Panasonic DMC-FP3 - panasonic-dmc-fp3.pdf

Panasonic DMC-FP3 - panasonic-dmc-fp3.pdf

Gebruiksaanwijzing voor geavanceerde kenmerken

Digitale Camera

Model Nr.

DMC-FP3

Gelieve deze gebruiksaanwijzing volledig door te lezen alvorens dit apparaat in gebruik te nemen.

VQT2P57

Beknopte handleiding

Laad de batterij op De batterij is niet opgeladen wanneer de camera wordt geleverd.

Laad vóór gebruik de batterij op en stel de klok in.

Als u de kaart (los verkocht) niet gebruikt, kunt u foto’s opnemen of afspelen via het ingebouwde geheugen

(→12).

Plaats de batterij en de kaart in de camera

Raak de lens niet aan.

Open de lenskap

Lenskap

-knop

Afspeelknop

Selecteer de gewenste opnamemodus

Instellingen gebruiken die automatisch door de camera worden geselecteerd

Druk op de -knop.

De opnamemodus handmatig selecteren

Druk op de [MODE]-knop.

Raak de gewenste opnamemodus aan.

Druk op de ontspanknop en maak foto’s

[MODE]-knop

Druk half in (druk licht in en stel scherp)

Druk volledig in (druk de knop helemaal in om een foto te maken)

Bij het afspelen van de foto’s

Druk op de afspeelknop.

Selecteer de foto die u wilt bekijken.

• U kunt ook naar de volgende of vorige foto gaan door het midden van het scherm te slepen. (→32)

2

VQT2P57

Inhoudsopgave

Voordat u de camera gaat gebruiken

Voordat u de camera gaat gebruiken ... 5

Lees eerst dit .................................................5

Schade, defecten en storingen voorkomen...5

Standaardaccessoires .......................... 6

Namen van onderdelen ......................... 7

Het aanraakscherm gebruiken ............ 8

Bediening van het aanraakscherm ...............8

Standaardbediening

Opnamevolgorde ................................. 24

Handige manieren om de camera in te schakelen ....................................................25

Foto’s nemen met automatische instellingen

[INTELLIGENT AUTO] modus ................. 26

Foto’s maken met uw eigen instellingen

[NORMALE FOTO] modus ................... 28

Scherpstellen voor de gewenste compositie ...29

Richtingwaarnemingsfunctie .......................29

Foto’s maken met zoom ...................... 30

Verder vergroten [DIG. ZOOM] .............31

Uw foto’s bekijken

[NORMAAL AFSP.] ............................... 32

Foto’s verwijderen ............................... 33

Meerdere (maximaal 50) of alle foto’s verwijderen ..................................................33

Voorbereidingen

Batterij opladen ..................................... 9

Richtlijnen voor het aantal foto’s dat kan worden gemaakt en de opnametijd .............10

De kaart (optioneel)/ de batterij plaatsen en verwijderen.... 11

Bestemming voor het opslaan van foto’s

(kaarten en ingebouwd geheugen) .............12

Resterende batterij- en geheugencapaciteit ...12

De klok instellen .................................. 13

Klokinstelling wijzigen .................................14

Het menu instellen............................... 15

Menutype ....................................................16

Gebruik van het Quick-menu ......................17

Gebruik van het menu [SET-UP] ........ 18

[KLOKINST.]/ [WERELDTIJD]/

[REISDATUM]/ [TOON]/

[VOLUME]..............................................18

[LCD MODE]/ [FOCUS ICOON] ........19

[AUTOM. UIT]/ [AUTO REVIEW] ......20

[RESETTEN]/ [USB MODE] ..............21

[VIDEO UIT]/ [TV-ASPECT]/

[VERSIE DISP.]/ [FORMATEREN] ...22

[TAAL]/ [DEMOFUNCTIE] ...............23

VQT2P57

3

Inhoudsopgave

(vervolg)

Toepassingen (Fotograferen) Toepassingen (Bekijken)

Weergave informatie voor opname wijzigen ... 34

Fotograferen met de zelfontspanner ... 35

Fotograferen met een flitser ............... 36

Close-upfoto’s maken ......................... 38

Fotograferen van nóg dichterbij

[MACRO ZOOM].....................................39

Fotograferen met het aangeraakte gebied scherpgesteld (Raak de s electie van het AF-gebied aan) .............40

Foto’s maken met belichtingscompensatie ... 41

Foto’s maken die zijn afgestemd op de scène [SCÈNE MODUS] .... 42

[PORTRET]/ [GAVE HUID]/

[TRANSFORMEREN] ............................43

[ZELFPORTRET]/ [LANDSCHAP]/

[SPORT]/ [NACHTPORTRET] .........44

[NACHTL. SCHAP]/ [VOEDSEL]/

[PARTY]/ [KAARSLICHT] ..................45

[BABY]/ [HUISDIER]/ [ZONSONDERG.] ..46

[H. GEVOELIGH.]/ [HI-SPEED BURST] ...47

[FLITS-BURST]/ [STERRENHEMEL] ...48

[VUURWERK]/ [STRAND]/ [SNEEUW]/

[LUCHTFOTO]/ [ZANDSTRAAL]/

[FOTO FRAME] .....................................49

Veelgebruikte scènes registreren

[MIJN SCENE MODE] ..................... 50

Filmen van bewegende beelden

[FILM] modus ................................ 51

[OPN. KWALITEIT] ................................52

Nuttige functies voor op reis .............. 53

[REISDATUM] ........................................53

[WERELDTIJD] ......................................54

Gebruik van het [OPNAME] menu ...... 56

[FLITS]/ [ZELFONTSPANNER]/

[FOTO RES.] .........................................56

[GEVOELIGHEID] .................................57

[AF MODE] ............................................58

[MACRO STAND]/ [WITBALANS] ......59

[BELICHTING]/ [BURSTFUNCTIE]/

[DIG. ZOOM]..........................................60

[KLEURFUNCTIE]/ [STABILISATIE] ...61

[AF ASS. LAMP]/ [RODE-OGEN CORR]/

[KLOKINST.]...........................................62

Tekst invoeren ..................................... 63

4

VQT2P57

Bekijken als lijst

(Meerdere afspelen/Kalender afspelen)... 64

Films bekijken ...................................... 65

Verschillende afspeelmethoden

(Afspeelmodus) ................................... 66

[DIASHOW]............................................67

[CATEGOR. AFSP.]/

[FAVORIET AFSP.].................................69

Gebruik van het menu [AFSPELEN] .. 70

[TEKST AFDR.] ......................................70

[NW. RS.] ...............................................71

[BIJSNIJD.] ............................................73

[LCD ROTEREN]/ [FAVORIETEN] ....74

[PRINT INST.] ........................................75

[BEVEILIGEN] .......................................76

[KOPIE] ..................................................77

Aansluiten op andere apparatuur

Gebruik met computer ........................ 78

Afdrukken ............................................. 80

Meerdere foto’s afdrukken ..........................81

Afdrukken met datum en tekst ....................81

Afdrukinstellingen opgeven op de camera ...82

Foto’s op tv bekijken ........................... 83

Diversen

Lijst met symbolen op het lcd-schermen ....................................... 84

Tijdens het opnemen ...................................84

Bij het afspelen ............................................85

Weergave berichten ............................ 86

Vraag en antwoord Storingen verhelpen.............................................. 88

Waarschuwingen en opmerkingen tijdens gebruik ..................................... 94

Capaciteit/tijd voor het opnemen van foto’s ..................................................... 96

Voordat u de camera gaat gebruiken

Lees eerst dit

Verwijder het strookje plakband volledig van de lenskap voordat u de camera in gebruik neemt.

Strookje plakband

Maak eerst een testopname!

Controleer eerst of u met succes foto’s kunt maken en geluiden kunt opnemen.

We keren geen vergoedingen uit voor mislukte/verloren geraakte opnamen of voor directe/indirecte schade.

Panasonic keert geen schadevergoeding uit, zelfs niet als de schade wordt veroorzaakt door storingen met de camera of de kaart.

Sommige foto’s kunnen niet worden afgespeeld.

• Foto’s die op een computer zijn bewerkt

• Foto’s die op een andere camera zijn gemaakt of bewerkt

(Foto’s die op deze camera zijn gemaakt of bewerkt, kunnen ook niet altijd op andere camera’s worden afgespeeld)

Software op de bijgeleverde cd-rom

De volgende bewerkingen zijn niet toegestaan:

• Kopieën maken van de software voor verkoop of verhuur

• De software kopiëren naar netwerken

Schade, defecten en storingen voorkomen

Voorkom schokken, trillingen en druk.

• Stel de camera niet bloot aan sterke trillingen of schokken. Zorg dat de camera bijvoorbeeld niet valt of ergens tegenaan stoot, en ga niet zitten met de camera in uw zak.

(Bevestig het polsbandje om te voorkomen dat de camera valt. Hang geen andere voorwerpen dan het bijgeleverde polsbandje aan de camera, want die kunnen er teveel druk op uitoefenen.)

• Druk niet op de lens of op het lcd-scherm.

Zorg dat de camera niet nat wordt en steek geen vreemde voorwerpen in de camera.

Deze camera is niet waterdicht.

• Stel de camera niet bloot aan water, regen of zeewater.

(Veeg de camera als deze nat is, met een zachte, droge doek af. Wring de doek eerst grondig uit wanneer de camera nat is door zeewater enzovoort)

• Stel de lens en de behuizing niet bloot aan stof of zand, en zorg dat er geen vloeistoffen naar binnen lekken via openingen rond knoppen.

• Zorg er bij het openen en sluiten van de lenskap voor dat er geen vloeistof of vuil zoals zand in de lenskap komt.

Voorkom condens als gevolg van plotselinge veranderingen in temperatuur en vochtigheid.

• Leg wanneer u naar een plaats gaat met een andere temperatuur of vochtigheid, de camera in een plastic zak en laat deze zich aan de omstandigheden aanpassen voordat u deze gebruikt.

• Schakel wanneer de lens beslaat, de stroom uit en wacht twee uur totdat de camera zich aan de omstandigheden heeft aangepast.

• Als het lcd-scherm beslaat, veegt u dit af met een zachte, droge doek.

Kenmerken lcd-scherm

Er wordt gebruik gemaakt van een extreem hoge precisietechnologie bij de productie van het LCD-scherm. Er kunnen echter enkele donkere of heldere punten (rood, blauw of groen) op het scherm zichtbaar zijn.

Dit is geen storing.

Het LCD-scherm heeft meer dan 99,99% effectieve beeldpunten met slechts 0,01% inactieve of altijd opgelichte beeldpunten. De spikkeltjes zullen niet te zien zijn op de foto’s die worden opgeslagen op het interne geheugen of een geheugenkaart.

VQT2P57

5

Voordat u de camera gaat gebruiken

(vervolg)

Schade, defecten en storingen voorkomen

Lens

• Laat de lens niet in de volle zon liggen.

Gebruik van een driepoot- of eenpootstatief

• Oefen niet te veel kracht uit en draai de schroeven niet aan als ze krom zijn. (Hierdoor kunnen de camera, het schroefgat of het label beschadigd raken.)

• Zorg ervoor dat het statief stabiel staat.

(Lees de handleiding bij het statief.)

Transport van de camera

Schakel de camera uit.

(Open de lenskap niet wanneer u de camera in de tas stopt of uit de tas haalt. Anders kan de camera per ongeluk worden ingeschakeld.)

Raadpleeg ook ‘Waarschuwingen en opmerkingen tijdens gebruik’ (→94).

De volgende verschijnselen zijn geen indicaties van mechanische problemen.

• De camera rammelt als deze wordt geschud. (Dit is het geluid van het bewegen van de lens.)

• De camera klikt wanneer deze wordt in- of uitgeschakeld, of bij het schakelen tussen opnemen en afspelen. (Dit is ook het geluid van het bewegen van de lens.)

• U voelt een trilling bij het in- of uitzoomen. (Deze wordt veroorzaakt door het bewegen van de lens.)

• De lens maakt geluid tijdens het opnemen. (Dit is het geluid van de diafragma-instelling als reactie op veranderingen in het omgevingslicht.)

Tijdens deze instelling veranderen de beelden op het lcd-scherm snel, maar dit heeft geen invloed op de opnamen.

Standaardaccessoires

Controleer of alle accessoires aanwezig zijn voordat u de camera in gebruik neemt.

De accessoires en de vormgeving ervan kunnen verschillen, afhankelijk van het land of de regio waar de camera is aangeschaft.

Raadpleeg de standaardgebruiksaanwijzing voor meer informatie over de accessoires.

De batterij wordt in de tekst aangeduid als batterij of accu.

De batterijlader wordt in de tekst aangeduid als batterijlader of oplader.

Verwijder de verpakking op de juiste manier.

Optionele accessoires

• Kaarten worden niet standaard bijgeleverd. Als u geen kaart gebruikt, kunt u foto’s opnemen of afspelen via het ingebouwde geheugen.

• Neem contact op met de leverancier of met een servicecentrum bij u in de buurt als u de bijgeleverde accessoires bent verloren. (U kunt de accessoires afzonderlijk aanschaffen.)

6

VQT2P57

Namen van onderdelen

Zoomhendel

(→30)

Ontspanknop

(→26, 51)

Flitser

(→36)

Lens

(→6)

Indicator voor zelfontspanner

(→35)

/

AF-assistlampje

(→62)

Lenskap

(→24)

Vrijgavehendel

(→11)

-knop

(→26)

Statiefaansluiting

Klepje voor kaart/batterij

(→11)

Microfoon

(→51)

Aan/uit-knop

(→25)

Afspeelknop

(→32)

Aanraakscherm/

Lcd-scherm

(→8, 34, 84)

Luidspreker

(→18)

[MODE]-knop

(→28)

Oogje voor polsbandje

Knop [DISPLAY]

(→34)

Knop [MENU]

(→15)

[Q.MENU]

(→17)

/verwijderen

(→33)

We raden u aan het polsbandje te gebruiken om te voorkomen dat u de camera laat vallen.

[AV OUT/DIGITAL]-aansluiting

(→78, 80, 83)

[DC IN]-aansluiting

(→78, 80)

• Gebruik altijd een Panasonic netadapter (los verkocht).

Als u een andere polsriem bevestigt dan de bijgeleverde, kan het onmogelijk zijn om het klepje van de aansluiting [AV OUT/DIGITAL] of

[DC IN] te openen.

De in deze handleiding afgebeelde illustraties en schermen kunnen afwijken van het eigenlijke product.

VQT2P57

7

Het aanraakscherm gebruiken

Het lcd-scherm van deze camera is een aanraakscherm. Raak het scherm aan of sleep met uw vinger over het scherm om op te nemen, af te spelen en instellingen te verrichten.

Dit aanraakscherm neemt de elektrische eigenschappen van het menselijk lichaam waar

(capacitief aanraakscherm). Raak het scherm rechtstreeks met uw onbedekte vinger aan.

Raak het scherm met een schone en droge vinger aan.

In de volgende situaties kan het aanraakscherm over het algemeen niet worden gebruikt:

• Met een in de handel verkrijgbare styluspen of wanneer u handschoenen draagt

• Met natte handen of onmiddellijk nadat u handlotion hebt gebruikt

• Wanneer u een in de handel verkrijgbaar lcd-beschermvel gebruikt (hierdoor wordt

Druk niet op het lcd-scherm met een harde, scherpe punt, zoals een balpen.

Veeg het lcd-scherm met een droge, zachte doek af als het vuil wordt.

● het scherm minder goed zichtbaar en is het minder goed te bedienen.)

• Wanneer u beide handen of meer dan één vinger tegelijkertijd op het aanraakscherm hebt

Bedien het lcd-scherm niet met uw nagels.

Kras niet op het lcd-scherm en druk er ook niet te hard op.

Bediening van het aanraakscherm

Aanraken

Met “aanraken” wordt drukken op het aanraakscherm en vervolgens de vinger weer optillen bedoeld.

U kunt onder meer pictogrammen of foto’s selecteren door deze aan te raken.

• Raak een pictogram dicht bij het midden aan. Als u verschillende pictogrammen tegelijk aanraakt, werkt de camera mogelijk niet normaal.

• Raak enkele malen achtereen de ▲▼◄► pictogrammen aan en laat ze weer los, totdat de gewenste waarde/instelling is verkregen. De waarde of instelling zal niet doorlopend veranderen wanneer u de pictogrammen onafgebroken aanraakt.

Slepen

Met “slepen” wordt het aanraken en met uw vinger schuiven over het oppervlak van het aanraakscherm bedoeld.

Als u tijdens het afspelen met uw vinger van het midden van het scherm naar links of rechts sleept, kunt u naar de volgende of naar de vorige foto gaan.

Effectieve aanraakbereik

Aanraken werkt niet aan de rand van het scherm.

Detectiegebied van de sensor (ongeveer)

Houd tijdens het aanraken de camera stevig vast, zodat deze niet valt.

Als een schermpictogram enzovoort niet reageert als het wordt aangeraakt, verandert u de positie waarin u het aanraakt enigszins en raakt u het pictogram opnieuw aan.

8

VQT2P57

Batterij opladen

Laad de batterij altijd op voordat u de camera voor het eerst gebruikt!

(wordt niet opgeladen verkocht)

Batterijen die u in dit toestel kunt gebruiken

Er zijn op aantal plaatsen imitatiebatterijen aangetroffen die nauwelijks van echt te onderscheiden zijn. Dergelijke imitatiebatterijen zijn veelal niet voorzien van de interne beveiliging die nodig is voor een veilig gebruik. Een dergelijke imitatiebatterij zou spontaan kunnen ontbranden of ontploffen.

Houd er rekening mee dat wij niet aansprakelijk kunnen worden gesteld voor enig defect of ongeval dat voortvloeit uit het gebruik van een imitatiebatterij.

Voor een veilig gebruik van dit product is het sterk aanbevolen dat u gebruik maakt van een authentieke Panasonic batterij.

Laad uw batterij op met een daarvoor ontworpen batterijlader.

De camera is uitgerust met een functie voor het herkennen van batterijen

die veilig gebruikt kunnen worden. De bijgeleverde batterij ondersteunt deze functie. De enige batterijen die geschikt zijn voor gebruik met deze camera zijn originele Panasonic-producten en batterijen gemaakt door andere fabrikanten die zijn gecertificeerd door Panasonic. (Batterijen die deze functie niet ondersteunen, kunnen niet worden gebruikt.) Panasonic kan op geen enkele wijze de kwaliteit, prestaties of veiligheid garanderen van batterijen die zijn gemaakt door andere fabrikanten en geen originele Panasonic-producten zijn.

Steek de batterij met de batterijpolen in de oplader en zet deze vast

Zorg dat [LUMIX] naar buiten is gericht.

1

2

Sluit de oplader op het stopcontact aan

Insteektype

Batterij

(afhankelijk van model)

Stekkertype

Oplader

(afhankelijk van model)

• Het netsnoer past niet volledig in de netsnoeraansluiting. Er blijft een opening open.

Haal de batterij uit de oplader nadat het opladen is voltooid

Oplaadlampje ([CHARGE])

Aan: de batterij wordt opgeladen (ongeveer

110 minuten als deze helemaal leeg is)

Uit: het opladen is gereed

Wanneer het lampje knippert:

• Het opladen kan langer duren dan normaal als de batterijtemperatuur te hoog of te laag is (mogelijk kan de batterij dan niet volledig worden opgeladen).

• De aansluiting van de batterij/oplader is vuil. Reinig deze met een droge doek.

VQT2P57

9

Batterij opladen

(vervolg)

Richtlijnen voor het aantal foto’s dat kan worden gemaakt en de opnametijd

De waarden kunnen lager uitvallen wanneer de flitser, de zoomfunctie of de [LCD MODE] vaak of in koudere klimaten wordt gebruikt.

Aantal te nemen foto’s

Ongeveer 300 foto’s

Opnameduur

Ongeveer 150 minuten

Volgens de CIPA-norm

Opnameomstandigheden volgens de CIPA -normen

• CIPA is een afkorting van [Camera & Imaging

Products Association].

• Modus [NORMALE FOTO]

• Temperatuur: 23 °C/vochtigheid: 50 % wanneer het lcd-scherm is ingeschakeld.∗

• Gebruik van een Panasonic SDgeheugenkaart (32 MB).

• Gebruik van de bijgeleverde batterij.

• Beginnen met opnemen 30 seconden nadat de camera is ingeschakeld. (Wanneer de functie voor optische beeldstabilisatie is ingesteld op [AUTO].)

• Eén opname per 30 seconden met om en om volledige flits.

• De zoomhendel van Tele naar Wide of omgekeerd draaien bij elke opname.

• De camera elke 10 opnamen uitschakelen en met rust laten totdat de temperatuur van de

∗ Het aantal foto’s dat kan worden gemaakt, wordt lager in de modus Auto Power LCD en Power LCD.

Het aantal zal gereduceerd zijn als er meer tijd verstrijkt tussen de opnamen – bijv. tot ongeveer een kwart (75 foto’s) bij tussenpozen van 2 minuten onder de bovenstaande omstandigheden.

Afspeeltijd

Ongeveer 260 minuten

Het aantal op te nemen foto’s en de beschikbare opnameduur kunnen nogal uiteenlopen, afhankelijk van de toestand van de batterij en de gebruiksomstandigheden.

De benodigde oplaadtijd varieert, afhankelijk van de omstandigheden van het batterijgebruik. Het opladen duurt langer bij hoge of lage temperaturen en als de batterij al lang niet meer is gebruikt.

Tijdens het opladen en enige tijd daarna is de batterij warm.

De batterij loopt leeg als deze lange tijd niet wordt gebruikt, zelfs nadat deze is opgeladen.

Laad de batterij binnenshuis op met de oplader (10 °C t/m 35 °C).

Laat geen metalen voorwerpen (zoals paperclips) bij de contactpunten van de stekker liggen. Anders kunnen brand of elektrische schokken worden veroorzaakt door kortsluiting of de hitte die hierdoor wordt gegenereerd.

We raden u af de batterij vaak op te laden.

(Als u de batterij vaak oplaadt, vermindert de maximale gebruikstijd en kan de batterij groter worden.)

Demonteer nooit de oplader en pas deze niet aan.

Als de batterij aanzienlijk korter meegaat, is de batterij versleten. Koop dan een nieuwe batterij.

De batterijlader staat op stand-by wanneer er netspanning wordt aangevoerd.

Het hoofdcircuit is altijd ingeschakeld zo lang de batterijlader op een stopcontact is aangesloten.

Opladen

• Verwijder met een droge doek vuil op de aansluitingen van de oplader en de batterij.

• Houd de camera op minimaal 1 m afstand van AM-radio (kan radio-interferentie veroorzaken).

• De oplader kan geluid maken, maar dit is normaal.

• Ontkoppel altijd de oplader van de netspanning na het opladen (sluipverbruik maximaal 0,1 W als deze blijft aangesloten).

Gebruik geen beschadigde of ingedeukte batterij (vooral niet als de aansluitingen zijn beschadigd), bijvoorbeeld wanneer een batterij is gevallen (wat storingen kan veroorzaken).

10

VQT2P57

De kaart (optioneel)/ de batterij plaatsen en verwijderen

Schakel de camera uit en schuif de ontgrendelingshendel naar [OPEN] voordat u het klepje opent

Vrijgavehendel hendel

Raak de aansluiting niet aan

Opgeladen batterij (controleer de richting)

Kaart (controleer de richting: de aansluitpunten zijn naar het lcd-scherm gericht)

Verwijdering

de hendel in de richting van de pijl.

hendel

[OPEN] [LOCK]

Schuif de batterij en de kaart volledig naar binnen

• Batterij: naar binnen schuiven totdat de hendel vastklikt.

• Kaart: naar binnen schuiven totdat deze vastklikt.

Sluit het deksel

Schuif naar de positie [LOCK].

in het midden omlaag om deze te verwijderen.

Gebruik alleen Panasonic batterijen.

Wanneer u andere batterijen gebruikt, kunnen we de kwaliteit van dit product niet garanderen.

Haal de batterij uit de camera na gebruik.

• Bewaar de batterij in de batterijdraagtas (bijgeleverd).

