Canon | MP270 series | Canon MP270 series / MP250 series Online

Pagina 1 van 710 pagina's
nl
ow
D
Canon MP270 series / MP250 series Online handleiding
d
de
oa
Deze handleiding gebruiken
Deze handleiding afdrukken
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
MC-3758-V1.00
Basis Handleiding
Uitgebreide Handleiding
Een overzicht van dit
product.
Een gedetailleerde
beschrijving van dit product.
Problemen oplossen
Pagina 2 van 710 pagina's
nl
ow
D
MP270/MP250 series Basis Handleiding
d
de
oa
m
fro
Deze handleiding gebruiken
Deze handleiding afdrukken
Uitgebreide Handleiding
re
e
.b
Inhoud
Overzicht van het apparaat
Papier/originelen plaatsen
Hoofdonderdelen
Papier plaatsen
LED-display en basishandelingen
Originelen plaatsen
Kopiëren
Routineonderhoud
Documenten kopiëren
Vage afdrukken of onjuiste kleuren
Foto's kopiëren
Een FINE-inktpatroon vervangen
Passend op papierformaat
Het apparaat reinigen
Scannen
Bijlage
Gescande gegevens opslaan op de computer
Wettelijke beperkingen voor het gebruik van het
product en het gebruik van afbeeldingen
Afdrukken vanaf de computer
Foto's afdrukken (Easy-PhotoPrint EX)
Documenten afdrukken (Windows)
Documenten afdrukken (Macintosh)
Overige functies
Foto's rechtstreeks afdrukken vanaf een
PictBridge-compatibel apparaat (alleen MP270
series)
Nuttige softwaretoepassingen
or
nb
de
an
.v
w
w
w
MP-3279-V1.00
Tips over het gebruik van uw apparaat
Pagina 3 van 710 pagina's
Inhoud > Overzicht van het apparaat
Problemen oplossen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding
nl
ow
D
Overzicht van het apparaat
m
fro
In dit gedeelte worden de namen van de onderdelen weergegeven en de basishandelingen die u moet
kennen voordat u het apparaat gebruikt.
Hoofdonderdelen
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Overzicht van het apparaat
e
.b
Vooraanzicht
Achteraanzicht
Binnenaanzicht
Bedieningspaneel
LED-display en basishandelingen
Naar boven
Pagina 4 van 710 pagina's
Problemen oplossen
Inhoud > Overzicht van het apparaat > Hoofdonderdelen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding
nl
ow
D
Hoofdonderdelen
(2) Papiersteun
Trek de steun uit en kantel hem iets achterover als u papier in de achterste lade wilt plaatsen.
(3) Achterste lade
Plaats in deze lade het papier dat u voor het apparaat wilt gebruiken (u kunt verschillende formaten of
soorten papier gebruiken). Er kunnen twee of meer vellen papier van hetzelfde formaat en type tegelijk
worden geplaatst. Het papier wordt automatisch met één vel tegelijk ingevoerd.
Zie Papier plaatsen.
(4) Papiergeleiders
Schuif de geleiders tegen beide zijden van de stapel papier aan.
(5) Bedieningspaneel
Gebruik het bedieningspaneel om de apparaatinstellingen te wijzigen of het apparaat te bedienen.
Zie Bedieningspaneel.
Opmerking
De LED-display en de lampjes op het bedieningspaneel (met uitzondering van het lampje
Aan/Uit (Power) ) gaan uit als het apparaat gedurende ongeveer vijf minuten niet wordt
gebruikt. Druk op een willekeurige knop (met uitzondering van de knop AAN (ON) ) of voer
een afdruktaak uit als u ze weer wilt inschakelen.
(6) Papieruitvoerlade
Deze lade wordt automatisch geopend als het afdrukken of kopiëren wordt gestart en er afgedrukt papier
e
.b
Open deze klep als u een origineel op de glasplaat wilt plaatsen.
re
(1) Documentklep
or
nb
de
an
.v
w
Vooraanzicht
w
Bedieningspaneel
w
Vooraanzicht
Achteraanzicht
Binnenaanzicht
m
fro
Hoofdonderdelen
wordt uitgevoerd.
Pagina 5 van 710 pagina's
nl
ow
D
Hoofdonderdelen
d
de
oa
(7) Verlengstuk van de uitvoerlade
m
fro
Open het verlengstuk als u de afdrukken wilt ondersteunen. U kunt het verlengstuk zowel bij het afdrukken
als het kopiëren gebruiken.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
(8) Glasplaat
Plaats hier het origineel dat u wilt kopiëren of scannen.
(9) Poort voor direct afdrukken (alleen MP270 series)
Sluit hier een PictBridge-compatibel apparaat aan, bijvoorbeeld een digitale camera, als u rechtstreeks vanaf
het apparaat wilt afdrukken.
Zie Foto's rechtstreeks afdrukken vanaf een PictBridge-compatibel apparaat (alleen MP270 series) .
Waarschuwing
Sluit alleen PictBridge-compatibele apparaten op de Poort voor Direct afdrukken aan. Als u
andere apparaten op deze poort aansluit, kan dit brand, elektrische schokken of schade
aan het apparaat veroorzaken.
Belangrijk
Raak het metalen omhulsel niet aan.
Achteraanzicht
(10) USB-poort
Sluit hier de USB-kabel aan om het apparaat met een computer te verbinden.
Belangrijk
Raak het metalen omhulsel niet aan.
De USB-kabel mag niet worden losgekoppeld of aangesloten terwijl het apparaat bezig is
met afdrukken of het scannen van originelen met de computer.
(11) Netsnoeraansluiting
Pagina 6 van 710 pagina's
nl
ow
D
Hoofdonderdelen
Hier kunt u het meegeleverde netsnoer aansluiten.
d
de
oa
Binnenaanzicht
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
(12) Vergrendelingsklepjes voor inktpatronen
Hiermee klikt u de FINE-inktpatronen vast.
(13) Scaneenheid (klep)
Deze eenheid wordt gebruikt voor het scannen van originelen. Open deze klep als u de FINE-inktpatronen
wilt vervangen of vastgelopen papier uit het apparaat wilt verwijderen. Als u de scaneenheid (klep) opent,
moet de documentklep gesloten blijven.
(14) Steun voor scaneenheid
Hiermee kunt u de scaneenheid (klep) open houden.
(15) FINE-patroonhouder
Plaats de FINE-inktpatronen in deze houder.
De kleuren-FINE-inktpatroon moet in de linkersleuf (
) en de zwarte-FINE-inktpatroon in de rechtersleuf (
) worden geplaatst.
(16) FINE-inktpatronen
Een vervangbare inktpatroon met geïntegreerde printkop en inkttank.
Opmerking
Meer informatie over het installeren van FINE-inktpatronen kunt u vinden in de gedrukte
handleiding: Aan de Slag-gids .
Belangrijk
Het gebied (A) in de onderstaande afbeelding kan met inktspatten zijn bedekt. Dit heeft geen
gevolgen voor de prestaties van het apparaat.
Raak het gebied (A) niet aan. Als u het toch aanraakt, drukt de printer mogelijk niet goed meer
af.
Pagina 7 van 710 pagina's
nl
ow
D
Hoofdonderdelen
MP270 series
MP250 series
d
de
oa
Bedieningspaneel
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
(1) Knop AAN (ON) / Aan/uit-lampje (Power)
Hiermee kunt u het apparaat aan- of uitzetten. De documentklep moet gesloten zijn als het apparaat wordt
aangezet.
Belangrijk
De stekker uit het stopcontact halen
Zet eerst het apparaat uit en controleer vervolgens of het Aan/uit -lampje uit is voordat u
de stekker uit het stopcontact haalt. Als de stekker uit het stopcontact wordt gehaald
terwijl het knopje Aan/uit (Power) nog brandt of knippert, kan het apparaat mogelijk niet
meer accuraat afdrukken omdat de printkop niet wordt beschermd.
Opmerking
Aan/uit- en alarmlampjes
U kunt de status van het apparaat controleren aan de hand van het lampje Aan/uit
(Power) en het Alarm -lampje.
- Als het Aan/uit (Power) -lampje niet brandt: het apparaat is uit.
- Aan/uit (Power) -lampje brandt groen: het apparaat is klaar voor gebruik.
- Aan/uit (Power) -lampje knippert groen: het apparaat is bezig met initialiseren of
uitschakelen.
- Alarm -lampje brandt of knippert oranje: er is een fout opgetreden en het apparaat is niet
klaar voor gebruik. Raadpleeg voor meer informatie het gedeelte ' Problemen oplossen' in
de online handleiding: Uitgebreide Handleiding .
- Het groene Aan/uit (Power) -lampje en het oranje Alarm -lampje knipperen beurtelings:
er is mogelijk een fout opgetreden waarvoor u contact moet opnemen met het
ondersteuningscentrum. Raadpleeg voor meer informatie het gedeelte ' Problemen
oplossen' in de online handleiding: Uitgebreide Handleiding .
(2) LED (Light Emitting Diode)
In dit display worden het aantal kopieën, de onderhoudscode of de bedieningsstatus (zoals een foutcode)
weergegeven.
(3) [+]-knop
Hiermee wordt het aantal kopieën opgegeven.
(4) Inktlampjes
Deze branden of knipperen oranje, bijvoorbeeld wanneer de inkt bijna op is. Het linkerlampje geeft de status
van de kleuren-FINE-inktpatroon en het rechterlampje de status van de zwarte-FINE-inktpatroon aan.
(5) Knop Papier (Paper)
Hiermee selecteert u het paginaformaat en mediumtype.
(6) Knop SCANNEN
d
de
oa
Hiermee scant u een origineel om dit op de computer op te slaan.
Pagina 8 van 710 pagina's
nl
ow
D
Hoofdonderdelen
(7) Knop Stoppen/herstellen (Stop/Reset)
m
fro
Hiermee annuleert u handelingen. U kunt ook tijdens het afdrukken, kopiëren of scannen op deze knop
drukken als u de taak wilt annuleren.
(9) Knop Zwart *
Hiermee start u kopiëren in zwart-wit. U kunt ook op deze knop drukken om de selectie van een
instellingsitem te voltooien.
(10) Knop en lampje Passend op papier (Fit to Page)
Hiermee schakelt u de kopieerfunctie Passend op papier in. U kunt het origineel automatisch vergroot of
verkleind kopiëren zodat het past op het geselecteerde papierformaat. Wanneer de functie Passend op
papier is uitgeschakeld, kunt u kopiëren op hetzelfde formaat als het origineel.
(11)
Knop (Onderhoud)
Hiermee specificeert u de onderhoudscode.
(12) Papierlampje
Brandt om het paginaformaat en mediumtype aan te geven dat is geselecteerd met de knop Papier
(Paper) .
(13) Alarmlampje
Dit lampje brandt of knippert oranje als er een fout optreedt, bijvoorbeeld als het papier of de inkt op is.
* In de softwaretoepassingen of handleidingen worden de knoppen Zwart (Black) en Kleur (Color)
gezamenlijk de knop " Start" of "OK" genoemd.
Naar boven
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
Hiermee wordt het kopiëren in kleur gestart. U kunt ook op deze knop drukken om de selectie van een
instellingsitem te voltooien.
w
w
(8) Knop Kleur *
Pagina 9 van 710 pagina's
Problemen oplossen
Inhoud > Overzicht van het apparaat > LED-display en basishandelingen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding
nl
ow
D
LED-display en basishandelingen
m
fro
Het getal 1 wordt gewoonlijk in de LED-display weergegeven wanneer het apparaat wordt aangezet.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
U kunt het apparaat gebruiken om zonder computer kopieën te maken of onderhoudshandelingen uit te
voeren.
In dit gedeelte worden de LED-display en de basishandelingen op het bedieningspaneel beschreven.
w
w
LED-display en basishandelingen
De status van het apparaat wordt als volgt in de LED-display aangegeven.
Apparaatstatus
Bezig met kopiëren
LED-display
Aantal kopieën (knipperend)
Bezig met afdrukken, scannen of
het uitvoeren van onderhoud
(knipperend in volgorde)
De letter E en een getal worden beurtelings weergegeven.
Er is een fout opgetreden
Meer informatie over foutcodes kunt u vinden in het gedeelte '
Problemen oplossen' in de online handleiding: Uitgebreide
Handleiding .
De letter P en een getal worden beurtelings weergegeven.
er is mogelijk een fout opgetreden waarvoor u contact moet
opnemen met het ondersteuningscentrum.
Raadpleeg voor meer informatie het gedeelte 'Problemen
oplossen' in de online handleiding: Uitgebreide Handleiding .
De scaneenheid (klep) is open
(knipperend)
Opmerking
Wanneer een PictBridge-compatibel apparaat (bijvoorbeeld een digitale camera) op het apparaat is
aangesloten, wordt de letter C in de LED-display weergegeven (alleen MP270 series).
Aantal exemplaren
Wanneer het kopiëren begint, wordt het aantal exemplaren weergegeven in de LED-display. Tijdens het
kopiëren wordt het getal in de LED-display knipperend weergegeven en met één verminderd om het
aantal resterende kopieën aan te geven.
Pagina 10 van 710 pagina's
nl
ow
D
LED-display en basishandelingen
d
de
oa
Telkens wanneer u op de knop [ +] drukt, neemt het getal op het LED-scherm met één toe. Wanneer F
wordt weergegeven, is het aantal exemplaren ingesteld op 20. Druk nogmaals op de knop [ +] om terug
te gaan naar 1.
m
fro
Bewerking
Zie
Hiermee drukt u het controleraster
voor de spuitopeningen af.
Controleraster voor de spuitopeningen
afdrukken
Hiermee reinigt u de printkop.
De printkop reinigen
Hiermee voert u een dieptereiniging
van de printkop uit.
Een diepte-reiniging van de printkop
uitvoeren
Hiermee drukt u het uitlijningsblad voor
de printkop af.
De printkop uitlijnen
Hiermee scant u het uitlijningsblad
voor automatische uitlijning van de
printkop.
De printkop uitlijnen
Hiermee drukt u de huidige
aanpassingswaarden van de
printkoppositie af.
De printkop uitlijnen
Hiermee reinigt u de papierinvoerrol.
De papierinvoerrol reinigen
Hiermee reinigt u de binnenkant van
het apparaat.
Het binnenste van het apparaat reinigen
(reiniging onderste plaat)
Hiermee schakelt u tussen het
papierformaat A4 en Letter (8,5 x 11
inch). Deze bewerking heeft
betrekking op het papier in de
achterste lade.
Overschakelen tussen het papierformaat
A4 en Letter (8,5 x 11 inch)
(Deze instelling wordt gebruikt bij het
maken van kopieën.)
Hiermee stelt u het apparaat zodanig
in dat papierschuring wordt
voorkomen.
Raadpleeg 'Papier vertoont vlekken/
Papieroppervlak vertoont krassen' in het
gedeelte 'Problemen oplossen' in de
online handleiding: Uitgebreide
Handleiding .
Foutcodes
Als er een fout optreedt, wordt de foutcode aangegeven door beurtelings de letter E en een getal in de
LED-display weer te geven.
Bijv. "E, 1, 6"
(knipperend in volgorde)
Opmerking
e
.b
Onderhoudscode
re
Als u onderhoud aan het apparaat wilt uitvoeren, drukt u herhaaldelijk op de knop
(Onderhoud) totdat
de gewenste code wordt weergegeven in de LED-display. Druk vervolgens op de knop Zwart (Black) of
Kleur (Color) .
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Onderhoudscodes
d
de
oa
m
fro
Meer informatie over foutcodes kunt u vinden in het gedeelte ' Problemen oplossen' in de online
handleiding: Uitgebreide Handleiding .
Als een foutcode met de letter P wordt weergegeven, is er mogelijk een fout opgetreden waarvoor
u contact moet opnemen met het ondersteuningscentrum.
Raadpleeg voor meer informatie het gedeelte 'Problemen oplossen' in de online handleiding:
Uitgebreide Handleiding .
Pagina 11 van 710 pagina's
nl
ow
D
LED-display en basishandelingen
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Naar boven
Pagina 12 van 710 pagina's
Inhoud > Kopiëren
Problemen oplossen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding
nl
ow
D
Kopiëren
m
fro
U kunt naast standaardkopieën ook grotere of kleinere kopieën van het origineel maken, aangepast aan
het paginaformaat. U kunt ook foto's kopiëren zonder randen.
Documenten kopiëren
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Kopiëren
e
.b
Overschakelen tussen het papierformaat A4 en Letter (8,5 x 11 inch)
Foto's kopiëren
Passend op papierformaat
Naar boven
Pagina 13 van 710 pagina's
Inhoud > Kopiëren > Documenten kopiëren
Problemen oplossen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding
nl
ow
D
Documenten kopiëren
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
In dit gedeelte wordt beschreven hoe u een document van A4- of Letter-formaat op gewoon papier kunt
afdrukken.
Raadpleeg voor de bediening de opmerkingen en de bedieningsprocedure die op de referentiepagina
worden beschreven.
m
fro
Documenten kopiëren
U moet het volgende voorbereiden:
Originelen om te kopiëren. Raadpleeg Originelen die u kunt plaatsen .
Papier om op af te drukken. Raadpleeg Mediumtypen die u kunt gebruiken .
1.
Bereid het kopiëren voor.
(1) Zet het apparaat aan.
Zie Bedieningspaneel.
(2) Plaats papier.
Raadpleeg Gewoon papier/fotopapier plaatsen .
Hier plaatsen we gewoon papier van A4- of Letter-formaat.
(3) Open de papieruitvoerlade voorzichtig en trek de verlenging van de uitvoerlade
uit.
Pagina 14 van 710 pagina's
nl
ow
D
Documenten kopiëren
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
(4) Plaats een origineel op de glasplaat.
Raadpleeg Originelen plaatsen.
Plaats het origineel MET DE TE KOPIËREN ZIJDE NAAR BENEDEN en lijn het uit met de positiemarkering
zoals hieronder wordt weergegeven.
Sluit de documentklep voorzichtig.
Opmerking
Raadpleeg Originelen die u kunt plaatsen voor meer informatie over originelen die kunnen
worden gekopieerd.
2.
Begin met kopiëren.
(1) Druk herhaaldelijk op de knop [ +] om het aantal exemplaren op te geven
(maximaal 20 kopieën).
1 t/m 9 kopieën maken of 20 kopieën maken
,
Zorg dat het gewenste aantal wordt weergegeven in de LED-display.
Pagina 15 van 710 pagina's
nl
ow
D
Documenten kopiëren
d
de
oa
Opmerking
U kunt de volgende paginaformaten en mediatypen selecteren.
- Gewoon papier A4 of 8,5 x 11 inch
- Fotopapier A4 of 8,5 x 11 inch
- Fotopapier 10 x 15 cm of 4 x 6 inch
U kunt in de achterste lade wisselen tussen papierformaten A4 en Letter (8,5 x 11 inch),
ongeacht het formaat dat wordt aangegeven op het bedieningspaneel.
Zie Overschakelen tussen het papierformaat A4 en Letter (8,5 x 11 inch) .
Wanneer de functie Passend op papierformaat is ingeschakeld, kunt u het origineel
automatisch vergroot of verkleind kopiëren, zodat het op het geselecteerde paginaformaat
past. In dit geval wordt het origineel gekopieerd met randen op gewoon papier en zonder
randen op het
fotopapier.
Annuleer de functie Passend op papierformaat als u het origineel in hetzelfde formaat wilt
kopiëren.
Zie Passend op papierformaat .
(3) Druk op de knop Kleur voor kleurenkopieën of op de knop Zwart voor zwartwitkopieën.
Het apparaat begint met kopiëren.
Tijdens het kopiëren wordt het getal in de LED-display knipperend weergegeven en met één verminderd om
het aantal resterende kopieën aan te geven.
Verwijder de originelen van de glasplaat nadat het kopiëren is voltooid.
10 t/m 19 kopieën maken
Er wordt een foutmelding weergegeven dat het papier op is ('E, 0, 2' wordt weergegeven op de LEDdisplay) wanneer al het geplaatste papier is verbruikt. Druk op de knop Stoppen/herstellen (Stop/
Reset) om de fout op te heffen.
Opmerking
U kunt de afdrukkwaliteit alleen instellen op 'Snel' (snelheid heeft prioriteit) wanneer
gewoon papier van A4- of Letter-formaat is geselecteerd als papierformaat en
mediumtype.
De afdrukkwaliteit instellen op 'Snel' (snelheid heeft prioriteit)
1. Houd de knop Kleur (Color) of Zwart (Black) in (3) van stap 2 ten minste 2 seconden
ingedrukt.
Het LED-display knippert één keer.
* Wanneer u de knop Kleur (Color) of Zwart (Black) minder dan 2 seconden ingedrukt
houdt, begint het apparaat te kopiëren in de afdrukkwaliteit 'Standaard'.
2. Laat de knop los.
Het apparaat begint met kopiëren.
Wanneer de afdrukkwaliteit is ingesteld op 'Snel' heeft de afdruksnelheid prioriteit boven
kwaliteit. Om prioriteit te geven aan kwaliteit drukt u minder dan 2 seconden op de knop
Kleur (Color) of Zwart (Black) om te kopiëren met de afdrukkwaliteit 'Standaard'.
Belangrijk
Open de documentklep niet en verplaats het origineel niet totdat het kopiëren is voltooid.
e
.b
In dit voorbeeld selecteren we gewoon A4-papier of papier van 8,5 x 11 inches.
re
Het Papier (Paper) -lampje geeft het geselecteerde paginaformaat en mediumtype aan.
or
nb
de
an
.v
w
(2) Druk herhaaldelijk op de knop Papier (Paper) om het paginaformaat en
mediumtype te selecteren.
w
(2) Plaats niet meer dan het gewenste aantal te kopiëren vellen.
w
(1) Zorg dat F wordt weergegeven in de LED-display.
m
10 t/m 19 kopieën maken
fro
Telkens wanneer u op de knop [ +] drukt, neemt het getal op het LED-scherm met één toe. Wanneer F wordt
weergegeven, is het aantal exemplaren ingesteld op 20. Druk nogmaals op de knop [ +] om terug te gaan
naar 1.
Pagina 16 van 710 pagina's
nl
ow
D
Documenten kopiëren
d
de
oa
Opmerking
m
fro
Druk op de knop Stoppen/herstellen (Stop/Reset) om het kopiëren te annuleren.
Druk op de knop Zwart (Black) om A4 te selecteren of druk op de knop Kleur
(Color) om Letter (8,5 x 11 inch) te selecteren.
Opmerking
Wanneer u overschakelt naar papierformaat A4 of Letter (8,5 x 11 inch), plaatst u papier van
het geselecteerde formaat, ongeacht het formaat dat wordt aangegeven op het
bedieningspaneel.
- Wanneer het paginaformaat is ingesteld op A4 plaatst u gewoon papier A4 of fotopapier A4.
- Wanneer het paginaformaat is ingesteld op Letter (8,5 x 11 inch) plaatst u gewoon papier of
fotopapier van Letter-formaat.
Naar boven
e
.b
2.
(Onderhoud) totdat d wordt weergegeven.
re
Druk herhaaldelijk op de knop
or
nb
de
an
.v
w
1.
w
U kunt overschakelen tussen het papierformaat A4 en Letter (8,5 x 11 inch). Deze bewerking heeft
betrekking op het papier in de achterste lade.
Deze instelling komt van pas wanneer u gewoonlijk papier van Letter-formaat in de achterste lade
plaatst, ongeacht of op het bedieningspaneel papierformaat A4 wordt aangegeven of andersom.
w
Overschakelen tussen het papierformaat A4 en Letter (8,5 x 11
inch)
Pagina 17 van 710 pagina's
Problemen oplossen
Inhoud > Kopiëren > Foto's kopiëren
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding
nl
ow
D
Foto's kopiëren
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
In dit gedeelte worden de handelingen beschreven voor het kopiëren van afgedrukte foto's op fotopapier
van 10 x 15 cm.
m
fro
Foto's kopiëren
U moet het volgende voorbereiden:
Afgedrukte foto's.
Papier voor het afdrukken van foto's. Raadpleeg Mediumtypen die u kunt gebruiken .
1.
Bereid het kopiëren van een foto voor.
(1) Zet het apparaat aan.
Zie Bedieningspaneel.
(2) Plaats papier.
Raadpleeg Gewoon papier/fotopapier plaatsen .
In dit voorbeeld plaatsen we fotopapier van 10 x 15 cm.
(3) Open de papieruitvoerlade voorzichtig en trek de verlenging van de uitvoerlade
uit.
(4) Plaats een foto op de glasplaat.
Raadpleeg Originelen plaatsen.
2.
Begin met kopiëren.
(1) Druk enkele keren op de knop [ +] om het aantal kopieën in te stellen.
Zie stap 2 in Documenten kopiëren.
(2) Druk herhaaldelijk op de knop Papier (Paper) om het paginaformaat en
mediumtype te selecteren.
Het Papier (Paper) -lampje geeft het geselecteerde paginaformaat en mediumtype aan.
In dit voorbeeld selecteren we fotopapier van 10 x 15 cm.
Opmerking
U kunt de volgende paginaformaten en mediatypen selecteren.
d
de
oa
m
fro
Het apparaat begint met kopiëren.
Verwijder de foto van de glasplaat nadat het kopiëren is voltooid.
Belangrijk
Open de documentklep niet en verplaats de foto niet totdat het kopiëren is voltooid.
Opmerking
Druk op de knop Stoppen/herstellen (Stop/Reset) om het kopiëren te annuleren.
Naar boven
e
.b
(3) Druk op de knop Kleur voor kleurenkopieën of op de knop Zwart voor zwartwitkopieën.
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
- Gewoon papier A4 of 8,5 x 11 inch
- Fotopapier A4 of 8,5 x 11 inch
- Fotopapier 10 x 15 cm of 4 x 6 inch
U kunt in de achterste lade wisselen tussen papierformaten A4 en Letter (8,5 x 11 inch),
ongeacht het formaat dat wordt aangegeven op het bedieningspaneel.
Zie Overschakelen tussen het papierformaat A4 en Letter (8,5 x 11 inch) .
Wanneer de functie Passend op papierformaat is ingeschakeld, kunt u het origineel
automatisch vergroot of verkleind kopiëren, zodat het op het geselecteerde paginaformaat
past. In dit geval wordt het origineel gekopieerd met randen op gewoon papier en zonder
randen op het fotopapier.
Annuleer de functie Passend op papierformaat als u het origineel in hetzelfde formaat wilt
kopiëren.
Zie Passend op papierformaat .
Pagina 18 van 710 pagina's
nl
ow
D
Foto's kopiëren
Pagina 19 van 710 pagina's
Problemen oplossen
Inhoud > Kopiëren > Passend op papierformaat
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding
nl
ow
D
Passend op papierformaat
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Met de functie Passend op papierformaat kunt u het origineel automatisch vergroot of verkleind kopiëren,
zodat het op het geselecteerde paginaformaat past.
m
fro
Passend op papierformaat
1.
Bereid het kopiëren voor.
Zie stap 1 in Documenten kopiëren.
2.
Druk enkele keren op de knop [ +] om het aantal kopieën in te stellen.
3.
Druk herhaaldelijk op de knop Papier (Paper) om het paginaformaat en
mediumtype te selecteren.
Opmerking
Wanneer gewoon papier is geselecteerd als mediumtype, wordt het origineel met randen
gekopieerd.
Wanneer fotopapier is geselecteerd als mediumtype, wordt het origineel gekopieerd zonder
randen zodat de pagina volledig wordt opgevuld.
Bij kopiëren zonder randen kan de afbeelding aan de randen enigszins worden afgekapt omdat
de gekopieerde afbeelding wordt vergroot om de hele pagina te vullen.
4.
Druk op de knop Passend op pag (Fit to Page) .
Het lampje Passend op pag (Fit to Page) gaat branden en de functie Passend op papier wordt ingeschakeld.
Het origineel wordt automatisch vergroot of verkleind gekopieerd zodat het past op het geselecteerde
papierformaat.
Opmerking
Druk nogmaals op de knop Passend op pag (Fit to Page) om de kopieerfunctie Passend op
papierformaat te annuleren en het origineel in hetzelfde formaat te kopiëren.
5.
Druk op de knop Kleur voor kleurenkopieën of op de knop Zwart voor zwartwitkopieën.
Het apparaat begint passend op het papierformaat te kopiëren.
Verwijder de originelen van de glasplaat nadat het kopiëren is voltooid.
Belangrijk
Open de documentklep niet en verplaats het origineel niet totdat het kopiëren is voltooid.
Opmerking
d
de
oa
m
fro
Naar boven
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
U kunt de afdrukkwaliteit alleen instellen op 'Snel' (snelheid heeft prioriteit) wanneer gewoon
papier van A4- of Letter-formaat is geselecteerd als papierformaat en mediumtype. Druk op de
knop Kleur (Color) of Zwart (Black) en houd deze in stap 5 minimaal 2 seconden ingedrukt
om de printkwaliteit in te stellen op 'Snel'.
Zie De afdrukkwaliteit instellen op 'Snel' (snelheid heeft prioriteit) .
Druk op de knop Stoppen/herstellen (Stop/Reset) om het kopiëren te annuleren.
Pagina 20 van 710 pagina's
nl
ow
D
Passend op papierformaat
Pagina 21 van 710 pagina's
Inhoud > Scannen
Problemen oplossen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding
nl
ow
D
Scannen
m
fro
Gescande gegevens kunt u op uw computer opslaan en met behulp van de meegeleverde toepassing
bewerken of verwerken.
Gescande gegevens opslaan op de computer
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Scannen
e
.b
Het scannen voorbereiden met het bedieningspaneel
Gescande gegevens opslaan op de computer
Naar boven
Pagina 22 van 710 pagina's
Problemen oplossen
Inhoud > Scannen > Gescande gegevens opslaan op de computer
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding
nl
ow
D
Gescande gegevens opslaan op de computer
Raadpleeg Originelen die u kunt plaatsen voor meer informatie.
Is het apparaat correct aangesloten op een computer?
Controleer handmatig of de verbinding tussen het apparaat en de computer goed vast zit.
Belangrijk
De USB-kabel mag niet worden losgekoppeld of aangesloten terwijl het apparaat bezig is met het
scannen van originelen.
Wanneer u Mac OS X v.10.3.9 gebruikt
U moet MP Navigator EX als starttoepassing instellen in Fotolader onder Programma's
(Applications) in Mac OS X.
(1) Selecteer Toepassingen (Applications) in het menu Ga (Go) en dubbelklik
vervolgens op het pictogram Fotolader (Image Capture).
(2) Klik op Opties (Options) links onderaan het scannervenster, selecteer MP
Navigator EX 3 in Open bij indrukken scannerknop (Application to launch when
scanner button is pressed) en klik op OK.
Als u Fotolader wilt afsluiten, selecteert u Stop Fotolader (Quit Image Capture) in het menu Fotolader (Image
Capture).
Opmerking
Als Opties (Options) niet wordt weergegeven, selecteert u Voorkeuren (Preferences) in het
menu Fotolader (Image Capture), klikt u op Scanner en vervolgens op Gebruik TWAINsoftware indien mogelijk (Use TWAIN software whenever possible) om de optie uit te
schakelen. Sluit Fotolader vervolgens af en start het opnieuw.
Gescande gegevens opslaan op de computer
e
.b
Handleiding.
Voldoet het origineel dat u wilt scannen aan de eisen voor originelen die op de glasplaat worden
geplaatst?
re
Het scannen voorbereiden met het bedieningspaneel
Controleer het volgende voordat u originelen gaat scannen:
Zijn de vereiste toepassingen geïnstalleerd (MP Drivers en MP Navigator EX)?
Raadpleeg de gedrukte Aan de Slag-gids indien de softwaretoepassingen niet zijn geïnstalleerd.
Zijn de vereiste instellingen geconfigureerd met MP Navigator EX?
Wanneer u originelen scant om op te slaan op de computer met het bedieningspaneel, kunt u de
instellingen voor het opslaan van gescande gegevens opgeven in de Voorkeuren (Preferences) van
MP Navigator EX.
Raadpleeg de online handleiding voor meer informatie over de instellingen: Uitgebreide
or
nb
de
an
.v
w
Canon is niet aansprakelijk voor enige schade of verlies van gegevens om welke reden dan ook,
ook niet binnen de garantieperiode van het apparaat.
w
Belangrijk
w
In dit gedeelte wordt beschreven hoe originelen kunt scannen met behulp van het bedieningspaneel op
het apparaat en hoe u deze kunt opslaan op de computer volgens de opgegeven instellingen met MP
Navigator EX.
Raadpleeg de online handleiding voor meer informatie over scannen vanaf de computer: Uitgebreide
Handleiding.
m
fro
Gescande gegevens opslaan op de computer
Bereid het scannen voor.
(1) Zet het apparaat aan.
fro
Zie Bedieningspaneel.
d
de
oa
1.
Pagina 23 van 710 pagina's
nl
ow
D
Gescande gegevens opslaan op de computer
m
(2) Plaats een origineel op de glasplaat.
2.
Druk op de knop SCANNEN (SCAN) om te beginnen met scannen.
e
.b
Verwijder het origineel van de glasplaat nadat het scannen is voltooid.
re
Het origineel wordt gescand en opgeslagen op de computer volgens de instellingen die zijn opgegeven met MP
Navigator EX.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Raadpleeg Originelen plaatsen.
Belangrijk
Schakel het apparaat niet uit terwijl een bewerking wordt uitgevoerd.
Open de documentklep niet en verplaats het origineel niet totdat het scannen is voltooid.
Opmerking
Het is het mogelijk dat de positie of het formaat van het origineel niet correct wordt gescand,
afhankelijk van het type.
Raadpleeg in dat geval de online handleiding: Uitgebreide Handleiding om de instellingen
Documenttype (Document Type) en Documentformaat (Document Size) van MP Navigator EX te
wijzigen in overeenstemming met het origineel en scan het opnieuw.
Wanneer u Windows Vista gebruikt
Mogelijk wordt het scherm waarin u een programma kunt selecteren weergegeven nadat u
stap 2 hebt uitgevoerd. Selecteer in dit geval de optie MP Navigator EX Ver3.0 en klik
vervolgens op OK.
Wanneer u Windows XP gebruikt
Mogelijk wordt het venster waarin u een programma kunt selecteren weergegeven nadat u
voor de eerste keer stap 2 hebt uitgevoerd. Selecteer in dit geval de optie MP Navigator EX
Ver3.0 als het programma dat u wilt gebruiken en schakel het selectievakje Voor deze actie
altijd dit programma gebruiken (Always use this program for this action) in. Klik vervolgens op
OK. Voortaan wordt MP Navigator EX automatisch gestart.
Naar boven
Pagina 24 van 710 pagina's
Inhoud > Afdrukken vanaf de computer
Problemen oplossen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding
nl
ow
D
Afdrukken vanaf de computer
m
fro
In dit gedeelte wordt beschreven hoe u foto's of documenten kunt afdrukken met behulp van een
computer.
Met Easy-PhotoPrint EX, dat bij het apparaat is geleverd, kunt u eenvoudig foto's die u hebt gemaakt met
uw digitale camera afdrukken.
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Afdrukken vanaf de computer
e
.b
Foto's afdrukken (Easy-PhotoPrint EX)
Diverse functies van Easy-PhotoPrint EX gebruiken
Documenten afdrukken (Windows)
Documenten afdrukken (Macintosh)
Voor Mac OS X v.10.5.x
Voor Mac OS X v.10.4.x of Mac OS X v.10.3.9
Naar boven
Pagina 25 van 710 pagina's
Problemen oplossen
Inhoud > Afdrukken vanaf de computer > Foto's afdrukken (Easy-PhotoPrint EX)
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding
nl
ow
D
Foto's afdrukken (Easy-PhotoPrint EX)
Zie Bedieningspaneel.
(2) Plaats papier.
Raadpleeg Gewoon papier/fotopapier plaatsen .
In dit voorbeeld plaatsen we fotopapier van 10 x 15 cm.
(3) Open de papieruitvoerlade voorzichtig en trek de verlenging van de uitvoerlade
uit.
Start Easy-PhotoPrint EX en selecteer Photo Print.
(1) Start Easy-PhotoPrint EX.
Dubbelklik op
(Easy-PhotoPrint EX) op het bureaublad.
Klik hier: Easy-PhotoPrint EX
Selecteer het menu Ga (Go), Programma's (Applications), Canon Utilities, Easy-PhotoPrint EX en
dubbelklik op Easy-PhotoPrint EX.
e
.b
re
Bereid het afdrukken voor.
(1) Zorg dat het apparaat is ingeschakeld.
2.
or
nb
de
an
.v
w
De schermen in dit gedeelte hebben betrekking op het afdrukken in Windows. De bewerkingen zijn
hetzelfde voor het afdrukken in Macintosh.
Installeer Easy-PhotoPrint EX vanaf de installatie-cd-rom (Setup CD-ROM) als de software nog
niet is geïnstalleerd of is verwijderd. Selecteer Easy-PhotoPrint EX in Aangepaste installatie
(Custom Install) om Easy-PhotoPrint EX te installeren.
1.
w
Opmerking
w
Druk afbeeldingsgegevens op uw computer af met het bij het apparaat geleverde Easy-PhotoPrint EX.
In dit gedeelte worden de handelingen beschreven voor het zonder marges afdrukken van foto's op
fotopapier van 10 x 15 cm.
Raadpleeg de online handleiding voor informatie over Easy-PhotoPrint EX: Uitgebreide Handleiding .
m
fro
Foto's afdrukken (Easy-PhotoPrint EX)
Pagina 26 van 710 pagina's
nl
ow
D
Foto's afdrukken (Easy-PhotoPrint EX)
Opmerking
3.
Selecteer een foto die u wilt afdrukken.
(1) Selecteer de map waarin de afbeeldingen zijn opgeslagen.
(2) Klik op de afbeelding die u wilt afdrukken.
Het aantal exemplaren wordt weergegeven als "1" en de afbeelding die u hebt geselecteerd, wordt
weergegeven in daarvoor bestemde gedeelte (A). U kunt twee of meer afbeeldingen tegelijk selecteren.
Opmerking
Klik op
(pijl omhoog) om het aantal exemplaren te wijzigen als u twee of meer
exemplaren wilt afdrukken.
Klik op de afbeelding die u wilt annuleren en klik op
(Geïmporteerde afbeelding
(pijl
verwijderen (Delete Imported Image)) als u de selectie wilt annuleren. U kunt ook
omlaag) gebruiken om het aantal exemplaren te verlagen tot nul.
Tevens kunt u de geselecteerde afbeeldingen nog corrigeren of verbeteren voordat u ze
afdrukt.
Zie Diverse functies van Easy-PhotoPrint EX gebruiken .
(3) Klik op Papier selecteren (Select Paper).
e
.b
U kunt Album, Kalender (Calendar), Stickers, enzovoort selecteren, naast Photo Print.
Zie Diverse functies van Easy-PhotoPrint EX gebruiken .
re
Opmerking
or
nb
de
an
.v
w
(2) Klik op Photo Print.
w
(Foto's of albums, enzovoort afdrukken. (Print
w
Menu) in het Dock en te klikken op
photos or albums, etc.)).
Zie Solution Menu .
(Solution
m
U kunt Easy-PhotoPrint EX starten via het Solution Menu door te klikken op
fro
(Solution Menu) op het bureaublad en te klikken op
(Foto's of albums, enzovoort
afdrukken. (Print photos or albums, etc.)).
Zie Solution Menu .
U kunt Easy-PhotoPrint EX starten via het menu Start door achtereenvolgens Alle
programma's (All Programs) (of Programma's (Programs)), Canon Utilities, Easy-PhotoPrint
EX en Easy-PhotoPrint EX te selecteren.
d
de
oa
U kunt Easy-PhotoPrint EX starten via het Solution Menu door te dubbelklikken op
Pagina 27 van 710 pagina's
nl
ow
D
Foto's afdrukken (Easy-PhotoPrint EX)
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
4.
Selecteer het geplaatste papier.
(1) Controleer of de naam van uw apparaat is geselecteerd in Printer.
(2) Selecteer het formaat en type van het geplaatste papier in Papierformaat (Paper
Size) en Mediumtype (Media Type).
In dit voorbeeld selecteren we 10x15cm 4"x6" (4"x6" 10x15cm) bij Papierformaat (Paper Size) en het type
geplaatste fotopapier bij Mediumtype (Media Type).
Opmerking
Als u niet het juiste mediumtype selecteert, drukt het apparaat mogelijk niet af met de juiste
afdrukkwaliteit.
(3) Klik op Opmaak/Afdrukken (Layout/Print).
5.
Selecteer een opmaak en start het afdrukken.
(1) Selecteer de opmaak van de foto.
In dit voorbeeld selecteren we Zonder marges (volledig) (Borderless (full)).
Het afdrukvoorbeeld wordt weergegeven in de geselecteerde opmaak, zodat u het vereiste resultaat kunt
controleren.
Opmerking
U kunt de afdrukrichting van de foto wijzigen of foto's bijsnijden.
Raadpleeg de online handleiding voor meer informatie over de bediening: Uitgebreide
Handleiding .
(2) Klik op Afdrukken (Print).
Pagina 28 van 710 pagina's
nl
ow
D
Foto's afdrukken (Easy-PhotoPrint EX)
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Opmerking
Druk op de knop Stoppen/herstellen (Stop/Reset) op het apparaat of op Afdrukken
annuleren (Cancel Printing) in de printerstatusmonitor als u een actieve afdruktaak wilt
annuleren.
Klik op Canon XXX Printer (waarbij " XXX" de naam van uw printer is) op de taakbalk om de
printerstatusmonitor weer te geven.
Klik op het printerpictogram in het Dock om een lijst met actieve afdruktaken weer te geven.
Als u een actieve afdruktaak wilt annuleren, selecteert u de betreffende opdracht in de lijst
Naam (Name) en klikt u op Verwijder (Delete).
Als u een actieve afdruktaak tijdelijk wilt annuleren, klikt u op Stel uit (Hold). Klik op Afdrukken
onderbreken (Pause Printer) (of op Stop afdruktaken (Stop Jobs)) als u alle taken in de lijst
tijdelijk wilt stoppen.
Naar boven
Problemen oplossen
m
fro
Inhoud > Afdrukken vanaf de computer > Foto's afdrukken (Easy-PhotoPrint EX) > Diverse functies van EasyPhotoPrint EX gebruiken
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding
Pagina 29 van 710 pagina's
nl
ow
D
Diverse functies van Easy-PhotoPrint EX gebruiken
Kalender (Calendar)
Stickers
Opmaak afdrukken (Layout Print)
Afbeeldingen corrigeren
U kunt Correctie rode ogen (Red-Eye Correction), Gezicht scherper maken (Face Sharpener),
Gezicht digitaal effenen (Digital Face Smoothing), Helderheid (Brightness), Contrast enzovoort,
gebruiken om afbeeldingen automatisch of handmatig aan te passen, te corrigeren of te
verbeteren.
Helderheid (Brightness)
e
.b
Album
re
U kunt een album of kalender maken met uw eigen foto's.
or
nb
de
an
.v
w
Uw eigen afdrukken maken
w
In dit gedeelte maakt u kennis met een paar handige functies van Easy-PhotoPrint EX.
Raadpleeg voor meer informatie online handleiding: Uitgebreide Handleiding .
w
Diverse functies van Easy-PhotoPrint EX gebruiken
Pagina 30 van 710 pagina's
nl
ow
D
Diverse functies van Easy-PhotoPrint EX gebruiken
Naar boven
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Pagina 31 van 710 pagina's
Problemen oplossen
Inhoud > Afdrukken vanaf de computer > Documenten afdrukken (Windows)
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding
nl
ow
D
Documenten afdrukken (Windows)
Zie Bedieningspaneel.
2.
Plaats papier.
Raadpleeg Gewoon papier/fotopapier plaatsen .
Hier plaatsen we gewoon A4-papier.
3.
Open de papieruitvoerlade voorzichtig en trek de verlenging van de uitvoerlade uit.
4.
Maak (of open) een document met behulp van een geschikte softwaretoepassing.
5.
Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma.
(1) Selecteer Afdrukken (Print) in het menu Bestand (File) of op de werkbalk van de
toepassing.
Het dialoogvenster Afdrukken (Print) wordt weergegeven.
(2) Controleer of de naam van uw apparaat is geselecteerd.
Opmerking
Selecteer de naam van uw apparaat als een andere apparaatnaam is geselecteerd.
(3) Klik op Voorkeuren (Preferences) (of Eigenschappen (Properties)).
e
.b
Zorg dat het apparaat is ingeschakeld.
re
1.
or
nb
de
an
.v
w
De bewerkingen kunnen variëren, afhankelijk van uw toepassing. Raadpleeg de
instructiehandleiding van uw toepassing voor meer informatie over de bewerkingen.
De schermen in dit gedeelte hebben betrekking op het afdrukken in het besturingssysteem Windows
Vista Ultimate Edition (hierna 'Windows Vista' genoemd).
w
Opmerking
w
In dit gedeelte wordt beschreven hoe u een A4-document op gewoon papier kunt afdrukken.
Raadpleeg voor meer informatie de online handleiding: Uitgebreide Handleiding .
m
fro
Documenten afdrukken (Windows)
Geef de vereiste afdrukinstellingen op.
d
de
oa
6.
Pagina 32 van 710 pagina's
nl
ow
D
Documenten afdrukken (Windows)
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Als een afdrukobject zoals Zakelijk document (Business Document) of Foto afdrukken
(Photo Printing) is geselecteerd in Veelgebruikte instellingen (Commonly Used Settings),
worden de items in Extra functies (Additional Features) automatisch geselecteerd. De
toepasselijke instellingen voor het afdrukobject (zoals het mediumtype en de
afdrukkwaliteit) worden ook weergegeven.
Als u twee of meer exemplaren opgeeft in Aantal (Copies), wordt het selectievakje
Sorteren (Collate) ingeschakeld.
m
Opmerking
fro
(1) Selecteer Zakelijk document (Business Document) in Veelgebruikte instellingen
(Commonly Used Settings).
(2) Controleer de weergegeven instellingen.
Controleer nu of Gewoon papier (Plain Paper) is geselecteerd in Mediumtype (Media Type), Standaard
(Standard) is geselecteerd in Afdrukkwaliteit (Print Quality) en of A4 is geselecteerd in Papierformaat
printer (Printer Paper Size).
Opmerking
De instellingen kunnen worden gewijzigd.
U moet nadat u Papierformaat printer (Printer Paper Size) hebt gewijzigd, wel controleren
of de instelling voor Paginaformaat (Page Size) op het tabblad Pagina-instelling (Page
Setup) overeenkomt met de instelling in de toepassing.
Raadpleeg voor meer informatie online handleiding: Uitgebreide Handleiding .
Als u niet het juiste mediumtype selecteert, drukt het apparaat mogelijk niet af met de juiste
afdrukkwaliteit.
(3) Klik op OK.
Opmerking
Voor meer informatie over de functies van het printerstuurprogramma klikt u op Help of
Instructies (Instructions) om de on line Help of de on line handleiding weer te geven:
Uitgebreide Handleiding . De knop Instructies (Instructions) wordt alleen weergegeven op de
tabbladen Snel instellen (Quick Setup), Afdruk (Main) en Onderhoud (Maintenance) wanneer
de online handleiding op uw computer is geïnstalleerd.
U kunt de gewijzigde instellingen een naam geven en deze toevoegen aan Veelgebruikte
instellingen (Commonly Used Settings).
Raadpleeg voor meer informatie online handleiding: Uitgebreide Handleiding .
Als u de huidige instellingen wilt weergeven als u het eigenschappenvenster van het
printerstuurprogramma de volgende keer opent, schakelt u het selectievakje Altijd afdrukken
met huidige instellingen (Always Print with Current Settings) in. Sommige toepassingen
beschikken niet over deze functie.
Schakel het selectievakje Afdrukvoorbeeld (Preview before printing) in als u het voorbeeld wilt
bekijken en de afdrukresultaten wilt controleren. Sommige toepassingen beschikken niet over
een afdrukvoorbeeldfunctie.
U kunt gedetailleerde afdrukinstellingen opgeven op het tabblad Afdruk (Main) of Pagina-
d
de
oa
instelling (Page Setup).
Raadpleeg voor meer informatie online handleiding: Uitgebreide Handleiding .
Pagina 33 van 710 pagina's
nl
ow
D
Documenten afdrukken (Windows)
m
fro
Start het afdrukken.
w
w
7.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
Klik op Afdrukken (Print) (of OK) om het afdrukken te starten.
Opmerking
Er wordt een bericht weergegeven over het plaatsen van enveloppen als u op enveloppen
gaat afdrukken. Dit bericht wordt niet meer weergegeven als u het selectievakje Dit bericht niet
meer weergeven. (Do not show this message again.) inschakelt.
Raadpleeg Enveloppen plaatsen voor meer informatie over het afdrukken van enveloppen.
Druk op de knop Stoppen/herstellen (Stop/Reset) op het apparaat of op Afdrukken
annuleren (Cancel Printing) in de printerstatusmonitor als u een actieve afdruktaak wilt
annuleren.
Klik op Canon XXX Printer (waarbij " XXX" de naam van uw printer is) op de taakbalk om de
printerstatusmonitor weer te geven.
Als evenwijdige lijnen niet correct worden afgedrukt of als u niet tevreden bent over de
afdrukresultaten, moet u de positie van de printkop aanpassen.
Raadpleeg De printkop uitlijnen .
Naar boven
Pagina 34 van 710 pagina's
Problemen oplossen
Inhoud > Afdrukken vanaf de computer > Documenten afdrukken (Macintosh)
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding
nl
ow
D
Documenten afdrukken (Macintosh)
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
De bewerkingen kunnen variëren, afhankelijk van uw toepassing. Raadpleeg de
instructiehandleiding van uw toepassing voor meer informatie over de bewerkingen.
w
Opmerking
w
In dit gedeelte wordt beschreven hoe u een A4-document op gewoon papier kunt afdrukken.
Raadpleeg voor meer informatie online handleiding: Uitgebreide Handleiding .
m
fro
Documenten afdrukken (Macintosh)
Voor Mac OS X v.10.5.x
1.
Zorg dat het apparaat is ingeschakeld.
Zie Bedieningspaneel.
2.
Plaats papier.
Raadpleeg Gewoon papier/fotopapier plaatsen .
Hier plaatsen we gewoon A4-papier.
3.
Open de papieruitvoerlade voorzichtig en trek de verlenging van de uitvoerlade uit.
4.
Maak (of open) een document met behulp van een geschikte softwaretoepassing.
5.
Open het dialoogvenster Druk af (Print).
Selecteer Druk af (Print) in het menu Archief (File) van de toepassing.
Het dialoogvenster Afdrukken (Print) wordt weergegeven.
Opmerking
Klik op
6.
(pijl omlaag) als het onderstaande dialoogvenster wordt weergegeven.
Geef de vereiste afdrukinstellingen op.
(1) Controleer of de naam van uw apparaat is geselecteerd in Printer.
(2) Selecteer het paginaformaat van het geplaatste papier in Papierformaat (Paper
Size).
Hier selecteert u A4.
(3) Selecteer Kwaliteit en media (Quality & Media) in het pop-upmenu.
Pagina 35 van 710 pagina's
nl
ow
D
Documenten afdrukken (Macintosh)
d
de
oa
m
fro
Als u niet het juiste mediumtype selecteert, drukt het apparaat mogelijk niet af met de juiste
afdrukkwaliteit.
(5) Selecteer de afdrukkwaliteit in Afdrukkwaliteit (Print Quality).
Hier selecteert u Standaard (Standard).
Opmerking
Raadpleeg de online handleiding voor meer informatie over de afdrukkwaliteit: Uitgebreide
Handleiding .
Opmerking
Voor meer informatie over de functies van het printerstuurprogramma klikt u op
(Vraag) op
het scherm Kwaliteit en media (Quality & Media), Kleuropties (Color Options), Afdrukken
zonder marges (Borderless Printing) of Marge (Margin).
Het voorbeeld wordt links van het dialoogvenster weergegeven, zodat u het afdrukresultaat
kunt controleren. Sommige toepassingen beschikken niet over een afdrukvoorbeeldfunctie.
7.
Start het afdrukken.
Klik op Druk af (Print) om het afdrukken te starten.
Opmerking
Klik op het printerpictogram in het Dock om een lijst met actieve afdruktaken weer te geven.
Als u een actieve afdruktaak wilt annuleren, selecteert u de betreffende opdracht in de lijst
Naam (Name) en klikt u op Verwijder (Delete).
Als u een actieve afdruktaak tijdelijk wilt annuleren, klikt u op Stel uit (Hold). Klik op Afdrukken
e
.b
Opmerking
re
Hier selecteert u Gewoon papier (Plain Paper).
or
nb
de
an
.v
w
w
w
(4) Selecteer het mediumtype van het geplaatste papier in Mediumtype (Media
Type).
d
de
oa
onderbreken (Pause Printer) als u alle taken in de lijst tijdelijk wilt stoppen.
Als evenwijdige lijnen niet correct worden afgedrukt of als u niet tevreden bent over de
afdrukresultaten, moet u de positie van de printkop aanpassen.
Raadpleeg De printkop uitlijnen .
Pagina 36 van 710 pagina's
nl
ow
D
Documenten afdrukken (Macintosh)
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
Opmerking
De schermen in dit gedeelte hebben betrekking op het afdrukken in Mac OS X v.10.4.x.
w
Voor Mac OS X v.10.4.x of Mac OS X v.10.3.9
1.
Zorg dat het apparaat is ingeschakeld.
Zie Bedieningspaneel.
2.
Plaats papier.
Raadpleeg Gewoon papier/fotopapier plaatsen .
Hier plaatsen we gewoon A4-papier.
3.
Open de papieruitvoerlade voorzichtig en trek de verlenging van de uitvoerlade uit.
4.
Maak (of open) een document met behulp van een geschikte softwaretoepassing.
5.
Geef het paginaformaat op.
(1) Selecteer Pagina-instelling (Page Setup) in het menu Archief (File) van de
toepassing.
Het dialoogvenster Pagina-instelling (Page Setup) wordt weergegeven.
(2) Controleer of de naam van uw apparaat is geselecteerd in Stel in voor (Format
for).
(3) Selecteer het paginaformaat van het geplaatste papier in Papierformaat (Paper
Size).
Hier selecteert u A4.
(4) Klik op OK.
6.
Geef de vereiste afdrukinstellingen op.
(1) Selecteer Druk af (Print) in het menu Archief (File) van de toepassing.
Het dialoogvenster Afdrukken (Print) wordt weergegeven.
(2) Controleer of de naam van uw apparaat is geselecteerd in Printer.
Pagina 37 van 710 pagina's
nl
ow
D
Documenten afdrukken (Macintosh)
m
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Hier selecteert u Gewoon papier (Plain Paper).
fro
(4) Selecteer het mediumtype van het geplaatste papier in Mediumtype (Media
Type).
d
de
oa
(3) Selecteer Kwaliteit en media (Quality & Media) in het pop-upmenu.
Opmerking
Als u niet het juiste mediumtype selecteert, drukt het apparaat mogelijk niet af met de juiste
afdrukkwaliteit.
re
e
.b
(5) Selecteer de afdrukkwaliteit in Afdrukkwaliteit (Print Quality).
Hier selecteert u Standaard (Standard).
Opmerking
Raadpleeg de online handleiding voor meer informatie over de afdrukkwaliteit: Uitgebreide
Handleiding .
Opmerking
Voor meer informatie over de functies van het printerstuurprogramma klikt u op
(Vraag) op
het scherm Kwaliteit en media (Quality & Media), Kleuropties (Color Options), Speciale effecten
(Special Effects), Afdrukken zonder marges (Borderless Printing) of Marge (Margin).
Klik op Voorbeeld (Preview) om het voorbeeld weer te geven en het afdrukresultaat te
controleren. Sommige toepassingen beschikken niet over een afdrukvoorbeeldfunctie.
7.
Start het afdrukken.
Klik op Druk af (Print) om het afdrukken te starten.
Opmerking
Klik op het printerpictogram in het Dock om een lijst met actieve afdruktaken weer te geven.
Als u een actieve afdruktaak wilt annuleren, selecteert u de betreffende opdracht in de lijst
Naam (Name) en klikt u op Verwijder (Delete).
Als u een actieve afdruktaak tijdelijk wilt annuleren, klikt u op Stel uit (Hold). Klik op Stop
afdruktaken (Stop Jobs) als u alle afdruktaken in de lijst tijdelijk wilt stoppen.
Als evenwijdige lijnen niet correct worden afgedrukt of als u niet tevreden bent over de
afdrukresultaten, moet u de positie van de printkop aanpassen.
Raadpleeg De printkop uitlijnen .
Naar boven
Pagina 38 van 710 pagina's
Problemen oplossen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding
nl
ow
D
Overige functies
Inhoud > Overige functies
m
fro
In dit gedeelte maakt u kennis met de functie waarmee u foto's kunt afdrukken vanaf een PictBridgecompatibel apparaat zoals een digitale camera die is aangesloten via een USB-kabel (alleen MP270
series).
In dit gedeelte maakt u ook kennis met nuttige softwaretoepassingen die u kunt gebruiken met uw
Foto's rechtstreeks afdrukken vanaf een PictBridge-compatibel apparaat (alleen
MP270 series)
Nuttige softwaretoepassingen
Solution Menu
My Printer
Easy-WebPrint EX
Naar boven
e
.b
re
apparaat.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Overige functies
Problemen oplossen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding
nl
ow
D
Foto's rechtstreeks afdrukken vanaf een PictBridge-compatibel apparaat (... Pagina 39 van 710 pagina's
Inhoud > Overige functies > Foto's rechtstreeks afdrukken vanaf een PictBridge-compatibel apparaat (alleen MP270
m
fro
series)
w
Elk PictBridge-compatibel apparaat kan op dit apparaat worden aangesloten. De fabrikant en het model
zijn niet van belang, zolang het compatibel is met de PictBridge-standaard.
Opmerking
PictBridge is de standaard voor het rechtstreeks afdrukken van uw foto's zonder daarbij een
computer te gebruiken. U kunt bijvoorbeeld een digitale camera, camcorder of mobiele telefoon met
camera aansluiten.
(PictBridge) Apparaten die compatibel zijn met PictBridge, kunt u herkennen aan deze
markering.
Indeling afdrukbare beeldgegevens:
Dit apparaat accepteert PNG-bestanden en afbeeldingen* die zijn gemaakt met een digitale camera die
voldoet aan het Design rule for Camera File system.
* Compatibel met Exif 2.2/2.21
Naar boven
e
.b
Apparaten die u kunt aansluiten:
re
U kunt een PictBridge-compatibel apparaat op dit apparaat aansluiten met een USB-kabel die is
aanbevolen door de fabrikant van het apparaat en opgeslagen foto's rechtstreeks afdrukken.
Voor meer informatie over het afdrukken van opgeslagen foto's via de aansluiting op het PictBridgecompatibele apparaat raadpleegt u de online handleiding: Uitgebreide Handleiding .
Raadpleeg de instructiehandleiding die bij het apparaat is geleverd voor meer informatie over de
afdrukinstellingen op het PictBridge-compatibele apparaat.
or
nb
de
an
.v
w
w
Foto's rechtstreeks afdrukken vanaf een PictBridgecompatibel apparaat (alleen MP270 series)
Pagina 40 van 710 pagina's
Problemen oplossen
Inhoud > Overige functies > Nuttige softwaretoepassingen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding
nl
ow
D
Nuttige softwaretoepassingen
Klik hier: Solution Menu
Klik op
(Solution Menu) in het Dock.
* De onderstaande schermen zijn voor Windows Vista.
Klik op de knop van een functie om deze te gebruiken.
Klik na het starten van Solution Menu op de knop op de titelbalk om het vensterformaat te verkleinen.
Opmerking
Installeer Solution Menu vanaf de installatie-cd-rom (Setup CD-ROM) als de software nog niet is
geïnstalleerd of is verwijderd. Als u Solution Menu wilt installeren, selecteert u Solution Menu in
Aangepaste installatie (Custom Install).
De knoppen die worden weergegeven op het scherm kunnen verschillen, afhankelijk van het land
of de regio van aankoop.
Als u Solution Menu wilt starten via het menu Start, selecteert u Alle programma's (All Programs) (of
Programma's (Programs)), Canon Utilities, Solution Menu en vervolgens Solution Menu.
Als u Solution Menu wilt starten vanaf de menubalk, selecteert u het menu Ga (Go), Programma's
(Applications), Canon Utilities, Solution Menu en dubbelklikt u op Solution Menu.
My Printer
Met My Printer kunt u het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma weergeven. Daarnaast
wordt informatie geboden over handelingen die u kunt uitvoeren wanneer u problemen hebt met de
werking.
e
.b
(Solution Menu).
re
Dubbelklik op het bureaublad op
or
nb
de
an
.v
w
Met Solution Menu kunt u de softwaretoepassingen openen die met het apparaat zijn meegeleverd, of de
bedieningsinstructies weergeven.
w
Solution Menu
w
Het apparaat kan worden gebruikt met nuttige softwaretoepassingen zoals Solution Menu, My Printer en
Easy-WebPrint EX.
m
fro
Nuttige softwaretoepassingen
Pagina 41 van 710 pagina's
My Printer is niet beschikbaar voor Macintosh-computers.
nl
ow
D
Nuttige softwaretoepassingen
d
de
oa
(My Printer).
m
fro
Dubbelklik op het bureaublad op
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Opmerking
U kunt My Printer ook starten vanuit Solution Menu of de taakbalk.
Installeer My Printer vanaf de installatie-cd-rom (Setup CD-ROM) als de software nog niet is
geïnstalleerd of is verwijderd. Als u My Printer wilt installeren, selecteert u My Printer in
Aangepaste installatie (Custom Install).
Als u My Printer wilt starten via het menu Start, selecteert u Alle programma's (All Programs) (of
Programma's (Programs)), Canon Utilities, My Printer en vervolgens My Printer.
Easy-WebPrint EX
Met Easy-WebPrint EX kunt u snel en eenvoudig internetpagina's afdrukken in Internet Explorer. U kunt
bij het afdrukken van internetpagina's automatisch het formaat aanpassen zodat de pagina's op de
breedte van het papier passen zonder dat de randen af worden gekapt, of een voorbeeldweergave
bekijken en de gewenste pagina's afdrukken.
Easy-WebPrint EX is niet beschikbaar in Windows 2000 en Macintosh.
Belangrijk
Het is onwettig om auteursrechtelijk beschermd werk van anderen te reproduceren of te bewerken
zonder toestemming van de houder van het auteursrecht, behalve voor persoonlijk gebruik, gebruik
binnenshuis of ander gebruik binnen het beperkte bereik dat wordt gespecificeerd in het
auteursrecht. Daarnaast kan het reproduceren of bewerken van foto's van mensen inbreuk maken
op het portretrecht.
Wanneer Easy-WebPrint EX is geïnstalleerd, wordt een taakbalk toegevoegd aan Internet Explorer. De
taakbalk is beschikbaar wanneer Internet Explorer is geopend.
Met de fragmentfunctie kunt u bijvoorbeeld fragmenten maken van bepaalde delen van internetpagina's
en deze bewerken om af te drukken.
Pagina 42 van 710 pagina's
nl
ow
D
Nuttige softwaretoepassingen
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Klik voor meer informatie over het afdrukken van internetpagina's op
(Help) voor de online Help.
Opmerking
Opmerkingen bij de installatie van Easy-WebPrint EX
Als Easy-WebPrint EX niet is geïnstalleerd, worden de richtlijnen voor de installatie van EasyWebPrint EX mogelijk weergegeven van de taakbalk op het bureaublad.
Klik om Easy-WebPrint EX te installeren op de weergegeven richtlijnen en volg de instructies op het
scherm.
U kunt Easy-WebPrint EX ook installeren vanaf de installatie-cd-rom (Setup CD-ROM) .
Selecteer Easy-WebPrint EX bij Aangepaste installatie (Custom Install) om Easy-WebPrint EX te
installeren.
Voor de installatie van Easy-WebPrint EX op uw computer is Internet Explorer 7 of hoger vereist en
moet de computer zijn aangesloten op internet.
Naar boven
Pagina 43 van 710 pagina's
Inhoud > Papier/originelen plaatsen
Problemen oplossen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding
nl
ow
D
Papier/originelen plaatsen
m
fro
In dit gedeelte wordt beschreven welke soorten papier of originelen u kunt plaatsen, hoe u afdrukpapier
in de achterste lade plaatst en hoe u originelen plaatst om te kopiëren of te scannen.
Papier plaatsen
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Papier/originelen plaatsen
e
.b
Gewoon papier/fotopapier plaatsen
Enveloppen plaatsen
Mediumtypen die u kunt gebruiken
Mediumtypen die u niet kunt gebruiken
Originelen plaatsen
Originelen plaatsen
Originelen die u kunt plaatsen
Naar boven
Pagina 44 van 710 pagina's
Problemen oplossen
Inhoud > Papier/originelen plaatsen > Papier plaatsen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding
nl
ow
D
Papier plaatsen
1.
Bereid het papier voor.
Lijn de randen van het papier uit. Als de randen van het papier zijn omgekruld, maakt u deze plat.
Opmerking
Lijn de randen van het papier netjes uit voordat u het papier plaatst. Als u dit niet doet, kan het
papier vastlopen.
Als het papier gekruld is, buigt u de gekrulde hoeken in de tegenovergestelde richting naar
elkaar toe totdat het papier plat is.
Meer informatie over hoe u gekruld papier plat maakt, kunt u vinden in het gedeelte ' Problemen
oplossen' in de online handleiding: Uitgebreide Handleiding .
2.
Plaats papier.
(1) Open de papiersteun, til deze omhoog en duw deze naar achteren.
(2) Open de papieruitvoerlade voorzichtig en trek de verlenging van de uitvoerlade
uit.
e
.b
Wij raden aan om origineel fotopapier van Canon te gebruiken voor het afdrukken van foto's.
Raadpleeg Mediumtypen die u kunt gebruiken voor meer informatie over papier van het merk Canon.
U kunt normaal kopieerpapier gebruiken.
Raadpleeg Mediumtypen die u kunt gebruiken voor het paginaformaat en het papiergewicht dat u
kunt gebruiken voor dit apparaat.
re
Opmerking
or
nb
de
an
.v
w
Belangrijk
Als u gewoon papier verkleint tot 10x15 cm, 101,6x203,2 mm, 13x18 cm of 55,0x91,0 mm
(kaartformaat) voor een proefafdruk, kan het papier vastlopen.
w
Gewoon papier/fotopapier plaatsen
w
Gewoon papier/fotopapier plaatsen
Enveloppen plaatsen
Mediumtypen die u kunt gebruiken
Mediumtypen die u niet kunt gebruiken
m
fro
Papier plaatsen
Pagina 45 van 710 pagina's
nl
ow
D
Papier plaatsen
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
(3) Schuif de papiergeleiders (A) open en plaats het papier in het midden van de
achterste lade MET DE AFDRUKZIJDE NAAR U TOE GERICHT.
Belangrijk
Plaats het papier altijd in de lengterichting (B). Wanneer u het papier in de breedterichting
plaatst (C), kan het papier vastlopen.
(4) Schuif de papiergeleiders (A) tegen de zijkanten van de papierstapel aan.
Schuif de papiergeleiders niet te hard. Dan wordt het papier misschien niet goed ingevoerd.
Opmerking
d
de
oa
Plaats het papier niet hoger dan de limietmarkering (D).
Pagina 46 van 710 pagina's
nl
ow
D
Papier plaatsen
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Opmerking
Het apparaat kan geluid maken bij het invoeren van het papier.
Na het plaatsen van papier
Selecteer bij het kopiëren het papierformaat en de papiersoort die u in de printer hebt geplaatst
met het bedieningspaneel op het apparaat.
zie Kopiëren .
Wanneer u afdrukt met een computer, selecteert u het formaat en type van het geplaatste
papier in Papierformaat printer (Printer Paper Size) (of Papierformaat (Paper Size)) en
Mediumtype (Media Type) in het printerstuurprogramma.
Zie Documenten afdrukken (Windows) of Documenten afdrukken (Macintosh) .
Naar boven
Pagina 47 van 710 pagina's
Problemen oplossen
Inhoud > Papier/originelen plaatsen > Papier plaatsen > Enveloppen plaatsen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding
nl
ow
D
Enveloppen plaatsen
Als de enveloppen gekruld zijn, houdt u de tegenoverliggende hoeken vast en
buigt u deze voorzichtig in de tegengestelde richting.
Als de klep van de envelop is gevouwen, maakt u deze plat.
Gebruik een pen om de bovenrand van de envelop in de invoerrichting plat te
strijken en de vouw scherper te maken.
Hierboven ziet u een zijaanzicht van de bovenrand van de envelop.
Belangrijk
De enveloppen kunnen vastlopen in het apparaat als ze niet plat zijn of als de hoeken niet zijn
uitgelijnd. Zorg ervoor dat het papier niet meer dan 3 mm is opgekruld of opgebold.
e
.b
Bereid enveloppen voor.
Druk de hoeken en randen van de enveloppen omlaag om deze zo plat mogelijk
te maken.
re
1.
or
nb
de
an
.v
w
Opmerking
In Windows wordt een bericht weergegeven over het plaatsen van enveloppen als u op
enveloppen gaat afdrukken. Dit bericht wordt niet meer weergegeven als u het selectievakje Dit
bericht niet meer weergeven. (Do not show this message again.) inschakelt.
w
Belangrijk
U kunt alleen met een computer afdrukken op enveloppen.
De volgende enveloppen kunt u niet gebruiken.
- Enveloppen met een reliëf of een behandeld oppervlak
- Enveloppen met een dubbele (of zelfklevende) klep
- Enveloppen waarvan de lijmkleppen al vochtig zijn gemaakt en plakken
w
U kunt afdrukken op Europees DL en US Comm. Env. enveloppen nr. 10.
Het adres wordt automatisch geroteerd en afgedrukt aan de hand van de richting van de envelop, zoals
opgegeven in het printerstuurprogramma.
m
fro
Enveloppen plaatsen
Plaats enveloppen.
(1) Open de papiersteun.
m
fro
Til de papiersteun niet omhoog.
d
de
oa
2.
Pagina 48 van 710 pagina's
nl
ow
D
Enveloppen plaatsen
De gevouwen klep van de envelop bevindt zich naar beneden gericht aan de linkerzijde.
Er kunnen maximaal 10 enveloppen tegelijk worden geplaatst.
(4) Schuif de papiergeleiders (A) tegen de zijkanten van de enveloppen aan.
Schuif de papiergeleiders niet te hard. Dan worden de enveloppen misschien niet goed ingevoerd.
(B) Achterzijde
(C) Adreszijde
3.
Geef de instellingen op in het printerstuurprogramma.
(1) Selecteer Envelop (Envelope) bij Veelgebruikte instellingen (Commonly Used
Settings) op het tabblad Snel instellen (Quick Setup).
(2) Selecteer DL Env. of Comm. Env. #10 in het venster Envelopformaat instellen
(Envelope Size Setting).
(3) Selecteer Liggend (Landscape) in Afdrukstand (Orientation).
e
.b
(3) Schuif de papiergeleiders (A) open en plaats de enveloppen in het midden van
de achterste lade MET DE ADRESZIJDE NAAR U TOE GERICHT.
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
(2) Open de papieruitvoerlade voorzichtig en trek de verlenging van de uitvoerlade
uit.
(1) Selecteer Envelop (Envelope) bij Mediumtype (Media Type).
d
de
oa
fro
(2) Selecteer DL-envelop (DL Envelope) of #10-envelop (#10 Envelope) in
Papierformaat (Paper Size).
Pagina 49 van 710 pagina's
nl
ow
D
Enveloppen plaatsen
m
(3) Selecteer de afdrukstand Liggend in Afdrukstand (Orientation).
w
or
nb
de
an
.v
w
w
Belangrijk
Als u het envelopformaat of de afdrukstand niet correct opgeeft, wordt het adres
ondersteboven of 90 graden gedraaid afgedrukt.
e
.b
re
Opmerking
Het apparaat kan geluid maken bij het invoeren van enveloppen.
Als het afdrukresultaat ondersteboven is in Windows, opent u het printerstuurprogramma.
Selecteer Envelop (Envelope) in Veelgebruikte instellingen (Commonly Used Settings),
selecteer vervolgens het selectievakje 180 graden roteren (Rotate 180 degrees) onder Extra
functies (Additional Features).
Zie Documenten afdrukken (Windows) of Documenten afdrukken (Macintosh) voor meer
informatie over de instellingen van het printerstuurprogramma.
Naar boven
Pagina 50 van 710 pagina's
Problemen oplossen
Inhoud > Papier/originelen plaatsen > Papier plaatsen > Mediumtypen die u kunt gebruiken
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding
nl
ow
D
Mediumtypen die u kunt gebruiken
m
fro
e
.b
re
Mediumtypen
Verkrijgbare papiersoorten
Naam van papier
<Modelnummer>*1
Gewoon papier
Maximaal aantal
vellen van de
achterste lade
Maximale
belasting
uitvoerlade
Instellingen van het
printerstuurprogramma:
Mediumtype (Media Type)
Ongeveer 100 vel
Ongeveer 50 vel
Gewoon papier (Plain Paper)
10 enveloppen
*4
Envelop (Envelope)
*2 *3
(Gerecycled
papier)
Enveloppen
Papier van het merk Canon
Naam van papier
<Modelnummer> *1
Maximale
belasting
uitvoerlade
Maximaal aantal
vellen van de
achterste lade
Instellingen van het
printerstuurprogramma:
Mediumtype (Media Type)
Voor het afdrukken van foto's:
Professioneel Foto
Platinum
<PR-101>*5
Professioneel
Fotopapier II
or
nb
de
an
.v
w
Kies voor het beste afdrukresultaat papier dat geschikt is om op af te drukken. Canon levert diverse
papiersoorten waarmee u het plezier van het afdrukken kunt verhogen, zoals stickers, en papiersoorten
voor foto's of documenten. Het verdient aanbeveling uw belangrijke foto's af te drukken op papier van het
merk Canon.
w
w
Mediumtypen die u kunt gebruiken
A4, Letter, 5 inch x 7
inch/13 x 18 cm en 8
inch x 10 inch/20 x
25 cm: 10 vel
4 x 6 inch / 10 x 15
cm: 20 vel
*4
Professioneel Foto Platinum (Photo
Paper Pro Platinum)
Professioneel Fotopapier II (Photo
Paper Pro II)
<PR-201>*5
Foto Glans Papier 'voor
frequent gebruik'
Foto Glans Papier (Glossy Photo
Paper)
<GP-501>*3 *5
Glossy Foto Papier
<GP-502>*3 *5
Glossy Foto Papier
Extra II
Foto Glans Papier (Glossy Photo
Paper)
Glossy Foto Papier Extra II (Photo
Paper Plus Glossy II)
<PP- 201>*3 *5
Photo Paper Plus
Halfglans
Photo Paper Plus Halfglans (Photo
Paper Plus Semi-gloss)
<SG-201>*3 *5
Matglans Foto Papier
<MP-101>
Voor het afdrukken van zakelijke documenten:
Matglans Foto Papier (Matte Photo
Paper)
Pagina 51 van 710 pagina's
nl
ow
D
Mediumtypen die u kunt gebruiken
d
de
oa
80 vel
High Resolution Paper
*4
T-Shirt Transfers
m
50 vel
fro
High Resolution Paper
<HR-101N>
w
w
Fotostickers
<PS-101> *6
Foto Glans Papier (Glossy Photo
Paper)
*1 Papier met een modelnummer is papier van het merk Canon. Raadpleeg de instructiehandleiding bij
het papier voor gedetailleerde informatie over de bedrukbare zijde en notities over de behandeling van
papier. Bezoek onze website voor informatie over de papierformaten die voor de verschillende
papiersoorten van het merk Canon beschikbaar zijn. In sommige landen of regio's is bepaald papier van
Canon mogelijk niet beschikbaar. In de Verenigde Staten wordt papier niet op modelnummer verkocht.
In dat geval koopt u het papier op naam.
*2 Het correct invoeren van papier verloopt wellicht niet goed bij de maximumcapaciteit, afhankelijk van
de papiersoort of de omgevingsomstandigheden (zeer hoge of lage temperaturen of luchtvochtigheid).
Plaats in dergelijke gevallen per keer niet meer dan ongeveer de helft van de maximumcapaciteit (u kunt
100% gerecycled papier gebruiken).
*3 Papier dat kan worden gebruikt om te kopiëren wanneer het mediumtype wordt geselecteerd met de
knop Papier (Paper) op het bedieningspaneel. U kunt alleen gewoon papier van A4- of Letter-formaat,
fotopapier van A4- of Letter-formaat en fotopapier van 4 x 6 inch/10 x 15 cm selecteren.
*4 Wij adviseren u het vorige afgedrukte vel uit de papieruitvoerlade te verwijderen voordat u verder gaat
met afdrukken om vlekken en verkleuringen te voorkomen.
*5 Wanneer u papier in stapels plaatst, kan de afdrukzijde bij het invoeren worden gemarkeerd of wordt
het papier mogelijk niet goed ingevoerd. Plaats in dat geval maar één vel tegelijk.
*6 Het opgeven van afdrukinstellingen voor stickervellen is heel eenvoudig met het programma Easy-
PhotoPrint EX dat u vindt op de installatie-cd-rom (Setup CD-ROM) . Installeer het programma op uw
computer.
Opmerking
Voor meer informatie over het paginaformaat en het mediumtype wanneer u afdrukt vanaf een
PictBridge-compatibel apparaat, raadpleegt u de online handleiding: Uitgebreide Handleiding (alleen
MP270 series).
Paginaformaten
U kunt de volgende paginaformaten gebruiken.
Opmerking
In Macintosh zijn Choukei 3 en Choukei 4 niet beschikbaar.
Standaardformaten:
Letter (215,9 x 279,4 mm / 8,5 x 11 inch)
Legal (215,9 x 355,6 mm / 8,5 x 14 inch)
A5 (148,0 x 210,0 mm / 5,83 x 8,27 inch)
A4 (210,0 x 297,0 mm / 8,27 x 11,69 inch)
B5 (182,0 x 257,0 mm / 7,17 x 10,12 inch)
4" x 6" (10 x 15 cm / 4,00 x 6,00 inch)
e
.b
1 vel
<TR-301>
re
T-Shirt Transfers
or
nb
de
an
.v
w
Voor het maken van uw eigen afdrukken:
Pagina 52 van 710 pagina's
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
4" x 8" (101,6 x 203,2 mm / 4,00 x 8,00 inch)
5" x 7" (13 x 18 cm / 5,00 x 7,00 inch)
8" x 10" (20 x 25 cm / 8,00 x 10,00 inch)
L (89,0 x 127,0 mm / 3,50 x 5,00 inch)
2L (127,0 x 178,0 mm / 5,00 x 7,01 inch)
Hagaki (100,0 x 148,0 mm / 3,94 x 5,83 inch)
Hagaki 2 (200,0 x 148,0 mm / 7,87 x 5,83 inch)
Comm. Env. #10 (104,6 x 241,3 mm / 4,12 x 9,50 inch)
DL Env. (110,0 x 220,0 mm / 4,33 x 8,66 inch)
Choukei 3 (120,0 x 235,0 mm / 4,72 x 9,25 inch)
Choukei 4 (90,0 x 205,0 mm / 3,54 x 8,07 inch)
Youkei 4 (105,0 x 235,0 mm / 4,13 x 9,25 inch)
Youkei 6 (98,0 x 190,0 mm / 3,86 x 7,48 inch)
Kaart (55,0 x 91,0 mm / 2,16 x 3,58 inch)
Breed (101,6 x 180,6 mm / 4,00 x 7,10 inch)
nl
ow
D
Mediumtypen die u kunt gebruiken
Afwijkende formaten:
U kunt ook een aangepast formaat opgeven binnen het volgende bereik.
Minimumformaat:
55,0 x 91,0 mm
Maximumformaat:
215,9 x 676,0 mm
Papiergewicht
64 tot 105 g/m 2 (behalve Canon-papier)
Gebruik geen zwaarder of lichter papier dan dit (met uitzondering van papier van het merk Canon),
anders kan het papier in de printer vast komen te zitten.
Opmerkingen over het opslaan van papier
Neem alleen het benodigde aantal vellen papier uit de verpakking, vlak voordat u gaat afdrukken.
Wanneer u niet afdrukt, verwijdert u niet-gebruikt papier uit de achterste lade, stopt u dat terug in het
pak en legt u het ergens vlak neer om te voorkomen dat het gaat omkrullen. Vermijd bij het opslaan
bovendien hitte, vochtigheid en rechtstreeks zonlicht.
Opmerkingen over papier voor afdrukken zonder marges
Afdrukken zonder marges op de volledige pagina is niet mogelijk op enveloppen en papier van het
formaat Legal, A5 of B5.
Zonder marges afdrukken op gewoon papier is alleen mogelijk wanneer u afdrukt vanaf een
computer. Dit kan echter leiden tot een lagere afdrukkwaliteit. Wij raden aan om gewoon papier te
gebruiken voor een proefafdruk.
Naar boven
Pagina 53 van 710 pagina's
Inhoud > Papier/originelen plaatsen > Papier plaatsen > Mediumtypen die u niet kunt gebruiken
Problemen oplossen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding
nl
ow
D
Mediumtypen die u niet kunt gebruiken
m
fro
e
.b
Naar boven
re
Papier dat te dik is (dat meer weegt dan 105 g/m 2, behalve Canon-papier)
Papier dat dunner is dan een briefkaart, inclusief gewoon papier of papier van een notitieblok dat
kleiner is gemaakt (wanneer u afdrukt op papier dat kleiner is dan A5)
Briefkaarten
Kaarten waarop foto's of stickers zijn geplakt
Enveloppen met een dubbele (of zelfklevende) klep
Enveloppen met een reliëf of een behandeld oppervlak
Enveloppen waarvan de lijmkleppen al vochtig zijn gemaakt en plakken
Willekeurig papier met gaatjes
Papier dat niet rechthoekig is
Papier dat is ingebonden met nietjes of lijm
Voorgelijmd papier
Papier versierd met glitters, enzovoort
or
nb
de
an
.v
w
De onderstaande soorten papier mogen niet worden gebruikt. Het gebruik van dergelijke papiersoorten
levert niet alleen een onbevredigend resultaat op, maar kan ook leiden tot vastlopen of slecht
functioneren van het apparaat.
Gevouwen, gekruld of gekreukt papier
Vochtig papier
Papier dat te dun is (dat minder weegt dan 64 g/m 2)
w
w
Mediumtypen die u niet kunt gebruiken
Pagina 54 van 710 pagina's
Problemen oplossen
Inhoud > Papier/originelen plaatsen > Originelen plaatsen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding
nl
ow
D
Originelen plaatsen
m
fro
Originelen plaatsen
Originelen die u kunt plaatsen
Originelen plaatsen
e
.b
Belangrijk
Let erop dat u de documentklep sluit nadat u het origineel hebt geplaatst, voordat u begint met
kopiëren of scannen.
Wanneer u met een softwaretoepassing scant vanaf een computer, moet u het origineel op een
andere manier plaatsen.
Raadpleeg voor meer informatie online handleiding: Uitgebreide Handleiding .
1.
Plaats een origineel op de glasplaat.
(1) Open de documentklep.
Belangrijk
Leg geen voorwerpen op de documentklep. Deze kunnen in de achterste lade vallen als de
documentklep wordt geopend en ervoor zorgen dat het apparaat niet meer naar behoren
werkt.
(2) Plaats een origineel MET DE TE KOPIËREN OF TE SCANNEN ZIJDE NAAR
BENEDEN op de glasplaat.
Lijn de hoek van het origineel uit met de positiemarkering
re
Plaats originelen die u wilt kopiëren of scannen op de glasplaat.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Originelen plaatsen
.
Belangrijk
Plaats geen voorwerpen die zwaarder zijn dan 2,0 kg op de glasplaat.
Druk niet te hard op het origineel en leg er niets op dat zwaarder is dan 2,0 kg. Als u dit wel
doet, kan er een storing optreden in de scanner of kan de glasplaat breken.
Het grijze gedeelte (A) (1 mm van de randen van de glasplaat) kan niet worden gescand.
Pagina 55 van 710 pagina's
nl
ow
D
Originelen plaatsen
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
2.
Sluit de documentklep voorzichtig.
Naar boven
Pagina 56 van 710 pagina's
Problemen oplossen
Inhoud > Papier/originelen plaatsen > Originelen plaatsen > Originelen die u kunt plaatsen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding
nl
ow
D
Originelen die u kunt plaatsen
m
fro
w
w
Originelen die u kunt plaatsen
Typen originelen:
or
nb
de
an
.v
w
U kunt de volgende originelen kopiëren of scannen.
Tekstdocumenten, tijdschriften of kranten
Afgedrukte foto, ansichtkaart, visitekaartje of dvd/cd
re
Maximaal 216 x 297 mm/8,5 x 11,7 inch
e
.b
Formaat (B x L):
Opmerking
Bij het plaatsen van een dik origineel zoals een boek kunt u de documentklep van het apparaat
verwijderen.
Meer informatie over hoe de documentklep verwijdert of bevestigt, kunt u vinden in de online
handleiding: Uitgebreide Handleiding .
Naar boven
Pagina 57 van 710 pagina's
Inhoud > Routineonderhoud
Problemen oplossen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding
nl
ow
D
Routineonderhoud
m
fro
In dit gedeelte wordt beschreven hoe u het apparaat kunt reinigen als het afdrukresultaat vaag is, hoe u
FINE-inktpatronen kunt vervangen als ze op raken en wat u moet doen als het papier niet correct wordt
ingevoerd.
e
.b
re
Vage afdrukken of onjuiste kleuren
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Routineonderhoud
Controleraster voor de spuitopeningen afdrukken
Controleraster voor de spuitopeningen bekijken
De printkop reinigen
Een diepte-reiniging van de printkop uitvoeren
De printkop uitlijnen
Een FINE-inktpatroon vervangen
Vervangingsprocedure
De inktstatus controleren
Het apparaat reinigen
De papierinvoerrol reinigen
Het binnenste van het apparaat reinigen (reiniging onderste plaat)
De uitstekende delen binnen in het apparaat reinigen
Naar boven
Pagina 58 van 710 pagina's
Problemen oplossen
Inhoud > Routineonderhoud > Vage afdrukken of onjuiste kleuren
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding
nl
ow
D
Vage afdrukken of onjuiste kleuren
m
fro
e
.b
re
Belangrijk
Spoel FINE-inktpatronen niet af en veeg ze niet schoon. Dit kan problemen met de FINE-inktpatronen
veroorzaken.
Opmerking
Voordat u onderhoud verricht
Controleer of er nog inkt in de FINE-inktpatroon zit.
Raadpleeg De inktstatus controleren .
Controleer of de FINE-inktpatronen correct zijn geïnstalleerd.
Zie Vervangingsprocedure .
Controleer of de oranje beschermtape aan de onderzijde van de FINE-inktpatroon is verwijderd.
Zie Vervangingsprocedure .
Als het Alarm -lampje oranje brandt of knippert, raadpleegt u het gedeelte ' Problemen oplossen' in
de online handleiding: Uitgebreide Handleiding .
Stel de afdrukkwaliteit hoger in via de instellingen van het printerstuurprogramma. Hierdoor kunnen
de afdrukresultaten verbeteren.
Raadpleeg voor meer informatie online handleiding: Uitgebreide Handleiding .
Onduidelijke of ongelijkmatige afdrukresultaten:
Stap 1
Raadpleeg Controleraster voor de spuitopeningen
afdrukken.
Raadpleeg Controleraster voor de spuitopeningen
bekijken .
Als er lijnen ontbreken of er horizontale witte strepen
voorkomen in dit raster:
Stap 2
Raadpleeg De printkop reinigen .
Als het probleem niet is opgelost nadat u de printkop
tweemaal hebt gereinigd:
Stap 3
Raadpleeg Een diepte-reiniging van de printkop uitvoeren .
Als het probleem niet is opgelost, schakelt u het apparaat
uit en voert u de diepte-reiniging van de printkop 24 uur
later nogmaals uit.
Als het probleem hiermee nog steeds niet is verholpen:
Stap 4
or
nb
de
an
.v
w
Als de afdrukresultaten onduidelijk zijn of de kleuren niet correct worden afgedrukt, zijn de
spuitopeningen van de printkop (FINE-inktpatronen) waarschijnlijk verstopt. Voer de onderstaande
procedure uit om het controleraster voor de spuitopeningen af te drukken, de conditie van de
spuitopeningen van de printkop te controleren en vervolgens de printkop te reinigen.
Als evenwijdige lijnen niet correct worden afgedrukt of als u niet tevreden bent over de afdrukresultaten,
kan de afdrukkwaliteit mogelijk worden verbeterd door de printkop uit te lijnen.
w
w
Vage afdrukken of onjuiste kleuren
Druk na het reinigen van de
printkop het controleraster voor
spuitopeningen af en controleer dit.
Raadpleeg Een FINE-inktpatroon vervangen .
Pagina 59 van 710 pagina's
nl
ow
D
Vage afdrukken of onjuiste kleuren
d
de
oa
m
fro
Opmerking
Als de afdrukresultaten niet gelijkmatig zijn (de evenwijdige lijnen
zijn bijvoorbeeld niet correct afgedrukt):
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Als het probleem nog steeds niet is verholpen na het vervangen van de FINE-inktpatroon, neemt u
contact op met het ondersteuningscentrum.
Raadpleeg De printkop uitlijnen .
Opmerking
U kunt het onderhoud ook vanaf uw computer uitvoeren.
Raadpleeg voor meer informatie online handleiding: Uitgebreide Handleiding .
Naar boven
Problemen oplossen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding
Pagina 60 van 710 pagina's
nl
ow
D
Controleraster voor de spuitopeningen afdrukken
Inhoud > Routineonderhoud > Vage afdrukken of onjuiste kleuren > Controleraster voor de spuitopeningen afdrukken
m
fro
w
w
Controleraster voor de spuitopeningen afdrukken
or
nb
de
an
.v
w
Druk het controleraster voor spuitopeningen af om te bepalen of de inkt op de juiste wijze uit de
spuitopeningen van de printkop wordt gespoten.
Opmerking
e
.b
re
Als de inkt bijna op is, wordt het controleraster niet goed afgedrukt. Vervang de FINE-inktpatroon
die bijna leeg is.
Raadpleeg Een FINE-inktpatroon vervangen .
U moet het volgende voorbereiden: een vel gewoon papier van A4- of Letterformaat
1.
Controleer of het apparaat aan staat.
2.
Plaats een vel gewoon papier van A4- of Letter-formaat in de achterste lade.
3.
Open de papieruitvoerlade voorzichtig en trek de verlenging van de uitvoerlade uit.
4.
Druk het controleraster voor de spuitopeningen af.
(1) Druk herhaaldelijk op de knop
(Onderhoud) totdat A wordt weergegeven.
(2) Druk op de knop Zwart (Black) of Kleur (Color) .
Het controleraster voor de spuitopening wordt afgedrukt.
5.
Bekijk het controleraster voor de spuitopeningen.
Raadpleeg Controleraster voor de spuitopeningen bekijken .
Naar boven
Problemen oplossen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding
Pagina 61 van 710 pagina's
nl
ow
D
Controleraster voor de spuitopeningen bekijken
Inhoud > Routineonderhoud > Vage afdrukken of onjuiste kleuren > Controleraster voor de spuitopeningen bekijken
m
fro
w
w
Controleraster voor de spuitopeningen bekijken
1.
or
nb
de
an
.v
w
Bekijk het controleraster voor de spuitopeningen en reinig zo nodig de printkop.
e
.b
re
Controleer het raster (1) op ontbrekende lijnen en (2) de aanwezigheid van
horizontale witte strepen.
(1) Kijk of er lijnen ontbreken in dit raster.
Als dat het geval is, is een reiniging noodzakelijk.
Raadpleeg De printkop reinigen .
(A) Goed
(B) Niet goed (er ontbreken lijnen)
(2) Kijk of er horizontale witte strepen aanwezig zijn in dit raster.
Als dat het geval is, is een reiniging noodzakelijk.
Raadpleeg De printkop reinigen .
(A) Goed
(B) Niet goed (horizontale witte strepen aanwezig)
Naar boven
Pagina 62 van 710 pagina's
Problemen oplossen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding
nl
ow
D
De printkop reinigen
Inhoud > Routineonderhoud > Vage afdrukken of onjuiste kleuren > De printkop reinigen
m
fro
1.
Controleer of het apparaat aan staat.
2.
Reinig de printkop.
(1) Druk herhaaldelijk op de knop
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
De printkop moet worden gereinigd als er in het afgedrukte controleraster voor de spuitopeningen lijnen
ontbreken of horizontale witte strepen worden weergegeven. Door een reiniging uit te voeren worden de
spuitopeningen vrij gemaakt en de toestand van de printkop hersteld. Bij het reinigen van de printkop
wordt inkt verbruikt. Reinig de printkop daarom alleen als het echt nodig is.
w
w
De printkop reinigen
(Onderhoud) totdat H wordt weergegeven.
(2) Druk op de knop Zwart (Black) of Kleur (Color) .
De reiniging van de printkop wordt gestart.
Voer geen andere handelingen uit tot het apparaat klaar is met het reinigen van de printkop. Dit duurt 1 tot 2
minuten.
3.
Controleer de conditie van de printkop.
Als de reiniging is voltooid, wordt in de LED-display de stand-bymodus voor kopiëren weergegeven.
Als u de conditie van de printkop wilt controleren, drukt u het controleraster voor de spuitopeningen af.
Raadpleeg Controleraster voor de spuitopeningen afdrukken .
Opmerking
Als het probleem niet is opgelost nadat u de printkop tweemaal hebt gereinigd, voert u de
diepte-reiniging van de printkop uit.
Raadpleeg Een diepte-reiniging van de printkop uitvoeren .
Naar boven
Pagina 63 van 710 pagina's
Problemen oplossen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding
nl
ow
D
Een diepte-reiniging van de printkop uitvoeren
Inhoud > Routineonderhoud > Vage afdrukken of onjuiste kleuren > Een diepte-reiniging van de printkop uitvoeren
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
Als de afdrukkwaliteit niet is verbeterd door de normale reiniging van de printkop, moet u een dieptereiniging van de printkop uitvoeren. Bij een diepte-reiniging van de printkop wordt meer inkt verbruikt dan
bij een normale reiniging. Het is daarom raadzaam de diepte-reiniging alleen uit te voeren als het echt
nodig is.
w
w
Een diepte-reiniging van de printkop uitvoeren
1.
Controleer of het apparaat aan staat.
2.
Voer de diepte-reiniging van de printkop uit.
(1) Druk herhaaldelijk op de knop
(Onderhoud) totdat y wordt weergegeven.
(2) Druk op de knop Zwart (Black) of Kleur (Color) .
De diepte-reiniging van de printkop wordt gestart.
Voer geen andere handelingen uit tot het apparaat klaar is met de diepte-reiniging van de printkop. Dit duurt
ongeveer 2 minuten.
3.
Controleer de conditie van de printkop.
Als de dieptereiniging is voltooid, wordt in de LED-display de stand-bymodus voor kopiëren weergegeven.
Als u de conditie van de printkop wilt controleren, drukt u het controleraster voor de spuitopeningen af.
Raadpleeg Controleraster voor de spuitopeningen afdrukken .
Als het probleem niet is opgelost, schakelt u het apparaat uit en voert u de diepte-reiniging van de printkop 24 uur
later nogmaals uit.
Als het probleem dan nog niet is opgelost, vervangt u de FINE-inktpatroon door een nieuwe patroon.
Raadpleeg Een FINE-inktpatroon vervangen .
Als het probleem nog steeds niet is verholpen na het vervangen van de FINE-inktpatroon, neemt u contact op met
het ondersteuningscentrum.
Naar boven
Pagina 64 van 710 pagina's
Problemen oplossen
Inhoud > Routineonderhoud > Vage afdrukken of onjuiste kleuren > De printkop uitlijnen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding
nl
ow
D
De printkop uitlijnen
m
fro
Opmerking
* Gebruik papier dat wit en schoon is aan beide kanten.
1.
Controleer of het apparaat aan staat.
2.
Plaats een vel gewoon papier van A4- of Letter-formaat in de achterste lade.
3.
Open de papieruitvoerlade voorzichtig en trek de verlenging van de uitvoerlade uit.
4.
Druk het uitlijningsblad af.
(1) Druk enkele keren op de knop
weergegeven.
(Onderhoud) totdat u (kleine letter 'u') wordt
(2) Druk op de knop Zwart (Black) of Kleur (Color) .
Het uitlijningsblad wordt afgedrukt.
Belangrijk
Raak de afdruk op het uitlijningsblad niet aan.
Voorkom dat het uitlijningsblad vuil wordt. Als het blad vlekken vertoont of gekreukt is,
wordt het mogelijk niet juist gescand.
e
.b
U moet het volgende voorbereiden: een vel gewoon papier van A4- of Letterformaat*
re
Als de inkt bijna op is, wordt het uitlijningsblad niet correct afgedrukt. Vervang de FINE-inktpatroon
die bijna leeg is.
Raadpleeg Een FINE-inktpatroon vervangen .
or
nb
de
an
.v
w
Als de afgedrukte lijnen niet evenwijdig zijn of als u niet tevreden bent over de afdrukresultaten, dient u
de positie van de printkop aan te passen.
w
w
De printkop uitlijnen
Pagina 65 van 710 pagina's
nl
ow
D
De printkop uitlijnen
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
5.
Scan het uitlijningsblad om de positie van de printkop aan te passen.
(1) Plaats het uitlijningsblad voor de printkop op de glasplaat.
Plaats het uitlijningsblad MET DE BEDRUKTE ZIJDE OMLAAG en zorg dat de markering
linkerbovenhoek van het blad is uitgelijnd met de uitlijnmarkering
in de
.
(2) Sluit de documentklep voorzichtig en controleer of U (hoofdletter 'U') wordt
weergegeven op het LED-display en druk vervolgens op de knop Zwart (Black)of
Kleur (Color) .
Het uitlijningsblad wordt gescand en de stand van de printkoppen wordt automatisch aangepast.
Wanneer de stand van de printkoppen is aangepast, keert het LED-display terug naar de stand-bymodus
voor kopiëren. Verwijder het blad van de glasplaat.
Pagina 66 van 710 pagina's
nl
ow
D
De printkop uitlijnen
d
de
oa
m
fro
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Belangrijk
e
.b
re
Open de documentklep of verplaats het uitlijningsblad pas wanneer het aanpassen van de
positie van de printkoppen is voltooid.
Als de stand van de printkoppen niet kon worden aangepast, wordt de foutcode
weergegeven op het LED-display.
Druk op de knop Stoppen/herstellen (Stop/Reset) om de fout op te heffen. Controleer dan
het volgende.
- Of de glasplaat en het uitlijningsblad niet vuil zijn.
- Of het uitlijningsblad in de juiste positie is geplaatst, met de bedrukte zijde naar beneden.
Raadpleeg voor meer informatie het gedeelte 'Problemen oplossen' in de online handleiding:
Uitgebreide Handleiding .
Opmerking
Als u nog steeds niet tevreden bent over de afdrukresultaten nadat de printkoppositie is
aangepast op de hiervoor omschreven wijze, kunt u de printkoppositie aanpassen vanaf de
computer.
Raadpleeg voor meer informatie online handleiding: Uitgebreide Handleiding .
Zorg dat L wordt weergegeven op het LED-display en druk vervolgens op de knop Zwart
(Black) of Kleur (Color) om de huidige instelwaarden van de printkoppen af te drukken en te
controleren.
Naar boven
Pagina 67 van 710 pagina's
Problemen oplossen
Inhoud > Routineonderhoud > Een FINE-inktpatroon vervangen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding
nl
ow
D
Een FINE-inktpatroon vervangen
Werken met FINE-inktpatronen
Raak de elektrische contactpunten (A) of spuitopeningen van de printkop (B) van de FINEinktpatroon niet aan. Als u het toch aanraakt, drukt de printer mogelijk niet goed meer af.
Voor een optimale afdrukkwaliteit raden wij het gebruik aan van originele FINE-inktpatronen van
Canon.
Het opnieuw vullen van de patronen wordt niet aangeraden.
Vervang een FINE-inktpatroon direct nadat u de patroon hebt verwijderd. Laat het apparaat niet
staan zonder FINE-inktpatroon.
Gebruik nieuwe FINE-inktpatronen ter vervanging. De spuitopeningen kunnen verstopt raken als u
gebruikte FINE-inktpatronen plaatst.
Daarnaast weet u met dergelijke patronen niet goed wanneer u de patronen moet vervangen.
Wanneer een FINE-inktpatroon is geplaatst, moet u deze niet uit het apparaat verwijderen of aan de
lucht blootstellen. Hierdoor kan de FINE-inktpatroon uitdrogen, of werkt het apparaat niet meer naar
behoren als de inktpatroon opnieuw wordt geplaatst. Voor een optimale afdrukkwaliteit moet u de
FINE-inktpatroon binnen zes maanden na het eerste gebruik opmaken.
Opmerking
Als de inkt van een FINE-inktpatroon opraakt, kunt u nog een korte tijd afdrukken met de kleuren- of
zwarte-FINE-inktpatroon, afhankelijk van de resterende inkt. De afdrukkwaliteit kan echter lager zijn
in vergelijking met afdrukken met beide patronen. Het is raadzaam nieuwe FINE-inktpatronen te
gebruiken voor een optimale kwaliteit.
Laat de lege FINE-inktpatroon zitten als u gaat afdrukken, zelfs als u slechts één soort inkt gebruikt.
Als de kleuren-FINE-inktpatroon of de zwarte-FINE-inktpatroon ontbreekt, treedt er een fout op en
kan het apparaat niet afdrukken.
Raadpleeg de online handleiding voor informatie over het configureren van deze instelling:
Uitgebreide Handleiding .
Mogelijk wordt toch kleureninkt verbruikt wanneer u een document in zwart-wit afdrukt of wanneer
u hebt aangegeven een zwart-witafdruk te willen maken.
Ook bij reiniging en dieptereiniging van de printkop worden zowel de kleureninkt als de zwarte inkt
verbruikt. Dat nodig is om het apparaat goed te laten werken. Vervang het FINE-inktpatroon direct
door een nieuwe patroon zodra de inkt op is.
e
.b
Belangrijk
re
Volg onderstaande procedure om de FINE-inktpatroon te vervangen als de inkt op is.
or
nb
de
an
.v
w
Vervangingsprocedure
w
Opmerking
Meer informatie over geschikte FINE-inktpatronen kunt u vinden in de gedrukte handleiding: Aan de
Slag-gids .
w
Wanneer de inkt op raakt tijdens het afdrukken, wordt de foutcode 'E, 1, 6' weergegeven op de LEDdisplay. Het Alarm -lampje gaat branden en het Inkt (Ink)-lampje begint te knipperen.
Controleer welke FINE-inktpatroon leeg is en vervang de lege inkttank door een nieuwe.
m
fro
Een FINE-inktpatroon vervangen
Pagina 68 van 710 pagina's
nl
ow
D
Een FINE-inktpatroon vervangen
Zorg dat de printer is ingeschakeld en open de papieruitvoerlade.
2.
Til de scannereenheid (klep) omhoog en houd de klep open met de steun voor de
scannereenheid (C).
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
De FINE-patroonhouder schuift naar de vervangingspositie.
d
de
oa
1.
Let op
Houd de FINE-patroonhouder niet vast om deze te stoppen of te verplaatsen. Raak de FINEpatroonhouder niet aan voordat deze helemaal stilstaat.
Belangrijk
Mogelijk zijn er inktresten achtergebleven in het binnenste van het apparaat. Zorg dat u geen
inkt op uw handen of in uw kleren krijgt als u FINE-inktpatronen vervangt. U kunt de binnenzijde
van de machine gemakkelijk schoonwrijven met bijvoorbeeld een tissue.
Raadpleeg de gedrukte handleiding voor meer informatie over schoonmaken: Aan de Slaggids.
Leg geen voorwerpen op de documentklep. Deze kunnen in de achterste lade vallen als de
documentklep wordt geopend en ervoor zorgen dat het apparaat niet meer naar behoren
werkt.
Als u de scaneenheid (klep) opent, moet de documentklep gesloten blijven.
Raak geen metalen delen of andere delen aan binnen in het apparaat.
Als u de scannereenheid (klep) open laat staan, schuift de FINE-patroonhouder naar rechts. In
dit geval moet u de scaneenheid (klep) sluiten en weer openen.
3.
Verwijder de lege FINE-inktpatroon.
(1) Druk op de lipjes en open het vergrendelingsklepje van de inktpatroon.
(2) Verwijder de FINE-inktpatroon.
Belangrijk
Wees voorzichtig met FINE-inktpatronen om vlekken op kleding en dergelijke te voorkomen.
Pagina 69 van 710 pagina's
nl
ow
D
Een FINE-inktpatroon vervangen
d
de
oa
Houd bij het weggooien van lege FINE-inktpatronen rekening met de plaatselijke regelgeving met
betrekking tot afvalverwerking.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
(1) Neem de nieuwe FINE-inktpatroon uit de verpakking en verwijder de oranje
beschermtape (D) voorzichtig.
w
Bereid de nieuwe FINE-inktpatroon voor.
m
fro
4.
Belangrijk
Als u schudt met een FINE-inktpatroon, kunt u inkt morsen en vlekken op uw handen en
dergelijke krijgen. Ga voorzichtig te werk met FINE-inktpatronen.
Zorg dat er geen vlekken op uw handen en dergelijke komen door de inkt op de verwijderde
beschermtape.
Plaats de beschermtape niet terug nadat u deze hebt verwijderd. Houd bij het weggooien
rekening met de lokale wet- en regelgeving met betrekking tot de afvalverwerking.
Raak de elektrische contactpunten of spuitopeningen van de printkop van de FINE-inktpatroon
niet aan. Als u het toch aanraakt, drukt de printer mogelijk niet goed meer af.
5.
Plaats de FINE-inktpatroon.
(1) Plaats een nieuwe FINE-inktpatroon in de FINE-patroonhouder.
De kleuren-FINE-inktpatroon moet in de linkersleuf en de zwarte-FINE-inktpatroon in de rechtersleuf worden
geplaatst.
(2) Sluit het vergrendelingsklepje van de inktpatroon om de FINE-inktpatroon vast te
klikken.
Duw het vergrendelingsklepje van de inktpatroon naar beneden tot het vastklikt.
(3) Controleer of het vergrendelingsklepje van de inktpatroon correct is gesloten.
Opmerking
Als het vergrendelingsklepje van de inktpatroon niet correct is gesloten, drukt u op het
vergrendelingsklepje tot het vastklikt.
Pagina 70 van 710 pagina's
nl
ow
D
Een FINE-inktpatroon vervangen
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
(E) Correct gesloten
(F) Niet correct gesloten (het klepje staat schuin)
Belangrijk
Het apparaat kan alleen afdrukken maken als zowel de zwarte- als de kleuren-FINE-inktpatroon
is geplaatst. Plaats dus beide FINE-inktpatronen.
6.
Til de scaneenheid (klep) een beetje omhoog en leg de steun van de scaneenheid
terug op zijn oorspronkelijke plaats. Sluit de scaneenheid (klep) voorzichtig.
Let op
Houd de scannereenheid (klep) goed vast wanneer u de steun van de scannereenheid op zijn
oorspronkelijke plaats legt en zorg dat uw vingers niet bekneld raken.
Opmerking
Als het Alarm -lampje oranje brandt of knippert als u de scaneenheid (klep) hebt gesloten,
raadpleegt u het gedeelte " Problemen oplossen" in de online handleiding: Uitgebreide
Handleiding .
Het apparaat reinigt de printkop automatisch zodra u begint met afdrukken nadat u de FINEinktpatroon hebt vervangen. Voer geen andere handelingen uit tot het apparaat klaar is met het
reinigen van de printkop.
Pas de positie van de printkop aan als evenwijdige lijnen niet correct worden afgedrukt of als
de positie van de printkop niet goed is uitgelijnd.
Raadpleeg De printkop uitlijnen .
Naar boven
Pagina 71 van 710 pagina's
Problemen oplossen
Inhoud > Routineonderhoud > Een FINE-inktpatroon vervangen > De inktstatus controleren
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding
nl
ow
D
De inktstatus controleren
(1) Alarm-lampje
(2) Kleureninkt (Color Ink) -lampje
(3) Zwarte inkt (Black Ink) -lampje
Het lampje voor kleureninkt of zwarte inkt brandt
Het inktniveau is laag. U kunt nog een tijdje blijven afdrukken, maar het is raadzaam een
vervangende FINE-inktpatroon bij de hand te houden.
Het lampje voor kleureninkt of zwarte inkt knippert en het alarmlampje
brandt
Als "E, 1, 6" wordt weergegeven in de LED-display, is de inkt op.
Zie het gedeelte ' Problemen oplossen' in de online handleiding: Uitgebreide Handleiding .
Als "E, 1, 3" wordt weergegeven in de LED-display, is de inkt mogelijk op.
Zie het gedeelte ' Problemen oplossen' in de online handleiding: Uitgebreide Handleiding .
Het lampje voor kleureninkt of zwarte inkt knippert, maar het alarmlampje is
uit
De functie voor het detecteren van het resterende inktniveau is uitgeschakeld.
Op het computerscherm
U kunt de inktstatus controleren via de printerstatusmonitor (Windows) of Canon IJ Printer Utility
(Macintosh).
e
.b
Controleer dat de LED-display in de stand-bymodus voor kopiëren staat. U kunt de inktstatus
controleren met de Inkt (Ink)- lampjes.
re
Via de inktlampjes op het bedieningspaneel
or
nb
de
an
.v
w
De inktvoorraaddetector is op het apparaat bevestigd en bepaalt de resterende inktvoorraad. De
voorraad wordt als vol beschouwd wanneer u een nieuwe FINE-inktpatroon hebt geïnstalleerd.
Daarna wordt de resterende inktvoorraad bepaald. Als u een gebruikte FINE-inktpatroon installeert,
is de aangegeven inktvoorraad mogelijk niet correct. In dat geval moet u de informatie over de
inktvoorraad slechts zien als een benadering.
w
Opmerking
w
U kunt de inktstatus controleren via de Inkt (Ink)-lampjes op het bedieningspaneel of op het
computerscherm.
m
fro
De inktstatus controleren
Pagina 72 van 710 pagina's
nl
ow
D
De inktstatus controleren
d
de
oa
m
fro
Opmerking
Tijdens het afdrukken kan er een foutbericht worden weergegeven. Bevestig het bericht en
voer de juiste handelingen uit.
Volg onderstaande procedure om de bevestigingsschermen te openen.
1.
Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma via het
Configuratiescherm (Control Panel).
Zie de online handleiding: Uitgebreide Handleiding .
2.
Klik op Printerstatus weergeven (View Printer Status) op het tabblad Onderhoud
(Maintenance).
Klik op het menu Inktdetails (Ink Details) om de informatie over de FINE-inktpatroon te controleren.
Opmerking
U kunt de printerstatusmonitor ook weergeven door op Canon XXX Printer (waarbij " XXX" de
naam van uw apparaat is) te klikken. U vindt deze optie op de taakbalk tijdens het afdrukken.
1.
Open Canon IJ Printer Utility.
Zie de online handleiding: Uitgebreide Handleiding .
2.
Selecteer Informatie inktniveau (Ink Level Information) in het pop-upmenu.
Klik op Inktdetails (Ink Details) om de informatie over de FINE-inktpatroon te controleren.
Naar boven
e
.b
(inkt bijna op) is bijna op. U kunt nog een tijdje blijven afdrukken, maar
De inkt aangeduid met
het is raadzaam een vervangende FINE-inktpatroon bij de hand te houden.
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
(A) Controleer of er een symbool wordt weergegeven op het scherm.
Pagina 73 van 710 pagina's
Inhoud > Routineonderhoud > Het apparaat reinigen
Problemen oplossen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding
nl
ow
D
Het apparaat reinigen
m
fro
w
w
Het apparaat reinigen
or
nb
de
an
.v
w
In dit gedeelte wordt beschreven hoe u het binnenste van het apparaat kunt reinigen.
De papierinvoerrol reinigen
Het binnenste van het apparaat reinigen (reiniging onderste plaat)
De uitstekende delen binnen in het apparaat reinigen
e
.b
re
Naar boven
Pagina 74 van 710 pagina's
Problemen oplossen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding
nl
ow
D
De papierinvoerrol reinigen
Inhoud > Routineonderhoud > Het apparaat reinigen > De papierinvoerrol reinigen
m
fro
e
.b
re
U moet het volgende voorbereiden: drie vellen gewoon papier van A4- of Letterformaat
or
nb
de
an
.v
w
Als de papierinvoerrol vies is of er papierstof op ligt, wordt het papier mogelijk niet goed ingevoerd.
Reinig in dat geval de papierinvoerrol. Als u de papierinvoerrol reinigt, slijt deze. Reinig de rol daarom
alleen als dat nodig is.
w
w
De papierinvoerrol reinigen
1.
Zorg dat het apparaat is ingeschakeld en verwijder alle papier uit de achterste lade.
2.
Open de papieruitvoerlade voorzichtig en trek de verlenging van de uitvoerlade uit.
3.
Reinig de papierinvoerrol.
(1) Druk herhaaldelijk op de knop
(Onderhoud) totdat b wordt weergegeven.
(2) Druk op de knop Zwart (Black) of Kleur (Color) .
Tijdens het reinigen draait de papierinvoerrol enkele malen rond.
4.
Reinig de papierinvoerrol met papier.
(1) Controleer of de papierinvoerrol gestopt is met draaien en plaats drie vellen
gewoon papier van A4- of Letter-formaat in de achterste lade.
(2) Controleer of b wordt weergegeven in de LED-display en druk vervolgens op de
knop Zwart (Black) of Kleur (Color) .
Het apparaat begint met de reiniging. Het reinigen is voltooid als het papier wordt uitgeworpen.
Als het probleem nog steeds niet is verholpen na het reinigen van de papierinvoerrol, neemt u contact op met het
ondersteuningscentrum.
Opmerking
Druk nadat de reiniging is voltooid op de knop Stoppen/herstellen (Stop/Reset) om de
stand-bymodus van de LED-display weer te geven.
Naar boven
Problemen oplossen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding
Pagina 75 van 710 pagina's
nl
ow
D
Het binnenste van het apparaat reinigen (Reiniging onderste plaat)
m
fro
Inhoud > Routineonderhoud > Het apparaat reinigen > Het binnenste van het apparaat reinigen (Reiniging onderste
plaat)
re
or
nb
de
an
.v
w
e
.b
Belangrijk
Voer geen enkele andere bewerking uit terwijl de onderste plaat wordt gereinigd.
U moet het volgende voorbereiden: een vel gewoon papier van A4- of Letterformaat
1.
Zorg dat het apparaat is ingeschakeld en verwijder alle papier uit de achterste lade.
2.
Open de papieruitvoerlade voorzichtig en trek de verlenging van de uitvoerlade uit.
3.
Vouw een vel normaal papier van het formaat A4 of Letter in de breedte dubbel en
vouw het papier weer open.
4.
Plaats alleen dit vel papier in de achterste lade met de geopende zijde naar boven.
5.
Reinig de binnenkant van het apparaat.
(1) Druk herhaaldelijk op de knop
w
Hiermee verwijdert u vlekken van de binnenkant van het apparaat. Als het binnenste van het apparaat vuil
wordt, kan bedrukt papier ook vuil worden. Daarom raden we u aan de binnenkant van het apparaat
regelmatig te reinigen.
w
Het binnenste van het apparaat reinigen (Reiniging onderste
plaat)
(Onderhoud) totdat J wordt weergegeven.
Pagina 76 van 710 pagina's
nl
ow
D
Het binnenste van het apparaat reinigen (Reiniging onderste plaat)
d
de
oa
m
fro
Het papier reinigt het binnenste van het apparaat terwijl het wordt doorgevoerd.
Zie De uitstekende delen binnen in het apparaat reinigen om deze te reinigen.
Opmerking
Gebruik een nieuw vel papier wanneer u de onderste plaat opnieuw reinigt.
Naar boven
e
.b
Als het probleem zich blijft voordoen nadat u de onderste plaat nogmaals hebt gereinigd, zijn de uitstekende
delen aan de binnenkant van het apparaat mogelijk vuil.
re
Controleer het gevouwen gedeelte van het uitgevoerde papier. Als dit inktvlekken bevat, moet u de onderste
plaat opnieuw reinigen.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
(2) Druk op de knop Zwart (Black) of Kleur (Color) .
Problemen oplossen
Inhoud > Routineonderhoud > Het apparaat reinigen > De uitstekende delen binnen in het apparaat reinigen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding
Pagina 77 van 710 pagina's
nl
ow
D
De uitstekende delen binnen in het apparaat reinigen
m
fro
Let op
Schakel het apparaat altijd uit en haal de stekker uit het stopcontact voordat u het apparaat gaat
reinigen.
e
.b
Naar boven
re
Als er inktresten aanwezig zijn op de uitstekende delen binnen in het apparaat, reinigt u deze delen met
bijvoorbeeld een wattenstaafje.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
De uitstekende delen binnen in het apparaat reinigen
Pagina 78 van 710 pagina's
Problemen oplossen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding
nl
ow
D
Bijlage
Inhoud > Bijlage
m
fro
Wettelijke beperkingen voor het gebruik van het product en het gebruik van
afbeeldingen
e
.b
re
Tips over het gebruik van uw apparaat
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Bijlage
Naar boven
Problemen oplossen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding
Pagina 79 van 710 pagina's
nl
ow
D
Wettelijke beperkingen voor het gebruik van het product en het gebruik ...
Inhoud > Bijlage > Wettelijke beperkingen voor het gebruik van het product en het gebruik van afbeeldingen
re
or
nb
de
an
.v
w
Travellercheques
Voedselbonnen
Paspoorten
Immigratiepapieren
Belastingzegels (gestempeld of
ongestempeld)
Obligaties of andere schuldbekentenissen
Aandelencertificaten
Werken/kunstwerken die vallen onder het
auteursrecht, zonder toestemming van de
rechthebbende
e
.b
Postwissels
Stortingsbewijzen
Postzegels (gestempeld of
ongestempeld)
Identificatiebewijzen of insignes
Bepaalde service- of
wisseldocumenten
Cheques of wissels die door
overheidsinstanties zijn
uitgegeven
Rijbewijzen en
eigendomsbewijzen
w
Papiergeld
w
Het maken van kopieën en het scannen, afdrukken of het gebruiken van reproducties van de volgende
documenten kan illegaal zijn.
Deze lijst is niet volledig. Raadpleeg in geval van twijfel een jurist uit uw rechtsgebied.
m
fro
Wettelijke beperkingen voor het gebruik van het product en
het gebruik van afbeeldingen
Naar boven
Pagina 80 van 710 pagina's
Problemen oplossen
Inhoud > Bijlage > Tips over het gebruik van uw apparaat
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding
nl
ow
D
Tips over het gebruik van uw apparaat
Wanneer u afdrukt in zwart-wit, wordt mogelijk kleureninkt gebruikt, afhankelijk van het type
afdrukpapier en de instellingen van het printerstuurprogramma. Er kan dus kleureninkt worden
gebruikt voor het maken van zwart-witte afdrukken.
Afdrukken op speciaal papier: hoe kunt u altijd afdrukken met een
optimale afdrukkwaliteit?
Tip: controleer de apparaatstatus voordat u gaat afdrukken.
Is de printkop in orde?
Als de spuitopeningen verstopt zijn, worden afdrukken vaag en wordt er papier verspild. Het is
raadzaam de printkop te controleren door het controleraster voor de spuitopeningen af te
drukken.
Raadpleeg Vage afdrukken of onjuiste kleuren .
Zijn er inktresten achtergebleven in het binnenste van het apparaat?
Nadat het apparaat grote hoeveelheden papier of afdrukken zonder marges heeft geproduceerd,
kan het gebied waar het papier doorheen wordt gevoerd, besmeurd raken met inkt. Maak het
binnenste van het apparaat schoon door een reiniging van de onderste plaat uit te voeren.
Zie Het binnenste van het apparaat reinigen (Reiniging onderste plaat) .
Tip: controleer de juiste plaatsing van het papier.
Is het papier in de juiste richting geplaatst?
e
.b
Wordt er kleureninkt gebruikt voor het maken van zwart-witte
afdrukken?
re
Inkt kan, naast afdrukken, voor verschillende toepassingen worden gebruikt. De inkt wordt niet
alleen gebruikt voor het maken van afdrukken, maar ook voor het reinigen van de printkop. Dit zorgt
ervoor dat de optimale afdrukkwaliteit behouden blijft.
Het apparaat heeft een functie voor het automatisch reinigen van de spuitopeningen waaruit de inkt
wordt gespoten, zodat verstopping wordt voorkomen. Tijdens de reinigingsprocedure wordt inkt uit
de spuitopeningen gepompt. De hoeveelheid inkt die gebruikt wordt voor het reinigen van de
spuitopeningen, wordt tot een minimum beperkt.
or
nb
de
an
.v
w
Hoe wordt de inkt, naast afdrukken, gebruikt voor andere
toepassingen?
w
Inkt wordt voor verschillende toepassingen gebruikt.
w
Dit gedeelte bevat tips over het gebruik van uw apparaat en het maken van optimale afdrukken.
m
fro
Tips over het gebruik van uw apparaat
Pagina 81 van 710 pagina's
nl
ow
D
Tips over het gebruik van uw apparaat
d
de
oa
m
fro
Is het papier gekruld?
Selecteer het geplaatste papier in Mediumtype (Media Type) van het printerstuurprogramma of met
de knop Papier (Paper) op het bedieningspaneel. Als het type papier niet is geselecteerd, worden
er mogelijk geen goede afdrukresultaten geproduceerd.
Zie Kopiëren , Afdrukken vanaf de computer en Mediumtypen die u kunt gebruiken .
Er zijn verschillende soorten papier: papier met een speciale coating voor het optimaal afdrukken
van foto’s en papier dat geschikt is voor documenten. De optie Mediumtype (Media Type) in het
printerstuurprogramma heeft verschillende instellingen die u vooraf voor elk type papier kunt
instellen (zoals inkt gebruiken, inkt spuiten, de afstand vanaf de spuitopeningen), zodat u op elke
papiersoort afdrukken met een optimale beeldkwaliteit kunt maken. De knop Papier (Paper) op het
bedieningspaneel, die wordt gebruikt voor het kopiëren, heeft ook enkele instellingen die lijken op
Mediumtype (Media Type) van het printerstuurprogramma. U kunt afdrukken met de voor elk type
geplaatst papier verschillende instellingen van Mediumtype (Media Type) van het
printerstuurprogramma of met de knop Papier (Paper) op het bedieningspaneel.
Gebruik de knop Stoppen/herstellen (Stop/Reset) als u het
afdrukken wilt annuleren.
Tip: druk nooit op de knop AAN.
Als u tijdens het afdrukken op de knop AAN drukt, worden de afdrukgegevens die vanaf een
computer worden verzonden in de wachtrij van het apparaat geplaatst en kunt u mogelijk niet meer
afdrukken.
Druk op de knop Stoppen/herstellen (Stop/Reset) als u het afdrukken wilt annuleren.
Opmerking
Als u afdrukt vanaf een computer lukt het soms niet het afdrukken te annuleren door op de
knop Stoppen/herstellen (Stop/Reset) te drukken. Open in dat geval het
eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma om de overbodige afdruktaken uit de
printerstatusmonitor (Windows) te verwijderen.
Maatregelen die u moet treffen voor het gebruik of vervoer van
het apparaat
Tip: het apparaat mag niet verticaal of schuin worden gebruikt of
vervoerd.
Als het apparaat verticaal of schuin wordt gebruikt of vervoerd, kan het apparaat beschadigen of kan
er inkt uit het apparaat lekken.
e
.b
Tip: vergeet niet de papierinstellingen op te geven nadat het
papier is geplaatst.
re
Gekruld papier kan papierstoringen veroorzaken. Strijk gekruld papier eerst glad voordat u het
opnieuw in het apparaat plaatst.
Zie het gedeelte ' Problemen oplossen' in de online handleiding: Uitgebreide Handleiding .
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Het papier in de achterste lade moet met de afdrukzijde naar u toe worden geplaatst.
Let erop dat het apparaat niet verticaal of schuin wordt gebruikt of vervoerd.
Pagina 82 van 710 pagina's
nl
ow
D
Tips over het gebruik van uw apparaat
d
de
oa
m
fro
Leg geen voorwerpen op de documentklep. Deze kunnen in de achterste lade vallen als de
documentklep wordt geopend en ervoor zorgen dat het apparaat niet meer naar behoren werkt.
Zorg er ook voor dat u het apparaat op een locatie plaatst waar geen objecten in het apparaat
kunnen vallen.
Tip: kies de plek waar u het apparaat wilt neerzetten zorgvuldig.
Plaats het apparaat op een afstand van ten minste 15 cm/5,91 inches van andere elektrische
apparatuur, zoals TL-lampen. Als het apparaat hier te dichtbij staat, wordt de goede werking wellicht
gehinderd door ruis van de lamp.
De optimale afdrukkwaliteit behouden.
Voor een optimale afdrukkwaliteit is het belangrijk dat de printkop niet uitdroogt of verstopt raakt. Volg
altijd de volgende stappen voor een optimale afdrukkwaliteit.
Verwijder als volgt de stekker van het netsnoer uit het stopcontact.
1. Druk op de knop AAN om het apparaat uit te zetten.
2. Controleer of het Aan/uit-lampje uit is.
3. Haal de stekker uit het stopcontact of schakel de stekkerdoos uit.
Als u op de knop AAN drukt om het apparaat uit te zetten, wordt de printkop (spuitopeningen)
automatisch bedekt om uitdrogen te voorkomen. Als u de stekker uit het stopcontact haalt of de
stekkerdoos uitschakelt voordat het Aan/uit-lampje is gedoofd, wordt de printkop niet correct
bedekt. Dit kan uitdroging of verstoppingen veroorzaken.
Volg altijd deze procedure als u de stekker uit het stopcontact verwijdert.
Druk regelmatig af
Als een viltstift een lange tijd niet wordt gebruikt, droogt de punt uit en wordt de stift onbruikbaar,
ook als het dopje op de viltstift is geplaatst. Hetzelfde geldt voor de printkop als het apparaat een
lange tijd niet wordt gebruikt.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Tip: leg geen voorwerpen op de documentklep.
Het is daarom raadzaam het apparaat ten minste één keer per maand te gebruiken.
Pagina 83 van 710 pagina's
nl
ow
D
Tips over het gebruik van uw apparaat
d
de
oa
Opmerking
m
fro
De kleuren zijn ongelijkmatig en de afdrukresultaten zijn
onduidelijk.
