HOTPOINT/ARISTON CS2A 250 H FA Freezer Gebruikershandleiding


Add to my manuals
4 Pages

advertisement

HOTPOINT/ARISTON CS2A 250 H FA Freezer Gebruikershandleiding | Manualzz

NL

GEBRUIKSAANWIJZING

SCHEMA VAN HET APPARAAT (Afb. 1)

A. Handgreep.

B. Veiligheidssluiting (indien aanwezig).

C. Afdichting.

D. Scheider (indien aanwezig).

E. Dop afvoerkanaal.

F. Bedieningspaneel.

G. Zijrooster afkoeling motor.

INSTALLATIE

• Haal het apparaat uit de verpakking.

• Verwijder de 4 vulstukken tussen de deur en het apparaat. (Fig. 3)

• Zorg dat de dop van het afvoerkanaal voor dooiwater (indien aanwezig) correct gepositioneerd is (E).

• Om de maximale prestaties te verkrijgen en schade te voorkomen bij het openen van de deur van het apparaat, dient een afstand van tenminste 7 cm van de achterwand en 7 cm van de zijkanten te worden vrijgelaten. (Fig.4)

• Breng de bijgeleverde accessoires aan (indien aanwezig).

stopcontact.

• De groene led brandt (middelste temperatuur).

• De rode LED knippert om aan te duiden dat de temperatuur in het apparaat nog niet laag genoeg is voor de opslag van etenswaren. De rode led deactiveert zich normaal gesproken binnen zes uur na de inschakeling.

• Plaats de levensmiddelen alleen in het apparaat als de rode LED niet langer brandt.

Opmerking: de afdichting sluit de vriezer hermetisch af, dus u kunt de deur van het apparaat niet onmiddellijk na sluiting weer openen. Wacht enkele minuten voordat u de deur van het apparaat opnieuw opent.

• Dit apparaat beschikt over de “skin-condensor” technologie: de condensoreenheid is in de wanden van de vriezer geïntegreerd. Om die reden kunnen de zijkanten en voorzijde van het product warm worden wanneer het product in bedrijf is. Dit is normaal en vermindert het risico op condensvorming bij zeer kritische omstandigheden

(zie de paragraaf “Opsporen van storingen”).

Maak de binnenkant van het apparaat schoon alvorens het te gebruiken.

SCHEMA VAN HET BEDIENINGSPANEEL (Afb.

2) a. Rode led: als deze knippert, dan wordt hiermee een alarm aangeduid, zie OPSPOREN VAN

STORINGEN..

b. Groene leds: deze duiden aan dat het apparaat in werking is en dat de temperatuur als volgt ingesteld is: b1 minder koude temperatuur (lampje rechts aan), gebruik deze instelling met partiële lading, dat optimaliseert het energieverbruik.

b2 middelste temperatuur (middelste lampje aan) b3 heel koude temperatuur (lampje links aan)

ALLE groene leds AAN: Functie SNELVRIEZEN is actief; zie het gedeelte “Invriezen van verse levensmiddelen”.

c. Toets temperatuurinstelling: voor het aanpassen van de temperatuurinstelling en om de fast freezefunctie te activeren/deactiveren.

Druk herhaaldelijk op de insteltoets (3) om de gewenste temperatuur te selecteren: elke keer dat er op de toets wordt gedrukt, wordt de ingestelde temperatuur aangepast.

Houd de toets ongeveer 3 seconden ingedrukt om de fast freeze-functie te activeren/deactiveren: alle groene leds knipperen 3 keer tegelijkertijd en blijven vervolgens branden.

Opmerking: De instellingen worden in het geheugen opgeslagen, zelfs bij een stroomuitval. De benodigde tijd voor het bereiken van de instelde temperatuur in de diepvriezer kan variëren afhankelijk van de klimaatomstandigheden en de instelde temperatuur zelf.

INSCHAKELEN VAN HET APPARAAT

• Steek de stekker van het apparaat in het

INVRIEZEN VAN LEVENSMIDDELEN

Klaarmaken van verse levensmiddelen om in te vriezen

• Alvorens verse levensmiddelen in te vriezen dient u het te wikkelen en verzegelen in: aluminiumfolie, plastic folie, lucht- en waterdichte plastic zakken, polytheen containers met deksel die geschikt zijn voor het invriezen van levensmiddelen.

• De levensmiddelen moeten vers, rijp en van een zeer goede kwaliteit zijn.

