Utax XC 9682 Operating instructions

Utax XC 9682 Operating instructions

your office partner

I N S T R U C T I E H A N D L E I D I N G

UTAX XC 9682

Lees altijd de instructiehandleiding alvorens de kopieermachine in gebruik te nemen. Bewaar de handleiding op de daarvoor bestemde plaats, zodat deze gemakkelijk beschikbaar is.

Als ENERGY STAR-partner heeft

UTAX GMBH NORDERSTEDT

vastgesteld dat dit product in overeenstemming is met de ENERGY STAR-richtlijnen voor zuinig energieverbruik.

ENERGY STAR is een programma voor zuinig energieverbruik, gestart door het

Amerikaanse Environmental Protection Agency, dat een antwoord wil bieden op milieuproblemen en tot doel heeft de ontwikkeling en het gebruik van kantoorapparatuur met een zuiniger energieverbruik te bevorderen.

* ENERGY STAR is een geregistreerd handelsmerk in de Verenigde Staten.

De tijdsduur vóór het in werking treden van de automatische uitschakeling wordt 15 tot 120 minuten in gebieden die overeenstemmen met het Zwitserse Energy 2000programma.

Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd of openbaar worden gemaakt in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen of door opslag in een geautomatiseerd gegevensbestand zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.

Wettelijke beperkingen inzake kopiëren

• Het is mogelijk verboden auteursrechtelijk beschermd materiaal te kopiëren zonder toestemming van de houder van het auteursrecht.

• Het is onder alle omstandigheden verboden nationale of vreemde valuta te kopiëren.

• Ook voor het kopiëren van andere zaken kan een verbod gelden.

MEDEDELING

Deze gebruiksaanwijzing bevat informatie die zowel voor de inch- als voor de metrische versie van deze machine geldt. Aangezien de berichten en de gebruikte terminologie op de bedieningspanelen voor beide versies verschillend zijn, hebben we omwille van de duidelijkheid en voor een beter begrip de berichten en de bedieningspanelen van BEIDE versies van de machine vermeld. In de hoofdtekst van deze handleiding hebben we, wanneer het verschil in naam of bericht slechts een kwestie is van hoofden kleine letters, alleen de informatie vermeld die specifiek geldt voor de inch-versie.

Wanneer er een klein verschil is in berichten, namen van toetsen/indicators of andere specificaties, wordt de informatie voor de inch-versie gevolgd door de overeenkomstige informatie voor de metrische versie tussen haakjes.

Lees de gebruiksaanwijzing voordat u de kopieermachine gebruikt. Bewaar ze op de aangeduide plaats voor latere naslag.

Sommige plaatsen in deze gebruiksaanwijzing en sommige delen van de kopieermachine zijn voorzien van veiligheidswaarschuwingen onder de vorm van symbolen, die tot doel hebben de gebruiker en andere personen en voorwerpen in de buurt te beschermen en een correct en veilig gebruik van de kopieermachine te garanderen. Hieronder wordt de betekenis van deze symbolen verklaard.

GEVAAR

: Duidt op punten die, indien ze niet of slecht worden nageleefd, zeer waarschijnlijk ernstig letsel of zelfs de dood tot gevolg zullen hebben.

WAARSCHUWING

: Duidt op punten die, indien ze niet of slecht worden nageleefd, ernstig letsel of zelfs de dood tot gevolg kunnen hebben.

OPGELET

: Duidt op punten die, indien ze niet of slecht worden nageleefd, lichamelijk letsel of mechanische schade tot gevolg kunnen hebben.

Symbolen

Het symbool m geeft aan dat het betrokken deel veiligheidswaarschuwingen bevat. Specifieke aandachtspunten worden binnen het symbool aangeduid.

.................... [Algemene waarschuwing]

.................... [Waarschuwing voor gevaar voor elektrische schok]

.................... [Waarschuwing voor hoge temperatuur]

Het symbool geeft aan dat het betrokken deel informatie over verboden handelingen bevat. Specifieke verboden handelingen worden binnen het symbool aangeduid.

.................... [Waarschuwing voor verboden handeling]

.................... [Demonteren verboden]

Het symbool

geeft aan dat het betrokken deel informatie bevat over handelingen die moeten worden uitgevoerd. Specifieke vereiste handelingen worden binnen het symbool aangeduid.

.................... [Waarschuwing voor vereiste handeling]

.................... [Trek de stekker uit het stopcontact]

.................... [De kopieermachine moet altijd worden aangesloten op een geaard stopcontact]

Neem contact op met uw servicevertegenwoordiger om een vervangexemplaar te bestellen als de veiligheidswaarschuwingen in het handboek onleesbaar zijn geworden of als het handboek verloren is geraakt. (tegen betaling)

i

Inhoud

HOOFDSTUK 1 BELANGRIJK! LEES DIT EERST .......... 1-1

WAARSCHUWINGSLABELS ............................................... 1-1

VOORZORGSMAATREGELEN BIJ DE INSTALLATIE ........ 1-2

VOORZORGSMAATREGELEN BIJ GEBRUIK ................... 1-3

HOOFDSTUK 2 NAMEN VAN ONDERDELEN ........ 2-1

(1) Hoofdeenheid ....................................................................... 2-1

(2) Bedieningspaneel ................................................................. 2-4

(3) Berichtendisplay ................................................................... 2-6

HOOFDSTUK 3 VOORBEREIDING ........................ 3-1

1. Originelen ................................................................... 3-1

(1) Soort originelen ............................................................... 3-1

(2) Plaatsen van de origineelterugvoergeleider .................... 3-2

(3) Plaatsen van de origineelhouders ................................... 3-2

(4) Een origineel plaatsen ..................................................... 3-2

(5) Gebruik van het steunvel (optie) ..................................... 3-3

(6) Gebruik van de origineellade (optie) ............................... 3-4

2. Papier ......................................................................... 3-5

(1) Papiersoorten .................................................................. 3-5

(2) Een papierrol plaatsen .................................................... 3-6

(3) Anti-condensverwarming ................................................. 3-7

(4) Gebruik van de steunplaat van de kopielade .................. 3-8

HOOFDSTUK 4 BASISBEDIENING ....................... 4-1

1. Alvorens te kopiëren ................................................... 4-1

(1) Begintoestand ................................................................. 4-1

(2) Wanneer de indicator van de energiespaarstand brandt .............................................................................. 4-1

(3) Bij gebruik van een sleutelteller (optie) ........................... 4-1

2. Basisbediening ........................................................... 4-2

3. Kopieerstanden .......................................................... 4-4

(1) APS-stand ....................................................................... 4-4

(2) AMS-stand ....................................................................... 4-4

(3) Handmatige stand ........................................................... 4-4

4. Papierkeuze ................................................................ 4-5

5. Keuze van de afsnijlengte van de papierrol ................ 4-6

(1) Synchroon afsnijden ........................................................ 4-6

(2) Afsnijden op standaardlengte .......................................... 4-6

(3) Invoer met nummertoetsen ............................................. 4-7

6. Kopiëren met de handinvoer ...................................... 4-8

7. Annuleren van de kopieerbewerking .......................... 4-9

HOOFDSTUK 5 KOPIEERFUNCTIES .................... 5-1

1. Zoomfunctie ................................................................ 5-1

(1) Standaard zoomfunctie ................................................... 5-1

(2) Door gebruiker ingestelde zoomfunctie ........................... 5-3

(3) XY-zoomfunctie ............................................................... 5-3

(4) Zoom ............................................................................... 5-4

2. Kopieeronderbreking .................................................. 5-5

HOOFDSTUK 6 BEHEER EN INSTELLING ........... 6-1

1. Lijst van standaardinstellingen ................................... 6-1

(1) Standaardinstellingen van de machine ........................... 6-1

(2) Standaardinstellingen voor kopiëren ............................... 6-3

2. Procedure voor het instellen van standaardinstellingen ................................................. 6-5

(1) Instelprocedure voor de gebruiker ................................... 6-5

(2) Instelprocedure voor de beheerder ................................. 6-6

(3) Instelling van elk item ...................................................... 6-7

3. Verandering van de taal ............................................ 6-15

HOOFDSTUK 7 VERHELPEN VAN PROBLEMEN ... 7-1

1. Berichten tijdens het kopiëren .................................... 7-1

2. Toner bijvullen ............................................................. 7-3

3. Vervanging van het toneropvangreservoir .................. 7-5

4. Maatregelen in geval van het bericht Call for service .. 7-6

5. Wanneer het papier of een origineel vastloopt ........... 7-7

(1) Aanduiding van plaats van papierstoring ......................... 7-7

(2) Voorzorgsmaatregelen .................................................... 7-7

(3) Procedure voor het verwijderen van papier ..................... 7-7

6. Verhelpen van problemen ......................................... 7-12

HOOFDSTUK 8 ONDERHOUD EN BEHEER .................. 8-1

1. Reinigen van de machine ........................................... 8-1

2. Technische gegevens ................................................. 8-2

HOOFDSTUK 1 BELANGRIJK! LEES DIT

EERST

WAARSCHUWINGSLABELS

Met het oog op uw veiligheid zijn op de kopieermachine waarschuwingslabels aangebracht op de aangegeven plaatsen.

WEES UITERST VOORZICHTIG wanneer u vastgelopen papier verwijdert of de toner vervangt, om brand of een elektrische schok te vermijden.

Label 1

Hoge temperatuur. Raak nooit onderdelen in de buurt van dit label aan, om het gevaar dat u zich verbrandt te voorkomen.............................

Label 2, 3

Hoge temperatuur. Raak nooit onderdelen in de buurt van dit label aan, om het gevaar dat u zich verbrandt te voorkomen...........................

Label 4, 5

Hoge spanning. Raak NOOIT onderdelen in de buurt van dit label aan, om gevaar voor brand of een elektrische schok te vermijden....................

OPMERKING: Verwijder deze labels NIET.

1-1

VOORZORGSMAATREGELEN BIJ DE INSTALLATIE

Omgeving

Voeding/aarding van de kopieermachine

OPGELET

• Plaats de kopieermachine niet op een onstabiele of oneffen ondergrond. Op een dergelijke ondergrond bestaat het gevaar dat de machine omkantelt of valt. Dit houdt gevaar in voor lichamelijk letsel of beschadiging van de kopieermachine. ...............................................

WAARSCHUWING

• Gebruik UITSLUITEND de voorgeschreven voedingsspanning. Het aansluiten van meerdere toestellen op hetzelfde stopcontact wordt afgeraden.

Dit houdt immers gevaar in voor brand of een elektrische schok. .........................................................................

• Vermijd stoffige of vochtige en vuile plaatsen. Als stof of vuil zich vastzetten op de stekker, moet u de stekker schoonmaken om gevaar voor brand of een elektrische schok te vermijden. ......................................................

• Steek de stekker van het netsnoer stevig in het stopcontact. Als metalen voorwerpen in contact komen met de stekkerpennen, kan dit brand of een elektrische schok veroorzaken. ....................................................

• Vermijd plaatsen in de buurt van radiators, verwarmingstoestellen of andere warmtebronnen en plaatsen in de buurt van ontvlambare stoffen, om brandgevaar te vermijden. ...........................................

• Sluit de kopieermachine altijd aan op een geaard stopcontact, om gevaar voor brand of een elektrische schok in geval van kortsluiting te vermijden. Als er geen aarding mogelijk is, neem dan contact op met uw servicevertegenwoordiger. .........................................

• Voor een goede ventilatie en om het vervangen van onderdelen te vergemakkelijken, moet u voldoende ruimte laten rondom de machine, zoals hieronder getoond.

Laat voldoende ruimte, vooral rond de linker-, rechter- en achterdeksels, om een goede ventilatie van de kopieermachine mogelijk te maken. .........

Andere voorzorgsmaatregelen

• Sluit de stekker aan op het stopcontact dat zich het dichtst bij de kopieermachine bevindt.

• De machine wordt op de netvoeding aangesloten met de voedingskabel. Gebruik een stopcontact dat zich dicht bij de machine bevindt en gemakkelijk toegankelijk is.

Achter:

11 13 /

16”

30 cm

Links:

11 13 /

16”

30 cm

Waarschuwing betreffende de plastic zakken

WAARSCHUWING

• Houd de plastic zakken die bij de kopieermachine worden gebruikt uit de buurt van kinderen. Het plastic kan vast komen te zitten op hun neus en mond, met gevaar voor verstikking tot gevolg. .............................

Voor:

31 1 /

2”

80 cm

Rechts:

19 11 /

16”

50 cm

• Zodra de machine op haar plaats staat, moet u de wieltjes vergrendelen om ervoor te zorgen dat de machine stabiel blijft en niet kan bewegen en/of omkantelen, met mogelijk letsel tot gevolg. ...............

Andere voorzorgsmaatregelen

• Ongunstige omgevingsomstandigheden kunnen een veilige en goede werking van de kopieermachine in het gedrang brengen. Plaats de machine in een kamer met airconditioning (aanbevolen kamertemperatuur: ongeveer 68

°

F 20

°

C, vochtigheid: ongeveer 65% RV) en vermijd de volgende plaatsen als installatieplaats voor de kopieermachine.

. Vermijd plaatsen dicht bij een raam of waar de machine wordt blootgesteld aan rechtstreeks zonlicht.

. Vermijd plaatsen die onderhevig zijn aan trillingen.

. Vermijd plaatsen waar de temperatuur sterk schommelt.

. Vermijd plaatsen die rechtstreeks zijn blootgesteld aan warme of koude lucht.

. Vermijd slecht geventileerde plaatsen.

• Een delicate vloer kan worden beschadigd door de wieltjes als de machine na de installatie wordt verplaatst.

1-2

VOORZORGSMAATREGELEN BIJ GEBRUIK

Voorzorgsmaatregelen bij gebruik van de kopieermachine

WAARSCHUWING

• Plaats GEEN metalen voorwerpen of voorwerpen gevuld met water (vazen, bloempotten, bekers, enz.) op of in de buurt van de kopieermachine. Als deze metalen voorwerpen of water in de machine terechtkomen, kan dit brand of een elektrische schok veroorzaken. ..........

• Verwijder GEEN deksels van de kopieermachine, aangezien de onderdelen in de machine die onder hoge spanning staan een elektrische schok kunnen veroorzaken. ...............................................................

• Let op dat u het netsnoer NIET beschadigt of breekt en probeer het niet te repareren. Plaats GEEN zware voorwerpen op het snoer, trek er niet aan, buig het niet onnodig en let op dat u het niet op een andere manier beschadigt.

Dit houdt immers gevaar in voor brand of een elektrische schok. .........................................................................

• Probeer NOOIT de machine of onderdelen ervan te repareren of uit elkaar te nemen, want dit kan brand, een elektrische schok of beschadiging van de laser veroorzaken. ...............................................................

• Als de kopieermachine erg warm wordt, er rook uit de machine komt, de machine een vreemde geur afgeeft of er zich een andere abnormale situatie voordoet, kan dit brand of een elektrische schok veroorzaken. Zet de hoofdschakelaar onmiddellijk uit (O), trek de stekker uit het stopcontact en neem contact op met uw servicevertegenwoordiger. ..........................................

