Aeg 6410K-mn Handleiding


Add to my manuals
34 Pages

advertisement

Aeg 6410K-mn Handleiding | Manualzz
C6410K
Das Glaskeramik-Kochfeld
Het vitrokeramische kookveld
The Glass Ceramic Hob
Plan de cuisson vitrocéramique
Geachte klant,
Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door.
Let vooral op hoofdstuk “Veiligheid” op de eerste pagina’s. Bewaar deze
gebruiksaanwijzing goed zodat u nog eens iets kunt nalezen. Geef het
boekje door aan een eventuele volgene eigenaar van het apparaat.
Met de waarschuwingsdriehoek en/of door signaalwoorden (Waarschuwing!, Voorzichtig!, Attentie!) geven wij aanwijzingen die belanggrijk zijn voor uw veiligheid of voor het functioneren van het
apparaat.
Let goed op deze aanwijzingen.
1. Dit symbool voert u stap voor stap door de bediening van het apparaat.
2. ...
3. ...
Bij dit symbool vindt u aanvullende informatie m.b.t. bediening en
praktisch gebruik van het apparaat.
Het klaverblad staat voor tips en aanwijzingen m.b.t. economisch en
milieuvriendelijk gebruik van het apparaat.
Mocht er een storing optreden, dan vindt u in deze gebruiksaanwijzing
tips om storingen zelf op te heffen, zie hoofdstuk „Wat is er aan de
hand als...“.
Bij technische problemen kunt u altijd contact opnemen met onze service-afdeling (adres en telefoonnummer vindt u onder „Adres klantenservice“). Zie ook hoofdstuk „Service“.
Gedrukt op milieuvriendelijk gefabriceerd papier.
Wie milieubewust denkt, handelt ook zo ...
36
INHOUD
Gebruiksaanwijzing
. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 39
Veiligheid . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 39
Afvalverwerking . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 41
De belangrijkste kenmerken van uw apparaat . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 42
Opbouw van het apparaat . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Uitrusting van kookplaat en bedieningsveld
......................
Digitale indicaties . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Veiligheidsuitschakeling van de kookzones . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
43
43
43
44
Voor het in gebruik nemen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 45
Reinigen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 45
Bediening van de kookplaat . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
TOUCH-CONTROL-sensorvelden . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Apparaat inschakelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Apparaat uitschakelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Keuze kookzone . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Kookvermogen + - - . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Dubbele zone in- en uitschakelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Kookzone uitschakelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Restwarmte-indicatie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Kinderbeveiliging . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
45
45
46
46
47
48
49
50
51
52
Toepassingen, tabellen, tips . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 55
Pannen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 55
Tabellen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 56
Reiniging en onderhoud . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 57
Kookveld . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 57
Omranding van de kookplaat . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 58
Wat is er aan de hand als ... . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 59
37
Montage-aanwijzing
......................................
Technische gegevens . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Doel, normen, richtlijnen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Veiligheidsaanwijzingen voor de installateur . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Elektrische aansluiting . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Service
38
62
62
63
64
65
. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 67
Gebruiksaanwijzing
Gebruiksaanwijzing
Veiligheid
De veiligheid van dit apparaat voldoet aan de Europese en Nederlandse
normen. Toch zien wij ons als fabrikant genoodzaakt u met onderstaande aanwijzingen m.b.t. de veiligheid vertrouwd te maken.
Elektrische veiligheid
• Montage en aansluiting van het nieuwe apparaat mogen alleen door
een erkend elektro-installateur worden uitgevoerd.
• Reparaties aan het apparaat mogen alleen door vakmensen worden
uitgevoerd. Onvakkundige reparaties kunnen tot aanzienlijke risico's
leiden. Wend u bij reparaties altijd tot onze service-afdeling.
deze aanwijzingen op, omdat anders bij schade de aanspraak op
Volg
garantie vervalt.
• Inbouwapparaten mogen alleen worden gebruikt nadat ze zijn ingebouwd in passende inbouwkasten en werkbladen die aan de normen
voldoen. Daarmee wordt de vereiste aanrakingsbescherming van elektrische apparaten veiliggesteld.
• Als zich storingen aan het apparaat, breuken, barsten of scheuren
voordoen:
– alle kookzones uitschakelen,
– de zekering voor de kookplaat in de huisinstallatie uitschakelen.
Veiligheid voor kinderen
Als u kookt of braadt, worden de kookzones heet. Houd daarom kleine
kinderen altijd uit de buurt.
