Dell Precision 3660 Tower workstation de handleiding
Advertisement
Advertisement
Precision 3660 Tower
Servicehandleiding
Regelgevingsmodel: D30M
Regelgevingstype: D30M001
Maart 2022
Ver. A00
Opmerkingen, voorzorgsmaatregelen,en waarschuwingen
OPMERKING: Een OPMERKING duidt belangrijke informatie aan voor een beter gebruik van het product.
WAARSCHUWING: WAARSCHUWINGEN duiden potentiële schade aan hardware of potentieel gegevensverlies aan en vertellen u hoe het probleem kan worden vermeden.
GEVAAR: LET OP duidt het risico van schade aan eigendommen, lichamelijk letsel of overlijden aan.
© 2022 Dell Inc. of zijn dochtermaatschappijen. Alle rechten voorbehouden. Dell, EMC, en andere handelsmerken zijn handelsmerken van Dell Inc. of zijn dochterondernemingen. Andere handelsmerken zijn mogelijk handelsmerken van hun respectieve eigenaren.
Inhoudsopgave
Inhoudsopgave 3
4 Inhoudsopgave
Inhoudsopgave 5
1
In de computer werken
Veiligheidsinstructies
Volg de onderstaande veiligheidsrichtlijnen om uw persoonlijke veiligheid te garanderen en de computer te beschermen tegen mogelijke schade. Tenzij anders aangegeven, wordt er bij elke procedure in dit document van uitgegaan dat u de veiligheidsinformatie hebt gelezen die bij uw computer is geleverd.
GEVAAR: Lees de veiligheidsinformatie die bij uw computer is geleverd voordat u aan de onderdelen in de computer gaat werken. Raadpleeg voor meer informatie over aanbevolen procedures op het gebied van veiligheid onze website over de naleving van wet- en regelgeving op www.dell.com/regulatory_compliance .
GEVAAR: Ontkoppel uw computer van alle voedingsbronnen voordat u de computerbehuizing of -panelen opent. Zodra u klaar bent met de werkzaamheden binnen de computer, plaatst u de behuizing en alle panelen en schroeven terug voordat u uw computer weer aansluit op een stopcontact.
WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat het werkoppervlak plat, droog en schoon is om schade aan de computer te voorkomen.
WAARSCHUWING: Pak de componenten en kaarten bij de rand vast en kom niet aan de pinnetjes en de contactpunten om beschadigingen te voorkomen.
WAARSCHUWING: U mag alleen probleemoplossing en reparaties laten uitvoeren door technische supportteams die door Dell erkend of geïnstrueerd worden. Schade als gevolg van onderhoudswerkzaamheden die niet door Dell zijn goedgekeurd, valt niet onder de garantie. Zie de veiligheidsinstructies die bij het product worden geleverd of kijk op www.dell.com/regulatory_compliance .
WAARSCHUWING: Raak een component pas aan nadat u zich hebt geaard door een ongeverfd metalen oppervlak van het chassis aan te raken, zoals het metaal rondom de openingen voor de kaarten aan de achterkant van de computer.
Raak tijdens het werk ook regelmatig een ongeverfd metalen oppervlak aan om statische elektriciteit weg te leiden die de interne componenten kan beschadigen.
WAARSCHUWING: Verwijder kabels door aan de connector of het treklipje te trekken, niet aan de kabel zelf. Sommige kabels hebben aansluitingen met vergrendelingslipjes of duimschroeven die u moet ontgrendelen voordat u de kabel loskoppelt. Houd kabels bij het loskoppelen uitgelijnd om te voorkomen dat de connectorpinnetjes verbuigen. Zorg er bij het aansluiten van kabels voor dat de poorten en de connectoren de juiste richting hebben en correct zijn uitgelijnd.
WAARSCHUWING: Druk op eventueel geïnstalleerde kaarten in de optionele mediakaartlezer om ze uit te werpen.
WAARSCHUWING: Wees voorzichtig bij het omgaan met lithium-ionbatterijen in laptops. Opgezwollen batterijen dienen niet gebruikt te worden en dienen te worden vervangen en op juiste wijze weg te worden gegooid.
OPMERKING: De kleur van uw computer en bepaalde componenten kunnen verschillen van de kleur die in dit document is afgebeeld.
Voordat u in de computer gaat werken
Stappen
1. Sla alle geopende bestanden op en sluit deze, en sluit alle geopende applicaties af.
2. Sluit de computer af. Klik op Start > Power > Shut down .
OPMERKING: Wanneer u een ander besturingssysteem gebruikt, raadpleegt u de documentatie van uw besturingssysteem voor instructies voor het afsluiten hiervan.
6 In de computer werken
3. Haal de stekker van de computer en van alle aangesloten apparaten uit het stopcontact.
4. Koppel alle aangesloten netwerkapparaten en randapparatuur, zoals het toetsenbord, de muis, de monitor enz. los van uw computer.
5. Verwijder eventueel aanwezige mediakaarten en optische schijven uit uw computer, indien van toepassing.
6. Nadat de computer is uitgeschakeld, houdt u de aan-uitknop vijf seconden ingedrukt om de systeemkaart te aarden.
WAARSCHUWING: Plaats de computer op een vlak, zacht en schoon oppervlak om krassen op het beeldscherm te voorkomen.
7. Plaats de computer met de voorzijde omlaag gericht.
Veiligheidsmaatregelen
In het hoofdstuk veiligheidsmaatregelen worden de primaire stappen genoemd die moeten worden genomen voordat demontageinstructies worden uitgevoerd.
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht voordat u een installatie of break/fix-procedures uitvoert die montage of demontage vereisen.
● Zet het systeem uit, inclusief eventueel aangesloten randapparatuur.
● Koppel het systeem en alle aangesloten randapparatuur los van het stopcontact.
● Koppel alle netwerkkabels, telefoon- en telecommunicatielijnen los van het systeem.
● Gebruik een ESD-servicekit wanneer u werkzaamheden aan de binnenkant van een tabletnotebookdesktop uitvoert om schade door elektrostatische ontlading (ESD) te voorkomen.
● Plaats, na het verwijderen van een systeemonderdeel, het verwijderde onderdeel zorgvuldig op een anti-statische mat.
● Draag schoenen met niet-geleidende rubberen zolen om de kans op elektrocutie te verminderen.
Stand-bystand
Dell producten met stand-bystand moeten worden losgekoppeld voordat u de behuizing opent. Systemen die zijn uitgerust met de standbystand worden in wezen gevoed wanneer deze uit staan. Door de interne voeding kan het systeem op afstand worden ingeschakeld
(Wake on LAN) en onderbroken in een slaapstand en heeft andere geavanceerde functies voor energiebeheer.
Door ontkoppeling en het ingedrukt houden van de aan-/uitknop gedurende 15 seconden zou de reststroom in de systeemkaart moeten ontladen.
Binding
Binding is een methode voor het verbinden van twee of meer aardingsgeleiders met dezelfde elektrische potentiaal. Dit wordt gedaan door het gebruik van een ESD-buitendienstkit. Zorg er bij het aansluiten van een bindingsdraad voor dat deze is aangesloten op blank metaal en nooit op een geverfd of niet-metalen oppervlak. De polsband moet goed vastzitten en volledig in contact zijn met uw huid. Zorg er tevens voor dat u altijd alle sieraden, zoals horloges, armbanden of ringen, verwijdert voordat u uzelf en de apparatuur met elkaar verbindt.
Bescherming tegen elektrostatische ontlading (electrostatic discharge, ESD)
ESD is een belangrijk aandachtspunt bij het werken met elektronische onderdelen, vooral gevoelige onderdelen zoals uitbreidingskaarten, processoren, geheugen-DIMM's, en moederborden. Zeer geringe ladingen kunnen schade aan circuits veroorzaken op manieren die mogelijk niet vanzelfsprekend zijn, zoals onregelmatige problemen of een verkorte levensduur. Hoe meer de industrie lagere energievereisten en hogere dichtheid promoot, des te belangrijker wordt ESD-bescherming.
Vanwege de hogere dichtheid van halfgeleiders in recente Dell producten, is de gevoeligheid voor schade door statische elektriciteit nu hoger dan in eerdere Dell producten. Daarom zijn sommige eerder goedgekeurde methoden van het omgaan met onderdelen niet langer van toepassing.
Twee erkende soorten ESD-schade zijn fatale en onregelmatige storingen.
● Fataal : Fatale storingen vertegenwoordigen ongeveer 20 procent van de aan ESD gerelateerde storingen. De schade veroorzaakt een onmiddellijk en volledig verlies van functionaliteit van het apparaat. Een voorbeeld van een fatale fout is een geheugen-DIMM die een statische schok heeft ontvangen en onmiddellijk een 'No POST/No Video’-symptoom genereert, waarbij een pieptoon wordt uitgezonden voor ontbrekend of niet-functioneel geheugen.
In de computer werken 7
● Onregelmatig – Onregelmatige storingen vertegenwoordigen ongeveer 80 procent van de aan ESD gerelateerde storingen. De hoge frequentie van onregelmatige fouten betekent dat wanneer schade plaatsvindt, dit meestal niet onmiddellijk wordt herkend. De DIMM ontvangt een statische schok, maar hierdoor wordt de tracing alleen verzwakt en worden geen onmiddellijk externe symptomen van de schade veroorzaakt. Het kan weken of maanden duren voordat de verzwakte tracing smelt. In de tussentijd kan dit leiden tot verslechtering van geheugenintegriteit, onregelmatige geheugenstoringen, enz.
De soort schade die moeilijker te herkennen en op te lossen is, is de onregelmatige storing (ook wel latente storing of` ‘walking wounded’ genoemd).
Voer de volgende stappen uit om ESD-schade te voorkomen:
● Gebruik een bedrade ESD-polsband die goed is geaard. Het gebruik van draadloze antistatische banden is niet meer toegestaan; deze bieden onvoldoende bescherming. Het aanraken van het chassis alvorens onderdelen te hanteren zorgt niet voor adequate bescherming tegen ESD op onderdelen met verhoogde gevoeligheid voor ESD-schade.
● Werk met alle elektrostatisch gevoelige onderdelen in een ruimte die vrij is van statische elektriciteit. Gebruik indien mogelijk antistatische vloer- en werkbankmatten.
● Wanneer u een voor statische elektriciteit gevoelig onderdeel uit de verzenddoos haalt, verwijdert u het onderdeel pas uit de antistatische verpakking op het moment dat u het gaat installeren. Voordat u het onderdeel uit de antistatische verpakking verwijdert, zorgt u ervoor dat u de statische elektriciteit van uw lichaam ontlaadt.
● Plaats een gevoelig onderdeel voor transport eerst in een antistatische doos of andere verpakking.
ESD-onderhoudskit
De onbewaakte onderhoudskit is de meest gebruikte servicekit. Elke onderhoudskit bestaat uit drie hoofdcomponenten: antistatische mat, polsbandje en aardingssnoer.
Componenten van een ESD-onderhoudskit
De componenten van een ESD-onderhoudskit zijn:
● Antistatische mat - De antistatische mat is dissipatief en tijdens serviceprocedures kunnen er onderdelen op worden geplaatst. Uw polsband moet nauwsluitend zitten en het aardingssnoer moet aan de mat en aan onbewerkt metaal van het systeem waaraan u werkt zijn bevestigd wanneer u de antistatische mat gebruikt. Wanneer u het bovenstaande goed hebt uitgevoerd, kunt u serviceonderdelen uit de ESD-tas halen en die direct op de mat plaatsen. ESD-gevoelige items zijn veilig in uw hand, op de ESD-mat, in het systeem of in een zak.
● Polsband en aardingssnoer - De polsband en het aardingssnoer kunnen ofwel direct tussen uw pols en blank metaal op de hardware worden bevestigd als de ESD-mat niet vereist is, of worden verbonden met de antistatische mat om hardware te beschermen die tijdelijk op de mat is geplaatst. De fysieke verbinding van de polsband en het aardingssnoer tussen uw huid, de ESD-mat en de hardware staat bekend als hechting. Gebruik alleen onderhoudskits met een polsband, mat en aardingssnoer. Gebruik nooit draadloze polsbanden. Houd er altijd rekening mee dat de interne draden van een polsband gevoelig zijn voor schade door slijtage en dat die dus regelmatig gecontroleerd moeten worden met een polsbandtester om mogelijke ESD-hardwareschade te voorkomen. Het wordt aanbevolen om de polsband en het aardingssnoer ten minste eenmaal per week te testen.
● ESD-polsbandtester - De draden in een ESD-polsbandje kunnen na verloop van tijd beschadigd raken. Bij gebruik van een onbewaakte kit wordt het aanbevolen om de band regelmatig voor elke servicebeurt of minimaal eenmaal per week te testen. Een polsbandtester is de beste methode voor het uitvoeren van deze test. Als u zelf geen polsbandtester hebt, kunt u kijken of uw regionale kantoor er wel een heeft. Voor het uitvoeren van de test sluit u het aardingssnoer van de polsband aan op de tester terwijl die aan uw pols is bevestigd en drukt u vervolgens op de knop om de test uit te voeren. Een groene LED geeft aan dat de test succesvol is; een rode LED geeft aan dat de test is mislukt.
● Isolatorelementen - Het is belangrijk om ESD-gevoelige apparaten, zoals plastic warmteafleiderbehuizingen uit de buurt te houden van interne onderdelen zoals isolatoren omdat die vaak geladen zijn.
● Werkomgeving - Voor het gebruik van de ESD-onderhoudskit dient u de situatie op de klantlocatie te beoordelen. Het implementeren van de kit voor een serveromgeving is anders dan voor een desktop- of draagbare omgeving. Servers zijn doorgaans geïnstalleerd in een patchkast in een datacenter; desktops of laptops worden doorgaans geplaatst op kantoorbureaus of in kantoorhokjes. Zoek altijd een grote, open en vlakke ruimte zonder rommel die groot genoeg is om de ESD-kit te gebruiken waarbij er genoeg ruimte is voor het systeem dat moet worden gerepareerd. Er mogen geen geleiders in de werkruimte liggen die voor ESD kunnen zorgen. Op de werkplek moeten isolators zoals piepschuim en andere kunststofmaterialen altijd minstens 30 centimeter van gevoelige onderdelen worden geplaatst voordat u fysiek omgaat met hardwarecomponenten.
