Sony | MEX-N4000BT | Sony MEX-N4000BT Cd-ontvanger met Bluetooth® Snelstartgids

Verbinding maken met een BLUETOOTH-apparaat / Verbinding maken met een smartphone
met één aanraking (NFC) / Bluetooth-functies gebruiken / Geluidskenmerken aanpassen /
Instellingen aanpassen
MEX-N4000BT
SETUP
Positie van bedieningselementen en basisfuncties
APP
Houd de knop meer dan 2 seconden
ingedrukt om de functie App Remote uit
te voeren (verbinding).
Hoofdapparaat
N-logo
Raak de bedieningsknop aan met de
Android-telefoon om een BLUETOOTHverbinding tot stand te brengen.
 Ontvanger voor de afstandsbediening
 Schijflade
 Display
  (schijf uitwerpen)

(bladeren)
Hiermee schakelt u de modus
Quick-BrowZer™ in.
(In deze modus kunt u snel in categorieën
zoeken naar een track op een cd, USBapparaat of Bluetooth-audioapparaat*1.)
1 Druk op
(bladeren)*2 om een lijst met
zoekcategorieën weer te geven.
Wanneer de tracklijst verschijnt, drukt
u herhaaldelijk op
(terug) om de
gewenste zoekcategorie weer te geven.
2 Draai aan de bedieningsknop om de
gewenste zoekcategorie te selecteren
en druk op deze knop om uw selectie
te bevestigen.
3 Herhaal stap 2 om de gewenste track
te zoeken.
Het afspelen begint.
Als u de modus Quick-BrowZer wilt
afsluiten, drukt u op
(bladeren).
 Ontgrendelknop van het voorpaneel
 SEEK +/–
/ (vorige/volgende)
/ (snel terugspoelen/snel
vooruitspoelen)
Radio:
Hiermee kunt u automatisch afstemmen
op zenders (indrukken) of handmatig een
©2014 Sony Corporation
zender zoeken (ingedrukt houden).
CD/USB:
Hiermee kunt u een track overslaan
(indrukken), meerdere tracks overslaan
(indrukken en binnen ongeveer 2 seconden
opnieuw indrukken en vasthouden) of
terugspoelen/snel vooruitspoelen in een
track (ingedrukt houden).
BLUETOOTH Audio*3:
Hiermee kunt u een track overslaan
(indrukken) of terugspoelen/snel
vooruitspoelen in een track (ingedrukt
houden).
App Remote*4:
Hiermee kunt u een track overslaan
(indrukken).
 Bedieningsknop
Draai aan deze knop om het volume aan
te passen.
ENTER
Hiermee bevestigt u het geselecteerde item.
Druk op SRC, draai aan de knop en druk
vervolgens op de knop om de bron te
wijzigen.
VOICE
Hiermee kunt u het bellen via
spraakopdrachten activeren.
Wanneer de functie App Remote is
ingeschakeld, wordt de spraakherkenning
geactiveerd (alleen voor Android™-telefoons).
 SRC (bron)*5
Druk deze knop in om het apparaat in te
schakelen (Radio/CD/USB/AUX/BLUETOOTH
audio/BLUETOOTH phone).
OFF
Houd de knop 1 seconde ingedrukt om het
apparaat uit te schakelen.
Houd de knop langer dan 2 seconden
ingedrukt om het apparaat én het display
uit te schakelen.

(terug)
Hiermee keert u terug naar de vorige
weergave op het display.
MODE
Druk op deze knop om de radioband te
selecteren (FM1, FM2, FM3, MW of LW).
Houd de knop ingedrukt om
passsagiersbediening in of uit te schakelen
(iPod).
Druk de knop in om dit apparaat of de
mobiele telefoon te activeren of te
deactiveren (BLUETOOTH-telefoon).
 CALL
Hiermee opent u het telefoonmenu. U kunt
hiermee ook een oproep ontvangen of
beëindigen.
Houd deze knop langer dan 2 seconden
ingedrukt om het BLUETOOTH-signaal in
te schakelen.
 MENU
Hiermee opent u het setup-menu.
DSPL (display)
Houd deze knop ingedrukt en druk er
vervolgens op om display-items te wijzigen.
