Nikon SB-910 de handleiding
Реклама
Реклама
Autofocus Speedlight
Gebruikshandleiding
Nl
Over de SB-910 en deze gebruikshandleiding
A
Hartelijk dank voor de aanschaf van de Nikon Speedlight SB-910. Lees deze gebruikshandleiding grondig door voordat u de Speedlight gaat gebruiken, om ervoor te zorgen dat u de Speedlight optimaal benut. Bewaar de handleiding voor het geval u deze in de toekomst nogmaals nodig hebt.
Vinden wat u zoekt
i Inhoudsopgave ( 0 A-11)
Hierin kunt u zoeken op item, zoals bedieningsmethode, fl itsstand of functie.
i Eenvoudig zoeken op doelstelling ( 0 A-9)
U kunt zoeken op basis van uw doelstelling zonder dat u de speci fi eke naam of term kent van het item dat u zoekt.
i Index ( 0
U kunt zoeken met behulp van de alfabetische index.
H-22) i Problemen oplossen ( 0 H-1)
Hier kunt u de oorzaak achterhalen als u een probleem hebt met uw Speedlight.
Voor uw veiligheid
Lees de veiligheidsinstructies in “Voor uw veiligheid” ( 0 A-14 – A-18) voordat u de
Speedlight de eerste maal gebruikt.
A –2
Meegeleverde accessoires
Controleer of alle onderstaande accessoires bij de SB-910 zijn meegeleverd. Als er accessoires ontbreken, moet u meteen contact opnemen met de winkel waar u de
SB-910 hebt gekocht.
❑ Speedlightfl itsstandaard AS-21
❑ Nikon-diffusiekap SW-13H
❑ Filter voor tl-licht SZ-2FL
❑ Filter voor gloeilamplicht SZ-2TN
❑ Zachte tas SS-910
❑ Gebruikshandleiding (deze handleiding)
❑ Een verzameling voorbeeldfoto’s
❑ Garantiekaart
A
Speedlightfl itsstandaard AS-21
Zachte tas SS-910
SB-910
Filter voor tl-licht SZ-2FL
Filter voor gloeilamplicht SZ-2TN
Nikon-diffusiekap
SW-13H
A –3
Over de SB-910 en deze gebruikshandleiding
A
Over de SB-910
De SB-910 is een krachtige Speedlight die compatibel is met het Nikon Creatief
Verlichtingssysteem (CLS) met een richtgetal van 34/48 (ISO 100/200, m) (positie van de zoomkop op 35 mm bij Nikon FX-formaat met standaard verlichtingspatroon, 20 °C).
CLS-compatibele camera’s
Nikon digitale spiegelreflexcamera’s (Nikon FX/DX-formaat)
(uitgezonderd D1-serie, D100), F6, COOLPIX-camera’s (P7100,
P7000, P6000)
Over deze gebruikshandleiding
Deze handleiding is samengesteld met de veronderstelling dat de SB-910 wordt gebruikt in combinatie met een camera die compatibel is met het CLS en een
CPU-objectief ( 0 A-5). Lees deze gebruikshandleiding grondig door voordat u de
Speedlight gaat gebruiken, om ervoor te zorgen dat u de Speedlight optimaal benut.
• Voor gebruik met niet-CLS-compatibele spiegelreflexcamera’s wordt u verwezen naar “Voor gebruik met niet-CLS compatibele spiegelreflexcamera’s.” ( 0 F-1)
• Voor gebruik met i-DDL-compatibele COOLPIX-camera’s (P5100, P5000, E8800,
E8400) wordt u verwezen naar “Voor gebruik met COOLPIX-camera’s.” ( 0 G-1)
• Het aparte boekje “Een verzameling voorbeeldfoto’s” biedt een overzicht van de flitsmogelijkheden van de SB-910 met voorbeeldfoto’s.
• Voor camerafuncties en -instellingen, raadpleeg de gebruikshandleiding van de camera.
Symbolen die worden gebruikt in deze gebruikshandleiding v
Staat bij informatie waaraan u speciale aandacht moet schenken om te voorkomen dat de Speedlight defect raakt en om fouten tijdens het fotograferen te vermijden.
t
Staat bij informatie of tips die het gebruik van de Speedlight vereenvoudigen.
0 Verwijzingen naar andere pagina’s in deze gebruikshandleiding.
A –4
t
Tips voor het herkennen van CPU NIKKOR-objectieven
CPU-objectieven hebben CPU-contacten.
CPU-contacten
• De SB-910 kan niet worden gebruikt met IX-Nikkorobjectieven.
A
A –5
Over de SB-910 en deze gebruikshandleiding
A
Terminologie
■ Standaardinstellingen
De instellingen voor functies en standen op het moment van aankoop
■ Nikon Creatief Verlichtingssysteem ( CLS)
Een verlichtingssysteem dat diverse fl itsmogelijkheden biedt met verbeterde communicatie tussen de Nikon Speedlights en camera’s
■ Verlichtingspatronen
Controletypes van lichtwegval aan de randen; de SB-910 heeft drie verlichtingspatronen, standaard, gelijkmatig en centrumgericht.
■ FX-formaat/ DX-formaat
Beeldgebieden van de Nikon digitale spiegelre fl excamera (FX-formaat: 36 × 24,
DX-formaat: 24 × 16)
■ Richtgetal (RG)
De hoeveelheid licht van de fl itser; RG = afstand fl itser tot onderwerp (m) × f-waarde van het diafragma (ISO 100)
■ Positie van de zoomkop
Positie van een Speedlight-zoomkop; de dekkingshoek verandert wanneer de positie van de zoomkop verandert.
■ Effectieve fl itsafstand
Afstand van fl itser tot onderwerp met correct aangepaste fl itssterkte
■ Afstandsbereik bij fl
Bereik van de effectieve fl itsafstand
■ Flitscorrectie
Intentionele aanpassing van de fl itssterkte voor de gewenste helderheid
A –6
■ i-DDL-stand
Flitsstand waarbij de Speedlight monitorvoor fl itsen afgeeft en de camera het weerkaatste licht meet en de fl itssterkte van de Speedlight regelt
Monitorvoor fl itsen
Nauwelijks zichtbare fl itsen die worden uitgezonden vóór de echte fl itsen zodat de camera het licht dat op het onderwerp wordt weerspiegeld kan meten i-DDL-uitgebalanceerde invul fl its
Type i-DDL-stand waarbij het fl itssterkteniveau wordt ingesteld op een goed uitgebalanceerde belichting van het hoofdonderwerp en de achtergrond
Standaard i-DDL
Type i-DDL-stand waarbij het fl itssterkteniveau wordt ingesteld op een juiste belichting van het hoofdonderwerp ongeacht de helderheid van de achtergrond
■ Flitsstand automatisch diafragma
Niet-DDL automatische fl itsstand met diafragmaprioriteit; de Speedlight meet het weerkaatste fl itslicht en regelt de fl itssterkte overeenkomstig de weerkaatste fl itslichtgegevens en de objectief- en camera-informatie
■ Niet-DDL automatische fl itsstand
Automatische fl itsstand zonder DDL; de Speedlight meet het weerkaatste fl itslicht en regelt de fl itssterkte overeenkomstig de weerkaatste fl itslichtgegevens
■ Handmatige fl
Handmatige fl itsmodus met afstandsprioriteit; de afstand fl itser tot onderwerp wordt ingesteld en het fl itssterkteniveau van de Speedlight wordt aangepast in overeenstemming met de camera-instellingen.
■ Handmatige fl
Flitsstand waarbij het fl itssterkteniveau en het diafragma handmatig worden ingesteld om de gewenste belichting te verkrijgen
■ Stroboscopische fl itsmodus
Flitsmodus waarbij de Speedlight herhaaldelijk tijdens een enkele opname fl itst om meervoudige stroboscopische effecten te verkrijgen
A
A –7
Over de SB-910 en deze gebruikshandleiding
A
■ Stap
De eenheid van de sluitertijd of het diafragma; een wijziging van één stap halveert/ verdubbelt de hoeveelheid licht die de camera binnenvalt
■ EV (LW, belichtingswaarde)
Een toename van 1 in de belichtingswaarde komt overeen met een wijziging van
één stap in de belichting, wat u kunt bewerkstelligen door de sluitertijd of het diafragma te halveren/verdubbelen
■ Fotograferen met meervoudige draadloze fl
Flitsfotogra fi e waarbij met meerdere draadloze fl itsers gelijktijdig wordt ge fl itst
Hoofd fl
De fl itser die de secundaire fl itsers bestuurt bij fl itsfotogra fi e met meerdere fl itsers
Secundaire fl itser
Een fl itser die fl itst op basis van opdrachten vanaf de hoofd fl itser
Geavanceerde draadloze fl itssturing
Fotograferen met meervoudige draadloze fl itsers met CLS; meervoudige secundaire fl itsergroepen kunnen worden gestuurd door de hoofd fl itser.
SU-4-type fotograferen met meervoudige draadloze fl itsers
Fotograferen met meervoudige draadloze fl itsers geschikt voor het fotograferen van een snel bewegend onderwerp; de hoofd fl itser en de secundaire fl itsers fl itsen bijna tegelijk omdat de hoofd fl itser geen monitorvoor fl itsen afgeeft.
A –8
Eenvoudig zoeken op doelstelling
U kunt zoeken naar speci fi eke informatie aan de hand van uw doelstelling.
Flitsfotografie 1
(met SB-910 op camera gemonteerd)
Ik wil meer weten over
De fl itsstanden
De eenvoudigste manier om foto’s te maken
Formele groepsfoto’s maken
Trefwoorden
Flitsstanden
Basisprocedures
Verlichtingspatroon:
Gelijkmatig
Verlichtingspatroon:
Centrumgericht
Portretfoto’s maken waarbij het hoofdonderwerp wordt benadrukt
Foto’s maken met zachte schaduwen op een muur
Flitsfoto’s maken met autofocus bij weinig licht
Nachtfoto’s maken van het onderwerp en de achtergrond
Foto’s maken zonder dat personen rode ogen hebben
Foto’s maken van een bewegend onderwerp met stroboscopische meervoudige belichtingseffecten
Gebruik van de SB-910 met een niet-CLScompatibele spiegelre fl excamera
Gebruik van de SB-910 met een COOLPIX-camera
Indirect fl itsen
De lichtomstandigheden controleren
Lichtere (of donkere) foto’s maken van het onderwerp
Foto’s maken bij tl-licht en gloeilamplicht, waarbij de kleur van het licht wordt gecorrigeerd
Foto’s maken waarbij een bepaalde kleur wordt toegevoegd
Instellicht
Flitscorrectie
Kleurcorrectie fi
Kleur fi lters
AF-hulpverlichting
Trage synchronisatie
Rode-ogenreductie
Stroboscopische fl itsmodus
Niet-CLS-compatibele spiegelre fl
COOLPIX-camera’s
E-2
E-12
E-25
C-18
F-1
G-1
0
C-1
B-6
E-2
E-4
E-21
E-17
E-12
E-19
E-25
A
B
C
D
E
F
G
H
A –9
Eenvoudig zoeken op doelstelling
A
Flitsfotografie 2
(met draadloze SB-910)
Ik wil meer weten over
Foto’s maken met meerdere fl itsers
Een snelbewegend onderwerp fotograferen met meervoudige draadloze fl itsers
Foto’s maken met de SB-910 en een COOLPIXcamera compatibel met fotograferen met meervoudige draadloze fl itsers
Trefwoorden
Geavanceerde draadloze fl itssturing
SU-4-type fotograferen met meervoudige draadloze fl itsers
CLS-compatibele COOLPIXcamera’s
0
D-1
D-12
G-1
Instellingen en bediening
Ik wil meer weten over
Het soort batterijen dat ik in de Speedlight moet gebruiken
Trefwoorden
Geschikte batterij
De oplaadtijd en hoeveel fl itsen er mogelijk zijn met een stel verse batterijen
De instellingen van de functies veranderen
Min. aantal fl voor elk type batterij
Persoonlijke instellingen
De diverse instellingen terugzetten Reset met twee knoppen
De schijf en knoppen van de Speedlight vergrendelen om abusievelijke bediening te voorkomen
Knopvergrendeling
De fi rmware van de Speedlight updaten Firmware-update
0
B-7
H-21
B-13
B-12
B-4
H-9
A –10
Inhoudsopgave
A
B
C
D
Voorbereiding
Over de SB-910 en deze gebruikshandleiding ........................................A-2
Eenvoudig zoeken op doelstelling .........................................................A-9
Voor uw veiligheid ..............................................................................A-14
Controleren vóór gebruik ....................................................................A-19
Bediening
Onderdelen van de Speedlight .............................................................. B-1
Functieknoppen .................................................................................... B-5
Basisprocedures .................................................................................... B-6
Instellingen en het lcd ......................................................................... B-12
Persoonlijke functies en instellingen ................................................... B-13
Flitsstanden
i-DDL-stand...........................................................................................C-1
Flitsstand automatisch diafragma ..........................................................C-5
Niet-DDL automatische fl itsstand ..........................................................C-8
Handmatige fl itsmodus met afstandsprioriteit .....................................C-12
Handmatige fl itsmodus .......................................................................C-15
Stroboscopische fl itsmodus .................................................................C-18
Fotograferen met meervoudige draadloze
fl
itsers
Instellingen op de SB-910 voor fotograferen met meervoudige draadloze fl itsers ................................................................................D-1
Functies op de SB-910 voor met meervoudige draadloze fl itsers ............D-4
De hoofd fl itser instellen ........................................................................D-6
De secundaire fl itser instellen ................................................................D-7
Geavanceerde draadloze fl itssturing ......................................................D-8
SU-4-type fotograferen met meervoudige draadloze fl itsers ................D-12
Secundaire fl itsers ...............................................................................D-17
De opnameomstandigheden controleren bij fotograferen met meervoudige draadloze fl itsers .........................................................D-20
A
B
C
D
E
F
G
H
A –11
Inhoudsopgave
A
E
Functies
Het verlichtingspatroon wijzigen ........................................................... E-2
Indirect fl itsen ....................................................................................... E-4
Close-up foto’s maken .......................................................................... E-9
Flitsfotogra fi e met kleur fi lters .............................................................. E-12
Ondersteunende fl itsfuncties ............................................................... E-17
Handmatige instelling van ISO-gevoeligheid .................................. E-21
Test fl its ......................................................................................... E-21
Stand-by-functie ........................................................................... E-22
Functies die moeten worden ingesteld op de camera .......................... E-24
F
Voor gebruik met niet-CLS compatibele spiegelre
fl
excamera’s
............................................................... F-1
G
Voor gebruik met COOLPIX-camera’s
............................... G-1
A –12
H
Tips voor onderhoud van de Speedlight en naslaginformatie
Problemen oplossen ..............................................................................H-1
Richtgetal, diafragma en afstand fl itser tot onderwerp ..........................H-4
Tips voor onderhoud van de Speedlight ................................................H-5
Opmerkingen over batterijen ................................................................H-7
Over het lcd-venster ..............................................................................H-8
Firmware-update ..................................................................................H-9
Optionele accessoires ..........................................................................H-10
Speci fi caties ........................................................................................H-13
Index ..................................................................................................H-22
A
B
C
D
E
F
G
H
A –13
Voor uw veiligheid
A
Lees de volgende veiligheidsinstructies zorgvuldig door voordat u dit product gaat gebruiken om te zorgen dat u het product correct en veilig gebruikt en om schade aan uw Nikon-product of letsel van uzelf of anderen te voorkomen.
Bewaar deze veiligheidsinstructies in de buurt van het product, zodat iedereen die het product gebruikt ze kan lezen.
In deze handleiding worden veiligheidsinstructies aangeduid met deze symbolen:
WAARSCHUWING
Als u instructies die worden aangeduid met dit symbool negeert, kan dit leiden tot persoonlijk letsel, de dood of schade aan eigendommen.
LET OP
Als u instructies die worden aangeduid met dit symbool negeert, kan dit leiden tot schade aan eigendommen.
1.
2.
3.
4.
5.
WAARSCHUWINGEN voor Speedlights
Als bijtende vloeistoffen uit de batterijen lekken en in uw ogen terechtkomen, dient u uw ogen direct uit te spoelen met stromend water en een arts te raadplegen.
Uw ogen kunnen ernstig beschadigen als ze niet snel worden behandeld.
Als bijtende vloeistoffen uit de batterijen lekken en in contact komen met uw huid of kleding, dient u deze direct uit te spoelen met stromend water. Langdurig contact kan leiden tot huidletsel.
Probeer de flitser nooit zelf uit elkaar te halen of te repareren, aangezien dit een elektrische schok kan veroorzaken en ertoe kan leiden dat de flitser defect raakt. Een dergelijk defect kan leiden tot persoonlijk letsel.
Als de flitser valt en beschadigd raakt, mag u blootliggende interne metalen onderdelen niet aanraken. Dergelijke onderdelen, met name de condensator en bijbehorende onderdelen, kunnen een hoge lading bevatten en bij aanraking een elektrische schok veroorzaken. Koppel de voeding los of verwijder de batterijen en zorg dat u de elektrische onderdelen van het product niet aanraakt. Breng de flitser vervolgens voor reparatie naar een Nikonleverancier of de technische dienst van Nikon.
Als er warmte of rook vrijkomt of als u een brandlucht ruikt, dient u het gebruik direct te stoppen en de batterijen te verwijderen om te voorkomen dat de flitser vlam vat of smelt. Laat de flitser afkoelen, zodat u deze veilig kunt aanraken en verwijder de batterijen. Breng de flitser daarna voor reparatie naar een Nikon-leverancier of de technische dienst van Nikon.
A –14
6.
7.
8.
9.
De flitser mag nooit worden ondergedompeld in water of worden blootgesteld aan regen, zout water of vocht, tenzij deze correct wordt beschermd tegen vloeistoffen en vocht. Voor gebruik onder water is een goedgekeurde onderwaterbehuizing vereist.
Als water of vocht in de flitser terechtkomt, kan dit ertoe leiden dat deze vlam vat of een elektrische schok veroorzaken. In dat geval dient u onmiddellijk de batterijen uit de flitser te verwijderen en deze vervolgens voor reparatie naar een Nikon-leverancier of de technische dienst van Nikon te brengen.
Opmerking: reparatie van elektronische apparaten waarin water of vocht is terechtgekomen, is vaak niet rendabel.
Gebruik de flitser niet in de buurt van ontvlambare of explosieve gassen. Als de flitser wordt gebruikt in de buurt van ontvlambare gassen, waaronder propaan, benzine en stof, kan dit leiden tot ontploffing of brand.
Gebruik de flitser niet terwijl deze is gericht op de bestuurder van een rijdend voertuig, aangezien dit het gezichtsvermogen van de bestuurder tijdelijk kan aantasten en een ongeluk kan veroorzaken.
Gebruik de flitser niet terwijl deze direct is gericht op de ogen van een persoon die zich op korte afstand van de flitser bevindt, aangezien hierdoor het netvlies kan beschadigen. Gebruik de flitser nooit op minder dan
één meter afstand van kinderen.
10. Gebruik de flitser niet terwijl de flitskop in aanraking komt met een persoon of voorwerp.
Dit kan leiden tot brandwonden en/of het ontvlammen van kleding door de hitte van de flits.
11. Houd kleine accessoires buiten bereik van kinderen om te voorkomen dat het accessoire wordt ingeslikt. Als een accessoires per ongeluk wordt ingeslikt, dient u direct een arts te raadplegen.
12. Gebruik alleen de batterijen die in deze gebruikshandleiding worden vermeld. Andere batterijen dan de vermelde batterijen kunnen bijtende vloeistoffen lekken, ontploffen, vlam vatten of anderszins niet naar behoren werken.
13. Gebruik geen batterijen van verschillende typen of merken of oude en nieuwe batterijen door elkaar, aangezien de batterijen bijtende vloeistoffen kunnen lekken, kunnen ontploffen of vlam kunnen vatten. Bij gebruik van meer dan één batterij in een product, dient u altijd identieke batterijen te gebruiken die tegelijk zijn aangeschaft.
14. Niet-oplaadbare batterijen, zoals mangaan-, alkaline- en lithiumbatterijen, mogen nooit worden opgeladen in een batterijlader, aangezien ze bijtende vloeistoffen kunnen lekken, kunnen ontploffen of vlam kunnen vatten.
A
A –15
Voor uw veiligheid
A
15. Als u oplaadbare batterijen van standaardformaat (AA, AAA, C, D) of andere gangbare oplaadbare batterijen, zoals Ni-MH batterijen, gebruikt of als u deze oplaadt, mag u alleen de batterijlader gebruiken die wordt voorgeschreven door de batterijproducent en dient u de instructies zorgvuldig te lezen. U mag deze batterijen niet opladen terwijl ze onjuist in de lader zijn geplaatst of voordat ze voldoende zijn afgekoeld aangezien ze bijtende vloeistoffen kunnen lekken, kunnen ontploffen of vlam kunnen vatten. Dezelfde waarschuwing geldt ook voor het gebruik van de oplaadbare batterijen die zijn geleverd door de fabrikant van het fotoproduct.
1.
2.
3.
4.
5.
VOORZORGSMAATREGELEN voor Speedlights
Raak de flitser niet aan met natte handen, aangezien dit een elektrische schok kan veroorzaken.
Houd de flitser uit de buurt van kinderen om te voorkomen dat ze de flitser in hun mond stoppen of gevaarlijke delen van het product aanraken, aangezien een dergelijke aanraking een elektrische schok kan veroorzaken.
Stel de flitser niet bloot aan hevige schokken, aangezien dit storingen kan veroorzaken die ertoe leiden dat de flitser ontploft of vlam vat.
Gebruik nooit actieve middelen die ontvlambare stoffen bevatten, zoals thinner, benzeen of verfoplosmiddelen, om de flitser te reinigen, spuit nooit insectenspray op de flitser en bewaar het product ook nooit op een plaats met chemicaliën, zoals kamfer en naftaleen, aangezien dit de plastic behuizing kan beschadigen en brand of een elektrische schok kan veroorzaken.
Verwijder de batterijen uit de flitser voordat u deze gedurende langere tijd opbergt om te voorkomen dat de flitser vlam vat of bijtende vloeistoffen lekt.
1.
2.
3.
4.
WAARSCHUWINGEN voor batterijen
U mag batterijen nooit verhitten of in het vuur gooien, aangezien dit ertoe kan leiden dat de batterijen bijtende vloeistoffen lekken, warmte ontwikkelen of ontploffen.
U mag de batterijen niet kortsluiten of uit elkaar halen, aangezien dit ertoe kan leiden dat de batterijen bijtende vloeistoffen lekken, warmte ontwikkelen of ontploffen.
Gebruik geen batterijen van verschillende typen of merken of oude en nieuwe batterijen door elkaar, aangezien dit ertoe kan leiden dat de batterijen bijtende vloeistoffen lekken, warmte ontwikkelen of ontploffen.
Plaats batterijen niet met omgekeerde polariteit, aangezien dit ertoe kan leiden dat de batterijen bijtende vloeistoffen lekken, warmte ontwikkelen of ontploffen. Zelfs als slechts één batterij onjuist is geplaatst, zal dit een storing in de Speedlight veroorzaken.
A –16
5.
6.
Gebruik de batterijlader die wordt voorgeschreven door de batterijfabrikant om te voorkomen dat de batterijen bijtende vloeistoffen lekken, warmte ontwikkelen of ontploffen.
