Aeg SANTO2632-4KG Handleiding


Add to my manuals
24 Pages

advertisement

Aeg SANTO2632-4KG Handleiding | Manualzz
Santo 2632-4 KG
CombinŽ rŽfrigŽrateur-congŽlateur
Dubbeldeurs-koelautomaat
Mode dÕemploi
Gebruiksaanwijzing
Geachte klant,
Lees eerst aandachtig de gebruiksaanwijzing door voordat u uw
nieuwe koelapparaat in gebruik neemt. Hierin staat belangrijke informatie over een veilig gebruik, over het opstellen en over het
onderhoud van het apparaat.
De gebruiksaanwijzing s.v.p. bewaren voor latere naslag. Aan eventuele volgende bezitters van het apparaat doorgeven.
Met de waarschuwingsdriehoek en/of door signaalwoorden (Waarschuwing!, Voorzichtig!, Let op!) wordt de aandacht gevestigd op
aanwijzingen die belangrijk zijn voor uw veiligheid of voor het juist
functioneren van het apparaat. Hier absoluut op letten.
Na dit symbool wordt uitleg gegeven over de bediening en het praktisch gebruik van het apparaat.
Met het klaverblad worden tips en aanwijzingen voor een economischen milieuvriendelijk gebruik van het apparaat aangegeven.
Voor eventueel optredende storingen staan in de handleiding aanwijzingen om deze zelf op te lossen, zie Hoofdstuk "Wat te doen als...".
Als deze aanwijzingen niet voldoende informatie bieden staat onze
klantendienst u te allen tijde ter beschikking.
Gedrukt op milieuvriendelijk vervaardigd papier
wie ecologisch denkt, handelt ook zo ...
26
Inhoud
Veiligheid. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 28
Weggooien . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 30
Informatie over de verpakking van het apparaat . . . . . . . . . . . . 30
Weggooien van oude apparaten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 30
Transportbescherming verwijderen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 30
Opstellen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 31
Opstelplaats . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 31
Zorg voor een goede ventilatie rond het apparaat . . . . . . . . . . . . 32
Muur-afstandhouders . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 32
Het waterpas plaatsen van het apparaat . . . . . . . . . . . . . . . . . . 33
Deurdraairichting . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 33
Beschrijving van het apparaat . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 35
Voor ingebruikname . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 36
Elektrische aansluiting . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 36
In gebruik nemen en temperatuurregeling . . . . . . . . . . . . . . . 36
Klimaatschakelaar . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 37
Interieur . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 37
Legvlakken . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 37
Deurvakken . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 38
Rangschikking van de levensmiddelen . . . . . . . . . . . . . . . . . 38
Invriezen en diepgevroren opslaan . . . . . . . . . . . . . . . . . .
39
Het maken van ijsblokjes . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 40
Ontdooiing van het toestel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 40
Apparaat uitzetten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 41
Reiniging en onderhoud . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 42
Tips om energie te besparen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 43
Wat te doen als . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 43
Hulp bij storingen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .. . . . . 43
Lamp verwisselen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 45
Klantenservice . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 46
Doel, normen, richtlijnen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .. . . . . . . . . 47
27
Veiligheid
De veiligheid van onze koelapparaten voldoet aan de Europese en
Nederlandse normen. Desondanks zien wij ons genoodzaakt u met
de volgende veiligheidsaanwijzingen vertrouwd te maken:
Reglementaire toepassing
¥ Het koelapparaat is voor huishoudelijk gebruik bestemd. Het is
geschikt voor het koelen, invriezen en diepgevroren bewaren van
levensmiddelen en voor het maken van ijs. Als het apparaat voor
andere doeleinden gebruikt wordt kan de fabrikant geen
verantwoording nemen voor eventuele schaden.
¥ Het ombouwen van of veranderingen aan het koelapparaat aanbrengen is uit veiligheidsoverwegingen niet toegestaan.
¥ Als het koelapparaat commercieel of voor andere doeleinden dan
voor het koelen, diepgevroren bewaren en invriezen van levensmiddelen gebruikt wordt, s.v.p. letten op de hiervoor van kracht zijnde wettelijke bepalingen.
Voordat het apparaat voor de eerste keer in gebruik genomen wordt
¥ Controleer het koelapparaat op transportschaden. Een beschadigd
apparaat in geen geval aansluiten! Wend u in geval van schade tot
de leverancier.
Koelmiddelen
Het apparaat bevat in het koelvloeistofcircuit de koelvloeistof Isobutan
(R600a), een natuurlijk, zeer milieuvriendelijk gas, dat echter wel
brandbaar is.