● ESD-verpakking - Alle ESD-gevoelige apparaten moeten worden verzonden en ontvangen in statisch-veilige verpakking. Metalen, statisch afgeschermde zakken krijgen de voorkeur. U moet het beschadigde onderdeel echter altijd in dezelfde ESD-tas en -verpakking doen als waarin het nieuwe onderdeel arriveerde. De ESD-tas moet om worden gevouwen en worden afgeplakt en hetzelfde schuimverpakkingsmateriaal moet worden gebruikt met de originele doos van het nieuwe onderdeel. ESD-gevoelige apparaten dienen alleen op ESD-beschermde ondergrond te worden geplaatst en onderdelen mogen nooit op de ESD-tas worden geplaatst omdat alleen de binnenkant daarvan is beschermd. Plaats onderdelen altijd in uw hand, op de ESD-mat, in het systeem of in een antistatische zak.
8 In de computer werken
● Het transporteren van gevoelige componenten - Bij het transporteren van ESD-gevoelige componenten zoals vervangende onderdelen of onderdelen die naar Dell teruggestuurd moeten worden, is het zeer belangrijk om deze onderdelen voor veilig transport in de antistatische tassen te plaatsen.
Overzicht van ESD-bescherming
Het wordt onderhoudstechnici aanbevolen om de traditionele bedraade ESD-aardingspolsband en beschermende antistatische mat te allen tijde te gebruiken wanneer service wordt verleend voor Dell producten. Daarnaast is het van essentieel belang dat technici de gevoelige onderdelen apart houden van alle isolatoronderdelen wanneer service wordt verleend en dat ze antistatische tassen gebruiken voor het transport van gevoelige onderdelen.
Gevoelige componenten transporteren
Bij het transport van ESD-gevoelige componenten, zoals vervangende onderdelen of onderdelen die moeten worden teruggestuurd naar
Dell, is het van kritiek belang om deze onderdelen in antistatische tassen te plaatsen voor veilig transport.
Apparatuur optillen
Houd u aan de volgende richtlijnen bij het optillen van zware apparatuur:
WAARSCHUWING: Til nooit meer dan 22,5 kg op. Zorg altijd dat u assistentie hebt of gebruik een mechanische hefinrichting.
1. Neem een stevige en evenwichtige positie in. Houd uw voeten uit elkaar voor een stabiele basis en wijs uw tenen naar buiten.
2. Span de buikspieren aan. Buikspieren ondersteunen uw wervelkolom wanneer u optilt, waardoor de kracht van de belasting wordt gecompenseerd.
3. Til met uw benen, niet met uw rug.
4. Houd de last dichtbij. Hoe dichter bij uw ruggengraat, hoe minder kracht het op uw rug uitoefent.
5. Houd uw rug recht, of u de last nu optilt of neerzet. Voeg het gewicht van uw lichaam niet toe aan de last. Vermijd het draaien van uw lichaam en rug.
6. Volg dezelfde technieken in omgekeerde volgorde om de last neer te zetten.
Nadat u aan de computer heeft gewerkt
Over deze taak
OPMERKING: Uw computer kan beschadigd raken als u er losse schroeven in achterlaat.
Stappen
1. Breng alle schroeven opnieuw aan en zorg ervoor dat er geen losse schroeven in uw computer achterblijven.
2. Sluit alle externe apparaten, randapparaten of kabels die u eerder had losgekoppeld, weer aan voordat u aan uw computer werkt.
3. Plaats alle mediakaarten, schijven of andere onderdelen die u had verwijderd, weer terug voordat u aan uw computer werkt.
4. Sluit uw computer en alle aangesloten apparaten aan op het stopcontact.
5. Schakel de computer in.
In de computer werken 9
2
Onderdelen verwijderen en plaatsen
OPMERKING: De afbeeldingen in dit document kunnen verschillen van uw computer; dit is afhankelijk van de configuratie die u hebt besteld.
Aanbevolen hulpmiddelen
Bij de procedures in dit document heeft u mogelijk de volgende hulpmiddelen nodig:
● Kruiskopschroevendraaier nr. 0
● Kruiskopschroevendraaier nr. 1
● Plastic gereedschap
Lijst van schroeven
OPMERKING: Bij het verwijderen van de schroeven van een component is het raadzaam om het schroeftype en de hoeveelheid schroeven te noteren en deze dan in de schroefopbergdoos te plaatsen. Dit is om ervoor te zorgen dat het juiste aantal schroeven en juiste schroeftype wordt gebruikt wanneer het component wordt teruggeplaatst.
OPMERKING: Sommige computers hebben magnetische oppervlakken. Zorg ervoor dat de schroeven niet vast blijven zitten aan zo'n oppervlak wanneer u een onderdeel terugplaatst.
OPMERKING: De schroefkleur kan verschillen afhankelijk van de bestelde configuratie.
Tabel 1. Lijst van schroeven
Component
M.2 2230/2280 SSD
Type schroef
M2x3.5
Aantal
1
Afbeelding schroef
WLAN-kaart
Voedingseenheid
M2x3.5
#6-32
1
4
Processorventilator en koelplaat Geborgde schroef
VR-koelplaat
Vloeistofkoeler (optioneel)
Systeemkaart
#6-32 (geborgd)
#6-32 (geborgd)
6-32
4
9
4
2
10 Onderdelen verwijderen en plaatsen
Belangrijke componenten van Precision 3660 Tower
De volgende afbeelding toont de belangrijkste componenten van Precision 3660 Tower.
1. Zijplaat
3. Luchtkanaal
5. WLAN-kaart
7. M.2 2280 SSD
9. Systeemkaart
11. Systeemchassis
13. Vloeistofkoeler
15. Voedingseenheid
17. Systeemventilator
2. Dunne ODD
4. 3,5 inch harde schijfstation
6. Geheugenmodule
8. Aan/uit-knop
10. Montagekader
12. Systeemventilator
14. Intrusieschakelaar
16. Kap van de voedingseenheid
OPMERKING: Dell geeft een lijst met componenten en hun onderdeelnummers voor de originele, gekochte systeemconfiguratie.
Deze onderdelen zijn beschikbaar volgens garantiedekkingen die door de klant zijn aangeschaft. Neem contact op met uw Dell verkoopvertegenwoordiger voor aankoopopties.
Onderdelen verwijderen en plaatsen 11
Zijpaneel
De zijplaat verwijderen
Vereisten
1. Volg de procedure in
Voordat u in de computer gaat werken .
OPMERKING: Zorg ervoor dat u de beveiligingskabel van de slot voor de beveiligingskabel verwijdert (indien van toepassing).
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de zijplaat aan en bieden een visuele weergave van de verwijderingsprocedure.
12 Onderdelen verwijderen en plaatsen
Stappen
1. Draai de enkele geborgde schroef los waarmee de zijplaat aan de computer vastzit.
2. Trek aan het ontgrendelingslipje om de plaat van de computer los te maken.
3. Open de zijplaat richting de voorzijde van de computer en til de plaat weg van het chassis.
De zijplaat plaatsen
Vereisten
Als u een onderdeel vervangt, dient u het bestaande onderdeel te verwijderen alvorens de installatieprocedure uit te voeren.
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de zijplaat aan en bieden een visuele weergave van de installatieprocedure.
Onderdelen verwijderen en plaatsen 13
14 Onderdelen verwijderen en plaatsen
Stappen
1. Lijn de lipjes op de zijplaat uit met de slots op het chassis.
2. Druk de zijplaat naar de zijkant van de computer om deze te installeren.
3. Het ontgrendelingsschuifje vergrendelt automatisch de zijplaat aan het systeem.
4. Draai de enkele geborgde schroef aan om de zijplaat aan de computer te bevestigen.
Vervolgstappen
1. Volg de procedure in
Nadat u in de computer hebt gewerkt .
Voorklep
Het montagekader aan de voorkant plaatsen
Vereisten
Als u een onderdeel vervangt, dient u het bestaande onderdeel te verwijderen alvorens de installatieprocedure uit te voeren.
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van het montagekader weer en bieden een visuele weergave van de plaatsingsprocedure.
Stappen
1. Lijn de lipjes van het montagekader uit met de slots op het chassis.
2. Druk op het montagekader totdat de lipjes vastklikken.
Onderdelen verwijderen en plaatsen 15
Vervolgstappen
2. Volg de procedure in
Nadat u in de computer hebt gewerkt .
Het montagekader aan de voorkant verwijderen
Vereisten
1. Volg de procedure in
Voordat u in de computer gaat werken .
2. Verwijder de
.
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van het montagekader aan de voorkant weer en bieden een visuele weergave van de verwijderingsprocedure.
Stappen
1. Wrik de lipjes los om het montagekader los te maken van het computer.
2. Trek het montagekader iets los en draai het montagekader voorzichtig om om de lipjes op het kader los te maken van de slots op het computerchassis.
3. Verwijder het montagekader van de computer.
16 Onderdelen verwijderen en plaatsen
3,5 inch harde-schijfeenheid
De 3,5 inch harde-schijfeenheid (bay-1) verwijderen
Vereisten
1. Volg de procedure in
Voordat u in de computer gaat werken .
2. Verwijder de
.
3. Verwijder het montagekader .
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de 3,5-inch harde-schijfeenheid aan en bieden een visuele weergave van de verwijderingsprocedure.
Stappen
1. Koppel de gegevens- en voedingskabels los van de 3,5-inch harde-schijfmodule.
2. Druk op de bevestigingslipjes om de harde-schijfeenheid uit het chassis los te maken.
3. Schuif de harde-schijfeenheid weg van het chassis.
De 3,5 inch harde-schijfeenheid verwijderen (bay-2)
Vereisten
1. Volg de procedure in
Voordat u in de computer gaat werken .
Onderdelen verwijderen en plaatsen 17
2. Verwijder de
.
3. Verwijder het montagekader .
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de 3,5-inch harde-schijfeenheid aan en bieden een visuele weergave van de verwijderingsprocedure.
Stappen
1. Koppel de gegevens- en voedingskabels los van de 3,5-inch harde-schijfmodule.
2. Druk op de bevestigingslipjes om de harde-schijfeenheid uit het chassis los te maken.
3. Schuif de harde-schijfeenheid weg van het chassis.
De beugel van de 3,5-inch harde schijf verwijderen
Vereisten
1. Volg de procedure in
Voordat u in de computer gaat werken .
2. Verwijder de
.
3. Verwijder de
.
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de beugel van de 3,5-inch harde schijf aan en bieden een visuele weergave van de verwijderingsprocedure.
18 Onderdelen verwijderen en plaatsen
Stappen
1. Wrik aan beide kanten van de beugel van de harde schijf om de lipjes op de beugel los te maken van de slots op de harde schijf.
2. Til de harde schijf uit de beugel van de harde schijf en verwijder deze.
De beugel van de 3,5-inch harde schijf installeren
Vereisten
Als u een onderdeel vervangt, dient u het bestaande onderdeel te verwijderen alvorens de installatieprocedure uit te voeren.
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de beugel van de 3,5-inch harde schijf aan en bieden een visuele weergave van de installatieprocedure.
Onderdelen verwijderen en plaatsen 19
Stappen
1. Plaats de vaste schijf in de beugel van de harde schijf en lijn de lipjes op de beugel uit met de slots op de vaste schijf.
2. Klik de harde schijf in de beugel van de harde schijf.
Vervolgstappen
1. De
installeren.
3. Volg de procedure in
Nadat u in de computer hebt gewerkt .
De 3,5 inch harde-schijfeenheid (bay-2) installeren
Vereisten
Als u een onderdeel vervangt, dient u het bestaande onderdeel te verwijderen alvorens de installatieprocedure uit te voeren.
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de 3,5-inch harde-schijfeenheid aan en bieden een visuele weergave van de installatieprocedure.
Stappen
1. Schuif en plaats de 3,5-inch harde-schijfeenheid in de slot van de harde schijf.
2. Leid de voedings- en datakabel door de geleiders op de harde-schijfeenheid en sluit de kabels aan op de harde schijf.
20 Onderdelen verwijderen en plaatsen
Vervolgstappen
1. Plaats het
.
3. Volg de procedure in
Nadat u in de computer hebt gewerkt .
De 3,5 inch harde-schijfeenheid (bay-1) installeren
Vereisten
Als u een onderdeel vervangt, dient u het bestaande onderdeel te verwijderen alvorens de installatieprocedure uit te voeren.
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de 3,5-inch harde-schijfeenheid aan en bieden een visuele weergave van de installatieprocedure.
Stappen
1. Schuif en plaats de 3,5-inch harde-schijfeenheid in de slot van de harde schijf.
2. Leid de voedings- en datakabel door de geleiders op de harde-schijfeenheid en sluit de kabels aan op de harde schijf.
Vervolgstappen
1. Plaats het
.
3. Volg de procedure in
Nadat u in de computer hebt gewerkt .
Onderdelen verwijderen en plaatsen 21
SSD
De M.2 2230 PCIe SSD installeren
Vereisten
Als u een onderdeel vervangt, dient u het bestaande onderdeel te verwijderen alvorens de installatieprocedure uit te voeren.
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de SSD aan en bieden een visuele weergave van de plaatsingsprocedure.
Stappen
1. Lijn de uitsparing op de SSD uit met het lipje op de connector van de SSD.
2. Plaats de SSD onder een hoek van 45 graden in de slot op de systeemkaart.
3. Plaats de schroef (M2x3.5) terug waarmee de M.2 2230 SSD aan de systeemkaart wordt bevestigd.
Vervolgstappen
2. Volg de procedure in
Nadat u in de computer hebt gewerkt .
De M.2 2280 PCIe SSD verwijderen
Vereisten
1. Volg de procedure in
Voordat u in de computer gaat werken .
2. Verwijder de
.
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de SSD aan en bieden een visuele weergave van de verwijderingsprocedure.
22 Onderdelen verwijderen en plaatsen
Stappen
1. Verwijder de schroef (M2x3.5) waarmee de SSD aan de systeemkaart wordt bevestigd.
2. Schuif en til de SSD uit de systeemkaart.
OPMERKING: Herhaal de bovenstaande procedure voor het verwijderen van de andere SSD.
De M.2 2280 PCIe SSD plaatsen
Vereisten
Als u een onderdeel vervangt, dient u het bestaande onderdeel te verwijderen alvorens de installatieprocedure uit te voeren.
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de SSD aan en bieden een visuele weergave van de plaatsingsprocedure.
Onderdelen verwijderen en plaatsen 23
Stappen
1. Lijn de uitsparing op de SSD uit met het lipje op de connector van de SSD.
2. Plaats de SSD onder een hoek van 45 graden in de slot op de systeemkaart.
3. Plaats de schroef (M2x3.5) terug waarmee de M.2 2280 SSD aan de systeemkaart wordt bevestigd.
OPMERKING: Herhaal de bovenstaande procedure voor het installeren van de andere SSD.
