ProForm PETL38817 105 CST TREADMILL Handleiding

ProForm PETL38817 105 CST TREADMILL Handleiding
Modelnr. PETL38817.2
Serienummer
Schrijf het serienummer in het vakje
hierboven voor latere naslag.
GEBRUIKERSHANDLEIDING
Sticker met
Serienummer
KLANTENDIENST
Neem contact op met de Klantendienst (zie informatie hieronder) of
neem contact op met de winkel waar
u dit product gekocht heeft wanneer
u nog vragen heeft of wanneer er
onderdelen ontbreken of beschadigd
zijn.
4021 529 7186
Maandag–Vrijdag 08:00–20:00
GMT; Zaterdag 09:00–13:00 GMT
Website:
iconsupport.eu
Email:
csuk@iconeurope.com
OPGELET
Lees alle instructies en voorzorgsmaatregelen in deze
handleiding door voordat u dit
apparaat gaat gebruiken. Bewaar
deze handleiding voor verdere
raadpleging.
iconeurope.com
INHOUDSOPGAVE
PLAATSING WAARSCHUWINGSSTICKER . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 2
BELANGRIJKE VOORZORGSMAATREGELEN . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 3
VOORDAT U BEGINT . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5
ONDERDEEL IDENFICATIESCHEMA . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 6
MONTAGE. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 7
HOE DE LOOPBAND TE GEBRUIKEN . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 10
HOE DE LOOPBAND IN TE KLAPPEN EN TE VERPLAATSEN . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 19
ONDERHOUD EN OPLOSSEN VAN PROBLEMEN . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 20
RICHTLIJNEN VOOR HET OEFENEN . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 23
LIJST MET ONDERDELEN. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 24
GEDETAILLEERDE TEKENING . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 25
HET BESTELLEN VAN ONDERDELEN . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Achterzijde
INFORMATIE OVER RECYCLING . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Achterzijde
PLAATSING WAARSCHUWINGSSTICKER
De hier afgebeelde waarschuwingssticker
wordt meegeleverd bij dit product. Bevestig de
waarschuwingssticker bovenop de Engelse
waarschuwing op de aangegeven locatie. Deze
tekening toont de locatie van de waarschuwingssticker. Bel, wanneer een sticker ontbreekt of
niet leesbaar is, het nummer op de voorkant
van deze handleiding en vraag om een gratis
vervangende sticker. Plak de sticker op de
aangegeven plaats. Let op: De sticker wordt
mogelijk niet op ware grootte weergegeven.
PROFORM en iFit zijn gedeponeerd handelsmerken van ICON Health & Fitness, Inc. App store is een handelsmerk van Apple Inc., geregistreerd in de VS en andere landen. Android en Google Play zijn handelsmerken van
Google LLC. Het woordmerk BLUETOOTH® en de logo’s zijn geregistreerde handelsmerken van Bluetooth SIG,
Inc. en in licentie worden gebruikt. IOS is een handelsmerk of geregistreerd handelsmerk van Cisco in de VS en
in andere landen en worden in licentie gebruikt.
2
BELANGRIJKE VOORZORGSMAATREGELEN
WAARSCHUWING:
Lees alle belangrijke voorzorgsmaatregelen en instructies in
deze handleiding en alle waarschuwingen op uw loopband voordat u deze gebruikt om het risico op
brandwonden, brand, elektrische schok of ernstig letsel aan personen te verminderen. ICON is niet
verantwoordelijk voor persoonlijk letsel of schade door het gebruik van dit product.
1. Het is de verantwoordelijkheid van de eigenaar om zich ervan te vergewissen dat alle
gebruikers van de loopband voldoende op de
hoogte zijn van alle waarschuwingen en alle
voorzorgsmaatregelen.
10. De loopband zou niet door personen die
meer dan 115 kg wegen gebruikt mogen
worden.
11. Laat nooit meer dan één persoon tegelijkertijd op de loopband.
2. Raadpleeg uw huisarts voordat u met dit
of enig ander oefenprogramma begint. Dit
is vooral belangrijk voor personen boven
de 35 jaar, of personen met bestaande
gezondheidsproblemen.
12. Draag juiste kleding bij gebruik van de
loopband. Draag geen losse kleding die in
de loopband verstrikt kan raken. Atletische
ondersteunende kleding wordt zowel voor
mannen als voor vrouwen aanbevolen. Draag
altijd sportschoenen. Gebruik de loopband
nooit op blote voeten, nooit op sokken, of
met sandalen.
3. Het is niet de bedoeling dat de loopband
wordt gebruikt door mensen met mentale,
sensitieve of fysieke beperkingen of gebrek
aan ervaring en kennis, tenzij zij onder
supervisie of instructie staan betreffende het
gebruik van de loopband door iemand die
verantwoordelijk is voor hun veiligheid.
13. Steek de stekker alleen in een geaard stopcontact (zie bladzijde 10). Geen enkel ander
apparaat mag op dezelfde groep aangesloten
zijn.
4. Gebruik de loopband alleen zoals
beschreven.
14. Mocht een verlengsnoer nodig zijn gebruik
dan alleen een 3 conductor, 2 mm2 snoer van
maximaal 1,5 m.
5. De loopband is alleen voor gebruik in huis
bedoeld. Gebruik de loopband niet commercieel, niet voor verhuur of in een instelling.
15. Houd het stroomsnoer uit de buurt van verwarmde oppervlakken.
6. Gebruik de loopband uitsluitend binnenshuis
en uit de buurt van vocht en stof. Plaats de
loopband niet in een garage, op een overdekt
terras of bij water.
16. Loop nooit op de loopband wanneer het
apparaat uitgeschakeld is. Gebruik de loopband niet wanneer het elektrische snoer of
de stekker beschadigd is. Gebruik de loopband niet wanneer deze niet goed werkt.
(Zie ONDERHOUD EN OPLOSSEN VAN
PROBLEMEN op bladzijde 20 als de loopband
niet goed werkt.)
7. Plaats de loopband op een vlakke ondergrond met minstens 2,4 m ruimte rondom,
ruimte achter de loopband en 0,6 m ruimte
aan iedere kant van de loopband. Zorg ervoor
dat de loopband geen enkele luchtopening
blokkeert. Leg een matje onder de loopband om de vloer of de vloerbedekking te
beschermen.
17. Lees de noodstop procedure grondig door
en test deze voordat u de loopband gaat
gebruiken (raadpleeg HET APPARAAT
INSCHAKELEN op bladzijde 12). Draag altijd
de clip tijdens het gebruik van de loopband.
8. Gebruik de loopband niet daar waar spuitbussen gebruikt worden of waar zuurstof
beheerd wordt.
18. Sta altijd op de voetleuningen wanneer de
loopband wordt gestart of gestopt. Houd bij
gebruik van de loopband de handleuningen
altijd vast.
9. Houd te allen tijde kinderen jonger dan 13
jaar en huisdieren bij de loopband vandaan.
3
19. Als een persoon op de loopband loopt,
zal het geluidsniveau van de loopband
toenemen.
25. Zorg ervoor dat de opbergvergrendeling het
onderstel stevig in de opbergstand houdt tijdens het inklappen of het verplaatsen van de
loopband. Gebruik de loopband niet als deze
is ingevouwen.
20. Houd vingers, haar en kleding weg van de
bewegende loopband.
26. Verander de helling van de loopband niet
door voorwerpen onder de loopband te
plaatsen.
21. De loopband kan hoge snelheden bereiken.
Stel de snelheid geleidelijk af om schokkende
versnellingen te voorkomen.
27. Steek geen enkel voorwerp in welke opening
van de loopband dan ook.
