LG | DC12RQ.UL2 | Owner's Manual | LG DC12RQ.UL2 Handleiding

LG DC12RQ.UL2 Handleiding
HANDLEIDING
AIRCONDITIONER
Lees deze handleiding aandachtig door voordat u het apparaat gebruikt en houd deze
te allen tijde binnen handbereik.
TYPE: AAN DE MUUR BEVESTIGD
Vertaling van de oorspronkelijke instructie
NL
Nederlands
www.lg.com
Copyright © 2018 LG Electronics Inc. Alle rechten voorbehouden.
INHOUDSOPGAVE
Deze handleiding kan afbeeldingen of inhoud
bevatten die verschillen van het aangeschafte
model.
Deze handleiding is onderhevig aan
herziening door de fabrikant.
VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN................................................3
BELANGRIJKE VEILIGHEIDSINSTRUCTIES................................................ 4
GEBRUIK.....................................................................................11
Aanwijzingen voor het gebruik....................................................................... 11
Onderdelen en functies.................................................................................. 11
Draadloze afstandsbediening........................................................................ 12
De airconditioner automatisch herstarten...................................................... 17
Gebruik van de functie modus....................................................................... 17
De functie Jet Mode gebruiken...................................................................... 20
De functie Ventilatiesnelheid gebruiken......................................................... 21
De functie luchtstroomrichting gebruiken....................................................... 21
De aan/uit-timer instellen............................................................................... 22
De Slaapfunctie (optioneel) gebruiken........................................................... 23
De Eenvoudige slaapfunctie (optioneel) gebruiken....................................... 23
De functie Energieweergave (optioneel) gebruiken....................................... 24
De functie Licht uit (optioneel) gebruiken...................................................... 24
De functie Comfortlucht (optioneel) gebruiken.............................................. 24
De functie Energiecontrole (optioneel) gebruiken.......................................... 25
Speciale functies gebruiken........................................................................... 25
SMART FUNCTIES.....................................................................27
De LG SmartThinQ-applicatie gebruiken....................................................... 27
ONDERHOUD..............................................................................30
Reinig de luchtfilter........................................................................................ 32
PROBLEEMOPLOSSING...........................................................33
VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
NL
De volgende veiligheidsvoorschriften zijn bedoeld om onvoorziene
risico's of schade door onveilig of verkeerd gebruik van het
product te voorkomen.
De richtlijnen zijn onderverdeeld in 'WAARSCHUWING' en ' LET OP
' zoals hieronder beschreven.
Dit symbool wordt weergegeven om zaken en
handelingen aan te geven die risico's kunnen
veroorzaken. Lees het gedeelte met dit symbool
zorgvuldig door en volg de instructies om risico's te
vermijden.
WAARSCHUWING
Dit geeft aan dat het niet opvolgen van de instructies
ernstig letsel of de dood tot gevolg kan hebben.
LET OP
Dit geeft aan dat het niet opvolgen van de instructies letsel
of schade aan het product tot gevolg kan hebben.
De onderstaande symbolen worden weergegeven op binnen- en
buitenunits.
Dit symbool geeft aan dat dit apparaat een brandbaar
koelmiddel gebruikt. Als het koelmiddel lekt en
blootgesteld wordt aan een externe ontstekingsbron,
treedt er brandgevaar op.
Dit symbool geeft aan dat de handleiding aandachtig
moet wordt gelezen.
Dit symbool geeft aan dat onderhoudspersoneel met dit
apparaat moet omgaan aan de hand van de
installatiehandleiding.
Dit symbool geeft aan dat informatie, zoals de
handleiding of installatiehandleiding, beschikbaar is.
3
NL
BELANGRIJKE VEILIGHEIDSINSTRUCTIES
WAARSCHUWING
Volg om het risico op explosie, vuur, overlijden, elektrische
schok, letsel of verbranding van personen tijdens het
gebruik van dit product te verminderen de
basisvoorzorgsmaatregelen, met inbegrip van de volgende,
op:
Kinderen in het gezin
Dit apparaat is niet bedoeld voor gebruik door personen (inclusief
kinderen) met verminderde fysieke, zintuiglijke of mentale
capaciteiten of een gebrek aan ervaring en kennis, tenzij ze met
betrekking tot het gebruik van dit apparaat geïnstrueerd zijn door of
onder toezicht zijn van een persoon die verantwoordelijk is voor
hun veiligheid. Kinderen moeten onder toezicht gehouden worden
om te garanderen dat ze niet met het apparaat spelen.
Voor gebruik in Europa:
Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaar en
ouder en personen met verminderde lichamelijke, zintuiglijke of
verstandelijke vermogens of gebrek aan ervaring en kennis, als ze
onder toezicht staan of worden geïnstrueerd over het veilig gebruik
van het apparaat en bijbehorende gevaren begrijpen. Kinderen
mogen niet met het apparaat spelen. Reiniging en onderhoud door
de gebruiker mogen niet worden uitgevoerd door kinderen zonder
toezicht.
Installatie
•Installeer
•
de airconditioner niet op een onstabiel oppervlak of op
een plek waar gevaar op vallen bestaat.
•Neem
•
contact op met een geautoriseerd servicecentrum voor de
installatie of verplaatsing van de airconditioner.
•Installeer
•
het paneel en de afdekking van de schakelkast veilig.
4
NL
•Installeer
•
de airconditioner niet op een plek waar ontvlambare
vloeistoffen of gassen zoals diesel, propaan, verfverdunner etc.
zijn opgeslagen.
•Zorg
•
ervoor dat de buis en voedingskabel die de units binnen en
buiten verbinden niet te strak getrokken worden bij het installeren
van de airconditioner.
•Gebruik
•
een standaard een stroomonderbreker en zekering die
geschikt zijn voor de klasse van de air conditioner.
•Voer
•
geen gas of lucht in het systeem, met uitzondering van de
specifieke koelvloeistof.
•Gebruik
•
een niet-ontvlambaar gas (stikstof) om op lekkage te
controleren en lucht te verwijderen; het gebruik van perslucht of
ontvlambaar gas kan tot vuur of explosie leiden.
•De
• binnen/buitenaansluitingen moeten stevig vastgezet worden en
de kabel moet correct gelegd worden, zodat er geen spanning op
staat en de kabel uit de aansluitingen getrokken kan worden.
Onjuiste of slechte verbindingen kunnen leiden tot
warmteproductie of vuur.
•Installeer
•
een specifieke elektrische aansluiting en
stroomonderbreker, voordat u de airconditioner gebruikt.
•Sluit
•
de aardekabel niet aan op een gasleiding, een
bliksemafleider of een telefoonaarding.
•Zorg
•
ervoor dat alle noodzakelijke ventilatieopeningen niet worden
belemmerd.
Gebruik
•Gebruik
•
alleen de delen die op de lijst met onderdelen staan.
Probeer het apparaat nooit te wijzigen.
•Zorg
•
ervoor dat kinderen niet op de unit buiten klimmen of er op
slaan.
•Leg
•
lege batterijen op een plek waar geen gevaar op vuur
bestaat.
•Gebruik
•
alleen de op het label van de airconditioner
gespecificeerde koelvloeistof.
5
NL
•Onderbreek
•
de stroomtoevoer als er lawaai, stank of rook uit de
airconditioner komt.
•Plaats
•
geen ontvlambare substanties, zoals diesel, benzeen, of
verdunner in de buurt van de airconditioner.
•Neem
•
contact op met een geautoriseerd servicecentrum als de
airconditioner onder water heeft gestaan bij een overstroming.
•Gebruik
•
de airconditioner niet gedurende een langere periode in
een kleine ruimte, zonder voldoende ventilatie.
•In
• geval van een gaslek (zoals Freon, propaangas, LP-gas etc.)
voor het opnieuw gebruiken van de airconditioner goed ventileren.