¥ Bij het transport en het opstellen van het apparaat erop letten dat
geen onderdelen van het koelvloeistofcircuit beschadigd worden.
¥ Bij beschadiging van het koelvloeistofcircuit:
Ð open vuur en brandhaarden absoluut vermijden;
Ð het vertrek waar het apparaat staat goed ventileren.
Veiligheid van kinderen
¥ Verpakkingsdelen (bijv. foli‘n, piepschuim) kunnen voor kinderen
gevaarlijk zijn. Stikgevaar! Verpakkingsmateriaal van kinderen
weghouden!
¥ Oude apparaten voor het weggooien onbruikbaar maken. Stekker uit
28
het stopcontact trekken, stroomkabel doorknippen, eventueel
aanwe-zige snapÐ of grendelsloten verwijderen of kapotmaken.
Daardoor wordt voorkomen dat spelende kinderen in het apparaat
opgesloten raken (stikgevaar!) of in andere levensgevaarlijke situaties terecht komen.
¥ Kinderen kunnen gevaren die in het omgaan met huishoudelijke
apparaten schuilen vaak niet herkennen. Zorg daarom voor de nodige toezicht en laat kinderen niet met het apparaat spelen.
Bij dagelijks gebruik
¥ Containers met brandbare gassen of vloeistoffen kunnen lek raken
door de inwerking van koude. Explosiegevaar! Leg geen containers
met brandbare stoffen zoals bijv. spraybussen, aanstekers, navullingen van aanstekers etc. in het koelapparaat.
¥ Flessen en blikken mogen niet in het vriesvak. Ze kunnen springen
als de inhoud bevriest Ð bij koolzuurhoudende inhoud zelfs exploderen! Leg noit limonades, sappen, bier, wijn, champagne etc. in het
vriesvak. Uitzondering: sterke drank met een zeer hoog alcohol percentage kan in het vriesvak gelegd worden.
¥ Consumptie-ijs en ijsblokjes niet direct vanuit de vriesruimte in de
mond steken. Zeer koud ijs kan aan de lippen of de tong vastvriezen en verwondingen veroorzaken.
¥ Niet met natte handen aan diepvriesartikelen komen. De handen
kunnen daaraan vastvriezen.
¥ Geen elektrische apparaten (bijv. elektrische ijsmachines, mixers
etc.) in het koelapparaat gebruiken.
¥ Voor het schoonmaken het apparaat altijd uitzetten en de stekker uit
het stopcontact trekken of de zekering in de woning uitschakelen
c.q. er uit draaien.
¥ De stekker altijd aan de stekker zelf uit het stopcontact trekken, nooit
aan het snoer.
Bij storing
¥ Als er een storing aan het apparaat optreedt eerst in de gebruiksaanwijzing kijken onder ÒWat te doen als ...Ó. Als de daar gegeven
aanwijzingen niet verder helpen zelf niet verder aan het apparaat
werken.
¥ Koelapparaten mogen alleen dooor geschoold personeel gerepareerd worden. Door ondeskundige reparaties kunnen grote gevaren
ont-staan. Wend u zich bij reparaties tot uw vakhandel of tot onze
klantendienst.
29
Weggooien
Informatie over de verpakking van het apparaat
Alle gebruikte grondstoffen zijn milieuvriendelijk! Ze kunnen zonder
gevaar weggegooid of in de vuilverbrandingsoven verbrand worden!
De grondstoffen: de kunststoffen kunnen ook opnieuw gebruikt worden en worden als volgt gekarakteriseerd:
>PE< voor polyethyleen, bijv. bij de buitenste verpakking en de
zakken binnenin.
>PS< voor schuimpolystyrol, bijv. bij de bekledingsdelen, in principe
FCKW-vrij.
De kartonnen delen zijn van oud papier gemaakt en kunnen ook weer
bij het oud-papier gedaan worden.
Weggooien van oude apparaten
Wegens milieuredenen dienen koelapparaten vakkundig ontmanteld
te worden. Dit geldt voor uw huidige apparaat en - als het ook aan vervanging toe is - ook voor uw nieuwe apparaat.
Waarschuwing! Apparaten die hun tijd gehad hebben onbruikbaar
maken voordat ze weggegooid worden. Stekker er afhalen, netsnoer
doorknippen, eventuele snap- of grendelsloten verwijderen of kapotmaken. Hierdoor wordt voorkomen dat spelende kinderen in het
apparaat opgesloten worden (verstikkingsgevaar!) of in andere levensgevaarlijke situaties terechtkomen.
Aanwijzingen voor het weggooien:
¥ Het apparaat mag niet bij het huis- of grofvuil gezet worden.
¥ Het koelvloeistofcircuit, in het bijzonder de warmtewisselaar aan de
achterkant, mag niet beschadigd worden.
