen
pakken kunstijs beschikbaar zijn, probeer dan
de levensmiddelen die het snelst bederven te
consumeren.
2. Maak de ijsbak leeg.
Lange afwezigheid
Verwijder alle levensmiddelen uit het apparaat als u
drie weken of langer afwezig bent.
1. Maak de ijsbak leeg.
Bevestig enkele houten of plastic blokken met
plakband aan het bovenste gedeelte van de twee
deuren en laat de deuren open staan, zodat in beide
vakken voldoende lucht kan circuleren. Op die
manier worden nare luchtjes en schimmelvorming
voorkomen.
Verhuizen
1. Haal alle uittrekbare elementen uit de koelkast.
2. Verpak ze zorgvuldig en zet ze aan elkaar vast
met plakband om te voorkomen dat ze tegen
elkaar klapperen of verloren gaan.
3. Schroef de stelvoetjes zodanig aan dat ze het
steunvlak niet raken.
4. Sluit beide deuren en plak ze met plakband dicht,
en plak ook de voedingskabel met plakband aan
het apparaat vast.
TIPS VOOR ENERGIESBESPARING
• Installeer het apparaat in een droge, goed
geventileerde ruimte, ver bij eventuele
warmtebronnen vandaan (bijv. radiator, fornuis,
etc.) en op een plek die niet aan direct zonlicht
wordt blootgesteld. Gebruik indien nodig een
isolatieplaat.
• Om voor voldoende ventilatie te zorgen, dient
er aan beide zijkanten en aan de bovenkant van
het apparaat ruimte vrijgelaten te worden. De
afstand tussen de achterzijde van het apparaat
en de muur achter het apparaat dient 50 mm te
bedragen. Bij minder ruimte aan de achterzijde
neemt het energieverbruik van het product toe.
• Door onvoldoende ventilatie aan de achterzijde
van het product neemt het energieverbruik toe en
neemt de koelefficiëntie af.
• De binnentemperatuur van het apparaat
kan beïnvloed worden door de
omgevingstemperatuur, hoe vaak de deur wordt
geopend en de plaats van het apparaat. Bij het
instellen van de temperatuur moet rekening
gehouden worden met deze factoren.
• Laat warme gerechten en dranken eerst afkoelen
voordat ze in het apparaat geplaatst worden.
• Blokkeer de ventilator niet met levensmiddelen.
• Nadat de levensmiddelen in het apparaat zijn
geplaatst, dient gecontroleerd te worden of de
deuren van de vakken goed sluiten, met name de
deur van het vriesvak.
• Beperk het openen van deuren tot een minimum.
• Plaats diepgevroren etenswaar die u wilt
ontdooien in de koelkast. De lage temperatuur
van de diepgevroren etenswaar koelt de
etenswaar in de koelkast.
• Bij apparaten met speciale vakken (vak voor
verse etenswaar, nul graden-vak,…), kunnen
de betreffende vakken verwijderd worden indien
deze niet worden gebruikt.
• De positionering van de platen in de
koelkast heeft geen invloed op het efficiënte
energiegebruik. De etenswaar dient zodanig op
de platen geplaatst te worden om voor voldoende
luchtcirculatie te zorgen (de verschillende
etenswaar dient elkaar niet te raken en de afstand
tussen de etenswaar en de achterwand moet
behouden blijven).
• U kunt de opbergruimte voor diepgevroren
etenswaar vergroten door de klep en/of de
opslagmand te verwijderen (volgens het
productblad) terwijl hetzelfde energieverbruik
behouden blijft.
• De condensator (de spoel in de achterzijde
van het apparaat) dient regelmatig gereinigd te
worden.
• Een beschadigde of lekkende afdichting dient zo
snel mogelijk vervangen te worden.
55
REINIGING EN ONDERHOUD
Trek de stekker uit het stopcontact of sluit de
stroomtoevoer af voordat u onderhouds- of
reinigingswerkzaamheden uitvoert.
Reinig het apparaat regelmatig met een vochtige
doek met een oplossing van lauw water en neutrale
schoonmaakmiddelen die specifiek bedoeld zijn voor
het reinigen van de binnenkant van een koelkast.
Gebruik geen reinigings- of schuurmiddelen
Maak de koelkast nooit schoon met ontvlambare
vloeistoffen.
