Garmin | Vector™ 2 | User manual | Garmin Vector™ 2 Gebruikershandleiding

Garmin Vector™ 2 Gebruikershandleiding
Vector™ 2 en Vector 2S
Gebruikershandleiding
Juli 2015
Gedrukt in Taiwan
190-01867-35_0B
Alle rechten voorbehouden. Volgens copyrightwetgeving mag deze handleiding niet in zijn geheel of gedeeltelijk worden gekopieerd zonder schriftelijke
toestemming van Garmin. Garmin behoudt zich het recht voor om haar producten te wijzigen of verbeteren en om wijzigingen aan te brengen in de inhoud van
deze handleiding zonder de verplichting te dragen personen of organisaties over dergelijke wijzigingen of verbeteringen te informeren. Ga naar
www.garmin.com voor de nieuwste updates en aanvullende informatie over het gebruik van dit product.
Garmin , het Garmin logo, ANT+ , Edge en Forerunner zijn handelsmerken van Garmin Ltd. of haar dochtermaatschappijen, geregistreerd in de Verenigde
Staten en andere landen. ANT Agent™, fēnix , Garmin Connect™, USB ANT Stick™ en Vector™ zijn handelsmerken van Garmin Ltd. of haar
dochtermaatschappijen. Deze handelsmerken mogen niet worden gebruikt zonder de uitdrukkelijke toestemming van Garmin.
®
®
®
®
®
Het merk en de logo's van Bluetooth zijn eigendom van Bluetooth SIG, Inc. en voor het gebruik van deze merknaam door Garmin is een licentie verkregen.
Exustar™ is een handelsmerk van Exustar Enterprise Co. Ltd. Mac is een geregistreerd handelsmerk van Apple Computer, Inc. Shimano is een geregistreerd
handelsmerk van Shimano, Inc. Training Stress Score™ (TSS), Intensity Factor™ (IF) en Normalized Power™ (NP) zijn handelsmerken van Peaksware, LLC.
Windows is een geregistreerd handelsmerk van Microsoft Corporation in de Verenigde Staten en andere landen. Overige handelsmerken en merknamen zijn
het eigendom van hun respectieve eigenaars.
®
®
®
Dit product is ANT+ gecertificeerd. Ga naar www.thisisant.com/directory voor een lijst met compatibele producten en apps.
®
Het FCC identificatienummer bevindt zich aan de binnenkant van het batterijcompartiment. FCC ID: IPH-02767
M/N: A02767
®
Inhoudsopgave
Inleiding........................................................................... 1
Bedankt .......................................................................................1
Aan de slag ................................................................................. 1
Meegeleverd gereedschap ......................................................... 1
Benodigd gereedschap ............................................................... 1
De Vector onderdelen installeren ............................................... 1
De installatie voorbereiden .................................................... 1
De afstand tot de fietsketting controleren .............................. 1
Het pedaal en de pedaalsensor installeren ........................... 1
Het linkerpedaal en de pedaalsensor installeren ................... 2
Het rechterpedaal installeren ................................................. 2
De schoenplaatjes installeren ..................................................... 2
De vrijmaakspanning instellen ............................................... 2
Vector koppelen met uw Edge 1000 ........................................... 2
Statuslampje van pedaalsensor ............................................. 2
Uw eerste rit ................................................................................ 3
De pedaallengte invoeren ...................................................... 3
De installatiehoek instellen .................................................... 3
De gegevensvelden aanpassen ............................................ 3
Vector koppelen met het Forerunner 910XT toestel .............. 7
De gegevensvelden aanpassen ............................................ 7
De pedaallengte invoeren ...................................................... 8
Vector 1 upgraden naar Vector 2.................................. 8
De pedaalsensor en het pedaal verwijderen .............................. 8
Het pedaal, de upgrade-vulring en de nieuwe pedaalsensor
installeren ................................................................................... 8
Het rechterpedaal installeren ...................................................... 8
Appendix......................................................................... 8
De Vector registreren .................................................................. 8
Vermogensgegevensvelden ....................................................... 9
Problemen oplossen ................................................................... 9
De software bijwerken met Vector Updater ........................... 9
De Vector software bijwerken met de Edge 1000 ................ 10
Informatie over het knipperen van het statuslampje ............ 10
Een statische draaimoment-test uitvoeren .......................... 10
Pedaalarmen - compatibiliteit ............................................... 10
Toestellen van andere leveranciers ..................................... 10
Index.............................................................................. 11
Training........................................................................... 3
Vermogen in de pedalen ............................................................ 3
Fietsdynamica ............................................................................. 3
Fietsdynamica gebruiken ....................................................... 3
Vermogensfasegegevens ...................................................... 3
Pedaalmidden-offset .............................................................. 3
Tips voor onderhoud ................................................................... 3
Vector gegevens............................................................. 4
Uw rit verzenden naar Garmin Connect ..................................... 4
Garmin Connect ..................................................................... 4
De USB-kabel loskoppelen .................................................... 4
Toestelinformatie........................................................... 4
Vector toestelonderhoud ............................................................ 4
De pedaalsensors en pedalen verwijderen ................................ 4
De pedalen en cartridges vervangen .......................................... 5
Opslag van de Vector ................................................................. 5
Vector specificaties ..................................................................... 5
USB ANT Stick™ specificaties ................................................... 5
Batterijgegevens ......................................................................... 5
De batterij van de pedaalsensor vervangen .......................... 5
Andere compatibele toestellen..................................... 6
Edge 810 en 510 instructies ....................................................... 6
Een Vector met uw Edge 810 of 510 toestel koppelen .......... 6
De pedaallengte invoeren ...................................................... 6
Edge 800 toestelinstructies ........................................................ 6
Vector met het Edge 800 toestel koppelen ............................ 6
De pedaallengte invoeren ...................................................... 6
Edge 500 toestelinstructies ........................................................ 6
Vector koppelen met het Edge 500 toestel ............................ 6
De pedaallengte invoeren ...................................................... 6
De gegevensvelden aanpassen ............................................ 7
fēnix® 3 Toestelinstructies ......................................................... 7
Vector met het fēnix 3 toestel koppelen ................................. 7
De gegevensvelden aanpassen ............................................ 7
De pedaallengte invoeren ...................................................... 7
fēnix 2 toestelinstructies ............................................................. 7
Vector met het fēnix 2 toestel koppelen ................................. 7
De gegevensvelden aanpassen ............................................ 7
De pedaallengte invoeren ...................................................... 7
Forerunner® 920XT toestelinstructies ........................................ 7
Vector koppelen met het Forerunner 920XT toestel .............. 7
De gegevensvelden aanpassen ............................................ 7
De pedaallengte invoeren ...................................................... 7
Forerunner 910XT toestelinstructies ........................................... 7
Inhoudsopgave
i
Inleiding
WAARSCHUWING
Lees alle instructies zorgvuldig voordat u het Vector systeem
installeert en gebruikt. Verkeerd gebruik kan leiden tot ernstig
letsel.
Lees de gids Belangrijke veiligheids- en productinformatie in de
verpakking voor productwaarschuwingen en andere belangrijke
informatie.
KENNISGEVING
Ga naar www.garmin.com/vectorowner voor de nieuwste
informatie, zoals compatibiliteit, software-updates en
videohandleidingen.
De afstand tot de fietsketting controleren
Voordat u het rechterpedaal kunt installeren, moet u de afstand
tot de fietsketting controleren.
Zet uw fietsketting op het grootste voorblad en het kleinste
kettingwiel.
De fietsketting dient zich in de buitenste positie te bevinden
om de juiste afstand tussen de kabel van de pedaalsensor en
de ketting te bepalen.