Veiligheid tijdens het gebruik
• Dit apparaat mag alleen voor het normaal koken en braden van levensmiddelen worden gebruikt.
• Gebruik de kookplaat niet om het vertrek te verwarmen.
• Voorzichtig bij het aansluiten van elektrische apparaten aan stopcontacten in de buurt van het apparaat. Snoeren mogen niet met hete
kookzones in aanraking komen.
39
Gebruiksaanwijzing
• Oververhitte vetten en oliën vliegen snel in brand. Als u gerechten in
vet of olie (bijv. patates frites) bereidt, dient u altijd in de buurt te
blijven.
• Schakel elke keer na het gebruik de kookzones uit.
Veiligheid bij het reinigen
U moet het apparaat uitschakelen voordat u het gaat reinigen. Het reinigen van het apparaat met een stoomstraal- of hogedrukreiniger is om
veiligheidsredenen verboden.
Zo vermijdt u beschadigingen aan het toestel
• Gebruik de kookplaat niet als werkblad of bergplaats.
• Gebruik de kookzones niet zonder of met leeg kookgerei.
• Vitrokeramische oppervlakken zijn ongevoelig voor temperatuurschokken en zeer resistent, maar niet onbreekbaar. Met name puntige
en harde voorwerpen die op het kookoppervlak vallen, kunnen beschadigingen veroorzaken.
• Gebruik geen kookpotten uit gietijzer of met beschadigde bodems die
ruw zijn of bramen vertonen. Bij het verschuiven ervan kunnen immers krassen ontstaan.
• Zet geen pannen of kookpotten op de omranding van de kookplaat.
Er kunnen krassen en beschadigingen van de laklaag ontstaan.
• Zorg ervoor dat er geen azijn, citroen of kalkoplossende middelen op
de omranding van het kookveld terechtkomen, anders ontstaan er
matte vlekken.
• Wanneer er suiker of een bereiding met suiker op de hete kookzone
terechtkomt en smelt, dient u deze onmiddellijk, in hete toestand, te
verwijderen met een reinigingsschraper Indien de massa afkoelt, kan
het oppervlak bij verwijdering beschadigd worden.
• Houd alle voorwerpen en materialen die kunnen smelten, bv. kunststof, aluminiumfolie of fornuisfolie, uit de buurt van het vitrokeramische oppervlak. Indien er toch iets mocht smelten op het
vitrokeramische oppervlak, dan moet dit, eveneens onmiddellijk, worden verwijderd met de reinigingsschraper.
40
Gebruiksaanwijzing
Afvalverwerking
Verpakkingsmateriaal verwijderen
• Alle verpakkingsdelen zijn recyclebaar, folies en piepschuim onderdelen zijn overeenkomstig gecodeerd. Verpakkingsmateriaal en eventuele oude apparaten moeten op de juiste manier weggegooid
worden.
• Houd u aan de nationale en regionale voorschriften en let op de materiaalaanduiding (materiaalscheiding, afvalverzameling, inzamelpunten).
Aanwijzingen voor het weggooien
• Het apparaat mag niet bij het huisvuil worden gezet.
• Informatie over afhaaltijden of inzamelplaatsen krijgt u bij de gemeentelijke reinigingsdienst of het gemeentehuis.
• Waarschuwing! Afgedankte apparaten moeten voor het weggooien
onbruikbaar gemaakt worden. Aansluitsnoer verwijderen.
41
Gebruiksaanwijzing
De belangrijkste kenmerken van uw apparaat
• Glaskeramische kookplaat: Het apparaat heeft een glaskeramische
kookplaat en 4 snel opgloeiende kookzones Hierbij wordt door bijzonder sterke stralingselementen de opwarmduur van het verwarmingselement aanzienlijk verkort.
• Sensorvelden: De bediening van het apparaat geschiedt d.m.v.
TOUCH-CONTROL-sensorvelden.
• Reiniging: Het voordeel van de glaskeramische kookplaat en de sensorvelden is de makkelijke reiniging. De gladde oppervlakte is makkelijk te reinigen (zie hoofdstuk: “Reiniging en onderhoud”).
• Sensorveld aan/uit: Het apparaat heeft met het sensorveld “aan/uit”
een aparte hoofdschakelaar, waarmee de stroomverzorging naar het
apparaat compleet in- en uitgeschakeld kan worden.
• Controle en functie indicators: Digitale indicators of controlelampjes geven informatie over de ingestelde vermogen, geactiveerde functies en eventueel aanwezige restwarmte van de betreffende
kookzone.