Vervolgstappen
2. Volg de procedure in
Nadat u in de computer hebt gewerkt .
De M.2 2230 PCIe SSD verwijderen
Vereisten
1. Volg de procedure in
Voordat u in de computer gaat werken .
2. Verwijder de
.
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de SSD aan en bieden een visuele weergave van de verwijderingsprocedure.
24 Onderdelen verwijderen en plaatsen
Stappen
1. Verwijder de schroef (M2x3.5) waarmee de SSD aan de systeemkaart wordt bevestigd.
2. Schuif en til de SSD uit de systeemkaart.
WLAN-kaart
De WLAN-kaart verwijderen
Vereisten
1. Volg de procedure in
Voordat u in de computer gaat werken .
2. Verwijder de
.
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de draadloze kaart aan en bieden een visuele weergave van de verwijderingsprocedure.
Onderdelen verwijderen en plaatsen 25
Stappen
1. Verwijder de schroef (M2x3.5) waarmee de WLAN-kaart aan de systeemkaart is bevestigd.
2. Til de WLAN-kaartbeugel weg van de WLAN-kaart.
3. Ontkoppel de antennekabels van de WLAN-kaart.
4. Schuif en verwijder de WLAN-kaart uit de connector op de systeemkaart.
De WLAN-kaart plaatsen
Vereisten
Als u een onderdeel vervangt, dient u het bestaande onderdeel te verwijderen alvorens de installatieprocedure uit te voeren.
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de draadloze kaart aan en bieden een visuele weergave van de plaatsingsprocedure.
26 Onderdelen verwijderen en plaatsen
Stappen
1. Sluit de antennekabels aan op de WLAN-kaart.
In de volgende tabel ziet u het kleurenschema van de antennekabel voor de WLAN-kaart van uw computer.
Tabel 2. Kleurschema antennekabels
Connectoren op de draadloze kaart
Hoofd (witte driehoek)
Hulp (zwarte driehoek)
Kleur van de antennekabel
Wit
Zwart
2. Plaats de WLAN-kaartbeugel om de WLAN-antennekabels te bevestigen.
3. Steek de WLAN-kaart in de connector op de systeemkaart.
4. Plaats de schroef (M2x3.5) terug om het plastic lipje aan de WLAN-kaart te bevestigen.
Vervolgstappen
2. Volg de procedure in
Nadat u in de computer hebt gewerkt .
Onderdelen verwijderen en plaatsen 27
WLAN-antenne
De WLAN-antenne verwijderen
Vereisten
1. Volg de procedure in
Voordat u in de computer gaat werken .
2. Verwijder de
.
3. Verwijder het montagekader .
4. Verwijder de
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de WLAN-antennemodule aan en bieden een visuele weergave van de verwijderingsprocedure.
Stappen
1. Verwijder de antennekabels uit de routeringsgeleiders op het chassis.
2. Haal de antennekabels uit de uitsparing aan de voorkant van het chassis.
3. Verwijder de twee schroeven (M3x3) waarmee de WLAN-antenne aan het chassis wordt bevestigd.
28 Onderdelen verwijderen en plaatsen
4. Til de WLAN-antenne van het chassis.
De WLAN-antenne installeren
Vereisten
Als u een onderdeel vervangt, dient u het bestaande onderdeel te verwijderen alvorens de installatieprocedure uit te voeren.
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de WLAN-antenne aan en bieden een visuele weergave van de installatieprocedure.
Stappen
1. Leid de antennekabels door de routeringsgeleiders op het chassis.
2. Lijn de schroefgaten in de WLAN-antenne uit met de schroefgaten in het chassis.
3. Plaats de twee schroeven (M3x3) terug om de WLAN-antenne op het chassis te bevestigen.
Vervolgstappen
1. Installeer de
2. Plaats het
.
Onderdelen verwijderen en plaatsen 29
4. Volg de procedure in
Nadat u in de computer hebt gewerkt .
Knoopbatterij
De knoopcelbatterij verwijderen
Vereisten
1. Volg de procedure in
Voordat u in de computer gaat werken .
2. Verwijder de
.
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de knoopcelbatterij aan en bieden een visuele weergave van de verwijderingsprocedure.
Stappen
1. Wrik met een plastic pennetje de knoopcelbatterij uit de slot op de systeemkaart.
2. Verwijder de knoopcelbatterij uit de computer.
De knoopcelbatterij plaatsen
Vereisten
Als u een onderdeel vervangt, dient u het bestaande onderdeel te verwijderen alvorens de installatieprocedure uit te voeren.
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de knoopcelbatterij aan en bieden een visuele weergave van de plaatsingsprocedure.
30 Onderdelen verwijderen en plaatsen
Stappen
1. Plaats de knoopcelbatterij met de pluskant naar boven gericht en schuif de knoopcelbatterij onder de klemmen aan de positieve kant van de connector.
2. Duw de batterij in de connector totdat de batterij vastklikt.
Vervolgstappen
2. Volg de procedure in
Nadat u in de computer hebt gewerkt .
Geheugenmodule
De geheugenmodule verwijderen
Vereisten
1. Volg de procedure in
Voordat u in de computer gaat werken .
2. Verwijder de
.
Over deze taak
De volgende afbeelding geeft de locatie van de geheugenmodule aan en biedt een visuele weergave van de verwijderingsprocedure.
Onderdelen verwijderen en plaatsen 31
Stappen
1. Trek de bevestigingsklemmen weg van de geheugenmodule totdat het geheugen losklikt.
2. Verwijder de geheugenmodule uit de slot.
De geheugenmodule plaatsen
Vereisten
Als u een onderdeel vervangt, dient u het bestaande onderdeel te verwijderen alvorens de installatieprocedure uit te voeren.
Over deze taak
De volgende afbeelding geeft de locatie van de geheugenmodule aan en biedt een visuele weergave van de installatieprocedure.
32 Onderdelen verwijderen en plaatsen
Stappen
1. Lijn de uitsparing in de geheugenmodule uit met het lipje op de slot van de geheugenmodule.
2. Schuif de geheugenmodule stevig onder een hoek in de slot en druk de geheugenmodule naar beneden totdat deze vastklikt.
OPMERKING: Als u geen klik hoort, verwijdert u de geheugenmodule en installeert u deze nogmaals.
Vervolgstappen
2. Volg de procedure in
Nadat u in de computer hebt gewerkt .
Grafische kaart
De grafische kaart verwijderen
Vereisten
1. Volg de procedure in
Voordat u in de computer gaat werken .
2. Verwijder de
.
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de grafische kaart aan en bieden een visuele weergave van de verwijderingsprocedure.
Onderdelen verwijderen en plaatsen 33
Stappen
1. Til het treklipje op om de PCIe-deur te openen.
2. Houd het bevestigingslipje op het slot van de grafische kaart ingedrukt en til de grafische kaart uit de sleuf voor de grafische kaart.
De grafische kaart plaatsen
Vereisten
Als u een onderdeel vervangt, dient u het bestaande onderdeel te verwijderen alvorens de installatieprocedure uit te voeren.
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de grafische kaart aan en bieden een visuele weergave van de plaatsingsprocedure.
34 Onderdelen verwijderen en plaatsen
Stappen
1. Lijn de grafische kaart uit met de connector van de PCI-Express-kaart op de systeemkaart.
2. Gebruik het uitlijningspunt om de grafische kaart op de connector aan te sluiten en druk de kaart stevig vast. Controleer of de kaart goed is geplaatst.
3. Til het treklipje op om de PCIe-deur te sluiten.
Vervolgstappen
2. Volg de procedure in
Nadat u in de computer hebt gewerkt .
Graphics Processing Unit
De Powered GPU verwijderen
Vereisten
1. Volg de procedure in
Voordat u in de computer gaat werken .
2. Verwijder de
.
Onderdelen verwijderen en plaatsen 35
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de Powered GPU aan en bieden een visuele weergave van de verwijderingsprocedure.
36 Onderdelen verwijderen en plaatsen
Stappen
1. Koppel de twee voedingskabels los van de connector op de Powered GPU en de voedingseenheid.
2. Schuif het ontgrendelingslipje op de houder van de grafische kaart en til de kaart uit de computer.
3. Til het treklipje op om de PCIe-deur te openen.
4. Houd het bevestigingslipje op de slot van de grafische kaart ingedrukt en til de Powered GPU uit de slot voor de grafische kaart.
5. Sluit de PCIe-deur.
De Powered GPU installeren
Vereisten
Als u een onderdeel vervangt, dient u het bestaande onderdeel te verwijderen alvorens de installatieprocedure uit te voeren.
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de Powered GPU aan en bieden een visuele weergave van de installatieprocedure.
Onderdelen verwijderen en plaatsen 37
Stappen
1. Til het treklipje op om de PCIe-deur te openen.
2. Lijn de Powered GPU uit met de PCI-Express-kaartconnector op de systeemkaart.
3. Gebruik het uitlijningspunt om de Powered GPU in de connector aan te sluiten en druk die stevig vast. Zorg dat de Powered GPU goed is geplaatst.
4. Sluit de PCIe-deur.
5. Schuif de ontgrendeling op de houder van de grafische kaart en plaats de kaart in het slot totdat hij vastklikt.
6. Sluit de twee voedingskabels aan op de connectoren op de Powered GPU en de voedingseenheid.
Vervolgstappen
2. Volg de procedure in
Nadat u in de computer hebt gewerkt .
Ventilatorbehuizing
De ventilatorbuis verwijderen
Vereisten
1. Volg de procedure in
Voordat u in de computer gaat werken .
2. Verwijder de
.
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de ventilatorbuis aan en bieden een visuele weergave van de verwijderingsprocedure.
38 Onderdelen verwijderen en plaatsen
Stappen
1. Druk op de vergrendelingslipjes aan beide zijden van de ventilatorbuis om deze los te maken.
2. Til de ventilatorbuis omhoog en verwijder deze uit de computer.
De ventilatorbuis installeren
Vereisten
Als u een onderdeel vervangt, dient u het bestaande onderdeel te verwijderen alvorens de installatieprocedure uit te voeren.
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de ventilatorbuis aan en bieden een visuele weergave van de installatieprocedure.
Onderdelen verwijderen en plaatsen 39
Stappen
1. Plaats de ventilatorbuis op de slots op het computerchassis.
2. Druk de ventilatorbuis naar beneden totdat deze vastklikt.
Vervolgstappen
2. Volg de procedure in
Nadat u in de computer hebt gewerkt .
Voeding
De voedingseenheid verwijderen
Vereisten
1. Volg de procedure in
Voordat u in de computer gaat werken .
2. Verwijder de
.
OPMERKING: Noteer hoe alle kabels lopen voordat u kabels verwijdert, zodat u deze correct kunt terugplaatsen wanneer u de voedingseenheid terugplaatst.
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de voedingseenheid aan en bieden een visuele weergave van de verwijderingsprocedure.
40 Onderdelen verwijderen en plaatsen
Stappen
1. Leg de computer op de rechterkant.
2. Koppel de voedingskabels los van de connectoren op de systeemkaart en leid deze uit de kabelgeleiders op het chassis.
3. Verwijder de vier (M6x32) schroeven waarmee de voedingseenheid aan het chassis is bevestigd.
4. Schuif de voedingseenheid weg van de achterkant van het chassis.
5. Til de voeding uit het chassis.
De voedingseenheid plaatsen
Vereisten
Als u een onderdeel vervangt, dient u het bestaande onderdeel te verwijderen alvorens de installatieprocedure uit te voeren.
GEVAAR: De kabels en poorten op de achterzijde van de voeding zijn kleurgecodeerd om de wattage aan te geven.
Zorg ervoor dat u de kabel aansluit op de juiste poort. Als u dit niet doet, kunnen de voeding en/of systeemonderdelen beschadigd raken.
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de voedingseenheid aan en bieden een visuele weergave van de plaatsingsprocedure.
Onderdelen verwijderen en plaatsen 41
Stappen
1. Schuif de voedingseenheid in het chassis totdat het bevestigingslipje vastklikt.
2. Plaats de vier schroeven (M6x32) terug om de voedingseenheid aan het chassis te bevestigen.
3. Leid de voedingskabel door de geleiders op het chassis en sluit de voedingskabels aan op de connectoren op de systeemkaart.
Vervolgstappen
2. Volg de procedure in
Nadat u in de computer hebt gewerkt .
Processorventilator en warmteafleider
De processorventilator en 125 W koelplaateenheid verwijderen
Vereisten
1. Volg de procedure in
Voordat u in de computer gaat werken .
42 Onderdelen verwijderen en plaatsen
GEVAAR: Tijdens de normale werking kan de koelplaat heet worden. Laat de koelplaat voldoende lang afkoelen voordat u deze aanraakt.
WAARSCHUWING: Om te zorgen dat de processor maximaal wordt gekoeld, raakt u de gebieden voor warmteoverdracht op de koelplaat niet aan. Het vet van uw huid kan het warmteoverdrachtvermogen van thermisch vet verminderen.
2. Verwijder de
.
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de processorventilator en de 125 W koelplaat aan en bieden een visuele weergave van de verwijderingsprocedure.
Stappen
1. Koppel de processorventilatorkabel los van de connector op de systeemkaart.
2. Draai de vier geborgde schroeven waarmee de processorventilator en koelplaat op de systeemkaart worden bevestigd in omgekeerde volgorde (4->3->2->1) los.
3. Til de processorventilator en de koelplaat weg van de systeemkaart.
De processorventilator en 125 W koelplaat installeren
Vereisten
Als u een onderdeel vervangt, dient u het bestaande onderdeel te verwijderen alvorens de installatieprocedure uit te voeren.
OPMERKING: Als u de processor of de koelplaat vervangt, gebruikt u het meegeleverde thermische vet om ervoor te zorgen dat de thermische geleidbaarheid wordt bereikt.
Onderdelen verwijderen en plaatsen 43
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de processorventilator en 125 W koelplaat aan en bieden een visuele weergave van de installatieprocedure.
Stappen
1. Lijn de schroeven op de processorventilator en koelplaar uit met de schroefhouders op de systeemkaart en plaats de processorventilator en koelplaat op de processor.
OPMERKING: Zorg ervoor dat het driehoekje naar de achterkant van de computer is gericht.