22. De hartslagmonitor is geen medisch instrument. Verschillende factoren, waaronder
bewegingen van de gebruiker, kunnen de
nauwkeurigheid van de hartslagmetingen
beïnvloeden. De hartslagmonitor dient
slechts om de hartslag globaal te meten, als
hulpmiddel bij het oefenen.
28. Controleer steeds bij gebruik alle onderdelen
van de loopband en draai ze goed vast.
29.
GEVAAR: Trek de stekker altijd direct
na gebruik van de loopband uit het stopcontact. Doe dit ook bij het schoonmaken van
de loopband, voor het plegen van onderhoud
en voor het afstellen zoals staat beschreven in deze handleiding. Verwijder nooit de
motorkap tenzij een technicus dat aangeeft.
Onderhoud, anders dan de procedures in
deze handleiding, dient uitsluitend door een
erkende onderhoudsmonteur uitgevoerd te
worden.
23. Laat de loopband nooit zonder toezicht
ronddraaien. Verwijder altijd de sleutel, zet
de stroomschakelaar in de stand Off (uit)
(zie tekening op bladzijde 5 voor de locatie van de stroomschakelaar), en haal het
stroomsnoer uit het stopcontact als de loopband niet wordt gebruikt.
24. Voltooi eerst de montage van de loopband
voordat u hem verplaatst. (Zie MONTAGE op
bladzijde 7 en DE LOOPBAND INKLAPPEN
EN VERPLAATSEN op bladzijde 19). U moet
in staat zijn om 20 kg veilig op te kunnen
tillen om de loopband te verplaatsen.
30. Te veel oefeningen doen kan leiden tot
ernstig letsel of de dood. Stop onmiddellijk
en begin met af te koelen als u tijdens het
oefenen uitgeput raakt, kortademig wordt of
pijn voelt.
BEWAAR DEZE INSTRUCTIES
4
VOORDAT U BEGINT
Dank u dat u heeft gekozen voor de nieuwe
PROFORM® 105 CST loopband. De 105 CST loopband biedt een reeks functies die zijn ontwikkeld
om uw oefeningen effectiever te maken. Als u geen
oefeningen doet, kunt u deze unieke loopband opvouwen, waardoor deze minder dan de helft van de ruimte
inneemt van andere loopbanden.
mocht u nog vragen hebben nadat u de handleiding
hebt doorgelezen. Noteer het productmodelnummer en het serienummer voordat u contact met ons
opneemt, zodat wij u beter van dienst kunnen zijn.
De plaats waar u de sticker van het modelnummer en
het serienummer kunt vinden wordt op de kaft van de
handleiding aangegeven.
Lees, voor uw welzijn, deze handleiding zorgvuldig door voordat u de loopband begint te
gebruiken. Raadpleeg de kaft van deze handleiding
Voordat uw verder gaat met lezen, bekijk a.u.b. de
volgende tekening aandachtig om bekend te raken met
de verschillende onderdelen.
Accessoireshouder
Lengte: 163 cm
Breedte: 76 cm
Gewicht: 53 kg
Bedieningspaneel
Handleuning
Sleutel/Clip
Motorkap
Stroomschakelaar
Band
Voetleuning
Wiel
Kussen van het Loopvlak
Hellingvoet
Afstelschroeven van
de Spanrol
5
ONDERDEEL IDENFICATIESCHEMA
Gebruik de onderstaande tekeningen om kleine onderdelen te herkennen. Het getal tussen haakjes onder iedere
tekening is het nummer van het onderdeel van de LIJST MET ONDERDELEN aan het eind van deze handleiding.
Het nummer naast het sleutelnummer is de hoeveelheid die nodig is voor de montage. Let op: Als een onderdeel zich niet in de hardwareset bevindt, controleert u of deze al vooraf is gemonteerd. Er kunnen extra
onderdelen zijn meegeleverd.
M4,2 x 19mm
Schroef (3)–4
M10 x 20mm Schroef
(24)–2
M10 x 48mm Schroef (2)–4
M10 x 60mm Schroef (1)–2
6
MONTAGE
• De montage moet door twee personen uitgevoerd
worden.
• Linker onderdelen worden met “L” of “Left” aangegeven en rechter onderdelen worden met “R”
of “Right” aangegeven.
• Leg alle onderdelen op een open plek en verwijder het verpakkingsmateriaal. Gooi het
verpakkingsmateriaal niet weg tot u volledig klaar
bent met de montage.
• Voor de montage heeft u het volgende gereedschap nodig:
de meegeleverde inbussleutels
• Er kan na verzending een vettige substantie
op de buitenkant van de loopband zitten. Dit is
normaal. Mocht er wat vet op de bovenkant van
de loopband bevinden, veeg dit dan weg met
een zachte doek en een mild, niet-schurend
reinigingsmiddel.
één instelbare sleutel
één Philips schroevendraaier
Om schade aan de onderdelen te vermijden, dient u nooit elektrisch gereedschap te
gebruiken.
• Voor het vaststellen van de kleine onderdelen,
kijkt u op bladzijde 6.
1. Ga naar iconsupport.eu op uw computer en
registreer uw product.
1
• documenteert uw eigendom
• activeert uw garantie
• garandeert eersteklas klantenondersteuning
als u ooit hulp nodig heeft
Let op: Indien u geen toegang tot internet heeft,
bel dan met de Klantenservice (zie de kaft van
deze handleiding) en registreer uw product.
2. Zorg dat het stroomsnoer niet op het stopcontact is aangesloten.
2
76
Breng de Staander (76) voorzichtig omlaag
met behulp van een tweede persoon, zoals
afgebeeld.
Draai vervolgens een M10 x 60mm Schroef (1)
en een M10 x 20mm Schroef (24) in de Basis
(85) en in de rechter Staander (76) zoals afgebeeld; draai de Schroeven nog niet volledig
vast.
1
24
Herhaal deze stap aan de linkerkant van de
loopband (niet afgebeeld).
Maak vervolgens alle vier Schroeven (1, 24)
vast.
85
7
3. Bevestig de Linker- en Rechterhandleuning (71,
72) aan de Staanders (76) met vier M10 x 48mm
Schroeven (2); draai alle vier de schroeven
aan en draai ze vast.
3
2
71
72
2
76
4. Houd de bedieningspaneelsmodule (A) met
hulp van een tweede persoon dichtbij de
Staanders (76).
4
A
Steek het Draad van de Staander (78) en de
Aardingsdraad (28) door de draadlus (B) aan de
achterkant van de bedieningspaneelmodule (A).
D
Zie de inzet-tekening. Verbind de Draad van de
Staander (78) aan het bedieningspaneeldraad
(C) en sluit de Aardingsdraad (28) aan op de
aardingsdraad van het bedieningspaneel (D).
De connectoren zouden makkelijk samen
moeten glijden en op hun plaats moeten
klikken. Draai aan een van de connectoren en
probeer het opnieuw als dit niet gebeurt. ALS
U DE VERBINDINGSSTUKKEN NIET GOED
VERBINDT, KAN HET BEDIENINGSPANEEL
BESCHADIGD RAKEN ALS DE STROOM
WORDT AANGEZET.
C
28
B
78
76
C
78
5. Bevestig de bedieningspaneelmodule (A)
aan de Staanders (76) en de Linker- en de
Rechterhandleuning (71, 72) met vier M4,2 x
19mm Schroeven (3); draai alle vier Schroeven
aan en zet ze dan vast. Zorg ervoor dat de
draden niet bekneld raken.
5
A
B
Steek de connectors op de draden (C, D, 78, 28)
vervolgens in de bedieningspaneelmodule (A).
