Samsung GX-20 Handleiding
PDF
Document
Publicitate
Publicitate
Belangrijke veiligheidsinformatie Hartelijk dank voor het aanschaffen van een digitale camera van Samsung. ■ Lees voordat u deze camera gaat gebruiken de gebruiksaanwijzing eerst zorgvuldig door. ■ Wanneer u service nodig heeft, neemt u de camera en de accessoires die verantwoordelijk zijn voor de storing aan de camera (zoals batterijen, geheugenkaart, enz.) mee naar het geautoriseerde servicecentrum. ■ Controleer voordat u de camera wilt gaan gebruiken (bijvoorbeeld vóór een uitstapje of een belangrijke gebeurtenis) of deze correct werkt om teleurstellingen te voorkomen. Samsung camera accepteert geen enkele aansprakelijkheid voor enig verlies of voor enige schade die het gevolg is van storingen aan de camera. • Microsoft, Windows en het Windows-logo zijn gedeponeerde handelsmerken van Microsoft Corporation Incorporated in de Verenigde Staten en/of andere landen. • Alle merk- en productnamen in deze handleiding zijn gedeponeerde handelsmerken van hun respectievelijke eigenaren. • Specificaties kunnen zonder voorafgaande mededeling worden gewijzigd. • Foto's die in deze gebruiksaanwijzing worden gebruikt zijn om gebruikers producten te doen begrijpen, en de resultaten kunnen verschillen afhankelijk van het type lens en de opnameomgeving. GEVAAR geeft een dreigend gevaar aan dat, als er niets aan GEVAAR wordt gedaan, kan leiden tot ernstig letsel of de dood. ■ Probeer deze camera niet op enigerlei wijze aan te passen. Dit kan namelijk leiden tot brand, letsel, elektrische schokken of ernstige schade aan u of uw camera. Interne inspectie, onderhoud en reparaties dienen te worden uitgevoerd door uw leverancier of door het servicecentrum voor cameras van Samsung. ■ Gebruik dit product niet in de directe nabijheid van brandbare of explosieve gassen, aangezien hierdoor het risico van een explosie toeneemt. Dit kanontbranding of een explosie veroorzaken. ■ Gebruik de camera niet meer als er vloeistof of vreemde voorwerpen in zijn binnengedrongen. Schakel de camera uit en verwijder de stroombron (batterijen of wisselstroomadapter). U moet contact opnemen met uw leverancier of met het servicecentrum voor camera's van Samsung. Ga niet door met het gebruik van de camera omdat dit kan leiden tot brand of elektrische schokken. Stop geen metalen of brandbare voorwerpen in de camera via de toegangspunten, ■ zoals de kaartsleuf of het batterijvak. Dit kan brand of elektrische schokken veroorzaken. ■ Gebruik deze camera niet met natte handen. Dit kan leiden tot elektrische schokken. WAARSCHUWING WAARSCHUWING geeft een mogelijk gevaar aan dat, als er niets aan wordt gedaan, kan leiden tot ernstig letsel of de dood. ■ Maak geen gebruik van de flitser in de onmiddellijke nabijheid van mensen of dieren. Als de flitser te dicht bij de ogen van het onderwerp afgaat, kan dit leiden tot oogletsel. ■ Richt bij het maken van foto's nooit de lens van de camera rechtstreeks op een zeer krachtige lichtbron. Dit kan leiden tot permanente beschadiging van uw ogen. ■ Houd dit product en de bijbehorende accessoires om veiligheidsredenen buiten het bereik van kinderen of babies om ongelukken te voorkomen zoals: • Het inslikken van batterijen of kleine camera-accessoires. Neem in het geval van een ongeluk onmiddellijk contact op met een arts. • Er bestaat kans op letsel door de bewegende onderdelen van de camera. ■ De batterij en de camera kunnen heet worden bij langdurig gebruik, en dit kan leiden tot het onjuist functioneren van de camera. Als dit het geval is, laat de camera dan een paar minuten met rust zodat deze kan afkoelen. ■ Laat deze camera niet achter op plekken waar de temperatuur extreem kan oplopen, zoals een afgesloten voertuig, direct zonlicht of andere plaatsen waar extreme temperatuurschommelingen optreden. Blootstelling aan extreme temperaturen kan een negatieve invloed hebben op de interne onderdelen van de camera en kan leiden tot brand. ■ Dek de camera of wisselstroomadapter nooit af tijdens het gebruik. Dit kan een opeenhoping van hitte veroorzaken en de behuizing van de camera vervormen, of leiden tot brand. Gebruik de camera en de accessoires altijd in een goed geventileerde ruimte. [1] Belangrijke veiligheidsinformatie WAARSCHUWING geeft een mogelijk gevaar aan dat, als er niets aan wordt gedaan, kan leiden tot ernstig letsel of de dood. Gebruik de batterijen op de juiste manier waarbij u rekening houdt met het volgende: Lekkende, oververhitte of beschadigde batterijen kunnen leiden tot brand of letsel. • Gebruik batterijen die geschikt zijn voor deze camera. • Sluit batterijen niet kort, verhit ze niet en gooi ze niet in een open vuur. • Plaats de batterijen in de juiste richting. Gebruik de flitser niet terwijl u deze vasthoudt met uw hand of aanraakt met een of ander voorwerp. Raak de flitser na continu gebruik niet aan. Dit kan leiden tot brandwonden. Wees voorzichtig met het verplaatsen van de camera als u gebruik maakt van de wisselstroomadapter. Schakel de camera na gebruik altijd uit voordat u de adapter uit het stopcontact verwijdert. Controleer vervolgens of alle verbindingssnoeren of kabels naar andere apparaten zijn losgekoppeld voordat u de camera gaat verplaatsen. Als u dit niet doet, kunnen de snoeren of kabels beschadigd raken en kunnen er brand of elektrische schokken optreden. Gebruik uitsluitend geschikte lenstypes die worden aanbevolen door uw plaatselijke SAMSUNG dealer. Let op ■ ■ ■ ■ Voorzorgsmaatregelen bij batterijgebruik ■ Gebruik alleen de aangegeven batterijen (SLB-1674) in deze camera. Het gebruik van andere batterijen kan oververhitting of ontploffing veroorzaken. ■ Zorg dat er geen metalen of brandbare vreemde voorwerpen in contact met de batterij komen. ■ Verwijder de batterij wanneer u de camera gedurende langere tijd niet gaat gebruiken. Batterijen kunnen anders elektrolyt gaan lekken en de onderdelen van de camera onherstelbaar beschadigen. ■ Als zich oververhitting voordoet of er rook uit het batterijvak komt, verwijdert u de batterij zo snel mogelijk uit de camera. Let er terwijl u dit doet op dat u zich niet brandt. Neem vervolgens contact op met uw leverancier of met het servicecentrum voor camera’s van Samsung. [2] ■ Demonteer de batterij niet. Dit kan lekkage of breuk veroorzaken. ■ Als vloeistof uit de batterij in uw ogen komt, was dit onmiddellijk uit met schoon water en raadpleeg een arts. Dit kan oogletsel veroorzaken. ■ Als een lekkende batterij in contact met de huid of kleren is gekomen, was dan de desbetreffende gebieden grondig met water. ■ Als zich oververhitting of rook in het batterijvak voordoet, verwijder dan de batterij zo snel mogelijk uit de camera. Let er terwijl u dit doet op dat u zich niet brandt. Neem vervolgens contact op met uw leverancier of het servicecentrum voor camera's van Samsung. ■ De batterij is vervangbaar en de levensduur wordt door gebruik verkort. Als de batterijcapaciteit op de helft is, koopt u een nieuwe. ■ Nadat de batterijen ongeveer 30 dagen verwijderd zijn geweest, kan de camera zichzelf opnieuw instellen. Voorzorgsmaatregelen bij het gebruik van de oplader ■ Gebruik uitsluitend de opgegeven oplader voor deze camera. De oplader, SBC-L6, is speciaal voor dit product bedoeld. ■ Gebruik van een andere oplader kan brand of een elektrische schok veroorzaken. Let op de stroom specificatie. (uitsluitend 100-240V) ■ Laad uitsluitend de opgegeven oplaadbare batterij (SLB-1674) op. Als u zich niet aan deze instructie houdt, kan dit brand, een elektrische schok, of een storing veroorzaken. ■ Demonteer de oplader niet. Dit kan tot brand, elektrische schok of een storing leiden. ■ Als er rook uit de oplader komt of deze oververhit raakt, stopt u onmiddellijk met het gebruik ervan en neemt u zo snel mogelijk contact op met uw leverancier of het servicecentrum voor camera's van Samsung. Dit kan brand of elektrische schokken veroorzaken. ■ Als er water in de camera komt, stop u met het gebruik van de camera en neemt u contact op met uw leverancier of het servicecentrum voor camera's van Samsung. Dit kan brand of elektrische schokken veroorzaken. ■ Als het bliksemt of onweert, sluit dan het stroomsnoer af. Dit kan breuk, brand of elektrische schokken veroorzaken. ■ Als er vuil op de stekker zit, maakt u deze schoon. Dit kan brand veroorzaken. Inhoudsopgave Voordat u begint met het maken van een foto 012 De inhoud van het pakket controleren 013 Namen van de verschillende onderdelen 016 De batterij opladen en plaatsen 012 013 014 015 016 017 018 018 De batterij opladen Batterijen plaatsen indicatie batterijniveau Levensduur batterij (volledig opgeladen batterij) De geheugenkaart insteken 021 De camera aan- en uitzetten 022 De taal- en datuminformatie instellen 024 025 De lens bevestigen en verwijderen Juiste methodes om de camera vast te houden OIS (Optical Image Stabilization, optische opnamestabilisatie) 021 Beginnen met basisopnamen (Automatische modus) Voorzijde & bovenzijde Achterkant Naslagwerk 019 020 026 026 026 027 027 028 029 030 voorzorgsmaatregelen als u de geheugenkaart gebruikt De verticale batterijhandgreep gebruiken (SBGD1V) (wordt apart verkocht) De OIS functie aanzetten Optische opnamestabilisatie Indicaties op het LCD scherm Terwijl de camera is ingeschakeld of wanneer u de functiekiezer gebruikt Opnamemodus Weergavemodus Histogramweergave 031 indicaties in de zoeker 032 033 Indicaties op LCD-scherm De volautomatische programmamodus gebruiken 031 034 034 035 035 036 Wat bevindt zich in het pakket Opnamemodus Een betere opname door het gebruik van meer functies 038 038 038 039 040 040 041 041 042 043 043 044 045 045 045 045 046 047 047 048 049 050 051 052 De sluiterknop bedienen Onderwerpen waarop moeilijk automatisch is scherp te stellen De zoeker aan uw zichtveld aanpassen De zoomring gebruiken De transportmodus gebruiken Controle van samenstelling, belichting en scherpstelling voordat u een opname maakt Weergave van het Digitale Voorbeeld De Live view functie gebruiken Handmatige witbalans (handmatige WB) De scherpstelling controleren Het gebruik van de autofocus Kies het scherpstelgebied (AF punt) Het scherpstelpunt in de zoeker instellen De scherpstelling vastleggen Handmatig scherpstelling wijzigen (Handmatig scherpstellen) De scherpstelindicator gebruiken Het matglas in de zoeker gebruiken De belichting instellen Effect van sluitersnelheid en effect van diafragmawaarde Effect van sluitertijd Effect van de diafragmawaarde De scherptediepte controleren De lichtmetingsmethode kiezen Belichtingscorrectie AB-L met AF vergrendeling De RAW-knop gebruiken De spiegel vergrendelingsfunctie gebruiken Opnamen met de zelfontspanner Opnamen met de afstandsbediening maken (wordt apart verkocht) [3] Inhoudsopgave 053 053 054 054 055 055 055 056 056 056 057 057 057 058 059 059 060 060 060 060 061 061 061 062 062 062 062 063 063 063 063 064 064 064 064 065 065 065 [4] Het menu gebruiken De MENU knop gebruiken Het OPNAMEMENU gebruiken Opnamewizard Bestandsindeling JPEG formaat JPEG-kwaliteit Kleurgebied Knop RAW Inst. Liveview Gebr.Registratie Intervalopname Meerdere bel. Multibelichting Geh.instellingen OIS (Optische opnamestabilisatie) Het AANGEP1 gebruiken AF-punt+AE Kop AF-punt Weergeven AF + afstandsbed. Functie AF-knop AF bij hlf indr. Focusprioriteit LW-stappen Lichtmetingtijd AE-L met AF-vergr. Programmalijn Auto LW-correctie Fijnafst. bij AWB WB bij flitsgebr. WB aanpassingsbereik Kleurtemp. Eenheid Ruisonderdrukking Hoge ISO-ruis ISO-weergave ISO-stappen Stel max.ber.ISO in Reset AG1 066 066 066 066 067 067 067 067 068 068 068 068 069 069 069 069 Het AANGEP2 gebruiken E-knop in Progr. / Sv / Tv / Av / TAv / M / X / B Groene knop TAv&M Gebr. diafr.ring One-touch bracketing Volg. bracketing Resterend Aantal Ontsp bij Opladen Voorbeeldmethode Initiële Zoom Autom. Rotatie Rotatie-info Opsl Batterij kiezen Licht LCD Boven Flash draadloze modus Reset AG2 070 Het INSTELLINGSMENU gebruiken 070 070 071 071 071 072 072 072 073 073 073 074 074 075 075 076 076 076 Formatteren Signaal Datum / tijd Language/ Hulpdisplay LCD-helderheid LCD kleuraanpassing Videosignaal USB (een extern apparaat kiezen) Auto Uitsch. Bestandsnaam Bestandsnaam wijz. Sensor Reinigen Sensor Stofvrij Stofwaarschuwing Pixel Mapping AF-afstelling Reset 077 Het WEERGAVEMENU gebruiken 077 077 078 078 Bel.waarsch. Snelweergave Digitaal vrbld Digitaal filter Inhoudsopgave Geavanceerde opnamemodi gebruiken 080 080 De best geprogrammeerde belichting gebruiken, P (programma) modus P (automatische geprogrammeerde belichting) modus 082 Opnamen maken met verschillende belichtingen 083 Een foto maken van een snel bewegend onderwerp 084 De achtergrond niet scherpstellen 085 De automatische ISO instelmodus gebruiken 086 De handmatige modus gebruiken om uw eigen camerainstellingen te kiezen 082 083 084 085 086 086 Sv (gevoeligheidsprioriteit) modus Tv (sluiterprioriteit) modus Gebruik van de TAv modus (sluitertijd- & diafragmaprioriteit) 088 De externe flitser gebruiken 089 Uw eigen belichtingsinstelling opslaan en de opgeslagen waarde gebruiken 088 089 090 090 User modus Belichting en opname (auto bracket) wijzigen De kleurtemperatuur instellen 096 De gevoeligheid van de opnamesensor aanpassen 096 096 De witbalans instellen De witbalans handmatig aanpassen De witbalans fijnafstellen De gevoeligheid instellen Het automatische correctiebereik instellen op AUTO Hoe speelt u de opnamen af De ingebouwde flitser gebruiken Flitsermodus selecteren Automatisch ontladen gebruiken De aanvullende fl itser gebruiken Rode-ogenreductie flitser gebruiken Eerste scherm synchroniseren, laatste scherm synchroniseren Opnamen met daglichtsynchronisatie Flitsopbrengst corrigeren Flitseigenschappen bij elke belichtingsmodus Lange-sluitertijdsynchronisatie gebruiken Afstand en diafragma bij gebruik van de ingebouwde flitser Berekenen van de diafragmawaarde op basis van opnameafstand Berekenen van de opnameafstand op basis van de diafragmawaarde 105 Een externe flitser gebruiken (wordt apart verkocht) 110 Stilstaande foto's weergeven 116 Opnamen verwijderen 105 106 106 107 107 108 X (flitser X synchronisatie) modus 092 092 093 094 104 B modus (Tijdopname) De belichting instellen 098 099 100 100 101 104 M (handmatig) modus EV balk Opnamen met lange sluitertijd maken 098 101 102 102 103 104 Av (diafragmaprioriteit) modus 087 087 De flitser gebruiken 110 111 111 111 112 113 115 116 116 117 Over het LCD scherm van SEF-36PZF Gebruik van de modus P-TTL automatisch Flitsen met korte-sluitertijdsynchronisatie Draadloos flitsen Rode-ogenreductie De externe flitsersynchronisatie schoen gebruiken Opnamen roteren Meerdere opnamen tonen Kies het aantal weer te geven opnamen Een map tonen Diavoorstelling Digitale filters RAW bestanden naar JPEG formaat converteren Eén opname wissen Alle opnamen verwijderen Gekozen opnamen verwijderen (uit het negenopnamen venster) [5] Inhoudsopgave 117 118 119 119 119 De software gebruiken Opnamen beveiligen tegen verwijderen Eén opname beveiligen Alle opnamen beveiligen 120 Camera aansluiten op audiovisuele apparatuur 122 Opmerkingen met betrekking tot software 122 124 De toepassingssoftware installeren PC modus starten 126 Verwisselbare schijf 127 127 127 127 128 128 130 131 132 Opgeslagen opnamen downloaden De verwisselbare schijf verwijderen Windows 2000/ME/XP/Vista Het USB besturingsprogramma voor MAC installeren Het USB besturingsprogramma voor MAC gebruiken Samsung Master Afbeeldingen downloaden Opname viewer Afbeelding bewerken Film bewerken 133 De Samsung RAW Converter 2.0 gebruiken 133 134 135 De RAW bestanden ontwikkelen De belichting corrigeren Omgaan met JPEG/TIFF bestanden terwijl u RAW bestanden bewerkt RAW bestanden opslaan in JPEG of TIFF formaat 135 Hoe maakt u een fotoafdruk 138 Afdrukservice instellen (DPOF) 140 Afdrukken met PictBridge 138 139 140 141 143 144 144 Systeemvereisten 125 126 [6] Mappen verwijderen Opnamen gemaakt met de RAW+ knop verwijderen Bijlage 146 146 146 146 147 152 154 156 Enkelvoudige opnamen afdrukken Instellingen voor alle opnamen Camera op de printer aansluiten Enkelvoudige opnamen afdrukken Alle opnamen afdrukken Opnamen laten afdrukken op basis van DPOF instellingen De kabel loskoppelen van de printer Optionele accessoires Externe flitser (SEF-54PZF / SEF-36PZF) Cameratas Overige Problemen oplossen Belangrijkste specificaties Verklarende woordenlijst Correcte verwijdering van dit product Functie ● De 14,60 effectieve megapixels van de SAMSUNG digitale camerasensor. (Hoog dynamisch bereik.) ● Ingebouwde optische opnamestabilisatie (OIS) minimaliseert of voorkomt dat digitale opnamen wazig worden door het trillen van de camera. ● Uitgerust met eenAutomatisch scherpstellen sensor met 11 scherpstellingspunten. Bij lichtmeting met nadruk op het midden wordt een breed scherpstelveld met 9 scherpstelpunten gebruikt. ● Verbeterde handmatige scherpstelling via een zoeker die vergelijkbaar is met een conventionele 35 mm SLR kleinbeeld-spiegelreflexcamera, met een vergrotingsfactor van 0,95×. Tevens voorzien van een functie voor weergave van de scherpstelpunten, waarbij de scherpstelpunten rood oplichten in de zoeker. ● Voorzien van een groot 2,7 inch LCD scherm met 230.000 pixels en een functie om de helderheid aan te passen voor hoge precisie kijkprestaties. ● Het grote hoge-resolutie LCD scherm en de heldere menu's zorgen ervoor dat de cameraGemakkelijk te bedienenis. ● De SP gecoate sensor minimaliseert stof. Alle overige stof kan worden verwijderd met de sensor reinigingsfunctie. ● U kunt JPEG of RAW opnameformaat kiezen. U kunt ook JPEG en RAW tegelijkertijd