Pentax Optio M10 de handleiding
Реклама
Реклама
PENTAX Corporation
PENTAX Europe GmbH
(European Headquarters)
2-36-9, Maeno-cho, Itabashi-ku, Tokyo 174-8639, JAPAN
(http://www.pentax.co.jp/)
Julius-Vosseler-Strasse, 104, 22527 Hamburg, GERMANY
(HQ - http://www.pentaxeurope.com)
(Germany - http://www.pentax.de)
Hotline: 0180 5 736829 / 0180 5 PENTAX
PENTAX U.K. Limited
Austria Hotline: 0820 820 255
PENTAX House,
Heron Drive, Langley, Slough, Berks SL3 8PN, U.K.
(http://www.pentax.co.uk) Hotline: 0870 736 8299
PENTAX France S.A.S.
112 Quai de Bezons, 95106 Argenteuil Cedex, FRANCE
(http://www.pentax.fr)
Hotline: 0826 103 163 (0,15€ la minute)
Service après-vente: 01 30 25 94 63 (entre 9h et 12h)
PENTAX Benelux B.V. (for Netherlands)
Spinveld 25, 4815 HR Breda, NETHERLANDS
(http://www.pentax.nl) Hotline: 076 531 3039
(for Belgium & Luxembourg)
Weiveldlaan 3-5, 1930 Zaventem, BELGIUM
(http://www.pentax.be) Hotline: 00800 2050 2050
PENTAX (Schweiz) AG Widenholzstrasse 1 Postfach 367 8305 Dietlikon, SWITZERLAND
(http://www.pentax.ch)
PENTAX Scandinavia AB P.O. Box 650, 75127 Uppsala, SWEDEN
(http://www.pentax.se)
PENTAX Imaging Company
A Division of PENTAX of America, Inc.
(Headquarters)
600 12th Street, Suite 300 Golden, Colorado 80401, U.S.A.
(Distribution & Service Center)
16163 West 45th Drive, Unit H Golden, Colorado 80403, U.S.A.
(http://www.pentaximaging.com)
PENTAX Canada Inc.
1770 Argentia Road Mississauga, Ontario L5N 3S7, CANADA
(http://www.pentax.ca)
De fabrikant behoudt zich het recht voor zonder voorafgaande berichtgeving wijzigingen in specificaties, ontwerp en beschikbaarheid aan te brengen.
AP031405/NL Copyright © PENTAX Corporation 2006
FOM 01.03.2006 Printed in Europe
Digitale Camera
Handleiding
Lees voor optimale cameraprestaties eerst de handleiding door voordat u deze camera in gebruik neemt.
Fijn dat u hebt gekozen voor een digitale camera van PENTAX.
Lees deze handleiding voor gebruik door om de functies van de camera optimaal te kunnen benutten. De handleiding is een waardevol hulpmiddel om inzicht te krijgen in alle mogelijkheden van de camera. Bewaar hem daarom een veilige plaats.
Auteursrechten
Met de digitale camera van PENTAX gemaakte opnamen die voor elk ander doel dan strikt persoonlijk gebruik zijn bestemd, mogen niet worden gebruikt zonder toestemming volgens de rechten zoals neergelegd in de auteursrechtwetgeving. Houd altijd rekening met het volgende: in sommige gevallen is zelfs het fotograferen voor persoonlijk gebruik aan beperkingen gebonden, zoals bij demonstraties, voorstellingen of presentaties. Opnamen die zijn gemaakt met het doel om auteursrechten te verkrijgen, kunnen ook niet worden gebruikt buiten het gebruiksbereik van het auteursrecht zoals beschreven in de auteursrechtwetgeving. Ook hiermee dient men rekening te houden.
Handelsmerken
• PENTAX en Optio zijn handelsmerken van PENTAX Corporation.
• Het SD-logo is een handelsmerk.
• QuickTime en het QuickTime-logo zijn handelsmerken die onder licentie worden gebruikt.
Het QuickTime-logo is geregistreerd in de VS en andere landen.
• Alle overige merk- of productnamen zijn handelsmerken of wettig gedeponeerde handelsmerken van hun betreffende eigenaren.
Aan de gebruikers van deze camera
• De kans bestaat dat opgenomen gegevens worden gewist of dat de camera niet naar behoren functioneert bij gebruik in omgevingen met installaties die sterke elektromagnetische straling of magnetische velden opwekken.
• Het paneel met vloeibare kristallen in het LCD is gemaakt met behulp van extreem hoge-precisietechnologie. Hoewel het percentage werkende pixels 99,99% of hoger is, dient u er rekening mee te houden dat 0,01% of minder van de pixels niet oplicht of juist wel oplicht wanneer dat niet zou moeten. Dit heeft echter geen effect op het opgenomen beeld.
Dit product ondersteunt PRINT Image Matching III. Met digitale fotocamera’s, printers en software die PRINT Image Matching ondersteunen, kunnen fotografen opnamen produceren die hun bedoelingen beter benaderen. Sommige functies zijn niet beschikbaar op printers die PRINT
Image Matching III niet ondersteunen.
Copyright 2001 Seiko Epson Corporation. Alle rechten voorbehouden.
PRINT Image Matching is een handelsmerk van Seiko Epson Corporation. Het PRINT Image
Matching-logo is een handelsmerk van Seiko Epson Corporation.
Meer over PictBridge
Met PictBridge kan de gebruiker de digitale camera rechtstreeks aansluiten op een printer, waarbij gebruik wordt gemaakt van de universele standaard voor de rechtstreekse uitvoer van opnamen.
Met een paar eenvoudige handelingen kunt u opnamen rechtstreeks vanuit de camera afdrukken.
Meer over ImageLink
ImageLink en het logo van het ImageLink-afdruksysteem zijn handelsmerken van Eastman
Kodak Company die onder licentie worden gebruikt.
• De illustraties en het weergavescherm van de LCD-monitor in deze handleiding kunnen afwijken van het feitelijke product.
Informatie over registratie van uw product
Wij willen u graag optimaal van dienst zijn. Daarom vragen wij u vriendelijk om uw product te registreren. Het formulier hiervoor kunt u vinden op de bijgeleverde CD-ROM of op de website van PENTAX. Bij voorbaat dank voor uw medewerking.
Raadpleeg de Handleiding Computeraansluiting (rechtsonder voorzijde) voor meer informatie.
VEILIG GEBRUIK VAN UW CAMERA
Hoewel aan de veiligheid van dit product zeer veel aandacht is besteed, dient u bij gebruik van de camera speciaal te letten op de waarschuwingen die worden aangegeven door de volgende symbolen.
Pas op niet in acht worden genomen.
Deze symbolen geven aan dat de gebruiker minder ernstige problemen of fysieke problemen kan ondervinden als de waarschuwingen niet in acht worden genomen.
Over de camera
Waarschuwing
• Probeer de camera niet te demonteren of de vorm van de camera te veranderen. De camera bevat onderdelen die onder hoogspanning staan, waardoor er gevaar voor elektrische schokken bestaat als de camera uit elkaar wordt gehaald.
• Mocht het binnenwerk van de camera vrijkomen, bijvoorbeeld doordat hij valt, raak dan nooit de vrijgekomen onderdelen aan, aangezien er gevaar is voor een elektrische schok.
• Houd de SD-geheugenkaart buiten bereik van kleine kinderen om het risico te vermijden dat de kaart per ongeluk wordt ingeslikt. Mocht de kaart toch worden ingeslikt, ga dan onmiddellijk naar een arts.
• De camerariem om uw nek doen kan gevaarlijk zijn. Pas vooral op dat kinderen de riem niet om hun nek doen.
• Gebruik uitsluitend een netvoedingsadapter met een voor dit product voorgeschreven vermogen en spanning. Gebruik van een netvoedingsadapter met andere specificaties dan zijn voorgeschreven voor dit product, kan brand of elektrische schokken veroorzaken.
• Als de camera gaat roken, een vreemde geur afgeeft of in het geval van welke andere onregelmatigheid dan ook, houd dan onmiddellijk op de camera te gebruiken. Verwijder de batterijen of haal de netvoedingsadapter uit het stopcontact en neem contact op met het dichtstbijzijnde PENTAX Service
Center. Verder gebruik van de camera kan brand of een elektrische schok veroorzaken.
1
2
Pas op
• Probeer nooit de batterijen uit elkaar te halen of kort te sluiten. Stel de batterijen ook nooit bloot aan vuur, aangezien ze kunnen exploderen.
• Laad geen andere batterijen op dan oplaadbare Ni-MH-batterijen. De batterijen kunnen exploderen of vlam vatten. Van de batterijen die in deze camera kunnen worden gebruikt, kunnen alleen de Ni-MH-batterijen worden opgeladen.
• Als u uw vinger op de flitser houdt wanneer hij afgaat, kunt u brandwonden oplopen.
• Activeer de flitser niet als hij uw kleding raakt, omdat dan het risico van verkleuring bestaat.
• Mocht het lekkende materiaal van de batterij in contact komen met uw ogen, wrijf ze dan niet uit. Spoel uw ogen met schoon water en ga onmiddellijk naar een arts.
• Mocht het lekkende materiaal van de batterij in contact komen met uw huid of kleding, was de betroffen gebieden dan grondig schoon met water.
• Als de batterijen heet worden of beginnen te roken, moet u ze onmiddellijk uit de camera halen. Pas op dat u zichzelf niet brandt bij het verwijderen van de batterijen.
• Sommige delen van de camera worden tijdens het gebruik heet. Wees daarom voorzichtig: als dergelijke onderdelen lang worden vastgehouden, is er gevaar voor lichte verbrandingen.
• Mocht het LCD beschadigd raken, pas dan op voor glasdeeltjes. Vermijd ook elk contact van de vloeistofkristallen met uw huid, ogen en mond.
Aandachtspunten bij het omgaan met batterijen
• Deze camera werkt met twee batterijen van het type AA alkaline, lithium,
Ni-MH of nikkel/mangaan. Gebruik geen andere batterijen dan de genoemde.
Door het gebruik van een ander type batterij kan de camera slecht functioneren of kunnen de batterijen openbarsten of brand veroorzaken.
• Batterijen van het type AA alkaline, lithium en nikkel/mangaan kunnen niet worden opgeladen. Probeer de batterijen niet uit elkaar te halen.
De batterijen kunnen openbarsten of lekken als u probeert ze op te laden of uit elkaar te halen.
• Combineer bij vervanging van de batterijen geen batterijen van verschillende merken, types of capaciteiten. Combineer ook geen oude batterijen met nieuwe. Hierdoor kunnen de batterijen openbarsten of brand veroorzaken.
• Plaats de batterijen niet met de positieve (+) en negatieve (–) polen in de verkeerde richting. Hierdoor kunnen de batterijen openbarsten of brand veroorzaken.
Over de netvoedingsadapter
Pas op
• Plaats geen zware voorwerpen op het netsnoer, laat er geen zware voorwerpen op vallen en beschadig het snoer niet door overmatig buigen.
Mocht het netsnoer beschadigd raken, neem dan contact op met een PENTAX Service Center.
• Sluit de uitgangen van het product niet kort en raak ze niet aan terwijl het product nog is aangesloten op de netstroom.
• Sluit het netsnoer niet met vochtige handen aan op het stopcontact.
Dit kan resulteren in een elektrische schok.
• Stel het product niet bloot aan harde klappen en laat het niet op een hard oppervlak vallen. Dit kan storingen veroorzaken.
Aandachtspunten tijdens het gebruik
• Neem het document Worldwide Service Network mee dat deel uitmaakt van het pakket. Dit komt van pas bij problemen in het buitenland.
• Wanneer de camera lange tijd niet is gebruikt, ga dan na of alles nog goed werkt, vooral als u er belangrijke opnamen mee wilt maken (bijvoorbeeld huwelijksfoto’s of opnamen op reis). Er geldt geen garantie op de inhoud van de opnamen, als opnemen, weergeven of het overzetten van de gegevens naar een computer enz. niet mogelijk is als gevolg van een defect aan de camera of aan de opnamemedia (SD-geheugenkaart) enz.
• Het objectief van deze camera is niet verwisselbaar. Het objectief kan niet worden verwijderd.
• Maak het product niet schoon met organische oplosmiddelen zoals verfverdunner, alcohol of wasbenzine.
• Vermijd plaatsen met een hoge temperatuur en luchtvochtigheid.
Met name auto’s kunnen van binnen zeer heet worden.
• Berg de camera niet op een plaats op waar gewerkt wordt met bestrijdingsmiddelen of chemicaliën. Haal de camera uit de tas en berg hem op in een goed geventileerde ruimte om schimmelvorming tijdens opslag te voorkomen.
• De camera is niet waterbestendig. Gebruik de camera dus niet op een plaats waar hij in contact kan komen met regen, water of enige andere vloeistof.
• Zorg ervoor dat de camera niet wordt blootgesteld aan sterke trillingen, schokken of druk. Gebruik een kussen ter bescherming van de camera als hij wordt blootgesteld aan de trillingen van een motorfiets, auto, schip, e.d.
• Deze camera functioneert naar behoren bij een temperatuur van 0 tot 40° C.
3
4
• Het LCD (liquid crystal display) wordt zwart bij hoge temperaturen, maar werkt weer normaal bij een normale omgevingstemperatuur.
• De reactiesnelheid van de vloeistofkristallen van het LCD wordt traag bij lage temperaturen. Dit ligt aan de eigenschappen van de vloeistofkristallen en wijst niet op een defect.
• Laat de camera om de 1 tot 2 jaar nakijken teneinde de prestaties op peil te houden.
• Als de camera wordt blootgesteld aan plotselinge temperatuurschommelingen, kan aan de binnen- en buitenkant condensvorming optreden. U kunt in dergelijke gevallen de camera het best in een tas of een plastic zak doen en de camera er pas uithalen als het temperatuurverschil minimaal is geworden.
• Voorkom dat er vuil, modder, zand, stof, water, giftig gas of zout in de camera binnendringt, omdat de camera hierdoor beschadigd kan raken. Veeg eventuele regendruppels of waterdruppels van de camera en laat hem opdrogen.
• Zie “Aandachtspunten bij het gebruik van een SD-geheugenkaart” (blz.28) voor meer informatie over de SD-geheugenkaart.
• Let op: bij formattering van een SD-geheugenkaart of het interne geheugen worden alle gegevens gewist. De kans bestaat echter dat de gegevens nog kunnen worden teruggehaald met speciale software voor gegevensherstel.
Alles wat u met het geheugen van uw camera doet, is geheel voor eigen risico.
• Druk niet met kracht op de LCD-monitor. De kans bestaat dat de monitor hierdoor breekt of niet meer naar behoren functioneert.
• Ga niet zitten met de camera in uw achterzak. Hierdoor kan het buitenwerk van de camera of de LCD-monitor beschadigd raken.
• Als u de camera op een statief bevestigt, draai de schroef dan niet te ver in de statiefaansluiting van de camera.
Inhoud
VEILIG GEBRUIK VAN UW CAMERA .............................................1
Aandachtspunten tijdens het gebruik ...............................................3
Inhoud...............................................................................................5
Samenstelling van de handleiding..................................................11
Eigenschappen van de camera .........................................................12
De inhoud van het pakket controleren............................................14
Namen van onderdelen ..................................................................15
Namen van bedieningsonderdelen.................................................16
Monitorindicaties.............................................................................16
Voorbereidingen 19
De draagriem bevestigen ...................................................................19
De camera van stroom voorzien........................................................20
De batterijen plaatsen.....................................................................20
De netvoedingsadapter gebruiken..................................................23
De netvoedingsadapter gebruiken in het buitenland ......................24
De SD-geheugenkaart plaatsen .........................................................26
Opnamepixels en kwaliteitsniveau van foto’s .................................29
Opnamepixels en beeldsnelheid van filmopnamen ........................31
De camera aan- en uitzetten ..............................................................32
De stand Alleen weergeven............................................................33
Standaardinstellingen ........................................................................34
De weergavetaal instellen ..............................................................34
De datum en tijd instellen ...............................................................36
Snel aan de slag 38
Foto’s maken.......................................................................................38
Foto’s weergeven................................................................................40
Opnamen weergeven .....................................................................40
De vorige of volgende opname weergeven ....................................40
De weergegeven opname roteren ..................................................41
Veel voorkomende handelingen 42
De knopfuncties ..................................................................................42
A -stand .........................................................................................42
Q -stand ........................................................................................44
5
6
De camerafuncties instellen ..............................................................46
Instellen met de menu’s..................................................................46
Menulijst .........................................................................................49
De opnamefunctie instellen ............................................................51
De weergavefunctie instellen..........................................................55
Opnamen maken 57
Opnamen maken .................................................................................57
De camera de optimale instellingen laten kiezen
(programmafunctie) ........................................................................57
Opnamen maken in de basisstand (Snelinstelling) ........................58
Opnamen maken in het donker (Nachtopname/Vuurwerk) ............60
Opnamen maken van uw huisdier (huisdierfunctie) .......................61
De zelfontspanner gebruiken..........................................................62
Een reeks opnamen maken............................................................63
Kaders toevoegen aan uw opnamen..............................................64
De zoom gebruiken ........................................................................66
De belichting (belichtingscorrectie) instellen ..................................68
Opnamegegevens weergeven in de opnamestand..........................69
De opnamefuncties instellen .............................................................71
De scherpstelfunctie selecteren .....................................................71
De flitsfunctie selecteren ................................................................73
De opnamepixels selecteren ..........................................................75
Het kwaliteitsniveau selecteren ......................................................77
De witbalans aanpassen ................................................................78
Het AF-veld wijzigen.......................................................................80
De gevoeligheid instellen................................................................81
De tijd voor de momentcontrole instellen (Momentcontrole) ..........82
De opnamescherpte instellen (Scherpte) .......................................83
De kleurverzadiging instellen (Kleurverzadiging) ...........................84
Het opnamecontrast instellen (Contrast) ........................................85
De instellingen opslaan (Geheugen).................................................86
Video-opnamen maken.......................................................................88
Een video-opname maken..............................................................88
Het aantal opnamepixels voor video-opnamen selecteren.............90
Video-opnamen maken in zwart-wit of sepia (kleurinstelling).........91
De beeldsnelheid selecteren ..........................................................92
Opnamen weergeven en wissen 93
Opnamen weergeven..........................................................................93
Schakelen tussen de stand A en de stand Q .............................93
Foto’s weergeven ...........................................................................93
Weergave van negen opnamen tegelijk en mappenweergave.......94
Zoomweergave...............................................................................96
Opnamegegevens weergeven in de weergavestand .....................98
Diavoorstelling ................................................................................99
Video-opnamen weergeven .............................................................101
Video-opnamen weergeven..........................................................101
De camera aansluiten op audiovisuele apparatuur .......................102
Opnamen wissen ..............................................................................103
Eén opname of geluidsbestand wissen ........................................103
Geselecteerde opnamen en geluidsbestanden wissen
(uit de weergave met negen opnamen)........................................105
Alle opnamen wissen....................................................................107
Foto- en geluidsopnamen beveiligen tegen wissen (Beveiligen)......108
Opnamen bewerken en afdrukken 110
Opnamen bewerken..........................................................................110
De opnamegrootte en -kwaliteit wijzigen (Grootte wijzigen).........110
Opnamen aansnijden ...................................................................112
Opnamen en geluidsbestanden kopiëren.....................................113
Afdrukservice instellen (DPOF) .......................................................115
Afzonderlijke opnamen afdrukken ................................................115
Alle opnamen afdrukken...............................................................117
Afdrukken met PictBridge................................................................118
De camera aansluiten op de printer .............................................118
Afzonderlijke opnamen afdrukken ................................................119
Alle opnamen afdrukken...............................................................121
Afdrukken met de DPOF-instellingen ...........................................122
De kabel losmaken van de printer ................................................122
Afdrukken met ImageLink.............................................................123
Geluidsopnamen maken en weergeven 124
Geluid opnemen (geluidsopnamefunctie) ......................................124
Geluidsopnamen weergeven ...........................................................126
Een gesproken memo toevoegen aan opnamen ...........................127
Een gesproken memo opnemen ..................................................127
Weergave van een gesproken memo...........................................128
7
8
Instellingen 129
Bijlage
Camera-instellingen..........................................................................129
Een SD-geheugenkaart of het interne geheugen formatteren......129
De geluidsinstellingen wijzigen.....................................................130
Het opstartscherm wijzigen ..........................................................132
De datum en tijd wijzigen..............................................................133
De weergavetaal wijzigen.............................................................135
De mapnaam wijzigen ..................................................................136
De USB-aansluitfunctie wijzigen...................................................137
Het videosignaal wijzigen .............................................................138
De helderheid van de LCD-monitor automatisch aanpassen
(Auto LCD-dimmer) ......................................................................139
Automatisch uitschakelen instellen...............................................140
Standaardinstellingen herstellen (Reset)......................................141
142
Basisinstellingen ..............................................................................142
Beschikbare functies voor elke opnamefunctie ............................145
Optionele accessoires......................................................................146
Berichten ...........................................................................................147
Problemen oplossen.........................................................................149
Belangrijkste technische gegevens ................................................151
GARANTIEBEPALINGEN..................................................................155
Index...................................................................................................160
De betekenis van de in deze handleiding gebruikte symbolen wordt hierna uitgelegd.
1 geeft het nummer aan van de pagina waarnaar wordt verwezen voor een uitleg van het betreffende handelingen.
duidt op informatie die handig is om te weten.
duidt op aandachtspunten bij de bediening van de camera.
A
Q
-stand
-stand
Deze stand dient voor het maken van foto’s en het opnemen van video- en geluidsbestanden. In deze handleiding wordt de stand voor het maken van foto’s de “foto-opnamestand” genoemd, de stand voor het maken van video-opnamen de “C-stand” en de stand voor het maken van geluidsopnamen de “O-stand”.
Deze stand dient voor het weergeven van foto’s en het afspelen van video- en geluidsbestanden.
A , R, A, C,
O , q, <, I, i, \, Q, E,
X, y, >, D
De symbolen boven de titel geven de opnamefuncties aan die de functie kunnen activeren.
Voorbeeld
De opnamescherpte instellen (Scherpte)
R C
9
10
Memo
Samenstelling van de handleiding
Deze handleiding bevat de volgende hoofdstukken.
1 Voorbereidingen–––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––
In dit hoofdstuk wordt beschreven wat u na aankoop van de camera moet doen alvorens opnamen te maken. Lees dit hoofdstuk aandachtig door en volg alle aanwijzingen op.
2 Snel aan de slag –––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––
In dit hoofdstuk wordt de eenvoudigste manier beschreven waarop u opnamen maakt en weergeeft. Lees dit hoofdstuk wanneer u meteen opnamen wilt maken of wilt terugzien.
3 Veel voorkomende handelingen ––––––––––––––––––––––––––––––––––
In dit hoofdstuk komen veel voorkomende zaken aan de orde, zoals de functies van de knoppen en het gebruik van de menu’s. Zie voor verdere bijzonderheden de onderstaande hoofdstukken.
4 Opnamen maken ––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––
In dit hoofdstuk wordt uitgelegd op welke manieren u opnamen kunt maken en hoe u de betreffende functies instelt.
5 Opnamen weergeven en wissen ––––––––––––––––––––––––––––––––––
In dit hoofdstuk wordt beschreven hoe u foto’s en filmopnamen weergeeft op de camera of een TV en hoe u opnamen van de camera verwijdert.
6 Opnamen bewerken en afdrukken ––––––––––––––––––––––––––––––––
In dit hoofdstuk wordt beschreven hoe u foto’s op verschillende manieren kunt afdrukken en hoe u opnamen bewerkt met de camera. Raadpleeg de Handleiding Computeraansluiting voor instructies aangaande het opslaan van opnamen op een computer en het installeren van ACDSee for PENTAX. Raadpleeg de Help-functie van ACDSee for PENTAX voor instructies aangaande het bewerken en afdrukken van opnamen met een computer.
7 Geluidsopnamen maken en weergeven ––––––––––––––––––––––––––––
In dit hoofdstuk wordt beschreven hoe u geluidsbestanden opneemt, geluid (een gesproken memo) aan een opname toevoegt en geluidsbestanden afspeelt.
8 Instellingen –––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––
In dit hoofdstuk wordt uitgelegd hoe u de cameragerelateerde functies instelt.
9 Bijlage –––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––––
In dit gedeelte wordt het oplossen van problemen behandeld en wordt een overzicht gegeven van afzonderlijk verkrijgbare accessoires.
1
2
3
4
5
6
7
8
9
11
Eigenschappen van de camera
Naast de basisfuncties voor het maken van opnamen heeft de Optio M10 een heel scala van opnamefuncties voor uiteenlopende situaties. In dit gedeelte wordt beschreven hoe u de basisfuncties van de camera optimaal benut.
Daarnaast wordt de bediening van de camera gedetailleerd uitgelegd, zodat alles uit uw camera kunt halen.
Eenvoudig te gebruiken opname- en weergavestanden!
12
Het gebruiksvriendelijke ontwerp van de Optio M10 staat garant voor een eenvoudige bediening met een minimaal aantal knoppen. Door het gewenste pictogram te kiezen, kunt u de opnamefunctie selecteren (blz.51) en de optimale instellingen voor de situatie kiezen. Of u kiest de weergavestand (blz.93, blz.110) met een groot aantal weergave- en bewerkingsfuncties. Via het opnamestandpalet in de opnamestand kunt u kiezen uit 15 opnamefuncties. Hiermee kunt u foto-, video- en geluidsopnamen maken van uw speelse hondje, een spectaculair vuurwerk of andere speciale momenten.
Op het overzicht op de LCD-monitor kunt u bekijken welke functies in elke stand beschikbaar zijn en hoe u ze kunt gebruiken. (blz.56)
De camera de optimale instellingen laten bepalen.
In de stand Snelinstelling kunt u eenvoudig opnamen maken met de standaardinstellingen. (blz.58)
Druk op de knop Snelinstelling terwijl het functiepalet wordt weergegeven om de aanwijzingen te tonen. (blz.56)
Kies een kader voordat u de opname maakt!
Met de Optio M10 kunt u een kader kiezen en dit weergeven op het scherm voordat u de opname maakt. Zo bent u er zeker van dat het kader perfect aansluit op het onderwerp. (blz.64)
Voor het verfraaien van opnamen met een kader.
Eenvoudig afdrukken zonder computer!
Door de camera met de USB-kabel aan te sluiten op een printer die PictBridge ondersteunt, kunt u opnamen rechtstreeks vanuit de camera afdrukken.
En door de meegeleverde dock-verbinding op een Kodak EasyShare Printer
Dock te plaatsen en de camera op het printerdock te plaatsen, kan iedereen probleemloos opnamen afdrukken met één druk op de knop.
Thuis niet kunnen afdrukken omdat de bediening van de computer te moeilijk is, behoort tot het verleden!
Opnamen eenvoudig afdrukken zonder computer.
13
De inhoud van het pakket controleren
Camera
Optio M10
Draagriem
O-ST51 (*)
Software (CD-ROM)
S-SW48
USB-kabel
I-USB7 (*)
Dock-adapter
O-DI51
AV-kabel
I-AVC7 (*)
Twee AA alkalinebatterijen
Bedieningshandleiding
(deze handleiding)
14
Artikelen die zijn gemarkeerd met een sterretje (*), zijn ook beschikbaar als optionele accessoires.
Zie “Optionele accessoires” (blz.146) voor meer optionele accessoires.
Namen van onderdelen
Voorzijde
Achterzijde
Riembevestiging
Ontspanknop
Omgevingslichtsensor
Flitser
LED zelfontspanner (rood)
Objectief
Microfoon
Klepje van gelijkstroomkoppelingskabel
LCD-monitor
ImageLink-aansluiting
Klep voor batterijen/kaart
Statiefaansluiting
Luidspreker
PC/AV-aansluiting
15
16
Namen van bedieningsonderdelen
Aan/uit-knop
Ontspanknop
Zoom/w/x/f/y knop
Q -knop
Vierwegbesturing
4/W knop
Knop Snelinstelling/i
3 knop
Zie De knopfuncties (blz.42 - blz.45) voor een uitleg van de functie van elke knop.
Monitorindicaties
Normale weergave in de foto-opnamestand
Op het display wordt informatie weergegeven zoals de opnameomstandigheden.