• Verse groenten en fruit zo mogelijk direct na de oogst invriezen, om de voedingsstoffen, de consistentie, de kleur en de smaak te behouden.

• Laat warme levensmiddelen altijd afkoelen voordat u ze in het apparaat legt.

Invriezen van verse levensmiddelen

• Plaats de in te vriezen levensmiddelen direct tegen de verticale wanden van het apparaat:

A) - in te vriezen levensmiddelen,

B) - al ingevroren levensmiddelen.

• Plaats de in te vriezen levensmiddelen niet direct tegen de al ingevroren levensmiddelen aan.

• Voor beter en sneller invriezen raden wij aan de levensmiddelen in kleine pakjes te verdelen; dit is ook nuttig op het moment van gebruik van het ingevroren voedsel.

1. Activeer de fast freeze-functie minstens 24 uur voordat er verse levensmiddelen in het product worden ingevroren door de toets c ongeveer 3 seconden in te drukken. Alle groene leds ( b ) gaan branden.

2. Plaats de levensmiddelen in het apparaat en houd de deur van het apparaat 24 uur gesloten. Na deze periode zijn de levensmiddelen ingevroren. De fast freeze-functie kan gedeactiveerd worden door de toets c ongeveer 3 seconden in te drukken.

Als de fast freeze-functie niet handmatig gedeactiveerd wordt, dan wordt de functie na 50 uur automatisch door het apparaat gedeactiveerd.

1

CONSERVERING VAN LEVENSMIDDELEN

Raadpleeg de tabel op het apparaat.

Indeling van de ingevroren levensmiddelen

Laad het diepgevroren voedsel en deel het in; het is raadzaam de datum waarop het voedsel geladen is te vermelden op de verpakkingen, om ervoor te zorgen dat het voedsel gebruikt wordt binnen de vervaldatums aangegeven in maanden in fig. 6 voor elk type van voedsel.

Tips voor het bewaren van diepvriesproducten

Wanneer u bevroren levensmiddelen koopt, zorg dan dat:

• De verpakking niet beschadigd is (diepgevroren voedsel in beschadigde verpakkingen kan een verminderde kwaliteit hebben). Indien de verpakking bol staat of vochtplekken heeft, werd het product mogelijk niet bij optimale omstandigheden bewaard en is mogelijk al deels ontdooid.

• Tijdens het winkelen dient u de aankopen van diepgevroren levensmiddelen als laatste te doen en u dient de producten in een thermisch geïsoleerde zak te dragen.

• Zet de diepvriesproducten bij thuiskomst meteen in het apparaat.

• Vermijd of beperk temperatuurvariaties tot een minimum. Neem de uiterste houdbaarheidsdatum op de verpakking in acht.

• Volg altijd de opslaginstructies op de verpakking van diepvriesproducten.

Opmerking:

• Ontdooide of gedeeltelijk ontdooide levensmiddelen moeten onmiddellijk worden geconsumeerd.

Vries ze niet opnieuw in, tenzij het voedsel na het ontdooien gekookt is. Nadat het levensmiddel gekookt is, mag het opnieuw worden ingevroren.

• Als de stroom gedurende langere tijd uitvalt:

Open de deur van het apparaat niet, behalve om de vrieselementen (indien beschikbaar) boven op het ingevroren voedsel aan de rechter- en linkerkant van het apparaat te plaatsen. Op deze manier kunt u de snelheid waarmee de temperatuur stijgt beperken.

ONTDOOIEN APPARAAT

Wij raden u aan het apparaat te ontdooien wanneer het ijs op de wanden 5-6 mm dik is geworden.

• Koppel het apparaat los van de netvoeding.

• Haal alle voedsel uit het apparaat en bewaar het op een heel koele plek of in thermisch isolerende zakken.

• Laat de deur van het apparaat openstaan.

• Verwijder de binnendop van het afvoerkanaal

(afhankelijk van model) (Fig. 8) .

• Verwijder de buitendop van het afvoerkanaal

(afhankelijk van model) en plaats hem zoals aangegeven in afbeelding 8 .

• Gebruik de scheider (afhankelijk van model) in het product als een recipiënt om het resterende water in op te vangen (D) zoals aangegeven in fig. 8 . Als er geen scheider is, gebruik dan een ondiepe kom.

• U kunt het ontdooien versnellen door met een spatel het ijs op de wanden van het apparaat los te maken.

• Verwijder het ijs van de bodem van het apparaat.

