Volvo | S80 | Quick Guide | Volvo S80 2009 Quick Guide

Volvo S80 2009 Quick Guide
VOLVO S80
quick Guide
WEB EDITION
GEFELICITEERD MET UW NIEUWE VOLVO!
Het ontdekken van een nieuwe auto is een spannende bezigheid.
Neem deze Quick Guide door om nog meer plezier te beleven aan uw nieuwe
Volvo. Zie voor meer informatie het instructieboekje.
Waarschuwingsteksten en andere belangrijke informatie vindt u alleen in het
instructieboekje – niet in deze brochure. Het instructieboekje bevat bovendien
de recentste gegevens.
Opties staan aangegeven met een sterretje (*).
Op www.volvocars.com vindt u meer informatie over uw auto.
TRANSPONDERSLEUTEL
Vergrendelt de portieren alsmede het
kofferdeksel en activeert het alarm*A.
Ontgrendelt de portieren alsmede het
kofferdeksel en deactiveert het alarmA.
Ontgrendelt het kofferdeksel – het
wordt niet geopend.
Activeert de Approach-verlichting
in buitenspiegels* alsmede interieur-,
instap- en kentekenplaatverlichting.
Richtingaanwijzers en stadslichten
vóór/achterlichten branden.
“Paniek”-toets. In een noodsituatie ca.
3 seconden lang ingedrukt houden om
het alarm te laten afgaan.
A
Als geen van de portieren noch het kofferdeksel
binnen 2 minuten na ontgrendeling wordt geopend,
worden deze na enige tijd automatisch opnieuw
vergrendeld.
STARTEN
1
De transpondersleutel in het contactslot
steken.
3
Het koppelings- of rempedaal bedienen.
B
2
De transpondersleutel licht aandrukken
waarna deze naar binnen schuift.
4
Op de knop START/STOP/ENGINE drukken
om de motor te startenB.
Tijdens de koude start ligt het stationaire toerental mogelijk hoger dan normaal.
MOTOR AFZETTEN EN TRANSPONDERSLEUTEL UITNEMEN
1
De auto parkeren en op de knop START/
STOP/ENGINE drukken om de motor af te
zetten.
2
De transpondersleutel licht aandrukken,
waarna deze naar buiten schuift. Bij auto’s met
een automatische versnellingsbak dient de
keuzehendel in stand P te staan.
PERSONAL CAR COMMUNICATOR, PCC* MET KEYLESS DRIVE
1
2
3
4
Informatie over de status van de auto die
binnen een straal van 20 m te ontvangen is.
• Toets indrukken en 7 seconden wachten.
Bij het indrukken van de toets zonder ontvangst verschijnt de meest recente status uit
het geheugen.
1 Groen lampje: De auto is vergrendeld.
2 Oranje lampje: De auto is ontgrendeld.
3 De rode lampjes lichten beurtelings op:
Er zit mogelijk iemand in de auto.
4 Rood lampje: Het alarm is afgegaan.
STARTEN MET KEYLESS DRIVE
1
In de auto stappen met de PCC bijvoorbeeld in
uw binnenzak.
Het koppelings- of rempedaal bedienen.
A
Op de knop START/STOP/ENGINE drukken
om de motor te startenA.
Tijdens de koude start ligt het stationaire toerental mogelijk hoger dan normaal.
MOTOR AFZETTEN
BELANGRIJK
Met Keyless drive hoeft de PCC alleen in de
auto aanwezig te zijn. Laat de PCC bijvoorbeeld in uw binnenzak zitten.
Bij het gebruik van de buitenhandgreep van
een van de portieren wordt de auto ontgrendeld.
Om de auto na het parkeren te vergrendelen,
hoeft u alleen het portier te sluiten en de
knop op de portierhandgreep in te drukken.
De auto parkeren en op de knop START/STOP/
ENGINE drukken om de motor af te zetten.
LEERVERZORGING
Leren bekleding heeft regelmatige verzorging
nodig. Gebruik daarom één- à viermaal per jaar
(zo nodig vaker) een leerverzorgingsproduct.
Leerverzorgingsproducten zijn verkrijgbaar bij
de erkende Volvo-werkplaats.
BLIS, BLIND SPOT INFORMATION
SYSTEM*
Als het controlelampje voor BLIS soms
oplicht zonder dat u andere voertuigen in de
dode hoeken kunt waarnemen, is er wellicht sprake van reflecties op een glad en nat
wegdek of laag staande zon in de camera. Bij
een storing in het systeem verschijnt op het
display de melding BLIS Service vereist.