Trek vervolgens de binddraad (B) rond de Draad
van de Staander (78) en snij het einde van de
binddraad af.
71
78, 28
C,D
76
3
8
72
3
6. Til het Onderstel (55) rechtop. Laat een tweede
persoon het Onderstel vasthouden totdat
stap 7 voltooid is.
6
E
Verwijder de M8 Moer (33) en de M8 x 32mm
Bout (7) uit de beugel op de Basis (85).
55
Draai vervolgens de Opbergvergrendeling (77)
zoals afgebeeld.
77
Bevestig het onderste uiteinde van de
Opbergvergrendeling (77) aan beugel op de
Basis (85) met een M8 x 32mm Bout (7) en een
M8 Moer (33).
Til de Opbergvergrendeling (77) vervolgens
naar een verticale stand en verwijder de
draadband (E).
33
7. Verwijder de M8 Moer (33) en de M8 x 52mm
Bout (8) uit de beugel op het Onderstel (55).
85
7
7
Lijn het bovenste uiteinde van de Opbergvergrendeling (77) uit met de beugel op het
Onderstel (55) en steek de M8 x 52mm Bout
(8) door de beugel en de Opbergvergrendeling.
Hierdoor wordt een tussenstuk (F) uit de
Opbergvergrendeling geduwd; gooi het tussenstuk weg.
33
55
8
55
F
77
Draai vervolgens de M8 Moer (33) op de M8 x
52mm Bout (8). Draai de Moer niet te vast;
de Opbergvergrendeling (77) moet kunnen
draaien.
Breng het Onderstel (55) omlaag (zie HOE DE
LOOPBAND NEER TE LATEN VOOR GEBRUIK
op bladzijde 19).
8. Zorg dat alle delen goed vastzitten voordat u de loopband gebruikt. Plaats een mat onder de loopband
om de vloer of het vloerkleed te beschermen. Houd de loopband weg uit direct zonlicht om schade aan de
loopband te voorkomen. Berg de meegeleverde inbussleutel op een veilige plaats op. Een van de inbussleutels wordt gebruikt om de loopband mee af te stellen (zie bladzijden 21 en 22). Let op: Er kunnen extra
onderdelen zijn meegeleverd.
9
HOE DE LOOPBAND TE GEBRUIKEN
HOE DE SNOER IN STOPCONTACT TE STEKEN
Volg deze stappen om de snoer in stopcontact te
steken.
De snoer moet geaard zijn. Als het niet goed functioneert geeft de aarding de laagste weerstandspad voor
de elektriciteit om zodoende het risico van elektrische
schok te verminderen. Een snoer en een geaarde
stekker zijn bijgeleverd. BELANGRIJK: Als het snoer
beschadigd is moet u het vervangen voor een door
de fabrikant aanbevolen snoer.
1. Steek het aangegeven uiteinde van het snoer in
het stopcontact van de onderstel.
Stopcontact van
de Onderstel
GEVAAR:
Een verkeerd stopcontact (zonder aarde) kan tot een elektrische
schok leiden. Laat een elektriciën de aarding
nakijken als u niet zeker weet of het stopcontact goed geaard is. Breng geen wijzigingen
aan de stekker van het apparaat aan. Laat een
elektriciën een nieuwe stekker monteren als
de stekker niet in het stopcontact past.
Snoer
2. Steek het snoer in een goed geinstalleerd en
geaard stopcontact die overeenkomt met alle
plaatselijke regelingen.
Stopcontact
10
DIAGRAM VAN HET BEDIENINGSPANEEL
Duimhartslagmonitor
Sleutel
Clip
DE WAARSCHUWINGSSTICKER OPPLAKKEN
gebruiken om uw oefening-informatie vast te leggen en
bij te houden.
Zoek de Engelse waarschuwingen op het bedieningspaneel. U vindt dezelfde waarschuwingen in
andere talen op het meegeleverde stickervel. Plak
de waarschuwingssticker in het Nederlands op het
bedieningspaneel.
Om het apparaat aan te zetten, zie bladzijde 12. Om
de handmatige instelling te gebruiken, zie bladzijde
12. Voor gebruik van een vooraf ingestelde oefening, zie bladzijde 14. Om uw tablet aan te sluiten
op het bedieningspaneel, zie bladzijde 15. Om
uw hartslagmonitor aan te sluiten op het bedieningspaneel, zie bladzijde 16. Voor gebruik van de
instellingenmodus, zie bladzijde 16. Voor het kalibreren van het hellingsysteem van de loopband, zie
bladzijde 18.
FUNCTIES VAN HET BEDIENINGSPANEEL
Het bedieningspaneel van de loopband biedt een reeks
functies die zijn ontwikkeld om uw oefeningen effectiever te maken. De snelheid van de loopband kan,
wanneer de handmatige instelling gekozen wordt, door
een druk op een toets veranderd worden. Tijdens de
oefening zal het bedieningspaneel doorlopende feedback over uw oefening geven. U kunt zelfs uw hartslag
meten door gebruik te maken van de ingebouwde
duimhartslagmonitor of door middel van een geschikte
hartslagmonitor. Zie bladzijde 18 voor informatie
over het kopen van een borstkas-hartslagmonitor.
BELANGRIJK: Als er een velletje plastic op het
bedieningspaneel zit, verwijder dat dan. Draag
alleen schone trainingsschoenen wanneer u
de loopband gebruikt om beschadiging aan het
loopvlak te voorkomen. Bekijk de eerste keer dat
u de loopband gebruikt, de uitlijning van de band
en leg, indien nodig, de band in het midden (zie
bladzijde 22).
Het bedieningspaneel biedt ook een selectie vooraf
ingestelde oefeningen die zijn ontwikkeld om u te
helpen bij het verbranden van calorieën en uw hart- en
vaatsysteem versterken. Elke oefening beheert automatisch de snelheid van de loopband als het u door
een effectieve oefening begeleidt.
Let op: Het bedieningspaneel kan de snelheid en de
afstand in kilometers of mijlen weergeven. Zie DE
INSTELLINGENMODUS op bladzijde 16 om te ontdekken welk meeteenheid gekozen is. Druk op de toets
St/Met (standaard/metrisch) om de meeteenheid te
wijzigen.
U kunt ook uw tablet op het bedieningspaneel aansluiten en een iFit®–Smart Cardio Equipment app
11
HET APPARAAT INSCHAKELEN
DE HANDMATIGE INSTELLING GEBRUIKEN
BELANGRIJK: Laat, wanneer de loopband aan
koude temperaturen blootgesteld is geweest, de
loopband tot kamertemperatuur komen voordat u
de elektriciteit inschakelt. Als u dit niet doet, kunt u
het bedieningspaneel of andere elektrische componenten beschadigen.
1. Plaats de sleutel in het bedieningspaneel.
Zie HET APPARAAT INSCHAKELEN aan de
linkerkant.
2. Kies de handmatige instelling.
Steek de stekker van het
stroomsnoer in het stopcontact (zie bladzijde 10). Zoek
vervolgens naar de stroomResetten
schakelaar op het onderstel
van de loopband bij het
stroomsnoer. Zorg ervoor
dat de schakelaar in de resetstand is.
Wanneer de sleutel wordt ingestoken dan zal de
handmatige instelling worden gekozen. Indien u
een oefening heeft geselecteerd, drukt u op de
toets Manual Control (handmatige bediening). Er
moeten alleen nullen verschijnen op het display.
3. Start de loopband.
Om de loopband te starten drukt u op de toets Start
of op een van de toetsen Quick Speed (directe
snelheid).