• Veiligheidsuitschakeling: Een veiligheidsuitschakeling zorgt ervoor
dat alle kookzones na een bepaalde tijd worden uitgeschakeld als de
instellingen niet worden veranderd.
• Warmhoudstand: ! is de kookstand waarop u gerechten warm
kunt houden.
• Restwarmte-indicatie: Een h voor restwarmte brandt in de indicatie, als de kookzone nog zo warm is dat verbrandingsgevaar bestaat.
• Dubbele kookzone: Het toestel is uitgerust met een dubbele kookzone. Daarmee kunt u een kookzone in twee for-maten gebruiken,
voor kleinere of grotere kookpotten. Daardoor kan energie bespaard
worden.
• Kinderbeveiliging: Met deze functie kunt u het kookveld tegen het
per ongeluk inschakelen beveiligen.
42
Gebruiksaanwijzing
Opbouw van het apparaat
Uitrusting van kookplaat en bedieningsveld
Digitale indicaties
De vier indicatievelden, die bij de vier kookzones horen, geven aan:
– j, na het inschakelen en bij automatische uitschakeling door de veiligheidsfunctie,
– = bij het kiezen van een kookzone,
– ! tot ), afhankelijk van de gekozen kookstand,
– h bij restwarmte,
– f bij storing,
– g bij kinderbeveiliging.
43
Gebruiksaanwijzing
Veiligheidsuitschakeling van de kookzones
Als één van de kookzones na een bepaalde tijd niet wordt uitgeschakeld
of de kookstand niet wordt veranderd, wordt de betreffende kookzone
automatisch uitgeschakeld.
In de indicatie van alle ingeschakelde kookzones verschijnt h en na het
afkoelen j.
De kookzones worden uitgeschakeld bij:
• kookstand
1-2
na 6 uur
• kookstand
3-4
na 5 uur
• kookstand
5
na 4 uur
• kookstand
6-9
na 1,5 uur
Mochten één of meer kookzones vóór afloop van de aangegeven
tijd worden uitgeschakeld, kijk dan in hoofdstuk “Wat is er aan de
hand als ...”.
Veiligheidsuitschakeling opheffen
Om de geactiveerde veiligheidsuitschakeling op te heffen moet het apparaat met sensorveld AAN/UIT n uit- en dan weer ingeschakeld worden. Daarna zijn de kookzones weer klaar voor gebruik.
Uitschakelen door andere oorzaken
Als overkokende vloeistof op het bedieningsveld terechtkomt, worden
alle kookzones direct uitgeschakeld.
Dat gebeurt ook als u een natte doek op het bedieningsveld legt. In
beide gevallen moet het apparaat weer met de hoofdschakelaar n
worden ingeschakeld, nadat de vloeistof of de doek is verwijderd.
44
Gebruiksaanwijzing
Voor het in gebruik nemen
Reinigen
De glaskeramische kookplaat met een vochtige doek afnemen.
Attentie: Gebruik geen scherpe, schurende reinigingsmiddelen! De oppervlakte kan beschadigd worden.
Bediening van de kookplaat
Bij het inschakelen van een kookzone kan deze kort zoemen. Dat is een
eigenschap van alle glaskeramische kookzones en heeft geen negatieve
invloed op het functioneren of de levensduur van het apparaat.
TOUCH-CONTROL-sensorvelden
Om de TOUCH-CONTROL-sensorvelden te bedienen legt u uw vinger
plat op het gewenste veld, tot de betreffende indicaties aan of uit gaan,
resp. de gewenste functie wordt uitgevoerd.
45
Gebruiksaanwijzing
Apparaat inschakelen
Het complete apparaat wordt met het sensorveld ”aan/uit” n ingeschakeld.
Het sensorveld ”aan/uit” ca. twee seconden lang aanraken.
De digitale indicaties geven j aan en de punt knippert.
u d.m.v. sensorveld ”aan/uit” het apparaat hebt ingeschakeld,
Nadat
moet binnen ca. 10 seconden met de kookzonekeuzetoetsen één van de
kookzones worden geselecteerd. Anders wordt het apparaat om veiligheidsredenen weer uitgeschakeld.
Apparaat uitschakelen
Om het apparaat compleet uit te schakelen sensorveld ”aan/uit ” n
aanraken.
Sensorveld ”aan/uit” ca. een seconde lang aanraken.
het uitschakelen van een kookzone of van de gehele kookplaat
Na
wordt nog aanwezige restwarmte met h (van ”heet”) in de digitale indicaties van de betreffende kookzones aangegeven.
