Aeg CIB6642ABM Handleiding

Aeg CIB6642ABM Handleiding
CIB6642ABM
USER
MANUAL
NL
Gebruiksaanwijzing
Fornuis
2
www.aeg.com
INHOUDSOPGAVE
1. VEILIGHEIDSINFORMATIE......................................................................................... 3
2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN.................................................................................6
3. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT........................................................................9
4. VOORDAT U HET APPARAAT VOOR DE EERSTE KEER GEBRUIKT....................10
5. KOOKPLAAT - DAGELIJKS GEBRUIK......................................................................10
6. KOOKPLAAT - AANWIJZINGEN EN TIPS...............................................................15
7. KOOKPLAAT - ONDERHOUD EN REINIGING.......................................................17
8. OVEN - DAGELIJKS GEBRUIK .................................................................................17
9. OVEN - KLOKFUNCTIES...........................................................................................21
10. OVEN - AANWIJZINGEN EN TIPS........................................................................ 22
11. OVEN - ONDERHOUD EN REINIGING................................................................ 35
12. PROBLEEMOPLOSSING.........................................................................................38
13. MONTAGE ..............................................................................................................40
14. ENERGIEZUINIGHEID.............................................................................................42
VOOR PERFECTE RESULTATEN
Bedankt dat u voor dit AEG-product heeft gekozen. Dit apparaat is ontworpen
om vele jaren uitstekend te presteren, met innovatieve technologieën die het
leven gemakkelijker helpen maken met functies die gewone apparaten wellicht
niet hebben. Neem een paar minuten de tijd om het door te lezen zodat u er
optimaal van kunt profiteren.
Ga naar onze website voor:
Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen en
onderhoudsinformatie:
www.aeg.com/webselfservice
Registreer uw product voor een betere service:
www.registeraeg.com
Koop accessoires, verbruiksartikelen en originele reserveonderdelen voor uw
apparaat:
www.aeg.com/shop
KLANTENSERVICE
Gebruik altijd originele onderdelen.
Als u contact opneemt met de klantenservice zorg dat u de volgende gegevens
bij de hand hebt: model, productnummer, serienummer.
Deze informatie wordt vermeld op het typeplaatje.
Waarschuwing / Belangrijke veiligheidsinformatie
Algemene informatie en tips
Milieu-informatie
Wijzigingen voorbehouden.
NEDERLANDS
1.
3
VEILIGHEIDSINFORMATIE
Lees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor
installatie en gebruik van het apparaat. De fabrikant is
niet verantwoordelijk voor letsel of schade veroorzaakt
door een verkeerde installatie of verkeerd gebruik.
Bewaar de instructies altijd op een veilige en
toegankelijke plaats voor toekomstig gebruik.
1.1 Veiligheid van kinderen en kwetsbare mensen
WAARSCHUWING!
Gevaar voor verstikking, letsel of permanente
invaliditeit.
•
•
•
•
•
•
•
•
Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8
jaar en ouder en door mensen met beperkte
lichamelijke, zintuiglijke of verstandelijke vermogens
of een gebrek aan ervaring en kennis, indien zij onder
toezicht staan of instructies hebben gekregen over het
veilig gebruiken van het apparaat en indien zij de
eventuele gevaren begrijpen.
Kinderen tussen de 3 en 8 jaar oud en personen met
zware en complexe beperkingen dienen altijd uit de
buurt te worden gehouden, mits ze voortdurend
onder toezicht staan.
Houd kinderen jonger dan 3 jaar uit de buurt of onder
permanent toezicht.
Laat kinderen niet met het apparaat spelen.
Houd alle verpakking uit de buurt van kinderen en
gooi het op passende wijze weg.
Houd kinderen en huisdieren uit de buurt van het
apparaat als het in werking is of afkoelt. Het apparaat
is heet.
Als het apparaat is voorzien van een kinderslot, dient
dit te worden geactiveerd.
Kinderen mogen zonder toezicht geen reinigings- en
onderhoudswerkzaamheden aan het apparaat
uitvoeren.
4
www.aeg.com
1.2 Algemene veiligheid
•
•
•
•
•
•
•
•
•
•
•
•
•
•
Alleen een erkende installateur mag het apparaat
installeren en de kabel vervangen.
Dit apparaat moet worden aangesloten op het
stroomnet met een kabel van het type H05VV-F om de
temperatuur van het achterpaneel te kunnen
weerstaan.
Het apparaat kan worden gebruikt tot een maximum
van 2000 m boven zeeniveau.
Dit apparaat is niet bedoeld voor gebruik op schepen,
boten of vaartuigen.
Installeer het apparaat ter voorkoming van
oververhitting niet achter een decoratieve deur.
Installeer het apparaat niet op een platform.
Bedien het apparaat niet met een externe timer of
een apart afstandbedieningssysteem.
WAARSCHUWING: Zonder toezicht koken op een
kookplaat met vet of olie kan gevaarlijk zijn en
brandgevaar opleveren.
Probeer brand NOOIT met water te blussen, maar
schakel in plaats daarvan het apparaat uit en bedek
de vlam bijv. met een deksel of blusdeken.
LET OP: Er dient toezicht te worden gehouden op het
bereidingsproces. Een kort bereidingsproces moet
onder constant toezicht staan.
WAARSCHUWING: Brandgevaar: Bewaar geen
voorwerpen op de kookplaten.
Gebruik geen stoomreiniger om het apparaat schoon
te maken.
Gebruik nooit agressieve reinigingsmiddelen of
scherpe metalen schrapers om de glazen deur of de
glazen afdekplaat van de kookplaat schoon te maken.
Deze kunnen krassen veroorzaken op het oppervlak,
waardoor het glas zou kunnen breken.
Metalen voorwerpen, zoals messen, vorken, lepels en
deksels mogen niet op de kookplaat worden
geplaatst, aangezien ze heet kunnen worden.
NEDERLANDS
•
•
•
•
•
•
•
•
•
•
•
5
Als de glaskeramische / glazen oppervlakte gebarsten
is, schakel het apparaat dan uit en trek de stekker uit
het stopcontact. In het geval het apparaat direct op
de stroom is aangesloten met een aansluitdoos,
verwijdert u de zekering om het apparaat van de
stroom te halen. Neem in beide gevallen contact op
met de erkende servicedienst.
Schakel het kookplaatelement uit na elk gebruik met
de bedieningstoetsen. Vertrouw niet op de
pandetector.
WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijke
onderdelen ervan worden heet tijdens gebruik. U
dient op te passen dat u de verwarmingselementen
niet aanraakt.
Gebruik altijd ovenhandschoenen om accessoires of
kookgerei te plaatsen of verwijderen.
Zet de stroomtoevoer uit alvorens onderhoud te
plegen.
Zorg ervoor dat het apparaat is uitgeschakeld voordat
u de lamp vervangt om elektrische schokken te
voorkomen.
Als het netsnoer beschadigd is, moet de fabrikant,
een erkende serviceverlener of een gekwalificeerd
persoon deze vervangen teneinde gevaarlijke situaties
te voorkomen.
Wees voorzichtig als u de opslaglade aanraakt. Deze
kan heet worden.
Om de inschuifrails te verwijderen trekt u eerst de
voorkant van de inschuifrail en dan de achterkant uit
de zijwanden. Installeer de inschuifrails in de
omgekeerde volgorde.
De middelen voor het uitschakelen moeten
opgenomen worden in de vaste bedrading
overeenkomstig de regels voor de bedrading.
WAARSCHUWING: Gebruik alleen
kookplaatbeschermers die door de fabrikant van het
kookapparaat zijn ontworpen of door de fabrikant van
het apparaat in de gebruiksinstructies als geschikt zijn
6
www.aeg.com
aangegeven of kookplaatbeschermers die in het
apparaat zijn geïntegreerd. Het gebruik van
ongeschikte kookplaatbeschermers kan ongelukken
veroorzaken.
2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
2.1 Installatie
WAARSCHUWING!
Alleen een erkende
installatietechnicus mag het
apparaat installeren.
• Verwijder alle verpakkingsmaterialen.
• Installeer en gebruik geen
beschadigd apparaat.
• Volg de installatie-instructies op die
zijn meegeleverd met het apparaat.
• Pas altijd op bij verplaatsing van het
apparaat, want het is zwaar. Gebruik
altijd veiligheidshandschoenen en
gesloten schoeisel.
• Trek het apparaat nooit aan de
handgreep van zijn plaats.
• De afmetingen van de keukenkast en
de uitsparing moeten kloppen.
• Houd de minimumafstand naar
andere apparaten en units in acht.
• Installeer het apparaat op een veilige
en geschikte plaats die aan alle
installatie-eisen voldoet.
• Delen van het apparaat staan onder
stroom. Sluit het apparaat met
meubel om te voorkomen dat de
gevaarlijke delen worden aangeraakt.
• De zijkanten van het apparaat moeten
naast apparaten of units staan van
dezelfde hoogte.
• Installeer het apparaat niet naast een
deur of onder een raam. Dit voorkomt
dat heet kookgerei van het apparaat
valt als de deur of het raam wordt
geopend.
• Installeer een stabilisator om te
voorkomen dat het apparaat kantelt.
Raadpleeg het hoofdstuk Installatie.
2.2 Aansluiting aan het
elektriciteitsnet
WAARSCHUWING!
Gevaar voor brand en
elektrische schokken.
• Alle elektrische aansluitingen moeten
door een gediplomeerd
elektromonteur worden gemaakt.
• Dit apparaat moet worden
aangesloten op een geaard
stopcontact.
• Zorg ervoor dat de parameters op het
vermogensplaatje overeenkomen met
elektrische vermogen van de
netstroom.
• Gebruik altijd een juist geïnstalleerd
schokbestendig stopcontact.
• Gebruik geen meerwegstekkers en
verlengsnoeren.
• Laat de stroomkabel niet in aanraking
komen met de deur van het apparaat,
met name niet als deze heet is.
• De schokbescherming van delen
onder stroom en geïsoleerde delen
moet op zo'n manier worden
bevestigd dat het niet zonder
gereedschap kan worden verplaatst.
• Steek de stekker pas in het
stopcontact als de installatie is
voltooid. Zorg ervoor dat het
netsnoer na installatie bereikbaar is.
• Sluit de stroomstekker niet aan op
een losse stroomaansluiting.
• Trek niet aan het netsnoer om het
apparaat los te koppelen. Trek altijd
aan de stekker.
• Gebruik alleen de juiste isolatieapparaten: stroomonderbrekers,
zekeringen (schroefzekeringen
moeten uit de houder worden
verwijderd), aardlekschakelaars en
contactgevers.
• De elektrische installatie moet een
isolatieapparaat bevatten waardoor
het apparaat volledig van het lichtnet
NEDERLANDS
afgesloten kan worden. Het
isolatieapparaat moet een
contactopening hebben met een
minimale breedte van 3 mm.