OPMERKING: Er dient ten minste 5 mm ruimte À tussen de
ketting en de pedaalas te zitten.
Bedankt
Bedankt voor de aankoop van uw Vector of Vector S. Deze
handleiding is voor beide Vector systemen.
Vector is ontwikkeld voor fietsers, door fietsers, om u een
geavanceerd en nauwkeurig systeem te bieden voor het meten
van vermogensprestaties tijdens het fietsen.
Vector is eenvoudig, nauwkeurig en gemakkelijk te gebruiken.
Software-updates, videohandleidingen en alles wat u nodig hebt
voor het gebruik van uw Vector kunt u vinden op
www.garmin.com/vectorowner.
Nu is het tijd om het systeem te installeren en op pad te gaan.
Aan de slag
1 Installeer de Vector onderdelen (De Vector onderdelen
2
3
4
5
6
installeren, pagina 1).
Installeer de schoenplaatjes (De schoenplaatjes installeren,
pagina 2).
Koppel de Vector met uw Edge toestel (Vector koppelen met
uw Edge 1000, pagina 2).
Maak een rit (Uw eerste rit, pagina 3).
Bekijk uw geschiedenis (Vector gegevens, pagina 4).
Verzend uw geschiedenis naar uw computer (Uw rit
verzenden naar Garmin Connect, pagina 4).
®
Het pedaal en de pedaalsensor installeren
Deze procedure is voor het Vector systeem. Raadpleeg voor het
Vector S systeem Het linkerpedaal en de pedaalsensor
installeren, pagina 2.
OPMERKING: De linker- en rechterpedaalsensor zijn hetzelfde.
1 Installeer eerst het linkerpedaal.
2 Breng een dunne laag vet aan op de pedaalasschroefdraden
À.
Meegeleverd gereedschap
• 15 mm kraaienpootadapter voor momentsleutel
• Inbussleutel van 2,5 mm
Benodigd gereedschap
•
•
•
•
Pedaalsleutel (15 mm)
Fietsvet
Inbussleutel (3 mm)
Inbussleutel (4 mm)
De Vector onderdelen installeren
De installatieprocedures voor de Vector en Vector S systemen
zijn grotendeels hetzelfde. Stappen die specifiek zijn voor het
Vector S systeem, zijn vermeld.
De installatie voorbereiden
1 Controleer of uw fiets geschikt is op www.garmin.com
/vectorowner.
2 Zoek de sensor-id die op de as is gegraveerd en noteer
deze.
3 Verwijder de bestaande pedalen.
4 Reinig de schroefdraad en verwijder oud vet.
Inleiding
3 Plaats de as in de pedaalarm Á.
4 Draai de as met de hand vast.
OPMERKING: De linkerpedaalas heeft een linkshandige
(omgekeerde) schroefdraad.
5 Gebruik de pedaalsleutel om de as stevig vast te draaien.
OPMERKING: Garmin raadt een draaimoment van 34 tot 40
N-m (25 tot 30 lbf-ft) aan.
6 Verwijder al het overtollige vet van de as met een schone
doek en zeepwater of isopropylalcohol.
7 Plaats de pedaalsensor  op de as.
OPMERKING: Buig de kabel à voorzichtig opzij zodat deze
niet in de weg zit. De pedaalsensor moet dicht tegen de
pedaalarm aan zitten.
TIP: Berekeningen van vermogen en cadans worden niet
beïnvloed door de stand van de pedaalsensor. Garmin
adviseert om de pedaalsensor te plaatsen op de voorrand
van het pedaal. Wanneer het pedaal naar voren wijst, dient
de pedaalsensor naar beneden te wijzen.
8 Steek de kabel stevig in de as.
9 Steek de schroef Ä in de pedaalsensor en draai de schroef
aan met de inbussleutel van 2,5 mm.
10 Draai de pedaalarm rond om de afstand te controleren.
®
1
De pedaalsensor mag geen andere onderdelen van de fiets
belemmeren.
11 Herhaal de stappen 2 tot en met 10 om het rechterpedaal en
de pedaalsensor te installeren.
OPMERKING: Als de kabel van de pedaalsensor tegen de
ketting aan schuurt, kunt u één of twee vulringen tussen de
as en de pedaalarm toevoegen om de ruimte groter te
maken. Gebruik niet meer dan twee vulringen.
Het linkerpedaal en de pedaalsensor installeren
Deze procedure is voor het Vector S systeem.
1 Breng een dunne laag vet aan op de schroefdraden van de
pedaalas À.
2 Plaats de as in de pedaalarm Á.
3 Draai de as met de hand vast.
4
5
6
7
8
9
OPMERKING: De linkerpedaalas heeft een linkshandige
(omgekeerde) schroefdraad.
Gebruik de pedaalsleutel om de as stevig vast te draaien.
OPMERKING: Garmin raadt een draaimoment van 34 tot 40
N-m (25 tot 30 lbf-ft) aan.
Verwijder al het overtollige vet van de as met een schone
doek en zeepwater of isopropylalcohol.
Plaats de pedaalsensor  op de as.
OPMERKING: Buig de kabel à voorzichtig opzij zodat deze
niet in de weg zit. De pedaalsensor moet dicht tegen de
pedaalarm aan zitten.
TIP: Berekeningen van vermogen en cadans worden niet
beïnvloed door de stand van de pedaalsensor. Garmin
adviseert om de pedaalsensor te plaatsen op de voorrand
van het pedaal. Wanneer het pedaal naar voren wijst, dient
de pedaalsensor naar beneden te wijzen.
Steek de kabel stevig in de as.
Steek de schroef Ä in de pedaalsensor en draai de schoef
aan met de inbussleutel van 2,5 mm.
Draai de pedaalarm rond om de afstand te controleren.
De pedaalsensor mag geen andere onderdelen van de fiets
belemmeren.
Het rechterpedaal installeren
Deze procedure is voor het Vector S systeem.
1 Breng een dunne laag vet aan op de schroefdraden van de
pedaalas.
2 Plaats de pedaalas in de pedaalarm.
3 Draai de as met de hand vast.
4 Gebruik de pedaalsleutel om de as stevig vast te draaien.
OPMERKING: Garmin raadt een draaimoment van 34 tot 40
N-m (25 tot 30 lbf-ft) aan.
De schoenplaatjes installeren
OPMERKING: Het linker- en rechterschoenplaatje zijn
hetzelfde.
1 Breng een dun laagje vet aan op de schroefdraad van de
schoenplaatjes.
Breng
het schoenplaatje À, de vulringen Á en de bouten Â
2
op één lijn.
2
3 Gebruik een inbussleutel van 4 mm om elke bout losjes te
bevestigen op de zool van de schoen.
Breng
het schoenplaatje in de gewenste positie op de
4
schoen.
Deze positie kan worden aangepast na een testrit.
5 Bevestig het schoenplaatje stevig op de schoen.
OPMERKING: Garmin raadt een draaimoment van 5 tot 8 Nm (4 tot 6 lbf-ft) aan.
De vrijmaakspanning instellen
KENNISGEVING
Draai de schroef voor de vrijmaakspanning aan de onderkant
van het pedaal niet te strak aan. De vrijmaakspanning moet voor
beide pedalen gelijk worden afgesteld.
Gebruik een inbussleutel van 3 mm om de vrijmaakspanning
van elk pedaal in te stellen.
Een opening aan de achterzijde van de pedaalbinding geeft
het toegestane bereik aan.
Vector koppelen met uw Edge 1000
Voordat u Vector gegevens op het Edge toestel kunt bekijken,
moet u de toestellen koppelen.
