Volvo | S60 | Sensus Connect Infotainment | Volvo S60 2015 Early Sensus Connect Infotainment

Volvo S60 2015 Early Sensus Connect Infotainment
WEB EDITION
SENSUS INFOTAINMENT
BESTE VOLVO-BEZITTER,
DANK U DAT U GEKOZEN HEBT VOOR VOLVO!
Wij hopen dat u jarenlang rijplezier van uw Volvo
zult hebben. Bij het ontwerp hebben veiligheid en
comfort van u en uw passagiers vooropgestaan.
Een Volvo is een van de veiligste auto’s ter
wereld. Uw Volvo is ook ontworpen om aan alle
geldende veiligheidsvoorschriften en milieueisen
te voldoen.
Om nog meer plezier van uw auto te hebben,
raden wij u aan om vertrouwd te raken met de uitrusting, de instructies en de onderhoudsinformatie in deze eigenaarshandleiding.
Inhoud
01 Inleiding
02 MY CAR
Inleiding....................................................... 7
Volvo Sensus.............................................. 7
Digitale gebruikershandleiding in auto........ 8
Verkoop van auto...................................... 11
Informatie op internet................................ 11
Volvo ID..................................................... 11
MY CAR....................................................
MY CAR - paden.......................................
MY CAR - menu-opties.............................
MY CAR - voertuiginstellingen..................
MY CAR - rij-assistentiesystemen............
MY CAR- systeeminstellingen..................
MY CAR - steminstellingen.......................
MY CAR - klimaatinstellingen...................
MY CAR - internetinstellingen...................
MY CAR - informatie.................................
03 Audio en media
14
15
15
17
19
20
21
22
23
23
Audio en media.........................................
Audio en media - overzicht.......................
Audiosysteem en media - Systeembediening...........................................................
Symbolen op het beeldscherm.................
Favorieten.................................................
Audio en media - audio-instellingen.........
Audio en media - algemene audio-instellingen........................................................
Audio en media - geavanceerde audioinstellingen................................................
Equalizer instellen.....................................
Geluidssterkte instellen en automatische
volumeregeling..........................................
Radio.........................................................
Radiozenders zoeken...............................
Automatisch radiozenders zoeken............
Radiozenderlijst........................................
Handmatig radiozenders zoeken..............
Radiozenders als voorkeurzenders
opslaan.....................................................
RDS-functies.............................................
Alarm bij ernstige ongelukken en calamiteiten.........................................................
Verkeersinformatie (TP).............................
01 02 03
2
25
26
27
31
32
32
33
34
35
35
36
36
37
37
38
38
39
40
41
Inhoud
Radioprogrammatypes (PTY)....................
Volumeregeling voor onderbrekende
RDS-functies.............................................
Radiotekst.................................................
Automatisch radiofrequenties updaten
(AF)............................................................
Digitale radio (DAB)*..................................
Digitale radio (DAB)* - subkanaal..............
DAB naar DAB* link...................................
Mediaspeler..............................................
Cd/Dvd......................................................
Vooruit-/achteruitspoelen.........................
Willekeurige afspeelvolgorde tracks of
audiobestanden........................................
Media zoeken............................................
Afspelen en navigeren bij DVD Video.......
Camerahoek bij het afspelen van DVD
Video.........................................................
Beeldinstellingen.......................................
Harde schijf (HDD)....................................
Mediaspeler - compatibele bestandsformaten........................................................
Externe audiobron via AUX/USB-ingang..
Externe audiobron via AUX/USB -ingang
aansluiten..................................................
41
41
42
Geluidssterkte instellen voor externe
audiobron.................................................. 53
Media Bluetooth®...................................... 53
Bluetooth®-eenheid aansluiten en loskoppelen................................................... 54
Hulpfuncties voor stembediening.............
Stembediening - instellingen....................
Stembediening - stemcommando’s.........
Stembediening - snelcommando’s...........
Stembediening - mobiele telefoon............
Stembediening - radio..............................
Stembediening - multimedia.....................
Auto met internetaansluiting.....................
Automodem*.............................................
Apps..........................................................
Webbrowser..............................................
TV - instelling*...........................................
Tv* -kanalen zoeken/voorkeurslijst...........
Tv* - weergaveopties................................
Informatie over actueel tv*-programma....
Teletekst*..................................................
Wegval van ontvangst tv*-kanaal..............
Afstandsbediening*...................................
Afstandsbediening* - functies...................
Afstandsbediening* - batterij vervangen...
Audio en media - menu-overzicht.............
Menu-overzicht - AM................................
Menu-overzicht - FM................................
03 03 03
42
42
43
43
43
44
45
45
46
47
48
48
48
49
51
52
Bluetooth®-eenheid registreren................ 55
Automatische aansluiting
Bluetooth®-eenheid................................... 56
Andere Bluetooth®-eenheid kiezen........... 57
Bluetooth®-eenheid loskoppelen.............. 57
Bluetooth®-eenheid verwijderen............... 58
Bluetooth®-handsfreesysteem.................. 58
Bluetooth®-handsfreesysteem - overzicht........................................................... 59
Gespreksfuncties...................................... 60
Bluetooth®-handsfreesysteem - audioinstellingen................................................
Telefoonboek............................................
Telefoonboek - contactpersonen snel
zoeken.......................................................
Telefoonboek - tekentabel toetsenset op
middenconsole.........................................
Telefoonboek - contactpersonen zoeken.
Spraakherkenning.....................................
Taalkeuze voor stembediening.................
61
61
62
62
63
64
65
66
66
67
67
68
69
69
70
73
75
76
79
80
81
81
81
82
82
83
84
85
85
86
* Optie/accessoire, zie Inleiding voor meer informatie.
3
Inhoud
Menu-overzicht - Digitale radio (DAB)*.....
Menu-overzicht - CD/DVD Audio..............
Menu-overzicht - DVD Video....................
Menu-overzicht - harde schijf (HDD).........
86
87
87
88
04 Internetkaart
05 Alfabetisch register
Internetkaart.............................................. 99
Internetkaart - gebruik.............................. 99
Internetkaart - schrijfwiel en toetsenbord 100
Internetkaart - tekst en symbolen op
beeldscherm........................................... 101
Internetkaart - scrolmenu........................ 102
Internetkaart - bestemming opgeven...... 103
Internetkaart - nuttige plaatsten (POI)symbolen................................................ 105
Internetkaart - gedetailleerde route-informatie....................................................... 106
Internetkaart - route-overzicht................ 106
Internetkaart - route-opties..................... 106
Internetkaart - kaart-opties..................... 107
Alfabetisch register................................. 110
03 04 05
Menu-overzicht - iPod®............................ 89
Menu-overzicht - USB.............................. 89
Menu-overzicht - Media Bluetooth®......... 89
Menu-overzicht - AUX............................... 90
Menu-overzicht - Bluetooth®-handsfreesysteem.....................................................
Menu-overzicht - webbrowser..................
Menu-overzicht - tv*.................................
Licenties - audio en media........................
Typegoedkeuring......................................
4
90
91
92
93
96
* Optie/accessoire, zie Inleiding voor meer informatie.
Inhoud
5
INLEIDING
01 Inleiding
Inleiding
Dit supplement vormt een aanvulling op de
reguliere gebruikershandleiding.
Raadpleeg bij twijfel over een van de autofuncties eerst de gebruikershandleiding. Voor
antwoord op verdere vragen wordt geadviseerd contact op te nemen met een dealer of
vertegenwoordiger van Volvo Car Corporation.
N.B.
Het instructieboekje is te downloaden als
app (geldt voor bepaalde modellen en
mobiele telefoons), zie
www.volvocars.com.
01
Volvo Sensus
Volvo Sensus vormt het hart van uw persoonlijke Volvo-beleving. Sensus bundelt informatie, entertainment en autofuncties voor een
probleemloos bezit.
De app biedt tevens video’s en doorzoekbare informatie en eenvoudige navigatie
tussen de verschillende hoofdstukken.
De specificaties, constructiegegevens en
afbeeldingen in dit supplement zijn niet bindend. We behouden ons het recht voor om
zonder voorafgaande mededeling wijzigingen
aan te brengen.
© Volvo Car Corporation
Gebruikershandleiding in mobiele
apparaten
Wanneer u in uw auto zit, wilt u alles onder
controle hebben. In de interactieve wereld
van vandaag betekent dit dat u, wanneer het
ú uitkomt, wilt kunnen beschikken over informatie, communicatie en entertainment. Sensus reikt u al onze oplossingen voor aansluiting* op de rest van de wereld aan en biedt u
de mogelijkheid tot intuïtieve bediening van
de verschillende autofuncties.
Volvo Sensus presenteert tal van functies van
uiteenlopende autosystemen op overzichtelijke wijze op het display van de middenconsole. Volvo Sensus biedt de mogelijkheid tot
personalisering van de auto met een eenvoudig te hanteren bedieningsinterface. Er zijn
instellingen te verrichten onder Instellingen
van de auto, Audio en media, Klimaat e.d.
}}
* Optie/accessoire, zie Inleiding voor meer informatie.
7
01 Inleiding
||
Met de knoppen en bedieningselementen op
de middenconsole en het rechter toetsenblok* op het stuurwiel kunt u functies activeren en deactiveren en tal van instellingen verrichten.
01
Overzicht
Bij het bedienen van MY CAR worden alle
instellingen getoond die verband houden met
het besturen en bedienen van de auto, zoals
City Safety, sloten en alarm, automatische
ventilatorsnelheid, klokinstelling e.d.
Bij het indrukken van RADIO, MEDIA, TEL*,
*,NAV* en CAM* kunt u andere bronnen,
systemen en functies activeren, zoals AM,
FM, CD, DVD*, TV*, Bluetooth®*, navigatie* en
Park Assist-camera*.
Voor meer informatie over alle functies/systemen, zie de desbetreffende hoofdstukken in
de gebruikershandleiding of het bijbehorende
supplement.
Digitale gebruikershandleiding in auto
De gebruikershandleiding is weer te geven op
het beeldscherm in de auto2. De informatie is
doorzoekbaar en de navigatie tussen de verschillende hoofdstukken verloopt eenvoudig.
Digitale gebruikershandleiding openen - druk
op de MY CAR-knop op de middenconsole,
druk op OK/MENU en kies
Gebruikershandleiding.
Bedieningspaneel op middenconsole. De afbeelding is schematisch – het aantal functies en de
locatie van de knoppen is afhankelijk van de
gekozen uitrusting en de desbetreffende markt.
Voor elementaire navigatiefuncties, zie Systeembediening. Hier volgt een gedetailleerde
beschrijving.
Navigatie* - NAV, zie apart supplement
(Sensus Navigation).
Audio en media - RADIO, MEDIA, TEL*,
zie de desbetreffende hoofdstukken in dit
supplement.
Fabrieksinstellingen - MY CAR, zie MY
CAR (p. 14).
Auto met internetaansluiting *, zie de
desbetreffende hoofdstukken in dit supplement1.
Klimaatregeling, zie Gebruikershandleiding.
Park Assist-camera - CAM*, zie Gebruikershandleiding.
1
8
De informatie is alleen beschikbaar, als de auto uitgerust is met iets dergelijks.
* Optie/accessoire, zie Inleiding voor meer informatie.
Startpagina van de gebruikershandleiding.
U hebt vier opties om in de gebruikershandleiding de informatie te vinden die u zoekt:
01 Inleiding
• Zoeken - Zoekfunctie om een artikel te
vinden.
Zoeken
• Categorieën - Alle artikelen geordend
naar categorieën.
• Favorieten - Snelkoppeling naar favoriete artikelen.
•
Quick Guide - Een selectie van artikelen
voor veelgebruikte functies.
Kies het informatiesymbool in de rechter
onderhoek voor informatie over de digitale
gebruikershandleiding.
N.B.
Het instructieboekje is niet raadpleegbaar
tijdens het rijden.
123/AB
C
Met OK/MENU kunt u wisselen
tussen cijfers en letters.
MEER
Met OK/MENU kunt u overschakelen op de invoer van speciale tekens.
OK
Voer de zoekopdracht uit. Draai
aan TUNE om een treffer te kiezen en druk vervolgens op om
OK/MENU het bijbehorende
artikel te openen.
Zoeken met behulp van het schrijfwiel.
Tekenlijst.
Invoerstand wijzigen (zie de volgende
tabel).
Gebruik het schrijfwiel om een zoekterm in te
voeren, bijvoorbeeld ‘veiligheidsgordel’.
01
3. Om over te schakelen op de invoer van
cijfers of speciale tekens of om te zoeken,
draait u aan TUNE, totdat een van de
opties (zie verklaring in volgende tabel) in
de lijst voor het wisselen van invoerstand
(2) verschijnt en druk vervolgens op OK/
MENU.
1. Draai aan TUNE tot de gewenste letter
verschijnt en druk ter bevestiging op OK/
MENU. Ook de cijfer- en lettertoetsen
van het bedieningspaneel op de middenconsole zijn te gebruiken.
2. Ga verder met de volgende letter enz.
2
Geldt voor bepaalde automodellen.
}}
9
01 Inleiding
01
||
a|A
||}
Tussen kleine en hoofdletters
wisselen met OK/MENU.
Van het tekstwiel naar het zoekveld wisselen. De cursor verplaatsen met TUNE. Eventuele
verkeerde spelling wissen met
EXIT. Om terug te gaan naar het
tekstwiel op OK/MENU drukken.
Let op: de cijfer- en lettertoetsen op het bedieningspaneel
kunnen worden gebruikt bij
bewerkingen in het zoekveld.
Categorieën
De artikelen van de gebruikershandleiding zijn
geordend naar hoofdcategorieën en ondercategorieën. Hetzelfde artikel ligt mogelijk in
meerdere categorieën zodat het gemakkelijker te vinden is.
Draai aan TUNE om in de favorietenlijst te
navigeren en druk op OK/MENU om een artikel te openen. Druk op EXIT om terug te
gaan naar de vorige weergave.
Quick Guide
Hier vindt u een aantal artikelen om de meest
gebruikte functies van de auto te leren kennen. De artikelen zijn ook via categorieën
bereikbaar, maar staan hier om er snel bij te
kunnen.
Draai aan TUNE om in de Quick Guide te
navigeren en druk op OK/MENU om een artikel te openen. Druk op EXIT om terug te
gaan naar de vorige weergave.
In een artikel navigeren
Speciale teksten - als het artikel waarschuwings-, belangrijk- of NB-teksten
bevat, worden het bijbehorende symbool
en het aantal van dergelijke teksten in het
artikel getoond.
Draai aan TUNE om de links door te nemen
of een artikel omhoog of omlaag te schuiven.
Als het beeldscherm naar het begin/eind van
een artikel is geschoven, zijn de opties Home
en Favoriet bereikbaar door een stap
omhoog/omlaag te gaan. Druk op OK/MENU
om de keuze/gemarkeerde link te activeren.
Druk op EXIT om terug te gaan naar de
vorige weergave.
Gerelateerde informatie
Favorieten
10
Gemarkeerde link - naar een gelinkt artikel gaan.
•
Draai aan TUNE om door de categorieboom
te navigeren en druk op OK/MENU om een
categorie (aangeduid met
) of artikel (aan) te openen. Druk op EXIT om
geduid met
terug te gaan naar de vorige weergave.
Hier vindt u de artikelen die als favorieten zijn
opgeslagen. Om een artikel als favoriet te
markeren, zie de rubriek ‘In een artikel navigeren’ hieronder.
een artikel als favoriet toe te voegen/te
verwijderen.
Home - naar de startpagina van de
gebruikershandleiding gaan.
Favoriet - het artikel als favoriet toevoegen/verwijderen. U kunt ook op de FAVknop op de middenconsole drukken om
Informatie op internet (p. 11)
01 Inleiding
Verkoop van auto
Informatie op internet
Volvo ID
Bij verkoop van de auto is het belangrijk om
de gebruikersgegevens en de systeeminstellingen naar de oorspronkelijke fabrieksinstelling te resetten.
Op www.volvocars.com vindt u meer informatie over uw auto.
Volvo ID is uw persoonlijke ID die u toegang
biedt tot diverse diensten3.
Met een persoonlijke Volvo ID kunt u inloggen
op My Volvo web, een persoonlijke webpagina voor u en uw auto.
•
My Volvo - Uw persoonlijke website voor
u en uw auto.
•
Auto met internetaansluiting* - bepaalde
functies en diensten vereisen dat u uw
auto hebt geregistreerd op een persoonlijke Volvo ID, bijvoorbeeld om een adres
van een kaartdienst op internet rechtstreeks naar uw auto te kunnen sturen.
•
Volvo On Call, VOC* - Volvo ID wordt
gebruikt bij het inloggen op de mobiele
Volvo On Call-app.
Om de fabrieksinstellingen te resetten, drukt
u eerst op MY CAR op de middenconsole,
daarna op OK/MENU en vervolgens kiest u
Instellingen Resetten naar
fabrieksinstellingen.
De gebruikersgegevens worden gereset (bijvoorbeeld voor apps, webbrowser) en alle
persoonlijke instellingen in menu’s (bijvoorbeeld klimaatinstellingen, voertuiginstellingen)
krijgen de oorspronkelijke fabrieksinstelling.
Bij auto’s met Volvo On Call, VOC* worden de
in de auto opgeslagen persoonlijke instellingen gewist. Voor het beëindigen van het
VOC-abonnement, zie Verkoop van auto met
Volvo On Call.
QR-code
3
Voorbeeld van diensten:
Voor het uitlezen van de QR-code hebt u een
QR-codelezer nodig die als extra programma
(app) verkrijgbaar is voor tal van mobiele telefoons. QR-codelezers zijn bijvoorbeeld te
downloaden via App Store, Windows Phone
of Google Play.
Gerelateerde informatie
•
•
MY CAR - menu-opties (p. 15)
Volvo ID (p. 11)
01
N.B.
Om nog steeds gebruik van deze diensten
te kunnen maken, moet het oude inlogaccount worden geüpgraded naar Volvo ID.
Voordelen van Volvo ID
•
Een gebruikersnaam en een wachtwoord
voor online diensten, d.w.z. u hoeft
slechts één gebruikersnaam en één
wachtwoord te onthouden.
•
Bij het wijzigen van een gebruikersnaam/
wachtwoord voor een dienst (bijvoorbeeld
VOC) worden deze ook automatisch voor
Het aanbod aan diensten kan veranderen en hangt af van het uitrustingsniveau en de markt.
}}
* Optie/accessoire, zie Inleiding voor meer informatie.
11
01 Inleiding
01
||
andere diensten gewijzigd (bijvoorbeeld
My Volvo)
Volvo ID aanmaken
Om een Volvo ID aan te maken, moet u uw
persoonlijke e-mailadres aangeven en de
instructies volgen die u in een e-mail ontvangt
om de registratie te voltooien. Een Volvo ID
kan via de volgende diensten worden aangemaakt:
•
My Volvo - Geef het e-mailadres aan en
volg de instructies.
•
Bij een auto met internetaansluiting* Geef het e-mailadres aan in de app die
Volvo ID vereist en volg de instructies. Of
op de
druk op de verbindingsknop
middenconsole en kies Apps, Installatie
en volg de instructies.
•
Volvo On Call, VOC* - Laad de nieuwste
versie van de VOC-app. Kies op de startpagina voor het aanmaken van een Volvo
ID en volg de instructies.
Gerelateerde informatie
•
•
•
•
12
Informatie op internet (p. 11)
Apps (p. 75)
Auto met internetaansluiting (p. 70)
Verkoop van auto (p. 11)
* Optie/accessoire, zie Inleiding voor meer informatie.
MY CAR
02 MY CAR
MY CAR
02
is afhankelijk van de gekozen uitrusting en de
desbetreffende markt.
MY CAR is een menugroep voor hantering
van tal van autofuncties, zoals City Safety™,
sloten en alarm, automatische ventilatorsnelheid, klokinstelling e.d.
MY CAR - opent het menusysteem MY
CAR.
OK/MENU - knop op de middenconsole
indrukken of het duimwiel op het stuurwiel om de gemarkeerde menu-optie te
kiezen/aan te vinken of de gekozen functie in het geheugen op te slaan.
Sommige functies behoren tot de standaarduitrusting, andere zijn zogeheten opties – het
aanbod verschilt per markt.
TUNE - aan de draaiknop op de middenconsole of het duimwiel op het stuurwiel
draaien om een stap omhoog/omlaag te
gaan door de menu-opties.
Bediening
Navigatie in deze menu’s vindt plaats met
knoppen op de middenconsole of met de
toetsenset rechts op het stuurwiel*.
EXIT
EXIT-functies
Afhankelijk van de functie en van het menuniveau waarop de aanwijzer staat op het
moment dat u EXIT kort indrukt, kan het volgende gebeuren:
•
•
•
•
Bedieningspaneel op middenconsole en toetsenset op stuurwiel. De afbeelding is schematisch –
het aantal functies en de locatie van de knoppen
14
* Optie/accessoire, zie Inleiding voor meer informatie.
•
telefoongesprekken worden geweigerd
de actuele functie wordt beëindigd
de ingevoerde tekens worden gewist
de laatste gemaakte keuze wordt geannuleerd
u beweegt omhoog in het menusysteem.
Bij lang indrukken van EXIT springt u naar de
normaalweergave voor MY CAR of naar het
hoogste menuniveau (hoofdbronmenu) als u
zich in de normaalweergave bevindt.
02 MY CAR
MY CAR - paden
MY CAR is een menugroep voor hantering
van tal van autofuncties, zoals het instellen
van de klok, de buitenspiegels en de vergrendelingen.
Het actuele menuniveau staat bovenaan op
het beeldscherm van de middenconsole. De
zoekpaden naar de verschillende functies van
het menusysteem worden als volgt aangegeven:
Instellingen Auto-instellingen
Slotinstellingen Portieren open
Bestuurdersdeur:dan alle.
Hier volgt een voorbeeld van de wijze waarop
u een functie kunt opzoeken en aanpassen
met het toetsenblok op de middenconsole:
1. Druk op de MY CAR-knop op de middenconsole.
2. Druk op het duimwiel.
3. Ga naar het gewenste menu, bijvoorbeeld
Instellingen, met het duimwiel en druk
vervolgens op het duimwiel – er wordt
een submenu geopend.
4. Ga naar het gewenste menu, bijvoorbeeld
Auto-instellingen, en druk op het duimwiel – er wordt een submenu geopend.
5. Ga naar Slotinstellingen en druk op het
duimwiel – er wordt een nieuw submenu
geopend.
6. Ga naar Portieren open en druk op het
duimwiel – er wordt een vervolgmenu met
selecteerbare opties geopend.
7. Markeer een van de opties Alle portieren
en Bestuurdersdeur:dan alle met het
duimwiel en druk op het duimwiel – de
gemarkeerde optie wordt gekozen.
MY CAR - menu-opties
MY CAR is een menugroep waar veel functies
van de auto kunnen worden bediend, bijvoorbeeld de tijd instellen, de buitenspiegels en
de sloten.
02
8. Sluit de programmering af door de
menu’s één voor één te verlaten door
EXIT telkens kort in te drukken of deze
eenmaal lang in te drukken.
De procedure verloopt geheel identiek voor
de bedieningsknoppen op de middenconsole
(p. 14): OK/MENU, EXIT en de TUNE-knop.
Gerelateerde informatie
•
•
MY CAR (p. 14)
MY CAR - menu-opties (p. 15)
Voorbeeld van de normaalweergave voor MY
CAR.
Druk op MY CAR op de middenconsole om
de normaalweergave voor MY CAR te openen. In de normaalweergave wordt de status
voor bepaalde rijhulpsystemen in het bovenste deel van het beeldscherm weergegeven,
samen met de status voor de functie Start/
Stop* in het onderste deel van het beeldscherm.
Met een druk op OK/MENU gaat u naar de
menubron My Car waar de volgende opties
staan:
}}
* Optie/accessoire, zie Inleiding voor meer informatie.
15
02 MY CAR
||
02
•
•
•
•
•
•
•
My S601
Verbruiksinfo
Drive-E2/Hybride3
Bandenspanning
Instellingen
Hier vindt u tips, adviezen en een
beschrijving van wat zuinig rijden inhoudt.
Service & reparatie
Gebruikershandleiding
My Car
My Car
My S601
Op het beeldscherm staan alle rijhulpsystemen aangegeven - u kunt ze hiervandaan
activeren of deactiveren.
Verbruiksinfo
My Car
Verbruiksinfo
Op het display verschijnen historische gegevens over het gemiddelde stroom-3 en brandstofverbruik in de vorm van staafdiagrammen.
Drive-E2
My Car
Drive-E
Hier vindt u onder meer een beschrijving van
de opzet van Volvo’sDrive-E-concept. Kies uit
de volgende rubrieken:
• Start/Stop
16
• Milieutips
Hybrid3
My S601
1
2
3
Hier vindt u informatie over het Start/
Stop-systeem.
Hybride
Instellingen
My Car
Instellingen
De opbouw van de menu’s is als volgt:
Menuniveau 1
Menuniveau 2
Menuniveau 3
Hier vindt u informatie over de aandrijving van
de auto. Kies uit de volgende rubrieken:
Menuniveau 4
• Stroomtoevoer
Op het display verschijnt informatie over
de motor die de auto aandrijft en de richting van de stroom.
• Rij-instellingen
Hier vindt u een toelichting bij de verschillende rijstanden van de auto.
• Milieutips
Hier vindt u tips, adviezen en een
beschrijving van wat zuinig rijden inhoudt.
Bandenspanning
My Car
Bandenspanning
Op het beeldscherm staat informatie over het
bandenspanningscontrolesysteem van de
auto - u kunt het systeem hiervandaan activeren of deactiveren.
Afhankelijk van het automodel.
Geldt voor de V40, V40 Cross Country, S60, V60, XC60, S80 en V70/XC70.
Geldt voor de V60 Plug-in Hybrid.
Hier verschijnen de eerste 4 menuniveaus
onder Instellingen. Sommige functies behoren tot de standaarduitrusting, andere zijn
zogeheten opties – het aanbod verschilt per
markt.
Wanneer u kunt kiezen uit activering/Aan of
deactivering/Uit van een bepaalde functie,
verschijnt er een vakje:
Aan: Aangevinkt vakje.
Uit: Leeg vakje.
•
Kies Aan/Uit met OK en verlaat het menu
vervolgens met EXIT.
02 MY CAR
Menu’s onder instellingen
• Auto-instellingen, zie MY CAR - voertuiginstellingen (p. 17)
Gebruikershandleiding
MY CAR - voertuiginstellingen
My Car
De menu-optie voertuiginstellingen in de
menugroep MY CAR bedient veel functies van
de auto, zoals autosleutelgeheugen en vergrendelingsinstellingen voor portieren.
Gebruikershandleiding
• Rijondersteuning, zie MY CAR - rij-
Het beeldscherm toont de digitale gebruikershandleiding (p. 8).
• Systeemopties, zie MY CAR- systeemin-
Gerelateerde informatie
assistentiesystemen (p. 19)
stellingen (p. 20)
• Instellingen stembediening, zie MY
CAR - steminstellingen (p. 21)
• Klimaatinstellingen, zie MY CAR - klimaatinstellingen (p. 22)
• Internetinstellingen, zie MY CAR - internetinstellingen (p. 23)
•
•
MY CAR (p. 14)
MY CAR - paden (p. 15)
02
Auto-instellingen
Sleutelgeheugen
Aan
Uit
Slotinstellingen
• Volvo On Call, zie digitale gebruikershandleiding.