• Sluit de deur van het apparaat
volledig voordat u de stekker in het
stopcontact steekt.
2.3 Gebruik
WAARSCHUWING!
Risico op letsel en
brandwonden.
Gevaar voor elektrische
schokken!
• Dit apparaat is uitsluitend bestemd
voor huishoudelijk gebruik.
• De specificatie van dit apparaat niet
wijzigen.
• Zorg ervoor dat de
ventilatieopeningen niet geblokkeerd
zijn.
• Laat het apparaat tijdens het gebruik
niet onbeheerd achter.
• Schakel het apparaat telkens na
gebruik uit.
• Wees voorzichtig met het openen van
de deur van het apparaat als het
apparaat aan staat. Er kan hete lucht
ontsnappen.
• Bedien het apparaat niet met natte
handen of als het contact maakt met
water.
• Het apparaat mag niet worden
gebruikt als werkblad of aanrecht.
• Gebruikers met een pacemaker
moeten een afstand van minimaal 30
cm bewaren van de
inductiekookzones als het apparaat in
werking is.
WAARSCHUWING!
Risico op brand en explosie
• Verhitte vetten en olie kunnen
ontvlambare damp afgeven. Houd
vlammen of verwarmde voorwerpen
uit de buurt van vet en olie als u
hiermee kookt.
• De dampen die hete olie afgeeft
kunnen spontane ontbranding
veroorzaken.
• Gebruikte olie die voedselresten
bevat kan brand veroorzaken bij een
lagere temperatuur dan olie die voor
de eerste keer wordt gebruikt.
7
• Plaats geen ontvlambare producten
of gerechten die vochtig zijn gemaakt
met ontvlambare producten in, bij of
op het apparaat.
• Houd vonken of open vlammen uit de
buurt van het apparaat bij het openen
van de deur.
• Open de deur van het apparaat
voorzichtig. Als u alcoholische
toevoegingen gebruikt, kan er
alcohol-luchtmengsel ontstaan.
WAARSCHUWING!
Risico op schade aan het
apparaat.
• Om schade of verkleuring van het
email te voorkomen:
– zet geen kookgerei of andere
voorwerpen direct op de bodem
van het apparaat.
– plaats geen water direct in het
hete apparaat.
– haal vochthoudende schotels en
eten uit het apparaat als u klaar
bent met koken.
– wees voorzichtig bij het
verwijderen of bevestigen van
accessoires.
• Verkleuring van het email of roestvrij
staal is niet van invloed op de werking
van het apparaat.
• Gebruik een diepe pan voor vochtige
taarten. Fruitsappen kunnen
permanente vlekken maken.
• Zet geen heet kookgerei op het
bedieningspaneel.
• Laat kookgerei niet droogkoken.
• Laat geen voorwerpen of kookgerei
op het apparaat vallen. Het oppervlak
kan beschadigen.
• Activeer de kookzones niet met lege
pannen of zonder pannen erop.
• Leg geen aluminiumfolie op het
apparaat of direct op de bodem van
het apparaat.
• Pannen van gietijzer, aluminium of
met beschadigde bodems kunnen
krassen veroorzaken. Til deze
voorwerpen altijd op als u ze moet
verplaatsen op de kookplaat.
• Dit apparaat is uitsluitend bestemd
om mee te koken. Het mag niet
worden gebruikt voor andere
doeleinden, zoals het verwarmen van
een kamer.
8
www.aeg.com
2.4 Reiniging en onderhoud
WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel, brand en
schade aan het apparaat.
• Schakel het apparaat voor onderhoud
uit.
Trek de stekker uit het stopcontact.
• Zorg ervoor dat het apparaat is
afgekoeld. Er bestaat een risico dat
de glasplaten kunnen breken.
• Vervang direct de glazen deurpanelen
als deze beschadigd zijn. Neem
contact op met de erkende
servicedienst.
• Wees voorzichtig als u de deur van
het apparaat verwijdert. De deur is
zwaar!
• Achterblijvend vet of voedsel in het
apparaat kan brand veroorzaken.
• Reinig het apparaat regelmatig om te
voorkomen dat het materiaal van het
oppervlak achteruitgaat.
• Zorg ervoor dat de ovenruimte en de
deur na elk gebruik worden
afgeveegd. Stoom geproduceerd
tijdens de werking van het apparaat
condenseert op de wanden en kan
roest veroorzaken. Om de condens te
verminderen, dient u het apparaat 10
minuten te laten voorverwarmen.
• Reinig het apparaat met een vochtige
zachte doek. Gebruik alleen neutrale
reinigingsmiddelen. Gebruik geen
schuurmiddelen, schuursponsjes,
oplosmiddelen of metalen
voorwerpen.
• Raadpleeg als u een ovenspray
gebruikt eerst de aanwijzingen op de
verpakking.
• Reinig niet het katalytisch email
(indien van toepassing) met een
schoonmaakmiddel.
2.5 Binnenverlichting
WAARSCHUWING!
Gevaar voor elektrische
schokken.
• Het type gloeilampje of
halogeenlampje dat voor dit apparaat
wordt gebruikt, is alleen geschikt voor
huishoudelijke apparaten. Gebruik
deze niet voor andere doeleinden.
• Voordat u het lampje vervangt, dient
u de stekker van het apparaat uit het
stopcontact te halen.
• Gebruik alleen lampjes met dezelfde
specificaties.
2.6 Servicedienst
• Neem contact op met een erkende
servicedienst voor reparatie van het
apparaat.
• Gebruik uitsluitend originele
reserveonderdelen.
2.7 Verwijdering
WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel of
verstikking.
• Haal de stekker uit het stopcontact.
• Snijd het netsnoer vlak bij het
apparaat af en gooi het weg.
• Verwijder de deurvergrendeling om
te voorkomen dat kinderen of
huisdieren binnen in het apparaat vast
komen te zitten.
NEDERLANDS
3. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT
3.1 Algemeen overzicht
1
10
9
2 3 4
5
6
5
4
3
2
1
7
8
1 Knop voor verwarmingsfuncties
2 Scherm
3 Bedieningsknop (voor de
temperatuur)
4 Temperatuurindicator / symbool
5 Verwarmingselement
6 Lamp
7 Verwijderbare inschuifrail
8 Ventilator
9 Uitholling reliëf
10 Roosterhoogtes
3.2 Indeling kookplaat
1
2
140 mm
180 mm
180 mm
210 mm
6
3
5
1 Inductiekookzone 1400 W met de
PowerBoost 2500 W
2 Stoomuitlaat - nummer en positie
afhankelijk van het model
3 Inductiekookzone 1800 W met de
PowerBoost 2800 W
4 Inductiekookzone 1800 W met de
PowerBoost 2800 W
5 Bedieningspaneel
6 Inductiekookzone 2300 W met de
PowerBoost 3600 W
4
3.3 Accessoires
• Bakrooster
Voor kookgerei, bak- en
braadvormen.
• Bakplaat
Voor gebak en koekjes.
• Grill-/braadpan
Voor braden en roosteren of als
schaal om vet op te vangen.
• Telescopische geleiders
Voor roosters en bakplaten.
• Bewaarlade
Onder de ovenruimte bevindt zich
een bewaarlade.
9
10
www.aeg.com
4. VOORDAT U HET APPARAAT VOOR DE EERSTE
KEER GEBRUIKT
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken
Veiligheid.
4.1 Eerste reiniging
Verwijder all accessoires en
verwijderbare inschuifrails uit de oven.
Zie het hoofdstuk 'Onderhoud en
reiniging'.
Reinig de oven en accessoires voor het
eerste gebruik.
Zet de accessoires en verwijderbare
inschuifrails terug in de beginstand.
4.2 De tiptoetsen gebruiken
Raak om een functie te activeren het
geselecteerde symbool op het display
minimaal 1 seconde aan.
4.3 Tijd instellen
U moet de tijd instellen voordat u de
oven bedient.
knippert als u het
De aanduiding
apparaat aansluit op het stopcontact, als
er een stroomstoring is geweest of als de
timer niet is ingesteld.
Druk op
of
om de correcte tijd in
te stellen.
Na ongeveer 5 seconden stopt het
knipperen en geeft de klok de ingestelde
tijd van de dag weer.
4.4 Tijd veranderen
U kunt de tijd van de dag
niet wijzigen als de functie
Bereidingsduur
Blijf op
drukken tot het symbool voor
de functie knippert.
Zie "De duur instellen" om een nieuwe
tijd in te stellen.
4.5 Voorverwarmen
Warm de lege oven voor het eerste
gebruik voor.
in.Stel de
1. Stel de functie
maximale temperatuur in.
2. Laat het apparaat een uur werken.
3. Stel de functie . Stel de maximale
temperatuur in.
4. Laat de oven 15 minuten werken.
5. Stel de functie
. Stel de maximale
temperatuur in.
6. Laat de oven 15 minuten werken.
7. Zet de oven uit en laat deze
afkoelen.
Accessoires kunnen heter worden dan
normaal. De oven kan een vreemde geur
en rook afgeven. Zorg dat er voldoende
luchtcirculatie in de ruimte is.
5. KOOKPLAAT - DAGELIJKS GEBRUIK
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken
Veiligheid.
of Einde
werken.
NEDERLANDS
11
5.1 Besturingspaneel van kookplaat
1
2
3
4
5
10
9
6
8
7
Gebruik de tiptoetsen om het apparaat te bedienen. De displays, indicatielampjes en
geluiden tonen welke functies worden gebruikt.
Tiptoets
Functie
Opmerking
AAN/UIT
De kookplaat in- en uitschakelen.
Slot / Kinderbeveiliging
Het bedieningspaneel vergrendelen/
ontgrendelen.
STOP+GO
De functie in- en uitschakelen.
-
Kookstanddisplay
De kookstand weergeven.
-
Timerindicatie voor de
kookzones
Geeft aan voor welke zone u de tijd instelt.
-
Timerdisplay
De tijd in minuten weergeven.
-
Om de kookzone te selecteren.
-
De tijd verlengen of verkorten.
PowerBoost
De functie in- en uitschakelen.
Bedieningsstrip
Het instellen van de kookstand.
1
2
3
4
5
6
7
/
8
9
10
-
5.2 Kookstanddisplays
Display
Beschrijving
De kookzone is uitgeschakeld.
-
De kookzone wordt gebruikt.
STOP+GO werkt.
Automatisch opwarmen werkt.
12
www.aeg.com
Display
Beschrijving
PowerBoost werkt.
+ cijfer
Er is een storing.
/
OptiHeat Control (3-staps restwarmte-indicatie): doorgaan met koken / warmhoudstand / restwarmte.
/
Slot /Kinderbeveiliging werkt.
Het kookgerei is niet geschikt of te klein, of er is geen kookgerei op
de kookzone geplaatst.
Automatische uitschakeling werkt.
5.3 OptiHeat Control (3-staps
restwarmte-indicatie)
WAARSCHUWING!