Koppelen is het verbinden van draadloze ANT+ sensors. Deze
procedure bevat instructies voor de Edge 1000. Als u een ander
compatibel toestel hebt, raadpleeg dan Andere compatibele
toestellen, pagina 6 of ga naar www.garmin.com
/vectorowner.
1 Breng het Edge toestel binnen bereik (3 m) van de sensor.
OPMERKING: Zorg ervoor dat u minstens 10 m bij andere
ANT+ sensors vandaan bent tijdens het koppelen.
2 Schakel het Edge toestel in.
3 Selecteer in het startscherm > Sensors > Voeg sensor
toe > Vermogen.
4 Draai de pedaalarm een paar keer rond.
5 Selecteer uw sensor.
Wanneer de sensor is gekoppeld met uw Edge toestel, wordt
een bericht weergegeven en is de sensorstatus Verbonden. U
kunt een gegevensveld aanpassen om Vector gegevens weer te
geven.
®
Statuslampje van pedaalsensor
Een knipperend groen lampje geeft aan dat er een probleem is
met het systeem dat uw aandacht behoeft.
OPMERKING: Als de batterij van de pedaalsensor bijna leeg is,
knippert het statuslampje rood in plaats van groen.
Activiteit statuslampje
Status
1 x groen knipperen elke 10
seconden.
Het Vector systeem werkt correct.
2 x knipperen elke 10
seconden.
Het pedaal is niet verbonden.
3 x knipperen elke 10
seconden.
De pedaalsensor is verbonden, maar
kan niet met het Edge toestel communiceren.
Inleiding
Activiteit statuslampje
Status
Fietsdynamica
4 x knipperen elke 10
seconden.
De pedaalsensor zoekt de andere
pedaalsensor.
5 x knipperen elke 10
seconden.
De installatiehoek is niet ingesteld of
kan niet worden gedetecteerd.
6 x knipperen elke 10
seconden.
Er is een hardware-installatiefout.
Fietsdynamicameters meten hoeveel kracht u uitoefent tijdens
de pedaalslag en waar u kracht uitoefent op het pedaal om u
inzicht te geven in uw fietstechniek. Als u weet hoe en waar u
kracht uitoefent, kunt u efficiënter trainen en uw bikefitting
beoordelen.
7 x knipperen elke 10
seconden.
Er wordt een software-update
uitgevoerd.
1 x rood knipperen elke 10
seconden.
De batterij van de pedaalsensor is
bijna leeg.
Uw eerste rit
Voordat u de eerste keer met uw Vector gaat fietsen, moet u de
pedaallengte invoeren en de installatiehoek van de sensors in
de pedalen instellen. Het Vector systeem voert automatisch een
kalibratie uit na elke rit. U moet de pedaallengte ook invoeren
als u de Vector naar een andere fiets overzet.
Deze procedure bevat instructies voor het Edge 1000 toestel.
Als u een ander compatibel toestel hebt, raadpleeg dan de
Andere compatibele toestellen, pagina 6 of ga naar
www.garmin.com/vectorowner.
Fietsdynamica gebruiken
Voordat u fietsdynamica kunt gebruiken, moet u de Vector
vermogensmeter koppelen met uw toestel (Vector koppelen met
uw Edge 1000, pagina 2).
OPMERKING: Voor het opslaan van fietsdynamicagegevens is
extra toestelgeheugen nodig.
1 Maak een rit.
2 Blader naar het fietsdynamicascherm om uw
piekvermogensfase À, totale vermogensfase Á en
pedaalmidden-offset  te bekijken.
De pedaallengte invoeren
De pedaallengte is vaak vermeld op de pedaalarm.
1 Draai de pedalen een paar keer rond om de Vector te
activeren.
2 Selecteer in het startscherm > Sensors > >
Sensordetails > Pedaallengte.
3 Voer de pedaallengte in en selecteer .
De installatiehoek instellen
Voordat u de installatiehoeken instelt, moet u de Edge
gegevensvelden instellen om vermogen en cadans weer te
geven.
1 Maak een kort ritje op een trainingstoestel of op de weg.
2 Rijd totdat de cadans bijna 70 rpm is.
3 Versnel gelijkmatig tot circa 90 rpm.
Wanneer de installatiehoeken zijn ingesteld, verschijnt er een
bericht en worden gegevensvelden met vermogensgegevens
weergegeven op het Edge toestel (alleen 1000, 810 en 510).
De gegevensvelden aanpassen
Deze procedure bevat instructies voor de Edge 1000, 810, 800
en 510 toestellen. Als u een ander compatibel toestel hebt,
raadpleeg dan Andere compatibele toestellen, pagina 6.
1 Houd uw vinger op een gegevensveld om het te wijzigen.
2 Selecteer een categorie.
3 Selecteer een gegevensveld.
Training
Vermogen in de pedalen
Vector meet het vermogen in de pedalen.
Vector meet een paar honderd keer per seconde de kracht die u
uitoefent. Vector meet ook uw cadans of pedaalrotatiesnelheid.
Door de kracht, de richting van de kracht, de rotatie van de
pedaalarm en de tijd te meten, kan Vector het vermogen
bepalen (Watt). Omdat Vector het onafhankelijke vermogen per
been (links en rechts) meet, wordt de vermogensbalans links/
rechts weergegeven.
OPMERKING: Het Vector S systeem geeft geen
vermogensbalans tussen het linker- en rechterpedaal.
Training
3 Houd uw vinger op een gegevensveld à om het zo nodig te
wijzigen (De gegevensvelden aanpassen, pagina 3).
OPMERKING: De twee gegevensvelden onder aan het
scherm kunnen worden aangepast.
U kunt de rit verzenden naar uw Garmin Connect™ account om
meer fietsdynamicagegevens te bekijken (Uw rit verzenden naar
Garmin Connect, pagina 4).
Vermogensfasegegevens
Vermogensfase is het pedaalslaggebied (tussen de
beginpedaalhoek en de eindpedaalhoek) waar u positief
vermogen produceert.
Pedaalmidden-offset
Pedaalmidden-offset is de locatie op het pedaaloppervlak waar
u druk uitoefent.
Tips voor onderhoud
KENNISGEVING
Met sommige fietsgereedschappen kunt u de lak van Vector
onderdelen beschadigen.
• Plaats waspapier of een doek tussen het gereedschap en de
onderdelen.
• Draai de pedaalarm rond om de afstand te controleren, nadat
u aanpassingen hebt gemaakt aan de fiets.
• Houd Vector onderdelen schoon.
• Als u de Vector naar een andere fiets overzet, dient u de
schroefdraad en de oppervlakken goed te reinigen.
• Ga naar www.garmin.com/vectorowner voor de meest
recente updates en informatie.
3
Vector gegevens
Uw ritgegevens of geschiedenis wordt opgeslagen op uw Edge
toestel of een ander compatibel Garmin toestel. Dit gedeelte
bevat instructies voor de Edge 1000.
OPMERKING: De geschiedenis wordt niet vastgelegd wanneer
de timer is gestopt of gepauzeerd.
Als het geheugen van het toestel vol is, wordt er een bericht
weergegeven. Het toestel overschrijft of verwijdert niet
automatisch uw geschiedenis. Upload uw geschiedenis
regelmatig naar Garmin Connect om al uw ritgegevens bij te
houden.
Uw rit verzenden naar Garmin Connect
KENNISGEVING
U voorkomt corrosie door de USB-poort, de beschermkap en de
omringende delen grondig af te drogen voordat u het toestel
oplaadt of aansluit op een computer.
1 Trek de beschermkap À van de USB-poort Á omhoog.
Uw activiteiten delen: U kunt contact houden met vrienden en
elkaars activiteiten volgen of koppelingen naar uw activiteiten
plaatsen op uw favoriete sociale netwerksites.