Als de spuitopeningen van de printkop verstopt zijn, kunnen de kleuren ongelijkmatig en de
afdrukresultaten onduidelijk worden.
In dat geval
Druk het controleraster voor de spuitopeningen af
Controleer het controleraster om te zien of de spuitopeningen verstopt zijn.
Raadpleeg Vage afdrukken of onjuiste kleuren .
Naar boven
e
.b
Tip: druk het controleraster voor de spuitopeningen af indien de
openingen verstopt zijn.
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Afhankelijk van het type papier kan de inkt vervagen als het afdrukgebied met een merk- of
markeerstift is aangeraakt of uitlopen als het afdrukgebied met water of transpiratievocht in
aanraking is geweest.
Pagina 84 van 710 pagina's
nl
ow
D
MP270 series / MP250 series Uitgebreide Handleiding
d
de
oa
m
fro
Basis Handleiding
Kopiëren
Afdrukken
e
.b
Scannen
re
Afdrukken
Afdrukken vanaf een computer
Afdrukken met de meegeleverde software
Wat is Easy-PhotoPrint EX?
Problemen oplossen
Deze handleiding gebruiken
Foto's afdrukken
Easy-PhotoPrint EX openen
Een foto selecteren
Deze handleiding afdrukken
Papier selecteren
Onderhoud
Afdrukken
De apparaatinstellingen wijzigen
Bijlage
Wanneer u deze online
handleiding weergeeft in een
taalomgeving anders dan Engels,
worden mogelijk Engelse
beschrijvingen weergegeven.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
MC-3797-V1.00
Een album maken
Easy-PhotoPrint EX openen
Papier en indeling selecteren
Een foto selecteren
Bewerken
Afdrukken
Kalenders afdrukken
Easy-PhotoPrint EX openen
Papier en indeling selecteren
Een foto selecteren
Bewerken
Afdrukken
Stickers afdrukken
Easy-PhotoPrint EX openen
Papier en indeling selecteren
Een foto selecteren
Bewerken
Afdrukken
Opmaak afdrukken
Easy-PhotoPrint EX openen
Papier en indeling selecteren
Een foto selecteren
Bewerken
Afdrukken
Foto's corrigeren en verbeteren
De functie Automatische fotocorrectie gebruiken
De functie Correctie rode ogen gebruiken
De functie Helderheid gezicht gebruiken
Pagina 85 van 710 pagina's
nl
ow
D
MP270 series / MP250 series Uitgebreide Handleiding
De functie Gezicht scherper maken gebruiken
De functie Vlekken verwijderen gebruiken
d
de
oa
De functie Gezicht digitaal effenen gebruiken
Instellingen voor Photo Print
Levendige foto's afdrukken
Ruis in foto's reduceren
Foto's bijsnijden (Photo Print)
Een datum op foto’s afdrukken (Photo Print)
Meerdere foto's op één pagina afdrukken
Een index afdrukken
Pasfoto's afdrukken (ID Photo Print)
Fotogegevens afdrukken
Foto's opslaan
Opgeslagen bestanden openen
Overige instellingen
Indeling wijzigen
Achtergrond wijzigen
Foto's toevoegen
Positie van foto's verwisselen
Foto's vervangen
Positie, hoek en formaat van foto's wijzigen
Foto's bijsnijden
Foto's in kader plaatsen
Een datum op foto's afdrukken
Opmerkingen aan foto's toevoegen
Tekst aan foto's toevoegen
Opslaan
Feestdagen instellen
Kalenderweergave instellen
Opgeslagen bestanden openen
Afdrukken met andere toepassingen
Verschillende afdrukmethoden
Afdrukken met de basisinstellingen
Een paginaformaat en afdrukstand opgeven
Instellingen voor aantal en afdrukvolgorde opgeven
De nietmarge instellen
Afdrukken zonder marges
e
.b
Wat is O1 of O4?
re
Hoe kan ik met gelijke marges afdrukken?
or
nb
de
an
.v
w
Welke zijde van de weergegeven afbeelding wordt
het eerst afgedrukt?
w
Hoe kan ik het opgeslagen bestand verplaatsen (of
kopiëren)?
w
Vragen en antwoorden
m
Venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/
Enhance Images)
fro
Afbeeldingen aanpassen
Passend op papier afdrukken
Pagina 86 van 710 pagina's
nl
ow
D
MP270 series / MP250 series Uitgebreide Handleiding
Pagina-indeling afdrukken
d
de
oa
Afdrukken op schaal
Afdrukresultaten weergeven vóór het afdrukken
Papierformaat instellen (aangepast formaat)
De afdrukkwaliteit wijzigen en afbeeldingsgegevens
corrigeren
Een combinatie van afdrukkwaliteit en
halftoningmethode selecteren
Een kleurendocument monochroom afdrukken
Kleurcorrectie opgeven
Een optimale foto van afbeeldingsgegevens
afdrukken
De kleuren aanpassen met het
printerstuurprogramma
Afdrukken met ICC-profielen
De kleurbalans aanpassen
De helderheid aanpassen
De intensiteit aanpassen
Het contrast aanpassen
Een illustratie simuleren
Afbeeldingsgegevens weergeven in een enkele kleur
Afbeeldingsgegevens weergeven in levendige
kleuren
Gekartelde randen verwijderen
Kleureigenschappen wijzigen om kleuren te
verbeteren
Ruis in foto's reduceren
Overzicht van het printerstuurprogramma
Procedures van het printerstuurprogramma
Canon IJ-printerstuurprogramma
Het eigenschappenvenster van het
printerstuurprogramma openen
Tabblad Onderhoud
Canon IJ-statusmonitor
Canon IJ-voorbeeld
Foto's rechtstreeks afdrukken vanaf een compatibel apparaat
(alleen MP270 series)
Foto's rechtstreeks afdrukken vanaf een compatibel apparaat
(alleen MP270 series)
Foto's rechtstreeks afdrukken vanaf een compatibel
e
.b
Een envelop afdrukken
re
Afbeeldingsgegevens registreren die u als
achtergrond wilt gebruiken
or
nb
de
an
.v
w
Een stempel registreren
w
Stempel/achtergrond afdrukken
w
Dubbelzijdig afdrukken
m
Boekje afdrukken
fro
Poster afdrukken
apparaat (alleen MP270 series)
Pagina 87 van 710 pagina's
nl
ow
D
MP270 series / MP250 series Uitgebreide Handleiding
d
de
oa
Informatie over PictBridge-afdrukinstellingen (alleen
MP270 series)
m
fro
Instellingen op een PictBridge-compatibel apparaat
w
Scannen
Afbeeldingen scannen
Afbeeldingen scannen
Gescande gegevens opslaan op de pc met het
bedieningspaneel van het apparaat
Gescande gegevens opslaan op de pc via het
bedieningspaneel van het apparaat
Bijlage: Diverse scaninstellingen
Opgeven hoe gereageerd moet worden op
opdrachten van het bedieningspaneel met gebruik
van MP Navigator EX
Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware
Wat is MP Navigator EX (meegeleverde
scannersoftware)?
We gaan scannen
MP Navigator EX starten
Foto's en documenten scannen
Meerdere documenten tegelijk scannen
Afbeeldingen scannen die groter zijn dan de
glasplaat (Assistent voor samenvoegen)
Eenvoudig scannen met eenmaal klikken
Handige functies van MP Navigator EX
Afbeeldingen automatisch corrigeren/verbeteren
Afbeeldingen handmatig corrigeren/verbeteren
Afbeeldingen aanpassen
Afbeeldingen zoeken
Afbeeldingen classificeren in categorieën
Afbeeldingen in MP Navigator EX gebruiken
Opslaan
Opslaan als PDF-bestanden
PDF-bestanden maken/bewerken
Documenten afdrukken
Foto's afdrukken
Via e-mail verzenden
Bestanden bewerken
Wachtwoorden voor PDF-bestanden instellen
PDF-bestanden die met een wachtwoord zijn
beveiligd openen of bewerken
Schermen van MP Navigator EX
Scherm Navigatiemodus
Tabblad Documenten of afbeeldingen scannen/
e
.b
Documenten plaatsen
re
Voordat u gaat scannen
or
nb
de
an
.v
w
w
Scannen
Pagina 88 van 710 pagina's
nl
ow
D
MP270 series / MP250 series Uitgebreide Handleiding
importeren (Scan/Import Documents or Images)
d
de
oa
Venster Toon & gebruik (View & Use)
Venster PDF-bestand maken/bewerken (Create/Edit
PDF file)
Dialoogvenster Document afdrukken
Dialoogvenster Foto afdrukken (Print Photo)
Dialoogvenster Via e-mail verzenden (Send via E-
mail)
Venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/
Enhance Images)
Scherm voor modus Eenmaal klikken
Dialoogvenster Automatische scan (Auto Scan)
Dialoogvenster Opslaan (Save) (Scherm voor modus
Eenmaal klikken)
Dialoogvenster Scan-instellingen (Scan Settings)
Dialoogvenster Opslaan (Save)
Dialoogvenster Exif-instellingen (Exif Settings)
Dialoogvenster PDF
Dialoogvenster Opslaan als PDF-bestand (Save as
PDF file)
Dialoogvenster Verzenden (Mail)
Dialoogvenster OCR
Dialoogvenster Aangepast (Custom)
Dialoogvenster Voorkeuren (Preferences)
Tabblad Algemeen (General)
Tabblad Instellingen scannerknop (Scanner Button
Settings) (Opslaan)
Bijlage: Andere bestanden openen dan gescande
afbeeldingen
Afbeeldingen openen die op een computer zijn
opgeslagen
Scannen met andere toepassingssoftware
Wat is ScanGear (scannerstuurprogramma)?
Scannen met geavanceerde instellingen met ScanGear
(scannerstuurprogramma)
ScanGear (scannerstuurprogramma) starten
Scannen in de basismodus
e
.b
Dialoogvenster PDF-instellingen (PDF Settings)
re
Dialoogvenster Opslaan als PDF-bestand (Save as
PDF file)
or
nb
de
an
.v
w
Dialoogvenster Opslaan (Save)
w
Dialoogvenster Scan-instellingen (Scan Settings)
(Foto's/documenten)
w
Scherm Foto's/documenten (plaat) (Photos/
Documents (Platen)) (Venster Scan/Import..(Scan/
Import))
m
Tabblad Aangepaste scan met eenmaal klikken
(Custom Scan with One-click)
fro
Tabblad Afbeeldingen op de computer weergeven en
gebruiken (View & Use Images on your Computer)
Scannen in de Geavanceerde modus
Pagina 89 van 710 pagina's
nl
ow
D
MP270 series / MP250 series Uitgebreide Handleiding
Tintcurve aanpassen
Drempel instellen
Schermen van ScanGear (scannerstuurprogramma)
Tabblad Basismodus (Basic Mode)
Tabblad Geavanceerde modus (Advanced Mode)
Instellingen voor invoer (Input Settings)
Instellingen voor uitvoer (Output Settings)
Instellingen voor afbeeldingen (Image Settings)
Knoppen voor kleuraanpassing
Tabblad Automatische scanmodus (Auto Scan
Mode)
Dialoogvenster Voorkeuren (Preferences)
Tabblad Scanner
Tabblad Voorbeeld (Preview)
Tabblad Scannen (Scan)
Tabblad Kleurinstellingen (Color Settings)
Bijlage: handige informatie over scannen
Bijsnijdkaders aanpassen
Resolutie
Bestandsindelingen
Kleurafstemming
Andere scanmethoden
Scannen met WIA-stuurprogramma
Scannen via het Configuratiescherm (alleen Windows
XP)
Kopiëren
Afdrukken met het bedieningspaneel van het apparaat
Kopiëren
Kopieën maken
Kopieën verkleinen of vergroten
Handige kopieerfuncties gebruiken
Overschakelen tussen het papierformaat A4 en
Letter
Kopiëren zonder marges (Kopie zonder marges)
e
.b
Histogram aanpassen
re
Helderheid en contrast aanpassen
or
nb
de
an
.v
w
Verzadiging en kleurbalans aanpassen
w
Kleuren aanpassen met een kleurenpatroon
w
Afbeeldingen corrigeren (Beeld verscherpen, Stof en
krassen reduceren, Correctie van vervaging,
enzovoort)
m
Afbeeldingen corrigeren en kleuren aanpassen met
ScanGear (Scannerstuurprogramma)
fro
Meerdere documenten tegelijk scannen met
ScanGear (scannerstuurprogramma)
d
de
oa
Scannen in de automatische scanmodus
Problemen oplossen
Pagina 90 van 710 pagina's
nl
ow
D
MP270 series / MP250 series Uitgebreide Handleiding
d
de
oa
Problemen oplossen
LED-display geeft geen beeld
Afdrukresultaten niet naar behoren
De afdruktaak wordt niet voltooid
Geen afdrukresultaten/Onduidelijke afdrukken/Onjuiste
kleuren/Witte strepen
Kleuren zijn onduidelijk
Lijnen worden verkeerd afgedrukt
Afgedrukt papier krult om of vertoont inktvlekken
Papier vertoont vlekken/Papieroppervlak vertoont krassen
Vegen op de achterzijde van het papier
Er worden verticale lijnen afgedrukt op de zijden van de
afdruk
Kleuren zijn ongelijkmatig of vertonen strepen
De afdruktaak wordt niet gestart
Kopieer-/afdruktaak wordt beëindigd voordat deze is voltooid
Het apparaat beweegt maar er wordt geen inkt toegevoerd
De afdruksnelheid is lager dan verwacht
FINE-patroonhouder schuift niet naar de vervangingspositie
Het papier wordt niet correct ingevoerd
Papierstoringen
Papier is vastgelopen in de papieruitvoeropening of de
achterste lade
In andere gevallen
Er wordt een bericht weergegeven op het computerscherm
Foutcode: B200 Er is een printerfout opgetreden. Zet de
printer uit en verwijder het netsnoer van de printer uit het
stopcontact. Neem vervolgens contact op met het
ondersteuningscentrum. wordt weergegeven
Foutcode: **** Er is een printerfout opgetreden. Zet de
printer uit en weer aan. Als de fout zich blijft voordoen,
raadpleegt u de gebruikershandleiding voor meer
informatie. wordt weergegeven
Schrijffout/Uitvoerfout/Communicatiefout
Foutcode: 300 wordt weergegeven
Foutcode: 1700 wordt weergegeven
Inktinformatienummer: 1688 wordt weergegeven
Inktinformatienummer: 1686 wordt weergegeven
Foutcode: 2001 wordt weergegeven (alleen MP270
series)
e
.b
Kan geen goede verbinding maken met de computer
re
Kan MP Drivers niet installeren
or
nb
de
an
.v
w
Het groene aan/uit-lampje en oranje alarm-lampje
knipperen beurtelings
w
Alarm-lampje brandt oranje
w
Er wordt een foutcode weergegeven op het LED-display
m
Het apparaat kan niet worden ingeschakeld
fro
Als er een fout optreedt
Pagina 91 van 710 pagina's
nl
ow
D
MP270 series / MP250 series Uitgebreide Handleiding
Foutcode: 2002 wordt weergegeven (alleen MP270
Andere foutberichten
d
de
oa
series)
ScanGear (scannerstuurprogramma) start niet
Er verschijnt een foutbericht en het scherm van ScanGear
(scannerstuurprogramma) wordt niet weergegeven
Scankwaliteit (afbeelding op het scherm) is slecht
De gescande afbeelding wordt omringd door extra
witruimte
Er kunnen niet meerdere documenten tegelijk worden
gescand
Scannen in de automatische scanmodus werkt niet goed
Langzame scansnelheid
Er wordt een bericht weergegeven dat er onvoldoende
geheugen is
De computer loopt vast tijdens het scannen
De scanner werkt niet nadat een upgrade van Windows
is uitgevoerd
Problemen met software
Het e-mailprogramma dat u wilt gebruiken, wordt niet
weergegeven in het scherm waarin u e-mailprogramma's
kunt selecteren
De gescande afbeelding wordt vergroot of verkleind
afgedrukt
De gescande afbeelding wordt vergroot of verkleind
weergegeven op het computerscherm
De gescande afbeelding kan niet worden geopend
Problemen met MP Navigator EX
Kan niet scannen met de juiste afmetingen
Bij scannen vanaf het bewerkingspaneel kan de positie
of het formaat van de afbeelding niet goed worden
vastgesteld
Document is juist geplaatst, maar de gescande
afbeelding is scheef
Document is juist geplaatst, maar de afdrukstand in de
gescande afbeelding is gewijzigd
Als u het probleem niet kunt oplossen
Veelgestelde vragen
Instructies voor gebruik (Printerstuurprogramma)
Algemene opmerkingen (scannerstuurprogramma)
Easy-PhotoPrint EX gebruiken
e
.b
De scanner werkt niet
re
Problemen met scannen
or
nb
de
an
.v
w
Er wordt een foutbericht weergegeven op een met PictBridgecompatibel apparaat (Alleen MP270 series)
w
De printerstatusmonitor wordt niet weergegeven
w
Voor Windows-gebruikers
m
Het pictogram Inkjetprinter/Scanner/Fax - Extended
Survey Program wordt weergegeven
fro
Het venster Inkjetprinter/Scanner/Fax - Extended Survey
Program wordt weergegeven
Werken met MP Navigator EX
d
de
oa
Informatie over Solution Menu
Pagina 92 van 710 pagina's
nl
ow
D
MP270 series / MP250 series Uitgebreide Handleiding
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Deze handleiding gebruiken
Pagina 93 van 710 pagina's
nl
ow
D
Deze handleiding gebruiken
fro
m
Deze handleiding gebruiken
w
w
or
nb
de
an
.v
w
Werken met het deelvenster Inhoud
Werken met het toelichtingsvenster
Deze handleiding afdrukken
Trefwoorden gebruiken om documenten te vinden
e
.b
re
Documenten registreren in Mijn handleiding
Symbolen in dit document
Handelsmerken
Naar boven
Pagina 94 van 710 pagina's
nl
ow
D
Werken met het deelvenster Inhoud
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Deze handleiding gebruiken > Werken met het deelvenster Inhoud
fro
m
Werken met het deelvenster Inhoud
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Wanneer u op een titel van een document in het deelvenster Inhoud links van de online handleiding klikt,
worden de documenten met die titel weergegeven in het toelichtingsvenster aan de rechterkant.
Wanneer u op
links van
klikt, worden de titels van onderliggende documenten weergegeven.
Opmerking
Klik op
om het deelvenster Inhoud te sluiten of weer te geven.
Naar boven
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Deze handleiding gebruiken > Werken met het toelichtingsvenster
Pagina 95 van 710 pagina's
nl
ow
D
Werken met het toelichtingsvenster
fro
m
Werken met het toelichtingsvenster
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
(1) Klik op de groene tekens om naar het bijbehorende document te gaan.
(2) De cursor wordt naar het begin van dit document verplaatst.
Opmerking
De diagrammen en computerschermen in deze handleiding verwijzen naar de MP270 series.
De bewerkingen zijn precies hetzelfde als die voor de MP250 series, tenzij anders is aangegeven.
Sommige modellen zijn mogelijk niet te koop in bepaalde regio's.
Naar boven
Pagina 96 van 710 pagina's
nl
ow
D
Deze handleiding afdrukken
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Deze handleiding gebruiken > Deze handleiding afdrukken
m
fro
Deze handleiding afdrukken
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Klik op
om het deelvenster Afdrukken links van de online handleiding weer te geven.
Opmerking
Klik op
om het deelvenster Afdrukken te sluiten of weer te geven.
Wanneer u op klikt en vervolgens op Pagina-instelling (Page Setup), wordt het dialoogvenster
Pagina-instelling (Page Setup) weergegeven. Vervolgens kunt u gemakkelijk instellen op welk
papier u wilt afdrukken.
Klik op en vervolgens op Afdrukinstellingen (Print Settings) om het dialoogvenster Afdrukken
(Print) weer te geven. Als het dialoogvenster wordt weergegeven, selecteert u de printer die moet
worden gebruikt voor het afdrukken. Op het tabblad Afdrukinst. (Print Setup) kunt u ook kiezen welke
printer moet worden gebruikt.
Nadat u de te gebruiken printer hebt geselecteerd, klikt u op Eigenschappen... (Properties...) om de
afdrukinstellingen op te geven.
Klik op en klik vervolgens op Optie-instellingen (Option Settings) om het dialoogvenster Optieinstellingen (Option Settings) weer te geven. Nu kunt u de afdruktaken instellen.
Titel en paginanummer van het document afdrukken (Print document title and page number)
Als dit selectievakje is ingeschakeld, worden de naam van de handleiding en het
paginanummer afgedrukt in de koptekst (het begin van het document).
Achtergrondkleur en afbeeldingen afdrukken (Print background color and images)
Als dit selectievakje is ingeschakeld, worden de achtergrondkleur en afbeeldingen afgedrukt.
Sommige afbeeldingen worden altijd afgedrukt, ongeacht de instelling van dit selectievakje.
Aantal pagina's controleren voor het afdrukken (Check number of pages to be printed before
printing)
Als dit selectievakje is ingeschakeld, wordt het dialoogvenster Bevestiging paginateller voor
afdrukken (Print Page Count Confirmation) weergegeven voordat het afdrukken wordt gestart. In
dit dialoogvenster kunt u controleren hoeveel pagina's worden afgedrukt.
Selecteer op het tabblad Docum. select. (Document Selection) de afdrukmethode voor het document. De
volgende vier afdrukmethoden zijn beschikbaar:
Huidig document afdrukken
Pagina 97 van 710 pagina's
nl
ow
D
Deze handleiding afdrukken
m
Alle documenten afdrukken
fro
Mijn handleiding afdrukken
d
de
oa
Geselecteerde documenten afdrukken
1. Selecteer in Doel selecteren (Select Target) de optie Huidig document (Current
Document).
De titel van het huidige document wordt weergegeven in de lijst Documenten die afgedrukt moeten
worden (Documents to Be Printed).
Opmerking
Als u Gekoppelde documenten afdrukken (Print linked documents) selecteert, kunt u ook
documenten afdrukken die zijn gekoppeld aan het huidige document. De gekoppelde
documenten worden toegevoegd aan de lijst Documenten die afgedrukt moeten worden
(Documents to Be Printed).
Klik op Afdrukvoorbeeld (Print Preview) om de afdrukresultaten te bekijken voordat u het
document daadwerkelijk afdrukt.
2. Klik op het tabblad Afdrukinst. (Print Setup)
Selecteer op het tabblad Pagina-instelling (Page Setup) de printer die u wilt gebruiken en geef
eenvoudige afdrukinstellingen op, voor zover nodig.
3. Klik op Afdrukken starten (Start Printing)
Er wordt een bericht weergegeven om te bevestigen hoeveel pagina's worden weergegeven.
4. Voer het afdrukken uit
Bevestig het aantal af te drukken pagina's en klik op Ja (Yes).
De weergegeven documenten worden afgedrukt.
Geselecteerde documenten afdrukken
U kunt de gewenste documenten selecteren en afdrukken.
1. Selecteer in Doel selecteren (Select Target) de optie Geselecteerde documenten
(Selected Documents)
De titels van alle documenten worden weergegeven in de lijst Documenten die afgedrukt moeten
worden (Documents to Be Printed).
2. Selecteer de documenten die u wilt afdrukken
Schakel in de lijst Documenten die afgedrukt moeten worden (Documents to Be Printed) de
selectievakjes in voor de titels van de documenten die u wilt afdrukken.
Opmerking
Wanneer u het selectievakje Documenten in lagere hiërarchieën automatisch selecteren
(Automatically select documents in lower hierarchies) inschakelt, worden de selectievakjes
van alle titels van documenten in lagere hiërarchieën ingeschakeld.
e
.b
U kunt het huidige document afdrukken.
re
Huidig document afdrukken
or
nb
de
an
.v
w
U kunt het af te drukken type selecteren en vervolgens gemakkelijk de afdrukinstellingen opgeven
op het tabblad Afdrukinst. (Print Setup).
w
w
Opmerking
Pagina 98 van 710 pagina's
nl
ow
D
Deze handleiding afdrukken
d
de
oa
Klik op Alles selecteren (Select All) als u de selectievakjes van alle titels van documenten wilt
inschakelen.
Klik op Alles wissen (Clear All) als u de selectie van alle titels van documenten ongedaan wilt
maken.
Klik op Afdrukvoorbeeld (Print Preview) om de afdrukresultaten te bekijken voordat u het
document daadwerkelijk afdrukt.
m
fro
Selecteer op het tabblad Pagina-instelling (Page Setup) de printer die u wilt gebruiken en geef
eenvoudige afdrukinstellingen op, voor zover nodig.
5. Voer het afdrukken uit
Bevestig het aantal af te drukken pagina's en klik op Ja (Yes).
Alle documenten waarvan het selectievakje is ingeschakeld, worden afgedrukt.
Mijn handleiding afdrukken
U kunt alle documenten in Mijn handleiding selecteren en afdrukken.
Zie "Documenten registreren in Mijn handleiding " voor meer informatie over Mijn handleiding.
1. Selecteer in Doel selecteren (Select Target) de optie Mijn handleiding (My Manual)
De titels van alle documenten die zijn geregistreerd in Mijn handleiding, worden weergegeven in de
lijst Documenten die afgedrukt moeten worden (Documents to Be Printed).
2. Selecteer de documenten die u wilt afdrukken
Schakel in de lijst Documenten die afgedrukt moeten worden (Documents to Be Printed) de
selectievakjes in voor de titels van de documenten die u wilt afdrukken.
Opmerking
Klik op Alles selecteren (Select All) als u de selectievakjes van alle titels van documenten wilt
inschakelen.
Klik op Alles wissen (Clear All) als u de selectie van alle titels van documenten ongedaan wilt
maken.
Klik op Afdrukvoorbeeld (Print Preview) om de afdrukresultaten te bekijken voordat u het
document daadwerkelijk afdrukt.
3. Klik op het tabblad Afdrukinst. (Print Setup)
Selecteer op het tabblad Pagina-instelling (Page Setup) de printer die u wilt gebruiken en geef
eenvoudige afdrukinstellingen op, voor zover nodig.
4. Klik op Afdrukken starten (Start Printing)
Er wordt een bericht weergegeven om te bevestigen hoeveel pagina's worden weergegeven.
5. Voer het afdrukken uit
Bevestig het aantal af te drukken pagina's en klik op Ja (Yes).
Alle documenten waarvan het selectievakje is ingeschakeld, worden afgedrukt.
Alle documenten afdrukken
U kunt alle documenten van de online handleiding afdrukken.
e
.b
Er wordt een bericht weergegeven om te bevestigen hoeveel pagina's worden weergegeven.
re
4. Klik op Afdrukken starten (Start Printing)
or
nb
de
an
.v
w
w
w
3. Klik op het tabblad Afdrukinst. (Print Setup)
Documents)
d
de
oa
1. Selecteer in Doel selecteren (Select Target) de optie Alle documenten (All
Pagina 99 van 710 pagina's
nl
ow
D
Deze handleiding afdrukken
m
fro
De titels van alle documenten worden weergegeven in de lijst Documenten die afgedrukt moeten
worden (Documents to Be Printed) en de selectievakjes worden automatisch ingeschakeld.
3. Klik op Afdrukken starten (Start Printing)
Er wordt een bericht weergegeven om te bevestigen hoeveel pagina's worden weergegeven.
4. Voer het afdrukken uit
Bevestig het aantal af te drukken pagina's en klik op Ja (Yes).
Alle documenten worden afgedrukt.
Belangrijk
Het afdrukken van alle documenten kost veel papier. Controleer het aantal af te drukken
pagina's dat wordt weergegeven in het dialoogvenster Bevestiging paginateller voor afdrukken
(Print Page Count Confirmation) voordat u gaat afdrukken.
In het dialoogvenster Afdrukvoorbeeld (Print Preview) kunt u het afdrukken schalen naar de
papierbreedte en het zoompercentage instellen. Als de afdrukgegevens echter groter zijn dan
het papier als gevolg van het nieuwe zoompercentage, wordt dat deel van het document niet
afgedrukt op het papier.
Naar boven
e
.b
Selecteer op het tabblad Pagina-instelling (Page Setup) de printer die u wilt gebruiken en geef
eenvoudige afdrukinstellingen op, voor zover nodig.
re
2. Klik op het tabblad Afdrukinst. (Print Setup)
or
nb
de
an
.v
w
Als u het selectievakje van de titel van een document wist, wordt dat document niet afgedrukt.
Klik op Alles selecteren (Select All) als u de selectievakjes van alle titels van documenten wilt
inschakelen.
Klik op Alles wissen (Clear All) als u de selectie van alle titels van documenten ongedaan wilt
maken.
Klik op Afdrukvoorbeeld (Print Preview) om de afdrukresultaten te bekijken voordat u het
document daadwerkelijk afdrukt.
w
w
Opmerking
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Deze handleiding gebruiken > Trefwoorden gebruiken om documenten te vinden
Pagina 100 van 710 pagina's
nl
ow
D
Trefwoorden gebruiken om documenten te vinden
m
fro
Trefwoorden gebruiken om documenten te vinden
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
Alle documenten in de weergegeven online handleiding worden doorzocht.
w
w
U kunt een trefwoord invoeren om te zoeken naar een bepaald document.
1. Klik op
Het deelvenster Zoeken wordt links van de online handleiding weergegeven.
Opmerking
Klik op
om het deelvenster Zoeken te sluiten of weer te geven.
2. Voer een trefwoord in
Voer in het vak Sleutelwoord (Keyword) een trefwoord in voor het onderwerp waarnaar u wilt zoeken.
Scheid trefwoorden met een spatie als u meerdere trefwoorden wilt invoeren.
Opmerking
U kunt maximaal 10 trefwoorden of 255 tekens invoeren.
Er wordt geen onderscheid gemaakt tussen hoofdletters en kleine letters.
Het programma kan ook zoeken naar trefwoorden die spaties bevatten.
Hieronder wordt beschreven hoe u gemakkelijk en snel een te lezen document kunt vinden
door trefwoorden in te voeren.
Leren hoe u een functie die u gebruikt moet bedienen:
Typ de naam van het menu op het bedieningspaneel van dit apparaat of op de computer
(bijvoorbeeld Kader wissen).
Een toelichting van de bediening voor een bepaald doel vinden:
Typ de functie en het item dat u wilt afdrukken (bijvoorbeeld: kalender afdrukken).
3. Klik op Zoeken starten (Start Searching)
Pagina 101 van 710 pagina's
nl
ow
D
Trefwoorden gebruiken om documenten te vinden
d
de
oa
De zoekopdracht wordt gestart en de titels van documenten die het trefwoord bevatten, worden
weergegeven in de lijst met zoekresultaten.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
[Documenten met een aantal sleutelwoorden] ([Documents Containing Any Keyword])
Documenten die ten minste één van de ingevoerde trefwoorden bevatten
w
[Documenten met alle sleutelwoorden] ([Documents Containing All Keywords])
Documenten die alle ingevoerde trefwoorden bevatten
m
[Documenten die volledig overeenkomen] ([Documents Containing Perfect Match])
Documenten die de volledige gezochte tekenreeks (inclusief spaties) bevatten, precies zoals
ingevoerd (exacte overeenkomst)
fro
Wanneer u een zoekopdracht met meerdere trefwoorden invoert, worden de zoekresultaten als volgt
weergegeven:
4. Geef het document dat u wilt lezen weer
Dubbelklik in de lijst met zoekresultaten op de titel van het document dat u wilt lezen (of selecteer dit
onderwerp en druk op Enter).
De documenten van die titel worden weergegeven en de trefwoorden die gevonden zijn op die
documenten, worden gemarkeerd.
Opmerking
Als u het ingevoerde trefwoord wijzigt en meerdere zoekopdrachten uitvoert, blijft er een
rechts van
zoekgeschiedenis bestaan. Als u de zoekgeschiedenis wilt verwijderen, klikt u op
Sleutelwoord (Keyword) en selecteert u Geschiedenis wissen (Clear History), wat wordt
weergegeven.
Naar boven
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Deze handleiding gebruiken > Documenten registreren in Mijn handleiding
Pagina 102 van 710 pagina's
nl
ow
D
Documenten registreren in Mijn handleiding
m
fro
Documenten registreren in Mijn handleiding
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Registreer de meest bekeken documenten als documenten in Mijn handleiding zodat u deze
documenten snel kunt raadplegen.
1. Het document weergeven
Geef het document weer dat u wilt toevoegen aan Mijn handleiding.
2. Klik op
Het deelvenster Mijn handleiding wordt links van de on line handleiding weergegeven.
Opmerking
Klik op
om het deelvenster Mijn handleiding te sluiten of weer te geven.
3. Registreer het document in Mijn handleiding
Klik op Toevoegen (Add).
De titel van het weergegeven document wordt toegevoegd aan Lijst van mijn handleiding (List of My
Manual).
Opmerking
U kunt ook met de volgende methoden documenten toevoegen aan Mijn handleiding. Als u een
document toevoegt aan Mijn handleiding, wordt het teken
weergegeven bij de pictogrammen
voor het document in het deelvenster Inhoud.
Dubbelklik in de lijst Onlangs weergegeven documenten (Recently Displayed Documents)
op de titel van het document dat u wilt toevoegen aan Mijn handleiding (of selecteer het
document en druk op Enter) om de titel weer te geven, en klik vervolgens op Toevoegen
(Add).
Klik met de rechtermuisknop op de titel van het document in het deelvenster Inhoud of klik
met de rechtermuisknop in het toelichtingsvenster en selecteer vervolgens Toevoegen aan
Pagina 103 van 710 pagina's
nl
ow
D
Documenten registreren in Mijn handleiding
d
de
oa
Mijn handleiding (Add to My Manual) in het contextmenu.
Selecteer in het deelvenster Inhoud de titel van het document dat u wilt toevoegen aan Mijn
handleiding en klik vervolgens op Toevoegen aan Mijn handleiding (Add to My Manual)
rechtsonder in het scherm.
m
fro
Opmerking
e
.b
Naar boven
re
Als u een document uit de Lijst van mijn handleiding (List of My Manual) wilt verwijderen,
selecteert u de titel van dat document in de lijst en klikt u op Verwijderen (Delete) (of drukt u op
de toets Delete).
or
nb
de
an
.v
w
Als u dubbelklikt op de titel van een document in de Lijst van mijn handleiding (List of My Manual) of
als u de titel van het document selecteert en op Enter drukt, wordt dat document weergegeven in het
toelichtingsvenster.
w
w
4. Geef Mijn handleiding weer
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Deze handleiding gebruiken > Symbolen in dit document
Pagina 104 van 710 pagina's
nl
ow
D
Symbolen in dit document
fro
m
Symbolen in dit document
Instructies die u moet volgen om lichamelijk letsel of materiële schade als gevolg van een onjuiste
bediening van het apparaat te voorkomen. Deze instructies zijn essentieel voor een veilige werking van
het apparaat.
Belangrijk
Instructies met belangrijke informatie.
Vergeet deze aanwijzingen niet te lezen.
Opmerking
Instructies in de vorm van opmerkingen bij handelingen en extra toelichtingen.
Duidt op procedures in Windows.
Duidt op procedures in een Macintosh-omgeving.
Naar boven
e
.b
re
Let op
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Waarschuwing
Instructies die u moet volgen om te voorkomen dat er als gevolg van een onjuiste bediening van het
apparaat gevaarlijke situaties ontstaan die mogelijk tot ernstig lichamelijk letsel of zelfs de dood kunnen
leiden. Deze instructies zijn essentieel voor een veilige werking van het apparaat.
Pagina 105 van 710 pagina's
nl
ow
D
Handelsmerken
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Deze handleiding gebruiken > Handelsmerken
fro
m
Handelsmerken
Windows is een handelsmerk of gedeponeerd handelsmerk van Microsoft Corporation in de
Verenigde Staten en/of andere landen.
Macintosh en Mac zijn gedeponeerde handelsmerken van Apple Inc., in de VS en andere landen.
Bonjour is een handelsmerk van Apple Inc., gedeponeerd in de VS en andere landen.
Adobe, Adobe Photoshop, Adobe RGB en Adobe RGB (1998) zijn gedeponeerde handelsmerken of
handelsmerken van Adobe Systems Incorporated in de Verenigde Staten en/of andere landen.
Exif Print
Dit apparaat ondersteunt Exif Print.
Exif Print is een standaard voor het verbeteren van de communicatie tussen digitale camera's en
printers. Wanneer u een digitale camera aansluit die geschikt is voor Exif Print, worden de cameraafbeeldingsgegevens van het moment van de opname gebruikt en geoptimaliseerd, wat resulteert in
afdrukken van een zeer hoge kwaliteit.
Naar boven
e
.b
Internet Explorer is een handelsmerk of gedeponeerd handelsmerk van Microsoft Corporation in de
Verenigde Staten en/of andere landen.
re
Windows Vista is een handelsmerk of gedeponeerd handelsmerk van Microsoft Corporation in de
Verenigde Staten en/of andere landen.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Microsoft is een gedeponeerd handelsmerk van Microsoft Corporation.
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer
Pagina 106 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afdrukken vanaf een computer
fro
m
Afdrukken vanaf een computer
Afdrukken met andere toepassingen
Naar boven
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Afdrukken met de meegeleverde software
Pagina 107 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware
fro
m
Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware
w
w
or
nb
de
an
.v
w
Wat is Easy-PhotoPrint EX?
Foto's afdrukken
Een album maken
Kalenders afdrukken
e
.b
re
Stickers afdrukken
Opmaak afdrukken
Foto's corrigeren en verbeteren
Vragen en antwoorden
Instellingen voor Photo Print
Overige instellingen
Naar boven
Pagina 108 van 710 pagina's
nl
ow
D
Wat is Easy-PhotoPrint EX?
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware > Wat
is Easy-PhotoPrint EX?
U kunt met Easy-PhotoPrint EX op eenvoudige wijze albums, kalenders en stickers maken door foto's te
selecteren die met een digitale camera zijn gemaakt.
e
.b
re
U kunt ook heel gemakkelijk foto's zonder rand afdrukken.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Wat is Easy-PhotoPrint EX?
Belangrijk
Easy-PhotoPrint EX biedt geen ondersteuning voor Windows 95, Windows 98, Windows Me of
Windows NT4.
Easy-PhotoPrint EX kan alleen worden gebruikt voor Canon-inkjetprinters. Sommige printers,
waaronder Canon-compactprinters (SELPHY CP series) worden niet ondersteund.
Als er geen printer is geïnstalleerd die Easy-PhotoPrint EX ondersteunt, kunt u items die u maakt
niet afdrukken.
Als Easy-PhotoPrint EX wordt geïnstalleerd op een computer waarop Easy-LayoutPrint is
geïnstalleerd, wordt Easy-LayoutPrint vervangen door Easy-PhotoPrint EX.
Opmerking
Het afdrukken op papier groter dan A4 is alleen mogelijk bij het gebruik van ondersteunde printers.
Raadpleeg uw printerhandleiding voor meer informatie.
Raadpleeg de Help van Easy-PhotoPrint EX voor beschrijvingen van de vensters van EasyPhotoPrint EX.
Klik op Help in een scherm of dialoogvenster, of selecteer Help bij Easy-PhotoPrint EX... (EasyPhotoPrint EX Help...) in het menu Help. De Help wordt weergegeven.
Informatie over Exif Print
Easy-PhotoPrint EX ondersteunt 'Exif Print'. Exif Print is een standaard voor het verbeteren van de
communicatie tussen digitale camera's en printers.
Wanneer u een digitale camera aansluit die geschikt is voor Exif Print, worden de afbeeldingsgegevens
van het moment van de opname gebruikt en geoptimaliseerd, wat resulteert in afdrukken van een zeer
hoge kwaliteit.
Pagina 109 van 710 pagina's
nl
ow
D
Wat is Easy-PhotoPrint EX?
d
de
oa
ZoomBrowser EX versie 6.0 of later
De volgende beperkingen zijn van toepassing als u Easy-PhotoPrint EX opent vanuit Digital
Photo Professional:
- De knop Menu wordt niet weergegeven in het gedeelte met knoppen voor stappen aan de
linkerzijde van het scherm.
- U kunt afbeeldingen niet corrigeren/verbeteren.
- De weergavevolgorde van afbeeldingen kan niet worden gewijzigd.
- Bewerkte afbeeldingen kunnen niet worden opgeslagen.
- Alleen ICC-profiel inschakelen (Enable ICC Profile) kan worden geselecteerd voor
Kleurcorrectie voor afdrukken (Color correction for printing) op het tabblad Geavanceerd
(Advanced) van het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences). U kunt daarom de functies Vivid
Photo en Ruisreductie in foto (Photo Noise Reduction) niet gebruiken.
De functie Album is beschikbaar met de volgende toepassingen:
MP Navigator EX versie.1.00 of later
ZoomBrowser EX versie 5.8 of later
Ondersteunde indelingen voor afbeeldingsbestanden (extensies)
BMP (.bmp)
JPEG (.jpg, .jpeg)
TIFF (.tif, .tiff)
PICT (.pict, .pct)
Easy-PhotoPrint-afbeeldingsbestanden (.epp)
Belangrijk
Wanneer u een afbeelding selecteert en er bevindt zich een TIFF-bestand in de geselecteerde map,
wordt de afbeelding wellicht niet correct weergegeven of wordt Easy-PhotoPrint EX wellicht
afgesloten, afhankelijk van de TIFF-indeling. Verplaats in dergelijke gevallen het TIFF-bestand naar
een andere map of sla het bestand op met een andere bestandsindeling en selecteer de map
opnieuw.
Opmerking
De miniaturen van bestanden in niet-ondersteunde indelingen worden weergegeven als
(vraagteken).
Als Easy-PhotoPrint EX wordt geopend vanuit Digital Photo Professional, worden alle
afbeeldingsbestanden die worden ondersteund door Digital Photo Professional weergegeven.
Bestandsindelingen (extensies) die worden ondersteund door Easy-PhotoPrint EX
e
.b
Belangrijk
re
Digital Photo Professional versie.3.2 of later
or
nb
de
an
.v
w
MP Navigator EX versie.1.00 of later
w
De functie Photo Print is beschikbaar met de volgende toepassingen:
w
Raadpleeg de handleiding van het programma voor meer informatie over de procedure voor het openen
van Easy-PhotoPrint EX.
m
Easy-PhotoPrint EX kan worden geopend vanuit andere toepassingen.
fro
Easy-PhotoPrint EX openen vanuit andere toepassingen
Easy-PhotoPrint EX Photo Print-bestand (.el6)
fro
Easy-PhotoPrint EX Stickerbestand (.el2)
d
de
oa
Easy-PhotoPrint EX Albumbestand (.el1)
Pagina 110 van 710 pagina's
nl
ow
D
Wat is Easy-PhotoPrint EX?
m
Easy-PhotoPrint EX Kalenderbestand (.el4)
w
Naar boven
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
Easy-PhotoPrint EX Indelingsbestand (.el5)
Pagina 111 van 710 pagina's
nl
ow
D
Foto's afdrukken
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Foto's afdrukken
Met Easy-PhotoPrint EX kunt u uw favoriete foto's in verschillende indelingen afdrukken.
U kunt ook heel gemakkelijk foto's zonder rand maken.
1. Easy-PhotoPrint EX openen
2. Een foto selecteren
3. Papier selecteren
4. Afdrukken
Probeer dit
Foto's corrigeren en verbeteren
Levendige foto's afdrukken
Ruis in foto's reduceren
Foto's bijsnijden (Photo Print)
Een datum op foto's afdrukken (Photo Print)
Meerdere foto's op één pagina afdrukken
Een index afdrukken
Pasfoto's afdrukken (ID Photo Print)
Fotogegevens afdrukken
Foto's opslaan
Opgeslagen bestanden openen
Vragen en antwoorden
Hoe kan ik het opgeslagen bestand verplaatsen (of kopiëren)?
Welke zijde van de weergegeven afbeelding wordt het eerst afgedrukt?
Hoe kan ik met gelijke marges afdrukken?
e
.b
Stappen
re
Tijdens het afdrukken worden automatisch de meest geschikte correcties op de foto's toegepast.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Foto's afdrukken
Pagina 112 van 710 pagina's
nl
ow
D
Foto's afdrukken
Naar boven
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Pagina 113 van 710 pagina's
nl
ow
D
Easy-PhotoPrint EX openen
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Foto's afdrukken > Easy-PhotoPrint EX openen
e
.b
Utilities > Easy-PhotoPrint EX > Easy-PhotoPrint EX.
re
1. Open het menu Start en selecteer Alle programma's (All Programs) > Canon
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Easy-PhotoPrint EX openen
Easy-PhotoPrint EX wordt gestart en Menu wordt weergegeven.
Naar boven
Pagina 114 van 710 pagina's
nl
ow
D
Een foto selecteren
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Foto's afdrukken > Een foto selecteren
Belangrijk
De miniaturen van de afbeeldingen in de map kunnen als volgt worden weergegeven:
- De afbeelding wordt weergegeven met een zwarte lijn langs de rand.
- Een rand van de afbeelding lijkt bijgesneden.
Dergelijke afbeeldingen worden echter vergroot of als voorbeeld normaal weergegeven, en dit
is niet van invloed op het afdrukresultaat.
2. Selecteer in de mappenstructuur de map met de afbeelding die u wilt afdrukken.
De afbeeldingen in de map worden weergegeven als miniaturen.
Belangrijk
Als Easy-PhotoPrint EX wordt geopend vanuit een andere toepassing (MP Navigator EX,
ZoomBrowser EX of Digital Photo Professional), wordt het gedeelte met de mappenstructuur
niet weergegeven.
De afbeeldingen die in de toepassing worden geopend, worden weergegeven als miniaturen.
3. Klik op de afbeelding die u wilt afdrukken.
Het aantal exemplaren wordt als '1' weergegeven onder de aangeklikte afbeelding, terwijl de
geselecteerde afbeelding wordt weergegeven in het daarvoor bestemde gedeelte.
Opmerking
Als u een afbeelding wilt verwijderen uit de lijst met geselecteerde afbeeldingen, selecteert u
e
.b
Het venster Afbeeldingen selecteren (Select Images) verschijnt.
re
1. Klik bij Menu op Photo Print.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Een foto selecteren
Pagina 115 van 710 pagina's
nl
ow
D
Een foto selecteren
d
de
oa
de afbeelding en klikt u op de knop
(Geïmporteerde afbeelding verwijderen).
Als u alle afbeeldingen wilt verwijderen uit de lijst met geselecteerde afbeeldingen, klikt u op
(Alle geïmporteerde afbeeldingen verwijderen).
Opmerking
U kunt de geselecteerde afbeeldingen nog corrigeren of verbeteren voordat u ze afdrukt.
Foto's corrigeren en verbeteren
Raadpleeg de Help voor meer informatie over het venster Afbeeldingen selecteren (Select Images).
Naar boven
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
verlagen op
(pijl omlaag).
U kunt de volgorde van de foto's wijzigen met de lijst in de rechterbovenhoek van het venster.
U kunt voor de afdrukvolgorde kiezen uit Sort. op datum (Sort by Date) en Sort. op naam (Sort by
Name).
w
Als u twee of meer exemplaren van een afbeelding wilt afdrukken, klikt u op
(pijl omhoog)
totdat het gewenste aantal exemplaren is bereikt. Klik om het aantal exemplaren in het vak te
m
fro
de knop
Pagina 116 van 710 pagina's
nl
ow
D
Papier selecteren
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Foto's afdrukken > Papier selecteren
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Papier selecteren
re
1. Klik op Papier selecteren (Select Paper).
e
.b
Het venster Papier selecteren (Select Paper) verschijnt.
2. Geef de instellingen op voor de volgende items op basis van de printer en het papier:
Printer
Papierbron (Paper Source)
Papierformaat (Paper Size)
Mediumtype (Media Type)
Opmerking
De papierformaten en mediumtypen variëren per printer. Raadpleeg de Help voor meer
informatie.
De papierbronnen variëren per printer en mediumtype.
Opmerking
U kunt foto's afdrukken met levendiger kleuren, of de ruis in de foto verminderen.
Levendige foto's afdrukken
Ruis in foto's reduceren
Raadpleeg de Help voor meer informatie over het venster Papier selecteren (Select Paper).
Naar boven
Pagina 117 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afdrukken
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Foto's afdrukken > Afdrukken
Belangrijk
De miniaturen van de afbeeldingen in de map kunnen als volgt worden weergegeven:
- De afbeelding wordt weergegeven met een zwarte lijn langs de rand.
- Een rand van de afbeelding lijkt bijgesneden.
Dergelijke afbeeldingen worden echter vergroot of als voorbeeld normaal weergegeven, en dit
is niet van invloed op het afdrukresultaat.
2. Selecteer de gewenste indeling.
Kies een indeling zonder rand wanneer u foto's zonder rand wilt afdrukken.
Opmerking
De getoonde indelingen variëren per printer, papierformaat en mediumtype.
3. Klik op Afdrukken (Print).
Belangrijk
Wanneer u afdrukt op papier met een groot formaat, zoals A3/A3+, kunnen sommige computers
niet correct afdrukken als u meer dan één pagina tegelijk afdrukt of kopieert. U kunt het beste
pagina voor pagina afdrukken wanneer u afdrukt op papier met een dergelijk formaat.
Als u afdrukt op papier dat groter is dan A4 of afbeeldingen met een hoge resolutie afdrukt, worden
gegevens mogelijk alleen op de bovenste helft van het papier afgedrukt als er veel afbeeldingen
tegelijk worden afgedrukt. Schakel in dit geval in het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences) het
selectievakje Afdruktaak per pagina spoolen (Spool print job page by page) in en druk het
e
.b
Het venster Opmaak/Afdrukken (Layout/Print) wordt weergegeven.
re
1. Klik op Opmaak/Afdrukken (Layout/Print).
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Afdrukken
Pagina 118 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afdrukken
document nogmaals af.
d
de
oa
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
Naar boven
w
Als u het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences) wilt weergeven, klikt u op
(Instellingen) of
selecteert u Voorkeuren... (Preferences...) in het menu Bestand (File).
Raadpleeg de Help voor meer informatie over het venster Opmaak/Afdrukken (Layout/Print).
w
U kunt afbeeldingen bijsnijden of de datum op foto's afdrukken.
Foto's bijsnijden (Photo Print)
Een datum op foto's afdrukken (Photo Print)
U kunt de geselecteerde afbeeldingen nog corrigeren of verbeteren voordat u ze afdrukt.
Foto's corrigeren en verbeteren
U kunt geavanceerde instellingen voor Photo Print (aantal exemplaren, afdrukkwaliteit en
dergelijke) instellen in het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences).
m
Opmerking
fro
Als u het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences) wilt weergeven, klikt u op
(Instellingen) of
selecteert u Voorkeuren... (Preferences...) in het menu Bestand (File).
De afdrukinstellingen voor foto's worden verwijderd wanneer u Easy-PhotoPrint EX sluit zonder de
instellingen op te slaan. We raden u aan de afgedrukte afbeelding op te slaan wanneer u deze later
opnieuw wilt afdrukken.
Foto's opslaan
Wanneer u een indeling met randen kiest, is het mogelijk dat de marges links en rechts of boven
en onder niet gelijk zijn.
Hoe kan ik met gelijke marges afdrukken?
Pagina 119 van 710 pagina's
nl
ow
D
Een album maken
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware > Een
album maken
Met Easy-PhotoPrint EX kunt u uw eigen persoonlijke fotoalbum maken.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Een album maken
Stappen
1. Easy-PhotoPrint EX openen
2. Papier en indeling selecteren
3. Een foto selecteren
4. Bewerken
5. Afdrukken
Probeer dit
Foto's corrigeren en verbeteren
Indeling wijzigen
Achtergrond wijzigen
Foto's toevoegen
Positie van foto's verwisselen
Foto's vervangen
Positie, hoek en formaat van foto's wijzigen
Foto's bijsnijden
Foto's in kader plaatsen
Een datum op foto's afdrukken
Opmerkingen aan foto's toevoegen
Tekst aan foto's toevoegen
Opslaan
Opgeslagen bestanden openen
Vragen en antwoorden
Hoe kan ik het opgeslagen bestand verplaatsen (of kopiëren)?
d
de
oa
Wat is O1 of O4?
Pagina 120 van 710 pagina's
nl
ow
D
Een album maken
m
fro
Naar boven
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Pagina 121 van 710 pagina's
nl
ow
D
Easy-PhotoPrint EX openen
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware > Een
album maken > Easy-PhotoPrint EX openen
e
.b
Utilities > Easy-PhotoPrint EX > Easy-PhotoPrint EX.
re
1. Open het menu Start en selecteer Alle programma's (All Programs) > Canon
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Easy-PhotoPrint EX openen
Easy-PhotoPrint EX wordt gestart en Menu wordt weergegeven.
Naar boven
Pagina 122 van 710 pagina's
nl
ow
D
Papier en indeling selecteren
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware > Een
album maken > Papier en indeling selecteren
2. Stel de volgende items in bij het gedeelte Algemene instellingen (General Settings):
Papierformaat (Paper Size)
Afdrukstand (Orientation)
Omslag (Cover)
Album met dubbele pagina's (Double page album)
Paginanummer (Page number)
Opmerking
Raadpleeg de Help voor meer informatie over de papierformaten die u kunt selecteren.
In het dialoogvenster Omslagopties (Cover Options) kunt u aangeven of u afbeeldingen wilt
weergeven op de binnenkant van de voor- of achterzijde van het album. U opent het
dialoogvenster Omslagopties (Cover Options) door Voorzijde (Front) of Voor & achter (Front &
Back) te selecteren voor Omslag (Cover) en te klikken op Opties... (Options...).
Schakel het selectievakje Album met dubbele pagina's (Double page album) in voor een
gespreide pagina-indeling (met een model voor twee pagina's). In een album met dubbele
pagina's kunt u een afbeelding op de linker- en rechterpagina's schikken.
U kunt de paginanummers (positie, lettertype en dergelijke) aanpassen in het dialoogvenster
Instellingen paginanummer (Page Number Settings). Als u het dialoogvenster Instellingen
paginanummer (Page Number Settings) wilt weergeven, schakelt u het selectievakje
Paginanummer (Page number) in en klikt u op Instellingen... (Settings...).
U kunt de marges voor het voorblad en de achteromslag en de pagina's aan de binnenkant
aanpassen in het dialoogvenster Marge-instellingen (Margin Settings). Klik op Marges...
(Margin Settings) om het dialoogvenster Marge-instellingen (Margins...) weer te geven.
e
.b
Het venster Pagina-instelling (Page Setup) verschijnt.
re
1. Klik bij Menu op Album.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Papier en indeling selecteren
Voorbeeldindeling (Sample Layout).
d
de
oa
3. Selecteer het thema dat u wilt gebruiken bij Thema (Theme) onder
Pagina 123 van 710 pagina's
nl
ow
D
Papier en indeling selecteren
m
fro
4. Als u de indeling wilt wijzigen, klikt u op Indeling... (Layout...).
Het dialoogvenster Achtergrond wijzigen (Change Background) wordt weergegeven.
In het dialoogvenster Achtergrond wijzigen (Change Background) kunt u een effen kleur of een
afbeeldingsbestand als achtergrond instellen.
Opmerking
Raadpleeg de Help voor meer informatie over het venster Pagina-instelling (Page Setup).
Naar boven
e
.b
5. Als u de achtergrond wilt wijzigen, klikt u op Achtergrond... (Background...).
re
De indelingen die u kunt selecteren zijn afhankelijk van de instellingen voor Papierformaat
(Paper Size), Afdrukstand (Orientation), Album met dubbele pagina's (Double page album) en
het type pagina dat u hebt geselecteerd (voorblad, binnenste pagina's of achteromslag).
In het dialoogvenster Datuminstellingen (Date Settings) kunt u de positie, grootte, kleur en
dergelijke van de datum aanpassen. Als u het dialoogvenster Datuminstellingen (Date
Settings) wilt weergeven, schakelt u het selectievakje Afdrukdatum (Print date) in het
dialoogvenster Opmaak wijzigen (Change Layout) in en klikt u op Datuminstellingen... (Date
Settings...).
or
nb
de
an
.v
w
Opmerking
w
In het dialoogvenster Opmaak wijzigen (Change Layout) kunt u de indeling wijzigen of de datum
(waarop de foto is genomen) afdrukken op de foto.
w
Het dialoogvenster Opmaak wijzigen (Change Layout) wordt weergegeven.
Pagina 124 van 710 pagina's
nl
ow
D
Een foto selecteren
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware > Een
album maken > Een foto selecteren
1. Klik op Afbeeldingen selecteren (Select Images).
2. Selecteer in de mappenstructuur de map met de afbeelding die u wilt afdrukken.
De afbeeldingen in de map worden weergegeven als miniaturen.
Belangrijk
Als Easy-PhotoPrint EX wordt geopend vanuit een andere toepassing (MP Navigator EX of
ZoomBrowser EX), wordt het gedeelte met de mappenstructuur niet weergegeven.
De afbeeldingen die in de toepassing worden geopend, worden weergegeven als miniaturen.
3. Selecteer de afbeelding(en) die u wilt afdrukken en klik op een van de onderstaande
knoppen.
Als u op het voorblad wilt afdrukken, klikt u op
(Importeren naar voorblad).
Als u op de binnenste pagina's wilt afdrukken, klikt u op
Als u op de achteromslag wilt afdrukken, klikt u op
(Importeren naar binnenste pagina's).
(Importeren naar achteromslag).
De geselecteerde afbeeldingen worden weergegeven in het vak voor geselecteerde afbeeldingen.
U kunt de afbeelding(en) die u wilt afdrukken ook selecteren door ze naar het vak voor
geselecteerde afbeeldingen te slepen.
Opmerking
e
.b
Het venster Afbeeldingen selecteren (Select Images) verschijnt.
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Een foto selecteren
Pagina 125 van 710 pagina's
nl
ow
D
Een foto selecteren
Als u een afbeelding wilt verwijderen uit de lijst met geselecteerde afbeeldingen, selecteert u
d
de
oa
m
de knop
fro
de afbeelding en klikt u op de knop
(Geïmporteerde afbeelding verwijderen).
Als u alle afbeeldingen wilt verwijderen uit de lijst met geselecteerde afbeeldingen, klikt u op
(Alle geïmporteerde afbeeldingen verwijderen).
Naar boven
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Opmerking
Raadpleeg de Help voor meer informatie over het venster Afbeeldingen selecteren (Select Images).
Pagina 126 van 710 pagina's
nl
ow
D
Bewerken
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware > Een
album maken > Bewerken
2. Bewerk uw album indien nodig.
Indeling wijzigen
Achtergrond wijzigen
Foto's toevoegen
Positie van foto's verwisselen
Foto's vervangen
Positie, hoek en formaat van foto's wijzigen
Foto's bijsnijden
Foto's in kader plaatsen
Een datum op foto's afdrukken
Opmerkingen aan foto's toevoegen
Tekst aan foto's toevoegen
Belangrijk
De wijzigingen worden verwijderd wanneer u Easy-PhotoPrint EX sluit zonder het bewerkte album
op te slaan. We raden u aan het item op te slaan wanneer u dit later verder wilt bewerken.
De paginanummers op het voorblad en de achteromslag van het album worden als volgt
weergegeven:
O1: Voorblad
O2: Binnenkant voorblad
e
.b
Het venster Bewerken (Edit) verschijnt.
re
1. Klik op Bewerken (Edit).
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Bewerken
Pagina 127 van 710 pagina's
nl
ow
D
Bewerken
d
de
oa
fro
O3: Binnenzijde achteromslag
m
O4: Achteromslag
w
or
nb
de
an
.v
w
w
Opslaan
Opmerking
Raadpleeg de Help voor meer informatie over het venster Bewerken (Edit).
e
.b
re
Naar boven
Pagina 128 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afdrukken
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware > Een
album maken > Afdrukken
2. Geef de instellingen op voor de volgende items op basis van de printer en het papier:
Printer
Mediumtype (Media Type)
Aantal (Copies)
Papierbron (Paper Source)
Afdrukkwaliteit (Print Quality)
Afdrukken zonder marges (Borderless Printing)
Opmerking
De mediumtypen variëren per printer en papierformaat.
Dubbelzijdig afdrukken (Duplex Printing) wordt weergegeven als de geselecteerde printer en
het geselecteerde mediumtype dubbelzijdig afdrukken ondersteunen. Schakel dit selectievakje
in om op beide zijden van het papier af te drukken.
De optie Automatisch (Automatic) wordt weergegeven als u het selectievakje Dubbelzijdig
afdrukken (Duplex Printing) inschakelt nadat u een printer hebt geselecteerd die automatisch
dubbelzijdig afdrukken ondersteunt en een mediumtype dat dubbelzijdig afdrukken
ondersteunt. Schakel dit selectievakje in om automatisch op beide zijden van het papier af te
drukken.
De papierbronnen variëren per printer en mediumtype.
U kunt een aangepaste afdrukkwaliteit instellen in het dialoogvenster Instellingen
afdrukkwaliteit (Print Quality Settings). Als u het dialoogvenster Instellingen afdrukkwaliteit
(Print Quality Settings) wilt openen, selecteert u Aangepast (Custom) voor Afdrukkwaliteit (Print
Quality) en klikt u op Kwaliteitsinstellingen... (Quality Settings...).
e
.b
Het venster Afdrukinstellingen (Print Settings) verschijnt.
re
1. Klik op Afdrukinstellingen (Print Settings).
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Afdrukken
Pagina 129 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afdrukken
d
de
oa
Schakel het selectievakje Afdrukken zonder marges (Borderless Printing) in als u foto's zonder
rand wilt afdrukken.
U kunt het afdrukbereik en de hoeveelheid uitbreiding voor afdrukken zonder randen opgeven
in het dialoogvenster Afdrukinstellingen (Print Settings). Klik op Geavanceerd... (Advanced...)
om het dialoogvenster Afdrukinstellingen (Print Settings) weer te geven.
m
fro
w
Opmerking
Raadpleeg de Help voor meer informatie over het venster Afdrukinstellingen (Print Settings).
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
3. Klik op Afdrukken (Print).
Naar boven
Pagina 130 van 710 pagina's
nl
ow
D
Kalenders afdrukken
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Kalenders afdrukken
Met Easy-PhotoPrint EX kunt u uw eigen kalenders maken met uw favoriete foto's.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Kalenders afdrukken
Stappen
1. Easy-PhotoPrint EX openen
2. Papier en indeling selecteren
3. Een foto selecteren
4. Bewerken
5. Afdrukken
Probeer dit
Foto's corrigeren en verbeteren
Indeling wijzigen
Achtergrond wijzigen
Foto's toevoegen
Positie van foto's verwisselen
Foto's vervangen
Positie, hoek en formaat van foto's wijzigen
Foto's bijsnijden
Foto's in kader plaatsen
Een datum op foto's afdrukken
Tekst aan foto's toevoegen
Kalenderweergave instellen
Feestdagen instellen
Opslaan
Opgeslagen bestanden openen
Vragen en antwoorden
d
de
oa
Hoe kan ik het opgeslagen bestand verplaatsen (of kopiëren)?
Pagina 131 van 710 pagina's
nl
ow
D
Kalenders afdrukken
m
fro
Naar boven
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Pagina 132 van 710 pagina's
nl
ow
D
Easy-PhotoPrint EX openen
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Kalenders afdrukken > Easy-PhotoPrint EX openen
e
.b
Utilities > Easy-PhotoPrint EX > Easy-PhotoPrint EX.
re
1. Open het menu Start en selecteer Alle programma's (All Programs) > Canon
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Easy-PhotoPrint EX openen
Easy-PhotoPrint EX wordt gestart en Menu wordt weergegeven.
Naar boven
Pagina 133 van 710 pagina's
nl
ow
D
Papier en indeling selecteren
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Kalenders afdrukken > Papier en indeling selecteren
2. Stel de volgende items in bij het gedeelte Algemene instellingen (General Settings):
Papierformaat (Paper Size)
Afdrukstand (Orientation)
Beginnen bij (Start from)
Periode (Period)
Opmerking
Raadpleeg de Help voor meer informatie over de papierformaten die u kunt selecteren.
U kunt feestdagen aan uw kalender toevoegen.
Feestdagen instellen
3. Selecteer een indeling voor Ontwerpen (Design).
Geef indien nodig geavanceerde instellingen op voor de kalender en kies een achtergrond.
Opmerking
U kunt de kalenderweergave aanpassen (de kleur van de datums en de dagen van de week,
positie en formaat van de kalender enz.).
Kalenderweergave instellen
In het dialoogvenster Achtergrond wijzigen (Change Background) kunt u een effen kleur of een
afbeeldingsbestand als achtergrond selecteren. Klik op Achtergrond... (Background...) om het
dialoogvenster Achtergrond wijzigen (Change Background) weer te geven.
e
.b
Het venster Pagina-instelling (Page Setup) verschijnt.
re
1. Klik bij Menu op Kalender (Calendar).
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Papier en indeling selecteren
Opmerking
Pagina 134 van 710 pagina's
nl
ow
D
Papier en indeling selecteren
d
de
oa
Raadpleeg de Help voor meer informatie over het venster Pagina-instelling (Page Setup).
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Naar boven
Pagina 135 van 710 pagina's
nl
ow
D
Een foto selecteren
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Kalenders afdrukken > Een foto selecteren
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Een foto selecteren
re
1. Klik op Afbeeldingen selecteren (Select Images).
e
.b
Het venster Afbeeldingen selecteren (Select Images) verschijnt.
2. Selecteer in de mappenstructuur de map met de afbeelding die u wilt afdrukken.
De afbeeldingen in de map worden weergegeven als miniaturen.
3. Selecteer de afbeelding(en) die u wilt afdrukken en klik op de knop
(Importeren
naar binnenste pagina's).
De geselecteerde afbeeldingen worden weergegeven in het vak voor geselecteerde afbeeldingen.
U kunt de afbeelding(en) die u wilt afdrukken ook selecteren door ze naar het vak voor
geselecteerde afbeeldingen te slepen.
Opmerking
Als u een afbeelding wilt verwijderen uit de lijst met geselecteerde afbeeldingen, selecteert u
de afbeelding en klikt u op de knop
(Geïmporteerde afbeelding verwijderen).
Als u alle afbeeldingen wilt verwijderen uit de lijst met geselecteerde afbeeldingen, klikt u op
de knop
(Alle geïmporteerde afbeeldingen verwijderen).
Opmerking
Raadpleeg de Help voor meer informatie over het venster Afbeeldingen selecteren (Select Images).
Pagina 136 van 710 pagina's
nl
ow
D
Een foto selecteren
Naar boven
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Pagina 137 van 710 pagina's
nl
ow
D
Bewerken
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Kalenders afdrukken > Bewerken
2. Bewerk de kalender indien nodig.
Indeling wijzigen
Achtergrond wijzigen
Foto's toevoegen
Positie van foto's verwisselen
Foto's vervangen
Positie, hoek en formaat van foto's wijzigen
Foto's bijsnijden
Foto's in kader plaatsen
Een datum op foto's afdrukken
Tekst aan foto's toevoegen
Kalenderweergave instellen
Feestdagen instellen
Belangrijk
De wijzigingen worden verwijderd wanneer u Easy-PhotoPrint EX sluit zonder de bewerkte kalender
op te slaan. We raden u aan het item op te slaan wanneer u dit later verder wilt bewerken.
Opslaan
Opmerking
e
.b
Het venster Bewerken (Edit) verschijnt.
re
1. Klik op Bewerken (Edit).
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Bewerken
Raadpleeg de Help voor meer informatie over het venster Bewerken (Edit).
Pagina 138 van 710 pagina's
nl
ow
D
Bewerken
d
de
oa
m
fro
Naar boven
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Pagina 139 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afdrukken
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Kalenders afdrukken > Afdrukken
2. Geef de instellingen op voor de volgende items op basis van de printer en het papier:
Printer
Mediumtype (Media Type)
Aantal (Copies)
Papierbron (Paper Source)
Afdrukkwaliteit (Print Quality)
Afdrukken zonder marges (Borderless Printing)
Opmerking
De mediumtypen variëren per printer en papierformaat.
Dubbelzijdig afdrukken (Duplex Printing) wordt weergegeven als de geselecteerde printer en
het geselecteerde mediumtype dubbelzijdig afdrukken ondersteunen. Schakel dit selectievakje
in om op beide zijden van het papier af te drukken.
De optie Automatisch (Automatic) wordt weergegeven als u het selectievakje Dubbelzijdig
afdrukken (Duplex Printing) inschakelt nadat u een printer hebt geselecteerd die automatisch
dubbelzijdig afdrukken ondersteunt en een mediumtype dat dubbelzijdig afdrukken
ondersteunt. Schakel dit selectievakje in om automatisch op beide zijden van het papier af te
drukken.
De papierbronnen variëren per printer en mediumtype.
U kunt een aangepaste afdrukkwaliteit instellen in het dialoogvenster Instellingen
afdrukkwaliteit (Print Quality Settings). Als u het dialoogvenster Instellingen afdrukkwaliteit
(Print Quality Settings) wilt openen, selecteert u Aangepast (Custom) voor Afdrukkwaliteit (Print
Quality) en klikt u op Kwaliteitsinstellingen... (Quality Settings...).
e
.b
Het venster Afdrukinstellingen (Print Settings) verschijnt.
re
1. Klik op Afdrukinstellingen (Print Settings).
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Afdrukken
Pagina 140 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afdrukken
d
de
oa
U kunt het afdrukbereik en de hoeveelheid uitbreiding voor afdrukken zonder randen opgeven
in het dialoogvenster Afdrukinstellingen (Print Settings). Klik op Geavanceerd... (Advanced...)
om het dialoogvenster Afdrukinstellingen (Print Settings) weer te geven.
fro
m
3. Klik op Afdrukken (Print).
Raadpleeg de Help voor meer informatie over het venster Afdrukinstellingen (Print Settings).
e
.b
re
Naar boven
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Opmerking
Pagina 141 van 710 pagina's
nl
ow
D
Stickers afdrukken
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Stickers afdrukken
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Stickers afdrukken
U kunt uw favoriete foto's op speciale stickervellen afdrukken.
e
.b
re
Stappen
1. Easy-PhotoPrint EX openen
2. Papier en indeling selecteren
3. Een foto selecteren
4. Bewerken
5. Afdrukken
Probeer dit
Foto's corrigeren en verbeteren
Foto's toevoegen
Positie van foto's verwisselen
Foto's vervangen
Positie, hoek en formaat van foto's wijzigen
Foto's bijsnijden
Foto's in kader plaatsen
Tekst aan foto's toevoegen
Opslaan
Opgeslagen bestanden openen
Vragen en antwoorden
Hoe kan ik het opgeslagen bestand verplaatsen (of kopiëren)?
Naar boven
Pagina 142 van 710 pagina's
nl
ow
D
Easy-PhotoPrint EX openen
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Stickers afdrukken > Easy-PhotoPrint EX openen
e
.b
Utilities > Easy-PhotoPrint EX > Easy-PhotoPrint EX.
re
1. Open het menu Start en selecteer Alle programma's (All Programs) > Canon
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Easy-PhotoPrint EX openen
Easy-PhotoPrint EX wordt gestart en Menu wordt weergegeven.
Naar boven
Pagina 143 van 710 pagina's
nl
ow
D
Papier en indeling selecteren
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Stickers afdrukken > Papier en indeling selecteren
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Papier en indeling selecteren
re
1. Klik bij Menu op Stickers.
e
.b
Het venster Pagina-instelling (Page Setup) verschijnt.
2. Stel de volgende items in bij het gedeelte Algemene instellingen (General Settings):
Papierformaat (Paper Size)
Afdrukstand (Orientation)
Afdrukdatum (Print date)
Dezelfde afbeelding gebruiken in alle kaders (Use the same image in all frames)
Opmerking
Andere papierformaten dan Fotostickers (Photo Stickers) kunnen niet worden geselecteerd.
Schakel het selectievakje Dezelfde afbeelding gebruiken in alle kaders (Use the same image
in all frames) in als u dezelfde afbeelding wilt gebruiken in alle kaders van de pagina.
In het dialoogvenster Datuminstellingen (Date Settings) kunt u de positie, grootte, kleur en
dergelijke van de datum aanpassen. Als u het dialoogvenster Datuminstellingen (Date
Settings) wilt weergeven, schakelt u het selectievakje Afdrukdatum (Print date) in en klikt u op
Datuminstellingen... (Date Settings...).
Opmerking
Raadpleeg de Help voor meer informatie over het venster Pagina-instelling (Page Setup).
Naar boven
Pagina 144 van 710 pagina's
nl
ow
D
Een foto selecteren
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Stickers afdrukken > Een foto selecteren
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Een foto selecteren
re
1. Klik op Afbeeldingen selecteren (Select Images).
e
.b
Het venster Afbeeldingen selecteren (Select Images) verschijnt.
2. Selecteer in de mappenstructuur de map met de afbeelding die u wilt afdrukken.
De afbeeldingen in de map worden weergegeven als miniaturen.
3. Selecteer de afbeelding(en) die u wilt afdrukken en klik op de knop
(Importeren
naar binnenste pagina's).
De geselecteerde afbeeldingen worden weergegeven in het vak voor geselecteerde afbeeldingen.
U kunt de afbeelding(en) die u wilt afdrukken ook selecteren door ze naar het vak voor
geselecteerde afbeeldingen te slepen.
Opmerking
Als u een afbeelding wilt verwijderen uit de lijst met geselecteerde afbeeldingen, selecteert u
de afbeelding en klikt u op de knop
(Geïmporteerde afbeelding verwijderen).
Als u alle afbeeldingen wilt verwijderen uit de lijst met geselecteerde afbeeldingen, klikt u op
de knop
(Alle geïmporteerde afbeeldingen verwijderen).
Opmerking
Raadpleeg de Help voor meer informatie over het venster Afbeeldingen selecteren (Select Images).
Pagina 145 van 710 pagina's
nl
ow
D
Een foto selecteren
Naar boven
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Pagina 146 van 710 pagina's
nl
ow
D
Bewerken
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Stickers afdrukken > Bewerken
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Bewerken
re
1. Klik op Bewerken (Edit).
e
.b
Het venster Bewerken (Edit) verschijnt.
2. Bewerk de stickers indien nodig.
Foto's toevoegen
Positie van foto's verwisselen
Foto's vervangen
Positie, hoek en formaat van foto's wijzigen
Foto's bijsnijden
Een datum op foto's afdrukken
Tekst aan foto's toevoegen
Belangrijk
De wijzigingen worden verwijderd wanneer u Easy-PhotoPrint EX sluit zonder de bewerkte stickers
op te slaan. We raden u aan het item op te slaan wanneer u dit later verder wilt bewerken.
Opslaan
Opmerking
Raadpleeg de Help voor meer informatie over het venster Bewerken (Edit).
Naar boven
Pagina 147 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afdrukken
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Stickers afdrukken > Afdrukken
2. Geef de instellingen op voor de volgende items op basis van de printer en het papier:
Printer
Mediumtype (Media Type)
Aantal (Copies)
Papierbron (Paper Source)
Afdrukkwaliteit (Print Quality)
Afdrukken zonder marges (Borderless Printing)
Opmerking
De mediumtypen variëren per printer en papierformaat.
De papierbronnen variëren per printer en mediumtype.
U kunt een aangepaste afdrukkwaliteit instellen in het dialoogvenster Instellingen
afdrukkwaliteit (Print Quality Settings). Als u het dialoogvenster Instellingen afdrukkwaliteit
(Print Quality Settings) wilt openen, selecteert u Aangepast (Custom) voor Afdrukkwaliteit (Print
Quality) en klikt u op Kwaliteitsinstellingen... (Quality Settings...).
In het dialoogvenster Afdrukpositie aanpassen (Adjust Print Position) kunt u de afdrukpositie
op stickers aanpassen. Klik op Afdrukpositie... (Adjust Print Position) om het dialoogvenster
Afdrukpositie aanpassen (Print Position...) te openen.
U kunt het afdrukbereik en de hoeveelheid uitbreiding voor afdrukken zonder randen opgeven
in het dialoogvenster Afdrukinstellingen (Print Settings). Klik op Geavanceerd... (Advanced...)
om het dialoogvenster Afdrukinstellingen (Print Settings) weer te geven.
e
.b
Het venster Afdrukinstellingen (Print Settings) verschijnt.
re
1. Klik op Afdrukinstellingen (Print Settings).
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Afdrukken
Opmerking
m
fro
Raadpleeg de Help voor meer informatie over het venster Afdrukinstellingen (Print Settings).
d
de
oa
3. Klik op Afdrukken (Print).
Pagina 148 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afdrukken
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Naar boven
Pagina 149 van 710 pagina's
nl
ow
D
Opmaak afdrukken
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Opmaak afdrukken
U kunt tekst toevoegen aan uw favoriete foto's en deze afdrukken in verschillende indelingen.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Opmaak afdrukken
Stappen
1. Easy-PhotoPrint EX openen
2. Papier en indeling selecteren
3. Een foto selecteren
4. Bewerken
5. Afdrukken
Probeer dit
Foto's corrigeren en verbeteren
Indeling wijzigen
Foto's toevoegen
Positie van foto's verwisselen
Foto's vervangen
Positie, hoek en formaat van foto's wijzigen
Foto's bijsnijden
Een datum op foto's afdrukken
Tekst aan foto's toevoegen
Opslaan
Opgeslagen bestanden openen
Vragen en antwoorden
Hoe kan ik het opgeslagen bestand verplaatsen (of kopiëren)?
Naar boven
Pagina 150 van 710 pagina's
nl
ow
D
Easy-PhotoPrint EX openen
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Opmaak afdrukken > Easy-PhotoPrint EX openen
e
.b
Utilities > Easy-PhotoPrint EX > Easy-PhotoPrint EX.
re
1. Open het menu Start en selecteer Alle programma's (All Programs) > Canon
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Easy-PhotoPrint EX openen
Easy-PhotoPrint EX wordt gestart en Menu wordt weergegeven.
Naar boven
Pagina 151 van 710 pagina's
nl
ow
D
Papier en indeling selecteren
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Opmaak afdrukken > Papier en indeling selecteren
2. Stel de volgende items in bij het gedeelte Algemene instellingen (General Settings):
Papierformaat (Paper Size)
Afdrukstand (Orientation)
Afdrukdatum (Print date)
Opmerking
Raadpleeg de Help voor meer informatie over de papierformaten die u kunt selecteren.
In het dialoogvenster Datuminstellingen (Date Settings) kunt u de positie, grootte, kleur en
dergelijke van de datum aanpassen. Als u het dialoogvenster Datuminstellingen (Date
Settings) wilt weergeven, schakelt u het selectievakje Afdrukdatum (Print date) in en klikt u op
Datuminstellingen... (Date Settings...).
3. Selecteer een indeling bij Indelingen (Layouts).
Opmerking
De indelingen kunnen variëren, afhankelijk van de Afdrukstand (Orientation).
Opmerking
Raadpleeg de Help voor meer informatie over het venster Pagina-instelling (Page Setup).
e
.b
Het venster Pagina-instelling (Page Setup) verschijnt.
re
1. Klik bij Menu op Opmaak afdrukken (Layout Print).
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Papier en indeling selecteren
Pagina 152 van 710 pagina's
nl
ow
D
Papier en indeling selecteren
Naar boven
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Pagina 153 van 710 pagina's
nl
ow
D
Een foto selecteren
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Opmaak afdrukken > Een foto selecteren
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Een foto selecteren
re
1. Klik op Afbeeldingen selecteren (Select Images).
e
.b
Het venster Afbeeldingen selecteren (Select Images) verschijnt.
2. Selecteer in de mappenstructuur de map met de afbeelding die u wilt afdrukken.
De afbeeldingen in de map worden weergegeven als miniaturen.
3. Selecteer de afbeelding(en) die u wilt afdrukken en klik op de knop
(Importeren
naar binnenste pagina's).
De geselecteerde afbeeldingen worden weergegeven in het vak voor geselecteerde afbeeldingen.
U kunt de afbeelding(en) die u wilt afdrukken ook selecteren door ze naar het vak voor
geselecteerde afbeeldingen te slepen.
Opmerking
Als u een afbeelding wilt verwijderen uit de lijst met geselecteerde afbeeldingen, selecteert u
de afbeelding en klikt u op de knop
(Geïmporteerde afbeelding verwijderen).
Als u alle afbeeldingen wilt verwijderen uit de lijst met geselecteerde afbeeldingen, klikt u op
de knop
(Alle geïmporteerde afbeeldingen verwijderen).
Opmerking
Raadpleeg de Help voor meer informatie over het venster Afbeeldingen selecteren (Select Images).
Pagina 154 van 710 pagina's
nl
ow
D
Een foto selecteren
Naar boven
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Pagina 155 van 710 pagina's
nl
ow
D
Bewerken
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Opmaak afdrukken > Bewerken
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Bewerken
re
1. Klik op Bewerken (Edit).
e
.b
Het venster Bewerken (Edit) verschijnt.
2. Bewerk de opmaak indien nodig.
Indeling wijzigen
Foto's toevoegen
Positie van foto's verwisselen
Foto's vervangen
Positie, hoek en formaat van foto's wijzigen
Foto's bijsnijden
Een datum op foto's afdrukken
Tekst aan foto's toevoegen
Belangrijk
De wijzigingen worden verwijderd wanneer u Easy-PhotoPrint EX sluit zonder de bewerkte opmaak
op te slaan. We raden u aan het item op te slaan wanneer u dit later verder wilt bewerken.
Opslaan
Opmerking
Raadpleeg de Help voor meer informatie over het venster Bewerken (Edit).
Naar boven
Pagina 156 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afdrukken
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Opmaak afdrukken > Afdrukken
2. Geef de instellingen op voor de volgende items op basis van de printer en het papier:
Printer
Mediumtype (Media Type)
Aantal (Copies)
Papierbron (Paper Source)
Afdrukkwaliteit (Print Quality)
Afdrukken zonder marges (Borderless Printing)
Opmerking
De mediumtypen variëren per printer en papierformaat.
Dubbelzijdig afdrukken (Duplex Printing) wordt weergegeven als de geselecteerde printer en
het geselecteerde mediumtype dubbelzijdig afdrukken ondersteunen. Schakel dit selectievakje
in om op beide zijden van het papier af te drukken.
De optie Automatisch (Automatic) wordt weergegeven als u het selectievakje Dubbelzijdig
afdrukken (Duplex Printing) inschakelt nadat u een printer hebt geselecteerd die automatisch
dubbelzijdig afdrukken ondersteunt en een mediumtype dat dubbelzijdig afdrukken
ondersteunt. Schakel dit selectievakje in om automatisch op beide zijden van het papier af te
drukken.
De papierbronnen variëren per printer en mediumtype.
U kunt een aangepaste afdrukkwaliteit instellen in het dialoogvenster Instellingen
afdrukkwaliteit (Print Quality Settings). Als u het dialoogvenster Instellingen afdrukkwaliteit
(Print Quality Settings) wilt openen, selecteert u Aangepast (Custom) voor Afdrukkwaliteit (Print
Quality) en klikt u op Kwaliteitsinstellingen... (Quality Settings...).
e
.b
Het venster Afdrukinstellingen (Print Settings) verschijnt.
re
1. Klik op Afdrukinstellingen (Print Settings).
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Afdrukken
Pagina 157 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afdrukken
d
de
oa
Schakel het selectievakje Afdrukken zonder marges (Borderless Printing) in als u foto's zonder
rand wilt afdrukken.
U kunt het afdrukbereik en de hoeveelheid uitbreiding voor afdrukken zonder randen opgeven
in het dialoogvenster Afdrukinstellingen (Print Settings). Klik op Geavanceerd... (Advanced...)
om het dialoogvenster Afdrukinstellingen (Print Settings) weer te geven.
m
fro
w
Opmerking
Raadpleeg de Help voor meer informatie over het venster Afdrukinstellingen (Print Settings).
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
3. Klik op Afdrukken (Print).
Naar boven
Pagina 158 van 710 pagina's
nl
ow
D
Foto's corrigeren en verbeteren
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Foto's corrigeren en verbeteren
U kunt afbeeldingen corrigeren en verbeteren.
Als u in Photo Print de optie ICC-profiel inschakelen (Enable ICC Profile) selecteert op het tabblad
Geavanceerd (Advanced) van het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences), kunt u geen
afbeeldingen corrigeren/verbeteren.
Opmerking
Zie 'Venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images) ' voor meer informatie
over het venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images).
Automatische fotocorrectie
Deze functie analyseert de geselecteerde scène automatisch en past geschikte correcties toe.
De functie Automatische fotocorrectie gebruiken
De functie Correctie rode ogen
U kunt rode ogen, die kunnen voorkomen wanneer een flitser is gebruikt, corrigeren.
De functie Correctie rode ogen gebruiken
De functie Helderheid gezicht
U kunt gezichten die als gevolg van een lichte achtergrond donker lijken, helderder maken.
De functie Helderheid gezicht gebruiken
De functie Gezicht scherper maken
U kunt onscherpe gezichten op een foto scherper maken.
De functie Gezicht scherper maken gebruiken
De functie Gezicht digitaal effenen
U kunt de huid verbeteren door oneffenheden en rimpels te verwijderen.
De functie Gezicht digitaal effenen gebruiken
De functie Vlekken verwijderen
U kunt moedervlekjes verwijderen.
De functie Vlekken verwijderen gebruiken
Afbeeldingen aanpassen
e
.b
Belangrijk
re
(Afbeeldingen corrigeren/verbeteren) in het venster Afbeeldingen selecteren (Select Images)
Klik op
of Bewerken (Edit) of in het venster Opmaak/Afdrukken (Layout/Print) van Photo Print. U kunt de volgende
correcties en verbeteringen aanbrengen in het venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/
Enhance Images).
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Foto's corrigeren en verbeteren
Pagina 159 van 710 pagina's
nl
ow
D
Foto's corrigeren en verbeteren
U kunt ook de contouren van onderwerpen vager maken of de basiskleur verwijderen.
d
de
oa
U kunt de helderheid en het contrast in de hele afbeelding aanpassen of de hele afbeelding scherper
maken.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Naar boven
m
fro
Afbeeldingen aanpassen
Pagina 160 van 710 pagina's
nl
ow
D
De functie Automatische fotocorrectie gebruiken
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Foto's corrigeren en verbeteren > De functie Automatische fotocorrectie gebruiken
U kunt correcties automatisch toepassen op alle foto's die worden gebruikt voor een album of kalender
en dergelijke.
Belangrijk
De functie Automatische fotocorrectie (Auto Photo Fix) is niet beschikbaar voor Photo Print. Met
Photo Print kunt u automatisch geschikte correcties toepassen op alle foto's die u afdrukt door
Automatische fotocorrectie (Auto Photo Fix) te selecteren bij Kleurcorrectie voor afdrukken (Color
correction for printing) op het tabblad Geavanceerd (Advanced) in het dialoogvenster Voorkeuren
(Preferences). Als u het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences) wilt weergeven, klikt u op de knop
(Instellingen) in het venster Opmaak/afdrukken (Layout/Print) of selecteert u Voorkeuren...
(Preferences...) uit het menu Bestand (File).
Wanneer een afbeelding is gecorrigeerd met Automatische fotocorrectie en is opgeslagen, kan
deze niet nogmaals worden gecorrigeerd met Automatische fotocorrectie.
De functie Automatische fotocorrectie is mogelijk niet beschikbaar voor foto's die zijn bewerkt met
toepassingen, digitale camera's en dergelijke van andere fabrikanten.
1. Selecteer foto's in het venster Afbeeldingen selecteren (Select Images) en klik op
(Afbeeldingen corrigeren/verbeteren).
Het venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images) wordt weergegeven.
Opmerking
U kunt het venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images) ook
weergeven door te klikken op
(Afbeeldingen corrigeren/verbeteren) in het venster Opmaak/
Afdrukken (Layout/Print) of Bewerken (Edit). In dat geval kan alleen de afbeelding worden
gecorrigeerd/verbeterd die in het voorbeeld wordt weergegeven.
Zie 'Venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images) ' voor meer
informatie over het venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images).
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
De functie Automatische fotocorrectie gebruiken
Pagina 161 van 710 pagina's
Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images).
De afbeelding wordt weergegeven in Voorbeeld.
d
de
oa
2. Selecteer de afbeelding die u wilt corrigeren in de lijst onder in het venster
nl
ow
D
De functie Automatische fotocorrectie gebruiken
fro
m
Opmerking
w
3. Zorg dat Auto is geselecteerd.
(Correctie/verbetering) wordt
Opmerking
(Vergelijken) om de afbeeldingen van voor en na de correctie naast elkaar weer te
Klik op
geven, zodat u het verschil kunt zien.
Klik op Geselecteerde afbeelding herstellen (Reset Selected Image) als u de bewerking
ongedaan wilt maken.
Als u de correctie op alle geselecteerde afbeeldingen tegelijk wilt toepassen, schakelt u het
selectievakje Toepassen op alle afbeeldingen (Apply to all images) in.
Schakel het selectievakje Voorrang geven aan Exif-info (Prioritize Exif Info) in om correcties toe
te passen die voornamelijk zijn gebaseerd op de instellingen die waren geselecteerd op het
moment van vastleggen.
Schakel dit selectievakje uit om correcties toe te passen op basis van de resultaten van de
afbeeldingsanalyse. Deze instelling wordt aanbevolen.
5. Klik op Geselecteerde afbeelding opslaan (Save Selected Image) of op Alle
gecorrigeerde afbeeldingen opslaan (Save All Corrected Images).
U kunt gecorrigeerde afbeeldingen opslaan als nieuwe bestanden.
Opmerking
Als u alleen de gewenste afbeelding wilt opslaan, klikt u op Geselecteerde afbeelding opslaan
(Save Selected Image). Als u alle afbeeldingen wilt opslaan, klikt u op Alle gecorrigeerde
afbeeldingen opslaan (Save All Corrected Images).
Gecorrigeerde afbeeldingen kunnen alleen worden opgeslagen in de bestandsindeling JPEG/
Exif.
6. Klik op Afsluiten (Exit).
Belangrijk
De correcties gaan verloren als u het programma afsluit voordat u gecorrigeerde afbeeldingen
hebt opgeslagen.
Naar boven
e
.b
De volledige foto wordt automatisch gecorrigeerd en de aanduiding
weergegeven in de linkerbovenhoek van de afbeelding.
re
4. Klik op Automatische fotocorrectie (Auto Photo Fix) en vervolgens op OK.
or
nb
de
an
.v
w
w
Als slechts één afbeelding is geselecteerd, verschijnt de miniatuur niet in het
voorbeeldgedeelte.
Pagina 162 van 710 pagina's
nl
ow
D
De functie Correctie rode ogen gebruiken
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Foto's corrigeren en verbeteren > De functie Correctie rode ogen gebruiken
U kunt rode ogen, die kunnen voorkomen wanneer een flitser is gebruikt, corrigeren.
U kunt de functie voor het corrigeren van rode ogen handmatig of automatisch uitvoeren.
Opmerking
Met Photo Print kunt u rode ogen automatisch corrigeren tijdens het afdrukken. Als u rode ogen
automatisch wilt corrigeren, selecteert u Automatische fotocorrectie inschakelen (Enable Auto
Photo Fix) in Kleurcorrectie voor afdrukken (Color correction for printing) op het tabblad
Geavanceerd (Advanced) van het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences) en schakelt u het
selectievakje Correctie rode ogen inschakelen (Enable Red-Eye Correction) in.
1. Selecteer foto's in het venster Afbeeldingen selecteren (Select Images) en klik op
(Afbeeldingen corrigeren/verbeteren).
Het venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images) wordt weergegeven.
Opmerking
U kunt het venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images) ook
weergeven door te klikken op
(Afbeeldingen corrigeren/verbeteren) in het venster Opmaak/
Afdrukken (Layout/Print) of Bewerken (Edit). In dat geval kan alleen de afbeelding worden
gecorrigeerd/verbeterd die in het voorbeeld wordt weergegeven.
Zie 'Venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images) ' voor meer
informatie over het venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images).
2. Selecteer de afbeelding die u wilt corrigeren in de lijst onder in het venster
Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images).
De afbeelding wordt weergegeven in Voorbeeld.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
De functie Correctie rode ogen gebruiken
Pagina 163 van 710 pagina's
nl
ow
D
De functie Correctie rode ogen gebruiken
Opmerking
d
de
oa
Als slechts één afbeelding is geselecteerd, verschijnt de miniatuur niet in het
voorbeeldgedeelte.
m
fro
3. Zorg dat Auto is geselecteerd.
e
.b
5. Klik op OK.
Het rode-ogeneffect wordt verwijderd en de aanduiding
weergegeven in de linkerbovenhoek van de afbeelding.
re
4. Klik op Correctie rode ogen (Red-Eye Correction).
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Automatische correctie
(Correctie/verbetering) wordt
Belangrijk
Afhankelijk van de afbeelding is het mogelijk dat ook gebieden buiten de ogen worden
gecorrigeerd.
Opmerking
(Vergelijken) om de afbeeldingen van voor en na de correctie naast elkaar weer te
Klik op
geven, zodat u het verschil kunt zien.
Klik op Geselecteerde afbeelding herstellen (Reset Selected Image) als u de bewerking
ongedaan wilt maken.
Als u de correctie op alle geselecteerde afbeeldingen tegelijk wilt toepassen, schakelt u het
selectievakje Toepassen op alle afbeeldingen (Apply to all images) in.
Handmatige correctie
3. Klik op Handmatig (Manual) en vervolgens op Corrigeren/verbeteren (Correct/
Enhance).
4. Klik op Correctie rode ogen (Red-Eye Correction).
Opmerking
U kunt het niveau van het effect wijzigen met de schuifregelaar onder Correctie rode ogen
(Red-Eye Correction).
Pagina 164 van 710 pagina's
d
de
oa
Beweeg de cursor over de afbeelding. De vorm van de muisaanwijzer verandert in
(Penseel).
nl
ow
D
De functie Correctie rode ogen gebruiken
m
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
knop OK die op de afbeelding verschijnt.
fro
5. Versleep de cursor om het gebied te selecteren dat u wilt corrigeren en klik op de
Het rode-ogeneffect wordt verwijderd en de aanduiding
weergegeven in de linkerbovenhoek van de afbeelding.
(Correctie/verbetering) wordt
Opmerking
Klik op Ongedaan maken (Undo) als u de bewerking ongedaan wilt maken.
6. Klik op Geselecteerde afbeelding opslaan (Save Selected Image) of op Alle
gecorrigeerde afbeeldingen opslaan (Save All Corrected Images).
U kunt gecorrigeerde afbeeldingen opslaan als nieuwe bestanden.
Opmerking
Als u alleen de gewenste afbeelding wilt opslaan, klikt u op Geselecteerde afbeelding opslaan
(Save Selected Image). Als u alle afbeeldingen wilt opslaan, klikt u op Alle gecorrigeerde
afbeeldingen opslaan (Save All Corrected Images).
Gecorrigeerde afbeeldingen kunnen alleen worden opgeslagen in de bestandsindeling JPEG/
Exif.
7. Klik op Afsluiten (Exit).
Belangrijk
De correcties gaan verloren als u het programma afsluit voordat u gecorrigeerde afbeeldingen
hebt opgeslagen.
Naar boven
Pagina 165 van 710 pagina's
nl
ow
D
De functie Helderheid gezicht gebruiken
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Foto's corrigeren en verbeteren > De functie Helderheid gezicht gebruiken
U kunt gezichten die als gevolg van een lichte achtergrond donker lijken, helderder maken.
1. Selecteer foto's in het venster Afbeeldingen selecteren (Select Images) en klik op
(Afbeeldingen corrigeren/verbeteren).
Het venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images) wordt weergegeven.
Opmerking
U kunt het venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images) ook
weergeven door te klikken op
(Afbeeldingen corrigeren/verbeteren) in het venster Opmaak/
Afdrukken (Layout/Print) of Bewerken (Edit). In dat geval kan alleen de afbeelding worden
gecorrigeerd/verbeterd die in het voorbeeld wordt weergegeven.
Zie 'Venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images) ' voor meer
informatie over het venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images).
2. Selecteer de afbeelding die u wilt corrigeren in de lijst onder in het venster
Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images).
De afbeelding wordt weergegeven in Voorbeeld.
Opmerking
e
.b
U kunt donkere foto's als gevolg van een lichte achtergrond automatisch lichter maken door
Automatische fotocorrectie te selecteren.
Als de correctie niet voldoende is uitgevoerd, wordt aanbevolen om de functie Helderheid gezicht
toe te passen.
De functie Automatische fotocorrectie gebruiken
re
Opmerking
or
nb
de
an
.v
w
w
w
De functie Helderheid gezicht gebruiken
d
de
oa
Als slechts één afbeelding is geselecteerd, verschijnt de miniatuur niet in het
voorbeeldgedeelte.
Pagina 166 van 710 pagina's
nl
ow
D
De functie Helderheid gezicht gebruiken
m
Enhance).
fro
3. Klik op Handmatig (Manual) en vervolgens op Corrigeren/verbeteren (Correct/
w
w
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
4. Klik op Helderheid gezicht (Face Brightener).
Opmerking
U kunt het niveau van het effect wijzigen met de schuifregelaar onder Helderheid gezicht (Face
Brightener).
Beweeg de cursor over de afbeelding. De vorm van de muisaanwijzer verandert in
(Kruis).
5. Versleep de cursor om het gebied te selecteren dat u wilt corrigeren en klik op de
knop OK die op de afbeelding verschijnt.
De gehele afbeelding wordt bijgewerkt zodat het geselecteerde gedeelte met het gezicht helderder
wordt en de aanduiding
afbeelding.
(Correctie/verbetering) wordt weergegeven in de linkerbovenhoek van de
Opmerking
U kunt de rechthoek ook draaien door het geselecteerde gedeelte te verslepen.
Klik op Ongedaan maken (Undo) als u de bewerking ongedaan wilt maken.
6. Klik op Geselecteerde afbeelding opslaan (Save Selected Image) of op Alle
gecorrigeerde afbeeldingen opslaan (Save All Corrected Images).
U kunt gecorrigeerde afbeeldingen opslaan als nieuwe bestanden.
Opmerking
Als u alleen de gewenste afbeelding wilt opslaan, klikt u op Geselecteerde afbeelding opslaan
(Save Selected Image). Als u alle afbeeldingen wilt opslaan, klikt u op Alle gecorrigeerde
Pagina 167 van 710 pagina's
nl
ow
D
De functie Helderheid gezicht gebruiken
Exif.
d
de
oa
afbeeldingen opslaan (Save All Corrected Images).
Gecorrigeerde afbeeldingen kunnen alleen worden opgeslagen in de bestandsindeling JPEG/
fro
m
7. Klik op Afsluiten (Exit).
De correcties gaan verloren als u het programma afsluit voordat u gecorrigeerde afbeeldingen
hebt opgeslagen.
Naar boven
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Belangrijk
Pagina 168 van 710 pagina's
nl
ow
D
De functie Gezicht scherper maken gebruiken
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Foto's corrigeren en verbeteren > De functie Gezicht scherper maken gebruiken
U kunt onscherpe gezichten op een foto scherper maken.
U kunt de functie voor het verscherpen van gezichten handmatig of automatisch uitvoeren.
1. Selecteer foto's in het venster Afbeeldingen selecteren (Select Images) en klik op
(Afbeeldingen corrigeren/verbeteren).
Het venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images) wordt weergegeven.
Opmerking
U kunt het venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images) ook
weergeven door te klikken op
(Afbeeldingen corrigeren/verbeteren) in het venster Opmaak/
Afdrukken (Layout/Print) of Bewerken (Edit). In dat geval kan alleen de afbeelding worden
gecorrigeerd/verbeterd die in het voorbeeld wordt weergegeven.
Zie 'Venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images) ' voor meer
informatie over het venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images).
2. Selecteer de afbeelding die u wilt corrigeren in de lijst onder in het venster
Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images).
De afbeelding wordt weergegeven in Voorbeeld.
Opmerking
Als slechts één afbeelding is geselecteerd, verschijnt de miniatuur niet in het
voorbeeldgedeelte.
Automatische correctie
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
De functie Gezicht scherper maken gebruiken
Pagina 169 van 710 pagina's
nl
ow
D
De functie Gezicht scherper maken gebruiken
d
de
oa
3. Zorg dat Auto is geselecteerd.
4. Klik op Gezicht scherper maken (Face Sharpener).
fro
m
Opmerking
(Correctie/Verbetering) wordt
e
.b
re
Opmerking
(Vergelijken) om de afbeeldingen van voor en na de correctie naast elkaar weer te
Klik op
geven, zodat u het verschil kunt zien.
Klik op Geselecteerde afbeelding herstellen (Reset Selected Image) als u de bewerking
ongedaan wilt maken.
Als u de correctie op alle geselecteerde afbeeldingen tegelijk wilt toepassen, schakelt u het
selectievakje Toepassen op alle afbeeldingen (Apply to all images) in.
Handmatige correctie
3. Klik op Handmatig (Manual) en vervolgens op Corrigeren/verbeteren (Correct/
Enhance).
4. Klik op Gezicht scherper maken (Face Sharpener).
Opmerking
U kunt het niveau van het effect wijzigen met de schuifregelaar onder Gezicht scherper maken
(Face Sharpener).
Beweeg de cursor over de afbeelding. De vorm van de muisaanwijzer verandert in
(Kruis).
5. Versleep de cursor om het gebied te selecteren dat u wilt corrigeren en klik op de
knop OK die op de afbeelding verschijnt.
or
nb
de
an
.v
w
Het gezicht wordt scherper gemaakt en de aanduiding
weergegeven in de linkerbovenhoek van de afbeelding.
w
5. Klik op OK.
w
U kunt het niveau van het effect wijzigen met de schuifregelaar onder Gezicht scherper maken
(Face Sharpener).
Pagina 170 van 710 pagina's
nl
ow
D
De functie Gezicht scherper maken gebruiken
d
de
oa
m
fro
(Correctie/Verbetering) wordt weergegeven in de linkerbovenhoek van de
e
.b
re
aanduiding
afbeelding.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
De gezichtsdelen in en rond het geselecteerde gebied worden scherper gemaakt en de
Opmerking
U kunt de rechthoek ook draaien door het geselecteerde gedeelte te verslepen.
Klik op Ongedaan maken (Undo) als u de bewerking ongedaan wilt maken.
6. Klik op Geselecteerde afbeelding opslaan (Save Selected Image) of op Alle
gecorrigeerde afbeeldingen opslaan (Save All Corrected Images).
U kunt gecorrigeerde afbeeldingen opslaan als nieuwe bestanden.
Opmerking
Als u alleen de gewenste afbeelding wilt opslaan, klikt u op Geselecteerde afbeelding opslaan
(Save Selected Image). Als u alle afbeeldingen wilt opslaan, klikt u op Alle gecorrigeerde
afbeeldingen opslaan (Save All Corrected Images).
Gecorrigeerde afbeeldingen kunnen alleen worden opgeslagen in de bestandsindeling JPEG/
Exif.
7. Klik op Afsluiten (Exit).
Belangrijk
De correcties gaan verloren als u het programma afsluit voordat u gecorrigeerde afbeeldingen
hebt opgeslagen.
Naar boven
Pagina 171 van 710 pagina's
nl
ow
D
De functie Gezicht digitaal effenen gebruiken
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Foto's corrigeren en verbeteren > De functie Gezicht digitaal effenen gebruiken
U kunt de huid verbeteren door oneffenheden en rimpels te verwijderen.
U kunt de functie voor het digitaal effenen van het gezicht handmatig of automatisch uitvoeren.
1. Selecteer foto's in het venster Afbeeldingen selecteren (Select Images) en klik op
(Afbeeldingen corrigeren/verbeteren).
Het venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images) wordt weergegeven.
Opmerking
U kunt het venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images) ook
weergeven door te klikken op
(Afbeeldingen corrigeren/verbeteren) in het venster Opmaak/
Afdrukken (Layout/Print) of Bewerken (Edit). In dat geval kan alleen de afbeelding worden
gecorrigeerd/verbeterd die in het voorbeeld wordt weergegeven.
Zie 'Venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images) ' voor meer
informatie over het venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images).
2. Selecteer de afbeelding die u wilt verbeteren in de lijst onder in het venster
Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images).
De afbeelding wordt weergegeven in Voorbeeld.
Opmerking
Als slechts één afbeelding is geselecteerd, verschijnt de miniatuur niet in het
voorbeeldgedeelte.
Automatisch verbeteren
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
De functie Gezicht digitaal effenen gebruiken
d
de
oa
3. Zorg dat Auto is geselecteerd.
Pagina 172 van 710 pagina's
nl
ow
D
De functie Gezicht digitaal effenen gebruiken
4. Klik op Gezicht digitaal effenen (Digital Face Smoothing).
fro
m
Opmerking
(Correctie/verbetering) wordt weergegeven in de
e
.b
re
Opmerking
(Vergelijken) om de afbeeldingen van voor en na de verbetering naast elkaar weer
Klik op
te geven, zodat u het verschil kunt zien.
Klik op Geselecteerde afbeelding herstellen (Reset Selected Image) als u de verbetering
ongedaan wilt maken.
Als u de verbetering op alle geselecteerde afbeeldingen tegelijk wilt toepassen, schakelt u het
selectievakje Toepassen op alle afbeeldingen (Apply to all images) in.
Handmatig verbeteren
3. Klik op Handmatig (Manual) en vervolgens op Corrigeren/verbeteren (Correct/
Enhance).
4. Klik op Gezicht digitaal effenen (Digital Face Smoothing).
Opmerking
U kunt het niveau van het effect wijzigen met de schuifregelaar onder Gezicht digitaal effenen
(Digital Face Smoothing).
Beweeg de cursor over de afbeelding. De vorm van de muisaanwijzer verandert in
(Kruis).
5. Versleep de cursor om het gebied te selecteren dat u wilt verbeteren en klik op de
knop OK die op de afbeelding verschijnt.
or
nb
de
an
.v
w
Het gezicht wordt bijgewerkt en de aanduiding
linkerbovenhoek van de afbeelding.
w
5. Klik op OK.
w
U kunt het niveau van het effect wijzigen met de schuifregelaar onder Gezicht digitaal effenen
(Digital Face Smoothing).
Pagina 173 van 710 pagina's
nl
ow
D
De functie Gezicht digitaal effenen gebruiken
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
(Correctie/verbetering) wordt weergegeven in de linkerbovenhoek van de afbeelding.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Het deel van het gezicht in en rond het geselecteerde gedeelte wordt bijgewerkt en de aanduiding
Opmerking
U kunt de rechthoek ook draaien door het geselecteerde gedeelte te verslepen.
Klik op Ongedaan maken (Undo) als u de bewerking ongedaan wilt maken.
6. Klik op Geselecteerde afbeelding opslaan (Save Selected Image) of op Alle
gecorrigeerde afbeeldingen opslaan (Save All Corrected Images).
U kunt verbeterde afbeeldingen opslaan als nieuwe bestanden.
Opmerking
Als u alleen de gewenste afbeelding wilt opslaan, klikt u op Geselecteerde afbeelding opslaan
(Save Selected Image). Als u alle afbeeldingen wilt opslaan, klikt u op Alle gecorrigeerde
afbeeldingen opslaan (Save All Corrected Images).
Verbeterde afbeeldingen kunnen alleen worden opgeslagen in de bestandsindeling JPEG/Exif.
7. Klik op Afsluiten (Exit).
Belangrijk
De verbeteringen gaan verloren als u het programma afsluit voordat u verbeterde afbeeldingen
hebt opgeslagen.
Naar boven
Pagina 174 van 710 pagina's
nl
ow
D
De functie Vlekken verwijderen gebruiken
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Foto's corrigeren en verbeteren > De functie Vlekken verwijderen gebruiken
U kunt moedervlekjes verwijderen.
Het venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images) wordt weergegeven.
Opmerking
U kunt het venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images) ook
weergeven door te klikken op
(Afbeeldingen corrigeren/verbeteren) in het venster Opmaak/
Afdrukken (Layout/Print) of Bewerken (Edit). In dat geval kan alleen de afbeelding worden
gecorrigeerd/verbeterd die in het voorbeeld wordt weergegeven.
Zie 'Venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images) ' voor meer
informatie over het venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images).
2. Selecteer de afbeelding die u wilt verbeteren in de lijst onder in het venster
Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images).
De afbeelding wordt weergegeven in Voorbeeld.
Opmerking
Als slechts één afbeelding is geselecteerd, verschijnt de miniatuur niet in het
voorbeeldgedeelte.
3. Klik op Handmatig (Manual) en vervolgens op Corrigeren/verbeteren (Correct/
Enhance).
4. Klik Vlekken verwijderen (Blemish Remover).
e
.b
(Afbeeldingen corrigeren/verbeteren).
re
1. Selecteer foto's in het venster Afbeeldingen selecteren (Select Images) en klik op
or
nb
de
an
.v
w
w
w
De functie Vlekken verwijderen gebruiken
Pagina 175 van 710 pagina's
nl
ow
D
De functie Vlekken verwijderen gebruiken
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Opmerking
Beweeg de cursor over de afbeelding. De vorm van de muisaanwijzer verandert in
(Kruis).
5. Versleep de cursor om het gebied te selecteren dat u wilt verbeteren en klik op de
knop OK die op de afbeelding verschijnt.
Vlekjes in en rond het geselecteerde gebied worden bijgewerkt en de aanduiding
verbetering) wordt weergegeven in de linkerbovenhoek van de afbeelding.
(Correctie/
Opmerking
Klik op Ongedaan maken (Undo) als u de bewerking ongedaan wilt maken.
6. Klik op Geselecteerde afbeelding opslaan (Save Selected Image) of op Alle
gecorrigeerde afbeeldingen opslaan (Save All Corrected Images).
U kunt verbeterde afbeeldingen opslaan als nieuwe bestanden.
Opmerking
Als u alleen de gewenste afbeelding wilt opslaan, klikt u op Geselecteerde afbeelding opslaan
(Save Selected Image). Als u alle afbeeldingen wilt opslaan, klikt u op Alle gecorrigeerde
afbeeldingen opslaan (Save All Corrected Images).
Verbeterde afbeeldingen kunnen alleen worden opgeslagen in de bestandsindeling JPEG/Exif.
7. Klik op Afsluiten (Exit).
Belangrijk
De verbeteringen gaan verloren als u het programma afsluit voordat u verbeterde afbeeldingen
hebt opgeslagen.
Naar boven
Pagina 176 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afbeeldingen aanpassen
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Foto's corrigeren en verbeteren > Afbeeldingen aanpassen
U kunt de helderheid, het contrast en dergelijke van afbeeldingen aanpassen.
Het venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images) wordt weergegeven.
Opmerking
U kunt het venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images) ook
weergeven door te klikken op
(Afbeeldingen corrigeren/verbeteren) in het venster Opmaak/
Afdrukken (Layout/Print) of Bewerken (Edit). In dat geval kan alleen de afbeelding worden
gecorrigeerd/verbeterd die in het voorbeeld wordt weergegeven.
Zie 'Venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images) ' voor meer
informatie over het venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images).
2. Selecteer de afbeelding die u wilt aanpassen in de lijst onder in het venster
Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images).
De afbeelding wordt weergegeven in Voorbeeld.
Opmerking
Als slechts één afbeelding is geselecteerd, verschijnt de miniatuur niet in het
voorbeeldgedeelte.
3. Klik op Handmatig (Manual) en vervolgens op Aanpassen (Adjust).
4. Verplaats de schuifregelaar van het item dat u wilt aanpassen en stel het niveau van
het effect in.
e
.b
(Afbeeldingen corrigeren/verbeteren).
re
1. Selecteer foto's in het venster Afbeeldingen selecteren (Select Images) en klik op
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Afbeeldingen aanpassen
Pagina 177 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afbeeldingen aanpassen
U kunt de volgende eigenschappen aanpassen:
d
de
oa
Helderheid (Brightness)
Contrast
fro
Scherpte (Sharpness)
m
w
Vervagen (Blur)
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
Doorschijnendheid verwijderen (Show-through Removal)
Opmerking
Klik op Standaard (Defaults) als u aanpassingen ongedaan wilt maken.
5. Klik op Geselecteerde afbeelding opslaan (Save Selected Image) of op Alle
gecorrigeerde afbeeldingen opslaan (Save All Corrected Images).
U kunt aangepaste afbeeldingen opslaan als nieuwe bestanden.
Opmerking
Als u alleen de gewenste afbeelding wilt opslaan, klikt u op Geselecteerde afbeelding opslaan
(Save Selected Image). Als u alle afbeeldingen wilt opslaan, klikt u op Alle gecorrigeerde
afbeeldingen opslaan (Save All Corrected Images).
Aangepaste afbeeldingen kunnen alleen worden opgeslagen in de bestandsindeling JPEG/
Exif.
6. Klik op Afsluiten (Exit).
Belangrijk
De aanpassingen gaan verloren als u het programma afsluit voordat u aangepaste
afbeeldingen hebt opgeslagen.
Naar boven
Pagina 178 van 710 pagina's
nl
ow
D
Venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images)
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Foto's corrigeren en verbeteren > Venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images)
In dit venster kunt u afbeeldingen corrigeren en verbeteren.
Klik om het venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images) weer te geven op
(Afbeeldingen corrigeren/verbeteren) in het venster Afbeeldingen selecteren (Select Images) of
Bewerken (Edit) of in het venster Opmaak/Afdrukken (Layout/Print) van Photo Print.
(1)Werkbalk
Werkbalk
(Inzoomen/Uitzoomen)
Hiermee vergroot of verkleint u het voorbeeld van de pagina.
(Volledig scherm)
Hiermee geeft u de hele afbeelding weer in Voorbeeld.
(Vergelijken)
Hiermee geeft u het venster Afbeeldingen vergelijken (Compare Images) weer. U kunt hier de
afbeeldingen van voor en na de correctie/verbetering naast elkaar vergelijken.
De afbeelding voor de correctie/verbetering wordt links weergegeven en de afbeelding na de
correctie/verbetering wordt rechts weergegeven.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance
Images)
Pagina 179 van 710 pagina's
nl
ow
D
Venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images)
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
(2)Taakgebied
Op de tabbladen Auto en Handmatig (Manual) zijn verschillende taken en instellingen beschikbaar.
Klik op Auto of Handmatig (Manual) om het betreffende tabblad te openen.
Tabblad Auto
Selecteer dit tabblad om correcties automatisch toe te passen.
Automatische fotocorrectie (Auto Photo Fix)
Hiermee worden automatische fotocorrecties toegepast.
Belangrijk
De functie Automatische fotocorrectie (Auto Photo Fix) is niet beschikbaar voor Photo Print. Met
Photo Print kunt u automatisch correcties toepassen op alle foto's die u afdrukt. Selecteer deze
optie bij Kleurcorrectie voor afdrukken (Color correction for printing) op het tabblad
Geavanceerd (Advanced) in het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences). Als u het
dialoogvenster Voorkeuren (Preferences) wilt weergeven, klikt u op de knop
(Instellingen)
in het venster Opmaak/afdrukken (Layout/Print) of selecteert u Voorkeuren... (Preferences...) uit
het menu Bestand (File).
Voorrang geven aan Exif-info (Prioritize Exif Info)
Pagina 180 van 710 pagina's
nl
ow
D
Venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images)
d
de
oa
Gezicht scherper maken (Face Sharpener)
Hiermee kunt u onscherpe gezichten verscherpen.
Geef met de schuifregelaar het niveau van het effect op.
Gezicht digitaal effenen (Digital Face Smoothing)
Hiermee kunt u de huid verbeteren door oneffenheden en rimpels te verwijderen.
Geef met de schuifregelaar het niveau van het effect op.
Toepassen op alle afbeeldingen (Apply to all images)
Wanneer u deze optie selecteert, worden alle afbeeldingen in de lijst automatisch gecorrigeerd.
OK
Hiermee past u het geselecteerde effect toe op de geselecteerde afbeelding of op alle
afbeeldingen.
Geselecteerde afbeelding herstellen (Reset Selected Image)
Hiermee annuleert u alle correcties en verbeteringen die u op de geselecteerde afbeelding hebt
toegepast.
Geselecteerde afbeelding opslaan (Save Selected Image)
Hiermee wordt de geselecteerde afbeelding met correcties en verbeteringen opgeslagen.
Alle gecorrigeerde afbeeldingen opslaan (Save All Corrected Images)
Hiermee worden alle afbeeldingen met correcties en verbeteringen die worden weergegeven in de
lijst opgeslagen.
Afsluiten (Exit)
Klik hierop om het venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images) af te
sluiten.
Tabblad Handmatig
Selecteer dit tabblad om afbeeldingen handmatig te corrigeren.
Gebruik Aanpassen (Adjust) om de helderheid en het contrast aan te passen of om de hele afbeelding
scherper te maken.
Gebruik Corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance) als u specifieke gedeelten wilt corrigeren/verbeteren.
Aanpassen
e
.b
Voor Photo Print kunt u rode ogen ook corrigeren door Automatische fotocorrectie inschakelen
(Enable Auto Photo Fix) te selecteren bij Kleurcorrectie voor afdrukken (Color correction for
printing) op het tabblad Geavanceerd (Advanced) van het dialoogvenster Voorkeuren
(Preferences) en het selectievakje Correctie rode ogen inschakelen (Enable Red-Eye
Correction) aan te vinken.
re
Opmerking
or
nb
de
an
.v
w
Hiermee worden rode ogen gecorrigeerd.
w
Correctie rode ogen (Red-Eye Correction)
w
Exif is een standaardindeling waarmee u verschillende opnamegegevens kunt toevoegen
aan afbeeldingen van digitale camera's (JPEG).
Bij Photo Print kunt u geschikte correcties ook toepassen op basis van Exif-informatie door
Automatische fotocorrectie inschakelen (Enable Auto Photo Fix) te selecteren bij
Kleurcorrectie voor afdrukken (Color correction for printing) op het tabblad Geavanceerd
(Advanced) van het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences) en het selectievakje Voorrang
geven aan Exif-info (Prioritize Exif Info) aan te vinken.
m
Opmerking
fro
Schakel dit selectievakje in om correcties toe te passen die voornamelijk zijn gebaseerd op de
instellingen die waren geselecteerd op het moment van vastleggen.
Schakel dit selectievakje uit om correcties toe te passen op basis van de resultaten van de
afbeeldingsanalyse. Deze instelling wordt aanbevolen.
Pagina 181 van 710 pagina's
nl
ow
D
Venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images)
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Helderheid (Brightness)
De algemene helderheid van de afbeelding wordt aangepast.
Verplaats de schuifregelaar naar links om de afbeelding donkerder te maken en naar rechts om
deze lichter te maken.
Contrast
Het contrast van de afbeelding wordt aangepast. Als de afbeelding flets is vanwege gebrek aan
contrast, kunt u het contrastniveau aanpassen.
Verplaats de schuifregelaar naar links om het contrast van de afbeelding te verlagen en naar rechts
om het te verhogen.
Scherpte (Sharpness)
Versterkt de contouren van onderwerpen om de afbeelding scherper te maken. Pas de scherpte
aan als de foto onscherp is of tekst vaag leesbaar is.
Verplaats de schuifregelaar naar rechts om de afbeelding scherper te maken.
Vervagen (Blur)
Vervaagt de contouren van onderwerpen om de afbeelding een zachtere uitstraling te geven.
Verplaats de schuifregelaar naar rechts om de afbeelding te vervagen.
Doorschijnendheid verwijderen (Show-through Removal)
Verwijdert doorschijnendheid van tekst of de basiskleur door de achterkant. Pas het niveau van
doorschijnendheid aan om te voorkomen dat tekst of de basiskleur van de achterkant van een dun
document doorschijnt op de voorkant.
Verplaats de schuifregelaar naar rechts om doorschijnendheid meer te verwijderen.
Standaard (Defaults)
Hiermee herstelt u de standaardwaarden voor alle aanpassingen (helderheid, contrast, scherpte,
vervagen en doorschijnendheid verwijderen).
Geselecteerde afbeelding herstellen (Reset Selected Image)
Hiermee annuleert u alle aanpassingen die u op de geselecteerde afbeelding hebt toegepast.
Geselecteerde afbeelding opslaan (Save Selected Image)
Hiermee wordt de geselecteerde afbeelding in de lijst met toegepaste verbeteringen opgeslagen.
Alle gecorrigeerde afbeeldingen opslaan (Save All Corrected Images)
Hiermee worden alle afbeeldingen met verbeteringen die worden weergegeven in de lijst
opgeslagen.
Afsluiten (Exit)
Klik hierop om het venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images) af te
sluiten.
Corrigeren/verbeteren
Pagina 182 van 710 pagina's
nl
ow
D
Venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images)
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Correctie rode ogen (Red-Eye Correction)
Hiermee worden rode ogen gecorrigeerd.
U kunt het gedeelte opgeven waarop u het effect wilt toepassen. Geef met de schuifregelaar het
niveau van het effect op.
Opmerking
Voor Photo Print worden rode ogen automatisch gecorrigeerd als Automatische fotocorrectie
inschakelen (Enable Auto Photo Fix) is geselecteerd in Kleurcorrectie voor afdrukken (Color
correction for printing) op het tabblad Geavanceerd (Advanced) van het dialoogvenster
Voorkeuren (Preferences) en het selectievakje Correctie rode ogen inschakelen (Enable RedEye Correction) is ingeschakeld. Schakel het selectievakje uit als u de automatische correctie
wilt uitschakelen.
Helderheid gezicht (Face Brightener)
Hiermee wordt de hele afbeelding gecorrigeerd, zodat het geselecteerde deel van het gezicht
helderder wordt.
Geef met de schuifregelaar het niveau van het effect op.
Gezicht scherper maken (Face Sharpener)
Hiermee kunt u onscherpe gezichten verscherpen.
U kunt het gedeelte opgeven waarop u het effect wilt toepassen. Geef met de schuifregelaar het
niveau van het effect op.
Gezicht digitaal effenen (Digital Face Smoothing)
Hiermee kunt u de huid verbeteren door oneffenheden en rimpels te verwijderen.
U kunt het gedeelte opgeven waarop u het effect wilt toepassen. Geef met de schuifregelaar het
niveau van het effect op.
Vlekken verwijderen (Blemish Remover)
Hiermee kunt u moedervlekjes verwijderen.
U kunt het gedeelte opgeven waarop u het effect wilt toepassen.
OK
Hiermee past u het geselecteerde effect toe op het opgegeven gebied.
Ongedaan maken (Undo)
Hiermee wordt de laatste correctie/verbetering geannuleerd.
Geselecteerde afbeelding herstellen (Reset Selected Image)
Hiermee annuleert u alle correcties en verbeteringen die u op de geselecteerde afbeelding hebt
Pagina 183 van 710 pagina's
nl
ow
D
Venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images)
toegepast.
Hiermee wordt de geselecteerde afbeelding met correcties en verbeteringen opgeslagen.
d
de
oa
Geselecteerde afbeelding opslaan (Save Selected Image)
e
.b
re
Naar boven
or
nb
de
an
.v
w
Klik hierop om het venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images) af te
sluiten.
w
Afsluiten (Exit)
w
Hiermee worden alle afbeeldingen met correcties en verbeteringen die worden weergegeven in de
lijst opgeslagen.
m
fro
Alle gecorrigeerde afbeeldingen opslaan (Save All Corrected Images)
Pagina 184 van 710 pagina's
nl
ow
D
Vragen en antwoorden
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
m
fro
Vragen en antwoorden
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Vragen en antwoorden
Hoe kan ik het opgeslagen bestand verplaatsen (of kopiëren)?
Welke zijde van de weergegeven afbeelding wordt het eerst afgedrukt?
re
e
.b
Hoe kan ik met gelijke marges afdrukken?
Wat is O1 of O4?
Naar boven
Pagina 185 van 710 pagina's
nl
ow
D
Hoe kan ik het opgeslagen bestand verplaatsen (of kopiëren)?
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Vragen en antwoorden > Hoe kan ik het opgeslagen bestand verplaatsen (of kopiëren)?
Opmerking
De pictogrammen variëren, afhankelijk van de items.
Belangrijk
Wijzig de naam van de map Data niet, anders kunt u geen foto's weergeven die u hebt bewerkt met
Easy-PhotoPrint EX.
Naar boven
e
.b
Als u bijvoorbeeld een bestand opslaat met de naam "MijnAlbum.el1", wordt automatisch een map
"MijnAlbum.el1.Data" gemaakt in de map waarin het bestand "MijnAlbum.el1" zich bevindt. Als u het
bestand "MijnAlbum.el1" naar een andere map wilt verplaatsen (of kopiëren), moet u ook de map
"MijnAlbum.el1.Data" verplaatsen. De map "MijnAlbum.el1.Data" bevat de foto's die in het album worden
gebruikt.
re
Als u een bestand dat is gemaakt en opgeslagen met Easy-PhotoPrint EX wilt verplaatsen (of kopiëren)
van de ene map naar de andere, moet u ook de map verplaatsen (of kopiëren) die automatisch is
gemaakt toen het bestand werd opgeslagen.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Hoe kan ik het opgeslagen bestand verplaatsen (of kopiëren)?
Pagina 186 van 710 pagina's
nl
ow
D
Welke zijde van de weergegeven afbeelding wordt het eerst afgedrukt?
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Vragen en antwoorden > Welke zijde van de weergegeven afbeelding wordt het eerst afgedrukt?
Raadpleeg de handleiding van de printer voor meer informatie over het plaatsen van papier voor
afdrukken op de voorzijde/achterzijde en dergelijke.
Naar boven
e
.b
Het papier wordt uitgevoerd in de richting die door de pijl wordt aangegeven.
re
Zoals hieronder wordt weergegeven, wordt het afdrukken gestart aan de linkerkant van de afbeelding die
in het venster Opmaak/Afdrukken (Layout/Print) wordt weergegeven.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Welke zijde van de weergegeven afbeelding wordt het eerst
afgedrukt?
Pagina 187 van 710 pagina's
nl
ow
D
Hoe kan ik met gelijke marges afdrukken?
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Vragen en antwoorden > Hoe kan ik met gelijke marges afdrukken?
Als u het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences) wilt weergeven, klikt u op de knop
(Instellingen)
in het venster Opmaak/afdrukken (Layout/Print) of selecteert u Voorkeuren... (Preferences...) uit het menu
Bestand (File).
Snijd de foto bij om gelijke marges te krijgen.
Foto's bijsnijden (Photo Print)
Opmerking
Deze instelling is alleen beschikbaar voor Photo Print.
Naar boven
e
.b
Als u altijd wilt afdrukken met gelijke marges, schakelt u het selectievakje Altijd bijsnijden wanneer u een
indeling met marges selecteert (Always crop images when selecting a layout with margins) in op het
tabblad Geavanceerd (Advanced) van het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences).
re
Wanneer u een indeling met randen kiest, is het mogelijk dat de marges links en rechts of boven en
onder niet gelijk zijn, afhankelijk van de afbeelding en de printer.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Hoe kan ik met gelijke marges afdrukken?
