ESAB | DTE 255 | Instruction manual | ESAB DTE 255 Handleiding

ESAB DTE 255 Handleiding
NL
Aristotig 255 AC/DC
DTE 255
Gebruiksaanwijzing
0457 784 201 NL 031110
Valid for serial no. 810− to 246−
1 RICHTLIJN . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
2 VEILIGHEID . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
3 INLEIDING . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
3.1
3
3
5
Uitrusting . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
5
4 TECHNISCHE GEGEVENS . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
5 INSTALLATIE . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
5
6
5.1
Plaatsing en aansluiting . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
7
6 GEBRUIK . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
7
6.1
6.2
6.3
6.4
6.5
6.6
6.7
Bedieningselementen en aansluitingen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Afstandsbediening . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Beveiliging tegen oververhitting . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Bedieningspaneel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
MMA−lassen (Handlaselektroden) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
TIG−lassen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Geforceerde stroomonderbreking . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
7
8
8
9
12
13
16
7 ONDERHOUD . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 16
7.1
Controle en reiniging . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
16
8 BESTELLEN VAN RESERVEONDERDELEN . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
SCHEMA . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
BESTELNUMMER . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
RESERVEONDERDELENLIJST . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
ACCESSOIRES . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
16
17
18
19
20
Recht op wijzigingen zonder voorafgaande mededeling voorbehouden.
TOCh
−2−
NL
1
RICHTLIJN
VERKLARING VAN OVEREENSTEMMING
ESAB Welding Equipment AB, S−695 81 Laxå, Zweden, verklaart geheel onder eigen verantwoordelijkheid dat lasstroombron DTE 255 van het serienummer 833 in overeenstemming is met norm IEC/
EN 60974−1 conform de bepalingen in richtlijn (73/23/EEG) met de annex (93/68/EEG) en met norm
EN 50199 conform de bespalingen in richtlijn (89/336/EEG) met annex (93/68/EEG).
−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−−
Laxå 1998−08−11
Anders Birgersson
Managing Director
Esab Welding Equipment AB
695 81 LAXÅ
SWEDEN
2
Tel: + 46 584 81000
Fax: + 46 584 411924
VEILIGHEID
De gebruiker van een ESAB lasuitrusting draagt de uiteindelijke verantwoordelijkheid voor de veiligheidsmaatregelen die van toepassing zijn voor het personeel dat met of in de buurt van de
installatie werkt. De veiligheidsmaatregelen moeten voldoen aan de eisen die aan dit type
lasuitrusting gesteld worden. De inhoud van deze aanbevelingen moet beschouwd worden als
een aanvulling op de normale regels die van toepassing zijn voor een werkplaats.
Alle handelingen moeten uitgevoerd worden door personeel dat goed op de hoogte is van de
werking van de lasuitrusting. Een verkeerd maneuver kan tot een abnormale situatie leiden
waardoor de operateur gewond kan raken en de machine beschadigd kan worden.
1.
Al het personeel dat met de machine werkt, moet goed op de hoogte zijn van:
S de bediening
S de plaats van de noodstop
S de werking
S de geldende veiligheidsvoorschriften
S de lastechniek
2.
De operateur moet controleren:
S of er zich geen onbevoegden binnen het werkgebied van de lasuitrusting bevinden,
voor hij begint te werken.
S of er niemand op een onbeschermde plaats staat wanneer de lichtboog wordt ontstoken.
3.
De werkplaats moet:
S doelmatig zijn
S tochtvrij zijn
4.
Persoonlijke veiligheidsuitrusting
S Draag altijd de voorgeschreven persoonlijke veiligheidsuitrusting zoals b.v. een lasbril,
onontvlambare kleding, lashandschoenen.
S Draag nooit loszittende kleding zoals sjaals, armbanden, ringen e.d. die beklemd kunnen raken, of brandwonden kunnen veroorzaken.
5.
Algemene veiligheidsvoorschriften
S Controleer of de aangeduide retourleiders goed aangesloten zijn.
S Alleen bevoegd personeel mag aan de elektrische eenheden werken.
S De benodigde brandblusuitrusting moet gemakkelijk bereikbaar zijn op een duidelijk
aangegeven plaats.