De dampen die hieruit voortkomen kunnen brand
of explosies veroorzaken. Reinig de buitenkant van
het apparaat en de deurafdichting met een vochtige
doek en droog ze af met een zachte doek.
Gebruik geen stoomreinigers.
Reinig de condensor op de volgende manier met
een stofzuiger: verwijder de voorste plint en reinig de
condensor.
Let op:
• De toetsen en het display van het
bedieningspaneel mogen niet gereinigd worden
met middelen op basis van alcohol of daarvan
afgeleide stoffen, maar met een droge doek.
• De leidingen van het koelsysteem lopen in de
buurt van de bak voor het dooiwater en kunnen
hoge temperaturen bereiken. Maak de leidingen
regelmatig schoon met een stofzuiger.
• Om het glazen schap te verwijderen of te
plaatsen, tilt u het voorste gedeelte van het schap
op tot voorbij de stop.
Om de constante en correcte afvoer van het
dooiwater te garanderen, dient u regelmatig het
afvoergaatje op de achterwand van het koelvak,
in de buurt van de groente- en fruitlade, schoon
te maken met behulp van het bijgeleverde
gereedschap.
SYSTEEM MET LEDVERLICHTING
Het verlichtingssysteem in de koelkast maakt
gebruik van ledlampjes, dit zorgt niet alleen voor
een betere verlichting maar ook voor een uiterst laag
energieverbruik. Als het systeem met ledverlichting
niet werkt, contact opnemen met de Klantenservice
om het te laten vervangen.
Let op:
De binnenverlichting van de koelkast gaat branden
wanneer de deur van de koelkast geopend wordt.
Wanneer de deur langer dan 10 minuten open
blijft staan, wordt de verlichting automatisch
uitgeschakeld.
56
STORINGEN OPSPOREN
Voordat u de klantenservice belt....
Problemen in de werking zijn vaak het gevolg van kleine oorzaken die u zelf kunt opsporen en verhelpen,
zonder dat hiervoor enig type gereedschap nodig is.
Geluiden die uit uw apparaat
komen zijn normaal, omdat
het een aantal ventilatoren en
motoren heeft om functies te
besturen die automatisch inen uitgeschakeld worden.
Sommige functionele
geluiden kunnen worden
verminderd door
- Het apparaat waterpas
te zetten op een vlakke
ondergrond
- Contact tussen het apparaat
en andere meubels
te vermijden en deze
gescheiden te houden.
- Te controleren of de
interne onderdelen correct
geïnstalleerd zijn.
- Te controleren of flessen en
bakjes elkaar niet raken.
Enkele van de functionele geluiden die u kunt horen zijn:
Een sissend geluid als u het apparaat voor het eerst aanzet
of na een lange onderbreking.
Een borrelend geluid wanneer de koelvloeistof in de leidingen
stroomt.
Een zoemend geluid als de waterklep of de ventilator begint te
werken.
Een krakend geluid wanneer de compressor begint te werken
of wanneer er ijs in de ijsbak valt; abrupte klikken wanneer de
compressor in- en uitschakelt.
Het apparaat werkt niet:
• Is het netsnoer aangesloten op een goedwerkend stopcontact met de
juiste spanning?
• Heeft u de stoppen en zekeringen van het elektrische systeem in uw
woning gecontroleerd?
• Dit is normaal bij warm, vochtig weer. De bak kan zelfs half vol raken.
Zorg ervoor dat het apparaat waterpas staat zodat het water niet over
de rand loopt.
• Dit is normaal bij warm weer en als de compressorin werking is.
Er zit water in de opvangbak
van het dooiwater:
De randen van de behuizing
van het apparaat, die in
contact komen met de
deurafdichting zijn warm als
u ze aanraakt:
De verlichting werkt niet:
Als de motor te veel lijkt te
werken:
• Heeft u de stoppen en zekeringen van het elektrische systeem in uw
woning gecontroleerd?
• Is het netsnoer aangesloten op een goedwerkend stopcontact met de
juiste spanning?
• Is het lampje doorgebrand?
• Is de condensor (op de achterkant van het apparaat) vrij van stof en
pluis?
• Is de deur goed gesloten?
• Sluiten de deurafdichtingen wel goed af?
• Op warme dagen, of als het warm is in het vertrek, draait de motor
natuurlijk langer.