Pagina 188 van 710 pagina's
nl
ow
D
Wat is O1 of O4?
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Vragen en antwoorden > Wat is O1 of O4?
Wanneer een album wordt afgedrukt, worden labels als O1 en O4 afgedrukt als paginanummers.
e
.b
re
De O1 en O4 staan respectievelijk voor voorblad en achteromslag.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Wat is O1 of O4?
O1: Voorblad
O2: Binnenkant voorblad
O3: Binnenzijde achteromslag
O4: Achteromslag
Naar boven
Pagina 189 van 710 pagina's
nl
ow
D
Instellingen voor Photo Print
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Instellingen voor Photo Print
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Instellingen voor Photo Print
Levendige foto's afdrukken
Ruis in foto's reduceren
re
e
.b
Foto's bijsnijden (Photo Print)
Een datum op foto's afdrukken (Photo Print)
Meerdere foto's op één pagina afdrukken
Een index afdrukken
Pasfoto's afdrukken (ID Photo Print)
Fotogegevens afdrukken
Foto's opslaan
Opgeslagen bestanden openen
Naar boven
Pagina 190 van 710 pagina's
nl
ow
D
Levendige foto's afdrukken
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Instellingen voor Photo Print > Levendige foto's afdrukken
e
.b
re
Schakel het selectievakje Vivid Photo in het venster Papier selecteren (Select Paper) in als u de kleuren
in een foto wilt verlevendigen voordat u deze afdrukt.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Levendige foto's afdrukken
Belangrijk
Deze functie is alleen beschikbaar voor printers die Vivid Photo ondersteunen.
Deze functie is niet beschikbaar als ICC-profiel inschakelen (Enable ICC Profile) is geselecteerd
op het tabblad Geavanceerd (Advanced) van het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences).
Opmerking
Als u Vivid Photo selecteert, is dit alleen van invloed op de afdruk. De oorspronkelijke afbeelding of
het afdrukvoorbeeld blijft ongewijzigd.
Naar boven
Pagina 191 van 710 pagina's
nl
ow
D
Ruis in foto's reduceren
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Instellingen voor Photo Print > Ruis in foto's reduceren
Belangrijk
Deze functie is niet beschikbaar als ICC-profiel inschakelen (Enable ICC Profile) is geselecteerd
op het tabblad Geavanceerd (Advanced) van het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences).
Opmerking
Bij veel ruis wijzigt u Normaal (Normal) in Krachtig (Strong).
Deze functie heeft alleen effect op het afdrukresultaat. De oorspronkelijke afbeelding of het
afdrukvoorbeeld blijft ongewijzigd.
Naar boven
e
.b
Schakel het selectievakje Ruisreductie in foto (Photo Noise Reduction) in het venster Papier selecteren
(Select Paper) in om ruis in de foto te verminderen en de afgedrukte foto's helderder te maken.
re
Een foto die op een donkere locatie (bijvoorbeeld 's nachts) met een digitale camera is gemaakt, kan
ruis bevatten.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Ruis in foto's reduceren
Pagina 192 van 710 pagina's
nl
ow
D
Foto's bijsnijden (Photo Print)
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Instellingen voor Photo Print > Foto's bijsnijden (Photo Print)
Bij het bijsnijden van foto's selecteert u het deel dat u wilt behouden en wordt de rest verwijderd.
(Afbeelding bijsnijden) in het scherm Opmaak/Afdrukken (Layout/Print) of dubbelklik op de
Klik op
voorbeeldafbeelding.
Plaats het witte kader over het gedeelte dat u wilt afdrukken en klik op OK.
Opmerking
U kunt het bijsnijdgebied ook verplaatsen door de cursor in het witte kader te plaatsen en dit te
verslepen. Versleep de witte lijnen om het bijsnijdgebied te vergroten of verkleinen.
Schakel het selectievakje De regel van drie (The Rule of Thirds) in om witte streepjeslijnen weer te
geven. U kunt een evenwichtige compositie maken door een van de kruispunten (witte vierkantjes)
of witte streepjeslijnen naar het hoofdonderwerp van de foto te verslepen.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Foto's bijsnijden (Photo Print)
Pagina 193 van 710 pagina's
nl
ow
D
Foto's bijsnijden (Photo Print)
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Het bijsnijden heeft alleen effect op het afdrukresultaat. De oorspronkelijke afbeelding wordt niet
bijgesneden.
Raadpleeg de Help voor meer informatie over het venster Bijsnijden (Crop).
Naar boven
Pagina 194 van 710 pagina's
nl
ow
D
Een datum op foto's afdrukken (Photo Print)
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Instellingen voor Photo Print > Een datum op foto's afdrukken (Photo Print)
De datum wordt weergegeven volgens de datumnotatie die is ingesteld in uw besturingssysteem
(mm-dd-jjjj, enzovoort).
Raadpleeg de Help voor meer informatie over het instellen van de datum.
Naar boven
e
.b
Opmerking
re
Als u de datum waarop de foto is gemaakt op de foto wilt afdrukken, klikt u op de knop
(Datuminstellingen) in het venster Opmaak/afdrukken (Layout/Print) en schakelt u vervolgens het
selectievakje Afdrukdatum (Print Date) in het dialoogvenster Datuminstellingen (Date Settings) in.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Een datum op foto's afdrukken (Photo Print)
Pagina 195 van 710 pagina's
nl
ow
D
Meerdere foto's op één pagina afdrukken
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Instellingen voor Photo Print > Meerdere foto's op één pagina afdrukken
e
.b
re
U kunt meerdere foto's op één pagina afdrukken door een indeling met meerdere foto's te selecteren in
het venster Opmaak/Afdrukken (Layout/Print).
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Meerdere foto's op één pagina afdrukken
Opmerking
Zie het volgende onderwerp voor meer informatie over het selecteren van foto's.
Een foto selecteren
De aantallen foto's en indelingen kunnen per mediumtype variëren.
De foto's worden als volgt gerangschikt.
Voorbeeld: Geen randen (x4)
U kunt de afdrukvolgorde wijzigen bij Afdrukvolgorde (Printing Order) op het tabblad Afdrukken
(Print) in het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences).
U kunt hier kiezen uit Op datum (By Date), Op naam (By Name) en Op selectie (By Selection).
Als u het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences) wilt weergeven, klikt u op
selecteert u Voorkeuren... (Preferences...) in het menu Bestand (File).
(Instellingen) of
Naar boven
Pagina 196 van 710 pagina's
nl
ow
D
Een index afdrukken
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Instellingen voor Photo Print > Een index afdrukken
Belangrijk
U kunt geen index afdrukken als u een van de volgende papierformaten hebt geselecteerd.
- Creditcard
U kunt maximaal 80 afbeeldingen afdrukken op één pagina.
Opmerking
Zie het volgende onderwerp voor meer informatie over het selecteren van foto's.
Een foto selecteren
De foto's worden als volgt gerangschikt.
Voorbeeld: Index (x20)
U kunt de afdrukvolgorde wijzigen bij Afdrukvolgorde (Printing Order) op het tabblad Afdrukken
(Print) in het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences).
U kunt hier kiezen uit Op datum (By Date), Op naam (By Name) en Op selectie (By Selection).
Als u het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences) wilt weergeven, klikt u op
(Instellingen) of
e
.b
Als u een index wilt afdrukken, selecteert u Index uit de indelingen in het venster Opmaak/Afdrukken
(Layout/Print).
re
U kunt een index afdrukken van geselecteerde foto's. Op een indexafdruk worden de miniaturen van de
foto's weergegeven op één pagina. Dit is een handige manier om uw foto's te beheren.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Een index afdrukken
selecteert u Voorkeuren... (Preferences...) in het menu Bestand (File).
Pagina 197 van 710 pagina's
nl
ow
D
Een index afdrukken
d
de
oa
Naar boven
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Pagina 198 van 710 pagina's
nl
ow
D
Pasfoto's afdrukken (ID Photo Print)
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Instellingen voor Photo Print > Pasfoto's afdrukken (ID Photo Print)
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Pasfoto's afdrukken (ID Photo Print)
U kunt verschillende pasfoto's afdrukken.
e
.b
re
Belangrijk
De foto is mogelijk niet geschikt als een officiële pasfoto.
Raadpleeg voor meer informatie de instantie waarvoor u de foto wilt gebruiken.
Als u pasfoto's wilt afdrukken, selecteert u 4"x6" 10x15cm bij Papierformaat (Paper Size) in het venster
Papier selecteren (Select Paper) en selecteert u een indeling voor de pasfoto uit de indelingen in het
venster Opmaak/Afdrukken (Layout/Print).
Opmerking
Zie het volgende onderwerp voor meer informatie over het selecteren van foto's.
Een foto selecteren
De foto's worden als volgt gerangschikt.
Voorbeeld: ID-foto 3.5 x 4.5cm
U kunt de afdrukvolgorde wijzigen bij Afdrukvolgorde (Printing Order) op het tabblad Afdrukken
(Print) in het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences).
U kunt hier kiezen uit Op datum (By Date), Op naam (By Name) en Op selectie (By Selection).
Als u het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences) wilt weergeven, klikt u op
selecteert u Voorkeuren... (Preferences...) in het menu Bestand (File).
(Instellingen) of
Pasfoto's kunnen alleen worden afgedrukt op papier van 10x15 cm.
Pagina 199 van 710 pagina's
nl
ow
D
Pasfoto's afdrukken (ID Photo Print)
d
de
oa
Naar boven
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Pagina 200 van 710 pagina's
nl
ow
D
Fotogegevens afdrukken
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Instellingen voor Photo Print > Fotogegevens afdrukken
U kunt de foto en de Exif-informatie naast elkaar afdrukken.
Zie het volgende onderwerp voor meer informatie over het selecteren van foto's.
Een foto selecteren
Deze functie is alleen beschikbaar voor de papierformaten Letter 8,5"x11" en A4.
Naar boven
e
.b
Opmerking
re
Als u ze wilt afdrukken, selecteert u Letter 8,5"x11" of A4 bij Papierformaat (Paper Size) in het venster
Papier selecteren (Select Paper) en selecteert u Opnamegegevens (Captured Info) uit de indelingen in
het venster Opmaak/Afdrukken (Layout/Print).
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Fotogegevens afdrukken
Pagina 201 van 710 pagina's
nl
ow
D
Foto's opslaan
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Instellingen voor Photo Print > Foto's opslaan
e
.b
re
U kunt bewerkte foto's opslaan. De gegevens over het bijsnijden en de indeling kunnen worden
opgeslagen.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Foto's opslaan
Klik op Opslaan (Save) in het venster Opmaak/Afdrukken (Layout/Print).
Wanneer het dialoogvenster Opslaan als (Save As) wordt weergegeven, geeft u de locatie en de
bestandsnaam op en klikt u op Opslaan (Save).
Belangrijk
Als u een opgeslagen bestand bewerkt en opnieuw opslaat, wordt het bestand overschreven.
Als u een bestand opnieuw wilt opslaan onder een nieuwe naam of op een andere locatie,
selecteert u Opslaan als... (Save As...) in het menu Bestand (File) en slaat u het bestand op.
Opmerking
Opslaan (Save) wordt niet weergegeven in de vensters Afbeeldingen selecteren (Select Images) en
Papier selecteren (Select Paper).
Naar boven
Pagina 202 van 710 pagina's
nl
ow
D
Opgeslagen bestanden openen
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Instellingen voor Photo Print > Opgeslagen bestanden openen
U kunt bestanden openen die zijn gemaakt met Easy-PhotoPrint EX.
1. Klik bij Menu op Bibliotheek (Library).
Het dialoogvenster Openen (Open) wordt weergegeven.
U kunt bestanden die zijn gemaakt en opgeslagen met Easy-PhotoPrint EX bekijken in de
pictogramweergave (alleen voor Windows Vista) of de miniatuurweergave.
Belangrijk
Wanneer u de 64-bits versie van Windows Vista of Windows XP gebruikt, kan de inhoud van
bestanden niet worden weergegeven in de Verkenner.
2. Selecteer het bestand dat u wilt openen en klik op Openen (Open).
Het venster Opmaak/Afdrukken (Layout/Print) wordt weergegeven.
Opmerking
De volgende bestandsindeling (extensie) wordt ondersteund door Easy-PhotoPrint EX.
- Easy-PhotoPrint EX Photo Print-bestand (.el6)
3. Bewerk het bestand indien nodig.
Opmerking
U kunt bestanden die zijn gemaakt met Easy-PhotoPrint EX niet alleen openen via Bibliotheek
(Library) in Menu, maar ook op de volgende manieren.
- Dubbelklik of klik op het bestand.
- Klik in het menu Bestand (File) op Openen... (Open...) en selecteer het bestand dat u wilt
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Opgeslagen bestanden openen
Pagina 203 van 710 pagina's
nl
ow
D
Opgeslagen bestanden openen
d
de
oa
bewerken.
U kunt een onlangs geopend bestand ook openen door op de bestandsnaam te klikken in het
menu Bestand (File).
m
fro
Naar boven
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Pagina 204 van 710 pagina's
nl
ow
D
Overige instellingen
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Overige instellingen
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Overige instellingen
Indeling wijzigen
Achtergrond wijzigen
re
e
.b
Foto's toevoegen
Positie van foto's verwisselen
Foto's vervangen
Positie, hoek en formaat van foto's wijzigen
Foto's bijsnijden
Foto's in kader plaatsen
Een datum op foto's afdrukken
Opmerkingen aan foto's toevoegen
Tekst aan foto's toevoegen
Opslaan
Feestdagen instellen
Kalenderweergave instellen
Opgeslagen bestanden openen
Naar boven
Pagina 205 van 710 pagina's
nl
ow
D
Indeling wijzigen
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Overige instellingen > Indeling wijzigen
U kunt de indeling van elke pagina afzonderlijk wijzigen.
(Opmaak wijzigen).
Selecteer de opmaak die u wilt gebruiken in het dialoogvenster Opmaak wijzigen (Change Layout) en
klik op OK.
Album
Belangrijk
Als de nieuwe opmaak een ander aantal kaders bevat dan de huidige opmaak, gebeurt het
volgende:
Als het aantal kaders : De afbeeldingen van de volgende pagina's worden naar voren gehaald
om alle kaders in de nieuwe opmaak te vullen.
is verhoogd
Als het aantal kaders : Pagina's met de nieuwe opmaak worden toegevoegd tot alle
is verlaagd
afbeeldingen op de pagina's met de huidige opmaak passen.
Als u voor het voorblad of de achteromslag een andere indeling kiest die minder kaders bevat,
worden afbeeldingen die niet in de nieuwe opmaak passen verwijderd, te beginnen met de
afbeelding die als laatste is toegevoegd aan de eerdere opmaakpagina.
Opmerking
De indelingen die u kunt selecteren, zijn afhankelijk van Papierformaat (Paper Size), Afdrukstand
(Orientation) of het type pagina dat u hebt geselecteerd (voorblad, binnenste pagina's of
achteromslag).
Schakel het selectievakje Toepassen op alle pagina's (Apply to all pages) in als u de indeling van
alle pagina's wilt wijzigen in de nieuwe indeling.
Kalender
e
.b
vervolgens op
re
Selecteer de pagina waarvan u de opmaak wilt veranderen in het venster Bewerken (Edit), en klik
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Indeling wijzigen
Pagina 206 van 710 pagina's
nl
ow
D
Indeling wijzigen
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Belangrijk
De opmaak van alle pagina's wordt gewijzigd in de geselecteerde opmaak.
Alle afbeeldingen die niet in de nieuwe opmaak passen, worden op de laatste pagina verzameld.
Opmerking
De indelingen die u kunt selecteren, zijn afhankelijk van het Papierformaat (Paper Size) en de
Afdrukstand (Orientation).
Opmaak afdrukken
Belangrijk
Als de nieuwe opmaak een ander aantal kaders bevat dan de huidige opmaak, gebeurt het
volgende:
Als het aantal kaders : De afbeeldingen van de volgende pagina's worden naar voren gehaald
om alle kaders in de nieuwe opmaak te vullen.
is verhoogd
Als het aantal kaders
is verlaagd
: Pagina's met de nieuwe opmaak worden toegevoegd tot alle
afbeeldingen op de pagina's met de huidige opmaak passen.
Opmerking
De indelingen die u kunt selecteren, zijn afhankelijk van het Papierformaat (Paper Size) en de
Afdrukstand (Orientation).
Schakel het selectievakje Toepassen op alle pagina's (Apply to all pages) in als u de indeling van
alle pagina's wilt wijzigen in de nieuwe indeling.
Pagina 207 van 710 pagina's
nl
ow
D
Indeling wijzigen
Naar boven
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Pagina 208 van 710 pagina's
nl
ow
D
Achtergrond wijzigen
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Overige instellingen > Achtergrond wijzigen
U kunt de achtergrond van elke pagina wijzigen.
Belangrijk
U kunt de achtergrond voor Photo Print, Stickers en Opmaak afdrukken (Layout Print) niet wijzigen.
Klik op Achtergrond... (Background...) in het scherm Pagina-instelling (Page Setup) of selecteer de
pagina waarvan u de achtergrond wilt veranderen in het venster Bewerken (Edit) en klik vervolgens op
(Achtergrond wijzigen).
Opmerking
De vensters voor het afdrukken van albums worden gebruikt als voorbeelden in de volgende
beschrijvingen. De vensters kunnen verschillen afhankelijk van wat u maakt.
Selecteer het gewenste achtergrondtype in het dialoogvenster Achtergrond wijzigen (Change
Background).
Als Selecteren uit voorbeelden (Select from samples) is geselecteerd
Selecteer de afbeelding die wilt gebruiken bij Voorbeelden (Samples) en klik op OK.
Opmerking
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Achtergrond wijzigen
Pagina 209 van 710 pagina's
nl
ow
D
Achtergrond wijzigen
d
de
oa
Selecteren uit voorbeelden (Select from samples) wordt alleen weergegeven als Album is
geselecteerd.
Op onze website zijn verschillende achtergronden beschikbaar naast de opgeslagen
achtergronden in de toepassing.
Klik op Achtergronden zoeken... (Search backgrounds...) om naar de Canon-website te gaan waar u
gratis extra materiaal kunt downloaden.
Voor toegang tot de website is een internetverbinding vereist. Aan de internetverbinding zijn de
gebruikelijke kosten verbonden.
De functie is mogelijk niet beschikbaar in sommige regio's.
Sluit Easy-PhotoPrint EX af voordat u achtergronden installeert.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
Stel Pad afbeeldingsbestand (Image File Path) en Indeling afbeelding (Image Layout) in en klik op OK.
w
Als Afbeeldingsbestand (Image file) is geselecteerd
m
Selecteer de gewenste kleur bij Standaardkleur (Standard color) of Aangepaste kleur (Custom color) en
klik op OK.
fro
Als Enkele kleur (Single color) is geselecteerd
Pagina 210 van 710 pagina's
nl
ow
D
Achtergrond wijzigen
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Opmerking
Raadpleeg de Help voor meer informatie over het instellen van de achtergrond in het
dialoogvenster Achtergrond wijzigen (Change Background).
Naar boven
Pagina 211 van 710 pagina's
nl
ow
D
Foto's toevoegen
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Overige instellingen > Foto's toevoegen
U kunt foto's aan pagina's toevoegen.
(Afbeelding toevoegen).
Opmerking
De vensters voor het afdrukken van albums worden gebruikt als voorbeelden in de volgende
beschrijvingen. De vensters kunnen verschillen afhankelijk van wat u maakt.
Selecteer de map met de afbeelding die u wilt toevoegen in de mappenstructuur links in het
dialoogvenster Afbeelding toevoegen (Add Image) en selecteer de afbeelding die u wilt toevoegen in het
venster met miniaturen aan de rechterkant.
Opmerking
Klik op een afbeelding om die te selecteren (de achtergrond wordt blauw) of om de selectie op te
heffen (de achtergrond wordt wit). U kunt ook meerdere afbeeldingen selecteren.
Selecteer een optie bij Toevoegen aan (Add to) en klik op OK.
Belangrijk
U kunt maximaal 20 afbeeldingen tegelijk toevoegen aan één pagina.
U kunt maximaal 99 identieke afbeeldingen aan alle pagina's samen toevoegen.
U kunt dezelfde afbeelding niet meerdere malen tegelijk toevoegen. Voeg de afbeeldingen een voor
een toe.
Als het aantal pagina's toeneemt doordat u afbeeldingen toevoegt, kunt u geen afbeeldingen
toevoegen na pagina 400.
Opmerking
U kunt alle afbeeldingen tegelijk selecteren of het weergaveformaat en de volgorde van de
miniaturen wijzigen in het dialoogvenster Afbeelding toevoegen (Add Image). Raadpleeg de Help
voor meer informatie.
Naar boven
e
.b
Selecteer de pagina waaraan u foto's wilt toevoegen in het venster Bewerken (Edit) en klik vervolgens op
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Foto's toevoegen
Pagina 212 van 710 pagina's
nl
ow
D
Positie van foto's verwisselen
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Overige instellingen > Positie van foto's verwisselen
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Positie van foto's verwisselen
U kunt de positie van afbeeldingen verwisselen.
e
.b
re
Klik op
(Afbeeldingsposities wisselen) in het venster Bewerken (Edit).
Opmerking
De vensters voor het afdrukken van albums worden gebruikt als voorbeelden in de volgende
beschrijvingen. De vensters kunnen verschillen afhankelijk van wat u maakt.
Selecteer de twee afbeeldingen die u wilt verwisselen en klik op Wisselen (Swap).
Wanneer u klaar bent met het verwisselen van foto's, klikt u op Terug naar Bewerken (Back to Edit).
Naar boven
Pagina 213 van 710 pagina's
nl
ow
D
Foto's vervangen
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Overige instellingen > Foto's vervangen
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Foto's vervangen
U kunt een afbeelding vervangen door een andere afbeelding.
Selecteer de map met de vervangende afbeelding in de mappenstructuur links in het dialoogvenster
Afbeelding vervangen (Replace Image).
Selecteer de vervangende afbeelding in het venster met miniaturen rechts in het venster en klik op OK.
Als u een afbeelding wilt kiezen die al is geïmporteerd, klikt u op de tab Geïmporteerde afbeeldingen
(Imported Images), selecteert u de gewenste afbeelding in het venster met miniaturen en klikt u op OK.
Belangrijk
Het is niet mogelijk meerdere afbeeldingen te selecteren in het dialoogvenster Afbeelding
vervangen (Replace Image).
Opmerking
Als u meerdere afbeeldingen selecteert in het venster Bewerken (Edit) en de vervangingsfunctie
gebruikt, worden alle afbeeldingen die zijn geselecteerd in het venster Bewerken (Edit) vervangen
door de afbeelding die is geselecteerd in het dialoogvenster Afbeelding vervangen (Replace
Image).
Wanneer afbeeldingen worden vervangen, worden de volgende instellingen van de oude
afbeelding overgenomen in de nieuwe afbeelding.
- Positie
- Formaat
- Kader
- Positie en formaat van de datum
Informatie over uitsnede en stand wordt niet overgenomen.
U kunt in het dialoogvenster Afbeelding vervangen (Replace Image) het weergaveformaat en de
volgorde van de miniaturen wijzigen. Raadpleeg de Help voor meer informatie.
Naar boven
e
.b
re
Selecteer de afbeelding die u wilt vervangen in het venster Bewerken (Edit) en klik vervolgens op
(Geselecteerde afbeelding vervangen).
Pagina 214 van 710 pagina's
nl
ow
D
Positie, hoek en formaat van foto's wijzigen
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Overige instellingen > Positie, hoek en formaat van foto's wijzigen
U kunt de positie, de hoek en het formaat van foto's wijzigen.
en klik op de knop
(Afbeelding bewerken) of dubbelklik op de afbeelding.
Stel de opties Middenpositie (Center Position), Draaien (Rotation) en Formaat (Size) in en klik op OK.
Opmerking
U kunt de positie en het formaat van een afbeelding ook wijzigen door de afbeelding te verslepen in
het venster Bewerken (Edit).
Selecteer een afbeelding in het venster Bewerken (Edit), klik op
(Vrij draaien) en versleep een
hoek van de afbeelding om deze te draaien.
Raadpleeg de Help voor meer informatie over de positie en afmetingen van afbeeldingen.
Naar boven
e
.b
Selecteer de afbeelding waarvan u de positie of afmetingen wilt wijzigen in het venster Bewerken (Edit)
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Positie, hoek en formaat van foto's wijzigen
Pagina 215 van 710 pagina's
nl
ow
D
Foto's bijsnijden
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Overige instellingen > Foto's bijsnijden
e
.b
re
Wanneer u een afbeelding bijsnijdt, selecteert u het deel dat u wilt behouden en wordt de rest
verwijderd.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Foto's bijsnijden
Selecteer de afbeelding die u wilt bijsnijden in het venster Bewerken (Edit) en klik vervolgens op
(Afbeelding bewerken) of dubbelklik op de afbeelding.
Klik op de tab Bijsnijden (Crop) in het dialoogvenster Afbeelding bewerken (Edit Image).
Versleep de witte vierkantjes in de afbeelding om het gedeelte dat u wilt bijsnijden te wijzigen en klik op
OK.
Opmerking
Raadpleeg de Help voor meer informatie over bijsnijden.
Naar boven
Pagina 216 van 710 pagina's
nl
ow
D
Foto's in kader plaatsen
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Overige instellingen > Foto's in kader plaatsen
U kunt kaders toevoegen aan afbeeldingen.
Belangrijk
U kunt geen kaders om foto's plaatsen voor Photo Print, Stickers en Opmaak afdrukken (Layout
Print).
Selecteer de afbeelding die u in een kader wilt plaatsen in het venster Bewerken (Edit) en klik vervolgens
op
(Afbeelding bewerken) of dubbelklik op de afbeelding.
Klik op de tab Kader (Frame) in het dialoogvenster Afbeelding bewerken (Edit Image).
Selecteer het kader dat u wilt gebruiken bij Kaders (Frames) en klik op OK.
Belangrijk
U kunt geen datums afdrukken op omkaderde foto's.
Opmerking
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Foto's in kader plaatsen
Pagina 217 van 710 pagina's
nl
ow
D
Foto's in kader plaatsen
d
de
oa
Schakel het selectievakje Toepassen op alle afbeeldingen op de pagina (Apply to all images in the
page) in als u hetzelfde kader tegelijkertijd wilt toevoegen aan alle foto's op een geselecteerde
pagina.
Op onze website zijn verschillende kaders beschikbaar naast de opgeslagen kaders in de
toepassing.
Klik op Kaders zoeken... (Search frames...) om naar de Canon-website te gaan waar u gratis extra
materiaal kunt downloaden.
Voor toegang tot de website is een internetverbinding vereist. Aan de internetverbinding zijn de
gebruikelijke kosten verbonden.
De functie is mogelijk niet beschikbaar in sommige regio's.
Sluit Easy-PhotoPrint EX af voordat u kaders installeert.
Kaders zoeken... (Search frames...) wordt alleen weergegeven als Album is geselecteerd.
Raadpleeg de Help voor meer informatie over kaders.
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Naar boven
Pagina 218 van 710 pagina's
nl
ow
D
Een datum op foto's afdrukken
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Overige instellingen > Een datum op foto's afdrukken
U kunt een datum afdrukken op afbeeldingen.
(Afbeelding bewerken) of dubbelklik op de afbeelding.
Klik op de tab Datum (Date) in het dialoogvenster Afbeelding bewerken (Edit Image).
Schakel het selectievakje Datum weergeven (Show date) in.
Stel Tekstrichting (Text Orientation), Positie (Position), Lettertypeformaat (Font Size) en Kleur (Color) in
en klik op OK.
Belangrijk
U kunt geen datums afdrukken op omkaderde afbeeldingen.
Opmerking
De datum wordt weergegeven volgens de datumnotatie die is ingesteld in uw besturingssysteem
(mm-dd-jjjj, enzovoort).
e
.b
knop
re
Selecteer de afbeelding waarop u een datum wilt afdrukken in het venster Bewerken (Edit) en klik op de
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Een datum op foto's afdrukken
Raadpleeg de Help voor meer informatie over het instellen van de datum.
Pagina 219 van 710 pagina's
nl
ow
D
Een datum op foto's afdrukken
d
de
oa
Naar boven
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Pagina 220 van 710 pagina's
nl
ow
D
Opmerkingen aan foto's toevoegen
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Overige instellingen > Opmerkingen aan foto's toevoegen
U kunt geen opmerkingen toevoegen bij Photo Print, Kalender (Calendar), Stickers en Opmaak
afdrukken (Layout Print).
Selecteer de afbeelding waaraan u een opmerking wilt toevoegen in het venster Bewerken (Edit) en klik
op de knop
(Afbeelding bewerken) of dubbelklik op de afbeelding.
Klik op de tab Opmerkingen (Comments) in het dialoogvenster Afbeelding bewerken (Edit Image).
e
.b
Belangrijk
re
U kunt opmerkingen toevoegen aan foto's en deze in uw album weergeven. De naam van de foto, de
opnamedatum en opmerkingen worden weergegeven (van boven naar beneden) in een
opmerkingenvak.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Opmerkingen aan foto's toevoegen
Pagina 221 van 710 pagina's
nl
ow
D
Opmerkingen aan foto's toevoegen
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Schakel het selectievakje Opmerkingenvak weergeven (Show comment box) in.
Schakel de selectievakjes in van de items die u wilt weergeven en voer de opmerkingen in.
Selecteer de tekengrootte, kleur, positie en dergelijke van de opmerkingen en klik op OK.
Opmerking
Raadpleeg de Help voor meer informatie over opmerkingen.
Naar boven
Pagina 222 van 710 pagina's
nl
ow
D
Tekst aan foto's toevoegen
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Overige instellingen > Tekst aan foto's toevoegen
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Tekst aan foto's toevoegen
U kunt tekst aan foto's toevoegen.
Opmerking
De vensters voor het afdrukken van albums worden gebruikt als voorbeelden in de volgende
beschrijvingen. De vensters kunnen verschillen afhankelijk van wat u maakt.
Selecteer de tab Tekst (Text) in het dialoogvenster Tekstvak bewerken (Edit Text Box) en voer de tekst in.
Opmerking
In het dialoogvenster Tekstvak bewerken (Edit Text Box) kunt u de positie, hoek en grootte van de
tekst wijzigen. U kunt ook de kleur en omlijning van het tekstvak instellen. Raadpleeg de Help voor
meer informatie.
Als u de ingevoerde tekst wilt wijzigen, selecteert u de tekst en klikt u op
(Tekstvak bewerken).
Het dialoogvenster Tekstvak bewerken (Edit Text Box) wordt weergegeven. U kunt de tekst nu
wijzigen.
Naar boven
e
.b
re
(Tekst toevoegen) in het venster Bewerken (Edit) en sleep de muis over het gedeelte waar
Klik op
u de tekst wilt plaatsen.
Pagina 223 van 710 pagina's
nl
ow
D
Opslaan
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Overige instellingen > Opslaan
U kunt bewerkte items opslaan.
Opmerking
De vensters voor het afdrukken van albums worden gebruikt als voorbeelden in de volgende
beschrijvingen. De vensters kunnen verschillen afhankelijk van wat u maakt.
Wanneer het dialoogvenster Opslaan als (Save As) wordt weergegeven, geeft u de locatie en de
bestandsnaam op en klikt u op Opslaan (Save).
Belangrijk
Als u een opgeslagen bestand bewerkt en opnieuw opslaat, wordt het bestand overschreven.
Als u een bestand opnieuw wilt opslaan onder een nieuwe naam of op een andere locatie,
selecteert u Opslaan als... (Save As...) in het menu Bestand (File) en slaat u het bestand op.
Opmerking
Opslaan (Save) wordt niet weergegeven in de vensters Pagina-instelling (Page Setup) en
Afbeeldingen selecteren (Select Images).
Naar boven
e
.b
Klik op Opslaan (Save) in het venster Bewerken (Edit) of het venster Afdrukinstellingen (Print Settings).
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Opslaan
Pagina 224 van 710 pagina's
nl
ow
D
Feestdagen instellen
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Overige instellingen > Feestdagen instellen
U kunt feestdagen aan uw kalender toevoegen.
Als u een feestdag wilt toevoegen, klikt u op Toevoegen... (Add...). Het dialoogvenster Feestdag
toevoegen/bewerken (Add/Edit Holiday) wordt weergegeven. Als u een opgeslagen feestdag wilt
bewerken, selecteert u deze en klikt u op Bewerken... (Edit...).
Als u een feestdag wilt verwijderen, selecteert u deze en klikt u op Verwijderen (Delete). Als u alle
opgeslagen feestdagen in uw kalenderperiode wilt verwijderen, klikt u op Wissen (Clear).
e
.b
(Periode/Feestdagen instellen) in het venster Bewerken (Edit) en klik op
(Calendar) of klik op
Feestdgn instellen... (Set Holidays...) in het dialoogvenster Algemene kalenderinstellingen (Calendar
General Settings) om het dialoogvenster Instellingen feestdag (Holiday Settings) weer te geven.
re
Klik op Feestdgn instellen... (Set Holidays...) in het venster Pagina-instelling (Page Setup) van Kalender
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Feestdagen instellen
Pagina 225 van 710 pagina's
nl
ow
D
Feestdagen instellen
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Voer de naam in bij Naam feestdag (Holiday Name) en geef de datum op.
Schakel het selectievakje Instellen als feestdag (Set as Holiday) in om die dag als feestdag weer te
geven in uw kalender.
Opmerking
Raadpleeg de Help voor meer informatie over elk dialoogvenster.
Naar boven
Pagina 226 van 710 pagina's
nl
ow
D
Kalenderweergave instellen
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Overige instellingen > Kalenderweergave instellen
U kunt de weergave van de kalender (lettertypen, lijnen, kleuren, positie, grootte en dergelijke)
Klik op Instellingen... (Settings...) in het venster Pagina-instelling (Page Setup) van Kalender (Calendar),
of selecteer een kalender in het venster Bewerken (Edit) en klik op
dialoogvenster Kalenderinstellingen (Calendar Settings) weer te geven.
(Kalender instellen) om het
Belangrijk
Het tabblad Positie en formaat (Position & Size) wordt alleen weergegeven als het dialoogvenster
Kalenderinstellingen (Calendar Settings) wordt geopend vanuit het venster Bewerken (Edit).
Opmerking
Raadpleeg de Help voor meer informatie over het dialoogvenster Kalenderinstellingen (Calendar
Settings).
Naar boven
e
.b
re
aanpassen.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Kalenderweergave instellen
Pagina 227 van 710 pagina's
nl
ow
D
Opgeslagen bestanden openen
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware >
Overige instellingen > Opgeslagen bestanden openen
U kunt bestanden openen die zijn gemaakt met Easy-PhotoPrint EX.
1. Klik bij Menu op Bibliotheek (Library).
Het dialoogvenster Openen (Open) wordt weergegeven.
U kunt bestanden die zijn gemaakt en opgeslagen met Easy-PhotoPrint EX bekijken in de
pictogramweergave (alleen voor Windows Vista) of de miniatuurweergave.
Belangrijk
Wanneer u de 64-bits versie van Windows Vista of Windows XP gebruikt, kan de inhoud van
bestanden niet worden weergegeven in de Verkenner.
2. Selecteer het bestand dat u wilt openen en klik op Openen (Open).
Het venster Bewerken (Edit) verschijnt.
Opmerking
De volgende bestandsindelingen (extensies) worden ondersteund door Easy-PhotoPrint EX.
- Easy-PhotoPrint EX Albumbestand (.el1)
- Easy-PhotoPrint EX Stickerbestand (.el2)
- Easy-PhotoPrint EX Kalenderbestand (.el4)
- Easy-PhotoPrint EX Indelingsbestand (.el5)
3. Bewerk het bestand indien nodig.
Opmerking
Zie de volgende onderwerpen voor meer informatie over bewerkingsprocedures.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Opgeslagen bestanden openen
d
de
oa
m
fro
Album bewerken
Kalender bewerken
Stickers bewerken
Opmaak afdrukken bewerken
Pagina 228 van 710 pagina's
nl
ow
D
Opgeslagen bestanden openen
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
Naar boven
w
Opmerking
U kunt bestanden die zijn gemaakt met Easy-PhotoPrint EX niet alleen openen via Bibliotheek
(Library) in Menu, maar ook op de volgende manieren.
- Dubbelklik of klik op het bestand.
- Klik in het menu Bestand (File) op Openen... (Open...) en selecteer het bestand dat u wilt
bewerken.
U kunt een onlangs geopend bestand ook openen door op de bestandsnaam te klikken in het
menu Bestand (File).
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met andere toepassingen
Pagina 229 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afdrukken met andere toepassingen
fro
m
Afdrukken met andere toepassingen
De afdrukkwaliteit wijzigen en afbeeldingsgegevens corrigeren
Overzicht van het printerstuurprogramma
Naar boven
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Verschillende afdrukmethoden
Pagina 230 van 710 pagina's
nl
ow
D
Verschillende afdrukmethoden
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met andere toepassingen > Verschillende
afdrukmethoden
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Verschillende afdrukmethoden
Afdrukken met de basisinstellingen
Een paginaformaat en afdrukstand opgeven
Instellingen voor aantal en afdrukvolgorde opgeven
re
De nietmarge instellen
e
.b
Afdrukken zonder marges
Passend op papier afdrukken
Afdrukken op schaal
Pagina-indeling afdrukken
Poster afdrukken
Boekje afdrukken
Dubbelzijdig afdrukken
Stempel/achtergrond afdrukken
Een stempel registreren
Afbeeldingsgegevens registreren die u als achtergrond wilt gebruiken
Een envelop afdrukken
Afdrukresultaten weergeven vóór het afdrukken
Papierformaat instellen (aangepast formaat)
Naar boven
Pagina 231 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afdrukken met de basisinstellingen
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met andere toepassingen > Verschillende
afdrukmethoden > Afdrukken met de basisinstellingen
U kunt de volgende eenvoudige instelprocedure gebruiken om op de juiste manier af te drukken met dit
apparaat:
1. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Afdrukken met de basisinstellingen
2. Selecteer een veelgebruikt profiel
Selecteer een geschikt afdrukprofiel bij Veelgebruikte instellingen (Commonly Used Settings) op
het tabblad Snel instellen (Quick Setup).
Wanneer u een afdrukprofiel selecteert, worden voor Extra functies (Additional Features),
Mediumtype (Media Type) en Papierformaat printer (Printer Paper Size) automatisch de vooraf
ingestelde waarden toegepast.
3. Selecteer de afdrukkwaliteit
Selecteer bij Afdrukkwaliteit (Print Quality) Hoog (High), Standaard (Standard) of Snel (Fast),
afhankelijk van het gewenste afdrukresultaat.
4. Voltooi de configuratie
Klik op OK.
Wanneer u het document afdrukt, worden de gewenste instellingen voor het document gebruikt.
Belangrijk
Als u het selectievakje Altijd afdrukken met huidige instellingen (Always Print with Current Settings)
inschakelt, worden alle instellingen op de tabbladen Snel instellen (Quick Setup), Afdruk (Main),
Pagina-instelling (Page Setup) en Effecten (Effects) opgeslagen en kunt u de volgende keer
afdrukken met dezelfde instellingen.
Klik op Opslaan... (Save...) om de aangebrachte instellingen op te slaan. Raadpleeg ' Een
veelgebruikt afdrukprofiel registreren ' voor instructies over het opslaan van instellingen.
Naar boven
Pagina 232 van 710 pagina's
nl
ow
D
Een paginaformaat en afdrukstand opgeven
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met andere toepassingen > Verschillende
afdrukmethoden > Een paginaformaat en afdrukstand opgeven
Het papierformaat en de afdrukstand worden in principe bepaald door de toepassing. Als de instellingen
voor Paginaformaat (Page Size) en Afdrukstand (Orientation) op het tabblad Pagina-instelling (Page
Setup) hetzelfde zijn als de instellingen in de toepassing, hoeft u deze niet te wijzigen op het tabblad
Pagina-instelling (Page Setup).
2. Selecteer het papierformaat
Selecteer een paginaformaat in de lijst Paginaformaat (Page Size) op het tabblad Pagina-instelling
(Page Setup).
3. Afdrukstand (Orientation)instellen
Selecteer Staand (Portrait) of Liggend (Landscape) voor Afdrukstand (Orientation). Schakel het
selectievakje 180 graden roteren (Rotate 180 degrees) in als u de afdrukgegevens 180 graden wilt
draaien.
4. Voltooi de configuratie
Klik op OK.
Het document wordt met het geselecteerde paginaformaat en de geselecteerde afdrukstand
afgedrukt.
Naar boven
e
.b
1. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
re
Als u deze instellingen niet in de toepassing kunt opgeven, geeft u als volgt een paginaformaat en
afdrukstand op:
U kunt het paginaformaat en de Afdrukstand (Orientation) ook instellen op het tabblad Snel instellen
(Quick Setup).
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Een paginaformaat en afdrukstand opgeven
Pagina 233 van 710 pagina's
nl
ow
D
Instellingen voor aantal en afdrukvolgorde opgeven
d
de
oa
e
.b
re
Vanaf de laatste pagina afdrukken (Print from Last Page) + Sorteren (Collate)
or
nb
de
an
.v
w
Sorteren (Collate)
w
Vanaf de laatste pagina afdrukken (Print from Last Page)
w
Standaardinstelling
m
Instellingen voor aantal en afdrukvolgorde opgeven
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met andere toepassingen > Verschillende
afdrukmethoden > Instellingen voor aantal en afdrukvolgorde opgeven
U geeft als volgt het aantal afdrukken en de afdrukvolgorde op:
U kunt ook het aantal exemplaren instellen op het tabblad Snel instellen (Quick Setup).
1. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
2. Geef het aantal exemplaren op dat u wilt afdrukken
Geef bij Aantal (Copies) op het tabblad Pagina-instelling (Page Setup) het aantal af te drukken
exemplaren op.
3. Geef de afdrukvolgorde op
Schakel het selectievakje Vanaf de laatste pagina afdrukken (Print from Last Page) in als u wilt dat
bij het afdrukken met de laatste pagina wordt begonnen. Als u dit doet, hoeft u de pagina's na het
afdrukken niet meer in de juiste volgorde te leggen.
Pagina 234 van 710 pagina's
nl
ow
D
Instellingen voor aantal en afdrukvolgorde opgeven
(Copies)
m
fro
Schakel het selectievakje Sorteren (Collate) in als u meerdere pagina’s tegelijk opgeeft.
Selecteer deze optie niet als u het document zo wilt afdrukken dat alle pagina’s met hetzelfde
nummer bij elkaar worden gegroepeerd.
d
de
oa
4. Stel gesorteerd afdrukken in als u meerdere exemplaren opgeeft in het vak Aantal
w
w
Klik op OK.
Het opgegeven aantal exemplaren wordt in de gekozen volgorde afgedrukt.
Belangrijk
Opmerking
Als u zowel Vanaf de laatste pagina afdrukken (Print from Last Page) als Sorteren (Collate)
inschakelt, worden de exemplaren van een document vanaf de laatste pagina en per exemplaar
afgedrukt.
Deze instellingen kunnen worden gebruikt in combinatie met Zonder marges (Borderless),Normaal
formaat (Normal-size), Passend op papier (Fit-to-Page), Op schaal (Scaled), Pagina-indeling (Page
Layout) en Dubbelzijdig afdrukken (Duplex Printing).
Naar boven
e
.b
Als de toepassing waarmee het document is gemaakt dezelfde functie heeft, geeft u voorrang aan
de instellingen van het printerstuurprogramma. Als de afdrukresultaten echter niet naar wens zijn,
geeft u de functie-instellingen op in de toepassing. Als u het aantal exemplaren en de
afdrukvolgorde in zowel de toepassing als dit stuurprogramma opgeeft, is het mogelijk dat de
waarden van deze twee instellingen voor het aantal exemplaren worden vermenigvuldigd of dat de
opgegeven afdrukvolgorde niet wordt ingeschakeld.
Vanaf de laatste pagina afdrukken (Print from Last Page) en Sorteren (Collate) zijn niet beschikbaar
voor selectie als Boekje (Booklet) bij Pagina-indeling (Page Layout) is geselecteerd.
Vanaf de laatste pagina afdrukken (Print from Last Page) is niet beschikbaar voor selectie als
Poster bij Pagina-indeling (Page Layout) is geselecteerd.
re
or
nb
de
an
.v
w
5. Voltooi de configuratie
Pagina 235 van 710 pagina's
nl
ow
D
De nietmarge instellen
d
de
oa
m
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
De nietmarge instellen
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met andere toepassingen > Verschillende
afdrukmethoden > De nietmarge instellen
De procedure voor het instellen van de nietzijde en de breedte van de marge is als volgt:
1. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
2. Geef op aan welke zijde de nietjes moeten komen
Controleer de positie van de nietmarge met Zijkant nieten (Staple Side) op het tabblad Paginainstelling (Page Setup).
De printer selecteert automatisch de beste nietpositie op basis van de instellingen voor Afdrukstand
(Orientation) en Pagina-indeling (Page Layout). Als u de instelling wilt wijzigen, selecteert u een
andere instelling in de lijst.
3. Stel de breedte van de marge in
Klik zo nodig op Marge instellen... (Specify Margin...) om de breedte van de marge in te stellen en
klik vervolgens op OK.
Pagina 236 van 710 pagina's
nl
ow
D
De nietmarge instellen
d
de
oa
m
fro
Klik op OK op het tabblad Pagina-instelling (Page Setup).
Wanneer u een document afdrukt, worden de opgegeven nietzijde en breedte van de marge
toegepast.
Belangrijk
Zijkant nieten (Staple Side) en Marge instellen... (Specify Margin...) zijn niet beschikbaar voor
selectie als:
Zonder marges (Borderless), Poster of Boekje (Booklet) is geselecteerd voor Pagina-indeling
(Page Layout).
Op schaal (Scaled) is geselecteerd bij Pagina-indeling (Page Layout). (Als Dubbelzijdig
afdrukken (Duplex Printing) ook is geselecteerd, is alleen Zijkant nieten (Staple Side)
beschikbaar voor selectie).
Naar boven
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
4. Voltooi de configuratie
Pagina 237 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afdrukken zonder marges
d
de
oa
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Met de functie voor afdrukken zonder marges kunt u gegevens randloos afdrukken door de gegevens te
vergroten, zodat ze net buiten de randen van het papier vallen. Zonder deze functie worden de gegevens
met een marge afgedrukt. Als u gegevens, zoals een foto, zonder lege rand eromheen wilt afdrukken,
selecteert u Afdrukken zonder marges.
m
Afdrukken zonder marges
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met andere toepassingen > Verschillende
afdrukmethoden > Afdrukken zonder marges
De procedure voor het afdrukken zonder marges is als volgt:
U kunt afdrukken zonder marges ook instellen bij Extra functies (Additional Features) op het tabblad Snel
instellen (Quick Setup).
Afdrukken zonder marges instellen
1. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
2. Stel afdrukken zonder marges in
Selecteer Zonder marges (Borderless) in de lijst Pagina-indeling (Page Layout) op het tabblad
Pagina-instelling (Page Setup).
Klik op OK in het bevestigingsbericht.
Wanneer een bericht verschijnt dat aangeeft dat u het mediumtype moet wijzigen, selecteert u een
mediumtype in de lijst en klikt u op OK.
d
de
oa
3. Controleer het papierformaat
Pagina 238 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afdrukken zonder marges
m
fro
Controleer de lijst Paginaformaat (Page Size). Als u het paginaformaat wilt wijzigen, selecteert u een
ander formaat in de lijst. In de lijst worden alleen formaten weergegeven die kunnen worden
gebruikt voor afdrukken zonder marge.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
Pas indien nodig met de schuifregelaar Hoeveelheid uitbreiding (Amount of Extension) de
hoeveelheid uitbreiding aan.
Wanneer u de schuifregelaar naar rechts schuift, wordt de hoeveelheid groter en wanneer u hem
naar links schuift wordt de hoeveelheid kleiner.
De tweede positie van rechts is geschikt voor de meeste situaties.
w
4. Pas de hoeveelheid uitbreiding van het papier aan
Belangrijk
Als u de schuifregelaar helemaal rechts zet, is het mogelijk dat er vegen op de achterzijde van
het papier terechtkomen.
5. Voltooi de configuratie
Klik op OK.
Het document wordt zonder marges op het papier afgedrukt.
Belangrijk
Als een paginaformaat is geselecteerd dat niet kan worden gebruikt voor het afdrukken zonder
marges, wordt het formaat automatisch gewijzigd in een formaat dat geschikt is voor het afdrukken
zonder marges.
U kunt niet zonder marges afdrukken als High Resolution Paper, T-Shirt Transfers of Envelop
(Envelope) is geselecteerd in de lijst Mediumtype (Media Type) op het tabblad Afdruk (Main).
Als Zonder marges (Borderless) is geselecteerd, zijn de instellingen Papierformaat printer (Printer
Paper Size) en Zijkant nieten (Staple Side) (indien Dubbelzijdig afdrukken (Duplex Printing) niet is
geselecteerd) en de knop Stempel/Achtergrond... (Stamp/Background...) op het tabblad Paginainstelling (Page Setup) niet beschikbaar voor selectie.
Het is mogelijk dat de kwaliteit van de afdruk afneemt of het papier aan de boven- en onderkant
vlekken bevat, afhankelijk van het gebruikte type medium.
Wanneer de hoogte-breedteverhouding afwijkt van de afbeeldingsgegevens, is het mogelijk dat
een gedeelte niet wordt afgedrukt, afhankelijk van het formaat van het medium.
In dit geval verkleint u de afbeeldingsgegevens in de toepassingssoftware, zodat deze op het
papierformaat passen.
Opmerking
Als Gewoon papier (Plain Paper) is geselecteerd bij Mediumtype (Media Type) op het tabblad
Afdruk (Main), wordt afdrukken zonder marges niet aanbevolen. Daarom verschijnt in dit geval het
dialoogvenster voor het selecteren van een mediumtype.
Als u gewoon papier gebruikt voor testafdrukken, selecteert u Gewoon papier (Plain Paper) en klikt
u op OK.
Het bereik van het af te drukken document vergroten
Als u een grote hoeveelheid uitbreiding opgeeft, kunt u probleemloos afdrukken zonder marges. Het
gedeelte van het document dat buiten het papier valt, wordt echter niet afgedrukt. Onderwerpen aan de
rand van een foto worden daardoor mogelijk niet afgedrukt.
Maak eerst een proefafdruk zonder marges. Als u niet tevreden bent met het resultaat, vermindert u de
hoeveelheid uitbreiding. De hoeveelheid uitbreiding wordt kleiner wanneer u de schuifregelaar
Hoeveelheid uitbreiding (Amount of Extension) naar links schuift.
Belangrijk
Als de hoeveelheid uitbreiding wordt verkleind, kan een onverwachte marge ontstaan, afhankelijk
van het papierformaat.
Pagina 239 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afdrukken zonder marges
m
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Naar boven
fro
Als de schuifregelaar Hoeveelheid uitbreiding (Amount of Extension) helemaal naar links is
geschoven, worden de afbeeldingsgegevens volledig afgedrukt.
Als u Afdrukvoorbeeld (Preview before printing) selecteert op het tabblad Afdruk (Main), kunt u
controleren of u zonder marges wilt afdrukken voordat daadwerkelijk wordt afgedrukt.
d
de
oa
Opmerking
Pagina 240 van 710 pagina's
nl
ow
D
Passend op papier afdrukken
d
de
oa
m
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Passend op papier afdrukken
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met andere toepassingen > Verschillende
afdrukmethoden > Passend op papier afdrukken
De procedure voor het afdrukken van een document dat automatisch is verkleind of vergroot in
overeenstemming met het paginaformaat, is als volgt:
1. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
2. Stel Passend op papierformaat in
Selecteer Passend op papier (Fit-to-Page) in de lijst Pagina-indeling (Page Layout) op het tabblad
Pagina-instelling (Page Setup).
3. Selecteer het papierformaat voor de gegevens
Geef bij Paginaformaat (Page Size) het paginaformaat op dat in de toepassing is ingesteld.
4. Selecteer het papierformaat
Selecteer in de lijst Papierformaat printer (Printer Paper Size) het formaat van het papier dat voor het
afdrukken wordt gebruikt.
Als Papierformaat printer (Printer Paper Size) kleiner is dan het Paginaformaat (Page Size), wordt de
afbeelding van de pagina kleiner. Als Papierformaat printer (Printer Paper Size) groter is dan het
Paginaformaat (Page Size), wordt de afbeelding van de pagina groter.
Pagina 241 van 710 pagina's
nl
ow
D
Passend op papier afdrukken
d
de
oa
De huidige instellingen worden weergegeven in het instellingenvoorbeeld aan de linkerkant van het
printerstuurprogramma.
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
5. Voltooi de configuratie
Klik op OK.
Het document wordt bij het afdrukken vergroot of verkleind, zodat dit op het paginaformaat past.
Naar boven
Pagina 242 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afdrukken op schaal
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Afdrukken op schaal
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met andere toepassingen > Verschillende
afdrukmethoden > Afdrukken op schaal
De procedure voor het afdrukken van een document met pagina’s die zijn vergroot of verkleind is als
volgt:
1. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
2. Stel afdrukken op schaal in
Selecteer Op schaal (Scaled) in de lijst Pagina-indeling (Page Layout) op het tabblad Paginainstelling (Page Setup).
3. Selecteer het papierformaat voor de gegevens
Geef bij Paginaformaat (Page Size) het paginaformaat op dat in de toepassing is ingesteld.
4. Stel de schaalverhouding op een van de volgende manieren in:
Selecteer een instelling voor Papierformaat printer (Printer Paper Size)
Als het papierformaat voor de printer kleiner is dan het Paginaformaat (Page Size), wordt de
afbeelding van de pagina kleiner. Als het papierformaat voor de printer groter is dan het
paginaformaat, wordt de afbeelding van de pagina groter.
Pagina 243 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afdrukken op schaal
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Geef een schaalfactor op
Typ een waarde in het vak Schaling (Scaling).
De huidige instellingen worden weergegeven in het instellingenvoorbeeld aan de linkerkant van
het printerstuurprogramma.
5. Voltooi de configuratie
Klik op OK.
De afbeelding wordt met de opgegeven schaal afgedrukt.
Belangrijk
Als de toepassing waarin u het origineel hebt gemaakt een functie heeft voor afdrukken op schaal,
geeft u de instelling in deze toepassing op. U hoeft deze instelling dan niet in het
printerstuurprogramma op te geven.
Als Op schaal (Scaled) is geselecteerd, is Zijkant nieten (Staple Side) niet beschikbaar voor
selectie (als Dubbelzijdig afdrukken (Duplex Printing) niet is geselecteerd).
d
de
oa
Opmerking
Als u Op schaal (Scaled) selecteert, wordt het afdrukgebied van het document gewijzigd.
Pagina 244 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afdrukken op schaal
m
fro
Naar boven
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Pagina 245 van 710 pagina's
nl
ow
D
Pagina-indeling afdrukken
d
de
oa
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
U kunt met de functie voor het afdrukken van een pagina-indeling meer dan een paginabeeld op een
enkel vel papier afdrukken.
m
Pagina-indeling afdrukken
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met andere toepassingen > Verschillende
afdrukmethoden > Pagina-indeling afdrukken
De procedure voor het afdrukken van een pagina-indeling is als volgt:
1. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
2. Stel Pagina-indeling afdrukken in
Selecteer Pagina-indeling (Page Layout) in de lijst Pagina-indeling (Page Layout) op het tabblad
Pagina-instelling (Page Setup).
De huidige instellingen worden weergegeven in het instellingenvoorbeeld aan de linkerkant van het
printerstuurprogramma.
3. Selecteer het papierformaat
Selecteer in de lijst Papierformaat printer (Printer Paper Size) het formaat van het papier dat voor het
afdrukken wordt gebruikt.
Het instellen van de indeling van twee pagina's in het document van links naar rechts is nu voltooid.
4. Stel het aantal af te drukken pagina’s op één vel en de paginavolgorde in
Pagina 246 van 710 pagina's
nl
ow
D
Pagina-indeling afdrukken
d
de
oa
Klik zo nodig op Opgeven... (Specify...), geef de volgende instellingen op in het dialoogvenster
Pagina-indeling afdrukken (Page Layout Printing) en klik op OK.
m
fro
Paginarand (Page Border)
Schakel dit selectievakje in als u een paginarand rond elke documentpagina wilt afdrukken.
5. Voltooi de configuratie
Klik op OK op het tabblad Pagina-instelling (Page Setup).
Als u het afdrukken start, wordt het opgegeven aantal pagina’s in de opgegeven volgorde op elk vel
papier gerangschikt.
Naar boven
e
.b
Paginavolgorde (Page Order)
Selecteer een pictogram in de lijst om de volgorde van de pagina's te wijzigen.
re
U kunt ook 2 pagina-afdruk (2-Page Print) of 4 pagina-afdruk (4-Page Print) instellen op het tabblad
Snel instellen (Quick Setup).
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Pagina's (Pages)
Selecteer het gewenste aantal pagina’s in de lijst om het aantal pagina’s op één vel te verhogen.
Pagina 247 van 710 pagina's
nl
ow
D
Poster afdrukken
d
de
oa
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Met deze functie kunt u de afbeeldingsgegevens vergroten, over meerdere pagina's verdelen en deze
pagina's op afzonderlijke vellen papier afdrukken. Wanneer de pagina’s aan elkaar worden geplakt,
vormen ze één grote afdruk zoals die van een poster.
m
Poster afdrukken
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met andere toepassingen > Verschillende
afdrukmethoden > Poster afdrukken
De procedure voor het afdrukken van een poster is als volgt:
Instellingen opgeven voor Poster afdrukken
1. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
2. Stel poster afdrukken in
Selecteer Poster in de lijst Pagina-indeling (Page Layout) op het tabblad Pagina-instelling (Page
Setup).
De huidige instellingen worden weergegeven in het instellingenvoorbeeld aan de linkerkant van het
printerstuurprogramma.
3. Selecteer het papierformaat
Selecteer in de lijst Papierformaat printer (Printer Paper Size) het formaat van het papier dat voor het
d
de
oa
afdrukken wordt gebruikt.
Het instellen van het afdrukken van een poster in de indeling 2 bij 2 is nu voltooid.
Pagina 248 van 710 pagina's
nl
ow
D
Poster afdrukken
m
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Klik zo nodig op Opgeven... (Specify...), geef de volgende instellingen op in het dialoogvenster
Poster afdrukken (Poster Printing) en klik op OK.
fro
4. Stel het aantal af te drukken beeldscheidingen en het aantal af te drukken pagina’s in
Beeldscheidingen (Image Divisions)
Selecteer het aantal scheidingen (verticaal x horizontaal). Naarmate het aantal scheidingen
toeneemt, neemt ook aantal af te drukken pagina’s toe zodat er een grotere poster kan worden
gemaakt.
"Knippen/Plakken" afdrukken in marges (Print "Cut/Paste" in margins)
Schakel dit selectievakje uit om de woorden "Knippen" en "Plakken" weg te laten.
Belangrijk
Deze functie is niet beschikbaar als de 64-bits versie van het printerstuurprogramma wordt
gebruikt.
Lijnen "Knippen/Plakken" afdrukken in marges (Print "Cut/Paste" lines in margins)
Schakel dit selectievakje uit om de kniplijnen weg te laten.
Pagina's (Pages)
Als u alleen specifieke pagina's opnieuw wilt afdrukken, voert u het nummer in van de pagina's die u
wilt afdrukken. U kunt meerdere pagina's afdrukken door de paginanummers te scheiden door een
komma of koppelteken.
Opmerking
U kunt ook het afdrukbereik opgeven door op de pagina’s in het instellingenvoorbeeld te
klikken.
5. Voltooi de configuratie
Klik op OK op het tabblad Pagina-instelling (Page Setup).
Het document wordt bij het afdrukken over meerdere pagina's verdeeld.
Als alles is afgedrukt, plakt u de pagina's aan elkaar om zo een poster te maken.
Alleen bepaalde pagina's afdrukken
Als de inkt vager wordt of opraakt tijdens het afdrukken, kunt u als volgt bepaalde pagina's opnieuw
afdrukken:
1. Stel het afdrukbereik in
Klik in het instellingenvoorbeeld links op het tabblad Pagina-instelling (Page Setup)
achtereenvolgens op de pagina's die u niet wilt afdrukken.
De pagina's waarop u hebt geklikt, worden verborgen en alleen de af te drukken pagina's worden
weergegeven.
Pagina 249 van 710 pagina's
nl
ow
D
Poster afdrukken
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Opmerking
U kunt de pagina's weer weergeven door er nogmaals op te klikken.
Klik met de rechtermuisknop op het instellingenvoorbeeld om Alle pagina’s afdrukken (Print all
pages) of Alle pagina’s verwijderen (Delete all pages) te selecteren.
2. Voltooi de configuratie
Klik op OK wanneer u de gewenste pagina's hebt geselecteerd.
Alleen de opgegeven pagina's worden afgedrukt.
Belangrijk
Als Poster is geselecteerd, zijn Dubbelzijdig afdrukken (Duplex Printing), Zijkant nieten (Staple
Side), en Vanaf de laatste pagina afdrukken (Print from Last Page) in grijze letters weergegeven en
niet beschikbaar.
Omdat het document wordt vergroot bij het afdrukken van posters, kan het resultaat korrelig zijn.
Naar boven
Pagina 250 van 710 pagina's
nl
ow
D
Boekje afdrukken
d
de
oa
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Met de functie voor boekjes kunt u afbeeldingsgegevens voor een boekje afdrukken. De gegevens
worden afgedrukt op beide zijden van het papier. Bij dit afdruktype wordt ervoor gezorgd dat de pagina's
in de juiste volgorde liggen (op paginanummer) wanneer het papier in het midden wordt gevouwen en
geniet.
m
Boekje afdrukken
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met andere toepassingen > Verschillende
afdrukmethoden > Boekje afdrukken
De procedure voor het afdrukken van een boekje is als volgt:
1. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
2. Stel het afdrukken van een boekje in
Selecteer Boekje (Booklet) in de lijst Pagina-indeling (Page Layout) op het tabblad Pagina-instelling
(Page Setup).
De huidige instellingen worden weergegeven in het instellingenvoorbeeld links op het scherm.
3. Selecteer het papierformaat
Selecteer in de lijst Papierformaat printer (Printer Paper Size) het formaat van het papier dat voor het
afdrukken wordt gebruikt.
4. Stel de nietmarge en de breedte van de marge in
Klik op Opgeven... (Specify...), geef de volgende instellingen op in het dialoogvenster Boekje
afdrukken (Booklet Printing) en klik op OK.
Pagina 251 van 710 pagina's
nl
ow
D
Boekje afdrukken
d
de
oa
m
fro
Paginarand (Page Border)
Schakel het selectievakje in als u een paginarand rond elke pagina van het document wilt
afdrukken.
5. Voltooi de configuratie
Klik op OK op het tabblad Pagina-instelling (Page Setup).
Wanneer u het document afdrukt, wordt dit afgedrukt op één zijde van een vel papier. Wanneer het
afdrukken van de ene zijde is voltooid, stelt u het papier correct in aan de hand van het weergegeven
bericht en klikt u op OK.
Wanneer het afdrukken van de andere zijde is voltooid, vouwt u het papier in het midden van de
marge om het boekje te maken.
Belangrijk
Boekje (Booklet) kan niet worden geselecteerd als een ander mediumtype dan Gewoon papier
(Plain Paper) is geselecteerd bij Mediumtype (Media Type).
Als Boekje (Booklet) is geselecteerd, zijn Dubbelzijdig afdrukken (Duplex Printing), Zijkant nieten
(Staple Side), Vanaf de laatste pagina afdrukken (Print from Last Page) en Sorteren (Collate) niet
beschikbaar voor selectie.
Opmerking
De stempel en achtergrond worden niet afgedrukt op lege vellen die zijn ingevoegd met behulp van
de functie Lege pagina invoegen (Insert blank page) van Boekje afdrukken.
Naar boven
e
.b
Marge (Margin)
Voer de breedte van de marge in. De opgegeven breedte vanaf het midden van de pagina wordt de
nietmarge voor één pagina.
re
Lege pagina invoegen (Insert blank page)
Als u één bladzijde leeg wilt laten, schakelt u het selectievakje in en selecteert u de pagina die u
leeg wilt laten.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Nietmarge (Margin for stapling)
Selecteer aan welke zijde de nietmarge moet komen wanneer het boekje wordt voltooid.
Pagina 252 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dubbelzijdig afdrukken
d
de
oa
m
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Dubbelzijdig afdrukken
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met andere toepassingen > Verschillende
afdrukmethoden > Dubbelzijdig afdrukken
De procedure voor het afdrukken van gegevens op beide zijden van een vel papier is als volgt:
U kunt dubbelzijdig afdrukken ook instellen bij Extra functies (Additional Features) op het tabblad Snel
instellen (Quick Setup).
1. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
2. Stel dubbelzijdig afdrukken in
Schakel het selectievakje Dubbelzijdig afdrukken (Duplex Printing) op het tabblad Pagina-instelling
(Page Setup) in.
3. Selecteer de indeling
Selecteer Normaal formaat (Normal-size) (of Passend op papier (Fit-to-Page), Op schaal (Scaled)
of Pagina-indeling (Page Layout)) in de lijst Pagina-indeling (Page Layout).
4. Geef op aan welke zijde de nietjes moeten komen
De printer selecteert automatisch de beste optie voor Zijkant nieten (Staple Side) op basis van de
instellingen voor Afdrukstand (Orientation) en Pagina-indeling (Page Layout). Als u de instelling wilt
wijzigen, selecteert u een andere waarde in de lijst.
5. Stel de breedte van de marge in
Pagina 253 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dubbelzijdig afdrukken
d
de
oa
Klik zo nodig op Marge instellen... (Specify Margin...) om de breedte van de marge in te stellen en
klik vervolgens op OK.
fro
6. Voltooi de configuratie
m
Klik op OK op het tabblad Pagina-instelling (Page Setup).
Naar boven
e
.b
Als u dubbelzijdig afdrukken zonder marges selecteert, verschijnt er mogelijk een dialoogvenster
voor het kiezen van een mediumtype. Selecteer in dat geval Gewoon papier (Plain Paper).
Als tijdens dubbelzijdig afdrukken vegen op de achterzijde van het papier ontstaan, voert u
Reiniging onderste plaat (Bottom Plate Cleaning) uit via het tabblad Onderhoud (Maintenance).
re
Opmerking
or
nb
de
an
.v
w
Dubbelzijdig afdrukken (Duplex Printing) wordt in grijze letters weergegeven en is niet beschikbaar
als:
Een ander mediumtype dan Gewoon papier (Plain Paper) is geselecteerd in de lijst Mediumtype
(Media Type).
Poster is geselecteerd in de lijst Pagina-indeling (Page Layout).
Als Boekje (Booklet) is geselecteerd in de lijst Pagina-indeling (Page Layout), zijn Dubbelzijdig
afdrukken (Duplex Printing) en Zijkant nieten (Staple Side) niet beschikbaar voor selectie.
w
Belangrijk
w
Wanneer u het document afdrukt, wordt dit afgedrukt op één zijde van een vel papier. Wanneer het
afdrukken van de ene zijde is voltooid, laadt u het papier correct aan de hand van het weergegeven
bericht en klikt u op OK. Het document wordt afgedrukt op de andere zijde.
Pagina 254 van 710 pagina's
nl
ow
D
Stempel/achtergrond afdrukken
d
de
oa
1. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
2. Klik op Stempel/Achtergrond... (Stamp/Background...) op het tabblad Paginainstelling (Page Setup)
Het dialoogvenster Stempel/Achtergrond (Stamp/Background) wordt geopend.
e
.b
"VERTROUWELIJK", "BELANGRIJK" en andere stempels die vaak door bedrijven worden gebruikt, zijn
standaard aanwezig.
re
Een stempel afdrukken
or
nb
de
an
.v
w
De procedure voor het afdrukken van een stempel/achtergrond is als volgt:
w
Met de functie Stempel (Stamp) kunt u een stempel bestaande uit tekst of een bitmap over of achter de
documentgegevens afdrukken. Verder kunt u hiermee de datum, tijd en gebruikersnaam afdrukken. Met
de functie Achtergrond (Background) kunt u een lichte illustratie achter de documentgegevens afdrukken.
w
Deze functie is niet beschikbaar als de 64-bits versie van het printerstuurprogramma wordt gebruikt.
m
Stempel/achtergrond afdrukken
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met andere toepassingen > Verschillende
afdrukmethoden > Stempel/achtergrond afdrukken
m
fro
Schakel het selectievakje Stempel (Stamp) in en selecteer de gewenste stempel in de lijst.
De huidige instellingen worden weergegeven in het instellingenvoorbeeld links op het tabblad
Pagina-instelling (Page Setup).
d
de
oa
3. Selecteer een stempel
Pagina 255 van 710 pagina's
nl
ow
D
Stempel/achtergrond afdrukken
or
nb
de
an
.v
w
w
w
4. Stel de stempelinstellingen in
Geef desgewenst de volgende instellingen op en klik op OK.
Stempel over tekst plaatsen (Place stamp over text)
Schakel dit selectievakje in als u de stempel voorop het document wilt afdrukken.
De stempel krijgt prioriteit omdat deze over de documentgegevens heen wordt afgedrukt in de
gedeelten waar de stempel en de documentgegevens elkaar overlappen. Als dit selectievakje
niet is ingeschakeld, wordt de stempel achter de documentgegevens afgedrukt en in
overlappende gedeelten mogelijk niet weergegeven (afhankelijk van de gebruikte toepassing).
Alleen eerste pagina (Stamp first page only)
Schakel dit selectievakje in als u de stempel alleen op de eerste pagina wilt afdrukken.
De knop Stempel definiëren... (Define Stamp...)
Klik op deze knop als u de tekst, bitmap of positie van de stempel wilt wijzigen (raadpleeg
stempel registreren ).
Een
5. Voltooi de configuratie
Klik op OK op het tabblad Pagina-instelling (Page Setup).
Wanneer u de gegevens afdrukt, worden deze met de opgegeven stempel afgedrukt.
Een achtergrond afdrukken
Het programma bevat twee bitmapbestanden die als voorbeeld dienen.
1. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
2. Klik op Stempel/Achtergrond... (Stamp/Background...) op het tabblad Paginainstelling (Page Setup)
Het dialoogvenster Stempel/Achtergrond (Stamp/Background) wordt geopend.
3. Selecteer de achtergrond
Schakel het selectievakje Achtergrond (Background) in en selecteer de gewenste achtergrond in de
lijst.
De huidige instellingen worden weergegeven in het instellingenvoorbeeld links op het tabblad
Pagina-instelling (Page Setup).
4. Stel de achtergrondinstellingen in
Geef desgewenst de volgende instellingen op en klik op OK.
Achtergrond alleen op eerste pagina (Background first page only)
Schakel dit selectievakje in als u de achtergrond alleen op de eerste pagina wilt afdrukken.
De knop Achtergrond selecteren... (Select Background...)
Klik op deze knop als u een andere achtergrond wilt gebruiken of de opmaak of dichtheid van een
achtergrond wilt wijzigen (raadpleeg Afbeeldingsgegevens registreren die u als achtergrond wilt
gebruiken ).
5. Voltooi de configuratie
Klik op OK op het tabblad Pagina-instelling (Page Setup).
Wanneer u de gegevens afdrukt, worden deze met de opgegeven achtergrond afgedrukt.
e
.b
re
Opmerking
Als Zonder marges (Borderless) is geselecteerd, is de knop Stempel/Achtergrond... (Stamp/
Background...) niet beschikbaar voor selectie.
d
de
oa
Belangrijk
Pagina 256 van 710 pagina's
nl
ow
D
Stempel/achtergrond afdrukken
m
fro
e
.b
re
Een stempel registreren
or
nb
de
an
.v
w
Verwante onderwerpen
w
De stempel en achtergrond worden niet afgedrukt op lege vellen die zijn ingevoegd met behulp van
de functie Lege pagina invoegen (Insert blank page) van Boekje afdrukken.
w
Opmerking
Afbeeldingsgegevens registreren die u als achtergrond wilt gebruiken
Naar boven
Pagina 257 van 710 pagina's
nl
ow
D
Een stempel registreren
d
de
oa
2. Klik op Stempel/Achtergrond... (Stamp/Background...) op het tabblad Paginainstelling (Page Setup)
Het dialoogvenster Stempel/Achtergrond (Stamp/Background) wordt geopend.
3. Klik op Stempel definiëren... (Define Stamp...)
Het dialoogvenster Stempelinstellingen (Stamp Settings) wordt geopend.
e
.b
1. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
re
Een nieuwe stempel registreren
or
nb
de
an
.v
w
De procedure voor het opslaan van een nieuwe stempel is als volgt:
w
U kunt een nieuwe stempel maken en registreren. U kunt ook bepaalde instellingen van een bestaande
stempel wijzigen en registreren. Stempels die u niet meer nodig hebt, kunt u op elk gewenst moment
verwijderen.
w
Deze functie is niet beschikbaar als de 64-bits versie van het printerstuurprogramma wordt gebruikt.
m
Een stempel registreren
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met andere toepassingen > Verschillende
afdrukmethoden > Stempel/achtergrond afdrukken > Een stempel registreren
Pagina 258 van 710 pagina's
nl
ow
D
Een stempel registreren
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
4. Configureer de stempel terwijl u het effect in het voorbeeldvenster bekijkt
Tabblad Stempel (Stamp)
Selecteer de gewenste Tekst (Text), Bitmap of Datum/tijd/gebruikersnaam (Date/Time/User
Name) voor Stempeltype (Stamp Type).
Als u Tekst (Text) registreert, moeten de tekens al zijn ingevoerd in Stempeltekst (Stamp
Text). Wijzig zo nodig de instellingen voor TrueType-lettertype (TrueType Font), Stijl (Style),
Grootte (Size) en Contour (Outline). U kunt de kleur van de stempel selecteren door op Kleur
selecteren... (Select Color...) te klikken.
Klik voor Bitmap op Bestand selecteren... (Select File...) en selecteer het te gebruiken
bitmapbestand (.bmp). Wijzig zo nodig de instellingen voor Grootte (Size) en Transparant wit
gebied (Transparent white area).
Voor Datum/tijd/gebruikersnaam (Date/Time/User Name) worden de aanmaaktijd en -datum
en de gebruikersnaam van het afgedrukte object weergegeven in Stempeltekst (Stamp Text).
Wijzig zo nodig de instellingen voor TrueType-lettertype (TrueType Font), Stijl (Style), Grootte
(Size) en Contour (Outline). U kunt de kleur van de stempel selecteren door op Kleur
selecteren... (Select Color...) te klikken.
Belangrijk
Stempeltekst (Stamp Text) is niet beschikbaar als Datum/tijd/gebruikersnaam (Date/Time/
User Name) is geselecteerd.
Tabblad Plaatsing (Placement)
Selecteer de stempelpositie in de lijst Positie (Position). U kunt ook Aangepast (Custom) in de
lijst Positie (Position) selecteren en de coördinaten opgeven voor X-positie (X-Position) en Ypositie (Y-Position).
Daarnaast kunt u de stempelpositie wijzigen door de stempel naar het voorbeeldscherm te
slepen.
Als u de hoek van de stempelpositie wilt wijzigen, kunt u direct een waarde in het vak Afdrukstand
(Orientation) typen.
5. Sla de stempel op
Klik op de tab Instellingen opslaan (Save settings), typ een naam in het vak Naam (Title) en klik
vervolgens op Opslaan (Save).
Klik op OK in het bevestigingsbericht.
6. Voltooi de configuratie
Klik op OK. Het dialoogvenster Stempel/Achtergrond (Stamp/Background) wordt opnieuw geopend.
De geregistreerde naam wordt weergegeven in de lijst Stempel (Stamp).
Pagina 259 van 710 pagina's
nl
ow
D
Een stempel registreren
d
de
oa
m
fro
Stempelinstellingen wijzigen en registreren
2. Klik op Stempel definiëren... (Define Stamp...)
re
or
nb
de
an
.v
w
Schakel het selectievakje Stempel (Stamp) in het dialoogvenster Stempel/Achtergrond (Stamp/
Background) in en selecteer vervolgens de naam van te wijzigen stempel in de lijst Stempel
(Stamp).
w
w
1. Selecteer de stempel waarvoor u de instellingen wilt wijzigen
e
.b
Het dialoogvenster Stempelinstellingen (Stamp Settings) wordt geopend.
3. Configureer de stempel terwijl u het effect in het voorbeeldvenster bekijkt
4. Sla de stempel op met overschrijven
Klik op Opslaan overschrijven (Save overwrite) op het tabblad Instellingen opslaan (Save settings).
Als u de stempel onder een andere naam wilt opslaan, typt u deze naam in het vak Naam (Title) en
klikt u op Opslaan (Save).
Klik op OK in het bevestigingsbericht.
5. Voltooi de configuratie
Klik op OK. Het dialoogvenster Stempel/Achtergrond (Stamp/Background) wordt opnieuw geopend.
De geregistreerde naam wordt weergegeven in de lijst Stempel (Stamp).
Een stempel verwijderen
1. Klik op Stempel definiëren... (Define Stamp...) in het dialoogvenster Stempel/
Achtergrond (Stamp/Background)
Het dialoogvenster Stempelinstellingen (Stamp Settings) wordt geopend.
2. Selecteer de stempel die u wilt verwijderen
Selecteer de naam van de stempel die u wilt verwijderen in de lijst Stempels (Stamps) op het
tabblad Instellingen opslaan (Save settings). Klik vervolgens op Verwijderen (Delete).
Klik op OK in het bevestigingsbericht.
3. Voltooi de configuratie
Klik op OK. Het dialoogvenster Stempel/Achtergrond (Stamp/Background) wordt opnieuw geopend.
Naar boven
Pagina 260 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afbeeldingsgegevens registreren die u als achtergrond wilt gebruiken
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met andere toepassingen > Verschillende
afdrukmethoden > Stempel/achtergrond afdrukken > Afbeeldingsgegevens registreren die u als achtergrond wilt
gebruiken
1. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
2. Klik op Stempel/Achtergrond... (Stamp/Background...) op het tabblad Paginainstelling (Page Setup)
Het dialoogvenster Stempel/Achtergrond (Stamp/Background) wordt geopend.
e
.b
Een nieuwe achtergrond registreren
re
De procedure voor het opslaan van afbeeldingsgegevens voor een achtergrond is als volgt:
or
nb
de
an
.v
w
U kunt een bitmapbestand (.bmp) selecteren en als een nieuwe achtergrond registreren. U kunt ook
bepaalde instellingen van een bestaande achtergrond wijzigen en registreren. Achtergronden die u niet
meer nodig hebt, kunt u op elk gewenst moment verwijderen.
w
Deze functie is niet beschikbaar als de 64-bits versie van het printerstuurprogramma wordt gebruikt.
w
Afbeeldingsgegevens registreren die u als achtergrond wilt
gebruiken
Het dialoogvenster Achtergrondinstellingen (Background Settings) wordt geopend.
d
de
oa
3. Klik op Achtergrond selecteren... (Select Background...)
Pagina 261 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afbeeldingsgegevens registreren die u als achtergrond wilt gebruiken
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
4. Selecteer de afbeeldingsgegevens die u wilt opslaan op de achtergrond
Klik op Bestand selecteren... (Select File...). Selecteer het gewenste bitmapbestand (.bmp) en klik
op Openen (Open).
5. Geef de volgende instellingen op wanneer u het voorbeeldvenster controleert:
Lay-outmethode (Layout Method)
Geef aan hoe de afbeeldingsgegevens moeten worden gerangschikt.
Als u Aangepast (Custom) selecteert, kunt u de coördinaten voor de X-positie (X-Position) en de Ypositie (Y-Position) opgeven.
U kunt ook de positie van de achtergrond wijzigen door de afbeelding in het voorbeeldscherm te
verslepen.
Intensiteit (Intensity)
Stel de intensiteit van de achtergrond in met de schuifregelaar Intensiteit (Intensity). Voor een
lichtere achtergrond schuift u de regelaar naar links. Voor een donkerder achtergrond schuift u de
regelaar naar rechts. Als u de achtergrond wilt afdrukken met de intensiteit van de oorspronkelijke
bitmap, sleept u de schuifregelaar helemaal naar rechts.
6. Sla de achtergrond op
Klik op de tab Instellingen opslaan (Save settings), typ een naam in het vak Naam (Title) en klik
vervolgens op Opslaan (Save).
Klik op OK in het bevestigingsbericht.
7. Voltooi de configuratie
Klik op OK. Het dialoogvenster Stempel/Achtergrond (Stamp/Background) wordt opnieuw geopend.
De geregistreerde naam wordt weergegeven in de lijst Achtergrond (Background).
Achtergrondinstellingen wijzigen en registreren
1. Selecteer de achtergrond waarvoor u de instellingen wilt wijzigen
Schakel het selectievakje Achtergrond (Background) in het dialoogvenster Stempel/Achtergrond
(Stamp/Background) in en kies vervolgens de naam van de achtergrond die u wilt wijzigen in de lijst
Achtergrond (Background).
2. Klik op Achtergrond selecteren... (Select Background...)
Het dialoogvenster Achtergrondinstellingen (Background Settings) wordt geopend.
voorbeeldvenster bekijkt.
d
de
oa
3. Stel de items in op het tabblad Achtergrond (Background) terwijl u het
Pagina 262 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afbeeldingsgegevens registreren die u als achtergrond wilt gebruiken
Stempel/Achtergrond (Stamp/Background)
Het dialoogvenster Achtergrondinstellingen (Background Settings) wordt geopend.
2. Selecteer de achtergrond die u wilt verwijderen
Selecteer de naam van de achtergrond die u wilt verwijderen uit de lijst Achtergronden
(Backgrounds) op het tabblad Instellingen opslaan (Save settings) en klik op Verwijderen (Delete).
Klik op OK in het bevestigingsbericht.
3. Voltooi de configuratie
Klik op OK. Het dialoogvenster Stempel/Achtergrond (Stamp/Background) wordt opnieuw geopend.
Naar boven
e
.b
1. Klik op Achtergrond selecteren... (Select Background...) in het dialoogvenster
re
Een overbodige achtergrond verwijderen
or
nb
de
an
.v
w
Klik op OK. Het dialoogvenster Stempel/Achtergrond (Stamp/Background) wordt opnieuw geopend.
De geregistreerde naam wordt weergegeven in de lijst Achtergrond (Background).
w
5. Voltooi de configuratie
w
Klik op Opslaan overschrijven (Save overwrite) op het tabblad Instellingen opslaan (Save settings).
Als u de achtergrond onder een andere naam wilt opslaan, voert u deze naam in het vak Naam
(Title) in en klikt u op Opslaan (Save).
Klik op OK in het bevestigingsbericht.
m
fro
4. Sla de achtergrond op
Pagina 263 van 710 pagina's
nl
ow
D
Een envelop afdrukken
d
de
oa
Plaats de envelop zo dat de klep naar links is gericht en het gevouwen oppervlak naar beneden is
gericht, en laad de envelop in de achterste lade.
3. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
4. Selecteer het mediumtype
Selecteer Envelop (Envelope) bij Veelgebruikte instellingen (Commonly Used Settings) op het
tabblad Snel instellen (Quick Setup).
e
.b
Vouw de envelopflap naar beneden.
re
2. Plaats een envelop in het apparaat
or
nb
de
an
.v
w
1. Klap de papiersteun uit.
w
De procedure voor het afdrukken op enveloppen is als volgt:
w
Raadpleeg het hoofdstuk 'Papier plaatsen in de achterste lade' in de Basis Handleiding voor meer
informatie over het plaatsen van enveloppen in het apparaat.
m
Een envelop afdrukken
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met andere toepassingen > Verschillende
afdrukmethoden > Een envelop afdrukken
Pagina 264 van 710 pagina's
nl
ow
D
Een envelop afdrukken
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
5. Selecteer het papierformaat
Selecteer Youkei 4, Youkei 6, Comm. Env. #10 of DL Env. in het dialoogvenster Envelopformaat
instellen (Envelope Size Setting) en klik op OK.
6. Stel de afdrukstand in
Selecteer Liggend (Landscape) voor Afdrukstand (Orientation) om het adres horizontaal af te
drukken.
7. Selecteer de afdrukkwaliteit
Selecteer naar wens Hoog (High) of Standaard (Standard) bij Afdrukkwaliteit (Print Quality).
8. Voltooi de configuratie
Klik op OK.
Wanneer u de afdruk uitvoert, worden de gegevens afgedrukt op de envelop.
Naar boven
Pagina 265 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afdrukresultaten weergeven vóór het afdrukken
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met andere toepassingen > Verschillende
afdrukmethoden > Afdrukresultaten weergeven vóór het afdrukken
U kunt de afdrukresultaten vóór het afdrukken bekijken en controleren.
De procedure voor het bekijken van een afdrukvoorbeeld is als volgt:
U kunt de weergave van het afdrukresultaat ook instellen op het tabblad Snel instellen (Quick Setup).
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Afdrukresultaten weergeven vóór het afdrukken
e
.b
1. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
2. Stel het voorbeeld in
Schakel het selectievakje Afdrukvoorbeeld (Preview before printing) in op het tabblad Afdruk (Main).
3. Voltooi de configuratie
Klik op OK.
Het Canon IJ-voorbeeld wordt vóór het afdrukken weergegeven. U kunt hierin de afdrukresultaten
zien.
Verwant onderwerp
Canon IJ-voorbeeld
Naar boven
Pagina 266 van 710 pagina's
nl
ow
D
Papierformaat instellen (aangepast formaat)
d
de
oa
m
U kunt de hoogte en breedte van het papier opgeven als u het formaat niet kunt selecteren bij
Paginaformaat (Page Size). Een dergelijk papierformaat wordt een aangepast formaat genoemd.
De procedure voor het opgeven van een aangepast papierformaat is als volgt:
Gebruik de functie Papierformaat in de toepassing om het aangepaste papierformaat op te geven.
Belangrijk
Als de toepassing waarmee het document is gemaakt een functie heeft voor het opgeven van
de hoogte en breedte, geeft u de waarden op met de toepassing. Als de toepassing deze
functie niet heeft of als het document niet correct wordt afgedrukt, gebruikt u het
printerstuurprogramma om de waarden in te stellen.
2. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
3. Selecteer het papierformaat
Selecteer Aangepast... (Custom...) voor Paginaformaat (Page Size) op het tabblad Pagina-instelling
(Page Setup).
Het dialoogvenster Aangepast papierformaat (Custom Paper Size) wordt geopend.
e
.b
1. Stel het aangepaste formaat in de toepassing in
re
U kunt een aangepast formaat ook instellen bij Papierformaat printer (Printer Paper Size) op het tabblad
Snel instellen (Quick Setup).
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Papierformaat instellen (aangepast formaat)
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met andere toepassingen > Verschillende
afdrukmethoden > Papierformaat instellen (aangepast formaat)
Pagina 267 van 710 pagina's
nl
ow
D
Papierformaat instellen (aangepast formaat)
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
Geef de Eenheden (Units) op en voer de Breedte (Width) en Hoogte (Height) van het te gebruiken
papier in. Klik vervolgens op OK.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
4. Stel het aangepaste papierformaat in
5. Voltooi de configuratie
Klik op OK op het tabblad Pagina-instelling (Page Setup).
Wanneer u de gegevens afdrukt, worden deze met het opgegeven papierformaat afgedrukt.
Naar boven
Pagina 268 van 710 pagina's
nl
ow
D
De afdrukkwaliteit wijzigen en afbeeldingsgegevens corrigeren
d
de
oa
m
or
nb
de
an
.v
w
w
w
De afdrukkwaliteit wijzigen en afbeeldingsgegevens corrigeren
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met andere toepassingen > De afdrukkwaliteit
wijzigen en afbeeldingsgegevens corrigeren
Een combinatie van afdrukkwaliteit en halftoningmethode selecteren
Een kleurendocument monochroom afdrukken
Kleurcorrectie opgeven
Een optimale foto van afbeeldingsgegevens afdrukken
re
e
.b
De kleuren aanpassen met het printerstuurprogramma
Afdrukken met ICC-profielen
De kleurbalans aanpassen
De helderheid aanpassen
De intensiteit aanpassen
Het contrast aanpassen
Een illustratie simuleren
Afbeeldingsgegevens weergeven in een enkele kleur
Afbeeldingsgegevens weergeven in levendige kleuren
Gekartelde randen verwijderen
Kleureigenschappen wijzigen om kleuren te verbeteren
Ruis in foto's reduceren
Naar boven
Pagina 269 van 710 pagina's
nl
ow
D
Een combinatie van afdrukkwaliteit en halftoningmethode selecteren
d
de
oa
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
U kunt de gecombineerde weergavemethode voor het kwaliteitsniveau en de halftoningmethode gebruikt
afzonderlijk instellen.
m
Een combinatie van afdrukkwaliteit en halftoningmethode
selecteren
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met andere toepassingen > De afdrukkwaliteit
wijzigen en afbeeldingsgegevens corrigeren > Een combinatie van afdrukkwaliteit en halftoningmethode selecteren
De procedure voor het instellen van een afdrukkwaliteit en halftoningmethode is als volgt:
1. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
2. Selecteer de afdrukkwaliteit
Selecteer Aangepast (Custom) voor Afdrukkwaliteit (Print Quality) op het tabblad Afdruk (Main) en klik
op Instellen... (Set...).
Het dialoogvenster Aangepast (Custom) wordt geopend.
Pagina 270 van 710 pagina's
nl
ow
D
Een combinatie van afdrukkwaliteit en halftoningmethode selecteren
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
3. De afdrukkwaliteit en de halftoningmethode instellen
Verplaats de schuifregelaar Kwaliteit (Quality) naar het gewenste kwaliteitsniveau.
Selecteer de methode in Halftoning en klik op OK.
Opmerking
Halftonen zijn de kleurschakeringen tussen de donkerste kleur en de helderste kleur.
De kleurschakeringen worden bij het afdrukken vervangen door een verzameling kleine punten
die de halftonen voorstellen. Bij Dithering (Dither) worden de punten volgens vaste regels
gerangschikt om de halftonen te produceren. Bij Diffusie (Diffusion) worden de punten
willekeurig gerangschikt om halftonen te produceren. Als u Auto selecteert, worden de
gegevens afgedrukt met de optimale halftoningmethode voor de geselecteerde afdrukkwaliteit.
4. Voltooi de configuratie
Klik op OK op het tabblad Afdruk (Main).
Wanneer u het document afdrukt, wordt de opgegeven halftoningmethode gebruikt.
Belangrijk
Bepaalde niveaus voor afdrukkwaliteit en halftoningmethoden kunnen niet worden geselecteerd bij
bepaalde instellingen voor Mediumtype (Media Type).
Opmerking
Als een deel niet wordt afgedrukt, kunt u dit mogelijk oplossen door Diffusie (Diffusion) te
selecteren bij Halftoning.
Verwante onderwerpen
Kleurcorrectie opgeven
De kleurbalans aanpassen
De helderheid aanpassen
De intensiteit aanpassen
Het contrast aanpassen
Naar boven
Pagina 271 van 710 pagina's
nl
ow
D
Een kleurendocument monochroom afdrukken
d
de
oa
m
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Een kleurendocument monochroom afdrukken
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met andere toepassingen > De afdrukkwaliteit
wijzigen en afbeeldingsgegevens corrigeren > Een kleurendocument monochroom afdrukken
De procedure voor het monochroom afdrukken van een kleurendocument is als volgt:
U kunt afdrukken in grijstinten instellen ook bij Extra functies (Additional Features) op het tabblad Snel
instellen (Quick Setup).
1. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
2. Stel afdrukken in grijstinten in
Schakel het selectievakje Afdrukken in grijstinten (Grayscale Printing) op het tabblad Afdruk (Main)
in.
3. Voltooi de configuratie
Klik op OK.
Wanneer u de afdruk uitvoert, wordt het document geconverteerd naar grijstinten. Hierdoor kunt u
het kleurendocument monochroom afdrukken.
Belangrijk
Als het selectievakje Afdrukken in grijstinten (Grayscale Printing) is ingeschakeld, worden de
afbeeldingsgegevens verwerkt als sRGB-gegevens. In dit geval kunnen de afgedrukte kleuren
verschillen van de kleuren in de oorspronkelijke afbeelding.
Wanneer u de functie Afdrukken in grijstinten gebruikt om Adobe RGB-gegevens af te drukken,
converteert u de gegevens naar sRGB-gegevens in een toepassing.
m
fro
Bij Afdrukken in grijstinten (Grayscale Printing) kan zowel kleureninkt als zwarte inkt worden
gebruikt.
d
de
oa
Opmerking
Pagina 272 van 710 pagina's
nl
ow
D
Een kleurendocument monochroom afdrukken
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Naar boven
Pagina 273 van 710 pagina's
nl
ow
D
Kleurcorrectie opgeven
d
de
oa
2. Selecteer de handmatige kleuraanpassing
Selecteer op het tabblad Afdruk (Main) de optie Handmatig (Manual) voor Kleur/Intensiteit (Color/
Intensity) en klik op Instellen... (Set...).
Het dialoogvenster Handmatige kleuraanpassing (Manual Color Adjustment) wordt geopend.
3. Selecteer de kleurcorrectie
Klik op de tab Afstemming (Matching), selecteer de instelling voor Kleurcorrectie (Color Correction)
die overeenkomt met uw doel en klik op OK.
e
.b
1. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
re
U kunt kleurcorrectie ook instellen op het tabblad Snel instellen (Quick Setup) door Foto afdrukken
(Photo Printing) te kiezen onder Veelgebruikte instellingen (Commonly Used Settings) en vervolgens
Kleur/intensiteit handmatig aanpassen (Color/Intensity Manual Adjustment) te kiezen onder Extra
functies (Additional Features).
or
nb
de
an
.v
w
De procedure voor het opgeven van de kleurcorrectie is als volgt:
w
Als u zodanig wilt afdrukken dat de kleurruimte (Adobe RGB of sRGB) van de afbeeldingsgegevens
effectief wordt gebruikt, selecteert u ICM. Als u een toepassing wilt gebruiken om een ICC-afdrukprofiel
op te geven, selecteert u Geen (None).
w
U kunt de methode voor kleurcorrectie aanpassen aan het type document dat u wilt afdrukken.
Normaal gesproken worden de kleuren aangepast met behulp van Canon Digital Photo Color, zodat de
gegevens worden afgedrukt met kleurtinten waaraan de meeste mensen de voorkeur geven. Deze
methode is geschikt voor het afdrukken van sRGB-gegevens.
m
Kleurcorrectie opgeven
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met andere toepassingen > De afdrukkwaliteit
wijzigen en afbeeldingsgegevens corrigeren > Kleurcorrectie opgeven
Pagina 274 van 710 pagina's
nl
ow
D
Kleurcorrectie opgeven
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Driververgelijking (Driver Matching)
Door gebruik te maken van Canon Digital Photo Color kunt u sRGB-gegevens afdrukken met
kleurtinten waaraan de meeste mensen de voorkeur geven.
Driververgelijking (Driver Matching) is de standaardinstelling voor Kleurcorrectie.
ICM
U kunt afdrukken door effectief gebruik te maken van de kleurruimte (Adobe RGB of sRGB) van de
afbeeldingsgegevens.
Geen (None)
Er wordt geen kleurcorrectie uitgevoerd door het printerstuurprogramma. Selecteer deze instelling
als u een afzonderlijk gemaakt ICC-afdrukprofiel of een profiel voor speciaal Canon-papier in een
toepassing gebruikt om gegevens af te drukken.
4. Voltooi de configuratie
Klik op OK op het tabblad Afdruk (Main).
Wanneer u de gegevens afdrukt, worden deze met de opgegeven methode voor kleurcorrectie
afgedrukt.
Belangrijk
Als ICM in de toepassing is uitgeschakeld, is ICM niet beschikbaar voor Kleurcorrectie (Color
Correction) en is het mogelijk dat de afbeeldingsgegevens niet correct worden afgedrukt.
Als het selectievakje Afdrukken in grijstinten (Grayscale Printing) op het tabblad Afdruk (Main) is
ingeschakeld, is Kleurcorrectie (Color Correction) niet beschikbaar voor selectie.
Verwante onderwerpen
Een optimale foto van afbeeldingsgegevens afdrukken
De kleuren aanpassen met het printerstuurprogramma
Afdrukken met ICC-profielen
Naar boven
Pagina 275 van 710 pagina's
nl
ow
D
Een optimale foto van afbeeldingsgegevens afdrukken
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met andere toepassingen > De afdrukkwaliteit
wijzigen en afbeeldingsgegevens corrigeren > Kleurcorrectie opgeven > Een optimale foto van afbeeldingsgegevens
afdrukken
w
Digitale camera's, scanners, beeldschermen en printers verwerken kleuren niet op dezelfde manier. Met
kleurbeheer (kleurafstemming) kunnen 'kleuren' van verschillende apparaten via een
gemeenschappelijke kleurruimte worden verwerkt. Windows heeft een ingebouwd kleurbeheersysteem,
ICM.
Adobe RGB en sRGB zijn veelgebruikte kleurruimten. Adobe RGB is een bredere kleurruimte dan sRGB.
Met ICC-profielen kunnen de 'kleuren' van verschillende apparaten naar een gemeenschappelijke
kleurruimte worden geconverteerd. Door gebruik te maken van een ICC-profiel en kleurbeheer kunt u de
kleurruimte van afbeeldingsgegevens afstemmen op het kleurreproductiegebied dat de printer kan
produceren.
Een afdrukmethode kiezen die geschikt is voor de afbeeldingsgegevens
De aanbevolen afdrukmethode is afhankelijk van de kleurruimte (Adobe RGB of sRGB) van de
afbeeldingsgegevens of de toepassing die wordt gebruikt. Er zijn twee afdrukmethoden die vaak worden
gebruikt. Controleer de kleurruimte (Adobe GRB of sRGB) van de afbeeldingsgegevens en de
toepassing die wordt gebruikt, en selecteer vervolgens de geschikte afdrukmethode.
De kleuren aanpassen met het printerstuurprogramma
In dit gedeelte wordt de procedure beschreven voor het afdrukken van sRGB-gegevens met behulp van
de kleurcorrectiefunctie van het printerstuurprogramma.
Afdrukken met Canon Digital Photo Color
De printer drukt gegevens af in kleurtinten waaraan veel mensen de voorkeur geven; de originele
kleuren van de afbeelding worden weergegeven en driedimensionale effecten en hoge, scherpe
contrasten worden gegenereerd.
Afdrukken door de bewerkingen en verbeteringen van een toepassing rechtstreeks toe te passen
Wanneer de gegevens worden afgedrukt, benadrukt de printer subtiele kleurverschillen tussen
donkere en lichte delen, waarbij de donkerste en lichtste gebieden intact blijven.
Wanneer de gegevens worden afgedrukt, past de printer het resultaat toe van gedetailleerde
aanpassingen die zijn aangebracht met een toepassing, zoals aanpassingen in de helderheid.
Afdrukken met ICC-profielen
In dit gedeelte wordt de procedure beschreven voor het afdrukken door effectief gebruik te maken van de
kleurruimte van Adobe RGB of sRGB.
U kunt afdrukken met een gemeenschappelijke kleurruimte door de toepassing en het
printerstuurprogramma zo in te stellen dat het kleurbeheer overeenkomt met het ICC-invoerprofiel van de
afbeeldingsgegevens.
De methode voor het instellen van het printerstuurprogramma verschilt, afhankelijk van de toepassing
die wordt gebruikt.
Naar boven
e
.b
Kleurbeheer
re
Wanneer mensen foto's afdrukken die met een digitale camera zijn gemaakt, krijgen zij soms het gevoel
dat de afgedrukte kleuren anders zijn dan de kleuren in de oorspronkelijke foto of de kleuren op het
scherm.
Om een afdruk te krijgen die de gewenste kleurtinten zo dicht mogelijk benadert, moet u een
afdrukmethode kiezen die geschikt is voor de gebruikte software of het doel van de afdruk.
or
nb
de
an
.v
w
w
Een optimale foto van afbeeldingsgegevens afdrukken
Pagina 276 van 710 pagina's
nl
ow
D
De kleuren aanpassen met het printerstuurprogramma
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met andere toepassingen > De afdrukkwaliteit
wijzigen en afbeeldingsgegevens corrigeren > Kleurcorrectie opgeven > De kleuren aanpassen met het
printerstuurprogramma
Selecteer het type papier dat in het apparaat is geplaatst in de lijst Mediumtype (Media Type) op het
tabblad Afdruk (Main).
3. Selecteer de afdrukkwaliteit
Selecteer bij Afdrukkwaliteit (Print Quality) Hoog (High), Standaard (Standard) of Snel (Fast),
afhankelijk van het gewenste afdrukresultaat.
4. Selecteer de handmatige kleuraanpassing
Selecteer Handmatig (Manual) voor Kleur/Intensiteit (Color/Intensity) en klik op Instellen... (Set...).
Het dialoogvenster Handmatige kleuraanpassing (Manual Color Adjustment) wordt geopend.
5. Selecteer de kleurcorrectie
Klik op de tab Afstemming (Matching) en selecteer Driververgelijking (Driver Matching) voor
Kleurcorrectie (Color Correction).
e
.b
2. Selecteer het mediumtype
re
1. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
or
nb
de
an
.v
w
De procedure voor het aanpassen van kleuren met het printerstuurprogramma is als volgt:
w
U kunt de functie voor kleurcorrectie van het printerstuurprogramma zo instellen dat sRGB-gegevens
worden afgedrukt met kleurtinten waaraan veel mensen de voorkeur geven, door het gebruik van Canon
Digital Photo Color.
Als u afdrukt vanuit een toepassing die ICC-profielen kan identificeren en waarvoor u deze kunt opgeven,
gebruikt u een ICC-profiel voor afdrukken in de toepassing en selecteert u instellingen voor kleurbeheer.
w
De kleuren aanpassen met het printerstuurprogramma
Pagina 277 van 710 pagina's
nl
ow
D
De kleuren aanpassen met het printerstuurprogramma
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
6. Stel de andere items in
Klik zo nodig op het tabblad Kleuraanpassing (Color Adjustment) en pas de kleurbalans van Cyaan
(Cyan), Magenta en Geel (Yellow) aan, pas de instellingen voor Helderheid (Brightness), Intensiteit
(Intensity) en Contrast aan en klik op OK.
7. Voltooi de configuratie
Klik op OK op het tabblad Afdruk (Main).
De kleuren van de gegevens worden bij het afdrukken aangepast.
Verwante onderwerpen
Een combinatie van afdrukkwaliteit en halftoningmethode selecteren
Kleurcorrectie opgeven
De kleurbalans aanpassen
De helderheid aanpassen
De intensiteit aanpassen
Het contrast aanpassen
Naar boven
Pagina 278 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afdrukken met ICC-profielen
d
de
oa
m
Wanneer voor de afbeeldingsgegevens een ICC-invoerprofiel is opgegeven, kunt u afdrukken met
effectief gebruik van de kleurruimte (Adobe RGB of sRGB) van de gegevens.
De procedure voor het instellen van het printerstuurprogramma is afhankelijk van de toepassing die voor
het afdrukken wordt gebruikt.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Afdrukken met ICC-profielen
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met andere toepassingen > De afdrukkwaliteit
wijzigen en afbeeldingsgegevens corrigeren > Kleurcorrectie opgeven > Afdrukken met ICC-profielen
Een ICC-profiel opgeven vanuit de toepassing en de gegevens afdrukken
Wanneer u het resultaat afdrukt van bewerkingen en verbeteringen die zijn aangebracht met Adobe
Photoshop, Canon Digital Photo Professional of een andere toepassing waarin u ICC-profielen voor
invoer en afdrukken kunt opgeven, kunt u bij het afdrukken effectief gebruikmaken van de kleurruimte van
het ICC-invoerprofiel dat in de afbeeldingsgegevens is opgegeven.
Als u deze afdrukmethode wilt gebruiken, moet u eerst met de toepassingopties voor kleurbeheer
selecteren en een ICC-invoerprofiel en een ICC-afdrukprofiel opgeven voor de afbeeldingsgegevens.
Ook als u afdrukt met een ICC-afdrukprofiel dat u zelf hebt gemaakt of één voor speciaal Canon-papier in
de toepassing, moet u de opties voor kleurbeheer selecteren in de toepassing.
Raadpleeg de gebruikershandleiding bij de toepassing voor instructies.
1. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
2. Selecteer het mediumtype
Selecteer het type papier dat in het apparaat is geplaatst in de lijst Mediumtype (Media Type) op het
tabblad Afdruk (Main).
3. Selecteer de afdrukkwaliteit
Selecteer bij Afdrukkwaliteit (Print Quality) Hoog (High), Standaard (Standard) of Snel (Fast),
afhankelijk van het gewenste afdrukresultaat.
4. Selecteer de handmatige kleuraanpassing
Selecteer Handmatig (Manual) voor Kleur/Intensiteit (Color/Intensity) en klik op Instellen... (Set...).
Pagina 279 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afdrukken met ICC-profielen
Het dialoogvenster Handmatige kleuraanpassing (Manual Color Adjustment) wordt geopend.
d
de
oa
5. Selecteer de kleurcorrectie
m
fro
Klik op de tab Afstemming (Matching) en selecteer Geen (None) voor Kleurcorrectie (Color
Correction).
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
6. Stel de andere items in
Klik zo nodig op het tabblad Kleuraanpassing (Color Adjustment) en pas de kleurbalans van Cyaan
(Cyan), Magenta en Geel (Yellow) aan, pas de instellingen voor Helderheid (Brightness), Intensiteit
(Intensity) en Contrast aan en klik op OK.
7. Voltooi de configuratie
Klik op OK op het tabblad Afdruk (Main).
Wanneer u afdrukt, wordt de kleurruimte van de afbeeldingsgegevens gebruikt.
Een ICC-profiel opgeven met het printerstuurprogramma en vervolgens afdrukken
Vanuit een programma dat geen ICC-invoerprofielen kan identificeren of waarin u geen ICC-profiel kunt
opgeven kunt u afdrukken door de ICC-invoerprofielen uit de printerprofielen van het
printerstuurprogramma op te geven. Wanneer u Adobe RGB-gegevens afdrukt, kunt u de gegevens met
de Adobe RGB-kleurruimte afdrukken, zelfs als de toepassing Adobe RGB niet ondersteunt.
1. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
2. Selecteer het mediumtype
Selecteer het type papier dat in het apparaat is geplaatst in de lijst Mediumtype (Media Type) op het
tabblad Afdruk (Main).
Pagina 280 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afdrukken met ICC-profielen
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
3. Selecteer de afdrukkwaliteit
Selecteer bij Afdrukkwaliteit (Print Quality) Hoog (High), Standaard (Standard) of Snel (Fast),
afhankelijk van het gewenste afdrukresultaat.
4. Selecteer de handmatige kleuraanpassing
Selecteer Handmatig (Manual) voor Kleur/Intensiteit (Color/Intensity) en klik op Instellen... (Set...).
Het dialoogvenster Handmatige kleuraanpassing (Manual Color Adjustment) wordt geopend.
5. Selecteer de kleurcorrectie
Klik op de tab Afstemming (Matching) en selecteer ICM voor Kleurcorrectie (Color Correction).
6. Selecteer het invoerprofiel
Selecteer een Invoerprofiel (Input Profile) dat overeenkomt met de kleurruimte van de
afbeeldingsgegevens.
Voor sRGB-gegevens of gegevens zonder een ICC-invoerprofiel:
Selecteer Standaard (Standard).
Voor Adobe RGB-gegevens:
Pagina 281 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afdrukken met ICC-profielen
d
de
oa
Selecteer Adobe RGB (1998).
Een combinatie van afdrukkwaliteit en halftoningmethode selecteren
Kleurcorrectie opgeven
De kleurbalans aanpassen
De helderheid aanpassen
De intensiteit aanpassen
Het contrast aanpassen
Naar boven
e
.b
Verwante onderwerpen
re
Klik op OK op het tabblad Afdruk (Main).
Wanneer u afdrukt, worden de gegevens afgedrukt met de kleurruimte van de geselecteerde
afbeeldingsgegevens.
or
nb
de
an
.v
w
8. Voltooi de configuratie
w
Klik zo nodig op het tabblad Kleuraanpassing (Color Adjustment) en pas de kleurbalans van Cyaan
(Cyan), Magenta en Geel (Yellow) aan, pas de instellingen voor Helderheid (Brightness), Intensiteit
(Intensity) en Contrast aan en klik op OK.
w
7. Stel de andere items in
m
Als er in de toepassing een invoerprofiel is opgegeven, wordt de instelling voor het
invoerprofiel in het printerstuurprogramma ongeldig.
Als er geen ICC-invoerprofielen op uw computer zijn geïnstalleerd, wordt Adobe RGB (1998)
niet weergegeven. U kunt ICC-profielen installeren vanaf de installatie-cd-rom die bij de printer
wordt geleverd.
fro
Belangrijk
Pagina 282 van 710 pagina's
nl
ow
D
De kleurbalans aanpassen
d
de
oa
1. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
2. Selecteer de handmatige kleuraanpassing
Selecteer op het tabblad Afdruk (Main) de optie Handmatig (Manual) voor Kleur/Intensiteit (Color/
Intensity) en klik op Instellen... (Set...).
Het dialoogvenster Handmatige kleuraanpassing (Manual Color Adjustment) wordt geopend.
e
.b
U kunt de kleurbalans ook instellen op het tabblad Snel instellen (Quick Setup) door Foto afdrukken
(Photo Printing) te kiezen onder Veelgebruikte instellingen (Commonly Used Settings) en vervolgens
Kleur/intensiteit handmatig aanpassen (Color/Intensity Manual Adjustment) te kiezen onder Extra
functies (Additional Features).
re
De procedure voor het aanpassen van de kleurbalans is als volgt:
or
nb
de
an
.v
w
Pas Kleurbalans aan
w
Geen aanpassing
w
U kunt de kleurtinten tijdens het afdrukken aanpassen.
Aangezien deze functie de kleurbalans van de afdruk aanpast door de inktverhoudingen van elke kleur te
wijzigen, wordt de gehele kleurbalans van het document gewijzigd. Gebruik de toepassing als u
uitgebreide wijzigingen wilt aanbrengen in de kleurbalans. Gebruik het printerstuurprogramma alleen
als u kleine wijzigingen in de kleurbalans wilt aanbrengen.
In het volgende voorbeeld ziet u hoe de kleurbalans wordt gebruikt om de intensiteit van cyaan te
verhogen en die van geel te verlagen zodat de kleuren beter op elkaar zijn afgestemd.
m
De kleurbalans aanpassen
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met andere toepassingen > De afdrukkwaliteit
wijzigen en afbeeldingsgegevens corrigeren > De kleurbalans aanpassen
d
de
oa
3. Pas de kleurbalans aan
Pagina 283 van 710 pagina's
nl
ow
D
De kleurbalans aanpassen
m
fro
w
w
Er zijn afzonderlijke schuifregelaars voor Cyaan (Cyan), Magenta en Geel (Yellow). Elke kleur wordt
krachtiger wanneer u de bijbehorende schuifregelaar naar rechts schuift en zwakker wanneer u de
schuifregelaar naar links schuift. Als bijvoorbeeld cyaan zwakker wordt, wordt de kleur rood sterker.
U kunt ook rechtstreeks een waarde invoeren voor de schuifregelaar. Voer een waarde in tussen 50 en 50.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
Klik op OK nadat u alle kleuren hebt aangepast.
Belangrijk
Verschuif de schuifregelaar langzaam.
4. Voltooi de configuratie
Klik op OK op het tabblad Afdruk (Main).
Wanneer u het document afdrukt, wordt de aangepaste kleurbalans gebruikt.
Belangrijk
Als het selectievakje Afdrukken in grijstinten (Grayscale Printing) op het tabblad Afdruk (Main) is
ingeschakeld, zijn Cyaan (Cyan), Magenta en Geel (Yellow) niet beschikbaar voor selectie.
Verwante onderwerpen
Een combinatie van afdrukkwaliteit en halftoningmethode selecteren
Kleurcorrectie opgeven
De helderheid aanpassen
De intensiteit aanpassen
Het contrast aanpassen
Naar boven
Pagina 284 van 710 pagina's
nl
ow
D
De helderheid aanpassen
d
de
oa
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
U kunt de helderheid van afbeeldingsgegevens tijdens het afdrukken aanpassen.
Puur wit en zwart worden niet veranderd, maar de helderheid van de tussenliggende kleuren wordt wel
veranderd.
Het volgende voorbeeld toont het afdrukresultaat wanneer de helderheid is aangepast.
m
De helderheid aanpassen
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met andere toepassingen > De afdrukkwaliteit
wijzigen en afbeeldingsgegevens corrigeren > De helderheid aanpassen
Licht (Light) is geselecteerd Normaal (Normal) is geselecteerd Donker (Dark) is geselecteerd
De procedure voor het aanpassen van de helderheid is als volgt:
U kunt de helderheid ook instellen op het tabblad Snel instellen (Quick Setup) door Foto afdrukken
(Photo Printing) te kiezen onder Veelgebruikte instellingen (Commonly Used Settings) en vervolgens
Kleur/intensiteit handmatig aanpassen (Color/Intensity Manual Adjustment) te kiezen onder Extra
functies (Additional Features).
1. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
2. Selecteer de handmatige kleuraanpassing
Selecteer op het tabblad Afdruk (Main) de optie Handmatig (Manual) voor Kleur/Intensiteit (Color/
Intensity) en klik op Instellen... (Set...).
Het dialoogvenster Handmatige kleuraanpassing (Manual Color Adjustment) wordt geopend.
3. Geef de helderheid op
Selecteer Licht (Light), Normaal (Normal) of Donker (Dark) bij Helderheid (Brightness) en klik op
OK.
Pagina 285 van 710 pagina's
nl
ow
D
De helderheid aanpassen
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
4. Voltooi de configuratie
Klik op OK op het tabblad Afdruk (Main).
De opgegeven helderheid wordt bij het afdrukken gebruikt.
Verwante onderwerpen
Een combinatie van afdrukkwaliteit en halftoningmethode selecteren
Kleurcorrectie opgeven
De kleurbalans aanpassen
De intensiteit aanpassen
Het contrast aanpassen
Naar boven
Pagina 286 van 710 pagina's
nl
ow
D
De intensiteit aanpassen
d
de
oa
m
U kunt de kleuren van de beeldgegevens helderder of donkerder maken tijdens het afdrukken.
Als u een scherpere afdruk wilt, moet u de intensiteit van de kleuren verhogen.
Het volgende voorbeeld laat zien wat er gebeurt wanneer de intensiteit wordt verhoogd: de kleuren van
de afbeeldingsgegevens worden donkerder afgedrukt.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
De intensiteit aanpassen
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met andere toepassingen > De afdrukkwaliteit
wijzigen en afbeeldingsgegevens corrigeren > De intensiteit aanpassen
Geen aanpassing
Hogere intensiteit
De procedure voor het aanpassen van de intensiteit is als volgt:
U kunt de intensiteit ook instellen op het tabblad Snel instellen (Quick Setup) door Foto afdrukken (Photo
Printing) te kiezen onder Veelgebruikte instellingen (Commonly Used Settings) en vervolgens Kleur/
intensiteit handmatig aanpassen (Color/Intensity Manual Adjustment) te kiezen onder Extra functies
(Additional Features).
1. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
2. Selecteer de handmatige kleuraanpassing
Selecteer Handmatig (Manual) voor Kleur/Intensiteit (Color/Intensity) op het tabblad Afdruk (Main) en
klik op Instellen... (Set...).
Het dialoogvenster Handmatige kleuraanpassing (Manual Color Adjustment) wordt geopend.
3. Pas de intensiteit aan
Wanneer u de schuifregelaar Intensiteit (Intensity) naar rechts verplaatst, worden de kleuren
donkerder. Wanneer u de schuifregelaar naar links verplaatst, worden de kleuren helderder.
U kunt ook rechtstreeks een waarde invoeren voor de schuifregelaar. Voer een waarde in tussen -
50 en 50.
d
de
oa
Klik op OK nadat u alle kleuren hebt aangepast.
Pagina 287 van 710 pagina's
nl
ow
D
De intensiteit aanpassen
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Belangrijk
Verschuif de schuifregelaar langzaam.
4. Voltooi de configuratie
Klik op OK op het tabblad Afdruk (Main).
Wanneer u het document afdrukt, wordt de aangepaste intensiteit gebruikt.
Verwante onderwerpen
Een combinatie van afdrukkwaliteit en halftoningmethode selecteren
Kleurcorrectie opgeven
De kleurbalans aanpassen
De helderheid aanpassen
Het contrast aanpassen
Naar boven
Pagina 288 van 710 pagina's
nl
ow
D
Het contrast aanpassen
d
de
oa
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
U kunt het beeldcontrast tijdens het afdrukken aanpassen.
Wanneer u de verschillen tussen de lichte en donkere gebieden van afbeeldingen groter en duidelijker
wilt maken, verhoogt u het contrast. Wanneer u echter de verschillen tussen de lichte en donkere
gebieden van afbeeldingen kleiner en minder duidelijk wilt maken, verlaagt u het contrast.
m
Het contrast aanpassen
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met andere toepassingen > De afdrukkwaliteit
wijzigen en afbeeldingsgegevens corrigeren > Het contrast aanpassen
Geen aanpassing
Pas het contrast aan
De procedure voor het aanpassen van het contrast is als volgt:
U kunt het contrast ook instellen op het tabblad Snel instellen (Quick Setup) door Foto afdrukken (Photo
Printing) te kiezen onder Veelgebruikte instellingen (Commonly Used Settings) en vervolgens Kleur/
intensiteit handmatig aanpassen (Color/Intensity Manual Adjustment) te kiezen onder Extra functies
(Additional Features).
1. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
2. Selecteer de handmatige kleuraanpassing
Selecteer op het tabblad Afdruk (Main) de optie Handmatig (Manual) voor Kleur/Intensiteit (Color/
Intensity) en klik op Instellen... (Set...).
Het dialoogvenster Handmatige kleuraanpassing (Manual Color Adjustment) wordt geopend.
3. Pas het contrast aan
Wanneer u de schuifregelaar Contrast naar rechts schuift, wordt het contrast groter en wanneer u
de schuifregelaar naar links schuift, wordt het contrast kleiner.
Pagina 289 van 710 pagina's
nl
ow
D
Het contrast aanpassen
Klik op OK nadat u alle kleuren hebt aangepast.
d
de
oa
U kunt ook rechtstreeks een waarde invoeren voor de schuifregelaar. Voer een waarde in tussen 50 en 50.
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Belangrijk
Verschuif de schuifregelaar langzaam.
4. Voltooi de configuratie
Klik op OK op het tabblad Afdruk (Main).
Bij het afdrukken wordt het aangepaste contrast gebruikt.
Verwante onderwerpen
Een combinatie van afdrukkwaliteit en halftoningmethode selecteren
Kleurcorrectie opgeven
De kleurbalans aanpassen
De helderheid aanpassen
De intensiteit aanpassen
Naar boven
Pagina 290 van 710 pagina's
nl
ow
D
Een illustratie simuleren
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met andere toepassingen > De afdrukkwaliteit
wijzigen en afbeeldingsgegevens corrigeren > Een illustratie simuleren
Met de functie Illustratie simuleren (Simulate Illustration) kunt u een full-colour afbeelding of een
afbeelding met 256 kleuren zo afdrukken dat het lijkt of deze met de hand is getekend. Deze functie voegt
diverse effecten toe aan het profiel en de kleuren van de oorspronkelijke afbeelding.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Een illustratie simuleren
De procedure voor het gebruik van Illustratie simuleren (Simulate Illustration) is als volgt:
1. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
2. Stel Illustratie simuleren (Simulate Illustration) in
Schakel zo nodig het selectievakje Illustratie simuleren (Simulate Illustration) op het tabblad
Effecten (Effects) in en pas het Contrast aan.
Wanneer u de schuifregelaar naar rechts schuift, wordt de afbeelding lichter en wanneer u de
schuifregelaar naar links schuift, wordt de afbeelding donkerder.
De huidige instellingen worden weergegeven in het instellingenvoorbeeld aan de linkerkant van het
printerstuurprogramma.
3. Voltooi de configuratie
Klik op OK.
De afbeelding wordt als een met de hand getekende illustratie afgedrukt.
Naar boven
Pagina 291 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afbeeldingsgegevens weergeven in een enkele kleur
d
de
oa
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Met de functie Monochroomeffecten (Monochrome Effects) kunt u kleureffecten toepassen, zoals een foto
omzetten in sepiatinten.
m
Afbeeldingsgegevens weergeven in een enkele kleur
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met andere toepassingen > De afdrukkwaliteit
wijzigen en afbeeldingsgegevens corrigeren > Afbeeldingsgegevens weergeven in een enkele kleur
De procedure voor het gebruik van Monochroomeffecten (Monochrome Effects) is als volgt:
1. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
2. Stel Monochroomeffecten (Monochrome Effects) in
Schakel het selectievakje Monochroomeffecten (Monochrome Effects) op het tabblad Effecten
(Effects) in en selecteer de gewenste kleur.
Als u Kleur selecteren (Select Color) kiest, kunt u met de schuifregelaar Kleur (Color) de gewenste
kleur kiezen.
De huidige instellingen worden weergegeven in het instellingenvoorbeeld aan de linkerkant van het
printerstuurprogramma.
3. Voltooi de configuratie
Klik op OK.
Wanneer u de afbeelding afdrukt, wordt deze in een enkele kleur afgedrukt.
Als het selectievakje Afdrukken in grijstinten (Grayscale Printing) op het tabblad Afdruk (Main) is
ingeschakeld, is Monochroomeffecten (Monochrome Effects) niet beschikbaar voor selectie.
d
de
oa
Belangrijk
Pagina 292 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afbeeldingsgegevens weergeven in een enkele kleur
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Naar boven
Pagina 293 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afbeeldingsgegevens weergeven in levendige kleuren
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met andere toepassingen > De afdrukkwaliteit
wijzigen en afbeeldingsgegevens corrigeren > Afbeeldingsgegevens weergeven in levendige kleuren
Met de functie Vivid Photo kunt u afbeeldingsgegevens afdrukken in levendige kleuren.
Door de functie Vivid Photo worden de kleuren in achtergronden benadrukt, terwijl de huidskleur van
personen natuurlijk blijft. Met deze functie kunt u levendige kleuren nog levendiger maken.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Afbeeldingsgegevens weergeven in levendige kleuren
De procedure voor het gebruik van Vivid Photo is als volgt:
U kunt levendige kleuren ook instellen op het tabblad Snel instellen (Quick Setup) door Foto afdrukken
(Photo Printing) te kiezen onder Veelgebruikte instellingen (Commonly Used Settings) en vervolgens
Extra functies (Additional Features) te kiezen.
1. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
2. Stel Vivid Photo in
Schakel het selectievakje Vivid Photo in op het tabblad Effecten (Effects).
3. Voltooi de configuratie
Klik op OK.
Wanneer u de afbeelding afdrukt, wordt deze met levendige kleuren afgedrukt.
Naar boven
Pagina 294 van 710 pagina's
nl
ow
D
Gekartelde randen verwijderen
d
de
oa
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Met de functie Image Optimizer kunt u de gekartelde randen corrigeren van foto's en afbeeldingen die in
de toepassing zijn vergroot. Deze functie is vooral handig wanneer u afbeeldingen met een lage
resolutie uit webpagina's afdrukt.
m
Gekartelde randen verwijderen
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met andere toepassingen > De afdrukkwaliteit
wijzigen en afbeeldingsgegevens corrigeren > Gekartelde randen verwijderen
De procedure voor het gebruik van Image Optimizer is als volgt:
1. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
2. Image Optimizer instellen
Schakel het selectievakje Image Optimizer in op het tabblad Effecten (Effects).
3. Voltooi de configuratie
Klik op OK.
Foto's en afbeeldingen worden met vloeiende randen afgedrukt.
Opmerking
Afhankelijk van de toepassingssoftware of de resolutie van de afbeeldingsgegevens heeft Image
Optimizer mogelijk geen zichtbaar effect.
Bij het gebruik van Image Optimizer kan het afdrukken langzamer verlopen.
Pagina 295 van 710 pagina's
nl
ow
D
Gekartelde randen verwijderen
Naar boven
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Pagina 296 van 710 pagina's
nl
ow
D
Kleureigenschappen wijzigen om kleuren te verbeteren
d
de
oa
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
De functie Photo Optimizer PRO corrigeert de kleuren van afbeeldingen die zijn gemaakt met een digitale
camera of van gescande afbeeldingen. De functie is speciaal ontworpen om kleurverschuiving,
overbelichting en onderbelichting te corrigeren.
m
Kleureigenschappen wijzigen om kleuren te verbeteren
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met andere toepassingen > De afdrukkwaliteit
wijzigen en afbeeldingsgegevens corrigeren > Kleureigenschappen wijzigen om kleuren te verbeteren
De procedure voor het gebruik van Photo Optimizer PRO is als volgt:
1. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
2. Photo Optimizer PRO instellen
Schakel het selectievakje Photo Optimizer PRO in op het tabblad Effecten (Effects).
Normaal gesproken is het niet nodig om het selectievakje Op hele pagina toepassen (Apply
Throughout Page) in te schakelen.
De afbeeldingen op een pagina worden afzonderlijk geoptimaliseerd.
Opmerking
Schakel het selectievakje Op hele pagina toepassen (Apply Throughout Page) in als de af te
drukken afbeeldingsgegevens zijn bewerkt (bijvoorbeeld bijgesneden of geroteerd). In dit geval
wordt de hele pagina gezien als één enkele afbeelding die moet worden geoptimaliseerd.
3. Voltooi de configuratie
Pagina 297 van 710 pagina's
nl
ow
D
Kleureigenschappen wijzigen om kleuren te verbeteren
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Opmerking
m
Photo Optimizer PRO werkt niet als:
Achtergrond (Background) is ingesteld in het dialoogvenster Stempel/Achtergrond (Stamp/
Background) van het tabblad Pagina-instelling (Page Setup).
Stempel definiëren... (Define Stamp...) is geselecteerd in het dialoogvenster Stempel/
Achtergrond (Stamp/Background) op het tabblad Pagina-instelling (Page Setup) en een bitmap
als stempel is opgegeven.
fro
Belangrijk
d
de
oa
Klik op OK.
Wanneer u de afbeeldingen afdrukt, worden de kleuren van de afbeeldingen gecorrigeerd.
e
.b
Afhankelijk van de afbeelding heeft Photo Optimizer PRO mogelijk geen zichtbaar effect.