U verwijdert de kaart of de batterij door de camera uit te schakelen en te wachten totdat er niets meer op het lcd-scherm staat. (Als u niet wacht, kan de camera storingen vertonen en kunnen de kaart of opgenomen gegevens beschadigd

● raken.)

Houd de geheugenkaart buiten bereik van kinderen om te voorkomen dat ze deze inslikken.

VQT2P57

11

De kaart (optioneel)/ de batterij plaatsen en verwijderen

(vervolg)

Bestemming voor het opslaan van foto’s (kaarten en ingebouwd geheugen)

Foto’s worden opgeslagen op een kaart als er een kaart aanwezig is, of in het ingebouwde geheugen als dat niet zo is.

Ingebouwd geheugen (ongeveer 40 MB)

Foto’s kunnen van een kaart naar het ingebouwde geheugen worden gekopieerd en omgekeerd (→77).

De toegangstijd voor het ingebouwde geheugen kan langer zijn dan de toegangstijd voor een kaart.

[QVGA] onder [OPN. KWALITEIT] kan alleen beschikbaar zijn voor het opnemen van bewegende beelden in het ingebouwde geheugen.

Compatibele geheugenkaarten (los verkocht)

De volgende op de SD-standaard gebaseerde kaarten (merk Panasonic aanbevolen)

Kaarttype

SDgeheugenkaarten

SDHCgeheugenkaarten

SDXCgeheugenkaarten

Capaciteit

8 MB – 2 GB

4 GB – 32 GB

48 GB – 64 GB

Opmerkingen

• Kunnen worden gebruikt met apparaten die compatibel zijn met de desbetreffende formaten.

• Voordat u SDXC-geheugenkaarten gebruikt, dient u te controleren of uw computer en andere apparatuur dit kaarttype ondersteunen. http://panasonic.net/avc/sdcard/information/SDXC.html

• Kaarten met capaciteiten die links niet worden vermeld, worden niet ondersteund.

Schakelaar

(LOCK)

Formatteer de kaart opnieuw met deze camera als die al eerder was geformatteerd met een computer of ander apparaat. (→22)

Als het schrijfbeveiligingsschuifje op ‘LOCK’ is gezet, kunt u op de kaart geen opnamen vastleggen of verwijderen en de kaart niet formatteren.

Het wordt aanbevolen belangrijke foto’s op te slaan op uw computer (want elektromagnetische golven, statische elektriciteit of storingen kunnen ervoor zorgen dat de gegevens beschadigd raken).

Meest recente informatie: http://panasonic.jp/support/global/cs/dsc/ (Deze site is alleen in het Engels.)

Resterende batterij- en geheugencapaciteit

Resterende batterijcapaciteit (alleen bij gebruik van batterij)

(knippert rood)

Als het batterijsymbooltje rood knippert, dient u de batterij bij te laden of te vervangen. (→9)

Resterend aantal foto’s (→96)

Verschijnt als er geen kaart is geplaatst (foto’s worden in het ingebouwde geheugen opgeslagen)

Als de camera in gebruik is

(kaart) of (ingebouwd geheugen) wordt rood weergegeven.

Dit betekent dat er een functie wordt uitgevoerd, zoals het opnemen, aflezen, wissen of formatteren van beelden. Schakel de stroom niet uit en verwijder de batterij, kaart of netadapter niet (los verkocht) (hierdoor kan schade aan of verlies van gegevens worden veroorzaakt).

Zorg dat de camera niet wordt blootgesteld aan trillingen, schokken of statische elektriciteit. Als de werking van de camera wordt onderbroken door een van deze omstandigheden, probeert u het dan opnieuw.

12

VQT2P57

De klok instellen

Bij aflevering van de camera is de klok nog niet ingesteld.

Raak de lens niet aan.

Open de lenskap

De camera wordt ingeschakeld.

Als [GELIEVE TAAL INSTELLEN]

→ Ga naar stap

Als [AUB KLOK INSTELLEN] wordt weergegeven

→ Ga naar stap

Raak [TAAL INSTELLEN] aan

Lenskap

De datum en tijd instellen

De weergavestijl van de datum instellen

De weergavestijl van de tijd instellen

Raak de taal aan die u wilt instellen

• Raak ▲▼ op het scherm aan om een andere pagina te kiezen.

• Met de zoomhendel kunt u ook naar de volgende pagina gaan.

Als [AUB KLOK INSTELLEN] wordt weergegeven

Raak [KLOKINST.] aan

Datum en tijd en weergavestijl instellen

• De datum en tijd instellen:

→ Raak ▲▼ op het scherm aan om deze in te stellen

• De weergavestijl van de datum instellen

→ Raak ◄► op het scherm aan en kies uit

[M/D/J], [D/M/J] of [J/M/D]

• De weergavestijl van de tijd instellen

→ Raak ◄► op het scherm aan en kies uit

[AM/PM] of [24 UURS]

• Annuleren → Raak [ANNUL] aan

• Wanneer u [AM/PM] instelt, wordt 0:00 uur middernacht weergegeven als AM 12:00 en

12:00 uur ‘s middags als PM 12:00.

VQT2P57

13

De klok instellen

(vervolg)

Raak [INST.] aan

Raak [INST.] aan

• Terugkeren naar het vorige scherm

→ Raak [ANNUL] aan

• Schakel de camera weer in en controleer de weergave van de tijd.

(U kunt de tijd en de datum weergeven door enkele keren op [DISPLAY] te drukken.)

Lokale tijd instellen op een reisbestemming in het buitenland

[WERELDTIJD] (→54)

Klokinstelling wijzigen

Raak [KLOKINST.] in het menu [SET-UP] aan om de klokinstellingen te wijzigen.

• De klokinstellingen worden ongeveer 3 maanden bewaard, zelfs nadat de batterij wordt verwijderd, mits een volledig opgeladen batterij in de camera was geïnstalleerd in de 24 uur voordat de klok werd ingesteld.

Raak [KLOKINST.] in het menu [OPNAME] of in het menu

[SET-UP] aan (→18)

Stel de datum en tijd in (stap en ) (→13)

Het menu instellen

Er zijn een aantal functies die u kunt gebruiken en instellingen die u kunt wijzigen vanuit de verschillende menu’s om meer mogelijkheden van de camera te benutten.

De weergave van de instellingen kan verschillen, afhankelijk van de items.

Afhankelijk van de modus kunnen er verschillende menu-items worden weergegeven.

Raak de lens niet aan.

Lenskap

Open de lenskap

De camera wordt ingeschakeld.

Selecteer de modus [NORMALE

FOTO]

Druk op de

[MODE]-knop.

Raak (modus

[NORMALE FOTO) aan

• Druk als u het menu [AFSPELEN] wilt weergeven, op de afspeelknop om naar de afspeelmodus te gaan.

Geef het menu weer

Raak het type menu aan (→16) om naar andere menu’s te gaan

• In de afspeelmodus wordt het menu

[AFSPELEN] weergegeven in plaats van het menu [OPNAME].

Als u de datum en tijd niet instelt, worden een verkeerde datum en tijd gebruikt als u foto’s afdrukt via [TEKST AFDR.] of via een digitale fotowinkel.

U kunt een jaartal instellen tussen 2000 en 2099.

Nadat de tijd is ingesteld, kan de datum altijd juist worden afgedrukt, ook al verschijnt de datum niet op het scherm van de camera.

14

VQT2P57

Menutype

: Menu [OPNAME] (alleen opnamemodus)

: Menu [AFSPELEN] (alleen afspeelmodus)

: Menu [SET-UP]

VQT2P57

15

Het menu instellen

(vervolg)

Item

Raak een menu-item aan

• Raak ▲▼ op het scherm aan om een andere pagina te kiezen. Met de zoomhendel kunt u naar een andere pagina gaan.

• Raak [EXIT] aan om terug te keren naar het oorspronkelijke scherm.

Raak de instellingen aan die u wilt wijzigen

De instelling wordt gewijzigd.

• De procedure voor het maken van instellingen varieert per menu.

Raak [EXIT] aan

• Ook als de ontspanknop tijdens een bedieningsoptie half wordt ingedrukt, keert de weergave terug naar het oorspronkelijke scherm.

Instellingen

Standaardinstellingen herstellen

[RESETTEN] (→21)

Menutype

Menu [OPNAME] (alleen opnamemodus)

Voorkeuren voor foto’s wijzigen (→56 - 62)

• Hiermee kunt u kleur, gevoeligheid, pixelniveau en andere instellingen opgeven.

Menu [AFSPELEN] (alleen afspeelmodus)

Uw foto’s gebruiken (→70 - 77)

• Hiermee kunt u instellingen voor beveiliging, bijsnijden en afdrukken opgeven voor foto’s die u hebt gemaakt.

Menu [SET-UP]

Het gebruiksgemak van de camera vergroten (→18 - 23)

• Hier kunt u instellingen opgeven die te maken hebben met het gebruiksgemak.

U kunt hier bijvoorbeeld de klok instellen, de geluidssignalen wijzigen enzovoort.

16

VQT2P57

Gebruik van het Quick-menu

Hierin vastgelegde menu-onderdelen kunnen gemakkelijk weer opgeroepen worden.

Open in de opnamemodus het snelmenu

Druk op de knop totdat het snelmenu wordt weergegeven

Quick-menu

Raak een menu-item aan

Raak de instellingen aan die u wilt wijzigen

Instellingen

• Raak [EXIT] aan om terug te keren naar het oorspronkelijke scherm.

Welke onderdelen er worden getoond, is afhankelijk van de gekozen opnamestand.

VQT2P57

17

Gebruik van het menu [SET-UP]

Zie voor meer informatie over de instelprocedure in het menu [SET-UP] (→15)

Algemene camera-instellingen uitvoeren zoals de klok instellen, de gebruiksduur van de batterij verlengen en de geluidssignalen wijzigen.

[KLOKINST.], [AUTO REVIEW] en [AUTOM. UIT] zijn belangrijk voor de instelling van de klok en de gebruiksduur van de batterij. Controleer deze instellingen voordat u de camera gebruikt.

Onderdeel Instellingen, opmerkingen

De tijd- en datumnotatie en de weergave-indeling instellen.

[KLOKINST.]

De datum en de tijd instellen. (→13)

[WERELDTIJD]

De lokale tijd instellen in het buitenland (→54)

[REISDATUM]

Opslaan van het aantal dagen dat u al op reis bent. (→53)

[BESTEMMING]: Plaatselijke tijd op uw reisbestemming instellen.

[HOME]: De datum en tijd instellen (thuis).

[REIS-SETUP]

[OFF]/[SET] ( De datum van vertrek en terugkeer registreren.)

[LOCATIE]

[OFF]/[SET] (De naam van de bestemming invoeren.)

(→63)

[TOON]

Geluidssignalen en geluiden van de ontspanner wijzigen of dempen.

[VOLUME]

Volume van het geluid van de luidsprekers aanpassen (7 niveaus).

[TOONNIVEAU]

/ / : Dempen/Laag/Hoog

[PIEPTOON]

/ / : Toon wijzigen.

[SHUTTER VOL.]

/ / : Dempen/Laag/Hoog

[SHUTTER TOON]

/ / : Shuttertoon wijzigen.

0 • • [LEVEL3] • • [LEVEL6]

• Hiermee kunt u niet het volume van de tv aanpassen wanneer de camera op een tv is aangesloten. (We raden u aan het cameravolume in te stellen op 0.)

Zie voor meer informatie over de instelprocedure in het menu [SET-UP] (→15)

Onderdeel

[LCD MODE]

Het lcd-scherm beter zichtbaar maken.

[FOCUS ICOON]

Een ander scherpstelpictogram kiezen.

Instellingen, opmerkingen

[OFF]: Normal (instelling annuleren)

[AUTO POWER LCD]:

De helderheid wordt automatisch ingesteld, afhankelijk van de lichtsterkte rondom de camera.

[SPANNING LCD]:

Hiermee maakt u het scherm helderder dan normaal

(voor buiten).

[GR. KIJKHOEK]:

Hiermee kunt u het scherm beter zien wanneer u fotografeert vanaf een hoog punt. (wordt moeilijker zichtbaar van voren)

• [AUTO POWER LCD] is in de volgende situaties uitgeschakeld.

Tijdens de afspeelmodus of de weergave van het menuscherm of wanneer de camera op een computer/printer is aangesloten.

• [SPANNING LCD] wordt uitgeschakeld als er tijdens het fotograferen 30 seconden niets wordt gedaan. (De helderheid kan worden hersteld door op een willekeurige knop te drukken)

• [GR. KIJKHOEK] wordt geannuleerd wanneer de stroom wordt uitgeschakeld (inclusief [AUTOM. UIT]).

• De helderheid/kleur van het scherm in [LCD MODE] heeft geen effect op de gemaakte foto’s.

• Weer zonlicht (met hand, enzovoort) als het scherm door reflectie moeilijk zichtbaar is.

• [AUTO POWER LCD] en [GR. KIJKHOEK] zijn niet beschikbaar in de afspeelmodus.

• Wanneer u [AUTO POWER LCD] of [SPANNING LCD] selecteert, zijn er minder foto’s beschikbaar en gaat de batterij minder lang mee.

/ / / / /

18

VQT2P57 VQT2P57

19

Gebruik van het menu [SET-UP]

(vervolg)

Zie voor meer informatie over de instelprocedure in het menu [SET-UP] (→15)

Onderdeel Instellingen, opmerkingen

[OFF]/[2 MIN.]/[5 MIN.]/[10 MIN.]

[AUTOM. UIT]

De camera automatisch uitschakelen na een opgegeven periode van inactiviteit.

[AUTO REVIEW]

Foto’s automatisch weergeven direct nadat u ze hebt gemaakt.

• Wordt in de volgende situaties niet gebruikt.

Wanneer er een netadapter (optioneel) wordt gebruikt, wanneer de camera op een computer of printer is aangesloten, tijdens het opnemen of afspelen van films en tijdens diapresentaties of demo’s

• In de volgende situaties gelden specifieke perioden.

Modus [INTELLIGENT AUTO]: [5 MIN.] en wanneer een diapresentatie wordt gepauzeerd: [10 MIN.]

[OFF]: Geen automatische weergave

[1 SEC.]/[2 SEC.]: Automatisch weergeven gedurende

1 of 2 seconden.

[HOLD]: De automatisch weergegeven beelden blijven op het scherm totdat u op een knop drukt (niet de knop [DISPLAY])

• Ingesteld op [2 SEC.] in de modus [INTELLIGENT

AUTO].

• Auto review vindt plaats direct nadat foto’s zijn gemaakt in de modus [BURSTFUNCTIE] en in de scènemodi

[ZELFPORTRET], [HI-SPEED BURST], [FLITS-BURST] en [FOTO FRAME], ongeacht de instellingen.

• Bewegende beelden kunnen niet automatisch worden bekeken.

Zie voor meer informatie over de instelprocedure in het menu [SET-UP] (→15)

Onderdeel

[RESETTEN]

Terugkeren naar de standaardinstellingen.

[USB MODE]

Communicatiemethode selecteren voor verbinding met een computer of printer via een USB-kabel.

Instellingen, opmerkingen

[OPNAME INSTELLINGEN RESETTEN ?]

[JA]/[NEE]

[PARAMETERS SET-UP RESETTEN ?]

[JA]/[NEE]

• Als u de instelparameters terugzet op de beginwaarden, wordt ook het volgende teruggezet.

- Leeftijd in jaren/maanden en namen in de scènemodi

[BABY] en [HUISDIER]

- [REISDATUM]

- [WERELDTIJD]

- [FAVORIETEN] in het menu [AFSPELEN] (stel in op

[OFF])

- [LCD ROTEREN] (stel in op [ON])

• Mapnummers en klokinstellingen worden niet gereset.

• Tijdens het resetten van de lensfunctie hoort u wellicht camerageluiden. Dit is normaal.

[SELECT. VERBINDING]:

Elke keer als u verbinding hebt met een computer of

PictBridge-compatibele printer, selecteert u [PC] of

[PictBridge (PTP)]

[PictBridge (PTP)]: Selecteren bij verbinding met een

PictBridge-compatibele printer

[PC]: Selecteren bij verbinding met een computer

20

VQT2P57 VQT2P57

21

Gebruik van het menu [SET-UP]

(vervolg)

Zie voor meer informatie over de instelprocedure in het menu [SET-UP] (→15)

Onderdeel

[VIDEO UIT]

Het videosignaal wijzigen wanneer de camera is aangesloten op een tv enzovoort (alleen in de afspeelmodus).

Instellingen, opmerkingen

[NTSC]/[PAL]

• Functioneert wanneer de AV-kabel is aangesloten.

[TV-ASPECT]

Hiermee past u de aspectratio

(beeldverhouding) aan wanneer u de camera aansluit op een tv enzovoort. (Alleen

Terugspeelfunctie)

/

• Werkt als er een AV-kabel is aangesloten.

[VERSIE DISP.]

Controleer uw versie van de camera-firmware.

De huidige versie wordt aangegeven.

[FORMATEREN]

Gebruik dit wanneer er

[FOUT INT. GEHEUGEN] of [STORING

GEHEUGENKAART] verschijnt, of voor het formatteren van het ingebouwde geheugen of de geheugenkaart.

Wanneer een kaart/het ingebouwd geheugen is geformatteerd, kunnen de gegevens niet meer worden hersteld. Controleer de inhoud van de kaart/het ingebouwd geheugen zorgvuldig voordat u het formatteren start.

[JA]/[NEE]

• Hiervoor hebt u een voldoende opgeladen batterij (→9) of een adapter nodig (los verkocht). Verwijder de kaarten als u het ingebouwde geheugen gaat formatteren.

(Bij gebruik van een geheugenkaart wordt alleen deze kaart geformatteerd. Als er geen kaart is, wordt het interne geheugen geformatteerd.)

• Formatteer kaarten altijd met deze camera.

Alle fotogegevens, inclusief die van beveiligde foto’s,

worden verwijderd. (→76)

• Schakel de stroom niet uit en voer geen andere bewerkingen uit tijdens het formatteren.

• Het kan enkele minuten duren om het ingebouwde geheugen te formatteren.

• Neem contact op met de winkelier als u niet kunt formatteren.

22

VQT2P57

Zie voor meer informatie over de instelprocedure in het menu [SET-UP] (→15)

Onderdeel

[TAAL]

Schermtaal wijzigen.

[DEMOFUNCTIE]

Een demonstratie van functies bekijken.

Instellingen, opmerkingen

Hiermee stelt u de schermtaal in.

[O.I.S. DEMO]: (alleen tijdens het opnemen)

Geeft aan hoeveel beweging er door de camera wordt waargenomen (schatting)

Groot ← Klein → Groot

Hoeveelheid beweging

Hoeveelheid beweging na stabilisatie

• Druk als het demoscherm wordt weergegeven op

[STABILISATIE] om de optische beeldstabilisatie op [ON] of [OFF] te zetten.

• Kan niet worden weergegeven in de afspeelmodus.

• Stoppen → Raak [EXIT] aan

• U kunt niet fotograferen en zoomen tijdens de demo.

[AUTO DEMO]: Inleidende diashow bekijken

[OFF]/[ON]

• Sluiten → Raak [MENU] aan

• Als de camera ingeschakeld blijft zonder een geheugenkaart er in, op stroom van de netspanningsadapter (optioneel), zal er automatisch een demonstatie van de mogelijkheden beginnen wanneer u ongeveer 2 minuten lang geen toets indrukt.

• [AUTO DEMO] kan niet worden weergegeven op externe apparaten zoals tv’s.

VQT2P57

23

Opnamevolgorde

Stel de klok in voordat u gaat opnemen. (→13)

Raak de lens niet aan.

Lenskap

Open de lenskap

De camera wordt ingeschakeld.

Selecteer de gewenste opnamemodus en maak opnamen

Instellingen gebruiken die automatisch door de camera worden geselecteerd

Druk op de -knop.

Opnamemodus handmatig selecteren

Druk op de knop [MODE].

Raak de gewenste opnamemodus aan.

Aan/uit-knop

-knop

Afspeelknop

[MODE]-knop

Druk op de afspeelknop en bekijk de foto’s (→32)

Terugkeren naar de opnamemodus

Druk opnieuw op de afspeelknop.

• De camera keert terug naar de vorige opnamemodus.

Sluit de lenskap

De camera wordt uitgeschakeld.

• U kunt de camera ook uitschakelen door op de aan/uit-knop te drukken.

Lijst met opnamemodi

Modus [INTELLIGENT AUTO]

Modus [NORMALE FOTO]

[MIJN SCENE MODE]

[SCÈNE MODUS]

Modus [FILM]

24

VQT2P57

Fotograferen met automatische instellingen.

Fotograferen met uw eigen instellingen.

(→26)

(→28)

Fotograferen in veelgebruikte scènemodi.

(→50)

Fotograferen afhankelijk van de scène. (→42)

Filmen.

(→51)

De camera vasthouden

Flitser

AF ass. lamp

• Als de beweging merkbaar wordt, houd de camera dan met beide handen vast, houd uw armen tegen uw lichaam aan en ga staan met uw voeten op schouderbreedte.

• Raak de lens niet aan.

• Zorg dat de microfoon niet wordt geblokkeerd als u filmt.

(→7)

• Blokkeer nooit de flitser of de AF ass. lamp. Kijk niet van dichtbij in de flitser of de lamp.

• Houd de camera stabiel wanneer u op de ontspanknop drukt.

Handige manieren om de camera in te schakelen

U kunt de camera inschakelen door de lenskap te openen, maar ook als volgt.

Camera inschakelen in de afspeelmodus

Ingedrukt houden

De foto’s op de kaart of in het ingebouwde geheugen worden weergegeven.

Met de lenskap open en de camera uit

Ingedrukt houden

De camera wordt in de opnamemodus ingeschakeld.

• Wanneer u de aan/uit-knop ingedrukt houdt terwijl de lenskap dicht is, verschijnt het bericht [OPEN

DE LENSKAP].

VQT2P57

25

Foto’s nemen met automatische instellingen

[INTELLIGENT AUTO] modus

Opnamemodus:

Er wordt automatisch voor de optimale instellingen gekozen op basis van informatie zoals

‘gezicht’, ‘beweging’, ‘helderheid’ en ‘afstand’ door de camera op het onderwerp te richten.

Dit betekent dat u duidelijke foto’s kunt maken zonder dat u handmatig iets hoeft in te stellen.

Open de lenskap

De camera wordt ingeschakeld.

Selecteer de modus [INTELLIGENT AUTO]

• Druk opnieuw op de knop om terug te keren naar de vorige opnamemodus.

Opnamemoduspictogram (zie onder)

Maak foto’s

Ontspanknop

Druk half in

(druk licht in en stel scherp)

Druk volledig in

(druk de knop helemaal in om een foto te maken)

Scherpstelweergave

(als scherpstelling is voltooid: knippert → verlicht)

Automatische scènedetectie

Het type scène dat wordt waargenomen, wordt twee seconden met een blauw pictogram aangeduid

De scène wordt geïdentificeerd wanneer de camera op het onderwerp wordt gericht en de optimale instellingen worden automatisch gekozen.

[i PORTRET]: er worden personen waargenomen

[i NACHTPORTRET]: er worden personen en een nachtlandschap waargenomen

(Alleen wanneer wordt geselecteerd)

[i LANDSCHAP]: er wordt een landschap waargenomen

[i MACRO]: er wordt een closeupopname waargenomen

[i NACHTL. SCHAP]: er wordt een nachtlandschap waargenomen

[i ZONSONDERG.]: er wordt een zonsondergang waargenomen

De beweging van het onderwerp wordt gedetecteerd om wazig beeld te voorkomen wanneer de scène niet met een van de hierboven genoemde instellingen overeenkomt.

Als tijdens de automatische scènedetectie wordt vastgesteld dat er personen op de foto staan ( of ), wordt de gezichtsdetectie geactiveerd en worden de scherpstelling en belichting op basis van de herkende gezichten aangepast.

26

VQT2P57

Flitsen

Raak in het snelmenu aan (→17)

• U kunt deze instelling ook maken door aanraken van

[FLITS] in het [OPNAME] menu.

Raak aan

• Als u de flitser niet gebruikt, raakt u aan.

