SGH-D840
Gebruiksaanwijzing
Verkeersveiligheid voor alles
Gebruik de telefoon niet tijdens het rijden.
Parkeer eerst de auto.
Uitschakelen bij het tanken
Belangrijke
veiligheidsinformatie
Het niet opvolgen van deze
richtlijnen kan tot gevaarlijke
situaties leiden en kan in strijd
met de wet zijn.
Gebruik de telefoon niet bij een tankstation
of in de buurt van brandstoffen of
chemicaliën.
Uitschakelen in een vliegtuig
Mobiele telefoons kunnen storingen in
elektronische systemen veroorzaken. Het
gebruik ervan in vliegtuigen is gevaarlijk en
niet toegestaan.
Uitschakelen in de nabijheid van
medische apparatuur
In ziekenhuizen en andere zorginstellingen
wordt vaak apparatuur gebruikt die niet
bestand is tegen externe radiosignalen. Houd
u aan alle geldende regels of voorschriften.
Storingen
De werking van een mobiele telefoon kan
worden verstoord door de radiosignalen van
andere apparatuur.
Accessoires en batterijen
Houd u aan speciale voorschriften en zet de
telefoon uit op plaatsen waar het gebruik
van de telefoon niet is toegestaan of gevaar
of storingen kan opleveren.
Gebruik alleen door Samsung goedgekeurde
accessoires en batterijen, zoals headsets en
datakabels voor de pc. Het gebruik van nietgoedgekeurde accessoires kan de telefoon
beschadigen en kan gevaarlijk zijn.
Waterbestendigheid
• De telefoon kan ontploffen als u de batterij
vervangt door een batterij van een onjuist
type.
• Gooi oude batterijen weg volgens de
geldende richtlijnen.
De telefoon is niet waterbestendig. Zorg
ervoor dat de telefoon droog blijft.
Stand van de telefoon
Gebruik de telefoon alleen in de normale
stand (tegen uw oor). Vermijd onnodig
contact met de antenne als de telefoon is
ingeschakeld.
Uw gehoor kan bij langdurige
blootstelling aan een hoog volume door
een headset worden beschadigd.
Deskundige technische service
Alarmnummer bellen
Toets het alarmnummer in en druk op
Belangrijke veiligheidsinformatie
Speciale voorschriften
.
De telefoon buiten het bereik van kleine
kinderen houden
Houd de telefoon en alle bijbehorende
onderdelen en accessoires buiten het bereik
van kleine kinderen.
Laat het onderhoud van de telefoon altijd
over aan gekwalificeerde technici.
Zie "Informatie met betrekking tot
gezondheid en veiligheid" op pagina 122
voor meer informatie over veiligheid.
1
Over deze gebruiksaanwijzing
In deze gebruiksaanwijzing wordt op een
beknopte manier uitgelegd hoe u de telefoon
moet gebruiken. Raadpleeg "Aan de slag" en
"Andere functies van de telefoon gebruiken"
om de belangrijkste functies snel onder de
knie te krijgen.
In deze gebruiksaanwijzing worden de
volgende pictogrammen gebruikt:
Deze informatie heeft betrekking op
de veiligheid of de functies van de
telefoon. Neem deze informatie
zorgvuldig door.
[
]
< >
2
Een toets op de telefoon. Voorbeeld:
[ ]
Een functietoets, waarvan de functie
in het scherm van de telefoon wordt
weergegeven. Voorbeeld: <Menu>
Camera en camcorder
U kunt de cameramodule
op uw telefoon gebruiken
om een foto te nemen of
een video-opname te
maken.
Speciale functies op uw telefoon
•
MP3-speler
U kunt uw telefoon
gebruiken als MP3-speler
om muziekbestanden af te
spelen.
•
Bestandsviewer
U kunt documenten in
diverse indelingen op de
telefoon bekijken zonder
dat deze documenten
beschadigd raken.
Op de pagina waarnaar wordt
verwezen, vindt u meer informatie.
U moet op de navigatietoetsen
drukken om naar de betreffende
optie te gaan en deze vervolgens
selecteren.
→
•
•
•
•
Vliegtuigstand
Zet de telefoon in de
vliegtuigstand om de nietdraadloze functies te
gebruiken aan boord van
een vliegtuig.
Telefoon aansluiten op
televisie
U kunt de foto's die u hebt
gemaakt en de videoclips
die u hebt opgenomen op
de televisie bekijken.
Foto's afdrukken
U kunt uw foto's afdrukken
om uw leukste momenten
voor altijd te bewaren.
•
Foto bewerken
U kunt uw foto's bijsnijden,
draaien en een decoratief
tintje geven. Ook kunt u de
grootte van uw foto's
wijzigen.
•
E-mail
U kunt e-mailberichten met
afbeeldingen, video en
geluid in bijlagen ontvangen
en verzenden.
•
MMS (Multimedia
Message Service)
U kunt MMS-berichten met
een combinatie van tekst,
afbeeldingen, video en
geluid verzenden en
ontvangen.
•
Webbrowser
U kunt draadloos verbinding
maken met internet zodat u
de meest actuele informatie
en allerlei media-items kunt
ophalen.
Speciale functies op uw telefoon
•
Bluetooth
Met behulp van de gratis,
draadloze Bluetoothtechnologie kunt u
mediabestanden en
persoonlijke gegevens
verzenden en verbinding
maken met andere
apparaten.
3
Inhoud
Uitpakken
6
Overzicht van de onderdelen
De telefoon
6
Toetsen, functies en locaties
Aan de slag
7
28
30
Tekst ingeven
33
Telefoneren
De telefoon installeren en opladen .............. 7
De telefoon in- en uitschakelen................... 8
Toetsen en display .................................... 9
Toegang tot menufuncties........................ 12
De telefoon aanpassen ............................ 13
Bellen en oproepen beantwoorden ............ 16
17
Aan de slag met de camera, de MP3-speler, de
webbrowser en andere speciale functies
De camera gebruiken .............................. 17
Muziekbestanden afspelen ....................... 18
4
20
21
23
25
26
AB-, T9-, cijfer- en symboolstand
De eerste stappen bij de bediening van de
telefoon
Andere functies van de
telefoon gebruiken
Surfen op internet ...................................
De telefoonlijst gebruiken.........................
Berichten verzenden ................................
Berichten bekijken...................................
Bluetooth gebruiken ................................
Het telefoondisplay op een
televisie bekijken ....................................
Een geheugenkaart gebruiken...................
35
Geavanceerde belfuncties
Menuopties
40
Een overzicht van alle menuopties
Problemen oplossen
119
Hulp bij het oplossen van problemen
Informatie met betrekking
tot gezondheid en veiligheid
122
Index
131
Overzicht van de menuopties
Druk in de standby-stand op <Menu> om de menustand te activeren.
1 Oproepenlijsten
blz. 40
3 Extra's (vervolg)
1
2
3
4
5
6
7
blz. 40
blz. 41
blz. 41
blz. 41
blz. 41
blz. 41
blz. 42
11 Sleutelbeheer
12 Notities
13 SIM AT*
blz. 59
blz. 60
blz. 60
4 Browser
blz. 61
1
2
3
4
5
6
7
8
blz. 61
blz. 63
blz. 63
blz. 64
blz. 64
blz. 64
blz. 64
blz. 64
Laatste oproepen
Gemiste oproepen
Uitgaande oproepen
Ontvangen oproepen
Alles wissen
Gespreksduur
Gesprekskosten*
2 Telefoonlijst
blz. 43
1
2
3
4
5
6
7
8
blz. 43
blz. 44
blz. 45
blz. 46
blz. 46
blz. 47
blz. 47
blz. 48
Contactpersonen
Contact toevoegen
Groep
Snelkiezen
Mijn visitekaartje
Eigen nummer
Beheer
Servicenummers*
3 Extra's
blz. 48
1 MP3-speler
2 Spraakrecorder
3 Foto bewerken
4 Java/Games
5 Wereldklok
6 Alarm
7 Calculator
8 Omrekenen
9 Timer
10 Stopwatch
blz. 48
blz. 52
blz. 53
blz. 55
blz. 56
blz. 57
blz. 58
blz. 58
blz. 59
blz. 59
Startpagina
URL invoeren
Favorieten
Opgeslagen pagina's
Geschiedenis
Buffer leegmaken
Browserinstellingen
Streaminginstellingen**
6 Mijn bestanden (vervolg)
5 Berichten
blz. 64
1
2
3
4
5
6
blz. 64
blz. 69
blz. 76
blz. 77
blz. 77
blz. 84
Bericht maken
Mijn berichten
Standaardberichten
Alles wissen
Instellingen
Geheugenstatus
6 Mijn bestanden
blz. 84
1
2
3
4
5
blz. 85
blz. 86
blz. 88
blz. 88
blz. 89
Afbeeldingen
Video's
Muziek
Geluiden
Andere bestanden
6 Geheugenkaart***
7 Geheugenstatus
blz. 92
blz. 92
7 Agenda
blz. 92
8 Camera
blz. 96
9 Instellingen
blz. 103
1 Tijd en datum
blz.
2 Telefoon
blz.
3 Display
blz.
4 Geluid
blz.
5 Verlichting
blz.
6 Netwerkdiensten
blz.
7 Bluetooth
blz.
8 Beveiliging
blz.
9 Verbindingsinstellingen blz.
10 Instellingen
blz.
terugzetten
103
104
106
107
108
109
112
115
117
119
* Deze optie wordt alleen weergegeven
als deze door de simkaart wordt
ondersteund.
** Deze optie wordt alleen weergegeven
als deze door uw provider wordt
ondersteund.
*** Deze optie wordt alleen
weergegeven als er een
geheugenkaart is geplaatst.
5
Uitpakken
Overzicht van de onderdelen
De telefoon
Toetsen, functies en locaties
Flitser
Luidspreker
Telefoon
Batterij
Reisadapter
Gebruiksaanwijzing
Bij de lokale Samsungdealer kunt u diverse
accessoires kopen.
De onderdelen die bij
de telefoon worden
meegeleverd en de
accessoires die
verkrijgbaar zijn bij de
Samsung-dealer,
kunnen per land en per
provider verschillen.
6
Aansluitpunt
headset
Webtoegangs-/
Bevestigingstoets
Volumetoetsen
Linkerfunctietoets
Nummerkeuzetoets
Alfanumerieke
toetsen
Toetsen voor
speciale
functies
Display
Cameralens
Sleuf voor
geheugenkaart
Cameratoets
Navigatietoetsen
(Omhoog/Omlaag/
Links/Rechts)
Rechterfunctietoets
Aan/Uit/
Menu afsluiten
Wistoets
Microfoon
Aan de slag
Plaats de batterij.
De eerste stappen bij de bediening van de
telefoon
Informatie over de simkaart
Als u bij een provider een abonnement afsluit,
ontvangt u een simkaart (Subscriber Identity
Module). Hierop zijn uw
abonnementsgegevens (pincode, beschikbare
extra diensten en dergelijke) opgeslagen.
Plaats het klepje
weer terug.
Sluit de reisadapter aan op de telefoon.
De telefoon installeren en
opladen
Verwijder het
klepje van de
batterij.
Plaats de
simkaart.
Steek het netsnoer van de adapter in
een gewoon stopcontact.
Als de telefoon al aan
staat, moet u deze
eerst uitschakelen
door [
] ingedrukt
te houden.
Zorg ervoor dat de
goudkleurige
contactpunten op de
kaart naar beneden
zijn gericht.
Haal het netsnoer van de adapter uit het
stopcontact als de telefoon volledig is
opgeladen (het batterijsymbool knippert
niet meer).
7
Aan de slag
Haal de adapter uit de telefoon.
De telefoon in- en uitschakelen
De telefoon
inschakelen
Batterijsymbool
Als de batterij bijna leeg is:
• hoort u een waarschuwingstoon,
• wordt een melding weergegeven dat de
batterij bijna leeg is en
• knippert het batterijsymbool
.
Als de batterij zo zwak is dat de telefoon niet
meer kan worden gebruikt, wordt het toestel
automatisch uitgeschakeld. In dat geval
moet u de batterij weer opladen.
8
Zet de telefoon
niet aan op
plaatsen waar
het gebruik van
mobiele
telefoons
verboden is.
De telefoon
uitschakelen
1. Open de telefoon.
2. Houd [
] ingedrukt.
3. Geef indien nodig de
pincode in en druk op
<OK>.
1. Open de telefoon.
2. Houd [
] ingedrukt.
Toetsvergrendeling
Toetsen en display
Als u de telefoon sluit, worden de toetsen
automatisch vergrendeld, zodat er niets
gebeurt als deze per ongeluk worden
ingedrukt.
Toetsen
Vliegtuigstand
U kunt de telefoon in de vliegtuigstand
zetten. In deze stand zijn de functies van de
telefoon waarvoor een netwerkverbinding
nodig is, uitgeschakeld. Deze stand is handig
als u de telefoon wilt gebruiken op een
plaats waar u geen mobiele apparatuur mag
gebruiken, zoals in een vliegtuig of in een
ziekenhuis.
Druk op <Menu> en kies Instellingen →
Telefoon → Vliegtuigstand → Aan om
naar de vliegtuigstand te gaan.
In de vliegtuigstand kunt u niet-draadloze
functies gebruiken, zoals games, de agenda,
de camera en de MP3-speler.
Aan de slag
Als u de vergrendeling wilt opheffen, drukt u
op <Ontgr.> en vervolgens op <OK>.
De functie uitvoeren die op de
onderste regel van het display
wordt aangegeven.
In de standby-stand:
rechtstreeks uw favoriete
menu's openen.blz. 105
In de menustand: door
menuopties bladeren.
In de standby-stand: de
webbrowser starten.
In de menustand: de
gemarkeerde menuoptie
selecteren of de invoer
bevestigen.
Bellen of oproepen
beantwoorden.
In de standby-stand: de recent
gebelde nummers of de
nummers van gemiste of
ontvangen oproepen weergeven.
9
Aan de slag
Tekens in het display of items in
een toepassing verwijderen.
Ingedrukt houden om de
telefoon in of uit te schakelen.
Een oproep beëindigen.
In de menustand: invoer
annuleren en teruggaan naar de
standby-stand.
Cijfers, letters en enkele speciale
tekens ingeven.
In de standby-stand: [1]
ingedrukt houden om verbinding
te maken met de
voicemailserver. Houd [0]
ingedrukt om een internationale
toegangscode in te voeren.
Speciale tekens ingeven.
In de standby-stand: [ ]
ingedrukt houden om de stille
stand in of uit te schakelen.
Houd [ ] ingedrukt om een
pauze tussen nummers in te
voeren.
10
Het volume van de telefoon
regelen.
In de standby-stand met de
telefoon open: het toetsvolume
aanpassen. Met de telefoon
gesloten: ingedrukt houden om
het display in te schakelen.
In de standby-stand: ingedrukt
houden om de camera in te
schakelen.
In de camerastand: een foto
nemen of een video-opname
maken.
Display
Indeling
Menu
Symbolen*
Contacten
Functietoetsindicatoren
hier ziet u welke
functies momenteel
aan de toetsen zijn
toegewezen.
Sterkte
ontvangstsignaal
GPRS-netwerk
Er wordt verbinding
gemaakt met het GPRSnetwerk.
Gegevensoverdracht in
een GPRS-netwerk
EDGE-netwerk
Er wordt verbinding
gemaakt met het
EDGE-netwerk.
Gegevensoverdracht in
een EDGE-netwerk
In gesprek
Buiten bereik van uw
servicegebied; u kunt
niet bellen en geen
oproepen ontvangen.
Verbonden met internet
Verbonden met een
beveiligde webpagina
Gesynchroniseerd met
een pc
Doorschakelfunctie
ingeschakeldblz. 109
Thuiszone, als u zich
hebt aangemeld voor
de betreffende dienst
Kantoorzone, als u zich
hebt aangemeld voor
de betreffende dienst
Roamingnetwerk
SMS-bericht
MMS-bericht
E-mail
11
Aan de slag
Symbolen
hier worden
diverse symbolen
weergegeven.
Tekst en
pictogrammen
hier worden
berichten,
instructies en
ingevoerde
gegevens
weergegeven.
Aan de slag
Voicemail
Headset of Bluetoothcarkit voor handsfree
bellen aangesloten
blz. 113
Bluetooth ingeschakeld
blz. 113
Muziek wordt
afgespeeld
Afspelen van muziek
onderbroken
Geheugenkaart
geplaatst
blz. 31
Alarm ingesteld
blz. 57
Stille stand (trillen)
Stille stand (dempen)
Belsignaal ingesteld op
trillenblz. 107
Microfoon uit tijdens
een gesprek
Batterijsterkte
12
* De symbolen op het display kunnen per land en
provider verschillen.
Toegang tot menufuncties
De
functietoetsen
gebruiken
De functie van een
functietoets hangt af van de
context waarin deze wordt
gebruikt. Onder in het
display ziet u welke functie
de toets op dat moment
vervult.
Kies
Druk op de
linkerfunctietoets
om de
gemarkeerde
optie te
selecteren.
Terug
Druk op de
rechterfunctietoets om terug
te keren naar
het vorige
menuniveau.
Een optie
selecteren
1. Druk op de gewenste
functietoets.
3. Druk op <Kies>,
<OK> of [ ] om de
weergegeven functie of
de geselecteerde optie
te bevestigen.
4. Kies een van de
volgende methoden om
af te sluiten.
• Druk op <Terug>
om één niveau
omhoog te gaan.
• Druk op [ ] om
terug te keren naar
de standby-stand.
Displaytaal
1. Druk in de standby-stand
op <Menu> en selecteer
Instellingen →
Telefoon → Taal.
2. Selecteer een taal.
Belmelodie
1. Druk in de standbystand op <Menu> en
selecteer Instellingen
→ Geluid →
Inkomende oproep →
Beltoon.
2. Selecteer een
beltooncategorie.
3. Selecteer een beltoon.
4. Druk op <Opslaan>.
Sneltoetsen Druk op de cijfertoets die
overeenkomt met de
gebruiken
gewenste optie.
13
Aan de slag
2. Druk op de
navigatietoetsen om
naar de vorige of
volgende optie te gaan.
De telefoon aanpassen
Aan de slag
U kunt op het display een
Achtergrond
achtergrond voor de
standbystandby-stand instellen.
stand
1. Druk in de standbystand op <Menu> en
selecteer Instellingen
→ Display →
Achtergrond →
Hoofddisplay.
2. Selecteer een
afbeeldings- of
videocategorie.
3. Selecteer een afbeelding
of videoclip.
4. Druk op <Kies>.
5. Druk op <Opslaan>.
Kleurpatroon
menustand
U kunt de kleur van de
displayonderdelen, zoals de
titelbalk en de
markeringsbalk, aanpassen.
1. Druk in de standby-stand
op <Menu> en selecteer
Instellingen → Display
→ Kleurpatroon.
2. Selecteer een
kleurpatroon.
U kunt de navigatietoetsen
Sneltoetsen
instellen als sneltoetsen om
voor menu's
uw favoriete menu's weer te
geven.
1. Druk in de standbystand op <Menu> en
selecteer Instellingen
→ Telefoon →
Sneltoetsen.
2. Selecteer een toets.
3. Selecteer het menu dat
u aan de toets wilt
toewijzen.
14
Mijn menu
1. Druk in de standbystand op <Menu> en
selecteer Instellingen
→ Telefoon → Mijn
menu.
2. Selecteer een optie die u
wilt wijzigen.
3. Selecteer de gewenste
menuoptie.
Een optie van Mijn menu
openen:
1. Druk in de standbystand op [Omhoog].
2. Blader naar een optie.
3. Druk op [ ].
Stille stand
U kunt de telefoon in de
stille stand zetten zodat u
anderen niet stoort met de
geluiden van uw telefoon.
Aan de slag
U kunt een menu instellen
met uw favoriete
menuopties.
Een optie van Mijn menu
instellen:
Houd in de standby-stand
[ ] ingedrukt.
Telefoon
blokkeren
U kunt de telefoon met een
wachtwoord beveiligen
tegen ongeoorloofd gebruik.
Bij het aanzetten van de
telefoon wordt u dan om het
wachtwoord gevraagd.
1. Druk in de standby-stand
op <Menu> en selecteer
Instellingen →
Beveiliging →
Wachtwoord wijzigen.
2. Geef het
standaardwachtwoord
00000000 in en druk op
<OK>.
15
Aan de slag
Telefoon
blokkeren
(vervolg)
3. Geef een nieuw
wachtwoord van vier tot
acht cijfers in en druk op
<OK>.
Bellen en oproepen
beantwoorden
Bellen
4. Geef het nieuwe
wachtwoord nogmaals in
en druk op <OK>.
2. Druk op [
6. Selecteer Inschakelen.
Een oproep
beantwoorden
Het volume
aanpassen
tijdens een
gesprek
16
].
3. Druk op [ ] om de
oproep te beëindigen.
5. Selecteer Telefoon
vergrendelen.
7. Geef het wachtwoord in
en druk op <OK>.
1. Geef in de standby-stand
het netnummer en
abonneenummer in.
1. Druk op [ ] wanneer
de telefoon overgaat.
2. Druk op [ ] om de
oproep te beëindigen.
Druk op [Volume].
Andere functies van de
telefoon gebruiken
Een foto
bekijken
Aan de slag met de camera, de MP3-speler, de
webbrowser en andere speciale functies
De camera gebruiken
Een foto
nemen
2. Selecteer de gewenste
foto.
1. Open de telefoon.
2. Houd in de standbystand [Camera]
ingedrukt om de camera
in te schakelen.
3. Richt de lens op het
onderwerp en pas het
beeld naar wens aan.
4. Druk op [ ] of op
[Camera] om een foto te
nemen. De foto wordt
automatisch opgeslagen.
1. Druk in de standbystand op <Menu> en
selecteer Mijn
bestanden →
Afbeeldingen → Mijn
foto’s.
Een videoopname
maken
1. Houd in de standbystand [Camera]
ingedrukt om de camera
in te schakelen.
2. Druk op [1] om over te
schakelen naar de
videostand.
3. Druk op [ ] of op
[Camera] om de
opname te starten.
5. Druk op <OK> om nog
een foto te nemen.
17
Andere functies van de telefoon gebruiken
Een videoopname
maken
(vervolg)
4. Druk op [ ], < > of
[Camera] om de
opname te stoppen. De
video-opname wordt
automatisch opgeslagen.
5. Druk op <OK> om nog
een video-opname te
maken.
Een videoopname
afspelen
1. Druk in de standbystand op <Menu> en
selecteer Mijn
bestanden → Video’s
→ Mijn videoclips.
2. Selecteer de gewenste
video-opname.
18
Muziekbestanden afspelen
Muziekbestanden
naar de
telefoon
kopiëren
U kunt de volgende
methoden gebruiken:
•
Draadloos downloaden
van internetblz. 61
•
Downloaden van een
computer met het
programma Samsung
PC Studio
Gebruiksaanwijzing
Samsung PC Studio
•
Ontvangen via
Bluetoothblz. 115
Bestanden naar een
geheugenkaart kopiëren
en de kaart in de
telefoon plaatsen
blz. 31
•
1. Druk in de standbystand op <Menu> en
selecteer Extra's →
MP3-speler.
2. Druk op <Opties> en
selecteer Muziek
toevoegen van →
Telefoon of
Geheugenkaart.
3. Druk op [ ] om de
gewenste bestanden te
selecteren en druk
vervolgens op <Kies>.
4. Druk op <Terug> om
terug te gaan naar het
scherm van de MP3speler.
Muziekbestanden
afspelen
1. Druk in het scherm van
de MP3-speler op [ ].
2. Tijdens het afspelen
kunt u de volgende
toetsen gebruiken:
•
: hiermee
onderbreekt of
hervat u het
afspelen.
• Links: hiermee gaat
u terug naar het
vorige bestand. Als u
de toets ingedrukt
houdt, gaat u terug
in een bestand.
Andere functies van de telefoon gebruiken
Een
afspeellijst
maken
19
Andere functies van de telefoon gebruiken
Muziekbestanden
afspelen
•
(vervolg)
Rechts: hiermee gaat
u naar het volgende
bestand. Als u de
toets ingedrukt
houdt, gaat u vooruit
in een bestand.
Omhoog: hiermee
opent u de
afspeellijst.
Volume: hiermee
regelt u het volume.
Druk in de standby-stand op
[ ].
•
Druk op [Omhoog] of
[Omlaag] om door de
browseritems te
bladeren.
•
Druk op [ ] om een item
te selecteren.
•
Druk op <Terug> om
terug te gaan naar de
vorige pagina.
Surfen op internet
•
Met de ingebouwde webbrowser kunt u
draadloos op internet surfen en kunt u een
groot aantal verschillende actuele diensten
en veel verschillende actuele informatie
opvragen en materiaal van websites
downloaden.
Druk op <Opties> en
selecteer Ga → Vooruit
om naar de volgende
pagina te gaan.
•
Druk op <Opties> om
de browseropties weer
te geven.
•
•
3. Druk op [Omlaag] om
het afspelen te stoppen.
20
De browser
starten
Navigeren
op internet
De telefoonlijst gebruiken
In het telefoongeheugen:
1. Geef in de standby-stand
een telefoonnummer in
en druk op <Opties>.
2. Selecteer
Contactpersoon
opslaan → Telefoon →
Nieuw → een type
nummer.
3. Geef de gegevens voor
de contactpersoon in:
Voornaam, Achternaam,
Mobiel, Thuis, Kantoor,
Fax, Overig, E-mail,
Beller-id, Beltoon, Groep
en Notitie.
1. Geef in de standbystand een
telefoonnummer in en
druk op <Opties>.
2. Selecteer
Contactpersoon
opslaan → SIM →
Nieuw.
3. Geef een naam in.
4. Druk op <Opslaan> om
de contactpersoon op te
slaan.
Andere functies van de telefoon gebruiken
Contactpersoon
toevoegen
Op de simkaart:
4. Druk op <Opslaan> om
de contactpersoon op te
slaan.
21
Andere functies van de telefoon gebruiken
1. Druk in de standby-stand
Een contactop <Contacten>.
persoon
2. Geef de eerste letters
zoeken
van de gewenste naam
in.
3. Selecteer een
contactpersoon.
4. Blader naar een nummer
en druk op [
] om te
bellen of op [ ] om de
gegevens voor de
contactpersoon te
wijzigen.
22
Een
visitekaartje
maken en
verzenden
1. Druk in de standbystand op <Menu> en
selecteer Telefoonlijst
→ Mijn visitekaartje.
2. Geef uw
contactgegevens in.
3. Druk op <Opslaan> om
het visitekaartje op te
slaan.
4. Druk op <Opties> en
selecteer Verzenden
via → een
verzendmethode als u
het visitekaartje wilt
verzenden.