S Wanneer de lasuitrusting in gebruik is, mag hij niet gesmeerd worden en mag er geen
onderhoud uitgevoerd worden.
dpb1d1ha
−3−
NL
WAARSCHUWING
DE VLAMBOOG EN HET SNIJDEN KUNNEN GEVAARLIJK ZIJN VOOR UZELF EN VOOR ANDEREN; DAAROM MOET U VOORZICHTIG ZIJN BIJ HET LASSEN. VOLG DE VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN VAN UW WERKGEVER OP. ZE MOETEN GEBASEERD ZIJN OP DE WAARSCHUWINGSTEKST VAN DE PRODUCENT.
ELEKTRISCHE SCHOK − Kan dodelijk zijn
S
Installeer en aard de lasuitrusting volgens de geldende normen.
S
Raak delen die onder stroom staan en elektroden niet aan met onbedekte handen of met natte
beschermuitrusting.
S
Zorg dat u geïsoleerd bent van aarde en van het werkstuk.
S
Zorg ervoor dat u een veilige werkhouding hebt.
ROOK EN GAS − Kunnen uw gezondheid schaden
S
Zorg ervoor dat u niet met uw gezicht in de lasrook hangt.
S
Ververs regelmatig de lucht in de werkruimte en zorg ervoor dat de lasrook en het gas afgezogen worden.
LICHTSTRALEN − Kunnen de ogen beschadigen en de huid verbranden
S
Bescherm uw ogen en uw lichaam. Gebruik een geschikte lashelm met filter en draag altijd beschermende kleding.
S
Scherm uw werkruimte af met geschikte beschermmiddelen of gordijnen, zodat niemand anders gewond kan raken.
BRANDGEVAAR
S
De vonken kunnen brand veroorzaken. Zorg er daarom voor dat er geen brandgevaarlijk materiaal in de buurt is.
LAWAAI − Geluidsoverlast kan het gehoor beschadigen
S
Bescherm uw oren. Gebruik gehoorbeschermers of andere gehoorbescherming.
S
Waarschuw omstanders voor de gevaren.
BIJ DEFECTEN − Neem contact op met een vakman.
LEES DEZE GEBRUIKSAANWIJZING GRONDIG DOOR VOOR U
OVERGAAT TOT INSTALLATIE EN GEBRUIK.
BESCHERM UZELF EN ANDEREN!
ESAB heeft alle benodigde lasbeschermingsvoorzieningen en accessoires
voor u.
WAARSCHUWING!
Lees deze gebruiksaanwijzing grondig door
voor u overgaat tot installatie en gebruik.
WAARSCHUWING!
Gebruik de stroombron niet voor het ontdooien van bevroren pijpen.
Dit product is uitsluitend bedoeld voor booglassen.
dpb1d1ha
−4−
NL
3
INLEIDING
De DTE 255 is een compacte lasstroombron bestemd voor twee verschillende
lasmethoden. De stroombron kan worden gebruikt voor TIG−lassen en MMA−lassen
met belegde elektroden op zowel wisselstroom als gelijkstroom.
De DTE 255 is verkrijgbaar in twee uitvoeringen:
met een OKC−aansluiting voor de TIG−brander
S
S met een centrale aansluiting voor de TIG−brander
N.B. Verwijder de TIG−brander bij het MMA−lassen!
Bij TIG−lassen de Elektrodehouder verwijderen.
Zie pagina 20 voor details over ESAB−accessoires voor het product.
3.1
Uitrusting
De DTE 255 wordt geleverd met:
S
Netkabel (3 m)
S
Terugleider (5 m)
S
Gasslang
S
Slangklemmen
4
TECHNISCHE GEGEVENS
DTE 255
Toelaatbare belasting bij:
25% inschakelduur (MMA)
60% inschakelduur (MMA)
100% inschakelduur (MMA)
250 A / 30 V
200 A / 28 V
165 A / 26 V
50% inschakelduur (TIG)
60% inschakelduur (TIG)
100% inschakelduur (TIG)
250 A / 20 V
225 A / 19 V
170 A / 17 V
Instelbereik, MMA
5−250 A, DC
5*−250 A, AC
5−250 A
Belastingtoename (verhoging)
0 − 10 s
Belastingafname (verlaging)
0 − 10 s
Gasvoorstrom, instelbaar op circuitkaart
0− 5s
Gasnastroom
3 − 30 s
Nullastspanning
70 − 90 V DC
Nullastvermogen, MMA
Nullastvermogen, TIG
95 W
50 W
Aktief vermogen, P (bij maximumstroom, MMA)
10 kW
Schijnbaar vermogen, S (bij maximumstroom, MMA)
10,6 kW
Vermogensfactor, bij maximumstroom, MMA
0,93
Rendement, bij maximumstroom, MMA
0,75
Netspanning
400 V
Instelbereik, TIG
dpb1d1ha
−5−
+/− 10%
3−fase
NL
DTE 255
Netfrequentie
50 − 60 Hz
Laskabel, oppervlak doorsnede
35 mm2
Zekering, traag
16 A
Netkabel, oppervlak doorsnede
4 x 2,5 mm2
Afmetingen, l x b x h
510 x 310 x 555 mm
Gewicht
45 kg
Gebruiksklasse
IP 23
Veiligheidsnorm
*) De minimale stroomsterkte tijdens het lassen hangt af van de legering van de aluminium platen en
van de verontreiniging van het oppervlak.
