Garmin | GPSMAP® 8410 | Garmin GPSMAP® 8410 Installatie-instructies

Garmin GPSMAP® 8410 Installatie-instructies
• Gebruik de ActiveCaptain app.
• Ga naar my.garmin.com/registration en meld uzelf aan bij uw
Garmin account om het toestel te registreren.
Bewaar uw originele aankoopbewijs of een fotokopie op een
veilige plek. Registreer nieuwe toestellen nadat u deze aan het
kaartplotternetwerk toevoegt.
Benodigde materialen
GPSMAP 8400/8600 SERIE
INSTALLATIE-INSTRUCTIES
®
Belangrijke veiligheidsinformatie
WAARSCHUWING
Lees de gids Belangrijke veiligheids- en productinformatie in de
verpakking voor productwaarschuwingen en andere belangrijke
informatie.
Verwijder bij het aansluiten van de voedingskabel niet de
geïntegreerde zekeringhouder. Om het risico van letsel of
schade aan het product door brand of oververhitting te
voorkomen, dient de juiste zekering te worden gebruikt, zoals
vermeld in de productspecificaties. Als de voedingskabel wordt
aangesloten zonder gebruik van de juiste zekering, vervalt de
garantie op het product.
VOORZICHTIG
Draag altijd een veiligheidsbril, oorbeschermers en een
stofmasker tijdens het boren, zagen en schuren.
LET OP
Controleer voordat u gaat boren of zagen wat zich aan de
andere kant van het oppervlak bevindt.
Om de beste prestaties te garanderen en om schade aan uw
boot te voorkomen, moet u het toestel aan de hand van de
volgende instructies installeren.
Lees alle installatie-instructies zorgvuldig door voordat u met de
installatie begint. Neem contact op met Garmin Product Support
als u problemen ondervindt tijdens het installeren.
®
Contact opnemen met Garmin Support
• Ga naar support.garmin.com voor hulp en informatie, zoals
producthandleidingen, veelgestelde vragen video's en
klantondersteuning.
• Bel in de VS met 913-397-8200 of 1-800-800-1020.
• Bel in het VK met 0808 238 0000.
• Bel in Europa met +44 (0) 870 850 1241.
De software van het toestel bijwerken
Mogelijk moet u de toestelsoftware bijwerken wanneer u het
toestel installeert of een accessoire toevoegt aan het netwerk. U
kunt een van de volgende twee methoden gebruiken om de
software bij te werken.
• Gebruik de ActiveCaptain™ app.
• Download de update van www.garmin.com/support/software
/marine.html met een geheugenkaart (max. 32 GB) en een
computer met het Windows besturingssysteem.
Raadpleeg voor meer informatie de gebruikershandleiding op
www.garmin.com/manuals/GPSMAP84xx-86xx.
®
Het toestel registreren
Vul de onlineregistratie vandaag nog in zodat wij u beter kunnen
helpen. U kunt het toestel monteren met een van de volgende
twee methoden.
• Boormachine en boren
◦ 3,0 mm (1/8 in.) boor voor beugelmontage
◦ 14,6 mm (9/16 in.) boor voor verzonken montage
◦ 3,2 mm (1/8 in.) boor voor verzonken montage met behulp
van houtschroeven
◦ 3,6 mm (9/64 in.) boor voor verzonken montage met behulp
van de moerplaat
◦ 6,0 mm (1/4 in.) boor voor verzonken montage met behulp
van de moerplaat
• Kruiskopschroevendraaier, nr. 2
• Decoupeerzaag of slijptol
• Vijl en schuurpapier
• Watervaste kit, goedgekeurd voor gebruik op kunststoffen
(aanbevolen)
Aandachtspunten bij de montage
LET OP
Dit toestel dient te worden gemonteerd op een locatie die niet
wordt blootgesteld aan extreme temperaturen of
omstandigheden. Het temperatuurbereik voor dit toestel wordt
vermeld in de productspecificaties. Langdurige blootstelling aan
temperaturen boven het opgegeven temperatuurbereik, in
opslag- of gebruiksomstandigheden, kan tot storingen in het
toestel leiden. Schade door extreme temperaturen en
gerelateerde gevolgen vallen niet onder de garantie.
U kunt het toestel verzonken in het dashboard monteren, of het
toestel op de beugelsteun op het dashboard bevestigen.
Neem deze aandachtspunten in acht bij het kiezen van een
montagelocatie.
• U moet het toestel zodanig bevestigen dat u een optimale
kijkhoek hebt als u uw boot bestuurt.
• U moet een locatie kiezen die sterk genoeg is om het gewicht
van het toestel te dragen en te beschermen tegen
overmatige trillingen of schokken.