¥ Informatie over afhaaltijden of inzamelplaatsen zijn te verkrijgen bij
de plaatselijke reinigingsdienst of op het gemeentehuis.
Transportbescherming verwijderen
Het apparaat alsmede de onderdelen van het interieur zijn voor het
transport beschermd.
¥ Alle plakband alsmede bekledingsdelen uit het interieur verwijderen.
Eventuele plakbandresten kunnen met schoonmaak- of wasbenzine
verwijderd worden.
30
Opstellen
Opstelplaats
Het apparaat in een goed geventileerde en droge ruimte neerzetten.
De omgevingstemperatuur heeft invloed op het stroomverbruik.
Het apparaat daarom
Ð niet aan directe straling van de zon blootstellen;
Ð niet bij radiatoren, naast een kachel of andere warmtebronnen
plaatsen;
Ð alleen op een plaats neerzetten waarvan de omgevingstemperatuur
overeenkomt met de klimaatcategorie waarvoor het apparaat is ontworpen.
De klimaatcategorie‘n staan op het merk- en type-aanduidingsplaatje
dat zich links aan de binnenkant van het apparaat bevindt.
De volgende tabel geeft aan welke omgevingstemperatuur bij welke
klimaatcategorie behoort:
Klimaatcategorie
voor een omgevingstemperatuur van
SN
+10 tot +32 ¡C
N
+16 tot +32 ¡C
ST
+18 tot +38 ¡C
T
+18 tot +43 ¡C
Als het onvermijdelijk is het apparaat naast een warmtebron te plaatsen, aan weerszijden minimaal de volgende afstanden aanhouden:
Ð tot elektrische kachels 3 cm;
Ð tot olie- en kolenkachels 30 cm.
Als men zich niet aan deze afstanden kan houden, is een warmte-isolatieplaat tussen kachel en koelapparaat aan te bevelen.
Als het koelapparaat naast een ander koel- of diepvriesapparaat
staat, is een afstand van 5 cm aan weerszijden aan te bevelen, zodat
zich geen condens vormt aan de buitenkant van de apparaten.
31
Zorg voor een goede ventilatie rond het apparaat
De lucht wordt toegevoerd via
de ruimte onder de deur aan
de voorkant en afgevoerd naar
boven via de achterkant van
het apparaat.
Voor een goede ventilatie is
het belangrijk dat de ventilatieopeningen niet afgedekt of
geblokkeerd worden;
Belangrijk! Indien het apparaat onder een hangend
keukenkastje geplaatst wordt,
dient de afstand tussen de
bovenkant van het apparaat
en het kastje min. 10 cm te
bedragen.
Muur-afstandhouders
Monteer de twee afstandhouders die zich in het documentatiezakje bevinden, aan de
achterkant, opdat de warmte
die tijdens het gebruik ontstaat, zich op de juiste wijze
kan verspreiden. Ga te werk
zoals aangegeven in de figuren. Volg daarbij de nummers..
3
AEG69
32
Het waterpas plaatsen van het apparaat
Plaats het apparaat op een
vlakke en stevige vloer. Door
middel van de twee verstelbare voetjes aan de voorkant van
het apparaat kunt u het apparaat waterpas opstellen. Draai
de voetjes los of vast, totdat u
het gewenste resultaat bereikt
hebt.
AEG70
Deurdraairichting
Het deurscharnier kan van rechts (stand waarin hij wordt afgeleverd)
naar links gewisseld worden als dat voor de opstelplaats nodig is.
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
Waarschuwing! Bij het wisselen van de deurscharnieren mag het
apparaat niet op het lichtnet aangesloten zijn. Van te voren de stekker
uit het stopcontact halen.
Ga nu verder als volgt te werk:
Verwijder
het
plastic
beschermdopje van het onderscharnier.
Schroef het onderscharnier
los; verwijder de deur van de
vriesruimte door hem naar
beneden te schuiven.
Draai de schroeven weer vast.
Verwijder de beschermdopjes
van de schroeven linksonder
en plaats ze op de schroeven
rechts.
Draai de twee schroeven linksonder los.
Schroef het middenscharnier
los; verwijder de deur van de
koelruimte door hem naar
beneden te schuiven
Draai met een schroevendraaier de twee beschermdopjes op de gaatjes links los
en monteer ze aan de rechterkant.
33
8.
9.
10.
11.
12.
13.
14.
34
Verwijder de handgrepen van
de deuren. Dat doet u door
met een schroevendraaier de
stiften 1/4 naar links te draaien
en ze vervolgens te verwijderen.
Draai de handgrepen om en
monteer ze aan de andere
kant.
