Candy | C1 105-14S | Candy C1 105-14S Operating instrustions

Candy C1 105-14S Operating instrustions
Wasmachine
Gebruiksaanwijzing
Inhoud
Inleiding
Lees deze instructies zorgvuldig door en gebruik deze machine op basis van deze
aanwijzingen.
Bewaar alle documentatie op een veilige plek.
Opmerking: deze machine is alleen bestemd voor gebruik
thuis, nl voor het wassen, spoelen en centrifugeren van
huishoudelijke stoffen en kleding.
Opmerkingen over de afvalverwerking
Alle verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en recyclebaar.
verpakkingsmaterialen op een milieuvriendelijke manier van de hand.
Doe
de
Pagina
Inleiding
Algemene informatie
Veiligheidsmaatregelen
Snel beginnen
Bedieningspaneel
Programmatabellen
Kiezen van het programma
Wasmiddelbakje
Waspoeders, washulpmiddelen & hoeveelheden
Handige wasadviezen
Het wassen
Schoonmaken en onderhoudsbeurten
Problemen
Technische informatie
Klantenservice
Installeren & uittesten
2
4
4
5
6
12
14
16
17
19
20
22
24
25
26
27
Uw winkelier of gemeente kan u informeren over de
beste manier om deze materialen weg te ruimen.
Apparaten die niet langer gebruik worden, zijn geen waardeloos afval! Oude apparaten
bevatten waardevolle materialen die gerecycled kunnen worden.
Opmerking: wanneer u een oude wasmachine van de
hand doet, moet u voor alle veiligheid de stekker uit het
stopcontact halen, het stroomsnoer afknippen en dit
samen met de stekker vernietigen. Om te voorkomen dat
kinderen zichzelf in de machine opsluiten, breekt u de
scharnieren of het slot van de deur.
2
CONTROLEER VOORDAT U HET APPARAAT AANZET
OF DEZE GOED IS GEÏNSTALLEERD EN OF DE
TRANSPORT BEVEILIGING IS VERWIJDERD! (ZIE
PAGINA 27)
3
Algemene leveringsopmerkingen
Controleer dat de volgende items met de wasmachine meegeleverd zijn:
– Handleiding
– Garantiekaart
– Vulslang & beugel
– Wasmiddelenbakje
Controleer of de machine tijdens het transport beschadigingen heeft opgelopen. Is dit het
geval, bel dan de Servicedienst. Zie het hoofdstuk Klantenservice.
N) Als de machine niet goed functioneert of defect raakt, zet u hem uit, haal de stekker uit het
stopcontact, draait de waterkraan dicht en laat de machine ongemoeid.
Raadpleeg Servicedienst over een mogelijke reparatie. Als u de bovenstaande
aanwijzingen niet opvolgt, dan kan de veiligheid van de machine niet worden
gegarandeerd.
O) Als de stroomkabel van het toestel beschadigd is, dan moet hij vervangen worden door
een speciaal snoer dat alleen bij Servicedienst.
Snel beginnen
Veiligheidsmaatregelen
Opmerking: voordat u de machine schoonmaakt of een
onderhoudsbeurt geeft:
A) De stekker uit het stopcontact halen.
B) De watertoevoer afsluiten.
C) Zorg ervoor dat de stroomtoevoer geaard is. Zo niet, raadpleeg een erkende elektricien.
Deze machine moet geaard zijn.
D) De machine niet met natte of vochtige handen of voeten aanraken. De machine niet met
blote voeten gebruiken.
E) U wordt niet aangeraden om adapters, meerdere contacten en/of verlengsnoeren te
gebruiken.
Waarschuwing: tijdens het witte wasprogramma kan de
watertemperatuur 90°C bereiken en bijgevolg kan de
glazen deur erg heet worden.
F) Zorg ervoor dat er geen water in de trommel zichtbaar is, voordat u de deur opent.
G) Dit toestel niet zonder toezicht door kinderen of zonder toestemming door andere mensen
laten gebruiken.
H) Niet aan het snoer of aan het toestel zelf trekken om de stekker uit het stopcontact te halen.
I) De machine mag niet aan het weer worden blootgesteld (regen, direct zonlicht, enz…).
L) Wanneer u de machine verplaatst, mag u hem niet aan de bedieningsknoppen, de
zeeplade, de slangen of het stroomsnoer optillen.
Om de deur niet te beschadigen moet u de deur nooit tijdens het transport ergens
tegenaan laten leunen, bijv. een winkelwagentje.
M) BELANGRIJK!
Als de machine op een vloer met vloerbedekking geïnstalleerd wordt, moet u er voor
zorgen dat de ventilatiegaten aan de onderkant van de machine niet geblokkeerd zijn.
4
Wassen
–
–
–
–
–
–
Open de deur met de GREEP “A” (zie fig.1 op pag.6).
Stop uw was in de machine.
Sluit de deur.
Doe zeep in de vakjes van de zeeplade. Zoals aangegeven in het programma overzicht.
Kies een programma door middel van de programmaknop.
Wacht tot het “STOP”-lampje begint te knipperen.
Druk op de benodigde extra functieknoppen (indien nodig)
– Druk op de "Start/Pauze"-knop (pag. 7).
– Deze zal na een paar seconden inschakelen.
Na het wassen
- Het stop/uit lampje zal gaan branden.
- Wacht na afloop van de wascyclus 2 minuten tot
het lampje van de deurvergrendeling is gedoofd
voordat u de deur probeert te openen.
- Draai de programmaknop naar de "UIT"-stand om de
machine uit te schakelen.
- Open de deur en haal uw wasgoed uit de machine.