 Cijfertoetsen (1 t/m 6)
Radio:
Hiermee kunt u opgeslagen zenders
ontvangen (indrukken) of zenders opslaan
(ingedrukt houden).
CD/USB:
1/2: ALBUM / (tijdens het afspelen van
MP3/WMA/WAV*6)
Hiermee kunt u een album overslaan
(indrukken) of meerdere albums overslaan
(ingedrukt houden).
3:
(herhalen)*7
4:
(shuffle)
6: PAUSE
Druk hierop om het afspelen te
onderbreken. Druk nogmaals om het
afspelen te hervatten.
BLUETOOTH Audio*3:
1/2: ALBUM /
3:
(herhalen)*7
4:
(shuffle)
6: PAUSE
Druk hierop om het afspelen te
onderbreken. Druk nogmaals om het
afspelen te hervatten.
BLUETOOTH phone:
Hiermee kunt u bellen naar een opgeslagen
telefoonnummer (indrukken) of een
telefoonnummer opslaan als een voorkeuze
(ingedrukt houden) (in het telefoonmenu).
5: MIC (tijdens een oproep)
Hiermee kunt u het microfoonvolume
instellen (indrukken) of de modus voor
echo-/ruisonderdrukking selecteren
(ingedrukt houden).
App Remote*4:
PAUSE
Druk hierop om het afspelen te
onderbreken. Druk nogmaals om het
afspelen te hervatten.
 AF (alternatieve frequenties)/
TA (verkeersmelding)
Stel met deze knop AF en TA in.
PTY (programmatype)
Houd deze knop ingedrukt om PTY te
selecteren in RDS.
Het voorpaneel verwijderen
De klok instellen
U kunt het voorpaneel van dit apparaat
verwijderen om diefstal te voorkomen.
De klok gebruikt een digitale 24 uursaanduiding.
1
Houd OFF  ingedrukt.
Het apparaat wordt uitgeschakeld.
2
Druk op de ontgrendelknop van het
voorpaneel  en trek het paneel
vervolgens naar u toe om het te
verwijderen.
 AUX-aansluiting
 USB-poort
 Microfoon (op binnenpaneel)
De handsfree-functie werkt alleen naar
behoren als de microfoon niet is afgedekt
met bijvoorbeeld tape.
*1 Alleen beschikbaar voor audio-apparaten die AVRCP
(Audio Video Remote Control Profile) 1.4 of hoger
ondersteunen.
*2 Druk tijdens het afspelen vanaf een USB-apparaat
(bladeren) als u wilt
meer dan 2 seconden op
terugkeren naar het begin van de categorieënlijst.
*3 Als een BLUETOOTH-audioapparaat (met
ondersteuning voor AVRCP van de BLUETOOTHtechnologie) is aangesloten. Afhankelijk van het
apparaat zijn sommige functies wellicht niet
beschikbaar.
*4 Als App Remote wordt uitgevoerd op een iPhone/
Android-telefoon. Afhankelijk van de toepassing zijn
sommige functies wellicht niet beschikbaar.
*5 Als App Remote wordt uitgevoerd op een iPhone/
Android-telefoon, verschijnt de naam van de
toepassing op het display wanneer u de bron
selecteert.
*6 Alleen beschikbaar voor het afspelen vanaf een
USB-apparaat.
*7 Deze knop heeft een voelstip.
Raadpleeg de meegeleverde
gebruiksaanwijzing voor meer informatie
over het werken met BLUETOOTH.
Waarschuwing als de contactschakelaar
van uw auto geen ACC-stand heeft
Zorg ervoor dat de AUTO OFF-functie is
ingesteld. Wanneer u het apparaat uitzet,
wordt het apparaat na de ingestelde
tijdsduur volledig en automatisch
uitgeschakeld. Dit voorkomt dat de batterij
leegraakt. Als u de AUTO OFF-functie niet
instelt, moet u steeds wanneer u de
contactschakelaar uitzet, OFF ingedrukt
houden tot het display is uitgeschakeld.
1
2
3
4
Geluidsalarm
Als u de contactschakelaar uitzet (positie OFF)
zonder het voorpaneel te verwijderen, klinkt er
gedurende enkele seconden een geluidsalarm.