• Om interferentie met een magnetisch kompas te voorkomen,
mag het toestel niet dichter bij een kompas worden
gemonteerd dan op de kompasveilige afstand die is vermeld
in de productspecificaties.
• U moet een locatie kiezen waar ruimte beschikbaar is voor
het geleiden en aansluiten van alle kabels.
• U moet een locatie kiezen waar u gemakkelijk toegang hebt
tot het aanraakscherm van het toestel.
• U moet een locatie kiezen waar u toegang hebt tot de
microSD kaart in de achterzijde van het toestel. Als de
locatie geen toegang biedt, moet u de geheugenkaarten
plaatsen voordat u het toestel installeert.
®
Het toestel aan een beugel monteren
LET OP
Als u de beugel met schroeven bevestigt op glasvezel, kunt u
het beste bij het boren met een kleine verzinkboor alleen in de
bovenste gellaag een kleine verdieping aanbrengen. U voorkomt
hiermee dat er scheuren in de gellaag ontstaan als de
schroeven worden aangedraaid.
Maart 2019
190-02469-02_0A
U kunt de beugel gebruiken om het toestel aan een beugelsteun
op een vlak oppervlak te monteren. De beugel en
montagematerialen zijn bij sommige modellen inbegrepen.
1 Gebruik de beugelsteun als montagesjabloon en markeer
de boorgaten .
2 Gebruik een boor van 3 mm (1/8 in.) om de voorboorgaten te
3
4
5
6
boren.
Bevestig de beugelsteun aan het oppervlak met behulp van
de meegeleverde ringen en houtschroeven .
Installeer de beugelsteunknoppen
aan de zijkanten van
het toestel.
Plaats het toestel in de beugelsteun en draai de
beugelsteunknoppen aan.
Bevestig de trimkapjes door deze op hun plaats te klikken
rondom het toestel.
• U kunt gaten boren, deze tappen en van M4 schroefdraad
voorzien, en de meegeleverde machineschroeven gebruiken.
1 Snijd de montagesjabloon uit en controleer of deze past op
de locatie waar u het toestel wilt monteren.
2 Bevestig de sjabloon op de gekozen locatie.
3 Maak met een boor van 14,6 mm (9/16 in.) een of meer gaten
in de hoeken van de ononderbroken lijn op de sjabloon om
het montageoppervlak voor te bereiden voor zagen.
4 Zaag met een decoupeerzaag of roterend gereedschap het
montageoppervlak uit langs de binnenkant van de
ononderbroken lijn op de sjabloon.
5 Plaats het toestel in de opening om te testen of dit past.
6 Gebruik indien nodig een vijl en schuurpapier om de opening
heel precies op maat te krijgen.
7 Als het toestel goed in de opening past, dient u te controleren
of de montagegaten op het toestel zijn uitgelijnd met de
grotere gaten van 6 mm (1/4 in.) op de sjabloon.
8 Markeer de nieuwe locaties van de montagegaten als deze
niet zijn uitgelijnd met het toestel.
9 Afhankelijk van het montageoppervlak kunt u de grotere
gaten boren, drevelen of tappen:
• Boor montagegaten van 3,2 mm (1/8 in.) voor de
meegeleverde houtschroeven en ga naar stap 18.
• Boor gaten van 6 mm (1/4 in.) voor de meegeleverde
moerplaat en machineschroeven.
• Boor en tap M4-gaten voor de meegeleverde
machineschroeven en ga naar stap 18.
10 Als u de moerplaten gebruikt, plaatst u vanaf één hoek van
de sjabloon een moerplaat
over het grotere gat
dat u in
stap 9 hebt geboord.
Het toestel bevestigen
LET OP
Wees voorzichtig wanneer u het gat zaagt om het toestel
verzonken te monteren. Er is slechts weinig ruimte tussen de
behuizing en de montagegaten. Als u het gat te groot zaagt, kan
het toestel mogelijk niet stabiel worden bevestigd.
Gebruik alleen het meegeleverde bevestigingsmateriaal om dit
toestel te monteren. Door gebruik van niet bij het toestel
geleverd bevestigingsmateriaal kan het toestel beschadigd
raken.
Gebruik alleen de meegeleverde schroeven om het toestel op
het montageoppervlak te bevestigen zodat de poedercoating
niet beschadigd raakt. Als u andere schroeven gebruikt dan de
meegeleverde schroeven, vervalt uw garantie.
Verwijder de blauwe rubberen beschermrand pas na de
installatie. De beschermrand helpt schade tijdens de installatie
voorkomen.
Als u geen toegang hebt tot de achterzijde van het toestel en de
microSD geheugenkaartsleuven na installatie, dient u de
microSD geheugenkaart in het toestel te plaatsen vóór de
installatie.