5
Bedieningspaneel
Fig. 1
Deurgreep
Gebruik de knop binnenin de deurgreep om de deur te openen.
C
L
M
A
Indicatielampje "Deurvergrendeling"
B
Het indicatielampje voor de “Deurvergrendeling” licht op als de deur goed dichtzit en wanneer de
wasmachine AAN staat.
Wanneer u op "Start/Pauze" drukt als de deur dicht is, zal het indicatielampje eventjes knipperen
en vervolgens blijven branden.
P
DEFG
N
B
Als de deur niet dicht is, zal het indicatielampje blijven knipperen.
Een speciale beveiliging zorgt ervoor dat u de deur niet meteen kunt openen na afloop van een
wascyclus. Wacht na afloop van de wascyclus 2 minuten tot het lampje van de deurvergrendeling
is gedoofd voordat u de deur probeert te openen. Zet na afloop van de wascyclus de
programmaknop op "UIT".
C
"Start/Pauze"-knop
A
Deurgreep
Indicatielampje "Deurvergrendeling"
"Start/Pauze" -knop
"Makkelijk Strijken" -knop
"Activa spoelen" -knop
"1400/600" -knop
"1200/400" -knop
"1000/400" -knop
Knop voor "Uitgestelde Start"
Indicatielampje "Rest Tijd"
Indicatielampjes bij de knoppen
Programmaknop wassen Met "UIT"
Wasmiddelbakje
6
A
B
C
D
E
F
F
F
G
L
M
N
P
Wacht na het instellen van een programma tot het “STOP”lampje gaat knipperen voordat u op de "Start/Pauze"-knop
drukt.
Druk op start voor het selecteren van een wascyclus (afhankelijk van de geselecteerde
wascyclus gaat een lampje van de indicator branden).
Let op: Wanneer de start knop is ingedrukt, duurt het
enige seconde voordat het programma wordt gestart.
Instellingen veranderen nadat een programma is gestart (PAUZE).
Houd de "Start/Pauze"-knop circa twee seconden lang ingedrukt om het programma te
onderbreken tijdens de wascyclus. Als de wasmachine op pauze staat, zullen het “Rest
Tijd”-indicatielampje en de optieknoppen indicatielampjes knipperen.
Druk nogmaals op de "Start/Pauze"-knop om het wasprogramma te hervatten.
Indien u kledingstukken toe wil voegen of wil verwijderen uit de trommel tijdens het wassen:
wacht twee minuten totdat het veiligheidsslot van de deur is.
Wanneer de handeling is uitgevoerd, sluit de deur,druk op de "Start/Pauze" -knop en de
wasautomaat gaat verder met het programma.
HET WASPROGRAMMA VOORTIJDIG BEËINDIGEN
Draai de programmaknop naar "UIT" om het wasprogramma voortijdig te beëindigen.
7
U moet de optieknoppen gebruiken voordat u op de
"Start/Pauze" -knop drukt.
D
"Makkelijk Strijken" -knop
Dit programma is bedoeld om het kreuken van uw wasgoed te beperken. U kunt een
wasprogramma selecteren dat past bij het te wassen wasgoed, dit is afhankelijk van de weefsels en
van de graad van vervuiling.
Bij gemengde en synthetisch weefsels neemt de watertemperatuur tijdens het wassen geleidelijk af.
De trommel stopt met draaien als het water afgepompt wordt en het programma eindigt met
centrifugeren met een laag toerental.
Voor fijne was, met uitzondering van wol, worden dezelfde fases doorlopen als bij gemengde weefsels.
Er zijn echter wel twee verschillen: de fase waarbij het water geleidelijk wordt afgekoeld ontbreekt en er
wordt een andere fase aan toegevoegd: na de laatste spoeling blijft de kuip vol met water.
Voor wol is een speciaal wasprogramma ontworpen. Bij dit programma blijven de weefsels na de
laatste spoeling in het water liggen (het indicatielampje in de knop knippert).
F
"1400/600" -knop
"1200/400" -knop
"1000/400" -knop
De machine verhoogt de uiteindelijke centrifugesnelheid geleidelijk tot de maximaal
mogelijke snelheid.
De toets begrenst de snelheid tot 600 of 400 toeren per minuut.
Opmerking: Dit model heeft een elektronische sensor die voelt of de lading goed
uitgebalanceerd is. Als de lading enigszins onevenwichtig is, zal de machine de was
automatisch balanceren en dan normaal centrifugeren.
Als er, na een aantal keren proberen, geen evenwicht wordt bereikt, wordt een lagere
centrifugesnelheid gebruikt.
Als de lading erg onevenwichtig is, wordt de centrifugefase geannuleerd.
Hierdoor wordt de trilling verminderd, het lawaai minder en wordt de betrouwbaarheid
en de levensduur van de wasmachine vergroot.
Voor een volledige wascyclus voor fijne weefsels en wol handelt u als volgt:
- Het indrukken en loslaten van de "Makkelijk Strijken" -knop resulteert in afpompen en
centrifugeren.
Handel als volgt als u niet wilt centrifugeren en alleen het water wilt wegpompen:
- Zet de programmaknop in de “UIT”-stand;
- Draai de programmaknop naar de wegpomp-stand
;
- Druk op de "Start/Pauze"-knop om de wasmachine in te schakelen.
E
Toets “Activa Spoelen”
Dankzij het nieuwe elektronische systeem ACTIVA, is een druk op de knop genoeg om het
nieuwe spoelprogramma te activeren. Toevoeging van extra water en afgewisselde
trommelrotaties tijdens de inspuiting en het afpompen van het water resulteren in een
perfect uitgespoelde was.
Deze functie is speciaal ontwikkeld voor mensen met een gevoelige huid; bij wie
achterblijvende zeepresten kunnen leiden tot huidirritaties.