De USB-kabel loskoppelen
Als uw toestel als een verwisselbaar station of volume is
aangesloten op uw computer, dient u het toestel op een veilige
manier los te koppelen om gegevensverlies te voorkomen. Als
uw toestel als een draagbaar toestel is aangesloten op uw
Windows -computer, hoeft u het niet op een veilige manier los te
koppelen.
1 Voer een van onderstaande handelingen uit:
• Op Windows-computers: Selecteer het pictogram
Hardware veilig verwijderen in het systeemvak en
selecteer uw toestel.
• Op Mac -computers: Sleep het volumepictogram naar de
prullenbak.
2 Koppel de kabel los van uw computer.
®
®
Toestelinformatie
Vector toestelonderhoud
2 Steek het kleine uiteinde van de USB-kabel in de USB-poort
op het toestel.
Steek
het grote uiteinde van de USB-kabel in een USB-poort
3
van de computer.
4 Ga naar www.garminconnect.com/start.
5 Volg de instructies op het scherm.
Garmin Connect
U kunt contact houden met uw vrienden op Garmin Connect.
Garmin Connect biedt u de hulpmiddelen om te volgen, te
analyseren, te delen en elkaar aan te moedigen. Leg de
prestaties van uw actieve lifestyle vast, zoals hardloopsessies,
wandelingen, fietstochten, zwemsessies, hikes, triatlons en
meer. Meld u aan voor een gratis account op
www.garminconnect.com/start.
Uw activiteiten opslaan: Nadat u een activiteit met uw toestel
hebt voltooid en opgeslagen, kunt u die activiteit uploaden
naar Garmin Connect en deze zo lang bewaren als u zelf wilt.
Uw gegevens analyseren: U kunt meer gedetailleerde
informatie over uw activiteit weergeven, zoals tijd, afstand,
hoogte, hartslag, verbrande calorieën, cadans, een
bovenaanzicht van de kaart, tempo- en snelheidsgrafieken,
en instelbare rapporten.
OPMERKING: Voor sommige gegevens hebt u een optioneel
accessoire nodig, zoals een hartslagmeter.
KENNISGEVING
Houd de onderdelen schoon en vrij van vuil.
Gebruik nooit een scherp voorwerp om het toestel schoon te
maken.
Gebruik geen chemische reinigingsmiddelen, oplosmiddelen en
insectenwerende middelen die plastic onderdelen en
oppervlakken kunnen beschadigen.
Houd de componenten niet onder water of spuit deze niet af met
een hogedrukspuit.
Bewaar het toestel niet op een plaats waar het langdurig aan
extreme temperaturen kan worden blootgesteld omdat dit
onherstelbare schade kan veroorzaken.
Vervang onderdelen alleen door Garmin onderdelen. Raadpleeg
uw Garmin dealer of de Garmin website.
De pedaalsensors en pedalen verwijderen
KENNISGEVING
Probeer de kabel niet uit de pedaalas te trekken.
OPMERKING: Deze taak is voor het Vector 2 systeem.
1 Gebruik de inbussleutel van 2,5 mm om de schroef uit de
pedaalsensor te verwijderen.
2 Gebruik de pedaalsleutel À om het pedaal langzaam los te
draaien Á.
Uw training plannen: U kunt een fitnessdoelstelling kiezen en
een van de dagelijkse trainingsplannen laden.
4
Vector gegevens
OPMERKING: De pedaalas en de pedaalarm van het
linkerpedaal heeft een linkshandige (omgekeerde)
schroefdraad.
Terwijl u het pedaal losdraait, komt de pedaalsensorkabel vrij
van de pedaalas.
OPMERKING: Als u Vector opnieuw installeert, moet u het
systeem opnieuw kalibreren.
De pedalen en cartridges vervangen
KENNISGEVING
U hebt een cartridgeas-afnemer (verkrijgbaar bij Exustar™ of
Shimano ), een zeskantsteeksleutel van 8 mm, een
pedaalsleutel van 15 mm en fietsvet nodig. U kunt ook
vergelijkbare gereedschappen gebruiken. Wees voorzichtig en
zorg dat u de Vector onderdelen niet beschadigt.
®
Als uw pedalen zijn beschadigd of ernstige slijtage vertonen,
kunt u de pedalen, cartridges en gerelateerde
hardwareonderdelen vervangen.
OPMERKING: Pedaal- en cartridgevervanging is hetzelfde voor
de Vector en Vector S systemen. U moet de onderdelen van het
linkerpedaal en het rechterpedaal gescheiden houden.
1 Verwijder de pedalen en pedaalsensors van uw fiets (De
pedaalsensors en pedalen verwijderen, pagina 4).
2 Gebruik de cartridgeas-afnemer om de pedaalhuls los te
schroeven van de cartridge À.
OPMERKING: Het rechterpedaal heeft een linkshandige
(omgekeerde) schroefdraad.
verliezen, wat kan leiden tot schade of ernstig lichamelijk
letsel of de dood.
14 Installeer het nieuwe pedaal door het op de cartridge te
schroeven totdat er geen gat meer is.
OPMERKING: Het rechterpedaal heeft een linkshandige
(omgekeerde) schroefdraad.
15 Vervang de pedaalsensors en pedalen volgens de installatieinstructies (Het pedaal en de pedaalsensor installeren,
pagina 1).
16 Draai de pedaalarm rond om de afstand te controleren en om
te controleren of de pedalen soepel bewegen.
Nadat u de pedalen en cartridges hebt vervangen, moet u het
systeem opnieuw kalibreren.
Opslag van de Vector
Als u uw fiets transporteert of Vector een tijd niet gebruikt, raadt
Garmin u aan de Vector te verwijderen en te bewaren in de
productdoos.
Vector specificaties
Batterijtype
Door gebruiker te vervangen CR2032, 3 V
Batterijduur
Minimaal 175 uur rijtijd
OPMERKING: De pedaalsensor op het rechterpedaal gebruikt meer stroom dan het linkerpedaal.
Bedrijfstemperatuurbereik
Van -20° tot 50°C (van -4° tot 122°F)
Waterbestendigheid IPX7
KENNISGEVING
Houd de componenten niet onder water of spuit
deze niet af met een hogedrukspuit.
Radiofrequentie/
protocol
2,4 GHz ANT+ protocol voor draadloze communicatie
USB ANT Stick™ specificaties
Voedingsbron
3 Verwijder de pedaalhuls.
4 Terwijl u de as Á op zijn plaats houdt met een pedaalsleutel,
verwijdert u de moer  en de vulring à met de
zeskantsteeksleutel van 8 mm.
5 Verwijder de cartridge van de as.
6 Verwijder de koperen pasring Ä en stofafdichting Å.
OPMERKING: Het Vector S rechterpedaal bevat geen
koperen pasring en de stofafdichting zit andersom.
7 Verwijder al het oude vet van de as.
8 Schuif de nieuwe stofafdichting en de koperen pasring over
de as.
De taps toelopende zijde van de stofafdichting en de koperen
pasring moeten naar de basis van de as gericht zijn.
Breng
een laag fietsvet aan op de as.
9
10 Plaats de as in de cartridge.
11 Veeg al het overtollige vet weg.
12 Plaats de nieuwe vulring en moer aan het uiteinde van de as.
OPMERKING: De moer van de rechteras heeft een
linkshandige (omgekeerde) schroefdraad.
13 Gebruik de zeskantsteeksleutel van 8 mm om de moer aan te
draaien.
