Whirlpool ARC 4190/AL Instruction for Use

Add to my manuals
20 Pages

advertisement

Whirlpool ARC 4190/AL Instruction for Use | Manualzz
7
GEBRUIKSAANWIJZING
ALVORENS HET APPARAAT TE GEBRUIKEN ........PAGINA 67
MILIEUTIPS ..........................................................................PAGINA 67
ALGEMENE VOORZORGSMAATREGELEN EN
ADVIEZEN ............................................................................PAGINA 68
BESCHRIJVING VAN HET APPARAAT ......................PAGINA 69
BESCHRIJVING BEDIENINGSPANEEL .......................PAGINA 70
HET APPARAAT OP HET ELEKTRICITEITSNET
AANSLUITEN ......................................................................PAGINA 72
RICHTLIJNEN VOOR SELECTIE VAN DE
FUNCTIES .............................................................................PAGINA 73
KOELVAK ..............................................................................PAGINA 76
VRIESVAK .............................................................................PAGINA 80
RICHTLIJNEN VOOR HET CONSERVEREN EN
ONTDOOIEN VAN VOEDINGSMIDDELEN..............PAGINA 81
ONDERHOUD EN REINIGING ......................................PAGINA 83
VOORZORGSMAATREGELEN BIJ
LANGDURIGE AFWEZIGHEID ......................................PAGINA 83
RICHTLIJNEN VOOR HET OPSPOREN VAN
STORINGEN / KLANTENSERVICE ...............................PAGINA 84
KLANTENSERVICE ............................................................PAGINA 85
66
ALVORENS HET APPARAAT TE GEBRUIKEN
Het door u aangeschafte product is een koel-/
vriescombinatie met geventileerde koude (nofrost systeem) dat uitsluitend bedoeld is voor
huishoudelijk gebruik.
Het grote voordeel van dit apparaat is de
geventileerde koud lucht in het koelvak en het
vriesvak: er ontstaan in het geheel geen
ijsafzettingen op de wanden van de onderdelen,
dankzij het proces dat hieronder beschreven
wordt. De koude wordt geproduceerd door een
koude lichaam, en door middel van een ventilator
de koelkast in geblazen.
Tijdens deze circulatie neemt de droge koude
lucht het vocht mee wat in de koelkast aanwezig
is. De vochtige lucht gaat over het koudelichaam
waar het vocht uit de lucht vastvriest. De nu
ontstane droge koude lucht gaat vervolgens
weer door de koelkast waarna zich hetzelfde
herhaald. Door dit proces is het niet mogelijk dat
er zich rijp kan vormen op andere delen van het
interieur. Het koude lichaam zal zich van tijd tot
tijd zelf ontdooen waarbij het dooiwater op de
gebruikelijke manier afgevoerd wordt via
verdamping op de compressor. Het systeem met
geventileerde koude garandeert de beste
conservering van de voedingsmiddelen, zodat de
oorspronkelijke eigenschappen langer behouden
blijven.
Voor een optimaal gebruik van uw apparaat
is het raadzaam de gebruiksaanwijzing,
waarin u een beschrijving van het apparaat
en wenken voor het conserveren van
voedingsmiddelen vindt, aandachtig door te
lezen.
Bewaar dit boekje voor toekomstige
raadpleging.
1. Controleer na het uitpakken van het apparaat
of het niet beschadigd is en of de deur goed
sluit. Uw leverancier dient binnen 24 uur vanaf
de levering van het product van eventuele
schade op de hoogte te worden gesteld.
2. Het is raadzaam minstens twee uur te wachten
alvorens het apparaat in werking te stellen, om
het koelcircuit perfect te kunnen laten
functioneren.
3. Zorg ervoor dat de installatie en de elektrische
aansluiting door een gekwalificeerd technicus
worden verricht overeenkomstig de
aanwijzingen van de fabrikant en de plaatselijke
veiligheidsvoorschriften.
4. Reinig de binnenkant van het apparaat voordat u
het in gebruik neemt.
MILIEUTIPS
1. Verpakking
Het verpakkingsmateriaal is voor 100% recyclebaar
en draagt het recyclingssymbool. Volg de plaatselijke
verordeningen voor afvalverwijdering op.
Het verpakkingsmateriaal (plastic zakken,
stukken polystyreen enz.) moet buiten het
bereik van kinderen worden gehouden, omdat
het een bron van gevaar kan vormen.
2. Sloop
De koelkast is vervaardigd van materiaal dat kan
worden gerecycled.
Maak het apparaat op het moment van sloop
onbruikbaar door de voedingskabel door te
snijden, de deuren en schappen zodanig te
verwijderen dat kinderen niet makkelijk in de
koelkast kunnen kruipen.
Wanneer u hem afdankt, dienen de plaatselijke
voorschriften voor afvalverwerking te worden
nageleefd en dient u het apparaat in te leveren
bij het centrum voor afvalverwerking. Laat het
apparaat niet onbeheerd achter (zelfs niet voor
een paar dagen), omdat het een bron van gevaar
voor kinderen kan zijn.
3. Informatie:
Dit apparaat bevat geen CFK (het koelcircuit bevat
R134a) of HFC (het koelcircuit bevat R600a).
Voor apparaten met isobutaan (R600a):
Isobutaan is een natuurlijk gas dat het milieu niet
belast, maar wel ontvlambaar is. Het is daarom
noodzakelijk om te controleren of de leidingen
van het koelcircuit niet beschadigd zijn.
4. Conformiteitsverklaring
• Dit apparaat is bestemd voor het conserveren
van voedingsmiddelen en is vervaardigd in
overeenstemming met de Europese Richtlijnen
89/109/EEG, 90/128/EEG en 02/72/EEG.
• Dit product is ontwikkeld, gefabriceerd en op
de markt gebracht in overeenstemming met:
- de veiligheidsvereisten van de
Laagspanningsrichtlijn 73/23/EEG;
- de veiligheidsvereisten van de “EMC”-richtlijn
89/336/EEG, gewijzigd door de Richtlijn
93/68/EEG
- de elektrische veiligheid van het apparaat is
alleen verzekerd als het op de juiste wijze is
aangesloten op een deugdelijke installatie met
aarding, conform de wettelijke voorschriften.