Vervoer of bewaar batterijen niet samen met metalen voorwerpen zoals kettingen en haarspelden aangezien dergelijke voorwerpen ertoe kunnen leiden dat de batterijen kortsluiten, waardoor ze kunnen lekken, warmte kunnen ontwikkelen of kunnen ontploffen. Met name als u een groot aantal batterijen vervoert, dient u ze op te bergen in een speciale houder die voorkomt dat de contactpunten van de batterijen elkaar aanraken. Dit kan er namelijk toe leiden dat de batterijen kortsluiten, waardoor ze kunnen lekken, warmte kunnen ontwikkelen of kunnen ontploffen.
7.
8.
9.
Als bijtende vloeistoffen uit de batterijen lekken en in uw ogen terechtkomen, dient u uw ogen direct uit te spoelen met stromend water en een arts te raadplegen. Uw ogen kunnen ernstig beschadigen als ze niet snel worden behandeld.
Als bijtende vloeistoffen uit de batterijen lekken en in contact komen met uw huid of kleding, dient u deze direct uit te spoelen met stromend water. Langdurig contact kan leiden tot huidletsel.
Houdt u altijd aan de waarschuwingen en instructies op de batterijen om te voorkomen dat de batterijen bijtende vloeistoffen lekken, warmte ontwikkelen of vlam vatten.
10. Gebruik alleen batterijen die worden vermeld in deze gebruikshandleiding om te voorkomen dat de batterijen bijtende vloeistoffen lekken, warmte ontwikkelen of ontploffen.
11. Open nooit de behuizing van de batterijen en gebruik geen beschadigde batterijen, aangezien dergelijke batterijen bijtende vloeistoffen kunnen lekken, warmte kunnen ontwikkelen of kunnen ontploffen.
12. Houd batterijen buiten bereik van kinderen om te voorkomen dat ze worden ingeslikt. Als een batterij per ongeluk wordt ingeslikt, dient u direct een arts te raadplegen.
13. Batterijen mogen niet worden ondergedompeld in water of worden blootgesteld aan regen, vocht of zout water, tenzij ze correct worden beschermd tegen een natte omgeving. Als water of vocht in de batterijen terechtkomt, kan dit ertoe kan leiden dat ze bijtende vloeistoffen lekken of warmte ontwikkelen.
14. Gebruik geen batterijen die er afwijkend uitzien, met inbegrip van een afwijkende kleur of vorm. Dergelijke batterijen kunnen bijtende vloeistoffen lekken of warmte ontwikkelen.
15. Stop het opladen van oplaadbare batterijen als het opladen niet binnen de vermelde tijd is voltooid om te voorkomen dat de batterijen bijtende vloeistoffen lekken of warmte ontwikkelen.
A
A –17
Voor uw veiligheid
A
16. Wanneer u batterijen weggooit of inlevert, dient u de contactpunten af te dekken met tape. Als de positieve en negatieve contacten van de batterij kortsluiten doordat ze in contact komen met metalen voorwerpen, kan dit leiden tot brand, warmte-ontwikkeling of een ontploffing. Gooi gebruikte batterijen weg in overeenstemming met de overheidsvoorschriften.
17. Niet-oplaadbare batterijen mogen nooit worden opgeladen in een batterijlader, aangezien ze bijtende vloeistoffen kunnen lekken of warmte kunnen ontwikkelen.
18. Verwijder lege batterijen direct uit het product, aangezien ze bijtende vloeistoffen kunnen lekken, warmte kunnen ontwikkelen of kunnen ontploffen.
19. Wees voorzichtig dat u zich niet verbrandt wanneer u de batterijen vervangt na continu-opnamen met de flits aangezien de batterijen in dit geval erg warm kunnen zijn.
VOORZORGSMAATREGEL voor batterijen
Gooi niet met batterijen en stel ze niet bloot aan hevige schokken, aangezien dit ertoe kan leiden dat de batterijen bijtende vloeistoffen lekken, warmte ontwikkelen of ontploffen.
Symbool voor gescheiden inzameling voor Europese landen
Dit symbool geeft aan dat dit product via gescheiden inzameling moet worden afgevoerd. Het volgende is alleen van toepassing op gebruikers in Europese landen.
• Dit product is ontworpen met het oog op gescheiden inzameling via een daarvoor bestemd inzamelingspunt. Gooi dit product niet weg als huishoudelijk afval.
• Neem voor meer informatie contact op met de leverancier of de gemeentelijke reinigingsdienst.
A –18
Controleren vóór gebruik
Tips voor het gebruik van de Speedlight
Maak testfoto’s
Maak testfoto’s voordat u foto’s maakt van een belangrijke gebeurtenis, zoals een bruiloft of diploma-uitreiking.
Laat uw Speedlight regelmatig nakijken door Nikon
Nikon beveelt aan uw Speedlight ten minste eenmaal per twee jaar te laten nakijken door een erkende leverancier of servicecenter.
Gebruik uw Speedlight met Nikon-apparatuur
De prestaties van de Nikon Speedlight SB-910 zijn geoptimaliseerd voor gebruik met camera’s, objectieven en accessoires van Nikon.
Camera’s en accessoires van andere fabrikanten voldoen mogelijk niet aan Nikons criteria voor speci fi caties en kunnen in dat geval de onderdelen van de SB-910 beschadigen. Nikon kan de prestaties van de SB-910 niet garanderen bij gebruik met producten die niet door Nikon zijn geproduceerd.
Permanente kennisoverdracht
Als onderdeel van Nikon’s streven naar “permanente kennisoverdracht” en voortdurende productondersteuning en training wordt online voortdurend actuele informatie beschikbaar gesteld op de volgende websites:
• Voor gebruikers in de VS: http://www.nikonusa.com/
• Voor gebruikers in Europa en Afrika: http://www.europe-nikon.com/support/
• Voor gebruikers in Azië, Oceanië en het Midden-Oosten: http://www.nikon-asia.com/
A
Bezoek deze sites voor actuele productinformatie, tips en antwoorden op veelgestelde vragen en voor algemeen advies over digitale beeldverwerking en fotogra fi e. Neem voor meer informatie contact op met de Nikonvertegenwoordiger in uw regio. Bezoek de volgende website voor contactgegevens: http://imaging.nikon.com/
A –19
B
Bediening
Onderdelen van de Speedlight
B
6
7
8
9
1
10
11
2
12
13
3
4
5
1 Flitskop
2 Ontgrendelingsknop voor het kantelen/draaien van de fl itskop
( 0 B-9)
3 Deksel van het batterijvak
4 Ontgrendelingsknop van het deksel van het batterijvak ( 0 B-6)
5 Lichtsensorvenster voor draadloze secundaire fl itser
( 0 D-17)
6 Ingebouwde re fl ectiekaart
( 0 E-8)
B –1
PUSH
14
15
16
17
7 Ingebouwde groothoekdiffusor
( 0 E-10)
8 Flitsvenster
9 Filterdetector ( 0 E-14)
10 AF-hulpverlichting ( 0 E-19)
11 Flitsgereedaanduiding (in de secundaire fl itserstand) ( 0 D-20)
12 Aansluiting voor externe voedingsbron (voorzien van afdekkapje) ( H-11)
13 Lichtsensor voor niet-DDL automatisch fl itsen ( C-5, C-8)
18
19
20
21
22
23
14 Contacten voor de AFhulpverlichting
15 Vergrendelingspin
16 Contacten accessoireschoen
17 Bevestigingsvoetje
18 Schaal voor kantelhoek van fl itskop ( 0 E-4)
19 Schaal voor draaihoek van fl itskop ( 0 E-4)
20 Afdekkapje van synchronisatieaansluiting
21 Synchronisatie-aansluiting
24
22 Lcd-venster ( 0 B-12)
23 Flitsgereedaanduiding
( 0 B-11, D-20)
24 Vergrendelingshendeltje van bevestigingsvoetje ( 0 B-8)
B –2
B
Onderdelen van de Speedlight
B
25
27
28
29
30
31
32
33
34 26
25 [MODE]-knop
Selecteert de fl itsstand ( 0 B-11)
26 [MENU]-knop
Toont de persoonlijke instellingen
( 0 B-13)
27 Functieknop 1
28 Functieknop 2
29 Functieknop 3
• Selecteert het te con fi gureren item
• De toegewezen functie of instelling voor elke knop verschilt afhankelijk van de fl itsstand en de instellingen van de SB-910.
( 0 B-5)
30 Test fl itsknop
• Regelt de test fl itsen ( 0 E-21) en het instellicht ( 0 E-21)
• De knopfunctie, de test fl itsen en het instellicht kunnen worden gewijzigd in de persoonlijke instellingen. ( 0 B-17)
31 Ontgrendelingsknop
Om de draadloze stand voor meervoudige fl itsers in te stellen, draait u de hoofdschakelaar/ schakelaar draadloze stand voor meervoudige fl itsers rond terwijl u de ontgrendelingsknop in het midden van de schakelaar indrukt.
( 0 D-6, D-7)
32 Hoofdschakelaar/schakelaar draadloze stand voor meervoudige fl itsers
• Ronddraaien om de fl itser in en uit te schakelen.
• Hiermee selecteert u de hoofd fl itser of secundaire fl itsers bij gebruik van fotograferen met meervoudige draadloze fl itsers
( 0 D-6, D-7)
33 Selectieschijf
Draai hieraan om het geselecteerde item te wijzigen. Het geselecteerde item wordt gemarkeerd op het lcdvenster. ( 0 B-12)
34 [OK]-knop
Toont de persoonlijke instellingen
( 0 B-12)
B –3
t
De knopvergrendeling activeren
Knopvergrendelingspictogram
Druk de functieknoppen 1 en 2, waar tussenin een vergrendelingspictogram staat, gelijktijdig gedurende 2 seconden in. Het knopvergrendelingspictogram verschijnt op het lcd en de schijf en knoppen worden vergrendeld.
• De hoofdschakelaar/schakelaar draadloze stand voor meervoudige flitsers en de testflitsknop worden niet vergrendeld.
• Om de knopvergrendeling op te heffen, drukt u de functieknoppen 1 en 2 normaals gelijktijdig gedurende 2 seconden in.
B
B –4
Functieknoppen
De toegewezen functie of instelling voor elke knop verschilt afhankelijk van de fl itsstand en de instellingen van de SB-910.
B
•
•
De toegewezen functie of instelling voor elke knop wordt door een pictogram aangegeven.
Wanneer er geen functie aan een knop is toegewezen, is er geen pictogram boven de knop op het lcd.
Functieknop 1 Functieknop 2 Functieknop 3
Pictogrammen voor functies en instellingen
Positie van de zoomkop
Flitscorrectiewaarde
Flitssterkteniveau in de handmatige fl itsmodus
Hoeveelheid onderbelichting door onvoldoende fl itssterkte in de i-DDL-stand
Diafragma
Afstand fl itser tot onderwerp (bij de handmatige fl itsmodus met afstandsprioriteit)
Aantal fl itsen en fl itsfrequentie
Instelling items veranderen
Verlichtingspatroon
De power zoom-functie activeren
[Bij fotograferen met meervoudige draadloze fl itsers] ( 0 D-1)
Kanalen
Geluidsmonitor
[In persoonlijke instellingen] ( 0 B-13)
Ga naar de vorige pagina
Ga naar de volgende pagina
My Menu (Mijn menu) of
Full Menu (Volledig menu) weergeven
Items van My Menu (Mijn menu) veranderen
Stoppen met veranderen van items van My Menu
(Mijn menu)
B –5
Basisprocedures
In dit gedeelte worden de basisprocedures in de i-DDL-stand in combinatie met een
CLS-compatibele camera besproken.
v
Opmerkingen over fotograferen met continu fl
• Om oververhitting van de SB-910 te voorkomen, moet u deze ten minste
10 minuten laten afkoelen na 15 maal continu flitsen.
• Als continu flitsen snel achter elkaar wordt herhaald, zal de interne beveiligingsfunctie de oplaadtijd tot 15 seconden verlengen. Als er wordt doorgegaan met flitsen, verschijnt de aanduiding voor de thermische onderbreker op het lcd en worden alle functies, met uitzondering van ON/OFF voor de stroom en de persoonlijke instellingen, gestopt. ( 0 E-23) Laat de Speedlight enkele minuten afkoelen om de onderbrekingsfunctie uit te schakelen.
• De omstandigheden waarbij de interne beveiligingsfunctie wordt geactiveerd verschillen afhankelijk van de temperatuur en het flitssterkteniveau van de SB-910.
B
STAP
1
De batterijen plaatsen
Schuif het deksel van het batterijvak open terwijl u op de ontgrendelingsknop van het deksel van het batterijvak drukt.
Plaats de batterijen overeenkomstig de [+] en [ − ] tekens.
Maak het deksel van het batterijvak dicht.
B –6
Basisprocedures
B
Geschikte batterijen en vervangen/opladen
Gebruik bij het vervangen van de batterijen vier verse AA-type batterijen van dezelfde fabrikant. Raadpleeg de volgende tabel om te bepalen wanneer u batterijen door verse moet vervangen of de batterijen moet opladen, afhankelijk van hoe lang het duurt voordat de fl itsgereedaanduiding gaat branden.
Tijdsduur totdat de
Type batterij
1,5 V LR6 (AA) alkalinebatterij
1,5 V FR6 (AA) lithiumbatterij
1,2 V HR6 (AA) oplaadbare Ni-MH-batterij
20 seconden of meer
10 seconden of meer
10 seconden of meer
• Voor de minimale oplaadtijd en het aantal flitsen voor elk type batterij raadpleegt u “Specificaties.” ( 0 H-21)
• De prestaties van alkalinebatterijen kunnen erg verschillen van fabrikant tot fabrikant.
• 1,5 V R6 (AA) zink-koolstof batterijen zijn niet geschikt.
• Bij gebruik van een optionele externe voedingsbron is het aantal flitsen hoger en is de oplaadtijd korter. ( 0 H-11) v
Extra voorzorgsmaatregelen voor batterijen
• Lees zorgvuldig de batterijwaarschuwingen en -voorzorgsmaatregelen
( 0 A-14 – A-18).
• Lees zorgvuldig de waarschuwingen voor batterijen in het hoofdstuk
“Opmerkingen over batterijen” ( 0 H-7), voor u de batterij gebruikt.
• De oplaadtijd kan langer zijn bij gebruik van FR6 (AA) lithiumbatterijen want deze batterijen bevatten een functie voor het onderdrukken van de uitvoerstroom wanneer er warmte in de batterijen ontstaat.
B –7
Aanduiding voor laag batterijniveau
Als de batterijen bijna leeg zijn, wordt het pictogram dat u hier links ziet op het lcd weergegeven en werkt de SB-910 niet meer.
Vervang de batterijen of laad ze opnieuw op.
B
STAP
2
De SB-910 aan de camera bevestigen
Zorg dat de SB-910 en de camera uitgeschakeld zijn.
Zorg dat het vergrendelingshendeltje van het bevestigingsvoetje aan de linkerkant is (wit puntje).
Schuif het bevestigingsvoetje van de SB-910 in de accessoireschoen van de camera.
Draai het vergrendelingshendeltje naar “L.”
v
De Speedlight vergrendelen
Draai het vergrendelingshendeltje rechtsom totdat het stopt bij de index van het bevestigingsvoetje.
B –8
Basisprocedures
B
De SB-910 van de camera verwijderen
Controleer of de SB-910 en de camera zijn uitgeschakeld, draai het vergrendelingshendeltje
90° naar links en schuif dan het bevestigingsvoetje van de SB-910 van de accessoireschoen van de camera.
• Als het bevestigingsvoetje van de SB-910 niet van de accessoireschoen van de camera kan worden verwijderd, draait u opnieuw het vergrendelingshendeltje 90° naar links en schuift dan langzaam de SB-910 naar buiten.
• Verwijder de SB-910 nooit met kracht.
STAP
3
De flitskop afstellen
Richt de
fl
itskop naar voren terwijl u de ontgrendelingsknop voor het kantelen/draaien van de
fl
itskop ingedrukt houdt.
• De flitskop is vergrendeld wanneer deze 90° omhoog is gekanteld of naar voren is gericht.
Lcd-aanduiding voor de status van de flitskop
De fl itskop is naar voren gericht.
De fl itskop is schuin gekanteld. (De fl itskop is omhoog gekanteld of naar rechts of links gedraaid.)
De fl itskop is omlaag gekanteld.
B –9
STAP
4
De SB-910 en de camera inschakelen
Schakel de SB-910 en de camera in.
Voorbeeld lcd
• De onderstaande afbeelding is een voorbeeld van de aanduidingen op het lcd van de SB-910 bij de volgende omstandigheden: flitsstand: i-DDL-stand; beeldveld:
FX-formaat; verlichtingspatroon: standaard; ISO-gevoeligheid: 200; positie van de zoomkop: 24 mm; f-waarde van het diafragma: 5,6
• De pictogrammen op het lcd kunnen verschillen afhankelijk van de SB-910 instellingen en de gebruikte camera en objectief.
SB-910 fl itsinformatie SB-910 statuspictogrammen
B
Flitsstand
ISO-gevoeligheid
Afstandsbereik bij fl itsopnamen
FX-formaat
Aangesloten op een
CLS-compatibele camera f-waarde van het diafragma
Positie van de zoomkop
Functies toegewezen aan de functieknoppen
B –10
Basisprocedures
B
STAP
5
De flitsstand selecteren
Druk op de [MODE]-knop om de
fl
itsstand te markeren.
Draai de selectieschijf totdat
wordt aangegeven.
Druk op de [OK]-knop.
De
fl
itsstand veranderen
Draai de selectieschijf naar rechts om de pictogrammen van de beschikbare fl itsstanden op het lcd aan te geven.
• Alleen de beschikbare flitsstanden worden op het lcd aangegeven.
• De flitsstand kan ook met de [MODE]-knop worden geselecteerd.
Controleer of de
fl
itsgereedaanduiding op de
SB-910 of in de zoeker van de camera brandt voordat u een foto maakt.
B –11
Instellingen en het lcd
De status van instellingen wordt aangegeven door pictogrammen op het lcd. Welke pictogrammen worden weergegeven, hangt af van de geselecteerde fl itsstand en instellingen.
• U past de functies van de SB-910 aan door de volgende basisstappen uit te voeren:
Druk op een knop om het geselecteerde item te markeren.
Wijzig de instelling door aan de selectieschijf te draaien.
Druk op de [OK]-knop om de instelling te bevestigen.
• Nadat u de instelling hebt bevestigd, wordt het gemarkeerde item weer normaal weergegeven.
• Als u niet op de [OK]-knop drukt, wordt na 8 seconden het gemarkeerde item bevestigd en de normale weergave hersteld.
B t
Reset met twee knoppen
Druk de functieknoppen 1 en 3 (er staat een groen puntje naast elke knop) gelijktijdig gedurende 2 seconden in om alle instellingen, met uitzondering van de persoonlijke instellingen, op de standaardwaarden terug te zetten.
• Wanneer het terugzetten is voltooid, licht het lcd op en keert daarna terug naar de normale weergave.
B –12
Persoonlijke functies en instellingen
B
Diverse instellingen voor de SB-910 kunnen eenvoudig worden ingesteld via het lcd.
• De weergegeven pictogrammen hangen af van de combinatie van de camera en de status van de SB-910.
• De functies en instellingen die met rasters worden weergegeven, werken niet maar kunnen wel geconfigureerd en ingesteld worden.
Persoonlijke instellingen
Druk op de [MENU]-knop om de persoonlijke instellingen weer te geven.
Draai aan de selectieschijf om een item te kiezen en druk dan op de [OK]-knop.
• Het gemarkeerde item kan worden ingesteld.
Item dat wordt ingesteld
De items die met rasters worden weergegeven, kunnen wel worden ingesteld maar hebben geen invloed op de werking van de fl itser.
B –13
º : Huidige instelling
Draai aan de selectieschijf om de gekozen instelling te markeren en druk dan op de
[OK]-knop.
• Gemarkeerd tijdens instellen
• Druk op de [OK]-knop om terug te keren naar de itemselectie.
Druk op de [MENU]-knop om terug te keren naar de normale weergave.
• Het lcd keert terug naar de normale weergave.
B
Beschikbare selectie
B –14
Persoonlijke functies en instellingen
B
My Menu (Mijn menu) instellen
Wanneer een pagina met persoonlijke instellingen wordt weergegeven, worden alleen de persoonlijke instellingen die als My Menu (Mijn menu) zijn ingesteld op het lcd weergegeven.
• De items voor My Menu (Mijn menu) kunt u ten alle tijde veranderen.
• Om alle items weer te geven, selecteert u “FULL” (VOLLEDIG) in het onderdeel
My Menu (Mijn menu) van de persoonlijke instellingen.
Selecteer “SET UP” (INSTELLINGEN) in het onderdeel My Menu
(Mijn menu) van de persoonlijke instellingen en druk dan op de
[OK]-knop.
Selecteer met de selectieschijf het item van de persoonlijke instellingen dat u als My Menu
(Mijn menu) wilt instellen en druk dan op functieknop 2.
• Het geselecteerde item heeft een aangevinkt vakje ( ).
• Er verschijnt geen vakje bij een item dat niet geselecteerd kan worden.
• Om het vinkje uit het vakje te verwijderen, drukt u nog een keer op functieknop 2.
• Om terug te keren naar het onderdeel My
Menu (Mijn menu) zonder de instelling op te slaan, drukt u op functieknop 1.
Herhaal de procedure om alle gewenste items in te stellen en druk dan op de [OK]-knop om terug te keren naar het onderdeel
My Menu (Mijn menu).
Druk op de [MENU]-knop om de persoonlijke instellingen te sluiten.
• Het lcd keert terug naar de normale weergave.
B –15
t
De paginaweergavefunctie en de weergavemodus van de persoonlijke instellingen
Paginaweergavefunctie
De pagina’s met de persoonlijke instellingen kunnen worden gekozen met de functieknoppen 1 en 2.
• Het aantal pagina’s dat wordt weergegeven kan, afhankelijk van de instellingen, variëren tussen één en vijf.
• De plaats van de weergegeven pagina wordt in de balk aangegeven.
Weergavemodus
De weergavemodus voor de persoonlijke instellingen, My Menu (Mijn menu) of Full
Menu (Volledig menu), kan worden veranderd met functieknop 3.
B
Plaats van de weergegeven pagina binnen de persoonlijke instellingen
: Ga naar de vorige pagina
: Ga naar de volgende pagina
: Full Menu (Volledig menu) weergave weergave
B –16
Persoonlijke functies en instellingen
B
Beschikbare persoonlijke functies en instellingen
( Vet: standaardinstelling)
Niet-DDL automatische fl itsstandoptie ( 0 C-5, C-8)
Flitsstand automatisch diafragma met monitorvoor fl itsen
Flitsstand automatisch diafragma zonder monitorvoor fl itsen
Niet-DDL automatisch fl itsen met monitorvoor fl
Niet-DDL automatisch fl itsen zonder monitorvoor fl itsen
Stroboscopisch fl itsen met hoofd fl itser ( 0 D-10)
ON (AAN): Stroboscopische fl itsmodus aan
OFF (UIT): Stroboscopische fl itsmodus uit
Flitscorrectiestap bij handmatige fl itsmodus ( 0 C-17)
De stap voor de fl itscorrectie selecteren tussen M1/1 en M1/2 in de handmatige fl itsmodus
1/3 EV: Correctie in stappen van 1/3 LW
1 EV: Correctie in stappen van 1 LW
Draadloze stand voor meervoudige fl itsers ( 0 D-1)
Advanced (geavanceerd): Geavanceerde draadloze fl itssturing
SU-4: SU-4-type fotograferen met meervoudige draadloze fl itsers
Test fl itsknop ( 0 E-21)
FLASH (FLITSEN): Test fl its
MODELING (INSTELLICHT): Instellicht
B –17
Flitssterkteniveau van test fl its in i-DDL-stand ( 0 E-21)
M1/128: Circa 1/128
M1/32: Circa 1/32
M1/1: Volledig
Selectie van FX/DX-formaat ( 0 A-6)
Wanneer de positie van de zoomkop met de hand wordt ingesteld, kunnen de instellingen voor het beeldgebied worden geselecteerd.