• Opties FAV-toets - een veel gebruikte
functie in MY CAR koppelen aan de FAVknop, zie Favorieten (p. 32)
• Informatie, zie MY CAR - informatie
(p. 23)
• Resetten naar fabrieksinstellingen -
alle gebruikersgegevens worden gereset
en alle instellingen in alle menu’s krijgen
de oorspronkelijke fabrieksinstelling.
Service en reparatie
My Car
Automatische portiervergrendeling
Aan
Uit
Portieren open
Alle portieren
Bestuurdersdeur:dan alle
keyless entry ontgrendel
Service & reparatie
Alle deuren open
Hier vindt u service- en reparatiegegevens
voor de auto en informatie over ingeplande
servicebeurten.
Willekeurig portier
Portieren aan één zijde
Beide voorportieren
}}
17
02 MY CAR
||
Akoestische bevestiging
02
Spiegels inklappen bij vergrendel.
Duur 'follow me home'
Aan
Aan
Uit
Uit
Uit
30 sec.
60 sec.
Lichtbevestiging portiervergrend.
Spiegel links omlaag bij achteruit
Aan
Aan
Uit
Uit
90 sec.
Driemaal richtingaanwijzer
Aan
Lichtsignaal bij ontgrendeling
Spiegel rechts omh. bij achteruit
Aan
Aan
Uit
Uit
Minder bescherming
Minder bescherming activeren
Uit
Sfeerverlichting
Kleuren sfeerverlichting
Vragen bij uitstappen
Instellingen buitenspiegels
Tijdsduur 'approach'-verl.
Uit
Tijdelijk linksrijdend verkeer
Aan
Uit
of
Tijdelijk rechtsrijdend verkeer
Uit
Aan
30 sec.
Uit
60 sec.
90 sec.
18
Aan
Binnenverlichting
Vloerverlichting
Uit
Verlichting overdag
Lichtinstellingen
Aan
Aan
Uit
02 MY CAR
Actieve bochtverlichting
Niv. stuurbekrachtiging
Laag
Aan
Midden
Uit
Extra verlichting
Aan
Hoog
Snelheid op infotainmentscherm
Aan
Uit
Actief grootlicht
Uit
Locatie service
Aan
Aan
Uit
Uit
Bochtverlichting
Aan
Uit
Bandenspanning
Stel bandenspan. af
Bandmonitoring
MY CAR - rij-assistentiesystemen
Met de menu-optie rijhulpsystemen in de
menugroep MY CAR bedient u de functies
zoals Collision Warning en Rijbaanassistent.
Botswaarschuwing
Botswaarschuwing
Aan
Uit
Waarschuwingsafstand
Auto instellingen resetten
Kort
Van alle menu’s onder Auto-instellingen worden de fabrieksinstellingen hervat.
Normaal
Gerelateerde informatie
•
•
MY CAR (p. 14)
MY CAR - menu-opties (p. 15)
02
Rijondersteuning
Lang
Signaaltoon
Aan
Uit
Lane Departure Warning
Aan
Uit
Lane Departure Warning
Aan
Uit
}}
19
02 MY CAR
||
Aan bij starten
02
Snelheidswaarschuwing
Aan
Aan
Uit
Uit
Hogere gevoeligheid
ESC OFF
Aan
Uit
Rijbaanassistentie
Aan
Uit
Volledige functie
Tijdsinstellingen
Hier stelt u de klok in op het instrumentenpaneel.
Aan
24-uurs klok
Uit
Aan
Aan
Uit
Afstandswaarschuwing
Alleen stuurhulp
Aan
Alleen vibratie
Uit
Informatie verkeersborden
Zomertijd
Auto
Aan
Uit
Tijd automatisch
Aan
Aan
Uit
Uit
Aan
20
Uit
Driver Alert
Informatie verkeersborden
Uit
Systeemopties
Uit
BLIS
Assistance instellingen
De menu-optie systeeminstellingen in menugroep MY CAR hanteert functies als tijd en
taal.
Aan
City Safety
Rijbaanassistentie
MY CAR- systeeminstellingen
Locatie
Gerelateerde informatie
•
•
MY CAR (p. 14)
MY CAR - menu-opties (p. 15)
02 MY CAR
Taal
Geeft de taal aan voor teksten op het
beeldscherm en het instrumentenpaneel.
Taal: Bestuurdersscherm
Geeft de taal aan voor teksten op het
instrumentenpaneel.
Screensaver
Aan
Uit
Bij selectie van deze optie wordt de
schermweergave automatisch vervangen door een leeg scherm, wanneer u
enige tijd geen schermfunctie gebruikt.
MPG(UK)
De actuele schermweergave verschijnt
echter weer, wanneer u gebruik maakt
van een van de knoppen of bedieningselementen van het beeldscherm.
km/l
Hulptekst weergeven
Afst. en brandstofeenh.
MPG(US)
l/100km
Temperatuureenheid
Instellingen stembediening
Zie
Spraakintroductie
(p. 66)
Lijst van spraakcommando's
(p. 67)
Navigatiecommando's
Uit
Mediacommando's
Fahrenheit
Systeemopties resetten
Van alle menu’s onder Systeemopties
worden de fabrieksinstellingen hervat.
Gerelateerde informatie
MY CAR (p. 14)
02
Globale commando's
Radiocommando's
Bij markering van deze optie verschijnt
uitleg bij de actuele schermweergave.
•
•
De menu-optie steminstellingen in menugroep MY CAR hanteert functies als spraakinstructie en commandolijst voor stembediening.
Aan
Celsius
Geeft de eenheid aan voor weergave
van de buitentemperatuur en instelling
van de klimaatregeling.
MY CAR - steminstellingen
Telefooncommando's
Navigatiecommando's geldt
alleen als Volvo’s navigatiesysteem* gemonteerd is.
Gebruikersinstelling
(p. 66)
Standaard
Getrainde gebruiker
MY CAR - menu-opties (p. 15)
}}
* Optie/accessoire, zie Inleiding voor meer informatie.
21
02 MY CAR
||
Adaptatie spreker
(p. 66)
Snelheid uitlezen
(p. 66)
Snel
02
Midden
Langzaam
Gerelateerde informatie
•
•
MY CAR - klimaatinstellingen
De menu-optie klimaatinstellingen in menugroep MY CAR hanteert functies als de ventilatieaanpassing en de recirculatie.
Klimaatinstellingen
Autom. aanjager
Normaal
MY CAR (p. 14)
Hoog
MY CAR - menu-opties (p. 15)
Laag
Recirculatie timer instelling
Aan
Uit
Autom. ontdooien achter
Aan
Uit
Autom. verw. bestuurdersstoel
Aan
Uit
Autom. stuurwielverwarming
Aan
Uit
22
Luchtkwaliteitssysteem
Aan
Uit
Klimaatinstellingen resetten
Van alle menu’s onder Klimaatinstellingen worden de fabrieksinstellingen hervat.
Gerelateerde informatie
•
•
MY CAR (p. 14)
MY CAR - menu-opties (p. 15)
02 MY CAR
MY CAR - internetinstellingen
Wi-Fi hotspot auto
De menu-optie internetinstellingen in menugroep MY CAR hanteert functies als
Bluetooth® en Wi-Fi.
Internetinstellingen
Zie
Aansluiten via
(p. 70),
(p. 73),
(p. 55) en
(p. 70)
Automodem
Bluetooth
Wi-Fi
Uit
(p. 73)
De menu-optie Informatie in menugroep MY
CAR hanteert functies als Aantal sleutels en
VIN-nummer.
02
Informatie
Naam
Wachtwoord
Gerelateerde informatie
Geen
Automodem
Aan
MY CAR - informatie
•
•
MY CAR (p. 14)
MY CAR - menu-opties (p. 15)
Aantal sleutels
VIN-nummer
Gerelateerde informatie
•
•
MY CAR (p. 14)
MY CAR - menu-opties (p. 15)
Datagebruik
Provider
Roaming
SIM-kaart blokkeren
Pincode van
SIM wijzigen
Toegangspuntnaam
Bluetooth
(p. 55)
Wi-Fi
(p. 70)
Wi-Fi hotspot auto
(p. 73)
23
AUDIO EN MEDIA
03 Audio en media
Audio en media
Het audio- en mediasysteem omvat de functies radio (p. 36), mediaspeler (p. 43), tv*
(p. 79) en biedt u de mogelijkheid te communiceren met een mobiele telefoon (p. 58),
waarvoor u in bepaalde gevallen de stembediening (p. 64) kunt gebruiken. Het is mogelijk de auto aan te sluiten op internet (p. 70)
om bijvoorbeeld muziek te ‘streamen’ via
apps (p. 75).
De informatie verschijnt op een beeldscherm
van 7 inch boven aan de middenconsole. De
functies zijn te bedienen via knoppen op het
stuurwiel, op de middenconsole onder het
beeldscherm of via een afstandsbediening*
(p. 82).
en geeft het dezelfde audiobron (bijvoorbeeld
radio) weer als bij het afzetten van de motor
(bij auto’s met Keyless-systeem* moet het
bestuurdersportier dichtstaan).
Wanneer de transpondersleutel niet in het
contactslot steekt, is het audio- en mediasysteem 15 minuten achtereen te gebruiken door
op de knop Aan/Uit te drukken.
MusicID zijn geregistreerde handelsmerken of
handelsmerken die eigendom zijn van
Gracenote, Inc. in de VS en/of andere landen.
Dolby Digital, Dolby Pro Logic*
03
Bij het starten van de auto wordt het audioen mediasysteem tijdelijk uitgeschakeld en
weer ingeschakeld wanneer de motor is aangeslagen.
N.B.
Haal de transpondersleutel uit het contactslot als u het audio- en mediasysteem
gebruikt terwijl de motor afgezet is. Dit om
te voorkomen dat de accu onnodig ontladen raakt.
Vervaardigd onder licentie van Dolby
Laboratories. Dolby, Pro Logic, MLP Lossless
en de dubbele D zijn geregistreerde handelsmerken van Dolby Laboratories.
Dirac Live
Gracenote®
Als het audio- en mediasysteem actief is bij
het afzetten van de motor, wordt het de volgende keer dat u de sleutel naar sleutelstand
I of hoger draait, automatisch ingeschakeld
Gracenote, Gracenote-logo en -logotype,
‘Powered by Gracenote’ en Gracenote
Bij de ontwikkeling en optimalisering van het
geluid werd Dirac Live-technologie gebruikt
om eersteklas geluidweergave te realiseren.
Dirac Live en het D-symbool zijn gedepo-
* Optie/accessoire, zie Inleiding voor meer informatie.
}}
25
03 Audio en media
neerde handelsmerken van Dirac Research
AB.
Audio en media - overzicht
Overzicht van de verschillende onderdelen
van het audio- en mediasystemen.
03
Toetsenset op stuurwiel.
7 inch beeldscherm. De grafische opzet
van het beeldscherm is variabel en hangt
af van de instellingen van het instrumentenpaneel, zie gebruikershandleiding.
Bedieningspaneel op middenconsole.
AUX- en USB-ingangen voor externe
geluidsbronnen (p. 51) (bijvoorbeeld
iPod®).
A/V-AUX-ingang.
26
03 Audio en media
Audiosysteem en media Systeembediening
radio1 of hoofdstuk te gaan2. Lang
indrukken om een track op een cd vooruit/achteruit te spoelen of de eerstvolgende goed doorkomende radiozender te
zoeken.
Het audio- en mediasysteem is te bedienen
vanaf de middenconsole en voor een deel
vanaf de stuurtoetsen, met behulp van de
stembediening (p. 64) of met de afstandsbediening* (p. 82). De informatie wordt op
het beeldscherm boven aan de middenconsole gepresenteerd.
SOUND - indrukken op de audio-instellingen (lage tonen, hoge tonen e.d.) te openen. Voor meer informatie, zie algemene
audio-instellingen (p. 33).
03
VOL - het geluidsniveau verhogen of verlagen.
ON/OFF/MUTE - Bij kort indrukken
wordt de installatie ingeschakeld en bij
lang indrukken (totdat het scherm zwart
wordt) vindt uitschakeling plaats. Let erop
dat het complete Sensus-systeem (incl.
navigatie*- en telefoonfuncties) altijd
gelijktijdig wordt in-/uitgeschakeld. Kort
indrukken om het geluid uit te schakelen
(MUTE-functie) of opnieuw in te schakelen, als het geluid uitstond.
Opening voor het plaatsen/uitwerpen van
een disc.
Vooruit/achteruit/zoeken - Kort indrukken om naar de/het volgende/vorige
track op een disk, voorkeurzender van de
1
2
Hoofdbronnen - indrukken om een
hoofdbron (bijvoorbeeld RADIO, MEDIA)
te kiezen. De laatst geactiveerde bron
(bijvoorbeeld FM voor de radio) verschijnt. Als u zich in een bron bevindt en
op de hoofdbronknop drukt, verschijnt er
een snelkoppelingsmenu.
Geldt niet voor DAB.
Geldt alleen voor dvd-discs.
}}
* Optie/accessoire, zie Inleiding voor meer informatie.
27
03 Audio en media
||
Disc uitwerpen. Een disc blijft ca. 12
seconden lang in de uitgeworpen stand
staan. Om veiligheidsredenen wordt de
disc vervolgens automatisch weer naar
binnen getrokken.
03
OK/MENU - druk op het duimwiel op het
stuurwiel of op de knop van de middenconsole om een keuze in menu’s te
bevestigen. Als u zich in de normaalweergave bevindt en op OK/MENU drukt, verschijnt er een menu voor de gekozen
bron (bijvoorbeeld RADIO of MEDIA). Er
verschijnt een pijl naar rechts op het
scherm, als er onderliggende menu’s zijn.
TUNE - draai aan het duimwiel op het
stuurwiel of aan de draaiknop op de middenconsole om door de tracks/mappen,
radio- en tv*-zenders of telefooncontacten te bladeren of door de keuzes op het
beeldscherm te navigeren.
28
* Optie/accessoire, zie Inleiding voor meer informatie.
EXIT - kort indrukken om omhoog te
gaan in het menusysteem, een actieve
functie te annuleren, telefoongesprekken
te beëindigen/weigeren of ingevoerde
tekens te wissen. Bij lang indrukken
springt u naar de normaalweergave of
naar het hoogste menuniveau (hoofdbronmenu), overeenkomend met de
hoofdbronknoppen op de middenconsole
(6).
INFO - als er meer informatie beschikbaar
is dan op het scherm kan worden weergegeven, druk dan op de INFO-knop om
de resterende informatie te zien.
Sneltoetsen – Cijfers en letters invoeren.
FAV - in bepaalde bronnen is het mogelijk
een functie te koppelen aan de FAVknop. De desbetreffende functie is vervol-
gens eenvoudig te activeren met een druk
op de FAV-knop, zie Favorieten (p. 32).
Stembediening - indrukken om de stembediening te activeren.
03 Audio en media
Menufuncties
03
Het voorbeeld laat de navigatie naar verschillende functies zien als media vanaf de harde schijf van de auto worden afgespeeld.
Hoofdbronknop - indrukken om van
hoofdbron te wisselen of het snelkoppe-
lingsmenu van de actieve bron weer te
geven.
Normaalweergave - normale stand voor
de bron.
}}
29
03 Audio en media
||
Snelkoppelingsmenu - toont de meest
gebruikelijke menukeuzes.
Snelmenu - snelstand bij draaien aan
TUNE om bijvoorbeeld van track, radiozender e.d. te veranderen.
Bronmenu - functies en instellingen in de
actieve bron.
Bronkeuzemenu3 - toont de bronnen
waaruit kan worden gekozen.
03
Hoofdbronmenu - toont de hoofdbronnen die ook kunnen worden gekozen met
de hoofdbronknoppen (1).
Het uiterlijk is afhankelijk van de bron, de uitrusting in de auto, instellingen e.d.
Kies een hoofdbron door te drukken op een
hoofdbronknop (1) (bijvoorbeeld RADIO,
MEDIA). Gebruik om door de menu’s van de
bron te navigeren de bedieningsknoppen
TUNE, OK/MENU, EXIT of de hoofdbronknop (1).
Als de tekst op een menuregel lichtgrijs
gekleurd is, kunt u de desbetreffende optie
niet kiezen. Het is mogelijk dat de functie niet
aanwezig is op de auto, dat de bron niet
actief of niet aangesloten is of dat de bron
leeg is.
Voor de beschikbare functies, zie Audio en
media - menu-overzicht (p. 85).
3
30
Alleen beschikbaar in de hoofdbronnen die meerdere bronnen hebben.
03 Audio en media
Symbolen op het beeldscherm
Overzicht van de symbolen die mogelijk in het
activiteits-/statusveld op het beeldscherm
verschijnen.
Activiteits-/statusveld.
In het activiteits-/statusveld staan de lopende
activiteiten en in bepaalde gevallen hun status. Omdat de ruimte in het veld beperkt is,
worden niet voortdurend alle activiteits-/
statussymbolen weergegeven.
Symbool
Betekenis
Maak een verbinding met
internet via Bluetooth®.
Internetverbinding via
Bluetooth®.
Symbool
Betekenis
Symbool
Betekenis
Maak een verbinding met
internet via Wi-Fi.
Telefoon verbonden.
Internetverbinding via Wi-Fi.
Oproep gemist.
Geen internetverbinding via
Wi-Fi.
Lopend gesprek.
Maak een verbinding met
internet via de automodem*A.
Ongelezen sms-bericht.
De staven tonen de signaalsterkte van het mobiele telefoonnet en onder de staven
staat het gebruikte type aansluiting.
Microfoon uitgeschakeld.
03
Geluid uitgeschakeld (MUTE).
SOS-dienst*A actief.
Internetverbinding via de
automodem*A.
Geen internetverbinding via
de automodem*A.
De automodem*A heeft internetverbinding via roaming (bij
verblijf op een netwerk in het
buitenland).
ON CALL-dienst*A actief.
A
Alleen auto’s met Volvo On Call.
Gerelateerde informatie
•
•
Auto met internetaansluiting (p. 70)
Bluetooth®-handsfreesysteem (p. 58)
Het symbool verschijnt als de
positie van de auto wordt verstuurd.
Geen internetverbinding via
Bluetooth®.
* Optie/accessoire, zie Inleiding voor meer informatie.
31
03 Audio en media
Favorieten
Koppel een veelgebruikte functie aan de knop
FAV. U kunt één functie per bron in de hoofdbronnen radio, media en MY CAR koppelen
en bij een auto met internetverbinding ook
voor de webbrowser. De gekoppelde functie
kunt u vervolgens eenvoudig activeren met
een druk op FAV.
03
Favoriet koppelen
4. Kies in het menu de functie die u aan FAV
wilt koppelen.
> Wanneer de bron (bijvoorbeeld AM,
Bluetooth®) actief is, is de opgeslagen
functie met een korte druk op FAV te
activeren.
Gerelateerde informatie
•
•
•
•
•
Audio en media (p. 25)
MY CAR (p. 14)
Radio (p. 36)
Mediaspeler (p. 43)
Auto met internetaansluiting (p. 70)
Audio en media - audio-instellingen
Het audiosysteem is voorgekalibreerd voor
optimale geluidsweergave, maar is naar wens
aan te passen.
Instelling voor optimale
geluidsweergave
Het audiosysteem is voorgekalibreerd voor
optimale geluidsweergave met behulp van
digitale signaalverwerking.
Voor ieder automodel wordt het audiosysteem tijdens de kalibratie perfect afgestemd
op de luidsprekers, de versterker, de akoestiek in de auto, de positie van de luisteraar
e.d.
Er is tevens een dynamische kalibratie waarbij
rekening wordt gehouden met de stand van
de volumeknop, de radio-ontvangst en de rijsnelheid.
1. Kies een hoofdbron (bijvoorbeeld RADIO,
MEDIA).
2. Kies een bron (bijvoorbeeld AM of
Bluetooth).
3. Druk in de normaalweergave van de bron
op OK/MENU en open het menu FAV.
Of druk lang op de knop FAV, totdat het
menu verschijnt.
4
32
Geldt voor bepaalde motoren.
De regelfuncties die in deze gebruikershandleiding nader verklaard worden (zoals Bass,
Treble en Equalizer) zijn uitsluitend bedoeld
om u de mogelijkheid te bieden de geluidsweergave naar wens af te stellen.
Actieve geluidsdemping4
De auto is uitgerust met actieve geluidsdemping die met behulp van het audiosysteem
het motorgeluid in de passagiersruimte
dempt. Microfoontjes in de plafondbekleding
03 Audio en media
registreren storende geluiden, waarna het
audiosysteem het geluid dempt door antigeluidssignalen voortbrengt.
hogere audiokwaliteit kan een langere laadduur en onderbrekingen in de weergave met
zich meebrengen. Voor een gelijkmatige
geluidsweergave wordt geadviseerd een
lagere audiokwaliteit te kiezen.
Gerelateerde informatie
•
Microfoontje in plafondbekleding - locatie en
aantal kunnen per automodel verschillen.
N.B.
Dek de microfoons in de auto niet af,
omdat anders een dreunend geluid uit het
audiosysteem kan komen.
Geluidskwaliteit bij audiostreaming via
internet
De hoeveelheid data die wordt overgebracht
is afhankelijk van welke diensten of apps in
de auto worden gebruikt. Het streamen van
audio kan bijvoorbeeld tot een grote hoeveelheid dataverkeer leiden en dat vereist een
goede verbinding en signaalsterkte. Bepaalde
apps bieden de mogelijkheid om de audiokwaliteit in te stellen. Het instellen van een
Auto met internetaansluiting (p. 70)
Audio en media - algemene audioinstellingen
Algemene geluidsinstellingen voor het audioen mediasysteem.
Druk op SOUND om het menu met audioinstellingen (Bass, Treble, etc.) te openen.
Draai aan TUNE om uw keuze (bijvoorbeeld
Treble) te markeren en druk op OK/MENU
om de keuze te bevestigen.
03
Pas de instelling aan door te draaien aan
TUNE en sla de instelling op met OK/MENU.
Let erop dat u het volume alleen kunt aanpassen binnen een comfortabel bereik. Wanneer
een systeem actief is (bijvoorbeeld het navigatiesysteem), kunt u het volume aanpassen
door VOL naar de minimale/maximale stand
te draaien.
Draai TUNE verder om de overige opties te
markeren:
• Premium sound - Geavanceerde audioinstellingen (p. 34).
• Bass – Niveau van de lage tonen.
• Treble - Niveau van de hoge tonen.
• Fader – Balans tussen luidsprekers voor
en achter.
• Balans – Balans tussen luidsprekers links
en rechts.
• Equalizer - Het geluidsniveau voor de
verschillende frequentiebanden (p. 35).
}}
33
03 Audio en media
||
• Volume navigatie - Het volume van de
stemsynthese van het navigatiesysteem*.
• Volume stembediening - Het volume
van de stemsynthese van de stembediening (p. 64).
• Volume belsignaal - Het volume van de
beltoon van de auto voor een aangesloten mobiele telefoon (p. 58).
03
• Volume parkeerhulp - Het volume voor
de Park Assist*.
• Vol. Cross Traffic Alert - Het volume
Audio en media - geavanceerde
audio-instellingen
1. Draai aan TUNE om Surround te markeren en druk op OK/MENU.
Pas de audio-instellingen voor radio en media
naar wens aan.
2. Ambient Surround Sound is Aan/Uit te
zetten met een druk op OK/MENU
Alle geavanceerde audio-instellingen zijn te
bereiken met een druk op SOUND, waarna
het menu voor audio-instellingen wordt
geopend. Draai aan TUNE om Premium
sound te markeren en druk op OK/MENU.
Het te hanteren niveau Ambient Surround
Sound is apart in te stellen, als voor Aan
gekozen is.
Geluidspodium
• Volumecompensatie - Compensatie van
Het audioprofiel is te optimaliseren voor verschillende interieurzones. Het audioprofiel is
in te stellen op Bestuurdersstoel,
Achterbank of Gehele auto.
• Reset audio-instelling - Herstelt de
1. Draai aan TUNE om Klankpodium te
markeren en druk op OK/MENU.
voor het CTA-systeem*.
storende rijgeluiden in de passagiersruimte (p. 35).
fabrieksstandaard voor de audio-instellingen.
Gerelateerde informatie
•
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
2. Kies een audioprofiel door te draaien aan
TUNE en bevestig uw keuze met OK/
MENU.
Surround
Ambient Surround Sound is Aan/Uit te zetten.
Wanneer u voor Aan hebt gekozen, hanteert
het systeem de instelling voor optimale
geluidsweergave. Normaal is dat DPL II en in
op het display. Als
dat geval verschijnt
de opname werd gemaakt met Dolby Digitaltechniek, vindt de weergave plaats met deze
instelling en verschijnt
op het display.
Wanneer u voor Uit hebt gekozen, is de driekanaals stereoweergave actief.
34
* Optie/accessoire, zie Inleiding voor meer informatie.
1. Draai aan TUNE om de niveau-instelling
te markeren en bevestig uw keuze met
OK/MENU.
2. Kies een niveau voor Ambient Surround
Sound door te draaien aan TUNE en
bevestig uw keuze met OK/MENU.
Lagetonenluidspreker
Het geluidsniveau voor de lagetonenluidspreker is apart in te stellen.
1. Draai aan TUNE om Subwoofer te markeren en druk op OK/MENU.
2. Kies het geluidsniveau door te draaien
aan TUNE en bevestig uw keuze met OK/
MENU.
Middenluidspreker
Het geluidsniveau voor de middenluidspreker
is apart in te stellen. Als de Ambient Surround
Sound is ingesteld op Aan, dan geldt DPL IImiddenlevel. Anders geldt 3-kanaals
middenlevel.
1. Draai aan TUNE om Center te markeren
en druk op OK/MENU.
03 Audio en media
2. Kies het geluidsniveau door te draaien
aan TUNE en bevestig uw keuze met OK/
MENU.
Gerelateerde informatie
•
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
•
•
Equalizer instellen (p. 35)
•
Geluidssterkte instellen en automatische
volumeregeling (p. 35)
Geluidssterkte instellen voor externe
audiobron (p. 53)
Equalizer instellen
Met de equalizer kunt u het volumeniveau
aanpassen voor de verschillende radiofrequentiebanden of de tv.
1. Druk op SOUND om het menu met
audio-instellingen te openen. Draai aan
TUNE om Equalizer te markeren en druk
op OK/MENU.
2. Kies een frequentieband door te draaien
aan TUNE en bevestig uw keuze met OK/
MENU.
3. Pas de audio-instelling aan door te
draaien aan TUNE en bevestig uw keuze
met OK/MENU of annuleer de instelling
met EXIT. Doe hetzelfde voor de andere
frequentiebanden die u wilt aanpassen.
4. Druk na de audio-instelling op EXIT om te
bevestigen en terug te gaan naar de normaalweergave.
Gerelateerde informatie
•
Audio en media - geavanceerde audioinstellingen (p. 34)
•
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
Geluidssterkte instellen en
automatische volumeregeling
Stel de mate van compensatie van hinderlijke
rijgeluiden in de passagiersruimte in.
Het audiosysteem zorgt voor compensatie
van hinderlijke rijgeluiden in de passagiersruimte door het volume aan te passen ten
opzichte van de rijsnelheid. Het compensatieniveau is in te stellen op Laag, Midden,
Hoog of Uit.
03
1. Druk op SOUND om het menu met
audio-instellingen te openen. Draai aan
TUNE om Volumecompensatie te markeren en druk op OK/MENU.