De meegeleverde sjabloon en het meegeleverde
bevestigingsmateriaal kunnen worden gebruikt om het toestel
verzonken te monteren op uw dashboard. Er zijn drie opties
voor hardware, afhankelijk van het materiaal van het
montageoppervlak.
• U kunt montagegaten boren en de meegeleverde
houtschroeven gebruiken.
• U kunt gaten boren en de meegeleverde moerplaten en
machineschroeven gebruiken. De moerplaten kunnen extra
stabiliteit bieden aan een dunner oppervlak.
2
Het kleinere gat
op de moerplaat moet worden uitgelijnd
met het kleinere gat van 3,6 mm (9/64 in.) op de sjabloon.
11 Markeer de nieuwe locatie van het gat als het kleinere gat op
de moerplaat niet is uitgelijnd met het kleinere gat op de
sjabloon.
12 Herhaal de stappen 10 en 11 voor elke moerplaat.
13 Maak de kleinere gaten met een boor van 3,6 mm (9/64 in.).
14 Verwijder de sjabloon van het montageoppervlak.
15 Plaats vanaf één hoek van de montagelocatie een moerplaat
op de achterzijde van het montageoppervlak, waarbij u de
grote en kleine gaten uitlijnt.
Het hogere gedeelte van de moerplaat moet passen in het
grotere gat.
16 Bevestig de moerplaat stevig aan het montageoppervlak door
vast te draaien door het
een meegeleverde M3-schroef
kleinere gat van 3,6 mm (9/64 in.).
17 Herhaal de stappen 15 en 16 voor elke moerplaat langs de
boven- en onderkant van het toestel.
18 Installeer de schuimrubberen pakking aan de achterzijde
van het toestel.
De delen van de schuimrubberen pakking hebben een
zelfklevende strip aan de achterzijde. Verwijder de
beschermfolie voordat u deze delen bevestigt aan het toestel.
19 Als u geen toegang hebt tot de achterzijde van het toestel
nadat u dit hebt gemonteerd, verbindt u alle benodigde
kabels en installeert u microSD kaarten in het toestel voordat
u het toestel in de opening plaatst.
OPMERKING: Bedek ongebruikte aansluitingen met de
bevestigde weerkapjes om te voorkomen dat de metalen
contactpunten roesten.
20 Breng watervaste kit aan tussen het montageoppervlak en
het toestel om deze ruimte op te vullen. Dit voorkomt
waterschade achter het dashboard.
21 Als u toegang hebt tot de achterzijde van het toestel, kunt u
watervaste kit aanbrengen rond de opening.
22 Plaats het toestel in de opening.
23 Bevestig het toestel aan het montageoppervlak met de
meegeleverde M4-schroeven
of houtschroeven,
afhankelijk van de montagemethode.
24 Verwijder voorzichtig de rubberen beschermrand en gooi
deze weg.
25 Veeg de overtollige waterdichte kit weg.
26 Bevestig de trimkapjes door deze op hun plaats te klikken
rondom het toestel.
Aandachtspunten bij de aansluiting
Houd rekening met deze aandachtspunten wanneer u dit toestel
op een voedingsbron en op andere Garmin toestellen aansluit.
• De voedings- en aardingsverbindingen naar de accu moeten
worden gecontroleerd om er zeker van te zijn dat deze veilig
zijn en niet kunnen losraken.
• De kabels zijn mogelijk verpakt zonder dat de borgringen zijn
aangebracht. De kabels moeten worden doorgevoerd voordat
de borgringen worden bevestigd.
• Na het bevestigen van een borgring op een kabel, moet u
ervoor zorgen dat de ring goed is vastgezet en de afdichtring
is aangebracht, zodat de voedings- of gegevensverbinding
niet kan losraken.
Aansluiten op de voeding
WAARSCHUWING
Verwijder bij het aansluiten van de voedingskabel niet de
geïntegreerde zekeringhouder. Om het risico van letsel of
schade aan het product door brand of oververhitting te
voorkomen, dient de juiste zekering te worden gebruikt, zoals
vermeld in de productspecificaties. Als de voedingskabel wordt
aangesloten zonder gebruik van de juiste zekering, vervalt de
garantie op het product.
1 Leid de voedingskabel naar de voedingsbron en het toestel.
2 Sluit de rode draad aan op de positieve pool van de accu (+)
en de zwarte draad op de negatieve pool van de accu (-).
3 Verbind de voedingskabel met het toestel en draai de
borgring naar rechts om hem vast te maken.
Overweging bij aanvullende aarding
In de meeste installatie-situaties hoeft het chassis van dit toestel
niet aanvullend te worden geaard. Als er interferentie optreedt,
kunt u de aardingsschroef op de behuizing gebruiken om het
toestel te verbinden met de wateraarding van de boot om
interferentie te voorkomen.