Herplaats de stiften en draai
ze vast door ze 1/4 naar rechts
te draaien.
Draai de stift van het bovenscharnier los en monteer haar
aan de linkerkant. Vergeet de
sluitringetjes niet.
Plaats de deur van de koelruimte op de bovenstift.
Plaats het middenscharnier in
het onderste deel van de deur
van de koelruimte; vergeet de
sluitringetjes niet.
Schroef het middenscharnier
stevig vast.
15.
16.
17.
18.
19.
Plaats de deur van de vriesruimte op het middenscharnier.
Plaats het onderscharnier in
het onderste deel van de deur
van de vriesruimte. Vergeet de
sluitringetjes niet.
Schroef het onderscharnier
goed vast.
Indien nodig kunt u de deuren
richten.
Monteer het plastic beschermdopje weer op het onderscharnier.
Beschrijving van het apparaat
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
8.
9.
10.
Thermostaatknop
Boter/kaas- vakjes met klepje
Deurvakken
Flessenrek
Groente/fruitladen
Legvlakken
Typeplaatje (bevindt zich in de
koelkast)
Lade voor diepvriesprodukten
(bewaren en invriezen)
Lade voor diepvriesprodukten
(alleen bewaren)
Laatje voor kleine vruchten.
Hier kunnen kleine vruchten
vooringevroren worden zonder
dat ze hun vorm verliezen.
Vervolgens worden de vruchten in kleinere porties verdeeld, verpakt
en ingevroren en in andere laden bewaard. In dit laatje voor kleine
vruchten kunnen ook ijslaatjes voor ijsblokjes geplaatst worden en
diepvriesproducten van kleine omvang, zoals kruiden e.d.
35
Voor ingebruikname
¥ Het interieur van het apparaat en alle accessoires schoonmaken
voor het eerste gebruik (zie Hoofdstuk ÒReiniging en OnderhoudÓ).
Elektrische aansluiting
Voor de elektrische aansluiting is een volgens de voorschriften ge•nstalleerde beschermcontactdoos vereist.
De contactdoos moet zodanig worden ge•nstalleerd, dat de steker
altijd uit de contactdoos kan worden getrokken.
De elektrische zekering dient minstens 10 Amp•re te zijn.
Indien het stopcontact bij een ingebouwd apparaat niet meer toegankelijk is, dient een maatregel in de elektrische installatie er voor te zorgen dat het apparaat van de stroom kan worden afgesloten (bijv.
zekering, beveiligingsschakelaar, aardlekschakelaar of dergelijke met
een contactopeningsbreedte van minimaal 3 mm).
¥ Voor ingebruikneming op het merkÐ en typeÐaanduidingsplaatje van
het apparaat controleren of de netspanning en stroomsoort overeenkomen met de waarden van het lichtnet op de plaats waar het
apparaat komt te staan.
Bijv.: AC 220 ... 240 V 50 Hz of
220 ... 240 V~ 50 Hz
(d.w.z. 220 tot 240 Volt wisselstroom, 50 Hertz)
Het typeplaatje bevindt zich links aan de binnenkant van het apparaat.
In gebruik nemen en temperatuurregeling
¥ U steekt de steker van de koelkast in een contactdoos met randaarde. Als u de koelkastdeur opent, wordt de binnenverlichting ingeschakeld. De draaiknop voor de temperatuurkeuze bevindt zich
rechts in de koelruimte.
Stand ã0Ò betekent: uit.
Stand ã1Ò betekent: hoogste binnentemperatuur, warmste instelling.
Stand ã6Ò betekent: laagste binnentemperatuur, koudste instelling.
Bij het instellen van de juiste stand dient u er rekening mee te houden
dat de temperatuur in het apparaat afhankelijk is van:
- de kamertemperatuur;
- de frequentie waarmee de deuren geopend worden;
36
- de hoeveelheid levensmiddelen in de kast;
- de plaats van het apparaat.
De temperaturen in koelruimte en vriesvak kunnen niet gescheiden
geregeld worden.
Als verse levensmiddelen snel moeten worden ingevroren, kunt u
stand ã6Ò kiezen. Let u erop, dat de temperatuur in de koelruimte niet
beneden 0¡C komt en zet de temperatuurregelaar tijdig op stand ã3Ò
of ã4Ò terug.
Belangrijk!
Hoge omgevingstemperatuur (bijv. op hete zomerdagen) en koude
instelling van de temperatuurregelaar (stand Ò5Ó tot Ò6Ó) kunnen er
voor zorgen dat de compressor continu werkt.
Zet in dat geval de temperatuurregelaar op een warmere stand (stand
Ò3Ó tot Ò4Ó). Bij deze instelling wordt de compressor geregeld en begint
het ontdooien weer automatisch.