Relatieve inschakelduur
De relatieve inschakelduur geeft de tijd weer als een percentage van een periode van tien minuten
waarin u kunt lassen met een bepaalde belasting.
Gebruiksklasse
Het symbool
betekent dat de lasstroombron geconstrueerd is voor het gebruik in ruimten
met een verhoogd elektrisch risico.
Veiligheidsnorm
De IP−code geeft de beveiligingsklasse aan, d.w.z. de graad van bescherming tegen vaste voorwerpen en vocht. Een apparaat met IP 23 is bestemd voor gebruik zowel binnen− als buitenshuis.
5
INSTALLATIE
De installatie dient door een bevoegd persoon te worden uitgevoerd.
WAARSCHUWING!
Dit product is bestemd voor industrieel gebruik. In een woonomgeving kan dit product radiostoring
veroorzaken. Het is de verantwoordelijkheid van de gebruiker om passende voorzorgsmaatregelen
te nemen.
De DTE 255 is uitgerust met netspanningscompensatie, hetgeen inhoudt dat een
variatie in de netspanning van +/−10% slechts een variatie van +/−2% van de
lasstroom oplevert.
Om het spanningsverlies te beperken dat zich voordoet bij het gebruik van lange
stroomkabels, is het beter dikkere kabels te gebruiken dan staat aangegeven in de
technische gegevens op bladzijde 5.
Als u de stroombron start, werken de koelventilatoren met een gereduceerd
toerental om enerzijds de hoeveelheid vuil die naar binnen kan worden gezogen to
verminderen en anderzijds het geluidsniveau te verlagen. Als de stroombron meer
koeling nodig heeft, draait de ventilator op een hogere snelheid.
dpb1d1ha
−6−
NL
5.1
Plaatsing en aansluiting
Plaats de lasstroombron zo dat u de in− en uitlaat voor de koellucht vrijhoudt.
Sluit de schermgasleiding aan (zie afb. op bladzijde 7).
Sluit de TIG−brander en de terugvoerleiding aan of de laskabel van de
elektrodehouder en de terugvoerleiding (zie afb. op bladzijde 7).
S Zorg dat u de lasstroombron op de juiste netspanning aansluit en een zekering
met de juiste nominale stroom gebruikt. Zorg voor aardlekbeveiliging in
overeenstemming met de geldende voorschriften.
Het typeplaatje met de gegevens voor de aansluiting vindt u aan de achterzijde
van de stroombron.
De lasstroombron is daarmee gereed voor het gebruik.
S
S
S
6
GEBRUIK
De algemene veiligheidsvoorschriften voor het gebruik van de hier beschreven uitrusting vindt u op pagina 3. Lees deze voorschriften zorgvuldig door,
voordat u de uitrusting in gebruik neemt.
6.1
Bedieningselementen en aansluitingen
Centrale aansluiting
A
Netschakelaar AAN/UIT
H
Netspanning ingeschakeld, lichtdiode
B
Aansluiting voor afstandsbediening
J
Lasspanning AAN, lichtdiode
C
Aansluiting voor de brander
L
Storing/oververhitting, lichtdiode
D
Aansluiting voor de elektrodehouder
(MMA)
M
Doorstroomverklikker, lichtdiode
(functie bij aangesloten koelaggregaat)
E
OKC−aansluiting voor de TIG−brander
N
Aansluiting voor het schermgas op de
lasstroombron
F
Aansluiting voor de terugvoerleiding
O
Instel−unit, digitale weergave
G
Aansluiting voor het schermgas
P
Centrale aansluiting voor de TIG−brander
N.B. De posities C en G komen te vervallen bij een uitvoering met een centrale
aansluiting!
dpb1d1ha
−7−
NL
Als de netschakelaar in werking is gezet, licht de lichtdiode (H),
Bij nullastspanning licht de lichtdiode (J) op.
Bij storingen zoals oververhitting licht de lichtdiode (L) op.