Berichten verzenden
1. Druk in de standbystand op <Menu> en
selecteer Berichten →
Bericht maken →
SMS-bericht.
2. Geef de berichttekst in.
3. Druk op <Opties> en
selecteer Opslaan en
verzenden of Alleen
verzenden.
4. Geef de
telefoonnummers in.
5. Druk op [ ] om het
bericht te verzenden.
Druk in de standby-stand
op <Menu> en selecteer
Berichten → Bericht
maken → MMS-bericht.
Selecteer Onderwerp.
Geef het onderwerp van
het bericht in en druk op
[ ].
4. Selecteer Afbeelding en
video of Geluid.
5. Als u Afbeelding en
video hebt gekozen,
selecteert u Afbeelding
toevoegen of Video
toevoegen en voegt u
een afbeelding of een
videoclip toe.
23
Andere functies van de telefoon gebruiken
Een SMSbericht
(tekstbericht)
verzenden
1.
Een MMSbericht
(multimediabericht)
2.
verzenden
3.
Andere functies van de telefoon gebruiken
Een MMSbericht
(multimediabericht)
verzenden
(vervolg)
Als u Geluid hebt
gekozen, selecteert u
Geluid toevoegen en
voegt u een
geluidsfragment toe.
6. Selecteer Bericht.
7. Geef de berichttekst in
en druk op [ ].
8. Druk op <Opties> en
selecteer Verzenden.
9. Geef telefoonnummers
of e-mailadressen in.
10. Druk op [ ] om het
bericht te verzenden.
Een
e-mailbericht
verzenden
24
1. Druk in de standby-stand
op <Menu> en selecteer
Berichten → Bericht
maken → E-mail.
2. Selecteer Onderwerp.
3. Geef het onderwerp van
het e-mailbericht in en
druk op [ ].
4. Selecteer Bericht.
5. Geef de tekst van het
e-mailbericht in en druk
op [ ].
6. Selecteer Bijlage
toevoegen.
7. Voeg afbeeldingen,
videoclips,
geluidsfragmenten,
muziek- of
documentbestanden toe.
8. Druk op <Opties> en
selecteer Verzenden.
9. Geef een of meer
e-mailadressen in.
10. Druk op [ ] om het
e-mailbericht te
verzenden.
Berichten bekijken
1. Druk in de standbystand op <Menu> en
selecteer Berichten →
Mijn berichten →
Postvak IN.
Wanneer een melding
verschijnt:
1. Druk op <Tonen>.
2. Selecteer het bericht in
het Postvak IN.
2. Selecteer een MMSbericht (
).
Vanuit het Postvak IN:
1. Druk in de standbystand op <Menu> en
selecteer Berichten →
Mijn berichten →
Postvak IN.
2. Selecteer een SMSbericht ( ).
Een MMSbericht
bekijken
Wanneer een melding
verschijnt:
1. Druk op <Tonen>.
2. Druk op <Opties> en
selecteer Ophalen.
3. Selecteer het bericht in
het Postvak IN.
Andere functies van de telefoon gebruiken
Een SMSbericht
bekijken
Vanuit het Postvak IN:
Een e-mailbericht
bekijken
1. Druk in de standbystand op <Menu> en
selecteer Berichten →
Mijn berichten →
E-mail Postvak IN.
2. Selecteer een account.
3. Druk op <Ja> om
nieuwe e-mailberichten
of berichtkoppen te
downloaden.
4. Selecteer een
e-mailbericht of een
berichtkop.
25
Andere functies van de telefoon gebruiken
Een e-mailbericht
bekijken
(vervolg)
5. Druk, als u een
berichtkop hebt
geselecteerd, op
<Opties> en selecteer
Ophalen om de tekst
van het e-mailbericht te
lezen.
Bluetooth gebruiken
De telefoon is uitgerust met Bluetoothtechnologie waardoor u de telefoon
draadloos met andere Bluetooth-apparaten
kunt verbinden zodat hiertussen
gegevensuitwisseling mogelijk is. Ook kunt u
hierdoor handsfree spreken en de telefoon
op afstand bedienen.
26
Bluetooth
aanzetten
1. Druk in de standby-stand
op <Menu> en selecteer
Instellingen →
Bluetooth → Activering
→ Aan.
2. Selecteer Zichtbaarheid
van mijn telefoon →
Aan. Nu kan uw telefoon
door andere apparaten
worden gedetecteerd.
1. Druk in de standby-stand
op <Menu> en selecteer
Instellingen →
Bluetooth → Mijn
apparaten →
Bluetooth-diensten.
2. Selecteer een apparaat.
3. Toets een Bluetoothpincode in of de
Bluetooth-pincode
(indien aanwezig) van
het andere apparaat en
druk op <OK>.
Als de eigenaar van het
andere apparaat
dezelfde code intoetst,
zijn de apparaten
gekoppeld.
Gegevens
verzenden
1. Open een toepassing,
Telefoonlijst, Mijn
bestanden, Notities of
Agenda.
2. Selecteer een item.
3. Druk op <Opties> en
selecteer Verzenden via
→ Bluetooth.
4. Voor Telefoonlijst
selecteert u de gegevens
die u wilt verzenden.
5. Selecteer een apparaat.
6. Geef, indien nodig, de
Bluetooth-pincode in en
druk op <OK>.
27
Andere functies van de telefoon gebruiken
Een
Bluetoothapparaat
zoeken en
koppelen
Andere functies van de telefoon gebruiken
Gegevens
ontvangen
Als u gegevens wilt
ontvangen via Bluetooth,
moet de Bluetooth-functie
op de telefoon zijn
ingeschakeld.
1. Als een apparaat
toegang probeert te
krijgen tot uw telefoon,
drukt u op <Ja> om de
verbinding toe te staan.
2. Druk, indien nodig, op
<Ja> om te bevestigen
dat u gegevens wilt
ontvangen.
28
Het telefoondisplay op een
televisie bekijken
U kunt het display van de telefoon op een
televisiescherm weergeven door de telefoon
via de desbetreffende kabel met de televisie
te verbinden. Zodoende kunt u samen met
vrienden en familie genieten van foto's,
video's en muziekbestanden die in het
telefoongeheugen zijn opgeslagen, door ze
af te spelen op de televisie.
Belangrijke
informatie
over de
televisie
•
De locatie en vorm van
de aansluitingen voor de
video-invoer en audiouitvoer kunnen
verschillen. Dit is
afhankelijk van het
model televisie. De kleur
van de connectoren van
de kabel moet
overeenkomen met die
van de aansluitingen van
de televisie.
•
•
Telefoondisplay
overbrengen
naar
televisie
1. Zet de televisie aan en
verbind uw telefoon via
de desbetreffende kabel
met de televisie, zoals in
de afbeelding wordt
weergegeven.
2. Zet de televisie in de
modus voor externe
invoer.
Het display schakelt over
naar de TV-uit-modus en
het display van de
telefoon wordt nu op het
scherm van de televisie
weergegeven.
29
Andere functies van de telefoon gebruiken
•
Het is mogelijk dat het
beeld een beetje trilt of
niet helemaal optimaal
is. Dit is afhankelijk van
het videosysteem.
Het is mogelijk dat
sommige
videobestanden niet
worden weergegeven.
Dit is afhankelijk van de
videokwaliteit.
In de TV-uit-modus kunt
u geen gebruik maken
van een Bluetoothstereoheadset en de
zoomfunctie.
Andere functies van de telefoon gebruiken
Telefoondisplay
overbrengen
naar
televisie
(vervolg)
3. Stel, indien nodig, het
videosysteem voor uw
televisie in met het
menu Instellingen
TV-uit.blz. 107
•
4. Ga naar de gewenste
toepassing en open het
bestand.
Een geheugenkaart gebruiken
Met een optionele microSD-geheugenkaart
kunt u de geheugencapaciteit van de
telefoon vergroten.
Belangrijke
informatie
over de
geheugenkaart
30
•
Door regelmatig wissen
van en schrijven naar
een geheugenkaart,
verkort u de levensduur.
•
•
Verwijder een
geheugenkaart niet uit
de telefoon en schakel
de telefoon niet uit
terwijl de gegevens erop
worden gebruikt of
overgebracht. Hierdoor
kunnen gegevens
verloren gaan en/of kan
de kaart of de telefoon
beschadigd raken.
Stel geheugenkaarten
niet bloot aan schokken.
Raak de aansluitpunten
van een geheugenkaart
niet aan met uw vingers
of met metalen
voorwerpen. Veeg,
indien nodig,
geheugenkaarten
schoon met een zachte
doek.
•
Een
geheugenkaart
plaatsen
1. Schuif een
geheugenkaart in de
sleuf voor de
geheugenkaart, met de
kant met het etiket naar
beneden.
De
geheugenkaart
verwijderen
1. Druk op de
geheugenkaart zodat
deze los komt uit de
telefoon.
Andere functies van de telefoon gebruiken
•
Houd geheugenkaarten
buiten het bereik van
kleine kinderen en
huisdieren.
Stel geheugenkaarten
niet bloot aan
elektrostatische
ontlading en/of
elektrische storingen.
2. Schuif de kaart uit de
sleuf.
Als u een kaartadapter en
Een
een USB-kaartlezer/kaartadapter
schrijver gebruikt, kunt u de
gebruiken
kaart op een pc inlezen.
1. Plaats een
geheugenkaart in een
kaartadapter en plaats
vervolgens de adapter in
een kaartlezer/schrijver.
2. Duw de kaart aan totdat
deze vastklikt.
31
Andere functies van de telefoon gebruiken
Een
kaartadapter
gebruiken
(vervolg)
32
2. Steek de USB-connector
van de kaartlezer/schrijver in de USBpoort op de pc.
3. Blader naar de
betreffende
geheugenkaart en
kopieer gegevens van en
naar de kaart.
Tekst ingeven
Toets
AB-, T9-, cijfer- en symboolstand
Tekens in de weergegeven volgorde
Hoofdletter
Kleine letter
Voor bepaalde functies zoals Berichten,
Telefoonlijst of Agenda kunt u tekst ingeven
met de AB-, T9-, cijfer- of symboolstand.
De tekstinvoerstand wijzigen
•
•
•
Houd [ ] ingedrukt om te schakelen
tussen de T9-stand (
) en de ABstand (
). Afhankelijk van het land is
het ook mogelijk een invoerstand weer
te geven voor de taal van uw land.
Druk op [ ] om te wisselen tussen
hoofdletters en kleine letters of om naar
de cijferstand te gaan (
).
Houd [ ] ingedrukt om naar de
symboolstand te gaan.
De AB-stand gebruiken
Druk op de betreffende toets totdat het
gewenste teken op het display wordt
weergegeven.
(Een SMS-bericht opstellen in de GSM-alfabetcodering)
Andere bewerkingen in de AB-stand
•
•
•
Als u twee keer dezelfde letter of een
andere letter op dezelfde toets wilt
ingeven, wacht u tot de cursor
automatisch naar rechts schuift of drukt
u op [Rechts]. Geef vervolgens de
volgende letter in.
Druk op [ ] om een spatie in te voegen.
Druk op de navigatietoetsen om de
cursor te verplaatsen.
33
Tekst ingeven
•
Druk op [C] om tekens één voor één te
verwijderen. Houd [C] ingedrukt om het
display leeg te maken.
De T9-stand gebruiken
Met de voorspellende T9-tekstinvoerstand
hoeft u slechts één keer op een toets te
drukken om een teken in te voeren.
Een woord ingeven in de T9-stand
1. Druk op [2] t/m [9] om te beginnen met
het ingeven van een woord. Druk voor
elke letter de toets één keer in.
Druk bijvoorbeeld op [4], [2], [5], [5]
en [6] om in de T9-stand het woord
HALLO in te voeren.
T9 voorspelt welk woord u wilt typen,
waardoor het woord steeds als u op een
toets drukt, kan veranderen.
2. Geef het hele woord in voordat u tekens
wijzigt of verwijdert.
3. Ga verder met stap 4 als het juiste
woord wordt weergegeven. Zo niet, dan
drukt u op [0] om alternatieve woorden
voor de ingedrukte toetsen weer te
geven.
34
Voor bijvoorbeeld OF en ME worden [6]
en [3] gebruikt.
4. Druk op [ ] om een spatie in te voegen
en geef het volgende woord in.
Andere bewerkingen in de T9-stand
•
•
•
•
Druk op [1] om automatisch een punt of
apostrof in te voeren.
Druk op [ ] om een spatie in te voegen.
Druk op de navigatietoetsen om de
cursor te verplaatsen.
Druk op [C] om tekens één voor één te
verwijderen. Houd [C] ingedrukt om het
display leeg te maken.
Een nieuw woord toevoegen aan het
woordenboek van T9
Deze functie is mogelijk niet beschikbaar
voor alle talen.
1. Geef het woord in dat u wilt toevoegen.
2. Druk op [0] om alternatieve woorden
weer te geven voor de toetsen waarop u
hebt gedrukt. Als er geen alternatieve
woorden meer zijn, wordt onder in het
display VoegToe weergegeven.
3. Druk op <VoegToe>.
4. Geef het gewenste woord in met de ABstand en druk op <OK>.
De cijferstand gebruiken
Telefoneren
Geavanceerde belfuncties
In de cijferstand kunt u cijfers ingeven.
Bellen
Druk op de gewenste cijfertoetsen.
1. Geef in de standby-stand het netnummer
en abonneenummer in.
De symboolstand gebruiken
In de symboolstand kunt u symbolen en
speciale tekens invoegen.
Functie
Toets
Naar een symboolset
bladeren
de
navigatietoetsen.
Een symbool
selecteren
de desbetreffende
cijfertoetsen.
De ingevoerde
symbolen wissen
[C].
De symbolen
invoegen
<OK>.
• Druk op [C] om het laatste cijfer te
wissen of houd [C] ingedrukt om alle
cijfers te wissen. U kunt de cursor
verplaatsen om een onjuist cijfer te
wijzigen.
• Houd [ ] ingedrukt om een pauze
tussen nummers in te voeren.
2. Druk op [ ].
3. Druk op [ ] om de oproep te
beëindigen.
Internationaal bellen
1. Houd in de standby-stand [0] ingedrukt.
Het teken + verschijnt.
2. Geef achtereenvolgens het landnummer,
netnummer en abonneenummer in en
druk op [ ].
35
Telefoneren
Recent gebruikte nummers herhalen
Een oproep beantwoorden
1. Druk in de standby-stand op [ ] om de
lijst met recente nummers weer te
geven.
2. Blader naar het gewenste nummer en
druk op [ ].
Als u wordt gebeld, gaat de telefoon over en
wordt de afbeelding voor een inkomende
oproep weergegeven.
Een nummer kiezen uit de
telefoonlijst
Als u een nummer hebt opgeslagen in de
telefoonlijst, kunt u dit nummer bellen door
het in de lijst te selecteren.blz. 43
U kunt ook met de functie voor snelkiezen
uw meest gebelde nummers toewijzen aan
bepaalde cijfertoetsen.blz. 46
U kunt een nummer snel bellen vanaf de
simkaart door het locatienummer in te
toetsen dat u tijdens het opslaan van het
nummer hebt toegewezen.
1. Geef in de standby-stand een
locatienummer in en druk op [ ].
2. Blader zonodig door de andere
nummers.
3. Druk op <Kies nr.> of op [ ] om het
gewenste nummer te bellen.
36
Druk op <Opnemen> of [
te beantwoorden.
] om de oproep
Tips voor het beantwoorden van een
oproep
•
•
•
•
Wanneer de optie Met elke toets
antwoorden is ingeschakeld, kunt u op
elke toets drukken, behalve op
<Weiger> en [ ].blz. 106
Druk op <Weiger> of op [ ] om een
oproep te weigeren.
Als Omhoog in Schuifinstellingen is
ingesteld op Oproep aannemen, kunt u
gewoon de telefoon openen.blz. 104
Houd [Volume] ingedrukt om een oproep
te weigeren of de beltoon uit te
schakelen, afhankelijk van de instelling
van de menuoptie Volumetoets.
blz. 105
Functie
Toets
Als u oproepen hebt gemist, ziet u in het
scherm hoeveel dit er zijn.
1. Druk op <Tonen>.
2. Blader indien nodig door de gemiste
oproepen.
3. Druk op [ ] om het gewenste nummer
te bellen.
Gesprek beëindigen
Druk eenmaal op
de knop.
De headset gebruiken
U kunt de headset gebruiken om te bellen en
oproepen te beantwoorden zonder de
telefoon vast te hoeven houden.
Sluit de headset aan op het aansluitpunt aan
de linkerkant van de telefoon. De knop op de
headset werkt als volgt:
Functie
Toets
Laatst gebelde
nummer herhalen
Druk tweemaal op
de knop.
Oproep
beantwoorden
Druk eenmaal op
de knop.
Telefoneren
Gemiste oproepen bekijken
Beschikbare opties tijdens een
gesprek
Tijdens een gesprek kunt u een aantal
functies gebruiken.
Het volume regelen tijdens een
gesprek
Gebruik [Volume] om het volume van de
oortelefoon tijdens een gesprek te regelen.
Druk op [Volume omhoog] om het volume te
verhogen of op [Volume omlaag] om het te
verlagen.
Een gesprek in de wacht zetten en
eruit halen
Druk op <In wacht> om een oproep in de
wacht te zetten. Druk op <Ophalen> om
deze weer uit de wacht te halen.
37
Telefoneren
Twee gesprekken voeren
U kunt twee gesprekken tegelijkertijd
voeren als deze functie door het netwerk
wordt ondersteund.
1. Druk op <In wacht> om een gesprek in
de wacht te zetten.
2. Kies het tweede nummer op de
gebruikelijke manier.
3. Druk op <Wissel> om tussen de
gesprekken te schakelen.
4. Druk op <Opties> en selecteer
Gesprek in wacht beëindigen om het
gesprek dat in de wacht staat, te
beëindigen.
5. Druk op [ ] om het huidige gesprek te
beëindigen.
Een tweede oproep beantwoorden
U kunt een inkomende oproep
beantwoorden terwijl u al in gesprek bent,
als deze functie door het netwerk wordt
ondersteund en als u de
wisselgesprekfunctie hebt ingeschakeld.
blz. 111
38
1. Druk op [ ] om de inkomende oproep
aan te nemen. Het eerste
telefoongesprek wordt automatisch in de
wacht gezet.
2. Druk op <Wissel> om tussen de
gesprekken te schakelen.
3. Druk op <Opties> en selecteer
Gesprek in wacht beëindigen om het
gesprek dat in de wacht staat, te
beëindigen.
4. Druk op [ ] om het huidige gesprek te
beëindigen.
De tweede luidspreker gebruiken
Gebruik de luidsprekerfunctie om op een
korte afstand van de telefoon gesprekken te
voeren.
Druk op [ ] en vervolgens op <Ja> om de
luidsprekerfunctie in te schakelen. Druk
nogmaals op [ ] om weer over te schakelen
naar de normale luidspreker.
•
Druk op <Opties> om tijdens een gesprek
de volgende opties weer te geven:
• Luidspreker aan/Normaal: hiermee
schakelt u de luidspreker in of schakelt u
terug naar de normale stand.
• Overschakelen naar headset/
Overschakelen naar telefoon:
hiermee schakelt u de oproep over naar
een Bluetooth-headset of een carkit voor
handsfree bellen of terug naar de
telefoon.blz. 105
• Menu: hiermee geeft u de menuopties
van de telefoon weer.
• Microfoon uit/Microfoon aan: hiermee
kunt u de microfoon van de telefoon
uitschakelen, zodat uw gesprekspartner
u niet kan horen, of weer inschakelen.
• Toetstonen uit/Toetstonen aan:
hiermee kunt u de toetstonen in- of
uitschakelen.
•
•
•
DTMF verzenden: hiermee verzendt u
de toetstonen (DTMF, Dual tone multifrequency) als groep. DTMF-toetstonen
zijn de tonen die op telefoons worden
gebruikt voor toonkiezen. U hoort deze
tonen wanneer u op de cijfertoetsen
drukt. Deze optie is handig bij het
ingeven van een wachtwoord of
rekeningnummer wanneer u een
geautomatiseerd systeem belt,
bijvoorbeeld van een bank.
Telefoonlijst: hiermee opent u de lijst
met contactpersonen.
Gesprek in wacht beëindigen:
hiermee beëindigt u het gesprek dat in
de wacht staat.
Doorverbinden: hiermee verbindt u het
huidige gesprek door naar een
gesprekspartner die in de wacht staat.
Met deze optie kunnen de twee bellers
met elkaar praten, maar wordt uw
verbinding met het gesprek verbroken.
Telefoneren
Opties tijdens een gesprek
Als u wilt kunnen communiceren met
antwoordapparaten of telefooncentrales,
moet u de optie Toetstonen aan
inschakelen.
39
•
•
Deelnemen: hiermee brengt u een
multipartygesprek tot stand door een
beller in de wacht toe te voegen aan het
huidige gesprek. Er kunnen maximaal 5
personen meedoen aan een
multipartygesprek.
Kies deelnemer: hiermee selecteert u
één van de deelnemers aan het
multipartygesprek. U kunt dan van de
volgende opties gebruikmaken:
Privé: hiermee kunt u een privégesprek
voeren met de geselecteerde deelnemer.
De andere deelnemers kunnen gewoon
met elkaar blijven praten. Kies na het
beëindigen van het privégesprek op
Deelnemen om allebei terug te keren
naar het multipartygesprek.
Verwijderen: hiermee wordt de
verbinding met de geselecteerde
deelnemer verbroken.
Menuopties
Een overzicht van alle menuopties
Oproepenlijsten
(menu 1)
In dit menu kunt u zien welke nummers u
hebt gebeld, welke oproepen u hebt
ontvangen of gemist en wat de duur van de
gesprekken is geweest. U kunt ook de
kosten van uw oproepen bekijken (als deze
functie door uw simkaart wordt
ondersteund).
Druk in de standby-stand op <Menu> en
selecteer Oproepenlijsten om dit menu te
openen.
Laatste oproepen (menu 1.1)
In dit menu worden de laatste gesprekken
(uitgaande, ontvangen en gemiste
oproepen) weergegeven.
Oproepenlijst openen
1. Druk op [Links] of [Rechts] om naar een
ander type oproep te gaan.
40
2. Druk op [Omhoog] of [Omlaag] om door
de oproepenlijst te bladeren.
3. Druk op [ ] om de gegevens van een
oproep te bekijken of op [ ] om een
nummer te kiezen.
Uitgaande oproepen (menu 1.3)
Opties voor oproepenlijsten
In dit menu worden de recentste ontvangen
oproepen weergegeven.
In dit menu worden de recentste gemiste
oproepen weergegeven.
Ontvangen oproepen (menu 1.4)
Oproepenlijsten (menu 1)
Gemiste oproepen (menu 1.2)
Menuopties
Terwijl u de details van een oproep bekijkt,
kunt u op <Opties> drukken om de
volgende opties weer te geven:
• Bellen: hiermee kunt u het nummer
bewerken en bellen.
• Contactpersoon opslaan: hiermee
slaat u het nummer op in de telefoonlijst.
• Bericht verzenden: hiermee verzendt u
een SMS- of MMS-bericht naar het
geselecteerde nummer.
• Wissen: hiermee verwijdert u de
geselecteerde oproepenlijst of alle
oproepenlijsten.
In dit menu worden de laatst gekozen
nummers weergegeven.
Alles wissen (menu 1.5)
In dit menu kunt u alle gegevens van elk
type oproep wissen.
1. Druk op [ ] om de typen oproep te
selecteren die u wilt wissen.
2. Druk op <Wissen>.
3. Druk op <Ja> om het wissen te
bevestigen.
Gespreksduur (menu 1.6)
In dit menu wordt de tijdsduur van
uitgaande en inkomende gesprekken
weergegeven. De werkelijke duur op de
rekening van uw provider kan iets afwijken.
• Duur laatste gesprek: hiermee kunt u
de duur van het laatste gesprek
bekijken.
41
Menuopties
•
•
Totaal uitgaand: hiermee kunt u de
totale duur van alle uitgaande oproepen
bekijken.
Totaal ontvangen: hiermee kunt u de
totale duur van alle inkomende oproepen
bekijken.
Druk op <Opn inst.> om de gesprekstellers
op nul te zetten. U moet hiervoor het
wachtwoord voor de telefoon ingeven.
Het wachtwoord is vooraf ingesteld op
00000000. U kunt dit wachtwoord wijzigen.
blz. 116
Gesprekskosten (menu 1.7)
Met deze netwerkfunctie worden de
gesprekskosten weergegeven. Dit menu is
alleen beschikbaar als het door uw simkaart
wordt ondersteund. Deze functie is niet
bedoeld voor factureringsdoeleinden.
• Kosten laatste gesprek: hiermee kunt
u de kosten van het laatste gesprek
bekijken.
42
•
•
•
•
•
Totale kosten: hiermee kunt u de totale
kosten van alle gesprekken bekijken. Als
de totale kosten hoger uitvallen dan de
maximumkosten die zijn ingesteld bij
Maximumkosten instellen, moet u de
teller terugzetten op nul voordat u een
nieuw nummer kunt bellen.
Maximumkosten: hier kunt u het
maximumbedrag aan kosten controleren
dat is ingesteld bij Maximumkosten
instellen.
Tellers op nul: hiermee kunt u de
kostentellers terug op nul zetten.
Maximumkosten instellen: hiermee
kunt u de maximaal toegestane kosten
voor uw oproepen instellen.
Tarief: hiermee kunt u het tarief
instellen dat wordt toegepast bij de
berekening van de gesprekskosten.
Telefoonlijst
(menu 2)
Contactpersonen (menu 2.1)
In dit menu kunt u contactpersonen in de
telefoonlijst opzoeken.
Druk in de standby-stand op <Contacten>
voor snelle toegang tot dit menu.
Een contactpersoon zoeken
Opties voor de telefoonlijst
1. Geef de eerste letters in van de naam die
u zoekt.
2. Selecteer de naam in de lijst.
3. Blader naar een nummer en druk op
[ ] om te bellen of op [ ] om de
gegevens voor de contactpersoon te
wijzigen.
Terwijl u de gegevens van een
contactpersoon bekijkt, kunt u op <Opties>
drukken om de volgende opties weer te
geven:
• Wijzigen: hiermee kunt u de gegevens
van de contactpersoon bewerken.
Telefoonlijst (menu 2)
Druk in de standby-stand op <Menu> en
selecteer Telefoonlijst om dit menu te
openen.
In de standby-stand kunt u contactpersonen
zoeken door de naam van die
contactpersoon te spellen. Er wordt dan
gezocht naar namen van contactpersonen
die beginnen met de letters op de toetsen
waarop u hebt gedrukt.
1. Druk in de standby-stand op de
nummertoetsen met de gewenste
letters.