• Als er iets schadelijks (paperclips, water, andere vloeistoffen, enz.) in de kopieermachine terechtkomt, moet u de hoofdschakelaar onmiddellijk uitzetten (O). Trek vervolgens de stekker uit het stopcontact om gevaar voor brand of een elektrische schok te vermijden. Neem dan contact op met uw servicevertegenwoordiger. ...............

• De stekker mag NIET met natte handen worden ingestoken of uitgetrokken, want dit kan brand of een elektrische schok veroorzaken. ..................................

• Neem ALTIJD contact op met uw servicevertegenwoordiger voor onderhoud of reparatie van interne onderdelen. ......

OPGELET

• Trek NIET aan het snoer wanneer u het netsnoer uit het stopcontact verwijdert. Als u aan het netsnoer trekt, kunnen de draden in het snoer breken, met gevaar voor brand of een elektrische schok tot gevolg. (Neem het netsnoer ALTIJD bij de stekker vast wanneer u het uit het stopcontact verwijdert.) .........................................

• Trek ALTIJD de stekker uit het stopcontact wanneer u de kopieermachine verplaatst. Beschadiging van het netsnoer kan brand of een elektrische schok veroorzaken. ...............................................................

• Als de kopieermachine gedurende een korte tijd niet zal worden gebruikt (bijvoorbeeld 's nachts), zet u de hoofdschakelaar uit (O).

Als de machine gedurende langere tijd niet zal worden gebruikt (bijvoorbeeld in een vakantieperiode), trekt u uit veiligheidsoverwegingen de stekker uit het stopcontact. ................................................................

• Draai, wanneer u de machine verplaatst, de waterpasbouten naar binnen zodat ze de vloer niet raken. .......

• Trek uit veiligheidsoverwegingen ALTIJD de stekker uit het stopcontact voordat u vastgelopen papier verwijdert. ......

• Een ophoping van stof binnen in de kopieermachine kan brandgevaar of andere problemen veroorzaken.

Daarom verdient het aanbeveling dat u contact opneemt met uw servicevertegenwoordiger voor het reinigen van interne onderdelen. Deze reiniging is vooral van belang vóór een vochtig seizoen. Neem contact op met uw servicevertegenwoordiger voor meer informatie over de kosten voor het reinigen van de interne onderdelen van de kopieermachine. ....................................................

Andere voorzorgsmaatregelen

• Plaats GEEN zware voorwerpen op de kopieermachine en let op dat u de kopieermachine niet op een andere manier beschadigt.

• Open het voorpaneel NIET, zet de hoofdschakelaar

NIET uit of trek de stekker NIET uit het stopcontact tijdens het kopiëren.

• Tijdens het kopiëren komt er een kleine hoeveelheid ozon vrij, die evenwel onschadelijk is voor uw gezondheid. Als de kopieermachine echter gedurende lange tijd wordt gebruikt in een slecht geventileerde ruimte of wanneer u erg veel kopieën maakt, kan dit een onaangename geur veroorzaken. Zorg steeds voor een goede ventilatie om ervoor te zorgen dat het kopiëren in een veilige omgeving gebeurt.

• Neem contact op met uw servicevertegenwoordiger wanneer de machine moet worden opgeheven of verhuisd.

• Raak geen elektrische onderdelen, zoals stekkers of printplaten, aan. Zij kunnen immers worden beschadigd door statische elektriciteit.

• Probeer GEEN bedieningen uit te voeren die niet in deze handleiding worden beschreven.

• OPGELET: Het gebruik van bedieningselementen of instellingen of het uitvoeren van procedures die niet in deze handleiding worden beschreven, kan leiden tot blootstelling aan een gevaarlijke straling.

Voorzorgsmaatregelen bij het gebruik van verbruiksproducten

OPGELET

• Vermijd inademen, inslikken en contact met de huid of met de ogen. Ingeval toner wordt ingeslikt, moet de maaginhoud grondig worden opgelost met water en moet u onmiddellijk medische hulp inroepen. In geval van contact met de huid, moet de aangetaste huid worden gewassen met water en zeep. In geval van contact met de ogen, moeten de ogen grondig worden gespoeld met water en moet onmiddellijk medische hulp worden ingeroepen. ....................................................

• Langdurig inademen van grote hoeveelheden stof kan beschadiging van de longen veroorzaken. Wanneer dit product wordt gebruikt zoals voorgeschreven, kan dit niet leiden tot het inademen van grote hoeveelheden stof. .............................................................................

• Uit de buurt van kinderen houden. ..............................

• Gooi toner en tonerhouders niet in het vuur. Gevaarlijke vonken kunnen brandwonden veroorzaken. ...............

Andere voorzorgsmaatregelen

• Lees steeds de veiligheidsvoorschriften die in de doos zitten of op de tonerhouder worden vermeld voordat u met verbruiksproducten werkt.

• Doe toner of tonerhouders weg in overeenstemming met de geldende milieuvoorschriften.

• Bewaar verbruiksproducten op een koele, donkere plaats.

• Als de kopieermachine gedurende lange tijd niet zal worden gebruikt, neem dan het papier uit de cassette, berg het op in zijn originele verpakking en maak de verpakking weer dicht.

1-3

HOOFDSTUK 2 NAMEN VAN

ONDERDELEN

(1) Hoofdeenheid

1

Origineelgeleider

2

Origineeldeksel

3

Deksel voor invoerrand van origineel

Open dit om een origineel zeer nauwkeurig te plaatsen.

4

Origineelterugvoergeleider

5

Bedieningspaneel

6

Uitwerpdeksel

Open dit in geval van een papierstoring.

7

Ontgrendelingshendel uitwerpgedeelte

Gebruik deze hendel in geval van een papierstoring.

8

Ontgrendelingshendel hoofdeenheid

Gebruik deze hendel in geval van een papierstoring.

9

Origineeltafel

0

Origineelhouders

Voor het plaatsen van een lang opgerold origineel.

!

Handinvoertafel

@

Handinvoergeleider

#

Voorpaneel

Open dit paneel om een papierrol te plaatsen of in geval van een papierstoring.

$

Kopielade

Hierop komen de kopieën terecht.

%

Steunplaat van kopielade

Stel de plaat in overeenkomstig het gebruikte kopieerpapierformaat.

^

Voedingsschakelaar

&

Totaalteller

Deze geeft het aantal gemaakte kopieën aan.

*

Invoergleuf voor sleutelteller

Wanneer een (optionele) sleutelteller is geïnstalleerd, moet u hem hier invoeren.

2-1

HOOFDSTUK 2 NAMEN VAN ONDERDELEN

(

Rechterpaneel

Open dit paneel om het toneropvangreservoir te vervangen.

)

Tonerbijvulgleuf

Open deze om toner bij te vullen.

Schroef van tonerbijvulgleuf

Draai deze los om de tonerbijvulgleuf te openen.

¤

Contactglas (Hierop worden de originelen gescand.)

Roleenheid (papierbron 1: optie)

Roleenheid (papierbron 2) fi

Roleenheid (papierbron 3) fl

Vak voor gebruiksaanwijzing

Bewaar de gebruiksaanwijzing hier.

Toneropvangreservoir

Papierdoorvoerknop

Gebruik deze knop in geval van een papierstoring.

·

Schakelaars van anti-condensverwarming

Schakelaars voor papierbronnen 1, 2 en 3 vanaf de bovenkant.

Hoofdverwarmingsschakelaar

Als deze schakelaar wordt uitgeschakeld, werkt de anti-condensverwarming niet langer, zelfs als de schakelaars van de anti-condensverwarming aan de binnenkant van het voorpaneel zijn ingeschakeld.

Œ

Flenzen

Plaats deze aan beide zijden van de papierrol.

Ontgrendelingshendels

´

Flensgeleiders

2-2

HOOFDSTUK 2 NAMEN VAN ONDERDELEN

2-3

HOOFDSTUK 2 NAMEN VAN ONDERDELEN

(2) Bedieningspaneel

Inch

Metrisch

2-4

1

APS/AMS-toets

(Druk op deze toets om te wisselen tussen de automatische papierkeuze en de automatische zoomfunctie. Blz. 4-4)

2

100%-toets

(Druk op deze toets om de reproductiefactor voor het kopiëren in te stellen op 100%.)

3

Voorkeuze R/E-toets

(Druk op deze toets om de reproductiefactor voor het kopiëren te veranderen. Blz. 5-1)

4

Berichtvenster

(Hier worden kopieerstanden en fouten, bijvoorbeeld een papierstoring, aangeduid.

OPMERKING: Wanneer u de kopieermachine gebruikt bij een lage temperatuur van minder dan 48

°

F 5

°

C, is het display mogelijk niet goed zichtbaar. Pas in dit geval het contrast aan met de instelling

5

Display contrast” van de standaardinstellingen. Blz. 6-1)

5

Origineeltype-toets

(Druk op deze toets om een origineeltype te kiezen: normaal origineel, tekst of foto. Het beeld wordt op de juiste manier verwerkt op basis van het gekozen origineeltype. Blz. 4-2)

6

Toets/indicator voor automatische belichting

(Druk op deze toets om de belichting automatisch in te stellen.

Blz. 4-3)

7

Mediatoets

(Druk op deze toets om een papiermateriaal te kiezen: gewoon papier, velijnpapier, film of aangepast. Blz. 4-2, 4-5)

8

Papierbrontoets

(Druk op deze toets om een papierbron te kiezen uit papierbron 1

(optie), papierbron 2, papierbron 3 en de handinvoer. Blz. 4-2)

9

Afsnijlengtetoets

(Druk op deze toets om de afsnijgrootte te kiezen uit de volgende drie mogelijkheden: synchroon afsnijden, standaard afsnijlengte en invoer met nummertoetsen (aangepaste lengte). Blz. 4-2, 4-6)

0

*/Taaltoets

(Druk op deze toets om een standaardinstelling of een programma te registreren of om de taal te veranderen.)

!

Bewerkingstoets

(Druk op deze toets om een bewerkingsfunctie zoals beeld verschuiven, kopiëren met marge, rand wissen, spiegelbeeld en beeldrotatie te gebruiken.)

@

Toets voor aanpassing van uitvoer

(Druk op deze toets om de schuinte aan te passen, voor de fijnafstelling van het kopieerformaat en voor de fijnafstelling van de fixeertemperatuur.)

#

Programma-oproeptoets

(Druk op deze toets om een geregistreerd programma op te roepen.)

$

▲▼

O P (cursor)-toetsen

(Gebruik deze toetsen om items te kiezen in diverse instelstanden.

Gebruik deze toetsen eveneens om de reproductiefactor te veranderen.)

%

OK-toets

(Gebruik deze toets om de instelling te bevestigen in diverse instelstanden.)

^

Geheugenindicator

(Geeft de gebruiksstatus van het beeldgeheugen aan.

Aan: er is een beeld opgeslagen in het geheugen.

Uit: er is geen beeld opgeslagen in het geheugen.

Knippert: er wordt een beeld opgeslagen in het geheugen.)

&

Herhaalkopieertoets/-indicator

(Druk op deze toets om herhaalde kopieën te maken.)

*

Job toevoegen-toets/indicator

(Druk op deze toets om de jobreserveerfunctie te gebruiken.)

HOOFDSTUK 2 NAMEN VAN ONDERDELEN

(

Sorteer-/groepeertoets/-indicator

(Druk op deze toets om te kopiëren met de sorteer- of de groepeerfunctie. De sorteer-/groepeerindicator zal oplichten.)

)

Onderbrekingstoets/-indicator

(Druk op deze toets om het kopiëren te onderbreken. De onderbrekingsindicator zal oplichten. Blz. 5-5)

Proefkopietoets/-indicator

(Druk op deze toets om een proefkopie te maken. De proefkopie-indicator zal oplichten.)

¤

Energiespaartoets/-indicator

(Druk op deze toets om de energiespaarstand in of uit te schakelen. De indicator van de energiespaarstand zal oplichten.

Blz. 4-1)

Starttoets

(Druk op deze toets om het scannen of uitvoeren te starten.)

Terugsteltoets

(Druk op deze toets om de vooraf ingestelde functies te annuleren.

Beeldgegevens die zijn opgeslagen in het beeldgeheugen worden eveneens gewist.) fi

Stop-/wistoets

(Druk op deze toets om het aantal kopieën te wissen of om het aan de gang zijnde kopieerproces stop te zetten.) fl

Licht/donker-indicators

(Geven de status van de handmatige belichting aan. Blz. 4-3)

Licht-indicator brandt: standaard lichte stand

Donker-indicator brandt: standaard donkere stand

Kopieercontrast-indicators

(Geven het kopieercontrast aan in de handmatige belichtingsstand. De linkse indicators geven lichtere belichtingsniveaus aan en de rechtse indicators geven donkerdere belichtingsniveaus aan.)

Kopieercontrast-toetsen

(Druk op deze toetsen om het kopieercontrast te regelen in de handmatige belichtingsstand. Blz. 4-3)

·

Scan-indicator

(Geeft de status aan voor het scannen van originelen.

Aan: scannen is mogelijk.

Uit: scannen is niet mogelijk.

Knippert: er wordt een origineel gescand.)

Kopieermachine-/printer-/scannertoets/-indicator

(Druk op deze toets om over te schakelen naar de printer- of scannerstand wanneer een optionele interface-eenheid is geïnstalleerd. De indicator zal oplichten.)

Œ

Nummertoetsen

(Druk op deze toetsen om het aantal kopieën of andere numerieke waarden in te voeren.)

Rolafsnijtoets

(Druk op deze toets na het plaatsen van een nieuwe papierrol.

Gebruik de toets ook om de papierrol gedwongen af te snijden tijdens het uitvoeren en om het kopiëren te annuleren. Blz. 4-2, 4-6)

´

Scan-stoptoets

(Druk op deze toets om de doorvoer van originelen onmiddellijk stop te zetten. Blz. 4-9)

2-5

HOOFDSTUK 2 NAMEN VAN ONDERDELEN

Automatische keuze van papierbron

Als papier van hetzelfde formaat in meerdere papierbronnen is geplaatst en het papier in een papierbron op raakt tijdens het kopiëren, wordt automatisch een andere papierbron gekozen en gaat het kopiëren gewoon voort. Als een optionele roleenheid is geïnstalleerd, kan deze eenheid ook worden gebruikt voor deze functie, net als de standaard geïnstalleerde roleenheden.

Automatische annulering van instellingen

Eén minuut na het voltooien van een kopieertaak keert de machine automatisch terug naar de begininstellingen.

(3) Berichtvenster

(Inch)

(Metrisch)

1

Duidt de status van de machine en van de kopieertaak aan.

2

Duidt de kopieerstand aan.

“APS”: Automatische papierkeuze

“AMS”: Automatische zoomstand

3

Duidt het soort originelen aan.

“Normal original”, “Text/Line” of “Photo”

4

Duidt de reproductiefactor aan.

5

Duidt het aantal kopieën aan.

6

Duidt het papiermateriaal aan.

“Plain”, “Vellum”, “Film” of “Custom”

7

Duidt het papierformaat en de papierbronnen aan.

Momenteel ingestelde kopieerfuncties en instelfuncties

8

Beeldverschuiving

9

Marge-kopieerfunctie

0

Randen wissen

!