/
/
Er bestaat
verbrandingsgevaar door
restwarmte. De
aanduidingen tonen het
niveau van de restwarmte
voor de kookzones die u
momenteel gebruikt. De
aanduidingen kunnen ook
aangaan voor de
nabijgelegen kookzones,
zelfs als u deze niet gebruikt.
De inductiekookzones creëren de voor
het kookproces benodigde warmte
direct in de bodem van de pan. Het
glaskeramiek wordt verwarmd door de
warmte van de pannen.
5.4 In- of uitschakelen
bedieningspaneel hebt gelegd (een
pan, doek, etc.). Er klinkt een
geluidssignaal en de kookplaat wordt
uitgeschakeld. Verwijder het
voorwerp of reinig het
bedieningspaneel.
• De kookplaat te heet wordt (b.v. als
een pan droogkookt). De kookzone
moet afgekoeld zijn voordat u de
kookplaat weer kunt gebruiken.
• u ongeschikte pannen gebruikt. Het
symbool
gaat branden en na 2
minuten schakelt de kookzone
automatisch uit.
• u een kookzone niet uitschakelt of de
kookstand verandert. Na enige tijd
gaat
branden en wordt de
kookplaat uitgeschakeld.
De verhouding tussen kookstand en
de tijd waarna de kookplaat
uitschakelt:
Kookstand
Raak
1 seconde aan om de kookplaat
in– of uit te schakelen.
5.5 Automatische
uitschakeling
De functie schakelt de kookplaat
automatisch uit als:
• alle kookzones zijn uitgeschakeld.
• u de kookstand niet instelt nadat u de
kookplaat hebt ingeschakeld.
• u iets hebt gemorst of iets langer dan
10 seconden op het
,1-3
De kookplaat
wordt uitgeschakeld na
6 uur
4-7
5 uur
8-9
4 uur
10 - 14
1,5 uur
5.6 De kookstand
Voor het instellen of wijzigen van de
kookstand:
NEDERLANDS
Raak de bedieningsstrip aan bij de juiste
kookstand of beweeg uw vinger langs de
bedieningsstrip totdat u de jusite
kookstand heeft bereikt.
13
Stel eerst de warmtestand voor de
kookzone in en dan de functie.
Kookzone instellen:raak
meerdere
malen aan tot het lampje van de
gewenste kookzone brandt.
De functie inschakelen: raak
van de
timer aan om de tijd in te stellen (00 - 99
minuten). Als het lampje van de
kookzone langzaam gaat knipperen,
wordt de tijd afgeteld.
5.7 Automatisch opwarmen
Activeer deze functie om in een kortere
tijd een gewenste kookstand te krijgen.
Als het aan staat, werkt de zone in het
begin op de hoogste kookstand en gaat
daarna verder met koken op de
gewenste kookstand.
Om de functie in werking te
stellen moet de kookzone
koud zijn.
Om de functie voor een kookzone in
te schakelen: raak
aan ( gaat aan).
Raak meteen de gewenste kookstand
aan. Na 3 seconden gaat
Resterende tijd weergeven:selecteer
de kookzone met . Het indicatielampje
van de kookzone gaat sneller knipperen.
Op het display wordt de resterende tijd
weergegeven.
Om het juiste tijdstip van de dag te
wijzigen:selecteer de kookzone met
Raak
en raak
aan. De
kookzone in met
resterende tijd telt af naar 00. Het
indicatielampje van de kookzone gaat
uit.
Als de tijd verstreken is,
klinkt er een geluidssignaal
en knippert 00. De kookzone
wordt uitgeschakeld.
De functie uitschakelen: wijzig de
kookstand.
Deze functie maakt meer vermogen
beschikbaar voor de inductiekookzones.
De functie kan voor een beperkte
tijdsduur voor uitsluitend de
inductiekookzone worden geactiveerd.
Daarna wordt de inductiekookzone
automatisch teruggeschakeld naar de
hoogste kookstand.
Het geluidssignaal stopzetten: raak
aan.
CountUp Timer (De timer met
optelfunctie)
Gebruik deze functie om in de gaten te
houden hoe lang de kookzone werkt.
Om de functie voor een kookzone in
meerdere
Kookzone instellen:raak
malen aan tot het lampje van de
gewenste kookzone brandt.
te schakelen: raak
De functie inschakelen: raak
aan.
gaat aan.
Om de functie uit te schakelen: wijzig
de kookstand.
5.9 Timer
Timer met aftelfunctie
U kunt deze functie gebruiken om in te
stellen hoe lang de kookzone moet
werken voor een kooksessie.
.
aan.
De functie uitschakelen: stel de
branden.
5.8 PowerBoost
of
van de
timer aan.
gaat aan. Als het lampje
van de kookzone langzaam knippert,
wordt de tijd opgeteld. De display
schakelt tussen
(minuten).
en getelde tijd
Om in de gaten te houden hoe lang de
kookzone werkt:selecteer de kookzone
met
. Het indicatielampje van de
14
www.aeg.com
kookzone gaat sneller knipperen. De
display geeft aan hoe lang de zone
werkt.
Om de functie uit te schakelen: raak
aan. De vorige kookstand gaat aan.
Als u de kookplaat uitzet,
stopt u deze functie ook.
De functie uitschakelen:stel de
kookzone in met
en raak
of
aan. Het indicatielampje van de
kookzone gaat uit.
Kookwekker
U kunt deze functie gebruiken als
Kookwekker terwijl de kookplaat is
ingeschakeld en de kookzones niet
werken. De warmtestand op het display
toont
.
De functie inschakelen: raak
aan.
of
van de timer aan om de
Raak
tijd in te stellen. Als de tijd verstreken is,
klinkt er een geluidssignaal en knippert
00.
Het geluidssignaal stopzetten: raak
aan.
De functie heeft geen
invloed op de werking van
de kookzones.
5.10 STOP+GO
Deze functie stelt alle kookzones die in
werking zijn in op de laagste kookstand.
Als de functie in gebruik is, kunt u de
kookstand niet wijzigen.
De functie stopt de timerfunctie niet.
Om de functie in te schakelen: raak
aan.
gaat branden.
Om de functie uit te schakelen: raak
aan. De vorige kookstand gaat aan.
5.11 Slot
U kunt het bedieningspaneel
vergrendelen terwijl de kookzones in
werking zijn. Hiermee wordt voorkomen
dat de kookstand per ongeluk wordt
veranderd.
Stel eerst de kookstand in.
Om de functie in te schakelen: raak
gaat gedurende 4 seconden
aan.
aan.De timer blijft aan.
5.12 Kinderbeveiliging
Deze functie voorkomt dat de kookplaat
onbedoeld wordt gebruikt.
De functie inschakelen: schakel de
kookplaat in met
kookstand in. Raak
. Stel geen
4 seconden aan.
gaat aan. Schakel de kookplaat uit
met
.
De functie uitschakelen: schakel de
kookplaat in met
kookstand in. Raak
. Stel geen
4 seconden aan.
gaat aan. Schakel de kookplaat uit
met
.
De functie gedurende één kooksessie
onderdrukken: zet de kookplaat aan
met .
gaat aan. Raak
4 seconden
aan. Stel de kookstand in binnen 10
seconden. U kunt de kookplaat
bedienen. Als u de kookplaat uitschakelt
met , treedt de functie weer in
werking.
5.13 OffSound Control (De
geluiden in- en uitschakelen)
Schakel de kookplaat uit. Raak
3
seconden aan. Het display gaat aan en
uit. Raak
3 seconden aan.
of
gaat branden. Raak
aan om één van
het volgende te kiezen:
•
- de signalen zijn uit
- de signalen zijn aan
•
Om uw keuze te bevestigen moet u
wachten tot de kookplaat automatisch
uitschakelt.
Als de functie op
staat, kunt u de
geluiden alleen horen als:
• u
aanraakt
• Kookwekker naar beneden komt
NEDERLANDS
• Timer met aftelfunctie naar beneden
komt
• u iets op het bedieningspaneel
plaatst.
5.14 Vermogensbeheer-functie
15
• De functie verlaagt het vermogen
naar de andere kookzones
aangesloten op dezelfde fase.
• Het warmte-instellingsdisplay van de
verlaagde zone verandert tussen twee
niveaus.
• De kookzones zijn gegroepeerd
volgens locatie en aantal fasen van de
kookplaat. Zie afbeelding.
• Elke fase heeft een maximale
elektriciteitslading.
• De functie verdeelt het vermogen
tussen de kookzones aangesloten op
dezelfde fase.
• De functie wordt geactiveerd als de
totale elektriciteitslading van de
kookzones aangesloten op een
enkele fase wordt overschreden.
6. KOOKPLAAT - AANWIJZINGEN EN TIPS
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken
Veiligheid.
6.1 Kookgerei
Bij een inductiekookzone
zorgt een sterk
elektromagnetisch veld
ervoor dat het kookgerei erg
snel heet wordt.
Gebruik de
inductiekookzones met
geschikte pannen.
Materiaal van het kookgerei
• correct: gietijzer, staal, geëmailleerd
staal, roestvrij staal, meerlaagse
bodem (aangemerkt als geschikt door
de fabrikant).
• niet correct: aluminium, koper,
messing, glas, keramiek, porselein.
Een pan is geschikt voor een
inductiekookplaat als:
• water op de hoogste kookstand
binnen korte tijd wordt verwarmd.
• een magneet vast blijft zitten aan de
bodem van het kookgerei.
De bodem van het
kookgerei moet zo dik en
vlak mogelijk zijn.
Zorg ervoor dat bodems
schoon en droog zijn
voordat ze op de kookplaat
worden gezet.
Afmetingen van de pannen
Inductiekookzones passen zich tot op
zekere hoogte automatisch aan de
afmeting van het kookgerei aan.
De efficiëntie van de kookzone heeft
betrekking op de diameter van het
kookgerei. Kookgerei met een diameter
die kleiner is dan het minimum, ontvangt
slechts een deel van het vermogen dat
door de kookzone wordt gegenereerd.
6.2 Minimale diameter van het
kookgerei
Kookzone
Diameter van
het kookgerei
(mm)
Linksachter
125 - 140
Rechtsachter
145 - 180
Rechtsvoor
145 - 180
16
www.aeg.com
Kookzone
Diameter van
het kookgerei
(mm)
Linksvoor
180 - 210
6.3 Lawaai tijdens gebruik
Als u dit hoort:
• kraakgeluid: kookgerei is gemaakt van
verschillende materialen (sandwichconstructie).
• fluitend geluid: bij gebruik van een
kookzone met een hoge kookstand
en als het kookgerei is gemaakt van
verschillende materialen (een
sandwich-constructie).
• bromgeluid: als u een hoge
kookstand gebruikt.
• klikken: er treedt elektrische
schakeling op.
• sissen, zoemen: de ventilator werkt.
Deze geluiden zijn normaal en hebben
niets met een defect te maken.
