Casio | AP-420 | Handleiding | Casio AP-420 Handleiding

D
GEBRUIKSAANWIJZING
Bewaar a.u.b. alle informatie voor eventueel latere naslag.
Veiligheidsvoorzorgsmaatregelen
Zorg er voor eerst aandachtig de
“Voorzorgsmaatregelen ten behoeve van de
veiligheid” te lezen voordat u de piano probeert
te gebruiken.
AP420D1B
Belangrijk!
Merk a.u.b. de volgende belangrijke informatie op alvorens dit product te gebruiken.
• Voordat u de los verkrijgbare AD-E24250LW netadapter in gebruik neemt dient u eerst te controleren dat hij niet
beschadigd is. Check het netsnoer zorgvuldig op breuken, barsten, ontblootte bedrading en andere ernstige
beschadigingen. Laat kinderen nooit een netadapter gebruiken die ernstig beschadigd is.
• Dit product is niet bedoeld voor kinderen onder drie jaar.
• Gebruik enkel de CASIO AD-E24250LW netadapter.
• De netadapter is geen stuk speelgoed.
• Haal de netadapter altijd uit het stopcontact voordat u dit product schoon maakt.
Dit merkteken is alleen van toepassing in de landen binnen de EU.
Manufacturer:
CASIO COMPUTER CO.,LTD.
6-2, Hon-machi 1-chome, Shibuya-ku, Tokyo 151-8543, Japan
Responsible within the European Union:
CASIO EUROPE GmbH
Casio-Platz 1, 22848 Norderstedt, Germany
Inhoudsopgave
Voorbereidingen................................................................................................... D-32
Monteren van de standaard ................................... D-32
Aansluiten van de snoeren..................................... D-34
Installeren van de muziekstandaard en de
hoofdtelefoonhaak.................................................. D-35
Stopcontact ............................................................ D-36
Algemene gids .................................. D-2
Functietoets (FUNCTION) .......................................... D-3
Het opslaan van instellingen en het gebruiken
van de bedieningsvergrendeling................................. D-3
Spelen met verschillende tonen...... D-4
Selecteren en spelen van een toon ............................ D-4
Bijstellen van de helderheid van een toon .................. D-5
Lagen van twee tonen ................................................ D-6
Gebruiken van effecten............................................... D-7
Gebruiken van de pedalen van de Digitale Piano....... D-7
Gebruiken van de metronoom .................................... D-8
Spelen van een pianoduet .......................................... D-9
Weergeven van ingebouwde
melodieën ........................................ D-10
Weergeven van alle ingebouwde melodieën ............ D-10
Weergeven van een specifieke melodie in de
muziekbibliotheek ..................................................... D-10
Oefenen met een melodie uit de
muziekbibliotheek ..................................................... D-11
Opnemen en weergeven ................ D-12
Sporen ...................................................................... D-12
Opnemen op een specifiek spoor van
een melodie .............................................................. D-13
Opnemen op een spoor terwijl u naar de
weergave luistert van het andere spoor.................... D-14
Weergeven van het geheugen van de
Digitale Piano............................................................ D-14
Wissen van opgenomen data ................................... D-15
Configureren van instellingen
met het toetsenbord ....................... D-16
Instellingen configureren met het toetsenbord.......... D-16
Klaviertoetsen die gebruikt worden voor
het configureren van instellingen .............................. D-17
Parameterlijst............................................................ D-18
Nagalm .................................................................. D-18
Zweving ................................................................. D-18
Toonselectie .......................................................... D-18
Helderheid (BRILLIANCE)..................................... D-18
Balans tussen lagen .............................................. D-18
Tempo (TEMPO) ................................................... D-18
Melodie selecteren (SONG SELECT) ................... D-18
Volume van de melodie (SONG VOLUME)........... D-18
Volume van de metronoom
(METRONOME VOLUME) .................................... D-18
Maatslag van de metronoom
(METRONOME BEAT).......................................... D-18
Klaviertoets (Transponeren).................................. D-19
Stemmen van het keyboard (Stemmen)................ D-19
Aansluiten van de hoofdtelefoon.............................D-36
Aansluiten van audio apparatuur of een versterker....D-37
Meegeleverde en los verkrijgbare accessoires .......D-37
Octaafverschuiving ................................................D-19
Temperament (TEMPERAMENT) .........................D-19
Temperament selectie
(TEMPERAMENT SELECT)..................................D-19
Temperament basnoot (BASE NOTE)...................D-19
Aanslagvolume (TOUCH RESPONSE) .................D-19
USB apparaat modus (USB DEVICE MODE) .......D-20
Zendkanaal ............................................................D-20
Lokale besturing ....................................................D-20
Kaartmenu (CARD MENU) ....................................D-20
Bedieningspieptoon ...............................................D-20
Terug .....................................................................D-20
Bedieningsvergrendeling .......................................D-20
Gebruiken van een
geheugenkaart ................................ D-21
Insteken en verwijderen van een geheugenkaart .....D-22
Formatteren van een geheugenkaart........................D-22
Opslaan van een opgenomen melodie naar een
geheugenkaart ..........................................................D-23
Laden van melodiedata van een geheugenkaart
naar het geheugen van de Digitale Piano .................D-23
Wissen van geheugenkaartdata................................D-24
Eenvoudige weergave van een melodie op een
geheugenkaart ..........................................................D-25
Opslaan van data naar het geheugen
(intern gebied) van de Digitale Piano in
plaats van naar een geheugenkaart..........................D-25
Foutindicators............................................................D-26
Aansluiting op een computer ........ D-28
Minimale computersysteemvereisten........................D-28
Aansluiting van de Digitale Piano op uw
computer ...................................................................D-28
Gebruiken van MIDI ..................................................D-29
Oversturen van melodie data met een computer ......D-29
Referentie ........................................ D-38
Oplossen van moeilijkheden .....................................D-38
Technische gegevens ...............................................D-39
Bedieningsvoorzorgsmaatregelen.............................D-40
Appendix............................................ A-1
Toonlijst....................................................................... A-1
Melodielijst .................................................................. A-1
MIDI Implementation Chart
De namen van bedrijven en producten die in deze
handleiding worden gebruikt, kunnen geregistreerde
handelsmerken van derden zijn.
D-1
Algemene gids
Onderkant
1
Voorkant
Achterkant
2
3
4
5
Voorkant
6
7
bo
8
9
bk
bl
bm
bn
D-2
bp
bq
Algemene gids
*LET OP
• Let er op dat het deksel volledig open staat wanneer u op het toetsenbord speelt. Als het deksel gedeeltelijk open
staat kan het onverwacht dichtklappen waardoor u uw vingers kunt bezeren.
OPMERKING
• De hier aangegeven namen worden altijd vetgedrukt weergegeven wanneer ze in de tekst van deze
gebruiksaanwijzing verschijnen.
1 Hoofdtelefoonaansluitingen (PHONES)
9 Recordertoets (L) (RECORDER (L))
2 Lijnuitgang R, L/Mono aansluitingen
(LINE OUT R, L/MONO)
bk Metronoomtoets (R) (METRONOME (R))
3 24 V gelijkstroomaansluiting (DC 24 V)
4 USB poort
5 Pedaalaansluiting
6 Volumeregelaar (VOLUME)
7 Functie, Kaart/Intern toets (FUNCTION, CARD/INT)
bl Moderne vleugeltoets (GRAND PIANO (MODERN))
bm Klassieke vleugeltoets (GRAND PIANO (CLASSIC))
bn Elektrische piano toets (ELEC PIANO)
bo Spanningsindicator
bp SD kaartgleuf (SD CARD SLOT)
bq Spanningstoets (POWER)
8 Melodietoets a (SONG a)
Functietoets (FUNCTION)
De FUNCTION toets wordt gebruikt bij het configureren van een aantal verschillende instellingen van de Digitale
Piano. Hieronder volgen de basisbedieningen van de FUNCTION toets.
z Houd om een instelling te veranderen de FUNCTION toets ingedrukt
terwijl u op de klaviertoets drukt waaraan de instelling die u wilt
selecteren toegewezen is.
Voorbeeld: “Selecteren van een toon” op pagina D-4
OPMERKING
• Zie “Configureren van instellingen met het toetsenbord” op pagina D-16
voor details aangaande de bediening en de instellingen.
Het opslaan van instellingen en het gebruiken van de
bedieningsvergrendeling
Uw Digitale Piano stelt u in staat om de huidige instellingen op te slaan en de toetsen te vergrendelen ter
bescherming tegen bedieningsfouten. Zie “Parameterlijst” op pagina’s D-18 - D-20 voor details.
D-3
Spelen met verschillende tonen
VOLUME
FUNCTION
SONG a
POWER
METRONOME
GRAND PIANO
ELEC PIANO
Selecteren en spelen van een toon
De piano wordt met 16 ingebouwde tonen.
• De namen van de tonen zijn gemarkeerd boven de klaviertoetsen waaraan ze zijn toegewezen.
Selecteren van een toon
1.
Druk op de POWER toets.
BELANGRIJK!
• Wanneer u de Digitale Piano inschakelt, wordt de spanning ingeschakeld om het systeem te initialiseren. Tijdens
het initialiseren van het systeem gaan de toontoetsindicators in volgorde aan en uit gedurende ongeveer zeven
seconden om u te laten weten dat het initialiseren plaatsvindt.
2.
Selecteer de gewenste toon.
z Selecteren van GRAND PIANO (MODERN of
CLASSIC) of ELEC PIANO
• Druk op één van de GRAND PIANO toetsen
(MODERN of CLASSIC) of de ELEC PIANO
toets om de gewenste toon te selecteren.
• De toetsindicator van de geselecteerde toon gaat
branden.
D-4
z Selecteren van één van de andere tonen
• Houd de FUNCTION toets ingedrukt en druk
op de klaviertoets die correspondeert aan de
toon die u wilt selecteren.
Spelen met verschillende tonen
3.
Stel het volumeniveau bij d.m.v. de VOLUME
regelaar.
OPMERKING
• GRAND PIANO tonen (MODERN, CLASSIC)
Uw Digitale Piano heeft in het totaal 16 ingebouwde
tonen. De MODERN en CLASSIC tonen zijn in
stereo bemonsterde tonen (sampling tonen) die
geselecteerd kunnen worden d.m.v. de GRAND
PIANO toetsen. Probeer de GRAND PIANO tonen
eens te gebruiken om bekend te raken met de
gedistingeerde klanken en karakteristieken.
Toonnaam
Karakteristieken
MODERN
(modern)
Deze toon voorziet in heldere
vleugelklanken. Het volume en de
klankkleur van deze toon reageert
onmiddellijk op verschillen in de druk
op de klaviertoetsen en heeft een
relatief sterke nagalm. Deze toon is een
goede keus voor een dynamisch en
levendig spel.
CLASSIC
(klassiek)
Dit is een natuurlijke pianotoon die
goed lijkt op het geluid van een
akoestische vleugel. Nagalm en de
andere effecten zijn tot een minimum
gehouden om de invloed van de
pianopedalen (akoestische resonantie)
groter te maken, voor een
fijngevoeligere muzikale expressie.
Deze toon is een goede keus voor
lessen en oefensessies.
• De GRAND PIANO toon (VARIATION) is het beste
om mee te spelen met een begeleiding.
Bijstellen van de helderheid
van een toon
1.
Houd de FUNCTION toets ingedrukt en
specificeer tegelijkertijd de
helderheidswaarde in d.m.v. de BRILLIANCE
toetsen binnen het bereik lopend van –3 tot 0
tot 3.
Voor dit type geluid:
Druk op deze
klaviertoets:
Milder en teder
T
Helderder en scherper
S
OPMERKING
• Druk tegelijkertijd op T en S om de toon terug te
stellen op de oorspronkelijke instelling “0”.
Bastonen (BASS 1, BASS 2)
Door één van de twee BASS (LOWER) tonen (1 of 2) in
stap 2 van de bovenstaande procedure te selecteren,
wordt de geselecteerde bastoon toegewezen aan het
lage bereik (linker kant) van het keyboard. Aan het
hoge bereik (rechter kant) wordt de toon toegewezen
die geselecteerd was toen u op de BASS 1 of BASS 2
toets drukte.
• BASS 1 en BASS 2 laten u het toetsenbord in twee
stukken splitsen met twee verschillende tonen.
Splitspunt
Laag bereik
Hoog bereik
BASS 1 (bas 1)
PIPE ORGAN
(Momenteel geselecteerde toon.)
OPMERKING
• Selecteer een andere toon dan BASS 1 of BASS 2 om
opnieuw een enkele toon te verkrijgen bij het
toetsenbord.
• U kunt BASS 1 of BASS 2 niet selecteren bij het
opnemen naar Spoor 2.
D-5
Spelen met verschillende tonen
Lagen van twee tonen
Volg de volgende procedure om lagen van twee tonen
aan te brengen zodat die op hetzelfde moment klinken.
Bij het specificeren van twee tonen voor het maken van
lagen, zal de eerst geselecteerde toon die voor de
hoofdtoon zijn en de tweede voor de gelaagde toon.
1.
Instellen van de volumebalans tussen
twee gelaagde tonen
1.
Houd de FUNCTION toets ingedrukt en
gebruik de hieronder getoonde klaviertoetsen
om het volume in te stellen van de gelaagde
tonen.
Terwijl u de FUNCTION toets ingedrukt
houdt, houd de klaviertoets voor de
hoofdtoon ingedrukt terwijl u de klaviertoets
indrukt voor de gelaagde toon.
Voorbeeld: Om lagen te maken met HARPSICHORD en
STRINGS 1
C1
C2
C3
C4
C5
C6
C7
C8
Oorspronkelijke instelling (default) (midden)
Volume van de gelaagde toon
(Tweede toon die u
selecteerde)
Volume van de hoofdtoon
(Eerste toon die u
selecteerde)
• Houd om terug te gaan naar de oorspronkelijke
instelling van het volume, de FUNCTION toets
ingedrukt en druk tegelijkertijd op beide toetsen.
HARPSICHORD
STRINGS 1
2.
Om de lagen van het toetsenbord ongedaan
te maken, selecteer een andere toon door op
de GRAND PIANO toets te drukken of door
de procedure onder “Selecteren en spelen
van een toon” (pagina D-4) te volgen.
OPMERKING
• U kunt ook lagen aanbrengen bij pianotonen door
één van de GRAND PIANO toetsen (MODERN of
CLASSIC) ingedrukt te houden terwijl u op de
ELEC PIANO toets drukt.
• U kunt met de BASS 1 of BASS 2 toon geen lagen
maken met een andere toon.