1
2
3
4
6
7
8
9
5
10
11
12
1 Opnamefunctie (blz.51)
2 Flitsfunctie (blz.73)
8 Resterende opslagcapaciteit
3 Transportstand (blz.62, blz.63, blz.64) 9 Batterij-indicatie (blz.22)
4 Scherpstelfunctie (blz.71) 10 Scherpstelkader (blz.38)
5 Pictogram camerabeweging (blz.69)
6 Pictogram digitaal zoomen (blz.66)
7 Geheugenstatus (blz.32)
+ : Intern geheugen
(zonder kaart) a : SD-geheugenkaart r : Kaart is beveiligd tegen schrijven
11 LW-correctie (blz.68)
12 Datum en tijd (blz.36)
Volledige weergave in foto-opnamestand
1
2
3
4
6
M
5
6
7
8
9
1 Helder gedeelte (knippert rood)
2 Donker gedeelte (knippert geel)
3 Sluitertijd
4 Diafragma
5 Opnamepixels (blz.75)
6 Kwaliteit (blz.77)
7 Witbalans (blz.78)
8 Gevoeligheid (blz.81)
9 Histogram (blz.70)
Over de heldere en donkere gedeelten
Als een gedeelte van het onderwerp in het kader zo helder is dat het wit lijkt, knippert het aangegeven gedeelte rood als waarschuwing. Evenzo, als er een gedeelte van het onderwerp zo donker is dat het zwart lijkt, knippert het aangegeven gedeelte geel als waarschuwing.
17
18
Volledige weergave in fotoweergavestand
(Alle beschikbare items worden hier weergeven ten behoeve van de uitleg.)
Het display toont informatie zoals de opnameomstandigheden. A1 tot en met A11 verschijnen wanneer [Normale weergave] of [Histogram + Info] is geselecteerd.
B1 tot en met B9 verschijnen wanneer [Histogram + Info] is geselecteerd. (blz.98)
A11
A1
B1
B2
B3
B4
B5
6
M
A2
A3
A4
A5
A6
A7
A8
B9
B6
B7
B8
A9
A10
A1 Weergavestand (blz.55)
A2 Mapnummer (blz.136)
A3 Bestandsnummer
A4 Pictogram voor beveiliging (blz.108)
A5 Pictogram voor gesproken memo
(blz.128)
A6 Batterij-indicatie (blz.22)
A7 Pictogram voor volume (blz.128)
A8 Geheugenstatus (blz.32)
+ : Intern geheugen
(zonder kaart) a : SD-geheugenkaart r : Kaart is beveiligd tegen schrijven
A10 Bedieningsaanwijzing voor vierwegbesturing
A11 Slotpictogram (blz.58)
B1 Helder gedeelte (knippert rood)
(blz.17)
B2 Opnamepixels (blz.75)
B3 Kwaliteit (blz.77)
B4 Witbalans (blz.78)
B5 Gevoeligheid (blz.81)
B6 Donker gedeelte (knippert geel)
(blz.17)
B7 Sluitertijd
B8 Diafragma
A9 Datum en tijd van de opname (blz.36) B9 Histogram (blz.70)
Bij Normale weergave verdwijnen A6 en A9 als binnen twee seconden geen handeling wordt verricht.
Bedieningsaanwijzingen
Tijdens de bediening verschijnen op de LCD-monitor aanwijzingen voor de bediening van de beschikbare knoppen.
In het volgende overzicht ziet u de aanduidingen van de verschillende knoppen.
Vierwegbesturing (2)
Vierwegbesturing (3)
Vierwegbesturing (4)
Vierwegbesturing (5)
3 knop
2
3
4
5
MENU
Zoomknop
4/W knop
Ontspanknop
Knop Snelinstelling/i
OK
SHUTTER
|, i
Voorbereidingen
De draagriem bevestigen
Bevestig de met de camera meegeleverde draagriem (O-ST51).
2
1
1 Leid het dunne uiteinde van de riem door de riembevestiging.
2 Haal het andere uiteinde door het lusje en trek de riem stevig aan.
1
19
1
De camera van stroom voorzien
1
2
De batterijen plaatsen
Plaats de batterijen in de camera. Gebruik twee batterijen van het type AA alkaline, lithium, Ni-MH of nikkel/mangaan.
1 Open de klep van de batterijen/kaart.
Duw de klep van de batterijen/kaart in de richting van 1 en til de klep open in de richting van 2.
2 Zorg bij het plaatsen van de batterijen dat de poolaanduidingen
(+) en (–) op de batterijen overeenkomen met de aanduidingen
(+) en (–) in het batterijcompartiment.
3 Sluit de klep van de batterijen/kaart en schuif de klep weer op zijn plaats.
20
• Gebruik de (optionele) netvoedingsadapter K-AC51 als u van plan bent de camera langdurig te gebruiken. (blz.23)
• De volgende batterijen zijn niet oplaadbaar: AA alkaline, lithium en nikkel/mangaan.
• Open de klep van de batterijen/kaart niet en neem de batterijen niet uit wanneer de camera aan staat.
• Als u de camera langere tijd niet denkt te gebruiken, verwijder dan de batterijen. Als de batterijen lange tijd in de camera blijven zitten, kunnen ze gaan lekken.
• Als de batterijen lange tijd uit de camera zijn gehaald kan het bericht
[Batterij leeg] verschijnen wanneer u ze terugplaatst en de camera aanzet.
Dit kan ook gebeuren wanneer u de camera voor het eerst gebruikt; dit is echter geen storing. Wacht een minuutje en zet de camera opnieuw aan om hem te resetten. Mogelijk worden hierbij ook de datum en tijd gereset.
• Plaats de batterijen op de juiste wijze. Als de batterijen verkeerd zijn geplaatst, kunnen er storingen optreden of werkt de camera niet. Veeg de contactpunten van de batterijen schoon en plaats de batterijen in de camera.
• Beeldopslagcapaciteit, opnametijd voor filmopnamen, geluidsopnametijd en weergavetijd
(bij temperatuur van 23° C met ingeschakelde LCD-monitor en volledig opgeladen batterijen)
Aantal te maken opnamen en weergavetijd voor verschillende typen batterijen.
Batterijtype
Beeldopslagcapaciteit
*
1
Filmopnametijd* 2
Geluidsopnametijd* 2
Weergavetijd* 2
AA lithiumbatterijen
AA
Ni-MH-batterijen
AA nikkel/mangaanbatterijen
AA alkalinebatterijen
900 opnamen
640 opnamen
430 opnamen
220 opnamen
310 min.
230 min.
120 min.
90 min.
1340 min.
740 min.
540 min.
430 min.
850 min.
660 min.
490 min.
380 min.
*1: Opnamecapaciteit toont bij benadering het aantal opnamen dat is gemaakt tijdens tests die zijn uitgevoerd conform CIPA (met LCD-monitor aan, flitser gebruikt voor 50% van de opnamen en bij 23° C). In de praktijk kan dit afwijken, afhankelijk van de opnameomstandigheden.
*2: Op basis van tests bij Pentax.
1
21
1
• Over het algemeen kunnen de batterijprestaties tijdelijk afnemen als de temperatuur daalt. Neem altijd reservebatterijen mee als u de camera in een koude omgeving gebruikt en houd de batterijen warm door ze in uw zak of jas te doen. Zodra de batterijen weer op kamertemperatuur zijn, hebben ze weer hun normale prestatieniveau.
• Vanwege de eigenschappen van AA alkalinebatterijen kunnen bij gebruik hiervan mogelijk niet alle mogelijkheden van de camera worden benut.
Daarom wordt het gebruik ervan afgeraden, uitgezonderd in noodgevallen.
• Vanwege de eigenschappen van AA alkalinebatterijen en nikkel/mangaanbatterijen kunnen bij gebruik hiervan bij lage temperaturen mogelijk niet alle mogelijkheden van de camera worden benut. Wanneer de camera wordt gebruikt bij lage temperaturen, wordt gebruik van AA-lithiumbatterijen aanbevolen.
• Neem reservebatterijen mee als u naar het buitenland of naar een koud gebied gaat of als u van plan bent veel opnamen te maken.
• Indicatie van het batterijniveau
U kunt het batterijniveau aflezen via de indicatie w op de LCD-monitor.
Schermaanduiding w (groen) x (groen) y (geel) z (rood)
[Batterij leeg]
Batterijstatus
Er is nog voldoende stroom.
De batterijen raken leeg.
De batterijen zijn bijna leeg.
De batterijen zijn uitgeput.
Nadat dit bericht is verschenen, wordt de camera uitgeschakeld.
Vanwege de eigenschappen van AA nikkel/mangaanbatterijen wordt het batterijniveau bij gebruik ervan mogelijk niet correct weergegeven.
# kan worden weergegeven voor het batterijniveau, ook als de batterijen bijna leeg zijn. Ook kan de camera zonder waarschuwing worden uitgeschakeld, zelfs als # wordt weergegeven.
22
Netsnoer
Klepje van gelijkstroomkoppelingskabel
6
Netvoedingsadapter 4
5 3
2
Gelijkstroomkoppelstuk
Kabel van gelijkstroomkoppelstuk
Gelijkstroomingang
Gelijkstroomstekker 1
De netvoedingsadapter gebruiken
Als u van plan bent de camera langdurig te gebruiken of aan te sluiten op een computer, wordt gebruik van de (optionele) netvoedingsadapterset
K-AC51 aanbevolen.
(De netvoedingsadapterset K-AC51 bevat netvoedingsadapter D-AC5, gelijkstroomkoppelstuk D-DC51 en netsnoer D-CO2.)
1 Sluit de gelijkstroomconnector van de netvoedingsadapter aan op de gelijkstroomingang van het gelijkstroomkoppelstuk.
2 Zorg dat de camera is uitgeschakeld en open de klep van de batterij/kaart.
Duw de klep van de batterijen/kaart in de richting van 1 en til de klep open in de richting van 2.
3 Plaats het gelijkstroomkoppelstuk in het batterijcompartiment. Zorg dat de poolaanduidingen (+) en (–) op de koppeling overeenkomen met de aanduidingen (+) en (–) in het batterijcompartiment.
4 Open het klepje van de gelijkstroomkoppelstukkabel, leid de kabel door de opening en sluit de klep van de batterijen/kaart.
Schuif de klep van de batterijen/kaart in de tegenovergestelde richting van 1.
Schuif de klep volledig terug, zodat hij goed gesloten is.
5 Sluit het netsnoer aan op de netvoedingsadapter.
6 Sluit het netsnoer aan op een stopcontact.
1
23
1
• Zorg dat de camera is uitgeschakeld alvorens de netvoedingsadapter aan te sluiten of los te maken.
• Zorg dat het netsnoer en het snoer waarmee de netvoedingsadapter op de camera wordt aangesloten, goed zijn bevestigd. Als er gegevens worden opgenomen, kunnen ze verloren gaan wanneer een van beide snoeren losraakt.
• Voorkom brand of een elektrische schok bij gebruik van de netvoedingsadapter.
Lees eerst “VEILIG GEBRUIK VAN UW CAMERA” (blz.1) alvorens de adapter te gebruiken.
• Lees vóór gebruik van de netvoedingsadapterset K-AC51 eerst de bijbehorende gebruiksaanwijzing.
De netvoedingsadapter gebruiken in het buitenland
De (optionele) netvoedingsadapterset K-AC51 schakelt automatisch over op het voltage (100-240 V) en de frequentie (50/60 Hz) van het elektriciteitsnet in het land of de regio waar u zich bevindt.
De uitvoering van stopcontacten verschilt echter van land tot land. Als u naar het buitenland reist, wordt u geadviseerd te informeren naar het type stopcontact in het land van bestemming (zie “Gangbare soorten stopcontacten in de belangrijkste landen en regio’s in de wereld” (blz.25)) en een adapterstekker van het juiste type mee te nemen.
Adapterstekker
24
Type
• Gebruik van een standaardtransformator kan tot defecten leiden.
• Haal de adapterstekker uit het stopcontact wanneer de adapter niet in gebruik is.
A B BF C S
—
Gangbare soorten stopcontacten in de belangrijkste landen en regio’s in de wereld
Noord-Amerika V.S., Canada
Europa, voormalige
Sovjet-Unie
IJsland, Ierland, Italië, Oekraïne, Oostenrijk,
Nederland, Kazachstan, Griekenland, Zweden,
Denemarken, Duitsland, Noorwegen, Hongarije,
Finland, Frankrijk, Wit-Rusland, België,
Roemenië, Rusland
Azië
Verenigd Koninkrijk
Spanje
Zwitserland, Polen, Portugal
Taiwan, Japan
Sri Lanka, Malediven
Nepal, Bangladesh, Mongolië
Vietnam
India, Indonesië, Pakistan, Macau
Thailand
Korea
Filippijnen
Singapore, Hongkong
China
Maleisië
Oceanië
Midden- en
Zuid-Amerika
Midden-
Oosten
Afrika
Australië, Tonga, Nieuw-Zeeland, Fiji
Guam
Tahiti
Colombia, Jamaica, Haïti, Panama, Bahama’s,
Puerto Rico, Venezuela, Mexico
Brazilië, Peru
Chili
Argentinië
Israël, Iran
Koeweit
Jordanië
Canarische Eilanden, Guinea, Mozambique,
Marokko
Kenia, Zuid-Afrika
Algerije
Egypte
Zambia, Tanzania
A
9
9
9
9
9
9
9 9
9
9
9 9
9
9
9
9
B
9
9
9
9
9
9
9
9 9
9
9
BF
9
9 9
9
9 9
9 9
9
C
9
9
9
9
9
9
9
9
9
9
9
9 9
9
9
9
9 9
9
9
9
S
9
9
9
9
1
25
1
De SD-geheugenkaart plaatsen
Opening
SD-geheugenkaart
1
2
SDgeheugenkaart
Deze camera maakt gebruik van een SD-geheugenkaart. Gemaakte opnamen en geluidsbestanden worden op de SD-geheugenkaart opgeslagen wanneer hij in de camera is geplaatst. Wanneer er geen kaart is geplaatst, worden opnamen opgeslagen in het interne geheugen. (blz.32)
• Een SD-geheugenkaart die niet eerder of in een andere camera is gebruikt, moet eerst in deze camera worden geformatteerd.
Zie “Een SD-geheugenkaart of het interne geheugen formatteren”
(blz.129) voor aanwijzingen over formattering.
• Zet de camera uit voordat u de SD-geheugenkaart plaatst of uitneemt.
De opslagcapaciteit voor opnamen hangt af van de capaciteit van de SD-geheugenkaart, het gekozen aantal opnamepixels en het kwaliteitsniveau. (blz.29)
Kopie van gegevens opslaan
Het is mogelijk dat de camera niet in staat is om gegevens op te halen uit het ingebouwde geheugen in geval van een storing. Sla belangrijke gegevens daarom op uw computer of een ander apparaat op.
26
1 Open de klep van de batterijen/kaart.
Duw de klep van de batterijen/kaart in de richting van 1 en til de klep open in de richting van 2.
2 Plaats de SD-geheugenkaart in de opening voor de SDgeheugenkaart, met het label naar de LCD-monitor gericht.
Duw door tot de kaart op zijn plaats vastklikt. Als de kaart niet helemaal in de camera is geplaatst, worden opnamen en geluiden mogelijk niet correct opgeslagen.
3 Sluit de klep van de batterijen/kaart en schuif de klep weer op zijn plaats.
1
De SD-geheugenkaart uitnemen
1 Open de klep van de batterijen/kaart.
2 Duw de kaart verder in de opening van de SD-geheugenkaart om hem uit te nemen.
Trek de kaart naar buiten.
27
1
Aandachtspunten bij het gebruik van een SD-geheugenkaart
• U kunt de SD-geheugenkaart beveiligen tegen schrijven. Wanneer u de schrijfbeveiliging instelt (het schuifje op LOCK zetten), kunnen er geen nieuwe gegevens worden opgenomen, kunnen de bestaande gegevens niet worden verwijderd en kan de kaart niet worden geformatteerd. r verschijnt op de LCD-
Schrijfbeveiliging monitor wanneer de kaart is beveiligd tegen schrijven.
• Pas op wanneer u de SD-geheugenkaart meteen na gebruik van de camera uitneemt; de kaart kan dan heet zijn.
• Neem de SD-geheugenkaart niet uit en zet de camera niet uit terwijl er gegevens op de kaart worden opgeslagen of opnamen of geluidsbestanden worden weergegeven of wanneer de camera met een USB-kabel is aangesloten op een computer. Hierdoor kunnen de gegevens verloren gaan of kan de kaart beschadigd raken.
• Buig de SD-geheugenkaart niet en stel hem niet bloot aan hevige schokken.
Houd de kaart uit de buurt van water en bewaar hem niet op een plaats met een hoge temperatuur.
• Neem de SD-geheugenkaart niet uit tijdens het formatteren, omdat de kaart hierdoor beschadigd kan raken en onbruikbaar kan worden.
• Onder de volgende omstandigheden kunnen de gegevens op de SD-geheugenkaart worden verwijderd. PENTAX aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid voor verwijderde gegevens.
(1) als de SD-geheugenkaart door de gebruiker verkeerd wordt behandeld.
(2) als de SD-geheugenkaart wordt blootgesteld aan statische elektriciteit of elektrische storingen.
(3) als de kaart lange tijd niet is gebruikt.
(4) wanneer de kaart wordt uitgenomen of de batterijen worden uitgenomen terwijl er gegevens op de kaart worden opgenomen of gelezen.
• De levensduur van de SD-geheugenkaart is eindig. Als de kaart lange tijd niet wordt gebruikt, kunnen de gegevens op de kaart onleesbaar worden. Sla regelmatig een reservekopie van belangrijke gegevens op een computer op.
• Gebruik of bewaar de kaart niet op plaatsen waar hij aan statische elektriciteit of elektrische storingen kan worden blootgesteld.
• Gebruik of bewaar de kaart niet op plaatsen waar hij wordt blootgesteld aan rechtstreeks zonlicht of aan snelle temperatuurschommelingen of condensatie.
• Bij gebruik van een SD-geheugenkaart met een lage opnamesnelheid kan de opname stoppen als u filmopnamen maakt, zelfs wanneer er voldoende ruimte vrij is op de kaart. Ook kan het maken en weergeven van opnamen veel tijd in beslag nemen.
• Wilt u informatie over SD-geheugenkaarten, bezoek dan de website van
PENTAX of neem contact op met het dichtstbijzijnde PENTAX Service Center.
28
Opnamepixels en kwaliteitsniveau van foto’s
Kies het aantal pixels (grootte) en het kwaliteitsniveau (compressiefactor) van foto’s op basis van het gebruiksdoel van de opnamen.
Een hoger kwaliteitsniveau en een groter aantal opnamepixels resulteert in scherpere opnamen voor afdrukken. Doordat de hoeveelheid gegevens toeneemt, neemt echter wel het totale aantal opnamen dat kan worden gemaakt (opgeslagen in het interne geheugen van de camera of op de SD-geheugenkaart) af.
De kwaliteit van de opgenomen foto of de afgedrukte afbeelding is ook afhankelijk van het kwaliteitsniveau, de belichtingscorrectie, de resolutie van de printer en een aantal andere factoren. U hoeft dus niet meer dan het vereiste aantal pixels te selecteren. Als ruwe indicatie is i (1600×1200) voldoende voor het afdrukken van afbeeldingen op ansichtkaartformaat. Raadpleeg de onderstaande tabel voor de juiste instellingen per toepassing.
Geschikt aantal opnamepixels op basis van toepassing
Opnamepixels Toepassing
P 2816×2112 f 2560×1920 g 2304×1728 h 2048×1536 i 1600×1200 l 1024× 768 m 640× 480
Voor het afdrukken van foto’s met hoge kwaliteit of afbeeldingen op A4-formaat, of voor het bewerken van afbeeldingen op een computer.
Voor het maken van afdrukken op ansichtkaartformaat.
Voor plaatsing op een website of meesturen bij e-mailberichten.
De standaardinstelling is P (2816×2112).
Geschikt kwaliteitsniveau op basis van toepassing
C Best
D
E
Beter
Goed
Laagste compressiefactor. Geschikt voor fotoafdrukken.
Standaard compressiefactor. Geschikt voor weergave van opnamen op het beeldscherm van een computer.
Hoogste compressiefactor. Geschikt voor plaatsing op een website of om als bijlage bij e-mailberichten te gebruiken.
De standaardinstelling is D (Beter).
Kies het gewenste aantal opnamepixels en het kwaliteitsniveau voor foto’s in het menu [A Opnemen].
De opnamepixels selecteren 1blz.75
Het kwaliteitsniveau selecteren 1blz.77
1
29
1
Opnamepixels, kwaliteitsniveau en beeldopslagcapaciteit
(Geschat aantal opnamen)
P 2816×2112 f 2560×1920 g 2304×1728 h 2048×1536 i 1600×1200 l 1024× 768 m 640× 480
C (Best)
Intern geheugen
128 MB
7
8
41
49
11
13
62
77
22
43
87
124
244
489
D (Beter)
Intern geheugen
128 MB
14
17
83
95
22
27
124
153
37
74
127
206
412
712
E (Goed)
Intern geheugen
128 MB
22
24
124
137
31
40
178
223
54
93
175
301
522
979
• Bovenstaande waarden kunnen variëren, al naar gelang het onderwerp, opnameomstandigheden, opnamefunctie en SD-geheugenkaart, enz.
30
Opnamepixels en beeldsnelheid van filmopnamen
Kies de opnamepixels en de beeldsnelheid (aantal beeldjes per seconde) op basis van de manier waarop u de filmopnamen gaat gebruiken.
Hoe hoger het aantal opnamepixels, hoe scherper de details worden.
De bestandsgrootte neemt echter navenant toe.
Hoe meer beeldjes per seconde, hoe beter de kwaliteit van de filmopname.
De bestandsgrootte neemt echter navenant toe.
Kies het gewenste aantal opnamepixels en de beeldsnelheid bij [Video] in het menu
[A Opnemen].
Het aantal opnamepixels voor video-opnamen selecteren 1blz.90
De beeldsnelheid selecteren 1blz.92
Geschikt aantal opnamepixels op basis van toepassing
D
(320×240)
E
(160×120)
Geschikt voor weergave van filmopnamen op een computer.
Kleinere bestanden, maar de totale opnametijd neemt toe.
Geschikt voor plaatsing op een website of als bijlage bij e-mail.
De standaardinstelling is D (320×240).
Geschikte beeldsnelheid op basis van toepassing
30 fps
15 fps
Produceert kwalitatief hoogwaardige filmopnamen, maar de totale opnametijd neemt af.
De totale opnametijd neemt toe omdat de bestandsgrootte afneemt.
De standaardinstelling is 30 fps (beeldjes per seconde).
Opnamepixels, beeldsnelheid en opnametijd
D 320×240
E 160×120
30 fps
Intern geheugen
128 MB
33 s
3 min.
6 s
2 min.
7 s
11 min.
51 s
(Geschatte opnametijd)
15 fps
Intern geheugen
1 min.
3 s
3 min.
54 s
128 MB
5 min.
55 s
21 min.
45 s
Geluid
Intern geheugen
128 MB
47 min.
57 s
4 uur
27 min.
19 s
• Bovenstaande cijfers zijn gebaseerd op standaard opnameomstandigheden bij PENTAX. Ze kunnen variëren, al naar gelang het onderwerp, de opnameomstandigheden en het gebruikte type SD-geheugenkaart.
1
31
1
De camera aan- en uitzetten
Aan/uit-knop
32
1 Druk op de aan/uit-knop.
De camera gaat aan en de LCD-monitor wordt ingeschakeld.
Wanneer u camera aanzet, gaat de objectiefbescherming open en schuift het objectief uit.
Als bij inschakeling van de camera het scherm voor selectie van de taal of voor instelling van de datum verschijnt, volgt u de procedure op pagina blz.34 om de weergavetaal en/of de huidige datum en tijd in te stellen.
2 Druk nogmaals op de aan/uit-knop.
De camera gaat uit, de LCD-monitor gaat uit en het objectief schuift in.
Opnamen maken 1blz.57
De geheugenkaart controleren
De geheugenkaart wordt automatisch gecontroleerd bij inschakeling van de camera. + verschijnt op de
LCD-monitor wanneer er geen SD-geheugenkaart in de camera is geplaatst. In dat geval worden opnamen en geluidsbestanden opgeslagen in het interne geheugen.
Er verschijnt r in plaats van a als de schrijfbeveiliging van de SD-geheugenkaart vergrendeld is. Als de schrijfbeveiliging vergrendeld is, kan er geen beeld en geluid worden opgeslagen.
Geheugenstatus
Als de batterijen lange tijd uit de camera zijn gehaald kan het bericht [Batterij leeg] verschijnen wanneer u ze terugplaatst en de camera aanzet. Dit kan ook gebeuren wanneer u de camera voor het eerst gebruikt; dit is echter geen storing. Wacht een minuutje en zet de camera opnieuw aan om hem te resetten. Mogelijk worden hierbij ook de datum en tijd gereset.
Volg de procedure op blz.36 om deze instellingen opnieuw in te stellen.
Aan/uit-knop
Q -knop
De stand Alleen weergeven
Wanneer het objectief is ingeschoven, is de stand Alleen weergeven de weergavestand.
Met deze functie kunt u een opname of geluidsbestand meteen weergeven zonder verdere opnamen te maken. Bij een druk op de ontspanknop wordt A niet geactiveerd.
1 Druk op de aan/uit-knop terwijl u de Q knop ingedrukt houdt.
De LCD-monitor wordt ingeschakeld terwijl het objectief ingeschoven is.
De camera wordt ingeschakeld in de stand Alleen weergeven.
• Om van de stand Alleen weergeven naar de functie A te gaan, zet u de camera uit en weer aan.
• In de opnamestand houdt u de knop Q meer dan twee seconden ingedrukt.
De weergavestand wordt geactiveerd en het objectief schuift in. Deze stand is niet hetzelfde als de stand Alleen weergeven. Als u nogmaals op de knop
Q drukt of op de ontspanknop drukt, wordt de opnamestand weer geactiveerd.
Foto’s weergeven 1blz.40
1
33
Standaardinstellingen
1
Stel na aankoop van de camera de taal, datum en tijd in voordat u foto’s gaat maken.
Aan/uit-knop
Vierwegbesturing
4 knop
3 knop
Het scherm voor selectie van de taal verschijnt nadat de camera voor de eerste keer is ingeschakeld. Voer de stappen uit onder “De weergavetaal instellen” hieronder om de taal in te stellen en onder “De datum en tijd instellen” (blz.36) om de huidige datum en tijd in te stellen.
Ga naar “De datum en tijd instellen” (blz.36) wanneer het scherm Datum instellen verschijnt..
Taal, datum en tijd kunnen worden gewijzigd. Raadpleeg de pagina’s hierna voor instructies.
• De taal wijzigt u door de stappen onder “De weergavetaal wijzigen”
(1blz.135) uit te voeren.
• De datum en tijd wijzigt u door de stappen onder “De datum en tijd wijzigen”
(1blz.133) uit te voeren.
De weergavetaal instellen
1 Kies de schermtaal
met de vierwegbesturing (2345).
E n g l i s h
F r a n c a i s
N e d e r l a n d s
D e u t s c h
E s p a ñ o l
I t a l i a n o
S v e n s k a
2 Druk op de knop 4.
MENU S t o p OK O K
Het scherm Datum instellen verschijnt.
Voer de stappen in “De datum en tijd instellen” (blz.36-37) uit om de datumweergave en de huidige datum en tijd in te stellen.
34
Als de knop 4 per abuis werd ingedrukt in een andere taal, voer dan de volgende stappen uit om de taal terug te zetten.
1 Druk één keer op de knop 4.
2 Druk op de knop 3.
3 Druk op de vierwegbesturing (5).
4 Selecteer [Language/ ] met de vierwegbesturing (23).
5 Druk op de vierwegbesturing (5).
Het scherm Language/ verschijnt.
6 Selecteer de taal met de vierwegbesturing (2345).
7 Druk op de 4 knop.
Het scherm [u Instelling] voor de ingestelde taal verschijnt.
De gewenste taal is nu ingesteld.
De datum en tijd zijn ingesteld in overeenstemming met de abusievelijk ingestelde taal. Volg de stappen in “De datum en tijd wijzigen” (blz.133) om de actuele datum en tijd in te stellen.
1
35
1
De datum en tijd instellen
Stel de actuele datum en tijd en de weergavestijl in.
1 Druk op de vierwegbesturing (5).
Het kader gaat naar [MM/DD/JJ].
2 Kies met de vierwegbesturing (23) de weergavestijl voor de datum en tijd.
D a t u m i n s t e l l e n
Datumweergave DD MM JJ 24h
D a t u m
Ti j d
0 1 / 0 1 / 2 0 0 6
0 : 0 0
MENU S t o p OK O K
3 Druk op de vierwegbesturing (5).
Het kader gaat naar [24h].
