Bauknecht KRIF 2205/A++ Instruction for Use


Add to my manuals
10 Pages

advertisement

Bauknecht KRIF 2205/A++ Instruction for Use | Manualzz
GEBRUIKSAANWIJZING
ALVORENS HET PRODUCT TE GEBRUIKEN
Pagina
36
MILIEUTIPS
36
ALGEMENE VOORZORGSMAATREGELEN
EN ADVIEZEN
37
GEBRUIK VAN HET KOELVAK
38
GEBRUIK VAN HET VLEES- EN VISVAK
(indien aanwezig)
39
GEBRUIK VAN HET VRIESVAK (indien aanwezig)
40
HET APPARAAT ONTDOOIEN
41
REINIGING EN ONDERHOUD
42
HET OPSPOREN VAN STORINGEN
43
KLANTENSERVICE
44
INSTALLATIE
44
35
ALVORENS HET PRODUCT TE GEBRUIKEN
• Het door u aangeschafte apparaat is uitsluitend
bestemd voor huishoudelijk gebruik
Voor een optimaal gebruik van uw apparaat is
het raadzaam de gebruiksaanwijzing
aandachtig door te lezen, hierin vindt u een
beschrijving van het apparaat en adviezen
voor het conserveren van voedingsmiddelen.
Bewaar dit boekje zodat u het naderhand nog
eens kunt raadplegen.
1. Controleer na het uitpakken van het apparaat of
het niet beschadigd is en of de deur goed sluit.
Uw leverancier dient binnen 24 uur vanaf de
levering van het product van eventuele schade op
de hoogte te worden gesteld.
2. Het is raadzaam minstens twee uur te wachten
alvorens het apparaat in werking te stellen, om het
koelcircuit perfect te kunnen laten functioneren.
3. Zorg ervoor dat de installatie en de elektrische
aansluiting door een gekwalificeerd technicus
worden verricht overeenkomstig de aanwijzingen
van de fabrikant en de plaatselijke
veiligheidsvoorschriften.
4. Reinig de binnenkant van het product alvorens het
in gebruik te nemen.
MILIEUTIPS
1. Verpakking
Het verpakkingsmateriaal is voor 100% recyclebaar
en draagt het recyclingsymbool. Voor de verwerking
moeten de plaatselijke voorschriften worden
nageleefd. Het verpakkingsmateriaal (plastic zakken,
stukken polystyreen enz.) moet buiten het bereik van
kinderen worden gehouden, omdat het een bron van
gevaar kan vormen.
2. Afdanken van het apparaat
Het product is vervaardigd van materiaal dat kan
worden gerecycled. Dit apparaat is voorzien van het
merkteken volgens de Europese richtlijn 2002/96/EG
inzake Afgedankte elektrische en elektronische
apparaten (AEEA). Door ervoor te zorgen dat dit
product op de juiste manier als afval wordt verwerkt,
helpt u mogelijk negatieve consequenties voor het
milieu en de menselijke gezondheid te voorkomen.
Het symbool
op het product of op de
bijbehorende documentatie geeft aan dat dit product
niet als huishoudelijk afval mag worden behandeld. In
plaats daarvan moet het worden afgegeven bij een
verzamelpunt voor recycling van elektrische en
elektronische apparaten. Maak het apparaat op het
moment dat het wordt afgedankt onbruikbaar door
de voedingskabel door te snijden en de deuren en
schappen te verwijderen, zodat kinderen niet
gemakkelijk in het apparaat kunnen kruipen. Volg bij
het afdanken van het apparaat de plaatselijke
voorschriften voor afvalverwerking en breng het naar
een speciaal afvalverwerkingscentrum, en laat het niet
onbewaakt achter, ook niet voor slechts een paar
dagen, aangezien het voor kinderen een bron van
gevaar kan opleveren. Voor nadere informatie over
de behandeling, terugwinning en recycling van dit
product wordt u verzocht contact op te nemen met
het stadskantoor in uw woonplaats, uw
afvalophaaldienst of de winkel waar u het product
heeft aangeschaft.
36
Informatie:
Dit apparaat bevat geen CFK. Het koelcircuit bevat
R134a (HFC) of R600a (HC), zie serienummerplaatje
in het apparaat. Voor apparaten met isobutaan
(R600a): isobutaan is een natuurlijk gas dat geen
schadelijke invloed heeft op het milieu, maar wel
ontvlambaar is. Het is daarom noodzakelijk om te
controleren of de leidingen van het koelcircuit niet
beschadigd zijn. Dit product kan een gefluorideerd
broeikasgas bevatten dat onder het Protocol van
Kyoto valt; het koelgas zit in een hermetisch
verzegeld systeem.