kiezen. ● Dit is een stofbestendigeen vochtbestendige camera waarmee u veilig buitenshuis opnamen kunt maken. ● Uitgerust met eendigitale voorbeeld functie om de opname te controleren en er zeker van te zijn dat het gewenste resultaat wordt bereikt. ● Het comfort en de flexibiliteit van de continue live view functie direct op het LCD scherm is beschikbaar voor de gebruiker. ● De fotowizard functie stelt u in staat de opname aan te passen voordat u deze maakt. U kunt de opname maken die u wenst door de kleurtoon, kleurverzadiging, het contrast enzovoort aan te passen. Het gebied dat door de camera wordt vastgelegd (de beeldhoek) verschilt tussen de GX-20 en 35mm SLR kleinbeeldspiegelreflexcamera’s, zelfs wanneer hetzelfde lenstype. Dit komt doordat het formaat van 35mm kleinbeeldfilm en de sensor verschillend zijn. Afmetingen voor 35mm film en grootte van sensor 35mm film: 36mm x 24mm GX-20 sensor: 23,4mm x 15,5mm Terwijl de beeldhoeken gelijk zijn moet de brandpuntsafstand van een lens die wordt gebruikt bij een 35mm camera ongeveer 1,5 keer langer zijn dan die van de GX-20. Om een gelijke beeldhoek te krijgen voor een 35mm camera met volledig kader deelt u de brandpuntsafstand van de 35 mm camera door 1,5. (Als u de GX-20 gebruikt voor het maken van opnamen.) Voorbeeld) Om de gelijke beeldhoek van een 150mm lens voor een 35mm camera met volledig kader te krijgen, krijgt u door 150 te delen door 1,5: "100". Gebruik een 100mm lens bij de GX-20. Het equivalent van de brandpuntsafstand voor een 35mm camera met volledig kader wordt omgekeerd uitgerekend, en wel als volgt: Voorbeeld) Als een 300mm lens wordt gebruikt bij de GX-20 300x1,5=450 De brandpuntsafstand is gelijk aan een 450mm lens bij een 35mm camera. Ä De hierboven vermelde berekeningsmethode is om gebruikers producten te doen begrijpen en de resultaten kunnen verschillen afhankelijk van het lenstype of de opnameomgeving. De berekende brandpuntsafstandwaarde is gebaseerd op het verschil tussen het 35mm filmformaat en de grootte van de camerasensor. (GX-20 is gebruikt als standaard om te vergelijken.) [7] Geïllustreerde pictogrammen in deze gebruiksaanwijzing begrijpen Lees deze basisinformatie grondig door voordat u het product gaat gebruiken. ◄ ( ) Dit pictogram geeft de programma moduskeuze aan. ▲ ► ▼ ( ), (▲▼), en (◄►) pictogrammen geven de richtingsknoppen aan. (▲), (▼), (◄) of (►) pictogrammen geven iedere richtingsknop aan. Dit "Opmerking" symbool geeft informatie die belangrijke punten uit de hoofdtekst belicht. ) Dit pictogram geeft de draaiknop aan de ( voorzijde aan. Dit "Waarschuwing" symbool adviseert gebruikers dat het niet opvolgen van een bepaalde handeling kan leiden tot lichamelijk letsel voor de gebruiker of schade aan de hardware. ( ) Dit pictogram geeft de draaiknop aan de achterzijde aan. [8] Inhoud van de gebruiksaanwijzing Deze gebruiksaanwijzing bevat de volgende hoofdstukken. 1. Voordat u begint met het maken van een foto Hierin worden de kenmerken van de camera, accessoires en de namen van de verschillende onderdelen beschreven. 7. De software gebruiken Legt de bewerkingssoftware uit die is meegeleverd bij uw SAMSUNG digitale camera. 2. Beginnen met basisopnamen (Automatische modus) Dit hoofdstuk geeft snelle richtlijnen voor nieuwe gebruikers om een foto te maken met behulp van de basisopnamemodus. (Automatische modus.) 8. Hoe maakt u een fotoafdruk Legt uit hoe u een fotoafdruk maakt. 3. Een betere opname door het gebruik van meer functies Dit hoofdstuk helpt gebruikers om een betere foto te krijgen door ze te leren hoe de juiste opnamehoek, belichting, scherpstelling op het voorwerp en dergelijke worden verkregen. 9. Bijlage Problemen oplossen en introductie van speciale termen die in deze gebruiksaanwijzing worden gebruikt. 4. Geavanceerde opnamemodi gebruiken Dit hoofdstuk legt uit hoe u de geavanceerde opnamemodi gebruikt zoals Tv (sluiterprioriteit AB) modus, Av (diafragmaprioriteit AB) modus, enzovoort. 5. De flitser gebruiken Dit hoofdstuk legt uit hoe u in het donker een foto maakt met behulp van de flitser. 6. Hoe speelt u de opnamen af Legt uit hoe u de foto-opnamen bekijkt of verwijdert, inclusief hoe u de opnamen als miniatuur bekijkt op het LCD scherm. [9] MEMO Voordat u begint met het maken van een foto Hierin worden de kenmerken van de camera, accessoires en de namen van de verschillende onderdelen beschreven. 012 De inhoud van het pakket controleren 013 Namen van de verschillende onderdelen 016 De batterij opladen en plaatsen 019 De geheugenkaart insteken 021 De camera aan- en uitzetten 022 De taal- en datuminformatie instellen 012 013 014 015 016 017 018 018 020 021 Wat bevindt zich in het pakket Naslagwerk Voorzijde & bovenzijde Achterkant De batterij opladen Batterijen plaatsen indicatie batterijniveau Levensduur batterij (volledig opgeladen batterij) voorzorgsmaatregelen als u de geheugenkaart gebruikt De verticale batterijhandgreep gebruiken (SBG-D1V) (wordt apart verkocht) De inhoud van het pakket controleren Controleer voordat u dit product gebruikt of u de juiste inhoud heeft. De inhoud kan variëren afhankelijk van de verkoopregio. Als u optionele apparatuur wilt aanschaffen, neemt u contact op met de dichtstbijzijnde Samsung-dealer of met het lokale Samsung-servicecentrum. Wat bevindt zich in het pakket Flitsschoenafdekking (gemonteerd op de camera) Oogschelp (gemonteerd op de camera) Zoekerkapje Afdekking behuizing (gemonteerd op de camera) USB kabel Videokabel Software (CD-ROM) Riem Oplaadbare batterij (SLB-1674) Oplader (SBC-L6) AC snoer Gebruiksaanwijzing/ Quick Guide [12] Namen van de verschillende onderdelen Voorzijde & bovenzijde Groene knop Ingebouwde flitser Flitserknop Functiekiezer Klepje voor aansluitingen Sluiterknop Ingang afstandsbediening Hoofdschakelaar USB/videoaansluiting Draaiknop voorzijde Riemhouder Zelfontspannerlamp / Ontvangst afstandsbediening Gelijkstroomingang Externe flitsersynchronisatie schoen RAW knop Richtteken lensbevestiging Ontgrendelknop voor de lens Lensinformatiecontacten Spiegel AF koppeling Scherpstelfunctieknop Probeer niet de diafragmahendel of de spiegel in de camerabehuizing aan te passen. Het niet opvolgen van deze instructie kan een storing aan het product veroorzaken. [13] Namen van de verschillende onderdelen Achterkant Zelfontspanner LED / Ontvangst afstandsbediening Flitsschoen Belichtingscorrectie / LCD scherm lampknop Sleuf voor geheugenkaart E-knop achterzijde LCD scherm Dioptrie correctieknop Knop AE-L / Vergrendeld Hendel voor de modus lichtmeting Knop belichtingsbracket Riemhouder Zoeker Knop MENU Knop Verwijderen / Opnamewizard AF knop Knop INFO Knop OK Richtingsknop Knop Afspelen Kaarttoegang LED Slot voor kaartdeksel LCD scherm Scherpstelpunt keuzeknop [14] OIS (Optical Image Stabilization, optische opnamestabilisatie) knop Knop Fn Afdekking geheugenkaart Namen van de verschillende onderdelen Naslagwerk Voorzijde Achterkant Groene knop (p. 66) Flitserknop (p. 99) Belichtingscorrectie (p.47) / LCD scherm lampknop (p.69) Functiekiezer (p. 33) Draaiknop voorzijde (p. 53) Dioptrie correctieknop (p.35) E-knop achterzijde (p.53) LCD scherm (p.32) Knop AE-L (p.48)/ Vergrendeld (p.119) Knop belichtingsbracket (p.90) RAW knop (p. 49) Knop MENU (p.53) Knop Verwijderen / Opnamewizard (p.116) Knop INFO (p.28) AF knop (p.61) Knop Afspelen (p.110) Richtingsknop (p.8) LCD scherm (p.27) Functiekiezer Een externe flitser gebruiken (p. 88) Uw eigen belichtingsinstelling opslaan en de opgeslagen waarde gebruiken (p. 89) Opnamen met lange sluitertijd maken (p. 87) De handmatige modus gebruiken om uw eigen camerainstellingen te kiezen (p. 86) De automatische ISO instelmodus gebruiken (p. 85) De achtergrond niet scherpstellen (p. 84) De volautomatische programmamodus gebruiken (p. 33) Knop Fn (p.36) OIS (Optical Image Stabilization, optische opnamestabilisatie) knop (p.26) Afdekking geheugenkaart (p.19) De best geprogrammeerde belichting gebruiken (p. 80) Opnamen maken met verschillende belichtingen (p. 82) Een foto maken van een snel bewegend onderwerp (p. 83) [15] De batterij opladen en plaatsen De batterij opladen 1. Stop de meegeleverde AC (wisselstroom) stekker in het stopcontact en in de DC (gelijkstroom) opening van de oplader. ● Als het LED lampje van de AC oplader niet aan gaat of gaat knipperen na het insteken van de oplaadbare batterij, controleer dan of de batterij er goed in zit. ● U moet de batterijstatus controleren aan de hand van het LED opladen. LED opladen Status Bezig met opladen Rode LED brandt Opladen voltooid LED brandt niet Oplaadfout Rode LED knippert ● Geschikte bedieningstemperatuur van de oplader is 0°C ~ 40°C. De batterij mag niet worden opgeladen onder of boven de bedieningstemperatuur (Rode LED knippert). Dit is geen storing van de camera. ● De oplader heeft een garantie van 1 jaar en de lithium-ion oplaadbare batterij heeft 6 maanden garantie. 2. Plaats de batterij op de oplader zoals aangegeven op het plaatje. Oplader (SBC-L6) Nominale invoer LED opladen AC100~240V (50Hz~60Hz) Graduele uitvoer DC 8,4 V / 700 mA Afmetingen 60 X 90 X 30,2 mm Gewicht 86 g ● Een lithium-ion batterij is vervangbaar. Als de arbeidsduur van een volledig opgeladen batterij sterk vermindert, koopt u een nieuwe. [16] De batterij opladen en plaatsen Batterijen plaatsen 3. Sluit het batterijvak afdekklepje en draai de batterijvak vergrendelingshendel zoals afgebeeld. 1. Draai de ontgrendelingshandel van het batterijvak zoals op de tekening staat en open het afdekklepje. 2. Plaats de batterij zoals aangegeven op het plaatje. ● Gebruik de opgegeven batterij. Problemen veroorzaakt door andere batterijen worden niet gedekt door de Samsung garantie. ● Open de klep van het batterijvak niet en verwijder de batterijen niet terwijl de camera aan staat. ● Verwijder de batterijen wanneer u de camera langere tijd niet gebruikt. De batterijen kunnen anders gaan lekken. ● Als de datum- en tijdinstellingen zijn teruggezet nadat u een nieuwe batterij heeft geplaatst na een lange tijd. Als de datum- en tijdinstellingen zijn teruggezet nadat u nieuwe batterijen na een lange tijd plaatst, stelt u de datum en tijd informatie opnieuw in met behulp van het [DATUM/TIJD] menu in het [MENU INST.]. ● Plaats de batterijen op de juiste wijze. Onjuist geplaatste batterijen kunnen ervoor zorgen dat de camera kapot gaat. Veeg de polen van de batterijen af voordat u deze plaatst. ● Als de batterij verwijderd is, zet dan eerst de camera uit omdat anders misschien opgeslagen gegevens worden gewist. Batterijklephendel [17] De batterij opladen en plaatsen Indicatie batterijniveau U kunt de resterende levensduur van de batterij aflezen aan het LCD scherm. verlicht Batterij is vol. verlicht Batterij raakt leeg. op het verlicht knipperen Batterij is bijna leeg. De camera schakelt zichzelf na deze melding uit. Levensduur batterij (volledig opgeladen batterij) Batterij Bedrijfstemperatuur SLB-1674 23SDgrC Normaal opnemen Flitsfotografie 50% gebruik 100% gebruik Ongeveer 500 Ongeveer 430 Ongeveer 400 min./1,000 min./860 min./800 Deze getallen zijn gemeten onder de standaardomstandigheden van Samsung, en opnameomstandigheden kunnen verschillen afhankelijk van de methoden van de gebruiker. [18] ● Batterijprestaties nemen tijdelijk af als u ze in koude omstandigheden gebruikt. Houd bij gebruik van de camera in een koud klimaat extra batterijen bij de hand, die u warm houdt in uw zak. Bij het bereiken van kamertemperatuur worden de batterijprestaties weer normaal. ● Zorg dat u extra batterijen bij u hebt als u een verre reis maakt, opnamen maakt in een koud klimaat of een groot aantal opnamen maakt. ● Een AC voedingsadapter (SAC-82, wordt apart verkocht) is beschikbaar om te gebruiken als u het LCD scherm gedurende lange tijd gebruikt of uw camera op een PC aansluit. ● De levensduur van de batterij kan verschillen afhankelijk van de brandpuntsafstand van de lens die aan de camerabehuizing is bevestigd. De geheugenkaart insteken ■ SD / SDHC geheugenkaart en Multi Media kaart kunnen bij deze camera worden gebruikt. ■ Gemaakte opnamen worden opgeslagen op de geheugenkaart. Zorg dat de camera uit staat voordat u de geheugenkaart plaatst of uitneemt. 1. Til de kaartafdekklep vergrendeling op zoals afgebeeld (①) en draai het in de OPEN richting (②) (Kaartafdekklep opent (③)). ● Verwijder de geheugenkaart niet wanneer het kaarttoegangslampje brandt. ● Nieuwe geheugenkaarten moeten altijd worden geformatteerd vóór gebruik. Dit geldt ook voor geheugenkaarten die in andere camera's zijn gebruikt. ● Als de geheugenkaart afdekklep open wordt gelaten, gaat de stroom niet aan. Pasgleuf ● Zorg ervoor dat de geheugenkaart correct gericht is voordat u deze in de camera steekt. Vergrendelingsknop 2. Zorg dat de voorkant van de geheugenkaart naar het LCD scherm is gericht en steek de geheugenkaart erin. - Druk nogmaals op de geheugenkaart om deze uit de geheugenkaartsleuf te verwijderen. 3. Sluit de kaartafdekklep. [19] De geheugenkaart insteken Voorzorgsmaatregelen als u de geheugenkaart gebruikt ● De geheugenkaart (SD/SDHC CARD) is voorzien van een schuifje voor schrijfbeveiliging. Als u het schuifje op LOCK zet, worden de bestaande gegevens beveiligd waarbij wordt voorkomen dat Tegen nieuwe gegevens worden opgeslagen, bestaande overschrijven gegevens worden gewist, of de kaart wordt beschermen geformatteerd. schakelaar ● Pas op wanneer u de geheugenkaart meteen na gebruik van de camera eruit neemt: de kaart kan dan heet zijn. ● Neem de geheugenkaart niet uit en zet de camera niet uit terwijl er gegevens op de kaart worden opgeslagen of opnamen worden weergegeven of wanneer de camera met een USB kabel is aangesloten op een computer. Hierdoor kunnen de gegevens verloren gaan of kan de kaart beschadigd raken. ● Buig de geheugenkaart niet en stel deze niet bloot aan heftige schokken. Houd de kaart uit de buurt van water en bewaar hem niet op een plaats met een hoge temperatuur. ● Neem de geheugenkaart niet uit tijdens het formatteren. De kaart kan daardoor beschadigd raken en onbruikbaar worden. ● Onder de volgende omstandigheden kunnen de gegevens op de geheugenkaart worden gewist. Samsung Camera aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid voor verwijderde gegevens (1) De geheugenkaart wordt verkeerd gebruikt door de gebruiker. (2) De geheugenkaart wordt blootgesteld aan statische elektriciteit of elektrische storingen. (3) De kaart wordt lange tijd niet gebruikt. (4) De kaart wordt uitgeworpen of de batterij wordt verwijderd terwijl gegevens op de kaart worden opgenomen of bekeken. ● De geheugenkaart heeft een beperkte levensduur. Als de kaart lange tijd niet wordt gebruikt, kunnen de gegevens op de kaart onleesbaar worden. Sla regelmatig een reservekopie van belangrijke gegevens op een computer op. [20] ● Gebruik of bewaar de kaart niet op plaatsen waar deze aan statische elektriciteit of elektrische storingen kan worden blootgesteld. ● Gebruik of bewaar de kaart niet op plaatsen waar deze wordt blootgesteld aan rechtstreeks zonlicht, snelle temperatuurschommelingen of condensatie. ● Bezoek voor informatie over compatibele geheugenkaarten de Samsung Camera website of neem contact op met de dichtstbijzijnde Samsung Camera klantenservice. ● Nieuwe geheugenkaarten moeten altijd worden geformatteerd. Dit geldt ook voor geheugenkaarten die in andere camera's zijn gebruikt. ● Als u de geheugenkaart formatteert, is het mogelijk dat de capaciteit van de geheugenkaart minder lijkt dan op het productlabel staat geschreven. De camera aan- en uitzetten 1. Beweeg de hoofdschakelaar naar de ON positie. De verticale batterijhandgreep gebruiken (SBG-D1V) (wordt apart verkocht) Als u de batterijhandgreep gebruikt heeft u een comfortabeler positie als u opnamen met een verticale beeldhoek gebruikt. 2. Het LCD scherm en de monitor gaan aan. Nu kunt u een foto nemen met de camera. Batterijhandgreep ● Zet de camera altijd uit wanneer deze niet in gebruik is. ● Wanneer gedurende een ingestelde tijd geen handelingen worden verricht, wordt de camera automatisch uitgeschakeld. (Standaardinstelling is 1 minuut). U kunt de instelling wijzigen in het [AUTOMATISCH UITSCHAKELEN] menu in het [MENU INST.] menu. Om de camera weer aan te zetten draait u aan de hoofdschakelaar of u doet het volgende. - Druk de sluiterknop tot halverwege in. - Druk op de knop afspelen ( ). - Druk op de INFO knop. ▲ De batterijhandgreep installeren Batterijhandgreep ondersteunt de groene knop ( ) functie terwijl u nog steeds de belichting kunt aanpassen met behulp van de batterijhandgreep. ▲ Verticale positie als u de batterijhandgreep gebruikt Zie voor meer gedetailleerde informatie over de batterijhandgreep de gebruiksaanwijzing van de batterijhandgreep. [21] De taal- en datuminformatie instellen De eerste keer dat de camera na aanschaf wordt aangezet, verschijnt het [INITIAL SETTING] scherm op het LCD scherm. Volg de onderstaande procedure om de taal die wordt weergegeven op het LCD scherm en de actuele datum en tijd in te stellen. Als deze instellingen eenmaal zijn verricht, hoeven ze niet opnieuw te worden uitgevoerd bij het aanzetten van de camera. 1. Het volgende scherm verschijnt als u de camera voor de eerste keer aanzet. INITIAL SETTING Language/言語 English Deutsch Español 한국어 Português 中文简体 Italiano 中文繁體 Svenska Français : Set : Cancel 2. Kies de taal die u wenst te gebruiken met behulp van de richtingsknoppen ( ) op uw camera, en druk vervolgens op de OK knop • Engels, Koreaans, Chinees (traditioneel / vereenvoudigd), Frans, Duits, Spaans, Portugees, Italiaans, Zweeds, Nederlands, Deens, en Russisch. 