67
ALGEMENE VOORZORGSMAATREGELEN EN
ADVIEZEN
• Gebruik het koelvak uitsluitend voor het
bewaren van verse levensmiddelen en het
vriesvak uitsluitend voor het bewaren van
diepvriesproducten, het invriezen van verse
levensmiddelen en het maken van ijsblokjes.
• Zorg ervoor dat de koelkast na de installatie
niet op de voedingskabel staat.
• Bewaar geen dranken in glas in het vriesvak
want deze kunnen barsten.
• Eet geen ijsblokjes of waterijsjes die net uit de
vriezer komen, aangezien deze zo koud zijn
dat ze brandwonden kunnen veroorzaken.
• Trek de stekker uit het stopcontact of sluit de
stroomtoevoer af voordat u met reinigings- of
onderhoudswerkzaamheden begint.
• Installeer de koelkast niet in de buurt van een
warmtebron.
• Bewaar of gebruik geen benzine of andere
gassen en licht ontvlambare stoffen in de
buurt van de koelkast of andere elektrische
huishoudelijke apparatuur. De dampen die
hieruit voortkomen kunnen brand of
explosies veroorzaken.
• Laat voor een goede ventilatie een ruimte van
10 cm boven, 3 cm aan beide zijkanten en 2,5
cm aan de achterkant van het apparaat vrij.
• Zorg ervoor dat de ventilatie-openingen van
het apparaat niet door de ombouw of door
het inbouwmeubel worden afgedekt.
• Let erop dat de ventilatieopeningen van het
apparaat niet worden afgedekt of verstopt
raken.
• Installeer het apparaat waterpas op een vloer
die het gewicht kan dragen en in een ruimte die
geschikt is voor de afmetingen en het gebruik
van het apparaat.
• Gebruik de koelkast niet in omgevingen waar de
temperatuur kan dalen onder 13°C. Plaats het
apparaat in een droge en goed geventileerde
ruimte.
68
• Wees voorzichtig bij het verplaatsen van het
apparaat om te voorkomen dat de vloer
beschadigd raakt (b.v. parket).
• Maak geen gebruik van mechanische of
andere hulpmiddelen om het ontdooiproces
te versnellen, behalve die welke worden
aanbevolen door de fabrikant.
• Voorkom beschadigingen aan het
koelvloeistofcircuit.
• Het apparaat is niet bedoeld voor gebruik
door kleine kinderen of gehandicapten.
• Om het risico op opsluiting en verstikking van
kinderen in het apparaat te vermijden, hen
niet laten spelen met de koelkast of zich erin
verstoppen.
• Slik de (niet giftige) vloeistof uit de
vrieselementen (indien bijgeleverd) niet in.
Elektrische aansluiting
• De elektrische aansluitingen moeten in
overeenstemming zijn met de plaatselijke
voorschriften.
• Controleer of de spanning die vermeld wordt
op de typeplaat overeenstemt met de
spanning in uw woning.
• Aarding van het apparaat is bij de wet
verplicht. De fabrikant wijst elke
aansprakelijkheid voor eventueel letsel
aan mensen of dieren en materiële
schade, die voortkomen uit
veronachtzaming van dit voorschrift, af.
• Als de stekker en het stopcontact niet van
hetzelfde type zijn, laat het stopcontact dan
vervangen door een gekwalificeerd technicus.
• De voedingskabel mag uitsluitend worden
vervangen door een bevoegd technicus.
• Gebruik geen verlengsnoeren of meervoudige
adapters.
BESCHRIJVING VAN HET APPARAAT
10
13
11
14
15
2a
12
1
7a
7
2
9
4
3a
3
6
5
8
A.
Koelvak
1. Verlichting
2. Schappen /Zone schappen
2a. Flessenrek (afhankelijk van het
model)
3. Groente- en fruitlade
3a. Vochtigheidsregelaar
4. Deurvakken
5. Verwijderbare flessenhouder
6. Serienummerplaatje (naast de
groente- en fruitlade)
7. Blikjesvak
7a. Multiflow-luchtopeningen
8. Afscheider groente- en fruitlade
9. Afscheider
B.
Vriesvak
10.
11.
12.
13.
14.
15.
IJsblokjesmaker
Schappen vriesvak
Eierhouder
Deur van het vriesvak
Deurvakken vriesvak
Versvak (Fresh control
compartment)
Opmerking: het aantal schappen en de vorm van de accessoires kan van model tot model verschillen.
Alle planken, deurvakken en schappen kunnen worden verwijderd.
De aanzuigzone NIET afdekken met voedsel.
Let op: de accessoires van de koel/vrieskast mogen niet in de vaatwasmachine worden
gewassen.
69
BESCHRIJVING BEDIENINGSPANEEL
Drukknoppen om het apparaat aan/uit te zetten, het menu te doorlopen, voor keuze
en bevestiging
"
#
!
1. Knop voor inschakeling van het hele apparaat
2. Knop om het menu te doorlopen
3. Knop voor uitschakeling van het hele apparaat
$
4. Knop om de temperatuur te verhogen van het
gekozen vak
5. Bevestigingsknop
6. Knop om de temperatuur te verlagen van het
gekozen vak
Pictogrammen functies en instellingen
Functies en instellingen voor het vriesvak
Pictogrammen apparaat, alarmen of storingen
Functies en instellingen voor het koelvak
70
Functies en instellingen voor het vriesvak
Deur vriesvak open
Functie “Party” ingeschakeld
Ingestelde temperatuur in het vriesvak
Snelvriesfunctie
Pictogrammen apparaat, alarmen of storingen
6th Sense functie geactiveerd. Het apparaat is bezig met de instelling van de gevraagde
omstandigheden voor de beste conservering van voedingsmiddelen.
Functie toetsenblokkering ingesteld.
Alarmpictogram, normaal in combinatie met het geluidssignaal.
Storingspictogram en servicebel.