Wanneer de koelwaterstroom wordt verbroken, licht de lichtdiode (M) op.
Bij storingen die tijdelijk een hoge uitgangsspanning kunnen veroorzaken, gaat de
LED uit (J), (de uitgangsspanning is uitgeschakeld). Bij een pauze van meer dan 30
minuten wordt de uitgangsspanning uitgeschakeld en spert de diode (J). U kunt
resetten door de schakelaar (1) in de TIG−stand te zetten en vervolgens terug naar
de MMA−stand.
6.2
Afstandsbediening
De lasstroom voor het TIG−lassen en MMA−lassen kunt u instellen met behulp van
de afstandsbediening. De lasstroombron registreert automatisch of al dan niet een
afstandsbediening is aangesloten.
Als de afstandsbediening moet gelden voor het totale stroombereik, moet u de
stroomknop op de lasstroombron in de maximale stand draaien.
Maximumwaarde = Gewenste waarde zoals ingesteld op de lasstroombron.
6.3
Beveiliging tegen oververhitting
Drie thermoschakelaars zorgen voor beveiliging tegen oververhitting, als de
temperatuur te hoog mocht oplopen.
Als de temperatuur te hoog oploopt, wordt de lasstroom onderbroken waarna de
gele diode (L) gaat branden (zie bladzijde 7).
Wanneer de temperatuur weer voldoende is gedaald, wordt de lasstroom weer
ingeschakeld en dooft de diode (L).
dpb1d1ha
−8−
NL
6.4
Bedieningspaneel
1
Keuzeschakelaar voor proces
S
S
S
S
MMA−lassen (Handlaselektroden)
TIG tweetakt (ook bij afstandsbediening)
TIG viertakt
TIG viertakt met tweestandenschakelaar
(wisselfunctie, stroomkeuze (8) of (9) via de
TIG−brander)
2
Keuzeschakelaar voor
ontstekingsmethode
S
HF−onsteking
S
Lift−Arc − zie bladzijde 10
Keuzeschakelaar voor impulsstroom
S
Lassen zonder impulsstroom, gelijk− en wisselstroom
S
Lassen met blokgolfstroom, gelijk− en wisselstroom
S
Lassen met trapeziumstroom, gelijk− en wisselstroom
S
Wisselstroom
S
Blokgolfvormige wisselstroom (Square Wave)
S
Gelijkstroom, negatieve elektrode (normaal gesproken
bij TIG−lassen)
S
Gelijkstroom, positieve elektrode
S
Gelijkstroom, negatieve elektrode, maar met positieve
elektrode tijdens de start.
(bijv. voor 3,2 mm elektroden, TIG−lassen)
3
4
Keuzeschakelaar voor polariteit
5
Potentiometer voor Hot Start
S
Voor de grove en fijne afstelling van het startverloop
met het oog op de elektrode−afmeting.
TIG−lassen ( 10...500 ms )
MMA−lassen (100ms...2s)
6
Potentiometer voor Arc−Force
S
Voor de grove en fijne afstelling van de functie
Arc−Force (Anti Stick), uitsluitend voor MMA−lassen.
7
Potentiometer
S
Voor de instelling van de tijd voor de belastingtoename
(slope−up) van de lasstroom
(0 tot 10 seconden).
8
Potentiometer I1
S
Voor de instelling van niet−pulserende lasstroom en
van de piekstroom bij het lassen met impulsstroom.
9
Potentiometer I2
S
Voor de instelling van de achtergrondstroom bij het
lassen met impulsstroom en van het lagere
stroomniveau bij de wisselfunctie.
10
Potentiometer
S
Voor de instelling van de tijd voor de belastingafname
(slope−down) tussen 0 en 10 seconden.
dpb1d1ha
−9−
NL
Voor de instelling van de tijd voor de gasnastroom
tussen 3 en 30 seconden.
11
Potentiometer
S
12
Potentiometer voor de instelling van de frequentie
Deze potentiometer vervult een dubbele functie:
S
De potentiometer is bestemd voor de instelling van de
pulsfrequentie op een waarde van 0,3 tot 300 Hz bij
pulserend lassen op gelijkstroom.
De potentiometer is bovendien bestemd voor de
instelling van de frequentie van de wisselstroom op
een waarde van 30 tot 300 Hz bij het niet−pulserend
lassen op wisselstroom.
N.B. Bij het lassen op pulserende wisselstroom wordt
automatisch een frequentie van 100 Hz
aangehouden voor de wisselstroom! De maximale impulsfrequentie die kan worden ingesteld is dan 100
Hz.