BELANGRIJK: Het bedieningspaneel kan zijn uitgerust met een displaydemostand, die ontwikkeld
is voor gebruik als de loopband wordt geëtaleerd
in een winkel. Als de displays oplichten als het
stroomsnoer wordt ingestoken en de stroomschakelaar in de resetstand is gezet, gaat de demostand
aan. Houd de toets Stop enkele lang seconden
ingedrukt om de demo instelling uit te schakelen.
Zie DE INSTELLINGENMODUS op bladzijde 16 om
de demo instelling uit te schakelen wanneer de
displays blijven branden.
Indien u drukt op de toets Start, zal de loopband
beginnen te bewegen met een snelheid van 2
km/u. U kunt tijdens het oefenen de snelheid van
de loopband naar wens veranderen door op de
toenametoets of afnametoets Speed (snelheid) te
drukken. Steeds als u een van de toetsen indrukt
zal de snelheidsinstelling met kleine stapjes veranderen; indien u de toets ingedrukt houdt, verandert
de snelheidsinstelling steeds sneller.
Ga vervolgens op de voetleuningen van de loopband
staan. Zoek naar de clip die aan de sleutel vastzit en
schuif de clip aan de tailleband van uw kleding (zie
de tekening op bladzijde 11). Plaats de sleutel in het
bedieningspaneel. Kort daarna zal de display oplichten. BELANGRIJK: Bij een noodsituatie kunt u aan
de sleutel van het bedieningspaneel trekken, zodat
de loopband vertraagt en tot stilstand komt. Test
de clip door voorzichtig een paar stappen achteruit
te zetten totdat de sleutel uit het bedieningspaneel
wordt getrokken. Als de sleutel niet uit het bedieningspaneel komt, stel dan de lengte van de clip
bij.
Indien u drukt op een van de toetsen Quick
Speed, zal de snelheid van de loopband geleidelijk
aangepast worden tot het de gewenste snelheidsinstelling bereikt.
Om de loopband te stoppen, druk op de toets Stop.
De tijd zal op de display knipperen. Om de loopband opnieuw te starten, druk op de toets Start, de
toenametoets Speed of een van de toetsen Quick
Speed.
12
4. Volg uw vordering op de display.
Scanmodus – Het bedieningspaneel heeft ook een
scanmodus waarmee oefeninginformatie in een
herhalingscyclus wordt getoond. Om de scanmodus aan te zetten, drukt u op de toets Scan (B); de
scan-indicator (D) zal op het display aangaan.
De display kan de volgende oefeninginformatie
bevatten:
CALS (calorieën) – Wanneer de handmatige
instelling en de meeste vooraf ingestelde oefeningen worden gekozen zal deze display het
geschatte aantal calorieën dat u verbrand heeft
aangeven. Wanneer calorie-oefeningen worden
gekozen, zal deze display het geschatte aantal
calorieën dat u nog moet verbranden met de oefening aangeven.
D
Om de scancyclus handmatig verder te laten
gaan, drukt u herhaaldelijk op de toets Scan.
CALS/HR (calorieën per uur) – Het geschatte
aantal calorieën dat u per uur verbrandt.
Om de scanmodus uit te zetten, drukt u op de
toets Next Display; de scanindicator gaat dan uit.
MI of KI (afstand) – De afstand die u in mijlen of
kilometers heeft gelopen of gerend. Druk op de
toets St/Met (standaard/metrisch) om de meeteenheid te wijzigen.
U kunt de scanmodus ook aanpassen om alleen
de gewenste oefeninginformatie in een herhalende
cyclus te zien.
Pace (tempo) – Uw snelheid in minuten per mijl of
minuten per kilometer. Druk op de toets St/Met om
de meeteenheid te wijzigen.
Om de scanmodus aan te passen, drukt u eerst
herhaaldelijk op de toets Next Display tot de oefeninginformatie die u wilt toevoegen of verwijderen
uit de scancyclus in de display verschijnt.
BPM en hartsymbool (hartslag) – Uw hartslag
als u de hartslagmonitor met handgreep gebruikt of
een geschikte borstkashartslagmonitor (zie stap 5
op bladzijde 14).
MPH of KPH (snelheid) – Uw trapsnelheid in mijlen of kilometers per uur. Druk op de toets St/Met
om de meeteenheid te wijzigen.
Druk vervolgens op de toets Add/Remove
(toevoegen/verwijderen) (C) om oefeninginformatie toe te voegen aan of te verwijderen uit de
scancyclus. Wanneer oefeninginformatie wordt
toegevoegd, zal de indicator ervan aan gaan in
de display. Wanneer oefeninginformatie wordt
verwijderd, zal de indicator uitgaan.
Time (tijd) – In de manuele instelling toont deze
weergave de verstreken tijd.
Druk vervolgens op de toets Scan om de scanmodus aan te zetten.
Druk herhaaldelijk op
de toets Next Display
(volgende display)
(A) om de gewenste
oefeninginformatie op
de display te zien.
Om de display te resetten drukt u twee keer op de
toets Stop, haalt u de sleutel eruit en steekt u de
sleutel er weer in.
B
A
C
13
5. Meet desgewenst uw hartslag.
EEN VOORAF INGESTELDE OEFENING
GEBRUIKEN
U kunt uw hartslag meten door gebruik te maken
van de ingebouwde duimhartslagmonitor of door
middel van een geschikte borstkas-hartslagmonitor.
Zie bladzijde 18 voor informatie over het kopen
van een optionele borstkas-hartslagmonitor.
1. Plaats de sleutel in het bedieningspaneel.
Zie HET APPARAAT INSCHAKELEN op
bladzijde 12.
Het bedieningspaneel is compatibel met alle
BLUETOOTH® Smart hartslagmonitoren. Om
uw hartslagmonitor aan te sluiten op het bedieningspaneel, zie bladzijde 16.
2. Kies een vooraf ingestelde oefening.
Druk herhaaldelijk op de toets Calorie Workouts
(calorieoefeningen) voor een vooraf ingestelde oefening totdat de gewenste oefening op het scherm
verschijnt.
Let op: Wanneer u beide hartslagmonitoren
tegelijkertijd gebruikt dan zal de BLUETOOTH
Smart hartslagmonitor prioriteit krijgen.
Een paar seconden nadat u een oefening heeft geselecteerd verschijnt het geschatte aantal calorieën
dat u zult verbranden en de maximum snelheidsinstelling van de oefening in de display gedurende
een paar seconden.
Om uw hartslag te meten,
gaat u op de voetleuningen staan en plaatst u uw
duim op de hartslagmonitor.
Druk niet te hard, anders
zal de bloedsomloop in
uw duim verminderen en
wordt uw hartslag mogelijk niet gemeten. Als
uw hartslag is gedetecteerd, knippert het kleine
hartsymbool op de display en wordt daarna uw
hartslag getoond. Plaats uw duim minstens 15
seconden lang op de hartslagmonitor voor de
meest nauwkeurige hartslagwaarde.
3. Start de loopband.
Druk op de toets Start. Even nadat u op de toets
heeft gedrukt, zal de loopband zich automatisch
aanpassen aan de eerste snelheidsinstelling van
de oefening. Houd de handleuningen vast en begin
te lopen.
Elk oefening is onderverdeeld in verschillende caloriedoel segmenten. Voor elk segment is één snelheidsinstelling geprogrammeerd. Let op: Dezelfde
snelheidsinstelling kan voor opeenvolgende segmenten geprogrammeerd worden.
Til uw duim een paar seconden op en plaats uw
duim weer op de hartslagmonitor als de aangegeven hartslag te hoog of te laag is, of als de hartslag
niet aangegeven kan worden. Vergeet niet stil te
staan tijdens het meten van uw hartslag.