Spiegelbeeld

@

Beeldrotatie

#

Schuinte-instelling

$

Fijnafstelling van kopieerformaat

%

Fijnafstelling van fixeertemperatuur

2-6

HOOFDSTUK 3 VOORBEREIDING

1. Originelen

(1) Soort orginelen

Voor het gebruik van originelen in deze machine gelden de onderstaande beperkingen.

Bruikbare originelen

• U kunt alleen losse vellen papier als originelen gebruiken.

• De standaard origineelformaten zijn 8 1/2" x 11" tot 36" x 48" [A4 staand tot A0]

• Het origineel moet 64 tot 80 g/m

2

dik zijn.

• Het origineel moet 11" tot 237" [279 tot 6000 mm] lang zijn.

• Het origineel moet 8 1/2" tot 36" [210 tot 920 mm] breed zijn.

Steunvel (optie)

Gebruik het steunvel om de onderstaande soorten originelen te kopiëren. Het verdient ook aanbeveling het steunvel te gebruiken voor andere delicate of belangrijke originelen of wanneer u meerdere kopieën maakt van hetzelfde origineel. Voor uitleg over het gebruik van het steunvel, zie “(5) Steunvel (optie)”. (Blz. 3-3)

• Dunne of fragiele originelen

• Carbonpapier

• Sterk gekreukte of gevouwen originelen

• Geperforeerde originelen

• Originelen waarop ander papier e.d. is geplakt

• Gestapelde originelen

OPMERKING

• Aantal originelen dat kan worden gescand in de kopieerfunctie met sorteren (norm)

Geheugencompressie Aantal originelen dat kan worden gescand

(36" x 48" [A0])

Hoge compressie Ong. 8 vellen

Standaardcompressie Ong. 2 vellen

Het hierboven vermelde aantal originelen is een normwaarde bij een standaard geheugencapaciteit (128 MB). De waarde varieert naar gelang van de invoermethode en het soort originelen.

OPMERKING

• Gebruik het steunvel ook voor het meermaals kopiëren van een filmorigineel, om vuil en statische elektriciteit te voorkomen.

• Het verdient ook aanbeveling het steunvel te gebruiken om een met potlood beschreven origineel te kopiëren, om vuil op het origineel te voorkomen.

3-1

HOOFDSTUK 3 VOORBEREIDING

Gebruik de volgende originelen niet.

• Originelen met een ander formaat dan de vermelde bruikbare origineelformaten

• Originelen met nietjes of paperclips

• Vochtige originelen of originelen met kleefband of lijm

• Originelen die niet overal even dik zijn

• Originelen met natte inkt of correctievloeistof

Bij het kopiëren van originelen met een sterk golvende boven- en onderrand kunnen de beelden aan de randen geïsoleerd zijn of ontbreken. Voer in dat geval het origineel met de minst golvende rand eerst in de machine.

(4) Een origineel plaatsen

1

Pas beide origineelgeleiders aan de formaataanduidingen op de origineeltafel aan.

(2) Plaatsen van de origineelterugvoergeleider

De origineelterugvoergeleider voert de achteraan uitgeworpen originelen terug naar voren.

* Wanneer u een origineellade (optie) of een steunvel (optie) gebruikt en de standaardinstelling “

6

Orig.eject direct” is ingesteld op

“Discharge to front” [“Output to front”], moet u de origineelterugvoergeleider verwijderen.

Plaats de geleider aan de achterkant van de machine.

2

Plaats het origineel met de beeldzijde naar onder. Wanneer de automatische start is ingeschakeld of u op de starttoets drukt, begint de machine het origineel te scannen. Laat het origineel los zodra het scannen begint.

(3) Plaatsen van de origineelhouders

Open de origineelhouders aan beide zijden en gebruik ze om een lang opgerold origineel te kopiëren.

OPMERKING

• Wanneer de invoerrand van het origineel makkelijk omkrult, kan deze beschadigd worden. Wees voorzichtig met dergelijke originelen.

• De manier waarop het kopiëren start kan worden ingesteld met de standaardinstelling “

!

Method copy start”. (Zie blz. 6-4)

• Om een origineel nauwkeurig te scannen, opent u het deksel van de invoerrand van het origineel en plaatst u het origineel. Zie

Nauwkeurig plaatsen van het origineel”.

3-2

Wanneer het origineel omgekruld is:

Open het origineeldeksel en schuif het origineel een beetje naar achteren ten opzichte van de positie aangeduid door de origineelformaataanduiding (positie van de rol aan de achterkant).

* Neem het origineeldeksel met beide handen vast wanneer u het sluit en let er op dat het vastklikt.

HOOFDSTUK 3 VOORBEREIDING

3

Plaats het origineel met de beeldzijde naar onder en leg de invoerrand van het origineel mooi gelijk met de invoerrandgeleider

1

.

Nauwkeurig plaatsen van het origineel

Plaats vooral een lang origineel als volgt.

OPMERKING

• Als de invoerrand van het origineel opgebold is bij de invoerrandgeleider, kan het origineel schuin worden ingevoerd. Let hierop bij het plaatsen van het origineel.

1

Pas beide origineelgeleiders aan de formaataanduidingen op de origineeltafel.

4

Sluit het deksel voor de invoerrand van het origineel. Druk op de starttoets om het kopiëren te starten.

2

Open het deksel voor de invoerrand van het origineel.

(5) Gebruik van het steunvel (optie)

Voor het kopiëren van originelen vermeld onder “Steunvel (optie)” moet u het steunvel gebruiken. (Blz. 3-1)

Steunvelformaten: 36" x 48", 24" x 36" (A0, A1, A2)

1

Open het steunvel door de doorschijnende zijde op te lichten en het origineel met de beeldzijde naar boven tussen de twee vellen te plaatsen. Plaats het origineel op één lijn met de vouw van het steunvel.

3-3

HOOFDSTUK 3 VOORBEREIDING

2

Plaats het origineel met de beeldzijde naar onder door het vouwgedeelte van het steunvel eerst te plaatsen.

OPMERKING

• Bij gebruik van het steunvel moet u de origineellade horizontaal plaatsen.

Als de origineellade horizontaal is geplaatst, kan ze slechts één origineel opvangen.

BELANGRIJK

• Wanneer u het steunvel gebruikt, stelt u de standaardinstelling

6

Orig.eject direct” (Blz. 6-1) in op “Discharge to back” [“Output to back”]. Als u “Discharge to front” [“Output to front”] kiest, kan het origineel worden beschadigd.

• Als synchroon afsnijden wordt gebruikt bij het kopiëren met 100%, wordt het papier afgesneden op de lengte van het steunvel.

(6) Gebruik van de origineellade (optie)

Deze lade heeft een capaciteit van 20 originelen van het formaat

36" x 48" [A1].

3-4

HOOFDSTUK 3 VOORBEREIDING

2. Papier

(1) Soorten papier

Voor het gebruik van papier in deze machine gelden de onderstaande beperkingen.

Bruikbaar papier

1. Papierbron 1 (optie), papierbron 2 en papierbron 3

• Breedte van papierrol: 17" tot 36" [210 tot 920 mm]

• Buitendiameter van papierrol: 6 3/4" [180 mm] of minder

• Binnendiameter van papierrol: 3" [76 mm (75,2 tot 77,2 mm)]

• Bruikbare soorten papierrollen

Gewoon papier (64 tot 80 g/m 2 )

Velijnpapier

Film

2. Handinvoer

Papierformaten (gewoon papier): 8 1/2" x 11" tot 36" x 48"

[A4 staand tot A0]

Papierbreedte: 17" tot 36" [210 tot 920 mm]

Papierlengte: 11" tot 48" [297 tot 1189 mm]

Bruikbare papiermaterialen

Gewoon papier (64 tot 80 g/m 2 )

Velijnpapier

Film

Automatische herkenning van de papierbreedte

Als de geplaatste papierrol een standaardformaat heeft, wordt de papierbreedte automatisch herkend. De volgende formaten kunnen worden herkend.

Metrische machine

<A sizes>

A0: 841 mm

A1: 594 mm

A2: 420 mm

A3: 297 mm

A4: 210 mm

<B sizes>

B1: 728 mm

B2: 515 mm

B3: 364 mm

B4: 257 mm

Inch-machine

<Architecture>

36"

24"

18"

14"

<Engineering>

34"

22"

17"

11"

OPMERKING

• De automatische herkenning werkt niet voor de handinvoer.

• U kunt de papierbreedte van niet-standaardformaten registreren. Zie de standaardinstelling “

1

Paper width adjustment”. (Blz. 6-1)

• Om het standaardformaat (Architecture/Engineering [A sizes/

B sizes]) te veranderen, wijzigt u de standaardinstelling

7

Standard size set.” (Blz. 6-2)

Onbruikbaar papier

• Ander papier dan beschreven onder “

Bruikbaar papier”

• Papier met nietjes, enz.

• Als het papier gekreukt, gevouwen of gescheurd is, trekt u aan de papierrol tot het probleem verholpen is en snijdt u het papier af voordat u het gebruikt.

Opslag van papier

Als de machine lange tijd niet zal worden gebruikt, verwijdert u de papierrol en bergt u hem in de gesloten originele verpakking op.

BELANGRIJK

• Velijnpapier

Velijnpapier is erg gevoelig voor omgevingsomstandigheden. Berg het daarom in een gesloten plastic zak op wanneer u het niet gebruikt.

• Wanneer u velijnpapier gebruikt bij hoge vochtigheid of lage temperatuur, zal het papier fragiel worden, wat zal leiden tot gekreukte of onvolledige kopieën. Als de beelden niet juist gekopieerd worden, gaat u als volgt te werk.

* Bij gebruik van gesneden velijnpapier:

Verander de papierrichting (liggend of staand).

* Bij gebruik van een rol velijnpapier:

Trek de papierrol ongeveer één slag uit en snijd het papier af voordat u het gebruikt.

• Wanneer u een papierrol met kleefstof gebruikt, verwijdert u de kleefstof of trekt u de papierrol uit tot de kleefstof niet meer zichtbaar is en snijdt u het papier af voordat u het gebruikt.

3-5

HOOFDSTUK 3 VOORBEREIDING

(2) Een papierrol plaatsen

Zie de procedure voor het vervangen van de papierrol.

BELANGRIJK

• Draai bij het vervangen van de papierrol aan de flenzen aan beide zijden om het papier op te wikkelen.

1

Open het voorpaneel totdat het is vergrendeld.

2

Neem de handvatten van de roleenheid

A

vast om de eenheid te ontgrendelen en trek de eenheid naar buiten tot ze stopt.

5

Neem de flens vast en draai de hendel in de richting van de pijl om de binnenste en buitenste merktekens m op de flens op één lijn te brengen. De flens wordt vastgezet op de papierrol.

BELANGRIJK

• Als de hendel van de flens stroef draait, bevestigt u het bijgeleverde flenshandvat

B

en draait u het flenshandvat in de richting van de pijl om de binnenste en buitenste merktekens m

op de flens op één lijn te brengen.

* Gebruik het flenshandvat ook als de hendel van de flens stroef draait wanneer de flens wordt verwijderd.

3

Zet de ontgrendelingshendels

1

omhoog en pas de flensgeleiders

2

aan beide zijden aan het papierformaat aan.

6

Maak de andere flens op dezelfde manier vast aan de papierrol.

7

Plaats de papierrol in de roleenheid door hem op één lijn te brengen met de flensgeleiders

2

.

Controleer na het plaatsen van de papierrol of de flensplaat niet beweegt.

4

Steek een bijgeleverde flens in de kern van de nieuwe rol.

8

Neem beide papierrolinvoerklemmen

3 vast en open het papierrolinvoerdeksel

4

.

3-6

9

Steek de invoerrand van de papierrol onder de doorvoergeleideplaat en voer het ongeveer 1/2” 10 mm voorbij de rand van de geleideplaat, zoals getoond op de afbeelding.

HOOFDSTUK 3 VOORBEREIDING

11

Plaats de roleenheid correct terug in de machine.

12

Sluit het voorpaneel.

13

Om de invoerrand van de papierrol uit te lijnen, drukt u op de papierafsnijtoets. De invoerrand van de papierrol wordt uit de kopie-uitvoergleuf gevoerd.

(Inch)

(Metrisch)

OPMERKING

• Als de invoerrand van de papierrol gevouwen of gescheurd is, snijdt u de rand af met een snijmes of iets dergelijks.

10

Neem de papierrolinvoerklemmen vast en sluit het papierrolinvoerdeksel goed.

OPMERKING

• Het papier wordt normaal afgesneden op een lengte van 11” 279 mm.

Als de temperatuur van de machine echter lager is dan 15˚C, wordt het velijnpapier afgesneden op een lengte van 31” 800 mm.

(3) Anti-condensverwarming

Bij hoge vochtigheid (meer dan 70% RV) of drastische temperatuursveranderingen zet u de schakelaar van de anticondensverwarming aan (

) wanneer u de machine gebruikt. Zelfs als de hoofdschakelaar is uitgeschakeld (O), kunt u de schakelaar van de anti-condensverwarming aanzetten (

).

BELANGRIJK

• Als de papierrol niet strak is, neemt u de flens vast en wikkelt u de papierrol op om het papier strak te trekken. Zo niet kan het papier schuin worden ingevoerd.

BELANGRIJK

• Zet bij gebruik van velijnpapier of film de schakelaar van de anticondensverwarming uit (O). Zo niet kan het papier kreuken of omkrullen.

3-7

HOOFDSTUK 3 VOORBEREIDING

(4) Gebruik van de steunplaat van de kopielade

Gebruik de steunplaat van de kopielade afhankelijk van het kopieerpapierformaat dat u gebruikt.

1

Zet een steunplaat van de kopielade omhoog en schuif de plaat naar het juiste formaat dat is aangeduid op het etiket van de kopielade.

2

Nadat de steunplaat van de kopielade op het juiste formaat is gezet, plaatst u ze opnieuw in de horizontale stand.

3

Ga op dezelfde manier te werk om de andere steunplaat van de kopielade op dezelfde hoogte in te stellen.

Afhankelijk van het gebruikte papier en de omgevingsomstandigheden, is het mogelijk dat de plaat niet op het aangeduide formaat van het etiket blijft staan. Stel in dat geval de positie van de steunplaat van de kopielade opwaarts of neerwaarts bij.

3-8

HOOFDSTUK 4 BASISBEDIENING

1. Alvorens te kopiëren

(1) Begintoestand

Nadat de hoofdschakelaar van deze machine is ingeschakeld (

) en het opwarmen is voltooid, is de machine klaar om te kopiëren. Deze toestand wordt de begintoestand genoemd en het scherm dat in deze toestand verschijnt, wordt het basisscherm genoemd.

De machine keert ook terug naar de begintoestand wanneer de automatische annuleerfunctie wordt ingeschakeld of de terugsteltoets wordt ingedrukt.

Zorg ervoor dat de machine zich in de begintoestand bevindt alvorens te kopiëren.

Bij het in werking treden van de automatische annuleerfunctie keert het belichtingsdisplay evenwel niet terug naar de begininstelling.