46
Gebruiksaanwijzing
Keuze kookzone
Om de gewenste kookzone te selecteren het bijbehorende sensorveld
ca. een seconde lang aanraken.
In het indicatieveld van de kookzone gaat de nul met punt branden =.
De punt geeft aan dat alleen deze kookzone kan worden ingesteld..
47
Gebruiksaanwijzing
Kookvermogen
+-Voor het instellen of verzetten van de vermogenstand (van ! tot )).
Met de sensortoets + verhoogt u de kookvermogen.
Met de sensortoets - verlaagt u de kookvermogen.
er meerdere kookzones tegelijk in gebruik zijn, dan moet voor het
Als
verhogen van de vermogenstand de gewenste kookzone door het aanraken van de betreffende sensortoets gekozen worden. Het decimaalpunt op het display geeft telkens de gekozen kookzone weer.
48
Gebruiksaanwijzing
Dubbele zone in- en uitschakelen
Naargelang het formaat van de kookpot of pan kan bij dubbele kookzones met het overeenkomstige sensortoets op de vitrokeramische kookplaat naast de kleinere kookzone ook de grotere warmtecirkel
ingeschakeld worden.
Dit kan alleen wanneer de kleinere warmtecirkel reeds ingeschakeld is.
Het controlelampje brandt wanneer de twee warmtecirkel eveneens ingeschakeld is.
1. Op sensortoets dubbel zone drukken. q
De buitenste warmtecirkel wordt ingeschakeld. Het controlelampje
naast de sensortoets dubbele zone brandt.
2. Op sensortoets dubbel zone drukken omde buitenste warmtecirkel uit
te schakelen.
49
Gebruiksaanwijzing
Kookzone uitschakelen
1. Met de kookzone-sensorvelden gewenste kookzone selecteren.
2. Om uit te schakelen de sensorvelden + en - tegelijk aanraken of met
sensorveld - op nul terugzetten.
kookzone kan alleen worden uitgeschakeld, als de punt in de indi Een
catie brandt.
50
Gebruiksaanwijzing
Restwarmte-indicatie
Na het uitschakelen van een kookzone of van de gehele kookplaat
wordt nog aanwezige restwarmte met h (van ”heet”) in de digitale indicaties van de betreffende kookzones aangegeven.
Ook na het uitschakelen van de kookzone gaat de restwarmte-indicatie
pas uit als de kookzone is afgekoeld.
U kunt de restwarmte gebruiken voor het smelten en warmhouden van
gerechten.
Attentie! Zolang de restwarmte-indicatie brandt, bestaat er verbrandingsgevaar.
Attentie! Bij stroomuitval gaat ook symbool h uit en daarme de
waarschuwing voor aanwezige restwarmte. Er bestaat echter nog
steeds verbrandingsgevaar. Dat kunt u voorkomen door goed op te letten.
51
Gebruiksaanwijzing
Kinderbeveiliging
Kinderbeveiliging activeren
De kinderbeveiliging voorkomt onopzettelijk inschakelen van de kookzones.
kinderbeveiliging kan enkel geactiveerd worden wanneer er geen
De
kookzone ingeschakeld is.
1. Op sensortoets AAN/UIT drukken.
2. Druk ca. een seconde tegelijk op de
sensortoetsen plus en min en laat ze
opnieuw los.
3. Druk opnieuw op de sensortoets
plus. Op de digitale indicators wordt
ca. tien seconden lang g weergegeven.
Nu is de kinderbeveiliging geactiveerd.
52
Gebruiksaanwijzing
Gebruik van de kookzone met geactiveerde kinderbeveiliging
1. OpOp sensortoets
AAN/UIT drukken.
de digitale indicators wordt g
weergegeven.
2. Druk binnen tien seconden ca. een
seconde tegelijk op de sensortoetsen plus en min.
De digitale indicators geven j weer
en het digitale punt knippert.
3. Kookzone selecteren.
4. Gewenste vermogen instellen.
Tot aan de volgende uitschakeling van het toestel blijft de kinderbeveiliging gedeactiveerd. Alle kookzones kunnen op de normale manier ingesteld worden.
53
Gebruiksaanwijzing
Kinderbeveiliging deactiveren
kinderbeveiliging kan enkel gedeactiveerd worden wanneer er geen
De
kookzone in werking is.
1. OpOp sensortoets
AAN/UIT drukken.
de digitale indicators wordt g
weergegeven.
2. Druk ca. een seconde tegelijk op de
sensortoetsen plus en min en laat ze
opnieuw los.