Voedingskabel verlengen
Zo nodig kunt u de voedingskabel verlengen met een kabel van
de juiste dikte en lengte.
Onderdeel
Beschrijving
Zekering
Batterij
1,8 m (6 ft.) geen verlenging
Onderdeel Beschrijving
Verbinding
• Verlengdraad van 5,26 mm² (10 AWG), maximaal 4,6 m
(15 ft.)
• Verlengdraad van 8,36 mm² (8 AWG), maximaal 7 m (23
ft.)
• Verlengdraad van 13,29 mm² (6 AWG), maximaal 11 m
(36 ft.)
Zekering
20,3 cm (8 in.)
Batterij
20,3 cm (8 in.)
11 m (36 ft.) maximale verlenging
Aandachtspunten Garmin Marine Network
LET OP
Een Garmin Power over Ethernet (PoE) isolatiekoppeling (P/N
010-10580-10) moet worden gebruikt voor het aansluiten van
een extern toestel, zoals een FLIR camera, op een Garmin
Marine Network. Een PoE toestel direct aansluiten op een
Garmin Marine Network kaartplotter beschadigt de Garmin
kaartplotter en kan het PoE toestel beschadigen. Als u een
extern toestel rechtstreeks aansluit op een Garmin Marine
Network kaartplotter, leidt dit tot problemen met de Garmin
toestellen, zoals problemen met uitschakelen of software die
beschadigd raakt.
®
Dit toestel kan worden verbonden met aanvullende Garmin
Marine Network toestellen om gegevens te delen, zoals radar,
sonar en gedetailleerde kaarten. Houd rekening met de
volgende overwegingen wanneer u Garmin Marine Network
toestellen verbindt met dit toestel.
• Alle toestellen die zijn aangesloten op het Garmin Marine
Network, moeten worden aangesloten op dezelfde aarde.
• Er moet een Garmin Marine Network kabel worden gebruikt
voor alle Garmin Marine Network aansluitingen.
3
◦ U mag geen CAT5-kabel en RJ45-stekkers van andere
merken gebruiken voor Garmin Marine Network
verbindingen.
◦ Andere Garmin Marine Network kabels en stekkers zijn
verkrijgbaar bij uw Garmin dealer.
• De NETWORK poorten op het toestel fungeren elk als
netwerkswitch. U kunt elk compatibel toestel verbinden met
elke NETWORK poort om gegevens te delen met alle
toestellen op de boot die zijn verbonden via een Garmin
Marine Network kabel.
Overwegingen bij verbinding van station
Dit toestel kan samen met andere compatibele Garmin
toestellen worden ingesteld zodat ze samenwerken als station.
Houd rekening met de volgende overwegingen wanneer u
stations plant op uw boot.
• Toestellen vóór de GPSMAP 8000 serie en GPSMAP 8500
serie kunnen niet worden gebruikt in een station.
• Hoewel het niet nodig is, kunt u het beste alle toestellen die u
in één station wilt gebruiken, naast elkaar installeren.
• Er zijn geen speciale verbindingen nodig om een station te
maken, zolang alle toestellen zijn verbonden met de Garmin
Marine Network (Aandachtspunten Garmin Marine Network,
pagina 3).
• Stations worden gemaakt en gewijzigd met behulp van de
toestelsoftware. Zie de gebruikershandleiding bij het toestel
voor meer informatie.
Onderdeel
Beschrijving
NMEA 2000 compatibel Garmin toestel
GPS-antenne
Startschakelaar of onderbrekingsschakelaar
NMEA 2000 voedingskabel
NMEA 2000 netwerkkabel
NMEA 2000 aandachtspunten
Voedingsbron met 12 V gelijkstroom
LET OP
Als u verbinding maakt met een bestaand NMEA 2000 netwerk,
moet u de NMEA 2000 voedingskabel identificeren. Er is slechts
één NMEA 2000 voedingskabel benodigd voor het NMEA 2000
netwerk om goed te werken.
Er moet een NMEA 2000 Power Isolator (010-11580-00) worden
gebruikt in installaties waar de bestaande NMEA 2000
netwerkfabrikant onbekend is.
Als u een NMEA 2000 voedingskabel installeert, moet u deze
verbinden met de contactschakelaar van de boot of via een
andere onderbrekingsschakelaar. NMEA 2000 toestellen zullen
uw accu leegtrekken indien de NMEA 2000 voedingskabel
rechtstreeks is aangesloten op de accu.
NMEA 2000 afsluitweerstand of backbone-kabel
®
Het toestel kan worden verbonden met een NMEA 2000 netwerk
op uw boot om gegevens van NMEA 2000 compatibele
toestellen te delen, zoals een GPS-antenne of een marifoon.