• Raak [EXIT] aan om terug te keren naar het oorspronkelijke scherm.

• Wanneer wordt gebruikt, worden , (Auto/ rode-og), (Lngz. sy./rode-og) en (Langz. sync.) automatisch geselecteerd, afhankelijk van het soort onderwerp en de helderheid. (Zie voor meer informatie (→37))

• en geven aan dat de digitale rodeogenreductie is geactiveerd.

• Bij en is de sluitertijd langer.

Naast de automatische scènedetectie worden [ tegenlichtcompensatie automatisch ingeschakeld.

] in [GEVOELIGHEID] en de

U kunt de volgende menuopties instellen in de modus [INTELLIGENT AUTO].

• (Menu [OPNAME]): [FLITS], [ZELFONTSPANNER], [FOTO RES.]∗

[BURSTFUNCTIE], [KLEURFUNCTIE]∗

1

1

,

• (Menu [SET-UP]∗

2

): [KLOKINST.], [WERELDTIJD], [TOON]∗

1

De opties die u kunt instellen, variëren per opnamemodus.

1

, [TAAL], [O.I.S. DEMO]

2

De andere onderdelen in het [SET-UP] menu weerspiegelen de instellingen die gemaakt zijn voor andere opnamefuncties.

Welk scènetype wordt vastgesteld voor een onderwerp, is afhankelijk van de volgende omstandigheden.

Contrast van het gezicht, omstandigheden van het onderwerp (grootte, afstand, kleuren, contrast, beweging), zoomafstand, zonsondergang, zonsopgang, weinig licht, trillingen

Als het gewenste scènetype niet wordt geselecteerd, kunt u het beste handmatig de bijbehorende opnamemodus selecteren. (SCÈNE MODE: (→42))

Tegenlichtcompensatie

Tegenlicht is het licht dat van achter uw onderwerp in de camera schijnt. Bij tegenlicht komt uw onderwerp naar verhouding veel donkerder over en de tegenlichtcompensatie maakt daarom het gehele beeld helderder.

Bij [i NACHTL. SCHAP] en [i NACHTPORTRET] raden we u aan statief en zelfontspanner te gebruiken.

Bij weinig cameratrilling (bijvoorbeeld bij gebruik van statief) is de sluitertijd maximaal 8 seconden met [i NACHTL. SCHAP]. Beweeg de camera niet.

De instellingen voor de volgende functies staan vast.

• [AUTO REVIEW]: [2 SEC.] • [AUTOM. UIT]: [5 MIN.]

• [WITBALANS]: [AWB] • [STABILISATIE]: [AUTO]

• [AF MODE]: (Gezichtsdetectie)∗

3

• [AF ASS. LAMP]: [ON]

3

(9-zone-scherpstellen) wanneer er geen gezicht wordt herkend

U kunt de volgende functies niet gebruiken.

[BELICHTING], [DIG. ZOOM]

VQT2P57

27

Foto’s maken met uw eigen instellingen

[NORMALE FOTO] modus

Opnamemodus:

Via het menu [OPNAME] instellingen wijzigen en uw eigen opnameomgeving instellen.

Ontspanknop

Open de lenskap

De camera wordt ingeschakeld.

Ga naar het scherm voor selectie van de opnamemodus

Raak [NORMALE FOTO] ann

Zoom gebruiken

(→30)

Flitser gebruiken

(→36)

Beeldhelderheid aanpassen

(→41)

Close-upfoto’s maken

(→38)

Kleur aanpassen

(→61)

Maak een foto

Druk half in

(druk licht in en stel scherp)

Druk volledig in (druk de knop helemaal in om een foto te maken)

Scherpstelweergave

(als scherpstelling is voltooid: knippert → verlicht)

AF-gebied

(Stelt scherp op onderwerp. Als dit is voltooid: rood → groen)

Gebruik in geval van een waarschuwing over beweging [STABILISATIE], een statief of [ZELFONTSPANNER].

Als de diafragmawaarde of sluitertijd rood worden weergegeven, is de belichting niet juist. Gebruik de flitser of wijzig de instellingen voor [GEVOELIGHEID].

Trillingswaarschuwing

Diafragmawaarde Sluitertijd

28

VQT2P57

Scherpstellen voor de gewenste compositie

Handig als het onderwerp zich niet in het midden van de foto bevindt.

Stel eerst scherp op het onderwerp

Leg het

AF-gebied

Onderwerpen/omgevingen waarbij scherpstellen een probleem kan zijn: gelijk met het onderwerp

Half ingedrukt houden

AF-gebied

• Snel bewegende of extreem lichte voorwerpen of voorwerpen zonder kleurcontrasten

• Foto’s maken door een ruit of vlakbij voorwerpen die licht uitstralen. In het donker, of als de camera erg beweegt.

• Wanneer u te dicht bij het object staat of wanneer u een foto maakt waarop zowel veraf als dichtbij gelegen objecten staan

We raden u aan bij het fotograferen van personen (→58) de gezichtsdetectiefunctie te gebruiken.

Keer terug naar de gewenste compositie

Volledig indrukken

AF-gebied

De scherpstelaanduiding knippert en er klinkt een pieptoon wanneer er niet goed is scherpgesteld.

Gebruik het in rood aangegeven scherpstelbereik ter referentie.

Ook al wordt de scherpstelaanduiding aangegeven, dan nog kan de camera niet altijd goed scherpstellen, als uw onderwerp buiten het scherpstelbereik valt.

Het autofocuskader wordt groter aangegeven bij minder licht of tijdens het gebruik van de digitale zoomfunctie.

De meeste aanduidingen verdwijnen even van het scherm wanneer u de ontspanknop halverwege indrukt.

Richtingwaarnemingsfunctie

Scherpstelbereik

Foto’s die worden gemaakt terwijl de camera verticaal wordt gehouden, worden automatisch verticaal afgespeeld. (Alleen wanneer [LCD ROTEREN] is ingesteld op [ON])

Foto’s die zijn gemaakt met het lensoppervlak recht omhoog of omlaag en foto’s die op andere camera’s zijn gemaakt, worden mogelijk niet gedraaid. Ook worden foto’s die zijn gemaakt terwijl de camera ondersteboven wordt gehouden, niet automatisch gedraaid.

Bewegende beelden worden niet verticaal weergegeven.

VQT2P57

29

Foto’s maken met zoom

Opnamemodus:

‘Optische zoom’ biedt een vergroting van 4 x. Bij een lager opnamepixelniveau kan met

‘Extra optische zoom’ maximaal 8,4 x worden ingezoomd. Voor nog verder inzoomen is

‘Digital zoom’ beschikbaar.

In-/uitzoomen

Groter gebied fotograferen

(groothoek)

Richting W

(groothoek): 1 x

Het onderwerp vergroten (tele)

Richting T (tele): maximaal 4 x

Scherpstelgebied

Zoombalk

Stel de foto scherp nadat u de zoominstelling hebt aangepast.

Zoomfactor

(ong.)

Optische zoom en extra optische zoom (EZ)

U schakelt automatisch over op ‘optische zoom’ bij gebruik van de maximale fotoresolutie (→56) en anders op ‘extra optische zoom’ (voor een nog grotere zoomfactor). (EZ is de afkorting van ‘extra optische zoom’.)

• Optische zoom • Extra optische zoom

Zoombalk

( op het scherm)

Verder vergroten [DIG. ZOOM]

De zoomfactor is 4 maal groter dan met optische/extra optische zoom.

(Let op: bij vergroting met digitale zoom neemt de beeldkwaliteit af.)

Geef het menu [OPNAME] weer (→15)

Raak [ON] aan

Net zo vaak aanraken totdat het gewenste onderdeel wordt aangegeven.

Raak [DIG. ZOOM] aan Raak [EXIT] aan

Maximale zoomfactor per fotoresolutie

Optische zoom Extra optische zoom

[FOTO RES.] 14 M - 10.5 M

10 M 5 M 3 M of minder

Max. vergroting 4 x 4,7 x 6,8 x 8,4 x

Systeem voor Extra optische zoom

Wanneer het opnamepixelniveau wordt ingesteld op [3 M ] (equivalent aan 3 miljoen pixels), worden 3 miljoen pixels van het beschikbare pixelniveau in het midden van de

CCD voor de opnamen gebruikt, zodat een hogere vergrotingsfactor mogelijk is.

De vergrotingsfactor die in de balk op het scherm wordt weergegeven, is een schatting.

30

VQT2P57

Het digitale zoomgebied verschijnt op de zoombalk van het scherm.

Voorbeeld: Met 16 x

16 x

Digitale zoomgebied wordt weergegeven

• Het zoomen stopt even als u overgaat naar het digitale zoombereik.

• Binnen het digitale zoombereik wordt het AF-gebied groter weergegeven als u de ontspanknop half indrukt.

• Het verdient aanbeveling hierbij een statief en de

[ZELFONTSPANNER] te gebruiken.

Beelden kunnen nog meer vervormd raken als u foto’s met een grotere hoek maakt van onderwerpen dichtbij. Meer telescopische zoom kan zorgen voor gekleurde randen rond onderwerpen.

U hoort wellicht een ratelend geluid en voelt de camera trillen als u de zoomhendel gebruikt. Dit is normaal.

Wanneer Extra optische zoom wordt gebruikt, stopt het zoomen halverwege kort, maar dit is geen storing.

Bij de [MACRO ZOOM], filmopname van bewegende beelden, [TRANSFORMEREN],

[H. GEVOELIGH.], [HI-SPEED BURST], [FLITS-BURST], en [FOTO FRAME] scènefuncties

De digitale zoom kan in de volgende modi niet worden gebruikt.

• (Modus [INTELLIGENT AUTO]) • De scènemodi [TRANSFORMEREN], [H. GEVOELIGH.],

[HI-SPEED BURST], [FLITS-BURST], [ZANDSTRAAL] en [FOTO FRAME]

VQT2P57

31

Uw foto’s bekijken

[NORMAAL AFSP.]

Afspeelmodus:

Wanneer er een kaart in de camera aanwezig is, worden de beelden van de kaart afgespeeld.

Zonder een kaart worden de beelden vanuit het ingebouwde geheugen afgespeeld.

Zoomhendel

Druk op de afspeelknop

• Druk opnieuw op deze knop om naar de opnamemodus te gaan.

Doorloop de foto’s

Bestandsnummer

Fotonummer/Totaal aantal foto’s

[DISPLAY]

Vergroten (Zoom afspelen)

Vorige Volgende

• Druk op de ontspanknop om naar de opnamemodus te gaan.

Draai in de richting van de T

Huidige zoompositie

(1 sec. weergegeven)

• Telkens wanneer u de zoomhendel naar de T-kant draait of aanraakt, verandert de vergrotingsfactor in vier stappen na 1x: 2x, 4x, 8x en 16x.

(De weergegeven beeldkwaliteit wordt achtereenvolgens lager.)

• Uitzoomen→ Draai de hendel naar de W-kant of raak aan

• Zoompositie verplaatsen→ Raak

▲▼◄► op het scherm aan

U kunt ook naar de volgende of vorige foto gaan door het midden van het scherm te slepen.

Naar de volgende foto gaan: sleep van links naar rechts

Naar de vorige foto gaan: sleep van rechts naar links

Als u het bestandsnummer niet ziet, drukt u op de knop [DISPLAY].

Na de laatste foto keert u terug naar de eerste foto.

U kunt sommige foto’s die op de computer zijn bewerkt, niet op deze camera bekijken.

Deze camera voldoet aan de DCF-norm

(Design rule for Camera File System) zoals deze is vastgelegd door de Japan

Electronics and Information Technology

Industries Association (JEITA) en aan de

Exif-indeling (Exchangeable Image File

Format). Bestanden die niet voldoen aan

DCF kunnen niet worden afgespeeld.

Als lijst afspelen

(Meerdere afspelen / Kalender afspelen) (→64)

Beelden bekijken met verschillende weergavemodi

(Diashow, enzovoort) (→66)

Afspelen van filmopnamen

(→65)

32

VQT2P57

Foto’s verwijderen

Afspeelmodus:

De foto’s worden van de kaart verwijderd als de kaart in de camera is geplaatst, of uit het ingebouwde geheugen als deze niet is geplaatst. (Verwijderde foto’s kunnen niet worden teruggehaald.)

Druk hierop om de weergegeven foto te verwijderen

Raak [APART WISSEN] aan

Raak [JA] aan

• Schakel tijdens de verwijdering de stroom niet uit.

Meerdere (maximaal 50) of alle foto’s verwijderen

(na stap )

Raak [MULTI WISSEN] /

[ALLES WISSEN] aan

• Ga naar stap wanneer u [ALLES

WISSEN] selecteert

Raak de foto’s aan die u wilt verwijderen

• De selectie annuleren

→ Raak opnieuw aan

• Het scherm wijzigen

→ Raak ▲▼ aan op het scherm

Raak [UITVOER.] aan

Raak [JA] aan

• Annuleren → Raak [ANNUL] aan

• Dit kan even duren, afhankelijk van het aantal foto’s dat wordt verwijderd.

• U kunt bij [ALLES WISSEN] de optie

[ALLES WISSEN BEHALVE ] selecteren als [FAVORIETEN] is ingesteld op [ON] (→74) en er foto’s zijn geregistreerd.

Geselecteerde foto

Gebruik een voldoende opgeladen batterij of een netadapter (los verkocht).

Foto’s kunnen in de volgende gevallen niet worden verwijderd:

• Beveiligde foto’s

• Wanneer de kaartvergrendeling in de positie ‘LOCK’ staat.

• Wanneer foto’s niet in de DCF-indeling staan (→32)

U kunt ook bewegende beelden verwijderen.

Om alle gegevens te wissen, inclusief alle beveiligde beelden, verricht u het [FORMATEREN].

VQT2P57

33

Weergave informatie voor opname wijzigen

U kunt schakelen tussen verschillende gegevens op het lcd-scherm, zoals richtlijnen en opnamegegevens.

Indrukken om de weergave te wijzigen

In de opnamemodus

Opname-informatie Geen schermweergave Richtlijnen

Fotograferen met de zelfontspanner

Opnamemodus:

We raden u aan een statief te gebruiken. Deze optie is ook effectief om trillingen te voorkomen wanneer de ontspanknop wordt ingedrukt, door de zelfontspanner in te stellen op 2 seconden.

Raak in het snelmenu aan

(→17)

• U kunt deze instelling ook maken door aanraken van [ZELFONTSPANNER] in het

[OPNAME] menu.

Raak de tijd aan die u wilt instellen

• Als u de zelfontspanner niet gaat gebruiken, raakt u [OFF] aan.

• Raak [EXIT] aan om terug te keren naar het oorspronkelijke scherm.

Maak een foto

Druk de ontspanknop helemaal in om te beginnen met opnemen na de vooraf ingestelde tijd.

In de weergavemodus

Fotogegevens

Fotogegevens + opnamegegevens Geen schermweergave

• Annuleren tijdens gebruik

Raak [ANNUL] aan

Indicator zelfontspanner

(Knippert gedurende ingestelde periode)

Richtlijnen

• Referentie voor evenwicht en compositie tijdens het fotograferen.

Bij het weergeven van menu’s, meerdere foto’s of de kalender: U kunt de weergave niet wijzigen.

Richtlijnen worden niet weergegeven in de scènemodus [FOTO FRAME].

34

VQT2P57

Bij instellen op de [BURSTFUNCTIE] worden er drie foto’s genomen. Bij instellen op de

[FLITS-BURST] scènefunctie worden er vijf foto’s genomen.

Er wordt automatisch scherpgesteld vlak voordat het opnemen begint als u de ontspanknop hier volledig indrukt.

Nadat de indicator voor de zelfontspanner stopt met knipperen, kan deze gaan branden als AF-assistlampje.

U kunt deze functie niet gebruiken in de scènemodus [HI-SPEED BURST].

In de scènemodus [ZELFPORTRET] is [10 SEC.] niet beschikbaar.

VQT2P57

35

Fotograferen met een flitser

Opnamemodus:

Raak in het snelmenu aan

(→17)

• U kunt deze instelling ook maken door aanraken van [FLITS] in het [OPNAME] menu.

Raak het type flitser aan

• Raak [EXIT] aan om terug te keren naar het oorspronkelijke scherm.

Zorg voor een minimale afstand van 1 m. als u flitsopnamen maakt van kleine kinderen.

Type, bewerkingen

[AUTO]

• Bekijkt automatisch of er moet worden geflitst.

[AUTO/RODE-OG]

1

• Bekijkt automatisch of er moet worden geflitst

(met rode-ogenreductie).

[FLITS ALTIJD AAN]

• Altijd flitsen

[GDW. AAN/RODE-OG]

1

• Altijd flitsen (met rode-ogenreductie)

[LNGZ. SY./RODE-OG]

1

• Bekijkt automatisch of er moet worden geflitst (met rodeogenreductie en lange sluitertijd voor meer helderheid).

[GEDWONGEN UIT]

• Nooit flitsen

Toepassingen

Normaal gebruik

Onderwerpen in een donkere omgeving fotograferen

Fotograferen met achtergrondlicht of onder felle lampen (bijvoorbeeld tl-licht)

Onderwerpen fotograferen tegen een nachtlandschap (statief aanbevolen)

Plaatsen waar u niet mag flitsen

1

De flitser wordt twee keer geactiveerd. Stop met bewegen voordat de tweede keer wordt geflitst. Het interval tussen de flitsen varieert, afhankelijk van de helderheid van het onderwerp.

Wanneer [RODE-OGEN CORR] wordt geactiveerd in het opnamemenu, wordt het pictogram

weergegeven, worden rode ogen automatisch gedetecteerd en worden de fotogegevens gecorrigeerd. (Alleen wanneer [AF MODE] is ingesteld op (gezichtsdetectie).)

De sluitertijden zijn als volgt:

• , , , : 1/30 - 1/1600

2

, : 1/8∗

2

- 1/1600

Max. 1/4 sec. wanneer [ ] onder [GEVOELIGHEID] is ingesteld; max. 1 sec. wanneer

[STABILISATIE] op [OFF] is ingesteld of wanneer er weinig onscherpte is. Varieert ook afhankelijk van de modus [INTELLIGENT AUTO], de scène in [SCÈNE

MODUS] en de zoompositie.

Het effect van de rode-ogenreductie varieert, afhankelijk van het onderwerp, en wordt beïnvloed door factoren zoals afstand tot het onderwerp, of het onderwerp tijdens de voorflits naar de camera kijkt enzovoort. In sommige gevallen is het effect van de rodeogenreductie verwaarloosbaar.

36

VQT2P57

Beschikbare typen per modus

(○: beschikbaar, —: niet beschikbaar,

: standaardinstelling)

[SCÈNE MODUS]

○ ○∗ ○ ○ ○ ○ ○ ○ ○ ○ ○ ○ ○ ○

○ ○ ○ ○ ○ ○ ○

○ ○ ○ ○ ○ ○ ○ ○ ○ ○ ○ ○ ○ ○ ○

○ ○ -

○ ○ ○ -

○ ○ ○ ○ ○ ○ ○ ○ ○ ○ ○ ○ ○ ○ ○ ○ ○ ○

Stel in op (Auto), (Auto/rode-og), afhankelijk van het onderwerp en de helderheid.

(Lngz. sy./rode-og) of (Langz. sync.),

• De flitser kan niet worden gebruikt in de filmmodus en in deze scènemodi: , ,

, , , en .

Scherpstelgebied afhankelijk van ISO-gevoeligheid en zoom

[GEVOELIGHEID]

(→57)

[H. GEVOELIGH.] in

[SCÈNE MODUS] (→47)

[FLITS-BURST] in

[SCÈNE MODUS] (→48)

[

ISO80

ISO100

ISO200

ISO400

]

ISO800

ISO1600

ISO1600-

ISO6400

ISO100-

ISO3200

Scherpstelgebied

Max. W (groothoek)

ongeveer. 0,3 m - 4,9 m ongeveer. 0,3 m - 1,0 m ongeveer. 0,3 m - 1,2 m ongeveer. 0,4 m - 1,7 m ongeveer. 0,6 m - 2,4 m ongeveer. 0,8 m - 3,4 m ongeveer. 1,15 m - 4,9 m

Max. T (tele)

ongeveer. 0,5 m - 2,9 m ongeveer. 0,5 m - 0,6 m ongeveer. 0,5 m - 0,7 m ongeveer. 0,5 m - 1,0 m ongeveer. 0,6 m - 1,4 m ongeveer. 0,6 m - 2,0 m ongeveer. 0,9 m - 2,9 m ongeveer. 1,15 m - 9,8 m ongeveer. 0,3 m - 3,2 m ongeveerx. 0,9 m - 5,8 m ongeveer. 0,5 m - 1,9 m

Raak de flitser niet aan en kijk er niet van dichtbij (een paar cm) in (→7).

Flits niet dicht in de buurt van andere onderwerpen (warmte en licht kunnen schadelijk zijn voor het onderwerp).

Flitsinstellingen kunnen veranderen als u een andere opnamemodus kiest.

Wanneer [ ] is ingesteld onder [GEVOELIGHEID], wordt de ISO-gevoeligheid automatisch ingesteld in een bereik tot 1600.

Als u een andere scènemodus kiest, worden de standaardflitsinstellingen hersteld.

Als er moet worden geflitst, worden de flitstypesymbolen (bijvoorbeeld ) rood als u de ontspanknop half indrukt.

Er kunnen geen foto’s worden gemaakt als deze symbolen knipperen (flitser wordt opgeladen) (bijvoorbeeld ).

Onvoldoende bereik van de flitser kan worden veroorzaakt door niet goed ingestelde belichting of witbalans.

Het flitseffect wordt mogelijk niet volledig bereikt bij korte sluitertijden.

Het opladen van de flitser kan even duren als de batterij bijna leeg is, of als de flitser enkele keren achter elkaar wordt gebruikt.

VQT2P57

37

Close-upfoto’s maken

Opnamemodus:

Wanneer u het onderwerp van dichtbij beeldvullend wilt opnemen, kunt u door instellen op [MACRO-AF] ( ) onderwerpen dichter benaderen dan bij de normale scherpstelafstand (tot op 10 cm in de maximale W groothoekstand).

Het kan even duren totdat onderwerpen op grote afstand scherp worden.

Bij gebruik van de

([INTELLIGENT AUTO] modus) kunt u de macro-opnamefunctie inschakelen door eenvoudigweg de camera op uw onderwerp te richten. ( aanduiding)

Raak in het snelmenu aan

(→17)

• U kunt deze instelling ook maken door aanraken van [MACRO STAND] in het

[OPNAME] menu.

Raak [MACRO-AF] aan

• Als u de macro-opnamen wilt annuleren, raakt u [OFF] aan.

• Raak [EXIT] aan om terug te keren naar het oorspronkelijke scherm.

Maak een foto

aanduiding

Fotograferen van nóg dichterbij [MACRO ZOOM]

Om uw onderwerp nog dichter te benaderen, kunt u instellen op [MACRO ZOOM] zodat uw onderwerp nog groter in beeld verschijnt dan bij de [MACRO-AF].

Zoomhendel

Raak in het snelmenu aan

(→17)

• U kunt deze instelling ook maken door aanraken van [MACRO STAND] in het

[OPNAME] menu.

Raak

[MACRO ZOOM] aan

• Als u de macro-opnamen wilt annuleren, raakt u [OFF] aan.

• Raak [EXIT] aan om terug te keren naar het oorspronkelijke scherm.

Regel de vergroting van de digitale zoom met de zoomhendel

Er is hierbij vast uitgezoomd naar de groothoekstand.

Het scherpstelbereik is van 10 cm -

.

Terug Vergroten

Scherpstelbereik voor de modus AF Macro

Afstand tussen de lens en het onderwerp

10 cm 50 cm ∞

1 x (Max. W)

Verandert geleidelijk

4 x (Max. T)

Tijdens opnamen in [MACRO ZOOM] is het scherpstelbereik 10 cm tot oneindig, ongeacht de zoompositie.

38

VQT2P57

Digitale zoom-vergroting (1 x tot 3 x)

Maak een foto

Bij de [MACRO ZOOM] wordt een sterkere vergroting bereikt, hetgeen een mindere beeldkwaliteit geeft.