(3) Bij gebruik van een sleutelteller (optie)

Als het bericht “Insert key counter.” verschijnt, moet u een sleutelteller in de machine plaatsen.

Voer de sleutelteller volledig in de invoergleuf voor de sleutelteller rechts op de machine.

(Inch)

(Metrisch)

(2) Wanneer de indicator van de energiespaarstand brandt

Wanneer de indicator van de energiespaarstand brandt en de andere indicators op het bedieningspaneel uit zijn, staat de machine in de energiespaarstand. Wanneer de energiespaartoets wordt ingedrukt, start het opwarmen.

(Inch)

(Metrisch)

OPGELET

Als de kopieermachine gedurende korte tijd niet zal worden gebruikt (bv. 's nachts), zet u de hoofdschakelaar uit (O). Als de machine gedurende langere tijd niet zal worden gebruikt

(bijvoorbeeld in een vakantieperiode), trekt u uit veiligheidsoverwegingen de stekker uit het stopcontact.

4-1

HOOFDSTUK 4 BASISBEDIENING

2. Basisbediening

1 4

1. Zet de hoofdschakelaar aan.

Zet de hoofdschakelaar aan (

). De machine wordt gedurende ongeveer 360 seconden opgewarmd.

Wanneer het bericht “Ready to scan.” in het berichtvenster verschijnt, kunt u originelen scannen of een kopieerfunctie instellen.

Wanneer “Ready to copy.” verschijnt, kunt u kopiëren.

* Wanneer u de hoofdschakelaar meermaals in- en uitschakelt, wacht dan meer dan 1 seconde tussen het in- en uitschakelen. Als u minder dan 1 seconde wacht, zal de machine mogelijk niet goed starten.

2

4. Kies het papiermateriaal. (Blz. 4-5)

Druk op de mediatoets om het gewenste papiermateriaal te kiezen.

U hebt de keuze uit de papiermaterialen “Plain”, “Vellum”, “Film” en

“Custom”.

5

5. Kies de afsnijlengte. (Blz. 4-6)

Druk op de afsnijlengtetoets om de gewenste afsnijmethode te kiezen. U hebt de keuze uit de methodes “Synchronized cut”

[“Synchronized”], “Standard cut” [“Standard size”] en “# keys”.

2. Kies de gewenste kopieerstand. (Blz. 4-4)

Druk op de APS/AMS-toets om de APS-stand of de AMS-stand te kiezen.

3

6

3. Kies de gewenste papierbron.

Druk op de papierbrontoets om de gewenste papierbron te kiezen.

In het berichtvenster verschijnt een nummer dat de papierbron aanduidt.

Wanneer u de handinvoer kiest, kunt u de functies marge kopiëren, rand wissen, APS en AMS niet gebruiken.

6. Kies het contrast van het origineel.

Druk op de origineeltype-toets. Druk op de toets

▲ of

om het soort origineel te kiezen. Druk op de OK-toets om terug te keren naar het basisscherm.

“Normal original”: Gewone originelen zoals tekeningen en kranten.

Kies deze stand wanneer u het steunvel gebruikt.

“Text/Line”: Kies deze stand voor originelen die zowel tekst als lijntekeningen bevatten.

“Photo”: Kies deze stand voor originelen als foto's en posters.

4-2

7

-1

7-1. Kies het contrast van de kopie.

Druk op de kopiecontrasttoetsen om het contrast van de kopie handmatig in te stellen. De rechtse kopiecontrastindicators duiden donkerdere belichtingsniveaus aan. Om een donkerder kopiecontrast in te stellen dan “7” wanneer “Normal original” is gekozen, drukt u op de rechtse kopiecontrasttoets. De donker-indicator en het cijfer “1” lichten op. Het belichtingsniveau kan worden verdonkerd tot “7”.

7

-2

10. Plaats het papier. (Blz. 4-8)

Plaats het papier alleen wanneer u de handinvoer gebruikt.

11

11. Plaats het origineel. (Blz. 3-2)

Zodra het origineel is geplaatst, begint het kopiëren automatisch.

* Afhankelijk van de instelling van “

!

Method copy start” in de standaardinstellingen, moet u mogelijk op de starttoets drukken om het kopiëren te starten. (Blz. 6-4)

7-2.

Druk op de automatische belichtingstoets om het contrast van de kopie automatisch in te stellen. De indicator van de automatische belichting licht op.

8

12

8. Stel de gewenste functies in.

Stel de gewenste functies in aan de hand van de beschrijving van elke functie.

9

12. Na het kopiëren

De kopie wordt uitgeworpen op de kopielade.

Capaciteit van de kopielade: 20 vellen (24" x 36", A1

[kamertemperatuur en vochtigheid])

15 vellen (36" x 48", A0

[kamertemperatuur en vochtigheid])

1 vel (andere formaten, velijnpapier en film)

9. Stel het gewenste aantal kopieën in.

Voer met de nummertoetsen het gewenste aantal kopieën in van 1 tot

99. De begininstelling van het aantal kopieën is 1.

10

HOOFDSTUK 4 BASISBEDIENING

4-3

HOOFDSTUK 4 BASISBEDIENING

3. Kopieerstanden

Deze machine heeft drie kopieerstanden: “APS”, “AMS” en “Manual”.

De kopieerstand die wordt ingesteld als begintoestand kan worden veranderd met de standaardinstelling “

9

Auto select set”. (Blz. 6-4)

(Inch)

(Metrisch)

(2) AMS-stand

Bij het plaatsen van een origineel wordt de reproductiefactor automatisch gekozen op basis van het gekozen papierformaat. Om de AMS-stand te kiezen, drukt u op de APS/AMS-toets tot “AMS” verschijnt.

(Inch)

(Metrisch)

(1) APS-stand

Bij het plaatsen van een origineel wordt automatisch eenpapierbron gekozen die het gekozen origineelformaat bevat, alsook de reproductiefactor. Om de APS-stand te kiezen, drukt u op de APS/

AMS-toets tot “APS” verschijnt.

OPMERKING

• Als de handinvoer wordt gekozen, is de reproductiefactor 100%.

(Inch)

(Metrisch)

OPMERKING

• De handinvoer kan niet automatisch worden gekozen.

• Om met een druk op de papierbrontoets de AMS-stand in te schakelen wanneer APS is ingesteld, stelt u de standaardinstelling

0

AMS mode” in op “ON”. (Blz. 6-4)

(3) Handmatige stand

De papierbron en de reproductiefactor voor het kopiëren worden handmatig gekozen.

(Inch)

(Metrisch)

4-4

HOOFDSTUK 4 BASISBEDIENING

4. Papierkeuze

Als u op de mediatoets drukt, kunt u kiezen tussen de papiermaterialen “Plain”, “Vellum”, “Film” en “Custom”. Als het papiermateriaal is gekozen, worden de fixeertemperatuur en het kopieformaat automatisch aangepast.

Als de standaardinstelling “

2

Media Type [Paper working]” is ingesteld op “ON”, kunt u het papiermateriaal in elke papierbron registreren. Als de papierbrontoets wordt ingedrukt om een papierbron te kiezen, wordt de instelling van het papiermateriaal automatisch gewijzigd. Zie de standaardinstellingen “

2

Media Type

[Paper working]” en “

3

Media type setting [Paper material adjustment]”. (Blz. 6-1)

4

Kijk of het gekozen papiermateriaal in het berichtvenster verschijnt.

Wacht na het veranderen van het papiermateriaal tot de fixeertemperatuur gestabiliseerd is. U kunt echter wel al een origineel scannen.

(Inch)

1

Druk op de mediatoets.

(Inch)

(Metrisch)

(Metrisch)

2

Druk op de toets

of

om het te gebruiken papiermateriaal te kiezen.

U hebt de keuze uit de materialen “Plain”, “Vellum”, “Film” en “Custom”.

(Inch)

(Metrisch)

3

Druk op de OK-toets.

4-5

HOOFDSTUK 4 BASISBEDIENING

5. Keuze van de afsnijlengte van de papierrol

(1) Synchroon afsnijden

Het papier wordt afgesneden op basis van de lengte van het origineel en de reproductiefactor.

De minimale afsnijlengte bij synchroon afsnijden is 11" [279 mm].

Zelfs als het kopiebeeld minder lang is dan 11" [279 mm] omdat het is verkleind, wordt onderaan het blad een leeg gedeelte toegevoegd en wordt het papier afgesneden op 11" [279 mm].

1

Druk op de afsnijlengtetoets.

2

(Inch) (Metrisch)

Kijk of “Synchronized cut” [“Synchronized”] gekozen is.

(Inch)

(2) Afsnijden op standaardlengte

Het papier wordt afgesneden op de standaardlengte of de geregistreerde lengte. U hebt de keuze uit de volgende lengtes.

Afsnijlengte (inch-machine)

(Architecture) (Engineering)

48"

36"

44"

34"

24"

18"

12"

User 1 (40")

User 2 (80")

22"

17"

11"

User 1 (40")

User 2 (80")

Afsnijlengte (metrische machine)

(A-sizes) (B-sizes)

1189 mm 1030 mm

841 mm

594 mm

420 mm

297 mm

728 mm

515 mm

364 mm

User 1

User 1 (1000 mm bij standaardinstelling)

(1000 mm bij standaardinstelling) User 2

User 2

(2000 mm bij standaardinstelling)

(2000 mm bij standaardinstelling)

* Architecture of Engineering voor een inch-machine en A-sizes of

B-sizes voor een metrische machine kunnen worden gekozen met de standaardinstelling “

7

Standard sizes set”. (Blz. 6-2)

Voor de gebruikersinstellingen 1 en 2 kan om het even welke afsnijlengte worden geregistreerd. Zie “

3

Cut sizes register”.

(Blz. 6-3)

(Metrisch)

1

Druk op de afsnijlengtetoets.

(Inch)

(Metrisch)

3

Druk op de OK-toets.

De machine keert terug naar het basisscherm.

4-6

2

Druk op de toets

of

om “Standard cut” [“Standard size”] te kiezen.

(Inch)

HOOFDSTUK 4 BASISBEDIENING

(3) Invoer met nummertoetsen

Voer de gewenste afsnijlengte in met de nummertoetsen. Voor papier in de handinvoer kunt u geen afsnijlengte kiezen.

1

Druk op de afsnijlengtetoets.

(Inch) (Metrisch)

(Metrisch)

3

Druk op de OK-toets.

4

Druk op de toets

of

om de gewenste afsnijlengte te kiezen.

(Inch)

2

Druk op de toets

of

om “# keys” te kiezen.

(Inch)

(Metrisch)

(Metrisch)

3

Voer de gewenste afsnijlengte in met de nummertoetsen.

U kunt een afsnijlengte invoeren van 11" tot 237" [279 tot

6000 mm].

(Inch)

5

Druk op de OK-toets.

De machine keert terug naar het basisscherm.

(Metrisch)

OPMERKING

U kunt de afsnijlengte veranderen met de nummertoetsen na het indrukken van de afsnijlengtetoets.

4

Druk op de OK-toets.

De machine keert terug naar het basisscherm. Kijk of de gekozen afsnijlengte wordt getoond.

4-7

HOOFDSTUK 4 BASISBEDIENING

6. Kopiëren met de handinvoer

Ga te werk zoals hierna beschreven wanneer u kopieert met behulp van de handinvoer.

OPMERKING

• In de handinvoer kan slechts één vel papier worden geplaatst.

• Strijk omgekruld papier vlak voordat u het invoert. Als de krulling niet verdwijnt, plaatst u het papier met de omgekrulde zijde naar boven.

• Wanneer u met de handinvoer kopieert, kunt u de functies marge kopiëren, rand wissen, APS en AMS niet gebruiken.

4

Voer het papier met de bedrukte zijde naar onder helemaal in de invoergleuf, gelijk met de formaataanduiding.

Wanneer u papier in de handinvoer plaatst, moet u het snel helemaal in de gleuf voeren. Laat na het invoeren het papier los. Als het papier niet goed is geplaatst, kan er een papierstoring worden gemeld.

Als het papier schuin is geplaatst, trekt u het naar buiten en voert u het opnieuw in.

1

Stel de kopieerfuncties in, zoals het aantal kopieën.

2

Druk op de papierbrontoets om “Bypass” te kiezen.

3

Pas de handinvoergeleiders aan de formaataanduidingen aan beide zijden van de handinvoertafel aan.

5

Plaats het origineel om het kopiëren te starten.

6

Wanneer het bericht “Add paper in bypass.” [“Add paper on bypass.”] verschijnt, plaatst u het volgende vel papier in de handinvoer. Het kopiëren wordt gestart. Voer één voor één het gewenste aantal vellen papier in om ze te kopiëren.

4-8

HOOFDSTUK 4 BASISBEDIENING

7. Annuleren van de kopieerbewerking

De methode van het annuleren is afhankelijk van de situatie.

Gebruik de juiste methode voor de desbetreffende situatie.

Situatie

Onmiddellijk stoppen met scannen:

Bewerking

Druk op de scan-stoptoets. Het scannen van het origineel wordt gestopt. Open het origineeldeksel en verwijder het origineel.

Stoppen met het scannen van het origineel in de kopieerstand met sorteren:

Druk op de stop-/wistoets.

De uitvoer van het papier onmiddellijk stoppen terwijl de kopie wordt uitgevoerd: (papier halverwege afsnijden)

De uitvoer van het papier stoppen terwijl de kopie wordt uitgevoerd: (stoppen na het uitwerpen van het huidige papier)

Een gereserveerde taak annuleren:

Druk op de rolafsnijtoets.

Druk op de stop-/wistoets.

Druk langer dan twee seconden op de toets taak toevoegen. Er verschijnt een scherm voor het verwijderen van gereserveerde taken. Verwijder de gewenste taak zoals beschreven in

“2. Een gereserveerde taak annuleren”. (Blz. 6-8)

Een gereserveerde herhaalde kopie annuleren: Druk op de herhaalkopietoets.

4-9

HOOFDSTUK 5 KOPIEERFUNCTIES

1. Zoomfunctie

U kunt de reproductiefactor instellen door op de toets

O

of

P

te drukken. U kunt de reproductiefactor instellen van 25% tot 400% in stappen van 1% of 0,1%. Hierna wordt beschreven hoe u de reproductiefactor instelt.

(Inch) (Metrisch)

OPMERKING

• Om de tussenstap voor het instellen van de reproductiefactor te veranderen van 1% in 0,1% en omgekeerd, zie de standaardinstelling “

1

Zoom step [Zoom steps]”.

(Blz. 6-3.)

• Wanneer de reproductiefactor wordt veranderd terwijl “APS” is ingesteld, wordt het papierformaat automatisch veranderd.

• Als de tussenstap voor het instellen van de reproductiefactor 1% is, verdwijnt de aanduiding na de komma.

• De minimale afsnijlengte van papier is 11" [279 mm]. Als bij verkleind kopiëren en synchroon afsnijden de berekende papierlengte korter is dan 11" [279 mm], wordt het papier afgesneden op 11" [279 mm] en wordt onderaan het blad een leeg gedeelte toegevoegd.

(1) Standaard zoomfunctie

Bij verkleining of vergroting wordt de juiste reproductiefactor direct gekozen.