Als een andere snelheid is geprogrammeerd voor
het volgende onderdeel, dan zal de snelheid knipperen in de display om u te waarschuwen. De
loopband past automatisch de snelheidsinstelling
aan die is geprogrammeerd voor het volgende onderdeel.
6. Verwijder de sleutel uit het bedieningspaneel
wanneer u klaar bent met oefenen.
Ga op de voetleuningen staan en druk op de toets
Stop. Haal vervolgens de sleutel uit het bedieningspaneel en bewaar deze op een veilige plek.
De oefening zal zo door gaan tot het laatste
segment eindigt. De band zal dan langzaam tot
stilstand komen.
Wanneer u klaar bent met de loopband te gebruiken, zet u de stroomschakelaar in de stand Off
(uit) en neemt u het snoer uit het stopcontact.
BELANGRIJK: Als u dit niet doet, kunnen de
elektrische onderdelen van de loopband voortijdig slijten.
14
Indien de snelheids- of hellingsinstelling voor het
huidige onderdeel te hoog of te laag staat, dan
kunt u de instelling handmatig overschrijven door
te drukken op de toetsen Speed (snelheid), als het
huidige segment van de oefening eindigt, dan
zal de loopband zich automatisch aanpassen
aan de snelheid- en hellinginstellingen voor het
volgende onderdeel.
UW TABLET OP HET BEDIENINGSPANEEL
AANSLUITEN
Druk op de toets Stop om de oefening op enig
moment te stoppen. Druk op de toets Start om de
oefening te hervatten. De loopband zal met een
snelheid van 2 km/u beginnen te draaien. Echter,
als het volgende onderdeel van de oefening begint,
zal de loopband zich automatisch aanpassen aan
de snelheidsinstelling voor dat onderdeel.
1. Download en installeer de iFit–Smart Cardio
Equipment app op uw tablet.
Het bedieningspaneel ondersteunt BLUETOOTHverbindingen naar tablets via de iFit–Smart Cardio
Equipment app en naar compatibele hartslagmonitoren. Let op: Andere BLUETOOTH-verbindingen worden
niet ondersteund.
Open op uw iOS® of Android™ tablet, de App
Store℠ of de Google Play™ store, zoek naar
de gratis iFit–Smart Cardio Equipment app, en
installeer dan de app op uw tablet. Zorg ervoor
dat de optie BLUETOOTH op uw tablet is
ingeschakeld.
4. Volg uw vordering op de display.
Zie stap 4 op bladzijde 13.
Open dan de iFit–Smart Cardio Equipment app
en volg de instructies om een iFit-account aan te
maken en instellingen aan te passen.
5. Meet desgewenst uw hartslag.
Zie stap 5 op bladzijde 14.
2. Sluit uw hartslagmonitor indien gewenst aan op
het bedieningspaneel.
6. Verwijder de sleutel uit het bedieningspaneel
wanneer u klaar bent met oefenen.
Indien u zowel uw hartslagmonitor en uw tablet
aansluit op het bedieningspaneel, dient u de hartslagmonitor eerder dan de tablet aan te sluiten.
Zie UW HARTSLAGMONITOR AANSLUITEN OP
HET BEDIENINGSPANEEL op bladzijde 16.
Zie stap 6 op bladzijde 14.
3. Uw tablet aansluiten op het bedieningspaneel.
Druk op de toets iFit Sync op het bedieningspaneel; het koppelingsnummer van het
bedieningspaneel zal in de display verschijnen.
Volg vervolgens de instructies op de iFit–Smart
Cardio Equipment app om uw tablet op het bedieningspaneel aan te sluiten.
Als er een verbinding tot stand is gekomen dan zal
de LED verlichting op het bedieningspaneel blauw
branden.
4. Uw oefeninginformatie opslaan en volgen.
Volg de instructies op de iFit–Smart Cardio
Equipment app om uw oefeninginformatie vast te
leggen en bij te houden.
15
5. Ontkoppel desgewenst uw tablet van het
bedieningspaneel.
DE INSTELLINGENMODUS
1. Selecteer de instellingenmodus.
Om uw tablet te ontkoppelen van het bedieningspaneel, dient u eerst de ontkoppelingsoptie in
de iFit–Smart Cardio Equipment app te selecteren.
Houd vervolgens de toets iFit Sync op het bedieningspaneel ingedrukt tot de LED-verlichting op het
bedieningspaneel groen brandt.
Druk op de toets Settings (instellingen) om de
instellingen te kiezen. Het eerste instellingenscherm verschijnt op de display. Let op: Als een
oefening heeft geselecteerd, moet u mogelijk
herhaaldelijk op de toets Stop drukken om terug te
keren naar het hoofdmenu voordat u de instellingenmodus selecteert.
Let op: Alle BLUETOOTH-verbindingen tussen het
bedieningspaneel en andere toestellen (inclusief
tablets, hartslagmonitoren etc.) zullen losgekoppeld
worden.
2. Navigeer door de instellingenmodus.
U kunt door verschillende instellingsschermen
navigeren wanneer u de instellingenmodus heeft
gekozen. Druk herhaaldelijk op de toets Stop om
het gewenste instellingenscherm te kiezen.
UW HARTSLAGMONITOR AANSLUITEN OP HET
BEDIENINGSPANEEL
Het bedieningspaneel is geschikt voor alle
BLUETOOTH Smart hartslagmonitoren.
3. Verander desgewenst instellingen.
Softwareversienummer – Het softwareversienummer zal in de display verschijnen.
Druk op de toets iFit Sync op het bedieningspaneel
om uw BLUETOOTH Smart hartslagmonitor met het
bedieningspaneel te verbinden; het koppelingsnummer
van het bedieningspaneel zal in het display verschijnen. Wanneer een verbinding tot stand is gekomen zal
de LED verlichting op het bedieningspaneel tweemaal
rood knipperen.
Meeteenheid – De momenteel geselecteerde
meeteenheid verschijnt in de display. Het bedieningspaneel kan snelheid en afstand weergeven
in standaard of metrische meeteenheden. Druk op
de toenametoets Speed (snelheid) om de meeteenheid te wijzigen. Selecteer Std (standaard) om
oefeninginformatie te zien in standaard eenheden.
Selecteer Met (metrisch) om oefeninginformatie te
zien in metrische eenheden.
Let op: Indien er meer dan één geschikte hartslagmonitor in de buurt is van het bedieningspaneel, zal het
bedieningspaneel verbinding maken met de hartslagmonitor met het sterkste signaal.
Om uw hartslagmonitor los te koppelen van het
bedieningspaneel, houdt u de toets iFit Sync op het
bedieningspaneel ingedrukt tot de LED-verlichting
groen gaat branden.
Let op: Alle BLUETOOTH-verbindingen tussen het
bedieningspaneel en andere toestellen (inclusief
tablets, hartslagmonitoren etc.) zullen losgekoppeld
worden.
16
Displaytest – Dit scherm is is bedoeld om door
onderhoudsmonteurs gebruikt te worden om te
bepalen of de display correct werkt.
Demo modus – De huidig geselecteerde demomodus verschijnt op de display. Het bedieningspaneel
toont een demostand, die ontwikkeld is voor
gebruik als de loopband wordt geëtaleerd in een
winkel. Als de demo-instelling aan staat, gaat het
bedieningspaneel niet uit en reset de display niet
als u klaar bent met oefenen. Druk herhaaldelijk op
de toenametoets Speed om een demomodusoptie
te kiezen. Selecteer Don (demo aan) om de demomodus aan te zetten. Selecteer Doff (demo uit) om
de demomodus uit te zetten.
Toetstest – Dit scherm is is bedoeld om door
onderhoudsmonteurs gebruikt te worden om te
bepalen of een bepaalde toets correct werkt.