S
13
Potentiometer voor instelling
van de balans
Deze potentiometer vervult een dubbele functie:
S
Voor de instelling van de balans tussen de positieve
en negatieve halve golf bij het lassen op wisselstroom
voor optimale reiniging of inbranding; (rechts
=>hogere mate van inbranding)
Instelling van de verhouding in tijd tussen de
achtergrondstroom en de piekstroom bij pulserend
lassen op gelijkstroom; (rechts =>langere
piekstroomduur)
N.B. Bij het lassen met een pulserende wisselstroom
wordt automatisch een verhouding tussen de impulsstroomtijd en de achtergrondstroomtijd aangehouden van 50/50 %.
De verhouding tussen positieve en negatieve halve golf is
op dezelfde manier af te stellen als niet−gepulseerd AC−
lassen.
S
Stand
= MMA
In deze stand is de lasstroombron ingesteld op het lassen met belegde elektroden.
De HF−unit en Lift−Arc zijn buiten werking gesteld en de Hot−start−unit is
geactiveerd om bij het starten een stroomverhoging te realiseren.
Stand
= HF−unit aan
Wanneer u de branderschakelaar indrukt, stroomt het gas, de HF−unit slaat aan en
zorgt voor een vonk tussen de elektrode en het te lassen materiaal. Het gas wordt
geïoniseerd waarna een lichtboog ontstaat. Wanneer de lichtboog stabiel is, wordt
de HF−unit automatisch uitgeschakeld.
Stand
= Lift−Arc
Dit houdt in dat u de elektrode van de brander op het beginpunt van de las houdt, de
branderschakelaar indrukt en de brander vervolgens optilt. Op die manier wordt een
lichtboog gevormd.
De stroom neemt tijdens de ingestelde “slope up”−tijd langzaam toe tot de ingestelde
waarde.
Als u het lassen wilt afsluiten, laat u het contact los. De stroom zwakt langzaam af
tot de ingeslde “slope down”−tijf.
dpb1d1ha
− 10 −
NL
Houd de elektrode van de brander tegen het werkstuk aan.
Druk de branderschakelaar in.
Houd de brander iets schuin, til
de brander op en de lichtboog is een feit.
Laat de branderschakelaar los
om het lassen te beëindigen.
Stand
tweetakt/viertakt
Tweetakt houdt in dat de lichtboog wordt ontstoken, wanneer u de branderschakelaar indrukt. De lichtboog dooft weer, wanneer u de schakelaar loslaat.
Viertakt houdt in dat u de branderschakelaar niet ingedrukt hoeft te houden tijdens
het lasverloop. U drukt de schakelaar in en laat deze weer los om de lichtboog te
ontsteken. De lichtboog wordt gedoofd, wanneer u de schakelaar nogmaals indrukt
en weer loslaat.
Viertakt met de mogelijkheid om tussen twee stromen te wisselen (wisselfunctie).
Door het brandercontact kort te activer kunt u met de wisselfunctie tussen twee
verselbare stromen wisselen. Als u het brandercontact ingedrukt houdt, begint de
stroom te dalen (slope down).
dpb1d1ha
− 11 −
NL
6.5
MMA−lassen (Handlaselektroden)
6.5.1
Instelling van het bedieningspaneel bij het MMA−lassen
S
Sluit de lasstroomkabel en de terugvoerleiding aan op de aansluitingen D en F
van de OKC−aansluiting.
S
Zet de schakelaar (1) in de stand voor het gebruik van handelektroden.
De lichtdiode J geeft vervolgens aan dat er nullastspanning staat op de
lasaansluitingen.(Aie ook onder punt 5.2).
S
Stel de gewenste waarde voor de lasstroom in met de potentiometer (8).
Het is ook mogelijk gebruik te maken van pulserende lasstroom. U stelt de
pulserende lasstroom in op dezelfde manier als bij pulserend TIG−lassen.
S
Potentiometer (5) gebruikt u om de functie Hot−start traploos te kunnen instellen
en potentiometer (6) om de functie Arc−Force en daarmee ook de
regeldynamiek traploos te kunnen instellen.
Afhankelijk van het type elektrode dat u gebruikt kunt u de gelijkstroom en de
polariteit selecteren met de schakelaar (4) of kiezen voor één van de
wisselstroomalternatieven. U hoeft de laskabels niet te verwisselen.
De lasstroombron stelt u in met een handbediende afstandsbediening.