USB
Bedrijfstemperatuurbereik Van -10° tot 50°C (van 14° tot 122°F)
Radiofrequentie/protocol
2,4 GHz ANT+ protocol voor draadloze
communicatie
Zendbereik
Circa 5 m (16,4 ft.)
Batterijgegevens
Vector controleert het batterijniveau van beide pedaalsensors en
verstuurt statusinformatie naar uw Edge toestel. Als u een
waarschuwing krijgt dat de batterij bijna leeg is, kunt u de batterij
nog ongeveer 10-20 uur gebruiken.
De batterij van de pedaalsensor vervangen
WAARSCHUWING
Gebruik nooit een scherp voorwerp om batterijen te verwijderen
die door de gebruiker kunnen worden vervangen.
Neem contact op met uw gemeente voor informatie over het
hergebruik van de batterijen. Perchloraten, voorzichtigheid is
geboden. Ga naar www.dtsc.ca.gov/hazardouswaste
/perchlorate.
OPMERKING: Vervang altijd beide batterijen tegelijkertijd.
1 De batterijdeksel À is rond en bevindt zich op de achterkant
van de pedaalsensor.
WAARSCHUWING
Garmin raadt een moment van 10 N-m (7 lbf-ft) aan. Als u de
moer niet goed aandraait, kunt u het pedaal tijdens een rit
Toestelinformatie
5
De pedaallengte invoeren
De pedaallengte is vaak vermeld op de pedaalarm.
1 Draai de pedalen een paar keer rond om de Vector te
2
3
4
5
activeren.
Selecteer in het startscherm > Fietsprofielen.
Selecteer een profiel.
Selecteer Pedaallengte > Handmatig.
Voer de pedaallengte in en selecteer .
Edge 800 toestelinstructies
2 Gebruik een muntje Á om de deksel linksom los te draaien
en beweeg hierbij de pijl van de vergrendelde positie  naar
de ontgrendelde positie Ã.
3 Verwijder de deksel.
U kunt een stuk tape Ä of een magneet gebruiken om de
batterij uit de deksel te verwijderen.
Vector met het Edge 800 toestel koppelen
1 Breng het Edge toestel binnen bereik (3 m) van de sensor.
OPMERKING: Zorg ervoor dat u minstens 10 meter bij
andere ANT+ sensors vandaan bent tijdens het koppelen.
2 Schakel het Edge toestel in.
3 Selecteer MENU > > Fietsinstellingen > Fietsprofielen.
4 Selecteer een fiets.
5 Selecteer ANT + vermogen > Vermogensmeter > Ja.
6 Draai de pedaalarm een paar keer rond.
7 Selecteer .
Zodra de sensor met uw Edge toestel is gekoppeld, wordt er
een bericht weergegeven en knippert niet meer op de
statuspagina. U kunt een gegevensveld aanpassen om Vector
gegevens weer te geven.
De pedaallengte invoeren
4 Wacht 30 seconden.
5 Plaats de nieuwe batterij in de deksel met de polen in de
juiste richting.
OPMERKING: Zorg dat u de afdichtring niet beschadigt of
verliest.
6 Plaats de deksel terug en zorg er hierbij voor dat de pijl naar
de ontgrendelde positie wijst.
7 Gebruik een muntje om de deksel rechtsom weer vast te
draaien en zorg er hierbij voor dat de pijl naar de
vergrendelde positie wijst.
8 Wacht 10 seconden.
Nadat u de batterij van de pedaalsensor hebt vervangen, stelt u
de installatiehoek in van uw Edge (De installatiehoek instellen,
pagina 3).
Andere compatibele toestellen
Edge 810 en 510 instructies
Een Vector met uw Edge 810 of 510 toestel koppelen
1 Breng het Edge toestel binnen bereik (3 m) van de sensor.
OPMERKING: Zorg ervoor dat u minstens 10 m bij andere
ANT+ sensors vandaan bent tijdens het koppelen.
2 Schakel het Edge toestel in.
3 Selecteer in het startscherm > Fietsprofielen.
4 Selecteer een profiel.
5 Selecteer .
6 Schakel de sensor in en selecteer Zoeken.
7 Draai de pedaalarm een paar keer rond.
Wanneer de sensor is gekoppeld met uw Edge toestel, is de
sensorstatus Verbonden. U kunt een gegevensveld aanpassen
om Vector gegevens weer te geven.
6
De pedaallengte is vaak vermeld op de pedaalarm.
1 Draai de pedalen een paar keer rond om de Vector te
activeren.
2 Selecteer MENU > > Fietsinstellingen > Fietsprofielen.
3 Selecteer een profiel.
4 Selecteer Fietsdetails > Pedaallengte > Aangepast.
5 Voer de pedaallengte in en selecteer .
Edge 500 toestelinstructies
Vector koppelen met het Edge 500 toestel
1 Breng het Edge toestel binnen bereik (3 m) van de sensor.
OPMERKING: Zorg ervoor dat u minstens 10 meter bij
andere ANT+ sensors vandaan bent tijdens het koppelen.
2 Schakel het Edge toestel in.
3 Houd MENU ingedrukt.
4 Selecteer Instellingen > Fietsinstellingen.
5 Selecteer een fiets.
6 Selecteer ANT + vermogen.
7 Schakel de sensor in en selecteer Zoeken.
8 Draai de pedaalarm een paar keer rond.
Zodra de sensor met uw Edge toestel is gekoppeld, wordt er
niet meer in het
een bericht weergegeven en knippert
hoofdmenu. U kunt een gegevensveld aanpassen om Vector
gegevens weer te geven.
De pedaallengte invoeren
De pedaallengte is vaak vermeld op de pedaalarm.
1 Draai de pedalen een paar keer rond om de Vector te
activeren.
Houd
MENU ingedrukt.
2
3 Selecteer Instellingen > Fietsinstellingen.
4 Selecteer een fiets.
5 Selecteer Fietsdetails > Meer > Pedaallengte >
Handmatig.
Andere compatibele toestellen
6 Voer de pedaallengte in.
3 Selecteer Voeg pagina toe en volg de instructies op het
De gegevensvelden aanpassen
Deze procedure bevat instructies voor het Edge 500 toestel.
1 Houd MENU ingedrukt.
2 Selecteer Instellingen > Fietsinstellingen >
scherm om een nieuwe pagina toe te voegen (optioneel).
4 Selecteer de pagina die u wilt wijzigen.
5 Selecteer Wijzig om de gegevensvelden te wijzigen.
De pedaallengte invoeren
De pedaallengte is vaak vermeld op de pedaalarm.
Gegevensvelden.
3 Selecteer een pagina.
4 Wijzig het aantal gegevensvelden dat u op de pagina wilt
weergeven.
5 Selecteer een gegevensveld.
2 Houd MENU ingedrukt.
3 Selecteer Instellingen > Sensors > Vermogen >
fēnix 3 Toestelinstructies
4 Voer de pedaallengte in en selecteer OK.
Vector met het fēnix 3 toestel koppelen
1 Breng het fēnix toestel binnen bereik (3 m) van de sensor.
Forerunner 920XT toestelinstructies
®
2
3
4
5
OPMERKING: Zorg ervoor dat u minstens 10 m bij andere
ANT+ sensors vandaan bent tijdens het koppelen.
Houd UP ingedrukt.
Selecteer Instellingen > Sensors > Voeg nieuw toe >
Vermogen.
Draai de pedaalarm een paar keer rond.
Selecteer uw sensor.
Als de sensor is gekoppeld aan uw fēnix toestel, wordt de
status van de sensor gewijzigd van Zoeken in Verbonden.
De gegevensvelden aanpassen
1 Houd UP ingedrukt.
2 Selecteer Instellingen > Apps > Fiets >
Gegevensschermen.