FX ±∞ DX: Automatisch instellen op basis van het beeldveld van de camera
FX: Nikon FX-formaat (36 × 24)
DX: Nikon DX-formaat (24 × 16)
B
Annuleren van power zoom-functie ( 0 E-19)
Activeren of annuleren van de power zoom-functie
ON (AAN): Power zoom-functie geannuleerd
OFF (UIT): Power zoom-functie geactiveerd
AF-hulpverlichting/annuleren van fl itsfunctie ( 0 E-20)
Activeren of annuleren van de AF-hulpverlichting en de fl itsfunctie
ON (AAN): AF-hulpverlichting en fl
OFF (UIT): AF-hulpverlichting geannuleerd, fl itsfunctie geactiveerd
AF ONLY (ALLEEN AF-ILL): AF-hulpverlichting geactiveerd, fl itsfunctie geannuleerd (alleen AF-hulpverlichting licht op)
Stand-by-functie ( 0 E-22)
De tijdsduur instellen waarna de stand-by-functie wordt geactiveerd.
AUTO (AUTOMATISCH): De stand-by-functie wordt geactiveerd wanneer de belichtingsmeter van de camera wordt uitgeschakeld
40: 40 seconden
80: 80 seconden
160: 160 seconden
300: 300 seconden
---: Stand-by-functie is geannuleerd
B –18
B
Persoonlijke functies en instellingen
Handmatige instelling van ISO-gevoeligheid ( 0 E-21)
Instelling van de ISO-gevoeligheid binnen het bereik 3 tot 8000.
100: ISO 100
Flitsgereedaanduiding in de secundaire fl itserstand ( 0 D-20)
Selecteren welke fl itsgereedaanduiding knippert/brandt in de secundaire fl itserstand om stroom te besparen
REAR, FRONT (ACHTER, VOOR): Achterste aanduiding brandt, voorste aanduiding knippert in de secundaire fl itserstand
REAR (ACHTER): Alleen achterste aanduiding brandt
FRONT (VOOR): Alleen voorste aanduiding knippert in de secundaire fl itserstand
Verlichting lcd-venster ( 0 H-8)
Activeren of annuleren van de verlichting van het lcd-venster
ON (AAN): Geactiveerd
OFF (UIT): Geannuleerd
Contrast lcd-venster ( 0 H-8)
De contrastniveaus worden op het lcd weergegeven in een gra fi ek met negen stappen.
5 niveaus in 9 stappen
Meeteenheid (m/ft) m: meter ft: voet
B –19
Handmatige instelling van positie van de zoomkop wanneer ingebouwde groothoekdiffusor stuk is ( 0 E-11)
Selecteren of de positie van de zoomkop handmatig kan worden ingesteld of niet wanneer de ingebouwde groothoekdiffusor stuk is.
ON (AAN): Positie van de zoomkop kan handmatig worden ingesteld
OFF (UIT): Positie van de zoomkop kan niet handmatig worden ingesteld
B
Instelling van My Menu (Mijn menu) ( 0 B-15)
Selecteren van de weergavemodus voor de persoonlijke instellingen
FULL (VOLLEDIG): Alle items worden weergegeven
MY MENU (MIJN MENU): Items ingesteld als My Menu (Mijn menu) worden weergegeven
SET UP (INSTELLINGEN): Selecteer items die als My Menu (Mijn menu) moeten worden ingesteld
Firmwareversie ( 0 H-9)
Persoonlijke instellingen terugzetten
Zet de persoonlijke instellingen terug op de standaardwaarden, behalve de meeteenheid (m/ft) en My Menu (Mijn menu) instellingen.
YES (JA): Standaardinstellingen herstellen
NO (NEE): Niet herstellen
B –20
C
Flitsstanden
C
i-DDL-stand
De informatie die verkregen is via monitorvoor fl itsen en de belichtingsregelinginformatie worden door de camera geïntegreerd voor het automatisch instellen van de fl itssterkteniveaus.
• Zie “Basisprocedures” ( 0 B-6) als u foto’s wilt maken terwijl de SB-910 is ingesteld op de i-DDL-stand.
• De i-DDL-uitgebalanceerde invulflitsstand of de standaard i-DDL-stand is beschikbaar.
i-DDL-uitgebalanceerde invulflits
Het fl itssterkteniveau wordt automatisch aangepast voor een uitgebalanceerde belichting van het hoofdonderwerp en de achtergrond. weergegeven op het lcd.
wordt
Standaard i-DDL
Het hoofdonderwerp wordt correct belicht, ongeacht de helderheid van de achtergrond. Dit is handig als u het hoofdonderwerp wilt benadrukken. weergegeven op het lcd.
wordt t
De lichtmeetstand en i-DDL-stand van de camera
• Wanneer de lichtmeetstand van de camera wordt gewijzigd in spotmeting terwijl de i-DDL-uitgebalanceerde invulflits in gebruik is, verandert de i-DDL-stand automatisch in de standaard i-DDL-stand.
• De i-DDL-stand verandert automatisch in de i-DDL-uitgebalanceerde invulflits nadat de lichtmeetstand van de camera wordt gewijzigd in matrix of centrumgericht.
C –1
De i-DDL-stand instellen
Druk op de [MODE]-knop.
Draai de selectieschijf totdat
of aangegeven.
wordt
Druk op de [OK]-knop.
C
Voorbeeld lcd voor i-DDL-stand
: fl itsen
: i-DDL
: Uitgebalanceerde invul fl its
C –2
i-DDL-stand
C
Afstandsbereik bij flitsopnamen in i-DDL-stand
Het afstandsbereik bij fl itsopnamen wordt aangegeven door getallen en een balk op het lcd.
Dit pictogram betekent dat de fl itssterkte niet correct kan worden afgesteld voor een kortere afstand.
• De feitelijke afstand flitser tot onderwerp moet binnen het aangegeven bereik zijn.
• Het bereik hangt af van het ingestelde beeldveld van de camera, het verlichtingspatroon, de ISO-gevoeligheid, de positie van de zoomkop en het diafragma.
Zie “Specificaties” voor meer informatie.
( 0 H-15) t
Automatische instelling van ISO-gevoeligheid, diafragma en brandpuntsafstand
Bij gebruik van de SB-910 met een CLS-compatibele camera en een CPU-objectief worden de ISO-gevoeligheid, het diafragma en de brandpuntsafstand op de SB-910 automatisch ingesteld op basis van het objectief en de camera-informatie.
• Voor meer informatie over het ISO-gevoeligheidsbereik raadpleegt u de gebruikshandleiding van de camera.
C –3
v
Wanneer onvoldoende fl itssterkte voor een correcte belichting wordt aangegeven
• Als de flitsgereedaanduidingen van de
SB-910 en in de zoeker van de camera gedurende circa 3 seconden na de opname knipperen, kan er onderbelichting zijn opgetreden door onvoldoende flitssterkte.
Om dit te corrigeren, moet u een groter diafragma of een hogere ISO-gevoeligheid gebruiken, of de afstand tot het onderwerp verkleinen, en dan opnieuw fotograferen.
• De hoeveelheid onderbelichting door onvoldoende flitssterkte wordt gedurende circa 3 seconden aangeduid door de belichtingswaarde ( − 0,3 EV tot − 3,0 EV) op het lcd-venster van de SB-910.
• Druk op functieknop 3 om de belichtingswaarde opnieuw aan te geven.
C
C –4
Flitsstand automatisch diafragma
C
De lichtsensor voor niet-DDL automatisch fl itsen van de SB-910 meet het fl itslicht dat door het onderwerp wordt weerkaatst en de SB-910 regelt de fl itssterkte overeenkomstig de objectief- en camera-informatie die naar de SB-910 wordt overgebracht, waaronder de ISO-gevoeligheid, de belichtingscorrectiewaarde, het diafragma en de brandpuntsafstand van het objectief.
Flitsstand automatisch diafragma instellen
De fl itsstand automatisch diafragma is een niet-DDL automatische fl itsstand met diafragmaprioriteit. Deze fl itsstand kan als een niet-DDL automatische fl itsstandoptie worden ingesteld in de persoonlijke instellingen. ( 0 B-17)
• De flitsstand automatisch diafragma met monitorvoorflitsen is de standaardinstelling van de niet-DDL automatische flitsstandoptie.
• Wanneer er geen diafragma-informatie naar de SB-910 wordt overgebracht, komt de flitsstand automatisch op niet-DDL automatisch flitsen te staan.
Druk op de [MODE]-knop.
Draai de selectieschijf totdat
wordt aangegeven.
Druk op de [OK]-knop.
Voorbeeld lcd voor flitsstand automatisch diafragma
: fl itsen
: Flitsstand automatisch diafragma
C –5
t
Monitorvoor fl itsen
• Monitorvoorflitsen kan als een niet-DDL automatische flitsstandoptie worden geactiveerd of geannuleerd in de persoonlijke instellingen. ( 0 B-17)
• De flitssterkte kan nauwkeuriger worden geregeld met monitorvoorflitsen.
De SB-910 geeft monitorvoorflitsen af voordat het feitelijke flitsen begint om gegevens over het weerkaatste licht te verkrijgen.
• De functie voor monitorvoorflitsen moet worden geactiveerd wanneer de automatische snelle FP-synchronisatie ( 0 E-24) of de flitswaardevergrendeling
( 0 E-25) wordt gebruikt.
Afstandsbereik bij flitsopnamen in flitsstand automatisch diafragma
Het afstandsbereik bij fl itsopnamen wordt aangegeven door getallen en een balk op het lcd.
• De feitelijke afstand flitser tot onderwerp moet binnen het aangegeven bereik zijn.
• Het bereik hangt af van het ingestelde beeldveld van de camera, het verlichtingspatroon, de ISO-gevoeligheid, de positie van de zoomkop en het diafragma.
Zie “Specificaties” voor meer informatie.
( 0 H-15)
C
C –6
Flitsstand automatisch diafragma
Een foto maken in de flitsstand automatisch diafragma
C
Zorg ervoor dat de feitelijke afstand van
fl
itser tot onderwerp binnen het afstandsbereik bij
fl
itsopnamen is.
Controleer of de
fl
itsgereedaanduiding brandt en maak de foto.
v
Wanneer onvoldoende fl wordt aangegeven
Als de fl itsgereedaanduidingen van de SB-910 en in de zoeker van de camera gedurende circa
3 seconden na de opname knipperen, kan er onderbelichting zijn opgetreden door onvoldoende fl itssterkte. Om dit te corrigeren, moet u een groter diafragma of een hogere ISO-gevoeligheid gebruiken, of de afstand tot het onderwerp verkleinen, en dan opnieuw fotograferen.
t
De belichting controleren voordat een foto wordt gemaakt
Maak vóór de feitelijke opname test fl itsen met de Speedlight bij dezelfde omstandigheden en met dezelfde instellingen op de Speedlight en de camera als die u daarna gaat gebruiken.
• Wanneer de flitsgereedaanduidingen na de testflitsen knipperen, kan er onderblichting zijn opgetreden door onvoldoende flitssterkte.
C –7
Niet-DDL automatische flitsstand
De lichtsensor voor niet-DDL automatisch fl itsen van de SB-910 meet het fl itslicht dat door het onderwerp wordt weerkaatst en de SB-910 regelt de fl itssterkte overeenkomstig de weerkaatste fl itslichtgegevens.
Niet-DDL automatische flitsstand instellen
De niet-DDL automatische fl itsstand kan als een niet-DDL automatische fl itsstandoptie worden ingesteld in de persoonlijke instellingen. ( 0 B-17)
• De flitsstand automatisch diafragma (niet-DDL automatisch flitsen met diafragmaprioriteit) met monitorvoorflitsen is de standaardinstelling van de niet-DDL automatische flitsstandoptie.
Druk op de [MODE]-knop.
Draai de selectieschijf totdat wordt aangegeven.
Druk op de [OK]-knop.
C
Voorbeeld lcd voor de niet-DDL automatische flitsstand
: fl itsen
: Niet-DDL automatisch fl itsen
Diafragma; onderstreept wanneer het diafragma op de SB-910 is ingesteld
C –8
Niet-DDL automatische flitsstand
C t
Monitorvoor fl itsen
• Monitorvoorflitsen kan als een niet-DDL automatische flitsstandoptie worden geactiveerd of geannuleerd in de persoonlijke instellingen. ( 0 B-17)
• De flitssterkte kan nauwkeuriger worden geregeld met monitorvoorflitsen.
De SB-910 geeft monitorvoorflitsen af voordat het feitelijke flitsen begint om gegevens over het weerkaatste licht te verkrijgen.
• De functie voor monitorvoorflitsen moet worden geactiveerd wanneer de automatische snelle FP-synchronisatie ( 0 E-24) of de flitswaardevergrendeling
( 0 E-25) wordt gebruikt.
Afstandsbereik bij flitsopnamen in de niet-DDL automatische flitsstand
Het afstandsbereik bij fl itsopnamen wordt aangegeven door getallen en een balk op het lcd.
• De feitelijke afstand flitser tot onderwerp moet binnen het aangegeven bereik zijn.
• Het bereik hangt af van het ingestelde beeldveld van de camera, het verlichtingspatroon, de ISO-gevoeligheid, de positie van de zoomkop en het diafragma.
Zie “Specificaties” voor meer informatie.
( 0 H-15)
C –9
Een foto maken in de niet-DDL automatische flitsstand
Druk op functieknop 3 om het diafragma te markeren.
Draai de selectieschijf om het diafragma in te stellen. Het afstandsbereik bij
fl
itsopnamen varieert afhankelijk van het diafragma.
• Het diafragma kan met functieknop 3 worden veranderd.
• Een juiste belichting wordt verkregen wanneer de feitelijke afstand van flitser tot onderwerp binnen de effectieve flitsafstand is.
Druk op de [OK]-knop.
Stel hetzelfde diafragma als op de Speedlight in op het objectief of de camera.
Controleer of de
fl
itsgereedaanduiding brandt en maak de foto.
C v
Wanneer onvoldoende fl itssterkte voor een correcte belichting wordt aangegeven
Als de fl itsgereedaanduidingen van de SB-910 en in de zoeker van de camera gedurende circa 3 seconden na de opname knipperen, kan er onderbelichting zijn opgetreden door onvoldoende fl itssterkte. Om dit te corrigeren, moet u een groter diafragma of een hogere ISO-gevoeligheid gebruiken, of de afstand tot het onderwerp verkleinen, en dan opnieuw fotograferen.
C –10
Niet-DDL automatische flitsstand
C t
De belichting controleren voordat een foto wordt gemaakt
Maak vóór de feitelijke opname test fl itsen met de Speedlight bij dezelfde omstandigheden en met dezelfde instellingen op de Speedlight en de camera als die u daarna gaat gebruiken.
• Wanneer de flitsgereedaanduidingen na de testflitsen knipperen, kan er onderblichting zijn opgetreden door onvoldoende flitssterkte.
C –11
Handmatige flitsmodus met afstandsprioriteit
Als u in deze fl itsstand de afstand fl itser tot onderwerp invoert, bepaalt de SB-910 automatisch het fl itssterkteniveau op basis van de camera-instellingen.
Handmatige flitsmodus met afstandsprioriteit instellen
Handmatig fl itsen met afstandsprioriteit is niet mogelijk wanneer de fl itskop van de
SB-910 omhoog is gekanteld of naar rechts of links is gedraaid.
Druk op de [MODE]-knop.
Draai de selectieschijf totdat
wordt aangegeven.
Druk op de [OK]-knop.
C
Voorbeeld lcd voor handmatige flitsmodus met afstandsprioriteit
(bij een afstand flitser tot onderwerp van 5 m)
Afstand fl itser tot onderwerp
(numerieke aanduiding)
Afstand fl itser tot onderwerp ( T ) en aanduiding
(balk) voor afstandsbereik bij fl itsopnamen
Als de afstand fl itser tot onderwerp wordt weergegeven binnen de aanduiding voor het afstandsbereik bij fl itsopnamen, fl itst de SB-910 op een geschikte fl itssterkte.
C –12
Handmatige flitsmodus met afstandsprioriteit
Een foto maken in de handmatige flitsmodus met afstandsprioriteit
C
Druk op functieknop 3 om de afstand
fl
itser tot onderwerp te markeren.
Stel de afstand
fl
itser tot onderwerp in door aan de selectieschijf te draaien en druk vervolgens op de [OK]-knop.
• De afstand flitser tot onderwerp kan ook met functieknop 3 worden ingesteld.
• De afstand flitser tot onderwerp hangt af van de ISO-gevoeligheid en varieert binnen een bereik van 0,3 m en 20 m.
Controleer of de
fl
itsgereedaanduiding brandt en maak de foto.
Afstand flitser tot onderwerp bij de handmatige flitsmodus met afstandsprioriteit
• Afstand flitser tot onderwerp tussen 0,3 m en 20 m
• Als de gewenste afstand flitser tot onderwerp niet wordt weergegeven, kies dan een kortere afstand. Bv., als de afstand flitser tot onderwerp 2,7 m bedraagt, selecteer dan 2,5 m.
v
Wanneer onvoldoende fl wordt aangegeven
Als de fl itsgereedaanduidingen van de SB-910 en in de zoeker van de camera gedurende circa 3 seconden na de opname knipperen, kan er onderbelichting zijn opgetreden door onvoldoende fl itssterkte. Om dit te corrigeren, moet u een groter diafragma of een hogere
ISO-gevoeligheid gebruiken en dan opnieuw fotograferen.
C –13
t
Wanneer de fl gedraaid in de handmatige fl
• Wanneer de Speedlight in de handmatige flitsmodus met afstandsprioriteit wordt gebruikt en de flitskop wordt omhoog gekanteld of naar rechts of links gedraaid, zal de flitsstand automatisch veranderen naar de flitsstand automatisch diafragma of naar de niet-DDL automatische flitsstand.
• In dit geval keert de flitsstand weer terug naar de handmatige flitsmodus met afstandsprioriteit wanneer de flitskop naar voren wordt gericht of omlaag wordt gekanteld.
C
C –14
Handmatige flitsmodus
C
In de handmatige fl itsmodus selecteert u het diafragma en het fl itssterkteniveau handmatig. Hierdoor hebt u controle over de belichting en de afstand fl itser tot onderwerp.
• Het flitssterkteniveau kan worden ingesteld tussen M1/1 (volle sterkte) en
M1/128, afhankelijk van uw creatieve voorkeuren.
• Onderbelichting door onvoldoende flitssterkte wordt niet aangegeven in de handmatige flitsmodus.
De handmatige flitsmodus instellen
Druk op de [MODE]-knop.
Draai de selectieschijf totdat
wordt aangegeven.
Druk op de [OK]-knop.
Voorbeeld lcd voor handmatige flitsmodus
Flitssterkteniveau
Effectieve fl itsafstand
(numerieke aanduiding)
Effectieve fl itsafstand ( T )
C –15
Een foto maken in de handmatige flitsmodus
Druk op functieknop 2 om het
fl
itssterkteniveau te markeren.
Stel het gewenste
fl
itssterkteniveau in door aan de selectieschijf te draaien en druk vervolgens op de [OK]knop.
• Het flitssterkteniveau kan ook met functieknop 2 worden ingesteld.
• Zorg ervoor dat de afstand flitser tot onderwerp gelijk is aan de effectieve flitsafstand.
C
Controleer of de
fl
itsgereedaanduiding brandt en maak de foto.
t
Wanneer er geen objectiefdiafragma-informatie wordt overgebracht
Wanneer er geen objectiefdiafragma-informatie naar de SB-910 wordt overgebracht, kan het diafragma met functieknop 3 worden ingesteld.
Diafragma; onderstreept wanneer het diafragma op de SB-910 is ingesteld
C –16
Handmatige flitsmodus
C
■ Het fl itssterkteniveau instellen
Markeer het fl itssterkteniveau en draai aan de selectieschijf om het fl itssterkteniveau te wijzigen.
Selectieschijf rechtsom draaien
Selectieschijf linksom draaien
Waarde voor
1/1
1/2
–0,3
–0,7
1/4
–0,3
–0,7
1/8
–0,3
–0,7
1/16
–0,3
–0,7
1/32
–0,3
–0,7
1/64
1/128
–0,3
–0,7
Waarde voor
1/1
1/2
+0,7
+0,3
1/4
+0,7
+0,3
1/8
+0,7
+0,3
1/16
+0,7
+0,3
1/32
+0,7
+0,3
1/64
+0,7
+0,3
1/128
• Als u de selectieschijf linksom draait, wordt de noemer verhoogd (en neemt het flitssterkteniveau af). Als u de selectieschijf rechtsom draait, wordt de noemer verlaagd (en neemt het flitssterkteniveau toe).
• Het flitssterkteniveau verandert in stappen van ±1/3 EV, behalve tussen 1/1 en
1/2. 1/32 –0,3 en 1/64 +0,7 vertegenwoordigen hetzelfde flitssterkteniveau.
• Bij de standaardinstelling bedraagt de flitscorrectie ±1 EV stap tussen 1/1 en
1/2. Deze stap kan worden gewijzigd in ±1/3 EV stappen in de persoonlijke instellingen ( 0 B-17). Bij sommige camera’s, en bij gebruik van kortere sluitertijden met een flitssterkteniveau van meer dan M1/2, kan de werkelijke flitssterkte worden verlaagd tot M1/2.
C –17
Stroboscopische flitsmodus
In de stroboscopische fl itsmodus geeft de SB-910 herhaaldelijk fl itsen af gedurende een enkele opname waardoor stroboscopische meervoudige belichtingseffecten worden verkregen.
• Gebruik altijd verse of volledig opgeladen batterijen en zorg dat de flitser zich voldoende kan opladen tussen opeenvolgende stroboscopische flitsopnamen.
• Aangezien lange sluitertijden worden gebruikt, wordt het gebruik van een statief aanbevolen om trilling van de camera/flitser te voorkomen.
• Onvoldoende flitssterkte voor een correcte belichting wordt niet aangegeven in de stroboscopische flitsmodus.
C
De stroboscopische flitsmodus instellen
Druk op de [MODE]-knop.
Draai de selectieschijf totdat
wordt aangegeven.
Druk op de [OK]-knop.
Lcd voorbeeld voor stroboscopische flitsmodus
Flitssterkteniveau
Aantal fl itsen
Flitsfrequentie
Effectieve fl itsafstand
(numerieke aanduiding)
Effectieve fl itsafstand ( T )
C –18
Stroboscopische flitsmodus
Het flitssterkteniveau, het aantal flitsen en de flitsfrequentie instellen
C
• Het aantal flitsen is het maximumaantal keren dat de Speedlight flitst wanneer de sluiter van de camera open staat. Dit aantal wordt niet bereikt bij een korte sluitertijd en een lage flitsfrequentie.
• Het maximumaantal flitsen verschilt afhankelijk van het flitssterkteniveau en de flitsfrequentie. Zie de onderstaande tabel voor het maximumaantal flitsen.