2. Druk op <Opties> en selecteer Zoeken
op naam.
Er wordt in de telefoonlijst gezocht naar
overeenkomstige contactpersonen en de
resultaten worden weergegeven.
Menuopties
U kunt telefoonnummers opslaan op de
simkaart en in het telefoongeheugen.
Hoewel beide geheugens in fysiek opzicht
gescheiden zijn, vormen ze in de praktijk
één geheel: de telefoonlijst.
Een contactpersoon zoeken in de
standby-stand
43
Menuopties
•
•
•
•
Bericht verzenden: hiermee kunt u een
SMS- of MMS-bericht naar het
geselecteerde nummer of een MMS- of
e-mailbericht naar het geselecteerde
adres verzenden.
Kopiëren naar: hiermee kopieert u de
contactpersoon naar het
telefoongeheugen of de simkaart.
Verzenden via: hiermee verzendt u de
contactgegevens via SMS, MMS, e-mail
of Bluetooth.
Wissen: hiermee verwijdert u de
geselecteerde contactpersoon.
Contact toevoegen (menu 2.2)
In dit menu kunt u een nieuwe
contactpersoon aan de telefoonlijst
toevoegen.
Contactpersonen opslaan in het
telefoongeheugen
1. Selecteer Telefoon.
2. Wijzig de instellingen of geef de
gegevens voor de contactpersoon in.
• Voornaam/Achternaam: hiermee
kunt u een naam ingeven.
44
•
Mobiel/Thuis/Kantoor/Fax/
Overig: hiermee kunt u een nummer
toevoegen in elk gewenst type.
• E-mail: hiermee kunt u een
e-mailadres ingeven.
• Beller-id: hiermee kunt u een
afbeelding of een videoclip toewijzen
die wordt weergegeven als u een
oproep van die persoon ontvangt.
• Beltoon: hiermee kunt u aan het
nummer een beltoon toewijzen die u
hoort als u een oproep van die
persoon ontvangt.
• Groep: hiermee kunt u het nummer
toewijzen aan een belgroep.
• Notitie: hiermee kunt u een notitie
over de persoon toevoegen.
3. Druk op <Opslaan> om de
contactpersoon op te slaan.
Een contactpersoon opslaan op de
simkaart
1. Selecteer SIM.
2. Geef de gegevens van de contactpersoon
in.
•
•
3. Druk op <Opslaan> om de
contactpersoon op te slaan.
Groep (menu 2.3)
Met dit menu kunt u de contactpersonen in
belgroepen indelen.
Een nieuwe belgroep maken
1. Druk op <Opties> en selecteer
Toevoegen.
2. Geef een naam in voor de groep.
3. Selecteer de regel voor de
nummerweergave en stel een afbeelding
in.
Leden toevoegen aan een belgroep
1. Selecteer een groep.
2. Druk op <VoegToe>.
3. Druk op [ ] om de contactpersonen te
selecteren die moeten worden
toegevoegd.
4. Druk op <Kies>.
Telefoonlijst (menu 2)
U kunt alleen een afbeelding voor
nummerweergave, een beltoon of een
groep toewijzen als de contactpersoon is
opgeslagen in het telefoongeheugen.
4. Selecteer de regel voor de beltoon en
stel een melodie in.
5. Druk op <Opslaan> om de groep op te
slaan.
Menuopties
•
Naam: hiermee kunt u een naam
ingeven.
Telefoonnummer: hiermee kunt u
een nummer toevoegen.
Locatie: hiermee kunt u een
locatienummer toewijzen.
Belgroepen beheren
Terwijl u de lijst met groepen bekijkt, kunt u
op <Opties> drukken om de volgende
opties weer te geven:
• Tonen: hiermee geeft u de leden van de
geselecteerde groep weer.
• Toevoegen: hiermee voegt u een
nieuwe groep toe.
• Wijzigen: hiermee wijzigt u de
eigenschappen van de groep.
45
Menuopties
•
•
Bericht verzenden: hiermee verzendt u
een SMS-, MMS- of e-mailbericht naar de
gewenste groepsleden.
Wissen: hiermee verwijdert u de
geselecteerde groep of alle groepen.
Groepsleden worden echter niet
verwijderd uit de telefoonlijst.
Snelkiezen (menu 2.4)
•
•
•
Toevoegen: hiermee wijst u een
nummer toe aan een nog niet
toegewezen toets.
Tonen: hiermee geeft u de naam en het
nummer weer die aan een toets zijn
toegewezen.
Wijzigen: hiermee wijst u een ander
nummer aan een toets toe.
Verwijderen: hiermee wist u de
snelkies-instelling voor een toets.
Met dit menu kunt u de toetsen 2 tot en met
9 toewijzen aan de 8 nummers die u het
meest belt, zodat u deze snel kunt kiezen.
Bellen met nummers voor snelkiezen
Nummers voor snelkiezen toewijzen
Houd in de standby-stand de desbetreffende
toets ingedrukt.
1. Selecteer een cijfertoets (2 t/m 9). De
toets 1 is gereserveerd voor de
voicemailserver.
2. Selecteer een contactpersoon in de lijst
met contactpersonen.
3. Selecteer een nummer als er meerdere
nummers voor de contactpersoon
bestaan.
Nummers voor snelkiezen beheren
Druk in het scherm Snelkiezen op <Opties>
om de volgende opties weer te geven:
46
•
Mijn visitekaartje (menu 2.5)
In dit menu kunt u een visitekaartje maken
en dit naar anderen verzenden.
Visitekaartje opslaan
De procedure voor het maken van een
visitekaartje is identiek aan die voor het
opslaan van een telefoonnummer in het
telefoongeheugen.blz. 44
In dit menu kunt u contactpersonen in de
telefoonlijst beheren.
• Opslaglocatie: hiermee kunt u een
standaardgeheugenlocatie selecteren
waarin contactpersonen moeten worden
opgeslagen. Als u Altijd vragen
selecteert, wordt u telkens wanneer u
een nummer opslaat, gevraagd een
geheugenlocatie te selecteren.
• Alles kopiëren naar: hiermee kunt u
alle contactpersonen die op de simkaart
zijn opgeslagen, naar het
telefoongeheugen kopiëren, of vice
versa.
• Alles wissen: hiermee kunt u alle
contactpersonen uit het
telefoongeheugen, van de simkaart, of
van beide locaties verwijderen.
• Geheugenstatus: hiermee kunt u
controleren hoeveel contactpersonen u
hebt opgeslagen in het
telefoongeheugen en op de simkaart.
Eigen nummer (menu 2.6)
Met deze functie kunt u zien wat uw eigen
telefoonnummers zijn en kunt u een naam
toewijzen aan elk van deze nummers.
Wijzigingen die u hier aanbrengt, zijn niet
van invloed op de daadwerkelijke
abonneenummers op uw simkaart.
Telefoonlijst (menu 2)
Beheer (menu 2.7)
Als u een visitekaartje hebt opgeslagen,
kunt u op <Opties> drukken om de
volgende opties weer te geven:
• Wijzigen: hiermee kunt u het
visitekaartje bewerken.
• Verzenden via: hiermee verzendt u het
visitekaartje via SMS, MMS, e-mail of
Bluetooth.
• Visitekaartjes uitwisselen: hiermee
kunt u via Bluetooth visitekaartjes met
iemand uitwisselen.
• Wissen: hiermee verwijdert u het
visitekaartje.
Menuopties
Opties voor visitekaartjes
47
Menuopties
Servicenummers (menu 2.8)
MP3-speler (menu 3.1)
In dit menu kunt u de lijst met
servicenummers bekijken die door de
provider zijn toegewezen. Hierin staan
bijvoorbeeld de alarmnummers en de
nummers voor inlichtingen. Dit menu is
alleen beschikbaar als uw simkaart deze
functie ondersteunt.
1. Blader naar het gewenste nummer en
druk op <Tonen>.
2. Druk op <Kies nr.> of [ ].
Gebruik dit menu om naar muziek te
luisteren. Eerst moet u muziekbestanden
opslaan in het telefoongeheugen of op een
geheugenkaart.
Extra's
(menu 3)
U kunt dit menu gebruiken om Java-games
te spelen, muziekbestanden af te spelen en
foto's te bewerken. U kunt uw telefoon ook
als spraakrecorder, wekker, calculator,
omrekentoepassing, timer, stopwatch en
notitieblok gebruiken.
Druk in de standby-stand op <Menu> en
selecteer Extra's om dit menu te openen.
48
Als u muziek van hoge geluidskwaliteit wilt
beluisteren, kunt u een optionele Bluetoothstereoheadset gebruiken.
Gewone headsets en Bluetoothmonoheadsets zijn niet geschikt voor de
MP3-speler.
Muziekbestanden downloaden of
ontvangen
U kunt MP3-, AAC-, AAC+- en M4Abestanden afspelen.
U kunt de volgende methoden gebruiken om
muziekbestanden in het telefoongeheugen
of op een geheugenkaart op te slaan:
• Draadloos downloaden van internet
blz. 61
• Downloaden van een computer met het
programma Samsung PC Studio
Gebruiksaanwijzing Samsung PC
Studio
•
•
De gedownloade of ontvangen bestanden
worden opgeslagen in de map Muziek.
blz. 88
Selecteer Bluetooth stereo headset
als u een Bluetooth-headset wilt
gebruiken en de telefoon wilt opzoeken
en aansluiten op de headset.
Tijdens het afspelen kunt u de volgende
toetsen gebruiken:
Toets
Hiermee gaat u terug naar het
vorige bestand. Als u de knop
ingedrukt houdt, gaat u
achteruit in een bestand (als
het een MP3-bestand is).
Rechts
Hiermee gaat u naar het
volgende bestand. Als u de
knop ingedrukt houdt, gaat u
vooruit in een bestand (als het
een MP3-bestand is).
Omhoog
Hiermee opent u de
afspeellijst.
Omlaag
Hiermee stopt u het afspelen.
Extra's (menu 3)
Links
Muziekbestanden afspelen
1. Druk in het scherm van de MP3-speler op
<Opties> en selecteer Afspelen via.
2. Selecteer Telefoon als u de luidspreker
wilt gebruiken.
Functie
Hiermee onderbreekt of
hervat u het afspelen.
Een afspeellijst samenstellen
1. Druk in het scherm van de MP3-speler op
<Opties> en selecteer Muziek
toevoegen van → Telefoon of
Geheugenkaart.
2. Druk op [ ] om de gewenste bestanden
toe te voegen en druk vervolgens op
<Kies>.
3. Druk op <Terug> om terug te gaan naar
het scherm van de MP3-speler.
Menuopties
Ontvangen via een actieve Bluetoothverbindingblz. 115
Bestanden naar een geheugenkaart
kopiëren en de kaart in de telefoon
plaatsenblz. 31
49
Menuopties
Toets
Functie
•
•
Volume
Hiermee regelt u het volume.
1
Hiermee schakelt u het 3Dgeluid in of uit.
2
Hiermee wijzigt u de animatie
die wordt weergegeven
tijdens het afspelen.
3
Hiermee wijzigt u de
herhaalstand.
4
Hiermee wijzigt u de
equalizerstand.
6
Hiermee schakelt u de stand
voor willekeurig afspelen in of
uit.
Opties voor de MP3-speler
Druk in het scherm van de MP3-speler op
<Opties> om de volgende opties weer te
geven:
• Afspelen via: hiermee speelt u het
geselecteerde bestand af via de
luidspreker van de telefoon of een
Bluetooth-stereoheadset.
50
•
•
•
•
•
Afspelen/Pauzeren: hiermee kunt u
het afspelen starten of onderbreken.
Overschakelen naar Bluetooth
stereoheadset/Overschakelen naar
telefoon: hiermee schakelt u de uitvoer
van het geluid over naar een Bluetoothstereoheadset of terug naar de
luidspreker van de telefoon.
Afspeellijst openen: hiermee opent u
de afspeellijst van het huidige album of
de lijst met muziekalbums. Aan de lijst
met albums kunt u meerdere albums
toevoegen.
Ga naar Muziek: hiermee gaat u naar
de map Muziek.
Verzenden via: hiermee verzendt u het
huidige bestand via e-mail of Bluetooth.
Instellen als: hiermee stelt u het
bestand in als beltoon of als beltoon voor
een vermelding in de telefoonlijst.
Sleutel activeren: hiermee haalt u een
nieuwe licentiesleutel op als de sleutel
voor het geselecteerde DRM-bestand niet
meer geldig is.
•
•
•
Details: hiermee geeft u de
eigenschappen van het bestand weer.
Sleutelbeheer: hiermee kunt u de
verworven sleutels beheren.
Menuopties
•
De afspeellijst openen
Druk in het scherm van de MP3-speler op
[Omhoog].
Druk op <Opties> om de volgende opties
weer te geven:
• Afspelen via: hiermee speelt u het
geselecteerde bestand af via de
luidspreker van de telefoon of een
Bluetooth-stereoheadset.
• Muziek toevoegen van: hiermee voegt
u bestanden toe aan de afspeellijst.
• Verplaatsen naar: hiermee verplaatst u
het geselecteerde bestand naar een
ander album.
• Kopiëren naar: hiermee kopieert u het
geselecteerde bestand naar een ander
album.
• Verplaatsen in afspeellijst: hiermee
verplaatst u het geselecteerde bestand
naar de gewenste positie in de
afspeellijst.
Extra's (menu 3)
Uit afspeellijst verwijderen: hiermee
verwijdert u het geselecteerde bestand
uit de afspeellijst.
Instellingen: hiermee wijzigt u de
standaardinstellingen voor het afspelen
van muziekbestanden.
Herhaalstand: hiermee selecteert u een
herhaalstand.
Willekeurig: hiermee worden de
muzieknummers in willekeurige volgorde
afgespeeld.
MP3-speler heeft voorrang boven
andere geluiden: hiermee stelt u in dat
de MP3-speler doorgaat met het afspelen
van muziekbestanden, ook al hebt u de
toepassing verlaten.
Equalizer: hiermee selecteert u een
equalizerinstelling.
3D-geluid: hiermee schakelt u het
3D-geluid in of uit.
Animatie: hiermee wijzigt u de
afspeelanimatie en selecteert u hoelang
de achtergrondverlichting blijft branden
als u muziekbestanden afspeelt.
Volume: hiermee selecteert u een
volumeniveau.
51
Menuopties
•
•
•
•
Sleutel activeren: hiermee haalt u een
nieuwe licentiesleutel op als de sleutel
voor het geselecteerde DRM-bestand niet
meer geldig is.
Verwijderen: hiermee verwijdert u het
geselecteerde bestand of alle bestanden
uit de afspeellijst.
Details: hiermee geeft u de
eigenschappen van het bestand weer.
Sleutelbeheer: hiermee kunt u de
verworven sleutels beheren.
Spraakrecorder (menu 3.2)
Via dit menu kunt u spraakmemo's
opnemen. Een spraakmemo kan maximaal
één uur lang zijn.
4. Druk op [ ] om het spraakmemo te
beluisteren of op [Omhoog] om een
nieuw memo op te nemen.
Een spraakmemo afspelen
1. Druk in het scherm Spraakrecorder op
<Opties> en selecteer Ga naar
spraakmemolijst.
2. Selecteer een spraakmemo.
Tijdens het afspelen kunt u de volgende
toetsen gebruiken:
Toets
Hiermee onderbreekt of
hervat u het afspelen.
Links
Hiermee gaat u terug naar
het vorige memo. Als u de
toets ingedrukt houdt, gaat u
terug in een memo.
Rechts
Hiermee gaat u naar het
volgende memo. Als u de
toets ingedrukt houdt, gaat u
vooruit in een memo.
Volume
Hiermee regelt u het volume.
Een spraakmemo opnemen
1. Druk op [ ] om de opname te starten.
2. Spreek uw boodschap in de microfoon in.
Druk op [ ] als u de opname wilt
onderbreken of hervatten.
3. Druk op <Stoppen> of op [Omlaag] om
de opname te beëindigen. Het
spraakmemo wordt automatisch
opgeslagen.
52
Functie
Toets
Functie
Omlaag
Hiermee stopt u het afspelen.
Foto bewerken (menu 3.3)
In dit menu kunt u uw foto's bewerken met
behulp van de verschillende bewerkopties.
Extra's (menu 3)
U kunt de opnamestand voor de
spraakrecorder wijzigen. De maximale
opnametijd wordt bepaald door deze
instelling. Voordat u een spraakmemo
opneemt, drukt u op <Opties> en kiest u
Instellingen → een opnamestand:
• Limiet voor MMS-bericht: hiermee
neemt u een spraakmemo op die moet
worden toegevoegd aan een MMSbericht.
• Limiet voor e-mail: hiermee neemt u
een spraakmemo op die moet worden
toegevoegd aan een e-mailbericht.
• Max. 1 uur: hiermee neemt u een
spraakmemo op van maximaal 1 uur.
1. Druk op <Opties> en selecteer Nieuwe
foto → Openen of Foto nemen.
2. Selecteer een foto of neem een nieuwe
foto.
3. Druk op <Opties> en selecteer
Effecten → een effect.
4. Druk op <Gereed>.
5. Druk op <Opties> en selecteer
Opslaan als.
6. Geef een nieuwe bestandsnaam in en
druk op <OK>.
Menuopties
De opnamestand wijzigen
Effecten toepassen
Aanpassen
1. Selecteer een foto of neem een nieuwe
foto.
2. Druk op <Opties> en selecteer
Aanpassen → een optie:
• Afmetingen wijzigen: hiermee
wijzigt u de afmetingen van de foto.
• Roteren: hiermee draait u de foto 90
graden met de klok mee of tegen de
klok in.
• Omdraaien: hiermee spiegelt u de
foto.
53
Menuopties
3. Druk op <Gereed>.
4. Druk op <Opties> en selecteer
Opslaan als.
5. Geef een nieuwe bestandsnaam in en
druk op <OK>.
Bijsnijden
1. Selecteer een foto of neem een nieuwe
foto.
2. Druk op <Opties> en selecteer
Bijsnijden.
3. Verplaats het kader voor bijsnijden naar
het gewenste deel van de afbeelding.
Druk op <Opties> en selecteer
Afmetingen wijzigen om de grootte
van het kader te wijzigen.
4. Druk op <Opties> en selecteer Gereed.
5. Druk op <Opties> en selecteer
Opslaan als.
6. Geef een nieuwe bestandsnaam in en
druk op <OK>.
Visuele effecten toevoegen
U kunt uw foto's versieren door er een
kader, een afbeelding of een tekst aan toe te
voegen.
54
1. Selecteer een foto of neem een nieuwe
foto.
2. Druk op <Opties> en selecteer
Invoegen → een type effect.
3. Selecteer een item of geef tekst in die u
wilt invoegen.
4. Pas de positie van het ingevoegde item
aan en druk op <Gereed> of druk op
<Opties> en selecteer Gereed.
5. Druk op <Opties> en selecteer
Opslaan als.
6. Geef een nieuwe bestandsnaam in en
druk op <OK>.
Als een stempel samenvoegen
Met deze bewerkoptie kunt u een
contourstempel van een foto maken en deze
samenvoegen met een andere foto. Met
deze optie kunt u van een foto een
ansichtkaart maken door een foto van een
handgeschreven bericht te maken en deze
samen te voegen met een foto.
1. Selecteer een foto of neem een nieuwe
foto.
•
Stempelkleur: hiermee wijzigt u de
kleur van het stempel.
• Schaduw aan: hiermee past u een
schaduw op het stempel toe.
7. Als u klaar bent, drukt u op <Opties>
en selecteert u Gereed.
8. Druk op <Opties> en selecteer
Opslaan als.
9. Geef een nieuwe bestandsnaam in en
druk op <OK>.
Menuopties
Extra's (menu 3)
2. Druk op <Opties> en selecteer
Samenvoegstempel. De
achtergrondfoto wordt weergegeven in
het afbeeldingsvak naast
.
3. Druk op <Opties> en selecteer
Afbeelding toevoegen.
4. Voeg een foto toe door een foto te
selecteren of een foto te nemen. De
toegevoegde foto wordt weergegeven in
het afbeeldingsvak naast
. Deze
wordt het stempel.
5. Druk op <Opties> en selecteer
Samenvoegen. De stempelfoto wordt
als contour toegevoegd aan de
achtergrondfoto.
6. Druk op <Opties> om de volgende
opties voor het bewerken van het
stempel weer te geven:
• Afmetingen wijzigen: hiermee
wijzigt u de afmetingen van het
stempel.
• Verplaatsen: hiermee wijzigt u de
positie van het stempel.
• Roteren: hiermee draait u het
stempel.
Java/Games (menu 3.4)
Dit menu biedt toegang tot de vooraf
geïnstalleerde Java-games en gedownloade
Java-toepassingen.
Een vooraf geïnstalleerde game
openen
1. Selecteer Mijn games → een game.
2. Druk, indien nodig, op [ ].
Opties voor Java-toepassingen
Druk in de lijst met toepassingen op
<Opties> om de volgende opties weer te
geven:
55
Menuopties
•
•
•
•
•
•
•
•
56
Start: hiermee start u de geselecteerde
toepassing.
Verplaatsen naar: hiermee verplaatst u
de toepassing naar een andere map.
Wissen: hiermee verwijdert u de
geselecteerde toepassing of alle
toepassingen, behalve de vooraf
geïnstalleerde games.
Beveiliging: hiermee vergrendelt u de
toepassing zodat deze niet kan worden
verwijderd, of heft u de vergrendeling
op.
Details: hiermee bekijkt u de
eigenschappen van de toepassing.
Machtigingen: hiermee stelt u de
machtigingen in voor diensten waarvoor
extra kosten worden berekend, zoals
netwerktoegang en SMS.
Bijwerken: hiermee kunt u de
toepassing bijwerken tot de nieuwste
versie.
Informatie verzenden via SMS:
hiermee verzendt u de URL van de
toepassing via SMS.
•
•
Geheugenstatus: hiermee geeft u
geheugengegevens voor toepassingen
weer.
Instellingen: hiermee selecteert u een
verbindingsprofiel dat moet worden
gebruikt voor toepassingen waarvoor
netwerktoegang is vereist. U kunt ook
een profiel maken of bewerken.
blz. 117
Wereldklok (menu 3.5)
Via dit menu kunt u uw lokale tijdzone
instellen en bekijken hoe laat het in een
ander deel van de wereld is.
De tijd in een ander deel van de
wereld bekijken
1. Druk in de wereldkaart op [Links] of
[Rechts] om naar de gewenste plaats te
bladeren. De tijdlijn verschuift en de
lokale tijd en datum van de
desbetreffende zone worden
weergegeven.
2. Druk op [ ] om de plaats als uw lokale
tijdzone op te slaan.
Zomertijd toepassen
Met dit menu kunt u een alarm instellen. Het
type belsignaal voor een normaal alarm
komt overeen met de instellingen voor het
type oproepsignaal. Een wekker wordt niet
beïnvloed door uw geluidsinstellingen.
Een alarm instellen
1. Selecteer het type alarm.
2. Stel de alarmopties in:
• Alarm: hiermee schakelt u het alarm
in.
• Alarmtijd: hiermee geeft u de tijd in
waarop het alarm moet afgaan.
• am/pm: hiermee selecteert u am of
pm in de 12-uursnotatie.
Een alarm uitzetten
•
•
Als het geen wekalarm betreft, kunt u op
elke willekeurige toets drukken.
Bij de wekker moet u op <Bevest.> of
[ ] drukken.
Druk op een willekeurige toets (met
uitzondering van <Bevest.> en [ ]) om
het alarm vijf minuten later opnieuw te
laten afgaan. Dit kunt u maximaal vijf
keer doen.
Extra's (menu 3)
Alarm (menu 3.6)
Herhalen: hiermee kunt u een
herhaaleenheid selecteren.
• Alarmtoon: hiermee selecteert u
een alarmtoon.
3. Druk op <Opslaan>.
•
Menuopties
1. Druk in de wereldkaart op <Opties> en
selecteer Zomertijd instellen.
2. Druk op [ ] om de gewenste tijdzones te
selecteren.
3. Druk op <Opslaan>.
Een alarm uitschakelen
1. Selecteer het alarm dat u wilt
uitschakelen.
2. Selecteer Uit op de regel Alarm.
3. Druk op <Opslaan>.
57
Menuopties
Het alarm laten afgaan als de
telefoon is uitgeschakeld
5. Herhaal zo nodig de procedure vanaf
stap 2 om de berekening voort te zetten.
Selecteer in het scherm Alarm Automatisch
aan → Aan.
Omrekenen (menu 3.8)
Als de telefoon is uitgeschakeld op het
tijdstip dat het alarm moet afgaan, wordt de
telefoon ingeschakeld en gaat het alarm af.
Calculator (menu 3.7)
Met dit menu kunt u elementaire
rekenkundige functies uitvoeren, zoals
optellen, aftrekken, vermenigvuldigen en
delen.
1. Geef het eerste getal in.
• Druk op <,()> om een
decimaalteken of een haakje in te
voegen.
• Druk op [ ] of [ ] om de cursor te
verplaatsen.
2. Druk op een van de navigatietoetsen om
toegang te krijgen tot de gewenste
rekenkundige functie.
3. Geef het tweede getal in.
4. Druk op [ ] om de uitkomst te bekijken.
58
Met dit menu kunt u veelvoorkomende
omrekeningen uitvoeren, zoals van valuta's
en temperaturen.
1. Selecteer een omrekenfunctie.
2. Druk op [Links] of [Rechts] om de
oorspronkelijke eenheid te selecteren en
druk op [Omlaag].
3. Geef de waarde in die u wilt omrekenen
en druk op [Omlaag].
• Druk op [ ] om een decimaalteken
in te voeren.
• Druk op [ ] om de temperatuur te
wijzigen in boven nul (+) of onder nul
(-).
4. Druk op [Links] of [Rechts] om de
beoogde eenheid voor de omrekening te
selecteren.
De overeenkomstige waarde voor het
ingevoerde getal wordt weergegeven.
Timer (menu 3.9)
De timer starten
1. Druk op <Instellen>.
2. Geef de duur van aftelperiode in en druk
op <OK>.
3. Druk op [ ] om het aftellen te starten.
De timer stoppen
•
•
Druk op een willekeurige toets om de
timer te stoppen als deze afgaat.
Druk in het scherm Timer op [ ] om de
timer te stoppen voordat deze afgaat.
Extra's (menu 3)
In dit menu kunt u een aftelperiode voor de
telefoon opgeven. Op de telefoon gaat een
alarm af wanneer de opgegeven periode is
verstreken.
Met dit menu kunt u de verstreken tijd
meten. De maximale tijd is tien uur.
1. Druk op [ ] om de stopwatch te starten.
2. Druk op [ ] om de tussentijd te
bekijken. U kunt dit maximaal vier keer
doen.