Naar boven
Pagina 298 van 710 pagina's
nl
ow
D
Ruis in foto's reduceren
d
de
oa
m
U kunt met Ruisreductie in foto (Photo Noise Reduction) de ruis in foto's reduceren die kan ontstaan bij
het gebruik van een digitale camera. Op deze manier kunt u de kwaliteit van de digitale afdruk
verbeteren.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Ruis in foto's reduceren
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met andere toepassingen > De afdrukkwaliteit
wijzigen en afbeeldingsgegevens corrigeren > Ruis in foto's reduceren
De procedure voor het gebruik van Ruisreductie in foto (Photo Noise Reduction) is als volgt:
1. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
2. Stel Ruisreductie in foto (Photo Noise Reduction) in
Schakel het selectievakje Ruisreductie in foto (Photo Noise Reduction) op het tabblad Effecten
(Effects) in en selecteer Normaal (Normal) of Krachtig (Strong).
3. Voltooi de configuratie
Klik op OK.
De afbeelding wordt met minder digitale cameraruis afgedrukt.
Opmerking
De aanbevolen instelling is in de meeste gevallen Normaal (Normal). Selecteer Krachtig (Strong)
Pagina 299 van 710 pagina's
nl
ow
D
Ruis in foto's reduceren
d
de
oa
m
fro
als u met Normaal (Normal) niet het gewenste resultaat krijgt.
Afhankelijk van de gebruikte toepassing of de resolutie van de afbeeldingsgegevens, is het
mogelijk dat het reduceren van ruis geen zichtbaar effect heeft.
Wanneer u deze functie gebruikt voor andere afbeeldingen dan foto's gemaakt met een digitale
camera, kan de afbeelding vervormen.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Naar boven
Pagina 300 van 710 pagina's
nl
ow
D
Overzicht van het printerstuurprogramma
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met andere toepassingen > Overzicht van het
printerstuurprogramma
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Overzicht van het printerstuurprogramma
Procedures van het printerstuurprogramma
Canon IJ-printerstuurprogramma
Het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma openen
re
Tabblad Onderhoud
e
.b
Canon IJ-statusmonitor
Canon IJ-voorbeeld
Naar boven
Pagina 301 van 710 pagina's
nl
ow
D
Procedures van het printerstuurprogramma
d
de
oa
m
fro
w
| Instructies voor gebruik (Printerstuurprogramma) | Deze handleiding gebruiken | Deze handleiding afdrukken
Een paginaformaat en afdrukstand opgeven
Instellingen voor aantal en afdrukvolgorde
opgeven
De nietmarge instellen
Afdrukken zonder marges
Passend op papier afdrukken
Afdrukken op schaal
Pagina-indeling afdrukken
Afdrukopties wijzigen
Een veelgebruikt afdrukprofiel registreren
De inktpatroon instellen
De stroomvoorziening van het apparaat
beheren
Het geluidsvolume van het apparaat verlagen
De bedieningsmodus van het apparaat
wijzigen
Poster afdrukken
Onderhoud uitvoeren vanaf een computer
Boekje afdrukken
De printkoppen reinigen
Dubbelzijdig afdrukken
De papierinvoerrollen reinigen
Stempel/achtergrond afdrukken
De positie van de printkop uitlijnen
Een envelop afdrukken
Afdrukresultaten weergeven vóór het afdrukken
Papierformaat instellen (aangepast formaat)
De afdrukkwaliteit wijzigen en
afbeeldingsgegevens corrigeren
Een combinatie van afdrukkwaliteit en
halftoningmethode selecteren
De spuitopeningen van de printkop
controleren
De binnenkant van het apparaat reinigen
Overzicht van het printerstuurprogramma
Canon IJ-printerstuurprogramma
Het eigenschappenvenster van het
printerstuurprogramma openen
Een kleurendocument monochroom afdrukken
Tabblad Onderhoud
Kleurcorrectie opgeven
Canon IJ-statusmonitor
De kleurbalans aanpassen
Canon IJ-voorbeeld
De helderheid aanpassen
De intensiteit aanpassen
MP Drivers bijwerken
Het contrast aanpassen
De nieuwste versie van MP Drivers ophalen
Een illustratie simuleren
Onnodige MP Drivers verwijderen
Afbeeldingsgegevens weergeven in een
enkele kleur
Afbeeldingsgegevens weergeven in levendige
kleuren
Gekartelde randen verwijderen
Kleureigenschappen wijzigen om kleuren te
verbeteren
Ruis in foto's reduceren
Voordat u MP Drivers installeert
MP Drivers installeren
Bijlage
Een ongewenste afdruktaak verwijderen
De printer delen in een netwerk
e
.b
Afdrukken met de basisinstellingen
Apparaatinstellingen vanaf uw computer
wijzigen
re
Verschillende afdrukmethoden
|
or
nb
de
an
.v
w
w
MA-5391-V1.00
Pagina 302 van 710 pagina's
nl
ow
D
Canon IJ-printerstuurprogramma
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met andere toepassingen > Overzicht van het
printerstuurprogramma > Canon IJ-printerstuurprogramma
Het Canon IJ-printerstuurprogramma is de software die op uw computer wordt geïnstalleerd voor het
afdrukken van gegevens op het apparaat.
Het Canon IJ-printerstuurprogramma converteert de afdrukgegevens die in de Windows-toepassing zijn
gemaakt, naar gegevens die de printer begrijpt en stuurt de geconverteerde gegevens naar de printer.
In de Help worden de instellingen van het stuurprogramma beschreven. U kunt deze help openen via het
venster Voorkeursinstellingen voor afdrukken van het Canon IJ-printerstuurprogramma.
Alle beschrijvingen van een tabblad weergeven...
Klik op de knop Help op een tabblad. Er wordt een dialoogvenster geopend met daarin een
beschrijving van alle items op het tabblad.
U kunt ook op de koppeling in de beschrijving van een item klikken om een beschrijving van het
gekoppelde dialoogvenster weer te geven.
Een beschrijving van elk item weergeven...
Klik met de rechtermuisknop op het item waarover u informatie wilt weergeven en klik op Help.
U kunt ook klikken op de knop
Help rechts op de titelbalk en vervolgens klikken op het item
waarover u meer informatie wilt weergeven.
Er wordt een beschrijving van het item weergegeven.
Verwant onderwerp
Het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma openen
Naar boven
e
.b
Help voor het printerstuurprogramma gebruiken
re
Aangezien de ondersteunde indeling van de afdrukgegevens per model verschilt, moet u een Canon IJprinterstuurprogramma gebruiken dat geschikt is voor het model dat u gebruikt.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Canon IJ-printerstuurprogramma
Pagina 303 van 710 pagina's
nl
ow
D
Het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma openen
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met andere toepassingen > Overzicht van het
printerstuurprogramma > Canon IJ-printerstuurprogramma > Het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
openen
Volg onderstaande procedure om het afdrukprofiel in te stellen bij het afdrukken.
1. Selecteer de opdracht voor het afdrukken in het programma dat u gebruikt
Meestal doet u dit door Afdrukken (Print) te kiezen in het menu Bestand (File) waardoor het
dialoogvenster Afdrukken (Print) wordt weergegeven.
2. Selecteer de naam van uw printermodel en klik op Voorkeuren (Preferences) of
Eigenschappen (Properties)
Het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma verschijnt.
Opmerking
Afhankelijk van de toepassing die u gebruikt, kunnen de namen van opdrachten of menu's
verschillen en kan de procedure uit meer stappen bestaan. Raadpleeg de
gebruikershandleiding bij de toepassing voor meer informatie.
Het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma via het menu Start openen
Volg onderstaande procedure om onderhoudswerkzaamheden uit te voeren, zoals het reinigen van de
printkop, of om een afdrukprofiel in te stellen dat in alle toepassingen vrijwel hetzelfde is.
1. Selecteer items in het menu Start zoals hieronder aangegeven:
In Windows Vista selecteert u Start -> Configuratiescherm (Control Panel) -> Hardware en
geluiden (Hardware and Sound) -> Printers.
In Windows XP selecteert u Start -> Configuratiescherm (Control Panel) -> Printers en andere
hardware (Printers and Other Hardware) -> Printers en faxapparaten (Printers and Faxes).
In Windows 2000 selecteert u Start -> Instellingen (Settings) -> Printers.
2. Klik met de rechtermuisknop op het pictogram van uw model en selecteer
Voorkeursinstellingen voor afdrukken… (Printing Preferences…) in het weergegeven
menu
Het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma verschijnt.
Belangrijk
Wanneer u het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma via Eigenschappen
(Properties) opent, worden Windows-tabbladen zoals Poorten (Ports) (of Geavanceerd
(Advanced)) weergegeven. Deze tabbladen verschijnen niet wanneer u het
printerstuurprogramma opent via Voorkeursinstellingen voor afdrukken… (Printing Preferences
e
.b
Het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma via de toepassing openen
re
In deze handleiding wordt de procedure voor Windows Vista beschreven. De procedure kan
verschillen voor andere versies van Windows.
or
nb
de
an
.v
w
Opmerking
w
U kunt het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma openen via de toepassing waarin u
werkt of via het menu Start van Windows.
w
Het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
openen
Pagina 304 van 710 pagina's
nl
ow
D
Het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma openen
d
de
oa
…) of een toepassing. Raadpleeg de gebruikershandleiding bij Windows voor meer informatie
over de tabbladen met Windows-functies.
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Naar boven
Pagina 305 van 710 pagina's
nl
ow
D
Tabblad Onderhoud
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met andere toepassingen > Overzicht van het
printerstuurprogramma > Canon IJ-printerstuurprogramma > Tabblad Onderhoud
Op het tabblad Onderhoud (Maintenance) kunt u onderhoudswerkzaamheden uitvoeren aan het
apparaat of de instellingen van het apparaat wijzigen.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Tabblad Onderhoud
Functies
De printkoppen reinigen
De papierinvoerrollen reinigen
De positie van de printkop uitlijnen
De spuitopeningen van de printkop controleren
De binnenkant van het apparaat reinigen
De inktpatroon instellen
De stroomvoorziening van het apparaat beheren
Verwante functies
Het geluidsvolume van het apparaat verlagen
De bedieningsmodus van het apparaat wijzigen
Naar boven
Pagina 306 van 710 pagina's
nl
ow
D
Canon IJ-statusmonitor
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met andere toepassingen > Overzicht van het
printerstuurprogramma > Canon IJ-statusmonitor
De Canon IJ-statusmonitor is een toepassing die de status van de printer en de voortgang van het
afdrukken op het Windows-scherm weergeeft. U kunt aan de hand van de afbeeldingen, pictogrammen
en berichten zien wat de status van de printer is.
De Canon IJ-statusmonitor starten
De Canon IJ-statusmonitor wordt automatisch gestart wanneer gegevens naar de printer worden
gestuurd. De Canon IJ-statusmonitor wordt weergegeven als een knop op de taakbalk.
Klik op de knop Statusmonitor op de taakbalk. De Canon IJ-statusmonitor verschijnt.
Opmerking
U kunt de Canon IJ-statusmonitor openen wanneer er niet wordt afgedrukt door het
eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma te openen en op Printerstatus weergeven...
(View Printer Status...) op het tabblad Onderhoud (Maintenance) te klikken.
Wanneer fouten optreden
De Canon IJ-statusmonitor wordt automatisch weergegeven wanneer er een fout optreedt (bijvoorbeeld
wanneer het papier op is of de inkt op raakt).
Voer in dergelijke gevallen de beschreven maatregelen uit.
Naar boven
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Canon IJ-statusmonitor
Pagina 307 van 710 pagina's
nl
ow
D
Canon IJ-voorbeeld
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken vanaf een computer > Afdrukken met andere toepassingen > Overzicht van het
printerstuurprogramma > Canon IJ-voorbeeld
Canon IJ-voorbeeld is een toepassing die de afdrukresultaten op het scherm laat zien, voordat er
daadwerkelijk wordt afgedrukt.
Als u niet eerst een afdrukvoorbeeld wilt zien, schakelt u het selectievakje uit.
Verwant onderwerp
Afdrukresultaten weergeven vóór het afdrukken
Naar boven
e
.b
Als u eerst een afdrukvoorbeeld wilt zien, opent u het eigenschappenvenster van het
printerstuurprogramma , klikt u op het tabblad Snel instellen (Quick Setup) of het tabblad Afdruk (Main) en
schakelt u het selectievakje Afdrukvoorbeeld (Preview before printing) in.
re
Hierbij worden de instellingen gebruikt die in het printerstuurprogramma zijn opgegeven. Op deze
manier kunt u de indeling, de afdrukvolgorde en het aantal pagina’s van een document controleren. U
kunt ook de instellingen voor het mediumtype wijzigen.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Canon IJ-voorbeeld
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken met het bedieningspaneel van het apparaat
Pagina 308 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afdrukken met het bedieningspaneel van het apparaat
fro
m
Afdrukken met het bedieningspaneel van het apparaat
Naar boven
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Kopiëren
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken met het bedieningspaneel van het apparaat > Kopiëren
Pagina 309 van 710 pagina's
nl
ow
D
Kopiëren
fro
m
Kopiëren
Handige kopieerfuncties gebruiken
Naar boven
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Kopieën maken
Pagina 310 van 710 pagina's
nl
ow
D
Kopieën maken
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken met het bedieningspaneel van het apparaat > Kopiëren > Kopieën maken
fro
m
Kopieën maken
Kopieën verkleinen of vergroten
Handige kopieerfuncties gebruiken
Naar boven
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Raadpleeg Kopiëren voor de basisprocedure voor kopiëren.
Pagina 311 van 710 pagina's
nl
ow
D
Kopieën verkleinen of vergroten
d
de
oa
m
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Kopieën verkleinen of vergroten
1. Zorg dat het apparaat is ingeschakeld.
2. Plaats gewoon papier in de achterste lade.
re
e
.b
3. Plaats het origineel op de glasplaat.
4. Druk op de knop Papier (Paper) en selecteer A4 of 8,5"x11" Gewoon papier.
Opmerking
In de achterste lade kunt u papier laden met het formaat A4 of Letter.
het papierformaat A4 en Letter
Overschakelen tussen
5. Druk op de knop Passend op pag (Fit to Page) .
Het lampje Passend op pag (Fit to Page) gaat branden. Als u passend op pagina kopiëren wilt
uitschakelen, drukt u nogmaals op de knop Passend op pag (Fit to Page).
Opmerking
U kunt de knop Passend op pag (Fit to Page) alleen gebruiken in combinatie met de
kopieerfunctie.
Gekopieerde afbeeldingen worden automatisch in de lengte/breedte vergroot of verkleind om
op het geselecteerde papierformaat te passen.
6. Druk enkele keren op de knop + om het aantal kopieën in te stellen.
Opmerking
Als u enkele keren op de knop + drukt, wordt F weergegeven op het LED-display. Het aantal
kopieën wordt ingesteld op 20.
Wanneer u 10 tot 19 kopieën wilt maken, stelt u het aantal kopieën in op 20 en plaatst u het
gewenste aantal vellen papier. Het apparaat zal stoppen met kopiëren en een fout weergeven.
Druk op de knop Stoppen/herstellen (Stop/Reset) om de fout op te heffen.
Als u op de knop Stoppen/herstellen (Stop/Reset) drukt, wordt het aantal kopieën weer
ingesteld op 1.
7. Druk op de knop Kleur (Color) als u in kleur wilt kopiëren of op de knop Zwart
(Black) als u in zwart-wit wilt kopiëren.
Het apparaat begint passend op het papierformaat te kopiëren.
Verwijder het origineel van de glasplaat wanneer het kopiëren is voltooid.
Versneld kopiëren
1.
Houd de knop Kleur (Color) of Zwart (Black) gedurende ten minste 2 seconden ingedrukt.
Het LED-display knippert één keer.
2.
Laat de knop los.
Het apparaat begint met versneld kopiëren.
Belangrijk
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken met het bedieningspaneel van het apparaat > Kopiëren > Kopieën maken > Kopieën
verkleinen of vergroten
Pagina 312 van 710 pagina's
nl
ow
D
Kopieën verkleinen of vergroten
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Naar boven
m
Versneld kopiëren is geschikt voor tekstdocumenten op gewoon papier. Als de kwaliteit niet
aan uw verwachtingen voldoet, kunt u het document normaal kopiëren.
Wanneer u 10 tot 19 kopieën wilt maken, stelt u het aantal kopieën in op 20 en plaatst u het
gewenste aantal vellen papier. Het apparaat zal stoppen met kopiëren en een fout weergeven.
Druk op de knop Stoppen/herstellen (Stop/Reset) om de fout op te heffen.
Druk op de knop Stoppen/herstellen (Stop/Reset) om het kopiëren te annuleren.
fro
Opmerking
d
de
oa
Open de documentklep niet en laat het origineel op de glasplaat liggen totdat het kopiëren is
voltooid.
Pagina 313 van 710 pagina's
nl
ow
D
Handige kopieerfuncties gebruiken
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken met het bedieningspaneel van het apparaat > Kopiëren > Handige kopieerfuncties
gebruiken
Kopie zonder marges (Borderless copy)
U kunt afbeeldingen zo kopiëren dat deze de hele pagina vullen zonder marges.
Kopiëren zonder marges (Kopie zonder marges)
e
.b
Naar boven
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Handige kopieerfuncties gebruiken
Pagina 314 van 710 pagina's
nl
ow
D
Overschakelen tussen het papierformaat A4 en Letter
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken met het bedieningspaneel van het apparaat > Kopiëren > Handige kopieerfuncties
gebruiken > Overschakelen tussen het papierformaat A4 en Letter
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Overschakelen tussen het papierformaat A4 en Letter
In de achterste lade kunt u papier laden met het formaat A4 of Letter.
1. Druk enkele keren op de knop Onderhoud (Maintenance) tot dat d wordt
weergegeven.
(Color) om Letter te selecteren.
Opmerking
U kunt het geselecteerde papierformaat voor de achterste lade instellen op A4 of Letter
wanneer het apparaat is ingeschakeld.
Naar boven
e
.b
re
2. Druk op de knop Zwart (Black) om A4 te selecteren of druk op de knop Kleur
Pagina 315 van 710 pagina's
nl
ow
D
Kopiëren zonder marges (Kopie zonder marges)
d
de
oa
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
U kunt afbeeldingen zo kopiëren dat deze de hele pagina vullen zonder marges.
m
Kopiëren zonder marges (Kopie zonder marges)
fro
Uitgebreide Handleiding > Afdrukken met het bedieningspaneel van het apparaat > Kopiëren > Handige kopieerfuncties
gebruiken > Kopiëren zonder marges (Kopie zonder marges)
1. Plaats fotopapier in de achterste lade.
2. Druk op de knop Papier (Paper) om het papierformaat in de achterste lade te
selecteren.
Opmerking
In de achterste lade kunt u papier laden met het formaat A4 of Letter.
Overschakelen tussen
het papierformaat A4 en Letter
Wanneer gewoon papier met het formaat A4 of 8,5"x11" is geselecteerd, kunt u niet kopiëren
zonder marges.
3. Druk op de knop Passend op pag (Fit to Page) .
Het lampje Passend op pag (Fit to Page) gaat branden. Druk nogmaals op de knop Passend op
pag (Fit to Page) om kopiëren zonder marges te annuleren.
Opmerking
U kunt de knop Passend op pag (Fit to Page) alleen gebruiken in combinatie met de
kopieerfunctie.
Gekopieerde afbeeldingen worden automatisch vergroot of verkleind om op het geselecteerde
papierformaat voor kopiëren zonder marges te passen.
4. Druk enkele keren op de knop + om het aantal kopieën in te stellen.
Opmerking
Als u enkele keren op de knop + drukt, wordt F weergegeven op het LED-display. Het aantal
kopieën wordt ingesteld op 20.
Wanneer u 10 tot 19 kopieën wilt maken, stelt u het aantal kopieën in op 20 en plaatst u het
gewenste aantal vellen papier. Het apparaat zal stoppen met kopiëren en een fout weergeven.
Druk op de knop Stoppen/herstellen (Stop/Reset) om de fout op te heffen.
Als u op de knop Stoppen/herstellen (Stop/Reset) drukt, wordt het aantal kopieën weer
ingesteld op 1.
5. Druk op de knop Kleur (Color) als u in kleur wilt kopiëren of op de knop Zwart
(Black) als u in zwart-wit wilt kopiëren.
Het apparaat begint met kopiëren zonder marges.
Belangrijk
Open de documentklep niet en laat het origineel op de glasplaat liggen totdat het kopiëren is
voltooid.
Opmerking
Pagina 316 van 710 pagina's
nl
ow
D
Kopiëren zonder marges (Kopie zonder marges)
d
de
oa
De afbeelding kan aan de randen enigszins worden afgekapt omdat de gekopieerde afbeelding
wordt vergroot om de hele pagina te vullen.
Druk op de knop Stoppen/herstellen (Stop/Reset) om het kopiëren te annuleren.
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Naar boven
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Scannen
Pagina 317 van 710 pagina's
nl
ow
D
Scannen
fro
m
Scannen
w
w
or
nb
de
an
.v
w
Afbeeldingen scannen
Gescande gegevens opslaan op de pc met het bedieningspaneel van het apparaat
Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware
Scannen met andere toepassingssoftware
Naar boven
e
.b
re
Andere scanmethoden
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Afbeeldingen scannen
Pagina 318 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afbeeldingen scannen
fro
m
Afbeeldingen scannen
Voordat u gaat scannen
Documenten plaatsen
Naar boven
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Afbeeldingen scannen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Afbeeldingen scannen > Afbeeldingen scannen
Pagina 319 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afbeeldingen scannen
fro
m
Afbeeldingen scannen
Gescande gegevens opslaan op de pc met het bedieningspaneel van het apparaat
re
Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware
or
nb
de
an
.v
w
Selecteer de gewenste scanmethode.
w
w
U kunt afbeeldingen vanaf het apparaat naar een computer scannen zonder ze af te drukken. Vervolgens
kunt u ze opslaan in gangbare bestandsindelingen zoals JPEG, TIFF, bitmap of PDF.
e
.b
Scannen met andere toepassingssoftware
Naar boven
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Afbeeldingen scannen > Voordat u gaat scannen
Pagina 320 van 710 pagina's
nl
ow
D
Voordat u gaat scannen
fro
m
Voordat u gaat scannen
Voldoet het origineel dat u wilt scannen aan de eisen voor originelen die
op de glasplaat worden geplaatst?
e
.b
Naar boven
re
Raadpleeg Documenten plaatsen voor de eisen en aanwijzingen voor het plaatsen van originelen
op de glazen plaat.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Voordat u afbeeldingen gaat scannen, controleert u het volgende:
Pagina 321 van 710 pagina's
nl
ow
D
Documenten plaatsen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Afbeeldingen scannen > Documenten plaatsen
fro
m
Documenten plaatsen
Plaats de documenten zoals hieronder beschreven om te zorgen dat het apparaat het documenttype en formaat automatisch detecteert.
Belangrijk
Wanneer u scant terwijl u het documenttype of -formaat hebt opgegeven in MP Navigator EX of
ScanGear (scannerstuurprogramma), lijnt u een bovenhoek van het document uit met de hoek met
de pijl (positiemarkering) op de glasplaat.
Foto's die in verschillende vormen zijn uitgesneden en documenten die kleiner zijn dan 3 cm² (1,18
inch) kunnen niet precies worden uitgesneden tijdens het scannen.
Reflecterende cd/dvd-labels worden mogelijk niet correct gescand.
Zorg dat de documentklep tijdens het scannen is gesloten.
Voor het scannen van foto's, ansichtkaarten,
visitekaartjes of cd's/dvd's
Eén document plaatsen
Plaats het document met de te scannen zijde naar
beneden op de glasplaat, waarbij u 1 cm (3/8
inch) of meer ruimte vrij laat tussen de randen van
de glasplaat en van het document. Delen die op
het diagonaal gestreepte gebied zijn geplaatst
kunnen niet worden gescand.
Voor het scannen van tijdschriften,
nieuwsbladen of tekstdocumenten
Plaats het document met de bedrukte zijde naar
beneden op de glasplaat en lijn een bovenhoek
van het document uit met de hoek bij de pijl
(positiemakering) op de glasplaat. Delen die op
het diagonaal gestreepte gebied zijn geplaatst
kunnen niet worden gescand.
e
.b
Documenten plaatsen
re
Leg geen voorwerpen op de documentklep. Deze kunnen in het apparaat vallen als de
documentklep wordt geopend. Het apparaat kan hierdoor beschadigd raken.
or
nb
de
an
.v
w
Belangrijk
w
w
Informatie over het plaatsen van documenten op de glasplaat van het apparaat. Plaats de documenten
juist op de plaat, afhankelijk van het type document dat u wilt scannen. Anders worden de documenten
mogelijk niet juist gescand.
m
fro
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Grote documenten (zoals foto's op A4formaat) die alleen tegen de randen/pijl
(positiemarkering) van de plaat kunnen
worden geplaatst, worden mogelijk
opgeslagen als PDF-bestanden. Als u
bestanden in een ander formaat dan PDF
wilt opslaan, scant u door het
bestandsformaat op te geven.
d
de
oa
Belangrijk
Pagina 322 van 710 pagina's
nl
ow
D
Documenten plaatsen
Meerdere documenten plaatsen
e
.b
re
Houd een ruimte vrij van 1 cm (3/8 inch) of meer
tussen de rand van de glasplaat en het document
en tussen de documenten. Delen die op het
diagonaal gestreepte gebied zijn geplaatst
kunnen niet worden gescand.
Opmerking
U kunt maximaal 12 documenten plaatsen.
Als u documenten iets scheef plaatst (10
graden of minder), wordt de positie
automatisch gecorrigeerd.
Naar boven
Pagina 323 van 710 pagina's
nl
ow
D
Gescande gegevens opslaan op de pc met het bedieningspaneel van he...
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Gescande gegevens opslaan op de pc met het bedieningspaneel van het apparaat
fro
m
Gescande gegevens opslaan op de pc met het
bedieningspaneel van het apparaat
Bijlage: Diverse scaninstellingen
Naar boven
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Gescande gegevens opslaan op de pc via het bedieningspaneel van het apparaat
Pagina 324 van 710 pagina's
nl
ow
D
Gescande gegevens opslaan op de pc met het bedieningspaneel van he...
d
de
oa
Het apparaat is correct aangesloten op een computer.
Controleer of het apparaat correct is aangesloten op de computer.
Verwijder of plaats de USB-kabel niet wanneer u afbeeldingen scant met het apparaat of wanneer
de computer zich in de slaapstand of de stand-bymodus bevindt.
De bewerking die u moet uitvoeren nadat u het origineel hebt gescand,
wordt aangegeven in MP Navigator EX.
Met MP Navigator EX kunt u instellen wat er gebeurt wanneer u op de knop SCANNEN (SCAN) op het
apparaat drukt. U kunt de reactie voor elke gebeurtenis afzonderlijk opgeven. Raadpleeg Een reactie
op opdrachten van het bedieningspaneel selecteren met MP Navigator EX voor meer informatie.
1.
Stel de starttoepassing in.
Als u Mac OS X v.10.5 of Mac OS X v.10.4.x gebruikt:
Deze bewerking is niet vereist.
Als u Mac OS X v.10.3.9 gebruikt:
U moet MP Navigator EX als starttoepassing instellen in Fotolader onder Programma's
(Applications) in Mac OS X.
Selecteer Programma's (Applications) in het menu Ga (Go) en dubbelklik op het pictogram
Fotolader (Image Capture). Klik links onder in het scanvenster op Opties (Options) en selecteer MP
Navigator EX 3 in Open bij indrukken scannerknop: (Application to launch when the scanner button
is pressed:). Klik vervolgens op OK. Als u Fotolader wilt afsluiten, selecteert u Stop Fotolader (Quit
Image Capture) in het menu Fotolader (Image Capture).
Belangrijk
Als Opties (Options) niet wordt weergegeven, selecteert u Voorkeuren (Preferences) in het
menu Fotolader (Image Capture), klikt u op Scanner en vervolgens op Gebruik TWAIN-software
indien mogelijk (Use TWAIN software whenever possible) om de optie uit te schakelen. Sluit
Fotolader vervolgens af en start het opnieuw.
2. Zorg dat het apparaat is ingeschakeld.
3. Plaats het origineel op de glasplaat.
Opmerking
Raadpleeg Documenten plaatsen voor aanwijzingen voor het plaatsen van originelen op de
glazen plaat.
e
.b
Als de toepassingen (MP Drivers en MP Navigator EX) nog niet zijn geïnstalleerd, plaatst u de
installatie-cd-rom (Setup CD-ROM) in het schijfstation van de computer. Voer vervolgens een
Aangepaste installatie (Custom Install) uit en selecteer MP Drivers en MP Navigator EX.
re
EX)?
or
nb
de
an
.v
w
Zijn de vereiste toepassingen geïnstalleerd (MP Drivers en MP Navigator
w
Voordat u gescande gegevens op de pc gaat opslaan, controleert u het volgende:
w
U kunt gescande gegevens opslaan op de pc met het bedieningspaneel van het apparaat.
m
Gescande gegevens opslaan op de pc met het
bedieningspaneel van het apparaat
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Gescande gegevens opslaan op de pc met het bedieningspaneel van het apparaat
> Gescande gegevens opslaan op de pc met het bedieningspaneel van het apparaat
d
de
oa
4. Druk op de knop SCANNEN .
Pagina 325 van 710 pagina's
nl
ow
D
Gescande gegevens opslaan op de pc met het bedieningspaneel van he...
De instellingen van MP Navigator EX worden toegepast bij het scannen.
fro
MP Navigator EX 3.0 instellen
m
5.
U kunt ook toepassingssoftware van MP Navigator EX gebruiken om de gescande afbeeldingen te
bewerken of af te drukken.
Scannen
Als u originelen wilt scannen met geavanceerde instellingen
Met ScanGear kunt u originelen scannen met geavanceerde instellingen, bijvoorbeeld voor de
resolutie.
Scannen met geavanceerde instellingen en ScanGear (scannerstuurprogramma)
Opmerking
U kunt ook toepassingssoftware die compatibel is met TWAIN of WIA (alleen Windows Vista en
Windows XP) en het Configuratiescherm (alleen Windows Vista en Windows XP) gebruiken
om originelen te scannen met dit apparaat.
Raadpleeg Andere scanmethoden voor meer informatie.
Naar boven
e
.b
Met MP Navigator EX kunt u de gescande afbeeldingen bewerken. U kunt deze bijvoorbeeld
optimaliseren of bijsnijden.
re
Als u de gescande afbeeldingen wilt bewerken of afdrukken
or
nb
de
an
.v
w
Raadpleeg Foto's en documenten scannen als de positie of grootte van een afbeelding niet
correct wordt gescand, afhankelijk van het type origineel, en pas de opties Documenttype
(Document Type) en Documentgrootte (Document Size) aan het te scannen origineel aan.
w
Belangrijk
w
Als u Windows Vista gebruikt:
Het programmakeuzescherm kan worden weergegeven wanneer u op de knop SCANNEN (SCAN)
drukt. Selecteer in dit geval de optie MP Navigator EX Ver3.0 en klik vervolgens op OK.
U kunt MP Navigator EX zo instellen dat de toepassing telkens wordt geopend wanneer u op de
knop SCANNEN (SCAN) drukt. Zie Voor Windows-gebruikers voor meer informatie.
Als u Windows XP gebruikt:
Het programmakeuzescherm kan worden weergegeven wanneer u voor het eerst op de knop
SCANNEN (SCAN) drukt. Selecteer in dit geval de optie MP Navigator EX Ver3.0 als het programma
dat u wilt gebruiken en schakel het selectievakje Voor deze actie altijd dit programma gebruiken
(Always use this program for this action) in. Klik vervolgens op OK. Voortaan wordt MP Navigator EX
automatisch gestart.
Pagina 326 van 710 pagina's
nl
ow
D
Bijlage: Diverse scaninstellingen
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Gescande gegevens opslaan op de pc met het bedieningspaneel van het apparaat
> Bijlage: Diverse scaninstellingen
Opgeven hoe gereageerd moet worden bij gebruik van het bedieningspaneel om te scannen
Opgeven hoe gereageerd moet worden op opdrachten van het bedieningspaneel met gebruik van
MP Navigator EX
e
.b
re
Naar boven
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Bijlage: Diverse scaninstellingen
Pagina 327 van 710 pagina's
nl
ow
D
Opgeven hoe gereageerd moet worden op opdrachten van het bedienin...
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Gescande gegevens opslaan op de pc met het bedieningspaneel van het apparaat
> Bijlage: Diverse scaninstellingen > Opgeven hoe gereageerd moet worden op opdrachten van het bedieningspaneel
met gebruik van MP Navigator EX
MP Navigator EX starten
2. Klik op Voorkeuren (Preferences).
Het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences) wordt geopend.
Opmerking
Het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences) kan ook worden geopend door op Voorkeuren
(Preferences) te klikken in het scherm van de modus Eenmaal klikken.
3. Geef op het tabblad Instellingen scannerknop (Scanner Button Settings) de optie
Acties (Actions) op.
e
.b
1. Start MP Navigator EX.
re
Met MP Navigator EX kunt u opgeven welke reactie moet volgen op het indrukken van een scanknop op
het bedieningspaneel van het apparaat. U kunt de reactie voor elke gebeurtenis afzonderlijk opgeven.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Opgeven hoe gereageerd moet worden op opdrachten van het
bedieningspaneel met gebruik van MP Navigator EX
Pagina 328 van 710 pagina's
nl
ow
D
Opgeven hoe gereageerd moet worden op opdrachten van het bedienin...
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Opmerking
Zie het onderstaande onderwerp voor meer informatie.
Tabblad Instellingen scannerknop (Scanner Button Settings) (Opslaan)
4. Klik op OK.
Wanneer u op de knop SCANNEN (SCAN) op het apparaat drukt, wordt de bewerking volgens de
instellingen uitgevoerd.
Naar boven
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware
Pagina 329 van 710 pagina's
nl
ow
D
Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware
fro
m
Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware
w
w
or
nb
de
an
.v
w
Wat is MP Navigator EX (meegeleverde scannersoftware)?
We gaan scannen
Handige functies van MP Navigator EX
Afbeeldingen in MP Navigator EX gebruiken
e
.b
re
Schermen van MP Navigator EX
Bijlage: Andere bestanden openen dan gescande afbeeldingen
Naar boven
Pagina 330 van 710 pagina's
nl
ow
D
Wat is MP Navigator EX (meegeleverde scannersoftware)?
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Wat is MP Navigator EX
m
fro
(meegeleverde scannersoftware)?
MP Navigator EX is een toepassing waarmee u op eenvoudige wijze foto's en documenten kunt
scannen. De toepassing is ook geschikt voor beginners.
Belangrijk
MP Navigator EX kan wellicht niet worden gestart met het bedieningspaneel van het apparaat. Start
in dit geval de computer opnieuw op.
Gebruik de standaardlettergrootte van het besturingssysteem. Als u een andere lettergrootte instelt,
worden softwareschermen mogelijk niet correct weergegeven.
De mogelijkheden van deze software
Met deze software kunt u meerdere documenten tegelijk scannen of afbeeldingen scannen die groter
zijn dan de glasplaat. U kunt gescande afbeeldingen ook opslaan, toevoegen aan een e-mail of
afdrukken met de meegeleverde toepassingen.
Schermen
Hoofdmenu's
MP Navigator EX heeft twee soorten hoofdmenu's: het scherm voor de navigatiemodus en het scherm
voor de modus Eenmaal klikken.
Scherm Navigatiemodus
U kunt verschillende taken starten vanaf het scherm voor de Navigatiemodus, waaronder eenvoudig
scannen, scannen met ScanGear (scannerstuurprogramma) en afbeeldingen verbeteren/corrigeren.
Scherm voor modus Eenmaal klikken
U kunt scannen, opslaan, enzovoort. in één handeling door op het bijbehorende pictogram in het scherm
voor de modus Eenmaal klikken te klikken.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Wat is MP Navigator EX (meegeleverde scannersoftware)?
Pagina 331 van 710 pagina's
nl
ow
D
Wat is MP Navigator EX (meegeleverde scannersoftware)?
d
de
oa
m
fro
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Venster Scan/Import. (Scan/Import)
Gebruik het venster Scan/Import. (Scan/Import) om foto's en documenten te scannen.
e
.b
re
Venster Toon & gebruik (View & Use)
In het venster Toon & gebruik (View & Use) kunt u bepalen wat u wilt doen met de gescande
afbeeldingen.
Naar boven
Pagina 332 van 710 pagina's
nl
ow
D
We gaan scannen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > We gaan scannen
m
fro
w
w
or
nb
de
an
.v
w
We gaan scannen
Scannen met behulp van MP Navigator EX
MP Navigator EX starten
e
.b
re
MP Navigator EX starten
Documenten, foto's, tijdschriften, enzovoort, scannen vanaf de plaat
Foto's en documenten scannen
Twee of meer foto's (kleine documenten) tegelijk scannen
Meerdere documenten tegelijk scannen
Afbeeldingen scannen die groter zijn dan de glasplaat
Afbeeldingen scannen die groter zijn dan de glasplaat (Assistent voor samenvoegen)
Eenvoudig scannen naar behoefte (scannen en opslaan, als bijlage aan e-mail toevoegen,
enzovoort)
Eenvoudig scannen met eenmaal klikken
Naar boven
Pagina 333 van 710 pagina's
nl
ow
D
MP Navigator EX starten
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > We gaan scannen > MP
Navigator EX starten
or
nb
de
an
.v
w
w
w
MP Navigator EX starten
MP Navigator EX starten
Canon MP Navigator EX 3.0 op het bureaublad.
MP Navigator EX wordt gestart.
Opmerking
U kunt ook op het menu Start klikken en vervolgens op (Alle) Programma's ((All) Programs) >
Canon Utilities > MP Navigator EX 3.0 > MP Navigator EX 3.0.
Modus Eenmaal klikken starten
1. Klik op
(Modus wisselen) in de linkerbenedenhoek van het scherm.
Het scherm voor de modus Eenmaal klikken wordt weergegeven.
e
.b
re
1. Dubbelklik op het pictogram
Pagina 334 van 710 pagina's
nl
ow
D
MP Navigator EX starten
d
de
oa
m
fro
e
.b
Naar boven
re
Schakel het selectievakje Dit venster bij het opstarten weergeven (Show this window at startup)
in het scherm Navigatiemodus in als u de Navigatiemodus altijd wilt openen bij het opstarten.
Als dit selectievakje niet is ingeschakeld, wordt het laatstgebruikte scherm geopend bij het
opstarten.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Opmerking
Pagina 335 van 710 pagina's
nl
ow
D
Foto's en documenten scannen
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > We gaan scannen > Foto's
en documenten scannen
Foto's en documenten scannen die op de glasplaat zijn gelegd.
2. Wijs Scan/Import. (Scan/Import) aan en klik op Foto's/documenten (plaat) (Photos/
Documents (Platen)).
3. Plaats het document op de glasplaat en selecteer Documenttype (Document Type).
Documenten plaatsen
Opmerking
Als u Tijdschrift (kleur) (Magazine(Color)) selecteert, wordt de functie Moiré-reductie
e
.b
MP Navigator EX starten
re
1. Start MP Navigator EX en open het venster voor de navigatiemodus.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Foto's en documenten scannen
Pagina 336 van 710 pagina's
nl
ow
D
Foto's en documenten scannen
d
de
oa
geactiveerd en duurt het scannen langer dan normaal. U kunt de functie Moiré-reductie
uitschakelen door het selectievakje Moiré-reductie (Descreen) in het dialoogvenster Scaninstellingen (Scan Settings) uit te schakelen.
Selecteer Tekst (OCR) (Text(OCR)) om de tekst uit de afbeelding te halen en te converteren
naar tekst die u kunt bewerken met MP Navigator EX.
In kleur scannen in niet beschikbaar voor Tekst (OCR) (Text(OCR)). Als u in kleur wilt scannen,
moet u OCR gebruiken voor Eenmaal klikken (One-click) en scannen terwijl Kleurenmodus
(Color Mode) is ingesteld op Kleur (Color).
Het scannen begint.
Wanneer het scannen is voltooid, wordt het dialoogvenster Scan voltooid (Scan Complete)
geopend. Selecteer Scannen (Scan) of Afsluiten (Exit). Selecteer Scannen (Scan) om het volgende
document te scannen of selecteer Afsluiten (Exit) om te eindigen.
De gescande afbeeldingen worden weergegeven in het venster met miniaturen.
e
.b
5. Klik op Scannen (Scan).
re
Lijn bij het scannen van een groot document (zoals een foto op A4-formaat) de hoek van het
document uit met de hoek bij de pijl (positiemarkering) van de glasplaat en geef de
documentgrootte op in het dialoogvenster Scan-instellingen (Scan Settings).
or
nb
de
an
.v
w
Belangrijk
w
Dialoogvenster Scan-instellingen (Scan Settings) (Foto's/documenten)
w
Als u klaar bent met het opgeven van de instellingen, klikt u op OK.
m
scanresolutie in te stellen.
fro
4. Klik op Opgeven... (Specify...) om het gewenste documentformaat en de gewenste
Pagina 337 van 710 pagina's
nl
ow
D
Foto's en documenten scannen
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
6. Bewerk desgewenst de gescande afbeeldingen.
Gebruik de hulpmiddelen voor bijwerken om afbeeldingen te draaien, een deel van een afbeelding
te selecteren, enzovoort.
Raadpleeg de informatie over de bewerkingshulpmiddelen in het scherm ' Foto’s/documenten
(plaat) (Photos/Documents (Platen)) (Venster Scan/Import. (Scan/Import)) ' voor meer informatie.
Opmerking
Selecteer eerst de afbeeldingen die u wilt bewerken. (Geselecteerde afbeeldingen worden in
een oranje kader geplaatst.) U kunt de muis verslepen of Shift + pijltoetsen gebruiken om
meerdere afbeeldingen te selecteren.
7. Sla de gescande afbeeldingen op.
Opslaan
Opslaan als PDF-bestanden
Naar boven
Pagina 338 van 710 pagina's
nl
ow
D
Meerdere documenten tegelijk scannen
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > We gaan scannen >
Meerdere documenten tegelijk scannen
e
.b
re
U kunt twee of meer foto's (kleine documenten) tegelijk scannen door het Documentformaat (Document
Size) in te stellen op Autom. detecteren (meer documenten) (Auto Detect (Multiple Documents)) in het
dialoogvenster Scan-instellingen (Scan Settings) van MP Navigator EX.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Meerdere documenten tegelijk scannen
Belangrijk
De volgende typen documenten worden mogelijk niet goed bijgesneden. Start in dat geval
ScanGear (scannerstuurprogramma), pas de bijsnijdkaders (scangebieden) aan in de volledige
afbeeldingsweergave en voer de scan opnieuw uit.
- Foto's die een witte (lichte) rand hebben
- Documenten die op wit papier zijn afgedrukt, handgeschreven tekst, visitekaartjes enzovoort.
- Dunne documenten
- Dikke documenten
Meerdere documenten scannen in de volledige afbeeldingsweergave
1. Plaats het document op de glasplaat.
Documenten plaatsen
2. Start MP Navigator EX en open het venster voor de navigatiemodus.
MP Navigator EX starten
3. Wijs Scan/Import. (Scan/Import) aan en klik op Foto's/documenten (plaat) (Photos/
Documents (Platen)).
4. Selecteer bij Documenttype (Document Type) het type document dat u wilt
scannen.
Pagina 339 van 710 pagina's
nl
ow
D
Meerdere documenten tegelijk scannen
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
5. Klik op Opgeven... (Specify...).
Selecteer Autom. detecteren (meer documenten) (Auto Detect (Multiple Documents)) voor
Documentformaat (Document Size).
Als u klaar bent met het opgeven van de instellingen, klikt u op OK.
Dialoogvenster Scan-instellingen (Scan Settings) (Foto's/documenten)
6. Klik op Scannen (Scan).
Pagina 340 van 710 pagina's
nl
ow
D
Meerdere documenten tegelijk scannen
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Er worden meerdere documenten tegelijk gescand.
Wanneer het scannen is voltooid, wordt het dialoogvenster Scan voltooid (Scan Complete)
geopend. Selecteer Scannen (Scan) of Afsluiten (Exit). Selecteer Scannen (Scan) om het volgende
document te scannen of selecteer Afsluiten (Exit) om te eindigen.
De gescande afbeeldingen worden weergegeven in het venster met miniaturen.
7. Bewerk desgewenst de gescande afbeeldingen.
Gebruik de hulpmiddelen voor bijwerken om afbeeldingen te draaien, een deel van een afbeelding
te selecteren, enzovoort.
Raadpleeg de informatie over de bewerkingshulpmiddelen in het scherm ' Foto’s/documenten
(plaat) (Photos/Documents (Platen)) (Venster Scan/Import. (Scan/Import)) ' voor meer informatie.
Opmerking
Selecteer eerst de afbeeldingen die u wilt bewerken. (Geselecteerde afbeeldingen worden in
een oranje kader geplaatst.) U kunt de muis verslepen of Shift + pijltoetsen gebruiken om
meerdere afbeeldingen te selecteren.
8. Sla de gescande afbeeldingen op.
Opslaan
Opslaan als PDF-bestanden
Opmerking
d
de
oa
m
fro
Als u de afbeeldingen wilt bekijken voordat u gaat scannen, gebruikt u ScanGear
(scannerstuurprogramma).
Meerdere documenten tegelijk scannen met ScanGear (scannerstuurprogramma)
Pagina 341 van 710 pagina's
nl
ow
D
Meerdere documenten tegelijk scannen
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Naar boven
nl
ow
D
Afbeeldingen scannen die groter zijn dan de glasplaat (Assistent voor sa... Pagina 342 van 710 pagina's
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > We gaan scannen >
Afbeeldingen scannen die groter zijn dan de glasplaat (Assistent voor samenvoegen)
MP Navigator EX starten
Opmerking
U kunt scannen, opslaan, enzovoort. in één handeling door op het bijbehorende pictogram in
het scherm voor de modus Eenmaal klikken te klikken. De Assistent voor samenvoegen is ook
beschikbaar in het scherm voor de modus Eenmaal klikken, door het documentformaat te
wijzigen. Klik op het bijbehorende pictogram en selecteer de Assistent voor samenvoegen voor
Documentformaat (Document Size). Ga vervolgens verder met stap 5.
2. Wijs Scan/Import. (Scan/Import) aan en klik op Foto's/documenten (plaat) (Photos/
Documents (Platen)).
3. Selecteer bij Documenttype (Document Type) het type document dat u wilt
scannen.
e
.b
1. Start MP Navigator EX en open het venster voor de navigatiemodus.
re
U kunt met de Assistent voor samenvoegen de linker- en rechterhelft van een groot document
afzonderlijk scannen en deze tot één afbeelding samenvoegen. U kunt documenten scannen die
maximaal twee keer zo groot zijn als de glasplaat.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Afbeeldingen scannen die groter zijn dan de glasplaat
(Assistent voor samenvoegen)
nl
ow
D
Afbeeldingen scannen die groter zijn dan de glasplaat (Assistent voor sa... Pagina 343 van 710 pagina's
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
4. Klik op Opgeven... (Specify...).
Selecteer Assistent voor samenvoegen bij Documentformaat (Document Size) en geef de gewenste
scanresolutie op.
Als u klaar bent met het opgeven van de instellingen, klikt u op OK.
Dialoogvenster Scan-instellingen (Scan Settings) (Foto's/documenten)
5. Klik op Scannen (Scan).
nl
ow
D
Afbeeldingen scannen die groter zijn dan de glasplaat (Assistent voor sa... Pagina 344 van 710 pagina's
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Het venster Assistent voor samenvoegen (Stitch-assist) wordt geopend.
6. Plaats de linkerhelft van het document met de bedrukte zijde naar beneden op de
glasplaat.
7. Klik op Scannen (Scan).
De linkerhelft van het document wordt gescand en weergegeven in het dialoogvenster Assistent
voor samenvoegen (Stitch-assist).
nl
ow
D
Afbeeldingen scannen die groter zijn dan de glasplaat (Assistent voor sa... Pagina 345 van 710 pagina's
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
8. Plaats de rechterhelft van het document met de bedrukte zijde naar beneden op de
glasplaat.
9. Klik op Scannen (Scan).
De rechterhelft van het document wordt gescand.
10. Pas de gescande afbeelding desgewenst aan.
Gebruik de pictogrammen om de linker- en rechterhelft te wisselen, de afbeelding 180 graden te
draaien of de afbeelding te vergroten of verkleinen.
(Links en rechts wisselen)
De linker- en rechterhelft worden omgewisseld.
Belangrijk
Deze functie is niet beschikbaar tijdens het vergroten/verkleinen van de afbeelding.
180° roteren (Rotate 180°)
Hiermee word de rechter helft van de afbeelding 180 graden gedraaid.
Belangrijk
nl
ow
D
Afbeeldingen scannen die groter zijn dan de glasplaat (Assistent voor sa... Pagina 346 van 710 pagina's
Deze functie is niet beschikbaar tijdens het vergroten/verkleinen van de afbeelding.
d
de
oa
(Vergroten)
11. Klik op Volgende (Next).
12. Sleep met de muis om het gebied dat moet worden opgeslagen te selecteren en klik
op OK.
De gecombineerde afbeelding wordt weergegeven in het venster met miniaturen.
Wanneer het scannen is voltooid, wordt het dialoogvenster Scan voltooid (Scan Complete)
geopend. Selecteer Scannen (Scan) of Afsluiten (Exit). Selecteer Scannen (Scan) om het volgende
document te scannen of selecteer Afsluiten (Exit) om te eindigen.
e
.b
Vergroten/verkleinen heeft geen gevolgen voor het daadwerkelijke formaat van de gescande
afbeelding.
Als het document ondersteboven wordt gescand, wordt de afbeelding in het dialoogvenster
Assistent voor samenvoegen (Stitch-assist) ook ondersteboven weergegeven. Klik op 180°
Stitch Assist (Rotate 180°) om de afbeelding naar de juiste positie te draaien.
U kunt de rechterhelft van de afbeelding van rechts naar links of omhoog/omlaag slepen om
de positie aan te passen.
Als de linker- en rechterhelft niet overeenkomen omdat een document scheef ligt, plaatst u het
document correct en klikt u op Terug (Back) en scant u opnieuw.
re
Opmerking
or
nb
de
an
.v
w
De afbeelding wordt vergroot/verkleind voor weergave op een volledig scherm.
w
(Volledig scherm)
w
De weergegeven afbeelding wordt verkleind.
m
(Verkleinen)
fro
De weergegeven afbeelding wordt vergroot.
nl
ow
D
Afbeeldingen scannen die groter zijn dan de glasplaat (Assistent voor sa... Pagina 347 van 710 pagina's
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
13. Sla de gescande afbeeldingen op.
Opslaan
Opslaan als PDF-bestanden
Naar boven
Pagina 348 van 710 pagina's
nl
ow
D
Eenvoudig scannen met eenmaal klikken
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > We gaan scannen >
Eenvoudig scannen met eenmaal klikken
U kunt scannen, opslaan, enzovoort. in één handeling, door op het bijbehorende pictogram te klikken.
2. Start MP Navigator EX.
MP Navigator EX starten
Het scherm voor de navigatiemodus of de modus voor eenmaal klikken van MP Navigator EX wordt
geopend.
Scherm Navigatiemodus
Scherm voor modus Eenmaal klikken
Opmerking
Als het scherm voor de modus Eenmaal klikken is geopend, gaat u door naar stap 4.
3. Wijs Eenmaal klikken (One-click) aan.
e
.b
Documenten plaatsen
re
1. Plaats het document op de glasplaat.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Eenvoudig scannen met eenmaal klikken
Pagina 349 van 710 pagina's
nl
ow
D
Eenvoudig scannen met eenmaal klikken
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
4. Klik op het bijbehorende pictogram.
Tabblad Aangepaste scan met eenmaal klikken (Custom Scan with One-click)
Scherm voor modus Eenmaal klikken
5. Selecteer bij Documenttype (Document Type) het type document dat u wilt
scannen.
6. Stel het gewenste documentformaat en de gewenste scanresolutie in.
7. Start het scannen.
Het scannen begint.
Naar boven
Pagina 350 van 710 pagina's
nl
ow
D
Handige functies van MP Navigator EX
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Handige functies van MP
Navigator EX
Met MP Navigator EX kunt u gescande afbeeldingen op een mooie manier corrigeren/verbeteren en
opgeslagen afbeeldingen snel vinden.
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Handige functies van MP Navigator EX
e
.b
Afbeeldingen automatisch corrigeren/verbeteren
Afbeeldingen automatisch corrigeren/verbeteren
Afbeeldingen handmatig corrigeren/verbeteren
Afbeeldingen handmatig corrigeren/verbeteren
Kleurkenmerken zoals helderheid en contrast aanpassen
Afbeeldingen aanpassen
Zoeken naar verloren afbeeldingen
Afbeeldingen zoeken
Afbeeldingen classificeren en sorteren
Afbeeldingen classificeren in categorieën
Naar boven
Pagina 351 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afbeeldingen automatisch corrigeren/verbeteren
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Handige functies van MP
Navigator EX > Afbeeldingen automatisch corrigeren/verbeteren
Met MP Navigator EX kunt u gescande afbeeldingen automatisch analyseren en corrigeren/verbeteren.
Opmerking
Zie 'We gaan scannen ' voor meer informatie over het scannen van afbeeldingen in MP
Navigator EX.
U kunt ook afbeeldingen selecteren die zijn opgeslagen op een computer.
Afbeeldingen openen die op een computer zijn opgeslagen
2. Klik op Bewerken/converteren (Edit/Convert) en klik op Foto Afbeeldingen herstellen
(Fix photo images) in de lijst.
Het venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images) wordt geopend.
Opmerking
U kunt het venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images) ook openen
door te klikken op
(Afbeeldingen corrigeren/verbeteren) op de werkbalk of in het
dialoogvenster Inzoomen (Zoom in). In dit geval kan alleen de doelafbeelding (met een oranje
kader) worden gecorrigeerd/verbeterd.
Zie 'Venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images) ' voor meer
informatie over het venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images).
3. Selecteer de afbeelding die u wilt corrigeren/verbeteren in het venster met
miniaturen.
e
.b
Toon & gebruik (View & Use) vanuit het scherm voor de Navigatiemodus en
selecteer de foto's die u wilt corrigeren/verbeteren
re
1. Scan documenten in MP Navigator EX en sla ze op. Open vervolgens het venster
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Afbeeldingen automatisch corrigeren/verbeteren
De geselecteerde afbeelding wordt weergegeven in het voorbeeldgebied.
Pagina 352 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afbeeldingen automatisch corrigeren/verbeteren
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Opmerking
Als u één afbeelding hebt geselecteerd in het venster Toon & gebruik (View & Use), wordt de
lijst met miniaturen niet weergegeven en verschijnt alleen de voorbeeldafbeelding.
4. Zorg dat Auto is geselecteerd.
5. Klik op Automatische fotocorrectie (Auto Photo Fix), Gezicht scherper maken (Face
Sharpener) of Gezicht digitaal effenen (Digital Face Smoothing).
Belangrijk
Als u de afbeelding hebt gecorrigeerd met Automatische fotocorrectie (Auto Photo Fix) en hebt
opgeslagen, kunt u de afbeelding niet nogmaals corrigeren met Automatische fotocorrectie
(Auto Photo Fix). Automatische fotocorrectie (Auto Photo Fix) is mogelijk niet beschikbaar voor
afbeeldingen die zijn bewerkt met een toepassing, digitale camera enzovoort van andere
bedrijven.
Opmerking
De effectniveaus van Gezicht scherper maken (Face Sharpener) en Gezicht digitaal effenen
(Digital Face Smoothing) kunt u aanpassen met de schuifknop die wordt weergegeven
wanneer u op de betreffende knoppen drukt.
Pagina 353 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afbeeldingen automatisch corrigeren/verbeteren
d
de
oa
Als u Automatische fotocorrectie (Auto Photo Fix) toepast, worden donkere foto's met tegenlicht
automatisch gecorrigeerd. Als de foto onvoldoende wordt gecorrigeerd met Automatische
fotocorrectie (Auto Photo Fix), wordt aanbevolen Helderheid gezicht (Face Brightener) toe te
passen op het tabblad Handmatig (Manual).
Afbeeldingen handmatig corrigeren/verbeteren
m
fro
w
De gehele afbeelding wordt automatisch gecorrigeerd/verbeterd en
(Corrigeren/verbeteren
(Correct/Enhance)) wordt weergegeven in de linkerbovenhoek van de miniatuur en de
voorbeeldafbeelding.
Klik op Geselecteerde afbeelding herstellen (Reset Selected Image) om de correctie/
verbetering ongedaan te maken.
Selecteer Op alle afbeeldingen toepassen (Apply to all images) om alle geselecteerde
afbeeldingen te corrigeren/verbeteren.
7. Klik op Geselecteerde afbeelding opslaan (Save Selected Image) of op Alle
gecorrigeerde afbeeldingen opslaan (Save All Corrected Images).
U kunt gecorrigeerde/verbeterde afbeeldingen opslaan als nieuwe bestanden.
Opmerking
Als u alleen bepaalde afbeeldingen wilt opslaan, selecteert u deze en klikt u op Geselecteerde
afbeelding opslaan (Save Selected Image). Als u alle afbeeldingen wilt opslaan, klikt u op Alle
gecorrigeerde afbeeldingen opslaan (Save All Corrected Images).
De bestandsindeling van gecorrigeerde/verbeterde afbeeldingen is JPEG/Exif.
Adobe RGB-afbeeldingen worden opgeslagen als sRGB-afbeeldingen.
8. Klik op Afsluiten (Exit).
Belangrijk
De correcties/verbeteringen gaan verloren als u afsluit voordat de gecorrigeerde/verbeterde
afbeeldingen zijn opgeslagen.
Naar boven
e
.b
re
Opmerking
or
nb
de
an
.v
w
w
6. Klik op OK.
Pagina 354 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afbeeldingen handmatig corrigeren/verbeteren
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Handige functies van MP
Navigator EX > Afbeeldingen handmatig corrigeren/verbeteren
U kunt gescande afbeeldingen handmatig corrigeren of verbeteren.
Opmerking
Zie 'We gaan scannen ' voor meer informatie over het scannen van afbeeldingen in MP
Navigator EX.
U kunt ook afbeeldingen selecteren die zijn opgeslagen op een computer.
Afbeeldingen openen die op een computer zijn opgeslagen
2. Klik op Bewerken/converteren (Edit/Convert) en klik op Foto Afbeeldingen herstellen
(Fix photo images) in de lijst.
Het venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images) wordt geopend.
Opmerking
U kunt het venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images) ook openen
door te klikken op
(Afbeeldingen corrigeren/verbeteren) op de werkbalk of in het
dialoogvenster Inzoomen (Zoom in). In dit geval kan alleen de doelafbeelding (met een oranje
kader) worden gecorrigeerd/verbeterd.
Zie 'Venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images) ' voor meer
informatie over het venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images).
3. Selecteer de afbeelding die u wilt corrigeren/verbeteren in het venster met
miniaturen.
e
.b
Toon & gebruik (View & Use) vanuit het scherm voor de Navigatiemodus en
selecteer de foto's die u wilt corrigeren/verbeteren.
re
1. Scan documenten in MP Navigator EX en sla ze op. Open vervolgens het venster
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Afbeeldingen handmatig corrigeren/verbeteren
De geselecteerde afbeelding wordt weergegeven in het voorbeeldgebied.
Pagina 355 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afbeeldingen handmatig corrigeren/verbeteren
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Opmerking
Als u één afbeelding hebt geselecteerd in het venster Toon & gebruik (View & Use), wordt de
lijst met miniaturen niet weergegeven en verschijnt alleen de voorbeeldafbeelding.
4. Klik op Handmatig (Manual) en vervolgens op Corrigeren/verbeteren (Correct/
Enhance).
5. Klik op Helderheid gezicht (Face Brightener), Gezicht scherper maken (Face
Sharpener), Gezicht digitaal effenen (Digital Face Smoothing) of Vlekken verwijderen
(Blemish Remover).
Opmerking
Het niveau van de effecten Helderheid gezicht (Face Brightener), Gezicht scherper maken
(Face Sharpener) en Gezicht digitaal effenen (Digital Face Smoothing) kan worden gewijzigd
met de schuifknop die verschijnt wanneer u op de betreffende knoppen klikt.
Beweeg de cursor over de afbeelding. De vorm van de muisaanwijzer verandert in
(Kruis)
6. Sleep om het gebied te selecteren dat u wilt corrigeren/verbeteren en klik op OK (dit
wordt op de afbeelding weergegeven).
Pagina 356 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afbeeldingen handmatig corrigeren/verbeteren
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Het gedeelte binnen en rond het geselecteerde gebied wordt gecorrigeerd/verbeterd en
(corrigeren/verbeteren) wordt links boven de miniatuur en voorbeeldafbeelding weergegeven.
Opmerking
U kunt de rechthoek ook draaien door deze te verslepen.
Klik op Ongedaan maken (Undo) om de laatste correctie/verbetering ongedaan te maken.
Klik op Geselecteerde afbeelding herstellen (Reset Selected Image) om alle correcties,
verbeteringen en aanpassingen te annuleren die op de geselecteerde afbeelding zijn
toegepast.
7. Klik op Geselecteerde afbeelding opslaan (Save Selected Image) of op Alle
gecorrigeerde afbeeldingen opslaan (Save All Corrected Images).
U kunt gecorrigeerde/verbeterde afbeeldingen opslaan als nieuwe bestanden.
Opmerking
Als u alleen bepaalde afbeeldingen wilt opslaan, selecteert u deze en klikt u op Geselecteerde
afbeelding opslaan (Save Selected Image). Als u alle afbeeldingen wilt opslaan, klikt u op Alle
gecorrigeerde afbeeldingen opslaan (Save All Corrected Images).
De bestandsindeling van gecorrigeerde/verbeterde afbeeldingen is JPEG/Exif.
8. Klik op Afsluiten (Exit).
Belangrijk
De correcties/verbeteringen gaan verloren als u afsluit voordat de gecorrigeerde/verbeterde
afbeeldingen zijn opgeslagen.
Naar boven
Pagina 357 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afbeeldingen aanpassen
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Handige functies van MP
Navigator EX > Afbeeldingen aanpassen
U kunt de helderheid, het contrast en dergelijke van afbeeldingen aanpassen.
Opmerking
Zie 'We gaan scannen ' voor meer informatie over het scannen van afbeeldingen in MP
Navigator EX.
U kunt ook afbeeldingen selecteren die zijn opgeslagen op een computer.
Afbeeldingen openen die op een computer zijn opgeslagen
2. Klik op Bewerken/converteren (Edit/Convert) en klik op Foto Afbeeldingen herstellen
(Fix photo images) in de lijst.
Het venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images) wordt geopend.
Opmerking
U kunt het venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images) ook openen
door te klikken op
(Afbeeldingen corrigeren/verbeteren) op de werkbalk of in het
dialoogvenster Inzoomen (Zoom in). In dit geval kan alleen de doelafbeelding (met een oranje
kader) worden gecorrigeerd/verbeterd.
Zie 'Venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images) ' voor meer
informatie over het venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images).
3. Selecteer de afbeelding die u wilt aanpassen in het venster met miniaturen.
De geselecteerde afbeelding wordt weergegeven in het voorbeeldgebied.
e
.b
gebruik (View & Use) vanuit het scherm voor de navigatiemodus en selecteer de
foto's die u wilt aanpassen.
re
1. Scan documenten in MP Navigator EX en sla ze op. Open het venster Toon &
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Afbeeldingen aanpassen
Pagina 358 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afbeeldingen aanpassen
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Opmerking
Als u één afbeelding hebt geselecteerd in het venster Toon & gebruik (View & Use), wordt de
lijst met miniaturen niet weergegeven en verschijnt alleen de voorbeeldafbeelding.
4. Klik op Handmatig (Manual) en vervolgens op Aanpassen (Adjust).
5. Verplaats de schuifregelaar van het item dat u wilt aanpassen en stel het niveau van
het effect in.
Als u een schuifregelaar verplaatst, wordt
(corrigeren/verbeteren) weergegeven in de
linkerbovenhoek van de miniatuur en de voorbeeldafbeelding.
Opmerking
Klik op Standaard (Defaults) als u aanpassingen ongedaan wilt maken.
Klik op Geselecteerde afbeelding herstellen (Reset Selected Image) om alle correcties,
verbeteringen en aanpassingen te annuleren die op de geselecteerde afbeelding zijn
toegepast.
6. Klik op Geselecteerde afbeelding opslaan (Save Selected Image) of op Alle
gecorrigeerde afbeeldingen opslaan (Save All Corrected Images).
U kunt aangepaste afbeeldingen opslaan als nieuwe bestanden.
Pagina 359 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afbeeldingen aanpassen
Opmerking
d
de
oa
m
fro
Als u alleen bepaalde afbeeldingen wilt opslaan, selecteert u deze en klikt u op Geselecteerde
afbeelding opslaan (Save Selected Image). Als u alle afbeeldingen wilt opslaan, klikt u op Alle
gecorrigeerde afbeeldingen opslaan (Save All Corrected Images).
De aangepaste afbeeldingen hebben de bestandsindeling JPEG/Exif.
Belangrijk
e
.b
Naar boven
re
De aanpassingen gaan verloren als u het programma afsluit voordat u aangepaste
afbeeldingen hebt opgeslagen.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
7. Klik op Afsluiten (Exit).
Pagina 360 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afbeeldingen zoeken
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Handige functies van MP
Navigator EX > Afbeeldingen zoeken
U kunt afbeeldingen zoeken in Mijn vak (gesc./geïmp. afb.) (My Box (Scanned/Imported Images)),
Recent opgesl. afbeeldingen (Recently Saved Images) of een geselecteerde map en de
submappen daarvan. U kunt ook een map opgeven en zoeken in Map opgeven (Specify Folder).
Zie 'MP Navigator EX starten' om MP Navigator EX te starten.
Snel zoeken
In
(Tekstvak) op de werkbalk kunt u een woord of zin die in de
bestandsnaam voorkomt, Exif-informatie of PDF-tekst van de afbeelding die u wilt opzoeken invoeren.
(Zoekknop). Voor Exif-informatie wordt de tekst in Gemaakt door (Maker), Model,
Klik vervolgens op
Beschrijving (Description) enOpmerking gebruiker (User Comment) doorzocht.
Geavanceerd zoeken
Klik op Zoeken (Search) links op het scherm om de zoekopties te openen. Geef informatie op over de
afbeelding die u wilt zoeken en klik op Zoeken starten (Start Search).
e
.b
Opmerking
re
In het venster Toon & gebruik (View & Use) van het scherm in de navigatiemodus kunt u zoeken naar
gescande afbeeldingen die op uw computer zijn opgeslagen, en deze openen in MP Navigator EX.
Geopende afbeeldingen kunt u afdrukken, bewerken, enzovoort.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Afbeeldingen zoeken
Pagina 361 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afbeeldingen zoeken
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Zoeken in (Search in)
Selecteer het station, de map of het netwerk bij Map opgeven (Specify Folder) als u weet waar u
moet zoeken.
Bestandsnaam (File Name)
Als u de bestandsnaam weet, geeft u deze op.
Woord of woordgroep in het bestand (A word or phrase in the file)
Voer een woord of een woordgroep in die voorkomt in de items die u hebt geselecteerd in Meer
geavanceerde opties (More Advanced Options).
Belangrijk
U kunt alleen zoeken naar PDF-bestanden die zijn gemaakt met MP Navigator EX. U kunt geen
PDF-bestanden zoeken die in andere toepassingen zijn gemaakt of bewerkt. Ook is het zoeken
naar PDF-bestanden alleen mogelijk wanneer het zoeken op sleutelwoorden is ingeschakeld.
Zie 'Dialoogvenster PDF-instellingen (PDF Settings) ' voor meer informatie over het maken van
PDF-bestanden waarin zoeken op sleutelwoorden is ingeschakeld.
U kunt niet zoeken in PDF-bestanden die met een wachtwoord zijn beveiligd.
Categorie (Category)
U kunt zoeken naar afbeeldingen op categorie.
Datum gewijzigd (Modified Date)
Voer de eerste en de laatste datum van een periode in als u wilt zoeken naar afbeeldingen die in
een bepaalde periode zijn bijgewerkt.
Datum opname (Shooting Date)
Als u wilt zoeken naar bestanden die in een bepaalde periode zijn opgenomen, geeft u de eerste en
laatste datum van de periode op.
Opmerking
De opnamedatum is de datum en de tijd waarop de gegevens tot stand zijn gekomen. Deze
informatie maakt deel uit van de Exif-informatie van het document.
Meer geavanceerde opties (More Advanced Options)
d
de
oa
Woord of woordgroep in het bestand (A word or phrase in the file)
Pagina 362 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afbeeldingen zoeken
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
In submappen zoeken (Search subfolders)
w
U kunt niet zoeken in PDF-bestanden die met een wachtwoord zijn beveiligd.
m
Belangrijk
fro
Selecteer in Woord of woordgroep in het bestand (A word or phrase in the file) de items die u
wilt zoeken. Als u het selectievakje Exif-informatie (Exif information) inschakelt, wordt gezocht
naar tekst in Gemaakt door (Maker), Model, Beschrijving (Description) en Opmerking gebruiker
(User Comment). Als u het selectievakje PDF-tekst (PDF text) inschakelt, wordt gezocht naar
tekst in PDF-bestanden.
Schakel dit selectievakje in als u wilt zoeken in submappen.
Hoofdlettergevoelig (Case sensitive)
Schakel dit selectievakje in als u wilt zoeken naar tekst waarvan de hoofdletters en kleine letters
overeenkomen.
Aan alle criteria voldoen (Match all criteria)
Er wordt gezocht naar bestanden die voldoen aan alle opgegeven criteria.
Aan een van de criteria voldoen (Match any criteria)
Er wordt gezocht naar bestanden die voldoen aan ten minste een van de opgegeven criteria.
Zoeken starten (Start Search)
Hiermee start u het zoeken.
Verwant onderwerp
Venster Toon & gebruik (View & Use)
Naar boven
Pagina 363 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afbeeldingen classificeren in categorieën
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Handige functies van MP
Navigator EX > Afbeeldingen classificeren in categorieën
e
.b
Opmerking
Als u de afbeeldingen hebt geclassificeerd in MP Navigator EX 2.0 of hoger en de toepassing
vervolgens bijwerkt naar de meest recente versie, worden de classificatiegegevens over de een-nalaatste versie overgebracht wanneer u de toepassing voor het eerst opstart. Na de eerste keer
opstarten kunnen de classificatiegegevens niet meer worden overgezet.
1. Scan documenten met MP Navigator EX en sla ze op. Vervolgens opent u het
venster Toon & gebruik (View & Use) in het scherm voor de navigatiemodus.
Opmerking
Zie 'We gaan scannen ' voor meer informatie over het scannen van afbeeldingen in MP
Navigator EX.
U kunt ook afbeeldingen selecteren die zijn opgeslagen op een computer.
Afbeeldingen openen die op een computer zijn opgeslagen
2. Selecteer in
re
U kunt afbeeldingen die met MP Navigator EX zijn gescand, weergeven per categorie. U kunt nietgeclassificeerde afbeeldingen automatisch classificeren en aangepaste categorieën maken. U kunt een
afbeelding slepen als u deze van de ene categorie naar de andere wilt verplaatsen.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Afbeeldingen classificeren in categorieën
(Sorteren op) Categorieën (Categories).
Afbeeldingen worden automatisch gesorteerd op categorie en weergegeven in het venster met
miniaturen.
Pagina 364 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afbeeldingen classificeren in categorieën
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Afbeeldingen worden gesorteerd in de volgende categorieën.
Foto's: Staand (Portrait), Overig (Others)
Documenten: Visitekaartje (Business Card), Ansichtkaart (Postcard), Standaardformaat (Standard
Size), PDF-bestand (PDF File) en Overig (Others)
Aangepaste categorieën: hiermee geeft u uw aangepaste categorieën weer.
Zie 'Aangepaste categorieën maken ' voor meer informatie over het maken van aangepaste
categorieën.
Niet-geclassificeerd: hiermee geeft u afbeeldingen weer die niet zijn geclassificeerd.
Opmerking
Klik op Afbeeldingen classificeren (Classify Images) om de afbeeldingen die worden
weergegeven in Niet-geclassificeerd (Unclassified) automatisch te classificeren. Klik
opAnnuleren (Cancel) als u wilt stoppen.
Het classificeren kan even duren als er veel afbeeldingen geclassificeerd moeten worden.
Belangrijk
Als u afbeeldingen classificeert die zijn opgeslagen op verwijderbare media zoals een USBflashdrive of een externe hard disk, wordt de informatie over de classificatie verwijderd zodra u de
media verwijderd. De volgende keer worden deze afbeeldingen geclassificeerd als Nietgeclassificeerd (Unclassified).
Afbeeldingen kunnen niet worden geclassificeerd wanneer Recent opgesl. afbeeldingen (Recently
Saved Images) is geselecteerd in het venster Toon & gebruik (View & Use).
Opmerking
Sommige afbeeldingen worden mogelijk niet juist gedetecteerd en daardoor niet in de juiste
categorieën geclassificeerd. Sleep in dat geval de afbeelding naar de juiste categorie.
Afbeeldingen die zijn opgeslagen in netwerkmappen, worden niet ingedeeld.
U kunt zoeken naar afbeeldingen op categorie. Zie ' Afbeeldingen zoeken ' voor meer informatie.
Aangepaste categorieën maken
Pagina 365 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afbeeldingen classificeren in categorieën
d
de
oa
1. Sorteer in het venster Toon & gebruik (View & Use) de afbeeldingen op categorie en
Het dialoogvenster Aangepaste categorieën bewerken (Edit Custom Categories) wordt geopend.
m
fro
klik op Aangepaste categorieën bewerken (Edit Custom Categories).
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
2. Klik op Toevoegen aan lijst (Add to List).
Het dialoogvenster Categorie toevoegen (Add Category) wordt geopend.
3. Voer de Categorienaam (Category name) in en klik op OK.
Opmerking
U kunt maximaal 20 aangepaste categorieën maken.
Een categorienaam kan maximaal 50 enkelbyte-tekens lang zijn.
Dubbelklik op een gemaakte categorie om het dialoogvenster Categorienaam wijzigen
(Change Category Name) te openen, waarin u de categorienaam kunt wijzigen.
Als u een aangepaste categorie wilt verwijderen, selecteert u de categorie en klikt u op
Verwijderen (Delete).
Verwant onderwerp
Venster Toon & gebruik (View & Use)
Naar boven
Pagina 366 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afbeeldingen in MP Navigator EX gebruiken
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Afbeeldingen in MP
Navigator EX gebruiken
U kunt afbeeldingen scannen met MP Navigator EX en de opgeslagen afbeeldingen bewerken of
afdrukken.
Zie onderstaande onderwerpen voor meer informatie over het opslaan van gescande
afbeeldingen.
Gescande afbeeldingen opslaan op een computer
Opslaan
Gescande afbeeldingen opslaan als PDF-bestand
Opslaan als PDF-bestanden
Zie onderstaande onderwerpen voor meer informatie over het gebruiken van
afbeeldingen/bestanden.
PDF-bestanden maken van gescande afbeeldingen en deze bewerken
PDF-bestanden maken/bewerken
Meerdere gescande afbeeldingen tegelijk afdrukken of afdrukken met een bepaald formaat, een
bepaalde kwaliteit, enzovoort.
Documenten afdrukken
Gescande foto's afdrukken
Foto's afdrukken
Gescande afbeeldingen via e-mail verzenden
Via e-mail verzenden
Gescande afbeeldingen corrigeren/verbeteren of converteren naar tekst
Bestanden bewerken
Wachtwoorden instellen voor PDF-bestanden die u hebt gemaakt
Wachtwoorden voor PDF-bestanden instellen
PDF-bestanden die met een wachtwoord zijn beveiligd openen of bewerken
Naar boven
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Afbeeldingen in MP Navigator EX gebruiken
Pagina 367 van 710 pagina's
nl
ow
D
Opslaan
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Afbeeldingen in MP
Navigator EX gebruiken > Opslaan
U kunt afbeeldingen die met MP Navigator EX zijn gescand, opslaan op een computer.
2. Geef de instellingen voor opslaan op in het dialoogvenster Opslaan (Save).
Geef de doelmap, de bestandsnaam en het bestandstype op.
Dialoogvenster Opslaan (Save)
Belangrijk
Wanneer Documenttype (Document Type) is ingesteld op Tekst (OCR) (Text(OCR)), kunt u
geen JPEG/Exif selecteren.
Opmerking
Standaard zijn de volgende mappen opgegeven als doelmappen.
Windows Vista: map MP Navigator EX in de map Afbeeldingen (Pictures)
Windows XP: map MP Navigator EX in de map Mijn afbeeldingen (My Pictures)
Windows 2000: map MP Navigator EX in de map Mijn afbeeldingen (My Pictures)
e
.b
Opslaan (Save).
re
1. Schakel de selectievakjes in van de afbeeldingen die u wilt opslaan en klik op
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Opslaan
De gescande afbeeldingen worden volgens de instellingen opgeslagen.
m
fro
Als u de gescande afbeeldingen verder wilt gebruiken/bewerken met MP Navigator EX, klikt u op
Opslaglocatie openen (Open saved location) in het dialoogvenster Opslaan voltooid (Save
Complete).
d
de
oa
3. Klik op Opslaan (Save).
Pagina 368 van 710 pagina's
nl
ow
D
Opslaan
w
or
nb
de
an
.v
w
w
PDF-bestanden maken/bewerken
Documenten afdrukken
Foto's afdrukken
Via e-mail verzenden
Bestanden bewerken
e
.b
re
Naar boven
Pagina 369 van 710 pagina's
nl
ow
D
Opslaan als PDF-bestanden
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Afbeeldingen in MP
Navigator EX gebruiken > Opslaan als PDF-bestanden
U kunt afbeeldingen die zijn gescand met MP Navigator EX, opslaan als PDF-bestanden.
2. Geef in het dialoogvenster Opslaan als PDF-bestand (Save as PDF file) de
instellingen op voor het opslaan.
Geef de bestandsnaam, het bestandstype en de doelmap op.
Dialoogvenster Opslaan als PDF-bestand (Save as PDF file)
e
.b
Opslaan als PDF-bestand (Save as PDF file).
re
1. Schakel de selectievakjes in van de afbeeldingen die u wilt opslaan en klik op
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Opslaan als PDF-bestanden
Selecteer een PDF-bestandstype uit de volgende opties:
Pagina 370 van 710 pagina's
nl
ow
D
Opslaan als PDF-bestanden
d
de
oa
PDF
Sla elk van de geselecteerde afbeeldingen op als afzonderlijk PDF-bestand.
fro
PDF (meerdere pagina's) (PDF(Multiple Pages))
m
Opmerking
PDF (meerdere pagina's) (PDF(Multiple Pages)) wordt weergegeven wanneer er meerdere
afbeeldingen zijn geselecteerd.
PDF (pagina toevoegen) (PDF(Add Page))
Afbeeldingen kunnen alleen worden toegevoegd aan PDF-bestanden die zijn gemaakt met
MP Navigator EX. U kunt geen PDF-bestanden opgeven die met andere toepassingen zijn
gemaakt. Het is evenmin mogelijk PDF-bestanden op te geven die in andere toepassingen
zijn bewerkt.
Als een met wachtwoord beveiligd PDF-bestand wordt bewerkt, worden de wachtwoorden
verwijderd. Stel de wachtwoorden opnieuw in.
Opmerking
Standaard zijn de volgende mappen opgegeven als doelmappen.
Windows Vista: map MP Navigator EX in de map Afbeeldingen (Pictures)
Windows XP: map MP Navigator EX in de map Mijn afbeeldingen (My Pictures)
Windows 2000: map MP Navigator EX in de map Mijn afbeeldingen (My Pictures)
U kunt wachtwoorden instellen voor PDF-bestanden.
Wachtwoorden voor PDF-bestanden instellen
3. Klik op Opslaan (Save).
De gescande afbeeldingen worden volgens de instellingen opgeslagen.
Als u de gescande afbeeldingen verder wilt gebruiken/bewerken met MP Navigator EX, klikt u op
Opslaglocatie openen (Open saved location) in het dialoogvenster Opslaan voltooid (Save
Complete).
PDF-bestanden maken/bewerken
Documenten afdrukken
Foto's afdrukken
Via e-mail verzenden
Bestanden bewerken
Naar boven
e
.b
Belangrijk
re
De gescande afbeeldingen toevoegen aan een PDF-bestand. De afbeeldingen worden
toegevoegd aan het eind van het PDF-bestand. U kunt de pagina's van het PDF-bestand
waaraan de afbeeldingen worden toegevoegd, niet opnieuw rangschikken.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Meerdere afbeeldingen als één PDF-bestand opslaan.
Pagina 371 van 710 pagina's
nl
ow
D
PDF-bestanden maken/bewerken
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Afbeeldingen in MP
Navigator EX gebruiken > PDF-bestanden maken/bewerken
e
.b
re
U kunt PDF-bestanden maken/bewerken met MP Navigator EX. Scan documenten en sla ze op. Open
daarna het venster Toon & gebruik (View & Use) om PDF-bestanden te maken en pagina's toe te voegen
of te verwijderen, de paginavolgorde aan te passen, enzovoort.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
PDF-bestanden maken/bewerken
Belangrijk
U kunt maximaal 99 pagina's maken of bewerken met MP Navigator EX.
Opmerking
Zie 'We gaan scannen ' voor meer informatie over het scannen van afbeeldingen in MP Navigator
EX.
U kunt ook afbeeldingen selecteren die zijn opgeslagen op een computer.
Afbeeldingen openen die op een computer zijn opgeslagen
PDF-bestanden met MP Navigator EX maken/bewerken
1. Selecteer afbeeldingen en klik op PDF.
Opmerking
U kunt PDF-, JPEG-, TIFF- en BMP-bestanden selecteren.
2. Klik op PDF-bestand maken/bewerken (Create/Edit PDF file) in de lijst.
Belangrijk
U kunt alleen PDF-bestanden bewerken die zijn gemaakt met MP Navigator EX. U kunt geen
PDF-bestanden bewerken die in andere toepassingen zijn gemaakt. Het is evenmin mogelijk
PDF-bestanden te bewerken die in andere toepassingen zijn bewerkt.
d
de
oa
Opmerking
Pagina 372 van 710 pagina's
nl
ow
D
PDF-bestanden maken/bewerken
m
fro
Als u een PDF-bestand selecteert dat met een wachtwoord is beveiligd, wordt u gevraagd het
wachtwoord op te geven.
PDF-bestanden die met een wachtwoord zijn beveiligd openen of bewerken
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
Klik op Pagina toevoegen (Add Page) als u een bestaand bestand wilt toevoegen en selecteer het
bestand. Als u een pagina wilt verwijderen, selecteert u de pagina en klikt u op Geselecteerde
pagina's verwijderen (Delete Selected Pages).
w
w
3. Voeg naar behoefte pagina's toe of verwijder deze.
Opmerking
U kunt PDF-, JPEG-, TIFF- en BMP-bestanden toevoegen.
Als u een PDF-bestand toevoegt dat met een wachtwoord is beveiligd, wordt u gevraagd het
wachtwoord op te geven.
4. Wijzig naar behoefte de volgorde van de pagina's.
Gebruik de pictogrammen om de volgorde te wijzigen. U kunt ook de miniatuurafbeelding slepen en
neerzetten op de doellocatie.
Opmerking
Zie 'Venster PDF-bestand maken/bewerken (Create/Edit PDF file) ' voor meer informatie over
het venster PDF-bestand maken/bewerken (Create/Edit PDF file).
5. Klik op Geselecteerde pagina's opslaan (Save Selected Pages) of Alle pagina's
opslaan (Save All Pages).
Het dialoogvenster Opslaan als PDF-bestand (Save as PDF file) wordt geopend.
Dialoogvenster Opslaan als PDF-bestand (Save as PDF file)
Belangrijk
U kunt afbeeldingen die gescand zijn met 10501 of meer pixels in verticale en horizontale
richting niet opslaan.
Als een met wachtwoord beveiligd PDF-bestand wordt bewerkt, worden de wachtwoorden
verwijderd. In het dialoogvenster Opslaan als PDF-bestand (Save as PDF file) kunt u de
wachtwoorden opnieuw instellen.
Wachtwoorden voor PDF-bestanden instellen
6. Geef de instellingen voor opslaan op in het dialoogvenster Opslaan als PDF-bestand
(Save as PDF file) en klik op Opslaan (Save).
Afbeeldingen worden volgens de opgegeven instellingen opgeslagen.
PDF-bestanden in een toepassing openen
Pagina 373 van 710 pagina's
nl
ow
D
PDF-bestanden maken/bewerken
d
de
oa
U kunt PDF-bestanden die met MP Navigator EX zijn gemaakt openen in een aan PDF-bestanden
gekoppelde toepassing en ze bewerken of afdrukken.
fro
m
1. Selecteer de PDF-bestanden en klik op PDF.
U kunt alleen PDF-bestanden selecteren die zijn gemaakt met MP Navigator EX. U kunt geen
PDF-bestanden selecteren die met andere toepassingen zijn gemaakt. Het is evenmin
mogelijk PDF-bestanden te selecteren die in andere toepassingen zijn bewerkt.
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Belangrijk
e
.b
2. Klik op PDF-bestand openen (Open PDF file) in de lijst.
De toepassing die in het besturingssysteem aan de extensie .pdf is gekoppeld, wordt gestart.
Belangrijk
U kunt PDF-bestanden die met een wachtwoord zijn beveiligd, niet openen in toepassingen
die geen PDF-beveiliging ondersteunen.
Bestanden kunnen mogelijk niet worden geopend als er geen toepassing is geïnstalleerd die
kan worden gekoppeld aan PDF-bestanden.
3. Gebruik de toepassing om het bestand te bewerken of af te drukken.
Raadpleeg de handleiding van de toepassing voor meer informatie
Belangrijk
In sommige toepassingen kunnen de opdrachten (afdrukken, bewerken, enzovoort) die alleen
met een wachtwoord kunnen worden uitgevoerd, verschillen van die in MP Navigator EX.
Naar boven
Pagina 374 van 710 pagina's
nl
ow
D
Documenten afdrukken
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Afbeeldingen in MP
Navigator EX gebruiken > Documenten afdrukken
U kunt meerdere gescande afbeeldingen tegelijk afdrukken, afdrukken met een bepaalde kwaliteit,
enzovoort, met MP Navigator EX.
Opmerking
Zie 'We gaan scannen ' voor meer informatie over het scannen van afbeeldingen in MP
Navigator EX.
U kunt ook afbeeldingen selecteren die zijn opgeslagen op een computer.
Afbeeldingen openen die op een computer zijn opgeslagen
2. Klik op Afdrukken (Print) en klik op Document afdrukken (Print Document) in de lijst.
Belangrijk
Als u een PDF-bestand selecteert dat met een wachtwoord is beveiligd, wordt u gevraagd het
wachtwoord op te geven.
PDF-bestanden die met een wachtwoord zijn beveiligd openen of bewerken
3. Geef de gewenste afdrukinstellingen op.
Geef in het dialoogvenster het aantal afdrukken, de kwaliteit, schaal, enzovoort op.
Dialoogvenster Document afdrukken
e
.b
gebruik (View & Use) vanuit het scherm voor de navigatiemodus en selecteer de
gewenste afbeeldingen.
re
1. Scan documenten in MP Navigator EX en sla ze op. Open het venster Toon &
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Documenten afdrukken
Pagina 375 van 710 pagina's
nl
ow
D
Documenten afdrukken
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Belangrijk
Bij normaal formaat (100%) is het mogelijk dat bepaalde afbeeldingen klein worden afgedrukt
of dat sommige stukken zijn afgekapt. Selecteer in dit geval Auto om het formaat van de afdruk
in verhouding te brengen met het papierformaat.
4. Klik op Afdrukken (Print).
Het afdrukken wordt gestart.
Opmerking
Wanneer u een PDF-bestand met meer pagina's afdrukt met behulp van Document afdrukken
(Print Document), kan het afdrukken enige tijd duren. Dit is afhankelijk van uw computer. Volg
in dat geval de onderstaande stappen en wijzig de instellingen.
1. Selecteer in het menu Start de optie Configuratiescherm (Control Panel).
2. Klik op Printers.
3. Klik met de rechtermuisknop op het pictogram van de printer en klik op Eigenschappen
(Properties).
Het eigenschappenvenster van de printer wordt geopend.
4. Klik op het tabblad Geavanceerd (Advanced).
5. Selecteer Afdrukdocumenten in wachtrij plaatsen (programma is eerder gereed) (Spool print
documents so program finishes printing faster).
6. Selecteer Afdrukken zodra de laatste pagina in de wachtrij is geplaatst (Start printing after
last page is spooled).
7. Nadat het document is afgedrukt, stelt u de instelling op het tabblad Geavanceerd
(Advanced) weer in op Afdrukken starten (Start printing immediately).
Als u wilt annuleren tijdens het spoolen, klikt u op Annuleren (Cancel). Als u het afdrukken wilt
annuleren, klikt u op Afdrukken annuleren (Cancel Printing) in het bevestigingsvenster voor de
printerstatus. Als u het bevestigingsvenster voor de printerstatus wilt openen, klikt u op het
printerpictogram op de taakbalk.
Naar boven
Pagina 376 van 710 pagina's
nl
ow
D
Foto's afdrukken
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Afbeeldingen in MP
Navigator EX gebruiken > Foto's afdrukken
e
.b
re
U kunt foto's afdrukken met MP Navigator EX of een toepassing die bij het apparaat is geleverd. Scan
documenten en sla ze op. Open daarna het venster Toon & gebruik (View & Use) om aan te geven hoe u
de foto's wilt afdrukken.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Foto's afdrukken
Opmerking
Zie 'We gaan scannen ' voor meer informatie over het scannen van afbeeldingen in MP Navigator
EX.
U kunt ook afbeeldingen selecteren die zijn opgeslagen op een computer.
Afbeeldingen openen die op een computer zijn opgeslagen
Wanneer u foto's afdrukt met Easy-PhotoPrint EX
U kunt Easy-PhotoPrint EX gebruiken om gescande foto's met hoge kwaliteit af te drukken of
afbeeldingen op te maken en af te drukken.
1. Selecteer afbeeldingen en klik op Afdrukken (Print).
2. Klik op Foto afdrukken (Print Photo) of Album afdrukken (Print Album) in de lijst.
Easy-PhotoPrint EX wordt gestart. Zie ' Foto's afdrukken' voor meer informatie
Opmerking
Als Easy-PhotoPrint EX niet is geïnstalleerd, kunt u afdrukken met MP Navigator EX.
Wanneer u foto's afdrukt met MP Navigator EX
1. Selecteer afbeeldingen en klik op Afdrukken (Print).
d
de
oa
2. Klik op Foto afdrukken (Print Photo) in de lijst.
Pagina 377 van 710 pagina's
nl
ow
D
Foto's afdrukken
3. Geef de gewenste afdrukinstellingen op.
m
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Dialoogvenster Foto afdrukken (Print Photo)
fro
Geef in het weergegeven dialoogvenster het papierformaat, het aantal afdrukken enz. op.
4. Klik op Afdrukken (Print).
Het afdrukken wordt gestart.
Opmerking
Als u wilt annuleren tijdens het spoolen, klikt u op Annuleren (Cancel). Als u het afdrukken wilt
annuleren, klikt u op Afdrukken annuleren (Cancel Printing) in het bevestigingsvenster voor de
printerstatus. Als u het bevestigingsvenster voor de printerstatus wilt openen, klikt u op het
printerpictogram op de taakbalk.
Naar boven
Pagina 378 van 710 pagina's
nl
ow
D
Via e-mail verzenden
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Afbeeldingen in MP
Navigator EX gebruiken > Via e-mail verzenden
U kunt gescande afbeeldingen via e-mail verzenden.
1. Scan documenten in MP Navigator EX en sla ze op. Open het venster Toon &
gebruik (View & Use) vanuit het scherm voor de navigatiemodus en selecteer de
gewenste afbeeldingen.
Opmerking
Zie 'We gaan scannen ' voor meer informatie over het scannen van afbeeldingen in MP
Navigator EX.
U kunt ook afbeeldingen selecteren die zijn opgeslagen op een computer.
Afbeeldingen openen die op een computer zijn opgeslagen
2. Klik op Verzenden (Send) en klik vervolgens op Toevoegen aan e-mail (Attach to Email) in de lijst.
3. Stel de opties voor opslaan in zoals gewenst.
Geef de doelmap en bestandsnaam op.
Dialoogvenster Via e-mail verzenden (Send via E-mail)
e
.b
MP Navigator EX is compatibel met de volgende e-mailprogramma's:
- Windows Mail (Windows Vista)
- Outlook Express (Windows XP/Windows 2000)
- Microsoft Outlook
(Als een e-mailprogramma niet naar behoren functioneert, controleert u of de MAPI-instelling van
het mailprogramma is ingeschakeld. Raadpleeg de handleiding van het e-mailprogramma voor
meer informatie.)
re
Belangrijk
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Via e-mail verzenden
Pagina 379 van 710 pagina's
nl
ow
D
Via e-mail verzenden
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Opmerking
U kunt een compressietype selecteren als u JPEG-afbeeldingen via e-mail verzendt. Klik op
Instellen... (Set...) om een dialoogvenster te openen en selecteer een van de volgende
compressietypes:Hoog (lage compressie) (High(Low Compression)), Standaard (Standard) of
Laag (hoge compressie) (Low(High Compression)).
4. Klik op OK.
De bestanden worden opgeslagen volgens de instellingen en het e-mailprogramma start.
5. Geef de geadresseerde op, voer het onderwerp en de berichttekst in en verzend het
bericht.
Raadpleeg de handleiding van het e-mailprogramma voor meer informatie.
Naar boven
Pagina 380 van 710 pagina's
nl
ow
D
Bestanden bewerken
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Afbeeldingen in MP
Navigator EX gebruiken > Bestanden bewerken
e
.b
re
U kunt afbeeldingen bewerken of ze converteren naar tekst met MP Navigator EX of een toepassing bij
het apparaat. Scan documenten en sla ze op. Open daarna het venster Toon & gebruik (View & Use) om
aan te geven wat u wilt doen met de afbeeldingen.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Bestanden bewerken
Opmerking
Zie 'We gaan scannen ' voor meer informatie over het scannen van afbeeldingen in MP Navigator
EX.
U kunt ook afbeeldingen selecteren die zijn opgeslagen op een computer.
Afbeeldingen openen die op een computer zijn opgeslagen
Foto's corrigeren
U kunt afbeeldingen corrigeren en verbeteren in het venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/
Enhance Images).
1. Selecteer afbeeldingen en klik op Bewerken/converteren (Edit/Convert).
2. Klik op Foto Afbeeldingen herstellen (Fix photo images) in de lijst.
Het venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images) wordt geopend.
3. Afbeeldingen corrigeren/verbeteren in het venster Afbeeldingen corrigeren/
verbeteren (Correct/Enhance Images).
Opmerking
Zie 'Venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images) ' voor meer
informatie over het venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images).
Zie de betreffende onderstaande onderwerpen voor het corrigeren/verbeteren van
Pagina 381 van 710 pagina's
nl
ow
D
Bestanden bewerken
d
de
oa
afbeeldingen.
Afbeeldingen automatisch corrigeren/verbeteren
Afbeeldingen handmatig corrigeren/verbeteren
m
fro
PDF-bestanden kunnen niet worden omgezet in tekst.
re
or
nb
de
an
.v
w
Belangrijk
w
Tekst scannen in gescande tijdschriften en kranten en weergeven in Kladblok (geleverd bij Windows).
w
Documenten converteren naar tekst
e
.b
1. Selecteer afbeeldingen en klik op Bewerken/converteren (Edit/Convert).
2. Klik op Converteren naar tekstbestand (Convert to text file) in de lijst.
Textedit (geleverd bij Windows) wordt gestart en bewerkbare tekst wordt weergegeven.
Opmerking
U kunt alleen teksten in talen exporteren naar Kladblok (geleverd bij Windows)die
geselecteerd kunnen worden op het tabblad Algemeen (General) Klik op Instellen... (Set...) op
het tabblad Algemeen (General) en geef de taal op van het document dat u wilt scannen.
Als u meerdere documenten scant, kunt u de geëxporteerde tekst in één bestand verzamelen.
Tabblad Algemeen (General)
Tekst die wordt weergegeven in Kladblok (geleverd bij Windows) kan alleen als leidraad
worden gebruikt. Tekst in de afbeeldingen van de volgende documenttypen wordt mogelijk niet
correct gelezen.
- Documenten die tekst bevatten met een tekengrootte kleiner dan 8 of groter dan 40 punten
(op 300 dpi)
- Scheve documenten
- Documenten die omgekeerd zijn geplaatst of documenten met een onjuiste afdrukstand
(gedraaide tekens)
- Documenten met speciale lettertypen, effecten, cursieve letters of met de hand geschreven
tekst
- Documenten met een smalle regelafstand
- Documenten met kleuren op de achtergrond van tekst
- Documenten met meerdere talen
Naar boven
Pagina 382 van 710 pagina's
nl
ow
D
Wachtwoorden voor PDF-bestanden instellen
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Afbeeldingen in MP
Navigator EX gebruiken > Wachtwoorden voor PDF-bestanden instellen
U kunt wachtwoorden instellen voor het openen, bewerken en afdrukken van PDF-bestanden.
e
.b
re
U kunt twee wachtwoorden instellen: een om het bestand te openen en een om het bestand te
bewerken of af te drukken.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Wachtwoorden voor PDF-bestanden instellen
Belangrijk
In Windows 2000 is voor deze functie is Internet Explorer 5.5 Service Pack 2 of hoger vereist.
Als u het wachtwoord vergeet, kunt u het bestand niet meer openen of bewerken. Bewaar uw
wachtwoorden op een veilige plaats, zodat u ze altijd kunt raadplegen.
U kunt PDF-bestanden die met een wachtwoord zijn beveiligd, niet openen in toepassingen die
geen PDF-beveiliging ondersteunen.
In sommige toepassingen kunnen de opdrachten (afdrukken, bewerken, enzovoort) die alleen met
een wachtwoord kunnen worden uitgevoerd, verschillen van die in MP Navigator EX.
U kunt in PDF-bestanden die met een wachtwoord zijn beveiligd geen tekst zoeken via het ' Venster
Toon & gebruik (View & Use) '.
1. Scan documenten in MP Navigator EX en klik vervolgens op Opslaan als PDF-
bestand (Save as PDF file).
U kunt ook bestaande bestanden bewerken in het venster PDF-bestand maken/
bewerken (Create/Edit PDF file) en vervolgens klikken op Geselecteerde pagina's
opslaan (Save Selected Pages) of Alle pagina's opslaan (Save All Pages).
Het dialoogvenster Opslaan als PDF-bestand (Save as PDF file) wordt geopend.
Belangrijk
U kunt geen wachtwoorden instellen als afbeeldingen automatisch worden opgeslagen nadat
ze zijn gescand, bijvoorbeeld wanneer u scant vanuit het scherm in de modus voor eenmaal
klikken of met het bedieningspaneel van het apparaat.
Opmerking
Zie 'We gaan scannen ' voor informatie over het scannen van afbeeldingen.
Zie 'PDF-bestanden maken/bewerken ' als u PDF-bestanden wilt maken van bestaande
bestanden of als u bestanden wilt bewerken.
2. Schakel het selectievakje Instellingen wachtwoordbeveiliging (Password security
settings) in.
Pagina 383 van 710 pagina's
nl
ow
D
Wachtwoorden voor PDF-bestanden instellen
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Het dialoogvenster Wachtwoordbeveiliging - Instellingen (Password Security -Settings) wordt
geopend.
Opmerking
U kunt het dialoogvenster Wachtwoordbeveiliging - Instellingen (Password Security -Settings)
ook openen door op Instellen... (Set...) te klikken en vervolgens Wachtwoordbeveiliging
(Password Security) te selecteren bij Beveiliging (Security) in het dialoogvenster PDFinstellingen (PDF Settings).
3. Schakel het selectievakje Wachtwoord vereist om document te openen (Require a
password to open the document) of Wachtwoord gebruiken om afdrukken en
bewerken van document en beveiligingsinstellingen te beperken (Use a password to
restrict printing and editing of the document and its security settings) in en geef een
wachtwoord op.
Pagina 384 van 710 pagina's
nl
ow
D
Wachtwoorden voor PDF-bestanden instellen
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Belangrijk
U kunt een wachtwoord van maximaal 32 alfanumerieke enkele-bytetekens opgeven.
Wachtwoorden zijn hoofdlettergevoelig.
Schakel beide selectievakjes in om het Wachtwoord voor openen document (Document Open
Password) en het Wachtwoord machtigingen (Permissions Password) in te stellen. U kunt niet
hetzelfde wachtwoord voor beide doeleinden gebruiken.
4. Klik op OK.
Het dialoogvenster Het wachtwoord voor het openen van het document bevestigen (Confirm
Document Open Password) of Bevestig toestemmingenwachtwoord (Confirm Permissions
Password) wordt geopend.
Wachtwoord voor openen document
Wachtwoord machtigingen
5. Geef het wachtwoord opnieuw op en klik op OK.
Het dialoogvenster Opslaan als PDF-bestand (Save as PDF file) wordt opnieuw weergegeven.
Belangrijk
Als u het dialoogvenster Opslaan als PDF-bestand (Save as PDF file) sluit zonder op Opslaan
(Save) te klikken, worden de instellingen in het dialoogvenster Wachtwoordbeveiliging Instellingen (Password Security -Settings) verwijderd.
Wachtwoorden worden verwijderd zodra het bestand wordt bewerkt. Als u een bewerkt bestand
opslaat, moet u het wachtwoord opnieuw instellen.
Opmerking
Pagina 385 van 710 pagina's
nl
ow
D
Wachtwoorden voor PDF-bestanden instellen
d
de
oa
m
fro
Als u de wachtwoorden instelt via het dialoogvenster PDF-instellingen (PDF Settings), gaat u
terug naar het dialoogvenster PDF-instellingen (PDF Settings). Klik op OK. Het dialoogvenster
Opslaan als PDF-bestand (Save as PDF file) wordt opnieuw weergegeven.
w
or
nb
de
an
.v
w
w
6. Klik op Opslaan (Save).
Bestanden worden volgens de instellingen opgeslagen.
Verwant onderwerp
Naar boven
e
.b
re
PDF-bestanden die met een wachtwoord zijn beveiligd openen of bewerken
Pagina 386 van 710 pagina's
nl
ow
D
PDF-bestanden die met een wachtwoord zijn beveiligd openen of bewer...
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Afbeeldingen in MP
Navigator EX gebruiken > PDF-bestanden die met een wachtwoord zijn beveiligd openen of bewerken
Belangrijk
U kunt alleen PDF-bestanden openen, bewerken of afdrukken waarbij het wachtwoord is ingesteld
met MP Navigator EX. U kunt geen PDF-bestanden bewerken die in andere toepassingen zijn
bewerkt, of waarvan het wachtwoord is ingesteld met andere toepassingen. Alleen MP Navigator EX
versie 1.1 en 2.0 or later ondersteunt het openen, bewerken en afdrukken van PDF-bestanden die
met een wachtwoord zijn beveiligd.
In Windows 2000 hebt u Internet Explorer 5.5 Service Pack 2 of hoger nodig om PDF-bestanden
met een wachtwoord te kunnen openen, bewerken of afdrukken.
Wachtwoorden zijn hoofdlettergevoelig.
U kunt maximaal 99 pagina's maken of bewerken met MP Navigator EX.
Een wachtwoord opgeven om een bestand te openen
1. Selecteer in het venster Toon & gebruik View & Use het PDF-bestand dat u wilt
openen en klik op
Inzoomen.
U kunt ook dubbelklikken op het PDF-bestand.
Opmerking
Alleen het Wachtwoord voor openen document (Document Open Password) is vereist. U hoeft
het Wachtwoord machtigingen (Permissions Password) niet op te geven.
Als het dialoogvenster Inzoomen (Zoom in) wordt geopend met een slotpictogram, klikt u op
e
.b
Hoe u het wachtwoord moet opgeven, hangt af van de bewerking. De volgende procedures dienen
alleen als voorbeeld.
re
Als u een PDF-bestand dat met een wachtwoord is beveiligd wilt openen of bewerken/afdrukken, moet u
een wachtwoord opgeven.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
PDF-bestanden die met een wachtwoord zijn beveiligd openen
of bewerken
Wachtwoord invoeren (Enter Password).
Pagina 387 van 710 pagina's
nl
ow
D
PDF-bestanden die met een wachtwoord zijn beveiligd openen of bewer...
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
2. Het dialoogvenster Wachtwoord (Password) wordt geopend. Geef het wachtwoord
op en klik op OK.
Het PDF-bestand wordt geopend in het dialoogvenster Inzoomen (Zoom in).
Opmerking
Als u het bestand opnieuw wilt openen nadat u het dialoogvenster Inzoomen (Zoom in) hebt
gesloten, geeft u het wachtwoord opnieuw op.
Een wachtwoord (Wachtwoord machtigingen) opgeven om een bestand te bewerken of af
te drukken
1. Selecteer PDF-bestanden in het venster Toon & gebruik (View & Use) en klik op
PDF of Afdrukken (Print).
Pagina 388 van 710 pagina's
nl
ow
D
PDF-bestanden die met een wachtwoord zijn beveiligd openen of bewer...
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
2. Als u een PDF-bestand wilt maken of het bestand wilt bewerken, selecteert u PDFbestand maken/bewerken (Create/Edit PDF file) in de lijst. Als u het bestand wilt
afdrukken, klikt u op Document afdrukken (Print Document).
In het dialoogvenster Wachtwoord (Password) wordt u gevraagd een wachtwoord op te geven.
Opmerking
Als het Wachtwoord voor openen document (Document Open Password) ook is ingesteld,
moet u eerst het Wachtwoord voor openen document (Document Open Password) opgeven en
vervolgens het Wachtwoord machtigingen (Permissions Password).
3. Geef het wachtwoord op en klik op OK.
Het bijbehorende dialoogvenster wordt geopend.
Belangrijk
Als een met wachtwoord beveiligd PDF-bestand wordt bewerkt, worden de wachtwoorden
verwijderd. Stel de wachtwoorden opnieuw in.
Wachtwoorden voor PDF-bestanden instellen
Verwant onderwerp
Wachtwoorden voor PDF-bestanden instellen
Naar boven
Pagina 389 van 710 pagina's
nl
ow
D
Schermen van MP Navigator EX
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Schermen van MP
Navigator EX
Informatie over de schermen en functies van MP Navigator EX.
Scherm Foto's/documenten (plaat) (Photos/Documents (Platen)) (Venster Scan/Import. (Scan/Import))
Dialoogvenster Scan-instellingen (Scan Settings) (Foto's/documenten)
Dialoogvenster Opslaan (Save)
Dialoogvenster Opslaan als PDF-bestand (Save as PDF file)
Tabblad Afbeeldingen op de computer weergeven en gebruiken (View & Use Images on
your Computer)
Venster Toon & gebruik (View & Use)
Venster PDF-bestand maken/bewerken (Create/Edit PDF file)
Dialoogvenster Document afdrukken
Dialoogvenster Foto afdrukken (Print Photo)
Dialoogvenster Via e-mail verzenden (Send via E-mail)
Venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images)
Tabblad Aangepast scannen met eenmaal klikken (Custom Scan with One-click) / Scherm
voor modus Eenmaal klikken
Dialoogvenster Automatische scan (Auto Scan)
Dialoogvenster Opslaan (Save) (Scherm voor modus Eenmaal klikken)
Dialoogvenster PDF
Dialoogvenster Verzenden (Mail)
Dialoogvenster OCR
Dialoogvenster Aangepast (Custom)
Dialoogvenster Voorkeuren (Preferences)
Tabblad Algemeen (General)
Tabblad Instellingen scannerknop (Scanner Button Settings) (Opslaan)
Naar boven
e
.b
Tabblad Documenten of afbeeldingen scannen/importeren (Scan/Import Documents or
Images)
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Schermen van MP Navigator EX
Pagina 390 van 710 pagina's
nl
ow
D
Scherm Navigatiemodus
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Schermen van MP
Navigator EX > Scherm Navigatiemodus
Dit is een van de opstartschermen van MP Navigator EX.
e
.b
re
Plaats de muisaanwijzer op een pictogram boven aan het scherm om het bijbehorende tabblad weer te
geven. Gebruik de tabbladen op basis van de handelingen die u wilt uitvoeren.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Scherm Navigatiemodus
Scan/Import. (Scan/Import)
Foto's en documenten scannen.
Tabblad Documenten of afbeeldingen scannen/importeren (Scan/Import Documents or Images)
Toon & gebruik (View & Use)
U kunt afbeeldingen openen die op een computer zijn opgeslagen en deze afdrukken of aan een email toevoegen. U kunt ze ook bewerken met een toepassing die bij het apparaat is geleverd.
Tabblad Afbeeldingen op de computer weergeven en gebruiken (View & Use Images on your
Computer)
Eenmaal klikken (One-click)
U kunt scannen, opslaan, enzovoort. in één handeling, door op het bijbehorende pictogram te klikken.
Tabblad Aangepaste scan met eenmaal klikken (Custom Scan with One-click)
(Modus schakelen)
Ga naar het scherm voor de modus Eenmaal klikken. In het scherm voor de modus Eenmaal klikken
kunt u scannen, opslaan, enzovoort in één handeling, door op het bijbehorende pictogram te klikken.
Scherm voor modus Eenmaal klikken
Dit venster bij het opstarten weergeven (Show this window at startup)
Schakel dit selectievakje in om het hoofdmenu bij het opstarten te openen. Het laatst gebruikte
scherm wordt geopend als dit selectievakje niet is ingeschakeld.
Voorkeuren (Preferences)
Het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences) wordt geopend. In het dialoogvenster Voorkeuren
(Preferences) kunt u geavanceerde instellingen definiëren voor MP Navigator EX-functies.
Dialoogvenster Voorkeuren (Preferences)
Handleiding
Deze handleiding openen.
Naar boven
nl
ow
D
Tabblad Documenten of afbeeldingen scannen/importeren (Scan/Import... Pagina 391 van 710 pagina's
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Schermen van MP
Navigator EX > Tabblad Documenten of afbeeldingen scannen/importeren (Scan/Import Documents or Images)
Foto's/documenten (plaat) (Photos/Documents (Platen))
Het venster Scan/Import. (Scan/Import) openen. Foto's en documenten scannen die op de glasplaat
zijn gelegd.
Scherm Foto's/documenten (plaat) (Photos/Documents (Platen)) (Venster Scan/Import. (Scan/
Import))
(Modus schakelen)
Ga naar het scherm voor de modus Eenmaal klikken. In het scherm voor de modus Eenmaal klikken
kunt u scannen, opslaan, enzovoort in één handeling, door op het bijbehorende pictogram te klikken.
Scherm voor modus Eenmaal klikken
Dit venster bij het opstarten weergeven (Show this window at startup)
Schakel dit selectievakje in om het hoofdmenu bij het opstarten te openen. Het laatst gebruikte
scherm wordt geopend als dit selectievakje niet is ingeschakeld.
Voorkeuren (Preferences)
Het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences) wordt geopend. In het dialoogvenster Voorkeuren
(Preferences) kunt u geavanceerde instellingen definiëren voor MP Navigator EX-functies.
Dialoogvenster Voorkeuren (Preferences)
Handleiding
Deze handleiding openen.
Naar boven
e
.b
Foto's en documenten scannen.
re
Wijs in het scherm navigatiemodus Scan/Import. (Scan/Import) aan om het tabblad Documenten of
afbeeldingen scannen/importeren (Scan/Import Documents or Images) weer te geven.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Tabblad Documenten of afbeeldingen scannen/importeren
(Scan/Import Documents or Images)
Pagina 392 van 710 pagina's
nl
ow
D
Tabblad Afbeeldingen op de computer weergeven en gebruiken (View ...
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Schermen van MP
Navigator EX > Tabblad Afbeeldingen op de computer weergeven en gebruiken (View & Use Images on your Computer)
Mijn vak (gesc./geïmp. afb.) (My Box (Scanned/Imported Images))
Het venster Toon & gebruik (View & Use) openen met Mijn vak (gesc./geïmp. afb.) (My Box (Scanned/
Imported Images)) geselecteerd.
U kunt afbeeldingen die zijn opgeslagen in Mijn vak openen en gebruiken.
Mijn vak is een speciale map voor het opslaan van afbeeldingen die met MP Navigator EX zijn
gescand.
Opmerking
Standaard zijn de volgende mappen opgegeven.
Windows Vista: map MP Navigator EX in de map Afbeeldingen (Pictures)
Windows XP: map MP Navigator EX in de map Mijn afbeeldingen (My Pictures)
Windows 2000: map MP Navigator EX in de map Mijn afbeeldingen (My Pictures)
Map opgeven (Specify Folder)
Het venster Toon & gebruik (View & Use) openen met Map opgeven (Specify Folder) geselecteerd.
U kunt afbeeldingen die zijn opgeslagen in specifieke mappen openen en gebruiken.
Recent opgesl. afbeeldingen (Recently Saved Images)
Het venster Toon & gebruik (View & Use) openen met Recent opgesl. afbeeldingen (Recently Saved
Images) geselecteerd.
U kunt 'Gescande/geïmporteerde afbeeldingen' en afbeeldingen die zijn 'Toegevoegd aan e-mail' of
'Verzonden naar toepassing' openen en gebruiken.
Venster Toon & gebruik (View & Use)
(Modus schakelen)
Ga naar het scherm voor de modus Eenmaal klikken. In het scherm voor de modus Eenmaal klikken
kunt u scannen, opslaan, enzovoort in één handeling, door op het bijbehorende pictogram te klikken.
Scherm voor modus Eenmaal klikken
e
.b
U kunt afbeeldingen openen die op een computer zijn opgeslagen en deze afdrukken of aan een e-mail
toevoegen. U kunt ze ook bewerken met een toepassing die bij het apparaat is geleverd.
re
Wijs Toon & gebruik (View & Use) aan op het scherm voor de navigatiemodus om het tabblad
Afbeeldingen op de computer weergeven en gebruiken (View & Use Images on your Computer) weer te
geven.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Tabblad Afbeeldingen op de computer weergeven en
gebruiken (View & Use Images on your Computer)
Dit venster bij het opstarten weergeven (Show this window at startup)
Pagina 393 van 710 pagina's
nl
ow
D
Tabblad Afbeeldingen op de computer weergeven en gebruiken (View ...
d
de
oa
Schakel dit selectievakje in om het hoofdmenu bij het opstarten te openen. Het laatst gebruikte
scherm wordt geopend als dit selectievakje niet is ingeschakeld.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
Deze handleiding openen.
w
Handleiding
m
fro
Voorkeuren (Preferences)
Het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences) wordt geopend. In het dialoogvenster Voorkeuren
(Preferences) kunt u geavanceerde instellingen definiëren voor MP Navigator EX-functies.
Dialoogvenster Voorkeuren (Preferences)
Verwant onderwerp
Afbeeldingen openen die op een computer zijn opgeslagen
Naar boven
Pagina 394 van 710 pagina's
nl
ow
D
Tabblad Aangepaste scan met eenmaal klikken (Custom Scan with One-...
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Schermen van MP
Navigator EX > Tabblad Aangepaste scan met eenmaal klikken (Custom Scan with One-click)
Automatische scan (Auto Scan)
Documenten scannen door automatisch het documenttype te detecteren. De bestandsindeling wordt
automatisch ingesteld. Bestanden worden opgeslagen naar een computer. U kunt desgewenst
Automatische fotocorrectie toepassen.
Wanneer u op dit pictogram klikt, wordt het dialoogvenster Automatische scan (Auto Scan) geopend en
kunt u de instellingen voor opslaan opgeven.
Dialoogvenster Automatische scan (Auto Scan)
Opslaan naar computer (Save to PC)
Hiermee kunt u documenten en foto's scannen en ze opslaan op een computer. Het documenttype
kan automatisch worden gedetecteerd.
Wanneer u op dit pictogram klikt, wordt het dialoogvenster Opslaan (Save) geopend en kunt u de
instellingen voor scannen en opslaan opgeven.
Dialoogvenster Opslaan (Save) (Scherm voor modus Eenmaal klikken)
Opslaan als PDF-bestand (Save as PDF file)
Documenten scannen en opslaan als PDF-bestanden.
Wanneer u op dit pictogram klikt, wordt het dialoogvenster PDF geopend en kunt u de instellingen voor
de toepassing en voor scannen/opslaan opgeven.
Dialoogvenster PDF
Toevoegen aan e-mail (Attach to E-mail)
Documenten of foto's scannen en ze toevoegen aan een e-mailbericht.
Wanneer u op dit pictogram klikt, wordt het dialoogvenster Verzenden (Mail) geopend en kunt u de
instellingen voor scannen/opslaan en voor het e-mailprogramma opgeven.
Dialoogvenster Verzenden (Mail)
OCR
Tekstdocumenten scannen en de tekst in de afbeelding weergeven in Kladblok (geleverd bij
Windows).
Wanneer u op dit pictogram klikt, wordt het dialoogvenster OCR geopend en kunt u de instellingen
voor de toepassing en voor scannen/opslaan opgeven.
e
.b
U kunt scannen, opslaan, enzovoort. in één handeling, door op het bijbehorende pictogram te klikken.
re
Wijs Eenmaal klikken (One-click) in het scherm voor de navigatiemodus aan om het tabblad Aangepaste
scan met eenmaal klikken (Custom Scan with One-click) weer te geven.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Tabblad Aangepaste scan met eenmaal klikken (Custom Scan
with One-click)
Pagina 395 van 710 pagina's
nl
ow
D
Tabblad Aangepaste scan met eenmaal klikken (Custom Scan with One-...
Dialoogvenster OCR
d
de
oa
Opmerking
m
fro
Raadpleeg de handleiding van de toepassing voor de verdere procedure.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
Opmerking
w
Documenten scannen en openen in een opgegeven toepassing. Het documenttype wordt
automatisch gedetecteerd.
Wanneer u op dit pictogram klikt, wordt het dialoogvenster Aangepast (Custom) geopend en kunt u de
instellingen voor de toepassing en voor scannen/opslaan opgeven.
Dialoogvenster Aangepast (Custom)
w
Aangepast (Custom)
Raadpleeg de handleiding van de toepassing voor de verdere procedure.
Het scannen starten door op de knop te klikken (Start scanning by clicking the button)
Schakel dit selectievakje in en klik op een pictogram om meteen te beginnen met scannen
(Modus schakelen)
Overschakelen op de modus Eenmaal klikken. Het scherm voor de modus Eenmaal klikken wordt
weergegeven.
Scherm voor modus Eenmaal klikken
Dit venster bij het opstarten weergeven (Show this window at startup)
Schakel dit selectievakje in om het hoofdmenu bij het opstarten te openen. Het laatst gebruikte
scherm wordt geopend als dit selectievakje niet is ingeschakeld.
Voorkeuren (Preferences)
Het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences) wordt geopend. In het dialoogvenster Voorkeuren
(Preferences) kunt u geavanceerde instellingen definiëren voor MP Navigator EX-functies.
Dialoogvenster Voorkeuren (Preferences)
Handleiding
Deze handleiding openen.
Belangrijk
De volgende beperkingen zijn van toepassing wanneer u scant met Documenttype (Document
Type) ingesteld op Auto-mode (Auto Mode) in het dialoogvenster Opslaan (Save) of Aangepast
(Custom).
Als u tekst in de gescande afbeelding wilt omzetten in tekstgegevens, geeft u het Documenttype
(Document Type) op (selecteer niet de Auto-mode).
Verwant onderwerp
Eenvoudig scannen met eenmaal klikken
Naar boven
Pagina 396 van 710 pagina's
nl
ow
D
Scherm Foto's/documenten (plaat) (Photos/Documents (Platen)) (venst...
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Schermen van MP
Navigator EX > Scherm Foto's/documenten (plaat) (Photos/Documents (Platen)) (Venster Scan/Import. (Scan/Import))
(1) Knoppen voor instellingen en bewerkingen
(2) Werkbalk
(3) Venster met miniaturen
(4) Gebied met geselecteerde afbeeldingen
Knoppen voor instellingen en bewerkingen
(Toon & gebruik)
Klik hierop als u afbeeldingen en PDF-bestanden die op uw computer zijn opgeslagen wilt openen.
Het scherm Toon & gebruik (View & Use) wordt geopend.
Venster Toon & gebruik (View & Use)
Foto's/documenten (plaat) (Photos/Documents (Platen))
Hiermee opent u het scherm voor het scannen van foto's, documenten, tijdschriften ander drukwerk.
Documenttype (Document Type)
Selecteer het type document dat u wilt scannen.
Foto's scannen: Kleurenfoto (Color Photo) of Zwart-wit foto (Black and White Photo)
Tekstdocumenten scannen: Kleurendocument (Color Document), Zwart-wit document (Black and
White Document) of Tekst (OCR) (Text (OCR))
Tijdschriften scannen: Tijdschrift (kleur) (Magazine(Color))
Belangrijk
U kunt Documenttype (Document Type) niet selecteren als het selectievakje Scannerstuurpr.
e
.b
Open dit venster om documenten te scannen vanaf de glasplaat.
re
Wijs Scan/Import. (Scan/Import) aan in het scherm van de navigatiemodus en klik op Foto's/documenten
(plaat) (Photos/Documents (Platen)) om het scherm Foto's/documenten (plaat) (Photos/Documents
(Platen)) te openen (venster Scan/Import. (Scan/Import)).
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Scherm Foto's/documenten (plaat) (Photos/Documents
(Platen)) (Venster Scan/Import. (Scan/Import))
gebruiken (Use the scanner driver) is ingeschakeld.
Pagina 397 van 710 pagina's
nl
ow
D
Scherm Foto's/documenten (plaat) (Photos/Documents (Platen)) (venst...
m
fro
Het documentformaat, de resolutie en andere geavanceerde scaninstellingen opgeven.
Dialoogvenster Scan-instellingen (Scan Settings) (Foto's/documenten)
d
de
oa
Opgeven... (Specify...)
w
Opgeven... (Specify...) is niet beschikbaar als het selectievakje Scannerstuurpr. gebruiken (Use
the scanner driver) geselecteerd is.
Scannerstuurpr. gebruiken (Use the scanner driver)
Het scannen begint.
Opmerking
Deze knop verandert in Scannerstuurprogramma openen (Open Scanner Driver) als u het
selectievakje Scannerstuurpr. gebruiken (Use the scanner driver) inschakelt.
Scannerstuurprogramma openen (Open Scanner Driver)
ScanGear (scannerstuurprogramma) wordt gestart.
Zie 'Schermen van ScanGear (Scannerstuurprogramma ' voor meer informatie over de schermen
van ScanGear (scannerstuurprogramma).
Opmerking
Deze knop verandert in Scannen (Scan) als u het selectievakje Scannerstuurpr. gebruiken
(Use the scanner driver) inschakelt.
Wissen (Clear)
Alle afbeeldingen in het venster voor miniaturen verwijderen.
Opmerking
Afbeeldingen die niet op de computer zijn opgeslagen, worden verwijderd. Gebruik Opslaan
(Save) of een andere methode als u belangrijke afbeeldingen op de computer wilt opslaan,
voordat u op Wissen (Clear) klikt.
Opslaan (Save)
Sla de geselecteerde afbeeldingen op. Klik hierop om het dialoogvenster Opslaan (Save) te openen
en de instellingen voor opslaan op te geven.
Dialoogvenster Opslaan (Save)
Opslaan als PDF-bestand (Save as PDF file)
Sla de geselecteerde afbeeldingen als PDF-bestanden op. Klik hierop om het dialoogvenster
Opslaan als PDF-bestand (Save as PDF file) te openen en de instellingen voor opslaan op te geven.
Dialoogvenster Opslaan als PDF-bestand (Save as PDF file)
Naar het hoofdmenu gaan (Jump to Main Menu)
Naar het hoofdmenu gaan
Werkbalk
Voorkeuren (Preferences)
Het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences) wordt geopend. In het dialoogvenster Voorkeuren
(Preferences) kunt u geavanceerde instellingen definiëren voor MP Navigator EX-functies.
Dialoogvenster Voorkeuren (Preferences)
e
.b
Scannen (Scan)
re
Schakel dit selectievakje in als u wilt scannen met ScanGear (scannerstuurprogramma). Gebruik
ScanGear (scannerstuurprogramma) om tijdens het scannen afbeeldingen te corrigeren en kleuren
aan te passen.
or
nb
de
an
.v
w
w
Belangrijk
Pagina 398 van 710 pagina's
nl
ow
D
Scherm Foto's/documenten (plaat) (Photos/Documents (Platen)) (venst...
d
de
oa
Handleiding
Deze handleiding openen.
m
fro
Bewerkingshulpmiddelen
Hiermee annuleert u alle selecties in het venster met miniaturen.
Hiermee draait u de doelafbeelding (in het oranje kader) 90 graden linksom.
(Rechtsom roteren)
Hiermee draait u de doelafbeelding (in het oranje kader) 90 graden rechtsom.
(Omkeren (Invert))
Hiermee keert u de doelafbeelding (in het oranje kader) horizontaal om.
(Bijsnijden)
Hiermee snijdt u de doelafbeelding bij (in het oranje kader) in het venster voor miniaturen. Met
bijsnijden selecteert u het gebied in een foto dat u wilt behouden en verwijdert u de rest. Klik op
deze knop om het scherm Uitsnijden (Crop) te openen en het bijsnijdkader aan te geven.
Inzoomen (Zoom in)
Hiermee vergroot u de doelafbeelding (in het oranje kader). U kunt de afbeelding ook vergroten
door erop te dubbelklikken.
(Weergaveformaat (Display Size))
Hiermee wijzigt u het formaat van afbeeldingen in het venster voor miniaturen.
(Sorteren op)
Hiermee sorteert u de afbeeldingen in het venster voor miniaturen op categorie of op datum
(oplopend of aflopend).
Venster met miniaturen
Venster met miniaturen
Gescande afbeeldingen worden weergegeven.
Wanneer u het selectievakje van een afbeelding inschakelt, wordt de afbeelding weergegeven in het
gebied met geselecteerde afbeeldingen.
Opmerking
Miniaturen kunnen worden weergegeven als '?' wanneer er onvoldoende geheugen is om de
afbeeldingen weer te geven.
Wanneer afbeeldingen worden gesorteerd op Categorieën (Categories)
Alles sluiten (Close All) / Alles openen (Open All)
Alles sluiten (Close All)
Hiermee verbergt u alle afbeeldingen.