Warmte-instelling
6.4 Öko Timer (Eco-timer)
Om energie te besparen schakelt het
verwarmingselement van de kookzone
eerder uit dan het signaal van de timer
met aftelfunctie klinkt. Het verschil in
werkingstijd hangt af van het niveau van
de kookstand en de tijd dat u kookt.
6.5 Voorbeelden van
kooktoepassingen
De correlatie tussen de kookstand en het
stroomverbruik van de kookzone is niet
lineair. Wanneer u de kookstand
verhoogt, is dit niet proportioneel met
de toename in stroomverbruik van de
kookzone. Het betekent dat een
kookzone op de medium kookstand
minder dan de helft van het vermogen
gebruikt.
De gegevens in de volgende
tabel dienen slechts als
richtlijn.
Gebruik om:
Tijd
(min)
Tips
Bereide gerechten warmhouden.
zoals
nodig
Een deksel op het kookgerei
doen.
1-3
Hollandaisesaus, smelten: boter, chocolade, gelatine.
5 - 25
Van tijd tot tijd mengen.
1-3
Stollen: luchtige omeletten,
gebakken eieren.
10 - 40
Met deksel bereiden.
3-5
Zachtjes aan de kook brengen 25 - 50
van rijst en gerechten op melkbasis, reeds bereide gerechten
opwarmen.
Voeg minimaal twee keer zo
veel vocht toe als rijst en roer
gerechten op melkbasis halverwege de procedure door.
5-7
Stomen van groenten, vis en
vlees.
20 - 45
Voeg een paar eetlepels vocht
toe.
7-9
Aardappelen stomen.
20 - 60
Gebruik max. ¼ l water voor
750 g aardappelen.
7-9
Bereiden van grotere hoeveelheden voedsel, stoofschotels
en soepen.
60 - 150
Tot 3 l vloeistof plus ingrediënten
-1
NEDERLANDS
17
Warmte-instelling
Gebruik om:
Tijd
(min)
Tips
9 - 12
Zacht bakken: kalfsoester, cordon bleu van kalfsvlees, koteletten, rissoles, worstjes, lever,
roux, eieren, pannenkoeken,
donuts.
zoals
nodig
Halverwege de bereidingstijd
omdraaien.
12 - 13
Door-en-door gebraden, opgebakken aardappelen, lendenbiefstukken, steaks.
5 - 15
Halverwege de bereidingstijd
omdraaien.
14
Aan de kook brengen van water, pasta koken, aanbraden van vlees (goulash, stoofvlees), frituren van friet.
Kook grote hoeveelheden water. PowerBoost wordt geactiveerd.
7. KOOKPLAAT - ONDERHOUD EN REINIGING
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken
Veiligheid.
7.1 Algemene informatie
• Maak de kookplaat na ieder gebruik
schoon.
• Gebruik altijd kookgerei met een
schone bodem.
• Krassen of donkere vlekken op de
oppervlakte hebben geen invloed op
de werking van de kookplaat.
• Gebruik een specifiek
schoonmaakmiddel voor het
oppervlak van de kookplaat.
• Gebruik een speciale schraper voor
de glazen plaat.
7.2 De kookplaat
schoonmaken
suikerhoudend voedsel, anders kan
dit schade aan de kookplaat
veroorzaken. Doe voorzichtig om
brandwonden te voorkomen. Gebruik
de speciale schraper op de glazen
plaat en verwijder resten door het
blad over het oppervlak te schuiven.
• Verwijder nadat de kookplaat
voldoende is afgekoeld: kalk- en
waterkringen, vetspatten en
metaalachtig glanzende
verkleuringen. Reinig de kookplaat
met een vochtige doek en een beetje
niet-schurend reinigingsmiddel.
Droog de kookplaat na reiniging af
met een zachte doek.
• Verkleuring glanzende metalen
verwijderen: reinig het glazen
oppervlak met een doek en een
oplossing van water met azijn.
• Verwijder direct: gesmolten
kunststof, plastic folie, suiker en
8. OVEN - DAGELIJKS GEBRUIK
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken
Veiligheid.
18
www.aeg.com
8.1 Ovenfuncties
Symbool
Ovenfunctie
Applicatie
Uit-stand
De oven staat uit.
Hetelucht
Voor het bakken op maximaal twee rekniveaus tegelijk en om voedsel te drogen.
Stel de temperatuur 20 °C tot 40 °C lager in dan
voor Conventioneel koken.
Pizza Hetelucht
Om gerechten op één niveau te bakken met intensief bruinen en een krokante korst.
Conventioneel koken
Voor het bakken en braden op één ovenniveau.
Koken met hete lucht
PLUS
Om tijdens de bereiding vocht toe te voegen. Om
tijdens het bakken de juiste kleur en knapperigheid
te krijgen. Om bij het opwarmen meer sappigheid
te geven.
Grill Intens
Voor het roosteren van plat voedsel in grote hoeveelheden en voor het maken van toast.
Circulatiegrill
Voor het braden van grotere stukken vlees of gevogelte met botten op één niveau. Ook om te gratineren en te bruinen.
Hetelucht (vochtig)
Deze functie is ontworpen om tijdens de bereiding
energie te besparen. Zie het hoofdstuk 'Hints and
tips’ voor bereidingsinstructies Hetelucht (vochtig).
De ovendeur dient tijdens de bereiding gesloten te
zijn, zodat de functie niet wordt onderbroken en om
ervoor te zorgen dat de oven op de hoogst mogelijke energie-efficiëntie functioneert. Bij het gebruik
van deze functie kan de temperatuur in de ruimte
verschillen van de ingestelde temperatuur. Het verwarmingsvermogen kan worden verminderd. Zie
voor algemene aanbevelingen voor energiebesparing het hoofdstuk ‘Energie-efficiëntie’, Energiebesparing. Deze functie wordt gebruikt om de energie-efficiëntieklasse vast te stellen overeenkomstig
EN 60350-1. Als u deze functie gebruikt, gaat de
lamp automatisch uit.
NEDERLANDS
8.2 De oven in- en
uitschakelen
Het hangt van het model
of uw apparaat
knopsymbolen,
indicatielampjes of lampjes
heeft:
• Het indicatielampje gaat
aan wanneer de oven
opwarmt.
• Het lampje gaat aan als
het apparaat in werking
is.
• Het symbool geeft aan of
de knop de kookzones,
de ovenfuncties of de
temperatuur bedient.
1. Draai aan de knop voor de
ovenfuncties om een ovenfunctie te
selecteren.
2. Draai de knop voor de temperatuur
naar een temperatuur.
3. Draai om de oven uit te schakelen,
de knop voor de ovenfuncties en de
knop voor de temperatuur naar de
uit-stand.
8.3 Inschakelen van de functie:
Koken met hete lucht PLUS
Deze functie zorgt voor een betere
vochtigheidsgraad tijdens de bereiding.
WAARSCHUWING!
Gevaar voor brandwonden
en schade aan het apparaat.
Vrijgekomen vocht kan brandwonden
veroorzaken:
• Open de deur van het apparaat niet
wanneer de functie in gebruik is:
Koken met hete lucht PLUS.
• De deur van het apparaat voorzichtig
openen nadat de functie stopt: Koken
met hete lucht PLUS.
Vul uitsluitend de uitsparing van de
ovenruimte met water als de oven
koud is.
3. Draai de knop voor de functie>
.
Koken met hete lucht PLUS
4. Draai aan de temperatuurknop om
een temperatuur te kiezen.
5. Zet het voedsel in het apparaat en
sluit de ovendeur.
LET OP!
Vul de uitsparing in de
ovenruimte niet met
water bij tijdens de
bereiding of als de oven
heet is.
6. Draai om het apparaat uit te
schakelen, de knop voor de
ovenfuncties en de knop voor de
temperatuur naar de uit-stand.
7. Verwijder het water uit de uitsparing
van de ovenruimte.
WAARSCHUWING!
Zorg dat het apparaat is
afgekoeld voordat u het
resterende water uit de
uitsparing van de
ovenruimte verwijdert.
8.4 Koelventilator
Als de oven in werking is, wordt de
koelventilator automatisch ingeschakeld
om de oppervlakken van de oven koel te
houden. Na het uitschakelen van de
oven de ventilator stopt.
8.5 Ovenaccessoires plaatsen
Braadpan:
Plaats de braadpan tussen de
geleidestangen van de inschuifrails.
Zie het hoofdstuk 'Nuttige
aanwijzingen en tips'.
1. Open de ovendeur.
2. Vul de uitsparing in de ovenruimte
met kraanwater.
De maximumcapaciteit van de
uitsparing in de ovenruimte is 250 ml.
19
Bakrooster en braadpan samen:
20
www.aeg.com
Schuif de braadpan tussen de
geleidestangen van de roostersteun en
het rooster op de roostersteun erboven.
• Alle accessoires hebben
links en rechts bovenaan
kleine inkepingen om de
veiligheid te verhogen.
Deze inkepingen zorgen
er ook voor dat ze niet
omkantelen.
• Door de verhoogde lijst
die om het rooster loopt,
is kookgerei beveiligd
tegen wegglijden.
8.6 Telescopische geleiders de ovenaccessoires plaatsen
Bewaar de montageinstructies voor de
telescopische geleiders om
later terug te kunnen lezen.
Met de telescopische geleiders kunt u de
roosters eenvoudig plaatsen en
verwijderen.
Plaats het bakrooster op de
telescopische geleiders, zodat de
pootjes naar beneden zijn gericht.
Plaats de bakplaat of braadpan op de
telescopische geleiders.
Plaats het bakrooster op de diepe pan.
Plaats het rooster en de diepe pan op de
telescopische geleiders.
NEDERLANDS
21
9. OVEN - KLOKFUNCTIES
9.1 Display
A
B
C
A. Klokfuncties
B. Timer
C. Klokfunctie
9.2 Toetsen
Knop
Functie
Beschrijving
MIN
Om de tijd in te stellen.
KLOK
De klokfunctie instellen.
PLUS
Om de tijd in te stellen.
9.3 Tabel met klokfuncties
Klokfunctie
Applicatie
DAGTIJD
Met deze functie kunt u de dagtijd instellen, wijzigen of
controleren.
BEREIDINGSDUUR
Instellen hoe lang het apparaat in werking is.
EINDE
Instellen wanneer het apparaat wordt uitgeschakeld.
TIJDVERTRAGING Om de functies BEREIDINGSDUUR en EINDE te combineren.
KOOKWEKKER
Voor het instellen van een afteltijd. Deze functie heeft geen
invloed op de werking van het apparaat. U kunt de KOOKWEKKER op elk gewenst moment instellen, ook als het apparaat uit staat.
9.4 De BEREIDINGSDUUR
instellen
Op het display verschijnt
.
4. Wanneer de ingestelde tijd is
1. Stel een ovenfunctie en de
temperatuur in.
verstreken, knippert
en hoort u
een geluidssignaal. Het apparaat
wordt automatisch uitgeschakeld.