S
dpb1d1ha
− 12 −
NL
6.6
TIG−lassen
Bij het TIG−lassen heeft de branderschakelaar drie mogelijke functies:
S
Tweetakt
S
Viertakt
S
Viertakt met keuze uit twee standen, achtergrondstroom of het ingestelde
alternatief (wisselfunctie)
6.6.1
Instelling van het bedieningspaneel bij het TIG−lassen
S
Suit de TIG−brander −resp, retourkabel in de OKC−uitgangen E en F aan
(aansluiting P en F bij de centrale aansluiting).
S
Zet de schakelaar (1) in de gewenste stand.
Als u gebruikt wilt maken van een voetbediende afstandsbediening, moet u de
schakelaar (1) in de stand voor tweetakt zetten.
N.B. Voor directe regeling van de stroom via de voetbediende afstandsbediening
moet u de potentiometers (7) en (10) in stand 0 zetten.
Een handbediende afstandsbediening kan worden gebruikt voor de instelling van
de lasstroom bij zowel tweetakt als viertakt.
S
Stel de gewenste ontstekingsmethode in met behulp van de schakelaar (2).
S
Stel de lasstroom in met behulp van de potentiometer (8).
S
Stel de lasstroom in met behulp van de potentiometer (3).
S
Bij het gebruik van de wisselfunctie / impulsfunctie moet u de potentiometer (9)
instellen.
dpb1d1ha
− 13 −
NL
6.6.2
Lasverloop voor het TIG−lassen in viertakt met
tweestandenschakelaar:
6
1. De gasvoorstroom is vooraf ingesteld op 10 ms.
2. Warme start:
S
de startstroom is vooraf ingesteld op 100 A.
S
de tijd stelt u op het frontpaneel in op een waarde van: 20 tot 500 ms.
(Bij MMA−lassen geldt een tijd van 200 tot 2000 ms.)
3. De startstroom 15 A.
4. De slope−up−tijd stelt u op het frontpaneel in op een waarde van: 0 tot 10 s.
5. De impulsstroom stelt u op het frontpaneel in op een waarde van: 5 tot 250 A.
6. De achtergrondstroom stelt u op het frontpaneel in op een waarde van: 10 tot
90% van de impulsstroom.
7. De slope−down−tijd stelt u op het frontpaneel in op een waarde van: 0 tot 10 s.
8. De stroom bij het afsluiten is vooraf ingesteld op 5 A.
9. De gasnastroom stelt u op het frontpaneel in op een waarde van: 3 tot 30 s.
dpb1d1ha
− 14 −
NL
6.6.3
Instelling van de gelijkstroom en de wisselstroom
Gelijkstroom:
S
Zet de schakelaar (4) in de stand voor gelijkstroom met een negatieve polariteit.
Als u voor pulserend lassen hebt gekozen moet u het volgende doen:
S
Stel de piekstroom in met de potentiometer (8).
S
Stel de achtergrondstroom in in procenten van de piekstroom met de
potentiometer (9).
S
Stel de pulsfrequentie in met de potentiometer (12).
S
Stel de verhouding in tijd in tussen de piekstroom en de achtergrondstroom
met de potentiometer (13).
Wisselstroom:
Met de schakelaar (4) kunt u twee verschillende vormen van wisselstroom instellen:
S
Een sinusvormige wisselstroom die wordt gekenmerkt door minder lawaai en
een soepeler lichtboog. Een sinusvormige wisselstroom is het efficiëntst bij lage
frequenties!
S
Een blokgolfvormige (Square Wave) wisselstroom met een lichtboog die
weliswaar hard en stabiel is, maar daardoor tevens meer geluid produceert.
De lichtboog wordt altijd ontstoken met gelijkstroom. Zodra de lichtboog een
feit is, wordt overgeschakeld op wisselstroom.
Bij verhoging van de wisselstroomfrequentie wordt een compactere en stabielere
lichtboog verkregen.
Een blokgolfvormige wisselstroom leent zich met name voor het gebruik bij lage
stroomsterkten en het lassen aan extreem dun plaatwerk.
Een verschuiving van de halve golflengte (de balans) in positieve richting levert een
verhoogd reinigingseffect op en in negatieve richting een verhoogd
doordringend vermogen.
(Draai de potentiometer (13) naar rechts voor een groter doordringend vermogen!)
dpb1d1ha
− 15 −
NL
6.7
Geforceerde stroomonderbreking
Als de branderschakelaar of de voetbediende afstandsbediening wordt geactiveerd
zonder dat de lichtboog wordt ontstoken, wordt de nullastspanning na 2 seconden
automatisch onderbroken. Bij het wegvallen van de lichtboog treedt deze
stroomonderbrekingsfunctie ook in werking.