Koelgas: R134a heeft een globaal
verwarmingsvermogen (GWP) van 1300.
Conformiteitsverklaring
• Dit apparaat is bestemd voor het conserveren van
voedingsmiddelen en is vervaardigd in
overeenstemming met de Verordening (EG) nr.
1935/2004
• Dit apparaat is ontwikkeld, gefabriceerd en op de
markt gebracht in overeenstemming met:
- veiligheidsvoorschriften van de
"Laagspanningsrichtlijn" 2006/95/EG (die de richtlijn
73/23/EEG en latere verordeningen vervangt);
- de veiligheidsvereisten van de "EMC"-richtlijn
2004/108/EG.
De elektrische veiligheid is alleen gewaarborgd
wanneer het op de juiste
wijze op een efficiënt
werkende installatie is
aangesloten, die volgens de
wettelijke voorschriften is
geaard.
ALGEMENE VOORZORGSMAATREGELEN
EN ADVIEZEN
INSTALLATIE
VEILIGHEID
• Het apparaat moet door twee of meerdere
personen worden verplaatst en geïnstalleerd.
• Wees voorzichtig bij het verplaatsen van het
apparaat om te voorkomen dat de vloer
beschadigd raakt (b.v. parket).
• Zorg ervoor dat het product tijdens de installatie
de voedingskabel niet beschadigt.
• Installeer het product niet in de buurt van een
warmtebron.
• Laat een vrije ruimte aan de zijkanten en boven
het apparaat om een goede ventilatie te
garanderen of volg de installatie-instructies.
• Houd de ventilatie-openingen van het apparaat
vrij van obstakels.
• Beschadig de leidingen van het koelcircuit van de
koelkast niet.
• Installeer het product waterpas op een vloer die
het gewicht kan dragen en in een ruimte die
geschikt is voor de afmetingen en het gebruik
van het product.
• Plaats het apparaat in een droge en goed
geventileerde ruimte. Het apparaat is afgesteld
om te werken in ruimten waarin de
temperatuur binnen de volgende waarden ligt,
die op hun beurt weer afhankelijk zijn van de
klimaatklasse die op het serienummerplaatje
staat aangegeven: het is mogelijk dat het
apparaat niet goed functioneert als het voor een
lange tijd in een ruimte wordt gelaten met een
hogere of lagere temperatuur dan het
genoemde bereik.
• Bewaar of gebruik geen benzine of andere
gassen en licht ontvlambare stoffen in de buurt
van het apparaat of van andere elektrische
huishoudelijke apparatuur. De dampen die
hieruit voortkomen kunnen brand of explosies
veroorzaken.
• Gebruik geen andere mechanische, elektrische
of chemische systemen die het ontdooiproces
versnellen dan door de fabrikant zijn
aanbevolen.
• Gebruik of plaats geen elektrische apparaten in
de vakken van het apparaat, als hiervoor geen
uitdrukkelijke toestemming door de fabrikant is
gegeven.
• Dit apparaat is niet bestemd om gebruikt te
worden door personen (met inbegrip van
kinderen) met beperkte fysieke, sensorische of
mentale vermogens, of zonder ervaring of
kennis van het apparaat, behalve als zij tijdens
het gebruik instructies ontvangen van of begeleid
worden door een persoon die verantwoordelijk
is voor hun veiligheid.
• Om het risico te vermijden dat kinderen in de
koelkast opgesloten raken en stikken, mag hen
niet worden toegestaan in het product te spelen
of zich erin te verstoppen.
• Slik de (niet-giftige) vloeistof uit de
vrieselementen niet in (niet op alle modellen).
• Eet geen ijsblokjes of waterijsjes die net uit de
vriezer komen, aangezien deze zo koud zijn dat
ze ijsbrand kunnen veroorzaken.
Klimaatklasse
SN
N
ST
T
Omg. Temp.
(°C)
van 10 tot 32
van 16 tot 32
van 16 tot 38
van 16 tot 43
Omg. Temp.
(°F)
van 50 tot 90
van 61 tot 90
van 61 tot 100
van 61 tot 110
• Controleer of de spanning op het typeplaatje
overeenkomt met de spanning in uw woning.
• Gebruik geen enkele of meervoudige adapters
of verlengsnoeren.