Total tijd – Het woord TIME (tijd) zal in de display
verschijnen. De display zal het totaal aantal uren
dat de loopband gebruikt, aangeven.
Totale afstand – De letters MI (mijlen) of KM (kilometers) verschijnen in de display. De display toon
de totale afstand (in kilometers of mijlen) waarop
de loopband heeft bewogen.
4. De instellingenmodus verlaten.
Druk op de toets Settings om de instellingenmodus
te verlaten.
Contrastniveau – Het huidig geselecteerde
contrastniveau verschijnt op de display. Druk op
de toenametoets en afnametoets Speed om het
contrastniveau aan te passen.
17
DE HELLING VAN DE LOOPBAND WIJZIGEN
DE OPTIONELE BORSTKAS HARTSLAGMONITOR
Om de intensiteit van de oefening af te wisselen
kunt u de helling van de loopband wijzigen. Er zijn
twee hellingniveaus. Verwijder de sleutel uit het
bedieningspaneel en trek het stroomsnoer uit het
stopcontact voordat u de helling verandert. Klap
de loopband vervolgens op in de opslagpositie (zie
bladzijde 19).
Of uw doel is
om vet te verbranden of om
uw cardiovasculair systeem te
verbeteren, de
sleutel tot het
bereiken van de
beste resultaten
is het behouden
van de juiste
hartslagwaarde tijdens uw oefening. De optionele
hartslagmonitor stelt u in staat om tijdens het oefenen
voortdurend uw hartslag te meten, en dat zal u helpen
om uw persoonlijke fitnessdoelen te behalen. Zie de
kaft van deze handleiding om een optionele borstkas-hartslagmonitor aan te schaffen.
Om de helling te wijzigen draait u beide hellingvoeten naar de gewenste stand. OPGELET: Let erop
dat beide hellingvoeten in dezelfde stand zijn en
stevig op hun plaats zitten voordat u de loopband
gebruikt.
Nadat u de hellingvoeten heeft afgesteld, brengt u de
loopband omlaag (zie bladzijde 19).
Let op: Het bedieningspaneel is geschikt voor alle
BLUETOOTH Smart hartslagmonitoren.
Hellingvoet
18
DE LOOPBAND KLAPPEN EN VERPLAATSEN
DE LOOPBAND INKLAPPEN
DE LOOPBAND VERPLAATSEN
Verwijder de sleutel uit het bedieningspaneel en
trek het stroomsnoer uit het stopcontact voordat u
de loopband inklapt. OPGELET: U moet in staat zijn
om 20 kg veilig op te kunnen tillen om de loopband
in te klappen, te laten zakken of te verplaatsen.
Als u de loopband wilt verplaatsen, dient u deze eerst
in te klappen zoals aan de linkerkant staat beschreven.
OPGELET: Zorg dat de opbergvergrendeling is
vergrendeld. Er kunnen twee mensen nodig zijn om
de loopband te verplaatsen.
1. Houd het metalen onderstel stevig vast op de
plaats die door de onderstaande pijl wordt aangegeven. OPGELET: Houd het onderstel niet bij de
plastic voetleuningen vast. Buig uw knieën en
houd uw rug recht. Til het onderstel half omhoog
naar de verticale stand.
1. Houd een van de handleuningen en het onderstel
vast en zet een voet tegen een wiel.
1
Onderstel
1
Handleuning
Onderstel
Wiel
2. Trek de handleuning naar achter tot de loopband
op de wielen rijdt; verplaats de loopband dan
voorzichtig naar de gewenste locatie. OPGELET:
Verplaats de loopband niet zonder deze naar
achter te laten kantelen, trek niet aan het onderstel en verplaats de loopband niet over een
oneffen ondergrond.
2. Til het onderstel omhoog tot de opbergvergrendeling in de opbergstand vastklikt. OPGELET: Zorg
ervoor dat de opbergvergrendeling vastzit.
2
3. Plaats een voet tegen een van de wielen en laat de
loopband voorzichtig zakken.
HOE DE LOOPBAND NEER TE LATEN VOOR
GEBRUIK
Onderstel
Vergrendeling
1. Duw het bovenste uiteinde van het onderstel
naar voren en druk
tegelijkertijd voorzichtig
met uw voet tegen het
bovenste gedeelte van de
opbergvergrendeling.
2. Trek het bovenste uiteinde
van het onderstel naar u
toe terwijl u met uw voet
op de opbergvergrendeling
drukt.
Plaats een mat onder de loopband om de vloer of
het vloerkleed te beschermen. Houd de loopband
weg uit direct zonlicht. Berg de loopband nooit op
in een omgeving waar de temperatuur hoger is dan
30°C.
3. Zet een stap terug en laat
het onderstel op de vloer
zakken.
19
1
2
ONDERHOUD EN OPLOSSEN VAN PROBLEMEN
ONDERHOUD
c. Controleer de stroomschakelaar bij de stroomkabel
op het onderstel van de loopband. De schakelaar is
doorgeslagen wanneer de schakelaar uitsteekt
zoals afgebeeld. Wacht vijf minuten en druk dan de
schakelaar weer in om de stroomschakelaar te
resetten.
Regelmatig onderhoud is belangrijk voor een optimale
werking en om slijtage te verminderen. Controleer
steeds bij gebruik alle onderdelen van de loopband
en draai ze goed vast. Vervang versleten onderdelen
direct.
c
Maak de loopband regelmatig schoon en houd de band
schoon en droog. Druk eerst de stroomschakelaar in
de stand Off (uit) en trek de stroomkabel uit. Veeg
de buitenkant van de loopband met een vochtige doek
en een klein beetje zachte zeep af. BELANGRIJK:
Spuit geen vloeistoffen rechtstreeks op de
loopband. Houd vloeistoffen weg van het bedieningspaneel om schade aan het bedieningspaneel
te voorkomen. Maak de loopband vervolgens met een
zachte doek goed droog.
Doorgeslagen
Resetten
SYMPTOOM: De stroom gaat uit tijdens gebruik
a. Controleer de stroomschakelaar (zie de tekening
hierboven). Als de schakelaar doorgeslagen is,
wacht dan vijf minuten en druk de schakelaar weer
in.
PROBLEMEN OPLOSSEN
De meeste problemen met de loopband kunnen
met de onderstaande eenvoudige stappen worden
opgelost. Zoek het symptoom dat van toepassing
is en volg de vermelde stappen. Zie de kaft van
deze handleiding als u verdere hulp nodig heeft.
b. Zorg ervoor dat de stroomkabel ingestoken is. Als
de stroomkabel ingestoken is, trek deze dan uit,
wacht vijf minuten en steek hem dan weer in.
c. Verwijder de sleutel uit het bedieningspaneel en
steek hem er weer in.
SYMPTOOM: Het apparaat gaat niet aan
d. Zie de kaft van deze handleiding als de loopband
nog steeds niet werkt.
a. Zorg ervoor dat de stekker goed is aangesloten op
een geaard stopcontact (zie bladzijde 10). Mocht
een verlengsnoer nodig zijn gebruik dan alleen een
3-dradige geleider: 2 mm2 van 1,5 m of korter.
SYMPTOOM: Het scherm van het bedieningspaneel
blijft verlicht als u de sleutel uit het bedieningspaneel haalt
b. Steek de sleutel in het bedieningspaneel nadat u
het snoer in het stopcontact heeft gestoken.
a. Het bedieningspaneel kan zijn uitgerust met een
displaydemostand, die ontwikkeld is voor gebruik
als de loopband wordt geëtaleerd in een winkel.