•Neem
•
contact op met een geautoriseerd servicecentrum of een
dealer voor de reiniging van de binnenzijde. Het gebruik van
agressieve schoonmaakmiddelen kan leiden tot corrosie of schade
aan de unit.
•Zorg
•
voor voldoende ventilatie als de air conditioner tegelijk met
een verwarmend apparaat, zoals een verwarming, gebuikt wordt.
•Blokkeer
•
de luchttoevoer en -uitvoer niet.
•Steek
•
geen handen of objecten in de luchttoevoer of -uitvoer als
de airconditioner aan staat.
•Zorg
•
ervoor dat de stroomkabel niet vuil, los of kapot is.
•Zorg
•
ervoor dat u de airconditioner nooit aanraakt of repareert met
natte handen.
•Plaats
•
geen voorwerpen op de stroomkabel.
•Plaats
•
geen verwarming of andere verwarmende apparaten in de
buurt van de stroomkabel.
•Wijzig
•
of verleng de stroomkabel niet. Krassen of loslatende
isolatie op de stroomkabel kan leiden tot vuur of elektrische schok
en moet vervangen worden.
•Onderbreek
•
de stroomtoevoer onmiddellijk in het geval van
stroomstoring of een onweersbui.
6
NL
•Zorg
•
ervoor dat de voedingskabel er niet uit kan worden getrokken
of beschadigd kan raken tijdens het gebruik.
•Raak
•
de koelmiddelleiding, de waterleiding of interne onderdelen
niet aan wanneer het apparaat werkt of onmiddellijk na de
werking.
Onderhoud
•Maak
•
het apparaat niet schoon door direct water op het product te
spuiten.
•Koppel
•
de stroomtoevoer los en wacht tot de ventilator stopt
voordat u begint met schoonmaken of onderhoud.
Technische veiligheid
•Installatie
•
of reparaties die uitgevoerd worden door
ongeautoriseerde personen kunnen u en anderen in gevaar
brengen.
•Iedere
•
persoon die betrokken is bij het werken aan op of het
openen van een koelcircuit, moet een geldig certificaat van een
door de industrie erkende beoordelingsinstantie bezitten die hun
bevoegdheid verleent om koelmiddelen veilig te behandelen in
overeenstemming met de door de industrie erkende
beoordelingsspecificaties.
•Onderhoud
•
mag alleen worden uitgevoerd zoals aanbevolen door
de fabrikant van de apparatuur. Onderhoud en reparatie waarbij
de hulp van ander gekwalificeerd medewerker vereist is, moeten
worden uitgevoerd onder toezicht van een persoon die bevoegd is
om brandbare koelmiddelen te gebruiken.
•De
• informatie in deze handleiding is bedoeld voor gebruik door
een gekwalificeerde technicus, die bekend is met de
veiligheidsprocedures en die over het juiste gereedschap en
testinstrumenten beschikt.
•Het
•
niet lezen en opvolgen van alle instructies uit deze
handleiding kan leiden tot slechte werking van het apparaat,
schade aan eigendommen, persoonlijk letsel en/of de dood.
7
NL
•Dit
• apparaat dient geïnstalleerd te worden conform de nationale
richtlijnen voor de bedrading.
•Indien
•
een stroomkabel vervangen moet worden, dienen de
werkzaamheden hiervoor uitgevoerd te worden door geautoriseerd
personeel, dat uitsluitend originele reserveonderdelen gebruikt.
•Dit
• apparaat moet correct geaard worden om het risico op een
elektrische schok te minimaliseren.
•Snijd
•
de aardingskabel niet door en verwijder deze niet uit het
stopcontact.
•Het
•
bevestigen van de aardingsadapter aan de houder van de
afdekschroef op de muur aardt het apparaat niet, tenzij de
afdekschroef van metaal is, niet geïsoleerd is en de muurhouder
geaard is door de huisbedrading.
•Laat
•
de muurhouder en het circuit controleren door een
gekwalificeerde elektricien als u twijfelt of de airconditioner goed
geaard is.
•De
• koelvloeistof en het isolatiegas die gebruikt worden in dit
apparaat vereisen speciale procedures voor de verwijdering ervan.
Neem contact op met een onderhoudsmonteur of een gelijksoortig
gekwalificeerd persoon voordat u deze verwijderd.
•Indien
•
de voedingskabel beschadigd is, moet deze vervangen
worden door de fabrikant of zijn onderhoudsmonteur om gevaren
te vermijden.
•Het
•
apparaat moet worden opgeslagen in een goed geventileerde
ruimte, waarbij de grootte van de ruimte overeenkomt met de
ruimte die voor het gebruik is opgegeven.
•Het
•
apparaat moet worden opgeslagen in een ruimte zonder
continu open vuur (bijvoorbeeld een werkend gasapparaat) en
ontstekingsbronnen (bijvoorbeeld een werkend elektrische
verwarmingsinrichting).
•Het
•
apparaat moet worden opgeslagen om te voorkomen dat
mechanische schade optreedt.
8
NL
LET OP
Volg om het risico op licht letsel aan personen, slechte
werking of schade aan het product of eigendommen bij het
gebruik van dit product te verlagen de algemene
voorzorgsmaatregelen, met inbegrip van de volgende, op:
Installatie
•Installeer
•
de airconditioner niet in een gebied waar deze direct is
blootgesteld aan zeewind (zoutnevel).
•Installeer
•
de afvoerpijp correct voor een goede afvoer van het
condenswater.
•Wees
•
voorzichtig bij het uitpakken of installeren van de
airconditioner.
•Raak
•
tijdens de installatie of reparatie lekkende koelvloeistof niet
aan.
•Verplaats
•
de airconditioner met twee of meer personen of gebruik
een heftruck.
•Installeer
•
de unit buiten op zo'n manier dat deze beschermd is
tegen direct zonlicht. Plaats de unit binnen niet op een plek waar
deze direct blootgesteld is aan zonlicht via de ramen.
•Verwijder
•
veilig het verpakkingsmateriaal, zoals schroeven, nagels
of batterijen en gebruik een goede verpakking na installatie of
reparatie.
•Installeer
•
de airconditioner op een plek waar het lawaai van de
unit buiten of de uitlaatgassen niet voor overlast bij de buren
zorgen. Als u dit niet doet, kan dit conflicten met de buren tot
gevolg hebben.
Gebruik
•Verwijder
•
de batterijen als de afstandsbediening gedurende een
langere periode niet gebruikt wordt.
9
NL
•Zorg
•
ervoor dat de filter geïnstalleerd is voordat de airconditioner
gebruikt wordt.
•Controleer
•
na installatie of reparatie van de air conditioner of er
koelmiddel lekt.
•Plaats
•
geen voorwerpen op de airconditioner.
•Mix
•
nooit verschillende soorten batterijen, of oude en nieuwe
batterijen in de afstandsbediening.
•Laat
•
de airconditioner niet gedurende lange tijd werken als de
luchtvochtigheid zeer hoog is of als er een deur of raam open
staat.
•Gebruik
•
de afstandsbediening niet meer als een batterij vloeistof
gelekt heeft. Spoel goed af met schoon water als uw kleren of
huid blootgesteld zijn aan de lekkende vloeistof van de batterij.
•Stel
•
geen personen, dieren of planten gedurende langere periodes
bloot aan de koude of warme wind van de airconditioner.
•Indien
•
de lekkende batterijvloeistof ingeslikt wordt: de mond goed
spoelen en contact opnemen met een arts.
•Drink
•
het door de airconditioner afgevoerde water niet.
•Gebruik
•
het product niet voor speciale doeleinden, zoals het
conserveren van eten, kunstwerken etc. Dit betreft een
airconditioner voor consumenten, geen nauwkeurig
koelingssysteem. Er bestaat risico op schade of verlies van
eigendommen.