• U kunt de bewerking voor het maken van lagen niet
uitvoeren bij het opnemen naar Spoor 2.
D-6
Spelen met verschillende tonen
Gebruiken van effecten
Nagalm (reverb) : Laat uw noten resoneren.
Zweving (chorus) : Voegt meer ruimtelijkheid toe aan
uw noten.
In- en uitschakelen van nagalm (reverb)
1.
Houd de FUNCTION toets ingedrukt en druk op
de MODERN toets om de nagalm (reverb) in
(indicator aan) en uit te schakelen (indicator uit).
■ Betreffende DSP
Met DSP kunt u complexe akoestische effecten digitaal
produceren. DSP is toegewezen aan elke toon telkens
wanneer de spanning van de Digitale Piano
ingeschakeld is.
Gebruiken van de pedalen van
de Digitale Piano
Uw Digitale Piano is uitgevoerd met drie pedalen:
demppedaal, zacht pedaal en sostenuto pedaal
In- en uitschakelen van zweving (chorus)
1.
Houd de FUNCTION toets ingedrukt en druk op
de CLASSIC toets om zweving (chorus) in
(indicator aan) en uit te schakelen (indicator uit).
Zacht pedaal
Demppedaal
Sostenuto pedaal
Configureren van de instellingen van de
nagalm- en zwevingeffecten
1.
Houd de FUNCTION toets ingedrukt en druk op
één van de nagalm of zweving klaviertoetsen.
1
2
3
4
1
Nagalm (reverb)
2
3
4
Zweving (chorus)
Pedaalfuncties
z Demppedaal
Door het demppedaal in te trappen tijdens het spelen
zullen de noten die u aanslaat voor een bijzonder lange
tijd blijven nagalmen.
• Door dit pedaal tijdens de GRAND PIANO toon
(MODERN, CLASSIC, VARIATION) in te trappen
zullen de noten nagalmen (met akoestische
resonantie) op dezelfde wijze als het demppedaal
van een akoestische vleugel. Het halverwege
intrappen (gedeeltelijk intrappen) van het pedaal
wordt ook ondersteund.
z Zacht pedaal
Door op dit pedaal te trappen tijdens het spelen
worden de op het toetsenbord aangeslagen noten
onderdrukt na het intrappen van het pedaal waardoor
de noten zachter klinken.
Voorbeeld: Selecteren van Nagalm 4
• Nagalmwaarde
Om dit te doen:
Selecteer deze instelling:
Nagalm
inschakelen
1: Kamer (room)
2: Kleine zaal (Small Hall)
3: Grote zaal (Large Hall)
4: Stadium
z Sostenuto pedaal
Alleen de noten van de toetsen die aangeslagen zijn op
het moment van het intrappen van dit pedaal worden
aangehouden totdat het pedaal wordt losgelaten.
• Zwevingwaarde
Om dit te doen:
Selecteer deze instelling:
Zweving
inschakelen
1: Lichte zweving (Light Chorus)
2: Middelmatige zweving
(Medium Chorus)
3: Diepe zweving (Deep Chorus)
4: Flanger (suisend effect)
D-7
Spelen met verschillende tonen
Gebruiken van de metronoom
1.
Druk op de METRONOME toets.
• Hierdoor start de metronoom.
• De indicator boven de SONG a toets knippert in
het tempo van de maatslag van de metronoom.
2.
4.
Houd om de maatslag te veranderen de
FUNCTION toets ingedrukt terwijl u op de
METRONOME BEAT toetsen drukt om een
instelling te selecteren voor de maatslag.
Druk op de METRONOME toets of op de
SONG a toets om de metronoom uit te
schakelen.
OPMERKING
• Druk in stap 3 tegelijkertijd op de + en – toetsen om
de instelling voor het tempo terug te stellen op het
oorspronkelijke tempo van de momenteel
geselecteerde melodie van de muziekbibliotheek.
Door tegelijkertijd op + en – te drukken wordt de
waarde van het tempo teruggesteld op 120.
Om het metronoomvolume in te stellen
OPMERKING
• U kunt de volgende procedure op elk moment
uitvoeren ongeacht of de metronoom klinkt of niet.
1.
• U kunt de waarde van het aantal maatslagen instellen
als 0, 2, 3, 4, 5 of 6. Als 0 ingesteld wordt, wordt een
klikgeluid weergegeven zonder klokkenspel. Met
deze instelling kunt u oefenen met een vaste maatslag.
3.
Houd de FUNCTION toets ingedrukt en
gebruik de TEMPO toetsen om een
tempowaarde te specificeren binnen het
bereik lopende van 20 tot en met 255
maatslagen per minuut.
• Telkens bij indrukken van de + of – toets wordt de
tempowaarde met 1 verhoogd of verlaagd.
• U kunt een specifieke waarde van drie cijfers
invoeren d.m.v. de waarde invoertoetsen (0 tot en
met 9). Zorg er voor de drie cijfers allemaal in te
voeren.
Voorbeeld: Druk op de toetsen 0, 9 en 6 om “96” in te
voeren.
D-8
Houd de FUNCTION toets ingedrukt en stel
tegelijkertijd d.m.v. de METRONOME
VOLUME toetsen een volumewaarde in
binnen het bereik lopende van 0 tot en met
42.
• Zie “Klaviertoetsen die gebruikt worden voor het
configureren van instellingen” op pagina D-17 voor
details aangaande het gebruiken van de
klaviertoetsen voor het maken van instellingen.
• Telkens bij indrukken van de T of S toets wordt de
waarde van het metronoomvolume met 1 verhoogd
of verlaagd.
OPMERKING
• Druk tegelijkertijd op T en S om terug te gaan naar
de oorspronkelijke instelling.
Spelen met verschillende tonen
Veranderen van de octaven van de duet
toetsenborden
Spelen van een pianoduet
U kunt de duetfunctie gebruiken om het toetsenbord
van de piano in het midden te splitsen zodat twee
personen een duet kunnen spelen.
Toetsenbord
Splitspunt
Linker toetsenbord
C3
C4
C5
(midden C)
Rechter toetsenbord
C6
C3
C4
C5
C6
U kunt de bereiken van de linker en rechter
toetsenborden veranderen van hun oorspronkelijke
instellingen in eenheden van een octaaf. Dit is
bijvoorbeeld handig als het oorspronkelijke bereik niet
genoeg is wanneer een persoon het gedeelte voor de
linker hand en de andere persoon het gedeelte voor de
rechter hand aan het spelen is.
1.
(midden C)
Het linker en het rechter toetsenbord hebben vrijwel
hetzelfde bereik. Het linker pedaal werkt als het
demppedaal voor het linker toetsenbord terwijl het
rechter pedaal fungeert als het demppedaal voor het
rechter toetsenbord.
Houd de FUNCTION en ELEC PIANO
toetsen ingedrukt en druk op de C
klaviertoets die u wilt plaatsen op C4
(midden C) van het linker toetsenbord.
• Hierdoor klinkt de noot toegewezen aan C4 en wordt
de octaaf van het linker toetsenbord veranderd.
Pedalen
Linker demppedaal
Rechter demppedaal
Linker en rechter demppedaal
De duetfunctie is de perfecte manier om les te geven
waarbij de leraar aan de linkerkant zit en de leerling
dezelfde melodie speelt op het rechter toetsenbord.
Voorbeeld: Door op de klaviertoets van de meest linkse
C (C4) te drukken wordt het hier onder
gegeven bereik toegewezen.
OPMERKING
• Alleen het demppedaal voor het rechter toetsenbord
ondersteunt halverwege intrappen.
1.
Selecteer de pianotoon die u wilt gebruiken
voor het duet.
Linker toetsenbord
C4
C5
C6
Rechter toetsenbord
C7
C3
C4
C5
C6
(Ingedrukte klaviertoets)
Voorbeeld: GRAND PIANO (MODERN)
2.
Houd de FUNCTION toets ingedrukt en druk
op de ELEC PIANO toets om duet in
(indicator aan) en uit te schakelen (indicator
uit).
BELANGRIJK!
• U kunt de duetfunctie niet gebruiken tijdens het
opnemen (pagina D-12).
1 octaaf hoger dan de
oorspronkelijke instelling
2.
Onveranderd
Houd de FUNCTION en ELEC PIANO
toetsen ingedrukt en druk op de C
klaviertoets die u wilt plaatsen op C4
(midden C) van het rechter toetsenbord.
• Hierdoor klinkt de noot toegewezen aan C4 en wordt
de octaaf van het rechter toetsenbord veranderd.
OPMERKING
• U kunt de toetsenborden terugstellen op hun
oorspronkelijke bereiken door de duetfunctie eerst
uit te schakelen en vervolgens weer in te schakelen.
D-9
Weergeven van ingebouwde melodieën
FUNCTION
SONG a
RECORDER
METRONOME
Uw Digitale Piano is uitgevoerd met een
muziekbibliotheek van 60 ingebouwde melodieën.
U kunt alle 60 melodieën in volgorde spelen van het
begin tot het einde.
Weergeven van alle
ingebouwde melodieën
1.
Houd de FUNCTION toets ingedrukt en druk
op de SONG a toets.
• Hierdoor wordt de herhaalde demonstratieweergave
gestart van de ingebouwde melodieën in de volgorde
van 01 tot en met 60.
• U kunt meespelen met een melodie op het
toetsenbord terwijl de melodie wordt weergegeven.
De toon die toegewezen is aan het toetsenbord is de
toon die vooringesteld is voor de melodie die
weergegeven wordt.
• U kunt een specifieke melodie selecteren tijdens de
demonstratieweergave Zie stap 2 van “Weergeven
van een specifieke melodie in de muziekbibliotheek”
voor details.
2.
Druk nogmaals op de SONG a toets om
de weergave van de ingebouwde melodieën
te stoppen.
Weergeven van een specifieke
melodie in de
muziekbibliotheek
De muziekbibliotheek omvat zowel ingebouwde
melodieën (01 - 60) als één melodie (61) die opgeslagen
is op het Digitale Pianogeheugen van een computer*.
U kunt de onderstaande procedure volgen om één van
deze melodieën te selecteren en weer te geven.
* U kunt muziekdata downloaden van het Internet en
daarna oversturen van uw computer naar het
geheugen van de Digitale Piano. Voor meer
informatie zie “Oversturen van melodie data met
een computer” op pagina D-29.
1.
Zoek het melodienummer van de gewenste
melodie op in de melodielijst op pagina A-1.
2.
Houd om van melodie te veranderen de
FUNCTION toets ingedrukt terwijl u de SONG
SELECT toetsen gebruikt om een bepaald
melodienummer te specificeren.
OPMERKING
• De hierboven beschreven bewerkingen voor
melodieselectie en weergeven en stoppen zijn de
enige mogelijke bewerkingen tijdens de weergave
van demonstratiemelodieën.
• Telkens bij indrukken van de + of – toets wordt het
melodienummer met 1 verhoogd of verlaagd.
• U kunt een specifiek melodienummer van twee cijfers
invoeren d.m.v. de waarde invoertoetsen (0 tot en
met 9). Zorg er voor beide cijfers in te voeren.
Voorbeeld: Voer eerst 0 en daarna 8 in om melodie 08 te
selecteren.
D-10
Weergeven van ingebouwde melodieën
3.
2.
Druk op de SONG a toets.
• Hierdoor wordt de weergave van de melodie gestart.
4.
Druk nogmaals op de SONG a toets om
de weergave te stoppen.
• De weergave stopt automatisch wanneer het einde
van de melodie bereikt is.
OPMERKING
Druk op de SONG a toets.
• Hierdoor wordt de weergave gestart zonder het deel
dat u uitschakelde in stap 1.
3.
Speel het niet-weergegeven deel zelf op het
toetsenbord.
4.
Druk nogmaals op de SONG a toets om
de weergave te stoppen.
• Door tegelijkertijd op de + en – toetsen te drukken
wordt melodienummer 01 geselecteerd.
• U kunt het weergavetempo en het volume van de
melodie instellen. Voor meer informatie zie
“Configureren van instellingen met het toetsenbord”
op pagina D-16.
Oefenen met een melodie uit
de muziekbibliotheek
U kunt het linkerhand of rechterhand gedeelte
uitschakelen bij een melodie en zelf meespelen op de
piano.
OPMERKING
• De muziekbibliotheek bevat een aantal duetten.
Terwijl een duet geselecteerd is, kunt u de eerste
pianotoon <Primo> of de tweede pianotoon
<Secondo> uitschakelen en meespelen met de
melodie.
VOORBEREIDINGEN
• Selecteer de melodie waarmee u wilt oefenen en stel
het tempo in. Zie “Configureren van instellingen
met het toetsenbord” op pagina D-16.
• Een aantal melodieën bevat tussentijds
tempoveranderingen om bepaalde muziekeffecten te
produceren.
1.
Houd de FUNCTION toets ingedrukt en druk
op de RECORDER (L) toets of op de
METRONOME (R) toets om het gedeelte te
selecteren dat u wilt uitschakelen.
• Door op een toets te drukken wordt bijbehorende
gedeelte in- (indicator aan) en uitgeschakeld
(indicator uit).
Linkerhand
Beide delen
ingeschakeld
Rechterhand
Rechterhand
deel
uitgeschakeld
Linkerhand
deel
uitgeschakeld
D-11
Opnemen en weergeven
FUNCTION
SONG a
RECORDER
METRONOME
U kunt de noten die u op de Digitale Piano speelt
opslaan in het geheugen voor latere weergave.
Sporen
Een spoor is een opslagplaats van opgenomen data
waarbij elke melodie voorzien is van twee sporen:
Spoor 1 en Spoor 2. U kunt de twee sporen gescheiden
van elkaar opnemen en daarna combineren zodat ze
samen als een enkele melodie weergegeven worden.
Spoor 1
Opnemen
Tijdens de
weergave. . .
Melodie
Spoor 2
Opnemen
Geheugencapaciteit
• U kunt ongeveer 5000 noten opnemen in het
geheugen van de Digitale Piano.
• De RECORDER toets indicator knippert snel
wanneer het geheugen vol dreigt te raken.
• Het opnemen stopt automatisch als het aantal noten
in het geheugen het maximum overschreidt.
Opgenomen data
• Toetsenbordspel
• Gebruikte toon
• Pedaalbewerkingen
• Instellingen voor nagalm en zweving
(alleen bij Spoor 1)
• Instelling van het tempo (alleen bij Spoor 1)
• Instelling van lagen (alleen bij Spoor 1)
• Instelling van splitsing (alleen bij Spoor 1)
• Instellingen voor temperament en basnoot
(alleen bij Spoor 1)
• Instelling van octaafverschuiving (alleen bij Spoor 1)
D-12
Opslag van opgenomen data
• Door een nieuwe opname te starten wordt eventuele
data gewist die eerder in het geheugen was
opgenomen.