Menuopties
Voor het omrekenen van valuta's kunt u de
wisselkoersen bekijken en instellen door op
<Koersen> te drukken.
Stopwatch (menu 3.10)
Sleutelbeheer (menu 3.11)
Via dit menu kunt u de licentiesleutels
beheren die u hebt aangevraagd voor het
activeren van media-items die zijn
vergrendeld door DRM-systemen.
Druk op <Opties> om de volgende opties
weer te geven:
• Tonen: hiermee opent u de
desbetreffende media-inhoud.
• Wissen: hiermee verwijdert u de
geselecteerde licentiesleutel.
• Ga naar Mijn berichten: hiermee gaat
u naar het bericht dat de media-inhoud
bevat.
59
Menuopties
•
•
Ga naar Mijn bestanden: hiermee
opent u de betreffende map met
bestanden.
Details: hiermee opent u de
eigenschappen van de licentiesleutel.
Notities (menu 3.12)
Met dit menu kunt u notities van belangrijke
dingen maken en notities beheren.
Een notitie maken
1. Druk op <Opties> en selecteer Nieuw.
2. Geef de tekst van de notitie in en druk op
[ ].
Een notitie bekijken
Selecteer de notitie die u wilt bekijken.
Terwijl u de details van een notitie bekijkt,
kunt u op <Opties> drukken om de
volgende opties weer te geven:
• Wijzigen: hiermee wijzigt u de tekst
van de notitie.
• Verzenden via: hiermee verzendt u de
geselecteerde notitie via SMS, MMS,
e-mail of Bluetooth.
60
•
•
Wissen: hiermee verwijdert u de notitie.
Geheugenstatus: hiermee kunt u
bekijken hoeveel notities u hebt
gemaakt.
SIM AT (menu 3.13)
Dit menu is beschikbaar als u een SIM ATkaart gebruikt die het SAT-menu (SIM
Application Toolkit) ondersteunt en
aanvullende diensten levert, zoals nieuws,
weer, sport, ontspanning en locatiediensten.
Welke diensten beschikbaar zijn, is
afhankelijk van de diensten die uw provider
biedt. Neem voor meer informatie contact
op met uw provider of raadpleeg de
instructies bij uw simkaart.
Browser
(menu 4)
Startpagina (menu 4.1)
Met dit menu maakt de telefoon verbinding
met het netwerk en wordt de startpagina
van de internetprovider geladen. U kunt dit
ook doen door in de standby-stand op [ ] te
drukken.
Navigeren met de webbrowser
Functie
Toets
Door de browseritems
bladeren
[Omhoog] of
[Omlaag].
Toets
Een browseritem
selecteren
[ ]. U kunt ook
<Opties> en
vervolgens Ga
naar selecteren.
Teruggaan naar de
vorige pagina
<Terug>. U kunt
ook <Opties> en
vervolgens Ga →
Terug selecteren.
Naar de volgende
pagina gaan
<Opties>. Daarna
selecteert u Ga →
Vooruit.
Browser (menu 4)
Als u dit menu wilt openen, drukt u in de
standby-stand op <Menu> en selecteert u
Browser.
Functie
Menuopties
Met behulp van de WAP-browser (Wireless
Application Protocol) kunt u met uw telefoon
draadloos op internet surfen. Zo hebt u
toegang tot actuele informatie en allerlei
soorten media-items, zoals games,
achtergronden, beltonen en
muziekbestanden.
Browseropties
Druk in een willekeurige webpagina op
<Opties> om de volgende opties weer te
geven:
• Ga naar: hiermee opent u de
gekoppelde webpagina.
• Ga naar startpagina: hiermee gaat u
terug naar de startpagina.
61
Menuopties
•
•
•
•
•
•
•
•
62
Aan te schaffen sleutels: hiermee
verzendt u een aanvraag voor het kopen
van een licentiesleutel voor een DRMbestand. Deze optie is alleen beschikbaar
als u de webbrowser start vanuit een
bericht dat een DRM-bestand bevat.
URL invoeren: hiermee kunt u
handmatig een URL-adres ingeven.
Ga: hiermee gaat u achteruit of vooruit
door de pagina's in de geschiedenis.
Opnieuw laden: hiermee laadt u de
huidige pagina opnieuw met bijgewerkte
informatie.
Favorieten: hiermee voegt u de huidige
pagina toe aan uw lijst met favorieten of
opent u deze lijst.
URL verzenden: hiermee verzendt u de
URL van de huidige pagina via SMS of email.
Naar smartfitweergave/Naar
bureaubladweergave: hiermee wijzigt
u de weergavevorm van de browser.
Opslaan: hiermee slaat u de
geselecteerde afbeelding of pagina op.
•
•
Paginadetails: hiermee geeft u de
eigenschappen van de pagina weer.
Browseropties: hiermee kunt u de
diverse instellingen voor de browser
wijzigen.
Buffer: hiermee kunt u de
bufferinstelling wijzigen of de buffer
leegmaken. De buffer is een tijdelijk
geheugen waarin recent bekeken
webpagina's worden opgeslagen.
Cookies: hiermee kunt u de acceptatie
van cookies wijzigen en cookies
verwijderen. Cookies zijn stukjes
persoonlijke gegevens die tijdens het
surfen naar de webserver worden
verzonden.
Voorkeuren: hiermee wijzigt u de
browserweergave en de
geluidsinstellingen.
Certificaten: hiermee geeft u gegevens
van certificaten weer.
Browserinfo: hiermee geeft u de
versie- en copyrightgegevens van de
browser weer.
Een pagina uit de favorieten openen
Druk op [ ] om de netwerkverbinding te
verbreken en de browser af te sluiten.
Als u een favoriet selecteert, wordt de
webbrowser gestart en de desbetreffende
webpagina geopend.
URL invoeren (menu 4.2)
U kunt de ingevoerde URL toevoegen aan de
lijst met favorieten door Favoriet
toevoegen te selecteren.
Favorieten (menu 4.3)
Met dit menu kunt u URL-adressen opslaan
zodat u snel naar een webpagina kunt gaan.
Favorieten toevoegen
1. Druk op <VoegToe>. Als er al een
favoriet is opgeslagen, drukt u op
<Opties> en kiest u Favoriet
toevoegen.
2. Geef een titel in voor de favoriet en druk
op [Omlaag].
3. Geef een URL-adres in en druk op
<Opslaan>.
Opties voor favorieten
Druk in het scherm Favorieten op <Opties>
om de volgende opties weer te geven:
• Ga naar: hiermee opent u de favoriete
webpagina.
• Ga naar startpagina: hiermee gaat u
naar de startpagina.
• URL invoeren: hiermee kunt u
handmatig een URL-adres ingeven.
• Favoriet wijzigen: hiermee wijzigt u
het URL-adres en de naam van de
favoriete pagina.
• Favoriet toevoegen: hiermee voegt u
een nieuwe favoriet toe.
• URL verzenden: hiermee kunt u het
URL-adres van de favoriet via SMS
verzenden.
• Wissen: hiermee verwijdert u de
geselecteerde favoriet of alle favorieten.
Browser (menu 4)
In dit menu kunt u handmatig een URLadres ingeven en de betreffende webpagina
openen.
Menuopties
De browser afsluiten
63
Menuopties
Opgeslagen pagina's (menu 4.4)
Streaming-instellingen (menu 4.8)
U kunt de lijst met pagina's openen die u
hebt opgeslagen tijdens het surfen.
In dit menu kunt u een verbindingsprofiel
selecteren voor toegang tot de
streamingservice van uw provider.
Afhankelijk van uw provider wordt dit menu
mogelijk niet weergegeven. U kunt ook een
profiel maken of wijzigen.blz. 117
Als u een koppeling selecteert, maakt de
telefoon verbinding met internet en wordt de
gekoppelde pagina geopend.
Geschiedenis (menu 4.5)
U kunt een lijst openen met pagina's die u
onlangs hebt geopend.
Als u een URL in de lijst selecteert, wordt de
betreffende webpagina geopend.
Buffer leegmaken (menu 4.6)
Met dit menu kunt u de informatie wissen
die is opgeslagen in de buffer. Dit is een
tijdelijke geheugenlocatie waar webpagina's
worden opgeslagen die u onlangs hebt
geopend.
Browserinstellingen (menu 4.7)
In dit menu kunt u een verbindingsprofiel
selecteren dat moet worden gebruikt voor
de draadloze verbinding met internet. U kunt
ook een profiel maken of wijzigen.blz. 117
64
Berichten (menu 5)
Via het menu Berichten kunt u SMS-, MMSen e-mailberichten verzenden en ontvangen.
U kunt via dit menu ook server- en
infoberichten openen.
Druk in de standby-stand op <Menu> en
selecteer Berichten om dit menu te
openen.
Bericht maken (menu 5.1)
Gebruik dit menu om berichten te maken en
te verzenden.
SMS-bericht (menu 5.1.1)
Een SMS-bericht maken en verzenden
1. Geef een bericht in en druk op [ ].
2. Geef een bestemmingsnummer in.
Als u het bericht naar meerdere
ontvangers wilt verzenden, vult u
meerdere bestemmingsvelden in.
3. Druk op [ ] om het bericht te
verzenden.
Druk tijdens het opstellen van een bericht op
<Opties> om de volgende opties weer te
geven:
• Alleen verzenden: hiermee wordt het
bericht alleen verzonden.
• Opslaan en verzenden: hiermee wordt
het bericht in Verzonden berichten
opgeslagen en vervolgens verzonden.
• Voorbeeld in 3D: hiermee kunt u het
bericht bekijken in de 3D-weergave. De
telefoon converteert berichttekst naar
afbeeldingen in 3D vivid-formaat. Deze
optie is alleen beschikbaar wanneer het
bericht uit één pagina bestaat.
• Invoegen: hiermee voegt u een
standaardbericht, vermelding uit de
telefoonlijst of een favoriet toe aan de
tekst.
• Afbeelding toevoegen/Animatie
toevoegen/Melodie toevoegen:
hiermee kunt u een eenvoudige
afbeelding, animatie of melodie
toevoegen.
Berichten (menu 5)
• Het maximum aantal tekens dat in
een bericht is toegestaan, varieert
per provider. Als het maximumaantal
in een bericht wordt overschreden,
wordt het bericht gesplitst.
• U kunt verschillende opties gebruiken
door te drukken op <Opties>.
volgende sectie
Opties bij het opstellen van een SMSbericht
Menuopties
Met SMS (Short Message Service) kunt u
tekstberichten met eenvoudige
afbeeldingen, animaties en melodieën
verzenden en ontvangen.
65
Menuopties
•
•
•
•
•
Bijvoegen: hiermee kunt u een
visitekaartje of agendagegevens
toevoegen als bijlage in
gegevensindeling.
Opslaan in: hiermee slaat u het bericht
op in een andere berichtenmap.
T9-taal: hiermee wijzigt u de taal voor
de T9-invoerstand.
Tekstopmaak: hiermee wijzigt u de
opmaak van de tekst.
Invoermethode: hiermee wijzigt u de
tekstinvoerstand.
MMS-bericht (menu 5.1.2)
Met MMS (Multimedia Message Service) kunt
u berichten met een combinatie van tekst,
afbeeldingen, videoclips en
geluidsbestanden van de ene telefoon naar
een andere telefoon of naar een e-mailadres
verzenden.
Een MMS-bericht maken en verzenden
1. Selecteer de regel Onderwerp.
U kunt gebruikmaken van verschillende
opties door in elk veld op <Opties> te
drukken.volgende sectie
66
2. Geef het onderwerp van het bericht in en
druk op [ ].
3. Selecteer de regel Afbeelding en
video.
4. Selecteer Afbeelding toevoegen of
Video toevoegen en voeg een
afbeelding of videoclip toe.
• De maximaal toegestane grootte van
een bericht kan per provider
verschillen.
• Afhankelijk van het type bestand of
DRM-systeem (Digital Rights
Management) is het mogelijk dat
bepaalde bestanden niet kunnen
worden doorgestuurd.
5. Selecteer de regel Geluid.
6. Selecteer Geluid toevoegen en voeg
een geluidsfragment toe.
7. Selecteer de regel Bericht.
8. Geef de berichttekst in en druk op [ ].
9. Als u klaar bent, drukt u op <Opties>
en selecteert u Verzenden.
Druk tijdens het opstellen van een bericht op
<Opties> om de volgende opties weer te
geven:
• Toevoegen: hiermee voegt u
berichttekst of het onderwerp van het
bericht toe.
• Afbeelding toevoegen/Video
toevoegen/Geluid toevoegen:
hiermee voegt u een afbeelding,
videoclip of geluidsfragment toe.
• Afbeelding wijzigen/Video wijzigen/
Geluid wijzigen: hiermee vervangt u
een toegevoegd item.
•
•
•
•
•
•
•
•
Toevoegen van geheugenkaart:
hiermee kunt u een bestand toevoegen
dat is opgeslagen op een geheugenkaart,
als deze is geplaatst.
Wijzigen: hiermee wijzigt u het
onderwerp of de tekst.
Voorbeeld: hiermee geeft u het bericht
weer zoals het wordt weergegeven op de
telefoon van de ontvanger.
Tonen: hiermee opent u de
geselecteerde bijlage.
Verzenden: hiermee verzendt u het
bericht.
Opslaan in: hiermee slaat u het bericht
op in een andere berichtenmap.
Pagina toevoegen: hiermee voegt u
pagina's toe. Blader naar een pagina
door op [Links] of [Rechts] te drukken.
Pagina wissen: hiermee wist u een
pagina.
Pagina wijzigen: hiermee wijzigt u
hoelang de pagina wordt weergegeven of
verplaatst u de pagina naar voren.
Berichten (menu 5)
Opties bij het opstellen van een
MMS-bericht
•
Menuopties
10. Geef een telefoonnummer of e-mailadres
in.
Als u het bericht naar meerdere
ontvangers wilt verzenden, vult u
meerdere bestemmingsvelden in.
11. Druk op [ ] om het bericht te
verzenden.
67
Menuopties
•
•
Bijvoegen: hiermee kunt u
vermeldingen in de telefoonlijst
bijvoegen als visitekaartjes of
agendagegevens bijvoegen als bijlage in
gegevensindeling, of
documentbestanden bijvoegen die zijn
opgeslagen in de map Andere
bestanden.
Onderwerp verwijderen/Bericht
verwijderen/Media verwijderen/
Geluid verwijderen/Verwijderen:
hiermee verwijdert u een toegevoegd
item.
E-mail (menu 5.1.3)
U kunt e-mailberichten met tekst, geluid en
afbeeldingen maken en verzenden.
Een e-mailbericht maken en verzenden
1. Selecteer de regel Onderwerp.
U kunt gebruikmaken van verschillende
opties door in elk veld op <Opties> te
drukken.volgende sectie
2. Geef het onderwerp van het
e-mailbericht in en druk op [ ].
3. Selecteer de regel Bericht.
68
4. Geef de tekst van het e-mailbericht in en
druk op [ ].
5. Selecteer de regel Bijlage toevoegen.
6. Voeg mediabestanden of
documentbestanden die in de map
Andere bestanden zijn opgeslagen toe,
voeg vermeldingen in de telefoonlijst toe
als visitekaartjes of voeg
agendagegevens toe als bijlagen in
gegevensindeling.
Afhankelijk van het type bestand of
DRM-systeem (Digital Rights
Management) is het mogelijk dat
bepaalde bestanden niet kunnen worden
doorgestuurd.
7. Als u klaar bent, drukt u op <Opties>
en selecteert u Verzenden.
8. Geef een e-mailadres in.
Als u het e-mailbericht naar meerdere
ontvangers wilt verzenden, vult u
meerdere bestemmingsvelden in.
9. Druk op [ ] om het e-mailbericht te
verzenden.
Wanneer u een e-mailbericht opstelt, kunt u
op <Opties> drukken om de volgende
opties weer te geven:
• Toevoegen: hiermee voegt u het
onderwerp of de tekst van het
e-mailbericht toe.
• Wijzigen: hiermee wijzigt u het
onderwerp of de tekst.
• Afbeelding toevoegen/Video
toevoegen/Geluid toevoegen/Muziek
toevoegen: hiermee voegt u
mediabestanden toe die zijn opgeslagen
in het telefoongeheugen.
• Andere bestanden: hiermee voegt u
documentbestanden toe die zijn
opgeslagen in de map Andere
bestanden.
• Geheugenkaart hiermee kunt u
bestanden toevoegen die zijn opgeslagen
op een geheugenkaart, als deze is
geplaatst.
• Tonen/Afspelen: hiermee opent u een
bijlage.
•
•
•
•
•
Verzenden: hiermee verzendt u het
e-mailbericht.
Opslaan in: hiermee slaat u het
e-mailbericht op in een andere
berichtenmap.
Bijvoegen: hiermee kunt u
vermeldingen in de telefoonlijst
toevoegen als visitekaartjes of
agendagegevens toevoegen als bijlagen
in gegevensindeling.
Onderwerp verwijderen/Bericht
verwijderen: hiermee verwijdert u het
onderwerp of de tekst.
Bijlage verwijderen: hiermee
verwijdert u de geselecteerde bijlage.
Alle bijlagen verwijderen: hiermee
verwijdert u alle bijlagen.
Berichten (menu 5)
•
Menuopties
Opties bij het opstellen van een
e-mailbericht
Mijn berichten (menu 5.2)
Met dit menu kunt u de berichten openen die
u hebt ontvangen of verzonden, of waarvan
het verzenden is mislukt.
69
Menuopties
Postvak IN (menu 5.2.1)
In deze map worden alle berichten
opgeslagen die u hebt ontvangen, met
uitzondering van e-mailberichten.
Berichten bekijken
De volgende symbolen kunnen in de lijst
met berichten worden weergegeven om het
type bericht aan te duiden:
•
SMS
•
MMS
•
MMS-melding ( : wordt
opgehaald,
: ophalen mislukt)
•
Voicemail
•
Serverbericht van webservers of
Configuratiebericht met
•
netwerkparameters van uw provider
•
Infobericht van uw serviceprovider
•
Afleverbericht voor uw verzonden
berichten
70
• Afhankelijk van het DRM-systeem
(Digital Rights Management) kunnen
berichten met webinhoud mogelijk
niet worden doorgestuurd.
• Met het symbool ! naast een bericht
wordt aangegeven dat het bericht een
hoge prioriteit heeft. Een grijs
berichtsymbool betekent dat het
bericht een lage prioriteit heeft.
Opties voor berichten
Tijdens het bekijken van een bericht kunt u
op <Opties> drukken om de volgende
opties weer te geven:
SMS-berichten
• Beantwoorden via SMS-bericht:
hiermee antwoordt u de afzender met
een SMS-bericht.
• Beantwoorden via MMS-bericht:
hiermee antwoordt u de afzender met
een MMS-bericht.
• Doorsturen: hiermee kunt u het bericht
naar anderen doorsturen.
•
•
•
•
MMS-berichten
• Ophalen: hiermee haalt u het MMSbericht op van de MMS-server.
• Beantwoorden via SMS-bericht:
hiermee antwoordt u de afzender met
een SMS-bericht.
• Beantwoorden via MMS-bericht:
hiermee antwoordt u de afzender met
een MMS-bericht.
• Doorsturen: hiermee kunt u het bericht
naar anderen doorsturen.
• Wissen: hiermee wist u het bericht.
• Overnemen: hiermee neemt u URL's,
e-mailadressen of telefoonnummers uit
het bericht over.
• Media kopiëren: hiermee slaat u
mediacontent uit het bericht op in het
telefoongeheugen.
Berichten (menu 5)
•
•
•
U kunt alleen berichten beveiligen die
zijn opgeslagen in het telefoongeheugen.
Nr. blokkeren: hiermee voegt u het
nummer van de afzender toe aan de
blokkeringslijst zodat de berichten van
de afzender worden geweigerd.
Menuopties
•
Zoomweergave: hiermee verkleint u de
tekengrootte zodat u meer tekst op een
scherm kunt bekijken.
Tonen als 3D-bericht/Tonen als:
hiermee kunt u het bericht bekijken in
3D of teruggaan naar de normale
weergave. Deze optie is alleen
beschikbaar wanneer het bericht uit één
pagina bestaat.
Wissen: hiermee wist u het bericht.
Verplaatsen naar telefoon/
Verplaatsen naar SIM: hiermee
verplaatst u berichten van de simkaart
naar het telefoongeheugen en vice
versa.
Overnemen: hiermee neemt u URL's,
e-mailadressen of telefoonnummers uit
het bericht over.
Media kopiëren: hiermee slaat u
mediacontent uit het bericht op in het
telefoongeheugen.
Vergrendelen/Ontgrendelen: hiermee
vergrendelt u het bericht zodat dit niet
kan worden verwijderd, of heft u de
vergrendeling op.
71
Menuopties
•
•
Vergrendelen/Ontgrendelen: hiermee
vergrendelt u het bericht zodat dit niet
kan worden verwijderd, of heft u de
vergrendeling op.
Details: hiermee geeft u de details van
het bericht weer.
Configuratieberichten
• Installeren: hiermee past u de in het
bericht opgegeven configuratie toe op de
telefoon.
• Wissen: hiermee wist u het bericht.
• Vergrendelen/Ontgrendelen: hiermee
vergrendelt u het bericht zodat dit niet
kan worden verwijderd, of heft u de
vergrendeling op.
Serverberichten
• Ga naar URL: hiermee maakt u
verbinding met het URL-adres in het
bericht.
• Overnemen: hiermee neemt u URL's,
e-mailadressen en telefoonnummers uit
het bericht over.
• Wissen: hiermee wist u het bericht.
72
•
Vergrendelen/Ontgrendelen: hiermee
vergrendelt u het bericht zodat dit niet
kan worden verwijderd, of heft u de
vergrendeling op.
Infoberichten
• Opslaan: hiermee slaat u het bericht op
in het telefoongeheugen.
• Overnemen: hiermee neemt u URL's,
e-mailadressen en telefoonnummers uit
het bericht over.
• Wissen: hiermee wist u het bericht.
Afleverberichten
• Overnemen: hiermee neemt u URL's,
e-mailadressen of telefoonnummers uit
de ontvangstbevestiging over.
• Wissen: hiermee verwijdert u de
ontvangstbevestiging.
• Vergrendelen/Ontgrendelen: hiermee
vergrendelt u de ontvangstbevestiging
zodat deze niet kan worden verwijderd,
of heft u de vergrendeling op.
Concepten (menu 5.2.2)
Deze map bevat berichten die u hebt
opgeslagen om ze later te verzenden.
•
•
Postvak UIT (menu 5.2.3)
De status van het bericht wordt door middel
van de volgende symbolen aangeduid:
•
Wordt verzonden
•
Verzenden mislukt
Tijdens het bekijken van een bericht kunt u
op <Opties> drukken om de volgende
opties weer te geven:
• Opnieuw verzenden: hiermee verzendt
u het bericht opnieuw.
• Doorsturen: hiermee kunt u het bericht
naar anderen doorsturen.
• Zoomweergave: hiermee verkleint u de
tekengrootte zodat u meer tekst op een
scherm kunt bekijken.
•
Berichten (menu 5)
In deze map worden berichten opgeslagen
die worden verzonden of waarvan het
verzenden is mislukt.
Overnemen: hiermee neemt u URL's,
e-mailadressen en telefoonnummers uit
het bericht over.
Wissen: hiermee wist u het bericht.
Verplaatsen naar telefoon/
Verplaatsen naar SIM: hiermee
verplaatst u berichten van de simkaart
naar het telefoongeheugen en vice
versa.
Vergrendelen/Ontgrendelen: hiermee
vergrendelt u het bericht zodat dit niet
kan worden verwijderd, of heft u de
vergrendeling op.
Menuopties
Als u een bericht selecteert, wordt dit in de
bewerkingsmodus geopend zodat u het kunt
bewerken en verzenden.
•
Verzonden berichten (menu 5.2.4)
In deze map worden berichten opgeslagen
die u hebt verzonden.
Tijdens het bekijken van een bericht kunt u
op <Opties> drukken om de volgende
opties weer te geven:
• Verzenden: hiermee verzendt u het
bericht.
• Doorsturen: hiermee kunt u het bericht
naar anderen doorsturen.
73
Menuopties
•
•
•
•
•
•
Zoomweergave: hiermee verkleint u de
tekengrootte zodat u meer tekst op een
scherm kunt bekijken.
Overnemen: hiermee neemt u URL's,
e-mailadressen en telefoonnummers uit
het bericht over.
Wissen: hiermee wist u het bericht.
Verplaatsen naar telefoon/
Verplaatsen naar SIM: hiermee
verplaatst u berichten van de simkaart
naar het telefoongeheugen en vice
versa.
Vergrendelen/Ontgrendelen: hiermee
vergrendelt u het bericht zodat dit niet
kan worden verwijderd, of heft u de
vergrendeling op.
Details: hiermee geeft u de details van
het bericht weer.
E-mail Postvak IN (menu 5.2.5)
In deze map worden e-mailberichten
opgeslagen die u hebt ontvangen.
Een e-mailbericht bekijken
1. Selecteer een e-mailaccount.
74
2. Druk op <Ja> wanneer Controleren op
nieuwe e-mail wordt weergegeven, of
druk op <Opties> en selecteer
Ophalen. De telefoon maakt verbinding
met de e-mailserver en nieuwe
e-mailberichten worden gedownload.
De volgende pictogrammen kunnen in de
lijst worden weergegeven om de status
van het e-mailbericht aan te geven:
•
Opgehaald van de server
•
Wordt opgehaald
•
Ophalen mislukt
Met het symbool ! naast een bericht
wordt aangegeven dat het bericht een
hoge prioriteit heeft. Een grijs
berichtsymbool betekent dat het bericht
een lage prioriteit heeft.
3. Selecteer een e-mailbericht of
berichtkop.
4. Druk op [Links] of [Rechts] om andere
pagina's in het e-mailbericht te bekijken.
5. Druk op [ ] of [ ] om het vorige of
volgende e-mailbericht te bekijken.
Opties voor e-mailberichten
•
•
•
•
Berichten (menu 5)
•
Toevoegen aan filterlijst: hiermee
voegt u het e-mailadres van de afzender
of het onderwerp toe aan de
blokkeerlijst, zodat e-mailberichten van
dat adres of met dat onderwerp worden
geweigerd.
Overnemen: hiermee neemt u URL's,
e-mailadressen of telefoonnummers uit
het e-mailbericht over.
Media kopiëren: hiermee kunt u de
bijlagen bij het e-mailbericht opslaan in
het telefoongeheugen.
Vergrendelen/Ontgrendelen: hiermee
vergrendelt u het e-mailbericht zodat dit
niet kan worden verwijderd, of
ontgrendelt u het e-mailbericht.