Functies en instellingen voor het koelvak
Deur koelvak open
Ingestelde temperatuur in het koelvak
Snelkoelfunctie
Functie vakantie
71
HET APPARAAT OP HET
ELEKTRICITEITSNET AANSLUITEN
Bij het maken van de elektrische aansluiting, wordt het display verlicht en
worden alle pictogrammen enkele seconden weergegeven.
Op het display van het vriesvak worden streepjes weergegeven, het
pictogram
knippert, terwijl op het display van de koelkast een in
de fabriek ingestelde temperatuur van +5°C weergegeven wordt.
Zie de paragraaf "Alarm Black Out" op pag. 75 als het black out alarm
actief is.
Tijdens de fase om de door de fabriek ingestelde temperatuur te bereiken
knippert het alarmlichtje
, klinkt het geluidssignaal en gaat het display
van de vriezer
knipperen. Dit betekent dat het apparaat de optimale
temperatuur voor het conserveren van voedingsmiddelen nog niet heeft
bereikt.
Druk op de knop
om het geluidsalarm af te zetten.
Het indicatielampje
stopt met knipperen wanneer de temperatuur
in het vriesvak onder de -12°C komt, op het display verschijnt de
temperatuur -18°C en op dit punt kunnen de voedingsmiddelen in het
vriesvak geplaatst worden.
Nadat het apparaat in werking is gesteld, duurt het ongeveer 2/3 uur voordat de juiste temperatuur wordt
bereikt voor het conserveren van een normale lading van het koelvak.
BELANGRIJK:
• Als er voedingsmiddelen worden geplaatst voordat de koelkast helemaal gekoeld is, dan kunnen deze
bederven.
• Het instellen van de knoppen van het vriesvak en het koelvak op een lagere (koudere) stand dan de
aanbevolen stand, zal de temperatuur in de vakken niet sneller laten afkoelen.
• Zet geen voedsel in de koelkast in de buurt van de uitblaasopening voor de lucht.
• Een ingebouwd apparaat dat de externe vochtigheid controleert zorgt ervoor dat er zich geen vocht
op de randen aan de voorkant ophoopt; het is normaal dat deze randen soms warm aanvoelen.
De binnenverlichting gaat branden wanneer de deur van de koelkast geopend wordt.
72
RICHTLIJNEN VOOR SELECTIE VAN DE
FUNCTIES
Temperatuur vriesvak
Geeft de binnentemperatuur aan die is ingesteld voor het vriesvak.
De temperatuur die in dit vak kan worden geprogrammeerd loopt van -18°C tot -24 °C.
De ingestelde temperatuur wordt in het geheugen opgeslagen en automatisch hersteld, ook na een
eventuele stroomuitval of nadat het apparaat uitgeschakeld is met de off-toets.
Selectie en regeling van de temperatuur in het vriesvak
Om de temperatuur in het vriesvak te wijzigen, op de menu-toets drukken totdat het symbool van de
temperatuur in het vriesvak bereikt wordt, en de temperatuur vervolgens instellen met de toetsen +/-.
Als de gewenste temperatuur aangegeven wordt, bevestigen door op OK te drukken.
Snelvriezen
Deze functie moet worden geactiveerd voordat er verse voedingsmiddelen worden ingevroren. Deze
functie wordt geactiveerd door meerdere malen op de menu-toets te drukken, totdat het symbool
van snelvriezen verschijnt .
De functie wordt na 18 uur uitgeschakeld of kan handmatig uitgeschakeld worden door deze
handeling te herhalen.
Temperatuur koelvak
Geeft de temperatuur aan die is ingesteld voor het koelvak.
De ingestelde temperatuur wordt in het geheugen opgeslagen en automatisch hersteld, ook na een
eventuele stroomuitval of nadat het apparaat uitgeschakeld is met de off-toets.
Selectie en regeling van de temperatuur in het koelvak
Om de temperatuur in het vriesvak te wijzigen, op de menu-toets drukken totdat het symbool van de
temperatuur van de koelkast bereikt wordt, en de temperatuur vervolgens instellen met de toetsen +/-.
Als de gewenste temperatuur aangegeven wordt, bevestigen door op OK te drukken.
Snelle afkoeling
Deze functie moet worden geactiveerd voordat er verse voedingsmiddelen worden gekoeld. Deze
functie wordt geactiveerd door meerdere malen op de menutoets te drukken totdat het symbool van
snelkoelen
verschijnt.
Het symbool knippert, druk op OK om te bevestigen.
De functie wordt na 6 uur uitgeschakeld of kan handmatig uitgeschakeld worden door deze handeling
te herhalen.
Functie “6th Sense”
De 6th Sense functie gaat automatisch aan wanneer:
• er een aanzienlijke hoeveelheid af te koelen en/of in te vriezen voedingsmiddelen is geladen
• de deur van de koelkast en/of vriezer langere tijd heeft opengestaan
• er een langdurige stroomuitval is geweest en de binnentemperatuur van het apparaat te hoog aan het
worden is voor de juiste conservering van de voedingsmiddelen.
Het pictogram
knippert gedurende ongeveer drie seconden, waarna het blijft branden
gedurende de tijd die nodig is om de optimale conserveringsomstandigheden automatisch te herstellen.
73
RICHTLIJNEN VOOR SELECTIE VAN DE FUNCTIES
Vakantie
Deze functie reduceert de koeling in het koelvak wanneer de gebruiker lange tijd afwezig is.
Deze functie wordt geactiveerd door op de menu-toets te drukken tot het symbool vakantie
verschijnt .
Het symbool knippert, druk op OK om te bevestigen. Om de koelfunctie van het koelvak weer te
activeren moet de operatie worden herhaald. De functie wordt bovendien 30 minuten na de
activering uitgeschakeld zodra één van de twee deuren van het apparaat geopend wordt.
De temperatuur van het vriesvak wordt ingesteld op -18°C (afhankelijk van het model).
Belangrijk: nadat deze functie geactiveerd is, moet bederfelijk voedsel uit het koelvak worden
verwijderd en moet de deur gesloten blijven, de koelkast zal een geschikte temperatuur behouden
om de vorming van luchtjes te voorkomen.