5. Druk op een willekeurige toets om
het geluidssignaal uit te zetten.
2. Blijf op
drukken totdat
te knipperen.
begint
3. Druk op
of
om de tijd voor de
BEREIDINGSDUUR in te stellen.
22
www.aeg.com
6. Draai de knop voor de ovenfuncties
en de knop voor de temperatuur
naar de uit-stand.
9.5 Het EINDE instellen
1. Stel een ovenfunctie en de
temperatuur in.
2. Blijf op
drukken totdat
te knipperen.
3. Druk op
stellen.
of
begint
om de tijd in te
Op het display verschijnt
.
4. Wanneer de ingestelde tijd is
en hoort u
verstreken, knippert
een geluidssignaal. Het apparaat
wordt automatisch uitgeschakeld.
5. Druk op een willekeurige toets om
het signaal uit te zetten.
6. Draai de knop voor de ovenfuncties
en de knop voor de temperatuur
naar de uit-stand.
9.6 De functie
TIJDVERTRAGING instellen
1. Stel een ovenfunctie en de
temperatuur in.
drukken totdat
2. Blijf op
te knipperen.
begint
3. Druk op
of
om de
BEREIDINGSDUUR in te stellen.
4. Druk op
.
5. Druk op
of
om de tijd voor
EINDE in te stellen.
6. Druk op
om te bevestigen.
Het apparaat gaat later automatisch aan,
werkt voor de ingestelde
BEREIDINGSDUUR en stop aan op de
ingestelde EINDTIJD. Op de ingestelde
tijd, weerklinkt er een geluidssignaal.
7. Het apparaat wordt automatisch
uitgeschakeld. Druk op een
willekeurige toets om het signaal uit
te zetten.
8. Draai de knop voor de ovenfuncties
en de knop voor de temperatuur
naar de uit-stand.
9.7 De KOOKWEKKER
instellen
1. Blijf op
drukken totdat
te knipperen.
begint
2. Druk op
or
om de gewenste
tijd in te stellen.
De KOOKWEKKER start automatisch na
vijf seconden.
3. Wanneer de ingestelde tijd voorbij is,
klinkt er een geluidssignaal. Druk op
een willekeurige toets om het
geluidssignaal uit te zetten.
4. Draai de knop voor de ovenfuncties
en de temperatuurknop naar de uitstand.
9.8 De klokfuncties annuleren
1. Blijf op de
drukken tot het
symbool voor de benodigde
ovenfunctie begint te knipperen.
ingedrukt.
2. Houd
De klokfunctie gaat na een paar
seconden uit.
10. OVEN - AANWIJZINGEN EN TIPS
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken
Veiligheid.
De temperaturen en
baktijden in de tabellen zijn
slechts als richtlijn bedoeld.
Deze zijn afhankelijk van de
recepten en de kwaliteit en
de hoeveelheid van de
gebruikte ingrediënten.
Verwarm de lege oven altijd
20 minuten voordat u gaat
koken voor op de vereiste
temperatuur voor het
voedsel.
NEDERLANDS
10.1 Bakken
• Gebruik de eerste keer de laagste
temperatuur.
• Bij het bereiden van cake op
meerdere niveaus kan de baktijd ca.
10 - 15 minuten langer zijn.
• Als de cake niet overal even hoog is,
wordt de cake niet overal even bruin.
Als de cake niet overal even bruin
23
wordt, hoeft u de
temperatuurinstelling niet te wijzigen.
De verschillen verminderen tijdens
het bakken.
• Tijdens het bakken kunnen bakplaten
in de oven vervormen. Wanneer de
bakplaten afkoelen, verdwijnt de
vervorming.
10.2 Baktips
Bakresultaat
Mogelijke oorzaak
oplossing
De onderkant van de
cake is niet voldoende
gebruind.
De rekstand is incorrect.
Plaats de cake op een lagere rekstand.
De cake zakt in en
wordt klef, klonterig,
streperig.
De oventemperatuur is te
hoog.
De volgende keer dat u een cake
bakt, stelt u de baktemperatuur
lager in.
Te korte baktijd.
Baktijd verlengen. U kunt de baktijd niet verlagen door een hogere temperatuur in te stellen.
Er zit te veel vloeistof in het
mengsel.
Minder vocht gebruiken. Let op
de kneedtijden, vooral bij het gebruik van keukenmachines.
De oventemperatuur is te
laag.
De volgende keer dat u een cake
bakt, stelt u de baktemperatuur
hoger in.
Te lange baktijd.
De volgende keer dat u een cake
bakt, gebruikt u een kortere baktijd.
De oventemperatuur is te
hoog en de baktijd te kort.
De baktemperatuur lager instellen en de baktijd verlengen.
Het deeg is niet gelijkmatig
verdeeld.
Verdeel het deeg gelijkmatig over
de bakplaat.
De cake is te droog.
De cake wordt ongelijkmatig bruin.
De cake wordt niet gaar De oventemperatuur is te
binnen de aangegeven laag.
baktijd.
De volgende keer dat u een cake
bakt, stelt u de baktemperatuur
een beetje hoger in.
24
www.aeg.com
10.3 Bereiding met hete lucht
Bakken op 1 ovenniveau
Bakken in een bakblik
Gerecht
Temperatuur (°C) Tijd (min)
Roosterhoogte
Tulband of brioche
150 - 160
50 - 70
2
Zandgebak/vruchtencake
140 - 160
50 - 90
1-2
Biscuittaart zonder vet
150 - 1601)
25 - 40
3
Taartbodem - zacht cakedeeg
150 - 170
20 - 25
2
1) Oven voorverwarmen.
Gebak op bakplaat
Gerecht
Temperatuur (°C) Tijd (min)
Roosterhoogte
Kruimeltaart (droog)
150 - 160
20 - 40
3
Vruchtentaart (bereid met gistdeeg/
150
35 - 55
3
160 - 170
40 - 80
3
roerdeeg) 1)
Vruchtentaart met kruimeldeeg
1) Gebruik braadpan.
Koekjes
Gerecht
Temperatuur (°C) Tijd (min)
Roosterhoogte
Zandkoekjes
150 - 160
10 - 20
3
Zandtaartdeeg/ Deegreepjes
140
20 - 35
3
Koekjes gemaakt van roerdeeg
150 - 160
15 - 20
3
Eiwitgebak / schuimgebak
80 - 100
120 - 150
3
Bitterkoekjes
100 - 120
30 - 50
3
Koekjes gemaakt van gistdeeg
150 - 160
20 - 40
3
Klein bladerdeeggebak
170 - 1801)
20 - 30
3
Broodjes
1601)
10 - 35
3
1) Oven voorverwarmen.
NEDERLANDS
Tabel voor ovenschotels en gegratineerde gerechten
Gerecht
Temperatuur (°C) Tijd (min)
Roosterhoogte
Stokbroden bedekt met gesmolten
kaas
160 - 1701)
15 - 30
1
Gevulde groente
160 - 170
30- 60
1
1) Oven voorverwarmen.
Bakken op meerdere niveaus
Gebak op bakplaat
Gerecht
Temperatuur (°C) Tijd (min)
Roosterhoogte
2 standen
Roomsoezen / Eclairs
160 - 1801)
25 - 45
2/4
Kruimeltaart
150 - 160
30 - 45
2/4
1) Oven voorverwarmen.
Koekjes/small cakes/gebak/broodjes
Gerecht
Temperatuur (°C) Tijd (min)
Roosterhoogte
2 standen
Zandkoekjes
150 - 160
20 - 40
2/4
Zandtaartdeeg/ Deegreepjes
140
25 - 45
2/4
Koekjes gemaakt van roerdeeg
160 - 170
25 - 40
2/4
Eiwitgebak, schuimgebak
80 - 100
130 - 170
2/4
Bitterkoekjes
100 - 120
40 - 80
2/4
Koekjes gemaakt van gistdeeg
160 - 170
30 - 60
2/4
Klein bladerdeeggebak
170 - 1801)
30 - 50
2/4
Broodjes
1801)
25- 40
2/4
1) Oven voorverwarmen.
10.4 Boven- en onderwarmte op één niveau
Bakken in een bakblik
Gerecht
Temperatuur (°C) Tijd (min)
Roosterhoogte
Tulband of brioche
160 - 180
2
50 - 70
25
26
www.aeg.com
Gerecht
Temperatuur (°C) Tijd (min)
Roosterhoogte
Moskovisch gebak / vruchtencake
150 - 170
50 - 90
1-2
Taartbodem - zandtaartdeeg
190 - 2101)
10 - 25
2
Taartbodem - zacht cakedeeg
170 - 190
20 - 25
2
Hartige taart (bijv. quiche lorraine)
180 - 220
35 - 60
1
Kwarktaart
160 - 180
60 - 90
1-2
1) Oven voorverwarmen.
Gebak op bakplaat
Gerecht
Temperatuur (°C) Tijd (min)
Roosterhoogte
Vlechtbrood/broodkrans
170 - 190
40 - 50
2
Kerststol
160 - 1801)
50 - 70
2
Brood (roggebrood):
1. Eerste deel van het bakproces.
2. Tweede deel van het bakproces.
1.
2301)
2.
1.
2.
1-2
160 - 1801)
Roomsoezen / Eclairs
190 - 2101)
20 - 35
3
Koninginnenbrood (opgerolde cake
met jam)
180 - 2001)
10 - 20
3
Kruimeltaart (droog)
160 - 180
20 - 40
3
Amandelcake/suikertaart
190 - 2101)
20 - 30
3
Vruchtentaart (bereid met gistdeeg/
170
35 - 55
3
Vruchtentaart met kruimeldeeg
170 - 190
40 - 60
3
Plaatkoek met kwetsbare garnering
(bijv. kwark, room, puddingvulling)
160 - 1801)
40 - 80
3
Ongedesemd brood
230 - 250
10 - 15
1
Vlaaien (CH)
210 - 230
35 - 50
1
20
30 - 60
roerdeeg) 2)
1) Oven voorverwarmen.
2) Gebruik braadpan.
Koekjes
Gerecht
Temperatuur (°C) Tijd (min)
Roosterhoogte
Zandkoekjes
170 - 190
3
10 - 20
NEDERLANDS
Gerecht
Temperatuur (°C) Tijd (min)
Roosterhoogte
Zandtaartdeeg/ Deegreepjes
1601)
20 - 35
3
Roerdeegkoekjes
170 - 190
20 - 30
3
Eiwitgebak / schuimgebak
80 - 100
120 - 150
3
Bitterkoekjes
120 - 130
30 - 60
3
Koekjes gemaakt van gistdeeg
170 - 190
20 - 40
3
Klein bladerdeeggebak
190 - 2101)
20 - 30
3
Broodjes
190 - 2101)
10 - 55
3
1) Oven voorverwarmen.