2. Draai de vier geborgde schroeven waarmee de processorventilator en koelplaat op de systeemkaart worden bevestigd in de juiste volgorde vast (1->2->3->4).
OPMERKING: Draai de schroeven vast in de volgorde (1,2,3,4) zoals afgedrukt op het moederbord.
3. Sluit de kabel van de processorventilator aan op de connector op de systeemkaart.
Vervolgstappen
2. Volg de procedure in
Nadat u in de computer hebt gewerkt .
De processorventilator verwijderen
Vereisten
1. Volg de procedure in
Voordat u in de computer gaat werken .
2. Verwijder de
.
44 Onderdelen verwijderen en plaatsen
3. Verwijder de
processorventilator en koelplaat
.
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de processorventilator aan en bieden een visuele weergave van de verwijderingsprocedure.
Stappen
1. Verwijder de vier schroeven waarmee de processorventilator op de koelplaat is bevestigd.
2. Til de processorventilator van de koelplaat.
De processorventilator installeren
Vereisten
Als u een onderdeel vervangt, dient u het bestaande onderdeel te verwijderen alvorens de installatieprocedure uit te voeren.
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de processorventilator aan en bieden een visuele weergave van de verwijderingsprocedure.
Onderdelen verwijderen en plaatsen 45
Stappen
1. Plaats de processorventilator in de slot in de koelplaat.
2. Plaats de vier schroeven terug om de processorventilator op de koelplaat te bevestigen.
Vervolgstappen
1. Plaats de processorventilator en koelplaat .
3. Volg de procedure in
Nadat u in de computer hebt gewerkt .
De processorventilator en 65 W koelplaateenheid verwijderen
Vereisten
1. Volg de procedure in
Voordat u in de computer gaat werken .
GEVAAR: Tijdens de normale werking kan de koelplaat heet worden. Laat de koelplaat voldoende lang afkoelen voordat u deze aanraakt.
WAARSCHUWING: Om te zorgen dat de processor maximaal wordt gekoeld, raakt u de gebieden voor warmteoverdracht op de koelplaat niet aan. Het vet van uw huid kan het warmteoverdrachtvermogen van thermisch vet verminderen.
2. Verwijder de
.
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de processorventilator en koelplaateenheid aan en bieden een visuele weergave van de verwijderingsprocedure.
46 Onderdelen verwijderen en plaatsen
Stappen
1. Koppel de kabel van de processorventilator los van de connector op de systeemkaart.
2. Draai de vier geborgde schroeven los waarmee de processorventilator en koelplaat op de systeemkaart zijn bevestigd.
3. Til de processorventilator en de koelplaat weg van de systeemkaart.
De processorventilator en 65 W koelplaateenheid plaatsen
Vereisten
OPMERKING: Als u de processor of de koelplaat vervangt, gebruikt u het meegeleverde thermische vet om ervoor te zorgen dat de thermische geleidbaarheid wordt bereikt.
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de processorventilator en koelplaateenheid aan en bieden een visuele weergave van de plaatsingsprocedure.
Onderdelen verwijderen en plaatsen 47
Stappen
1. Lijn de schroefgaten in de processorventilator en koelplaat uit met de schroefgaten op de systeemkaart.
2. Draai de vier geborgde schroeven vast waarmee de processorventilator en koelplaat op de systeemkaart zijn bevestigd.
3. Sluit de kabel van de processorventilator aan op de connector op de systeemkaart.
Vervolgstappen
2. Volg de procedure in
Nadat u in de computer hebt gewerkt .
Vloeistofkoeler
De vloeistofkoeler verwijderen
Vereisten
1. Volg de procedure in
Voordat u in de computer gaat werken .
GEVAAR: Tijdens de normale werking kan de vloeistofkoeler heet worden. Laat de vloeistofkoeler voldoende afkoelen voordat u deze aanraakt.
2. Verwijder de
.
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de vloeistofkoeler aan en bieden een visuele weergave van de verwijderingsprocedure.
48 Onderdelen verwijderen en plaatsen
Stappen
1. Draai de vier geborgde schroeven los die de vloeistofkoeler aan de systeemkaart bevestigen.
2. Verwijder de schroef (M3x5) waarmee de ventilator van de vloeistofkoeler aan het chassis is bevestigd en schuif deze uit het slot.
3. Ontkoppel de vloeistofkoelerkabel en de kabel van de vloeistofkoelerventilator van de connectoren op de systeemkaart.
Onderdelen verwijderen en plaatsen 49
4. Til de vloeistofkoelereenheid uit het chassis,
De vloeistofkoeler installeren
Vereisten
Als u een onderdeel vervangt, dient u het bestaande onderdeel te verwijderen alvorens de installatieprocedure uit te voeren.
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de vloeistofkoeler aan en bieden een visuele weergave van de installatieprocedure.
50 Onderdelen verwijderen en plaatsen
Stappen
1. Sluit de vloeistofkoelerkabel en de kabel van de vloeistofkoelerventilator aan op de connectoren op de systeemkaart.
2. Lijn de vloeistofkoelerventilator uit en plaatst hem in het slot in het chassis.
3. Vervang de enkele schroef (M3x5) waarmee de vloeistofkoelerventilator aan het chassis is bevestigd.
4. Lijn de schroefgaten op de vloeistofkoeler uit met de schroefgaten op de systeemkaart en plaats de vloeistofkoelerventilator.
5. Draai de vier geborgde schroeven vast die de vloeistofkoeler aan de systeemkaart bevestigen.
Vervolgstappen
2. Volg de procedure in
Nadat u in de computer hebt gewerkt .
Processor
De processor verwijderen
Vereisten
1. Volg de procedure in
Voordat u in de computer gaat werken .
2. Verwijder de
.
3. Verwijder de
processorventilator en de 125 W koelplaat
of processorventilator en koelplaat
.
OPMERKING: De processor kan nog heet zijn nadat de computer is uitgeschakeld. Laat de processor afkoelen alvorens deze te verwijderen.
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de processor aan en bieden een visuele weergave van de verwijderingsprocedure.
Onderdelen verwijderen en plaatsen 51
Stappen
1. Druk de ontgrendelingshendel naar beneden en duw deze weg van de processor om deze los te maken van het vergrendelingslipje.
2. Til de hendel omhoog de processorkap op te tillen.
WAARSCHUWING: Wanneer u de processor verwijdert, mag u geen pinnen binnen de processorsocket aanraken, en mogen er geen objecten op de pinnen in de socket vallen.
3. Til de processor voorzichtig uit de processorsocket.
De processor plaatsen
Vereisten
Als u een onderdeel vervangt, dient u het bestaande onderdeel te verwijderen alvorens de installatieprocedure uit te voeren.
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de processor aan en bieden een visuele weergave van de plaatsingsprocedure.
52 Onderdelen verwijderen en plaatsen
Stappen
1. Zorg ervoor dat de vergrendelingshendel op de processorsocket volledig in de open positie staat.
2. Richt de uitsparing op de processor op de tabs op de processorsocket en plaats de processor vervolgens in de socket.
OPMERKING: De pin-1-hoek van de processor heeft een driehoek die overeenstemt met de driehoek op de pin-1-hoek van de processorsocket. Als de processor op juiste wijze is geplaatst, bevinden alle vier de hoeken zich op dezelfde hoogte. Als één of meer hoeken van de processor hoger is dan de andere hoeken, dan is de processor niet op juiste wijze geïnstalleerd.
3. Draai, wanneer de processor zich volledig in de socket bevindt, de vergrendelingshendel omlaag en plaats deze onder het lipje op de kap van de processor.
Vervolgstappen
1. Plaats de processorventilator en de 125 W koelplaat
of
processorventilator en koelplaat .
3. Volg de procedure in
Nadat u in de computer hebt gewerkt .
Chassisventilator
De voorste ventilator verwijderen
Vereisten
1. Volg de procedure in
Voordat u in de computer gaat werken .
2. Verwijder de
.
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de chassisventilator aan en bieden een visuele weergave van de verwijderingsprocedure.
Onderdelen verwijderen en plaatsen 53
Stappen
1. Koppel de ventilatorkabel los van de connector op de systeemkaart.
2. Duw op het lipje om de chassisventilator uit het slot te verwijderen.
3. Til de chassisventilator onder een hoek omhoog en verwijder deze uit het chassis.
OPMERKING: Volg de procedure als er twee ventilatoren aan de voorkant van uw computer zijn geïnstalleerd.
De ventilatorbehuizing aan de voorkant verwijderen
Vereisten
1. Volg de procedure in
Voordat u in de computer gaat werken .
2. Verwijder de
.
Over deze taak
De volgende afbeelding geeft de locatie van de behuizing van de chassisventilator aan de voorkant aan en biedt een visuele weergave van de verwijderingsprocedure.
54 Onderdelen verwijderen en plaatsen
Stappen
1. Zoek de positie van de rubberen dichtingsringen.
2. Trek voorzichtig aan de rubberen dichtingsringen om de ventilator uit de ventilatorbehuizing te verwijderen.
3. Verwijder de ventilator uit de ventilatorbehuizing.
De voorste ventilatorbehuizing installeren
Vereisten
Als u een onderdeel vervangt, dient u het bestaande onderdeel te verwijderen alvorens de installatieprocedure uit te voeren.
Over deze taak
De volgende afbeelding geeft de locatie van de voorste chassisventilatorbehuizing aan en biedt een visuele weergave van de installatieprocedure.
Onderdelen verwijderen en plaatsen 55
Stappen
1. Plaats de rubberen dichtingsringen op de ventilatorbehuizing.
2. Lijn de slots op de ventilator uit met de rubberen dichtingsringen op de ventilatorbehuizing.
3. Leid de rubberen dichtingsringen door de slots op de ventilator en trek de rubberen dichtingsringen aan totdat de ventilator op zijn plaats vastklikt.
Vervolgstappen
2. Volg de procedure in
Nadat u in de computer hebt gewerkt .
De voorste ventilator plaatsen
Vereisten
Als u een onderdeel vervangt, dient u het bestaande onderdeel te verwijderen alvorens de installatieprocedure uit te voeren.
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de chassisventilator aan en bieden een visuele weergave van de plaatsingsprocedure.
56 Onderdelen verwijderen en plaatsen
Stappen
1. Lijn de lipjes van de ventilator uit met de slots op het chassis.
2. Plaats de chassisventilator onder een hoek in het slot op het chassis.
3. Druk de chassisventilator in het slot totdat het ontgrendelingslipje vastklikt.
4. Sluit de kabel van de ventilator aan op de connector van de systeemkaart.
OPMERKING: Volg de procedure als er twee ventilatoren aan de voorkant van uw computer zijn geïnstalleerd.
Vervolgstappen
2. Volg de procedure in
Nadat u in de computer hebt gewerkt .
De achterste ventilator verwijderen
Vereisten
1. Volg de procedure in
Voordat u in de computer gaat werken .
2. Verwijder de
.
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de chassisventilator aan en bieden een visuele weergave van de verwijderingsprocedure.
Onderdelen verwijderen en plaatsen 57
Stappen
1. Koppel de ventilatorkabel los van de connector op de systeemkaart.
2. Zoek de positie van de rubberen dichtingsringen.
3. Trek voorzichtig aan de rubberen dichtingsringen om de ventilator uit het chassis te verwijderen.
4. Verwijder de ventilator uit het chassis.
De achterste ventilator installeren
Vereisten
Als u een onderdeel vervangt, dient u het bestaande onderdeel te verwijderen alvorens de installatieprocedure uit te voeren.
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de chassisventilator aan en bieden een visuele weergave van de plaatsingsprocedure.
58 Onderdelen verwijderen en plaatsen
Stappen
1. Plaats de rubberen dichtingsringen op het chassis.
2. Lijn de sleuven in de chassisventilator uit met de rubberen dichtingsringen op het chassis.
3. Leid de rubberen dichtingsringen door de slots op de ventilator en trek de rubberen dichtingsringen aan totdat de ventilator op zijn plaats vastklikt.
4. Sluit de kabel van de ventilator aan op de connector van de systeemkaart.
Vervolgstappen
2. Volg de procedure in
Nadat u in de computer hebt gewerkt .
Onderdelen verwijderen en plaatsen 59
Aan-uitknop
De aan/uit-knop verwijderen
Vereisten
1. Volg de procedure in
Voordat u in de computer gaat werken .
2. Verwijder de
.
3. Verwijder het montagekader .
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de aan-uitknop aan en bieden een visuele weergave van de verwijderingsprocedure.
Stappen
1. Koppel de kabel van de aan/uit-knop los van de connector op de systeemkaart.
2. Druk op de ontgrendelingslipjes op de kop van de aan/uit-knop en schuif de kabel van de aan/uit-knop uit de voorzijde van het chassis van de computer.
3. Trek de aan/uit-knop uit de computer.
60 Onderdelen verwijderen en plaatsen
De aan/uit-knop plaatsen
Vereisten
Als u een onderdeel vervangt, dient u het bestaande onderdeel te verwijderen alvorens de installatieprocedure uit te voeren.
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de aan-uitknop aan en bieden een visuele weergave van de plaatsingsprocedure.
Stappen
1. Plaats de kabel van de aan/uit-knop in de slot aan de voorzijde van de computer en druk op de kop van de aan/uit-knop totdat deze vastklikt in het chassis.
2. Lijn de kabel van de aan/uit-knop uit en sluit deze aan op de connector op de systeemkaart.
Vervolgstappen
1. Plaats het
.
3. Volg de procedure in
Nadat u in de computer hebt gewerkt .
Onderdelen verwijderen en plaatsen 61
Intrusieschakelaar
De intrusieswitch verwijderen
Vereisten
1. Volg de procedure in
Voordat u in de computer gaat werken .
2. Verwijder de
.
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de intrusieschakelaar aan en bieden een visuele weergave van de verwijderingsprocedure.
Stappen
1. Koppel de intrusiekabel los van de connector op de systeemkaart en verwijder de kabel uit de routeringsgeleider.
2. Schuif en verwijder de intrusieschakelaar uit het chassis.
De intrusieschakelaar plaatsen
Vereisten
Als u een onderdeel vervangt, dient u het bestaande onderdeel te verwijderen alvorens de installatieprocedure uit te voeren.
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de intrusieschakelaar aan en bieden een visuele weergave van de installatieprocedure.
62 Onderdelen verwijderen en plaatsen
Stappen
1. Plaats de intrusieschakelaar in de slot en schuif de schakelaar om die vast te zetten in de slot.
2. Leid de intrusiekabel door de geleiders en sluit de intrusiekabel aan op de connector op de systeemkaart.
Vervolgstappen
2. Volg de procedure in
Nadat u in de computer hebt gewerkt .