Party stand
Deze functie wordt geactiveerd door meerdere malen op de menu-toets te drukken totdat het
symbool van de party stand verschijnt.
Het symbool knippert, druk op OK om te bevestigen.
Deze functie maakt het mogelijk dranken te koelen in het vriesvak.
Als deze functie actief is, brandt het symbool. Nadat de functie 30 minuten geactiveerd geweest is
(de tijd die nodig is om een fles van 0,75 liter te koelen zonder dat het glas breekt), gaat het
pictogram knipperen en klinkt er een geluidssignaal, het display licht op. Haal de fles uit het vriesvak
en schakel de functie uit door op de OK-knop te drukken.
Belangrijk: laat de fles niet langer in het vriesvak dan de tijd die nodig is voor het koelen.
Toetsenblokkering
Met deze functie kunnen eventuele onopzettelijke wijzigingen van instellingen of uitschakeling van
het apparaat worden voorkomen.
Om de toetsenblokkering in te stellen tegelijkertijd de knoppen “+” - “OK” - “-” gedurende 3
seconden indrukken totdat het symbool
gaat branden.
De functie kan worden uitgeschakeld met dezelfde procedure, totdat het symbool
dooft.
On/Off
Deze functie dient om zowel het koelvak als het vriesvak buiten werking te stellen.
Om de ON/OFF-functie te activeren, enkele seconden de toets ON
ingedrukt houden; om de
functie te deactiveren, druk op de toets OFF
; op het display worden twee liggende streepjes
weergegeven, die aangeven dat de functie is geactiveerd.
Om de functie te hervatten moet dezelfde procedure worden gevolgd totdat de eerder ingestelde
temperaturen op het display te zien zijn.
Wanneer het apparaat in de stand OFF staat, is het licht in het koelvak en in het vriesvak uit. Bedenk
hierbij wel dat het apparaat niet is afgekoppeld van de elektrische voeding.
74
RICHTLIJNEN VOOR SELECTIE VAN DE FUNCTIES
Alarm
Deze indicaties worden meegedeeld door middel van een geluidssignaal en beeldsignalen.
Het licht van het display gaat aan zodra er zich een alarmsituatie voordoet.
Alarm temperatuur koelkast/vriezer
Er wordt een geluidssignaal geactiveerd: het alarmsymbool knippert, terwijl de
temperatuuraanwijzingen op het display knipperen.
Wordt geactiveerd wanneer:
• het apparaat voor het eerst wordt aangesloten op het elektriciteitsnet of na een non-actieve periode
• De temperatuur van het vriesvak niet geschikt is
• Er een hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen is geladen, die groter is dan de hoeveelheid die op
het serienummerplaatje is aangegeven
• De deur van de vriezer lange tijd open is gebleven
Opmerking: in deze omstandigheden verschijnt automatisch het woord 6th Sense
Alarm Black Out
Op het display van het vriesvak wordt de maximale temperatuur weergegeven die bereikt is tijdens
de periode waarin er geen stroom was. Tegelijkertijd gaat het alarmpictogram branden en wordt het
geluidssignaal geactiveerd.
Wordt geactiveerd wanneer:
• er een langdurige stroomuitval is geweest en de interne temperatuur van het vriesvak gestegen is
tot een niveau dat te hoog is voor de juiste conservering van de voedingsmiddelen.
Om de alarmfunctie uit te schakelen de OK-toets gedurende minstens 3 seconden
indrukken, op het display verschijnt de eerder ingestelde temperatuur.
Opmerking: het is raadzaam de conserveringsstaat van de voedingsmiddelen te controleren.
Bedrijfsalarmen
In geval van een alarm met betrekking tot de werking worden bovendien in het koel- of vriesvak
(afhankelijk van de plaats van de storing) alarmindicaties (alfanumerieke tekens) weergegeven, neem
contact op met de klantenservice en vermeld de weergegeven code.
Alarm deuren vriesvak/koelkast open
Het symbool van de deur van de vriezer/koelkast (of beide) gaat branden en tegelijkertijd klinkt er
een geluidssignaal.
Wordt geactiveerd wanneer:
• een of beide deuren langer dan 2 minuten open zijn geweest.
Druk op de OK-toets om het geluidsalarm uit te schakelen.
Als de deur open blijft, wordt het geluidssignaal na nog 2 minuten opnieuw geactiveerd.
Sluit de deur(en) en druk op de OK-toets.
Opmerking: in deze omstandigheden verschijnt automatisch het woord Sense
75
KOELVAK
In dit apparaat wordt gebruik gemaakt van een no frost-systeem, en er is dus geen handmatige ontdooiing
nodig.
Bovendien is het apparaat voorzien van een distributiesysteem van geventileerde koude lucht, waardoor
de temperatuur in het koelvak bijna homogeen is.
De voedingsmiddelen kunnen op elk willekeurig schap in het apparaat worden gelegd. Hierbij moet er wel op
worden gelet dat de luchtopeningen niet worden afgedekt, want anders wordt de luchtcirculatie gehinderd.
Conservering van voedingsmiddelen in het koelvak
Plaats de levensmiddelen zoals in de afbeelding.
A. Gekookt voedsel
B. Vis, vlees
C. Groente en fruit
D. Flessen
E. Boter
F. Zuivelproducten
Om de vitamines, het aroma, de substantie en de versheid van alle elementen die weggezet moeten worden
zo goed mogelijk te conserveren, adviseren wij hen van te voren te verpakken in aluminiumfolie, plasticfolie
of in speciale houders met deksels. Zodoende voorkomt u bovendien dat er geuren worden afgegeven.
OPMERKING:
• De afstand tussen de schappen en de achterwand mag niet geblokkeerd zijn, om vrije luchtcirculatie te
garanderen.
• Zet de voedingsmiddelen niet direct tegen de achterwand.
• Zet er geen voedingsmiddelen in die nog warm zijn.
• Bewaar vloeistoffen in afgesloten bakjes.
• Het bewaren van groenten met een hoog watergehalte kan condensvorming veroorzaken in de
onderste lade: dit beïnvloedt het correct functioneren van het apparaat niet.