2. Kies een niveau door te draaien aan
TUNE en bevestig uw keuze met OK/
MENU.
Gerelateerde informatie
•
Audio en media - geavanceerde audioinstellingen (p. 34)
•
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
35
03 Audio en media
Radio
AM5/FM-radio
Het is mogelijk de radiofrequentiebanden
en FM te beluisteren en in bepaalde gevallen
ook de digitale radio (DAB)* (p. 42).
•
•
Een auto met internetaansluiting (p. 70) is
het eventueel mogelijk om webradiozenders
te beluisteren, zie Apps (p. 75).
•
AM5
03
Radiozenders zoeken (p. 36)
Radiozenders als voorkeurzenders
opslaan (p. 38)
RDS-functies (p. 39)
Digitale radio (DAB)*
•
•
•
•
•
Digitale radio (DAB)* (p. 42)
Digitale radio (DAB)* - subkanaal (p. 43)
DAB naar DAB* link (p. 43)
Radiozenders als voorkeurzenders
opslaan (p. 38)
RDS-functies (p. 39)
Webradio
•
Apps (p. 75)
Gerelateerde informatie
Bedieningselementen voor radiofuncties.
Voor elementaire radiobediening, zie systeembediening en menufuncties (p. 27).
Bepaalde functies zijn te koppelen aan de
FAV-knop. De bijbehorende functie is vervolgens eenvoudig te activeren met een druk op
de FAV-knop, zie Favorieten (p. 32).
5
36
Geldt niet voor V60 Plug-in Hybrid.
* Optie/accessoire, zie Inleiding voor meer informatie.
•
•
•
Menu-overzicht - AM (p. 85)
Menu-overzicht - FM (p. 86)
Menu-overzicht - Digitale radio (DAB)*
(p. 86)
Radiozenders zoeken
De radio stelt automatisch een radiozenderlijst
(p. 37) op met de radiozenders met de best
doorkomende signalen.
Bij het automatisch radiozenders zoeken
(p. 37) wordt gebruik gemaakt van de door
de radio samengestelde zenderlijst. handmatig radiozenders zoeken (p. 38) is ook
mogelijk.
Bij het zoeken van een zender kan worden
ingesteld of het radiozenders zoeken automatisch of handmatig moet gebeuren.
1. Druk in de normaalweergave van de FMbron op OK/MENU en kies Zender
afstemmen op.
2. Draai TUNE naar Zenderlijst of
Handmatig afstemmen en maak een
keuze met OK/MENU.
N.B.
De ontvangst hangt niet alleen af van de
signaalsterkte maar ook van de signaalkwaliteit. Er kunnen storingen optreden
wanneer de zendersignalen bijvoorbeeld
gehinderd worden door hoge gebouwen of
van zeer grote afstand komen. De dekkingsgraad kan eveneens variëren afhankelijk van waar u zich bevindt.
03 Audio en media
Automatisch radiozenders zoeken
De radio stelt automatisch een radiozenderlijst
(p. 37) samen, die voor het automatisch
radiozenders zoeken wordt gebruikt.
Als automatisch radiozenders zoeken is ingesteld (p. 36), kan in de normaalweergave en in
de zenderlijst worden gezocht.
Radiozenders zoeken in de
normaalweergave
1. Kort drukken - druk in de normaalweer/
op de
gave van de FM-bron op
middenconsole (of op de toetsenset op
het stuurwiel).
> De radio gaat naar de vorige/volgende
opgeslagen zender.
ken (p. 38) door op INFO op de middenconsole te drukken.
Radiozenderlijst
De radio stelt automatisch een radiozenderlijst
op met de radiozenders met de best doorkomende signalen. Dat biedt u de mogelijkheid
een zender te zoeken in gebieden waar u de
radiozenders en hun frequenties niet kent.
Het automatisch radiozenders zoeken (p. 37)
maakt gebruik van de samengestelde radiozenderlijst.
03
N.B.
De lijst vermeldt alleen de frequenties van
de zenders waarop u hebt afgestemd en
vormt dan ook geen complete lijst met alle
beschikbare radiofrequenties op de frequentieband van uw keuze.
2. Lang drukken - druk in de normaalweergave van de FM-bron op
/
op de
middenconsole (of op de toetsenset op
het stuurwiel).
> De radio gaat naar de vorige/volgende
beschikbare zender.
Radiozenders zoeken in de zenderlijst
1. Draai in de normaalweergave van de FMbron aan TUNE, totdat FM-zenderlijst
verschijnt.
2. Draai TUNE naar een zender en maak
een keuze met OK/MENU.
In de zenderlijst kan worden gewisseld tussen
automatisch en handmatig radiozenders zoe-
37
03 Audio en media
Handmatig radiozenders zoeken
De radio stelt automatisch een radiozenderlijst
(p. 37) op, maar u kunt ook handmatig radiozenders zoeken.
Als handmatig radiozenders zoeken is ingesteld (p. 36), kan er in de normaalweergave
en in de frequentielijst worden gezocht.
03
In de frequentielijst kan worden gewisseld
tussen handmatig en automatisch radiozenders zoeken (p. 37) door op INFO op de middenconsole te drukken.
Radiozenders als voorkeurzenders
opslaan
Vaak beluisterde radiozenders kunt u opslaan
als voorkeurzenders, zodat u er eenvoudig op
kunt afstemmen.
Radiozenders zoeken in de
normaalweergave
1. Kort drukken - druk in de normaalweer/
op de
gave van de FM-bron op
middenconsole (of op de toetsenset op
het stuurwiel).
> De radio gaat naar de vorige/volgende
opgeslagen zender.
2. Lang drukken - druk in de normaalweergave van de FM-bron op
/
op de
middenconsole (of op de toetsenset op
het stuurwiel).
> De radio gaat naar de vorige/volgende
beschikbare zender.
Radiozenders zoeken in de
frequentielijst
1. Draai in de normaalweergave van de FMbron aan TUNE, totdat FM-tuning verschijnt.
2. Draai TUNE naar een frequentie en maak
een keuze met OK/MENU.
6
38
Geldt niet voor V60 Plug-in Hybrid.
Sneltoetsen.
AM6/FM-radio
U kunt per frequentieband (bijvoorbeeld AM)
10 voorkeurzenders vastleggen.
U kiest een voorkeurzender met de sneltoetsen.
1. Stem af op een zender, zie Radiozenders
zoeken (p. 36).
2. Houd een sneltoets enkele seconden
ingedrukt. De sneltoets is vervolgens te
gebruiken.
03 Audio en media
U kunt een lijst met voorkeurzenders tonen
op het display.
–
Druk voor activering/deactivering in de
normaalweergave van de AM/FM-bron op
OK/MENU en kies Tonen Presets.
Digitale radio (DAB)*
U kunt per band 10 voorkeurzenders vastleggen. Opslag van voorkeurzenders is mogelijk
door lang op de gewenste sneltoets te drukken. Voor meer informatie, zie onder AM-/FMradio. U kiest een voorkeurzender met de
sneltoetsen.
N.B.
Het DAB-systeem van de geluidsinstallatie
ondersteunt niet alle functies die in de
DAB-standaard zitten.
RDS-functies
Met RDS kan de radio automatisch naar de
sterkste zender schakelen. RDS biedt de
mogelijkheid om bijvoorbeeld verkeersinformatie (TP) te ontvangen en naar bepaalde
soorten programma’s te zoeken (PTY).
RDS (Radio Data System) verbindt FM-zenders in een netwerk met elkaar. Een FM-zender in een dergelijk netwerk verstuurt
bepaalde informatie, zodat een RDS-radio
onder meer de volgende mogelijkheden biedt:
03
Een voorkeur bestaat uit een kanaal zonder
eventuele subkanalen. Als er tijdens het
beluisteren van een subkanaal een voorkeurkanaal vastgelegd wordt, wordt uitsluitend
het hoofdkanaal geregistreerd. Dit komt
omdat de subkanalen van tijdelijke aard zijn.
Bij activering van het bijbehorende voorkeurkanaal zal dan ook het hoofdkanaal worden
weergegeven waartoe het subkanaal
behoorde. De voorkeurkanalen zijn niet
gebonden aan de kanalenlijst.
U kunt een lijst met voorkeurzenders tonen
op het display.
–
Druk voor activering/deactivering in de
normaalweergave van de DAB-bron op
OK/MENU en kies Tonen Presets.
}}
* Optie/accessoire, zie Inleiding voor meer informatie.
39
03 Audio en media
||
•
Automatisch overschakelen op een beter
doorkomende zender als de ontvangst in
een bepaald gebied slecht is7.
•
Zoeken op programmatype, zoals programmatypes8 of verkeersinformatie.
•
Weergeven van informatieve tekst over
het beluisterde radioprogramma9.
N.B.
03
Bepaalde radiostations gebruiken geen
RDS of slechts bepaalde onderdelen van
deze functie.
Als er een zender met het gewenste programmatype is aangetroffen, kan de radio vervolgens op deze zender overschakelen en de
weergave van de actieve audiobron onderbreken. Als de cd-speler bijvoorbeeld actief
is, wordt de weergave daarvan tijdelijk onderbroken. De onderbrekende uitzending wordt
met een vooraf ingesteld volume afgespeeld,
zie vooraf ingesteld volume (p. 41). De radio
gaat naar de vorige audiobron en het vorige
volume terug wanneer het ingestelde programmatype ophoudt met uitzenden.
De programmafuncties alarm, verkeersinformatie (TP) en programmatypes (PTY) worden
in volgorde van belangrijkheid weergegeven,
waarbij geldt dat alarm de hoogste prioriteit
7
8
9
40
Geldt voor FM-radio.
Geldt voor DAB*-radio.
Geldt voor FM- en DAB*-radio.
* Optie/accessoire, zie Inleiding voor meer informatie.
geniet en de programmatypes de laagste.
Druk op OK/MENU om de onderbroken
weergave van de audiobron te hervatten en
de melding te beluisteren. Druk op EXIT om
de melding af te breken en de onderbroken
weergave van de audiobron te hervatten.
Gerelateerde informatie
•
Alarm bij ernstige ongelukken en calamiteiten (p. 40)
•
•
•
Verkeersinformatie (TP) (p. 41)
Radioprogrammatypes (PTY) (p. 41)
Radiotekst (p. 42)
Alarm bij ernstige ongelukken en
calamiteiten
De radiofunctie wordt gebruikt om de bevolking attent te maken op ernstige ongelukken
of calamiteiten. De melding ALARM! verschijnt op het display, wanneer er een alarmmelding wordt verzonden.
Het alarm kan tijdelijk worden onderbroken,
maar kan niet worden gedeactiveerd.
Gerelateerde informatie
•
RDS-functies (p. 39)
03 Audio en media
Verkeersinformatie (TP)
Radioprogrammatypes (PTY)
Bij activering van deze functie wordt de weergave van de actieve audiobron onderbroken
voor verkeersinformatie via het RDS-netwerk
van de radiozender waarop is afgestemd.
Voor DAB*-radio kunnen een of meer radioprogrammatypes, bijvoorbeeld pop en klassieke muziek, worden gekozen. Na de keuze
van een programmatype vindt de navigatie
alleen plaats binnen de kanalen die het type
uitzenden.
Het symbool TP geeft aan dat de functie
geactiveerd is. Als een zender in de lijst verkeersinformatie kan doorgeven, wordt dat
aangegeven met een fel verlicht TP op het
beeldscherm. TP is anders grijs van kleur.
–
Druk voor activering/deactivering in de
normaalweergave van de FM-bron op
OK/MENU en kies TP.
Gerelateerde informatie
•
RDS-functies (p. 39)
1. Druk om een programmatype te kiezen
op OK/MENU in de normaalweergave
van de DAB-bron en kies Filteren
programmatype (PTY).
2. Draai TUNE naar het programmatype dat
moet worden aan-/uitgevinkt.
3. Vink het programmatype aan/uit met OK/
MENU.
Volumeregeling voor onderbrekende
RDS-functies
De onderbrekende RDS-functies, bijv. alarm
of verkeersinformatie (TP), worden weergegeven op het volume dat voor het programmatype is gekozen. Als u het volume tijdens de
onderbreking bijregelt, wordt het nieuwe
volume opgeslagen voor een volgende onderbreking.
03
Gerelateerde informatie
•
•
•
RDS-functies (p. 39)
Alarm bij ernstige ongelukken en calamiteiten (p. 40)
Verkeersinformatie (TP) (p. 41)
4. Als de gewenste programmatypes zijn
gekozen, gaat u terug in het menusysteem met EXIT.
Als de functie actief is, verschijnt het PTYsymbool op het beeldscherm.
In sommige gevallen verlaat de DAB-radio de
PTY-stand, zie DAB naar DAB* link (p. 43).
Gerelateerde informatie
•
RDS-functies (p. 39)
* Optie/accessoire, zie Inleiding voor meer informatie.
41
03 Audio en media
Radiotekst
Sommige RDS-zenders geven informatie door
over de inhoud van de uitzendingen, uitvoerende artiesten e.d. Deze informatie kan op
het beeldscherm worden weergegeven. Er
kan radiotekst worden weergegeven voor FMen DAB*-radio.
03
–
Druk voor activering/deactivering in de
normaalweergave van de DAB-bron op
OK/MENU en kies Tonen.
42
De functie kiest automatisch de sterkste zender voor de ingestelde radiozender en kan
voor FM-radio worden geactiveerd.
RDS-functies (p. 39)
Digitale radio (DAB)* (p. 42)
–
* Optie/accessoire, zie Inleiding voor meer informatie.
Digitale radio (DAB)*
DAB (Digital Audio Broadcasting) is een systeem voor digitale overdracht van radiosignalen (p. 36). De auto biedt ondersteuning voor
DAB, DAB+ en DMB.
Om een sterk zendersignaal op te kunnen
sporen moet de functie soms de gehele FMband doorzoeken.
Als de ingestelde radiozender is opgeslagen
als voorkeur (p. 38), wisselt de functie niet
van zender ook al is automatisch radiofrequenties updaten geactiveerd.
Gerelateerde informatie
•
•
Automatisch radiofrequenties
updaten (AF)
Druk voor activering/deactivering in de
normaalweergave van de FM-bron op
OK/MENU en kies Alternatieve
frequentie.
N.B.
Er is niet overal dekking voor DAB. Als er
geen dekking is, verschijnt de melding
Geen ontvangst op het beeldscherm.
Gerelateerde informatie
•
Radiozenders als voorkeurzenders
opslaan (p. 38)
•
•
•
•
•
Radioprogrammatypes (PTY) (p. 41)
Radiotekst (p. 42)
Digitale radio (DAB)* - subkanaal (p. 43)
DAB naar DAB* link (p. 43)
Menu-overzicht - Digitale radio (DAB)*
(p. 86)
03 Audio en media
Digitale radio (DAB)* - subkanaal
DAB naar DAB* link
Mediaspeler
Secundaire componenten worden vaak aangeduid als subkanalen. Dergelijke componenten zijn van tijdelijke aard en kunnen bijvoorbeeld uit vertalingen van het hoofdprogramma
bestaan.
‘DAB naar DAB link’ houdt in dat de DABradio van een kanaal dat slecht of helemaal
niet te ontvangen is kan overschakelen op
hetzelfde kanaal in een andere kanaalgroep
met een betere ontvangst.
Als er een of meer subkanalen bestaan verlinks van de kanaalschijnt het symbool
naam op het display. Als er slechts één subkanaal bestaat verschijnt het symbool - links
van de kanaalnaam op het display.
Bij het veranderen van kanaalgroep kan enige
vertraging in de geluidsweergave optreden.
Vanaf het moment dat het huidige kanaal verdwijnt en het nieuwe kanaal toegankelijk
wordt kan het geluid dan ook enige tijd stilvallen.
De mediaspeler kan audio- en videobestanden op cd’s/dvd’s en extern aangesloten
audiobronnen weergeven via de AUX-/USBingang of geluidsbestanden draadloos streamen (p. 53) op externe eenheden via
Bluetooth®. Met behulp van bepaalde mediaspelers kunt u tv* kijken en communiceren
met een mobiele telefoon (p. 58) via
Bluetooth®.
Draai aan TUNE om het menu met subkanalen te bereiken.
Subkanalen zijn uitsluitend te bereiken via het
gekozen hoofdkanaal en niet via een ander
kanaal.
–
Druk voor activering/deactivering in de
normaalweergave van de DAB-bron op
OK/MENU en kies DAB-DABverbinding.
03
Het is mogelijk muziek op een disk/USB10 te
kopiëren naar de harde schijf (HDD) (p. 48)
van de auto.
Een auto met internetaansluiting (p. 70) is
het eventueel mogelijk om webradiozenders
en audioboeken te beluisteren en muziekdiensten te gebruiken, zie Apps (p. 75).
Knoppen voor de mediaspeler.
10
Afhankelijk van de markt.
}}
* Optie/accessoire, zie Inleiding voor meer informatie.
43
03 Audio en media
||
Voor elementaire weergave en navigatie, zie
systeembediening en menufuncties (p. 27).
Bepaalde functies zijn te koppelen aan de
FAV-knop. De bijbehorende functie is vervolgens eenvoudig te activeren met een druk op
de FAV-knop, zie Favorieten (p. 32).
Gracenote MusicID®
03
Gracenote MusicID® is de branchestandaard
voor muziekherkenning. De techniek wordt
gebruikt om hoesjes en muziekinformatie
voor cd’s, digitale muziekbestanden op
opslagmedia en muziekdiensten op internet
te identificeren en leveren.
•
•
De mediaspeler (p. 43) kan voorbespeelde en
zelfgebrande cd’s/dvd’s afspelen.
De mediaspeler ondersteunt de volgende
soorten discs en bestanden en kan deze met
andere woorden afspelen:
•
Voorbespeelde cd’s/dvd’s (CD/DVD
Audio).
•
Voorbespeelde dvd’s met video (DVD
Video).
•
Cd’s/dvd’s met geluidsbestanden branden.
Audio en media (p. 25)
Voor meer informatie over de ondersteunde
formaten, compatibele bestandsformaten,
(p. 49).
Stembediening - mobiele telefoon
(p. 68)
Disks zijn alleen af te spelen, als ze maximaal
5000 bestanden (incl. afspeellijsten) bevatten.
Gerelateerde informatie
•
•
Cd/Dvd
Afstandsbediening* (p. 82)
Mediaspeler - compatibele bestandsformaten (p. 49)
N.B.
Het is mogelijk dat de speler audiobestanden met kopieerbeveiliging van de platenmaatschappijen of zelfgebrande audiobestanden niet kan lezen.
Het is mogelijk muziek te kopiëren van een
disk11 naar de harde schijf (HDD) (p. 48) van
de auto en de muziek vervolgens daarvandaan af te spelen.
11
44
Bepaalde markten.
* Optie/accessoire, zie Inleiding voor meer informatie.
Bepaalde functies zijn te koppelen aan de
FAV-knop. De bijbehorende functie is vervolgens eenvoudig te activeren met een druk op
de FAV-knop, zie Favorieten (p. 32).
Voor elementaire weergave en navigatie, zie
systeembediening en menufuncties (p. 27).
Hier volgt een gedetailleerde beschrijving.
Afspelen en navigeren van CD/DVD
Audio
Druk in de normaalweergave van de schijfbron op OK/MENU en draai aan TUNE om
de trackstructuur van de schijf te openen.
Navigeer in de structuur door te draaien aan
TUNE.
Start het afspelen van een track met een druk
op OK/MENU.
Afspelen en navigeren van zelfgebrande
cd’s/dvd’s
Wanneer er een disc met audio-/videobestanden in de speler wordt geplaatst, dient de
mapstructuur op de disc te worden ingelezen.
Afhankelijk van de kwaliteit van de disc en de
hoeveelheid gegevens die erop staan, kan het
enige tijd duren voordat de weergave van
start gaat.
Druk in de normaalweergave van de schijfbron op OK/MENU en draai en TUNE om de
mapstructuur van de schijf te openen of om
de categorieën te doorzoeken. Navigeer in de
03 Audio en media
structuur door aan TUNE te draaien, kies de
map met OK/MENU en ga terug in de structuur met EXIT.
Start het afspelen van een bestand met een
druk op OK/MENU.
Wanneer een bepaald muziekbestand helemaal afgespeeld is, worden de overige
bestanden in dezelfde map afgespeeld.
Nadat alle bestanden in een bepaalde map
zijn afgespeeld, wordt er automatisch van
map gewisseld.
Vooruit-/achteruitspoelen
U kunt audio- en videobestanden voor- en
achteruitspoelen12.
/
ingedrukt om audioHoud de knop
of videobestanden vooruit/achteruit te spoelen.
Voor het gebruik van DVD Video, zie Afspelen
en navigeren bij DVD Video (p. 47).
Voor audiobestanden geldt één snelheid, terwijl videobestanden op meerdere snelheden
voor- en achteruit te spoelen zijn. Druk herhaalde malen achtereen op de knoppen
/
om bij videobestanden sneller
voor- of achteruit te spoelen. Laat de toets
weer los om de video weer op normale snelheid weer te geven.
Media zoeken
Gerelateerde informatie
Afspelen en navigeren van DVD Video
U kunt muziek op uw eenheden zoeken. Tijdens de zoekfunctie worden de USB, disk en
harde schijf doorzocht. Lees meer over de
zoekfunctie (p. 46).
•
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
Willekeurige afspeelvolgorde tracks
of audiobestanden
Bij activering van deze functie worden de
tracks/audiobestanden in willekeurige volgorde13 afgespeeld.
Om de tracks/audiobestanden van de gekozen bron in willekeurige volgorde af te spelen:
1. Druk op OK/MENU in de normaalweergave van de gekozen bron
03
2. Draai aan TUNE totdat Shuffle verschijnt
3. Druk op OK/MENU om de functie te activeren/deactiveren.
Gerelateerde informatie
•
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
•
Media Bluetooth® (p. 53)
Gerelateerde informatie
•
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
•
•
Vooruit-/achteruitspoelen (p. 45)
•
•
12
13
Willekeurige afspeelvolgorde tracks of
audiobestanden (p. 45)
Menu-overzicht - CD/DVD Audio (p. 87)
Menu-overzicht - DVD Video (p. 87)
Geldt alleen voor cd/dvd*-schijven, USB en iPod®.
Geldt niet voor DVD Video. Bij via de AUX/USB-poort aangesloten externe audiobronnen geldt dit alleen voor USB en iPod®. Wordt niet door alle mobiele telefoons ondersteund.
* Optie/accessoire, zie Inleiding voor meer informatie.
45
03 Audio en media
Media zoeken
U kunt muziek op uw eenheden zoeken. Tijdens de zoekfunctie worden de USB (p. 51),
disk (p. 44) en harde schijf (p. 48) doorzocht.
03
Media zoeken is bereikbaar vanuit de normaalweergave voor de bronnen Disk, USB
en HDD.
Druk om te beginnen met zoeken op
OK/MENU in de normaalweergave van de
bron en kies Media zoeken.
Zoekfunctie
1. Draai aan TUNE tot de gewenste letter
verschijnt en druk ter bevestiging op OK/
MENU. Ook de cijfer- en lettertoetsen
van het bedieningspaneel op de middenconsole zijn te gebruiken.
Om over te schakelen op de invoer van
cijfers of speciale tekens of om de trefferslijst te openen dient u aan TUNE te
draaien, totdat een van de opties (zie verklaring in navolgende tabel) in de lijst voor
het wisselen van invoerstand (2) verschijnt en druk vervolgens op OK/MENU.
2. Ga verder met de volgende letter enz.
3. Kies, wanneer u tevreden bent met de
zoekterm, Zoeken.
> Er wordt gezocht. Het resultaat wordt
weergegeven en in de volgende categorieën gegroepeerd: artiesten, tracks,
genres, jaartallen en componisten.
4. Draai TUNE naar een categorie en druk
op OK/MENU.
Zoeken met behulp van het schrijfwiel.
Tekenlijst.
Invoerstand wijzigen (zie de volgende
tabel).
Gebruik het schrijfwiel om zoektermen in te
voeren.
46
5. Draai aan TUNE om een medium te kiezen en druk op OK/MENU om de weergave te starten.
123/AB
C
Met OK/MENU kunt u wisselen
tussen cijfers en letters.
MEER
Met OK/MENU kunt u overschakelen op de invoer van
speciale tekens.
Zoeken
||}
Voer het media zoeken uit.
Van het tekstwiel naar het
Kernwrd:-veld wisselen. De
cursor verplaatsen met TUNE.
Eventuele verkeerde spelling
wissen met EXIT. Om terug te
gaan naar het tekstwiel op OK/
MENU drukken.
Let op: de cijfer- en lettertoetsen op het bedieningspaneel
kunnen worden gebruikt bij
bewerkingen in het Kernwrd:veld.
Bij kort indrukken van EXIT wist u het laatst
ingevoerde teken. Bij lang indrukken van
EXIT wist u alle ingevoerde tekens.
Bij het indrukken van een cijfertoets op de
middenconsole tijdens de weergave van het
tekstwiel (zie voorgaande afbeelding), verschijnt op het beeldscherm een tekenlijst.
Druk herhaalde malen op de cijfertoets totdat
de gewenste letter verschijnt en laat de toets
weer los. Ga verder met de volgende letter
enz. Met het indrukken van een volgende
toets bevestigt u de invoer van de voorgaande letter.
03 Audio en media
Afspelen en navigeren bij DVD Video
Navigeren in eigen menu video-dvd
Tijdens het afspelen van een video-dvd verschijnt er mogelijk een discmenu op het display. Via het discmenu hebt u toegang tot
extra functies en instellingen om bijvoorbeeld
ondertitels, geluidstracks, scènes te kiezen.
Wisselen van hoofdstuk is ook mogelijk door
te drukken op
/
op de middenconsole of op de toetsenset op het stuurwiel.
Gerelateerde informatie
Voor elementaire weergave en navigatie, zie
systeembediening en menufuncties (p. 27).
Hier volgt een gedetailleerde beschrijving.
N.B.
Videoweergave is uitsluitend mogelijk wanneer de auto stilstaat. Wanneer de auto
sneller rijdt dan ca. 8 km/h, verschijnt er
geen beeld en staat Video niet
beschikbaar bij deze snelheid op het
beeldscherm. Het geluid wordt echter wel
weergegeven. Het beeld verschijnt weer,
zodra de rijsnelheid is gedaald tot onder
ca. 6 km/h.
keuze en keert u terug naar de uitgangspositie (zonder een keuze te maken).
Met de bedieningselementen op de middenconsole kunt u navigeren in het eigen menu
van de video-dvd.
•
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
•
Camerahoek bij het afspelen van DVD
Video (p. 48)
•
•
Vooruit-/achteruitspoelen (p. 45)
•
Mediaspeler - compatibele bestandsformaten (p. 49)
03
Willekeurige afspeelvolgorde tracks of
audiobestanden (p. 45)
Van hoofdstuk of titel veranderen
Draai aan TUNE om de lijst met hoofdstukken
te openen en erin te navigeren (bij het afspelen van een film wordt de film gepauzeerd).
Druk op OK/MENU om een hoofdstuk te kiezen en terug te keren naar de uitgangspositie
(als eerder een film werd afgespeeld, wordt
deze film voortgezet). Druk op EXIT om de
titellijst te openen.
