Sangean PR-D7 Handleiding

Add to My manuals
17 Pages

advertisement

Sangean PR-D7 Handleiding | Manualzz

PR-D7

NL

Revision 1

Belangrijke veiligheidsvoorschriften

1. Lees deze voorschriften.

2. Bewaar deze voorschriften.

3. Neem alle waarschuwingen in acht.

4. Volg alle voorschriften.

5. Houd dit toestel uit de buurt van water.

6. Maak het enkel schoon met een droge doek.

7. Blokkeer de ventilatieopeningen niet. Installeer dit toestel volgens de voorschriften.

8. Stel dit toestel niet op in de buurt van welke warmtebron dan ook, zoals verwarmingselementen, roosters, fornuizen, kachels en zo meer (inclusief geluidsversterkers) wanneer deze warmte produceren.

49

9. Draag zorg voor de gepolariseerde stekker of aardingsstekker.

Vermijd dat deze beschadigd raken, zodat uw veiligheid niet in het gedrang komt.

Een gepolariseerde stekker heeft twee pinnetjes, waarvan het ene langer is dan het andere. Een aardingsstekker heeft twee pinnetjes en een derde tand. Het wijde pinnetje of de derde tand maken de stekker veiliger. Als de bijgeleverde stekker niet in uw stopcontact past, raadpleeg dan een elektricien om dit verouderd stopcontact te laten vervangen.

(Enkel voor exemplaren in de VS.)

10. Voorkom dat er over het elektrische snoer gewandeld wordt, of dat het gekneld raakt, vooral in de buurt van de stekker, het stopcontact en aan de plek waar het snoer het toestel verlaat.

11. Gebruik enkel hulpstukken/accessoires gespecifieerd door de producent.

12. Gebruik dit toestel enkel in combinatie met het wagentje, de standaard, de driepoot, de steun of de tafel die gespecifieerd werden door de producent, of die verkocht worden samen met het toestel. Indien u een wagentje gebruikt, wees dan voorzichtig wanneer u het wagentje met het toestel erop beweegt, om zo letsel te voorkomen als gevolg van omkantelen.

13. Ontkoppel dit toestel tijdens onweer met bliksem of wanneer het toestel langdurig in ongebruik is.

14. Raadpleeg steeds gekwalificeerde personen voor onderhoudsbeurten. Controle is nodig wanneer het toestel beschadigd is op welke manier dan ook, bijvoorbeeld bij beschadiging van het elektrisch snoer of van de stekker, bij het morsen van vloeistof, ook wanneer voorwerpen in het toestel zijn terechtgekomen of wanneer het toestel werd blootgesteld aan regen of vocht, gebrekkig functioneert of is gevallen.

15. Stel het toestel niet bloot aan regen of vocht, om zo brand of elektrische schokken te voorkomen.

16. Aan de onderkant van het toestel vindt u de symbolen voor electrocutiegevaar en Associated Graphical Symbol.

(not sure if this is necessary for Dutch customers) 17. Het toestel mag niet blootgesteld worden aan druppels of spetters, noch mogen met vloeistof gevulde voorwerpen op het toestel geplaatst worden.

NL

50

Bedieningsknoppen

1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15

Luidspreker Frequentieband selectie LCD Display Indicatielampje batterijlader Radioalarm Zoemeralarm Aan-/uitschakelaar Volumeknop Afstemtoetsen Zenderscan en tijdsinsteller Voorgeprogrammeerde zenders Batterijvak FM uitschuifbare antenne Ingang voor hoofdtelefoon Ingang voor gelijkstroom

51

LCD Display

A B C D E F G H J I K

Frequentieband Zenderfrequentie Slaap- en sluimer functie Uurinstelling Klok Zoemeralarm Radioalarm PM uurweergave Frequentie-eenheid Voorgeprogrammeerde zenders Indicatielampje batterijsterkte

Gebruik met alkaline batterijen

1. Verwijder het batterijdeksel aan de achterzijde van het toestel door het deksel in de richting van de pijl te schuiven.

2. Plaats zes AA (UM3, LR6) alkaline batterijen in de lege vakken.

Zorg ervoor dat de batterijen juist geplaatst worden, rekening houdende met hun polariteit, die ook aangegeven is in het batterijvak zelf.