De pedaallengte invoeren
De pedaallengte is vaak vermeld op de pedaalarm.
1 Draai de pedalen een paar keer rond om de Vector te
activeren.
2 Houd UP ingedrukt.
3 Selecteer Instellingen > Sensors.
4 Selecteer uw sensor.
5 Selecteer Pedaallengte.
6 Voer de pedaallengte in en selecteer .
fēnix 2 toestelinstructies
Vector met het fēnix 2 toestel koppelen
Voordat u ANT+ sensors kunt koppelen, moet Bluetooth
draadloze technologie worden uitgeschakeld.
1 Breng het fēnix toestel binnen bereik (3 m) van de sensor.
OPMERKING: Zorg ervoor dat u minstens 10 m bij andere
ANT+ sensors vandaan bent tijdens het koppelen.
2 Houd MENU ingedrukt.
3 Selecteer Instellingen > Sensors > Vermogen.
4 Draai de pedaalarm een paar keer rond.
5 Selecteer uw sensor.
6 Selecteer Status > Aan.
Als de sensor is gekoppeld aan uw fēnix toestel, wordt de
status van de sensor gewijzigd van Zoeken in Verbonden.
®
De gegevensvelden aanpassen
1 Houd MENU ingedrukt.
2 Selecteer Instellingen > Sensors > Activiteit > Fiets >
Andere compatibele toestellen
activeren.
Pedaallengte.
®
Vector koppelen met het Forerunner 920XT toestel
1 Breng het Forerunner toestel binnen bereik (3 m) van de
sensor.
OPMERKING: Zorg ervoor dat u minstens 10 m bij andere
ANT+ sensors vandaan bent tijdens het koppelen.
> Instellingen > Sensors en accessoires >
Selecteer
2
Voeg nieuw toe > Vermogen.
3 Draai de pedaalarm een paar keer rond.
4 Selecteer uw sensor.
Als de sensor is gekoppeld, wordt er een bericht
weergegeven.
De gegevensvelden aanpassen
1 Selecteer > Activiteitinstellingen > Gegevensschermen.
2 Selecteer een scherm.
3 Selecteer zo nodig Status > Aan om de gegevensschermen
3 Selecteer een scherm.
4 Selecteer een gegevensveld om het te wijzigen.
Gegevenspagina's.
1 Draai de pedalen een paar keer rond om de Vector te
in te schakelen..
4 Wijzig zo nodig het aantal gegevensvelden.
5 Selecteer een gegevensveld om het te wijzigen.
De pedaallengte invoeren
De pedaallengte is vaak vermeld op de pedaalarm.
1 Draai de pedalen een paar keer rond om de Vector te
activeren.
2 Selecteer > Instellingen > Sensors en accessoires.
3 Selecteer uw sensor.
4 Selecteer Pedaallengte.
5 Voer de pedaallengte in.
Forerunner 910XT toestelinstructies
Vector koppelen met het Forerunner 910XT toestel
1 Breng het Forerunner toestel binnen bereik (3 m) van de
2
3
4
5
sensor.
OPMERKING: Zorg ervoor dat u minstens 10 m bij andere
ANT+ sensors vandaan bent tijdens het koppelen.
Selecteer MODE > Instellingen > Fietsinstellingen.
Selecteer uw fiets.
Selecteer ANT+vermogen > Ja > Herstart scan.
Draai de pedaalarm een paar keer rond.
Wanneer de sensor is gekoppeld, wordt een bericht
weergegeven en knippert
niet meer op het scherm.
De gegevensvelden aanpassen
1 Selecteer MODE > Instellingen > Fietsinstellingen >
Gegevensvelden.
2 Selecteer de pagina die u wilt wijzigen.
3 Wijzig zo nodig het aantal gegevensvelden.
7
4 Selecteer een gegevensveld om het te wijzigen.
De pedaallengte invoeren
De pedaallengte is vaak vermeld op de pedaalarm.
1 Draai de pedalen een paar keer rond om de Vector te
activeren.
2 Selecteer MODE > Instellingen > Fietsinstellingen.
3 Selecteer uw fiets.
4 Selecteer Fietsdetails > Meer > Pedaallengte.
5 Voer de pedaallengte in.
Het pedaal, de upgrade-vulring en de nieuwe
pedaalsensor installeren
OPMERKING: De linker- en rechterpedaalsensor zijn hetzelfde.
1 Installeer eerst het linkerpedaal.
2 Plaats de blauwe upgrade-vulring À op de pedaalas.
Vector 1 upgraden naar Vector 2
OPMERKING: Het upgradeproces is gelijk voor de Vector en
Vector S systemen. Het Vector S systeem heeft alleen een
pedaalinstallatie voor het rechterpedaal. U moet de onderdelen
van het linkerpedaal en het rechterpedaal gescheiden houden.
1 Verwijder de bestaande pedalen en pedaalsensors van uw
fiets (De pedaalsensor en het pedaal verwijderen,
pagina 8).
2 Vervang de bestaande cartridges (optioneel De pedalen en
cartridges vervangen, pagina 5.
3 Installeer de pedalen, upgrade-vulringen en nieuwe
pedaalsensors (Het pedaal, de upgrade-vulring en de nieuwe
pedaalsensor installeren, pagina 8).
4 Controleer de LED-statusberichten (Statuslampje van
pedaalsensor, pagina 2).
5 Update de Vector software naar de nieuwste versie (De
software bijwerken met Vector Updater, pagina 9).
6 Koppel het Vector systeem met uw Edge toestel en kalibreer
het Vector systeem (Uw eerste rit, pagina 3).
De pedaalsensor en het pedaal verwijderen
KENNISGEVING
Probeer de kabel niet uit de pedaalas te trekken.
Gebruik de pedaalsleutel À om het pedaal langzaam los te
draaien Á.
3 Breng een dunne laag vet aan op de schroefdraden van de
pedaalas Á.
4 Plaats de pedaalas in de pedaalarm Â.
5 Draai de as met de hand vast.
OPMERKING: De linkerpedaalas heeft een linkshandige
(omgekeerde) schroefdraad.
6 Gebruik de pedaalsleutel om de as stevig vast te draaien.
OPMERKING: Garmin raadt een draaimoment van 34 tot 40
N-m (25 tot 30 lbf-ft) aan.
7 Verwijder al het overtollige vet van de as met een schone
doek en zeepwater of isopropylalcohol.
8 Plaats de nieuwe pedaalsensor à op de pedaalas.
OPMERKING: Buig de kabel Ä voorzichtig opzij zodat deze
niet in de weg zit. De pedaalsensor moet dicht tegen de
pedaalarm aan zitten.
TIP: Berekeningen van vermogen en cadans worden niet
beïnvloed door de stand van de pedaalsensor. Garmin
adviseert om de pedaalsensor te plaatsen op de voorrand
van het pedaal. Wanneer het pedaal naar voren wijst, dient
de pedaalsensor naar beneden te wijzen.
9 Steek de kabel stevig in de as.
10 Steek de schroef Å in de pedaalsensor en draai de schroef
aan met de inbussleutel van 2,5 mm.
11 Draai de pedaalarm rond om de afstand te controleren.
De pedaalsensor mag geen andere onderdelen van de fiets
belemmeren.
12 Herhaal de stappen 2 tot en met 11 om het rechterpedaal en
de pedaalsensor te installeren.
OPMERKING: Als de kabel van de pedaalsensor tegen de
ketting aan schuurt, kunt u één of twee vulringen tussen de
as en de pedaalarm toevoegen om de ruimte groter te
maken. Gebruik niet meer dan twee vulringen.