Met de meegeleverde NMEA 2000 kabels en connectors kunt u
het toestel aansluiten op uw bestaande NMEA 2000 netwerk.
Als u geen bestaand NMEA 2000 netwerk heeft, kunt u een
basisnetwerk maken met de kabels van Garmin.
Als u niet vertrouwd bent met NMEA 2000, kunt u het beste het
hoofdstuk 'NMEA 2000 Network Fundamentals' van de
Technical Reference for NMEA 2000 Products lezen. U kunt dit
document vinden via de koppeling Handleidingen op de
productpagina van uw toestel op www.garmin.com.
De poort met het label NMEA 2000 wordt gebruikt om het
toestel te verbinden met een standaard NMEA 2000 netwerk.
4
NMEA 2000 T-connector
NMEA 2000 afsluitweerstand of backbone-kabel
Overwegingen bij J1939 motornetwerkverbindingen
LET OP
U moet een Garmin GPSMAP J1939 accessoirekabel gebruiken
bij het aansluiten van de kaartplotter op het J1939 motornetwerk
om corrosie door middel van vocht te voorkomen. Als u een
andere kabel gebruikt, vervalt uw garantie.
Als u beschikt over een bestaand motornetwerk op uw boot,
moet dit reeds zijn aangesloten op de voeding. Voeg geen extra
voedingsbron toe.
Deze kaartplotter kan worden aangesloten op een motornetwerk
op uw boot om gegevens te lezen van compatibele toestellen
zoals bepaalde motoren. Het motornetwerk voldoet aan een
standaard en gebruikt eigen berichtgeving.
U mag niet meer dan één kaartplotter op één motornetwerk
aansluiten. Als u meer dan één kaartplotter op één
motornetwerk aansluit, kan dit leiden tot onverwacht gedrag.
De poort met het label J1939 wordt gebruikt om het toestel aan
te sluiten op het bestaande motornetwerk. U moet de kabel
binnen 6 m (20 ft.) leggen van de backbone van het
motornetwerk.
De Garmin GPSMAP J1939 accessoirekabel moet worden
verbonden met een voedingsbron en vereist een juiste stekker.
Voor meer informatie over het aansluiten op uw motornetwerk,
raadpleegt u de documentatie van de motorfabrikant.
Pen
Draadkleur
Beschrijving
Gestript
Afscherming
Rood
Voeding, positief
Zwart
Voeding, negatief
Wit
CAN hoog
Blauw
CAN laag
Overwegingen bij HDMI video
®
LET OP
U moet een Garmin GPSMAP accessoirekabel gebruiken bij het
aansluiten van de kaartplotter op de videobron of -display om
corrosie als gevolg van vocht te voorkomen. Sluit geen
mediaspelerstick rechtstreeks aan op de achterkant van de
kaartplotter. Als u verschillende kabels gebruikt of een
mediaspelerstick aansluit op de achterkant van de kaartplotter,
vervalt de garantie.
Deze kaartplotter is geschikt voor video-invoer van HDMI
videobronnen, zoals een Chromecast™ toestel of een Blu-Ray™
speler. U kunt beveiligde HDMI inhoud (HDCP-inhoud) op het
kaartplotterscherm bekijken. HDMI video wordt gedeeld via het
Garmin Marine Network, maar wordt niet gedeeld via het NMEA
2000 netwerk. HDCP-inhoud wordt niet gedeeld via het Garmin
Marine Network.
Via de HDMI OUT poort kunt u het kaartplotterscherm
dupliceren op een ander toestel, zoals een televisie of monitor.
U kunt geen HDCP-inhoud op een gedupliceerd scherm
bekijken.
De Garmin GPSMAP HDMI accessoirekabel is 4,5 m (15 ft)
lang. Als u een langere kabel nodig hebt, mag u alleen een
actieve HDMI kabel gebruiken. U hebt een HDMI koppeling
nodig om de twee HDMI kabels aan te sluiten.
U hebt een Garmin GPSMAP USB OTG adapterkabel nodig om
een mediaspelerstick aan te sluiten. De USB poort kan een
mediaspelerstick voorzien van maximaal 2,5 W stroom.
U moet alle kabels aansluiten in een droge omgeving.
rekening met deze overwegingen als u composite video
aansluit.
• De CVBS IN poort maakt gebruik van een BNC-connector. U
kunt een BNC-naar-RCA-adapter gebruiken om een
composite videobron met RCA-connectors aan te sluiten op
de CVBS IN poort.
• Video wordt gedeeld via het Garmin Marine Network, maar
wordt niet gedeeld via het NMEA 2000 netwerk.