3. De huidige datum en tijd kunnen in het volgende scherm worden ingesteld. BASISINSTELLINGEN Datum/tijd Type mm/dd/jj Datum 01 01 Tijd 00 00 : Inst. [22] 24h 2008 : Annul. 4. Kies [Type], [Date], en [Time] om weer te geven door te drukken op de richting knoppen ( ). 5. Druk op de OK knop om op te slaan. Als de datum- en tijdinformatie al zijn ingesteld en u wilt een wijziging doorvoeren, stel dan de datum- en tijdinformatie in met behulp van het [Datum/tijd] menu in het [INSTELLINGSMENU]. Beginnen met basisopnamen (Automatische modus) 024 025 026 Dit hoofdstuk geeft snelle richtlijnen voor nieuwe gebruikers om een foto te maken met behulp van de basisopnamemodus. (Automatische modus.) 027 026 026 027 028 029 030 De lens bevestigen en verwijderen Juiste methodes om de camera vast te houden OIS (Optical Image Stabilization, optische opnamestabilisatie) De OIS functie aanzetten Optische opnamestabilisatie Indicaties op het LCD scherm Terwijl de camera is ingeschakeld of wanneer u de functiekiezer gebruikt Opnamemodus Weergavemodus Histogramweergave 031 indicaties in de zoeker 032 033 Indicaties op LCD-scherm De volautomatische programmamodus gebruiken 031 034 034 035 035 036 Opnamemodus De sluiterknop bedienen Onderwerpen waarop moeilijk automatisch is scherp te stellen De zoeker aan uw zichtveld aanpassen De zoomring gebruiken De transportmodus gebruiken De lens bevestigen en verwijderen Neem voor aanvullend gebruik van lenzen contact op met de klantenservice over de beschikbare lenzen. Sommige functies zijn beperkt wanneer de lenzen niet staan ingesteld op Diafragma A (Automatisch). Om de sluiterknop te activeren stelt u [GEBRUIK DIAFRAGMARING] in het [MENU PERS2] menu in. 4. Haal de frontkap van de lens door de aangegeven delen naar binnen te duwen. Zet de camera uit voordat u de lens bevestigt of verwijdert om onverwachte lensproblemen te voorkomen. 1. Controleer of de camera uit staat. 2. Verwijder de bevestigingskap van de behuizing (①) en de lenskap (②). Let erop dat u de lens neerlegt met het bevestigingsdeel omhoog om beschadiging te voorkomen. 3. Zorg dat de richttekens (de rode puntjes) op de camera en de lens tegenover elkaar liggen. Draai vervolgens de lens met de klok mee totdat deze vastklikt. Na het bevestigen van de lens controleert u of deze goed vastzit. Controleer ook of de rode puntjes van de lens aan de bovenzijde zitten en of de lensbevestiging niet zijdelings kan bewegen. 5. Als u de lens wilt verwijderen drukt u de lens ontgrendelingsknop in (③) en draait u de lens tegen de klok in. ● De afdekkap van de behuizing (①) is een kap om schade te voorkomen tijdens transport. ● Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor ongelukken, schade en defecten die het gevolg zijn van het gebruik van lenzen van een ander merk. ● De camerabehuizing en lensbevestiging zijn voorzien van informatiecontacten en een AF koppeling. Vuil, stof of corrosie kunnen problemen met het elektronische systeem of een incorrecte werking veroorzaken. U kunt de contacten reinigen met een zachte, droge doek. Het bevestigen en verwijderen van de lens dient op een schone plek te gebeuren. Vermijd contact met water. Als de camerabehuizing of de lens nat of vies worden kan zich een defect aan de camera voordoen. [24] Juiste methodes om de camera vast te houden Hoe u de camera vasthoudt, is van belang bij het maken van opnamen. - Gebruik beide handen als u een foto maakt om te voorkomen dat digitale opnamen door het trillen van de camera worden beïnvloed. Probeer de geringste beweging van de camera tijdens het maken van opnamen te vermijden. ▲ Horizontale positie ● Om te voorkomen dat de camera beweegt tijdens het maken van de opname, kunt u met de camera steun zoeken op of tegen een vast object, zoals een tafel, boom of muur. ● Hoewel er individuele verschillen tussen fotografen zijn, is de laagste aanbevolen sluitertijd voor een met de hand vastgehouden camera over het algemeen 1/(brandpuntsafstand x 1,5). De sluitertijd is bijvoorbeeld 1/75 seconde bij een brandpuntsafstand van 50mm en 1/150 seconde bij een brandpuntsafstand van 100mm. U dient een statief of de OIS ( ) functie te gebruiken voor lagere sluitertijden. ) functie niet omdat het ● Gebruik als u een statief heeft de OIS ( beeld wazig kan worden door de oscillatie van de OIS sensor. ● Om het trillen van de camera te verminderen terwijl u een telelens gebruikt, gebruikt u een statief dat zwaarder is dan het totale gewicht van de camera en de lens. ▲Verticale positie [25] OIS (Optical Image Stabilization, optische opnamestabilisatie) De OIS functie aanzetten Draai aan deOIS schakelaar. Als de sluiterknop voor de helft wordt ingedrukt, verschijnt in de zoeker en schakelt de OIS functie aan. Optische opnamestabilisatie De OIS functie vermindert het trillen van de camera dat optreedt als de sluiterknop wordt ingedrukt. Dit is handig in situaties waarin u de camera moeilijk kunt stil houden. Met de OIS functie kunt u foto's nemen met een sluitersnelheid die ongeveer 2 tot 3,5 stappen langzamer is zonder het risico dat de camera trilt. De OIS functie is ideaal voor het nemen van foto's in de volgende situaties. - Wanneer u foto's neemt in slecht verlichte ruimtes, zoals binnenshuis, 's nachts, op bewolkte dagen en in de schaduw - Wanneer u een foto neemt met telelens ▲ Wazige foto [26] ▲ Foto genomen met de OIS functie ● De OIS functie compenseert niet voor wazige afbeeldingen veroorzaakt door beweging van het onderwerp. Om foto's te nemen van een bewegend onderwerp, moet u de sluitertijd verhogen. ● De OIS functie kan het bewegen niet helemaal opheffen bij het nemen van close-up foto's. In dit geval wordt aanbevolen de OIS functie uit te zetten en een statief te gebruiken. ● De OIS functie werkt niet volledig bij een lagere sluitersnelheid, bijvoorbeeld bij het fotograferen van een bewegend onderwerp of bij nachtopnamen. In dit geval wordt aanbevolen de OIS functie uit te zetten en een statief te gebruiken. ● Zet de OIS schakelaar uit als u de OIS functie niet gaat gebruiken. ● De OIS functie werkt niet volledig (gedurende ongeveer 2 seconden) direct na het aanzetten van de camera of wanneer hij herstelt van Auto Power Off. Wacht tot de OIS functie stabiel is voordat u zachtjes de sluiterknop indrukt om een foto te nemen. Druk de sluiterknop tot halverwege in. De camera is gereed om foto's te maken als het pictogram in de zoeker verschijnt. ● Zorg dat u de OIS functie uitzet als u een statief gebruikt. ● De OIS functie wordt automatisch uitgeschakeld in de volgende situaties. Als u de zelfontspanner gebruikt, opnamen met de afstandsbediening maakt, tijdopnamen maakt, of in de draadloze modus met een externe flitser. ● Zie voor meer informatie over de functie OIS (Optical Image Stabilization) pagina 59 Indicaties op het LCD scherm Afhankelijk van de camerastatus kunnen de volgende indicaties op het LCD scherm worden weergegeven. Gedetailleerde informatie Brandpuntsafstand informatie Transportmodus/Uitgebreide bracket LCD scherm Lichtmetingtype AF modus Witbalans Gevoeligheid Flitsmodus OIS (Optical Image Stabilization) Aangepaste modus Automatisch Bel. Programma Terwijl de camera is ingeschakeld of wanneer u de functiekiezer gebruikt Bedieningsaanwijzingen worden drie seconden lang op het LCD scherm weergegeven bij het inschakelen of het instellen van de functiekiezer. ( ). Knoppengids Activeren AF Opnamemodus (Modus functiekiezer) e-knop informatie Batterijstatus U kunt de specifieke tijd voor de weergave van de bedieningsaanwijzingen op het LCD scherm instellen. Kies de gewenste tijd in [MENU INST.] > [BEDIENINGSWEERGAVE]. Datum en tijd De indicatoren [LICHTMETINGTYPE], [BRANDPUNTSAFSTAND INFORMATIE], [WITBALANS], en [GEVOELIGHEID] verschijnen alleen als een instelling anders dan de standaardinstelling is gekozen. [27] Indicaties op het LCD scherm Opnamemodus Druk op deINFO knop in de opnamemodus om de instellingen van de opnamefunctie weer te geven op het LCD scherm. 1. Opnamemodus 16. Kleurruimte 2. Aangepaste modus 17. OIS (Optical Image Stabilization, optische opnamestabilisatie) 3. Lichtmetingmodus 4. Flitsermodus Gedetailleerde informatie 1 2 3 4 5 6 7 5. Transportmodus 19. BA compensatiewaarde (GM) / BA compensatiewaarde (BA) 6. Belichtingsbracket / Meervoudige belichting 20. Opgenomen pixels 7. AF modus 8. Scherpstelpuntbepaling 30 28 29 Standard 27 26 25 24 9 10 10. Fotowizard modus 19 18 17 16 11. Kleurtoon 11 12. Kleurverzadiging 12 13. Contrast 15 21 [28] 9. Uitgebreide bracket 14 22 20 8 13 23 18. Kwaliteitsniveau 14. Scherpte 15. Datum en tijd 21. Batterijstatus 22. Bestandstype 23. Witbalans 24. ISO gevoeligheid 25. ISO bereik (automatisch) 26. Brandpuntsafstand lens 27. Diafragmawaarde 28. Belichtingswaarde flitser 29. Sluitertijd 30. Belichtingscompensatiewaarde Indicaties op het LCD scherm Weergavemodus Druk op de INFO knop in de weergavefunctie om de opname-informatie op het LCD scherm weer te geven. Als u de INFO knop indrukt worden achtereenvolgens de basisinformatie, het histogram, de gedetailleerde informatie en geen informatie weergegeven. 2 3 14. Brandpuntsafstand lens 3. Transportmodus 5. Flitsermodus 4 5 6 7 Standard 15. Flitscompensatiewaarde 16. Fotowizard modus 17. Kleurtoon/Kleurverzadiging 18. Contrast/Scherpte 6. OIS (Optical Image Stabilization, optische opnamestabilisatie) 19. Datum & Tijd 8 7. DPOF instellingen 9 20. Bestandstype / Opnamegrootte / Kwaliteit / Kleurruimte 8. Mapnaam en aantal opgeslagen opnamen 9. Beveiligingspictogram 21. Gevoeligheid / Witbalans / WB compensatie (GM) / WB compensatie (BA) 12 10. AF modus 22. Diafragmawaarde 13 14 15 16 11. Uitgebreide bracket 23. Opnamemodus 12. Scherpstelpuntinformatie 24. Sluitertijd 10 11 24 23 22 21 13. Belichtingscompensatiewaarde 2. Belichtingsbracket / Meervoudige belichting 4. Lichtmetingmodus Gedetailleerde informatie 1 1. Gemaakte opnamen 20 17 19 18 Indicatoren 5 (Flitsmodus) en 15 (Flitscompensatiewaarde) worden alleen weergegeven als de opname met flitser is gemaakt. U kunt de oorspronkelijk weergegeven informatie veranderen door te drukken op de weergave knop ( ). [29] Indicaties op het LCD scherm Histogramweergave ● Het DPOF pictogram ( ) wordt alleen getoond als een op DPOF ingestelde opname wordt weergegeven. ● Het pictogram opnamen beveiligen ( ) verschijnt alleen als de opname tegen wissen is beveiligd. ● Als [Bel.waarsch.] is ingesteld op [Aan] in het [WEERGAVEMENU], knippert het overbelichte gebied in de weergegeven opname rood terwijl het onderbelichte gebied geel knippert. ● Histogram laat u de verdeling van de helderheid van opgenomen opnamen zien. Als de balken in het histogram aan de rechterkant hoger zijn, is de opname mogelijk te licht. Als de balken in het histogram aan Donker Licht de linkerkant hoger zijn, is de opname mogelijk te donker. Als de belichtingsomstandigheden Verdeling van helderheid te fel zijn om het onderwerp te controleren via het LCD scherm, kunt u de belichting voor de opnamen preciezer afstellen met behulp van het histogram. Helderheid histogram dat de helderheid van de opname verdeelt en RGB histogram dat de kleur van de opname verdeelt zijn aankiesbaar door op de richtingsknoppen te drukken (▲▼). Nummer opnamemap en bestandsnummer Beschermingspictogram Pixel Opnamekwaliteit (type opnamebestand) ▲ Weergave DPOF instellingen Indicator voor helderheidshistogram en RGB histogram Histogram (R) Histogram (G) Histogram (B) ▲ Y Histogram Histogram (helderheid) [30] ▲ RGB Histogram Indicaties in de zoeker Opnamemodus De huidige instellingswaarde verschijnt in de zoeker als de INFO knop wordt ingedrukt in de opnamemodus. Puntlichtmeting frame Scherpstelpunt AF kader AF kader ISO indicator Diafragma Toont de diafragmawaarde tijdens het maken of aanpassen van opnames.(Diafragmawaarde kan worden aangepast met behulp van deze draaiknop aan de voorzijde ( ) en draaiknop aan de achterzijde ( ).) Sluitersnelheid Toont de sluitertijd tijdens het maken of aanpassen van opnames. (Sluitersnelheid kan worden aangepast met ( Scherpstelindicator Verschijnt wanneer de opname is scherpgesteld. behulp van deze draaiknop aan de voorzijde ) en draaiknop aan de achterzijde ( ).) Belichtingsbalk Toont de belichtingscorrectiewaarde. De verschillen tussen de huidige belichtingswaarde en de correcte belichtingswaarde in de M modus. Flitsstatus Verschijnt als de flitser beschikbaar is en knippert als flitser wordt aanbevolen maar niet is ingesteld. Handmatige scherpstelling Verschijnt wanneer handmatig scherpstellen is gekozen. Aantal nog te maken opnamen / BW correctie Toon het aantal nog te maken opnamen (inclusief het aantal nog te maken opnamen met behulp van de transportmodus) met de huidige kwaliteit en opgenomen pixels instelling. De verschillen tussen de gecompenseerde belichting en de correcte belichting worden getoond. In de M modus kan de belichtingswaarde anders zijn. In de gevoeligheidsvoorkeurfunctie / sluitertijd & diafragmavoorkeurmodus wordt de ISO gevoeligheid getoond. OIS (Optical Image Stabilization) indicator Geef het RAW bestandsformaat dat is gekozen weer. Dit verschijnt als het bestandsformaat is ingesteld op RAW (RAW+). Flitser belichtingscorrectie AB vergrendelingsindicator Verschijnt als AB is vergrendeld. BW correctie Wordt weergegeven wanneer de BW correctie gereed is of gebruikt wordt. [31] Indicaties op LCD-scherm De volgende informatie wordt weergegeven op het LCD scherm op de bovenzijde van de camera. Automatische bracket Flitserbelichting Correctie indicator Sluitertijd Belichtingscorrectie Belichtingsbalk Meervoudige belichting Diafragma Batterijstatus RAW/RAW+ knop in gebruik Toont de ISO gevoeligheid Flitsmodus : Ingebouwde flitser is klaar (als dit knippert dient de flitser te worden gebruikt; of er is een incorrect lens bevestigd) : Flitsen met Transportfunctie rode-ogenreductie aan : Enkelvoudig frame : Automatisch ontladen : Continuopnamen SLOW : Eerste scherm sychroniseren / : Zelfontspanner Achterse scherm : Modus afstandsbediening synchroniseren W : Draadloze modus [32] Aantal nog te nemen opnamen / BW correctiewaarde / PC (Pb) (PC=personal computer (Verwisselbare schijf), (Pb=PictBridge)) Witbalans (als Automatische WB is gekozen, wordt geen pictogram getoond) ± : Witbalanscorrectie De volautomatische programmamodus gebruiken Automatische modus helpt gebruikers een foto in heel eenvoudige stappen te nemen met de juiste belichting en automatisch scherpstellen. De automatische modus is ontworpen voor gebruikers die een DSLR (digitale spiegelreflexcamera) voor het eerst gebruiken. 1. Zet de functiekiezer in ( Automatisch ( ). ) de modus 4. Breng het onderwerp binnen het autofocuskader en druk de sluiterknop tot halverwege in. - Het automatische scherpstelsysteem treedt in werking. De scherpstelindicator ( ) verschijnt in de zoeker met het piepgeluid zodra het onderwerp is scherpgesteld. - De camera zal de optimale opnamemodus voor het onderwerp kiezen. AF kader 2. Zet de scherpstelmodusknop op SAF. - In de SAF modus kan de sluiterknop alleen worden ingedrukt als de opname is scherpgesteld. Scherpstelindicator ● Als u ontdekt dat automatisch scherpstellen niet beschikbaar is, zet u de scherpstelmodushendel op MF en vervolgens kunt u het scherpstellen handmatig wijzigen. ● De flitser wordt niet uitgeklapt. Om de flitser handmatig uit te klappen, drukt u op de flitser uitklapknop. ( ). 3. Kijk door de zoeker om het onderwerp te bekijken. Een zoomlens kan worden gebruikt om de grootte van het onderwerp in de zoeker te veranderen. 5. Druk de sluiterknop volledig in. - De opname wordt gemaakt. [33] De volautomatische programmamodus gebruiken Onderwerpen waarop moeilijk automatisch is scherp te stellen 6. Gemaakte opnamen bekijken op het LCD scherm. - Opname wordt gedurende één seconde op het LCD scherm weergegeven na het opnemen (Directe weergave) U kunt de opname tijdens Directe weergave verwijderen door op de knop Verwijderen te drukken ( ). Als u drukt op de knop Weergeven ( ), verschijnen gemaakte opnamen weer op het LCD scherm. Het mechanisme voor automatisch scherpstellen is niet altijd accuraat. Scherpstellen kan moeilijk zijn bij het nemen van foto's onder de volgende omstandigheden (1 tot en met 6 hieronder). Deze zijn ook van toepassing op handmatig scherpstellen met de scherpstelindicator ( ) in de zoeker. Als niet op het onderwerp kan worden scherpgesteld, stelt u de scherpstelmodusknop in op MF en gebruikt u de handmatige scherpstelmodus om via het matglas in de zoeker scherp te stellen op het onderwerp. De sluiterknop bedienen 1 Onderwerpen met een uitzonderlijk laag contrast, zoals een witte muur, binnen het bereik van de scherpstelpunten. De sluiterknop heeft twee standen. 2 Onderwerpen die weinig licht reflecteren binnen het bereik van de scherpstelpunten. 3 Snel bewegende onderwerpen. 4 Sterk weerkaatst licht of sterk tegenlicht (lichte achtergrond). [Niet ingedrukt] [Half indrukken (eerste positie)] [Volledig indrukken (tweede positie)] Als u de sluiterknop tot halverwege indrukt (eerste positie), worden de indicatoren in de zoeker en op het LCD scherm ingeschakeld en werkt het autofocussysteem. Als u de sluiterknop volledig indrukt (tweede positie), wordt de opname gemaakt. ● Als u een opname wilt maken, moet u de sluiterknop voorzichtig indrukken om camerabeweging te voorkomen. ● Oefen met het tot halverwege indrukken van de sluiterknop om te leren waar de eerste positie is. ● De zoekerindicatoren blijven aan terwijl u de sluiterknop indrukt. De indicatoren blijven ongeveer 10 seconden branden (standaardinstelling) nadat de knop wordt losgelaten. [34] 5 Verticale of horizontale lijnen die binnen het bereik van de scherpstelpunten vallen. 