Het rechterpedaal installeren
Deze procedure is voor het Vector S systeem.
1 Breng een dunne laag vet aan op de schroefdraden van de
OPMERKING: De pedaalas en de pedaalarm van het
linkerpedaal heeft een linkshandige (omgekeerde)
schroefdraad.
Terwijl u het pedaal losdraait, komt de pedaalsensorkabel vrij
van de pedaalas.
Als u Vector opnieuw installeert, moet u het systeem opnieuw
kalibreren.
pedaalas.
2 Plaats de pedaalas in de pedaalarm.
3 Draai de as met de hand vast.
4 Gebruik de pedaalsleutel om de as stevig vast te draaien.
OPMERKING: Garmin raadt een draaimoment van 34 tot 40
N-m (25 tot 30 lbf-ft) aan.
Appendix
De Vector registreren
Vul de onlineregistratie nog vandaag in, zodat wij u beter
kunnen helpen.
8
Vector 1 upgraden naar Vector 2
• Ga naar www.garmin.com/vectorowner.
• Bewaar uw originele aankoopbewijs of een fotokopie op een
veilige plek.
Vermogensgegevensvelden
OPMERKING: Deze lijst bevat vermogensgegevensvelden voor
het Edge 1000 toestel. Als u een ander compatibel toestel hebt,
raadpleeg dan de gebruikershandleiding bij uw toestel.
OPMERKING: Gegevensvelden voor pedaalsouplesse,
effectiviteit draaimoment en balans worden niet ondersteund
door het Vector S systeem.
Balans: De huidige vermogensbalans links/rechts.
Balans - 10 sec. gemiddeld: Het voortschrijdend gemiddelde
(10 seconden) van de vermogensbalans links/rechts.
Balans - 30 sec. gemiddeld: Het voortschrijdend gemiddelde
(30 seconden) van de vermogensbalans links/rechts.
Balans - 3 sec. gemiddeld: Het voortschrijdend gemiddelde
(drie seconden) van de vermogensbalans links/rechts.
Balans - Gemiddeld: De gemiddelde vermogensbalans links/
rechts voor de huidige activiteit.
Balans - Ronde: De gemiddelde vermogensbalans links/rechts
voor de huidige ronde.
Cadans: Het aantal omwentelingen van de pedaalarm of aantal
stappen per minuut. Uw toestel moet zijn aangesloten op een
cadans-accessoire om deze gegevens weer te geven.
Cadans - Gemiddeld: De gemiddelde cadans voor de huidige
activiteit.
Cadans - Ronde: De gemiddelde cadans voor de huidige
ronde.
Effectiviteit draaimoment: Meting van de pedaalslagenefficiëntie van een gebruiker.
Pedaalsoepelheid: De meting van de krachtverdeling op de
pedalen bij iedere pedaalslag door een gebruiker.
PMO: Pedaalmidden-offset. Pedaalmidden-offset is de locatie
op het pedaaloppervlak waarop u kracht uitoefent.
PMO - Gemiddeld: De gemiddelde pedaalmidden-offset voor de
huidige activiteit.
PMO - Ronde: De gemiddelde pedaalmidden-offset voor de
huidige ronde.
Tijd staand: De tijd dat u staand op de pedalen hebt getrapt
voor de huidige activiteit.
Tijd staand - ronde: De tijd dat u staand op de pedalen hebt
getrapt voor de huidige ronde.
Tijd zittend: De tijd dat u zittend op de pedalen hebt getrapt
voor de huidige activiteit.
Tijd zittend - ronde: De tijd dat u zittend op de pedalen hebt
getrapt voor de huidige ronde.
Verm. - kJ: De totale verrichte inspanningen
(uitgangsvermogen) in kilojoules.
Verm - NP ltste rnde: Het gemiddelde Normalized Power van
de laatste voltooide ronde.
Vermog.fase - L. gem.: De gemiddelde vermogensfasehoek
voor het linkerbeen voor de huidige activiteit.
Vermog.fase - L. piek gem.: De gemiddelde
piekvermogensfasehoek voor het linkerbeen voor de huidige
activiteit.
Vermog.fase - L. piek ronde: De gemiddelde
piekvermogensfasehoek voor het linkerbeen voor de huidige
ronde.
Vermog.fase - R. gem.: De gemiddelde vermogensfasehoek
voor het rechterbeen voor de huidige activiteit.
Appendix
Vermog.fase - R. piek gem.: De gemiddelde
piekvermogensfasehoek voor het rechterbeen voor de
huidige activiteit.
Vermog.fase - R. piek ronde: De gemiddelde
piekvermogensfasehoek voor het rechterbeen voor de
huidige ronde.
Vermogen: Het huidige uitgangsvermogen in watt.
Vermogen - %FTP: Het huidige uitgangsvermogen als
percentage van het functionele drempelvermogen (FTP).
Vermogen - 10s gemiddeld: Het voortschrijdend gemiddelde
(10 seconden) van het uitgangsvermogen.
Vermogen - 30s gemiddeld: Het voortschrijdend gemiddelde
(30 seconden) van het uitgangsvermogen.
Vermogen - 3s gemiddeld: Het voortschrijdend gemiddelde
(drie seconden) van het uitgangsvermogen.
Vermogen - Gemiddeld: Het gemiddelde uitgangsvermogen
voor de huidige activiteit.
Vermogen - IF: De Intensity Factor™ voor de huidige activiteit.
Vermogen - Laatste ronde: Het gemiddelde uitgangsvermogen
voor de laatste voltooide ronde.
Vermogen - Max. ronde: Het hoogste uitgangsvermogen voor
de huidige ronde.
Vermogen - Maximum: Het hoogste uitgangsvermogen voor de
huidige activiteit.
Vermogen - NP: De Normalized Power™ voor de huidige
activiteit.
Vermogen - NP ronde: Het gemiddelde Normalized Power van
de huidige ronde.
Vermogen - Ronde: Het gemiddelde uitgangsvermogen voor de
huidige ronde.
Vermogensfase - L.: De huidige vermogensfasehoek voor het
linkerbeen. Vermogensfase is het pedaalslaggebied waar u
positief vermogen produceert.
Vermogensfase - L. piek: De huidige piekvermogensfasehoek
voor het linkerbeen. Piekvermogensfase is het hoekgebied
waarover u het piekgedeelte van de aandrijfkracht uitoefent.
Vermogensfase - L. Ronde: De gemiddelde
vermogensfasehoek voor het linkerbeen voor de huidige
ronde.
Vermogensfase - R.: De huidige vermogensfasehoek voor het
rechterbeen. Vermogensfase is het pedaalslaggebied waar u
positief vermogen produceert.
Vermogensfase - R. piek: De huidige piekvermogensfasehoek
voor het rechterbeen. Piekvermogensfase is het hoekgebied
waarover u het piekgedeelte van de aandrijfkracht uitoefent.
Vermogensfase - R. Ronde: De gemiddelde
vermogensfasehoek voor het rechterbeen voor de huidige
ronde.
Vermogenszone: Het huidige uitgangsvermogensbereik (1–7),
gebaseerd op uw FTP of aangepaste instellingen.
Vermogen - TSS: De Training Stress Score™ voor de huidige
activiteit.
Vermogen - watt/kg: De hoeveelheid uitgangsvermogen in watt
per kilogram.
Problemen oplossen
De software bijwerken met Vector Updater
Om de Vector Updater toepassing te kunnen uitvoeren, moet u
beschikken over een USB ANT Stick (meegeleverd) en een
internetverbinding, en moeten de pedaalsensors werkende
batterijen bevatten.
1 Ga naar www.garmin.com/vectorowner en download de
Vector Updater toepassing.