Details: hiermee geeft u de
eigenschappen van het e-mailbericht
weer.
Menuopties
Terwijl u het e-mailbericht of de berichtkop
bekijkt, kunt u op <Opties> drukken om de
volgende opties weer te geven:
• Ophalen: hiermee haalt u de tekst van
het e-mailbericht op van de e-mailserver.
• Tonen/Afspelen: hiermee opent u de
geselecteerde bijlage.
• Opslaan in Mijn bestanden: hiermee
slaat u de geselecteerde bijlage op in het
telefoongeheugen.
• Afzender beantwoorden: hiermee
stuurt u een antwoord naar de afzender.
• Allen beantwoorden: hiermee stuurt u
de afzender of de afzender en alle
andere ontvangers een antwoord.
• Doorsturen: hiermee stuurt u het
e-mailbericht door naar andere mensen.
• Wissen: hiermee verwijdert u de
hoofdtekst van het e-mailbericht of het
volledige e-mailbericht.
Mijn mappen (menu 5.2.6)
Met dit menu kunt u nieuwe mappen maken
en uw berichten ordenen.
75
Menuopties
Mappen maken
1. Druk op <Ja>.
2. Geef een mapnaam in en druk op <OK>.
Standaardberichten maken
1. Selecteer een lege locatie.
2. Geef een bericht in en druk op <OK>.
Opties voor mappen
Opties voor standaardberichten
Druk in de lijst met mappen op <Opties>
om de volgende opties weer te geven:
• Openen: hiermee opent u de
geselecteerde map.
• Map toevoegen: hiermee voegt u een
nieuwe map toe.
• Naam map wijzigen: hiermee wijzigt u
de naam van de map.
• Wissen: hiermee verwijdert u de
geselecteerde map.
Druk in de lijst met standaardberichten op
<Opties> om de volgende opties weer te
geven:
• Wijzigen: hiermee wijzigt u het
geselecteerde standaardbericht.
• Bericht verzenden: hiermee maakt en
verzendt u een nieuw bericht met behulp
van het geselecteerde standaardbericht.
• Wissen: hiermee verwijdert u het
geselecteerde standaardbericht.
• Nieuwe toevoegen: hiermee voegt u
een nieuw standaardbericht toe.
Standaardberichten (menu 5.3)
Met dit menu kunt u standaardberichten
maken en gebruiken voor berichten of
passages die u veel gebruikt.
Standaard SMS-berichten (menu 5.3.1)
U kunt standaard-SMS-berichten maken met
zinnen die u vaak gebruikt, zodat u deze
kunt ophalen en invoegen wanneer u een
SMS-bericht opstelt.
76
Standaard MMS-berichten
(menu 5.3.2)
U kunt vooraf geïnstalleerde of eerder
opgeslagen standaard-MMS-berichten
gebruiken bij het opstellen van een
MMS-bericht.
Met dit menu kunt u alle berichten uit de
verschillende berichtenmappen tegelijk
verwijderen.
1. Druk op [ ] om de berichtenmappen te
selecteren die u leeg wilt maken.
Als u twee keer op de toets drukt,
worden de berichttypen weergegeven
zodat u kunt opgeven welke typen
moeten worden gewist.
2. Druk op <Wissen>.
Instellingen (menu 5.5)
Met dit menu kunt u verschillende opties
instellen voor het gebruik van de
berichtenservice.
Berichten (menu 5)
Alles wissen (menu 5.4)
3. Druk op [ ] om het selectievakje in te
schakelen voor het verwijderen van
beveiligde berichten en druk vervolgens
op <Ja>.
4. Druk op <Ja> om het wissen te
bevestigen.
Menuopties
Druk in de lijst met standaardberichten op
<Opties> om de volgende opties weer te
geven:
• Tonen: hiermee opent u het
geselecteerde standaardbericht.
• Wijzigen: hiermee wijzigt u het
geselecteerde standaardbericht.
• Verzenden: hiermee verzendt u het
geselecteerde standaardbericht.
• Wissen: hiermee verwijdert u het
geselecteerde standaardbericht of alle
standaardberichten, behalve de vooraf
geïnstalleerde standaardberichten.
SMS-berichten (menu 5.5.1)
Via dit menu kunt u de SMS-instellingen
wijzigen.
• Verzendinstellingen: hier stelt u de
opties in voor het verzenden van SMSberichten:
Antwoordpad: hiermee kunnen
ontvangers u antwoord sturen via uw
SMS-server.
Afleverbericht: hiermee stelt u in dat u
op de hoogte wilt worden gesteld
wanneer uw berichten zijn afgeleverd.
77
Menuopties
•
•
78
Ondersteunde tekenset: hiermee kunt
u een tekenset selecteren. Als u
Automatisch selecteert, wordt de
tekenset gewijzigd van GSM-alfabet in
Unicode zodra u een Unicode-teken
invoert. Het gebruik van de Unicodetekenset brengt het maximum aantal
tekens in een bericht ongeveer tot de
helft terug. Als dit menu niet wordt
weergegeven, wordt op uw telefoon
standaard automatische tekencodering
gebruikt.
Drager selecteren: hier kunt u kiezen
tussen GSM- en GPRS-voorkeur,
afhankelijk van uw netwerk.
Ontvanginstellingen: hiermee kunt u
de 3D-weergave selecteren voor het
weergeven van ontvangen SMSberichten. De berichttekst wordt
omgezet in 3D-afbeeldingen en
weergegeven in 3D-weergave. Deze
optie is alleen beschikbaar wanneer het
bericht uit één pagina bestaat.
Blokkeerlijst: hier slaat u de
telefoonnummers op waarvan u
berichten wilt weigeren.
•
•
Huidig profiel: hiermee selecteert u
een profiel voor de SMS-instellingen.
Profielinstellingen: hiermee stelt u de
eigenschappen van elk profiel in.
SMS-centrale: hier kunt u het nummer
van de SMS-server opslaan of wijzigen.
Standaardbestemming: hier geeft u
de standaardbestemming in. Deze wordt
weergegeven in het eerste veld in het
veld Ontvangers.
Standaardtype: hier stelt u het
standaardberichttype in. De provider zet
de berichten om in de gekozen indeling.
Standaardgeldigheid: hier stelt u in
hoelang uw berichten op de SMS-server
moeten worden opgeslagen.
Naam instelling: hier geeft u een
profielnaam in.
MMS-berichten (menu 5.5.2)
Via dit menu kunt u de MMS-instellingen
wijzigen.
• Verzendinstellingen: hier stelt u de
opties voor het verzenden van MMSberichten in:
Onbekende afzenders weigeren:
hiermee weigert u berichten van
onbekende afzenders.
Reclame toestaan: hiermee accepteert
u reclame.
Informatie toestaan: hiermee
accepteert u infoberichten.
Bevestiging toestaan: hier stelt u in
dat de afzender op de hoogte wordt
gesteld wanneer u zijn of haar bericht
hebt ontvangen.
Ontvangst binnen eigen netwerk:
hier geeft u op of nieuwe berichten
automatisch worden opgehaald wanneer
u zich in het servicegebied van uw eigen
provider bevindt.
Ontvangst in buitenland: hier geeft u
op of nieuwe berichten automatisch
moeten worden opgehaald wanneer u
zich in het servicegebied van een ander
netwerk bevindt.
De volgende opties zijn beschikbaar voor
ontvangst binnen het eigen netwerk en
ontvangst in het buitenland:
Menuopties
Berichten (menu 5)
•
Ontvangstbevestiging: hiermee stelt u
in dat u op de hoogte wilt worden gesteld
wanneer uw berichten zijn afgeleverd.
Adres verbergen: hier stelt u in dat uw
adres moet worden verborgen op de
telefoon van de ontvanger.
Leesbevestiging: hiermee kunt u bij
uw berichten een verzoek om een
leesbevestiging verzenden.
Prioriteit: hier stelt u de prioriteit in
voor uw berichten.
Vervaldatum: hier stelt u in hoelang uw
berichten op de MMS-server moeten
worden opgeslagen.
Aflevertijd: hier stelt u in hoelang moet
worden gewacht voordat berichten
worden verzonden.
Grootte uitgaand bericht: hier
selecteert u de maximaal toegestane
grootte voor berichten. De maximale
bestandsgrootte kan per land verschillen.
Ophaalinstellingen: hier stelt u de
opties in voor het ontvangen van MMSberichten:
79
Menuopties
•
•
- Handmatig: er wordt een melding op
de telefoon weergegeven. Met de optie
Ophalen kunt u nieuwe berichten
handmatig ophalen.
- Automatisch: berichten worden
automatisch opgehaald van de server.
- Weigeren: alle berichten worden
geweigerd.
Blokkeerlijst: hier slaat u
telefoonnummers en e-mailadressen op
waarvan u berichten wilt weigeren.
MMS-profiel: hierin selecteert u een
verbindingsprofiel voor MMS. U kunt ook
een profiel maken of bewerken.
blz. 117
E-mailberichten (menu 5.5.3)
In dit menu kunt u e-mailinstellingen
wijzigen.
U kunt het e-mailprofiel en de instellingen
voor de e-mailaccount niet wijzigen tijdens
het ophalen of verzenden van
e-mailberichten.
•
80
Verzendinstellingen: hier kunt u de
opties instellen voor het verzenden van
e-mailberichten:
Kopie bewaren: hiermee verzendt u
een kopie van uw e-mailberichten naar
uw e-mailaccount.
Afleverbericht: hier stelt u in dat u een
melding van het netwerk ontvangt
wanneer uw e-mailberichten zijn
afgeleverd.
Leesbevestiging: hiermee verzendt u
een verzoek om een leesbevestiging met
het e-mailbericht.
Antwoordadres: hier stelt u een
e-mailadres in voor het ontvangen van
leesbevestigingen van ontvangers van
uw e-mailberichten.
Prioriteit: hier stelt u de prioriteit van
e-mailberichten in.
Visitekaartje koppelen: hiermee
worden uw contactgegevens toegevoegd
aan e-mailberichten. Eerst maakt u een
visitekaartje.blz. 46
Met handtekening: hiermee voegt u
uw naam, telefoonnummer, een
eenvoudige notitie of een vaste regel toe
aan uw e-mailberichten.
Naam wijzigen: hiermee geeft u de
naam in uw handtekening in.
•
Berichten (menu 5)
•
E-mailberichten die de opgegeven
grootte overschrijden, worden
geweigerd.
Downloadmethode: hier stelt u in of
alleen de e-mailberichtkoppen worden
gedownload of zowel de berichtkoppen
als de tekst van de berichten.
Kopie van bericht op server laten:
hier stelt u in dat kopieën van
e-mailberichten na het ophalen op de
e-mailserver blijven staan.
Laatste e-mail eerst downloaden:
hiermee stelt u in dat bij het downloaden
van e-mail de meest recente
e-mailberichten het eerst worden
gedownload.
Blokkeerlijst: hier kunt u
e-mailadressen of onderwerpen opgeven
zodat berichten van die adressen of met
die onderwerpen worden geweigerd.
E-mail account: hier stelt u uw
e-mailaccount in en selecteert u welk
account moet worden gebruikt.
Huidige account: hier selecteert u een
account.
Menuopties
•
Nummer wijzigen: hiermee geeft u het
telefoonnummer in uw handtekening in.
Notitie wijzigen: hiermee geeft u de
vaste regel in uw handtekening in.
Ontvanginstellingen: hier kunt u de
opties instellen voor het ontvangen van
e-mailberichten:
Controle-interval: hier geeft u op hoe
vaak op de server moet worden
gecontroleerd of er e-mailberichten zijn
binnengekomen. Als u Niet melden
selecteert, kunt u de functie
Controleren op nieuwe e-mail
gebruiken om handmatig te controleren
of er e-mailberichten zijn
binnengekomen.
Leesbevestiging verzenden: hier
geeft u op of een leesbevestiging wordt
verzonden voor inkomende emailberichten. Als u Leesbevestiging
vragen selecteert, wordt u gevraagd
een leesbevestiging te verzenden.
Weigeren indien groter dan: hier
geeft u de maximaal toegestane grootte
voor inkomende e-mailberichten op.
81
Menuopties
Accountinstellingen: hiermee
configureert u e-mailaccounts met
verschillende e-mailservers. Stel voor
elke account de gewenste opties in:
- Accountnaam: hier geeft u een naam
in voor het geselecteerde account.
- Gebruikersnaam: hier geeft u een
gebruikersnaam in.
- E-mailadres: hier geeft u uw
e-mailadres in.
- SMTP-server: hier geeft u het IPadres of de hostnaam van de server
voor de uitgaande e-mailberichten in.
- SMTP-poort: hier geeft u het nummer
van de SMTP-poort in.
- Eerst verbinden met POP3-server/
Eerst verbinden met IMAP4-server:
hiermee wordt verbinding gemaakt met
de POP3- of IMAP4-server voor
verificatie voordat er verbinding wordt
gemaakt met de SMTP-server voor het
verzenden van e-mailberichten.
- Protocoltype: hier selecteert u het
protocol voor de server voor
inkomende e-mailberichten.
82
De overige opties zijn afhankelijk van
de instellingen voor het protocoltype.
Als het protocoltype POP3 is:
- POP3-server: hier geeft u het IPadres of de hostnaam in van de server
die uw e-mailberichten ontvangt.
- POP3-poort: hier geeft u het nummer
van de POP3-poort in.
- Gebruikersnaam: hier geeft u de
POP3-gebruikersnaam in.
- Wachtwoord: hier geeft u het POP3wachtwoord in.
- SMTP-verificatie gebruiker: hiermee
schakelt u SMTP-verificatie in,
waardoor de gebruiker zich moet
aanmelden voordat hij of zij
e-mailberichten kan verzenden.
- Zelfde als POP3: selecteer of u voor
de SMTP-server dezelfde parameters
wilt gebruiken als voor de POP3-server.
- SMTP-gebruikersnaam: hier geeft u
de SMTP-gebruikersnaam in.
- SMTP-wachtwoord: hier geeft u uw
SMTP-wachtwoord in.
Serverberichten (menu 5.5.4)
U kunt de instellingen wijzigen voor het
ontvangen van serverberichten van de
draadloze webserver.
83
Berichten (menu 5)
•
- Zelfde als IMAP4: hier selecteert u of
u voor de SMTP-server dezelfde
parameters wilt gebruiken als voor de
IMAP4-server.
- SMTP-gebruikersnaam: hier geeft u
de SMTP-gebruikersnaam in.
- SMTP-wachtwoord: hier geeft u uw
SMTP-wachtwoord in.
- Inclusief bijlagen: deze optie
selecteert u om bijlagen te kunnen
ontvangen bij e-mailberichten.
- Ophaallimiet voor e-mail (1-100):
hier stelt u het aantal berichtkoppen in
dat u wilt ophalen van de server.
- Beveiligde verbinding: hier stelt u in
dat een beveiligde verbinding voor de
e-mailservice wordt gebruikt.
E-mailprofiel: hiermee selecteert u een
verbindingsprofiel voor e-maildiensten. U
kunt ook een profiel maken of bewerken.
blz. 117
Menuopties
- Inloggen bij APOP: hiermee maakt u
verbinding met de server met behulp
van de APOP-inlogprocedure.
- Ophaallimiet voor e-mail (1-100):
hier stelt u het aantal berichtkoppen in
dat u wilt ophalen van de server.
- Beveiligde verbinding: hiermee
wordt een beveiligde verbinding voor
de e-mailservice gebruikt.
Als het protocoltype IMAP4 is:
- IMAP4-server: hier geeft u het IPadres of de hostnaam in van de server
die uw e--mailberichten ontvangt.
- IMAP4-poort: hier geeft u het
nummer van de IMAP4-poort in.
- Gebruikersnaam: hier geeft u de
IMAP4-gebruikersnaam in.
- Wachtwoord: hier geeft u het IMAP4wachtwoord in.
- SMTP-verificatie gebruiker: hiermee
schakelt u SMTP-verificatie in,
waardoor de gebruiker zich moet
aanmelden voordat hij of zij
e-mailberichten kan verzenden.
Menuopties
•
•
Ontvangen: hiermee stelt u in hoe
serverberichten worden ontvangen. Als u
Zwarte lijst selecteert, accepteert de
telefoon geen berichten van de in de
zwarte lijst opgegeven adressen.
Zwarte lijst: hier kunt u geblokkeerde
serveradressen beheren.
Infoberichten (menu 5.5.5)
U kunt de instellingen voor het ontvangen
van infoberichten wijzigen.
• Ontvangen: hier geeft u op of u
infoberichten wilt ontvangen.
• Kanaallijst: hier geeft u de kanalen op
waarvan u infoberichten wilt ontvangen.
Neem voor meer informatie contact op
met uw provider.
• Taal: hiermee kunt u de voorkeurstalen
selecteren waarin infoberichten worden
weergegeven.
Geheugenstatus (menu 5.6)
Via dit menu kunt u zien hoeveel geheugen
momenteel wordt gebruikt voor elke map.
Druk op [Links] of [Rechts] om door de
andere berichttypen te bladeren.
84
Mijn bestanden (menu 6)
Het menu Mijn bestanden biedt toegang
tot afbeeldingen, video's, muziekbestanden
en geluidsbestanden die in het
telefoongeheugen of op een geheugenkaart
zijn opgeslagen.
Druk in de standby-stand op <Menu> en
selecteer Mijn bestanden om dit menu te
openen.
Tips voor DRM (Digital Rights
Management)
In verband met het DRM-systeem (Digital
Rights Management) is het mogelijk dat u
een sleutel nodig hebt om bepaalde mediaitems die u hebt gedownload van het
internet of via MMS hebt ontvangen, te
kunnen openen.
U kunt de sleutel aanvragen bij de website
die de rechten op de inhoud heeft. Gebruik
hiervoor de optie Sleutel activeren.
De lijst kan de volgende symbolen bevatten:
•
: item met geldige sleutel dat kan
worden doorgestuurd.
•
•
Afbeeldingen (menu 6.1)
Dit menu bevat foto's die u hebt genomen
en afbeeldingen die u hebt gedownload,
ontvangen in berichten of geïmporteerd via
uw computer.
Een afbeelding bekijken
1. Selecteer een map met afbeeldingen.
2. Selecteer een afbeelding.
Een diavertoning bekijken
U kunt uw foto's in de vorm van een
diavertoning bekijken, waarbij alle foto's in
de huidige map achtereenvolgens worden
weergegeven.
Opties voor afbeeldingen
Mijn bestanden (menu 6)
Uw provider ondersteunt alleen DRMbestanden met onbeperkte toegang of
toegang op basis van aantallen.
1. Selecteer Mijn foto's.
2. Druk op <Opties> en selecteer
Diavertoning.
3. Selecteer een intervaloptie. De
diavertoning begint.
4. Druk op <Stoppen> om de diavertoning
te stoppen.
Menuopties
•
: item zonder geldige sleutel dat kan
worden doorgestuurd.
: item met geldige sleutel dat niet
kan worden doorgestuurd.
: item zonder geldige sleutel dat niet
kan worden doorgestuurd.
Terwijl u een afbeelding bekijkt, kunt u op
<Opties> drukken om de volgende opties
weer te geven:
• Lijst: hiermee gaat u terug naar de lijst
met afbeeldingen.
• Verzenden via: hiermee verzendt u het
bestand via MMS, e-mail of Bluetooth.
• Instellen als: hiermee stelt u de
afbeelding in als achtergrond of als
afbeelding voor nummerweergave voor
een vermelding in de telefoonlijst.
• Wijzigen: hier kunt u de afbeelding
bewerken met de functie Foto bewerken
als het een foto betreft die u met de
camera van de telefoon hebt gemaakt.
blz. 53
85
Menuopties
•
•
•
•
•
•
•
86
Sleutel activeren: hiermee haalt u een
nieuwe licentiesleutel op als de sleutel
voor het geselecteerde DRM-bestand niet
meer geldig is.
Wissen: hiermee wist u het bestand.
Naam wijzigen: hiermee wijzigt u de
naam van het bestand.
Verplaatsen naar: hiermee verplaatst u
het bestand naar een andere map of
naar een geheugenkaart.
Kopiëren naar geheugenkaart:
hiermee kopieert u het geselecteerde
bestand naar een geheugenkaart, indien
deze is geplaatst.
Zichtbaar voor Bluetooth: hiermee
deelt u het geselecteerde bestand of de
geselecteerde bestanden met andere
Bluetooth-apparaten.
Vergrendelen/Ontgrendelen: hiermee
vergrendelt u het bestand zodat het niet
kan worden verwijderd, of heft u de
vergrendeling op.
•
•
•
Afdrukken via Bluetooth: hiermee
drukt u de afbeelding af door de telefoon
via Bluetooth te verbinden met een
printer. Sommige printers zijn mogelijk
niet compatibel met de telefoon.
Details: hiermee geeft u de
eigenschappen van het bestand weer.
Sleutelbeheer: hiermee kunt u de
verworven sleutels beheren.
Video's (menu 6.2)
In dit menu worden videoclips weergegeven
die u hebt opgenomen of gedownload, die u
in een bericht hebt ontvangen of die u via
uw computer hebt geïmporteerd.
Videoclips die zijn opgenomen met andere
apparaten, zoals camcorders, worden
mogelijk niet goed afgespeeld.
Videoclips afspelen
1. Selecteer een map met video's.
2. Selecteer een videoclip.
Tijdens het afspelen kunt u de volgende
toetsen gebruiken:
Toets
Functie
Hiermee gaat u naar het
volgende bestand. Als u de
toets ingedrukt houdt, gaat u
vooruit in een bestand.
Volume
Hiermee regelt u het volume.
Omlaag
Hiermee stopt u het afspelen.
Opties voor videoclips
Druk na het afspelen op <Opties> om de
volgende opties weer te geven:
• Lijst: hiermee gaat u terug naar de lijst
met video's.
• Verzenden via: hiermee verzendt u het
bestand via MMS, e-mail of Bluetooth.
•
•
•
•
•
•
•
Mijn bestanden (menu 6)
Rechts
Hiermee gaat u terug naar
het vorige bestand. Als u de
toets ingedrukt houdt, gaat u
terug in een bestand.
Instellen als: hiermee kunt u de
videoclip (als deze is opgeslagen als een
3GP-bestand) instellen als achtergrond
voor het display of als nummerweergave
voor een vermelding in de telefoonlijst.
Sleutel activeren: hiermee haalt u een
nieuwe licentiesleutel op als de sleutel
voor het geselecteerde DRM-bestand niet
meer geldig is.
Wissen: hiermee wist u het bestand.
Naam wijzigen: hiermee wijzigt u de
naam van het bestand.
Verplaatsen naar: hiermee verplaatst u
het bestand naar een andere map of
naar een geheugenkaart.
Kopiëren naar geheugenkaart:
hiermee kopieert u het geselecteerde
bestand naar een geheugenkaart, indien
deze is geplaatst.
Zichtbaar voor Bluetooth: hiermee
deelt u de geselecteerde bestanden met
andere Bluetooth-apparaten.
Vergrendelen/Ontgrendelen: hiermee
vergrendelt u het bestand zodat het niet
kan worden verwijderd, of heft u de
vergrendeling op.
Menuopties
Hiermee onderbreekt of
hervat u het afspelen.
Links
•
87
Menuopties
•
•
Details: hiermee geeft u de
eigenschappen van het bestand weer.
Sleutelbeheer: hiermee kunt u de
verworven sleutels beheren.
Muziek (menu 6.3)
In dit menu worden muziekbestanden
weergegeven die u hebt gedownload of die u
uit uw computer hebt geïmporteerd.
Selecteer een bestand. De MP3-speler wordt
geopend.blz. 49
Als u in dit menu een bestand afspeelt dat
niet is toegevoegd aan de afspeellijst in de
MP3-speler, wordt het afspelen op de
achtergrond niet ondersteund.
Geluiden (menu 6.4)
Dit menu bevat spraakmemo's die u hebt
opgenomen en geluidsbestanden die u hebt
gedownload, ontvangen in berichten of
geïmporteerd uit uw computer.
Geluidsbestanden afspelen
1. Selecteer een map met geluiden.
88
2. Selecteer een geluidsfragment. Zie
Spraakrecorderblz. 52 voor een
spraakmemo.
Opties voor geluidsbestanden
Tijdens het afspelen van een
geluidsfragment kunt u op <Opties>
drukken om de volgende opties weer te
geven:
• Lijst: hiermee gaat u terug naar de lijst
met geluiden.
• Verzenden via: hiermee verzendt u het
bestand via MMS, e-mail of Bluetooth.
• Instellen als: hiermee stelt u het
bestand in als beltoon of als beltoon voor
een vermelding in de telefoonlijst.
• Sleutel activeren: hiermee haalt u een
nieuwe licentiesleutel op als de sleutel
voor het geselecteerde DRM-bestand niet
meer geldig is.
• Wissen: hiermee wist u het bestand.
• Naam wijzigen: hiermee wijzigt u de
naam van het bestand.
• Verplaatsen naar: hiermee verplaatst u
het bestand naar een andere map of
naar een geheugenkaart.
•
•
•
Andere bestanden (menu 6.5)
Via dit menu kunt u documenten en
bestanden in diverse indelingen die in het
telefoongeheugen zijn opgeslagen, bekijken
zonder dat deze beschadigd raken.
Beschikbare bestandsindelingen zijn *.doc,
*.xls, *.ppt, *.pdf en *.txt.
Selecteer een document. Picsel File Viewer
wordt gestart en het bestand wordt
geopend.
• Het is mogelijk dat sommige bestanden
niet op de juiste manier worden geopend.
Dit is afhankelijk van de bestandsgrootte
of de geheugencapaciteit van Picsel File
Viewer.
• Als een documentbestand in een taal is die
niet wordt ondersteund door Picsel File
Viewer, wordt de inhoud van het
document niet correct weergegeven.
Mijn bestanden (menu 6)
•
Documenten bekijken
Menuopties
•
Kopiëren naar geheugenkaart:
hiermee kopieert u het geselecteerde
bestand naar een geheugenkaart, indien
deze is geplaatst.
Zichtbaar voor Bluetooth: hiermee
deelt u de geselecteerde bestanden met
andere Bluetooth-apparaten.
Vergrendelen/Ontgrendelen: hiermee
vergrendelt u het bestand zodat het niet
kan worden verwijderd, of heft u de
vergrendeling op.
Details: hiermee geeft u de
eigenschappen van het bestand weer.
Sleutelbeheer: hiermee kunt u de
verworven sleutels beheren.
U kunt met de volgende toetsen het
document bekijken:
Toets
Functie
Omhoog/
Omlaag/
Links/
Rechts
Hiermee kunt u binnen de
pagina navigeren.
Hiermee wordt het
document aangepast aan de
paginagrootte.