3. Druk opnieuw op de sensortoets
min. Op de digitale indicators dooft
het symbool g en j wordt weergegeven. Nu is de kinderbeveiliging
gedeactiveerd.
54
Gebruiksaanwijzing
Toepassingen, tabellen, tips
Pannen
Hoe beter de pan, des te beter het kookresultaat.
• Goede pannen herkent u aan de bodem. De bodem moet zo dik en
vlak mogelijk zijn.
• Let bij het kopen van pannen op de diameter van de bodem. Fabrikanten geven vaak de diameter van de bovenste rand van de pan aan.
• Pannen met een aluminium of koperen bodem kunnen metaalachtige
verkleuringen op de glaskeramische plaat achterlaten die moeilijk of
helemaal niet meer te verwijderen zijn.
• Gebruik geen pannen van gietijzer of pannen met een beschadigde
bodem met ruwe plekken en bramen. Bij het verschuiven kunnen blijvende krassen ontstaan.
• In koude toestand is de panbodem normaliter iets
naar binnen gewelfd (hol). De panbodem mag in
geen geval naar buiten gewelfd (bol) zijn.
• Let op de aanwijzingen van de fabrikant, als u speciale pannen gebruikt (bijv. snelkookpan wok, enz.).
voor het besparen van energie
Tips
U bespaart waardevolle energie, als u met onderstaande punten rekening houdt:
• De kookzone pas inschakelen als er een pan op staat.
• Vuile kookzones en panbodems verhogen het
stroomverbruik.
• Pannen indien mogelijk altijd met een deksel afsluiten.
• Kookzones vóór het einde van de kooktijd uitschakelen om gebruik te maken van de restwarmte, bijv.
om gerechten warm te houden of om levensmiddelen
te smelten.
• Panbodem en kookzone moeten
even groot zijn.
• Bij gebruik van een snelkookpan
wordt de kooktijd max. 50% korter.
55
Gebruiksaanwijzing
Tabellen
Richtwaarden voor het koken
De gegevens in onderstaande tabel zijn richtwaarden. Welke schakelstand noodzakelijk is voor het kookproces, hangt af van de kwaliteit
van de kookpotten en van het type en de hoeveelheid van de levensmiddelen.
Kookvermogen
Kookproces/Nakookstand
Geschikt voor
9
lichtjes koken
lichtjes koken van grote hoeveelheden vloeistof,
koken van macaroni
sterk aanbraden
frituren van frieten,
aanbraden van vlees, bv. goulash,
gaar braden, bv. aardappelkoekjes,
braden van lendestukken, steaks
6-7
zacht braden
braden van vlees, schnitzel, cordon bleu, koteletten, frikadellen, braadworsten, lever,
bloemsaus, zacht braden, eieren, omeletten, oliebollen frituren
4-5
koken
koken van grote hoeveelheden etenswaren,
eenpansgerechten, soepen, vleesbouillon, stomen
van aardappelen
3-4
stomen
stoven
stoven van groenten,
smoren van vlees,
rijstpap koken
2-3
gaar koken
gaar koken van rijst- en melkgerechten
(tussendoor roeren),
stomen van kleine hoeveelheden aardappelen of
groenten,
opwarmen van kant-en-klare gerechten
1-2
smelten
schuimomelet, bouillon met ei, saus hollandaise,
warm houden van gerechten,
smelten van boter, chocolade, gelatine
7-9
0
resterende warmte, UIT-stand.
raden aan bij het lichtjes koken of aanbraden het toestel in te stel Wij
len op temperatuurstand “9” en etenswaren met een langere kooktijd
verder te laten garen op een geschikte nakookstand.
56
Gebruiksaanwijzing
Reiniging en onderhoud
Kookveld
Opgelet: Reinigingsmiddelen mogen niet op het hete vitrokeramische
oppervlak terechtkomen! Alle reinigingsmiddelen moeten na de reiniging met voldoende helder water verwijderd worden, aangezien ze bij
heropwarming een bijtend effect kunnen!
2. Gebruik geen agressieve reinigingsmiddelen, zoals b.v. grill- of ovensprays, grove schuurmiddelen en sponzen met krassende werking.
Reinig het vitrokeramische kookoppervlak na elk gebruik wanneer het
handwarm of koud is. Zo voorkomt u dat onzuiverheden aanbranden.
Kalk- en waterranden, vetspatten en metaalachtige verkleuringen verwijderen met een universele reiniger voor glaskeramiek of inox, bv.
Sidol-edelstaalglans, Stahl-Fix, WK-Top of Cillit.