Wanneer de ingezoomde macrostand wordt ingesteld, wordt Extra optische zoom uitgeschakeld.

We raden u aan een statief of de [ZELFONTSPANNER] te gebruiken of [FLITS] in te stellen op

[GEDWONGEN UIT].

Als u de camera beweegt nadat er is scherpgesteld, kunnen uw foto’s onscherp zijn wanneer uw onderwerp erg dicht bij de camera is, aangezien de scherptediepte en dus het scherpstelbereik bijzonder gering is.

De resolutie buiten het scherpgestelde gebied kan lager zijn.

VQT2P57

39

Fotograferen met het aangeraakte gebied scherpgesteld

(Raak de selectie van het AF-gebied aan)

Opnamemodus:

U kunt scherpstellen op de plaats op het scherm die u aanraakt.

op het scherm

Raak uw onderwerp aan

• Als het onderwerp wordt herkend, wordt het AF-gebied weergegeven en wordt de camera scherpgesteld.

• Als u aanraakt, wordt de aanraakselectie van het AF-gebied geannuleerd.

• De scherpstelling kan niet werken als u de rand van het scherm aanraakt.

Maak een foto

Druk half in

(druk licht in en stel scherp)

Druk volledig in (druk de knop helemaal in om een foto te maken)

De selectie van het AF-gebied door aanraken is mogelijk niet effectief in de volgende situaties.

• Wanneer het onderwerp te klein is

• Wanneer de opnamelocatie te donker is

• Wanneer het onderwerp snel beweegt

• Wanneer er andere onderwerpen zijn of een achtergrond is met dezelfde kleur als het onderwerp

• Wanneer de camera trilt

• Wanneer u de zoomfunctie gebruikt

Als de selectie van het AF-gebied door aanraken mislukt, knippert het AF-gebied rood en gaat het vervolgens uit. Raak het scherm opnieuw aan.

Als de selectie van het AF-gebied door aanraken niet werkt, neemt [AF MODE] op met

(Scherpstellen op 1 punt).

Tijdens de modus [INTELLIGENT AUTO] bepaalt de camera hoe het aangeraakte onderwerp de optimale scène oplevert.

Selectie van het AF-gebied door aanraken werkt niet in de volgende situaties.

• De scèenemodi [STERRENHEMEL], [VUURWERK]

• Opnamemodus voor films

Foto’s maken met belichtingscompensatie

Opnamemodus:

Corrigeert de belichting wanneer een goede belichting niet mogelijk is (bij grote verschillen tussen de helderheid van het object en de achtergrond enzovoort). Afhankelijk van de helderheid is dit in sommige gevallen niet mogelijk.

Onderbelicht Optimale belichting Overbelicht

Plusrichting Minrichting

Raak in het snelmenu aan

(→17)

• U kunt deze instelling ook maken door aanraken van [BELICHTING] in het

[OPNAME] menu.

Raak ◄► ann

• Als u de belichtingscompensatie niet gaat gebruiken, selecteert u 0.

Raak [EXIT] ann

Na de belichtingscompensatie wordt de compensatiewaarde (bijvoorbeeld linkerbenedenhoek van het scherm weergegeven.

) in de

De belichtingscompensatie die u instelt, blijft behouden, zelfs nadat de camera is uitgeschakeld.

De belichtingscompensatie kan niet worden gebruikt bij de [STERRENHEMEL] scènefunctie.

40

VQT2P57 VQT2P57

41

Foto’s maken die zijn afgestemd op de scène

[SCÈNE MODUS]

Opnamemodus:

Met [SCÈNE MODUS] kunt u fotograferen met optimale instellingen voor specifieke scènes (belichting, kleur enzovoort).

Zoomhendel

Ga naar het scherm voor selectie van de opnamemodus

Raak [SCÈNE MODUS] aan

Flitser gebruiken in scènemodi (→37)

De geselecteerde scènemodus wijzigen

Raak op het opnamescherm aan

Raak in het scènemenu een scène aan

Veelgebruikte scènes registreren

[MIJN SCENE MODE] (→50)

Wanneer de beschrijving AAN

( )

is

Raak een scène aan

Het opnamescherm voor de geselecteerde scènemodus verschijnt.

• Raak ▲▼ op het scherm aan om een andere pagina te kiezen. Met de zoomhendel kunt u ook naar het volgende scherm gaan.

• Raak [EXIT] aan om terug te keren naar het oorspronkelijke scherm.

Raak aan om de beschrijving AAN/UIT te zetten

Wanneer u een scène aanraakt, wordt er een scènebeschrijving getoond.

Wanneer u [INST.] aanraakt, wordt het opnamescherm van de [SCÈNE MODUS] weergegeven.

• Een scène opnieuw selecteren → Raak [ANNUL] aan

Wanneer u een scènemodus kiest die niet geschikt is voor de feitelijke scène kan dit de kleur van uw foto’s beïnvloeden.

De volgende instellingen van het menu [OPNAME] worden automatisch aangepast en kunnen niet handmatig worden geselecteerd (instellingen afhankelijk van de geselecteerde scène).

[GEVOELIGHEID], [MACRO STAND], [KLEURFUNCTIE]

De witbalans kan alleen in de volgende scène worden ingesteld.

[PORTRET], [GAVE HUID], [TRANSFORMEREN], [ZELFPORTRET], [SPORT],

[BABY], [HUISDIER], [H. GEVOELIGH.], [HI-SPEED BURST], [FOTO FRAME]

(De instelling wordt teruggezet naar [AWB] wanneer een andere scène wordt gekozen.)

De beschikbare flitstypen (→37) variëren afhankelijk van de scène. De flitserinstelling voor de scènemodus wordt op de beginwaarde teruggezet wanneer de scènemodus wordt gewijzigd.

De richtlijnen worden in grijs weergegeven in de scènemodi [NACHTPORTRET],

[NACHTL. SCHAP], [STERRENHEMEL] en [VUURWERK].

42

VQT2P57

Scène

Raak deze knop aan om de scène te wijzigen

Toepassingen, Tips

Verbetert de huidskleur van onderwerpen voor een gezonder uiterlijk in helder daglicht.

Opmerkingen

• Standaardinstelling voor [AF

MODE] is (gezichtsdetectie).

[PORTRET]

[GAVE

HUID]

[TRANSFORMEREN]

Tips

• Ga zo dicht mogelijk bij het onderwerp staan.

• Zoom: Zo telescopisch mogelijk (richting T)

Verzacht de kleuren van de huid in helder daglicht buiten (portretten vanaf de borst).

Tips

• Ga zo dicht mogelijk bij het onderwerp staan.

Verandert uw onderwerp in een filmster of een superslanke verschijning.

Raak een transformatie-effect aan

De instellingen zijn ook te wijzigen via het

Quick-menu.

Maak een foto

[SLANK]

[GEEN EFFECT]

[UITREK.]

Opmerkingen

• Deze functie mag alleen worden gebruikt voor privédoeleinden, dus niet voor winstbejag of commerciële toepassingen, waarvoor auteursrechten gelden.

• Gebruik deze functie niet zodanig dat het iemand schade kan berokkenen of de openbare orde of goede zeden kan aantasten.

• Gebruik de functie niet zo dat uw onderwerp er door geschaad kan worden.

• De duidelijkheid van het effect kan variëren, afhankelijk van de hoeveelheid licht.

• Standaardinstelling voor [AF

MODE] is (gezichtsdetectie).

• Als een deel van de achtergrond enzovoort een kleur heeft die dicht in de buurt komt van huidskleur, wordt dit deel ook zachter gemaakt.

• Wanneer u hiermee een foto neemt, wordt de huidtint treffend verbeterd.

• De beeldkwaliteit wordt iets minder.

• [FOTO RES.] wordt als volgt vastgezet.

: 3 M

: 2,5 M

: 2 M

• Standaardinstelling voor [AF

MODE] is (gezichtsdetectie).

• De volgende functies zijn niet te gebruiken.

Extra-optische zoom/[DIG.

ZOOM]/[BURSTFUNCTIE]

VQT2P57

43

Foto’s maken die zijn afgestemd op de scène

[SCÈNE MODUS]

(vervolg)

Opnamemodus:

Scène Toepassingen, Tips

Foto’s van uzelf maken.

Opmerkingen

• Belangrijke vaste instellingen

[STABILISATIE]: [MODE 2]

[AF ASS. LAMP]: [OFF]

[ZELFONTSPANNER]: [OFF]/

[2 SEC.]

• Standaardinstelling voor [AF

MODE] is (gezichtsdetectie).

[ZELFPORTRET]

Tips

• Druk de ontspanknop half in → de indicator van de zelfontspanner gaat aan → druk de ontspanknop volledig in → bekijken

(wanneer de indicator van de zelfontspanner knippert, is niet goed scherpgesteld)

• Scherpstelling: 30 cm - 1,2 m (Max. W)

• Gebruik geen zoom (moeilijker scherp te stellen).

(Zoom gaat automatisch naar max. W)

• Zelfontspanner van 2 seconden aanbevolen.

Heldere foto’s maken van brede onderwerpen op afstand.

[LANDSCHAP]

Tips

• Ga op minstens 5 m afstand staan.

Foto’s maken van scènes met snelle bewegingen, bijvoorbeeld sport.

[SPORT]

[NACHTPORTRET]

Tips

• Ga op minstens 5 m afstand staan.

Foto’s maken van mensen en nachtlandschappen met benadering van de werkelijke helderheid.

Tips

• Gebruik de flitser.

• Het onderwerp mag niet bewegen.

• Statief en zelfontspanner aanbevolen.

• Ga tenminste 1,5 m weg staan en gebruik de

W-stand

• Scherpstelling: Max. W: 80 cm - 5 m

Max. T: 1,2 m - 5 m

• Belangrijke vaste instellingen

[FLITS]: [GEDWONGEN UIT]

[AF ASS. LAMP]: [OFF]

• Als de camera is ingesteld op

[STABILISATIE] en er zeer weinig trillingen zijn of als

[STABILISATIE] is ingesteld op

[OFF], kan de sluitertijd worden verlengd naar maximaal 1 seconde.

• Belangrijke vaste instellingen

[GEVOELIGHEID]: [ ]

(automatisch ingesteld in een bereik tot 1600)

• Als de camera is ingesteld op

[STABILISATIE] en er zeer weinig trillingen zijn of als

[STABILISATIE] is ingesteld op [OFF], kan de sluitertijd worden verlengd naar maximaal

1 seconde (of maximaal 8 seconden als de flitser is ingesteld op (gedwongen uit)).

• Er kan interferentie optreden bij donkere scènes.

• De sluiter kan 8 seconde dicht blijven nadat u de foto hebt gemaakt.

• Standaardinstelling voor [AF

MODE] is (gezichtsdetectie).

Een scène selecteren (→42)

Flitser gebruiken in scènemodi (→37)

Scène

[NACHTL.

SCHAP]

Toepassingen, Tips

Duidelijke foto’s maken van nachtscènes.

Tips

• Ga op minstens 5 m afstand staan.

• Statief en zelfontspanner aanbevolen

Opmerkingen

• Als de camera is ingesteld op

[STABILISATIE] en er zeer weinig trillingen zijn of als

[STABILISATIE] is ingesteld op

[OFF], kan de sluitertijd worden verlengd naar maximaal 8 seconden.

• Er kan interferentie optreden bij donkere scènes.

• De sluiter kan 8 seconden dicht blijven nadat u de foto hebt gemaakt.

• Belangrijke vaste instellingen

[FLITS]: [GEDWONGEN UIT]

[AF ASS. LAMP]: [OFF]

[GEVOELIGHEID]: ISO80 - 800

[VOEDSEL]

Natuurgetrouwe foto’s maken van voedsel

Tips

• Scherpstelling: Max. W: 10 cm en hoger

Max. T: 50 cm en hoger

Onderwerpen en de achtergrond helderder maken in foto’s van gebeurtenissen binnen, zoals bruiloften.

• Standaardinstelling voor [AF

MODE] is (gezichtsdetectie).

[PARTY]

[KAARSLICHT]

Tips

• Ga op ongeveer 1,5 m afstand staan.

• Zoom: groothoek (richting W)

• Statief en zelfontspanner aanbevolen.

De sfeer van een ruimte met kaarslicht fotograferen.

Tips

• Scherpstelling: Max. W: 10 cm en hoger

Max. T: 50 cm en hoger

• Gebruik geen flitser.

• Statief en zelfontspanner aanbevolen.

(Sluitertijd: max. 1 sec.)

• Als de camera is ingesteld op

[STABILISATIE] en er zeer weinig trillingen zijn of als

[STABILISATIE] is ingesteld op

[OFF], kan de sluitertijd worden verlengd naar maximaal 1 seconde.

• Standaardinstelling voor [AF

MODE] is (gezichtsdetectie).

44

VQT2P57 VQT2P57

45

Foto’s maken die zijn afgestemd op de scène

[SCÈNE MODUS]

(vervolg)

Opnamemodus:

Scène

[BABY]

[HUISDIER]

[ZONSONDERG.]

Toepassingen, Tips

Gebruikt een zwakke flits om de huidskleur naar voren te halen.

• Leeftijd en naam vastleggen

(U kunt [BABY1] en [BABY2] fzonderlijk instellen.)

Raak [SET] aan voor [LEEFTIJD] of

[NAAM].

Stel de geboortedatum en naam in.

Geboortedatum: Raak ▲▼ op het scherm aan om de geboortedatum in te stellen en raak [INST.] aan.

Naam: (Zie ‘Tekst invoeren’ (→63))

Raak [EXIT] aan om af te sluiten.

Opmerkingen

• De leeftijd en naam worden na het instellen van deze modus ongeveer 5 seconden weergegeven.

• Als de camera is ingesteld op

[STABILISATIE] en er zeer weinig trillingen zijn of als

[STABILISATIE] is ingesteld op

[OFF], kan de sluitertijd worden verlengd naar maximaal 1 seconde.

• De leeftijdsnotatie wordt bepaald door de instelling voor [TAAL].

• U kunt de afdrukinstelling

[LEEFTIJD] en [NAAM] op de computer opgeven via de meegeleverde cd-rom

‘PHOTOfunSTUDIO’. U kunt via

[TEKST AFDR.] ook tekst aan de foto toevoegen (→70).

• De geboortedatum wordt weergegeven als [0 mnd. 0 dg.].

• Belangrijke vaste instellingen

[GEVOELIGHEID]: [ ]

(automatisch ingesteld in een bereik tot 1600)

• Standaardinstelling voor [AF

MODE] is (gezichtsdetectie).

Tips

• Zorg ervoor dat [LEEFTIJD] en [NAAM] zijn ingesteld op [ON] voordat u de foto maakt.

• Resetten : selecteer [RESETTEN] in het menu

[SET-UP].

• Scherpstelling: Max. W: 10 cm en hoger

Max. T: 50 cm en hoger

Vastleggen van de naam en de leeftijd van uw huisdier bij het fotograferen.

Tips

• Hetzelfde als voor [BABY]

Duidelijke foto’s maken van scènes als zonsondergangen.

• Als de camera is ingesteld op

[STABILISATIE] en er zeer weinig trillingen zijn of als

[STABILISATIE] is ingesteld op

[OFF], kan de sluitertijd worden verlengd naar maximaal 1 seconde.

• De standaardinstellingen zijn als volgt.

[AF MODE]: (Scherpstellen op 1 punt)

[AF ASS. LAMP]: [OFF]

• Raadpleeg [BABY] voor andere opmerkingen en vaste instellingen.

• Belangrijke vaste instellingen

[GEVOELIGHEID]: ISO80

[FLITS]: [GEDWONGEN UIT]

[AF ASS. LAMP]: [OFF]

Een scène selecteren (→42)

Flitser gebruiken in scènemodi (→37)

Scène

[H. GEVOELIGH.]

Toepassingen, Tips

Voorkomt dat onderwerpen in donkere omgevingen binnen onscherp worden.

Raak een aantal opnamepixels

(beeldverhouding) aan.

Opmerkingen

• Foto’s kunnen soms iets korrelig overkomen vanwege de hoge gevoeligheid.

• Belangrijke vaste instelling

[GEVOELIGHEID]: ISO1600 -

6400

• De volgende functies zijn niet te gebruiken.

Extra-optische zoom/[DIG.

ZOOM]

Tips

• Scherpstelling: Max. W: 10 cm en hoger

Max. T: 50 cm en hoger

Foto’s maken van snelle bewegingen of beslissende momenten.

Raak een aantal opnamepixels

(beeldverhouding) aan.

[HI-SPEED

BURST]

Maak foto’s. (Houd de ontspanknop ingedrukt.)

Er worden continu foto’s gemaakt zolang de ontspanknop volledig is ingedrukt.

Maximale snelheid∗

Ongeveer 4,6 foto’s/sec.

Aantal te nemen foto’s∗

Ingebouwd geheugen

Kaart

Ongeveer 15 of meer

Ongeveer 15 tot 100

(Het maximum is 100).

∗ De burstsnelheid en het aantal foto’s dat kan worden gemaakt, is afhankelijk van de opnameomstandigheden en het type geheugenkaart.

Tips

• Scherpstelling: Max. W: 10 cm en hoger

Max. T: 50 cm en hoger

• Het aantal foto’s dat u met de burstfunctie kunt maken, is direct na formattering groter.

• De beeldkwaliteit wordt iets minder.

• Belangrijke vaste instellingen

[FLITS]: [GEDWONGEN UIT]

[GEVOELIGHEID]: ISO500 - 800

• De scherpstelling, zoom, belichting, witbalans, sluitertijd en

ISO-gevoeligheid zijn gelijk aan die van de eerste foto.

• U kunt de volgende functies niet gebruiken.

Extra optische zoom/[DIG.

ZOOM]/[ZELFONTSPANNER]/

[BURSTFUNCTIE]

• Als het opnemen wordt herhaald, kan er onder bepaalde omstandigheden enige vertraging zijn voordat de camera weer foto’s neemt.

46

VQT2P57 VQT2P57

47

Foto’s maken die zijn afgestemd op de scène

[SCÈNE MODUS]

(vervolg)

Opnamemodus:

Scène

[FLITS-

BURST]

Toepassingen, Tips

Voor doorlopend opnemen op plaatsen met weinig licht.

Raak een aantal opnamepixels

(beeldverhouding) aan.

Neem uw foto’s (Houd de ontspanknop ingedrukt).

Er worden doorlopend foto’s gemaakt zolang u de ontspanknop ingedrukt houdt.

Aantal achtereenvolgende foto’s: Max. 5

Opmerkingen

• De beeldkwaliteit wordt iets minder.

• Belangrijke vaste instellingen

[FLITS]: [FLITS ALTIJD AAN]

[GEVOELIGHEID]: [ ]

(automatisch ingesteld in een bereik tot 3200)

• De scherpstelling, zoomstand, belichtingscompensatie, sluitertijd en ISO-gevoeligheid worden allemaal vastgesteld op de waarde voor de eerste foto.

• De sluitertijd wordt 1/30 seconde tot 1/1600 seconde.

• De volgende functies zijn niet te gebruiken.

Extra-optische zoom/[DIG.

ZOOM]/[BURSTFUNCTIE]

• Zie voor meer informatie over de flitser (→36)

Tips

• Te gebruiken binnen de effectieve reikwijdte van de flitser. (→37)

• Scherpstelling: Max. W: 10 cm en hoger

Max. T: 50 cm en hoger

Duidelijke foto’s maken van de sterrenhemel of van donkere onderwerpen.

• Sluitertijdinstellingen

Raak een sluitertijd (seconden) aan.

• U kunt het aantal seconden wijzigen via de snelle instelmodus.

(→17)

• Belangrijke vaste instellingen

[FLITS]: [GEDWONGEN UIT]

[STABILISATIE]: [OFF]

[GEVOELIGHEID]: ISO80

• De volgende functies zijn niet te gebruiken.

[BURSTFUNCTIE]/

[BELICHTING]

Druk op de ontspanknop.

[STERRENHEMEL]

Het aftellen begint

48

VQT2P57

Tips

• Stel langere sluitertijden in voor donkerdere omstandigheden.

• Gebruik altijd een statief.

• Zelfontspanner aanbevolen.

• Beweeg de camera niet totdat het aftellen (zie hierboven) is voltooid. (Het aftellen voor de verwerking wordt later opnieuw weergegeven)

Een scène selecteren (→42)

Flitser gebruiken in scènemodi (→37)

Scène

[VUURWERK]

[STRAND]

Toepassingen, Tips

Duidelijke foto’s maken van vuurwerk in de nachtlucht.

Tips

• Ga op minstens 10 m afstand staan.

• Statief aanbevolen.

Het heldere blauw van de lucht en de zee naar voren halen zonder dat de foto te donker wordt.

Opmerkingen

• De sluitertijd kan worden ingesteld op 1/4 seconde of 2 seconden (wanneer er weinig trillingen zijn of wanneer de optische beeldstabilisatie

[OFF]) is). (wanneer u de belichtingscompensatie niet gebruikt)

• Belangrijke vaste instellingen

[FLITS]: [GEDWONGEN UIT]

[GEVOELIGHEID]: ISO80

[AF ASS. LAMP]: [OFF]

• Standaardinstelling voor [AF

MODE] is (gezichtsdetectie).

• Raak de camera niet met natte handen aan.

• Houd rekening met zand en zeewater.

• De levensduur van de batterij wordt verkort bij lagere luchttemperaturen.

[SNEEUW]

De natuurlijke kleur van de sneeuw naar voren halen op scènes van skipistes en bergen.

[LUCHTFOTO]

[ZANDSTRAAL]

[FOTO

FRAME]

Foto’s maken van het uitzicht vanuit het raam van een vliegtuig.

Tips

• Richt de camera op de gebieden met contrasterende kleuren wanneer u scherpstelt.

• Controleer of het interieur van het vliegtuig niet in het raam wordt weerspiegeld.

• Ga op minstens 5 m afstand staan.

Geeft korrelige foto’s in zwart/wit.

• Belangrijke vaste instellingen

[FLITS]: [GEDWONGEN UIT]

[AF ASS. LAMP]: [OFF]

Schakel de camera uit bij het

opstijgen of landen.

Volg bij het gebruik van de

camera altijd de instructies van het cabinepersoneel.

Tips

• Scherpstelling: Max. W: 10 cm en hoger

Max. T: 50 cm en hoger

Er wordt een kader over de foto geplaatst.

Raak een kader aan.

• Belangrijke vaste instelling

[GEVOELIGHEID]: ISO1600

• De volgende functies zijn niet te gebruiken.

[DIG. ZOOM]/[BURSTFUNCTIE]

• Het opnamepixelniveau is 2 M

( ).

• Belangrijke vaste instelling

[AUTO REVIEW]: [2 SEC.]

• De kleur van het kader dat op het scherm wordt weergegeven en de kleur van het kader rond de feitelijke foto kunnen verschillen, maar dit is geen storing.

• Richtlijnen kunnen niet worden weergegeven.

• De volgende functies zijn niet beschikbaar.

Extra-optische zoom/[DIG.

ZOOM]/[BURSTFUNCTIE]

VQT2P57

49

Veelgebruikte scènes registreren

[MIJN SCENE MODE]

Opnamemodus:

U kunt een veelgebruikte scènemodus in registreren.

Nadat u deze hebt geregistreerd, schakelt u over naar [MIJN SCENE MODE] en kunt u opnemen in de geregistreerde scènemodus.

Zoomhendel

Ga naar het scherm voor selectie van de opnamemodus

Raak [MIJN SCENE MODE] aan

Filmen van bewegende beelden

[FILM] modus

Opnamemodus:

U maakt als volgt films met geluid. (U kunt geen films zonder geluid opnemen.)

Microfoon

(Hier uw vinger niet opleggen)

Ga naar het scherm voor selectie van de opnamemodus

Raak de modus [FILM] aan

Fotograferen in geregistreerde scènemodus

Druk op de [MODE]-knop.

Raak [MIJN SCENE MODE] aan

Geregistreerde scènemodus wijzigen

Druk op de [MODE]-knop.