• Gebruik voor de aansluiting op de waterleiding
de bij het nieuwe apparaat geleverde slang en
niet die van het vorige apparaat.
• De voedingskabel mag alleen door
gekwalificeerd personeel worden gewijzigd of
vervangen.
• Het moet mogelijk zijn het apparaat van het
elektriciteitsnet af te koppelen door de stekker
uit het stopcontact te halen of via een
tweepolige netschakelaar die bovenstrooms van
het stopcontact is geplaatst.
GEBRUIK
• Trek de stekker uit het stopcontact of sluit de
stroomtoevoer af voordat u met reinigings- of
onderhoudswerkzaamheden begint.
• Alle apparaten met ijsmakers en
waterdispensers moeten op een waterleidingnet
aangesloten worden dat uitsluitend drinkwater
levert (met een waterleidingdruk van tussen de
0,17 en 0,81 MPa (1,7 en 8,1 bar)). De ijsmakers
en/of waterdispensers die niet rechtstreeks op
het waterleidingnet zijn aangesloten, mogen
uitsluitend met drinkwater worden gevuld.
• Gebruik het koelgedeelte uitsluitend voor het
bewaren van verse levensmiddelen en het
vriesgedeelte uitsluitend voor het bewaren van
diepvriesproducten, het invriezen van verse
levensmiddelen en het maken van ijsblokjes.
• Bewaar geen dranken in glas in het vriesgedeelte
want deze kunnen barsten.
De fabrikant kan niet aansprakelijk worden
gesteld, indien bovenstaande adviezen en
voorzorgsmaatregelen niet in acht zijn
genomen.
37
GEBRUIK VAN HET KOELVAK
Ingebruikneming van het apparaat
1. Steek de stekker in het stopcontact.
2. Met de toets (B) op de stand On lichten de 4
controlelampjes op. Deze lampjes gaan vervolgens
uit en zetten zich op de fabrieksinstelling.
3. Het apparaat is nu opgestart, het vlees- en visvak
functioneert. De temperatuur van het koelvak is in
de fabriek afgesteld op de middelste stand.
Temperatuurinstelling
Als u de temperatuur in het vak wilt wijzigen druk op
de toets (A) om de cyclische temperatuur te kiezen.
Opmerking:
De omgevingstemperatuur, de frequentie waarmee
de deuren worden geopend, het invoeren van warme
levensmiddelen en een onjuiste plaatsing van het
apparaat kunnen de interne temperaturen van de
koelkast beïnvloeden waardoor ze af kunnen wijken
van de temperaturen die op het paneel aangegeven
staan.
Het product uitschakelen
Als u van plan bent om een langere tijd geen gebruik
van het apparaat te maken is het mogelijk om de
functionering hiervan te onderbreken door op de
toets (B) te drukken.
Bewaren van levensmiddelen in het koelvak:
Plaats de levensmiddelen zoals in de afbeelding
hiernaast:
1. Gekookt voedsel
2. Zuivel, conserven, kaas, boter
3. Vis, vlees
4. Vleeswaren
5. Fruit, groente, salades
6. Kleine conserven, eieren
7. Tubes, kleine conserven
8. Kleine flessen
9. Flessen
Opmerking:
• De voedingsmiddelen moeten worden afgedekt
om te voorkomen dat ze uitdrogen.
• De afstand tussen de rekken en de achterwand van
de koelkast garandeert de vrije luchtcirculatie.
• Voorkom de directe aanraking van de
levensmiddelen met de achterwand van het
koelvak.
• Plaats warme levensmiddelen nooit direct in de
koelkast.
• Bewaar vloeistoffen in afgesloten houders.
Waarschuwing:
De bewaring van groente met een hoog gehalte
aan water kan de vorming van condens op de
glazen planken veroorzaken; dit heeft geen
negatieve invloeden op de functionering van het
apparaat.
38
C
led 4
B
led 3
led 2
led 1
A
GEBRUIK VAN HET VLEES- EN VISVAK
(indien aanwezig)
Het apparaat is voorzien van een speciale ruimte
die ontwikkeld is om de conservering van Vlees
en Vis te waarborgen.
Om deze reden wordt de temperatuur aan de
binnenkant van het vak lager gehouden dan de
temperatuur van de rest van het koelvak.
Dit maakt het mogelijk om de conserveringstijd
van verse levensmiddelen (vlees en vis) aanzienlijk
te verhogen zonder dat het noodzakelijk is om ze
in te vriezen en zonder dat de voedingswaarden en
hun originele versheid gewijzigd worden.