6 Verscheidene onderwerpen op voor- en achtergrond binnen het bereik van de scherpstelpunten. Er kan mogelijk niet op het onderwerp worden scherpgesteld zelfs als de scherpstelindicator ( ) is weergegeven als 6 hierboven van toepassing is. De volautomatische programmamodus gebruiken De zoeker aan uw zichtveld aanpassen De zoomring gebruiken Pas de zoeker aan uw zichtveld aan. Wanneer u de zoekerinformatie niet goed kunt zien, schuift u de hendel voor de dioptrieaanpassing opzij. U kunt de dioptrie verschuiven van -2,5 m-1 tot +1,5 m-1. Met behulp van de zoomring kunt u het formaat van een opname vergroten (telelens hoek) of verkleinen (groothoek) door de waarde van de brandpuntsafstand van de cameralens te wijzigen. Stel deze in op de gewenste grootte en maak de foto. 1. Richt het AF punt over het onderwerp en druk vervolgens de sluiterknop halverwege in. 1. Stel scherp op het onderwerp. 2. Pas de dioptrie aanpassingshendel aan uw zichtveld aan. 2. Draai de zoomring rechtsom of linksom. - Draai de zoomring met de klok mee naar de telestand of tegen de klok in naar de groothoekstand. - De zoeker wordt aan uw zichtveld aangepast. Dioptrie correctieknop ● Kijk door de zoeker om uw foto samen te stellen met de brandpuntsafstand die geschikt lijkt voor uw doeleinden. Draai de zoomring naar rechts of naar links totdat u de samenstelling ziet die u wenst. ● Een lens met vaste brandpuntsafstand heeft geen zoomring. AF kader De oogschelp is bevestigd op de zoeker wanneer de camera wordt verzonden. uit de fabriek. Dioptriecorrectie is mogelijk als de oogschelp is aangesloten. Correctie is echter gemakkelijker als de oogschelp is verwijderd, zoals hierboven weergegeven. Trek de oogschelp omhoog en verwijder deze zoals rechts afgebeeld. ▲ Groothoek ▲ Telelens [35] De volautomatische programmamodus gebruiken De transportmodus gebruiken U kunt met de TRANSPORT modus de functies continuopnamen of zelfontspanner kiezen. Dit hoofdstuk legt als voorbeeld de modus [Continue opnamen (hoog)] uit. 1. Druk op de Fn knop op uw camera en druk vervolgens op de richtingsknop (▲). - Het scherm met opties voor de transportfunctie verschijnt. - Als de AF modus niet is ingesteld op SEL, kunt u de richtingsknoppen (▲) direkt indrukken om de transportfunctie te gebruiken. 2. Kies [( ) CONTINUOPNAMEN (HOOG)] met behulp van de richtingsknoppen (◄►) en druk vervolgens op de OK knop. TRANSPORTFUNCTIE Enkelbeeldopname : Vrpl. : Inst. TRANSPORTFUNCTIE - De camera is gereed voor het maken van opnamen. Continue opnamen (hoog) : Vrpl. : Inst. 3. Continuopnamen begint zodra u de sluiterknop indrukt en ingedrukt houdt. [36] ● Als u [Resterend Aantal] op [Continu] zet in het [MENU PERS2], verschijnt het maximale aantal continuopnamen in de zoeker als u de sluiterknop halverwege indrukt. ● Telkens wanneer de sluiterknop wordt ingedrukt, wordt er opnieuw scherpgesteld, terwijl de belichtingslichtmeter timer wordt ingesteld (sluiterknop wordt half ingedrukt) als de scherpstelfunctie wordt ingesteld op SAF (Enkelvoudige modus). ● Scherpstellen is continu actief als de scherpstelfunctie staat ingesteld op CAF (Continue modus). ● Let op dat in de CAF (Continue modus) / MF (Handmatige modus) de opname wordt gemaakt als de sluiterknop volledig wordt ingedrukt, zelfs als het scherpstellen nog niet voltooid is. ● Bij gebruik van de ingebouwde flitser kan pas een opname worden gemaakt wanneer de flitser volledig is opgeladen. ● Om een foto te maken terwijl de ingebouwde flitser oplaadt, stelt u [Ontsp bij Opladen] in op [Aan] in het [MENU PERS2]. Een betere opname door het gebruik van meer functies Dit hoofdstuk helpt gebruikers om een betere foto op te slaan door ze te leren hoe de juiste opnamehoek, belichting, scherpstelling op het voorwerp en dergelijke worden verkregen. 038 038 038 039 040 040 041 041 042 043 043 044 Controle van samenstelling, belichting en scherpstelling voordat u een opname maakt Weergave van het Digitale Voorbeeld De Live view functie gebruiken Handmatige witbalans (handmatige WB) De scherpstelling controleren Het gebruik van de autofocus Kies het scherpstelgebied (AF punt) Het scherpstelpunt in de zoeker instellen De scherpstelling vastleggen Handmatig de scherpstelling wijzigen (Handmatig scherpstellen) De scherpstelindicator gebruiken Het matglas in de zoeker gebruiken 045 De belichting instellen 049 050 051 052 De RAW knop gebruiken De spiegel vergrendelingsfunctie gebruiken Opnamen met de zelfontspanner Opnamen met de afstandsbediening maken (wordt apart verkocht) Het menu gebruiken 045 046 047 047 048 053 053 054 060 066 070 077 Effect van sluitersnelheid en effect van diafragmawaarde De scherptediepte controleren De lichtmetingsmethode kiezen Belichtingscorrectie AB-L met AF vergrendeling De MENU knop gebruiken Het OPNAMEMENU gebruiken Het AANGEP1 gebruiken Het AANGEP2 gebruiken Het INSTELLINGSMENU gebruiken Het WEERGAVEMENU gebruiken Controle van samenstelling, belichting en scherpstelling voordat u een opname maakt Weergave van het Digitale Voorbeeld De Live view functie gebruiken Met behulp van de hoofdschakelaar op uw camera kunt u de samenstelling en belichting in het LCD scherm controleren en scherpstellen voordat u daadwerkelijk een foto maakt. Om de digitale voorbeeldfunctie te gebruiken kiest u [AANGEP2] > [Voorbeeldmethode] > [Digitaal]. U kunt de werkelijke samenstelling van uw onderwerp en de scherpstelling real time zien op het LCD scherm. 1. Stel scherp op het onderwerp en stel dan de foto samen in de zoeker en zet de hoofdschakelaar op . 2. Het pictogram ( ) verschijnt op het LCD scherm tijdens het voorbeeld en u kunt de samenstelling, belichting en scherpstelling controleren. Druk de sluiterknop halverwege in om de Digitale Voorbeeld-functie te stoppen en het scherpstellen te starten. Om opnamen te bewaren drukt u op de Fn knop en kiest u vervolgens [Opslaan als]. 3. In de digitale voorbeeldfunctie kan de opname worden vergroot door gebruik te maken van de draaiknop aan de achterzijde ( ). U kunt de samenstelling, belichting en scherpstelling met de richtingknoppen ( ) op het LCD scherm controleren. ● U kunt de waarschuwing voor het licht/donker bereik of het histogram de digitale voorbeeldfunctie tonen. Stel [DIGITAAL VOORBEELD] in het [MENU AFSPELEN] menu in. ● Zie voor meer informatie over de scherptediepte pagina 46, "Scherptediepte". [38] Om de Live view functie te gebruiken kiest u [AANGEP2] > [Voorbeeldmethode] > [Liveview]. 1. Stel scherp op het onderwerp en stel dan de foto samen in de zoeker en zet de hoofdschakelaar op . 2. Het LCD scherm toont de samenstelling van uw onderwerp en de scherpstelling is real time. Het LCD scherm toont de opnameinformatie van de camera als u de Liveview functie gebruikt. 3. Druk de AF knop in en houd deze ingedrukt totdat het onderwerp is scherpgesteld. - Als de modushendel voor scherpstelling op SAF wordt gezet, kunt u het scherpgestelde onderwerp op het LCD scherm zien. - Wanneer de hendel voor de brandpuntmodus is ingesteld op CAF, vertoont de LCD monitor het onderwerp net zo lang als u de AF toets ingedrukt houdt. Wanneer u ophoudt met het indrukken van de AF toets, kunt u het onderwerp zien met gebruik van de LCD monitor. De - Wanneer de hendel voor de brandpuntmodus is ingesteld op MF, kunt u de handmatig het brandpunt afstellen door te kijken naar de LCD monitor. 4. Nu kunt u een foto maken. ● [Weergavetijd] in het menu [Snelweergave] is vastgelegd op [1 sec] als de Liveview functie wordt gebruikt. ● U kunt geen opnamen verwijderen als u de functie Snelweergave in het Liveview menu gebruikt. Controle van de samenstelling, belichting en scherpstelling voordat u een opname maakt ● De gekozen opname op het live view scherm wordt vergroot als u de knop aan de achterzijde ( ) naar rechts draait. ● U kunt de opties [RASTERWEERGAVE] en [AF FRAME WEERGAVE] kiezen door het [LIVEVIEW] menu in te stellen in het [OPNAME MENU]. ● Als u de live view functie gebruikt, kunt u het scherpstellen voor sommige lenstypes aanpassen als de scherpstelmodus is ingesteld op MF. ● De voorbeeldopname in de [Liveview] functie verdwijnt na ongeveer 3 minuut. ● Gebruik een statief om het trillen van de camera tijdens de live view functie te voorkomen. ● U kunt de diafragmawaarden niet wijzigen als u live view gebruikt. ● Het is mogelijk dat de werkelijke opname verschilt nadat u de foto heeft gemaakt. Als u de Live view functie gebruikt, dient u de camera niet op de zon te richten. Direct zonlicht kan het sluiterscherm beschadigen 2. Draai aan de knop aan de achterzijde ) om naar het LCD scherm te ( schakelen. Het volgende scherm verschijnt. : Inst. 3. Kies het witbalans punt met behulp van de richtingknoppen ( ) op uw camera. - Stel het witbalans punt in op het witte gebied in het LCD scherm. : Inst. Handmatige witbalans (handmatige WB) Om de witbalans voorbeeldfunctie te gebruiken kiest u [AANGEP2] > [Voorbeeldmethode] > [HANDMATIG WITBALANS]. Met behulp van de handmatige witbalans kunt u de witbalans gemakkelijk aanpassen voordat u een opname maakt. Het witbalans voorbeeld is erg handig als u foto's maakt onder verschillende belichtingsomstandigheden. 1. Stel scherp op het onderwerp en stel dan de foto samen in de zoeker en zet de hoofdschakelaar op . 4. Druk op de OK knop. - Het volgende scherm verschijnt om de witbalans te wijzigen. 5. Stel de witbalanswaarde in met behulp van de richtingknoppen ( ) en druk vervolgens op de OK knop. HANDMATIG WITBALANS : Einde : Inst. - Nu kunt u een foto maken met de witbalans die is opgeslagen in uw camera. [39] De scherpstelling controleren U kunt op de volgende manieren scherpstellen. • AF (automatisch scherpstellen) : De camera wordt scherpgesteld als de sluiterknop halverwege wordt ingedrukt. • MF (handmatig scherpstellen) : Stel handmatig scherp. De scherpstelindicator ( ) verschijnt in de zoeker wanneer wordt scherpgesteld (als de scherpstelindicator ( ) knippert, is er niet scherpgesteld op het onderwerp). Het gebruik van de autofocus U kunt bij de autofocusfunctie kiezen uit SAF (Enkelvoudige opname), waarbij de sluiterknop half wordt ingedrukt om scherp te stellen op het onderwerp en de scherpstelling wordt vergrendeld in die positie, en CAF (Continue opname), waarbij het onderwerp blijft scherpgesteld door continue aanpassing terwijl de sluiterknop half is ingedrukt. 1. Zet de hendel voor scherpstelmodus op SAF of CAF. 2. Kijk door de zoeker en druk de sluiterknop tot halverwege in. Scherpstelindicator ● De camera kan scherpstellen door te drukken op de AF knop. ● Bij SAF (Enkelvoudige opname) is de scherpstelling vergrendeld (scherpstellingsvergrendeling) terwijl de scherpstel indicator ( ) oplicht. Om scherp te stellen op een ander onderwerp, haalt u eerst uw vinger van de sluiterknop. ● Bij CAF (continue modus) wordt de scherpstelling continu aangepast, waarbij het bewegende onderwerp wordt gevolgd zolang de sluiterknop halverwege wordt ingedrukt. ● De sluiterknop kan niet worden losgelaten totdat het onderwerp in SAF (enkelvroudige opname) is scherpgesteld. Als het onderwerp zich te dicht bij de camera bevindt, gaat u achteruit en maakt u de foto. Stel de scherpstelling handmatig in als er moeilijk op het onderwerp kan worden scherpgesteld. ● Als u probeert scherp te stellen op uw onderwerp op een plaats die te donker is, gaan meerdere flitsen tegelijkertijd af terwijl u de sluiterknop halverwege indrukt. (U dient de ingebouwde flitser omhoog te klappen en de automatische scherpstelmodus op SAF (Enkelvoudige opname) te zetten voordat u een opname maakt.) ● Als er moeilijk op het onderwerp kan worden scherpgesteld en de scherpstelindicator niet blijft branden, gebruikt u het matglas in de zoeker. [40] De scherpstelling controleren Kies het scherpstelgebied (AF punt) Kies het deel van de zoeker waarop u wilt scherpstellen. Het gekozen AF punt wordt rood weergegeven in de zoeker. (Over AF punt heenleggen). Auto De camera kiest het optimale AF punt, zelfs als het onderwerp zich niet in het midden bevindt. Kiezen Stelt het AF punt in op één van de elf punten in het AF gebied. Midden Stelt het AF punt in op het midden van de zoeker. Het scherpstelpunt in de zoeker instellen 1. Kies SEL met de scherpstelpunt keuzeknop. - De automatische scherpstelmethode moet op SEL staan om het AF punt te bewegen waarop u wilt scherpstellen. 2. Kijk door de zoeker en controleer de positie van het onderwerp. 1. Stel de gewenste programmamodus in met behulp van de scherpstelpunt keuzeknop. 3. Plaats de AF (automatisch scherpstellen) punt naar waar u op wilt scherpstellen met behulp van de richting knoppen ( ) op uw camera. Het AF-punt wordt niet weergegeven in de zoeker wanneer u [Uit] heeft gekozen bij [AF-punt Weergeven] in het [AANGEP1] menu. - Het AF punt wordt rood verlicht in de zoeker (over AF gebied heenleggen) en u kunt controleren waar u het AF punt wilt instellen. Het AF punt verschijnt in het midden zodra u de AF knop indrukt terwijl de AF puntmodus is ingesteld op Midden ( ). [41] De scherpstelling controleren De scherpstelling vergrendelen 4. Stel de foto opnieuw samen terwijl u de sluiterknop halverwege houdt ingedrukt. Als u onderwerp zich buiten het scherpstelgebied (AF punt) bevindt, stelt u eerst scherp op het onderwerp in het scherpstelgebied (AF punt) en wijzigt u vervolgens de samenstelling. 1. Kader de gewenste samenstelling van uw foto in de zoeker uit. 5. Druk de sluiterknop volledig in. De foto wordt gemaakt. 2. Centreer het onderwerp om scherp te stellen in de zoeker en druk de sluiterknop tot halverwege in. De scherpstelindicator ( ) verschijnt en u hoort een piepgeluid als het onderwerp scherpgesteld is (als het ( ) knippert is het onderwerp niet scherpgesteld). De scherpstelindicator knippert. 3. Blijf de sluiterknop halverwege ingedrukt houden. - Scherpstelling wordt vergrendeld tenzij u de sluiterknop loslaat. [42] ● De scherpstelling is vergrendeld zolang de scherpstelindicator ( ) verlicht is. ● Als u de zoomring draait terwijl de scherpstelvergrendeling actief is, bestaat de kans dat het onderwerp niet meer scherp is. ● U kunt het piepgeluid uitzetten via het [Signaal] menu in het [INSTELLINGSMENU]. ● Om de belichting van uw onderwerp te vergrendelen drukt u de sluiterknop halverwege in en houdt u deze ingedrukt om scherp te stellen en drukt u vervolgens op de AE-L knop ( ). (De belichting is vergrendeld totdat u op de sluiterknop drukt.) De scherpstelling controleren Handmatig scherpstelling wijzigen (Handmatig scherpstellen) Bij handmatige aanpassing van de scherpstelling kunt u aan de hand van de scherpstelindicator of het matglas in de zoeker vaststellen of op het onderwerp is scherpgesteld. De scherpstelindicator gebruiken De scherpstelindicator ( ) verschijnt en u hoort een piepgeluid als het onderwerp scherpgesteld is. - U kunt het piepgeluid uitzetten via het menu [Signaal] in het [INSTELLINGSMENU]. De scherpstelindicator Met de scherpstelindicator kunt u de scherpstelling handmatig aanpassen ( ). 1. Zet de scherpstelfunctieknop op MF. 2. Kijk door de zoeker, druk de sluiterknop halverwege in en draai aan de scherpstelring. [43] De scherpstelling controleren Het matglas in de zoeker gebruiken U kunt handmatig scherpstellen met behulp van het matglas in de zoeker. 1. Zet de scherpstelfunctieknop op MF. 2. Kijk door de zoeker en draai de scherpstelring tot het onderwerp scherp is op het matglas. [44] De belichting instellen Effect van sluitersnelheid en effect van diafragmawaarde Diafragmawaarde en sluitersnelheid bepalen de blootstelling aan licht. U kunt vele interessante effecten maken als u deze aspecten eenmaal begrijpt. Effect van sluitertijd Sluitersnelheid is de tijdsduur dat de sluiter open staat. U kunt van veel interessante effecten genieten door de sluitersnelheid aan te passen. Een langzamere sluitertijd gebruiken Effect van de diafragmawaarde De diafragmawaarde van een lens kan worden aangepast om de hoeveelheid licht die de opnamesensor bereikt te beheren. Dit kan zo worden uitgelegd als de pupil van een menselijk oog die kleiner wordt bij blootstelling aan helder licht. De volgende opname laat zien hoe de diafragmawaarde is aangepast naar een andere grootte in overeenstemming met de desbetreffende diafragmawaarde beschreven op de lens. (De afbeelding kan verschillen van het werkelijke product en geeft geen specifiek lensmodel weer.) Het diafragma openen (de Een langzamere sluitertijd maakt de beweging op de opname vaag U kunt de snelheid in de foto rechts voelen. diafragmawaarde verhogen) Voorwerpen die dichter bij of verder weg zijn dan het onderwerp waarop is scherpgesteld, worden minder scherp. ▲ Diafragmawaarde: f = 8, Sluitertijd: 1/15sec Een snellere sluitertijd gebruiken U zult zien dat de achtergrond niet scherp is als u op het voorwerp scherpstelt. ▲ Diafragmawaarde: f = 2,8, Sluitertijd: 1/500sec Het diafragma sluiten (dediafragmawaarde verhogen) Een snelle sluitertijd is essentieel voor het opnemen van beweging. Een snellere sluitertijd legde dezelfde opname vast zoals rechts afgebeeld. Het scherpstelgebied neemt zowel dichtbij als veraf toe. U zult zien dat zowel het onderwerp als de achtergrond beide scherpgesteld zijn als u een hoge diafragmawaarde gebruikt. ▲ Diafragmawaarde: f = 8, Sluitertijd: 1/125sec ▲ Diafragmawaarde: f = 11, Sluitertijd: 1/500sec [45] De belichting instellen De scherptediepte controleren 1. Stel scherp op het onderwerp. Scherptediepte Wanneer u scherpstelt op een specifiek onderwerp, is er een gebied waarin voorwerpen dichterbij en verderweg ook scherp zijn. Dit gebied wordt ‘scherptediepte’ genoemd. ● Hoe korter de brandpuntsafstand en hoe verder weg het onderwerp is, hoe groter de scherptediepte. De diafragmawaarde f 11 is bijvoorbeeld hoger dan f 2,8. Huidige locatie van het onderwerp 10m 2. Zet de hoofdschakelaar op terwijl u door de zoeker kijkt. -De scherptediepte is alleen beschikbaar als [Voorbeeldmethode] is ingesteld op [Optisch] in [MENU AANGEP.2]. ● Zolang de hoofdschakelaar in de voorbeeldpositie staat, worden er geen opnamegegevens weergegeven in de zoeker en kan de sluiterknop niet worden losgelaten. ( ). ● U kunt de scherptediepte controleren in alle belichtingsfuncties. [46] 4m 2m 1m ▲ Het bereik van het scherpstelgebied met een grote scherptediepte Huidige locatie van het onderwerp 10m 3. U kunt nu de scherptediepte controleren in de zoeker. 