AUDIOSYSTEEM
6
2
2
1
5
7
1 Indrukken voor AAN/UIT
Omdraaien om het volume te regelen.
Voor elk van de functies radio, TP,
handsfree* en RTI wordt het volume apart
opgeslagen en een volgende keer opnieuw
gehanteerd.
2 Een van de standen AM, FM1, FM2, CD of
MODE selecteren.
MODE gebruiken om de functie AUXA te
activeren en het volume bij te stellen van
de geluidsbron die op de AUX-ingang
aangesloten is.
RADIO
3 Omdraaien om een radiozender te
kiezen.
4 Zender zoeken met de pijl-links/pijlrechts. Tot 20 zenders opslaan (tien voor
FM1 en tien voor FM2) op door 0–9 ingedrukt te houden, waarna een bevestiging
op het display verschijnt.
5 De 10 best doorkomende radiozenders
automatisch opslaan
Ca. 2 seconden langAUTO indrukken.
Tijdens het zoeken staat de tekst Autom.
opslaan op het display.
Daarna op de toetsen 0–9 drukken om de
gevonden radiozenders te beluisteren.
4
3
3 Geluidsweergave regelen
Knop indrukken om uit BAS, TREBLE,
FADER, BALANS en Dolby Pro Logic II* te
kiezen.
Knop omdraaien om bij te regelen.
A
AUX-ingang voor bijvoorbeeld een mp3-speler (voor
optimale geluidsweergave het volume op half zetten).
CD
4 Andere cd-track met pijl-links/pijl-rechts
of aan (3) draaien.
Cd* kiezen met pijl-omhoog/pijl-omlaag.
6 Cd uitwerpen
Indrukken om de actuele cd uit te werpen.
Knop ingedrukt houden om alle cd’s in
de cd-wisselaar* uit te werpen.
7 Cd-wisselaar*. Een cd (1–6) selecteren.
1
RUGGEDEELTEN ACHTERBANK OMKLAPPEN
Aan elk van de afzonderlijke handgrepen
trekken om het linker en/of rechter ruggedeelte om te klappen.
Zorg dat de hoofdsteunen rechtop staan. De
ruggedeelten omklappen.
ELEKTRONISCHE KLIMAATREGELING, ECC*
2
1
AUTOMATISCHE REGELING
In de stand AUTO regelt het ECC-systeem
automatisch alle functies voor een groter bedieningsgemak en optimale luchtkwaliteit.
HANDMATIGE REGELING
Ventilatorsnelheid
Luchtverdeling
1 Temperatuur
Knoppen omdraaien voor de gewenste
temperatuur. Ingestelde temperatuur staat
op display.
2 Op AUTO drukken om de temperatuur en
de overige functies automatisch te laten
regelen.
Ontwaseming om de voorruit en zijruiten snel van condens te ontdoen.
Interior Air Quality System (IAQS).
UIT/AUT/Recirculatie.
Airconditioning AAN/UIT
Elektrische verwarming achterruit en buitenspiegels. Automatische
uitschakeling.
OPBERGMOGELIJKHEDEN, 12V-AANSLUITINGEN EN AUX-INGANG
De 12V-aansluitingen voor en achter in de middenconsole werken alleen in contactslotstand
I of hoger. De 12V-aansluiting rechts in de
bagageruimte is altijd ingeschakeld.
BELANGRIJK
Bij gebruik van de 12V-aansluiting in de
bagageruimte kan de accu ontladen raken.
BOORDCOMPUTER EN DAGTELLER
123456
12:34
T2 12.3
0
3
1
1
2
1000km
to empty tank
P _3 oC
4
5
6
1 Dagtellers
De auto is uitgerust met twee onafhankelijke dagtellers, T1 en T2, die altijd aanstaan.
Zie toets (6) om te wisselen tussen T1 en
T2 en om de dagtellerwaarde te resetten.
2 Brandstofmeter
Pijl die aangeeft aan welke kant van de
auto de tankvuldop zit.
3 Laag brandstofpeil
Het lampje licht op, wanneer er nog maar
weinig brandstof in de tank zit. Tank zo
spoedig mogelijk.
4 Actieradius
Aan het duimwiel (8) van de boordcomputer draaien om de berekende actieradius te
bekijken.
BELANGRIJK
“Km actieradius” is een indicatie van het
aantal kilometers dat u met de resterende
brandstofvoorraad kunt afleggen op basis
van de eerdere rijomstandigheden.