De optimale temperatuur in het vlees- en visvak
wordt gegarandeerd bij de middelste instelling (led
2 en 3 lichten op).
We raden u af om in dit vak groente en fruit te
bewaren aangezien de temperatuur ook onder de
0°C kan zakken waardoor het water in de
levensmiddelen zou kunnen bevriezen.
Temperatuurindicator
• De temperatuur aan de binnenkant van het vak
wordt weergegeven door een indicator die op
de deur van het vak aangebracht is (Afb.1).
• De gekleurde sector geeft het veld met de
ideale conserveringstemperatuur voor vlees en
vis aan.
• De temperatuur aan de binnenkant van het vak
heeft ongeveer een uur nodig om zich te
stabiliseren.
C
led 4
B
led 3
led 2
led 1
A
Afb. 1
Waarschuwing:
De temperatuur van het vlees- en visvak is
verbonden aan de temperatuur van het koelvak.
Dus als de temperatuurindicator van het vak zich
in de sector of °C bevindt, draai aan de knop
(A) om de temperatuur van de koelkast te
veranderen. Dientengevolge wordt de
temperatuur van het vlees- en visvak gecorrigeerd.
Verwijdering van het vak
Als u van plan bent om van de koelkast gebruik te
maken zonder het vlees- en vak, ga als volgt te
werk:
1. Verwijder de deksel van het vak door op de
twee zijbevestigingen op de onderste voorkant
te drukken (Zie Afb. 3).
2. Verwijder het vak (Zie Afb. 2).
Als u het vlees- en visvak weer aan wenst te
brengen, ga als volgt te werk:
1. Breng het vak aan.
2. Breng de deksel van het vlees- en visvak aan.
Afb. 2
Afb. 3
39
GEBRUIK VAN HET VRIESVAK
(indien aanwezig)
In het vriesvak
kunnen tevens verse
levensmiddelen worden ingevroren. De
hoeveelheid verse levensmiddelen die in 24
uur kan worden ingevroren staat aangegeven
op het typeplaatje.
Het invriezen van verse levensmiddelen
• De aanbevolen positie voor de in te vriezen
levensmiddelen staat in de Afb. 1 aangegeven.
• Plaats de levensmiddelen in het midden van het
vak
zonder dat ze de eerder ingevroren
levensmiddelen aanraken door een afstand van
ongeveer 20 mm te (Afb. 1) bewaren.
In de tabel hiernaast kunt u zien hoeveel
maanden verse ingevroren levensmiddelen
bewaard kunnen worden.
Bij de aankoop van diepvriesproducten moet
u op de volgende punten letten:
• De verpakking of het pak moet onbeschadigd
zijn, omdat het product anders kan bederven.
Als een pakje bol staat of als er vochtplekken op
zitten, is het niet onder optimale
omstandigheden bewaard en kan het al
gedeeltelijk zijn ontdooid.
• De diepvriesproducten moeten als laatste
worden gekocht en in isolerende tassen worden
vervoerd.
• Leg de diepvriesproducten bij thuiskomst
meteen in het vriesgedeelte.
• De gedeeltelijk ontdooide diepvriesproducten
mogen niet opnieuw worden ingevroren, maar
moeten binnen 24 uur worden geconsumeerd.
• Variaties in temperatuur moeten vermeden
worden of tot een minimum worden beperkt.
De uiterste houdbaarheidsdatum op de
verpakking moet worden gerespecteerd.
• De instructies op de verpakking voor het
conserveren van diepvriesproducten moeten
altijd worden opgevolgd.
Ijsblokjes maken
• Vul het ijsbakje voor 2/3 met water en zet het in
het vriesgedeelte
.
• Maak geen gebruik van scherpe voorwerpen of
voorwerpen met een punt om het bakje te
verwijderen als deze aan de bodem van het vak
, vast is komen te zitten.
• Om de ijsblokjes eenvoudig te verwijderen buigt
u het bakje om.
40
Afb. 1
HET APPARAAT ONTDOOIEN
Verwijder de stekker uit het stopcontact of
koppel de elektrische voeding af alvorens tot
het ontdooien over te gaan.
Het ontdooiproces van het koelgedeelte is
volledig automatisch. Als er af en toe
druppels water op de achterwand aan de
binnenzijde van het koelgedeelte zijn dan
duidt dit op de automatische ontdooifase.