U hoort dit alarm alleen als de ingebouwde
versterker wordt gebruikt.
Serienummers
Zorg ervoor dat de serienummers onder op het
apparaat en achter op het voorpaneel met
elkaar overeenkomen. Als dat niet het geval is,
kunt u geen BLUETOOTH-koppeling tot stand
brengen en ook geen verbinding maken of
verbreken via NFC.
Druk op MENU, draai aan de
bedieningsknop om [GENERAL]
te selecteren en druk vervolgens op
deze knop.
Sluit deel  van het voorpaneel aan op deel 
van het apparaat, zoals is afgebeeld, en druk de
linkerkant op zijn plaats totdat u een klik hoort.
iPod
1
Open de USB-afdekplaat en sluit
vervolgens de iPod of het USB-apparaat
aan op de USB-poort.*
2
Draai aan de bedieningsknop om [BTM] te
selecteren en druk vervolgens op de knop.
De zenders worden opgeslagen onder de
cijfertoetsen waarbij de volgorde wordt
bepaald door hun frequentie.
5
Als het invoeren van een wachtwoord*
is vereist op het BLUETOOTH-apparaat,
voert u [0000] in.
Druk tijdens het afspelen herhaaldelijk
(shuffle) om de
op (herhalen) of
gewenste afspeelmodus te selecteren.
Het kan even duren voordat de gekozen
afspeelmodus start.
Een BLUETOOTH-apparaat
koppelen en er verbinding
mee maken
Het afspelen begint.
Als er al een apparaat is aangesloten, kunt u
het afspelen starten door op SRC te drukken
en [USB] te selecteren (als er een iPod wordt
herkend, wordt [IPD] op het display
weergegeven).
2
* Het wachtwoord, wordt mogelijk ook "code,"
"pincode", "pin" of "sleutel" etc. genoemd,
afhankelijk van het apparaat.
Wanneer u voor de eerste keer verbinding
maakt met een BLUETOOTH-apparaat (mobiele
telefoon, audio-apparaat etc.), is wederzijdse
registratie vereist (dat wordt ook wel "pairing"
of "koppelen" genoemd). Door dit apparaat met
andere apparaten te koppelen, kunnen de
apparaten elkaar herkennen.
Wachtwoordinvoer
[0000]
Wanneer de koppeling tot stand is gebracht,
blijft branden.
Pas het volume aan op dit apparaat.
Het afspelen stoppen
Houd OFF 1 seconde ingedrukt.
Druk herhaaldelijk op SRC om [TUNER]
te selecteren.
Als u de band wilt wijzigen, drukt
u herhaaldelijk op MODE.
Druk op MENU, draai aan de
bedieningsknop om [GENERAL] te
selecteren en druk vervolgens op de knop.
Selecteer [Sony Car Audio] dat op het
display van het BLUETOOTH-apparaat
wordt weergegeven.
Als [Sony Car Audio] niet verschijnt, herhaalt
u de bewerkingen vanaf stap 2.
BLUETOOTH
RADIO
1
4
Welke afspeelmodi er beschikbaar zijn, hangt
af van de geselecteerde geluidsbron.
* Als u een iPod of iPhone wilt aansluiten, gebruikt
u de USB-verbindingskabel van de iPod of iPhone
(niet meegeleverd).
De klok weergeven
Druk op DSPL.
Wanneer u tijdens het rijden wilt afstemmen
op zenders, moet u met het oog op de
verkeersveiligheid BTM (Best Tuning Memory)
gebruiken.
iPod
1
Als u de minuten hebt ingesteld, drukt
u op MENU.
De instelling is voltooid en de klok start.
Automatisch zenders opslaan
USB
Tracks afspelen in diverse modi
Draai aan de bedieningsknop om het uur
en de minuten in te stellen.
Als u de digitale aanduiding wilt verplaatsen,
drukt u op SEEK +/–.
Tip
U kunt de klok automatisch instellen met de
RDS-functie. Zie "Instellingen aanpassen" op de
achterkant van dit blad voor meer informatie en stel
[CT-ON] (kloktijd) in.