Intrusieluidspreker
De intrusieluidspreker verwijderen
Vereisten
1. Volg de procedure in
Voordat u in de computer gaat werken .
2. Verwijder de
.
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de intrusieluidspreker aan en bieden een visuele weergave van de verwijderingsprocedure.
Onderdelen verwijderen en plaatsen 63
Stappen
1. Maak de kabel van de intrusieluidspreker los van de connector op de systeemkaart.
2. Haal de kabel van de intrusieluidspreker uit de uitsparing op het chassis
3. Schuif en verwijder de intrusieluidspreker uit het chassis.
De intrusieluidspreker installeren
Vereisten
Als u een onderdeel vervangt, dient u het bestaande onderdeel te verwijderen alvorens de installatieprocedure uit te voeren.
Over deze taak
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de intrusieluidspreker aan en bieden een visuele weergave van de installatieprocedure.
64 Onderdelen verwijderen en plaatsen
Stappen
1. Lijn de gaten op de intrusieluidspreker uit met het uitlijningspunt op het chassis.
2. Plaats de intrusieluidspreker in zijn slot.
3. Leid de kabel van de intrusieluidspreker door de uitsparing aan de voorkant van het chassis
4. Sluit de kabel van de linkerluidspreker aan op de connector op de systeemkaart
Vervolgstappen
2. Volg de procedure in
Nadat u in de computer hebt gewerkt .
Systeemkaart
De systeemkaart verwijderen
Vereisten
1. Volg de procedure in
Voordat u in de computer gaat werken .
Onderdelen verwijderen en plaatsen 65
OPMERKING: De servicetag van uw computer bevindt zich op de systeemkaart. U moet de servicetag invoeren in het BIOSinstallatieprogramma als u de systeemkaart hebt teruggeplaatst.
OPMERKING: Wanneer de systeemkaart wordt vervangen, worden alle wijzigingen die u hebt aangebracht in het BIOS met behulp van het BIOS Setup-programma ongedaan gemaakt. U moet de gewenste wijzigingen nogmaals aanbrengen nadat u de systeemkaart hebt vervangen.
OPMERKING: Noteer, voordat u de kabels losmaakt van de systeemkaart, de locatie van de connectoren zodat u de kabels correct opnieuw kunt aansluiten nadat u de systeemkaart hebt teruggeplaatst.
2. Verwijder de
.
3. Verwijder het montagekader .
4. Verwijder de
.
5. Verwijder de
.
6. Verwijder de
7. Verwijder de
.
8. Verwijder de
.
9. Verwijder de
10. Verwijder de
OPMERKING: Deze stap is alleen nodig als het systeem is geconfigureerd met een Powered GPU.
11. Verwijder de
.
12. Verwijder de
13. Verwijder de
processorventilator en de 125 W koelplaat
of processorventilator en koelplaat
.
14. Verwijder de
en
de achterste chassisventilator .
15. Verwijder de
.
16. Verwijder de
.
Over deze taak
De volgende afbeelding geeft de connectoren op de systeemkaart aan.
66 Onderdelen verwijderen en plaatsen
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de systeemkaart aan en bieden een visuele weergave van de verwijderingsprocedure.
Onderdelen verwijderen en plaatsen 67
68 Onderdelen verwijderen en plaatsen
Stappen
1. Verwijder de schroef (#6-32) waarmee de I/O-beugel aan het chassis is bevestigd.
2. Schuif en verwijder de I/O-beugel aan de voorzijde van het chassis.
3. Koppel de voedings- en HDD-kabels los die verbonden zijn aan de systeemkaart en leid deze uit de kabelgeleiders op het chassis.
4. Verwijder de negen (#6-32) schroeven waarmee de systeemkaart aan het chassis wordt bevestigd.
5. Til de systeemkaart onder een hoek omhoog en verwijder deze uit het chassis.
Onderdelen verwijderen en plaatsen 69
De systeemkaart plaatsen
Vereisten
Als u een onderdeel vervangt, dient u het bestaande onderdeel te verwijderen alvorens de installatieprocedure uit te voeren.
Over deze taak
De volgende afbeelding geeft de connectoren op de systeemkaart aan.
De volgende afbeeldingen geven de locatie van de systeemkaart aan en bieden een visuele weergave van de installatieprocedure.
70 Onderdelen verwijderen en plaatsen
Onderdelen verwijderen en plaatsen 71
Stappen
1. Schuif de I/O-poorten aan de voorkant van de systeemkaart in de I/O-slots aan de voorkant van het chassis en lijn de schroefgaten in de systeemkaart uit met de schroefgaten in het chassis.
2. Plaats de negen schroeven (#6-32) terug waarmee de systeemkaart aan het chassis is bevestigd.
3. Leid de voedingskabel door de geleiders op het chassis en sluit de voedings- en HDD-kabels aan op de respectievelijke connectoren op de systeemkaart.
4. Lijn de I/O-beugel aan de voorzijde uit met de slots in het chassis.
5. Plaats de schroef (#6-32) terug waarmee de I/O-beugel aan de voorzijde op het chassis is bevestigd.
Vervolgstappen
2. Installeer de
3. Plaats de chassisventilator .
4. Plaats de processorventilator en de 125 W koelplaat
of
processorventilator en koelplaat .
5. Plaats de knoopcelbatterij .
6. Installeer de
7. Installeer de
.
OPMERKING: Deze stap is alleen nodig als het systeem is geconfigureerd met een Powered GPU.
.
.
12. Plaats de geheugenmodule .
72 Onderdelen verwijderen en plaatsen
14. Plaats het
.
16. Volg de procedure in
Nadat u in de computer hebt gewerkt .
OPMERKING: De servicetag van uw computer bevindt zich op de systeemkaart. U moet de servicetag invoeren in het BIOSinstallatieprogramma als u de systeemkaart hebt teruggeplaatst.
OPMERKING: Wanneer de systeemkaart wordt vervangen, worden alle wijzigingen die u hebt aangebracht in het BIOS met behulp van het BIOS Setup-programma ongedaan gemaakt. U moet de gewenste wijzigingen nogmaals aanbrengen nadat u de systeemkaart hebt vervangen.
Onderdelen verwijderen en plaatsen 73
3
Software
In dit hoofdstuk worden de ondersteunde besturingssystemen beschreven. Bovendien vindt u hier instructies voor de installatie van stuurprogramma's.
Drivers en downloads
Bij het oplossen van problemen met drivers of het downloaden of installeren hiervan is het raadzaam om het Dell Knowledge-artikel
000123347 over veelgestelde vragen over drivers en downloads te lezen.
74 Software
4
Systeeminstallatie
WAARSCHUWING: Tenzij u een computerexpert bent, dient u de instellingen voor dit programma niet te wijzigen. Door bepaalde wijzigingen is het mogelijk dat de computer niet goed meer werkt.
OPMERKING: Voordat u het BIOS-setup-programma gebruikt, is het verstandig de scherminformatie van het BIOS-setupprogramma te noteren zodat u deze later ter referentie kunt gebruiken.
Gebruik het BIOS Setup-programma voor de volgende doeleinden:
● Informatie krijgen over de onderdelen in uw computer, zoals de hoeveelheid RAM, de grootte van de harde schijf, enz.
● Systeemconfiguratiegegevens wijzigen
● Een door de gebruiker te selecteren optie instellen of wijzigen, zoals het gebruikerswachtwoord, het type harde schijf dat is geïnstalleerd, het in- of uitschakelen van basisapparaten, enz.
Opstartmenu
Druk op <F12> wanneer het Dell logo verschijnt om een eenmalig opstartmenu te openen met een lijst van de geldige opstartapparaten voor het systeem. Diagnostiek en BIOS Setup-opties zijn ook opgenomen in dit menu. De apparaten die zijn opgenomen in het opstartmenu hangen af van de opstartbare apparaten in het systeem. Dit menu is handig wanneer u probeert te starten vanaf een bepaald apparaat of de diagnostiek voor het systeem wilt oproepen. Het opstartmenu gebruiken heeft geen wijzigingen tot gevolg in de opstartvolgorde die in het BIOS is opgeslagen.
De opties zijn:
● UEFI Boot:
○ Windows Boot Manager
● Andere opties:
○ BIOS-setup-programma
○ BIOS Flash-Update
○ Diagnostiek
○ Instellingen voor opstartmodus wijzigen
Navigatietoetsen
OPMERKING: Voor de meeste System Setup-opties geldt dat de door u aangebrachte wijzigingen wel worden opgeslagen, maar pas worden geëffectueerd nadat het systeem opnieuw is opgestart.
Toetsen
Pijl Omhoog
Pijl Omlaag
Enter
Spatiebalk
Tabblad
Esc
Navigatie
Gaat naar het vorige veld.
Gaat naar het volgende veld.
Hiermee kunt u een waarde in het geselecteerde veld invullen (mits van toepassing) of de link in het veld volgen.
Vergroot of verkleint een vervolgkeuzelijst, mits van toepassing.
Gaat naar het focusveld.
Gaat naar de vorige pagina totdat het hoofdscherm wordt weergegeven. Als u in het hoofdscherm op Esc drukt, wordt een bericht weergegeven met de vraag om de niet-opgeslagen wijzigingen op te slaan en wordt het systeem opnieuw opgestart.
Systeeminstallatie 75
Opstartvolgorde
Via Opstartvolgorde kunt u de door System Setup gedefinieerde volgorde van het opstartapparaat omzeilen en direct op een specifiek apparaat opstarten (bijvoorbeeld een optisch station of harde schijf). U kunt het volgende doen tijdens de Power-on Self-Test (POST), zodra het Dell logo verschijnt:
● System Setup openen door op de F2-toets te drukken;
● Het eenmalige opstartmenu openen door op de F12-toets te drukken.
In het eenmalige opstartmenu staan de apparaten waar het systeem vanaf kan opstarten en de opties voor diagnostiek. De opties van het opstartmenu zijn:
● Verwijderbare schijf (mits beschikbaar)
● STXXXX schijf
OPMERKING: XXXX staat voor het nummer van de SATA-schijf.
● Optisch station (mits beschikbaar)
● SATA-harde schijf (indien beschikbaar)
● Diagnostiek
OPMERKING: Na het selecteren van Diagnostics (Diagnostiek) wordt het scherm SupportAssist weergegeven.
In het scherm voor de opstartvolgorde wordt ook de optie weergegeven voor het openen van het scherm systeeminstallatie.
Opties voor Systeeminstallatie
OPMERKING: Welke onderdelen in dit gedeelte worden vermeld, is afhankelijk van uw computer en de geïnstalleerde apparaten.
Tabel 3. Opties van System Setup - menu Systeeminformatie
Overzicht
Precision 3660 Tower
BIOS-versie
Servicetag
Asset-tag
Productiedatum
Aankoopdatum
Express-servicecode
Eigenaarstag
Ondertekende firmware-update
Processorinformatie
Processortype
Maximale klokfrequentie
Minimale klokfrequentie
Huidige klokfrequentie
Aantal cores
Processor-ID
Processor L2-cache
Processor L3-cache
Microcodeversie
Geschikt voor Intel Hyper Threading
64-bits technologie
Toont het versienummer van de BIOS.
Toont de servicetag van de computer.
Toont de asset-tag van de computer.
Toont de productiedatum van de computer.
Toont de aankoopdatum van de computer.
Toont de express-servicecode van de computer.
Toont de eigenaarstag van de computer.
Geeft aan of de Ondertekende firmware-update beschikbaar is op uw computer.
Toont het type processor.
Toont de maximale klokfrequentie van de processor.
Toont de minimale klokfrequentie van de processor.
Toont de huidige klokfrequentie van de processor.
Toont het aantal cores in de processor.
Toont de identificatiecode van de processor.
Toont de L2-cachegrootte van de processor.
Toont de L3-cachegrootte van de processor.
Toont de microcodeversie.
Toont of de processor geschikt is voor Hyper Threading (HT).
Toont of 64-bits technologie wordt gebruikt.
76 Systeeminstallatie
Tabel 3. Opties van System Setup - menu Systeeminformatie (vervolg)
Overzicht
Geheugeninformatie
Geïnstalleerd geheugen
Beschikbaar geheugen
Geheugensnelheid
Kanaalmodus geheugen
Geheugentechnologie
DIMM 1-grootte
DIMM 2-grootte
DIMM 3 Size
DIMM 4 Size
Apparaatgegevens
Videocontroller
Videogeheugen
Wifi-apparaat
Standaardresolutie
Video BIOS-versie
Audiocontroller
Bluetooth-apparaat
LOM MAC-adres dGPU-videocontroller
Slot 1
Slot 2
Slot 3
Slot 4
Toont het totale geïnstalleerde computergeheugen.
Toont het totale beschikbare computergeheugen.
Toont de geheugensnelheid.
Toont de modus met single of dual channel.
Toont de technologie die wordt gebruikt voor het geheugen.
Toont de geheugengrootte van DIMM 1.
Toont de geheugengrootte van DIMM 2.
Toont de geheugengrootte van DIMM 3.
Toont de geheugengrootte van DIMM 4.
Toont het type videocontroller van de computer.
Toont de videogeheugendata van de computer.
Toont de gegevens van het Wifi-apparaat van de computer.
Toont de eigen resolutie van de computer.
Toont de versie van het video-BIOS van de computer.
Toont de data over de audiocontroller van de computer.
Toont de gegevens van het Bluetooth-apparaat van de computer.
Toont het MAC-adres van LOM (LAN On Motherboard) van de computer.
Toont het type discrete videocontroller van de computer.
Toont de gegevens van de SATA-harde schijf van de computer.
Toont de gegevens van de SATA-harde schijf van de computer.
Toont de gegevens van de SATA-harde schijf van de computer.
Toont de gegevens van de SATA-harde schijf van de computer.
Tabel 4. Opties voor System Setup—Opstartconfiguratiemenu
Opstartconfiguratie
Opstartvolgorde
Opstartmodus: alleen UEFI
Opstartvolgorde
Secure Digital-kaart (SD) opstarten
Toont de opstartmodus.
Toont de opstartvolgorde.
De alleen-lezen-opstartmodus van de SD-kaart in- of uitschakelen.
De optie Secure Digital-kaart (SD) opstarten is standaard niet ingeschakeld.
Veilig opstarten
Secure Boot inschakelen
Modus Veilig opstarten
Hiermee kunt u de functie voor beveiligd opstarten in- of uitschakelen.