• Gebruik, om onherstelbare schade aan de binnenkant van het apparaat te voorkomen, geen puntige of scherpe metalen voorwerpen om het ijs te verwijderen.

• Gebruik geen schuurmiddelen en verwarm het vriesvak niet kunstmatig.

• Maak de binnenkant van het apparaat zorgvuldig droog.

• Plaats na het ontdooien de dop terug.

2

VERVANGEN VAN HET DEURLAMPJE (indien aanwezig)

• Haal de stekker van het apparaat uit het stopcontact.

• Verwijder de melkglazen kap aan de hand van de aanwijzingen van de afbeelding en in de aangegeven volgorde.

• Draai het lampje los en vervang het door een nieuw lampje met dezelfde spanning en hetzelfde vermogen.

• Breng de melkglazen kap weer aan en sluit het apparaat aan op het elektriciteitsnet.

HANDLEIDING VOOR PROBLEEMOPLOSSING

1. De rode led knippert .

• Is de stroom uitgevallen?

• Wordt er een ontdooiprocedure uitgevoerd?

• Werd onlangs vers voedsel ingebracht?

• Is de deur van het apparaat goed dicht?

• Staat het apparaat in de buurt van een warmtebron?

• Zijn het ventilatierooster en de condensor schoon?

2. Alle LEDS knipperen tegelijkertijd.

• Neem contact op met de klantenservice.

3. Het apparaat maakt erg veel lawaai.

• Is het apparaat perfect waterpas geïnstalleerd?

• Staat het apparaat tegen andere meubels of voorwerpen aan die trillingen kunnen veroorzaken?

• Is de verpakking van het onderstel van het apparaat verwijderd?

Opmerking: de circulatie van het koelgas kan een zacht geluid maken, ook nadat de compressor stopgezet is. Dit is geheel normaal.

4. Alle LEDS zijn uit en het product werkt niet.

• Is de stroom uitgevallen?

• Zit de stekker goed in het stopcontact?

• Is de voedingskabel niet beschadigd?

5. Alle LEDS zijn uit en het product werkt.

• Neem contact op met de klantenservice.

6. De compressor werkt onafgebroken.

• Heeft u misschien warm voedsel in het apparaat gezet?

• Is de deur van het apparaat langdurig open geweest?

• Staat het apparaat in een te warme ruimte of in de buurt van een warmtebron?

• Is de fast freeze-functie geactiveerd? (Alle groene leds AAN)

7. Te veel ijsvorming op de bovenranden.

• Zijn de doppen van het afvoerkanaal voor het dooiwater correct geplaatst?

• Is de deur van het apparaat goed dicht?

• Is de afdichting van de deur van het apparaat beschadigd of vervormd? (Zie hoofdstuk “Installatie”)

• Zijn de vier beschermdelen verwijderd? (Zie hoofdstuk “Installatie”)

8. Er vormt zich condens aan de buitenkant van het apparaat .

• Condensvorming is normaal onder bepaalde klimatologische omstandigheden (luchtvochtigheid hoger dan 85%) of als het apparaat geïnstalleerd is in vochtige en slecht geventileerde ruimtes.

Dit heeft echter geen negatieve invloed op de prestaties van het apparaat.

9. De ijslaag op de binnenwanden van de vriezer is niet overal even dik.

• Dit is normaal.

KLANTENSERVICE

Voordat u contact opneemt met de

Consumentenservice:

1. Ga na of u de storingen niet zelf kunt verhelpen.

2. Schakel het apparaat opnieuw in en controleer of het probleem is opgelost. Indien niet, koppelt u het apparaat los van de stroomtoevoer en wacht ongeveer een uur voordat u het opnieuw inschakelt.

3. Indien het probleem aanhoudt na deze actie, neemt u contact op met de Klantenservice.

Vermeld het volgende:

• de aard van de storing,

• het model,

• het servicenummer (nummer achter het woord

SERVICE op het typeplaatje op de achterkant van het apparaat),

• uw volledige adres,

• uw telefoonnummer en zonecode.

3

1

3

6

4

8

3 2 1

2

4 5

7

CLASSE/CLASS

SN

N

ST

T

°C

10 - 32

16 - 32

16 - 38

16 - 43

°F

50 - 90

61 - 90

61 - 100

61 - 110

9

400011232805

advertisement

Was this manual useful for you? Yes No
Thank you for your participation!

* Your assessment is very important for improving the workof artificial intelligence, which forms the content of this project

Related manuals

advertisement