In de titellijst kiest u een titel door te draaien
aan TUNE en bevestigt u uw keuze met OK/
MENU, waarna u terugkeert naar de lijst met
hoofdstukken. Druk op OK/MENU om uw
keuze te activeren en terug te keren naar de
uitgangspositie. Met EXIT annuleert u uw
47
03 Audio en media
Camerahoek bij het afspelen van DVD
Video
Met deze functie kunt u, op voorwaarde dat
de video-dvd dit ondersteunt, aangeven vanuit welke camerapositie een bepaalde scène
moet worden weergegeven.
–
03
Druk in de normaalweergave van de
schijfbron op OK/MENU en kies
Geavanceerde instellingen Kijkhoek.
Gerelateerde informatie
•
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
Beeldinstellingen
Harde schijf (HDD)
Het is mogelijk de volgende beeldinstellingen
voor helderheid en contrast te wijzigen (op
voorwaarde dat de auto stilstaat).
Het is mogelijk muziek te kopiëren van een
disk/USB14 naar de harde schijf (HDD) van de
auto en de muziek vervolgens daarvandaan af
te spelen.
1. Druk in de weergavestand op OK/MENU,
kies Beeldinstellingen en bevestig uw
keuze met OK/MENU.
2. Draai aan TUNE om de aan te passen
instelling te bereiken en bevestig uw
keuze met OK/MENU.
3. Pas de instelling aan door te draaien aan
TUNE en bevestig uw keuze met
OK/MENU.
Druk om terug te keren naar de lijst met
instellingen op OK/MENU of EXIT.
Gerelateerde informatie
•
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
•
Audio en media (p. 25)
Voor informatie over de ondersteunde formaten, zie compatibele bestandsformaten,
(p. 49).
Voor elementaire weergave en navigatie, zie
systeembediening en menufuncties (p. 27).
Hier volgt een gedetailleerde beschrijving.
Muziek kopiëren naar harde schijf
Mappen hebben het symbool
.
1. Druk in normaalweergave van de harddiskbron op OK/MENU en kies voor kopiëring van disk/USB.
2. Kies eerst wat u wilt kopiëren en daarna
Doorgaan.
3. Bestemming selecteren voor de doellocatie van de gekopieerde muziek.
> Muziek importeren van disk/Muziek
importeren van USB
Verwijder de schijf/het USB-geheugen
niet voordat de overdracht bevestigd is
- Muziekbestanden geïmporteerd.
14
48
Afhankelijk van de markt.
03 Audio en media
N.B.
Bij het kopiëren vanaf USB worden de
muziekbestanden die niet in mappen staan
niet zichtbaar, d.w.z. als ze in de root
staan. Deze nummers kunnen worden
geïmporteerd door importeren Alle tracks
te kiezen of de bestanden in mappen te
plaatsen.
Het systeem kan muziek op max. 8
niveaus in submappen kopiëren.
Mogelijke bestandsformaten om naar de
harde schijf te kopiëren
Cd’s/dvd’s: mp3, wma, aac.
USB: mp3, mp4, wma, aac, m4a, m4b.
Map of bestand hernoemen/verwijderen
1. Druk in de normaalweergave van de harddiskbron op OK/MENU en kies Bestand
hernoemen/verwijderen.
2. Markeer een map of bestand, druk op
OK/MENU en kies Hernoemen of Wis.
3. Gebruik het schrijfwiel om een nieuwe
naam in te voeren en druk daarna op
Opslaan.
Voor het hernoemen van een bestand kunt u
geen bestaande bestandsnaam gebruiken.
Het systeem houdt in dat geval de oude
bestandsnaam aan.
Afspelen en navigeren
Bepaalde functies zijn te koppelen aan de
FAV-knop. De bijbehorende functie is vervolgens eenvoudig te activeren met een druk op
de FAV-knop, zie Favorieten (p. 32).
Afspeelvolgorde
De treffers wordt afgespeeld in de volgorde
waarin ze op de lijst staan. Druk voor een willekeurige afspeelvolgorde op OK/MENU in de
normaalweergave van de harddiskbron en
kies Shuffle.
Media zoeken
U kunt muziek op uw eenheden zoeken. Tijdens de zoekfunctie worden de USB, disk en
harde schijf doorzocht. Lees meer over de
zoekfunctie (p. 46).
Opslaggegevens
Druk voor de capaciteit en het gebruik van de
harddisk op OK/MENU in de normaalweergave van de harddiskbron en kies
Opslaginformatie.
Gerelateerde informatie
•
•
Mediaspeler (p. 43)
Menu-overzicht - harde schijf (HDD)
(p. 88)
Mediaspeler - compatibele
bestandsformaten
De mediaspeler kan tal van bestandstypen
afspelen en is compatibel met de formaten in
de volgende tabellen.
Compatibele bestandsformaten voor
cd’s/dvd’s
03
N.B.
Dubbelzijdige schijven van het zogeheten
dual format-type (DVD Plus, CD-DVD) zijn
dikker dan normale cd’s. Het is dan ook
niet zeker of dergelijke schijven kunnen
worden afgespeeld en storingen zijn
mogelijk.
Als een cd een mix van mp3- en CD-DAbestanden bevat, worden alle mp3-tracks
genegeerd.
Audioformaten
CD-Audio, mp3, wma,
aac, m4a
Videoformaten
DVD Video
Compatibele bestandsformaten via
USB-aansluiting
Het systeem biedt ondersteuning voor de
audio- en videoformaten in de onderstaande
tabel bij weergave via de USB-aansluiting.
}}
49
03 Audio en media
||
Audioformaten
mp3, mp4, wma, aac,
m4a, m4b
Videoformaten
–
Audiospecificaties voor mp3-bestanden
03
Formaat
kHz
kb/s
MPEG-1/Audio
32
32–320A
44.1
32–320A
48
32–320A
16
8–160
22.05
8–160
24
8–160
8
MPEG-2/Audio
MPEG-2.5/Audio
A
Audioformaat
MPEG-2 en
MPEG-4
Samplefrequentie
audio-invoer (audio
sampling rate)
8–96 kHz
Audiokanalen (ch)
1ch en 2ch
Audiospecificaties voor wav-bestanden
Bestanden zijn af te spelen, als ze aan de volgende criteria voldoen:
Tot 44.1 kHz
8-64
11.025
8-64
Audiokanalen (ch)
1ch en 2ch
12
8-64
Audiobitsnelheid (audio
bit rate)
16 kb/s voor
1ch
Audiospecificaties voor wmabestanden
Bestanden zijn af te spelen, als ze aan de volgende criteria voldoen:
50
Bestanden zijn af te spelen, als ze aan de volgende criteria voldoen:
Samplefrequentie audioinvoer (audio sampling
rate)
Geldt niet voor 144 kb/s.
WMA-versie
Audiospecificaties voor aac-bestanden
8.x, 9.x, 10.x, Pro
Wav-bestanden zijn op basis van een PCMcontainer.
Gerelateerde informatie
•
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
•
Cd/Dvd (p. 44)
•
Externe audiobron via AUX/USB-ingang
(p. 51)
•
Harde schijf (HDD) (p. 48)
03 Audio en media
Externe audiobron via AUX/USBingang
Op de geluidsinstallatie kan een externe audiobron, bijvoorbeeld een iPod® of mp3-speler,
worden aangesloten (p. 52).
Bepaalde functies zijn te koppelen aan de
FAV-knop. De bijbehorende functie is vervolgens eenvoudig te activeren met een druk op
de FAV-knop, zie Favorieten (p. 32).
Afspelen en navigeren
Een op de USB-ingang aangesloten audiobron is te bedienen via de geluidsregeling van
de auto. Een eenheid die is aangesloten op
de AUX-ingang valt echter niet te bedienen
via de geluidsregeling van de auto.
Draai in de normaalweergave van de audiobron aan TUNE om de mapstructuur te bereiken of om in de categorieën te zoeken. Navigeer in de structuur door aan TUNE te
draaien, kies de map met OK/MENU en ga
terug in de structuur met EXIT.
Een iPod® of mp3-speler met oplaadbare batterijen wordt opgeladen (wanneer het contact
ingeschakeld is of de motor loopt), als het
apparaat aangesloten is op de USB-aansluiting.
Het is mogelijk muziek te kopiëren van een
USB15 naar de harde schijf (HDD) (p. 48) van
de auto en de muziek vervolgens daarvandaan af te spelen.
Voor elementaire weergave en navigatie, zie
systeembediening en menufuncties (p. 27).
Hier volgt een gedetailleerde beschrijving.
15
Bepaalde markten.
Start het afspelen van een bestand met een
druk op OK/MENU.
Wanneer een bepaald muziekbestand helemaal afgespeeld is, worden de overige
bestanden in dezelfde map afgespeeld.
Nadat alle bestanden in een bepaalde map
zijn afgespeeld, wordt er automatisch van
map gewisseld.
USB-geheugen
Om het gebruik van een USB-geheugen te
vereenvoudigen is het beter alleen muziekbestanden in het geheugen op te slaan. Het
inlezen duurt aanzienlijk langer, wanneer er
behalve compatibele muziekbestanden nog
andere bestanden op het opslagmedium
staan.
N.B.
03
Het systeem biedt ondersteuning voor
draagbare media die werken met USB 2.0
en het bestandssysteem FAT32.
N.B.
Bij gebruik van een langer USB-geheugen
wordt geadviseerd een USB-adapterkabel
te gebruiken. Dit om mechanische slijtage
aan de USB-ingang en het aangesloten
USB-geheugen tegen te gaan.
Media zoeken
U kunt muziek op uw eenheden zoeken. Tijdens de zoekfunctie worden de USB, disk en
harde schijf doorzocht. Lees meer over de
zoekfunctie (p. 46).
}}
51
03 Audio en media
||
Technische specificatie
03
N.B.
Maximumaantal bestanden
15000
Maximumaantal mappen
1000
Maximumaantal mapniveaus
8
Maximumaantal afspeellijsten
100
Maximumaantal posten in een
afspeellijst
1000
Submappen
Onbeperkt
Mp3-speler
Veel mp3-spelers werken met hun eigen
bestandssysteem die niet ondersteund worden door het Infotainmentsysteem. Om een
dergelijke mp3-speler te kunnen gebruiken
binnen het systeem, dient de speler in de
stand USB Removable device/Mass
Storage Device te staan.
iPod®
N.B.
Het systeem ondersteunt alleen de weergave van audiobestanden van iPod®.
Om het afspelen te starten moet u de bron
iPod® kiezen (en niet USB).
Wanneer u muziek op een aangesloten
iPod® beluistert, hanteert het audio- en
mediasysteem een menustructuur vergelijkbaar met die van de iPod®.
Externe audiobron via AUX/USB ingang aansluiten
Via een van de aansluitingen in de middenconsole is het mogelijk een externe audiobron
(zoals een iPod® of mp3-speler) aan te sluiten
op het audiosysteem.
Gerelateerde informatie
•
Geluidssterkte instellen voor externe
audiobron (p. 53)
•
Mediaspeler - compatibele bestandsformaten (p. 49)
•
Audio en media - menu-overzicht (p. 85)
Aansluitingspunten voor externe audiobronnen.
audiobron aansluiten:
1. Sluit uw audiobron aan op een van de
aansluitingen in het opbergvak van de
middenconsole (zie afbeelding).
2. Druk in de normaalweergave van de
mediabron op MEDIA, draai aan TUNE
totdat u de gewenste audiobron USB,
iPod of AUX bereikt en druk op
OK/MENU.
De tekst USB lezen verschijnt op het beeldscherm, terwijl het systeem de bestanden op
52
03 Audio en media
het opslagmedium inleest. Afhankelijk van de
bestandsstructuur en het aantal bestanden
kan het enige tijd duren voordat alles ingelezen is.
N.B.
Het systeem biedt ondersteuning voor de
meeste iPod®-modellen die in 2005 of later
gemaakt zijn.
N.B.
Om schade tegen te gaan wordt de USBaansluiting gedeactiveerd bij kortsluiting of
als een aangesloten USB-eenheid te veel
stroom afneemt (dit is mogelijk als de aangesloten eenheid niet aan de USB-standaard voldoet). Als de volgende keer dat u
het contact inschakelt, blijkt dat de storing
verdwenen is, wordt de USB-aansluiting
automatisch opnieuw geactiveerd.
Geluidssterkte instellen voor externe
audiobron
Met deze functie kunt u het volume instellen
voor een externe audiobron (p. 51). Als het
volume te hoog of te laag staat, kan de
geluidskwaliteit achteruitgaan.
Bij aansluiting van een externe audiobron
(zoals een mp3-speler of iPod®) op de AUXingang verschilt het ingestelde volume van
deze audiobron mogelijk van het volume
waarop het audiosysteem (bijvoorbeeld de
radio) speelt. Corrigeer dit door het ingangsvolume van de ingang aan te passen: Druk in
de normaalweergave van de AUX-bron op
OK/MENU, kies AUX-ingang en daarna de
volume-instelling Standaard of Boost.
N.B.
Als het volume van de externe geluidsbron
te hoog of te laag staat, kan de geluidskwaliteit achteruitgaan. De geluidskwaliteit
kan ook achteruitgaan als de speler wordt
bijgeladen wanneer het audio- en mediasysteem in de stand AUX staat. Laad de
speler in dat geval niet via de 12V-aansluiting bij.
Gerelateerde informatie
•
Externe audiobron via AUX/USB-ingang
(p. 51)
Gerelateerde informatie
•
Audio en media - geavanceerde audioinstellingen (p. 34)
•
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
Media Bluetooth®
De mediaspeler in de auto is uitgerust met
Bluetooth® en kan draadloos ‘streaming
audio’-bestanden afspelen op externe eenheden met Bluetooth® zoals mobiele telefoons
en laptops.
U moet de eenheid eerst registreren en aan
de auto koppelen (p. 55).
03
Voor elementaire weergave en navigatie, zie
systeembediening en menufuncties (p. 27).
Hier volgt een gedetailleerde beschrijving.
Bepaalde functies zijn te koppelen aan de
FAV-knop. De bijbehorende functie is vervolgens eenvoudig te activeren met een druk op
de FAV-knop, zie Favorieten (p. 32).
Afspelen en navigeren
Navigatie en regeling van het geluid zijn te
verrichten via de toetsen op de middenconsole of via de toetsenset op het stuurwiel. Bij
sommige externe eenheden is het ook mogelijk op de eenheid zelf van track te wisselen.
Wanneer er een mobiele telefoon is aangesloten op de auto, kunt u tevens bepaalde functies van de mobiele telefoon op afstand
bedienen, zie Bluetooth®-handsfreesysteem
(p. 58). Wissel tussen de hoofdbronnen TEL
en MEDIA om de functies van de desbetreffende bronnen te gebruiken.
}}
53
03 Audio en media
||
N.B.
Bluetooth®-mediaspelers
moeten ondersteuning bieden voor de profielen Audio/
Video Remote Control Profile (AVRCP) en
Advanced Audio Distribution Profile
(A2DP). De speler dient AVRCP versie 1.3
en A2DP 1.2 te hanteren. Anders werken
bepaalde functies mogelijk niet.
Niet alle verkrijgbare mobiele telefoons en
externe mediaspelers zijn volledig compatibel met de Bluetooth®-functie van de
mediaspeler van de auto. Volvo adviseert u
contact op te nemen met een erkende
Volvo-dealer voor informatie over compatibele telefoons en externe mediaspelers.
03
N.B.
De mediaspeler van de auto kan alleen
audiobestanden afspelen via de
Bluetooth®-functie.
Gerelateerde informatie
•
Willekeurige afspeelvolgorde tracks of
audiobestanden (p. 45)
•
Menu-overzicht - Media Bluetooth®
(p. 89)
Bluetooth®-eenheid aansluiten en
loskoppelen
en u kunt
De auto is voorzien van Bluetooth® en kan
draadloos communiceren met andere
Bluetooth®-eenheden na registratie en aansluiting (p. 55).
U kunt maximaal 15 externe Bluetooth®-eenheden registreren. U hoeft een eenheid
slechts eenmaal te registreren. Na het registreren hoeft de eenheid niet langer zichtbaar/
identificeerbaar te zijn, alleen moet
Bluetooth® wel zijn geactiveerd.
Wanneer de Bluetooth®-functie actief is en de
laatst aangesloten eenheid binnen het bereik
ligt, vindt automatisch aansluiting op de auto
plaats als deze wordt gestart. De naam van
de aangesloten eenheid verschijnt in de normaalweergave van de bron. Druk op OK/
MENU voor aansluiting op een andere eenheid en kies van eenheid wisselen (p. 57).
De Bluetooth®-eenheid wordt automatisch
losgekoppeld, wanneer deze buiten het
bereik van de auto komt. Om een eenheid
handmatig los te koppelen - Bluetooth in de
eenheid deactiveren. Om de registratie van
een Bluetooth®-eenheid in de auto ongedaan
te maken, kies Bluetooth®-eenheid verwijderen (p. 58). De auto zal daarna niet meer
automatisch naar deze eenheid zoeken.
U kunt twee Bluetooth®-eenheden tegelijk
hebben aangesloten. Bijvoorbeeld een tele-
54
en een media-eenheid
foon
van eenheid wisselen (p. 57).
Telefoon aangesloten als telefoon en als mediaeenheid.
Gerelateerde informatie
•
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
•
•
Media Bluetooth® (p. 53)
Bluetooth®-handsfreesysteem (p. 58)
03 Audio en media
Bluetooth®-eenheid registreren
Bluetooth®-eenheden
U kunt twee
tegelijk
hebben aangesloten. Bijvoorbeeld een telefoon en een media-eenheid en u kunt van
eenheid wisselen. U kunt tevens gebruik
maken van de telefoon, terwijl u via ‘streaming
audio’-bestanden beluistert. Het is mogelijk
de auto aan te sluiten op internet (p. 70) via
de internetverbinding van de mobiele telefoon.
U kunt maximaal 15 externe Bluetooth®-eenheden registreren. U hoeft een eenheid
slechts eenmaal te registreren. Na het registreren hoeft de eenheid niet langer zichtbaar/
identificeerbaar te zijn, alleen moet
Bluetooth® wel zijn geactiveerd.
opties wordt aangegeven hoe u een telefoon
aansluit. Het aansluiten van een media-eenheid (p. 53) verloopt op dezelfde manier, maar
in dat geval is de hoofdbron het beginpunt
MEDIA.
U kunt op twee manieren eenheden aansluiten: ofwel zoekt u de externe eenheid vanuit
de auto ofwel zoekt u de auto vanaf de
externe eenheid. Als de ene manier niet
werkt, kunt u de andere proberen.
Als u zich niet in de normaalweergave voor de
telefoon bevindt, drukt u op TEL in de middenconsole.
1. Maak de externe eenheid identificeerbaar/zichtbaar via Bluetooth®, zie daarvoor de gebruiksaanwijzing bij de externe
eenheid of bezoek www.volvocars.com.
2. Druk in de normaalweergave van de telefoonbron op OK/MENU en kies Nieuwe
telefoon zoeken (voor de media-eenheid
Nieuw apparaat zoeken).
> De auto zoekt vervolgens naar
beschikbare Bluetooth®-eenheden,
wat ongeveer een minuut kan duren.
03
3. Kies de aan te sluiten Bluetooth®-eenheid
in de lijst en bevestig uw keuze met OK/
MENU.
4. Controleer of de aangegeven cijfercode in
de auto overeenkomt met die op de
externe eenheid. Accepteer in dat geval
op beide punten.
N.B.
Bij een update van het besturingssysteem
van de telefoon wordt de telefoonregistratie mogelijk onderbroken. Verwijder de
telefoon dan, zie Bluetooth®-eenheid verwijderen (p. 58) en sluit hem opnieuw
aan.
Hoe u een externe eenheid aansluit hangt af
van de vraag of dezelfde eenheid al dan niet
eerder aangesloten was. Bij de onderstaande
aansluitopties wordt ervan uitgegaan dat het
de eerste keer is dat de eenheid wordt aangesloten (geregistreerd) en dat er geen
andere eenheid is aangesloten. In de aansluit-
Alternatief 1 - externe eenheid zoeken
via het menusysteem in de auto
Voorbeeld van normaalweergave voor de telefoon.
5. Accepteer of weiger in de telefoon eventuele opties voor de contactpersonen en
de berichtfuncties van de telefoon.
> De externe eenheid is daarmee aangesloten.
Als de aansluiting is mislukt, drukt u op EXIT
en sluit u aan volgens Alternatief 2.
}}
55
03 Audio en media
||
Alternatief 2 - Auto zoeken met het
Bluetooth®-systeem van de externe
eenheid
1. Druk in de normaalweergave van de telefoonbron op OK/MENU, kies Auto
herkenbaar maken en bevestig uw
keuze met OK/MENU.
03
2. Zoek met de externe eenheid naar
Bluetooth®-eenheden.
> De eenheid zoekt vervolgens naar
beschikbare Bluetooth®-eenheden,
wat ongeveer een minuut kan duren.
3. Kies de naam van de auto op het scherm
van de externe eenheid.
4. Controleer of de aangegeven cijfercode in
de auto overeenkomt met die op de
externe eenheid. Accepteer in dat geval
op beide punten.
5. Accepteer of weiger in de telefoon eventuele opties voor de contactpersonen en
de berichtfuncties van de telefoon.
> De externe eenheid is daarmee aangesloten.
Wanneer de externe eenheid is aangesloten,
verschijnt de Bluetooth®-naam van de
externe eenheid op het display van de auto
waarna de eenheid via de auto kan worden
bediend.
56
Gerelateerde informatie
•
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
•
Bluetooth®-eenheid aansluiten en loskoppelen (p. 54)
Automatische aansluiting Bluetooth®eenheid
Wanneer er een Bluetooth®-eenheid in de
auto geregistreerd (p. 55) staat, vindt er automatische aansluiting plaats wanneer de auto
wordt gestart.
Wanneer de Bluetooth®-functie actief is en de
laatst aangesloten eenheid binnen het bereik
ligt, vindt automatisch aansluiting plaats. Als
de laatst aangesloten eenheid niet beschikbaar is, probeert het systeem een eerder
geregistreerde eenheid aan te sluiten.
Druk op EXIT voor aansluiting op een andere
eenheid, kies voor nieuwe eenheid aansluiten
(p. 55) of andere geregistreerde eenheid kiezen (p. 57).
Gerelateerde informatie
•
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
•
Bluetooth®-eenheid aansluiten en loskoppelen (p. 54)
03 Audio en media
Andere Bluetooth®-eenheid kiezen
Als er meerdere aangesloten eenheden in de
auto aanwezig zijn, kunt u van eenheid wisselen. De eenheid moet eerst gekoppeld (p. 55)
zijn aan de auto.
Andere media-eenheid kiezen
1. Controleer of de externe eenheid
Bluetooth® heeft geactiveerd, zie de
handleiding van de externe eenheid.
2. Druk in de normaalweergave van de
Bluetooth®-mediabron op OK/MENU en
kies Ander apparaat.
> De auto zoekt naar eerder aangesloten
eenheden. De gevonden externe eenheden verschijnen met hun
Bluetooth®-naam op het display van
de middenconsole.
2. Druk in de normaalweergave van de telefoonbron op OK/MENU en kies Telefoon
wijzigen.
> De auto zoekt naar eerder aangesloten
eenheden. De gevonden externe eenheden verschijnen met hun
Bluetooth®-naam op het display van
de middenconsole.
3. Kies de aan te sluiten eenheid.
> De externe eenheid wordt vervolgens
aangesloten.
Gerelateerde informatie
•
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
•
Bluetooth®-eenheid aansluiten en loskoppelen (p. 54)
Bluetooth®-eenheid loskoppelen
De Bluetooth®-eenheid wordt automatisch
losgekoppeld, wanneer deze buiten het bereik
van de auto komt.
Wanneer de mobiele telefoon is losgekoppeld, kunt u een eventueel lopend gesprek
voortzetten met behulp van de ingebouwde
microfoon en luidspreker van de mobiele telefoon.
Het handsfree-systeem wordt gedeactiveerd
bij het afzetten van de motor en het openen
van een portier16.
Om de registratie van een Bluetooth®-eenheid in de auto ongedaan te maken, zie
Bluetooth®-eenheid verwijderen (p. 58). De
auto zal daarna niet meer automatisch naar
deze eenheid zoeken.
3. Kies de aan te sluiten eenheid.
> De externe eenheid wordt vervolgens
aangesloten.
•
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
Van telefoon wisselen
•
1. Controleer of de externe eenheid
Bluetooth® heeft geactiveerd, zie de
handleiding van de externe eenheid.
Bluetooth®-eenheid aansluiten en loskoppelen (p. 54)
•
•
Media Bluetooth® (p. 53)
16
03
Gerelateerde informatie
Bluetooth®-handsfreesysteem (p. 58)
Alleen Keyless drive.
57
03 Audio en media
Bluetooth®-eenheid verwijderen
Bluetooth®-eenheid
Als u de geregistreerde
niet langer wenst te gebruiken, kunt u deze
verwijderen (registratie ongedaan maken). De
auto zal daarna niet meer automatisch naar
deze eenheid zoeken.
Bluetooth®-handsfreesysteem
Bluetooth®
Een mobiele telefoon met
is
draadloos aan te sluiten op de auto.
Druk in de normaalweergave van de
Bluetooth®-mediabron op OK/MENU en kies
Ander apparaat Apparaat verwijderen.
Activeren
Telefoon verwijderen
Druk in de normaalweergave van de telefoonbron op OK/MENU en kies Telefoon
wijzigen Apparaat verwijderen.
Gerelateerde informatie
•
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
•
Bluetooth®-eenheid aansluiten en loskoppelen (p. 54)
•
•
Media Bluetooth® (p. 53)
Bluetooth®-handsfreesysteem (p. 58)
Telefoonfuncties, overzicht bedieningselementen.
U moet de eenheid eerst registreren en aan
de auto koppelen (p. 55).
Het audio- en mediasysteem werkt dan als
handsfree en biedt u de mogelijkheid om
enkele functies van uw mobiele telefoon op
afstand te bedienen. U kunt de mobiele telefoon via de knoppen op de telefoon bedienen
of de telefoon nu aangesloten is of niet.
Wanneer er een mobiele telefoon is aangesloten op de auto, kunt u tevens geluidsbestanden op de telefoon of een andere mediaspeler met Bluetooth® ‘streamen’, zie Media
Bluetooth® (p. 53). Wissel tussen de hoofd-
58
N.B.
Niet alle mobiele telefoons zijn volledig
compatibel met de handsfree-functie van
het audiosysteem. Volvo adviseert u contact op te nemen met een erkende Volvodealer voor informatie over compatibele
telefoons.
Media-eenheid verwijderen
03
bronnen TEL en MEDIA om de functies van
de desbetreffende bronnen te gebruiken.
Bij kort indrukken van TEL activeert u de
laatst aangesloten telefoon. Als er al een telefoon is aangesloten, verschijnt er bij het
indrukken van TEL een snelmenu met de
meest gebruikelijke menu-opties voor de telefoon. Het symbool
geeft aan dat er
telefoon is aangesloten.
Bellen
1. Zorg dat het symbool
boven aan
het display staat en dat de handsfreefunctie in de telefoonstand staat.
2. Kies het gewenste nummer of draai in de
normaalweergave TUNE rechtsom voor
toegang tot het telefoonboek (p. 61) of
linksom voor de gesprekslijst (p. 60)
met alle gesprekken.
3. Druk op OK/MENU om een contactpersoon of nummer van uw keuze uit de
gesprekslijst te bellen.
03 Audio en media
U beëindigt het gesprek met EXIT.