Deze optie is standaard niet ingeschakeld.
Schakel deze in of uit om de opties voor veilige opstartmodus te wijzigen.
Geïmplementeerde modus is standaard ingeschakeld.
Geavanceerd sleutelbeheer
Aangepaste modus inschakelen Hiermee kunt u de aangepaste modus in- of uitschakelen.
Systeeminstallatie 77
Tabel 4. Opties voor System Setup—Opstartconfiguratiemenu (vervolg)
Opstartconfiguratie
Aangepaste modus Key Management
De optie aangepaste modus is standaard niet ingeschakeld.
Selecteer de aangepaste waarden voor Expert Key Management.
Tabel 5. Opties voor Systeeminstallatie - Geïntegreerde apparatenmenu-opties
Geïntegreerde apparaten
Datum/tijd Toont de huidige datum in de indeling MM/DD/JJJJ, en de huidige tijd in de indeling uu:mm:ss AM/PM.
Audio
Audio inschakelen Hiermee kunt u de geïntegreerde audiocontroller in- of uitschakelen.
Alle opties zijn standaard ingeschakeld.
Seriële poort
Seriële-poortconfiguratie
USB-configuratie
Het seriële-poortadres in- of uitschakelen.
Standaard wordt de poort COM1: geconfigureerd op 3F8h met de optie IRQ4 ingeschakeld.
● Hiermee kunt u opstarten vanaf USB-apparaten voor massastorage in-of uitschakelen met behulp van de opstartvolgorde of het opstartmenu.
Alle opties zijn standaard ingeschakeld.
Front USB Configuration
Configuratie van USB aan achterkant
Verschillende apparaten
Onderhoud stoffilter
Hiermee worden de individuele USB-poorten aan de voorzijde in- of uitgeschakeld.
Alle opties zijn standaard ingeschakeld.
Hiermee worden de individuele USB-poorten aan de achterzijde in- of uitgeschakeld.
Alle opties zijn standaard ingeschakeld.
Hiermee kunt u de PCI-slot in- of uitschakelen.
Deze optie is standaard ingeschakeld.
Hiermee kunt u onderhoud voor het stoffilter in-of uitschakelen.
De optie Uitgeschakeld is standaard ingeschakeld.
Tabel 6. Opties van System Setup - Storagemenu
Storage
SATA-activiteiten Hiermee kunt u de bewerkingsmodus van de geïntegreerde SATA harde schijfcontroller in- of uitschakelen.
De optie RAID On is standaard ingeschakeld.
Storage-interface
Poortactivering Hiermee kunt u de ingebouwde schijven in- of uitschakelen.
Alle opties zijn standaard ingeschakeld.
SMART-rapportering
SMART-rapportage inschakelen Hiermee kunt u SMART (Self-Monitoring, Analysis, and Reporting Technology) tijdens het opstarten van de computer in- of uitschakelen.
De optie SMART-rapportering inschakelen is standaard niet ingeschakeld.
Schijfinformatie
SATA-0
Type Toont de gegevens van het SATA HDD-type van de computer.
78 Systeeminstallatie
Tabel 6. Opties van System Setup - Storagemenu (vervolg)
Storage
Apparaat
SATA-1
Type
Apparaat
SATA-2
Type
Apparaat
SATA-3
Type
Apparaat
M.2 PCIe SSD-0
Type
Apparaat
M.2 PCIe SSD-1
Type
Apparaat
Mediakaart inschakelen
Secure Digital (SD)-kaart
Toont de gegevens van het SATA HDD-apparaat van de computer.
Toont de gegevens van het SATA HDD-type van de computer.
Toont de gegevens van het SATA HDD-apparaat van de computer.
Toont de gegevens van het SATA HDD-type van de computer.
Toont de gegevens van het SATA HDD-apparaat van de computer.
Toont de gegevens van het SATA HDD-type van de computer.
Toont de gegevens van het SATA HDD-apparaat van de computer.
Toont de gegevens van het type M.2 PCIe SSD-0 van de computer.
Toont de gegevens van het apparaat M.2 PCIe SSD-0 van de computer.
Toont de gegevens van het type M.2 PCIe SSD-1 van de computer.
Toont de gegevens van het apparaat M.2 PCIe SSD-1 van de computer.
Hiermee kunt u de SD-kaart in- of uitschakelen.
De optie Secure Digital-kaart (SD) is standaard ingeschakeld.
Secure Digital (SD)-kaart alleen-lezen-modus De alleen-lezen-modus van de SD-kaart in-of uitschakelen.
De optie Alleen-lezen-modus van de Secure Digital-kaart (SD) is standaard niet ingeschakeld.
Tabel 7. Opties voor System Setup - Beeldschermmenu
Beeldscherm
Multi-Display
Meerdere schermen inschakelen (standaard) Hiermee kunt u de knoppen voor meerdere schermen op de computer in- of uitschakelen.
Deze optie is standaard ingeschakeld.
Primary Display
Video primair beeldscherm
Logo op volledig scherm
Hiermee wordt het primaire beeldscherm bepaald wanneer er meerdere controllers beschikbaar zijn op de computer.
De optie Auto is standaard ingeschakeld.
Hiermee kunt u logo op volledig scherm in- of uitschakelen.
Deze optie is standaard niet ingeschakeld.
Tabel 8. Opties van System Setup - Verbindingsmenu
Verbinding
Netwerkcontrollerconfiguratie
Geïntegreerde NIC Bestuurt de ingebouwde LAN-controller.
De optie Ingeschakeld met PXE is standaard ingeschakeld.
Systeeminstallatie 79
Tabel 8. Opties van System Setup - Verbindingsmenu (vervolg)
Verbinding
Draadloos apparaat inschakelen
WLAN Schakel het interne WLAN-apparaat in of uit
Deze optie is standaard ingeschakeld.
Bluetooth Schakel het interne Bluetooth-apparaat in of uit
Deze optie is standaard ingeschakeld.
UEFI-netwerkstack inschakelen Schakelt UEFI-netwerkstack in of uit en bedient de ingebouwde LAN-controller.
Deze optie is standaard ingeschakeld.
HTTPs-opstartfunctie
HTTPs-opstart
HTTPs-opstartmodus
Schakel de HTTPs-opstartfunctie in of uit.
De optie HTTPs-opstartfunctie is standaard ingeschakeld.
Met Automatische modus pakt de HTTPs-opstartfunctie de opstart-URL uit vanuit de DHCP. Met de Handmatige modus leest de HTTPs-opstartfunctie de opstart-URL uit de door de gebruiker verstrekte gegevens.
De optie Automatische modus is standaard ingeschakeld.
Tabel 9. Opties van System Setup - Energiemenu
Voeding
USB PowerShare
USB PowerShare inschakelen Hiermee wordt USB PowerShare in- of uitgeschakeld.
De optie USB PowerShare inschakelen is ingeschakeld.
USB-opstartondersteuning
Uit stand-by door USB inschakelen Wanneer deze optie is ingeschakeld, kunt u de USB-apparaten zoals een muis of toetsenbord gebruiken om de computer uit de stand-bystand te halen.
Deze optie is standaard ingeschakeld.
AC-gedrag
AC Recovery Hiermee kan de computer automatisch worden ingeschakeld wanneer de netadapter wordt aangesloten.
De optie Uitgeschakeld is standaard ingeschakeld.
Energiebeheer actieve status
ASPM
Slaapstand blokkeren
Beheer van diepe slaap
Overschrijven van ventilatorbeheer
Intel Speed Shift Technology
Hiermee kunt u het ASPM-niveau (Active State Power Management) in- of uitschakelen.
De optie Auto is standaard ingeschakeld.
Maakt het mogelijk om de slaapmodus (S3) in het besturingssysteem te blokkeren.
Standaard is de Block Sleep -optie uitgeschakeld.
Hiermee kunt u de ondersteuning voor de diepe slaapmodus in- of uitschakelen.
De optie Uitgeschakeld is standaard ingeschakeld.
Hiermee kunt u de overschrijvingsfunctie voor ventilatorbeheer in- of uitschakelen.
Deze optie is standaard uitgeschakeld.
De ondersteuning voor de Intel Speed Shift-technologie in- of uitschakelen.
De optie Intel Speed Shift Technology is standaard ingeschakeld.
80 Systeeminstallatie
Tabel 10. Opties voor System Setup - menu Beveiliging
Beveiliging
TPM 2.0-beveiliging
TPM 2.0 Security aan Schakel TPM 2.0 Security-opties in of uit.
De optie TPM 2.0 Security ingeschakeld is standaard ingeschakeld.
Attestation inschakelen Maakt het mogelijk om te bepalen of de goedkeuringshiërarchie van de Trusted
Platform Module (TPM) beschikbaar is voor het besturingssysteem.
De optie Attestation inschakelen is standaard ingeschakeld.
Toetsstorage inschakelen
SHA-256
Wissen
PPI overslaan voor Wissen-opdrachten
Chassis-inbraak
SMM-beveiligingsbeperking
Hiermee kunt u instellen of de storagehiërarchie van de TPM (Trusted Platform
Module) beschikbaar is voor het besturingssysteem.
De optie Toetsopslag inschakelen is standaard ingeschakeld.
Hiermee kunt u ervoor zorgen dat het BIOS en de TPM het SHA-256 hash-algoritme gebruiken om meetgegevens uit te breiden naar de TPM-PCRs tijdens het opstarten van het BIOS.
De optie SHA-256 is standaard ingeschakeld.
Hiermee schakelt u in of uit dat de computer de TPM-gebruikersinformatie wist en de TPM terugzet naar de standaardinstelling.
De optie Wissen is standaard uitgeschakeld.
Hiermee kunt u de TPM Physical Presence Interface (PPI) regelen.
Standaard is de optie PPI overslaan voor Wissen-opdrachten uitgeschakeld.
Regelt de chassisintrusiefunctie.
Deze optie is standaard uitgeschakeld.
Hiermee kunt u SMM Security Mitigation in- of uitschakelen.
Deze optie is standaard ingeschakeld.
Data wissen bij volgende keer opstarten
Gegevens wissen starten
Absolute
UEFI Boot Path Security
Schakel het wissen van gegevens bij de volgende keer opstarten in of uit.
Deze optie is standaard uitgeschakeld.
Hiermee kunt u de BIOS-module-interface van de optionele Absolute Persistence
Module-service van Absolute Software inschakelen, uitschakelen of permanent uitschakelen.
De optie Absoluut inschakelen is stanaard ingeschakeld.
Bepaalt of het systeem de gebruiker vraagt om het beheerderswachtwoord in te voeren bij het opstarten van een UEFI-opstartapparaat via het F12-opstartmenu.
De optie Altijd, behalve interne HDD is standaard ingeschakeld.
Tabel 11. Opties voor System Setup—Wachtwoordmenu
Wachtwoorden
Beheerderswachtwoord
Systeemwachtwoord
Intern HDD-0-wachtwoord
NVMe SSD0
Wachtwoordconfiguratie
Hoofdletter
Hiermee kunt u het beheerderswachtwoord instellen, wijzigen of verwijderen.
Hiermee kunt u het computerwachtwoord instellen, wijzigen of verwijderen.
Hiermee kunt u het interne HDD-0-wachtwoord instellen, wijzigen of verwijderen.
Hiermee kunt u het NVMe SSD0-wachtwoord instellen, wijzigen of verwijderen.
Wanneer dit veld is ingeschakeld, moet het wachtwoord minimaal één hoofdletter bevatten.
Systeeminstallatie 81
Tabel 11. Opties voor System Setup—Wachtwoordmenu (vervolg)
Wachtwoorden
Kleine letter
Cijfer
Speciaal teken
Minimum aantal tekens
Wachtwoord overslaan
Deze optie is standaard uitgeschakeld.
Wanneer dit veld is ingeschakeld, moet het wachtwoord minimaal één kleine letter bevatten.
Deze optie is standaard uitgeschakeld.
Wanneer dit veld is ingeschakeld, moet het wachtwoord minimaal één cijfer bevatten.
Deze optie is standaard uitgeschakeld.
Wanneer dit is ingeschakeld, moet het wachtwoord minimaal één speciaal teken bevatten.
Deze optie is standaard uitgeschakeld.
Stelt het minimumaantal tekens in dat is toegestaan voor het wachtwoord.
Als deze optie is ingeschakeld, wordt u altijd gevraagd de wachtwoorden van de computer en de interne harde schijf in te voeren wanneer het systeem wordt ingeschakeld vanuit de Uit-stand.
De optie Uitgeschakeld is standaard ingeschakeld.
Wachtwoord wijzigingen
Niet-beheerderswachtwoordwijzigingen inschakelen
Schakel in of uit om het wachtwoord van de computer en de harde schijf te wijzigen zonder dat een beheerderswachtwoord nodig is.
Deze optie is standaard ingeschakeld.
Beheerdersinstallatie blokkeren
Beheerdersinstallatie blokkeren inschakelen Met deze functie kunnen beheerders beheren of hun gebruikers de BIOS-installatie kunnen openen of niet.
Deze optie is standaard uitgeschakeld.
Masterwachtwoord blokkeren
Blokkeren masterwachtwoord inschakelen Wanneer deze optie is ingeschakeld, wordt de support van het masterwachtwoord uitgeschakeld.
Deze optie is standaard uitgeschakeld.
Niet-admin-PSID-herstel toestaan
Niet-admin-PSID-herstel toestaan inschakelen
Controleert de toegang tot de terugzetting van fysieke beveiligings-ID (PSID) van
NVMe harde schijven uit de Dell Security Manager-prompt.
Deze optie is standaard uitgeschakeld.
Tabel 12. Opties voor Systeeminstallatie: update en herstelmenu
Update en herstel
Firmware-updates UEFI-capsule Hiermee kunt u BIOS-updates via UEFI Capsule updatepakketten in- of uitschakelen.
Deze optie is standaard ingeschakeld.
BIOS herstellen vanaf harde schijf Hiermee kan de gebruiker bepaalde beschadigde BIOS-toestanden herstellen via een herstelbestand op de primaire harde schijf of een externe USB-stick van de gebruiker.
Deze optie is standaard ingeschakeld.
BIOS-downgrade
BIOS-downgrade toestaan Schakel het blokkeren van het flashen van de computerfirmware naar de vorige revisie in of uit.
Deze optie is standaard ingeschakeld.