• Mocht de stroom uitvallen tijdens de opname dan
zullen alle data van het spoor dat u aan het opnemen
bent gewist worden.
BELANGRIJK!
• CASIO COMPUTER CO., LTD. draagt geen
verantwoordelijkheid voor enige schade, verlies van
winsten of eisen van derden die ontstaan uit het
verlies van opgenomen data die verloren raakt door
defecten, reparaties of om ongeacht welke andere
reden.
Gebruiken van de RECORDER toets
Telkens bij indrukken van de RECORDER toets wordt
naar de volgende optie voor opname gegaan in de
hieronder getoonde volgorde.
Brandt
Weergave
standby
Knippert
Opname
standby
Uit
Normaal
Opnemen en weergeven
Opnemen op een specifiek
spoor van een melodie
4.
• Het opnemen begint automatisch.
5.
Na het opnemen van een van de sporen van een
melodie kunt u opnemen op het andere spoor terwijl u
luistert naar de weergave van wat u op het eerste spoor
opgenomen had.
1.
Druk tweemaal op de RECORDER toets
zodat de indicator gaat knipperen.
Speel iets op het keyboard.
Druk op de SONG a toets om het
opnemen te stoppen.
• Hierdoor veranderen de RECORDER toets indicator
en de indicator van het spoor dat u opnam van de
knipperende naar de oplichtende stand.
• Druk op de SONG a toets om het spoor dat u
zojuist opgenomen heeft weer te geven.
6.
Druk nadat u klaar bent met het opnemen of
weergeven op de RECORDER toets zodat de
corresponderende indicator uit gaat.
• Op dat moment gaat de L indicator knipperen om
aan te geven dat de Digitale Piano klaar staat voor
opname op Spoor 1.
2.
Houd de FUNCTION toets ingedrukt en druk
op de RECORDER (L) toets of op de
METRONOME (R) toets om het spoor te
selecteren dat u wilt opnemen.
• Let er op dat de indicator voor het opnamespoor gaat
knipperen.
Spoor 1: L indicator
Spoor 2: R indicator
Voorbeeld: Spoor 1 geselecteerd
3.
Selecteer de toon en de effecten (alleen bij
Spoor1) die u wilt gebruiken voor uw
opname.
• Toon (pagina D-4)
• Effecten (pagina D-7)
OPMERKING
• Configureer de instellingen voor de maatslag en het
tempo en druk daarna op de METRONOME toets
als u wilt dat de metronoom klinkt tijdens het
opnemen. Voor meer informatie zie “Gebruiken van
de metronoom” op pagina D-8.
D-13
Opnemen en weergeven
Opnemen op een spoor terwijl
u naar de weergave luistert
van het andere spoor
1.
Weergeven van het geheugen
van de Digitale Piano
1.
Druk op de RECORDER toets zodat de
corresponderende indicator gaat branden.
Druk op de RECORDER toets zodat de
corresponderende indicator gaat branden.
OPMERKING
2.
3.
Houd de FUNCTION toets ingedrukt en druk
op de RECORDER (L) toets of op de
METRONOME (R) toets om het spoor te
selecteren dat u wilt weergeven tijdens het
opnemen.
Druk op de RECORDER toets zodat de
corresponderende indicator gaat knipperen.
• Hierdoor gaat de L indicator knipperen.
4.
Houd de FUNCTION toets ingedrukt en druk
op de RECORDER (L) toets of op de
METRONOME (R) toets om het spoor te
selecteren dat u wilt opnemen.
• Let er op dat de indicator voor het opnamespoor gaat
knipperen.
Voorbeeld: Om naar de weergave van Spoor 1 te
luisteren terwijl u Spoor 2 opneemt
Brandt (weergave)
Knippert (opnamestandby)
5.
Selecteer de toon en de effecten (alleen bij
Spoor 1) die u wilt gebruiken voor uw
opname.
6.
Druk op de SONG a toets of speel iets op
het toetsenbord.
• Hierdoor worden zowel de weergave van het
opgenomen spoor als de opname van het andere
spoor gestart.
7.
D-14
Druk op de SONG a toets om het
opnemen te stoppen.
• Wanneer een melodie opgenomen is op beide
sporen, kunt u een spoor uitschakelen en alleen het
andere spoor weergeven als u dat wenst.
2.
Druk op de SONG a toets.
• Hierdoor wordt de weergave gestart van de melodie
die en/of het spoor dat u selecteert.
OPMERKING
• U kunt de instelling van het tempo veranderen
terwijl een spoor weergegeven wordt.
• Druk nogmaals op de SONG a toets om de
weergave te stoppen.
Opnemen en weergeven
Wissen van opgenomen data
De volgende procedure wist een specifiek spoor van
een melodie uit.
BELANGRIJK!
• De onderstaande procedure wist alle data uit van het
geselecteerde spoor. Merk op dat de wisbewerking
niet ongedaan gemaakt kan worden. Controleer dat
u de data in het geheugen van de Digitale Piano echt
niet meer nodig heeft voordat u de volgende stappen
uitvoert.
1.
Druk tweemaal op de RECORDER toets
zodat de indicator gaat knipperen.
2.
Houd de FUNCTION toets ingedrukt en druk
op de RECORDER (L) toets of op de
METRONOME (R) toets om het spoor te
selecteren dat u wilt wissen.
3.
Druk op de RECORDER toets totdat de
corresponderende indicator gaat branden.
• Hierdoor gaat de indicator knipperen van het spoor
dat u selecteerde in stap 2 van deze procedure.
Voorbeeld: Als u Spoor 2 instelde voor wissen.
Uit
4.
Knipperen: Wisstandby
Houd de FUNCTION toets ingedrukt en druk
op de toets die overeenkomt met het spoor
dat u wilt wissen (RECORDER (L) toets of op
de METRONOME (R) toets).
• Hierdoor wordt het geselecteerde spoor gewist en
wordt weergavestandby ingeschakeld.
• Druk tweemaal op de RECORDER toets zodat de
indicator niet brandt om de wisbewerking te
annuleren.
OPMERKING
• Vanaf stap 3 zijn enkel de METRONOME (R) toets
en de RECORDER (L) toets van de Digitale Piano
bedienbaar totdat u de wisbewerking in stap 4 in
feite uitvoert. Er kunnen geen andere
toetsbewerkingen worden uitgevoerd.
D-15
Configureren van instellingen met het toetsenbord
FUNCTION
Naast het selecteren van tonen en melodieën uit de
muziekbibliotheek kunt u de FUNCTION toets
gebruiken in combinatie met de klaviertoetsen om het
effect, de aanslaggevoeligheid en andere instellingen te
configuren.
Instellingen configureren met
het toetsenbord
1.
Zoek m.b.v. de “Parameterlijst” op pagina’s
D-18 - D-20 de instelling op die u wilt
configureren en maak een notitie van de
details.
2.
Zie “Klaviertoetsen die gebruikt worden voor
het configureren van instellingen” op pagina
D-17 om de plaats op het toetsenbord te
vinden voor het configureren van de
gewenste instelling.
3.
Houd de FUNCTION toets ingedrukt en druk
op de klaviertoets die correspondeert aan de
instelling die u wilt configureren.
• De Digitale Piano geeft een bedieningspieptoon weer
nadat de instelling geconfigureerd is.
Voorbeeld: Verlagen van de transpositie instelling met
één halve toon
4.
Laat de FUNCTION toets los om de
instelprocedure te voltooien.
OPMERKING
• U kunt de Digitale Piano zodanig configureren dat
geen bedieningspieptoon weergegeven wordt in
stap 3. Voor details, zie “ck Bedieningspieptoon”
onder “Parameterlijst” op pagina’s D-18 - D-20.
Toetsenbordinstelling bedieningstypes
Er zijn drie types bediening die u kunt uitvoeren
tijdens het configureren van de instellingen d.m.v. de
klaviertoetsen: Type A, Type B en Type C.
Type A: Direct invoeren
Voorbeeld: Aanslaan van de STRINGS klaviertoets om de
STRINGS 1 toon te selecteren
Type B: Verhogen of verlagen van een instelling
d.m.v. de + en – of T en S klaviertoetsen
• Door op een toets te drukken wordt de instelling
versneld verhoogd of verlaagd.
• Druk tegelijkertijd op beide toetsen om terug te gaan
naar de oorspronkelijke instelling.
Type C: Invoeren van waarden d.m.v. de cijfertoetsen
(0 tot en met 9)
Voorbeeld: Druk op de toetsen 1, 2 en 0 om “120” in te
voeren.
OPMERKING
T transponeertoets
D-16
• U kunt er achter komen welk bedieningstype past bij
elke instelling door het “Bedieningstype” in de
“Parameterlijst” op pagina’s D-18 - D-20 te
controleren.
Configureren van instellingen met het toetsenbord
Klaviertoetsen die gebruikt worden voor het configureren van instellingen
• De nummers 1 tot en met cm corresponderen aan dezelfde nummers in de “Parameterlijst” op pagina’s D-18 -D-20.
[Linker toetsenbord]
1Nagalm
2Zweving
3Klaviertoets (Transponeren)
4Stemmen van het keyboard (Stemmen)
5Octaafverschuiving
6Temperament
7Tempo/Temperament selectie
1
2
3
4
1
2
3
4
[Algeheel]
[Midden toetsenbord]
8Melodie selecteren/Basnoot
9Toonselectie
[Rechter toetsenbord]
cmBedieningsvergrendeling
clTerug
ckBedieningspieptoon
bnVolume van de metronoom
bmVolume van de melodie
blHelderheid
btLokale besturing
bsZendkanaal
brBalans tussen lagen
bqUSB apparaat modus
bpAanslagvolume
bkKaartmenu
boMaatslag van de metronoom
−
+
OFF ON OFF ON OFF ON OFF
ON
D-17
Configureren van instellingen met het toetsenbord
Parameterlijst
■ Tonen
Parameter
Instellingen
Bedieningstype
(pagina
D-16)
Omschrijving
1 Nagalm
1 tot en met 4
Oorspronkelijke
instelling: 2
A
Specificeert de nagalm van de
noten. (pagina D-7)
2 Zweving
1 tot en met 4
Oorspronkelijke
instelling: 2
A
Regelt de breedte van de noten.
(pagina D-7)
9 Toonselectie
A
Zie pagina D-4.
Oorspronkelijke
instelling: GRAND
PIANO
(MODERN)
Wijst een toon toe aan het
toetsenbord. (pagina D-4)
bl Helderheid
–3 tot 0 tot 3
Oorspronkelijke
instelling: 0
B
Specificeert de helderheid van de
noten. (pagina D-5)
–24 tot 0 tot 24
Oorspronkelijke
instelling: 0
B
Specificeert het balans in het
hoofdtoon volume en het volume
van de gelaagde toon. (pagina D-6)
(BRILLIANCE)
br Balans tussen
lagen
Opmerkingen
■ Melodie/metronoom
Parameter
Instellingen
7 Tempo (TEMPO) 20 tot en met 255
Oorspronkelijke
instelling: 120
8 Melodie
01 tot en met 61
selecteren
Oorspronkelijke
(SONG SELECT) instelling: 01
bm Volume van de
Bedieningstype
(pagina
D-16)
Omschrijving
Opmerkingen
• Gebruik altijd drie cijfers bij het invoeren
Specificeert het tempo van
B (+/–)
van waarden d.m.v. de cijfertoetsen (0 tot
C (0 tot en melodieën uit de
en met 9).
muziekbibliotheek, de metronoom,
met 9)
opname en weergave, enz.
Voorbeeld: Druk op de toetsen 0, 9 en 0 om
(pagina D-8)
“90” in te voeren (de
voorafgaande nul is vereist).
• Door tijdens de opname tegelijkertijd op de
+ en – toetsen te drukken wordt een waarde
van 120 ingesteld.
B (+/–)
Selecteert een melodie uit de
C (0 tot en muziekbibliotheek. (pagina D-10)
met 9)
• Gebruik altijd twee cijfers bij het invoeren
van waarden d.m.v. de cijfertoetsen (0 tot
en met 9).
Voorbeeld: Druk op de toetsen 0 en 8 om
“8” in te voeren (de
voorafgaande nul is vereist).
• Deze instelling kan niet worden veranderd
tijdens het opnemen.
00 tot en met 42
Oorspronkelijke
instelling: 42
B
Stelt het volumeniveau in van de
weergave van de
muziekbibliotheek.
bn Volume van de
00 tot en met 42
metronoom
Oorspronkelijke
(METRONOME instelling: 36
VOLUME)
B
Specificeert het volume van de
metronoom. (pagina D-8)
bo Maatslag van de 0, 2, 3, 4, 5, 6
A
Specificeert de
• De instelling voor de maatslag van de
metronoommaatslag. (pagina D-8)
metronoom kan niet worden veranderd
terwijl de weergave van een melodie van de
muziekbibliotheek aan de gang is.
melodie (SONG
VOLUME)
Oorspronkelijke
metronoom
(METRONOME instelling: 4
BEAT)
D-18
Configureren van instellingen met het toetsenbord
■ Toetsenbord
Parameter
Instellingen
3 Klaviertoets
–12 tot 0 tot 12
Oorspronkelijke
instelling: 0
(Transponeren)
4 Stemmen van het –99 tot 0 tot 99
keyboard
(Stemmen)
6 Temperament
(TEMPERAMENT)
7 Temperament
selectie
(TEMPERAMENT
SELECT)
8 Temperament
basnoot
(BASE NOTE)
Oorspronkelijke
instellingen:
Temperament: 00
(Gelijkzwevende
Stemming)
Basnoot: C
bp Aanslagvolume Uit (OFF),
(TOUCH
RESPONSE)
1 tot en met 3
Oorspronkelijke
instelling: 2
Opmerkingen
• De transponeerinstelling kan niet
Verhoogt of verlaagt de
worden geconfigureerd terwijl de
toonschaal van de Digitale
weergave van de muziekbibliotheek
Piano in stappen van een halve
aan de gang is of tijdens de
toon.
duetfunctie.
• Als de sleutel van de Digitale Piano
verhoogd wordt, kunnen de hoogste
gedeelten in het bereik vervormd
raken.
B
Verhoogt of verlaagt de
• De instelling voor de toonhoogte kan
algehele toonhoogte van de
niet worden veranderd terwijl de
Digitale Piano in stappen van
weergave van een melodie van de
1 cent (100 cent = 1 halve toon)
muziekbibliotheek aan de gang is.
van de standaard toonhoogte
A4 = 440 Hz.