Bediening via het aanraakscherm voor een
aangesloten computer
LET OP
U moet een Garmin GPSMAP accessoirekabel gebruiken bij het
aansluiten van de kaartplotter op de computer om corrosie als
gevolg van vocht te voorkomen. Als u andere kabels gebruikt,
vervalt uw garantie.
U kunt de kaartplotter op een computer aansluiten om het
computerscherm te bekijken en de computer te bedienen via het
aanraakscherm. Als u het computerscherm wilt zien, moet u de
computer aansluiten op de HDMI IN poort. Als u de computer
wilt bedienen via het aanraakscherm van de kaartplotter, moet u
de computer aansluiten op de USB poort.
De Garmin GPSMAP HDMI accessoirekabel is 4,5 m (15 ft)
lang. Als u een langere kabel nodig hebt, mag u alleen een
actieve HDMI kabel gebruiken. U hebt een HDMI koppeling
nodig om de twee HDMI kabels aan te sluiten. U moet alle
kabels aansluiten in een droge omgeving.
De Garmin GPSMAP USB accessoirekabel is 4,5 m (15 ft) lang.
Als u een langere kabel nodig hebt, mag u alleen een USB-hub
of een USB-repeaterverlengkabel gebruiken. U moet alle kabels
aansluiten in een droge omgeving.
Onderdeel
Beschrijving
Garminkaartplotter
Computer
GPSMAP USB-kabel
Droge omgeving, beschermd tegen vocht
Onderdeel Beschrijving
GPSMAP HDMI kabel (HDMI IN)
GPSMAP 8400/8600 kaartplotter
Scherm met HDMI In poort, zoals een computer of televisie
NMEA 0183 met audiokabel-pinout
GPSMAP HDMI kabel (HDMI IN)
De optionele NMEA 0183 met audiokabel (010-12852-00) bevat
kale bedrading en een RCA-connector voor een audio uitverbinding met een stereo, inclusief FUSION stereo's. Deze
kabel kan worden gekocht bij garmin.com of uw lokale Garmin
dealer.
Na de installatie kunt u de RCA-connector aansluiten op de
AUX-ingang van de stereo. De HDMI invoer wordt uitgevoerd
naar de stereo.
De NMEA 0183 met audiokabel heeft één differentiële NMEA
0183 ingangs- en uitgangspoort.
GPSMAP USB OTG adapterkabel om de HDMI bron van
stroom te voorzien, indien mogelijk (maximaal 2,5 W)
GPSMAP HDMI kabel (HDMI OUT)
HDMI bron, zoals een Blu-Ray speler of Chromecast
toestel
Droge omgeving, beschermd tegen vocht
Overwegingen bij composite video
®
®
Deze kaartplotter is geschikt voor invoer van composite
videobronnen via de poort met het label CVBS IN. Houd
5
Toestel
Specificatie
Afmetingen
Ingangsspanning
Van 10 tot 32 V gelijkstroom
Zekering
10 A, 125 V snel
NMEA 2000 LEN
2
NMEA 2000 stroomverbruik
Max. 75 mA
Max. aantal waypoints 5000
Pen
Draadfunctie
Draadkleur
1
NMEA 0183 Rx/A (In +)
Oranje/wit
2
NMEA 0183 Rx/B (In -)
Wit
3
NMEA 0183 Tx/B (Uit -)
Roze
4
NMEA 0183 Tx/A (Uit +)
Grijs
5
Aarding
Zwart
6
Alarm
Geel
7
Accessoire ingeschakeld
Oranje
8
Aarde (afscherming)
Bruin
9
Audiokanaal links
Wit
10
Audio algemeen
Blauw/rood
11
Audiokanaal rechts
Rood
Voor meer informatie over NMEA 0183 bedrading met deze
kabel, zie de kabelinstructies op www.garmin.com/manuals
/nmea0183_audio_cable
NMEA 0183 verbinding - overwegingen
• De kaartplotter heeft een Tx (verzenden) poort en een Rx
(ontvangen) poort.
• Elke poort heeft twee draden met het label A en B
overeenkomstig de NMEA 0183 conventie. De
corresponderende A en B draden van elke interne poort
dienen te worden verbonden met de A(+) en B(-) draden van
het NMEA 0183 toestel.
• U kunt verbinding maken met één NMEA 0183 toestel op de
interne Rx poort om gegevens in te voeren op deze
kaartplotter en u kunt maximaal drie NMEA 0183 toestellen
tegelijkertijd verbinden met de interne Tx poort om
gegevensuitvoer van deze kaartplotter te ontvangen.
• Zie de NMEA 0183 installatie-instructies voor het
identificeren van de draden voor verzenden (Tx) en
ontvangen (Rx).
