Bedieningselementen. Wacker Neuson DPU80Lem770, DPU110Lem870
Anúncio
Anúncio
6.2
6 Componenten en bedieningselementen
Bedieningselementen
Zorg ervoor dat displays en bedieningselementen van de machine altijd schoon, droog en olie- en vetvrij zijn.
Bedieningselementen zoals de Aan/Uit-schakelaar, de gashendel etc., mogen niet onrechtmatig worden vastgezet, gemanipuleerd of aangepast.
1
8
7
6
5
9
10
11
3
2
4
Nr.
1
2
3
4
5
6
Omschrijving
Kapopener
Aan/uit-knop (rood)
Display en controlelampjes (diagnose- en configuratiesmenu)
Insteltoets (zwart)
Startknop
Langzaam/snel-schakelaar
Nr.
7
8
9
Omschrijving
Trillingsschakelaar
Schakelbeugel
Hoogteverstelling stuurbeugel
10
11
Voetvergrendeling stuurbeugel
Noodstopknop
Schakelbeugel
Met de schakelbeugel kunnen de snelheid en de rijrichting traploos worden geregeld.
Voetvergrendeling stuurbeugel
Met de voetvergrendeling voor de stuurbeugel kan de transportvergrendeling van de stuurbeugel worden losgemaakt, zodat hij weer in de werkstand kan worden gezet. De afzonderlijk ingestelde werkhoogte blijft onveranderd.
Noodstopknop
De noodstopknop dient uitsluitend voor het uitschakelen van de machine in noodgevallen. Nadat de knop is ingedrukt, schakelt de noodstopknop de machine direct volledig uit. De machine kan pas weer worden gebruikt nadat de noodstopknop is ontgrendeld.
Hoogteverstelling stuurbeugel
Met de hoogteafstelling van de stuurbeugel kan de hoogte traploos worden ingesteld, zodat de stuurbeugel individueel op de voor de betreffende bestuurder optimale werkhoogte kan worden afgestemd. De hoogte wordt afgesteld door aan de stergreep te draaien.
Daarnaast kunt u de stuurbeugel laten zakken door de stergreep naar beneden te drukken, om onder lage doorgangen door te kunnen rijden. Wanneer de stuurbeugel weer omhoog worden getrokken, dan is de voor de betreffende bestuurder optimale werkhoogte nog steeds ingesteld.
100_0202_cp_0006.fm
22
6 Componenten en bedieningselementen
Aan/uit-knop (rood)
Met de rode Aan/Uit-knop wordt de machine geactiveerd, zodat hij met de startknop op de stuurbeugelkop kan worden gestart.
De machine wordt met de Aan/Uit-knop volledig gedeactiveerd.
Bovendien kunt u met de Aan/Uit-knop de diagnose- en configuratiemenu's openen en menu-items selecteren.
Instelknop
Met de zwarte instelknop kunnen de cijfers voor de activerings-PIN, de instellings-PIN if machineinstellingen worden ingegeven.
Display en controlelampjes
1 2 3 4 5 6
7
23
Nr.
1
2
3
4
Omschrijving
Controlelampje 'Bedrijf'
Controlelampje 'Laden'
Controlelamp 'Voorgloeien'
Controlelamp 'Luchtfilter'
Nr.
5
6
7
Omschrijving
Controlelampje 'Oliedruk'
Controlelampje 'Koelmiddeltemperatuur'
Display
Controlelampje 'Bedrijf'
Het controlelampje "Bedrijf" geeft aan, of de machine met de Aan/Uit-knop is geactiveerd.
Het controlelampje "Bedrijf" brandt groen wanneer de machine met de Aan/Uit-knop is geactiveerd.
Het controlelampje "Bedrijf" gaat uit wanneer de machine met de Aan/Uit-knop is gedeactiveerd.
Controlelampje 'Laden'
Het controlelampje "Laden" geeft aan op de startaccu van de machine wordt opgeladen.
Het controlelampje "Laden" brandt rood wanneer de machine is geactiveerd.
Het controlelampje "Laden" gaat uit wanneer de motor loopt.
Het controlelampje "Laden" brandt rood wanneer de startaccu van de machine niet meer wordt opgeladen.
Controlelamp 'Voorgloeien'
Het controlelampje "Voorgloeien" laat bij het starten van de motor zien of de bougies worden voorgegloeid.
Het controlelampje "Voorgloeien" brandt geel zolang de bougies van de motor bij het starten worden voorgegloeid.
Het controlelampje "Voorgloeien" gaat uit wanneer het voorgloeien gereed is.
Controlelamp 'Luchtfilter'
Het controlelampje "Luchtfilter" heeft de onderhoudsstatus van het luchtfilter aan.
Het controlelampje "Luchtfilter" brandt geel wanneer het luchtfilter is vervuild.
100_0202_cp_0006.fm
6 Componenten en bedieningselementen
Controlelampje 'Oliedruk'
Het controlelampje "Oliedruk" geeft aan of er voldoende oliedruk is.
Het controlelampje "Oliedruk" brandt rood wanneer de machine is geactiveerd.
Het controlelampje "Oliedruk" gaat uit wanneer de motor loopt.
Het controlelampje "Oliedruk" brandt rood wanneer de oliedruk te laag is.
Controlelampje 'Koelmiddeltemperatuur'
Het controlelampje "Koelmiddeltemperatuur" geeft aan of de temperatuur van het koelmiddel binnen de toegestande limieten valt.
Het controlelampje "Koelmiddeltemperatuur" brandt rood wanneer de koelmiddeltemperatuur te hoog is.
Display
Het display geeft de volgende gegevens:
Aantal bedrijfsuren.
Het op de machine ingestelde zendkanaal.
Fouttoestanden.
Diagnosemenu.
Configuratiemenu.
Diagnosemenu
Diagnose
In het diagnosemenu op het display kan de volgende informatie over de machine worden opgevraagd:
Overzicht van alle opgetreden fouten (foutgeheugen).
Startaccuspanning.
Koelmiddeltemperatuur van de motor.
Hydrauliekolietemperatuur.
Motortoerental.
Softwareversie (SW-versie).
Schakeltest.
IR-transmissie.
Configuratiemenu
OPMERKING
Het gebruik van het configuratiemenu wordt beschreven in de gebruiksaanwijzing voor machineconfiguratie.
Instel-
In het configuratiemenu op het display kunnen de volgende machineparameters worden ingesteld:
100_0202_cp_0006.fm
24
Download
Anúncio