Maximumaantal flitsen
Frequentie
M1/8
6 Hz
7 Hz
8 Hz
9 Hz
10 Hz
20 Hz
30 Hz
40 Hz
1 Hz
2 Hz
3 Hz
4 Hz
5 Hz
50 Hz
60 Hz
70 Hz
80 Hz
90 Hz
100 Hz
14 16 22
M1/16
–1/3EV
Flitssterkteniveau
M1/16
–2/3EV
M1/32
M1/32
–1/3EV
M1/32
–2/3EV
M1/64
–1/3EV
M1/64
–2/3EV
M1/128
12 14 18 30 36 46 60 68 78 90 90 90 90
10 12 14
8 10 12
20 24 30 50
20 24 30 40 44
6 7 10 20 24 30 32
6 7 10 20 24 26
5 6 8
5
4 5 6
4
M1/8
–1/3EV
6
5
M1/8
–2/3EV
8
6
M1/16
30
10 12 14
10
8
8
36
12
9
9
46
14
10
10
60
28
24 26
22 24
20 22
12
68
56
36 40
32 36
30 36
28 32
26
56 56 56 56
44 44 44 44
36
32
36
32
36
32
14
78
64
52 70 70 70 70
18
M1/64
90
80 80 80 80
24
90
24
90
24
90
24
C –19
Een foto maken in de stroboscopische flitsmodus
Druk op functieknop 2 om het
fl
itssterkteniveau te markeren.
Draai aan de selectieschijf om het
fl
itssterkteniveau te kiezen en druk dan op de [OK]-knop.
• Het flitssterkteniveau kan ook met functieknop 2 worden veranderd.
• Het flitssterkteniveau kan tussen M1/8 en
M1/128 worden ingesteld.
Druk op functieknop 3 om het aantal
fl
itsen te markeren, draai aan de selectieschijf om het aantal te kiezen en druk dan op de [OK]-knop.
Druk op functieknop 3 om de
fl
itsfrequentie te markeren, draai aan de selectieschijf om de frequentie te kiezen en druk dan op de [OK]-knop.
Bepaal het richtgetal overeenkomstig het
fl
itssterkteniveau en de positie van de zoomkop.
• Zie “Specificaties” voor meer informatie.
( 0 H-18)
C
C –20
C
Stroboscopische flitsmodus
Lcd van camera
Lcd van camera
Bereken de f-waarde van het diafragma op basis van de afstand
fl
itser tot onderwerp en het richtgetal, en stel het diafragma van de camera dienovereenkomstig in.
• Om de f-waarde te bepalen, wordt u verwezen naar “Richtgetal, diafragma en afstand flitser tot onderwerp.” ( 0 H-4)
• Het diafragma kan niet met de SB-910 worden ingesteld.
• De effectieve flitsafstand die overeenkomt met het flitssterkteniveau en het diafragma wordt weergegeven.
Stel de sluitertijd van de camera in.
• Bepaal de sluitertijd met de onderstaande formule en stel een langere sluitertijd op de camera in dan de berekende sluitertijd.
Sluitertijd = aantal flitsen / flitsfrequentie
• Als het aantal flitsen 10 (maal) is en de flitsfrequentie 5 (Hz), stelt u een sluitertijd in die langer dan 2 seconden is.
• De bulb kan ook worden ingesteld.
Controleer of de
fl
itsgereedaanduiding brandt en maak de foto.
C –21
t
De werking van de fl itser controleren voordat een foto wordt gemaakt
Maak vóór de feitelijke opname test fl itsen met de Speedlight bij dezelfde omstandigheden en met dezelfde instellingen op de Speedlight en de camera als die u daarna gaat gebruiken.
C v
Belichtingscorrectie in de stroboscopische fl
• Overbelichting treedt op in de stroboscopische flitsmodus wanneer de feitelijke afstand van flitser tot onderwerp gelijk is aan de effectieve flitsafstand die bepaald is met behulp van de f-waarde in de procedure . Dit komt omdat de correcte belichting met een enkele flits wordt verkregen.
• Om overbelichting te voorkomen, moet u een grotere f-waarde op de camera kiezen.
C –22
D
Fotograferen met meervoudige draadloze flitsers
D
Instellingen op de SB-910 voor fotograferen met meervoudige draadloze flitsers
Met de SB-910 is geavanceerde draadloze fl itssturing en SU-4-type fotograferen met meervoudige draadloze fl itsers mogelijk. De standaardinstelling van de SB-910 voor de draadloze stand voor meervoudige fl itsers is de geavanceerde draadloze fl itssturing.
• Geavanceerde draadloze flitssturing wordt aanbevolen voor standaardfotografie met meervoudige flitsers.
• De draadloze stand voor meervoudige flitsers, de geavanceerde draadloze flitssturing en SU-4-type fotograferen met meervoudige draadloze flitsers kunnen worden gewijzigd in de persoonlijke instellingen. ( 0 B-17)
D –1
Geavanceerde draadloze flitssturing
Secundaire fl itsers
(Groep C)
Secundaire fl itsers
(Groep B)
Secundaire fl itsers
(Groep A)
Hoofd fl itser bevestigd op de camera
De hoofd fl itser geeft de secundaire fl itsers opdracht om monitorvoor fl itsen te maken.
De camera meet het weerkaatste licht.
De camera activeert de fl itsers.
• De SB-910 die op de camera is bevestigd, is de hoofdflitser.
• Er kunnen in totaal drie groepen (A, B, C) secundaire flitsers worden ingesteld.
• Er kunnen een of meer secundaire flitsers worden toegewezen aan een groep.
• De hoofdflitser en elke groep van secundaire flitsers kan met een flitscorrectiewaarde en een flitsstand werken die anders is dan die van de andere flitsers of groepen.
D
D –2
Instellingen op de SB-910 voor fotograferen met meervoudige draadloze flitsers
SU-4-type fotograferen met meervoudige draadloze flitsers
D Secundaire fl itsers Hoofd fl itser bevestigd op de camera
De secundaire fl itsers starten door activering vanaf de hoofd fl itser
(in de stand AUTO of M).
De secundaire fl itsers stoppen wanneer de hoofd fl itser stopt (in de stand AUTO).
• De Speedlight die op de camera is bevestigd of de ingebouwde flitser van de camera kan als de hoofdflitser worden gebruikt.
• Annuleer de monitorvoorflitsenfunctie of selecteer een flitsstand voor de hoofdflitser waarbij de monitorvoorflitsenfunctie niet wordt geactiveerd.
• De flitsstand wordt op elke flitser ingesteld. Stel dezelfde flitsstand op elke secundaire flitser in.
D –3
Functies op de SB-910 voor met meervoudige draadloze flitsers
Bij gebruik in de
hoofd fl
Bij gebruik in de
secundaire fl itserstand
Flitsfotogra fi e met geavanceerde draadloze fl itssturing
SU-4-type fotograferen met meervoudige draadloze fl itsers
Flitsstand
•
• i-DDL
Flitsstand automatisch
• diafragma* 1
Niet-DDL automatisch fl itsen* 1
• Handmatig fl itsen
• Flitsfunctie geannuleerd
De fl itsstand wordt op de hoofd fl itser ingesteld (elke groep kan met een andere fl itsstand dan de andere groepen fl itsen)
Fotograferen met stroboscopisch fl itsen
Mogelijk, instellen in de persoonlijke instellingen
Mogelijk
Flitscorrectie
Groep
Kanaal* 2
Flitsstand
Flitscorrectie
Mogelijk
De fl itscorrectiewaarde wordt op de hoofd fl itser ingesteld (elke groep kan met een andere fl itscorrectiewaarde dan de andere groepen fl itsen)
Max. 3 groepen (A, B, C)
4 kanalen (1 – 4)
• Flitsstand automatisch diafragma* 1
•
•
Niet-DDL automatisch fl itsen* 1
Handmatig fl itsen met afstandsprioriteit
•
•
•
AUTO (automatisch)
M (handmatig)
OFF ( fl itsfunctie geannuleerd)
• Handmatig fl itsen
Mogelijk –
*1 De SB-910 werkt in de fl itsstand automatisch diafragma ongeacht de niet-DDL automatische fl itsstandoptie die in de persoonlijke instellingen is ingesteld.
De SB-910 werkt in de niet-DDL automatische fl itsstand wanneer er geen objectie fi nformatie, zoals de brandpuntsafstand en het diafragma, beschikbaar is.
*2 Een van de vier kanalen kan worden gebruikt. Secundaire fl itsers kunnen worden beïnvloed door andere hoofd fl itsers. Gebruik een ander kanaalnummer als een andere fotograaf in de buurt hetzelfde type draadloze secundaire fl itsers gebruikt.
D –4
D
D
Functies op de SB-910 voor met meervoudige draadloze flitsers
v
Opmerkingen over het annuleren van de fl itsfunctie van de hoofd fl itser
Wanneer de fl itsfunctie van de hoofd fl itser wordt geannuleerd en alleen de secundaire fl itsers werken, zendt de hoofd fl itser een aantal zwakke lichtsignalen uit om de secundaire fl itsers te activeren. Deze instelling is gewoonlijk niet van invloed op de juiste belichting van het onderwerp, hoewel de belichting kan worden beïnvloed als het onderwerp zich op korte afstand bevindt en een hoge ISOgevoeligheid is ingesteld. U kunt dit effect zoveel mogelijk beperken door indirect te fl itsen. Hiervoor kantelt u de fl itskop van de hoofd fl itser omhoog.
D –5
De hoofdflitser instellen
Zet de hoofdschakelaar/
schakelaar draadloze stand voor meervoudige
fl
itsers op
[ MASTER].
• Draai aan de schakelaar terwijl u de ontgrendelingsknop in het midden ingedrukt houdt.
D
Voorbeeld lcd voor hoofdflitserstand (i-DDL-stand)
Flitsstand en fl itscorrectiewaarde van hoofd fl itser
Kanaal
Flitsstand en fl itscorrectiewaarde van secundaire fl itser
Positie van de zoomkop voor de hoofd fl itser
D –6
De secundaire flitser instellen
Zet de hoofdschakelaar/
schakelaar draadloze stand voor meervoudige
fl
itsers op
[ REMOTE].
• Draai aan de schakelaar terwijl u de ontgrendelingsknop in het midden ingedrukt houdt.
D
Voorbeeld lcd voor secundaire flitserstand (geavanceerde draadloze flitssturing)
Secundaire fl
Groep
Kanaal
Geluidsmonitor
Positie van de zoomkop voor de secundaire fl itser
D –7
Geavanceerde draadloze flitssturing
Een foto maken met geavanceerde draadloze flitssturing
1.
De hoofdflitser instellen (flitsstand, flitscorrectiewaarde en kanaal)
[i-DDL-stand en kanaal 1 instellen (voorbeeld)]
Druk op functieknop 2 om te markeren.
Druk op de [MODE]-knop, kies
[TTL] met de selectieschijf en druk dan op de [OK]-knop.
Druk op functieknop 3, kies een
fl
itscorrectiewaarde met de selectieschijf en druk dan op de
[OK]-knop.
Druk op functieknop 2 om te markeren voor de groep secundaire
fl
itsers.
• Met de selectieschijf kunnen andere groepen secundaire flitsers worden gekozen.
Herhaal de procedures en om de
fl
itsstand en de
fl
itscorrectiewaarde voor groep
A van de secundaire
fl
itsers in te stellen.
Herhaal de procedures en
om groep B en C van de secundaire
fl
Druk op functieknop 3, kies
“CH 1” met de selectieschijf en druk dan op de [OK]-knop.
D –8
D
Geavanceerde draadloze flitssturing
2.
De secundaire flitsers instellen (groep, kanaal en positie van de zoomkop)
D
[Groep A en kanaal 1 instellen (voorbeeld)]
Druk op functieknop 2 om de groep te markeren, kies “A” voor de groep met de selectieschijf en druk dan op de [OK]-knop.
• De ingestelde groepsnaam en het kanaalnummer verschijnen groter.
Druk op functieknop 2 om het kanaal te markeren, kies “1” voor het kanaalnummer met de selectieschijf en druk dan op de
[OK]-knop.
• Kies hetzelfde kanaalnummer als ingesteld op de hoofdflitser.
Druk op functieknop 1 om de positie van de zoomkop te markeren, kies een positie voor de zoomkop met de selectieschijf en druk dan op de
[OK]-knop.
Controleer of de
fl
itsgereedaanduiding brandt en maak de foto.
D –9
Fotograferen met stroboscopisch flitsen
Fotograferen met stroboscopisch fl itsen is mogelijk met geavanceerde draadloze fl itssturing.
• De stroboscopische flitsmodus kan in de persoonlijke instellingen worden geactiveerd. ( 0 B-17)
Lcd voorbeeld voor stroboscopische flitsmodus
Stroboscopische fl itsmodus
Flitssterkteniveau
Aantal fl itsen
Kanaal
Flitsfrequentie
D
Flitsfunctiestatus van de hoofd fl itser en de groepen secundaire fl itsers
D –10
Geavanceerde draadloze flitssturing
D
Stroboscopische flitsfotografie instellen
• Wanneer de SB-910 in de stroboscopische flitsmodus werkt, kan de flitsfunctie geactiveerd
(ON) of geannuleerd (OFF) worden. Er is geen andere optie bij de stroboscopische flitsmodus.
• De hoofdflitser en de secundaire flitsers werken met hetzelfde flitssterkteniveau, aantal flitsen en flitsfrequentie.
• Om het flitssterkteniveau, het aantal flitsen en de flitsfrequentie in te stellen wordt u verwezen naar “Stroboscopische flitsmodus.” ( 0 C-19)
1.
De hoofdflitser instellen
Druk op functieknop 2 om het geselecteerde item te markeren.
Verander de instelling door aan de selectieschijf te draaien en druk dan op de [OK]-knop.
Druk op functieknop 3 om het kanaal te markeren, kies een kanaal met de selectieschijf en druk dan op de [OK]-knop.
2.
De secundaire flitsers instellen
Stel de groep secundaire
fl
itsers, het kanaal en de positie van de zoomkop in.
• Zie D-9 voor meer informatie.
D –11
SU-4-type fotograferen met meervoudige draadloze flitsers
SU-4-type fotograferen met meervoudige draadloze fl itsers is bijzonder geschikt voor het fotograferen van snel bewegende onderwerpen.
SU-4-type fotograferen met meervoudige draadloze flitsers instellen
Stel de SU-4-type fotograferen met meervoudige draadloze
fl
itsers in via de persoonlijke instellingen.
( 0 B-17)
Zet de hoofdschakelaar/schakelaar draadloze stand voor meervoudige
fl
itsers op [MASTER] of [REMOTE].
• Draai aan de schakelaar terwijl u de ontgrendelingsknop in het midden ingedrukt houdt.
D
Voorbeeld lcd voor hoofdflitserstand
Flitsstand SU-4 type
Hoofd fl itserstand
Voorbeeld lcd voor secundaire flitserstand
SU-4 type Secundaire fl itserstand
Flitsstand
Geluidsmonitor
Positie van de zoomkop voor de secundaire fl itser
D –12
D
SU-4-type fotograferen met meervoudige draadloze flitsers
Flitsstanden voor de hoofdflitser
Bij gebruik in de hoofd fl itserstand kan de SB-910 in de fl itsstand automatisch diafragma, de niet-DDL automatische fl itsmodus, de handmatige fl itsmodus met afstandsprioriteit en de handmatige fl itsmodus werken. ( 0 D-4)
Om de fl itsstand in te stellen, drukt u op de
[MODE]-knop, kiest dan de fl itsstand met de selectieschijf en drukt dan op de [OK]-knop.
v
De monitorvoor fl itsenfunctie van de hoofd fl
Een juiste belichting kan niet worden verkregen wanneer de hoofd fl itser monitorvoor fl itsen afgeeft bij SU-4-type fotograferen met meervoudige draadloze fl itsers.
• De SB-910 geeft geen monitorvoorflitsen af bij gebruik in de hoofdflitserstand.
• Wanneer de SB-910 niet de hoofdflitser is, moet u ervoor zorgen dat de monitorvoorflitsenfunctie van de hoofdflitser is geannuleerd. Zie de gebruikshandleiding van de hoofdflitser voor de instructies om deze functie te annuleren.
D –13
Flitsstanden voor secundaire flitsers
Bij gebruik in de secundaire fl itserstand kan de SB-910 in de standen AUTO
(automatisch), M (handmatig) en OFF ( fl itsfunctie geannuleerd) werken.
Om de fl itsstand in te stellen, drukt u op de
[MODE]-knop, kiest dan de fl itsstand met de selectieschijf en drukt dan op de [OK]-knop.
De stand (automatisch):
• In de stand AUTO starten en stoppen de secundaire flitsers synchroon met de hoofdflitser.
• Het totale flitssterkteniveau van de hoofdflitser en de secundaire flitsers wordt geregeld.
• De maximale afstand die de lichtsensor van de SB-910 kan detecteren, is circa
7 m vanaf de voorzijde van de hoofdflitser.
De stand (handmatig):
• In de stand M starten de secundaire flitsers synchroon met de hoofdflitser, maar stoppen deze niet synchroon met de hoofdflitser.
• Het flitssterkteniveau van de hoofdflitser en de secundaire flitsers wordt apart ingesteld.
• De maximale afstand die de lichtsensor van de SB-910 kan detecteren, is circa
40 m vanaf de voorzijde van de hoofdflitser.
• Het flitssterkteniveau kan worden ingesteld tussen M1/1 en M1/128.
De stand ( flitsfunctie geannuleerd):
De secundaire fl itsers fl itsen niet, zelfs wanneer de hoofd fl itser fl itst.
D –14
D
SU-4-type fotograferen met meervoudige draadloze flitsers
v
Voorkomen dat de secundaire flitsers per ongeluk flitsen
Laat de secundaire fl itsers niet ingeschakeld. Ze kunnen per ongeluk worden geactiveerd door ontlading van statische elektriciteit of door andere elektromagnetische golven. Zet de fl itsers daarom uit wanneer deze niet worden gebruikt.
Een foto maken met SU-4-type fotograferen met meervoudige draadloze flitsers
1.
De secundaire flitsers instellen (flitsstand en positie van de zoomkop)
D
[De AUTO stand instellen (voorbeeld)]
Druk op de [MODE]-knop, kies
“AUTO” met de selectieschijf en druk dan op de [OK]-knop.
D –15
Druk op functieknop 1 om de positie van de zoomkop te markeren, kies een positie voor de zoomkop met de selectieschijf en druk dan op de
[OK]-knop.
t
Het fl
M instellen
In de stand M wordt het fl itssterkteniveau met functieknop 2 ingesteld.
D
2.
De hoofdflitser instellen (flitsstand)
[De flitsstand automatisch diafragma instellen (voorbeeld)]
Druk op de [MODE]-knop, kies
met de selectieschijf en druk dan op de [OK]-knop.
• Wanneer de flitsstand van de secundaire flitser AUTO (automatisch) is, zet u de flitsstand van de hoofdflitser op flitsen met automatisch diafragma, niet-DDL automatisch flitsen, handmatig flitsen met afstandsprioriteit of handmatig flitsen. ( 0 D-4)
• Wanneer de flitsstand van de secundaire flitser M (handmatig) is, zet u de flitsstand van de hoofdflitser op handmatig flitsen.
Controleer of de
fl
itsgereedaanduiding brandt en maak de foto.
D –16
Secundaire flitsers
De secundaire flitsers instellen
• De stand-by-functie van de SB-910, SB-900, SB-800, SB-700, SB-600 en SB-R200 wordt automatisch geannuleerd als de secundaire flitserstand is ingesteld. Zorg dat het batterijniveau toereikend is.
• Stel op de secundaire flitsers de positie van de zoomkop zodanig in dat die groter is dan de beeldhoek, zodat het onderwerp ook voldoende wordt belicht als de flitskop niet recht op het onderwerp is gericht. Als de afstand flitser tot onderwerp erg kort is, stelt u de positie van de zoomkop zo groot in dat er voldoende licht op het onderwerp valt.
D
Instelling van de secundaire flitsers
• In de meeste gevallen plaatst u de secundaire flitsers dichter bij het onderwerp dan de camera, zodat het licht van de hoofdflitser het lichtsensorvenster voor de draadloze secundaire flitser van de groepen secundaire flitsers kan bereiken. Dit is met name belangrijk als u een secundaire flitser in de hand houdt.
D –17
• Als richtlijn geldt dat de effectieve afstand tussen de hoofdflitser en de secundaire flitsers circa 10 m of minder bedraagt vanaf de voorzijde en circa 7 m of minder vanaf de zijkanten (bij geavanceerde draadloze flitssturing). Deze afstanden kunnen variëren afhankelijk van het omgevingslicht.
• U kunt een onbeperkt aantal secundaire flitsers tegelijk gebruiken. Als u veel secundaire flitsers gebruikt, kan het licht echter onbedoeld worden opgevangen door de lichtsensor van de hoofdflitser en een goede werking verstoren. Voor fotograferen met meervoudige draadloze flitsers kunt u het beste drie secundaire flitsers gebruiken. Bij geavanceerde draadloze flitssturing kunt u uit praktisch oogpunt het aantal secundaire flitsers het beste beperken tot drie per groep.
• Plaats alle secundaire flitsers van dezelfde groep dicht bij elkaar en in dezelfde richting gekeerd.
D
Groep C
Minder dan circa 10 m
Circa 5 – 7 m
Binnen 30 ˚
Hoofd fl itser
Groep B
Binnen 30 ˚
Circa 5 – 7 m
Groep A
D –18
D
Secundaire flitsers
• Als zich een obstakel bevindt tussen de hoofdflitser en de secundaire flitsers, kunnen de gegevens niet goed worden uitgewisseld.
• Let erop dat geen licht van de secundaire flitsers in het objectief van de camera of de lichtsensor van de hoofdflitser voor niet-DDL automatisch flitsen valt.
plaatsing van de secundaire flitsers. Maak de SB-910 op dezelfde wijze vast en los van de AS-21 als deze wordt vastgemaakt/losgemaakt van de accessoireschoen van de camera.
• Druk altijd op de testflitsknop van de hoofdflitser om de secundaire flitsers te testen nadat deze zijn opgesteld.
• Controleer of de flitsgereedaanduiding van de secundaire flitser brandt voordat u de foto maakt.
D –19
De opnameomstandigheden controleren bij fotograferen met meervoudige draadloze flitsers
U kunt de werking bij fotograferen met meervoudige draadloze fl itsers controleren door de fl itsgereedaanduiding op de SB-910 en de geluidsmonitor tijdens en na de opname te controleren.
• De geluidsmonitor kan worden gebruikt om de werking van een secundaire flitser te controleren. Deze functie kan met functieknop 3 geactiveerd of geannuleerd worden.
• Wanneer de SB-910 in de secundaire flitserstand wordt gebruikt, kan een van de flitsgereedaanduidingen in de persoonlijke instellingen worden uitgeschakeld om stroom te besparen. Bij de standaardinstelling brandt de flitsgereedaanduiding op de achterzijde en knippert de flitsgereedaanduiding op de voorzijde. ( 0 B-19)
De werking van de flitsers controleren via de flitsgereedaanduiding of de geluidsmonitor D
Hoofd fl itser Secundaire fl itser
Status van de Speedlight
Flitsgereedaanduiding
Brandt
Gaat uit en brandt wanneer gereed om te fl itsen
Flitsgereedaanduiding
De aanduiding op de achterzijde brandt en de aanduiding op de voorzijde knippert.
De aanduiding op de achterzijde brandt en de aanduiding op de voorzijde knippert of gaat uit.
Geluidsmonitor
Eén pieptoon
Twee korte pieptonen
Gereed om te fl itsen
Correct ge fl itst
Knippert gedurende circa
3 sec.
Knippert snel gedurende circa
3 sec.