STUURWIEL INSTELLEN
WAARSCHUWING! Het stuurwiel instellen
vóórdat u gaat rijden. Nooit tijdens het rijden.
7
8
9
5 Klok
Knop (6) rechtsom of linksom draaien om
de tijd in te stellen.
6 Omdraaien om bijvoorbeeld KM ACTIERADIUS op het display (4).
Omdraaien om de tijd in te stellen.
7 Indrukken om eventuele meldingen op
het display te bekijken. Nogmaals indrukken om een melding te laten verdwijnen.
8 Boordcomputer
Gewenste functie instellen met het duimwiel.
9 Alle functies van de boordcomputer
resetten.
TANKEN
Op de knop drukken om de tankvulklep te
openen.
VERLICHTINGSBEDIENING
Verlichting display en instrumentenpaneel
Mistlampen (vóór)
Mistachterlicht (alleen bestuurderszijde)
Automatisch dimlicht. Grootsignalen
geven is mogelijk, maar het normale
groot licht werkt niet.
Stadslichten voor/achterlichten
Dimlicht. Dimlicht dooft bij het afzetten
van de motor. Groot licht te activeren
met de hendel.
Koplamphoogteregeling, dimlicht.
Automatisch bij Bi-Xenon®verlichting*.
Grootlichtsignalen.
Wisselen tussen groot licht/dimlicht.
BESTUURDERSONDERSTEUNENDE
SYSTEMEN*
BLUETOOTH*
Om de bestuurder te helpen om tijdig te
remmen, een veilige afstand tot voorliggers
te houden of een goede positie binnen de
rijstrook aan te houden, is de auto mogelijk
uitgerust met een of meer van de volgende
systemen:
Adaptieve cruisecontrol*
•
Afstandscontrole*
•
Botswaarschuwing met automatische
•
rem*
Driver Alert System*.
•
1. Maak de mobiele telefoon identificeerbaar/zichtbaar
2. Houd de knop PHONE van het audiosysteem ingedrukt
3. Kies Telefoon toevoegen in het display
van het audiosysteem
4. Kies de telefoon die u wilt aansluiten
5. Voer via de toetsen van de mobiele telefoon de cijfers in die op het display van
het audiosysteem staan.
REGENSENSOR* EN RUITENWISSERS
C
0
D
G
A
B
Enkele wisslag ruitenwisser.
D
Intervalfunctie. Aan het duimwiel (B)
draaien om het wisinterval te wijzigen.
E
Normale snelheid
F
Hoge snelheid
G
Ruiten- en koplampsproeiers
E
F
REGENSENSOR
A Indrukken om de regensensor te activeren met de wisserhendel in stand 0.
B De gevoeligheid van de regensensor
instellen door aan het duimwiel te
draaien.
C
Displaysymbool bij regensensor aan.
SLEUTELSTANDEN (0 & I)
VOORSTOEL INSTELLEN
Koppelingspedaal of rempedaal niet bedienen.
2
1
+
TRANSPONDERSLEUTEL
-
Stand 0
3
Stand I
KEYLESS DRIVE
5
Het audiosysteem en de interieurverlichting
zijn altijd in en uit te schakelen, ongeacht de
sleutelstand.
0
Verlichting instrumenten en klok ingeschakeld, stuurslot opgeheven.
I
Schuifdak, elektrisch bediende ruiten,
ventilator, ECC, ruitenwissers, 12V-aansluitingen in middenconsole, RTI
1
2
3
4
5
4
4
3 5
2
Lendensteun
Hellingshoek ruggedeelte
Stoel omhoog/omlaag
Voorkant zitting omhoog/omlaag
Vooruit/achteruit
PARKEERREM
Lossen
Sleutelstand 0 of I.
Het koppelings- of rempedaal bedienen.
Handgreep uittrekken.
2
1
2
Aanzetten
Op de handgreep drukken.
Het lampje knippert, totdat de rem
volledig is aangezet waarna het lampje
continu brandt.
Automatisch lossen
•
Een versnelling inschakelen en wegrijden.
(Bij auto’s met een automatische versnellingsbak dien u de veiligheidsgordel te
dragen.)
TP 10029 (Dutch). AT 0820. Printed in Sweden, Göteborg 2008. Copyright © 2000–2008 Volvo Car Corporation.
Stand I
Was this manual useful for you? yes no
Thank you for your participation!

* Your assessment is very important for improving the work of artificial intelligence, which forms the content of this project

Download PDF

advertising