Alles openen (Open All)
Hiermee geeft u alle afbeeldingen weer.
e
.b
re
(Linksom roteren)
Opmerking
or
nb
de
an
.v
w
(Alles annuleren (Cancel All))
w
Hiermee selecteert u alle afbeeldingen in het venster met miniaturen.
w
(Alles selecteren (Select All))
Klik op Alles sluiten (Close All) om te schakelen naar Alles openen (Open All).
Pagina 399 van 710 pagina's
nl
ow
D
Scherm Foto's/documenten (plaat) (Photos/Documents (Platen)) (venst...
d
de
oa
m
fro
Gebied met geselecteerde afbeeldingen
(Selectie annuleren (Cancel Selection))
Hier worden de afbeeldingen weergegeven die in het venster met miniaturen zijn geselecteerd.
Verwant onderwerp
Foto's en documenten scannen
Naar boven
e
.b
Gebied met geselecteerde afbeeldingen
re
Hiermee maakt u de selectie ongedaan van de doelafbeelding (in het oranje kader) in het gebied
met geselecteerde afbeeldingen.
or
nb
de
an
.v
w
Hiermee maakt u de selectie ongedaan van alle afbeeldingen in het gebied met geselecteerde
afbeeldingen.
w
w
(Alles annuleren (Cancel All))
Pagina 400 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster Scan-instellingen (Scan Settings) (Foto's/documenten)
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Schermen van MP
Navigator EX > Dialoogvenster Scan-instellingen (Scan Settings) (Foto's/documenten)
Documenttype (Document Type)
Selecteer het type document dat u wilt scannen.
Foto's scannen: Kleurenfoto (Color Photo) of Zwart-wit foto (Black and White Photo)
Tekstdocumenten scannen: Kleurendocument (Color Document), Zwart-wit document (Black and
White Document) of Tekst (OCR) (Text (OCR))
Tijdschriften scannen: Tijdschrift (kleur) (Magazine(Color))
Belangrijk
Voor een correcte scan moet u een documenttype selecteren dat overeenkomt met het document
dat u wilt scannen.
Documentformaat (Document Size)
Selecteer het formaat van het document dat u wilt scannen.
Wanneer u Aangepast (Custom) selecteert, wordt een dialoogvenster geopend waarin u het
documentformaat kunt opgeven. Selecteer een van de Eenheden (Units), voer de Breedte (Width) en
Hoogte (Height) in en klik op OK.
Belangrijk
Wanneer u Automatisch detecteren (Auto Detect) selecteert, wordt de afbeelding mogelijk niet
gescand op de juiste positie en het juiste formaat. Wijzig het formaat in dat geval in het werkelijke
documentformaat (A4, Letter enz.). Lijn een hoek van het document uit met de hoek bij de pijl
(positiemarkering) van de glasplaat.
U kunt Autom. detecteren (meer documenten) (Auto Detect (Multiple Documents)) of Automatisch
e
.b
In het dialoogvenster Scan-instellingen (Scan Settings) kunt u geavanceerde instellingen voor scannen
opgeven.
re
Het dialoogvenster Scan-instellingen (Scan Settings)wordt geopend wanneer u klikt op Opgeven...
(Specify...) in het venster Scan/Import. (Scan/Import).
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Dialoogvenster Scan-instellingen (Scan Settings) (Foto's/
documenten)
Pagina 401 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster Scan-instellingen (Scan Settings) (Foto's/documenten)
Scanresolutie (Scanning Resolution)
d
de
oa
detecteren (Auto Detect) niet selecteren wanneer het Documenttype (Document Type) is
ingesteld op Tekst (OCR) (Text(OCR)).
Opmerking
Het scannen neemt meer tijd in beslag als u Moiré-reductie (Descreen) inschakelt.
Doorschijnendheid beperken (Reduce Show-through)
Schakel dit selectievakje in om tekst in een document scherper te maken of om het doorschijnen van
tekst in en te voorkomen.
Belangrijk
U kunt dit selectievakje niet inschakelen wanneer Documenttype (Document Type) is ingesteld
op Kleurenfoto (Color Photo), Zwart-wit foto (Black and White Photo) of Tekst (OCR) (Text(OCR)).
Opmerking
Schakel dit selectievakje in als het Documenttype (Document Type) een tekstdocument is en als
de gescande afbeelding doorschijnend is.
Beeld verscherpen (Unsharp Mask)
Schakel dit selectievakje in als u de contouren van de onderwerpen wilt benadrukken en het beeld wilt
verscherpen.
Belangrijk
Wanneer Documenttype (Document Type) is ingesteld op Tekst (OCR) (Text(OCR)), kunt u deze
instelling niet selecteren.
Schaduw van rugmarge verwijderen (Remove gutter shadow)
Schakel dit selectievakje in om schaduwen tussen pagina's bij het scannen van open boekjes te
corrigeren
Belangrijk
U kunt dit selectievakje niet inschakelen als Documentformaat (Document Size) is ingesteld op
Automatisch detecteren (Auto Detect), Autom. detecteren (meer documenten) (Auto Detect
(Multiple Documents)) of als de Assistent voor samenvoegen is geselecteerd.
Lijn het document goed uit met de positiemarkering op de plaat.
Opmerking
Gebruik het tabblad Geavanceerde modus (Advanced Mode) van ScanGear om schaduwen van
rugmarges te corrigeren bij het scannen van documenten die geen standaardformaat hebben of
e
.b
U kunt dit selectievakje niet inschakelen wanneer Documenttype (Document Type) is ingesteld
op Kleurenfoto (Color Photo), Zwart-wit foto (Black and White Photo) of Tekst (OCR) (Text(OCR)).
re
Belangrijk
or
nb
de
an
.v
w
Schakel dit selectievakje in om Moiré-patronen te reduceren.
Afgedrukte foto's en afbeeldingen worden weergegeven als een verzameling kleine puntjes. Moiré is
een verschijnsel waarbij ongelijkmatige gradatie of een streeppatroon zichtbaar is als foto’s of
afbeeldingen met fijne punten worden gescand. Moiré-reductie (Descreen) is de functie waarmee u dit
effect kunt verkleinen.
w
Moiré-reductie (Descreen)
w
Wanneer Documenttype (Document Type) is ingesteld op Tekst (OCR) (Text(OCR)), kunt u de
volgende scanresoluties opgeven.
300 dpi / 400 dpi
m
Opmerking
fro
Hier kunt u de resolutie selecteren waarmee documenten moeten worden gescand.
Resolutie
Pagina 402 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster Scan-instellingen (Scan Settings) (Foto's/documenten)
d
de
oa
wanneer u aangepaste bijsnijdkaders hebt ingesteld.
Zie Schaduwcorrectie van rugmarge (Gutter Shadow Correction) in ' Instellingen voor
afbeeldingen (Image Settings) ' (tabblad Geavanceerde modus (Advanced Mode) van ScanGear).
Schakel dit selectievakje in om de afdrukstand van het document af te leiden uit de gescande tekst en
de gescande afbeelding te roteren in de juiste afdrukstand. Selecteer de taal van het te scannen
document bij Documenttaal (Document Language).
Belangrijk
U kunt dit selectievakje niet inschakelen wanneer het Documenttype (Document Type) is
ingesteld op Kleurenfoto (Color Photo) of Zwart-wit foto (Black and White Photo).
U kunt dit selectievakje niet inschakelen als de Assistent voor samenvoegen is geselecteerd bij
Documentformaat (Document Size).
Afhankelijk van de taal van het document is het mogelijk dat deze functie niet goed werkt. Alleen
tekstdocumenten geschreven in een taal die beschikbaar is voor selectie bij Documenttaal
(Document Language), worden ondersteund.
De afdrukstand van de volgende typen documenten wordt mogelijk niet gecorrigeerd wanneer de
tekst niet correct kan worden gedetecteerd. Selecteer in dat geval de gescande afbeelding in het
venster met miniaturen van het scherm ' Foto's/documenten (plaat) (Photos/Documents (Platen))
(venster Scan/Import. (Scan/Import)) ' en roteer de afbeelding met de bewerkingshulpmiddelen.
- Resolutie ligt buiten het bereik van 300 dpi tot 600 dpi
- Tekengrootte ligt buiten het bereik van 8 punten tot 48 punten
- Documenten met speciale lettertypen, effecten, cursieve letters of met de hand geschreven tekst
- Documenten met achtergrondpatronen
Opmerking
Het scannen duurt langer dan gebruikelijk wanneer u Afdrukstand van tekstdocumenten
detecteren en afbeeldingen roteren (Detect the orientation of text documents and rotate images)
inschakelt.
Documenttaal (Document Language)
Selecteer de taal van het document dat u wilt scannen.
Belangrijk
U kunt dit selectievakje niet inschakelen wanneer het Documenttype (Document Type) is
ingesteld op Kleurenfoto (Color Photo) of Zwart-wit foto (Black and White Photo).
e
.b
Afdrukstand van tekstdocumenten detecteren en afbeeldingen roteren (Detect the orientation of
text documents and rotate images)
re
Het scannen neemt meer tijd in beslag als u Scheve documenten corrigeren (Correct slanted
document) inschakelt.
or
nb
de
an
.v
w
Opmerking
w
U kunt dit selectievakje niet inschakelen wanneer het Documenttype (Document Type) is
ingesteld op Kleurenfoto (Color Photo) of Zwart-wit foto (Black and White Photo).
U kunt dit selectievakje niet inschakelen als de Assistent voor samenvoegen is geselecteerd bij
Documentformaat (Document Size).
De helling van de volgende typen documenten wordt mogelijk niet gecorrigeerd wanneer de tekst
niet correct kan worden gedetecteerd.
- Documenten waarvan de tekstregels een hellingspercentage hebben van meer dan 10 graden
of waarvan de regels niet hetzelfde hellingspercentage hebben
- Documenten met zowel verticale als horizontale tekst
- Documenten met een zeer groot of zeer klein lettertype
- Documenten met weinig tekst
- Documenten met illustraties/afbeeldingen of met de hand geschreven tekst
- Documenten met zowel verticale als horizontale lijnen (tabellen)
w
Belangrijk
m
Schakel dit selectievakje in als u de gescande tekst wilt detecteren en de hoek van het document te
corrigeren (binnen -0,1 en -10 graden of +0,1 en +10 graden)
fro
Scheve documenten corrigeren (Correct slanted document)
Pagina 403 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster Scan-instellingen (Scan Settings) (Foto's/documenten)
Standaard (Defaults)
d
de
oa
U kunt dit selectievakje niet inschakelen als de Assistent voor samenvoegen is geselecteerd bij
Documentformaat (Document Size).
fro
m
Standaardinstellingen herstellen.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Naar boven
Pagina 404 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster Opslaan (Save)
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Schermen van MP
Navigator EX > Dialoogvenster Opslaan (Save)
Het dialoogvenster Opslaan (Save) wordt geopend wanneer u klikt op Opslaan (Save) in het venster
Scan/Import. (Scan/Import).
Hiermee wordt de map weergegeven waarin de gescande documenten moeten worden opgeslagen.
Als u de map wilt wijzigen, klikt u op Bladeren... (Browse...) om een andere map op te geven.
Standaard zijn de volgende mappen opgegeven.
Windows Vista: map MP Navigator EX in de map Afbeeldingen (Pictures)
Windows XP: map MP Navigator EX in de map Mijn afbeeldingen (My Pictures)
Windows 2000: map MP Navigator EX in de map Mijn afbeeldingen (My Pictures)
Bestandsnaam (File name)
Voer een bestandsnaam in voor de afbeelding die u wilt opslaan (maximaal 64 tekens). Wanneer u
meerdere bestanden opslaat, worden 4 cijfers aan elke bestandsnaam toegevoegd.
Type bestanden (Save as type)
Selecteer een bestandstype om de gescande afbeeldingen op te slaan.
Selecteer JPEG/Exif, TIFF of BMP.
Belangrijk
Wanneer Documenttype (Document Type) is ingesteld op Tekst (OCR) (Text(OCR)), kunt u geen
JPEG/Exif selecteren.
Instellen... (Set...)
Wanneer Type bestanden (Save as type) is ingesteld op JPEG/Exif
U kunt een compressietype opgeven voor JPEG-bestanden. Selecteer Hoog (lage compressie)
(High(Low Compression)), Standaard (Standard) of Laag (hoge compressie) (Low(High
Compression)).
Opslaan in een submap met huidige datum (Save to a Subfolder with Current Date)
Hiermee maakt u een submap in de map die is opgegeven in Opslaan in (Save in) met de huidige
datum. Sla in deze submap gescande afbeeldingen op. Er wordt een submap met een naam als
'2009_01_01' (Jaar_Maand_Dag) gemaakt.
Als dit selectievakje niet is ingeschakeld, worden bestanden rechtstreeks opgeslagen in de map die
is opgegeven in Opslaan in (Save in).
Naar boven
e
.b
Opslaan in (Save in)
re
In het dialoogvenster Opslaan (Save) kunt u instellingen opgeven voor het opslaan van afbeeldingen op
een computer.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Dialoogvenster Opslaan (Save)
Pagina 405 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster Opslaan als PDF-bestand (Save as PDF file)
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Schermen van MP
Navigator EX > Dialoogvenster Opslaan als PDF-bestand (Save as PDF file)
U kunt afbeeldingen die gescand zijn met 10501 of meer pixels in verticale en horizontale richting
niet opslaan.
Dialoogvenster dat wordt geopend wanneer u op Opslaan als PDF-bestand (Save as PDF
file) in het venster Scan/Import. (Scan/Import) klikt.
Dialoogvenster dat wordt geopend wanneer u klikt op Geselecteerde pagina's opslaan
(Save Selected Pages) of Alle pagina's opslaan (Save All Pages) in het venster PDFbestand maken/bewerken (Create/Edit PDF file)
e
.b
Belangrijk
re
In het dialoogvenster Opslaan als PDF-bestand (Save as PDF file) kunt u geavanceerde instellingen
opgeven voor het opslaan van gescande afbeeldingen als PDF-bestand. U kunt meerdere documenten
opslaan als één PDF-bestand of u kunt pagina's toevoegen aan een PDF-bestand dat is gemaakt met
MP Navigator EX.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Dialoogvenster Opslaan als PDF-bestand (Save as PDF file)
Type bestanden (Save as type)
Pagina 406 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster Opslaan als PDF-bestand (Save as PDF file)
PDF
d
de
oa
Selecteer een PDF-bestandstype om de gescande afbeeldingen op te slaan.
Belangrijk
Afbeeldingen kunnen alleen worden toegevoegd aan PDF-bestanden die zijn gemaakt met
MP Navigator EX. U kunt geen PDF-bestanden opgeven die met andere toepassingen zijn
gemaakt. Het is evenmin mogelijk PDF-bestanden op te geven die in andere
toepassingen zijn bewerkt.
Als een met wachtwoord beveiligd PDF-bestand wordt bewerkt, worden de wachtwoorden
verwijderd. Stel de wachtwoorden opnieuw in.
Wachtwoorden voor PDF-bestanden instellen
Instellen... (Set...)
Geef geavanceerde instellingen voor het maken van PDF-bestanden op. Zie ' Dialoogvenster PDFinstellingen (PDF Settings) ' voor meer informatie.
Instellingen wachtwoordbeveiliging (Password security settings)
Schakel dit selectievakje in om het dialoogvenster Wachtwoordbeveiliging - Instellingen (Password
Security -Settings) te openen, waarin u wachtwoorden kunt instellen voor het openen, bewerken en
afdrukken van PDF-bestanden.
Wachtwoorden voor PDF-bestanden instellen
Toevoegen aan (Add to)
Dit wordt weergegeven wanneer u PDF (pagina toevoegen) (PDF(Add Page)) selecteert bij Type
bestanden (Save as type) en het PDF-bestand opgeeft waaraan afbeeldingen worden toegevoegd.
Als u het bestand wilt wijzigen, klikt u op Bladeren... (Browse...) om een ander bestand op te geven.
Belangrijk
Afbeeldingen kunnen alleen worden toegevoegd aan PDF-bestanden die zijn gemaakt met MP
Navigator EX. U kunt geen PDF-bestanden opgeven die met andere toepassingen zijn
gemaakt. Het is evenmin mogelijk PDF-bestanden op te geven die in andere toepassingen zijn
bewerkt.
Bestandsnaam (File name)
Voer een bestandsnaam in voor de afbeelding die u wilt opslaan (maximaal 64 tekens). Wanneer u
meerdere bestanden opslaat, worden 4 cijfers aan elke bestandsnaam toegevoegd.
Opslaan in (Save in)
Hier wordt de map weergegeven waarin de PDF-bestanden moeten worden opgeslagen. Als u de
map wilt wijzigen, klikt u op Bladeren... (Browse...) om een andere map op te geven.
Standaard zijn de volgende mappen opgegeven.
Windows Vista: map MP Navigator EX in de map Afbeeldingen (Pictures)
Windows XP: map MP Navigator EX in de map Mijn afbeeldingen (My Pictures)
Windows 2000: map MP Navigator EX in de map Mijn afbeeldingen (My Pictures)
Opslaan in een submap met huidige datum (Save to a Subfolder with Current Date)
Hiermee maakt u een submap in de map die is opgegeven in Opslaan in (Save in) met de huidige
datum. Sla in deze submap gescande afbeeldingen op. Er wordt een submap met een naam als
e
.b
De gescande afbeeldingen toevoegen aan een PDF-bestand. De afbeeldingen worden
toegevoegd aan het eind van het PDF-bestand. U kunt de pagina's van het PDF-bestand
waaraan de afbeeldingen worden toegevoegd, niet opnieuw rangschikken.
re
PDF (pagina toevoegen) (PDF(Add Page))
or
nb
de
an
.v
w
PDF (meerdere pagina's) (PDF(Multiple Pages)) wordt weergegeven wanneer er
meerdere afbeeldingen zijn geselecteerd.
w
Opmerking
w
Meerdere afbeeldingen als één PDF-bestand opslaan.
m
PDF (meerdere pagina's) (PDF(Multiple Pages))
fro
Sla elk van de geselecteerde afbeeldingen op als afzonderlijk PDF-bestand.
Pagina 407 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster Opslaan als PDF-bestand (Save as PDF file)
d
de
oa
'2009_01_01' (Jaar_Maand_Dag) gemaakt.
Als dit selectievakje niet is ingeschakeld, worden bestanden rechtstreeks opgeslagen in de map
die is opgegeven in Opslaan in (Save in).
m
fro
Naar boven
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Pagina 408 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster PDF-instellingen (PDF Settings)
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Schermen van MP
Navigator EX > Dialoogvenster PDF-instellingen (PDF Settings)
In het dialoogvenster PDF-instellingen (PDF Settings) kunt u het PDF-compressietype en andere
geavanceerde instellingen voor het maken van PDF-bestanden opgeven.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Dialoogvenster PDF-instellingen (PDF Settings)
Zoeken op sleutelwoorden inschakelen (Enable keyword search)
Schakel dit selectievakje in als u tekens in een document wilt converteren naar tekstgegevens. U kunt
dan gemakkelijk zoeken op sleutelwoorden.
Documenttaal (Document Language)
Selecteer de taal van het document dat u wilt scannen.
Afdrukstand van tekstdocumenten detecteren en afbeeldingen roteren (Detect the orientation of
text documents and rotate images)
Schakel dit selectievakje in om de afdrukstand van het document af te leiden uit de gescande tekst en
de gescande afbeelding te roteren in de juiste afdrukstand.
Belangrijk
Afhankelijk van de taal van het document is het mogelijk dat deze functie niet goed werkt. Alleen
tekstdocumenten geschreven in een taal die beschikbaar is voor selectie bij Documenttaal
(Document Language), worden ondersteund.
De afdrukstand van de volgende typen documenten wordt mogelijk niet gecorrigeerd wanneer de
tekst niet correct kan worden gedetecteerd.
- Resolutie ligt buiten het bereik van 300 dpi tot 600 dpi
- Tekengrootte ligt buiten het bereik van 8 punten tot 48 punten
- Documenten met speciale lettertypen, effecten, cursieve letters of met de hand geschreven tekst
- Documenten met achtergrondpatronen
Scheve documenten corrigeren (Correct slanted document)
Schakel dit selectievakje in als u de gescande tekst wilt detecteren en de hoek van het document te
corrigeren (binnen -0,1 en -10 graden of +0,1 en +10 graden)
Belangrijk
De helling van de volgende typen documenten wordt mogelijk niet gecorrigeerd wanneer de tekst
niet correct kan worden gedetecteerd.
- Documenten waarvan de tekstregels een hellingspercentage hebben van meer dan 10 graden
of waarvan de regels niet hetzelfde hellingspercentage hebben
- Documenten met zowel verticale als horizontale tekst
- Documenten met een zeer groot of zeer klein lettertype
- Documenten met weinig tekst
- Documenten met illustraties/afbeeldingen of met de hand geschreven tekst
- Documenten met zowel verticale als horizontale lijnen (tabellen)
PDF-compressie (PDF Compression)
Pagina 409 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster PDF-instellingen (PDF Settings)
d
de
oa
Selecteer een type compressie voor het opslaan.
Standaard (Standard)
fro
m
Deze instelling wordt aanbevolen.
Belangrijk
Beveiliging (Security)
Hiermee kunt u wachtwoorden instellen voor het openen, bewerken en afdrukken van de gemaakte
PDF-bestanden.
Belangrijk
In Windows 2000 is voor deze functie is Internet Explorer 5.5 Service Pack 2 of hoger vereist.
Deze functie is niet beschikbaar als afbeeldingen automatisch worden opgeslagen nadat ze zijn
gescand, bijvoorbeeld wanneer u scant vanuit het scherm in de modus voor eenmaal klikken of
met het bewerkingspaneel van het apparaat.
Opmerking
Selecteer Wachtwoordbeveiliging (Password Security) en geef wachtwoorden op in het
dialoogvenster Wachtwoordbeveiliging - Instellingen (Password Security -Settings).
Wachtwoorden voor PDF-bestanden instellen
Naar boven
e
.b
Opmerking
De volgende afbeeldingen kunnen efficiënt worden gecomprimeerd.
- Afbeeldingen met een resolutie in het bereik van 75 dpi tot 600 dpi.
re
Sterk gecomprimeerde PDF-afbeeldingen kunnen in kwaliteit afnemen als u ze herhaaldelijk
met een hoge compressie opslaat.
or
nb
de
an
.v
w
Hiermee wordt het bestand gecomprimeerd tijdens het opslaan, waardoor u de netwerk-/
serverbelasting kunt verminderen.
w
w
Hoog (High)
Pagina 410 van 710 pagina's
nl
ow
D
Venster Toon gebruik (View Use)
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Schermen van MP
Navigator EX > Venster Toon & gebruik (View & Use)
Belangrijk
Alleen PDF-bestanden die zijn gemaakt met MP Navigator EX worden weergegeven. U kunt geen
PDF-bestanden weergeven die met andere toepassingen zijn gemaakt. Het is evenmin mogelijk
PDF-bestanden weer te geven die in andere toepassingen zijn bewerkt.
(1) Items voor weergave-instellingen
(2) Knoppen voor afbeeldingsverwerking
(3) Werkbalk
(4) Venster met miniaturen
(5) Gebied met geselecteerde afbeeldingen
Items voor weergave-instellingen
e
.b
Open dit venster om gescande afbeeldingen of op een computer opgeslagen afbeeldingen weer te
geven of te gebruiken.
re
Wijs Toon & gebruik (View & Use) aan in het scherm voor de navigatiemodus en klik op Mijn vak (gesc./
geïmp. afb.) (My Box (Scanned/Imported Images)), Map opgeven (Specify Folder) of Recent opgesl.
afbeeldingen (Recently Saved Images) om het venster Toon & gebruik (View & Use) te openen.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Venster Toon & gebruik (View & Use)
d
de
oa
Scan/Import. (Scan/Import)
Pagina 411 van 710 pagina's
nl
ow
D
Venster Toon gebruik (View Use)
m
fro
Klik hierop als u foto's, documenten, tijdschriften en andere materialen wilt scannen. Het venster
Scan/Import. (Scan/Import) wordt geopend.
Scherm Foto's/documenten (plaat) (Photos/Documents (Platen)) (Venster Scan/Import. (Scan/
Import))
Map opgeven (Specify Folder)
Geeft alle vaste schijven en mappen in een mapstructuur weer. Selecteer een map om de
afbeeldingen weer te geven in het venster met miniaturen rechts op het scherm.
Als u een map selecteert en aanklikt, wordt de mapnaam gemarkeerd en kunt u deze wijzigen.
Recent opgesl. afbeeldingen (Recently Saved Images)
Gescande/geïmporteerde afbeeldingen' en afbeeldingen die zijn 'toegevoegd aan e-mail' of
'verzonden naar toepassing', worden in een mapstructuur weergegeven, gesorteerd op datum.
Selecteer een maand/dag/jaar-map om de afbeeldingen op datum weer te geven in het venster met
miniaturen rechts.
De datum van de afbeelding is de datum waarop deze is gescand of verzonden.
Zoeken (Search)
De geavanceerde zoekopties worden geopend.
Afbeeldingen zoeken
Naar het hoofdmenu gaan (Jump to Main Menu)
Naar het hoofdmenu gaan
Knoppen voor afbeeldingsverwerking
Knoppen voor afbeeldingsverwerking
Hier kunt u opgeven wat er moet gebeuren met de geselecteerde afbeeldingen. Zie de
onderstaande onderwerpen voor meer informatie over elke knop.
PDF-bestanden maken/bewerken
Documenten afdrukken
Foto's afdrukken
Via e-mail verzenden
Bestanden bewerken
Opmerking
De knoppen in het gebied met knoppen voor afbeeldingsverwerking worden weergegeven
wanneer de bijbehorende toepassingen zijn geïnstalleerd.
Werkbalk
Voorkeuren (Preferences)
Het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences) wordt geopend. In het dialoogvenster Voorkeuren
(Preferences) kunt u geavanceerde instellingen definiëren voor MP Navigator EX-functies.
Dialoogvenster Voorkeuren (Preferences)
Handleiding
Deze handleiding openen.
Bewerkingshulpmiddelen
(Alles selecteren (Select All))
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
Hiermee geeft u de mappen met afbeeldingen (gerangschikt op jaar, jaar/maand en jaar/maand/
datum) in Mijn vak weer in een mapstructuur. Selecteer een map om de inhoud weer te geven in het
miniaturenvenster aan de rechterkant.
De datum van de afbeelding is de datum waarop deze is gescand, opgenomen of bijgewerkt.
w
w
Mijn vak (gesc./geïmp. afb.) (My Box (Scanned/Imported Images))
Hiermee selecteert u alle afbeeldingen in het venster met miniaturen.
m
fro
Hiermee annuleert u alle selecties in het venster met miniaturen.
d
de
oa
(Alles annuleren (Cancel All))
Pagina 412 van 710 pagina's
nl
ow
D
Venster Toon gebruik (View Use)
Venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images)
re
or
nb
de
an
.v
w
aanpassen.
w
Hiermee kunt u de doelafbeelding corrigeren (in het oranje kader) Klik op deze knop om het
dialoogvenster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images) te openen waarin
u afbeeldingen kunt corrigeren/verbeteren en de helderheid, het contrast, enzovoort kunt
w
(Afbeeldingen corrigeren/verbeteren)
e
.b
Belangrijk
Het corrigeren/verbeteren van afbeeldingen kan niet worden toegepast op PDF-bestanden
of zwart-wit binaire bestanden.
Inzoomen (Zoom in)
Hiermee vergroot u de doelafbeelding (in het oranje kader). U kunt de afbeelding ook vergroten
door erop te dubbelklikken. U kunt alle pagina's selecteren wanneer u een PDF-bestand
selecteert.
U kunt ook bestandsinformatie selecteren zoals de bestandsnaam, datum, grootte en
beveiligingsinstellingen. Voor PDF-bestanden waarvoor een Wachtwoord voor openen
document (Document Open Password) is ingesteld, wordt een vergrendelingspictogram
weergegeven.
PDF-bestanden die met een wachtwoord zijn beveiligd openen of bewerken
(Zoeken)
Voer een woord of een aantal woorden in uit de bestandsnaam, de Exif-informatie of de PDF(zoekknop) Voor Exif-informatie
tekst van de afbeelding waar u naar op zoek bent en klik op
wordt de tekst in Gemaakt door (Maker), Model, Beschrijving (Description) enOpmerking
gebruiker (User Comment) doorzocht.
Opmerking
U kunt afbeeldingen zoeken in Mijn vak (gesc./geïmp. afb.) (My Box (Scanned/Imported
Images)), Recent opgesl. afbeeldingen (Recently Saved Images) of een geselecteerde
map en de submappen daarvan.
(Vernieuwen)
Hiermee vernieuwt u de inhoud van het venster met miniaturen.
(Weergaveformaat (Display Size))
Hiermee wijzigt u het formaat van afbeeldingen in het venster voor miniaturen.
(Sorteren op)
Hiermee sorteert u de afbeeldingen in het venster voor miniaturen op categorie, datum
(oplopend of aflopend) of naam (oplopend of aflopend).
Afbeeldingen kunnen alleen op categorie worden gesorteerd als Mijn vak (gesc./geïmp. afb.)
(My Box (Scanned/Imported Images)) of Map opgeven (Specify Folder) wordt weergegeven.
Venster met miniaturen
Venster met miniaturen
Gescande afbeeldingen worden weergegeven.
Wanneer u het selectievakje van een afbeelding inschakelt, wordt de afbeelding weergegeven in het
gebied met geselecteerde afbeeldingen.
Als u een afbeelding selecteert en de bestandsnaam aanklikt, wordt deze gemarkeerd en kunt u de
naam wijzigen.
Pagina 413 van 710 pagina's
nl
ow
D
Venster Toon gebruik (View Use)
d
de
oa
U kunt een afbeelding verslepen om de volgende bewerkingen uit te voeren.
- Verplaatsen tussen categorieën binnen het venster met miniaturen
- Verplaatsen naar een categoriemap die wordt weergegeven in Mijn vak (gesc./geïmp. afb.) (My Box
(Scanned/Imported Images))
- Kopiëren naar een map die wordt weergegeven in Map opgeven (Specify Folder)
m
fro
w
e
.b
re
In Windows 2000 hebt u Internet Explorer 5.5 Service Pack 2 of hoger nodig om PDFbestanden met een wachtwoord te kunnen openen.
U kunt de extensie (.jpg, .pdf enz.) niet wijzigen als u een bestandsnaam wijzigt.
U kunt afbeeldingen niet verplaatsen of kopiëren naar de datummappen die worden
weergegeven in de mapstructuur in Mijn vak (gesc./geïmp. afb.) (My Box (Scanned/Imported
Images)) of Recent opgesl. afbeeldingen (Recently Saved Images).
or
nb
de
an
.v
w
w
Belangrijk
Opmerking
Voor PDF-bestanden waarvoor een Wachtwoord voor openen document (Document Open
Password) is ingesteld, wordt een vergrendelingspictogram weergegeven.
Miniaturen kunnen worden weergegeven als '?' in de volgende gevallen.
- U opent niet-ondersteunde afbeeldingen
- Het bestandsformaat is te groot en er is onvoldoende geheugen beschikbaar om de
afbeelding weer te geven
- Het bestand is beschadigd
Wanneer afbeeldingen worden gesorteerd op Categorieën (Categories)
Gescande afbeeldingen worden per categorie weergegeven.
Opmerking
Sommige afbeeldingen worden mogelijk niet juist gedetecteerd en daardoor niet in de juiste
categorieën geclassificeerd. In dat geval versleept u de afbeelding van de ene naar de andere
categorie.
Categorienaam afbeeldingen: N (Geselecteerd: N)
Categorienaam
U beschikt over de volgende categorieën.
Foto's: Staand (Portrait), Overig (Others)
Documenten: Visitekaartje (Business Card), Ansichtkaart (Postcard), Standaardformaat
(Standard Size), PDF-bestand (PDF File) en Overig (Others)
Aangepaste categorieën: hiermee geeft u uw aangepaste categorieën weer.
Niet-geclassificeerd: hiermee geeft u afbeeldingen weer die niet zijn geclassificeerd.
Afbeeldingen: N (Images: N)
Het aantal afbeeldingen dat in die categorie is geclassificeerd wordt weergegeven.
(Geselecteerd: n) ((Selected: n))
Het aantal afbeeldingen waarvan het selectievakje is ingeschakeld wordt weergegeven.
Opmerking
Dit gedeelte wordt alleen weergegeven als een of meer afbeeldingen zijn
geselecteerd.
Alles sluiten (Close All) / Alles openen (Open All)
Alles sluiten (Close All)
Hiermee verbergt u alle afbeeldingen.
Pagina 414 van 710 pagina's
nl
ow
D
Venster Toon gebruik (View Use)
m
fro
Hiermee geeft u alle afbeeldingen weer.
d
de
oa
Alles openen (Open All)
Opmerking
Alle categorieën (All Categories)
Hiermee worden alle categorieën en afbeeldingen weergegeven.
Opmerking
Klik op Spec. categorieën (Specific Categories) om te schakelen naar Alle categorieën (All
Categories).
Aangepaste categorieën bewerken (Edit Custom Categories)
Als Mijn vak (gesc./geïmp. afb.) (My Box (Scanned/Imported Images)) of Map opgeven (Specify
Folder) is weergegeven, opent u het dialoogvenster Aangepaste categorieën bewerken (Edit
Custom Categories).
In het dialoogvenster Aangepaste categorieën bewerken (Edit Custom Categories) kunt u
categorieën toevoegen of verwijderen die worden weergegeven in Aangepaste categorieën
(Custom Categories).
Zie 'Afbeeldingen classificeren in categorieën ' voor meer informatie.
Afbeeldingen classificeren (Classify Images)
Van vaste schijven geïmporteerde afbeeldingen verschijnen in Niet-geclassificeerd
(Unclassified). Klik op Afbeeldingen classificeren (Classify Images) om ze automatisch in te
delen.
Deze knop wordt alleen weergegeven als Mijn vak (gesc./geïmp. afb.) (My Box (Scanned/
Imported Images)) of Map opgeven (Specify Folder) wordt weergegeven.
Opmerking
Het classificeren kan even duren als er veel afbeeldingen geclassificeerd moeten worden.
Gebied met geselecteerde afbeeldingen
(Alles annuleren (Cancel All))
Hiermee maakt u de selectie ongedaan van alle afbeeldingen in het gebied met geselecteerde
afbeeldingen.
(Selectie annuleren (Cancel Selection))
Hiermee maakt u de selectie ongedaan van de doelafbeelding (in het oranje kader) in het gebied
met geselecteerde afbeeldingen.
e
.b
Hiermee worden categorieën met afbeeldingen en de afbeeldingen in deze categorieën
weergegeven.
re
Spec. categorieën (Specific Categories)
or
nb
de
an
.v
w
U kunt de weergave van categorieën verfijnen, zodat alleen categorieën met afbeeldingen
worden weergegeven. Als u de categorieweergave verfijnt, worden meer afbeeldingen
weergegeven in het gebied met de miniaturenlijst. Hierdoor kunt u afbeeldingen eenvoudiger
vinden en verplaatsen.
Deze knop wordt alleen weergegeven als Mijn vak (gesc./geïmp. afb.) (My Box (Scanned/
Imported Images)) of Map opgeven (Specify Folder) wordt weergegeven.
w
Spec. categorieën (Specific Categories) / Alle categorieën (All Categories)
w
Direct nadat u het venster Toon & gebruik (View & Use) hebt geopend of afbeeldingen hebt
gesorteerd, worden alle afbeeldingen weergegeven en wordt Alles sluiten (Close All)
weergegeven.
Klik op Alles sluiten (Close All) om te schakelen naar Alles openen (Open All).
Gebied met geselecteerde afbeeldingen
Pagina 415 van 710 pagina's
nl
ow
D
Venster Toon gebruik (View Use)
d
de
oa
Hier worden de afbeeldingen weergegeven die in het venster met miniaturen zijn geselecteerd.
fro
m
Verwant onderwerp
Naar boven
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Afbeeldingen openen die op een computer zijn opgeslagen
Pagina 416 van 710 pagina's
nl
ow
D
Venster PDF-bestand maken/bewerken (Create/Edit PDF file)
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Schermen van MP
Navigator EX > Venster PDF-bestand maken/bewerken (Create/Edit PDF file)
EX.
Belangrijk
U kunt afbeeldingen die gescand zijn met 10501 of meer pixels in verticale en horizontale richting
niet opslaan.
Als een met wachtwoord beveiligd PDF-bestand wordt bewerkt, worden de wachtwoorden
verwijderd. Stel de wachtwoorden opnieuw in.
Wachtwoorden voor PDF-bestanden instellen
U kunt maximaal 99 pagina's maken of bewerken met MP Navigator EX.
Pagina's opnieuw schikken (Rearrange Pages)
U kunt de geselecteerde afbeelding (in een oranje kader) verplaatsen.
Hiermee verplaatst u de geselecteerde afbeelding naar het begin.
Hiermee verplaatst u de geselecteerde afbeelding één pagina omhoog.
Hiermee verplaatst u de geselecteerde afbeelding één pagina omlaag.
Hiermee verplaatst u de geselecteerde afbeelding naar het einde.
Opmerking
U kunt de afbeelding ook slepen om de volgorde te wijzigen.
e
.b
In het dialoogvenster PDF-bestand maken/bewerken (Create/Edit PDF file) kunt u pagina's toevoegen of
verwijderen en de volgorde wijzigen van pagina's in PDF-bestanden die zijn gemaakt met MP Navigator
re
Klik op PDF in het scherm Toon & gebruik (View & Use) en klik op PDF-bestand maken/bewerken
(Create/Edit PDF file) in de lijst om het dialoogvenster PDF-bestand maken/bewerken (Create/Edit PDF
file) te openen.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Venster PDF-bestand maken/bewerken (Create/Edit PDF file)
Geselecteerde pagina's verwijderen (Delete Selected Pages)
Pagina toevoegen (Add Page)
d
de
oa
Hiermee verwijdert u de geselecteerde afbeelding.
Pagina 417 van 710 pagina's
nl
ow
D
Venster PDF-bestand maken/bewerken (Create/Edit PDF file)
m
fro
Hiermee kunt u een bestaand PDF-bestand selecteren en toevoegen.
Hiermee annuleert u de laatste wijziging.
Geselecteerde pagina's opslaan (Save Selected Pages)
Opent het dialoogvenster Opslaan als PDF-bestand (Save as PDF file). Geef de gewenste instellingen
op. Alleen de geselecteerde pagina wordt opgeslagen.
Opmerking
Wanneer er meerdere pagina's zijn geselecteerd, wordt een PDF-bestand met meerdere
pagina's gemaakt.
Zie 'Dialoogvenster Opslaan als PDF-bestand (Save as PDF file) ' voor meer informatie over het
dialoogvenster Opslaan als PDF-bestand (Save as PDF file).
Alle pagina's opslaan (Save All Pages)
Opent het dialoogvenster Opslaan als PDF-bestand (Save as PDF file). Geef de gewenste instellingen
op. Hiermee slaat u alle PDF-bestanden in de lijst op als één PDF-bestand.
Voltooien (Finish)
Hiermee sluit u het dialoogvenster PDF-bestand maken/bewerken (Create/Edit PDF file).
Werkbalk
(Linksom roteren)
De pagina wordt 90 graden tegen de klok in gedraaid.
(Rechtsom roteren)
De pagina wordt 90 graden met de klok mee gedraaid.
(Voorbeeldmodus)
Hiermee schakelt u over op de voorbeeldmodus.
Het geselecteerde bestand wordt weergegeven bij Voorbeeld.
(Vergroten)
e
.b
Hiermee annuleert u alle aangebrachte wijzigingen.
re
Herstellen (Reset)
or
nb
de
an
.v
w
Ongedaan maken (Undo)
w
Als u een met wachtwoord beveiligd PDF-bestand wilt toevoegen, hebt u het wachtwoord nodig.
w
Opmerking
De afbeelding in het voorbeeldgebied wordt vergroot.
d
de
oa
(Verkleinen)
Pagina 418 van 710 pagina's
nl
ow
D
Venster PDF-bestand maken/bewerken (Create/Edit PDF file)
fro
De afbeelding in het voorbeeldgebied wordt verkleind.
m
w
De afbeelding wordt vergroot of verkleind zodat deze in het voorbeeldgebied in volledig scherm
wordt weergegeven.
(Miniatuurmodus)
e
.b
Naar boven
re
Hiermee schakelt u over op de miniatuurmodus. Er worden miniaturenweergaven van bestanden
weergegeven.
or
nb
de
an
.v
w
w
(Volledig scherm)
Pagina 419 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster Document afdrukken
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Schermen van MP
Navigator EX > Dialoogvenster Document afdrukken
Klik op Afdrukken (Print) in het scherm Toon & gebruik (View & Use), en klik vervolgens op Document
afdrukken (Print Document) in de lijst om het dialoogvenster Document afdrukken te openen.
De mogelijke instellingen in het dialoogvenster Document afdrukken variëren per printer.
Printer
Selecteer de printer die u wilt gebruiken.
Papierbron (Paper Source)
Selecteer de papierbron.
Pagina-indeling (Page Layout)
Selecteer een afdruktype.
Afdrukken op normaal formaat (Normal-size Printing)
Er wordt één afbeelding per vel afgedrukt.
Afdrukken op schaal (Scaled Printing)
U kunt afbeeldingen afdrukken op de geselecteerde schaal (vergroot of verkleind).
Passend op papierformaat (Fit-to-Page Printing)
De afbeelding wordt aangepast aan het papierformaat (vergroot of verkleind).
Afdrukken zonder marges (Borderless Printing)
De afbeelding wordt afgedrukt op een volledig vel papier, zonder marges.
Pagina-ind. afdr. (2 op 1) (Page Layout Printing (2 on 1))
Twee pagina's indelen en op een vel papier afdrukken.
Pagina-ind. afdr. (4 op 1) (Page Layout Printing (4 on 1))
Vier pagina's indelen en op een vel papier afdrukken.
Vergroten/verkleinen
Afbeeldingen bij het afdrukken vergroten of verkleinen.
e
.b
Opmerking
re
In het dialoogvenster Document afdrukken kunt u geavanceerde instellingen opgeven voor het afdrukken
van meerdere gescande afbeeldingen tegelijk.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Dialoogvenster Document afdrukken
Pagina 420 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster Document afdrukken
d
de
oa
(Vergroten/verkleinen)
Een vergrote of verkleinde afbeelding afdrukken door een schaal op te geven in stappen van 1%.
Bij normaal formaat (100%) is het mogelijk dat bepaalde afbeeldingen klein worden afgedrukt of
dat sommige stukken zijn afgekapt. Selecteer in dit geval Auto om het formaat van de afdruk in
verhouding te brengen met het papierformaat.
Papierformaat (Paper Size)
Selecteer het formaat van het papier waarop u afdrukt. Stel het formaat in op het formaat van het papier
dat in de printer is geladen.
Opmerking
De mogelijke papierformaten hangen af van de geselecteerde printer.
Mediumtype (Media Type)
Selecteer het type papier waarop u afdrukt. De geboden afdrukkwaliteit kan afhankelijk zijn van het
ingestelde papiertype.
Opmerking
De mogelijke papiersoorten zijn afhankelijk van de geselecteerde printer.
Afdrukkwaliteit (Print Quality)
Selecteer de afdrukkwaliteit.
Dichtheid
Klik op
(dichtheidsaanpassing) om de afdrukdichtheid te selecteren.
Aantal
Klik op
worden afgedrukt.
(kopieerinstelling) om het aantal exemplaren te selecteren dat moet
Afdrukken in grijstinten (Grayscale Printing)
Schakel dit selectievakje in wanneer u het document in zwart-wit wilt afdrukken.
Afdrukvoorbeeld (Preview before printing)
Schakel dit selectievakje in om voorafgaand aan het afdrukken het resultaat weer te geven.
Standaard (Defaults)
Standaardinstellingen herstellen.
Afdrukken (Print)
Afdrukken starten met de opgegeven instellingen.
Opmerking
Als u wilt annuleren tijdens het spoolen, klikt u op Annuleren (Cancel). Als u het afdrukken wilt
annuleren, klikt u op Afdrukken annuleren (Cancel Printing) in het bevestigingsvenster voor de
printerstatus. Als u het bevestigingsvenster voor de printerstatus wilt openen, klikt u op het
printerpictogram op de taakbalk.
Naar boven
e
.b
re
Belangrijk
or
nb
de
an
.v
w
Selecteer een factor in de lijst.
w
Schaal (Scale)
w
Schaal wordt automatisch aangepast op basis van de gedetecteerde papierbreedte en het
geselecteerde papierformaat. De afbeelding kan 90 graden gedraaid worden afgedrukt,
afhankelijk van het formaat.
m
fro
Auto
Pagina 421 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster Foto afdrukken (Print Photo)
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Schermen van MP
Navigator EX > Dialoogvenster Foto afdrukken (Print Photo)
Klik op Afdrukken (Print) in het scherm Toon & gebruik (View & Use) en klik op Foto afdrukken (Print
Photo) in de lijst om het dialoogvenster Foto afdrukken (Print Photo) te openen.
Belangrijk
Het dialoogvenster Foto afdrukken (Print Photo) wordt niet geopend als Easy-PhotoPrint EX is
geïnstalleerd. In dat geval wordt Easy-PhotoPrint EX gestart.
PDF-bestanden kunnen niet worden afgedrukt.
Opmerking
Dubbelklik op een afbeelding om deze weer te geven in een ander venster.
Printer
Selecteer de printer die u wilt gebruiken.
Eigenschappen... (Properties...)
Hiermee geeft u het scherm met geavanceerde printerinstellingen weer.
Papierformaat (Paper Size)
Selecteer het formaat van het papier waarop u afdrukt. Stel het formaat in op het formaat van het papier
dat in de printer is geladen.
Mediumtype (Media Type)
Selecteer het type papier waarop u afdrukt. De geboden afdrukkwaliteit kan afhankelijk zijn van het
ingestelde papiertype.
Pagina-indeling (Page Layout)
Selecteer een afdruktype.
Afdrukken op normaal formaat (Normal-size Printing)
Er wordt één afbeelding per vel afgedrukt.
Passend op papierformaat (Fit-to-Page Printing)
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Dialoogvenster Foto afdrukken (Print Photo)
Pagina 422 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster Foto afdrukken (Print Photo)
De afbeelding wordt aangepast aan het papierformaat (vergroot of verkleind).
Schakel dit selectievakje in om de afbeelding op een gehele pagina, zonder kader, af te drukken.
d
de
oa
Afdrukken zonder marges (Borderless Printing)
fro
m
Belangrijk
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
Geef de afdrukstand op.
w
Afdrukstand (Orientation)
w
De instelling Pagina-indeling (Page Layout) wordt uitgeschakeld als u Afdrukken zonder marges
(Borderless Printing) selecteert.
Deze instelling is alleen beschikbaar voor printers die afdrukken zonder marges ondersteunen.
Belangrijk
Deze instelling is alleen beschikbaar wanneer Pagina-indeling (Page Layout) is ingesteld op
Afdrukken op normaal formaat (Normal-size Printing). Bij andere instellingen wordt de afbeelding
automatisch geroteerd zodat deze goed op het papier past.
Aantal (Copies)
Geef het aantal af te drukken exemplaren op.
Vivid Photo
Schakel dit selectievakje in om de afbeelding af te drukken met levendige kleuren.
Afdrukvoorbeeld (Preview before printing)
Schakel dit selectievakje in om voorafgaand aan het afdrukken het resultaat weer te geven.
Afdrukken (Print)
Starten met afdrukken.
Opmerking
Alleen de afbeeldingen waarbij het selectievakje in het venster met miniaturen is ingeschakeld,
worden afgedrukt.
Sluiten (Close)
Hiermee sluit u het dialoogvenster zonder de foto af te drukken.
Naar boven
Pagina 423 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster Via e-mail verzenden (Send via E-mail)
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Schermen van MP
Navigator EX > Dialoogvenster Via e-mail verzenden (Send via E-mail)
Klik Op Verzenden (Send) in het scherm Toon & gebruik (View & Use) en klik op Toevoegen aan e-mail
(Attach to E-mail) in de lijst om het dialoogvenster Via e-mail verzenden (Send via E-mail) te openen.
MP Navigator EX is compatibel met de volgende e-mailprogramma's:
- Windows Mail (Windows Vista)
- Outlook Express (Windows XP/Windows 2000)
- Microsoft Outlook
(Als een e-mailprogramma niet naar behoren functioneert, controleert u of de MAPI-instelling van
het mailprogramma is ingeschakeld. Raadpleeg de handleiding van het e-mailprogramma voor
meer informatie.)
E-mailprogramma (Mail Program)
Het e-mailprogrammma dat is ingesteld via Voorkeuren (Preferences) in het scherm voor de
navigatiemodus wordt weergegeven. Selecteer het gewenste e-mailprogramma.
Bestandsgrootte van bijlage aanpassen (Adjust attachment file size)
Als Type bestanden (Save as type) is ingesteld op JPEG, kunt u het formaat van afbeeldingen wijzigen
door dit selectievakje in te schakelen. Selecteer een formaat bij Grootte (Size).
Opslaan in (Save in)
Hier wordt de map weergegeven waarin de afbeeldingen moeten worden opgeslagen. Als u de map
wilt wijzigen, klikt u op Bladeren... (Browse...) om een andere map op te geven. Indien het formaat is
gewijzigd, worden de afbeeldingen met het nieuwe formaat opgeslagen.
Standaard zijn de volgende mappen opgegeven.
Windows Vista: map MP Navigator EX in de map Afbeeldingen (Pictures)
Windows XP: map MP Navigator EX in de map Mijn afbeeldingen (My Pictures)
Windows 2000: map MP Navigator EX in de map Mijn afbeeldingen (My Pictures)
Bestandsnaam (File name)
Voer een bestandsnaam in voor de afbeelding die u wilt toevoegen (maximaal 64 tekens). Wanneer u
meerdere bestanden opslaat, worden 4 cijfers aan elke bestandsnaam toegevoegd.
Instellen... (Set...)
U kunt een compressietype opgeven voor JPEG-bestanden.
Selecteer Hoog (lage compressie) (High(Low Compression)), Standaard (Standard) of Laag (hoge
compressie) (Low(High Compression)).
e
.b
Belangrijk
re
In het dialoogvenster Via e-mail verzenden (Send via E-mail) kunt u geavanceerde instellingen opgeven
voor het bijvoegen van afbeeldingen aan e-mailberichten.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Dialoogvenster Via e-mail verzenden (Send via E-mail)
Pagina 424 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster Via e-mail verzenden (Send via E-mail)
Naar boven
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Pagina 425 van 710 pagina's
nl
ow
D
Venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images)
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Schermen van MP
Navigator EX > Venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images)
U kunt ook de bronafbeelding naast de bijgewerkte afbeelding weergeven om deze te vergelijken.
Belangrijk
Het corrigeren/verbeteren van afbeeldingen kan niet worden toegepast op PDF-bestanden of zwartwit binaire bestanden.
Opmerking
U kunt het venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images) ook openen door
(Afbeeldingen corrigeren/verbeteren) in het dialoogvenster Inzoomen (Zoom in) te klikken.
op
Het corrigeren van grote afbeeldingen kan enige tijd duren.
Raadpleeg ' Venster Toon & gebruik (View & Use) ' voor meer informatie over het venster Toon &
gebruik (View & Use).
(1) Taakgebied
(2) Werkbalk
Taakgebied
Beschikbare taken en instellingen zijn verschillend op de tabbladen Auto en Handmatig (Manual).
Klik op Auto of Handmatig (Manual) om het bijbehorende tabblad te openen.
e
.b
U kunt in het dialoogvenster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images)
geavanceerde instellingen definiëren, zoals instellingen voor het corrigeren en verbeteren van
afbeeldingen en het aanpassen van de helderheid en het contrast.
re
(Afbeeldingen corrigeren/verbeteren) in het scherm Toon & Gebruik (View & Use) of klik op
Klik op
Foto Afbeeldingen herstellen (Fix photo images) in het gebied met taakknoppen om het dialoogvenster
Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images) te openen.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance
Images)
Tabblad Auto
Pagina 426 van 710 pagina's
nl
ow
D
Venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images)
d
de
oa
Met de functies op het tabblad Auto kunt u correcties en verbeteringen op de afbeelding in zijn geheel
toepassen.
m
fro
Zie 'Afbeeldingen automatisch corrigeren/verbeteren ' voor meer informatie.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Automatische fotocorrectie (Auto Photo Fix)
Hiermee worden automatische fotocorrecties toegepast.
Voorrang geven aan Exif-info (Prioritize Exif Info)
Schakel dit selectievakje in om correcties toe te passen die voornamelijk zijn gebaseerd op de
instellingen die waren geselecteerd op het moment van vastleggen.
Schakel dit selectievakje uit om correcties toe te passen op basis van de resultaten van de
afbeeldingsanalyse. Deze instelling wordt aanbevolen.
Opmerking
Exif is een standaardindeling waarmee u verschillende opnamegegevens kunt toevoegen
aan afbeeldingen van digitale camera's (JPEG).
Gezicht scherper maken (Face Sharpener)
Hiermee kunt u onscherpe gezichten verscherpen.
Geef met de schuifregelaar het niveau van het effect op.
Gezicht digitaal effenen (Digital Face Smoothing)
Hiermee kunt u de huid verbeteren door oneffenheden en rimpels te verwijderen.
Geef met de schuifregelaar het niveau van het effect op.
Toepassen op alle afbeeldingen (Apply to all images)
Hiermee wordt de correctie toegepast op alle afbeeldingen die worden weergegeven in de
miniaturenlijst.
OK
Hiermee past u het geselecteerde effect toe op de geselecteerde afbeelding of op alle
afbeeldingen.
Geselecteerde afbeelding herstellen (Reset Selected Image)
Hiermee annuleert u alle correcties en verbeteringen die u op de geselecteerde afbeelding hebt
toegepast.
Geselecteerde afbeelding opslaan (Save Selected Image)
Hiermee slaat u de geselecteerde gecorrigeerde afbeeldingen op.
Alle gecorrigeerde afbeeldingen opslaan (Save All Corrected Images)
Hiermee slaat u alle gecorrigeerde afbeeldingen op die worden weergegeven in het venster met
miniaturen.
Afsluiten (Exit)
Het venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images) sluiten.
Pagina 427 van 710 pagina's
nl
ow
D
Venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images)
d
de
oa
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
Aanpassing
w
Zie 'Afbeeldingen handmatig corrigeren/verbeteren ' voor meer informatie.
w
Gebruik Corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance) als u specifieke gedeelten wilt corrigeren/verbeteren.
m
Gebruik Aanpassen (Adjust) om de helderheid en het contrast aan te passen of om de hele afbeelding
scherper te maken.
fro
Tabblad Handmatig
Helderheid (Brightness)
De algemene helderheid van de afbeelding wordt aangepast.
Verplaats de schuifregelaar naar links om de afbeelding donkerder te maken en naar rechts om
deze lichter te maken.
Contrast
Het contrast van de afbeelding wordt aangepast. Als de afbeelding flets is vanwege gebrek aan
contrast, kunt u het contrastniveau aanpassen.
Verplaats de schuifregelaar naar links om het contrast van de afbeelding te verlagen en naar rechts
om het te verhogen.
Scherpte (Sharpness)
Versterkt de contouren van onderwerpen om de afbeelding scherper te maken. Pas de scherpte
aan als de foto onscherp is of tekst vaag leesbaar is.
Verplaats de schuifregelaar naar rechts om de afbeelding scherper te maken.
Vervagen (Blur)
Vervaagt de contouren van onderwerpen om de afbeelding een zachtere uitstraling te geven.
Verplaats de schuifregelaar naar rechts om de afbeelding te vervagen.
Doorschijnendheid verwijderen (Show-through Removal)
Verwijdert doorschijnendheid van tekst of de basiskleur door de achterkant. Pas het niveau van
doorschijnendheid aan om te voorkomen dat tekst of de basiskleur van de achterkant van een dun
document doorschijnt op de voorkant.
Verplaats de schuifregelaar naar rechts om doorschijnendheid meer te verwijderen.
Standaard (Defaults)
Hiermee zet u helderheid, contrast, scherpte, vervaging en doorschijnendheid terug op de
standaardwaarden.
Geselecteerde afbeelding herstellen (Reset Selected Image)
Hiermee annuleert u alle correcties, verbeteringen en aanpassingen die op de geselecteerde
afbeelding zijn toegepast.
Geselecteerde afbeelding opslaan (Save Selected Image)
Pagina 428 van 710 pagina's
nl
ow
D
Venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images)
Alle gecorrigeerde afbeeldingen opslaan (Save All Corrected Images)
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
Correctie/verbetering
w
Het venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images) sluiten.
m
Afsluiten (Exit)
fro
Hiermee slaat u alle gecorrigeerde afbeeldingen op die worden weergegeven in het venster met
miniaturen.
d
de
oa
Hiermee slaat u de geselecteerde gecorrigeerde afbeeldingen op.
Helderheid gezicht (Face Brightener)
Hiermee wordt de hele afbeelding gecorrigeerd, zodat het geselecteerde deel van het gezicht
helderder wordt.
Geef met de schuifregelaar het niveau van het effect op.
Gezicht scherper maken (Face Sharpener)
Hiermee corrigeert u de gehele afbeelding om het gezicht scherper weer te geven. U kunt het
gedeelte opgeven waarop u het effect wilt toepassen.
Geef met de schuifregelaar het niveau van het effect op.
Gezicht digitaal effenen (Digital Face Smoothing)
Hiermee kunt u de huid verbeteren door oneffenheden en rimpels te verwijderen. U kunt het
gedeelte opgeven waarop u het effect wilt toepassen.
Geef met de schuifregelaar het niveau van het effect op.
Vlekken verwijderen (Blemish Remover)
Hiermee kunt u moedervlekjes verwijderen. U kunt het gedeelte opgeven waarop u het effect wilt
toepassen.
OK
Hiermee past u het geselecteerde effect toe op het opgegeven gebied.
Ongedaan maken (Undo)
Hiermee annuleert u de laatste correctie.
Geselecteerde afbeelding herstellen (Reset Selected Image)
Hiermee annuleert u alle correcties, verbeteringen en aanpassingen die op de geselecteerde
afbeelding zijn toegepast.
Geselecteerde afbeelding opslaan (Save Selected Image)
Hiermee slaat u de geselecteerde gecorrigeerde afbeeldingen op.
Alle gecorrigeerde afbeeldingen opslaan (Save All Corrected Images)
Hiermee slaat u alle gecorrigeerde afbeeldingen op die worden weergegeven in het venster met
miniaturen.
Pagina 429 van 710 pagina's
nl
ow
D
Venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images)
Het venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images) sluiten.
d
de
oa
Afsluiten (Exit)
m
fro
w
Werkbalk
(Linksom roteren)
De afbeelding wordt 90 graden tegen de klok in gedraaid.
(Rechtsom roteren)
De afbeelding wordt 90 graden met de klok mee gedraaid.
(Omkeren)
De afbeelding wordt horizontaal omgekeerd.
(Bijsnijden)
Met bijsnijden selecteert u het gebied in een foto dat u wilt behouden en verwijdert u de rest.
Sleep het witte kader in het weergegeven venster om het te behouden gebied aan te geven.
Verplaats de cursor binnen het witte kader en sleep de aanwijzer om het gebied te verplaatsen.
Opmerking
Plaats de hoofdonderwerpen langs de witte stippellijnen of op de snijpunten om een
evenwichtig beeld te maken.
(Vergroten)
De weergegeven afbeelding wordt vergroot.
(Verkleinen)
De weergegeven afbeelding wordt verkleind.
(Volledig scherm)
De afbeelding wordt vergroot/verkleind voor weergave op een volledig scherm.
(Vergelijken)
De bronafbeelding wordt geopend voor vergelijkingsdoeleinden.
De bronafbeelding wordt links weergegeven en de gecorrigeerde afbeelding rechts.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
Werkbalk
Pagina 430 van 710 pagina's
nl
ow
D
Venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images)
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Naar boven
Pagina 431 van 710 pagina's
nl
ow
D
Scherm voor modus Eenmaal klikken
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Schermen van MP
Navigator EX > Scherm voor modus Eenmaal klikken
Auto
Documenten scannen door automatisch het documenttype te detecteren. De bestandsindeling wordt
automatisch ingesteld. Bestanden worden opgeslagen naar een computer. U kunt desgewenst
Automatische fotocorrectie toepassen.
Wanneer u op dit pictogram klikt, wordt het dialoogvenster Automatische scan (Auto Scan) geopend en
kunt u de instellingen voor opslaan opgeven.
Dialoogvenster Automatische scan (Auto Scan)
Opslaan (Save)
Hiermee kunt u documenten en foto's scannen en ze opslaan op een computer. Het documenttype
kan automatisch worden gedetecteerd.
Wanneer u op dit pictogram klikt, wordt het dialoogvenster Opslaan (Save) geopend en kunt u de
instellingen voor scannen en opslaan opgeven.
Dialoogvenster Opslaan (Save) (Scherm voor modus Eenmaal klikken)
PDF
Documenten scannen en opslaan als PDF-bestanden.
Wanneer u op dit pictogram klikt, wordt het dialoogvenster PDF geopend en kunt u de instellingen voor
de toepassing en voor scannen/opslaan opgeven.
Dialoogvenster PDF
Verzenden (Mail)
Documenten of foto's scannen en ze toevoegen aan een e-mailbericht.
Wanneer u op dit pictogram klikt, wordt het dialoogvenster Verzenden (Mail) geopend en kunt u de
instellingen voor scannen/opslaan en voor het e-mailprogramma opgeven.
Dialoogvenster Verzenden (Mail)
OCR
Tekstdocumenten scannen en de tekst in de afbeelding weergeven in Kladblok (geleverd bij
Windows).
Wanneer u op dit pictogram klikt, wordt het dialoogvenster OCR geopend en kunt u de instellingen
voor de toepassing en voor scannen/opslaan opgeven.
Dialoogvenster OCR
Opmerking
Raadpleeg de handleiding van de toepassing voor de verdere procedure.
Aangepast (Custom)
Documenten scannen en openen in een opgegeven toepassing. Het documenttype wordt
automatisch gedetecteerd.
Wanneer u op dit pictogram klikt, wordt het dialoogvenster Aangepast (Custom) geopend en kunt u de
instellingen voor de toepassing en voor scannen/opslaan opgeven.
Dialoogvenster Aangepast (Custom)
e
.b
U kunt scannen, opslaan, enzovoort. in één handeling, door op het bijbehorende pictogram te klikken.
re
Klik op de knop
(Modus schakelen) links onder in het scherm voor de navigatiemodus om het
scherm voor de modus Eenmaal klikken weer te geven.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Scherm voor modus Eenmaal klikken
Opmerking
Pagina 432 van 710 pagina's
nl
ow
D
Scherm voor modus Eenmaal klikken
d
de
oa
Raadpleeg de handleiding van de toepassing voor de verdere procedure.
fro
m
(Modus schakelen)
Voorkeuren (Preferences)
Het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences) wordt geopend. In het dialoogvenster Voorkeuren
(Preferences) kunt u geavanceerde instellingen definiëren voor MP Navigator EX-functies.
Dialoogvenster Voorkeuren (Preferences)
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Naar navigatiemode schakelen. Het scherm van de navigatiemodus wordt weergegeven.
Tabblad Aangepaste scan met eenmaal klikken (Custom Scan with One-click)
Handleiding
Deze handleiding openen.
Belangrijk
De volgende beperkingen zijn van toepassing wanneer u scant met Documenttype (Document
Type) ingesteld op Auto-mode (Auto Mode) in het dialoogvenster Opslaan (Save) of Aangepast
(Custom).
Als u tekst in de gescande afbeelding wilt omzetten in tekstgegevens, geeft u het Documenttype
(Document Type) op (selecteer niet de Auto-mode).
Verwant onderwerp
Eenvoudig scannen met eenmaal klikken
Naar boven
Pagina 433 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster Automatische scan (Auto Scan)
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Schermen van MP
Navigator EX > Dialoogvenster Automatische scan (Auto Scan)
e
.b
re
Klik op Automatische scan (Auto Scan) op het tabblad Aangepaste scan met eenmaal klikken (Custom
Scan with One-click) of klik op Auto in het scherm voor de modus Eenmaal klikken om het
dialoogvenster Automatische scan (Auto Scan) te openen.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Dialoogvenster Automatische scan (Auto Scan)
Belangrijk
De volgende documenttypen kunnen niet correct worden gescand. Klik in dat geval op een ander
pictogram in de modus Eenmaal klikken of op het tabblad Aangepaste scan met eenmaal klikken
(Custom Scan with One-click) en geef het documenttype of -formaat op.
- Andere documenten dan foto's, ansichtkaarten, visitekaartjes, tijdschriften, tekstdocumenten en
cd's/dvd's
- Foto's op A4-formaat
- Tekstdocumenten kleiner dan 2L (127 x 178 mm) (5 x 7 inch), zoals pagina's van een pocket
waarvan de rug is afgesneden
- Documenten die zijn afgedrukt op dun wit papier
- Lange, smalle documenten, zoals panoramafoto's
Reflecterende cd/dvd-labels worden mogelijk niet correct gescand.
Plaats de documenten juist op de plaat, afhankelijk van het type document dat u wilt scannen.
Anders worden de documenten mogelijk niet juist gescand.
Zie 'Documenten plaatsen ' voor meer informatie over het plaatsen van documenten.
Opmerking
Als u moiré wilt beperken, klikt u op een ander pictogram in de modus Eenmaal klikken of op het
tabblad Aangepaste scan met eenmaal klikken (Custom Scan with One-click) en stelt u
Documenttype (Document Type) in op Tijdschrift (Magazine).
Scan-instellingen (Scan Settings)
Automatische fotocorrectie inschakelen (Enable Auto Photo Fix)
Schakel dit selectievakje in om de foto te analyseren en geschikte correcties automatisch toe te
passen.
Deze instelling is alleen beschikbaar wanneer Auto of JPEG/Exif is geselecteerd voor Type
bestanden (Save as type) in Instellingen opslaan (Save Settings).
Belangrijk
Pagina 434 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster Automatische scan (Auto Scan)
d
de
oa
Als voor Type bestanden (Save as type) de optie Auto is geselecteerd, kan de basiskleurtint van
de volgende documenttypen worden gewijzigd ten opzichte van de brontint, aangezien de
documenten worden gecorrigeerd als foto's. Schakel in dat geval het selectievakje uit en voer
de scan uit.
- Ansichtkaarten en visitekaartjes
Tekstdocumenten worden mogelijk niet correct gescand, aangezien deze worden gecorrigeerd
als foto's, afhankelijk van de plaatsing van het document. Schakel in dat geval het selectievakje
uit en voer de scan uit.
Selecteer Auto, JPEG/Exif, TIFF, BMP of PDF.
Belangrijk
Als Type bestanden (Save as type) is ingesteld op Auto, kan de bestandsindeling verschillen,
afhankelijk van hoe u het document plaatst.
Zie 'Documenten plaatsen ' voor meer informatie over het plaatsen van documenten.
Grote documenten (zoals foto's op A4-formaat) die alleen tegen de randen/pijl
(positiemarkering) van de plaat kunnen worden geplaatst, worden mogelijk niet in de juiste
bestandsindeling opgeslagen als Type bestanden (Save as type) is ingesteld op Auto.
Selecteer in dat geval een bestandsindeling die geschikt is voor het te scannen document
U kunt geen afbeeldingen toevoegen aan PDF-bestanden die met een wachtwoord zijn
beveiligd.
Opmerking
Wanneer u Auto selecteert, worden bestanden opgeslagen in de volgende indelingen, volgens
het documenttype.
Foto's, ansichtkaarten, cd's/dvd's en visitekaartjes: JPEG
Tijdschriften, kranten en tekstdocumenten: PDF
U kunt de bestandsindeling wijzigen via Instellen... (Set...).
Instellen... (Set...)
Wanneer Type bestanden (Save as type) is ingesteld op Auto
U kunt opgeven in welke bestandsindeling afbeeldingen moeten worden opgeslagen. Selecteer
een bestandsindeling voor een Document en een Foto (Photo).
Wanneer Type bestanden (Save as type) is ingesteld op JPEG/Exif
U kunt een compressietype opgeven voor JPEG-bestanden. Selecteer Hoog (lage compressie)
(High(Low Compression)), Standaard (Standard) of Laag (hoge compressie) (Low(High
Compression)).
Als Type bestanden (Save as type) is ingesteld op PDF
Geef geavanceerde instellingen voor het maken van PDF-bestanden op. Zie ' Dialoogvenster PDFinstellingen (PDF Settings) ' voor meer informatie.
Opslaan in (Save in)
Hiermee wordt de map weergegeven waarin de gescande documenten moeten worden
opgeslagen. Als u de map wilt wijzigen, klikt u op Bladeren... (Browse...) om een andere map op te
e
.b
Selecteer een bestandstype om de gescande afbeeldingen op te slaan.
re
Type bestanden (Save as type)
or
nb
de
an
.v
w
Voer een bestandsnaam in voor de afbeelding die u wilt opslaan (maximaal 64 tekens). Wanneer u
meerdere bestanden opslaat, worden 4 cijfers aan elke bestandsnaam toegevoegd.
w
Bestandsnaam (File name)
w
Instellingen opslaan (Save Settings)
m
Als u een andere indeling dan JPEG/Exif selecteert voor Type bestanden (Save as type) en
vervolgens dit selectievakje inschakelt, wordt er een bericht weergegeven en wordt Type
bestanden (Save as type) ingesteld op Auto.
fro
Opmerking
Pagina 435 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster Automatische scan (Auto Scan)
d
de
oa
geven.
Standaard zijn de volgende mappen opgegeven.
Windows Vista: map MP Navigator EX in de map Afbeeldingen (Pictures)
Windows XP: map MP Navigator EX in de map Mijn afbeeldingen (My Pictures)
Windows 2000: map MP Navigator EX in de map Mijn afbeeldingen (My Pictures)
m
fro
Toepassen (Apply)
Hiermee worden de opgegeven instellingen opgeslagen en toegepast.
Klik op Annuleren (Cancel) in plaats van Toepassen (Apply) om de opgegeven instellingen te
annuleren.
Annuleren (Cancel)
Hiermee worden de opgegeven instellingen geannuleerd. Het huidige scherm wordt gesloten.
Standaard (Defaults)
Hiermee zet u alle instellingen in het scherm terug op hun standaardwaarde.
Scannen (Scan)
Hiermee kunt u documenten scannen en opslaan met de opgegeven instellingen.
Wanneer Type bestanden (Save as type) is ingesteld op Auto, wordt een bevestiging weergegeven.
Klik op Handleiding openen (Open Manual) om deze handleiding te openen (als deze is
geïnstalleerd).
Naar boven
e
.b
Schakel dit selectievakje in om het scannen te starten wanneer u op een pictogram klikt.
re
Scannen starten door op de eenmaal-klikken-knop te klikken (Start scanning by clicking the oneclick button)
or
nb
de
an
.v
w
Hiermee maakt u een submap in de map die is opgegeven in Opslaan in (Save in) met de huidige
datum. Sla in deze submap gescande afbeeldingen op. Er wordt een submap met een naam als
'2009_01_01' (Jaar_Maand_Dag) gemaakt.
Als dit selectievakje niet is ingeschakeld, worden bestanden rechtstreeks opgeslagen in de map
die is opgegeven in Opslaan in (Save in).
w
w
Opslaan in een submap met huidige datum (Save to a Subfolder with Current Date)
Pagina 436 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster Opslaan (Save) (Scherm voor modus Eenmaal klikken)
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Schermen van MP
Navigator EX > Dialoogvenster Opslaan (Save) (Scherm voor modus Eenmaal klikken)
Documenttype (Document Type)
Selecteer het type document dat u wilt scannen. Als Auto-mode (Auto Mode) geselecteerd is, wordt
het documenttype automatisch herkend. In dat geval worden de Kleurenmodus (Color Mode), het
Documentformaat (Document Size) en de Resolutie (Resolution) ook automatisch ingesteld.
Belangrijk
De volgende documenttypen kunnen niet goed worden gescand in de Auto-mode (Auto Mode).
In dat geval moet u het documenttype of -formaat opgeven.
- Andere documenten dan foto's, ansichtkaarten, visitekaartjes, tijdschriften, tekstdocumenten
en cd's/dvd's
- Foto's op A4-formaat
- Tekstdocumenten kleiner dan 2L (127 x 178 mm) (5 x 7 inch), zoals pagina's van een pocket
waarvan de rug is afgesneden
- Documenten die zijn afgedrukt op dun wit papier
- Lange, smalle documenten, zoals panoramafoto's
Reflecterende cd/dvd-labels worden mogelijk niet correct gescand.
Plaats de documenten juist op de plaat, afhankelijk van het type document dat u wilt scannen.
Anders worden de documenten mogelijk niet juist gescand.
Zie 'Documenten plaatsen ' voor meer informatie over het plaatsen van documenten.
e
.b
Scan-instellingen (Scan Settings)
re
Klik op Opslaan naar computer (Save to PC) op het tabblad Aangepaste scan met eenmaal klikken
(Custom Scan with One-click) of klik op Opslaan (Save) in het scherm voor de modus Eenmaal klikken
om het dialoogvenster Opslaan (Save) te openen.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Dialoogvenster Opslaan (Save) (Scherm voor modus Eenmaal
klikken)
Opmerking
Pagina 437 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster Opslaan (Save) (Scherm voor modus Eenmaal klikken)
d
de
oa
Voor Moiré-reductie stelt u het Documenttype (Document Type) in op Tijdschrift (Magazine).
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
Selecteer het formaat van het document dat u wilt scannen.
Wanneer u Aangepast (Custom) selecteert, wordt een dialoogvenster geopend waarin u het
documentformaat kunt opgeven. Selecteer een van de Eenheden (Units), voer de Breedte (Width) en
Hoogte (Height) in en klik op OK.
w
Documentformaat (Document Size)
m
Selecteer hoe u het document wilt scannen.
fro
Kleurenmodus (Color Mode)
Belangrijk
Wanneer u Automatisch detecteren (Auto Detect) selecteert, wordt de afbeelding mogelijk niet
gescand op de juiste positie en het juiste formaat. Wijzig het formaat in dat geval in het
werkelijke documentformaat (A4, Letter enz.). Lijn een hoek van het document uit met de hoek
bij de pijl (positiemarkering) van de glasplaat.
Resolutie (Resolution)
Hier kunt u de resolutie selecteren waarmee documenten moeten worden gescand.
Resolutie
Scannerstuurpr. gebruiken (Use the scanner driver)
Schakel dit selectievakje in om het scherm van ScanGear (scannerstuurprogramma) weer te geven
en geavanceerde instellingen voor het scannen te definiëren.
De instellingen Kleurenmodus (Color Mode), Documentformaat (Document Size), Resolutie
(Resolution) en andere instellingen in het dialoogvenster Opslaan (Save) worden uitgeschakeld.
Geef deze instellingen op in het scherm van ScanGear (scannerstuurprogramma).
Opgeven... (Specify...)
Klik hierop om het dialoogvenster Scan-instellingen (Scan Settings) te openen, waarin u
geavanceerde scaninstellingen kunt opgeven.
Dialoogvenster Scan-instellingen (Scan Settings)
Instellingen opslaan (Save Settings)
De afbeelding na het scannen automatisch opslaan op de computer (Automatically save the
image to your computer after scanning it)
Selecteer deze optie om de afbeeldingen na het scannen op de opgegeven manier op de computer
op te slaan.
De instellingen Bestandsnaam (File name), Type bestanden (Save as type) en Opslaan in (Save in)
worden weergegeven.
Belangrijk
Als u deze functie selecteert, kunt u geen wachtwoorden voor PDF-bestanden instellen.
Bestandsnaam (File name)
Voer een bestandsnaam in voor de afbeelding die u wilt opslaan (maximaal 64 tekens). Wanneer u
meerdere bestanden opslaat, worden 4 cijfers aan elke bestandsnaam toegevoegd.
Type bestanden (Save as type)
Selecteer een bestandstype om de gescande afbeeldingen op te slaan.
Selecteer Auto, JPEG/Exif, TIFF of BMP. Auto wordt weergegeven wanneer Documenttype (Document
Pagina 438 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster Opslaan (Save) (Scherm voor modus Eenmaal klikken)
d
de
oa
Type) is ingesteld op Auto-mode (Auto Mode). Wanneer u afbeeldingen opslaat als PDF-bestand,
selecteert u PDF, PDF (meerdere pagina's) (PDF(Multiple Pages)) of PDF (pagina toevoegen)
(PDF(Add Page)).
Wanneer Type bestanden (Save as type) is ingesteld op JPEG/Exif
U kunt een compressietype opgeven voor JPEG-bestanden. Selecteer Hoog (lage compressie)
(High(Low Compression)), Standaard (Standard) of Laag (hoge compressie) (Low(High
Compression)).
Als Type bestanden (Save as type) is PDF, PDF(meerdere pagina's) (PDF(Multiple
Pages)) of PDF(pagina toevoegen) (PDF(Add Page))
Geef geavanceerde instellingen voor het maken van PDF-bestanden op. Zie ' Dialoogvenster PDFinstellingen (PDF Settings) ' voor meer informatie.
Opslaan in (Save in)
Hiermee wordt de map weergegeven waarin de gescande documenten moeten worden
opgeslagen. Als u de map wilt wijzigen, klikt u op Bladeren... (Browse...) om een andere map op te
geven.
Standaard zijn de volgende mappen opgegeven.
Windows Vista: map MP Navigator EX in de map Afbeeldingen (Pictures)
Windows XP: map MP Navigator EX in de map Mijn afbeeldingen (My Pictures)
Windows 2000: map MP Navigator EX in de map Mijn afbeeldingen (My Pictures)
Opslaan in een submap met huidige datum (Save to a Subfolder with Current Date)
Hiermee maakt u een submap in de map die is opgegeven in Opslaan in (Save in) met de huidige
datum. Sla in deze submap gescande afbeeldingen op. Er wordt een submap met een naam als
'2009_01_01' (Jaar_Maand_Dag) gemaakt.
Als dit selectievakje niet is ingeschakeld, worden bestanden rechtstreeks opgeslagen in de map
die is opgegeven in Opslaan in (Save in).
e
.b
U kunt opgeven in welke bestandsindeling afbeeldingen moeten worden opgeslagen. Selecteer
een bestandsindeling voor een Document en een Foto (Photo).
re
Wanneer Type bestanden (Save as type) is ingesteld op Auto
or
nb
de
an
.v
w
Instellen... (Set...)
w
Wanneer u Auto selecteert, worden bestanden opgeslagen in de volgende indelingen, volgens
het documenttype.
Foto's, ansichtkaarten, cd's/dvd's en visitekaartjes: JPEG
Tijdschriften, kranten en tekstdocumenten: PDF
U kunt de bestandsindeling wijzigen via Instellen... (Set...).
Afbeeldingen die als PDF-bestand zijn opgeslagen, worden in sommige toepassingen
mogelijk niet geopend. Selecteer in dat geval een andere optie dan Auto bij Type bestanden
(Save as type).
Als u JPEG/Exif selecteert en Documenttype (Document Type) niet is ingesteld op Auto-mode
(Auto Mode), kunt u het selectievakje JPEG/Exif-bestand in AdobeRGB opslaan (Save the JPEG
/Exif file in AdobeRGB) inschakelen.
w
Opmerking
m
Als Documenttype (Document Type) is ingesteld op Auto-mode (Auto Mode) en Type
bestanden (Save as type) op Auto, kan de bestandsindeling verschillen, afhankelijk van hoe u
het document plaatst.
Zie 'Documenten plaatsen ' voor meer informatie over het plaatsen van documenten.
Grote documenten (zoals foto's op A4-formaat) die alleen tegen de randen/pijl
(positiemarkering) van de plaat kunnen worden geplaatst, worden mogelijk niet in de juiste
bestandsindeling opgeslagen als Type bestanden (Save as type) is ingesteld op Auto.
Selecteer in dat geval een bestandsindeling die geschikt is voor het te scannen document
U kunt geen afbeeldingen toevoegen aan PDF-bestanden die met een wachtwoord zijn
beveiligd.
U kunt JPEG/Exif niet selecteren als Kleurenmodus (Color Mode) is ingesteld op Zwart-wit
(Black and White).
fro
Belangrijk
Pagina 439 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster Opslaan (Save) (Scherm voor modus Eenmaal klikken)
JPEG/Exif-bestand in AdobeRGB opslaan (Save the JPEG/Exif file in AdobeRGB)
d
de
oa
Schakel dit selectievakje in om de afbeeldingen op te slaan met kleuren die overeenkomen met
Adobe RGB.
fro
m
Belangrijk
Opmerking
Als u wachtwoorden voor PDF-bestanden wilt instellen, selecteert u Dialoogvenster Opslaan
openen na scannen van afbeelding (Exif-informatie invoeren) (Open the save dialog box after
scanning the image (Input Exif information)). Nadat de afbeelding is gescand, kunt u de
wachtwoorden instellen in het dialoogvenster Opslaan (Save).
Wachtwoorden voor PDF-bestanden instellen
Instellingen voor de toepassing (Application Settings)
Openen met (Open with)
U kunt selecteren of u nadat de afbeeldingen zijn opgeslagen het venster Toon & gebruik (View &
Use) of de Verkenner wilt openen.
Scannen starten door op de eenmaal-klikken-knop te klikken (Start scanning by clicking the oneclick button)
Schakel dit selectievakje in om het scannen te starten wanneer u op een pictogram klikt.
Toepassen (Apply)
Hiermee worden de opgegeven instellingen opgeslagen en toegepast.
Klik op Annuleren (Cancel) in plaats van Toepassen (Apply) om de opgegeven instellingen te
annuleren.
Annuleren (Cancel)
Hiermee worden de opgegeven instellingen geannuleerd. Het huidige scherm wordt gesloten.
Standaard (Defaults)
Hiermee zet u alle instellingen in het scherm terug op hun standaardwaarde.
Scannen (Scan)
Hiermee kunt u documenten scannen en opslaan met de opgegeven instellingen.
Wanneer Type bestanden (Save as type) is ingesteld op Auto, wordt een bevestiging weergegeven.
Klik op Handleiding openen (Open Manual) om deze handleiding te openen (als deze is
geïnstalleerd).
Naar boven
e
.b
Hiermee opent u het dialoogvenster Opslaan (Save) nadat de afbeeldingen zijn gescand en geeft u
instellingen voor opslaan op als de doelmap, bestandsnaam en Exif-informatie.
Dialoogvenster Opslaan (Save)
re
Dialoogvenster Opslaan openen na scannen van afbeelding (Exif-informatie invoeren) (Open the
save dialog box after scanning the image (Input Exif information))
or
nb
de
an
.v
w
U kunt deze instelling niet selecteren als het selectievakje Scannerstuurpr. gebruiken (Use the
scanner driver) is ingeschakeld.
Als u een afbeelding opslaat terwijl het selectievakje JPEG/Exif-bestand in AdobeRGB opslaan
(Save the JPEG/Exif file in AdobeRGB) is ingeschakeld, wordt aan het begin van de
bestandsnaam een onderstrepingsteken toegevoegd. (Voorbeeld: _Image0001.JPG)
w
Opmerking
w
Deze functie is alleen beschikbaar als Type bestanden (Save as type) is ingesteld op JPEG/
Exif en Documenttype (Document Type) niet is ingesteld op Auto-mode (Auto Mode).
Deze functie is niet beschikbaar wanneer het Adobe RGB-profiel niet is geïnstalleerd.
Pagina 440 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster Scan-instellingen (Scan Settings)
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Schermen van MP
Navigator EX > Dialoogvenster Scan-instellingen (Scan Settings)
Geavanceerde instellingen opgeven voor scannen met Eenmaal klikken of scannen via het
bedieningspaneel van het apparaat.
De weergegeven items zijn afhankelijk van het documenttype en de manier waarop het scherm is
geopend.
Documenttype (Document Type)
Selecteer het type document dat u wilt scannen. Als Auto-mode (Auto Mode) of Automatische scan
(Auto Scan) is geselecteerd, wordt het documenttype automatisch gedetecteerd.
In dat geval worden de Kleurenmodus (Color Mode), het Documentformaat (Document Size)
enzovoort, ook automatisch ingesteld.
Belangrijk
Voor een correcte scan moet u een documenttype selecteren dat overeenkomt met het document
dat u wilt scannen.
Wanneer u het documenttype opent via het tabblad Instellingen scannerknop (Scanner Button
Settings) in het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences), wordt het Documenttype (Document
Type) dat is opgegeven op het tabblad Instellingen scannerknop (Scanner Button Settings)
weergegeven en kunt u de instellingen niet wijzigen in dit dialoogvenster.
Kleurenmodus (Color Mode)
Selecteer hoe u het document wilt scannen.
Kleur (Color)
In deze modus wordt de afbeelding opgebouwd met 256 niveaus (8-bits) van R(ood), G(roen) en
B(lauw).
Grijswaarden (Grayscale)
In deze modus wordt de afbeelding opgebouwd met 256 niveaus (8-bits) van zwart-wit.
Zwart-wit (Black and White)
In deze modus wordt de afbeelding opgebouwd uit zwart en wit. Het contrast in de afbeelding is
op bepaalde niveaus (drempelniveau) verdeeld in zwart en wit en wordt met twee kleuren
e
.b
Opmerking
re
Het dialoogvenster Scan-instellingen (Scan Settings) wordt geopend als u in een dialoogvenster voor
het maken van scaninstellingen op Opgeven… (Specify...) klikt.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Dialoogvenster Scan-instellingen (Scan Settings)
opgebouwd.
Pagina 441 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster Scan-instellingen (Scan Settings)
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Selecteer het formaat van het document dat u wilt scannen.
Wanneer u Aangepast (Custom) selecteert, wordt een dialoogvenster geopend waarin u het
documentformaat kunt opgeven. Selecteer een van de Eenheden (Units), voer de Breedte (Width) en
Hoogte (Height) in en klik op OK.
m
Documentformaat (Document Size)
fro
Kleurenmodus (Color Mode) wordt niet weergegeven in het dialoogvenster Scan-instellingen
(Scan Settings) dat wordt geopend via het tabblad Instellingen scannerknop (Scanner Button
Settings) in het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences).
d
de
oa
Opmerking
Belangrijk
Wanneer u Automatisch detecteren (Auto Detect) selecteert, wordt de afbeelding mogelijk niet
gescand op de juiste positie en het juiste formaat. Wijzig het formaat in dat geval in het werkelijke
documentformaat (A4, Letter enz.). Lijn een hoek van het document uit met de hoek bij de pijl
(positiemarkering) van de glasplaat.
Scanresolutie (Scanning Resolution)
Hier kunt u de resolutie selecteren waarmee documenten moeten worden gescand.
Resolutie
Moiré-reductie (Descreen)
Schakel dit selectievakje in om Moiré-patronen te reduceren.
Afgedrukte foto's en afbeeldingen worden weergegeven als een verzameling kleine puntjes. Moiré is
een verschijnsel waarbij ongelijkmatige gradatie of een streeppatroon zichtbaar is als foto’s of
afbeeldingen met fijne punten worden gescand. Moiré-reductie (Descreen) is de functie waarmee u dit
effect kunt verkleinen.
Opmerking
Het scannen neemt meer tijd in beslag als u Moiré-reductie (Descreen) inschakelt.
Doorschijnendheid beperken (Reduce Show-through)
Schakel dit selectievakje in om tekst in een document scherper te maken of om het doorschijnen van
tekst in en te voorkomen.
Opmerking
Schakel dit selectievakje in als het Documenttype (Document Type) een tekstdocument is en als
de gescande afbeelding doorschijnend is.
Beeld verscherpen (Unsharp Mask)
Schakel dit selectievakje in als u de contouren van de onderwerpen wilt benadrukken en het beeld wilt
verscherpen.
Schaduw van rugmarge verwijderen (Remove gutter shadow)
Schakel dit selectievakje in om schaduwen tussen pagina's bij het scannen van open boekjes te
corrigeren
Belangrijk
U kunt dit selectievakje niet inschakelen als Documentformaat (Document Size) is ingesteld op
Automatisch detecteren (Auto Detect), Autom. detecteren (meer documenten) (Auto Detect
(Multiple Documents)) of als de Assistent voor samenvoegen is geselecteerd.
Lijn het document goed uit met de positiemarkering op de plaat.
Opmerking
Pagina 442 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster Scan-instellingen (Scan Settings)
d
de
oa
m
fro
Scheve documenten corrigeren (Correct slanted document)
Schakel dit selectievakje in als u de gescande tekst wilt detecteren en de hoek van het document te
corrigeren (binnen -0,1 en -10 graden of +0,1 en +10 graden)
Opmerking
Het scannen neemt meer tijd in beslag als u Scheve documenten corrigeren (Correct slanted
document) inschakelt.
Automatische fotocorrectie inschakelen (Enable Auto Photo Fix) (wanneer u scant met
Automatische scan (Auto Scan) via het bedieningspaneel)
Schakel dit selectievakje in om de foto te analyseren en geschikte correcties automatisch toe te
passen.
Deze functie is beschikbaar als Auto of JPEG/Exif is geselecteerd voor Type bestanden (Save as type)
bij Instellingen opslaan (Save Settings) op het tabblad Instellingen scannerknop (Scanner Button
Settings) van het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences).
Belangrijk
Als voor Type bestanden (Save as type) de optie Auto is geselecteerd, kan de basiskleurtint van
de volgende documenttypen worden gewijzigd ten opzichte van de brontint, aangezien de
documenten worden gecorrigeerd als foto's. Schakel in dat geval het selectievakje uit en voer de
scan uit.
- Ansichtkaarten en visitekaartjes
Tekstdocumenten worden mogelijk niet correct gescand, aangezien deze worden gecorrigeerd
als foto's, afhankelijk van de plaatsing van het document. Schakel in dat geval het selectievakje
uit en voer de scan uit.
Opmerking
Als u een andere indeling dan JPEG/Exif selecteert voor Type bestanden (Save as type) en
vervolgens dit selectievakje inschakelt, wordt er een bericht weergegeven en wordt Type
bestanden (Save as type) ingesteld op Auto.
Afdrukstand van tekstdocumenten detecteren en afbeeldingen roteren (Detect the orientation of
text documents and rotate images)
Schakel dit selectievakje in om de afdrukstand van het document af te leiden uit de gescande tekst en
de gescande afbeelding te roteren in de juiste afdrukstand. Selecteer de taal van het te scannen
document bij Documenttaal (Document Language).
Belangrijk
U kunt dit selectievakje niet inschakelen als de Assistent voor samenvoegen is geselecteerd bij
Documentformaat (Document Size).
e
.b
U kunt dit selectievakje niet inschakelen als de Assistent voor samenvoegen is geselecteerd bij
Documentformaat (Document Size).
De helling van de volgende typen documenten wordt mogelijk niet gecorrigeerd wanneer de tekst
niet correct kan worden gedetecteerd.
- Documenten waarvan de tekstregels een hellingspercentage hebben van meer dan 10 graden
of waarvan de regels niet hetzelfde hellingspercentage hebben
- Documenten met zowel verticale als horizontale tekst
- Documenten met een zeer groot of zeer klein lettertype
- Documenten met weinig tekst
- Documenten met illustraties/afbeeldingen of met de hand geschreven tekst
- Documenten met zowel verticale als horizontale lijnen (tabellen)
re
Belangrijk
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Gebruik het tabblad Geavanceerde modus (Advanced Mode) van ScanGear om schaduwen van
rugmarges te corrigeren bij het scannen van documenten die geen standaardformaat hebben of
wanneer u aangepaste bijsnijdkaders hebt ingesteld.
Zie Schaduwcorrectie van rugmarge (Gutter Shadow Correction) in ' Instellingen voor
afbeeldingen (Image Settings) ' (tabblad Geavanceerde modus (Advanced Mode) van ScanGear).
Pagina 443 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster Scan-instellingen (Scan Settings)
d
de
oa
Afhankelijk van de taal van het document is het mogelijk dat deze functie niet goed werkt. Alleen
tekstdocumenten geschreven in een taal die beschikbaar is voor selectie bij Documenttaal
(Document Language), worden ondersteund.
De afdrukstand van de volgende typen documenten wordt mogelijk niet gecorrigeerd wanneer de
tekst niet correct kan worden gedetecteerd.
- Resolutie ligt buiten het bereik van 300 dpi tot 600 dpi
- Tekengrootte ligt buiten het bereik van 8 punten tot 48 punten
- Documenten met speciale lettertypen, effecten, cursieve letters of met de hand geschreven tekst
- Documenten met achtergrondpatronen
Naar boven
e
.b
Standaardinstellingen herstellen.
re
Standaard (Defaults)
or
nb
de
an
.v
w
U kunt dit selectievakje niet inschakelen als de Assistent voor samenvoegen is geselecteerd bij
Documentformaat (Document Size).
w
Belangrijk
w
Selecteer de taal van het document dat u wilt scannen.
m
Documenttaal (Document Language)
fro
Opmerking
Het scannen duurt langer dan gebruikelijk wanneer u Afdrukstand van tekstdocumenten
detecteren en afbeeldingen roteren (Detect the orientation of text documents and rotate images)
inschakelt.
Pagina 444 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster Opslaan (Save)
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Schermen van MP
Navigator EX > Dialoogvenster Opslaan (Save)
Type bestanden (Save as type)
Selecteer een bestandstype om de gescande afbeeldingen op te slaan.
Selecteer JPEG/Exif, TIFF, BMP, PDF, PDF (meerdere pagina's) (PDF(Multiple Pages)) of PDF (pagina
toevoegen) (PDF(Add Page)).
PDF
Sla elk van de geselecteerde afbeeldingen op als afzonderlijk PDF-bestand.
PDF (meerdere pagina's) (PDF(Multiple Pages))
Meerdere afbeeldingen als één PDF-bestand opslaan.
Opmerking
PDF (meerdere pagina's) (PDF(Multiple Pages)) wordt weergegeven wanneer er meerdere
afbeeldingen zijn geselecteerd.
PDF (pagina toevoegen) (PDF(Add Page))
De gescande afbeeldingen toevoegen aan een PDF-bestand. De afbeeldingen worden
toegevoegd aan het eind van het PDF-bestand. U kunt de pagina's van het PDF-bestand waaraan
de afbeeldingen worden toegevoegd, niet opnieuw rangschikken.
Belangrijk
Afbeeldingen kunnen alleen worden toegevoegd aan PDF-bestanden die zijn gemaakt met
e
.b
U kunt het bestandstype en de bestemming opgeven terwijl u de miniaturen weergeeft.
re
Het dialoogvenster Opslaan (Save) wordt geopend wanneer u scant vanuit Opslaan naar computer
(Save to PC) op het tabblad Aangepaste scan met eenmaal klikken (Custom Scan with One-click) of
vanuit Opslaan (Save) in het scherm voor de modus Eenmaal klikken nadat u Dialoogvenster Opslaan
openen na scannen van afbeelding (Exif-informatie invoeren) (Open the save dialog box after scanning
the image (Input Exif information)) hebt geselecteerd.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Dialoogvenster Opslaan (Save)
Pagina 445 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster Opslaan (Save)
d
de
oa
MP Navigator EX. U kunt geen PDF-bestanden opgeven die met andere toepassingen zijn
gemaakt. Het is evenmin mogelijk PDF-bestanden op te geven die in andere toepassingen
zijn bewerkt.
Als een met wachtwoord beveiligd PDF-bestand wordt bewerkt, worden de wachtwoorden
verwijderd. Stel de wachtwoorden opnieuw in.
Wachtwoorden voor PDF-bestanden instellen
m
fro
Wanneer Type bestanden (Save as type) is ingesteld op JPEG/Exif
U kunt een compressietype opgeven voor JPEG-bestanden. Selecteer Hoog (lage compressie)
(High(Low Compression)), Standaard (Standard) of Laag (hoge compressie) (Low(High
Compression)).
Als Type bestanden (Save as type) is PDF, PDF(meerdere pagina's) (PDF(Multiple
Pages)) of PDF(pagina toevoegen) (PDF(Add Page))
Geef geavanceerde instellingen voor het maken van PDF-bestanden op. Zie ' Dialoogvenster PDFinstellingen (PDF Settings) ' voor meer informatie.
Exif-instellingen... (Exif Settings...)
Wanneer Type bestanden (Save as type) is ingesteld op JPEG/Exif, kunt u Exif-informatie opgeven voor
het bestand dat wordt opgeslagen.
Dialoogvenster Exif-instellingen (Exif Settings)
Instellingen wachtwoordbeveiliging (Password security settings)
Schakel dit selectievakje in om het dialoogvenster Wachtwoordbeveiliging - Instellingen (Password
Security -Settings) te openen, waarin u wachtwoorden kunt instellen voor het openen, bewerken en
afdrukken van PDF-bestanden.
Wachtwoorden voor PDF-bestanden instellen
Opmerking
Deze functie is alleen beschikbaar wanneer Type bestanden (Save as type) is ingesteld op PDF,
PDF (meerdere pagina's) (PDF(Multiple Pages)) of PDF (pagina toevoegen) (PDF(Add Page)).
Toevoegen aan (Add to)
Dit wordt weergegeven wanneer u PDF (pagina toevoegen) (PDF(Add Page)) selecteert bij Type
bestanden (Save as type) en het PDF-bestand opgeeft waaraan afbeeldingen worden toegevoegd. Als
u het bestand wilt wijzigen, klikt u op Bladeren... (Browse...) om een ander bestand op te geven.
Belangrijk
Afbeeldingen kunnen alleen worden toegevoegd aan PDF-bestanden die zijn gemaakt met MP
Navigator EX. U kunt geen PDF-bestanden opgeven die met andere toepassingen zijn gemaakt.
Het is evenmin mogelijk PDF-bestanden op te geven die in andere toepassingen zijn bewerkt.
90° links roteren (Rotate Left 90°)/90° rechts roteren (Rotate Right 90°)
Gescande afbeeldingen 90 graden linksom of rechtsom draaien.
Selecteer de afbeelding die u wilt draaien en klik op 90° links roteren (Rotate Left 90°) of 90° rechts
roteren (Rotate Right 90°).
Bestandsnaam (File name)
Voer een bestandsnaam in voor de afbeelding die u wilt opslaan (maximaal 64 tekens). Wanneer u
meerdere bestanden opslaat, worden 4 cijfers aan elke bestandsnaam toegevoegd.
Opslaan in (Save in)
Hiermee wordt de map weergegeven waarin de gescande documenten moeten worden opgeslagen.
Als u de map wilt wijzigen, klikt u op Bladeren... (Browse...) om een andere map op te geven.
Standaard zijn de volgende mappen opgegeven.
e
.b
Instellen... (Set...)
re
PDF, PDF (meerdere pagina's) (PDF(Multiple Pages)) en PDF (pagina toevoegen) (PDF(Add
Page)) kan niet worden geselecteerd voor afbeeldingen die zijn gescand met het
bedieningspaneel van het apparaat.
U kunt JPEG/Exif niet selecteren als Kleurenmodus (Color Mode) is ingesteld op Zwart-wit (Black
and White).
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Belangrijk
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Naar boven
m
Hiermee maakt u een submap in de map die is opgegeven in Opslaan in (Save in) met de huidige
datum. Sla in deze submap gescande afbeeldingen op. Er wordt een submap met een naam als
'2009_01_01' (Jaar_Maand_Dag) gemaakt.
Als dit selectievakje niet is ingeschakeld, worden bestanden rechtstreeks opgeslagen in de map die
is opgegeven in Opslaan in (Save in).
fro
Opslaan in een submap met huidige datum (Save to a Subfolder with Current Date)
d
de
oa
Windows Vista: map MP Navigator EX in de map Afbeeldingen (Pictures)
Windows XP: map MP Navigator EX in de map Mijn afbeeldingen (My Pictures)
Windows 2000: map MP Navigator EX in de map Mijn afbeeldingen (My Pictures)
Pagina 446 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster Opslaan (Save)
Pagina 447 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster Exif-instellingen (Exif Settings)
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Schermen van MP
Navigator EX > Dialoogvenster Exif-instellingen (Exif Settings)
Basisinformatie (Basic Information)
Hier wordt de informatie weergegeven die automatisch worden opgehaald vanaf het apparaat of uit de
software.
Geavanceerde informatie (Advanced Information)
Geeft informatie weer die wordt opgegeven aan de rechterkant van het scherm.
Gebied voor instellingen voor Geavanceerde informatie (Advanced Information)
U kunt Exif-informatie zoals de titel en de opnamedatum opgeven. Schakel de selectievakjes in van de
items die u wilt opgeven en selecteer informatie of geef deze op.
Deze instelling voor invoeritems automatisch toepassen (Apply the Same Setting of Input Items
Automatically)
Schakel dit selectievakje in om automatisch de informatie weer te geven die u voor de vorige
afbeelding hebt opgegeven.
Toepassen (Apply)
Klik nadat u de gewenste informatie hebt opgegeven op Toepassen (Apply) om deze aan de
afbeelding toe te voegen. De informatie verschijnt in Geavanceerde informatie (Advanced Information).
OK
De opgegeven informatie wordt aan de afbeelding toegevoegd en het scherm wordt gesloten. De
opgegeven informatie wordt opgeslagen.
Annuleren (Cancel)
Hiermee annuleert u de instellingen en sluit u het scherm.
Informatie is opgeslagen wanneer u op Annuleren (Cancel) klikt nadat u op Toepassen (Apply) hebt
geklikt.
Naar boven
e
.b
Het dialoogvenster Exif-instellingen (Exif Settings) kan worden geopend wanneer bij Type bestanden
(Save as type) JPEG/Exif is geselecteerd.
re
U kunt Exif-informatie toevoegen aan het bestand dat u wilt opslaan. Exif is een standaardindeling
waarmee u verschillende opnamegegevens kunt toevoegen aan afbeeldingen van digitale camera's
(JPEG). Wanneer u Exif-informatie opneemt in gescande afbeeldingen, kunt u deze samen met
afbeeldingen van digitale camera's organiseren en afdrukken.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Dialoogvenster Exif-instellingen (Exif Settings)
Pagina 448 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster PDF
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Schermen van MP
Navigator EX > Dialoogvenster PDF
e
.b
re
Klik op Opslaan als PDF-bestand (Save as PDF file) op het tabblad Aangepaste scan met eenmaal
klikken (Custom Scan with One-click) of klik op PDF in het scherm voor de modus Eenmaal klikken om
het dialoogvenster PDF te openen.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Dialoogvenster PDF
Scan-instellingen (Scan Settings)
Documenttype (Document Type)
Selecteer het type document dat u wilt scannen.
Kleurenmodus (Color Mode)
Selecteer hoe u het document wilt scannen.
Documentformaat (Document Size)
Selecteer het formaat van het document dat u wilt scannen.
Wanneer u Aangepast (Custom) selecteert, wordt een dialoogvenster geopend waarin u het
documentformaat kunt opgeven. Selecteer een van de Eenheden (Units), voer de Breedte (Width) en
Hoogte (Height) in en klik op OK.
Belangrijk
Pagina 449 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster PDF
d
de
oa
Wanneer u Automatisch detecteren (Auto Detect) selecteert, wordt de afbeelding mogelijk niet
gescand op de juiste positie en het juiste formaat. Wijzig het formaat in dat geval in het
werkelijke documentformaat (A4, Letter enz.). Lijn een hoek van het document uit met de hoek
bij de pijl (positiemarkering) van de glasplaat.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
Klik hierop om het dialoogvenster Scan-instellingen (Scan Settings) te openen, waarin u
geavanceerde scaninstellingen kunt opgeven.
Dialoogvenster Scan-instellingen (Scan Settings)
w
Opgeven... (Specify...)
m
Hier kunt u de resolutie selecteren waarmee documenten moeten worden gescand.
Resolutie
fro
Resolutie (Resolution)
Instellingen opslaan (Save Settings)
De afbeelding na het scannen automatisch opslaan op de computer (Automatically save the
image to your computer after scanning it)
Selecteer deze optie om de afbeeldingen na het scannen op de opgegeven manier op de computer
op te slaan.
De instellingen Bestandsnaam (File name), Type bestanden (Save as type) en Opslaan in (Save in)
worden weergegeven.
Belangrijk
Als u deze functie selecteert, kunt u geen wachtwoorden voor PDF-bestanden instellen.
Bestandsnaam (File name)
Voer een bestandsnaam in voor de afbeelding die u wilt opslaan (maximaal 64 tekens). Wanneer u
meerdere bestanden opslaat, worden 4 cijfers aan elke bestandsnaam toegevoegd.
Type bestanden (Save as type)
Selecteer een bestandstype om de gescande afbeeldingen op te slaan.
Selecteer PDF, PDF (meerdere pagina's) (PDF(Multiple Pages)) of PDF (pagina toevoegen)
(PDF(Add Page)).
PDF
Sla elk van de geselecteerde afbeeldingen op als afzonderlijk PDF-bestand.
PDF (meerdere pagina's) (PDF(Multiple Pages))
Meerdere afbeeldingen als één PDF-bestand opslaan.
PDF (pagina toevoegen) (PDF(Add Page))
De gescande afbeeldingen toevoegen aan een PDF-bestand. De afbeeldingen worden
toegevoegd aan het eind van het PDF-bestand. U kunt de pagina's van het PDF-bestand
waaraan de afbeeldingen worden toegevoegd, niet opnieuw rangschikken.
Belangrijk
U kunt geen afbeeldingen toevoegen aan PDF-bestanden die met een wachtwoord zijn
beveiligd.
Opmerking
Klik op Instellen... (Set...) om het dialoogvenster PDF-instellingen (PDF Settings) te openen,
waarin u het PDF-compressietype en andere geavanceerde instellingen voor het maken van
PDF-bestanden kunt opgeven.
Dialoogvenster PDF-instellingen (PDF Settings)
Zie 'PDF-bestanden maken/bewerken ' voor informatie over het verwijderen of opnieuw ordenen
van pagina's in opgeslagen PDF-bestanden.
Opslaan in (Save in)
Hiermee wordt de map weergegeven waarin de gescande documenten moeten worden
opgeslagen. Als u de map wilt wijzigen, klikt u op Bladeren... (Browse...) om een andere map op te
geven.
d
de
oa
Standaard zijn de volgende mappen opgegeven.
Windows Vista: map MP Navigator EX in de map Afbeeldingen (Pictures)
Windows XP: map MP Navigator EX in de map Mijn afbeeldingen (My Pictures)
Windows 2000: map MP Navigator EX in de map Mijn afbeeldingen (My Pictures)
Pagina 450 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster PDF
Openen met (Open with)
Geef een toepassing op waarmee u de gescande afbeelding wilt openen. Sleep het pictogram van
een toepassing naar dit vak die de bestandsindeling ondersteunt die wordt weergegeven in Type
bestanden (Save as type). De opgegeven toepassing wordt gestart nadat de afbeeldingen zijn
gescand.
Belangrijk
Afhankelijk van de opgegeven toepassing worden de afbeeldingen mogelijk niet correct
weergegeven of wordt de toepassing niet gestart.
Herstellen (Reset)
De toepassingsinstelling annuleren.
Instellen... (Set...)
Hiermee kunt u een toepassing instellen die moet worden gestart.
Scannen starten door op de eenmaal-klikken-knop te klikken (Start scanning by clicking the oneclick button)
Schakel dit selectievakje in om het scannen te starten wanneer u op een pictogram klikt.
Toepassen (Apply)
Hiermee worden de opgegeven instellingen opgeslagen en toegepast.
Klik op Annuleren (Cancel) in plaats van Toepassen (Apply) om de opgegeven instellingen te
annuleren.
Annuleren (Cancel)
Hiermee worden de opgegeven instellingen geannuleerd. Het huidige scherm wordt gesloten.
Standaard (Defaults)
Hiermee zet u alle instellingen in het scherm terug op hun standaardwaarde.
Scannen (Scan)
Hiermee kunt u documenten als PDF-bestanden scannen en opslaan met de opgegeven
instellingen.
e
.b
Instellingen voor de toepassing (Application Settings)
re
als u wachtwoorden voor PDF-bestanden wilt instellen, selecteert u Het dialoogvenster voor
opslaan openen na het scannen van de afbeelding (Open the save dialog box after scanning
the image). Nadat de afbeelding is gescand, kunt u de wachtwoorden instellen in het
dialoogvenster Opslaan als PDF-bestand (Save as PDF file).
Wachtwoorden voor PDF-bestanden instellen
or
nb
de
an
.v
w
Opmerking
w
Hiermee opent u het dialoogvenster Opslaan als PDF-bestand (Save as PDF file) nadat de
afbeeldingen zijn gescand en geeft u instellingen op als de doelmap en bestandsnaam.
Dialoogvenster Opslaan als PDF-bestand (Save as PDF file)
w
Het dialoogvenster voor opslaan openen na het scannen van de afbeelding (Open the save dialog
box after scanning the image)
m
Hiermee maakt u een submap in de map die is opgegeven in Opslaan in (Save in) met de huidige
datum. Sla in deze submap gescande afbeeldingen op. Er wordt een submap met een naam als
'2009_01_01' (Jaar_Maand_Dag) gemaakt.
Als dit selectievakje niet is ingeschakeld, worden bestanden rechtstreeks opgeslagen in de map
die is opgegeven in Opslaan in (Save in).
fro
Opslaan in een submap met huidige datum (Save to a Subfolder with Current Date)
Pagina 451 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster PDF
Naar boven
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Pagina 452 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster Opslaan als PDF-bestand (Save as PDF file)
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Schermen van MP
Navigator EX > Dialoogvenster Opslaan als PDF-bestand (Save as PDF file)
Belangrijk
U kunt afbeeldingen die gescand zijn met 10501 of meer pixels in verticale en horizontale richting
niet opslaan.
Type bestanden (Save as type)
Selecteer een PDF-bestandstype om de gescande afbeeldingen op te slaan.
PDF
Sla elk van de geselecteerde afbeeldingen op als afzonderlijk PDF-bestand.
PDF (meerdere pagina's) (PDF(Multiple Pages))
Meerdere afbeeldingen als één PDF-bestand opslaan.
Opmerking
PDF (meerdere pagina's) (PDF(Multiple Pages)) wordt weergegeven wanneer er meerdere
afbeeldingen zijn geselecteerd.
PDF (pagina toevoegen) (PDF(Add Page))
De gescande afbeeldingen toevoegen aan een PDF-bestand. De afbeeldingen worden
toegevoegd aan het eind van het PDF-bestand. U kunt de pagina's van het PDF-bestand waaraan
de afbeeldingen worden toegevoegd, niet opnieuw rangschikken.
e
.b
In het dialoogvenster Opslaan als PDF-bestand (Save as PDF file) kunt u instellingen opgeven voor het
opslaan van afbeeldingen op een computer.
re
Het dialoogvenster Opslaan als PDF-bestand (Save as PDF file) wordt geopend wanneer u scant vanuit
Opslaan als PDF-bestand (Save as PDF file) op het tabblad Aangepaste scan met eenmaal klikken
(Custom Scan with One-click) of vanuit PDF in het scherm voor de modus Eenmaal klikken nadat u Het
dialoogvenster voor opslaan openen na het scannen van de afbeelding (Open the save dialog box after
scanning the image) hebt geselecteerd.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Dialoogvenster Opslaan als PDF-bestand (Save as PDF file)
d
de
oa
Belangrijk
Pagina 453 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster Opslaan als PDF-bestand (Save as PDF file)
Bestandsnaam (File name)
Voer een bestandsnaam in voor de afbeelding die u wilt opslaan (maximaal 64 tekens). Wanneer u
meerdere bestanden opslaat, worden 4 cijfers aan elke bestandsnaam toegevoegd.
Opslaan in (Save in)
Hier wordt de map weergegeven waarin de PDF-bestanden moeten worden opgeslagen. Als u de
map wilt wijzigen, klikt u op Bladeren... (Browse...) om een andere map op te geven.
Standaard zijn de volgende mappen opgegeven.
Windows Vista: map MP Navigator EX in de map Afbeeldingen (Pictures)
Windows XP: map MP Navigator EX in de map Mijn afbeeldingen (My Pictures)
Windows 2000: map MP Navigator EX in de map Mijn afbeeldingen (My Pictures)
Opslaan in een submap met huidige datum (Save to a Subfolder with Current Date)
Hiermee maakt u een submap in de map die is opgegeven in Opslaan in (Save in) met de huidige
datum. Sla in deze submap gescande afbeeldingen op. Er wordt een submap met een naam als
'2009_01_01' (Jaar_Maand_Dag) gemaakt.
Als dit selectievakje niet is ingeschakeld, worden bestanden rechtstreeks opgeslagen in de map die
is opgegeven in Opslaan in (Save in).
Naar boven
e
.b
Gescande afbeeldingen 90 graden linksom of rechtsom draaien.
Selecteer de afbeelding die u wilt draaien en klik op 90° links roteren (Rotate Left 90°) of 90° rechts
roteren (Rotate Right 90°).
re
90° links roteren (Rotate Left 90°)/90° rechts roteren (Rotate Right 90°)
or
nb
de
an
.v
w
Schakel dit selectievakje in om het dialoogvenster Wachtwoordbeveiliging - Instellingen (Password
Security -Settings) te openen, waarin u wachtwoorden kunt instellen voor het openen, bewerken en
afdrukken van PDF-bestanden.
Wachtwoorden voor PDF-bestanden instellen
w
Instellingen wachtwoordbeveiliging (Password security settings)
w
Geef geavanceerde instellingen voor het maken van PDF-bestanden op. Zie ' Dialoogvenster PDFinstellingen (PDF Settings) ' voor meer informatie.
m
Instellen... (Set...)
fro
Afbeeldingen kunnen alleen worden toegevoegd aan PDF-bestanden die zijn gemaakt met
MP Navigator EX. U kunt geen PDF-bestanden opgeven die met andere toepassingen zijn
gemaakt. Het is evenmin mogelijk PDF-bestanden op te geven die in andere toepassingen
zijn bewerkt.
PDF (pagina toevoegen) (PDF(Add Page)) kan niet worden geselecteerd voor gescande
afbeeldingen via het bedieningspaneel van het apparaat.
Als een met wachtwoord beveiligd PDF-bestand wordt bewerkt, worden de wachtwoorden
verwijderd. Stel de wachtwoorden opnieuw in.
Wachtwoorden voor PDF-bestanden instellen
Pagina 454 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster Verzenden (Mail)
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Schermen van MP
Navigator EX > Dialoogvenster Verzenden (Mail)
e
.b
re
Klik op Toevoegen aan e-mail (Attach to E-mail) op het tabblad Aangepaste scan met eenmaal klikken
(Custom Scan with One-click) of klik op Verzenden (Mail) in het scherm Modus om het dialoogvenster
Verzenden (Mail) te openen.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Dialoogvenster Verzenden (Mail)
Scan-instellingen (Scan Settings)
Documenttype (Document Type)
Selecteer het type document dat u wilt scannen.
Kleurenmodus (Color Mode)
Selecteer hoe u het document wilt scannen.
Documentformaat (Document Size)
Selecteer het formaat van het document dat u wilt scannen.
Wanneer u Aangepast (Custom) selecteert, wordt een dialoogvenster geopend waarin u het
documentformaat kunt opgeven. Selecteer een van de Eenheden (Units), voer de Breedte (Width) en
Hoogte (Height) in en klik op OK.
Belangrijk
Wanneer u Automatisch detecteren (Auto Detect) selecteert, wordt de afbeelding mogelijk niet
gescand op de juiste positie en het juiste formaat. Wijzig het formaat in dat geval in het
Pagina 455 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster Verzenden (Mail)
Resolutie (Resolution)
d
de
oa
werkelijke documentformaat (A4, Letter enz.). Lijn een hoek van het document uit met de hoek
bij de pijl (positiemarkering) van de glasplaat.
Maak een keuze uit de formaten Klein (past in 640 bij 480-venster) (Small (fits in a 640 by 480
window)), Medium (past in 800 bij 600-venster) (Medium (fits in a 800 by 600 window)), Groot (past
in 1024 bij 768-venster) (Large (fits in a 1024 by 768 window)) en Origineel (Original).
Bestandsnaam (File name)
Voer een bestandsnaam in voor de afbeelding die u wilt opslaan (maximaal 64 tekens). Wanneer u
meerdere bestanden opslaat, worden 4 cijfers aan elke bestandsnaam toegevoegd.
Type bestanden (Save as type)
Selecteer een bestandstype om de gescande afbeeldingen op te slaan.
Selecteer JPEG/Exif, PDF of PDF (meerdere pagina's) (PDF(Multiple Pages)).
Belangrijk
U kunt geen wachtwoorden instellen voor PDF-bestanden.
U kunt JPEG/Exif niet selecteren als Kleurenmodus (Color Mode) is ingesteld op Zwart-wit
(Black and White).
Instellen... (Set...)
Wanneer Type bestanden (Save as type) is ingesteld op JPEG/Exif
U kunt een compressietype opgeven voor JPEG-bestanden. Selecteer Hoog (lage compressie)
(High(Low Compression)), Standaard (Standard) of Laag (hoge compressie) (Low(High
Compression)).
Als Type bestanden (Save as type) is ingesteld op PDF of PDF (meerdere pagina's)
(PDF(Multiple Pages)).
Geef geavanceerde instellingen voor het maken van PDF-bestanden op. Zie ' Dialoogvenster PDFinstellingen (PDF Settings) ' voor meer informatie.
Opslaan in (Save in)
Hiermee wordt de map weergegeven waarin de gescande documenten moeten worden
opgeslagen. Als u de map wilt wijzigen, klikt u op Bladeren... (Browse...) om een andere map op te
geven.
Standaard zijn de volgende mappen opgegeven.
Windows Vista: map MP Navigator EX in de map Afbeeldingen (Pictures)
Windows XP: map MP Navigator EX in de map Mijn afbeeldingen (My Pictures)
Windows 2000: map MP Navigator EX in de map Mijn afbeeldingen (My Pictures)
Opslaan in een submap met huidige datum (Save to a Subfolder with Current Date)
Hiermee maakt u een submap in de map die is opgegeven in Opslaan in (Save in) met de huidige
e
.b
Bestandsgrootte (File Size)
re
Instellingen opslaan (Save Settings)
or
nb
de
an
.v
w
Klik hierop om het dialoogvenster Scan-instellingen (Scan Settings) te openen, waarin u
geavanceerde scaninstellingen kunt opgeven.
Dialoogvenster Scan-instellingen (Scan Settings)
w
Opgeven... (Specify...)
w
Schakel dit selectievakje in om het scherm van ScanGear (scannerstuurprogramma) weer te geven
en geavanceerde instellingen voor het scannen te definiëren.
De instellingen Kleurenmodus (Color Mode), Documentformaat (Document Size), Resolutie
(Resolution) en andere instellingen in het dialoogvenster Verzenden (Mail) worden uitgeschakeld.
Geef deze instellingen op in het scherm van ScanGear (scannerstuurprogramma).
m
Scannerstuurpr. gebruiken (Use the scanner driver)
fro
Hier kunt u de resolutie selecteren waarmee documenten moeten worden gescand.
Resolutie
Pagina 456 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster Verzenden (Mail)
d
de
oa
datum. Sla in deze submap gescande afbeeldingen op. Er wordt een submap met een naam als
'2009_01_01' (Jaar_Maand_Dag) gemaakt.
Als dit selectievakje niet is ingeschakeld, worden bestanden rechtstreeks opgeslagen in de map
die is opgegeven in Opslaan in (Save in).
m
fro
w
E-mailprogramma (Mail Program)
Hiermee geeft u een e-mailprogramma op.
Opmerking
Schakel dit selectievakje in om het scannen te starten wanneer u op een pictogram klikt.
Toepassen (Apply)
Hiermee worden de opgegeven instellingen opgeslagen en toegepast.
Klik op Annuleren (Cancel) in plaats van Toepassen (Apply) om de opgegeven instellingen te
annuleren.
Annuleren (Cancel)
Hiermee worden de opgegeven instellingen geannuleerd. Het huidige scherm wordt gesloten.
Standaard (Defaults)
Hiermee zet u alle instellingen in het scherm terug op hun standaardwaarde.
Scannen (Scan)
Hiermee scant u documenten met de opgegeven instellingen.
Na afloop van het scannen wordt het e-mailprogramma automatisch gestart en wordt een nieuw
berichtscherm geopend met de afbeelding toegevoegd.
Naar boven
e
.b
Scannen starten door op de eenmaal-klikken-knop te klikken (Start scanning by clicking the oneclick button)
re
Selecteer Toevoegen... (Add...) om het dialoogvenster E-mailprogramma selecteren (Select
Mail Program) te openen. Hier kunt u een e-mailprogramma selecteren. Als het gewenste emailprogramma niet wordt weergegeven, klikt u op Toevoegen aan lijst (Add to List) en
selecteert u het programma.
or
nb
de
an
.v
w
w
Instellingen voor bijlagen (Attachment Settings)
Pagina 457 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster OCR
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Schermen van MP
Navigator EX > Dialoogvenster OCR
Klik op OCR op het tabblad Aangepaste scan met eenmaal klikken (Custom Scan with One-click) of in
het scherm voor de modus Eenmaal klikken om het dialoogvenster OCR te openen.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Dialoogvenster OCR
Scan-instellingen (Scan Settings)
Documenttype (Document Type)
Selecteer het type document dat u wilt scannen.
Kleurenmodus (Color Mode)
Selecteer hoe u het document wilt scannen.
Documentformaat (Document Size)
Selecteer het formaat van het document dat u wilt scannen.
Wanneer u Aangepast (Custom) selecteert, wordt een dialoogvenster geopend waarin u het
documentformaat kunt opgeven. Selecteer een van de Eenheden (Units), voer de Breedte (Width) en
Hoogte (Height) in en klik op OK.
Resolutie (Resolution)
Hier kunt u de resolutie selecteren waarmee documenten moeten worden gescand.
Resolutie
Scannerstuurpr. gebruiken (Use the scanner driver)
Pagina 458 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster OCR
d
de
oa
Schakel dit selectievakje in om het scherm van ScanGear (scannerstuurprogramma) weer te geven
en geavanceerde instellingen voor het scannen te definiëren.
Kleurenmodus (Color Mode), Documentformaat (Document Size), Resolutie (Resolution) en andere
instellingen in het dialoogvenster OCR worden uitgeschakeld. Geef deze instellingen op in het
scherm van ScanGear (scannerstuurprogramma).
Selecteer een bestandstype om de gescande afbeeldingen op te slaan.
Selecteer JPEG/Exif, TIFF of BMP.
Belangrijk
U kunt JPEG/Exif niet selecteren als Kleurenmodus (Color Mode) is ingesteld op Zwart-wit
(Black and White).
Instellen... (Set...)
Wanneer Type bestanden (Save as type) is ingesteld op JPEG/Exif
U kunt een compressietype opgeven voor JPEG-bestanden. Selecteer Hoog (lage compressie)
(High(Low Compression)), Standaard (Standard) of Laag (hoge compressie) (Low(High
Compression)).
Opslaan in (Save in)
Hiermee wordt de map weergegeven waarin de gescande documenten moeten worden
opgeslagen. Als u de map wilt wijzigen, klikt u op Bladeren... (Browse...) om een andere map op te
geven.
Standaard zijn de volgende mappen opgegeven.
Windows Vista: map MP Navigator EX in de map Afbeeldingen (Pictures)
Windows XP: map MP Navigator EX in de map Mijn afbeeldingen (My Pictures)
Windows 2000: map MP Navigator EX in de map Mijn afbeeldingen (My Pictures)
Opslaan in een submap met huidige datum (Save to a Subfolder with Current Date)
Hiermee maakt u een submap in de map die is opgegeven in Opslaan in (Save in) met de huidige
datum. Sla in deze submap gescande afbeeldingen op. Er wordt een submap met een naam als
'2009_01_01' (Jaar_Maand_Dag) gemaakt.
Als dit selectievakje niet is ingeschakeld, worden bestanden rechtstreeks opgeslagen in de map
die is opgegeven in Opslaan in (Save in).
Instellingen voor de toepassing (Application Settings)
OCR met (OCR with)
Een OCR-toepassing opgeven.
Als u MP Navigator EX opgeeft, wordt de tekst nadat de afbeelding gescand is in de afbeelding
geëxporteerd naar en weergegeven in Kladblok (geleverd bij Windows)
Opmerking
e
.b
Type bestanden (Save as type)
re
Voer een bestandsnaam in voor de afbeelding die u wilt opslaan (maximaal 64 tekens). Wanneer u
meerdere bestanden opslaat, worden 4 cijfers aan elke bestandsnaam toegevoegd.
or
nb
de
an
.v
w
Bestandsnaam (File name)
w
Instellingen opslaan (Save Settings)
w
Opmerking
Wanneer u scheve documenten wilt corrigeren, selecteert u het selectievakje Scheve
documenten corrigeren (Correct slanted document) om de nauwkeurigheid van
tekstherkenning te verbeteren
m
Klik hierop om het dialoogvenster Scan-instellingen (Scan Settings) te openen, waarin u
geavanceerde scaninstellingen kunt opgeven.
Dialoogvenster Scan-instellingen (Scan Settings)
fro
Opgeven... (Specify...)
Pagina 459 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster OCR
d
de
oa
U kunt alleen teksten in talen exporteren naar Kladblok (geleverd bij Windows)die geselecteerd
kunnen worden op het tabblad Algemeen (General) Klik op Instellen... (Set...) op het tabblad
Algemeen (General) en geef de taal op van het document dat u wilt scannen.
Als u meerdere documenten scant, kunt u de geëxporteerde tekst in één bestand verzamelen.
Tabblad Algemeen (General)
Tekst die wordt weergegeven in Kladblok (geleverd bij Windows) kan alleen als leidraad
worden gebruikt. Tekst in de afbeeldingen van de volgende documenttypen wordt mogelijk niet
correct gelezen.
- Documenten die tekst bevatten met een tekengrootte kleiner dan 8 of groter dan 40 punten
(op 300 dpi)
- Scheve documenten
- Documenten die omgekeerd zijn geplaatst of documenten met een onjuiste afdrukstand
(gedraaide tekens)
- Documenten met speciale lettertypen, effecten, cursieve letters of met de hand geschreven
tekst
- Documenten met een smalle regelafstand
- Documenten met kleuren op de achtergrond van tekst
- Documenten met meerdere talen
Schakel dit selectievakje in om het scannen te starten wanneer u op een pictogram klikt.
Toepassen (Apply)
Hiermee worden de opgegeven instellingen opgeslagen en toegepast.
Klik op Annuleren (Cancel) in plaats van Toepassen (Apply) om de opgegeven instellingen te
annuleren.
Annuleren (Cancel)
Hiermee worden de opgegeven instellingen geannuleerd. Het huidige scherm wordt gesloten.