•Laad
•
de batterijen niet opnieuw op en haal ze niet uit elkaar.
Onderhoud
•Raak
•
de metalen onderdelen van de airconditioner niet aan bij het
verwijderen van het luchtfilter.
•Gebruik
•
een stevige stoel of ladder bij het schoonmaken,
onderhouden of repareren van de airconditioner op hoogte.
•Gebruik
•
nooit sterke schoonmaak- of oplosmiddelen bij het
reinigen van de airconditioner en spuit niet met water. Gebruik een
zachte doek.
10
GEBRUIK
NL
Aanwijzingen voor het gebruik
Suggestie voor energiebesparing
••Koel binnen niet op een excessieve manier. Dit kan schadelijk zijn voor uw gezondheid en verbruikt meer
elektriciteit.
••Blokkeer zonlicht met gordijnen of luiken als u de airconditioner gebruikt.
••Houd ramen en deuren goed dicht als u de airconditioner gebruikt.
••Pas de richting van de luchtstroom verticaal of horizontaal aan om lucht binnen te laten circuleren.
••Laat de ventilator sneller draaien om lucht binnen snel af te koelen of op te warmen, in een korte periode.
••Open de ramen regelmatig om te ventileren, de kwaliteit van de binnenlucht kan verslechteren als de
airconditioner gedurende langere periodes gebruikt wordt.
••Reinig de luchtfilter een keer in de 2 weken. Stof en vuil in de luchtfilter kunnen de luchtstroom blokkeren
of de koelende en ontvochtigende functies verslechteren.
Onderdelen en functies
Unit binnen
Unit buiten
Binnenscherm
9
8
1 Luchtfilter
1 Luchttoevoeropeningen
2 Luchttoevoer
2 Luchtafvoeropeningen
3 Voorpaneel
3 Basisplaat
4 Luchtafvoer
4 Netsnoer
5 Luchtdeflector (horizontale klep) 5 Afvoerslang
6 Luchtdeflector (verticaal
rooster)
6 Koelmiddelbuizen
1 Gewenste temperatuur /
kamertemperatuur
2 Ontdooien / voorverwarmen
3 Wi-Fi
4 Timer
5 Aan/uit
7 Aan-/uitknop
8 Scherm
9 Signaal ontvanger
OPMERKING
••Het aantal en de plaats van de lampjes kan afwijken afhankelijk van het model van de airconditioner.
••Dit kenmerk kan gewijzigd zijn afhankelijk van het type model.
11
NL
Draadloze afstandsbediening
Methode voor gebruik
Batterijen plaatsen
Richt om deze te gebruiken de afstandsbediening
op de signaalontvanger aan de rechterkant van de
airconditioner.
Vervang de batterijen indien het display van de
afstandsbediening vervaagt. Plaats AAA (1,5V)
batterijen voordat u de afstandsbediening gebruikt.
1
Verwijder het batterijklepje.
2
Plaats de nieuwe batterijen en zorg ervoor dat
de + en - aansluitingen van de batterijen
correct geplaatst zijn.
OPMERKING
••De afstandsbediening kan andere elektronische
apparaten aansturen, indien deze erop gericht
wordt. Zorg ervoor dat de afstandsbediening op
de signaalontvanger van de airconditioner gericht
wordt.
••Gebruik voor een goede werking een zachte doek
om de ontvanger en zender van het signaal
schoon te maken.
De houder van de afstandsbediening
installeren
Plaats om de afstandsbediening te beschermen de
houder op een plek waar geen direct zonlicht is.
1
Kies een veilige en makkelijk toegankelijke
plek.
2
Bevestig de houder door de 2 schroeven stevig
vast te draaien met een schroevendraaier.
12
••In het geval een functie niet op het product
beschikbaar is, zal er ook geen buzzergeluid te
horen zijn als de knop voor deze functie op de
afstandbediening wordt ingedrukt. Behalve bij de
functies Richting luchtstroom ( SWING ),
Energieweergave (kW [3 s]), Luchtzuivering (
).
NL
De tijd instellen
1
2
3
De airconditioner gebruiken zonder
de afstandsbediening
Plaats de batterijen.
••Het icoon hieronder knippert onder op het
scherm.
Druk op de knop
selecteren.
of
om de minuten te
Druk op de knop SET/CANCEL om het te
voltooien.
U kunt de ON/OFF knop van de unit binnen
gebruiken om de airconditioner aan of uit te zetten,
als de afstandsbediening niet beschikbaar is.
1
Open het voorpaneel (Type2) of horizontale
klep (Type1).
2
Druk op de knop ON/OFF.
Type1
OPMERKING
••De aan/uit-timer is beschikbaar nadat de tijd is
ingesteld.
Het gebruik van de °C/°F
omschakelfunctie (optioneel)
ON/OFF
Type2
Deze functie verandert eenheid tussen °C en °F
••Houd de knop
ingedrukt.
SWING
℃↔℉ [5 s]
ongeveer 5 seconden
ON/OFF
OPMERKING
••De stappenmotor kan kapot zijn, als de
horizontale klep snel opent.
••De snelheid van de ventilator is te hoog ingesteld.
••Dit kenmerk kan gewijzigd zijn afhankelijk van het
type model.
••De temperatuur kan niet veranderd worden bij het
gebruik van deze noodknop voor ON/OFF.
••Voor modellen die koelen en verwarmen is de
temperatuur ingesteld van 22 tot 24 °C
13
NL
Het gebruik van de draadloze afstandsbediening
U kunt de airconditioner beter gebruiken met de afstandsbediening.
Beschikbare Functie
Knop
Beeldscherm
Beschrijving
gesplitst
2
O
O
Om de gewenste
kamertemperatuur voor
de koelings-,
verwarmings- of
overgangsmodus aan te
passen.
O
O
Om de koelingmodus te
selecteren.
O
O
Om de
verwarmingsmodus te
selecteren.
O
O
Om de
ontvochtigingsmodus te
selecteren.
O
O
Om de ventilatiemodus
te selecteren.
O
O
Om de automatische
overgangs-/
automatische
werkingsmodus te
selecteren.
O
O
JET
MODE
Om de
kamertemperatuur snel
te veranderen.
O
O
FAN
SPEED
Om de ventilatiesnelheid
aan te passen.
O
O
Om de richting van de
luchtstroom verticaal of
horizontaal aan te
passen.
O
O
*
FAN
SPEED
MODE
TEMP
*
JET
MODE
1
kW [3 s]
SWING
℃↔℉ [5 s]
FUNC.
TIMER
SWING
SET UP
ROOM
TEMP
DIAGNOSIS [5 s]
SET
CANCEL
CANCEL
Multi
Om de air conditioner
aan of uit te zetten.
-
*
Enkelvoudig
MODE
RESET
SWING
SWING
OPMERKING
••* knoppen kunnen gewijzigd zijn afhankelijk van het model.
••Als het systeem is aangesloten op de Multi-Buiteneenheid, is het mogelijk dat
de functies Energieweergave, Energiecontrole, Stille functie en de Smart
Diagnosis-functie niet worden ondersteund.
14
NL
Beschikbare Functie
Knop
Beeldscherm
2
*
*
-
Om de speciale functies
en timer in te stellen/te
annuleren.
O
O
-
Om de instellingen van
de timer te annuleren.
O
O
-
Om de tijd aan te
passen.
O
O
-
Om de helderheid van
het scherm op de unit
binnen in te stellen.
O
O
ROOM
TEMP
Om de
kamertemperatuur weer
te geven.
O
O
°C↔°F
[5 s]
Om de eenheid tussen
°C en °F te veranderen.
O
O
*COMFORT
AIR
Om de luchtstroom aan
te passen om de wind af
te buigen.
O
O
kW
[3 s]
Om in te stellen of
informatie met
betrekking tot de energie
wel of niet weergegeven
moet worden.