Er wordt geadviseerd deze functie ook te gebruiken bij het wassen van kinderkleding, sterk
vervuilde kleding waarvoor veel wasmiddel nodig is of kleding van vezels die als eigenschap
hebben makkelijk zeepresten vast te houden.
Deze functie is niet te gebruiken in combinatie met het Wolwas-programma’s.
8
Knop voor "Uitgestelde Start"
G
Met deze knop bepaalt u of de wasmachine na een wachttijd van 3, 6 of 9 uur moet beginnen met
wassen.
Handel als volgt om een uitgestelde start in te stellen:
Stel het gewenste programma in (het “STOP”- indicatielampje zal gaan knipperen).
Druk één of meer keren op de startuitstel-knop (hierbij zal de startuitstel-periode achtereenvolgens
verspringen naar 3, 6 en 9 uur en licht het bijbehorende lampje op).
Druk op "Start/Pauze" om de uitgestelde start te activeren (het indicatielampje van de ingestelde
periode stopt met knipperen en blijft AAN).
Na afloop van de startuitstelperiode zal het wasprogramma starten.
Uitgestelde start opheffen:
Druk net zolang op de startuitstel-knop button tot alle indicatielampjes uit zijn (het “STOP”-lampje
knippert). U kunt nu het programma handmatig starten met de “Start/Pauze”, of u kunt de
wasmachine uitschakelen door de programmaknop naar “UIT” te draaien.
Waarschuwing: Indien er een onderbreking van stroom is,
teriwjld e amchine aan staat, wordt het geselecteerde
programma opgeslagen in een speciaal geheugen.
Wanneer de stroom is hersteld, zal de machine verder gaan
met het wasprogramma.
9
L
Indicatielampje "Rest Tijd"
Om uw tijd beter te kunnen afstemmen op het wasprogramma, is deze wasautomaat uitgerust
met een indicator die u continu informeert over de resterende tijd van de wascyclus.
Indicator op 90:
Gereed in meer dan 60 minuten
Indicator op 60:
Gereed binnen 60 minuten
Indicator op 30:
Gereed binnen 30 minuten
Indicator op 15:
Gereed binnen 15 minuten
Indicator op STOP:
Gereed, eind van het programma
M
Indicatielampjes bij de knoppen
De indicatielampjes boven de keuzeknoppen lichten op wanneer speciale functies
geselecteerd worden.
Programmaknop wassen Met "UIT"
N
Rotaties in beide richtingen.
U zet de wasmachine aan door met de
programmaknop een programma te
selecteren. Vervolgens gaat het
“STOP”-indicatielampje knipperen, en
dit lampje blijft knipperen tot u de
wasmachine start of tot u de
programmaknop weer op “UIT” ZET.
Druk op de "Start/Pauze"-knop om het geselecteerde programma te starten.
Het programma draait met de programmaknop gepositioneerd op het gekozen programma
totdat het programma eindigt.
Schakel de machine bij het einde van het programma uit door de knop in de “UIT” positie te
draaien.
Let op: Zet na afloop van een wascyclus de
programmaknop altijd eerst weer op “UIT” voordat u een
vervolg-programma of een nieuw programma instelt en
start.
10
11
PROGRAMMATABEL
PROGRAMMA VOOR:
PROGRAMMAKNOP MAXIMALE
OP:
BELADING
kg
TEMPERATUUR
KEUZE
°C
WASMIDDELBAKJE
●
●
●
●
❙
❙❙
STERKE WEEFSELS
WITTE WAS
Katoen, linnen, jute
Katoen, linnen,
kleurecht bontgoed
gemengde weefsels
90
5
90°
WITTE WAS MET
VOORWAS
60
P
5
60°
BONTE WAS
60
5
60°
●
●
Katoen
Gemengde weefsels
Katoen
GEMENGDE/
SYNTHETISCHE WEEFSELS
Witgoed, kleurecht
bontgoed
Gemengde weefsels
van katoen en
synthetisch
Synthetisch (nylon),
Gemengde weefsels
Gemengde, fijne,
synthetische weefsels
*
BONTE WAS
40
5
40°
●
●
BONTE WAS
KLEURECHT
30
5
30°
●
●
●
●
BONTE WAS
KLEURECHT KOUD
5
-
BONTE WAS MET
VOORWAS
60
P
BONTE WAS
60
BONTE WAS
2,5
60°
2,5
50
BONTE WAS
KLEURECHT
BONTE WAS
KLEURECHT
●
●
60°
●
●
2,5
50°
●
●
40
2,5
40°
●
●
30
2,5
30°
●
●
2,5
-
●
●
1,5
40°
●
●
1
30°
●
●
1
-
●
●
1
30°
●
●
SPOELEN
-
-
NORMAAL
CENTRIFUGEREN
-
-
AFPOMPEN
-
-
5
40°
●
2
50°
●
*
BONTE WAS
KLEURECHT KOUD
Zeer gevoelige
weefsels
Wol
Synthetische weefsels
(dralon, acryl)
DELICAAT
WOLWAS
40
30
WOLWAS
HANDWAS
Speciaal
●
“MIX & WASH SYSTEM”
PROGRAMMA
30
40
50
SNEL CYCLUS 32’
12
*
●
Enkele belangrijke opmerkingen:
Bij sterk vervuild wasgoed wordt een belading van 3 kg aanbevolen.
* Programma volgens CENELEC EN 60456.
Wanneer er slecht een beperkt aantal kledingstukken dusdanig vervuild zijn dat
bleken gewenst is, kan er voor deze kledingstukken een voorwas worden gekozen.