Standaard (Defaults)
Hiermee zet u alle instellingen in het scherm terug op hun standaardwaarde.
Scannen (Scan)
Hiermee scant u documenten met de opgegeven instellingen.
Naar boven
e
.b
Scannen starten door op de eenmaal-klikken-knop te klikken (Start scanning by clicking the oneclick button)
re
Afhankelijk van de opgegeven toepassing wordt de tekst mogelijk niet juist geëxporteerd of
wordt de toepassing niet gestart.
or
nb
de
an
.v
w
Belangrijk
w
Hiermee kunt u een toepassing selecteren.
w
Instellen... (Set...)
m
De toepassingsinstelling annuleren.
fro
Herstellen (Reset)
Pagina 460 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster Aangepast (Custom)
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Schermen van MP
Navigator EX > Dialoogvenster Aangepast (Custom)
e
.b
re
Klik op Aangepast (Custom) op het tabblad Aangepaste scan met eenmaal klikken (Custom Scan with
One-click) of klik op Aangepast (Custom) in het scherm voor de modus Eenmaal klikken om het
dialoogvenster Aangepast te openen.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Dialoogvenster Aangepast (Custom)
Scan-instellingen (Scan Settings)
Documenttype (Document Type)
Selecteer het type document dat u wilt scannen. Als Auto-mode (Auto Mode) geselecteerd is, wordt
het documenttype automatisch herkend. In dat geval worden de Kleurenmodus (Color Mode), het
Documentformaat (Document Size) en de Resolutie (Resolution) ook automatisch ingesteld.
Belangrijk
De volgende documenttypen kunnen niet goed worden gescand in de Auto-mode (Auto Mode).
In dat geval moet u het documenttype of -formaat opgeven.
- Andere documenten dan foto's, ansichtkaarten, visitekaartjes, tijdschriften, tekstdocumenten
en cd's/dvd's
- Foto's op A4-formaat
- Tekstdocumenten kleiner dan 2L (127 x 178 mm) (5 x 7 inch), zoals pagina's van een pocket
waarvan de rug is afgesneden
- Documenten die zijn afgedrukt op dun wit papier
- Lange, smalle documenten, zoals panoramafoto's
Reflecterende cd/dvd-labels worden mogelijk niet correct gescand.
Plaats de documenten juist op de plaat, afhankelijk van het type document dat u wilt scannen.
Anders worden de documenten mogelijk niet juist gescand.
Zie 'Documenten plaatsen ' voor meer informatie over het plaatsen van documenten.
Opmerking
Pagina 461 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster Aangepast (Custom)
d
de
oa
Voor Moiré-reductie stelt u het Documenttype (Document Type) in op Tijdschrift (Magazine).
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
Selecteer het formaat van het document dat u wilt scannen.
Wanneer u Aangepast (Custom) selecteert, wordt een dialoogvenster geopend waarin u het
documentformaat kunt opgeven. Selecteer een van de Eenheden (Units), voer de Breedte (Width) en
Hoogte (Height) in en klik op OK.
w
Documentformaat (Document Size)
m
Selecteer hoe u het document wilt scannen.
fro
Kleurenmodus (Color Mode)
Belangrijk
Wanneer u Automatisch detecteren (Auto Detect) selecteert, wordt de afbeelding mogelijk niet
gescand op de juiste positie en het juiste formaat. Wijzig het formaat in dat geval in het
werkelijke documentformaat (A4, Letter enz.). Lijn een hoek van het document uit met de hoek
bij de pijl (positiemarkering) van de glasplaat.
Resolutie (Resolution)
Hier kunt u de resolutie selecteren waarmee documenten moeten worden gescand.
Resolutie
Scannerstuurpr. gebruiken (Use the scanner driver)
Schakel dit selectievakje in om het scherm van ScanGear (scannerstuurprogramma) weer te geven
en geavanceerde instellingen voor het scannen te definiëren.
De instellingen Kleurenmodus (Color Mode), Documentformaat (Document Size), Resolutie
(Resolution) en andere instellingen in het dialoogvenster Aangepast (Custom) worden
uitgeschakeld. Geef deze instellingen op in het scherm van ScanGear (scannerstuurprogramma).
Opgeven... (Specify...)
Klik hierop om het dialoogvenster Scan-instellingen (Scan Settings) te openen, waarin u
geavanceerde scaninstellingen kunt opgeven.
Dialoogvenster Scan-instellingen (Scan Settings)
Instellingen opslaan (Save Settings)
De afbeelding na het scannen automatisch opslaan op de computer (Automatically save the
image to your computer after scanning it)
Selecteer deze optie om de afbeeldingen na het scannen op de opgegeven manier op de computer
op te slaan.
De instellingen Bestandsnaam (File name), Type bestanden (Save as type) en Opslaan in (Save in)
worden weergegeven.
Belangrijk
Als u deze functie selecteert, kunt u geen wachtwoorden voor PDF-bestanden instellen.
Opmerking
Als in Instellingen voor de toepassing (Application Settings) is aangegeven welke toepassing
wordt gestart, wordt de gescande afbeelding in die toepassing geopend.
Bestandsnaam (File name)
Voer een bestandsnaam in voor de afbeelding die u wilt opslaan (maximaal 64 tekens). Wanneer u
meerdere bestanden opslaat, worden 4 cijfers aan elke bestandsnaam toegevoegd.
Type bestanden (Save as type)
Pagina 462 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster Aangepast (Custom)
d
de
oa
U kunt opgeven in welke bestandsindeling afbeeldingen moeten worden opgeslagen. Selecteer
een bestandsindeling voor een Document en een Foto (Photo).
Wanneer Type bestanden (Save as type) is ingesteld op JPEG/Exif
U kunt een compressietype opgeven voor JPEG-bestanden. Selecteer Hoog (lage compressie)
(High(Low Compression)), Standaard (Standard) of Laag (hoge compressie) (Low(High
Compression)).
Opslaan in (Save in)
Hiermee wordt de map weergegeven waarin de gescande documenten moeten worden
opgeslagen. Als u de map wilt wijzigen, klikt u op Bladeren... (Browse...) om een andere map op te
geven.
Standaard zijn de volgende mappen opgegeven.
Windows Vista: map MP Navigator EX in de map Afbeeldingen (Pictures)
Windows XP: map MP Navigator EX in de map Mijn afbeeldingen (My Pictures)
Windows 2000: map MP Navigator EX in de map Mijn afbeeldingen (My Pictures)
Opslaan in een submap met huidige datum (Save to a Subfolder with Current Date)
Hiermee maakt u een submap in de map die is opgegeven in Opslaan in (Save in) met de huidige
datum. Sla in deze submap gescande afbeeldingen op. Er wordt een submap met een naam als
'2009_01_01' (Jaar_Maand_Dag) gemaakt.
Als dit selectievakje niet is ingeschakeld, worden bestanden rechtstreeks opgeslagen in de map
die is opgegeven in Opslaan in (Save in).
JPEG/Exif-bestand in AdobeRGB opslaan (Save the JPEG/Exif file in AdobeRGB)
Schakel dit selectievakje in om de afbeeldingen op te slaan met kleuren die overeenkomen met
Adobe RGB.
Belangrijk
e
.b
Wanneer Type bestanden (Save as type) is ingesteld op Auto
re
Instellen... (Set...)
or
nb
de
an
.v
w
Wanneer u Auto selecteert, worden bestanden opgeslagen in de volgende indelingen, volgens
het documenttype.
Foto's, ansichtkaarten, cd's/dvd's en visitekaartjes: JPEG
Tijdschriften, kranten en tekstdocumenten: PDF
U kunt de bestandsindeling wijzigen via Instellen... (Set...).
Afbeeldingen die als PDF-bestand zijn opgeslagen, worden in sommige toepassingen
mogelijk niet geopend. Selecteer in dat geval een andere optie dan Auto bij Type bestanden
(Save as type).
Als u JPEG/Exif selecteert en Documenttype (Document Type) niet is ingesteld op Auto-mode
(Auto Mode), kunt u het selectievakje JPEG/Exif-bestand in AdobeRGB opslaan (Save the JPEG
/Exif file in AdobeRGB) inschakelen.
w
Opmerking
w
Als Documenttype (Document Type) is ingesteld op Auto-mode (Auto Mode) en Type
bestanden (Save as type) op Auto, kan de bestandsindeling verschillen, afhankelijk van hoe u
het document plaatst.
Zie 'Documenten plaatsen ' voor meer informatie over het plaatsen van documenten.
Grote documenten (zoals foto's op A4-formaat) die alleen tegen de randen/pijl
(positiemarkering) van de plaat kunnen worden geplaatst, worden mogelijk niet in de juiste
bestandsindeling opgeslagen als Type bestanden (Save as type) is ingesteld op Auto.
Selecteer in dat geval een bestandsindeling die geschikt is voor het te scannen document
U kunt JPEG/Exif niet selecteren als Kleurenmodus (Color Mode) is ingesteld op Zwart-wit
(Black and White).
m
Belangrijk
fro
Selecteer een bestandstype om de gescande afbeeldingen op te slaan.
Selecteer Auto, JPEG/Exif, TIFF of BMP. Auto wordt weergegeven en is standaard geselecteerd
wanneer het Documenttype (Document Type) is ingesteld op Auto-mode (Auto Mode).
Pagina 463 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster Aangepast (Custom)
d
de
oa
Deze functie is alleen beschikbaar als Type bestanden (Save as type) is ingesteld op JPEG/
Exif en Documenttype (Document Type) niet is ingesteld op Auto-mode (Auto Mode).
Deze functie is niet beschikbaar wanneer het Adobe RGB-profiel niet is geïnstalleerd.
Geef een toepassing op waarmee u de gescande afbeelding wilt openen. Sleep het pictogram van
een toepassing naar dit vak die de bestandsindeling ondersteunt die wordt weergegeven in Type
bestanden (Save as type). De opgegeven toepassing wordt gestart nadat de afbeeldingen zijn
gescand.
Belangrijk
Afhankelijk van de opgegeven toepassing worden de afbeeldingen mogelijk niet correct
weergegeven of wordt de toepassing niet gestart.
Herstellen (Reset)
De toepassingsinstelling annuleren.
Instellen... (Set...)
Hiermee kunt u een toepassing instellen die moet worden gestart.
Scannen starten door op de eenmaal-klikken-knop te klikken (Start scanning by clicking the oneclick button)
Schakel dit selectievakje in om het scannen te starten wanneer u op een pictogram klikt.
Toepassen (Apply)
Hiermee worden de opgegeven instellingen opgeslagen en toegepast.
Klik op Annuleren (Cancel) in plaats van Toepassen (Apply) om de opgegeven instellingen te
annuleren.
Annuleren (Cancel)
Hiermee worden de opgegeven instellingen geannuleerd. Het huidige scherm wordt gesloten.
Standaard (Defaults)
Hiermee zet u alle instellingen in het scherm terug op hun standaardwaarde.
Scannen (Scan)
Hiermee kunt u documenten scannen en opslaan met de opgegeven instellingen.
Wanneer Type bestanden (Save as type) is ingesteld op Auto, wordt een bevestiging weergegeven.
Klik op Handleiding openen (Open Manual) om deze handleiding te openen (als deze is
geïnstalleerd).
Naar boven
e
.b
Openen met (Open with)
re
Instellingen voor de toepassing (Application Settings)
or
nb
de
an
.v
w
Hiermee opent u het dialoogvenster Opslaan (Save) nadat de afbeeldingen zijn gescand en geeft u
instellingen voor opslaan op als de doelmap, bestandsnaam en Exif-informatie.
Dialoogvenster Opslaan (Save)
w
Dialoogvenster Opslaan openen na scannen van afbeelding (Exif-informatie invoeren) (Open the
save dialog box after scanning the image (Input Exif information))
w
U kunt deze instelling niet selecteren als het selectievakje Scannerstuurpr. gebruiken (Use the
scanner driver) is ingeschakeld.
Als u een afbeelding opslaat terwijl het selectievakje JPEG/Exif-bestand in AdobeRGB opslaan
(Save the JPEG/Exif file in AdobeRGB) is ingeschakeld, wordt aan het begin van de
bestandsnaam een onderstrepingsteken toegevoegd. (Voorbeeld: _Image0001.JPG)
m
fro
Opmerking
Pagina 464 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster Voorkeuren (Preferences)
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Schermen van MP
Navigator EX > Dialoogvenster Voorkeuren (Preferences)
Klik op Voorkeuren (Preferences) om het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences) te openen.
Zie de onderstaande gedeelten voor meer informatie over elk tabblad.
Tabblad Algemeen (General)
Tabblad Instellingen scannerknop (Scanner Button Settings) (Opslaan)
Naar boven
e
.b
Opmerking
re
In het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences) kunt u geavanceerde instellingen opgeven voor functies
van MP Navigator EX. U doet dit op de tabbladen Algemeen (General) en Instellingen scannerknop
(Scanner Button Settings).
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Dialoogvenster Voorkeuren (Preferences)
Pagina 465 van 710 pagina's
nl
ow
D
Tabblad Algemeen (General)
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Schermen van MP
Navigator EX > Tabblad Algemeen (General)
Op het tabblad Algemeen (General) kunt u algemene instellingen voor MP Navigator EX opgeven.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Tabblad Algemeen (General)
Productnaam (Product Name)
Hier wordt de productnaam weergegeven van het apparaat waarvoor MP Navigator EX momenteel is
geconfigureerd.
Als het weergegeven product niet het gewenste product is, selecteert u het gewenste product in de
lijst.
Opslaan in (Mijn vak) (Save in (My Box))
Hier wordt de map weergegeven waarin de gescande documenten moeten worden opgeslagen. Als u
de map wilt wijzigen, klikt u op Bladeren... (Browse...) om een andere map op te geven.
Standaard zijn de volgende mappen opgegeven.
Windows Vista: map MP Navigator EX in de map Afbeeldingen (Pictures)
Windows XP: map MP Navigator EX in de map Mijn afbeeldingen (My Pictures)
Windows 2000: map MP Navigator EX in de map Mijn afbeeldingen (My Pictures)
Locatie van tijdelijke bestanden (Location of Temporary Files)
Hier wordt de map weergegeven waarin de afbeeldingen tijdelijk moeten worden opgeslagen. Als u
de map wilt wijzigen, klikt u op Bladeren... (Browse...) om een andere map op te geven.
Belangrijk
Er kan een fout optreden als u de hoofdmap van het station waarin het besturingssysteem is
geïnstalleerd, opgeeft als bestemming. Zorg dat u een andere map opgeeft.
Er kan een fout optreden als u een netwerkmap opgeeft als bestemming. Zorg dat u een lokale
map opgeeft.
Uit te voeren toepassing (Application to run)
Hier worden de toepassingen weergegeven die vanuit MP Navigator EX kunnen worden gestart.
Installeer de toepassingen vanaf de installatie-cd-rom (Setup CD-ROM) die u bij het apparaat hebt
Pagina 466 van 710 pagina's
nl
ow
D
Tabblad Algemeen (General)
d
de
oa
ontvangen.
Bij Toevoegen aan e-mail (Attach to E-mail) kunt u een e-mailprogramma selecteren dat moet worden
gestart.
Bij PDF-bestand openen (Open PDF file) wordt de toepassing weergegeven die in het
besturingssysteem is gekoppeld aan de bestandsextensie .pdf.
m
fro
w
U kunt kiezen welke items worden geïnstalleerd vanaf de installatie-cd-rom (Setup CD-ROM)
door Aangepaste installatie (Custom Install) te selecteren. Als u via Aangepaste installatie
(Custom Install) aangeeft dat u enkele toepassingen niet wilt installeren, zijn de bijbehorende
functies van MP Navigator EX niet beschikbaar. Als u die functies wilt gebruiken, moet u de
bijbehorende toepassingen installeren.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
Belangrijk
Opmerking
Voor Converteren naar tekstbestand (Convert to text file) wordt Kladblok (geleverd bij Windows)
weergegeven. Klik op Instellen… (Set...) om een dialoogvenster te openen en geef vervolgens de
Documenttaal (Document Language) op en geef aan hoe u meerdere documenten wilt scannen.
Documenttaal (Document Language)
Geef de taal op van het document dat u wilt scannen. Alleen tekst geschreven in talen die
kunnen worden geselecteerd onder Documenttaal (Document Language) kunnen worden
geëxporteerd naar Kladblok.
Meerdere resultaten tekstconversie combineren (Combine multiple text conversion results)
Als u meerdere documenten scant, kunt u het selectievakje inschakelen om de resultaten van
de conversie (tekst) in één bestand te verzamelen. Dit selectievakje is standaard
ingeschakeld.
Als het selectievakje is ingeschakeld, kunt u maximaal 99 pagina's tegelijk scannen.
Schakel het selectievakje uit als u elk resultaat van de conversie (tekst) in een apart bestand
wilt weergeven.
Als het selectievakje niet is ingeschakeld, kunt u maximaal 10 pagina's tegelijk scannen.
Naar boven
Pagina 467 van 710 pagina's
nl
ow
D
Tabblad Instellingen scannerknop (Scanner Button Settings) (Opslaan)
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Schermen van MP
Navigator EX > Tabblad Instellingen scannerknop (Scanner Button Settings) (Opslaan)
Gebeurtenis (Event)
Selecteer gebeurtenis (Select Event)
Opslaan naar computer (Save to PC) is ingesteld.
Documenttype (Document Type)
Automatische scan (Auto Scan) is ingesteld. Het documenttype wordt automatisch gedetecteerd.
Belangrijk
De volgende documenttypen kunnen niet goed worden gescand met Automatische scan (Auto
Scan). Geef in dat geval het documenttype of -formaat op in MP Navigator EX.
Raadpleeg ' Foto's en documenten scannen ' als u afbeeldingen wilt scannen met MP Navigator
EX.
- Andere documenten dan foto's, ansichtkaarten, visitekaartjes, tijdschriften, tekstdocumenten
en cd's/dvd's
- Foto's op A4-formaat
- Tekstdocumenten kleiner dan 2L (127 x 178 mm) (5 x 7 inch), zoals pagina's van een pocket
waarvan de rug is afgesneden
- Documenten die zijn afgedrukt op dun wit papier
- Lange, smalle documenten, zoals panoramafoto's
Reflecterende cd/dvd-labels worden mogelijk niet correct gescand.
Plaats de documenten juist op de plaat, afhankelijk van het type document dat u wilt scannen.
e
.b
U kunt opgeven hoe gereageerd moet worden bij gebruik van het bedieningspaneel om te scannen
re
Op het tabblad Instellingen scannerknop (Scanner Button Settings) kunt u de volgende instellingen
opgeven.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Tabblad Instellingen scannerknop (Scanner Button Settings)
(Opslaan)
Pagina 468 van 710 pagina's
nl
ow
D
Tabblad Instellingen scannerknop (Scanner Button Settings) (Opslaan)
d
de
oa
Anders worden de documenten mogelijk niet juist gescand.
Zie 'Documenten plaatsen ' voor meer informatie over het plaatsen van documenten.
Klik hierop om het dialoogvenster Scan-instellingen (Scan Settings) te openen, waarin u
geavanceerde scaninstellingen kunt opgeven.
Dialoogvenster Scan-instellingen (Scan Settings)
Instellingen opslaan (Save Settings)
De afbeelding na het scannen automatisch opslaan op de computer (Automatically save the
image to your computer after scanning it)
Selecteer deze optie om de afbeeldingen na het scannen op de opgegeven manier op de computer
op te slaan.
De instellingen Bestandsnaam (File Name), Type bestanden (Save as type) en Opslaan in (Save in)
worden weergegeven.
Belangrijk
Als u deze functie selecteert, kunt u geen wachtwoorden voor PDF-bestanden instellen.
Bestandsnaam (File Name)
Voer een bestandsnaam in voor de afbeelding die u wilt opslaan (maximaal 64 tekens).
Type bestanden (Save as type)
Selecteer een bestandstype om de gescande afbeeldingen op te slaan.
Selecteer Auto, JPEG/Exif, TIFF of BMP. Standaard wordt Auto weergegeven.
Belangrijk
Als Documenttype (Document Type) is ingesteld op Automatische scan (Auto Scan) en
Type bestanden (Save as type) op Auto kan de bestandsindeling verschillen, afhankelijk
van hoe u het document plaatst.
Zie 'Documenten plaatsen ' voor meer informatie over het plaatsen van documenten.
Grote documenten (zoals foto's op A4-formaat) die alleen tegen de randen/pijl
(positiemarkering) van de plaat kunnen worden geplaatst, worden mogelijk niet in de
juiste bestandsindeling opgeslagen als Type bestanden (Save as type) is ingesteld op
Auto. Selecteer in dat geval een bestandsindeling die geschikt is voor het te scannen
document
Opmerking
Als u het selectievakje Automatische fotocorrectie inschakelen (Enable Auto Photo Fix)
inschakelt in het dialoogvenster Scan-instellingen (Scan Settings) en vervolgens een
andere indeling dan JPEG/Exif selecteert voor Type bestanden (Save as type), wordt er een
bericht weergegeven en wordt het selectievakje Automatische fotocorrectie inschakelen
(Enable Auto Photo Fix) uitgeschakeld.
Wanneer u Auto selecteert, worden bestanden opgeslagen in de volgende indelingen,
volgens het documenttype.
Foto's, ansichtkaarten, cd's/dvd's en visitekaartjes: JPEG
Tijdschriften, kranten en tekstdocumenten: PDF
U kunt de bestandsindeling wijzigen via Instellen... (Set...).
Instellen... (Set...)
Wanneer Type bestanden (Save as type) is ingesteld op Auto
e
.b
Opgeven... (Specify...)
re
Deze instelling wordt automatisch ingesteld.
or
nb
de
an
.v
w
Resolutie (Resolution)
w
Deze instelling wordt automatisch ingesteld.
w
Documentformaat (Document Size)
m
Scan-instellingen (Scan Settings)
fro
Acties (Actions)
Pagina 469 van 710 pagina's
nl
ow
D
Tabblad Instellingen scannerknop (Scanner Button Settings) (Opslaan)
Het dialoogvenster voor opslaan openen na het scannen van de afbeelding (Open the save dialog
box after scanning the image)
Hiermee opent u het dialoogvenster Opslaan nadat de afbeeldingen zijn gescand en geeft u
instellingen voor opslaan op als de doelmap, bestandsnaam en Exif-informatie.
Opmerking
Raadpleeg ' Dialoogvenster Opslaan (Save) ' voor meer informatie.
Naar boven
e
.b
Hiermee maakt u een submap in de map die is opgegeven in Opslaan in (Save in) met de
huidige datum. Sla in deze submap gescande afbeeldingen op. Er wordt een submap met een
naam als '2009_01_01' (Jaar_Maand_Dag) gemaakt.
Als dit selectievakje niet is ingeschakeld, worden bestanden rechtstreeks opgeslagen in de
map die is opgegeven in Opslaan in (Save in).
re
Opslaan in een submap met huidige datum (Save to a Subfolder with Current Date)
or
nb
de
an
.v
w
Hiermee wordt de map weergegeven waarin de gescande documenten moeten worden
opgeslagen. Als u de map wilt wijzigen, klikt u op Bladeren... (Browse...) om een andere map op
te geven.
Standaard zijn de volgende mappen opgegeven.
Windows Vista: map MP Navigator EX in de map Afbeeldingen (Pictures)
Windows XP: map MP Navigator EX in de map Mijn afbeeldingen (My Pictures)
Windows 2000: map MP Navigator EX in de map Mijn afbeeldingen (My Pictures)
w
Opslaan in (Save in)
w
U kunt een compressietype opgeven voor JPEG-bestanden. Selecteer Hoog (lage compressie)
(High(Low Compression)), Standaard (Standard) of Laag (hoge compressie) (Low(High
Compression)).
m
fro
Wanneer Type bestanden (Save as type) is ingesteld op JPEG/Exif
d
de
oa
U kunt opgeven in welke bestandsindeling afbeeldingen moeten worden opgeslagen.
Selecteer een bestandsindeling om een Document en een Foto (Photo) op te slaan.
Pagina 470 van 710 pagina's
nl
ow
D
Bijlage: Andere bestanden openen dan gescande afbeeldingen
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Bijlage: Andere bestanden
openen dan gescande afbeeldingen
U kunt gescande afbeeldingen met behulp van MP Navigator EX opslaan of afdrukken.
re
Afbeeldingen gebruiken die op een computer zijn opgeslagen
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Bijlage: Andere bestanden openen dan gescande afbeeldingen
e
.b
Afbeeldingen openen die op een computer zijn opgeslagen
Naar boven
Pagina 471 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afbeeldingen openen die op een computer zijn opgeslagen
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met de meegeleverde toepassingssoftware > Bijlage: Andere bestanden
openen dan gescande afbeeldingen > Afbeeldingen openen die op een computer zijn opgeslagen
MP Navigator EX starten
2. Wijs Toon & gebruik (View & Use) aan in het scherm voor de navigatiemodus en klik
op Mijn vak (gesc./geïmp. afb.) (My Box (Scanned/Imported Images)), Map opgeven
(Specify Folder) of Recent opgesl. afbeeldingen (Recently Saved Images).
Klik op Mijn vak (gesc./geïmp. afb.) (My Box (Scanned/Imported Images)) als u afbeeldingen wilt
openen die zijn opgeslagen in Mijn vak (gesc./geïmp. afb.) (My Box (Scanned/Imported Images)), klik
op Map opgeven (Specify Folder) als u afbeeldingen wilt openen die in een bepaalde map zijn
opgeslagen of klik op Recent opgesl. afbeeldingen (Recently Saved Images) als u recent
opgeslagen afbeeldingen wilt openen.
Opmerking
Als het selectievakje Dit venster bij het opstarten weergeven (Show this window at startup) niet
is ingeschakeld, wordt het laatst gebruikte scherm geopend. Als het venster Scan/Import.
(Scan/Import) wordt weergegeven, klik dan op
(Toon & gebruik) linksboven op het scherm.
Het scherm Toon & gebruik (View & Use) wordt geopend.
Zie 'Tabblad Afbeeldingen op de computer weergeven en gebruiken (View & Use Images on
your Computer) ' voor meer informatie over het tabblad Afbeeldingen op de computer
weergeven en gebruiken (View & Use Images on your Computer).
3. Klik op de map met de afbeeldingen die u wilt openen.
De afbeeldingen die in de map zijn opgeslagen, worden weergegeven in het venster met
miniaturen.
e
.b
1. Start MP Navigator EX en open het venster voor de navigatiemodus.
re
U kunt met MP Navigator EX afbeeldingen openen die op een computer zijn opgeslagen en deze
afdrukken of aan een e-mail toevoegen. U kunt ze ook bewerken met een toepassing die bij het apparaat
is geleverd.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Afbeeldingen openen die op een computer zijn opgeslagen
Pagina 472 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afbeeldingen openen die op een computer zijn opgeslagen
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
4. Selecteer de afbeeldingen die u wilt gebruiken en selecteer vervolgens wat u ermee
wilt doen.
Zie onderstaande onderwerpen voor meer informatie over het gebruiken van afbeeldingen.
PDF-bestanden maken/bewerken
Documenten afdrukken
Foto's afdrukken
Via e-mail verzenden
Bestanden bewerken
Naar boven
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met andere toepassingssoftware
Pagina 473 van 710 pagina's
nl
ow
D
Scannen met andere toepassingssoftware
fro
m
Scannen met andere toepassingssoftware
w
w
or
nb
de
an
.v
w
Wat is ScanGear (scannerstuurprogramma)?
Scannen met geavanceerde instellingen met ScanGear (scannerstuurprogramma)
Afbeeldingen corrigeren en kleuren aanpassen met ScanGear (Scannerstuurprogramma)
Schermen van ScanGear (scannerstuurprogramma)
Naar boven
e
.b
re
Bijlage: handige informatie over scannen
Pagina 474 van 710 pagina's
nl
ow
D
Wat is ScanGear (scannerstuurprogramma)?
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met andere toepassingssoftware > Wat is ScanGear
(scannerstuurprogramma)?
ScanGear (scannerstuurprogramma) is software die nodig is voor het scannen van documenten. U kunt
hiermee het uitvoerformaat opgeven en afbeeldingen corrigeren wanneer u documenten scant.
Met deze software kunt u een voorbeeld van de scanresultaten bekijken of het documenttype en
uitvoerformaat instellen, enzovoort, tijdens het scannen van documenten. Het is handig als u in een
bepaalde kleurtint wilt scannen. U kunt namelijk voor het scannen diverse correcties aanbrengen en de
helderheid, het contrast, enzovoort, aanpassen.
Schermen
Er zijn drie modi: Basismodus, Geavanceerde modus en Automatische scanmodus.
U kunt tussen de modi schakelen door op een tabblad rechts boven op het scherm te klikken.
Opmerking
ScanGear (scannerstuurprogramma) wordt gestart in de laatst gebruikte modus.
De instellingen blijven niet behouden als u schakelt tussen modi.
Basismodus
In de Basismodus (Basic Mode) kunt u gemakkelijk scannen aan de hand van drie eenvoudige stappen
(
,
en
).
Geavanceerde modus
Gebruik Geavanceerde modus (Advanced Mode) om bij het scannen de kleurenmodus, uitvoerresolutie,
e
.b
De mogelijkheden van deze software
re
ScanGear (scannerstuurprogramma) kan worden gestart vanuit MP Navigator EX of andere
toepassingen die compatibel zijn met de standaardinterface die TWAIN wordt genoemd. (ScanGear
(scannerstuurprogramma) is een TWAIN-compatibel stuurprogramma.)
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Wat is ScanGear (scannerstuurprogramma)?
helderheid, kleurtint en dergelijke in te stellen.
Pagina 475 van 710 pagina's
nl
ow
D
Wat is ScanGear (scannerstuurprogramma)?
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Automatische scanmodus
In de Automatische scanmodus (Auto Scan Mode) kunt u gemakkelijk scannen door het document op de
glasplaat te leggen en op Scannen (Scan) te klikken.
Naar boven
nl
ow
D
Scannen met geavanceerde instellingen met ScanGear (scannerstuurpro... Pagina 476 van 710 pagina's
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met andere toepassingssoftware > Scannen met geavanceerde
instellingen met ScanGear (scannerstuurprogramma)
ScanGear (scannerstuurprogramma) starten
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Scannen met geavanceerde instellingen met ScanGear
(scannerstuurprogramma)
e
.b
ScanGear (scannerstuurprogramma) starten
Documenten scannen nadat u eenvoudige afbeeldingscorrecties hebt aangebracht
Scannen in de Basismodus
Documenten scannen nadat u geavanceerde afbeeldingscorrecties hebt toegepast en de
helderheid/kleur hebt aangepast
Scannen in de Geavanceerde modus
Scannen met eenvoudige bediening
Scannen in de Automatische scanmodus
Meerdere documenten tegelijk scannen nadat u afbeeldingscorrecties en kleuraanpassingen hebt
aangebracht
Meerdere documenten tegelijk scannen met ScanGear (scannerstuurprogramma)
Naar boven
Pagina 477 van 710 pagina's
nl
ow
D
ScanGear (scannerstuurprogramma) starten
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met andere toepassingssoftware > Scannen met geavanceerde
instellingen met ScanGear (scannerstuurprogramma) > ScanGear (scannerstuurprogramma) starten
e
.b
re
Met ScanGear (scannerstuurprogramma) kunt u bij het scannen afbeeldingscorrecties en
kleuraanpassingen aanbrengen. ScanGear (scannerstuurprogramma) kan vanuit MP Navigator EX of
een toepassing worden gestart.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
ScanGear (scannerstuurprogramma) starten
Starten vanuit MP Navigator EX
Scherm Navigatiemodus
Volg deze stappen om ScanGear (scannerstuurprogramma) te starten vanuit het scherm voor de
navigatiemodus van MP Navigator EX.
1. Start MP Navigator EX en open het venster voor de navigatiemodus.
MP Navigator EX starten
2. Wijs Scan/Import. (Scan/Import) aan en klik op Foto's/documenten (plaat) (Photos/
Documents (Platen)).
Het venster Scan/Import. (Scan/Import) wordt geopend.
3. Schakel het selectievakje Scannerstuurpr. gebruiken (Use the scanner driver) in en
klik op Scannerstuurprogramma openen (Open Scanner Driver).
Het scherm van ScanGear (scannerstuurprogramma) wordt weergegeven.
Scherm voor modus Eenmaal klikken
Volg deze stappen om ScanGear (scannerstuurprogramma) te starten vanuit het scherm voor de modus
Eenmaal klikken van MP Navigator EX.
1. Start MP Navigator EX en open het scherm voor de modus Eenmaal klikken.
MP Navigator EX starten
2. Klik op het bijbehorende pictogram.
Pagina 478 van 710 pagina's
nl
ow
D
ScanGear (scannerstuurprogramma) starten
d
de
oa
Het bijbehorende dialoogvenster wordt geopend.
m
Scan-instellingen (Scan Settings) en klik op Scannen (Scan).
fro
3. Schakel het selectievakje Scannerstuurpr. gebruiken (Use the scanner driver) in bij
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Het scherm van ScanGear (scannerstuurprogramma) wordt weergegeven.
Belangrijk
Scannerstuurpr. gebruiken (Use the scanner driver) wordt niet weergegeven in de
dialoogvensters PDF en Automatische scan (Auto Scan).
Starten vanuit een toepassing
Ga (bijvoorbeeld) als volgt te werk om ScanGear (scannerstuurprogramma) te starten vanuit een
toepassing.
De procedure varieert, afhankelijk van de toepassing. Raadpleeg de handleiding van de toepassing voor
meer informatie
1. Start de toepassing.
2. Selecteer Bron selecteren (Select Source) in het menu Bestand (File) van de
toepassing en selecteer het apparaat.
3. Selecteer de opdracht voor het scannen van een document (bijvoorbeeld Scan/
Import. (Scan/Import) of Beeld inlezen (Acquire image) enz.
Het scherm van ScanGear (scannerstuurprogramma) wordt weergegeven.
Naar boven
Pagina 479 van 710 pagina's
nl
ow
D
Scannen in de Basismodus
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met andere toepassingssoftware > Scannen met geavanceerde
instellingen met ScanGear (scannerstuurprogramma) > Scannen in de Basismodus
In de Basismodus kunt u gemakkelijk scannen door de stappen op het scherm uit te voeren.
In dit gedeelte wordt uitgelegd hoe u een afzonderlijk document scant.
De volgende typen documenten worden mogelijk niet goed bijgesneden. Klik in dat geval op
(miniatuur) op de werkbalk om te schakelen naar de volledige weergave en te scannen.
- Foto's die een witte (lichte) rand hebben
- Documenten die op wit papier zijn afgedrukt, handgeschreven tekst, visitekaartjes enzovoort.
- Dunne documenten
- Dikke documenten
De volgende typen documenten kunnen niet goed worden bijgesneden.
- Documenten die kleiner zijn dan 3 vierkante cm
- Foto's die in verschillende vormen zijn uitgesneden
1. Plaats het document op de glasplaat en start ScanGear (scannerstuurprogramma).
ScanGear (scannerstuurprogramma) starten
Belangrijk
Plaats het document met de bedrukte zijde naar beneden op de glasplaat en lijn een
bovenhoek van het document uit met de hoek bij de pijl (positiemakering) op de glasplaat.
2. Selecteer bij Bron selecteren (Select Source) het type document dat u wilt scannen.
Opmerking
Wanneer u tijdschriften scant die veel kleurenfoto's bevatten, selecteert u Tijdschrift (kleur)
(Magazine(Color)).
e
.b
Belangrijk
re
Raadpleeg ' Meerdere documenten tegelijk scannen met ScanGear (scannerstuurprogramma) ' voor
informatie over het scannen van meerdere documenten tegelijk.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Scannen in de Basismodus
d
de
oa
3. Klik op Voorbeeld (Preview).
Pagina 480 van 710 pagina's
nl
ow
D
Scannen in de Basismodus
Er verschijnt een scanvoorbeeld van het document in het voorbeeldgebied
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Opmerking
De kleuren worden aangepast aan het documenttype dat bij Bron selecteren (Select Source) is
geselecteerd.
4. Selecteer Doel (Destination).
5. Selecteer Uitvoerformaat (Output Size).
De beschikbare opties voor het uitvoerformaat zijn afhankelijk van wat u onder Bron selecteren
(Select Source) en Doel (Destination) hebt geselecteerd.
6. Geef naar wens het scangebied (bijsnijdkader) op.
Pas de grootte en de positie van het bijsnijdkader (scangebied) aan in het voorbeeldgebied.
Bijsnijdkaders aanpassen
7. Stel de gewenste Afbeeldingscorrecties (Image corrections) in.
8. Klik op Scannen (Scan).
Het scannen begint.
Opmerking
(Informatie) om een dialoogvenster te openen waarin u de huidige scan-instellingen
Klik op
(documenttype etc.) kunt controleren.
Wat er met ScanGear (stuurprogramma) gebeurt na het scannen kan worden opgegeven bij Status
van dialoogvenster ScanGear na het scannen (Status of ScanGear dialog after scanning) op het
tabblad Scannen (Scan) van het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences).
Tabblad Scannen (Scan)
Verwant onderwerp
Tabblad Basismodus (Basic Mode)
Naar boven
Pagina 481 van 710 pagina's
nl
ow
D
Scannen in de Geavanceerde modus
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met andere toepassingssoftware > Scannen met geavanceerde
instellingen met ScanGear (scannerstuurprogramma) > Scannen in de Geavanceerde modus
In de Geavanceerde modus kunt u bij het scannen zelf de kleurenmodus, uitvoerresolutie, helderheid,
kleurtint, enzovoort, instellen.
Belangrijk
De volgende typen documenten worden mogelijk niet goed bijgesneden. Klik in dat geval op
(miniatuur) op de werkbalk om te schakelen naar de volledige weergave en te scannen.
- Foto's die een witte (lichte) rand hebben
- Documenten die op wit papier zijn afgedrukt, handgeschreven tekst, visitekaartjes enzovoort.
- Dunne documenten
- Dikke documenten
De volgende typen documenten kunnen niet goed worden bijgesneden.
- Documenten die kleiner zijn dan 3 vierkante cm
- Foto's die in verschillende vormen zijn uitgesneden
1. Plaats het document op de glasplaat en start ScanGear (scannerstuurprogramma).
ScanGear (scannerstuurprogramma) starten
Belangrijk
Plaats het document met de bedrukte zijde naar beneden op de glasplaat en lijn een
bovenhoek van het document uit met de hoek bij de pijl (positiemakering) op de glasplaat.
2. Klik op Geavanceerde modus (Advanced Mode).
Het tabblad Geavanceerde modus (Advanced Mode) wordt weergegeven.
Opmerking
e
.b
Raadpleeg ' Meerdere documenten tegelijk scannen met ScanGear (scannerstuurprogramma) ' voor
informatie over het scannen van meerdere documenten tegelijk.
re
In dit gedeelte wordt uitgelegd hoe u een afzonderlijk document scant.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Scannen in de Geavanceerde modus
De instellingen blijven niet behouden als u schakelt tussen modi.
d
de
oa
3. Stel Kleurenmodus (Color Mode) in.
Pagina 482 van 710 pagina's
nl
ow
D
Scannen in de Geavanceerde modus
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Er verschijnt een scanvoorbeeld van het document in het voorbeeldgebied
m
4. Klik op Voorbeeld (Preview).
fro
Instellingen voor invoer (Input Settings)
Opmerking
Als u scant zonder een voorbeeld weer te geven, wordt de functie voor het verminderen van het
doorschijnen van het document ingeschakeld. Deze functie is handig bij het scannen van
tijdschriften. Wanneer u echter foto's scant, kan de kleurtint van de gescande afbeelding
afwijken van die van het origineel, vanwege de functie voor het verminderen van het
doorschijnen van het document. Bekijk in dat geval eerst een voorbeeld.
5. Stel de Instellingen voor uitvoer (Output Settings) in.
Instellingen voor uitvoer (Output Settings)
6. Stel het bijsnijdkader (scangebied) in en breng desgewenst afbeeldingscorrecties en
kleuraanpassingen aan.
Bijsnijdkaders aanpassen
Instellingen voor afbeeldingen (Image Settings)
Knoppen voor kleuraanpassing
7. Klik op Scannen (Scan).
Het scannen begint.
Opmerking
Klik op
(Informatie) om een dialoogvenster te openen waarin u de huidige scan-instellingen
(documenttype etc.) kunt controleren.
Wat er met ScanGear (stuurprogramma) gebeurt na het scannen kan worden opgegeven bij Status
van dialoogvenster ScanGear na het scannen (Status of ScanGear dialog after scanning) op het
tabblad Scannen (Scan) van het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences).
Tabblad Scannen (Scan)
Verwant onderwerp
d
de
oa
Tabblad Geavanceerde modus (Advanced Mode)
Pagina 483 van 710 pagina's
nl
ow
D
Scannen in de Geavanceerde modus
m
fro
Naar boven
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Pagina 484 van 710 pagina's
nl
ow
D
Scannen in de Automatische scanmodus
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met andere toepassingssoftware > Scannen met geavanceerde
instellingen met ScanGear (scannerstuurprogramma) > Scannen in de Automatische scanmodus
De ondersteunde documenttypen zijn foto's, ansichtkaarten, visitekaartjes, tijdschriften,
tekstdocumenten en cd's/dvd's. Als u andere documenten wilt scannen, moet u het documenttype
opgeven op het tabblad Basismodus (Basic Mode) of Geavanceerde modus (Advanced Mode).
Scannen in de Basismodus
Scannen in de Geavanceerde modus
1. Plaats het document op de glasplaat en start ScanGear (scannerstuurprogramma).
Documenten plaatsen
ScanGear (scannerstuurprogramma) starten
2. Klik op Automatische scanmodus (Auto Scan Mode).
Het tabblad Automatische scanmodus (Auto Scan Mode) wordt weergegeven.
3. Klik op Scannen (Scan).
Het scannen begint.
Opmerking
Wat er met ScanGear (stuurprogramma) gebeurt na het scannen kan worden opgegeven bij Status
van dialoogvenster ScanGear na het scannen (Status of ScanGear dialog after scanning) op het
tabblad Scannen (Scan) van het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences).
Tabblad Scannen (Scan)
Verwant onderwerp
e
.b
Opmerking
re
U kunt gemakkelijk scannen in de Automatische scanmodus (Auto Scan Mode) van ScanGear
(scannerstuurprogramma) door het programma automatisch te laten bepalen welk type document op de
plaat ligt.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Scannen in de Automatische scanmodus
Tabblad Automatische scanmodus (Auto Scan Mode)
Pagina 485 van 710 pagina's
nl
ow
D
Scannen in de Automatische scanmodus
d
de
oa
Naar boven
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Pagina 486 van 710 pagina's
nl
ow
D
Meerdere documenten tegelijk scannen met ScanGear (scannerstuurpro...
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met andere toepassingssoftware > Scannen met geavanceerde
instellingen met ScanGear (scannerstuurprogramma) > Meerdere documenten tegelijk scannen met ScanGear
(scannerstuurprogramma)
Belangrijk
Als u meerdere documenten als één afbeelding wilt scannen, scant u in de volledige
afbeeldingsweergave.
De volgende typen documenten worden mogelijk niet goed bijgesneden. Pas in dat geval de
bijsnijdkaders (scangebieden) aan in de volledige afbeeldingsweergave en voer de scan uit.
- Foto's die een witte (lichte) rand hebben
- Documenten die op wit papier zijn afgedrukt, handgeschreven tekst, visitekaartjes enzovoort.
- Dunne documenten
- Dikke documenten
Meerdere documenten scannen in de volledige afbeeldingsweergave
De volgende typen documenten kunnen niet goed worden bijgesneden.
- Documenten die kleiner zijn dan 3 vierkante cm
- Foto's die in verschillende vormen zijn uitgesneden
Opmerking
Raadpleeg 'Scannen in de Automatische scanmodus ' om eenvoudig te scannen door het
documenttype automatisch te detecteren.
U kunt ook meerdere documenten tegelijk scannen vanaf het tabblad Geavanceerde modus
(Advanced Mode). Gebruik het tabblad Geavanceerde modus (Advanced Mode) als u geavanceerde
scaninstellingen wilt opgeven, zoals de kleurenmodus, uitvoerresolutie, helderheid van de
afbeelding en kleurtint.
Raadpleeg de toepasselijke gedeelten hieronder voor meer informatie over de tabbladen
Basismodus (Basic Mode) en Geavanceerde modus (Advanced Mode).
Tabblad Basismodus (Basic Mode)
Tabblad Geavanceerde modus (Advanced Mode)
1. Plaats het document op de glasplaat en start ScanGear (scannerstuurprogramma).
Documenten plaatsen
ScanGear (scannerstuurprogramma) starten
2. Selecteer bij Bron selecteren (Select Source) het type document dat u wilt scannen.
e
.b
In dit gedeelte wordt uitgelegd hoe u meerdere documenten kunt scannen vanaf het tabblad
Basismodus (Basic Mode).
re
U kunt twee of meer foto's (kleine documenten) tegelijk op de glasplaat scannen in de Basismodus
(Basic Mode) en de Geavanceerde modus (Advanced Mode) van ScanGear (scannerstuurprogramma).
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Meerdere documenten tegelijk scannen met ScanGear
(scannerstuurprogramma)
Pagina 487 van 710 pagina's
nl
ow
D
Meerdere documenten tegelijk scannen met ScanGear (scannerstuurpro...
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
3. Klik op Voorbeeld (Preview).
In het voorbeeldgebied worden miniaturen van de voorbeeldafbeeldingen weergegeven. De
afbeeldingen worden automatisch naar gelang het documentformaat bijgesneden (de
scangebieden worden aangegeven).
4. Selecteer Doel (Destination).
5. Selecteer Uitvoerformaat (Output Size).
6. Pas de scangebieden (bijsnijdkaders) aan en stel indien gewenst
Afbeeldingscorrecties (Image Corrections) in.
Opmerking
U kunt elke afbeelding afzonderlijk corrigeren. Selecteer het kader dat u wilt corrigeren.
U kunt in de miniaturenweergave maar één bijsnijdkader (scangebied) per afbeelding maken.
Als u meerdere bijsnijdkaders in een afbeelding wilt maken, moet u de scan in de volledige
afbeeldingsweergave uitvoeren.
Meerdere documenten scannen in de volledige afbeeldingsweergave
d
de
oa
7. Selecteer de afbeeldingen die u wilt scannen.
Pagina 488 van 710 pagina's
nl
ow
D
Meerdere documenten tegelijk scannen met ScanGear (scannerstuurpro...
Schakel de selectievakjes in voor de afbeeldingen die u wilt scannen.
fro
m
8. Klik op Scannen (Scan).
Volg deze stappen als miniaturen niet correct worden weergegeven in de voorbeeldweergave of als u
meerdere documenten als één afbeelding wilt scannen.
Opmerking
re
e
.b
De positie van scheef geplaatste documenten wordt niet gecorrigeerd in de volledige
afbeeldingsweergave.
1. Nadat u een voorbeeld van de afbeeldingen hebt bekeken, klikt u op
(miniatuur)
op de werkbalk.
Schakel naar de volledige afbeeldingsweergave.
Opmerking
Als de volledige afbeelding wordt weergegeven, wordt het pictogram gewijzigd in
(volledige afbeelding).
2. Pas de scangebieden (bijsnijdkaders) aan.
Pas de grootte en de positie van het bijsnijdkader (scangebied) aan in het voorbeeldgebied. U kunt
ook twee of meer bijsnijdkaders maken.
Als een gebied niet is opgegeven, wordt het document gescand op documentformaat (Automatisch
bijsnijden). Wanneer een gebied is geselecteerd, wordt alleen het geselecteerde gebied gescand.
Bijsnijdkaders aanpassen
3. Selecteer Doel (Destination).
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Meerdere documenten scannen in de volledige afbeeldingsweergave
5. Stel de gewenste Afbeeldingscorrecties (Image corrections) in.
d
de
oa
4. Selecteer Uitvoerformaat (Output Size).
Pagina 489 van 710 pagina's
nl
ow
D
Meerdere documenten tegelijk scannen met ScanGear (scannerstuurpro...
m
fro
De gebieden die zijn omkaderd door onderbroken lijnen, worden gescand.
Opmerking
e
.b
Naar boven
re
Wat er met ScanGear (stuurprogramma) gebeurt na het scannen kan worden opgegeven bij Status
van dialoogvenster ScanGear na het scannen (Status of ScanGear dialog after scanning) op het
tabblad Scannen (Scan) van het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences).
Tabblad Scannen (Scan)
or
nb
de
an
.v
w
w
w
6. Klik op Scannen (Scan).
nl
ow
D
Afbeeldingen corrigeren en kleuren aanpassen met ScanGear (scannerst... Pagina 490 van 710 pagina's
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met andere toepassingssoftware > Afbeeldingen corrigeren en kleuren
aanpassen met ScanGear (scannerstuurprogramma)
e
.b
re
In de volgende onderwerpen vindt u tips en weetjes over geavanceerde scantechnieken voor het
aanpassen van kleuren, helderheid, enzovoort.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Afbeeldingen corrigeren en kleuren aanpassen met ScanGear
(scannerstuurprogramma)
Onscherpe foto's scherper maken, stof en krassen reduceren en vervaagde kleuren corrigeren
Afbeeldingen corrigeren (Beeld verscherpen, Stof en krassen reduceren, Correctie van vervaging,
enzovoort)
Een voorbeeld bekijken en de kleur wijzigen van de afbeelding die wordt gescand
Kleuren aanpassen met een kleurenpatroon
Kleuren helderder maken die in de loop der tijd of als gevolg van overkleuring zijn vervaagd
Verzadiging en kleurbalans aanpassen
Afbeeldingen aanpassen die te donker of te licht zijn of te weinig contrast vertonen
Helderheid en contrast aanpassen
De kleurtint aanpassen met een histogram (een grafiek waarop de verdeling van de helderheid
wordt weergegeven)
Histogram aanpassen
De helderheid van de afbeelding aanpassen met een tintcurve (een grafiek waarop de balans van
de helderheid wordt weergegeven)
Tintcurve aanpassen
Tekens in tekstdocumenten verscherpen of doorschijneffecten reduceren
Drempel instellen
Naar boven
nl
ow
D
Afbeeldingen corrigeren (Beeld verscherpen, Stof en krassen reduceren,... Pagina 491 van 710 pagina's
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met andere toepassingssoftware > Afbeeldingen corrigeren en kleuren
aanpassen met ScanGear (scannerstuurprogramma) > Afbeeldingen corrigeren (Beeld verscherpen, Stof en krassen
reduceren, Correctie van vervaging, enzovoort)
Klik op
(pijl) van een functie en selecteer een item in het keuzemenu.
Belangrijk
Gebruik deze functies niet voor afbeeldingen zonder moiré, stof/krassen of vervaagde kleuren. De
kleurtint kan dan nadelig beïnvloed worden.
Zie 'Instellingen voor afbeeldingen (Image Settings) ' voor bijzonderheden en voorzorgsmaatregelen
van elke functie.
Opmerking
Raadpleeg ' Scannen in de Geavanceerde modus ' voor meer informatie over het starten van
ScanGear (scannerstuurprogramma) op het tabblad Geavanceerde modus (Advanced Mode) en
informatie over het scannen.
e
.b
Items instellen
re
Met de functies voor Instellingen voor afbeeldingen (Image Settings) op het tabblad Geavanceerde
modus (Advanced Mode) van ScanGear (scannerstuurprogramma) kunt u bij het scannen van
afbeeldingen de contouren van het onderwerp verscherpen, stof en krassen verminderen en vervaagde
kleuren corrigeren.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Afbeeldingen corrigeren (Beeld verscherpen, Stof en krassen
reduceren, Correctie van vervaging, enzovoort)
De helderheid en kleurtint aanpassen
nl
ow
D
Afbeeldingen corrigeren (Beeld verscherpen, Stof en krassen reduceren,... Pagina 492 van 710 pagina's
d
de
oa
Stel Beeldaanpassing (Image Adjustment) in op Automatisch (Auto), Foto (Photo), Tijdschrift (Magazine),
Krant (Newspaper) of Document, afhankelijk van het documenttype.
fro
Auto
m
Geen
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Afbeeldingen verscherpen die niet helemaal scherp zijn
Stel Beeld verscherpen (Unsharp Mask) in op AAN (ON).
UIT
AAN
Gradaties en streeppatronen verminderen
Stel Moiré-reductie (Descreen) in op AAN (ON).
UIT
AAN
Opmerking
Moiré is een verschijnsel waarbij ongelijkmatige gradatie of een streeppatroon zichtbaar is als foto’
s of afbeeldingen met fijne punten worden gescand. Moiré-reductie (Descreen) is de functie
waarmee u dit effect kunt verkleinen.
Stof en krassen reduceren
Stel Stof en krassen reduceren (Reduce Dust and Scratches) in op Laag (Low), Middel (Medium) of
Hoog (High), afhankelijk van de hoeveelheid stof en krassen.
Geen
Middel
Foto's corrigeren die in de loop der tijd of als gevolg van overkleuring zijn vervaagd
nl
ow
D
Afbeeldingen corrigeren (Beeld verscherpen, Stof en krassen reduceren,... Pagina 493 van 710 pagina's
Middel
m
fro
Geen
d
de
oa
Stel Correctie van vervaging (Fading Correction) in op Laag (Low), Middel (Medium) of Hoog (High),
afhankelijk van de mate van vervaging of overkleuring.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Korreligheid verminderen
Stel Correctie van korreligheid (Grain Correction) in op Laag (Low), Middel (Medium) of Hoog (High),
afhankelijk van de mate van de korreligheid.
Geen
Middel
Tegenlicht in afbeeldingen corrigeren
Stel Correctie van tegenlicht (Backlight Correction) in op Laag (Low), Middel (Medium) of Hoog (High),
afhankelijk van de mate van tegenlicht.
Geen
Middel
Schaduwen tussen pagina's corrigeren die zichtbaar zijn wanneer geopende boekjes
worden gescand
Stel Schaduwcorrectie van rugmarge (Gutter Shadow Correction) in op Laag (Low), Middel (Medium) of
Hoog (High), afhankelijk van de grootte van de schaduwen.
Geen
Middel
Naar boven
Pagina 494 van 710 pagina's
nl
ow
D
Kleuren aanpassen met een kleurenpatroon
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met andere toepassingssoftware > Afbeeldingen corrigeren en kleuren
aanpassen met ScanGear (scannerstuurprogramma) > Kleuren aanpassen met een kleurenpatroon
Met de functie Kleurenpatroon in de Basismodus (Basic Mode) van ScanGear kunt u voorbeelden van
kleurwijzigingen bekijken en natuurlijke kleuren reproduceren.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Kleuren aanpassen met een kleurenpatroon
Kleuraanpassing
Hiermee kunt u kleuren corrigeren die in de loop der tijd of als gevolg van overkleuring zijn vervaagd.
Overkleuring is het fenomeen waarbij een bepaalde kleur de gehele foto beïnvloedt als gevolg van
weersomstandigheden of sterke omgevingskleuren.
Klik op een pijl bij Kleuraanpassing (Color Adjustment) om de bijbehorende kleur te benadrukken.
Cyaan & rood, magenta & groen en geel & blauw zijn complementaire kleuren (als de twee kleuren van
een kleurenpaar worden gemengd, ontstaat een grijstint). U kunt de natuurlijke kleuren van een
Pagina 495 van 710 pagina's
nl
ow
D
Kleuren aanpassen met een kleurenpatroon
d
de
oa
fotosituatie reproduceren door de te veel benadrukte kleur te verminderen en de complementaire kleur te
verhogen.
m
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Er verschijnt een scanvoorbeeld van het document in het midden. De kleuren van het voorbeeld
veranderen met uw aanpassingen mee.
fro
Het beste kunt u een gedeelte op de foto zoeken dat wit zou moeten zijn, en de kleuren zo aanpassen
dat dit gedeelte wit wordt.
Hieronder ziet u een voorbeeld van het corrigeren van een blauwige afbeelding.
Omdat Blauw (Blue) en Groen (Green) te sterk zijn, klikt u op de pijlen bij de kleuren Geel (Yellow) en
Magenta om de kleur te corrigeren.
Voor
Na
Opmerking
Kleuraanpassingen worden alleen toegepast op het scangebied (bijsnijdkader) of het kader dat is
geselecteerd in de miniaturenweergave.
U kunt meerdere frames of bijsnijdkaders selecteren door de ctrl-toets ingedrukt te houden terwijl u
deze selecteert.
U kunt ook een kleurtint kiezen uit het kleurenpatroon dat links in het scherm Kleurenpatroon (Color
Pattern) wordt weergegeven.
U kunt deze functie ook gebruiken om een afbeelding een bepaalde tint te geven. Met meer
magenta creëert u een warme tint, terwijl de afbeelding koeler wordt als u meer blauw toevoegt.
Naar boven
Pagina 496 van 710 pagina's
nl
ow
D
Verzadiging en kleurbalans aanpassen
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met andere toepassingssoftware > Afbeeldingen corrigeren en kleuren
aanpassen met ScanGear (scannerstuurprogramma) > Verzadiging en kleurbalans aanpassen
(Verzadiging/
e
.b
re
Klik op het tabblad Geavanceerde modus (Advanced Mode) van ScanGear op
kleurbalans).
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Verzadiging en kleurbalans aanpassen
Opmerking
Klik op Standaard (Defaults) om alle aanpassingen in het huidige venster ongedaan te maken.
Verzadiging
De verzadiging (levendigheid) van de afbeelding aanpassen. U kunt kleuren helderder maken die in de
loop der tijd of door andere oorzaken zijn vervaagd.
(schuifregelaar) onder Verzadiging (Saturation) naar links om de verzadiging van de
Sleep
afbeelding te verminderen (de afbeelding donkerder te maken) of naar rechts om de verzadiging te
vergroten (de afbeelding lichter te maken). U kunt ook een waarde invoeren (-127 tot 127).
Minder verzadiging
Originele afbeelding
Meer verzadiging
Opmerking
Als u de verzadiging te veel vergroot, kan de natuurlijke kleurtint van de originele afbeelding verloren
gaan.
Kleurbalans
Pagina 497 van 710 pagina's
nl
ow
D
Verzadiging en kleurbalans aanpassen
d
de
oa
Afbeeldingen met overkleuring aanpassen. Overkleuring is het fenomeen waarbij een bepaalde kleur de
gehele foto beïnvloedt als gevolg van weersomstandigheden of sterke omgevingskleuren.
Geel en blauw
U kunt ook een waarde invoeren (-127 tot 127).
Hieronder ziet u een voorbeeld van een afbeelding waarin het kleurenpaar Cyaan en voor meer
informatie over bijsnijdkaders is aangepast.
Meer rood
Naar boven
e
.b
Het is vaak lastig om de afbeelding helemaal te corrigeren door slechts één kleurenpaar aan te passen.
Het beste kunt u een gedeelte op de foto zoeken dat wit zou moeten zijn, en alle drie de kleurenparen zo
aanpassen dat dit gedeelte wit wordt.
re
Dit zijn de complementaire kleuren (als de twee kleuren van een kleurenpaar worden gemengd, ontstaat
een grijstint). U kunt de natuurlijke kleuren van een fotosituatie reproduceren door de te veel benadrukte
kleur te verminderen en de complementaire kleur te verhogen.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Magenta en groen
Meer cyaan
m
Cyaan en rood
fro
(schuifregelaar) onder Kleurbalans (Color Balance) naar links of naar rechts om de
Sleep
bijbehorende kleur te benadrukken.
Pagina 498 van 710 pagina's
nl
ow
D
Helderheid en contrast aanpassen
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met andere toepassingssoftware > Afbeeldingen corrigeren en kleuren
aanpassen met ScanGear (scannerstuurprogramma) > Helderheid en contrast aanpassen
(Helderheid/
e
.b
re
Klik op het tabblad Geavanceerde modus (Advanced Mode) van ScanGear op
contrast).
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Helderheid en contrast aanpassen
Opmerking
(pijl omlaag) om over te schakelen naar de gedetailleerde weergave. Klik op
Klik op
(pijl
omhoog) om terug te keren naar de vorige weergave.
Klik op Standaard (Defaults) om alle aanpassingen in het huidige venster ongedaan te maken.
Kanaal
Iedere punt van een afbeelding is een mengsel van rood, groen en blauw in verschillende verhoudingen
(gradaties). Deze kleuren kunnen afzonderlijk worden aangepast als een 'kanaal'.
Model (Master)
Rood, groen en blauw aanpassen.
Rood (Red)
Het rode kanaal aanpassen.
Groen (Green)
Het groene kanaal aanpassen.
Blauw (Blue)
Pagina 499 van 710 pagina's
nl
ow
D
Helderheid en contrast aanpassen
Het blauwe kanaal aanpassen.
m
fro
Alleen Grijswaarden (Grayscale) wordt weergegeven Kanaal (Channel) als de Kleurenmodus is
ingesteld op Grijswaarden (Grayscale).
d
de
oa
Opmerking
Pas de helderheid van de afbeelding aan. Sleep de schuifknop
onder Helderheid (Brightness) naar
links om de afbeelding donkerder te maken en naar rechts om deze lichter te maken. U kunt ook een
waarde invoeren (-127 tot 127).
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Helderheid
Donkerder
Originele afbeelding
Lichter
Opmerking
Als u de afbeelding te licht maakt kunnen de lichte gebieden verloren gaan, en als u de afbeelding
te donker maakt kan dit ten koste gaan van de schaduwgebieden.
Contrast
Het contrast is de mate van verschil tussen de lichte en donkere delen van een afbeelding. Wanneer u
het contrast verhoogt, verhoogt u het verschil, waardoor de afbeelding scherper wordt. Wanneer u het
contrast verlaagt, verlaagt u het verschil, waardoor de afbeelding zachter wordt.
onder Contrast naar links om het contrast van de afbeelding te verlagen en
Sleep de schuifknop
naar rechts om dit te verhogen. U kunt ook een waarde invoeren (-127 tot 127).
Minder contrast
Originele afbeelding
Meer contrast
Opmerking
Door het contrast te verhogen, geeft u zachte afbeeldingen een meer driedimensionale uitstraling.
Als u het contrast echter te veel verhoogt, kan dit ten koste gaan van lichte gebieden en
schaduwgebieden.
Naar boven
Pagina 500 van 710 pagina's
nl
ow
D
Histogram aanpassen
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met andere toepassingssoftware > Afbeeldingen corrigeren en kleuren
aanpassen met ScanGear (scannerstuurprogramma) > Histogram aanpassen
Klik op het tabblad Geavanceerde modus (Advanced Mode) van ScanGear op
(Histogram).
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Histogram aanpassen
Opmerking
Klik op Standaard (Defaults) om alle aanpassingen in het huidige venster ongedaan te maken.
Kanaal
Iedere punt van een afbeelding is een mengsel van rood, groen en blauw in verschillende verhoudingen
(gradaties). Deze kleuren kunnen afzonderlijk worden aangepast als een 'kanaal'.
Model (Master)
Rood, groen en blauw aanpassen.
Rood (Red)
Het rode kanaal aanpassen.
Groen (Green)
Het groene kanaal aanpassen.
Blauw (Blue)
Het blauwe kanaal aanpassen.
Opmerking
Alleen Grijswaarden (Grayscale) wordt weergegeven Kanaal (Channel) als de Kleurenmodus is
ingesteld op Grijswaarden (Grayscale).
Histogrammen lezen
U kunt een Histogram van een bepaald gebied openen voor elk Kanaal (Channel). Hoe hoger de piek
van het Histogram, hoe meer gegevens er op dat niveau zijn verspreid.
Pagina 501 van 710 pagina's
nl
ow
D
Histogram aanpassen
d
de
oa
m
fro
(3) Hele afbeelding
In het lichte gebied zijn
meer gegevens verdeeld.
In het schaduwgebied zijn
meer gegevens verdeeld.
De gegevens zijn gelijk verdeeld tussen
het lichte gebied en het schaduwgebied.
Histogrammen aanpassen (met de schuifknop)
(schuifknop voor zwartpunt) of de
Selecteer een Kanaal (Channel) en versleep de
(schuifknop
voor witpunt) om het niveau op te geven dat moet worden ingesteld als schaduwgebied of licht gebied.
- Alle gedeelten links van
- De gedeelten bij
het witpunt ligt.
(schuifknop voor zwartpunt) worden zwart (niveau 0).
(schuifknop voor middenpunt) krijgen de kleur die exact tussen het zwartpunt en
- Alle gedeelten rechts van
(schuifknop voor witpunt) worden wit (niveau 255).
Beeldaanpassing (Image Adjustment) is standaard ingesteld op Automatisch (Auto). De hieronder
weergegeven aanpassingen zijn automatisch uitgevoerd.
De schuifknoppen voor zwartpunt en witpunt verslepen
Versleep de schuifknop voor zwartpunt of de schuifknop voor witpunt om de helderheid aan te passen.
Afbeeldingen waarin in het lichte gebied meer gegevens zijn verdeeld
Sleep de schuifknop zwartpunt naar het lichte gebied.
Afbeeldingen waarin in het schaduwgebied meer gegevens zijn verdeeld
Sleep de schuifknop witpunt naar het schaduwgebied.
Afbeeldingen waarin de gegevens gelijk zijn verdeeld
Sleep de schuifknop zwartpunt naar het lichte gebied en de schuifknop witpunt naar het schaduwgebied.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
(2) Donker gebied
w
(1) Helder gebied
Pagina 502 van 710 pagina's
nl
ow
D
Histogram aanpassen
d
de
oa
m
fro
w
Versleep de schuifknop voor middenpunt om het niveau op te geven dat moet worden ingesteld als het
midden van het tintbereik.
Afbeeldingen waarin in het lichte gebied meer gegevens zijn verdeeld
re
e
.b
Sleep de schuifknop voor middenpunt naar het lichte gebied.
Afbeeldingen waarin in het schaduwgebied meer gegevens zijn verdeeld
Sleep de schuifknop voor middenpunt naar het schaduwgebied.
Histogrammen aanpassen (met de pipetten)
Als u een Kanaal (Channel) selecteert en op de pipet voor zwartpunt, middenpunt of witpunt klikt,
verandert de muisaanwijzer in de voorbeeldweergave in een pipet. Klik op een van de pipetten onder het
histogram om de instelling te wijzigen.
- Het punt waarop u klikt met
invoeren (0 tot 245).
(pipet voor zwartpunt) wordt het donkerste punt. U kunt ook een waarde
- Het punt waarop u klikt met
(pipet voor middenpunt) wordt het midden van het toonbereik. U kunt
ook een waarde invoeren (5 tot 250).
- Het punt waarop u klikt met
invoeren (10 tot 255).
or
nb
de
an
.v
w
w
De schuifknop voor middenpunt verslepen
(pipet voor witpunt) wordt het helderste punt. U kunt ook een waarde
- Klik op
(pipet) voor Grijsbalans (Gray Balance) en klik op het gebied waarvan u de kleur in de
voorbeeldafbeelding wilt aanpassen.
Het punt waarop u klikt, wordt ingesteld als achromatische kleurreferentie en de rest van de afbeelding
wordt hieraan aangepast. Als sneeuw er op een foto bijvoorbeeld blauwig uitziet, kunt u op het blauwige
gedeelte klikken om de hele afbeelding aan te passen en de natuurlijke kleuren te reproduceren.
Naar boven
Pagina 503 van 710 pagina's
nl
ow
D
Tintcurve aanpassen
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met andere toepassingssoftware > Afbeeldingen corrigeren en kleuren
aanpassen met ScanGear (scannerstuurprogramma) > Tintcurve aanpassen
(Tintcurve-
e
.b
re
Klik op het tabblad Geavanceerde modus (Advanced Mode) van ScanGear op
instellingen).
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Tintcurve aanpassen
Opmerking
Klik op Standaard (Defaults) om alle aanpassingen in het huidige venster ongedaan te maken.
Kanaal
Iedere punt van een afbeelding is een mengsel van rood, groen en blauw in verschillende verhoudingen
(gradaties). Deze kleuren kunnen afzonderlijk worden aangepast als een 'kanaal'.
Model (Master)
Rood, groen en blauw aanpassen.
Rood (Red)
Het rode kanaal aanpassen.
Groen (Green)
Het groene kanaal aanpassen.
Blauw (Blue)
Het blauwe kanaal aanpassen.
Opmerking
Alleen Grijswaarden (Grayscale) wordt weergegeven Kanaal (Channel) als de Kleurenmodus is
ingesteld op Grijswaarden (Grayscale).
Tintcurves lezen
Met ScanGear (scannerstuurprogramma) is het scannen van afbeeldingen via een scanner de invoer en
de weergave op een monitor de uitvoer. De tintcurve laat de balans van de tintinvoer en -uitvoer zien voor
elk Kanaal (Channel).
Pagina 504 van 710 pagina's
nl
ow
D
Tintcurve aanpassen
d
de
oa
m
fro
Geen correctie (No correction) (geen aanpassing)
Overbelichting (Overexposure) (bolle curve)
De middentoongegevens van de invoerzijde worden naar het lichte gebied van de uitvoerzijde uitgerekt.
Dit geeft een beeld met heldere tinten bij weergave op een monitor.
Onderbelichting (Underexposure) (Holle curve)
De middentoongegevens van de invoerzijde worden naar het schaduwgebied van de uitvoerzijde
uitgerekt. Dit geeft een beeld met donkere tinten bij weergave op een monitor.
Veel contrast (High contrast) (S-curve)
De lichte en schaduwgebieden van de invoerzijde verscherpt. Dit geeft een beeld met veel contrast.
Negatief/positief beeld omdraaien (Reverse the negative/positive image) (aflopende lijn)
De invoer- en uitvoerzijden worden omgedraaid. Dit geeft een beeld met negatief en positief omgekeerd.
e
.b
Selecteer een tintcurve in Tintcurve selecteren (Select Tone Curve). Kies uit Geen correctie (No
correction), Overbelichting (Overexposure), Onderbelichting (Underexposure), Veel contrast (High
contrast), Negatief/positief beeld omdraaien (Reverse the negative/positive image) en Aangepaste curve
bewerken (Edit custom curve).
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Tintcurve aanpassen
Pagina 505 van 710 pagina's
nl
ow
D
Tintcurve aanpassen
d
de
oa
m
fro
w
U kunt bepaalde punten op de tintcurve slepen, zodat u de helderheid van de bijbehorende gebieden
naar wens kunt aanpassen.
Naar boven
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
Aangepaste curve bewerken (Edit custom curve)
Pagina 506 van 710 pagina's
nl
ow
D
Drempel instellen
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met andere toepassingssoftware > Afbeeldingen corrigeren en kleuren
aanpassen met ScanGear (scannerstuurprogramma) > Drempel instellen
Klik op het tabblad Geavanceerde modus (Advanced Mode) van ScanGear op
(Drempel).
Opmerking
Klik op Standaard (Defaults) om alle aanpassingen in het huidige venster ongedaan te maken.
Drempel aanpassen
(schuifknop) naar rechts om de drempel te verhogen en zo het aantal zwarte gebieden te
Sleep
vergroten. Sleep de schuifknop naar links om de waarde te verlagen en zo het aantal witte gebieden te
verhogen. U kunt ook een waarde invoeren (0 tot 255).
Naar boven
e
.b
Deze functie is beschikbaar wanneer Kleurenmodus (Color Mode) is ingesteld op Zwart-wit (Black and
White).
re
De helderheid van kleurenafbeeldingen en afbeeldingen in grijswaarden wordt uitgedrukt in een waarde
tussen 0 en 255. Bij het maken van zwart-wit afbeeldingen worden echter alle kleuren omgezet in zwart
(0) of wit (255). De drempel is de grenswaarde die bepaalt of een kleur zwart of wit wordt. Door het
drempelniveau aan te passen, kunt u de tekst in een document scherper maken en voorkomen dat tekst
op de achterzijde van het papier doorschijnt (wat vooral bij en gebeurt).
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Drempel instellen
Pagina 507 van 710 pagina's
nl
ow
D
Schermen van ScanGear (scannerstuurprogramma)
m
fro
(scannerstuurprogramma)
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met andere toepassingssoftware > Schermen van ScanGear
In de volgende onderwerpen worden de schermen en functies en het gebruik van ScanGear
(scannerstuurprogramma) beschreven.
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Schermen van ScanGear (scannerstuurprogramma)
e
.b
Tabblad Basismodus (Basic Mode)
Tabblad Geavanceerde modus (Advanced Mode)
Instellingen voor invoer (Input Settings)
Instellingen voor uitvoer (Output Settings)
Instellingen voor afbeeldingen (Image Settings)
Knoppen voor kleuraanpassing
Tabblad Automatische scanmodus (Auto Scan Mode)
Dialoogvenster Voorkeuren (Preferences)
Tabblad Scanner
Tabblad Voorbeeld (Preview)
Tabblad Scannen (Scan)
Tabblad Kleurinstellingen (Color Settings)
Naar boven
Pagina 508 van 710 pagina's
nl
ow
D
Tabblad Basismodus (Basic Mode)
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met andere toepassingssoftware > Schermen van ScanGear
(scannerstuurprogramma) > Tabblad Basismodus (Basic Mode)
In deze modus kunt u eenvoudig scannen door de instructies op het scherm te volgen.
e
.b
re
In dit gedeelte worden instellingen en functies beschreven die beschikbaar zijn in de Basismodus
(Basic Mode).
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Tabblad Basismodus (Basic Mode)
(1) Knoppen voor instellingen en bewerkingen
(2) Werkbalk
(3) Voorbeeldgebied
Opmerking
De weergegeven items zijn afhankelijk van het documenttype en de manier waarop het scherm is
geopend.
Knoppen voor instellingen en bewerkingen
Bron selecteren (Select Source)
Foto (kleur) (Photo(Color))
Kleurenfoto's scannen.
Tijdschrift (kleur) (Magazine(Color))
Kleurentijdschriften scannen.
Krant (grijswaarden) (Newspaper(Grayscale))
Tekst en lijntekeningen in zwart-wit scannen.
Document (grijswaarden) (Document(Grayscale))
Documenten en foto's in zwart-wit scannen.
Selecteer deze modus om zwart-witafbeeldingen met een hoge resolutie te maken.
Opmerking
Als u een documenttype selecteert, worden de kleuren aangepast op basis van de functie
Beeld verscherpen of het documenttype.
Als u Tijdschrift (kleur) (Magazine(Color)) selecteert, wordt de functie Moiré-reductie
geactiveerd.
Pagina 509 van 710 pagina's
nl
ow
D
Tabblad Basismodus (Basic Mode)
m
Een proefscan uitvoeren.
fro
Voorbeeld (Preview)
d
de
oa
Voorbeeldafbeelding weergeven (Display Preview Image)
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Opmerking
Wanneer u het apparaat voor de eerste keer gebruikt, wordt de scanner automatisch
gekalibreerd. Wacht even tot de voorbeeldafbeelding wordt weergegeven.
Doel (Destination)
Selecteer wat u wilt doen met de gescande afbeelding.
Afdrukken (Print)
Selecteer deze optie om de gescande afbeelding op een printer af te drukken.
Afbeeldingsweergave (Image display)
Selecteer deze optie om de gescande afbeelding weer te geven op het beeldscherm.
OCR
Selecteer deze optie om de gescande afbeelding te gebruiken in combinatie met OCRsoftware.
OCR-software is software waarmee een als afbeelding gescande tekst wordt geconverteerd
naar een tekstbestand, zodat deze kan worden bewerkt in tekstverwerkers en andere
programma's.
Uitvoerformaat (Output Size)
Selecteer een uitvoerformaat.
De beschikbare opties voor het uitvoerformaat zijn afhankelijk van wat u onder Doel (Destination)
hebt geselecteerd.
Aanpasbaar (Flexible)
Hiermee kunt u de bijsnijdkaders naar wens aanpassen.
In miniaturenweergave
Sleep de muis over een miniatuur om een bijsnijdkader weer te geven. Wanneer een
bijsnijdkader wordt weergegeven, wordt het gedeelte in het bijsnijdkader gescand. Als er geen
bijsnijdkader wordt weergegeven, wordt elk kader afzonderlijk gescand.
In volledige afbeeldingsweergave
Wanneer er geen bijsnijdkader wordt weergegeven, wordt het hele voorbeeldgebied gescand.
Wanneer een bijsnijdkader wordt weergegeven, wordt het gedeelte in het bijsnijdkader
gescand.
Papierformaat (L, A4 enz.)
Pagina 510 van 710 pagina's
nl
ow
D
Tabblad Basismodus (Basic Mode)
d
de
oa
Toevoegen
Als u een formaat wilt toevoegen, geeft u de Naam van uitvoerformaat (Output Size Name),
Breedte (Width) en Hoogte (Height) op en klikt u vervolgens op Toevoegen (Add). U kunt voor
Eenheid (Unit) mm of inch (inches) selecteren als Doel (Destination) is ingesteld op Afdrukken
(Print), maar u kunt alleen pixels selecteren als Doel (Destination) is ingesteld op
Afbeeldingsweergave (Image display). De naam van het toegevoegde formaat wordt
weergegeven in de Lijst van uitvoerformaten (Output Size List). Klik op Opslaan (Save) om de
uitvoerformaten in de Lijst van uitvoerformaten (Output Size List) op te slaan.
Verwijderen (Delete)
Als u een item wilt verwijderen, selecteert u het in de Lijst van uitvoerformaten (Output Size List)
en klikt u op Verwijderen (Delete). Klik op Opslaan (Save) om de uitvoerformaten in de Lijst van
uitvoerformaten (Output Size List) op te slaan.
Belangrijk
Vooraf gedefinieerde uitvoerformaten, zoals A4 en 1024 x 768 pixels, kunnen niet worden
verwijderd.
Opmerking
U kunt maximaal 10 items opslaan.
Er verschijnt een foutmelding als u een waarde buiten het instellingenbereik opgeeft. Geef
een waarde binnen het instellingenbereik op.
Opmerking
Of en hoe het bijsnijdkader aanvankelijk wordt weergegeven voor een voorbeeldweergave, kan
worden opgegeven op het tabblad Voorbeeld (Preview) in het dialoogvenster Voorkeuren
(Preferences). Zie Kader van voorbeeldafbeelding bijsnijden (Cropping Frame on Previewed
Images) in 'Tabblad Voorbeeld (Preview) '.
Verhouding omkeren (Invert aspect ratio)
Deze knop is beschikbaar wanneer een andere optie dan Aanpasbaar (Output Size) is geselecteerd
e
.b
meerdere uitvoerformaten opgeven en gelijktijdig opslaan. Opgeslagen items worden
toegevoegd aan de lijst Uitvoerformaat (Output Size) en kunnen samen met de vooraf
gedefinieerde items worden geselecteerd.
re
In het dialoogvenster Uitvoerformaat toevoegen/verwijderen (Add/Delete the Output Size) kunt u
or
nb
de
an
.v
w
Hiermee wordt het dialoogvenster Uitvoerformaat toevoegen/verwijderen (Add/Delete the Output
Size) geopend. Hierin kunt u aangepaste uitvoerformaten opgeven. U kunt deze optie selecteren
wanneer Doel (Destination) is ingesteld op Afdrukken (Print) of Afbeeldingsweergave (Image
display).
w
Toevoegen/verwijderen... (Add/Delete...)
w
Het uitvoerformaat in pixels selecteren.
Een bijsnijdkader van het geselecteerde beeldschermformaat wordt weergegeven en alleen het
gedeelte in het bijsnijdkader wordt gescand. U kunt het bijsnijdkader vergroten of verkleinen
door dit te verslepen. Hierbij blijft de verhouding bewaard.
m
Beeldschermformaat (bijvoorbeeld 1024 x 768 pixels)
fro
Papierformaat voor de uitvoer selecteren. Het gedeelte in het bijsnijdkader wordt gescand op
het formaat van het geselecteerde papierformaat. U kunt het bijsnijdkader vergroten of
verkleinen door dit te verslepen. Hierbij blijft de verhouding bewaard.
Pagina 511 van 710 pagina's
nl
ow
D
Tabblad Basismodus (Basic Mode)
d
de
oa
bij Uitvoerformaat (Flexible).
Klik op deze knop om het bijsnijdkader te draaien. Klik nogmaals op de knop om de oorspronkelijke
richting weer te herstellen.
m
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
U kunt het scangebied aanpassen in het voorbeeldgebied.
Als een gebied niet is opgegeven, wordt het document gescand op documentformaat (Automatisch
bijsnijden). Als er een gebied is opgegeven, wordt alleen het gedeelte in het bijsnijdkader gescand.
Bijsnijdkaders aanpassen
fro
Bijsnijdkaders aanpassen (Adjust cropping frames)
Afbeeldingscorrecties (Image corrections)
Correctie van vervaging (Fading correction)
Vervaagde foto's of foto's met een overkleuring corrigeren en scannen.
Tegenlichtcorrectie (Backlight correction)
Hiermee worden foto's gecorrigeerd die met tegenlicht zijn gemaakt.
Schaduwcorrectie van rugmarge (Gutter shadow correction)
Deze instelling wordt gebruikt om schaduwen tussen pagina's te corrigeren die kunnen
optreden wanneer geopende boekjes worden gescand.
Belangrijk
Zie Schaduwcorrectie van rugmarge (Gutter Shadow Correction) in ' Instellingen voor
afbeeldingen (Image Settings) ' op het tabblad Geavanceerde modus (Advanced Mode)
voor voorzorgsmaatregelen aangaande het gebruik van deze functie.
Kleurenpatroon... (Color Pattern...)
Hiermee kunt u de algehele kleur van de afbeelding aanpassen. U kunt vervaagde kleuren vanwege
overkleuring, enzovoort corrigeren en de natuurlijke kleuren herstellen en hier een voorbeeld van
weergeven.
Kleuren aanpassen met een kleurenpatroon
Scannen (Perform Scan)
Scannen (Scan)
Het scannen begint.
Opmerking
Wanneer het scannen begint, wordt de voortgang weergegeven. Klik op Annuleren
(Cancel) om de scan te annuleren.
Voorkeuren... (Preferences...)
Het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences) wordt geopend. Hier kunt u scan- en
voorbeeldinstellingen opgeven.
Dialoogvenster Voorkeuren (Preferences)
Sluiten (Close)
ScanGear (scannerstuurprogramma) sluiten.
Werkbalk
Werkbalk
Pagina 512 van 710 pagina's
nl
ow
D
Tabblad Basismodus (Basic Mode)
d
de
oa
U kunt voorbeeldafbeeldingen aanpassen of roteren. De knoppen die worden weergegeven op de
werkbalk, verschillen per weergave.
fro
m
In miniaturenweergave
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
In volledige afbeeldingsweergave
(Miniatuur)/
(Volledige afbeeldingsweergave)
Hiermee wordt geschakeld tussen weergaven in het voorbeeldgebied.
Voorbeeldgebied
(Linksom roteren)
De voorbeeldafbeelding wordt 90 graden tegen de klok in gedraaid.
- Het resultaat is zichtbaar in de gescande afbeelding.
- Wanneer u de afbeelding opnieuw als voorbeeld weergeeft, wordt de oorspronkelijke staat
hersteld.
(Rechtsom roteren)
De afbeelding wordt 90 graden met de klok mee gedraaid.
- Het resultaat is zichtbaar in de gescande afbeelding.
- Wanneer u de afbeelding opnieuw als voorbeeld weergeeft, wordt de oorspronkelijke staat
hersteld.
(Automatisch bijsnijden)
Het bijsnijdkader weergeven en automatisch aanpassen aan de grootte van het document dat
wordt weergegeven in het voorbeeldgebied. Het scangebied wordt verkleind telkens wanneer u
op deze knop klikt als er in het bijsnijdkader een bijsnijdgebied is.
(Alle kaders selecteren)
Deze knop is beschikbaar wanneer twee of meer kaders worden weergegeven.
Het selectievakje van de afbeelding in de miniaturenweergave wordt ingeschakeld.
(Selectie alle kaders opheffen)
Deze knop is beschikbaar wanneer twee of meer kaders worden weergegeven.
Het selectievakje van de afbeelding in de miniaturenweergave wordt uitgeschakeld.
(Alle kaders selecteren)
Deze knop is beschikbaar wanneer twee of meer kaders worden weergegeven.
Hiermee kunt u de afbeelding in de miniaturenweergave selecteren en de afbeelding wordt
omlijnd met een blauw kader.
(Alle bijsnijdkaders selecteren)
Deze knop is beschikbaar wanneer er twee of meer bijsnijdkaders zijn.
Alle bijsnijdkaders worden weergegeven met dikke onderbroken lijnen. De instellingen worden
toegepast op alle bijsnijdkaders.
(Bijsnijdkader verwijderen)
Hiermee verwijdert u het geselecteerde bijsnijdkader.
(Informatie)
Pagina 513 van 710 pagina's
nl
ow
D
Tabblad Basismodus (Basic Mode)
m
Deze pagina wordt weergegeven.
fro
(Handleiding openen)
d
de
oa
Hier worden de versie van ScanGear (scannerstuurprogramma) en de huidige scaninstellingen
(documenttype enz.) weergegeven.
Voorbeeldgebied
(miniatuur) wordt weergegeven op de werkbalk
Er worden miniaturen weergegeven van afbeeldingen die zijn bijgesneden tot het documentformaat.
Alleen afbeeldingen waarvoor het selectievakje is ingeschakeld, worden gescand.
Opmerking
Als er van meerdere afbeeldingen een voorbeeld wordt weergegeven, worden verschillende
selectiestatussen met verschillende randen aangeduid.
- Kader met focus (dikke blauwe rand): de weergegeven instellingen worden toegepast.
- Geselecteerd kader (dunne blauwe rand): de instellingen worden gelijktijdig toegepast op het
kader met focus en het geselecteerde kader. U kunt meerdere afbeeldingen selecteren door
de Ctrl-toets ingedrukt te houden terwijl u ze selecteert.
- Niet geselecteerd (geen rand): de instellingen worden niet toegepast.
(volgend/vorig
Dubbelklik op een kader om in te zoomen op de afbeelding. Klik op
kader) onder aan het scherm om het vorige of volgende kader weer te geven. Dubbelklik
opnieuw op het kader om terug te keren naar de weergave op de oorspronkelijke grootte.
Als
(volledige afbeelding) wordt weergegeven op de werkbalk
De items op de glasplaat worden als één afbeelding weergegeven. Alle gedeelten binnen de
bijsnijdkaders worden gescand.
e
.b
Als
re
Hier wordt een testafbeelding weergegeven nadat u op Voorbeeld (Preview) hebt geklikt. U kunt ook
de resultaten controleren van de instellingen (afbeeldingscorrecties, kleuraanpassingen en
dergelijke) die zijn geconfigureerd in ' Knoppen voor instellingen en bewerkingen'.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Voorbeeldgebied
Pagina 514 van 710 pagina's
nl
ow
D
Tabblad Basismodus (Basic Mode)
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Opmerking
U kunt het scangebied (bijsnijdkader) opgeven op de weergegeven afbeelding. U kunt in de
miniaturenweergave maar één bijsnijdkader per afbeelding maken. In de volledige
afbeeldingsweergave kunt u meerdere bijsnijdkaders maken.
Bijsnijdkaders aanpassen
Verwant onderwerp
Scannen in de Basismodus
Naar boven
Pagina 515 van 710 pagina's
nl
ow
D
Tabblad Geavanceerde modus (Advanced Mode)
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met andere toepassingssoftware > Schermen van ScanGear
(scannerstuurprogramma) > Tabblad Geavanceerde modus (Advanced Mode)
In deze modus kunt u geavanceerde scaninstellingen opgeven, zoals de kleurenmodus, uitvoerresolutie,
helderheid van de afbeelding en kleurtint.
(2) Werkbalk
(3) Voorbeeldgebied
Opmerking
De weergegeven items zijn afhankelijk van het documenttype en de manier waarop het scherm is
geopend.
Knoppen voor instellingen en bewerkingen
Voorkeursinstellingen (Favorite Settings)
U kunt een groep instellingen (instellingen voor invoer of uitvoer, instellingen voor afbeeldingen en
knoppen voor kleuraanpassing) een naam geven en opslaan op het tabblad Geavanceerde modus
(Advanced Mode). Vervolgens kunt u deze instellingen laden wanneer u ze nodig hebt. Als u een
groep instellingen vaak gebruikt, is het handig deze op te slaan. U kunt hiermee ook de
standaardinstellingen opnieuw laden.
Selecteer Toevoegen/verwijderen... (Add/Delete...) in het keuzemenu. Het dialoogvenster Favoriete
instellingen toevoegen/verwijderen (Add/Delete Favorite Settings).
e
.b
(1) Knoppen voor instellingen en bewerkingen
re
In dit gedeelte worden instellingen en functies beschreven die beschikbaar zijn in de Geavanceerde
modus (Advanced Mode).
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Tabblad Geavanceerde modus (Advanced Mode)
Pagina 516 van 710 pagina's
nl
ow
D
Tabblad Geavanceerde modus (Advanced Mode)
d
de
oa
m
fro
Instellingen voor invoer (Input Settings)
Geef de instellingen voor invoer op, zoals het documenttype en -formaat.
Instellingen voor invoer (Input Settings)
Instellingen voor uitvoer (Output Settings)
Geef de instellingen voor uitvoer op, zoals de uitvoerresolutie en het formaat.
Instellingen voor uitvoer (Output Settings)
Instellingen voor afbeeldingen (Image Settings)
Hier kunt u diverse functies voor afbeeldingscorrectie in- of uitschakelen.
Instellingen voor afbeeldingen (Image Settings)
Knoppen voor kleuraanpassing
Met deze knoppen kunt u nauwkeurige correcties aanbrengen in de helderheid en de kleurtonen van
de afbeelding. U kunt de algemene helderheid of het contrast van de afbeelding aanpassen en de
waarden (histogram) of balans (tintcurve) aanpassen voor de lichte en donkere gedeelten.
Knoppen voor kleuraanpassing
In-/uitzoomen (Zoom)
Hiermee wordt ingezoomd op een afbeelding of het gedeelte binnen het bijsnijdkader. Wanneer op
de afbeelding is ingezoomd, verandert In-/uitzoomen (Zoom) in Ongedaan maken (Undo). Klik op
Ongedaan maken (Undo) om terug te keren naar de weergave op de oorspronkelijke grootte.
In miniaturenweergave
Hiermee wordt ingezoomd op de geselecteerde afbeelding. Klik op
onder aan het scherm om het vorige of volgende kader weer te geven.
(volgend/vorig kader)
Opmerking
U kunt ook op een afbeelding inzoomen door op het kader te dubbelklikken. Dubbelklik
opnieuw op het kader om terug te keren naar de weergave op de oorspronkelijke grootte.
In volledige afbeeldingsweergave
Het gedeelte binnen het bijsnijdkader wordt opnieuw gescand met een sterkere vergroting.
Opmerking
Met In-/uitzoomen (Zoom) wordt de afbeelding opnieuw gescand en wordt er in het voorbeeld
een afbeelding met een hoge resolutie weergegeven.
e
.b
U kunt Toevoegen/verwijderen... (Add/Delete...) instellen in Voorkeursinstellingen (Favorite
Settings) nadat het voorbeeld is weergegeven.
U kunt maximaal 10 items opslaan.
re
Opmerking
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Geef een naam op bij Naam instelling (Setting Name) en klik op Toevoegen (Add). De naam wordt
weergegeven in de Lijst met voorkeursinstellingen (Favorite Settings List).
Wanneer u op Opslaan (Save) klikt, wordt het item weergegeven in de lijst Voorkeursinstellingen
(Favorite Settings) en kan het worden geselecteerd, samen met de vooraf gedefinieerde items.
Als u een item wilt verwijderen, selecteert u het item in de Lijst met voorkeursinstellingen (Favorite
Settings List) en klikt u op Verwijderen (Delete). Klik op Opslaan (Save) als u instellingen wilt
weergeven in de Lijst met voorkeursinstellingen (Favorite Settings List).
Pagina 517 van 710 pagina's
nl
ow
D
Tabblad Geavanceerde modus (Advanced Mode)
d
de
oa
Vergroten/Verkleinen (Enlarge/Reduce) op de werkbalk biedt u de mogelijkheid snel in of
uit te zoomen op de voorbeeldafbeelding. De resolutie van de afbeelding die wordt
weergegeven, is echter laag.
m
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Een proefscan uitvoeren.
fro
Voorbeeld (Preview)
Scannen (Scan)
Starten met scannen.
Opmerking
Wanneer het scannen begint, wordt de voortgang weergegeven. Klik op Annuleren (Cancel) om
de scan te annuleren.
Wanneer het scannen is voltooid, wordt er mogelijk een dialoogvenster weergegeven waarin u
wordt gevraagd de volgende acties te selecteren. Volg de aanwijzingen om te voltooien. Zie
Status van dialoogvenster ScanGear na het scannen (Status of ScanGear dialog after
scanning) in ' Tabblad Scannen (Scan) ' voor meer informatie (dialoogvenster Voorkeuren
(Preferences)).
De verwerking van afbeeldingen kan enige tijd in beslag nemen als het totale formaat van de
gescande afbeeldingen een bepaalde grootte overschrijdt. In dat geval wordt er een
waarschuwingsbericht weergegeven. Het wordt aanbevolen de totale grootte te beperken. Voer
een scan uit in de volledige afbeeldingsweergave om door te gaan.
Voorkeuren... (Preferences...)
Het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences) wordt geopend. Hier kunt u scan- en
voorbeeldinstellingen opgeven.
Dialoogvenster Voorkeuren (Preferences)
Sluiten (Close)
ScanGear (scannerstuurprogramma) sluiten.
Werkbalk
Werkbalk
U kunt voorbeeldafbeeldingen aanpassen of roteren. De knoppen die worden weergegeven op de
werkbalk, verschillen per weergave.
In miniaturenweergave
Pagina 518 van 710 pagina's
nl
ow
D
Tabblad Geavanceerde modus (Advanced Mode)
d
de
oa
m
fro
In volledige afbeeldingsweergave
(Volledige afbeeldingsweergave)
(Bijsnijden)
Hiermee kunt u het scangebied bepalen door met de muis te slepen.
(Afbeelding verplaatsen)
Als een vergrote afbeelding te groot is om in het voorbeeldgebied te passen, kunt u op deze
knop klikken en de afbeelding op het scherm verplaatsen tot het gedeelte wordt weergegeven
dat u wilt bekijken. U kunt de afbeelding ook verplaatsen met de schuifbalken.
(Vergroten/verkleinen)
Klik op deze knop en klik vervolgens op de afbeelding om deze te vergroten (inzoomen). Rechtsklik op de afbeelding om deze te verkleinen (uitzoomen).
(Linksom roteren)
De voorbeeldafbeelding wordt 90 graden tegen de klok in gedraaid.
- Het resultaat is zichtbaar in de gescande afbeelding.
- Wanneer u de afbeelding opnieuw als voorbeeld weergeeft, wordt de oorspronkelijke staat
hersteld.
(Rechtsom roteren)
De afbeelding wordt 90 graden met de klok mee gedraaid.
- Het resultaat is zichtbaar in de gescande afbeelding.
- Wanneer u de afbeelding opnieuw als voorbeeld weergeeft, wordt de oorspronkelijke staat
hersteld.
(Automatisch bijsnijden)
Het bijsnijdkader weergeven en automatisch aanpassen aan de grootte van het document dat
wordt weergegeven in het voorbeeldgebied. Het scangebied wordt verkleind telkens wanneer u
op deze knop klikt als er in het bijsnijdkader een bijsnijdgebied is.
(Alle kaders selecteren)
Deze knop is beschikbaar wanneer twee of meer kaders worden weergegeven.
Het selectievakje van de afbeelding in de miniaturenweergave wordt ingeschakeld.
(Selectie alle kaders opheffen)
Deze knop is beschikbaar wanneer twee of meer kaders worden weergegeven.
Het selectievakje van de afbeelding in de miniaturenweergave wordt uitgeschakeld.
(Alle kaders selecteren)
e
.b
Klik op deze knop om de voorbeeldafbeelding te verwijderen.
Hiermee worden ook de instellingen die met de werkbalk en kleuraanpassing zijn gemaakt,
ingesteld op de standaardwaarden.
re
(Wissen)
or
nb
de
an
.v
w
w
w
(Miniatuur)/
Hiermee wordt geschakeld tussen weergaven in het voorbeeldgebied.
Voorbeeldgebied
Pagina 519 van 710 pagina's
nl
ow
D
Tabblad Geavanceerde modus (Advanced Mode)
d
de
oa
Deze knop is beschikbaar wanneer twee of meer kaders worden weergegeven.
Hiermee kunt u de afbeelding in de miniaturenweergave selecteren en de afbeelding wordt
omlijnd met een blauw kader.
(Informatie)
Hier worden de versie van ScanGear (scannerstuurprogramma) en de huidige scaninstellingen
(documenttype enz.) weergegeven.
(Handleiding openen)
Deze pagina wordt weergegeven.
Voorbeeldgebied
Voorbeeldgebied
Hier wordt een testafbeelding weergegeven nadat u op Voorbeeld (Preview) hebt geklikt. U kunt ook
de resultaten controleren van de instellingen (afbeeldingscorrecties, kleuraanpassingen en
dergelijke) die zijn geconfigureerd in ' Knoppen voor instellingen en bewerkingen'.
Als
(miniatuur) wordt weergegeven op de werkbalk
Er worden miniaturen weergegeven van afbeeldingen die zijn bijgesneden tot het documentformaat.
Alleen afbeeldingen waarvoor het selectievakje is ingeschakeld, worden gescand.
Opmerking
Als er van meerdere afbeeldingen een voorbeeld wordt weergegeven, worden verschillende
selectiestatussen met verschillende randen aangeduid.
- Kader met focus (dikke blauwe rand): de weergegeven instellingen worden toegepast.
- Geselecteerd kader (dunne blauwe rand): de instellingen worden gelijktijdig toegepast op het
kader met focus en het geselecteerde kader. U kunt meerdere afbeeldingen selecteren door
de Ctrl-toets ingedrukt te houden terwijl u ze selecteert.
- Niet geselecteerd (geen rand): de instellingen worden niet toegepast.
Als
(volledige afbeelding) wordt weergegeven op de werkbalk
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
Hiermee verwijdert u het geselecteerde bijsnijdkader.
w
(Bijsnijdkader verwijderen)
m
Deze knop is beschikbaar wanneer er twee of meer bijsnijdkaders zijn.
Alle bijsnijdkaders worden weergegeven met dikke onderbroken lijnen. De instellingen worden
toegepast op alle bijsnijdkaders.
fro
(Alle bijsnijdkaders selecteren)
Pagina 520 van 710 pagina's
nl
ow
D
Tabblad Geavanceerde modus (Advanced Mode)
d
de
oa
De items op de glasplaat worden als één afbeelding weergegeven. Alle gedeelten binnen de
bijsnijdkaders worden gescand.
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Opmerking
U kunt het scangebied (bijsnijdkader) opgeven op de weergegeven afbeelding. U kunt in de
miniaturenweergave maar één bijsnijdkader per afbeelding maken. In de volledige
afbeeldingsweergave kunt u meerdere bijsnijdkaders maken.
Bijsnijdkaders aanpassen
Verwant onderwerp
Scannen in de Geavanceerde modus
Naar boven
Pagina 521 van 710 pagina's
nl
ow
D
Instellingen voor invoer (Input Settings)
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met andere toepassingssoftware > Schermen van ScanGear
(scannerstuurprogramma) > Instellingen voor invoer (Input Settings)
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Instellingen voor invoer (Input Settings)
e
.b
re
Bij Instellingen voor invoer (Input Settings) kunt u de volgende opties instellen:
Bron selecteren (Select Source)
Het type document dat wordt gescand wordt weergegeven.
Papierformaat (Paper Size)
Selecteer het formaat van het document dat u wilt scannen. Deze instelling is alleen beschikbaar in de
weergave van de volledige film.
Als u een formaat selecteert, wordt het formaat van het voorbeeldgebied daaraan aangepast.
Belangrijk
Bepaalde toepassingen kunnen maar een beperkte hoeveelheid scangegevens ontvangen. Met
ScanGear (scannerstuurprogramma) kunt gegevens scannen van:
- 21000 pixels x 30000 pixels of minder
Als u het Papierformaat (Paper Size) wijzigt nadat het voorbeeld is weergegeven, wordt de
voorbeeldafbeelding verwijderd.
Opmerking
Als u niet zeker weet welk formaat u moet selecteren bij Papierformaat (Paper Size), stelt u het
Papierformaat (Paper Size) in op Volledige plaat (Full Platen), meet u het formaat van het
document en geeft u de waarden op bij
(Breedte) en
(Hoogte).
Kleurenmodus (Color Mode)
Selecteer hoe u het document wilt scannen.
Kleur (Color)
Selecteer deze modus om kleurendocumenten te scannen en kleurenafbeeldingen te maken. In
deze modus wordt de afbeelding opgebouwd met 256 niveaus (8-bits) van R(ood), G(roen) en
Pagina 522 van 710 pagina's
nl
ow
D
Instellingen voor invoer (Input Settings)
B(lauw).
d
de
oa
Grijswaarden (Grayscale)
m
(Drempel).
In de miniaturenweergave wordt de grootte van het bijgesneden document weergegeven nadat u een
voorbeeld hebt bekeken.
In de volledige afbeeldingsweergave wordt Papierformaat (Paper Size) weergegeven voordat u een
voorbeeld hebt bekeken, en wordt het formaat van het bijsnijdkader (scangebied) weergegeven nadat
u een voorbeeld hebt bekeken.
U kunt het formaat van het bijsnijdkader aanpassen door de waarden op te geven bij
(Breedte) en
(Hoogte).
(Verhouding behouden) en wijzig dit in
Klik op
wanneer u het formaat van het bijsnijdkader opgeeft.
(Vergrendeld) om de verhouding te behouden
Belangrijk
Instellingen voor het invoerformaat zijn alleen beschikbaar wanneer het Uitvoerformaat (Output
Size) in Instellingen voor uitvoer (Output Settings) is ingesteld op Aanpasbaar (Flexible) . Als u
een ander formaat dan Aanpasbaar (Flexible) selecteert, wordt een bijsnijdkader weergegeven
dat is berekend op basis van Uitvoerformaat (Output Size) en Uitvoerresolutie (Output Resolution)
en met een vaste verhouding.
Opmerking
U kunt alleen waarden invoeren die binnen het bereik van het geselecteerde documentformaat
vallen. Het minimumformaat is 96 x 96 pixels wanneer Uitvoerresolutie (Output Resolution) 600
dpi is, geschaald op 100%.
Als u de afbeelding automatisch bijsnijdt in de volledige afbeeldingsweergave, wordt de
verhouding niet behouden, omdat het formaat prioriteit heeft.
Zie 'Bijsnijdkaders aanpassen ' voor meer informatie over bijsnijdkaders.
Naar boven
e
.b
re
Invoerformaat
or
nb
de
an
.v
w
Selecteer deze modus om foto's en documenten in zwart-wit te scannen. In deze modus wordt de
afbeelding opgebouwd uit zwart en wit. Het contrast in de afbeelding is op bepaalde niveaus
(drempelniveau) verdeeld in zwart en wit en wordt met twee kleuren opgebouwd. Het
w
w
Zwart-wit (Black and White)
drempelniveau kan worden ingesteld met de knop
fro
Selecteer deze modus om zwart-wit foto's te scannen of om zwart-wit afbeeldingen te maken. In
deze modus wordt de afbeelding opgebouwd met 256 niveaus (8-bits) van zwart-wit.
Pagina 523 van 710 pagina's
nl
ow
D
Instellingen voor uitvoer (Output Settings)
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met andere toepassingssoftware > Schermen van ScanGear
(scannerstuurprogramma) > Instellingen voor uitvoer (Output Settings)
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Instellingen voor uitvoer (Output Settings)
Bij Instellingen voor uitvoer (Output Settings) kunt u de volgende opties instellen:
Uitvoerresolutie (Output Resolution)
Selecteer de resolutie waarmee u wilt scannen.
Hoe hoger de resolutie (waarde), hoe gedetailleerder de afbeelding.
Selecteer een resolutie uit de weergegeven opties door op de knop te klikken, of voer een waarde in
tussen 25 dpi en 19200 dpi (met verhogingen van 1 dpi).
Resolutie
Uitvoerformaat (Output Size)
Selecteer een uitvoerformaat.
Selecteer Aanpasbaar (Flexible) om aangepaste afmetingen op te geven of selecteer een formaat voor
het afdrukken of weergeven van de afbeelding. Selecteer Toevoegen/verwijderen... (Add/Delete...) om
een aangepast formaat in te stellen en dit op te slaan als een nieuwe optie voor het uitvoerformaat.
Aanpasbaar (Flexible)
U kunt de uitvoerresolutie en schaal opgeven en het bijsnijdkader aanpassen.
In miniaturenweergave
Sleep de muis over een miniatuur om een bijsnijdkader weer te geven. Wanneer een
bijsnijdkader wordt weergegeven, wordt het gedeelte in het bijsnijdkader gescand. Als er geen
bijsnijdkader wordt weergegeven, wordt elk kader afzonderlijk gescand.
In volledige afbeeldingsweergave
Wanneer er geen bijsnijdkader wordt weergegeven, wordt het hele voorbeeldgebied gescand.
Wanneer een bijsnijdkader wordt weergegeven, wordt het gedeelte in het bijsnijdkader gescand.
Opmerking
(Breedte)
m
fro
(Hoogte) bij Instellingen voor uitvoer (Output Settings) of geeft u een waarde op in
en
procenten bij %. De maximumwaarde die beschikbaar is voor % is afhankelijk van wat er
voor Uitvoerresolutie (Output Resolution) is opgegeven. U kunt een % opgeven voor
maximaal 19200 dpi (de maximaal beschikbare uitvoerresolutie).
d
de
oa
Als u de gescande afbeelding wilt vergroten/verkleinen, voert u waarden in bij
Pagina 524 van 710 pagina's
nl
ow
D
Instellingen voor uitvoer (Output Settings)
In het dialoogvenster Uitvoerformaat toevoegen/verwijderen (Add/Delete the Output Size) kunt u
meerdere uitvoerformaten opgeven en gelijktijdig opslaan. Opgeslagen items worden toegevoegd
aan de lijst Uitvoerformaat (Output Size) en kunnen samen met de vooraf gedefinieerde items
worden geselecteerd.
Toevoegen
Als u een formaat wilt toevoegen, selecteert u Afdrukken (Print) of Afbeeldingsweergave (Image
display) voor Doel (Destination), geeft u de Naam van uitvoerformaat (Output Size Name), Breedte
(Width) en Hoogte (Height) op en klikt u op Toevoegen (Add). De naam van het toegevoegde
formaat wordt weergegeven in de Lijst van uitvoerformaten (Output Size List).
Klik op Opslaan (Save) om de uitvoerformaten in de Lijst van uitvoerformaten (Output Size List) op
te slaan.
Verwijderen (Delete)
Als u een item wilt verwijderen, selecteert u het in de Lijst van uitvoerformaten (Output Size List) en
klikt u op Verwijderen (Delete). Klik op Opslaan (Save) om de uitvoerformaten in de Lijst van
uitvoerformaten (Output Size List) op te slaan.
Belangrijk
Vooraf gedefinieerde uitvoerformaten, zoals A4 en 1024 x 768 pixels, kunnen niet worden
verwijderd.
Opmerking
U kunt maximaal 10 items opslaan voor elk doel.
Er verschijnt een foutmelding als u een waarde buiten het instellingenbereik opgeeft. Voer
een waarde in binnen het bereik dat in het bericht wordt vermeld.
Eenheid (Unit) varieert, afhankelijk van het Doel (Destination). Selecteer voor Afdrukken
(Print) mm of inch (inches). Voor Afbeeldingsweergave (Image display) is de eenheid pixels.
Opmerking
Zie 'Bijsnijdkaders aanpassen ' voor meer informatie over bijsnijdkaders.
Of en hoe het bijsnijdkader aanvankelijk wordt weergegeven voor een voorbeeldweergave, kan
worden opgegeven op het tabblad Voorbeeld (Preview) in het dialoogvenster Voorkeuren
e
.b
Hiermee wordt het dialoogvenster Uitvoerformaat toevoegen/verwijderen (Add/Delete the Output
Size) geopend. Hierin kunt u aangepaste uitvoerformaten opgeven.
re
Toevoegen/verwijderen... (Add/Delete...)
or
nb
de
an
.v
w
De breedte, de hoogte en de schaal kunnen niet worden opgegeven. De voorbeeldafbeelding
wordt bijgesneden op basis van het geselecteerde uitvoerformaat en de opgegeven resolutie. Het
gedeelte in het bijsnijdkader wordt gescand met het formaat van het geselecteerde papier-/
beeldschermformaat. U kunt het bijsnijdkader vergroten of verkleinen door dit te verslepen. Hierbij
blijft de verhouding bewaard.
w
w
Papierformaat (Paper Size) (bijvoorbeeld L) & Beeldschermformaat (Monitor Size)
(bijvoorbeeld 1024 x 768 pixels)
Pagina 525 van 710 pagina's
nl
ow
D
Instellingen voor uitvoer (Output Settings)
m
Gegevensgrootte (Data Size)
Wanneer de voorbeeldafbeelding wordt gescand, wordt een afbeeldingsbestand gemaakt. De grootte
voor een BMP-indeling wordt weergegeven.
Opmerking
e
.b
Naar boven
re
Wanneer de bestandsgrootte een bepaald formaat overschrijdt, wordt de waarde rood
weergegeven. In dat geval wordt er een waarschuwingsbericht weergegeven wanneer u op
Scannen (Scan) klikt. Het wordt aanbevolen de instellingen aan te passen om Gegevensgrootte
(Data Size) te beperken. Voer een scan uit in de volledige afbeeldingsweergave om door te gaan.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Klik op deze knop om het bijsnijdkader te draaien. Klik nogmaals op de knop om de oorspronkelijke
richting weer te herstellen.
fro
(Lengte-breedteverhouding schakelen (Switch Aspect Ratio))
d
de
oa
(Preferences). Zie Kader van voorbeeldafbeelding bijsnijden (Cropping Frame on Previewed
Images) in 'Tabblad Voorbeeld (Preview) '.
Pagina 526 van 710 pagina's
nl
ow
D
Instellingen voor afbeeldingen (Image Settings)
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met andere toepassingssoftware > Schermen van ScanGear
(scannerstuurprogramma) > Instellingen voor afbeeldingen (Image Settings)
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Instellingen voor afbeeldingen (Image Settings)
Belangrijk
Gebruik deze functies niet voor afbeeldingen zonder moiré, stof/krassen of vervaagde kleuren. De
kleurtint kan dan nadelig beïnvloed worden.
Resultaten van afbeeldingscorrecties worden mogelijk niet weergegeven in de
voorbeeldafbeelding.
Opmerking
Welke instellingen u kunt selecteren, is afhankelijk van de instellingen voor de kleurenmodus.
Wanneer u Instellingen voor afbeeldingen (Image Settings) gebruikt, kan het scannen langer duren.
Bij Instellingen voor afbeeldingen (Image Settings) kunt u de volgende opties instellen:
Beeldaanpassing (Image Adjustment)
Wanneer Beeldaanpassing is ingeschakeld, wordt de helderheid van het opgegeven deel van de
afbeelding geoptimaliseerd. Afbeeldingen kunnen worden aangepast aan de hand van het
automatisch gedetecteerde documenttype of het opgegeven documenttype. Het resultaat van de
aanpassing is in de gehele afbeelding te zien. De standaardinstelling is Automatisch (Auto).
Geen (None)
Beeldaanpassing wordt niet toegepast.
Auto
Beeldaanpassing wordt toegepast door automatisch het documenttype te detecteren. Deze
instelling wordt aanbevolen.
Foto (Photo)
Selecteer deze optie om Beeldaanpassing toe te passen op foto's.
Tijdschrift (Magazine)
Pagina 527 van 710 pagina's
nl
ow
D
Instellingen voor afbeeldingen (Image Settings)
Krant (Newspaper)
d
de
oa
Selecteer deze optie om Beeldaanpassing toe te passen op tijdschriften.
Als deze optie is ingesteld op AAN (ON), worden de contouren van de onderwerpen benadrukt om de
afbeelding te verscherpen. Deze instelling is standaard AAN (ON).
Moiré-reductie (Descreen)
Afgedrukte foto's en afbeeldingen worden weergegeven als een verzameling kleine puntjes. Moiré is
een verschijnsel waarbij ongelijkmatige gradatie of een streeppatroon zichtbaar is als foto’s of
afbeeldingen met fijne punten worden gescand. Moiré-reductie (Descreen) is de functie waarmee u dit
effect kunt verkleinen. Deze functie staat standaard UIT (OFF).
Opmerking
Zelfs wanneer Moiré-reductie (Descreen) is ingesteld op AAN (ON), is het mogelijk dat dit effect
niet helemaal wordt verwijderd als Beeld verscherpen (Unsharp Mask) ook is ingesteld op AAN
(ON). In dat geval moet u Beeld verscherpen (Unsharp Mask) instellen op UIT (OFF).
Wanneer u Tijdschrift (kleur) (Magazine(Color)) selecteert bij Bron selecteren (Select Source) op
het tabblad Basismodus (Basic Mode), heeft dit hetzelfde effect als wanneer u Moiré-reductie
(Descreen) instelt op AAN (ON) op het tabblad Geavanceerde modus (Advanced Mode).
Stof en krassen reduceren (Reduce Dust and Scratches)
Een gescande foto kan witte puntjes bevatten. Dit wordt veroorzaakt door stof of krassen. Gebruik deze
functie om dergelijke ruis te reduceren. Deze instelling is standaard Geen (None).
Geen (None)
Stof en krassen worden niet gereduceerd.
Laag (Low)
Selecteer deze optie om kleine stofdeeltjes en krasjes te verminderen. Grotere deeltjes en
krassen blijven mogelijk achter.
Middel (Medium)
Deze instelling wordt aanbevolen.
Hoog (High)
Selecteer deze optie om kleine en grote stofdeeltjes en krassen te reduceren. Het is echter
mogelijk dat het reductieproces zichtbaar blijft en dat ook fijnere delen van de afbeelding worden
verwijderd.
Belangrijk
Deze instelling heeft mogelijk geen effect bij bepaalde typen foto's.
Opmerking
e
.b
Beeld verscherpen (Unsharp Mask)
re
Opmerking
Als de afbeelding niet correct wordt aangepast met Automatisch (Auto), moet u het documenttype
opgeven.
De kleurtint kan afwijken van de bronafbeelding na toepassing van de functie Beeldaanpassing.
Stel in dat geval Beeldaanpassing (Image Adjustment) in op Geen (None).
or
nb
de
an
.v
w
U kunt Beeldaanpassing (Image Adjustment) instellen nadat u het voorbeeld hebt bekeken.
U kunt deze instelling selecteren wanneer u Aanbevolen (Recommended) selecteert op het
tabblad Kleurinstellingen (Color Settings) van het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences).
w
Belangrijk
w
Selecteer deze optie om Beeldaanpassing toe te passen op tekstdocumenten.
m
Document
fro
Selecteer deze optie om Beeldaanpassing toe te passen op kranten.
Pagina 528 van 710 pagina's
nl
ow
D
Instellingen voor afbeeldingen (Image Settings)
Correctie van vervaging (Fading Correction)
d
de
oa
U wordt aanbevolen deze optie in te stellen op Geen (None) wanneer u gedrukte materialen
scant.
Hoog (High)
Selecteer deze instelling om een hoge mate van vervaging en overkleuring te corrigeren. Dit kan
van invloed zijn op de tint van de afbeelding.
Belangrijk
U kunt Correctie van vervaging (Fading Correction) instellen nadat u het voorbeeld hebt bekeken.
Correctie van vervaging (Fading Correction) heeft mogelijk weinig effect als het scangebied te
klein is.
U kunt deze instelling selecteren wanneer u Aanbevolen (Recommended) selecteert op het
tabblad Kleurinstellingen (Color Settings) van het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences).
Correctie van korreligheid (Grain Correction)
Gebruik deze functie om korreligheid (grofheid) te reduceren in foto's die met hoge snelheid of
gevoelige film zijn genomen. Deze instelling is standaard Geen (None).
Geen (None)
Korreligheid wordt niet gereduceerd.
Laag (Low)
Selecteer deze instelling wanneer de foto iets korrelig is.
Middel (Medium)
Deze instelling wordt aanbevolen.
Hoog (High)
Selecteer deze instelling als de foto zeer korrelig is. Dit kan van invloed zijn op de gradatie en de
scherpte van de afbeelding.
Belangrijk
Correctie van korreligheid (Grain Correction) heeft mogelijk weinig effect als het scangebied te
klein is.
Tegenlichtcorrectie (Backlight Correction)
Gebruik deze functie om foto's te corrigeren die met tegenlicht zijn genomen.
Wanneer u de instelling voor Tegenlichtcorrectie (Backlight Correction) wijzigt, is het resultaat daarvan
zichtbaar in de voorbeeldweergave. Deze instelling is standaard Geen (None).
Geen (None)
Er wordt geen tegenlichtcorrectie toegepast.
Laag (Low)
Selecteer deze instelling om foto's met weinig tegenlicht te corrigeren. Dit heeft geen invloed op
het contrast van de afbeelding.
Middel (Medium)
e
.b
Deze instelling wordt aanbevolen.
re
Middel (Medium)
or
nb
de
an
.v
w
Selecteer deze instelling om een lichte mate van vervaging of overkleuring te corrigeren.
w
Laag (Low)
w
Er wordt geen correctie van vervaging toegepast.
m
Geen (None)
fro
Gebruik deze functie om foto's te corrigeren die in de loop der tijd zijn vervaagd of waarbij overkleuring
is opgetreden. Overkleuring is het fenomeen waarbij een bepaalde kleur de gehele foto beïnvloedt als
gevolg van weersomstandigheden of sterke omgevingskleuren. Deze instelling is standaard Geen
(None).
Deze instelling wordt aanbevolen.
d
de
oa
Hoog (High)
Pagina 529 van 710 pagina's
nl
ow
D
Instellingen voor afbeeldingen (Image Settings)
m
fro
Selecteer deze instelling om foto's met sterk tegenlicht te corrigeren. Dit kan van invloed zijn op
het contrast van de afbeelding.
Opmerking
Mogelijk is er ruis zichtbaar als Tegenlichtcorrectie (Backlight Correction) wordt toegepast. Als u
Correctie van korreligheid (Grain Correction) toepast en Beeld verscherpen (Unsharp Mask)
instelt op UIT (OFF), kunt u de ruispatronen mogelijk reduceren.
Schaduwcorrectie van rugmarge (Gutter Shadow Correction)
Gebruik deze functie om schaduw tussen pagina's te corrigeren wanneer u geopende boeken scant.
Wanneer u Schaduwcorrectie van rugmarge (Gutter Shadow Correction) instelt in de
voorbeeldweergave, is het resultaat van de instelling zichtbaar. Bekijk eerst een afdrukresultaat
voordat u gaat scannen. Afhankelijk van het type document en hoe hierop wordt gedrukt, kan het
afdrukresultaat namelijk variëren.
Onduidelijke of vervaagde tekst/lijnen als gevolg van gebogen pagina's, worden niet gecorrigeerd.
Deze instelling is standaard Geen (None).
Geen (None)
Schaduw van rugmarge wordt niet gecorrigeerd.
Laag (Low)
Selecteer deze instelling wanneer het effectniveau met de instelling Middel (Medium) te sterk is.
Middel (Medium)
Deze instelling wordt aanbevolen.
Hoog (High)
Selecteer deze instelling wanneer het effectniveau met de instelling Middel (Medium) te zwak is.
Belangrijk
Plaats geen items op de glasplaat van 2 kg of meer. Oefen ook geen druk van meer dan 2 kg uit
op het document. Als u te hard drukt, werkt de scanner mogelijk niet goed of kunt u het glas
breken.
Lijn het document uit met de rand van de glasplaat. Wanneer u dit niet doet, wordt de schaduw
niet goed gecorrigeerd.
Afhankelijk van het document is het mogelijk dat schaduwen niet goed worden gecorrigeerd. Als
de pagina geen witte achtergrond heeft, is het mogelijk dat schaduwen niet goed worden
gedetecteerd of helemaal niet worden gedetecteerd.
Druk bij het scannen net zo hard op de rug als bij de voorbeeldscan. Als het boek niet gelijkmatig
is gebonden, wordt de schaduw niet goed gecorrigeerd.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
is.
w
U kunt Tegenlichtcorrectie (Backlight Correction) instellen nadat u het voorbeeld hebt bekeken.
U kunt deze instelling selecteren wanneer u Aanbevolen (Recommended) selecteert op het
tabblad Kleurinstellingen (Color Settings) van het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences).
Tegenlichtcorrectie (Backlight Correction) heeft mogelijk weinig effect als het scangebied te klein
w
Belangrijk
Pagina 530 van 710 pagina's
nl
ow
D
Instellingen voor afbeeldingen (Image Settings)
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Hoe u het document moet plaatsen, is afhankelijk van het model en het document dat u wilt
scannen.
Opmerking
Bedek het document met een zwarte doek als er punten, strepen of gekleurde patronen op de
scan voorkomen. Dit kan het resultaat zijn van omgevingslicht dat tussen het document en de
glasplaat is binnengedrongen.
Als de schaduw niet goed is gecorrigeerd, past u het bijsnijdkader op de voorbeeldafbeelding
aan.
Bijsnijdkaders aanpassen
Naar boven
Pagina 531 van 710 pagina's
nl
ow
D
Knoppen voor kleuraanpassing
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met andere toepassingssoftware > Schermen van ScanGear
(scannerstuurprogramma) > Knoppen voor kleuraanpassing
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Knoppen voor kleuraanpassing
Met de knoppen voor kleuraanpassing kunt u fijne correcties aanbrengen aan de helderheid en
kleurtonen va de afbeelding. U kunt de algemene helderheid of het contrast van de afbeelding
aanpassen en de waarden (histogram) of balans (tintcurve) aanpassen voor de lichte en donkere
gedeelten.
Belangrijk
De knoppen voor kleuraanpassing zijn niet beschikbaar wanneer u Kleurafstemming (Color
Matching) selecteert op het tabblad Kleurinstellingen (Color Settings) in het dialoogvenster
Voorkeuren (Preferences).
Opmerking
Welke instellingen u kunt selecteren, is afhankelijk van de instellingen voor de kleurenmodus.
Wanneer u de afbeelding aanpast met de knoppen voor kleuraanpassing, is het resultaat daarvan
zichtbaar in de voorbeeldweergave
Klik op een knop voor kleuraanpassing om de volgende opties in te stellen:
(Verzadiging/kleurbalans (Saturation/Color Balance))
Hiermee past u de levendigheid en kleurtoon van de afbeelding aan. Gebruik deze functie om kleuren
die in de loop van de tijd zijn vervaagd of overkleuringen te corrigeren. Overkleuring is het fenomeen
waarbij een bepaalde kleur de gehele foto beïnvloedt als gevolg van weersomstandigheden of sterke
omgevingskleuren.
Verzadiging en kleurbalans aanpassen
(Helderheid/contrast (Brightness/Contrast))
De helderheid en het contrast van een afbeelding aanpassen. Als de afbeelding te donker of te licht is
of als de beeldkwaliteit te vlak is door gebrek aan contrast, kunt u de helderheid en het contrast
Voor een kleurenafbeelding selecteert u een kleur bij Kanaal (Channel) om alleen Rood (Red),
Groen (Green) of Blauw (Blue) in te schakelen. Selecteer Model (Master) om de drie kleuren
samen in te schakelen.
Als u de muisaanwijzer op de voorbeeldafbeelding plaatst, wordt het gedeelte vergroot en worden
de RGB-waarden (alleen K wanneer Kleurenmodus (Color Mode) is ingesteld op Grijswaarden
(Grayscale)) van voor en na de aanpassingen aan het gebied weergegeven.
(Drempel)
Stel de grens (de drempel) in waar zwart en wit worden gescheiden. Door het drempelniveau aan te
passen, kunt u de tekst in een document scherper maken en voorkomen dat tekst op de achterzijde
van het papier doorschijnt (wat vooral bij en gebeurt).
Drempel instellen
Aangepast (Custom)
U kunt een set met tintcurve- en drempelinstellingen voor de knoppen voor kleuraanpassing een
naam geven en deze set opslaan.
Selecteer Toevoegen/verwijderen... (Add/Delete...) in het keuzemenu. Als Kleurenmodus (Color Mode)
is ingesteld op een andere waarde dan Zwart-wit (Black and White), wordt het dialoogvenster Tintcurve
-instellingen toevoegen/verwijderen (Add/Delete Tone Curve Settings) geopend. Als Kleurenmodus
(Color Mode) is ingesteld op Zwart-wit (Black and White), wordt het dialoogvenster
Drempelinstellingen toevoegen/verwijderen (Add/Delete Threshold Settings) geopend.
e
.b
De kleuraanpassingen voor een laatste keer controleren. De definitieve gesynthetiseerde tintcurve en
het histogram dat is afgeleid van de navolgende beeldverwerking worden weergegeven. U kunt geen
instellingen opgeven in dit scherm.
re
(Laatste controle (Final Review))
or
nb
de
an
.v
w
De helderheid van een afbeelding aanpassen door het type grafiek (tintcurve) te selecteren die de
balans van de tintinvoer en -uitvoer aangeeft. U kunt subtiele aanpassingen opgeven voor de
helderheid van een bepaald gebied.
Tintcurve aanpassen
w
(Tintcurve-instellingen (Tone Curve Settings))
w
Histogram aanpassen
m
In een histogram kunt u de gegevensconcentratie zien op elk helderheidsniveau van een afbeelding. U
kunt de donkerste (schaduw) en helderste (oplichtende) niveaus in een afbeelding opgeven, de
niveaus verlagen en de middentinten van een afbeelding uitbreiden.
fro
(Histogram)
d
de
oa
aanpassen.
Helderheid en contrast aanpassen
Pagina 532 van 710 pagina's
nl
ow
D
Knoppen voor kleuraanpassing
Pagina 533 van 710 pagina's
nl
ow
D
Knoppen voor kleuraanpassing
d
de
oa
m
fro
Als u een item wilt verwijderen, selecteert u het in de Lijst met tintcurve-instellingen (Tone Curve
Settings List) of de Lijst met drempelinstellingen (Threshold Settings List) en klikt u op Verwijderen
(Delete). Klik op Opslaan (Save) om de instellingen op te slaan die worden weergegeven in Lijst met
tintcurve-instellingen (Tone Curve Settings List) of Lijst met drempelinstellingen (Threshold Settings
List).
Opmerking
U kunt maximaal 20 items opslaan.
Standaard (Defaults)
Hiermee maakt u alle aanpassingen ongedaan (verzadiging/kleurbalans, helderheid/contrast,
histogram en tintcurve).