Temperatuurregeling bij een omgevingstemperatuur beneden +16¡C
B
Indien de temperatuur in het
vertrek waarin zich het apparaat bevindt onder +16¡C
daalt, dient u de klimaatschakelaar in te drukken. Het
rode controlelampje licht op.
Interieur
AEG20
Legvlakken
¥ Afhankelijk van model en
uitrusting zijn legvlakken van
glas, kunststof of roosters
meegeleverd.
¥ Een legvlak in de onderste
geleiders boven de groenteen fruitbak schuiven en ook
laten liggen. De legvlakken
kunnen in hoogte versteld
worden:
37
¥ Daartoe het legvlak zo ver naar voren trekken tot het naar boven en
naar beneden bewogen kan worden en er uit gehaald kan worden.
¥ Het plaatsen op een andere hoogte in omgekeerde volgorde uitvoeren.
¥ De voorste helft van het VARIO-legvlak onder de achterste helft
schuiven. Daardoor wordt ruimte gewonnen om op de daaronder
liggende plank grote artikelen te plaatsen.
Het verplaatsen van deurvakken
¥ De ruimte tussen deurvakken
kan naar behoefte aangepast
worden. Ga daartoe als volgt
te werk: Trek het vak geleidelijk naar de door de pijlen
aangegeven richting totdat
het loskomt. Verplaats daarna het vak naar de gewenste
hoogte.
D006
Rangschikking van de levensmiddelen
Om natuurkundige redenen
vormen zich in de koelruimte
zones met verschillende temperatuur. Het koudste is de
onderste plaat boven de
groente/fruitbakken. Hogere
platen en deurrekken zijn het
minst koud.
Hieronder volgt een voorbeeld
hoe de verschillende levensmiddelen het best gerangschikt kunnen worden.
Tip: Dek alle levensmiddelen
goed af of verpak ze voordat u
ze in de koelruimte plaatst.
Hierdoor voorkomt u dat ze uitdrogen of dat geur en smaak
naar andere levensmiddelen
overslaan.
38
Het volgende materiaal is geschikt:
- polythylene zakjes of folie;
- kunststofdozen met deksel;
- speciale plastic mutsjes met elastiek
- aluminiumfolie
Invriezen en diepgevroren opslaan
In uw koelapparaat kunt u diepvriesproducten bewaren en verse
levensmiddelen zelf invriezen.
Attentie!
¥ Voor het invriezen van levensmiddelen dient de temperatuur in de
vriesruimte Ð18 ¡C of lager te zijn.
¥ Let op het op het typeplaatje aangegeven vriesvermogen. Het vriesvermogen is de maximale hoeveelheid verse waren die binnen 24
uur ingevroren kunnen worden. Als er gedurende meerdere dagen
achter elkaar ingevroren wordt, neem dan slechts 2/3 tot 3/4 van de
hoeveelheid aangegeven op het typeplaatje. De kwaliteit is beter,
als de levensmiddelen snel tot in de kern bevriezen.
¥ Warme levensmiddelen voor het invriezen laten afkoelen. De warmte leidt tot verhoogde ijsvorming en verhoogt het energieverbruik.
¥ Bij het bewaren van kantenklare diepvriesproducten dient u zich
beslist aan de door de fabrikant opgegeven bewaartijd te houden.
¥ Eenmaal ontdooide levensmiddelen zonder verdere verwerking
(bereiden tot panklare gerechten) in geen geval een tweede keer
invriezen.
¥ Containers met brandbare gassen of vloeistoffen kunnen lek raken
door de inwerking van koude. Explosiegevaar! Leg geen containers
met brandbare stoffen zoals bijv. spraybussen, aanstekers, navullingen van aanstekers etc. in het vriesapparaat.
¥ Flessen en blikken mogen niet in de vriesruimte. Ze kunnen springen als de inhoud bevriest Ð bij koolzuurhoudende inhoud zelfs
exploderen! Leg noit limonades, sappen, bier, wijn, champagne etc.
in de vriesruimte. Uitzondering: sterke drank met een zeer hoog
alcoholpercentage kan in de vriesruimte gelegd worden.
¥ Alle levensmiddelen voor het invriezen luchtdicht verpakken, zodat
ze niet uitdrogen, de smaak niet verloren gaat en de smaak niet op
andere diepvriesproducten overgebracht wordt.
Voorzichtig! Diepvriesartikelen niet met natte handen aanraken. De
39
1.
2.
3
handen kunnen daaraan vast vriezen.
Indien u voedsel sneller wilt invriezen of indien u de max. hoeveelheid
wilt invriezen, dan dient u drie uur voor het inbrengen van de levensmiddelen de klimaatschakelaar in te schakelen.