Lichte onzuiverheden
1. Vitrokeramisch
oppervlak afvegen met een vochtige doek en ev. een
beetje zeepsop.
2. Vervolgens met een zuivere doek afwassen en droogwrijven. Er mogen
geen resten van het reinigingsmiddel op het oppervlak blijven.
3. Heel het vitrokeramische oppervlak een keer per week grondig met een
normaal reinigingsproduct voor vitrokeramische platen of edelstaal reinigen.
4. Daarna het vitrokeramische oppervlak met voldoende helder water afvegen en met een schone pluisvrije doek droogwrijven.
Vastklevende onzuiverheden
1. Overgekookte
etenswaren of grove
en vastklevende onzuiverheden verwijdert u met een reinigingsschraper.
2. De reinigingsschraper schuin op het
vitrokeramische oppervlak zetten.
3. Onzuiverheden met glijdend lemmet
verwijderen van het vitrokeramische
oppervlak.
57
Gebruiksaanwijzing
Speciale onzuiverheden
De reinigingsschraper en het reinigingsproduct voor vitrokeramische
platen is in de vakhandel verkrijgbaar.
1. Aangebrande suiker, gesmolten
kunststof, aluminiumfolie of andere
smeltbare materialen onmiddellijk,
sofort, in hete toestand, verwijderen met de reinigingsschraper.
Opgelet: Bij gebruik van de reinigingsschraper op het hete kookoppervlak bestaat er gevaar voor
verbranding!
2. Vervolgens het afgekoelde kookoppervlak nogmaals reinigen.
Indien de kookzone met de daarop gesmolten materialen reeds afgekoeld is, verwarm deze dan nogmaals voor de reiniging.
Krassen of donkere vlekken op het vitrokeramische oppervlak die b.v.
door scherpe randen van pannenbodems veroorzaakt werden, kunnen
niet meer verwijderd worden. Dergelijke krassen hebben echter geen effect op de werking van het kookveld.
Omranding van de kookplaat
Opgelet! Er mag geen azijn, citroen of kalkoplossende middelen op de
omranding terechtkomen, anders ontstaan er matte vlekken.
1. De omranding van de kookplaat reinigen met water en afwasmiddel.
2. Ingedroogde onzuiverheden losweken met een natte doek. Vervolgens
wegvegen en droogwrijven.
58
Gebruiksaanwijzing
Wat is er aan de hand als ...
Hulp bij storingen
Misschien gaat het om een kleine storing die u aan de hand van de volgende aanwijzingen zelf kunt oplossen. Voer zelf verder geen werkzaamheden uit, als onderstaande informatie u niet verder helpt.
Waarschuwing! Reparaties aan het apparaat mogen alleen door vakmensen worden uitgevoerd. Door ondeskundige reparaties kunnen aanzienlijke gevaren voor de gebruiker ontstaan. Wend u bij reparaties
altijd tot onze service-afdeling.
Wat is er aan de hand als ...
.... F 2 5 brandt?
Uw toestel is verkeerd aangesloten.
Scheid het toestel van het elektriciteitsnet.
De netaansluiting moet gecorrigeerd worden.
Neem hiervoor contact op met een
geautoriseerde vakman.
... de kookzones niet functioneren?
Controleer of
– de zekering van de huisinstallatie (zekeringenkast) intact is. Wanneer
de zekeringen meermaals uitschakelen, dient u een elektricien te
raadplegen.
– het toestel correct ingeschakeld is,
– de controlelampjes op het bedieningsveld branden,
– de overeenkomstige kookzone ingeschakeld is,
– de kookzones op de gewenste nakookstand ingesteld zijn (zie hoofdstuk "Koken"),
– de veiligheidsuitschakeling van de kookzones geactiveerd is (zie
hoofdstuk "Veiligheidsfuncties")
59
Gebruiksaanwijzing
... de kookzones niet ingeschakeld kunnen worden?
Controleer of
– het bedieningsveld vergrendeld is (zie hoofdstuk "Kinderbeveiliging").
– er tussen het bedienen van de aan-/uit-positie en het inschakelen
van de gewenste kookzone meer dan 10 seconden verstreken zijn (zie
hoofdstuk "Toestel inschakelen").
– de sensortoetsen volledig of gedeeltelijk bedekt zijn door een vloeistof of een natte doek.
... de indicator plotseling uitvalt, behalve h voor de restwarmte?
Controleer of
– de aan-/uittoets per ongeluk ingedrukt werd.
– de sensortoetsen volledig of gedeeltelijk bedekt zijn door een vloeistof of een natte doek.