Tabel voor ovenschotels en gegratineerde gerechten
Gerecht
Temperatuur (°C) Tijd (min)
Roosterhoogte
Pastaschotel
180 - 200
45 - 60
1
Lasagne
180 - 200
35 - 50
1
Groentegratin
180 - 2001)
15 - 30
1
Stokbroden bedekt met gesmolten
kaas
200 - 2201)
15 - 30
1
Zoete ovenschotels
180 - 200
40 - 60
1
Visschotels
180 - 200
40 - 60
1
Gevulde groente
180 - 200
40 - 60
1
1) Oven voorverwarmen.
10.5 Pizzastand
Gerecht
Temperatuur (°C) Tijd (min)
Roosterhoogte
Pizza (dunne korst) 1)
200 - 2302)
10 - 20
1-2
Pizza (met veel garnering) 1)
180 - 200
20 - 35
1-2
Taarten
170 - 200
35 - 55
1-2
Spinazietaart
160 - 180
45 - 60
1-2
Quiche Lorraine (hartige taart)
170 - 190
45 - 55
1-2
Zwitserse flan
170 - 200
35 - 55
1-2
27
28
www.aeg.com
Gerecht
Temperatuur (°C) Tijd (min)
Roosterhoogte
Kwarktaart
140 - 160
60 - 90
1-2
Groentetaart
160 - 180
50 - 60
1-2
Ongedesemd brood
230 - 2502)
10 - 20
2-3
Bladerdeegtaart
160 - 1802)
45 - 55
2-3
Flammekuchen
230 - 2502)
12 - 20
2-3
Piroggen (Russische variant op calzone)
180 - 2002)
15 - 25
2-3
1) Gebruik braadpan.
2) Oven voorverwarmen.
10.6 Hetelucht (vochtig)
Brood en pizza
Gerecht
Temperatuur (°C)
Tijd (min)
Roosterhoogte
Broodjes
180
25 - 35
3
Bevroren pizza 350 g
190
25 - 35
3
Gerecht
Temperatuur (°C)
Tijd (min)
Roosterhoogte
Koninginnenbrood (opgerolde
cake met jam)
180
20 - 30
3
Brownie
180
30 - 40
3
Gerecht
Temperatuur (°C)
Tijd (min)
Roosterhoogte
Soufflé
200
30 - 40
3
Luchtige vlaaibodem
180
20 - 30
3
Victoriataart met jamvulling
150
25 - 35
3
Gerecht
Temperatuur (°C)
Tijd (min)
Roosterhoogte
Vis in zakjes 300 g
180
25 - 35
3
Cake in bakplaat
Cake in bakblik
Vis
NEDERLANDS
Gerecht
Temperatuur (°C)
Tijd (min)
Roosterhoogte
Hele vis 200 g
180
25 - 35
3
Visfilets 300 g
180
25 - 35
3
Gerecht
Temperatuur (°C)
Tijd (min)
Roosterhoogte
Vlees in zakje 250 g
200
25 - 35
3
Vleesspiesjes 500 g
200
30 - 40
3
Gerecht
Temperatuur (°C)
Tijd (min)
Roosterhoogte
Koekjes
180
25 - 35
3
Bitterkoekjes
160
25 - 35
3
Muffins
180
25 - 35
3
Smakelijke cracker
170
20 - 30
3
Kruimeldeegkoekjes
150
25 - 35
3
Tartelettes
170
15 - 25
3
Gerecht
Temperatuur (°C)
Tijd (min)
Roosterhoogte
Groentemix in zakjes 400 g
180
25 - 35
3
Omelet
200
20 - 30
3
Groenten op plaat 700 g
180
25 - 35
3
29
Vlees
Kleine gebakken items
Vegetarisch
10.7 Multi hetelucht PLUS
Brood en gebak
Gerecht
Temperatuur Water in de Voorverwar(°C)
uitholling in men (minude oventen)
ruimte (ml)
Tijd (min)
Roosterhoogte
Witbrood
180
150
10
30 - 40
2
Broodjes
200
150
5
20 - 25
2
Focaccia
190
150
10
20 - 25
1
30
www.aeg.com
Gerecht
Temperatuur Water in de Voorverwar(°C)
uitholling in men (minude oventen)
ruimte (ml)
Tijd (min)
Roosterhoogte
Zelfgemaakte
pizza
230
150
10
15 - 20
2
Koekjes, scones, 160
croissants
150
10
10 - 20
2
Pruimentaart,
kaneelbroodjes
150
10
70 - 80
2
160
Bevroren gerechten
Gerecht
Temperatuur Water in de Voorverwar(°C)
uitholling in men (minude oventen)
ruimte (ml)
Tijd (min)
Roosterhoogte
Pizza
200
100
10
15
2
Croissant
170
50
10
25
2
Lasagne
200
200
10
35 - 45
2
Voedselherstel
Gerecht
Temperatuur Water in de Voorverwar(°C)
uitholling in men (minude oventen)
ruimte (ml)
Tijd (min)
Roosterhoogte
Witbrood
110
100
-
30 - 40
2
Broodjes
110
100
-
20 - 25
2
Zelfgemaakte
pizza
110
100
-
15 - 20
2
Focaccia
110
100
-
20 - 30
2
Groenten
110
100
-
15 - 25
2
Rijst
110
100
-
15 - 26
2
Pasta
110
100
-
15 - 27
2
Vlees
110
100
-
15 - 28
2
NEDERLANDS
31
Roosteren
Gerecht
Temperatuur (°C)
Water in de
Voorveruitholling in
warmen
de ovenruim- (minuten)
te (ml)
Tijd (min)
Roosterhoogte
Kip
210
200
-
70 - 75
2
Halve kip
210
200
-
35 - 50
2
Geroosterd varkensvlees
180
200
-
65 - 70
2
Rosbief, 1 - 1,5 kg
1. Rauw
2. Medium
3. Gaar
200
200
-
1.
2.
3.
2
Geroosterde kalkoen
200
200
-
70 - 85
10.8 Braden
Gebruik hittebestendig kookgerei.
Braad grote braadstukken direct in de
diepe bakplaat of op een bakrooster
boven de bakplaat.
Giet wat water op de bakplaat om het
inbranden van vrijkomende vleessappen
of vet te voorkomen.
Vlees met een korst kan in de braadslede
zonder deksel worden gebraden.
50 - 55
60 - 65
65 - 70
2
Draai het braadstuk na 1/2 - 2/3 van de
gaartijd.
Om het vlees sappiger te houden:
• Braad mager vlees in een braadpan
met deksel of gebruik een braadzak.
• Rooster vlees en vis in grote stukken
(1 kg of meer).
• Besprenkel grote braadstukken en
gevogelte diverse keren tijdens het
braden met het eigen vleessap.
10.9 Boven- en onderwarmte roosteren
Rundvlees
Gerecht
Hoeveelheid
Temperatuur
(°C)
Tijd (min)
Roosterhoogte
Stoofvlees
1 – 1,5 kg
200 - 230
105 - 150
1
Gerecht
Hoeveelheid
Temperatuur
(°C)
Tijd (min)
Roosterhoogte
Schouderstuk, nekstuk,
hamlap
1 – 1,5 kg
210 - 220
90 - 120
1
Kotelet, ribbetje
1 – 1,5 kg
180 - 190
60 - 90
1
Gehaktbrood
750 g - 1 kg
170 - 190
50 - 60
1
Varkensschenkel(voorgekookt)
750 g - 1 kg
200 - 220
90 - 120
1
Varkensrug
32
www.aeg.com
Kalfsvlees
Gerecht
Hoeveelheid
Temperatuur
(°C)
Tijd (min)
Roosterhoogte
Geroosterd kalfsvlees1)
1 kg
210 - 220
90 - 120
1
Kalfsschenkel
1,5 – 2 kg
200 - 220
150 - 180
1
1) Gebruik een afgesloten braadpan.
Lamsvlees
Gerecht
Hoeveelheid
Temperatuur Tijd (min)
(°C)
Roosterhoogte
Lamsbout, geroosterd
lamsvlees
1 – 1,5 kg
210 - 220
90 - 120
1
Lamsrug
1 – 1,5 kg
210 - 220
40 - 60
1
Gerecht
Hoeveelheid
Temperatuur Tijd (min)
(°C)
Hazenrug, hazenbout
tot 1 kg
220 - 2401)
30 - 40
1
Rug
1,5 – 2 kg
210 - 220
35 - 40
1
Reebout, hertenbout
1,5 – 2 kg
200 - 210
90 - 120
1
Gerecht
Hoeveelheid
Temperatuur Tijd (min)
(°C)
Roosterhoogte
Stukken gevogelte
200 – 250 g elk
220 - 250
20 - 40
1
eend
1,5 – 2 kg
210 - 220
80 - 100
1
gans
3,5 – 5 kg
200 - 210
150 - 180
1
Turkije
2,5 – 3,5 kg
200 - 210
120 - 180
1
Turkije
4 – 6 kg
180 - 200
180 - 240
1
Gerecht
Hoeveelheid
Temperatuur (°C)
Tijd (min)
Roosterhoogte
Hele vis
1 – 1,5 kg
210 - 220
40 - 70
1
Game
Roosterhoogte
1) Oven voorverwarmen.
Gevogelte
Vis
NEDERLANDS
33
10.10 Braden met circulatiegrill
Varkensrug
Gerecht
Hoeveelheid
Temperatuur
(°C)
Tijd (min)
Roosterhoogte
Schouderstuk, nekstuk,
hamlap
1 – 1,5 kg
160 - 180
90 - 120
1
Kotelet, ribbetje
1 – 1,5 kg
170 - 180
60 - 90
1
Gehaktbrood
750 g - 1 kg
160 - 170
50 - 60
1
Varkensschenkel(voorgekookt)
750 g - 1 kg
150 - 170
90 - 120
1
Gerecht
Hoeveelheid
Temperatuur
(°C)
Tijd (min)
Roosterhoogte
Geroosterd kalfsvlees
1 kg
160 - 180
90 - 120
1
Kalfsschenkel
1,5 – 2 kg
160 - 180
120 - 150
1
Gerecht
Hoeveelheid
Temperatuur Tijd (min)
(°C)
Roosterhoogte
Lamsbout, geroosterd
lamsvlees
1 – 1,5 kg
150 - 170
100 - 120
1
Lamsrug
1 – 1,5 kg
160 - 180
40 - 60
1
Gerecht
Hoeveelheid
Temperatuur
(°C)
Tijd (min)
Roosterhoogte
Stukken gevogelte
200 – 250 g elk
200 - 220
30 - 50
1
eend
1,5 – 2 kg
180 - 200
80 - 100
1
gans
3,5 – 5 kg
160 - 180
120 - 180
1
Turkije
2,5 – 3,5 kg
160 - 180
120 - 150
1
Turkije
4 – 6 kg
140 - 160
150 - 240
1
Kalfsvlees
Lamsvlees
Gevogelte
10.11 Grillen in het algemeen
WAARSCHUWING!