82 Systeeminstallatie
Tabel 12. Opties voor Systeeminstallatie: update en herstelmenu (vervolg)
Update en herstel
SupportAssist OS Recovery Hiermee kunt u de opstartprocedure voor de tool SupportAssist OS Recovery in- of uitschakelen in het geval van bepaalde systeemfouten.
Deze optie is standaard ingeschakeld.
BIOSConnect
Dell Auto OS Recovery Threshold
Hiermee kunt u het herstel van het cloudservicebesturingssysteem in- of uitschakelen als het hoofdbesturingssysteem niet wordt opgestart binnen het aantal mislukte pogingen dat gelijk is aan of groter is dan de waarde die is bepaald door de Dell
Auto OS Recovery Threshold-installatieoptie en de lokale Service-OS niet opstart of niet is geïnstalleerd.
Deze optie is standaard ingeschakeld.
Hiermee kunt u automatisch opstarten voor SupportAssist System Resolution
Console en voor de Dell OS Recovery-tool beheren.
Standaard is de drempelwaarde ingesteld op 2.
Tabel 13. Opties van System Setup - menu systeembeheer
Systeembeheer
Servicetag
Asset-tag
Wake on LAN/WLAN
Toont de servicetag van de computer.
Hiermee kunt u een asset-tag voor de computer maken.
Schakel de computer in of uit om in te schakelen via speciale LAN-signalen wanneer deze een weksignaal van het WLAN ontvangt.
De optie Uitgeschakeld is standaard geselecteerd.
Tijd voor automatisch inschakelen Hiermee kunt u de computer zo instellen dat hij elke dag of op een vooraf geselecteerde datum en tijd automatisch wordt ingeschakeld. Deze optie kan alleen worden geconfigureerd als de Tijd automatisch inschakelen is ingesteld op Elke dag,
Weekdagen of Geselecteerde dagen.
Deze optie is standaard uitgeschakeld.
Mogelijkheden van Intel AMT
Mogelijkheden van Intel AMT inschakelen
MEBx-sneltoets
Hiermee kunt u de Intel AMT-functie in- of uitschakelen.
De optie MEBx-toegang beperken is standaard ingeschakeld.
Hiermee kan de MEBx-sneltoets worden in- of uitgeschakeld.
Deze optie is standaard uitgeschakeld.
USB-provisioning
USB Provision inschakelen
SERR Messages
Hiermee kan de Intel AMT-inrichting worden in- of uitgeschakeld met het lokale inrichtingsbestand via een USB-storage-apparaat.
Deze optie is standaard uitgeschakeld.
Hiermee kunt u SERR-berichten in- of uitschakelen.
Deze optie is standaard ingeschakeld.
Dell Development Configuration
Hiermee schakelt u in dat de handtekening van de Flash-update wordt overschreven.
Hiermee kunnen bepaalde functies worden in-of uitgeschakeld voor het beheren van het BIOS
Deze optie is standaard uitgeschakeld.
Tabel 14. Opties van System Setup - Toetsenbordmenu
Toetsenbord
Keyboard Errors
Systeeminstallatie 83
Tabel 14. Opties van System Setup - Toetsenbordmenu (vervolg)
Toetsenbord
Detectie toetsenbordfouten inschakelen Hiermee kunt u detectie van toetsenbordfouten in- of uitschakelen.
Deze optie is standaard ingeschakeld.
Numlock LED
NumLock LED inschakelen Hiermee kunt u de LED van Numlock in- of uitschakelen.
Deze optie is standaard ingeschakeld.
Toegang tot sneltoetsen voor apparaatconfiguratie
Toegang tot sneltoetsen voor apparaatconfiguratie
Hiermee kunt u in-of uitschakelen dat gebruikers toegang krijgen tot de apparaatconfiguratie met behulp van sneltoetsen.
Deze optie is standaard ingeschakeld.
Tabel 15. Opties voor Systeeminstallatie - Opstartmenu voorafgaand aan het opstarten
Gedrag voorafgaand aan het opstarten
Waarschuwingen en fouten De actie in- of uitschakelen die moet worden uitgevoerd wanneer een waarschuwing of fout wordt aangetroffen.
De optie Vragen bij waarschuwingen en foutmeldingen is standaard ingeschakeld.
Snel opstarten
BIOS POST-tijd uitbreiden
Hiermee kunt u de snelheid van het opstartproces instellen.
De optie Minimaal is standaard ingeschakeld.
Hiermee kunt u de BIOS POST-tijd instellen.
De optie 0 seconden is standaard ingeschakeld.
Tabel 16. Opties voor System Setup—Virtualisatiemenu
Virtualisatie
Intel Virtualization Technology
Intel Virtualization Technology (VT) inschakelen
Geef aan of een Virtual Machine Monitor (VMM) gebruik kan maken van de aanvullende hardwaremogelijkheden die door Intel Vitalization Technology worden geleverd.
Deze optie is standaard ingeschakeld.
VT for Direct I/O Geef aan of een Virtual Machine Monitor (VMM) gebruik kan maken van de aanvullende hardwaremogelijkheden die door Intel Vitalization Technology voor Direct
I/O worden geleverd.
Deze optie is standaard ingeschakeld.
Intel Trusted Execution Technology
(TXT)
Intel Trusted Execution Technology (TXT) inschakelen
Geef aan of een gemeten Virtual Machine Monitor (MVMM) gebruik kan maken van de aanvullende hardwaremogelijkheden die door Intel Trusted Execution Technology worden geleverd.
Deze optie is standaard uitgeschakeld.
Tabel 17. Opties van System Setup - menu Prestaties
Prestaties
Multi Core-support
Actieve cores Wijzigt het aantal CPU-cores dat beschikbaar is voor het besturingssysteem.
84 Systeeminstallatie
Tabel 17. Opties van System Setup - menu Prestaties (vervolg)
Prestaties
De optie Alle cores is standaard ingeschakeld.
Intel SpeedStep
Intel SpeedStep Technology inschakelen Met deze functie kan de computer de processorspanning en de corefrequentie dynamisch aanpassen en daarmee het gemiddelde energieverbruik en de warmteproductie verlagen.
Deze optie is standaard ingeschakeld.
C-States Control
C-State Control inschakelen Hiermee kunt u de aanvullende slaapstanden van de processor in- of uitschakelen.
Deze optie is standaard ingeschakeld.
Intel Turbo Boost Technology
Intel Turbo Boost Technology inschakelen Hiermee kunt u de Intel TurboBoost-modus van de processor in- of uitschakelen.
Deze optie is standaard ingeschakeld.
Intel Hyper Threading-technologie
Intel Hyper Threading-technologie inschakelen
Hiermee kunt u Hyper Threading in de processor in- of uitschakelen.
Deze optie is standaard ingeschakeld.
Tabel 18. Opties van System Setup - menu Systeemlogboeken
Systeemlogboeken
BIOS-gebeurtenislogboek
BIOS-gebeurtenislogboek wissen Hiermee worden BIOS-gebeurtenissen weergegeven.
De optie Behouden is standaard ingeschakeld.
Het BIOS updaten
Het BIOS updaten in Windows
Over deze taak
WAARSCHUWING: Als BitLocker niet wordt onderbroken voordat het BIOS wordt bijgewerkt, herkent het systeem de BitLocker-sleutel niet de volgende keer dat u het systeem opnieuw opstart. U wordt vervolgens gevraagd om de herstelsleutel in te voeren om verder te gaan en het systeem zal dit bij elke herstart vragen. Als de herstelsleutel niet bekend is, kan dit leiden tot dataverlies of een onnodige herinstallatie van het besturingssysteem. Zie het Knowledgeartikel voor meer informatie over dit onderwerp: https://www.dell.com/support/article/sln153694
Stappen
1. Ga naar www.dell.com/support .
2. Klik op Product support . Voer in het vak Product support de servicetag van uw computer in en klik op Search .
OPMERKING: Als u niet beschikt over de servicetag, gebruikt u de functie SupportAssist om uw computer automatisch te identificeren. U kunt ook de product-id gebruiken of handmatig naar uw computermodel bladeren.
3. Klik op Drivers en downloads . Vouw Drivers zoeken uit.
4. Selecteer het besturingssysteem dat op uw computer is geïnstalleerd.
5. Selecteer in de vervolgkeuzelijst Categorie BIOS .
6. Selecteer de nieuwste versie van het BIOS en klik op Downloaden om het BIOS-bestand voor uw computer te downloaden.
Systeeminstallatie 85
7. Ga na het downloaden naar de map waar u het bestand met de BIOS-update hebt opgeslagen.
8. Dubbelklik op het pictogram van het BIOS-updatebestand en volg de instructies op het scherm.
Zie het Knowledge Base-artikel 000124211 op www.dell.com/support voor meer informatie.
Het BIOS bijwerken in Linux en Ubuntu
Zie het Knowledge Base-artikel 000131486 op www.dell.com/support voor informatie over het updaten van het systeem-BIOS op een computer die is geïnstalleerd met Linux of Ubuntu.
Het BIOS bijwerken met behulp van het USB-station in Windows
Over deze taak
WAARSCHUWING: Als BitLocker niet wordt onderbroken voordat het BIOS wordt bijgewerkt, herkent het systeem de BitLocker-sleutel niet de volgende keer dat u het systeem opnieuw opstart. U wordt vervolgens gevraagd om de herstelsleutel in te voeren om verder te gaan en het systeem zal dit bij elke herstart vragen. Als de herstelsleutel niet bekend is, kan dit leiden tot dataverlies of een onnodige herinstallatie van het besturingssysteem. Zie het Knowledgeartikel voor meer informatie over dit onderwerp: https://www.dell.com/support/article/sln153694
Stappen
1. Volg de procedure van stap 1 t/m stap 6 in '
' om het nieuwste bestand met het BIOSinstallatieprogramma te downloaden.
2. Maak een opstartbaar USB-station. Zie het knowledge base-artikel 000145519 op www.dell.com/support voor meer informatie.
3. Kopieer het bestand met het BIOS-installatieprogramma naar het opstartbare USB-station.
4. Sluit het opstartbare USB-station aan op de computer waarop de BIOS-update moet worden geïnstalleerd.
5. Start de computer opnieuw op en druk op F12 .
6. Selecteer het USB-station in het eenmalige opstartmenu .
7. Typ de bestandsnaam van het BIOS-installatieprogramma en druk op Enter .
Het hulpprogramma voor BIOS-update wordt weergegeven.
8. Volg de instructies op het scherm om de BIOS-update te voltooien.
Het BIOS updaten vanuit het F12-menu voor eenmalig opstarten
Werk het BIOS van uw computer bij met behulp van het BIOS update.exe-bestand dat naar een FAT32 USB-schijf is gekopieerd en start het op vanuit het eenmalige F12-opstartmenu.
Over deze taak
WAARSCHUWING: Als BitLocker niet wordt onderbroken voordat het BIOS wordt bijgewerkt, herkent het systeem de BitLocker-sleutel niet de volgende keer dat u het systeem opnieuw opstart. U wordt vervolgens gevraagd om de herstelsleutel in te voeren om verder te gaan en het systeem zal dit bij elke herstart vragen. Als de herstelsleutel niet bekend is, kan dit leiden tot dataverlies of een onnodige herinstallatie van het besturingssysteem. Zie het Knowledgeartikel voor meer informatie over dit onderwerp: https://www.dell.com/support/article/sln153694
BIOS-update
U kunt het BIOS-updatebestand van Windows uitvoeren met een opstartbare USB-schijf of u kunt het BIOS ook bijwerken via het eenmalige F12-opstartmenu op de computer.
De meeste Dell computers die na 2012 zijn gemaakt, hebben deze mogelijkheid en u kunt dit bevestigen door uw computer op te starten via het eenmalige F12-opstartmenu en te controleren of BIOS FLASH UPDATE als opstartoptie is aangegeven op uw computer. Het BIOS ondersteunt deze BIOS-update-optie als de optie in de lijst staat.
OPMERKING: Alleen computers met een BIOS-flashupdate-optie in het eenmalige F12-opstartmenu kunnen deze functie gebruiken.
Bijwerken vanuit het eenmalige opstartmenu
86 Systeeminstallatie
Om uw BIOS via het eenmalige F12-opstartmenu bij te werken, hebt u het volgende nodig:
● USB-schijf geformatteerd naar het FAT32-bestandssysteem (stick hoeft niet opstartbaar te zijn).
● Uitvoerbaar BIOS-bestand dat u hebt gedownload vanaf de Dell Support website en naar de hoofdmap van de USB-schijf hebt gekopieerd
● Wisselstroomadapter die is aangesloten op de computer
● Functionele computerbatterij om het BIOS te flashen
Voer de volgende stappen uit om het BIOS-updateflashproces in het F12-menu uit te voeren:
WAARSCHUWING: Schakel de computer niet uit tijdens het BIOS-updateproces. De computer wordt mogelijk niet opgestart als u de computer uitschakelt.
Stappen
1. Plaats de USB-schijf waarop u de flash hebt gekopieerd in een USB-poort van de computer, terwijl deze uitstaat.
2. Schakel de computer in en druk op F12 om toegang tot het eenmalige opstartmenu te krijgen, selecteer BIOS-update met de muis of de pijltoetsen en druk vervolgens op Enter.
Het flash BIOS-menu wordt weergegeven.
3. Klik op Flash from file (Flashen vanuit bestand).
4. Selecteer een extern USB-apparaat.
5. Selecteer het bestand, dubbelklik op het Flash-doelbestand klik vervolgens op Submit (Verzenden).
6. Klik op Update BIOS (BIOS bijwerken). De computer wordt opnieuw opgestart om het BIOS te flashen.
7. De computer wordt opnieuw opgestart nadat de BIOS-update is voltooid.
Systeem- en installatiewachtwoord
Tabel 19. Systeem- en installatiewachtwoord
Type wachtwoord
Systeemwachtwoord
Installatiewachtwoord
Omschrijving
Wachtwoord dat moet worden ingevuld om aan uw systeem in te loggen.
Wachtwoord dat moet worden ingevoerd voor toegang en het aanbrengen van wijzigingen aan de BIOS-instellingen van uw computer.
U kunt ter beveiliging van uw computer een wachtwoord voor het systeem en de installatie aanmaken.
WAARSCHUWING: De wachtwoordfunctie zorgt voor een basisbeveiliging van de data in uw computer.
WAARSCHUWING: Iedereen heeft toegang tot de data op uw computer als deze onbeheerd en niet vergrendeld wordt achtergelaten.
OPMERKING: De functie voor het systeem- en installatiewachtwoord is uitgeschakeld.