O
X
Om het effect van de
energiebesparing
duidelijk te maken.
O
X
Om eenvoudig de
onderhoudsinformatie
van een product te
controleren.
O
X
CANCEL
JET
MODE
1
kW [3 s]
SWING
℃↔℉ [5 s]
FUNC.
TIMER
SWING
SET UP
ROOM
TEMP
DIAGNOSIS [5 s]
SET
CANCEL
CANCEL
RESET
Multi
O
SET/
CANCEL
TEMP
gesplitst
O
FAN
SPEED
MODE
Enkelvoudig
Om de airconditioner
automatisch op de
gewenste tijd aan of uit
te zetten.
TIMER
*
Beschrijving
*LIGHT
OFF
-
*ENERGY
CTRL
DIAGNOSIS
[5 s]
-
15
NL
Beschikbare Functie
Knop
Beeldscherm
2
*
*
FUNC.
TEMP
*
JET
MODE
1
kW [3 s]
SWING
℃↔℉ [5 s]
FUNC.
TIMER
SWING
SET UP
ROOM
TEMP
DIAGNOSIS [5 s]
RESET
SET
CANCEL
CANCEL
-
Enkelvoudig
gesplitst
Om de lucht te reinigen
van ongewenste
deeltjes.
FAN
SPEED
MODE
Beschrijving
Multi
O
(optioneel)
O
(optioneel)
Om het geluidsniveau
van het buitendeel te
reduceren.
O
X
Om het vocht te
verwijderen dat zich
tijdens het koelen aan
de binnenzijde van de
unit gevormd heeft.
O
O
Om de instellingen van
de afstandsbediening te
initialiseren.
O
O
OPMERKING
••Sommige functies kunnen afhankelijk van het model niet ondersteund zijn.
••* knoppen kunnen gewijzigd zijn afhankelijk van het model.
RESET
16
••Druk op de knop SET/CANCEL om de geselecteerde FUNC te gebruiken.
NL
De airconditioner automatisch
herstarten.
Wanneer de airconditioner weer wordt aangezet na
een stroomstoring, herstelt deze functie de eerdere
instellingen.
Gebruik van de functie modus
Met deze functie kunt u de gewenste functie
selecteren.
Koelmodus
Automatisch herstarten uitschakelen
1
Open het voorpaneel (Type2) of horizontale
klep (Type1).
Modus Automatisch omschakelen /
Modus Automatische werking (AI)
2
Druk op de knop ON/OFF en houd deze 6
seconden ingedrukt, de unit zal twee keer
piepen en het lampje zal twee keer 4 keer
knipperen.
Ontvochtigingsmodus
••Druk om de functie weer in te schakelen op
de knop ON/OFF en houd deze gedurende 6
seconden ingedrukt. De unit zal twee keer
piepen en het lampje zal 4 keer knipperen.
Verwarmingsmodus
Ventilatiemodus
Type1
Koelmodus
ON/OFF
Type2
1
Zet het apparaat aan.
2
Druk herhaaldelijk op de knop MODE om de
Koelmodus te selecteren.
••
wordt weergegeven op het scherm.
ON/OFF
OPMERKING
••Dit kenmerk kan gewijzigd zijn afhankelijk van het
type model.
••Als u de knop ON/OFF indrukt en gedurende 3
- 5 seconden ingedrukt houdt, in plaats van 6
seconden, zal de unit overschakelen op het
testbedrijf. In het testbedrijf blaast de unit
gedurende 18 minuten hard koele lucht en
schakelt dan over op de standaardinstellingen.
3
Druk op de knop
of
temperatuur in te stellen.
om de gewenste
17
NL
Automatische werking (Kunstmatige
Intelligentie)
Modus Automatisch omschakelen
Multi-model
Deze modus verandert de modus automatisch om
de ingestelde temperatuur op ±2 °C te houden.
In deze bedrijfsmodus wordt het systeem
automatisch bediend door de elektronische
besturing.
1
Zet het apparaat aan.
2
Druk herhaaldelijk op de knop MODE om de
Automatische werking te selecteren.
••
Enkelvoudig gesplitst model
1
Zet het apparaat aan.
2
Druk herhaaldelijk op de knop MODE om de
Modus Automatisch omschakelen te selecteren.
••
wordt weergegeven op het scherm.
3
3
4
18
wordt weergegeven op het scherm.
Druk op de knop
of
temperatuur in te stellen.
Druk op de knop
of
temperatuur in te stellen.
om de gewenste
om de gewenste
Druk op de knop FAN SPEED om de
ventilatiesnelheid aan te passen.
4
Druk op de knop FAN SPEED om de
ventilatiesnelheid aan te passen.
NL
Ontvochtigingsmodus
Verwarmingsmodus
Deze modus verwijdert het overtollige vocht uit een
zeer vochtige omgeving of tijdens het regenachtige
seizoen om schimmelvorming te voorkomen. Deze
modus past de kamertemperatuur en de snelheid
van de ventilator automatisch aan om het optimale
vochtniveau te behouden.
1
Zet het apparaat aan.
2
Druk herhaaldelijk op de knop MODE om de
Verwarmingsmodus te selecteren.
1
Zet het apparaat aan.
2
Druk herhaaldelijk op de knop MODE om de
Ontvochtigingsmodus te selecteren.
••
••
wordt weergegeven op het scherm.
wordt weergegeven op het scherm.
3
Druk op de knop
of
temperatuur in te stellen.
om de gewenste
OPMERKING
OPMERKING
••In deze modus kunt u de kamertemperatuur niet
aanpassen, deze wordt automatisch aangepast.
••De kamertemperatuur wordt niet weergegeven op
het beeldscherm.
••
wordt weergegeven op de binnenunit wanneer
ontdooien is geactiveerd.
••Bovendien wordt deze indicatie op de binnenunit
weergegeven:
−−Wanneer de voorverwarming werkt.
−−Wanneer de ruimtetemperatuur de ingestelde
temperatuur heeft bereikt.
19
NL
Ventilatiemodus
De functie Jet Mode gebruiken
In deze modus wordt lucht binnen gecirculeerd,
zonder de kamertemperatuur te wijzigen.
De kamertemperatuur snel
veranderen
1
Zet het apparaat aan.
2
Druk herhaaldelijk op de knop MODE om de
Ventilatiemodus te selecteren.
••
3
wordt weergegeven op het scherm.
Druk op de knop FAN SPEED om de
ventilatiesnelheid aan te passen.
Deze functie zorgt ervoor dat u in de zomer snel de
binnenlucht af kunt koelen of het snel kunt
opwarmen tijdens de winter.
••De functie Jet Mode is beschikbaar met de
modus Koelen, Verwarmen en Ontvochtigen.
1
Zet het apparaat aan.
2
Druk herhaaldelijk op de knop MODE om de
gewenste modus te selecteren.
3
Druk op de knop JET MODE.
••
wordt weergegeven op het scherm.
OPMERKING
••De modus straalverwarming is op sommige
modellen niet beschikbaar.
••In de modus Straalkoeling wordt gedurende 30
minuten sterke lucht geblazen.
••Na 30 minuten blijft de insteltemperatuur op 18
°C
Als u de temperatuur wilt veranderen, druk dan
of
om de gewenste
op de toets
temperatuur in te stellen.
••In de modus Straalverwarming wordt gedurende
30 minuten sterke lucht geblazen.
••Na 30 minuten blijft de insteltemperatuur op 30
°C
Als u de temperatuur wilt veranderen, druk dan
op de toets
of
om de gewenste
temperatuur in te stellen.
••Deze functie kan anders werken vanaf het
scherm van de afstandsbediening.
20
NL
De functie Ventilatiesnelheid
gebruiken
De functie luchtstroomrichting
gebruiken
De ventilatiesnelheid aanpassen
Deze functie past de richting van de luchtstroom
verticaal (horizontaal) aan.