– de veiligheidsuitschakeling geactiveerd is.
... na het uitschakelen van de kookzones geen j of h voor restwarmte verschijnt op de indicator?
Controleer of
– de kookzone slechts kort ingeschakeld was en daarom nog niet heet
genoeg is.
Indien de kookplaat heet is, neem dan contact op met de klantendienst.
... een kookzone niet kan worden ingeschakeld?
Controleer of
– de kinderbeveiliging (Symbol L) ingeschakeld is.
... de indicator f knippert?
oververhittingsbeveiliging van de elektronische besturing heeft voor
De
een tijdelijke blokkering van de kookzone links vooraan gezorgd. De
kookzone kan pas opnieuw geactiveerd worden als het toestel afgekoeld is (f gaat uit). De andere drie kookzones blijven verder in gebruik.
60
Gebruiksaanwijzing
... tijdens het kookproces alle indicators (incl. restwarmte-indicator
h) doven?
De oververhittingsbeveiliging van de elektronische sturing heeft alle
functies geblokkeerd. Na afkoeling kan de kookplaat opnieuw in gebruik worden genomen. Daarvoor moet de zekering van de huisinstallatie minstens 10 seconden uitgeschakeld of weggenomen worden.
... de indicator f brandt?
Controleer of
– de sensortoetsen volledig of gedeeltelijk bedekt zijn door een vloeistof of een natte doek.
Reinig de kookplaat.
Schakel de veiligheidsschakelaar kort uit of neem de zekeringen weg.
Indien de indicator f nog steeds brandt, neem dan contact op met de
klantendienst.
Wanneer u een beroep doet op de klantendienst op grond van foutieve
bediening, dan kan het bezoek van de servicetechnicus ook tijdens de
garantieperiode niet gratis gebeuren.
61
Montage-aanwijzing
Montage-aanwijzing
Attentie! Montage en aansluiting van het nieuwe apparaat mogen alleen door een erkend elektro-installateurworden uitgevoerd.
Volg deze aanwijzing op, omdat anders bij schade de aanspraak op garantie vervalt.
Technische gegevens
Afmetingen toestel
Breedte
Diepte
Hoogte
570 mm
500 mm
49 mm
Uitsnijmaten
Breedte
Diepte
Hoekradius
560 mm
490 mm
R3
Nominaal vermogen
Tweekrings-kookzone links voor 120/210 mm ø
Eénkringskookzone links achter 145 mm ø
Eénkringskookzone rechts achter180 mm ø
Eénkringskookzone rechts voor145 mm ø
Spanning verwarmingslichaam
Totale aansluitingswaarde
62
750 / 2200 W
1200 W
1800 W
1200 W
230 V ~
6,4 kW
Montage-aanwijzing
Doel, normen, richtlijnen
Dit apparaat voldoet aan de volgende normen:
• EN 60 335-1 en EN 60 335-2-6 m.b.t. de veiligheid van elektrische
apparaten voor huishoudelijk gebruik en soortgelijke doeleinden en
• DIN 44546 / 44547 / 44548 m.b.t. de gebruikseigenschappen van
elektrische fornuizen voor het huishouden.
• EN 55014-2 / VDE 0875 deel 14-2
• EN 55014 / VDE 0875 deel 14/12.93
• EN 61000-3-2 / VDE 0838 deel 2
• EN 61000-3-3 / VDE 0838 deel 3 m.b.t. de fundamentele beschermingseisen voor elektromagnetische compatibiliteit (EMC).
Dit apparaat voldoet aan de EG-richtlijnen
• 73/23/EG van 19.02.1973 (laagspanningsrichtlijn)
• 89/336/EG van 03./05.1989 (EMC-richtlijn
incl. wijzigingsrichtlijn 92/31/EG)
63
Montage-aanwijzing
64
Veiligheidsaanwijzingen voor de installateur
• In de elektrische installatie moet een inrichting worden aangebracht,
die het mogelijk maakt het apparaat met een contactopeningswijdte
van min. 3 mm met alle polen van het net te scheiden.
Geschikte scheidingsinrichtingen zijn bijv. automatische zekeringen
(schroefzekeringen moeten uit de fitting geschroefd worden), aardlekschakelaar en veiligheidsschakelaars.
• Dit apparaat voldoet wat betreft brandbeveiliging aan type Y (EN 60
335-2-6). Alleen apparaten van dit type mogen aan één zijde tegen
daarnaast staande hoge kasten of wanden ingebouwd worden.
• Er mogen geen laden onder de kookplaat gemonteerd worden.