3. Schuif de batterijschakelaar naar “alkaline” en plaats daarna het batterijdeksel terug.

Belangrijk: Bij gebruik van alkaline batterijen, dient de batterijschakelaar op “alkaline” te staan, indien niet kan er serieuze schade ontstaan aan de batterijen of aan de radio.

Indien zich verminderd vermogen, geluidsvervorming of hapering voordoen, is het mogelijk dat de batterijen moeten vervangen worden.

Het is aangeraden de batterijen te verwijderen uit de radio, indien deze gedurende een lange periode niet gebruikt wordt.

Voor een zuinig verbruik, raden wij aan de bijgeleverde wisselstroomadapter aan te wenden wanneer mogelijk, en werking op batterijen te beperken tot sporadisch en stand-by gebruik.

Indien u van plan bent extensief gebruik te maken van het toestel, is het aangeraden om herlaadbare batterijen te gebruiken.

NL

52

Gebruik met herlaadbare batterijen

1. Verwijder het batterijdeksel aan de achterzijde van het toestel door het deksel in de richting van de pijl te schuiven.

2. Plaats 6 AA ( UM3) alkaline batterijen in de lege vakken.

Zorg ervoor dat de batterijen juist geplaatst worden, rekening houdende met hun polariteit, die ook aangegeven is in het batterijvak zelf. Voor deze radio dienen herlaadbare batterijen van het type nikkel-metaalhydride (NiMH ) gebruikt te worden.

3. Schuif de batterijschakelaar naar “herlaadbaar” (rechargable) en plaats daarna het batterijdeksel terug.

4. Steek de bijgeleverde wisselstroomadapter in de ingang voor gelijkstroom aan de linkerzijde van de radio en steek de adapter in een standaard 13 A uitgangscontactdoos van de stroomvoorziening.

5. Indien het indicatielampje voor de batterijlader knippert, betekent dit dat de batterijen opgeladen worden. Het duurt ongeveer zeven uur om de batterijen volledig op te laden.

Wanneer het indicatielampje niet langer knippert, zijn de batterijen opgeladen.

Belangrijk: Bij gebruik van alkaline batterijen, dient de batterijschakelaar op “herlaadbaar” (rechargable) te staan. De batterijen kunnen enkel worden opgeladen wanneer de radio uitstaat en aangesloten is op de wisselstroomadapter.

53

6. Indien zich verminderd vermogen, geluidsvervorming of hapering voordoen, is het mogelijk dat de batterijen moeten vervangen worden. Het indicatielampje van de batterijlader zal aangaan wanneer de batterijen onvoldoende stroom bevatten om de radio te gebruiken.

7. Het is aangeraden de batterijen te verwijderen uit de radio, indien deze gedurende een lange periode niet gebruikt wordt.

Opmerking:

Houd er rekening mee dat de oplaadbare batterij een tijd van opladen en ontladen ondergaat, de batterijcapaciteit zal bij herhaald gebruik in de loop der tijd geleidelijk afnemen.

Het batterij-icoontje toont de resterende levensduur van de batterij op het LCD-scherm als de radio is ingeschakeld.

Bovendien is de berekening van de oplaadtijd op basis van de capaciteit van de oplaadbare batterij en de laadstroom van de oplader. De twee voorbeelden in de onderstaande tabel zijn alleen ter referentie.

PR-D7(p53)

Maat Model Capaciteit (mAh)

AA GP2700 GP1800 2600 1800

Laadstroom (mA)

Ongeveer 350 350

Oplaadtijd (uren)

Ongeveer 7.5

5

NL

53-1

Gebruik met de meegeleverde wisselstroomadapter

De meegeleverde wisselstroomadapter levert 12 Volt gelijkstroom en 500 mA; de middelste pin is de positieve pool.

1. Steek de adapterstekker in de ingang voor gelijkstroom aan de linkerzijde van de radio.

2. Steek de adapter in een standaard 13 A uitgangscontactdoos van de stroomvoorziening. Zolang de adapter aangesloten is op enerzijds de radio en anderzijds de stroomvoorziening, worden de batterijen automatisch niet meer gebruikt.