Sms-berichten lezen17
De auto maakt een kopie van de berichten in
de aangesloten mobiele telefoon en geeft
deze alleen weer wanneer de mobiele telefoon aangesloten is.
U kunt het pop-upmenu en het berichtsignaal
uitschakelen onder Telefoonmenu
Meldingen van berichten.
N.B.
1. Druk op TEL en vervolgens op OK/
MENU om Telefoonmenu te openen.
•
2. Draai aan TUNE totdat u Berichten
bereikt en druk op OK/MENU.
17
03
er wordt een pop-upvenster of bericht
op de telefoon getoond en geaccepteerd.
•
het delen van informatie wordt geaccepteerd in de instellingen van de telefoon voor de Bluetooth®-aansluiting op
de auto.
In bepaalde gevallen kan het nodig zijn om
de mobiele telefoon los te koppelen en
opnieuw op de auto aan te sluiten om
gegevenskopiëring mogelijk te maken.
3. Draai aan TUNE om het te lezen bericht
te markeren en druk op OK/MENU.
> Het bericht verschijnt op het scherm.
Als de hoofdbron TEL al actief is, verschijnt
er een pop-upmenu met nieuwe berichten op
het scherm. Bij het indrukken van OK/MENU
wordt het gekozen bericht weergegeven terwijl het systeem het bericht voorleest. U kunt
het voorlezen annuleren met EXIT.
Systeemoverzicht voor het Bluetooth®-handsfreesysteem.
Om de berichten van de aangesloten
mobiele telefoon weer te geven, moet u bij
het aansluiten gegevenskopiëring op de
desbetreffende mobiele telefoon toestaan.
Afhankelijk van de mobiele telefoon kan dit
op verschillende manieren:
Als een aangesloten telefoon een sms-bericht
boven
ontvangt, verschijnt het symbool
aan op het beeldscherm.
4. Met een druk op OK/MENU opent u het
berichtenmenu met de mogelijkheid om
het bericht door het systeem te laten
voorlezen, de afzender van het bericht op
te bellen of het bericht te wissen.
Bluetooth®-handsfreesysteem overzicht
Systeemoverzicht
Mobiele telefoon
Microfoon
Toetsenset op stuurwiel
Bedieningspaneel in middenconsole
Gerelateerde informatie
•
•
Bluetooth®-handsfreesysteem - audioinstellingen (p. 61)
Menu-overzicht systeem (p. 90)
Bluetooth®-handsfree-
Gerelateerde informatie
•
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
•
Bluetooth®-eenheid aansluiten en loskoppelen (p. 54)
Niet ondersteund door alle mobiele telefoons.
59
03 Audio en media
Gespreksfuncties
Functies voor het hanteren van telefoongesprekken.
Inkomend gesprek
–
03
Druk op OK/MENU om een gesprek aan
te nemen, ook al staat het audiosysteem
in de stand RADIO of MEDIA.
houden. Draai in de normaalweergave van de
telefoonbron TUNE linksom om de gesprekslijst te zien.
•
•
In de normaalweergave van de telefoonbron
kunt u de gesprekslijst voor de aangesloten
telefoon bekijken door op OK/MENU te drukken en vervolgens Bellijst te kiezen.
•
Met EXIT kunt u een gesprek weigeren of
beëindigen.
N.B.
Om de gesprekslijst van de aangesloten
mobiele telefoon weer te geven moet u bij
het aansluiten gegevenskopiëring op de
desbetreffende mobiele telefoon toestaan.
Afhankelijk van de mobiele telefoon kan dit
op verschillende manieren:
Menu tijdens gesprek
In de normaalweergave van de telefoonbron
zorgt een druk op OK/MENU tijdens een
lopend gesprek voor toegang tot de volgende
functies:
•
• Mobiele telefoon - Gesprek doorscha-
kelen naar de mobiele telefoon. Bij sommige mobiele telefoons wordt de koppeling verbroken. Dit is volkomen normaal.
Het handsfree-systeem vraagt vervolgens
of u opnieuw wilt koppelen.
•
het delen van informatie wordt geaccepteerd in de instellingen van de telefoon voor de Bluetooth®-aansluiting op
de auto.
In bepaalde gevallen kan het nodig zijn om
de mobiele telefoon los te koppelen en
opnieuw op de auto aan te sluiten om
gegevenskopiëring mogelijk te maken.
• Microfoon dempen – Microfoon van het
audiosysteem uitschakelen.
• Kies nummer - mogelijkheid om een
tweede gesprek te starten met behulp
van de cijfertoetsen (het eerste gesprek
wordt daarbij stand-by gezet).
60
er wordt een pop-upvenster of bericht
op de telefoon getoond en geaccepteerd.
Gerelateerde informatie
Gesprekslijst
•
De gesprekslijst wordt bij iedere nieuwe aansluiting naar het handsfree-systeem gekopieerd en voor de duur van de aansluiting bijge-
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
•
Stembediening - mobiele telefoon
(p. 68)
Bluetooth®-handsfreesysteem (p. 58)
Bluetooth®-handsfreesysteem - audioinstellingen (p. 61)
Telefoonboek (p. 61)
03 Audio en media
Bluetooth®-handsfreesysteem audio-instellingen
N.B.
Bij bepaalde mobiele telefoons wordt de
beltoon van de aangesloten mobiele telefoon niet uitgeschakeld, zodat deze gelijktijdig met de beltoon van het handsfreesysteem klinkt.
Het is mogelijk het telefoongespreksvolume,
het volume van het audiosysteem en het
beltoonvolume aan te passen.
Tel.-gespreksvol.
Het gespreksvolume is alleen tijdens een
gesprek te wijzigen. Gebruik de toetsenset op
het stuurwiel of draai aan de knop VOL.
Volume audiosysteem
Zolang er geen telefoongesprek wordt
gevoerd, kunt u het volume van het audiosysteem op de gebruikelijke wijze bijregelen door
te draaien aan VOL.
De weergave van een actieve geluidsbron
wordt bij inkomende gesprekken automatisch
onderdrukt.
Beltoonvolume
Het beltoonvolume is te wijzigen door op de
knop SOUND te drukken, aan TUNE te
draaien om Volume belsignaal te markeren
en vervolgens op OK/MENU te drukken. Pas
het beltoonvolume aan door te draaien aan
TUNE en sla de instelling op met OK/MENU.
Belsignalen
Bij een inkomend gesprek klinkt de eigen
beltoon van het handsfree-systeem.
Gerelateerde informatie
•
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
•
Bluetooth®-handsfreesysteem (p. 58)
Telefoonboek
De auto maakt een kopie van het telefoonboek in de aangesloten mobiele telefoon en
geeft dit telefoonboek alleen weer, wanneer
de mobiele telefoon aangesloten is.
Voor alle telefoonboekfuncties dient het symboven aan het beeldscherm en de
bool
handsfree-functie in de telefoonstand te
staan.
03
Als het telefoonboek de contactgegevens
bevat van de persoon die belt, verschijnen
deze op het beeldscherm.
N.B.
Om het telefoonboek van de aangesloten
mobiele telefoon weer te geven moet u bij
het aansluiten gegevenskopiëring op de
desbetreffende mobiele telefoon toestaan.
Afhankelijk van de mobiele telefoon kan dit
op verschillende manieren:
•
er wordt een pop-upvenster of bericht
op de telefoon getoond en geaccepteerd.
•
het delen van informatie wordt geaccepteerd in de instellingen van de telefoon voor de Bluetooth®-aansluiting op
de auto.
In bepaalde gevallen kan het nodig zijn om
de mobiele telefoon los te koppelen en
opnieuw op de auto aan te sluiten om
gegevenskopiëring mogelijk te maken.
}}
61
03 Audio en media
||
Gerelateerde informatie
•
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
•
Bluetooth®-handsfreesysteem (p. 58)
Telefoonboek - contactpersonen snel
zoeken
Telefoonboek - tekentabel toetsenset
op middenconsole
Draai in de normaalweergave van de telefoonbron TUNE rechtsom voor een lijst met contactpersonen.
Tekentabel met mogelijke tekens om in het
telefoonboek te gebruiken.
Draai aan TUNE om een contactpersoon te
kiezen en druk op OK/MENU om te bellen.
03
Onder de naam van de contactpersoon staat
het telefoonnummer dat als standaardnummer is gekozen. Als rechts van de contactpersoon het symbool ▼ staat, zijn er meerdere
telefoonnummers van de contactpersoon
opgeslagen. Druk op OK/MENU om de nummers weer te geven. Kies een ander nummer
dan het standaardnummer en bel door te
draaien aan de TUNE-knop. Druk op OK/
MENU om te bellen.
Toets
Functie
Spatie . , - ? @ : ; / ( ) 1
ABCÅÄÆÀÇ2
DEFÈÉ3
GHIÌ4
JKL5
Doorzoek de lijst met contactpersoon door
via de toetsenset van de middenconsole de
eerste letter(s) van de naam van de contactpersoon in te typen. Voor de functie van de
knoppen, zie Telefoonboek - tekentabel toetsenset op middenconsole (p. 62).
MNOÖØÑÒ6
Gerelateerde informatie
WXYZ9
•
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
•
Bluetooth®-handsfreesysteem (p. 58)
PQRSß7
TUVÜÙ8
+0pw
#*
62
03 Audio en media
Gerelateerde informatie
•
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
•
Bluetooth®-handsfreesysteem (p. 58)
Telefoonboek - contactpersonen
zoeken
Contactgegevens zoeken in het telefoonboek
(p. 61).
Zoeken met behulp van het schrijfwiel.
Tekenlijst
2. Ga verder met de volgende letter enz. In
het telefoonboek (3) verschijnt het resultaat van de zoekopdracht.
3. Om over te schakelen op de invoer van
cijfers of speciale tekens of het telefoonboek te openen dient u aan TUNE te
draaien, totdat een van de opties (zie verklaring in onderstaande tabel) in de lijst
voor het wisselen van invoerstand (2) verschijnt en druk vervolgens op OK/MENU.
123/AB
C
Met OK/MENU kunt u wisselen tussen cijfers en letters.
MEER
Met OK/MENU kunt u overschakelen op de invoer van
speciale tekens.
=>
Opent het telefoonboek (3).
Draai aan TUNE om een contactpersoon te kiezen en druk
op OK/MENU om opgeslagen
nummers en overige informatie
te bekijken.
Voornaam/
Achternm
Wijzigt de volgorde waarin het
telefoonboek gesorteerd
wordt.
Invoerstand wijzigen (zie de volgende
tabel)
Telefoonboek
Druk om een contactpersoon te zoeken in de
normaalweergave van de telefoonbron op
OK/MENU en kies Contacten.
1. Draai aan TUNE tot de gewenste letter
verschijnt en druk ter bevestiging op
OK/MENU. Ook de cijfer- en lettertoetsen van het bedieningspaneel op de middenconsole zijn te gebruiken.
03
Bij kort indrukken van EXIT wist u het laatst
ingevoerde teken. Bij lang indrukken van
EXIT wist u alle ingevoerde tekens.
}}
63
03 Audio en media
03
||
Bij het indrukken van een cijfertoets op de
middenconsole tijdens de weergave van het
tekstwiel (zie voorgaande afbeelding), verschijnt op het beeldscherm een tekenlijst.
Druk herhaalde malen op de cijfertoets totdat
de gewenste letter of het gewenste cijfer verschijnt en laat de toets weer los. Ga verder
met de volgende letter en het volgende cijfer
enz. Met het indrukken van een volgende
toets bevestigt u de invoer van de voorgaande letter.
Spraakherkenning
De stembediening biedt u de mogelijkheid om
bepaalde functies van het multimediasysteem,
de radio, een mobiele telefoon met
Bluetooth®-aansluiting of Volvo’s navigatiesysteem* met uw stem te bedienen.
N.B.
•
In dit gedeelte over de stembediening
staat aangegeven hoe u stemcommando’s kunt gebruiken om een mobiele telefoon met Bluetooth®-aansluiting te bedienen. Zie Bluetooth®-handsfreesysteem (p. 58) voor gedetailleerde informatie over het gebruik van
een mobiele telefoon met Bluetooth®aansluiting op het infotainmentsysteem in de auto.
•
Volvo’s navigatiesysteem* is voorzien
van een apart supplement met meer
informatie over spraakherkenning en
de mogelijke stemcommando’s voor
bediening van het systeem.
Gerelateerde informatie
•
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
•
Bluetooth®-handsfreesysteem (p. 58)
Het gebruik van stemcommando’s biedt
bedieningscomfort, leidt minder af en helpt u
om de aandacht op het verkeer vast te houden.
64
* Optie/accessoire, zie Inleiding voor meer informatie.
WAARSCHUWING
Als bestuurder bent u er altijd verantwoordelijk voor dat u de auto op een veilige
manier bestuurt en de geldende verkeersregels in acht neemt.
De stembediening biedt u de mogelijkheid om
bepaalde functies van het multimediasysteem, de radio, een mobiele telefoon met
Bluetooth®-aansluiting of Volvo’s navigatiesysteem* met uw stem te bedienen, zonder
daarvoor uw handen van het stuur te hoeven
nemen. De input vindt in dialoogvorm plaats
met stemcommando’s van de gebruiker en
verbale antwoorden van het systeem. De
stembediening maakt gebruik van dezelfde
microfoon als het Bluetooth®-handsfreesysteem (zie Bluetooth®-handsfreesysteem overzicht (p. 59)) en geeft antwoord via de
luidsprekers in de auto.
03 Audio en media
Beknopte bedieningsinstructies voor
stembediening
•
Houd portieren, zijruiten en schuifdak*
dicht.
•
Vermijd achtergrondgeluiden in de passagiersruimte.
Taalkeuze voor stembediening
U kunt een taalkeuze maken voor de stembediening (p. 64) in het menusysteem MY CAR.
N.B.
Bij twijfel over het te gebruiken commando
kunt u “Help” zeggen – het systeem geeft
dan enkele voorbeelden van commando’s
die u in de actuele situatie kunt gebruiken.
03
De stembediening is te annuleren door:
Toetsenset op stuurwiel.
•
•
“Annuleren” te zeggen
op EXIT of een andere hoofdbronknop
(zoals MEDIA) te drukken.
Toets voor spraakherkenning
•
Druk op de knop voor spraakherkenning
(1) om de functie te activeren en een dialoog met stemcommando’s te starten. De
functie toont dan enkele veelvoorkomende commando’s op het beeldscherm
van de middenconsole.
Let op het volgende bij het gebruik van de
spraakherkenningsfunctie:
•
Spreek bij het geven van commando’s na
de toon, met normale stem in een normaal tempo.
•
Wacht met spreken, totdat het systeem
klaar is met antwoorden (zolang het systeem antwoordt, werkt de spraakherkenning namelijk niet).
Mobiele telefoon aansluiten
Voordat u een mobiele telefoon via stemcommando’s kunt bedienen, moet de mobiele
telefoon via het Bluetooth®-handsfreesysteem
zijn geregistreerd en aangesloten. Als u met
een stemcommando een telefoon probeert
aan te sluiten zonder dat er een mobiel aan
het systeem gekoppeld is, wordt u daarop
attent gemaakt. Voor informatie over het koppelen (pairen) en aansluiten van een mobiele
telefoon, zie Bluetooth®-eenheid registreren
(p. 55).
Talenlijst.
Spraakherkenning is niet voor alle talen
mogelijk. De beschikbare talen voor spraakherkenning zijn in de talenlijst aangegeven
. De taal is te wijzigen
met een pictogram,
in het menusysteem MY CAR (p. 14).
N.B.
Het is niet mogelijk van stembedieningstaal te veranderen zonder de taal van het
menusysteem te wijzigen.
* Optie/accessoire, zie Inleiding voor meer informatie.
65
03 Audio en media
Hulpfuncties voor stembediening
De hulpfuncties dienen om u bekend te
maken met het stembedieningssysteem
(p. 64) en bieden het systeem de gelegenheid
om uw stem en uitspraak te leren kennen.
•
03
Spraakinstructies: Een functie die u vertrouwd maakt met de functie en de juiste
manier om commando’s te geven.
Stembediening - instellingen
Beëindig de instructies door te drukken op
EXIT.
•
Gebruikersinstelling - Het is mogelijk
een stemprofiel in te stellen door in de
normaalweergave voor MY CAR (p. 14)
op OK/MENU te drukken en Instellingen
Instellingen stembediening
Gebruikersinstelling te kiezen. Kies uit
Standaard of Getrainde gebruiker.
Getrainde gebruiker is alleen te kiezen,
als de stemtraining (p. 66) is uitgevoerd.
•
Synthetische leessnelheid - De snelheid
waarmee de dynamische (niet vooraf
opgenomen) voorleesfunctie van het systeem leest is te wijzigen door in de normaalweergave voor MY CAR op
OK/MENU te drukken en Instellingen
Instellingen stembediening Snelheid
uitlezen te kiezen. Kies uit Snel, Midden
of Langzaam.
•
Stembedieningsvolume - Het volume
van de stemsynthese is te wijzigen door
op de SOUND-knop te drukken, aan
TUNE te draaien om Volume
stembediening te markeren en vervolgens op OK/MENU te drukken. Pas het
stemvolume aan door te draaien aan
TUNE en sla de instelling op met OK/
MENU.
•
Stemtraining: Een functie die de spraakherkenningsfunctie de gelegenheid geeft
uw stem en uitspraak te leren kennen. De
functie kan de stem van een gebruikersprofiel leren.
•
Beknopte instructie: Een functie die een
beknopte instructie voorleest over de
werking van het systeem.
Let erop dat u na afloop van de spraakaanpassing een profiel kiest (p. 66) Getrainde
gebruiker onder Gebruikersinstelling.
Stembedieningsinstructies en stemtraining
zijn alleen te activeren wanneer de auto
geparkeerd staat.
Spraakinstructies
De instructies zijn te starten door in de normaalweergave voor MY CAR (p. 14) op
OK/MENU te drukken en Instellingen
Instellingen stembediening
Spraakintroductie te kiezen.
De instructies zijn opgesplitst in 3 onderdelen, die in totaal zo’n 5 minuten duren. De
functie start met de eerste les. Druk op
Er zijn meerdere instellingen voor stembediening (p. 64) mogelijk.
Spraakaanpassing
U krijgt enkele zinnen te zien die u moet
inspreken. De spraakaanpassing is te starten
door in de normaalweergave voor MY CAR
op OK/MENU te drukken en Instellingen
Instellingen stembediening Adaptatie
spreker te kiezen.
N.B.
66
om een onderdeel over te slaan en naar het
volgende te gaan. Ga terug naar het voor.
gaande onderdeel door te drukken op
Beknopte instructie
Het systeem leest een beknopte instructie
over de stembediening voor. U start de
instructie door te drukken op de knop voor
stembediening (p. 64) en “Beknopte
instructie” te zeggen.
03 Audio en media
Stembediening - stemcommando’s
Het is mogelijk om bepaalde functies van het
multimediasysteem en een mobiele telefoon
met Bluetooth®-aansluiting aan de hand van
vooraf gedefinieerde stemcommando’s met
de stem te bedienen (p. 64).
U start een dialoog met stemcommando’s
door te drukken op de knop voor spraakherkenning (p. 64).
Zodra een dialoog gestart is, verschijnen
veelvoorkomende commando’s op het display.
Wanneer u vertrouwd bent met de functie,
kunt u de dialoog verkorten door systeemvragen over te slaan middels kort indrukken van
de knop voor spraakherkenning.
Gerelateerde informatie
•
Stembediening - snelcommando’s
(p. 67)
•
Stembediening - mobiele telefoon
(p. 68)
•
•
Stembediening - radio (p. 69)
Stembediening - multimedia (p. 69)
Stembediening - snelcommando’s
De stembediening (p. 64) van de mobiele telefoon werkt met enkele vooraf gedefinieerde
snelcommando’s.
Snelcommando’s voor het multimediasysteem en de telefoon vindt u door in de normaalweergave voor MY CAR (p. 14) op
OK/MENU te drukken en Instellingen
Instellingen stembediening Lijst van
spraakcommando's Globale
commando's, Telefooncommando's,
Mediacommando's, Radiocommando's
op Navigatiecommando's* te kiezen.
03
De helptekst voor elk commando geeft aan of
het commando te gebruiken is voor alle bronnen of alleen in een bepaalde bron.
Commando’s zijn op meerdere
manieren te geven
Het commando voor bijvoorbeeld het zoeken
naar een audiotrack in de mediaspeler kan in
meerdere stappen of als een kort commando
worden gegeven:
•
“Media zoeken” > “Track” - Zeg
“Media zoeken”, wacht op antwoord van
het systeem en zeg vervolgens “Track”.
of
•
‘Op track zoeken’ - Zeg het korte commando achter elkaar.
* Optie/accessoire, zie Inleiding voor meer informatie.
67
03 Audio en media
Stembediening - mobiele telefoon
Gebruik de stembediening (p. 64) en een
mobiele telefoon met Bluetooth®-aansluiting
om bijvoorbeeld een contactpersoon of een
telefoonnummer te bellen.
03
De volgende dialogen zijn slechts voorbeelden; de systeemreacties kunnen per geval
verschillen.
Een nummer bellen
De functie begrijpt de cijfers 0 (nul) tot en met
9 (negen). Het nummer is aan te geven door
de cijfers van het nummer elk afzonderlijk uit
te spreken, in groepjes te verdelen of in één
keer achter elkaar te noemen. Getallen groter
dan 9 (negen) kan de functie niet hanteren. Zo
kunt u 10 (tien) of 11 (elf) niet gebruiken.
Gebruik de volgende dialoog met stemcommando’s om een nummer te bellen.
1. De gebruiker start de dialoog door het
zeggen van: “Bel nummer”.
> Het systeem antwoordt: “Zeg
nummer”.
2. Noem de cijfers (eenheden zoals “Zesacht-zeven” enz.) van het telefoonnummer.
> Bij een pauze zal het systeem het
laatst genoemde groep cijfers herhalen.
68
3. Noem de rest van de cijfers. Sluit, nadat u
het hele nummer genoemd hebt, af door
het volgende te zeggen: “OK”.
> Het systeem belt het nummer.
Het nummer is aan te passen door
“Correctie” (verwijdert de laatst genoemde
groep cijfers) of “Wissen” (wist het
genoemde nummer in zijn geheel) te geven.
Wanneer u “Herhalen” zegt, zal het systeem
het opgegeven nummer in zijn geheel voorlezen.
Een contactpersoon bellen
Gebruik de volgende dialoog met stemcommando’s om een contactpersoon in het telefoonboek te bellen.
1. De gebruiker start de dialoog door het
zeggen van: “Bel contact”.
> Het systeem antwoordt: “Zeg naam”.
2. Noem de naam van de contactpersoon.
> Als slechts een contactpersoon is
gevonden, belt het systeem deze persoon op. Anders geeft het systeem
meer instructies om de juiste contactpersoon te vinden.
Als er voor een contactpersoon meerdere
nummers in het telefoonboek staan, kunt u na
de naam nog “Mobiel” of “Werk” noemen
om het systeem te helpen.
Meer commando’s
Meer commando’s voor stembediening van
de mobiele telefoon vindt u door in de normaalweergave voor MY CAR (p. 14) op
OK/MENU te drukken en Instellingen
Instellingen stembediening Lijst van
spraakcommando's
Telefooncommando's te kiezen.
Gerelateerde informatie
•
Bluetooth®-handsfreesysteem (p. 58)
03 Audio en media
Stembediening - radio
Gebruik de stembediening (p. 64) om bijvoorbeeld van radiozender te veranderen.
De volgende dialogen zijn slechts voorbeelden; de systeemreacties kunnen per geval
verschillen.
Van zender veranderen
In de volgende dialoog met stemcommando’s
verandert u van radiozender.
1. De gebruiker start de dialoog door het
zeggen van: “Kies zender”.
> Het systeem antwoordt: “Zeg de
naam van de zender”.
2. Noem de naam van de radiozender.
> Het systeem schakelt over op de uitzending van de radiozender.
Van frequentie veranderen
Het systeem begrijpt getallen tussen 87,5
(vijfentachtig-komma-vijf) en 108,0 (honderdacht-komma-nul).
In de volgende dialoog met stemcommando’s
verandert u van radiofrequentie.
1. De gebruiker start de dialoog door het
zeggen van: “Frequentie”.
> Het systeem antwoordt: “Zeg
frequentienummer”.
2. Noem een frequentie tussen 87,5 en
108,0 megahertz.
> Het systeem schakelt over op de radiofrequentie.
Stembediening - multimedia
Meer commando’s
De volgende dialogen zijn slechts voorbeelden; de systeemreacties kunnen per geval
verschillen.
Meer commando’s voor stembediening van
de radio vindt u door in de normaalweergave
voor MY CAR (p. 14) op OK/MENU te drukken en Instellingen Instellingen
stembediening Lijst van
spraakcommando's Radiocommando's
te kiezen.
Gerelateerde informatie
•
Radio (p. 36)
Gebruik de stembediening (p. 64) van het
multimediasysteem om bijvoorbeeld van bron
of track te veranderen.
Van bron veranderen
03
In de volgende dialoog met stemcommando’s
verandert u van mediabron.
–
De gebruiker start de dialoog door het
zeggen van: “Disc”.
> Het systeem schakelt over op de cd/
dvd-speler.
De overige bronnen zijn te openen door bijvoorbeeld “Bluetooth”, “TV - instelling” of
“USB” te zeggen. Welke bronnen er te openen zijn, hangt af van de apparaten die op dat
moment beschikbaar/aangesloten zijn en of
de gekozen bron afspeelbare media bevat.
Als een mediabron niet beschikbaar is, geeft
het systeem aan waarom.
Van track veranderen
Het systeem begrijpt de nummers 0 (nul) tot
99 (negenennegentig). Nummers hoger dan
99 (negenennegentig) kan het systeem niet
werken. Zo is 100 (honderd) of 101 (honderdeen) niet mogelijk.
}}
69
03 Audio en media
||
In de volgende dialoog met stemcommando’s
verandert u van track.
1. De gebruiker start de dialoog door het
zeggen van: “Kies track”.
> Het systeem antwoordt: “Zeg
tracknummer”.
03
2. Zegt het tracknummer (als één nummer,
d.w.z. “Drieëntwintig” en dus niet
“Twee-drie”).
> Het systeem schakelt over naar het
tracknummer van de actieve mediabron.
OK/MENU te drukken en Instellingen
Instellingen stembediening Lijst van
spraakcommando's Mediacommando's
te kiezen.
Gerelateerde informatie
•
Mediaspeler (p. 43)
Auto met internetaansluiting
Door de auto op internet aan te sluiten, wordt
het mogelijk om bijvoorbeeld navigatiediensten, webradio en muziekdiensten te gebruiken via apps (p. 75) en de geïntegreerde
webbrowser (p. 76) van de auto te gebruiken.
Media zoeken
In de volgende dialoog kunt u met stemcommando’s naar media zoeken.
1. De gebruiker start de dialoog door het
zeggen van: “Zoek media”.
> Het systeem geeft een genummerde
lijst weer met de categorieën waarop u
kunt zoeken en antwoord: “Kies een
regelnummer of zeg de te zoeken
mediacategorie”.
2. Noem een regelnummer of een zoekcategorie.
> Het systeem geeft meer instructies om
de juiste media te vinden.