4 Selecteer [24 h] (24-uurs weergave) of [12 h] (12-uurs weergave)
met de vierwegbesturing (23).
5 Druk op de vierwegbesturing (5).
Het kader gaat terug naar [Datumweergave].
6 Druk op de vierwegbesturing (3).
Het kader gaat naar [Datum].
D a t u m i n s t e l l e n
Datumweergave
D a t u m
Ti j d
MENU S t o p
24h
0 1 / 0 1 / 2 0 0 6
0 : 0 0
OK O K
D a t u m i n s t e l l e n
Datumweergave
D a t u m
Ti j d
MENU S t o p
24h
0 1 / 0 1 / 2 0 0 6
0 : 0 0
OK O K
7 Druk op de vierwegbesturing (5).
Het kader gaat naar de maand.
8 Wijzig de maand
met de vierwegbesturing (23).
D a t u m i n s t e l l e n
Datumweergave
D a t u m
Wijzig de dag en het jaar op dezelfde wijze.
Wijzig vervolgens de tijd.
Als u [12 h] heeft geselecteerd bij stap 4, verandert de aanduiding in am (vóór 12:00 uur ’s middags)
Ti j d
MENU S t o p of pm (na 12:00 uur ’s middags), al naar gelang de tijd.
0 1 / 0 1 / 2006
0 : 0 0
24h
OK O K
36
9 Druk op de knop 4.
De camera gaat terug naar de opnamestand.
Taal, datum en tijd kunnen worden gewijzigd. Raadpleeg de pagina’s hierna voor instructies.
• De taal wijzigt u door de stappen onder “De weergavetaal wijzigen”
(1blz.135) uit te voeren.
• De datum en tijd wijzigt u door de stappen onder “De datum en tijd wijzigen”
(1blz.133) uit te voeren.
Wanneer het scherm Basisinstellingen of Datum instellen verschijnt, kunt u het instellen annuleren en overgaan naar de opnamestand door op de knop
3 te drukken. In dat geval verschijnt het scherm Basisinstellingen de volgende keer dat u de camera aanzet.
Als u in stap 9 op de knop 4 drukt, wordt de klok van de camera teruggezet op 00 seconden. Om de exacte tijd in te stellen, drukt u op de knop 4 wanneer het tijdsignaal (op tv, radio, enz.) precies 00 seconden aangeeft.
Het videosignaal is ingesteld op het systeem van het land of de regio zoals geselecteerd in
[Language/ ] op het scherm Basisinstellingen. U kunt deze instelling wijzigen. (blz.138)
1
37
Snel aan de slag
Foto’s maken
Aan/uit-knop
Ontspanknop
Zoom/w/x knop 2
38
De standaardprocedure voor het maken van foto’s wordt hierna beschreven.
Afhankelijk van de lichtomstandigheden gaat de flitser automatisch af.
1 Druk op de aan/uit-knop.
De camera wordt ingeschakeld en is gereed voor het maken van foto’s. In deze handleiding wordt dit de foto-opnamestand genoemd.
2 Controleer het onderwerp en de opnamegegevens op de LCD-monitor.
Het scherpstelkader in het midden van de LCDmonitor geeft de zone aan waarin automatisch wordt scherpgesteld.
Scherpstelkader
U kunt het opnamegebied wijzigen door de Zoom/w/x knop naar links of rechts te drukken.
x : maakt het onderwerp groter w : verbreedt het opnamegebied dat de camera vastlegt
3 Druk de ontspanknop tot halverwege in.
Het scherpstelkader op de LCD-monitor wordt groen als het onderwerp is scherpgesteld.
4 Druk de ontspanknop helemaal in.
De opname wordt gemaakt.
De opname verschijnt één seconde op de LCD-monitor (momentcontrole) en wordt vervolgens opgeslagen op de SD-geheugenkaart of in het interne geheugen. (blz.39)
Druk op de knop Snelinstelling om de groene stand te activeren en de camera automatisch alle opnamefuncties te laten instellen. Selectie van de groene stand is de makkelijkste manier om gegarandeerd geslaagde opnamen te maken. (blz.58)
De ontspanknop gebruiken
De ontspanknop werkt in twee stappen, en wel als volgt.
Tot halverwege indrukken
De scherpstelling, belichting en witbalans worden vergrendeld wanneer de ontspanknop tot halverwege wordt ingedrukt. Wanneer de ontspanknop tot halverwege wordt ingedrukt en de camera heeft scherpgesteld op het onderwerp, wordt het scherpstelkader op de LCD-monitor groen. Wanneer er niet op het onderwerp is scherpgesteld, is dit scherpstelkader rood.
Volledig indrukken
Druk de ontspanknop helemaal in om de opname te maken.
[Ongunstige omstandigheden voor het scherpstellen]
Onder de volgende omstandigheden kan de camera mogelijk niet scherpstellen.
Vergrendel in dat geval de scherpstelling op een voorwerp dat zich op dezelfde afstand bevindt als het onderwerp (door de ontspanknop tot halverwege in te drukken), richt de camera op het onderwerp en druk de ontspanknop helemaal in.
• Onderwerpen met weinig contrast, zoals een blauwe hemel of een witte muur
• Donkere plaatsen of onderwerpen, dan wel omstandigheden waaronder weinig tot geen licht wordt weerkaatst
• Horizontale lijnen of fijnmazige patronen
• Snel bewegende voorwerpen
• Een voorwerp op de voorgrond en een op de achtergrond in dezelfde opname
• Sterk weerkaatst licht of sterk tegenlicht (lichte achtergrond)
2
Momentcontrole
De opname verschijnt één seconde lang op de LCD-monitor (momentcontrole) meteen nadat hij is gemaakt. U kunt de tijd voor de momentcontrole wijzigen. (blz.82)
Tijdens de momentcontrole kunt u de opname wissen door te drukken op de knop i.
39
2
Snel aan de slag
Foto’s weergeven
Ontspanknop
Q -knop
Vierwegbesturing
Opnamen weergeven
1 Druk na het maken van een opname
op de Q knop.
De opname verschijnt op de LCD-monitor.
In deze handleiding wordt dit de Q-stand
(weergavestand) genoemd. Weergave van één opname op ware grootte in de Q-stand
(standaardinstelling van de Q-stand) wordt enkelbeeldweergave genoemd.
Druk nogmaals op de Q-knop in de Q-stand of druk de ontspanknop tot halverwege in om over te schakelen op de A-stand.
Bestandsnummer
De vorige of volgende opname weergeven
1 Druk na het maken van een opname op de Q-knop.
De opname verschijnt op de LCD-monitor.
2 Druk op de vierwegbesturing (45).
De vorige of volgende opname verschijnt.
40
3 knop
Q -knop
Vierwegbesturing
4 knop
Knop i
De weergegeven opname roteren
1 Druk na het maken van een opname op de Q-knop.
De opname verschijnt op de LCD-monitor.
2 Druk op de vierwegbesturing (3).
Het weergavestandpalet verschijnt.
3 Selecteer s (Beeldrotatie)
met de vierwegbesturing (2345).
4 Druk op de knop 4.
Bij elke druk op de knop wordt de opname
90 graden met de klok mee (rechtsom) gedraaid.
5 Druk twee keer op de knop 3.
De geroteerde opname verschijnt.
MENU OK
• Filmopnamen kunnen niet worden geroteerd.
• Beveiligde opnamen kunnen worden geroteerd, maar kunnen niet worden opgeslagen in de geroteerde stand.
De weergegeven opname wissen
Druk op de knop (i) terwijl de opname wordt weergegeven om het scherm Wissen op te roepen.
Selecteer [Wissen] met de vierwegbesturing (2) en druk op de knop 4. (blz.103)
W i s s e n
O n d e r b r e k e n
OK
2
41
Veel voorkomende handelingen
De knopfuncties
1
2
3
3
7
8
4
5
6
A
-stand
1 Aan/uit-knop
Hiermee schakelt u de camera uit. (blz.32)
2 Ontspanknop
Wanneer u deze knop tot halverwege indrukt in de foto-opnamestand, stelt de camera scherp op het onderwerp. (Uitgezonderd in de stand s en \). (blz.38)
Wanneer u deze knop helemaal indrukt, wordt een foto gemaakt. (blz.38)
Hiermee start en stopt u video-opnamen in de stand C. (blz.88)
Hiermee start en stopt u geluidsopnamen in de stand O. (blz.124)
3 Zoom/w/x/f/y knop
Hiermee wijzigt u het opnamegebied. (blz.66)
4 Q knop
Hiermee activeert u de stand Q. (blz.93)
42
5 Vierwegbesturing
(2)
(3)
: Hiermee wijzigt u de transportstand. (blz.62, blz.63, blz.64)
: Hiermee geeft u het opnamestandpalet weer. (blz.51)
(4)
(5)
: Hiermee wijzigt u de flitsinstelling. (blz.73)
: Hiermee wijzigt u de scherpstelinstelling. (blz.71)
(23) : Hiermee past u \ aan in de stand \. (blz.72)
6 4/W knop
Hiermee wijzigt u de informatie die op de LCD-monitor verschijnt. (blz.69)
7 Knop Snelinstelling
Hiermee activeert u de stand Snelinstelling. (blz.58)
Geeft een uitleg weer van de geselecteerde functie in het opnamestandpalet. (blz.56)
8 3 knop
Hiermee geeft u het menu [A Opnemen] weer. (blz.46)
3
43
1
2
3
3
7
8
4
5
6
Q
-stand
1 Aan/uit-knop
Hiermee schakelt u de camera uit. (blz.32)
2 Ontspanknop
Wanneer u deze knop tot halverwege indrukt, activeert u de stand A. (blz.93)
3 Zoom/f/y knop
Hiermee gaat u van de weergave van één opname naar de weergave van negen opnamen wanneer u op f drukt en naar de mapweergave wanneer u nogmaals op f drukt. Hiermee gaat u terug naar de vorige weergave wanneer u op y drukt. (blz.94)
Hiermee vergroot u de opname wanneer u op y drukt in de weergave van één opname. Hiermee gaat u terug naar de vorige weergave wanneer u op f drukt. (blz.96)
Hiermee kunt u het volume aanpassen tijdens het afspelen van video-opnamen.
(blz.101, blz.126)
4 Q knop
Hiermee activeert u de stand A. (blz.93)
44
5 Vierwegbesturing
(2) : Hiermee speelt u een video-opname of geluidsbestand af of onderbreekt u de weergave van een video-opname
(3)
(45) of geluidsbestand. (blz.101, blz.126)
: Hiermee geeft u het weergavestandpalet weer. (blz.56)
Hiermee stopt u het afspelen van een video-opname of geluidsbestand. (blz.101, blz.126)
: Hiermee geeft u de vorige of volgende opname en het geluidsbestand weer bij de weergave van één opname. (blz.40)
Hiermee speelt u een video-opname beeldje voor beeldje vooruit of achteruit af en spoelt u een video-opname terug tijdens het afspelen. (blz.101)
Hiermee spoelt u een geluidsbestand vooruit of achteruit en gaat u naar een index bij het afspelen van een geluidsbestand. (blz.126)
(2345) : Hiermee verplaatst u het weergavegebied tijdens de zoomweergave.
(blz.96)
Hiermee selecteert u een opname in de weergave van negen opnamen of een map in de mapweergave. (blz.94)
6 4/W knop
Hiermee wijzigt u de informatie die op de LCD-monitor verschijnt. (blz.98)
Hiermee gaat u terug van zoomweergave of weergave van negen opnamen naar weergave van één opname. (blz.94, blz.96)
Hiermee gaat u tijdens de mapweergave naar de weergave van negen opnamen van de geselecteerde map. (blz.95)
7 Snelinstelling/i knop
Hiermee gaat u van de weergave van negen opnamen naar het scherm Wissen.
(blz.103)
Hiermee gaat u van de weergave van negen opnamen naar het scherm
Kiezen & Wissen. (blz.105)
Hiermee geeft u een bedieningsaanwijzing weer van de functie die is geselecteerd in het weergavestandpalet. (blz.56)
8 3 knop
Hiermee roept u het menu [H Instelling] op tijdens de weergave van één opname.
(blz.46)
Hiermee gaat u van de weergave van het weergavestandpalet terug naar de weergave van één opname. (blz.55)
Hiermee gaat u terug van zoomweergave of weergave van negen opnamen naar weergave van één opname. (blz.94, blz.96)
Hiermee gaat u tijdens de mapweergave naar de weergave van negen opnamen van de geselecteerde map. (blz.95)
3
45
De camerafuncties instellen
3
Om de camera-instellingen te wijzigen, drukt u op de knop 3 om het menu
[A Opnemen] of [u Instelling] op te roepen. Menu’s voor het weergeven en bewerken van opnamen en geluidsbestanden staan in het weergavestandpalet.
Instellen met de menu’s
Door in de stand A op de knop 3 te drukken, roept u het menu [A Opnemen] op.
Door in de stand Q op de knop 3 te drukken, roept u het menu [H Instelling] op.
Tijdens opname Tijdens weergave
MENU
O p n e m e n
6
M
AWB
ISO
AUTO
O p n a m e p i x e l s
Kwaliteitsniveau
Wi t b a l a n s
A F - v e l d
G e v o e l i g h e i d
1 / 3
MENU E i n d e
MENU
I n s t e l l i n g
F o r m a t t e r e n
G e l u i d
O p s t a r t s c h e r m
D a t u m i n s t e l l e n
1 / 3
2 5 / 0 3 / 2 0 0 6
N e d e r l a n d s
MENU E i n d e
46
O p n e m e n
6
M
AWB
ISO
AUTO
O p n a m e p i x e l s
Kwaliteitsniveau
Wi t b a l a n s
A F - v e l d
G e v o e l i g h e i d
1 / 3
6
M
MENU E i n d e
SHUTTER
Tot halverwege indrukken
De instelling is gereed en de camera keert terug naar de stand A
MENU
,
OK of
I n s t e l l i n g
F o r m a t t e r e n
G e l u i d
O p s t a r t s c h e r m
D a t u m i n s t e l l e n
1 / 3
2 5 / 0 3 / 2 0 0 6
N e d e r l a n d s
MENU E i n d e
De instelling is gereed en de camera keert terug naar de stand Q
Tijdens het gebruik van het menu verschijnen op de LCD-monitor aanwijzingen voor de bediening van de beschikbare knoppen.
Voorbeeld: [Kwaliteitsniveau] instellen in het menu [A Opnemen]
1 Druk in de stand A op de knop 3.
O p n e m e n
Het menu [A Opnemen] verschijnt.
6 M O p n a m e p i x e l s
2 Druk op de vierwegbesturing (3).
Kwaliteitsniveau
Het kader gaat naar [Opnamepixels].
AWB Wi t b a l a n s
A F - v e l d
ISO
AUTO
G e v o e l i g h e i d
1 / 3
MENU
3 Druk op de vierwegbesturing (3).
Het kader gaat naar [Kwaliteitsniveau].
6 M O p n a m e p i x e l s
Kwaliteitsniveau
AWB Wi t b a l a n s
A F - v e l d
ISO
AUTO
G e v o e l i g h e i d
MENU
O p n e m e n 1 / 3
4 Druk op de vierwegbesturing (5).
Er verschijnt een afrolmenu met de onderdelen die kunnen worden geselecteerd.
In het afrolmenu zijn alleen die onderdelen te zien die kunnen worden geselecteerd met de huidige camera-instellingen.
5 Wijzig de instelling
met de vierwegbesturing (23).
6
M O p n a m e p i x e l s
Kwaliteitsniveau
AWB Wi t b a l a n s
A F - v e l d
ISO
AUTO
G e v o e l i g h e i d
MENU
O p n e m e n 1 / 3
OK
Bij elke druk op de vierwegbesturing (23) verandert het kwaliteitsniveau.
Zie de volgende pagina voor instructies aangaande het opslaan van instellingen en het annuleren van wijzigingen.
3
47
De instelling opslaan en beginnen met het maken van opnamen
6 Druk de ontspanknop tot halverwege in.
De instelling wordt opgeslagen en de camera gaat terug naar de opnamestatus.
Wanneer u de ontspanknop volledig indrukt, wordt de opname gemaakt.
De instelling opslaan en beginnen met de weergave van opnamen
6 Druk op de knop Q.
De instelling wordt opgeslagen en de camera gaat terug naar de weergavestatus.
3
De instelling opslaan en doorgaan met het menu
6 Druk op de knop 4 of de vierwegbesturing (4).
De instelling wordt opgeslagen en het scherm gaat terug naar stap 3.
De wijzigingen annuleren en doorgaan met het menu
6 Druk op de knop 3.
De wijzigingen worden geannuleerd en het scherm gaat terug naar stap 3.
De werking van de knop 3 verschilt, afhankelijk van het scherm.
Zie de bedieningsaanwijzingen.
MENU
MENU
Einde : Hiermee verlaat u het menu en gaat u terug naar het oorspronkelijke scherm.
: Hiermee gaat u terug naar stap 3 met de huidige instelling.
MENU
Onderbreken : Hiermee annuleert u de huidige selectie, verlaat u het menu en gaat u terug naar stap 3.
48
Menulijst
Toont de onderdelen die met de menu’s kunnen worden ingesteld; bij elk onderdeel staat een beschrijving. Zie ook de extra lijst met standaardinstellingen in de bijlage
(“Basisinstellingen” (blz.142)). U kunt aangeven of u de instellingen wilt opslaan als u de camera uitzet of dat de standaardinstellingen worden hersteld als de camera opnieuw wordt ingeschakeld.
Menu [A Opnemen]
Dit menu bevat functies die betrekking hebben op het maken van foto’s en video-opnamen.
Onderdeel
Opnamepixels
Kwaliteitsniveau
Witbalans
AF-veld
Beschrijving
Keuze van het aantal opnamepixels voor foto’s
Bladzijde blz.75
Keuze van het kwaliteitsniveau voor foto’s blz.77
Aanpassing van de witbalans aan de lichtomstandigheden blz.78
Wijziging van het autofocusgebied blz.80
Gevoeligheid Instelling van de gevoeligheid
Belichtingscorrectie Aanpassing van de algehele helderheid van de opname blz.81
blz.68
Opnamepixels Keuze van het aantal opnamepixels voor video-opnamen blz.90
Beeldsnelheid Instelling van de beeldsnelheid (aantal beeldjes per seconde) blz.92
Kleurinstelling Keuze van een kleurinstelling voor video-opnamen
Digitale zoom Keuze voor al dan niet gebruiken van de digitale zoomfunctie blz.91
blz.67
Momentcontrole
Geheugen
Instelling van de tijd voor de momentcontrole
De keuze of u de gewijzigde instellingen van de opnamefunctie wilt opslaan of de basisinstellingen wilt herstellen als de camera wordt uitgezet blz.82
blz.86
Scherpte
Kleurverzadiging
Contrast
Bepalen of de opname scherpe of zachte contouren moet hebben
Instelling van de kleurverzadiging
Instelling van het niveau van het opnamecontrast blz.83
blz.84
blz.85
3
Gebruik Snelinstelling om makkelijk opnamen te maken met de standaardinstellingen, onafhankelijk van de instellingen in het menu [A Opnemen]. (blz.58)
49
3
Menu [u Instelling]
Onderdeel
Formatteren
Geluid
Opstartscherm
Datum instellen
Beschrijving Bladzijde
Formatteren van de SD-geheugenkaart of het interne geheugen blz.129
Aanpassing van het weergavevolume en instelling van het geluid voor het starten, de sluiter, belangrijke handelingen en de zelfontspanner
Instelling van het startscherm blz.130
blz.132
Aanpassing van de datum, tijd en datum- en tijdweergavestijl blz.133
Language/
Bestandsnaam
Instelling van de taal waarin menu’s en berichten worden weergegeven
Keuze van de manier waarop namen worden toegewezen aan mappen voor het opslaan van opnamen en geluidsbestanden blz.135
blz.136
USB-aansluiting Instelling van de USB-aansluiting (op PC of printer)
Videosignaal blz.137
Instelling van het uitgangssignaal instellen voor AV-apparatuur blz.138
blz.139
Automatisch uitschakelen
Snel zoomen
Reset
Instelling van de wachttijd voor automatische uitschakeling van de camera
Weergave van een opname op maximale uitvergroting door op y op de Zoom/f/y knop te drukken tijdens de weergave van foto’s
Herstellen van de basisinstellingen, uitgezonderd datum en tijd, taal en videosignaal blz.140
blz.97
blz.141
50
1, 2
3
De opnamefunctie instellen
De Optio M10 heeft een groot aantal opnamefuncties waarmee u in verschillende situaties foto’s, video-opnamen en geluidsopnamen kunt maken door de gewenste stand voor de betreffende situatie te kiezen in het opnamestandpalet.
1 Druk in de stand A op de vierwegbesturing (3).
Het opnamestandpalet verschijnt.
2 Kies een opnamefunctie
met de vierwegbesturing (2345).
Als u een opnamefunctie kiest en op de knop
Snelinstelling drukt, verschijnt er een bedieningsaanwijzing voor de opnamefunctie. (blz.56)
3
MENU OK
3 Druk op de knop 4.
De opnamefunctie wordt geselecteerd en de camera gaat terug naar de opnamestatus.
• Flitser, scherpstelling, kleurverzadiging, contrast, scherpte, witbalans, e.d. worden automatisch op de optimale waarde voor elke functie ingesteld, behalve bij de opnamefuncties R, C en O.
• Sommige functies zijn mogelijk niet beschikbaar of werken niet volledig, afhankelijk van de opnamefunctie. Zie “Beschikbare functies voor elke opnamefunctie” (blz.145) voor bijzonderheden.
• Zelfs als u de vierwegbesturing (3) indrukt wanneer de scherpstelinstelling op \ is ingesteld, verschijnt het opnamestandpalet niet.
51
Er zijn 15 opnamefuncties beschikbaar.
1 R Programma
De basisfunctie voor het maken van opnamen. U kunt de instellingen laten verrichten door de camera of zelf kiezen uit uiteenlopende functies. (blz.57)
2 A Nachtopname
Ideaal voor het maken van opnamen in het donker.
Bij deze functie kunt u het best een statief gebruiken.
Gebruik de flitser als er mensen op de opname staan. (blz.60)
3
3 C Video
Met deze functie kunt u video-opnamen maken. Er wordt gelijktijdig geluid opgenomen. (blz.88)
4 O Geluidsopname
Met deze functie kunt u geluidsopnamen maken. Zorg ervoor dat u de microfoon onder het objectief niet afdekt met uw hand. (blz.124)
5 X Soft
Voor het maken van opnamen met zachte, wazige contouren.
6 q Landschap
Met deze functie maakt u landschapopnamen.
De scherptediepte bestrijkt een groot gebied.
7 < Bloemen
Met deze functie maakt u heldere, kleurrijke opnamen van bloemen met zachte contouren.
52
8 I Portret
Met deze functie maakt u opnamen van mensen.
Uw onderwerp ziet er helder en gezond uit.
9 i Strand & sneeuw
Voor het maken van opnamen met verblindende achtergronden, zoals een strand of besneeuwde bergen.
0 \ Sport
Ideaal voor het maken van actiefoto’s met snelle beweging. De camera blijft scherpstellen op het bewegende onderwerp tot de ontspanknop wordt ingedrukt.
a Q Kinderen
Ideaal voor het maken van foto’s van druk bewegende kinderen. Laat uw onderwerp er fris en gezond uitzien.
b E Huisdier
Ideaal voor het maken van opnamen van huisdieren.
De camera blijft scherpstellen op het bewegende huisdier tot de ontspanknop wordt ingedrukt. U kunt instellingen selecteren voor de kleur van de vacht van uw huisdier. (blz.61) c y Vuurwerk
Met deze functie maakt u spectaculaire opnamen van vuurwerk. U kunt het best een statief gebruiken, omdat de sluitertijd vast is ingesteld op 4 s. (blz.60)
3
53
d D Eten & drinken
Met deze functie maakt u opnamen van eten en drinken. De verhoogde kleurverzadiging zorgt voor een heldere, levendige weergave.
3 e S Zelfportret
Met deze functie kunt u opnamen maken van uzelf, al dan niet met anderen. De camera past de scherpstelling en de kleur aan.
54
De weergavefunctie instellen
Druk op de vierwegbesturing (3) in de weergavestand om het weergavestandpalet op te roepen.
U kunt de gewenste weergavefunctie weergeven door met de vierwegbesturing
(2345) een pictogram te kiezen en op de knop 4 te drukken.
3
MENU
MENU OK
SHUTTER
Tot halverwege indrukken
MENU
OK
OK
Sluit het weergavestandpalet en ga naar de stand A.
O p n a m e p i x e l s 6 M
MENU OK
Ga naar het scherm voor de geselecteerde weergavefunctie.
55
3
Weergavestandpalet
Onderdeel Beschrijving Bladzijde u Diavoorstelling Doorlopende weergave van opgeslagen opnamen blz.99
n Formaat wijzigen Wijziging van de opnamepixels en kwaliteit van opnamen blz.110
o Uitsnijden Een niet-benodigd deel van een opname verwijderen blz.112
p
Kopieer beeld/geluid
Voor het kopiëren van opnamen en geluidsbestanden kopiëren van het interne geheugen naar de SD-geheugenkaart en vice versa.
blz.113
blz.41
s Beeldrotatie Voor het roteren van foto’s
\ Memo recorder Toevoeging van een gesproken memo aan foto’s
Z Beveiligen
Beveiliging van opnamen en geluidsbestanden tegen onbedoeld verwijderen blz.127
blz.108
r DPOF Instelling van de DPOF-afdrukgegevens voor foto’s blz.115
Een overzicht van de opnamestand en de weergavestand weergeven
Als u een functie selecteert in het opname- of weergavestandpalet en op de knop
Snelinstelling drukt, verschijnt er een uitleg van het geselecteerde onderdeel.
1 Druk in de stand A op de vierwegbesturing (3).
Het opnamestandpalet verschijnt.
Druk op de vierwegbesturing (3) in de stand Q om het weergavestandpalet op te roepen.
2 Kies een opnamefunctie
met de vierwegbesturing (2345).
56
MENU OK
3 Druk op de knop Snelinstelling.
Er verschijnt een bedieningsaanwijzing voor de geselecteerde opnamefunctie.
4 Druk op de knop 4.
De camera gaat terug naar de opnamestatus met de geselecteerde opnamefunctie.
Vastleggen van landschapopnames
De camera stelt scherp op oneindig.
OK
Druk op de knop Snelinstelling terwijl het overzicht wordt weergegeven om terug te gaan naar het opnamestandpalet of het weergavestandpalet.
Opnamen maken
Opnamen maken
1
3, 4
De camera de optimale instellingen laten kiezen
(Programmafunctie)
In de stand R (Programma) stelt de camera automatisch de sluitertijd en het diafragma in voor het maken van foto’s. U kunt wel andere functies selecteren, zoals de flitsfunctie of de opnamepixels.
1 Druk op de aan/uit-knop.
De camera gaat aan en is klaar om foto’s te maken.
2 Stel de functies in die u wilt gebruiken.
Zie “De opnamefuncties instellen” (blz.71 - blz.85) voor meer informatie over het instellen van de functies.
3 Druk de ontspanknop tot halverwege in.
Het scherpstelkader op de LCD-monitor wordt groen als het onderwerp is scherpgesteld.
4 Druk de ontspanknop helemaal in.
De opname wordt gemaakt.
Als er een andere opnamefunctie dan R is geselecteerd, selecteert u R in het opnamestandpalet. (blz.51)
R
4
Foto’s maken 1blz.38
57
2, 3
1
4
A
Opnamen maken in de basisstand (Snelinstelling)
In de Snelinstelling kunt u eenvoudig opnamen maken met de standaardinstellingen*, ongeacht de instellingen in het menu [A Opnemen].
1 Druk op de knop Snelinstelling
in de stand A.
Snelinstelling wordt geactiveerd.
Druk nogmaals op de Snelinstellingsknop om terug te gaan naar de stand die actief was voordat Snelinstelling werd geselecteerd.
2 Druk de ontspanknop tot halverwege in.
Het scherpstelkader op de LCD-monitor wordt groen als het onderwerp is scherpgesteld.
3 Druk de ontspanknop helemaal in.
De opname wordt gemaakt.
Slotpictogram
• In de Snelinstelling kunt u de informatie op de LCD-monitor niet wijzigen door op de knop 4/W te drukken.