CD
Een track van een iPod/USBapparaat afspelen
Draai aan de bedieningsknop om
[CLOCK-ADJ] te selecteren en druk
vervolgens op de knop.
De uuraanduiding knippert.
Opgelet
Het voorpaneel terugplaatsen
USB
Het apparaat verwijderen
Stop het afspelen en verwijder vervolgens het
apparaat.
Opgelet voor iPhone
Als u een iPhone aansluit op de USB-poort, kunt
u het volume alleen aanpassen op de iPhone en
niet op het apparaat. Let op dat u het volume
niet per ongeluk verhoogt op het apparaat
tijdens een telefoongesprek, omdat het geluid
dan mogelijk ineens heel hard klinkt als u het
telefoongesprek beëindigt.
6
1
Plaats het BLUETOOTH-apparaat op minder
dan 1 meter afstand van dit apparaat.
2
Druk op CALL, draai aan de
bedieningsknop om [PAIRING] te
selecteren en druk vervolgens op de knop.
knippert.
De stand-bymodus voor koppelen wordt
geactiveerd op het apparaat.
3
Voer het koppelingsproces uit op het
BLUETOOTH-apparaat, zodat dit het
apparaat herkent.
Selecteer dit apparaat op het BLUETOOTHapparaat om de BLUETOOTH-verbinding
tot stand te brengen.
of licht op wanneer de verbinding
is gemaakt.
Opmerking
Als dit apparaat is verbonden met een BLUETOOTHapparaat, kan het niet worden gedetecteerd door een
ander apparaat. Als u detectie mogelijk wilt maken,
activeert u de koppelingsmodus (pairing) en zoekt
u naar dit apparaat vanaf een ander apparaat.
Het koppelen annuleren
Voer stap 2 uit om de koppelingsmodus te
annuleren nadat dit apparaat en het
BLUETOOTH-apparaat zijn gekoppeld.
Positie van bedieningselementen en basisfuncties / Het voorpaneel verwijderen /
De klok instellen / Zenders automatisch opslaan / Een track van een iPod/
USB-apparaat afspelen / Tracks afspelen in diverse modi /
Een BLUETOOTH-apparaat koppelen en er verbinding mee maken
BLUETOOTH
Verbinding maken met een
BLUETOOTH-apparaat
Als u een gekoppeld apparaat wilt gebruiken,
moet er een verbinding met dit apparaat tot
stand worden gebracht. Bepaalde gekoppelde
apparaten maken automatisch verbinding.
BLUETOOTH
SETUP
Verbinding maken met een
smartphone via één aanraking
(NFC)
Als u de bedieningsknop op het apparaat
aanraakt met een NFC*-compatibele
smartphone, wordt het apparaat automatisch
gekoppeld en verbonden met deze smartphone.
Opmerkingen
 Wees voorzichtig wanneer u met de smartphone
verbinding maakt met het apparaat om krassen te
voorkomen.
 Het verbinding maken met één aanraking is niet
mogelijk wanneer het apparaat al verbonden is met
een ander NFC-compatibel apparaat. Verbreek in dat
geval de verbinding met het andere apparaat en
maak opnieuw verbinding met de smartphone.
BLUETOOTH
1
2
3
Druk op CALL, draai aan
de bedieningsknop om [BT SIGNL] te
selecteren en druk vervolgens op de knop.
Controleer of licht op.
Activeer de BLUETOOTH-functie op het
BLUETOOTH-apparaat.
Maak vanaf het BLUETOOTH-apparaat
verbinding met dit apparaat.
of oplicht.
Vanaf dit apparaat verbinding maken met
het apparaat waarmee het laatst verbinding
is gemaakt
Activeer de BLUETOOTH-functie op het
BLUETOOTH-apparaat.
Druk op SRC.
Selecteer [BT PHONE] of [BT AUDIO].
Druk op ENTER om verbinding te maken met
de mobiele telefoon of op PAUSE om verbinding
te maken met het audio-apparaat.