• Het koelvak wordt geheel automatisch ontdooid.
• De koelkast kan functioneren bij omgevingstemperaturen tussen +16° C e +43° C.
76
INTERNE EIGENSCHAPPEN VAN HET KOELVAK
SCHAP MET HALVE DIEPTE, KANTELBAAR (afhankelijk van het model)
Dit schap biedt een grotere flexibiliteit bij het wegzetten van de voedingsmiddelen in het vriesvak van de
koelkast. Het kan in de volgende posities worden gebruikt:
• Positie met volledige diepte.
• Positie met halve diepte. Duw alleen het voorste deel van het schap naar achteren.
• Gekantelde positie. Draai het schap naar boven, totdat hij de achterkant van het vriesvak raakt.
• Om het schap te verwijderen moet het voor de helft worden opgeklapt, en moeten de geleiders van
het schap naar boven worden geduwd, totdat het schap loskomt.
1
2
3
VERSVAK (afhankelijk van het model)
Dit schuifvak blijft koeler dan de rest van de koelkast en houdt verse voedingsmiddelen langer goed.
Dranken kunnen hierin sneller worden gekoeld. Het is perfect voor het conserveren van zuivelproducten
en koude gerechten, worstjes en vlees.
Als het versvak moet worden verwijderd om het schoon te kunnen maken, moet het worden
uitgetrokken tot de aanslag.
Houd de vergrendelingen ingedrukt zoals op de afbeelding, en trek het schap uit totdat het loskomt.
• Het wordt geadviseerd het kantelbare voordeksel van het versvak niet te verwijderen.
1
2
EXTRA SCHAP (afhankelijk van het model)
De koelkast heeft een extra schap van kunststof, dat zich onder het versvak bevindt. Dit is ideaal voor het
opbergen van flessen.
• Om het te gebruiken, moet het worden uigetrokken in de positie die op de afbeeldingen wordt
aangegeven.
• Wanneer het niet wordt gebruikt, kunt u het opklappen en naar achteren duwen.
• Om het schap te verwijderen, de vergrendelingen aan de zijkanten verschuiven zoals op de afbeelding,
en het schap naar u toe trekken.
• Na het extra schap weer geplaatst te hebben, de vergrendelingen aan de zijkanten in de oorspronkelijke
positie schuiven.
1
2
3
77
VERSCHUIFBARE SCHAPPEN VAN GLAS (afhankelijk van het model)
De koelkast heeft verschuifbare schappen van glas, die het gemakkelijker maken de voedingsmiddelen die
achteraan op het schap, of op de laagste schappen geplaatst zijn, te bereiken.
• De schappen zijn gemaakt van sterk, getemperd glas.
• De randen van het schap voorkomen het wegdruppelen van eventueel gemorste vloeistoffen, die dus
niet in andere vakken terechtkomen.
Wijziging van de positie van de schappen:
In deze koelkast is het mogelijk de positie van de schappen aan te passen aan uw wensen.
• Om het schap te verwijderen, trekt u het naar buiten tot aan de aanslag.
• Houd de vergrendelingen naar beneden ingedrukt zoals wordt geïllustreerd op het detail van de
afbeelding, en trek het schap naar buiten totdat het loskomt. De vergrendelingen kunnen apart worden
ingedrukt.
• Trek de pennen naar buiten om de geleiders weg te halen.
• Verwijder de geleiders zoals op de afbeelding, en breng hen op de gewenste positie aan.
• Bij het plaatsen van de geleiders moet de aanduiding “ ” (naar boven) die in de geleider gegraveerd
is, in acht worden genomen.
• Plaats daarna het schap op de geleiders.
V
2
1
4
3
5
EXTRA LADE (afhankelijk van het model)
De koelkast heeft een extra lade die kan worden gebruikt voor het opbergen van willekeurige soorten
voedsel, en waarmee de binnenruimte van het apparaat optimaal kan worden benut.
• Het voorste deel van de extra lade kan worden gekanteld, waardoor de voedingsmiddelen beter te
bereiken zijn Nadat de lade geopend is, trekt u het deksel naar beneden.
• De extra lade heeft een vochtigheidsregelaar, waarmee de voedingsmiddelen langer kunnen worden
geconserveerd. Zie “Groenten- en fruitlade” (Vochtigheidsregelaar).
1
78
2
KOELER FLESSENHOUDER (afhankelijk van het model)
Deze koeler richt de stroom koude lucht op de flessenhouder, zodat dranken en vloeistoffen sneller
worden gekoeld.
Als het nodig is de flessenkoeler te verwijderen om hem schoon te maken, dient u het volgende te doen:
• Verschuif de vergrendelingen aan de zijkanten, en houd hen ingedrukt zoals op de afbeelding. Trek de
koeler van de flessenhouder naar u toe.
BELANGRIJK:
• Als de koeler van de flessenhouder niet goed op zijn plaats gemonteerd is, zou de stroom koude lucht
de extra lade en de lade voor groenten en fruit kunnen bereiken, hetgeen van invloed is op de
voedingsmiddelen die hierin zitten.
1
2
GROENTEN- EN FRUITLADE (afhankelijk van het model)
Voedingsmiddelen zoals groenten en fruit drogen uit als ze rechtstreeks in contact komen met koude,
droge lucht tijdens de conservering. Deze lade handhaaft een temperatuur- en vochtigheidsniveau dat
geschikt is voor het conserveren van fruit en groente, waardoor de natuurlijke eigenschappen ervan
behouden blijven. Dankzij de metalen geleiders van de groente- en fruitlade kan de lade gemakkelijk en
veilig geopend en gesloten worden. Om de voedingsmiddelen zo praktisch mogelijk te plaatsen, gebruikt
u de speciale scheider van de lade, die in de koelkast aanwezig is.
Vochtigheidsregelaar
• De groenten- en fruitlade heeft een vochtigheidsregelaar, waarmee het vochtigheidsgehalte van de
lucht die de lade binnenkomt, kan worden gecontroleerd.