Naar boven
e
.b
U kunt de opgeslagen tintcurve- en drempelinstellingen ook toepassen op een voorbeeldafbeelding.
Selecteer hiervoor het opgeslagen item in het vervolgkeuzemenu.
re
Klik op Opslaan (Save) om op te slaan.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Geef een naam op bij Naam instelling (Setting Name) en klik op Toevoegen (Add). De naam wordt
weergegeven in de Lijst met tintcurve-instellingen (Tone Curve Settings List) of de Lijst met
drempelinstellingen (Threshold Settings List).
Pagina 534 van 710 pagina's
nl
ow
D
Tabblad Automatische scanmodus (Auto Scan Mode)
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met andere toepassingssoftware > Schermen van ScanGear
(scannerstuurprogramma) > Tabblad Automatische scanmodus (Auto Scan Mode)
In deze modus kunt u gemakkelijk scannen door eenvoudig documenten op de glasplaat te plaatsen en
op een knop te klikken.
Foto's, ansichtkaarten, visitekaartjes, tijdschriften, kranten, tekstdocumenten en cd's/dvd's.
Belangrijk
De volgende documenttypen kunnen niet correct worden gescand. In dat geval geeft u het
documenttype of -formaat op het tabblad Basismodus (Basic Mode) of het tabblad Geavanceerde
modus (Advanced Mode) op en scant u het document opnieuw.
- Andere documenten dan foto's, ansichtkaarten, visitekaartjes, tijdschriften, tekstdocumenten en
cd's/dvd's
- Tekstdocumenten kleiner dan 2L (127 x 178 mm) (5 x 7 inch), zoals pagina's van een pocket
waarvan de rug is afgesneden
- Documenten die zijn afgedrukt op dun wit papier
- Lange, smalle documenten, zoals panoramafoto's
Scannen in de Basismodus
Scannen in de Geavanceerde modus
Reflecterende cd/dvd-labels worden mogelijk niet correct gescand.
Plaats de documenten juist op de plaat, afhankelijk van het type document dat u wilt scannen.
Anders worden de documenten mogelijk niet juist gescand.
Zie 'Documenten plaatsen ' voor meer informatie over het plaatsen van documenten.
Opmerking
Voer de scan uit vanaf het tabblad ' Basismodus (Basic Mode) ' of het tabblad ' Geavanceerde
modus (Advanced Mode) ' om moiré te reduceren.
Documenten plaatsen
Documenten plaatsen wordt weergegeven.
e
.b
Ondersteunde documenten
re
In Automatische scanmodus (Auto Scan Mode) worden documenten automatisch gedetecteerd. U hoeft
geen bijsnijdkaders op te geven of afbeeldingen te corrigeren.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Tabblad Automatische scanmodus (Auto Scan Mode)
Gescande beelden weergeven (View scanned images)
Pagina 535 van 710 pagina's
nl
ow
D
Tabblad Automatische scanmodus (Auto Scan Mode)
d
de
oa
Schakel dit selectievakje in om de miniaturen van de gescande afbeeldingen weer te geven in een
ander venster.
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Scannen (Scan)
Het scannen begint.
Opmerking
Wanneer het scannen begint, wordt de voortgang weergegeven. Klik op Annuleren (Cancel) om
de scan te annuleren.
Wanneer het scannen is voltooid, wordt er mogelijk een dialoogvenster weergegeven waarin u
wordt gevraagd de volgende acties te selecteren. Volg de aanwijzingen om te voltooien. Zie
Status van dialoogvenster ScanGear na het scannen (Status of ScanGear dialog after scanning)
in 'Tabblad Scannen (Scan) ' voor meer informatie (dialoogvenster Voorkeuren (Preferences)).
Instructies (Instructions)
Deze pagina wordt weergegeven.
Voorkeuren... (Preferences...)
Het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences) wordt geopend. Hier kunt u scan- en
voorbeeldinstellingen opgeven.
Dialoogvenster Voorkeuren (Preferences)
Sluiten (Close)
ScanGear (scannerstuurprogramma) sluiten.
Verwant onderwerp
Scannen in de Automatische scanmodus
Naar boven
Pagina 536 van 710 pagina's
nl
ow
D
Dialoogvenster Voorkeuren (Preferences)
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met andere toepassingssoftware > Schermen van ScanGear
(scannerstuurprogramma) > Dialoogvenster Voorkeuren (Preferences)
Klik op Voorkeuren... (Preferences...) in het scherm van ScanGear (scannerstuurprogramma) op het
dialoogvenster Voorkeuren (Preferences) te openen.
Hier kunt u een map opgeven waarin de afbeeldingen tijdelijk worden opgeslagen. Daarnaast kunt u
hier een muziekbestand selecteren dat moet worden afgespeeld tijdens het scannen of wanneer het
scannen is voltooid.
Tabblad Scanner
Tabblad Voorbeeld (Preview)
Hier kunt u selecteren hoe u het voorbeeld wilt gebruiken wanneer ScanGear (scannerstuurprogramma)
wordt gestart en hoe bijsnijdkaders worden weergegeven nadat voorbeelden van afbeeldingen zijn
weergegeven. U kunt ook het bijsnijdformaat selecteren voor miniaturen van gescande documenten.
Tabblad Voorbeeld (Preview)
Tabblad Scannen (Scan)
Hier kunt u selecteren wat u met ScanGear (scannerstuurprogramma) wilt doen nadat u afbeeldingen
hebt gescand.
Tabblad Scannen (Scan)
Tabblad Kleurinstellingen (Color Settings)
Hier kunt u aangeven hoe de kleuren moeten worden aangepast en de gammawaarde voor de monitor
opgeven.
Tabblad Kleurinstellingen (Color Settings)
Naar boven
e
.b
Tabblad Scanner
re
In het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences) kunt u geavanceerde instellingen opgeven voor functies
van ScanGear (scannerstuurprogramma) via de tabbladen Scanner, Voorbeeld (Preview), Scannen
(Scan) en Kleurinstellingen (Color Settings).
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Dialoogvenster Voorkeuren (Preferences)
Pagina 537 van 710 pagina's
nl
ow
D
Tabblad Scanner
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met andere toepassingssoftware > Schermen van ScanGear
(scannerstuurprogramma) > Tabblad Scanner
Op het tabblad Scanner kunt u de volgende instellingen opgeven.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Tabblad Scanner
Stille modus (Quiet Mode)
Schakel dit selectievakje in om het geluid van de scanner te reduceren door de scannerkop te
vertragen wanneer u documenten scant of een voorbeeld weergeeft. Dit selectievakje is standaard
uitgeschakeld.
Opmerking
Het scannen neemt meer tijd in beslag als u deze functie inschakelt.
Map voor tijdelijke bestanden (Select Folder Where Temporary Files are Saved)
Hier wordt de map weergegeven waarin de afbeeldingen tijdelijk moeten worden opgeslagen. Als u
de map wilt wijzigen, klikt u op Bladeren... (Browse...) om een andere map op te geven.
Geluidsinstellingen (Sound Settings)
U kunt het apparaat zodanig instellen dat er een geluidsbestand wordt afgespeeld tijdens het
scannen of wanneer het scannen is voltooid.
Schakel het selectievakje Muziek afspelen tijdens scannen (Play Music During Scanning) of
Geluidssignaal na voltooiing scan (Play Sound When Scanning is Completed) in, klik op Bladeren...
(Browse...) en geef een geluidsbestand op.
U kunt de volgende bestanden opgeven.
- MIDI-bestand (*.mid, *.rmi, *.midi)
- Audiobestand (*.wav, *.aif, *.aiff)
- MP3-bestand (*.mp3)
Kalibratie-instellingen (Calibration Settings)
Wanneer u voor Uitvoeren bij elke scan (Execute at Every Scan) AAN (ON) selecteert, wordt de scanner
telkens voor een voorbeeldweergave en scan gekalibreerd zodat de juiste kleurtinten in de gescande
afbeeldingen worden weergegeven.
Opmerking
Zelfs als Uitvoeren bij elke scan (Execute at Every Scan) is ingesteld op Uit (OFF), wordt de
Pagina 538 van 710 pagina's
nl
ow
D
Tabblad Scanner
d
de
oa
scanner mogelijk automatisch gekalibreerd in bepaalde gevallen (bijvoorbeeld meteen nadat u
het apparaat hebt ingeschakeld).
Kalibratie kan enige tijd duren, afhankelijk van uw computer.
m
fro
Naar boven
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Pagina 539 van 710 pagina's
nl
ow
D
Tabblad Voorbeeld (Preview)
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met andere toepassingssoftware > Schermen van ScanGear
(scannerstuurprogramma) > Tabblad Voorbeeld (Preview)
Op het tabblad Voorbeeld (Preview) kunt u de volgende instellingen opgeven.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Tabblad Voorbeeld (Preview)
Voorbeeld bij starten van ScanGear (Preview at Start of ScanGear)
Selecteer wat u wilt doen met Voorbeeld wanneer ScanGear (scannerstuurprogramma) wordt gestart.
Opgeslagen voorbeeldafbeelding weergeven (Display Saved Preview Image) is standaard
geselecteerd.
Voorbeeld automatisch uitvoeren (Automatically Execute Preview)
ScanGear (scannerstuurprogramma) begint automatisch met een voorbeeldweergave bij het
opstarten.
Opgeslagen voorbeeldafbeelding weergeven (Display Saved Preview Image)
De eerder bekeken voorbeeldafbeelding wordt weergegeven.
De instellingen voor de knoppen voor kleuraanpassing, de werkbalkinstellingen en de
instellingen voor het tabblad Geavanceerde modus (Advanced Mode) worden ook opgeslagen.
Geen (None)
Bij het opstarten wordt geen voorbeeldafbeelding weergegeven.
Opmerking
Selecteer Geen (None) als u de voorbeeldafbeelding niet wilt opslaan.
Kader van voorbeeldafbeelding bijsnijden (Cropping Frame on Previewed Images)
Selecteer hoe u het bijsnijdkader wilt weergeven nadat u een voorbeeld van de afbeelding hebt
bekeken. Voorbeeldafbeeldingen automatisch bijsnijden (Execute Auto Cropping on Previewed
Images) is standaard geselecteerd.
Voorbeeldafbeeldingen automatisch bijsnijden (Execute Auto Cropping on Previewed Images)
Het bijsnijdkader wordt automatisch weergegeven in het documentformaat na de
voorbeeldweergave.
Het laatste kader van voorbeeldafbeeldingen weergeven (Display the Last Frame on Previewed
Images)
Pagina 540 van 710 pagina's
nl
ow
D
Tabblad Voorbeeld (Preview)
d
de
oa
Na de voorbeeldweergave wordt er een bijsnijdkader weergegeven met dezelfde afmetingen als
het vorige bijsnijdkader dat u hebt gebruikt.
fro
Geen (None)
m
w
Nadat het voorbeeld is bekeken, wordt er geen bijsnijdkader weergegeven.
Hiermee kunt u het bijsnijdformaat selecteren voor miniaturen van gescande documenten. Standaard
(Standard) is standaard geselecteerd.
Groter (Larger)
Het standaardformaat.
Kleiner (Smaller)
Hiermee wordt 95% (in breedte en hoogte) weergegeven van het gedeelte dat wordt weergegeven
voor het standaardformaat.
Opmerking
Als u de instelling Uitsnedeformaat voor filmminiatuur (Cropping Size for Thumbnail View) wijzigt,
worden de voorbeeldafbeeldingen vernieuwd en bijgesneden tot het nieuwe formaat. Wanneer
de voorbeeldafbeeldingen worden vernieuwd, worden de kleuraanpassingen en andere
instellingen die zijn toegepast, hersteld naar de standaardwaarden.
Naar boven
e
.b
Standaard (Standard)
re
Hiermee wordt 105% (in breedte en hoogte) weergegeven van het gedeelte dat voor het
standaardformaat wordt weergegeven.
or
nb
de
an
.v
w
w
Uitsnedeformaat voor filmminiatuur (Cropping Size for Thumbnail View)
Pagina 541 van 710 pagina's
nl
ow
D
Tabblad Scannen (Scan)
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met andere toepassingssoftware > Schermen van ScanGear
(scannerstuurprogramma) > Tabblad Scannen (Scan)
Op het tabblad Scannen (Scan) kunt u de volgende instellingen opgeven.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Tabblad Scannen (Scan)
Status van dialoogvenster ScanGear na het scannen (Status of ScanGear dialog after scanning)
Selecteer wat u wilt doen met ScanGear (scannerstuurprogramma) nadat afbeeldingen zijn gescand.
ScanGear automatisch sluiten (Close ScanGear automatically) is standaard ingeschakeld.
ScanGear automatisch sluiten (Close ScanGear automatically)
Selecteer deze optie wanneer u na het scannen wilt teruggaan naar de oorspronkelijke
toepassing.
ScanGear niet automatisch sluiten (Do not close ScanGear automatically)
Selecteer deze optie wanneer u na het scannen wilt teruggaan naar het scherm ScanGear
(scannerstuurprogramma) om nog een scan te maken.
Dialoogvenster weergeven om volgende actie te selecteren (Display the dialog to select next
action)
Selecteer deze optie om een scherm te openen en te selecteren wat er moet gebeuren als het
scannen is voltooid.
Opmerking
De instellingen ScanGear niet automatisch sluiten (Do not close ScanGear automatically) of
Dialoogvenster weergeven om volgende actie te selecteren (Display the dialog to select next
action) worden mogelijk niet door alle toepassingen ondersteund.
Pagina 542 van 710 pagina's
nl
ow
D
Tabblad Scannen (Scan)
d
de
oa
Naar boven
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Pagina 543 van 710 pagina's
nl
ow
D
Tabblad Kleurinstellingen (Color Settings)
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met andere toepassingssoftware > Schermen van ScanGear
(scannerstuurprogramma) > Tabblad Kleurinstellingen (Color Settings)
Op het tabblad Kleurinstellingen (Color Settings) kunt u de volgende instellingen opgeven.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Tabblad Kleurinstellingen (Color Settings)
Kleuraanpassing
Selecteer een van de volgende opties. Standaard is Aanbevolen (Recommended) geselecteerd.
Deze functie is beschikbaar wanneer de Kleurenmodus (Color Mode) is ingesteld op Kleur (Color) of
Grijswaarden (Grayscale).
Aanbevolen (Recommended)
Gebruik deze optie om een levendige reproductie van de tint van een document weer te geven op
het scherm. Deze instelling wordt aanbevolen.
Kleurafstemming (Color Matching)
Selecteer deze optie om de kleuren van de scanner, de monitor en de kleurenprinter op elkaar af
te stemmen, waardoor u de tijd en moeite bespaart van het handmatig afstemmen van de kleuren
van de printer en de monitor.
De knoppen voor kleuraanpassing zijn niet beschikbaar.
Deze functie is beschikbaar wanneer de Kleurenmodus (Color Mode) is ingesteld op Kleur
(Color) .
- Bron (scanner) (Source(Scanner)): een scannerprofiel selecteren.
- Doel (Target): een doelprofiel selecteren.
- Monitor: selecteer deze optie om een voorbeeldafbeelding weer te geven met een optimale
correctie voor het beeldscherm.
- Standaard (Defaults): hiermee worden de standaardinstellingen voor Kleurafstemming (Color
Matching) hersteld.
Geen (None)
Selecteer deze optie om de kleurcorrectie van ScanGear (scannerstuurprogramma) uit te
schakelen.
Opmerking
Kleurafstemming is beschikbaar wanneer ScanGear (scannerstuurprogramma), de monitor, een
toepassing die kleurbeheer ondersteunt (zoals Adobe Photoshop) en de printer correct zijn
Pagina 544 van 710 pagina's
Monitorgamma (Monitor Gamma)
d
de
oa
ingesteld.
Raadpleeg de handleiding bij de monitor, printer en toepassing voor de instellingen.
nl
ow
D
Tabblad Kleurinstellingen (Color Settings)
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Naar boven
m
Opmerking
Raadpleeg de handleiding van uw monitor voor de gammawaarde. Neem contact op met de
fabrikant als de gammawaarde niet in de handleiding staat vermeld.
fro
Als u de gammawaarde van een beeldscherm instelt, kunt u de invoergegevens aanpassen aan de
helderheidskenmerken van het beeldscherm. Pas de waarde aan als de gammawaarde van uw
monitor niet overeenkomt met de standaardwaarde in ScanGear (scannerstuurprogramma) en de
kleuren van de oorspronkelijke afbeelding niet goed worden weergegeven op de monitor.
Klik op Standaard (Defaults) om de gammawaarde terug te zetten op de standaardwaarde (2.20).
Pagina 545 van 710 pagina's
nl
ow
D
Bijlage: handige informatie over scannen
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met andere toepassingssoftware > Bijlage: handige informatie over
scannen
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Bijlage: handige informatie over scannen
Het bijsnijdkader (scangebied) aanpassen
Bijsnijdkaders aanpassen
De beste resolutie selecteren
re
Resolutie
e
.b
Informatie over bestandsindelingen
Bestandsindelingen
Informatie over kleurafstemming
Kleurafstemming
De kleuren van het document en de monitor op elkaar afstemmen
Zie Monitorgamma (Monitor Gamma) in het volgende onderwerp.
Tabblad Kleurinstellingen (Color Settings)
Naar boven
Pagina 546 van 710 pagina's
nl
ow
D
Bijsnijdkaders aanpassen
d
de
oa
Soorten bijsnijdkaders
(1) Bijsnijdkader met focus (bewegende dikke stippellijnen)
De instellingen in Basismodus (Basic Mode) of Geavanceerde modus (Advanced Mode) worden
toegepast.
(2) Geselecteerd bijsnijdkader (stilstaande dikke stippellijnen)
De instellingen worden gelijktijdig toegepast op het bijsnijdkader met focus en het geselecteerde
bijsnijdkader. U kunt meerdere bijsnijdkaders selecteren door de Ctrl-toets ingedrukt te houden terwijl u
ze selecteert.
(3) Niet-geselecteerd bijsnijdkader (stilstaande dunne stippellijnen)
De instellingen worden niet toegepast.
Opmerking
Het bijsnijdkader met focus en het geselecteerde bijsnijdkader worden weergegeven in de
volledige afbeeldingsweergave.
Oorspronkelijk bijsnijdkader
In miniaturenweergave
Bijsnijdkader wordt aanvankelijk niet weergegeven. Sleep de muis over een kader om een bijsnijdkader
te maken.
In volledige afbeeldingsweergave
Er wordt automatisch een bijsnijdkader (bijsnijdkader met focus) rondom de voorbeeldafbeelding
weergegeven op basis van het documentformaat. U kunt het bijsnijdkader ook opgeven door de muis in
het voorbeeldgebied te slepen.
Opmerking
Bijsnijdkaders worden standaard ingesteld op basis van het documentformaat (Automatisch
uitsnijden). Zie Kader van voorbeeldafbeelding bijsnijden (Cropping Frame on Previewed Images)
in 'Tabblad Voorbeeld (Preview) ' (Dialoogvenster Voorkeuren (Preferences) voor meer informatie.
Een bijsnijdkader aanpassen
De aanwijzer verandert in
(pijl) wanneer deze boven een bijsnijdkader wordt geplaatst.
Als u nu op de muisknop klikt en de muisaanwijzer in de richting van de pijl sleept, wordt het
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
U kunt het scangebied opgeven door een bijsnijdkader te maken op de afbeelding die wordt
weergegeven in het voorbeeldgebied van het scherm van ScanGear (scannerstuurprogramma).
Wanneer u op de knop Scannen (Scan) klikt, wordt alleen het gedeelte binnen het bijsnijdkader gescand
en doorgestuurd naar de toepassing.
m
Bijsnijdkaders aanpassen
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met andere toepassingssoftware > Bijlage: handige informatie over
scannen > Bijsnijdkaders aanpassen
bijsnijdkader dienovereenkomstig vergroot of verkleind.
Pagina 547 van 710 pagina's
nl
ow
D
Bijsnijdkaders aanpassen
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
De aanwijzer verandert in
(vierrichtingspijl) wanneer deze binnen een bijsnijdkader wordt geplaatst.
Klik op de muisknop en sleep de muis om het hele bijsnijdkader te verplaatsen.
Opmerking
In de Geavanceerde modus (Advanced Mode) kunt u de grootte van het bijsnijdkader opgeven door
waarden in te voeren voor Breedte (Width) en Hoogte (Height) in Instellingen voor invoer (Input
Settings).
Instellingen voor invoer (Input Settings)
U kunt een bijsnijdkader 90 graden roteren door te klikken op
(Lengte-breedteverhouding
schakelen).
(Lengte-breedteverhouding schakelen) is echter niet beschikbaar wanneer
Uitvoerformaat (Output Size) is ingesteld op Aanpasbaar (Flexible).
Meerdere bijsnijdkaders maken
In miniaturenweergave
U kunt maar één bijsnijdkader per afbeelding maken.
In volledige afbeeldingsweergave
Klik en sleep de muisaanwijzer buiten de grenzen van het bestaande bijsnijdkader om een nieuw
bijsnijdkader in het voorbeeldgebied te maken. Het nieuwe bijsnijdkader wordt het bijsnijdkader met
focus en het eerste bijsnijdkader wordt het niet-geselecteerde bijsnijdkader.
Pagina 548 van 710 pagina's
nl
ow
D
Bijsnijdkaders aanpassen
d
de
oa
m
fro
Wanneer u een nieuw bijsnijdkader maakt, behoudt het kader de kenmerken van het laatste
bijsnijdkader.
Opmerking
U kunt maximaal 12 bijsnijdkaders maken.
Het scannen duurt langer dan gebruikelijk wanneer er meerdere bijsnijdkaders zijn geselecteerd.
Bijsnijdkaders verwijderen
In miniaturenweergave
Als u een bijsnijdkader wilt verwijderen, klikt u buiten het bijsnijdkader of op een afbeelding.
In volledige afbeeldingsweergave
U verwijdert een bijsnijdkader door het kader te selecteren en te klikken op
verwijderen) op de werkbalk. U kunt ook op de Delete-toets drukken.
(Bijsnijdkader
Als er meerdere bijsnijdkaders zijn, worden alle geselecteerde bijsnijdkaders (bijsnijdkader met focus
en geselecteerd bijsnijdkader) gelijktijdig verwijderd.
Naar boven
e
.b
Als u meerdere bijsnijdkaders selecteert en de instellingen op het tabblad aan de rechterkant van
ScanGear (scannerstuurprogramma) wijzigt, worden deze instellingen op alle geselecteerde
bijsnijdkaders toegepast.
re
U kunt ook meerdere bijsnijdkaders selecteren door de Ctrl-toets ingedrukt te houden terwijl u ze
selecteert.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
U kunt meerdere bijsnijdkaders maken en op elk daarvan verschillende scaninstellingen toepassen.
Pagina 549 van 710 pagina's
nl
ow
D
Resolutie
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met andere toepassingssoftware > Bijlage: handige informatie over
scannen > Resolutie
Wat is resolutie?
De resolutie instellen in MP Navigator EX
In MP Navigator EX kunt u de resolutie instellen met de optie Scanresolutie (Scanning Resolution) in het
dialoogvenster Scan-instellingen (Scan Settings).
Afbeeldingen die worden afgedrukt
Afbeeldingen die worden afgedrukt, moeten worden gescand met een resolutie die overeenkomt met de
resolutie van de printer.
Voorbeeld: Stel de resolutie in op 600 dpi als u wilt afdrukken op een zwart-witprinter van 600 dpi.
Als u een kleurenprinter gebruikt, kunt u de resolutie instellen op de helft van de resolutie van de printer.
Voorbeeld: Stel de resolutie in op 300 dpi als u gescand papier/foto's wilt afdrukken op een
kleurenprinter van 600 dpi. Het afdrukken duurt echter langer dan gewoonlijk als u op een printer met
een hoge resolutie de helft van de resolutie instelt voor het afdrukken.
Voorbeeld van de juiste resolutie bij afdrukken op schaal
Wanneer u een document zowel verticaal als horizontaal tweemaal zo groot afdrukt, wordt de resolutie
van het document gehalveerd. Als de resolutie van het oorspronkelijke document 300 dpi is, is de
resolutie van het vergrote document 150 dpi. Als u het document afdrukt op een 600 dpi kleurenprinter, is
het gebrek aan details duidelijk zichtbaar. In dat geval wordt, zelfs wanneer u het document tweemaal zo
groot afdrukt, de resolutie 300 dpi gebruikt wanneer u scant met een Scanresolutie (Scanning
Resolution) van 600 dpi en kunt u het document met voldoende kwaliteit afdrukken. Omgekeerd is het zo
dat als u een document op de helft van de grootte wilt afdrukken, het voldoende moet zijn om te scannen
met de helft van de resolutie.
Kleurenfoto's tweemaal zo groot afdrukken
Documentresolutie: 300
dpi
Scanresolutie: 600 dpi
Schaal: 200%
Afdrukken op dubbel formaat
Scanresolutie/werkelijke scanresolutie: 600
dpi
De resolutie instellen in ScanGear (scannerstuurprogramma)
Afdrukresolutie: 300 dpi
e
.b
Hoe hoger de resolutie (waarde), des te gedetailleerder de afbeelding. Hoe lager de resolutie (waarde),
des te minder details in de afbeelding.
re
De gegevens in de door u gescande afbeelding zijn een verzameling puntjes die informatie over
helderheid en kleur bevatten. De dichtheid van deze puntjes wordt 'resolutie' genoemd. De resolutie
bepaalt hoeveel details de afbeelding bevat. De resolutie wordt uitgedrukt in het aantal puntjes per inch
(dpi). Dpi is het aantal puntjes per vierkante inch (2,54 vierkante cm).
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Resolutie
Pagina 550 van 710 pagina's
nl
ow
D
Resolutie
d
de
oa
In ScanGear (scannerstuurprogramma) kunt u de resolutie opgeven bij Uitvoerresolutie (Output
Resolution) bij Instellingen uitvoer (Output Settings) op het tabblad Geavanceerde modus (Advanced
Mode).
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
Foto's op L-formaat (8,9 cm x 12,7 cm) tweemaal zo groot afdrukken
w
De scanresolutie wordt automatisch ingesteld, zodat de waarde die bij Uitvoerresolutie (Output
Resolution) is ingesteld als resolutie van de gescande afbeelding wordt gebruikt. Als u de
Uitvoerresolutie (Output Resolution) instelt op 300 dpi en op dubbele grootte scant, dan wordt het
document automatisch gescand op 600 dpi en zal de resolutie van de gescande afbeelding 300 dpi zijn.
U kunt het document met voldoende kwaliteit afdrukken op een 600 dpi kleurenprinter.
m
fro
Voorbeeld van de juiste resolutie bij afdrukken op schaal
Documentresolutie: 300
dpi
Uitvoerresolutie: 300 dpi
Schaal: 200%
Scannen op dubbel formaat
Werkelijke scanresolutie: 600
dpi
Afbeeldingsresolutie/afdrukresolutie: 300
dpi
Correcte resolutie-instellingen
Stel de resolutie in die hoort bij het gebruik van de gescande afbeelding.
Voor weergave op een beeldscherm: 150 dpi
Voor afdrukken: 300 dpi
Wanneer het Uitvoerformaat (Output Size) is ingesteld op Aanpasbaar (Flexible) op het tabblad
Geavanceerde modus (Advanced Mode) van ScanGear (Bron selecteren (Select Source) is Glasplaat
(Platen) en de schaal is 100%):
Document
Gebruik
Kleurenmodus
Uitvoerresolutie
Kleurenfoto
Kopiëren
(Afdrukken)
Kleur
300 dpi
Een briefkaart maken
Kleur
300 dpi
Op een computer opslaan
Kleur
75 dpi - 300 dpi
Op een website gebruiken of
toevoegen aan een e-mail
Kleur
75 dpi - 150 dpi
Op een computer opslaan
Grijswaarden
75 dpi - 300 dpi
Op een website gebruiken of
toevoegen aan een e-mail
Grijswaarden
75 dpi - 300 dpi
Kleur, Grijswaarden of
Zwart-wit
300 dpi
Kleur, Grijswaarden of
Zwart-wit
300 dpi
Zwart-wit foto
Tekstdocument Kopiëren
Toevoegen aan e-mail
Belangrijk
Als u de resolutie verdubbelt, wordt het bestand viermaal zo groot. Als het bestand te groot is,
vermindert de uitvoersnelheid aanzienlijk en kan er bijvoorbeeld een gebrek aan geheugen
ontstaan. Stel minimaal de resolutie in die hoort bij het gebruik van de gescande afbeelding.
Opmerking
Hoewel u de Uitvoerresolutie (Output Resolution) in ScanGear (scannerstuurprogramma) kunt
wijzigen, kunt u het beste scannen met de standaardwaarde.
Pagina 551 van 710 pagina's
nl
ow
D
Resolutie
d
de
oa
Naar boven
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Pagina 552 van 710 pagina's
nl
ow
D
Bestandsindelingen
d
de
oa
BMP wordt vaak geselecteerd voor afbeeldingen die alleen in Windows worden gebruikt.
JPEG (standaardbestandsextensie: .jpg)
Een bestandsindeling die vaak wordt gebruikt op websites en voor digitale camera's.
JPEG beschikt over een hoge compressiegraad. De kwaliteit van JPEG-afbeeldingen neemt echter
enigszins af elke keer wanneer de afbeelding opnieuw wordt opgeslagen. De oorspronkelijke kwaliteit
kan dan niet meer worden hersteld.
JPEG is niet beschikbaar voor zwart-wit afbeeldingen.
Exif (standaardbestandsextensie: .jpg)
Een bestandsindeling die door veel digitale camera's wordt ondersteund.
Met deze indeling worden ook gegevens zoals de opnamedatum, het cameramodel, de sluitertijd, de
opnamemodus en opmerkingen opgeslagen in de JPEG-bestanden.
De versie van de bestandsindeling moet Exif 2.2 of hoger zijn voor afdrukken op een printer die
compatibel is met Direct Print.
TIFF (standaardbestandsextensie: .tif)
Een bestandsindeling met een relatief hoge mate van compatibiliteit tussen verschillende computers en
toepassingen. (Sommige TIFF-bestanden zijn niet compatibel.) TIFF is geschikt voor het bewerken van
opgeslagen afbeeldingen.
Opmerking
MP Navigator EX ondersteunt de volgende TIFF-bestandsindelingen.
- Binair zwart-wit zonder compressie
- RGB (8 bits per kanaal) zonder compressie
- YCC (8 bits per component) zonder compressie
- RGB (16 bits per kanaal) zonder compressie
- YCC (16 bits per component) zonder compressie
- Grijswaarden zonder compressie
PDF (standaardbestandsextensie: .pdf)
Een bestandsindeling die is ontwikkeld door Adobe Systems. Deze indeling is geschikt voor diverse
computers en besturingssystemen. PDF-bestanden kunnen daardoor worden uitgewisseld tussen
personen met verschillende besturingssystemen, lettertypen, enzovoort, ongeacht de verschillen.
Belangrijk
Alleen PDF-bestanden die met MP Navigator EX zijn gemaakt, worden ondersteund. PDF-
e
.b
Een standaardbestandsindeling van Windows.
re
BMP (standaardbestandsextensie: .bmp)
or
nb
de
an
.v
w
Zie hieronder voor de eigenschappen van iedere indeling voor afbeeldingsbestanden.
w
De beschikbare bestandsindelingen zijn afhankelijk van de toepassing en de computer (Windows of
Macintosh).
w
Bij het opslaan van gescande afbeeldingen kunt u een bestandsindeling kiezen. Geef de meest
geschikte indeling op, in overeenstemming met het gebruik van de afbeelding in een bepaalde
toepassing.
m
Bestandsindelingen
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met andere toepassingssoftware > Bijlage: handige informatie over
scannen > Bestandsindelingen
Pagina 553 van 710 pagina's
nl
ow
D
Bestandsindelingen
bestanden die met andere toepassingen zijn gemaakt of bewerkt worden niet ondersteund.
d
de
oa
Naar boven
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Pagina 554 van 710 pagina's
nl
ow
D
Kleurafstemming
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Scannen met andere toepassingssoftware > Bijlage: handige informatie over
scannen > Kleurafstemming
Met kleurafstemming (Color Matching) worden apparaten aangepast (zie onderstaande afbeelding) om
ervoor te zorgen dat de kleuren van een afbeelding op een beeldscherm of een gedrukte afbeelding
overeenkomen met de kleuren van het originele document.
e
.b
re
Voorbeeld: sRGB is geselecteerd als uitvoerprofiel (doel)
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Kleurafstemming
Invoerprofiel (Bron)
Scanner
ScanGear (scannerstuurprogramma)
Uitvoerprofiel (Doel)
sRGB
Besturingssysteem
Toepassing
Toepassing
Printerstuurprogramma
Monitor
Printer
ScanGear (scannerstuurprogramma) converteert de kleurruimte van de afbeelding van de kleurruimte
van de scanner naar sRGB.
Wanneer de afbeelding wordt weergegeven op een monitor, wordt de kleurruimte van de afbeelding op
basis van de monitorinstellingen van het besturingssysteem en de instellingen voor de werkruimte van
de toepassing geconverteerd van sRGB naar de kleurruimte van de monitor.
Wanneer de afbeelding wordt afgedrukt, wordt de kleurruimte van de afbeelding op basis van de
afdrukinstellingen van de toepassing en de instellingen van het printerstuurprogramma geconverteerd
van sRGB naar de kleurruimte van de printer.
Naar boven
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Andere scanmethoden
Pagina 555 van 710 pagina's
nl
ow
D
Andere scanmethoden
fro
m
Andere scanmethoden
Scannen via het Configuratiescherm (alleen Windows XP)
Naar boven
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Scannen met WIA-stuurprogramma
Pagina 556 van 710 pagina's
nl
ow
D
Scannen met WIA-stuurprogramma
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Overige scanmethoden > Scannen met WIA-stuurprogramma
m
fro
Scannen met WIA-stuurprogramma
Raadpleeg de handleiding van de toepassing voor meer informatie
Belangrijk
In Windows 2000 kunt u niet scannen met het WIA-stuurprogramma.
Scannen met WIA-stuurprogramma 2.0
Hieronder wordt een voorbeeld gegeven van scannen met Windows Fotogalerie.
1. Plaats het document op de glasplaat.
Documenten plaatsen
2. Klik in Bestand (File) op Van camera of scanner importeren... (Import from Camera
or Scanner...) en dubbelklik op WIA Canon (modelnaam) (WIA Canon (model
name)).
Het scherm met scaninstellingen wordt geopend.
3. Geef de instellingen op.
Scanner
De momenteel ingestelde productnaam wordt weergegeven. Als u de scanner wilt wijzigen, klikt
u op Wijzigen... (Change...) en selecteert u het product dat u wilt gebruiken.
Profiel (Profile)
Selecteer de standaardwaarde, Foto (Photo (Default)), of Documenten (Documents), afhankelijk
van het document dat u wilt scannen. Als u een nieuw Profiel (Profile) wilt opslaan, selecteert u
Profiel toevoegen... (Add profile...). U kunt de details opgeven in het dialoogvenster Nieuw profiel
toevoegen (Add New Profile).
Bron (Source)
Selecteer een scannertype.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
De procedure varieert, afhankelijk van de toepassing. De volgende procedures dienen alleen als
voorbeeld.
w
w
U kunt een afbeelding scannen vanuit een toepassing die compatibel is met WIA en de afbeelding in die
toepassing gebruiken.
Papierformaat (Paper size)
Pagina 557 van 710 pagina's
nl
ow
D
Scannen met WIA-stuurprogramma
Kleurindeling (Color format)
d
de
oa
Deze instelling is niet beschikbaar voor dit apparaat.
Helderheid (Brightness)
Pas het contrast aan met de schuifknop. Als u de schuifknop naar links verplaatst wordt het
contrast van de afbeelding lager, waardoor de afbeelding zachter wordt. Als u de schuifknop naar
rechts verplaatst wordt het contrast van de afbeelding groter, waardoor de afbeelding scherper
wordt. U kunt ook een waarde invoeren (-100 tot 100).
Afbeeldingen als voorbeeld weergeven of afbeeldingen scannen als afzonderlijke bestanden
(Preview or scan images as separate files)
Schakel dit selectievakje in wanneer u meerdere afbeeldingen als afzonderlijke bestanden wilt
bekijken (in een voorbeeld) of scannen.
Meer informatie over het scannen van een afbeelding (See how to scan a picture)
Klik hierop om Windows Help en ondersteuning te openen.
4. Klik op Voorbeeld (Preview) om een voorbeeld van de afbeelding te bekijken.
De afbeelding wordt aan de rechterkant weergegeven.
5. Klik op Scannen (Scan).
Wanneer het scannen is voltooid, verschijnt de gescande afbeelding in de toepassing.
Scannen met WIA-stuurprogramma 1.0
Hieronder wordt een voorbeeld gegeven van scannen met Paint.
1. Plaats het document op de glasplaat.
Documenten plaatsen
2. Klik bij Bestand (File) op Van scanner of camera... (From Scanner or Camera...).
(Selecteer de opdracht om een document naar de toepassing te scannen.)
3. Selecteer een afbeeldingstype dat overeenkomt met het document dat u wilt
scannen.
e
.b
Contrast
re
Pas de helderheid aan met de schuifknop. Sleep de schuifknop naar links om de afbeelding
donkerder te maken en naar rechts om de afbeelding lichter te maken. U kunt ook een waarde
invoeren (-100 tot 100).
or
nb
de
an
.v
w
Geef de resolutie op. Geef een waarde op tussen 50 en 600 dpi. 300 dpi is standaard ingesteld.
Resolutie
w
Resolutie: (DPI) (Resolution (DPI))
w
Selecteer een bestandstype uit JPEG, BMP, PNG en TIFF.
m
Bestandstype (File type)
fro
Selecteer hoe u het document wilt scannen.
Pagina 558 van 710 pagina's
nl
ow
D
Scannen met WIA-stuurprogramma
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Opmerking
Als u wilt scannen met de waarden die zijn ingesteld bij De kwaliteit van de gescande foto
aanpassen (Adjust the quality of the scanned picture), selecteert u Aangepaste instellingen
(Custom Settings).
4. Klik op De kwaliteit van de gescande foto aanpassen (Adjust the quality of the
scanned picture) en stel de gewenste voorkeuren in.
Helderheid (Brightness)
Pas de helderheid aan met de schuifknop. Sleep de schuifknop naar links om de afbeelding
donkerder te maken en naar rechts om de afbeelding lichter te maken. U kunt ook een waarde
invoeren (-127 tot 127).
Contrast
Pas het contrast aan met de schuifknop. Als u de schuifknop naar links verplaatst wordt het
contrast van de afbeelding lager, waardoor de afbeelding zachter wordt. Als u de schuifknop naar
rechts verplaatst wordt het contrast van de afbeelding groter, waardoor de afbeelding scherper
wordt. U kunt ook een waarde invoeren (-127 tot 127).
Resolutie: (DPI) (Resolution (DPI))
Geef de resolutie op. Geef een waarde op tussen 50 en 600 dpi.
Resolutie
Type afbeelding (Picture type)
Selecteer het gewenste type scan voor uw document.
Herstellen (Reset)
Klik hierop om terug te gaan naar de oorspronkelijke instellingen.
5. Klik op Voorbeeld (Preview) om een voorbeeld van de afbeelding te bekijken.
De afbeelding wordt aan de rechterkant weergegeven. Sleep
om het scangebied op te geven.
6. Klik op Scannen (Scan).
Wanneer het scannen is voltooid, verschijnt de gescande afbeelding in de toepassing.
Pagina 559 van 710 pagina's
nl
ow
D
Scannen met WIA-stuurprogramma
Naar boven
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Pagina 560 van 710 pagina's
nl
ow
D
Scannen via het Configuratiescherm (alleen Windows XP)
d
de
oa
m
U kunt afbeeldingen scannen via het Configuratiescherm van Windows XP met het WIA-
stuurprogramma.
2. Klik op Printers en andere hardware (Printers and Other Hardware) > Scanners en
camera's (Scanners and Cameras) en dubbelklik op WIA Canon (modelnaam) (WIA
Canon (model name)).
Het dialoogvenster Wizard Scanner en camera (Scanner and Camera Wizard) verschijnt.
3. Klik op Volgende (Next).
4. Selecteer bij Type afbeelding (Picture type) het type document dat u wilt scannen.
Opmerking
Selecteer Aangepast (Custom Settings) om te scannen met de waarden die eerder zijn
ingesteld bij Aangepaste instellingen (Custom).
5. Klik op Aangepaste instellingen (Custom Settings) en stel de gewenste voorkeuren
in.
e
.b
1. Klik op Start en selecteer Configuratiescherm (Control Panel).
re
WIA (Windows Imaging Acquisition) is een stuurprogrammamodel dat onderdeel is van Windows XP.
Hiermee kunt u documenten scannen zonder een toepassing te gebruiken. Scan documenten vanuit
een toepassing die compatibel is met TWAIN om geavanceerde instellingen voor het scannen op te
geven.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Scannen via het Configuratiescherm (alleen Windows XP)
fro
Uitgebreide Handleiding > Scannen > Overige scanmethoden > Scannen via het Configuratiescherm (alleen Windows
XP)
Pagina 561 van 710 pagina's
nl
ow
D
Scannen via het Configuratiescherm (alleen Windows XP)
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Helderheid (Brightness)
Pas de helderheid aan met de schuifknop. Sleep de schuifknop naar links om de afbeelding
donkerder te maken en naar rechts om de afbeelding lichter te maken. U kunt ook een waarde
invoeren (-127 tot 127).
Contrast
Pas het contrast aan met de schuifknop. Als u de schuifknop naar links verplaatst wordt het
contrast van de afbeelding lager, waardoor de afbeelding zachter wordt. Als u de schuifknop naar
rechts verplaatst wordt het contrast van de afbeelding groter, waardoor de afbeelding scherper
wordt. U kunt ook een waarde invoeren (-127 tot 127).
Resolutie: (DPI) (Resolution (DPI))
Geef de resolutie op. Geef een waarde op tussen 50 en 600 dpi.
Resolutie
Type afbeelding (Picture type)
Selecteer het gewenste type scan voor uw document.
Herstellen (Reset)
Klik hierop om terug te gaan naar de oorspronkelijke instellingen.
6. Klik op Voorbeeld (Preview) om een voorbeeld van de afbeelding te bekijken.
De afbeelding wordt aan de rechterkant weergegeven. Sleep
om het scangebied op te geven.
7. Klik op Volgende (Next) en volg de instructies.
Naar boven
nl
ow
D
Foto's rechtstreeks afdrukken vanaf een compatibel apparaat (alleen MP... Pagina 562 van 710 pagina's
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Foto's rechtstreeks afdrukken vanaf een compatibel apparaat (alleen MP270 series)
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Naar boven
m
Foto's rechtstreeks afdrukken vanaf een compatibel apparaat (alleen MP270 series)
fro
Foto's rechtstreeks afdrukken vanaf een compatibel apparaat
(alleen MP270 series)
nl
ow
D
Foto's rechtstreeks afdrukken vanaf een compatibel apparaat (alleen MP... Pagina 563 van 710 pagina's
d
de
oa
> Foto's
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
Naar boven
w
Informatie over PictBridge-afdrukinstellingen (alleen MP270 series)
w
Foto's rechtstreeks afdrukken vanaf een compatibel apparaat (alleen MP270 series)
m
Foto's rechtstreeks afdrukken vanaf een compatibel apparaat
(alleen MP270 series)
fro
Uitgebreide Handleiding > Foto's rechtstreeks afdrukken vanaf een compatibel apparaat (alleen MP270 series)
rechtstreeks afdrukken vanaf een compatibel apparaat (alleen MP270 series)
nl
ow
D
Foto's rechtstreeks afdrukken vanaf een compatibel apparaat (alleen MP... Pagina 564 van 710 pagina's
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Foto's rechtstreeks afdrukken vanaf een compatibel apparaat (alleen MP270 series) > Foto's
rechtstreeks afdrukken vanaf een compatibel apparaat (alleen MP270 series) > Foto's rechtstreeks afdrukken vanaf een
compatibel apparaat (alleen MP270 series)
2. Plaats papier in de achterste lade.
3. Controleer of het PictBridge-compatibele apparaat is uitgeschakeld.
4. Sluit het PictBridge-compatibele apparaat aan op de printer met een USB-kabel (A)
die wordt aanbevolen door de fabrikant van het apparaat.
Het PictBridge-compatibele apparaat wordt automatisch ingeschakeld.
Zet het apparaat handmatig aan als het niet automatisch wordt ingeschakeld.
Wanneer het apparaat correct is aangesloten op een met PictBridge-compatibel apparaat,
verschijnt c op het LED-display en wordt op het LCD-display van het apparaat een bericht
weergegeven dat het apparaat is verbonden. Raadpleeg de instructiehandleiding van het apparaat.
e
.b
1. Zorg dat het apparaat is ingeschakeld.
re
Wanneer u foto's afdrukt terwijl het PictBridge-compatibele apparaat is aangesloten, raden we u
aan de netspanningsadapter te gebruiken die bij het apparaat is geleverd. Als u de accu van het
apparaat gebruikt, moet die volledig zijn opgeladen.
Afhankelijk van het merk en het type van het apparaat moet u mogelijk een afdrukmodus selecteren
die compatibel is met PictBridge voordat u het apparaat aansluit. U moet het apparaat mogelijk ook
handmatig inschakelen of de afspeelmodus selecteren nadat u het apparaat hebt aangesloten.
Voer de benodigde handelingen uit op het PictBridge-compatibele apparaat voordat u het aansluit
op de printer. Raadpleeg hiervoor de instructiehandleiding van het apparaat.
or
nb
de
an
.v
w
Opmerking
w
U kunt een PictBridge-compatibel apparaat, zoals een digitale camera, een camcorder of een mobiele
telefoon, aansluiten met een door de fabrikant van het apparaat aanbevolen USB-kabel, zodat u
opgeslagen foto's rechtstreeks kunt afdrukken zonder daarbij een computer te gebruiken.
w
Foto's rechtstreeks afdrukken vanaf een compatibel apparaat
(alleen MP270 series)
m
fro
U kunt instellingen opgeven via het menu op het LCD-scherm van uw PictBridge-compatibele
apparaat. Selecteer het papierformaat en de papiersoort die u in de printer hebt geplaatst.
Instellingen op een PictBridge-compatibel apparaat
d
de
oa
5. Geef de afdrukinstellingen zoals de papiersoort en indeling op.
nl
ow
D
Foto's rechtstreeks afdrukken vanaf een compatibel apparaat (alleen MP... Pagina 565 van 710 pagina's
Belangrijk
e
.b
Naar boven
re
Koppel de USB-kabel nooit los tijdens het afdrukken, tenzij dat expliciet is toegestaan voor het
PictBridge-compatibele apparaat. Volg de aanwijzingen in de instructiehandleiding van het
apparaat wanneer u de USB-kabel tussen het PictBridge-compatibele apparaat en de printer
loskoppelt.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
6. Begin met afdrukken vanaf uw PictBridge-compatibele apparaat.
Pagina 566 van 710 pagina's
nl
ow
D
Informatie over PictBridge-afdrukinstellingen (alleen MP270 series)
d
de
oa
> Foto's
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Foto's rechtstreeks afdrukken vanaf een compatibel apparaat (alleen MP270 series)
rechtstreeks afdrukken vanaf een compatibel apparaat (alleen MP270 series) > Informatie over PictBridgeafdrukinstellingen (alleen MP270 series)
In dit gedeelte worden de afdrukinstellingen van met PictBridge-compatibele apparaten
beschreven. Volg bij de bediening de aanwijzingen in de instructiehandleiding van het apparaat.
Papierformaat
Papiersoort
4 x 6 inch/10 x 15 cm, 5 x 7 inch*1, 8 x 10 inch/ 20 x 25 cm, A4, 8,5 x 11
inch (Letter), 4 x 7,1 inch / 10,1 x 18 cm*2
*1 Kan alleen worden geselecteerd op bepaalde PictBridgecompatibele apparaten van het merk Canon. (Kan mogelijk niet worden
geselecteerd, afhankelijk van het apparaat.)
*2 Op een PictBridge-compatibel apparaat van een ander merk dan
Canon kan Hi Vision worden weergegeven.
Standaard: Glossy Foto Papier Extra II PP-201
Foto:
Glossy Foto Papier Extra II PP-201/Glanzend Fotopapier 'voor
frequent gebruik' GP-501/Glossy Foto Papier GP-502/Photo Paper
Plus Halfglans SG-201
Fast Photo:
Professioneel Fotopapier II PR-201
Gewoon:
A4/Letter
Als Papiersoort (Paper type) is ingesteld op Gewoon (Plain), is
afdrukken zonder marges uitgeschakeld, ook al is Indeling (Layout)
ingesteld op Zonder marges (Borderless).
Indeling
Standaard (zonder marges), Index, Met marges, Zonder marges, 4-up*
* Indeling compatibel met papier van A4/Letter-formaat
Afdrukdatum en
Standaard (Uit: Niet afdrukken), Datum, Bestandsnummer, Beide, Uit
bestandsnummer
Afbeelding
optimaliseren
Standaard*1, Aan (Exif Print), Uit, Gezicht*2, Rode ogen*2
*1 Foto's worden geoptimaliseerd voor afdrukken met de functie Photo
Optimizer Pro.
*2 Kan alleen worden geselecteerd op bepaalde PictBridgecompatibele apparaten van het merk Canon. (Kan mogelijk niet worden
geselecteerd, afhankelijk van het apparaat.)
e
.b
In de volgende beschrijving worden de namen van instellingen gebruikt van PictBridgecompatibele apparaten van het merk Canon. De namen van de instellingen kunnen afwijken,
afhankelijk van het merk of model van uw apparaat.
Mogelijk zijn niet alle hieronder beschreven instellingen beschikbaar op bepaalde apparaten.
Wanneer u geen afdrukinstellingen kunt wijzigen op het apparaat, worden afbeeldingen als
volgt afgedrukt:
Papierformaat: 4 x 6 inch/101,6 x 152,4 mm
Papiersoort: Foto
Met marges/Zonder marges: volgens de instellingen van de camera
Indeling: 1-up
Afdrukkwaliteit: normaal
Afbeelding optimaliseren: De functie Photo Optimizer Pro wordt gebruikt om foto's optimaal af
te drukken.
re
Opmerking
or
nb
de
an
.v
w
In dit gedeelte wordt de PictBridge-functie van de printer beschreven. Raadpleeg de
instructiehandleiding van het apparaat voor informatie over de afdrukinstellingen van een met
PictBridge-compatibel apparaat.
w
Instellingen op een PictBridge-compatibel apparaat
w
Informatie over PictBridge-afdrukinstellingen (alleen MP270
series)
Bijsnijden
Pagina 567 van 710 pagina's
nl
ow
D
Informatie over PictBridge-afdrukinstellingen (alleen MP270 series)
d
de
oa
Standaard (Uit: niet bijsnijden), Aan (instellingen van camera volgen),
Uit
m
fro
Naar boven
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Onderhoud
Pagina 568 van 710 pagina's
nl
ow
D
Onderhoud
fro
m
Onderhoud
De printkop uitlijnen
Onderhoud uitvoeren vanaf een computer
Naar boven
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Het apparaat reinigen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Onderhoud > Het apparaat reinigen
Pagina 569 van 710 pagina's
nl
ow
D
Het apparaat reinigen
fro
m
Het apparaat reinigen
De buitenkant van het apparaat reinigen
De glasplaat en de documentklep reinigen
Naar boven
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Reiniging
Pagina 570 van 710 pagina's
nl
ow
D
Reiniging
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Onderhoud > Het apparaat reinigen > Reiniging
fro
m
Reiniging
De glasplaat en de documentklep reinigen
Naar boven
e
.b
De buitenkant van het apparaat reinigen
re
Gebruik geen tissues, papieren handdoekjes, doeken met een grove structuur of soortgelijk
materiaal om de buitenkant van het apparaat te reinigen. Deze kunnen krassen veroorzaken.
Gebruik altijd een zachte doek.
Gebruik nooit vluchtige vloeistoffen zoals verdunners, wasbenzine, aceton of andere chemische
reinigingsmiddelen om het apparaat te reinigen. Deze kunnen de onderdelen van het apparaat
beschadigen.
or
nb
de
an
.v
w
Belangrijk
w
w
In dit gedeelte wordt de reinigingsprocedure beschreven die noodzakelijk is voor het onderhoud van het
apparaat.
Pagina 571 van 710 pagina's
nl
ow
D
De buitenkant van het apparaat reinigen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Onderhoud > Het apparaat reinigen > De buitenkant van het apparaat reinigen
fro
m
De buitenkant van het apparaat reinigen
e
.b
Naar boven
re
Schakel het apparaat altijd uit en haal de stekker uit het stopcontact voordat u het apparaat gaat
reinigen.
Gebruik geen tissues, papieren handdoekjes, doeken met een grove structuur of soortgelijk
materiaal omdat deze krassen kunnen veroorzaken.
or
nb
de
an
.v
w
Belangrijk
w
w
Gebruik altijd een zachte doek, bijvoorbeeld een brillendoekje, en veeg vuilresten voorzichtig van het
oppervlak. Strijk eventuele kreukels in de doek zo nodig glad voordat u de doek gebruikt.
Pagina 572 van 710 pagina's
nl
ow
D
De glasplaat en de documentklep reinigen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Onderhoud > Het apparaat reinigen > De glasplaat en de documentklep reinigen
fro
m
De glasplaat en de documentklep reinigen
Schakel het apparaat altijd uit en haal de stekker uit het stopcontact voordat u het apparaat gaat
reinigen.
De binnenzijde van de documentklep (witte plaat) (B) raakt snel beschadigd. Veeg deze dus
voorzichtig af.
Naar boven
e
.b
Belangrijk
re
Veeg de glasplaat (A) en de binnenkant van de documentklep (het witte gebied) (B) voorzichtig af met
een schone, zachte, pluisvrije doek. Zorg ervoor dat er geen restanten achterblijven, vooral niet op de
glasplaat.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Belangrijk
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Onderhoud > De printkop uitlijnen
Pagina 573 van 710 pagina's
nl
ow
D
De printkop uitlijnen
fro
m
De printkop uitlijnen
Naar boven
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
De printkop uitlijnen
Pagina 574 van 710 pagina's
nl
ow
D
De printkop uitlijnen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Onderhoud > De printkop uitlijnen > De printkop uitlijnen
m
fro
De printkop uitlijnen
3. Open de papieruitvoerlade voorzichtig en trek de verlenging van de uitvoerlade uit.
4. Druk het uitlijningsblad af.
1. Druk enkele keren op de knop Onderhoud (Maintenance) tot dat u (kleine letter 'u') wordt
weergegeven.
2. Druk op de knop Zwart (Black) of Kleur (Color) .
Het uitlijningsblad wordt afgedrukt.
Belangrijk
Raak de afdruk op het uitlijningsblad niet aan.
Voorkom dat het uitlijningsblad vuil wordt. Als het blad vlekken vertoont of gekreukt is,
wordt het patroon mogelijk niet juist gescand.
5. Scan het blad om de stand van printkop aan te passen.
e
.b
2. Plaats een vel gewoon papier van A4- of Letter-formaat in de achterste lade.
re
1. Zorg dat het apparaat is ingeschakeld.
or
nb
de
an
.v
w
Opmerking
Als de inkt bijna op is, wordt het uitlijningsblad niet correct afgedrukt. Vervang de FINE-inktpatroon
die bijna leeg is.
Routineonderhoud
w
w
Als de afgedrukte lijnen niet evenwijdig zijn of als u niet tevreden bent over de afdrukresultaten, dient u
de positie van de printkop aan te passen.
Pagina 575 van 710 pagina's
1. Plaats het uitlijningsblad op de glazen plaat en sluit de documentklep voorzichtig.
linkerbovenhoek van het blad is uitgelijnd met de uitlijnmarkering (
d
de
oa
Plaats het uitlijningsblad met de bedrukte zijde OMLAAG en zorg dat de markering
nl
ow
D
De printkop uitlijnen
of de
).
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
2. Controleer of U (hoofdletter 'U') wordt weergegeven op het LED-display en druk vervolgens op
de knop Zwart (Black) of Kleur (Color) .
Het uitlijningsblad wordt gescand en de stand van de printkoppen wordt automatisch
aangepast.
Wanneer de stand van de printkoppen is aangepast, keert het LED-display terug naar de standbymodus voor kopiëren. Verwijder het blad van de glasplaat.
Belangrijk
Open de documentklep of verplaats het uitlijningsblad pas wanneer het scannen is
voltooid.
Als de stand van de printkoppen niet automatisch kon worden aangepast, wordt de
foutcode weergegeven op het LED-display.
Er wordt een foutcode weergegeven op het LED-display
Opmerking
Als u nog steeds niet tevreden bent over de afdrukresultaten nadat de printkoppositie is
aangepast op de hiervoor omschreven wijze, kunt u de printkoppositie aanpassen vanaf
de computer.
De printkop uitlijnen
Zorg dat L wordt weergegeven op het LED-display en druk vervolgens op de knop Zwart
(Black) of Kleur (Color) om de huidige instelwaarden van de printkoppen af te drukken.
Naar boven
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Onderhoud > Onderhoud uitvoeren vanaf een computer
Pagina 576 van 710 pagina's
nl
ow
D
Onderhoud uitvoeren vanaf een computer
fro
m
Onderhoud uitvoeren vanaf een computer
w
w
or
nb
de
an
.v
w
De printkoppen reinigen
De papierinvoerrollen reinigen
De positie van de printkop uitlijnen
De spuitopeningen van de printkop controleren
Naar boven
e
.b
re
De binnenkant van het apparaat reinigen
Pagina 577 van 710 pagina's
nl
ow
D
De printkoppen reinigen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Onderhoud > Onderhoud uitvoeren vanaf een computer > De printkoppen reinigen
m
fro
De printkoppen reinigen
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
De procedure voor het reinigen van de printkoppen is als volgt:
w
w
Met de functie Reiniging printkop kunt u verstopte spuitopeningen in de printkop weer vrijmaken. Reinig
de printkoppen wanneer de afdruk vaag is of een bepaalde kleur niet wordt afgedrukt, ook al is er
genoeg inkt.
Reiniging
1. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
2. Klik op Reiniging (Cleaning) op het tabblad Onderhoud (Maintenance).
Het dialoogvenster Reiniging printkop (Print Head Cleaning) wordt geopend. Volg de instructies in
het dialoogvenster op.
Klik op Initiële controle-items (Initial Check Items) om de items te bekijken die u moet controleren
voordat u Reiniging (Cleaning) uitvoert.
3. Voor de reiniging uit
Zorg dat het apparaat aan staat en klik vervolgens op Uitvoeren (Execute).
Het reinigen van de printkop wordt gestart.
4. Voltooi de reiniging
Het dialoogvenster Controle spuitopening (Nozzle Check) wordt geopend na het
bevestigingsbericht.
5. Controleer de resultaten
Klik op de knop Controleraster afdrukken (Print Check Pattern) om te controleren of de
afdrukkwaliteit is verbeterd. Klik op Annuleren (Cancel) als u deze controle niet wilt uitvoeren.
Als het eenmaal reinigen van de printkop het probleem niet oplost, herhaalt u het reinigingsproces.
Diepte-reiniging
Diepte-reiniging (Deep Cleaning) is grondiger dan een normale reiniging. U gebruikt deze functie als
een probleem met de printkop niet wordt opgelost nadat u de functie Reiniging (Cleaning) tweemaal
hebt uitgevoerd.
1. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
2. Klik op Diepte-reiniging (Deep Cleaning) op het tabblad Onderhoud (Maintenance)
Het dialoogvenster Diepte-reiniging (Deep Cleaning) wordt geopend. Volg de instructies in het
dialoogvenster op.
Klik op Initiële controle-items (Initial Check Items) om de items te bekijken die u moet controleren
voordat u Diepte-reiniging (Deep Cleaning) uitvoert.
3. Voer de diepte-reiniging uit
d
de
oa
Zorg dat het apparaat aan staat en klik vervolgens op Uitvoeren (Execute).
Klik op OK in het bevestigingsbericht.
Pagina 578 van 710 pagina's
nl
ow
D
De printkoppen reinigen
De diepte-reiniging wordt gestart.
fro
m
4. Voltooi de diepte-reiniging
w
5. Controleer de resultaten
e
.b
re
Klik op de knop Controleraster afdrukken (Print Check Pattern) om te controleren of de
afdrukkwaliteit is verbeterd. Klik op Annuleren (Cancel) als u deze controle niet wilt uitvoeren.
or
nb
de
an
.v
w
w
Het dialoogvenster Controle spuitopening (Nozzle Check) wordt geopend na het
bevestigingsbericht.
Belangrijk
Bij Reiniging (Cleaning) wordt een kleine hoeveelheid inkt gebruikt. Bij Diepte-reiniging (Deep
Cleaning) wordt meer inkt gebruikt dan bij Reiniging (Cleaning).
Wanneer u de printkoppen vaak reinigt, zal de inktvoorraad snel slinken. Voer daarom alleen een
reiniging uit wanneer dit noodzakelijk is.
Opmerking
Als na Diepte-reiniging (Deep Cleaning) geen verbetering optreedt, schakelt u het apparaat uit,
wacht u 24 uur en voert u Diepte-reiniging (Deep Cleaning) opnieuw uit. Raadpleeg " Het apparaat
beweegt maar er wordt geen inkt toegevoerd " als er nog steeds geen verbetering optreedt.
Verwant onderwerp
De spuitopeningen van de printkop controleren
Naar boven
Pagina 579 van 710 pagina's
nl
ow
D
De papierinvoerrollen reinigen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Onderhoud > Onderhoud uitvoeren vanaf een computer > De papierinvoerrollen reinigen
fro
m
De papierinvoerrollen reinigen
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
De procedure voor het reinigen van de papierinvoerrol is als volgt:
w
w
Hiermee reinigt u de papierinvoerrol. U doet dit als er stukjes papier aan de papierinvoerrol vastzitten en
het papier niet goed wordt ingevoerd.
Reiniging rollen
1. Bereid het apparaat voor
Verwijder al het papier uit de achterste lade.
2. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
3. Klik op Reiniging rollen (Roller Cleaning) op het tabblad Onderhoud (Maintenance)
Er wordt een bevestigingsbericht weergegeven.
4. Voer het reinigen van de papierinvoerrollen uit
Zorg dat het apparaat is ingeschakeld en klik op OK.
Het reinigen van de papierinvoerrol wordt gestart.
5. Voltooi het reinigen van de papierinvoerrollen
Wanneer de rollen zijn gestopt, volgt u de aanwijzingen in het bericht, plaatst u drie vellen gewoon
papier in de achterste lade en klikt u op OK.
Het papier wordt uitgevoerd en het reinigen van de invoerrollen wordt voltooid.
Naar boven
Pagina 580 van 710 pagina's
nl
ow
D
De positie van de printkop uitlijnen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Onderhoud > Onderhoud uitvoeren vanaf een computer > De positie van de printkop uitlijnen
m
fro
De positie van de printkop uitlijnen
1. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
2. Klik op Aangepaste instellingen (Custom Settings) op het tabblad Onderhoud
(Maintenance).
Het dialoogvenster Aangepaste instellingen (Custom Settings) wordt geopend.
3. Uitlijning printkop wijzigen in handmatig
Schakel het selectievakje Koppen handmatig uitlijnen (Align heads manually) in.
4. Verzend de instellingen
Klik op Verzenden (Send) en vervolgens op OK in het bevestigingsbericht.
5. Klik op Uitlijning printkop (Print Head Alignment) op het tabblad Onderhoud
(Maintenance)
Het dialoogvenster Uitlijning printkop starten (Start Print Head Alignment) wordt geopend.
6. Plaats papier in het apparaat
Plaats drie vellen gewoon papier van A4- of Letter-formaat in de achterste lade.
7. Voer het uitlijnen van de printkop uit
Zorg dat het apparaat is ingeschakeld en klik op Printkop uitlijnen (Align Print Head).
Volg de instructie in het bericht.
8. Controleer het afgedrukte patroon
Voer de nummers van de patronen met de minste streepvorming in de bijbehorende vakken in.
Als u op de patronen met de minste streepvorming klikt in het voorbeeldvenster, worden
automatisch de nummers in de bijbehorende vakken geplaatst.
e
.b
Uitlijning printkop
re
De procedure voor het handmatig uitlijnen van de printkop is als volgt:
or
nb
de
an
.v
w
Dit apparaat ondersteunt twee methoden voor het uitlijnen van de printkop: automatische uitlijning en
handmatige uitlijning.
Zie voor automatische uitlijning "De printkop uitlijnen" in de Basis Handleiding en voer vervolgens de
functie uit op het bedieningspaneel van het apparaat.
w
w
Bij het uitlijnen van de printkoppen worden de installatieposities van de printkop gecorrigeerd waardoor
kleuren en lijnen beter worden afgedrukt.
Pagina 581 van 710 pagina's
nl
ow
D
De positie van de printkop uitlijnen
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Klik op OK nadat u alle benodigde waarden hebt ingevoerd.
Opmerking
Als het moeilijk is het beste raster te kiezen, selecteert u de instelling waarbij de verticale witte
strepen het minst duidelijk zichtbaar zijn.
(A) Minder duidelijk zichtbare verticale witte strepen
(B) Duidelijk zichtbare verticale witte strepen
Als het moeilijk is het beste raster te kiezen, kiest u de instelling waarbij de horizontale witte
strepen het minst duidelijk zichtbaar zijn.
(A) Minder duidelijk zichtbare horizontale witte strepen
(B) Duidelijk zichtbare horizontale witte strepen
9. Bevestig het weergegeven bericht en klik op OK
Het tweede raster wordt afgedrukt.
Belangrijk
Open de scannereenheid (klep) niet wanneer er een afdruktaak wordt uitgevoerd.
10. Controleer het afgedrukte patroon
Voer de nummers van de patronen met de minste streepvorming in de bijbehorende vakken in.
Als u op de patronen met de minste streepvorming klikt in het voorbeeldvenster, worden
automatisch de nummers in de bijbehorende vakken geplaatst.
Pagina 582 van 710 pagina's
nl
ow
D
De positie van de printkop uitlijnen
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Klik op OK nadat u alle benodigde waarden hebt ingevoerd.
Opmerking
Als het moeilijk is het beste raster te kiezen, selecteert u de instelling waarbij de verticale witte
strepen het minst duidelijk zichtbaar zijn.
(A) Minder duidelijk zichtbare verticale witte strepen
(B) Duidelijk zichtbare verticale witte strepen
11. Bevestig het weergegeven bericht en klik op OK
Het derde raster wordt afgedrukt.
Belangrijk
Open de scannereenheid (klep) niet wanneer er een afdruktaak wordt uitgevoerd.
12. Controleer het afgedrukte patroon
Voer de nummers van de patronen met de minst zichtbare horizontale strepen in de bijbehorende
vakken in.
Als u op de patronen met de minst zichtbare horizontale strepen klikt in het voorbeeldvenster,
worden automatisch de nummers in de bijbehorende vakken geplaatst.
Pagina 583 van 710 pagina's
nl
ow
D
De positie van de printkop uitlijnen
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Klik op OK nadat u alle benodigde waarden hebt ingevoerd.
Opmerking
Als het moeilijk is het beste raster te kiezen, kiest u de instelling waarbij de horizontale witte
strepen het minst duidelijk zichtbaar zijn.
(A) Minder duidelijk zichtbare horizontale witte strepen
(B) Duidelijk zichtbare horizontale witte strepen
Opmerking
Als u de huidige instelling wilt afdrukken en controleren, opent u het dialoogvenster Uitlijning
printkop starten (Start Print Head Alignment) en klikt u op Uitlijningswaarde afdrukken (Print
Alignment Value).
Naar boven
Pagina 584 van 710 pagina's
nl
ow
D
De spuitopeningen van de printkop controleren
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Onderhoud > Onderhoud uitvoeren vanaf een computer > De spuitopeningen van de printkop
controleren
Met de functie Controle spuitopening kunt u controleren of de printkoppen goed functioneren. Hierbij
wordt een controleraster afgedrukt. Druk een controleraster af wanneer de afdruk vaag is of een
bepaalde kleur niet wordt afgedrukt.
De procedure voor het afdrukken van een controleraster is als volgt:
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
De spuitopeningen van de printkop controleren
Controle spuitopening
1. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
2. Klik op Controle spuitopening (Nozzle Check) op het tabblad Onderhoud
(Maintenance)
Het dialoogvenster Controle spuitopening (Nozzle Check) wordt weergegeven.
Als u een lijst wilt weergeven van de items die u moet controleren voordat u het controleraster
afdrukt, klikt u op Initiële controle-items (Initial Check Items).
3. Plaats papier in het apparaat
Plaats een vel gewoon papier van A4- of Letter-formaat in de achterste lade.
4. Druk een controleraster voor de spuitopeningen af
Zorg dat het apparaat is ingeschakeld en klik op Controleraster afdrukken (Print Check Pattern).
Het controleraster voor de spuitopening wordt afgedrukt.
Klik op OK in het bevestigingsbericht.
Het dialoogvenster Rastercontrole (Pattern Check) wordt geopend.
5. Controleer het afdrukresultaat
Controleer het afdrukresultaat. Klik op Afsluiten (Exit) als het afdrukresultaat normaal is.
Klik op Reiniging (Cleaning) om de printkop te reinigen als de afdruk vegen bevat of bepaalde
secties niet zijn afgedrukt.
Verwant onderwerp
De printkoppen reinigen
Naar boven
Pagina 585 van 710 pagina's
nl
ow
D
De binnenkant van het apparaat reinigen
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Onderhoud > Onderhoud uitvoeren vanaf een computer > De binnenkant van het apparaat
reinigen
Voer een reiniging van de onderste plaat uit voordat u dubbelzijdig afdrukt, om te voorkomen dat er vegen
op de achterzijde van het papier ontstaan.
Voer ook een reiniging van de onderste plaat uit als er inktvegen op een afdruk voorkomen die niet
worden veroorzaakt door de afdrukgegevens.
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
De binnenkant van het apparaat reinigen
e
.b
De procedure voor het reinigen van de onderste plaat is als volgt:
Reiniging onderste plaat
1. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
2. Klik op Reiniging onderste plaat (Bottom Plate Cleaning) op het tabblad Onderhoud
(Maintenance)
Het dialoogvenster Reiniging onderste plaat (Bottom Plate Cleaning) wordt geopend.
3. Plaats papier in het apparaat
Vouw het normale papier van A4- of Letter-formaat horizontaal doormidden en vervolgens weer uit,
zoals aangegeven in het dialoogvenster.
Plaats het papier in de lengte en met de punt van de vouw naar beneden gericht in de achterste
lade.
4. Voer de reiniging van de onderste plaat uit
Zorg dat het apparaat is ingeschakeld en klik op Uitvoeren (Execute).
Het reinigen van de onderste plaat wordt gestart.
Naar boven
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > De apparaatinstellingen wijzigen
Pagina 586 van 710 pagina's
nl
ow
D
De apparaatinstellingen wijzigen
fro
m
De apparaatinstellingen wijzigen
Naar boven
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Apparaatinstellingen vanaf uw computer wijzigen
Pagina 587 van 710 pagina's
nl
ow
D
Apparaatinstellingen vanaf uw computer wijzigen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > De apparaatinstellingen wijzigen > Apparaatinstellingen vanaf uw computer wijzigen
fro
m
Apparaatinstellingen vanaf uw computer wijzigen
w
w
or
nb
de
an
.v
w
Afdrukopties wijzigen
Een veelgebruikt afdrukprofiel registreren
De inktpatroon instellen
De stroomvoorziening van het apparaat beheren
e
.b
re
Het geluidsvolume van het apparaat verlagen
De bedieningsmodus van het apparaat wijzigen
Naar boven
Pagina 588 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afdrukopties wijzigen
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > De apparaatinstellingen wijzigen > Apparaatinstellingen vanaf uw computer wijzigen >
Afdrukopties wijzigen
U kunt de gedetailleerde instellingen voor het printerstuurprogramma wijzigen voor afdrukgegevens die
worden verzonden vanuit een toepassing.
Geef deze optie aan als u te maken hebt met afdrukproblemen, zoals een deel van beeldgegevens dat
wordt afgesneden.
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Afdrukopties wijzigen
e
.b
De procedure voor het wijzigen van de afdrukopties is als volgt:
1. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
2. Klik op Afdrukopties... (Print Options...) op het tabblad Pagina-instelling (Page Setup)
Het dialoogvenster Afdrukopties (Print Options) wordt geopend.
3. Wijzig de individuele instellingen
Wijzig desgewenst de instelling van elk item en klik op OK.
Het tabblad Pagina-instelling (Page Setup) wordt opnieuw weergegeven.
Naar boven
Pagina 589 van 710 pagina's
nl
ow
D
Een veelgebruikt afdrukprofiel registreren
d
de
oa
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
De procedure voor het opslaan van een afdrukprofiel is als volgt:
w
U kunt een veelgebruikt afdrukprofiel registreren bij Veelgebruikte instellingen (Commonly Used
Settings) op het tabblad Snel instellen (Quick Setup). Afdrukprofielen die u niet meer nodig hebt, kunt u
op elk gewenst moment verwijderen.
m
Een veelgebruikt afdrukprofiel registreren
fro
Uitgebreide Handleiding > De apparaatinstellingen wijzigen > Apparaatinstellingen vanaf uw computer wijzigen > Een
veelgebruikt afdrukprofiel registreren
Een afdrukprofiel registreren
1. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
2. Stel de benodigde items in
Selecteer het afdrukprofiel dat u wilt gebruiken bij Veelgebruikte instellingen (Commonly Used
Settings) op het tabblad Snel instellen (Quick Setup) en wijzig zo nodig de instellingen onder Extra
functies (Additional Features).
U kunt ook de gewenste items instellen op de tabbladen Afdruk (Main), Pagina-instelling (Page
Setup) en Effecten (Effects).
3. Klik op Opslaan... (Save...)
Het dialoogvenster Veelgebruikte instellingen opslaan (Save Commonly Used Settings) wordt
geopend.
d
de
oa
4. Sla de instellingen op
Pagina 590 van 710 pagina's
nl
ow
D
Een veelgebruikt afdrukprofiel registreren
m
fro
Belangrijk
Klik op Opties... (Options...) om het paginaformaat, de afdrukstand en het aantal exemplaren dat u
hebt ingesteld op te slaan, en controleer elk item.
Wanneer u het printerstuurprogramma opnieuw installeert of een upgrade van het stuurprogramma
uitvoert, worden de geregistreerde afdrukinstellingen verwijderd uit Veelgebruikte instellingen
(Commonly Used Settings).
U kunt de geregistreerde afdrukinstellingen niet opslaan en behouden. Als een profiel wordt
verwijderd, moet u de afdrukinstellingen opnieuw registreren.
Een afdrukprofiel verwijderen
1. Selecteer het afdrukprofiel dat u wilt verwijderen
Selecteer het afdrukprofiel dat u wilt verwijderen uit de lijst Veelgebruikte instellingen (Commonly
Used Settings) op het tabblad Snel instellen (Quick Setup).
2. Verwijder het afdrukprofiel
Klik op Verwijderen (Delete). Klik op OK in het bevestigingsbericht.
Het geselecteerde afdrukprofiel wordt verwijderd uit de lijst Veelgebruikte instellingen (Commonly
Used Settings).
Opmerking
Afdrukprofielen die in de begininstellingen zijn geregistreerd, kunnen niet worden verwijderd.
Naar boven
e
.b
re
Opmerking
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Geef een Naam (Name) op en klik op OK. Stel de items zo nodig in Opties... (Options...) in. Het
afdrukprofiel wordt opgeslagen en het tabblad Snel instellen (Quick Setup) wordt opnieuw
weergegeven.
De naam en het pictogram worden toegevoegd aan de lijst Veelgebruikte instellingen (Commonly
Used Settings).
Pagina 591 van 710 pagina's
nl
ow
D
De inktpatroon instellen
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > De apparaatinstellingen wijzigen > Apparaatinstellingen vanaf uw computer wijzigen > De
inktpatroon instellen
Met deze functie kunt u de meeste toepasselijke inktpatroon van de geïnstalleerde inktpatronen opgeven
voor een bepaald doel.
Als een van de inktpatronen leegraakt en niet onmiddellijk vervangen kan worden door een nieuwe, kunt
u de andere inktpatroon opgeven die nog inkt bevat en doorgaan met afdrukken.
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
De inktpatroon instellen
e
.b
U geeft als volgt de inktpatroon op:
Inktcartridge-instellingen
1. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
2. Klik op Inktcartridge-instellingen (Ink Cartridge Settings) op het tabblad Onderhoud
(Maintenance).
Het dialoogvenster Inktcartridge-instellingen (Ink Cartridge Settings) wordt weergegeven.
3. Selecteer de te gebruiken inktpatroon
Selecteer de inktpatroon die u wilt gebruiken voor afdrukken en klik op OK.
De opgegeven inktpatroon wordt voor de volgende afdruktaak gebruikt.
Belangrijk
Als de volgende instellingen worden opgegeven, werkt Alleen zwart (Black Only) niet, doordat het
apparaat de kleurinktpatroon gebruikt om documenten af te drukken.
Iets anders dan Gewoon papier (Plain Paper), Hagaki A, Hagaki of Envelop (Envelope) is
geselecteerd bij Mediumtype (Media Type) op het tabblad Afdruk (Main)
Zonder marges (Borderless) is geselecteerd in de lijst Pagina-indeling (Page Layout) op het
tabblad Pagina-instelling (Page Setup)
Koppel een niet gebruikte inktpatroon niet los. Er kan niet worden afgedrukt als een van beide
inktpatronen losgekoppeld is.
Naar boven
Pagina 592 van 710 pagina's
nl
ow
D
De stroomvoorziening van het apparaat beheren
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > De apparaatinstellingen wijzigen > Apparaatinstellingen vanaf uw computer wijzigen > De
stroomvoorziening van het apparaat beheren
Met deze functie kunt u de stroomvoorziening van het apparaat vanuit het printerstuurprogramma
beheren.
De procedure voor het beheren van de stroomvoorziening is als volgt:
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
De stroomvoorziening van het apparaat beheren
Printer uit
Met de functie Printer uit (Power Off) schakelt u het apparaat uit. Als u deze functie gebruikt, kunt u het
apparaat niet inschakelen vanuit het printerstuurprogramma.
1. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
2. Voer het uitzetten van de printer uit
Klik op Printer uit (Power Off) op het tabblad Onderhoud (Maintenance). Klik op OK in het
bevestigingsbericht.
Het apparaat wordt uitgeschakeld en het tabblad Onderhoud (Maintenance) wordt opnieuw
weergegeven.
Naar boven
Pagina 593 van 710 pagina's
nl
ow
D
Het geluidsvolume van het apparaat verlagen
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > De apparaatinstellingen wijzigen > Apparaatinstellingen vanaf uw computer wijzigen > Het
geluidsvolume van het apparaat verlagen
U kunt er met deze functie voor zorgen dat het apparaat minder geluid maakt. Selecteer deze functie als
u wilt dat de printer 's nachts of in andere omstandigheden minder geluid maakt.
Wanneer u deze functie selecteert, kan het afdrukken langzamer verlopen.
De procedure voor het gebruiken van de stille modus is als volgt:
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Het geluidsvolume van het apparaat verlagen
Stille modus
1. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
2. Klik op Stille modus (Quiet Mode) op het tabblad Onderhoud (Maintenance).
Het dialoogvenster Stille modus (Quiet Mode) wordt geopend.
3. Stel de stille modus in
Geef desgewenst een van de volgende items op:
Stille modus niet gebruiken (Do not use quiet mode)
Het geluid van het apparaat blijft op het normale volume staan.
Stille modus altijd gebruiken (Always use quiet mode)
Selecteer deze optie als u wilt dat het apparaat minder geluid maakt.
Stille modus gebruiken binnen de opgegeven tijd (Use quiet mode within specified time)
Het geluid van het apparaat wordt gedurende de opgegeven periode in stille modus gezet.
Geef de Begintijd (Start time) en de Eindtijd (End time) op van de periode waarin de stille modus
actief moet zijn.
Belangrijk
U moet voor Begintijd (Start time) en Eindtijd (End time) verschillende tijden opgeven.
4. Verzend de instellingen
Zorg dat het apparaat aan staat en klik op Verzenden (Send).
Klik op OK in het bevestigingsbericht.
De instellingen zijn geactiveerd.
Opmerking
Afhankelijk van de instellingen voor afdrukkwaliteit, kan de stille modus minder effect hebben.
Naar boven
Pagina 594 van 710 pagina's
nl
ow
D
De bedieningsmodus van het apparaat wijzigen
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > De apparaatinstellingen wijzigen > Apparaatinstellingen vanaf uw computer wijzigen > De
bedieningsmodus van het apparaat wijzigen
or
nb
de
an
.v
w
w
w
De bedieningsmodus van het apparaat wijzigen
Indien nodig kunt u schakelen tussen verschillende bedieningsmodi van het apparaat.
De procedure voor het configureren van instellingen is als volgt:
e
.b
re
Aangepaste instellingen
1. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma
2. Zorg dat het apparaat is ingeschakeld en klik op Aangepaste instellingen (Custom
Settings) op het tabblad Onderhoud (Maintenance)
Het dialoogvenster Aangepaste instellingen (Custom Settings) wordt geopend.
Opmerking
Als het apparaat is uitgeschakeld of bi-directionele communicatie is uitgeschakeld, kan een
bericht verschijnen omdat de computer de apparaatstatus niet kan vaststellen.
Als dit gebeurt, klikt u op OK om de meest recente instellingen op de computer weer te geven.
3. Geef desgewenst de volgende instellingen op:
Schuring van papier voorkomen (Prevent paper abrasion)
Bij het gebruik van een hoge dichtheid kan de ruimte tussen de printkop en het papier worden
vergroot om schuring van het papier te voorkomen.
Selecteer deze optie als u deze functie wilt gebruiken.
Koppen handmatig uitlijnen (Align heads manually)
De functie Uitlijning printkop (Print Head Alignment) op het tabblad Onderhoud (Maintenance) is
normaal gesproken ingesteld op automatische uitlijning. U kunt dit echter wijzigen in handmatige
uitlijning. Als u een automatische printkopuitlijning uitvoert en het afdrukresultaat nog steeds niet
naar wens is, kunt u 'De positie van de printkop uitlijnen' raadplegen en handmatige uitlijning
uitvoeren.
Schakel dit selectievakje in om de printkop handmatig uit te lijnen.
Droogtijd inkt (Ink Drying Wait Time)
U kunt instellen hoe lang het apparaat moet wachten tot het afdrukken van de volgende pagina
begint. Wanneer u de schuifregelaar naar rechts schuift, is de wachttijd langer en wanneer u de
schuifregelaar naar links schuift, is de wachttijd korter.
Als het papier inktvlekken bevat, omdat de volgende pagina wordt uitgeworpen voordat de inkt op de
afgedrukte pagina heeft kunnen drogen, verhoogt u de droogtijd voor de inkt.
Wanneer u de droogtijd verlaagt, verloopt het afdrukken sneller.
4. Verzend de instellingen
Klik op Verzenden (Send) en vervolgens op OK in het bevestigingsbericht.
Daarna worden de aangepaste instellingen in het apparaat gebruikt.
Naar boven
Pagina 595 van 710 pagina's
nl
ow
D
Problemen oplossen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen
fro
m
Problemen oplossen
w
w
or
nb
de
an
.v
w
Als er een fout optreedt
Het apparaat kan niet worden ingeschakeld
Er wordt een foutcode weergegeven op het LED-display
LED-display geeft geen beeld
e
.b
re
Kan MP Drivers niet installeren
Kan geen goede verbinding maken met de computer
Afdrukresultaten niet naar behoren
De afdruktaak wordt niet gestart
Kopieer-/afdruktaak wordt beëindigd voordat deze is voltooid
Het apparaat beweegt maar er wordt geen inkt toegevoerd
De afdruksnelheid is lager dan verwacht
FINE-patroonhouder schuift niet naar de vervangingspositie
Het papier wordt niet correct ingevoerd
Papierstoringen
Er wordt een bericht weergegeven op het computerscherm
Voor Windows-gebruikers
Er wordt een foutbericht weergegeven op een met PictBridge-compatibel apparaat (Alleen MP270
series)
Problemen met scannen
Problemen met software
Problemen met MP Navigator EX
Als u het probleem niet kunt oplossen
Veelgestelde vragen
Instructies voor gebruik (Printerstuurprogramma)
Algemene opmerkingen (scannerstuurprogramma)
Naar boven
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Als er een fout optreedt
Pagina 596 van 710 pagina's
nl
ow
D
Als er een fout optreedt
m
fro
Als er een fout optreedt
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Als er een fout optreedt tijdens het afdrukken (het papier is bijvoorbeeld op of vastgelopen), wordt
automatisch een probleemoplossingsbericht weergegeven. Neem de maatregelen die in het bericht
worden beschreven. Afhankelijk van de versie van uw besturingssysteem kan het bericht er enigszins
anders uitzien.
In Mac OS X v.10.5.x:
In Mac OS X v.10.4.x of Mac OS X v.10.3.9:
Pagina 597 van 710 pagina's
nl
ow
D
Als er een fout optreedt
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Naar boven
Pagina 598 van 710 pagina's
nl
ow
D
Het apparaat kan niet worden ingeschakeld
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Het apparaat kan niet worden ingeschakeld
fro
m
Het apparaat kan niet worden ingeschakeld
Controle 2: Controleer of de stekker goed in de netsnoeraansluiting is
Controle 3: Trek de stekker van het apparaat uit het stopcontact en laat
het apparaat ten minste 2 minuten uit. Steek de stekker vervolgens weer
terug en schakel het apparaat opnieuw in.
Als het probleem hiermee niet is verholpen, neemt u contact op met het ondersteuningscentrum.
Naar boven
e
.b
re
bevestigd en zet vervolgens het apparaat weer aan.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Controle 1: Druk op de knop [ON] (Aan).
Pagina 599 van 710 pagina's
nl
ow
D
Er wordt een foutcode weergegeven op het LED-display
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Er wordt een foutcode weergegeven op het LED-display
m
fro
Er wordt een foutcode weergegeven op het LED-display
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Alarm-lampje brandt oranje
e
.b
re
Wanneer er een fout optreedt in het apparaat, gaat het Alarm-lampje oranje branden en wordt
afwisselend E en een getal (de foutcode) weergegeven op het LED-display. Controleer welke
foutcode op het LED-display wordt weergegeven en neem de benodigde maatregelen om de fout
te herstellen.
* Afhankelijk van de fout die zich heeft voorgedaan, brandt het lampje Alarm mogelijk niet.
Foutcode
Oorzaak
Actie
E, 0, 2
Het papier is op. / Het
papier wordt niet ingevoerd.
Plaats het papier correct in de achterste lade
en druk vervolgens op de knop Zwart (Black)
of Kleur (Color) .
E, 0, 3
De papieruitvoerlade is
gesloten./Papierstoring.
Open de papieruitvoerlade als deze gesloten
is. Het apparaat gaat verder met afdrukken.
Als het probleem niet is verholpen nadat u de
papieruitvoerlade hebt geopend of als de lade
al open was, kan er zich een papierstoring
hebben voorgedaan. Verwijder het vastgelopen
papier, plaats papier op correcte wijze in de
achterste lade en druk vervolgens op de knop
Zwart (Black) of Kleur (Color) .
Papierstoringen
E, 0, 4
E, 0, 5
De FINE-inktpatroon wordt
niet herkend.
De FINE-inktpatroon is mogelijk niet correct
geplaatst of is niet geschikt voor dit apparaat.
Open de scaneenheid (klep) en plaats de
juiste FINE-inktpatroon.
Als de fout hiermee niet is verholpen, neemt u
contact op met het ondersteuningscentrum.
E, 0, 7
De FINE-inktpatroon is niet
in de juiste positie
geplaatst.
Controleer of de FINE-inktpatronen in de juiste
positie zijn geplaatst.
Routineonderhoud
E, 0, 8
Het absorptiekussen voor
inkt is bijna vol.
Druk op de knop Zwart (Black) of Kleur (Color)
op het apparaat om verder te gaan met
afdrukken. Neem contact op met het
ondersteuningscentrum.
E, 0, 9
(Alleen MP270
Het apparaat heeft geen
reactie ontvangen van de
digitale camera. De
aangesloten digitale
camera of camcorder is
niet compatibel met dit
apparaat.
series)
Controleer het aangesloten apparaat.
Rechtstreeks afdrukken van foto's is alleen
mogelijk met een PictBridge-compatibel
apparaat.
Er treedt een time-out in de communicatie
op als het afdrukken of het verzenden van
gegevens te lang duurt. Het afdrukken kan
hierdoor worden afgebroken. Als dat het
geval is, koppelt u de USB-kabel los en
Pagina 600 van 710 pagina's
nl
ow
D
Er wordt een foutcode weergegeven op het LED-display
d
de
oa
sluit u deze weer aan.
Wanneer u afdrukt vanaf een PictBridgecompatibel apparaat, moet u, afhankelijk
van het merk en het type van het apparaat,
mogelijk een afdrukmodus selecteren die
compatibel is met PictBridge voordat u het
apparaat aansluit op deze printer. U moet
het apparaat mogelijk ook handmatig
inschakelen of de afspeelmodus
selecteren nadat u het apparaat hebt
aangesloten. Voer de vereiste bewerkingen
uit volgens de handleiding bij het apparaat
voordat u het apparaat aansluit.
Indien de fout zich blijft voordoen,
controleert u of u een andere foto kunt
afdrukken.
De FINE-inktpatroon wordt
niet herkend.
De FINE-inktpatroon is mogelijk niet correct
geïnstalleerd.
Open de scaneenheid (klep) en plaats de FINE
-inktpatroon volgens de aanwijzingen.
Routineonderhoud
E, 1, 6
De inkt is op.
De inkt is op.
Vervang de inktpatroon en sluit de
scannereenheid (klep).
Als er wordt afgedrukt en u wilt doorgaan met
afdrukken, drukt u minstens 5 seconden op de
knop [Stop/Reset] (Stoppen/Herstellen) terwijl
de inktpatroon is geïnstalleerd. Het afdrukken
kan worden voortgezet terwijl de inkt op is.
De functie voor het bepalen van de resterende
inktvoorraad wordt uitgeschakeld.
Vervang de lege inktpatroon direct na het
afdrukken. De afdrukkwaliteit is niet voldoende
als u de printer blijft gebruiken wanneer de inkt
op is.
E, 1, 9
(Alleen MP270
Een PictBridge-compatibel
apparaat is aangesloten
via een USB-hub.
Als een PictBridge-compatibel apparaat is
aangesloten via een USB-hub, verwijdert u de
hub en sluit u het apparaat rechtstreeks aan.
series)
E, 3, 0
De grootte van het origineel
kan niet juist worden
gedetecteerd of het
Zorg dat het origineel aan de eisen voldoet
en correct is geplaatst op de glasplaat.
Controleer of het origineel correct en in de
e
.b
E, 1, 5
re
De FINE-inktpatroon is mogelijk niet geschikt
voor dit apparaat.
Installeer de juiste FINE-inktpatroon.
Routineonderhoud
or
nb
de
an
.v
w
De FINE-inktpatroon wordt
niet herkend.
w
E, 1, 4
w
De inkt is wellicht op.
De functie voor het bepalen van de resterende
inktvoorraad wordt uitgeschakeld aangezien de
inktvoorraad niet correct kan worden bepaald.
Als u wilt doorgaan met afdrukken zonder deze
functie, drukt u minstens 5 seconden op de
knop [Stop/Reset] (Stoppen/Herstellen) op de
printer.
Voor de beste kwaliteit beveelt Canon het
gebruik van nieuwe, originele Canoncartridges aan.
Canon is niet aansprakelijk voor een slechte
werking of problemen veroorzaakt door het
voortzetten van het afdrukken met een lege
inkttank.
m
De inktvoorraad kan niet
worden gedetecteerd.
fro
E, 1, 3
juiste richting op de glasplaat is geplaatst.
d
de
oa
E, 5, 0
Het uitlijningsblad voor de
printkop kan niet worden
gescand.
Druk op de knop Stoppen/herstellen (Stop/
Reset) om de fout op te heffen en voer de
volgende stappen uit.
Controleer of het uitlijningsblad correct en
in de juiste richting op de glasplaat is
geplaatst.
Controleer of de glasplaat en het
uitlijningsblad niet vuil zijn.
Controleer of het type en formaat van het
geplaatste papier geschikt is voor het
automatische uitlijnen van de printkop.
Plaats voor het automatisch uitlijnen van de
printkop altijd één vel gewoon papier in het
formaat A4 of Letter.
Controleer of de spuitopeningen van de
printkop verstopt zijn.
Druk het controleraster voor
spuitopeningen af om de status van de
printkop te controleren.
Routineonderhoud
Indien de fout zich blijft voordoen, sluit u het
apparaat aan op de computer en lijnt u de
printkop uit met behulp van het
printerstuurprogramma.
De printkop uitlijnen
Foutcode
P, 0, 2
Actie
Annuleer het afdrukken en zet het apparaat uit. Verwijder
het vastgelopen papier of beschermende materiaal
waardoor de beweging van de FINE-patroonhouder
wordt belemmerd en zet het apparaat weer aan.
Belangrijk
Raak de interne onderdelen van het apparaat niet
aan. Als u deze toch aanraakt, drukt de printer
mogelijk niet goed meer af.
Als het probleem hiermee niet is verholpen, neemt
u contact op met het ondersteuningscentrum.
e
.b
Wanneer de lampjes AAN/UIT (Power) en Alarm afwisselend knipperen zoals hieronder wordt
getoond, en P en een getal (foutcode) afwisselend worden weergegeven op het LED-display, is er
mogelijk een fout opgetreden waarvoor reparatie noodzakelijk is.
re
Het groene aan/uit-lampje en oranje alarm-lampje knipperen beurtelings
or
nb
de
an
.v
w
w
Sluit het apparaat aan op de computer met een
USB-kabel.
w
Het apparaat is niet
aangesloten op de
computer.
m
E, 3, 1
fro
document is te klein
wanneer de kopieerfunctie
Passend op pagina is
ingeschakeld.
Pagina 601 van 710 pagina's
nl
ow
D
Er wordt een foutcode weergegeven op het LED-display
P, *, *
Pagina 602 van 710 pagina's
nl
ow
D
Er wordt een foutcode weergegeven op het LED-display
d
de
oa
"*, *" is afhankelijk van de opgetreden fout.
"P, 1, 0" wordt weergegeven:
Zet het apparaat uit en trek de stekker van het
apparaat uit het stopcontact.
Neem contact op met het ondersteuningscentrum.
"P, 0, 3" wordt weergegeven:
Verwijder eventuele objecten die voor het apparaat
zijn geplaatst.
Open de papieruitvoerlade voorzichtig en schakel het
apparaat vervolgens uit en aan.
In andere gevallen:
Zet het apparaat uit en trek de stekker van het
apparaat uit het stopcontact.
Steek de stekker van het apparaat weer in het
stopcontact en zet het apparaat weer aan.
Als het probleem hiermee niet is verholpen, neemt u
contact op met het ondersteuningscentrum.
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Naar boven
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > LED-display geeft geen beeld
Pagina 603 van 710 pagina's
nl
ow
D
LED-display geeft geen beeld
fro
m
LED-display geeft geen beeld
w
w
or
nb
de
an
.v
w
Als het aan/uit-lampje niet brandt:
Het apparaat is niet ingeschakeld. Sluit het netsnoer aan en druk op de knop AAN.
Als het aan/uit-lampje brandt:
re
e
.b
Mogelijk bevindt het LED-scherm zich in de schermbeveiligingsmodus. Druk op het
bedieningspaneel op een andere knop dan AAN.
Naar boven
Pagina 604 van 710 pagina's
nl
ow
D
Kan MP Drivers niet installeren
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Kan MP Drivers niet installeren
fro
m
Kan MP Drivers niet installeren
e
.b
re
Start de installatie met behulp van de volgende procedure.
1. Klik op Start en vervolgens op Computer.
Klik in Windows XP op Start en klik vervolgens op Deze computer.
Dubbelklik in Windows 2000 op het pictogram
Deze computer op het bureaublad.
2. Dubbelklik in het weergegeven venster op het pictogram
voor het cd-
romstation.
Als de inhoud van de cd-rom wordt weergegeven, dubbelklikt u op MSETUP4.EXE.
Dubbelklik op het pictogram
voor het cd-romstation op het bureaublad.
Opmerking
Probeer het volgende als het cd-rom-pictogram niet wordt weergegeven:
Verwijder de cd-rom uit de computer en plaats de cd-rom opnieuw.
Start de computer opnieuw op.
Als het pictogram nog steeds niet wordt weergegeven, plaatst u een andere cd en controleert u
of deze wordt weergegeven. Als andere cd's wel worden weergegeven, is er een probleem met
de installatie-cd-rom (Setup CD-ROM). Neem in dat geval contact op met het
ondersteuningscentrum.
Als u niet verder komt dan het scherm Printerverbinding (Printer
Connection):
or
nb
de
an
.v
w
(Setup CD-ROM) in het cd-rom-station van uw computer is geplaatst:
w
w
Indien de installatie ook niet wordt gestart nadat de installatie-cd-rom
Pagina 605 van 710 pagina's
nl
ow
D
Kan MP Drivers niet installeren
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Als u niet verder komt dan het scherm Printerverbinding (Printer Connection), controleert u of de
USB-kabel goed is aangesloten op de USB-poort van het apparaat en is aangesloten op de
computer. Volg daarna de onderstaande procedure om MP Drivers opnieuw te installeren.
Opmerking
In Windows Vista kan de melding De printer wordt niet herkend. Controleer de verbinding. (The
printer is not detected. Check the connection.) worden weergegeven, afhankelijk van de
computer die u gebruikt. Wacht in dit geval enige tijd. Als u niet kunt verdergaan met de
volgende stap, voert u de volgende procedure uit om MP Drivers opnieuw te installeren.
1. Klik op Annuleren (Cancel) in het scherm Printerverbinding (Printer Connection).
2. Klik op Opnieuw (Start Over) in het scherm Installatie mislukt (Installation
Failure).
3. Klik in het volgende scherm op Terug (Back).
4. Klik op Afsluiten (Exit) in het scherm PIXMA XXX en verwijder vervolgens de cdrom.
5. Zet het apparaat uit.
6. start de computer opnieuw op.
7. Zorg ervoor dat er geen andere toepassingen worden uitgevoerd.
8. Plaats de cd-rom opnieuw en voer vervolgens een Eenvoudige installatie (Easy
Install) uit om de MP Drivers te installeren.
In andere gevallen:
Volg de procedure in de installatiehandleiding om MP Drivers opnieuw te installeren.
Pagina 606 van 710 pagina's
nl
ow
D
Kan MP Drivers niet installeren
d
de
oa
Als MP Drivers niet op de juiste wijze is geïnstalleerd, verwijdert u MP Drivers, start u de computer
opnieuw op en installeert u MP Drivers opnieuw.
Onnodige MP Drivers verwijderen
m
fro
Als u MP Drivers opnieuw installeert, voert u een Aangepaste installatie (Custom Install) uit vanaf de
installatie-cd-rom (Setup CD-ROM) en selecteert u de optie MP Drivers.
e
.b
re
Als het installatieprogramma werd beëindigd als gevolg van een fout in Windows, is het
systeem mogelijk instabiel en kunnen de stuurprogramma's wellicht niet worden
geïnstalleerd. Start uw computer opnieuw op voordat u de installatie opnieuw uitvoert.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Opmerking
Naar boven
Pagina 607 van 710 pagina's
nl
ow
D
Kan geen goede verbinding maken met de computer
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Kan geen goede verbinding maken met de computer
fro
m
Kan geen goede verbinding maken met de computer
Het bericht
Ondersteunt de USB-poort op uw computer Hi-Speed USB-verbindingen?
Ondersteunt de USB-kabel, en eventueel de USB-hub als u daar gebruik van maakt,
Hi-Speed USB-verbindingen?
Gebruik een voor Hi-Speed USB goedgekeurde kabel. Het is verstandig om geen
kabel te gebruiken die langer is dan 3 meter/10 feet.
Ondersteunt het besturingssysteem van uw computer Hi-Speed USB-verbindingen?
Zorg ervoor dat de meeste recente update voor uw computer is geïnstalleerd.
Werkt het Hi-Speed USB-stuurprogramma naar behoren?
Zorg ervoor dat de meest recente versie van het Hi-Speed USB-stuurprogramma dat
compatibel is met uw hardware op uw computer is geïnstalleerd.
Belangrijk
Voor meer informatie over Hi-Speed USB in uw systeemomgeving neemt u contact op
met de fabrikant van uw computer, USB-kabel of USB-hub.
Naar boven
e
.b
Controle: Controleer het volgende om na te gaan of uw systeemomgeving een
Hi-Speed USB-verbinding ondersteunt.
re
Als uw systeemomgeving niet volledig compatibel is met Hi-Speed USB, werkt het apparaat
langzamer, op de snelheid van USB 1.1. In dit geval werkt het apparaat goed, maar kan de
afdruksnelheid afnemen door de lagere communicatiesnelheid.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Afdruk- of scansnelheid is laag/USB Hi-Speed-verbinding werkt niet/
'Dit apparaat kan sneller werken' wordt weergegeven
Pagina 608 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afdrukresultaten niet naar behoren
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Afdrukresultaten niet naar behoren
m
fro
Afdrukresultaten niet naar behoren
Als u een foto of illustratie wilt afdrukken, kan de kwaliteit van de afgedrukte kleuren afnemen
wanneer de papiersoort onjuist is ingesteld.
Wanneer u afdrukt met een onjuiste instelling voor de papiersoort, kan het afgedrukte oppervlak
bovendien worden bekrast.
Wanneer u afdrukt zonder marges, kunnen de kleuren ongelijkmatig zijn, afhankelijk van de
combinatie van de instelling voor de papiersoort en het geplaatste papier.
Alleen MP270 series
Kopiëren met de bediening van het
apparaat
Controleren met het bedieningspaneel van het
apparaat.
Kopiëren
Rechtstreeks afdrukken vanaf een
PictBridge-compatibel apparaat
Bevestig de instellingen via het PictBridgecompatibele apparaat.
Foto's rechtstreeks afdrukken vanaf een compatibel
apparaat (alleen MP270 series)
Afdrukken vanaf een computer
Bevestig de instellingen via het
printerstuurprogramma.
Afdrukken met de basisinstellingen
Alleen MP250 series
Kopiëren met de bediening van het
apparaat
Controleren met het bedieningspaneel van het
apparaat.
Kopiëren
Afdrukken vanaf een computer
Bevestig de instellingen via het
printerstuurprogramma.
Afdrukken met de basisinstellingen
Controle 2: Controleer met het printerstuurprogramma of de juiste
afdrukkwaliteit is geselecteerd voor het mediumtype en het type
afdrukgegevens.
Selecteer een optie voor de afdrukkwaliteit die geschikt is voor het papier en de afbeelding die u
afdrukt. Als de afdruk vlekken of ongelijkmatige kleuren vertoont, verhoogt u de instelling voor de
afdrukkwaliteit en probeert u het opnieuw.
Controleer de instelling voor de afdrukkwaliteit via het printerstuurprogramma.
De afdrukkwaliteit wijzigen en afbeeldingsgegevens corrigeren
Opmerking
Alleen MP270 series:
U kunt de instelling voor de afdrukkwaliteit niet wijzigen wanneer u afdrukt vanaf een PictBridge
-compatibel apparaat.
Controle 3: Als het probleem nog niet is opgelost, kunnen er andere
e
.b
Als deze instellingen onjuist zijn, kunt u geen goed afdrukresultaat verkrijgen.
re
mediumtype overeen met het formaat en type papier dat is geplaatst?
or
nb
de
an
.v
w
Controle 1: Komen de instellingen voor het paginaformaat en
w
w
Als de afdrukresultaten witte strepen, verkeerd afgedrukte lijnen of ongelijkmatige kleuren vertonen, kunt
u het beste eerst controleren of de instellingen voor papier en afdrukkwaliteit correct zijn.
oorzaken zijn.
De afdruktaak wordt niet voltooid
d
de
oa
Zie ook de volgende gedeelten:
Pagina 609 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afdrukresultaten niet naar behoren
fro
Geen afdrukresultaten/Onduidelijke afdrukken/Onjuiste kleuren/Witte strepen
m
w
Kleuren zijn onduidelijk
or
nb
de
an
.v
w
w
Lijnen worden verkeerd afgedrukt
Afgedrukt papier krult om of vertoont inktvlekken
Papier vertoont vlekken/Papieroppervlak vertoont krassen
Vegen op de achterzijde van het papier
re
Er worden verticale lijnen afgedrukt op de zijde van de afdruk
e
.b
Kleuren zijn ongelijkmatig of vertonen strepen
Naar boven
Pagina 610 van 710 pagina's
nl
ow
D
De afdruktaak wordt niet voltooid
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Afdrukresultaten niet naar behoren > De afdruktaak wordt niet voltooid
fro
m
De afdruktaak wordt niet voltooid
Naar boven
e
.b
Verwijder onnodige bestanden om schijfruimte vrij te maken.
re
Controle 2: Is er voldoende ruimte op de vaste schijf van uw computer?
or
nb
de
an
.v
w
Klik op Afdrukopties (Print Options) op het tabblad Pagina-instelling (Page Setup). Schakel in het
dialoogvenster dat wordt geopend het selectievakje Verlies van afdrukgegevens voorkomen (Prevent
loss of print data) in.
w
w
Controle 1: Is de omvang van de afdrukgegevens extreem groot?
nl
ow
D
Geen afdrukresultaten/Onduidelijke afdrukken/Onjuiste kleuren/Witte st... Pagina 611 van 710 pagina's
d
de
oa
m
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Geen afdrukresultaten/Onduidelijke afdrukken/Onjuiste kleuren
/Witte strepen
fro
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Afdrukresultaten niet naar behoren > Geen afdrukresultaten/
Onduidelijke afdrukken/Onjuiste kleuren/Witte strepen
nl
ow
D
Geen afdrukresultaten/Onduidelijke afdrukken/Onjuiste kleuren/Witte st... Pagina 612 van 710 pagina's
Controle 1: Hebt u de instellingen voor papier en afdrukkwaliteit
printkop.
Druk het controleraster voor de spuitopeningen af om te bepalen of de inkt op de juiste wijze uit de
spuitopeningen van de printkop wordt gespoten.
Raadpleeg Routineonderhoud voor het afdrukken van het controleraster voor de spuitopeningen, het
reinigen van de printkop en het uitvoeren van een diepte-reiniging van de printkop.
Als het controleraster voor de spuitopeningen niet correct wordt afgedrukt:
Controleer het patroon van het controleraster nadat u de printkop hebt gereinigd.
Als het probleem niet is opgelost nadat u de printkop tweemaal hebt gereinigd:
Voer een diepte-reiniging van de printkop uit.
Als het probleem niet is opgelost na de diepte-reiniging van de printkop, zet u het apparaat uit
en voert u na 24 uur nogmaals een diepte-reiniging van de printkop uit.
Als het probleem niet is opgelost nadat u de diepte-reiniging van de printkop tweemaal hebt
uitgevoerd:
De inkt is wellicht op. Vervang de FINE-inktpatroon.
Controle 4: Vervang een eventuele lege FINE-inktpatroon door een
nieuwe inktpatroon.
Controle 5: Als u papier met één bedrukbare zijde gebruikt, controleer
dan of het paper met de bedrukbare zijde naar boven is geplaatst.
Als u afdrukt op de verkeerde zijde van dit soort papier, kunnen de afdrukken onduidelijk worden of
kan de kwaliteit minder worden.
Raadpleeg de instructiehandleiding bij het papier voor meer informatie over de bedrukbare zijde.
Controle 6: Is de glasplaat vuil?
Reinig de glasplaat.
De glasplaat en de documentklep reinigen
e
.b
eventueel noodzakelijk onderhoud uit, zoals het reinigen van de
re
Controle 3: Druk het controleraster voor de spuitopeningen af en voer
or
nb
de
an
.v
w
Als u het vergrendelingsklepje van de inktpatroon sluit, drukt u op het vergrendelingsklepje tot het
vastklikt.
w
Open de scaneenheid (klep), open het vergrendelingsklepje van de inktpatroon en sluit het
vergrendelingsklepje.
w
Als het vergrendelingsklepje van de inktpatroon niet goed is gesloten, wordt de inkt mogelijk niet
goed uitgespoten.
m
Controle 2: Is de FINE-inktpatroon correct geplaatst?
fro
Afdrukresultaten niet naar behoren
d
de
oa
gecontroleerd?
Raadpleeg ook de volgende gedeelten als u gaat kopiëren:
nl
ow
D
Geen afdrukresultaten/Onduidelijke afdrukken/Onjuiste kleuren/Witte st... Pagina 613 van 710 pagina's
d
de
oa
Controle 7: Zorg dat het origineel correct op de glasplaat is geplaatst.
fro
m
Papier/originelen plaatsen
re
or
nb
de
an
.v
w
Controle 9: Hebt u een afdruk gekopieerd die met dit apparaat is
w
glasplaat geplaatst?
w
Controle 8: Is het origineel met de te kopiëren zijde omlaag op de
e
.b
gemaakt?
Alleen MP270 series: druk nogmaals af vanaf de digitale camera of vanaf de computer.
Alleen MP250 series: druk nogmaals af vanaf de computer.
De afdrukkwaliteit kan minder zijn als u een afdruk kopieert die met dit apparaat is gemaakt.
Naar boven
Pagina 614 van 710 pagina's
nl
ow
D
Kleuren zijn onduidelijk
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Afdrukresultaten niet naar behoren > Kleuren zijn onduidelijk
m
fro
Kleuren zijn onduidelijk
Controle 2: Is de FINE-inktpatroon correct geplaatst?
Als het vergrendelingsklepje van de inktpatroon niet goed is gesloten, wordt de inkt mogelijk niet
goed uitgespoten.
Open de scaneenheid (klep), open het vergrendelingsklepje van de inktpatroon en sluit het
vergrendelingsklepje.
Als u het vergrendelingsklepje van de inktpatroon sluit, drukt u op het vergrendelingsklepje tot het
vastklikt.
Controle 3: Vervang een eventuele lege FINE-inktpatroon door een
nieuwe inktpatroon.
Controle 4: Wordt het controleraster voor de spuitopeningen correct
afgedrukt?
Druk het controleraster voor de spuitopeningen af om te bepalen of de inkt op de juiste wijze uit de
spuitopeningen van de printkop wordt gespoten.
Raadpleeg Routineonderhoud voor het afdrukken van het controleraster voor de spuitopeningen, het
reinigen van de printkop en het uitvoeren van een diepte-reiniging van de printkop.
Als het controleraster voor de spuitopeningen niet correct wordt afgedrukt:
nadat u de printkop hebt gereinigd, controleert u het patroon van het controleraster.
Als het probleem niet is opgelost nadat u de printkop tweemaal hebt gereinigd:
voert u de diepte-reiniging van de printkop uit.
Als het probleem niet is opgelost na de diepte-reiniging van de printkop, zet u het apparaat uit
en voert u na 24 uur nogmaals een diepte-reiniging van de printkop uit.
Als het probleem niet is opgelost nadat u de diepte-reiniging van de printkop tweemaal hebt
uitgevoerd:
e
.b
Selecteer Kleuropties (Color Options) in het pop-upmenu in het dialoogvenster Afdrukken en
selecteer vervolgens Vivid Photo voor Kleurenmodus (Color Mode).
Selecteer in Mac OS X v.10.4.x of Mac OS X v.10.3.9 de optie Speciale effecten (Special Effects) in het
dialoogvenster Afdrukken en selecteer vervolgens Vivid Photo.
re
Selecteer in het dialoogvenster met printereigenschappen de optie Vivid Photo op het tabblad
Effecten (Effects).
or
nb
de
an
.v
w
Bij het afdrukken van foto’s of andere afbeeldingen kan het inschakelen van de kleurcorrectie (in het
printerstuurprogramma) de kleuren verbeteren.
w
w
Controle 1: Is de kleurcorrectie ingeschakeld?
De inkt is wellicht op. Vervang de FINE-inktpatroon.
d
de
oa
Opmerking
Pagina 615 van 710 pagina's
nl
ow
D
Kleuren zijn onduidelijk
m
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Naar boven
fro
De afgedrukte kleuren komen mogelijk niet overeen met de schermkleuren als gevolg van
fundamentele verschillen in de methoden die worden gebruikt om kleuren te produceren.
Instellingen voor kleurbeheer en omgevingsverschillen kunnen tevens de weergave van de kleuren
op het scherm beïnvloeden.
Pagina 616 van 710 pagina's
nl
ow
D
Lijnen worden verkeerd afgedrukt
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Afdrukresultaten niet naar behoren > Lijnen worden verkeerd afgedrukt
fro
m
Lijnen worden verkeerd afgedrukt
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Controle 1: Hebt u de instellingen voor papier en afdrukkwaliteit
gecontroleerd?
Afdrukresultaten niet naar behoren
Controle 2: Lijn de printkop uit.
Als u de printkop na de installatie niet hebt uitgelijnd, kunnen rechte lijnen verkeerd worden
afgedrukt.
De printkop uitlijnen
Opmerking
Als het probleem niet is opgelost na het uitlijnen van de printkop, voert u een handmatige
uitlijning van de printkop uit aan de hand van de aanwijzingen in Handmatig uitlijnen van de
printkop.
Controle 3: Is de omvang van de afdrukgegevens extreem groot?
Klik op Afdrukopties (Print Options) op het tabblad Pagina-instelling (Page Setup). Schakel in het
dialoogvenster dat wordt geopend het selectievakje Verlies van afdrukgegevens voorkomen (Prevent
loss of print data) in.
Controle 4: Wordt de functie Pagina-indeling afdrukken of Bindmarge
gebruikt?
Als de functie Pagina-indeling afdrukken of Bindmarge wordt gebruikt, worden dunne lijnen mogelijk
niet afgedrukt. Probeer de lijnen in het document dikker te maken.
Naar boven
Pagina 617 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afgedrukt papier krult om of vertoont inktvlekken
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Afdrukresultaten niet naar behoren > Afgedrukt papier krult om of
vertoont inktvlekken
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Afgedrukt papier krult om of vertoont inktvlekken
Controle 1: Hebt u de instellingen voor papier en afdrukkwaliteit
gecontroleerd?
Afdrukresultaten niet naar behoren
Controle 2: Als de intensiteit te hoog is ingesteld, verlaagt u de instelling
Intensiteit (Intensity) in het printerstuurprogramma en probeert u
opnieuw af te drukken.
Als u gewoon papier gebruikt voor het afdrukken van afbeeldingen met een hoge intensiteit,
absorbeert het papier mogelijk te veel inkt. Hierdoor kan het gaan golven en kan er papierschuring
ontstaan.
Controleer de intensiteit via het printerstuurprogramma.
De intensiteit aanpassen
Controle 3: Wordt er fotopapier gebruikt voor het afdrukken van foto's?
Als u gegevens afdrukt met een hoge kleurverzadiging, zoals foto's of afbeeldingen met diepe
kleuren, raden wij het gebruik van Glossy Foto Papier Extra II (Photo Paper Plus Glossy II) of ander
speciaal papier van Canon aan.
Papier/originelen plaatsen
Naar boven
Pagina 618 van 710 pagina's
nl
ow
D
Papier vertoont vlekken/Papieroppervlak vertoont krassen
d
de
oa
m
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Papier vertoont vlekken/Papieroppervlak vertoont krassen
fro
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Afdrukresultaten niet naar behoren > Papier vertoont vlekken/
Papieroppervlak vertoont krassen
Controle 1: Hebt u de instellingen voor papier en afdrukkwaliteit
gecontroleerd?
Afdrukresultaten niet naar behoren
Controle 2: Wordt de juiste papiersoort gebruikt? Controleer het
volgende:
Controleer of het papier waarop u afdrukt geschikt is voor het doel waarvoor het gebruikt wordt.
Papier/originelen plaatsen
Controleer als u afdrukt zonder marges of het gebruikte papier voor dit doel geschikt is.
Als het gebruikte papier niet geschikt is voor afdrukken zonder marges, kan de afdrukkwaliteit
aan de boven- en onderkant van het papier afnemen.
Afdrukgebied
Controle 3: Herstel het gekrulde papier en plaats het papier opnieuw.
Voor gewoon papier
Draai het papier om en plaats het zodanig dat het aan de andere kant bedrukt wordt.
Als het papier lange tijd in de achterste lade ligt, kan het ook gaan omkrullen. In dat geval kunt u
het papier het beste met de andere zijde naar boven in de lade plaatsen. Hiermee is het
probleem mogelijk verholpen.
Het is raadzaam ongebruikt papier weer in het pak te doen en het pak op een vlak oppervlak
neer te leggen.
Voor ander papier
Als het papier in de vier hoeken meer dan 0,1 inch / 3 mm (A) omhoog krult, kan de afdruk
vlekken vertonen of kan het papier onjuist worden ingevoerd. Volg in zulke gevallen de
onderstaande procedure om het gekrulde papier te corrigeren.
Pagina 619 van 710 pagina's
nl
ow
D
Papier vertoont vlekken/Papieroppervlak vertoont krassen
d
de
oa
m
fro
Het is raadzaam om teruggekruld papier met een vel tegelijk in te voeren.
Opmerking
Er zijn bepaalde mediumtypen die snel besmeurd raken of niet goed kunnen worden
ingevoerd, ook al krullen ze niet naar binnen. Volg in zulke gevallen de onderstaande
procedure om het papier maximaal 0,1 inch / 3 mm naar buiten te krullen (B) voordat u begint
met afdrukken. Hiermee wordt het afdrukresultaat mogelijk verbeterd.
(C) Afdrukzijde
Het is raadzaam om papier dat naar buiten krult met een vel tegelijk in te voeren.
Controle 4: Als u op dik papier afdrukt, selecteert u de instelling
Schuring van papier voorkomen (Prevent paper abrasion).
Schakel de instelling Schuring van papier voorkomen (Prevent paper abrasion) in om de afstand
tussen de printkop en het geplaatste papier groter te maken. Als u merkt dat de printkop over het
papier schuurt, zelfs wanneer het mediumtype juist is ingesteld voor het geladen papier, stelt u het
apparaat in op het voorkomen van papierschuring. U doet dit via het bedieningspaneel of het
printerstuurprogramma.
De afdruksnelheid neemt af als u de instelling Papierschuring voorkomen (Prevent paper abrasion)
inschakelt.
* Schakel de instelling Papierschuring voorkomen (Prevent paper abrasion) uit nadat het afdrukken
is voltooid. Als u de instelling niet uitschakelt, blijft deze ingeschakeld voor alle volgende
afdruktaken.
Instellen met het bedieningspaneel
Druk enkele keren op de knop Onderhoud (Maintenance) totdat r wordt weergegeven op het
LED-display. Druk vervolgens op de knop Zwart (Black) om de functie Schuring van papier in te
schakelen.
Als u de functie Schuring van papier wilt uitschakelen, drukt u enkele keren op de knop
Onderhoud (Maintenance) totdat r wordt weergegeven op het LED-display. Druk vervolgens op
de knop Kleur (Color) .
Instellen via het printerstuurprogramma
Open het dialoogvenster Printereigenschappen en ga naar het tabblad Onderhoud
(Maintenance). Schakel vervolgens onder Aangepaste instellingen (Custom Settings) het
selectievakje Schuring van papier voorkomen (Prevent paper abrasion) in en klik op Verzenden
e
.b
2. Controleer of het papier nu vlak is.
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
1. Rol het papier op tegen de richting van de krul in, zoals hieronder wordt weergegeven.
Pagina 620 van 710 pagina's
nl
ow
D
Papier vertoont vlekken/Papieroppervlak vertoont krassen
d
de
oa
(Send).
Zie Het dialoogvenster Printereigenschappen openen (Windows) voor het openen van het
dialoogvenster Printereigenschappen.
Het dialoogvenster Printereigenschappen openen (Windows)
Klik hier voor de MP270 series: printerstuurprogramma
Klik hier voor de MP250 series: printerstuurprogramma
* Voordat u hier klikt om het dialoogvenster met printereigenschappen te openen, sluit u de
actieve toepassing.
2. Selecteer op het tabblad Afdruk (Main) de optie Handmatig (Manual) voor Kleur/
Intensiteit (Color/Intensity) en klik vervolgens op Instellen (Set).
3. Pas de intensiteit aan met behulp van de schuifregelaar Intensiteit (Intensity) op
het tabblad Kleuraanpassing (Color Adjustment).
1. Open het dialoogvenster Afdrukken.
De dialoogvensters Pagina-instelling en Afdrukken openen (Macintosh)
2. Selecteer Kleuropties (Color Options) in het pop-upmenu.
3. Stel de gewenste intensiteit in met behulp van de schuifregelaar Intensiteit
(Intensity).
Controle 6: Wordt het afdrukken uitgevoerd buiten het aanbevolen
afdrukgebied?
Als u buiten het aanbevolen afdrukgebied van het papier afdrukt, kunnen er vlekken ontstaan op de
onderste rand van het papier.
Wijzig het formaat van het origineel in uw toepassing.
Afdrukgebied
Controle 7: Is de glasplaat vuil?
Reinig de glasplaat.
e
.b
1. Open het dialoogvenster Printereigenschappen.
re
Als u gewoon papier gebruikt voor het afdrukken van afbeeldingen met een hoge intensiteit,
absorbeert het papier mogelijk te veel inkt. Hierdoor kan het gaan golven en kan er papierschuring
ontstaan.
Verlaag de Intensiteit (Intensity) in het printerstuurprogramma en probeer opnieuw af te drukken.
or
nb
de
an
.v
w
opnieuw af te drukken.
w
Intensiteit (Intensity) in het printerstuurprogramma en probeert u
w
Controle 5: Als de intensiteit te hoog is ingesteld, verlaagt u de instelling
m
fro
Selecteer in Canon IJ Printer Utility de optie Aangepaste instellingen (Custom Settings) in het
pop-upmenu, schakel het selectievakje Schuring van papier voorkomen (Prevent paper
abrasion) in en klik vervolgens op Verzenden (Send).
Zie Canon IJ Printer Utility openen (Macintosh) voor het openen van de Canon IJ Printer Utility.
De glasplaat en de documentklep reinigen
Pagina 621 van 710 pagina's
nl
ow
D
Papier vertoont vlekken/Papieroppervlak vertoont krassen
d
de
oa
Controle 8: Is het binnenste van het apparaat vuil?
1. Zorg dat het apparaat is ingeschakeld.
2. Open het dialoogvenster Printereigenschappen.
Het dialoogvenster Printereigenschappen openen (Windows)
3. Klik op het tabblad Onderhoud (Maintenance) en vervolgens op Aangepaste
instellingen (Custom Settings).
4. Stel de gewenste wachttijd in met behulp van de schuifregelaar Droogtijd inkt
(Ink Drying Wait Time) en klik op Verzenden (Send).
5. Bevestig het bericht en klik op OK.
1. Zorg dat het apparaat is ingeschakeld.
2. Open Canon IJ Printer Utility.
Canon IJ Printer Utility openen (Macintosh)
3. Selecteer Aangepaste instellingen (Custom Settings) in het pop-upmenu.
4. Stel de gewenste wachttijd in met behulp van de schuifregelaar Droogtijd inkt
(Ink Drying Wait Time) en klik op Verzenden (Send).
5. Bevestig het bericht en klik op OK.
Controle 10: Wordt het papier bekrast door ander geplaatst papier?
Afhankelijk van het mediumtype kan het papier door ander geplaatst papier worden bekrast tijdens
de invoer vanuit de achterste lade. Plaats in dat geval maar een vel tegelijk.
Naar boven
e
.b
Op die manier geeft u het afgedrukte oppervlak voldoende tijd om te drogen, zodat er geen
inktvlekken en krassen ontstaan.
re
wachttijd in.
or
nb
de
an
.v
w
Controle 9: Stel bij Droogtijd inkt (Ink Drying Wait Time) een langere
w
Opmerking
Stel het paginaformaat correct in om te voorkomen dat er vlekken aan de binnenkant van het
apparaat ontstaan.
w
Routineonderhoud
m
Maak de binnenzijde van het apparaat schoon door een reiniging van de onderste plaat uit te voeren.
fro
Als u dubbelzijdig afdrukt, kunnen er inktvlekken in het binnenste van het apparaat achterblijven
waardoor de afdrukken besmeurd kunnen raken.
Pagina 622 van 710 pagina's
nl
ow
D
Vegen op de achterzijde van het papier
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Afdrukresultaten niet naar behoren > Vegen op de achterzijde van het
papier
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Vegen op de achterzijde van het papier
Controle 1: Hebt u de instellingen voor papier en afdrukkwaliteit
gecontroleerd?
Afdrukresultaten niet naar behoren
Controle 2: Maak de binnenzijde van het apparaat schoon door een
reiniging van de onderste plaat uit te voeren.
Routineonderhoud
Opmerking
Als u zonder marges, dubbelzijdig of teveel afdrukt, kunnen er inktvlekken in het binnenste van
de printer achterblijven.
Naar boven
Pagina 623 van 710 pagina's
nl
ow
D
Er worden verticale lijnen afgedrukt op de zijden van de afdruk
d
de
oa
m
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Er worden verticale lijnen afgedrukt op de zijden van de afdruk
fro
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Afdrukresultaten niet naar behoren > Er worden verticale lijnen
afgedrukt op de zijden van de afdruk
Controle 1: Hebt u de instellingen voor papiersoort en afdrukkwaliteit
gecontroleerd?
Afdrukresultaten niet naar behoren
Controle 2: Is het juiste papierformaat geplaatst?
De verticale lijnen worden mogelijk afgedrukt in de marge wanneer het formaat van het geplaatste
papier groter is dan is opgegeven in het printerstuurprogramma.
Stel het juiste papierformaat in voor het geplaatste papier.
Afdrukresultaten niet naar behoren
Opmerking
De richting van het verticale lijnenpatroon hangt af van de afbeeldingsgegevens en de
afdrukinstelling.
Dit apparaat voert indien nodig een automatische reiniging uit om te voorkomen dat afdrukken
vuil worden. Bij het reinigen wordt een klein beetje inkt uitgespoten.
De inkt wordt gewoonlijk op het absorptiekussen gespoten. Als u echter papier plaatst dat
groter is dan is opgegeven met het printerstuurprogramma, kan de inkt op het papier
terechtkomen.
Naar boven
Pagina 624 van 710 pagina's
nl
ow
D
Kleuren zijn ongelijkmatig of vertonen strepen
d
de
oa
m
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Kleuren zijn ongelijkmatig of vertonen strepen
fro
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Afdrukresultaten niet naar behoren > Kleuren zijn ongelijkmatig of
vertonen strepen
Controle 1: Hebt u de instellingen voor papier en afdrukkwaliteit
gecontroleerd?