••Druk herhaaldelijk op de knop FAN SPEED om
de ventilatiesnelheid aan te passen.
Beeldscherm
Snelheid
Hoog
Gemiddeld - Hoog
Gemiddeld
Gemiddeld - Laag
Laag
-
Natuurlijke wind
OPMERKING
••De ventilatorsnelheid van natuurlijke wind wordt
automatisch aangepast.
→
→
••De iconen van de ventilatiesnelheid worden op
sommige units binnen weergegeven.
→
→
→
••Druk herhaaldelijk op de knop SWING ( SWING ) en
selecteer de gewenste richting.
−−Selecteer
(
) om de richting van de
luchtstroom automatisch aan te passen.
OPMERKING
••Het horizontaal aanpassen van de
luchtstroomrichting kan afhankelijk van het model
niet ondersteund zijn.
••De luchtdeflector willekeurig aanpassen kan
leiden tot defecten aan het product.
••Als u de airconditioner herstart, begint deze te
werken met de eerder ingestelde richting van de
luchtstroom, waardoor de luchtdeflector eventueel
niet overeenkomt met het op de
afstandsbediening weergegeven icoon. Druk
wanneer dit gebeurt op de knop SWING of SWING om
de richting van de luchtstroom weer aan te
passen.
••Deze functie kan anders werken vanaf het
scherm van de afstandsbediening.
→
••De weergave op de unit binnen wordt gedurende
slechts 5 sec getoond en keert op sommige
modellen dan terug naar de temperatuurinstelling.
21
NL
De aan/uit-timer instellen
De Uit-timer instellen
Met deze functie wordt de airconditioner in- of
uitgeschakeld op het gewenste tijdstip.
1
De aan/uit-timer kan samen worden ingesteld.
Druk herhaaldelijk op de knop
TIMER
.
••Het icoon hieronder knippert onder op het
scherm.
De Aan-timer instellen
1
Druk herhaaldelijk op de knop
TIMER
.
••Het icoon hieronder knippert onder op het
scherm.
2
3
2
3
Druk op de knop
selecteren.
of
••Na het instellen van de timer wordt de
weergegeven op het
huidige tijd en
beeldscherm en dat de gewenste tijd is
ingesteld.
1
Druk herhaaldelijk op de knop
TIMER
OPMERKING
De Uit-timer uitschakelen
.
••Het icoon hieronder knippert onder op het
scherm.
Druk op de knop SET/CANCEL om de
instelling te annuleren.
Druk op de knop SET/CANCEL om het te
voltooien.
••Deze functie is uitgeschakeld wanneer u de
Eenvoudige timer instelt.
2
2
om de minuten te
weergegeven op het
huidige tijd en
beeldscherm en dat de gewenste tijd is
ingesteld.
1
De Aan-timer uitschakelen
of
••Na het instellen van de timer wordt de
om de minuten te
Druk op de knop SET/CANCEL om het te
voltooien.
Druk op de knop
selecteren.
Druk herhaaldelijk op de knop
TIMER
.
••Het icoon hieronder knippert onder op het
scherm.
Druk op de knop SET/CANCEL om de
instelling te annuleren.
De timerinstelling annuleren.
••Druk op de knop CANCEL om alle instellingen van de
timer te annuleren.
22
NL
De Slaapfunctie (optioneel)
gebruiken
De Eenvoudige slaapfunctie
(optioneel) gebruiken
Deze functie schakelt de airconditioner uit wanneer
u gaat slapen.
Deze functie schakelt de airconditioner uit wanneer
u gaat slapen.
1
1
2
3
4
Zet het apparaat aan.
Druk herhaaldelijk op de knop
TIMER
.
••Het icoon hieronder knippert onder op het
scherm.
Druk op de knop
of
te selecteren (tot 7 uren).
om het aantal uren
Druk op de knop SET/CANCEL om het te
voltooien.
••
wordt weergegeven op het scherm.
2
3
4
Zet het apparaat aan.
Druk herhaaldelijk op de knop
TIMER
.
••Het icoon hieronder knippert onder op het
scherm.
Druk op de knop
of
te selecteren (tot 7 uren).
om het aantal uren
Druk op de knop SET/CANCEL om het te
voltooien.
••
wordt weergegeven op het scherm.
OPMERKING
OPMERKING
••
••Deze functie is uitgeschakeld wanneer u de Timer
uitschakelt.
wordt op sommige units binnen weergegeven.
••Op het scherm van de unit binnen wordt 1H tot
7H weergegeven, gedurende slechts 5 sec en
schakelt dan terug naar de temperatuurinstelling.
••In de Modus Koelen en Ontvochtigen stijgt de
temperatuur na 30 minuten met 1 °C en na nog
eens 30 minuten weer met 1 °C voor comfortabel
slapen.
••De temperatuur stijgt met maximaal 2 °C vanaf
de vooraf ingestelde temperatuur.
••Ook al kan de opmerking voor ventilatiesnelheid
op het beeldscherm gewijzigd zijn, de
ventilatiesnelheid wordt automatisch aangepast.
23
NL
De functie Energieweergave
(optioneel) gebruiken
De functie Licht uit (optioneel)
gebruiken
Deze functie geeft de hoeveelheid gegenereerde
elektriciteit weer op het scherm van de unit binnen,
wanneer het product aan staat.
De helderheid van het scherm
Het huidige energieverbruik
weergeven
••Druk op de knop LIGHT OFF.
1
Zet het apparaat aan.
••Het weergavescherm in-/uitschakelen.
Druk op de knop kW [3 s] en houd deze circa 3
seconden ingedrukt.
De functie Comfortlucht
(optioneel) gebruiken
2
••Het huidige stroomverbruik ( ) wordt een
tijdje weergegeven op sommige units binnen.
OPMERKING
••Het wordt niet weergegeven op de draadloze
afstandsbediening.
••De eenheid van de weergegeven waarde is kW.
••Als het verbruik meer dan 99 kW is, wat het
weergavebereik is, blijft het display 99 kW
weergeven.
U kunt de helderheid instellen van het beeldscherm
op de unit binnen.
OPMERKING
Gebruik comfort ventilatorblad
Deze functie stelt het ventilatorblad handig in op
een positie om de toegevoerde lucht niet direct op
de aanwezige personen te blazen.
1
Zet het apparaat aan.
2
Druk herhaaldelijk op de knop COMFORT AIR
om de gewenste richting te selecteren.
••
••Onder 10 kW geeft het display het verbruik per
0,1 kW weer. Boven 10 kW geeft het display het
verbruik per 1 kW weer.
of
scherm.
wordt weergegeven op het
••De huidige stroom kan afwijken van de
weergegeven stroom.
••Als het systeem is aangesloten op de MultiBuiteneenheid, wordt deze functie mogelijk niet
ondersteund.
OPMERKING
••
of
wordt op sommige units binnen
weergegeven.
••Deze functie is uitgeschakeld als u op de knop
MODE of JET MODE drukt.
••Deze functie is uitgeschakeld en het automatisch
draaien van de verticale richting wordt ingesteld
als u op de knop
SWING
drukt.
••Wanneer deze functie uit staat werkt het
horizontale ventilatorblad automatisch, afhankelijk
van de ingestelde modus.
24
NL
De functie Energiecontrole
(optioneel) gebruiken
1
Zet het apparaat aan.
2
Druk op de knop ENERGY CTRL.
••Druk herhaaldelijk op de knop ENERGY
CTRL om iedere stap te selecteren.
1 stap
2 stap
Speciale functies gebruiken
1
Zet het apparaat aan.
2
Druk herhaaldelijk op de knop FUNC om de
gewenste functie te selecteren.
3
Druk op de knop SET/CANCEL om het te
voltooien.
3 stap
OPMERKING
••1 stap: De stroomtoevoer wordt met 20 %
gereduceerd in vergelijking met de nominale
stroomtoevoer.
