Garmin | ECHOMAP™ Plus 43cv with Transducer | Garmin ECHOMAP™ Plus 43cv with Transducer Installatie-instructies

Garmin ECHOMAP™ Plus 43cv with Transducer Installatie-instructies
Op de geheugenkaart wordt een Garmin map gemaakt met de
software-update. De software-update op de geheugenkaart
laden kan een paar minuten duren.
ECHOMAP™ PLUS 40 SERIES
Installatie-instructies
Belangrijke veiligheidsinformatie
WAARSCHUWING
Lees de gids Belangrijke veiligheids- en productinformatie in de
verpakking voor productwaarschuwingen en andere belangrijke
informatie.
Verwijder bij het aansluiten van de voedingskabel niet de
geïntegreerde zekeringhouder. Om het risico van letsel of
schade aan het product door brand of oververhitting te
voorkomen, dient de juiste zekering te worden gebruikt, zoals
vermeld in de productspecificaties. Als de voedingskabel wordt
aangesloten zonder gebruik van de juiste zekering, vervalt de
garantie op het product.
VOORZICHTIG
Draag altijd een veiligheidsbril, oorbeschermers en een
stofmasker tijdens het boren, zagen en schuren.
LET OP
Controleer voordat u gaat boren of zagen wat zich aan de
andere kant van het oppervlak bevindt.
Om de beste prestaties te garanderen en om schade aan uw
boot te voorkomen, moet u het toestel aan de hand van de
volgende instructies installeren.
Lees alle installatie-instructies zorgvuldig door voordat u met de
installatie begint. Neem contact op met Garmin Product Support
als u problemen ondervindt tijdens het installeren.
®
Software-update
Mogelijk moet u de toestelsoftware bijwerken wanneer u het
toestel installeert of een accessoire toevoegt aan het toestel.
Dit toestel ondersteunt geheugenkaarten tot 32 GB met de
indeling FAT32.
De nieuwe software op een geheugenkaart laden
U moet de software-update naar een geheugenkaart kopiëren
via een computer met Windows software.
OPMERKING: U kunt contact opnemen met de klantenservice
van Garmin om een vooraf geladen kaart met software-update
te bestellen als u geen computer met Windows software hebt.
1 Plaats een geheugenkaart in de kaartsleuf van de computer.
2 Ga naar www.garmin.com/support/software/marine.html.
3 Selecteer echoMAP serie met SD kaart.
4 Selecteer Downloaden naast echoMAP serie met SD kaart.
5 Lees en accepteer de voorwaarden.
6 Selecteer Downloaden.
7 Kies een locatie en selecteer Sla op.
8 Dubbelklik op het gedownloade bestand.
9 Selecteer Volgende.
10 Selecteer het station van de geheugenkaart en selecteer
vervolgens Volgende > Voltooi.
®
De software van het toestel bijwerken
Voordat u de software kunt bijwerken, moet u beschikken over
een software-update op een geheugenkaart of de nieuwste
software zelf op een geheugenkaart laden.
1 Schakel de kaartplotter in.
2 Nadat het startscherm verschijnt, plaatst u de geheugenkaart
in de kaartsleuf.
OPMERKING: De instructies voor de software-update
verschijnen alleen als het toestel volledig is opgestart voordat
u de kaart plaatst.
3 Volg de instructies op het scherm.
4 Wacht enkele minuten totdat de software-update is voltooid.
5 Laat de geheugenkaart op zijn plaats zitten en start de
kaartplotter handmatig opnieuw op, wanneer daar om wordt
gevraagd.
6 Verwijder de geheugenkaart.
OPMERKING: Als de geheugenkaart wordt verwijderd
voordat het toestel opnieuw is opgestart, is de softwareupdate niet voltooid.
Benodigd gereedschap
• Boormachine
• Boortjes
◦ Beugelsteun: Boortjes die geschikt zijn voor oppervlak en
bevestigingsmateriaal
◦ Draaivoetmontage: Boortje van 3 mm (1/8 in.)
◦ Verzonken montage: Boortjes van 3 mm (1/8 in.) en
9,5 mm (3/8 in.)