Afdrukresultaten niet naar behoren
Controle 2: Druk het controleraster voor de spuitopeningen af en voer
eventueel noodzakelijk onderhoud uit, zoals het reinigen van de
printkop.
Druk het controleraster voor de spuitopeningen af om te bepalen of de inkt op de juiste wijze uit de
spuitopeningen van de printkop wordt gespoten.
Raadpleeg Routineonderhoud voor het afdrukken van het controleraster voor de spuitopeningen, het
reinigen van de printkop en het uitvoeren van een diepte-reiniging van de printkop.
Als het controleraster voor de spuitopeningen niet correct wordt afgedrukt:
Controleer het patroon van het controleraster nadat u de printerkop hebt gereinigd.
Als het probleem niet is opgelost nadat u de printkop tweemaal hebt gereinigd:
Voer een diepte-reiniging van de printkop uit.
Als het probleem niet is opgelost na de diepte-reiniging van de printkop, zet u het apparaat uit
en voert u na 24 uur nogmaals een diepte-reiniging van de printkop uit.
Als het probleem niet is opgelost nadat u de diepte-reiniging van de printkop tweemaal hebt
uitgevoerd:
De inkt is wellicht op. Vervang de FINE-inktpatroon.
Controle 3: Lijn de printkop uit.
d
de
oa
De printkop uitlijnen
Pagina 625 van 710 pagina's
nl
ow
D
Kleuren zijn ongelijkmatig of vertonen strepen
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Naar boven
m
Als het probleem niet is opgelost na het uitlijnen van de printkop, voert u een handmatige
uitlijning van de printkop uit aan de hand van de aanwijzingen in Handmatig uitlijnen van de
printkop.
fro
Opmerking
Pagina 626 van 710 pagina's
nl
ow
D
De afdruktaak wordt niet gestart
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > De afdruktaak wordt niet gestart
m
fro
De afdruktaak wordt niet gestart
Het apparaat is bezig met initialiseren zolang het aan/uit-lampje groen knippert. Wacht totdat het
lampje AAN/UIT (Power) niet meer knippert en continue groen blijft branden.
Controle 2: Controleer of de USB-kabel goed is aangesloten op het
apparaat en de computer en controleer daarna het volgende:
Als u een doorschakelapparaat zoals een USB-hub gebruikt, maakt u dit los en sluit u het
apparaat rechtstreeks aan op de computer. Probeer opnieuw af te drukken. Als het afdrukken
normaal wordt gestart, is er een probleem met het doorschakelapparaat. Neem contact op met
de verkoper van uw doorschakelapparaat voor meer informatie.
Er kan ook een probleem met de USB-kabel zijn. Vervang de USB-kabel en probeer nogmaals
af te drukken.
Controle 3: Start de computer opnieuw op als u afdrukt vanaf de
computer.
Verwijder eventuele overbodige afdruktaken.
Een ongewenste afdruktaak verwijderen
Controle 4: Controleer of de naam van het apparaat is geselecteerd in
het dialoogvenster Afdrukken.
Het apparaat drukt niet goed af als u een stuurprogramma voor een andere printer gebruikt.
Controleer in Windows of de naam van uw apparaat is geselecteerd in het dialoogvenster
Afdrukken.
Controleer op een Macintosh of de naam van uw printer is geselecteerd bij Printer in het
dialoogvenster Afdrukken.
Opmerking
Als u het apparaat wilt instellen als standaardprinter, schakelt u Als standaardprinter instellen
(Set as Default Printer) (Windows), Standaardprinter (Default Printer) of Maak standaard (Make
Default) (Macintosh) in.
Controle 5: Configureer de printerpoort op de juiste wijze.
Configureer 'USBnnn' (waarbij 'n' een getal is) als de printerpoort.
1. Meld u aan bij een gebruikersaccount met beheerdersrechten.
2. Klik op Configuratiescherm (Control Panel) en vervolgens op Printer onder
Hardware en geluiden (Hardware and Sound).
e
.b
Als u omvangrijke gegevens afdrukt, bijvoorbeeld een foto of afbeelding, kan het langer duren
voordat met afdrukken wordt gestart. Zolang het aan/uit-lampje groen knippert, is de computer
bezig met het verwerken van gegevens en het versturen van gegevens naar het apparaat.
Wacht totdat het afdrukken wordt gestart.
re
Opmerking
or
nb
de
an
.v
w
apparaat vervolgens aan.
w
w
Controle 1: Controleer of de stekker goed is aangesloten en zet het
Pagina 627 van 710 pagina's
nl
ow
D
De afdruktaak wordt niet gestart
d
de
oa
Klik in Windows XP op Configuratiescherm (Control Panel), Printers en andere hardware
(Printers and Other Hardware) en vervolgens op Printers en faxapparaten (Printers and Faxes).
Klik in Windows 2000 op Configuratiescherm (Control Panel) en vervolgens op Printers.
m
4. Klik op het tabblad Poorten (Ports) om de poortinstellingen te bevestigen.
Klik op Afdrukopties (Print Options) op het tabblad Pagina-instelling (Page Setup). Schakel in het
dialoogvenster dat wordt geopend het selectievakje Verlies van afdrukgegevens voorkomen (Prevent
loss of print data) in.
Naar boven
e
.b
Controle 6: Is de omvang van de afdrukgegevens extreem groot?
re
Zorg dat voor Afdrukken naar de volgende poort(en) (Print to the following port(s)) een poort met
de naam USBnnn (waarbij 'n' een getal is) is geselecteerd, waarbij Canon XXX Printer wordt
weergegeven in de kolom Printer.
Als de instelling niet juist is, moet u MP Drivers opnieuw installeren of de printerpoort wijzigen
in de juiste poort.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
vervolgens Eigenschappen (Properties).
fro
3. Klik met de rechtermuisknop op het pictogram Canon XXX Printer en selecteer
Pagina 628 van 710 pagina's
nl
ow
D
Kopieer-/afdruktaak wordt beëindigd voordat deze is voltooid
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Kopieer-/afdruktaak wordt beëindigd voordat deze is voltooid
m
fro
Kopieer-/afdruktaak wordt beëindigd voordat deze is voltooid
Ook als het apparaat gedurende een bepaalde periode doorlopend afbeeldingen of foto's met felle
kleuren heeft afgedrukt, kan het afdrukken worden stopgezet om de printkop te beschermen. In dat
geval wordt het afdrukken niet automatisch hervat. Schakel het apparaat ten minste 15 minuten uit.
Let op
De printkop en het omringende gebied kunnen extreem heet worden in het apparaat. Raak de
printkop en de nabijgelegen onderdelen niet aan.
Controle 2: Is er papier geplaatst?
Controleer of er papier in de achterste lade geplaatst is.
Plaats nieuw papier als het papier op is.
Controle 3: Bevatten de af te drukken documenten veel foto's of
illustraties?
Als u omvangrijke gegevens afdrukt zoals foto's of afbeeldingen, hebben het apparaat en de
computer tijd nodig om deze te verwerken, zodat het soms lijkt alsof het apparaat is gestopt.
Ook als u gegevens afdrukt waarbij voortdurend veel inkt op normaal papier wordt gebruikt, zal het
apparaat af en toe een pauze inlassen. Wacht in beide gevallen totdat dit proces is voltooid.
Opmerking
Als u een document afdrukt met een groot afdrukgebied of meerdere exemplaren van een
document, wordt het afdrukken soms stopgezet om de inkt te laten drogen.
Controle 4: Als de kopieertaak stopt voordat deze is voltooid, probeert u
opnieuw te kopiëren.
Als er tijdens het kopiëren enkele fouten zijn opgetreden, stopt het apparaat na enige tijd met de
kopieertaak.
Naar boven
e
.b
Onderbreek in dit geval de afdruktaak op een geschikt moment en schakel het apparaat vervolgens
gedurende ten minste 15 minuten uit.
re
Als het apparaat gedurende langere tijd doorlopend heeft afgedrukt, kan de printkop oververhit
raken. Om de printkop te beschermen, kan het apparaat aan het einde van een regel gedurende
een bepaalde tijd stoppen en vervolgens het afdrukken weer hervatten.
or
nb
de
an
.v
w
afgedrukt?
w
w
Controle 1: Heeft het apparaat gedurende lange tijd voortdurend
Pagina 629 van 710 pagina's
nl
ow
D
Het apparaat beweegt maar er wordt geen inkt toegevoerd
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Het apparaat beweegt maar er wordt geen inkt toegevoerd
m
fro
Het apparaat beweegt maar er wordt geen inkt toegevoerd
Druk het controleraster voor de spuitopeningen af om te bepalen of de inkt op de juiste wijze uit de
spuitopeningen van de printkop wordt gespoten.
Controle 2: Is de FINE-inktpatroon correct geplaatst?
Als het vergrendelingsklepje van de inktpatroon niet goed is gesloten, wordt de inkt mogelijk niet
goed uitgespoten.
Open de scaneenheid (klep), open het vergrendelingsklepje van de inktpatroon en sluit het
vergrendelingsklepje.
Als u het vergrendelingsklepje van de inktpatroon sluit, drukt u op het vergrendelingsklepje tot het
vastklikt.
Controle 3: Vervang een eventuele lege FINE-inktpatroon door een
nieuwe inktpatroon.
Naar boven
e
.b
Als het controleraster voor de spuitopeningen niet correct wordt afgedrukt:
Controleer het patroon van het controleraster nadat u de printerkop hebt gereinigd.
Als het probleem niet is opgelost nadat u de printkop tweemaal hebt gereinigd:
Voer een diepte-reiniging van de printkop uit.
Als het probleem niet is opgelost na de diepte-reiniging van de printkop, zet u het apparaat uit
en voert u na 24 uur nogmaals een diepte-reiniging van de printkop uit.
Als het probleem niet is opgelost nadat u de diepte-reiniging van de printkop tweemaal hebt
uitgevoerd:
De inkt is wellicht op. Vervang de FINE-inktpatroon.
re
Raadpleeg Routineonderhoud voor het afdrukken van het controleraster voor de spuitopeningen, het
reinigen van de printkop en het uitvoeren van een diepte-reiniging van de printkop.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Controle 1: Zijn de spuitopeningen van de printkop verstopt?
Pagina 630 van 710 pagina's
nl
ow
D
De afdruksnelheid is lager dan verwacht
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > De afdruksnelheid is lager dan verwacht
fro
m
De afdruksnelheid is lager dan verwacht
De afdruksnelheid wordt verlaagd als u de Stille modus (Quiet Mode) hebt ingeschakeld in het
printerstuurprogramma. Schakel de Stille modus (Quiet Mode) uit als u sneller wilt printen.
re
or
nb
de
an
.v
w
Mode)?
w
w
Controle 1: Wordt het afdrukken uitgevoerd in de Stille modus (Quiet
e
.b
Het geluid van het apparaat verminderen
Controle 2: Is de afdrukkwaliteit te hoog ingesteld?
Verhoog de instellingen voor de afdruksnelheid in het printerstuurprogramma. Als u de snelheid
verhoogt, verloopt het afdrukken sneller.
1. Open het dialoogvenster Printereigenschappen.
Het dialoogvenster Printereigenschappen openen (Windows)
Klik hier voor de MP270 series: printerstuurprogramma
Klik hier voor de MP250 series: printerstuurprogramma
* Voordat u hier klikt om het dialoogvenster met printereigenschappen te openen, sluit u de
actieve toepassing.
2. Selecteer op het tabblad Afdruk (Main) de optie Snel (Fast) voor de instelling
Afdrukkwaliteit (Print Quality).
Afhankelijk van het mediumtype is het mogelijk dat de optie Snel (Fast) niet beschikbaar is.
1. Open het dialoogvenster Afdrukken.
De dialoogvensters Pagina-instelling en Afdrukken openen (Macintosh)
2. Selecteer Kwaliteit en media (Quality & Media) in het pop-upmenu en selecteer
vervolgens Snel (Fast) voor de instelling Afdrukkwaliteit (Print Quality).
Afhankelijk van het mediumtype is het mogelijk dat de optie Snel (Fast) niet beschikbaar is.
Opmerking
De afdruksnelheid zal niet altijd merkbaar verbeteren als u de bovenstaande instructies volgt. Dit is
afhankelijk van uw systeemomgeving.
Naar boven
Pagina 631 van 710 pagina's
nl
ow
D
FINE-patroonhouder schuift niet naar de vervangingspositie
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > FINE-patroonhouder schuift niet naar de vervangingspositie
m
fro
FINE-patroonhouder schuift niet naar de vervangingspositie
Controleer of het aan/uit-lampje groen brandt.
De FINE-patroonhouder kan zich uitsluitend verplaatsen wanneer de printer is ingeschakeld. Als het
aan/uit-lampje uit is, sluit u de scaneenheid (klep) en zet u het apparaat aan.
Sluit de scaneenheid (klep), controleer welke foutcode wordt weergegeven en neem de juiste
maatregelen om het probleem op te lossen. Open de klep vervolgens opnieuw. Raadpleeg Er wordt
een foutcode weergegeven op het LED-display voor meer informatie over het oplossen van
problemen.
Controle 3: Heeft de scaneenheid (klep) langer dan 10 minuten
opengestaan?
Als de scaneenheid (klep) langer dan 10 minuten heeft opengestaan, wordt de FINE-patroonhouder
naar de rechterzijde verplaatst om te voorkomen dat de printkop uitdroogt. Sluit de scaneenheid
(klep) en open deze opnieuw zodat de FINE-patroonhouder weer naar links beweegt.
Controle 4: Heeft het apparaat gedurende lange tijd voortdurend
afgedrukt?
Sluit de scaneenheid (klep), wacht een tijdje en open de scaneenheid opnieuw.
Als het apparaat gedurende lange tijd voortdurend heeft afgedrukt, beweegt de FINE-patroonhouder
mogelijk niet naar het midden omdat de printkop oververhit kan raken.
Opmerking
Als de scaneenheid (klep) tijdens het afdrukken wordt geopend, wordt de FINE-patroonhouder naar
rechts verplaatst. Sluit de scaneenheid (klep) en open deze pas weer nadat het afdrukken is
voltooid.
Naar boven
e
.b
Controle 2: Wordt er een foutcode weergegeven op het LED-display?
re
Het apparaat is bezig met initialiseren zolang het aan/uit-lampje groen knippert. Wacht totdat het
aan/uit-lampje stopt met knipperen en continu groen blijft branden voordat u de scaneenheid (klep)
weer opent.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Controle 1: Is het aan/uit-lampje uit?
Pagina 632 van 710 pagina's
nl
ow
D
Het papier wordt niet correct ingevoerd
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Het papier wordt niet correct ingevoerd
m
fro
Het papier wordt niet correct ingevoerd
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
Als u twee of meer vellen papier plaatst, moet u het papier uitwaaieren voordat u het papier
plaatst.
w
w
Controle 1: Let op het volgende bij het plaatsen van papier in de printer.
Als u twee of meer vellen papier plaatst, moet u ervoor zorgen dat de stapel papier de
maximumcapaciteit van het apparaat niet overschrijdt.
Bij de maximumcapaciteit kan het papier mogelijk niet correct worden ingevoerd, afhankelijk
van de papiersoort of de omgevingsomstandigheden (zeer hoge of lage temperaturen en
luchtvochtigheid). Plaats in dergelijke gevallen per keer niet meer vellen dan de helft van de
maximumcapaciteit.
Plaats het papier altijd in de lengterichting, ongeacht de afdrukrichting.
Wanneer u het papier in de achterste lade laadt, plaatst u het papier met de afdrukzijde naar
BOVEN en schuift u de papiergeleiders tegen de zijkanten van het papier.
Papier/originelen plaatsen
Controle 2: Controleer of het papier waarop u afdrukt, niet te dik of
gekruld is.
Papier/originelen plaatsen
Controle 3: Let op het volgende bij het plaatsen van enveloppen in de
printer.
Raadpleeg Papier/originelen plaatsen wanneer u enveloppen afdrukt, en bereid de enveloppen voor
voordat u begint met afdrukken.
Plaats de enveloppen nadat u deze hebt voorbereid in de lengterichting in de printer. Als u de
enveloppen in de breedterichting plaatst, worden ze niet goed ingevoerd.
Controle 4: Controleer of zich geen vreemde voorwerpen in de
achterste lade bevinden.
Pagina 633 van 710 pagina's
nl
ow
D
Het papier wordt niet correct ingevoerd
Als het papier in de achterste lade scheurt, raadpleegt u Papierstoringen voor het verwijderen ervan.
d
de
oa
Als er vreemde voorwerpen in de achterste lade zitten, zet u het apparaat uit, haalt u de stekker uit
het stopcontact en verwijdert u het voorwerp.
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Naar boven
Pagina 634 van 710 pagina's
nl
ow
D
Papierstoringen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Papierstoringen
fro
m
Papierstoringen
Als u het apparaat uit moet schakelen om papier te verwijderen dat tijdens het afdrukken is
vastgelopen, drukt u op de knop Stoppen/herstellen (Stop/Reset) om afdruktaken te annuleren
voordat u het apparaat uitschakelt.
e
.b
re
Papier is vastgelopen in de papieruitvoeropening of de achterste lade
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Opmerking
In andere gevallen
Naar boven
Pagina 635 van 710 pagina's
nl
ow
D
Papier is vastgelopen in de papieruitvoeropening of de achterste lade
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Papierstoringen > Papier is vastgelopen in de papieruitvoeropening of
de achterste lade
Verwijder het papier aan de hand van de volgende procedure.
e
.b
manier die het gemakkelijkst is.)
re
1. Trek het papier langzaam uit de achterste lade of de papieruitvoeropening. (Kies de
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Papier is vastgelopen in de papieruitvoeropening of de
achterste lade
Opmerking
Als het papier scheurt en er een stuk papier in het apparaat achterblijft, schakelt u het apparaat
uit, opent u de scaneenheid (klep) en verwijdert u het stuk papier.
Raak de interne onderdelen van het apparaat niet aan.
Nadat u al het papier hebt verwijderd, sluit u de scaneenheid (klep) en schakelt u het apparaat
weer in.
Als u het papier niet kunt verwijderen, schakelt u het apparaat uit en vervolgens weer in. Het
papier wordt dan mogelijk automatisch uitgevoerd.
2. Plaats het papier opnieuw en druk op de knop Stoppen/herstellen (Stop/Reset)
op het apparaat.
Als u het apparaat bij stap 1 hebt uitgeschakeld, zijn alle afdruktaken in de wachtrij geannuleerd.
Druk de taken zo nodig opnieuw af.
Opmerking
Let er tijdens het opnieuw plaatsen van het papier op of u de juiste papiersoort gebruikt en het
papier correct wordt geplaatst.
Papier/originelen plaatsen
Papier van A5-formaat is geschikt om documenten af te drukken die voornamelijk uit tekst
bestaan. Het is niet raadzaam om op dit soort papier documenten met foto's of afbeeldingen af
te drukken, omdat de afdruk kan omkrullen en kan vastlopen tijdens het uitvoeren.
Neem contact op met het ondersteuningscentrum als u het papier niet kunt verwijderen, het papier in het
apparaat scheurt of het foutbericht niet verdwijnt nadat u het vastgelopen papier hebt verwijderd.
Naar boven
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Papierstoringen > In andere gevallen
Pagina 636 van 710 pagina's
nl
ow
D
In andere gevallen
fro
m
In andere gevallen
w
w
Controle 1: Bevinden zich vreemde voorwerpen bij de
papieruitvoeropening?
Als er vreemde voorwerpen in de achterste lade zitten, zet u het apparaat uit, haalt u de stekker uit
het stopcontact en verwijdert u het voorwerp.
Controle 3: Is het papier gekruld?
Controle 3: Herstel het gekrulde papier en plaats het papier opnieuw.
Naar boven
e
.b
Controle 2: Bevinden zich vreemde voorwerpen in de achterste lade?
re
or
nb
de
an
.v
w
Voer de volgende controles uit:
Pagina 637 van 710 pagina's
nl
ow
D
Er wordt een bericht weergegeven op het computerscherm
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Er wordt een bericht weergegeven op het computerscherm
m
fro
Er wordt een bericht weergegeven op het computerscherm
Foutcode: 1700 wordt weergegeven
Inktinformatienummer: 1688 wordt weergegeven
Inktinfonummer: 1686 wordt weergegeven
Foutcode: 2001 wordt weergegeven (alleen MP270 series)
Foutcode: 2002 wordt weergegeven (alleen MP270 series)
Andere foutberichten
Het venster Inkjetprinter/Scanner/Fax - Extended Survey Program wordt weergegeven
Het pictogram Inkjetprinter/Scanner/Fax - Extended Survey Program wordt weergegeven
Foutcode: B200 Er is een printerfout opgetreden. Zet de printer uit en verwijder het
netsnoer van de printer uit het stopcontact. Neem vervolgens contact op met het
ondersteuningscentrum. wordt weergegeven
Zet het apparaat uit en trek de stekker van het apparaat uit het stopcontact.
Neem contact op met het ondersteuningscentrum.
Foutcode: **** Er is een printerfout opgetreden. Zet de printer uit en weer aan. Als de fout
zich blijft voordoen, raadpleegt u de gebruikershandleiding voor meer informatie. wordt
weergegeven
****' staat voor een alfanumerieke tekencombinatie en is afhankelijk van de opgetreden fout.
5100 wordt weergegeven
Controleer of de beweging van de FINE-patroonhouder wordt geblokkeerd.
Annuleer het afdrukken vanaf de computer en zet het apparaat uit. Verwijder het vastgelopen
papier of beschermende materiaal waardoor de beweging van de FINE-patroonhouder wordt
belemmerd en zet het apparaat weer aan.
Belangrijk
Raak de interne onderdelen van het apparaat niet aan. Als u deze toch aanraakt, drukt de
printer mogelijk niet goed meer af.
Als het probleem hiermee niet is verholpen, neemt u contact op met het
ondersteuningscentrum.
6000 wordt weergegeven
Verwijder eventuele objecten die voor het apparaat zijn geplaatst.
Open de papieruitvoerlade voorzichtig en schakel het apparaat vervolgens uit en aan.
Een viercijferige alfanumerieke code en 'Er is een printerfout opgetreden' wordt
weergegeven
e
.b
Foutcode: 300 wordt weergegeven
re
Schrijffout/Uitvoerfout/Communicatiefout
or
nb
de
an
.v
w
Foutcode: **** Er is een printerfout opgetreden. Zet de printer uit en weer aan. Als de fout zich blijft
voordoen, raadpleegt u de gebruikershandleiding voor meer informatie. wordt weergegeven
w
w
Foutcode: B200 Er is een printerfout opgetreden. Zet de printer uit en verwijder het netsnoer van de
printer uit het stopcontact. Neem vervolgens contact op met het ondersteuningscentrum. wordt
weergegeven
Zet het apparaat uit en trek de stekker van het apparaat uit het stopcontact.
Pagina 638 van 710 pagina's
nl
ow
D
Er wordt een bericht weergegeven op het computerscherm
m
fro
Als het probleem hiermee niet is verholpen, neemt u contact op met het
ondersteuningscentrum.
d
de
oa
Steek de stekker van het apparaat weer in het stopcontact en zet het apparaat weer aan.
* In de volgende instructies verwijst "XXX" naar de naam van uw apparaat.
1.
Meld u aan bij een gebruikersaccount met beheerdersrechten.
2.
Klik op Configuratiescherm (Control Panel) en vervolgens op Printer onder Hardware
en geluiden (Hardware and Sound).
Klik in Windows XP op Configuratiescherm (Control Panel), Printers en andere hardware
(Printers and Other Hardware) en vervolgens op Printers en faxapparaten (Printers and
Faxes).
Klik in Windows 2000 op Configuratiescherm (Control Panel) en vervolgens op Printers.
3.
Klik met de rechtermuisknop op het pictogram Canon XXX Printer en selecteer
vervolgens Eigenschappen (Properties).
4.
Klik op het tabblad Poorten (Ports) om de poortinstellingen te bevestigen.
Zorg dat voor Afdrukken naar de volgende poort(en) (Print to the following port(s)) een
poort met de naam USBnnn (waarbij 'n' een getal is) is geselecteerd, waarbij Canon XXX
Printer wordt weergegeven in de kolom Printer.
Als de poortinstellingen onjuist zijn, wijzigt u de poortinstellingen al naar gelang de
interface die u gebruikt of installeert u MP Drivers opnieuw.
Controle 3: Controleer of de USB-kabel goed is aangesloten op het apparaat en
de computer.
Als u een doorschakelapparaat zoals een USB-hub gebruikt, maakt u dit los en sluit u
het apparaat rechtstreeks aan op de computer. Probeer opnieuw af te drukken. Als het
afdrukken normaal wordt gestart, is er een probleem met het doorschakelapparaat.
Neem contact op met de verkoper van uw doorschakelapparaat voor meer informatie.
Er kan ook een probleem met de USB-kabel zijn. Vervang de USB-kabel en probeer
nogmaals af te drukken.
Controle 4: Controleer of MP Drivers correct is geïnstalleerd.
Maak de installatie van MP Drivers ongedaan volgens de procedure die is beschreven in
Onnodige MP Drivers verwijderen . Plaats de installatie-cd-rom (Setup CD-ROM) in het
schijfstation van de computer, voer een Aangepaste installatie (Custom Install) uit en
selecteer vervolgens MP Drivers om deze opnieuw te installeren.
Controle 5: Controleer de status van het apparaat op uw computer.
Volg de onderstaande procedure om de status van het apparaat te controleren.
1.
Klik achtereenvolgens op Configuratiescherm (Control Panel), Hardware en geluiden
(Hardware and Sound) en Apparaatbeheer (Device Manager).
Als het venster Gebruikersaccountbeheer (User Account Control) wordt geopend, volgt u
e
.b
Controle 2: Controleer of de printerpoort correct is geconfigureerd in het
printerstuurprogramma.
re
Het apparaat is bezig met initialiseren zolang het aan/uit-lampje groen knippert. Wacht totdat
het lampje AAN/UIT (Power) niet meer knippert en continue groen blijft branden.
or
nb
de
an
.v
w
Controle 1: Als het aan/uit -lampje uit is, controleert u of de stekker in het
stopcontact zit en zet u het apparaat vervolgens aan.
w
w
Schrijffout/Uitvoerfout/Communicatiefout
Pagina 639 van 710 pagina's
nl
ow
D
Er wordt een bericht weergegeven op het computerscherm
d
de
oa
de aanwijzingen op het scherm.
Klik in Windows XP achtereenvolgens opConfiguratiescherm (Control Panel), Prestaties
en onderhoud (Performance and Maintenance) en Systeem (System). Klik vervolgens op
Apparaatbeheer (Device Manager) op het tabblad Hardware.
Klik in Windows 2000 op Configuratiescherm (Control Panel) en op Systeem (System).
Klik vervolgens op Apparaatbeheer (Device Manager) op het tabblad Hardware.
m
fro
Dubbelklik op USB-controllers (Universal Serial Bus controllers) en vervolgens op
Ondersteuning voor USB-afdrukken (USB Printing Support).
Klik op de tab Algemeen (General) en controleer of er geen problemen met het
apparaat worden weergegeven.
Als er een apparaatfout wordt weergegeven, raadpleegt u de Windows Help om de fout te
verhelpen.
Foutcode: 300 wordt weergegeven
Controle 1: Als het aan/uit -lampje uit is, controleert u of de stekker in het
stopcontact zit en zet u het apparaat vervolgens aan.
Het apparaat is bezig met initialiseren zolang het aan/uit-lampje groen knippert. Wacht totdat
het lampje AAN/UIT (Power) niet meer knippert en continue groen blijft branden.
Controle 2: Controleer of de USB-kabel goed is aangesloten op het apparaat en
de computer.
Als u een doorschakelapparaat zoals een USB-hub gebruikt, maakt u dit los en sluit u
het apparaat rechtstreeks aan op de computer. Probeer opnieuw af te drukken. Als het
afdrukken normaal wordt gestart, is er een probleem met het doorschakelapparaat.
Neem contact op met de verkoper van uw doorschakelapparaat voor meer informatie.
Er kan ook een probleem met de USB-kabel zijn. Vervang de USB-kabel en probeer
nogmaals af te drukken.
Controle 3: Controleer of de naam van het apparaat is geselecteerd in het
dialoogvenster Afdrukken.
De dialoogvensters Pagina-instelling en Afdrukken openen (Macintosh)
Foutcode: 1700 wordt weergegeven
Zie E, 0, 8 in Er wordt een foutcode weergegeven op het LED-display en neem
de juiste maatregelen.
Inktinfonummer: 1688 wordt weergegeven
Zie E, 1, 6 in Er wordt een foutcode weergegeven op het LED-display en neem
de juiste maatregelen.
Inktinfonummer: 1686 wordt weergegeven
Zie E, 1, 3 in Er wordt een foutcode weergegeven op het LED-display en neem
de juiste maatregelen.
e
.b
3.
re
Als Ondersteuning voor USB-afdrukken (USB Printing Support) niet wordt weergegeven,
controleert u of het apparaat goed op de computer is aangesloten.
Controle 3: Controleer of de USB-kabel goed is aangesloten op het apparaat en de
computer.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
2.
m
fro
Zie E, 0, 9 in Er wordt een foutcode weergegeven op het LED-display en neem
de juiste maatregelen.
d
de
oa
Foutcode: 2001 wordt weergegeven (alleen MP270 series)
Pagina 640 van 710 pagina's
nl
ow
D
Er wordt een bericht weergegeven op het computerscherm
Zie E, 1, 9 in Er wordt een foutcode weergegeven op het LED-display en neem
de juiste maatregelen.
Andere foutberichten
Controle: Controleer het volgende als er een foutbericht buiten de
printerstatusmonitor wordt weergegeven.
'Kan niet spoolen wegens onvoldoende schijfruimte' ("Could not spool successfully
due to insufficient disk space")
Verwijder onnodige bestanden om schijfruimte vrij te maken.
'Kan niet spoolen wegens onvoldoende geheugen' ("Could not spool successfully due
to insufficient memory")
Verhoog de hoeveelheid geheugen door andere actieve toepassingen te sluiten.
Als u nog steeds niet kunt afdrukken, start u uw computer opnieuw op en probeert u
vervolgens nogmaals af te drukken.
'Kan printerstuurprogramma niet vinden' ("Printer driver could not be found")
Verwijder het printerstuurprogramma volgens de procedure in Onnodige MP Drivers
verwijderen en installeer het stuurprogramma opnieuw.
'Afdrukken Toepassingsnaam – Bestandsnaam mislukt' ("Could not print Application
name - File name")
Probeer nogmaals af te drukken nadat de huidige taak is voltooid.
Het venster Inkjetprinter/Scanner/Fax - Extended Survey Program wordt
weergegeven
Als Inkjetprinter/Scanner/Fax - Extended Survey Program is geïnstalleerd, verschijnt er een
bevestigingsvenster waarin wordt gevraagd of u ermee akkoord gaat dat drie maanden en zes
maanden na de installatie gegevens over het printergebruik worden verzonden. Daarna verschijnt
het bevestigingsvenster gedurende ongeveer vier jaar om de zes maanden.
Lees de instructies op het scherm en voer de onderstaande procedure uit.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Foutcode: 2002 wordt weergegeven (alleen MP270 series)
Pagina 641 van 710 pagina's
nl
ow
D
Er wordt een bericht weergegeven op het computerscherm
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Indien u wilt deelnemen aan het enquêteprogramma:
Klik op Akkoord (Agree) en volg de aanwijzingen op het scherm. De gebruiksgegevens van de
printer worden via internet verstuurd. Als u de aanwijzingen op het scherm hebt opgevolgd,
worden de gegevens vanaf de volgende keer automatisch verzonden en wordt het
bevestigingsvenster niet meer weergegeven.
Opmerking
Wanneer deze gegevens worden verzonden, kan een waarschuwingsvenster voor
internetbeveiliging worden weergegeven. Controleer in dit geval of de programmanaam
'IJPLMUI.exe' is en geef vervolgens toestemming.
Als u het selectievakje Vanaf de volgende keer automatisch verzenden (Send
automatically from the next time) uitschakelt, worden de gegevens de volgende keer niet
automatisch verzonden en wordt de volgende keer een bevestigingsvenster
weergegeven. Zie De instelling voor het bevestigingsvenster wijzigen: als u de informatie
automatisch wilt verzenden.
Indien u niet wilt deelnemen aan het enquêteprogramma:
Klik op Niet akkoord (Do not agree). Het bevestigingsvenster wordt gesloten en de enquête
wordt overgeslagen. Het bevestigingsvenster wordt na drie maanden opnieuw weergegeven.
Inkjetprinter/Scanner/Fax - Extended Survey Program verwijderen:
Als u Inkjetprinter/Scanner/Fax - Extended Survey Program wilt verwijderen, klikt u op
Verwijderen (Uninstall) en volgt u de aanwijzingen op het scherm.
De instelling voor het bevestigingsvenster wijzigen:
1. Selecteer items in het menu Start zoals hieronder wordt aangegeven.
In Windows Vista selecteert u het menu Start > Configuratiescherm (Control
Panel) > Een programma verwijderen (Uninstall a program).
In Windows XP selecteert u het menu Start > Configuratiescherm (Control Panel)
> Software (Add or Remove Programs).
In Windows 2000 selecteert u het menu Start > Instellingen (Settings) >
Configuratiescherm (Control Panel) > Software (Add/Remove Programs).
Opmerking
In Windows Vista wordt mogelijk een bevestigings- of waarschuwingsvenster
weergegeven wanneer u software installeert, verwijdert of start.
Dit dialoogvenster verschijnt wanneer beheerdersrechten zijn vereist voor het
uitvoeren van een taak.
Als u bent ingelogd met een beheerdersaccount, klikt u op Doorgaan (Continue) of
Toestaan (Allow).
Pagina 642 van 710 pagina's
nl
ow
D
Er wordt een bericht weergegeven op het computerscherm
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
Als u Verwijderen (Uninstall) (of (Remove)) selecteert, wordt Inkjetprinter/Scanner/
Fax - Extended Survey Program verwijderd. Volg de aanwijzingen op het scherm.
w
Opmerking
m
Als u Ja (Yes) selecteert nadat u de aanwijzingen op het scherm hebt opgevolgd, wordt
het bevestigingsvenster weergegeven bij de volgende enquête.
Als u Nee (No) selecteert, worden de gegevens automatisch verzonden.
fro
3. Selecteer Wijzigen (Change).
d
de
oa
2. Selecteer Canon Inkjetprinter/Scanner/Fax - Extended Survey Program.
Het pictogram Inkjetprinter/Scanner/Fax - Extended Survey Program wordt
weergegeven
Als Inkjetprinter/Scanner/Fax - Extended Survey Program is geïnstalleerd, worden de gegevens
over het printergebruik drie maanden en zes maanden na de installatie verzonden. Daarna
worden de gegevens gedurende ongeveer vier jaar om de zes maanden verzonden. Het
pictogram Inkjetprinter/Scanner/Fax - Extended Survey Program verschijnt in het Dock wanneer de
gegevens over het printerverbruik worden verzonden.
In Mac OS X v.10.3.9 wordt Inkjetprinter/Scanner/Fax - Extended Survey Program niet geïnstalleerd.
Klik op het pictogram, lees de aanwijzingen op het scherm en voer de onderstaande procedure
uit.
Indien u wilt deelnemen aan het enquêteprogramma:
Klik op Akkoord (Agree) en volg de aanwijzingen op het scherm. De gebruiksgegevens van de
printer worden via internet verstuurd. Als u de aanwijzingen op het scherm hebt opgevolgd,
worden de gegevens vanaf de volgende keer automatisch verzonden en wordt het
bevestigingsvenster niet meer weergegeven.
Pagina 643 van 710 pagina's
nl
ow
D
Er wordt een bericht weergegeven op het computerscherm
d
de
oa
Opmerking
De instelling wijzigen:
2. Selecteer de optie Toepassingen (Applications) in het menu Ga (Go). Dubbelklik op de
map Canon Utilities en dubbelklik vervolgens op de map Inkjet Extended Survey
Program.
3. Plaats het bestand Canon Inkjetprinter/Scanner/Fax - Extended Survey Program.app in de
Prullenmand (Trash).
4. Start de computer opnieuw op.
Maak de Prullenmand (Trash) leeg en start de computer opnieuw op.
De instelling wijzigen:
Als u het bevestigingsvenster altijd wilt weergegeven wanneer de gegevens over het
printergebruik worden verzonden of als u de enquête wilt hervatten, voert u de volgende
procedure uit.
1. Selecteer de optie Toepassingen (Applications) in het menu Ga (Go). Dubbelklik op de
map Canon Utilities en dubbelklik vervolgens op de map Inkjet Extended Survey
Program.
2. Dubbelklik op het pictogram Canon Inkjetprinter/Scanner/Fax - Extended Survey Program.
Het bevestigingsvenster niet weergeven wanneer gegevens worden verzonden
(Do not display the confirmation screen when information is sent):
Als dit selectievakje is ingeschakeld, worden de gegevens automatisch
verzonden.
Als het selectievakje niet is ingeschakeld, wordt het pictogram Inkjetprinter/
Scanner/Fax - Extended Survey Program bij de volgende enquête weergegeven in
het Dock. Klik op het pictogram en volg de aanwijzingen op het scherm.
De knop Uitschakelen (Turn off)/Inschakelen (Turn on):
Klik op de knop Uitschakelen (Turn off) als u Inkjetprinter/Scanner/Fax - Extended
e
.b
1. Stop Inkjetprinter/Scanner/Fax - Extended Survey Program.
re
Inkjetprinter/Scanner/Fax - Extended Survey Program verwijderen:
or
nb
de
an
.v
w
Klik op Uitschakelen (Turn off). Inkjetprinter/Scanner/Fax - Extended Survey Program wordt
gestopt en de gegevens worden niet verzonden. Zie De instelling wijzigen: als u de enquête
wilt hervatten.
w
Het verzenden van gegevens stoppen:
w
Klik op Niet akkoord (Do not agree). Het bevestigingsvenster wordt gesloten en de enquête
wordt overgeslagen. Het bevestigingsvenster wordt na drie maanden opnieuw weergegeven.
m
Indien u niet wilt deelnemen aan het enquêteprogramma:
fro
Als u het selectievakje Vanaf de volgende keer automatisch verzenden (Send
automatically from the next time) uitschakelt, worden de gegevens de volgende keer niet
automatisch verzonden en wordt Inkjetprinter/Scanner/Fax - Extended Survey Program bij
de volgende enquête in het Dock weergegeven.
Pagina 644 van 710 pagina's
nl
ow
D
Er wordt een bericht weergegeven op het computerscherm
d
de
oa
Survey Program wilt stoppen.
Klik op de knop Inschakelen (Turn on) als u Inkjetprinter/Scanner/Fax - Extended
Survey Program opnieuw wilt starten.
m
fro
Naar boven
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Pagina 645 van 710 pagina's
nl
ow
D
Voor Windows-gebruikers
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Voor Windows-gebruikers
fro
m
Voor Windows-gebruikers
Controle: Is de printerstatusmonitor ingeschakeld?
e
.b
re
Controleer of Statusmonitor inschakelen (Enable Status Monitor) is geselecteerd in het menu
Optie (Option) van de printerstatusmonitor.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
De printerstatusmonitor wordt niet weergegeven
1.
Open het dialoogvenster Printereigenschappen.
Het dialoogvenster Printereigenschappen openen (Windows)
2.
Ga naar het tabblad Onderhoud (Maintenance) en klik op Printerstatus weergeven
(View Printer Status).
3.
Selecteer Statusmonitor inschakelen (Enable Status Monitor) in het menu Optie
(Option) als dit nog niet is geselecteerd.
Als u Windows Vista gebruikt:
Altijd MP Navigator EX starten wanneer de knop SCANNEN (SCAN) op het apparaat wordt
ingedrukt
Controle: Controleer wat er gebeurt wanneer u op de knop SCANNEN (SCAN) op
het apparaat drukt.
Volg de onderstaande procedure om de reactie van uw computer te controleren.
1.
Meld u aan bij een gebruikersaccount met beheerdersrechten.
2.
Klik achtereenvolgens op Configuratiescherm (Control Panel), Hardware en geluiden
(Hardware and Sound) en Scanners en camera's (Scanners and Cameras).
3.
Selecteer WIA Canon XXX ser en klik vervolgens op de knop Eigenschappen
(Properties).
Als het scherm Gebruikersaccountbeheer (User Account Control) verschijnt, klikt u op
Doorgaan (Continue).
4.
Ga in het venster Eigenschappen WIA Canon XXX ser (WIA Canon XXX ser Properties)
naar het tabblad Gebeurtenissen (Events).
5.
Selecteer bij Acties (Actions) de optie Uitvoeren (Start this program) en selecteer
vervolgens MP Navigator EX Ver3.0 in het keuzemenu.
Selecteer een gebeurtenis in het keuzemenu Selecteer een gebeurtenis (Select an
event) en selecteer vervolgens MP Navigator EX Ver3.0 voor elke gebeurtenis. Klik op
Annuleren (Cancel) als MP Navigator EX Ver3.0 al is ingesteld voor elke gebeurtenis.
6.
Klik op OK.
Naar boven
Pagina 646 van 710 pagina's
nl
ow
D
Er wordt een foutbericht weergegeven op een met PictBridge-compatib...
d
de
oa
In dit gedeelte worden de fouten beschreven die kunnen worden weergegeven op PictBridgecompatibele apparaten van het merk Canon. De foutberichten en procedures kunnen afwijken,
afhankelijk van het apparaat dat u gebruikt. Controleer bij fouten op een PictBridge-compatibel
apparaat van een ander merk dan Canon welke foutcode op het LED-display wordt weergegeven
en neem de benodigde maatregelen om het probleem op te lossen. Zie Er wordt een foutcode
weergegeven op het LED-display voor meer informatie.
Raadpleeg ook de gebruikershandleiding van het PictBridge-compatibele apparaat voor informatie
over de fouten die op dit apparaat worden weergegeven en de bijbehorende oplossingen. Neem
contact op met de fabrikant voor andere problemen met het apparaat.
Actie
Printer bezig
Als de printer afdrukt vanaf de computer of bezig is met
opwarmen, wacht u totdat deze taak is voltooid.
De printer begint automatisch met afdrukken zodra de
afdruktaak is voltooid.
Geen Papier
Plaats papier in de achterste lade en selecteer Doorgaan
(Continue)* op het scherm van het PictBridge-compatibele
apparaat.
* Als u het afdrukken wilt hervatten, kunt u ook op de knop
Zwart (Black) of Kleur (Color) op het apparaat drukken in
plaats van Doorgaan (Continue) op het PictBridge-apparaat.
Papierfout
De papieruitvoerlade is gesloten.
Open de papieruitvoerlade en druk vervolgens op de knop
Zwart (Black) of Kleur (Color) op het apparaat.
Papierstoring
Selecteer Stoppen (Stop) op het scherm van het PictBridgecompatibele apparaat om te stoppen met afdrukken.
Verwijder het vastgelopen papier, plaats nieuw papier en
druk op de knop Zwart (Black) of Kleur (Color) op het
apparaat. Probeer vervolgens nogmaals af te drukken.
Printerklep open
Sluit de scaneenheid (klep) van het apparaat.
Geen printkop
De FINE-inktpatroon is mogelijk niet geplaatst of is niet
geschikt voor dit apparaat.
Zie E, 0, 4 / E, 0, 5 in Er wordt een foutcode weergegeven op
het LED-display en neem de juiste maatregelen.
Afvaltank vol/Absorptiekussen inkt vol
Het absorptiekussen is bijna vol.
Zie E, 0, 9 in Er wordt een foutcode weergegeven op het LED
-display en neem de juiste maatregelen.
Geen inkt'/Fout met inktcassette
De FINE-inktpatroon is bijna of helemaal leeg.
De FINE-inktpatroon is mogelijk niet correct geplaatst of
is niet geschikt voor dit apparaat.
Controleer welke foutcode op het LED-display wordt
weergegeven en neem de benodigde maatregelen om het
probleem op te lossen.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
Opmerking
Foutbericht op het PictBridgecompatibele apparaat
w
Hieronder volgen de foutberichten die kunnen worden weergegeven wanneer u rechtstreeks vanaf een
PictBridge-compatibel apparaat afdrukt, evenals de maatregelen die u kunt nemen om de problemen op
te lossen.
m
Er wordt een foutbericht weergegeven op een met PictBridgecompatibel apparaat (Alleen MP270 series)
fro
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Er wordt een foutbericht weergegeven op een met PictBridgecompatibel apparaat (Alleen MP270 series)
Pagina 647 van 710 pagina's
nl
ow
D
Er wordt een foutbericht weergegeven op een met PictBridge-compatib...
Er wordt een foutcode weergegeven op het LED-display
m
fro
Er zijn fouten opgetreden met de FINE-inktpatroon.
Vervang de FINE-inktpatroon.
Routineonderhoud
d
de
oa
Hardwarefout
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Naar boven
Pagina 648 van 710 pagina's
nl
ow
D
Problemen met scannen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Problemen met scannen
fro
m
Problemen met scannen
ScanGear (scannerstuurprogramma) start niet
Er verschijnt een foutbericht en het scherm van ScanGear (scannerstuurprogramma) wordt niet
weergegeven
re
Scankwaliteit (afbeelding op het scherm) is slecht
or
nb
de
an
.v
w
w
w
De scanner werkt niet
e
.b
De gescande afbeelding wordt omringd door extra witruimte
Er kunnen niet meerdere documenten tegelijk worden gescand
Scannen in de Automatische scanmodus werkt niet goed
Langzame scansnelheid
Er wordt een bericht weergegeven dat er onvoldoende geheugen is
De computer loopt vast tijdens het scannen
De scanner werkt niet nadat een upgrade van Windows is uitgevoerd
Naar boven
Pagina 649 van 710 pagina's
nl
ow
D
De scanner werkt niet
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Problemen met scannen > De scanner werkt niet
fro
m
De scanner werkt niet
Controle 2: sluit de USB-kabel aan op een andere USB-poort van de
computer.
Naar boven
e
.b
Controle 4: start de computer opnieuw op.
re
Controle 3: als de USB-kabel is aangesloten op een hub, maakt u de kabel
los en sluit u deze aan op een USB-poort van de computer.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Controle 1: zorg dat het apparaat is ingeschakeld.
Pagina 650 van 710 pagina's
nl
ow
D
ScanGear (scannerstuurprogramma) start niet
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Problemen met scannen > ScanGear (scannerstuurprogramma) start
niet
Controle 1: zorg dat MP Drivers is geïnstalleerd.
Als deze niet zijn geïnstalleerd, plaatst u de installatie-cd-rom (Setup CD-ROM) in het schijfstation van de
computer. Selecteer vervolgens Aangepaste installatie (Custom Install) en installeer MP Drivers.
Selecteer niet de modelnaam waar WIA in staat.
Opmerking
Deze bewerking kan per toepassing verschillen.
Controle 3: start vanuit een TWAIN-compatibele toepassing.
Naar boven
e
.b
Belangrijk
re
Controle 2: selecteer Bron selecteren (Select Source) in het menu Bestand
(File) van de toepassing en selecteer het apparaat.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
ScanGear (scannerstuurprogramma) start niet
Pagina 651 van 710 pagina's
nl
ow
D
Er verschijnt een foutbericht en het scherm van ScanGear (scannerstuu...
d
de
oa
Controle 5: selecteer Bron selecteren (Select Source) in het menu Bestand
(File) van de toepassing en selecteer het apparaat.
Opmerking
Deze bewerking kan per toepassing verschillen.
Controle 6: zorg dat u een toepassing gebruikt die compatibel is met
TWAIN.
U kunt ScanGear (scannerstuurprogramma) niet openen vanuit toepassingen die TWAIN niet
ondersteunen.
Controle 7: sluit ScanGear (scannerstuurprogramma) af als het met een
andere toepassing wordt uitgevoerd.
Naar boven
e
.b
Als deze niet zijn geïnstalleerd, plaatst u de installatie-cd-rom (Setup CD-ROM) in het schijfstation van de
computer. Selecteer vervolgens Aangepaste installatie (Custom Install) en installeer MP Drivers.
re
Controle 4: zorg dat MP Drivers is geïnstalleerd.
or
nb
de
an
.v
w
Controle 3: als de USB-kabel is aangesloten op een hub, maakt u de kabel
los en sluit u deze aan op een USB-poort van de computer.
w
Controle 2: sluit de USB-kabel aan op een andere USB-poort van de
computer.
w
Controle 1: zorg dat het apparaat is ingeschakeld.
m
Er verschijnt een foutbericht en het scherm van ScanGear
(scannerstuurprogramma) wordt niet weergegeven
fro
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Problemen met scannen > Er verschijnt een foutbericht en het scherm
van ScanGear (scannerstuurprogramma) wordt niet weergegeven
Pagina 652 van 710 pagina's
nl
ow
D
Scankwaliteit (afbeelding op het scherm) is slecht
d
de
oa
m
Controle 1: verhoog de scanresolutie.
Resolutie
Controle 2: stel de schaal in op 100%.
Selecteer op het tabblad Basismodus (Basic Mode) van ScanGear (scannerstuurprogramma) bij
Bron selecteren (Magazine(Color)) de optie Tijdschrift (kleur) (Select Source).
Stel op het tabblad Geavanceerde modus (Advanced Mode) van ScanGear
(scannerstuurprogramma) de optie Moiré-reductie (Descreen) in Instellingen voor afbeeldingen
(Image Settings) in op AAN (ON).
Instellingen voor afbeeldingen (Image Settings)
Opmerking
Als moiré optreedt wanneer u een afgedrukte digitale foto scant, neemt u de bovenstaande
maatregelen en scant u opnieuw.
Als u MP Navigator EX gebruikt, stelt u Documenttype (Document Type) in op Tijdschrift (kleur)
(Magazine(Color)) of schakelt u in het dialoogvenster Scan-instellingen (Descreen) de optie Moiréreductie (Scan Settings) in en scant u opnieuw.
Dialoogvenster Scan-instellingen (Scan Settings) (Foto's/documenten)
Controle 4: controleer de kleurdiepte van het beeldscherm.
Selecteer in het menu Start de optie Configuratiescherm (Control Panel) > Vormgeving aan persoonlijke
voorkeur aanpassen (Appearance and Personalization) > Schermresolutie aanpassen (Adjust screen
resolution) om het dialoogvenster Beeldscherminstellingen (Display Settings) te openen. Stel de
kleurdiepte in op Gemiddeld (16 bits) (Medium (16 bit)) of Hoogst (32 bits) (Highest (32 bit)).
Windows XP:
Selecteer in het menu Start de optie Configuratiescherm (Control Panel) > Beeldscherm (Display)
om het dialoogvenster Beeldschermeigenschappen (Display Properties) te openen. Stel op het
tabblad Instellingen (Settings) Kleuren (Colors) in op Gemiddeld (16 bits) (Medium (16 bit)) of
Hoogst (32 bits) (Highest (32 bit)).
Windows 2000:
Selecteer in het menu Start de optie Instellingen (Settings) > Configuratiescherm (Control Panel) >
Beeld (Display) om het dialoogvenster Beeldschermeigenschappen (Display Properties) te openen.
Stel op het tabblad Instellingen (Settings) Kleuren (Colors) in op Hoge kleuren (16 bits) (High Color
(16 bit)) of Ware kleuren (32 bits) (True Color (32 bit)).
Controle 5: maak de glasplaat en de documentklep schoon.
De glasplaat en de documentklep reinigen
Controle 6: als het document in slechte staat is (vuil, vervaagd), gebruikt u
Stof en krassen reduceren (Reduce Dust and Scratches), Correctie van
vervaging (Fading Correction), Correctie van korreligheid (Grain
Correction) en dergelijke in Instellingen voor afbeeldingen (Image Settings)
op het tabblad Geavanceerde modus (Advanced Mode) van ScanGear
(scannerstuurprogramma).
e
.b
Controle 3: als moiré (streeppatroon) ontstaat, neemt u de volgende
maatregelen en probeert u het opnieuw.
re
In bepaalde toepassingen worden te kleine afbeeldingen niet duidelijk weergegeven.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Scankwaliteit (afbeelding op het scherm) is slecht
fro
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Problemen met scannen > Scankwaliteit (afbeelding op het scherm) is
slecht
Instellingen voor afbeeldingen (Image Settings)
Pagina 653 van 710 pagina's
nl
ow
D
Scankwaliteit (afbeelding op het scherm) is slecht
d
de
oa
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
Tabblad Kleurinstellingen (Color Settings)
w
Open het dialoogvenster Voorkeuren (Preferences) op het tabblad Geavanceerde modus (Advanced
Mode) van ScanGear (scannerstuurprogramma) en schakel Kleurafstemming (Color Matching) in
op het tabblad Kleurinstellingen (Color Settings).
w
Instellingen voor afbeeldingen (Image Settings)
m
Stel op het tabblad Geavanceerde modus (Advanced Mode) van ScanGear
(scannerstuurprogramma) de optie Beeldaanpassing (Image Adjustment) in Instellingen voor
afbeeldingen (Image Settings) in op Geen (None).
fro
Controle 7: als de kleurtint van afbeeldingen afwijkt van het originele
document, neemt u de volgende maatregelen en probeert u het opnieuw.
Naar boven
Pagina 654 van 710 pagina's
nl
ow
D
De gescande afbeelding wordt omringd door extra witruimte
d
de
oa
e
.b
re
Naar boven
or
nb
de
an
.v
w
Bijsnijdkaders aanpassen
w
Klik op
(automatisch bijsnijden) in ScanGear (scannerstuurprogramma) om automatisch het
bijsnijdkader (scangebied) voor het toepasselijke documentformaat weer te geven. U kunt het
scangebied ook handmatig opgeven, bijvoorbeeld wanneer er witte marges rond het document zijn of
wanneer u aangepaste bijsnijdkaders wilt maken.
w
Controle: geef het scangebied op.
m
De gescande afbeelding wordt omringd door extra witruimte
fro
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Problemen met scannen > De gescande afbeelding wordt omringd door
extra witruimte
Pagina 655 van 710 pagina's
nl
ow
D
Er kunnen niet meerdere documenten tegelijk worden gescand
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Problemen met scannen > Er kunnen niet meerdere documenten tegelijk
Controle 2: scan elk item afzonderlijk.
Bepaalde toepassingen bieden geen ondersteuning voor het scannen van meerdere documenten.
Naar boven
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
Documenten plaatsen
w
Controle 1: controleer of de documenten correct op de glasplaat zijn
geplaatst.
w
Er kunnen niet meerdere documenten tegelijk worden gescand
m
fro
worden gescand
Pagina 656 van 710 pagina's
nl
ow
D
Scannen in de Automatische scanmodus werkt niet goed
d
de
oa
e
.b
Naar boven
re
Bepaalde toepassingen bieden geen ondersteuning voor het scannen van meerdere documenten. Scan
in dat geval elk document afzonderlijk.
or
nb
de
an
.v
w
Controle 2: mogelijk wordt scannen van meerdere afbeeldingen niet
ondersteund.
w
Documenten plaatsen
w
Controle 1: controleer of de documenten correct op de glasplaat zijn
geplaatst.
m
Scannen in de Automatische scanmodus werkt niet goed
fro
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Problemen met scannen > Scannen in de Automatische scanmodus
werkt niet goed
Pagina 657 van 710 pagina's
nl
ow
D
Langzame scansnelheid
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Problemen met scannen > Langzame scansnelheid
fro
m
Langzame scansnelheid
Controle 3: schakel in MP Navigator EX het selectievakje Scheve
documenten corrigeren (Correct slanted document) uit en scan het
document opnieuw.
Dialoogvenster Scan-instellingen (Scan Settings)
Controle 4: schakel in MP Navigator EX het selectievakje Afdrukstand van
tekstdocumenten detecteren en afbeeldingen roteren (Detect the
orientation of text documents and rotate images) uit en scan het document
opnieuw.
Dialoogvenster Scan-instellingen (Scan Settings)
Naar boven
e
.b
Instellingen voor afbeeldingen (Image Settings)
re
Controle 2: stel Correctie van vervaging (Fading Correction), Correctie van
korreligheid (Grain Correction) en dergelijke in op Geen (None).
or
nb
de
an
.v
w
Resolutie
w
w
Controle 1: als u de afbeelding wilt weergeven op een monitor, stelt u de
uitvoerresolutie in op ongeveer 150 dpi. Voor afdrukken stelt u de resolutie
in op ongeveer 300 dpi.
Pagina 658 van 710 pagina's
nl
ow
D
Er wordt een bericht weergegeven dat er onvoldoende geheugen is
d
de
oa
e
.b
re
Naar boven
or
nb
de
an
.v
w
Resolutie
w
Controle 2: verlaag de resolutie of het uitvoerformaat en voer de scan
opnieuw uit.
w
Controle 1: sluit andere toepassingen en probeer het opnieuw.
m
Er wordt een bericht weergegeven dat er onvoldoende
geheugen is
fro
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Problemen met scannen > Er wordt een bericht weergegeven dat er
onvoldoende geheugen is
Pagina 659 van 710 pagina's
nl
ow
D
De computer loopt vast tijdens het scannen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Problemen met scannen > De computer loopt vast tijdens het scannen
fro
m
De computer loopt vast tijdens het scannen
Tabblad Algemeen (General)
Controle 4: mogelijk zijn er meerdere apparaten aangesloten op USBpoorten.
Verbreek de verbinding van andere apparaten.
Naar boven
e
.b
Controle 3: geef bij Locatie van tijdelijke bestanden (Location of Temporary
Files) in MP Navigator EX een map op een station met voldoende vrije
ruimte op.
re
Er kan een foutbericht worden weergegeven als er onvoldoende vasteschijfruimte is om de afbeelding te
scannen en op te slaan doordat de afbeelding te groot is (bijvoorbeeld bij het scannen van een groot
document bij een hoge resolutie).
or
nb
de
an
.v
w
Controle 2: verwijder onnodige bestanden om voldoende ruimte op de
vaste schijf vrij te maken en voer de scan opnieuw uit.
w
w
Controle 1: start de computer opnieuw op, verlaag de uitvoerresolutie in
ScanGear (scannerstuurprogramma) en scan het document nogmaals.
Pagina 660 van 710 pagina's
nl
ow
D
De scanner werkt niet nadat een upgrade van Windows is uitgevoerd
d
de
oa
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Controle: verbreek de verbinding van de scanner met de computer.
Verwijder vervolgens MP Drivers en MP Navigator EX en installeer deze
opnieuw.
m
De scanner werkt niet nadat een upgrade van Windows is
uitgevoerd
fro
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Problemen met scannen > De scanner werkt niet nadat een upgrade
van Windows is uitgevoerd
Stap 1: verwijder MP Drivers.
Raadpleeg ' Onnodige MP Drivers verwijderen ' voor meer informatie.
Stap 2: verwijder MP Navigator EX.
1.
Selecteer in het menu Start de optie (Alle) programma's ((All) Programs) > Canon Utilities > MP
Navigator EX 3.0 > MP Navigator EX verwijderen (MP Navigator EX Uninstall).
2.
Klik op Ja (Yes) wanneer u om bevestiging wordt gevraagd.
3.
Klik op OK wanneer het verwijderen is voltooid.
MP Navigator EX is verwijderd.
Stap 3: installeer MP Drivers en MP Navigator EX opnieuw.
Plaats de installatie-cd-rom (Setup CD-ROM) in het schijfstation van de computer en selecteer
Aangepaste installatie (Custom Install) en installeer MP Drivers en MP Navigator EX opnieuw.
Naar boven
Pagina 661 van 710 pagina's
nl
ow
D
Problemen met software
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Problemen met software
fro
m
Problemen met software
De gescande afbeelding wordt vergroot of verkleind weergegeven op het computerscherm
Naar boven
e
.b
re
De gescande afbeelding kan niet worden geopend
or
nb
de
an
.v
w
De gescande afbeelding wordt vergroot of verkleind afgedrukt
w
w
Het e-mailprogramma dat u wilt gebruiken, wordt niet weergegeven in het scherm waarin u emailprogramma's kunt selecteren
Pagina 662 van 710 pagina's
nl
ow
D
Het e-mailprogramma dat u wilt gebruiken, wordt niet weergegeven in ...
d
de
oa
Controle 2: als een e-mailprogramma niet naar behoren functioneert,
controleert u of de MAPI-instelling van het e-mailprogramma is
ingeschakeld.
Raadpleeg de handleiding van het e-mailprogramma voor meer informatie.
Controle 3: als u een ander e-mailprogramma gebruikt dan de
bovenstaande programma's, selecteert u Geen (handmatig toevoegen)
(None (Attach Manually)) wanneer u wordt gevraagd een programma te
kiezen en voegt u de gescande afbeelding handmatig toe.
Naar boven
e
.b
- Microsoft Outlook
re
- Outlook Express (Windows XP/Windows 2000)
or
nb
de
an
.v
w
- Windows Mail (Windows Vista)
w
De volgende e-mailprogramma's worden ondersteund. (Afbeeldingen worden automatisch aan het emailbericht toegevoegd.)
w
Controle 1: mogelijk ondersteunt MP Navigator EX het e-mailprogramma
niet.
m
Het e-mailprogramma dat u wilt gebruiken, wordt niet
weergegeven in het scherm waarin u e-mailprogramma's kunt
selecteren
fro
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Problemen met software > Het e-mailprogramma dat u wilt gebruiken,
wordt niet weergegeven in het scherm waarin u e-mailprogramma's kunt selecteren
Pagina 663 van 710 pagina's
nl
ow
D
De gescande afbeelding wordt vergroot of verkleind afgedrukt
d
de
oa
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
Naar boven
w
Controle: geef de afdrukgrootte op in de toepassing.
m
De gescande afbeelding wordt vergroot of verkleind afgedrukt
fro
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Problemen met software > De gescande afbeelding wordt vergroot of
verkleind afgedrukt
nl
ow
D
De gescande afbeelding wordt vergroot of verkleind weergegeven op he... Pagina 664 van 710 pagina's
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Problemen met software > De gescande afbeelding wordt vergroot of
verkleind weergegeven op het computerscherm
Controle 1: wijzig de weergave-instelling in de toepassing.
Controle 2: wijzig de resolutie-instelling in ScanGear
(scannerstuurprogramma) en voer de scan opnieuw uit.
Hoe hoger de resolutie, hoe groter de afbeelding.
Resolutie
Naar boven
e
.b
Raadpleeg de handleiding van de toepassing voor meer informatie Als u vragen hebt, kunt u contact
opnemen met de fabrikant van de toepassing.
re
U kunt het weergaveformaat niet verkleinen in Paint. Als u het weergaveformaat wilt verkleinen, opent u
de afbeeldingen in een toepassing.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
De gescande afbeelding wordt vergroot of verkleind
weergegeven op het computerscherm
Pagina 665 van 710 pagina's
nl
ow
D
De gescande afbeelding kan niet worden geopend
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Problemen met software > De gescande afbeelding kan niet worden
geopend
Controle: als de bestandsindeling niet door de toepassing wordt
ondersteund, scant u de afbeelding opnieuw en slaat u deze op in een
veelgebruikte bestandsindeling, zoals JPEG.
e
.b
Naar boven
re
Raadpleeg de handleiding van de toepassing voor meer informatie Als u vragen hebt, kunt u contact
opnemen met de fabrikant van de toepassing.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
De gescande afbeelding kan niet worden geopend
Pagina 666 van 710 pagina's
nl
ow
D
Problemen met MP Navigator EX
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Problemen met MP Navigator EX
fro
m
Problemen met MP Navigator EX
Bij scannen vanaf het bedieningspaneel kan de positie of het formaat van de afbeelding niet goed
worden vastgesteld
Document is juist geplaatst, maar de gescande afbeelding is scheef
e
.b
Naar boven
re
Document is juist geplaatst, maar de afdrukstand in de gescande afbeelding is gewijzigd
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Kan niet scannen met de juiste afmetingen
Pagina 667 van 710 pagina's
nl
ow
D
Kan niet scannen met de juiste afmetingen
d
de
oa
m
fro
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Problemen met MP Navigator EX > Kan niet scannen met de juiste
afmetingen
Controle 1: controleer of de documenten correct op de glasplaat zijn
geplaatst.
Documenten plaatsen
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Kan niet scannen met de juiste afmetingen
e
.b
Controle 2: stel Documentformaat (Document size) in op het
daadwerkelijke documentformaat en probeer het opnieuw.
Als u geen overeenkomend formaat kunt vinden, scant u het document op een groter formaat en snijdt u
de afbeelding bij.
Zie de werkbalk (Bijsnijden) in ' Venster Afbeeldingen corrigeren/verbeteren (Correct/Enhance Images) '
voor meer informatie.
Naar boven
Pagina 668 van 710 pagina's
nl
ow
D
Bij scannen vanaf het bedieningspaneel kan de positie of het formaat v...
d
de
oa
Controle 2: controleer of de instellingen van MP Navigator EX correct zijn
voor het document.
Als u niet goed kunt scannen met Automatische scan (Auto Scan) met het bedieningspaneel, geeft u het
documenttype of -formaat op in MP Navigator EX.
Foto's en documenten scannen
Naar boven
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
Documenten plaatsen
w
Controle 1: controleer of de documenten correct op de glasplaat zijn
geplaatst.
m
Bij scannen vanaf het bedieningspaneel kan de positie of het
formaat van de afbeelding niet goed worden vastgesteld
fro
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Problemen met MP Navigator EX > Bij scannen vanaf het
bedieningspaneel kan de positie of het formaat van de afbeelding niet goed worden vastgesteld
Pagina 669 van 710 pagina's
nl
ow
D
Document is juist geplaatst, maar de gescande afbeelding is scheef
d
de
oa
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
Dialoogvenster Scan-instellingen (Scan Settings) (Foto's/documenten)
w
Controle: schakel in MP Navigator EX het selectievakje Scheve
documenten corrigeren (Correct slanted document) uit en scan het
document opnieuw.
m
Document is juist geplaatst, maar de gescande afbeelding is
scheef
fro
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Problemen met MP Navigator EX > Document is juist geplaatst, maar de
gescande afbeelding is scheef
Naar boven
Pagina 670 van 710 pagina's
nl
ow
D
Document is juist geplaatst, maar de afdrukstand in de gescande afbeel...
d
de
oa
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
Naar boven
w
Dialoogvenster Scan-instellingen (Scan Settings) (Foto's/documenten)
w
Controle: schakel in MP Navigator EX het selectievakje Afdrukstand van
tekstdocumenten detecteren en afbeeldingen roteren (Detect the
orientation of text documents and rotate images) uit en scan het document
opnieuw.
m
Document is juist geplaatst, maar de afdrukstand in de
gescande afbeelding is gewijzigd
fro
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Problemen met MP Navigator EX > Document is juist geplaatst, maar de
afdrukstand in de gescande afbeelding is gewijzigd
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Als u het probleem niet kunt oplossen
Pagina 671 van 710 pagina's
nl
ow
D
Als u het probleem niet kunt oplossen
fro
m
Als u het probleem niet kunt oplossen
Verzamel de volgende gegevens voordat u contact opneemt met het ondersteuningscentrum:
Productnaam:
* De naam van het apparaat staat vermeld op het voorblad van de installatiehandleiding.
Serienummer: raadpleeg de installatiehandleiding
Details van het probleem
Wat u hebt gedaan om het probleem op te lossen en wat daarvan het resultaat was
Naar boven
e
.b
Schakel het apparaat onmiddellijk uit als het een ongewoon geluid, rook of geur produceert. Trek
de stekker uit het stopcontact en neem contact op met de verkoper of het ondersteuningscentrum.
Probeer het apparaat nooit zelf te repareren of uit elkaar te halen.
Als klanten proberen het apparaat te repareren of uit elkaar te halen, vervalt elke garantie, ongeacht
de geldigheidsduur van de garantie.
re
Let op
or
nb
de
an
.v
w
Het ondersteuningspersoneel van Canon is opgeleid voor het verschaffen van technische
ondersteuning aan klanten.
w
w
Als u het probleem niet kunt oplossen met een van de suggesties in dit hoofdstuk, neemt u contact op
met de verkoper van het apparaat of met het ondersteuningscentrum.
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Veelgestelde vragen
Pagina 672 van 710 pagina's
nl
ow
D
Veelgestelde vragen
fro
m
Veelgestelde vragen
w
w
or
nb
de
an
.v
w
Geen afdrukresultaten/Onduidelijke afdrukken/Onjuiste kleuren/Witte strepen
Het apparaat beweegt maar er wordt geen inkt toegevoerd
Kan MP Drivers niet installeren
De afdruktaak wordt niet gestart
e
.b
re
Kopieer-/afdruktaak wordt beëindigd voordat deze is voltooid
Schrijffout/Uitvoerfout/Communicatiefout
Afdrukresultaten niet naar behoren
Papierstoringen
Het papier wordt niet correct ingevoerd
Naar boven
Pagina 673 van 710 pagina's
nl
ow
D
Instructies voor gebruik (Printerstuurprogramma)
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Instructies voor gebruik (Printerstuurprogramma)
m
fro
Instructies voor gebruik (Printerstuurprogramma)
Wijzig geen instellingen van de items op het tabblad Geavanceerd (Advanced) van de
printereigenschappen. Als u deze wijzigt, werken de volgende functies niet goed.
Als Afdrukken naar bestand (Print to file) in het dialoogvenster Afdrukken (Print) van de toepassing is
geselecteerd en EMF-spooling met deze toepassing (bijvoorbeeld Adobe PhotoShop LE en MS
Photo Editor) niet mogelijk is, werken de volgende functies ook niet.
Afdrukvoorbeeld (Preview before printing) op het tabblad Afdruk (Main)
Verlies van afdrukgegevens voorkomen (Prevent loss of print data) in het dialoogvenster
Afdrukopties (Print Options)
Pagina-indeling (Page Layout), Poster, Boekje (Booklet), Dubbelzijdig afdrukken (Duplex Printing),
Marge instellen... (Specify Margin...), Vanaf de laatste pagina afdrukken (Print from Last Page),
Sorteren (Collate) en Stempel/Achtergrond... (Stamp/Background...) op het tabblad Paginainstelling (Page Setup)
Aangezien de resolutie in het voorbeeld afwijkt van de resolutie in de afdruk, kunnen tekst en lijnen
in het voorbeeld er anders uitzien dan in de uiteindelijke afdruk.
In sommige toepassingen wordt het afdrukken in meerdere afdruktaken onderverdeeld.
Verwijder al deze taken als u het afdrukken wilt annuleren.
Als afbeeldingsgegevens niet correct worden weergegeven, opent u het dialoogvenster Afdrukopties
(Print Options) en wijzigt u de instelling van ICM uitschakelen in de toepassingssoftware vereist
(Disable ICM required from the application software). Hiermee kunt u het probleem mogelijk
verhelpen.
Softwarevensters worden wellicht niet correct weergegeven in Windows Vista als de lettertypen zijn
ingesteld op Grotere schaal (Larger scale). Als u de vensters wilt weergeven met lettertypen met de
instelling Grotere schaal (Larger scale), moet u het bureaubladthema als volgt op Windowsklassiek (Windows Classic) instellen:
1. Selecteer Configuratiescherm (Control Panel) in het menu Start.
2. Selecteer Vormgeving aan persoonlijke voorkeur aanpassen (Appearance and Personalization)
-> Persoonlijke instellingen (Personalization) -> Thema (Theme).
Het dialoogvenster Instellingen voor thema's (Theme Settings) wordt geopend.
3. Klik in het dialoogvenster Instellingen voor thema's (Theme Settings) op het tabblad Thema's
(Themes) en selecteer Windows-klassiek (Windows Classic) bij Thema (Theme).
4. Klik op OK.
Het bureaublad wordt gewijzigd in de klassieke weergave van Windows.
Opmerkingen over toepassingen
e
.b
Als de geselecteerde Taal (Language) in het dialoogvenster Info (About) niet overeenkomt met de
taal van het besturingssysteem, wordt het venster van het stuurprogramma mogelijk niet goed
weergegeven.
re
In sommige toepassingen is de instelling Aantal (Copies) op het tabblad Pagina-instelling (Page
Setup) van het printerstuurprogramma niet beschikbaar voor selectie.
Gebruik in dit geval de instelling voor het aantal exemplaren in het dialoogvenster Afdrukken (Print)
van de toepassing.
or
nb
de
an
.v
w
Beperkingen van het printerstuurprogramma
w
w
Voor deze versie van het printerstuurprogramma gelden de volgende beperkingen. Houd bij het gebruik
van het printerstuurprogramma rekening met het volgende.
Voor Microsoft Word (Microsoft Corporation) gelden de volgende beperkingen.
Pagina 674 van 710 pagina's
nl
ow
D
Instructies voor gebruik (Printerstuurprogramma)
d
de
oa
Als Microsoft Word dezelfde afdrukfuncties heeft als het printerstuurprogramma, stelt u deze in
Word in.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
2. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma, geef de Pagina-indeling
(Page Layout) op het tabblad Pagina-instelling (Page Setup) op en klik op OK.
m
1. Open het dialoogvenster Afdrukken (Print) van Word.
fro
Als u Op schaal (Scaled), Passend op papier (Fit-to-Page) of Pagina-indeling (Page Layout) in de
lijst Pagina-indeling (Page Layout) op het tabblad Pagina-instelling (Page Setup) selecteert, heeft
de geselecteerde functie mogelijk geen effect. Dit is afhankelijk van de versie van Word.
Als dit gebeurt, volgt u onderstaande procedure.
3. Sluit het dialoogvenster Afdrukken (Print) zonder het afdrukken te starten.
4. Open het dialoogvenster Afdrukken (Print) van Word opnieuw.
5. Open het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma opnieuw en klik op OK.
6. Start het afdrukken.
Illustrator/Adobe Systems Inc.
Als Bitmap afdrukken is ingeschakeld, kan het afdrukken lang duren of worden bepaalde gegevens
mogelijk niet afgedrukt. Start het afdrukken pas nadat u het selectievakje Bitmap afdrukken (Bitmap
Printing) in het dialoogvenster Afdrukken (Print) hebt uitgeschakeld.
Naar boven
Pagina 675 van 710 pagina's
nl
ow
D
Algemene opmerkingen (scannerstuurprogramma)
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Problemen oplossen > Algemene opmerkingen (scannerstuurprogramma)
m
fro
Algemene opmerkingen (scannerstuurprogramma)
Sluit niet twee of meer apparaten of multifunctionele printers met een scannerfunctie tegelijk aan op
dezelfde computer. Wanneer meerdere scanapparaten zijn aangesloten, kunt u niet scannen vanaf
het bedieningspaneel en kunnen fouten optreden bij de toegang tot de apparaten.
Softwareschermen worden wellicht niet correct weergegeven in Windows Vista als de lettergrootte
is ingesteld op Grotere schaal (Larger scale). Als u de schermen wilt weergeven met lettertypen met
de instelling Grotere schaal (Larger scale), moet u het Bureaubladthema (Appearance and
Personalization) als volgt op Windows-klassiek (Windows Classic) instellen:
1. Selecteer in het menu Start de optie Configuratiescherm (Control Panel).
2. Selecteer Vormgeving aan persoonlijke voorkeur aanpassen (Appearance and Personalization) >
Persoonlijke instellingen (Personalization) > Thema (Theme).
Het dialoogvenster Instellingen voor thema's (Theme Settings) wordt geopend.
3. Selecteer op het tabblad Thema (Theme) van het dialoogvenster Instellingen voor thema's
(Theme Settings) de optie Windows-klassiek (Windows Classic) onder Thema (Theme).
4. Klik op OK.
Het bureaublad wordt gewijzigd in de weergave Windows-klassiek.
Gebruik de standaardlettergrootte van het besturingssysteem. Als u een andere lettergrootte instelt,
worden softwareschermen mogelijk niet correct weergegeven.
Het scannen kan mislukken als de computer uit de slaap- of standby-stand is gehaald. Volg in dat
geval de onderstaande stappen en probeer het opnieuw.
1. Zet het apparaat uit.
2. Sluit ScanGear (scannerstuurprogramma), maak de USB-kabel los van de computer en sluit deze
opnieuw aan.
3. Schakel het apparaat in.
ScanGear (scannerstuurprogramma) kan niet vanuit meerdere toepassingen tegelijk worden
geopend. ScanGear (scannerstuurprogramma) kan niet twee keer worden geopend binnen een
toepassing als het al is geopend.
Sluit het venster van ScanGear (scannerstuurprogramma) voordat u de toepassing sluit.
Zorg dat bij het scannen van grote afbeeldingen met een hoge resolutie voldoende schijfruimte
beschikbaar is. Er is bijvoorbeeld ten minste 300 MB vrije ruimte vereist om een A4-document in
kleur te scannen met 600 dpi.
ScanGear (scannerstuurprogramma) en WIA-stuurprogramma kunnen niet tegelijkertijd worden
gebruikt.
Zet de computer niet in de slaapmodus of slaapstand tijdens het scannen.
De kalibratie kan even duren als het apparaat is aangesloten via USB 1.1.
Toepassingen met beperkingen in het gebruik
Als u Media Center (meegeleverd met Windows XP Media Center Edition 2005) start, kunt u mogelijk
het bedieningspaneel op het apparaat niet gebruiken. Start in dit geval de computer opnieuw op.
e
.b
Sommige computers (waaronder laptops) die zijn aangesloten op het apparaat, worden wellicht niet
correct geactiveerd vanuit de stand-by-modus. Start in dit geval de computer opnieuw op.
re
Als u het NTFS-bestandssysteem gebruikt, wordt de TWAIN-gegevensbron wellicht niet
opgeroepen. Dit komt doordat de TWAIN-module niet naar de winnt-map kan worden geschreven
vanwege beveiligingsredenen. Neem contact op met de beheerder voor meer informatie.
or
nb
de
an
.v
w
Beperkingen scannerstuurprogramma
w
w
ScanGear (scannerstuurprogramma) kent de volgende beperkingen. Denk hieraan wanneer u het
programma gebruikt.
Pagina 676 van 710 pagina's
nl
ow
D
Algemene opmerkingen (scannerstuurprogramma)
d
de
oa
U kunt geen afbeeldingen scannen met de versie van Media Center in Windows Vista™ en
Windows XP Media Center Edition 2005. Scan met andere toepassingen, zoals MP Navigator EX.
Naar boven
e
.b
Als het afbeeldingsformaat te groot is (zoals wanneer u grote afbeeldingen scant met een hoge
resolutie), reageert de computer wellicht niet of blijft de voortgangsbalk op 0% staan afhankelijk van
de toepassing. Annuleer in dat geval de bewerking (bijvoorbeeld door op Annuleren (Cancel) te
klikken op de voortgangsbalk) en vergroot het virtuele geheugen van het besturingssysteem of
verklein de afbeeldingsgrootte/resolutie en probeer het opnieuw. U kunt ook proberen de afbeelding
eerst te scannen met MP Navigator EX en vervolgens op te slaan en te openen in de toepassing.
re
Het is mogelijk dat afbeeldingen in bepaalde toepassingen niet goed worden gescand. Vergroot in
dat geval het virtuele geheugen van het besturingssysteem en probeer het opnieuw.
or
nb
de
an
.v
w
Als u afbeeldingen die net zo groot zijn als de glasplaat scant in een Microsoft Office-toepassing
(zoals Word, Excel of PowerPoint), klikt u op Aangepast (Custom Insert) in het venster Afbeelding
van scanner of camera invoegen (Insert Picture from Scanner or Camera). Anders worden de
afbeeldingen mogelijk niet goed gescand.
w
Sommige toepassingen bieden geen ondersteuning voor het doorlopend scannen van meerdere
documenten. In sommige gevallen wordt alleen de eerste afbeelding geaccepteerd, of meerdere
afbeeldingen worden gescand als één afbeelding.
w
De TWAIN-gebruikersinterface wordt in bepaalde programma's verborgen. Raadpleeg in dat geval
de handleiding van de toepassing en wijzig de instellingen naar wens.
m
In sommige toepassingen wordt het venster met de miniaturen van de gescande afbeeldingen
automatisch gesloten als u het selectievakje Gescande beelden weergeven (View scanned
images) op het tabblad Automatische scanmodus (Auto Scan Mode) van ScanGear
(scannerstuurprogramma) inschakelt.
fro
In sommige toepassingen kan er een probleem optreden wanneer u naar de miniaturenweergave
schakelt op het tabblad Geavanceerde modus (Advanced Mode) van ScanGear
(scannerstuurprogramma). Scan in dat geval elk document afzonderlijk en pas het Papierformaat
(Paper Size) aan elk document aan.
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Bijlage
Pagina 677 van 710 pagina's
nl
ow
D
Bijlage
fro
m
Bijlage
w
w
or
nb
de
an
.v
w
Afdrukgebied
De documentklep loskoppelen/vastmaken
Een ongewenste afdruktaak verwijderen
MP Drivers bijwerken
e
.b
re
On line handleidingen verwijderen
Het apparaat vervoeren
Het dialoogvenster Printereigenschappen openen (Windows)
De dialoogvensters Pagina-instelling en Afdrukken openen (Macintosh)
Canon IJ Printer Utility openen (Macintosh)
De printer delen in een netwerk
Naar boven
Pagina 678 van 710 pagina's
nl
ow
D
Afdrukgebied
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Bijlage > Afdrukgebied
fro
m
Afdrukgebied
Afdrukgebied
: Canon raadt u aan binnen dit gebied af te drukken.
: In dit gebied is afdrukken mogelijk.
e
.b
re
Als u hier afdrukt, kan de afdrukkwaliteit of de precisie van de papierinvoer echter afnemen.
or
nb
de
an
.v
w
Aanbevolen afdrukgebied
w
w
Voor de beste afdrukkwaliteit wordt door het apparaat een marge aan iedere zijde van het papier
vrijgelaten. Het eigenlijke afdrukgebied is het gebied binnen deze marges.
Opmerking
Afdrukken zonder marges
U kunt afdrukken zonder marges maken met behulp van de functie Afdrukken zonder marges.
Als u afdrukt zonder marges, wordt de afbeelding aan de randen mogelijk enigszins
bijgesneden omdat de afgedrukte afbeelding zodanig is vergroot dat de hele pagina wordt
gevuld.
Gebruik voor afdrukken zonder marges het volgende papier:
Glanzend Fotopapier 'voor frequent gebruik' GP-501
Glossy Foto Papier GP-502
Photo Paper Plus Halfglans SG-201
Professioneel Foto Platinum PT-101*
Glossy Foto Papier Extra II PP-201
Professioneel Fotopapier II PR-201
Matglans Foto Papier MP-101
* Met de MP270 series kan dit papier uitsluitend worden gebruikt bij het afdrukken vanaf een
computer.
Als u zonder marges afdrukt op een andere papiersoort, kan de afdrukkwaliteit aanzienlijk
afnemen en/of kunnen afdrukken een andere kleurtint krijgen.
Zonder marges afdrukken op gewoon papier kan de kwaliteit van afdrukken negatief
beïnvloeden. Gebruik gewoon papier alleen voor testafdrukken. Zonder marges afdrukken op
gewoon papier is alleen mogelijk wanneer u afdrukt vanaf uw computer.
Afdrukken zonder marges is niet mogelijk op enveloppen en papier van het formaat Legal, A5 of
B5.
Afhankelijk van het type papier bestaat bij afdrukken zonder marges de kans dat de
afdrukkwaliteit aan de boven- en onderrand van het papier afneemt of dat er vlekken op het
papier ontstaan.
Letter, Legal
Enveloppen
Andere formaten dan Letter, Legal, Enveloppen
Naar boven
Pagina 679 van 710 pagina's
nl
ow
D
Andere formaten dan Letter, Legal, Enveloppen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Bijlage > Afdrukgebied > Andere formaten dan Letter, Legal, Enveloppen
fro
m
Andere formaten dan Letter, Legal, Enveloppen
w
w
Afdrukgebied (breedte x hoogte)
A4
8,00 x 11,38 inch / 203,2 x 289,0 mm
B5*
6,90 x 9,80 inch / 175,2 x 249,0 mm
4 x 6 inch / 10 x 15 cm
3,73 x 5,69 inch / 94,8 x 144,4 mm
4 x 8 inch / 10 x 20 cm*
3,73 x 7,69 inch / 94,8 x 195,2 mm
5 x 7 inch / 13 x 18 cm
4,73 x 6,69 inch / 120,2 x 169,8 mm
8 x 10 inch / 20 x 25 cm
7,73 x 9,69 inch / 196,4 x 246,0 mm
Breed
3,73 x 6,80 inch / 94,8 x 172,6 mm
e
.b
5,56 x 7,95 inch / 141,2 x 202,0 mm
re
A5*
or
nb
de
an
.v
w
Formaat
* Met de MP270 series kan dit paginaformaat uitsluitend worden gebruikt bij het afdrukken vanaf een
computer.
Aanbevolen afdrukgebied
Afdrukgebied
Naar boven
Pagina 680 van 710 pagina's
nl
ow
D
Letter, Legal
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Bijlage > Afdrukgebied > Letter, Legal
fro
m
Letter, Legal
w
w
Afdrukgebied (breedte x hoogte)
Letter
8,00 x 10,69 inch / 203,2 x 271,4 mm
Legal*
8,00 x 13,69 inch / 203,2 x 347,6 mm
or
nb
de
an
.v
w
Formaat
* Dit paginaformaat kan uitsluitend worden gebruikt bij het afdrukken vanaf een computer.
e
.b
re
Aanbevolen afdrukgebied
Afdrukgebied
Naar boven
Pagina 681 van 710 pagina's
nl
ow
D
Enveloppen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Bijlage > Afdrukgebied > Enveloppen
fro
m
Enveloppen
w
w
Aanbevolen afdrukgebied (breedte x hoogte)
Europees DL*
4,06 x 7,07 inch / 103,2 x 179,5 mm
US Comm. Env. #10*
3,86 x 7,91 inch / 98,0 x 200,8 mm
or
nb
de
an
.v
w
Formaat
* Dit paginaformaat kan uitsluitend worden gebruikt bij het afdrukken vanaf een computer.
e
.b
re
Aanbevolen afdrukgebied
Naar boven
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Bijlage > De documentklep loskoppelen/vastmaken
Pagina 682 van 710 pagina's
nl
ow
D
De documentklep loskoppelen/vastmaken
fro
m
De documentklep loskoppelen/vastmaken
w
w
or
nb
de
an
.v
w
De documentklep loskoppelen:
Houd de documentklep verticaal.
e
.b
re
De documentklep vastmaken:
Plaats beide scharnieren (A) van de documentklep verticaal in de houder (B) om de documentklep
vast te maken, zoals hieronder is aangegeven.
Naar boven
Pagina 683 van 710 pagina's
nl
ow
D
Een ongewenste afdruktaak verwijderen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Bijlage > Een ongewenste afdruktaak verwijderen
fro
m
Een ongewenste afdruktaak verwijderen
re
or
nb
de
an
.v
w
1. Geef de Canon IJ-statusmonitor weer
w
w
Wanneer de printer niet start met afdrukken, is het mogelijk dat de geannuleerde of niet-uitgevoerde
afdrukgegevens in de wachtrij blijven staan.
U kunt de ongewenste afdruktaak met behulp van de Canon IJ-statusmonitor verwijderen.
e
.b
Klik op de knop Statusmonitor op de taakbalk.
De Canon IJ-statusmonitor verschijnt.
2. Geef de afdruktaken weer
Klik op Afdrukrij weergeven... (Display Print Queue...).
Het venster met de afdrukwachtrij wordt geopend.
3. Verwijder de afdruktaken
Selecteer Alle documenten annuleren (Cancel All Documents) in het menu Printer.
Klik op Ja (Yes) in het bevestigingsbericht.
Het verwijderen van de afdruktaak is voltooid.
Belangrijk
Gebruikers die geen toegangsrechten hebben voor printerbeheer, kunnen de afdruktaak van een
andere gebruiker niet verwijderen.
Opmerking
Als u deze bewerking uitvoert, worden alle afdruktaken verwijderd. Als de afdrukwachtrij ook
gewenste afdruktaken bevatte, moet u het afdrukproces opnieuw starten.
Naar boven
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Bijlage > MP Drivers bijwerken
Pagina 684 van 710 pagina's
nl
ow
D
MP Drivers bijwerken
fro
m
MP Drivers bijwerken
w
w
Onnodige MP Drivers verwijderen
Voordat u MP Drivers installeert
MP Drivers installeren
e
.b
Naar boven
re
or
nb
de
an
.v
w
De nieuwste versie van MP Drivers ophalen
Pagina 685 van 710 pagina's
nl
ow
D
De nieuwste versie van MP Drivers ophalen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Bijlage > MP Drivers bijwerken > De nieuwste versie van MP Drivers ophalen
fro
m
De nieuwste versie van MP Drivers ophalen
U kunt vanaf onze website de nieuwste versie van MP Drivers voor uw model downloaden.
re
or
nb
de
an
.v
w
Door MP Drivers bij te werken naar de nieuwste versie, kunt u onopgeloste problemen mogelijk
verhelpen.
w
w
De MP Drivers omvatten een printerstuurprogramma en een scannerstuurprogramma (ScanGear).
e
.b
Belangrijk
U kunt MP Drivers gratis downloaden, maar de kosten van de internetverbinding zijn voor uw eigen
rekening.
Verwijder de oudere versie voordat u de nieuwste versie van MP Drivers installeert.
Zie Onnodige MP Drivers verwijderen voor informatie over het verwijderen van de MP Drivers.
Verwante onderwerpen
Voordat u MP Drivers installeert
MP Drivers installeren
Naar boven
Pagina 686 van 710 pagina's
nl
ow
D
Onnodige MP Drivers verwijderen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Bijlage > MP Drivers bijwerken > Onnodige MP Drivers verwijderen
m
fro
Onnodige MP Drivers verwijderen
Selecteer in Windows Vista of Windows XP het menu Start -> Alle programma's (All Programs) ->
'Naam van uw apparaatmodel' ("Your model name") -> Verwijderprogramma voor MP Drivers (MP
Drivers Uninstaller).
Selecteer in Windows 2000 het menu Start -> Programma's (Programs) -> 'Naam van uw
apparaatmodel' ("Your model name") -> Verwijderprogramma voor MP Drivers (MP Drivers
Uninstaller).
Het dialoogvenster Verwijderprogramma voor MP Drivers (MP Drivers Uninstaller) wordt
weergegeven.
Belangrijk
In Windows Vista wordt wellicht een bevestigings-/waarschuwingsvenster weergegeven bij het
installeren, verwijderen of starten van software.
Dit dialoogvenster verschijnt wanneer beheerdersrechten zijn vereist voor het uitvoeren van
een taak.
Als u bent aangemeld bij een beheerdersaccount, klikt u op Doorgaan (Continue) of Toestaan
(Allow) om door te gaan.
Voor sommige toepassingen is een beheerdersaccount vereist om door te gaan. Als u bent
aangemeld bij een standaardaccount, schakelt u over naar een beheerdersaccount en start u
de bewerking opnieuw.
2. Voer het verwijderprogramma uit
Klik op Uitvoeren (Execute). Klik op Ja (Yes) in het bevestigingsbericht.
Klik op Voltooien (Complete) wanneer alle bestanden zijn verwijderd.
De MP Drivers zijn verwijderd.
Belangrijk
Wanneer u de MP Drivers verwijdert, worden het printerstuurprogramma en het
scannerstuurprogramma (ScanGear) verwijderd.
Als er geen verwijderprogramma is
Volg deze stappen als er geen verwijderprogramma in het menu Start van Windows Vista aanwezig is:
1. Selecteer de printer die u wilt verwijderen
Selecteer Start -> Configuratiescherm (Control Panel) -> Hardware en geluiden (Hardware and
Sound) -> Printers.
Klik op het model dat u wilt verwijderen en druk op de Alt-toets op het toetsenbord. Klik in het menu
Bestand (File) op Verwijderen (Delete).
2. Verwijder de printer
Als het dialoogvenster Gebruikersaccountbeheer (User Account Control) wordt weergegeven, klikt u
e
.b
1. Start het verwijderprogramma
re
Als er een verwijderprogramma is
or
nb
de
an
.v
w
De procedure voor het verwijderen van MP Drivers is als volgt:
w
w
Wanneer u MP Drivers niet meer nodig hebt, kunt u dit verwijderen.
Sluit alle actieve toepassingen voordat u MP Drivers gaat verwijderen.
Als u op Verwijderen... (Remove...) klikt, wordt het dialoogvenster Stuurprogramma en pakket
verwijderen (Remove Driver And Package) weergegeven.
Selecteer Stuurprogramma en pakket verwijderen (Remove driver and driver package) en klik op
OK.
Klik op Ja (Yes) in het bevestigingsbericht.
Nadat de gegevens zijn verzameld, klikt u in het dialoogvenster Stuurprogrammapakket verwijderen
(Remove Driver Package) op Verwijderen (Delete).
5. Klik op OK
Het verwijderen van het printerstuurprogramma is voltooid.
Belangrijk
U kunt het printerstuurprogramma mogelijk niet verwijderen uit de lijst Geïnstalleerde
printerstuurprogramma's (Installed printer drivers).
In dit geval moet u de computer opnieuw opstarten en het nogmaals proberen.
Naar boven
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
4. Verwijder het printerstuurpogramma
w
Klik op de tab Stuurprogramma's (Drivers). Klik in de lijst Geïnstalleerde printerstuurprogramma's
(Installed printer drivers) op de printer die u wilt verwijderen.
m
Druk op de Alt-toets. Selecteer in het menu Bestand (File) de optie Als administrator uitvoeren (Run
as administrator) en klik op Eigenschappen van server... (Server Properties...).
Als het dialoogvenster Gebruikersaccountbeheer (User Account Control) wordt weergegeven, klikt u
op Doorgaan (Continue).
fro
3. Selecteer het printerstuurprogramma dat u wilt verwijderen
d
de
oa
op Doorgaan (Continue). Klik vervolgens op Ja (Yes) in het bevestigingsbericht.
Het pictogram wordt verwijderd.
Pagina 687 van 710 pagina's
nl
ow
D
Onnodige MP Drivers verwijderen
Pagina 688 van 710 pagina's
nl
ow
D
Voordat u MP Drivers installeert
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Bijlage > MP Drivers bijwerken > Voordat u MP Drivers installeert
fro
m
Voordat u MP Drivers installeert
De instellingen van de computer controleren
Sluit alle actieve toepassingen.
Meld u in Windows Vista aan als gebruiker met beheerdersrechten.
Meld u in Windows XP aan als de beheerder van de computer.
Meld u in Windows 2000 aan als een lid van de groep Beheerders.
Opmerking
Als er een oudere versie van MP Drivers op de computer is geïnstalleerd, verwijdert u die versie
eerst. Raadpleeg Onnodige MP Drivers verwijderen voor informatie over het verwijderen van MP
Drivers.
Verwante onderwerpen
De nieuwste versie van MP Drivers ophalen
MP Drivers installeren
Naar boven
e
.b
Schakel het apparaat uit.
re
Sluit het apparaat aan op de computer. Voor meer informatie over het aansluiten raadpleegt u het
hoofdstuk 'De software installeren' in: Aan de Slag-gids.
or
nb
de
an
.v
w
Controleer de apparaatstatus
w
w
In dit onderwerp worden de items beschreven die u moet controleren voordat u MP Drivers installeert. U
moet dit gedeelte ook raadplegen als MP Drivers niet kan worden geïnstalleerd.
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Bijlage > MP Drivers bijwerken > MP Drivers installeren
Pagina 689 van 710 pagina's
nl
ow
D
MP Drivers installeren
m
fro
MP Drivers installeren
1. Schakel het apparaat uit
Belangrijk
Wanneer u de computer inschakelt terwijl het apparaat is ingeschakeld, wordt de Windows
Plug en Play-functie automatisch uitgevoerd en wordt het venster Nieuwe hardware gevonden
(Found New Hardware) (Windows Vista) of Wizard Nieuwe hardware gevonden (Found New
Hardware Wizard) (Windows XP, Windows 2000) weergegeven. Klik in dit geval op Annuleren
(Cancel).
2. Start het installatieprogramma
Dubbelklik op het pictogram van het bestand dat u hebt gedownload.
Het installatieprogramma wordt gestart.
Belangrijk
In Windows Vista wordt wellicht een bevestigings-/waarschuwingsvenster weergegeven bij het
installeren, verwijderen of starten van software.
Dit dialoogvenster verschijnt wanneer beheerdersrechten zijn vereist voor het uitvoeren van
een taak.
Als u bent aangemeld bij een beheerdersaccount, klikt u op Doorgaan (Continue) of Toestaan
(Allow) om door te gaan.
Voor sommige toepassingen is een beheerdersaccount vereist om door te gaan. Als u bent
aangemeld bij een standaardaccount, schakelt u over naar een beheerdersaccount en start u
de bewerking opnieuw.
3. Installeer het stuurprogramma
Klik in het venster Welkom (Welcome) op Volgende (Next).
Lees de inhoud van het venster Licentieovereenkomst (License Agreement). Klik op Ja (Yes) nadat
u de inhoud hebt gecontroleerd.
De installatie van MP Drivers wordt gestart.
Wanneer het venster Installatie voltooid (Installation Complete) wordt weergegeven, controleert u of
het apparaat met een kabel op de computer is aangesloten.
Als u de verbindingspoort voor het apparaat handmatig wilt selecteren, schakelt u het selectievakje
Printerpoort selecteren (Select printer port) in en klikt u op Handmatige selectie (Manual selection).
Selecteer de bestemming van de verbinding in het venster Printerpoort selecteren (Select printer
port) en klik op OK.
4. Voltooi de installatie
Klik op Voltooien (Complete).
Schakel het apparaat in en wacht totdat de verbinding wordt herkend.
Hiermee is de installatie van de MP Drivers voltooid.
Afhankelijk van de omgeving die u gebruikt, wordt wellicht een bericht weergegeven dat u de computer
opnieuw moet opstarten. Start de computer opnieuw op om de installatie te voltooien.
Belangrijk
U kunt MP Drivers gratis downloaden, maar de kosten van de internetverbinding zijn voor uw eigen
rekening.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
De procedure voor het installeren van MP Drivers is als volgt:
w
w
U kunt vanaf onze website de nieuwste versie van MP Drivers voor uw model downloaden.
Verwante onderwerpen
Voordat u MP Drivers installeert
d
de
oa
De nieuwste versie van MP Drivers ophalen
Pagina 690 van 710 pagina's
nl
ow
D
MP Drivers installeren
m
fro
Naar boven
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Pagina 691 van 710 pagina's
nl
ow
D
On line handleidingen verwijderen
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Bijlage > On line handleidingen verwijderen
fro
m
On line handleidingen verwijderen
e
.b
re
Alle geïnstalleerde on line handleidingen worden tegelijkertijd verwijderd.
or
nb
de
an
.v
w
Sluit alle geopende on line handleidingen voordat u de on line handleidingen verwijdert.
w
w
Voer de volgende procedure uit als u alle geïnstalleerde on line handleidingen van de computer wilt
verwijderen.
1. Klik op Start > Alle programma's (All Programs) (Programma's (Programs) in
Windows 2000) > Canon XXX handleiding (Canon XXX Manual) (waarbij XXX de
naam van uw apparaat is) > Verwijderen (Uninstall).
2. Klik op OK in het bevestigingsbericht.
Opmerking
Klik bij de vraag of u de computer opnieuw wilt opstarten op OK. De computer wordt opnieuw
opgestart.
On line handleidingen, anders dan de Help van het printerstuurprogramma en van het
scannerstuurprogramma, worden tegelijk verwijderd.
1. Selecteer Programma’s (Applications) in het menu Ga (Go).
2. Dubbelklik achtereenvolgens op de map Canon Utilities en de map IJ-handleiding (IJ
Manual).
3. Sleep de map met de naam van uw apparaat naar de prullenbak.
4. Sleep het bureaubladpictogram
Online handleiding Canon XXX Canon XXX
On-screen Manual (waarbij XXX de naam van het apparaat is) naar de prullenbak.
Naar boven
Pagina 692 van 710 pagina's
nl
ow
D
Het apparaat vervoeren
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Bijlage > Het apparaat vervoeren
fro
m
Het apparaat vervoeren
Als u het originele verpakkingsmateriaal niet meer hebt, verpakt u het apparaat voorzichtig en zorgvuldig
met beschermend materiaal in een stevige doos.
Het apparaat mag nooit schuin, verticaal of ondersteboven worden opgeslagen of vervoerd, omdat
er anders inkt kan lekken en het apparaat beschadigd kan raken.
1. Zet het apparaat uit.
2. Controleer of het aan/uit-lampje uit is en haal de stekker uit het stopcontact.
Belangrijk
Als het aan/uit-lampje brandt of groen knippert, mag u de stekker niet uit het stopcontact halen.
Dit kan namelijk storingen of schade veroorzaken waardoor u niet meer met de printer kunt
afdrukken.
3. Trek de papiersteun uit en sluit vervolgens de papieruitvoerlade.
4. Koppel de printerkabel los van de computer en van het apparaat en trek vervolgens
de stekker van het apparaat uit het stopcontact.
5. Zet met plakband alle kleppen van het apparaat vast, zodat deze tijdens het vervoer
niet kunnen opengaan. Verpak het apparaat vervolgens in de plastic zak.
6. Bevestig het beschermend materiaal aan het apparaat.
Belangrijk
U kunt de reeds geplaatste FINE-inktpatronen beter niet uit het apparaat verwijderen.
Opmerking
Markeer de doos met de tekst BREEKBAAR of VOORZICHTIG.
Naar boven
e
.b
re
Belangrijk
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Als u het apparaat verplaatst, moet u het apparaat weer inpakken met het oorspronkelijke
verpakkingsmateriaal.
Pagina 693 van 710 pagina's
nl
ow
D
Het dialoogvenster Printereigenschappen openen (Windows)
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Bijlage > Het dialoogvenster Printereigenschappen openen (Windows)
m
fro
Het dialoogvenster Printereigenschappen openen (Windows)
e
.b
re
Volg onderstaande procedure om de afdrukinstellingen op te geven voor het afdrukken.
or
nb
de
an
.v
w
Het dialoogvenster printereigenschappen via de toepassing openen
w
w
U kunt het eigenschappenvenster van het printerstuurprogramma openen via de toepassing waarin u
werkt of via het menu Start van Windows.
1.
Selecteer de opdracht voor het afdrukken in het programma dat u gebruikt.
Meestal doet u dit door Afdrukken (Print) te kiezen in het menu Bestand (File) waardoor het
dialoogvenster Afdrukken (Print) wordt weergegeven.
2.
Selecteer de naam van uw printermodel en klik op Voorkeuren (Preferences) of
Eigenschappen (Properties).
Het eigenschappenvenster van de printer wordt geopend.
Opmerking
Afhankelijk van de toepassing die u gebruikt, kunnen de namen van opdrachten of
menu's verschillen en kan de procedure uit meer stappen bestaan. Raadpleeg de
gebruikershandleiding bij de toepassing voor meer informatie.
Het dialoogvenster printereigenschappen via het menu Start openen
Volg onderstaande procedure om onderhoudswerkzaamheden uit te voeren, zoals het reinigen
van de printkop, of afdrukinstellingen op te geven die in alle toepassingen vrijwel hetzelfde zijn.
1.
Selecteer items in het menu Start zoals hieronder wordt aangegeven.
In Windows Vista selecteert u het menu Start > Configuratiescherm (Control Panel) >
Hardware en geluid (Hardware and Sound) > Printers.
In Windows XP selecteert u Start > Configuratiescherm (Control Panel) > Printers en andere
hardware (Printers and Other Hardware) > Printers en faxapparaten (Printers and Faxes).
In Windows 2000 selecteert u Start > Instellingen (Settings) > Printers.
2.
Klik met de rechtermuisknop op het pictogram van uw model en selecteer
Voorkeursinstellingen voor afdrukken (Printing Preferences) in het weergegeven menu.
Het eigenschappenvenster van de printer wordt geopend.
Belangrijk
Wanneer u het dialoogvenster met printereigenschappen via Eigenschappen
(Properties) opent, worden tabbladen met Windows-functies weergegeven, zoals
Poorten (Ports) of Geavanceerd (Advanced). Deze tabbladen verschijnen niet wanneer u
het printerstuurprogramma opent via Voorkeursinstellingen voor afdrukken (Printing
Preferences) of een toepassing. Raadpleeg de gebruikershandleiding bij Windows voor
meer informatie over de tabbladen met Windows-functies.
Naar boven
Pagina 694 van 710 pagina's
nl
ow
D
De dialoogvensters Pagina-instelling en Afdrukken openen (Macintosh)
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Bijlage > De dialoogvensters Pagina-instelling en Afdrukken openen (Macintosh)
Het dialoogvenster Pagina-instelling wordt geopend.
Het dialoogvenster Afdrukken openen
Open het dialoogvenster Afdrukken als u de afdrukinstellingen wilt opgeven voordat u gaat
afdrukken.
1.
Selecteer Afdrukken... (Print...) in het menu Bestand (File) van uw toepassing.
Het dialoogvenster Afdrukken wordt geopend.
Naar boven
e
.b
Selecteer Pagina-instelling... (Page Setup...) in het menu Bestand (File) van uw toepassing.
re
1.
or
nb
de
an
.v
w
voordat u gaat afdrukken.
w
Open het dialoogvenster Pagina-instelling als u de pagina- of papierinstellingen wilt opgeven
w
Het dialoogvenster Pagina-instelling openen
m
U kunt het dialoogvenster Pagina-instelling en Afdrukken openen vanuit de toepassing die u gebruikt.
fro
De dialoogvensters Pagina-instelling en Afdrukken openen
(Macintosh)
Pagina 695 van 710 pagina's
nl
ow
D
Canon IJ Printer Utility openen (Macintosh)
m
fro
Canon IJ Printer Utility openen (Macintosh)
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Bijlage > Canon IJ Printer Utility openen (Macintosh)
2.
Klik op Afdrukken en faxen (Print & Fax).
3.
Selecteer de naam van uw apparaat in de lijst Printers en klik op Open afdrukwachtrij...
(Open Print Queue...).
e
.b
Selecteer Systeemvoorkeuren (System Preferences) in het Apple-menu.
re
1.
or
nb
de
an
.v
w
In Mac OS X v.10.5.x
w
w
Volg de onderstaande procedure om Canon IJ Printer Utility te openen.
De taaklijst van uw apparaat wordt weergegeven.
4.
Klik op Hulpprogramma (Utility).
De Printerlijst (Printer List) wordt geopend.
5.
Selecteer de naam van uw apparaat in de lijst Product en klik op Onderhoud
(Maintenance).
Pagina 696 van 710 pagina's
nl
ow
D
Canon IJ Printer Utility openen (Macintosh)
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Canon IJ Printer Utility wordt gestart.
In Mac OS X v.10.4.x of Mac OS X v 10.3.9
1.
Selecteer Programma’s (Applications) in het menu Ga (Go).
2.
Dubbelklik op de map Hulpprogramma's (Utilities) en dubbelklik vervolgens op het
pictogram Printer Setup Utility.
De Printerlijst (Printer List) wordt geopend.
3.
Selecteer de naam van uw apparaat in de lijst Naam (Name) en klik op Hulpprogramma
(Utility).
4.
Selecteer de naam van uw apparaat in de lijst Product en klik op Onderhoud
(Maintenance).
Canon IJ Printer Utility wordt gestart.
Pagina 697 van 710 pagina's
nl
ow
D
Canon IJ Printer Utility openen (Macintosh)
d
de
oa
Naar boven
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Pagina 698 van 710 pagina's
nl
ow
D
De printer delen in een netwerk
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Bijlage > De printer delen in een netwerk
fro
m
De printer delen in een netwerk
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Wanneer meerdere computers in een netwerkomgeving worden gebruikt, kunt u de printer aansluiten op
één computer en de printer vanaf de andere computers in het netwerk gebruiken.
De computers in een netwerk hoeven niet noodzakelijkerwijs dezelfde versie van Windows te hebben.
Instellingen op de afdrukserver
Dit is de procedure voor het instellen van een computer waarop een printer direct met een USBkabel is aangesloten:
Instellingen op de client-pc
Dit is de procedure voor het instellen van computers die deze printer via het netwerk gebruiken:
Bij het uitvoeren van een afdruktaak worden de gegevens via de afdrukserver naar de printer
verzonden.
Belangrijk
Wanneer een document vanaf een clientsysteem naar een gedeelde printer wordt afgedrukt en een
fout optreedt, wordt het foutbericht van de Canon IJ-statusmonitor zowel op het clientsysteem als de
afdrukserver weergegeven. Bij normale afdruktaken wordt de Canon IJ-statusmonitor alleen op het
clientsysteem weergegeven.
Opmerking
Installeer het stuurprogramma van de installatie-cd-rom die bij het apparaat wordt geleverd op het
afdrukserversysteem en op elk van de clientsystemen volgens de methode voor het
besturingssysteem.
U kunt deze printer niet delen met Macintosh-computers.
Verwant onderwerp
Beperkingen bij het delen van printers
Naar boven
Pagina 699 van 710 pagina's
nl
ow
D
Instellingen op de afdrukserver
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Bijlage > De printer delen in een netwerk > Instellingen op de afdrukserver
m
fro
Instellingen op de afdrukserver
2. Selecteer items in het menu Start zoals hieronder aangegeven:
In Windows Vista selecteert u Start -> Configuratiescherm (Control Panel) -> Hardware en
geluiden (Hardware and Sound) -> Printers.
In Windows XP selecteert u Start -> Configuratiescherm (Control Panel) -> Printers en andere
hardware (Printers and Other Hardware) -> Printers en faxapparaten (Printers and Faxes).
In Windows 2000 selecteert u Start -> Instellingen (Settings) -> Printers.
Het venster Printers (Windows Vista, Windows 2000) of Printers en faxapparaten (Printers and
Faxes) (Windows XP) wordt weergegeven.
3. Klik op het pictogram van het printermodel dat moet worden gedeeld
Druk in Windows Vista op de Alt-toets op uw toetsenbord en selecteer Als administrator
uitvoeren (Run as administrator) -> Delen... (Sharing...) in het menu Bestand (File) dat wordt
weergegeven.
Selecteer in Windows XP of Windows 2000 de optie Delen... (Sharing...) in het menu Bestand
(File).
Belangrijk
In Windows Vista wordt wellicht een bevestigings-/waarschuwingsvenster weergegeven bij het
installeren, verwijderen of starten van software.
Dit dialoogvenster verschijnt wanneer beheerdersrechten zijn vereist voor het uitvoeren van
een taak.
Als u bent aangemeld bij een beheerdersaccount, klikt u op Doorgaan (Continue) of Toestaan
(Allow) om door te gaan.
Voor sommige toepassingen is een beheerdersaccount vereist om door te gaan. Als u bent
aangemeld bij een standaardaccount, schakelt u over naar een beheerdersaccount en start u
de bewerking opnieuw.
Opmerking
In Windows XP wordt wellicht een bericht weergegeven dat de gebruiker het beste de wizard
Netwerk instellen kan gebruiken om de functie voor delen in te stellen.
Als dit bericht wordt weergegeven, selecteert u de optie dat u de wizard niet wilt gebruiken en
stelt u delen in.
4. Stel delen in
Selecteer Deze printer delen (Share this printer) (Windows Vista, Windows XP) of Gedeeld (Shared
as) (Windows 2000) op het tabblad Delen (Sharing) om zo nodig een gedeelde naam in te stellen
en klik op OK.
Het instellen van het afdrukserversysteem voltooid. Vervolgens stelt u de clientsystemen in.
e
.b
Voor meer informatie over de installatie raadpleegt u het hoofdstuk 'De software installeren' in Aan
de Slag-gids.
re
1. Installeer het printerstuurprogramma op het afdrukserversysteem
or
nb
de
an
.v
w
De procedure voor het instellen van de afdrukserversystemen is als volgt:
w
w
Wanneer u de printer in een netwerk wilt gebruiken, moet u de printer op het afdrukserversysteem op
delen instellen.
Pagina 700 van 710 pagina's
nl
ow
D
Instellingen op de afdrukserver
d
de
oa
Naar boven
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Pagina 701 van 710 pagina's
nl
ow
D
Instellingen op de client-pc
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Bijlage > De printer delen in een netwerk > Instellingen op de client-pc
m
fro
Instellingen op de client-pc
Als u het stuurprogramma wilt installeren, plaatst u de installatie-cd-rom die bij het apparaat is
geleverd en selecteert u Aangepaste installatie (Custom Install).
Voor meer informatie over het aansluiten raadpleegt u het hoofdstuk 'De software installeren' in: Aan
de Slag-gids.
Opmerking
Tijdens de installatie wordt een venster weergegeven met het verzoek de printer in te
schakelen. Klik op Handmatige selectie (Manual Selection) en selecteer de juiste poort om de
installatie te voltooien.
2. Start de wizard
Selecteer Start -> Netwerk (Network) -> Een printer toevoegen (Add a printer).
Het venster Printer toevoegen (Add Printer) wordt weergegeven.
3. Voeg een printer toe
Selecteer Netwerkprinter, draadloze printer of Bluetooth-printer toevoegen (Add a network, wireless
or Bluetooth printer), klik op het pictogram van de printer die u op het afdrukserversysteem als
gedeelde printer hebt ingesteld en klik opVolgende (Next).
Opmerking
Als het pictogram van de printer niet wordt weergegeven, controleert u of de printer is
aangesloten op de afdrukserver.
Het kan enige tijd duren voordat het pictogram van de printer wordt weergegeven.
4. Voltooi de configuratie
Voer de bewerking uit die wordt beschreven op het scherm en klik op Voltooien (Finish).
In het venster Printers wordt het pictogram voor de gedeelde printer weergegeven.
Het instellen van de clientsystemen is voltooid. U kunt de printer nu in het netwerk delen.
In Windows XP/Windows 2000
1. Installeer het printerstuurprogramma op de clientsystemen
Als u het stuurprogramma wilt installeren, plaatst u de installatie-cd-rom die bij het apparaat is
geleverd en selecteert u Aangepaste installatie (Custom Install).
Voor meer informatie over het aansluiten raadpleegt u het hoofdstuk 'De software installeren' in: Aan
de Slag-gids.
Opmerking
Tijdens de installatie wordt een venster weergegeven met het verzoek de printer in te
schakelen. Klik op Handmatige selectie (Manual Selection) en selecteer de juiste poort om de
installatie te voltooien.
e
.b
1. Installeer het printerstuurprogramma op de clientsystemen
re
In Windows Vista
or
nb
de
an
.v
w
De procedure voor het instellen van de clientsystemen is als volgt:
w
w
Na het instellen van het afdrukserversysteem, stelt u het clientsysteem in.
d
de
oa
2. Start de wizard
Pagina 702 van 710 pagina's
nl
ow
D
Instellingen op de client-pc
Opmerking
Als het pictogram van de printer niet wordt weergegeven, controleert u of de printer is
aangesloten op de afdrukserver.
4. Voltooi de configuratie
Voer de bewerking uit die wordt beschreven op het scherm en klik op Voltooien (Finish).
Het pictogram voor de gedeelde printer wordt gemaakt in het venster Printers en faxapparaten
(Printers and Faxes) (Windows XP) of het venster Printers (Windows 2000).
Het instellen van de clientsystemen is voltooid. U kunt de printer nu in het netwerk delen.
Naar boven
e
.b
Klik op het pictogram van de printer die u op het afdrukserversysteem als gedeelde printer hebt
ingesteld en klik op Volgende (Next).
re
Klik in het venster Geef een printer op (Specify a Printer) (Windows XP) of het venster De printer
zoeken (Locate Your Printer) (Windows 2000) op Volgende (Next) en zoek naar het
afdrukserversysteem.
or
nb
de
an
.v
w
Selecteer Netwerkprinter, of een printer die met een andere computer is verbonden (A network
printer, or a printer attached to another computer) (Windows XP) of Netwerkprinter (Network printer)
(Windows 2000) en klik op Volgende (Next).
w
3. Voeg een printer toe
w
Klik in het venster De wizard Printer toevoegen (Welcome to the Add Printer Wizard) op Volgende
(Next).
m
In Windows 2000 selecteert u Start -> Instellingen (Settings) -> Printers -> Een printer toevoegen
(Add a printer).
fro
In Windows XP selecteert u Start -> Configuratiescherm (Control Panel) -> Printers en andere
hardware (Printers and Other Hardware) -> Printers en faxapparaten (Printers and Faxes) ->
Printer toevoegen (Add a printer).
Pagina 703 van 710 pagina's
nl
ow
D
Beperkingen bij het delen van printers
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Bijlage > De printer delen in een netwerk > Beperkingen bij het delen van printers
fro
m
Beperkingen bij het delen van printers
Druk op de Alt-toets vanuit het venster Printers op het clientsysteem. Open Als administrator
uitvoeren (Run as administrator) -> Eigenschappen van server... (Server Properties...) vanuit het
menu Bestand (File) dat wordt weergegeven.
Schakel Informatieve meldingen voor netwerkprinters weergeven (Show informational
notifications for network printers) op het tabblad Geavanceerd (Advanced) uit en start de computer
opnieuw op.
In Windows XP of Windows 2000:
Open Eigenschappen van server (Server Properties) vanuit het menu Bestand (File) van het
venster Printers en faxapparaten (Printer and Faxes) (Windows XP) of het venster Printers
(Windows 2000) op het afdrukserversysteem.
Schakel Waarschuwing geven als er externe documenten worden afgedrukt (Notify when remote
documents are printed) op het tabblad Geavanceerd (Advanced) uit en start de computer opnieuw
op.
De functie voor bidirectionele communicatie is uitgeschakeld en de juiste printerstatus wordt
wellicht niet herkend.
Wanneer de gebruiker van een clientcomputer de eigenschappen van het printerstuurprogramma
opent en op OK klikt terwijl Bidirectionele ondersteuning inschakelen (Enable bidirectional support)
op het tabblad Poorten (Ports) is uitgeschakeld, wordt de bidirectionele functie op het
afdrukserversysteem mogelijk ook uitgeschakeld.
Controleer in dit geval of het selectievakje Bidirectionele ondersteuning inschakelen (Enable
bidirectional support) is ingeschakeld op het afdrukserversysteem en het clientsysteem.
Als u afdrukt vanaf een clientsysteem, kunt u Canon IJ-afdrukvoorbeeld niet gebruiken.
Als de functies op het tabblad Onderhoud (Maintenance) niet goed kunnen worden ingesteld vanaf
een clientsysteem, zijn deze functies mogelijk niet voor selectie beschikbaar. Wijzig de instellingen
in dit geval vanaf de afdrukserver.
Als u de instellingen van de afdrukserver wijzigt, moet u het pictogram van de gedeelde printer
verwijderen van het clientsysteem en geef de gedeelde instellingen opnieuw op in het
clientsysteem.
Wanneer hetzelfde printerstuurprogramma op het afdrukserversysteem en het
clientsysteem (als de lokale printer) is geïnstalleerd
Het is mogelijk dat de "net crawl"-functie automatisch een netwerkprinterpictogram op het
clientsysteem maakt.
Naar boven
e
.b
In Windows Vista:
re
Er kan een bericht worden weergegeven dat het afdrukken is voltooid. Als u wilt dat het bericht niet
meer wordt weergegeven, volgt u de onderstaande procedure.
or
nb
de
an
.v
w
Als u een printer in een netwerk deelt
w
w
Bij het gebruik van een printer in een netwerk gelden bepaalde beperkingen. Lees de beperkingen voor
de omgeving waarin u werkt.
Pagina 704 van 710 pagina's
nl
ow
D
Easy-PhotoPrint EX gebruiken
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Easy-PhotoPrint EX gebruiken
m
fro
--- Creatieve kunstwerken maken van uw foto's ---
Easy-PhotoPrint EX openen
Klik hier: Easy-PhotoPrint EX
Opmerking
Raadpleeg het volgende gedeelte voor meer informatie over het gebruik van Easy-PhotoPrint EX.
Afdrukken met de meegeleverde toepassingssoftware
Maak een persoonlijk fotoalbum
Met Easy-PhotoPrint EX maakt u heel gemakkelijk een persoonlijk fotoalbum.
U hoeft alleen maar de gewenste foto's te selecteren, een indeling te selecteren, het papier in de printer
te plaatsen en af te drukken. Nadat u de afgedrukte pagina's hebt ingebonden, hebt u een uniek album
met uw herinneringen.
U kunt de indeling en de achtergrond wijzigen en
opmerkingen aan de foto's toevoegen.
U kunt ook de grootte en de afdrukstand
selecteren.
U kunt foto's schikken op de linker- en
rechterpagina's.
KIJK!
Selecteer een thema (achtergrondontwerp) om een album met één thema te maken.
Decoreer onderdelen met tekst en kaders
U kunt tekst aan foto's toevoegen. Voeg een beschrijving toe aan een foto in een album en plaats er een
kader omheen om de sfeer van de foto te versterken.
e
.b
U kunt ook heel gemakkelijk foto's zonder rand afdrukken.
re
U kunt met Easy-PhotoPrint EX op eenvoudige wijze albums, kalenders en stickers maken door foto's te
selecteren die met een digitale camera zijn gemaakt.
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Easy-PhotoPrint EX gebruiken
Pagina 705 van 710 pagina's
nl
ow
D
Easy-PhotoPrint EX gebruiken
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
KIJK!
Selecteer Album om tekst en kaders toe te voegen. U kunt geen foto's decoreren met Photo Print.
Maak een kalender met uw favoriete foto's
Met Easy-PhotoPrint EX maakt u heel gemakkelijk kalenders. Maak uw eigen kalender met uw favoriete
foto's. Dan wordt het pas spannend om de kalenderpagina's om te slaan.
U kunt alle soorten foto's gebruiken.
U kunt ook kalenders maken voor twee, zes of twaalf
maanden.
Maak stickers
Met Easy-PhotoPrint EX maakt u heel gemakkelijk stickers.
Maak stickers van uw favoriete foto's en deel ze uit aan uw vrienden.
KIJK!
U kunt tekst aan foto's toevoegen.
Pagina 706 van 710 pagina's
nl
ow
D
Easy-PhotoPrint EX gebruiken
Naar boven
d
de
oa
m
fro
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Pagina 707 van 710 pagina's
nl
ow
D
MP Navigator EX gebruiken
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > MP Navigator EX gebruiken
m
fro
Opmerking
Zie 'We gaan scannen ' voor meer informatie over scannen met MP Navigator EX.
Foto's en documenten scannen
U kunt eenvoudig scannen door te navigeren door de schermen van MP Navigator EX. U kunt gescande
afbeeldingen ook opslaan of afdrukken met behulp van MP Navigator EX.
Kleine documenten tegelijkertijd scannen
U kunt een aantal kleine documenten (foto's, kaarten en dergelijke) tegelijkertijd scannen. Dit is handig,
omdat u dan niet meerdere keren hoeft te scannen.
Grote documenten scannen
Met MP Navigator EX kunt u gemakkelijk documenten scannen die groter zijn dan de Foto's/documenten
(plaat). U kunt de linker- en rechterhelft van een document afzonderlijk scannen en deze tot één
afbeelding.
e
.b
Klik hier voor: MP Navigator EX
re
MP Navigator EX starten
or
nb
de
an
.v
w
MP Navigator EX is een toepassing waarmee u op eenvoudige wijze foto's en documenten kunt
scannen. De toepassing is ook geschikt voor beginners.
w
w
MP Navigator EX gebruiken
Pagina 708 van 710 pagina's
nl
ow
D
MP Navigator EX gebruiken
d
de
oa
m
fro
Scannen en foto's corrigeren/verbeteren
Met MP Navigator EX kunt u eenvoudig foto's corrigeren/verbeteren. U hoeft geen andere toepassingen te
gebruiken.
Zie 'Scannen met meegeleverde toepassingssoftware ' voor meer informatie over het gebruik van MP
Navigator EX.
Naar boven
e
.b
In de modus voor eenmaal klikken wordt MP Navigator EX uitgevoerd van scannen tot opslaan, met één
klik op een pictogram. Met de modus voor eenmaal klikken kunt u ook afbeeldingen scannen en opslaan
als PDF-bestand, of afbeeldingen automatisch als e-mailbijlage toevoegen.
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Scannen met eenmaal klikken
Pagina 709 van 710 pagina's
nl
ow
D
Informatie over Solution Menu
d
de
oa
Uitgebreide Handleiding > Informatie over Solution Menu
m
fro
Informatie over Solution Menu
Vanuit het venster Solution Menu hebt u vanaf het bureaublad snel toegang tot Canon-toepassingen,
handleidingen en online productinformatie.
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Snelkoppelingen via Solution Menu
Belangrijk
Hoeveel en welke knoppen worden weergegeven in het venster varieert, afhankelijk van uw printer
en uw regio.
Solution Menu openen
Klik hier: Solution Menu
Raadpleeg het gedeelte hieronder voor informatie over hoe u Solution Menu kunt openen vanaf het
bureaublad.
Dubbelklik op het pictogram Canon Solution Menu op het bureaublad. U kunt ook op Start klikken en
vervolgens op Alle programma's (All Programs) > Canon Utilities > Solution Menu > Solution Menu.
De volgende keer wordt Solution Menu gestart wanneer Windows start.
Als het selectievakje Solution Menu weergeven wanneer Windows start (Start Solution Menu when
Windows starts) in de linkerbenedenhoek van het venster niet is ingeschakeld, wordt Solution Menu niet
gestart wanneer Windows start.
Opmerking
Solution Menu wordt automatisch gestart wanneer u het installeert met de installatie-cd-rom die bij
de printer is geleverd.
Vensterformaat wijzigen
(vensterformaat: klein) op de titelbalk om het vensterformaat te
d
de
oa
(vensterformaat: groot) of
Klik op
wijzigen (groot of klein).
Pagina 710 van 710 pagina's
nl
ow
D
Informatie over Solution Menu
Solution Menu wordt de volgende keer geopend met het laatstgebruikte vensterformaat.
fro
m
Als het vensterformaat klein is
e
.b
re
or
nb
de
an
.v
w
w
w
Een toepassing starten
1. Wijs een knop in het venster aan om de beschrijving van de toepassing weer te
geven.
2. Als u op de knop klikt, wordt de toepassing geopend.
Voer dezelfde procedure uit om de handleidingen of online productinformatie weer te geven.
Belangrijk
Voor toegang tot de online informatie is een internetverbinding vereist. Aan de
internetverbinding zijn de gebruikelijke kosten verbonden.
Solution Menu sluiten
Klik op
(Sluiten) op de titelbalk.
Beperking voor het gebruik van Solution Menu
Bij het gebruik van deze software geldt de volgende beperking. Houd hier rekening mee wanneer u de
software gebruikt.
Alle pictogrammen van de geïnstalleerde toepassingen die Solution Menu ondersteunen worden in
het venster weergegeven. Na de installatie kunt u de pictogrammen niet herschikken of alleen de
pictogrammen verwijderen.
Naar boven
Download PDF