B
Verander het bereik van het
toetsenbord in eenheden van
een octaaf.
Oorspronkelijke
instelling: 0
Temperament:
00 tot en met 16
Basnoot:
–, +, 0 tot en met 9
(C tot en met B)
Omschrijving
B
Oorspronkelijke
instelling: 0
5 Octaafverschui- –2 tot 0 tot 2
ving
Bedieningstype
(pagina D-16)
Houd FUNCTION
ingedrukt terwijl u
op elk van de
volgende
klaviertoetsen
drukt.
U kunt de toonschaal (het
stemsysteem) van het
toetsenbord veranderen van
het standaard gelijkzwevend
temperament naar een andere
toonschaal die geschikter is
voor het spelen van Indische
1. TEMPERAMENT muziek, Arabische muziek,
klassieke stukken, enz.
(6 )
2. TEMPERAMENT
SELECTIE (7)
3. BASE NOTE (8)
A
• U kunt de instellingen van de
octaafverschuiving niet configureren
voor het hoofdtoon gedeelte en het
gelaagde toon gedeelte.
• U kunt de instellingen van de
octaafverschuiving niet configureren
voor de splitstoon gedeelten.
<Temperamenten>
00: Gelijkzwevend / 01: Puur Majeur /
02: Puur Mineur / 03: Pythagoreaans /
04: Kirnberger 3 / 05: Werckmeister /
06: Reine stemming / 07: Rast /
08: Bayati / 09: Hijaz / 10: Saba /
11: Dashti / 12: Chahargah /
13: Segah / 14: Gurjari Todi /
15: Chandrakauns / 16: Charukeshi
<Basnoten>
–: C / +: C# / 0: D / 1: Eb / 2: E / 3: F /
4: F# / 5: G / 6: Ab / 7: A / 8: Bb / 9: B
Specificeert de relatieve
aanslaggevoeligheid van de
klaviertoetsen.
Door een kleinere waarde in te
stellen wordt een nog
krachtiger geluid
geproduceerd bij een lichtere
aanslag.
D-19
Configureren van instellingen met het toetsenbord
■ MIDI en overige instellingen
Parameter
Instellingen
bq USB apparaat
MIDI, Storage
(opslag)
modus (USB
DEVICE MODE) Oorspronkelijke
instelling: MIDI
bs Zendkanaal
01 tot en met 16
Oorspronkelijke
instelling: 01
Bedieningstype
(pagina
D-16)
Opmerkingen
–
• Terwijl storage (opslag) ingesteld is voor
De MIDI modus wordt
deze instelling, knipperen de GRAND
automatisch ingeschakeld bij de
PIANO (MODERN, CLASSIC) en ELEC
Digitale Piano wanneer deze wordt
PIANO toets indicators terwijl alle andere
aangesloten op een USB kabel.
indicators uit zijn.
Selecteer storage (opslag) voor het
• Alle bewerkingen voor de Digitale Piano
opslaan van Recorder geheugen
zijn op dat moment gedeactiveerd.
melodiedata naar een computer of
om melodiedata te laden naar het • Telkens bij indrukken van de klaviertoets
voor de USB apparaat modus wordt heen
geheugen van de Digitale Piano.
en weer geschakeld tussen de MIDI en
(pagina D-29)
opslag modi.
B
Specificeert één van de MIDI
kanalen (1 tot en met 16) als het
zendkanaal dat gebruikt wordt
voor het zenden van de MIDI
boodschappen naar een extern
toestel.
bt Lokale besturing Off (Uit), On (Aan) A
Oorspronkelijke
instelling: Aan
bk Kaartmenu
Off (Uit), On (Aan) –
(CARD MENU) Oorspronkelijke
instelling: Uit
ck Bedieningspiep- Off (Uit), On (Aan) A
toon
Omschrijving
Oorspronkelijke
instelling: Aan
Wanneer de lokale besturing “Off” • De instelling voor de lokale besturing kan
niet worden veranderd terwijl de weergave
(uit) is, wordt de klankbron van de
van een melodie van de muziekbibliotheek
Digitale Piano uitgeschakeld
aan de gang is.
waardoor geen geluid wordt
geproduceerd door de Digitale
Piano bij het aanslaan van
klaviertoetsen.
Specificeert de kaartfunctie als
opslaan, laden, wissen of
formatteren (pagina D-21).
Het selecteren van “Off” (uit)
schakelt het geluid van de
bedieningspieptoon uit telkens
wanneer een klaviertoets wordt
aangeslagen terwijl de
FUNCTION toets ingedrukt
wordt.
• Deze instelling blijft behouden zelfs
wanneer de Digitale Piano uitgeschakeld is.
• De instelling voor de bedieningspieptoon
kan niet worden veranderd terwijl de
weergave van de muziekbibliotheek aan de
gang is, terwijl de metronoom klinkt en
tijdens het opnemen.
cl Terug
Off (Uit), On (Aan) A
Oorspronkelijke
instelling: Uit
Wanneer “On” (aan) voor deze
• De terug-instelling kan niet worden
instelling is geselecteerd, onthoudt
veranderd terwijl de weergave van de
de Digitale Piano de huidige
muziekbibliotheek aan de gang is, terwijl
de metronoom klinkt, tijdens de
instellingen*1 en herstelt ze
duetfunctie en tijdens het opnemen.
wanneer de piano opnieuw
ingeschakeld wordt.
*1De volgende instellingen worden niet
Wanneer “Off” (uit) is
onthouden.
geselecteerd, worden de
• Duetfunctie
instellingen*2 teruggesteld op hun
• Melodie LR (deel)
oorspronkelijke instellingen
• Lokale besturing
telkens wanneer de Digitale Piano *2Behalve voor de in/uit instelling van de
ingeschakeld wordt.
bedieningspieptoon.
cm Bedieningsver-
Off (Uit), On (Aan) A
Oorspronkelijke
instelling: Uit
Door “On” (aan) te selecteren voor • De instelling voor de
bedieningsvergrendeling kan niet worden
deze instelling worden de toetsen
veranderd terwijl de weergave van de
van de Digitale Piano vergrendeld
muziekbibliotheek aan de gang is, terwijl
(behalve voor de spanningstoets en
de metronoom klinkt en tijdens het
de toetsen die vereist zijn voor het
opnemen.
ontgrendelen), zodat geen
bediening kan worden uitgevoerd.
Schakel de bedieningsvergrendeling in wanneer u wilt beveiligen
tegen het onverhoeds bedienen van
toetsen.
grendeling
D-20
Gebruiken van een geheugenkaart
FUNCTION
SONG a
METRONOME
MODERN
CLASSIC
ELEC PIANO
U kunt de procedures in dit hoofdstuk gebruiken om
melodieën op te slaan die u heeft opgenomen op de
Digitale Piano (recorder melodieën) naar een
geheugenkaart en om een geheugenkaart te gebruiken
om melodieën te laden naar het
gebruikersmelodiegeheugen (Muziekbibliotheek 61)
z Gebruik een geheugenkaart met een capaciteit van
2 GB of minder. Het gebruik van een kaart met een
capaciteit van meer dan 2 GB of andere types
geheugenkaarten wordt niet ondersteund.
z In deze handleiding verwijst de term
“geheugenkaart” naar een SD geheugenkaart.
■ Types data
Datatype
Omschrijving
(Bestandsnaam
extensie)
Gebruikersmelodieën
(pagina
D-29)
Eén van de volgende
twee types muziekdata
1. CASIO formaatdata
(CM2)
2. Standaard MIDI
bestanden (MID)
SMF Formaat 0 of
Formaat 1
Recordermelodieën
(pagina
D-12)
Melodiedata opgenomen
met deze Digitale Piano
(MID)
Ondersteunde
bewerkingen
Opslaan Laden
naar een van een
geheugeheugenkaart genkaart
–
O
O*
–
* Kan geconverteerd en opgeslagen worden naar een
standaard MIDI bestand (SMF Formaat 0,
bestandsnaamextensie MID).
Voorzorgsmaatregelen voor kaarten en
de kaartgleuf
BELANGRIJK!
• Zorg ervoor de voorzorgsmaatregelen na te volgen
die worden gegeven in de documentatie die met de
geheugenkaart wordt meegeleverd.
• Geheugenkaarten hebben een
schrijfbeveiligingsschakelaar. Gebruik deze
schakelaar wanneer u de data wilt beschermen
tegen onverhoeds wissen.
• Vermijd het gebruik van een geheugenkaart onder
de volgende omstandigheden. Dergelijke condities
kunnen de data beschadigen die opgeslagen zijn op
de geheugenkaart.
• Plaatsen die blootstaan aan een hoge
temperatuur, een hoge vochtigheid of bijtende
gassen
• Plaatsen die blootstaan aan sterke
elektrostatische ladingen en digitale storing
• Raak de contactpunten van een geheugenkaart
nooit aan wanneer u deze laadt in of verwijdert uit de
Digitale Piano.
• Werp de geheugenkaart nooit uit terwijl er data op
worden geschreven of er vanaf geladen. Hierdoor
kunnen zowel de data op de geheugenkaart als de
kaartgleuf beschadigd raken.
• Steek nooit iets anders dan een geheugenkaart in de
kaartgleuf. Dit brengt namelijk het gevaar op
defecten met zich mee.
• Een elektrostatische lading van uw vingers of van de
geheugenkaart naar de kaartgleuf kan
bedieningsproblemen veroorzaken bij de Digitale
Piano. Mocht dit het geval zijn, schakel de Digitale
Piano dan uit en vervolgens weer aan.
• Een geheugenkaart kan behoorlijk warm worden na
langdurig gebruik in de geheugenkaartgleuf. Dit is
normaal en duidt niet op een defect.
D-21
Gebruiken van een geheugenkaart
Insteken en verwijderen van
een geheugenkaart
2.
Houd de FUNCTION toets ingedrukt en druk
op de CARD MENU klaviertoets.
De CARD indicator gaat knipperen.
BELANGRIJK!
• Een geheugenkaart dient op de juiste wijze te zijn
geplaats wanneer deze in de Digitale Piano wordt
gestoken. Het gebruik van geweld om een verkeerd
geplaatste geheugenkaart in de gleuf te steken kan
zowel de geheugenkaart als de gleuf beschadigen.
1.
Steek de geheugenkaart met de bovenkant
naar boven (zodat u deze kunt zien)
voorzichtig in de geheugenkaartgleuf (bp) van
de Digitale Piano totdat de kaart met een klik
stopt.
Knippert
3.
De FORMAT indicator gaat branden, hetgeen de
formatteermodus aangeeft.
• Druk op de FUNCTION toets om de
formatteermodus te verlaten.
Bovenkant
2.
Druk op de METRONOME (FORMAT) toets.
Om de geheugenkaart te verwijderen, drukt u
hem verder in de gleuf.
Brandt
Hierdoor springt de geheugenkaart er gedeeltelijk uit.
Trek de geheugenkaart nu uit de gleuf.
Formatteren van een
geheugenkaart
BELANGRIJK!
• Formatteer een geheugenkaart voordat u hem voor
de eerste maal gebruikt.
• Voordat u een geheugenkaart formatteert, zorg er
eerst voor dat er geen waardevolle data op
opgeslagen is.
• De formatteerbewerking van een geheugenkaart
zoals uitgevoerd door de Digitale Piano is zog.
“versneld formatteren”. Als u alle data op de kaart
volledig wilt wissen, dient u de geheugenkaart op
een computer of ander apparatuur te formatteren.
1.
4.
Druk op de SONG a toets.
Hierdoor wordt het formatteren gestart.
• Het formatteren is voltooid wanneer de FORMAT
indicator stopt met knipperen.
Knippert
Het formatteren
is gestart
Brandt of brandt niet
(vorige status voorafgaand aan knipperen.)
Het formatteren
is voltooid
Steek de geheugenkaart die u wilt
formatteren in de geheugenkaartgleuf van de
Digitale Piano.
Let er op dat de schrijfbeveiligingsschakelaar van de
geheugenkaart niet in de schrijfbeveiligingsstand staat
zodat deze geactiveerd is voor schrijven.
D-22
B
Gebruiken van een geheugenkaart
Opslaan van een opgenomen
melodie naar een
geheugenkaart
Gebruik de onderstaande procedure om data op te
slaan die u opgenomen heeft op de Digitale Piano naar
een geheugenkaart als een MIDI bestand (SMF
Formaat 0).
1.
Steek een geheugenkaart in de
geheugenkaartgleuf van de Digitale Piano.
2.
Houd de FUNCTION toets ingedrukt en druk
op de CARD MENU klaviertoets.
De CARD indicator gaat knipperen.
■ Geheugenkaartdata opslag
Met de bovenstaande procedure wordt Digitale Piano
data opgeslagen in een map die MUSICDAT heet op de
geheugenkaart.
• De MUSICDAT map wordt automatisch gecreëerd
wanneer u de geheugenkaart formatteert op de
Digitale Piano (pagina D-22).
• Merk op dat bestanden die zich niet in de
MUSICDAT map bevinden niet kunnen worden
geladen of gewist door deze Digitale Piano. U kunt
bestanden die opgeslagen zijn in een onderliggende
map van de MUSICDAT map niet kunnen laden of
wissen.
Laden van melodiedata van
een geheugenkaart naar het
geheugen van de Digitale
Piano
U kunt m.b.v. de onderstaande procedure
gebruikersmelodiedata (pagina D-29) laden van een
geheugenkaart naar melodienummer 61 van de
muziekbibliotheek van de Digitale Piano. Daarna kunt
u de gebruikersmelodie weergeven of deze gebruiken
voor lesweergave.
1.
Kopieer op uw computer de melodiedata naar
de “MUSICDAT” map.
• De Digitale Piano herkent enkel de eerste 99
bestanden in de “MUSICDAT” map (gesorteerd op
bestandsnaam).
Knippert
3.
2.
Steek een geheugenkaart in de
geheugenkaartgleuf van de piano.
3.
Druk op de FUNCTION toets.
Druk op de CLASSIC (SAVE) toets.
De SAVE indicator gaat branden, hetgeen de data
opslagmodus aangeeft.
• Druk op de FUNCTION toets om de data
opslagmodus te verlaten.
De CARD indicator gaat branden.
• Merk op dat de CARD indicator niet blijft oplichten
als u de FUNCTION toets te lang ingedrukt houdt.
Brandt
Brandt
4.
Druk op de SONG a toets.
• Hierdoor wordt de data opslagbewerking gestart.