Meer commando’s
Meer commando’s voor stembediening van
het multimediasysteem vindt u door in de
normaalweergave voor MY CAR (p. 14) op
70
Als de auto op internet is aangesloten, is het
mogelijk om extra programma’s (apps) te
gebruiken. De beschikbare apps die per land
kunnen verschillen kunnen bijvoorbeeld
bestaan uit navigatiediensten, sociale media,
webradio en muziekdiensten. De auto is voorzien van een eenvoudige webbrowser om
informatie op internet te zoeken en deze weer
te geven.
Als de internetverbinding via een mobiele
telefoon plaatsvindt, is het mogelijk om tegelijkertijd andere functies van de mobiele telefoon te gebruiken, zoals het lezen van sms-
03 Audio en media
berichten en bellen, zie Bluetooth®-handsfreesysteem (p. 58).
Auto aansluiten op internet
1. U moet de mobiele telefoon eerst registreren en aan de auto koppelen (p. 55).
De mobiele telefoon en de provider moeten
ondersteuning bieden voor tethering (delen
van de internetverbinding) en het abonnement
moet inclusief dataverkeer zijn.
2. Activeer internetdeling (delen van internetverbinding (persoonlijke hotspot)) op
de mobiele telefoon.
3. Druk op MY CAR om de normaalweergave voor de bron te openen. Druk vervolgens op OK/MENU en kies
Instellingen Internetinstellingen
Aansluiten via Bluetooth.
N.B.
Bij gebruik van internet wordt data overgebracht (dataverkeer) en dat kan kosten met
zich meebrengen.
Het activeren van dataroaming kan tot verdere kosten leiden.
Informeer bij uw provider naar de kosten
voor dataverkeer.
Voor elementaire bediening, zie systeembediening en menufuncties (p. 27).
Bluetooth®
Instellingen voor internetverbinding.
Geen verbinding tot stand brengen is de
basisinstelling van de internetverbinding. Na
het kiezen van een verbindingsalternatief
geldt het gekozen alternatief, waarna de auto
waar mogelijk automatisch een internetverbinding tot stand brengt. Kies een ander verbindingsalternatief om op een andere manier
een internetverbinding tot stand te brengen.
Verbreek de netwerkaansluiting om niet automatisch internetverbinding tot stand te brengen.
Kies uit de verbindingsalternatieven
Bluetooth®, Wi-Fi of automodem*:
03
> De auto heeft daarmee een verbinding.
In het vervolg zal de auto automatisch via
Bluetooth® een verbinding tot stand brengen
met een beschikbaar netwerk.
Een symbool op het beeldscherm (p. 31)
geeft de actuele verbindingsstatus aan.
Voor het verbreken van de netwerkaansluiting, zie Netwerkaansluiting verbreken.
De auto kan maximaal 10 verschillende
Bluetooth®-netwerken in het geheugen
opslaan. Als u vervolgens een nieuw netwerk
toevoegt, wordt het oudste netwerk inclusief
wachtwoord verwijderd van de netwerklijst in
het geheugen.
Automodem*18
Voor aansluiting met de automodem, zie
Automodem* (p. 73).
18
Alleen auto’s met Volvo On Call
}}
* Optie/accessoire, zie Inleiding voor meer informatie.
71
03 Audio en media
||
Wi-Fi
03
1. Activeer internetdeling (delen van internetverbinding (persoonlijke hotspot)) op
de mobiele telefoon.
2. Druk op MY CAR om de normaalweergave voor de bron te openen. Druk vervolgens op OK/MENU en kies
Instellingen Internetinstellingen
Aansluiten via Wi-Fi.
> Er wordt gezocht naar beschikbare
Wi-Fi-netwerken.
De auto kan maximaal 10 verschillende Wi-Finetwerken in het geheugen opslaan. Als u
vervolgens een nieuw netwerk toevoegt,
wordt het oudste netwerk inclusief wachtwoord verwijderd van de netwerklijst in het
geheugen.
Wi-Fi-netwerk uit geheugen verwijderen
1. Druk op MY CAR om de normaalweergave voor de bron te openen.
•
•
•
Frequentie - 2,4 GHz.
Standaarden - 802.11 b / g / n.
Beveiligingstype - WPA2-AES-CCMP.
3. Kies Wi-Fi.
> Er verschijnt een lijst met beschikbare
netwerken.
Netwerkverbinding verbreken
4. Kies het te verwijderen netwerk.
5. Kies Vergeten.
> De auto zal niet meer automatisch een
verbinding tot stand trachten te brengen met het desbetreffende netwerk.
Een symbool op het beeldscherm (p. 31)
geeft de actuele verbindingsstatus aan.
Techniek en veiligheid rond Wi-Fi
Aansluiting is alleen mogelijk op netwerken
van het volgende type:
Als meerdere eenheden op dezelfde frequentie actief zijn, kunnen de prestaties afnemen.
4. Kies Verbinden.
In het vervolg zal de auto automatisch via
Wi-Fi een verbinding tot stand brengen met
een beschikbaar netwerk.
Druk om de fabrieksinstellingen te herstellen
op MY CAR op de middenconsole en kies
daarna OK/MENU gevolgd door Instellingen
Resetten naar fabrieksinstellingen.
2. Druk vervolgens op OK/MENU en kies
Instellingen Internetinstellingen.
3. Kies het netwerk van uw keuze.
5. Geef het wachtwoord van het netwerk
aan.
> De auto probeert vervolgens een verbinding tot stand te brengen met het
gekozen netwerk.
72
Voor het verbreken van de netwerkaansluiting, zie Netwerkaansluiting verbreken.
Alle netwerken uit geheugen
verwijderen
U kunt alle netwerken tegelijk uit het geheugen verwijderen. Houd er in dat geval rekening mee dat dan de fabrieksinstellingen worden hervat voor alle gebruikersgegevens en
systeeminstellingen.
Druk op OK/MENU en kies Instellingen
Internetinstellingen Aansluiten via
Geen. De auto maakt geen verbinding met
internet.
03 Audio en media
Geen internetverbinding of een slechte
internetverbinding
De hoeveelheid data die wordt overgebracht
is afhankelijk van welke diensten of apps in
de auto worden gebruikt. Het streamen van
audio kan bijvoorbeeld tot een grote hoeveelheid dataverkeer leiden en dat vereist een
goede verbinding en signaalsterkte.
Automodem*19
De auto is uitgerust met een modem die u
kunt gebruiken om de auto met internet te
verbinden. U kunt de internetverbinding
tevens delen via Wi-Fi.
Internetverbinding
Mobiele telefoon in de auto
De snelheid binnen de aansluiting kan variëren afhankelijk van de positie van de mobiele
telefoon in de auto. Plaats de mobiele telefoon dichter bij het audio- en mediasysteem
van de auto om de signaalsterkte te verbeteren. Zorg dat de signalen niet worden gehinderd.
N.B.
Neem bij problemen met de dataoverdracht contact op met uw provider.
Gerelateerde informatie
•
•
Symbolen op het beeldscherm (p. 31)
03
N.B.
Bij gebruik van internet wordt data overgebracht (dataverkeer) en dat kan kosten met
zich meebrengen.
Het activeren van dataroaming kan tot verdere kosten leiden.
Mobiele telefoon en provider
De snelheid binnen het mobiele netwerk varieert afhankelijk van de dekking op de plek
waar u zich bevindt. Een slechtere netwerkdekking is bijvoorbeeld mogelijk in tunnels,
achter bergen, in diepe dalen of binnenshuis.
De snelheid is ook afhankelijk van uw overeenkomst met uw teleprovider.
N.B.
Het wordt geadviseerd om de pincodebeveiliging uit te schakelen, zodat u iedere
keer dat u de auto start de pincode moet
invoeren. Druk op MY CAR om de normaalweergave voor de bron te openen.
Druk vervolgens op OK/MENU en kies
Instellingen
Internetinstellingen
Automodem. Vink het vakje SIM-kaart
blokkeren uit.
1. Plaats uw persoonlijke simkaart in de
houder die in het dashboardkastje zit.
2. Druk op MY CAR om de normaalweergave voor de bron te openen. Druk vervolgens op OK/MENU en kies
Instellingen Internetinstellingen
Automodem.
Informeer bij uw provider naar de kosten
voor dataverkeer.
Druk om de internetverbinding te verbreken
op MY CAR om de normaalweergave voor de
bron te openen. Druk vervolgens op
OK/MENU en kies Instellingen
Internetinstellingen Geen.
3. Geef de pincode van de simkaart aan.
> De auto brengt een internetverbinding
tot stand, zodat u de beschikbare
internetfuncties kunt gebruiken, zie
Auto met internetaansluiting (p. 70).
Verkoop van auto (p. 11)
}}
* Optie/accessoire, zie Inleiding voor meer informatie.
73
03 Audio en media
||
Wi-Fi-hotspot delen
1. Druk op MY CAR om de normaalweergave voor de bron te openen. Druk vervolgens op OK/MENU en kies
Instellingen Internetinstellingen
Wi-Fi hotspot auto
Voer de naam van het Wi-Fi-netwerk
(SSID) en een wachtwoord in. De naam
moet 6 tot 32 tekens bevatten en het
wachtwoord 10 tot 63 tekens. U kunt de
naam en het wachtwoord naderhand nog
wijzigen.
03
Wanneer de auto een internetverbinding heeft
via de automodem, is het mogelijk om de
internetverbinding te delen (Wi-Fi-hotspot),
zodat ook andere eenheden gebruik kunnen
maken van de automodem.
De provider (simkaart) moet ondersteuning
bieden voor tethering (delen van de internetverbinding).
2. Activeer de Wi-Fi-hotspot van de auto
door het vakje aan te vinken.
> Externe eenheden kunnen vervolgens
verbinding maken met de Wi-Fi-hotspot van de auto.
Voor het deactiveren van tethering - het vakje
uitvinken.
N.B.
Het activeren van Wi-Fi-hotspot kan tot
verdere kosten van uw provider leiden.
Informeer bij uw provider naar de kosten
voor dataverkeer.
Er kunnen tot 8 eenheden worden aangesloten op de Wi-Fi-hotspot van de auto. Het
aantal aangesloten eenheden is weer te
geven door eerst op MY CAR te drukken om
19
74
de normaalweergave voor de bron te openen.
Druk vervolgens op OK/MENU en kies
Instellingen Internetinstellingen.
Alleen auto’s met Volvo On Call.
Aantal aangesloten eenheden op de Wi-Fi-hotspot van de auto.
Druk om te zien welke eenheden er zijn aangesloten op de Wi-Fi-hotspot op MY CAR om
de normaalweergave voor de bron te openen.
Druk vervolgens op OK/MENU en kies
Instellingen Internetinstellingen Wi-Fi
hotspot auto.
Techniek en veiligheid rond Wi-Fi-hotspot
Voor de gedeelde Wi-Fi-hotspot wordt de frequentie 2,4 GHz gebruikt. Als meerdere eenheden op dezelfde frequentie actief zijn, kunnen de prestaties afnemen.
•
•
Frequentie - 2,4 GHz.
Standaarden - 802.11 b / g / n.
03 Audio en media
•
•
Beveiligingstype - WPA2-AES-CCMP.
Apps
De antenne voor de modem van de auto
zit op het dak van de auto.
Applicaties (apps) zijn diensten die u kunt
gebruiken als de auto een internetverbinding
heeft. De beschikbare apps verschillen per
land en kunnen bijvoorbeeld bestaan uit navigatiediensten, sociale media, webradio en
muziekdiensten.
Geen internetverbinding of een slechte
internetverbinding
Zie Auto met internetaansluiting (p. 70).
Gerelateerde informatie
•
•
Auto met internetaansluiting (p. 70)
Symbolen op het beeldscherm (p. 31)
Voor elementaire bediening en navigatie, zie
systeembediening en menufuncties (p. 27).
Om de apps te kunnen gebruiken moet de
auto eerst een internetverbinding (p. 70) hebben.
Wanneer de auto een internetverbinding, verschijnt er een symbool (p. 31) in de hoek
rechtsboven van het beeldscherm. Als er
geen internetverbinding beschikbaar is, staat
dat op het beeldscherm.
N.B.
Bij gebruik van internet wordt data overgebracht (dataverkeer) en dat kan kosten met
zich meebrengen.
Het activeren van dataroaming kan tot verdere kosten leiden.
Informeer bij uw provider naar de kosten
voor dataverkeer.
03
Druk op de verbindingsknop
op de middenconsole en kies Apps om de beschikbare
apps20 weer te geven. Kies een app in de lijst
en start deze met een druk op OK/MENU.
De apps worden van internet gedownload
naar de auto en daarvandaan gestart. Elke
keer als apps worden gestart, worden ze
gedownload (bijgewerkt). Bij gebruik van een
app is dus elke keer een internetverbinding
nodig.
Bepaalde apps vereisen dat u uw locatie
verschijnt op het
doorgeeft. Het symbool
beeldscherm als u uw locatie doorgeeft.
Aanmelding
Voor bepaalde apps/diensten moet u zich
aanmelden. Er zijn twee types:
20
Het aanbod aan apps kan veranderen en hangt af van het uitrustingsniveau en de markt.
}}
75
03 Audio en media
||
•
•
03
Bepaalde apps kunnen registratie bij een
leverancier van apps/diensten vereisen.
Bij het opstarten van een app wordt u
geïnformeerd over het eventuele aanmelden. Volg de instructies op het scherm
om u te registreren of gebruik de aanwezige account om u aan te melden.
WAARSCHUWING
Denk aan het volgende:
Bepaalde apps/diensten vereisen aanmelden met een persoonlijke Volvo ID.
Registreer u voor een nieuwe ID of
gebruik een bestaande voor toegang tot
verschillende handige diensten, zoals het
sturen van een adres van een kaartdienst
op internet naar een navigatie-app of
Volvo’s navigatiesysteem*21. Voor meer
informatie over het aanmaken van een
account, zie Volvo ID (p. 11).
•
Richt al uw aandacht op de weg en
concentreer u volledig op het rijden.
•
Neem de geldende verkeersregels in
acht en rijd voorzichtig.
Voor elementaire bediening, zie systeembediening en menufuncties (p. 27).
•
Vanwege bijv. weersomstandigheden
of het jaargetijde kunnen bepaalde
aanbevelingen voor de route minder
betrouwbaar zijn.
De webbrowser is eenvoudig en ondersteunt
de standaard HTML 4 in tekst en beeld. De
webbrowser ondersteunt bijvoorbeeld geen
bewegende beelden, video en audio. Er kunnen geen bestanden worden gedownload en
opgeslagen.
N.B.
Het is mogelijk om Sensus Navigation te
upgraden waardoor u meer functies krijgt
en de kaartgegevens worden bijgewerkt.
Neem contact op met uw dealer.
Navigatiediensten
Navigatiediensten geven route-informatie
naar een vooraf gekozen bestemming. Niet
alle routeaanbevelingen zijn echter betrouwbaar, aangezien er situaties kunnen ontstaan
die buiten het (beoordelings-)vermogen van
het navigatiesysteem liggen, zoals snelle
weerswisselingen.
Gerelateerde informatie
•
•
Webbrowser
De auto is voorzien van een geïntegreerde
webbrowser om informatie op internet te zoeken en deze weer te geven.
Symbolen op het beeldscherm (p. 31)
Verkoop van auto (p. 11)
Om de webbrowser te kunnen gebruiken
moet de auto eerst een internetverbinding
hebben (p. 70).
N.B.
Bij gebruik van internet wordt data overgebracht (dataverkeer) en dat kan kosten met
zich meebrengen.
Het activeren van dataroaming kan tot verdere kosten leiden.
Informeer bij uw provider naar de kosten
voor dataverkeer.
N.B.
De webbrowser is niet raadpleegbaar tijdens het rijden.
21
76
Sensus Navigation.
* Optie/accessoire, zie Inleiding voor meer informatie.
03 Audio en media
op de midDruk op de verbindingsknop
denconsole en kies Webbrowser.
Bij aansluiting op internet met Bluetooth® verschijnt het Bluetooth®-symbool (p. 31) in de
hoek rechtsboven op het beeldscherm.
Als er geen internetverbinding beschikbaar is,
staat dat op het beeldscherm.
Zoekfunctie
1. Draai aan TUNE tot de gewenste letter
verschijnt en druk ter bevestiging op OK/
MENU. Ook de cijfer- en lettertoetsen
van het bedieningspaneel op de middenconsole zijn te gebruiken.
2. Ga verder met de volgende letter enz.
3. Om over te schakelen op de invoer van
cijfers, het ingevoerde adres te laden of
naar de geschiedenis te gaan, draait u
aan TUNE totdat een van de opties (zie
verklaring in volgende tabel) in de lijst
voor het wisselen van invoerstand (2) verschijnt en drukt u vervolgens op OK/
MENU.
123/A
BC
Met OK/MENU kunt u wisselen
tussen cijfers en letters.
=>
Opent de geschiedenis (3). Draai
aan TUNE om een internetadres
te kiezen en druk vervolgens op
om OK/MENU de bijbehorende
pagina te openen.
Go
Het ingevoerde webadres laden
met OK/MENU.
Zoeken met behulp van het schrijfwiel.
Tekenlijst.
Invoerstand wijzigen (zie de volgende
tabel).
Eerder bezochte internetpagina’s
(geschiedenis).
Gebruik het schrijfwiel om een internetadres
in te voeren, bijvoorbeeld http://
mobile.www.volvocars.com.
a|A
||}
Tussen kleine en hoofdletters wisselen met OK/MENU.
Van het tekstwiel naar het
Adres:-veld wisselen. De cursor
verplaatsen met TUNE. Eventuele
verkeerde spelling wissen met
EXIT. Om terug te gaan naar het
tekstwiel op OK/MENU drukken.
Let op: de cijfer- en lettertoetsen
op het bedieningspaneel kunnen
worden gebruikt bij bewerkingen
in het Adres:-veld.
03
Bij kort indrukken van EXIT wist u het laatst
ingevoerde teken. Bij lang indrukken van
EXIT wist u alle ingevoerde tekens.
Bij het indrukken van een cijfertoets op de
middenconsole tijdens de weergave van het
tekstwiel (zie voorgaande afbeelding), verschijnt op het beeldscherm een tekenlijst.
Druk herhaalde malen op de cijfertoets totdat
de gewenste letter verschijnt en laat de toets
weer los. Ga verder met de volgende letter
enz. Met het indrukken van een volgende
toets bevestigt u de invoer van de voorgaande letter.
Houd om een cijfer in te voeren de toets met
het gewenste cijfer ingedrukt.
}}
77
03 Audio en media
||
In de webbrowser navigeren
Draai aan TUNE om de links door te nemen
of de internetpagina omhoog of omlaag te
schuiven. Druk op OK/MENU om een keuze/
gemarkeerde link te activeren.
• Terug - Teruggaan naar de voorgaande
weergegeven. De volgende functies kunnen worden geactiveerd/gedeactiveerd:
Afbeeldingen weergeven, Pop-ups
blokkeren en JavaScript inschakelen.
pagina.
• Volgende - Als u terugging naar een
voorgaande pagina, kunt u hiermee weer
vooruitspringen naar de oorspronkelijke
pagina.
• Cookies accepteren - Cookies zijn
kleine tekstbestandjes die worden opgeslagen. Deze maken het bijvoorbeeld
mogelijk om verschillende functies op
webpagina’s te gebruiken en het voor de
webeigenaar mogelijk te maken om statistieken bij te houden, bijvoorbeeld over
naar welke pagina’s de bezoekers navigeren.
• Opnieuw laden - Pagina verversen.
• Stop - Het laden van een pagina annule-
03
ren en teruggaan.
• Nieuwe tab - Maakt een nieuwe tab/
pagina aan. Er kunnen maximaal 4 tabs
tegelijk open zijn.
• Tab sluiten - Tab/pagina sluiten.
• Inzoomen/Uitzoomen - In-/uitzoomen
op de pagina.
Beweging van de cursor op de internetpagina.
Met de toetsenset van de middenconsole
kunt u de cursor in alle richtingen over de
pagina bewegen.
U opent het pop-upmenu met knop nummer
5 op de middenconsole. U kunt de cursor ook
in een gebied plaatsen waar aanklikken niet
mogelijk is en vervolgens op OK/MENU drukken.
Functies
U opent de beschikbare functies via het popupmenu - knop nummer 5 op de middenconsole. U kunt de cursor ook in een gebied
plaatsen waar aanklikken niet mogelijk is en
vervolgens op OK/MENU drukken.
78
• Tekstgrootte - Kies de te gebruiken
tekengrootte: Groot, Midden of Klein.
• Browsergeschiedenis wissen –
Cookies, browsergeschiedenis en
cache worden gewist.
• Bladwijzer toevoegen/Bladwijzer
verwijderen - Om iedere keer dat u een
internetpagina wilt openen het internetadres niet opnieuw te moeten invoeren,
kunt u een snelkoppeling (bladwijzer)
opslaan voor de pagina. Er zijn maximaal
20 bladwijzers op te slaan.
• Instellingen - Aanpassen van de weer-
gave en informatiehantering van de webbrowser, zie hieronder voor meer informatie.
Instellingen
• Bladwijzers - Hernoemen,
Herschikken of Wis.
• Internetfilter - Het is mogelijk bepaalde
aanpassingen te doen, zodat de webpagina’s op de gewenste manier worden
• Opties FAV-toets - Bepaalde functies
zijn te koppelen aan de FAV-knop. De bijbehorende functie is vervolgens eenvoudig te activeren met een druk op de FAVknop, zie Favorieten (p. 32).
Gerelateerde informatie
•
•
•
Symbolen op het beeldscherm (p. 31)
Verkoop van auto (p. 11)
Menu-overzicht - webbrowser (p. 91)
03 Audio en media
TV - instelling*
Tv-weergave is uitsluitend mogelijk wanneer
de auto stilstaat. Wanneer de auto sneller rijdt
dan ca. 6 km/h, verschijnt er geen beeld maar
het geluid wordt wel weergegeven. Het beeld
komt terug wanneer de auto tot stilstand is
gekomen.
N.B.
Dit systeem ondersteunt alleen tv-signalen
in die landen die in mpeg2- of mpeg4-formaat uitzenden volgens de DVB-T-standaard. Het systeem biedt geen ondersteuning voor analoge tv-signalen.
N.B.
Tv-weergave is uitsluitend mogelijk wanneer de auto stilstaat. Wanneer de auto
sneller rijdt dan ca. 6 km/h, verschijnt er
geen beeld. Het geluid wordt echter wel
weergegeven. Het beeld komt terug wanneer de auto tot stilstand is gekomen.
Tv kijken
–
Van kanaal veranderen
U kunt als volgt van kanaal veranderen:
•
Draai aan TUNE, waarna een lijst verschijnt met alle beschikbare kanalen in
het gebied. Als een van deze kanalen al
eerder werd opgeslagen als voorkeur
(p. 80), verschijnt rechts van de kanaalnaam het sneltoetsnummer. Draai aan
TUNE totdat u het gewenste kanaal
bereikt en druk op OK/MENU.
•
•
Door te drukken op de sneltoetsen (0–9).
N.B.
Tv-functies, overzicht bedieningselementen.
Voor elementaire weergave en navigatie, zie
systeembediening en menufuncties (p. 27).
Hier volgt een gedetailleerde beschrijving.
Bepaalde functies zijn te koppelen aan de
FAV-knop. De bijbehorende functie is vervolgens eenvoudig te activeren met een druk op
de FAV-knop, zie Favorieten (p. 32).
De ontvangst hangt niet alleen af van de
signaalsterkte maar ook van de signaalkwaliteit. Er kunnen storingen optreden
wanneer de zendersignalen bijvoorbeeld
gehinderd worden door hoge gebouwen of
van zeer grote afstand komen. De dekkingsgraad kan eveneens variëren afhankelijk van waar u zich bevindt.
Druk op MEDIA in de normaalweergave
van de mediabron, draai aan TUNE totdat
TV verschijnt en druk op OK/MENU.
> Er wordt een zoekfunctie gestart en
kort daarna verschijnt het laatst bekeken kanaal.
03
/
te
Door kort op de toetsen
drukken, waarna het eerstvolgende
beschikbare kanaal in het gebied verschijnt.
BELANGRIJK
Voor het gebruik van dit product is mogelijk kijk- en luistergeld verschuldigd.
}}
* Optie/accessoire, zie Inleiding voor meer informatie.
79
03 Audio en media
||
N.B.
Als u van locatie verandert binnen het land
en bijvoorbeeld naar een andere stad rijdt,
zijn de voorkeurkanalen niet per definitie
beschikbaar omdat het frequentiegebied
mogelijk gewijzigd is. U moet dan opnieuw
zoeken en een nieuwe voorkeurslijst
opslaan, zie Beschikbare tv-zenders
opslaan als voorkeurkanalen (p. 81).
03
N.B.
Als na bediening van de sneltoetsen geen
beeld verschijnt, kan dat komen doordat
de auto zich mogelijk niet meer bevindt in
het land waar naar tv-zenders werd
gezocht (u bent bijvoorbeeld van Duitsland
naar Frankrijk gereden). U moet dan
mogelijk een ander land selecteren en
opnieuw naar kanalen zoeken starten.
Gerelateerde informatie
•
•
•
•
Teletekst* (p. 81)
Beeldinstellingen (p. 48)
Wegval van ontvangst tv*-kanaal (p. 82)
Menu-overzicht - tv* (p. 92)
Tv* -kanalen zoeken/voorkeurslijst
Wanneer u op tv-kanalen zoekt, worden alle
beschikbare kanalen in een voorkeurslijst
opgeslagen. De volgorde waarin de voorkeurslijst wordt weergegeven en de zoektermen zijn te wijzigen.
Voorkeurslijst wijzigen
U kunt de volgorde van de kanalen in de
voorkeurslijst wijzigen. Een tv-kanaal kan op
meerder plaatsen in de voorkeurslijst voorkomen. De onderlinge positie van de tv-kanalen
in de lijst kan bovendien variëren.
1. Druk voor een wijziging van de volgorde
van de voorkeurslijst in de normaalweergave van de tv-bron op OK/MENU en
kies Presets.
2. Draai aan TUNE totdat u het te verplaatsen kanaal in de lijst bereikt en bevestig
uw keuze met OK/MENU.
> Het gekozen kanaal staat gemarkeerd.
3. Draai aan TUNE totdat u de nieuwe positie binnen de lijst bereikt en bevestig uw
keuze met OK/MENU.
> De kanalen wisselen vervolgens van
plaats.
Na de voorkeurskanalen (max. 30 stuks) volgen al de resterende kanalen in het gebied.
Het is mogelijk een van deze kanalen in de
lijst met voorkeuren te zetten.
80
* Optie/accessoire, zie Inleiding voor meer informatie.
Gerelateerde informatie
•
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
03 Audio en media
Tv* - weergaveopties
U kunt de tv-functies bewerken.
Ondertiteling wijzigen
1. Druk voor een wijziging in de ondertiteling
in de normaalweergave van de tv-bron op
OK/MENU en kies Ondertitels.
2. Draai aan TUNE totdat u de te gebruiken
ondertiteling bereikt en bevestig uw
keuze met OK/MENU.
> De gekozen ondertiteling wordt vervolgens weergegeven.
Audiotaal wijzigen
1. Druk voor een wijziging in de audiotaal in
de normaalweergave van de tv-bron op
OK/MENU en kies Audiotracks.
2. Draai aan TUNE totdat u de te gebruiken
audiotrack bereikt en bevestig uw keuze
met OK/MENU.
> De gekozen audiotrack wordt vervolgens weergegeven.
Informatie over actueel tv*programma
Druk op de INFO-toets (p. 27) om informatie
te bekijken over het actuele programma, het
volgende programma alsmede het starttijdstip.