• U moet afgeschermde twisted-pair draden van 0,08 mm² (28
AWG) voor lange bedradingslengten gebruiken. Soldeer alle
verbindingen en verzegel deze met krimpkousen.
• Sluit de NMEA 0183 gegevensdraden van dit toestel niet aan
op geaarde stroom.
• De voedingskabel van de kaartplotter en de NMEA 0183
toestellen moeten op een gedeelde, geaarde stroom worden
aangesloten.
• De interne NMEA 0183 poorten en communicatieprotocollen
worden geconfigureerd op de kaartplotter. Zie het NMEA
0183 gedeelte in de gebruikershandleiding van de
kaartplotter voor meer informatie.
• Raadpleeg de gebruikershandleiding van de kaartplotter voor
een lijst met goedgekeurde NMEA 0183 telegrammen die de
kaartplotter ondersteunt.
Specificaties
Max. aantal routes
100 (250 waypoints elk)
Max. aantal actieve
spoorpunten
50.000 punten, 50
opgeslagen sporen
Geheugenkaart
2 microSD kaartsleuven in de
achterkant van het toestel;
max. kaartcapaciteit van 32
GB
Draadloze frequentie
en protocols
Wi‑Fi en ANT technologieën
2,4 GHz bij 12,3 dBm
nominaal
HTML-integratie
Compatibel met OneHelm™
integratie
Modellen van 10 Afmetingen (B × H ×
inch
D)
®
®
259,9 × 205,1 × 75,1 mm
(101/4 × 81/16 × 215/16 in.)
Schermgrootte (B×H) 136,9 × 218,4 mm (53/8 ×
85/8 in.)
Gewicht
2,4 kg (5,2 lb.)
Vrije ruimte achter
verzonken
gemonteerd toestel
11,1 cm (43/8 in.)
Kompasveilige
afstand
45 cm (17,7 in.)
Max. vermogen bij
10 V gelijkstroom
40,1 W
Nominale opgenomen 1,5 A
stroom bij 12 V gelijkstroom
Max. opgenomen
6,0 A
stroom bij 12 V gelijkstroom
Modellen van 12 Afmetingen (B × H ×
inch
D)
302,8 × x 216,4 × 75,1 mm
(1115/16 × 81/2 × 215/16 in.)
Schermgrootte (B×H) 257,3 × 145,2 mm (101/8 ×
511/16 in.)
Gewicht
2,7 kg (6,0 lb.)
Vrije ruimte achter
verzonken
gemonteerd toestel
11,1 cm (43/8 in.)
Kompasveilige
afstand
35 cm (13,8 in.)
Max. vermogen bij
10 V gelijkstroom
45 W
Nominale opgenomen 1,3 A
stroom bij 12 V gelijkstroom
Max. opgenomen
6,0 A
stroom bij 12 V gelijkstroom
Modellen van 16 Afmetingen (B × H ×
inch
D)
384,7 × 262,6 × 75,1 mm
(151/8 × 105/16 × 215/16 in.)
Schermgrootte (B×H) 345,2 × 194,6 mm (139/16 ×
711/16 in.)
Gewicht
4,4 kg (9,6 lb.)
11,1 cm (43/8 in.)
Toestel
Specificatie
Afmetingen
Vrije ruimte achter
verzonken
gemonteerd toestel
Alle modellen
Temperatuurbereik
Van -15° tot 55°C (van 5° tot
131°F)
Kompasveilige
afstand
105 cm (41,3 in.)
Materiaal
Polycarbonaat-kunststof en
gegoten aluminium
Max. vermogen bij
10 V gelijkstroom
52,1 W
Waterbestendigheid1
IEC 60529 IPX7
6
Toestel
Specificatie
Afmetingen
Nominale opgenomen 1,3 A
stroom bij 12 V gelijkstroom
Sonarmodellen
PGN
Beschrijving
130310
Omgevingsparameters (verouderd)
130311
Omgevingsparameters (verouderd)
130312
Temperatuur (verouderd)
Max. opgenomen
6,0 A
stroom bij 12 V gelijkstroom
Zenden
Frequenties2
PGN
Beschrijving
126464
PGN-lijst verzenden en ontvangen (groepfunctie)
126984
Reactie op waarschuwing
127497
Reisparameters: Motor
Traditioneel: 50/200, 77/200,
83/200 kHz
1-kanaals CHIRP: Van 40 tot
240 kHz
Garmin ClearVü CHIRP:
260/455/800 kHz
Ultra High-Definition SideVü :
1200 kHz, CHIRP bereik:
1060 tot 1170 kHz
(afhankelijk van de
transducer)
Ontvangen
PGN
Beschrijving
065030
Generator Average basic AC quantities (GAAC)
126983
Waarschuwing
126985
Waarschuwingstekst
126987
Waarschuwingsdrempel
126988
Waarschuwingswaarde
126992
Systeemtijd
toestel is bestand tegen incidentele blootstelling aan water
tot een diepte van 1 meter gedurende maximaal 30 minuten. Ga
voor meer informatie naar www.garmin.com/waterrating.