De onderbrekingsfunctie voorkomt:
S
ongecontroleerde ontsteking van de lichtboog
S
materiële schade
S
verspilling van het schermgas
S
ongelukken
7
ONDERHOUD
Opmerking!
Alle garantievoorwaarden van de leverancier komen te vervallen als de klant zelf
tijdens de garantieperiode reparaties uitvoert.
De beplating mag alleen worden verwijderd door (daartoe bevoegde) personen met
de vereiste elektronicakennis, voor: aansluiting, service, onderhoud en reparaties op
of aan een lasinstallatie.
7.1
Controle en reiniging
Spuit de lasstroombron eenmaal per jaar schoon
met perslucht (bij gereduceerde luchtdruk) en reinig
het stoffilter regelmatig. Als de lasstroombron staat
opgesteld in een stoffige en vuile omgeving, moet
de stroombron vaker schoon worden geblazen.
Voor optimale bedrijfszekerheid is het raadzaam
om eenmaal per jaar het nodige onderhoud aan
de lasstroombron te laten plegen door een
erkende dealer.
bt07d109
8
BESTELLEN VAN RESERVEONDERDELEN
DTE 255 is zodanig geconstrueerd en getest dat deze voldoet aan de internationale
en europese norm IEC/EN 60974−1 en EN 50199. Na onderhoud− of reparatiewerkzaamheden dient de uitvoerende instantie erop toe te zien dat het product nog steeds
voldoet aan de bovengenoemde norm.
Reserveonderdelen kunt u bestellen via de ESAB−dealer. Zie de laatste pagina van
deze publicatie.
dpb1d1ha
− 16 −
Schema
dpb1e11a
− 17 −
Edition 031110
DTE 255
Bestelnummer
Ordering no.
Denomination
Type
Notes
0301 035 880 Welding power source
DTE 255
with central connection for the TIG torch
0301 035 881 Welding power source
DTE 255
with OKC connection for the TIG torch
0457 784 990 Spare part list
DTE 255
dpb1o11a
− 18 −
Edition 031110
DTE 255
Reserveonderdelenlijst
Item
Qty
Ordering no.
1
1
0301 028 001
Grill
2
1
0301 054 001
Filter
3
3
0441 819 001
Screw
4
1
0301 027 001
Grill
5
1
0301 053 001
Filter
dpb1s
Denomination
− 19 −
Edition 031110
DTE 255
Accessoires
Trolley (with room for gas bottle) . . . . . . . . . . . . 0301 100 880
Return cable . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 0369 857 888
Foot control FS 002 . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 0349 090 886
Cooling unit OCF 2D . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 0457 216 881
TIG torches
HW 26 R, 4 m with OKC connection . . . . . . . . .
HW 26 R, 4 m with central connection . . . . . . .
HW 20, 4 m with OKC connection . . . . . . . . . . .
HW 20, 4 m with central connection . . . . . . . . .
dpb1a11a
− 20 −
0588 000 738
0588 000 740
0588 000 744
0588 000 746
Edition 031110
document
− 21 −
ESAB subsidiaries and representative offices
Europe
AUSTRIA
ESAB Ges.m.b.H
Vienna−Liesing
Tel: +43 1 888 25 11
Fax: +43 1 888 25 11 85
BELGIUM
S.A. ESAB N.V.
Brussels
Tel: +32 2 745 11 00
Fax: +32 2 726 80 05
THE CZECH REPUBLIC
ESAB VAMBERK s.r.o.
Prague
Tel: +420 2 819 40 885
Fax: +420 2 819 40 120
DENMARK
Aktieselskabet ESAB
Copenhagen−Valby
Tel: +45 36 30 01 11
Fax: +45 36 30 40 03
FINLAND
ESAB Oy
Helsinki
Tel: +358 9 547 761
Fax: +358 9 547 77 71
FRANCE
ESAB France S.A.
Cergy Pontoise
Tel: +33 1 30 75 55 00
Fax: +33 1 30 75 55 24
GERMANY
ESAB GmbH
Solingen
Tel: +49 212 298 0
Fax: +49 212 298 204
GREAT BRITAIN
ESAB Group (UK) Ltd
Waltham Cross
Tel: +44 1992 76 85 15
Fax: +44 1992 71 58 03
ESAB Automation Ltd
Andover
Tel: +44 1264 33 22 33
Fax: +44 1264 33 20 74
HUNGARY
ESAB Kft
Budapest
Tel: +36 1 20 44 182
Fax: +36 1 20 44 186
ITALY
ESAB Saldatura S.p.A.