6m 6m 4m 2m 1m ▲ Het bereik van het scherpstelgebied met een kleine scherptediepte Foto's die in deze gebruiksaanwijzing worden gebruikt zijn om gebruikers scherptediepte te doen begrijpen, en de resultaten kunnen verschillen afhankelijk van het type lens en de opnameomgeving. De belichting instellen De lichtmetingsmethode kiezen Belichtingscorrectie U kunt kiezen welk deel van het scherm wordt gebruikt om de helderheid te meten en de belichting te bepalen. Meervlaks lichtmeting Het matglas wordt verdeeld in 16 delen, elk deel wordt gemeten en de juiste belichting wordt bepaald. Gecentreerde ichtmeting Het gehele scherm wordt gemeten, met nadruk op het midden en de belichting wordt bepaald. Spot lichtmeting Meting van uitsluitend het middelpunt van het scherm ter bepaling van de belichting. Hiermee kunt met opzet overbelichte (lichte) of onderbelichte (donkere) opnamen maken. U kunt de BW correctie instellen tussen -3 en +3 (BW) in stappen van 1/2 BW of 1/3 BW. Zie voor informatie over onder- en overbelichtingswaarden pagina 90 "De belichting wijzigen en opnamen maken (auto bracket)." 1. Stel de correctie in met de draaiknop aan de voorzijde ( ) terwijl de knop wordt ingedrukt. ➤ Instellen met de meetmodushendel 2. Bevestig de correctiewaarde in de zoeker. “+” of “-” verschijnt tijdens de correctie. De lichtmeting modushendel. Correctiewaarde De lichtmeting modusindicator ● Belichtingscorrectie is niet beschikbaar als de belichtingsmodus is ingesteld op (Automatische modus), M (Handmatig), B (Tijdopname), en X (Flitser synchroniseren) modus. ● De belichtingscorrectie wordt niet geannuleerd door de camera uit te zetten als u de [Belicht.corr.] kiest in het [Geh.instellingen] van het [OPNAMEMENU]. ● De wordt op 0 gezet als knop en groene knop ( ) tegelijkertijd worden ingedrukt. [47] De belichting instellen AB-L met AF vergrendeling AB vergrendeling is een functie die de belichting onthoudt vóór het maken van de foto. Gebruik deze functie wanneer het onderwerp te klein is of wanneer er sprake is van tegenlicht, waardoor een correcte belichting niet mogelijk is. 1. Kijk door de zoeker en druk de sluiterknop tot halverwege in. De huidige belichtingsinstelling verschijnt op het LCD scherm en in de zoeker. 2. Druk op de AE-L( ) knop . - De camera onthoudt de belichting (helderheid) op dat punt. Druk de knop nogmaals in om te ontgrendelen. 3. Druk de sluiterknop volledig in om een foto te maken. De foto wordt gemaakt met de opgeslagen belichtingswaarde uit Stap 2 hierboven. [48] ● staat aangegeven in de zoeker wanneer de AB vergrendeling is *geactiveerd. ● Na het loslaten van de AE-L knop ( ) blijft de belichting opgeslagen in het geheugen zolang de zoeker is ingeschakeld. De belichting blijft vergrendeld zolang de AB-L ( ) ingedrukt wordt gehouden of de sluiterknop tot halverwege ingedrukt wordt gehouden. ● U hoort een piepgeluid als de AE-L knop ( ) wordt ingedrukt. U kunt het piepgeluid uitzetten via het [Signaal] menu in het [INSTELLINGSMENU]. ● De AB vergrendeling is niet beschikbaar wanneer de belichtingsfunctie is ingesteld op de (Automatische modus), B (Tijdopname) of X (Flitser synchronisatie) modus. ● Als de maximale diafragmawaarde van een zoomobjectief afhankelijk is van de brandpuntsafstand, is de combinatie van sluitertijd en diafragmawaarde zelfs bij een werkend belichtingsgeheugen afhankelijk van de zoompositie. De belichtingswaarde is echter stabiel, zodat opnamen worden gemaakt met het belichtingsniveau dat is ingesteld in het belichtingsgeheugen. ● De belichting kan worden vergrendeld wanneer de scherpstelling is vergrendeld. In te stellen in [AE-L met AF-vergr.] in het [AANGEP1] menu. De RAW-knop gebruiken Als u de RAW knop indrukt, worden de opnamen als RAW en JPEG bestandstypes gemaakt. Zie voor meer informatie over het gebruik van de RAW knop pagina 56 "RAW knop instellen". ➤ Als u de RAW knop indrukt, wordt RAW of RAW+ op het LCD scherm getoond. - Druk op de sluiterknop om een opname te maken. ● Om de RAW knop functie te annualeren draait u aan de modus draaiknop ( ) of drukt u nogmaals op de RAW knop. ● Als de foto wordt gemaakt met behulp van de RAW knop kan het even duren voordat de opnamen worden opgeslagen omdat dat opnamen als RAW en JPEG bestandstype worden opgeslagen. ● Als de foto wordt gemaakt met behulp van de RAW knop wordt dit op het LCD scherm getoond, maar alleen de JPEG opname wordt getoond. Om de RAW opname te bekijken gebruikt u de meegeleverde software. [49] De spiegel vergrendelingsfunctie gebruiken De spiegel vergrendelingsfunctie minimaliseert het trillen van de camera. Als de sluiterknop wordt ingedrukt klapt de spiegel eerst uit om het trillen van de camera tijdens het maken van een opname te verminderen. 1. Druk op de Fn knop op uw camera en druk vervolgens op de richtingsknop (▲). - Het scherm met opties voor de transportfunctie verschijnt. - Als de AF modus niet is ingesteld op SEL, kunt u de richtingsknoppen (▲) direkt indrukken om de transportfunctie te gebruiken. 2. Druk op de richtingsknoppen (◄►) om te kiezen voor [Zelfontspanner (2 sec)]. TRANSPORTFUNCTIE Als u de spiegel inklapfunctie gebruikt, dient u de camera niet op de zon te richten. Direct zonlicht kan het sluiterscherm beschadigen. Enkelbeeldopname : Vrpl. : Inst. TRANSPORTFUNCTIE Zelfontspanner (2sec) : Vrpl. : Inst. 3. Stel scherp op het onderwerp. 4. Druk de sluiterknop volledig in. De spiegel wordt uitgeklapt en de opname wordt 2 seconden later gemaakt. De AB vergrendeling is geactiveerd met de belichtingswaarde die is ingesteld direkt voordat de spiegel uitklapte. [50] ● U kunt het onderwerp niet zien door de zoeker gedurende de twee seconden nadat u de sluiterknop heeft ingedrukt. ● Het statief gebruiken om het trillen van de camera te minimaliseren terwijl u dezelfde gezichtshoek houdt. Opnamen met de zelfontspanner Als de zelfontspanner is geactiveerd, is er een vertraging tussen het indrukken van de sluiterknop en het maken van de opname. U kunt deze functie gebruiken als u een opname wilt maken van meerdere mensen inclusief uzelf. Kies of . • • : De sluiter ontspant na circa 12 seconden. Gebruik deze modus om de fotograaf ook op de foto te zetten. : Na het indrukken van de sluiterknop klapt de spiegel direkt uit. De sluiter ontspant na circa 2 seconden. Gebruik deze modus te voorkomen dat de camera trilt als de sluiterknop wordt ingedrukt. 1. Druk op de Fn knop op uw camera en druk vervolgens op de richtingsknop (▲). 5. Druk de sluiterknop volledig in. : De zelfontspannerlamp begint eerst langzaam te knipperen en vervolgens snel gedurende 2 seconden voordat de sluiterknop wordt losgelaten. Er klinkt een toon en de snelheid wordt vergroot. De sluiter wordt vrijgegeven na ongeveer 12 seconden nadat de sluiter knop volledig is ingedrukt. : De sluiterknop wordt vrijgegeven ongeveer 2 seconden nadat de sluiterknop volledig is ingedrukt. TRANSPORTFUNCTIE - Het scherm voor de transportfunctie verschijnt. Enkelbeeldopname : Vrpl. 2. Druk op de richtingsknoppen (◄►) om te kiezen voor of . : Inst. TRANSPORTFUNCTIE 3. Druk op de OK knop - De camera is gereed voor het maken van opnamen. ● U kunt de zelfontspanner beëindigen door op de knop MENU te drukken of de functiekiezer ( ) te draaien terwijl de zelfontspanner in werking is. ● Het geluidssignaal kan worden uitgeschakeld. U kunt het piepgeluid uitzetten via het [Signaal] menu in het [INSTELLINGSMENU]. ● Als er licht binnendringt in de zoeker, kan dit de belichting beïnvloeden. Breng de meegeleverde zoekerkap aan of gebruik de AB vergrendelfunctie. (Negeer het licht dat binnenkomt in de zoeker wanneer de belichtingsfunctie is ingesteld op de M (Handmatige) modus. ● Verwijder de oogkap door een zijde naar buiten en naar u toe te trekken, wanneer u toebehoren als de zoekerkap gebruikt. Zelfontspanner (12 sec) : Vrpl. : Inst. 4. Bevestig in de zoeker of het onderwerp dat u wilt fotograferen op het scherm staat en druk de sluiterknop tot halverwege in. De scherpstelindicator ( ) verschijnt als het onderwerp is scherpgesteld. [51] Opnamen met de afstandsbediening maken (wordt apart verkocht) U kunt de functie afstandsbediening instellen in de transportmodus menu. (Wordt apart verkocht) • [Afst.bediening] : De sluiter wordt onmiddellijk vrijgegeven nadat de sluiterknop op de afstandsbediening is ingedrukt. [Afstandsbed. (3s vertr)] : De sluiterknop wordt vrijgegeven 3 seconden nadat de sluiterknop op de afstandsbediening is ingedrukt. [Afstandsbed. (continu)] : Het continu maken van opnamen begint zodra u de afstandsbediening indrukt. Druk nogmaals op de afstandsbediening om het maken van opnamen te beëindigen. • • 1. Druk op de Fn knop op uw camera en druk vervolgens op de richtingsknop (▲). - Het scherm voor de transportfunctie verschijnt. TRANSPORTFUNCTIE Enkelbeeldopname : Vrpl. 2. Druk op de richtingsknoppen (◄►) om te kiezen voor , of . - De zelfontspannerlamp knippert ten teken dat de camera zich in de wachtstand voor de afstandsbediening bevindt. : Inst. TRANSPORTFUNCTIE Afst.bediening 3. Druk op de OK knop. - De camera is gereed voor het maken van opnamen. [52] : Vrpl. : Inst. 4. Druk de sluiterknop tot halverwege in. - Het automatische scherpstelsysteem treedt in werking. De scherpstelindicator ( ) verschijnt in de zoeker als het onderwerp is scherpgesteld. 5. Richt de afstandsbediening op de voorzijde van de camera en druk de sluiterknop op de afstandsbediening in. De foto wordt gemaakt. ● U kunt bij standaardinstellingen niet scherpstellen via de afstandsbediening. Stel eerst scherp op het onderwerp voordat u de afstandsbediening gebruikt. U kunt [AF + afstandsbed.] instellen op [Aan] in het [AANGEP1] menu. ● Zet de camera uit om de afstandsbedieningsfunctie te annuleren nadat die is geactiveerd. ● De afstandsbediening werkt mogelijk niet bij tegenlicht. ● Om een foto te maken terwijl de ingebouwde flitser oplaadt, stelt u [Ontsp bij Opladen] in op [Aan] in het [AANGEP2]. ● Als u gebruik wilt maken van de ingebouwde flitser, klap deze dan eerst uit. Het menu gebruiken Deze paragraaf legt de werking uit van [OPNAMEMENU ( )], [AANGEP1 ( )], [AANGEP2 ( )], [INSTELLINGSMENU ( )], en [WEERGAVEMENU( )] . Als de menuopties eenmaal zijn ingesteld verschijnt de opgeslagen ingestelde waarde weer als u de camera aanzet. De MENU knop gebruiken Draaiknop voorzijde 2. [OPNAMEMENU ( )], [AANGEP1( )], [AANGEP2 ( )], [INSTELLINGSMENU ( )], en [WEERGAVEMENU ( )] menu verschijnen achtereenvolgens telkens als de richtingsknoppen ( ) worden ingedrukt. ● Druk op de MENU knop om naar uw vorige scherm terug te keren. ) om naar het volgende ● Gebruik de draaiknop aan de voorzijde ( scherm in het huidige menu te gaan en gebruik de draaiknop aan de achterzijde ( ) om naar het volgende menu te springen. ● Als de camera niet correct wordt uitgezet gaat de ingestelde waarde verloren de volgende keer dat u de camera aanzet. E-knop achterzijde Knop MENU Knop OK LCD scherm Richtingsknop 1. Druk op de MENU knop. -Het [MENU OPNEMEN] verschijnt op het LCD scherm. OPNAMEMENU Standaard Opnamewizard Bestandsindeling JPEG 14.6M Resolutie JPEG-kwaliteit sRGB Kleurgebied 1 keer Knop RAW Inst. Liveview : Vrpl. : Einde [53] Het menu gebruiken Het OPNAMEMENU gebruiken ( ) Deze paragraaf legt de methodes uit voor [OPNAMEMENU]. 1. Druk op de Opnamewizard ( ) knop op uw camera. - Het volgende scherm verschijnt. Opnamewizard De functie Fotowizard stelt u in staat de opname aan te passen voordat u deze maakt. U kunt de opname die u wenst maken door aan te passen: [kleurtoon], [Kleurverz.], [Contrast], en [Scherpte]. De volgende opnamen laten zien hoe het contrast wordt gewijzigd met behulp van de functie Fotowizard. ▼ Met een hoog ingestelde (+) waarde voor het contrast Opnamewizard Standrd kleurtoon : Origineel Kleurverz. Contrast Scherpte Reset : Inst. Opnamewizard Standrd kleurtoon : Origineel [54] Standrd Levendig Portret Landschap Aangepast1 Aangepast2 : Inst. 2. Kies de gewenste menuoptie met behulp van de richtingsknoppen (▲▼) en druk vervolgens op de richtingsknoppen (◄►). - Voer een wijziging op de ingestelde waarde uit voor [kleurtoon], [Kleurverz.], [Contrast], en [Scherpte]. U kunt de opname die u wenst maken door aan te passen: [kleurtoon], [Kleurverz.], [Contrast], en [Scherpte]. - Als u drukt op de groene knop ( ) op de camera wordt de ingestelde waarde geïnitialiseerd. : Terug 0 0 0 0 0 0 0 0 -1 0 +1 +1 0 0 0 0 0 0 : Terug Opnamewizard Standrd kleurtoon : Origineel Kleurverz. Contrast Scherpte Reset : Inst. : Terug ▼ Met een laag ingestelde (-) waarde voor het contrast Kleurverz. Contrast Scherpte Reset : Inst. Opnamewizard 3. Druk op de OK knop om te bewaren en neem vervolgens een foto. : Terug Het menu gebruiken Bestandsindeling U kunt het formaat voor opnamebestanden instellen. • JPEG • RAW • RAW+ Resterend Aantal Opn : 121 Opnamewizard JPEG Bestandsindeling RAW Resolutie RAW+ JPEG-kwaliteit Kleurgebied Knop RAW Inst. Liveview : Annul. : Inst. : Maakt opnamen in JPEG-formaat. U kunt het aantal opgenomen pixels wijzigen van [Resolutie] in het [OPNAMEMENU] menu, en het beeldkwaliteitniveau van [Resolutie] en [JPEG-kwaliteit] in het [OPNAMEMENU] menu. De bestandsgrootte verschilt afhankelijk van de instellingen. : RAW-gegevens zijn CCD-uitvoergegevens die worden opgeslagen zonder verdere bewerking. Effecten zoals Witbalans, Contrast, Kleurverzadiging en Scherpte worden niet op de opname toegepast, maar deze informatie wordt wel opgeslagen. Gebruik RAW weergave of zet de opnames over naar een PC, pas effecten toe via de meegeleverde software (Samsung RAW Converter 2.0) en maak hiermee JPEG en TIFF opnamen. : Opnamen worden zowel in RAW als in JPEG formaat gemaakt. JPEG formaat U kunt het formaat van de JPEG opgenomen pixels instellen. • 14.6 / 10M / 6M / 2M Als het aantal opnamepixels wordt gewijzigd, verschijnt het aantal mogelijke opnamen rechts boven in het scherm. JPEG-kwaliteit U kunt het kwaliteitsniveau van de opname instellen. Als het kwaliteitsniveau wordt gewijzigd, verschijnt het aantal mogelijke opnames voor dat kwaliteitsniveau rechts boven in het scherm. Resterend Aantal Opn : 121 Opnamewizard Bestandsindeling Resolutie JPEG-kwaliteit Kleurgebied Knop RAW Inst. Liveview : Inst. : Annul. Superfijn (1) Laagste mate van compressie, geschikt voor het afdrukken van grote opnamen op bijvoorbeeld A4 papier. Superfijn (2) Laagste mate van compressie, geschikt voor het afdrukken van grote opnamen op bijvoorbeeld A4 papier. Fijn Standaard compressie, geschikt voor het bekijken als foto's of op uw computerscherm. Goed Hoogste compressiefactor, geschikt om als bijlage bij e-mailberichten te gebruiken of naar websites te uploaden. Resterend Aantal Opn : 121 Opnamewizard Bestandsindeling Resolutie 14.6M JPEG-kwaliteit 10M Kleurgebied 6M Knop RAW Inst. 2M Liveview : Inst. : Annul. [55] Het menu gebruiken Kleurgebied Knop RAW Inst. U kunt het kleurbereik dat gebruikt moet worden instellen. U kunt instellen hoe u RAW+JPEG opnamen maakt als de RAW knop wordt ingedrukt. Als [Instellen beëindigen] wordt gekozen in het [Knop RAW Inst.] menu, is de RAW knop functie beschikbaar voor eenmalig gebruik. • sRGB • AdobeRGB : Stelt kleurbereik sRGB in. : Stelt kleurbereik AdobeRGB in. OPNAMEMENU Opnamewizard Standrd Bestandsindeling JPEG Resolutie 14.6M JPEG-kwaliteit Kleurgebied sRGB Knop RAW Inst. 1 keer Liveview : Vrpl. : Einde OPNAMEMENU Opnamewizard Bestandsindeling Resolutie JPEG-kwaliteit Kleurgebied sRGB Knop RAW Inst. AdobeRGB Liveview : Inst. : Annul. Kleurbereik? Kleurbereiken voor verschillende invoer-/uitvoerapparaten, zoals digitale camera’ s, monitoren en printers, zijn verschillend. Dit kleurbereik wordt de kleurruimte genoemd. Om de verschillen in kleurruimtes tussen verschillende apparaten te overbruggen worden er standaard kleurruimtes gebruikt. Deze camera ondersteunt sRGB en AdobeRGB. sRGB wordt hoofdzakelijk gebruikt voor apparaten zoals een PC. Adobe RGB bestrijkt een groter gebied dan sRGB en wordt gebruikt voor beroepsmatig gebruik zoals industrieel drukwerk. Een opname die is gemaakt in AdobeRGB kan er lichter uitzien dan een opname die is gemaakt in sRGB wanneer deze wordt uitgevoerd via een apparaat dat compatibel is met sRGB. [56] ● Bestandsnamen verschillen, afhankelijk van de kleurruimte-instelling, zoals hieronder aangegeven. - Voor sRGB : SG20 XXXX.JPG - Voor AdobeRGB : _G20 XXXX.JPG [XXXX] staat voor het bestandsnummer en de nummering gaat verder vanaf het vorige opgeslagen bestandsnummer. ● U kunt de bestandsnaam wijzigen zoals u wilt. Zie voor meer informatie over het wijzigen van de bestandsnaam pagina 74 "Bestandsnaam wijzigen". OPNAMEMENU Opnamewizard Standaard Bestandsindeling JPEG Resolutie 14.6M JPEG-kwaliteit Kleurgebied sRGB Knop RAW Inst. 1 keer Liveview : Vrpl. : Einde Knop RAW Inst. Instellen beëindigen JPEG RAW RAW+ : Inst. RAW+ RAW+ RAW+ : Terug Liveview U kunt