* NFC (Near Field Communication) is een technologie
die draadloze gegevensuitwisseling tussen diverse
apparaten mogelijk maakt, zoals bijvoorbeeld
mobiele telefoons en IC-tags. Dankzij de NFC-functie
kunnen gegevens gemakkelijk worden uitgewisseld
door met het apparaat het relevante symbool of een
aangewezen locatie op een NFC-compatibel apparaat
aan te raken.
Voor een smartphone waarop Android OS 4.0
of lager is geïnstalleerd, moet de app "NFC Easy
Connect", die beschikbaar is op Google Play™,
worden gedownload. De app kan in sommige
landen/regio's mogelijk niet worden
gedownload.
1
2
Activeer de NFC-functie op de smartphone.
Raadpleeg de gebruiksaanwijzing die bij de
smartphone is geleverd, voor meer
informatie.
Raak het gedeelte van het apparaat met
het N-logo aan met het gedeelte van de
smartphone met het N-logo.
Opmerking
Tijdens het streamen van BLUETOOTH-audio kunt
u geen verbinding maken vanaf dit apparaat met de
mobiele telefoon. Maak in plaats daarvan verbinding
vanaf de mobiele telefoon met dit apparaat.
Tip
Als het BLUETOOTH-signaal is ingeschakeld: als de auto
wordt gestart maakt dit apparaat automatisch
verbinding met de mobiele telefoon waarmee het laatst
verbinding is gemaakt.
De microfoon installeren
Als u de microfoon (niet meegeleverd)
installeert, zal de geluidskwaliteit beter worden
bij het praten via dit apparaat. Raadpleeg de
gebruiksaanwijzing die bij de microfoon wordt
geleverd, om na te gaan hoe u de microfoon
moet aansluiten.
BLUETOOTH-functies gebruiken
1
Druk op CALL.
Het telefoonmenu verschijnt.
2
Draai aan de bedieningsknop om het
gewenste item te selecteren en druk
vervolgens op deze knop.
3
Druk op
(terug)*.
De bron keert terug naar de BLUETOOTHtelefoon.
* Stap 3 is niet nodig bij de instellingen PAIRING,
REDIAL, VOICE DIAL en BT SIGNL.
U kunt de volgende items instellen:
PAIRING*1
Hiermee wordt dit apparaat in de stand-bymodus
gezet voor koppeling (pairing) met BLUETOOTHapparaten.
PHONEBOOK
Hiermee belt u het nummer dat is geselecteerd
door de gebruiker in het telefoonboek*2.
REDIAL
Hiermee belt u opnieuw het laatst gekozen
telefoonnummer.
Controleer of
het apparaat.
oplicht op het display van
De verbinding verbreken met één aanraking
Raak het gedeelte met het N-logo op het
apparaat opnieuw aan met het gedeelte met
het N-logo van de smartphone.
RECENT CALL
Hiermee kan de gebruiker een telefoonnummer
selecteren in de belgeschiedenis en dat nummer
opnieuw bellen*2.
VOICE DIAL
Hiermee kan het bellen via spraakopdrachten
worden geactiveerd, zodat de gebruiker iemand
kan bellen door het bijbehorende spraaklabel uit
te spreken.
DIAL NUMBER
Hiermee wordt het telefoonnummer gebeld dat
door de gebruiker is ingevoerd.
RINGTONE*1*3
Hiermee kunt u opgeven of de beltoon moet
klinken via dit apparaat of via de mobiele
telefoon: [1] (dit apparaat), [2] (mobiele telefoon).
AUTO ANS*1 (automatisch beantwoorden)
Hiermee kan dit apparaat zo worden ingesteld dat
het binnenkomende oproepen automatisch
beantwoordt: [OFF], [1] (ongeveer 3 seconden),
[2] (ongeveer 10 seconden).
RADIO
CD
USB
iPod
BLUETOOTH
Geluidskenmerken aanpassen
1
2
Druk tijdens een radio-uitzending of het
afspelen van tracks op MENU, draai aan de
bedieningsknop om [SOUND] te selecteren
en druk vervolgens op deze knop.
Draai aan de bedieningsknop om het
gewenste item te selecteren en druk
vervolgens op de knop.
AUTO PAIRING*1
Hiermee kunt u de BLUETOOTH-koppeling
automatisch starten wanneer een iOS-apparaat
van versie 5.0 of hoger wordt aangesloten via
USB: [ON], [OFF].