• Het wordt geadviseerd de regelaar dicht te houden voor het conserveren van bladgroente, en open
voor het conserveren van fruit.
1
2
79
VRIESVAK
Nadat het apparaat is ingeschakeld duurt het ongeveer 3 uur voordat de juiste temperaturen voor het
conserveren van diepvriesproducten worden bereikt.
Het vriesvak dat gemarkeerd is met het symbool
, is uitstekend geschikt voor conservering van
diepgevroren voedingsmiddelen, alsook voor het invriezen van vers of voorgekookt voedsel. Bovendien
is hij geschikt voor het maken van ijsblokjes. De binnenkant van de deur van het vriesvak is bijzonder
geschikt voor conservering van ijsjes of diepvriesvoedsel dat binnen korte tijd dient te worden
geconsumeerd.
Op het typeplaatje in het koelvak wordt de maximale hoeveelheid voedsel vermeld die in 24 uur kan
worden ingevroren bij een omgevingstemperatuur van 25°C.
Om goed in te vriezen wordt geadviseerd de menu-toets in te drukken en de snelvriesfunctie te
kiezen
ter voorbereiding op het invriezen.
Zet het in te vriezen voedsel na 24 uur in het vriesvak.
Volg voor het regelen van de binnentemperatuur de aanwijzingen in de hoofdstukken “Beschrijving
bedieningspaneel” en “Richtlijnen voor selectie van de functies”.
Het vriesvak heeft een schuiflade om het voedsel dat ingevroren moet worden gemakkelijker te kunnen
plaatsen.
IJSBLOKJES
Het apparaat is voorzien van een ijsblokjesmaker, waarmee snel en handig ijsblokjes kunnen worden
geproduceerd.
Belangrijk:
• Controleer of er geen ijs op de bakjes zit, voordat u het toevoerreservoir vult.
• De het toevoerreservoir van de ijsbakjes en de ijshouder kunnen worden verwijderd, en op hun plaats
kunnen andere voedingsmiddelen worden gezet.
1
2
3
Opmerking:
• We herinneren u eraan dat het vriesvak in geval van een stroomuitval gedurende 13/14 uur op
conserveringstemperatuur blijft.
• Open de deur van het vriesvak niet tijdens een stroomuitval.
80
4
RICHTLIJNEN VOOR HET CONSERVEREN EN
ONTDOOIEN VAN VOEDINGSMIDDELEN
VOORBEREIDEN VAN VERSE, IN TE VRIEZEN VOEDINGSMIDDELEN
Het is belangrijk om de voedingsmiddelen zodanig in te pakken dat er geen water, vocht of condens in
terecht kan komen; op die manier wordt voorkomen dat geuren of aroma's van het ene deel naar het
andere deel van de koelkast worden overgebracht, bovendien worden ingevroren voedingsmiddelen
beter geconserveerd. Het is raadzaam gebruik te maken van plastic bakjes met hermetisch sluitende
deksels, aluminium bakjes, aluminiumfolie, plastic folie of hoezen van waterdicht plastic.
Belangrijk:
• De diepvriesproducten moeten als laatste worden gekocht en in isolerende tassen worden vervoerd.
• Zet de diepvriesproducten bij thuiskomst meteen in het vriesvak.
• Variaties in temperatuur moeten vermeden worden of tot een minimum worden beperkt.
• De uiterste houdbaarheidsdatum op de verpakking moet worden gerespecteerd.
• De instructies op de verpakking voor het conserveren van diepvriesproducten moeten altijd worden
opgevolgd.
DICHTMAKEN
Wanneer u voedingsmiddelen in zakjes verpakt, moet alle lucht uit het zakje worden gedrukt.
Plak het etiket aan de binnenkant van doorzichtige zakjes; gebruik bij niet-doorzichtige zakjes
zelfklevende etiketten die u op de buitenkant plakt.
Sluit het zakje aan de bovenkant met een strip.
ONTDOOIEN
Hier volgen enkele nuttige wenken.
Rauwe groenten: niet ontdooien, maar gelijk in kokend water leggen en koken op de gebruikelijke
manier.
Vlees (grote stukken): laten ontdooien in het koelvak zonder uit de verpakking te halen. Alvorens het te
bereiden, een paar uur op kamertemperatuur laten rusten.
Vlees (kleine stukken): ontdooien op kamertemperatuur of onmiddellijk bereiden.
Vis: ontdooien in het koelvak zonder het uit de verpakking te halen, of rechtstreeks bereiden voordat hij
helemaal ontdooid is.
We herinneren u eraan dat in geval van een stroomuitval, het vriesvak gedurende 12 uur op de juiste
temperatuur blijft; laat de deur van het vriesvak gedurende de stroomuitval echter dicht. Vries voedsel
dat gedeeltelijk ontdooid is niet opnieuw in.
Kant-en-klare voedingsmiddelen: in de oven verwarmen zonder deze uit het aluminium bakje te
halen.
Fruit: ontdooien in het koelvak
OPMERKING: Zet nooit warme voedingsmiddelen in de diepvriezer, laat ze 30 minuten op
kamertemperatuur afkoelen, verpak ze en vries ze in. Als u warm voedsel eerst laat afkoelen voordat u
het invriest, bespaart u energie en wordt de levensduur van het apparaat verlengd.
81
TABEL VOOR DE CONSERVERING VAN VOEDINGSMIDDELEN
De conserveringstijden variëren op grond van de kwaliteit van het voedsel, het gebruikte type verpakking
of omhulsel (bestand tegen vocht en stoom) en van de conserveringstemperatuur (die -18°C dient te zijn).