• Het opslaan van data is voltooid wanneer de SAVE
indicator en de CARD indicator uitgaan. De Digitale
Piano verlaat op dat moment de data opslagmodus.
Knippert
Data opslag is
gestart
Brandt niet
4.
Houd de FUNCTION toets ingedrukt en
blader tussen de melodieën d.m.v. de SONG
SELECT – en + toetsen.
• U kunt ook naar een specifieke melodie overspringen
d.m.v. de SONG SELECT toetsen om een
achtereenvolgend bestandsnummer te specificeren
lopend van 01 tot en met 99. Merk echter op dat de
bestandsnummers niet aangegeven worden in de
bestandsnaam.
Data opslag is
voltooid
D-23
Gebruiken van een geheugenkaart
5.
Houd de FUNCTION toets ingedrukt en druk
op de klaviertoets CARD MENU.
De CARD indicator gaat knipperen.
Wissen van
geheugenkaartdata
U kunt d.m.v. de onderstaande procedure melodiedata
wissen die opgeslagen is in de “MUSICDAT” map op
de geheugenkaart.
1.
Steek een geheugenkaart in de
geheugenkaartgleuf van de piano.
2.
Druk op de FUNCTION toets.
De CARD indicator gaat branden.
• Merk op dat de CARD indicator niet blijft oplichten
als u de FUNCTION toets te lang ingedrukt houdt.
3.
Knippert
6.
• U kunt ook naar een specifieke melodie overspringen
d.m.v. de SONG SELECT toetsen om een
achtereenvolgend bestandsnummer te specificeren
lopend van 01 tot en met 99. Merk echter op dat de
bestandsnummers niet aangegeven worden in de
bestandsnaam.
Druk op de MODERN (LOAD) toets.
De LOAD indicator gaat branden, hetgeen de data
laadmodus aangeeft.
• Druk op de FUNCTION toets om de data laadmodus
te verlaten.
Brandt
Houd de FUNCTION toets ingedrukt en
blader tussen de melodieën in de
“MUSICDAT” map d.m.v. de SONG SELECT
– en + toetsen om de gewenste melodie te
selecteren.
4.
Houd de FUNCTION toets ingedrukt en druk
op de klaviertoets CARD MENU.
De CARD indicator gaat knipperen.
7.
Druk op de SONG a toets.
5.
De DELETE indicator gaat branden, hetgeen de data
wismodus aangeeft.
• Druk op de FUNCTION toets om de data wismodus
te verlaten.
Hierdoor wordt het laden van de data van de
muziekbibliotheek melodienummer 61
(gebruikersmelodie) gestart.
• Het opslaan van data is voltooid wanneer de LOAD
indicator en de CARD indicator uitgaan. Op dit
moment kunt u de geladen melodie weergeven door
op de SONG a toets te drukken.
Knippert
Brandt
Brandt niet
6.
Het laden is
gestart
Druk op de ELEC PIANO (DELETE) toets.
Het laden is
voltooid
Druk op de SONG a toets.
Hierdoor wordt het wissen van de geselecteerde
melodie gestart.
• Het wissen van data is voltooid wanneer de DELETE
indicator en de CARD indicator uitgaan. De Digitale
Piano verlaat op dat moment de data wismodus.
Knippert
Het wissen is
gestart
D-24
Brandt niet
Het wissen is
voltooid
Gebruiken van een geheugenkaart
Eenvoudige weergave van een
melodie op een geheugenkaart
U kunt de onderstaande procedure gebruiken om een
gebruikersmelodie (pagina D-29) weer te geven die op
een geheugenkaart opgeslagen is zonder dat de
melodie in het geheugen (muziekbibliotheek
melodienummer 61) van de Digitale Piano geladen
hoeft te worden.
1.
Kopieer op uw computer de melodiedata naar
de “MUSICDAT” map.
• De Digitale Piano herkent enkel de eerste 99
bestanden in de “MUSICDAT” map (gesorteerd op
bestandsnaam) voor weergave.
2.
3.
Steek een geheugenkaart in de
geheugenkaartgleuf van de piano.
Druk op de FUNCTION toets.
De CARD indicator gaat branden.
• Merk op dat de CARD indicator niet blijft oplichten
als u de FUNCTION toets te lang ingedrukt houdt.
Opslaan van data naar het
geheugen (intern gebied) van
de Digitale Piano in plaats van
naar een geheugenkaart
Zelfs als er geen geheugenkaart in de
geheugenkaartgleuf van de Digitale Piano is, kunt u
ongeveer 4 MB data opslaan in het interne
geheugengebied van de Digitale Piano. U kunt ook
data laden naar en wissen uit het interne
geheugengebied d.m.v. dezelfde procedures die u kunt
gebruiken met een geheugenkaart.
1.
Verwijder de geheugenkaart uit de
geheugenkaartgleuf van de Digitale Piano
(pagina D-22).
• Door de geheugenkaart uit de gleuf te halen wordt
het mogelijk databewerkingen (opslaan, laden,
wissen, weergeven) bij het interne geheugengebied
uit te voeren.
Om dit te doen
Voer deze bewerking uit
Sla de data op
Vanaf stap 2 onder “Opslaan van een
naar het interne opgenomen melodie naar een
geheugengebied geheugenkaart” op pagina D-23.
Brandt
4.
Druk op de SONG a toets.
Hierdoor wordt de weergave van het eerste bestand in
de map gestart.
• Druk nogmaals op de SONG a toets om de
weergave te stoppen.
5.
Houd de FUNCTION toets ingedrukt en
blader tussen de melodieën d.m.v. de SONG
SELECT – en + toetsen.
Laad de data
vanaf het
interne
geheugengebied
Vanaf stap 3 onder “Laden van
melodiedata van een geheugenkaart
naar het geheugen van de Digitale
Piano” op pagina D-23.
Wis de data uit Vanaf stap 2 onder “Wissen van
het interne
geheugenkaartdata” op pagina D-24.
geheugengebied
Geef een
Vanaf stap 3 onder “Eenvoudige
melodie in het
weergave van een melodie op een
interne
geheugenkaart” op pagina D-25.
geheugengebied
weer
• U kunt ook naar een specifieke melodie overspringen
d.m.v. de SONG SELECT toetsen om een
achtereenvolgend bestandsnummer te specificeren
lopend van 01 tot en met 99. Merk echter op dat de
bestandsnummers niet aangegeven worden in de
bestandsnaam.
6.
Druk om de kaartmelodie weergavemodus te
verlaten op de FUNCTION toets zodat de
CARD indicator uitgaat.
• Merk op dat de CARD indicator niet uitgaat als u de
FUNCTION toets te lang ingedrukt houdt.
D-25
Gebruiken van een geheugenkaart
Foutindicators
Het volgende toont hoe de indicators het fouttype aangeven wanneer een fout zich mocht voordoen door een
probleem met data overbrenging of om een andere reden.
Indicators
Fouttype
No Card
No File
No Data
Protect
ReadOnly
MediaFull
1. Er is geen
1. De geheugenMUSICDAT map
kaart is niet juist
(pagina D-23) op
in de geheugende geheugenkaart.
kaartgleuf van de
Digitale Piano
2. Er is geen
geplaatst.
Oorzaak
laadbaar of
weergeefbaar
2. De geheugenkaart
bestand in de
werd verwijderd
MUSICDAT map.
terwijl een
bewerking aan de
gang was.
U probeert data op
te slaan naar een
geheugenkaart
terwijl er geen data
is die kan worden
opgeslagen.
De geheugenkaart is Er is reeds een read- 1. Er is niet genoeg
ruimte
schrijfbeveiligd.
only (alleen
beschikbaar op de
schrijven) bestand
geheugenkaart.
op de
geheugenkaart met
dezelfde naam die u 2. Er is niet genoeg
ruimte
probeert te
beschikbaar in het
gebruiken.
geheugen van de
Digitale Piano.
1. Creëer een
1. Laad de geheuMUSICDAT map
genkaart op de
op de
juiste manier in de
geheugenkaart of
kaartgeheuformatteer de
gengleuf.
geheugenkaart op
de Digitale Piano
2. Verwijder de
(pagina D-22).
geheugenkaart
Te nemen niet terwijl een
maatregel bewerking plaats 2. Verplaats het
bestand dat u wilt
vindt.
laden of spelen
naar de
MUSICDAT map
van de
geheugenkaart.
Neem iets op
voordat u een
opslagbewerking
uitvoert.
Gebruik de schrijf- • Gebruik een
andere naam om
beveiligingsschakehet nieuwe
laar van de
bestand op te
geheugenkaart om
slaan.
het schrijven van
• Verwijder het
data mogelijk te
read-only
maken.
attribuut van het
bestaande
bestand en
overschrijf met
het nieuwe
bestand.
• Gebruik een
andere
geheugenkaart.
D-26
1. Wis enkele van de
bestanden op de
geheugenkaart
om ruimte te
maken voor
nieuwe data
(pagina D-24) of
gebruik een
andere kaart.
2. Wis sommige of
alle van de
gebruikersdata uit
het geheugen van
de Digitale Piano
om ruimte te
maken voor
nieuwe data.
Gebruiken van een geheugenkaart
Indicators
Fouttype
Not SMF01
U probeert SMF
Formaat 2
melodiedata weer te
geven.
Oorzaak
SizeOver
WrongDat
1. De geheugenDe data op de
kaartdata is
geheugenkaart is te
beschadigd.
groot om weer te
geven.
2. De geheugenkaart
bevat data die niet
wordt
ondersteund door
deze Digitale
Piano.
Convert
Format
Media R/W
1. Geheugenkaart1. Het huidige
Er is niet genoeg
data is
geheugenkaartgeheugen
beschadigd.
formaat is niet
beschikbaar bij de
geschikt (niet
Digitale Piano om
compatibel) voor 2. Het geheugen van
een
de Digitale Piano
deze Digitale
recordermelodie te
is beschadigd.
Piano.
converteren (pagina
D-12) naar SMF
data en deze op de 2. De capaciteit van
de geheugenkaart
geheugenkaart op te
is groter dan 2 GB.
slaan.
3. Geheugenkaartdata is beschadigd.
Deze Digitale Piano
ondersteunt alleen
de weergave van
SMF Formaat 0 of
Formaat 1.
Te nemen
maatregel
Deze Digitale Piano —
ondersteunt de
weergave van melodiedatabestanden
met een maximale
grootte van
65 Kbytes.
1. Gebruik een
Verminder de hoe- 1. Formatteer de
andere
geheugenkaart op
veelheid recordergeheugenkaart.
de Digitale Piano
melodiedata door
(pagina D-22).
onnodige sporen
2. Maak een back-up
(pagina D-15) te
van de data in het
wissen, mochten die 2. Gebruik een
geheugen van de
geheugenkaart
er zijn.
Digitale Piano
met een capaciteit
door deze naar
van 2 GB of
uw computer te
minder.
kopiëren en de
Digitale Piano uit
3. Gebruik een
en daarna weer in
andere
te schakelen.
geheugenkaart.
Merk op dat u in
sommige gevallen
geen backup kunt
maken van de
data van de
Digitale Piano.
D-27
Aansluiting op een computer
U kunt de Digitale Piano aansluiten op een computer
en MIDI data verzenden tussen deze apparaten. U kunt
data van de Digitale Piano zenden naar de muziek
software die op uw computer draait of u kunt MIDI
data vanaf uw computer zenden naar de Digitale Piano
voor weergave.
2.
USB poort van de Digitale Piano
USB kabel
(A-B type)
Minimale
computersysteemvereisten
A aansluiting
3.
z Besturingssysteem
Windows® XP (SP2 of nieuwer)*1
Windows Vista® *2
Mac OS® X (10.3.9, 10.4.11 of nieuwer, 10.5.6 of
nieuwer)
*1: Windows XP Home Edition
Windows XP Professional (32- bit)
*2: Windows Vista (32- bit)
4.
5.
BELANGRIJK!
• Probeer nooit aan te sluiten op een computer die
niet voldoet aan de hierboven beschreven vereisten.
Hierdoor kunnen problemen ontstaan bij uw
computer.
Aansluiting van de Digitale
Piano op uw computer
BELANGRIJK!
• Zorg ervoor de volgende stappen van de
onderstaande procedure precies te volgen. Een
foute aansluiting kan het zenden en ontvangen van
data onmogelijk maken.
1.
Schakel de Digitale Piano uit en start uw
computer.
• Start de muziek software op uw computer nog niet!
D-28
B aansluiting
USB poort van de computer
Hieronder volgen de minimale vereisten voor het
computersysteem wanneer MIDI data worden
verzonden en ontvangen. Controleer dat de computer
voldoet aan deze vereisten voordat u probeert de
Digitale Piano er op aan te sluiten.
z USB poort
Nadat uw computer gestart is, sluit hem dan
m.b.v. een los verkrijgbare USB kabel aan op
de Digitale Piano.
Schakel de Digitale Piano in.
• Als dit de eerste maal is dat u de Digitale Piano
aansluit op uw computer zal de driver software die
vereist is voor het zenden en ontvangen van data
automatisch geïnstalleerd worden op uw computer.
Start de muziek software op uw computer.
Configureer de instellingen van de muziek
software om één van de volgende apparaten
te selecteren als het MIDI toestel.
CASIO USB-MIDI : (Voor Windows Vista, Mac OS X)
USB-audioapparaat: (Voor Windows XP)
• Zie de gebruikersdocumentatie die met de gebruikte
muziek software wordt geleverd voor nadere
informatie aangaande hoe u het MIDI apparaat kunt
selecteren.
BELANGRIJK!
• Zorg ervoor eerst de Digitale Piano uit te schakelen
voordat u de muziek software van uw computer start.
OPMERKING
• Nadat de aansluiting eenmaal goed werkt, is er geen
probleem als de USB kabel aangesloten gehouden
wordt en uw computer en/of uw Digitale Piano
uitgeschakeld wordt.
• Voor gedetailleerde technische gegevens en
aansluitingen die van toepassing zijn op het zenden
en ontvangen van MIDI data door deze Digitale
Piano dient u te verwijzen naar de nieuwste
informatie die wordt verzorgd door de website bij
de volgende URL.
http://world.casio.com/
Aansluiting op een computer
Gebruiken van MIDI
3.
Verander de USB apparaat modus van de
Digitale Piano naar opslag.
Wat is MIDI?
De letters MIDI zijn de afkorting van Musical
Instrument Digital Interface (digitale interface voor
muziekinstrumenten) hetgeen een wereldwijdse
standaard voor digitale signalen en aansluitingen is
waardoor het mogelijk is om muziekdata uit te
wisselen tussen de muziekinstrumenten en computers
(apparaten) van verschillende makelij.