3
BT SIGNL*1 (BLUETOOTH-signaal)
Hiermee kunt u de BLUETOOTH-functie activeren:
[ON], [OFF].
4
BT INIT*4 (BLUETOOTH initialiseren)
Hiermee initialiseert u alle BLUETOOTHinstellingen (koppelingsinformatie,
voorkeuzenummer, apparaatgegevens etc.).
De volgende items kunnen worden ingesteld,
afhankelijk van bron en instelling:
*1 U kunt deze items ook selecteren door te drukken
op MENU en te draaien aan de bedieningsknop om
[BT] te selecteren.
*2 Wanneer u verbinding maakt met een mobiele
telefoon die PBAP (Phone Book Access Profile)
ondersteunt.
*3 Afhankelijk van de mobiele telefoon wordt de
beltoon van dit apparaat mogelijk ook afgespeeld
bij instelling [2] (mobiele telefoon).
*4 Verschijnt in het setup-menu wanneer het apparaat
wordt uitgeschakeld.
SETUP
POSITION (luisterpositie)
Draai aan de bedieningsknop om de
instelling te selecteren en druk vervolgens
op de knop.
De instelling is voltooid.
Druk op
(terug) om terug te keren naar
de vorige weergave op het display.
SOUND - geluidsinstellingen:
C.AUDIO+ (helder geluid)
Hiermee wordt geluid gereproduceerd door het
digitale signaal te optimaliseren met de door
Sony aanbevolen geluidsinstellingen: [ON], [OFF].
(Wordt automatisch op [OFF] ingesteld als
[EQ10 PRESET] wordt gewijzigd.)
EQ10 PRESET
Hiermee kunt u een van de 10 equalisatiecurves
of 'uit' selecteren: [R AND B], [ROCK], [POP],
[DANCE], [HIP-HOP], [ELECTRONICA], [JAZZ],
[SOUL], [COUNTRY], [CUSTOM], [OFF].
Er kan voor elke bron een equalisatiecurve in het
geheugen worden opgeslagen.
EQ10 SETTING
Hiermee stelt u [CUSTOM] of EQ10 in.
BASE
Hiermee kunt u een vooraf ingestelde
equalisatiecurve selecteren als basis voor verdere
aanpassingen: [BAND1] 32 Hz, [BAND2] 63 Hz,
[BAND3] 125 Hz, [BAND4] 250 Hz, [BAND5] 500 Hz,
[BAND6] 1 kHz, [BAND7] 2 kHz, [BAND8] 4 kHz,
[BAND9] 8 kHz, [BAND10] 16 kHz.
U kunt het volume aanpassen in stappen van 1 dB,
van -6 dB tot +6 dB.
SET F/R POS (positie voorin/achterin instellen)
Hiermee wordt een natuurlijk geluid gesimuleerd
door het geluid uit de luidspreker voorin of
achterin te vertragen, afhankelijk van uw positie.
FRONT L (): Voorin links
FRONT R (): Voorin rechts
FRONT (): Midden voor
ALL (): Midden in uw auto
CUSTOM: Positie instellen via App Remote
OFF: Geen positie ingesteld
ADJ POSITION*1 (adjust position; positie
aanpassen)
Hiermee kunt u de instelling van de luisterpositie
heel precies afstellen.
Aanpasbare bereik: [+3] – [CENTER] – [-3].
SET SW POS*1 (subwooferpositie instellen)
NEAR (): Dichtbij
NORMAL (): Normaal
FAR (): Veraf
BALANCE
Hiermee past u de geluidsbalans aan:
[RIGHT-15] – [CENTER] – [LEFT-15].
FADER
Hiermee past u het relatieve niveau aan:
[FRONT-15] – [CENTER] – [REAR-15].
DSEE (digitale geluidsverbetering)
Hiermee kunt digitaal gecomprimeerd geluid
verbeteren door hoge frequenties te herstellen
die verloren zijn gegaan bij het comprimeren.
Er kan voor elke andere bron dan de tuner een
equalisatiecurve in het geheugen worden
opgeslagen.