• In de Snelinstelling zijn het menu [A Opnemen] en het opnamestandpalet niet beschikbaar. Als u probeert het menu [A Opnemen] of het opnamestandpalet weer te geven, verschijnt - (slotpictogram).
• Als u vanuit de Snelinstelling bent overgeschakeld naar de stand Q, kunt u het menu [H Instelling] niet weergeven door te drukken op de knop 3.
Als u probeert het menu [H Instelling] weer te geven, verschijnt - (slotpictogram).
• Als de camera wordt uitgeschakeld in de Snelinstelling, is Snelinstelling weer actief wanneer de camera opnieuw wordt ingeschakeld.
58
* De instellingen van Snelinstelling worden hierna aangegeven.
Flitsinstelling
Transportstand
Scherpstelinstelling
Informatieweergave
Opnamepixels
Kwaliteitsniveau
Witbalans
AF-veld
Gevoeligheid
Belichtingscorrectie
Digitale zoom
Momentcontrole
Scherpte
Kleurverzadiging
Contrast
, (automatisch)
9 (standaard)
= (standaard)
Standaard
P (h voor kaderfunctie)
D (Beter)
F (automatisch)
J (meervoudig scherpstelpunt)
Automatisch
±0.0
O (aan)
1 s
G (standaard)
G (standaard)
G (standaard)
4
59
4, 5
1, 2
3
4
A y
Opnamen maken in het donker
(Nachtopname/Vuurwerk)
U kunt instellingen opgeven die geschikt zijn voor het maken van opnamen in het donker, zoals nachtlandschappen.
A Gebruik deze stand wanneer u nachtelijke foto’s maakt.
y In deze stand kunt u spectaculaire opnamen van vuurwerk maken.
1 Druk in de stand A op de vierwegbesturing (3).
Het opnamestandpalet verschijnt.
2 Selecteer A (Nachtopname) of y (Vuurwerk)
met de vierwegbesturing (2345).
3 Druk op de knop 4.
De opnamefunctie wordt geselecteerd en de camera gaat terug naar de opnamestatus.
4 Druk de ontspanknop tot halverwege in.
Het scherpstelkader op de LCD-monitor wordt groen als het onderwerp is scherpgesteld.
5 Druk de ontspanknop helemaal in.
De opname wordt gemaakt.
• De sluitertijd neemt toe wanneer u opnamen in het donker maakt.
• Als u wilt voorkomen dat de camera beweegt, plaats hem dan op een statief en gebruik de zelfontspanner. (blz.62)
• De gevoeligheid wordt ingesteld op 64, de scherpstelinstelling op s en de flitsinstelling op a in de stand y. Verder wordt de sluitertijd ingesteld op 4 seconden, wordt het diafragma geheel geopend en is belichtingscorrectie niet beschikbaar.
60
6, 7
1, 2, 4
3, 5
E F F (H G G)
Opnamen maken van uw huisdier (huisdierfunctie)
Met deze functie kunt u de camera scherpgesteld houden op een bewegend huisdier terwijl u de opname maakt en de kleur van de vacht kiezen. Kies het gewenste pictogram op basis van de kleur van uw huisdier (neigend naar zwart, wit of er tussenin).
1 Druk in de stand A op de vierwegbesturing (3).
Het opnamestandpalet verschijnt.
2 Selecteer E (Huisdier) met de vierwegbesturing (2345).
3 Druk op de knop 4.
Het selectiescherm van de huisdierfunctie verschijnt.
4 Selecteer E, F , F, H, G of G
met de vierwegbesturing (23).
Er zijn twee symbolen: en kat en een hond.
(Of u de kat of de hond kiest, maakt niet uit voor de uiteindelijke foto. Kies wat u het best bevalt.)
5 Druk op de knop 4.
De huisdierfunctie wordt geselecteerd en de camera gaat terug naar de opnamestand.
6 Druk de ontspanknop tot halverwege in.
Het scherpstelkader op de LCD-monitor wordt groen als het onderwerp is scherpgesteld.
7 Druk de ontspanknop helemaal in.
De opname wordt gemaakt.
OK
4
61
3, 4
1, 2
2
4
A R A C X q < I i \ Q E y D >
De zelfontspanner gebruiken
In de zelfontspannerstand wordt de opname tien of twee seconden na het indrukken van de ontspanknop gemaakt.
Stabiliseer de camera met een statief als u opnamen maakt met de zelfontspanner.
g
Z
Gebruik deze functie wanneer u zelf op een groepsfoto wilt komen.
Ongeveer tien seconden nadat de ontspanknop is ingedrukt, wordt de opname gemaakt.
Gebruik deze stand om camerabewegingen te voorkomen. Circa twee seconden nadat u de ontspanknop hebt ingedrukt, wordt de opname gemaakt.
1 Druk in de stand A op de vierwegbesturing (2).
2 Selecteer g of Z
met de vierwegbesturing (453)
en druk op de knop 4.
De camera is gereed voor het maken van een opname met de zelfontspanner.
3 Druk de ontspanknop tot halverwege in.
Het scherpstelkader op de LCD-monitor wordt groen als het onderwerp is scherpgesteld.
4 Druk de ontspanknop helemaal in.
De opname wordt tien seconden of twee seconden later gemaakt.
OK
De scherpstelling kan worden bemoeilijkt als u de camera beweegt terwijl de LED van de zelfontspanner knippert bij het fotograferen.
• In de stand C start de opname na tien seconden (of twee seconden).
• Druk de ontspanknop tot halverwege in terwijl de zelfontspanner is geactiveerd om het aftellen te stoppen. Druk de ontspanknop helemaal in om het aftellen te hervatten.
• Z kan niet worden geselecteerd terwijl A de standaardinstelling heeft.
Selecteer Z in een andere opnamefunctie en kies daarna A als opnamefunctie.
62
3, 4
1, 2
2
R q < I i \ Q E D >
Een reeks opnamen maken
Bij deze functie worden opnamen gemaakt zolang u de ontspanknop ingedrukt houdt.
1 Continuopname
Elke keer dat er een opname wordt gemaakt, wordt de foto opgeslagen in het geheugen voordat de volgende foto wordt gemaakt. Hoe hoger de opnamekwaliteit, des te langer de tussenpozen tussen de opnamen.
1 Druk in de stand A op de vierwegbesturing (2).
2 Selecteer 1 (Continuopname)
met de vierwegbesturing (45)
en druk op de knop 4.
De camera is klaar om een reeks opnamen te maken.
3 Druk de ontspanknop tot halverwege in.
Het scherpstelkader op de LCD-monitor wordt groen als het onderwerp is scherpgesteld.
4 Druk de ontspanknop helemaal in.
OK
Er worden continu opnamen gemaakt zolang u de ontspanknop ingedrukt houdt.
• Bij de continuopnamefunctie werkt de flitser niet.
• De functie Continuopname is niet beschikbaar bij de stand A, A, C,
O , X of y.
• U kunt continuopnamen blijven maken totdat de SD-geheugenkaart of het interne geheugen vol is.
• Het interval voor continuopnamen hangt af van de instelling van de opnamepixels en het kwaliteitsniveau.
• Bij het maken van de eerste opname worden de scherpstelling, belichting en witbalans vastgehouden in het geheugen.
4
63
5, 6
1, 2, 3
2, 4
4
A R A X q < I i \ Q E y D >
Kaders toevoegen aan uw opnamen
In deze stand kunt u opnamen maken met de kaders die in de camera zijn opgeslagen.
In de camera zijn drie kaders aanwezig.
1 Druk in de stand A op de vierwegbesturing (2).
Het scherm voor selectie van de transportstand verschijnt.
2 Selecteer Y (Kader)
met de vierwegbesturing (45)
en druk op de knop 4.
OK
Het scherm voor selectie van het kader verschijnt.
3 Kies het gewenste kader
met de vierwegbesturing (45).
OK
4 Druk op de knop 4.
Het kader verschijnt op het scherm.
5 Druk de ontspanknop tot halverwege in.
Het scherpstelkader op de LCD-monitor wordt groen als het onderwerp is scherpgesteld.
64
6 Druk de ontspanknop helemaal in.
De opname wordt gemaakt.
• De kaderfunctie is niet beschikbaar voor C of O.
• Druk op het scherm voor selectie van het kader op de knop 3 om het menu [A Opnemen] op te roepen.
• Het aantal opnamepixels is vast ingesteld op h en het kwaliteitsniveau op D.
Een nieuw kader opslaan
Om naar het scherm voor het opslaan van een kader te gaan, drukt u bij stap 3 op de knop Snelinstelling. U kunt kaders opslaan die u hebt gedownload van het internet e.d. Wanneer u een nieuw kader opslaat, komt het in de plaats van een van de drie bestaande kaders in het interne geheugen. Voordat u een kader kunt opslaan, moet u het eerst naar de SD-geheugenkaart kopiëren.
Wanneer er een nieuw kader van de SD-geheugenkaart wordt opgeslagen in het interne geheugen, vervangt het een van de bestaande kaders in het interne geheugen. Het vervangen kader wordt gewist.
1 Kies op het scherm voor selectie van een kader het kader dat u wilt vervangen en druk op de knop Snelinstelling.
Er verschijnt een bericht en de kaders op de SD-geheugenkaart die u kunt opslaan in het interne geheugen verschijnen.
2 Kies met de vierwegbesturing (45) het kader dat u wilt
opslaan en druk op de knop 4.
Het kader wordt opgeslagen in het interne geheugen en vervangt het kader dat is geselecteerd in stap 1.
Bezoek de website van PENTAX op het onderstaande adres om nieuwe kaders te downloaden.
4 http://www.pentax.co.jp/english/support/digital/optio_frame.html
65
1
4
A R A C X q < I i \ Q E y D >
De zoom gebruiken
Met de zoom kunt u het opnamegebied wijzigen.
1 Druk op de Zoom/w/x knop
in de stand A. x Telestand : vergroot het onderwerp w Groothoek : verbreedt het gebied dat wordt vastgelegd door de camera
De zoombalk geeft het huidige vergrotingsniveau aan.
Wanneer de digitale zoomfunctie is ingesteld op
P (Uit), kunt u opnamen maken met een maximale vergroting van drie keer via de optische zoom.
Wanneer de digitale zoomfunctie is ingesteld op O (Aan), kunt u het onderwerp verder uitvergroten tot maximaal 12 keer.
Zoombalk
Druk op x
Bereik van optische zoom
Bereik van digitale zoom
• Het verdient aanbeveling een statief te gebruiken om camerabewegingen te voorkomen bij het maken van opnamen met een sterke vergrotingsfactor.
• Foto’s die worden gemaakt met de digitale zoom zien er korreliger uit dan foto’s die worden gemaakt met de optische zoom.
66
Digitale zoom instellen
De digitale zoom is standaard ingesteld op O (Aan). Om opnamen te maken met alleen de optische zoom, stelt u de digitale zoom in op P (Uit).
1 Druk in de stand A op de knop 3.
Het menu [A Opnemen] verschijnt.
2 Selecteer [Digitale zoom] met de vierwegbesturing (23).
3 Selecteer O (Aan) of P (Uit)
met de vierwegbesturing (45).
0.0
O p n e m e n
B e l i c h t . c o r r.
2 / 3
De geselecteerde instelling wordt opgeslagen.
4 Druk op de knop 3.
Vi d e o
D i g i t a l e z o o m
Momentcontrole
De instelling is gereed en de camera keert terug naar de opnamestand.
QUICK
G e h e u g e n
MENU
De instelling van de digitale zoomfunctie opslaan 1blz.86
4
67
4
2, 3
MENU
O p n e m e n
6
M
O p n a m e p i x e l s
Kwaliteitsniveau
AWB Wi t b a l a n s
A F - v e l d
ISO
AUTO
G e v o e l i g h e i d
1 / 3
MENU
1, 4
R A C X q < I i \ Q E D >
De belichting (belichtingscorrectie) instellen
U kunt de algehele helderheid van de opname aanpassen.
Met deze functie kunt u opzettelijk over- of onderbelichte opnamen maken.
1 Druk in de stand A op de knop 3.
Het menu [A Opnemen] verschijnt.
2 Selecteer [Belichtingscorrectie]
met de vierwegbesturing (23).
3 Selecteer de belichtingscorrectiewaarde
met de vierwegbesturing (45).
0.0
QUICK
MENU
O p n e m e n
B e l i c h t . c o r r.
Vi d e o
D i g i t a l e z o o m
Momentcontrole
G e h e u g e n
2 / 3
0 . 0
De geselecteerde belichtingscorrectiewaarde wordt opgeslagen.
Kies een positieve (+) waarde voor lichte opnamen.
Kies een negatieve (–) waarde voor donkere opnamen.
U kunt een belichtingscorrectiewaarde kiezen tussen –2,0 en +2,0 LW in stappen van 1/3 LW.
4 Druk op de knop 3.
De instelling is gereed en de camera keert terug naar de opnamestand.
Door middel van het histogram worden heldere en donkere gedeelten weergegeven op de LCD-monitor, waardoor u de belichting kunt controleren.
(blz.70)
De belichtingscorrectiewaarde opslaan 1blz.86
68
Opnamegegevens weergeven in de opnamestand
Telkens wanneer u op de knop 4/W drukt, verandert de weergave op de LCD-monitor als volgt: Normale weergave, Histogram + Info, Geen pictogrammen.
Zie “Monitorindicaties” (blz.16) voor nadere informatie over elke weergavefunctie.
S verschijnt wanneer de kans op camerabeweging groot is. Als u wilt voorkomen dat de camera beweegt, plaatst u hem op een statief en gebruikt u de zelfontspanner. (blz.62)
Normale weergave
4
OK
OK
Histogram + Info
6
M
OK
Geen pictogrammen
69
4
Het histogram gebruiken
Een histogram toont de helderheidsverdeling van een opname.
De horizontale as vertegenwoordigt helderheid (donker aan de linkerzijde en helder aan de rechterzijde) en de verticale as vertegenwoordigt het aantal pixels.
De vorm van het histogram vóór en na de opname vertelt u of de helderheid en het contrast al dan niet goed is en laat u bepalen of u een belichtingscorrectie nodig hebt en de foto opnieuw moet maken.
(Donker) ←Helderheid→ (Licht)
Donkere gedeelten Heldere gedeelten
De belichting (belichtingscorrectie) instellen 1blz.68
Inzicht in helderheid
Als de helderheid goed is, vertoont de grafiek in het midden een piek. Als de opname te donker is, bevindt de piek zich links; als de opname te helder is, bevindt de piek zich rechts.
Donkere opname Goede opname Heldere opname
70
Als de opname te donker is, wordt het gedeelte links afgesneden (donkere delen) en als de opname te helder is, wordt het gedeelte rechts afgesneden (heldere delen).
Heldere delen knipperen rood op de LCD-monitor en donkere delen knipperen geel.
Opnamegegevens weergeven in de opnamestand 1blz.69
Opnamegegevens weergeven in de weergavestand 1blz.98
Inzicht in contrast
De piek loopt geleidelijk op als het contrast van de opname in balans is. De grafiek vertoont aan beide zijden een piek die naar het midden toe sterk daalt als de opname een groot verschil in contrast vertoont en er weinig gemiddelde helderheidsniveaus zijn.
De opnamefuncties instellen
1
2
A R A X q < I i \ Q E D >
De scherpstelfunctie selecteren
Scherpstelinstelling
= Standaard q Macro s Oneindig
Gebruik deze instelling wanneer de afstand tot het onderwerp
40 cm of meer is. Wanneer de ontspanknop tot halverwege wordt ingedrukt, stelt de camera scherp op het onderwerp in het autofocusveld.
Deze instelling wordt gebruikt wanneer de afstand tot het onderwerp ca. 10 tot 60 cm is. De camera stelt scherp op het onderwerp in het autofocusveld wanneer de ontspanknop tot halverwege wordt ingedrukt.
Met deze instelling kunt u opnamen maken van voorwerpen in de verte. De flitser staat ingesteld op a (Flitser uit).
\
Handmatig scherpstellen
Met deze instelling past u de scherpstelling handmatig aan.
1 Druk in de stand A
op de vierwegbesturing (5).
Bij elke druk op de knop verandert de scherpstelinstelling. U kunt de instelling ook wijzigen met de vierwegbesturing (23).
2 Druk op de knop 4.
De scherpstelinstelling wordt opgeslagen en de camera gaat terug naar de opnamestand.
OK
• In de stand y is de scherpstelinstelling ingesteld op s.
• In de stand A kunt u alleen = en q selecteren.
Handmatig scherpstellen 1blz.72
De scherpstelinstelling opslaan 1blz.86
4
71
4
Handmatig scherpstellen
Hierna wordt de procedure voor handmatig scherpstellen (\) beschreven.
1 Druk in de stand A
op de vierwegbesturing (5).
2 Selecteer \
met de vierwegbesturing (5)
en druk op de knop 4.
Het centrale deel van de opname wordt tijdens het scherpstellen volledig op het scherm van de LCD-monitor getoond.
3 Druk op de vierwegbesturing (23).
De indicatie \ verschijnt op de LCD-monitor en geeft de geschatte afstand tot het onderwerp aan.
Gebruik de indicatie als richtlijn bij het scherpstellen met de vierwegbesturing (23).
2 : voor scherpstelling veraf
OK
3 : voor scherpstelling dichterbij
4 Druk op de knop 4. Indicatie \
OK
De scherpstelling wordt vastgehouden en de camera gaat terug naar de opnamestand.
De scherpstelpositie wordt vijf seconden lang vastgehouden nadat u uw vinger van de vierwegbesturing hebt gehaald.
Terwijl de scherpstelling wordt vastgehouden, kunt u nogmaals op de vierwegbesturing (23) drukken om de indicatie \ weer te geven en de scherpstelling aan te passen.
De opnamefunctie en de transportstand kunnen niet worden gewijzigd terwijl
\ wordt aangepast.
72
1
2
A R A X q < I i \ Q E D >
De flitsfunctie selecteren
Flitsinstellingen
, Auto a Flitser uit b Flitser aan c d
Auto +
Rode-ogenreductie
Flitser +
Rode-ogenreductie
Afhankelijk van de lichtomstandigheden gaat de flitser automatisch af.
De flitser gaat niet af, ongeacht de lichtomstandigheden.
Deze functie is bedoeld voor het maken van opnamen op plaatsen waar flitsfotografie verboden is.
De flitser gaat altijd af, ongeacht de lichtomstandigheden.
Deze instelling zorgt voor vermindering van het rode-ogeneffect dat optreedt doordat het flitslicht wordt weerkaatst in de ogen van het onderwerp. De flitser gaat automatisch af.
Deze instelling zorgt voor vermindering van het rode-ogeneffect dat optreedt doordat het flitslicht wordt weerkaatst in de ogen van het onderwerp. De flitser gaat altijd af, ongeacht de lichtomstandigheden.
• De flitser gaat niet af a (Flitser uit) in de stand C of y, of wanneer de transportstand is ingesteld op 1, of wanneer de scherpstelinstelling is ingesteld op s.
• Bij de functie rode-ogenreductie geeft de flitser eerst een voorflits.
• In de stand A kunt u alleen , of a selecteren.
1 Druk in de stand A
op de vierwegbesturing (4).
Bij elke druk op de knop verandert de flitsinstelling.
U kunt de instelling ook wijzigen met de vierwegbesturing (23).
2 Druk op de knop 4.
De camera gaat terug naar de opnamestand met de geselecteerde flitsinstelling.
OK
4
73
4
[Informatie over het verschijnsel rode ogen]
Als u de flitser gebruikt bij het maken van opnamen, kunnen de ogen van het onderwerp in de opname rood zijn. Dit verschijnsel treedt op wanneer het flitslicht wordt weerkaatst in de ogen van het onderwerp. Het kan worden verminderd door de omgeving van het onderwerp te verlichten of door dichter bij het onderwerp te komen en uit te zoomen naar de groothoekstand.
Ook het instellen van de flitsinstelling op c (Auto + rode-ogenreductie) of d (Flitser aan + rode-ogenreductie) is een effectieve manier om rode ogen te verminderen.
De flitsinstelling opslaan 1blz.86
74
2, 3, 4
5
1, 6
MENU
O p n e m e n
6
M
O p n a m e p i x e l s
Kwaliteitsniveau
AWB Wi t b a l a n s
A F - v e l d
ISO
AUTO
G e v o e l i g h e i d
1 / 3
MENU
R A X q < I i \ Q E y D >
De opnamepixels selecteren
Voor foto’s kunt u kiezen uit zeven instellingen voor opnamepixels.
Hoe groter het aantal opnamepixels, hoe scherper de details overkomen wanneer u de opname afdrukt. Omdat de kwaliteit van de afgedrukte opname ook afhangt van de opnamekwaliteit, de belichtingsregeling, de resolutie van de printer en andere factoren, hoeft u niet meer dan het benodigde aantal opnamepixels te selecteren. i (1600×1200) is afdoende voor het maken van afdrukken op ansichtkaartformaat. Hoe groter het aantal pixels, hoe groter de opname en daarmee de bestandsgrootte wordt. De omvang van de gegevens hangt ook af van de instelling van het kwaliteitsniveau (blz.77).
Opnamepixels
Toepassing Opnamepixels
P 2816×2112 f 2560×1920 g 2304×1728 h 2048×1536 i 1600×1200 l 1024× 768 m 640× 480
Voor het afdrukken van opnamen met hoge kwaliteit of op A4-formaat of het bewerken van opnamen op een computer.
Voor het maken van afdrukken op ansichtkaartformaat.
Voor plaatsing op een website of meezenden met een e-mail.
1 Druk in de stand A op de knop 3.
Het menu [A Opnemen] verschijnt.
2 Selecteer [Opnamepixels] met de vierwegbesturing (23).
4
75
4
3 Druk op de vierwegbesturing (5).
Er verschijnt een afrolmenu.
4 Wijzig het aantal opnamepixels
met de vierwegbesturing (23).
5 Druk op de knop 4.
6 M
AWB
O p n e m e n
Opnamepixels
Kwaliteitsniveau
Wi t b a l a n s
A F - v e l d
ISO
AUTO
G e v o e l i g h e i d
De instelling van Opnamepixels wordt opgeslagen.
6 Druk op de knop 3.
MENU
De camera gaat terug naar de opnamestand met de huidige instelling.
1 / 3
6 M
5 M
4 M
3
M
2 M
1024
640
OK
Als de transportstand is ingesteld op Y, wordt het aantal opnamepixels ingesteld op h en het kwaliteitsniveau op D.
Opnamepixels en kwaliteitsniveau van foto’s 1blz.29
76
2, 3, 4
5
1, 6
MENU
O p n e m e n
6
M
O p n a m e p i x e l s
Kwaliteitsniveau
AWB Wi t b a l a n s
A F - v e l d
ISO
AUTO
G e v o e l i g h e i d
1 / 3
MENU
R A X q < I i \ Q E y D >
Het kwaliteitsniveau selecteren
U kunt de kwaliteit (de compressiefactor) van foto’s selecteren.
Hoe meer sterren, des te lager de compressiefactor en des te scherper de opname, maar het bestand wordt groter. Ook de instelling van de opnamepixels heeft invloed op de bestandsgrootte (blz.75).
Kwaliteitsniveau
C Best Laagste compressiefactor. Geschikt voor fotoafdrukken.
D Beter
Standaard compressiefactor. Geschikt voor weergave van opnamen op het beeldscherm van een computer.
E Goed
Hoogste compressiefactor. Geschikt voor plaatsing op een website of om als bijlage bij e-mailberichten te gebruiken.
1 Druk in de stand A op de knop 3.
Het menu [A Opnemen] verschijnt.
2 Selecteer [Kwaliteitsniveau] met de vierwegbesturing (23).
3 Druk op de vierwegbesturing (5).
O p n e m e n 1 / 3
Er verschijnt een afrolmenu.
4 Wijzig het kwaliteitsniveau
6
M
O p n a m e p i x e l s
Kwaliteitsniveau
met de vierwegbesturing (23).
5 Druk op de knop 4.
AWB
ISO
AUTO
Wi t b a l a n s
A F - v e l d
G e v o e l i g h e i d
De instelling van Kwaliteitsniveau wordt opgeslagen.
6 Druk op de knop 3.
MENU OK
De camera gaat terug naar de opnamestand met de huidige instelling.
Het kwaliteitsniveau wordt ingesteld op D als de transportstand is ingesteld op Y.
Opnamepixels en kwaliteitsniveau van foto’s 1blz.29
4
77
4
2, 3, 4
5
1, 6
MENU
O p n e m e n
6
M
O p n a m e p i x e l s
Kwaliteitsniveau
AWB Wi t b a l a n s
A F - v e l d
ISO
AUTO
G e v o e l i g h e i d
1 / 3
MENU
R C
De witbalans aanpassen
U kunt opnamen maken met natuurlijke kleuren door de witbalans aan te passen aan de lichtomstandigheden van het opnametijdstip.
Witbalans
F Auto
G
Daglicht
De camera past de witbalans automatisch aan.
Gebruik deze functie bij het maken van buitenopnamen in de zon.
^
I
J
K
Bewolkt
Gloeilamp
TL-licht
Handmatig
Gebruik deze functie bij het maken van buitenopnamen bij bewolkt weer.
Gebruik deze functie voor het maken van opnamen onder gloeilamp- of halogeenlicht.
Gebruik deze functie voor het maken van opnamen onder TL-licht.
Gebruik deze functie wanneer u de witbalans handmatig wilt aanpassen.
1 Druk in de stand A op de knop 3.
Het menu [A Opnemen] verschijnt.
2 Selecteer [Witbalans] met de vierwegbesturing (23).
3 Druk op de vierwegbesturing (5).
Wi t b a l a n s
Het scherm [Witbalans] verschijnt.
4 Wijzig de instelling
met de vierwegbesturing (23).
5 Druk op de knop 4.
De instelling voor Witbalans wordt opgeslagen.
6 Druk op de MENU-knop.
De camera gaat terug naar de opnamestand
MENU met de huidige instelling.
Zie “Handmatige instelling” (blz.79) hierna voor aanwijzingen aangaande handmatige aanpassing van de witbalans.
OK
De witbalans opslaan 1blz.86
78
Handmatige instelling
Zorg dat u een leeg vel wit papier of vergelijkbaar materiaal bij de hand hebt.
1 Gebruik in het scherm Witbalans de vierwegbesturing (23)
om K (handmatig) te selecteren.
2 Richt de camera op het lege vel papier of ander materiaal, zodat dit het scherm
Wi t b a l a n s van de LCD-monitor vult.
3 Druk de ontspanknop helemaal in.
De witbalans wordt automatisch aangepast.
4 Druk op de knop 4.
De instelling wordt opgeslagen en het scherm keert terug naar het menu [A Opnemen].
5 Druk op de knop 3.
MENU
SHUTTER I n s t e l l e n
OK
De camera gaat terug naar de opnamestand.
4
79
2, 3, 4
5
1, 6
MENU
O p n e m e n
6
M
O p n a m e p i x e l s
Kwaliteitsniveau
AWB Wi t b a l a n s
A F - v e l d
ISO
AUTO
G e v o e l i g h e i d
MENU
1 / 3
4
R A X q < I i D >
Het AF-veld wijzigen
U kunt het autofocusveld wijzigen (AF-veld).
AF-veld
J
Meervoudig Normaal bereik
K
Spot Het autofocusveld wordt kleiner.
W
Automatisch meevolgende AF Houdt bewegende objecten scherp.
1 Druk in de stand A op de knop 3.
Het menu [A Opnemen] verschijnt.
2 Selecteer [AF-veld]
met de vierwegbesturing (23).
3 Druk op de vierwegbesturing (5).
Er verschijnt een afrolmenu.
4 Wijzig de instelling
met de vierwegbesturing (23).
5 Druk op de knop 4.
6 M
AWB
O p n e m e n
O p n a m e p i x e l s
Kwaliteitsniveau
Wi t b a l a n s
A F - v e l d
ISO
AUTO
G e v o e l i g h e i d
MENU S t o p
De instelling van AF-veld wordt opgeslagen.
6 Druk op de MENU-knop.
De camera gaat terug naar de opnamestand met de huidige instelling.
1 / 3
OK O K
80
2, 3, 4
5
1, 6
MENU
O p n e m e n
6
M
O p n a m e p i x e l s
Kwaliteitsniveau
AWB Wi t b a l a n s
A F - v e l d
ISO
AUTO
G e v o e l i g h e i d
MENU
1 / 3
R A C X q < I i \ Q E D >
De gevoeligheid instellen
U kunt de gevoeligheid selecteren op basis van het omgevingslicht.