• Kruiskopschroevendraaier, nr. 2
• Decoupeerzaag of slijptol
• Vijl en schuurpapier
• Watervaste kit (optioneel)
Aandachtspunten bij de montage
Het toestel kan op de meegeleverde steun worden gemonteerd,
of in het dashboard met de set voor verzonken montage (los
verkrijgbaar).
Bepaal eerst de locatie van de verschillende onderdelen,
voordat u een onderdeel van het toestel permanent installeert.
• Op de montageplek moet het scherm duidelijk zichtbaar en
de knoppen makkelijk te bedienen zijn.
• De montageplek moet sterk genoeg zijn om het gewicht van
het toestel en de voet te dragen.
• De kabels moeten lang genoeg zijn om de onderdelen met
elkaar en met de voeding te verbinden.
• De kabels kunnen onder de beugelsteun of achter het toestel
worden geleid.
• Teneinde interferentie met een magnetisch kompas te
voorkomen, mag het toestel niet dichter bij een kompas
worden geïnstalleerd dan op de kompasveilige afstand die is
vermeld in de productspecificaties.
De draaivoet installeren
De draaivoet bevestigen zonder de kabels door de
montagevoet te voeren
U moet deze procedure alleen voltooien als u geen stroom- en
transducerkabels onder het montageoppervlak en door de
draaivoet wilt laten lopen.
1 Plaats het voetstuk À op het montageoppervlak en bevestig
deze met de juiste schroeven of bouten Á.
Oktober 2017
190-02242-75_0A
De draaivoet bevestigen als de kabels door de
montagevoet heen zijn geleid
2 Plaats de draaivoet op het voetstuk en zet de 10 mm M6×1
kruiskopschroef weer vast.
3 Dicht de kabelgaten af met waterdichte kit.
Voorbereidingen treffen om kabels onder het montageoppervlak te leiden
LET OP
Gebruik schroeven of bouten met een bolle kop voor het
bevestigen van de draaivoet. Schroeven of bouten met
verzonken kop beschadigen de voet.
Voordat u de draaivoet kunt voorbereiden, moet u de locatie
kiezen waar u het voetstuk wilt installeren en bepalen of u het
voetstuk wilt bevestigen met schroeven of bouten.
1 Verwijder de 10 mm M6x1 kruiskopschroef À en maak de
draaivoet Á los van het voetstuk Â.
U moet deze procedure alleen voltooien wanneer u de
voedings- en transducerkabels onder het montageoppervlak en
door de draaivoet laat lopen.
1 Leid de kabels door het middengat van 16 mm (5/8 in.) dat u
hebt geboord tijdens de voorbereidingen om kabels onder het
montageoppervlak te leiden.
2 Plaats het voetstuk op het montageoppervlak.
3 Leid de kabels door de kabelgaten.
4 Bevestig het voetstuk losjes met de juiste schroeven of
bouten.
5 Plaats de draaivoet op het voetstuk, maar bevestig deze niet.
6 Plaats de houder of het toestel in de draaivoet (Het toestel in
de houder installeren, pagina 4).
7 Trek de stroom- en transducerkabels ver genoeg door, zodat
de draaivoet genoeg speling heeft om volledig in de
gewenste posities te draaien wanneer de kabels zijn
aangesloten.
8 Verwijder de houder en de draaivoet van het voetstuk.
9 Breng watervaste kit aan op het middengat van 16 mm (5/8
inch) en op de kabelgaten.
Maak
het voetstuk stevig vast met de juiste schroeven of
10
bouten.
11 Plaats de draaivoet op het voetstuk en bevestig deze met de
bijgeleverde 10 mm M6×1 kruiskopschroef.
De houder installeren in de draaivoet
1 Trek de vergrendelingsarm À omhoog.
2 Richt de draaivoet zodanig dat de doorvoergaten à de juiste
richting op staan.
3 Gebruik de draaivoet als sjabloon, markeer de locaties waar
u wilt voorboren Ä.
4 Markeer het gat voor de kabeldoorgang Å.
2 Plaats de houder in de draaivoet Á.
3 Plaats de draaivoet in de gewenste kijkhoek.
4 Druk de vergrendelingsarm omlaag.
De kabels en connectors installeren
Verbinden met de voeding
1 Geleid de voedingskabel van de voet naar de accu of
zekeringenkast van de boot.