9
2 Zorg dat Vector zich binnen drie meter van uw computer
bevindt.
3 Open de Vector Updater toepassing en volg de instructies op
het scherm.
Tips voor het gebruik van Vector Updater
Als Vector Updater niet goed werkt, kunt u deze tips proberen.
• Sluit de USB ANT Stick direct aan op de USB-poort van uw
computer. USB-hubs worden niet aanbevolen.
• Als u ook de ANT Agent™ toepassing uitvoert op uw
computer, kunt u nog een USB ANT Stick aansluiten of de
ANT Agent toepassing sluiten.
• Als Vector Updater uw toestel na meer dan twee minuten nog
niet kan vinden, verwijdert u de batterijen uit elke
pedaalsensor. Wacht vervolgens 20 seconden en plaats de
batterijen dan terug.
Als Vector Updater uw toestel dan nog niet kan vinden, moet
u nieuwe batterijen plaatsen in elke pedaalsensor.
De Vector software bijwerken met de Edge 1000
OPMERKING: Als de software wordt bijgewerkt, mag de
pedaalsensor niet worden ontkoppeld en mogen de batterijen
van de pedaalsensor niet worden verwijderd.
Een statische draaimoment-test uitvoeren
KENNISGEVING
De statische draaimoment-test is bedoeld voor ervaren fietsers
en installateurs. Deze test is in normale omstandigheden niet
nodig om goede resultaten te behalen met het Vector systeem.
Deze test is beschikbaar voor de Edge 1000, 810 en 510
toestellen.
Garmin adviseert de statische draaimoment-test minimaal drie
keer uit te voeren en de gerapporteerde draaimoment-waarden
te middelen.
Ga naar www.garmin.com/vectorowner en klik op de
koppeling FAQ (Veelgestelde vragen) voor gedetailleerde
instructies.
Als na herhaalde statische draaimoment-tests de
gerapporteerde draaimoment-waarden aanzienlijk afwijken van
de verwachte waarde, kunt u een schaalfactor voor één of beide
pedalen invoeren. De schaalfactor wordt in het pedaal
opgeslagen en past de op het pedaal berekende
vermogenswaarde aan. De schaalfactor wordt verzonden naar
het Edge toestel en opgeslagen op het Edge toestel.
Voordat u de software kunt bijwerken, moet u uw Edge 1000
toestel koppelen met uw Vector systeem.
1 Verzend uw ritgegevens naar Garmin Connect via een USBverbinding of Wi‑Fi verbinding.
Garmin Connect zoekt automatisch naar software-updates en
verzendt deze naar uw Edge toestel.
2 Breng uw Edge toestel binnen bereik (3 m) van de sensor.
3 Draai de pedaalarm een paar keer rond.
Het Edge toestel vraagt u om software-updates die klaar
staan te installeren.
4 Volg de instructies op het scherm.
Het Vector systeem werkt met de meeste typen pedaalarmen,
ook die van koolstofvezel. De pedaalsensor past op
pedaalarmen van vrijwel elke grootte, variërend van de
standaardmaat (12 tot 15 mm dik) tot de grootste maat (15 tot
18 mm dik). Het Vector systeem is compatibel met pedaalarmen
tot een breedte van 44 mm.
Informatie over het knipperen van het statuslampje
Toestellen van andere leveranciers
Het rode lampje geeft altijd aan dat de batterij van de
pedaalsensor bijna leeg is. Als het rode lampje meerdere keren
knippert, geeft dat aan dat de batterij van de pedaalsensor bijna
leeg is en dat er een probleem is met het systeem (Statuslampje
van pedaalsensor, pagina 2).
• Als het rode lampje meerdere keren knippert, dient u eerst de
batterijen van de pedaalsensors te vervangen (De batterij
van de pedaalsensor vervangen, pagina 5) en vervolgens het
probleem met het systeem op te lossen.
• Als het lampje 2 keer knippert, controleert u of de
pedaalsensorkabel goed is aangesloten en of de kabel of de
pennen niet beschadigd zijn.
• Als het lampje 3 keer knippert, controleert u of de
pedaalsensorkabel goed is aangesloten en of de kabel of de
pennen niet beschadigd zijn.
U kunt ook de batterijen van de pedaalsensor verwijderen en
opnieuw installeren (De batterij van de pedaalsensor
vervangen, pagina 5).
• Als het lampje 4 keer knippert, wacht u tot de pedaalsensor
de andere pedaalsensor heeft gevonden.
Als de statuslampjes van de pedaalsensors verschillend
knipperen, moet u de Vector software mogelijk bijwerken (De
software bijwerken met Vector Updater, pagina 9).
• Als het lampje 5 keer knippert, moet u de installatiehoek
instellen (De installatiehoek instellen, pagina 3).
Uw Edge toestel geeft een bericht weer, waarna u de
instructies op het scherm volgt.
• Als het lampje 6 keer knippert, controleert u of u Vector 2
pedaalsensors en pedalen gebruikt.
Als u uw Vector systeem wilt upgraden, gaat u naar
www.garmin.com/vectorowner.
• Als het lampje 7 keer knippert, wacht u tot de softwareupdate op de pedaalsensors en pedalen is uitgevoerd.
Een lijst met toestellen die compatibel zijn met de Vector vindt u
op www.garmin.com/vectorowner.
®
10
Pedaalarmen - compatibiliteit
Appendix
Index
B
batterij 2, 10
levensduur 5
type 5
vervangen 5
C
compatibiliteit 10
E
Edge 2, 6
F
fēnix 7
fietsdynamica 3
Forerunner 7
G
Garmin Connect 4
gegevens
opslaan 4
overbrengen 4
gegevens opslaan 4
gegevensvelden 3, 7, 9
geheugen 4
gereedschap 1
geschiedenis 4
naar de computer verzenden 4
I
installeren 1, 2, 8, 10
K
kalibreren 3, 6–8
koppelen 2, 6, 7, 10
P
pedaalmidden-offset 3
pedaalsensors 1, 2, 4, 5, 8
pedalen 1–5, 8
problemen oplossen 10
productregistratie 8
S
schoenplaatjes 2
software, bijwerken 9, 10
specificaties 5, 10
T
toestel aanpassen 3, 7
toestel opbergen 4, 5, 8
toestel registreren 8
toestel schoonmaken 4
training 3
U
updates, software 9, 10
USB, loskoppelen 4
USB ANT Stick 5, 9, 10
V
vermogen 3
vermogen (kracht), meters 3
vermogensfase 3
vervangingsonderdelen 5
W
waterbestendigheid 5
Index
11
www.garmin.com/support
+43 (0) 820 220230
+ 32 2 672 52 54
0800 770 4960
1-866-429-9296
+385 1 5508 272
+385 1 5508 271
+420 221 985466
+420 221 985465
+ 45 4810 5050
+ 358 9 6937 9758
+ 331 55 69 33 99
+ 39 02 36 699699
(+52) 001-855-792-7671
0800 0233937
+47 815 69 555
00800 4412 454
+44 2380 662 915
(+35) 1214 447 460
+386 4 27 92 500
0861 GARMIN (427 646)
+27 (0)11 251 9999
+34 93 275 44 97
+ 46 7744 52020
+886 2 2642-9199 ext 2
0808 238 0000
+44 (0) 870 8501242
+49 (0) 89 858364880
zum Ortstarif - Mobilfunk
kann abweichen
913-397-8200
1-800-800-1020
© 2015 Garmin Ltd. of haar dochtermaatschappijen
Was this manual useful for you? yes no
Thank you for your participation!

* Your assessment is very important for improving the work of artificial intelligence, which forms the content of this project

Download PDF

advertising