Gevoeligheid
Automatisch De gevoeligheid wordt automatisch ingesteld tussen 64 en 200.
64
100
200
400
• Bij een lagere gevoeligheid wordt de opname scherper met minder ruis.
Bij weinig licht wordt de sluitertijd langer.
• Bij een hogere gevoeligheid is er een relatief korte sluitertijd bij slechte lichtomstandigheden, zodat bewegingen van de camera een beperkte invloed op de opnamekwaliteit hebben. Opnamen kunnen echter wel ruis (vlekken) bevatten.
1 Druk in de stand A op de knop 3.
Het menu [A Opnemen] verschijnt.
2 Selecteer [Gevoeligheid] met de vierwegbesturing (23).
3 Druk op de vierwegbesturing (5).
O p n e m e n 1 / 3
Er verschijnt een afrolmenu.
6
M
O p n a m e p i x e l s
4 Wijzig de gevoeligheid
Kwaliteitsniveau
A u t o
6 4
met de vierwegbesturing (23). AWB Wi t b a l a n s
A F - v e l d
1 0 0
2 0 0
5 Druk op de knop 4.
ISO
AUTO
G e v o e l i g h e i d 4 0 0
De instelling voor de gevoeligheid wordt opgeslagen.
6 Druk op de MENU-knop.
MENU S t o p
De camera gaat terug naar de opnamestand met de huidige instelling.
OK
De gevoeligheid wordt ingesteld op 64 indien de opnamefunctie is ingesteld op y. Andere waarden kunnen niet worden ingesteld.
4
De gevoeligheid opslaan 1blz.86
81
4
2, 3, 4
5
1, 6
MENU
O p n e m e n
6
M
O p n a m e p i x e l s
Kwaliteitsniveau
AWB Wi t b a l a n s
A F - v e l d
ISO
AUTO
G e v o e l i g h e i d
1 / 3
MENU
R A X q < I i \ Q E y D >
De tijd voor de momentcontrole instellen
(Momentcontrole)
U kunt de tijd voor de Momentcontrole kiezen (de tijd dat de opname onmiddellijk na het maken wordt weergegeven). De opties zijn: 0,5 s, 1 s, 2 s, 3 s, 5 s en Uit
(geen weergave).
1 Druk in de stand A op de knop 3.
Het menu [A Opnemen] verschijnt.
2 Selecteer [Momentcontrole] met de vierwegbesturing (23).
3 Druk op de vierwegbesturing (5).
O p n e m e n 2 / 3
Er verschijnt een afrolmenu.
0.0
B e l i c h t . c o r r.
4 Wijzig de weergavetijd
Vi d e o
5 sec
3 sec
met de vierwegbesturing (23).
5 Druk op de knop 4.
QUICK
D i g i t a l e z o o m
Momentcontrole
G e h e u g e n
2 sec
1 sec
0.5sec
U i t
De instelling voor de momentcontrole
MENU OK wordt opgeslagen.
6 Druk op de MENU-knop.
De camera gaat terug naar de opnamestand met de huidige instelling.
Momentcontrole 1blz.39
82
2, 3
MENU
O p n e m e n
6
M
O p n a m e p i x e l s
Kwaliteitsniveau
AWB Wi t b a l a n s
A F - v e l d
ISO
AUTO
G e v o e l i g h e i d
MENU
1 / 3
1, 4
R C
De opnamescherpte instellen (Scherpte)
U kunt een opname scherpe of zachte contouren geven.
1 Druk in de stand A op de knop 3.
Het menu [A Opnemen] verschijnt.
2 Selecteer [Scherpte] met de vierwegbesturing (23).
3 Wijzig de scherpte
O p n e m e n
met de vierwegbesturing (45).
S S c h e r p t e
De volgende instelling wordt opgeslagen.
Kleurverzadiging
F (zacht)
C o n t r a s t
3 / 3
G (normaal)
H (hard)
4 Druk op de knop 3. MENU
De instelling voor Scherpte wordt opgeslagen en de camera keert terug naar de opnamestand.
4
83
2, 3
MENU
O p n e m e n
6
M
O p n a m e p i x e l s
Kwaliteitsniveau
AWB Wi t b a l a n s
A F - v e l d
ISO
AUTO
G e v o e l i g h e i d
MENU
1 / 3
1, 4
4
R C
De kleurverzadiging instellen (Kleurverzadiging)
U kunt de kleurverzadiging instellen.
1 Druk in de stand A op de knop 3.
Het menu [A Opnemen] verschijnt.
2 Selecteer [Kleurverzadiging] met de vierwegbesturing (23).
3 Wijzig de kleurverzadiging
O p n e m e n 3 / 3
met de vierwegbesturing (45).
S S c h e r p t e
De volgende instelling wordt opgeslagen.
Kleurverzadiging
F (laag)
C o n t r a s t
G (normaal)
H (hoog)
4 Druk op de knop 3. MENU
De instelling voor Kleurverzadiging wordt opgeslagen en de camera keert terug naar de opnamestand.
84
2, 3
MENU
O p n e m e n
6
M
O p n a m e p i x e l s
Kwaliteitsniveau
AWB Wi t b a l a n s
A F - v e l d
ISO
AUTO
G e v o e l i g h e i d
MENU
1 / 3
1, 4
R C
Het opnamecontrast instellen (Contrast)
U kunt het niveau van het opnamecontrast instellen.
1 Druk in de stand A op de knop 3.
Het menu [A Opnemen] verschijnt.
2 Selecteer [Contrast] met de vierwegbesturing (23).
3 Wijzig het contrast
O p n e m e n
met de vierwegbesturing (45).
S S c h e r p t e
De volgende instelling wordt opgeslagen.
Kleurverzadiging
F (laag)
C o n t r a s t
3 / 3
G (normaal)
H (hoog)
4 Druk op de knop 3. MENU
De instelling voor Contrast wordt opgeslagen en de camera keert terug naar de opnamestand.
4
85
De instellingen opslaan (Geheugen)
4
De geheugenfunctie dient voor het opslaan van de camera-instellingen die gelden wanneer de camera wordt uitgeschakeld.
Voor sommige camera-instellingen is de geheugenfunctie altijd ingesteld op O (Aan)
(de instellingen worden opgeslagen bij uitschakeling van de camera). Voor andere instellingen kunt u Aan of Uit kiezen (de instellingen worden wel of niet opgeslagen bij uitschakeling). De onderdelen die kunnen worden ingesteld op O (Aan) of P (Uit) in de geheugenfunctie, staan in de onderstaande tabel. (Onderdelen die hier niet staan vermeld, worden opgeslagen met de geselecteerde instellingen bij uitschakeling.)
Als u O (Aan) selecteert, worden de instellingen opgeslagen met de status die ze hadden voordat de camera werd uitgeschakeld. Als u P (Uit) selecteert, worden de instellingen teruggezet op hun basisinstellingen bij uitschakeling. De onderstaande tabel geeft ook aan of de basisinstelling van Geheugen voor elk onderdeel
Aan of Uit is.
Onderdeel
Flitsinstelling
Beschrijving
De flitsinstelling die is ingesteld met de vierwegbesturing (4)
(blz.73)
Standaardinstelling
O
P
Scherpstelinstelling
Zoomstand
Handmatige scherpstelpostitie
Witbalans
Gevoeligheid
Belichtingscorrectie
Digitale zoom
DISPLAY
Bestandsnr.
De scherpstelinstelling die is ingesteld met de vierwegbesturing (5) (blz.71)
De zoompositie die is ingesteld met de Zoom/w/x knop
(blz.66)
De handmatige scherpstelpositie die is ingesteld met de vierwegbesturing (23) (blz.72)
De instelling van [Witbalans] in het menu [A Opnemen]
(blz.78)
De instelling van [Gevoeligheid] in het menu [A Opnemen]
(blz.81)
De instelling van [Belichtingscorrectie] in het menu
[A Opnemen] (blz.68)
De instelling van [Digitale zoom] in het menu [A Opnemen]
(blz.67)
De weergavefunctie van de LCD-monitor wordt ingesteld met de knop 4/W. (blz.69, blz.98)
Als er een nieuwe SD-geheugenkaart wordt geplaatst terwijl
Aan is geselecteerd, wordt het eerstvolgende bestandsnummer toegewezen.
P
P
P
P
P
P
O
P
O
86
2, 3, 4, 5
6
1, 7
MENU
O p n e m e n
6
M
O p n a m e p i x e l s
Kwaliteitsniveau
AWB Wi t b a l a n s
A F - v e l d
ISO
AUTO
G e v o e l i g h e i d
MENU
1 / 3
1 Druk in de stand A op de knop 3.
Het menu [A Opnemen] verschijnt.
2 Druk op de vierwegbesturing (23) om [Geheugen] te selecteren.
3 Druk op de vierwegbesturing (5).
Het scherm [Geheugen] verschijnt.
4 Kies een onderdeel
met de vierwegbesturing (23).
5 Selecteer O (aan) of P (uit)
met de vierwegbesturing (45).
6 Druk op de knop 4.
G e h e u g e n 1 / 2
F l i t s i n s t e l l i n g
Tr a n s p o r t s t a n d
F o c u s i n s t .
Z o o m s t a n d
H a n d m . s c h e r p s t .
Wi t b a l a n s
De instelling van Geheugen wordt opgeslagen.
7 Druk op de knop 3.
MENU S t o p
De camera gaat terug naar de opnamestand met de huidige instelling.
OK O K
4
87
Video-opnamen maken
4, 5
1, 2
3
4
C
Een video-opname maken
Met deze functie kunt u video-opnamen maken. Hierbij kan gelijktijdig geluid worden opgenomen.
1 Druk in de stand A op de vierwegbesturing (3).
Het opnamestandpalet verschijnt.
2 Selecteer C (Video)
met de vierwegbesturing (2345).
88
MENU
3 Druk op de knop 4.
De stand C wordt geselecteerd en de camera keert terug naar de opnamestand.
De volgende informatie verschijnt op de LCD-monitor.
1 Pictogram video-opnamefunctie
2 Indicatie opname (knippert tijdens maken van video-opname)
3 Opnametijd
1 2
U kunt het opnamegebied wijzigen door de Zoom/w/x knop naar links of rechts te drukken.
x : maakt het onderwerp groter w : verbreedt het opnamegebied dat de camera vastlegt
OK
3
4 Druk de ontspanknop helemaal in.
De opname begint.
• De flitser gaat niet af in de stand C .
• De scherpstelling is vast ingesteld bij het maken van video-opnamen in de stand C.
• U kunt de optische zoom en de digitale zoom gebruiken voordat u gaat opnemen, en de digitale zoom tijdens het opnemen.
• Als u de weergavestand van de LCD-monitor wijzigt door te drukken op de knop 4/W terwijl u een video-opname maakt, wordt het histogram niet weergegeven.
5 Druk de ontspanknop helemaal in.
De opname stopt.
Video-opnamen weergeven 1blz.101
De ontspanknop ingedrukt houden
Als u de ontspanknop langer dan een seconde ingedrukt houdt, gaat het opnemen door zolang u de ontspanknop ingedrukt houdt. Het opnemen stopt zodra u de ontspanknop loslaat.
4
89
2, 3, 4,
5, 6
7
1, 8
MENU
O p n e m e n
6
M
O p n a m e p i x e l s
Kwaliteitsniveau
AWB Wi t b a l a n s
A F - v e l d
ISO
AUTO
G e v o e l i g h e i d
MENU
1 / 3
4
C
Het aantal opnamepixels voor video-opnamen selecteren
Voor video-opnamen kunt u kiezen uit twee instellingen voor opnamepixels:
[D 320×240] en [E 160×120].
Hoe meer pixels er zijn, des te groter de opname en het opnamebestand.
De hoeveelheid gegevens hangt ook van de ingestelde beeldsnelheid. (blz.31)
Opnamepixels voor video-opnamen
D
(320×240)
Geschikt voor weergave van filmopnamen op een computer.
E
(160×120)
De bestandsgrootte neemt af, maar de totale opnametijd neemt toe.
Geschikt voor plaatsing op een website of als bijlage bij e-mail.
1 Druk in de stand A op de knop 3.
Het menu [A Opnemen] verschijnt.
2 Selecteer [Video] met de vierwegbesturing (23).
3 Druk op de vierwegbesturing (5).
Het scherm Video verschijnt.
4 Selecteer [Opnamepixels] met de vierwegbesturing (23).
5 Druk op de vierwegbesturing (5).
Er verschijnt een afrolmenu.
Vi d e o
O p n a m e p i x e l s 6 Wijzig het aantal opnamepixels
met de vierwegbesturing (23).
7 Druk op de knop 4.
K l e u r i n s t e l l i n g
B e e l d t e l l e r
320
160
3 0 f p s
De instelling van Opnamepixels wordt opgeslagen.
8 Druk twee keer op de knop 3. MENU
De camera gaat terug naar de opnamestand met de huidige instelling.
OK
Opnamepixels en beeldsnelheid van filmopnamen 1blz.31
90
2, 3, 4,
5, 6
7
1, 8
MENU
O p n e m e n
6
M
O p n a m e p i x e l s
Kwaliteitsniveau
AWB Wi t b a l a n s
A F - v e l d
ISO
AUTO
G e v o e l i g h e i d
MENU
1 / 3
Video-opnamen maken in zwart-wit of sepia
(Kleurinstelling)
Bij het maken van een video-opname kunt u de kleurinstelling op zwart-wit, sepia of kleur zetten.
1 Druk in de stand A op de knop 3.
Het menu [A Opnemen] verschijnt.
2 Selecteer [Video] met de vierwegbesturing (23).
3 Druk op de vierwegbesturing (5).
Het scherm Video verschijnt.
4 Selecteer [Kleurinstelling] met de vierwegbesturing (23).
5 Druk op de vierwegbesturing (5).
Vi d e o
Er verschijnt een afrolmenu.
O p n a m e p i x e l s 320
6 Kies een kleur
met de vierwegbesturing (23).
K l e u r i n s t e l l i n g
B e e l d t e l l e r
K l e u r
Z w a r t - w i t
S e p i a
7 Druk op de knop 4.
De kleurinstelling wordt opgeslagen.
8 Druk twee keer op de knop 3.
MENU
De camera gaat terug naar de opnamestand met de huidige instelling.
OK
C
De kleurinstelling kan na het maken van een video-opname niet worden gewijzigd.
4
91
2, 3, 4,
5, 6
7
1, 8
MENU
O p n e m e n
6
M
O p n a m e p i x e l s
Kwaliteitsniveau
AWB Wi t b a l a n s
A F - v e l d
ISO
AUTO
G e v o e l i g h e i d
MENU
1 / 3
4
C
De beeldsnelheid selecteren
U kunt kiezen uit twee beeldsnelheden (het aantal beeldjes per seconde) voor video-opnamen: [30 fps] and [15 fps]. Hoe meer beeldjes per seconde, hoe beter de kwaliteit van de video-opname. De bestandsgrootte neemt echter navenant toe.
1 Druk in de stand A op de knop 3.
Het menu [A Opnemen] verschijnt.
2 Selecteer [Video] met de vierwegbesturing (23).
3 Druk op de vierwegbesturing (5).
Het scherm Video verschijnt.
4 Selecteer [Beeldteller] met de vierwegbesturing (23).
5 Druk op de vierwegbesturing (5).
Vi d e o
Er verschijnt een afrolmenu.
O p n a m e p i x e l s 320
6 Selecteer [30 fps] of [15 fps]
K l e u r i n s t e l l i n g
B e e l d t e l l e r
K l e u r
3 0 f p s
met de vierwegbesturing (23).
1 5 f p s
7 Druk op de knop 4.
De instelling van de beeldsnelheid wordt opgeslagen.
8 Druk twee keer op de knop 3.
MENU
De camera gaat terug naar de opnamestand met de huidige instelling.
OK
Opnamepixels en beeldsnelheid van filmopnamen 1blz.31
92
Opnamen weergeven en wissen
Opnamen weergeven
Schakelen tussen de stand A en de stand Q
In deze handleiding wordt de opnamestand (bijvoorbeeld voor het maken van foto’s) de “A-stand” genoemd. De weergavestand (bijvoorbeeld voor het weergeven van gemaakte opnamen op de LCD-monitor), wordt de “Q-stand” genoemd.
In de stand Q kunt u eenvoudige bewerkingen uitvoeren voor de opnamen die worden weergegeven.
Volg de onderstaande procedure om te schakelen tussen de standen A en Q.
Schakelen van de stand A naar de stand Q
1 Druk op de knop Q.
De stand Q wordt geactiveerd.
Schakelen van de stand Q naar de stand A
1 Druk de knop Q of de ontspanknop tot halverwege in.
De stand A wordt geactiveerd.
Foto’s weergeven
Zie “Opnamen weergeven” (blz.40) voor aanwijzingen.
5
93
Zoom/f/y knop
Q -knop
Vierwegbesturing
4 knop
3 knop
Weergave van negen opnamen tegelijk en mappenweergave
5
Weergave van negen opnamen
U kunt negen miniaturen van opnamen tegelijkertijd weergeven.
1 Druk in de stand Q op f op de knop
Zoom/f/y.
Kader
Er wordt een pagina getoond met negen miniaturen.
U kunt door pagina’s van negen opnamen tegelijk bladeren.
Met de vierwegbesturing (2345) verplaatst u het kader. Wanneer er tien of meer opnamen
1
2 zijn opgeslagen kunt u opname 1 selecteren.
Wanneer u dan op de vierwegbesturing (24)
Kiezen&wissen 1 0 0 - 0 0 1 0 drukt, verschijnt de vorige pagina. Wanneer u opname 2 selecteert en op de vierwegbesturing (35) drukt, verschijnt de volgende pagina.
De pictogrammen die in de opnamen verschijnen, hebben de volgende betekenis:
Geen pictogram : foto zonder geluid
O (met beeld)
C
O (zonder beeld)
: foto met geluid
: video-opname (eerste beeldje verschijnt)
: geluidsopname
Druk op de knop 4, de knop 3 of op y op de Zoom/f/y knop om alleen de geselecteerde opname weer te geven.
Druk op de Q knop om de stand A te activeren.
94
Mapweergave
Als opnamen en geluidsbestanden zijn opgeslagen in verscheidene mappen, volgt u de onderstaande procedure om de gezochte map te vinden.
1 Druk in de stand Q op f op de Zoom/f/y knop.
Het scherm voor de weergave met negen opnamen verschijnt.
2 Druk op f op de Zoom/f/y knop.
Er verschijnt een lijst met mappen.
3 Kies een map
met de vierwegbesturing (2345).
100
103
101
104
102
Druk op de knop 4, de knop 3 of op y op de Zoom/f/y knop om miniaturen
100PENTX van de opnamen in de map weer te geven.
Druk vervolgens op de knop 4, de knop 3 of op y op de Zoom/f/y knop om alleen een geselecteerde opname weer te geven.
De mapnaam wijzigen 1blz.136
5
95
2
1, 2
3
5
Zoomweergave
U kunt een opname maximaal acht keer uitvergroten. Tijdens de zoomweergave verschijnt op de LCD-monitor een hulpkader dat het midden van de uitvergrote opname weergeeft.
1 Activeer de stand Q en kies met de vierwegbesturing (45) de opname die u wilt uitvergroten.
2 Druk op y op de Zoom/f/y knop.
De opname wordt uitvergroot (1,1x tot 8x).
Als u y op de Zoom/f/y knop ingedrukt houdt, verandert de vergroting doorlopend.
Aan de hand van het hulpkader linksonder op het scherm kunt u zien welk deel van de opname wordt uitvergroot.
Bij weergave van een vergrote opname kunnen de volgende handelingen worden verricht.
Bedieningsaanwijzing
Vierwegbesturing (2345) Wijzigt het gebied dat moet worden vergroot
Zoom/f/y knop (y)
Zoom/f/y knop (f)
Maakt de opname groter (max. ×8)
Maakt de opname kleiner (min. 1,1x)
3 Druk op de knop 4.
Op het scherm verschijnt weer de weergave van één opname.
• Video-opnamen kunnen niet worden uitvergroot.
• Het hulpkader verschijnt niet wanneer de weergavestand van de LCD-monitor is ingesteld op “Geen pictogrammen”.
96
4
2, 3
1
MENU
I n s t e l l i n g
F o r m a t t e r e n
G e l u i d
O p s t a r t s c h e r m
D a t u m i n s t e l l e n
1 / 3
2 5 / 0 3 / 2 0 0 6
N e d e r l a n d s
MENU E i n d e
De functie Snel zoomen instellen
Wanneer de functie Snel zoomen is ingeschakeld, kunt u een opname weergeven op maximale uitvergroting (8x) door één keer te drukken y op de Zoom/f/y knop.
1 Druk op de knop 3 in de stand Q.
Het menu [u Instelling] verschijnt.
2 Selecteer [Snel zoomen] met de vierwegbesturing (23).
3 Selecteer O (Aan) of P (Uit)
met de vierwegbesturing (45).
I n s t e l l i n g
S n e l z o o m e n
O : Springt naar 8x vergroting
R e s e t
3 / 3
P : Door éénmaal op y op de Zoom/f/y te drukken, wordt de opname in stappen vergroot van 1,1x tot 8,0x
4 Druk op de knop 3.
De camera gaat terug naar de stand Q.
MENU
5
97
5
Opnamegegevens weergeven in de weergavestand
In de stand Q kunnen opnamegegevens worden weergegeven op de LCD-monitor.
Met de knop 4/W kan de weergavestand worden gewijzigd.
Zie blz.18 voor nadere informatie over elke weergavestand.
Normale weergave
OK
OK
Histogram + Info
6
M
OK
Geen pictogrammen
Opnamegegevens weergeven in de opnamestand 1blz.69
98
1, 2, 3
4
MENU OK
Diavoorstelling
U kunt opgeslagen opnamen doorlopend weergeven.
1 Activeer de stand Q en kies met de vierwegbesturing (45) de opname waarmee de diavoorstelling moet beginnen.
2 Druk op de vierwegbesturing (3).
Het weergavestandpalet verschijnt.
3 Selecteer u (Diavoorstelling)
met de vierwegbesturing (2345).
4 Druk twee keer op de knop 4.
De diavoorstelling begint.
Wanneer u tijdens de diavoorstelling op de knop 4 drukt, wordt de diavoorstelling onderbroken. Druk nogmaals op de knop 4 om de diavoorstelling voort te zetten.
5 Druk op een andere knop dan de 4 knop of op de aan/uit-schakelaar.
De diavoorstelling stopt.
5
Instellingen voor de diavoorstelling
U kunt het weergave-interval instellen, maar ook een scherm- en een geluidseffect voor de overgang van de ene opname naar de volgende.
1 Druk op de vierwegbesturing (3) in de stand Q.
Het weergavestandpalet verschijnt.
2 Selecteer u (Diavoorstelling)
met de vierwegbesturing (2345).
99
5
3 Druk op de knop 4.
Het scherm met instellingen voor de diavoorstelling verschijnt.
4 Druk op de vierwegbesturing (23) om [Interval] te selecteren.
5 Druk op de vierwegbesturing (5).
I n t e r v a l 3 s e c
Er verschijnt een afrolmenu.
MENU OK
6 Wijzig het interval
met de vierwegbesturing (23) en druk op de knop 4.
Starten
U hebt de keuze uit: 3 s, 5 s, 10 s, 20 s en 30 s.
7 Selecteer [Beeldeffect] met de vierwegbesturing (23).
Druk na selectie van [Beeldeffect] op de vierwegbesturing (5).
Er verschijnt een afrolmenu waarin de volgende items kunnen worden geselecteerd.
Selecteer een item met de vierwegbesturing (23) en druk op de knop 4.
Uit
Vegen
Dambord
Vervagen
Geen effect
De volgende opname schuift van links naar rechts over de vorige
De volgende opname verschijnt in vierkante mozaïekblokjes
De huidige opname vervaagt geleidelijk en de volgende opname verschijnt geleidelijk
8 Selecteer [Geluidseffect] met de vierwegbesturing (23).
9 Selecteer O (aan) of P (uit) met de vierwegbesturing (45).
Uitgezonderd wanneer het beeldeffect is ingesteld op Uit, kunt u O (Aan) of P (Uit) kiezen voor het geluid dat wordt afgespeeld bij de overgang van de ene opname naar de volgende.
10 Druk op de knop 4.
De diavoorstelling start met het geselecteerde interval en effect.
• De diavoorstelling wordt vervolgd totdat u een andere knop dan de 4 knop of de aan/uit-schakelaar indrukt.
• Video’s of opnamen met geluid worden normaliter tot het einde afgespeeld voordat de volgende opname wordt weergegeven, ongeacht het ingestelde interval. Als u echter op de vierwegbesturing (5) drukt tijdens het afspelen van een video of opname met geluid, springt de weergave naar de volgende opname.
• Geluidsbestanden die in de geluidsopnamestand zijn gemaakt, worden niet weergegeven in de diavoorstelling.
De camera aansluiten op audiovisuele apparatuur 1blz.102
100
Video-opnamen weergeven
2
1, 2, 3
Video-opnamen weergeven
U kunt video-opnamen die u hebt gemaakt weergeven. Geluid wordt gelijktijdig weergeven.
1 Activeer de stand Q en kies
met de vierwegbesturing (45) de video-opname die u wilt weergeven.
2 Druk op de vierwegbesturing (2).
De weergave begint.
Tijdens het weergeven kunnen de volgende handelingen worden verricht.
Vierwegbesturing (4)
Vierwegbesturing (2)
Zoom/w/x button (x)
Zoom/w/x button (w)
Achteruit weergeven
Pauze
Verhoogt het volume
Verlaagt het volume
Terwijl de weergave is onderbroken, kunnen de volgende handelingen worden verricht.
Vierwegbesturing (4) Eén beeldje terug
Vierwegbesturing (5)
Vierwegbesturing (2)
Eén beeldje vooruit
Schakelt de pauzefunctie uit (Weergeven)
3 Druk op de vierwegbesturing (3).
De weergave stopt.
5
101
De camera aansluiten op audiovisuele apparatuur
Klepje voor aansluitingen geel
PC/AV-aansluiting
VIDEO
AUDIO
(L) (R) wit
5
Met de AV-kabel kunt u opnamen vastleggen en weergeven op apparatuur met een video-ingang, zoals een TV. Zet de camera en de TV uit voordat u de kabel aansluit op de TV.
1 Open de klep voor de aansluitingen en sluit de AV-kabel aan op de PC/AV-uitgang.
2 Sluit de andere uiteinden van de AV-kabel (geel: video, wit: audio) aan op de video- en audio-aansluiting van het audiovisuele apparaat.
Als u stereoapparatuur gebruikt, sluit dan de geluidsconnector aan op de L-ingang (wit).
3 Zet het audiovisuele apparaat aan.
Als het apparaat waarop de camera is aangesloten en het apparaat dat opnamen weergeeft niet dezelfde zijn, zet beide apparaten dan aan.
Als opnamen worden weergegeven op audiovisuele apparatuur met verscheidene video-aansluitingen (zoals een TV), raadpleeg dan de bedieningshandleiding van het apparaat en selecteer de video-aansluiting waarop de camera is aangesloten.
4 Zet de camera aan.
• Als u van plan bent de camera langdurig te gebruiken, is gebruik van de (optionele) netvoedingsadapterset K-AC51 aan te bevelen.
• Afhankelijk van het land of de regio bestaat de kans dat opnamen en geluidsbestanden niet kunnen worden weergegeven als het ingestelde videosignaal afwijkt van het aldaar gebruikte signaal. Mocht dit zich voordoen, wijzig dan de instelling van het videosignaal. (blz.138)
• De LCD-monitor van de camera wordt uitgeschakeld terwijl de camera op audiovisuele apparatuur is aangesloten.
• Het volume kan niet worden ingesteld met de zoomknop terwijl de camera is aangesloten op audiovisuele apparatuur.
102
Opnamen wissen
Wis opnamen en geluiden die fouten bevatten of niet meer nodig zijn.
1, 3
4
2
Eén opname of geluidsbestand wissen
U kunt afzonderlijke opnamen en geluidsbestanden wissen.
Beveiligde opnamen en geluidsbestanden kunnen niet worden gewist. (blz.108)
5
1 Activeer de stand Q en kies met de vierwegbesturing (45) een opname/geluidsbestand om te wissen.
2 Druk op de knop i.
Het bevestigingsscherm verschijnt.
3 Selecteer [Wissen]
met de vierwegbesturing (23).