Doe het bleekmiddel in het bleekbakje van de zeeplade (II) en kies het programma
SPOELEN. Wanneer dit is beeindigd,draai de programmaknop op UIT en voeg
vervolgens de overige kledingstukken toe waarna de normale was met het gewenste
programma gestart kan worden.
●
●
13
ALLEEN AFPOMPEN
Het programma pompt alleen water af.
KIEZEN VAN HET PROGRAMMA
Voor de verschillende soorten weefsels en afhankelijk van de graad van vervuiling van het
wasgoed heeft de wasautomaat 4 verschillende hoofdgroepen: (zie het overzicht van de
wasprogramma’s).
“MIX & WASH SIJSTEEM” PROGRAMMA
Dit is een exclusief Candy programma en heeft 2 grote voordelen voor de
consument.
• de mogelijkheid om meerdere stoffen tegelijk te wassen (bijv. katoen +
synthetisch enz...)
• aanzienlijke energie besparing.
1. STERKE WEEFSELS
Deze programma’s zijn bestemd om grondig te wassen. De verschillende
spoelgangen, die tussendoor gecentrifugeerd worden, zorgen dat er
perfect gespoeld wordt. Bij de laatste centrifugegang wordt het water
optimaal verwijderd.
Het mix&Wash programma wast op 40°C .
Het energie verbuik van dit programma is slechts 850 W/h.
Belangrijk:
• Nieuw wasgoed de 1e keer apart wassen.
• Was nooit niet kleur echte wasgoed samen.
2. GEMENGDE EN SYNTHETISCHE WEEFSELS
Dankzij een speciale trommelbeweging en het hogere waterniveau wordt
er tijdens de hoofdwas en de spoeling de beste resultaten behaald. Er
wordt met een laag toerental gecentrifugeerd om kreuken te voorkomen.
“32 MINUTEN” RAPID
Het 32 minuten Rapid programma geeft de mogelijkheid een complete
wascyclus uit te voeren in ongeveer 30 minuten met een maximum laadgewicht
van 2 kg en 50°C.
Wanneer u het “32 minuten programma” kies, wordt u aangeraden om slecht 20% van de
aanbevolen hoeveelheid zeep te gebruiken.
Het wasmiddel moet in de algemene wasmiddelcompartement (zie II).
3. BIJZONDER GEVOELIGE WEEFSELS
Dit is een nieuw wasprogramma waarbij om beurten wordt gewassen en
geweekt en is in het bijzonder geschikt voor zeer gevoelige weefsels zoals
zuiver scheerwol. Het wassen en spoelen worden uitgevoerd met een
hoog waterniveau om tot het beste resultaat te komen.
fuzzy logic
4. SPECIAAL
SPECIAAL
SPECIAAL “HANDWAS”
Deze wasmachine heeft ook een handwascyclus. Het programma geeft de
mogelijkheid om een complete wasscyclus voor speciale kledingstukken
als “Handwas” te behandelen. Het programma heeft een temperatuur van
30°C en sluit af met twee keer spoelen en langzaam centrifugeren.
De laatste ontdekking in de electronische toepassingen in de wastechnologie.
In iedere wasfase zorgt Fuzzy Logic dat de Activa Smart over informatie over de lading in de
trommel kan beschikken.
Zodra de Activa Smart aan wordt gezet:
• past hij het waterniveau aan
• bepaalt de lengte van de wascyclus
• controleert het spoelen
SPECIAAL “SPOELPROGRAMMA”
Dit programma spoelt drie keer met tussendoor centrifugeren. Dit
programma kan worden gebruikt voor het spoelen van ieder type
wasgoed. Bijv. na de handwas.
Aangepast aan het type stof gekozen om te wassen zal:
• het ritme van de trommeldraaiingen aangepast worden aan de te wassen stof
• de aanwezigheid van herkend worden en, indien nodig, het waterniveau aangepast
worden
• de centrifuge snelheid aangepast worden aan de lading, om zo onbalans te voorkomen.
Dit programma kan ook worden gebruikt als een bleek programma (zie
programmatabel).
Op deze manier is de Activa Smart in staat om zelf het meest geschikte programma voor
iedere individuele was te kiezen uit honderden mogelijke wascombinaties.
SPECIAAL “SNEL CENTRIFUGE” PROGRAMMA
Het programma "snelle centrifuge" centrifugeert op het maximale toerental.
Fuzzy Logic voldoet aan de eis van gebruiksgemak door een vereenvoudigde programma
keuze. De gebruiker hoeft de machine alleen te vertellen welke type stof er in de trommel zit
(katoen, gemengde stoffen, fijne stoffen) en de mate van vuilheid, om vervolgens het
perfecte wasprogramma te krijgen met de hoogt mogelijke graad van drogen, met een
centrifugegang die echt voorzichtig met uw kleding omgaat.
14
15
Wasmiddelbakje
P
De wasmiddelbakje bestaat uit 3 afzonderlijke vakjes:
– het eerste, met een “I”, is voor de zeep die voor de
Voorwas of de Snelle Was wordt gebruikt.
– het tweede, met een “II”, is voor de zeep die voor de
hoofdwas wordt gebruikt.
Vloeibaar wasmiddel kunt u gieten in het het het
wasmiddelenbakje met het teken “II”.
Dit zorgt ervoor dat het vloeibare wasmiddel op het juiste
tijdstip tijdens de wascyclus aan de was wordt
toegevoegd.
Dit speciale bakje doet u in de zeep lade met het teken
“II” dit bakje gebruikt u ook bij het spoel- en bleek
programma.
Belangrijk: u dient er rekening
mee te houden dat sommige
wasmiddelen
moeilijk
te
verwijderen zijn.