Tijdens het grillen moet de
ovendeur altijd gesloten zijn.
• Grill altijd met de maximale
temperatuurinstelling.
• Rooster in de rekstand plaatsen zoals
aanbevolen in grilltabel.
• Zet de diepe ovenschaal om vet op te
vangen altijd op de eerste rekstand.
• Alleen platte stukken vlees of vis
grillen.
34
www.aeg.com
Het grilgedeelte is ingesteld in het
midden van het rooster.
10.12 Aanwijzingen voor testinstituten
Gerecht
-functie
Temperatuur
(°C)
Tijd (min)
Accessoi- Roosterres
hoogte
Kleine cakes (20 cakejes per bakplaat)
Conventioneel
koken
170
20 - 30
Bakplaat
3
Kleine cakes (20 cakejes per bakplaat)
Hetelucht
150
20 - 35
Bakplaat
3
Kleine cakes (20 cakejes per bakplaat)
Hetelucht
150
20 - 40
Bakplaat
1/4
Appeltaart, 2 blikken
(ø 20 cm) op het
rooster, diagonaal
verdeeld
Conventioneel
koken
180
70 - 90
Rooster
1
Appeltaart, 2 blikken
(ø 20 cm) op het
rooster, diagonaal
verdeeld
Hetelucht
160
70 - 90
Rooster
2
Appeltaart, 2 blikken
(ø 20 cm) op het
rooster, diagonaal
verdeeld
Pizza Hetelucht
170
70 - 90
Rooster
1
Appeltaart, 2 blikken
(ø 20 cm) op het
rooster, diagonaal
Koken met hete
lucht PLUS
160
70 - 80
Bakplaat
2
Vetvrije cake, 1 blik
(ø 26 cm) op het
rooster
Conventioneel
koken
160
30 - 45
Rooster
3
Vetvrije cake, 1 blik
(ø 26 cm) op het
rooster
Hetelucht
150
30 - 45
Rooster
2
Vetvrije cake, 1 blik
(ø 26 cm) op het
rooster
Hetelucht
150
30 - 50
Rooster
1/4
verdeeld.1)
NEDERLANDS
35
Gerecht
-functie
Temperatuur
(°C)
Tijd (min)
Accessoi- Roosterres
hoogte
Zandkoek/Gebakreep
Hetelucht
140
20 - 35
Bakplaat
3
Zandkoek/Gebakreep
Hetelucht
140
25 - 45
Bakplaat
1/4
Zandkoek/Gebakreep
Conventioneel
koken
160
20 - 35
Bakplaat
3
Geroosterd brood
Grill
Max.
5-9
Rooster
4
Runderburger
Grill
Max.
15 - 20 eerRooster/
ste kant.
druipbak
10 - 15 tweede kant.
4
1) Voeg 150 ml water toe aan de uitsparing in de ovenruimte.
11. OVEN - ONDERHOUD EN REINIGING
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken
Veiligheid.
11.1 Opmerkingen over
schoonmaken
Maak de voorkant van de oven schoon
met een zachte doek, warm water en een
mild reinigingsmiddel.
Gebruik voor metalen oppervlakken een
specifiek reinigingsmiddel.
Reinig de binnenkant van de oven na elk
gebruik. Vetophoping of andere
voedingsresten kunnen brand
veroorzaken. Het gevaar is groter voor
de grillpan.
Reinig alle accessoires na elk gebruik en
laat ze drogen. Gebruik een zachte doek
met een warm sopje en een
reinigingsmiddel. De accessoires niet in
de afwasmachine reinigen.
Verwijder hardnekkig vuil met een
speciale ovenreiniger.
Toebehoren met antiaanbaklaag mogen
niet worden schoongemaakt met een
agressief reinigingsmiddel, voorwerpen
met scherpe randen of een
afwasautomaat. Dit kan de
antiaanbaklaag beschadigen.
Neem het vocht uit de ruimte na ieder
gebruik af.
11.2 Ovens van roestvrij staal
of aluminium
Maak de ovendeur alleen met een
vochtige doek of natte spons schoon.
Droog maken met een zachte doek.
Vermijd het gebruik van staalwol, zure of
schurende producten, deze kunnen de
oppervlakken van de oven beschadigen.
Maak het bedieningspaneel van de oven
net zo voorzichtig schoon
11.3 Reinigen van de
uitsparing in de binnenkant
van de oven
De reinigingsprocedure verwijdert
kalkresten van de bodemuitsparing na
het bereidingsproces met stoom.
Voor de functie: Koken met
hete lucht PLUSwe raden
aan de reinigingsprocedure
na minstens iedere 5 -10
kookcycli uit te voeren.
36
www.aeg.com
1. Doe 250 ml witte azijn in de
uitsparing onderin de oven.
Gebruik maximaal 6% azijn zonder
toevoegingen.
2. Laat de azijn de kalkresten
gedurende 30 minuten op
kamertemperatuur oplossen.
3. Reinig de uitsparing met warm water
en een zachte doek.
11.4 Verwijderen van de
inschuifrails
Om de oven te reinigen, verwijdert u de
inschuifrails.
1. Trek de inschuifrail bij de voorkant uit
de zijwand.
LET OP!
Zorg ervoor dat de langste
bevestigingsdraad voorin
wordt aangebracht. De
uiteinden van de twee
draden moeten naar
achteren wijzen. Incorrecte
installatie kan schade aan
het email toebrengen.
11.5 Uitnemen van de
ovendeur
Om het reinigen te vergemakkelijken,
verwijdert u best de ovendeur.
1
2
2. Trek de geleider bij de achterkant uit
de zijwand en verwijder deze.
1
2
De pinnetjes op de
telescopische geleiders
moeten naar voren wijzen.
Installeer de inschuifrails in omgekeerde
volgorde.
1. Open de deur helemaal.
2. Verplaats de schuif totdat u een klik
hoort.
3. Sluit de deur tot de schuif
vergrendelt.
4. Verwijder de deur.
Om de deur te verwijderen, trek de
deur eerst aan de ene zijde naar
buiten en daarna aan de andere
zijde.
Wanneer u klaar bent met reinigen,
plaatst u de ovendeur terug in
omgekeerde volgorde. Zorg ervoor dat u
een klik hoort wanneer u de deur
terugplaatst. Gebruik indien nodig enige
kracht.
NEDERLANDS
11.6 Verwijderen en reinigen
van de deurglazen
De glasplaten van de
ovendeur op uw product
kunnen in type en vorm
verschillen van de
voorbeelden die u hier ziet.
Het aantal glasplaten kan
ook verschillen.
1. Deurafdekking B aan de bovenkant
van de deur aan beide kanten
vastpakken en naar binnen drukken
om de klemsluiting te ontgrendelen.
37
De lamp aan de achterkant.
Het afdekglas van het
lampje bevindt zich in de
achterkant van de
ovenruimte.
1. Draai het afdekglas van de lamp naar
rechts en verwijder het.
2. Reinig het afdekglas.
3. Vervang het ovenlampje met de
relevante tegen 300 °C
hittebestendig ovenlampje.
Gebruik hetzelfde ovenlamptype.
4. Plaats het afdekglas terug.
11.8 De lade verwijderen
2
B
1
2. Trek de deur naar voren om hem te
verwijderen.
3. Houd de glasplaten aan de
bovenkant vast en trek deze een voor
een omhoog uit de geleiding.
WAARSCHUWING!
Wanneer de oven in gebruik
is, kan de lade heet worden.
Bewaar geen ontvlambare
dingen in de oven (bijv.
schoonmaakmiddelen,
plastic zakken,
ovenhandschoenen, papier,
reinigingssprays, enz).
De lade onder de oven kan worden
verwijderd om gemakkelijker te worden
schoongemaakt.
1. Trek de lade volledig naar buiten, tot
deze niet verder kan.
4. Reinig de glasplaten.
Om de panelen te plaatsen, moet u de
stappen in omgekeerde volgorde
uitvoeren.
2
1
11.7 Het lampje vervangen
WAARSCHUWING!
Gevaar voor elektrische
schokken.
Het lampje kan heet zijn.
1. Oven uitschakelen.
Wacht totdat de oven afgekoeld is.
2. Trek de oven uit het stopcontact.
3. Leg een doek op de bodem van de
ovenruimte.
2. Til de lade iets schuin omhoog en
verwijder de lade uit de steunrails.
De lade plaatsen:
1. Plaats de lade op de steunrails van
de lade. Zorg ervoor dat de
uitsparingen goed in de rails vallen.
2. Laat de lade tot horizontale stand
zakken en duw de lade naar binnen.
38
www.aeg.com
12. PROBLEEMOPLOSSING
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken
Veiligheid.
12.1 Wat moet u doen als...
Storing
Mogelijke oorzaak
U kunt het apparaat niet activeren.
Het apparaat is niet aangeControleer of het apparaat
sloten op een stopcontact of goed is aangesloten op het
is niet goed geïnstalleerd.
lichtnet.
U kunt het apparaat niet activeren.
De zekering is doorgeslagen.
Ga na of de zekering de oorzaak van de storing is. Als de
zekeringen keer op keer
doorslaan, neemt u contact
op met een erkende installateur.
U kunt de kookplaat niet inschakelen of bedienen.
U hebt 2 of meer tiptoetsen
tegelijk aangeraakt.
Raak slechts één tiptoets tegelijk aan.
U kunt de kookplaat niet inschakelen of bedienen.
De functie STOP+GO is in
werking.
Raadpleeg het hoofdstuk
'Kookplaat - Dagelijks gebruik'.
U kunt de kookplaat niet inschakelen of bedienen.
Er ligt water of er zitten vetspatten op het bedieningspaneel.
Reinig het bedieningspaneel.
Er klinkt een geluidssignaal
en de kookplaat wordt uitgeschakeld.
Er klinkt een geluidssignaal
als de kookplaat wordt uitgeschakeld.
U hebt een of meer tiptoetsen afgedekt.
Verwijder het voorwerp van
de tiptoetsen.
De kookplaat schakelt uit.
U hebt iets op de tiptoets
Verwijder het object van de
tiptoets.
gezet
.
oplossing
De restwarmte-indicator
gaat niet aan.
De zone is niet heet, omdat
hij slechts kortstondig is gebruikt.
Als de kookzone lang genoeg in werking is geweest
om heet te zijn, neemt u
contact op met de klantenservice.
De automatische opwarmfunctie start niet.
De zone is heet.
Laat de zone voldoende afkoelen.
De automatische opwarmfunctie start niet.
De hoogste verwarmingsstand is ingesteld.
De hoogste kookstand heeft
hetzelfde vermogen als de
functie.
NEDERLANDS
39
Storing
Mogelijke oorzaak
oplossing
De kookstand schakelt tussen twee kookstanden.
De Powerfunctie is in werking.
Raadpleeg het hoofdstuk
'Kookplaat - Dagelijks gebruik'.