Wanneer de adapter aangesloten is op de radio maar niet op de stroomvoorziening, dan zal de radio op batterijen werken.

Het is best de wisselstroomadapter los te koppelen van de stroomvoorziening wanneer de radio niet gebruikt wordt.

Het uur instellen

1. Het uur kan ingesteld worden ongeacht of de radio aan- of uitstaat.

2. Op de display zal “ - : - - “ verschijnen nadat batterijen in het toestel geplaatst werden of nadat de radio aangesloten werd op de stroomvoorziening.

3. Druk op de knop en houd deze langer dan twee seconden ingedrukt. Op de display zal het icoontje om het uur in te stellen gaan knipperen, evenals de cijfers van de digitale klok, waarop een pieptoon zal weerklinken.

4. Stel met behulp van de beide afstemtoetsen het gewenste uur in.

5. Druk nogmaals in. De cijfers die de minuten aanduiden, zullen oplichten.

6. Stel met behulp van de beide afstemtoetsen het gewenste minutental in.

7. Druk op om de tijdsinstelling te voltooien.

NL

54

55

Bediening van de radio

Men kan bij deze radio op drie verschillende manieren een zender kiezen, namelijk met scan, op manuele wijze en door voorprogrammatie.

Afstemmen met behulp van de scan

1. Druk de aan-/uitschakelaar in om de radio aan te zetten.

2. Selecteer de gewenste frequentieband met behulp van de frequentiebandknop. Strek voor FM frequentieband de uitschuifbare antenne volledig uit en draai deze, om een zo goed mogelijke ontvangst te bekomen. Draai voor AM frequentieband de radio, om een zo goed mogelijke ontvangst te bekomen.

3. Druk de zenderscan knop kort in (langer dan twee seconden de scan knop indrukken zal de functie tijd instellen activeren), de radio zal opwaarts beginnen zoeken en automatisch stil blijven staan wanneer een radiozender met goed signaal gevonden wordt. Druk nogmaals de zenderscan in om de gevonden zender te accepteren. Indien de zenderscan niet nogmaals ingedrukt wordt wanneer een zender gevonden is, zal de radio doorgaan met zoeken naar meer beschikbare zenders.

4. Draai aan de volumknop om het gewenste volume te bekomen.

5. Druk op de aan-/uitschakelaar om de radio uit te zetten.

Op de display verschijnt dan OFF.

Manueel afstemmen

1. Druk de aan-/uitschakelaar in om de radio aan te zetten.

2. Selecteer de gewenste frequentieband met behulp van de frequentiebandknop. Stel de antenne af zoals hierboven beschreven staat.

3. Per korte druk op een van de afstemtoetsen, zal de frequentie volgens onderstaande intervallen naar boven of beneden toe aangepast worden: FM: 50 of 100 kHz AM (MW): 9 of 10 kHz 4. Druk een van de afstemtoetsen langdurig in totdat de frequentie op de display sneller gaat veranderen. Laat de toets los en uw radio zal de geselecteerde frequentieband opzoeken, en automatisch halt houden bij een zender met voldoende sterk signaal.

5. Draai aan de volumknop om het gewenste volume te bekomen.

6. Druk op de aan-/uitschakelaar om de radio uit te zetten.

Op de display verschijnt dan OFF.

Opslaan van zenders in het geheugen

Per frequentieband kan u vijf zenders voorprogrammeren.

1. Druk de aan-/uitschakelaar knop in om de radio aan te zetten.

2. Stem af op een door u gekozen zender met behulp van de hierboven beschreven methodes.

3. Druk langdurig het voorprogrammatie nummer in waarin u deze zender wenst op te slaan, tot er een pieptoon weerklinkt.

Het voorprogrammatie nummer zal in de display verschijnen en de zender zal hieronder worden opgeslagen.

4. Herhaal deze werkwijze voor de overige voorprogrammaties.

5. In het geheugen opgeslagen zenders kunnen overschreven worden door middel van bovenstaande methodes.

NL

56

57

Oproepen van zenders uit het geheugen

1. Druk de aan-/uitschaklaar in om de radio aan te zetten.

2. Selecteer de gewenste frequentieband.

3. Druk kort op het gewenste voorprogrammatie nummer.

Dit nummer en de zenderfrequentie zullen daarop verschijnen op de display.