Drie lange pieptonen gedurende circa
3 sec.
Onvoldoende fl itssterkte voor een correcte belichting* 1
Mogelijk onderbelichting door onvoldoende fl itssterkte.
Om dit te corrigeren, moet u een groter diafragma of een hogere ISO-gevoeligheid gebruiken, of de afstand tot het onderwerp verkleinen, en dan opnieuw fotograferen.
D –20
De opnameomstandigheden controleren bij fotograferen met meervoudige draadloze flitsers
D
Hoofd fl itser Secundaire fl itser
Geluidsmonitor
Status van de Speedlight
Flitsgereedaanduiding
Flitsgereedaanduiding
Gaat uit en brandt wanneer gereed om te fl itsen
Knippert snel gedurende circa
6 sec.
Drie lange pieptonen gedurende circa
3 sec.
(De pieptoon van elke groep secundaire fl itsers is anders.)
De lichtsensor van de secundaire fl itser heeft het aansturingslicht van de hoofd fl itser niet correct ontvangen. De lichtsensor kon niet detecteren wanneer het fl itsen synchroon met de hoofd fl itser moest worden gestopt omdat een sterke re fl ectie van de secundaire fl itser zelf of het licht van een andere secundaire fl itser mogelijk in het lichtsensorvenster is terechtgekomen. Wijzig de richting of positie van de secundaire fl itser en maak de foto opnieuw.
*1 De onderstaande aanduidingen verschijnen wanneer mogelijk onderbelichting is opgetreden door onvoldoende fl itssterkte.
Hoofd fl itser Secundaire fl itser
D –21
E
Functies
In dit hoofdstuk worden de functies van de SB-910 beschreven die fl itsfotogra fi e en camerafuncties ondersteunen.
• Voor meer informatie over camerafuncties en -instellingen raadpleegt u de gebruikshandleiding van de camera.
Het verlichtingspatroon wijzigen ( 0 E-2)
Indirect fl itsen ( 0 E-4)
Close-up foto’s maken ( 0 E-9)
Flitsfotogra fi e met kleur fi lters ( 0 E-12)
Ondersteunende fl itsfuncties ( 0 E-17)
Flitscorrectie
Power zoom-functie
AF-hulpverlichting
Handmatige instelling van ISO-gevoeligheid
Test fl its
Instellicht
Stand-by-functie
Thermische onderbreker
Functies die moeten worden ingesteld op de camera ( 0 E-24)
Automatische snelle FP-synchronisatie
Flitswaardevergrendeling
Trage synchronisatie
Rode-ogenreductie/rode-ogenreductie met trage synchronisatie
Synchronisatie op het tweede gordijn
E
E –1
Het verlichtingspatroon wijzigen
Bij fl itsopnamen is het centrum van het beeld het meest verlicht, terwijl de randen donkerder zijn. De SB-910 heeft drie typen verlichtingspatronen met een verschillende lichtafname aan de randen. Selecteer het geschikte patroon op basis van de opnameomgeving.
Standaard Het standaard verlichtingspatroon voor gangbare fl itsopnamen.
E
Gelijkmatig
Centrumgericht
De lichtafname aan de rand van het beeld is minder dan bij het standaard verlichtingspatroon.
• Geschikt voor groepsfoto’s waar voldoende licht vereist is zonder lichtafname aan de randen.
Het centrumgerichte patroon heeft grotere richtgetallen in het centrum van het beeld dan het standaard verlichtingspatroon (de lichtafname aan de rand is groter dan bij het standaard verlichtingspatroon).
• Geschikt voor opnamen zoals portretten waarbij de lichtafname aan de randen van het beeld van minder belang is.
E –2
Het verlichtingspatroon instellen
Druk op functieknop 1 om de positie van de zoomkop te markeren.
Druk op functieknop 3 om het verlichtingspatroon te veranderen.
• Het geselecteerde verlichtingspatroon wordt aangeduid met een pictogram op het lcd.
Standaard
Gelijkmatig
Centrumgericht t
Wanneer de Nikon-diffusiekap is bevestigd of de ingebouwde groothoekdiffusor wordt gebruikt
Druk op functieknop 1 om het verlichtingspatroon te veranderen.
• De positie van de zoomkop verandert ook in overeenstemming met het verlichtingspatroon.
E
E –3
Indirect flitsen
E
Indirect fl itsen is een fotogra fi etechniek waarbij licht via het plafond of een muur wordt weerkaatst door de fl itskop te kantelen of draaien. Dit leidt tot de onderstaande effecten in vergelijking tot direct licht van een fl itser:
• Overbelichting van een onderwerp dat dichterbij staat dan andere voorwerpen kan worden verminderd.
• Achtergrondschaduwen kunnen nog zachter worden gemaakt.
• Overbelichting van gezichten, haar en kleding kan worden verminderd.
• U kunt de schaduwen nog zachter maken door de Nikon-diffusiekap te gebruiken.
• Voor meer informatie en vergelijkende voorbeeldfoto’s raadpleegt u het aparte boekje “Een verzameling voorbeeldfoto’s.”
De flitskop instellen
Kantel of draai de
fl
itskop van de SB-910 door de
ontgrendelknop voor het kantelen/draaien van de
fl
itskop ingedrukt te houden.
• De flitskop van de SB-910 kan 90° omhoog en 7° omlaag worden gekanteld en kan horizontaal 180° naar links en naar rechts worden gedraaid.
• Stel de flitskop in op een klikstop op de aangegeven hoeken.
°
150
°
120
E –4
De kantel-/draaihoek van de flitskop instellen en een weerkaatsend oppervlak kiezen
• U verkrijgt gewoonlijk op eenvoudige wijze goede resultaten door de flitskop omhoog te kantelen en het plafond als reflecterend oppervlak te gebruiken.
• Draai de flitskop horizontaal om hetzelfde effect te verkrijgen als wanneer u de camera verticaal houdt.
• U kunt de belichting nog verder verzachten wanneer het licht via een plafond of muur achter de camera wordt weerkaatst, in tegenstelling tot voor de camera.
• Kies witte of erg weerkaatsende oppervlakken om het licht te weerkaatsen.
Anders worden de beeldkleuren beïnvloed door de kleur van het weerkaatsende oppervlak.
• Let op dat het licht van de flitser het onderwerp niet rechtstreeks verlicht.
• De effectieve afstand tussen de flitskop en het weerkaatsende oppervlak bedraagt circa 1 m tot 2 m, afhankelijk van de opnameomstandigheden.
• Als het weerkaatsende oppervlak niet dichtbij genoeg is, kunt u een A4-vel wit papier gebruiken. Controleer of het onderwerp aan het weerkaatste licht wordt blootgesteld voor u een foto maakt.
E
Wit plafond Flitskop 75 ˚ omhoog gekanteld en 180 ˚ gedraaid 1-2m
90º
Lichtdicht wit papier
E –5
Indirect flitsen
Nikon-diffusiekap
• Door de meegeleverde Nikon-diffusiekap op de flitskop te plaatsen, kunt u het licht nog meer verstrooien tijdens indirect flitsen. Dit levert een zeer zacht licht op met vrijwel geen schaduwen.
• Hetzelfde effect kunt u bereiken door de camera horizontaal of verticaal te houden.
• Het licht wordt meer efficiënt verstrooid wanneer u de ingebouwde groothoekdiffusor gebruikt. ( 0 E-10)
E
De Nikon-diffusiekap bevestigen
Bevestig de Nikon-diffusiekap met het
Nikon-logo omhoog gericht, zoals wordt aangegeven in de afbeelding.
E –6
Aanduiding voor de positie van de zoomkop
• Als de Nikon-diffusiekap is bevestigd, wordt de positie van de zoomkop automatisch ingesteld overeenkomstig het beeldveld van de camera en het verlichtingspatroon. De positie van de zoomkop wordt ingesteld op
12 mm, 14 mm of 17 mm bij FX-formaat en op 8 mm, 10 mm of 11 mm bij DX-formaat.
( 0 H-17)
• Het verlichtingspatroon kan met functieknop
1 worden veranderd. ( 0 E-3)
Een foto maken met indirect flitsen
Stel de
fl
itsstand in.
• Zet de flitsstand op i-DDL, flitsen met automatisch diafragma of niet-DDL automatisch flitsen.
E
Lcd van camera
Stel het diafragma, de sluitertijd enz. van de camera in.
Pas de
fl
itskop aan en maak de foto.
• Zie “De flitskop instellen.” ( 0 E-4)
E –7
Indirect flitsen
E t
Het diafragma instellen bij indirect fl itsen
• Bij indirect flitsen treedt er een lichtverlies op in vergelijking met normale flitsfotografie (waarbij de flitskop naar voren is gericht). Daarom dient u een diafragma te gebruiken dat twee tot drie stops groter (kleinere f-waarde) is. Pas het diafragma aan op basis van het resultaat.
• Als de flitskop niet naar voren is gericht, verdwijnt de aanduiding voor het afstandsbereik bij flitsopnamen op het lcd van de SB-910. Voor een correcte belichting controleert u eerst het afstandsbereik bij flitsopnamen en het diafragma terwijl de flitskop naar voren is gericht. Stel vervolgens het diafragma in op de camera.
t
De ingebouwde re fl ectiekaart gebruiken
• Bij indirect flitsen kunt u de ingebouwde reflectiekaart van de SB-910 gebruiken om een lichtpuntje weer te geven in de ogen van personen, waardoor de ogen levendiger lijken.
• Kantel de flitskop 90° omhoog. Zie “De flitskop instellen.” ( 0 E-4)
De ingebouwde reflectiekaart instellen
Trek de re fl ectiekaart en de ingebouwde groothoekdiffusor uit de fl itskop en schuif daarna de ingebouwde groothoekdiffusor weer terug terwijl u de re fl ectiekaart vasthoudt.
• U plaatst de reflectiekaart terug door de ingebouwde groothoekdiffusor weer uit de flitskop te trekken en beide kaarten in de flitskop te schuiven.
E –8
Close-up foto’s maken
Wanneer de afstand fl itser tot onderwerp minder dan circa 2 m is, raden wij u aan de fl itskop omlaag te kantelen zodat het onderste gedeelte van het onderwerp voldoende wordt verlicht bij close-up fotogra fi e.
• Het pictogram voor indirect omlaag flitsen verschijnt wanneer de flitskop omlaag wordt gekanteld.
0°
7°
• Met de ingebouwde groothoekdiffusor wordt het flitslicht van de SB-910 verstrooid. Hierdoor worden schaduwen verzacht en wordt overbelichting van gezichten enz. voorkomen.
Pictogram voor indirect omlaag fl itsen
• Let er bij gebruik van een lang objectief op dat het licht van de flitser niet wordt geblokkeerd door het objectief.
• Bij close-up flitsfotografie kan vignettering optreden door het verlichtingspatroon, het gebruikte objectief, de ingestelde brandpuntsafstand en dergelijke.
Maak daarom testfoto’s voordat u een belangrijke gebeurtenis fotografeert.
E
E –9
Close-up foto’s maken
De ingebouwde groothoekdiffusor instellen
Trek de ingebouwde groothoekdiffusor voorzichtig helemaal uit de
fl
itser en plaats deze over het
fl
itsvenster.
Schuif vervolgens de re
fl
ectiekaart terug in de
fl
itskop.
E
• U plaatst de ingebouwde groothoekdiffusor terug door deze omhoog te klappen en zo ver mogelijk terug te duwen in de flitskop.
Aanduiding voor de positie van de zoomkop
• Als de ingebouwde groothoekdiffusor is bevestigd, wordt de positie van de zoomkop automatisch ingesteld overeenkomstig het beeldveld van de camera en het verlichtingspatroon. De positie van de zoomkop wordt ingesteld op 12 mm, 14 mm of 17 mm bij FX-formaat en op 8 mm,
10 mm of 11 mm bij DX-formaat. ( 0 H-17)
• Het verlichtingspatroon kan met functieknop
1 worden veranderd. ( 0 E-3)
• Als de ingebouwde groothoekdiffusor beschadigd raakt, kan de positie van de zoomkop handmatig worden ingesteld. Dit kunt u doen door het “ ” pictogram te selecteren in de persoonlijke instellingen ( 0 B-20) en dan “ON” te kiezen.
E –10
Close-up foto’s maken met indirect omlaag flitsen
Stel de
fl
itsstand van de
SB-910 in.
Plaats de ingebouwde groothoekdiffusor.
Kantel de
fl
itskop omlaag.
Controleer of de
fl
itsgereedaanduiding brandt en maak de foto.
E t
Als de ingebouwde groothoekdiffusor is afgebroken
• De ingebouwde groothoekdiffusor kan afbreken als de diffusor wordt blootgesteld aan een hevige schok terwijl deze op de flitskop is geplaatst.
• Neem in dat geval contact op met uw leverancier of Nikon-vertegenwoordiger.
• Als de ingebouwde groothoekdiffusor is afgebroken, kan de positie van de zoomkop niet naar wens worden ingesteld. De instelling voor het handmatig positioneren van de zoomkop vindt u in de persoonlijke instellingen. ( 0 B-20)
• Wanneer de positie van de zoomkop handmatig wordt ingesteld, wordt de aanduiding omkaderd weergegeven.
E –11
Flitsfotografie met kleurfilters
Kleurcorrectie fi lters, waaronder een fi lter voor tl-licht en een fi lter voor gloeilamplicht, worden bij de SB-910 geleverd voor fl itsfotogra fi e bij gloeilamplicht/ wolfraamlicht en tl-licht.
• Voor meer informatie over de effecten van kleurcorrectiefilters raadpleegt u het aparte boekje “Een verzameling voorbeeldfoto‘s.”
• Kleurfilters (kleurfilterset SJ-3 en kleurfilterhouder SZ-2) die de kleur van het licht veranderen dat door de SB-910 wordt afgegeven, zijn apart verkrijgbaar. ( 0 H-10)
E
Gebruik van kleurcorrectiefilters en kleurfilters
Filters
Filter voor tl-licht ( fi lter voor tl-licht SZ-2FL), meegeleverd
Filter voor gloeilamplicht ( fi lter voor gloeilamplicht SZ-2TN), meegeleverd
Kleur fi lters (kleur fi lterset SJ-3), optioneel
Doel
Corrigeert de kleur van het licht van de fl itser zodat dit overeenstemt met de kleur van tl-licht
Corrigeert de kleur van het licht van de fl itser zodat dit overeenstemt met de kleur van gloeilamplicht of wolfraamlicht
Interessante effecten creëren door de kleur van het licht van de fl itser te wijzigen t
Kleurcorrectie met de meegeleverde en optionele fi lters
Het meegeleverde fi lter voor gloeilamplicht SZ-2TN en de optionele SJ-3 fi lters voor gloeilamplicht TN-A1 en TN-A2 verschillen in kleurcorrectie. De kleur van foto’s gemaakt met de SZ-2TN en SJ-3 fi lters voor gloeilamplicht verschilt een weinig, zelfs wanneer dezelfde lichtbron wordt gebruikt. De kleur kan worden aangepast via fi jnafstelling van de witbalans van de camera. Zie E-16 voor meer informatie.
Bevestigen van de kleurcorrectiefilters (meegeleverd)
SZ-2FL
Zet het
fi
lter op de
fl
itskop en steek het in de spleet aan de bovenzijde.
• Plaats het filter met het Nikon-logo omhoog gericht, zoals aangegeven in de afbeelding.
E –12
Controleer het lcd.
• Het filtertype wordt aangegeven.
• De SB-910 stuurt de informatie naar de camera.
Filter voor tl-licht
Filter voor gloeilamplicht
Bevestigen van SJ-3 kleurfilters (optioneel)
Vouw om langs de lijn die op het
fi
lter staat.
Bevestig het
fi
lter aan de kleur
fi
lterhouder SZ-2
(optioneel) zoals wordt aangegeven in de afbeelding.
• Steek de filterranden in de spleten van de houder en lijn dan het positioneringsgat van het filter uit met de houderpen.
• Lijn de identificatiecode (zilverkleurige markeringen) van het filter uit met de zwarte streep op de houder.
• Druk het filter stevig in de filterhouder zonder het filter te vouwen. Zorg ook dat het filter precies aansluit.
E
E –13
E
Flitsfotografie met kleurfilters
Plaats de
fi
lterhouder met het
Nikon-logo omhoog gericht op de
fl
itskop, zoals wordt aangegeven in de afbeelding, en steek de houder in de spleet aan de bovenzijde.
• Zorg dat u het filter aan de filterhouder bevestigt, voordat u de filterhouder op de flitskop plaatst.
Controleer het lcd.
• Het filtertype wordt aangegeven.
Zorg dat de filterdetector niet is afgedekt.
Rood fi lter is bevestigd
FL-G1 ( fi lter voor tl-licht)
FL-G2 ( fi lter voor tl-licht)
TN-A1 ( fi lter voor gloeilamplicht)
TN-A2 ( fi lter voor gloeilamplicht)
RED (ROOD)
BLUE (BLAUW)
YELLOW (GEEL)
AMBER (AMBERKLEURIG)
• Wanneer het filter niet juist is bevestigd, verschijnt de waarschuwingsaanduiding die links hiernaast is afgebeeld. Verwijder het filter in dat geval en plaats het opnieuw.
Waarschuwingsaanduiding
E –14
v
Opmerkingen over het gebruik van SJ-3 kleur fi lters
• Deze filters zijn verbruiksonderdelen. Vervang de filters wanneer de werking minder goed wordt of de kleuren vervagen.
• Door de warmte van de flitskop kunnen filters vervormen. Dit is echter niet van invloed op de prestaties.
• Krassen op het filter zijn niet van invloed op de prestaties, tenzij de kleur van het filter vervaagt.
• U verwijdert stof of vuil door het filter voorzichtig af te vegen met een zachte, schone doek.
Het licht van de flitser corrigeren met behulp van kleurcorrectiefilters en kleurfilters
Als een kleurcorrectie fi lter op de SB-910 is bevestigd terwijl de witbalans van de camera is ingesteld op automatisch of fl itslicht, wordt de fi lterinformatie automatisch doorgegeven aan de camera en wordt de optimale witbalans van de camera automatisch aangepast voor de juiste kleurtemperatuur.
• Wanneer een SJ-3 kleurfilter op de SB-910 is bevestigd, stelt u de witbalans van de camera in op automatisch, flitslicht of direct zonlicht.
• Bij gebruik van de SB-910 met een camera zonder fi lterdetectie (D2-serie,
D1-serie, D200, D100, D80, D70-serie, D60, D50, D40-serie), stelt u de witbalans van de camera in op basis van het gebruikte fi lter aan de hand van de volgende tabel.
• Raadpleeg de gebruikshandleiding van de camera voor meer informatie over de witbalans.
E
E –15
Flitsfotografie met kleurfilters
E
■ Witbalans hangt af van de gebruikte camera
Filter
SZ-2FL
Camera
SZ-2TN
D3X, D3S, D3* 1 ,
D700, D300S,
D300* 2 , D90, D7000,
D5100, D5000,
D3100, D3000
D2-serie, D1X, D1H,
D200, D100, D80,
D70-serie, D60,
D40-serie
Automatisch, fl itslicht Niet aanbevolen
Automatisch, fl itslicht* 3
Gloeilamplicht
FL-G1, FL-G2 Automatisch, fl itslicht Niet aanbevolen
TN-A1
Gloeilamplicht
( fi jnafstelling +3),
+1,0 EV* 4
Automatisch, fl itslicht
TN-A2
Direct zonlicht
( fi jnafstelling +3),
+0,3 EV* 4
Kleur fi
(RED, BLUE,
YELLOW,
AMBER)
Automatisch, fl itslicht, direct zonlicht
Automatisch, fl itsen, direct zonlicht
(+0,7 EV* 4 met
AMBER)
D1, D50
Niet aanbevolen
Gloeilamplicht
Niet aanbevolen
Niet aanbevolen
Automatisch, fl itsen, direct zonlicht
(+0,7 EV* 4 met
AMBER)
*1 De D3-camera met fi rmware A en fi rmware B versie 2.00 of later.
*2 De D300-camera met fi rmware A en fi rmware B versie 1.10 of later.
*3 Om de correctie-effecten van de SZ-2TN en de TN-A1 of TN-A2 aan te passen, stelt u automatisch of fl itslicht in bij de witbalans van de camera en A6 bij de fi jnafstelling.
*4 Stel de witbalans en fl itscorrectiewaarde van de camera in.
• Controleer de beeldresultaten en pas de flitscorrectiewaarde en andere instellingen dienovereenkomstig aan.
E
–16
Ondersteunende flitsfuncties
Flitscorrectie
U kunt belichtingscorrectie toepassen op alleen het verlichte onderwerp, zonder dat dit van invloed is op de belichting van de achtergrond, door de fl itssterkte van de
SB-910 aan te passen.
• Enige positieve correctie kan nodig zijn om het hoofdonderwerp lichter te maken of enige negatieve correctie om het onderwerp donkerder te maken.
• Flitscorrectie is mogelijk bij i-DDL, de flitsstand automatisch diafragma, niet-DDL automatisch flitsen en in de handmatige flitsmodus met afstandsprioriteit.
Druk op functieknop 2 om de
fl
itscorrectiewaarde te markeren.
Draai aan de selectieschijf om de gewenste
fl
itscorrectiewaarde in te stellen.
• De correctiewaarde kan worden ingesteld in stappen van 1/3 EV van
+3,0 EV tot –3,0 EV.
Druk op de [OK]-knop.
E v
Flitscorrectie annuleren
• U annuleert de flitscorrectie door aan de selectieschijf te draaien tot de waarde
“0” voor de correctie wordt weergegeven.
• U kunt de flitscorrectie niet annuleren door de SB-910 uit te zetten. t
Voor digitale spiegelre fl excamera’s met een ingebouwde fl itser met een functie voor fl
• U kunt de flitscorrectie ook instellen op de digitale spiegelreflexcamera met ingebouwde flitser. Raadpleeg de gebruikshandleiding van de camera voor meer informatie.
• Als u de flitssterkte corrigeert zowel op de camera als op de Speedlight, wordt de belichting gewijzigd met de som van beide correctiewaarden. In dit geval wordt op het lcd-venster van de SB-910 alleen de correctiewaarde weergegeven die is ingesteld op de SB-910.
E –17
Ondersteunende flitsfuncties
E
Power zoom-functie
De SB-910 past de positie van de zoomkop automatisch aan de brandpuntsafstand van het objectief aan.
• Welke posities van de zoomkop automatisch worden aangepast, hangt af van de instellingen. Zie “Specificaties” voor meer informatie. ( 0 H-17)
Power zoom-functie geactiveerd
Power zoom-functie geactiveerd
Positie van de zoomkop handmatig ingesteld
Power zoom-functie geannuleerd (positie van de zoomkop moet handmatig worden ingesteld)
Nikon-diffusiekap bevestigd
Ingebouwde groothoekdiffusor in gebruik
Positie van de zoomkop op maximale groothoekpositie
Positie van de zoomkop op maximale telefotopositie
■ De positie van de zoomkop handmatig instellen
Als u de positie van de zoomkop wilt wijzigen in een positie die niet overeenkomt met de brandpuntsafstand, moet u de positie van de zoomkop handmatig aanpassen.
• Wanneer u de positie van de zoomkop handmatig instelt, verschijnt er een “ boven de “ ” aanduiding op het lcd-venster.
• Druk op functieknop 1 om de positie van de zoomkop te markeren en draai dan aan de selectieschijf om de positie van de zoomkop in te stellen.
”
• Draai de selectieschijf rechtsom om de waarde te verhogen en linksom om de waarde te verlagen.