OPMERKING
• Voor details aangaande het implimenteren van
MIDI, bezoek de CASIO website op:
http://world.casio.com/.
• Houd de FUNCTION toets ingedrukt en druk op de
klaviertoets die correspondeert aan de USB apparaat
modus.
• Nadat deze instelling veranderd is, knipperen de
GRAND PIANO (MODERN, CLASSIC) en ELEC
PIANO toets indicators terwijl alle andere indicators
uit zijn.
• Voor meer informatie zie “USB apparaat modus (USB
DEVICE MODE)” op pagina D-20.
Zie “Zendkanaal” en “Lokale besturing” op pagina
D-20.
Oversturen van melodie data
met een computer
Volg de procedures in dit hoofdstuk om Recorder
geheugendata over te sturen naar een computer voor
opslag en om melodieën naar het
gebruikersmelodiegeheugen (Muziekbibliotheek 61
(Music Library)) te laden.
BELANGRIJK!
• Wanneer de Digitale Piano uitgeschakeld wordt
terwijl data opgeslagen of geladen wordt, kunnen
alle data die opgeslagen zijn in het geheugen
(opgenomen melodieën, enz.) van de Digitale Piano
gewist worden. Let er dus op dat de spanning niet
onverhoeds uitgeschakeld wordt tijdens opslag- en
laadbewerkingen. Als data gewist wordt, duurt het
langer dan gewoonlijk voor de Digitale Piano om
ingeschakeld te worden de volgende maal nadat de
spanning wordt aangezet (pagina D-4).
1.
4.
Voer bij uw computer de vereiste bediening
uit om de opslagapparaten op uw computer
te tonen.
Als uw computer onder
dit besturingssysteem
draait:
Doe dit:
Windows XP
Dubbel-klik “Mijn Computer”.
Windows Vista
Dubbel-klik “Computer”.
Mac OS
Sla stap 4 over en dubbelklik
“PIANO” op de desktop (het
bureaublad) van uw Mac.
• Het geheugen van deze Digitale Piano verschijnt als
“PIANO” onder “Stations met verwisselbaar
medium”.
Verwijder de geheugenkaart uit de
geheugenkaartgleuf van de Digitale Piano
(pagina D-22).
• U kunt data niet uitwisselen tussen de Digitale Piano
en een computer als een kaart zich in de kaartgleuf
bevindt.
2.
Zie stappen 1 en 3 van de procedure op
pagina “Aansluiting van de Digitale Piano op
uw computer” op pagina D-28.
D-29
Aansluiting op een computer
5.
Dubbel-klik “PIANO”.
• “PIANO” bevat mappen die MUSICLIB en
RECORDER heten. Laad d.m.v. MUSICLIB een
melodie in het gebruikersmelodiegheugen van de
piano (Muziekbibliotheek 61 (Music Library)) en
gebruik dan RECORDER om Recorder geheugendata
over te sturen naar en van uw computer.
Datatype
Mapnaam
Bestandsnaam extensie*
Gebruikersmelodieën
MUSICLIB
BIDSNG01.MID: SMF
formaat data (formaat 0/1)
BIDSNG01.CM2: Data in
CASIO origineel formaat
Recorder
geheugendata
RECORDER BIDREC01.CSR: Data in
CASIO origineel formaat
* Voordat u een opslag- of laadbewerking start,
controleer eerst de bestandsnaam en extensie om er
zeker van te zijn dat ze overeenkomen met de
getoonde in deze kolom.
BELANGRIJK!
• In de oorspronkelijke default configuratie voor
Windows XP en Windows Vista zijn de extensies
voor bestandsnamen verborgen. Voer één van de
volgende bewerkingen uit op uw computer om de
bestandsnaam extensies te tonen.
Tonen van bestandsnaam extensies onder
Windows XP
1. Open de gewenste map.
2. In het menu [Extra], klik op [Mapopties].
3. Klik op het [Weergave] tabblad. In de
[Geavanceerde instellingen] lijst, schakel het
selectievakje uit naast [Extensies voor bekende
bestandstypen verbergen].
4. Klik op [OK].
Tonen van bestandsnaam extensies onder
Windows Vista
1. Open Mapopties door op de [Start] knop te klikken
en klik op [Configuratiescherm], [Vormgeving aan
persoonlijke voorkeur aanpassen] en [Mapopties].
2. Klik op het [Weergave] tabblad. Schakel onder
[Geavanceerde instellingen] het selectievakje
[Extensies voor bekende bestandstypes
verbergen] uit.
3. Klik op [OK].
■ Laden van een melodie in het
gebruikersmelodie geheugen
(Muziekbibliotheek 61)
1. Kopieer het bestand (.MID of .CM2) dat u in het
gebruikersmelodie geheugen wilt laden naar de
MUSICLIB map.
2. Verander de naam van het bestand naar BIDSNG01
met een bestandsnaamextensie van .MID of .CM2.
• Als er zich twee bestanden met de namen
BIDSNG01.MID en BIDSNG01.CM2 in de
MUSICLIB map bevinden, wordt alleen de
BIDSNG01.MID data in het gebruikersmelodie
geheugen geladen. Als u het BIDSNG01.CM2
bestand wilt laden in dit geval, verander dan de
naam van het BIDSNG01.MID bestand naar iets
anders.
OPMERKING
• De boodschap “Kan de naam van MIDIDATA.MID
niet wijzigen.” verschijnt op uw computerscherm als
u de naam van het gekopieerde bestand probeert te
veranderen naar BIDSNG01.MID terwijl er al een
bestand in de MUSICLIB map is die BIDSNG01.MID
heet. Verander de naam van het huidige
BIDSNG01.MID bestand naar iets anders en
hernoem het gekopieerde bestand als
BIDSNG01.MID.
■ Oversturen van Recorder geheugendata
tussen de Digitale Piano en uw computer
Om de huidige Recorder geheugendata van uw Digitale
Piano naar uw computer over te sturen, dient u de
RECORDER map te kopiëren naar uw computer.
Om de eerder op uw computer opgeslagen Recorder
data terug te sturen naar het Recorder geheugen dient u
dit terug te kopiëren naar de RECORDER map (en de
huidige inhoud van de RECORDER map te vervangen).
6.
Zet de USB apparaat modus terug naar MIDI
nadat het kopiëren van het bestand voltooid
is.
• Gebruikt u een Macintosh, voer dan de uitwerp
bewerking uit (naar de vuilnismand slepen).
• Houd de FUNCTION toets ingedrukt en druk op de
van toepassing zijnde klaviertoets. Voor meer
informatie zie “USB apparaat modus (USB DEVICE
MODE)” op pagina D-20.
• Door de USB apparaat modus terug te zetten op
MIDI wordt de inhoud van MUSICLIB in het
gebruikersmelodie geheugen geladen en de inhoud
van RECORDER in het Recorder geheugen.
BELANGRIJK!
• Een data conversiefout wordt aangegeven wanneer
beide SONG a toets indicators en de GRAND
PIANO (MODERN), GRAND PIANO (CLASSIC) en
ELEC PIANO toets indicators allemaal branden en
alle andere indicators uit zijn.
D-30
Aansluiting op een computer
Eenvoudige weergave van een
gebruikersmelodie in de PIANO schijf van
het geheugen van de Digitale Piano.
U kunt op elk gewenst ogenblik d.m.v. de
onderstaande procedure gebruikers melodiedata
kopiëren naar de PIANO schijf (zonder deze in de
MUSICLIB map te plaatsen) voor een vereenvoudigde
weergave op de Digitale Piano.
• Wanneer u een gebruikers melodiedatabestand
kopieert naar de MUSICLIB map, dient u deze te
hernoemen volgens het gespecificeerde formaat
(stap 5, hierboven). U hoeft het bestand niet te
hernoemen als u de onderstaande procedure volgt.
Gebruiken van de Digitale Piano als een
geheugenkaartlezer
U kunt de inhoud tonen van de geheugenkaart die zich
in de kaartgleuf van de Digitale Piano bevindt en
kopiëren, wissen en andere kaartbewerkingen
uitvoeren via de computer.
1.
Steek een geheugenkaart in de kaartgleuf
van de Digitale Piano.
2.
Voer de procedure uit die begint met stap 2
op pagina D-29.
In stap 4 van de procedure verschijnt “SD_MMC” in
plaats van “PIANO”. U kunt dubbelklikken op
“SD_MMC” om de inhoud te tonen en naar wens te
veranderen van de kaart die zich in de kaartgleuf van
de Digitale Piano bevindt.
Auteursrechten
MIDI bestand melodiedata
1.
CASIO formaat melodiedata
Voer de vorige procedure (“Oversturen van
Recorder geheugendata tussen de Digitale
Piano en uw computer”) uit om het gebruikers
melodiedatabestand te kopiëren naar de
PIANO schijf (geheugen van de Digitale
Piano).
• De Digitale Piano herkent enkel de eerste 99
bestanden in de PIANO schijf (gesorteerd op
bestandsnaam) voor weergave.
2.
De rechten van de makers en houders van
auteursrechten van muziek, beelden,
computerprogramma’s, databases en andere data
worden beschermd door de wetgeving op
auteursrechten. U bent toegestaan om dergelijk werk
enkel voor persoonlijk of niet-commercieel gebruik te
reproduceren. Voor alle andere doeleinden, alle
reproductie (inclusief het converteren van
dataformaten), wijzigingen, het oversturen van
reproducties, het distribuëren over een netwerk of
ander gebruik zonder de toestemming van de houders
van de auteursrechten, maken u ontvankelijk voor
schade eisen en rechtsvervolging voor inbreuk van de
auteursrechten en het overtreden van de persoonlijke
rechten van de auteur. Denk er om werk waarop
auteursrechten rusten enkel te reproduceren of
anderszins te gebruiken wanneer dit in
overeenstemming is met de van toepassing zijnde
wetgeving op auteursrechten.
Druk op de FUNCTION (CARD/INT) toets
van de Digitale Piano.
De CARD indicator gaat branden.
3.
Zie stappen 4 tot en met 6 van de procedure
onder “Eenvoudige weergave van een
melodie op een geheugenkaart” (pagina
D-25).
D-31
Voorbereidingen
Monteren van de standaard
Voordat u begint met het monteren van de standaard,
neem eerst enkele momenten de tijd om te controleren
of de hieronder getoonde items alle aanwezig zijn.
• Deze standaard bevat geen van de gereedschappen
die nodig zijn voor de montage. Het wordt aan u
overgelaten om een grote Philips (kruiskop)
schroevendraaier klaar te leggen.
•
•
•
A
C
B
•
LET OP
Het monteren van de standaard dient uitgevoerd te
worden door minstens twee personen die met elkaar
samenwerken.
Deze standaard dient op een vlakke ondergrond te
worden gemonteerd.
Verwijder het kleefband niet dat het deksel van het
toetsenbord op zijn plaats houdt totdat het monteren
voltooid is. Als kleefband verwijderd wordt, kan het
deksel van het toetsenbord open en dicht gaan
tijdens het monteren, waardoor er gevaar bestaat op
persoonlijk letsel van uw handen en vingers.
Denk erom dat uw vingers niet klem raken tussen de
onderdelen terwijl u deze aan het monteren bent.
1.
D
Part
Maak het bandje 1 los die de pedaalkabel
vastmaakt aan de achterkant van de
kruisbalk D en trek het pedaalsnoer van de
kruisbalk.
1
Hoeveelheid
E
F
G
4
H
2
I
J
2
K
2
L
1
M
1
N
1
6
2
4
Pedaalkabel
2.
Monteer de zijpanelen A en B aan kruisbalk
D. Maak de zijpanelen vast d.m.v. vier
schroeven E.
• Bij het monteren van onderdeel 2, schuif de beugels
3 in de gleuven aan beide uiteinden van de kruisbalk
D. Als de beugels 3 niet zover mogelijk in de
uiteinden van de kruisbalk D worden geschoven,
passen de schroeven E niet in de schroefgaten in de
beugels 3, waardoor het schroefdraad van de
schroeven kapot kan gaan.
• Bedek de schroefkoppen met de doppen J.
J
BELANGRIJK!
• Mocht er iets missen of beschadigd zijn, neem dan
contact op met de plaatselijke CASIO
onderhoudswerkplaats.
• Gebruik geen andere schroeven dan de schroeven
die met de standaard zijn meegeleverd. Hierdoor
bestaat het risico op schade aan de standaard en/of
de Digitale Piano.
A
E
E
B
3
2
D-32
J
D
Voorbereidingen
3.
Schuif achterpaneel C in de groeven 4 van
de zijpanelen.
6.
C
Stel de hoogtestelschroef bij 7 om extra steun
te gaven zodat kruisbalk D niet naar beneden
buigt wanneer de pedalen worden ingetrapt.
D
4
7
BELANGRIJK!
4.
Monteer d.m.v. de twee schroeven I de
linker en rechter zijkanten van het
achterpaneel C op de beugels 5 van de
zijpanelen A en B.
• Op de plaats 6 schuif de klem G op de schroef I
voordat u de schroef monteert.
6
B
• Als de pedalen worden ingetrapt zonder de
hoogtestelschroef 7 eerst te hebben bijgesteld kan
leiden tot schade aan de kruisbalk D. Let er dus op
altijd de hoogtestelschroef 7 eerst bij te stellen
voordat u de pedalen bediend.
7.
Plaats de piano op de standaard.
BELANGRIJK!
5
• Om er voor te zorgen dat uw vingers niet bekneld
raken tussen de piano en de standaard kunt u de
piano het beste aan de zijkanten (niet aan de
uiteinden) beet pakken bij de delen die gemarkeerd
worden door sterretjes () in de afbeelding.
A
G
I
I
5.
Maak vervolgens de onderkant van het
achterpaneel C vast d.m.v. de zes schroeven
F.
Minstens 10 cm
Minstens 10 cm
• Plaats één van de klemmen G op de meest linkse
schroef F zoals aangegeven in de onderstaande
afbeelding.
9
A
B
C
• Op dit moment zouden de schroeven aan de
onderkant van de piano 8 vast moeten haken in de
uitsparingen in de standaardbeugels 9.
G
F
Achterkant van de piano
Beugel uitsparing
9
8
Zijpaneel van de
standaard
D-33
Voorbereidingen
8.
Maak eerst d.m.v. de twee vleugelmoeren H
de achterkant van de piano vast aan de
standaard. Maak vervolgens d.m.v. de twee
schroeven K de voorkant van de piano vast.
Aansluiten van de snoeren
1.
Steek de stekker van de met de Digitale
Piano meegeleverde netadapter in de
stroomaansluiting (DC 24 V).