• Als de deur van het apparaat een tijdje open heeft gestaan of als er
grote hoeveelheden voedsel zijn geplaatst, zal de motor langer draaien
om de binnenkant van het apparaat.
• De tijd dat de motor draait hangt van verschillende factoren af: hoe
vaak de deur wordt geopend, de hoeveelheid geconserveerd voedsel,
de kamertemperatuur en de instelling van de temperatuurregelingen.
57
Als de temperatuur van het
apparaat te hoog is:
•
•
•
•
•
Er is te veel vochtophoping
• Zorg ervoor dat de luchtstroomopeningen in het apparaat niet
geblokkeerd worden, omdat dit de luchtcirculatie verhindert.
• Zorg ervoor dat het voedsel goed verpakt is. Droog vocht op bakjes met
voedsel af voordat u ze in het apparaat legt.
• Let erop dat de deuren niet te vaak worden geopend. Door de deur
te openen komt de vochtigheid die in omgevingslucht aanwezig is
het apparaat binnen. Hoe vaker de deur wordt geopend, hoe sneller
vochtigheid zich ophoopt, vooral als de ruimte zelf zeer vochtig is.
• Als de ruimte zeer vochtig is, is het normaal dat de vochtigheidsgraad
in de koelkast toeneemt.
• Controleer of het voedsel de deur niet blokkeert.
• Controleer of de interne onderdelen of de automatische ijsmaker niet
verkeerd geplaatst zijn.
• Controleer of de deurafdichtingen niet vuil of kleverig zijn.
• Controleer of het apparaat waterpas staat.
Als de deuren niet goed
openen of sluiten:
Zijn de bedieningen van het apparaat goed ingesteld?
Heeft u een grote hoeveelheid voedsel in het apparaat gezet?
Let erop dat de deur niet te vaak wordt geopend.
Controleer of de deuren perfect sluiten.
Zorg ervoor dat de luchtstroomopeningen in het apparaat niet
geblokkeerd worden, omdat dit de circulatie van koude lucht verhindert.
WERKINGSALARMEN
In het geval van werkingsalarmen worden deze eveneens weergegeven in de temperatuurlampjes
van de koelkast (b.v. Storing1, Storing 2 etc...). Bel de Klantenservice en geef de alarmcode door. Het
geluidssignaal klinkt, het alarmsymbool
licht op en de 3 middelste lampjes in de temperatuurlampjes van
de koelkast knipperen volgens de hieronder beschreven storingscode
Storing code
Error 2
Error 3
Error 6
Legenda
Visualisatie
RC-instelpunten knipperen aan/uit bij 0,5 sec.
Knippert tweemaal AAN en blijft dan 5 seconden uit.
Het patroon herhaalt zich.
RC-instelpunten knipperen aan/uit bij 0,5 sec.
Knippert driemaal AAN en blijft dan 5 seconden uit.
Het patroon herhaalt zich.
RC-instelpunten knipperen aan/uit bij 0,5 sec.
Knippert zes AAN en blijft dan 5 seconden uit.
Het patroon herhaalt zich.
Lampje uit
Lampje knippert
58
x2
x3
x6
KLANTENSERVICE
Voordat u de Klantenservice belt:
Zet het apparaat weer aan om te zien of het
probleem is verholpen. Is dit niet het geval, schakel
het apparaat dan uit en wacht ongeveer een uur
voordat u het weer aanzet.
Als uw apparaat nog steeds niet naar behoren werkt
nadat u de controles in Storingen opsporen heeft
uitgevoerd en het apparaat weer heeft ingeschakeld,
bel dan de Klantenservice en leg het probleem uit.
• het servicenummer (het nummer achter het
woord SERVICE op het typeplaatje binnenin het
apparaat),
• uw volledige adres,
• uw telefoonnummer.
Vermeld de volgende gegevens:
• Het model en het serienummer van het apparaat
(vermeld op het typeplaatje),
• de aard van de storing,
Opmerking:
De richting waarin de deur opengaat, kan worden
veranderd. Als deze verandering verricht wordt door
de Klantenservice, wordt dit niet gedekt door de
garantie.
59
(1)
1
2
3
298
5
4
6
299
7
8
300
9
10
301
11
(2)
1
2
3
4
5
302
6
7
8
9
a
b
10
303
11
Download PDF

advertising