• De positie van de zoomkop kan ook met functieknop 1 worden ingesteld. In dit geval wordt de waarde verhoogd telkens wanneer op functieknop 1 wordt gedrukt. Let erop dat de positie na de grootste telepositie verandert in de grootste groothoekpositie.
• Om de power zoom-functie opnieuw te activeren, drukt u op functieknop 1 zodat “ ” wordt weergegeven en dan drukt u op functieknop 2.
E –18
■ Power zoom-functie geannuleerd
De power zoom-functie kan in de persoonlijke instellingen worden geannuleerd.
( 0 B-18)
• Wanneer u de power zoom-functie annuleert, verschijnt er een “
“ ” aanduiding op het lcd-venster.
” boven de
• De positie van de zoomkop moet handmatig worden ingesteld. De positie van de zoomkop verandert niet automatisch wanneer de brandpuntsafstand van het objectief wordt veranderd, het objectief wordt vervangen of de Speedlight wordt uit-/ ingeschakeld.
• Zie “De positie van de zoomkop handmatig instellen” hierboven om de positie van de zoomkop handmatig in te stellen.
AF-hulpverlichting
Als het licht ontoereikend is voor een normale werking van de autofocus, zorgt de AFhulpverlichting van de SB-910 ervoor dat u toch kunt fotograferen met autofocus.
• De AF-hulpverlichting van de SB-910 ondersteunt meerpunts-AF.
• De AF-hulpverlichting kan niet worden gebruikt met niet-CLS-compatibele camera’s of met COOLPIX-camera’s.
■ Opmerkingen over het gebruik van de AF-hulpverlichting
• De AF-hulpverlichting is beschikbaar als een AF-objectief is bevestigd en de scherpstelstand van de camera is ingesteld op S (enkelvoudige servo-AF met scherpstelprioriteit), AF-A of AF.
• De effectieve afstand flitser tot onderwerp met de AF-hulpverlichting bedraagt circa
1 m tot 10 m vanaf het midden van het beeld met een 50 mm f/1,8 objectief. De afstand flitser tot onderwerp varieert afhankelijk van het gebruikte objectief.
• De geschikte brandpuntsafstand van het objectief is tussen 17 mm en 135 mm. De scherpstelpunten voor elke brandpuntsafstand waarin automatische scherpstelling mogelijk is, zijn als volgt:
Scherpstelpunten voor D3-serie camera’s
17 – 19 mm 20 – 105 mm 106 – 135 mm
E
• De AF-hulpverlichting brandt niet als de scherpstelling van de camera is vergrendeld of de flitsgereedaanduiding van de SB-910 niet brandt.
• Raadpleeg de gebruikshandleiding van de camera voor meer informatie.
E –19
Ondersteunende flitsfuncties
■ AF-hulpverlichting/ annuleren van de itsfunctie
De AF-hulpverlichting kan in de persoonlijke instellingen worden geactiveerd of geannuleerd. De fl itsfunctie kan ook in de persoonlijke instellingen worden geannuleerd terwijl de AF-hulpverlichting geactiveerd is. ( 0 B-18)
AF-hulpverlichting is geactiveerd terwijl de fl itsfunctie geactiveerd is
(standaardinstelling)
AF-hulpverlichting is geannuleerd terwijl de fl itsfunctie geactiveerd is. Nu verschijnt “AF” niet.
AF-hulpverlichting is geactiveerd terwijl de fl itsfunctie geannuleerd is
E v
Wanneer autofocus niet mogelijk is bij gebruik van de AF-hulpverlichting
Als de scherpstelaanduiding niet wordt weergegeven in de zoeker van de camera, ook al brandt de AF-hulpverlichting, dient u handmatig scherp te stellen. t
De SB-910 los van de camera gebruiken
Als u de SB-910 met de DDL-afstandsbediening SC-29 op de camera aansluit, is fl itsfotogra fi e met autofocus bij weinig licht mogelijk omdat de SC-29 een functie voor AF-hulpverlichting bevat. ( 0 H-10) t
Voor camera’s met een ingebouwde fl
• Zelfs als de AF-hulpverlichting van de camera is ingeschakeld, krijgt de
AF-hulpverlichting van de SB-910 de prioriteit en brandt de AF-hulpverlichting van de camera niet.
• De AF-hulpverlichting van de camera brandt alleen als de AF-hulpverlichting van de SB-910 is geannuleerd.
E –20
Handmatige instelling van ISO-gevoeligheid
De ISO-gevoeligheid kan handmatig in de persoonlijke instellingen worden ingesteld. ( 0 B-19)
• De ISO-gevoeligheid kan worden ingesteld tussen 3 en 8000. Houd er rekening mee dat de instelling voor de ISO-gevoeligheid op de camera voorrang heeft.
Testflits
Druk op de test fl itsknop om te bepalen of de SB-910 correct fl itst.
• Testflitsen en instellicht kunnen in de persoonlijke instellingen worden geselecteerd. ( 0 B-17)
• Het flitssterkteniveau tijdens testflitsen varieert afhankelijk van de instellingen en de flitsstand.
• Testflitsen is niet mogelijk wanneer de SB-910 in de hoofdflitserstand wordt gebruikt.
Instellicht
Wanneer op de test fl itsknop wordt gedrukt, fl itst de fl itser meerdere malen met een lager fl itssterkteniveau. Zo kunt u de verlichting en de schaduwen op het onderwerp controleren voordat u de foto maakt.
• Testflitsen en instellicht kunnen in de persoonlijke instellingen worden geselecteerd. ( 0 B-17)
• De flitser flitst als een instellicht voor maximaal circa 1,5 seconde.
• Als u op de voorbeeldknop voor de scherptediepte drukt van een camera die de functie voor instellicht ondersteunt, gaat het instellicht branden ook als de SB-910 niet is ingesteld voor gebruik van de instellichtfunctie.
Raadpleeg de gebruikshandleiding van de camera voor meer informatie.
■ Geavanceerde draadloze fl itssturing ( 0 D-8)
• Wanneer de testflitsknop op de hoofdflitser wordt ingedrukt, brandt het instellicht op de geactiveerde flitsers op het ingestelde flitssterkteniveau.
• Als u op de voorbeeldknop voor de scherptediepte op de camera drukt, brandt het instellicht van de hoofdflitser (met de flitsfunctie geactiveerd) en van alle andere secundaire flitsers op het ingestelde flitssterkteniveau in de geselecteerde stand.
E
E –21
Ondersteunende flitsfuncties
■ SU-4-type fotograferen met meervoudige draadloze fl
( 0 D-12)
• Als u op de voorbeeldknop voor de scherptediepte op de camera drukt, brandt alleen het instellicht van de hoofdflitser.
• De secundaire flitsers flitsen ook in overeenstemming met het instellicht van de hoofdflitser, maar dit zijn geen instellichten.
E
Stand-by-functie
Als de SB-910 en de camera gedurende een bepaalde tijd niet worden gebruikt, wordt automatisch de stand-by-functie geactiveerd om de batterijen te sparen.
• De stand-by-functie wordt geactiveerd wanneer de belichtingsmeter van de camera wordt uitgeschakeld (standaardinstelling).
• U kunt de tijdsduur waarna de stand-byfunctie wordt geactiveerd aanpassen via de persoonlijke instellingen ( 0 B-18).
De stand-by-functie annuleren
• Druk de ontspanknop van de camera half in.
• Zet de hoofdschakelaar/schakelaar draadloze stand voor meervoudige flitsers op
[OFF] en daarna op [ON], [REMOTE] of [MASTER].
• Druk op de testflitsknop.
E –22
Thermische onderbreker
De SB-910 beschikt over een functie die bescherming biedt tegen schade aan het fl itsvenster en de fl itser door oververhitting. Deze functie kan niet het stijgen van de temperatuur van de fl itskop stoppen. Let op dat de SB-910 niet oververhit raakt bij continu gebruik van de fl itser.
• De aanduiding voor de thermische onderbreker verschijnt wanneer de temperatuur van het flitsvenster en de behuizing stijgen als gevolg van veelvuldig, snel achter elkaar gebruik van de flitser, en alle bedieningsfuncties, met uitzondering van ON/OFF voor de stroom en de persoonlijke instellingen, worden geannuleerd om te voorkomen dat de hitte het flitsvenster en de behuizing kunnen beschadigen.
Lcd bij normale temperatuur Aanduiding van de thermische onderbreker
E
Hoge temperatuur
• Wacht totdat de SB-910 is afgekoeld.
• Het gebruik kan worden hervat zodra de waarschuwing niet meer wordt weergegeven.
• Afhankelijk van de positie van de zoomkop is het in zeldzame gevallen mogelijk dat de aanduiding van de thermische onderbreker verschijnt of verdwijnt zonder dat de temperatuur verandert. Dit is geen defect.
E –23
Functies die moeten worden ingesteld op de camera
De volgende functies zijn beschikbaar als de gebruikte camera hierover beschikt.
Stel deze functies in op de camera. Ze kunnen niet rechtstreeks op de SB-910 worden ingesteld.
• Voor meer informatie over camerafuncties en -instellingen raadpleegt u de gebruikshandleiding van de camera.
E
Automatische snelle FP-synchronisatie
Snelle fl itssynchronisatie bij de kortste sluitertijd van compatibele camera’s is mogelijk.
• Automatische snelle FP-synchronisatie wordt automatisch ingesteld als de sluitertijd de synchronisatietijd van de camera overschrijdt.
• Dit is zelfs bij daglicht handig als een groter diafragma vereist is om een kleinere scherptediepte te creëren en zo de achtergrond onscherp vast te leggen.
• Automatische snelle FP-synchronisatie kan ook worden gebruikt bij geavanceerde draadloze flitssturing.
• De beschikbare flitsstanden zijn i-DDL, de flitsstand automatisch diafragma met monitorvoorflitsen, niet-DDL automatisch flitsen met monitorvoorflitsen, handmatig flitsen met afstandsprioriteit en handmatig flitsen.
• Raadpleeg “Specificaties” voor het afstandsbereik bij flitsopnamen in de i-DDLstand en de richtgetallen voor automatische snelle FP-synchronisatie. ( 0 H-20)
E –24
Flitswaardevergrendeling ( FV lock)
De fl itssterkte van de SB-910 kan worden vergrendeld. Zo blijft de verlichting van het onderwerp constant, zelfs als u de compositie wijzigt.
• De flitsbelichting (helderheid) blijft gelijk, zelfs als u het diafragma wijzigt of het objectief in- of uitzoomt, aangezien het flitssterkteniveau automatisch wordt aangepast.
• U kunt meerdere foto’s maken terwijl de flitswaarde is vergrendeld.
• Flitswaardevergrendeling kan ook worden gebruikt bij geavanceerde draadloze flitssturing.
• De beschikbare flitsstanden zijn i-DDL, de flitsstand automatisch diafragma met monitorvoorflitsen en niet-DDL automatisch flitsen met monitorvoorflitsen.
• De flitswaarde staat voor de hoeveelheid flitsbelichting van het onderwerp.
Trage synchronisatie
De fl itser wordt aangestuurd bij een lange sluitertijd om zo een correcte belichting te krijgen van zowel het hoofdonderwerp als de achtergrond in situaties met weinig licht.
• Aangezien lange sluitertijden worden gebruikt, wordt het gebruik van een statief aanbevolen om cameratrilling te voorkomen.
E
Rode-ogenreductie/ rode-ogenreductie met trage synchronisatie
De SB-910 fl itst driemaal op lagere sterkte vlak voordat de foto wordt gemaakt om te voorkomen dat de ogen van gefotografeerde personen rood worden weergegeven in foto’s die zijn gemaakt bij weinig licht.
• Bij rode-ogenreductie met trage synchronisatie wordt rode-ogenreductie gecombineerd met een trage synchronisatie flitser.
• Aangezien lange sluitertijden worden gebruikt bij rode-ogenreductie met trage synchronisatie, wordt het gebruik van een statief aanbevolen om cameratrilling te voorkomen.
E –25
E
Functies die moeten worden ingesteld op de camera
Synchronisatie op het tweede gordijn
Wanneer u bij normale fl itsfotogra fi e snelbewegende onderwerpen fotografeert met een lange sluitertijd, kan dit leiden tot onnatuurlijk uitziende foto’s aangezien het onderwerp zich achter of in de onscherpte van de beweging lijkt te bevinden. Bij synchronisatie op het tweede gordijn wordt een foto gemaakt waarbij de onscherpte van een bewegend onderwerp zich achter het onderwerp bevindt en niet ervoor.
• Bij synchronisatie op het eerste gordijn flitst de flitser direct nadat het eerste gordijn volledig is geopend; bij synchronisatie op het tweede gordijn flitst de flitser vlak voordat het tweede gordijn wordt gesloten.
• Aangezien lange sluitertijden worden gebruikt, wordt het gebruik van een statief aanbevolen om cameratrilling te voorkomen.
• Synchronisatie op het tweede gordijn werkt niet in de stroboscopische flitsmodus.
Synchronisatie op het eerste gordijn Synchronisatie op het tweede gordijn
E –26
F
Voor gebruik met niet-CLS compatibele spiegelreflexcamera’s
Gebruik van de SB-910 met spiegelre fl excamera’s die niet compatibel zijn met CLS is mogelijk, maar sommige functies zullen wellicht niet werken.
• Welke functies van de SB-910 beschikbaar zijn, hangt af van de gebruikte camera.
• Raadpleeg ook de gebruikshandleiding van uw camera.
Verschillen tussen CLS-compatibele camera’s en niet-
CLS compatibele camera’s
CLS-compatibele camera’s
Niet-CLS-compatibele camera’s
Pictogram voor cameracommunicatie Weergegeven Niet weergegeven
Beschikbare fl itsstanden
ISO-gevoeligheid
• i-DDL
• Flitsstand automatisch diafragma
• Niet-DDL automatisch fl itsen
• Handmatig fl itsen met
•
• afstandsprioriteit
Handmatig fl itsen
Stroboscopisch fl itsen
•
•
•
•
Niet-DDL automatisch fl itsen
Handmatig fl afstandsprioriteit
Handmatig fl
Stroboscopisch fl itsen
Automatisch ingesteld
Instellen in de persoonlijke instellingen
Functie voor fotograferen met meervoudige draadloze fl itsers
Flitsopnamen met kleur fi lters
• Geavanceerde draadloze
• fl itssturing
SU-4 type
Mogelijk ( fi lterinformatie wordt doorgegeven naar camera compatibel met fi lterdetectie)
Mogelijk Flitswaardevergrendeling
Automatische snelle FPsynchronisatie
Mogelijk
Rode-ogenreductie
Synchronisatie op het tweede gordijn
Mogelijk
Mogelijk
AF-hulpverlichting
Firmware-update
Mogelijk (ondersteuning voor meerpunts-AF)
Mogelijk (alleen met compatibele camera’s)
• SU-4 type
Mogelijk ( fi lterinformatie wordt niet doorgegeven)
Niet mogelijk
Niet mogelijk
Niet mogelijk
Mogelijk
Niet mogelijk
Niet mogelijk
F –1
F
G
Voor gebruik met COOLPIX-camera’s
Gebruik van de SB-910 met de onderstaande COOLPIX-camera’s die niet compatibel zijn met CLS is mogelijk, maar sommige functies zullen wellicht niet werken.
CLS-compatibele COOLPIX-camera’s (P7100, P7000, P6000)
i-DDL-compatibele COOLPIX-camera’s (P5100, P5000, E8800, E8400)
• Raadpleeg ook de gebruikshandleiding van uw camera.
Flitsstanden en functies bij gebruik met
COOLPIX-camera’s
G
Beschikbare fl itsstanden
Mogelijkheden voor fotograferen met meerdere, draadloze fl itsers* 1
Flitswaardevergrendeling
Automatische snelle
FP-synchronisatie
AF-hulpverlichting
Firmware-update
CLS-compatibele
COOLPIX-camera’s
• Geavanceerde draadloze
• fl itssturing
SU-4 type i-DDL-compatibele
COOLPIX-camera’s
• Standaard i-DDL
• Flitsstand automatisch diafragma
• Niet-DDL automatisch fl itsen
• Handmatig fl itsen met afstandsprioriteit
• Handmatig fl itsen
• Stroboscopisch fl itsen
• SU-4 type
Niet mogelijk
Niet mogelijk
Niet mogelijk
Niet mogelijk
*1 fl fl
COOLPIX als hoofd fl itser en de SB-910 als secundaire fl itser wordt gebruikt, is niet mogelijk.
G –1
t
CLS-compatibele COOLPIX-camera’s
• Fotograferen met meervoudige draadloze flitsers is mogelijk wanneer de SB-910,
SB-900, SB-800, SB-700 of de draadloze Speedlight commander SU-800 als de hoofdflitser of de commander op de accessoireschoen van de COOLPIX-camera is bevestigd en flitsers zoals de SB-910, SB-900, SB-800, SB-700 en SB-600 in de secundaire flitserstand staan.
• Voor meer informatie over de camera-instellingen raadpleegt u de gebruikshandleiding van de camera.
t
De positie van de zoomkop instellen bij gebruik met CLScompatibele COOLPIX-camera’s
De power zoom-functie past de positie van de zoomkop automatisch aan de brandpuntsafstand van het objectief aan. In dit geval verschijnt “ ” op het lcd-venster, maar de positie van de zoomkop verschijnt niet op het lcd-venster.
G
G
–2
H
Tips voor onderhoud van de Speedlight en naslaginformatie
In dit hoofdstuk worden het oplossen van problemen, het onderhoud van de
Speedlight, de speci fi caties en de optionele accessoires beschreven.
Problemen oplossen
Als er een waarschuwingsaanduiding verschijnt, gebruik dan de volgende tabel om de oorzaak van het probleem vast te stellen alvorens u de Speedlight voor reparatie naar een leverancier of Nikon-vertegenwoordiger brengt.
Problemen met de SB-910
H
De worden ingeschakeld.
De fl fl
Probleem Oorzaak aanduiding gaat niet branden.
Oplossing
De batterijen zijn onjuist geplaatst.
Plaats de batterijen op de juiste manier.
De batterijen zijn bijna leeg.
Vervang de batterijen.
De stand-by-functie is geactiveerd.
•
•
Druk de ontspanknop van de camera half in.
Schakel de SB-910 in.
De SB-910 fl
Het afstandsbereik voor fl itsopnamen wordt niet weergegeven.
De batterijen zijn bijna leeg.
Vervang de batterijen.
De fl in de persoonlijke instellingen.
Activeer de fl itsfunctie in de persoonlijke instellingen.
De fl itskop is niet naar voren gericht.
Er wordt geen informatie van de camera over het diafragma en de ISOgevoeligheid ontvangen.
Draai de fl itskop zodat deze naar voren is gericht.
•
•
Controleer de camerainstellingen.
Maak de SB-910 los van de camera en sluit deze daarna weer aan.
De SB-910 ontvangt geen informatie van de camera over de brandpuntsafstand.
Zet de SB-910 en de camera uit en dan weer aan.
De positie van de zoomkop wordt niet automatisch ingesteld.
De ingebouwde groothoekdiffusor wordt gebruikt of de Nikondiffusiekap is bevestigd.
De power zoom-functie is geannuleerd.
•
•
Verwijder de ingebouwde groothoekdiffusor of de
Nikon-diffusiekap.
Maak de instelling voor handmatig instellen van de positie van de zoomkop in de persoonlijke instellingen.
Activeer de power zoomfunctie.
H –1
0
B-6
B-7
E-22
B-7
B-18
B-9
—
—
B-20
E-6
E-10
E-19
Probleem Oorzaak
De secundaire fl itst niet.
fl itser
De SB-910 werkt niet correct.
Niet-standaard weergave
De instelschijven of knoppen werken niet.
De SB-910 werkt niet.
De afstand tussen de hoofd fl itser en de secundaire fl itser is te groot of er is een obstakel tussen de fl itsers.
Het licht van de hoofd fl itser valt niet in het lichtsensorvenster van de secundaire fl draadloze fl itssturing.
De microcomputer heeft mogelijk niet juist gefunctioneerd als dit probleem optreedt wanneer er nieuwe batterijen op de juiste wijze zijn geplaatst.
De knopvergrendeling is geactiveerd.
De thermische onderbreker is geactiveerd.
Oplossing
Zoek een nieuwe plaats voor de hoofd fl itser en de secundaire fl itsers.
• Vervang de batterijen terwijl de SB-910 is ingeschakeld.
• Als het probleem blijft bestaan, neem dan contact op met uw leverancier of
Nikon-vertegenwoordiger.
Annuleer de knopvergrendeling.
Wacht totdat de SB-910 is afgekoeld.
0
D-17
B-6
B-4
E-23
Waarschuwingsaanduidingen
Waarschuwingsaanduiding
Aanduiding voor laag batterijniveau verschijnt.
De aanduiding voor de thermische onderbreker verschijnt.
Oorzaak Oplossing
Alle functies zijn gestopt vanwege een te laag batterijniveau.
Vervang de batterijen.
De fl en alle bedieningsfuncties, met uitzondering van ON/
OFF voor de stroom en de persoonlijke instellingen, zijn gestopt omdat de SB-910 te warm is geworden en beschadigd kan raken.
Laat de SB-910 afkoelen.
0
B-7
E-23
H
H –2
Problemen oplossen
Waarschuwingsaanduiding
De aanduiding voor activering van de beveiliging verschijnt.
Oorzaak
Alle functies, behalve de hoofdschakelaar, kunnen niet worden gebruikt vanwege problemen met de stroomvoorziening.
De fl knippert nadat de fl itser heeft ge fl itst.
Waarschuwingspieptonen klinken ongeveer
3 seconden in de secundaire fl itser.
Er is mogelijk onderbelichting opgetreden.
Er is mogelijk onderbelichting opgetreden.
Oplossing
Zet de fl itser uit, verwijder de batterijen en neem contact op met uw leverancier of Nikonvertegenwoordiger.
Gebruik een groter diafragma of verklein de afstand vanaf de fl itser tot het onderwerp en maak de foto opnieuw.
Gebruik een groter diafragma, breng de fl itser dichter naar het onderwerp toe of verander de positie van de fl itser en maak de foto opnieuw.
0
—
C-4
C-7
C-10
C-13
D-20
D-20
H
De aanduiding voor fi lterdetectiefout verschijnt.
Het bevestigde kleur fi lter is niet gedetecteerd.
Controleer of het kleur fi lter juist is bevestigd.
E-14
Er is geen fl itssterkte die overeenkomt met het gebruikte diafragma van de camera.
Het diafragma staat niet op de maximale f-waarde.
Stel het diafragma opnieuw in.
Stel de maximale f-waarde in.
De camera is uitgeschakeld. Schakel de camera in.
De power zoom-functie werkt niet juist.
• Schakel de SB-910 uit en dan weer in.
• Als de waarschuwing blijft bestaan, neem dan contact op met uw leverancier of Nikonvertegenwoordiger.
—
—
—
—
H –3
Richtgetal, diafragma en afstand flitser tot onderwerp
Het richtgetal (RG) geeft de hoeveelheid licht van de fl itser aan. Hoe hoger dit getal, hoe groter de fl itssterkte en hoe verder het licht zich verspreid.
Er is een relatie vertegenwoordigd door een vergelijking, richtgetal (m; voor
ISO 100) = afstand fl itser tot onderwerp (m) × f-waarde van het diafragma. Het richtgetal van de SB-910 is 34 m (voor ISO 100, positie van de zoomkop: 35 mm,
FX-formaat, verlichtingspatroon: standaard, temperatuur: 20 °C). Als de ISOgevoeligheid 100 bedraagt en de f-waarde van het diafragma 8 bedraagt, is de verlichting van de SB-910 4,25 m, wat wordt bepaald door de vergelijking, afstand fl itser tot onderwerp (4,25 m) = richtgetal (34 m) / f-waarde van het diafragma (8).