Netadapterstekker
N klem
H
Meegeleverde netadapter
K
* Met de klem N
BELANGRIJK!
• De vleugelmoeren H en schroeven K voorkomen
dat de piano van de standaard af valt. Gebruik de
piano nooit waneer de vleugelmoeren H en
schroeven K niet gemonteerd zijn.
9.
Maak de klem van het adaptersnoer N vast
naast de stroomsaansluiting (DC 24 V (24 V
gelijkstroom)).
N
z Vastmaken van de klem
Druk zoals aangegeven in de afbeelding op (a) om de
punt van de klem in de gleuf te duwen. Druk door
totdat u de klem vast hoort klikken op zijn plaats.
Gleuf
Punt
¨á©
z Los maken van de klem
Druk (b) zoals aangegeven in de afbeelding in de
richting van de pijl.
¨â©
24 V gelijkstroomaansluiting
(DC 24 V)
D-34
Voorbereidingen
2.
Richt de pedaalstekker zoals aangegeven in
de afbeelding en steek hem in de
pedaalaansluiting aan de onderkant van de
piano.
Pedaalstekker
3.
Maak een bundel van de netadapter en de
pedaalkabels en maak ze d.m.v. klemmen G
vast op de twee plaatsen aangegeven in de
onderstaande afbeelding.
Installeren van de
muziekstandaard en de
hoofdtelefoonhaak
1.
Installeer de muziekstandaard door de
pennen in de gaten aan de bovenkant van de
piano te steken.
2.
Installeren van de hoofdtelefoonhaak.
2-1. Steek de hoofdtelefoonhaak L in de twee
gaten aan de onderkant van de piano.
2-2. Maak de hoofdtelefoonhaak d.m.v. schroef M
vast op zijn plaats.
2-1
4.
Steek de stekker van het netsnoer van de
netadapter die met de Digitale Piano
meegeleverd is in een stopcontact zoals
aangegeven in de onderstaande afbeelding.
L
2-2
Stopcontact
M
Netadapter
Netsnoer
D-35
Voorbereidingen
Stopcontact
Uw Digitale Piano werkt op de spanning van het
lichtnet. Vergeet niet de spanning uit te schakelen
wanneer u de Digitale Piano niet gebruikt.
Aansluiten van de
hoofdtelefoon
Onderkant
Hoofdtelefoonaansluitingen (PHONES)
Gebruiken van een netadapter
Gebruik enkel de netadapter (JEITA standaard, met
een uniforme polariteitsstekker) die meegeleverd is
met deze Digitale Piano. De Digitale Piano kan defect
raken als een ander type netadapter gebruikt wordt.
Gespecificeerde netadapter: AD-E24250LW
■ Betreffende de netadapter die met de
Digitale Piano wordt meegeleverd.
Merk de volgende belangrijke voorzorgsmaatregelen
op om schade aan de netadapter en het netsnoer te
voorkomen.
• Trek nooit met geweld aan het snoer.
• Trek nooit herhaaldelijk aan het snoer.
• Draai het snoer nooit rond vlakbij de stekker of de
aansluiting.
• Vergeet nooit de netadapter uit het stopcontact te
trekken voordat u de Digitale Piano verplaatst.
• Maak lussen in en een bundeltje van het netsnoer
maar wind het snoer nooit om de netadapter.
BELANGRIJK!
• Sluit de met deze Digitale Piano meegeleverde
netadapter nooit aan op een ander toestel dan deze
piano. Dit brengt namelijk het gevaar op defecten
met zich mee.
• Vergeet niet de Digitale Piano uit te schakelen
voordat u de netadapter in het stopcontact steekt of
hem er uit trekt.
• De netadapter wordt warm na langdurig gebruik. Dit
is normaal en duidt niet op een defect.
• Gebruik de netadapter met het label naar beneden.
De netadapter staat bloot aan elektromagnetische
golven wanneer het label naar boven wijst.
D-36
Stereo standaard stekker
Sluit een los verkrijgbare hoofdtelefoon aan op de
PHONES aansluitingen. Door een hoofdtelefoon aan te
sluiten op één van beide PHONES aansluitingen wordt
de weergave van de luidsprekers uitgeschakeld wat
betekent dat u zelfs midden in de nacht kunt oefenen
zonder de buren wakker te houden. Om uw gehoor te
beschermen moet u er op letten dat het volumeniveau
niet te hoog staat wanneer u een hoofdtelefoon
gebruikt.
OPMERKING
• Let er op dat u de stekker van de hoofdtelefoon
zover mogelijk in één van de PHONES
aansluitingen steekt. Als u dat niet doet, kunt u het
geluid mogelijk van slechts één van beide kanten
van de hoofdtelefoon horen.
• Mocht de hoofdtelefoon die u gebruikt niet passen
bij één van de PHONES aansluitingen gebruik dan
een passende adapterstekker die u zich apart in de
winkel kunt aanschaffen.
• Gebruikt u een hoofdtelefoon waarbij een
adapterstekker nodig is, let er dan op dat de adapter
niet ingestoken blijft als u de aansluiting van de
hoofdtelefoon verbreekt. Mocht dit het geval zijn
dan zal er geen geluid te horen zijn via de
luidsprekers.
Voorbereidingen
Aansluiten van audio
apparatuur of een versterker
U kunt audio apparatuur of een versterker aansluiten
op de Digitale Piano en het geluid dan via externe
luidsprekers weergeven om een krachtiger geluid van
een betere kwaliteit te verkrijgen.
BELANGRIJK!
• De Digitale Piano stelt het geluid dat afgegeven
wordt automatisch bij om te optimaliseren voor een
hoofdtelefoon (wanneer een hoofdtelefoon
aangesloten is) of voor de ingebouwde luidsprekers
(wanneer geen hoofdtelefoon niet aangesloten is).
Hierdoor vindt ook een verandering plaats in de
uitgangskwaliteit van de LINE OUT R en L/MONO
aansluitingen van de Digitale Piano.
• Stel het volume altijd in op een laag niveau d.m.v. de
VOLUME regelaar telkens wanneer u een apparaat
aan gaat sluiten op de Digitale Piano. Stel het
volume in op het gewenste niveau nadat u de
aansluiting tot stand gebracht heeft.
• Lees telkens wanneer u een apparaat op de Digitale
Piano wilt aansluiten eerst de gebruiksaanwijzing
door die met dat apparaat meegeleverd wordt.
Gitaarversterker
Toetsenbordversterker, enz.
Aansluiten op een
muziekinstrumentenversterker 2
Gebruik los verkrijgbare kabels om de versterker aan te
sluiten op de LINE OUT aansluitingen van de piano
zoals aangegeven in adfbeelding 2. Het
uitgangssignaal van de LINE OUT R aansluiting is het
geluid van het rechter kanaal terwijl het
uitgangssignaal van de LINE OUT L/MONO
aansluiting het geluid van het linker kanaal is. Door
aan te sluiten op de LINE OUT L/MONO aansluiting
geeft het geluid van beide kanalen gemengd weer. Het
wordt aan u overgelaten om aansluitkabels aan te
schaffen zoals de in de afbeelding getoonde kabel voor
het aansluiten van de versterker. Stel het
volumeniveau bij d.m.v. de VOLUME regelaar van de
piano.
Meegeleverde en los
verkrijgbare accessoires
Gebruik enkel accessoires die gespecificeerd zijn voor
het gebruik met deze Digitale Piano.
Het gebruik van niet erkende accessoires kan het
gevaar op brand, elektrische schok en persoonlijk letsel
met zich meebrengen.
INPUT 1
INPUT 2
Standaard stekker
Standaard aansluiting
Penstekker
AUX IN aansluiting, enz. van de
geluidsversterker
LEFT (links-wit)
OPMERKING
• U kunt informatie betreffende de accessoires die los
verkrijgbaar zijn krijgen van de CASIO catalogus die
beschikbaar is bij uw winkelier en van de CASIO
website bij de volgende URL.
http://world.casio.com/
RIGHT (rechts-rood)
Aansluiten op audio apparatuur 1
Gebruik los verkrijgbare kabels om de externe audio
apparatuur aan te sluiten op de LINE OUT
aansluitingen van de piano zoals aangegeven in
afbeelding 1. Het uitgangssignaal van de
LINE OUT R aansluiting is het geluid van het rechter
kanaal terwijl het uitgangssignaal van de
LINE OUT L/MONO aansluiting het geluid van het
linker kanaal is. Het wordt aan u overgelaten om
aansluitkabels aan te schaffen zoals de in de afbeelding
getoonde kabel voor het aansluiten van audio
apparatuur. Gewoonlijk dient u in deze configuratie de
ingangskeuzeschakelaar van de audio apparatuur
instellen op de instelling die hoort bij de aansluiting
(zoals AUX IN) waarop de piano aangesloten is. Stel
het volumeniveau bij d.m.v. de VOLUME regelaar van
de piano.
D-37
Referentie
Oplossen van moeilijkheden
Probleem
Oorzaak
Er wordt geen geluid
geproduceerd bij het
aanslaan van een
klaviertoets.
1. De VOLUME regelaar is ingesteld
op “MIN”.
2. De hoofdtelefoon of een
adapterstekker is aangesloten op
één van de PHONES aansluitingen.
3. MIDI lokale besturing is
uitgeschakeld.
De toonhoogte van de Digitale 1. De instelling van de sleutel van de
Piano is uitgeschakeld.
Digitale Piano is anders dan “0”.
Te nemen maatregel
1. Draai de VOLUME regelaar meer in de
richting van “MAX”.
2. Haal alle stekkers uit de PHONES
aansluitingen.
3. Schakel de lokale besturing instelling in.
1. Verander de instelling van de sleutel naar “0”
of schakel de spanning van de Digitale Piano
uit en vervolgens weer in.
2. De toonschaal van de Digitale
2. Stel de toonschaal van de Digitale Piano bij
Piano is incorrect.
of schakel de spanning van de Digitale Piano
uit en vervolgens weer in.
3. Octaafverschuiving is geactiveerd. 3. Verander de instelling van de
octaafverschuiving naar 0.
4. Een niet-standaard
4. Verander de temperamentinstelling naar
temperamentinstelling wordt
“00: Gelijkzwevend”, hetgeen de standaard
gebruikt.
moderne toonschaal/stemming is.
Het snoer van de pedaaleenheid is niet Sluit het snoer op de juiste wijze aan.
aangesloten.
De “Terug” functie is ingeschakeld.
Schakel “Terug” uit. Schakel vervolgens de
spanning eerst uit en daarna weer in.
Er gebeurt niets wanneer u
een pedaal indrukt.
De tonen en/of effecten
klinken vreemd. In- en
uitschakelen van de spanning
lossen het probleem niet op.
Voorbeeld: De intensiteit van
de noten verandert niet zelfs
als u de druk op de
klaviertoetsen verandert.
Het is niet mogelijk data over –
te sturen na het aansluiten
van de piano op een
computer.
Het is niet mogelijk data naar
een geheugenkaart op te
slaan of data van een
geheugenkaart te laden.
Het duurt een lange tijd
voordat de Digitale Piano
klaar is voor gebruik na het
inschakelen.
–
Zie
pagina
) D-5
) D-36
) D-20
) D-19
) D-19
) D-19
) D-19
) D-35
) D-20
1. Controleer dat de USB kabel aangesloten is ) D-28
op de Digitale Piano en de computer en dat
de apparatuur die geselecteerd is met de
muziek software van de computer.
2. Schakel de Digitale Piano uit en sluit dan de
muziek software op uw computer af. Schakel
de Digitale Piano vervolgens weer in en start
dan de muziek software op uw computer weer.
Zie “Foutindicators” op pagina D-26.
–
Geheugendata van de Digitale Piano
Het duurt ongeveer 20 seconden na het
) D-29
was beschadigd omdat het oversturen inschakelen van de spanning om de
van data plaats vond met een computer geheugenformatteerbewerking uit te voeren.
op het moment dat de piano voor het
Wacht totdat de formatteerbewerking voltooid is.
laatst uitgeschakeld werd. In dit geval
Merk op dat u de Digitale Piano niet moet
voert de Digitale Piano een
uitschakelen terwijl het oversturen van data naar
geheugenformatteerbewerking uit bij
een computer plaats aan het vinden is.
de volgende maal dat de spanning
wordt ingeschakeld. Het is niet mogelijk
andere bewerkingen uit te voeren
terwijl het formatteren wordt uitgevoerd.
De kwaliteit en het volume
Dit is een onvermijdelijk resultaat van het digitale samplingproces,* en duidt verder niet op een
storing.
van een toon klinken ietwat
* Meerdere digitale monsters worden genomen voor het lage, het midden, en het hoge bereik van
anders afhankelijk van waar
het oorspronkelijke muziekinstrument. Daardoor kunnen er zich een kleine verschillen voordoen in
deze op het toetsenbord
de toonkwaliteit en het toonvolume tussen de verschillende samplingbereiken.
gespeeld wordt.
Bij het indrukken van een toets Dit gebeurt wanneer de geluiden van meerdere delen tegelijkertijd klinken terwijl lagen worden
wordt de weergegeven noot
gebruikt, de duetfunctie fungeert, een ingebouwde melodie weergegeven wordt, een opname
eventjes onderbroken of is er plaatsvindt, enz. Door onder dergelijke omstandigheden een toets in te drukken verandert de bij de
een subtiel verschil in hoe de toon ingebouwde effectinstelling waardoor noten tijdelijk onderbroken kunnen worden of waardoor
effecten worden toegepast.
een subtiel verschil kan optreden in hoe de effecten worden toegepast.