Instellen van het radioalarm

Wanneer men het radioalarm programmeert, dan zal de radio vanzelf aangaan op het gekozen tijdstip, en zal de gekozen zender spelen. Indien men het alarm hierop niet meteen uitzet door de aan-/uitschaklaar in te drukken, zal het radioalarm een uur lang blijven klinken. Druk de aan-/uitschakelaar in om bij afgaan van het alarm, dit alarm gedurende 24 uur te deactiveren.

Noot: Het radioalarm kan slechts geactiveerd worden wanneer u én het tijdstip én de zender ingesteld heeft. Wanneer de batterijen bijna leeg zijn of wanneer het signaal van de geselecteerde alarmzender te zwak is, zal het radioalarm automatisch overschakelen naar zoemeralarm.

a. Instellen van het tijdstip voor het radioalarm.

1. Het radioalarm kan ingesteld worden zowel wanneer de radio aan- als uitstaat.

2. Druk de radioalarm knop in en laat los. Op de display verschijnen het radioalarm symbool en de frequentie waarop het laatst werd afgestemd.

3. Druk de knop langer dan twee seconden in, waarop een pieptoon zal weerklinken.

4. Op de display zullen de cijfers voor het uur gaan knipperen.

Gebruik de beide afstemtoetsen om het gewenste uur te selecteren. Druk nogmaals op de knop om deze uurinstelling te bevestigen.

5. Doorloop dezelfde stappen als die van uurinstelling, om de minuten in te stellen. Druk nogmaals de knop in om het instellen van de tijdstip voor het alarm te voltooien.

6. Op de display zal de radiofrequentie gaan knipperen waarop het laatst werd afgestemd. Selecteer met behulp van beide afstemtoetsen de gewenste zender voor het alarm, of druk hiervoor eenvoudigweg een nummer van de voorprogrammaties in.

7. Druk nogmaals de knop in om het instellen van het radioalarm te voltooien.

8. Om het radioalarm uit te schakelen, drukt u gedurende twee seconden lang de radioalarm knop in. Het radioalarm symbool zal verdwijnen uit de display, waarna een pieptoon zal weerklinken.

Noot: Indien u geen nieuwe zender selecteert voor het radioalarm, zal de laatstgebruikte alarmzender gekozen worden.

NL

58

Instellen van het HWS (Humane Wake System) zoemeralarm

Wanneer men het zoemeralarm (HWS) programmeert, dan zal een pieptoon geactiveerd worden. Gedurende één minuut zal deze alarmpieptoon met elke 15 seconden luider weerklinken, gevolgd door een minuut stilte, waarna de cyclus herhaald wordt.

Indien men het HWS alarm niet meteen uitzet, zal het een uur lang blijven klinken, tot u het uitzet door de aan-/uitschaklaar in te drukken. Druk de aan-/uitschakelaar in om bij afgaan van het alarm, dit alarm gedurende 24 uur te deactiveren.

1. Het zoemeralarm kan ingesteld worden zowel wanneer de radio aan- als uitstaat.

2. Druk de zoemeralarm knop in en laat los, het symbol zal verschijnen op de display.

3. Druk de knop langer dan twee seconden in, waarop een pieptoon zal weerklinken. Op de display zullen de cijfers voor het uur gaan knipperen.

4. Gebruik de beide afstemtoetsen om het gewenste uur te selecteren. Druk nogmaals op de knop, waarop de cijfers voor de minuten zullen gaan knipperen.

5. Gebruik de beide afstemtoetsen om de gewenste minuten te selecteren. Druk nogmaals op de knop om het instellen van het alarm te voltooien. Wanneer het zoemeralarm is ingesteld, zal verschijnen op de display.

6. Om het zoemeralarm aan- of uit te schakelen, drukt u gedurende meer dan twee seconden de zoemeralarm knop in,

59

waarop een pieptoon zal weerklinken.

Sluimerfunctie

1. Wanneer het alarm afgaat, kan u eender welke knop indrukken om de sluimer functie te activeren. Het radioalarm of het zoemeralarm zal dan stil blijven gedurende vijf minuten.