2 Gebruik zo nodig een verlengkabel van 0,82 mm2 (18 AWG)
of dikker.
3 Sluit de rode draad aan op het positieve aansluitpunt van de
accu of zekeringenkast en sluit de zwarte draad aan op het
negatieve aansluitpunt.
Draadboom
• De draadboom dient voor aansluiting op NMEA 0183
toestellen en het delen van routegegevens en via-punten.
• De draadboom verbindt het toestel met de voeding en NMEA
0183 toestellen.
• Het toestel heeft een interne NMEA 0183 poort die wordt
gebruikt om NMEA 0183 compatibele toestellen aan te
sluiten.
®
5 Boor de drie voorboorgaten met de juiste boor.
6 Gebruik een boortje van 16 mm (5/8 in.) om de
kabeldoorgang te boren.
2
• Gebruik draden met een doorsnede van 0,82 mm2 (18 AWG)
of groter als de voedings- of aardedraden moeten worden
verlengd.
• Als u de NMEA 0183 draden of alarmdraden moet verlengen,
moet u daarvoor draden met een doorsnede van 0,33 mm2
(22 AWG) gebruiken.
Onderdeel
À
Á
Â
Ã
Draadfunctie
Draadkleur
NMEA 0183 interne poort Rx (in)
Bruin
NMEA 0183 interne poort Tx (uit)
Blauw
Aarding (voeding en NMEA 0183)
Zwart
Vermogen
Rood
NMEA 0183 verbinding - overwegingen
• Raadpleeg de installatie-instructies die bij uw NMEA 0183
compatibele toestel zijn geleverd voor informatie over hoe u
de polen A (+) en B (-) van de zendende (Tx) en
ontvangende (Rx) draden kunt herkennen. Elke poort kan
één of twee zendende draden bevatten, of één of twee
ontvangende draden.
• Wanneer u NMEA 0183 toestellen aansluit op poorten die elk
twee zendende (Tx) draden of twee ontvangende (Rx)
draden bevatten, is het niet nodig om het NMEA 0183 toestel
te verbinden met een gemeenschappelijke aarde.
• Wanneer u een NMEA 0183 toestel aansluit op poorten die
elk één zendende (Tx) draad of één ontvangende (Rx) draad
bevatten, moet het NMEA 0183 toestel worden verbonden
met een gemeenschappelijke aarde.
• Als het toestel is bevestigd op een plaats waar de interne
antenne geen satellietsignaal kan ontvangen, kunt u een
externe GPS 19x antenne aansluiten via een NMEA 0183
verbinding. Zie voor meer informatie de GPS 19x installatieinstructies.
NMEA 0183 aansluitschema
Ga naar www.garmin.com/transducers of neem contact op met
uw lokale Garmin dealer om te bepalen welke transducer het
beste aansluit op uw behoeften.
1 Volg de meegeleverde instructies om uw transducer correct
te installeren op uw boot.
2 Leid de transducerkabel naar de achterkant van uw toestel,
verwijderd van bronnen die elektronische interferentie
kunnen veroorzaken.
3 Sluit de transducerkabel aan op de juiste poort in de houder.
De kabels aansluiten op de houder
De connectors op de kabels zijn zo gemaakt dat ze alleen in de
juiste poorten op de houder passen. De aangesloten kabels
worden op hun plek gehouden door een vergrendelingsbeugel.
1 Schuif de kabelvergrendelingsbeugel van beneden naar
boven en verwijder de beugel van de houder.
2 Vergelijk de kleine inkepingen À op elke kabelconnector met
de nummers op elke poort om te bepalen welke kabel bij
welke poort hoort.
Beschrijving
Voedingsbron van 12 V gelijkstroom
À
Á
Â
Kabelgeleider
NMEA 0183 compatibel toestel
Onderdeel Functie van
Garmin draad
Ê
Ë
Ì
Í
Î
Het toestel op een transducer aansluiten
-
+
Onderdeel
gemonteerd en de draden te kort zijn, kun u de toestellen
verbinden via een gegevensuitwisselingskabel (010-12234-06).