D-38
Referentie
Technische gegevens
Model
AP-420BK/AP-420BN
Toetsenbord
Piano toetsenbord met 88 toetsen en met aanslaggevoeligheid
Maximale polyfonie
128 noten
Tonen
16
• Lagen (exclusief bastonen)
• Splitsen (alleen bij bastonen in het lage bereik)
Effecten
Helderheid (–3 tot 0 tot 3), Nagalm (4 types), Zweving (4 types), DSP, Akoestische resonantie
Metronoom
• Maatslagen: 0, 2, 3, 4, 5, 6
• Tempobereik: 20 tot en met 255
Duet
Instelbaar toonbereik (–1 tot en met 2 octaven)
Muziekbibliotheek
• Aantal melodieën: 60, Gebruikersmelodieën: 1 (geheugencapaciteit; maximaal 65 KB )*
* Gebaseerd op 1 KB = 1024 bytes, 1 MB = 10242 bytes
• Volume van de melodie: Instelbaar
• Onderdeel aan/uit: L (links), R (rechts)
Recorder
•
•
•
•
•
Pedalen
Demper (met halverwege intrappen), Zacht, Sostenuto
Overige functies
•
•
•
•
•
•
Functies: Real-time opname, weergave
Aantal melodieën: 1
Aantal sporen: 2
Capaciteit: Circa 5000 noten in het totaal
Beveiliging van opgenomen data: Ingebouwd flash-geheugen
Aanslaggevoeligheidselectie: 3 types, uit
Transpositie: 2 octaven (–12 tot 0 tot 12)
Toonschaal: A4 = 440,0 Hz ±99 cents (variabel)
Temperament
Octaafverschuiving
Bedieningsvergrendeling
MIDI
16 kanalen multi-klankkleuren ontvangst
SD geheugenkaarten
• SD geheugenkaartgleuf
• Ondersteunde SD geheugenkaarten: Maximaal 2 GB
• Functies: SMF weergave, bestandopslag, bestandoproep, formatteren van een kaart
Ingangaansluitingen/
uitgangsaansluitingen
• PHONES aansluitingen: Stereo standaardaansluitingen × 2
• Spanning: 24 V gelijkstroom
• Lijnuitgang R, L/Mono aansluitingen (LINE OUT R, L/MONO): Standaardaansluitingen × 2
Uitgangsimpedantie: 2,3 KΩ
Uitgangsspanning: 1,1 V (RMS) MAX
• USB poort: TYPE B
• Pedaalaansluiting
Luidsprekers
φ 12 cm × 2 + φ 5 cm × 2 (Uitgangsvermogen 20 W + 20 W)
Stroomvereisten
Netadapter: AD-E24250LW
Stroomverbruik
24 V = 60 W
Afmetingen
Digitale Piano en standaard: 139,5 (W) × 42,7 (D) × 83,5 (H) cm
Gewicht
Digitale Piano en standaard: Circa 40,0 kg
• Technische gegevens en ontwerp onder voorbehoud.
D-39
Referentie
Bedieningsvoorzorgsmaatregelen
Zorg ervoor de volgende voorzorgsmaatregelen te
lezen en in acht te nemen.
■ Plaats
Vermijd de volgende plaatsen voor dit product.
• Plaatsen die blootstaan aan het directe zonlicht en
een hoge vochtigheid
• Plaatsen die blootstaan aan temperatuurextremen
• Bij een radio, televisie, videodeck of tuner
De bovengenoemde toestellen veroorzaken geen
storingen bij het product maar het product kan wel
storing veroorzaken bij het beeld of het geluid van
een toestel in de onmiddellijk omgeving.
■ Onderhoud door de gebruiker
• Gebruik nooit benzine, alcohol, verfverdunner of
andere chemische reinigingsmiddelen om het
product te reinigen.
• Veeg het product of het toetsenbord af met een
zachte doek ietwat bevochtigd met een milde
oplossing van water en een mild neutraal
reinigingsmiddel. Wring overtollig water uit de
doek voordat u het product gaat afvegen.
■ Meegeleverde en los verkrijgbare
accessoires
Gebruik enkel accessoires die gespecificeerd zijn voor
het gebruik met dit product. Het gebruik van niet
erkende accessoires kan het gevaar op brand,
elektrische schok en persoonlijk letsel met zich
meebrengen.
■ Voeglijnen
Er kunnen lijnen zichtbaar zijn aan de buitenkant van
het product. Er zijn “voeglijnen” die het resultaat zijn
van het proces waarbij het plastic in een vorm wordt
gegoten. Dit zijn geen breuken of krassen.
■ Etiquette aangaande muziekinstrumenten
Wees altijd bedacht op anderen wanneer u dit product
gebruikt. Wees in het bijzonder ’s avonds laat
voorzichtig om het volume op een niveau te houden
dat het geluid anderen niet stoort. Andere maatregelen
die u kunt nemen wanneer u ’s nachts laat speelt zijn
het sluiten van het venster en het gebruik van een
hoofdtelefoon.
D-40
• Het gedeeltelijk of in zijn geheel kopiëren van de
inhoud van deze handleiding is verboden. Met
uitzondering van uw eigen persoonlijke gebruik, is
het aanwenden van de inhoud van deze handleiding
voor niet-bedoelde doeleinden zonder de
uitdrukkelijke toestemming van CASIO verboden
onder de wetgeving inzake auteursrechten.
• IN GEEN GEVAL ZAL CASIO AANSPRAKELIJK
ZIJN VOOR SCHADE IN ENIGE VORM
(INCLUSIEF EN ZONDER BEPERKINGEN DE
SCHADE DOOR HET VERLIES VAN WINSTEN,
ONDERBREKINGEN VAN ZAKELIJKE
BELANGEN, VERLIES VAN INFORMATIE) DIE
VOORTKOMT UIT HET GEBRUIK VAN OF DE
ONMOGELIJKHEID TOT HET GEBRUIK VAN
DEZE HANDLEIDING OF DIT PRODUCT, ZELFS
ALS CASIO ER OP ATTENT GEMAAKT IS DAT DE
MOGELIJKHEID OP DERGELIJKE SCHADE
BESTAAT.
• De inhoud van deze handleiding is onder
voorbehoud.
■ Voorzorgsmaatregelen bij het hanteren van
de netadapter
• Gebruik een stopcontact dat gemakkelijk te bereiken
is zodat u de netadapter er uit kunt halen wanneer
een probleem optreedt of als u dat om een andere
reden moet doen.
• De netadapter is enkel bedoeld voor gebruik binnen.
Gebruik deze niet waar de netadapter blootgesteld is
aan spatten of vocht. Plaats geen bakken, zoals een
bloemenvaas, met water op de netadapter.
• Berg de netadapter op een droge plaats op.
• Gebruik de netadapter op een open, goed
geventileerde plaats.
• Dek de netadapter nooit af met een krant, een
tafeldoek, een gordijn of een dergelijk item.
• Haal de netadapter uit de stopcontact als u van plan
de Digitale Piano voor langere tijd niet te gebruiken.
• Probeer de netadapter nooit te repareren en knutsel
er nooit aan.
• Werkingsomgeving van de netadapter
Temperatuur: 0 tot en met 40°C
Vochtigheid: 10% tot en met 90% vochtigheid
• Uitgangspolariteit:
Referentie
Voorzorgsmaatregelen bij het hanteren van de netadapter
Model: AD-E24250LW
1. Lees deze aanwijzingen.
2. Houd deze aanwijzingen bij de hand.
3. Neem alle waarschuwingen in acht.
4. Volg alle aanwijzingen.
5. Gebruik dit product niet in de buurt van water.
6. Reinig alleen met een droge doek.
7. Niet installeren in de buurt van radiatoren, uitblaasroosters van kachels, kachels of andere warmtebronnen
(inclusief versterkers).
8. Gebruik enkel toebehoren en accessoires die gespecificeerd worden door de fabrikant.
9. Laat alle onderhoud over aan erkend onderhoudspersoneel. Onderhoud is noodzakelijk bij één van de
volgende omstandigheden: Wanneer het product beschadigd is, het netsnoer of de netstekker beschadigd
is, wanneer vloeistof over het apparaat wordt gespild, wanneer een vreemd voorwerp in het product valt,
wanneer het product blootgesteld is aan regen of vocht, wanneer het product niet normaal werkt en
wanneer het product gevallen is.
10. Sta niet toe dat het product wordt blootgesteld aan vloeistof dat er op druipt of tegen aan spat. Plaats geen
voorwerpen met vloeistof op dit product.
11. Laat de elektrische belasting niet de nominale belasting overschreiden.
12. Let erop dat de omgeving droog is voordat u het toestel aansluit op een stroombron.
13. Let er op dat het product in de juiste richting wordt geplaatst.
14. Haal de stekker uit het stopcontact tijdens onweersbuien en wanneer u het apparaat voor langere tijd niet
gaat gebruiken.
15. Laat de ventilatie openingen van het product niet geblokkeerd worden. Plaats het product in overeenkomst
met de aanwijzingen van de fabrikant.
16. Let erop dat het netsnoer op een plaats ligt waar er niet op wordt getrapt of zodat het niet te veel buigt, in
het bijzonder dichtbij de stekkers en de stopcontactdoos en op plaatsen waar het snoer uit het product
komt.
17. De netadapter dient zo dicht mogelijk bij het product in de buurt op een stopcontact te worden aangesloten
opdat de stekker onmiddellijk uit het stopcontact kan worden getrokken in noodgevallen.
Het onderstaande symbool is een waarschuwing dat er niet geïsoleerde gevaarlijke spanning aanwezig is
binnen de behuizing van het product, hetgeen sterk genoeg kan zijn om een gevaar te vormen op elektrische
schok voor de gebruiker.
’
Het onderstaande symbool is een waarschuwing die wijst op de aanwezigheid van belangrijke
onderhoudsaanwijzingen in de documentatie die met het product wordt meegeleverd.
*
D-41
Appendix
Toonlijst
Toonnaam
Melodielijst
Programmaverandering
Bankselectie MSB
Nr.
Melodienaam
01
Nocturne Op.9-2
Fantaisie-Impromptu Op.66
GRAND PIANO MODERN
0
2
02
GRAND PIANO CLASSIC
0
1
03
Étude Op.10-3 “Chanson de l’adieu”
GRAND PIANO VARIATION
0
0
04
Étude Op.10-5 “Black Keys”
ELEC PIANO
4
0
05
Étude Op.10-12 “Revolutionary”
FM E.PIANO
5
0
06
Étude Op.25-9 “Butterflies”
60’S E.PIANO
4
1
07
Prélude Op.28-7
HARPSICHORD
6
0
08
Valse Op.64-1 “Petit Chien”
VIBRAPHONE
11
0
09
Valse Op.64-2
PIPE ORGAN
19
0
10
Moments Musicaux 3
JAZZ ORGAN
17
0
11
Impromptu Op.90-2
ELEC ORGAN 1
16
0
12
Marche Militaire 1 (Duet)
ELEC ORGAN 2
16
1
13
Frühlingslied [Lieder Ohne Worte Heft 5]
STRINGS 1
49
0
14
Fröhlicher Landmann [Album für die Jugend]
STRINGS 2
48
0
15
Von fremden Ländern und Menschen [Kinderszenen]
BASS (LOWER) 1
32
0
16
Träumerei [Kinderszenen]
BASS (LOWER) 2
32
1
17
Tambourin
18
Menuet BWV Anh.114 [Clavierbüchlein der Anna Magdalena Bach]
19
Inventio 1 BWV 772
20
Inventio 8 BWV 779
21
Inventio 13 BWV 784
22
Praeludium 1 BWV 846 [Das Wohltemperierte Klavier 1]
23
Le Coucou
24
Gavotte
25
Sonatina Op.36-1 1st Mov.
26
Sonatine Op.20-1 1st Mov.
27
Sonate K.545 1st Mov.
28
Sonate K.331 3rd Mov. “Turkish March”
29
Rondo K.485
30
Für Elise
31
Marcia alla Turca
32
Sonate Op.13 “Pathétique” 1st Mov.
33
Sonate Op.13 “Pathétique” 2nd Mov.
34
Sonate Op.13 “Pathétique” 3rd Mov.
35
Sonate Op.27-2 “Moonlight” 1st Mov.
36
Rhapsodie 2
37
Waltz Op.39-15 (Duet)
38
Liebesträume 3
39
Blumenlied
40
La Prière d’une Vierge
41
Csikos Post
42
Humoresque Op.101-7
43
Melodie [Lyrische Stücke Heft 2]
44
Sicilienne Op.78
45
Berceuse [Dolly] (Duet)
46
Arabesque 1
47
La Fille aux Cheveux de Lin [Préludes]
48
Passepied [Suite bergamasque]
49
Gymnopédie 1
50
Je Te Veux
51
Salut d’Amour
52
The Entertainer
53
Maple Leaf Rag
54
L’arabesque [25 Etüden Op.100]
55
La Styrienne [25 Etüden Op.100]
56
Ave Maria [25 Etüden Op.100]
57
Le retour [25 Etüden Op.100]
58
La chevaleresque [25 Etüden Op.100]
59
No.13 [Études de Mécanisme Op.849]
60
No.26 [Études de Mécanisme Op.849]
A-1
MIDI Implementation Chart
Model AP-420
Function
Transmitted
Recognized
Basic
Channel
Default
Changed
1 - 16
1 - 16
1 - 16
1 - 16
Mode
Default
Messages
Altered
Mode 3
X
Mode 3
X
0 - 127
0 - 127
0 - 127*1
O 9nH v = 1 - 127
X 8nH v = 64
O 9nH v = 1 - 127
X 9nH v = 0, 8nH v =**
X
X
X
O
X
O
O
X
X
X
O
X
X
X
X
X
X
O
X
O
O
X
X
X
X
X
X
X
X
X
O
X
X
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
O
Note
Number
True voice
Velocity
Note ON
Note OFF
After
Touch
Key’s
Ch’s
Pitch Bender
0, 32
1
5
6, 38
7
10
11
16
17
18
19
64
65
66
67
76
77
78
80
81
82
83
84
91
93
100, 101
120
121
Control
Change
Program
Change
O
Remarks
*1: Hangt af van de toon.
**: geen relatie
Bank select
Modulation
Portamento Time
Data entry LSB, MSB*2
Volume
Pan
Expression
DSP Parameter0*2
DSP Parameter1*2
DSP Parameter2*2
DSP Parameter3*2
Damper
Portamento Switch
Sostenuto
Soft pedal
Vibrato rate
Vibrato depth
Vibrato delay
DSP Parameter4*2
DSP Parameter5*2
DSP Parameter6*2
DSP Parameter7*2
Portamento Control
Reverb send
Chorus send
RPN LSB, MSB*2
All sound off
Reset all controller
O
0 - 127
:True #
System Exclusive
O
O
System
Common
: Song Pos
: Song Sel
: Tune
X
X
X
X
X
X
System
Real Time
: Clock
: Commands
O
O
X
X
Aux
: Local ON/OFF
: All notes OFF
: Active Sense
: Reset
X
O
X
X
X
O
O
X
Messages
Version : 1.0
*2
Remarks
*2: Zie voor details “MIDI Implementation” op Casio’s homepage http://world.casio.com/.
Mode 1 : OMNI ON, POLY
Mode 3 : OMNI OFF, POLY
Mode 2 : OMNI ON, MONO
Mode 4 : OMNI OFF, MONO
O : Yes
X : No
Dit kringloopteken geeft aan dat de verpakking voldoet aan de
wetgeving betreffende milieubescherming in Duitsland.
MA1203-B
AP420D1B
Download PDF

advertising