4 Druk op de knop 4.
De opname of het geluidsbestand wordt gewist.
W i s s e n
O n d e r b r e k e n
OK
Als u op de knop i drukt terwijl het scherm Momentcontrole wordt weergegeven, verschijnt het scherm van stap 2, waarmee u de zojuist gemaakte opname kunt wissen. (blz.41)
103
5
Een geluidsbestand wissen
Als bij een opname geluid is opgenomen(blz.127), kunt u het geluid wissen zonder de opname te wissen.
1 Activeer de stand Q en kies met de vierwegbesturing (45) een opname met geluid.
2 Druk op de knop i.
Het bevestigingsscherm verschijnt.
3 Selecteer [Geluid wissen]
met de vierwegbesturing (23).
4 Druk op de knop 4.
Het geluidsbestand wordt gewist.
G e l u i d w i s s e n
W i s s e n
S t o p
OK
Selecteer [Wissen] in stap 3 van de bovenstaande procedure om zowel de opname als het geluidsbestand te wissen.
104
1
3, 5
3, 6
2, 4
Geselecteerde opnamen en geluidsbestanden wissen
(uit de weergave met negen opnamen)
U kunt een aantal geselecteerde opnamen/geluidsbestanden in één keer wissen uit de weergave met negen opnamen.
Beveiligde opnamen en geluidsbestanden kunnen niet worden gewist.
1 Druk in de stand Q op f op de knop Zoom/ f
/ y
.
Er verschijnen negen miniaturen.
2 Druk op de knop i.
P verschijnt op de opnamen en geluidsbestanden.
Kiezen&wissen 1 0 0 - 0 0 1 0
3 Kies de te wissen opnamen en geluidsbestanden
met de vierwegbesturing (2345)
en druk op de knop 4.
O verschijnt op de geselecteerde opnamen en geluidsbestanden.
Als u een opname selecteert en op y op de Zoom/
MENU Stop Wissen OK f /y knop drukt, verschijnt de geselecteerde opnamen in de weergave van één opname zolang de knop ingedrukt wordt gehouden. Zo kunt u controleren of u de opname al dan niet wilt wissen.
(Wanneer u de knop loslaat, verschijnt de weergave van negen opnamen weer.)
In de weergave van één opname kunnen beveiligde opnamen niet worden weergegeven.
5
105
5
4 Druk op de knop i.
Er verschijnt een bevestigingsvenster.
5 Selecteer de optie [Kiezen & wissen]
met de vierwegbesturing (23).
6 Druk op de knop 4.
De geselecteerde opnamen en geluidsbestanden worden gewist.
MENU
K i e z e n & w i s s e n
OK
106
3
4
1, 2
Alle opnamen wissen
U kunt alle opnamen en geluidsbestanden in één keer wissen.
Beveiligde opnamen en geluidsbestanden kunnen niet worden gewist. (blz.108)
1 Druk op de knop i in de stand Q.
Er verschijnt een bevestigingsvenster.
2 Druk op de knop i.
Er verschijnt een bevestigingsvenster.
3 Selecteer [Alles wissen]
met de vierwegbesturing (23).
4 Druk op de knop 4.
Alle opnamen en geluidsbestanden worden gewist.
MENU
A l l e s v e r w i j d e r e n
OK
5
107
1, 2, 4, 6
3, 5, 7
MENU OK
5
Foto- en geluidsopnamen beveiligen tegen wissen
(Beveiligen)
U kunt opgeslagen opnamen en geluidsbestanden beveiligen, zodat ze niet per ongeluk kunnen worden gewist.
1 Druk op de vierwegbesturing (3) in de stand Q.
Het weergavestandpalet verschijnt.
2 Selecteer Z (Beveiligen) met de vierwegbesturing (2345).
3 Druk op de knop 4.
Het keuzescherm [Kies beeld/geluid] of [Alle beeld/geluid] verschijnt.
4 Selecteer [Kies beeld/geluid]
met de vierwegbesturing (23).
K i e s B e e l d / G e l u i d
MENU OK
5 Druk op de knop 4.
Het bericht [Beveilig dit beeld/geluid] verschijnt.
Om een andere opname of geluidsbestand te beveiligen, selecteert u met de vierwegbesturing
(45) een andere opname of geluidsbestand.
6 Selecteer [Beveiligen]
met de vierwegbesturing (23).
7 Druk op de knop 4.
MENU
B e v e i l i g e n
B e v e i l i g i n g o p h e f f e n
OK
De geselecteerde opname of het geselecteerde geluidsbestand wordt beveiligd.
• Selecteer [Beveiliging opheffen] in stap 6 om de beveiligingsinstelling te annuleren.
• Tijdens de weergave verschijnt Y onder het bestandsnummer van beveiligde opnamen en geluidsbestanden.
108
1, 2, 4, 6
3, 5, 7
MENU OK
Alle opnamen en geluidsbestanden beveiligen
1 Druk op de vierwegbesturing (3) in de stand Q.
Het weergavestandpalet verschijnt.
2 Selecteer Z (Beveiligen) met de vierwegbesturing (2345).
3 Druk op de knop 4.
Het keuzescherm [Kies beeld/geluid] of [Alle beeld/geluid] verschijnt.
4 Selecteer [Alle beeld/geluid]
met de vierwegbesturing (23). A l l e B e e l d / G e l u i d
MENU OK
5 Druk op de knop 4.
Het keuzescherm [Beveiligen] of [Beveiliging opheffen] verschijnt.
6 Selecteer [Beveiligen]
met de vierwegbesturing (23).
7 Druk op de knop 4.
Alle opnamen en geluidsbestanden zijn nu beveiligd.
MENU
B e v e i l i g e n
B e v e i l i g i n g o p h e f f e n
OK
Beveiligde opnamen en geluidsbestanden worden gewist wanneer de SD-geheugenkaart of het interne geheugen wordt geformatteerd.
5
Selecteer [Beveiliging opheffen] in stap 6 om de beveiligingsinstelling voor alle opnamen en geluidsbestanden te annuleren.
109
Opnamen bewerken en afdrukken
Opnamen bewerken
1, 2, 3, 5, 7
4, 6, 8
MENU OK
6
De opnamegrootte en -kwaliteit wijzigen
(Grootte wijzigen)
Door de grootte en de kwaliteit van een geselecteerde opname te wijzigen, kunt u het bestand verkleinen. U kunt deze functie gebruiken om opnamen te blijven maken wanneer de SD-geheugenkaart of het interne geheugen vol is door de opnamen te verkleinen en de oorspronkelijke opnamen te overschrijven. Zo maakt u ruimte vrij op de kaart of in het geheugen.
• De grootte van video-opnamen kan niet worden gewijzigd.
• Het is niet mogelijk een hogere resolutie of een hogere kwaliteit te selecteren dan die van de oorspronkelijke opname.
1 Activeer de stand Q en kies met de vierwegbesturing (45) de opname waarvan u het formaat wilt wijzigen.
2 Druk op de vierwegbesturing (3).
Het weergavestandpalet verschijnt.
3 Gebruik de vierwegbesturing (2345)
om n (Formaat wijzigen) te selecteren.
4 Druk op de knop 4.
Het scherm voor keuze van de grootte en kwaliteit verschijnt.
5 Selecteer [Opnamepixels] en [Kwaliteitsniveau].
Kies grootte en kwaliteit met de vierwegbesturing
(45).
Schakel met de vierwegbesturing (23) tussen [Opnamepixels] en [Kwaliteitsniveau].
Opnamepixels
MENU
6 M
OK
110
6 Druk op de knop 4.
Er verschijnt een venster waarin om bevestiging van het overschrijven van de opname wordt gevraagd.
[Opslaan als] is de enige beschikbare optie voor beveiligde opnamen.
7 Selecteer [Overschrijven] of [Opslaan
als] met de vierwegbesturing (23).
8 Druk op de knop 4.
De opname met de gewijzigde grootte wordt opgeslagen.
O v e r s c h r i j v e n
O p s l a a n a l s
MENU OK
6
111
5
1, 2, 3, 5
4, 6
5 MENU OK
6
Opnamen aansnijden
U kunt het ongewenste gedeelte van een opname verwijderen en de aangesneden opname bewaren als afzonderlijk bestand.
1 Activeer de stand Q en kies met de vierwegbesturing (45) de opname die u wilt aansnijden.
2 Druk op de vierwegbesturing (3).
Het weergavestandpalet verschijnt.
3 Selecteer o (Aansnijden) met de vierwegbesturing (2345).
4 Druk op de knop 4.
Het scherm voor aansnijden verschijnt.
5 Kies de instellingen voor het aansnijden.
Zoom/f/y knop : Hiermee wijzigt u de grootte van het aansnijgedeelte.
Vierwegbesturing (2345) :
Verplaatst de aansnijpositie naar boven, naar beneden, naar links en naar rechts.
Knop Snelinstelling :Roteert het aansnijkader.
6 Druk op de knop 4.
MENU OK
De aangesneden opname wordt onder een nieuwe bestandsnaam opgeslagen.
De aangesneden opname wordt opgeslagen met dezelfde kwaliteit als de oorspronkelijke opname. Het aantal opnamepixels wordt automatisch geselecteerd op basis van de grootte van het aangesneden deel.
Video-opnamen kunnen niet worden aangesneden.
112
1, 2, 4, 6
3, 5, 7
MENU OK
Opnamen en geluidsbestanden kopiëren
U kunt opnamen en geluidsbestanden kopiëren van het interne geheugen naar de SD-geheugenkaart en vice versa. Deze functie is alleen beschikbaar wanneer er een SD-geheugenkaart in de camera is geplaatst.
Zet de camera uit voordat u de SD-geheugenkaart plaatst of uitneemt.
1 Druk op de vierwegbesturing (3) in de stand Q.
Het weergavestandpalet verschijnt.
2 Selecteer p (Kopieer beeld/geluid)
met de vierwegbesturing (2345).
3 Druk op de knop 4.
Het scherm voor selectie van de gewenste kopieermethode verschijnt.
Bestanden kopiëren vanuit het interne geheugen naar de SD-geheugenkaart
Alle opnamen en geluidsbestanden in het interne geheugen worden tegelijk naar de SD-geheugenkaart gekopieerd. Zorg dat er voldoende ruimte is op de SD-geheugenkaart voordat u de bestanden kopieert.
4 Selecteer [f}{]
met de vierwegbesturing (23).
5 Druk op de knop 4. SD
Alle opnamen en geluidsbestanden worden gekopieerd.
OK
6
113
6
Bestanden kopiëren van de SD-geheugenkaart naar het interne geheugen
Geselecteerde opnamen en geluidsbestanden van de SD-geheugenkaart worden
één voor één naar het interne geheugen gekopieerd.
4 Selecteer [{}f]
met de vierwegbesturing (23).
5 Druk op de knop 4.
6 Gebruik de vierwegbesturing (45) om het bestand te selecteren dat u wilt kopiëren.
7 Druk op de knop 4.
MENU OK
De geselecteerde opname/het geselecteerde geluidsbestand wordt naar het interne geheugen gekopieerd.
• Als bij een opname geluid is opgenomen, wordt het geluidsbestand samen met de opname gekopieerd.
• Wanneer u een bestand van de SD-geheugenkaart naar het interne geheugen kopieert, krijgt het bestand een nieuwe naam.
114
Afdrukservice instellen (DPOF)
DPOF (Digital Print Order Format) is de indeling voor het opslaan van afdrukordergegevens op foto’s die zijn gemaakt met een digitale camera.
Als de afdrukordergegevens zijn opgeslagen, kunnen de opnamen worden afgedrukt op basis van de DPOF-instellingen op een DPOF-compatibele printer of in een fotolab dat DPOF ondersteunt.
U kunt geen afdrukordergegevens opslaan voor video-opnamen of geluidsbestanden.
1, 2, 4, 6
3, 5, 8
7
MENU OK
Afzonderlijke opnamen afdrukken
Stel voor elke opname de volgende opties in.
Aantal afdrukken Kies het aantal afdrukken (maximaal 99).
Datum Geef aan of de datum moet worden afgedrukt op de afdruk.
1 Druk op de vierwegbesturing (3) in de stand Q.
Het weergavestandpalet verschijnt.
2 Selecteer r (DPOF) (2345) met de vierwegbesturing.
3 Druk op de knop 4.
Het scherm voor selectie van [Enkel beeld] of [Alle beelden] verschijnt.
4 Selecteer de optie [Enkel beeld]
met de vierwegbesturing (23).
E n k e l b e e l d
MENU OK
6
115
6
5 Druk op de knop 4.
Het bericht [DPOF-instelling voor dit beeld] verschijnt. Om DPOF-instellingen te verrichten voor een andere opname, selecteert u een andere opname met de vierwegbesturing (45).
K o p i e ë n
D a t u m
0 0
Als er al DPOF-instellingen zijn opgegeven voor een opname, verschijnt de vorige instelling van het aantal afdrukken en de datumweergave
(O of P).
MENU OK
6 Kies het aantal afdrukken met de vierwegbesturing (23).
7 Gebruik de knop Snelinstelling om te bepalen of de datum al dan niet moet worden afgedrukt.
O (aan) : de datum wordt afgedrukt.
P (uit) : de datum wordt niet afgedrukt.
Om nog meer DPOF-afdrukordergegevens in te stellen, kiest u met de vierwegbesturing (45)
MENU
K o p i e ë n
D a t u m
0 1
OK een andere opname en herhaalt u stap 6 en 7.
8 Druk op de knop 4.
De DPOF-instellingen worden opgeslagen en het DPOF-menu verschijnt weer.
Afhankelijk van de printer of de afdrukapparatuur van het fotolab bestaat de kans dat de datum niet wordt afgedrukt op de opnamen, zelfs als O (Aan) is geselecteerd in de DPOF-instellingen.
Als u de DPOF-instellingen wilt annuleren, stelt u het aantal afdrukken in stap 6 in op [00] en drukt u op de knop 4.
116
1, 2, 4
1, 3, 5
4 MENU OK
Alle opnamen afdrukken
Wanneer u het aantal afdrukken kiest en instelt of de datum al dan niet moet worden afgedrukt, worden de instellingen toegepast op alle opnamen die zijn opgeslagen in de camera.
1 Roep het scherm voor DPOF-instellingen op in de stand Q.
Zie stap 1 tot en met 3 op blz.115.
2 Selecteer [Alle beelden] met de vierwegbesturing (23).
3 Druk op de knop 4.
Het bericht [DPOF-instelling voor alle beelden] verschijnt.
4 Kies het aantal afdrukken en stel in of u de datum wilt afdrukken.
K o p i e ë n
D a t u m
0 1
Zie stap 6 en 7 in “Afzonderlijke opnamen afdrukken”
(blz.116) voor nadere informatie over de instellingen.
5 Druk op de knop 4.
MENU OK
De DPOF-instellingen voor alle opnamen worden opgeslagen en het scherm voor DPOF-instellingen verschijnt weer.
Het aantal afdrukken dat u opgeeft bij de DPOF-instellingen, geldt voor alle opnamen. Controleer of het aantal correct is alvorens de opnamen af te drukken.
Wanneer er instellingen worden opgegeven voor alle opnamen, worden instellingen voor afzonderlijke opnamen geannuleerd.
6
117
Afdrukken met PictBridge
Als u de camera met de USB-kabel (I-USB7) die bij de camera is geleverd aansluit op een printer die PictBridge ondersteunt, kunt u opnamen rechtstreeks vanuit de camera afdrukken, zonder computer. Sluit de camera aan op de printer en selecteer op de camera de opnamen die u wilt afdrukken en het aantal exemplaren.
• Het verdient aanbeveling de (optionele) netvoedingsadapterset K-AC51 te gebruiken als de camera is aangesloten op een printer. Mogelijk werkt de printer niet correct of gaan de opnamegegevens verloren wanneer de batterijen leegraken terwijl de camera is aangesloten op de printer.
• Maak de USB-kabel niet los tijdens de overdracht van gegevens.
• Al naar gelang het type printer zijn mogelijk niet alle op de camera gemaakte instellingen (zoals de afdruk- of DPOF-instellingen) geldig.
• Er kan een afdrukfout optreden als u meer dan 500 exemplaren probeert af te drukken.
• Het afdrukken van de index van de opnamen (afdrukken van diverse opnamen op één vel) kan niet rechtstreeks vanuit de camera worden uitgevoerd.
Verricht de instellingen op een printer die de indexafdrukfunctie ondersteunt of gebruik een computer.
6
De camera aansluiten op de printer
1 Selecteer [PictBridge] bij [USB-aansluiting]
in het menu [u Instelling].
Zie “De USB-aansluitfunctie wijzigen” (blz.137).
2 Zet de camera uit.
3 Sluit de camera met de meegeleverde USB-kabel aan op de printer.
4 Zet de printer aan.
5 Wanneer de printer klaar is om af te drukken, zet u de camera aan.
Het scherm voor selectie van de afdrukinstellingen verschijnt.
A l l e B e e l d e n
E n k e l b e e l d
DPOF AUTOPRINT
OK
118
Afzonderlijke opnamen afdrukken
1 Selecteer op het scherm voor selectie van de afdrukinstellingen [Enkel beeld]
met de vierwegbesturing (23).
2 Druk op de knop 4.
Het scherm met instellingen verschijnt.
A l l e B e e l d e n
E n k e l b e e l d
DPOF AUTOPRINT
OK
3 Kies met de vierwegbesturing (45) een opname die u wilt afdrukken.
4 Kies het aantal afdrukken
met de vierwegbesturing (23).
U kunt maximaal 99 exemplaren afdrukken.
5 Gebruik de knop Snelinstelling om te bepalen of de datum al dan niet moet worden afgedrukt.
O (aan) : de datum wordt afgedrukt.
P (uit) : de datum wordt niet afgedrukt.
6 Druk op de knop 4.
Er verschijnt een bevestigingsvenster.
Om de opnamen af te drukken op basis van de afdrukinstellingen van de printer, drukt u op de knop 4.
Ga naar stap 7 om de afdrukinstellingen te wijzigen.
MENU
K o p i e ë n 0 1 Datum
P a p i e r a f m e t i n g
P a p i e r t y p e
K w a l i t e i t
R a n d i n s t e l l i n g
MENU
OK
Instelling
Instelling
Instelling
Instelling
OK
7 Druk op de knop Snelinstelling.
Het scherm voor het wijzigen van de afdrukinstellingen verschijnt.
8 Selecteer [Papierafmeting] en druk
op de vierwegbesturing (5).
Het scherm voor het papierformaat verschijnt.
P i c t B r i d g e
P a p i e r a f m e t i n g
P a p i e r t y p e
K w a l i t e i t
R a n d i n s t e l l i n g
MENU
Instelling
Instelling
Instelling
Instelling
6
119
6
9 Kies het papierformaat
met de vierwegbesturing (2345).
U kunt alleen een papierformaat kiezen dat door uw printer wordt ondersteund.
10 Druk op de knop 4.
P a p i e r a f m e t i n g
I n s t e l l i n g
V i s i t e k r t
L
1 0 0 × 1 5 0
B r i e f k a a r t
2 L
8 ” × 1 0 ”
A 4
B r i e f
1 1 ” × 1 7 ”
4 ” × 6 ” A 3
De instelling van het papierformaat wordt opgeslagen en het scherm voor afdrukinstellingen verschijnt weer.
MENU
11 Selecteer [Papiersoort] met de vierwegbesturing (23)
en druk op de vierwegbesturing (5).
OK
Er verschijnt een afrolmenu.
12 Selecteer de papiersoort met de vierwegbesturing (23)
en druk op de knop 4.
De instelling van de papiersoort wordt opgeslagen en het scherm voor afdrukinstellingen verschijnt weer. Stel [Kwaliteit] en [Randinstelling] op dezelfde manier in als in stap 11 en 12.
Als u [_ Instelling] selecteert voor elke afdrukinstelling, worden de opnamen afgedrukt op basis van de instellingen die zijn verricht op de printer.
Papiersoorten met meer E ondersteunen papier van een hogere kwaliteit.
Hoe meer E, hoe hoger de afdrukkwaliteit.
Na instelling van elk onderdeel verschijnt er een bevestigingsvenster.
13 Druk op de MENU-knop.
Het scherm gaat terug naar het bevestigingsvenster.
14 Druk op de knop 4.
De opname wordt afgedrukt op basis van de gekozen instellingen.
Druk op de knop 3 om het afdrukken te annuleren.
• De zelfontspanner-LED brandt wanneer de camera communiceert met de printer en knippert terwijl de kaart wordt aangesproken en tijdens het afdrukken. Maak de USB-kabel niet los terwijl de zelfontspanner-LED knippert.
• De standaardinstellingen van [Papierafmeting], [Papiersoort], [Kwaliteit] en [Randinstelling] worden hersteld bij uitschakeling van de camera.
De kabel losmaken van de printer 1blz.122
120
Alle opnamen afdrukken
1 Selecteer op het scherm voor selectie van de afdrukinstellingen [Alle beelden]
met de vierwegbesturing (23).
A l l e B e e l d e n
E n k e l b e e l d
DPOF AUTOPRINT
OK
2 Druk op de knop 4.
Het scherm met instellingen verschijnt.
3 Kies het aantal afdrukken en stel in of u de datum wilt afdrukken.
Het aantal afdrukken en de datuminstelling die u kiest, gelden voor alle opnamen.
Zie stap 4 en 5 in “Afzonderlijke opnamen afdrukken”
(blz.119) voor nadere informatie over de instellingen.
4 Druk op de knop 4.
MENU
K o p i e ë n
T o t a a l
0 1
2 8
Datum
OK
Er verschijnt een bevestigingsvenster.
Raadpleeg stap 7 tot en met 11 van “Afzonderlijke opnamen afdrukken” (blz.119 en blz.120) voor bijzonderheden over het wijzigen van de afdrukinstellingen.
5 Druk op de knop 4 in het bevestigingsvenster voor de afdrukinstellingen.
Alle opnamen worden afgedrukt op basis van de gekozen instellingen.
Druk op de knop 3 om het afdrukken te annuleren.
6
121
6
Afdrukken met de DPOF-instellingen
1 Selecteer op het scherm voor selectie van de afdrukinstellingen
[DPOF AUTOPRINT] met de vierwegbesturing (23).
2 Druk op de knop 4.
De gemaakte DPOF-instellingen verschijnen.
Gebruik de vierwegbesturing (45) om voor elke opname het aantal afdrukken te controleren, om te bepalen of al dan niet de datum moet worden afgedrukt, en om het totale aantal exemplaren te controleren. Raadpleeg blz.115 voor instructies over hoe de DPOF-instellingen moeten worden
MENU
K o p i e ë n
T o t a a l
0 1
1 0
Datum
OK verricht.
3 Druk op de knop 4.
Er verschijnt een bevestigingsvenster.
Raadpleeg stap 7 tot en met 11 van “Afzonderlijke opnamen afdrukken” (blz.119 en blz.120) voor bijzonderheden over het wijzigen van de afdrukinstellingen.
4 Druk op de knop 4.
De opnamen worden afgedrukt op basis van de gekozen instellingen.
Druk op de knop 3 om het afdrukken te annuleren.
De kabel losmaken van de printer
Maak de USB-kabel los van de camera en de printer wanneer u klaar bent met afdrukken.
1 Zet de camera uit.
2 Maak de USB-kabel los van de camera en de printer.
122
Afdrukken met ImageLink
Deze camera is compatibel met het ImageLink afdruksysteem. Hierbij sluit u de camera niet met de USB-kabel aan op de printer of computer, maar plaatst u de meegeleverde dock-adapter O-DI51 op het Kodak EasyShare Printer Dock.
Vervolgens plaatst u de camera op de dock-adapter. U kunt dan heel eenvoudig opnamen afdrukken.
Raadpleeg de handleiding bij uw printer voor informatie over het afdrukken van opnamen en voor printergegevens.
Sommige printer functies werken mogelijk niet bij gebruik van de camera in combinatie met een printerdock.
6
123
Geluidsopnamen maken en weergeven
Geluid opnemen (geluidsopnamefunctie)
U kunt geluid opnemen met deze camera. De microfoon bevindt zich onder het objectief. Richt de camera op de geluidsbron om zo duidelijk mogelijk op te nemen.
Vierwegbesturing
4 knop
3 knop
MENU
Microfoon
Luidspreker
7
1 Druk in de stand A op de vierwegbesturing (3).
Het opnamestandpalet verschijnt.
2 Selecteer O (Geluidsopname)
met de vierwegbesturing (2345).
3 Druk op de knop 4.
Op de LCD-monitor verschijnen de resterende opnametijd en de opnametijd van het huidige bestand.
1 Duur van de opname
2 Resterende opnametijd
1
SHUTTER REC
4 Druk de ontspanknop helemaal in.
De opname start. Tijdens de opname knippert de zelfontspanner-LED.
Wanneer tijdens de geluidsopname op de knop
Snelinstelling wordt gedrukt, kan er een index worden toegevoegd aan het huidige geluidsbestand.
SHUTTER REC
OK
2
124
5 Druk de ontspanknop helemaal in.
De opname stopt.
• Als u de ontspanknop meer dan een seconde ingedrukt houdt in stap 4, gaat de opname door tot u uw vinger van de ontspanknop haalt.
• Geluid wordt opgeslagen in WAVE-bestanden (mono).
7
125
Geluidsopnamen weergeven
U kunt de geluidsbestanden weergeven die u hebt gemaakt in de stand O.
3
1
2, 3, 4
7
1 Druk op de knop Q.
2 Kies met de vierwegbesturing (45) het geluidsbestand dat u wilt weergeven.
3 Druk op de vierwegbesturing (2).
Het geluidsbestand wordt weergegeven.
1 Totale opnametijd
2 Weergavetijd
1 2
Tijdens het weergeven kunnen de volgende handelingen worden verricht.
Vierwegbesturing (2) Weergave onderbreken
Zoom/w/x knop (x) Verhoogt het volume
Zoom/w/x button (w) Verlaagt het volume
Als er geen indexen zijn opgenomen:
Vierwegbesturing (4) Geeft het geluid achteruit weer
Vierwegbesturing (5) Spoelt het geluid vooruit en geeft het weer
Als er indexen zijn opgenomen:
Vierwegbesturing (4)
Vierwegbesturing (5)
Start de weergave bij de vorige index
Start de weergave bij de volgende index
Terwijl de weergave is onderbroken, kunnen de volgende handelingen worden verricht.
Vierwegbesturing (2)
Vierwegbesturing (4)
Vierwegbesturing (5)
Hervat het afspelen
Ca. 5 seconden terugspoelen
Ca. 5 seconden vooruitspoelen
4 Druk op de vierwegbesturing (3).
De weergave stopt.
1 4 : 2 5
126
Een gesproken memo toevoegen aan opnamen
U kunt een gesproken memo toevoegen aan foto-opnamen.
1, 2, 3
4, 5
MENU OK
Een gesproken memo opnemen
1 Activeer de stand Q en kies met de vierwegbesturing (45) de foto-opname waaraan u een gesproken memo wilt toevoegen.
2 Druk op de vierwegbesturing (3).
Het weergavestandpalet verschijnt.
3 Selecteer \ (Memo recorder)
met de vierwegbesturing (2345).
4 Druk op de knop 4.
De opname start. U kunt opnemen tot de SDgeheugenkaart of het interne geheugen vol is.
5 Druk op de knop 4.
De opname stopt.
MENU OK
7
• U kunt geen gesproken memo toevoegen aan een opname die al een gesproken memo bevat. Verwijder het oude memo en neem een nieuw memo op. (blz.104)
• U kunt geen gesproken memo toevoegen aan beveiligde (Z) opnamen (blz.108).
127
2
1, 2, 3
7
Weergave van een gesproken memo
1 Activeer de weergavestand en kies
met de vierwegbesturing (45) de foto-opname met het gesproken memo dat u wilt afspelen.
Bij weergave van één opname verschijnt U op opnamen met gesproken memo’s.
2 Druk op de vierwegbesturing (2).
De weergave begint.
Tijdens het weergeven kunnen de volgende handelingen worden verricht.
Zoom/w/x button (x) Verhoogt het volume.
Zoom/w/x button (w) Verlaagt het volume.
3 Druk op de vierwegbesturing (3).
De weergave stopt.
Een geluidsbestand wissen 1blz.104
128
Instellingen
Camera-instellingen
Het menu [u Instelling] oproepen
MENU
Vierwegbesturing
4 knop
3 knop
Een SD-geheugenkaart of het interne geheugen formatteren
Bij formatteren worden alle gegevens van de SD-geheugenkaart gewist.