Raak [MIJN SCENE MODE] aan

Raak aan

Raak in het scènemenu een scène aan

Zie voor meer informatie over de vooringestelde scène de pagina’s over de scènemodus. (→42)

Als de opname-instellingen worden teruggezet met [RESETTEN] in het menu [SET-

UP], wordt de vooringestelde scènemodus gewist.

50

VQT2P57

• Als u een scène al in ‘My scene mode’ hebt geregistreerd, wordt deze als geregistreerde scène weergegeven.

Raak een scène aan

De geselecteerde scènemodus wordt geregistreerd onder [MIJN SCENE MODE] en het opnamescherm verschijnt.

• Raak ▲▼ op het scherm aan om een andere pagina te kiezen. Met de zoomhendel kunt u ook naar het volgende scherm gaan.

• Raak [EXIT] aan om terug te keren naar het oorspronkelijke scherm.

Begin met filmen

Verstreken opnameduur (ongeveer)

Verstreken opnameduur (ongeveer)

Afspelen van filmopnamen

(→65)

Half indrukken

(Stel scherp)

Volledig indrukken

(beginnen met filmen)

• De scherpstelling en zoominstelling blijven staan zoals ze waren aan het begin van de opname.

Stop met filmen

Volledig indrukken

Zie voor informatie over de beschikbare opnametijd (→96)

Afhankelijk van het gebruikte type kaart kan er enige tijd een kaarttoegangsscherm verschijnen na het opnemen van een film. Dit geeft geen probleem aan.

Druk de ontspanknop helemaal in en laat deze direct weer los.

De volgende functies zijn niet beschikbaar.

Extra optische zoom en [LCD ROTEREN] voor verticaal gemaakte foto’s.

In [AF MODE] staat (9-zone-scherpstellen) vast ingesteld.

In [STABILISATIE] staat [MODE 1] vast ingesteld.

Wanneer er geen ruimte meer over is om de film op te slaan, wordt de opname automatisch gestopt. Ook kunnen opnamen tijdens het maken worden gestopt, afhankelijk van de gebruikte kaart.

VQT2P57

51

Filmen van bewegende beelden

[FILM] modus

(vervolg)

Opnamemodus:

[OPN. KWALITEIT]

Gebruik wanneer u een film opneemt een kaart met een SD-snelheidsklasse∗ van ‘klasse 6’ of hoger.

∗ Met SD-snelheidsklasse wordt een specificatie voor constante schrijfsnelheden bedoeld.

Druk op de knop [MENU] om het menuscherm weer te geven

Raak [OPN. KWALITEIT] ann

Raak een beeldkwaliteit aan

Raak [EXIT] ann

Beeldkwaliteit

[HD]

Beeldformaat

1280 × 720 pixels

Aantal frames Beeldverhouding

16:9

[WVGA]

[VGA]

848 × 480 pixels

640 × 480 pixels

30 fps

4:3

[QVGA]∗ 320 × 240 pixels

[QVGA] is vast ingesteld wanneer wordt opgenomen op het ingebouwde geheugen.

Afhankelijk van de opnameomgeving voor films kunnen statische elektriciteit of elektromagnetische golven ertoe leiden dat het scherm tijdelijk zwart wordt of dat er ruis wordt opgenomen.

Controleer voordat u gaat filmen of de batterij voldoende is opgeladen of gebruik een netadapter (optie).

Wanneer u films maakt met een netadapter en de netadapter uit het stopcontact verwijdert, of wanneer de stroom uitvalt, wordt de stroomtoevoer naar de camera onderbroken en wordt de film waarmee u bezig was, niet verder opgenomen.

Als u films probeert af te spelen die met de camera op andere apparaten zijn opgenomen, kunnen deze mogelijk niet worden afgespeeld of kunnen de beeld- of geluidskwaliteit slecht zijn.

Ook kunnen er onjuiste opnamegegevens worden weergegeven.

Films die met de camera zijn opgenomen, kunnen niet worden afgespeeld op

Panasonic LUMIX digitale camera’s die vóór juli 2008 zijn verkocht. (Films die zijn opgenomen met LUMIX digitale camera’s die vóór deze datum zijn opgenomen, kunnen echter wel op deze camera worden afgespeeld.)

52

VQT2P57

Nuttige functies voor op reis

Opnamemodus:

Alleen bij opnemen. (Niet instelbaar.)

[REISDATUM] (Reisdatum en bestemming vastleggen)

Informatie vastleggen over de opnamedag en -plaats door een vertrekdatum en bestemming in te stellen.

Druk op [MENU] → Menu [SET-UP] → Raak [REISDATUM] ann

Raak [REIS-SETUP] ann

Raak [SET] ann

Stel zo ook de retourdatum in en raak [INST.] aan

Raak [LOCATIE] ann

Raak ▲▼ op het scherm aan en stel de vertrekdatum in

Raak [INST.] ann

Raak [SET] ann

Voer de bestemming in

• ‘Tekst invoeren’ (→63)

Raak [ANNUL] ann

Raak [EXIT] ann

Annuleren

Wanneer de retourdatum is verstreken, wordt de instelling automatisch geannuleerd.

• Als u de instelling eerder wilt annuleren

Raak [OFF] aan in stap

Raak [ANNUL] aan

Raak [EXIT] aan

VQT2P57

53

Nuttige functies voor op reis

(vervolg)

Opnamemodus:

Alleen bij opnemen. (Niet instelbaar.)

Het aantal dagen dat is verstreken wordt ongeveer 5 seconden lang aangegeven wanneer u overschakelt van de weergave- naar de opnamestand of wanneer u de stroom inschakelt. ( verschijnt rechts onder in het scherm.)

Wanneer de bestemming wordt ingesteld in [WERELDTIJD] (→54), wordt het verstreken aantal datum berekend op basis van de lokale tijd op de bestemming.

Als de instellingen worden gemaakt vóór de vertrekdatum, zal het aantal dagen tot het vertrek worden aangegeven in oranje, met een minteken (maar niet opgenomen).

Als de [REISDATUM] wit wordt weergegeven met een minteken, is de [HOME]-datum een dag later dan de [BESTEMMING]-datum (dit wordt vastgelegd).

Reisdatum of bestemming afdrukken → Gebruik [TEKST AFDR.] of druk de gegevens af met de meegeleverde cd-rom ‘PHOTOfunSTUDIO’.

De [REIS-SETUP] reisdatum kan worden opgenomen tijdens het filmen van bewegende beelden, maar de [LOCATIE] plaats is niet op te nemen.

[WERELDTIJD] (Lokale tijd registreren op een overzeese bestemming)

Druk op [MENU] → Menu [SET-UP] → Raak [WERELDTIJD] ann

[GELIEVE DE THUISZONE INSTELLEN] wordt weergegeven wanneer u dit onderdeel voor het eerst instelt. Raak in dit geval [INST.] aan en ga naar stap .

Stel thuiszone in

Raak [HOME] ann

Naam stad/regio

Raak ◄► aan om uw thuisregio in te stellen

Raak [INST.] ann

Het scherm van stap verschijnt vervolgens alleen als de camera voor het eerst wordt gebruikt (of na een reset).

Stel het bestemmingsgebied in

Raak [BESTEMMING] ann

Naam stad/regio

Raak ◄► aan om de plaats of regio in te stellen

• Wanneer de werkelijke bestemming niet beschikbaar is, selecteert u het gebied gebaseerd op het ‘verschil met de thuistijd’.

Raak [INST.] ann

Huidige tijd

Huidige tijd op geselecteerde bestemming

Verschil met thuistijd

Raak aan om de zomertijd in te stellen/ annuleren

Herhaal als u terug bent

Voer stap , en (→54) uit en zet de klok weer op de thuistijd

Wanneer de zomertijd wordt ingesteld bij [BESTEMMING], wordt de huidige tijd 1 uur vooruitgezet.

Als de instelling wordt geannuleerd, keert de tijd automatisch terug naar de huidige tijd. Als u echter de zomertijd instelt onder [HOME], zal de huidige tijd daardoor niet veranderen. Zet de huidige tijd in dat geval 1 uur vooruit via [KLOKINST.] (→13).

Foto’s en films die u hebt opgenomen nadat u de reisbestemming hebt opgegeven, krijgen de aanduiding (bestemming) tijdens het afspelen.

Huidige tijd

Verschil met GMT

(Greenwich Mean Time)

Raak aan om de zomertijd in te stellen/ annuleren

54

VQT2P57 VQT2P57

55

Gebruik van het [OPNAME] menu

Zie voor meer informatie over de instelprocedure in het menu [OPNAME] (→15)

Het ‘Quick-menu’ (→17) is handig voor het vlot oproepen van vaak gebruikte menu’s.

[FLITS]

Voor nadere details over de instelling (→36)

[ZELFONTSPANNER]

Voor nadere details over de instelling (→35)

[FOTO RES.]

Fotoresolutie instellen. Deze instelling bepaalt hoeveel foto’s u kunt maken.

Modus:

Instellingen:

Type opnamepixelniveau

14 M 4320 × 3240

Capaciteit voor op te nemen beelden (→96)

10 M

1

3648 × 2736

5 M

2560 × 1920

3 M

1

2048 × 1536

0.3 M

12.5 M

640 × 480

4320 × 2880

10.5 M 4320 × 2432

1

Deze instelling is niet beschikbaar in (modus [INTELLIGENT AUTO]).

Wanneer de beschrijving AAN ( ) is

Wanneer een opnamepixelniveau wordt aangeraakt, wordt de bijbehorende beschrijving weergegeven.

Wanneer [INST.] wordt aangeraakt, wordt het opnamepixelniveau met de weergegeven beschrijving ingesteld.

• Een opnamepixelniveau opnieuw selecteren

→ Raak [ANNUL] aan

Raak aan om de beschrijving AAN/UIT te zetten

Zie voor meer informatie over de instelprocedure in het menu [OPNAME] (→15)

geven de beeldverhoudingen van de foto’s aan.

Extra optische zoom kan worden gebruikt voor fotoresoluties die worden aangeduid met .

Extra optische zoom is niet beschikbaar bij het filmen, wanneer u [MACRO ZOOM] gebruikt of in de scènemodi [TRANSFORMEREN], [H. GEVOELIGH.], [HI-SPEED

BURST], [FLITS-BURST] of [FOTO FRAME].

Er kan een mozaïekeffect verschijnen, afhankelijk van het onderwerp en de opnameomstandigheden.

Instelinstructies

Grotere fotoresolutie

Scherper beeld

Lagere opnamecapaciteit

Kleinere fotoresolutie

2

Korreliger beeld

Hogere opnamecapaciteit

2

‘0,3M ’ is bijvoorbeeld geschikt voor e-mailbijlagen of lange opnamen.

[GEVOELIGHEID]

U kunt de ISO-gevoeligheid (lichtgevoeligheid) handmatig instellen.

We raden hogere instellingen aan om scherpe foto’s te maken op donkere locaties.

Modus:

Instellingen: [ ] (Intelligente ISO) / [80] / [100] / [200] / [400] / [800] / [1600]

Instelinstructies

[GEVOELIGHEID]

Locatie (aanbevolen)

Sluitertijd

Interferentie

[80]

Licht (buiten)

Traag

Laag

[1600]

Donker

Snel

Hoog

[

] wordt automatisch ingesteld in een bereik tot 1600 op basis van beweging van het onderwerp en helderheid.

Bereik van flitsopnamen (→37)

Als de interferentie merkbaar wordt, raden we u aan de waarde voor de instelling te verlagen of bij [NATURAL] de optie [KLEURFUNCTIE] te selecteren.

56

VQT2P57 VQT2P57

57

Gebruik van het [OPNAME] menu

(vervolg)

[AF MODE]

De scherpstelmethode kan worden gewijzigd afhankelijk van de positie en het aantal onderwerpen.

Modus:

Instellingen: / /

Mensen van voren fotograferen

(Gezichtsdetectie)

Herkent gezichten (max. 15 personen) en past de belichting en scherpstelling hierop aan.

AF-gebied

Geel: Als u de ontspanknop half indrukt, wordt het kader groen als de camera is scherpgesteld.

Wit: Verschijnt bij detectie van meerdere gezichten. Andere gezichten die op dezelfde afstand zijn als de gezichten in het gele AF-gebied, worden ook scherp vastgelegd.

Er wordt automatisch scherpgesteld op één van de 9 punten

Onderwerp niet in het midden van de foto

(AF-gebied wordt pas weergegeven als er is scherpgesteld)

(9-zone-scherpstellen)

AF-gebied

Bepaalde positie voor scherpstelling

(Scherpstellen op 1 punt)

Er wordt scherpgesteld op het AF-gebied in het midden van de foto. (Aanbevolen wanneer u moeilijk kunt scherpstellen)

AF-gebied

Het autofocusgebied wordt vergroot onder donkere omstandigheden of tijdens gebruik van de digitale zoomfunctie of de macro-zoomfunctie, e.d.

U kunt gezichtsdetectie in de volgende gevallen niet instellen.

[NACHTL. SCHAP], In de scènemodi [VOEDSEL], [STERRENHEMEL], [VUURWERK], [LUCHTFOTO]

Als de camera een niet-menselijk onderwerp onjuist interpreteert als gezicht in de instelling ‘Gezichtsdetectie’, schakelt u naar een andere instelling.

De functie Gezichtsdetectie werkt wellicht niet in de volgende omstandigheden. (AF

MODE ingesteld op )

• Als het gezicht niet of niet helemaal naar de camera kijkt

• Als het gezicht is verborgen achter een zonnebril of iets dergelijks.

• Wanneer er weinig schaduw is op de gezichten

• Als het gezicht heel helder of donker is

• Als het gezicht klein lijkt op het scherm

• Bij snelle bewegingen

• Als de camera trilt

• Als het onderwerp geen mens is, maar bijvoorbeeld een huisdier

• Bij gebruik van digitale zoom

58

VQT2P57

Zie voor meer informatie over de instelprocedure in het menu [OPNAME] (→15)

[MACRO STAND]

Voor nadere details over de instelling (→38)

[WITBALANS]

Pas bij onnatuurlijke kleuren de kleuring aan de lichtbron aan.

Modus:

Instellingen: [AWB] (automatisch) / (buiten, heldere lucht) / (buiten, bewolkt) / (buiten, schaduw) / (gloeilamplicht) / (gebruikt de waarden ingesteld in ) / (handmatig instellen)

Gebruiksgebied [AWB]:

10000K

9000K

8000K

Blauwe lucht

7000K

6000K

5000K

4000K

3000K

2000K

1000K

Bewolkte lucht (regen)

Schaduw

Tv-scherm

Zonlicht

Wit tl-licht

Gloeilamplicht

Zonsondergang/zonsopgang

Kaarslicht

Een foto kan rood of blauw lijken als deze buiten het bereik valt. Zelfs als de waarden binnen het bereik vallen, werkt deze functie mogelijk niet goed als er te veel lichtbronnen zijn.

We raden aan [AWB]/[ onder tl-licht.

] in te stellen

Witbalans handmatig instellen ( )

Maakt alleen een foto van witte objecten in het frame

• De witbalans die u instelt, blijft zelfs behouden nadat de stroom wordt uitgeschakeld.

• Het is niet altijd mogelijk om de juiste witbalans in te stellen als onderwerpen te licht of te donker zijn. Pas in dit geval de helderheid aan en probeer de witbalans opnieuw in te stellen.

VQT2P57

59

Gebruik van het [OPNAME] menu

(vervolg)

[BELICHTING]

Voor nadere details over de instelling (→41)

[BURSTFUNCTIE]

Hiermee kunt u een snelle serie foto’s maken. Een serie gemaakte foto’s terwijl de ontspanknop ingedrukt wordt gehouden.

Modus:

Instellingen: [OFF]/

Snelheid

Ca. 1,5 foto’s/sec.

Aantal foto’s

Tot kaart/ingebouwd geheugen vol is

∗ Het fotograferen wordt langzaam maar zeker trager. (Het begin van de vertraging varieert, afhankelijk van het type kaart en het opnamepixelniveau.)

De scherpstelling wordt vastgezet bij de eerste foto. De belichting en de witbalans worden voor elke foto aangepast.

Bij gebruik van de zelfontspanner: vastgezet op 3 foto’s

De burstsnelheid kan teruglopen als de ISO-gevoeligheid op hoog wordt ingesteld, of als de sluitertijd langer wordt op donkerdere locaties.

Wanneer burst wordt geselecteerd, wordt de flitser uitgeschakeld.

Wanneer burst wordt gebruikt met het ingebouwde geheugen, kan het even duren voordat de gegevens zijn weggeschreven.

De instellingen worden in het geheugen opgeslagen, zelfs als de camera wordt uitgeschakeld.

Wanneer u bewegende onderwerpen fotografeert in situaties met een groot verschil tussen lichte en donkere gebieden, is het niet altijd mogelijk om de optimale belichting

● te krijgen.

Auto review vindt plaats ongeacht de instelling van [AUTO REVIEW].

Burst is niet beschikbaar in de scènemodi [TRANSFORMEREN], [HI-SPEED BURST],

[FLITS-BURST], [STERRENHEMEL], [ZANDSTRAAL] en [FOTO FRAME].

Met de scènemodus [HI-SPEED BURST] kunt u foto’s sneller na elkaar maken. [FLITS-

BURST] is handig om continu foto’s met flitser te maken op donkere locaties.

[DIG. ZOOM]

Vergroot het effect van optische zoom of extra optische zoom met maximaal 4 keer. (Zie voor meer informatie (→30))

Modus:

Instellingen: [OFF]/[ON]

Deze staat vast op [ON] wanneer de [MACRO ZOOM] is ingeschakeld.

Niet beschikbaar in de opnamemodus voor film. In andere opnamemodi wordt de instelling toegepast.

60

VQT2P57

Zie voor meer informatie over de instelprocedure in het menu [OPNAME] (→15)

[KLEURFUNCTIE]

Kleureffecten instellen.

Modus:

Instellingen: [STANDARD] / [NATURAL] (zacht) / [VIVID] (scherp) / [B/W] / [SEPIA] /

[COOL] (meer blauw) / [WARM] (meer rood)

Wanneer er duidelijk sprake is van interferentie: instellen op [NATURAL].

In de ([INTELLIGENT AUTO] modus) kunnen alleen [STANDARD], [B/W], en

[SEPIA] worden gekozen.

[STABILISATIE]

Neemt automatisch trillingen waar en corrigeert die.

Modus:

Instellingen:

Instellingen

[OFF]

Effect

Foto’s die opzettelijk worden gemaakt zonder bewegingscorrectie

[AUTO]

[MODE 1]

[MODE 2]

De optimale beeldstabilisatie wordt automatisch ingeschakeld, al naar gelang de opnameomstandigheden.

Constante correctie

(Monitorbeeld stabiel, compositie gemakkelijk te maken)

Correctie op het moment dat de ontspanknop wordt ingedrukt

(Effectiever dan [MODE 1])

Deze instelling is vastgezet op [MODE 2] in de scènemodus [ZELFPORTRET] en op

[OFF] in de scènemodus [STERRENHEMEL].

Omstandigheden waarbij de optische beeldstabilisatie minder goed werkt:

Heftig schudden of trillen, extreme zoomstand (inclusief het digitale zoombereik), snel bewegende onderwerpen, opnamen binnenhuis of bij slecht licht (vanwege een langzame sluitertijd)

Deze staat vast op [MODE 1] tijdens het filmen van bewegende beelden.

VQT2P57

61

Gebruik van het [OPNAME] menu

(vervolg)

Zie voor meer informatie over de instelprocedure in het menu [OPNAME] (→15)

[AF ASS. LAMP]

Maakt de lamp aan als het donker is, zodat u gemakkelijker kunt scherpstellen.

Modus:

Instellingen: [OFF] : Lamp uit (dieren in het donker fotograferen enzovoort)

[ON] : Lamp gaat aan als u de ontspanknop half indrukt

( en groter AF-gebied weergegeven)

Kan niet worden ingesteld in de opnamemodus voor films. In andere opnamemodi wordt de instelling toegepast.

Lampje: Effectieve afstand: 1,5 m

(Dek de lamp niet af en kijk niet van dichtbij in de lamp)

[RODE-OGEN CORR]

Rode ogen worden automatisch gedetecteerd en de fotogegevens worden gecorrigeerd wanneer de foto wordt gemaakt met flitser en rode-ogenreductie ( ).

Modus:

Instellingen: [OFF]/[ON]

Uitgeschakeld wanneer [AF MODE] niet is ingesteld op (gezichtsdetectie).

Compensatie is niet altijd mogelijk. Dit is afhankelijk van de omstandigheden van de rode ogen.

Wanneer [ON] wordt geselecteerd, wordt flitser. (→36)

weergegeven in het pictogram van de

[KLOKINST.]

De klok instellen. Dezelfde functie als in het menu [SET-UP] (→13).

Tekst invoeren

Wanneer u namen registreert in de scènemodi [BABY] en [HUISDIER] of namen voor een

[LOCATIE] in [REISDATUM], voert u tekst in via de volgende procedure.

(Ga op het instelscherm van elk menu als volgt te werk)

Raak aan om het type tekens te selecteren

: hoofdletters/kleine letters

: symbolen/cijfers

Raak het pictogram aan van het teken dat u wilt invoeren

• Er wordt tekst ingevoegd op de cursorpositie.

• U voert een teken in door het tekenpictogram verschillende keren aan te raken totdat het gewenste teken wordt weergegeven.

• Als de tekens die u erna gaat invoeren, onder hetzelfde tekenpictogram staan, raakt u aan en verplaatst u de cursor.

• Raak aan om een spatie tussen de woorden in te voegen.

Ingevoerde tekens corrigeren

Raak aan en zet de cursor op de positie waar u een teken wilt corrigeren

Raak [WISSEN] ann

Voer de juiste tekens in

Raak [INST.] ann

62

VQT2P57

: u kunt maximaal 30 tekens invoeren.

U kunt de invoerpositiecursor naar links en rechts verplaatsen met de zoomhendel.

Raak [ANNUL] aan om terug te keren naar het menuscherm.

De tekst loopt naar beneden als deze niet op het scherm past.

U kunt de opgegeven tekst afdrukken met [TEKST AFDR.] (→70) of via de software

‘PHOTOfunSTUDIO’ op de cd-rom (bijgeleverd).

VQT2P57

63

Bekijken als lijst

(Meerdere afspelen/Kalender afspelen)

Afspeelmodus:

U kunt 9 (of 18) foto’s tegelijk bekijken (meerdere afspelen), of alle foto's bekijken die op een bepaalde datum zijn gemaakt (afspelen op kalender).

Druk op de afspeelknop

Herstellen

Draai in de richting van de T.

Als u van de schermweergave met 9/18 foto’s wilt terugkeren naar de schermweergave met één foto

Raak een foto aan

Stel in op weergave op meerdere schermen

Opnamedatum

Totaal aantal

Schuifbalk

Elke keer als u de knop naar

W draait, bladert u verder.

(9 foto’s)

• Raak ▲▼ op het scherm aan om een andere pagina te kiezen.

• Raak aan om naar het scherm met 9 foto’s te gaan.

• Raak aan om naar het scherm met 18 foto’s te gaan.

• Raak aan om naar het kalenderscherm te gaan.

(18 foto’s)

Geselecteerde datum (Eerste foto vanaf datum)

(Kalenderweergave)

• Raak ▲▼ op het scherm aan om de week te selecteren en raak

◄► aan om de dag te selecteren. Raak [INST.] aan om de foto’s van die dag weer te geven op een schermweergave met 9 foto’s.

Alleen maanden waarin foto's zijn gemaakt, worden op het kalenderscherm weergegeven. Foto’s die zonder klokinstellingen zijn genomen, worden weergegeven met de datum 1 januari 2010.

Kan niet geroteerd worden weergegeven.

Foto’s met [!] kunnen niet worden afgedrukt.

Foto’s met de bestemmingsinstelling [WERELDTIJD] verschijnen in de kalenderweergave met de juiste datum voor de tijdzone van de bestemming.

64

VQT2P57

Films bekijken

Afspeelmodus:

Films kunnen net als foto’s worden afgespeeld.

Druk op de afspeelknop

Geef de film weer

Opnameduur voor bewegende beelden

Filmpictogram

Raak ann

Wanneer het afspelen het einde bereikt, wordt het automatisch voltooid.