Hiermee kunt u de DSEE-modus selecteren:
[ON], [OFF].
LOUDNESS
Hiermee kunt u de lage en hoge tonen versterken
voor een helder geluid bij een laag volume:
[ON], [OFF].
AAV (geavanceerde automatische volumeregeling)
Hiermee kunt u het afspeelvolume van alle
afspeelbronnen instellen op het optimale niveau:
[ON], [OFF].
RB ENH*2 (basverbetering achterin)
Met de functie voor basverbetering achterin wordt
het basgeluid verbeterd door een low-pass-filter
toe te passen op de achterluidsprekers. Met deze
functie kunt u de achterluidsprekers laten
functioneren als een subwoofer, als er geen
subwoofer is aangesloten. (Alleen beschikbaar als
[SW DIREC] is ingesteld op [OFF].)
RBE MODE (modus voor basverbetering achterin)
Hiermee kunt u de modus voor basverbetering
achterin selecteren: [1], [2], [3], [OFF].
LPF FREQ (low pass filter-frequentie)
Hiermee kunt u de grensfrequentie van de
subwoofer selecteren: [50Hz], [60Hz], [80Hz],
[100Hz], [120Hz].
LPF SLOP (low pass filter-helling)
Hiermee kunt u de LPF-helling selecteren:
[1], [2], [3].
SW DIREC*3 (subwoofer via directe verbinding)
U kunt de subwoofer gebruiken zonder een
versterker door deze aan te sluiten op het snoer
van de achterluidspreker. (Alleen beschikbaar als
[RBE MODE] is ingesteld op [OFF].)
Zorg ervoor dat u een 4 - 8 ohm subwoofer op
een snoer van een van beide achterluidsprekers
aansluit. Sluit geen luidspreker aan op het snoer
van de andere achterluidspreker.
SW MODE (subwoofermodus)
Hiermee kunt u de subwoofermodus selecteren:
[1], [2], [3], [OFF].
SW PHASE (subwooferfase)
Hiermee kunt u de subwooferfase selecteren:
[NORM], [REV].
SW POS*1 (subwooferpositie)
Hiermee kunt de subwooferpositie selecteren:
[NEAR], [NORMAL], [FAR].
LPF FREQ (Low Pass Filter-frequentie)
Hiermee kunt u de grensfrequentie van de
subwoofer selecteren: [50Hz], [60Hz], [80Hz],
[100Hz], [120Hz].
LPF SLOP (low pass filter-helling)
Hiermee kunt u de LPF-helling selecteren: [1], [2], [3].
S.WOOFER (subwoofer)
SW LEVEL (subwoofervolume)
Hiermee past u het volume van de
subwoofer aan:
[+10 dB] – [0 dB] – [-10 dB].
([ATT] wordt weergegeven bij de laagste
instelling.)
SW PHASE (subwooferfase)
Hiermee kunt u de subwooferfase selecteren:
[NORM], [REV].
SW POS*1 (subwooferpositie)
Hiermee kunt de subwooferpositie selecteren:
[NEAR], [NORMAL], [FAR].
LPF FREQ (low pass filter-frequentie)
Hiermee kunt u de grensfrequentie van de
subwoofer selecteren: [50Hz], [60Hz], [80Hz],
[100Hz], [120Hz].
LPF SLOP (low pass filter-helling)
Hiermee kunt u de LPF-helling selecteren: [1], [2], [3].
HPF (High Pass Filter)
HPF FREQ (high pass filter-frequentie)
Hiermee kunt u de grensfrequentie van de
luidspreker voorin of achterin selecteren: [OFF],
[50Hz], [60Hz], [80Hz], [100Hz], [120Hz].
HPF SLOP (high pass filter-helling)
Hiermee kunt u de HPF-helling selecteren (alleen
actief als [HPF FREQ] op iets anders dan "OFF" is
ingesteld): [1], [2], [3].
AUX VOL*4 (AUX-volume)
Hiermee past u het volume aan voor elk extra
(auxiliary) apparaat dat is aangesloten: [+18 dB] –
[0 dB] – [-8 dB].
Met deze instelling is het niet meer nodig om het
volume van de diverse bronnen in te stellen.