1 Zorg dat beide toestellen zijn aangesloten op dezelfde
aarding.
2 Voer een van onderstaande handelingen uit:
• Als de toestellen vlak bij elkaar zijn gemonteerd, verbindt
u de blauwe draad van het eerste toestel met de bruine
draad van het tweede toestel en de bruine draad van het
eerste toestel met de blauwe draad van het tweede.
• Als de toestellen te ver bij elkaar vandaan zijn
gemonteerd, koopt u een gegevensuitwisselingskabel
(010-12234-06) en verbindt u de toestellen door de
instructies te volgen die bij de kabel zijn geleverd.
3 Selecteer Navigatie-info > Beheer gegevens >
Gebruikersgegevens delen op beide toestellen.
Gebruikersgegevens worden gedeeld tussen de verbonden
toestellen. Als u Wis gebruikergegevens selecteert, worden
gegevens verwijderd van beide toestellen.
Kleur van
Garmin
draad
NMEA Functie van
draad 0183 toestel
Vermogen
Rood
Vermogen
Aarding
Zwart
Aarding gegevens
Tx/Rx
Tx/Rx/B (-)
Tx
Blauw
Rx/A (+)
Rx
Bruin
Tx/A (+)
3 Plaats elke kabel stevig in een gat in de houder en sluit elke
kabel aan op een poort.
OPMERKING: Als de kabels niet ver genoeg in de houder
worden geplaatst, sluiten de connectors mogelijk niet goed
op de poorten aan. Hierdoor kan het lijken alsof het toestel
stroom verliest of niet meer werkt.
4 Plaats de vergrendelingsbeugel Á over de kabels en schuif
de beugel omlaag om de kabels op hun plek te houden.
Verbinden met een Garmin toestel om gebruikersgegevens te delen
U kunt het ECHOMAP Plus toestel verbinden met een
compatibel Garmin toestel om gebruikersgegevens te delen,
zoals via-punten. Als de toestellen vlak bij elkaar zijn
gemonteerd, kunt u de blauwe en bruine draden op elkaar
aansluiten. Als de toestellen te ver bij elkaar vandaan zijn
3
U hoort een duidelijke klik wanneer de vergrendelingsbeugel
correct is geïnstalleerd.
Het toestel in de houder installeren
Nadat de kabels op de houder zijn aangesloten, kunt u het
toestel in de houder plaatsen.
1 Plaats het voetstuk van het toestel onder in de houder.
2 Kantel de bovenkant van het toestel in de richting van de
houder tot het toestel vastklikt.
U hoort een duidelijke klik wanneer het toestel correct in de
houder is geïnstalleerd.
LET OP
Zorg ervoor dat het toestel stevig in de houder wordt geplaatst.
Als u een model met vergrendelingsbeugel hebt, dient u de
beugel stevig dicht te klikken. U hoort een duidelijke klik
wanneer het toestel of de vergrendelingsbeugel correct is
geïnstalleerd. De stroomvoorziening van het toestel gaat
mogelijk verloren als het toestel niet goed is geplaatst. Het
toestel kan uit de houder vallen als het niet goed is geplaatst.
Het toestel uit de houder nemen
1 Druk op de ontgrendelingshendel À op de houder tot het
toestel is ontgrendeld.
2 Kantel het toestel naar voren en haal het uit de houder.
Specificaties
Specificatie
Afmetingen
Materiaal
Polycarbonaat
Waterbestendigheid1
IEC 60529 IPX7
Temperatuurbereik
Van -15° tot 55°C (van 5° tot 131°F)
Zekering
3 A, 125 V snel
Ingangsspanning
Van 9 tot 18 V gelijkstroom
Max. stroomverbruik2
5W
Nominale opgenomen stroom
(RMS)2
0,5 A
Max. opgenomen stroom
(RMS)2
2A
Kompasveilige afstand
25 cm (9,8 in.)