Een systeeminstallatiewachtwoord toewijzen
Vereisten
U kunt alleen een nieuw systeem- of beheerderswachtwoord instellen wanneer de status op Not Set staat.
Over deze taak
Druk na het aanzetten of opnieuw opstarten van de computer onmiddellijk op F2 om naar de systeeminstallatie te gaan.
Stappen
1. Selecteer in het scherm Systeem-BIOS of Systeeminstallatie de optie Beveiliging en druk op Enter .
Het scherm Security (Beveiliging) wordt geopend.
Systeeminstallatie 87
2. Selecteer Systeem-/beheerderswachtwoord en maak een wachtwoord aan in het veld Voer het nieuwe wachtwoord in .
Hanteer de volgende richtlijnen om het systeemwachtwoord toe te kennen:
● Een wachtwoord mag bestaan uit maximaal 32 tekens.
● Het wachtwoord mag de nummers 0 t/m 9 bevatten.
● Er mogen alleen kleine letters worden gebruikt.
● Alleen de volgende speciale tekens zijn toegestaan: spatie, (”), (+), (,), (-), (.), (/), (;), ([), (\), (]), (`).
3. Typ het wachtwoord dat u eerder hebt ingevoerd in het veld Bevestig nieuw wachtwoord en klik op OK .
4. Druk op Esc waarna een melding verschijnt om de wijzigingen op te slaan.
5. Druk op J om de wijzigingen op te slaan.
Hierna wordt de computer opnieuw opgestart.
Een bestaand systeeminstallatiewachtwoord verwijderen of wijzigen
Vereisten
Zorg ervoor dat Wachtwoordstatus in de systeeminstallatie is ontgrendeld voordat u het bestaande wachtwoord voor het systeem en de installatie verwijdert of wijzigt. U kunt geen van beide wachtwoorden verwijderen of wijzigen als Wachtwoordstatus vergrendeld is.
Over deze taak
Druk na het aanzetten of opnieuw opstarten van de computer onmiddellijk op F2 om naar de systeeminstallatie te gaan.
Stappen
1. Selecteer Systeembeveiliging in het scherm Systeem-BIOS of Systeeminstallatie en druk op Enter .
Het scherm Systeembeveiliging wordt geopend.
2. Controleer in het scherm Systeembeveiliging of Wachtwoordstatus op Ontgrendeld staat.
3. Selecteer Systeemwachtwoord , wijzig of verwijder het bestaande systeemwachtwoord en druk op Enter of Tab .
4. Selecteer Installatiewachtwoord , wijzig of verwijder het bestaande installatiewachtwoord en druk op Enter of Tab .
OPMERKING: Als u het systeem- en/of installatiewachtwoord wijzigt, voert u het nieuwe wachtwoord opnieuw in wanneer dit wordt gevraagd. Als u het systeem- en/of installatiewachtwoord verwijdert, moet u de verwijdering bevestigen wanneer u hierom wordt gevraagd.
5. Druk op Esc waarna een melding verschijnt om de wijzigingen op te slaan.
6. Druk op Y om de wijzigingen op te slaan en de systeeminstallatie te verlaten.
De computer start opnieuw op.
88 Systeeminstallatie
5
Problemen oplossen
SupportAssist-diagnose
Over deze taak
De SupportAssist-diagnose (voorheen bekend als ePSA-diagnose) voert een volledige controle van uw hardware uit. De SupportAssistdiagnose maakt deel uit van het BIOS en wordt door het BIOS intern gestart. De SupportAssist-diagnose biedt een aantal opties voor specifieke apparaten of apparaatgroepen. Hiermee kunt u:
● tests automatisch of in interactieve modus laten uitvoeren
● tests herhalen
● testresultaten weergeven of opslaan
● grondige testen laten uitvoeren voor extra testmogelijkheden en nog meer informatie over het/de defecte apparaat/apparaten verkrijgen
● statusmeldingen weergeven waarin wordt aangegeven of de tests goed verlopen zijn
● foutberichten weergeven die aangeven of er problemen zijn opgetreden tijdens de test
OPMERKING: Sommige tests zijn bedoeld voor specifieke apparaten en hiervoor is gebruikersinteractie vereist. Zorg er voor dat u aanwezig bent bij de computer wanneer er diagnostische tests worden uitgevoerd.
Raadpleeg voor meer informatie SupportAssist prestatiecontrole voorafgaand aan het opstarten van het systeem .
Diagnostisch LED-gedrag
Tabel 20. Diagnostisch LED-gedrag
Knipperend patroon
Amber
1
2
Wit
2
1
2
2
2
2
2
3
4
5
Omschrijving van het probleem
Onherstelbare SPI Flash-fout
CPU-fout
Mogelijke oplossing
● Voer het hulpprogramma
Dell Support Assist/Dell
Diagnostics uit.
● Vervang de systeemkaart als het probleem aanhoudt.
Systeemkaartfout (inclusief
BIOS-beschadiging of ROMfout)
● Flash nieuwste BIOS-versie
● Vervang de systeemkaart als het probleem aanhoudt.
Geen geheugen/RAM gevonden ●
●
Bevestig dat de geheugenmodule goed is geïnstalleerd.
Vervang de geheugenmodule als het probleem aanhoudt.
Geheugen-/RAM-fout ● Reset de geheugenmodule.
● Vervang de geheugenmodule als het probleem aanhoudt.
Ongeldig geheugen geïnstalleerd ● Reset de geheugenmodule.
Problemen oplossen 89
Tabel 20. Diagnostisch LED-gedrag (vervolg)
Knipperend patroon
Amber Wit
2
3
3
3
3
3
3
3
4
6
1
2
3
4
5
6
7
2
Omschrijving van het probleem
Systeemkaart / Chipsetfout /
Klokfout / Gate A20fout / Super I/O-fout /
Toetsenbordcontrollerfout
CMOS-batterijstoring
●
●
Mogelijke oplossing
Vervang de geheugenmodule als het probleem aanhoudt.
Flash nieuwste BIOS-versie
● Vervang de systeemkaart als het probleem aanhoudt.
● Reset de CMOSbatterijverbinding.
● Vervang de RTS-batterij als het probleem aanhoudt.
Plaats de systeemkaart terug.
Fout met PCI- of videokaart/ chip
BIOS-herstel-image niet gevonden
BIOS-herstel-image gevonden maar ongeldig
Voedingsrailfout
SBIOS Flash-corruptie
Fout met Intel ME
(management engine)
● Flash nieuwste BIOS-versie
● Vervang de systeemkaart als het probleem aanhoudt.
● Flash nieuwste BIOS-versie
● Vervang de systeemkaart als het probleem aanhoudt.
● EC ondervond een powersequencing-fout
● Vervang de systeemkaart als het probleem aanhoudt.
● Flash-corruptie gedetecteerd door SBIOS
● Vervang de systeemkaart als het probleem aanhoudt.
● Timeout wacht op de reactie van ME op het HECI-bericht
● Vervang de systeemkaart als het probleem aanhoudt.
Verbindingsprobleem CPUvoedingskabel
Het besturingssysteem herstellen
Wanneer uw computer zelfs na herhaalde pogingen niet meer kan opstarten naar het besturingssysteem, wordt Dell SupportAssist OS
Recovery automatisch gestart.
Dell SupportAssist OS Recovery is een standalone tool die vooraf is geïnstalleerd op alle Dell computers met het Windowsbesturingssysteem. Het bestaat uit hulpprogramma's voor het diagnosticeren en oplossen van problemen die kunnen optreden voordat uw computer opstart naar het besturingssysteem. Hiermee kunt u hardwareproblemen diagnosticeren, uw computer herstellen, een back-up van uw bestanden maken of uw computer herstellen naar de fabrieksinstellingen.
U kunt het hulpprogramma ook downloaden van de Dell Support-website om uw computer te herstellen en de problemen op te lossen als het niet lukt om op te starten naar het primaire besturingssysteem als gevolg van software- of hardwarefouten.
Zie voor meer informatie over Dell SupportAssist OS Recovery de Dell SupportAssist OS Recovery-gebruikershandleiding op www.dell.com/serviceabilitytools . Klik op SupportAssist en klik vervolgens op SupportAssist OS Recovery .
90 Problemen oplossen
Het BIOS updaten in Windows
Stappen
1. Ga naar www.dell.com/support .
2. Klik op Product support . Voer in het vak Product support de servicetag van uw computer in en klik op Search .
OPMERKING: Als u niet beschikt over de servicetag, gebruikt u de functie SupportAssist om uw computer automatisch te identificeren. U kunt ook de product-id gebruiken of handmatig naar uw computermodel bladeren.
3. Klik op Drivers en downloads . Vouw Drivers zoeken uit.
4. Selecteer het besturingssysteem dat op uw computer is geïnstalleerd.
5. Selecteer in de vervolgkeuzelijst Categorie BIOS .
6. Selecteer de nieuwste versie van het BIOS en klik op Downloaden om het BIOS-bestand voor uw computer te downloaden.
7. Ga na het downloaden naar de map waar u het bestand met de BIOS-update hebt opgeslagen.
8. Dubbelklik op het pictogram van het BIOS-updatebestand en volg de instructies op het scherm.
Zie het Knowledge Base-artikel 000124211 op www.dell.com/support voor meer informatie.
Het BIOS bijwerken met behulp van het USB-station in
Windows
Stappen
1. Volg de procedure van stap 1 t/m stap 6 in '
' om het nieuwste bestand met het BIOSinstallatieprogramma te downloaden.
2. Maak een opstartbaar USB-station. Zie het knowledge base-artikel 000145519 op www.dell.com/support voor meer informatie.
3. Kopieer het bestand met het BIOS-installatieprogramma naar het opstartbare USB-station.
4. Sluit het opstartbare USB-station aan op de computer waarop de BIOS-update moet worden geïnstalleerd.
5. Start de computer opnieuw op en druk op F12 .
6. Selecteer het USB-station in het eenmalige opstartmenu .
7. Typ de bestandsnaam van het BIOS-installatieprogramma en druk op Enter .
Het hulpprogramma voor BIOS-update wordt weergegeven.
8. Volg de instructies op het scherm om de BIOS-update te voltooien.
Back-upmedia en herstelopties
Het is raadzaam om een herstelschijf te maken voor het oplossen van problemen die met Windows kunnen optreden. Dell stelt meerdere opties voor het herstellen van het Windows-besturingssysteem op uw Dell pc voor. Meer informatie: zie Dell Windows back-upmedia en herstelopties .
Wifi-stroomcyclus
Over deze taak
Als uw computer geen toegang tot het internet heeft vanwege problemen met Wifi kan een Wifi-stroomcyclusprocedure worden uitgevoerd. De volgende procedure bevat de instructies voor het uitvoeren van een Wifi-stroomcyclus:
OPMERKING: Sommige ISP's (Internet Service Providers) bieden een gecombineerde modem/router.
Stappen
1. Zet de computer uit.
2. Schakel de modem uit.
Problemen oplossen 91
3. Schakel de draadloze router uit.
4. Wacht 30 seconden.
5. Schakel de draadloze router in.
6. Schakel de modem in.
7. Zet de computer aan.
Reststroom afvoeren (hard reset uitvoeren)
Over deze taak
Reststroom is de resterende statische elektriciteit die in de computer overblijft zelfs wanneer die is uitgezet en de batterij is verwijderd.
Voor uw veiligheid en ter bescherming van de gevoelige elektronische onderdelen in uw computer, wordt u verzocht om de reststroom af te voeren voordat u onderdelen in uw computer verwijdert of vervangt.
De reststroom afvoeren, ook wel bekend als het uitvoeren van een ‘harde reset’, is ook een veelvoorkomende probleemoplossingsstap als de computer niet aan gaat of het besturingssysteem niet wordt gestart.
Reststroom afvoeren (harde reset uitvoeren)
Stappen
1. Schakel de computer uit.
2. Koppel de voedingsadapter los van uw computer.
3. Verwijder de onderplaat.
4. Verwijder de batterij.
5. Houd de aan/uit-knop 20 seconden ingedrukt om de reststroom af te voeren.
6. Installeer de batterij.
7. Installeer de onderplaat.
8. Sluit de voedingsadapter aan op uw computer.
9. Schakel de computer in.
OPMERKING: Zie het knowledge base-artikel 000130881 op www.dell.com/support voor meer informatie over het uitvoeren van een harde reset.
92 Problemen oplossen
6
Hulp verkrijgen en contact opnemen met Dell
Bronnen voor zelfhulp
U kunt informatie en hulp voor producten en services van Dell krijgen door middel van deze bronnen voor zelfhulp.
Tabel 21. Bronnen voor zelfhulp
Bronnen voor zelfhulp
Informatie over producten en services van Dell
Mijn Dell app
Bronlocatie www.dell.com
Tips
Contact opnemen met de ondersteuning
Online help voor besturingssysteem
In Windows Zoeken typt u Contact Support en drukt u op
Enter.
www.dell.com/support/windows www.dell.com/support/linux
Toegang krijgen tot de beste oplossingen, diagnostische gegevens, drivers en downloads en meer informatie over uw computer via video's, handleidingen en documenten.
Het servicetag of de Express-servicecode van uw Dell computer bieden een unieke identificatiemethode. Om relevante ondersteuningsbronnen voor uw Dell computer te bekijken, kunt u het beste de servicetag of Express-servicecode invoeren op www.dell.com/support .
Voor meer informatie over het vinden van de servicetag voor uw computer raadpleegt u Zoek de servicetag voor uw computer .
Knowledge Base-artikelen van Dell voor allerlei computerproblemen 1. Ga naar www.dell.com/support .
2. Selecteer op de menubalk boven aan de ondersteuningspagina de optie Support > Knowledge Base .
3. Typ in het zoekveld op de pagina Knowledge Base het trefwoord, onderwerp of modelnummer en klik of tik dan op het zoekpictogram om de gerelateerde artikelen weer te geven.
Contact opnemen met Dell
Ga naar www.dell.com/contactdell als u contact wilt opnemen met Dell voor verkoop, technische support of aan de klantenservice gerelateerde zaken.
OPMERKING: De beschikbaarheid hiervan verschilt per land/regio en product. Sommige services zijn mogelijk niet beschikbaar in uw land/regio.
OPMERKING: Wanneer u geen actieve internetverbinding hebt, kunt u de contactgegevens vinden over uw aankoopfactuur, de verzendbrief, de rekening of in uw Dell productcatalogus.
Hulp verkrijgen en contact opnemen met Dell 93
Download
Advertisement