In dat geval raden wij u aan om
een wasbolletje in de trommel te
gebruiken.
– Het derde “ ”, is voor speciale toevoegingen, verzachters, geurmiddelen, stijfsel,
bleekwater, enz.
Belangrijk: het derde vakje is alleen bestemd voor
vloeibare stoffen.
De machine is geprogrammeerd om automatisch de extra middelen tijdens de laatste spoeling
van alle wasprogramma’s te gebruiken.
16
Waspoeders, washulpmiddelen & hoeveelheden
De mogelijke wasmiddelen
Wasmiddelen voor algemeen gebruik
– Zeeppoeder, voor een goede was, met bleekmiddel, is uitstekend geschikt voor hete
wasprogramma’s (60°C of hoger), voor een erg vuile was met vlekken.
– Vloeibare wasmiddelen zijn vooral geschikt voor vetvlekken, zoals zweetvlekken,
cosmetica en olie.
Deze wasmiddelen zijn niet geschikt voor het schoonwassen van was met vlekken,
aangezien ze geen bleekmiddel bevatten.
– Biologische wasmiddelen, niet alle beschikbare producten zorgen voor een goed
wasresultaat.
Speciale wasmiddelen
– Wasmiddelen voor bonte en fijne was, zonder toegevoegde bleekmiddelen, ook vaak
zonder optische glansmiddelen, om de kleur te bewaren.
– Wasmiddelen voor een goede wasbeurt, zonder toegevoegde bleekmiddelen of
enzymen, vooral geschikt voor de reiniging van wollen vezels.
– Wasmiddelen voor gordijnen met optische glansmiddelen, lichtbestendig, om vergeling
door zonlicht te voorkomen.
– Speciale wasmiddelen voor het geprogrammeerde gebruik van chemische stoffen,
afhankelijk van de soort stof, de hoeveelheid vuil en de waterhardheid.
Hier kunnen wasmiddelen, wasverzachters, bleekmiddelen en vlekoplossers apart
toegevoegd worden.
Washulpmiddelen
– Waterverzachter, betekent dat er minder wasmiddel gebruikt hoeft te worden als de
waterhardheid hard of zeer hard is.
– Voorwasmiddelen, voor de geprogrammeerde behandeling van vlekken voorafgaand
aan de hoofdwas.
Als u voorwasmiddelen gebruikt, dan kan de hoofdwas op een lagere temperatuur worden
ingesteld en kunnen er ook bleekmiddelvrije wasmiddelen gebruikt worden.
– Wasverzachter, voorkomt statische elektriciteit bij synthetische stoffen en verzacht de
vezels.
Als u een droger heeft, dan wordt de was verzacht, zelfs zonder wasverzachters te gebruiken.
Geen oplosmiddelen in de wasmachine stoppen!
Houd wasmiddelen en andere wasproducten buiten het bereik van kinderen.
Voordat u de zeep in de zeeplade doet, controleer of er zich geen voorwerpen in de zeeplade
bevinden.
De hoeveelheid zeep die nodig is staat gewoonlijk op de wasmiddelverpakking. Volg die
aanwijzingen goed op!
17
Hoeveelheid
Alleen wasmiddelen gebruiken die geschikt zijn voor gebruik in wasmachines.
U verkrijgt het beste resultaat voor uw was als u zo min mogelijk chemische producten gebruikt.
U verzorgt uw was het beste als u de hoeveelheid vuil bepaalt én het juiste wasmiddel kiest.
De hoeveelheid wasmiddel hangt af van:
– de waterhardheid, afhankelijk van de hardheid van het water en het soort wasmiddel dat
wordt gebruikt, kunt u de hoeveelheid wasmiddel reduceren. Hoe zachter het water, des te
minder wasmiddel heeft u nodig.
– hoe vuil de was is, u kunt de hoeveelheid wasmiddel reduceren als de was minder vuil is.
Gebruik minder wasmiddel voor een lading die niet erg vuil is.
– de hoeveelheid was, het is mogelijk om de hoeveelheid wasmiddel te reduceren wanneer
u een kleine was heeft. Voor een kleinere lading is minder wasmiddel nodig.
De hoeveelheden die op de verpakking staan voor het wassen van fijne was, zijn meestal al
op een kleinere lading was gebaseerd.
Volg die aanwijzingen goed op!
De hoeveelheid zeeppoeder
Voor normale wasmiddelen en wasmiddelen met lage concentratie: voor een normaal
bevuilde was kiest u een programma zonder voorwas.
Doe het wasmiddel in vak II van de zeeplade.
Voor een zwaar bevuilde was kiest u een programma met voorwas.
Doe 1/4 van het wasmiddel in vak I, 3 /4 in vak II van de zeeplade.
Wanneer u waterverzachters gebruikt, doet u eerst het wasmiddel en daarna de verzachter in
vak II.
Voor uiterst geconcentreerde wasmiddelen die geen tabletvorm hebben, moet u precies volgen
wat er op de verpakking staat over de soort en de hoeveelheid zeep die u moet gebruiken.
Aangezien het moeilijk is om te controleren of het wasmiddel is opgenomen, wordt u
aangeraden om de schepjes te gebruiken die in de verpakking zitten.
Handige wasadviezen
Advies over de manier waarop u uw machine op de meest milieuvriendelijke en kosteneffectieve
manier kunt gebruiken.
Maximaliseren van de lading
Door de machine te vullen met de geadviseerde maximale lading, maakt u optimaal
gebruik van energie, water, wasmiddel en tijd.
Door één keer een volle lading te wassen, in plaats van twee keer een halve lading,
bespaart u 50% energie.
Wanneer is voorwassen echt noodzakelijk?