Zie “

Lijst van reproductiefactoren” voor de beschikbare reproductiefactoren.

Lijst van reproductiefactoren (inch-machine)

Getoonde reproductiefactor

Getoonde reproductiefactor

Formaten tussen () worden niet getoond.

5-1

HOOFDSTUK 5 KOPIEERFUNCTIES

Lijst van reproductiefactoren (metrische machine)

Getoonde reproductiefactor

(0,1%) (1%)

400,0%

282,9%

400%

282%

200,0%

141,4%

70,6%

50,0%

35,2%

25,0%

200%

141%

70%

50%

35%

25%

A-sizes

A4

R

A0

A3 R A0, A4 R A1

A2

R

A0, A3

R

A1, A4

R

A2

A1 R A0, A2 R A1, A3 R A2

A0

R

A1, A1

R

A2, A2

R

A3

A0 R A2, A1 R A3, A2 R A4

A0

R

A3, A1

R

A4

A0 R A4

1

Druk op de voorkeuze R/E-toets.

(Metrisch)

(Inch)

Getoond formaat

B-sizes

B4 R B1

B3

R

B1, B4

R

B2

B2 R B1, B3 R B2, B4 R B3

B1

R

B2, B2

R

B3, B3

R

B4

B1 R B3, B2 R B4

B1

R

B4

4

Druk op de toets

of

om de gewenste reproductiefactor te kiezen.

(Inch)

(Metrisch)

2

Zorg ervoor dat “Standard zoom” gekozen is.

(Inch)

(Metrisch)

5

Druk op de OK-toets.

De machine keert terug naar het basisscherm. De gekozen reproductiefactor wordt getoond.

3

Druk op de OK-toets.

5-2

(2) Door gebruiker ingestelde zoomfunctie

Elke reproductiefactor die geregisteerd is onder de gebruikersinstellingen 1 tot 5 kan worden gekozen om te kopiëren.

OPMERKING

• Voor het registreren van reproductiefactoren onder de gebruikersinstellingen 1 tot 5, zie de standaardinstelling “

2

Zoom

Register”. (Blz. 6-3.)

HOOFDSTUK 5 KOPIEERFUNCTIES

(3) XY-zoomfunctie

U kunt afzonderlijke reproductiefactoren instellen voor het in de lengte en in de breedte vergroten of verkleinen van kopieën.

1

Druk op de voorkeuze R/E-toets.

(Metrisch)

(Inch)

1

Druk op de voorkeuze R/E-toets.

(Inch) (Metrisch)

2

Druk op de toets

of

om “User Setting Zoom” te kiezen.

(Inch)

2

Druk op de toets

of

om “XY Zoom” te kiezen.

(Inch)

(Metrisch)

3

Druk op de OK-toets.

4

Druk op de toets

of

om de gewenste reproductiefactor te kiezen.

(Inch)

(Metrisch)

3

Druk op de OK-toets.

(Metrisch)

5

Druk op de OK-toets.

De machine keert terug naar het basisscherm. De gekozen reproductiefactor wordt getoond.

5-3

HOOFDSTUK 5 KOPIEERFUNCTIES

4

Druk op de toets O of P of op de nummertoetsen om de gewenste reproductiefactor in te voeren voor de breedterichting (X).

(Inch)

(4) Zoom

De reproductiefactor kan worden ingevoerd met de toets O of P of met de nummertoetsen.

1

Druk op de voorkeuze R/E-toets.

(Metrisch)

(Inch)

(Metrisch)

5

Druk op de toets

.

6

Druk op de toets

of

of op de nummertoetsen om de gewenste reproductiefactor in te voeren voor de lengterichting (Y).

(Inch)

2

Druk op de toets

of

om “#/Zoom keys” te kiezen.

(Inch)

(Metrisch)

(Metrisch)

3

Gebruik de toets O of P of de nummertoetsen om de reproductiefactor te veranderen (25% tot 400%).

7

Druk op de OK-toets.

De machine keert terug naar het basisscherm. De gekozen reproductiefactoren worden getoond.

De reproductiefactoren kunnen worden veranderd met de toetsen O , P ,

en

.

4

Druk op de OK-toets. De machine keert terug naar het basisscherm. De reproductiefactor kan ook worden veranderd met de toets

O

of

P

.

OPMERKING

Als de voorkeuze R/E-toets wordt ingedrukt en vervolgens de toets O of

P

of een nummertoets, wordt onmiddellijk de stand “#/Zoom keys” gekozen.

1

Druk op de voorkeuze R/E-toets.

2

Druk op de toets O of P of de nummertoetsen om de gewenste reproductiefactor in te stellen.

5-4

HOOFDSTUK 5 KOPIEERFUNCTIES

2. Kopieeronderbreking

Als de onderbrekingstoets wordt ingedrukt terwijl een kopieertaak aan de gang is, wordt die taak onderbroken en kan een andere taak worden uitgevoerd.

2

Stel de kopieerinstellingen naar wens in en plaats het origineel voor de tussendoorkopie op de origineelplaat.

De tussendoorkopie wordt gemaakt.

OPMERKING

• Door na het voltooien van de tussendoorkopie de onderbrekingstoets in te drukken, kan de onderbroken taak worden hervat met de oorspronkelijke kopieerinstellingen.

• De onderbrekingsfunctie werkt niet wanneer een origineel wordt gescand.

• Tijdens het doorlopend scannen van originelen in de sorteerstand werkt de onderbrekingsfunctie niet.

3

Om na het maken van de tussendoorkopie nog een andere tussendoorkopie te maken, drukt u op de terugsteltoets en herhaalt u stap 2.

4

Wanneer u klaar bent met het maken van tussendoorkopieën, drukt u op de onderbrekingstoets. De onderbrekingsindicator gaat uit en de machine stelt opnieuw de kopieerinstellingen van de onderbroken taak in.

5

Druk op de starttoets om de onderbroken taak te hervatten.

1

Druk op de onderbrekingstoets terwijl een kopie wordt uitgevoerd.

De onderbrekingsindicator zal oplichten. De kopieertaak wordt onderbroken nadat de uitgevoerde kopie is uitgeworpen.

(Metrisch)

(Inch)

(Inch)

(Metrisch)

5-5

HOOFDSTUK 6 BEHEER EN INSTELLING

De waarden die worden gekozen wanneer de hoofdschakelaar van deze machine wordt ingeschakeld (

) of wanneer de terugsteltoets wordt ingedrukt (standaardwaarden) kunnen worden gewijzigd. Verander de instellingen naar wens.

De standaardinstellingen worden onderverdeeld in “Standaardinstellingen van de machine”, die betrekking hebben op de bediening van de machine, en “Standaard kopieerinstellingen”, d.w.z. kopieerinstellingen die prioritair zijn afhankelijk van de details. Daarnaast wordt een onderscheid gemaakt tussen het niveau “Gebruiker”, voor wie de toegang tot de instellingen beperkt is, en het niveau “Beheerder”, die toegang heeft tot alle instellingen. Om de standaardinstellingen te wijzigen met het toegangsniveau “Beheerder”, is een wachtwoord nodig. Zie de “Lijst van standaardinstellingen” voor elke instelling.

1. Lijst van standaardinstellingen

(1) Standaardinstellingen van de machine

Instellingen toegankelijk voor gebruiker en beheerder

Instelling

1

Paper width adjustment

Details Mogelijke waarden Standaard Bladzijde

Als deze instelling “Input width (#key)” is, kan een niet-standaard papierbreedte worden ingesteld. Voer de papierbreedte voor elke papierbron in met de nummertoetsen.

Als een niet-standaard papierbreedte is ingevoerd, is gebruik van de

APS-functie niet mogelijk.

Voor elke papierbron

Automatisch/breedte invoeren tussen 8,5" en

36,2" (210 mm en

920 mm)

Auto

6 - 7

2

Media Type

[Paper working]

Als deze instelling “ON” is, kan een papiermateriaal worden geregistreerd voor elke papierbron. Op basis van het geregistreerde papiermateriaal zal de fixeertemperatuur, het kopieerformaat en de bevestiging/niet-bevestiging van het roleinde worden ingesteld.

3

Media Type setting

[Paper material adjustment]

Als “

2

Media Type [Paper working]” is ingesteld op “ON”, kan een papiermateriaal worden ingesteld voor elke papierbron, inclusief de handinvoer.

ON/OFF

Voor elke papierbron

Plain/Vellum/Film/

Custom

OFF

Plain

6 - 8

6 - 8

4

Roll and adjustment

Deze instelling bepaalt of het roleinde al of niet aan de kern van de rol wordt bevestigd. Als “Fix” wordt gekozen, wordt het papier automatisch afgesneden wanneer het papier op is.

Voor elk papiermateriaal

Fix/Unfix

5

Display contrast Regelt het contrast van het LCD-scherm op het bedieningspaneel.

1 tot 7

6

Orig.eject direct Als deze instelling wordt ingesteld op “Discharge to front” [“Output to front”], worden de afgewerkte originelen vooraan uitgevoerd.

Als deze instelling wordt ingesteld op “Discharge to back” [“Output to back”], worden de originelen achteraan uitgevoerd.

Front/Rear

Unfix (Fix voor film)

6 - 8

4

6-9

Rear

6-9

6-1

HOOFDSTUK 6 BEHEER EN INSTELLING

Instellingen alleen toegankelijk voor beheerder

Instelling

7

Standard size cut

Details Mogelijke waarden Standaard Bladzijde

Kies het soort originelen en het papier dat u gaat gebruiken: “Architecture” of “Engineering” [“A sizes” of “B sizes”]. Deze instelling beïnvloedt de standaard afsnijlengte en de papierbreedte en origineelbreedte die automatisch door de machine worden herkend.

Architecture/Engineering

(A sizes/B sizes)

Architecture

(A sizes)

6 - 9

8

Management #

[Manage.code]

Het wachtwoord dat de beheerder toegang geeft tot de standaardinstellingen kan worden gewijzigd.

* Het verdient aanbeveling de code op te schrijven wanneer ze wordt gewijzigd.

0000 tot 9999 4850

6 - 9

6-2

HOOFDSTUK 6 BEHEER EN INSTELLING

(2) Standaardinstellingen voor kopiëren

Instellingen toegankelijk voor gebruiker en beheerder

Instelling Details

1

Zoom step

[Zoom steps]

Mogelijke waarden Standaard Bladzijde

De tussenstap voor het instellen van de reproductiefactor kan worden ingesteld op 1% of 0,1%. Als de tussenstap wordt ingesteld op 1%, wordt het gedeelte na de komma niet getoond en niet gebruikt voor het kopiëren.

1%/0,1% 1%

6-10

2

Zoom register

Reproductiefactoren kunnen als gebruikersinstellingen worden opgeslagen onder de nummers 1 tot 5.

3

Cut sizes register U kunt om het even welke lengte registreren als standaard afsnijlengte onder gebruikersinstelling 1 en 2.

Zoom

25% tot 400%

XY zoom

X (breedterichting):

25% tot 400%

Y (lengterichting):

25% tot 400%

Zoom

100,0%

6-10

User 1/User 2

11" tot 237" [279 mm tot 6000 mm]

User 1: 40"

[1000 mm],

User 2: 80"

[2000 mm]

6-11

4

Exposure step

[Exposure steps]

Het aantal belichtingsstappen voor het instellen van de kopiecontrasttoetsen ( O en P ) kan worden ingesteld op “7 steps” of

“13 steps”.

7 steps/13 steps

5

Auto/manual exp.

De standaard belichtingsstand kan worden ingesteld.

7 steps

Auto, Normal, Normal danker, normal lighter,

Text/line, Photo

Normal

6-11

6-11

6

Default exposure U kunt de standaardpositie van de belichtingsindicators kiezen. Als

Auto wordt gekozen, licht er geen indicator op.

1 tot 7 4

6-12

7

Exposure adj.

Algemeen kopiecontrast in elke belichtingsstand (de instellingen “Auto

Exposure ”, “Normal originals”, “Character/L ine” en “Photo” zijn mogelijk.

Voor elke belichtingsstand:

1 tot 7

4

6-12

6-3

HOOFDSTUK 6 BEHEER EN INSTELLING

Instellingen alleen toegankelijk voor beheerder

Instelling

8

Standard drawer

9

Auto select set

Details

De standaard papierbron kan worden ingesteld.

De standaard kopieerstand (“APS”, “AMS” of “Manual”) kan worden ingesteld.

Mogelijke waarden Standaard Bladzijde

Paper source 1 (alleen als een optionele roleenheid geïnstalleerd is)/Paper source 2/

Paper source 3/Bypass

Paper source 2

6 - 1 2

APS/AMS/Manual Manual

6 - 1 3

0

AMS mode Als een papierbron wordt gekozen wanneer de APS-stand is ingesteld, kopieert de machine ofwel met een vooraf ingestelde reproductiefactor ofwel in de AMS-stand. U kunt kiezen of de machine kopieert met een vooraf ingestelde reproductiefactor (“OFF”) of in de AMS-stand (“ON”).

ON/OFF

!

Method copy start Als “Start key” wordt gekozen, begint het scannen van het origineel wanneer de starttoets wordt ingedrukt nadat een origineel is geplaatst.

Als “Auto start” wordt gekozen, begint het scannen van het origineel automatisch nadat een origineel is geplaatst.

Auto start/

Start key

@

Start late time

OFF

Auto start

6 - 1 3

6 - 1 3

Als “

!

Method copy start” is ingesteld op “Auto start”, kan de tijd tussen het plaatsen van het origineel en de start van het kopiëren worden ingesteld.

0,5 sec./1 sec./2 sec./

3 sec./4 sec./5 sec.

0,5 sec.

6 - 1 3

#

Paper cut

[Select.cut Method]

U kunt de standaard afsnijlengte van het papier instellen.

“User 1” en “User 2” zijn de lengtes die zijn ingesteld onder de

3

Cut size register”.

Voor A-sizes (metrische machine)

Synchronized cut/1189 mm/841 mm/

594 mm/420 mm/

297 mm/User 1, 2

Voor B-sizes (metrische machine)

Synchronized cut/1030 mm/728 mm/

515 mm/364 mm/

User 1, 2

Architecture (inchmachine)

Synchronized cut/ 12,0"/

18,0"/24,0"/36,0"/48,0"/

Gebruiker 1, 2

Engineering (inchmachine)

Synchronized cut/ 11,0"/

17,0"/22,0"/34,0"/44,0"/

User 1, 2

Synchronized cut

6 - 1 4

$

Sync. Cut lenght U kunt kiezen of de afsnijlengte al of niet wordt getoond wanneer de synchrone afsnijmethode is ingesteld.

ON/OFF OFF

6 - 1 4

6-4

HOOFDSTUK 6 BEHEER EN INSTELLING

2. Procedure voor het instellen van standaardinstellingen

(1) Instelprocedure voor de gebruiker

1

Druk op de */Taaltoes.

> Om de standaard kopieerinstellingen in te stellen, drukt u op de toets

▼ of

▲ om “Copy default” te kiezen.

(Inch)

(Inch) (Metrisch)

(Metrisch)

2

Druk op de toets

▼ of

▲ om “Default setting/user” te kiezen.