2Afhankelijk van transducer.
3Afhankelijk van transducerrating en diepte.
4Afhankelijk van de transducer, het zoutgehalte van water, de
bodemsoort en andere watercondities.
127251
Koerswijziging
127257
Gedrag
127498
Motorparameters: Vaste gegevens
127503
AC-invoerstatus (verouderd)
127504
AC-uitvoerstatus (verouderd)
127506
DC gedetailleerde status
127507
Status oplader
NMEA 2000 PGN informatie
127509
Status inverter
Zenden en ontvangen
128000
Nautische drifthoek
PGN
Beschrijving
128275
Afstandslogboek
059392
ISO bevestiging
129038
AIS klasse A positierapport
059904
ISO-aanvraag
129039
AIS klasse B positierapport
060160
ISO-transportprotocol: Gegevensoverdracht
129040
AIS klasse B uitgebreid positierapport
060416
ISO-transportprotocol: Verbindingsbeheer
129044
Datum
060928
ISO-adres gereserveerd
129285
Navigatie: Route/via-punt-informatie
065240
Gebruikt adres
129794
AIS klasse A vaste gegevens en vaargegevens
126208
Aanvraag (groepfunctie)
129798
AIS, SAR, positierapport voor vliegtuigen
126996
Productinformatie
129799
Radiofrequentie/modus/vermogen
126998
Configuratiegegevens
129802
AIS, veiligheidsgerelateerd uitgezonden bericht
127237
(Voorliggende) koersinstelling
129808
DSC Call-informatie
127245
Roer
129809
AIS klasse B “CS” rapport met vaste gegevens, deel A
127250
Voorliggende koers van vaartuig
129810
AIS klasse B “CS” rapport met vaste gegevens, deel B
127258
Magnetische variatie
130313
Vochtigheid
127488
Motorparameters: Snelle update
130314
Actuele druk
127489
Motorparameters: Dynamisch
130316
Temperatuur: Vergroot bereik
127493
Transmissieparameters: Dynamisch
130576
Trimtab-status
127505
Vloeistofniveau
130577
Richtingsgegevens
127508
Batterijstatus
128259
Snelheid: Door het water
128267
Waterdiepte
129025
Positie: Snelle update
129026
COG en SOG: Snelle update
129029
GNSS positiegegevens
129283
Koersfout
129284
Navigatiegegevens
129539
GNSS DOP's
129540
GNSS satellieten in weergavemodus
130060
Label
130306
Windgegevens
Zendvermogen
(RMS)3
Diepte4
CHIRP: 1000 W
Garmin ClearVü en SideVü
CHIRP: 500 W
5000 ft. op 1 kW
1Het
J1939 PGN informatie
De kaartplotter kan J1939 PGN telegrammen ontvangen. De
kaartplotter kan niet uitzenden via het J1939 netwerk.
Telegram
Beschrijving
61443
Elektronische motorcontroller 2
61444
Elektronische motorcontroller 1
65031
Temperatuur van uitlaat
65172
Ondersteunende koeling motor
65252
Afzetten
65253
Motoruren en omwentelingen
65262
Motortemperatuur 1
65263
Vochtniveau of druk motor 1
7
Telegram
Beschrijving
65270
Inlaat- of uitlaatcondities 1
65271
Elektrisch vermogen voertuig
65279
Water-in-brandstof-indicator
65272
Transmissievloeistoffen 1
65248
Vaartuigafstand
65266
Brandstofverbruik (vloeibaar)
65276
Dashdisplay
65226
Actieve diagnosestoringscodes
© 2019 Garmin Ltd. of haar dochtermaatschappijen
Garmin , het Garmin logo en GPSMAP zijn handelsmerken van Garmin Ltd. of haar
dochtermaatschappijen, geregistreerd in de Verenigde Staten en andere landen. Deze
handelsmerken mogen niet worden gebruikt zonder uitdrukkelijke toestemming van
Garmin.
®
®
HDMI is een geregistreerd handelsmerk van HDMI Licensing, LLC. Het microSD logo
is een handelsmerk van SD-3C, LLC. NMEA , NMEA 2000 en het NMEA 2000 logo zijn
geregistreerde handelsmerken van de National Marine Electronics Association.
®
®
®
®
support.garmin.com
Was this manual useful for you? yes no
Thank you for your participation!

* Your assessment is very important for improving the work of artificial intelligence, which forms the content of this project

Download PDF

advertising