Alleen bij een erg vuile was!
Een energiebesparing van 5 tot 15% kan worden bereikt door minder vuile was niet voor te
wassen.
Welke wastemperatuur moet u kiezen?
Als u vlekoplossers gebruikt, hoeft u uw was niet op meer dan 60°C te wassen.
Een energiebesparing van wel 50% kan worden bereikt door een wastemperatuur van 60°C
te gebruiken.
De hoeveelheid vloeibare zeep
Vloeibare zeep kan volgens de aanwijzingen van de verpakking gebruikt worden voor alle
programma’s zonder voorwas, door het aanbevolen zeepbakje te gebruiken dat in de trommel
wordt geplaatst.
18
19
De juiste manier om te wassen
Was
Was sorteren
– Aanbevolen wordt om alleen kleding te wassen die met water en zeep gewassen kan
worden. Geen kleding wassen die alleen gestoomd mag worden.
– Als u kleden, spreien of andere zware materialen moet wassen, wordt u aangeraden om
deze niet te centrifugeren.
– Sorteer de was op basis van materiaal, mate van bevuiling en wastemperatuur: volg de
labels op de kledingstukken.
Voorbeelden:
Was voor een heet programma
Gekleurde, gemakkelijk te verzorgen stoffen
Fijne en wolwas
Handwas
– Artikelen met de volgende wasinstructiesymbolen zijn niet geschikt voor de wasmachine:
Stomen - Niet wassen
Voor zeer fijne artikelen, zoals vitrage, ondergoed, nylons, enz, is het een goed idee om
een waszakje te gebruiken.
– Wollen artikelen moeten een etiket met het ‘Pure Nieuwe Wol’-symbool hebben, als u ze
in de machine wilt wassen, plus de aanwijzing ‘niet matterend’ of ‘geschikt voor
wasmachines’. Zoek het etiket en volg de wasinstructies.
– Nieuwe gekleurde artikelen kunnen vaak afgeven.
Hierdoor worden de meegewassen artikelen verkleurd.
Aanbevolen wordt daarom om gekleurde artikelen de eerste keer apart te wassen.
Daarna kunnen de niet-kleurvaste artikelen alleen op 40°C samen met witte was
gewassen worden.
Opmerking: bij het sorteren van de was
– controleer of er geen metalen voorwerpen in de kleding zit
(zoals paperclips, veiligheidsspelden, spelden, munten, enz);
mocht de machine tijdens de garantieperiode defect raken en
mocht worden bepaald dat metalen voorwerpen daar de
reden voor waren, dan krijgt u een rekening voor het
voorrijden van de reparateur.
– maak de knopen van slopen vast, doe de ritsen dicht, sluit
alle haken en ogen, riemen en lange ochtendjasceinturen.
– verwijder de gordijnhaken.
– lees de etiketten van de artikelen goed door.
– als u moeilijke vlekken ziet wanneer u de was sorteert,
behandel ze dan met een speciale zeep of met een speciaal
vlekkenoplosmiddel.
– Wij raden u niet aan om een volledige lading met alleen badstoffen artikelen te wassen,
aangezien ze veel water absorberen en te zwaar worden voor de trommel.
20
De was voorbereiden
A) Kies en sorteer de was volgens de wasinstructies
van elk kledingstuk.
Lees de wasinstructies altijd goed door.
De was in de machine laden
B) Doe de deur open.
C) Stop de was in de wasmachine. Sluit de deur, en
zorg ervoor dat er geen kleding in de deur of in de
verzegeling klem zit.
Het wasmiddel in de machine stoppen
D) Doe de zeeplade open, kies een wasmiddel en stop
er de juiste hoeveelheid in, op basis van de
instructies van de fabrikant en van het advies
in het ‘Wasmiddel’ hoofdstuk van deze
gebruiksaanwijzing. Voeg andere washulpmiddelen
toe. Sluit de zeeplade.
Vloeibare zeep wordt direct in de trommel geplaatst.
Gebruik het aanbevolen zeepbakje.
Wasprogramma kiezen
Raadpleeg het programmaoverzicht voor het meest geschikte programma.
Draai de programmaknop naar het gewenste programma.
Wacht tot het “STOP”-lampje begint te knipperen.
Druk op de benodigde extra functieknoppen (indien nodig).
Controleer of de waterkraan open staat en of de afvoerbuis goed is geïnstelleerd.
Druk op de "Start/Pauze"-knop.
Het indrukken van de "Start/Pauze"-knop stelt de wasmachine in werking.
Het programma draait met de programmaknop gepositioneerd op het gekozen programma
totdat het programma eindigt.
Waarschuwing: Indien er een onderbreking van stroom is, teriwjld e amchine aan staat,
wordt het geselecteerde programma opgeslagen in een speciaal geheugen.
Wanneer de stroom is hersteld, zal de machine verder gaan met het wasprogramma.
Na afloop van het wasprogramma:
Het indicatie lampje "programma einde" (STOP) gaat branden.
Wacht tot de deurvergrendeling ontgrendelt (circa 2 minuten na afloop van het
wasprogramma).
Het indicatielampje voor de “Deurvergrendeling” gaat uit.
Draai de programmaknop naar de “UIT”-stand om de machine uit te schakelen.
Open de deur en haal uw wasgoed uit de machine.
Draai de waterkraan.
21
Schoonmaken en onderhoudsbeurten
Nooit op alcohol gebaseerde schuurmiddelen en/of verdunners op de buitenkant van uw
wasmachine gebruiken. U kunt de buitenkant met een vochtige doek schoonmaken. De
wasmachine behoeft maar weinig routine-onderhoud:
– De zeeplades schoonmaken.
– Het filter schoonmaken.