Het dooiwater wordt automatisch in een
afvoeropening geleid en daarna opgevangen
in een bakje waar het verdampt.
Om te garanderen dat het dooiwater constant en
op de juiste manier afgevoerd wordt moet de
binnenkant van de afvoeropening van het
dooiwater regelmatig schoongemaakt worden met
behulp van het bijgeleverde gereedschap. (Afb.1)
Het vak
ontdooien (indien aanwezig)
We raden u aan om 1 à 2 maal per jaar het vak
te ontdooien of als de ijsvorming
overmatig blijkt te zijn.
De vorming van ijs is een normaal fenomeen. De
hoeveelheid en de snelheid waarmee het ijs zich
ophoopt hangt af van de
omgevingsomstandigheden en de frequentie
waarmee de deur van het vriesvak wordt geopend.
Het ophopen van ijs aan de bovenkant van het vak
is een natuurlijk fenomeen en heeft geen negatieve
gevolgen voor de correcte functionering van het
apparaat.
Men raadt aan om het vriesgedeelte te ontdooien
wanneer men weinig producten in voorraad heeft.
• Open de deur en verwijder alle levensmiddelen
door ze in een zeer koele ruimte of een
thermische tas op te bergen.
• Houd de deur open om het ontdooien van het
ijs mogelijk te maken.
• Reinig de binnenkant met een vochtige spons
met lauw water en/of een neutraal
schoonmaakmiddel. Gebruik geen
schuurmiddelen.
• Spoel goed en droog zorgvuldig af.
• Herplaats de levensmiddelen.
• Sluit de deur.
Steek de stekker weer in het stopcontact en
schakel het apparaat in door de aanwijzingen van
het hoofdstuk "Gebruik van het koelvak" op te
volgen. De afstellingen en de keuzes die voor het
uitschakelen van het apparaat ingevoerd waren
zullen worden hersteld.
Afb. 1
41
REINIGING EN ONDERHOUD
Trek altijd de stekker uit het stopcontact of
sluit de stroomtoevoer af, alvorens
onderhoudsen reinigingswerkzaamheden te
gaan verrichten.
• Reinig de binnenkant van het koelvak met een
vochtige spons met lauw water en/of een
neutraal schoonmaakmiddel. Spoel en droog het
apparaat met een zachte doek.
Gebruik geen schuurmiddelen.
• De scheidingselementen mogen niet in water
worden ondergedompeld, maar moeten worden
afgewassen met een niet al te vochtige spons.
• Reinig de binnenkant van het vriesvak tijdens het
ontdooien.
• Maak de ventilatieroosters en de condensor op
de achterkant van het apparaat regelmatig
schoon met een stofzuiger of een borstel.
• Reinig de buitenkant met een met water
bevochtigde zachte doek. Gebruik geen
schuurmiddelen of schuursponsjes, noch
vlekkenmiddelen (bv. aceton en
trichloorethyleen) of azijn.
Als u het apparaat langere tijd niet gebruikt
1. Maak de koelkast helemaal leeg.
2. Haal de stekker uit het stopcontact.
3. Ontdooi het apparaat en reinig de
binnenwanden.
4. Om te voorkomen dat er schimmel,
onaangename geuren en oxidaties ontstaan, dient
de deur open te worden gelaten als het apparaat
lange tijd niet wordt gebruikt.
5. Reinig het apparaat.
• Reinig de binnenkant van het
lagetemperatuurvak (op de modellen waar dit
aanwezig is) tijdens het ontdooien.
• Reinig de binnenkant van het koelvak met een
vochtige spons met lauw water en/of een
neutraal schoonmaakmiddel. Spoel en droog
het apparaat met een zachte doek. Gebruik
geen schuurmiddelen.
42
HET OPSPOREN VAN STORINGEN
1. Het apparaat functioneert niet.
• Is de stroom uitgevallen?
• Zit de stekker goed in het stopcontact?
• Is de hoofdschakelaar geactiveerd?
• Is de zekering doorgebrand?
• Is de voedingskabel beschadigd?
• Staat de toets (B) op de stand OFF?
C
led 4
led 3
led 2
B
led 1
A
2. De temperatuur in de vakken is te hoog.
• Sluiten de deuren wel goed?
• Staat het apparaat dicht bij een warmtebron?
• Is de luchtcirculatie door de ventilatieopeningen verstopt?
3. Er staat water op de bodem van het koelgedeelte.
• Is de afvoer van het dooiwater misschien verstopt?