−−
Beeldscherm
Om de lucht te reinigen van
ongewenste deeltjes.
wordt weergegeven op het scherm.
Om het geluidsniveau van het
buitendeel te reduceren.
••2 stap: De stroomtoevoer wordt met 40 %
gereduceerd in vergelijking met de nominale
stroomtoevoer.
−−
−−
••
Om het vocht te verwijderen dat
zich tijdens het koelen aan de
binnenzijde van de unit gevormd
heeft.
wordt weergegeven op het scherm.
••3 stap (optioneel): De stroomtoevoer wordt met
60 % gereduceerd in vergelijking met de nominale
stroomtoevoer.
wordt weergegeven op het scherm.
(1 stap),
(2 stap) wordt op sommige units
binnen weergegeven.
••Deze functie is beschikbaar bij de
Koelingsmodus.
Beschrijving
OPMERKING
••Sommige functies kunnen afhankelijk van het
model niet ondersteund zijn.
••Sommige functies kunnen anders werken vanaf
het scherm van de afstandsbediening.
••De capaciteit kan afnemen als de modus
Energiecontrole geselecteerd is.
••De gewenste temperatuur wordt gedurende 5 sec
weergegeven als u op de knop FAN SPEED,
of
drukt.
••De kamertemperatuur wordt gedurende 5 sec
weergegeven als u op de knop ROOM TEMP
drukt.
••Als het systeem is aangesloten op de MultiBuiteneenheid, wordt deze functie mogelijk niet
ondersteund.
25
NL
Speciale functies annuleren
De Functie stille modus gebruiken
1
Druk herhaaldelijk op de knop FUNC om de
gewenste functie te selecteren.
Deze functie voorkomt mogelijke klachten van
buren door het geluid van de units buiten te
reduceren.
2
Druk op de knop SET/CANCEL om de functie
te annuleren.
De functie Luchtpurificatie
gebruiken
Deze functies geven schone, frisse lucht door
iondeeltjes en filters.
Functie
Scherm
Beschrijving
Ionisator
Iondeeltjes uit de
ionisator
steriliseren de
bacteriën in de
lucht en andere
schadelijke
stoffen.
Plasma
Verwijdert volledig
microscopische
vervuilende
stoffen uit de
luchttoevoer om
schone en frisse
lucht te leveren.
••
wordt weergegeven op het scherm.
OPMERKING
••Deze functie is uitgeschakeld als u op de knop
MODE of ENERGY CTRL of JET MODE drukt.
••Deze functie is beschikbaar met de modus
Koelen, Verwarmen, Automatisch omschakelen,
Automatische werking.
••Als het systeem is aangesloten op de MultiBuiteneenheid, wordt deze functie mogelijk niet
ondersteund.
De functie Automatisch reinigen
gebruiken
In de modus Koelen en Ontvochtigen wordt vocht
gevormd in de unit binnen. Deze functie verwijdert
dergelijk vocht.
••
wordt weergegeven op het scherm.
OPMERKING
••U kunt deze functie gebruiken zonder de
airconditioner aan te zetten.
••Zowel de lampjes van het plasma en het koelen
lichten op sommige modellen op als de Rook
weg/Plasma aan staat.
••Raak de ionisator niet aan tijdens gebruik.
••Deze functie kan anders werken vanaf het
scherm van de afstandsbediening.
26
OPMERKING
••Sommige functies kunnen niet gebruikt worden
terwijl de functie Automatisch reinigen aan staat.
••Als u de stroom uitschakelt werkt de ventilator
nog 30 minuten en reinigt de binnenzijde van de
unit binnen.
SMART FUNCTIES
De LG SmartThinQ-applicatie
gebruiken
DIngen die u moet controleren
voordat u de LG SmartThinQ
gebruikt
••Voor apparaten met het logo
1
Controleer de afstand tussen het apparaat en
de draadloze router (Wi-Fi-netwerk).
••Als de afstand tussen het toestel en de
draadloze router te groot wordt kan het
signaal zwak worden. Het registreren kan
lange tijd duren of de installatie kan
mislukken.
2
Schakel Mobiele gegevens op uw smartphone
uit.
••Schakel gegevens voor iPhones uit via
Instellingen → Mobiel → Mobiele
gegevens.
NL
OPMERKING
••Om de Wifi-verbinding te verifiëren, controleert u
-pictogram op het controlepaneel
of het Wi-Fi
aan is.
••Het toestel ondersteunt alleen Wi-Fi-netwerken
van 2.4 GHz. Neem contact op met uw
internetprovider of raadpleeg de handleiding van
uw draadloze router om de netwerkfrequentie te
controleren.
••LG SmartThinQ is niet verantwoordelijk voor
fouten of problemen met de netwerkverbinding of
voor gebreken, een verkeerde werking of fouten
die door de netwerkverbinding worden
veroorzaakt.
••Indien het apparaat moeilijkheden ondervindt bij
het verbinden met het Wifi-netwerk, kan het te ver
verwijderd zijn van de router. Koop een Wifisignaalversterker (bereikvergroter) om de sterkte
van het Wifi-signaal te verbeteren.
••De omgeving van het thuisnetwerk kan
veroorzaken dat er geen- of moeilijk verbinding
met de applicatie kan worden gemaakt.
••Indien de netwerkverbinding niet correct werkt
kan de oorzaak liggen bij de Netwerkprovider.
••De omgeving van het draadloosnetwerk kan
veroorzaken dat de wifi-verbinding traag is.
••Het toestel kan niet geregistreerd worden
vanwege problemen met het draadloze signaal.
Haal de stekker van het toestel uit het stopcontact
en wacht één minuut om het opnieuw te
proberen.
3
Verbind uw smartphone met de draadloze
router.
••As de firewall van uw draadloze router is
ingeschakeld, schakel deze dan uit of voeg een
uitzondering toe.
••De draadloze netwerknaam (SSID) moet een
combinatie zijn van Engelse letters en nummers.
(Gebruik geen speciale tekens.)
••De gebruikersinterface (UI) van de smartphone
kan variëren afhankelijk van het mobiele
besturingssysteem (OS) en de fabrikant.
••Als het beveiligingsprotocol van de router is
ingesteld op WEP, kunt u mogelijk het netwerk
niet instellen. Gebruik andere
beveiligingsprotocollen (WPA2 wordt aanbevolen)
en registreer het product opnieuw.
27
NL
De applicatie installeren LG
SmartThinQ
Ga naar de LG SmartThinQ-applicatie in de Google
Play Store & Apple App Store voor een
smartphone. Volg de instructies om de applicatie te
downloaden en te installeren.
OPMERKING
••Als u kiest voor eenvoudig aanmelden om
toegang te verkrijgen tot de LG SmartThinQtoepassing moet u het registratieproces doorlopen
telkens wanneer u van smartphone verandert of
de toepassing opnieuw installeert.
Productregistratie
1
Activeer de LG SmartThinQ-applicatie op uw
smartphone.
2
Maak een account aan en meld u aan.
3
Selecteer Registreren.
4
Selecteer Airconditioner.
5
Volg de instructies op de smartphone.
Wifi-functie
••Voor apparaten met het logo
Communiceer met het apparaat via een
smartphone met gebruik van de gemakkelijke
smartphone-functies.
28
De applicatie gebruiken
1
Selecteer het apparaat in de applicatie en
verbind het met het Wifi-netwerk.
2
Selecteer het menu rechts bovenaan om
toegang te krijgen tot de instellingen en
functies.
Firmware-update
Hou de prestaties van het apparaat up-to-date.
Smart Diagnosis™
Als u de functie Smart Diagnosis gebruikt, wordt u
voorzien van nuttige informatie, zoals een juiste
manier van gebruik van het apparaat op basis van
het patroon van het gebruik.