De zeeplade schoonmaken
De machine verplaatsen of voor
langere tijd opslaan wanneer hij niet
wordt gebruikt
Als de machine vervoerd moet worden of langere tijd in
onverwarmde plaatsen opgeslagen moet worden, moet
al het resterende water uit alle slangen verwijderd
worden.
Haal de stekker uit het stopcontact, en maak de
afvoerslang los. Leg het in een teil of op de vloer, totdat
al het water eruit gestroomd is.
Alhoewel het niet strikt noodzakelijk is raden wij aan af en
toe de vakjes voor de was-en bleekmiddelen en de
toevoegingen schoon te maken.
A) Haal de vakjes er uit door er voorzichtig aan te
trekken.
B) Schoonmaken met water.
C) De vakjes opnieuw naar binnen schuiven.
HET REINIGEN VAN HET FILTER
De wasmachine is uitgerust met een speciale filter die
materialen zoals knopen en munten tegenhoud, die de
afvoerslang kunnen blokkeren.
Aanbevolen wordt om het filter vaak schoon te
maken, minstens eenmaal per maand.
De procedure voor het reinigen van het filter is als volgt.
1) Verwijder het klepje zoals weergegeven in figuur.
2) Gebruik het klepje voor het opvangen van achtergebleven
water in het filter.
3) Draai de dop tegen de klok in open in verticale
richting.
4) Verwijder het filter en maak het schoon.
5) Als het filter schoon is kan het met de klok mee weer
in de opening gedraaid worden, vastgeschroefd
worden en kan het klepje weer dicht gedaan
worden, zoals boven in omgekeerde volgorde werd
aangegeven.
22
23
Opmerking:
Problemen
Wat zou de reden kunnen zijn voor…
Defecten die u zelf kunt oplossen
Voordat u de Service voor technisch advies belt, kunt u de volgende controlelijst afgaan. Er zullen
voorrijkosten in rekening worden gebracht als blijkt dat de machine werkt of dat de machine niet juist werd
geïnstalleerd of gebruikt. Als het probleem zich na de aanbevolen controles nog steeds voordoet, belt u Gias
Service, zodat zij u telefonisch kunnen helpen.
PROBLEEM
1. De machine
functioneert op geen
enkel programma
OORZAAK
OPLOSSING
De stekker zit niet in het stopcontact.
De machine is niet aangezet.
De stroom is uitgevallen.
Een zekering is doorgeslagen.
De deur staat open.
Er is een vertraagde start
geprogrammeerd.
Steek de stekker in het stopcontact.
Zet de machine aan.
Lees het hoofdstuk ‘Stroomstoring’.
Controleren.
Sluit de deur.
2. De machine neemt geen
water op
Zie oorzaak 1.
De waterkraan is dicht.
De programmaselector is niet juist
ingesteld.
Controleren.
De waterkraan opendraaien.
De programmaselector juist instellen.
3. Het water wordt niet
afgevoerd
Er zit een knik in de afvoerslang.
Er bevinden zich voorwerpen in het filter.
De afvoerslang recht trekken.
Zie het hoofdstuk ‘Schoonmaken en
onderhoudsbeurten’.
Controleer de installatie.
De machine werd niet juist aangesloten.
4. Er ligt water op de vloer
rond de wasmachine
Een lekkende sluitring tussen de kraan en
de vulslang.
Een reepje stof of wat vuil tussen de
deurverzegeling en het deurglas.
Onjuist aangesloten.
5. De machine
centrifugeert niet
Het water staat nog in de trommel.
Het gebruik van milieuvriendelijke, fosfaatvrije wasmiddelen (lees de informatie op de
verpakking) kan de volgende gevolgen hebben:
– Het afvalwater kan troebeler zijn vanwege de aanwezigheid van een wit poeder (zeoliten)
dat in het water zit, zonder dat de spoelprestatie hierdoor negatief wordt beïnvloed.
– De aanwezigheid van een wit poeder op de schone was, die niet door het materiaal wordt
geabsorbeerd en die de kleur van het materiaal niet wijzigt.
– De aanwezigheid van schuim in het laatste spoelwater is niet noodzakelijkerwijs een
indicatie van een slechte spoelfunctie.
– In dergelijke gevallen brengt een extra spoelcyclus geen oplossing.
Controleren.
Vervang de sluitring en draai de
verbinding aan.
Stop de lading opnieuw in de machine
en houd kleding weg van de rubberen
deurverzegeling en het deurglas.
Controleer de wateraansluiting.
Wacht een paar minuten voordat de
machine het water afvoert.
Fig. 2
Technische informatie
■ Max. lading met droge was
■ Waterdruk
5 kg
÷
(0,05 0,8 MPa)
De optie ‘centrifugefunctie annuleren’ werd
gekozen (alleen voor bepaalde modellen). Controleren.
Plaats de lading evenwichtig in de trommel.
Onevenwichtige lading.
6. De machine trilt erg
tijdens het centrifugeren
De wasmachine staat niet horizontaal.
De lading is niet evenwichtig verdeeld.
De vervoersbeugels werden niet
verwijderd.
De speciale instelbare voetjes afstellen.
De was gelijkmatig verdelen.
Verwijder de vervoersbeugels. (Zie het
hoofdstuk ‘Installeren’.)
7. De deur gaat niet open
U moet twee minuten wachten na afloop
van het programma.
Wacht twee minuten.
De machine maakt tijdens het
centrifugeren een ander geluid. Dit komt
door de aanwezigheid van de meerfasen
motor die betere prestaties mogelijk
maakt.