het raster en het scherpstelgebied (AF punt), de AF frame weergaveopties in de Live view modus instellen. Het scherpstelgebied (AF punt) en AF frame weergave zijn niet beschikbaar als de AF modus is ingesteld op MF. • Rasterweergave : Laat het raster op het LCD scherm zien als de Live view functie wordt gebruikt. • AF Frame weergave: Toont het scherpstelgebied (AF punt) / AF frame op het LCD scherm als de Live view functie wordt gebruikt. OPNAMEMENU Opnamewizard Standaard Bestandsindeling JPEG 14.6M Resolutie JPEG-kwaliteit sRGB Kleurgebied Knop RAW Inst. 1 keer Liveview : Vrpl. : Einde Liveview Rooster weergeven AF-frame weergeven : Inst. : Terug Als u het gebruik van de rasterweergave en de AF frame weergaveopties wilt beëindigen tijdens het gebruik van de Live view functie, vinkt u de vakjes uit in het [Rooster weergeven] en het [AF-frame weergeven] in het [Liveview] menu. Het menu gebruiken Gebr.Registratie Meerdere bel. U kunt de momenteel ingestelde waarde opslaan in de modus Gebruikersprogramma. U kunt opnamen met drie verschillende niveaus voor witbalans, kleurverzadiging, scherpte en contrast opslaan. Bij iedere opname worden drie foto's bewaard. De volgende instellingen zijn beschikbaar in het [Meerdere bel.] menu. De volgende instellingen kunnen worden opgeslagen: Belichtingsmodus / BW correctie / Witbalans / Flitsermodus / Besturingsmodus / Bestandsformaat / Uitgebreide bracket stappen & type / JPEG formaat / Flitserbelichting correctie / JPEG kwaliteit / Belichtingsvertraging stappen & aantal opnamen / Gevoeligheid / Aanpassingsbereik automatische gevoeligheid OPNAMEMENU Gebr.Registratie Intervalopname Meerdere bel. Multibelichting Geh.instellingen OIS : Vrpl. • Kleurverz. • Contrast • Scherpte Auto : Einde : Inst. : Terug Intervalopname Intervalopname OPNAMEMENU Uit Uit Auto : Einde Auto : Vrpl. : Einde : ±4/ ±3 / ±2/ ±1 : ±4/ ±3 / ±2/ ±1 : ±4/ ±3 / ±2/ ±1 Meerdere bel. Meerdere bel. Meerdere bel. In deze modus kan een vooraf ingesteld aantal foto's automatisch worden gemaakt gedurende een vooraf ingestelde tijdsduur. : Vrpl. : MG±3 / MG±2 / MG±1 / AB±3 / AB±2 / AB±1 Uit Uit (M=Magenta / G=Groen / A=Amber / B=Blauw) Uit Uit Intervalopname Gebr.Registratie Intervalopname Meerdere bel. Multibelichting Geh.instellingen OIS • Witbalans Slaat huidige inst voor opnamen in USER mode op OPNAMEMENU Gebr.Registratie Intervalopname Meerdere bel. Multibelichting Geh.instellingen OIS Interval Aantal opn. Start ontsp. Stel tijd in : Inst. 00 00’ 01” 1 Un 00 00 Witbalans Kleurverz. Contrast Scherpte : Inst. Meerdere bel. AB±1 ±1 ±1 ±1 : Terug : Inst. : Terug De volgende opnamen laten zien hoe het [Contrast] wordt gewijzigd met behulp van het [Meerdere bel.] menu. : Terug ● Intervalopnamen kunnen niet worden gebruikt als de [Meerdere bel.] of [Multibelichting] functie worden gebruikt. B (Belichting tijdopname) programmamodus ondersteunt intervalopnamen niet. ● Als [Start ontsp.] is ingesteld op [Stel tijd in] in de intervalopnamen modus wordt de huidige tijd getoond in de rechter bovenhoek van het scherm. ▲ Laag contrast ▲ Normaal contrast ▲ Hoog contrast [57] Het menu gebruiken Multibelichting ● Als de RAW knop of de MENU knop wordt ingedrukt, of de (uitgebreide) bracket tijdens meervoudige belichtingsopnamen wordt ingesteld, worden de foto’s die al zijn gemaakt opgeslagen, en wordt de meervoudige belichtingsmodus verlaten. ● [Meerdere bel.] en [Multibelichting] worden niet tegelijkertijd gebruikt. De laatste gekozen modus wordt ingesteld. ● Druk op de knop Verwijderen ( ) tijdens Directe Weergave om de opnamen tot dat punt te wissen en weer aan te maken vanaf de eerste opname. ● Na het voltooien van opnamen met meervoudige belichting, zullen de instellingen voor meervoudige belichting worden geannuleerd. U kunt het aantal opnamen dat dient te worden gemaakt instellen in de [Multibelichting] functie. U kunt meerdere frames gebruiken als u één foto maakt. De afbeelding rechts heeft twee losse frames in één enkele foto. • Aantal opnamen : 2 - 9 opnamen • Auto EV Inst. : De belichting wordt automatisch aangepast in overeenstemming met het aantal opnamen. Multibelichting Multibelichting Aantal Opnamen Auto EV Inst. : Inst. Uit : Terug Multibelichting Aantal Opnamen Auto EV Inst. : Inst. [58] Aantal Opnamen Auto EV Inst. : Inst. Uit 2maal 3maal 4maal 5maal : Einde Multibelichting 2maal : Terug Aantal Opnamen Auto EV Inst. : Inst. 2maal : Terug Het menu gebruiken Geh.instellingen OIS (Optische opnamestabilisatie) U kunt kiezen welke instellingen u wilt opslaan als de camera wordt uitgeschakeld. OPNAMEMENU Gebr.Registratie Intervalopname Meerdere bel. Uit Multibelichting Uit Geh.instellingen OIS Auto : Vrpl. : Einde Geh.instellingen Aansturing Witbalans ISO-gevoeligh. Belicht.corr. Flitser Meerdere bel. : Inst. : Terug Aansturing Witbalans ISO-gevoeligh. De instellingen worden De instellingen worden Belicht.corr. bewaard als de camera wordt teruggezet als de camera Flitser wordt uitgeschakeld. uitgeschakeld. Meerdere bel. Weergavefunctie Stroboscoop aan/uit Bestandsnr. Nieuwe bestanden krijgen een naam met behulp van de nummers die volgen op de vorige sequentie, zelfs als een nieuwe geheugenkaart wordt gebruikt, of na het formatteren, of na het verwijderen van alle foto's. Na het gebruik van de resetfunctie zal de volgende bestandsnaam vanaf 0001 worden geteld, zelfs na het formatteren, of het verwijderen van alle opnamen of het insteken van een nieuwe geheugenkaart. OIS (Optical image Stabilization) helpt de gebruiker bij het nemen van scherpe opnamen door het trillen/vibreren van de camera te verminderen. Optische opnamestabilisatie is vooral handig als u een lage sluitersnelheid gebruikt die ervoor kan zorgen dat de camera trilt. OPNAMEMENU Gebr.Registratie Intervalopname Meerdere bel. Multibelichting Geh.instellingen OIS : Vrpl. Uit Uit Auto : Einde Als u een lens gebruikt die geen automatische informatie over de brandpuntsafstand ondersteunt, kunt u handmatig de beschikbare brandpuntsafstand kiezen om de OIS functie te kunnen gebruiken. 1. Kies [ OIS] menu in het [OPNAMEMENU]. 2. Druk op de richtingsknoppen (◄►) op Optische opnamestabilisatie uw camera om de [Brandpuntafstand] in te stellen. Kies uit de volgende Brandpuntafstand brandpuntsafstanden. 30 35 40 : Inst. 8 Brandpunt 40 Afstand 135 550 • • 10 45 150 600 12 50 180 700 15 55 200 800 18 65 250 - 20 70 300 - 24 75 350 - : Terug 28 85 400 - 30 100 450 - Als de brandpuntsafstand voor uw lens niet in de lijst staat, kies dan een waarde die het dichtst ligt bij de daadwerkelijke brandpuntsafstand. Als u een zoomlens gebruikt, kies dan de brandpuntsafstand bij de zoominstellingen op dezelfde manier. 35 120 500 - [59] Het menu gebruiken Het AANGEP1 gebruiken ( ) AF-punt Weergeven U kunt instellen of u het gekozen AF punt in rood wilt laten weergeven als het onderwerp is scherpgesteld. AF-punt+AE Kop. Stelt in of de AB en het scherpstelgebied moeten worden aangepast bij meervlaks lichtmeting gebaseerd op het AF punt. U kunt de belichting en het AF punt in het scherpstelgebied koppelen tijdens een meervlaks lichtmeting. • Uit : De belichting wordt afzonderlijk van het AF punt ingesteld. • Aan: De belichting wordt ingesteld overeenkomstig het AF punt. AANGEP1 AF-punt+AE Kop. Uit AF-punt Weergeven Aan AF + afstandsbed. Uit Functie AF-knop Aan AF bij hlf indr. Aan Focusprioriteit Uit LW-stappen 1/2 LW : Vrpl. : Einde AF-punt+AE Kop. Uit Aan Belichtingswaarde multi-segment meting onafhankelijk van AFpunt : Inst. : Terug • Aan: De belichting stelt zichzelf overeenkomstig het AF punt in. • Uit : De belichting stelt zichzelf in, onafhankelijk van het AF punt. AANGEP1 AF-punt+AE Kop. Uit AF-punt Weergeven Aan AF + afstandsbed. Uit Functie AF-knop Aan AF bij hlf indr. Aan Focusprioriteit Uit LW-stappen 1/2 LW : Vrpl. : Einde AF-punt Weergeven Aan Uit Geselecteerd AF-punt wordt weergegeven in zoeker als rood licht : Inst. : Terug AF + afstandsbed. Hiermee stelt u in dat u automatisch wilt scherpstellen bij opnamen via de afstandsbediening. Automatisch scherpstellen (AF) is uitsluitend beschikbaar als de AF modus is ingesteld op SAF. • Uit : De AF wordt niet actief als de sluiterknop wordt bediend met de afstandsbediening indien [Uit]. • Aan : AF wordt actief als sluiterknop wordt losgelaten met de afstandsbediening indien [Aan]. AANGEP1 AF-punt+AE Kop. Uit AF-punt Weergeven Aan AF + afstandsbed. Uit Functie AF-knop Aan AF bij hlf indr. Aan Focusprioriteit Uit LW-stappen 1/2 LW : Vrpl. : Einde [60] AF + afstandsbed. Uit Aan AF werkt niet bij gebruik van afstandbediening : Inst. : Terug Het menu gebruiken Functie AF-knop Instellen om te bepalen of AF moet worden toegepast terwijl de AF knop wordt ingedrukt, of dat geen AF moet worden toegepast terwijl de AF knop wordt ingedrukt. • Activeren AF : Voert autofocus uit als de AF knop wordt ingedrukt. • Cancel AF : Voert geen autofocus uit als de AF knop wordt ingedrukt. • Op AF-punt centreren:Als de AF (autofocus) moduskeuze is ingesteld op SEL, wordt het AF punt op Midden gezet. AANGEP1 AF-punt+AE Kop. Uit AF-punt Weergeven Aan AF + afstandsbed. Uit Aan Functie AF-knop AF bij hlf indr. Aan Focusprioriteit Uit LW-stappen 1/2 LW : Vrpl. : Einde Functie AF-knop Activeren AF Cancel AF Op AF-punt centreren AF werkt bij drukken op AF-knop : Inst. : Terug AF bij hlf indr. Stelt in of AF moet worden gebruikt als de sluiterknop half wordt ingedrukt. • Aan: Voert AF uit als de sluiterknop half wordt ingedrukt • Uit : Voert geen AF uit als de ontspannerknop half wordt ingedrukt AANGEP1 AF-punt+AE Kop. Uit AF-punt Weergeven Aan AF + afstandsbed. Uit Functie AF-knop Aan AF bij hlf indr. Aan Focusprioriteit Uit LW-stappen 1/2 LW : Vrpl. : Einde Focusprioriteit De functie scherpstellingsblokkering deactiveert de sluiterknop als het onderwerp niet is scherpgesteld in de modus handmatig scherpstellen. In de volgende gevallen functioneert de sluiterknop anders, afhankelijk van de [Focusprioriteit] optie: - Als de lens voor handmatig scherpstellen wordt gebruikt (en de modushendel voor scherpstellen op SAF is gezet) - De huidige lens heeft een AF / MF hendel en is ingesteld op MF. • Uit : Sluiter gaat af, of het onderwerp scherpgesteld is of niet. • On : Sluiter gaat uitsluitend af als het onderwerp is scherpgesteld. Hoewel het onderwerp is scherpgesteld als u de sluiterknop halverwege indrukt, kunt u geen foto maken als het onderwerp niet is scherpgesteld bij het volledig indrukken van de sluiterknop. AANGEP1 AF-punt+AE Kop. Uit Superimpose AF Area Aan AF + afstandsbed. Uit Functie AF-knop Aan AF bij hlf indr. Aan Focusprioriteit Uit LW-stappen 1/2 LW : Vrpl. : Einde Focusprioriteit Uit Aan Catch-in scherpstellen staat uit : Inst. : Terug AF bij hlf indr. Aan Uit AF werkt bij halverwege indrukken van ontspanknop : inst. : Terug [61] Het menu gebruiken LW-stappen AE-L met AF-vergr. Hiermee stelt u de aanpassingsstappen voor de belichting in. Vergrendelt de belichtingswaarde als de scherpstelling is vergrendeld. • 1/2 LW : Stelt de BW stap op 1/2 BW in. • 1/3 LW : Stelt de BW stap op 1/3 BW in. • Uit : Pas de belichting niet aan wanneer de scherpstelling is geblokkeerd • Aan : Vergrendelt de belichting als de scherpstelling is vergrendeld. AANGEP1 AF-punt+AE Kop. Uit AF-punt Weergeven Aan AF + afstandsbed. Uit Functie AF-knop Aan AF bij hlf indr. Aan Focusprioriteit Uit LW-stappen 1/2 LW : Einde : Vrpl. LW-stappen 1/2 LW 1/3 LW Stappen belichting ingesteld op 1/2 LW : Inst. : Terug Uit Aan Auto belichting niet vergrendeld als de AF is vergrendeld : Inst. : Terug In de modi Automatisch en Programma wordt de belichting geregeld in overeenstemming met de ingestelde programmalijn. Hiermee stelt u de lichtmetingtijd voor de belichting in. • 10 sec : Stelt de lichtmeting tijd voor belichting in op 10 seconden. • 3 sec : Stelt de lichtmeting tijd voor belichting in op 3 seconden. • 30 sec : Stelt de lichtmeting tijd voor belichting in op 30 seconden. [62] AE-L met AF-vergr. Programmalijn Lichtmetingtijd AANGEP1 Tijd Lichtmeting 10 sec AE-L met AF-vergr. Uit Programmalijn Normaal Auto LW-correctie Uit Fijnafst. bij AWB Uit WB bij flitsgebr. AWB WB aanpassingsbereik Vast : Vrpl. : Einde AANGEP1 Tijd Lichtmeting 10 sec AE-L met AF-vergr. Uit Programmalijn Normaal Auto LW-correctie Uit Fijnafst. bij AWB Uit WB bij flitsgebr. AWB WB aanpassingsbereik Vast : Vrpl. : Einde Tijd Lichtmeting 10 sec 3 sec 30 sec Stelt lichtmeter 10sec In bedrijf : Inst. : Terug • Normaal : Het normale programma is het basisprogramma voor automatische belichting. • H.Snel : Hoge snelheid prioriteitsprogramma is een automatisch belichtingsprogramma dat hoge sluitersnelheden kiest. • Diepte : Scherptediepte prioriteitsprogramma is een automatisch belichtingsprogramma dat kleinere diafragmawaarden kiest om de scherptediepte te maximaliseren. • MTF : MTF prioriteitsprogramma is een automatisch belichtingsprogramma dat de beste diafragmawaarden kiest voor de desbestreffende lens. AANGEP1 Tijd Lichtmeting 10 sec AE-L met AF-vergr. Uit Programmalijn Normaal Auto LW-correctie Uit Fijnafst. bij AWB Uit WB bij flitsgebr. AWB WB aanpassingsbereik Vast : Vrpl. : Einde Programmalijn Normaal H.Snel Diepte MTF Zet Programmalijn op Normaal programma : Inst. : Terug Het menu gebruiken Auto LW-correctie WB bij flitsgebr. Stelt in of er automatisch moet worden gecorrigeerd als de juiste belichting niet kan worden bepaald. Stelt in of de witbalans moet worden hersteld als de flitser niet opgeladen is. • Uit : De belichting corrigeert niet als de belichting niet automatisch correct kan worden berekend. • Aan : De belichting corrigeert automatisch als de automatische belichting functie niet in staat is de belichting correct in te stellen. AANGEP1 Tijd Lichtmeting 10 sec AE-L met AF-vergr. Uit Programmalijn Normaal Auto LW-correctie Uit Fijnafst. bij AWB Uit WB bij flitsgebr. AWB WB aanpassingsbereik Vast : Einde : Vrpl. Auto LW-correctie Uit Aan Gebruikt geen auto LWcorrectie als juiste belichting ontbreekt : Inst. : Terug Fijnafst. bij AWB Stelt in of fijnafstelling beschikbaar is als witbalans op automatisch staat geschakeld. • Uit : De AWB fijnafstelling is niet beschikbaar. • Aan : De AWB fijnafstelling is beschikbaar. AANGEP1 Tijd Lichtmeting 10 sec AE-L met AF-vergr. Uit Programmalijn Normaal Auto LW-correctie Uit Fijnafst. bij AWB Uit WB bij flitsgebr. AWB WB aanpassingsbereik Vast : Vrpl. : Einde Fijnafst. bij AWB Uit Aan Fijnafstemming uit als Witbalansinstelling op AWB is ingesteld : Inst. : Terug • AWB : Witbalans wordt ingesteld opAutomatisch als flitser wordt gebruikt. • Ongew : Witbalans instelling wordt niet gewijzigd door flitsergebruik. • Flitser : Witbalans instelling wordt ingesteld op Flitser als flitser wordt gebruikt. AANGEP1 Tijd Lichtmeting 10 sec AE-L met AF-vergr. Uit Programmalijn Normaal Auto LW-correctie Uit Fijnafst. bij AWB Uit WB bij flitsgebr. AWB WB aanpassingsbereik Vast : Vrpl. : Einde WB bij flitsgebr. AWB Ongew Flitser Witbalans is ingesteld op Auto bij gebruik van flits : Inst. : Terug WB aanpassingsbereik Past automatisch de witbalans aan afhankelijk van de verschillende lichtomstandigheden, zelfs als de lichtbron is gespecificeerd in de instelling [WITBALANS] in het Fn menu. • Als het [WB aanpassingsbereik] is ingesteld op [Automatisch aanpassen], wordt de witbalanswaarde automatisch aangepast binnen het aanpasbare bereik. AANGEP1 Tijd Lichtmeting 10 sec AE-L met AF-vergr. Uit Programmalijn Normaal Auto LW-correctie Uit Fijnafst. bij AWB Uit WB bij flitsgebr. AWB WB aanpassingsbereik Vast : Vrpl. : Einde WB aanpassingsbereik Vast Automatisch aanpassen Witbalans niet automatisch aanpassen als lichtbron is opgegeven : Inst. : Terug [WB aanpassingsbereik] functie is niet beschikbaar voor de [AUTOMATISCH], [Handmatig], en de [Kleurtemp.1] tot en met [Kleurtemp.3] modi in het [Witbalans] menu. [63] Het menu gebruiken Kleurtemp. Eenheid Hoge ISO-ruis Gebruik getallen om de kleurtemperatuur in te stellen. Activeert de [Hoge ISO-ruis] functie als de ISO gevoeligheid hoog is. [Hoge ISO-ruis] functie is niet geactiveerd bij een ISO van 800 of hoger. • Kelvin : Stelt de kleurtemperatuur in op 100K. • Mired : Stelt de kleurtemperatuur in op 20 Mired. De getallen worden geconverteerd naar Kelvin en getoond. AANGEP1 Kleurtemp.Eenheid Kelvin Ruisonderdrukking Auto Hoge ISO-ruis Uit ISO-weergave Uit ISO-stappen 1 LW Stel max.ber.ISO in 3200 Reset AG1 : Vrpl. : Einde Kleurtemp.Eenheid Kelvin Mired Instellen kleurtemp. kan in stappen van 100K : Inst. : Terug Ruisonderdrukking • Indien ingesteld op [Uit], is [Hoge ISO-ruis] niet geactiveerd. AANGEP1 Kleurtemp.Eenheid Kelvin Ruisonderdrukking Auto Hoge ISO-ruis Uit ISO-weergave Uit ISO-stappen 1 LW Stel max.ber.ISO in 3200 Reset AG1 : Vrpl. : Einde Hoge ISO-ruis Uit Zwakst Zwak Sterk Ruisonderdrukking is niet geactiveerd als u hoge gevoeligheid gebruikt. : Inst. : Terug Bepaalt of ruisonderdrukking moet worden gebruikt bij langzame opnames. ISO-weergave • Auto: Ruisonderdrukking wordt automatisch geactiveerd afhankelijk van de omstandigheden • Aan: Stelt in of [Ruisonderdrukking] in de langzame opnamemodus dient te worden gebruikt, langzamer dan de sluitertijd van 0,3”. Geeft de gevoeligheid in de zoeker en op het LCD scherm weer. AANGEP1 Kleurtemp.Eenheid Kelvin Ruisonderdrukking Auto Hoge ISO-ruis Uit ISO-weergave Aan ISO-stappen 1 LW Stel max.ber.ISO in 3200 Reset AG1 : Vrpl. : Einde [64] Ruisonderdrukking Auto Aan Ruisonderdrukking wordt automatisch geactiveerd afhankelijk van de omstandigheden : inst. : Terug • Indien ingesteld op [Uit], wordt het aantal te nemen opnamen in de zoeker en op het LCD