Instellingen
Hiermee kunt u verschillende opties instellen op het
apparaat en in de applicatie.
OPMERKING
••Als u uw draadloze router, uw internetprovider of
uw wachtwoord wijzigt nadat u het apparaat heeft
geregistreerd, verwijdert u het uit de LG
SmartThinQ Instellingen → Bewerk product en
registreert u het opnieuw.
••De applicatie kan zonder voorafgaande
kennisgeving worden gewijzigd.
••Functies kunnen per model variëren.
NL
Informatiebericht over Open Sourcesoftware
Ga naar http://opensource.lge.com om de broncode
onder GPL, LGPL, MPL en andere licenties voor
open sources in dit product te achterhalen.
Naast de broncode zijn alle licentievoorwaarden,
beperkingen van garantie en
auteursrechtaanduidingen beschikbaar om te
downloaden.
LG Electronics zal u tevens open-source code ter
beschikking stellen op CD-ROM tegen de kostprijs
van verspreiding (zoals de kosten voor media,
verzending en handling) na ontvangst van een
verzoek per e-mail naar opensource@lge.com.
Deze aanbieding is geldig voor een periode van
drie jaar na onze laatste zending van dit product.
Deze aanbieding is geldig voor iedereen die deze
informatie ontvangt.
Smart Diagnosis ™ met behulp van
een Smart Phone
••Voor apparaten met het logo
of
Gebruik deze functie als u een nauwkeurige
diagnose nodig hebt voor een LG Electronicsklanteninformatiecentrum wanneer het apparaat
slecht of niet werkt.
Smart Diagnosis™ kan niet worden geactiveerd,
tenzij het apparaat is aangesloten op het
stopcontact. Als het apparaat niet in staat is om in
te schakelen, moet het oplossen van problemen
worden gedaan zonder het gebruik van Smart
Diagnosis™.
1
Activeer de LG SmartThinQ-applicatie op de
smartphone.
2
Selecteer de airconditioner in het dashboard.
3
Druk op de knop Smart Diagnosis starten.
4
Volg de instructies op de smartphone.
OPMERKING
••De functie Smart Diagnosis™ is afhankelijk van
de lokale gesprekskwaliteit.
••Als de gegevensoverdracht van Smart
Diagnosis™ slecht is vanwege een slechte
gesprekskwaliteit, ontvangt u mogelijk niet de
beste Smart Diagnosis™-dienst.
••Zorg ervoor dat het omgevingslawaai minimaal is,
anders kan de telefoon de buzzerpiepjes niet
goed ontvangen van de unit binnen.
29
ONDERHOUD
NL
WAARSCHUWING
••Koppel de stroomtoevoer los en wacht tot de ventilator stopt voordat u begint met schoonmaken of
onderhoud.
Droog de airconditioner, indien deze gedurende langere tijd niet gebruikt wordt, om de airconditioner in de
beste conditie te houden. Reinig het product regelmatig om optimale prestaties te behouden en een
eventuele storing te voorkomen.
••Droog gedurende 3 of 4 uur de airconditioner in de ventilatiemodus en koppel de stroom los. Er kan
schade aan de binnenzijde optreden als vocht in de onderdelen achterblijft.
••Droog de binnenste componenten van de airconditioner in de ventilatiemodus gedurende 3 of 4 uren,
voordat u de airconditioner weer gebruikt. Dit helpt de geur die door het vocht gegenereerd wordt te
verwijderen.
Luchtfilter
••Dit kenmerk kan gewijzigd zijn afhankelijk van het type model.
30
NL
Type
Beschrijving
Luchtfilter
Vacuüm reinigen of met de hand.
Ionisator
(optioneel)
Gebruik een droog wattenstaafje om stof te verwijderen.
Reinig het oppervlak van de unit binnen met een zachte, droge
doek.
Unit binnen
Unit buiten
Interval
2 weken
Iedere 6 maanden
Regelmatig
Laat de opvangbak van het condenswater professioneel
reinigen.
Een keer per jaar
Laat de afvoerpijp van het condenswater professioneel
reinigen.
Iedere 4 maanden
Vervang de batterijen van de afstandsbediening.
Een keer per jaar
Laat de warmtewisselaars en de paneelventilatoren
professioneel reinigen. (Raadpleeg een technicus.)
Een keer per jaar
Laat de ventilator professioneel reinigen.
Een keer per jaar
Laat de opvangbak van het condenswater professioneel
reinigen.
Een keer per jaar
Laat door een professional controleren of de ventilatordelen
stevig vastzitten.
Een keer per jaar
Reinig de elektronische componenten met lucht.
Een keer per jaar
OPMERKING
••Gebruik nooit water dat warmer is dan 40 °C voor het reinigen van de filters. Dit kan voor vervorming of
verkleuring zorgen.
••Gebruik nooit vluchtige substanties bij het reinigen van de filters. Ze kunnen het oppervlak van het product
beschadigen.
31
NL
Reinig de luchtfilter
7
Duw de haken naar beneden om het luchtfilter
te monteren.
8
Controleer de zijde van het voorpaneel om het
luchtfilter correct te plaatsen.
Reinig de luchtfilters een keer in de twee weken, of
vaker, indien nodig.
OPMERKING
••De luchtfilter kan kapot gaan, als het gebogen
wordt.
••Als de luchtfilter niet correct geplaatst wordt,
kunnen stof en andere substanties in de unit
binnen komen.
Type1
Als u van bovenaf in de unit binnen kijkt, kunt u de
bovenste filter eenvoudig monteren.
1
2
3
Schakel de stroom uit en trek de stroomkabel
eruit.
Type2
1
Schakel de stroom uit en trek de stroomkabel
eruit.
2
Open het voorpaneel.
3
Houd de knoppen van de luchtfilters vast en
trek ze een stukje naar beneden en haal ze uit
de unit binnen.
4
Reinig de filter met een vacuümreiniger of met
lauwwarm water met pH-neutraal
schoonmaakmiddel.
Houd de knop van de luchtfilter vast en trek
deze een stukje omhoog.
••Open de beide zijden van het paneel een
stukje.
Haal het uit de unit binnen.
4
Reinig de filter met een vacuümreiniger of met
lauwwarm water met pH-neutraal
schoonmaakmiddel.
5
Droog de filters in de schaduw.
5
Droog het filter in de schaduw.
6
Plaats de haken van de luchtfilters in het
voorpaneel.
6
Plaats de haken van het luchtfilter in het
voorpaneel.
7
Controleer de zijde van het voorpaneel om de
luchtfilters correct te plaatsen.
32
PROBLEEMOPLOSSING
NL
Functie Zelfdiagnose
Dit product heeft een ingebouwde zelfdiagnosefunctie. Als er een fout optreedt, knippert het lampje van de
unit binnen met intervallen van 2 seconden. Neem wanneer dit gebeurt contact op met uw plaatselijke
dealer of servicecentrum.
Voor het bellen van de service
Controleer voordat u contact op neemt met het servicecentrum het volgende. Neem contact op met uw
plaatselijke servicecentrum als het probleem blijft bestaan.
Probleem
Mogelijke oorzaken
Oplossing
Er komen een verbrandingslucht
en vreemde geluiden uit de unit.
Waterlekkage uit de unit binnen,
zelfs als het vochtniveau laag is.
De airconditioner
werkt niet normaal.
De stroomkabel is beschadigd of ••Zet de airconditioner uit, trek de
produceert veel hitte.
stroomkabel eruit of koppel de
stroomtoevoer los en neem contact op
Een schakelaar,
met uw installateur.
stroomonderbreker (veiligheid,
aarding) of zekering werkt niet
goed.
De unit geeft via de zelfdiagnose
een foutcode.
De airconditioner
werkt niet.
De airconditioner is niet
aangesloten.
••Controleer of de stroomkabel in het
stopcontact zit of dat de stroomisolatoren
zijn ingeschakeld.