• Bescherming tegen aanraken moet door de inbouw gegarandeerd
zijn.
• De stabiliteit van de inbouwkast moet aan DIN 68930 voldoen.
• Als bescherming tegen vocht moeten alle uitgezaagde snijvlakken
met geschikt afdichtmateriaal worden beschermd.
• Bij betegelde werkbladen moeten de voegen bij het kookgedeelte geheel met voegenmateriaal opgevuld zijn.
• Bij natuurstenen, kunststenen of keramische platen moeten de
springveren met geschikte kunsthars- of tweecomponentenlijm verlijmd worden.
• Afdichting bij het raam controleren op correcte positie en op eventuele gaten. Er mag geen extra siliconenafdichting aangebracht worden, omdat dit het uitbouwen bij service bemoeilijkt.
• Voor demontage moet de kookplaat er van onderen uitgedrukt worden.
Montage-aanwijzing
Elektrische aansluiting
Voordat u het apparaat aansluit moet u controleren of de nominale
spanning (de op het typeplaatje aangegeven spanning) overeenkomt
met de aanwezige netspanning. Het typeplaatje bevindt zich onderop
de kookplaat.
De spanning van het verwarmingselement bedraagt AC230 V~. Ook bij
oudere stroomnetten met AC220 V~ werkt het apparaat onberispelijk.
De aansluiting van de kookplaat dient zodanig te worden uitgevoerd
dat het apparaat met alle polen van het net kan worden gescheiden
met een contactopeningswijdte van min. 3 mm, bijv. door automatische zekering,aardlekschakelaaroderveiligheidsschakelaar.
Als aansluitsnoer moet een snoer van type H05VV-F of van betere kwaliteit worden gebruikt.
De aansluiting dient volgens schema te worden uitgevoerd. Alnaargelang het aansluitschema moeten de aansluitbruggen op de juiste wijze
worden ingezet. De aardeleider wordt met klem x verbonden. De aardeleiderader moet langer zijn dan stroomvoerende aders.
De kabelaansluitingen moeten volgens de voorschriften worden
uitgevoerd en de klemschroeven moeten vast worden aangedraaid.
Daarna het aansluitsnoer met de trekontlastingsklem beveiligen en de
afdekking sluiten door hem stevig aan te drukken (inklikken).
Voordat het apparaat voor de eerste keer wordt ingeschakeld moeten
evt. aanwezige beschermingsfolie of stickers van de glaskeramische
plaat of het raam worden verwijderd.
Na het aansluiten aan de stroomverzorging controleren of de kookzones bedrijfsklaar zijn door ze één voor één even op de maximale stand
in te schakelen.
65
Service
Service
In het hoofdstuk ”Wat is er aan de hand als …” vindt u enkele storingen
die u zelf kunt opheffen. Lees in geval van storing eerst dit hoofdstuk.
Gaat het om een technische storing?
Neem dan contact op met onze service-afdeling. (Adres en telefoonnummers vindt u in hoofdstuk ”Adres klantenservice”.)
Bereid het gesprek in ieder geval goed voor. Dat vereenvoudigt de diagnose en de vaststelling of bezoek van een servicetechnicus nodig is:
Geef zo nauwkeurig mogelijk op:
• Hoe uit de storing zich?
• Onder welke omstandigheden
treedt de storing op?
Noteer voor het gesprek beslist de
volgende gegevens van uw apparaat
op het typeplaatje:
• PNC-nr. (9 cijfers),
• S-nr. (9 cijfers).
Wij raden u aan de nummers hier te noteren zodat u ze altijd bij de
hand hebt.
PNC
. . . . . . . . .
S-nr
. . . . . . . . .
Wanneer ontstaan er voor u ook tijdens de garantieperiode kosten?
• als u de storing m.b.v. de storingstabel (zie hoofdstuk ”Wat is er aan
de hand als ...”) zelf had kunnen opheffen,
• als de service-technicus u verschillende malen moet bezoeken, omdat
hij vóór zijn bezoek niet alle belangrijke informatie heeft gekregen en
daarom bijv. onderdelen moet halen. Dit kunt u voorkomen als u uw
telefoongesprek goed voorbereidt zoals boven beschreven.
67
Montage Assembly
Montage Assembly
138
Montage Assembly
min.
25 mm
min.
5 mm
Ausbau, Demontage, Removal
139

advertisement

Was this manual useful for you? Yes No
Thank you for your participation!

* Your assessment is very important for improving the workof artificial intelligence, which forms the content of this project

Related manuals

advertisement