Het is onwaarschijnlijk dat het water in de
trommel zichtbaar is! Dit komt door de
moderne technologie, waarmee dezelfde
was- en spoelresultaten verkregen worden,
met een veel lager waterverbruik.
24
Afmetingen
■ Breedte
■ Diepte
■ Hoogte
60 cm
52 cm
85 cm
N.B.: Informatie over de elektrische specificaties staat op de plaat op de voorkant van de
wasmachine (bij de deur). U heeft de gegevens op die plaat nodig als u contact op neemt
met Gias Service.
Dit apparaat voldoet aan de EEC richtlijnen 89/336, 73/23 en eventuele wijzigingen.
25
Klantenservice
Instelleren & uittesten
De machine staat onder garantie, waardoor u tijdens de garantieperiode gratis gebruik kunt
maken van de Gias Service, behalve de prijs van het telefoontje. Vergeet niet om binnen 10
dagen na de aankoopdatum het garantiecertificaat op te sturen.
Bewaar het ontvangstbewijs van de winkelier waar u de machine gekocht heeft om dit aan de
reparateur te tonen, mocht hij het bewijs nodig hebben.
Breng de machine (zonder de onderkant van de
verpakking) dicht bij de plaats waar hij komt te staan.
Knip het ringetje waarmee de slang en de snoer vast zit
door.
Als uw machine defect is of niet juist functioneert, dan raden wij u aan om eerst het hoofdstuk
‘Problemen’ door te lezen, voordat u contact op neemt met Gias Service.
Draai de middelste schroef (A) los; draai de vier schroeven
aan de zijkant (B) los en verwijder het dwarsstuk (C).
Als het probleem zich na alle aanbevolen controles nog steeds voordoet, dan kunt u bellen
met Gias Service.
Houd het apparaat schuin naar voren, verwijder de plastic
zakken en haal voorzichtig de twee polystyreen blokken
aan de zijkanten eraf door ze naar beneden te trekken.
U betaalt voor het telefoontje en u wordt direct verbonden met Gias Service. Het is belangrijk
dat u de adviseur het modelnummer en het serienummer van uw machine doorgeeft, die u op
de kenplaat aan de voorkant van de wasmachine (bij de deur) kunt vinden (16 tekens,
beginnend met het nummer 3). Hierdoor kunnen wij u beter van dienst zijn.
☎
Stop de afsluitdopjes in de gaatjes (deze bevinden zich in
de bijgeleverde enveloppe).
GIAS SERVICE
0900-9999109 NL
0903-99109 BE
WAARSCHUWING: ZORG ERVOOR DAT HET VERPAKKINGSMATERIAAL BUITEN HET
BEREIK VAN KINDEREN BLIJFT OMDAT DAT GEVAAR KAN OPLEVEREN.
Bevestig de dempplaat op de bodem, (zie tekening).
Zet de machine waterpas door middel van de voorvoetjes.
A
a) Kontra moer losdraaien.
b) Apparaat waterpas zetten m.b.v. verstelbare voeten
(maak eventueel gebruik van een waterpas).
B
c) Kontra moer weer vastdraaien.
C
26
27
Opmerking: aanbevolen wordt om de transportbeugel en de
schroeven te bewaren, zodat de machine de volgende keer veilig
vervoerd kan worden.
De fabrikant is niet verantwoordelijk voor beschadigingen aan de
machine als de instructies over transportbeveiliging niet zijn
opgevolgd. De gebruiker is verantwoordelijk voor alle
installatiekosten.
De vulslang aansluiten
Opmerking:
aanbevolen wordt om de wasmachine na elke wasbeurt
van de water- en stroomvoorziening af te halen.
Het uitlaateinde van de afvoerslang moet minimaal 50 cm en maximaal 85 cm van de
grond af zijn opgesteld.
Elektriciteitsvoorziening en veiligheidsadvies
Deze machine heeft een vulslang met aan beide uiteinden
getapte beslagringen van 19 mm. De slang wordt aan het
getapte aansluitpunt van de machine en aan de waterkraan
aangesloten.
Wasmachines functioneren bij een spanning van 230 V, 50 Hz enkele fase. Controleer of de
conductor krachtig genoeg is voor een voorziening van minstens 3,0 kW, en steek de stekker
daarna in een geaard stopcontact.
Elektriciteit kan erg gevaarlijk zijn. Deze machine moet geaard zijn.
Het stopcontact en de stekker van de machine moeten van hetzelfde soort zijn.
U wordt niet aangeraden om meerdere adapters en/of verlengsnoeren te gebruiken.
Gebruik alleen de bijgeleverde nieuwe slang om de machine
aan te sluiten en zorg ervoor dat de zegeldrukringen binnen
de slangverbindingen op hun plaats zitten. Geen oude
slangen op de bestaande installaties aansluiten.
De verbindingen niet te strak aandraaien. Met de hand
aandraaien is voldoende. De slangen niet laten
samenknijpen en geen knik in de slang leggen.
Na installatie, plaatst u het apparaat zo, het stopcontact makkelijk toegangbaar is.
Als de stroomkabel van het toestel beschadigd is, dan moet hij vervangen worden door een
speciaal snoer dat alleen bij Gias Nederland of bij een erkende Candy dealer verkrijgbaar is.
max 100 cm
min 4 cm
28
+2,6 mt max
min 50 cm
max 85 cm
29
Wij stellen ons niet aansprakelijk voor eventuele drukfouten. Kleine veranderingen en
technische ontwikkelingen zijn voorbehouden.
05.02 - 41014634 - Printed in Italy - Imprimé en Italie
NL
Was this manual useful for you? yes no
Thank you for your participation!

* Your assessment is very important for improving the work of artificial intelligence, which forms the content of this project

Related manuals

Download PDF

advertising