• Voor andere ISO-gevoeligheden dan 100, vermenigvuldigt u het richtgetal met de factor ( ISO-gevoeligheidsfactoren) uit de onderstaande tabel.
ISO
Factor
25
0,5
50
0,71
100
1
200
1,4
400
2
800
2,8
1600 3200 6400
4 5,6 8
• Zie “Specificaties” voor meer details. ( 0 H-18) t
Bepalen van het diafragma en de afstand fl voor correcte belichting f-waarde van het diafragma
= richtgetal (RG voor ISO 100; m)
× ISO-gevoeligheidsfactor / afstand fl itser tot onderwerp (m)
Afstand fl itser tot onderwerp (m)
= richtgetal (RG voor ISO 100; m)
× ISO-gevoeligheidsfactor / f-waarde van het diafragma
H
H –4
Tips voor onderhoud van de Speedlight
"
WAARSCHUWING
Gebruik nooit thinner, benzeen of andere actieve middelen voor het schoonmaken van de Speedlight, aangezien deze middelen de Speedlight kunnen beschadigen of in brand kunnen laten vliegen. Gebruik van deze middelen kan ook slecht zijn voor uw gezondheid.
Reiniging
• Het flitsvenster kan barsten wanneer er wordt geflitst terwijl er vuil op het flitsvenster zit. Reinig het flitsvenster regelmatig.
• Gebruik een blaasbalgje om vuil en stof van de SB-910 te verwijderen en veeg de flitser schoon met een zachte, schone doek. Na gebruik van de SB-910 in de buurt van zout water veegt u de flitser schoon met een zachte, schone doek die licht is bevochtigd met schoon water om het zout te verwijderen.
• In zeer uitzonderlijke gevallen kan het lcd worden ingeschakeld of donker worden als gevolg van statische elektriciteit. Dit is geen defect. Het venster keert weldra terug naar de normale weergave.
• Laat de SB-910 niet vallen en stoot deze niet tegen een hard oppervlak, aangezien hierdoor de precisiemechanismen beschadigd kunnen worden. Oefen geen sterke druk uit op het lcd-venster.
H
Opslag
• Berg de SB-910 op een koele, droge plaats op om storingen door een hoge vochtigheid en de vorming van schimmel of meeldauw te voorkomen.
• Houd de SB-910 uit de buurt van chemicaliën zoals kamfer of naftaleen. Vermijd blootstelling van de SB-910 aan de magnetische golven van een tv of radio.
• U dient de SB-910 niet te gebruiken of achter te laten op plaatsen die worden blootgesteld aan hoge temperaturen, zoals in de buurt van een verwarmingsapparaat of kachel, aangezien de flitser hierdoor beschadigd kan worden.
• Als u de SB-910 gedurende langer dan twee weken niet gebruikt, dient u de batterijen te verwijderen om storingen door lekkende batterijen te voorkomen.
• Haal de SB-910 ten minste eenmaal per maand uit de opslag, plaats de batterijen en flits diverse malen om de condensator weer op peil te brengen.
H –5
Gebruiksomgeving
• Een extreme temperatuurwisseling kan leiden tot condensvorming in de SB-910.
Als u de SB-910 blootstelt aan plotselinge en extreme temperatuurschommelingen, plaatst u deze in een luchtdichte verpakking, zoals een plastic tas. Laat de flitser een tijdje in de tas zitten voordat u deze geleidelijk blootstelt aan de buitentemperatuur.
• Vermijd blootstelling van de SB-910 aan sterke magnetische velden of radiogolven van tv’s of hoogspanningszendmasten, aangezien dit storingen kan veroorzaken.
H –6
H
Opmerkingen over batterijen
H
• Aangezien een flitser veel batterij-energie verbruikt, werken batterijen mogelijk niet meer correct voordat de door de producent vermelde gebruiksduur is verstreken of het maximumaantal ladingen/ontladingen is bereikt.
• Wanneer u batterijen plaatst, dient u de Speedlight uit te schakelen. U mag de polariteit van de batterijen nooit omkeren.
• Als de batterijcontacten vuil zijn, verwijdert u vuil en vlekken voordat u de batterijen gebruikt, aangezien dit kan leiden tot storingen.
• Afhankelijk van de eigenschappen van de batterijen wordt de beveiliging van de SB-910 geactiveerd wanneer de batterijen te heet worden, waarna de stroomtoevoer wordt onderbroken. Dit gebeurt vaak wanneer de flitser wordt gebruikt voor stroboscopisch flitsen. De batterijen leveren weer stroom zodra de normale temperatuur is hersteld.
• De batterijlading neemt af naarmate de temperatuur daalt. De lading neemt ook geleidelijk af wanneer batterijen gedurende lange tijd niet worden gebruikt. Als u merkt dat de oplaadtijd van de flitser toeneemt, controleert u het batterijniveau en vervangt u de batterijen zo nodig door nieuwe.
• Bewaar batterijen niet op plaatsen die worden blootgesteld aan hoge temperaturen en een hoge luchtvochtigheid.
• Lees de gebruikshandleiding van de oplaadbare batterijen en de batterijlader voor meer informatie over het gebruiken en opladen van de batterijen.
• Probeer nooit batterijen op te laden die niet oplaadbaar zijn, aangezien deze kunnen ontploffen.
Ni-MH
Recyclen van oplaadbare batterijen
Om het milieu te beschermen, mag u opgebruikte oplaadbare batterijen niet met het normale huisvuil weggooien. Breng deze batterijen naar het dichtstbijzijnde recycling-inzamelpunt.
H –7
Over het lcd-venster
Kenmerken van het lcd-venster
• Vanwege de eigenschappen van lcd-schermen is het lcd-venster moeilijk zichtbaar als u er van boven op kijkt. Het venster is echter duidelijk zichtbaar vanaf een iets lagere hoek.
• Het lcd-venster wordt donkerder bij hoge temperaturen (circa 60 °C), maar het normale beeld wordt weer hersteld bij normale temperaturen (20 °C).
• De reactietijd van het lcd neemt af bij lage temperaturen, maar de normale reactietijd wordt weer hersteld bij normale temperaturen (20 °C).
Verlichting van lcd-venster aan/uit
Druk op een knop op de SB-910 om de verlichting in te schakelen (wanneer de
SB-910 ingeschakeld is), zodat het lcd-venster gemakkelijker leesbaar is.
• De verlichting gaat uit als de SB-910 gedurende 16 seconden niet wordt gebruikt.
• De verlichting van het lcd-venster kan in de persoonlijke instellingen worden geannuleerd. ( 0 B-19)
• Zelfs wanneer de verlichting van het lcd-venster in de persoonlijke instellingen is geannuleerd, zal de verlichting van het lcd-venster op de SB-910 toch gaan branden wanneer de verlichting van het bedieningspaneel op de camera gaat branden. De verlichting van het lcd-venster gaat branden wanneer de persoonlijke instellingen op het lcd-venster worden weergegeven.
Het contrast van het lcd-venster aanpassen
U kunt het contrast van het lcd-venster aanpassen via de persoonlijke instellingen
( 0 B-19).
• Er zijn negen contrastniveaus.
H
H –8
Firmware-update
U kunt de meest recente Nikonfi rmware downloaden van de website van Nikon.
De fi rmware wordt bijgewerkt via een camera die compatibel is met SB-910 fi rmware-updates.
• Voor gebruikers in de VS: http://www.nikonusa.com/
• Voor gebruikers in Europa en Afrika: http://www.europe-nikon.com/support/
• Voor gebruikers in Azië, Oceanië en het Midden-Oosten: http://www.nikon-asia.com/
• Neem voor meer informatie contact op met de Nikon-vertegenwoordiger in uw regio. Bezoek de volgende website voor contactgegevens: http://imaging.nikon.com/
• De SB-910 firmware kan bijgewerkt worden via een D3-camera met firmware A en firmware B versie 2.00 of later.
• De SB-910 firmware kan bijgewerkt worden via een D300-camera met firmware
A en firmware B versie 1.10 of later.
• Raadpleeg het gedeelte over persoonlijke instellingen om te bepalen welke firmwareversie u gebruikt ( 0 B-20).
• Als uw camera niet compatibel is met firmware-updates, neemt u contact op met de Nikon-vertegenwoordiger in uw regio.
H
Camera’s die niet compatibel zijn met SB-910 firmware-updates
D2-serie, D1-serie, D200, D100, D80, D70-serie, D60, D50, D40-serie
H –9
Optionele accessoires
■ Speedlightfl
AS-21
Dezelfde standaard als bij deze SB-910 wordt geleverd.
WG-AS1: voor D3-serie
WG-AS2: voor D300-serie
WG-AS3: voor D700
■ Kleur fi
Er worden 20 fi lters in acht kleuren meegeleverd. Deze worden gebruikt met de afzonderlijk verkrijgbare kleur fi lterhouder SZ-2.
·
·
·
·
FL-G1 (filter voor tl-licht)
FL-G2 (filter voor tl-licht)
TN-A1 (filter voor gloeilamplicht)
TN-A2 (filter voor gloeilamplicht)
·
·
RED (ROOD)
BLUE (BLAUW)
·
·
YELLOW (GEEL)
AMBER (AMBERKLEURIG)
■ Draadloze slavecontroller SU-4
De SU-4 is handig als u fotografeert met meervoudige draadloze fl itsers.
Deze controller bevat een ingebouwde verstelbare lichtsensor en een accessoireschoen voor aansluiting van een secundaire fl itser. De lichtsensor van de
SU-4 activeert de secundaire fl itser, zodat deze synchroon fl itst met de hoofd fl itser.
■ DDL-afstandsbediening
SC-28/17 (circa 1,5 m)
De SC-28/17 maakt de i-DDL-stand mogelijk als de SB-910 wordt gebruikt terwijl deze niet op een camera is bevestigd. Het fl itsschoentje heeft een statiefbevestiging.
■ Kleur fi
(wordt bij de SB-900 geleverd)
Wordt gebruikt met de SJ-3 kleur fi lters
■ Waterbescherming WG-AS1,
WG-AS2, WG-AS3
Hiermee beschermt u het contactpunt van de accessoireschoen van de camera wanneer de SB-910 op een Nikon digitale spiegelre fl excamera is bevestigd.
■ DDL-afstandsbediening
SC-29 (circa 1,5 m)
De SC-29 maakt de i-DDL-stand mogelijk als de SB-910 wordt gebruikt terwijl deze niet op een camera is bevestigd. De SC-29 biedt een functie voor AF-hulpverlichting.
H
H –10
Optionele accessoires
Externe voedingsbron
Bij gebruik van een optionele externe voedingsbron wordt een stabielere stroomvoorziening verkregen, waardoor het aantal fl itsen hoger is en de oplaadtijd korter.
H
Nikon battery pack voor extra capaciteit
SD-9
Powerfl
SK-6A
Nikon gelijkstroomeenheid
SD-7
Nikon battery pack voor extra capaciteit
SD-8A
• Er moeten batterijen in de SB-910 zijn ook wanneer een externe voedingsbron wordt gebruikt.
• Gebruik van een externe voedingsbron van een andere fabrikant kan resulteren in een ongeluk of in beschadiging van de onderdelen van de Speedlight. Nikon kan de prestaties van de Speedlight niet garanderen bij gebruik met producten die niet door Nikon zijn geproduceerd.
Een externe voedingsbron aansluiten
Om een externe voedingsbron te gebruiken, verwijdert u het afdekkapje van de aansluiting voor de externe voedingsbron en sluit dan het stroomsnoer op de aansluiting aan.
• Gebruik niet het netsnoer SC-16 voor het aansluiten van de SB-910 op de Nikon gelijkstroomeenheid SD-7; gebruik hiervoor de SC-16A.
H –11
Speci fi caties
Externe voedingsbron
Nikon battery pack voor extra capaciteit
SD-9* 2
Powerfl
SK-6A* 2
Nikon gelijkstroomeenheid
SD-7
Nikon battery pack voor extra capaciteit
SD-8A* 2
Batterijen
Min. oplaadtijd
(circa)* 1
1,5 V LR6 (AA) alkaline × 4
1,5 V FR6 (AA) lithium × 4
1,2 V HR6 (AA) oplaadbare Ni-MH
(eneloop) × 4
1,5 V LR6 (AA) alkaline × 8
1,9 sec.
2,4 sec.
1,2 sec.
1,5 V FR6 (AA) lithium × 8
1,2 V HR6 (AA) oplaadbare Ni-MH
(eneloop) × 8
1,5 V LR6 (AA) alkaline × 4
1,5 V FR6 (AA) lithium × 4
1,2 V HR6 (AA) oplaadbare Ni-MH
(2600 mAh) × 4
1,2 V HR6 (AA) oplaadbare Ni-MH
(eneloop) × 4
1,5 V LR14 (C) alkaline × 6* 3
1,2 sec.
1,6 sec.
0,8 sec.
2,2 sec.
3,2 sec.
1,9 sec.
1,9 sec.
2,0 sec.
1,2 V HR14 (C) oplaadbare Ni-MH × 6* 4 1,5 sec.
1,2 V HR14 (C) oplaadbare Ni-MH × 6* 5 1,5 sec.
1,5 V LR6 (AA) alkaline × 6
1,5 V FR6 (AA) lithium × 6
1,2 V HR6 (AA) oplaadbare Ni-MH
(2600 mAh) × 6
1,2 V HR6 (AA) oplaadbare Ni-MH
(eneloop) × 6
2,0 sec.
2,2 sec.
1,5 sec.
1,5 sec.
Min. aantal fl 1 / oplaadtijd* 1
280/1,9 – 30 sec.
500/2,4 – 120 sec.
350/1,2 – 30 sec.
450/1,2 – 30 sec.
840/1,6 – 120 sec.
520/0,8 – 30 sec.
190/2,2 – 30 sec.
420/3,2 – 120 sec.
240/1,9 – 30 sec.
230/1,9 – 30 sec.
320/2,0 – 30 sec.
280/1,5 – 30 sec.
260/1,5 – 30 sec.
300/2,0 – 30 sec.
550/2,2 – 120 sec.
260/1,5 – 30 sec.
250/1,5 – 30 sec.
*1 De Speedlight fl itst eenmaal elke 30 seconden op volle sterkte (120 seconden met lithiumbatterijen).
*2 Hetzelfde type batterijen gebruikt met zowel de SB-910 als de externe voedingsbron
*3 1,5 V LR6 (AA) alkalinebatterijen gebruikt met de SB-910
*4 1,2 V HR6 (AA) oplaadbare Ni-MH-batterijen (2600 mAh) gebruikt met de SB-910
*5 1,2 V HR6 (AA) oplaadbare Ni-MH-batterijen (eneloop) gebruikt met de SB-910
• Met nieuwe batterijen. De prestatie kan variëren afhankelijk van de resterende batterijlading
• en de specificaties van de batterijen.
Wanneer de SB-910 met de SD-8A of SK-6A wordt gebruikt, brandt het instellicht op de stroom die geleverd wordt door de batterijen in de SB-910 en niet op de stroom van de
SD-8A of SK-6A. Dit is geen defect.
H
H –12
Specificaties
H
Elektronische samenstelling
Automatische Insulated Gate Bipolar Transistor (IGBT) en serieschakelingen
Richtgetal (positie van de zoomkop op 35 mm, in FX-formaat, standaard verlichtingspatroon, 20 °C)
Afstandsbereik bij fl
(in i-DDL-stand, fl automatisch diafragma of niet-
DDL automatische fl itsstand)
34 (ISO 100, m), 48 (ISO 200, m)
0,6 m to 20 m (afhankelijk van beeldveld van camera, verlichtingspatroon, ISO-gevoeligheid, positie van zoomkop en gebruikt diafragma)
Verlichtingspatroon
Beschikbare
Andere beschikbare functies
Nikon Creatief
Verlichtingssysteem
Sturing bij meerdere
Flitsbelichtingsregeling op de camera fl fl fl
itsers fi e met
Er zijn drie verlichtingspatronen: standaard, gelijkmatig, centrumgericht
De lichtspreidingshoek wordt automatisch aangepast aan het beeldveld van de camera bij FX-formaat en
DX-formaat
•
• i-DDL
Flitsstand automatisch diafragma
•
•
Niet-DDL automatisch fl itsen
Handmatig fl itsen met afstandsprioriteit
•
•
Handmatig fl itsen
Stroboscopisch fl itsen
Test fl itsen, monitorvoor fl itsen, AF-hulpverlichting voor meerpunts-AF en instellicht
Er zijn diverse fl itsmogelijkheden beschikbaar bij gebruik met compatibele camera’s: i-DDL-stand, geavanceerde draadloze fl itssturing, fl itswaardevergrendeling, doorgave van fl itskleurinformatie, automatische snelle FP-synchronisatie en AF-hulpverlichting voor meerpunts-AF
•
•
Geavanceerde draadloze fl itssturing
SU-4-type fotograferen met meervoudige draadloze fl itsers
Synchronisatiefuncties van de camera: trage synchronisatie, rode-ogenreductie met trage synchronisatie, synchronisatie op eerste gordijn, synchronisatie op tweede gordijn, synchronisatie op tweede gordijn met lange sluitertijd
Opnamefuncties: automatische snelle FP-synchronisatie, fl itswaardevergrendeling, rode-ogenreductie
H –13
Indirect fl
In- en uitschakelen
Voeding
Flitsgereedaanduiding
Flitsgereedaanduiding
(in de secundaire fl itserstand)
Tijdsduur van fl
(bij benadering)
Vergrendelingshendeltje van bevestigingsvoetje
Flitskop kan 7° omlaag of tot 90° omhoog worden gekanteld met klikstops bij − 7°, 0°, 45°, 60°, 75° en
90°
Flitskop kan horizontaal 180° naar links en naar rechts worden gedraaid met klikstops bij 0°, 30°, 60°, 75°,
90°, 120°, 150° en 180°
Draai aan de hoofdschakelaar/schakelaar draadloze stand voor meervoudige fl itsers om de SB-910 in of uit te schakelen
Stand-by-functie kan ook worden ingesteld
Gebruik vier AA-batterijen van dezelfde fabrikant en van een van de volgende typen:
• 1,5 V LR6 (AA) alkalinebatterijen
• 1,5 V FR6 (AA) lithiumbatterijen
• 1,2 V HR6 (AA) oplaadbare Ni-MH-batterijen
Zie H-21 voor het minimumaantal fl oplaadtijd voor fl
De SB-910 is volledig opgeladen: brandt
Onvoldoende fl i-DDL-stand, fl itsstand automatisch diafragma, niet-DDL automatische fl fl itsmodus met afstandsprioriteit): knippert
De SB-910 is volledig opgeladen: knippert
Onvoldoende fl
(in i-DDL-stand, fl itsstand automatisch diafragma of niet-DDL automatische fl
SU-4-type fotograferen met meervoudige draadloze
1/880 sec. bij M1/1 (volledige) fl itssterkte
1/1100 sec. bij M1/2 fl itssterkte
1/2550 sec. bij M1/4 fl itssterkte
1/5000 sec. bij M1/8 fl itssterkte
1/10000 sec. bij M1/16 fl itssterkte
1/20000 sec. bij M1/32 fl itssterkte
1/35700 sec. bij M1/64 fl itssterkte
1/38500 sec. bij M1/128 fl itssterkte
Zorgt dat de SB-910 stevig wordt bevestigd op de accessoireschoen van de camera met behulp van een vergrendelingsplaatje en vergrendelingspin die voorkomen dat de fl itser per ongeluk losraakt
H
H –14
Specificaties
Flitscorrectie
Persoonlijke instellingen
Andere functies
Afmetingen (B × H × D)
Gewicht
Meegeleverde accessoires
− 3,0 EV tot +3,0 EV in stappen van 1/3 EV in de i-DDL-stand, fl itsstand automatisch diafragma, niet-
DDL automatisch fl itsen of handmatige fl itsmodus met afstandsprioriteit
19 items
Handmatige instelling van ISO-gevoeligheid, opnieuw weergeven van hoeveelheid onderbelichting als gevolg van onvoldoende fl itssterkte in de i-DDLstand, terugzetten naar standaardinstellingen, knopvergrendeling, thermische onderbreker en fi rmware-update
Circa 78,5 × 145 × 113 mm
Circa 510 g (met vier 1,5 V LR6 (AA) alkalinebatterijen)
Circa 420 g (alleen Speedlight)
Speedlightfl itsstandaard AS-21, Nikon-diffusiekap
SW-13H, fi lter voor tl-licht SZ-2FL, fi lter voor gloeilamplicht SZ-2TN, zachte tas SS-910
• Deze specificaties gelden wanneer nieuwe batterijen worden gebruikt bij een normale
•
• temperatuur (20 °C).
De specificaties en het uiterlijk kunnen zonder kennisgeving worden gewijzigd.
Product- en merknamen zijn handelsmerken of gedeponeerde handelsmerken van hun respectieve eigenaars.
H
Afstandsbereik bij flitsopnamen (in i-DDL-stand, flitsstand automatisch diafragma of in niet-DDL automatische flitsstand)
Het afstandsbereik bij fl itsopnamen met de SB-910 bedraagt tussen 0,6 m en 20 m.
Het afstandsbereik bij fl itsopnamen verschilt afhankelijk van het beeldveld van de camera, het verlichtingspatroon, de ISO-gevoeligheid, de positie van de zoomkop en het diafragma.
• De volgende tabel is voor het FX-formaat en het standaard verlichtingspatroon.
• Het afstandsbereik bij flitsopnamen voor de diverse instellingen kan op het lcdvenster worden afgelezen.