89
Menuopties
90
Toets
Functie
Toets
Functie
Volume
Hiermee kunt u in- en
uitzoomen.
9
1
Hiermee zoekt u in het
document omhoog naar het
woord dat is opgegeven bij
de optie Woord zoeken.
Hiermee geeft u een
overzicht van de huidige
pagina weer of verbergt u
deze.
2
Hiermee gaat u terug naar
de eerste pagina.
3
Hiermee zoekt u in het
document omlaag naar het
woord dat is opgegeven bij
de optie Woord zoeken.
4
Hiermee gaat u terug naar
de vorige pagina.
5
Hiermee draait u het
document.
6
Hiermee gaat u naar de
volgende pagina.
8
Hiermee gaat u naar de
laatste pagina.
Hiermee wijzigt u de
weergave in Weergave met
volledig scherm of Normale
weergave.
Opties voor documenten
Druk tijdens het bekijken van een document
op <Opties> of op <
> om de volgende
opties weer te geven:
• Weergave met volledig scherm/
Normale weergave: hiermee bekijkt u
het document in een volledig scherm of
gaat u terug naar de normale weergave.
• Miniatuur tonen/Miniatuur
verbergen: hiermee geeft u een
overzicht van de huidige pagina weer of
verbergt u deze.
• Zoomen: hiermee kunt u in- of
uitzoomen.
•
•
•
•
•
•
•
•
•
•
•
•
•
Verzenden via: hiermee verzendt u het
bestand via MMS, e-mail of Bluetooth.
Verplaatsen naar geheugenkaart:
hiermee verplaatst u het bestand naar
een geheugenkaart, indien deze is
geplaatst.
Kopiëren naar geheugenkaart:
hiermee kopieert u het bestand naar een
geheugenkaart, indien deze is geplaatst.
Wissen: hiermee verwijdert u het
geselecteerde bestand.
Naam wijzigen: hiermee wijzigt u de
naam van het bestand.
Zichtbaar voor Bluetooth: hiermee
deelt u de geselecteerde bestanden met
andere Bluetooth-apparaten.
Vergrendelen/Ontgrendelen: hiermee
vergrendelt u het bestand zodat dit niet
kan worden verwijderd, of heft u de
vergrendeling op.
Details: hiermee geeft u de
eigenschappen van het bestand weer.
Sneltoetsen: hiermee geeft u de
functies weer van de toetsen die u kunt
gebruiken in Picsel File Viewer.
Mijn bestanden (menu 6)
•
•
Menuopties
•
Passend maken: hiermee kunt u het
document aanpassen aan de
paginagrootte, of de breedte of hoogte
van het scherm.
Ga naar: hiermee gaat u naar een
andere pagina in het document.
Woord zoeken: hiermee kunt u tekst
zoeken in het document.
Roteren: hiermee draait u het
document.
Scherm pannen/Normaal pannen:
hiermee wijzigt u de panning-stand in
Per scherm of Per vooraf ingestelde
pixel.
Weergavevorm: hiermee schakelt u het
scherm naar de weergavevorm. De tekst
wordt opnieuw gerangschikt in een
tekstbestand (*.txt) zodat u deze
gemakkelijk kunt bekijken. U kunt alleen
door de tekst bladeren met de toets
[Omhoog] of [Omlaag].
Besturingsbalk verbergen/
Besturingsbalk weergeven: hiermee
kunt u de werkbalk met snelkoppelingen
in de weergave met volledig scherm
verbergen of weergeven.
91
Menuopties
Geheugenkaart (menu 6.6)
Agenda
Dit menu biedt toegang tot bestanden die
zijn opgeslagen op een geheugenkaart. Het
menu wordt alleen weergegeven als er een
geheugenkaart in de telefoon is geplaatst.
Via het menu Agenda kunt u uw dagelijkse
afspraken bijhouden.
De telefoon is vooraf ingesteld op het
gebruik van geheugenkaarten die met de
indeling FAT16 zijn geformatteerd. Als u een
met FAT32 geformatteerde geheugenkaart in
de telefoon plaatst, wordt u gevraagd of u de
geheugenkaart opnieuw wilt formatteren. Als
u dit niet doet, kunt u de geheugenkaart niet
met deze telefoon gebruiken.
Geheugenstatus (menu 6.7)
Via dit menu kunt u geheugeninformatie
bekijken voor media-items in het
telefoongeheugen of op een geheugenkaart.
Voor het telefoongeheugen drukt u op
[Links] of [Rechts] om de geheugenstatus te
bekijken op grootte of op aantal items.
92
(menu 7)
Druk in de standby-stand op <Menu> en
selecteer Agenda om dit menu te openen.
Een dag in de agenda selecteren
Als u het menu Agenda opent, wordt de
agenda in de weergave Maandoverzicht
weergegeven, waarin de huidige datum
wordt aangegeven met een grijs vak.
• Druk op [Links] of [Rechts] om naar een
andere dag te gaan.
• Druk op [Omhoog] of [Omlaag] om naar
een andere week te gaan.
• Druk op [Volume] om naar een andere
maand te gaan.
Een agenda-item toevoegen
U kunt afspraken, verjaardagen en taken in
de agenda opslaan. U kunt meerdere items
op een dag opslaan.
Een nieuwe afspraak ingeven
•
Vóór: hier stelt u in hoelang voor de
begintijd van de afspraak het alarm
moet afgaan om u te waarschuwen.
• Alarmtoon: hier selecteert u een
alarmtoon.
• Herhalen: hier stelt u een
herhaalpatroon voor de afspraak in.
• Tot: hier stelt u de einddatum voor
het herhaalpatroon voor de afspraak
in.
4. Druk op <Opslaan> om de afspraak op
te slaan.
Menuopties
Agenda (menu 7)
1. Selecteer een datum in de agenda.
2. Druk op <Opties> en selecteer Nieuw
→ Afspraak.
3. Geef gegevens in of wijzig de
instellingen:
• Onderwerp: hier geeft u een titel
voor de afspraak in.
• Details: hier geeft u de details van
de afspraak in.
• Begindatum en Begintijd: hier
geeft u de begindatum en -tijd voor
de afspraak in.
• am/pm: hier selecteert u am of pm
in de 12-uursnotatie.
• Einddatum en Eindtijd: hier geeft u
de einddatum en -tijd voor de
afspraak in.
• am/pm: hier selecteert u am of pm
in de 12-uursnotatie.
• Locatie: hier kunt u gegevens over
de locatie van de afspraak ingeven.
• Alarm: hiermee stelt u een alarm in
voor de afspraak.
Nieuwe verjaardag ingeven
1. Selecteer een datum in de agenda.
2. Druk op <Opties> en kies Nieuw →
Verjaardag.
3. Geef gegevens in of wijzig de
instellingen:
• Gebeurtenis: hier geeft u de
gegevens van de verjaardag in.
• Datum: hier geeft u de datum in.
• Alarm: hier stelt u een alarm voor de
verjaardag in.
93
Menuopties
•
Vóór: hier stelt u in hoelang voor de
verjaardag het alarm moet afgaan
om u te waarschuwen.
• Alarmtijd: hier geeft u de tijd in
waarop het alarm moet afgaan.
• am/pm: hier selecteert u am of pm
in de 12-uursnotatie.
• Alarmtoon: hier selecteert u een
alarmtoon.
• Elk jaar herhalen: hiermee wordt u
elk jaar aan de verjaardag herinnerd.
4. Druk op <Opslaan> om de verjaardag
op te slaan.
Taken ingeven
1. Selecteer een datum in de agenda.
2. Druk op <Opties> en selecteer Nieuw
→ Taak.
3. Geef gegevens in of wijzig de
instellingen:
• Taak: hier geeft u de gegevens voor
de taak in.
• Begindatum: hier geeft u de
begindatum in.
• Deadline: hier geeft u de einddatum
in.
94
•
Prioriteit selecteren: hier stelt u de
prioriteit in.
4. Druk op <Opslaan> om de taak op te
slaan.
De agenda raadplegen
Als u items in de agenda hebt ingevoerd,
worden onder aan de agenda de symbolen
en het aantal items op een dag
weergegeven.
•
Afspraak
•
Verjaardag
•
Taak
Items bekijken
1. Selecteer een datum in de agenda om de
items voor die dag weer te geven.
2. Selecteer een item om de gegevens
ervan te bekijken.
3. Druk op [Links] of [Rechts] om de
andere items voor de geselecteerde dag
weer te geven.
Tijdens het bekijken van een item kunt u op
<Opties> drukken om de volgende opties
weer te geven:
•
•
•
Opties voor de agenda
Druk in de agenda op <Opties> om de
volgende opties weer te geven:
• Weergavevorm: hiermee wijzigt u de
weergavevorm van de agenda.
• Nieuw: hiermee voegt u een nieuw item
toe.
• Ga naar: hiermee gaat u naar de
huidige datum of geeft u een bepaalde
datum op.
• Sorteren op: hiermee kunt u items op
type sorteren.
Wissen: hiermee wist u opgeslagen
items uit de agenda, waarvoor u
verschillende opties kunt gebruiken.
U kunt terugkerende items alleen
verwijderen in de dagweergave.
•
•
Gemiste alarms agenda-items:
hiermee bekijkt u items waarvan u het
alarm hebt gemist.
Geheugenstatus: hiermee kunt u
geheugeninformatie bekijken voor de
items die in de agenda zijn opgeslagen.
Agenda (menu 7)
•
•
•
Menuopties
•
Wijzigen: hiermee wijzigt u het item.
Nieuw: hiermee voegt u een nieuw item
toe.
Verzenden via: hiermee verzendt u het
item via SMS, MMS, e-mail of Bluetooth.
Weergavevorm: hiermee wijzigt u de
weergavevorm van de agenda.
Wissen: hiermee wist u het item.
Geheugenstatus: hiermee kunt u
geheugeninformatie bekijken voor de
items die in de agenda zijn opgeslagen.
Items in een andere
weergavevorm bekijken
U kunt de agendaweergave wijzigen in
Dagweergave of Weekweergave. Druk op
<Opties> en selecteer Weergavevorm →
een weergavevorm.
Dagoverzicht
In deze weergave kunt u items voor de
geselecteerde datum bekijken. De volgende
symbolen kunnen verschijnen om de status
van het item aan te duiden:
•
Alarm ingesteld
95
Menuopties
•
•
•
Terugkerend item
Prioriteit taak (rood: hoog,
blauw: normaal, grijs: laag)
Voltooide taak
Selecteer een item om de gegevens ervan te
bekijken.
Weekoverzicht
In deze weergave kunt u items voor de
geselecteerde week bekijken. Een cel op het
rooster geeft aan dat er een afspraak is.
Selecteer een cel in de gewenste dag.
Camera
(menu 8)
U kunt de in de telefoon geïntegreerde
cameramodule gebruiken om foto's te
nemen en video-opnamen te maken.
Als u dit menu wilt openen, drukt u in de
standby-stand op <Menu> en selecteert u
Camera, of houdt u [Camera] ingedrukt.
96
• Maak geen foto's van personen zonder
hun toestemming.
• Maak geen foto's op plaatsen waar
camera's niet zijn toegestaan.
• Maak geen foto's op plaatsen waar u
inbreuk zou kunnen maken op de privacy
van anderen.
Een foto nemen
U kunt foto's nemen in verschillende
standen. De camera maakt JPEG-foto's.
Als u in direct zonlicht of bij helder weer een
foto maakt, kunnen op de foto schaduwen
verschijnen.
Een foto maken
1. Open het menu Camera of houd
[Camera] ingedrukt om de camera in te
schakelen.
2. Breng eventueel gewenste wijzigingen
aan.
• Druk op < > om de cameraopties
weer te geven.volgende sectie
• U kunt met de toetsen de camerainstellingen wijzigen of naar andere
standen schakelen.blz. 98
3. Druk op [ ] of op [Camera] om een foto
te nemen. De foto wordt opgeslagen in
de map Mijn foto's.
Toets
Druk op <Opties>.
blz. 99
De foto via MMS
verzenden
[ ].blz. 66
De foto
verwijderen
Druk op [C] en
vervolgens op
<Ja>.
Terugkeren naar
de fotostand
Druk op <OK> of
<Terug>.
Cameraopties in de fotostand
Druk in de fotostand op < > om de
volgende opties weer te geven:
• Video opnemen: hiermee schakelt u
over naar de opnamestand.
• Opnamestand: hiermee kunt u een foto
nemen in de volgende standen:
•
•
•
•
•
Camera (menu 8)
Opties voor foto's
weergeven
Menuopties
4. Functie
Eén opname: hiermee maakt u een foto
in de normale stand. U kunt selecteren of
een foto automatisch moet worden
opgeslagen.
Serie-opname: hiermee neemt u een
reeks filmfoto's achter elkaar. U kunt
aangeven hoeveel foto's u wilt nemen en
hoe snel achter elkaar.
Mozaïekopname: hiermee neemt u een
reeks foto's die u in één kader opslaat. U
kunt de indeling selecteren.
Effecten: hiermee kunt u de kleurtoon
wijzigen of een speciaal effect
toepassen.
Kaders: hiermee kunt u een decoratief
kader toevoegen.
Flitser: hiermee bepaalt u het gebruik
van de flitser.
Timer: hiermee kunt u een vertraging
instellen voordat een foto wordt
genomen.
Ga naar Mijn foto's: hiermee wordt de
map Mijn foto’s geopend.
97
Menuopties
•
98
Camera-instellingen: hiermee kunt u
de standaardinstellingen voor het maken
van foto's wijzigen.
Grootte: hier selecteert u een
beeldgrootte.
Kwaliteit: hier selecteert u een
instelling voor de beeldkwaliteit.
Zoeker: hiermee selecteert u een
voorbeeldscherm.
Sluitergeluid: hier selecteert u het
geluid dat u hoort als u op de sluiterknop
drukt.
Geluid bij zoomen: hiermee schakelt u
het geluidseffect bij zoomen in of uit.
Geluid helderheid: hiermee schakelt u
het geluidseffect bij aanpassing van het
contrast in of uit.
Witbalans: hiermee wijzigt u de
kleurbalans van de afbeelding. U kunt de
foto warmer of koeler laten lijken.
ISO: hiermee wijzigt u de ISO-instelling.
Met deze instelling bepaalt u de
gevoeligheid van de camera. Selecteer in
situaties met weinig licht een hogere
ISO-waarde.
•
Met een hogere ISO-waarde werkt de
sluiterknop van de camera sneller en is
de camera gevoeliger voor licht. Met
hogere ISO-instellingen kan een foto
vervormd raken.
Sneltoetsen camera: hiermee geeft u
de functies weer van de toetsen die u in
de fotostand kunt gebruiken.
Gebruik van de toetsen in de
fotostand
In de fotostand kunt u met de toetsen de
camera-instellingen aanpassen.
Toets
Functie
Links/
Rechts
Hiermee past u de helderheid
aan.
Omhoog/
Omlaag
Hiermee kunt u in- en
uitzoomen.
Volume
omhoog
Hiermee kantelt u het beeld
naar verticale stand.
Volume
omlaag
Hiermee geeft u het
spiegelbeeld weer.
Functie
Toets
Functie
1
Hiermee schakelt u over naar
de opnamestand.blz. 100
0
Hiermee gaat u naar de map
Mijn foto's.
2
Hiermee wijzigt u de
beeldgrootte.
3
Hiermee wijzigt u de
beeldkwaliteit.
4
Hiermee wijzigt u de
opnamestand.
5
Hiermee wijzigt u de
kleurtoon of past u een
speciaal effect toe.
6
Hiermee wijzigt u de
witbalans.
7
Hiermee selecteert u een
decoratief kader.
8
Hiermee stelt u de timer in.
9
Hiermee wijzigt u de ISOinstellingen.
Hiermee wijzigt u het
voorbeeldscherm.
Opties voor foto's
Als u een foto hebt opgeslagen, kunt u op
<Opties> drukken om de volgende opties
weer te geven:
• Tonen: hiermee kunt u één foto uit een
serie-opname openen.
• Zoeker: hiermee gaat u terug naar de
fotostand.
• Verzenden via: hiermee verzendt u het
bestand via MMS, e-mail of Bluetooth.
• Instellen als: hiermee stelt u de foto in
als achtergrond voor het display of
koppelen aan een van uw
contactpersonen. De foto wordt getoond
als u door het betreffende nummer wordt
gebeld.
• Wijzigen: hiermee kunt u de foto
wijzigen via de functie Foto bewerken.
blz. 53
Camera (menu 8)
Hiermee bepaalt u het
gebruik van de flitser.
Menuopties
Toets
99
Menuopties
•
•
•
•
•
•
Wissen: hiermee wist u het bestand.
Naam wijzigen: hiermee wijzigt u de
naam van het bestand.
Ga naar Mijn foto's: hiermee wordt de
map Mijn foto’s geopend.blz. 85
Vergrendelen/Ontgrendelen: hiermee
vergrendelt u het bestand zodat dit niet
kan worden verwijderd, of heft u de
vergrendeling op.
Afdrukken via Bluetooth: hiermee
kunt u de foto afdrukken door de
telefoon via Bluetooth met een printer te
verbinden. Sommige printers zijn
mogelijk niet compatibel met de
telefoon.
Details: hiermee geeft u de
eigenschappen van het bestand weer.
5. Functie
Toets
De videoclip afspelen
[ ].
Opties voor videoclips
weergeven
<Opties>.
blz. 102
U kunt een video opnemen van het beeld dat
op het camerascherm wordt weergegeven
en deze video opslaan.
De videoclip
verwijderen
Druk op [C] en
vervolgens op
<Ja>.
Een video opnemen
Terugkeren naar de
opnamestand
Druk op <OK>.
Een video opnemen
1. Druk in de fotostand op [1].
100
2. Breng eventueel gewenste wijzigingen
aan.
• Druk op < > om de cameraopties
weer te geven.volgende sectie
• U kunt met de toetsen de camerainstellingen wijzigen of naar andere
standen schakelen.blz. 102
3. Druk op [ ] of op [Camera] om de
opname te starten.
4. Druk op [ ], < > of [Camera] om de
opname te stoppen. De video wordt
automatisch opgeslagen in de map Mijn
videoclips.
Cameraopties in de opnamestand
Camera (menu 8)
•
Selecteer Limiet voor MMS/
achtergrond om een video op te nemen
die geschikt is voor een bericht of die
kan worden ingesteld als achtergrond.
De videoclip wordt opgeslagen in de
3GP-indeling.
Grootte: hier selecteert u de
kadergrootte.
Kwaliteit: hier selecteert u een
instelling voor de beeldkwaliteit.
Zoeker: hiermee selecteert u een
voorbeeldscherm.
Geluid opnemen: hiermee kunt u een
videoclip met geluid opnemen.
Geluid bij zoomen: hiermee schakelt u
het geluidseffect bij zoomen in of uit.
Geluid helderheid: hiermee schakelt u
het geluidseffect bij aanpassing van het
contrast in of uit.
Witbalans: hiermee wijzigt u de
kleurbalans van de afbeelding. U kunt de
video warmer of koeler laten lijken.
Sneltoetsen camcorder: hiermee geeft
u de functies weer van de toetsen die u
kunt gebruiken in de opnamestand.
Menuopties
Druk in de opnamestand op < > om de
volgende opties weer te geven:
• Foto nemen: hiermee schakelt u over
naar de fotostand.
• Effecten: hiermee kunt u de kleurtoon
wijzigen of een speciaal effect
toepassen.
• Flitser: hiermee bepaalt u het gebruik
van de flitser.
• Timer: hiermee kunt een vertraging
instellen voordat de camera begint met
opnemen.
• Ga naar Mijn videoclips: hiermee gaat
u naar de map Mijn videoclips.
• Camcorderinstellingen: hiermee kunt
u de volgende instellingen voor het
opnemen van een video wijzigen:
Opnamestand: hier selecteert u een
opnamestand voor de video.
Selecteer Normaal om een video op te
nemen binnen de limiet van het
geheugen dat op dat moment
beschikbaar is. De videoclip wordt
opgeslagen in de MP4-indeling.
101
Menuopties
Gebruik van de toetsen in de
opnamestand
In de opnamestand kunt u met de toetsen
van uw telefoon de camera-instellingen
aanpassen:
102
Toets
Functie
5
Hiermee wijzigt u de kleurtoon
of past u een speciaal effect
toe.
6
Hiermee wijzigt u de
witbalans.
Toets
Functie
Links/
Rechts
Hiermee past u de helderheid
aan.
7
Omhoog/
Omlaag
Hiermee kunt u in- en
uitzoomen.
Hiermee kunt u het geluid inof uitschakelen.
8
Hiermee stelt u de timer in.
Volume
omhoog
Hiermee kantelt u het beeld
naar verticale stand.
Volume
omlaag
Hiermee geeft u het
spiegelbeeld weer.
1
Hiermee schakelt u over naar
de fotostand.blz. 96
2
Hiermee wijzigt u de
kadergrootte.
3
Hiermee wijzigt u de
beeldkwaliteit.
4
Hiermee wijzigt u de
opnamestand voor de video.
Hiermee bepaalt u het gebruik
van de flitser.
0
Hiermee gaat u naar de map
Mijn videoclips.
Hiermee wijzigt u het
voorbeeldscherm.
Opties voor videoclips
Als u een videoclip hebt opgeslagen, kunt u
op <Opties> drukken om de volgende
opties weer te geven:
• Zoeker: hiermee gaat u terug naar de
opnamestand.
•
•
•
•
Met het menu Instellingen hebt u toegang
tot diverse opties waarmee u de instellingen
van uw telefoon kunt aanpassen aan uw
voorkeuren en behoeften. U kunt hier ook de
oorspronkelijke instellingen herstellen.
Druk in de standby-stand op <Menu> en
kies Instellingen om dit menu te openen.
Tijd en datum (menu 9.1)
Met dit menu kunt u de tijd en datum
wijzigen die op de telefoon worden
weergegeven. Voordat u de tijd en datum
instelt, moet u in het menu Wereldklok de
tijdzone opgeven.blz. 56
• Tijd: hier geeft u de huidige tijd in.
• am/pm: hiermee selecteert u am of pm
in de 12-uursnotatie.
• Tijdnotatie: hiermee selecteert u de
tijdnotatie.
• Datum: hier geeft u de huidige datum
in.
• Datumnotatie: hiermee selecteert u de
datumnotatie.
Instellingen (menu 9)
•
Instellingen (menu 9)
Menuopties
•
•
Verzenden via: hiermee verzendt u het
bestand via MMS, e-mail of Bluetooth.
Instellen als: hiermee kunt u de
videoclip (als deze is opgeslagen als een
3GP-bestand) instellen als achtergrond
voor het display of als nummerweergave
voor een vermelding in de telefoonlijst.
Wissen: hiermee wist u het bestand.
Naam wijzigen: hiermee wijzigt u de
naam van het bestand.
Ga naar Mijn videoclips: hiermee gaat
u naar de map Mijn videoclips.
blz. 86
Vergrendelen/Ontgrendelen: hiermee
vergrendelt u het bestand zodat dit niet
kan worden verwijderd, of heft u de
vergrendeling op.
Details: hiermee geeft u de
eigenschappen van het bestand weer.
103
Menuopties
•
•
Begindag agenda: hiermee stelt u in
met welke dag van de week de agenda
begint.
Autom. bijwerken: hiermee schakelt u
de functie in voor het automatisch
bijwerken van de tijd. Als u zich in het
buitenland bevindt, wordt via het
netwerk de MCC (Mobile Country Code)
gelezen waarna automatisch de huidige
tijd van het desbetreffende land wordt
ingesteld.
Als u echter binnen een land tussen
verschillende tijdzones reist, wordt de
tijd mogelijk niet aangepast.
Telefoon (menu 9.2)
U kunt veel functies van de telefoon aan uw
eigen wensen aanpassen.
Sommige menu's zijn mogelijk niet
beschikbaar. Dit is afhankelijk van uw
provider.
Taal (menu 9.2.1)
In dit menu kunt u een van de beschikbare
talen selecteren voor de tekst in het display.
Als u Automatisch selecteert, wordt
dezelfde taal als op de simkaart gebruikt.
Welkomtekst (menu 9.2.2)
In dit menu kunt u de tekst ingeven die kort
als begroeting wordt weergegeven wanneer
de telefoon wordt ingeschakeld.
Schuifinstellingen (menu 9.2.3)
In dit menu kunt u instellen hoe de telefoon
reageert wanneer u de klep opent voor een
inkomende oproep en wanneer u deze sluit
terwijl u een functie gebruikt.
• Omhoog: hiermee stelt u in of u een
oproep wilt beantwoorden door de
telefoon te openen.
• Omlaag: hiermee stelt u in dat de
telefoon bij het sluiten van de klep
onthoudt bij welk menu u was.
Als u Omlaag instelt op Bewerking
voortzetten, werkt de toetsblokkering
alleen in de standby-stand.
104
Mijn menu (menu 9.2.5)
U kunt de navigatietoetsen gebruiken als
sneltoetsen om rechtstreeks vanuit de
standby-stand bepaalde menu's te openen.
Via dit menu kunt u een sneltoets aan een
toets toewijzen. [Omhoog] is standaard een
sneltoets naar Mijn menu.
U kunt een eigen menu instellen dat bestaat
uit uw favoriete menuopties. U kunt dit
menu gemakkelijk openen door in de
standby-stand op [Omhoog] te drukken.
Opties voor sneltoetsen
Druk op <Opties> om de volgende opties
weer te geven:
• Wijzigen: hiermee kunt u een
sneltoetsmenu toewijzen of wijzigen.
• Verwijderen: hiermee kunt u de
toewijzing aan de geselecteerde
sneltoets ongedaan maken.
• Alles verwijderen: hiermee kunt u alle
toewijzingen aan sneltoetsen ongedaan
maken.
Opties van menuopties
Druk op <Opties> om de volgende opties
weer te geven:
• Toewijzen: hiermee wijst u een optie
toe.
• Wijzigen: hiermee wijzigt u de
geselecteerde optie.
• Verwijderen: hiermee kunt u de
geselecteerde optie verwijderen.
• Alles verwijderen: hiermee verwijdert
u alle opties.
Instellingen (menu 9)
Een sneltoets toewijzen aan een menu
1. Selecteer de toets die u als sneltoets wilt
gebruiken.
2. Selecteer het menu dat u aan de toets
wilt toewijzen.
Het instellen van opties in Mijn menu
1. Selecteer een optie die u wilt wijzigen.
2. Selecteer de gewenste menuoptie.
Menuopties
Sneltoetsen (menu 9.2.4)
Volumetoets (menu 9.2.6)
Gebruik dit menu om in te stellen of de
beltoon wordt uitgeschakeld of een oproep
wordt geweigerd als u [Volume] ingedrukt
houdt wanneer er een oproep binnenkomt.