De demo instelling staat aan als de displays blijven branden wanneer u de sleutel uittrekt. Houd
de toets Stop enkele lang seconden ingedrukt
om de demo instelling uit te schakelen. Zie DE
INSTELLINGENMODUS op bladzijde 16 om de
demo instelling uit te schakelen als de displays nog
steeds branden.
20
SYMPTOOM: De displays van het bedieningspaneel
werken niet goed
SYMPTOOM: De loopband vertraagt als u erop
loopt
a. Trek de sleutel uit het bedieningspaneel en TREK
HET STROOMSNOER UIT HET STOPCONTACT.
Plaats de loopband in de opbergpositie (raadpleeg
DE LOOPBAND INKLAPPEN op bladzijde 19).
a. Mocht een verlengsnoer nodig zijn gebruik dan
alleen een 3 conductor, 2 mm2 snoer van 1,5 m of
korter.
b. Als de loopband te strak staat draait de loopband
langzamer en kan het loopvlak zelfs beschadigd
worden. Verwijder de sleutel en HAALT U DE
STEKKER UIT HET STOPCONTACT. Draai beide
schroeven van de spanrol met de inbussleutel een
kwartslag tegen de klok in. Als de loopband goed
vastligt moet u elke rand van de loopband 5 tot 7
cm van het loopoppervlak kunnen optillen. Zorg
ervoor dat de band in het midden blijft liggen. Steek
dan de stekker in het stopcontact, plaats de sleutel
en loop een paar minuten op de loopband. Herhaal
tot de loopband goed vastzit.
Verwijder de vijf aangegeven M4,2 x 19mm
Schroeven (11). Verwijder dan voorzichtig de
Motorkap (58).
58
11
11
11
b
5–7 cm
Zoek de Snelheidssensor (88) en de Magneet
(94) aan de linkerkant van de Katrol (52). Draai
de Katrol tot de Magneet is uitgelijnd met de
Snelheidssensor. Zorg dat het gat tussen de
Magneet en de Snelheidssensor ongeveer 3 mm
is. Draai de #8 x 3/4" Trusskopschroef (48) indien
nodig los, verplaats de Snelheidssensor lichtjes en
maak de Schroef weer vast. Loop een paar minuten
op de loopband om te controleren of de snelheid
juist wordt afgelezen en bevestig de Motorkap (niet
afgebeeld) weer.
Bovenaanzicht
3 mm
48
80
88
52
94
Schroeven van de Spanrol
c. Uw loopband is voorzien van een band die al
met een hoogwaardig smeermiddel is behandeld.
BELANGRIJK: Behandel de loopband of het
loopvlak nooit met siliconenspray of enig ander
substantie tenzij dit door een erkende onderhoudsmonteur wordt aangegeven. Dergelijke
substanties kunnen de kwaliteit van de loopband verslechteren en leiden tot overmatige
slijtage. Zie de kaft van deze handleiding als u
vermoedt dat de loopband aanvullende smering
nodig heeft.
d. Zie de kaft van deze handleiding als de loopband
nog steeds vertraagt als erop gelopen wordt.
21
SYMPTOOM: De loopband loopt uit het midden
SYMPTOOM: De loopband slipt als u erop loopt
a. BELANGRIJK: De loopband moet in het midden tussen de voetleuningen liggen. Als de
loopband langs de voetleuningen schuurt
kan de loopband beschadigd raken. Allereerst,
verwijdert u de sleutel en vervolgens HAALT U
DE STEKKER UIT HET STOPCONTACT. Als de
loopband naar links is verschoven, kunt u de
inbussleutel gebruiken om de linker Schroef van de
ruststandrol een halve slag naar rechts te draaien;
als de loopband naar rechts is verschoven kunt
u de linkerschroef van de ruststandrol een halve
slag naar links draaien. Zorg dat u de loopband niet
te strak draait. Steek dan de stekker in het stopcontact, plaats de sleutel en loop een paar minuten
op de loopband. Herhaal deze procedure tot de
band goed in het midden ligt.
a. Verwijder als eerste de sleutel en HAAL DE
STEKKER UIT HET STOPCONTACT. Draai met
de inbussleutel beide schroeven van de spanrol
een kwartslag met de klok mee. Als de loopband
goed vastligt moet u elke rand van de loopband
5 tot 7 cm van het loopvlak kunnen optillen. Zorg
ervoor dat de band in het midden blijft liggen. Steek
dan de stekker in het stopcontact, plaats de sleutel
en loop een paar minuten op de loopband. Herhaal
tot de loopband goed vastzit.
a
a
Voetleuningen
22
RICHTLIJNEN VOOR HET OEFENEN
Vet Verbranden—Om op doeltreffende wijze vet te
verbranden, moet u gedurende een aanhoudende
periode oefeningen doen op een laag intensiteitniveau.
Tijdens de eerste minuten van de oefening gebruikt
uw lichaam koolhydraatcalorieën voor de energie. Pas
na de eerste minuten van de oefening gebruikt uw
lichaam opgeslagen vetcalorieën voor de energie. Als
het uw doel is om vet te verbranden dient u de intensiteit van de oefening aan te passen tot uw hartslag zich
bij het laagste nummer in uw trainingszone bevindt.
Voor maximale vetverbranding, dient u te oefenen
met uw hartslag in het middelste nummer van uw
trainingszone.
WAARSCHUWING:
Voordat
u begint met dit of een ander oefeningenprogramma, dient u een arts te consulteren.
Dit is vooral belangrijk voor personen
boven de 35 jaar of personen met bestaande
gezondheidsproblemen.
De hartslagmonitor is geen medisch apparaat.
Diverse factoren kunnen invloed hebben op
nauwkeurigheid van de hartslagwaarden. De
hartslagmonitor is alleen bedoeld als hulpmiddel bij de oefening voor het bepalen van de
hartslag over het algemeen.
Aerobic-oefening—Als het uw doel is om uw hart en
vaatsysteem te versterken dan moet u een aerobicoefening uitvoeren die zorgt voor activiteit die grote
hoeveelheden zuurstof vereist gedurende langere perioden. Voor een aerobic-oefening past u de intensiteit
van uw oefening aan tot uw hartslag in de buurt is van
het hoogste nummer van uw trainingszone.
Deze richtlijnen helpen u bij het plannen van uw
oefeningenprogramma. Voor meer gedetailleerde
oefeninginformatie, dient u een erkend boek te kopen
of uw arts te consulteren. Onthoud dat goede voeding
en voldoende rust essentieel zijn voor succesvolle
resultaten.
RICHTLIJNEN VOOR EEN TRAINING
INTENSITEIT VAN OEFENINGEN
Warming Up—Start met strekken en lichte oefeningen
gedurende 5 tot 10 minuten. Een warming-up zorgt dat
u uw lichaamstemperatuur, hartslag en bloeddoorstroming verhoogt in voorbereiding op de training.
Of het nu uw doel is om vet te verbranden of om uw
hart en vaatsysteem te versterken, het uitvoeren
van oefeningen met de juiste intensiteit is de sleutel
voor het bereiken van resultaten. U kunt uw hartslag
gebruiken als gids voor het vinden van het juiste
intensiteitniveau. De grafiek hieronder toont de aanbevolen hartslagen voor het verbranden van vet en
voor een aerobic-oefening.
Trainingszone-oefening—Oefen gedurende 20 tot
30 minuten met uw hartslag in uw trainingszone.
(Gedurende de eerste weken van uw oefeningenprogramma, dient u uw hartslag niet langer dan 20
minuten in uw trainingszone te houden.) Adem regelmatig en diep bij het uitvoeren van de oefening; houd
uw adem niet in.
Afkoelen—Eindig met 5 tot 10 minuten strekken.