BTA VOL*5 (volume van BLUETOOTH-audio)
Hiermee past u het volume aan voor elk
aangesloten BLUETOOTH-apparaat:
[+6 dB] – [0 dB] – [-6 dB].
Met deze instelling is het niet meer nodig om het
volume van de diverse bronnen in te stellen.
*1
Wordt niet weergegeven als [SET F/R POS] is
ingesteld op [OFF].
Als [SW DIREC] is ingesteld op [OFF].
*3 Als [RBE MODE] is ingesteld op [OFF].
*4 Als het AUX-apparaat is geselecteerd.
*5 Als de BLUETOOTH-audiobron is geactiveerd.
*2
Opmerking
Deze instellingen zijn niet beschikbaar voor een
BLUETOOTH-telefoonbron.
RADIO
CD
USB
iPod
BLUETOOTH
Instellingen aanpassen
1
Druk op MENU, draai aan de
bedieningsknop om de gewenste
categorie te selecteren en druk vervolgens
op de knop.
2
Draai aan de bedieningsknop om het
gewenste item te selecteren en druk
vervolgens op deze knop.
3
4
Draai aan de bedieningsknop om de
instelling te selecteren en druk vervolgens
op de knop.*
De instelling is voltooid.
Druk op
(terug) om terug te keren naar
de vorige weergave op het display.
* Stap 4 is niet nodig bij de instellingen CLOCK-ADJ
en BTM.
De volgende items kunnen worden ingesteld,
afhankelijk van bron en instelling:
GENERAL - algemene instellingen:
CLOCK-ADJ (Clock Adjust; klok aanpassen)
Hiermee kunt u de klok aanpassen.
CAUT ALM*1 (Caution Alarm; geluidsalarm)
Hiermee kunt u het geluidsalarm activeren:
[ON], [OFF].
(Alleen beschikbaar als het apparaat is
uitgeschakeld.)
BEEP
Hiermee kunt u het piepgeluid activeren:
[ON], [OFF].
AUTO OFF
Hiermee kunt u opgeven na hoeveel tijd het
apparaat automatisch volledig moet worden
uitgeschakeld nadat het apparaat is uitgezet:
[NO], [30S] (30 seconden), [30M] (30 minuten),
[60M] (60 minuten).
AUX-A*1*2 (AUX-audio)
Hiermee kunt u de weergave van de AUX-bron
(extra apparaat) activeren: [ON], [OFF]. (Alleen
beschikbaar als het apparaat is uitgeschakeld.)
REAR/SUB
Hiermee kunt u overschakelen naar een andere
audio-uitgang: [SUB-OUT] (subwoofer),
[REAR-OUT] (versterker).
(Alleen beschikbaar als het apparaat is
uitgeschakeld.)
CT (kloktijd)
Hiermee kunt u de CT-functie activeren: [ON], [OFF].
REGIONAL*3
Hiermee kunt u de ontvangst beperken tot een
specifieke regio: [ON], [OFF]. (Alleen beschikbaar
bij FM-ontvangst.)
BTM*4
Hiermee kunt u automatisch radiostations
opslaan.
*1
*2
*3
*4
Als het apparaat is uitgeschakeld.
Verschijnt niet in App Remote.
Bij FM-ontvangst.
Als de tuner is geselecteerd.
SOUND - geluidsinstellingen:
Zie "Geluidskenmerken aanpassen" voor meer
informatie.
DISPLAY- displayinstellingen:
DEMO (demonstratie)
Hiermee kunt u de demonstratie activeren:
[ON], [OFF].
DIMMER
Hiermee kunt u de helderheid van het display
wijzigen: [ON], [OFF].
ILLUM (verlichting)
Hiermee kunt u de kleur van de verlichting
wijzigen: [1], [2].
AUTO SCR* (automatisch schuiven)
Hiermee kunt u automatisch schuiven in lange
items: [ON], [OFF].
* Als CD, USB of BLUETOOTH-audio is geselecteerd.
BT (BLUETOOTH):
Zie "BLUETOOTH-functies gebruiken" voor meer
informatie.
APP REM (App Remote):
Hiermee kunt u het uitvoeren van App Remote
starten.
Download PDF