Wanneer u nogmaals op de toets INFO drukt,
valt soms meer informatie over het actuele
programma te bekijken (zoals de tijd dat het
begint en eindigt) alsmede een korte beschrijving van het actuele programma te lezen.
Om terug te keren naar het tv-beeld dient u
enkele seconden te wachten of te drukken op
EXIT.
Gerelateerde informatie
•
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
Teletekst*
U kunt als volgt teletekst bekijken.
U doet dat als volgt:
1. Ga om teletekst te bekijken in de TVstand naar TV-menu Teletekst.
2. Typ het paginanummer (3 cijfers) in met
de cijfertoetsen (0–9) om een pagina te
kiezen.
> De pagina verschijnt automatisch.
03
Voer een nieuw paginanummer in of draai aan
TUNE om naar de volgende pagina te gaan.
Ga terug naar de tv-weergave met EXIT.
Gerelateerde informatie
•
•
•
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
TV - instelling* (p. 79)
Afstandsbediening* (p. 82)
Gerelateerde informatie
•
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
•
Favorieten (p. 32)
* Optie/accessoire, zie Inleiding voor meer informatie.
81
03 Audio en media
03
Wegval van ontvangst tv*-kanaal
Afstandsbediening*
Als de ontvangst van het weergegeven tvkanaal wegvalt, bevriest het beeld. Wanneer
er weer signalen binnenkomen, is er weer
bewegend beeld.
De afstandsbediening is te gebruiken voor alle
functies van het audio- en mediasysteem. De
toetsen op de afstandsbediening hebben
dezelfde functies als de overeenkomstige
toetsen op de middenconsole of de toetsenset op het stuurwiel.
Als de ontvangst van het weergegeven tvkanaal wegvalt, bevriest het beeld. Kort
daarna verschijnt er een melding dat de signalen van het actuele tv-kanaal zijn weggevallen en dat er opnieuw naar het kanaal wordt
gezocht. Wanneer er opnieuw signalen binnenkomen, wordt het tv-kanaal meteen weergegeven. Wanneer de melding verschijnt,
kunt u uiteraard ook van kanaal veranderen.
Als de melding Geen ontvangst verschijnt,
heeft het systeem geregistreerd dat de signalen voor alle tv-kanalen zijn weggevallen. U
bent mogelijk een landsgrens gepasseerd
zonder de landinstelling van het systeem aan
te passen. Stel in dat geval het juiste land in
zoals aangegeven onder Tv* -kanalen zoeken/voorkeurslijst (p. 80).
Gerelateerde informatie
•
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
•
TV - instelling* (p. 79)
Komt overeen met TUNE op de middenconsole.
Druk bij gebruik van de afstandsbediening de
op de afstandsbediening in stand
knop
82
* Optie/accessoire, zie Inleiding voor meer informatie.
03 Audio en media
F. Richt de afstandsbediening vervolgens op
de IR-ontvanger, die rechts van de knop
(p. 27) INFO op de middenconsole zit.
WAARSCHUWING
Bewaar losse voorwerpen, zoals een
mobiele telefoon, camera, afstandsbediening voor extra uitrusting e.d., in het dashboardkastje of andere opbergruimten. Bij
krachtig afremmen of een botsing kunnen
deze anders inzittenden verwonden.
N.B.
Leg de afstandsbediening niet in de felle
zon (zoals op het dashboard) – dan kunnen
er problemen met de batterijen ontstaan.
Gerelateerde informatie
•
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
Afstandsbediening* - functies
Te regelen functies vanaf de afstandsbediening.
Toets
Toets
Functie
Omhoog/omlaag
Functie
Naar rechts/links
F = Beeldscherm voorin
L en R = Geen geldige keuze.
Keuze bevestigen of menusysteem voor gekozen bron openen
Overschakelen op navigatie*
Volume verlagen
Overschakelen op radiobron (bijvoorbeeld AM)
Volume verhogen
Overschakelen op mediabron
(bijvoorbeeld Disk, TV*)
0-9
Voorkeurskanalen kiezen, cijfers/letters invoeren
Overschakelen op Bluetooth®handsfree
Sneltoets voor ingestelde favorieten
Achteruitbladeren/-spoelen, van
track/nummer wisselen
Informatie over actueel programma, nummer etc. Tevens te
gebruiken als er meer informatie
beschikbaar is dan op het
beeldscherm kan worden weergegeven
Afspelen/Pauzeren
Stoppen
Vooruitbladeren/-spoelen, van
track/nummer wisselen
Menu
Teruggaan, functie beëindigen,
ingevoerde tekens wissen
03
Taal geluidstrack kiezen
Ondertiteling, ondertitelingstaal
kiezen
Teletekst*, aan/uit
}}
* Optie/accessoire, zie Inleiding voor meer informatie.
83
03 Audio en media
||
Gerelateerde informatie
•
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
Afstandsbediening* - batterij
vervangen
Hoe u de batterijen in de afstandsbediening
voor het audio- en mediasysteem vervangt.
N.B.
De batterijen gaan normaal 1–4 jaar mee,
afhankelijk van het gebruik van de
afstandsbediening.
03
De afstandsbediening werkt op vier batterijen
van het type AA/LR6.
Neem bij lange ritten extra batterijen mee.
1. Duw de vergrendeling van het dekseltje
op het batterijvakje in en duw het deksel
in de richting van het IR-oog.
2. Verwijder de lege batterijen en leg de
nieuwe batterijen op de aangegeven
manier in het batterijvakje.
3. Plaats het dekseltjes terug.
84
* Optie/accessoire, zie Inleiding voor meer informatie.
N.B.
Lege batterijen moet u op een milieuvriendelijke manier inzamelen.
03 Audio en media
Audio en media - menu-overzicht
Overzicht van mogelijke opties en instellingen
in de menu’s van het audio- en mediasysteem.
Als de tekst op een menuregel lichtgrijs
gekleurd is, kunt u de desbetreffende optie
niet kiezen. Het is mogelijk dat de functie niet
aanwezig is op de auto, dat de bron niet
actief of niet aangesloten is of dat de bron
leeg is.
•
Webbrowser (p. 91)
Gerelateerde informatie
•
Menu-overzicht - AM
Overzicht van mogelijke opties en instellingen
voor AM-radio.
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
AM-menuA
Zie
Presets tonen
(p. 38)
Opties FAV-toets
(p. 32)
Geen functie
RADIO
•
•
•
AM (p. 85)22
MEDIA
•
•
•
•
•
•
•
•
Presets tonen
FM (p. 86)
DAB *(p. 86)
CD/DVD Audio (p. 87)
DVD Video (p. 87)
03
A
(p. 38)
Geldt niet voor V60 Plug-in Hybrid.
Gerelateerde informatie
•
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
Harde schijf (HDD) (p. 88)
iPod (p. 89)
USB (p. 89)
Media Bluetooth® (p. 89)
AUX (p. 90)
TV - instelling* (p. 92)
TEL.
•
22
Bluetooth® handsfree (p. 90)
Geldt niet voor V60 Plug-in Hybrid.
* Optie/accessoire, zie Inleiding voor meer informatie.
85
03 Audio en media
Menu-overzicht - FM
03
FM-menu
Zie
TP
(p. 41)
Radiotekst of presets selecteren
Overzicht van mogelijke opties en instellingen
voor DAB-radio.
(p. 42) en
(p. 38)
Gerelateerde informatie
•
Alternatieve frequentie
Menu-overzicht - Digitale radio (DAB)*
Geen functie
Overzicht van mogelijke opties en instellingen
voor FM-radio.
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
DAB-menu*
Zie
Filteren programmatype (PTY)
(p. 41)
Tonen
Tonen
Artiest/titel
Radiotekst
(p. 42)
Presets
(p. 38)
Geen
Zender afstemmen op
Radiotekst
(p. 42)
Presets
(p. 38)
Geen
(p. 36)
DAB-DAB-verbinding
(p. 43)
Zenderlijst
(p. 37)
Opties FAV-toets
(p. 32)
Handmatig afstemmen
(p. 38)
Geen functie
(p. 32)
Tonen informatie aan/uit
Opties FAV-toets
Gerelateerde informatie
•
86
* Optie/accessoire, zie Inleiding voor meer informatie.
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
03 Audio en media
Menu-overzicht - CD/DVD Audio
Overzicht van mogelijke opties en instellingen
voor DD/DVD Audio.
Gerelateerde informatie
•
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
Menu-overzicht - DVD Video
Overzicht van mogelijke opties en instellingen
voor DVD Video.
Diskmenu
Zie
DVD-videomenu
Zie
Play/pause
(p. 44)
Play/pause
(p. 47)
DVD-menu
(p. 47)
Stop
(p. 47)
Ondertitels
(p. 47)
Audiotracks
(p. 47)
Stop
A
Media zoeken
(p. 46)
Shuffle
(p. 45)
Gracenote®-opties
03
Geavanceerde instellingen
Gracenote®-database
Kijkhoek
(p. 48)
Gracenote®-resultaten
Beeldverhouding
Opties FAV-toets
(p. 32)
Opties FAV-toets
(p. 32)
Geen functie
Geen functie
Play/pause
(p. 44)
Play/pause
Shuffle
A
(p. 47)
(p. 45)
Geldt alleen voor dvd’s.
}}
87
03 Audio en media
||
Volgende ondertitel
(p. 47)
Volgende audiotrack
(p. 47)
Pop-upmenu DVD Video
03
Druk op OK/MENU, terwijl u een videobestand afspeelt om het pop-upmenu te openen.
Beeldinstellingen
(p. 48)
DVD-videomenu
(p. 27)
DVD-menu
(p. 47)
Menu-overzicht - harde schijf (HDD)
HDD-menu
Zie
pagina
Play/pause
(p. 48)
Media zoeken
(p. 46)
Shuffle
(p. 45)
Muziek importeren
(p. 48)
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
Vrije ruimte:
Capaciteit:
Tracks:
Mappen:
Opties FAV-toets
Van USB
(p. 48)
Geen functie
A
Bestand hernoemen/verwijderen
Open
Hernoemen
Wis
Alles wissen
88
(p. 48)
Gebr. ruimte:
Van disk
Gerelateerde informatie
•
Opslaginformatie
Overzicht van mogelijke opties en instellingen
voor een harde schijf (HDD).
Play/pause
(p. 48)
Shuffle
(p. 45)
(p. 48)
A
Afhankelijk van de markt.
Gerelateerde informatie
•
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
03 Audio en media
Menu-overzicht - iPod®
Menu-overzicht - USB
Menu-overzicht - Media Bluetooth®
Overzicht van mogelijke opties en instellingen
voor iPod®.
Overzicht van mogelijke opties en instellingen
voor USB.
Overzicht van mogelijke opties en instellingen
voor Media Bluetooth®.
iPod-menu
Zie
USB-menu
Zie
Bluetooth-menu
Zie
Play/pause
(p. 51)
Play/pause
(p. 51)
Play/pause
(p. 53)
Shuffle
(p. 45)
Media zoeken
(p. 46)
Shuffle
(p. 45)
Opties FAV-toets
(p. 32)
Shuffle
(p. 45)
Ander apparaat
(p. 57)
Partitie van USB selecteren
Geen functie
Opties FAV-toets
Play/pause
(p. 51)
Nieuw apparaat zoeken
(p. 32)
Geen functie
Shuffle
•
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
Play/pause
(p. 51)
Shuffle
(p. 45)
Gerelateerde informatie
•
Auto herkenbaar maken
Opties FAV-toets
(p. 45)
Gerelateerde informatie
03
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
(p. 32)
Geen functie
Play/pause
(p. 53)
Shuffle
(p. 45)
Eenheid 1
Eenheid 2
enz.
}}
89
03 Audio en media
||
Aansluiten vor media
Apparaat verwijderen
(p. 53)
(p. 58)
Gerelateerde informatie
03
•
Menu-overzicht - AUX
Overzicht van mogelijke opties en instellingen
voor AUX.
AUX-menu
Zie
AUX-ingang
(p. 53)
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
Standaard
Boost
Gerelateerde informatie
•
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
Menu-overzicht - Bluetooth®handsfreesysteem
Overzicht van mogelijke opties en instellingen
voor de Bluetooth®-handsfree.
Telefoonmenu
Zie
Bellijst
(p. 60)
Contacten
(p. 61)
Berichten
(p. 58)
Meldingen van berichten
(p. 58)
Telefoon wijzigen
(p. 57)
Nieuwe telefoon zoeken
Auto herkenbaar maken
Eenheid 1
Eenheid 2
enz.
90
Verbinden voor telefoon
(p. 58)
Apparaat verwijderen
(p. 58)
03 Audio en media
Gerelateerde informatie
•
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
Menu-overzicht - webbrowser
Overzicht van mogelijke opties en instellingen
voor webbrowser.
Browser
Zie
Als er geen tab open is, wordt het
menu in de normaalweergave
voor de webbrowser getoond.
Invoer. adres
(p. 76)
Opnieuw laden
(p. 76)
Stop
(p. 76)
Nieuwe tab
(p. 76)
Tab sluiten
(p. 76)
of
Instellingen
Uitzoomen
Toont "Instellingenmenu webbrowser", zie hieronder.
Bladwijzer toevoegen
Bladwijzer 1
of
Bladwijzer 2
Bladwijzer verwijderen
(p. 76)
enz.
Pop-upmenu webbrowser
03
Inzoomen
(p. 76)
(p. 76)
Instellingen
Zie
Druk op knop nummer 5 op de
middenconsole als een pagina in
de webbrowser wordt weergegeven om naar het pop-upmenu te
gaan.
Toont "Instellingenmenu webbrowser", zie hieronder.
Instellingenmenu webbrowser
Terug
(p. 76)
Volgende
(p. 76)
Zie
Druk op Instellingen in een van
de twee bovenstaande menu's
om naar het instellingenmenu te
gaan.
Bladwijzers
(p. 76)
}}
91
03 Audio en media
||
Bladwijzer 1
Menu-overzicht - tv*
Klein
Bladwijzer 2
enz.
Browsergeschiedenis wissen
(p. 76)
Opties FAV-toets
(p. 32)
Hernoemen
Geen functie
03
Herschikken
Bladwijzer toevoegen/verwijderen
(p. 76)
Nieuwe tab
(p. 76)
Tab sluiten
(p. 76)
Wis
Internetfilter
(p. 76)
Cookies accepteren
(p. 76)
Gerelateerde informatie
Afbeeldingen weergeven
Pop-ups blokkeren
JavaScript inschakelen
Tekstgrootte
(p. 76)
Groot
Midden
92
* Optie/accessoire, zie Inleiding voor meer informatie.
•
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
•
Audio en media - menu-overzicht (p. 85)
Overzicht van mogelijke opties en instellingen
voor tv.
TV-menu
Zie
Presets
(p. 81)
Audiotracks
(p. 81)
Ondertitels
(p. 81)
Teletekst
(p. 81)
Opties FAV-toets
(p. 81)
Geen functie
Teletekst
Pop-upmenu TV
Druk op OK/MENU, terwijl u tv
kijkt om het pop-upmenu te openen.
Zie
Beeldinstellingen
(p. 48)
03 Audio en media
Helderheid:
Contrast:
Kleur:
TV-menu
Toont het ‘TV-menu’, zie boven.
Gerelateerde informatie
•
Audiosysteem en media - Systeembediening (p. 27)
Licenties - audio en media
Een licentie is een overeenkomst die toestemming verleent om bepaalde handelingen
te verrichten of het recht om gebruik te
maken van een product waar een andere
rechtspersoon octrooi of eigendomsrechten
op heeft, onder de voorwaarden vervat in de
overeenkomst. Hier volgen de teksten van de
overeenkomsten tussen Volvo en producenten/ontwikkelaars. De meeste van deze teksten zijn in het Engels.
Sensus software
This software uses parts of sources from
clib2 and Prex Embedded Real-time OS Source (Copyright (c) 1982, 1986, 1991,
1993, 1994), and Quercus Robusta (Copyright
(c) 1990, 1993), The Regents of the University
of California. All or some portions are derived
from material licensed to the University of
California by American Telephone and
Telegraph Co. or Unix System Laboratories,
Inc. and are reproduced herein with the
permission of UNIX System Laboratories, Inc.
Redistribution and use in source and binary
forms, with or without modification, are
permitted provided that the following
conditions are met: Redistributions of source
code must retain the above copyright notice,
this list of conditions and the following
disclaimer. Redistributions in binary form
must reproduce the above copyright notice,
this list of conditions and the following
disclaimer in the documentation and/or other
materials provided with the distribution.
Neither the name of the <ORGANIZATION>
nor the names of its contributors may be
used to endorse or promote products derived
from this software without specific prior
written permission. THIS SOFTWARE IS
PROVIDED BY THE COPYRIGHT HOLDERS
AND CONTRIBUTORS "AS IS" AND ANY
EXPRESS OR IMPLIED WARRANTIES,
INCLUDING, BUT NOT LIMITED TO, THE
IMPLIED WARRANTIES OF
MERCHANTABILITY AND FITNESS FOR A
PARTICULAR PURPOSE ARE DISCLAIMED.
IN NO EVENT SHALL THE COPYRIGHT
OWNER OR CONTRIBUTORS BE LIABLE
FOR ANY DIRECT, INDIRECT, INCIDENTAL,
SPECIAL, EXEMPLARY, OR
CONSEQUENTIAL DAMAGES (INCLUDING,
BUT NOT LIMITED TO, PROCUREMENT OF
SUBSTITUTE GOODS OR SERVICES; LOSS
OF USE, DATA, OR PROFITS; OR BUSINESS
INTERRUPTION) HOWEVER CAUSED AND
ON ANY THEORY OF LIABILITY, WHETHER
IN CONTRACT, STRICT LIABILITY, OR TORT
(INCLUDING NEGLIGENCE OR OTHERWISE)
ARISING IN ANY WAY OUT OF THE USE OF
THIS SOFTWARE, EVEN IF ADVISED OF THE
POSSIBILITY OF SUCH DAMAGE.
03
This software is based in part on the work of
the Independent JPEG Group.
This software uses parts of sources from
"libtess". The Original Code is: OpenGL
}}
93
03 Audio en media
03
94
||
Sample Implementation, Version 1.2.1,
released January 26, 2000, developed by
Silicon Graphics, Inc. The Original Code is
Copyright (c) 1991-2000 Silicon Graphics,
Inc. Copyright in any portions created by third
parties is as indicated elsewhere herein. All
Rights Reserved. Copyright (C) [1991-2000]
Silicon Graphics, Inc. All Rights Reserved.
Permission is hereby granted, free of charge,
to any person obtaining a copy of this
software and associated documentation files
(the "Software"), to deal in the Software
without restriction, including without limitation
the rights to use, copy, modify, merge,
publish, distribute, sublicense, and/or sell
copies of the Software, and to permit persons
to whom the Software is furnished to do so,
subject to the following conditions: The
above copyright notice including the dates of
first publication and either this permission
notice or a reference to http://oss.sgi.com/
projects/FreeB/ shall be included in all copies
or substantial portions of the Software. THE
SOFTWARE IS PROVIDED "AS IS",
WITHOUT WARRANTY OF ANY KIND,
EXPRESS OR IMPLIED, INCLUDING BUT
NOT LIMITED TO THE WARRANTIES OF
MERCHANTABILITY, FITNESS FOR A
PARTICULAR PURPOSE AND
NONINFRINGEMENT. IN NO EVENT SHALL
SILICON GRAPHICS, INC. BE LIABLE FOR
ANY CLAIM, DAMAGES OR OTHER
LIABILITY, WHETHER IN AN ACTION OF
CONTRACT, TORT OR OTHERWISE,
ARISING FROM, OUT OF OR IN
CONNECTION WITH THE SOFTWARE OR
THE USE OR OTHER DEALINGS IN THE
SOFTWARE. Except as contained in this
notice, the name of Silicon Graphics, Inc.
shall not be used in advertising or otherwise
to promote the sale, use or other dealings in
this Software without prior written
authorization from Silicon Graphics, Inc.
This software is based in parts on the work of
the FreeType Team.
This software uses parts of SSLeay Library:
Copyright (C) 1995-1998 Eric Young
(eay@cryptsoft.com). All rights reserved
Linux software
This product contains software licensed
under GNU General Public License (GPL) or
GNU Lesser General Public License (LGPL),
etc.
You have the right of acquisition,
modification, and distribution of the source
code of the GPL/LGPL software.
You may download Source Code from the
following website at no charge: http://
www.embedded-carmultimedia.jp/linux/oss/
download/TVM_8351_013
The website provides the Source Code "As
Is" and without warranty of any kind.
By downloading Source Code, you expressly
assume all risk and liability associated with
downloading and using the Source Code and
complying with the user agreements that
accompany each Source Code.
Please note that we cannot respond to any
inquiries regarding the source code.
Licentieovereenkomst Gracenote®
Deze toepassing of dit apparaat bevat software van Gracenote, Inc. uit Emeryville, Californië (‘Gracenote’). Met de software van Gracenote (“Gracenote-software”) kan deze toepassing schijf- en of bestandsidentificatie uitvoeren en muziekverwante gegevens ophalen, waaronder informatie over de naam,
artiest, track en titel (“Gracenote-gegevens”)
vanuit online-servers of ingesloten databases
(samen “Gracenote-servers”). De toepassing
kan tevens andere functies verrichten. U mag
Gracenote-gegevens uitsluitend gebruiken
door middel van de beoogde eindgebruikersfuncties van deze toepassing of dit apparaat.
U stemt ermee in de Gracenote-gegevens, de
Gracenote-software en Gracenote-servers
uitsluitend voor uw eigen, niet-commercieel
privégebruik te gebruiken. U stemt ermee in
de Gracenote-software of welke Gracenotegegevens dan ook niet aan derden toe te wijzen, te kopiëren, over te dragen of door te
zenden. U STEMT ERMEE IN DE GRACENOTE-GEGEVENS, DE GRACENOTE-SOFTWARE OF DE GRACENOTE-SERVERS UITSLUITEND TE GEBRUIKEN OP DE MANIER
03 Audio en media
DIE HIERIN UITDRUKKELIJK WORDT TOEGESTAAN.
U stemt ermee in dat uw niet-exclusieve
licentie om de Gracenote-gegevens, de Gracenote-software en de Gracenote-servers te
gebruiken, zal worden beëindigd als u inbreuk
maakt op deze beperkingen. Als uw licentie
wordt beëindigd, stemt u ermee in op geen
enkele wijze meer gebruik te maken van de
Gracenote-gegevens, de Gracenote-software
en de Gracenote-servers. Gracenote behoudt
zich alle rechten voor met betrekking tot de
Gracenote-gegevens, de Gracenote-software
en de Gracenote-servers, inclusief alle eigendomsrechten. In geen geval is Gracenote
aansprakelijk voor betaling aan u voor informatie die u verschaft. U stemt ermee in dat
Gracenote, Inc. volgens deze overeenkomst
uit eigen naam rechtstreeks mag toezien op
naleving van de rechten jegens u.
De Gracenote-service gebruikt een unieke
identificatiecode om query’s na te sporen
voor statistische doeleinden. Het doel van
deze willekeurig toegewezen numerieke code
is om de Gracenote-service query’s te laten
tellen zonder te weten wie u bent. Ga voor
meer informatie naar de webpagina over het
Privacybeleid van Gracenote voor de Gracenote-service.
De licentie voor de Gracenote-software en
alle onderdelen van de Gracenote-gegevens
wordt verstrekt op “AS IS”-basis. Gracenote
doet geen toezeggingen of geeft geen garan-
tie, uitdrukkelijk of stilzwijgend, over de accuraatheid van alle Gracenote-gegevens in de
Gracenote-servers. Gracenote behoudt zich
het recht voor om gegevens te verwijderen
van de Gracenote-servers of om gegevenscategorieën te wijzigen als Gracenote hiertoe
voldoende reden ziet. Er wordt geen garantie
verstrekt dat de Gracenote-software of Gracenote-servers geen onjuistheden bevatten of
dat het functioneren van de Gracenote-software of Gracenote-servers ononderbroken zal
zijn. Gracenote is niet verplicht u te voorzien
van nieuwe, verbeterde of extra gegevenstypen of -categorieën die Gracenote mogelijk in
de toekomst verschaft; Gracenote mag de
diensten op elk moment beëindigen.
GRACENOTE WIJST ALLE GARANTIES, UITDRUKKELIJK OF STILZWIJGEND, INCLUSIEF MAAR NIET BEPERKT TOT STILZWIJGENDE GARANTIES MET BETREKKING TOT
VERKOOPBAARHEID, GESCHIKTHEID
VOOR EEN BEPAALD DOEL, EIGENDOMSRECHT EN HET GEEN INBREUK MAKEN OP
RECHTEN VAN DERDEN, VAN DE HAND.
GRACENOTE VERSTREKT GEEN GARANTIES TEN AANZIEN VAN DE RESULTATEN
DIE WORDEN VERKREGEN VOOR UW
GEBRUIK VAN GRACENOTE-SOFTWARE OF
WELKE GRACENOTE-SERVER DAN OOK.
GRACENOTE IS IN GEEN GEVAL AANSPRAKELIJK VOOR INDIRECTE OF GEVOLGSCHADE, GEDERFDE WINST OF VERLIES
VAN INKOMSTEN.
© Gracenote, Inc. 2009
camellia:1.2.0
Copyright (c) 2006, 2007
NTT (Nippon Telegraph and Telephone
Corporation). All rights reserved.
Redistribution and use in source and binary
forms, with or without modification, are
permitted provided that the following
conditions are met:
03
1. Redistributions of source code must
retain the above copyright notice, this list
of conditions and the following disclaimer
as the first lines of this file unmodified.
2. Redistributions in binary form must
reproduce the above copyright notice,
this list of conditions and the following
disclaimer in the documentation and/or
other materials provided with the
distribution.
THIS SOFTWARE IS PROVIDED BY NTT ``AS
IS'' AND ANY EXPRESS OR IMPLIED
WARRANTIES, INCLUDING, BUT NOT
LIMITED TO, THE IMPLIED WARRANTIES OF
MERCHANTABILITY AND FITNESS FOR A
PARTICULAR PURPOSE ARE DISCLAIMED.
IN NO EVENT SHALL NTT BE LIABLE FOR
ANY DIRECT, INDIRECT, INCIDENTAL,
SPECIAL, EXEMPLARY, OR
CONSEQUENTIAL DAMAGES (INCLUDING,
BUT NOT LIMITED TO, PROCUREMENT OF
SUBSTITUTE GOODS OR SERVICES; LOSS
OF USE, DATA, OR PROFITS; OR BUSINESS
}}
95
03 Audio en media
||
INTERRUPTION) HOWEVER CAUSED AND
ON ANY THEORY OF LIABILITY, WHETHER
IN CONTRACT, STRICT LIABILITY, OR TORT
(INCLUDING NEGLIGENCE OR OTHERWISE)
ARISING IN ANY WAY OUT OF THE USE OF
THIS SOFTWARE, EVEN IF ADVISED OF THE
POSSIBILITY OF SUCH DAMAGE.
03
Unicode: 5.1.0
COPYRIGHT AND PERMISSION NOTICE
Copyright c 1991-2013 Unicode, Inc. All
rights reserved. Distributed under the Terms
of Use in http://www.unicode.org/
copyright.html.