4. De binnenverlichting werkt niet.
Controleer eerst de aanwijzingen onder punt 1, en vervolgens:
• Haal de stekker van het apparaat uit het stopcontact.
• Volg voor het controleren en het vervangen van het lampje, als uw apparaat hiermee uitgerust is, de
aanwijzingen en de tekening op de bijgesloten kaart op.
• Neem contact op met de klantenservice als uw product voorzien is van een verlichting met leds.
5. Als zich bij lage temperatuur overmatig veel ijs in het vriesvak vormt.
• Is de deur van het vriesvak met de lage temperatuur op correcte wijze afgesloten?
6. Als een of meerdere leds van de temperatuurindicatoren knipperen (Alleen gedurende de
eerste 10 min. na het inschakelen van het aparaat of nadat u de stekker in het stopcontact
gestore heeft)
• Neem contact op met de Klantenservice.
Opmerkingen:
• In het geval dat zich de alarmsituaties voordoen die onder het punt 6 beschreven staan, is de toets (A)
voor het instellen van de temperatuur onbruikbaar. Ondanks dat is het apparaat in staat om de
temperaturen in de verschillende vakken te waarborgen zodat de conservering van de levensmiddelen
niet negatief wordt beïnvloed.
• Mogelijke geluidsveranderingen (geborrel, blaasstoten als gevolg van expansie...) zijn afkomstig van de
normale functioneringscyclus van de koelkast.
43
KLANTENSERVICE
Voordat u contact opneemt met de
klantenservice:
1. Controleer dat u de storingen niet zelf kunt
oplossen (zie "Het opsporen van storingen").
2. Schakel het apparaat in om na te gaan of het
probleem verholpen is. Is dit echter niet het
geval, schakel het apparaat wederom uit en
herhaal de handeling een uur later.
3. Als dit ook niet helpt, adviseren wij u contact op
te nemen met de Klantenservice.
Vermeld de volgende gegevens:
• de aard van de storing;
• het model;
• het servicenummer (nummer achter het woord
SERVICE op het typeplaatje binnenin het
apparaat);
• uw volledige adres;
• uw telefoonnummer.
Opmerking:
Het omkeren van de deuren van het apparaat
door onze klantenservice wordt niet
beschouwd als een ingreep die onder de
garantie valt.
INSTALLATIE
• Installeer het apparaat niet in de buurt van
warmtebronnen. De installatie in een warme
omgeving, rechtstreekse blootstelling aan de zon
of opstelling van het apparaat in de buurt van
een warmtebron (verwarmingsradiator, fornuis)
verhoogt het stroomverbruik en dient te
worden vermeden.
• Indien dit niet mogelijk is, moeten de volgende
minimumafstanden worden aangehouden:
- 30 cm vanaf fornuizen die werken op kolen of
petroleum;
- 3 cm vanaf elektrische fornuizen en/of
gasfornuizen.
• Monteer de vulringen (indien aanwezig) op de
achterkant van de condensator die achter het
apparaat aangebracht is.
• Plaats hem in een droge en goed geventileerde
ruimte, vlak en nivelleer hem indien nodig met
behulp van de voorste stelpootjes.
• Reinig de binnenkant.
• Doe de bijgeleverde accessoires erin.
Elektrische aansluiting
• De elektrische aansluitingen moeten in
overeenstemming zijn met de plaatselijke
voorschriften.
• De gegevens met betrekking tot de spanning en
het stroomverbruik staan op het typeplaatje, dat
aan de binnenzijde van het apparaat aangebracht
is.
• De aarding van het apparaat is wettelijk
verplicht. De fabrikant kan op geen enkele
44
manier aansprakelijk gesteld worden voor
eventuele schade toegebracht aan
personen, dieren of voorwerpen die
veroorzaakt is doordat de hierboven
vermelde voorschriften niet in acht
genomen zijn.
• Als de stekker en het stopcontact niet van
hetzelfde type zijn moet het stopcontact door
een erkende vakman vervangen worden.
• Gebruik geen verlengsnoeren of
verloopstekkers.
Het apparaat van het elektriciteitsnet
afsluiten
Het moet mogelijk zijn om het apparaat van het
elektriciteitsnet af te sluiten door de stekker uit
het stopcontact te halen of door middel van een
tweepolige netschakelaar die voor het stopcontact
geplaatst is.

advertisement

Was this manual useful for you? Yes No
Thank you for your participation!

* Your assessment is very important for improving the workof artificial intelligence, which forms the content of this project

Related manuals

advertisement