105
Menuopties
Extra instellingen (menu 9.2.7)
Achtergrond (menu 9.3.1)
U kunt de functies voor automatische
nummerherhaling en beantwoording van
oproepen in- en uitschakelen.
• Nummer herhalen: hiermee kunt u
instellen dat maximaal tien keer wordt
geprobeerd een telefoonnummer
opnieuw te bellen wanneer het niet is
gelukt verbinding te krijgen.
• Met elke toets antwoorden: hiermee
kunt u een inkomende oproep
beantwoorden door op een willekeurige
toets te drukken, behalve op [ ] en
<Weiger>.
U kunt het stand-byscherm op het display
instellen.
• Hoofddisplay: hier kunt u een
afbeelding of een videoclip selecteren die
moet worden weergegeven op het
display.
• Achtergrond kalender: hiermee geeft
u de agenda weer.
• Plaats van tekst: hier selecteert u een
positie voor de tekst. Als u niet wilt dat
tekst wordt weergegeven in de standbystand, selecteert u Uit.
• Lettertype: hier selecteert u een
lettertype.
• Tekstkleur: hier selecteert u een kleur
voor de tekst.
• Pictogram: hier stelt u in dat op het
stand-byscherm een pictogram wordt
weergegeven in plaats van het logo van
de provider. Dit is alleen beschikbaar als
u een pictogram hebt ontvangen in een
bericht.
Vliegtuigstand (menu 9.2.8)
Gebruik dit menu om de telefoon in de
vliegtuigstand of weer in de onlinestand te
zetten.
Display (menu 9.3)
Via dit menu kunt u de instellingen voor het
display wijzigen.
106
Met dit menu kunt u een videosysteem voor
een televisie selecteren.
Kleurpatroon (menu 9.3.3)
Geluid (menu 9.4)
Hier kunt u een kleurpatroon selecteren voor
de menustand.
Met dit menu kunt u de verschillende
geluidsinstellingen aanpassen.
Helderheid (menu 9.3.4)
Inkomende oproep (menu 9.4.1)
U kunt de helderheid van het display
aanpassen aan wisselende lichtsituaties.
Beldisplay (menu 9.3.5)
In dit menu selecteert u een lettertype,
kleur en grootte voor de cijfers en de
achtergrondkleur die bij het kiezen van een
nummer op het display worden
weergegeven.
Info beller tonen (menu 9.3.6)
Via dit menu kunt u instellen dat op de
telefoon meldingen worden weergegeven
over gemiste oproepen, met de informatie
over de beller van wie u het laatst een
oproep hebt gemist.
In dit menu kunt u de geluidsinstellingen
voor inkomende oproepen wijzigen.
• Beltoon: hier selecteert u een beltoon
voor de oproep.
• Volume: hier selecteert u een
beltoonvolume.
• Type belsignaal: hier kunt u instellen
hoe u wordt gewaarschuwd bij een
inkomende oproep.
Instellingen (menu 9)
Instellingen TV-uit (menu 9.3.7)
U kunt een weergavestijl instellen voor het
scherm van het hoofdmenu.
Menuopties
Stijl hoofdmenu (menu 9.3.2)
Toetstoon (menu 9.4.2)
Met dit menu kunt u de toon selecteren die u
hoort bij het indrukken van een toets.
Met [Volume] kunt u in de standby-stand het
toetstoonvolume aanpassen.
107
Menuopties
Berichttoon (menu 9.4.3)
Extra tonen (menu 9.4.7)
Met dit menu kunt u afzonderlijke
belsignalen instellen voor inkomende SMS-,
MMS-, e-mail- en infoberichten.
• Toon: hier kunt u een van de vele
berichttonen selecteren.
• Type belsignaal: hier geeft u op hoe u
wilt worden gewaarschuwd wanneer er
een bericht binnenkomt.
• Herhaling: hier kunt u opgeven hoe
vaak de telefoon moet melden dat er een
nieuw bericht is.
Met dit menu kunt u overige tonen voor de
telefoon aanpassen.
• Minuutsignaal: hiermee stelt u in dat
de telefoon tijdens een uitgaande oproep
iedere minuut een pieptoon laat horen
om u op de hoogte te houden van de
gespreksduur.
• Verbindingstoon: hiermee stelt u in
dat de telefoon een pieptoon laat horen
als een uitgaande oproep wordt
verbonden met het netwerk.
• Signaal bij oproep: hiermee stelt u in
dat de telefoon een pieptoon laat horen
wanneer u een nieuw bericht ontvangt of
wanneer het alarm moet afgaan tijdens
een oproep.
• Indicatietoon: hiermee stelt u in dat de
telefoon een pieptoon laat horen
wanneer er een pop-upvenster wordt
weergegeven.
Toon bij in-/uitschakelen (menu 9.4.4)
Met dit menu kunt u de melodie kiezen die u
hoort wanneer u de telefoon in- of
uitschakelt.
Klepsignaal (menu 9.4.5)
Met dit menu kunt u de toon kiezen die u
hoort bij het openen of sluiten van de
telefoon.
Stille stand (menu 9.4.6)
108
Met dit menu kunt u instellen hoe de
telefoon u in de stille stand waarschuwt bij
een bepaalde gebeurtenis.
Verlichting (menu 9.5)
Via dit menu kunt u de instellingen voor de
achtergrondverlichting wijzigen.
Met dit menu geeft u de netwerkdiensten
weer. Neem desgewenst contact op met uw
provider voor informatie over de
beschikbaarheid van deze diensten of voor
een abonnement.
Toetsverlichting (menu 9.5.2)
Hier kunt u de opties instellen voor de
verlichting van de toetsen. Selecteer een
van de volgende opties op de regel
Gebruiken:
• Altijd: de verlichting van de toetsen is
altijd ingeschakeld.
• s Nachts: de verlichting van de toetsen
is alleen ingeschakeld tussen 5 uur 's
middags en 9 uur 's ochtends.
• Aangepast: hier kunt u zelf opgeven
wanneer de toetsverlichting ingeschakeld
moet zijn.
Oproepen doorschakelen (menu 9.6.1)
Met deze netwerkdienst worden inkomende
oproepen doorgeschakeld naar een door u
opgegeven telefoonnummer.
1. Selecteer een doorschakeloptie:
• Altijd: hiermee worden alle
oproepen doorgeschakeld.
• In gesprek: hiermee worden
oproepen doorgeschakeld als u in
gesprek bent.
• Neemt niet op: hiermee worden
oproepen doorgeschakeld als u niet
opneemt.
• Onbereikbaar: hiermee worden
oproepen doorgeschakeld als u zich
buiten uw servicegebied bevindt of
als de telefoon is uitgeschakeld.
• Alles annuleren: hiermee worden
alle doorschakelopties geannuleerd.
Instellingen (menu 9)
Netwerkdiensten (menu 9.6)
Hier kunt u selecteren hoelang de verlichting
of het display aan moet blijven.
• Normaal: hier selecteert u hoelang de
achtergrondverlichting aan moet blijven.
• Gedimd: hier selecteert u hoelang het
display gedimd blijft nadat de
achtergrondverlichting is uitgeschakeld.
Na een bepaalde tijd wordt het display
uitgeschakeld.
Menuopties
Backlight (menu 9.5.1)
109
Menuopties
2. Selecteer de typen oproepen die u wilt
doorschakelen.
3. Selecteer Aanzetten. Selecteer
Uitzetten om het doorschakelen van
oproepen uit te schakelen.
4. Ga naar de regel Doorschakelen naar.
5. Geef het nummer in waarnaar de
oproepen moeten worden
doorgeschakeld.
6. Als u Neemt niet op hebt geselecteerd,
gaat u naar de regel Seconden en
selecteert u hoelang er wordt gewacht
voordat een oproep wordt
doorgeschakeld.
7. Druk op <Kies>.
Oproepen blokkeren (menu 9.6.2)
In deze netwerkdienst kunt u oproepen
blokkeren.
1. Selecteer een blokkeeroptie:
• Alle uitgaande oproepen: hiermee
blokkeert u alle uitgaande oproepen.
• Internationaal: hiermee blokkeert
u internationale oproepen.
110
•
Internationaal behalve thuisland:
hiermee kunt u alleen bellen naar
nummers binnen het land waar u zich
bevindt (in het buitenland) en naar
uw eigen land.
• Alle inkomende oproepen:
hiermee blokkeert u inkomende
oproepen.
• Inkomend in buitenland: hiermee
blokkeert u alle inkomende oproepen
wanneer u de telefoon in het
buitenland gebruikt.
• Alles annuleren: hiermee annuleert
u alle blokkeeropties, zodat u weer
gewoon nummers kunt bellen en
oproepen kunt ontvangen.
• Blokkeerwachtwoord wijzigen:
hiermee wijzigt u het
blokkeerwachtwoord dat u van uw
provider hebt gekregen.
2. Selecteer de typen oproepen die u wilt
blokkeren.
3. Selecteer Aanzetten. Als u de
blokkeerfunctie wilt uitzetten, selecteert
u Uitzetten.
4. Geef het blokkeerwachtwoord in dat u
van uw provider hebt gekregen en druk
op <Kies>.
Bij sommige providers kunt u deze
instellingen niet wijzigen.
Voicemailserver (menu 9.6.6)
Met dit menu kunt u het nummer van de
voicemailserver opslaan en uw
voicemailberichten openen.
Netwerk kiezen (menu 9.6.4)
Met deze netwerkdienst kunt u handmatig
het netwerk selecteren dat moet worden
gebruikt tijdens roaming buiten uw eigen
netwerk. U kunt hiermee ook het netwerk
automatisch laten kiezen.
U kunt alleen een ander netwerk kiezen als
er een geldige roamingovereenkomst
bestaat tussen uw eigen netwerk en het
andere netwerk.
Instellingen (menu 9)
Deze netwerkdienst stelt u op de hoogte
wanneer iemand u probeert te bereiken
terwijl u in gesprek bent.
1. Selecteer de typen oproepen waarop
deze functie van toepassing moet zijn.
2. Selecteer Aanzetten. Selecteer
Uitzetten om de functie Wisselgesprek
uit te schakelen.
Met deze netwerkdienst kunt u uw
telefoonnummer verborgen houden voor
degene die u belt. Als u Standaard
selecteert, wordt de standaardinstelling van
het netwerk gebruikt.
Menuopties
Wisselgesprek (menu 9.6.3)
Nummerweergave (menu 9.6.5)
U moet het nummer van de voicemailserver
opslaan voordat u toegang kunt krijgen tot
de server. Informeer bij uw provider naar
het nummer.
•
•
Verbinden met voicemail: hiermee
maakt u verbinding met de
voicemailserver zodat u uw
voicemailberichten kunt beluisteren.
Nummer voicemailserver: hier geeft u
het telefoonnummer van de
voicemailserver in.
111
Menuopties
112
Besloten gebruikersgroep (menu 9.6.7)
Bluetooth (menu 9.7)
Met dit menu kunt u inkomende en
uitgaande oproepen beperken tot een
geselecteerde gebruikersgroep. Neem voor
meer informatie over het maken van
besloten gebruikersgroepen contact op met
uw provider.
• Indexlijst: hiermee kunt u
indexnummers voor besloten
gebruikersgroepen toevoegen,
verwijderen of activeren.
• Buiten groep OK: hiermee kunnen ook
nummers worden gebeld die niet in de
besloten gebruikersgroep voorkomen. De
werking van deze optie is afhankelijk van
uw abonnement voor de besloten
gebruikersgroep.
• Standaardgroep: hiermee schakelt u
de standaardgroep voor besloten gebruik
in, als u er een hebt ingesteld bij uw
provider. Als u wilt bellen, kunt u de
standaardgroep voor besloten gebruik
kiezen zonder dat u een groep in de lijst
hoeft te selecteren.
Met de Bluetooth-functie kunt u de telefoon
draadloos aansluiten op andere Bluetoothapparaten en daar gegevens mee
uitwisselen, handsfree spreken of de
telefoon op afstand bedienen.
Met de Bluetooth-technologie kunt u gratis
draadloos verbinding maken tussen
apparaten die compatibel zijn met
Bluetooth. Het bereik is maximaal 10 meter.
Omdat de apparaten communiceren via
radiogolven, hoeven ze niet binnen elkaars
gezichtsveld te liggen.
• Als er voorwerpen tussen de apparaten
staan, is het mogelijk dat de afstand
waarop de apparaten kunnen
communiceren, afneemt.
• Voor goede prestaties is het aan te raden
de Bluetooth-functie niet te gebruiken in
combinatie met multimediafuncties, zoals
de spraakrecorder, camera of MP3-speler,
en vice versa.
• Sommige apparaten zijn mogelijk niet
compatibel met de telefoon.
De Bluetooth-functie instellen
Een Bluetooth-apparaat zoeken en
koppelen
•
Instellingen (menu 9)
1. Selecteer in het menu Bluetooth de
optie Mijn apparaten.
2. Selecteer Bluetooth-diensten.
Nadat het zoeken is voltooid, wordt een
lijst weergegeven met apparaten
waarmee u verbinding kunt maken. De
volgende symbolen geven aan om wat
voor type apparaat het gaat:
•
Computer
Menuopties
Het menu Bluetooth bevat de volgende
opties:
• Activering: hiermee kunt u de
Bluetooth-functie aan- en uitzetten.
• Mijn apparaten: hiermee zoekt u naar
Bluetooth-apparaten waarmee u
verbinding kunt maken.
• Zichtbaarheid van mijn telefoon:
hiermee stelt u in dat andere Bluetoothapparaten mogen zoeken naar uw
telefoon.
• Naam van mijn telefoon: hiermee
wijst u een Bluetooth-apparaatnaam toe
aan de telefoon. Deze naam wordt
vervolgens op andere apparaten
weergegeven.
• Veilige modus: hiermee bepaalt u of u
om bevestiging wordt gevraagd wanneer
andere apparaten toegang tot uw
gegevens proberen te krijgen.
• Bluetooth-services: hiermee geeft u
de beschikbare Bluetooth-diensten weer.
Mobiele telefoon
•
Printer
•
Onbekend apparaat
•
•
pda
Stereoheadset
•
Monoheadset/Carkit voor
handsfree bellen
De kleur van het symbool duidt de status
van het apparaat aan:
• Grijs voor niet-gekoppelde apparaten
• Blauw voor gekoppelde apparaten
113
Menuopties
•
Oranje voor apparaten die
momenteel verbinding hebben met
uw telefoon
3. Selecteer een apparaat.
4. Geef een Bluetooth-pincode in en druk
op <OK>. Dit is een eenmalige code die
u niet hoeft te onthouden.
Als de eigenaar van het andere apparaat
dezelfde code intoetst, zijn de apparaten
gekoppeld.
Sommige apparaten, met name headsets en
carkits voor handsfree bellen, hebben een
vaste Bluetooth-pincode, zoals 0000. Als
het andere apparaat een code heeft, moet u
deze ingeven.
Opties voor apparaten
Druk in de lijst met apparaten op <Opties>
om de volgende opties weer te geven:
• Verbinden: hiermee maakt u een
verbinding met een headset of carkit
voor handsfree bellen.
• Verbinding verbreken: hiermee
verbreekt u de verbinding met het
apparaat.
114
•
•
•
•
•
Bestanden doorzoeken: hiermee kunt
u zoeken naar gegevens op het apparaat
en deze rechtstreeks importeren in de
telefoon.
Servicelijst: hiermee opent u de lijst
met Bluetooth-diensten van het
apparaat.
Naam wijzigen: hiermee wijzigt u de
naam van het gekoppelde apparaat.
Apparaat goedkeuren/Apparaat niet
goedkeuren: hiermee bepaalt u of u om
toestemming wilt worden gevraagd
wanneer andere apparaten verbinding
proberen te maken met de telefoon.
Wissen: hiermee wist u het
geselecteerde apparaat of alle apparaten
uit de lijst.
Gegevens verzenden via Bluetooth
1. Activeer de Bluetooth-functie.
2. Selecteer de toepassing waarin het item
is opgeslagen dat u wilt verzenden.
3. Selecteer het gewenste item en druk op
<Opties>.
4. Selecteer Verzenden via → Bluetooth.
Gegevens ontvangen via Bluetooth
Beveiliging (menu 9.8)
Met dit menu kunt u de telefoon beveiligen
tegen ongeoorloofd gebruik en de
verschillende toegangscodes voor uw
telefoon en simkaart te beheren.
Controle PIN-code (menu 9.8.1)
Met de pincode (Persoonlijk Identificatie
Nummer) van vier tot acht cijfers beveiligt u
de simkaart tegen gebruik door
onbevoegden. Als deze functie is
ingeschakeld, moet u steeds als u de
telefoon aanzet, de pincode ingeven.
Instellingen (menu 9)
Als u gegevens wilt ontvangen via Bluetooth,
moet de Bluetooth-functie op de telefoon
zijn geactiveerd en moet de zichtbaarheid
van de telefoon zijn ingeschakeld.
1. Als een niet-goedgekeurd Bluetoothapparaat gegevens naar uw telefoon
probeert te verzenden, kunt u op <Ja>
drukken als u het apparaat toegang tot
uw telefoon wilt verlenen.
2. Druk op <Ja> om de gegevens te
ontvangen.
Als u driemaal een onjuiste pin-/pin2-code
invoert, wordt de simkaart geblokkeerd. U
kunt deze blokkering opheffen door uw puk-/
puk2-code (Personal Unblocking Key) in te
voeren. Deze codes krijgt u van uw provider.
Menuopties
5. Voor Telefoonlijst selecteert u de
gegevens die u wilt verzenden.
6. Selecteer een apparaat.
7. Geef, indien nodig, de Bluetooth-pincode
in die vereist is voor het koppelen en
druk op <OK>.
PIN-code wijzigen (menu 9.8.2)
In dit menu kunt u de pincode wijzigen. De
functie Controle PIN-code moet zijn
ingeschakeld om de pincode te kunnen
wijzigen.
Telefoon vergrendelen (menu 9.8.3)
Met dit menu kunt u de telefoon beveiligen
tegen gebruik door onbevoegden.
Als deze functie is ingeschakeld, moet u
steeds als u de telefoon aanzet een
wachtwoord van vier tot acht cijfers ingeven.
115
Menuopties
Het wachtwoord is vooraf ingesteld op
00000000. Ga naar het menu
Wachtwoord wijzigen om het wachtwoord
te wijzigen.
Wachtwoord wijzigen (menu 9.8.4)
In dit menu kunt u het wachtwoord voor de
telefoon wijzigen.
Privacy (menu 9.8.5)
In dit menu kunt u de toegang tot berichten,
bestanden of alle menuopties op de telefoon
vergrendelen, behalve oproepfuncties.
Als een privacyoptie is ingeschakeld, moet u
het wachtwoord van de telefoon ingeven als
u de vergrendelde items of functies wilt
gebruiken.
SIM-vergrendeling (menu 9.8.6)
In dit menu kunt u instellen dat uw telefoon
alleen werkt met de huidige simkaart door
er een simblokkeringscode aan toe te
wijzen. U moet de simblokkeringscode
ingeven als u een andere simkaart wilt
gebruiken.
116
FDN-modus (menu 9.8.7)
Als uw simkaart de FDN-modus ondersteunt,
kunt u uw uitgaande gesprekken beperken
tot een bepaald aantal telefoonnummers.
Wanneer deze functie is ingeschakeld, kunt
u alleen bellen naar de telefoonnummers die
op de simkaart zijn opgeslagen.
PIN2-code wijzigen (menu 9.8.8)
Als uw simkaart dit ondersteunt, kunt u dit
menu gebruiken om uw huidige pin2-code te
wijzigen.
Mobiel opsporen (menu 9.8.9)
Wanneer iemand uw telefoon probeert te
gebruiken met een andere simkaart, wordt
er automatisch een vooraf ingesteld
opsporingsbericht verzonden naar uw
vrienden of familie. U kunt vervolgens
nagaan vanaf welk telefoonnummer de
berichten zijn verzonden en zodoende uw
telefoon opsporen. Deze functie komt van
pas als uw telefoon is gestolen of als u deze
bent verloren.
In dit menu kunt u de profielen maken en
aanpassen waarin de instellingen staan voor
verbindingen tussen de telefoon en het
netwerk. U hebt deze instellingen nodig als u
de webbrowser wilt gebruiken of als u
MMS- of e-mailberichten wilt versturen.
De telefoon is standaard ingesteld voor
verbindingen met het netwerk. Als u de
instellingen wijzigt zonder de instructies van
de provider te raadplegen, is het mogelijk
dat de webbrowser, MMS- en e-mailfuncties
niet goed werken.
Instellingen (menu 9)
1. Geef het wachtwoord voor de telefoon in
en druk op <OK>.
2. Geef de volgende opties op:
• Mobiel opsporen: hiermee activeert
u de functie Mobiel opsporen.
• Ontvangers: hier geeft u de
telefoonnummers op waarnaar het
opsporingsbericht moet worden
verzonden.
• Afzender: hier geeft u de naam van
de afzender in.
• Bericht: hier kunt u de tekst van het
vooraf ingestelde opsporingsbericht
bekijken.
3. Wanneer u klaar bent, drukt u op
<Opslaan>.
Verbindingsinstellingen (menu 9.9)
Menuopties
De kosten voor het verzonden
opsporingsbericht zijn voor rekening van de
gebruiker met de niet-toegestane simkaart.
Als u een andere simkaart in de telefoon wilt
gebruiken, moet u de functie Mobiel
opsporen eerst uitschakelen.
Een profiel maken
1. Druk op <Nieuw>. Als er al een profiel
is opgeslagen, drukt u op <Opties> en
selecteert u Nieuwe verbinding
toevoegen.
2. Profielparameters opgeven:
• Profielnaam: hier geeft u een
profielnaam in.
• URL startpagina: hier geeft u het
URL-adres in van de pagina die u wilt
instellen als startpagina.
117
Menuopties
•
•
•
•
•
•
•
•
118
Proxy: hier kunt u de proxyserver
activeren en deactiveren.
IP-adres: hier geeft u het IP-adres
van de proxyserver in.
Poort: hier geeft u het poortnummer
van de proxyserver in.
Wachttijd: hiermee stelt u de
periode in waarna de verbinding met
het netwerk wordt verbroken als er
binnen de opgegeven periode geen
gegevensverkeer heeft
plaatsgevonden.
DNS: hier kunt u de DNS-adressen
(Domain Name Server) activeren en
deactiveren.
DNS 1 en DNS 2: hier geeft u het
primaire en secundaire DNS-adres in.
Drager: hier selecteert u het type
drager voor het netwerk.
Geavanceerde instellingen:
hiermee wijzigt u de geavanceerde
opties. Afhankelijk van de ingestelde
drager verschillen de beschikbare
opties.
Als de drager is ingesteld op GPRS:
APN: hier geeft u de naam van het
toegangspunt in.
Gebruikersnaam: hier geeft u de
gebruikersnaam in.
Wachtwoord: hier geeft u het
wachtwoord voor aanmelden in.
Als de drager is ingesteld op GSM:
Inbelnummer: hier geeft u het
inbelnummer in.
Gebruikersnaam: hier geeft u de
gebruikersnaam in.
Wachtwoord: hier geeft u het
wachtwoord voor aanmelden in.
Type data-oproep: hier selecteert u
een oproeptype voor
gegevensoverdracht.
3. Druk op <Opslaan> om het profiel op te
slaan.
Opties voor profielen
Druk op <Opties> om de volgende opties
weer te geven:
• Wijzigen: hier kunt u het geselecteerde
profiel bewerken.
•
•
Verwijderen: hier kunt u het profiel
verwijderen.
Nieuwe verbinding toevoegen: hier
kunt u een nieuw profiel toevoegen.
Instellingen terugzetten (menu 9.10)
In dit menu kunt u de oorspronkelijke
instellingen van de telefoon terugzetten.
1. Druk op [ ] om de categorieën
instellingen te selecteren die u wilt
terugzetten.
2. Druk op <Opn inst.>.
3. Druk op <OK> om het terugzetten van
de oorspronkelijke instellingen te
bevestigen.
4. Geef het wachtwoord voor de telefoon in
en druk op <OK>.
Het wachtwoord is vooraf ingesteld op
00000000. U kunt dit wachtwoord
wijzigen.blz. 116
Problemen oplossen
Hulp bij het oplossen van problemen
U kunt uzelf de tijd en kosten van een
onnodig telefoontje naar een medewerker
van de klantenservice besparen, door eerst
een aantal eenvoudige controles uit te
voeren die in dit gedeelte worden
besproken.
Als u de telefoon aanzet, kunnen de
volgende berichten worden
weergegeven:
"Plaats SIM-kaart"
• Controleer of de SIM-kaart op de juiste
wijze is geplaatst.
"Wachtwoord ingeven"
• De automatische blokkeerfunctie is
ingeschakeld. U moet het wachtwoord
van de telefoon ingeven voordat u de
telefoon kunt gebruiken.
"PIN ingeven"
• U gebruikt de telefoon voor het eerst. U
moet de PIN-code ingeven die u bij de
SIM-kaart hebt gekregen.
119
Problemen oplossen
•
De functie PIN-controle is ingeschakeld.
Telkens wanneer u de telefoon
inschakelt, moet u de PIN-code ingeven.
U kunt deze functie uitschakelen met de
menuoptie Controle PIN-code.
"PUK invoeren"
• U hebt driemaal een onjuiste PIN-code
ingevoerd. De SIM-kaart is nu
geblokkeerd. Toets de PUK-code in die u
van uw provider hebt gekregen.
"Geen netwerk", "Netwerkfout" of "Niet
uitgevoerd" wordt weergegeven.
• De verbinding met het netwerk is
verbroken. Het kan zijn dat het signaal
te zwak is op de plaats waar u zich
bevindt. Probeer het opnieuw vanaf een
andere locatie.
• U probeert een functie te gebruiken
waarvoor u geen abonnement hebt bij
uw provider. Neem contact op met uw
provider voor meer informatie.
120
U hebt een nummer ingetoetst, maar
het is niet gekozen.
• Zorg ervoor dat u op [ ] hebt gedrukt.
• Zorg ervoor dat u toegang hebt tot het
juiste mobiele netwerk.
• Zorg ervoor dat u de optie voor het
blokkeren van uitgaande oproepen niet
hebt ingesteld.
Iemand probeert u tevergeefs te bellen.
• Zorg ervoor dat de telefoon is
ingeschakeld. (Houd [ ] langer dan één
seconde ingedrukt.)
• Zorg ervoor dat u het juiste mobiele
netwerk gebruikt.
• Zorg ervoor dat u de optie voor het
blokkeren van inkomende oproepen niet
hebt ingesteld.
Uw gesprekspartner hoort u niet.
• Zorg ervoor dat de microfoon is
ingeschakeld.