Plaats de in te vriezen levensmiddelenin de bovenste lade.
Daardoor heeft u een beter overzicht, wordt het lang openen van de
deur voorkomen en wordt stroom bespaard.
Het maken van ijsblokjes
1.
IJsbakje voor 3/4 met koud water vullen, in de vriesruimte plaatsen en
laten bevriezen.
2.
Om de ijsblokjes los te maken het ijsbakje omdraaien of kort onder
stro-mend water houden.
Attentie! Een eventueel vastgevroren ijsbakje in geen geval met
spitse of scherpe voorwerpen losmaken. Gebruik de bijgevoegde
ijsschraper.
Ontdooiing van het toestel
Het ontdooien van de koelruimte
Als de compressor loopt vormt zich op de achterwand van de koelruimte een rijplaag. Deze laag wordt automatisch verwijderd, wanneer
de compressor stilstaat. Het dooiwater wordt in een gootje in de achterwand van de koelruimte opgevangen en via een afvoeropening
naar een verzamelbak boven de compressor gevoerd, alwaar het
verdampt.
Het ontdooien van de vriesruimte
In het vriesvak slaat het vocht dat ontstaat tijdens de werking van het
apparaat en tijdens het openen van de deur neer. Daardoor vormt
zich in de vriesruimte een rijplaag. Deze dient regelmatig verwijderd
te worden met behulp van de speciale kunststof schraper die bij het
apparaat geleverd wordt. Een dikke rijplaag in de vriesruimte betekent
een hoger energie verbruik. Ontdooi daarom minstens ŽŽnmaal per
jaar, resp. als zich een rijplaag van ca. 4 mm gevormd heeft, devriesruimte. Dit kunt u het beste doen, wanneer de vriesruimte leeg of
slechts voor een klein deel gevuld is.
40
Ga als volgt te werk:
1.
Verwijder de diepvriesproducten, wikkel ze in enkele lagen
krantenpapier en bewaar ze
op een koele plaats.
2.
Schakel het apparaat uit en
haal de steker uit de contactdoos of schakel de veiligheidszekering uit of draai deze los.
3.
Laat de deur van de vriesruimte openstaan.
4.
Steek de kunststofschraper in
de opening onder de vriesruimte en plaats daar een
schaaltje of teiltje onder.
5.
Bewaar de schraper zodat u hem opnieuw kunt gebruiken.
6.
Draai de thermostaatknop in de gewenste stand of steek de steker
weer in het stopcontact. Na twee of drie uur kunt u de diepvriesproducten weer terugplaatsen.
Belangrijk
Gebruik geen metalen voorwerpen om de rijplaag te verwijderen.
Gebruik geen elektrische verwarmingsapparaten o.i.d. om het ontdooiproces te versnellen. Houd u aan de aanwijzingen in dit boekje.
Temperatuurstijging van diepvriesproducten kan hun houdbaarheidsduur verkorten.
Apparaat uitzetten
Als het apparaat gedurende langere tijd niet gebruikt wordt:
1.
Levensmiddelen uit koelruimte en vriesvak nemen.
2.
Apparaat uitzetten, daartoe de temperatuurregelaar op stand Ò0Ó
draaien.
3.
Stekker uit het stopcontact halen of zekering uitschakelen, er resp.
uithalen.
4.
Diepvriesruimte ontdooien en grondig reinigen (zie hoofdstuk ÒReiniging en onderhoudÓ).
5.
Deuren daarna open laten om geurvorming te voorkomen.
41
Reiniging en onderhoud
Om hygi‘nische redenen dient het apparaat aan de binnenkant met
toebehoren geregeld gereinigd te worden.
Waarschuwing!
¥ Het apparaat mag tijden het schoonmaken niet op het electrikiteitsnet aangesloten zijn. Gevaar voor schokken! Zet voor het schoonmaken het apparaat uit en trek de stekker uit het stopcontact of
schakel c.q. draai de zekering er uit.
¥ Het apparaat nooit met stoomreinigingsapparaten schoonmaken. Er
kan vocht in de elektrische onderdelen komen. Gevaar voor
schokken! Hete damp kan kunstoffen onderdelen beschadigen.
¥ Het apparaat dient droog te zijn voordat het weer in gebruik genomen wordt.
Let op!
¥ Etherische oli‘n en organische oplosmiddelen kunnen kunststof
onderdelen aantasten, bijv.
Ð Sap van citroenÐ of sinaasappelschillen;
Ðboterzuur;
Ð schoonmaakmiddelen die azijnzuren bevatten.
Dergelijke substanties niet in contact brengen met apparaatonderdelen.