Mesero (Mi)
Tel: +39 02 97 96 81
Fax: +39 02 97 28 91 81
THE NETHERLANDS
ESAB Nederland B.V.
Utrecht
Tel: +31 30 248 59 22
Fax: +31 30 248 52 60
NORWAY
AS ESAB
Larvik
Tel: +47 33 12 10 00
Fax: +47 33 11 52 03
POLAND
ESAB Sp.z.o.o
Warszaw
Tel: +48 22 813 99 63
Fax: +48 22 813 98 81
PORTUGAL
ESAB Lda
Lisbon
Tel: +351 1 837 1527
Fax: +351 1 859 1277
SLOVAKIA
ESAB Slovakia s.r.o.
Bratislava
Tel: +421 7 44 88 24 26
Fax: +421 7 44 88 87 41
SPAIN
ESAB Ibérica S.A.
Alcobendas (Madrid)
Tel: +34 91 623 11 00
Fax: +34 91 661 51 83
SWEDEN
ESAB Sverige AB
Gothenburg
Tel: +46 31 50 95 00
Fax: +46 31 50 92 22
ESAB International AB
Gothenburg
Tel: +46 31 50 90 00
Fax: +46 31 50 93 60
SWITZERLAND
ESAB AG
Dietikon
Tel: +41 1 741 25 25
Fax: +41 1 740 30 55
North and South America
Asia/Pacific
CHINA
Shanghai ESAB A/P
Shanghai
Tel: +86 21 6539 7124
Fax: +86 21 6543 6622
INDIA
ESAB India Ltd
Calcutta
Tel: +91 33 478 45 17
Fax: +91 33 468 18 80
INDONESIA
P.T. Esabindo Pratama
Jakarta
Tel: +62 21 460 01 88
Fax: +62 21 461 29 29
MALAYSIA
ESAB (Malaysia) Snd Bhd
Selangor
Tel: +60 3 703 36 15
Fax: +60 3 703 35 52
SINGAPORE
ESAB Singapore Pte Ltd
Singapore
Tel: +65 861 43 22
Fax: +65 861 31 95
ESAB Asia/Pacific Pte Ltd
Singapore
Tel: +65 861 74 42
Fax: +65 863 08 39
Representative offices
BULGARIA
ESAB Representative Office
Sofia
Tel/Fax: +359 2 974 42 88
EGYPT
ESAB Egypt
Dokki−Cairo
Tel: +20 2 390 96 69
Fax: +20 2 393 32 13
ROMANIA
ESAB Representative Office
Bucharest
Tel/Fax: +40 1 322 36 74
RUSSIA−CIS
ESAB Representative Office
Moscow
Tel: +7 095 937 98 20
Fax: +7 095 937 95 80
ESAB Representative Office
St Petersburg
Tel: +7 812 325 43 62
Fax: +7 812 325 66 85
Distributors
For addresses and phone
numbers to our distributors in
other countries, please visit our
home page
www.esab.com
SOUTH KOREA
ESAB SeAH Corporation
Kyung−Nam
Tel: +82 551 289 81 11
Fax: +82 551 289 88 63
UNITED ARAB EMIRATES
ESAB Middle East
Dubai
Tel: +971 4 338 88 29
Fax: +971 4 338 87 29
ARGENTINA
CONARCO
Buenos Aires
Tel: +54 11 4 753 4039
Fax: +54 11 4 753 6313
BRAZIL
ESAB S.A.
Contagem−MG
Tel: +55 31 3369 4333
Fax: +55 31 3369 4440
CANADA
ESAB Group Canada Inc.
Missisauga, Ontario
Tel: +1 905 670 02 20
Fax: +1 905 670 48 79
MEXICO
ESAB Mexico S.A.
Monterrey
Tel: +52 8 350 5959
Fax: +52 8 350 7554
USA
ESAB Welding & Cutting Products
Florence, SC
Tel: +1 843 669 44 11
Fax: +1 843 664 44 58
ESAB AB
SE−695 81 LAXÅ
SWEDEN
Phone +46 584 81 000
www.esab.com
031021
Was this manual useful for you? yes no
Thank you for your participation!

* Your assessment is very important for improving the work of artificial intelligence, which forms the content of this project

Download PDF

advertising