Alle gegevens in het interne geheugen worden gewist wanneer er geen SD-geheugenkaart in de camera is geplaatst.
• Neem de SD-geheugenkaart niet uit tijdens het formatteren, omdat de kaart hierdoor beschadigd kan raken en onbruikbaar kan worden.
• Bij formatteren worden alle beveiligde opnamen gewist, alsmede alle op de kaart opgeslagen opnamen die met een andere camera zijn gemaakt.
• Een SD-geheugenkaart die is geformatteerd op een computer of op een ander apparaat, is niet bruikbaar. Formatteer de kaart met de camera.
1 Selecteer [Formatteren] in het menu [u Instelling]
met de vierwegbesturing (23).
2 Druk op de vierwegbesturing (5).
Het scherm voor formatteren verschijnt.
3 Selecteer [Formatteren]
met de vierwegbesturing (23).
4 Druk op de knop 4.
F o r m a t t e r e n
A l l e g e g e v e n s w o r d e n g e w i s t
Het formatteren begint. Wanneer het formatteren voltooid is, keert u terug naar de opnamestand of de weergavestand.
F o r m a t t e r e n
O n d e r b r e k e n
OK
8
129
Het menu [u Instelling] oproepen
Vierwegbesturing
4 knop
3 knop
MENU
I n s t e l l i n g
F o r m a t t e r e n
G e l u i d
O p s t a r t s c h e r m
D a t u m i n s t e l l e n
1 / 3
2 5 / 0 3 / 2 0 0 6
N e d e r l a n d s
MENU E i n d e
De geluidsinstellingen wijzigen
U kunt het volume van bedieningsgeluiden aanpassen en het type geluid wijzigen.
1 Selecteer [Geluid] in het menu [u Instelling]
met de vierwegbesturing (23).
2 Druk op de vierwegbesturing (5).
G e l u i d
Het scherm [Geluid] verschijnt.
Vo l u m e
O p s t a r t g e l u i d
S l u i t e r g e l u i d
B e d i e n i n g s g e l u i d
Z e l f o n t s p . g e l u i d
1
1
1
A a n
MENU
8
Het volume van bedieningsgeluiden wijzigen
3 Selecteer [Volume] met de vierwegbesturing (23).
4 Pas het volume aan met de vierwegbesturing (45).
Het geselecteerde volume wordt opgeslagen.
Stel het volume in op 0 om het opstartgeluid, sluitergeluid, bedieningsgeluid en zelfontspannergeluid uit te zetten.
Het type geluid wijzigen
5 Selecteer [Opstartgeluid] met de vierwegbesturing (23).
6 Druk op de vierwegbesturing (5).
Er verschijnt een afrolmenu.
130
7 Selecteer [1], [2], [3] of [Uit] met de vierwegbesturing (23)
en druk op de knop 4.
Het geselecteerde geluidstype wordt opgeslagen.
8 Stel [Sluitergeluid], [Bedieningsgeluid] en [Zelfontspannergeluid] op dezelfde manier in als in stap 5 tot en met 7.
Selecteer [Aan] of [Uit] voor het zelfontspannergeluid.
9 Druk op de knop 3.
Het scherm gaat terug naar het menu [B Instelling], met de gewijzigde instelling.
8
131
Het menu [u Instelling] oproepen
Vierwegbesturing
4 knop
3 knop
MENU
I n s t e l l i n g
F o r m a t t e r e n
G e l u i d
O p s t a r t s c h e r m
D a t u m i n s t e l l e n
1 / 3
2 5 / 0 3 / 2 0 0 6
N e d e r l a n d s
MENU E i n d e
8
Het opstartscherm wijzigen
U kunt het opstartscherm instellen dat verschijnt bij inschakeling van de camera.
U hebt de keus uit drie opnamen. U kunt ook instellen dat het opstartscherm niet wordt weergegeven.
1 Selecteer [Opstartscherm] in het menu [H Instelling]
met de vierwegbesturing (23).
2 Druk op de vierwegbesturing (5).
Het scherm voor selectie van een opname verschijnt.
3 Kies met de vierwegbesturing (45) een opname voor het opstartscherm.
Selecteer [Uit] om het opstartscherm niet weer te geven.
4 Druk op de knop 4.
De instelling voor het startscherm wordt opgeslagen.
MENU OK
Het opstartscherm wordt weergegeven als O wanneer er een opname is geselecteerd voor het opstartscherm, of als P wanneer [Uit] is geselecteerd.
132
Het menu [u Instelling] oproepen
Vierwegbesturing
4 knop
3 knop
MENU
I n s t e l l i n g
F o r m a t t e r e n
G e l u i d
O p s t a r t s c h e r m
D a t u m i n s t e l l e n
1 / 3
2 5 / 0 3 / 2 0 0 6
N e d e r l a n d s
MENU E i n d e
De datum en tijd wijzigen
U kunt de aanvankelijk ingestelde datum en tijd wijzigen. U kunt ook de stijl wijzigen waarin de datumgegevens worden weergegeven op de camera.
1 Selecteer [Datum instellen] in het menu [u Instelling]
met de vierwegbesturing (23).
2 Druk op de vierwegbesturing (5).
D a t u m i n s t e l l e n
Het scherm Datum instellen verschijnt.
Datumweergave 24h
D a t u m
Ti j d
0 1 / 0 1 / 2 0 0 6
0 : 0 0
MENU S t o p OK O K
3 Druk op de vierwegbesturing (5).
Het kader gaat naar [MM/DD/JJ].
Afhankelijk van de aanvankelijke instelling of de vorige instelling kan [DD/MM/JJ] of [JJ/MM/DD] worden weergegeven.
4 Kies met de vierwegbesturing (23) de weergavestijl voor de datum.
Kies [MM/DD/JJ], [DD/MM/JJ] of [DD/MM/JJ].
5 Druk op de vierwegbesturing (5).
Het kader gaat naar [24h].
6 Selecteer [24 h] (24-uurs weergave) of [12 h] (12-uurs weergave)
met de vierwegbesturing (23).
D a t u m i n s t e l l e n
Datumweergave DD MM JJ 24h
D a t u m
Ti j d
0 1 / 0 1 / 2 0 0 6
0 : 0 0
MENU S t o p OK O K
D a t u m i n s t e l l e n
Datumweergave
D a t u m
24h
0 1 / 0 1 / 2 0 0 6
Ti j d 0 : 0 0
MENU S t o p OK O K
8
133
7 Druk op de vierwegbesturing (5).
Het kader gaat terug naar [Datumweergave].
8 Druk op de vierwegbesturing (3).
Het kader gaat naar [Datum].
D a t u m i n s t e l l e n
Datumweergave
D a t u m
24h
0 1 / 0 1 / 2 0 0 6
Ti j d 0 : 0 0
MENU S t o p OK O K
8
9 Druk op de vierwegbesturing (5).
Het kader gaat naar een van de volgende onderdelen, afhankelijk van de in stap 4 ingestelde datumstijl.
Voor [MM/DD/JJ] maand (Voorbeeld: [01])
D a t u m i n s t e l l e n
Datumweergave
D a t u m
Voor [DD/MM/JJ] dag (Voorbeeld: [01])
Voor [JJ/MM/DD] jaar (Voorbeeld: [2006])
Ti j d
MENU S t o p
Voor de volgende handelingen en schermen is [MM/DD/JJ] als voorbeeld gebruikt. De handelingen zijn gelijk,
0 : 0 0
OK
24h
0 1 / 0 1 / 2006
O K ook als een andere datumweergave is geselecteerd.
10 Wijzig de maand met de vierwegbesturing (23).
11 Druk op de vierwegbesturing (5).
Het kader gaat naar het veld voor de dag. Wijzig de dag met de vierwegbesturing
(23). Wijzig daarna het jaar op dezelfde manier.
12 Wijzig de tijd op dezelfde manier als in stap 7 tot en met 10.
Als u [12 h] heeft geselecteerd bij stap 6, verandert de aanduiding in am (vóór
12:00 uur ’s middags) of pm (na 12:00 uur ’s middags), al naar gelang de tijd.
13 Druk op de knop 4.
De datum- en tijdinstellingen worden opgeslagen.
Wanneer u klaar bent met de instellingen en op de knop 4 drukt, wordt de klok van de camera teruggezet op 00 seconden. Om de exacte tijd in te stellen, drukt u op de knop 4 wanneer het tijdsignaal (op TV, radio, enz.) precies 00 seconden aangeeft.
134
Het menu [u Instelling] oproepen
Vierwegbesturing
4 knop
3 knop
MENU
I n s t e l l i n g
F o r m a t t e r e n
G e l u i d
O p s t a r t s c h e r m
D a t u m i n s t e l l e n
1 / 3
2 5 / 0 3 / 2 0 0 6
N e d e r l a n d s
MENU E i n d e
De weergavetaal wijzigen
U kunt de taal wijzigen waarin de menu’s, foutberichten, enz. worden weergegeven.
U kunt kiezen uit de volgende talen: Engels, Frans, Duits, Spaans, Italiaans,
Zweeds, Nederlands, Russisch, Koreaans, Chinees [traditioneel en vereenvoudigd] en Japans.
1 Selecteer [Language/ ] in het menu [u Instelling]
met de vierwegbesturing (23).
2 Druk op de vierwegbesturing (5).
Het scherm Language/ verschijnt.
3 Selecteer de taal
met de vierwegbesturing (2345).
4 Druk op de knop 4.
De geselecteerde taal is nu ingesteld om te worden weergegeven.
E n g l i s h
F r a n c a i s
D e u t s c h
E s p a ñ o l
I t a l i a n o
S v e n s k a
MENU S t o p
N e d e r l a n d s
OK O K
8
135
Het menu [u Instelling] oproepen
Vierwegbesturing
4 knop
3 knop
MENU
I n s t e l l i n g
F o r m a t t e r e n
G e l u i d
O p s t a r t s c h e r m
D a t u m i n s t e l l e n
1 / 3
2 5 / 0 3 / 2 0 0 6
N e d e r l a n d s
MENU E i n d e
De mapnaam wijzigen
U kunt de naaminstelling van de opnamemap wijzigen van de standaardnaam in de datum waarop de opname werd gemaakt. Als de naaminstelling wordt gewijzigd in de datum, worden de opnamen bewaard in afzonderlijke mappen met de datum waarop de opnamen werden gemaakt.
Bestandsnaam
Standaard XXXPENTX (XXX is het 3-cijferig mapnummer)
Datum XXX_mmdd (3-cijferig mapnummer_maand dag)
Opname gemaakt met standaard mapnaam
(Voorbeeld: 25 maart)
De mapnaam is gewijzigd in de datuminstelling
(Voorbeeld: 25 maart)
De volgende keer dat er een foto wordt gemaakt
(Voorbeeld: 1 april)
8
DCIM DCIM DCIM
100
100PENTX
100
100PENTX
101
101_0325
100
100PENTX
101
101_0325
102
102_0401
1 Selecteer [Bestandsnaam] in het menu [u Instelling]
met de vierwegbesturing (23).
2 Druk op de vierwegbesturing (5).
Er verschijnt een afrolmenu.
3 Selecteer [Standaard] of [Datum] met de vierwegbesturing (23).
4 Druk op de knop 4.
De instelling voor [Bestandsnaam] wordt opgeslagen.
136
Het menu [u Instelling] oproepen
Vierwegbesturing
4 knop
3 knop
MENU
I n s t e l l i n g
F o r m a t t e r e n
G e l u i d
O p s t a r t s c h e r m
D a t u m i n s t e l l e n
1 / 3
2 5 / 0 3 / 2 0 0 6
N e d e r l a n d s
MENU E i n d e
De USB-aansluitfunctie wijzigen
Kies de juiste USB-aansluitfunctie op basis van het apparaat waarop u de USB-kabel aansluit: een computer of een PictBridge-compatibele printer.
Zie de Handleiding Computeraansluiting voor aanwijzingen omtrent het aansluiten van de camera op computer.
1 Selecteer [USB-aansluiting] in het menu [u Instelling]
met de vierwegbesturing (23).
2 Druk op de vierwegbesturing (5).
Er verschijnt een afrolmenu.
3 Selecteer [PC] of [PictBridge]
met de vierwegbesturing (23).
I n s t e l l i n g
[PC] : Selecteer deze optie wanneer u opnamegegevens wilt overbrengen
B e s t a n d s n a a m
U S B - a a n s l u i t i n g
Vi d e o s i g n a a l
2 / 3
S t a n d a a r d
P C
PictBridge
A u t o L C D - d i m m e r naar een computer.
[PictBridge] : Selecteer deze optie wanneer u de camera aansluit op een PictBridgecompatibele printer.
4 Druk op de knop 4.
A u t o U i t s c h .
MENU S t o p
3 m i n .
OK
De instelling voor de USB-aansluiting wordt opgeslagen.
Sluit de camera niet aan op de computer terwijl [PictBridge] is geselecteerd als USB-aansluitfunctie. Sluit de camera niet aan op de printer terwijl [PC] is geselecteerd.
8
137
Het menu [u Instelling] oproepen
Vierwegbesturing
4 knop
3 knop
MENU
I n s t e l l i n g
F o r m a t t e r e n
G e l u i d
O p s t a r t s c h e r m
D a t u m i n s t e l l e n
1 / 3
2 5 / 0 3 / 2 0 0 6
N e d e r l a n d s
MENU E i n d e
8
Het videosignaal wijzigen
Wanneer u de camera aansluit op audiovisuele apparatuur moet u het juiste videosignaal (NTSC of PAL) kiezen voor het maken en weergeven van opnamen.
1 Selecteer [Videosignaal] in het menu [u Instelling]
met de vierwegbesturing (23).
2 Druk op de vierwegbesturing (5).
Er verschijnt een afrolmenu.
3 Selecteer [NTSC] of [PAL]
met de vierwegbesturing (23).
I n s t e l l i n g
B e s t a n d s n a a m
Kies het videosignaal dat overeenkomt met het uitgangssignaal van de AV-apparatuur.
4 Druk op de knop 4.
De instelling van het videosignaal wordt opgeslagen.
U S B - a a n s l u i t i n g
Vi d e o s i g n a a l
A u t o L C D - d i m m e r
A u t o U i t s c h .
MENU S t o p
S t a n d a a r d
P C
N T S C
PA L
3 m i n .
OK
2 / 3
Afhankelijk van het land of de regio bestaat de kans dat opnamen en geluidsbestanden niet kunnen worden weergegeven als het ingestelde videosignaal afwijkt van het aldaar gebruikte signaal. Mocht dit zich voordoen, wijzig dan de instelling van het videosignaal.
De camera aansluiten op audiovisuele apparatuur 1blz.102
138
Het menu [u Instelling] oproepen
Vierwegbesturing
MENU
I n s t e l l i n g
F o r m a t t e r e n
G e l u i d
O p s t a r t s c h e r m
D a t u m i n s t e l l e n
1 / 3
2 5 / 0 3 / 2 0 0 6
N e d e r l a n d s
MENU E i n d e
3 knop
De helderheid van de LCD-monitor automatisch aanpassen (Auto LCD-dimmer)
Met Auto LCD-dimmer kunt u de helderheid van de LCD-monitor automatisch aanpassen aan de optimale instelling op basis van het omgevingslicht.
1 Selecteer [Auto LCD-dimmer] in het menu [u Instelling]
met de vierwegbesturing (23).
2 Selecteer O (Aan) of P (Uit)
met de vierwegbesturing (45).
I n s t e l l i n g 2 / 3
De volgende instelling wordt opgeslagen.
Aan: De automatische LCD-dimmer is ingeschakeld.
Uit: De automatische LCD-dimmer is uitgeschakeld.
B e s t a n d s n a a m
U S B - a a n s l u i t i n g
Vi d e o s i g n a a l
A u t o L C D - d i m m e r
S t a n d a a r d
P C
PA L
3 Druk op de knop 3.
A u t o U i t s c h .
3 m i n .
MENU E i n d e
De camera gaat terug naar de opnamestand of weergavestand.
Om de instelling te wijzigen, voert u de bovenstaande stappen opnieuw uit.
De automatische LCD-dimmer werkt niet in de volgende situaties:
• in de weergavestand
• wanneer de camera is aangesloten op een computer of printer
• bij het maken van een filmopname
8
139
Het menu [u Instelling] oproepen
Vierwegbesturing
4 knop
3 knop
MENU
I n s t e l l i n g
F o r m a t t e r e n
G e l u i d
O p s t a r t s c h e r m
D a t u m i n s t e l l e n
1 / 3
2 5 / 0 3 / 2 0 0 6
N e d e r l a n d s
MENU E i n d e
8
Automatisch uitschakelen instellen
De camera kan automatisch worden uitgeschakeld wanneer een bepaalde tijd geen activiteit plaatsvindt.
1 Selecteer [Auto Uitsch.] in het menu [u Instelling]
met de vierwegbesturing (23).
2 Druk op de vierwegbesturing (5).
Er verschijnt een afrolmenu.
3 Selecteer [5 min], [3 min] of [Uit]
met de vierwegbesturing (23).
4 Druk op de knop 4.
I n s t e l l i n g
B e s t a n d s n a a m
U S B - a a n s l u i t i n g
Vi d e o s i g n a a l
De instelling voor automatische uitschakeling wordt opgeslagen.
A u t o L C D - d i m m e r
A u t o U i t s c h .
S t a n d a a r d
P C
3 m i n .
U i t
2 / 3
MENU E i n d e
De automatische uitschakeling werkt niet in de volgende situaties:
• tijdens een diavoorstelling of het weergeven van een filmopname.
• wanneer de camera is aangesloten op een computer of printer
140
Het menu [u Instelling] oproepen
Vierwegbesturing
4 knop
3 knop
MENU
I n s t e l l i n g
F o r m a t t e r e n
G e l u i d
O p s t a r t s c h e r m
D a t u m i n s t e l l e n
1 / 3
2 5 / 0 3 / 2 0 0 6
N e d e r l a n d s
MENU E i n d e
Standaardinstellingen herstellen (Reset)
U kunt de standaardinstellingen van de camera herstellen.
Zie (“Basisinstellingen” (blz.142)) voor de reset-instellingen.
1 Selecteer [Reset] in het menu [u Instelling]
met de vierwegbesturing (23).
2 Druk op de vierwegbesturing (5).
Het scherm [Reset] verschijnt.
3 Selecteer [Reset]
met de vierwegbesturing (23).
4 Druk op de knop 4.
R e s e t
Te r u g n a a r d e b a s i s i n s t e l l i n g e n
De standaardinstellingen worden hersteld.
R e s e t
O n d e r b r e k e n
OK O K
De volgende instellingen worden niet beïnvloed wanneer de standaardinstellingen van de camera worden hersteld.
Datum instellen, Language/ en Videosignaal.
8
141
Bijlage
Basisinstellingen
9
In onderstaande tabel staan de fabrieksinstellingen.
Hierna wordt de betekenis uitgelegd van de indicaties voor menuonderdelen met een standaardinstelling.
Laatste geheugeninstelling
Ja : De actieve instelling (laatste geheugen) wordt bewaard wanneer de camera wordt uitgezet.
Nee : De instelling gaat terug naar de standaardwaarde als de camera
* wordt uitgezet.
: De instelling is afhankelijk van de geheugeninstelling (blz.86).
Reset instelling
Ja : De instelling gaat terug naar de standaardinstelling met de reset-functie (blz.141).
Nee : De instelling wordt bewaard, zelfs als de camera wordt gereset.
Onderdelen van het menu [A Opnemen]
Onderdeel
Opnamepixels
Kwaliteitsniveau
Standaardinstelling
Laatste geheugeninstelling
Ja
Ja
Reset instelling Bladzijde
Ja
Ja blz.75
blz.77
Witbalans
AF-veld
Gevoeligheid
Belichtingscorrectie
Opnamepixels
Video Kleurinstelling
Beeldsnelheid
Digitale zoom
Momentcontrole
Flitsinstelling
P (2816×2112)
D (Beter)
F
(automatisch)
J (meervoudig scherpstelpunt)
Automatisch
±0.0
D (320×240)
Kleur
30 fps
Aan
1 s
Aan
*
Ja
*
*
Ja
Ja
Ja
*
Ja
—
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja blz.78
blz.80
Geheugen
Transportstand
Scherpstelinstelling
Zoomstand
Uit
Uit
Uit
—
—
—
Ja
Ja
Ja blz.81
blz.68
blz.90
blz.91
blz.92
blz.67
blz.82
blz.73
blz.62, blz.63, blz.64
blz.71
blz.66
142
Onderdeel
Geheugen
Handmatige scherpstelpostitie
Witbalans
Gevoeligheid
Belichtingscorrectie
Digitale zoom
DISPLAY
Bestandsnr.
Scherpte
Kleurverzadiging
Contrast
Standaardinstelling
Laatste geheugeninstelling
Reset instelling Bladzijde
Uit
Uit
Uit
Uit
Aan
Uit
Aan
Normaal
Normaal
Normaal
—
—
—
—
—
—
—
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja blz.72
blz.78
blz.81
blz.68
blz.67
blz.69, blz.98
— blz.83
blz.84
blz.85
Onderdelen van het menu [u Instelling]
Geluid
Datum instellen
Volume
Opstartgeluid
Sluitergeluid
Bedieningsgeluid
Zelfontspannergeluid
Datumweergave
(datum)
Language/
Bestandsnaam
USB-aansluiting
Videosignaal
Onderdeel
Opstartscherm
Datumweergave (tijd)
Datum
Tijd
Standaardinstelling
3
1
1
1
Aan
Scherm met Optio-logo
Op basis van basisinstelling
Op basis van basisinstelling
Op basis van basisinstelling
Op basis van basisinstelling
Op basis van basisinstelling
Standaard
PC
Op basis van basisinstelling
Laatste geheugeninstelling
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Reset instelling Bladzijde
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja blz.130
blz.132
Nee
Nee
Nee
Nee
Nee
Ja
Ja
Nee blz.36
blz.34
blz.136
blz.137
blz.138
9
143
9
Onderdeel
Auto LCD-dimmer
Automatisch uitschakelen
Snel zoomen
Standaardinstelling
Aan
3 min.
Uit
Onderdelen van het weergavestandpalet
Laatste geheugeninstelling
Ja
Ja
Ja
Onderdeel
Diavoorstelling
Interval
Schermeffect
Geluidseffect
Standaardinstelling
3 s
Vegen
Aan
Laatste geheugeninstelling
Ja
Ja
Ja
Reset instelling Bladzijde
Ja
Ja
Ja blz.139
blz.140
blz.97
Reset instelling Bladzijde
Ja
Ja
Ja blz.99
Belangrijkste bedieningsfuncties
Onderdeel
Q -knop
Zoom/w/x knop
Functie
Bediening
Zoomstand
Standaardinstelling
Q -stand
Laatste geheugeninstelling
—
Groothoek *
2 Transportstand 9 (Normaal)
Vierwegbesturing 3
4
Opnamefunctie
Flitsinstelling
R (Programma)
, (automatisch)
5 Scherpstelinstelling = (standaard)
3 knop Menuweergave
Opnamestand: menu
[A Opnemen]
Weergavestand: menu [B Instelling]
4/W knop
Informatieweergave Normaal
*
Ja
*
*
—
*
Reset instelling Bladzijde
—
Ja
— blz.66
Ja
Ja
Ja
Ja blz.62, blz.63, blz.64
blz.51
blz.73
blz.71
—
Ja blz.46
blz.69, blz.98
144
Beschikbare functies voor elke opnamefunctie
Ja: Kan worden ingesteld en functie is beschikbaar.
Nee: Kan niet worden ingesteld.
#: Kan worden ingesteld maar functie is niet beschikbaar.
, (automatisch) a (Flitser uit) b (Flitser aan) c (Auto +
Rode-ogenreductie)
A
Ja
Ja
Nee
Nee
R
Ja
Ja
Ja
Ja
A
Ja
Ja
Ja
C
Nee
Nee
*2
Ja *2
Ja Nee *2
*2
O
Nee
Nee
Nee
Nee
X
Ja
Ja
Ja
Ja q
< I iD
>
Ja
Ja
Ja
Ja
\ Q
E
Ja
Ja y
Nee *2
Ja *2
Ja Nee *2
Ja Nee *2 d (Flitser +
Rode-ogenreductie)
1 (Continuopname)
Nee g (Zelfontspanner) Ja *1
Z (Zelfontspanner 2 s) Ja *1
Nee
Y (Beeldkader)
= (standaard)
Ja
Ja q s
(Macro)
(Oneindig)
\ (Handmatig scherpstellen)
Opnamepixels
Ja
Nee
Nee
Nee
Kwaliteitsniveau
Witbalans
AF-veld
Gevoeligheid
Belichtingscorrectie
Nee
Nee
Nee
Nee
Nee
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Nee
Nee
Ja
Ja
Nee Nee Nee Nee
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Nee
Ja
Ja
Ja
Nee
Ja
Ja
# *3
#
Ja
#
Ja
*2
Nee
Nee
Nee
Nee
Nee
Ja *4
Nee
Nee
Nee
Nee
Nee
Nee
#
#
# *7
#
#
#
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Nee
Ja Ja
Ja Nee *9
Ja Nee *9
Ja Ja *9
Ja
Ja
Ja
Nee
Nee
Ja
Ja
*2
*9
Nee Nee Nee Nee
Ja Ja Nee *8 #
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Nee
Nee
Video
Digitale zoom
Momentcontrole
Geheugen
Scherpte
Kleurverzadiging
Contrast
Nee
Nee
Nee
Nee
Nee
Nee
Nee
#
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja
#
Ja
Ja
Ja
Nee
Nee
Nee
Ja
Ja *5
Ja
Ja *6
Ja
Ja
Ja
#
#
#
Ja *6
#
#
#
#
Ja
Ja
Ja
#
Ja
Ja
#
Ja
Ja
#
Ja
Ja
Nee Nee Nee Nee
Nee
Nee
Ja
Nee
Nee
*1 De instelling is beschikbaar in een andere opnamefunctie dan Snelinstelling.
*2 Vast ingesteld op a (Flitser uit)
*3 Volgt de instelling voor [Video]
*4 Niet beschikbaar tijdens opnamen
*5 Alleen digitale zoom is tijdens opnemen beschikbaar
*6 Alleen functies die kunnen worden ingesteld, kunnen worden opgeslagen
*7 K (Handmatig) is niet beschikbaar
*8 Vast ingesteld op automatisch meevolgende AF
*9 Vast ingesteld op s (Oneindig)
Ja
Nee
Nee
Ja
Nee
Nee
9
145
9
146
Optionele accessoires
Bij deze camera zijn verschillende speciale accessoires verkrijgbaar.
Netvoedingsadapterset K-AC51
Deze set bevat de gelijkstroomkoppeling D-DC51, de netvoedingsadapter D-AC5 en het netsnoer D-CO2.
De aanduiding van het netsnoer verschilt per land.
USB-kabel I-USB7 (*)
AV-kabel I-AVC7 (*)
Draagriem
O-ST51 (*)
O-ST24
O-ST8
O-ST30
Riem van echt leer
Zilveren ketting
Cameratas
O-CC51
Producten met een sterretje (*) zijn gelijk aan die bij de camera worden geleverd.
Berichten
Bij de bediening van de camera kunnen de volgende berichten op de LCD-monitor verschijnen.
Batterij leeg
Geheugenkaart vol
Geheugenkaartfout
De batterijen zijn uitgeput. Vervang ze door nieuwe batterijen.
Gebruikt u oplaadbare batterijen, laad de batterijen dan op.
(blz.22)
De SD-geheugenkaart is vol en er kunnen geen opnamen meer worden opgeslagen.
Plaats een nieuwe SD-geheugenkaart of wis niet-benodigde opnamen. (blz.26, blz.103)
Wijzig het kwaliteitsniveau of de opnamepixels van de opnamen en probeer het nogmaals. (blz.110)
Opnemen en weergeven onmogelijk door een probleem met de SD-geheugenkaart. Mogelijk kunt u via een computer de opnamen op de kaart weergeven of kopiëren.
Geheugenkaart is niet geformatteerd
De SD-geheugenkaart die u gebruikt is niet geformatteerd of is geformatteerd op een computer of ander apparaat en is niet compatibel met deze camera. (blz.129)
Geheugenkaart beveiligd De SD-geheugenkaart is beveiligd tegen schrijven. (blz.28)
Compressiefout te weinig geheugen
Geen beeld en geluid
Video-opname gestopt
Wissen
Deze melding verschijnt als u de capaciteitsgrens van de SDgeheugenkaart hebt overschreden bij het maken van opnamen.