Er is een zekering doorgeslagen
of de stroomtoevoer is
geblokkeerd.
••Vervang de zekering of controleer of de
stroomonderbreker geactiveerd is.
Er is een stroomstoring
opgetreden.
••Zet de airconditioner uit wanneer er een
stroomstoring optreedt.
••Wacht 3 minuten nadat de stroom terug
is en zet dan de airconditoner weer aan.
De spanning is te hoog of laag.
••Controleer of de stroomonderbreker
geactiveerd is.
De airconditioner is automatisch
uitgeschakeld op een vooraf
ingestelde tijd.
••Zet de airconditoner aan.
••Controleer of de batterijen correct in de
afstandsbediening geplaatst zijn.
De instelling van de batterij in de
••Vervang, als de batterijen correct
afstandsbediening is niet
geplaatst zijn, maar de airconditioner het
correct.
nog steeds niet doet, de batterijen en
probeer opnieuw.
33
NL
Probleem
Mogelijke oorzaken
Oplossing
De lucht circuleert niet correct.
••Controleer of er geen gordijnen, luiken of
meubelstukken de voorzijde van de
airconditioner blokkeren.
De luchtfilter is vies.
••Reinig de luchtfilter een keer in de 2
weken.
••Zie 'Reinig de luchtfilter' voor meer
informatie.
••In de zomer kan het enige tijd duren
voordat de lucht binnen helemaal
gekoeld is. Selecteer in dit geval de Jet
De kamertemperatuur is te hoog.
Mode om de lucht binnen snel af te
koelen.
De koude lucht verlaat de kamer.
••Zorg ervoor dat de koude lucht niet via
de ventilatiepunten in de kamer
wegstroomt.
De gewenste temperatuur is
hoger dan de huidige
temperatuur.
••Stel de gewenste temperatuur op een
lager niveau in dan de huidige
temperatuur.
Er is een verwarmingsbron in de
buurt.
••Vermijd het gebruik van
warmtegeneratoren, zoals elektrische
ovens of gasbranders, terwijl de
airconditioner in bedrijf is.
De ventilatiemodus is
geselecteerd.
••Tijdens de ventilatiemodus blaast de
airconditioner lucht zonder dat de
binnenlucht gekoeld of verwarmd wordt.
••Verander de bedrijfsmodus naar de
koelmodus.
De buitentemperatuur is te hoog.
••Het koelende effect kan onvoldoende
zijn.
De ventilatiesnelheid
kan niet worden
aangepast.
De Straalmodus of Automatische
Werkingmodus is geselecteerd.
••In sommige bedrijfsmodi kunt u de
ventilatiesnelheid niet aanpassen.
Selecteer een bedrijfsmodus waarbij u de
ventilatiesnelheid kunt aanpassen.
De temperatuur kan
niet worden
aangepast.
De Ventilatiemodus of Jet Mode
is geselecteerd.
••In sommige bedrijfsmodi kunt u de
temperatuur niet aanpassen. Selecteer
een bedrijfsmodus waarbij u de
temperatuur kunt aanpassen.
De airconditioner is plotseling
uitgeschakeld.
••De timerfunctie kan afgelopen zijn,
waardoor de unit wordt uitgeschakeld.
Controleer de instellingen van de timer.
Er is een stroomstoring
opgetreden tijdens het bedrijf.
••Wacht totdat de stroom weer terug is.
Indien de Automatische herstartfunctie
ingeschakeld is, zal de unit enkele
minuten nadat de stroom terug is verder
gaan met het laatste bedrijf.
De airconditioner
blaast geen koele
lucht.
De airconditioner
stopt tijdens het
bedrijf.
34
NL
Probleem
Mogelijke oorzaken
Oplossing
De unit binnen werkt
nog, zelfs als de
stroom uitgeschakeld
is.
De Automatische
reinigingsfunctie is in gebruik.
••Laat de Automatische reinigingsfunctie
doorwerken, omdat het achtergebleven
vocht in de unit binnen verwijdert. Als u
deze functie niet wilt, kunt u de unit
uitschakelen.
De luchtafvoer op de
unit binnen scheidt
nevel uit.
De gekoelde lucht uit de
airconditioner produceert nevel.
••Als de kamertemperatuur afneemt,
verdwijnt dit fenomeen.
Er lekt water uit de
unit buiten.
Bij het verwarmingsbedrijf
druppelt er water uit de
warmte-uitwisselaar.
••Dit symptoom vereist het installeren van
een afvoerpijp onder de opvangbak.
Neem contact op met de installateur.
Er kan een klikkend geluid
gehoord worden als de unit start
of stopt, vanwege een beweging
van de terugslagklep.
Krakend geluid: De plastic delen
••Dit zijn normale symptomen. Het geluid
Er is lawaai of vibratie. van de unit binnen kraken als ze
zal stoppen.
uitzetten of krimpen vanwege
temperatuurveranderingen.
Stromend of Blazend geluid: Dit
is het stromen van de
koelvloeistof in de airconditioner.
De unit binnen geeft
een geur af.
Geuren (zoals sigarettenrook)
kunnen geabsorbeerd worden
door de unit binnen en via de
luchtstroom worden afgegeven.
••Als de geur niet verdwijnt, moet u de
filter reinigen. Neem als dit niet werkt
contact op met het servicecentrum om
uw warmtewisselaar te reinigen.
Wanneer de verwarmingsmodus ••Dit is een normaal symptoom. Wacht
totdat de unit voldoende warme lucht
start, is de klep bijna gesloten en
heeft gegenereerd om door de unit
komt er geen lucht uit, zelfs als
binnen te worden uitgeblazen.
de unit buiten in bedrijf.
De airconditioner
blaast geen warme
lucht.
De unit buiten staat in de
ontdooiingsmodus.
••In de Verwarmingsmodus vormt er zich
ijs op de spoelen, wanneer de
temperatuur buiten daalt. Deze functie
verwijdert een laag ijs op de spoel en
zou in circa 15 minuten klaar moeten
zijn.
De buitentemperatuur is te laag.
••Het verwarmende effect kan
onvoldoende zijn.
35
NL
Probleem
Uw huishoudtoestel
en smartphone zijn
niet verbonden met
het WiFi-netwerk.
Mogelijke oorzaken
Oplossing
Het WiFi-wachtwoord waarmee u
verbinding probeert te maken is
onjuist.
••Zoek het WiFi-netwerk waarmee uw
smartphone verbonden is en verwijder
het, registreer daarna uw toestel op LG
SmartThinQ.
Mobiele gegevens voor uw
smartphone is ingeschakeld.
••Schakel Mobiele gegevens uit op uw
smartphone en registreer het toestel via
het WiFi-netwerk.
De naam van het draadloze
netwerk (SSID) is foutief
ingesteld.
••De draadloze netwerknaam (SSID) moet
een combinatie zijn van Engelse letters
en nummers. (Gebruik geen speciale
tekens.)
De frequentie van de router is
niet 2.4 GHz.
••Enkel een frequentie van de router van
2.4 GHz wordt ondersteund. Stel de
draadloze router in op 2.4 GHz en
verbind het toestel met de draadloze
router. Raadpleeg uw internetprovider of
de fabrikant van de router om de
frequentie van de router te controleren.
De afstand tussen het toestel en
de router is te groot.
••Als de afstand tussen het toestel en de
router te groot is kan het signaal zwak
zijn en wordt de verbinding mogelijk
onjuist geconfigureerd. Verplaats de
router zodat deze zich dichter bij het
toestel bevindt.
OPMERKING
••Sommige functies kunnen afhankelijk van het model niet ondersteund zijn.
36
Was this manual useful for you? yes no
Thank you for your participation!

* Your assessment is very important for improving the work of artificial intelligence, which forms the content of this project

Download PDF

advertising