scherm getoond. AANGEP1 Kleurtemp.Eenheid Kelvin Ruisonderdrukking Auto Hoge ISO-ruis Uit ISO-weergave Aan ISO-stappen 1 LW Stel max.ber.ISO in 3200 Reset AG1 : Vrpl. : Einde ISO-weergave Uit Aan Resterend aantal beelden weergeven in zoeker en op LCD-scherm. : Inst. : Terug Het menu gebruiken ISO-stappen Reset AG1 Hiermee stelt u de gevoeligheidsstap in. Hiermee zet u alle instellingen in het [AANGEP1] menu terug naar de standaardwaarden. • Per 1 LW : Stel de gevoeligheidsstap op 1 BW in. • Als LW-st. : Stel de gevoeligheid in overeenkomstig de BW instelling. AANGEP1 Kleurtemp.Eenheid Kelvin Ruisonderdrukking Auto Hoge ISO-ruis Uit ISO-weergave Uit ISO-stappen 1 LW Stel max.ber.ISO in 3200 Reset AG1 : Vrpl. : Einde ISO-stappen Per 1 LW Als LW-st. ISOgevoeligheidsstappen ingesteld op 1 LW : Inst. : Terug Stel max.ber.ISO in • Reset : Zet alle instellingen terug. • Annuleren : Zet geen instellingen terug. AANGEP1 Kleurtemp.Eenheid Kelvin Ruisonderdrukking Auto Hoge ISO-ruis Uit ISO-weergave Uit ISO-stappen 1 LW Stel max.ber.ISO in 3200 Reset AG1 : Einde : Vrpl. Reset AG1 Reset Annuleren Van pers. inst. terug naar fabrieks instellingen : Inst. : Terug U kunt het maximale ISO gevoeligheidsbereik instellen. Als [Stel max.ber. ISO in] is ingesteld op [6400], kan de ISO gevoeligheid tot 6400 worden ingesteld. AANGEP1 Kleurtemp.Eenheid Kelvin Ruisonderdrukking Auto Hoge ISO-ruis Uit ISO-weergave Uit ISO-stappen 1 LW Stel max.ber.ISO in 3200 Reset AG1 : Vrpl. : Einde Stel max.ber.ISO in 3200 6400 Gevoeligheid kan tot ISO 3200 worden ingesteld : Inst. : Terug Функция [Макс. диапазон ISO] упрощает работу с фотокамерой. При выборе светочувствительности ISO 6400 возможно появление дополнительных шумов на отснятых изображениях, поэтому при использовании данной функции не гарантируется ее эффективность [65] Het menu gebruiken Het AANGEP2 gebruiken ( ) Groene knop TAv&M E-knop in Progr. / Sv / Tv / Av / TAv / M / X / B Stelt de keuzeknop aan de voorkant ( ) en achterkant ( modi Programma / Sv / Tv / Av / TAv / M / X / B. AANGEP2 E-knop in Progr. E-knop in Sv E-knop in Tv E-knop in Av E-knop in TAv,M E-knop in X,B Groene knop TAv&M : Vrpl. ) in in de E-knop in Progr. Tv, Av ---,ISO Tv, -----, Av Tv, Av ---, Av <- P -> : Einde : Tv :Av : : Ps : --- :Av : Tv : Ps : : --- Voor: Sluitertijd (Hyper) Achter: Diafragma (Hyper) : Inst. : Terug Voorbeeld: E keuze in Programma Hiermee kiest u de methode voor aanpassing van de belichting als op de groene knop ( ) wordt ingedrukt bij gebruik van de TAv & M M (handmatige) modi. • Programmalijn : • Sluitertijd Inst : • Diafragma Inst : De diafragmawaarde en de sluitertijd worden automatisch aangepast. De diafragmawaarde wordt geblokkeerd en de sluitersnelheid wordt automatisch aangepast. De sluitersnelheid wordt geblokkeerd en de diafragmawaarde wordt automatischaangepast. AANGEP2 E-knop in Progr. Tv, Av E-knop in Sv ---,ISO E-knop in Tv Tv, --E-knop in Av ---, Av E-knop in TAv,M Tv, Av E-Dial in X,B ---, Av Groene knop TAv&M <- P -> : Vrpl. : Einde Groene knop TAv&M Proglijn Sluitertijd Inst Diafragma Inst Stelt diafragma en sluitertijd in op programmalijn : Inst. : Terug Gebr. diafr.ring Stelt in dat de sluiter kan worden losgelaten zelfs als de diafragmaring niet in de A (Automatische ) positie is ingesteld. Deze functie is uitsluitend beschikbaar voor de lenzen met een diafragmaring. • Uit : Sluiter gaat uitsluitend af als de diafragmaring is ingesteld op A. • Aan : De sluiter kan worden losgelaten zelfs als de diafragmaring niet in de A (Automatische) positie is ingesteld. [66] AANGEP2 Gebr. diafr.ring Uit One-touch bracketing Uit Volg. bracketing 0-+ Resterend Aantal Ontsp bij Opladen Uit Voorbeeldmethode Initiële Zoom Uit : Vrpl. : Einde Gebr. diafr.ring Uit Aan Opname maken niet mogelijk bij diafr.ring anders dan A. : Inst. : Terug Het menu gebruiken One-touch bracketing Resterend Aantal Als de sluiterknop wordt ingedrukt, wordt er een aantal vaste opnamen gemaakt. • Uit : Maakt één opnamen als de sluiterknop wordt ingedrukt. • Aan : Maakt een opgegeven aantal opnamen als bracket opnamen aan als de sluiter één keer wordt ingedrukt. Toont het aantal nog te nemen opnamen in het LCD scherm en de zoeker. AANGEP2 Gebr. diafr.ring Uit One-touch bracketing Uit Volg. bracketing 0-+ Resterend Aantal Ontsp bij Opladen Uit Voorbeeldmethode Initiële Zoom Uit : Vrpl. : Einde One-touch bracketing Uit Aan Neemt één opname bij één keer drukken op de ontspanknop. : Inst. : Terug • Continu : Toont het aantal nog te nemen opnamen in het LCD scherm en de zoeker. : Het aantal continu te nemen opnamen wordt getoond als de sluiterknop tot halverwege wordt ingedrukt. AANGEP2 Gebr. diafr.ring Uit One-touch bracketing Uit Volg. bracketing 0-+ Resterend Aantal Ontsp bij Opladen Uit Voorbeeldmethode Initiële Zoom Uit : Vrpl. : Einde Resterend Aantal Normaal Continu Weergave resterend aantal opn. voor huidige geheugenkaart : Inst. : Terug Ontsp bij Opladen Volg. bracketing Stelt de volgorde voor bracket opnamen maken in. Als de bracketing volgorde is ingesteld op "0 - +" met een diafragmawaarde van 8,0 krijgt u drie verschillende opnamen met de diafragmawaarden 8,0; 6,7; en 9,5. Zie voor meer informatie over automatisch bracketing pagina 90 "De belichting wijzigen en opnamen maken (auto bracket)." AANGEP2 Gebr. diafr.ring Uit One-touch bracketing Uit Volg. bracketing 0-+ Resterend Aantal Ontsp bij Opladen Uit Voorbeeldmethode Initiële Zoom Uit : Einde : Vrpl. • Normaal Volg. bracketing 0-+ +0-0+ 0+Opnamevolgorde 3 beelden : 0,-1,+1 5 beelden : 0,-1,+1,-2,+2 : Inst. : Terug U kunt de camera zo instellen dat opnamen kunnen worden gemaakt terwijl de flitser bezig is met opladen. • Uit : U kunt geen opnamen maken terwijl de flitser nog bezig is met opladen. • Aan : U kunt opnamen maken terwijl de flitser nog bezig is met opladen. Het is mogelijk dat de flitser niet afgaat, hoewel ingesteld op [Ontsp bij Opladen] [Aan] in het [AANGEP2]. AANGEP2 Gebr. diafr.ring Uit One-touch bracketing Uit Volg. bracketing 0-+ Resterend Aantal Ontsp bij Opladen Uit Voorbeeldmethode Initiële Zoom Uit : Vrpl. : Einde Ontsp bij Opladen Uit Aan Ontspannen niet mogelijk tijdens opladen van ingebouwde flitser : Inst. : Terug [67] Het menu gebruiken Autom. Rotatie Voorbeeldmethode Kies de te gebruiken voorbeeldmethode, wanneer de hoofdschakelaar in de voorbeeldpositie wordt gezet ( ). Ingesteld waarden in de [Voorbeeldmethode] worden geactiveerd als de hoofdschakelaar naar de voorbeeldpositie wordt gedraaid ( ). • Optisch • Digitaal • Live view : U kunt de scherptediepte controleren in de zoeker. : U kunt de compositie, belichting en scherpstelling op het LCD scherm controleren. : U kunt de samenstelling van uw onderwerp daadwerkelijk zien en de scherpstelling real time via het LCD scherm aanpassen. • Handmatige WB : U kunt de witbalans handmatig aanpassen. AANGEP2 Gebr. diafr.ring Uit One-touch bracketing Uit Volg. bracketing 0-+ Resterend Aantal Ontsp bij Opladen Uit Voorbeeldmethode Initiële Zoom Uit : Vrpl. : Einde Voorbeeldmethode Optisch Digitaal Liveview Handmatige witbalans Compositie, scherpstellen controleren op LCD scherm in real time : Terug : Inst. Stelt in om verticale opnamen automatisch te draaien wanneer u ze afspeelt. Als [Rotatie-info Opsl] niet is ingesteld op [Uit] wordt de opname niet automatisch gedraaid. • Aan : De verticaal genomen opnamen roteren automatisch. • Uit : De verticaal genomen opnamen roteren niet automatisch. Autom. Rotatie AANGEP2 Autom. Rotatie Rotatie-info Opsl Batterij Kiezen Licht LCD Boven Flash draadloze modus Reset AG2 : Vrpl. Aan Aan Auto Aan Aan : Einde Aan Uit Automatische rotatie van opname gedurende weergave : Inst. : Terug Rotatie-info Opsl Als [Rotatie-info Opsl] is ingesteld op [Aan], wordt een opname die gemaakt is in een verticale hoek getoond in de verticale gezichtshoek. • Aan : Slaat de rotatie-informatie op terwijl u opnamen maakt. • Uit : Slaat de rotatie-informatie niet op terwijl u opnamen maakt. Initiële Zoom Hiermee stelt u de aanvangsvergroting van de zoomweergave in. • Eerste keer inzoomen : [Uit], [2x], [4 x], [8 x], [16 x], [32 x] AANGEP2 Gebr. diafr.ring Uit One-touch bracketing Uit Volg. bracketing 0-+ Resterend Aantal Ontsp bij Opladen Uit Voorbeeldmethode Initiële Zoom Uit : Vrpl. : Einde [68] Initiële Zoom Uit 2x 4x 8x 16 x 32 x Vergroting weergave ingesteld op 1x : Inst. : Terug AANGEP2 Autom. Rotatie Rotatie-info Opsl Batterij Kiezen Licht LCD Boven Flash draadloze modus Reset AG2 : Vrpl. Saving Rotation Info. Aan Aan Auto Aan Aan : Einde Aan Uit Rotatie-info bij maken van opnamen opslaan : Inst. : Terug Het menu gebruiken Batterij kiezen Flash draadloze modus Beheert de verbruiksprioriteit van de batterijen tussen de camerabehuizing en de verticale handgreep. Gebruikt ingebouwde flitser als eerste in draadloze modus. • Auto : Stelt de batterij verbruiksprioriteit in op de batterij die meer vermogen heeft. • Body Eerst : Stel de batterij verbruiksprioriteit in op de batterij in de camerabehuizing. • Handgreep eerst : Stel de batterij verbruiksprioriteit in op de batterij in de verticale handgreep. AANGEP2 Autom. Rotatie Rotatie-info Opsl Batterij Kiezen Licht LCD Boven Flash draadloze modus Reset AG2 : Vrpl. Batterij Kiezen Aan Aan Auto Aan Aan : Einde Auto Body Eerst Grip Eerst : Inst. : Terug Licht LCD Boven Stelt in of the LCD scherm moet worden verlicht. • Aan : Het LCD scherm zal gaan branden als u de LCD scherm lampknop indrukt. • Uit : Het LCD scherm zal niet gaan branden als u de LCD scherm lampknop indrukt. AANGEP2 Autom. Rotatie Rotatie-info Opsl Batterij Kiezen Licht LCD Boven Flash draadloze modus Reset AG2 : Vrpl. Licht LCD Boven Aan Aan Auto Aan Aan : Einde Aan Uit Druk om LCD-display te verlichten op de knop Belichtingscorrectie : Inst. • Gebruikt ingebouwde flitser als tweede in draadloze modus. Flash draadloze modus AANGEP2 Autom. Rotatie Rotatie-info Opsl Batterij Kiezen Licht LCD Boven Flash draadloze modus Reset AG2 : Vrpl. Aan Aan Auto Aan Aan : Einde Aan Uit Gebruikt ingebouwde flitser als master in draadloze modus : Inst. : Terug Reset AG2 Hiermee zet u alle instellingen in het [AANGEP2] menu terug naar de standaardwaarden. • Reset : De instellingen worden teruggezet. • Annuleren : De instellingen worden niet teruggezet. AANGEP2 Autom. Rotatie Rotatie-info Opsl Batterij Kiezen Licht LCD Boven Flash draadloze modus Reset AG2 : Vrpl. Reset AG2 Aan Aan Auto Aan Aan : Einde Reset Annuleren Van pers. inst. terug naar fabrieks instellingen : Inst. : Terug : Terug [69] Het menu gebruiken Het INSTELLINGSMENU gebruiken ( ) Signaal Maak verschillende instellingen voor de camera in het [INSTELLINGSMENU.] menu. U kunt het geluidssignaal van de camera in- of uitschakelen. • Formatteren Hiermee formatteert u de geheugenkaart. Formatteer een nieuwe geheugenkaart in de camera voordat u de kaart in gebruik neemt. Bij formatteren worden alle gegevens van de geheugenkaart verwijderd. • Formatteren : Het geheugen wordt geformatteerd. • Annuleren : Het geheugen wordt niet geformatteerd. INSTELLINGSMENU Formatteren Signaal Datum/Tijd Language/言語 English Hulpdisplay 3 sec LCD-helderheid ±0 LCD kleuraanpassing 00 00 : Vrpl. : Einde • Formatteren Formatteren Annuleren Alle gegevens worden gewist : U kunt het geluidssignaal van de camera in- of uitschakelen. - [AF-geluid], [AE-vergr.], [RAW], [Zelfontspanner], [Afst.bediening] : Geen geluidssignaal [Signaal Aan] INSTELLINGSMENU Formatteren Signaal Datum/Tijd Language/言語 English Hulpdisplay 3 sec LCD-helderheid ±0 LCD kleuraanpassing 00 00 : Vrpl. : Einde Afst.bediening : Inst. : Terug 733MB/968MB : Inst. : Terug Signaal Als het formatteren klaar is, wordt de camerafunctie gewijzigd in de opname- of afspeelfunctie. ● Maak het kaartdeksel niet open als u de geheugenkaart formatteert. De kaart kan daardoor beschadigd raken en onbruikbaar worden. ● Formatteren zal beveiligde gegevens voorgoed verwijderen. Wees voorzichtig. [70] Signaal Signaal AF-geluid AE-vergr. RAW Zelfontspanner Signaal Signaal is niet geactiveerd : Inst. : Terug Signaal Signaal AF-geluid AE-vergr. RAW Zelfontspanner Afst.bediening : Inst. : Terug Het menu gebruiken Datum / tijd Language/ U kunt de oorspronkelijke datum- en tijdinstellingen wijzigen. U kunt ook de weergavestijl instellen. U kunt de taal wijzigen waarin de menu's, foutberichten, enz. worden weergegeven. • Weergavestijl datum : [mm/dd/jj], [dd/mm/jj], [jj/mm/dd] • Weergavestijl tijd : [12h] (12 uur), [24h] (24 uur) • Language/ Het type instellen Datum/Tijd Datum/Tijd dd/mm/jj 24h Type dd/mm/jj 24h Type dd/mm/jj 24h Datum 01 01 2008 Datum 01 01 2008 Datum 01 01 2008 Tijd 00 00 Tijd 00 00 Tijd 00 00 : Inst. : Terug : Inst. INSTELLINGSMENU Formatteren Signaal Datum/Tijd Language/言語 English Hulpdisplay 3 sec LCD-helderheid ±0 LCD kleuraanpassing 00 00 : Vrpl. : Einde Datum/Tijd Type : Annul. : Inst. : Engels, Koreaans, Chinees (traditioneel/vereenvoudigd), Frans, Duits, Spaans, Portugees, Italiaans, Zweeds, Nederlands, Deens, en Russisch : Annul. Language/言語 English 한국어 中文简体 中文繁體 Français : Inst. Deutsch Español Português Italiano Svenska : Terug Datum instellen Datum/Tijd Datum/Tijd Datum/Tijd Datum/Tijd Hulpdisplay Type dd/mm/jj 24h Type dd/mm/jj 24h Type dd/mm/jj 24h Type dd/mm/jj 24h Datum 01 01 2008 Datum 01 01 2008 Datum 01 01 2008 Datum 01 01 2008 Tijd 00 00 Tijd 00 00 Tijd 00 00 Tijd 00 00 : Inst. : Terug : Inst. : Annul. : Inst. : Annul. Tijd instellen Datum/Tijd Datum/Tijd Datum/Tijd Type dd/mm/jj 24h Type dd/mm/jj 24h Type dd/mm/jj 24h Datum 01 01 2008 Datum 01 01 2008 Datum 01 01 2008 Tijd 00 00 Tijd 13 00 Tijd 13 00 : Inst. : Terug : Inst. : Annul. : Inst. :Annul. : Inst. : Annul. Instellen om tijd van hulpfuncties op het LCD scherm weer te geven wanneer de hoofdschakelaar aan is of de moduskeuze wordt gewijzigd. • Tijd hulpdisplay : [Uit], [3sec], [10sec], [30sec] INSTELLINGSMENU Formatteren Signaal Datum/Tijd Language/言語 English Hulpdisplay 3 sec LCD-helderheid ±0 LCD kleuraanpassing 00 00 : Vrpl. : Einde INSTELLINGSMENU Formatteren Signaal Datum/Tijd Uit Language/言語 3sec Hulpdisplay 10sec LCD-helderheid 30sec LCD kleuraanpassing : Inst. : Annul. [71] Het menu gebruiken LCD-helderheid Videosignaal U kunt de helderheid van het LCD scherm aanpassen. Wijzig de instellingen als het LCD scherm moeilijk leesbaar is. • U kunt kiezen uit -7 ~ 0 ~ +7 stappen LCD helderheid. Als u de camera aansluit op audiovisuele apparatuur zoals een televisie, kies dan het juiste video-uitgangssignaal (NTSC of PAL) voor het afspelen van opnamen. INSTELLINGSMENU Formatteren Signaal Datum/Tijd Language/言語 English Hulpdisplay 3 sec LCD-helderheid ±0 LCD kleuraanpassing 00 00 : Vrpl. : Einde INSTELLINGSMENU Formatteren Signaal Datum/Tijd Language/言語 Guide Displa LCD Bright LCD kleuraanpassing : Inst. : Annul. U kunt de kleur van het LCD scherm aanpassen. [72] LCD kleuraanpassing : Inst. INSTELLINGSMENU Videosignaal NTSC USB PAL Auto Uitsch. Bestandsnaam Bestandsnaam wijz. Sensor Reinigen Sensor Stofvrij : Inst. : Annul. ● Als u eenmaal de taal heeft gekozen wordt het geschikte video uitgangsformat voor dat land gekozen. ● Als u een televisie als externe monitor gebruikt, dient u het externe of AV kanaal van de televisie te kiezen. ● Er zal een digitaal geluid op de externe monitor klinken, maar dit is geen storing. ● Als het beeld zich niet in het midden van het scherm bevindt, gebruik dan de televisieknoppen om het te centreren. ● Als de camera is aangesloten op een externe monitor zal het menu zichtbaar zijn op de externe monitor en zijn de menufuncties dezelfde als die die op het LCD scherm worden weergegeven. LCD kleuraanpassing INSTELLINGSMENU Formatteren Signaal Datum/Tijd Language/言語 English Hulpdisplay 3 sec LCD-helderheid ±0 LCD kleuraanpassing 00 00 : Vrpl. : Einde INSTELLINGSMENU Videosignaal NTSC USB Computer Auto Uitsch. 1min Bestandsnaam Datum Bestandsnaam wijz. SG20 Sensor Reinigen Sensor Stofvrij : Vrpl. : Einde : Terug Het menu gebruiken USB (een extern apparaat kiezen) Bestandsnaam Met dit menu stelt u de USB kabelverbinding in (pc of printer). U kunt de methode om namen toe te kennen aan mappen om opnamen in op te slaan kiezen. • Computer : Kies dit menu als u met een computer verbinding maakt. • Printer : Kies dit menu als u met een printer verbinding maakt. INSTELLINGSMENU Videosignaal NTSC USB Computer Auto Uitsch. 1min Bestandsnaam Datum Bestandsnaam wijz. SG20 Sensor Reinigen Sensor Stofvrij : Vrpl. : Einde INSTELLINGSMENU Videosignaal USB Computer Auto Uitsch. Printer Bestandsnaam Bestandsnaam wijz. Sensor Reinigen Sensor Stofvrij : Inst. : Annul. Auto Uitsch. U kunt de camera zo instellen dat deze automatisch uitschakelt wanneer deze een bepaalde tijd niet gebruikt is. • Standaard : De mapnamen worden toegewezen in de volgorde “100SSCAM J 101SSCAM J ... J 999SSCAM” in order. • Datum : De twee cijfers van de [maand] en [dag] waarop de foto is gemaakt staan toegewezen als de map naam in de vorm [100_0101]. (Voorbeeld) 101_0101 : voor mappen met foto's genomen op 1 januari. INSTELLINGSMENU INSTELLINGSMENU Videosignaal USB Auto Uitsch. Bestandsnaam Bestandsnaam wijz. Sensor Reinigen Sensor Stofvrij Videosignaal USB Auto Uitsch. Bestandsnaam Standrd Bestandsnaam wijz. Datum Sensor Reinigen Sensor Stofvrij : Vrpl. NTSC Computer 1min Datum SG20 : Einde : Inst. : Annul. • Auto Uitsch. : [1min], [3min], [5min], [10min], [30min], [Uit] INSTELLINGSMENU Videosignaal NTSC USB Computer Auto Uitsch. 1min Bestandsnaam Datum Bestandsnaam wijz. SG20 Sensor Reinigen Sensor Stofvrij : Vrpl. : Einde INSTELLINGSMENU Videosignaal USB 1min Auto Uitsch. 