• Zorg ervoor dat u de telefoon dicht
genoeg bij uw mond houdt. De microfoon
bevindt zich aan de onderzijde van de
telefoon.
De geluidskwaliteit van de oproep is
slecht.
• Controleer de signaalsterkte op het
display (
). Hoe meer staafjes er
worden weergegeven, des te sterker is
het signaal (van sterk (
) tot zwak
( ).
• Ga wat dichter bij het raam staan als u
zich in een gebouw bevindt of houd de
telefoon anders vast.
Wanneer u een nummer uit de lijst met
contacten opnieuw kiest, wordt er geen
nummer gebeld.
• Controleer via de functie
Contactpersonen of het nummer op de
juiste manier is opgeslagen.
• Sla het nummer zo nodig opnieuw op.
De batterij wordt niet goed opgeladen
of de telefoon wordt soms automatisch
uitgeschakeld.
• Maak de contactpunten voor het opladen
van de telefoon en de batterij schoon
met een schone, zachte doek.
Mocht u het probleem aan de hand van
de bovenstaande richtlijnen niet
kunnen oplossen, dan kunt u contact
opnemen met uw leverancier of de
klantenservice van Samsung. Zorg
ervoor dat u de volgende gegevens bij
de hand hebt:
• Het typenummer en het serienummer
van de telefoon
• Uw garantie-informatie
• Een duidelijke beschrijving van het
probleem
Problemen oplossen
De telefoon begint te piepen en het
bericht “Waarschuwing. Batterij bijna
leeg” knippert op het display.
• De batterij is niet voldoende opgeladen.
Laad de batterij weer op.
Neem vervolgens contact op met uw
leverancier of de klantenservice van
Samsung.
121
Informatie met betrekking
tot gezondheid en veiligheid
SAR-certificeringsinformatie
Dit type telefoon voldoet aan de eisen van
de Europese Unie (EU) met betrekking tot
blootstelling aan radiogolven.
De mobiele telefoon zendt en ontvangt
radiosignalen. De telefoon is zodanig
ontworpen en gefabriceerd dat de limieten
die door de EU zijn vastgesteld voor
blootstelling aan radiogolven, niet worden
overschreden. Deze limieten maken deel uit
van uitgebreide richtlijnen en geven aan
welke niveaus van radiogolven
(radiofrequentie-energie) zijn toegestaan en
geen gevaar opleveren voor de
volksgezondheid. De richtlijnen zijn
vastgesteld door onafhankelijke
wetenschappelijke organisaties op basis van
periodiek uitgevoerd en grondig geëvalueerd
wetenschappelijk onderzoek.
122
De vastgestelde limieten kennen een
aanzienlijke veiligheidsmarge om de
veiligheid van iedereen, ongeacht leeftijd en
gezondheidstoestand, te kunnen
garanderen.
De blootstellingsnorm voor mobiele
telefoons wordt uitgedrukt in SAR (Specific
Absorption Rate). De door de EU aanbevolen
SAR-limiet is 2,0 W/kg.*
De hoogste SAR-waarde voor dit type
telefoon was 0,691 W/kg.
* De SAR-limiet voor mobiele telefoons voor
algemeen gebruik is 2,0 watt/kilogram (W/kg) als
gemiddelde per tien gram lichaamsweefsel. In deze
limiet is als extra zekerheid een aanzienlijke
veiligheidsmarge ingebouwd waarbij ook rekening is
gehouden met eventuele meetafwijkingen. SARwaarden kunnen variëren, afhankelijk van de
nationale rapportagevereisten en de netwerkband.
Voordat een nieuw type telefoon mag
worden verkocht, moet worden aangetoond
dat de telefoon voldoet aan de Europese
R&TTE-richtlijn. Een van de belangrijkste
voorwaarden die in deze richtlijn worden
gesteld, is de bescherming van de
gezondheid en veiligheid van de gebruiker
en alle andere personen.
Voorschriften voor het gebruik van
batterijen
•
•
•
•
Gebruik nooit batterijen of opladers die
beschadigd zijn.
Gebruik de batterij alleen op de
voorgeschreven manier.
Als u de telefoon dicht bij het
basisstation van een netwerk gebruikt,
wordt er minder stroom verbruikt. De
standby- en beltijd is sterk afhankelijk
van de signaalsterkte van het mobiele
netwerk en van de parameters die door
de provider zijn ingesteld.
De oplaadtijd van de batterij is
afhankelijk van de resterende
batterijlading en het gebruikte type
batterij en oplader. De batterij kan
honderden keren worden opgeladen en
ontladen, maar na verloop van tijd gaat
de kwaliteit van de batterij achteruit. Als
de gebruikstijd (standby- en beltijd)
steeds korter wordt, is het tijd om een
nieuwe batterij te kopen.
Informatie met betrekking tot gezondheid en veiligheid
SAR-tests worden uitgevoerd onder normale
gebruiksomstandigheden waarbij de
telefoon met maximale signaalsterkte op alle
geteste frequentiebanden uitzendt. Hoewel
de SAR-waarde is vastgesteld op basis van
de maximale signaalsterkte, kan het
feitelijke SAR-niveau bij gebruik van de
telefoon ver onder deze norm liggen. De
telefoon werkt namelijk met verschillende
signaalsterkten en gebruikt nooit meer dan
de sterkte die nodig is om het netwerk te
kunnen bereiken. Over het algemeen geldt
dat hoe dichter u in de buurt van een
basisstation bent, hoe lager de
signaalsterkte van de telefoon is.
123
Informatie met betrekking tot gezondheid en veiligheid
•
•
•
•
124
Een volledig opgeladen batterij die niet
wordt gebruikt, wordt na verloop van tijd
automatisch ontladen.
Gebruik alleen batterijen en opladers die
door Samsung zijn goedgekeurd. Als u
de oplader niet gebruikt, moet u de
stekker uit het stopcontact halen. Sluit
de batterij niet langer dan een week op
een oplader aan. Een batterij die wordt
overladen, gaat minder lang mee.
Extreem hoge en lage temperaturen
hebben invloed op de laadcapaciteit van
de batterij. Het kan nodig zijn de batterij
eerst te laten afkoelen of opwarmen.
Leg de batterij niet in een zeer warme of
koude ruimte, bijvoorbeeld in de auto bij
extreem zomer- of winterweer, om te
voorkomen dat de capaciteit en
levensduur van de batterij verminderen.
Probeer de batterij altijd op
kamertemperatuur te houden. Het kan
zijn dat een telefoon met een zeer
warme of koude batterij tijdelijk niet
werkt, zelfs als de batterij volledig is
opgeladen. Li-ion-batterijen werken met
name niet goed bij temperaturen onder
de 0° C (32° F).
•
•
Voorkom kortsluiting in de batterij. Er
kan kortsluiting ontstaan wanneer een
metalen voorwerp, zoals een muntstuk,
paperclip of pen, ervoor zorgt dat de +
en – polen van de batterij (de metalen
strips op de batterij) direct contact
maken. Dit kan bijvoorbeeld gebeuren
wanneer u een reservebatterij in uw
jaszak of tas bewaart. Door kortsluiting
kan de batterij (maar ook het voorwerp
dat de kortsluiting veroorzaakt)
beschadigd raken.
Lever oude batterijen in bij een
inzamelpunt voor batterijen. Gooi ze
nooit bij het gewone afval en gooi ze niet
in het vuur.
Verkeersveiligheid
Met een mobiele telefoon hebt u de
mogelijkheid om bijna overal en altijd
mondeling te communiceren. Dit grote
voordeel brengt echter ook een belangrijke
verantwoordelijkheid met zich mee, een
verantwoordelijkheid die iedereen moet
nemen.
Elektronische apparatuur
Gebruiksomgeving
Pacemakers
Houd u altijd aan speciale voorschriften en
schakel de telefoon uit op plaatsen waar het
gebruik van de telefoon niet is toegestaan of
gevaar of storingen kan opleveren.
Fabrikanten van pacemakers adviseren om
tussen een mobiele telefoon en een
pacemaker een afstand van minimaal 15 cm
aan te houden om storingen in de
pacemaker te voorkomen. Deze aanbeveling
stemt overeen met onafhankelijk onderzoek
en aanbevelingen van Wireless Technology
Research. Als u ook maar een vermoeden
hebt dat er storingen optreden, moet u de
telefoon onmiddellijk uitzetten.
Wanneer u de telefoon of een van de
accessoires op een ander apparaat wilt
aansluiten, moet u de
veiligheidsvoorschriften in de
gebruiksaanwijzing bij dat apparaat nalezen.
Gebruik alleen compatibele producten.
Evenals voor andere mobiele apparaten die
radiosignalen uitzenden, geldt dat u deze
telefoon voor een juiste werking en voor uw
persoonlijke veiligheid alleen in de normale
stand mag gebruiken (tegen uw oor, waarbij
de antenne over uw schouder wijst).
De meeste moderne elektronische apparaten
zijn afgeschermd tegen radiosignalen. Er
kunnen echter apparaten zijn die niet zijn
afgeschermd tegen de radiosignalen van uw
mobiele telefoon. Neem in dergelijke
gevallen contact op met de fabrikant voor
een andere oplossing.
Informatie met betrekking tot gezondheid en veiligheid
Als u autorijdt, is het besturen van de auto
uw eerste verantwoordelijkheid. Het niethandsfree bellen tijdens het autorijden is
dan ook in veel landen verboden. Houd u
aan de speciale voorschriften die gelden in
het betreffende gebied of land, als u de
mobiele telefoon tijdens het rijden wilt
gebruiken.
125
Informatie met betrekking tot gezondheid en veiligheid
Gehoorapparaten
Sommige digitale mobiele telefoons
veroorzaken storingen in bepaalde
gehoorapparaten. Als dit gebeurt, adviseren
wij u contact op te nemen met de fabrikant
van uw gehoorapparaat voor een andere
oplossing.
Andere medische apparaten
Als u een ander medisch apparaat of
hulpmiddel gebruikt, neemt u contact op
met de fabrikant van dat apparaat om na te
gaan of het afdoende afgeschermd is tegen
externe radiosignalen.
U kunt ook uw huisarts of specialist om
advies vragen.
Schakel de telefoon uit in zorginstellingen
waar het gebruik van mobiele telefoons niet
is toegestaan.
Voertuigen
Radiosignalen kunnen invloed hebben op
onjuist geïnstalleerde of onvoldoende
afgeschermde elektronische systemen in
motorvoertuigen. Neem hierover contact op
met de fabrikant of dealer van uw auto.
126
Neem ook contact op met de fabrikant van
de apparatuur die in uw auto is
geïnstalleerd.
Verbod op mobiel bellen
Schakel de telefoon altijd uit op locaties
waar is aangegeven dat het gebruik van
mobiele telefoons niet toegestaan is.
Omgevingen met explosiegevaar
Schakel de telefoon uit in een omgeving met
explosiegevaar en houd u aan alle
voorschriften en instructies. Vonken kunnen
in een dergelijke omgeving een explosie of
brand veroorzaken met lichamelijk letsel of
zelfs de dood tot gevolg.
Het wordt aangeraden de telefoon uit te
schakelen bij een tankstation. Houd u aan
de voorschriften met betrekking tot het
gebruik van radioapparatuur in
brandstofdepots (zowel voor opslag als
distributie), chemische fabrieken en
plaatsen waar met explosieven wordt
gewerkt.
Alarmnummer bellen
Evenals elke andere mobiele telefoon maakt
deze telefoon gebruik van radiosignalen,
mobiele en vaste netwerken en door de
gebruiker ingestelde functies. Het is dan ook
niet vanzelfsprekend dat u onder alle
omstandigheden verbinding kunt
krijgen.Vertrouw daarom voor essentiële
communicatie, zoals voor medische
noodgevallen, nooit alleen op uw mobiele
telefoon.
U kunt alleen bellen of gebeld worden als de
telefoon is ingeschakeld en u zich in een
servicegebied met voldoende signaalsterkte
bevindt. Het kan zijn dat het bellen van een
alarmnummer niet in alle mobiele netwerken
mogelijk is of niet mogelijk is wanneer
bepaalde netwerkdiensten en/of
telefoonfuncties zijn ingeschakeld. U kunt dit
navragen bij uw provider.
Zo belt u een alarmnummer:
1. Zet de telefoon aan als dat nog niet het
geval is.
2. Toets het alarmnummer in.
Alarmnummers kunnen per land
verschillen.
3. Druk op [ ].
Als bepaalde functies zijn ingeschakeld,
zoals het blokkeren van gesprekken, moet u
deze functies misschien uitschakelen
voordat u het alarmnummer kunt bellen.
Raadpleeg hiervoor deze gebruiksaanwijzing
of neem contact op met uw provider.
Informatie met betrekking tot gezondheid en veiligheid
Het wordt niet altijd duidelijk aangegeven of
er explosiegevaar is in een bepaalde
omgeving. Denk bijvoorbeeld aan het
benedendek van een schip, op- en
overslaglocaties voor chemicaliën,
voertuigen die op LPG rijden, omgevingen
waar chemicaliën of kleine deeltjes in de
lucht zitten, zoals kruitkorrels, stof of
metaalpoeder, en elk ander gebied waar u
normaal gesproken de motor van uw
voertuig moet uitzetten.
127
Informatie met betrekking tot gezondheid en veiligheid
Overige belangrijke
veiligheidsinformatie
•
•
•
•
128
Laat de telefoon alleen door
gekwalificeerde technici repareren of in
een voertuig installeren. Onjuiste
installatie of reparatie kan gevaar
opleveren en kan ertoe leiden dat de
garantie op de telefoon komt te
vervallen.
Controleer regelmatig of de
telefoonapparatuur in uw auto goed is
gemonteerd en naar behoren werkt.
Bewaar of vervoer brandbare vloeistoffen
en gassen en explosief materiaal niet in
dezelfde ruimte als de telefoon of de
onderdelen of accessoires van de
telefoon.
Als er een airbag in uw voertuig zit, moet
u er rekening mee houden dat deze met
flink veel kracht wordt opgeblazen.
Plaats geen voorwerpen, dus ook niet de
gemonteerde of draagbare
telefoonapparatuur, in de ruimte rond de
airbag of daar waar de airbag zal
uitklappen.
•
•
Als draadloze apparatuur niet op de
juiste manier is geïnstalleerd, kan het
opblazen van de airbag ernstig
lichamelijk letsel veroorzaken.
Schakel de telefoon uit voordat u in een
vliegtuig stapt. Het gebruik van een
mobiele telefoon in een vliegtuig kan
gevaarlijk zijn voor de besturing van het
vliegtuig en is daarom verboden.
Als u zich niet aan deze voorschriften
houdt, kan u het gebruik van mobiele
diensten tijdelijk of permanent worden
ontzegd en kunt u strafrechtelijk worden
vervolgd.
Verzorging en onderhoud
De telefoon is een kwaliteitsproduct dat met
vakmanschap is gemaakt en voorzichtig
behandeld moet worden.
Als u de volgende aanbevelingen opvolgt,
wordt er aan de garantievoorwaarden
voldaan en kunt u vele jaren plezier hebben
van dit product.
•
•
•
•
•
•
•
•
•
Bewaar de telefoon niet in een koude
ruimte. Bij verplaatsing naar een
warmere omgeving kan zich condens in
de telefoon vormen, waardoor de
elektronische componenten van de
telefoon beschadigd kunnen raken.
Zorg dat u de telefoon niet laat vallen of
ergens tegen aan stoot. Als u ruw met de
telefoon omgaat, kunnen de interne
onderdelen beschadigd raken.
Maak de telefoon niet schoon met
bijtende schoonmaak- of oplosmiddelen.
Veeg de telefoon af met een zachte
doek.
Verf de telefoon niet. Door de verf
kunnen de bewegende onderdelen van
het apparaat verstopt raken waardoor de
telefoon niet meer goed werkt.
Leg de telefoon niet in of op
verwarmingsapparaten, zoals een
magnetron, fornuis of radiator. De
telefoon kan oververhit raken en
ontploffen.
Informatie met betrekking tot gezondheid en veiligheid
•
Houd de telefoon en alle bijbehorende
onderdelen en accessoires buiten het
bereik van kleine kinderen en huisdieren.
Zij kunnen het apparaat beschadigen of
stikken in de kleine onderdelen.
Houd de telefoon droog. Regen, vocht en
vloeistoffen bevatten mineralen die de
elektronica aantasten.
Raak de telefoon niet met natte handen
aan. Hierdoor kunt u namelijk een
elektrische schok krijgen. Ook kan de
telefoon beschadigd raken.
Gebruik of bewaar de telefoon niet in een
stoffige, vieze ruimte, aangezien de
bewegende onderdelen dan beschadigd
kunnen raken.
Bewaar de telefoon niet in een extreem
warme ruimte. Door de hoge
temperatuur gaan elektronische
apparaten minder lang mee, kunnen
batterijen beschadigd raken en kan het
plastic kromtrekken of smelten.
129
Informatie met betrekking tot gezondheid en veiligheid
•
•
•
•
130
Wanneer de telefoon of de batterij nat
wordt, verandert het label in de telefoon
dat waterschade aanduidt, van kleur. In
dit geval valt de reparatie van de
telefoon niet meer onder de garantie van
de fabrikant, ook al is de garantietermijn
nog niet verstreken.
Gebruik de flitser of de verlichting van de
telefoon niet vlakbij de ogen van mensen
of dieren. Dit kan oogbeschadigingen
opleveren.
Gebruik alleen de meegeleverde of een
andere goedgekeurde antenne. Nietgoedgekeurde antennes of aangepaste
accessoires kunnen de telefoon
beschadigen en ertoe leiden dat de
telefoon niet meer voldoet aan de
wettelijke bepalingen omtrent
radioapparatuur.
Als de telefoon, de batterij, de oplader of
een van de accessoires niet goed werkt,
gaat u ermee naar het dichtstbijzijnde
geautoriseerde servicecentrum. Daar zal
men u van advies dienen en indien nodig
voor reparatie zorgen.
Index
A
AB-stand, tekstinvoer • 33
Achtergrond • 106
Achtergrondafbeelding • 106
Afbeeldingen, gedownload • 85
Agenda • 92
Alarm • 57
Alarmnummer bellen • 127
Automatisch herhalen • 106
B
Batterij
bijna leeg, symbool • 8
opladen • 7
voorschriften • 123
Batterij bijna leeg, symbool • 8
Beantwoorden
oproep • 36
tweede oproep • 38
Beldisplay instellen • 107
Belgroepen • 45
Beller-id• 107
Belsignaal
berichten • 108
inkomende oproepen • 107
Berichten
begroeting • 104
configuratie • 72
e-mail • 68, 74
info • 72, 84
MMS • 66, 71
server • 72, 83
SMS • 65, 70
Berichten maken
e-mail • 68
MMS • 66
SMS • 65
Berichttoon • 108
Besloten gebruikersgroep (CUG)
• 112
Bestandsbeheer • 84
Bestandsviewer • 89
Beveiliging, oproepen • 115
Blokkeren, oproepen • 110
Bluetooth
instellingen • 113
ontvangen, gegevens • 115
verzenden, gegevens • 114
Browser, web- • 61
C
Calculator • 58
Camera
foto's • 96
video's • 100
Configuratieberichten • 70, 72
D
Datum: instellen • 103
Display
helderheid • 107
indeling • 11
instellingen • 106
symbolen • 11
taal • 104
verlichting instellen • 109
Documentbestanden • 89
Doorschakelen, oproepen • 109
DRM (Digital Rights Management)
• 84
DTMF-tonen verzenden • 39
E
E-mailberichten
bekijken • 74
instelling • 80
maken/verzenden • 68
wissen • 75
F
FDN-modus (Fixed Dialling
Number) • 116
131
Index
Foto bewerken • 53
Foto's
bekijken • 85
bewerken • 53
nemen • 96
G
Games • 55
Geheugenkaart
bestanden openen • 92
plaatsen • 31
Geheugenstatus
berichten • 84
bestandsbeheer • 92
gedownloade items • 92
telefoonlijst 47
Geluid • 107
Geluiden, gedownloade • 88
Gemiste oproepen • 41
Gespreksduur • 41
Gesprekskosten • 42
Gezondheids- en
veiligheidsinformatie • 122
I
In- en uitschakelen
microfoon • 39
telefoon • 8
Infoberichten • 72, 84
Internationale gesprekken • 35
Internet • 61
132
J
Java-toepassingen • 55
K
Klepsignaal • 108
Kleur • 107
L
Laatste nummer herhalen • 36
Luidspreker • 38
M
Menustijl • 107
Met elke toets antwoorden • 106
Mijn bestanden • 84
Mijn menu • 15
Minuutsignaal • 108
MMS-berichten
bekijken • 70
instelling • 78
maken/verzenden • 66
wissen • 71
Mobiel opsporen • 116
MP3-speler • 48
Multipartygesprek • 40
Muziek, gedownload • 88
N
Namen
ingeven • 33
zoeken • 43
Netwerk selecteren • 111
Netwerkband, kiezen • 112
Netwerkdiensten • 109
Nummer herhalen
automatisch • 106
handmatig • 36
Nummers
opslaan • 44
zoeken • 43
Nummerweergave • 111
O
Omrekenen • 58
Ontvangen berichten
e-mail • 74
MMS/SMS • 70
Ontvangen oproepen • 41
Opnemen
spraakmemo's • 52
video's • 100
Oproepen
beantwoorden • 36
blokkeren • 110
doorschakelen • 109
doorverbinden • 39
in de wacht zetten • 37
nummer herhalen • 36
tot stand brengen • 35
weigeren • 36
wisselgesprek • 111
Oproepenlijsten
gemist • 41
ontvangen • 41
uitgaand • 41
P
R
Resetten, telefoon • 119
Roaming • 111
S
Serverberichten • 72, 83
Simkaart
blokkeren • 116
plaatsen • 7
SMS-berichten
bekijken • 70
instelling • 77
maken/verzenden • 65
wissen • 71
Snelkiezen • 46
Sneltoets • 105
Spraakrecorder
afspelen • 52
opnemen • 52
Standaardberichten, bericht • 76
Stille stand
ingeven • 15
instelling • 108
Stopwatch • 59
Symbolen, beschrijving • 11
T
T9-stand, tekstinvoer • 34
Taal selecteren • 104
Tekens ingeven • 33
Tekst ingeven • 33
Telefoon
blokkeren • 115
display • 11
in- en uitschakelen • 8
resetten • 119
symbolen • 11
uitpakken • 6
wachtwoord • 116
Telefoonlijst
beheren • 47
opties • 43
snel kiezen • 46
toevoegen • 44
wissen • 44, 47
zoeken • 43
Tijd achtergrondverlichting
instellen •
display • 109
toetsen • 109
Tijd, instellen • 103
Timer • 59
Toetstonen
aan/uit • 39
selecteren • 107
Toon bij in-/uitschakelen • 108
TV-uit
bekijken op televisiescherm
• 29, 30
instelling • 107
U
Uitgaande oproepen • 41
Index
pin2-code wijzigen • 116
pincode wijzigen • 115
Postvak IN, berichten
e-mail • 74
MMS/SMS • 70
Postvak UIT, berichten • 73
Privacy • 116
Problemen oplossen • 119
V
Veiligheidsinformatie • 122
Verbindingstoon • 108
Vergrendelen
menuopties • 116
simkaart • 116
telefoon • 115
Verkeersveiligheid • 124
Verlichtingsinstellingen • 108
Verzonden berichten • 73
Verzorging en onderhoud • 128
Video's
afspelen • 86
opnemen • 100
Visitekaartje • 46
Voicemailserver • 111
W
Wachtstand, gesprek • 37
Wachtwoord
oproepen blokkeren • 110
telefoon • 116
133
Index
Webbrowser
favorieten • 63
toegang • 61
Welkomtekst • 104
Wereldtijd • 56
Wisselgesprek • 111
Wissen
e-mail • 74, 75, 77
items • 95
MMS • 71, 74, 77
oproepenlijst • 41
SMS • 71, 74, 77
telefoonlijst • 44, 47
134
Conformiteitsverklaring (R&TTE-richtlijn)
Het volgende product:
GSM900/GSM1800/GSM1900 met Bluetooth
Draagbare mobiele telefoon
(Productbeschrijving)
SGH-D840
(Typenaam)
Gefabriceerd door:
- Samsung Electronics Co., Ltd, 94-1, Imsoo-Dong, Gumi City,
Kyung-Buk, Korea, 730-350
(naam en adres van fabrikant)
waarop deze verklaring van toepassing is, voldoet aan de volgende standaarden en/of
andere normatieve documenten.
Veiligheid
EMC
SAR
Netwerk
: EN 60950-1:2001
: EN 301 489-01 v1.4.1 (08-2002)
EN 301 489-07 v1.2.1 (08-2002)
EN 301 489-17 v1.2.1 (08-2002)
: EN 50360:2001
EN 50361:2001
: EN 301 511 v9.0.2 (03-2003)
EN 300 328 v1.6.1 (11-2004)
Hierbij verklaren we dat [alle essentiële radiotests zijn uitgevoerd en dat] bovengenoemd
product voldoet aan alle essentiële eisen die er in Richtlijn 1999/5/EC aan worden
gesteld.
De conformiteitsbeoordelingsprocedure waarnaar wordt verwezen in Artikel 10 en die
wordt beschreven in Bijlage [IV] van Richtlijn 1999/5/EC is uitgevoerd in samenwerking
met de volgende aangemelde instantie(s):
BABT, Balfour House, Churchfield Road,
Walton-on-Thames, Surrey, KT12 2TD, UK
Kenmerk: 0168
De technische documentatie wordt beheerd door:
Samsung Electronics QA Lab.
en wordt op verzoek ter beschikking gesteld.
(Vertegenwoordiging in de EU)
Samsung Electronics Euro QA Lab.
Blackbushe Business Park, Saxony Way,
Yateley, Hampshire, GU46 6GG, UK
2006.04.03
Yong-Sang Park / verkoopmanager
(plaats en datum van uitgifte)
(naam en handtekening van bevoegde persoon)
* Dit is niet het adres van het Samsung Service Centre. Zie de garantiekaart of neem contact op met de winkel
waar u de telefoon hebt aangeschaft voor het adres van het Samsung Service Centre.
* Sommige beschrijvingen in deze gebruiksaanwijzing kunnen afwijken van uw telefoon. Dit is
afhankelijk van het land waar u de telefoon gekocht heeft, de geïnstalleerde software of uw
serviceprovider.
* Uw telefoon en de accessoires kunnen afwijken van de afbeeldingen in deze gebruiksaanwijzing.
Dit is afhankelijk van het land waar u de telefoon gekocht heeft.
* Drukfouten voorbehouden.
World Wide Web
http://www.samsungmobile.com
Printed in Korea
Code No.:GH68-14033A
Dutch. 02/2007. Rev. 1.0