¥ Geen schurende schoonmaakmiddelen gebruiken.
1.
KoelÐ en diepvriesartikelen er uit halen. Diepvriesartikelen in meerdere lagen kranten verpakken. Alles afgedekt op een koele plaats leggen.
2.
Vriesvak voor het schoonmaken ontdooien (zie hoofdstuk ÒOntdooienÓ).
3.
Apparaat uitzetten en de stekker uit het stopcontact halen of de zekering uitschakelen c.q. er uitdraaien.
4.
Apparaat en interieur met een doek en lauwwarm water schoonmaken. Eventueel een beetje normaal afwasmiddel gebruiken.
5.
Daarna met schoon water afnemen en droogmaken.
Stof op de condensor verhoogt het energieverbruik. Daarom eenmaal
per jaar de condensor aan de achterkant van het apparaat met een
zachte borstel of met de stofzuiger voorzichtig schoonmaken.
42
6.
Het dooiwater-afvoergat aan
de achterwand van de koelruimte controleren. Een verstopt dooiwater-afvoergat met
behulp van het groene stopje
dat met het toestel is meegeleverd schoonmaken.
7.
Als alles droog is, de levensmiddelen er weer in doen en
het apparaat weer in bedrijf
nemen.
Tips om energie te besparen
¥ Het apparaat niet in de buurt van kachels, verwarmingselementen of
andere warmtebronnen plaatsen. Bij een hoge omgevingstemperatuur werkt de compressor vaker en langer.
¥ Zorgen voor voldoende be- en ontluchting aan de onderkant van het
apparaat. Ventilatieopeningen nooit afdekken.
¥ Geen warme spijzen in het apparaat zetten. Warme spijzen eerst
laten afkoelen.
¥ Deur slechts zo lang open laten als nodig is.
¥ De temperatuur niet lager dan nodig instellen.
¥ Diepvriesartikelen voor het ontdooien in de koelruimte leggen. De
koude in de diepvriesartikelen wordt zo voor koeling van de koelruimte gebruikt.
¥ Houd de warmte afgevende verdamper, het metalen rooster aan de
achterzijde van het toestel, schoon.
Wat te doen als ...
Hulp bij storingen
Het kan bij een storing om kleine defecten gaan die zelf u aan de
hand van de volgende aanwijzingen kunt oplossen. Voer zelf geen
verdere werkzaamheden uit als de volgende informatie in concrete
gevallen niet verder helpt.
43
Waarschuwing! Reparaties aan het koelapparaat mogen alleen door
geschoold personeel uitgevoerd worden. Door ondeskundige reparaties kunnen grote gevaren ontstaan voor de gebruiker. Wend u bij
reparatie tot onze klantendienst.
Storing
Apparaat werkt niet.
Apparaat koelt te sterk.
De levensmiddelen zijn te
warm.
Mogelijke oorzaken
Verhelpen
Apparaat is niet aangezet.
Apparaat aanzetten.
Stekker zit niet in het stopcontact of zit los.
Stekker in stopcontact
steken.
Zekering is los of kapot.
Zekering controleren,eventueel vernieuwen
Stopcontact is kapot.
Storingen in het lichtnet
door Uw elektrovakman
laten verhelpen.
Temperatuur is te laag inge- Temperatuurregelaar tijsteld.
delijk op een hogere stand
zetten.
Temperatuur is niet juist
ingesteld.
Zie hoofdstuk ÒIngebruiknameÓ.
Deur heeft te lang opengestaan.
Deur slechts zo lang open
laten als nodig is.
In de laatste 24 uur zijn gro- Temperatuurregelaar op een
tere hoeveelheden warme koudere stand zetten.
levensmiddelen opgeslagen.
Het apparaat staat naast
een warmtebron.
Binnenverlichting werkt niet. Lamp is kapot.
Zie hoofdstuk ÒOpstelplaatsÓ.
Zie hoofdstuk ÒLamp verwisselenÓ.
Sterke rijpvorming in het
Deurafdichting is lek (even- Op de ondichte plaatsen de
apparaat, eventueel ook aan tueel na het verwisselen van deurafdichting voorzichtig
de deurafdichting.
de deuraanslag).
met een fšhn¨ verwarmen
(niet heter dan ca. 50 ¡C).
Tegelijkertijd de verwarmde
deurafdichting met de hand
zo in vorm trekken dat hij
weer helemaal sluit.
44
Ongewone geluiden.
Apparaat staat niet recht.
Stelvoetjes bijstellen.
Apparaat komt tegen de
muur of tegen andere
voorwerpen aan.
Apparaat iets wegtrekken.