(Inch)

(Metrisch)

3

Druk op de OK-toets.

4

Kies de standaardinstellingen van de machine of de standaard kopieerinstellingen.

> Om de standaardinstellingen van de machine in te stellen, drukt u op de toets

of

om “Machine default” te kiezen.

(Inch)

5

Druk op de OK-toets.

6

Druk op de toets

▼ of

▲ om een instelling te kiezen en druk op de OK-toets. Stel elke instelling in zoals beschreven op de aangeduide bladzijden.

> Beschikbare standaardinstellingen van de machine

1

Paper width adjustment ... Blz. 6-7

2

Media Type [Paper Working] ... Blz. 6-8

3

Media type setting

[Paper material adjustment] ... Blz. 6-8

4

Roll end adjustment ... Blz. 6-8

5

Display contrast ... Blz. 6-9

6

Orig.eject direct. ... Blz. 6-9

> Beschikbare standaard kopieerinstellingen

1

Zoom step [Zoomsteps] ... Blz. 6-10

2

Zoom register ... Blz. 6-10

3

Cut size register ... Blz. 6-11

4

Exposure step [Exposure steps] ... Blz. 6-11

5

Auto/Manual exp. ... Blz. 6-11

6

Default exposure ... Blz. 6-12

7

Exposure adj. ... Blz. 6-12

7

Om een andere instelling in te stellen, keert u terug naar stap

6. Om het instellen te beëindigen, drukt u op de toets

▼ of

▲ om “Default/back User” [“Default set./back User”] te kiezen en drukt u op de OK-toets. Druk op de toets

▼ of

▲ om

“End” te kiezen.

(Metrisch)

6-5

HOOFDSTUK 6 BEHEER EN INSTELLING

(2) Instelprocedure voor de beheerder

1

Druk op de toets */Taaltoes.

(Inch)

(Metrisch)

5

Kies de standaardinstellingen van de machine of de standaard kopieerinstellingen.

> Om de standaardinstellingen van de machine in te stellen, drukt u op de toets

of

om “Machine default” te kiezen.

(Inch)

(Metrisch)

2

Druk op de toets

▼ of

om “Default set/manager” [“Default setting/admin.”] te kiezen.

(Inch)

> Om de standaard kopieerinstellingen in te stellen, drukt u op de toets

▼ of

▲ om “Copy default” te kiezen.

(Inch)

(Metrisch)

(Metrisch)

3

Druk op de OK-toets.

4

Voer een wachtwoord van vier cijfers in met de nummertoetsen.

* De standaard fabrieksinstelling is “4850”. U kunt deze instelling veranderen. (“

8

Management # [Manag.code]” op blz. 6-2)

6

Druk op de OK-toets.

6-6

7

Druk op de toets

▼ of

▲ om een instelling te kiezen en druk op de OK-toets. Stel elke instelling in zoals beschreven op de aangeduide bladzijden.

> Beschikbare standaardinstellingen van de machine

1

Paper width adjustment ... Blz. 6-7

2

Media Type [Paper Working] ... Blz. 6-8

3

Media type setting

[Paper material adjustment] ... Blz. 6-8

4

Roll end adjustment ... Blz. 6-8

5

Display contrast ... Blz. 6-9

6

Orig.eject direct. ... Blz. 6-9

7

Standard size set... Blz. 6-9

8

Management # [Manage.code] ... Blz. 6-9

> Beschikbare standaard kopieerinstellingen

1

Zoom step [Zoom steps] ... Blz. 6-10

2

Zoom register ... Blz. 6-10

3

Cut size register ... Blz. 6-11

4

Exposure step [Exposure steps] ... Blz. 6-11

5

Auto/Manual exp. ... Blz. 6-11

6

Default exposure ... Blz. 6-12

7

Exposure adj. ... Blz. 6-12

8

Standard drawer... Blz. 6-12

9

Auto select set. ... Blz. 6-13

0

AMS mode ... Blz. 6-13

!

Method copy start ... Blz. 6-13

@

Start late time ... Blz. 6-13

#

Paper cut [Selec.cut Method] ... Blz. 6-14

$

Sync. cut lenght ... Blz. 6-14

HOOFDSTUK 6 BEHEER EN INSTELLING

(3) Instelling van elk item

Standaardinstellingen van de machine

1

Paper width adjustment (Instelling papierbreedt.)

1

Druk op de toets

▼ of

▲ om de gewenste papierbron te kiezen.

(Inch)

2

(Metrisch)

Druk op de OK-toets.

3

Om de automatische herkenning in te schakelen, drukt u op de toets

▼ of

▲ om “Auto” te kiezen. Om de papierbreedte in te stellen, kiest u “Input width(# key)”.

(Inch)

8

Om een andere instelling in te stellen, keert u terug naar stap

6. Om het instellen te beëindigen, drukt u op de toets

▼ of

▲ om “Back to Default/mgr” [“Back to Default/manager”] te kiezen en drukt u op de OK-toets. Druk op de toets

▼ of

▲ om “End” te kiezen.

(Metrisch)

* Als u “Input width(# key)” kiest, voert u met de nummertoetsen een papierbreedte in tussen 8,5" en 36,2"

[210 mm en 920 mm].

4

Druk op de OK-toets.

5

Druk op de toets

▼ of

▲ om “Back to machine default” te kiezen.

6

Druk op de OK-toets. De machine keert terug naar het instelscherm voor de standaardinstellingen van de machine.

6-7

HOOFDSTUK 6 BEHEER EN INSTELLING

2

Media Type [Paper working] (Mediatype)

1

Om het registreren van papiermateriaal voor elke papierbron mogelijk te maken, drukt u op de toets

▼ of

▲ om “ON” te kiezen.

(Inch)

3

Druk op de toets

▼ of

▲ om een papiermateriaal te kiezen.

(Inch)

(Metrisch)

(Metrisch)

2

Druk op de OK-toets. De machine keert terug naar het instelscherm voor de standaardinstellingen van de machine.

4

Druk op de OK-toets.

5

Druk op de toets

▼ of

▲ om “Back to machine default” te kiezen.

3

Media type setting [Paper material adjustment]

(SettingInstelling mediatype)

OPMERKING

Als “

2

Media Type [Paper working]” is ingesteld op “OFF”, kunt u deze instelling niet instellen.

6

Druk op de OK-toets. De machine keert terug naar het instelscherm voor de standaardinstellingen van de machine.

4

Roll end adjustment (Instelling roleinde)

1

Druk op de toets

▼ of

▲ om een papierbron te kiezen.

(Inch)

1

Druk op de toets

▼ of

▲ om een papiermateriaal te kiezen.

(Inch)

(Metrisch)

(Metrisch)

2

Druk op de OK-toets.

2

Druk op de OK-toets.

6-8

3

Om in te stellen of het papiereinde al of niet aan de rolkern is bevestigd, drukt u op de toets

▼ of

▲ om “Fix” of “Unfix” te kiezen.

HOOFDSTUK 6 BEHEER EN INSTELLING

7

Standard size set (Instelling standaardformaat)

1

Druk op de toets

▼ of

▲ om het soort standaardformaat te kiezen.

Voor een inch-machine kiest u “Architecture” of “Engineer”.

Voor een metrische machine kiest u “A sizes” of “B sizes”.

(Inch)

(Inch)

(Metrisch)

(Metrisch)

4

Druk op de OK-toets.

5

Druk op de toets

▼ of

▲ om “Back to machine default” te kiezen.

2

Druk op de OK-toets. De machine keert terug naar het instelscherm voor de standaardinstellingen van de machine.

6

Druk op de OK-toets. De machine keert terug naar het instelscherm voor de standaardinstellingen van de machine.

5

Display contrast (Schermcontrast)

1

Druk op de toets

▼ of

▲ om het schermcontrast in te stellen.

Een hogere waarde geeft een lichter contrast aan, een lagere waarde geeft een donkerder contrast aan.

(Inch)

8

Management # [Manage.code] (Beheercode)

1

Voer een wachtwoord van vier cijfers in met de nummertoetsen.

(Inch)

(Metrisch)

(Metrisch)

2

Druk op de OK-toets. De machine keert terug naar het instelscherm voor de standaardinstellingen van de machine.

2

Druk op de OK-toets. De machine keert terug naar het instelscherm voor de standaardinstellingen van de machine.

6-9

HOOFDSTUK 6 BEHEER EN INSTELLING

Beschikbare standaard kopieerinstellingen

1

Zoom step [Zoom steps] (Zoom-tussenstap)

1

Druk op de toets

▼ of

▲ om een zoom-tussenstap te kiezen:

1% of 0,1%.

(Inch)

3

Druk op de toets

▼ of

▲ om “Zoom” of “XY Zoom” te kiezen.

(Inch)

(Metrisch)

(Metrisch)

2

Druk op de OK-toets. De machine keert terug naar het instelscherm voor de standaard kopieerinstellingen.

2

Zoom register (Zoom-gebruikersinstellingen)

1

Druk op de toets

▼ of

▲ om een gebruikersnummer te kiezen.

(Inch)

4

Druk op de OK-toets.

Als u “Zoom” hebt gekozen, gaat u door naar de volgende stap. Als u “XY Zoom” hebt gekozen, gaat u door naar stap 6.

5

Druk op de toets O of P of op de nummertoetsen om de gewenste reproductiefactor te kiezen. De reproductiefactor kan worden ingesteld op een waarde tussen 25% en 400%.

Ga door naar stap 9.

(Inch)

(Metrisch)

(Metrisch)

2

Druk op de OK-toets.

6

Druk op de toets O of P of op de nummertoetsen om de gewenste reproductiefactor te kiezen voor de lengterichting van het papier (X). De reproductiefactor kan worden ingesteld op een waarde tussen 25% en 400%.

(Inch)

(Metrisch)

6-10

7

Druk op de toets

▼ of

.

HOOFDSTUK 6 BEHEER EN INSTELLING

5

Druk op de toets

▼ of

▲ om “Back to copy default” te kiezen.

8

Druk op de toets

of

of op de nummertoetsen om de gewenste reproductiefactor te kiezen voor de breedterichting van het papier (Y). De reproductiefactor kan worden ingesteld op een waarde tussen 25% en 400%.

9

Druk op de OK-toets.

10

Druk op de toets

▼ of

▲ om “Back to copy default” te kiezen.

4

Exposure step [Exposure steps] (Belichtingsstap)

1

Druk op de toets

▼ of

▲ om de gewenste kopieercontraststand te kiezen.

(Inch)

11

Druk op de OK-toets. De machine keert terug naar het instelscherm voor de standaard kopieerinstellingen.

6

Druk op de OK-toets. De machine keert terug naar het instelscherm voor de standaard kopieerinstellingen.

3

Cut size register (Gebruikersinstellingen voor afsnijlengte)

1

Druk op de toets

▼ of

▲ om een gebruikersnummer te kiezen.

2

Druk op de OK-toets.

3

Voer de afsnijlengte in met de nummertoetsen.

Kies een waarde van 11" tot 237" [279 mm tot 6000 mm].

(Inch)

(Metrisch)

2

Druk op de OK-toets. De machine keert terug naar het instelscherm voor de standaard kopieerinstellingen.

5

Auto/Manual exp. (Automatische/handmatige belichting)

1

Druk op de toets

▼ of

▲ om de gewenste kopieercontraststand te kiezen.

(Inch)

(Metrisch)

(Metrisch)

4

Druk op de OK-toets.

2

Druk op de OK-toets. De machine keert terug naar het instelscherm voor de standaard kopieerinstellingen.

6-11

HOOFDSTUK 6 BEHEER EN INSTELLING

6

Default exposure (Standaardbelichting)

1

Druk op de toets

▼ of

▲ om de gewenste positie van de belichtingsindicator te kiezen.

(Inch)

3

Druk op de toets

▼ of

▲ om het gewenste kopieercontrast te kiezen.

Een hogere waarde koomt overeen met een donkerder belichtingsniveau aan.

(Inch)

(Metrisch)

(Metrisch)

2

Druk op de OK-toets. De machine keert terug naar het instelscherm voor de standaard kopieerinstellingen.

7

Expusure adj. (Instelling belichting)

1

Druk op de toets

▼ of

▲ om een origineelstand te kiezen.

(Inch)

4

Druk op de OK-toets.

5

Druk op de toets

▼ of

▲ om “Back to copy default” te kiezen.

6

Druk op de OK-toets. De machine keert terug naar het instelscherm voor de standaard kopieerinstellingen.

(Metrisch)

8

Standard drawer (Standaardlade)

1

Druk op de toets

▼ of

▲ om de gewenste papierbron te kiezen.

(Inch)

2

Druk op de OK-toets.

(Metrisch)

2

Druk op de OK-toets. De machine keert terug naar het instelscherm voor de standaard kopieerinstellingen.

6-12

9

Auto select set (Instelling automatische keuze)

1

Druk op de toets

▼ of

▲ om de gewenste kopieerstand te kiezen.

(Inch)

HOOFDSTUK 6 BEHEER EN INSTELLING

!

Method copy start (Start kopiëren)

1

Druk op de toets

▼ of

▲ om de gewenste methode voor het starten van het kopiëren te kiezen.

(Inch)

(Metrisch)

(Metrisch)

2

Druk op de OK-toets. De machine keert terug naar het instelscherm voor de standaard kopieerinstellingen.

2

Druk op de OK-toets. De machine keert terug naar het instelscherm voor de standaard kopieerinstellingen.

0

AMS mode (AMS-stand)

1

Om de AMS-stand in te stellen als standaardinstelling, drukt u op de toets

▼ of

▲ om “ON” te kiezen.

Als u de instelling “OFF” kiest, zal de vooraf ingestelde reproductiefactor als standaardinstelling worden gebruikt.

(Inch)

(Metrisch)

@

Start late time (Startvertraging)

OPMERKING

• Als “

!

Method copy start” is ingesteld op “Start key”, kan deze instelling niet worden ingesteld.

1

Druk op de toets

▼ of

▲ om de gewenste vertragingstijd voor de automatische start te kiezen.

De tijd kan worden ingesteld van 0,5 seconde tot

5 seconden.

(Inch)

(Metrisch)

2

Druk op de OK-toets. De machine keert terug naar het instelscherm voor de standaard kopieerinstellingen.

2

Druk op de OK-toets. De machine keert terug naar het instelscherm voor de standaard kopieerinstellingen.

6-13

HOOFDSTUK 6 BEHEER EN INSTELLING

#

Paper cut [Selec.cut. Method] (Papierafsnijmethode)

OPMERKING

• Welke formaten worden getoond, hangt af van de standaardinstelling van de machine “

@

Standard size set”.

1

Druk op de toets

▼ of

▲ om de gewenste afsnijlengte te kiezen.

(Inch)

(Metrisch)

2

Druk op de OK-toets. De machine keert terug naar het instelscherm voor de standaard kopieerinstellingen.

$

Sync. Cut lenght (Sync. afsnijlengte)

1

Om de synchrone afsnijlengte weer te geven, drukt u op de toets

▼ of

▲ om “ON” te kiezen.

(Inch)

(Metrisch)

2

Druk op de OK-toets. De machine keert terug naar het instelscherm voor de standaard kopieerinstellingen.