Strekken verhoogt de flexibiliteit van de spieren en
helpt problemen na de oefening voorkomen.
FREQUENTIE VAN DE OEFENINGEN
Om uw conditie te behouden of te verbeteren, dient u
drie trainingen per week te doen, met ten minste één
rustdag tussen de trainingen. Na een aantal maanden
regelmatig oefeningen doen, kunt u desgewenst maximaal vijf trainingen per week doen. Onthoud dat het
dagelijks regelmatig en met plezier doen van oefeningen de sleutel tot uw succes is.
Voor het vinden van het juiste intensiteitniveau, zoekt
u uw leeftijd onderaan de grafiek (leeftijden worden
afgerond naar het dichtstbijzijnde tiental). De drie getallen boven uw leeftijd bepalen uw “trainingszone”. Het
laagste nummer is uw hartslag voor het verbranden
van vet, het middelste nummer is uw hartslag voor het
maximaal verbranden van vet en het hoogste nummer
is de hartslag voor de aerobic-oefening.
23
LIJST MET ONDERDELEN
Nr.
Aant.
1
2
3
4
5
2
4
24
2
4
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
25
26
27
2
1
1
7
4
5
9
4
4
2
2
1
2
2
2
2
1
4
2
2
4
14
28
29
30
31
32
33
34
35
36
37
38
39
40
41
42
43
44
45
46
47
48
1
6
2
2
2
6
1
2
1
2
3
2
1
1
1
1
1
1
1
1
1
Modelnr PETL38817.2 R0618A
Beschrijving
Nr.
Aant.
M10 x 60mm Schroef
M10 x 48mm Schroef
M4,2 x 19mm Schroef
1/4" Tussenring
M4 x 13mm Schroef met
Tussenringkop
M8 x 35mm Schroef met Platte Kop
M8 x 32mm Bout
M8 x 52mm Bout
M4 x 13mm Pankopschroef
M4 x 19mm Tekschroef
M4,2 x 19mm Schroef
M4 x 10mm Schroef
M8 x 30mm Schroef
M4 x 13mm Schroef
M6 x 70mm Schroef
1/4" x 9/16" Schroef
M8 x 102mm Bout
M8 x 20mm Schroef
3/8" x 2" Bout
M8 x 40mm Schroef
M10 x 110mm Schroef
M6 x 60mm Schroef
M6 Sterring
M10 x 20mm Schroef
M8 Sterring
M4 Sterring
Platte Tussenring van de
Voetleuning
Aardingsdraad
#8 Tussenring
M10 Sterring
M10 Tussenring
M8 Moer met Rand
M8 Moer
M6 Moer
M10 Moerinzetstuk
M8 Motormoer
3/8" Klemmoer
Kapklem
M8 Moer van de Achtervoet
Linkervoetleuning
Rechtervoetleuning
Linkerbeugel van de Spanrol
Rechterbeugel van de Spanrol
Spanrol
Waarschuwingssticker
Linkerkussen van het Loopvlak
Rechterkussen van het Loopvlak
#8 x 3/4" Trusskopschroef
49
50
51
52
53
54
55
56
57
58
59
60
61
62
63
64
65
66
67
68
69
70
71
72
73
74
75
76
77
78
79
80
1
2
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
4
1
4
1
1
1
1
1
1
1
1
1
1
81
1
82
83
84
85
86
87
88
89
90
91
92
93
94
95
*
2
2
4
1
2
1
1
1
1
1
1
2
1
1
–
Beschrijving
#8 Moer
Riemgeleider
Loopband
Aandrijfrol/Katrol
Riem van de Motor
Loopvlak
Onderstel
Rechterachtervoet
Linkerachtervoet
Motorkap
Motorbeugel
Aandrijfmotor
Controllerbeugel
Beugel van de Elektronica
Controller
Stroomsnoer
Doorvoerhuls van de Onderpan
Stroomschakelaar
Onderpan
Draadband
Hersluitbare Draadband
Kapje van de Handleuning
Linkerhandleuning
Rechterhandleuning
Draadband
Basis van het Bedieningspaneel
Bedieningspaneel
Staander
Opbergvergrendeling
Draad van de Staander
Sleutel/Klem
Doorvoerhuls van de Bovenste
Staander
Doorvoerhuls van de Onderste
Staander
Tussenstuk van het Onderstel
Kap van de Basis
Kussen van de Basis
Basis
Wiel
#8 x 3/4" Machineschroef
Snelheidssensor
Klem van de Snelheidssensor
Aansluiting
Filter
Motorisolator
Huls van de Motor
Magneet
Aardingsdraad
Gebruikershandleiding
Let op: Deze technische gegevens kunnen zonder voorafgaande kennisgeving gewijzigd worden. Zie de achterkant van deze handleiding voor informatie over het bestellen van vervang onderdelen. *Deze onderdelen worden
niet afgebeeld.
24
25
15
57
4
39
23
42
3
26
6
33
13
20
44
45
40
3
3
27
15
27
46
3
29
20
4
23
26
27
3
3
29
3
13
6
33
43
3
39
56
29
9
27
50
3
27
55
14
27
3
54
33
3
33
27
13
51
3
41
5
94
89
8
27
52
77
47
3
29
5
9
29
53
48 36
35
88
27
3
29
14
34
13
17
3
50
22
27
33
33
5
35
5
7
GEDETAILLEERDE TEKENING A
Modelnr PETL38817.2 R0618A
GEDETAILLEERDE TEKENING B
Modelnr PETL38817.2 R0618A
11
58
11
38
11
11
38
38
16
92
18
25
93
32
25
59
11
18
60
61
12
26
12
26 12
87
12
62
49
91
12
63
68
69
67
66
64
90
65
26
GEDETAILLEERDE TEKENING C
Modelnr PETL38817.2 R0618A
70
74
71
2
3
3
73
9
9
75
28
12
76
70
70
9
3
2
9
3
78
72
70
80
79
21
24
31
1
82
30
83
81
78
82
24
85
84
1
10
31
19
21
83
30
37
84
86
84
10
10
37
19
86
84
10
27
HET BESTELLEN VAN ONDERDELEN
Voor het kopen van vervangingsonderdelen, raadpleegt u de omslag van deze handleiding. Om ons te helpen u
van dienst te zijn, dient u de volgende informatie bij de hand te hebben wanneer u contact met ons opneemt:
• het modelnummer en serienummer van het apparaat (raadpleeg de kaft van deze handleiding)
• de naam van het apparaat (raadpleeg de kaft van deze handleiding)
• het nummer van het onderdeel en de beschrijving van vervangingsonderdelen (zie LIJST MET ONDERDELEN
en GEDETAILLEERDE TEKENING aan het eind van deze handleiding)
INFORMATIE OVER RECYCLING
Dit elektronische product mag niet worden afgevoerd bij het huishoudelijke
afval. Voor het behoud van het milieu moet dit product volgens de wet na
zijn levensduur worden gerecycled.
Gebruik recyclingfaciliteiten in uw regio die bevoegd zijn om dit type afval te
verzamelen. Door dit te doen helpt u bij het behoud van natuurlijke bronnen en
verbeterd u de Europese normen voor milieubescherming. Indien u meer informatie nodig heeft over veilige en correcte afvoeringsmethoden, neem dan contact op
met uw plaatselijke stadskantoor of de locatie waar u dit product heeft gekocht.
Onderdeelnr. 396585 R0618A
Gedrukt in China © 2018 ICON Health & Fitness, Inc.
Was this manual useful for you? yes no
Thank you for your participation!

* Your assessment is very important for improving the work of artificial intelligence, which forms the content of this project

Download PDF

advertisement