VOEDINGSMIDDELEN EN
CONSERVERINGSTIJDEN
Fruit
Geconcentreerde
vruchtensappen
Fruit (in het algemeen)
Citrusvruchten en verse
sappen
Groenten
Ingevroren gekocht
Zelf ingevroren
Vlees
Saucijzen
Hamburgers
Rundvlees, kalfsvlees,
lamsvlees
Braadvlees
Rundvlees
Lams- en kalfsvlees
Varkensvlees
Verse saucijzen
Biefstukken en vleeslapjes
Rundvlees
Lamsvlees, kalfsvlees,
varkensvlees
Vis
Kabeljauw, schol, tong
Zalm
Makreel, baars
Gepaneerde vis (gekocht)
Weekdieren, oesters
Gekookte vis, krab
Rauwe garnalen
Gevogelte
Kip of kalkoen (heel of in
stukken)
Eend en gans
Orgaanvlees
Gevogelte in saus bereid
Vleeslapjes (zonder jus)
Stoofvlees
Vlees, gevogelte en vis
82
ZUIVELPRODUCTEN
Boter
6 tot 9
maanden
Margarine
12 maanden
12 maanden
8 tot 12 maanden
4 tot 6 maanden
8 maanden
8 tot 12 maanden
4 weken of minder
1 maand
2 tot 3 maanden
6 tot 12 maanden
6 tot 12 maanden
4 tot 8 maanden
1 tot 2 maanden
8 tot 12 maanden
2 tot 4 maanden
6 maanden
2 tot 3 maanden
2 tot 3 maanden
3 maanden
3 tot 4 maanden
3 tot 4 maanden
12 maanden
12 maanden
6 maanden
2 tot 3 maanden
6 maanden
1 maand
2 tot 3 maanden
Kaas
Camembert, mozzarella,
smeerkaas
3 maanden
Roomkazen
niet invriezen
Brie, Emmenthal, Zwitserse
kaas, enz.
(invriezen kan de structuur
van de kaas veranderen)
6 tot 8
maanden
IJs, vruchtensappen, melk
12 maanden
Eieren
(Voeg suiker of zout toe aan
eierdooiers of hele, geklopte
eieren)
Heel (geklopt), eiwit,
eierdooier
12 maanden
OVENPRODUCTEN EN BROOD
Gegist brood en broodjes
3 maanden
Ongebakken brood
1 maand
Croissants
3 maanden
Taarten (niet geglazuurd)
2 tot 4 maanden
Taarten (geglazuurd) en
koekjes
6 tot 12
maanden
Vruchtenvlaai
12 maanden
Deeg voor koekjes
3 maanden
Deeg voor taarten
4 tot 6 maanden
ONDERHOUD EN REINIGING
Verwijder altijd de stekker uit het stopcontact of koppel het apparaat af van de stroomtoevoer, alvorens
onderhouds- of reinigingswerkzaamheden te verrichten.
Reinig het koel- en het vriesvak geregeld met een vochtige spons met lauw water en een neutraal
schoonmaakmiddel wat geschikt is voor de reiniging van de binnenkant van de koelkast. Afspoelen en
drogen. Gebruik nooit schuurmiddelen. Maak de onderdelen van de koelkast nooit schoon met licht
ontvlambare vloeistoffen. De dampen die hieruit voortkomen kunnen brand of explosies veroorzaken.
• Schoonmaken met een zachte doek, die vochtig is gemaakt met water.
Geen schuurpasta of schuursponsjes gebruiken, noch vlekkenmiddelen (b.v. aceton, trichloorethyleen)
of azijn.
Afdrogen met een zachte doek.
• Het ontdooien van zowel het koelvak als het vriesvak gebeurt volledig automatisch (no frost-systeem).
• Gebruik geen stoomreinigers
• Maak de condensor (ventilatieroosters op de achterkant van het apparaat) regelmatig schoon met een
stofzuiger of een borstel.
• Houd de afdichtingen perfect schoon.
VOORZORGSMAATREGELEN BIJ
LANGDURIGE AFWEZIGHEID
Kortstondige afwezigheid
Als u minder dan drie weken afwezig bent, is het niet nodig de koelkast af te koppelen van het
elektriciteitsnet. Consumeer de bederfelijke voedingsmiddelen en vries de andere voedingsmiddelen in.
Gebruik de “Vakantie”-functie (afhankelijk van het model).
Langdurige afwezigheid
Verwijder alle levensmiddelen uit de koelkast als u langer dan drie weken afwezig bent. Haal de stekker van
de koelkast uit het stopcontact; reinig het apparaat, spoel na met water en wrijf de oppervlakken droog.
Bevestig enkele houten of plastic blokjes met plakband aan de bovenzijde van beide deuren en laat de
deuren open staan, zodat in beide vakken voldoende lucht kan circuleren. Op die manier worden nare
luchtjes en schimmelvorming voorkomen.
Verhuizingen
• Haal alle uittrekbare elementen uit de koelkast, verpak hen zorgvuldig en zet hen aan elkaar vast met
plakband om te voorkomen dat ze tegen elkaar klapperen of verloren gaan.
• Sluit beide deuren en plak ze met plakband dicht en plak ook de voedingskabel met plakband aan het
apparaat vast.
Stroomuitval
Wendt u zich, bij stroomuitval, tot het plaatselijke kantoor van het elektriciteitsbedrijf om te informeren
naar de duur van de storing.
1. Als de stroomstoring maximaal 24 uur duurt, beide deuren van het apparaat gesloten houden.
Zodoende blijven de geconserveerde voedingsmiddelen zo lang mogelijk koud.
2. Als de stroomstoring langer dan 24 uur duurt, moet al het bevroren voedsel worden verwijderd en in
een draagbare, afsluitbare vriezer worden geplaatst. Als dit type vriezer niet voorhanden is en als er
geen pakken kunstijs beschikbaar zijn, probeer dan eerst de levensmiddelen die het snelst bederven te
consumeren.
3. Houd er rekening mee dat een vol vriesvak langer koud blijft dan een halfvol vak.
4. Maak de ijsbak leeg.
Verder zal een vriezer die gevuld is met bevroren vlees, langer koud blijven dan een vriezer die gevuld
is met voorgekookt voedsel.
Als er op de voedingsmiddelen nog ijskristallen zichtbaar zijn, kunnen ze opnieuw worden ingevroren,
ook al zullen de smaak en het aroma veranderd zijn. Indien de voedingsmiddelen in slechte staat
verkeren, kunt u ze beter weggooien.