6-14

HOOFDSTUK 6 BEHEER EN INSTELLING

3. Verandering van de taal

De berichten die deze machine toont kunnen worden weergegeven in het Japans, Amerikaans Engels, Brits Engels, Frans, Spaans, Duits en Italiaans.

1

Druk op */Taaltoets.

(Inch) (Metrisch)

4

Druk op de toets

▼ of

▲ om de gewenste taal te kiezen.

(Inch)

(Metrisch)

5

Druk op de OK-toets. Druk vervolgens op de Terugsteltoets.

2

Druk op de toets

▼ of

▲ om “Language” te kiezen.

(Inch)

(Metrisch)

3

Druk op de OK-toets.

6-15

HOOFDSTUK 7 VERHELPEN VAN

PROBLEMEN

1. Berichten tijdens het kopiëren

Wanneer één van de hierna getoonde berichten verschijnt in het berichtvenster van het bedieningspaneel, moet u de aangeduide procedure volgen.

Bericht

“Close front cover.”

“Close eject cover.” [“Close output cover.”]

“Push and close original table.”

“Close toner cover.”

“Close right cover.”

“Close original holder”

“Close the cover of orig. holder”

“Paper misfeed.”

“Set original again”

“Remove original.”

“Place paper in drawer.”

“Remove remaining paper”

Maatregelen

Het voorpaneel is open. Sluit het voorpaneel goed.

Het uitwerpdeksel is open. Sluit het uitwerpdeksel goed.

De hoofdeenheid van de machine is open. Neem de ontgrendelingshendel van de hoofdeenheid met beide handen vast en duw op de origineeltafel om de machine te sluiten.

Het deksel van het tonerreservoir is open. Sluit het deksel van het tonerreservoir goed.

Het rechterpaneel is open. Sluit het rechterpaneel goed.

Een origineelhouder of het deksel van de invoerrand van het origineel is open. Sluit de houder of het deksel goed.

Bladzijde

Er heeft zich een papierstoring voorgedaan. Verwijder het vastgelopen papier volgens de aanwijzingen in het bericht.

Het origineel is vastgelopen. Verwijder het origineel en plaats het opnieuw op de origineeltafel.

Het origineel is vastgelopen nadat het origineel is gescand.

Verwijder het origineel.

7-7

7-11

7-11

Het papier in de roleenheid is op. Vervang de papierrol door een nieuwe.

3-6

Het papier in de roleenheid is op. Open het voorpaneel, wikkel de rest van de papierrol op en vervang de rol door een nieuwe.

3-6

7-1

HOOFDSTUK 7 VERHELPEN VAN PROBLEMEN

Bericht

“No roll unit” [“Roll unit is not set.”]

“Add Paper in X Drawer.”

“Check waste toner tank.”

“Add toner.”

Maatregelen

De roleenheid is niet correct geplaatst. Open het voorpaneel en druk de roleenheid goed in de machine.

Er is papier met een andere breedte geplaatst voor een tussendoorkopie of een gereserveerde taak. Vervang de papierrol.

Het toneropvangreservoir is vol of het reservoir is niet goed geplaatst. Vervang het reservoir door een nieuw of plaats het reservoir correct.

Als dit bericht verschijnt samen met “Ready to copy.”, is kopiëren mogelijk, maar doorlopend kopiëren niet. Vul onmiddellijk toner bij. U kunt nog enige tijd kopiëren, maar wanneer alleen dit bericht verschijnt, is kopiëren niet meer mogelijk.

Bladzijde

3-6

3-6

7-5

7-3

“Time for Maintenance”

“Call service.”

De machine is aan een onderhoudsbeurt toe. Neem contact op met uw servicevertegenwoordiger.

Er heeft zich een probleem voorgedaan binnen in de machine.

Zie 4. “Maatregelen in geval van het bericht Call for service”.

7-6

Het geheugen is vol.

“Memory full”

“Could not be saved.”

“Exceeding zoom range. Reenter zoom ratio.”

“These functions cannot be combined.”

“Incorrect pin code.” [“Incorrect ID-Code.”]

“Repeat copy code is wrong.”

“Insert key counter.”

De origineelbeelden kunnen niet in het geheugen opgeslagen worden. Het kopiëren van het tweede origineel en volgende originelen of herhaalkopieën zijn niet mogelijk.

De reproductiefactor of een andere instelling voor bewerkingsfuncties overschrijdt de toegestane limiet. Druk op de OK-toets en voer de waarde opnieuw in.

U probeert een functie of standaardinstelling in te stellen die niet beschikbaar is. Zie “Lijst van standaardinstellingen”.

Het wachtwoord is verkeerd. Voer het juiste wachtwoord in met de nummertoetsen.

De code voor de herhaalkopie is niet juist. Voer de juiste code in met de nummertoetsen.

De sleutelteller (optie) is niet of niet goed geïnstalleerd.

Installeer de teller correct.

6-1

6-2

4-1

7-2

Bericht

“Cannot change mirror image in repeat copy mode.”

[“Cannot change mirror image in repeat copy.”]

“Shortage of memory to image rotate.”

“Exceeded zoom range. Cannot modify copy.”

“Cannot repeat copy this zoom#”

“Cannot repeat copy for this paper size”

HOOFDSTUK 7 VERHELPEN VAN PROBLEMEN

Bladzijde Maatregelen

De instelling van het spiegelbeeld kan niet worden veranderd tijdens een herhaalkopie. Als de instelling van het spiegelbeeld is veranderd, voert u de kopieertaak opnieuw uit vanaf het begin.

Het geheugen is vol. De functies beeldrotatie en automatische rotatie vergen te veel geheugen. Verander de oriëntatie van het origineel en probeer opnieuw te kopiëren.

De maximale vergrotingsfactor voor een herhaalkopie is overschreden. Voer de kopieerbewerking opnieuw uit om het kopiëren te hervatten.

Het geheugen is vol. Het maken van een herhaalkopie met verkleining kan te veel geheugen vergen. Voer de kopieerbewerking opnieuw uit om het kopiëren te hervatten.

Het maken van een herhaalkopie is niet mogelijk om één van de volgende redenen.

• Er is een blad dat de maximale vergrotingsfactor overschrijdt.

• Het geheugen is vol geraakt als gevolg van het verkleinen.

• Er is een blad waarvoor automatische rotatie niet mogelijk is.

Voer de kopieerbewerking opnieuw uit om het kopiëren te hervatten.

“Cannot job reserve during reduce modify copy.” Tijdens het maken van een herhaalkopie met verkleining is de reserveerfunctie niet beschikbaar. Wacht tot de huidige kopieertaak is voltooid.

“Reposition original or change drawer.” [“Reset original or select another paper drawer.”]

Automatische rotatie is niet mogelijk. Verander de richting van het origineel.

2. Toner bijvullen

Wanneer er onvoldoende toner is, verschijnt het bericht “Add toner.”. Als dit bericht verschijnt samen met “Ready to copy.”, is doorlopend kopiëren niet mogelijk. Kopiëren is nog enige tijd mogelijk, maar als alleen het bericht “Add toner.” verschijnt, is kopiëren niet meer mogelijk. Vul onmiddellijk toner bij.

Bij het doorlopend kopiëren van donkere originelen kan als gevolg van het hoge tonerverbruik het bericht “Add toner.” verschijnen, ook als er nog toner in de machine aanwezig is. In dat geval moet u de tonertoevoergleuf openen en weer sluiten. De toner zal worden bijgevuld.

(Inch)

(Metrisch)

7-3

HOOFDSTUK 7 VERHELPEN VAN PROBLEMEN

1

Verwijder de origineelterugvoergeleider en draai dan de schroeven aan beide zijden van de tonertoevoergleuf los volgens de aanduidingen om de tonertoevoergleuf te openen.

5

Druk de tonerfles omlaag en draai ze tegelijk 90 graden met de klok mee. De toner wordt bijgevuld.

2

Houd de nieuwe tonerfles ondersteboven en tik 10 maal tegen de onderkant van de fles.

6

Tik 7 à 8 maal tegen de zijkant van de tonerfles om de resterende toner uit de fles te verwijderen.

7

Druk de tonerfles omlaag, draai ze weer in haar oorspronkelijke positie en verwijder ze voorzichtig.

3

Schud de nieuwe tonerfles 10 maal van boven naar onder, houd ze vervolgens horizontaal en schud ze 10 maal van links naar rechts.

8

Sluit de tonerbijvulgleuf en draai de schroeven van de tonerbijvulgleuf vast zoals getoond op de afbeelding.

Bevestig vervolgens opnieuw de origineelterugvoergeleider.

4

Plaats het gedeelte

van de tonerfles tegenover de pen

1

(metalen uitsteeksel) van de opening om de fles in de opening te voeren zoals getoond op de afbeelding.

OPGELET

Gooi toner en tonerhouders niet in het vuur. Gevaarlijke vonken kunnen brandwonden veroorzaken.

7-4

HOOFDSTUK 7 VERHELPEN VAN PROBLEMEN

3. Vervanging van het toneropvangreservoir

Wanneer het toneropvangreservoir vol is, verschijnt het bericht “Check waste toner tank.” en is kopiëren niet meer mogelijk. Vervang het reservoir door een nieuw toneropvangreservoir.

(Inch)

3

Plaats een nieuw toneropvangreservoir in de machine.

(Metrisch)

1

Open het rechterpaneel en verwijder het toneropvangreservoir door het naar u toe naar buiten te trekken.

4

Sluit het rechterpaneel.

* De toner in het toneropvangreservoir kan niet opnieuw worden gebruikt.

2

Sluit het toneropvangreservoir af met de afsluittape.

OPGELET

Gooi toner en tonerhouders niet in het vuur. Gevaarlijke vonken kunnen brandwonden veroorzaken.

7-5

HOOFDSTUK 7 VERHELPEN VAN PROBLEMEN

4. Maatregelen in geval van het bericht Call for service

Als het bericht “Call service.” verschijnt, heeft de machine een abnormale toestand vastgesteld. Stop onmiddellijk de bediening van de machine en volg de onderstaande procedure.

(Inch)

(Metrisch)

1

Trek aan de ontgrendelingshendel van de hoofdeenheid om deze te openen en sluit de hoofdeenheid opnieuw.

2

Als hetzelfde bericht opnieuw verschijnt, noteert u de getoonde foutcode (C xxxx in het bovenstaande voorbeeld).

3

Zet de hoofdschakelaar uit (O) en trek de stekker uit het stopcontact.

4

Neem contact op met uw servicevertegenwoordiger. Meld de hierboven genoemde foutcode.

7-6

HOOFDSTUK 7 VERHELPEN VAN PROBLEMEN

5. Wanneer het papier of een origineel vastloopt

Wanneer het papier of een origineel vastloopt, stopt de machine met kopiëren en verschijnt een bericht dat aangeeft dat een papierstoring is opgetreden. Laat de hoofdschakelaar aan staan (

) en verwijder het vastgelopen papier volgens de instructies in het bericht.

(1) Aanduiding van plaats van papierstoring (3) Procedure voor het verwijderen van papier

1

Als “Paper misfeed. Press “Cut paper” key.” of “Paper misfeed.

Pull out original table.” verschijnt:

Er is papier vastgelopen in de machine. Voer de volgende procedure uit om het vastgelopen papier te verwijderen.

1

2

3

(Inch)

(Metrisch)

1

Papierstoring in de machine

2

Papierstoring in de handinvoergleuf (Blz. 7-9)

3

Papierstoring in het papierinvoergedeelte (Blz. 7-9)

Papierstoring in het origineeldeksel (Blz. 7-11)

(2) Waarschuwingen

WAARSCHUWING

Het ladergedeelte staat onder hoge spanning. Let goed op wanneer u in de buurt hiervan werkt, aangezien er gevaar bestaat voor een elektrische schok.

OPGELET

De fixeereenheid van de kopieermachine is erg heet. Let goed op wanneer u in de buurt hiervan werkt, om te vermijden dat u zich verbrandt.

(Inch)

(Metrisch)

• Gebruik papier dat is vastgelopen niet opnieuw.

• Als het vastgelopen papier scheurt terwijl u het verwijdert, let dan op dat er geen papierresten in de machine achterblijven, om een nieuwe papierstoring te voorkomen.

• Nadat een vastgelopen papier of origineel is verwijderd, begint het opwarmen, verdwijnt het bericht en keert de machine terug naar de instellingen die waren ingesteld voordat de papierstoring zich voordeed.

1

Als “Press “Cut paper” key.” verschijnt, drukt u op de rolafsnijtoets.

BELANGRIJK

• Open geen deksels of panelen voordat u op de rolafsnijtoets drukt.

7-7

HOOFDSTUK 7 VERHELPEN VAN PROBLEMEN

2

Neem de ontgrendelingshendel van de hoofdeenheid vast en trek hem naar u toe.

De hoofdeenheid gaat open.

5

Als het papier zichtbaar is, verwijdert u het uit de machine.

WAARSCHUWING

Het ladergedeelte staat onder hoge spanning. Let goed op wanneer u in de buurt hiervan werkt, aangezien er gevaar bestaat voor een elektrische schok.

OPGELET

De fixeereenheid van de kopieermachine is erg heet. Let goed op wanneer u in de buurt hiervan werkt, om te vermijden dat u zich verbrandt.

6

Trek de ontgrendelingshendel van het uitwerpdeksel naar u toe. Het uitwerpdeksel gaat open.

3

Als het vastgelopen papier zichtbaar is, trekt u het uit de machine.

* Als dit moeilijk is, trekt u niet te hard aan het papier, maar gaat u door naar de volgende stap.

OPGELET

De fixeereenheid van de kopieermachine is erg heet. Let goed op wanneer u in de buurt hiervan werkt, om te vermijden dat u zich verbrandt.

7

Verwijder het vastgelopen papier.

4

Draai de doorvoerknop tegen de klok in. Het papier wordt doorgevoerd.

BELANGRIJK

• Trek voordat u het uitwerpdeksel opent de origineeltafel uit.

7-8

8

Neem de ontgrendelingshendel van het uitwerpdeksel vast en sluit het uitwerpdeksel.

9

Neem de ontgrendelingshendel van de hoofdeenheid vast en duw de origineeltafel naar de achterkant van de machine om de hoofdeenheid goed te kunnen sluiten.

2

Als “Paper misfeed. Remove paper.” verschijnt:

Er is papier vastgelopen in de handinvoergleuf. Voer de volgende procedure uit om het vastgelopen papier te verwijderen.

(Inch)

HOOFDSTUK 7 VERHELPEN VAN PROBLEMEN

WAARSCHUWING:

Het ladergedeelte staat onder hoge spanning. Let goed op wanneer u in de buurt hiervan werkt, aangezien er gevaar bestaat voor een elektrische schok.

3

Als het papier zichtbaar is, verwijdert u het uit de machine.

* Als het vastgelopen papier moeilijk kan worden verwijderd, trekt u er niet te hard aan, maar gaat u gewoon door naar de volgende stap.

(Metrisch)

1

Trek het papier dat in de handinvoergleuf is vastgelopen naar u toe.