H –15
■ In FX-formaat, standaard verlichtingspatroon
12800 6400 3200 1600 800 400 200 100
4 2,8
ISO-gevoeligheid
2 1,4
Positie van de zoomkop (mm)
14BA/
WP
14BA 14WP 17 18 20 24 28 35 50 70 85 105 120 135 180 200
2,3 -
20
2,9 -
20
3,1 -
20
3,9 -
20
4,1 -
20
4,3 -
20
4,8 -
20
5,4 -
20
6,1 -
20
7,1 -
20
7,8 -
20
8,2 -
20
8,7 -
20
9 -
20
9,1 -
20
9,2 -
20
9,4 -
20
5,6 4 2,8 2 1,4
1,7 -
20
2 -
20
2,2 -
20
2,8 -
20
2,9 -
20
3 -
20
3,4 -
20
3,8 -
20
4,3 -
20
5 -
20
5,5 -
20
5,8 -
20
6,2 -
20
6,4 -
20
6,4 -
20
6,5 -
20
6,7 -
20
8
11
5,6
8
4
5,6
2,8
4
2
2,8
1,4
2 1,4
1,2 -
18
1,5 -
20
1,6 -
20
2 -
20
2,1 -
20
2,2 -
20
2,4 -
20
2,7 -
20
3,1 -
20
3,6 -
20
3,9 -
20
4,1 -
20
4,4 -
20
4,5 -
20
4,6 -
20
4,6 -
20
4,7 -
20
0,9 -
13
1 -
16
1,1 -
17
1,4 -
20
1,5 -
20
1,5 -
20
1,7 -
20
1,9 -
20
2,2 -
20
2,5 -
20
2,8 -
20
2,9 -
20
3,1 -
20
3,2 -
20
3,2 -
20
3,3 -
20
3,4 -
20
16 11 8 5,6 4 2,8 2 1,4
0,6 -
9,1
0,8 -
11,3
0,8 -
12
1 -
15,5
1,1 -
16,2
1,1 -
16,9
1,2 -
19
1,4 -
20
1,6 -
20
1,8 -
20
2 -
20
2,1 -
20
2,2 -
20
2,3 -
20
2,3 -
20
2,3 -
20
2,4 -
20
22 16 11 8 5,6 4 2,8 2
0,6 -
6,5
0,6 -
8
0,6 -
8,5
0,7 -
11
0,8 -
11,5
0,8 -
12
0,9 -
13,5
1 -
15
1,1 -
17
1,3 -
20
1,4 -
20
1,5 -
20
1,6 -
20
1,6 -
20
1,6 -
20
1,7 -
20
1,7 -
20
32 22 16 11 8 5,6 4 2,8
0,6 -
4,5
0,6 -
5,6
0,6 -
6
0,6 -
7,7
0,6 -
8,1
0,6 -
8,4
0,6 -
9,5
0,7 -
10,6
0,8 -
12
0,9 -
14,1
1 -
15,5
1,1 -
16,2
1,1 -
17,3
1,2 -
17,8
1,2 -
18
1,2 -
18,3
1,2 -
18,7
32 22 16 11 8 5,6 4
32 22 16 11 8 5,6
0,6 -
3,2
0,6 -
4
0,6 -
4,2
0,6 -
5,5
0,6 -
5,7
0,6 -
6
0,6 -
6,7
0,6 -
7,5
0,6 -
8,5
0,7 -
10
0,7 -
11
0,8 -
11,5
0,8 -
12,2
0,8 -
12,6
0,8 -
12,7
0,9 -
13
0,9 -
13,2
0,6 -
2,2
0,6 -
2,8
0,6 -
3
0,6 -
3,8
0,6 -
4
0,6 -
4,2
0,6 -
4,7
0,6 -
5,3
0,6 -
6
0,6 -
7
0,6 -
7,7
0,6 -
8,1
0,6 -
8,6
0,6 -
8,9
0,6 -
9
0,6 -
9,1
0,6 -
9,3
32 22 16 11 8
32 22 16 11
0,6 -
1,6
0,6 -
2
0,6 -
2,1
0,6 -
2,7
0,6 -
2,8
0,6 -
3
0,6 -
3,3
0,6 -
3,7
0,6 -
4,2
0,6 -
5
0,6 -
5,5
0,6 -
5,7
0,6 -
6,1
0,6 -
6,3
0,6 -
6,3
0,6 -
6,5
0,6 -
6,6
0,6 -
1,1
0,6 -
1,4
0,6 -
1,5
0,6 -
1,9
0,6 -
2
0,6 -
2,1
0,6 -
2,3
0,6 -
2,6
0,6 -
3
0,6 -
3,5
0,6 -
3,8
0,6 -
4
0,6 -
4,3
0,6 -
4,4
0,6 -
4,5
0,6 -
4,5
0,6 -
4,6
32 22 16
0,6 -
0,8
0,6 -
0,9
0,6 -
1
0,6 -
1,3
0,6 -
1,4
0,6 -
1,5
0,6 -
1,6
0,6 -
1,8
0,6 -
2,1
0,6 -
2,5
0,6 -
2,7
0,6 -
2,8
0,6 -
3
0,6 -
3,1
0,6 -
3,1
0,6 -
3,2
0,6 -
3,3
32 22 0,6
0,6 -
0,7
0,6 -
0,7
0,6 -
0,9
0,6 -
1
0,6 -
1
0,6 -
1,1
0,6 -
1,3
0,6 -
1,5
0,6 -
1,7
0,6 -
1,9
0,6 -
2
0,6 -
2,1
0,6 -
2,2
0,6 -
2,2
0,6 -
2,2
0,6 -
2,3
32 0,6 0,6 0,6 0,6
0,6 -
0,7
0,6 -
0,7
0,6 -
0,8
0,6 -
0,9
0,6 -
1
0,6 -
1,2
0,6 -
1,3
0,6 -
1,4
0,6 -
1,5
0,6 -
1,5
0,6 -
1,5
0,6 -
1,6
0,6 -
1,6
BA: terwijl de Nikon-diffusiekap is bevestigd
WP: terwijl de ingebouwde groothoekdiffusor is geplaatst
H
H –16
Specificaties
Dekkingshoek (in FX-formaat)
70
85
105
120
135
180* 5
200* 5
18* 4
20* 4
24
28
35
50
12 (BA/WP)* 1
14 (BA/WP)* 2
17 (BA/WP)* 3
17* 4
Instelling positie van de zoomkop
Dekkingshoek (°)
Verticaal Horizontaal
20
18
17
15
14
45
34
26
23
74
69
60
53
120
110
100
77
27
25
24
21
20
60
46
36
31
93
87
78
70
130
120
110
96
Dekkingshoek (in DX-formaat)
35
50
70
85
105* 5
120* 5
135* 5
180* 5
200* 5
18
20
24
28
14* 4
16
17
8 (BA/WP)* 1
10 (BA/WP)* 2
11 (BA/WP)* 3
12* 4
Instelling positie van de zoomkop
Dekkingshoek (°)
Verticaal Horizontaal
25
20
17
16
50
44
39
32
15
14
13
13
66
60
57
55
120
110
100
74
34
27
24
22
67
58
52
44
21
20
19
18
85
78
75
72
130
120
110
93
H BA: terwijl de Nikon-diffusiekap is bevestigd
WP: terwijl de ingebouwde groothoekdiffusor is geplaatst
*1 Centrumgericht verlichtingspatroon
*2 Standaard verlichtingspatroon
*3 Gelijkmatig verlichtingspatroon
*4 Standaard of centrumgericht verlichtingspatroon
*5 Standaard of gelijkmatig verlichtingspatroon
H –17
Tabel richtgetallen
De richtgetallen van de SB-910 verschillen afhankelijk van het beeldveld van de camera, het verlichtingspatroon, de ISO-gevoeligheid, de positie van de zoomkop en het fl itssterkteniveau.
ISO 100; m
Positie van de zoomkop (mm)
85
105
120
135
180
200
28
35
50
70
17
18
20
24
14 (BA+WP)
14 (BA)
14 (WP)
14
16
17 (BA+WP)
17 (BA)
17 (WP)
8 (BA+WP)
8 (BA)
8 (WP)
10 (BA+WP)
10 (BA)
10 (WP)
11 (BA+WP)
11 (BA)
11 (WP)
12 (BA+WP)
12 (BA)
12 (WP)
12
Standaard verlichting
–
46
49
50,5
51
30
34
40
44
52
53
22
23
24
27
–
–
–
–
13
16
17
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
Standaard verlichting
–
50,5
51,5
52
53
36
40
45
49
53,5
54
29
30
31
34
27
–
–
–
–
25
–
–
–
23
–
–
17
–
–
–
13
16
–
–
Centrumgerichte verlichting
–
51,5
52
53,5
54,5
−
−
36
39
45
49
25
26
27
32
–
–
–
–
–
–
–
–
13
16
17
–
–
–
–
–
–
–
–
–
FX-formaat
Gelijkmatige verlichting
–
44
47
48
49
24
31
36
41
51
51,5
–
–
–
22
–
13
16
17
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
DX-formaat
Gelijkmatige verlichting
–
49
50
51
51,5
33
37
43
47
52
52,5
23
24
25
32
22
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
13
16
17
–
–
–
–
Centrumgerichte verlichting
13
42,5
46
49,5
52
54,5
−
−
−
−
−
33
34
36
39
32
–
–
–
–
29
–
–
–
26
–
–
–
–
–
–
16
17
–
–
BA: terwijl de Nikon-diffusiekap is bevestigd
WP: terwijl de ingebouwde groothoekdiffusor is geplaatst
H –18
H
Specificaties
1/2
1/4
1/8
1/16
1/32
1/64
1/128
Tabel richtgetallen (in FX-formaat)
■ Standaard verlichtingspatroon, bij ISO 100; m
Positie van de zoomkop (mm)
Flitssterkteniveau
WP
+BA
14
BA WP
17 18 20 24 28 35 50 70 85 105 120 135 180 200
1/1 13 16 17 22 23 24 27 30 34 40 44 46 49 50,5 51 52 53
9,1 11,3 12 15,5 16,2 16,9 19 21,2 24 28,2 31,1 32,5 34,6 35,7 36 36,7 37,4
6,5
4,5
3,2
2,2
1,6
1,1
8
5,6
4
2,8
2
1,4
8,5
6
4,2
3
2,1
1,5
11
7,7
5,5
3,8
2,7
1,9
11,5
8,1
5,7
4
2,8
2
12
8,4
6
4,2
3
2,1
13,5
9,5
6,7
4,7
3,3
2,3
15
10,6
7,5
5,3
3,7
2,6
17
12
8,5
6
4,2
3
20 22 23
8,1
5,7
4
24,5 25,2 25,5
14,1 15,5 16,2 17,3 17,8
10
7
5
3,5
11
7,7
5,5
3,8
8,6
6,1
4,3
8,9
6,3
4,4
18
11,5 12,2 12,6 12,7
9
6,3
4,5
26 26,5
18,3 18,7
13
9,1
6,5
4,5
13,2
9,3
6,6
4,6
H
Tabel richtgetallen (in DX-formaat)
■ Standaard verlichtingspatroon, bij ISO 100; m
Positie van de zoomkop (mm)
Flitssterkteniveau
WP
+BA
10
BA WP
12 14 16 17 18 20 24 28 35 50 70 85 105 120 135 180 200
1/1 13 16 17 23 25 27 29 30 31 34 36 40 45 49 50,5 51,5 52 53 53,5 54
1/2
1/4
1/8
1/16
9,1
6,5
4,5
3,2
11,3
8
5,6
4
12
8,5
6
4,2
16,2 17,6
11,5 12,5 13,5 14,5
8,1
5,7
8,8
6,2
19
9,5
6,7
20,5 21,2 21,9
7,2
15
7,5
15,5
10,2 10,6 10,9
7,7
24
17
12
8,5
25,4 28,2 31,8 34,6 35,7 36,4 36,7 37,4 37,8 38,1
18
12,7 14,1 15,9 17,3 17,8 18,2 18,3 18,7 18,9
9
20
10
22,5 24,5 25,2 25,7
11,2 12,2 12,6 12,8
26
13
26,5 26,7 27
19
13,2 13,3 13,5
1/32
1/64
2,2
1,6
2,8
2
3
2,1
1/128 1,1 1,4 1,5
4
2,8
2
4,4
3,1
2,2
4,7
3,3
2,3
5,1
3,6
2,5
5,3
3,7
2,6
5,4
3,8
2,7
6
4,2
3
6,3
4,5
3,1
7
5
3,5
7,9
5,6
3,9
8,6
6,1
4,3
8,9
6,3
4,4
9,1
6,4
4,5
9,1
6,5
4,5
9,3
6,6
4,6
9,4
6,6
4,7
9,5
6,7
4,7
BA: terwijl de Nikon-diffusiekap is bevestigd
WP: terwijl de ingebouwde groothoekdiffusor is geplaatst
H –19
1/2
1/4
1/8
1/16
1/32
1/64
1/128
Tabel richtgetallen (voor automatische snelle FP-synchronisatie)
■ Standaard verlichtingspatroon, bij ISO 100; m (in FX-formaat)
Positie van de zoomkop (mm)
Flitssterkteniveau
WP
+BA
14
BA WP
17 18 20 24 28 35 50 70 85 105 120 135 180 200
1/1 4,7 5,8 6,2 8,1 8,5 8,8 10 11,1 12,6 14,8 16,3 17 18,1 18,7 18,9 19,2 19,6
3,3 4,1 4,3 5,7 6 6,2 7 7,8 8,9 10,4 11,5 12 12,7 13,2 13,3 13,5 13,8
2,3
1,6
1,1
0,8
0,5
0,4
2,9
2
1,4
1
0,7
0,5
3,1
2,1
1,5
1
0,7
0,5
4
2,8
2
1,4
1
0,7
4,2
3
2,1
1,5
1
0,7
4,4
3,1
2,2
1,5
1,1
0,7
5
3,5
2,5
1,7
1,2
0,8
5,5
3,9
2,7
1,9
1,3
0,9
6,3
4,4
3,1
2,2
1,5
1,1
7,4
5,2
3,7
2,6
1,8
1,3
8,1
5,7
4
2,8
2
1,4
8,5
6
4,2
3
2,1
1,5
9
6,3
4,5
3,1
2,2
1,5
9,3
6,6
4,6
3,3
2,3
1,6
9,4
6,6
4,7
3,3
2,3
1,6
9,6
6,7
4,8
3,3
2,4
1,6
9,8
6,9
4,9
3,4
2,4
1,7
1/4
1/8
1/16
1/32
1/64
1/128
■ Standaard verlichtingspatroon, bij ISO 100; m (in DX-formaat)
Positie van de zoomkop (mm)
Flitssterkteniveau
WP
+BA
10
BA WP
12 14 16 17 18 20 24 28 35 50 70 85 105 120 135 180 200
1/1 4,7 5,8 6,2 8,5 9,2 10 10,7 11,1 11,4 12,6 13,3 14,8 16,6 18,1 18,7 19 19,2 19,6 19,8 20
1/2 3,3 4,1 4,3 6 6,5 7 7,5 7,8 8 8,9 9,4 10,4 11,7 12,7 13,2 13,4 13,5 13,8 14 14,1
2,3 2,9 3,1 4,2 4,6 5 5,3 5,5 5,7 6,3 6,6 7,4 8,3 9 9,3 9,5 9,6 9,8 9,9 10
1,6 2 2,1 3 3,2 3,5 3,7 3,9 4 4,4 4,7 5,2 5,8 6,3 6,6 6,7 6,7 6,9
1,1 1,4 1,5 2,1 2,3 2,5 2,6 2,7 2,8 3,1 3,3 3,7 4,1 4,5 4,6 4,7 4,8 4,9 4,9
0,8 1 1
0,5 0,7 0,7
1,5 1,6 1,7 1,8 1,9
1 1,1 1,2 1,3 1,3 1,4 1,5 1,6 1,8
0,4 0,5 0,5 0,7 0,8 0,8 0,9 0,9
2
1
2
7 7
5
2,2 2,3 2,6 2,9 3,1 3,3 3,3 3,3 3,4 3,5 3,5
2,2 2,3 2,3 2,4 2,4 2,4 2,5
1,1 1,1 1,3 1,4 1,5 1,6 1,6 1,6 1,7 1,7 1,7
•
•
De richtgetallen in de bovenstaande tabellen gelden wanneer de SB-910 op een D3-camera is gemonteerd en bij een sluitertijd van 1/500 sec.
Het richtgetal voor automatische snelle FP-synchronisatie varieert afhankelijk van de sluitertijd van de camera. Wanneer de sluitertijd bijvoorbeeld wordt veranderd van 1/500 sec. naar
1/1000 sec., zal het richtgetal 1 stap verminderen. Hoe sneller de sluitertijd, hoe kleiner het richtgetal.
BA: terwijl de Nikon-diffusiekap is bevestigd
WP: terwijl de ingebouwde groothoekdiffusor is geplaatst
H
H –20
H
H –21
Specificaties
Min. aantal flitsen/ oplaadtijd voor elk type batterij
Batterijen
LR6 (AA) alkaline (1,5 V)
FR6 (AA) lithium (1,5 V)
HR6 (AA) oplaadbare Ni-MH
(2600 mAh)
HR6 (AA) oplaadbare Ni-MH
(eneloop)
Min. oplaadtijd (circa)*
4,0 sec.
4,5 sec.
2,3 sec.
2,3 sec.
Min. aantal fl itsen*/ oplaadtijd*
110/4,0 – 30 sec.
230/4,5 – 120 sec.
190/2,3 – 30 sec.
165/2,3 – 30 sec.
* Wanneer de Speedlight eenmaal elke 30 seconden op volle sterkte fl itst (120 seconden met lithiumbatterijen).
• Terwijl AF-hulpverlichting, power zoom-functie en verlichting van lcd-venster zijn
• uitgeschakeld.
Met nieuwe batterijen. De prestatie kan variëren afhankelijk van de resterende batterijlading en de specificaties van de batterijen.
Index
• Zie “Onderdelen van de Speedlight” ( 0 B-1) voor de benaming van de onderdelen.
A
Aanduiding voor laag batterijniveau ...............................B-8
Aantal fl itsen ................................ C-19
Accessoires ................................... H-10
AF-hulpverlichting ..........................E-19
AF-ILL ONLY (Alleen AF-ILL) ............E-20
Afstandsbereik bij fl itsopnamen ...... A-6
Annuleren van de fl itsfunctie .........E-20
Automatische snelle
FP-synchronisatie ........................E-24
Draadloze slavecontroller SU-4 ..... H-10
DX-formaat ............................ A-6, B-18
E
Effectieve fl itsafstand ...................... A-6
EV (LW, belichtingswaarde) ............. A-8
Externe voedingsbron ................... H-11
B
Batterijen ................................. B-7, H-7
Batterijen vervangen ........................B-7
Beeldveld (FX/DX-formaat) .............. A-6
Bevestigingsvoetje ............................B-8
C
Centrumgericht
(verlichtingspatroon) ....................E-2
Close-up fotogra fi e ..........................E-9
CLS ................................................. A-6
CLS-compatibele camera’s .............. A-4
CLS-compatibele
COOLPIX-camera’s ...................... G-1
Continu fl itsen .................................B-6
COOLPIX ......................................... G-1
CPU-objectief .................................. A-5
D
DDL-afstandsbediening ................. H-10
Dekkingshoek ............................... H-17
Diafragma ................................C-3, H-4
F
Filter voor gloeilamplicht ................E-12
Filter voor tl-licht ............................E-12
Filterdetector .................................E-14
Firmware-update ............................ H-9
Firmwareversie ...............................B-20
Flitscorrectie ...................................E-17
Flitscorrectiewaarde .......................E-17
Flitsfrequentie ............................... C-19
Flitsfunctie geannuleerd ................ D-14
Flitsgereedaanduiding .......... B-11, D-20
Flitsgereedaanduiding (in de secundaire fl itserstand) .............. D-20
Flitskop .....................................B-9, E-4
Flitsstand ....................... B-11, C-1, D-4
Flitsstand automatisch diafragma .... C-5
Flitssterkteniveau .................C-17, C-19
Flitswaardevergrendeling ...............E-25
Fotograferen met meervoudige draadloze fl itsers ......................... D-1
Fotograferen met meervoudige fl itsers ......................................... D-1
Full Menu (Volledig menu) .............B-16
Functieknop .....................................B-3
FX/DX-formaat (beeldveld) .............. A-6
FX-formaat ............................ A-6, B-18
H
H –22
Index
H
G
Geavanceerde draadloze fl itssturing ............................D-2, D-8
Gelijkmatig (verlichtingspatroon) ......E-2
Geluidsmonitor ............................. D-20
Gemarkeerd item ...........................B-12
GN (handmatige fl itsmodus met afstandsprioriteit) ...................... C-12
Groep ............................................. D-4
H
Handmatige fl itsmodus ................. C-15
Handmatige fl itsmodus met afstandsprioriteit ....................... C-12
Hoeveelheid onderbelichting ........... C-4
Hoofd fl itser .................... A-8, D-6, D-13
Hoofd fl itserstand ........... D-4, D-6, D-12
Hoofdschakelaar ..............................B-3
K
Kanaal ............................................ D-4
Kleurcorrectie fi lter .........................E-12
Kleur fi lter .......................................E-12
Kleur fi lterhouder SZ-2 .......... E-13, H-10
Kleur fi lterset SJ-3 .......................... H-10
Knopvergrendeling ..........................B-4
L
Lcd-venster ..................................... H-8
Lichtsensor voor niet-DDL automatisch fl itsen ...............C-5, C-8
Lichtsensorvenster voor draadloze secundaire fl itser ....... D-17
I i-DDL-compatibele
COOLPIX-camera’s ...................... G-1 i-DDL-stand ..................................... C-1 i-DDL-uitgebalanceerde invul fl its ..... C-1
Indirect fl itsen ..................................E-4
Indirect omlaag fl itsen ....................E-11
Ingebouwde groothoekdiffusor ......E-10
Ingebouwde re fl ectiekaart ...............E-8
Instellicht .......................................E-21
Instelling stand-by-functie ..............B-18
ISO-gevoeligheid .................... C-3, E-21
ISO-gevoeligheidsfactoren ............... H-4
M
MASTER .......................................... D-6
Menuknop ([MENU]-knop) .............B-13
Min. aantal fl itsen ......................... H-21
Min. oplaadtijd ............................. H-21
Modusknop ([MODE]-knop) .............B-3
Monitorvoor fl itsen ...................C-6, C-9
My Menu (Mijn menu) ...................B-15
N
Niet-CLS-compatibele spiegelre fl excamera ...................... F-1
Niet-DDL automatische fl itsstand .... C-8
Nikon Creatief
Verlichtingssysteem (CLS) ............ A-6
Nikon-diffusiekap .............................E-6
H –23
O
OK-knop ([OK]-knop) .......................B-3
Ontgrendelingsknop ........................B-3
Ontgrendelingsknop voor het kantelen/draaien van de fl itskop..................................B-9, E-4
Onvoldoende fl itssterkte voor een correcte belichting
...............C-4, C-7, C-10, C-13, D-20
Oplaadtijd ..................................... H-21
P
Persoonlijke instellingen .................B-13
Pictogrammen .................................B-5
Positie van de zoomkop .................E-18
Power zoom-functie .......................E-18
Standaard i-DDL .............................. C-1
Standaardinstellingen ...................... A-6
Stand-by-functie ............................E-22
Stand-AUTO (automatisch) ............ D-14
Stand-M (handmatig) ................... D-14
Stand-OFF ( fl itsfunctie geannuleerd) ............................ D-14
Stroboscopische fl itsmodus ...C-18, D-10
SU-4-type fotograferen met meervoudige draadloze fl itsers ................................D-3, D-12
Synchronisatie op het eerste gordijn .......................................E-26
Synchronisatie op het tweede gordijn .......................................E-26
R
REMOTE ......................................... D-7
Reset met twee knoppen ...............B-12
RG (Richtgetal) ................................ H-4
Richtgetal ....................................... H-4
Rode-ogenreductie ........................E-25
Rode-ogenreductie met trage synchronisatie ............................E-25
T
Tabel met afstandsbereik bij fl itsopnamen ............................. H-15
Tabel richtgetallen ........................ H-18
Test fl its ..........................................E-21
Thermische onderbreker ................E-23
Trage synchronisatie ......................E-25
V
Vergrendelingshendeltje van bevestigingsvoetje ........................B-8
Verlichting van lcd-venster .............. H-8
Verlichtingspatroon ..........................E-2
H
S
Schakelaar draadloze stand voor meervoudige fl itsers .............D-6, D-7
Secundaire fl itser ............................ A-8
Secundaire fl itserstand .............D-4, D-7
Selectieschijf ....................................B-3
Speedlightfl itsstandaard AS-21 .... D-19
Standaard (verlichtingspatroon) .......E-2
W
Waarschuwingsaanduiding ............. H-2
Waterbescherming ........................ H-10
Witbalans ......................................E-15
H –24
Niets uit deze uitgave mag worden overgenomen, in welke vorm ook, volledig of gedeeltelijk, zonder de schriftelijke toestemming van NIKON CORPORATION
(met uitzondering van korte citaten in artikels of besprekingen).
AMA14358
Gedrukt in Europa
TT1K02(1F)
8MSA451F-02
Завантажити
Реклама