Bewerkingen tijdens het afspelen van bewegende beelden

Raak het scherm aan om het bedieningspictogram weer te geven.

• Als er ongeveer 2 seconden geen bediening wordt uitgevoerd, gaat het bedieningspictogram uit.

: Pauzeren/afspelen

: Stop

: Snel terugspoelen (2 stappen)

Beeld voor beeld terugspoelen (wanneer wordt gepauzeerd)

: Snel vooruitspoelen (2 stappen)

Beeld voor beeld vooruitspoelen (wanneer wordt gepauzeerd)

: Volume-instelling (u kunt het volume ook aanpassen met de zoomhendel)

• Druk op tijdens snel terugspoelen of snel vooruitspoelen om terug te keren naar de normale afspeelsnelheid.

Wissen

(→33)

Films die op andere apparatuur zijn opgenomen, worden mogelijk niet goed afgespeeld.

Bij gebruik van een geheugenkaart met hoge capaciteit kan het terugzoeken nogal wat tijd vergen.

Voor het bekijken van de films op een computer gebruikt u [QuickTime] op de bijgeleverde cd-rom.

VQT2P57

65

Verschillende afspeelmethoden

(Afspeelmodus)

Afspeelmodus:

Opgenomen beelden kunnen worden weergegeven op diverse manieren.

Druk op de afspeelknop

Open het scherm voor selectie van de afspeelmodus

Raak de afspeelmethode aan

[NORMAAL AFSP.]

(→32)

[DIASHOW]

(→67)

[CATEGOR. AFSP.]

(→69)

[MEERV. AFSP.]

(→64)

[KALENDER]

(→64)

[FAVORIET AFSP.]

(→69)

Wanneer er geen kaart is geplaatst, zullen de beelden worden weergegeven uit het ingebouwde geheugen.

Nadat u van de opnamemodus naar de afspeelmodus bent overgeschakeld, wordt de afspeelmodus automatisch [NORMAAL AFSP.].

[FAVORIET AFSP.] wordt alleen weergegeven als er beelden zijn ingesteld als

[FAVORIETEN] en als de instelling [ON] is.

[DIASHOW]

Foto’s automatisch op volgorde en met muziek afspelen. Aanbevolen voor het bekijken van uw beelden op een TV-scherm.

Raak de afspeelmethode aan

[ ALLE] : Alle foto’s afspelen

[CATEGORIESELECTIE]

: Raak een categorie voor afspelen aan.

[FAVORIETEN]: Foto’s weergeven die u hebt ingesteld als

[FAVORIETEN]

(verschijnt alleen als er [FAVORIETEN] zijn en de optie is ingesteld op [ON]).

Stel weergave-effecten in

Raak [EFFECT] ann

Raak een afspeeleffect aan

Raak [SET-UP] ann

Verander de diapresentatie-instellingen

Raak [ANNUL] ann

[EFFECT]

(Selecteer muziek en effecten die aansluiten bij de foto’s)

[AUTO]

Het optimale effect wordt geselecteerd uit

[NATURAL], [SLOW],

[SWING] en [URBAN] (alleen beschikbaar bij de instelling

[CATEGORIESELECTIE])

[NATURAL] Weergeven met relaxte muziek en

[SLOW]

[SWING]

[URBAN]

[OFF] schermovergangseffecten

Weergeven met levendige muziek en schermovergangseffecten

Geen effecten

[SET-UP]

[DUUR]

[1 SEC.] / [2 SEC.] / [3 SEC.] /

[5 SEC.] (Alleen beschikbaar als

[EFFECT] is ingesteld op [OFF])

[HERHALEN] [OFF]/[ON] (Herhalen)

[MUZIEK]

[ON]: Het geluid wordt bij de effecten afgespeeld.

[OFF]: Het geluid wordt niet afgespeeld.

Raak [START] ann

• Raak [ANNUL] aan om terug te keren naar het menuscherm tijdens de diashow.

66

VQT2P57 VQT2P57

67

Verschillende afspeelmethoden

(Afspeelmodus)

(vervolg)

Afspeelmodus:

Bediening tijdens de diavertoning

Raak het scherm aan om het bedieningspictogram weer te geven.

• Als er ongeveer 2 seconden geen bediening wordt uitgevoerd, gaat het bedieningspictogram uit.

: Pauze/weergave

: Stoppen

: (In de pauzestand) Vorige

: (In de pauzestand) Volgende

[ANNUL]: terug naar het instellingenscherm

: volume-instelling (u kunt het volume ook aanpassen met de zoomhendel)

Wanneer er [URBAN] is geselecteerd, kan het beeld in zwart/wit verschijnen als schermeffect.

U kunt geen muziekeffecten toevoegen.

Filmbestanden kunnen niet in een diashow worden afgespeeld. Wanneer de categorie

[FILM] wordt geselecteerd, worden de eerste schermen van films als stilstaande beelden gebruikt om af te spelen in de diashow.

Bij beelden met een afwijkende beeldverhouding worden de randen afgekapt, zodat ze schermvullend kunnen worden weergegeven.

68

VQT2P57

Zie voor meer informatie over de overschakelingsprocedure voor de afspeelmodus

(→66)

[CATEGOR. AFSP.]

Beelden kunnen automatisch worden ingedeeld, zodat u ze per categorie kunt bekijken.

De automatische indeling begint u wanneer de [CATEGOR. AFSP.] kiest uit het afspeelfunctie-keuzemenu.

Raak een categorie aan

Pictogrammen van fotocategorieën

Bekijk de beelden

Alleen de volgende afspeelmenu’s kunnen

De kalenderaanduiding is niet te gebruiken.

worden ingesteld. [LCD ROTEREN],

[PRINT INST.], [BEVEILIGEN]

Selecteer [NORMAAL AFSP.] als u

[CATEGOR. AFSP.] wilt sluiten.

[CATEGORIE]

Opname-informatie zoals scènemodi

[PORTRET]/ [i PORTRET]/

[GAVE HUID]/

[TRANSFORMEREN]/

[ZELFPORTRET]/

[NACHTPORTRET]/

[i NACHTPORTRET]/ [BABY]

[LANDSCHAP]/

[i LANDSCHAP]/

[ZONSONDERG.]/

[i ZONSONDERG.]/

[LUCHTFOTO]

[NACHTPORTRET]/

[i NACHTPORTRET]/

[NACHTL. SCHAP]/

[i NACHTL. SCHAP]/

[STERRENHEMEL]

[SPORT]/ [PARTY]/

[KAARSLICHT]/

[VUURWERK]/ [STRAND]/

[SNEEUW]/ [LUCHTFOTO]

[BABY]

[HUISDIER]

[VOEDSEL]

[REISDATUM]

[FILM]

[FAVORIET AFSP.]

Hiermee kunt u handmatig de foto’s die zijn ingesteld als [FAVORIETEN] bekijken (deze functie wordt alleen aangegeven als er [FAVORIETEN] zijn gekozen en als de instelling op [ON] staat).

Bekijk de beelden

• Raak ◄► op het scherm aan om een andere pagina te kiezen.

De kalenderaanduiding is niet te gebruiken.

Alleen de volgende afspeelmenu’s kunnen worden ingesteld.

[LCD ROTEREN], [PRINT INST.], [BEVEILIGEN]

Selecteer [FAVORIET AFSP.] als u [NORMAAL AFSP.] wilt sluiten.

VQT2P57

69

Gebruik van het menu [AFSPELEN]

Afspeelmodus:

Zie voor meer informatie over de instelprocedure in het menu [AFSPELEN] (→15)

[TEKST AFDR.]

De opnamedatum of de tekst die u in de scènemodi [BABY] en [HUISDIER] hebt geregistreerd of de [REISDATUM] wordt op de foto’s gezet. Dit is ideaal wanneer u foto’s op normaal formaat afdrukt.

Instellen: Druk op [MENU] → Menu [AFSPELEN] → Raak [TEKST AFDR.] ann

Raak [ENKEL] of [MULTI] ann

Selecteer een foto

[ENKEL]

Kies of u de leeftijd wilt afdrukken in jaren/maanden

• Annuleren → Raak [ANNUL] ann

• Instellen → Raak [INST.] ann

[MULTI] (maximaal 50 foto’s)

Instelling

[TEKST AFDR.]

Raak [JA] of [NEE] ann

• Dit scherm wordt niet weergegeven als u [OFF] hebt geselecteerd voor

[NAAM] in stap .

Raak [JA] ann

(Het scherm varieert, afhankelijk van de fotoresolutie enzovoort)

• Annuleren → Raak [ANNUL] ann

• Instellen → Raak [UITVOER.] ann

Raak een item aan om te schakelen tussen [ON] en

[OFF] en raak [INST.] aan

Selecteer

[ON] om de gegevens af te drukken

/

• Wanneer u [ENKEL]hebt geselecteerd na stap , drukt u op om terug te keren naar het menuscherm.

• De fotoresolutie wordt verminderd als de foto groter is dan 3 M. De foto wordt iets korreliger.

Beeldverhouding

4 : 3

3 : 2

16 : 9

Na

[TEKST AFDR.]

3 M

2.5 M

2 M

Zie voor meer informatie over de instelprocedure in het menu [AFSPELEN] (→15)

Onderdelen die kunnen worden afgedrukt

[OPNAMEDATUM]

[NAAM]

[LOCATIE]

[REISDATUM]

[ZON. TIJD]: de opnamedatum afdrukken

[MET TIJD]: de opnametijd afdrukken

Namen afdrukken die zijn geregistreerd in [BABY] of [HUISDIER]

Bestemmingen afdrukken die zijn geregistreerd in [REISDATUM]

Reisdatums afdrukken die zijn geregistreerd in [REISDATUM]

• Onderdelen waarvoor u [OFF] selecteert, worden niet afgedrukt.

Tekst die u wilt afdrukken controleren

‘Zoom afspelen’ (→32)

Kan niet worden gebruikt met foto’s die op andere apparatuur zijn gemaakt, foto’s die zijn gemaakt zonder de klok in te stellen, of met films.

Foto’s met een tekstafdruk kunnen niet worden ingesteld op [NW. RS.] of [BIJSNIJD.]. Ook kan de tekstafdruk niet worden gewijzigd en kunt u niet afdrukken met [PRINT INST.] op basis van de datum.

Tekens kunnen op sommige printers worden afgesneden.

Niet instelbaar in de [CATEGOR. AFSP.], of [FAVORIET AFSP.] afspeelfuncties.

Gebruik in een winkel of op een printer geen algemene datumafdrukinstellingen bij foto’s met datumafdruk. (De datumafdruk kan overlappen.)

[NW. RS.]

De fotoresolutie kan worden verkleind als u foto’s als e-mailbijlage wilt meesturen, wilt gebruiken op uw website, enzovoort.

(Foto’s die op het kleinste opnamepixelniveau zijn opgenomen, kunnen niet verder worden verkleind.)

Instellen: Druk op [MENU] → Menu [AFSPELEN] → Raak [NW. RS.] aan

[ENKEL]

Raak [ENKEL] ann Raak het gewenste formaat aan

Huidige resolutie

Selecteer een foto en raak [INST.] aan Raak [JA] ann

Resolutie na wijziging

70

VQT2P57

• Raak ◄► op het scherm aan om een andere pagina te kiezen. Met de zoomhendel kunt u ook naar het volgende scherm gaan.

• Raak na bevestiging [ANNUL] aan om terug te keren naar het menuscherm.

VQT2P57

71

Gebruik van het menu [AFSPELEN]

(vervolg)

Afspeelmodus:

[MULTI]

Raak [MULTI] aan in stap

(→71)

Selecteer het formaat nadat u de foto hebt verkleind

Selecteer een foto en raak

[UITVOER.] aan

(maximaal 50 foto’s)

Instelling Nw. rs.

• Annuleren → Raak [ANNUL] ann

Raak [JA] ann

Selecteer het aantal pixels na de resolutiewijziging

Wanneer de beschrijving AAN ( ) is

Raak aan om de beschrijving

AAN/UIT te zetten

Wanneer het opnamepixelniveau wordt aangeraakt nadat het formaat is veranderd, wordt er een beschrijving weergegeven.

Wanneer [INST.] wordt aangeraakt, wordt het opnamepixelniveau met de weergegeven beschrijving ingesteld.

• Een opnamepixelniveau opnieuw selecteren na verandering van het formaat → Raak [ANNUL] aan

Zie voor meer informatie over de instelprocedure in het menu [AFSPELEN] (→15)

[BIJSNIJD.]

Uw foto’s vergroten en ongewenste gebieden wegsnijden.

Instellen: Druk op [MENU] → Menu [AFSPELEN] → Raak [BIJSNIJD.] ann

Selecteer een foto met ◄► en raak [INST.] aan

Selecteer het gebied dat u wilt wegsnijden

• U kunt met ▲▼◄► op het scherm de weergegeven locatie verplaatsen.

• U kunt ook vergroten of verkleinen met de zoomhendel.

Verkleinen Vergroten

Raak [INST.] ann

Raak [JA] ann

• Raak na bevestiging [ANNUL] aan om terug te keren naar het menuscherm.

Na het bijsnijden neemt de fotokwaliteit af.

Kan niet worden ingesteld in de afspeelmodus [CATEGOR. AFSP.] of [FAVORIET

AFSP.].

Films en foto’s met een tekstafdruk kunnen niet worden gebruikt. Is mogelijk niet compatibel met foto’s die op andere apparaten zijn gemaakt.

Na het wijzigen van de resolutie is de fotokwaliteit minder.

Kan niet worden ingesteld in de afspeelmodus [CATEGOR. AFSP.] of [FAVORIET AFSP.].

Films en foto’s met een tekstafdruk kunnen niet worden gebruikt. Is mogelijk niet compatibel met foto’s die op andere apparaten zijn gemaakt.

72

VQT2P57 VQT2P57

73

Gebruik van het menu [AFSPELEN]

(vervolg)

Afspeelmodus:

[LCD ROTEREN]

Portretfoto’s automatisch draaien.

Instellen: Druk op [MENU] → Menu [AFSPELEN] → Raak [LCD ROTEREN] aan

Raak [ON] aan

Zie voor meer informatie over de instelprocedure in het menu [AFSPELEN] (→15)

[PRINT INST.]

U kunt de instellingen voor foto/fotonr./datum afdrukken uitvoeren wanneer u afdrukt met DPOF-compatibele printers of in DPOF-compatibele fotocentrales. (Vraag bij de fotozaak of ze DPOF kunnen afdrukken)

Instellen: Druk op [MENU] → Menu [AFSPELEN] → Raak [PRINT INST.] aan

Raak [ENKEL] of [MULTI] aan

[ON] [OFF]

[LCD ROTEREN] kunnen niet voor bewegende beelden worden gebruikt.

Foto’s die zijn gemaakt met het lensoppervlak recht omhoog of omlaag en foto’s die op andere camera’s zijn gemaakt, worden mogelijk niet gedraaid. Ook worden foto’s die zijn

De beelden kunnen niet worden gedraaid tijdens de multi-weergave en de kalender-weergave.

● gemaakt terwijl de camera ondersteboven wordt gehouden, niet automatisch gedraaid.

Wordt alleen geroteerd weergegeven op een computer in een Exif-compatibele omgeving (→32) (besturingssysteem, software).

[FAVORIETEN]

Door uw favoriete foto’s met een sterretje ( ) te markeren, kunt u een [DIASHOW] of

[FAVORIET AFSP.] van alleen deze foto’s bekijken. Ook kunt u alle foto’s verwijderen behalve uw favorieten (→33).

Instellen: Druk op [MENU] → Menu [AFSPELEN] → Raak [FAVORIETEN] aan

Raak [ON] ann

(Op het afspeelscherm)

Selecteer een foto en raak

aan (erhalen)

Raak [EXIT] ann

Alles verwijderen

Raak in stap [ANNUL] aan → Raak [JA] aan

Wordt weergegeven tijdens de instelling

(niet weergegeven als deze op [OFF] staat).

• U kunt maximaal 999 foto’s selecteren.

• Opheffen → Raak opnieuw aan.

Kan niet worden ingesteld in de weergavemodus [FAVORIET AFSP.].

Foto’s die met andere apparaten zijn gemaakt, kunt u mogelijk niet als favorieten instellen.

Instelling/opheffen kan ook met de bijgeleverde software worden uitgevoerd ‘PHOTOfunSTUDIO’.

74

VQT2P57

Selecteer een foto

[ENKEL]

• Raak [INST.] aan

[MULTI]

Selecteer een aantal foto’s door aanraking van ▲▼ en raak dan [INST.] aan

(Herhaal stap en bij gebruik van [MULTI] (tot 999 foto’s))

[ENKEL]

[MULTI]

Aantal afdrukken Aantal afdrukken

Datumafdruk instellen

Datumafdruk instellen

• Datumafdruk instellen/opheffe → Raak [DATUM] aan

• Raak na bevestiging [EXIT] aan om terug te keren naar het menuscherm.

Alles verwijderen

Raak in stap , [ANNUL] aan → Raak [JA] aan

Controleer wanneer u PictBridge-compatibele printers gebruikt de instellingen op de printer zelf, want deze krijgen mogelijk voorrang boven die van de camera.

Wanneer u in een fotozaak vanuit het ingebouwde geheugen wilt afdrukken, dient u de foto’s eerst naar een kaart te kopiëren (→77) voordat u instellingen verricht.

U kunt geen DPOF PRINT-instellingen definiëren voor niet-DCF-bestanden (→32).

Bepaalde DPOF-informatie die is ingesteld met andere apparatuur, kan niet worden gebruikt. Verwijder in dergelijke gevallen alle DPOF-informatie en stel deze vervolgens opnieuw in met deze camera.

U kunt geen datumafdrukinstellingen opgeven voor foto’s waarvoor [TEKST AFDR.] is ingesteld.

Deze instellingen worden ook geannuleerd als u later [TEKST AFDR.] instelt.

VQT2P57

75

Gebruik van het menu [AFSPELEN]

(vervolg)

Afspeelmodus:

[BEVEILIGEN]

Beveiliging instellen om te voorkomen dat foto’s worden gewist. Voorkomt dat belangrijke foto’s worden gewist.

Instellen: Druk op [MENU] → Menu [AFSPELEN] → Raak [BEVEILIGEN] ann

Raak [ENKEL] of [MULTI] ann

Selecteer een foto en maak de instelling

[ENKEL]

Selecteer foto’s door aanraking van

◄►en raak dan [INST.] aan

• Annuleren

→ Raak [ANNUL] ann

[MULTI]

Raak het beeld aan

• Annuleren

→ Raak opnieuw aan

• Raak na bevestiging

[EXIT] aan om terug te keren naar het menuscherm.

Foto beveiligd Foto beveiligd

Alles verwijderen

Raak in stap [ANNUL] aan → Raak [JA] aan

Annuleren en alle beveiligingen opheffen

Raak [ANNUL] ann

Kan mogelijk niet worden gebruikt wanneer u andere apparaten gebruikt.

Wanneer u formatteert worden zelfs beveiligde bestanden verwijderd.

Als het schrijfbeveiligingsschuifje op ‘LOCK’ is ingesteld, kunnen foto’s niet worden verwijderd, zelfs niet als ze niet met de camera-instelling zijn beveiligd.

76

VQT2P57

Zie voor meer informatie over de instelprocedure in het menu [AFSPELEN] (→15)

[KOPIE]

U kunt foto’s van het ingebouwde geheugen naar de geheugenkaart kopiëren en omgekeerd.

Instellen: Druk op [MENU] → Menu [AFSPELEN] → Raak [KOPIE] ann

Selecteer een kopieermethode (richting)

: alle foto’s van het ingebouwde geheugen naar de kaart kopiëren (ga naar stap )

: 1 foto tegelijkertijd van de kaart naar het ingebouwde geheugen kopiëren.

Bij keuze van [

[INST.] aan

Raak [JA] ann

] selecteert u een foto met ◄► en raakt u

• Annuleren → Raak [ANNUL] ann

• Raak na bevestiging [ANNUL] aan om terug te keren naar het menuscherm.

(Het afgebeelde scherm is een voorbeeld.)

Als de capaciteit van het ingebouwde geheugen onvoldoende is voor het kopiëren, schakelt u de camera uit, verwijdert u de kaart en verwijdert u foto’s uit het ingebouwde geheugen.

Het kopiëren van beeldgegevens vanuit het inwendig geheugen naar een geheugenkaart zal halverwege worden onderbroken als er te weinig ruimte op de kaart beschikbaar is. Het is aanbevolen gebruik te maken van geheugenkaarten met een grotere capaciteit dan het inwendige geheugen (ongeveer 40 MB).

Het kopiëren van foto’s kan enkele minuten duren. Schakel de camera niet uit en voer geen andere bewerkingen uit tijdens het kopiëren.

Als er in de doelbestemming identieke namen zijn (map-/bestandsnummers), wordt er voor de gekopieerde foto’s een nieuwe map gemaakt bij het kopiëren van het ingebouwde geheugen naar een kaart ( ). Bestanden met een al bestaande naam worden niet vanaf een kaart naar het ingebouwde geheugen gekopieerd ( ).

De instellingen voor afdrukken en beveiliging worden niet gekopieerd. Stel de instellingen na het kopiëren opnieuw in.

Er kunnen alleen foto’s worden gekopieerd van Panasonic digitale camera’s (LUMIX).

Na het kopiëren worden de originele foto’s niet verwijderd. (Foto’s verwijderen (→33)).

Deze instelling is alleen mogelijk wanneer de afspeelfunctie staat ingesteld op

[NORMAAL AFSP.].

VQT2P57

77

Gebruik met computer

Foto’s en films kunnen van de camera naar uw computer worden geïmporteerd door deze op elkaar aan te sluiten.

• Als uw computer geen SDXC-geheugenkaarten ondersteunt, wordt er een bericht weergegeven waarin u wordt gevraagd de kaart te formatteren. (Formatteer de kaart niet. Opgenomen foto’s worden dan gewist.) Raadpleeg als de kaart niet wordt herkend, de volgende klantenservicewebsite. http://panasonic.net/avc/sdcard/information/SDXC.html

• U kunt geïmporteerde foto’s vervolgens afdrukken of via e-mail versturen met de software ‘PHOTOfunSTUDIO’ op de cd-rom (bijgeleverd).

Voorbereiding:

• Gebruik een volledig opgeladen batterij of sluit een netadapter aan (optioneel).

• Wanneer u foto’s vanuit het ingebouwde geheugen importeert, dient u eventuele geheugenkaarten te verwijderen.

Controleer de richting van de aansluiting en sluit de stekker recht aan.

(Schade aan de vorm van de aansluiting kan tot storingen leiden.)

[TOEGANG] (gegevens verzenden)

• Ontkoppel nooit de

USB-kabel terwijl

[TOEGANG] wordt weergegeven.

Hier vasthouden

(Duw de stekker volledig in de aansluiting.)

Schakel zowel de camera als de computer in

Sluit de camera aan op de computer

• Zorg dat u de bijgeleverde USBaansluitkabel gebruikt.

Het gebruik van een andere dan de bijgeleverde USB-aansluitkabel kan problemen veroorzaken.

Raak [PC] aan op de camera

Schakel als u de netadapter gebruikt de camera uit voordat u deze aansluit of verwijdert.

USB-aansluitkabel

(gebruik altijd de bijgeleverde kabel)

Er kan een bericht op het scherm verschijnen als u [USB MODE] (→21) hebt ingesteld op [PictBridge (PTP)].

Voer de gewenste handelingen uit met de computer

De verbinding verbreken

Klik op ‘Hardware veilig verwijderen’ in het Windows-systeemvak → Ontkoppel de

USB-kabel → Schakel de camera uit → Ontkoppel de netadapter

78

VQT2P57

Sommige computers kunnen rechtstreeks de geheugenkaart van de camera lezen.

Zie voor nadere details de handleiding van uw computer.

U kunt foto’s op uw computer opslaan en gebruiken door mappen en bestanden naar aparte mappen op de computer te slepen.

Map- en bestandsnamen op de computer

DCIM (Foto’s/bewegende beelden)

Windows

De stations worden weergegeven in de map ‘Deze computer’ of

‘Computer’.