Permission is hereby granted, free of charge,
to any person obtaining a copy of the
Unicode data files and any associated
documentation (the "Data Files") or Unicode
software and any associated documentation
(the "Software") to deal in the Data Files or
Software without restriction, including without
limitation the rights to use, copy, modify,
merge, publish, distribute, and/or sell copies
of the Data Files or Software, and to permit
persons to whom the Data Files or Software
are furnished to do so, provided that (a) the
above copyright notice(s) and this permission
notice appear with all copies of the Data Files
or Software, (b) both the above copyright
notice(s) and this permission notice appear in
associated documentation, and (c) there is
clear notice in each modified Data File or in
the Software as well as in the documentation
96
associated with the Data File(s) or Software
that the data or software has been modified.
THE DATA FILES AND SOFTWARE ARE
PROVIDED "AS IS", WITHOUT WARRANTY
OF ANY KIND, EXPRESS OR IMPLIED,
INCLUDING BUT NOT LIMITED TO THE
WARRANTIES OF MERCHANTABILITY,
FITNESS FOR A PARTICULAR PURPOSE
AND NONINFRINGEMENT OF THIRD PARTY
RIGHTS. IN NO EVENT SHALL THE
COPYRIGHT HOLDER OR HOLDERS
INCLUDED IN THIS NOTICE BE LIABLE FOR
ANY CLAIM, OR ANY SPECIAL INDIRECT
OR CONSEQUENTIAL DAMAGES, OR ANY
DAMAGES WHATSOEVER RESULTING
FROM LOSS OF USE, DATA OR PROFITS,
WHETHER IN AN ACTION OF CONTRACT,
NEGLIGENCE OR OTHER TORTIOUS
ACTION, ARISING OUT OF OR IN
CONNECTION WITH THE USE OR
PERFORMANCE OF THE DATA FILES OR
SOFTWARE.
Except as contained in this notice, the name
of a copyright holder shall not be used in
advertising or otherwise to promote the sale,
use or other dealings in these Data Files or
Software without prior written authorization of
the copyright holder.
Gerelateerde informatie
•
Volvo Sensus (p. 7)
Typegoedkeuring
Typegoedkeuring voor radio-, telecommunicatie- en computerapparatuur.
Wi-Fi
03 Audio en media
Verklaring van overeenstemming voor
audio- en navigatiemodule
03
Gerelateerde informatie
•
•
Audio en media (p. 25)
Auto met internetaansluiting (p. 70)
97
INTERNETKAART
04 Internetkaart
Internetkaart
Internetkaart is een functie die de mogelijkheid biedt tot kaartweergave op internet.
Het systeem kan een geschikte route berekenen en de autopositie aangeven in relatie tot
de route op de kaart. Bij afwijkingen van de
geplande route past het systeem de route
automatisch aan om in routebegeleiding tot
aan de bestemming te voorzien. Op de kaart
verschijnen behalve de normale kaartgegevens ook verkeersinformatie (p. 107) en symbolen voor de gekozen nuttige plaatsen
(POI)’s (p. 105).
Bij een slechte ontvangst of een zwakke internetverbinding stopt de routeberekening en
ontbreekt mogelijk een bepaalde kaartschaal
afhankelijk van de ingelezen hoeveelheid
kaartgegevens.
begeleiding, geavanceerde routeberekening
rekening houdend met verkeersinformatie,
zoeken via internet en de mogelijkheid om
meerdere deelbestemmingen te gebruiken.
Neem contact op met uw dealer voor een
upgrade naar Sensus Navigation. Bij een
upgrade vervalt de internetkaart.
De internetkaart geeft route-informatie naar
een vooraf gekozen bestemming. Niet alle
routeaanbevelingen zijn echter betrouwbaar,
aangezien er situaties kunnen ontstaan die
buiten het (beoordelings-)vermogen van het
systeem liggen, zoals snelle weerswisselingen.
WAARSCHUWING
Denk aan het volgende:
N.B.
Bij gebruik van internet wordt data overgebracht (dataverkeer) en dat kan kosten met
zich meebrengen.
Het activeren van dataroaming kan tot verdere kosten leiden.
Informeer bij uw provider naar de kosten
voor dataverkeer.
Volvo biedt een compleet navigatiesysteem
(Sensus Navigation) dat gebruikt maakt van
kaarten op een harde schijf, gesproken route-
•
Richt al uw aandacht op de weg en
concentreer u volledig op het rijden.
•
Neem de geldende verkeersregels in
acht en rijd voorzichtig.
•
Vanwege bijv. weersomstandigheden
of het jaargetijde kunnen bepaalde
aanbevelingen voor de route minder
betrouwbaar zijn.
Gerelateerde informatie
•
Internetkaart - tekst en symbolen op
beeldscherm (p. 101)
Internetkaart - gebruik
U kunt als volgt gebruik maken van de internetkaart en de route plannen voor routebegeleiding naar de opgegeven bestemming.
Voor elementaire bediening, zie systeembediening en menufuncties (p. 27). Meer gedetailleerde beschrijvingen vindt u in de desbetreffende hoofdstukken. Maak voor het invoeren van tekst en zoeken in de internetkaart
gebruik van het schrijfwiel en het numerieke
toetsenbord (p. 100).
1. Om de internetkaart te kunnen gebruiken
moet de auto eerst een internetverbinding
hebben (p. 70).
04
2. Start de internetkaart door op de NAVknop op de middenconsole te drukken.
3. ga akkoord met het delen van de autopositie.
N.B.
De internetkaart werkt niet, als u niet
akkoord gaat.
Druk om de positiedeling te annuleren in
de normaalweergave op OK/MENU, kies
Instellingen en vink de optie Positie
delen uit.
4. Bestemming opgeven (p. 103).
5. Kies route-opties (p. 106) (zoals wegentype, tunnels, veerverbindingen).
}}
99
04 Internetkaart
||
6. Kies kaart-opties (p. 107) (bijvoorbeeld
groot scherm, kaarttype, positie-informatie).
> De positie van de auto wordt weergegeven op de internetkaart in combinatie met verkeersinformatie en de gekozen nuttige plaatsen (POI’s).
Internetkaart - schrijfwiel en
toetsenbord
Tekst invoeren met schrijfwiel
Gebruik van het schrijfwiel of de toetsenset
van de middenconsole om tekst in te voeren
en opties te kiezen. Geef bijvoorbeeld informatie over een adres of faciliteit aan.
Route weergeven
04
Druk voor weergave van een overzichtskaart
van de route in de normaalweergave van de
bron op OK/MENU en kies Route Kaart
van resterende route.
Schrijfwiel.
1. Markeer een tekstveld.
2. Druk op OK om het schrijfwiel te openen.
Gedetailleerde route-informatie weergeven
(p. 106).
Van bestemming veranderen
U kunt van bestemming veranderen door een
andere bestemming op te geven (p. 103).
Schermweergave met tekstveld.
Druk in de normaalweergave van de bron op
OK/MENU en kies Begeleiding annuleren/
hervatten.
Dit navigatiesysteem maakt gebruik van een
‘schrijfwiel’ om specifieke informatie op te
geven, bijvoorbeeld type POI, plaats/stad,
gebied/land, adres, straatnummer of postcode.
Verkoop van auto
Een keuze activeren
Routebegeleiding annuleren/hervatten
Bij verkoop van de auto is het belangrijk om
de gebruikersgegevens en de systeeminstellingen naar de oorspronkelijke fabrieksinstelling te resetten, zie Verkoop van auto (p. 11).
3. Kies de tekens met het duimwiel/de
TUNE-knop en voer ze in met een druk
op het duimwiel/OK.
Tekst invoeren met numeriek
toetsenbord
Druk nadat u de gewenste functie/menuregel
gemarkeerd hebt met het duimwiel of met de
TUNE-knop op het duimwiel/OK om het volgende niveau van functies/opties te kunnen
bekijken.
Numeriek toetsenbord.
100
04 Internetkaart
Een andere manier om tekens in te toetsen/
voeren is met behulp van de toetsen op de
middenconsole: 0–9, * en #.
Lijst met alternatieven
Toelichting bij de teksten en symbolen die op
de kaart kunnen worden getoond.
Zo wordt bij een druk op 9 wordt een kolom
weergegeven met alle tekens1 onder deze
toets, zoals W, x, y, z en 9. Bij snel indrukken
van de toets bladert u met de cursor door
deze tekens.
•
Blijf met de cursor op het te kiezen teken
staan - het teken verschijnt op de schrijfregel.
•
Wis/annuleer uw keuze met EXIT.
Meer mogelijkheden
In het ingevoegde menu van het schrijfwiel
zitten meer alternatieven, zoals meer schrijftekens en ook cijfers:
Internetkaart - tekst en symbolen op
beeldscherm
Lijst die overeenkomt met de ingetoetste tekens.
Bij het zoeken wordt de lijst met mogelijke
alternatieven aangepast aan de ingevoerde
tekens. Voor de overige zoekvelden start de
zoekopdracht zonder dat er een lijst wordt
getoond.
• 123/ABC + OK - het schrijfwiel wisselt
tussen de invoer van cijfers en letters.
• MEER + OK - de alternatieve tekens worden in het wiel weergegeven.
• => + OK - de cursor springt naar de lijst
aan de rechterkant van het scherm, waar
u een keuze kunt maken met OK.
04
Soorten wegen - grootte en kleur hangen
af van het type weg, de gekozen kaartschaal en de kaartkleur
Verkeersinformatie (p. 107) - aangeduid
met een onderbroken streep langs de
kant van de weg.
Nuttige plaatsen (p. 105)
Symbool voor (eind-)bestemming
Geplande route - blauw
Actuele autopositie
Spoorwegverbinding
1
De schrijftekens voor de verschillende toetsen kunnen per markt/land/taal variëren.
}}
101
04 Internetkaart
Scrolt/verschuift de kaart in de richting
van de pijl met behulp van de corresponderende nummers op de nummertoetsen
(p. 100)
Internetkaart - scrolmenu
Cijfertoets ‘5’
In de scrolstand kunt u de kaartweergave verschuiven met de numerieke toetsen op de
middenconsole (p. 99).
Wanneer u in de scrolstand op de
cijfertoets 5 drukt, wordt de actuele
positie van de auto als middelpunt
van de kaartweergave gehanteerd.
Kaartschaal
Focusvenster met dradenkruis in het midden
Scrolstand verlaten
Naam of coördinaten van actuele weg/
straat of informatie over nuttige plaats
(POI)
Dradenkruis
•
Druk op EXIT of op NAV.
Kompas (p. 107)
04
Scrolstand met dradenkruis2.
Scrolstand activeren in normale
kaartstand
•
Druk op een van de numerieke toetsen 0–
9.
Scrollen
•
Druk op een van de numerieke cijfertoetsen 1-2-3-4-6-7-8-9 – in de kantlijnen
wordt een richtingspijl weergegeven met
het cijfer dat u moet gebruiken om de
kaart in de gewenste richting te verschuiven.
Zoomen
•
2
102
Draai aan de TUNE-knop.
Met een druk op OK verschijnt een menu
voor het punt op de kaart waarnaar het middelpunt van het dradenkruis wijst:
• Eén bestemming inst. - Verwijdert eventuele eerdere bestemmingen uit het reisplan en start de routebegeleiding op de
kaart.
• POI-informatie - geeft op het beeld-
scherm de naam en het adres weer voor
de POI die het dichtst bij het dradenkruis
ligt. Voor meer informatie over POI, zie
(p. 105).
Geef aan of de dradenkruispositie/gemarkeerde cursorpositie moet worden aangegeven met naam of gps-coördinaten, zie kaart-opties (p. 107).
04 Internetkaart
• Informatie - Toont eventuele informatie
Internetkaart - bestemming opgeven
• Opslaan - Biedt de mogelijkheid om de
Plan een rit door een bestemming op te
geven.
over de gemarkeerde locatie.
gemarkeerde locatie in het geheugen op
te slaan.
leiding te krijgen – u wordt naar het centrum
van de plaats/stad geleid.
N.B.
Druk om de volgende opties te openen in de
normaalweergave van de bron op OK/MENU
en kies Bestemming invoeren.
De definitie van een stad of gebied kan
van land tot land en zelfs van regio tot
regio verschillen. In bepaalde gevallen
wordt er een gemeente bedoeld en in
andere gevallen een stadsdeel.
De volgende zoekcriteria zijn te gebruiken om
een bestemming te zoeken met adres:
•
•
•
•
Start
Het navigatiesysteem kan een willekeurige
positie opslaan onder de menu-optie Huis.
De mogelijkheid verschijnt iedere keer dat u
een positie vastlegt:
• Locaties opslaan als thuis + OK.
Om de routebegeleiding te activeren naar de
bestemming Huis:
•
Markeer Huis + OK.
Adres
U kunt volstaan met het invoeren van een
plaats/stad om een reisplan met routebege-
Land: - Een land opgeven.
04
Stad: - Een plaats/stad opgeven.
Straat: - Een straat opgeven.
Nummer: - Een huisnummer in de straat
kiezen.
Nuttige plaatsen (POI)
U kunt op POI zoeken aan de hand van een
van de volgende menu-opties:
•
•
•
•
•
Op naam
Op categorie
Rond de auto
In de buurt van de bestemming
Rond punt op de kaart
Om de kaartweergave niet onnodig te compliceren geldt er een beperking voor het aantal
POI’s dat gelijktijdig op het scherm kan worden getoond – bij het inzoomen op een
bepaald gebied ziet u meerdere POI’s.
}}
103
04 Internetkaart
||
Voor informatie over de weergave-opties met
betrekking tot POI, zie kaart-opties (p. 107).
Voorbeelden van symbolen voor uiteenlopende POI’s, zie (p. 105).
Opgeslagen positie
Hier worden bestemmingen en plaatsen
ondergebracht die zijn opgeslagen via de
menu-optie ‘Opslaan’.
De verschillende opgeslagen bestemmingen
en plaatsen zijn als volgt aan te passen:
04
•
•
•
•
Eén bestemming inst.
Bewerken
Wis
Alles wissen.
Eerdere bestemmingen
Hier worden eerder gebruikte bestemmingen
opgeslagen. Markeer er één + OK en kies
vervolgens uit:
•
•
•
•
•
Eén bestemming inst.
Informatie
Opslaan
Wis
Alles wissen.
Postcode
Zoek een bestemming met postcode.
104
N.B.
De weergave van de postcode kan per
markt/regio verschillen.
Breedte- en lengtegraad
Geef een bestemming op met gps-coördinaten.
Bepaal om te beginnen de invoermethode
voor de gps-coördinaten door Formaat: te
markeren + OK. Markeer vervolgens een van
de volgende alternatieven + OK:
• DD°MM'SS'' - positie met graden, minuten en seconden.
• Decimaal - positie met decimalen.
Voer vervolgens de gps-coördinaten in en
kies een van de volgende opties:
• Eén bestemming inst.
• Opslaan.
Punt op de kaart
Toont een kaart waarop de actuele locatie
met een cursor wordt aangewezen.
Draai aan TUNE om de kaartschaal te wijzigen.
1. Beweeg (verschuif) de kaart met de
numerieke toetsen, zie (p. 102).
2. Wanneer u de gewenste locatie hebt
gevonden - druk op OK.
Cursorpositie aangegeven met naam.
Kies vervolgens uit de volgende opties en
activeer uw keuze met OK:
• Eén bestemming inst.
• Opslaan
Gerelateerde informatie
•
Internetkaart - gebruik (p. 99)
04 Internetkaart
Internetkaart - nuttige plaatsten (POI)symbolen
Openbaar vervoer
Bedrijfshuisvesting
Hier ziet u voorbeelden van hoe symbolen
voor uiteenlopende faciliteiten eruit kunnen
zien.
Veerterminal
Ziekenhuis
Verpleeghuis
Taxistandplaats
Restaurant
Hoorspel
Muziek
Cultuur
Bibliotheek
Logies
Conferentiegebouw
Hotel
Beursterrein
Winkelcentrum
Parkeerterrein
Dans
Winkels
Parkeergarage
Nachtclub
Diensten
Openbaar toilet
Geldautomaat
Toilet
Bank
Sportcomplex
Politie
Sportveld
Eerste hulp
Vrijetijdsbesteding
Postkantoor
Recreatie
Bioscoop
Casino
Museum
Bezienswaardigheid
Historisch monument
Toeristische attractie
Pretpark
VVV
Religieus gebouw
Tankstation
Vliegveld
Autoverhuur
Treinstation
Garage
04
Gerelateerde informatie
•
Internetkaart - bestemming opgeven
(p. 103)
Forensentreinstation
105
04 Internetkaart
Internetkaart - gedetailleerde routeinformatie
Hier verschijnen de onderdelen van iedere
etappe, zoals afritten en kruisingen.
Druk voor weergave van gedetailleerde routeinformatie in de normaalweergave van de
bron op OK/MENU en kies Route Gedet.
route-informatie.
Internetkaart - route-overzicht
Internetkaart - route-opties
Overzichtskaart van de route weergeven.
Route-opties bevat instellingen voor het routetype en alternatieven voor aanpassing van
de route.
Druk om een overzichtskaart van de route
weer te geven in de normaalweergave van de
bron op OK/MENU en kies Route Kaart
van resterende route.
Routetype
04
Gedetailleerde route-informatie.
De route tot aan de bestemming bestaat uit
een aantal deeltrajecten van verschillende
aard zoals rechte stukken, afritten, kruisingen,
opritten e.d. Loop de deeltrajecten door met
Volgende/Vorige. De positie op de kaart, de
bijbehorende namen, de afstanden en de nuttige plaatsen verschijnen.
Gerelateerde informatie
•
•
106
Internetkaart - route-opties (p. 106)
Internetkaart - nuttige plaatsten (POI)symbolen (p. 105)
Verder dezelfde functies als in het scrolmenu
(p. 102).
Gerelateerde informatie
•
Internetkaart - bestemming opgeven
(p. 103)
Druk om het routetype te openen in de normaalweergave van de navigatiebron op
OK/MENU en kies Instellingen
Routeopties Routetype.
U hebt de keuze uit verschillende routetypen.
Activeer de optie van uw keuze met OK.
• Snel met verkeersaanpassing - korte
reistijd met een minimum aan files.
• Snel - korte reistijd krijgt de prioriteit.
• Kort - kort traject krijgt de prioriteit. De
route kan ook langs secundaire wegen
voeren.
Route aanpassen
Druk om de route aan te passen in de normaalweergave van de navigatiebron op
04 Internetkaart
OK/MENU en kies Instellingen
Routeopties.
Internetkaart - kaart-opties
Instellingen voor verschillende kaart-opties.
Om een of meer van de volgende punten in
de lijst op het beeldscherm te vermijden langs
de route moet u de desbetreffende punten
markeren + OK.
•
•
•
•
•
Tunnels mijden
Veren mijden
• 3D Heading up - identiek aan Kaart in
Autotreinen mijden
•
•
Ook als u aangeeft dat u tunnels, tolwegen en snelwegen wilt vermijden,
kan het gebeuren dat deze toch worden opgenomen wanneer er geen
goede alternatieven zijn.
Gerelateerde informatie
•
vormt het middelpunt en wijst altijd naar
boven op het beeldscherm. De kaartweergave roteert onder het autosymbool
en dat is gerelateerd aan hoe de weg
loopt.
Tolwegen mijden
N.B.
Internetkaart - bestemming opgeven
(p. 103)
met het Noorden boven aan het beeldscherm weergegeven. Het autosymbool
beweegt in de desbetreffende windstreek
over het scherm.
• Kaart in rijrichting - het autosymbool
Snelwegen mijden
In- en uitschakeling van deze opties
met een actief reisplan vindt mogelijk
met enige vertraging plaats doordat
het reisplan opnieuw moet worden
berekend.
• Noorden boven - de kaart wordt altijd
Kaartweergave op volledig scherm
Druk voor kaartweergave op het volledige
scherm in de normaalweergave van de bron
op OK/MENU en kies Instellingen
Kaartopties Kaart op volledig scherm
tonen. Bij markering van de getoonde optie +
OK wordt de kaart op het volledige scherm
weergegeven zonder andere autogegevens
zoals de binnentemperatuur of de beluisterde
radiozender onder- of bovenaan.
Kaartstand kompasrichting
Druk voor het instellen van de kompasrichting
in de normaalweergave van de bron op
OK/MENU en kies Instellingen
Kaartopties Type kaart.
Hier kiest u hoe de kaart op het beeldscherm
moet worden weergegeven. Activeer de optie
van uw keuze met OK.
rijrichting maar 3D-kaart. De weergave
hangt af van de mate van in-/uitzoomen.
04
Informatie over de actuele positie
Druk voor het instellen van informatie over de
actuele locatie in de normaalweergave van de
bron op OK/MENU en kies Instellingen
Kaartopties Positie-informatie.
Activeer de optie van uw keuze met OK.
• Huidige straat - op het beeldscherm
verschijnt de naam van de weg/straat
waar de auto/scrolcursor zich op dat
moment bevindt.
• Lengtegraad/breedtegraad - op het
beeldscherm verschijnen de coördinaten
van de positie waar de auto/scrolcursor
zich op dat moment bevindt.
• Geen - op het beeldscherm verschijnt
geen informatie over de positie waar de
}}
107
04 Internetkaart
||
auto/scrolcursor zich op dat moment
bevindt.
Nuttige plaats (POI) op de kaart
Druk voor instellen van de op de kaart weer te
geven POI’s in de normaalweergave van de
bron op OK/MENU en kies Instellingen
Kaartopties POI-symbolen.
Hier geeft u aan welke POI’s op de kaart
moeten worden weergegeven. Activeer de
optie van uw keuze met OK.
04
• Standaard - de POI’s worden getoond
die met Gekozen gespecificeerd zijn.
•
Gekozen - kies met de TUNE-knop + OK
alle POI’s die u op het beeldscherm wilt
weergeven.
• Automatisch - een lichtsensor registreert
of er sprake is van dag of nacht en past
het beeldscherm automatisch aan.
• Dag - de kleuren en het contrast van het
beeldscherm worden helder en scherp.
•
Verkeersinformatie op de kaart
Aangeduid met een groen, oranje of rood
gekleurde streep naast de wegen op de kaart
waarvoor verkeersinformatie bestaat. Groen
betekent geen verkeersproblemen, oranje
betekent langzaam rijdend verkeer en rood
betekent file/verkeersopstopping/ongeluk.
N.B.
• Geen - er worden geen POI’s weergegeven.
Verkeersinformatie is niet in alle gebieden/
landen beschikbaar.
Voor voorbeelden van POI’s, zie Internetkaart
- nuttige plaatsten (POI)-symbolen (p. 105).
Het aantal zendgebieden voor verkeersinformatie wordt voortdurend uitgebreid.
Kaartkleuren
Druk voor het instellen van de kaartkleuren in
de normaalweergave van de bron op
OK/MENU en kies Instellingen
Kaartopties Kaartkleuren.
Activeer de optie van uw keuze met OK.
Druk voor weergave van verkeersinformatie in
de normaalweergave van de bron op
OK/MENU en kies Instellingen
Kaartopties Verkeer op kaart.
Gerelateerde informatie
•
108
Nacht - de kleurweergave en het contrast
van het beeldscherm worden afgestemd
voor optimaal zicht bij donker.
Internetkaart - tekst en symbolen op
beeldscherm (p. 101)
04 Internetkaart
04
109
05 Alfabetisch register
05
A
B
E
Afstandsbediening..................................... 82
batterij vervangen................................. 84
Batterij
afstandsbediening................................ 84
Equalizer.................................................... 35
Alarm bij ernstige ongelukken of calamiteiten.......................................................... 40
Bedieningselementen
middenconsole, stuurwiel..................... 27
Ambient Surround Sound.......................... 34
Beeldinstellingen........................................ 48
Applicaties (apps)...................................... 75
Bellen......................................................... 58
Audio en media
het systeem bedienen..........................
inleiding................................................
menufuncties........................................
menu-overzicht.....................................
overzicht...............................................
Bestemming............................................. 103
27
25
27
85
26
Audiosysteem............................................ 25
Auto met internetaansluiting......................
applicaties (apps)..................................
automodem..........................................
Internetinstellingen...............................
internetkaart..........................................
menu-overzicht.....................................
webbrowser..........................................
70
75
73
23
99
91
76
AUX-ingang......................................... 26, 51
Bluetooth®
gesprek naar mobiel.............................
handsfree..............................................
media....................................................
microfoon uit.........................................
streaming audio....................................
Geluid
Ambient Surround Sound..................... 34
Instellingen............................................ 32
Geluidspodium.......................................... 34
60
58
53
60
53
Gesprek
functies................................................. 58
inkomend.............................................. 58
H
C
Harde schijf (HDD)..................................... 48
CD.............................................................. 44
I
D
DAB-radio............................................ 36, 42
Digitale radio (DAB).................................... 42
DVD............................................................ 44
110
G
Infotainment (Audio en media)................... 25
Instructie-opties....................................... 106
Internetkaart............................................... 99
iPod®, aansluiting...................................... 52
05 Alfabetisch register
K
N
Stuurwiel
Toetsenset............................................ 27
Kaart (internetkaart)................................... 99
normaalweergave...................................... 27
Kaart-opties............................................. 107
Nuttige plaatsen (POI).............................. 105
Symbolen
op het beeldscherm.............................. 31
M
P
T
Media Bluetooth®....................................... 53
Programmatypes radio (PTY)..................... 41
Telefoon
aansluiten.............................................
bellen....................................................
gesprekken aannemen.........................
handsfree..............................................
inkomend gesprek................................
telefoonboek.........................................
telefoonboek, snelkoppeling................
Mediaspeler............................................... 43
compatibele bestandsformaten............ 49
Media zoeken............................................ 46
R
Menufuncties audio en media................... 27
Microfoon................................................... 59
Radio......................................................... 36
DAB................................................ 36, 42
Mobiele telefoon, zie Telefoon................... 55
RDS............................................................ 39
MY CAR.....................................................
Informatie..............................................
Internetinstellingen...............................
Klimaatinstellingen................................
Menu-optie...........................................
paden....................................................
Rijhulpsystemen...................................
Steminstellingen...................................
Systeeminstellingen..............................
Voertuiginstellingen..............................
Route
gedetailleerde route-informatie.......... 106
14
23
23
22
15
15
19
21
20
17
55
58
60
58
58
61
61
05
Toetsenbord............................................ 100
Toetsensets op stuurwiel........................... 27
TV............................................................... 79
S
Scrollen (kaart verschuiven)..................... 102
U
Scrolmenu (kaartmenu)............................ 102
USB, aansluiting........................................ 52
Sensus......................................................... 7
USB-ingang............................................... 51
Signaalingang, extern.......................... 26, 51
Stembediening........................................... 64
111
05 Alfabetisch register
V
Verkeersinformatie (internetkaart)............ 107
Verkeersinformatie (TP) ............................. 41
Verkoop van auto....................................... 11
Volume.......................................................
beltoon, telefoon...................................
externe geluidsbron..............................
snelheids-/geluidscompensatie............
Telefoon................................................
telefoon/mediaspeler............................
27
61
53
35
61
61
Volvo ID..................................................... 11
Volvo Sensus............................................... 7
05
W
Webbrowser.............................................. 76
Webradio................................................... 75
Wifi............................................................. 73
112
TP 17881 (Dutch), AT 1420, MY15, Printed in Sweden, Göteborg 2015, Copyright © 2000-2015 Volvo Car Corporation
Was this manual useful for you? yes no
Thank you for your participation!

* Your assessment is very important for improving the work of artificial intelligence, which forms the content of this project

Download PDF

advertising