Een onderdeel, bijv. een lei- Dit onderdeel voorzichtig
ding, aan de achterkant van wegbuigen.
het apparaat komt tegen
een ander onderdeel van
het apparaat aan of tegen
de muur.
Na het wijzigen van de tem- Dit is normaal, het betreft
peratuurinstelling start de
geen storing.
compressor niet direct.
De compressor start na enige tijd automatisch.
Water op de bodem van de Ontdooiwaterafvoer is verkoelruimte of op de legvstopt.
lakken.
Zie hoofdstuk ÒReiniging en
onderhoudÓ.
Lamp verwisselen
Waarschuwing! Gevaar voor elektrische schok! Voor het verwisselen
van de lamp het apparaat uitzetten en de stekker uit het stopcontact
trekken of de zekering uitschakelen c.q. eruit draaien.
Lampgegevens: 220-240 V, max. 15 W
1.
Om het apparaat uit te zetten de temperatuurregelaar op stand ã0"
draaien.
2.
Stekker uit het stopcontact trekken.
3.
Voor het verwisselen van de
lamp de schroef die de
afdekking van het lampje
bevestigt, eruit draaien.
4.
Op de afdekking van het lampje
drukken en deze achteruit laten
glijden.
5.
Defecte lamp verwisselen.
6.
De afdekking weer monteren
en de bevestigingsschroef
aandraaien.
7.
De koelkast aanzetten.
D731
45
Klantenservice
Als u vragen hebt waar deze gebruiksaanwijzing geen antwoord op
geeft, kunt u de volgende afdelingen raadplegen:
Consumentenbelangen
(voor algemene, product- of gebruiksinformatie)
Storingen / reparaties
(voor bezoek servicetechnicus)
tel.
fax
tel.
fax
0172 - 468 172
0172 - 468 155
0172 - 468 268
0172 - 468 255
Belangrijk!
Houd bij het opgeven van een storing altijd de gegevens van uw toestel
bij de hand. Deze nummers vindt u op het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat en kunt u het beste hieronder en voorop deze
gebruiksaanwijzing noteren.
Modelaanduiding
PNC-nr.
S-nr.
....................
....................
....................
Aan de hand van deze nummers kan onze service-afdeling de juiste
voorbereidingen treffen, zodat de machine bij het eerste bezoek van de
servicetechnicus weer hersteld kan worden. Op deze manier hoeft u
slechts ŽŽn maal thuis te blijven.
Als u toch voor ŽŽn van de in deze gebruiksaanwijzing vermelde
storingen of vanwege foutieve bediening de AEG-service afdeling
inschakelt, wordt dit bezoek ook tijdens de garantietermijn niet door
onze garantiebepalingen gedekt.
Elektrische toestellen van AEG voldoen aan de betreffende veiligheidsbepalingen.
Reparaties aan elektische toestellen mogen alleen door vakmensen
worden uitgevoerd. Onvakkundige reparaties kunnen tot aanzienlijke
risicoÕs voor de gebruiker leiden. Wend u daarom altijd tot de AEG
service-afdeling. Voor reparaties uitgevoerd door anderen kan AEG
geen aansprakelijkheid aanvaarden. Alleen originele AEG-onderdelen
voldoen aan alle eisen!
Onze service-afdeling voert reparaties uit overeenkomstig de voorwaarden die tussen de Consumentenbond en de VLEHAN (Vereniging
Leveranciers Elektrotechnische Huishoudelijke Apparaten Nederland)
zijn overeengekomen.
46
Doel, normen, richtlijnen
Het koelapparaat is voor huishoudelijk gebruik bestemd en is met inachtneming van de voor deze apparaten geldende normen gemaakt.
Bij de fabricage zijn speciaal die maatregelen genomen die vereist
zijn volgens de Duitse wet op de veiligheid van toestellen (GSG), volgens de Duitse voorschriften ter voorkoming van ongevallen bij koude-installaties (VBG 20) en volgens de bepalingen van de ver-eniging
van Duitse elektotechnici (VDE). De koudecirculatie is op dichtheid
getest.
Dit apparaat voldoet aan de volgende EG-richtlijnen:
Ð 73/23/EWG van 19.2.1973 - Laagspanningsrichtlijn0
Ð 89/336/EWG van 3.5.1989
(met inbegrip van Wijzigingsrichtlijn 92/31/EWG) - EMC-richtlijn
47
AEG HausgerŠte GmbH
Postfach 1036
D-90327 NŸrnberg
http://www.aeg.hausgeraete.de
2222 190-81

advertisement

Was this manual useful for you? Yes No
Thank you for your participation!

* Your assessment is very important for improving the workof artificial intelligence, which forms the content of this project

Related manuals

advertisement