* Als het vastgelopen papier moeilijk kan worden verwijderd, trekt u er niet te hard aan, maar gaat u gewoon door naar de volgende stap.

4

Neem de ontgrendelingshendel van de hoofdeenheid vast en duw de origineeltafel naar de achterkant van de machine om de hoofdeenheid goed te kunnen sluiten.

2

Neem de ontgrendelingshendel van de hoofdeenheid vast en trek hem naar u toe.

De hoofdeenheid gaat open.

3

Als “Paper misfeed. Open front cover.” verschijnt:

De papierrol is vastgelopen in de aangeduide papierbron.

Voer de volgende procedure uit om het vastgelopen papier te verwijderen.

(Inch)

(Metrisch)

7-9

HOOFDSTUK 7 VERHELPEN VAN PROBLEMEN

1

Open het voorpaneel.

5

Neem beide papierrolinvoerklemmen

3

vast en open het papierrolinvoerdeksel

4

.

2

Neem de handvatten

A

van de roleenheid vast om de eenheid te ontgrendelen en trek de roleenheid naar buiten tot ze stopt.

6

Steek de invoerrand van de papierrol opnieuw onder de papierrolinvoergeleider en trek de rand ongeveer 10 mm uit

1/2” de geleider, zoals getoond op de afbeelding.

3

Wikkel de papierrol op met de flens.

7

Neem beide papierrolinvoerklemmen vast en sluit het papierrolinvoerdeksel.

4

Als een deel van de rol gekreukt of gevouwen is, moet u het verwijderen met een snijmes of een schaar.

BELANGRIJK

• Als de papierrol niet strak is, neemt u de flens vast en wikkelt u de papierrol op om het papier strak te trekken. Zo niet kan het papier schuin worden ingevoerd.

7-10

8

Plaats de roleenheid goed terug in de machine.

HOOFDSTUK 7 VERHELPEN VAN PROBLEMEN

1

Neem het origineeldeksel met beide handen vast en open het.

9

Sluit het voorpaneel.

10

Als de invoerrand van het papier niet recht is afgesneden, drukt u op de rolafsnijtoets.

De invoerrand van het papier wordt afgesneden.

Origineel vastgelopen in het origineeldeksel

Als een origineel is vastgelopen in het origineeldeksel, verschijnt het volgende bericht. Voer de volgende procedure uit om het vastgelopen origineel te verwijderen. Plaats het origineel terug zodra het bericht

“Set original again” verschijnt.

(Inch)

2

Verwijder het vastgelopen origineel zonder het te scheuren.

(Metrisch)

3

Sluit het origineeldeksel voorzichtig.

(Inch)

(Metrisch)

7-11

HOOFDSTUK 7 VERHELPEN VAN PROBLEMEN

6. Verhelpen van problemen

Raadpleeg de onderstaande tabel in geval van problemen. Neem contact op met uw servicevertegenwoordiger als het probleem blijft bestaan.

BLADZIJDE

PROBLEEM

De hoofdschakelaar staat aan, maar er verschijnt niets op het bedieningspaneel.

CONTROLEPUNT

Zit de stekker stevig in het stopcontact?

PROCEDURE

Steek de stekker stevig in het stopcontact.

Het origineel is geplaatst, maar wordt niet gekopieerd.

Verschijnt er een bericht op het bedieningspaneel?

Voer de juiste procedure uit voor het bericht dat wordt getoond.

7-1

De kopie is leeg.

Het papier loopt vaak vast.

Is het origineel met de beeldzijde naar onder geplaatst?

Plaats het origineel met de beeldzijde naar onder.

Zijn er kreuken of vouwen in het papier?

Verwijder het gekreukte of gevouwen deel van de papierrol.

Het kopiebeeld staat schuin.

Is er papier vastgelopen of zijn er papierresten achtergebleven in de machine?

Verwijder het papier volgens de juiste procedure.

Is het papier op de juiste manier geplaatst?

Controleer de plaatsing van het papier.

Is velijnpapier gebruikt?

Is het origineel recht ingevoerd?

De invoerrand kan beschadigd zijn.

Trek de papierrol uit tot het beschadigde deel naar buiten komt en snijd het af alvorens het te gebruiken.

Plaats het origineel zoals beschreven in

Nauwkeurig plaatsen van het origineel”.

Is de schuinte-instelling ingesteld?

Het kopiebeeld is naar één kant verschoven (in de breedte).

Zijn de origineelgeleiders juist ingesteld volgens de formaataanduidingen op de origineelplaat?

Is de papierrol juist in de roleenheid geplaatst?

Schakel de schuinte-instelling uit.

Pas de origineelgeleiders aan de formaataanduidingen aan en plaats vervolgens het origineel.

Regel de positie van de flensgeleiders in overeenstemming met de juiste formaataanduidingen.

3-2

7-10

7-7

3-6

3-3

3-2

3-6

Is het papier juist ingevoerd in de handinvoerstand?

Pas de handinvoergeleiders aan het papierformaat aan en voer vervolgens het kopieerpapier in.

Was de beeldverschuivingsfunctie ingesteld?

Annuleer de beeldverschuivingsfunctie.

4-8

7-12

HOOFDSTUK 7 VERHELPEN VAN PROBLEMEN

PROBLEEM

Het kopiebeeld is verschoven naar de origineelinvoerzijde of de tegenovergestelde zijde.

De lengte van het kopieerpapier verschilt van de ingestelde lengte.

CONTROLEPUNT PROCEDURE

Was de margekopieerfunctie ingesteld?

Was de beeldverschuivingsfunctie ingesteld?

Was de margekopieerfunctie ingesteld?

Annuleer de margekopieerfunctie.

Annuleer de beeldverschuivingsfunctie.

Annuleer de margekopieerfunctie.

De kopieën zijn gekreukt of gekruld.

Is de instelling van het papiermateriaal juist?

Druk op de Media-toets om het juiste papiermateriaal te kiezen.

BLADZIJDE

4-5

Is het papier vochtig?

Is de flens van de roleenheid juist geplaatst?

Vervang de papierrol door een nieuwe. Schakel, afhankelijk van de gebruiksomgeving, de schakelaar van de anti-condensverwarming in.

Plaats de flens van de roleenheid zoals het hoort.

3-7

3-6

De toner hecht zich niet goed vast aan het kopieerpapier.

Is de fixeertemperatuur juist?

Stel een lagere fixeertemperatuur in.

Is de instelling van het papiermateriaal juist?

Druk op de Media-toets om het juiste papiermateriaal te kiezen.

Is dik papier gebruikt?

Stel een hogere fixeertemperatuur in.

4-5

De kopiefilm is kleverig.

Is film gekozen als papiermateriaal?

Druk op de Media-toets om film te kiezen.

4-5

De kopiefilm is gegolfd.

Is film gekozen als papiermateriaal?

Is de fixeertemperatuur juist?

Druk op de Media-toets om film te kiezen.

Stel een lagere fixeertemperatuur in.

De afmetingen van het kopiebeeld komen niet overeen met de afmetingen van het origineel.

Is de instelling van het papiermateriaal juist?

Is het kopieformaat ingesteld?

Druk op de Media-toets om het juiste papiermateriaal te kiezen.

Stel het kopieformaat in.

4-5

4-5

7-13

HOOFDSTUK 7 VERHELPEN VAN PROBLEMEN

PROBLEEM

Het kopiebeeld is licht.

CONTROLEPUNT

Is de automatische kopieerbelichting ingesteld?

PROCEDURE

Stel de standaardinstelling “

7

Exposure adj.” in.

BLADZIJDE

6-3

Is de belichting handmatig ingesteld? (Brandt een linkse belichtingsindicator of de lichtindicator?)

Stel het juiste belichtingsniveau in met de kopieercontrasttoetsen.

4-3

Wordt het bericht voor het bijvullen van toner getoond?

Vul toner bij.

Is het papier vochtig?

Vervang de papierrol door een nieuwe. Schakel, afhankelijk van de gebruiksomgeving, de schakelaar van de anti-condensverwarming in.

7-3

3-7

Het kopiebeeld is donker.

Is de automatische kopieerbelichting ingesteld?

Stel de standaardinstelling “

7

Exposure adj.” in.

Is de belichting handmatig ingesteld? (Brandt een rechtse belichtingsindicator of de donker-indicator?)

Stel het juiste belichtingsniveau in met de kopieercontrasttoetsen.

Er verschijnen zwarte strepen op de kopieën.

Is het contactglas of zijn de aanvoerrollen vuil?

Reinig het contactglas of de aanvoerrollen.

6-3

4-3

8-1

7-14

HOOFDSTUK 8 ONDERHOUD EN BEHEER

1. Reinigen van de machine

OPGELET

Trek uit veiligheidsoverwegingen ALTIJD de stekker uit het stopcontact voordat u vastgelopen papier verwijdert.

Reinigen van het origineeldeksel

Als de kopieën regelmatig vlekken vertonen, moet u het contactglas en de origineeldoorvoerrollen reinigen.

BELANGRIJK

• Als het stof op het contactglas niet kan worden verwijderd, veegt u het glas schoon met een met alcohol of een mild schoonmaakmiddel bevochtigde doek.

• Gebruik nooit verdunner of andere oplosmiddelen.

3

Veeg de aanvoerrollen schoon terwijl u de origineeldoorvoerrollen met de hand ronddraait.

4

Veeg het contactglas en de origineeldoorvoerrollen schoon met een zachte, droge doek.

1

Open het origineeldeksel om makkelijk te kunnen reinigen.

2

Bevochtig een zachte doek met water, wring de doek uit en veeg het contactglas schoon.

BELANGRIJK

• Veeg alle aangeslagen glazen onderdelen schoon.

5

Sluit het origineeldeksel voorzichtig.

8-1

HOOFDSTUK 8 ONDERHOUD EN BEHEER

2. Technische gegevens

Type ...................................................... Console

Origineelaanvoersysteem ..................... Vaste plaat

Kopieersysteem .................................... Indirect elektrostatisch

Bruikbare originelen .............................. Vellen

Bruikbare origineelformaten .................. Maximum: 36" x 48" 36" (B) x 48" (L)

A0 920 mm (B) x 6000 mm (L)

Minimum: 8 1/2" x 11" 8 1/2" (B) x 11" (L)

A4 (staand) 210 mm (B) x 297 mm (L)

Dikte: 64 tot 80 g/m 2

Bruikbare kopieformaten ....................... Maximum: 36" x 48" 36" (B) x 48" (L)

A0 920 mm (B) x 6000 mm (L)

Minimum: 8 1/2" x 11" 8 1/2" (B) x 11" (L)

A4 (staand) 210 mm (B) x 297 mm (L)

Dikte: 64 tot 80 g/m

2

Niet-kopieerbaar gedeelte: Boven-/onderrand van papier: 10 mm of minder, rechter-/linkerrand van papier:

3 mm of minder

Kopieersnelheid .................................... 4,8 m/minuut (6,7 vellen/minuut voor 36" x 24" staand [7 vellen/minuut voor A1 staand])

Opwarmtijd ............................................ Max. 360 seconden (bij kamertemperatuur van 68˚F/20˚C, vochtigheid 65% RV)

Eerste kopie na ..................................... Max. 18 seconden (36" x 24" staand [A1 staand])

Reproductiefactor .................................. Van 25 tot 400% (in stappen van 1% of 0,1%), plus vooraf ingestelde reproductiefactoren

Beeldgeheugen ..................................... 128 MB standaard (1152 MB maximum)

Uitbreidingsgeheugen ........................... Standaard 168-pin type DIMM (64 MB, 128 MB, 256 MB, 512 MB)

Papieraanvoersysteem ......................... Twee roleenheden en handinvoer

Bruikbaar kopieerpapier ........................ Gewoon papier (64 tot 80 g/m

2

), velijn, film

Meervoudig kopiëren ............................ Tot 99 kopieën

Afleessysteem ....................................... Scannen van bewegend origineel door middel van contactbeeldsensors (600 x 600 dpi)

Lichtbron: Xenonlamp

Schrijfsysteem ....................................... LED (600 dpi x 600 dpi)

Ontwikkelingssysteem .......................... Droog

Tonertoevoersysteem ............................ Tonerfles

Fixeereenheid ....................................... Hitterol

Reinigingssysteem ................................ Blad en borstel

Fotogeleider .......................................... OPC (met anti-condensverwarming)

Functies ................................................ AMS, zoom-kopiëren, voorkeuze R/E (verkleinen/vergroten), XY-zoom, sorteren, groeperen, beeldverschuiving, margekopieerfunctie, randen wissen, spiegelbeeld, beeldrotatie, voorbeeldkopie, herhaalkopie, onderbreking, reserveren, programmeren, energiebesparing, automatische uitschakeling, zelfdiagnose

Voeding ................................................. 120 V wisselstroom, 60 Hz, 14 A

230 V AC, 50 Hz, 7 A

Stroomverbruik ...................................... 1560 W (120 V)

1620 W (230 V)

Afmetingen ............................................ 52

3/8

” (B) x 27

11/16

” (D) x 47

7/16

” (H)

[1330 mm (B) x 704 mm (D) x 1205 mm (H)]

Installatie-afmetingen ............................ 52

3/8

” (B) x 30

1/2

” (D)

[1330 mm (B) x 774 mm (D)]

Gewicht ................................................. ong. 554,4 lbs./252 kg

Geluidsniveau ....................................... < 70 dB (A)

Accessoires ........................................... Stopplaten voor kopievak, origineelterugvoergeleider, flenzen

Opties .................................................... Roleenheid, steunvel, origineellade, printer/scanner-controller, sleutelteller en uitbreidingsgeheugen

(Technische gegevens onder voorbehoud van wijziging zonder kennisgeving.)

8-2

CAUTION!

The power plug is the main isolation device! Other switches on the equipment are only functional switches and are not suitable for isolating the equipment from the power source.

OPGELET!

De stekker is de voornaamste isolatie! Andere schakelaars op de machine zijn uitsluitend functieschakelaars en koppelen de machine niet los van de voeding.

LIGHT EMITTING DIODE CLASS 1

LICHT EMITTIERENDE DIODE KLASSE 1

VERKLARING VAN OVEREENSTEMMING

MET

89/336/EEC, 73/23/EEC en 93/68/EEC

Wij verklaren uitsluitend onder onze verantwoordelijkheid dat het product waarop deze verklaring betrekking heeft in overeenstemming is met de volgende specificaties.

Limieten en methoden voor de meting van immuniteitskarakteristieken van informatietechnologie-apparatuur

Limieten en methoden voor de meting van radiostoringskarakteristieken van informatietechnologie-apparatuur

EN55024

EN55022 Klasse B

Limieten voor harmonische stroomemissies voor de invoerstroom van apparatuur

_

16 A per fase

Beperking van spanningsvariatie en flikkering bij laagspanningsvoedingssystemen voor apparatuur met nominale stroom

_

16 A

Veiligheid van informatietechnologie-apparatuur, inclusief elektrische apparatuur

EN61000-3-2

EN61000-3-3

EN60950

Was this manual useful for you? yes no
Thank you for your participation!

* Your assessment is very important for improving the work of artificial intelligence, which forms the content of this project

Download PDF

advertisement

Table of contents