Echoloodfrequenties3
Traditioneel: 50, 77, 83 of 200 kHz
CHIRP Garmin ClearVü: 260, 455 of
800 kHz
Zendvermogen (RMS)3
500 W
Maximumdiepte4
701 m (2300 ft.) bij 77 kHz
Geheugenkaart
1 microSD kaartsleuf, voor kaarten
van maximaal 32 GB
Max. aantal via-punten
5000
Max. aantal routes
100
Max. aantal actieve
spoorpunten
50.000 punten, 50 opgeslagen sporen
®
1Het
toestel is bestand tegen incidentele blootstelling aan water
tot een diepte van 1 meter gedurende maximaal 30 minuten. Ga
voor meer informatie naar www.garmin.com/waterrating.
2Afhankelijk van model transducer en kaartplotter.
3Afhankelijk van transducer.
4Maximumdiepte is afhankelijk van transducer, zoutgehalte van
water, bodemsoort en andere watercondities.
NMEA 0183-informatie
Type
Uitvoertelegram
Beschrijving
Zenden
GPAPB
APB: Koers- of spoorcontrole (stuurautomaat) telegram 'B'
GPBOD
BOD: Richting (beginpunt naar
bestemming)
GPBWC
BWC: Richting en afstand tot via-punt
GPGGA
GGA: GPS-positiegegevens (Global
Positioning System)
GPGLL
GLL: Geografische positie (breedtegraad en lengtegraad)
GPGSA
GSA: GNSS-DOP en actieve
satellieten
GPGSV
GSV: GNSS-satellieten in weergave
GPRMB
RMB: Aanbevolen minimale
navigatie-informatie
GPRMC
RMC: Aanbevolen minimale
specifieke GNSS-gegevens
GPRTE
RTE: Routes
GPVTG
VTG: Grondkoers en -snelheid
GPWPL
WPL: Locatie van via-punt
GPXTE
XTE: Koersfout
PGRME
E: Geschatte fout
PGRMM
M: Kaartdatum
Specificatie
Afmetingen
PGRMZ
Z: Hoogte
Afmetingen op steun (B x H x
D)
102,3 x 203,9 x 4,6 mm (4 x 8 x
3 1/8 in.)
SDDBT
DBT: Diepte onder transducer
Gewicht
0,7 kg (1,6 lbs.)
SDDPT
DPT: Diepte
Schermgrootte (B×H)
53,9 x 95,0 mm (2 1/8 x 3 3/4 in.)
SDMTW
MTW: Watertemperatuur
Schermtype
WQVGA
SDVHW
VHW: Watersnelheid en koers
Schermresolutie
480 x 272 pixels
4
Ontvangen DPT
DBT
Diepte
Diepte onder transducer
Type
Uitvoertelegram
Beschrijving
MTW
Watertemperatuur
VHW
Watersnelheid en koers
WPL
Locatie van via-punt
DSC
DSC-gegevens (Digital Selective
Calling)
DSE
Uitgebreide Digital Selective Calling
HDG
Koers, afwijking en variatie
HDM
Koers, magnetisch
MWD
Windrichting en -snelheid
MDA
Meteorologische composiet
MWV
Windsnelheid en -hoek
VDM
AIS VHF Data Link bericht
U kunt de volledige informatie over NMEA indeling
(National Marine Electronics Association) en telegrammen
aanschaffen bij: NMEA, Seven Riggs Avenue, Severna
Park, MD 21146 USA (www.nmea.org)
© 2017 Garmin Ltd. of haar dochtermaatschappijen
Garmin en het Garmin logo zijn handelsmerken van Garmin Ltd. of haar
dochtermaatschappijen, geregistreerd in de Verenigde Staten en andere landen.
ECHOMAP™, Garmin ClearVü™, en Garmin Quickdraw™ zijn handelsmerken van Garmin
Ltd. of haar dochtermaatschappijen. Deze handelsmerken mogen niet worden gebruikt
zonder de uitdrukkelijke toestemming van Garmin.
®
NMEA is een geregistreerd handelsmerk van de National Marine Electronics
Association. NMEA is een geregistreerd handelsmerk van de National Marine
Electronics Association. Het microSD logo is een handelsmerk van SD-3C, LLC.
®
®
®
5
Was this manual useful for you? yes no
Thank you for your participation!

* Your assessment is very important for improving the work of artificial intelligence, which forms the content of this project

Download PDF

advertising