2. Op de display zullen dan én het sluimer symbool én het alarm symbool knipperen. De sluimer functie blijft beschikbaar gedurende het hele uur dat het alarm actief is.

Slaapfunctie

De slaap timer zorgt ervoor dat de radio zich automatisch uitschakelt na het verstrijken van een vooraf bepaalde tijdsduur.

1. Druk de aan-/uitschakelaar langer dan twee seconden in, waarop een pieptoon zal weerklinken. De display zal de beschikbare slaaptimers doorlopen in deze volgorde: 60-45-30-15-120-90-60.

Laat de aan-/uitschakelaar los wanneer de gewenste slaaptimer duur verschijnt op de display. Het symbool zal verschijnen op de display en de radio zal de laatst gekozen zender afspelen.

2. Druk de aan-/uitschakelaar in om de slaap functie te annuleren.

Het symbool zal daarop verdwijnen en de radio gaat uit.

Display verlichting

Een druk op eender welke knop, zal de LCD display doen oplichten gedurende ongeveer 15 seconden. Ook wanneer zenders gescand worden en wanneer het alarm afgaat, zal de display automatisch oplichten.

NL

60

Instellen van afstemintervallen

Afstemintervallen kunnen verschillen in andere landen dan het land waarin u de radio hebt gekocht. Indien u de radio in Europa hebt gekocht en u van plan bent deze te gebruiken in Noord-Amerika of in een aantal Zuid-Amerikaanse landen, dan kan het voorkomen dat u de afstemintervallen moet aanpassen, opdat de radio u goed van dienst kan blijven zijn.

Wanneer de radio uitgeschakeld is, drukt u de Band/Step (selectie frequentieband) knop langer dan twee seconden in, waarop het huidige FM afsteminterval verschijnt. Houd de Band/Step knop ingedrukt gedurende ongeveer vijf seconden totdat op de display FM en 50kHz (afsteminterval) gaan knipperen, waarop een pieptoon zal weerklinken. Met behulp van de beide afstemtoetsen kan u het afsteminterval afstemmen tot op 100kHz per interval.

Wanneer u het FM afsteminterval hebt bijgesteld, drukt u nogmaals de Band/Step knop in, waarna op de display MW en 9kHz gaan knipperen. Met behulp van de beide afstemtoetsen kan u het afsteminterval afstemmen tot op 10kHz per interval.

Druk op de Band/Step knop om dit afstemmen te voltooien.

61

Instellen van 12 uren/24 uren formaat

Nadat de FM/MW afstemintervallen zijn bijgesteld, zal op de display 12H knipperen. Gebruik de beide afstemtoetsen om over te gaan op 24 uren formaat. Druk op de Band/Step knop om dit afstemmen te voltooien.

Ingang hoofdtelefoon

Een hoofdtelefoonintgang van 3.5 mm is voorzien aan de linkerzijde van uw radio, voor gebruik met hoofd- of oortelefoon. De interne luidspreker wordt automatisch gedempt wanneer u een stekker in deze uitgang steekt.

Technische gegevens

Stroomvereisten

Wisselstroomadapter: DC 12V 500 mA. De middelste pin is de positieve pool.

Batterijen: 6 x UM-3 (AA formaat, LR6) Batterijduur: Ongeveer 38 luisteruren aan een ratio van vier uur per dag, aan normaal volume, en met gebruik van alkalinecellen.

Frequentiedekking: FM 87.50 – 108 MHz MW 522 – 1629 kHz ( 9 kHz/interval ) of MW 520 – 1710 kHz ( 10 kHz/interval )

Circuitkenmerken

Luidspreker: 3 inches , 8 ohm Outputvermogen: 1.5 Watt met wisselstroomadapter Ingang hoofdtelefoon: 3.5 mm diameter Antennesysteem: Uitschuifbare antenne

NL

62

63 Indien u op een bepaald moment in de toekomst dit product moet afdanken, gelieve ermee rekening te houden dat elektronische afvalproducten niet samen met huishoudafval mogen worden weggegooid. Gelieve hiervoor de beschikbare faciliteiten te gebruiken. Raadpleeg de locale overheid of een verdeler voor advies in verband met recyclage. (Zie “Richtlijn voor afgedankte elektrische en elektronische toestellen”).

advertisement

Related manuals

advertisement