Op de SD-geheugenkaart zijn geen opnamen/geluidsbestanden opgeslagen.
Deze melding verschijnt als de interne temperatuur van de camera de normale limieten heeft overschreden bij het maken van video-opnamen.
Deze melding verschijnt als u een opname op geluidsbestand wist.
Camera kan deze opname niet weergeven
Beeldmap kon niet worden gemaakt
Beeld is beveiligd
Gegevens worden opgeslagen
Gegevens worden verwerkt
U probeert een opname of geluid weer te geven met een indeling die niet wordt ondersteund door deze camera. Mogelijk kunt u de opname wel weergeven op een camera van een ander merk of op uw computer.
Het hoogst mogelijke bestandsnummer (9999) is al toegewezen aan een opname in het hoogste mapnummer (999). Er kunnen geen opnamen meer worden opgeslagen. Plaats een nieuwe
SD-geheugenkaart of formatteer de kaart. (blz.129)
Het beeld- of geluidsbestand dat u probeert te verwijderen, is beveiligd.
Deze melding verschijnt als u probeert over te schakelen naar de stand Q terwijl er een opname wordt gemaakt of als de beveiligingsinstelling of de DPOF-instelling wordt gewijzigd.
Hij verdwijnt weer als de opname is opgeslagen of als de instelling wordt gewijzigd.
Deze melding verschijnt wanneer het meer dan vijf seconden duurt voordat de camera een opname weergeeft vanwege de verwerking van de opname, of wanneer de SD-geheugenkaart of het interne geheugen wordt geformatteerd.
9
147
9
148
Bij gebruik van de PictBridge-functie kunnen de volgende berichten op de LCD-monitor verschijnen.
Geen papier in de printer
Geen inkt in de printer
Printerfout
Er is geen papier in de printer.
Er is geen inkt in de printer.
De printer heeft een foutbericht verzonden.
Gegevensfout De printer heeft een gegevensfoutbericht verzonden.
Papier in printer vastgelopen Het papier zit vast in de printer.
Problemen oplossen
Probleem Oorzaak Oplossing
Camera gaat niet aan
Batterij is verkeerd geplaatst
Controleer of batterijen correct zijn geplaatst.
Plaats batterijen opnieuw volgens de poolaanduidingen +- in het batterijcompartiment. (blz.20)
Geen beeld op de LCD-monitor
De sluiter ontspant niet
Opname is donker
De camera is aangesloten op een computer
De camera is aan gesloten op een TV
Beeld wordt weergegeven maar is slecht zichtbaar
Flitser wordt opgeladen
Geen vrije ruimte op de SD-geheugenkaart of in het interne geheugen
Er wordt een opname gemaakt
Onderwerp is te ver weg in een donkere omgeving, zoals bij een nachtopname
De LCD-monitor is uitgeschakeld als de camera is aangesloten op een computer.
Als de camera is aangesloten op een TV, is de LCD-monitor uitgeschakeld.
Beeld op de LCD-monitor kan slecht zichtbaar zijn bij het maken van buitenopnamen in zonlicht.
Er kunnen geen opnamen worden gemaakt terwijl de flitser wordt opgeladen. Wacht tot het opladen gereed is.
Plaats een SD-geheugenkaart met voldoende vrije ruimte of wis overbodige opnamen.
(blz.26, blz.103)
Wacht tot opslaan gereed is.
Opname wordt donker als onderwerp te ver weg is. Maak opname binnen bereik van flitser.
9
149
9
Probleem Oorzaak Oplossing
Niet scherpgesteld op onderwerp
Er kan moeilijk op het onderwerp worden scherpgesteld met de autofocus
Onderwerp bevindt zich niet in scherpstelveld
Stel scherp op een ander object op dezelfde afstand (houd de ontspanknop tot halverwege ingedrukt), richt opnieuw op het onderwerp en druk de ontspanknop helemaal in (blz.39).
U kunt ook de handmatige scherpstelfunctie gebruiken. (blz.72)
Plaats onderwerp in scherpstelkader in midden van LCD-monitor. Als het onderwerp buiten het scherpstelveld valt, richt u de camera op het onderwerp en vergrendelt de scherpstelling
(houd de ontspanknop tot halverwege ingedrukt). Kader het beeld vervolgens opnieuw uit en druk de ontspanknop helemaal in.
Onderwerp is te dichtbij Stel scherpstelinstelling in op q. (blz.71)
Scherpstelinstelling is ingesteld op q
Normale opnamen worden niet scherp weergegeven als de scherpstelinstelling is ingesteld op q.
Flitser gaat niet af
Flitsfunctie is ingesteld op a (flitser uit)
Transportstand is ingesteld op 1
Scherpstelinstelling is ingesteld op s
Opnamefunctie is ingesteld op C of y
Zet op Auto of b (Flitser aan). (blz.73)
Bij deze functies werkt de flitser niet.
USB-aansluiting met computer werkt niet correct
USB-aansluiting met printer werkt niet correct
USB-aansluitfunctie is ingesteld op [PictBridge] Wijzig de USB-aansluitfunctie in [PC]. (blz.137)
USB-aansluitfunctie is ingesteld op [PC]
Wijzig de USB-aansluitfunctie in [PictBridge].
(blz.118)
De kans bestaat dat de camera soms niet naar behoren werkt vanwege statische elektriciteit.
Als dit het geval is, neem de batterijen dan uit en plaats ze weer terug. Als de camera wordt ingeschakeld en correct werkt, betekent dit dat er geen sprake is van een storing. U kunt de camera normaal gebruiken.
150
Belangrijkste technische gegevens
Type Volautomatische compacte digitale fotocamera met ingebouwd zoomobjectief
Effectief aantal pixels 6,0 megapixel
Sensor 6,18 megapixel (totaal aantal pixels)
1/2,5 inch interline transfer-CCD met filter voor primaire kleuren
Opnamepixels Foto’s
Video
P (2816×2112 pixels), f (2560×1920 pixels) g (2304×1728 pixels), h (2048×1536 pixels) i (1600×1200 pixels), l (1024×768 pixels) m (640×480 pixels)
D (320×240 pixels), E (160×120 pixels)
Gevoeligheid Auto, handmatig (64/100/200/400: standaardgevoeligheid)
Bestandsindelingen Foto’s JPEG (Exif 2.2), DCF, DPOF, PictBridge,
PRINT Image Matching III
Video
Geluid
MOV (QuickTime Motion JPEG), streaming video, ca. 30 fps/15 fps (beeldjes per seconde), PCM-systeem, monogeluid, kleur/sepia/zwart-wit
Gesproken memo, geluidsopname: WAVE (PCM)-systeem, mono
Kwaliteitsniveau
Opslagmedium
Foto’s C “Best”, D “Beter”, E “Goed”
Intern geheugen (ca. 22 MB), SD-geheugenkaart
Geschatte opslagcapaciteit en opnametijd
Foto’s
C
Intern geheugen
(Best)
128 MB
D (Beter)
Intern geheugen
128 MB
E (Goed)
Intern geheugen
128 MB
P 2816×2112 7 opnamen 41 opnamen 14 opnamen 83 opnamen 22 opnamen 124 opnamen f 2560×1920 8 opnamen 49 opnamen 17 opnamen 95 opnamen 24 opnamen 137 opnamen g 2304×1728 11 opnamen 62 opnamen 22 opnamen 124 opnamen 31 opnamen 178 opnamen h 2048×1536 13 opnamen 77 opnamen 27 opnamen 153 opnamen 40 opnamen 223 opnamen i 1600×1200 22 opnamen 124 opnamen 37 opnamen 206 opnamen 54 opnamen 301 opnamen l 1024× 768 43 opnamen 244 opnamen 74 opnamen 412 opnamen 93 opnamen 522 opnamen m 640× 480 87 opnamen 489 opnamen 127 opnamen 712 opnamen 175 opnamen 979 opnamen
De beeldopslagcapaciteit dient alleen ter referentie. De feitelijke opslagcapaciteit is mede afhankelijk van de gebruikte SD-geheugenkaart en het onderwerp.
9
151
9
Video
D
E
320×240
160×120
30 fps
Intern geheugen
128 MB
33 s
2 min.
7 s
3 min.
6 s
11 min.
51 s
1 min.
3 s
3 min.
54 s
15 fps
Intern geheugen
128 MB
5 min.
55 s
21 min.
45 s
57 s
Geluid
Intern geheugen
47 min.
128 MB
4 uur
27 min.
19 s
De opnametijd dient alleen ter referentie. De feitelijke opnametijd is mede afhankelijk van de gebruikte SD-geheugenkaart en het onderwerp.
Witbalans
Objectief
Digitale zoom
LCD-monitor
Weergavefuncties
Scherpstelinstellingen
Automatisch, daglicht, bewolkt, gloeilamp, TL-licht, handmatig
Brandpuntsafstand 5,8 - 17,4 mm
(komt overeen met 35 - 105 mm in kleinbeeldformaat)
Diafragma
Samenstelling objectief f/2,8 - f/4,9
6 elementen in 5 groepen
(twee asferische elementen)
Type zoom
Beeldveld
Objectiefbescherming
Elektrisch gestuurd
Ca. 104,6 × 78,4 mm (scherm is gevuld) (Macrostand)
Elektrisch gestuurd
Opnamestand Max. 4× (geeft in combinatie met 3× optische zoom een vergroting die vergelijkbaar is met 12×)
2,5 inch TFT LCD-kleurenmonitor met lage reflectie
(met achtergrondverlichting), met automatische helderheidsregeling middels omgevingslichtsensor, ca. 115.000 pixels
Enkelbeeldopnamen, index met 9 opnamen, vergroting (max. 8×, schuiven), mapweergave, rotatie, geluid afspelen, gesproken memo weergeven, diavoorstelling, video weergeven, histogramweergave, weergave van heldere/donkere delen, opname/geluid kopiëren, aansnijden, formaat wijzigen, beveiligen, DPOF
Autofocus, Macro, Oneindig, Handmatige scherpstelling
Type
Foto’s
(vanaf voorzijde objectief)
DDL-contrastdetectiesysteem via sensor
9-punts autofocus (keuze uit meervlaks / spot / automatisch meevolgende AF)
Normaal : ca. 0,7 m -
Macro
Landschap :
: Ca. 0,1 - 0,8 m (groothoek) ca. 0,4 - 0,8 m (tele)
∞
∞
(volledig zoombereik)
(volledig zoombereik)
Handmatige scherpstelling: Ca. 0,1 m -
∞
Ca. 0,4 m -
* Continu-AF is alleen beschikbaar
(groothoek)
(tele) als automatisch meevolgende AF is geselecteerd
Scherpstelvergrendeling
Door ontspanknop tot halverwege in te drukken
152
Belichtingssysteem Lichtmeting bij automatische belichting
Belichtingscorrectie
Opnamefuncties
DDL-lichtmeting via sensor (meervlaks)
±2 LW (instelbaar in stappen van 1/3 LW)
Snelinstelling, Programma, Nachtopname, Video, Geluidsopname,
Soft, Landschap, Bloemen, Portret, Strand & sneeuw, Sport, Kinderen,
Huisdier, Vuurwerk, Eten & drinken, Zelfportret
Video
Sluiter
Flitser
Continue opnametijd
Type
Sluitertijden
Type
Flitsfuncties
Ca. 1 seconde – tot intern geheugen of SD-geheugenkaart vol is
Elektronische/mechanische sluiter
Ca. 1/1500 - 4 s
Effectief bereik
Automatische flitser met rode-ogenreductie
Automatisch (bij te weinig licht), Flitser uit,
Flitser aan, Auto + Rode-ogenreductie,
Flitser aan + Rode-ogenreductie,
(lange-sluitertijdsynchronisatie alleen mogelijk bij nachtopnamen)
Groothoek: ca. 0,4 - 4,0 m
(standaardgevoeligheid: Auto)
Tele: ca. 0,4 - 2,5 m
(standaardgevoeligheid: Auto)
Transportstanden Enkelbeeld, zelfontspanner (ca. 10 s / 2 s), continuopname, beeldkader
Zelfontspanner Elektronisch gestuurde zelfontspanner, vertragingstijd ca. 10 of 2 s.
Voedingsbron Twee AA-batterijen (alkaline, lithium, nikkel/mangaan of Ni-MH), netvoedingsadapterset (optioneel)
9
153
Levensduur batterijen
In-/uitgangen
Videosignaal
PictBridge
9
ImageLink
Afmetingen
(b x h x d)
Gewicht
Gewicht gebruiksklaar
Accessoires
Aantal te maken opnamen
220 opnamen (AA alkalinebatterijen)*1
430 opnamen (AA nikkel/mangaanbatterijen)*1
640 opnamen (AA NiMH-batterijen)*1
900 opnamen (AA lithiumbatterijen)*1
Weergavetijd
380 min. (AA alkalinebatterijen)*2
490 min. (AA nikkel/mangaanbatterijen)*2
660 min. (AA NiMH-batterijen)*2
850 min. (AA lithiumbatterijen)*2
Video-opnametijd
90 min. (AA alkalinebatterijen)*2
120 min. (AA nikkel/mangaanbatterijen)*2
230 min. (AA NiMH-batterijen)*2
310 min. (AA lithiumbatterijen)*2
Geluidsopnametijd
430 min. (AA alkalinebatterijen)*2
540 min. (AA nikkel/mangaanbatterijen)*2
740 min. (AA NiMH-batterijen)*2
1340 min. (AA lithiumbatterijen)*2
* 1 Opnamecapaciteit toont bij benadering het aantal opnamen dat is gemaakt tijdens tests die zijn uitgevoerd conform CIPA
(met LCD-monitor aan, flitser gebruikt voor 50% van de opnamen en bij 23 graden Celsius). In de praktijk kan dit afwijken, afhankelijk van de opnameomstandigheden.
* 2 Op basis van de resultaten van door PENTAX uitgevoerde tests.
In de praktijk kunnen de tijden afwijken, afhankelijk van de gebruiksomstandigheden.
PC/AV-aansluiting, gelijkstroomaansluiting
NTSC/PAL (monogeluid)
Printer PictBridge-compatibele printer
Afdrukfuncties
Papierformaat
Eén opname afdrukken, alle opnamen afdrukken,
DPOF AUTOPRINT
Kaart, L, 2L, Ansichtkaart, 100 x 150 mm, 4×6",
8×10", Letter, 11×17", A4, A3, printerinstelling
Papiersoort
Kwaliteit
C , D, E, printerinstelling
C , D, E, printerinstelling
Randinstelling Met/zonder, printerinstelling
Ondersteund
89 × 59,5 × 24,5 mm (b x h x d) (exclusief bedieningselementen / uitstekende delen)
21,5 mm op smalste punt (26,5 mm bij de handgreep)
120 gram (exclusief batterijen en SD-geheugenkaart)
165 gram (inclusief batterijen en SD-geheugenkaart)
Twee AA alkalinebatterijen, USB-kabel, AV-kabel, software (CD-ROM), draagriem, dock-adapter, bedieningshandleiding
154
GARANTIEBEPALINGEN
Alle PENTAX-camera’s die via de erkende kanalen door de officiële importeur zijn ingevoerd en via de erkende handel worden gekocht, zijn tegen materiaal- en/of fabricagefouten gegarandeerd voor een tijdsduur van twaalf maanden na aankoopdatum. Tijdens die periode worden onderhoud en reparaties kosteloos uitgevoerd, op voorwaarde dat de apparatuur niet beschadigd is door vallen of stoten, ruwe behandeling, inwerking van zand of vloeistoffen, corrosie van batterijen of door chemische inwerking, gebruik in strijd met de bedieningsvoorschriften of wijzigingen aangebracht door een niet-erkende reparateur. De fabrikant of zijn officiële vertegenwoordiger is niet aansprakelijk voor enige reparatie of verandering waarvoor geen schriftelijke toestemming is verleend en aanvaardt geen aansprakelijkheid voor schade als gevolg van vertraging en gederfd gebruik voortvloeiend uit indirecte schade van welke aard dan ook, of deze nu veroorzaakt wordt door ondeugdelijk materiaal, slecht vakmanschap of enige andere oorzaak.
Uitdrukkelijk wordt gesteld dat de verantwoordelijkheid van de fabrikant of zijn officiële vertegenwoordiger onder alle omstandigheden beperkt blijft tot het vervangen van onderdelen als hierboven beschreven. Kosten voortvloeiend uit reparaties die niet door een officieel
PENTAX-servicecentrum zijn uitgevoerd, worden niet vergoed.
Handelwijze tijdens de garantieperiode
Een PENTAX-apparaat dat defect raakt gedurende de garantieperiode van 12 maanden, moet worden geretourneerd aan de handelaar waar het toestel is gekocht of aan de fabrikant.
Als in uw land geen vertegenwoordiger van de fabrikant gevestigd is, zendt u het apparaat naar de fabriek met een internationale antwoordcoupon voor de kosten van de retourzending.
In dit geval zal het vrij lang duren voordat het apparaat aan u kan worden geretourneerd, als gevolg van de ingewikkelde douaneformaliteiten. Wanneer de garantie op het apparaat nog van kracht is, zal de reparatie kosteloos worden uitgevoerd, en zullen de onderdelen gratis worden vervangen, waarna het apparaat aan u wordt teruggezonden. Indien de garantie verlopen is, wordt het normale reparatietarief in rekening gebracht. De verzendkosten zijn voor rekening van de eigenaar. Indien uw PENTAX gekocht is in een ander land dan waarin u tijdens de garantieperiode de reparatie wilt laten verrichten, kunnen de normale kosten in rekening worden gebracht door de vertegenwoordigers van de fabrikant in dat land. Indien u uw PENTAX in dat geval aan de fabriek terugzendt, wordt de reparatie desalniettemin uitgevoerd volgens de garantiebepalingen. De verzend- en inklaringskosten zijn echter altijd voor rekening van de eigenaar. Teneinde de aankoopdatum indien nodig te kunnen bewijzen, gelieve u het garantiebewijs en de aankoopnota van uw camera gedurende ten minste één jaar te bewaren.
Voordat u uw camera voor reparatie opstuurt, dient u zich ervan te vergewissen dat u de zending inderdaad heeft geadresseerd aan de fabrikant. Vraag altijd eerst een prijsopgave. Pas nadat u zich hiermee akkoord hebt verklaard, geeft u het servicecentrum toestemming de reparatie uit te voeren.
9
155
• Deze garantiebepalingen zijn niet van invloed op de wettelijke rechten van de klant.
• De plaatselijke garantiebepalingen van PENTAX-distributeurs in sommige landen kunnen afwijken van deze garantiebepalingen. Wij adviseren u daarom kennis te nemen van de garantiekaart die u hebt ontvangen bij uw product ten tijde van de aankoop, of contact op te nemen met de PENTAX-distributeur in uw land voor meer informatie en voor een kopie van de garantiebepalingen.
9
Batterijen horen niet bij afgedankte spullen in het huishouden.
Deponeer gebruikte batterijen bij een hiervoor bestemd inzamelpunt.
Ook oude of defecte camera’s horen niet bij afgedankte spullen in het huishouden.
Laat uw oude camera’s op een milieuvriendelijke manier tot afval verwerken of stuur ze naar ons terug.
Het CE-keurmerk is een keurmerk voor conformiteit met richtlijnen van de Europese Unie.
156
Memo
9
157
9
158
Memo
Informatie voor gebruikers over afvoeren
1. In de Europese Unie
Als uw product met dit symbool is gemarkeerd, betekent het dat een gebruikt elektrisch/elektronisch product niet met het gewone huishoudelijke afval mag worden meegegeven. Deze producten worden apart ingezameld.
Gebruikte elektrische/elektronische apparatuur moet afzonderlijk en in overeenstemming met de bestaande wetgeving worden behandeld. Deze wetgeving vereist dat deze producten op de voorgeschreven wijze worden ingezameld en hergebruikt.
Huishoudens binnen de EU kunnen hun gebruikte elektrische/ elektronische producten kosteloos inleveren bij inzamelpunten*.
In sommige landen nemen ook winkeliers uw oude product in als u een vergelijkbaar nieuw product koopt.
*Neem voor meer bijzonderheden contact op met de plaatselijke instanties.
Als u dit product op de juiste wijze afvoert, draagt u ertoe bij dat het afval op de juiste wijze wordt behandeld en hergebruikt, en dat geen schade optreedt aan het milieu of de gezondheid.
2. In andere landen buiten de EU
Als u zich van dit product wilt ontdoen, neem dan contact op met de plaatselijke instanties om te informeren wat hiervoor de juiste methode is.
In Zwitserland kan gebruikte elektrische/elektronische apparatuur gratis worden ingeleverd bij de dealer, zelfs wanneer u geen nieuw product koopt. Andere inzamelpunten vindt u op de website www.swico.ch of www.sens.ch.
9
159
Index
9
Symbolen
[A Opnemen], menu ..............49
A stand ..............................9, 93
Q knop ............................42, 44
Q stand .............................9, 93
[H Instelling] menu .................50
A Snelinstelling .....................58
| Knop Snelinstelling .......43, 45 i Wissen ........................41, 103 x Telestand ............................66
w Groothoek .........................66
y Vergroten ...........................96
f Negen opnamen weergave ..............................94
g Zelfontspanner ...................62
R Programma ..................52, 57
A Nachtopname ..............52, 60
C Video ..................................52
O Geluid opnemen .........52, 124 q Landschap .........................52
< Bloemen ............................52
I Portret ................................53
i Strand & sneeuw ...............53
\ Sport ..................................53
Q Kinderen .............................53
EFHG Huisdier .............53, 61
X Soft ..............................52
y Vuurwerk ......................53, 60
S Zelfportret ..........................54
D Eten & drinken .....................54
A
Aan/uit-knop ................32, 42, 44
Aansluiten op een printer ......118
Aansnijden ............................112
Aantal opnamen dat kan worden gemaakt .........30
Aantal pixels ............................75
Adapterstekker. .......................24
160
Afdrukken ............................. 118
AF-veld ................................... 80
Alleen weergeven, stand ........ 33
Audiovisuele apparatuur ....... 102
Auto , .................................... 73
Auto F ............................. 78
Auto LCD-dimmer ................. 139
Autofocus ................................ 80
Automatisch uitschakelen ..... 140
B
Basisstand .............................. 58
Batterijen ................................ 20
Batterijen plaatsen .................. 20
Batterijniveau, indicatie w ..... 22
Beeldsnelheid ................... 31, 92
Belichtingscorrectie ................ 68
Bestandsnr. ............................ 86
Beveiligen Z ...................... 108
Bewolkt ^ ............................. 78
C
Camerabeweging ............. 66, 69
Computer .............................. 137
Contrast .................................. 85
Controleren van de geheugenkaart ............ 32
D
Daglicht G .............................. 78
Datum en tijd .................. 36, 133
Diavoorstelling ........................ 99
Digitale zoom .......................... 67
Dock-adapter ........................ 123
Donkere gedeelten ................. 17
DPOF afdrukken ................... 122
DPOF-instellingen ................ 115
Draagriem ............................... 19
E
Energiebesparing ..................139
Flitsen ......................................73
Flitser aan b ...........................73
Flitser uit a .............................73
Formatteren ...........................129
Fotolab ..................................115
G
Geheugen ...............................86
Geluid opnemen ....................124
Geluid toevoegen
(gesproken memo) ................127
Geluidsbestanden wissen .....104
Geluidsinstellingen ................130
Geluidsopnamen weergeven ... 126
Geluidstype ...........................130
Gesproken memo ..................127
Gevoeligheid ...........................81
Gloeilamp I ...........................78
Grootte wijzigen ....................110
H
Handmatig K ..........................78
Handmatig scherpstellen \ ....71
Heldere gedeelten ...................17
Herstellen standaard-instellingen .141
Histogram ................................70
I
ImageLink ..............................123
K
Kaders toevoegen aan opnamen Y ..................64
Kleurinstelling ..........................91
Kleurverzadiging .....................84
Kopiëren ................................113
Kwaliteitsniveau ................29, 77
M
3 knop ......................43, 45
Macro q ..................................71
Mapweergave ..........................95
Momentcontrole ................39, 82
N
Negen opnamen weergave f ... 94
Netvoedingsadapter ......... 23, 24
NTSC .................................... 138
O
4/W knop .......... 43, 45
Omgevingslichtsensor ............ 15
Oneindig s ............................ 71
Ontspanknop .............. 39, 42, 44
Opnamefunctie ....................... 51
Opnamegegevens ............ 69, 98
Opnamepixels ..........29, 31, 75, 90
Opslaan op datum ................ 136
Opslaan van instellingen ........ 86
Opstartscherm ...................... 132
Optioneel accessoire ............ 146
P
PAL ....................................... 138
PictBridge ............................. 118
R
Rode-ogenreductie cd ......73, 74
Roteren ................................... 41
S
Scherpstelinstelling ................. 71
Scherpstellen .......................... 71
Scherpte ................................. 83
SD-geheugenkaart ................. 26
Sepia ...................................... 91
Snel zoomen ........................... 97
Snelinstelling A .................... 58
Snelinstelling knop | ....... 43, 45
Standaard = ........................ 71
Standaardinstelling ................. 34
T
Taal ................................. 34, 135
TL-licht J ............................... 78
Tot halverwege indrukken
(ontspanknop) ......................... 39
TV ......................................... 102
9
161
9
162
U
USB-aansluitfunctie ...............137
V
Vergroten y ...........................96
Video-opnamen maken ...........88
Video-opnamen weergeven .....101
Videosignaal ..........................138
Vierwegbesturing ..............43, 45
Voeding .............................20, 32
Volledig indrukken
(ontspanknop) .........................39
Volume wijzigen ............126, 130
W
Weergavestandpalet ............... 55
Weergeven ........90, 93, 101, 126, 128
Weergeven van een overzicht .... 56
Wissen i ....................... 41, 103
Witbalans ................................ 78
Z
Zoom xw ............................. 66
Zelfontspanner g ................... 62
Zoomknop ......................... 42, 44
Zwart-wit ................................. 91
Memo
Memo
PENTAX Corporation
PENTAX Europe GmbH
(European Headquarters)
2-36-9, Maeno-cho, Itabashi-ku, Tokyo 174-8639, JAPAN
(http://www.pentax.co.jp/)
Julius-Vosseler-Strasse, 104, 22527 Hamburg, GERMANY
(HQ - http://www.pentaxeurope.com)
(Germany - http://www.pentax.de)
Hotline: 0180 5 736829 / 0180 5 PENTAX
PENTAX U.K. Limited
Austria Hotline: 0820 820 255
PENTAX House,
Heron Drive, Langley, Slough, Berks SL3 8PN, U.K.
(http://www.pentax.co.uk) Hotline: 0870 736 8299
PENTAX France S.A.S.
112 Quai de Bezons, 95106 Argenteuil Cedex, FRANCE
(http://www.pentax.fr)
Hotline: 0826 103 163 (0,15€ la minute) Fax: 01 30 25 75 76
Email: http://www.pentax.fr/_fr/photo/contact.php?photo&contact
PENTAX Benelux B.V. (for Netherlands)
Spinveld 25, 4815 HR Breda, NETHERLANDS
(http://www.pentax.nl) Hotline: 076 531 3039
(for Belgium & Luxembourg)
Weiveldlaan 3-5, 1930 Zaventem, BELGIUM
(http://www.pentax.be) Hotline: 00800 2050 2050
PENTAX (Schweiz) AG Widenholzstrasse 1 Postfach 367 8305 Dietlikon, SWITZERLAND
(http://www.pentax.ch)
PENTAX Scandinavia AB P.O. Box 650, 75127 Uppsala, SWEDEN
(http://www.pentax.se)
PENTAX Imaging Company
A Division of PENTAX of America, Inc.
(Headquarters)
600 12th Street, Suite 300 Golden, Colorado 80401, U.S.A.
(Distribution & Service Center)
16163 West 45th Drive, Unit H Golden, Colorado 80403, U.S.A.
(http://www.pentaximaging.com)
PENTAX Canada Inc.
1770 Argentia Road Mississauga, Ontario L5N 3S7, CANADA
(http://www.pentax.ca)
De fabrikant behoudt zich het recht voor zonder voorafgaande berichtgeving wijzigingen in specificaties, ontwerp en beschikbaarheid aan te brengen.
AP031405/NL Copyright © PENTAX Corporation 2006
FOM 01.03.2006 Printed in Europe
Digitale Camera
Handleiding
Lees voor optimale cameraprestaties eerst de handleiding door voordat u deze camera in gebruik neemt.
Завантажити
Реклама