100_PANA (maximaal 999 foto’s/map)

P1000001.JPG

:

P1000999.JPG

101_PANA

:

999_PANA

JPG: foto’s

MOV: bewegende beelden

MISC (DPOF-bestanden, Favorieten)

Macintosh

De stations worden op het bureaublad weergegeven.

(Weergegeven als

‘LUMIX’, ‘NO_NAME’, of

‘Untitled’.)

∗ In de volgende gevallen worden nieuwe mappen gemaakt:

• Wanneer er foto’s in mappen worden gezet die bestanden met het nummer 999 bevatten.

• Wanneer er kaarten worden gebruikt die al hetzelfde mapnummer bevatten (ook foto’s die met andere camera’s zijn genomen enzovoort)

• Het bestand kan mogelijk niet op de camera worden afgespeeld nadat de bestandsnaam is gewijzigd.

Wanneer u Windows XP, Windows Vista, Windows 7 of Mac OS X gebruikt

U kunt de camera zelfs op de computer aansluiten als u [USB MODE] hebt ingesteld op

[PictBridge (PTP)].

• De export van foto’s kan alleen vanaf de camera worden uitgevoerd. (Foto’s verwijderen is ook mogelijk met Windows Vista en Windows 7.)

• Foto’s kunnen mogelijk niet worden geïmporteerd als er 1000 of meer foto’s op de kaart staan.

Films afspelen op uw computer

Gebruik de ‘QuickTime’ software op de bijgeleverde CD-ROM.

• Als standaard geïnstalleerd op de Macintosh

Leg de filmbeelden vast op uw computer voordat u ze gaat bekijken.

Gebruik geen andere USB-kabels, alleen de bijgeleverde kabel.

Schakel de camera uit voordat u geheugenkaarten plaatst of verwijdert.

Wanneer de batterij tijdens de communicatie leeg begint te raken, hoort u een waarschuwingssignaal. Beëindig de gegevensuitwisseling via de computer direct en laad de batterij op voordat u de camera opnieuw aansluit.

Als u [USB MODE] instelt op [PC], hoeft u deze instelling niet elke keer opnieuw op te geven als u de camera aansluit op de computer.

Raadpleeg de handleiding bij de computer voor meer informatie.

VQT2P57

79

Afdrukken

U kunt de camera rechtstreeks aansluiten op een

PictBridge-compatibele printer om af te drukken.

Voorbereiding:

• Gebruik een volledig opgeladen batterij of sluit een netadapter aan (optioneel).

• Wanneer u foto’s vanuit het ingebouwde geheugen afdrukt, dient u eventuele geheugenkaarten te verwijderen.

• Pas desgewenst de afdrukkwaliteit of andere instellingen op uw printer aan.

Controleer de richting van de aansluiting en sluit de stekker recht aan. (Schade aan de vorm van de aansluiting kan tot storingen leiden.)

• Ontkoppel de USBkabel niet wanneer het pictogram voor ontkoppeling van de kabel wordt weergegeven (dit wordt bij sommige printers niet weergegeven).

Hier vasthouden

(Duw de stekker volledig in de aansluiting.)

Schakel zowel de camera als de computer in

Sluit de camera aan op de printer

• Zorg dat u de bijgeleverde USBaansluitkabel gebruikt. Het gebruik van een andere dan de bijgeleverde USBaansluitkabel kan problemen veroorzaken.

Raak op de camera

[PictBridge (PTP)] aan

Als u [VERBINDING MET PC...] ziet, annuleert u de verbinding en stelt u [USB MODE] in op [SELECT.

VERBINDING] of [PictBridge (PTP)].

Selecteer met ◄► een foto om af te drukken en raak dan [PRINTEN] aan

Raak [PRINT START] ann

Schakel als u de netadapter gebruikt de camera uit voordat u deze aansluit of verwijdert.

Afdrukken annuleren

Druk op [MENU]

USB-aansluitkabel

(gebruik altijd de bijgeleverde kabel) (Instellingen voor afdrukken

(→82))

Gebruik geen andere USB-kabels, alleen de bijgeleverde kabel.

Ontkoppel de USB-kabel na het afdrukken.

Schakel de camera uit voordat u geheugenkaarten plaatst of verwijdert.

Als de batterij tijdens de communicatie leeg raakt, hoort u een waarschuwingssignaal.

Annuleer het afdrukken en ontkoppel de USB-kabel. (Laad de batterij op voordat u de camera en de printer weer op elkaar aansluit.)

Als u [USB MODE] instelt op [PictBridge (PTP)], hoeft u deze instelling niet elke keer opnieuw op te geven als u de camera aansluit op de printer.

80

VQT2P57

Sommige printers zijn in staat direct af te drukken vanaf de geheugenkaart van de camera. Zie voor nadere details de gebruiksaanwijzing van uw printer.

Raak [VEELV. AFDR.] aan in stap op de vorige pagina.

Meerdere foto’s afdrukken

Selecteer een optie

(Zie hierna voor meer informatie)

Druk af

(Vorige pagina )

[MULTI SELECTEREN] : Raak foto’s aan

• Annuleren → Raak opnieuw aan

Raak [INST.] ann

[ALLES SELECTEREN] :Alle foto’s afdrukken.

[PRINT INST.(DPOF)] : Foto’s afdrukken die zijn geselecteerd in [PRINT INST.].

[FAVORIETEN] : Foto’s afdrukken die zijn geselecteerd als [FAVORIETEN].

(verscijnt alleen als er [FAVORIETEN] zijn en de optie is ingesteld op [ON]).

Selecteer [JA] als het bevestigingsscherm voor afdrukken wordt weergegeven.

Een oranje

bij het afdrukken geeft een foutmelding aan.

Het afdrukken kan in verschillende fasen plaatsvinden als u verschillende foto’s afdrukt.

(Het weergegeven resterende aantal pagina’s kan afwijken van het ingestelde aantal.)

Afdrukken met datum en tekst

Met [TEKST AFDR.]

U kunt de opnamedatum en de volgende informatie op foto’s afdrukken.

Opnamedatum

[NAAM] en [LEEFTIJD] vanuit scènemodi [BABY] en [HUISDIER]

Aantal verstreken dagen op basis van [REISDATUM] en bestemming

• Voeg geen datumafdruk toe in winkels of met printers waarop [TEKST AFDR.] is toegepast (tekst zou kunnen overlappen).

Datum afdrukken zonder [TEKST AFDR.]

In winkels afdrukken: Alleen de opnamedatum kan worden afgedrukt. Vraag de winkel de datum af te drukken.

• Als u vooraf op de camera [PRINT INST.] instelt, kunt u opgeven hoeveel exemplaren u wilt afdrukken en of u de datum wilt afdrukken voordat u de kaart in de winkel afgeeft.

• Controleer of de winkel 16:9 ondersteunt als u foto’s in deze aspectratio

(beeldverhouding) wilt afdrukken.

Via de computer: U kunt via de meegeleverde cd-rom ‘PHOTOfunSTUDIO’ afdrukinstellingen voor de opnamedatum en tekstinformatie opgeven.

Via de printer : U kunt de opnamedatum afdrukken door op de camera [PRINT INST.] in te stellen of door [PRINT MET DAT.] (→82) in te stellen op [ON] als u de camera aansluit op een printer met datumafdrukfunctie.

VQT2P57

81

Afdrukken

(vervolg)

Afdrukinstellingen opgeven op de camera

(Geef de instellingen op voordat u [PRINT START] selecteert.)

Selecteer optie Selecteer instelling

Foto’s op tv bekijken

U kunt foto’s en films op een tv bekijken door de camera met de AV-kabel (bijgeleverd) op een tv aan te sluiten.

Raadpleeg ook de gebruiksaanwijzing van de tv.

Voorbereiding:

• Voer de instelling [TV-ASPECT] uit.

• Schakel de camera en de tv uit.

Sluit de camera aan op de tv

Zet de tv aan

Zet de tv op de ingang aux.

Zet de camera aan

Druk op de afspeelknop

Controleer de richting van de aansluiting en sluit de stekker recht aan. (Schade aan de vorm van de aansluiting kan tot storingen leiden.)

Onderdeel

[PRINT MET

DAT.]

[AANTAL

PRINTS]

[PAPIERAFMETING]

[LAY-OUT

PAGINA]

[OFF]/[ON]

Instellingen

Hier stelt u het aantal foto’s in (maximaal 999 foto’s)

( printerinstellingen krijgen voorrang)

[L/3.5”×5”] (89×127 mm)

[2L/5”×7”] (127×178 mm)

[POSTCARD] (100×148 mm)

[16:9] (101,6×180,6 mm)

[A4] (210 ×297 mm)

[A3] (297×420 mm)

[10×15 cm] (100×150 mm)

[4”×6”] (101,6×152,4 mm)

[8”×10”] (203,2 ×254 mm)

[LETTER] (216×279,4 mm)

[CARD SIZE] (54×85,6 mm)

(printerinstellingen krijgen voorrang) / (1 foto, zonder rand) /

(1 foto, met rand) / (2 foto’s) / (4 foto’s)

Opties die niet compatibel zijn met de printer, worden mogelijk niet weergegeven.

Als u op één afdruk ‘2 foto’s’ of ‘4 foto’s’ wilt afdrukken, stelt u het aantal afdrukken in op 2 of 4.

Stel als u wilt afdrukken op papierformaten/indelingen die niet door deze camera worden ondersteund, de camera in op en voer de instellingen uit op de printer.

(Raadpleeg de handleiding van uw printer.)

[PRINT MET DAT.] en [AANTAL PRINTS] worden niet weergegeven wanneer u de instellingen van [PRINT INST.] hebt geselecteerd.

Zelfs als u de instellingen van [PRINT INST.] volledig hebt ingesteld, worden datums mogelijk niet afgedrukt, afhankelijk van de gebruikte fotozaak of printer.

Als u [PRINT MET DAT.] hebt ingesteld op [ON], controleert u de datumafdrukinstellingen van de printer (printerinstellingen hebben soms voorrang).

82

VQT2P57

Geel: naar videoaansluiting

AV-kabel

(gebruik altijd de bijgeleverde kabel)

Wit: naar de audio-aansluiting

Gebruik van een tv met een SD-kaartsleuf

Plaats de SD-geheugenkaart in de SD-kaartsleuf

• De beelden kunnen alleen weergegeven worden.

• Wanneer u zowel SDHC- als SDXC-geheugenkaarten gebruikt, dient u elk type kaart af te spelen op apparatuur die compatibel is met het specifieke formaat.

Gebruik geen andere AV-kabels, alleen de bijgeleverde kabel.

U kunt foto’s bekijken op tv’s in andere landen (regio’s) waar het systeem NTSC of PAL wordt gebruikt, wanneer u [VIDEO UIT] in het menu [SET-UP] instelt.

De instelling [LCD MODE] kan niet op de tv worden gebruikt.

Op sommige televisies worden de randen van de foto afgesneden of worden de foto’s niet op volledig scherm weergegeven. Naar de verticale stand gedraaide foto’s kunnen enigszins onscherp zijn.

Verander de instellingen voor de fotomodus op de tv als de beeldverhoudingen onjuist zijn op breedbeeld- of HD-tv’s.

VQT2P57

83

Lijst met symbolen op het lcd-schermen

12

11

1 2 3 4

Tijdens het opnemen

5

8

9

6

7

21

20

10

5

6

7

2

3

4

8

9

10

1

Opnamemodus (→24)

Flitsermodus (→36)

Optische beeldstabilisatie (→61)

Trillingswaarschuwing (→28)

Macro-opname (→38)

AF-gebied (→28)

Scherpstelling (→28)

Fotoresolutie (→56)

Batterijcapaciteit (→12)

Aantal te maken foto’s (→96)

Bestemming voor opslaan (→12)

Opnamestand

Reisdatum (→53)

Belichtingscompensatie (→41)

Diafragmawaarde/

Sluitertijd (→28)

Slimme ISO-modus (→57)

13 14

15

16

17

19 18

17

18

19

14

15

16

13

20

21

Witbalans (→59)

ISO-gevoeligheid (→57)

Kleurfunctie (→61)

Opnamekwaliteit (→52)

Beschikbare opnameduur (→51)

Raak de selectie van het AF-gebied aan (→40)

Verstreken opnametijd (→51)

Zelfontspanner (→35)

Aantal verstreken reisdagen (→53)

Naam (→46) reisbestemming (→53)

Leeftijd in jaren/maanden (→46)

Huidige datum/tijd

AF-assistlampje (→62)

Geluidsopnamen (voor films)

11

12

FScherpstelgebied

Zoom (→30)

Macro-zoom (→39)

LCD-modus (→19)

Burstfunctie (→60)

84

VQT2P57

Druk op de knop [DISPLAY] om een andere weergave te kiezen (→7, 34).

Bij het afspelen

1 2 3 4

13

12

11

10

9

5

6

7

8

3

4

5

1

2

6

7

Terugspeelfunctie (→66)

Beveiligde foto (→76)

Favorieten (→74)

Met tekstafdruk (→70)

Instellingen voor favorieten (→74)

Afspeelknop (→65)

Fotoresolutie (→56)

Batterijcapaciteit (→12)

Map-/bestandsnummer (→32, 79)

Fotonummer/Totaal aantal foto’s

(→32)

Opnameduur voor films/

Verstreken afspeeltijd (→65)

Bestemming voor opslaan (→12)

Naar de volgende foto gaan/

Naar de vorige foto gaan (→32)

Opname-informatie

10

11

12

13

8

9

Datum en tijd van opname

Instelling voor reisbestemming (→53) naam (→46)

Opname-informatie

Leeftijd in jaren/maanden (→46)

Aantal verstreken reisdagen (→53)

Kleurfunctie (→61)

Aantal af te drukken foto’s (→75)

Bewegende beelden (→65)

Waarschuwingspictogram ontkoppeling kabel (→80)

De schermen die hier worden weergegeven, zijn slechts voorbeelden. De werkelijke weergave kan variëren.

VQT2P57

85

Weergave berichten

[DEZE GEHEUGENKAART KAN NIET WORDEN GEBRUIKT.]

Er is een MultiMediaCard geplaatst.

→ Niet compatibel met de camera. Gebruik een compatibele kaart.

[GEHEUGENKAART TEGEN SCHRIJVEN BEVEILIGD]

Ontgrendel het schrijfbeveiligingsschuifje op de kaart. (→12)

[GEEN JUISTE FOTO OM WEER TE GEVEN]

Maak foto’s of plaats een andere kaart die al foto’s bevat in de camera.

[DEZE FOTO IS BEVEILIGD]

Hef de beveiliging op voordat u de foto’s verwijdert enzovoort (→76)

[SOMMIGE FOTO’S KUNNEN NIET GEWIST WORDEN] [DEZE FOTO KAN NIET

GEWIST WORDEN]

Niet-DCF-foto’s (→32) kunnen niet worden verwijderd.

→ Sla de benodigde gegevens op een computer of ander apparaat op en wis de kaart vervolgens door [FORMATEREN] op de camera uit te voeren. (→22)

[ER KUNNEN GEEN ADDITIONELE SELECTIES GEMAAKT WORDEN]

Het aantal foto’s dat in één keer kan worden verwijderd, is overschreden.

Er zijn meer dan 999 foto’s als [FAVORIETEN] ingesteld.

Het aantal foto’s waarop [TEKST AFDR.] of [NW. RS.] (meerdere instellingen) tegelijk kan worden toegepast, is overschreden.

[KAN OP DEZE FOTO NIET INGESTELD WORDEN]

Foto’s die niet aan de DCF-normen voldoen, kunnen niet worden gebruikt voor [PRINT INST.] en [TEKST AFDR.].

[AUB CAMERA UIT- EN INSCHAKELEN] [SYSTEEMFOUT]

De lens werkt niet goed.

→ Schakel de camera weer in.

(Neem contact op met het verkooppunt als het scherm opnieuw verschijnt)

[DIV. FOTO’S KUNNEN NIET GEKOP. WORDEN] [KOPIE KAN NIET VOLTOOID WORDEN]

In de volgende gevallen kunnen foto’s niet worden gekopieerd:

→ Er bestaat al een foto met deze naam in het ingebouwde geheugen (bij het kopiëren van bestanden van de kaart).

→ Bestand is geen DCF-indeling.

→ Foto is op een andere camera gemaakt of bewerkt.

[NIET VOLDOENDE RUIMTE INTERN GEHEUGEN] [NIET VOLDOENDE GEHEUGEN OP DE KAART]

Er is geen ruimte meer in het ingebouwde geheugen of op de geheugenkaart. Wanneer u beelden kopieert van het ingebouwde geheugen naar de geheugenkaart (groepsgewijze kopiëren), zullen de beelden worden gekopieerd totdat de geheugenkaart geheel vol is.

[FOUT INT. GEHEUGEN] [FOTM. INT. GEH. ?]

Wordt weergegeven bij het formatteren van het ingebouwde geheugen via de computer enzovoort.

→ Formatteer rechtstreeks opnieuw met de camera. De gegevens zullen worden gewist.

86

VQT2P57

Betekenis van en vereiste reacties op belangrijke berichten die op het lcd-scherm worden weergegeven.

[STORING GEHEUGENKAART] [KAART FORMATEREN ?]

De kaartindeling kan niet in deze camera worden gebruikt.

→ Sla de benodigde gegevens op een computer of ander apparaat op en voer dan [FORMATEREN] uit op de camera. (→22)

[PLAATS SD-KAART OPNIEUW] [ANDERE KAART PROBEREN A.U.B.]

Geen toegang tot de kaart.

→ Plaats de kaart opnieuw in de camera.

Probeer het met een andere kaart.

[STORING GEHEUGENKAART] [PARAMETERFOUT GEHEUGENKAART]

Kaart is geen SD-standaard.

Wanneer u kaarten met een capaciteit van 4 GB of meer gebruikt, worden alleen SDHC- of SDXC-geheugenkaarten ondersteund.

[LEESFOUT]/[SCHRIJFFOUT] [CONTROLEER DE GEHEUGENKAART]

Gegevens kunnen niet worden gelezen.

→ Controleer of de kaart op de juiste manier in de camera is geplaatst (→11).

Gegevens kunnen niet worden geschreven.

→ Zet het apparaat uit en verwijder de kaart. Plaats de kaart vervolgens weer terug en zet het apparaat weer aan.

Kaart is mogelijk beschadigd.

Probeer het met een andere kaart.

[OPNAME BEW. BEELDEN GEANN. SCHRIJFSNELHEID KAART TE BEPERKT]

Gebruik wanneer u een film opneemt een kaart met een SD-snelheidsklasse∗ van ‘klasse 6’ of hoger.

∗ Met SD-snelheidsklasse wordt een specificatie voor constante schrijfsnelheden bedoeld.

Als het opnemen wordt gestopt, zelfs als u een kaart gebruikt met een snelheid van ‘klasse 6’ of hoger, is de gegevensschrijfsnelheid laag. U kunt het beste een back-up van de gegevens op de geheugenkaart maken en de kaart opnieuw formatteren. (→22)

Het opnemen van bewegend beeld kan op sommige kaarten niet automatisch worden beëindigd.

[CREËREN VAN EEN MAP NIET MOGELIJK]

Gebruikt aantal mapnummers heeft 999 bereikt.

→ Sla de benodigde gegevens op een computer of ander apparaat op en voer dan

[FORMATEREN] uit op de camera. (→22)

[BEELD WORDT WEERGEGEVEN VOOR 16:9 TV] [BEELD WORDT WEERGEGEVEN VOOR 4:3 TV]

AV-kabel is op de camera aangesloten.

→ Bericht direct verwijderen → Druk op [MENU].

→ Aspectratio wijzigen → Wijzig [TV-ASPECT] [TV-ASPECT] (→22).

USB-kabel is alleen op de camera aangesloten.

→ Het bericht verdwijnt wanneer de kabel ook op een ander apparaat wordt aangesloten.

[DEZE BATTERIJ KAN NIET GEBRUIKT WORDEN]

Gebruik een echte Panasonic batterij.

De batterij wordt niet herkend, vanwege vuil op de aansluitingen.

→ Maak de batterijaansluitingen schoon.

[ACCU IS LEEG]

De batterijspanning is te gering.

→ Laad de batterij voor gebruik op. (→9)

VQT2P57

87

Vraag en antwoord

Storingen verhelpen

Batterij, spanning

De camera werkt niet, ook niet als deze is ingeschakeld.

De batterij is niet goed geplaatst (→11) of moet worden opgeladen.

De camera wordt tijdens gebruik uitgeschakeld.

De batterij moet worden opgeladen.

De camera is ingesteld op [AUTOM. UIT]. (→20)

→ Druk op de aan/uit-knop om de camera weer in te schakelen.

Opnemen

Er kunnen geen foto’s worden gemaakt.

De camera staat in de afspeelmodus.

→ Druk op de afspeelknop om naar de opnamemodus te gaan.

De lenskap is dicht.

→ Open de lenskap.

Kaart/ingebouwd geheugen is vol. → Maak ruimte vrij door ongewenste foto’s te verwijderen (→33).

Opnemen op een kaart is niet mogelijk.

Gebruik geen kaarten die geformatteerd zijn met andere apparatuur.

→ Formatteer uw kaarten met deze camera. (→22)

Zie voor meer informatie over compatibele kaarten (→12)

De opnamecapaciteit is gering.

De batterij moet worden opgeladen.

→ Gebruik een volledig opgeladen batterij (bij aanschaf niet opgeladen). (→9)

→ Als u de camera ingeschakeld laat, loopt de batterij leeg. Zet de camera regelmatig uit met

[AUTOM. UIT] (→20) enzovoort.

Controleer de opnamecapaciteit van de kaarten en het ingebouwde geheugen. (→96)

Opgenomen foto’s zien er wit uit.

De lens is vuil (vingerafdrukken enzovoort).

→ Reinig het lensoppervlak met een zachte, droge doek.

De lens is beslagen (→5).

Opgenomen foto’s zijn te licht/te donker.

Foto’s die in donkere ruimten zijn gemaakt, of van heldere onderwerpen (sneeuw, heldere omgeving enzovoort) nemen het grootste deel van het scherm in beslag. (De helderheid van het lcd-scherm kan anders zijn dan van de werkelijke foto)

→ Pas de belichting aan (→41).

Er worden 2-3 foto’s gemaakt terwijl ik maar één keer op de ontspanknop druk.

De camera is ingesteld voor gebruik van de scènemodus [BURSTFUNCTIE] (→60) of [HI-SPEED

BURST] (→47) of [FLITS-BURST] (→48).

Er is niet goed scherpgesteld.

Er is niet ingesteld op de modus die geschikt is voor de afstand tot het onderwerp.

(Scherpstelgebied varieert, afhankelijk van de opnamemodus.)

Onderwerp valt buiten scherpstelgebied.

Veroorzaakt door trillingen of beweging van het onderwerp (→57, 61).

Controleer eerst de volgende onderdelen (→88 - 93).

(Wanneer u de menu-instellingen terugzet in de standaardwaarden, kunnen bepaalde problemen zijn opgelost.

Gebruik in de opnamemodus [RESETTEN] in het menu [SET-UP] (→21).)

Opnemen (vervolg)

Opgenomen foto’s zijn onscherp. Optische beeldstabilisatie werkt niet goed.

De sluitertijd is langer in donkere locaties en de optimale beeldstabilisatie is daar minder effectief.

→ Houd de camera stevig met beide handen vast en houd de armen strak langs uw lichaam.

→ Stel [DIG. ZOOM] in op [OFF] en [GEVOELIGHEID] in op [ ]. (→31, 57)

Gemaakte foto’s zien er korrelig uit of er is sprake van interferentie.

De ISO-gevoeligheid is hoog of er is een lange sluitertijd.

(De standaardinstelling voor [GEVOELIGHEID] is [ optreden.)

→ Verlaag de [GEVOELIGHEID] (→57).

→ Zet de [KLEURFUNCTIE] op [NATURAL] (→61)

→ Maak foto’s op locaties met meer licht.

] – bij binnenopnamen kan interferentie

De camera is ingesteld op de scènemodi [H. GEVOELIGH.] of [HI-SPEED BURST].

(Foto wordt iets korreliger vanwege de hoge gevoeligheid)

De beelden zijn te donker, met fletse kleuren.