De sensorvelden worden
warm.
Het kookgerei is te groot of
staat te dicht bij het bedieningspaneel.
Plaats groter kookgerei op
de achterste kookzones indien nodig.
Er klinkt geen signaal wanneer u de sensorvelden van
het bedieningspaneel aanraakt.
De signalen zijn uitgeschakeld.
Schakel de signalen in.
Raadpleeg het hoofdstuk
'Kookplaat - Dagelijks gebruik'.
gaat branden op de
kookplaatdisplay.
De automatische uitschakeling is in werking getreden.
Schakel de kookplaat uit en
weer in.
gaat branden op de
kookplaatdisplay.
De kinderbeveiliging of de
vergrendelfunctie is actief.
Raadpleeg het hoofdstuk
'Kookplaat - Dagelijks gebruik'.
gaat branden op de
kookplaatdisplay.
Er staat geen kookgerei op
de zone.
Zet kookgerei op de zone.
gaat branden op de
kookplaatdisplay.
Het kookgerei is niet goed.
Gebruik het juiste kookgerei.
Zie het hoofdstuk 'Kookplaat
- Nuttige aanwijzingen en
tips'.
gaat branden op de
kookplaatdisplay.
De diameter aan de bodem
van het kookgerei is te klein
voor de zone.
Gebruik kookgerei met de
juiste afmetingen. Zie het
hoofdstuk 'Kookplaat - Nuttige aanwijzingen en tips'.
De oven wordt niet warm.
De oven is uitgeschakeld.
Schakel de oven in.
De oven wordt niet warm.
De klok is niet ingesteld.
Stel de klok in.
De oven wordt niet warm.
De benodigde kookstanden
zijn niet ingesteld.
Zorg ervoor dat de instellingen correct zijn.
Het lampje brandt niet.
Het lampje is stuk.
Vervang het lampje.
Op de display wordt "12.00" Er is een stroomstoring geweergegeven.
weest.
Stel de klok opnieuw in.
Stoom en condens slaan
neer op de gerechten en in
de ovenruimte.
Het gerecht heeft te lang in
de oven gestaan.
Laat gerechten na het bereiden niet langer dan 15 - 20
minuten in de oven staan.
U krijgt geen goede kookresultaten met gebruik van de
functie Hete Lucht Koken
PLUS.
U heeft de uitholling van de
ovenruimte niet met water
gevuld.
Raadpleeg ‘Het activeren
van de functie Hete Lucht
Koken PLUS’.
40
www.aeg.com
Storing
Mogelijke oorzaak
oplossing
Het water in de uitholling
van de ovenruimte kookt
niet.
De temperatuur is te laag.
Stel de temperatuur minstens in op 110°C. Raadpleeg het hoofdstuk ‘Nuttige aanwijzingen en tips’.
Het water komt uit de uithol- Er zit te veel water in de uitling in de ovenruimte.
holling van de ovenruimte.
12.2 Onderhoudsgegevens
Als u niet zelf het probleem kunt
verhelpen, neem dan contact op met uw
verkoper ofeen erkende serviceafdeling.
Zet de oven uit en zorg dat
het apparaat koud is. Veeg
het water weg met een
spons of een doek. Voeg de
juiste hoeveelheid water toe
aan de uitholling van de
ovenruimte. Raadpleeg ‘Het
activeren van de functie Hete Lucht Koken PLUS’.
Het typeplaatje bevindt zich aan de
voorkant van de binnenkant van de oven.
Verwijder het typeplaatje niet uit de
ovenruimte.
De contactgegevens van het
servicecentrum staan op het typeplaatje.
Wij adviseren u om de gegevens hier te noteren:
Model (MOD.)
.........................................
Productnummer (PNC)
.........................................
Serienummer (S.N.)
.........................................
13. MONTAGE
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken
Veiligheid.
13.1 Technische gegevens
13.2 Locatie van het apparaat
U kunt uw vrijstaand apparaat met kasten
aan een of twee zijden en in de hoek
plaatsen.
Afmetingen
In hoogte
847 - 867 mm
Breedte
596 mm
Diepte
600 mm
A
NEDERLANDS
41
Minimum afstanden
Afmetingen
mm
A
685
13.3 Het apparaat waterpas
zetten
LET OP!
Zorg dat u de antikantelbescherming op de
correcte hoogte installeert.
Zorg ervoor dat het oppervlak achter het
apparaat glad is.
Gebruik kleine pootjes aan de onderkant
van het apparaat om het kookoppervlak
aan de bovenkant waterpas met andere
oppervlakken te brengen.
13.4 Anti-kantelbescherming
LET OP!
Monteer de antikantelbescherming zodat
het apparaat niet valt als het
incorrect wordt geladen. De
antikantelbescherming werkt
alleen als het apparaat in
een correcte ruimte is
geplaatst.
Uw apparaat is voorzien van
het symbool weergegeven in
de afbeelding (indien van
toepassing) om u te
herinneren aan de montage
van de antikantelbescherming.
1. Stel de correcte hoogte in en bepaal
waar op het apparaat u de antikantelbescherming gaat plaatsen.
2. Installeer de anti-kantelbescherming
176 mm onder het bovenvlak van het
apparaat en 24 mm van de linkerkant
van het apparaat in de ronde
opening op een steun. Zie
afbeelding. Schroef de beveiliging
stevig in solide materiaal of gebruik
geschikte versteviging (muur).
3. U vindt het gat aan de
linkerachterkant van het apparaat.
Zie afbeelding. Zet het apparaat in
het midden van de ruimte tussen de
kastjes (1). Als de afstand tussen de
aanrechtkastjes groter is dan de
breedte van het apparaat, moet u de
zijmaten aanpassen als u het
apparaat wilt centreren.
24 mm
176 mm
1
42
www.aeg.com
13.5 Elektrische installatie
WAARSCHUWING!
De fabrikant is niet
aansprakelijk indien u deze
veiligheidsmaatregelen uit
hoofdstuk
'Veiligheidsinformatie' niet
opvolgt.
Fase
Minimumformaat
kabel
3 met neutraal
5 x 1,5 mm²
WAARSCHUWING!
De stroomkabel mag het
onderdeel van het apparaat
dat getoond wordt in de
illustratie niet raken.
Dit apparaat wordt geleverd zonder
stekker en zonder netsnoer.
Toepasselijke kabelsoorten voor
verschillende fasen:
Fase
Minimumformaat
kabel
1
3 x 6,0 mm²
14. ENERGIEZUINIGHEID
14.1 Productinformatie voor kookplaat volgens EU-richtlijn
66/2014
Modelidentificatie
CIB6642ABM
Type kookplaat
Kookplaat in vrijstaand fornuis
Aantal kookzones
4
Verwarmingstechnologie
Inductie
Diameter ronde kookzones
(Ø)
Linksvoor
Linksachter
Rechtsvoor
Rechtsachter
21,0 cm
14,0 cm
18,0 cm
18,0 cm
Energieverbruik per kookzone Linksvoor
(EC electric cooking)
Linksachter
Rechtsvoor
Rechtsachter
173,2 Wh/kg
170,1 Wh/kg
168,5 Wh/kg
165,7 Wh/kg
Energieverbruik van de kookplaat (EC electric hob)
169,4 Wh/kg
EN 60350-2 - Huishoudelijke elektrische
kookapparaten - deel 2: Kookplaten Methodes voor het meten van de
prestatie.
14.2 Kookplaat Energiebesparing
U kunt elke dag energie besparen tijdens
het koken door de onderstaande tips te
volgen.
• Warm alleen de hoeveelheid water op
die u nodig heeft.
NEDERLANDS
• Doe indien mogelijk altijd een deksel
op de pan.
• Zet uw kookgerei op de kookzone
voordat u deze activeert.
• Zet kleiner kookgerei op kleinere
kookzones.
43
• Plaats het kookgerei precies in het
midden van de kookzone.
• Gebruik de restwarmte om het eten
warm te houden of te smelten.
14.3 Productkaart en informatie voor ovens volgens EU
65-66/2014
Naam leverancier
AEG
Modelidentificatie
CIB6642ABM
Energie-efficiëntie Index
95,3
Energie-efficiëntieklasse
A
Energieverbruik bij een standaardbelasting, stand
boven + onderwarmte
0,95 kWh/cyclus
Energieverbruik bij een standaardbelasting, stand
hetelucht
0,82 kWh/cyclus
Aantal ruimten
1
Warmtebron
Electriciteit
Volume
73 l
Soort oven
Oven in vrijstaand fornuis
Massa
52.6 kg
EN 60350-1 - Elektrische huishoudelijke
kookapparaten - Deel 1: Range-ovens,
ovens, stoomovens en grills - Methoden
voor prestatiemeting.
14.4 Oven - Energiebesparing
Deze oven bevat functies die
u helpen energie te
besparen tijdens het
dagelijks koken.
Algemene tips
Zorg ervoor dat de ovendeur goed
gesloten is als u de oven in werking stelt.
De deur niet openen tijdens de
bereiding met stoom. Houd het
deurrubber schoon en zorg ervoor dat
het goed op zijn plaats vastzit.
Gebruik metalen schalen om meer
energie te besparen.
Indien mogelijk de oven niet
voorverwarmen voordat u er voedsel in
plaatst.
Verlaag bij een bereidingsduur langer
dan 30 minuten de oventemperatuur met
minimaal 3 - 10 minuten, afhankelijk van
de bereidingsduur voordat de kooktijd
verstrijkt. De restwarmte in de oven zorgt
ervoor dat het gerecht wordt voltooid.
U kunt de restwarmte gebruiken om
andere maaltijden op te warmen.
Houd de onderbrekingen tussen het
bakken zo kort mogelijk als u een aantal
gerechten tegelijkertijd bereidt.
Bereiding met hete lucht
Gebruik indien mogelijk de
bereidingsfuncties met hete lucht om
energie te besparen.
Eten warm houden
Kies de laagst mogelijke
temperatuurinstelling om de restwarmte
44
www.aeg.com
Hetelucht (vochtig)
Functie is ontworpen om tijdens de
bereiding energie te besparen.
te gebruiken en een maaltijd warm te
houden.
15. MILIEUBESCHERMING
Recycle de materialen met het symbool
. Gooi de verpakking in een geschikte
verzamelcontainer om het te recyclen.
Help om het milieu en de
volksgezondheid te beschermen en
recycle het afval van elektrische en
elektronische apparaten. Gooi apparaten
*
gemarkeerd met het symbool niet weg
met het huishoudelijk afval. Breng het
product naar het milieustation bij u in de
buurt of neem contact op met de
gemeente.
NEDERLANDS
45
46
www.aeg.com
NEDERLANDS
47
867338504-A-452018
www.aeg.com/shop
Was this manual useful for you? yes no
Thank you for your participation!

* Your assessment is very important for improving the work of artificial intelligence, which forms the content of this project

Download PDF

advertisement