83
RICHTLIJNEN VOOR HET OPSPOREN VAN
STORINGEN / KLANTENSERVICE
Sommige geluiden zijn normaal wanneer de koelkast in werking is
Voordat u contact opneemt met de Klantenservice....
Problemen bij het gebruik worden vaak veroorzaakt door kleinigheden die u zelf kunt opsporen en
verhelpen, zonder gereedschap.
Het apparaat werkt niet
• Is de voedingskabel beschadigd?
• Heeft u de zekeringen in uw woning gecontroleerd?
Er staat water op de bodem van het koelvak:
• Is de afvoer van het dooiwater misschien verstopt?
Water in de ontdooibak:
• Dit is normaal als het klimaat warm en vochtig is. De bak kan zelfs tot halverwege gevuld raken.
Controleer of de koelkast goed horizontaal staat, om te voorkomen dat het water uit de bak loopt.
De randen van de ombouw van het apparaat die in contact staan met de deurafdichtingen
voelen warm aan:
• dit is normaal bij een warm klimaat en als de compressor in werking is.
Het licht werkt niet:
• Heeft u de zekeringen in uw woning gecontroleerd?
• Zit de stekker van de elektrische voedingskabel wel in een stopcontact met de juiste spanning, en staat
hier spanning op?
• Is het lampje doorgebrand?
Als het lampje is doorgebrand:
• Haal altijd de stekker van het apparaat uit het stopcontact.
• Zie hoofdstuk “Richtlijnen voor het opsporen van storingen/Klantenservice”.
De motor lijkt te lang in werking te blijven:
• Zit er misschien veel stof en pluis op de condensor?
• Zijn de deuren wel goed gesloten?
• Sluiten de deurafdichtingen perfect af?
• Op warme dagen, of als het warm is in het vertrek, zal de motor langer draaien.
Het apparaat maakt te veel lawaai:
• Staat het apparaat tegen andere meubels of voorwerpen aan?
• Raken de buizen aan de achterkant elkaar of trillen ze?
Wanneer de deur langere tijd open heeft gestaan of wanneer er grote hoeveelheden voedingsmiddelen
in de kast gezet zijn, blijft de motor langer werken om de binnenkant van het apparaat te koelen.
84
Denk aan het volgende
De tijd dat de motor draait hangt van verschillende factoren af: het aantal keren dat de deuren worden
geopend, de geconserveerde hoeveelheid voedingsmiddelen, de temperatuur in de omgeving, de
instelling van de thermostaten.
Als uw apparaat na bovengenoemde controles nog steeds niet goed werkt, neem dan contact op met de
Klantenservice en leg het probleem duidelijk uit. Geef het type en het serienummer van het apparaat door
(deze zijn te vinden op het serienummerplaatje).
De temperatuur van de koelkast is te hoog
• Staat het apparaat dicht bij een warmtebron?
• Zijn de bedieningen van de koelkast wel goed ingesteld?
• Zitten er grote hoeveelheden voedingsmiddelen in het koelvak of in het vriesvak?
• Controleer of de deuren niet te vaak worden geopend.
• Controleer of de deuren perfect sluiten.
• Controleer of de luchtopeningen in het vak niet verstopt zitten waardoor de circulatie van koude lucht
verhinderd wordt.
Er is te veel vochtophoping
• Ga na of de voedingsmiddelen goed verpakt zijn. Maak natte dozen droog voordat u ze in de koelkast zet.
• Controleer of de deuren niet te vaak worden geopend. Door de deur te openen komt de vochtigheid
die in de buitenlucht aanwezig is, in de koelkast. Hoe vaker de deur geopend wordt, des te sneller zal
het vocht zich ophopen, in het bijzonder als het vertrek zelf erg vochtig is.
• Als het apparaat in een erg vochtig vertrek is geïnstalleerd, is het normaal dat er zich vocht ophoopt in
de koelkast.
• Na automatische ontdooiing is het normaal dat er zich waterdruppels op de achterwand vormen.
De deuren sluiten niet of gaan niet correct open
• Controleer of de deur niet geblokkeerd wordt door levensmiddelen.
• Controleer of de deurvakken, schappen en laden niet verkeerd geplaatst zijn.
• Controleer of de deurafdichtingen niet vuil of kleverig zijn.
• Controleer of het apparaat horizontaal staat.
Haal altijd de stekker van het apparaat uit het stopcontact voordat u de lampjes gaat
vervangen.
De binnenverlichting werkt niet:
• Haal de stekker van het apparaat uit het stopcontact.
Afhankelijk van het model
• Verwijder het lampenkapje (afhankelijk van het model)
• Het lampje losdraaien of eruit trekken.
• Controleer het lampje en vervang het, zo nodig, door een nieuw exemplaar.
• Afhankelijk van het model, als er een speciaal lampje aanwezig is, dit niet losdraaien om het te
vervangen. Trek het los in de richting van de binnenkant van de koelkast. Dit lampje is alleen
verkrijgbaar bij onze servicecentra. Gebruik geen lampjes van meer dan 15W.
KLANTENSERVICE
Voordat u contact opneemt met de
Klantenservice:
1. Ga na of u de storingen niet zelf kunt verhelpen
(zie “Richtlijnen voor het opsporen van storingen /
klantenservice”).
2. Zet het apparaat opnieuw aan om te zien of het
ongemak is verholpen. Als dit niet het geval is,
schakel het apparaat dan opnieuw uit en herhaal
de handeling na een uur.
3. Als ook dat niet helpt, wend u dan tot onze
Klantenservice.
Vermeld de volgende gegevens:
• de aard van de storing,
• het model,
• het servicenummer (nummer achter het woord
SERVICE op het typeplaatje binnenin het apparaat),
• uw volledige adres,
• Uw telefoonnummer en netnummer
Opmerking:
Het omkeren van de deur van het apparaat
door onze Klantenservice wordt niet
beschouwd als een ingreep die onder de
garantie valt.
85

advertisement

Was this manual useful for you? Yes No
Thank you for your participation!

* Your assessment is very important for improving the workof artificial intelligence, which forms the content of this project

Related manuals

Download PDF

advertisement