Kleuren kunnen soms onnatuurlijk overkomen vanwege de lichtbron.

→ Gebruik de [WITBALANS] instelling om de kleuren te corrigeren. (→59)

De helderheid of kleuren van de opname zijn niet levensecht.

Voor opnamen bij tl-licht is soms een kortere sluitertijd nodig. Dit kan leiden tot kleine wijzigingen in helderheid of kleuren, maar dat is normaal.

Er kunnen rode balken op het lcd-scherm verschijnen of een deel van het scherm kan een roodachtige tint hebben tijdens het opnemen of het half indrukken van de ontspanknop.

Dit is een kenmerk van CCD en kan zich voordoen als het onderwerp heldere gebieden bevat. Rond deze gebieden kan onscherpte ontstaan, maar dit is geen storing. Dit wordt opgenomen bij bewegende beelden, maar niet op foto’s.

We raden u aan bij het maken van foto’s het scherm weg te houden van felle lichtbronnen, zoals zonlicht.

Opname bewegend beeld stopt halverwege.

Bij sommige kaarten kan het toegangsscherm kort verschijnen na het opnemen en kan het opnemen halverwege stoppen.

Gebruik wanneer u een film opneemt een kaart met een SD-snelheidsklasse∗ van ‘klasse 6’ of hoger.

∗ Met SD-snelheidsklasse wordt een specificatie voor constante schrijfsnelheden bedoeld.

Als het opnemen wordt gestopt, zelfs als u een kaart gebruikt met een snelheid van ‘klasse 6’ of hoger, is de gegevensschrijfsnelheid laag. U kunt het beste een back-up van de gegevens op de geheugenkaart maken en de kaart opnieuw formatteren. (→22)

88

VQT2P57 VQT2P57

89

Vraag en antwoord

Storingen verhelpen

(vervolg)

Lcd-scherm

Het lcd-scherm wordt gedimd tijdens de opname van bewegende beelden.

Het lcd-scherm kan worden gedimd als u gedurende langere tijd bewegende beelden opneemt.

Het lcd-scherm wordt soms uitgeschakeld, zelfs als de stroom is ingeschakeld.

Na het opnemen wordt de monitor uitgeschakeld totdat de volgende foto kan worden genomen.

(Ongeveer 6 seconds (max.) bij opnemen in het ingebouwde geheugen)

De helderheid is instabiel.

De diafragmawaarde wordt ingesteld als de ontspanknop half is ingedrukt.

(Is niet van invloed op gemaakte foto.)

Het scherm knippert binnenshuis.

Het scherm kan knipperen nadat het is ingeschakeld (voorkomt beïnvloeding door tl-verlichting).

Het scherm is te licht/te donker.

De camera is ingesteld op [LCD MODE] (→19).

Er verschijnen zwarte/blauwe/rode/groene punten of interferentie. Scherm ziet er vervormd uit als het wordt aangeraakt.

Dit is geen storing. U ziet dit niet terug op de foto’s, dus u hoeft zich hierover geen zorgen te maken.

Datum/leeftijd wordt niet weergegeven.

Huidige datum, verstreken reisdagen (→53) en namen en leeftijden in de scènemodi [BABY] en [HUISDIER] (→46) worden slechts ongeveer 5 seconden weergegeven wanneer de camera wordt ingeschakeld, nadat deze instellingen zijn gekozen of nadat van de afspeelmodus naar de opnamemodus is geschakeld enzovoort. Ze kunnen niet altijd worden weergegeven.

Flitser

Geen flits.

De flitser is ingesteld op [GEDWONGEN UIT] (→36).

Wanneer de flitser is ingesteld op [AUTO] , wordt niet in alle situaties geflitst.

De flitser wordt uitgeschakeld in de scènemodi [LANDSCHAP], [NACHTL. SCHAP],

[ZONSONDERG.], [HI-SPEED BURST], [VUURWERK], [STERRENHEMEL] en [LUCHTFOTO] en wanneer [BURSTFUNCTIE] wordt gebruikt.

Tijdens het filmen van bewegende beelden werkt de flitser niet.

Er wordt meermalen geflitst.

De rode-ogen reductie is ingeschakeld (→36). (Er wordt tweemaal geflitst, om het rode-ogen effect te vermijden.)

De scènefunctie staat ingesteld op [FLITS-BURST].

Afspelen

Foto’s zijn geroteerd.

[LCD ROTEREN] is ingesteld op [ON].

(Foto’s worden automatisch van staand naar liggend geroteerd. Sommige foto’s die staand of ondersteboven worden gemaakt, kunnen als staand worden geïnterpreteerd.)

→ Stel [LCD ROTEREN] in op [OFF]. (→74)

Kan geen foto’s bekijken

Druk op de afspeelknop.

Geen foto’s in ingebouwd geheugen of op de kaart (als de kaart is geplaatst worden foto’s van de kaart afgespeeld, anders uit het ingebouwde geheugen).

De camera is ingesteld op [CATEGOR. AFSP.] of [FAVORIET AFSP.].

→ Stel de weergavemodus in op [NORMAAL AFSP.] (→66).

90

VQT2P57

Afspelen (vervolg)

Map-/bestandsnummer weergegeven als [-]. Foto is zwart.

Foto bewerkt op computer of gemaakt op ander apparaat.

Batterij direct verwijderd na het maken van de foto, of foto gemaakt met bijna lege batterij.

→ Gebruik [FORMATEREN] om de foto te verwijderen (→22).

Onjuiste datum weergegeven bij afspelen kalender.

Foto bewerkt op computer of gemaakt op ander apparaat.

[KLOKINST.] is onjuist (→13).

(Onjuiste datum wordt weergegeven bij het afspelen van de kalender of als foto’s naar de computer en dan terug naar de camera zijn gekopieerd, als de datum van de computer verschilt van die van de camera.)

Afhankelijk van het onderwerp kan een interferentierand op het scherm verschijnen.

Dit wordt moiré genoemd. Dit is geen storing.

Op de foto zijn witte ronde vlekken te zien die lijken op zeepbellen.

Als u binnenshuis of in een donkere omgeving flitst, kunnen er witte ronde vlekken op de foto verschijnen. Dit is de weerkaatsing van het flitslicht op stofdeeltjes in de lucht. Dit is normaal. Kenmerkend hiervoor is het feit dat het aantal ronde vlekken en hun positie in elke foto anders zijn.

[WEERGAVE THUMBNAIL] verschijnt op het scherm.

De foto’s zijn mogelijk met een ander apparaat opgenomen. Zo ja, dan worden ze mogelijk met een slechte beeldkwaliteit weergegeven.

Rode gedeelten van gemaakte foto’s worden zwart.

Wanneer de digitale rode-ogenreductie ( , , ) is ingeschakeld en er een onderwerp is gefotografeerd met huidkleurige gebieden met daarbinnen rode gebieden, kan de digitale rodeogenreductiefunctie de rode gebieden zwart maken.

→ U kunt de flitsmodus dan het beste op

[OFF] zetten voordat u gaat fotograferen.

, of zetten, of [RODE-OGEN CORR] op

Het geluid van de camera is samen met de bewegende beelden opgenomen.

Mogelijk is het camerageluid opgenomen, zoals de automatische aanpassing van het diafragma tijdens de opname van bewegende beelden. Dit is normaal.

Films die op deze camera zijn opgenomen, kunnen niet op andere apparatuur worden afgespeeld.

Films (Motion JPEG) die met deze camera zijn opgenomen, kunnen niet op digitale camera’s van andere merken worden afgespeeld. Ook kunnen films die met deze camera zijn opgenomen, niet worden afgespeeld op Panasonic LUMIX digitale camera’s die vóór juli 2008 zijn verkocht. (Films die zijn opgenomen met LUMIX digitale camera’s die vóór deze datum zijn opgenomen, kunnen echter wel op deze camera worden afgespeeld.)

VQT2P57

91

Vraag en antwoord

Storingen verhelpen

(vervolg)

Tv, computer, printer

Geen beeld op de tv. Onscherp beeld of beeld niet in kleur.

Niet correct aangesloten. (→83)

De ingang van de tv is niet op AUX gezet.

De tv ondersteunt het gebruikte type kaart niet.

Controleer de instelling [VIDEO UIT] (NTSC/PAL) op de camera. (→22)

Weergave tv-scherm wijkt af van lcd-scherm.

Aspectratio (beeldverhouding) is mogelijk onjuist en op bepaalde tv’s worden de randen van foto’s afgesneden.

Bewegende beelden kunnen niet op tv worden afgespeeld.

Kaart is in tv geplaatst.

→ Sluit de camera met de AV-kabel (bijgeleverd) op de tv aan en schakel dan de afspeelmodus in op de camera. (→83)

Beeld wordt niet op volledig tv-scherm weergegeven.

Controleer de instelling [TV-ASPECT] (→22).

Kan foto’s niet naar de computer sturen.

Niet goed aangesloten (→78).

Controleer of de computer de camera heeft herkend.

Stel [USB MODE] in op [PC] (→21).

Computer herkent de kaart niet (leest alleen het ingebouwde geheugen).

Ontkoppel de USB-kabel en sluit deze weer aan met de kaart in de camera.

Ik wil foto’s die op de computer zijn opgeslagen, op mijn camera afspelen.

Gebruik het bijgeleverde ‘PHOTOfunSTUDIO’ om foto’s van de computer naar de camera te kopiëren.

Kan niet afdrukken als de camera op de printer is aangesloten.

Printer niet compatibel met PictBridge.

Stel [USB MODE] in op [PictBridge (PTP)] (→21).

Het afdrukken van de datum lukt niet.

Maak de vereiste afdrukinstellingen voordat u gaat afdrukken.

→ In de winkel: Maak de nodige instellingen onder [PRINT INST.] (→75) en vraag dan in de winkel om afdrukken ‘met datum’.

→ Met een printer: Maak de nodige instellingen onder [PRINT INST.], en gebruik dan een printer die geschikt is voor het afdrukken van de datum.

→ Met de bijgeleverde software: Kies ‘met datum’ bij de afdruk-instellingen.

Gebruik de [TEKST AFDR.] voordat u gaat afdrukken (→70).

Randen van foto’s afgesneden bij het afdrukken.

Hef instellingen voor bijsnijden of afdrukken zonder randen op de printer op voordat u gaat afdrukken.

(Raadpleeg de handleiding van uw printer.)

De foto’s zijn gemaakt in de beeldverhouding .

→ Controleer als u de foto’s in een fotozaak laat afdrukken of formaten van 16:9 kunnen worden afgedrukt.

92

VQT2P57

Diversen

Menu niet weergegeven in gewenste taal.

Verander de instelling van [TAAL] (→23).

Camera rammelt als deze wordt geschud.

Dit geluid wordt veroorzaakt door beweging van de lens en is geen storing. (→6)

Kan [AUTO REVIEW] niet instellen.

Niet beschikbaar wanneer [BURSTFUNCTIE] wordt gebruikt of in de scènemodi [ZELFPORTRET],

[HI-SPEED BURST] of [FLITS-BURST].

Rode lampje gaat branden wanneer u de ontspanknop half indrukt op donkere locaties.

[AF ASS. LAMP] ingesteld op [ON] (→62).

AF-ass. lamp gaat niet branden.

[AF ASS. LAMP] ingesteld op [OFF].

Brandt niet op locaties met veel licht of bij gebruik van de scènemodi [LANDSCHAP], [NACHTL.

SCHAP], [ZELFPORTRET], [VUURWERK], [LUCHTFOTO] of [ZONSONDERG.].

De camera is heet.

De camera kan bij gebruik een beetje warm worden, maar dit is niet van invloed op de prestaties of de kwaliteit.

De lens maakt een klikkend geluid.

Wanneer de helderheid verandert, maakt de lens soms een klikkend geluid en kan de helderheid van het scherm ook veranderen, maar dit is het gevolg van de uitgevoerde diafragma-instellingen.

(Is niet van invloed op de foto.)

De klok staat niet goed.

De camera is lange tijd niet gebruikt.

→ Stel de klok opnieuw in (→13).

Het duurde lang om de klok in te stellen (de klok loopt nu dus achter).

Als u zoom gebruikt, raakt de foto iets vervormd en worden de randen van het onderwerp gekleurd.

Afhankelijk van de zoominstelling zijn foto’s wellicht iets vervormd of gekleurd aan de randen, maar dit is normaal.

Bestandsnummers worden niet op volgorde opgenomen.

Bestandsnummers worden opnieuw ingesteld wanneer er nieuwe mappen worden gemaakt (→79).

Bestandsnummers lopen achteruit.

De batterij is verwijderd/geplaatst terwijl de camera aan was.

(Nummers kunnen achteruit lopen als de bestands-/mapnummers niet goed worden opgenomen.)

Het aanraakscherm kan niet worden bediend.

Dit kan gebeuren wanneer u het scherm te lang achter elkaar hebt aangeraakt. Houd in dit geval uw vinger ongeveer 10 seconden van het scherm en probeer het vervolgens opnieuw.

De kaart wordt niet herkend door de computer.

(U gebruikt een SDXC-geheugenkaart.)

Controleer of uw computer geschikt is voor SDXC-geheugenkaarten. http://panasonic.net/avc/sdcard/information/SDXC.html

Wanneer u een kaart plaatst, verschijnt er een bericht dat u verzoekt om de kaart te formatteren, maar formatteert u de kaart nu niet.

Als er [TOEGANG] zichtbaar blijft op het lcd-scherm, schakelt u de camera uit en maakt u de USBkabel los.

VQT2P57

93

Waarschuwingen en opmerkingen tijdens gebruik

Tijdens gebruik

De camera kan warm worden als deze lange tijd wordt gebruikt, maar dit is geen storing.

U voorkomt trillingen door een statief te gebruiken en dit op een stabiele locatie neer te zetten.

(Vooral wanneer u telescopische zoom, langere sluitertijden of de zelfontspanner gebruikt)

Houd de camera zo ver mogelijk uit de buurt van elektromagnetische apparatuur

(zoals magnetrons, tv’s, videospellen enzovoort).

• Wanneer u de camera boven op of bij een tv gebruikt, kunnen de beelden en het geluid op de camera vervormd raken door elektromagnetische straling.

• Gebruik de camera niet in de buurt van mobiele telefoons, want dit kan tot ruis leiden die stoort op de foto’s en het geluid.

• Opgenomen gegevens kunnen beschadigd raken, of foto’s kunnen vervormd raken, door sterke magnetische velden die door luidsprekers of grote motoren worden veroorzaakt.

• Elektromagnetische straling die door microprocessoren wordt gegenereerd, kan een negatief effect hebben op de camera en tot storingen in de foto’s en het geluid leiden.

• Wanneer de camera negatief wordt beïnvloed door elektromagnetische apparatuur en niet goed meer functioneert, schakelt u de camera uit en verwijdert u de batterij of ontkoppelt u de netadapter (optioneel).

Plaats vervolgens de batterij weer in de camera of sluit de netadapter weer aan en zet de camera aan.

Gebruik de camera niet bij radiozenders of hoogspanningslijnen.

• Wanneer u opneemt in de buurt van radiozenders of hoogspanningslijnen, heeft dit een negatief effect op de opgenomen foto’s en het geluid.

Verleng het meegeleverde snoer en de meegeleverde kabel niet.

Laat de camera niet in aanraking komen met pesticiden of vluchtige stoffen (hierdoor kan het oppervlak beschadigd raken of de coating gaan bladderen).

Laat de camera en de batterij nooit achter in een auto die in de zon staat en leg het toestel ook niet op de motorkap.

De camera kan door oververhitting defect raken en de batterij kan gaan lekken of openbarsten, met kans op schade en brandgevaar.

Onderhoud van uw camera

Als u uw camera wilt schoonmaken, verwijdert u de batterij of haalt u de stekker uit het stopcontact en veegt u de camera met een zachte, droge doek af.

Verwijder hardnekkige vlekken met een goed uitgewrongen natte doek. Wrijf de camera vervolgens na met een droge doek.

Gebruik geen benzeen, verfverdunner, alcohol of allesreiniger. Deze kunnen de behuizing of coating van de camera beschadigen.

Lees bij gebruik van een chemisch behandelde doek de meegeleverde instructies goed door.

Wanneer u de camera lange tijd niet gebruikt

Schakel de camera uit voordat u de batterij en de kaart verwijdert. (Zorg dat de batterij is verwijderd om schade door diepontlading te voorkomen.)

Laat de camera niet in aanraking komen met rubberen of plastic zakken.

Bewaar de camera met een vochtabsorberend middel (silicagel) als deze in een lade enzovoort wordt bewaard. Bewaar batterijen op een koele plaats (15 °C - 25 °C) met een lage vochtigheid (40% - 60%) en geen grote temperatuurschommelingen.

Laad de batterij eens per jaar op en laat deze een keer volledig leeg lopen voordat u deze weer bewaart.

94

VQT2P57

Geheugenkaarten

Schade voorkomen aan kaarten en gegevens

• Voorkom hoge temperaturen, rechtstreeks zonlicht, elektromagnetische golven en statische elektriciteit.

• Laat de camera niet buigen, vallen en stel deze niet bloot aan ernstige schokken.

• Raak de aansluitingen op de achterzijde van de kaart niet aan en laat deze niet vuil of nat worden.

Wanneer u geheugenkaarten verwijdert/inlevert

• Wanneer u de functies ‘formatteren’ of ‘verwijderen’ op uw camera of computer gebruikt, worden alleen de bestandsbeheergegevens gewijzigd. De gegevens worden niet volledig van de geheugenkaart verwijderd. Wanneer u uw geheugenkaarten verwijdert of inlevert, raden wij u aan de geheugenkaart zelf te vernietigen of in de handel verkrijgbare software voor het wissen van computergegevens te gebruiken om de gegevens volledig van de kaart te verwijderen. Ga verantwoordelijk om met de gegevens op geheugenkaarten.

Lcd-scherm

Druk niet hard op het lcd-scherm. Hierdoor kunt u ongelijkmatig beeld krijgen en kan de monitor beschadigd raken.

Druk niet met scherpe, harde instrumenten, zoals de punt van een balpen, op een monitor.

Wrijf niet hard over het lcd-scherm en druk er ook niet op.

In koude klimaten of in andere omstandigheden waarin de camera koud wordt, kan het lcd-scherm direct na het opstarten iets trager dan normaal reageren. De normale helderheid keert terug wanneer de interne onderdelen zijn opgewarmd.

Persoonlijke gegevens

Als u de instelling [NAAM] of [LEEFTIJD] in de modus [BABY] invoert, houd er dan rekening mee dat de camera en de gemaakte foto’s persoonlijke gegevens bevatten.

Aansprakelijkheid

• Gegevens met persoonlijke informatie zouden kunnen worden aangetast of verloren gaan door storingen, statische elektriciteit, ongelukjes, defecten, reparaties en andere voorvallen.

Panasonic kan niet aansprakelijk worden gesteld voor enige schade, direct of indirect, die voortvloeit uit aantasting of verlies van gegevens met persoonlijke informatie.

Bij het verzoeken om reparatie of de overdracht/wegdoen van de camera

• Ter bescherming van uw persoonlijke informatie verzoeken wij u de instellingen alle terug te stellen. (→21)

• Als er beelden zijn vastgelegd in het ingebouwd geheugen, kopieert (→77) u die dan zonodig naar een geheugenkaart en formatteert (→22) u het ingebouwd geheugen.

• Verwijder de geheugenkaart uit de camera.

• Wanneer u de camera terugkrijgt na reparatie, kunnen het ingebouwde geheugen en de instellingen zijn teruggesteld in de oorspronkelijke stand bij aankoop.

• Als de bovenstaande ingrepen niet mogelijk blijken vanwege een storing in de camera, raadpleegt u dan uw leverancier of de dichtstbijzijnde onderhoudsdienst.

Voor het overdragen of wegdoen van uw geheugenkaart, leest u ‘Wanneer u geheugenkaarten verwijdert/inlevert’ in het voorgaande hoofdstukje.

VQT2P57

95

Capaciteit/tijd voor het opnemen van foto’s

Capaciteit voor het opnemen van foto’s

Het aantal foto’s dat kan worden opgeslagen, varieert, afhankelijk van de instelling

[FOTO RES.]. (→56)

Wanneer het aantal op te nemen beelden meer dan 99.999 is, wordt er ‘+99999’ aangegeven.

Beeldverhouding

[FOTO RES.]

Ingebouwd geheugen

14 M 10 M EZ 5 M EZ 3 M EZ 0.3 M EZ 12.5 M 10.5 M

4320×3240 3648×2736 2560×1920 2048×1536 640×480 4320×2880 4320×2432

8 12 20 27 200 9 11

256 MB

512 MB

1 GB

2 GB

97 135 220 300 2150 105 125

195 270 440 600 4310 210 250

390 550 900 1220 8780 440 520

Geheugenkaart

4 GB

6 GB

8 GB

12 GB

16 GB

24 GB

780 1080 1770 2410 17240 880 1030

1190 1650 2690 3660 26210 1330 1580

1590 2210 3610 4910 35080 1790 2110

2400 3330 5440 7400 52920 2700 3190

3200 4450 7260 9880 70590 3600 4250

32 GB

48 GB

64 GB

9330 13000 21420 28020 182140 10400 12560

12670 17650 29070 38020 247160 14120 17040

De genoemde cijfers zijn een schatting. Ze kunnen variëren afhankelijk van omstandigheden, kaarttype en onderwerp.

Opnamecapaciteit/tijden die op het lcd-scherm worden weergegeven, zullen mogelijk niet regelmatig verminderd zijn.

Capaciteit opnametijd (bewegende beelden)

De beschikbare opnametijd varieert, afhankelijk van de instelling [OPN. KWALITEIT].

(→52)

[OPN. KWALITEIT]

Ingebouwd geheugen

Geheugenkaart

256 MB

512 MB

1 GB

2 GB

4 GB

6 GB

8 GB

[HD]

59 s

2 min

4 min

8 min 20 s

16 min 30 s

25 min 10 s

33 min 40 s

[WVGA]

2 min 35 s

5 min 10 s

10 min 20 s

21 min 20 s

41 min 50 s

1 h 3 min

1 h 25 min

[VGA]

2 min 40 s

5 min 20 s

10 min 50 s

22 min 10 s

43 min 40 s

1 h 6 min

1 h 28 min

[QVGA]

1 min 26 s

7 min 50 s

15 min 40 s

31 min 20 s

1 h 4 min

2 h 5 min

3 h 11 min

4 h 15 min

96

VQT2P57

[OPN. KWALITEIT]

12 GB

16 GB

Geheugenkaart

24 GB

32 GB

48 GB

64 GB

[HD]

50 min 50 s

1 h 8 min

1 h 38 min

2 h 16 min

3 h 20 min

4 h 29 min

[WVGA]

2 h 8 min

2 h 52 min

4 h 9 min

5 h 45 min

8 h 27 min

11 h 22 min

[VGA]

2 h 14 min

2 h 59 min

4 h 19 min

5 h 59 min

8 h 48 min

11 h 50 min

[QVGA]

6 h 26 min

8 h 35 min

12 h 27 min

17 h 13 min

25 h 18 min

34 h 3 min

Films kunnen maximaal 15 minuten continu worden opgenomen. Verder kunnen continuopnamen niet groter zijn dan 2 GB. (Voorbeeld: [8 m 20 s] met [HD]) Als u langer wilt opnemen dan 15 minuten of meer dan 2 GB, drukt u opnieuw op de ontspanknop.

(De resterende tijd voor continuopnamen wordt op het scherm weergegeven.)

De tijd die in de tabel wordt weergegeven, is de totale tijd.

VQT2P57

97

• SDXC logo is een handelsmerk van SD-3C, LLC.

• QuickTime en het QuickTime-logo zijn handelsmerken of gedeponeerde handelsmerken van Apple Inc., onder vergunning gebruikt.

• Andere namen, bedrijfsnamen en productnamen die in deze instructies zijn afgedrukt, zijn handelsmerken of gedeponeerde handelsmerken van de respectievelijke bedrijven.

Was this manual useful for you? yes no
Thank you for your participation!

* Your assessment is very important for improving the work of artificial intelligence, which forms the content of this project