3min Bestandsnaam 5min Bestandsnaam wijz. 10min Sensor Reinigen 30min Sensor Stofvrij Uit : Inst. : Annul. [Auto Uitsch.] is niet geactiveerd als u een USB verbinding, afstandsbediening, Live view, Fn menu, of diashow gebruikt. [73] Het menu gebruiken Bestandsnaam wijz. Sensor Reinigen U kunt de bestandsnaam wijzigen afhankelijk van de kleurruimte. U kunt bijvoorbeeld de bestandsnaam van “SG20” wijzigen als het [Kleurgebied] is ingesteld op [sRGB]. Er kunnen schaduwen op de opname verschijnen voor witte achtergronden en andere opnameomstandigheden als de sensor vies of stoffig wordt. Dit wijst erop dat de sensor moet worden schoongemaakt. Neem contact op met het servicecentrum van Samsung Camera voor professionele reiniging, aangezien de sensor een precisieonderdeel is. INSTELLINGSMENU Videosignaal NTSC USB Computer Auto Uitsch. 1min Bestandsnaam Datum Bestandsnaam wijz. SG20 Sensor Reinigen Sensor Stofvrij : Vrpl. : Einde Bestandsnaam wijz. Bestandsnaam inst. Bestandsn. resetten sRGB SG20 XXXX.JPG AdobeRGB _G20 XXXX.JPG : Inst. Druk op de OK knop : Terug Bestandsnaam wijz. ABCDEFGH I JKLM L O P Q R S T UV WX Y Z 0123456789_ S G 2 0 : Inst. §¨ : Wijzigen. : Terug Gebruikt de draaiknop aan ) en de achterzijde ( de Fn knop om de gewenste bestandsnaam te kiezen. 1. Zet de camera uit en verwijder de lens. 2. Zet de camera aan. 3. Kies [Sensor Reinigen] in het [INSTELLINGSMENU] menu. 4. Druk op de richtingsknop (►) op uw camera. - Het scherm voor het reinigen van de sensor verschijnt. 5. Druk op de richtingsknoppen (▲▼) om te kiezen voor [Spiegel Omhoog]. - Opname maken verschijnt eerst om stof in de sensor te laten zien als u [Stofwaarschuwing] van tevoren heeft ingesteld. 6. Druk op de OK knop. - De spiegel wordt vergrendeld in de uitgeklapte stand. 7. Maak de sensor schoon. - Gebruik een blaasbalgje zonder kwastje om vuil en stof van de sensor te verwijderen. Bij gebruik van een blaasbalgje met kwastje kunnen krassen op de sensor ontstaan. Veeg de sensor nooit af met een doek. 8. Zet de camera uit. 9. Bevestig de lens nadat de spiegel naar zijn oorspronkelijke positie is teruggekeerd. [74] INSTELLINGSMENU Videosignaal NTSC USB Computer Auto Uitsch. 1min Bestandsnaam Datum Bestandsnaam wijz. SG20 Sensor Reinigen Sensor Stofvrij : Vrpl. : Einde Sensor Reinigen Spiegel Omhoog Annuleren Til de spiegel op om sensor te reinigen. Schakel apparaat uit om reinigen sensor te beëindigen. : Inst. : Terug Het menu gebruiken ● Gebruik nooit een spuitbus. ● Maak de sensor niet schoon als de belichtingsmethode is ingesteld op B (Tijdopname) modus. ● Dek het lensbevestigingsgebied altijd af om te voorkomen dat zich vuil of stof ophoopt op de sensor als er geen lens in de camera zit. ● Het wordt aanbevolen om een AC voedingsadapter (SAC-82, wordt apart verkocht) te gebruiken als u de sensor schoonmaakt. ● Als de batterij bijna leeg is, verschijnt de waarschuwing [ONVOLDOENDE BATTERIJVERMOGEN OM SENSOR TE REINIGEN] op het LCD scherm. ● Als u de netvoedingsadapter niet gebruikt, zorg dan dat de batterijen voldoende capaciteit hebben. Er klinkt een waarschuwingsgeluid als het vermogen van de batterij te laag wordt tijdens het schoonmaken. Stop dan a.u.b. onmiddellijk met schoonmaken. ● Kom niet met de punt van het blaasbalgje binnen het gebied van de lensbevestiging. Als de camera is uitgeschakeld, kan hierdoor de sluiter of de sensor beschadigd raken. ● Het lampje van de zelfonts panner knippert en er verschijnt [CLN] op het LCD scherm terwijl de sensor wordt schoongemaakt. Stofwaarschuwing Controleert stof in de sensor. INSTELLINGSMENU Stofwaarschuwing Pixel Mapping AF-afstelling Uit Reset : Vrpl. : Einde • Bij Inschakelen : Verwijdert stof in de sensor door het vakje aan te vinken ( ) in de [Bij Inschakelen] met behulp van de richtings knoppen (◄►). : Vrpl. : Einde : Terug : Vb. иии иии иииии. ии иии ии ииии Stof kan worden verwijderd door de sensor te schudden Sensor Stofvrij Voor controle van stof op sensor. Druk sluitertoets in Druk op de Diafr. knop Sensor Stofvrij INSTELLINGSMENU Videosignaal NTSC USB Computer Auto Uitsch. 1min Bestandsnaam Datum Bestandsnaam wijz. SG20 Sensor Reinigen Stofwaarschuwing Het gemarkeerde gebied laat stof in de sensor zien. : Einde Sensor Stofvrij Sensor Stofvrij Bij Inschakelen : Inst. : Terug Bij verschillende opnameomstandigheden kan de werkelijke opname verschillen als gevolg van de functie [Stofwaarschuwing]. Voor het beste resultaat wordt aanbevolen een vel wit papier op de voorzijde van de lens te plaatsen en ervoor te zorgen dat het gehele gebied in de zoekerin wit wordt weergegeven. De resulterende opname van [Stofwaarschuwing] is gebaseerd op dezelfde gezichtshoek waarin u de behuizing van de camera voor u zet en de lens weghaalt om de sensor te controleren [75] Het menu gebruiken Pixel Mapping Als er ruis op een opname wordt gevonden, kunt u de slechte pixels verwijderen met behulp van [Pixel Mapping]. INSTELLINGSMENU Stofwaarschuwing Pixel Mapping AF-afstelling Uit Reset : Vrpl. Pixel Mapping Voor controle van opnamesensor om aanpassingen te maken Uitvoeren Annuleren : Einde : Terug ● Het wordt aanbevolen dat u een statief gebruikt voor een accuratere instelwaarde. ● U kunt de [AF-afstelling] functie gebruiken zoals in de volgende afbeeldingen weergegeven. Beide foto's worden gemaakt terwijl wordt scherpgesteld op het midden (de bal in het midden) in de zoeker. : Inst. ▲ AF bereik is ver van het doel waarop u heeft scherpgesteld. AF-afstelling Als er een klein verschil is in het scherpstellen tussen lenzen kunnen gebruikers dit fijnafstellen door de functie AF fijnafstelling in te stellen. Lenzen die zijn geregistreerd als [All types] en [Eén type] kun worden aangepast. AF fijnafstelling is beschikbaar voor ongeveer 20 geregistreerde lenzen. Een lens ID is nodig voor [AF-afstelling]. - Als de optelling stopt op (+) zal de huidige scherptediepte dichterbij uw (onscherpte) camera komen. - Als de optelling stopt op (-) zal de huidige scherptediepte verder weg van uw (onscherpte) camera gaan. INSTELLINGSMENU Stofwaarschuwing Pixel Mapping Uit AF-afstelling Reset AF-afstelling AF-afstelling Uit ▲ Voeg waarden toe aan (+), de huidige scherptediepte is verplaatst naar het doelpunt. Reset Zet alle instellingen terug behalve [Datum/tijd], [Language / signaal], [AANGEP1], en [AANGEP2]. ], [Video- • Reset : Zet alle instellingen terug. • Annuleren : Zet de camera-instellingen niet terug. INSTELLINGSMENU Stofwaarschuwing Pixel Mapping AF-afstelling Uit Reset Reset Reset Annuleren Terug naar fabrieks instellingen Återställ AF-finjustering : Vrpl. [76] : Einde : Inst. : Terug : Vrpl. : Einde : Inst. : Terug Het menu gebruiken Het WEERGAVEMENU gebruiken (►) Snelweergave Instellingen met betrekking tot het afspelen en bewerken van opnamen worden uitgevoerd in het [MENU AFSPELEN] menu. Stelt tijd op het display, belichtingswaarschuwing en histogram in. Als de richtingsknoppen (◄►) worden ingedrukt in de [QUICK VIEW] functiemodus, verandert het display naar de modus Afspelen. Bel.waarsch. • Weergavetijd [BELICHTINGSWAARSCHUWING] functie meldt u welk gebied over- of onderbelicht is terwijl u opnamen afspeelt. • Uit : Belicht gebied knippert niet. • Aan : Een overbelicht gebied tijdens Directe Weergave of Afspelen knippert in rood terwijl een onderbelicht gebied knippert in geel. WEERGAVEMENU Bel.waarsch. Uit Snelweergave 1sec Digitaal vrbld Digitaal filter WEERGAVEMENU Uit Bel.waarsch. Snelweergave Aan Digitaal vrbld Digitaal filter : [1sec], [3sec], [5sec], [Uit], [Hold] • Histogram/Bel.waarsch. : Kruis de vakjes aan met behulp van de richting knoppen (◄►). WEERGAVEMENU Bel.waarsch. Uit Snelweergave 1sec Digitaal vrbld Digitaal filter Weergavetijd Histogram Bel.waarsch. : Vrpl. : Inst. : Einde Snelweergave 1sec : Terug Snelweergave : Vrpl. : Einde : Inst. : Annul. Weergavetijd Histogram Bel.waarsch. 1sec Snelweergave : Inst. : Terug Weergavetijd Histogram Bel.waarsch. Snelweergave Weergavetijd Histogram Bel.waarsch. : Inst. 1sec : Inst. 1sec 3sec 5sec Uit Hold : Annul. : Terug [77] Het menu gebruiken Digitaal vrbld Digitaal filter U kunt instellen of u het histogram en de licht/donker gebiedwaarschuwing tijdens de digitale voorbeeld-functie wilt laten zien. Als u eenmaal een foto heeft gemaakt, kunt u daar de zwart/wit modus, helderheid, sepiakleur, enzovoort op toepassen. • Histogram/Bel.waarsch. : Kruis de vakjes aan met behulp van de richting knoppen (◄►). WEERGAVEMENU Bel.waarsch. Uit Snelweergave 1sec Digitaal vrbld Digitaal filter Digitaal vrbld WEERGAVEMENU Bel.waarsch. Uit Snelweergave 1sec Digitaal vrbld Digitaal filter Histogram Bel.waarsch. : Vrpl. : Vrpl. : Einde : Inst. : Terug Digitaal vrbld Histogram Bel.waarsch. : Inst. : Terug Zie voor meer informatie over hoe u de [Voorbeeldmethode] instelt pagina 68, “Voorbeeldmethode”.. [78] ZWART-WIT : Einde : Terug : Inst. Zie voor meer informatie over [Digitaal filter] pagina 113 "Digitale filter". Geavanceerde opnamemodi gebruiken Dit hoofdstuk legt uit hoe u geavanceerde opnamemodi gebruikt, zoals Tv (sluiterprioriteit AB) modus, Av (diafragmawaarde prioriteit AB) modus, enzovoort. 080 080 De best geprogrammeerde belichting gebruiken, P (programma) modus P (automatische geprogrammeerde belichting) modus 082 Opnamen maken met verschillende belichtingen 083 Een foto maken van een snel bewegend onderwerp 084 De achtergrond niet scherpstellen 085 De automatische ISO instelmodus gebruiken 086 De handmatige modus gebruiken om uw eigen camerainstellingen te kiezen 082 083 084 085 086 086 Sv (gevoeligheidsprioriteit) modus Tv (sluiterprioriteit) modus Av (diafragmaprioriteit) modus Gebruik van de TAv modus (sluitertijd- & diafragmaprioriteit) M (handmatig) modus EV balk 087 Opnamen met lange sluitertijd maken 088 De externe flitser gebruiken 089 Uw eigen belichtingsinstelling opslaan en de opgeslagen waarde gebruiken 087 088 089 B modus (Tijdopname) X (flitser X synchronisatie) modus User modus 090 De belichting instellen 092 De kleurtemperatuur instellen 096 De gevoeligheid van de opnamesensor aanpassen 090 092 093 094 096 096 Belichting en opname (auto bracket) wijzigen De witbalans instellen De witbalans handmatig aanpassen De witbalans fijnafstellen De gevoeligheid instellen Het automatische correctiebereik instellen op AUTO De best geprogrammeerde belichting gebruiken, P (programma) modus Stelt sluitertijd en diafragmawaarde automatisch op de juiste belichting in in overeenstemming met de programmalijn als u foto's maakt. Deze P (Programma) modus ondersteunt zowel de Tv (sluiterprioriteit) als Av (diafragmaprioriteit) modi. P (Programma) modus is handig voor het maken van foto's in een losse omgeving (voor families en dergelijke). P (automatische geprogrammeerde belichting) modus 1. Draai de functiekiezer ( ) om P te kiezen. Sluitertijd 2. Controleer de sluitertijd en diafragmawaarde in de zoeker en op het LCD scherm. ▲ P modus, diafragma: f = 8, sluitertijd: 1/125sec ▲ P modus, diafragma: f = 2.8, sluitertijd: 1/1000sec 3. Nu kunt u een foto maken. Diafragmawaarde Foto's die in deze gebruiksaanwijzing worden gebruikt zijn om gebruikers producten te doen begrijpen, en de resultaten kunnen verschillen afhankelijk van het type lens en de opnameomgeving. [80] ● Om de belichting te wijzigen draait u aan de knop aan de voorzijde ( ) terwijl u de knop houdt ingedrukt. ● Zet het diafragma in de A stand terwijl u de automatische vergrendelingsknop ingedrukt houdt als u een lens met een diafragmaring gebruikt. De best geprogrammeerde belichting gebruiken, P (programma) modus P (programma) modus ondersteunt zowel Tv (sluiterprioriteit) als Av (diafragmaprioriteit) modi. ■ De sluitertijd wijzigen U kunt naar sluitertijdprioriteit automatische belichting omschakelen door de knop aan de voorzijde ( ) naar de P (hyperprogramma) modus te draaien. - U kunt de sluitertijd uitsluitend instellen op een waarde die in relatie tot het diafragma staat. - Als de helderheid wijzigt en de diafragmawaarde zich buiten het relatieve bereik bevindt, gaat het diafragma in de zoeker en op het LCD scherm knipperen. ■ Het diafragma wijzigen U kunt naar diafragmaprioriteit automatische belichting omschakelen door de knop aan de achterzijde ( ) naar de P (hyperprogramma) modus te draaien. - U kunt de diafragmawaarde uitsluitend instellen op een waarde die in relatie tot de sluitertijd staat. - Als de helderheid wijzigt en de sluitertijd zich buiten het relatieve bereik bevindt, gaat de sluitertijd in de zoeker en op het LCD scherm knipperen. - Druk op de groene knop ( ) om terug te keren naar hyperprogramma automatische belichting. ● Alle programmamodi hebben een verschillend gebruik van de draaiknop aan de voorzijde ( ) en aan de achterzijde ( ) afhankelijk van de ingestelde waarden. ● Als u de P (programma) modus gebruikt, kunt u de ISO gevoeligheid ) terwijl u wijzigen door de draaiknop aan de voorzijde te gebruiken ( de OK knop indrukt en ingedrukt houdt. [81] Opnamen maken met verschillende belichtingen Sv (gevoeligheidsprioriteit) modus helpt u foto's te maken bij verschillende omgevingsbelichtingen die veel verschillende helderheidsniveaus hebben. U kunt de gevoeligheid eerst instellen en vervolgens worden de sluitertijd en diafragmawaarde automatisch ingesteld in overeenstemming met de gekozen gevoeligheid om de juiste belichting te krijgen. Sv (gevoeligheidsprioriteit) modus is handig bij slechte belichtingsomstandigheden. Sv (gevoeligheidsprioriteit) modus 1. Draai de functiekiezer om ( voor Sv. ) te kiezen 2. Draai de knop aan de achterzijde ( pas de gevoeligheid aan. ▲ Sv modus, diafragma: f = 5.6, Sluitertijd: 1/125 sec, ISO = 800 ▲ Sv modus, diafragma: f = 4, Sluitertijd: 1/30 sec, ISO = 800 ) en -De sluitertijd, diafragmawaarde en gevoeligheid worden getoond in de zoeker en op het LCD scherm. 3. Nu kunt u een foto maken. ● Stel de gevoeligheid in in stappen van 1/2 BW of 1/3 BW. Stel de [LW-stappen] in het [MENU PERS1] menu in. ● U kunt geen wijzigingen maken in de [ISO Gevoeligheid] in het Fn menu als de Sv modus in gebruik is. [82] Een foto maken van een snel bewegend onderwerp In de Tv (sluiterprioriteit) modus kunt u het bewegende onderwerp stopzetten of wazig maken als het langs de zoeker komt door het gebruik van verschillende sluitertijden. Op basis van de sluitertijd wordt de diafragmawaarde automatisch ingesteld op de juiste belichting. De volgende afbeeldingen laten zien dat de snelle sluitertijd (“1/250” sec) een stilstaande opname maakt van een bewegend onderwerp, en de langzame sluitertijd (1/15 sec) een wazige opname maakt omdat het onderwerp blijft bewegen tot de sluiter dicht gaat. Tv (sluiterprioriteit) modus 1. Draai de functiekiezer ( voor Tv. ) om te kiezen 2. Draai aan de knop aan de voorzijde ( en pas de sluitertijd aan. ) - De sluitertijd en de diafragmawaarde worden in de zoeker en op het LCD scherm weergegeven. ▲ Tv modus, diafragma: f = 4, sluitertijd: “1/250”sec ▲ Tv modus, diafragma: f = 16, sluitertijd: 1/15sec 3. Nu kunt u foto's maken. Belichtingswaarschuwing Als het onderwerp te licht of te donker is, begint de diafragmawaarde te knipperen in de zoeker en op het LCD scherm. Is het onderwerp te licht, kies dan een kortere sluitertijd. Bij een te donker onderwerp kiest u een langere sluitertijd. Wanneer de diafragmawaarde-indicatie ophoudt met knipperen, kunt u de opname maken met de juiste belichting. Gebruik een ND filter (neutrale densiteit) als het onderwerp te licht is. Gebruik de flitser als het te donker is. [83] De achtergrond niet scherpstellen Met behulp van de Av (diafragmaprioriteit) modus kunt u het onderwerp in de achtergrond bewust niet scherpstellen. Aan de hand van de diafragmawaarde wordt de sluitertijd automatisch op de juiste belichting ingesteld. ▲ Av modus, diafragma: f = 11, Sluitertijd: 1/125 sec, ISO = 200 ▲ Av modus, diafragma: f = 4, Sluitertijd: 1/1000 sec, ISO = 200 Av (diafragmaprioriteit) modus 1. Draai de functiekiezer ( voor Av. 2. Draai de knop aan de achterzijde ( pas de diafragmawaarde aan. ) en - De sluitertijd en de diafragmawaarde worden in de zoeker en op het LCD scherm weergegeven. 3. Nu kunt u foto's maken. [84] ) om te kiezen De automatische ISO instelmodus gebruiken U kunt dezelfde sluitertijd en diafragmawaarde gebruiken, zelfs als de helderheid van het onderwerp wijzigt. U kunt zowel de gewenste sluitertijd als de diafragmawaarde instellen om een opname te maken. Stelt automatisch de gevoeligheid in, zodat de sluitertijd en diafragmawaarde de juiste belichting geven in overeenstemming met de helderheid van het onderwerp. De volgende afbeelding is gemaakt bij slechte belichtingsomstandigheden met een snelle sluitertijd van "1/125". ISO is automatisch gewijzigd in "1600" zonder de sluitertijd of diafragmawaarde te wijzigen. Gebruik van de TAv modus (sluitertijd- & diafragmaprioriteit) 1. Draai de functiekiezer ( voor TAv. ) om te kiezen 2. Draai aan de knop aan de voorzijde ( en pas de sluitertijd aan. ▲ TAv modus, diafragma: f = 4, Sluitertijd: 1/125 sec, ISO = 1600 ▲ TAv modus, diafragma: f = 4, Sluitertijd: 1/125 sec, ISO = 3200 3. Draai de knop aan de achterzijde ( ) ) en pas de diafragmawaarde aan. - De sluitertijd, diafragmawaarde en gevoeligheid worden in de zoeker en op het LCD scherm weergegeven. 4. U kunt het automatische ISO gevoeligheidsbereik instellen als u de TAv opnamemodus gebruikt. - Druk op de Fn knop aan de achterzijde van de camera en gebruik vervolgens de draaiknop aan de achterzijde ( ) om het automatische ISO gevoeligheidsbereik aan te passen 5. Nu kunt u foto's maken. [85] De handmatige modus gebruiken om uw eigen camerainstellingen te kiezen U kunt uw eigen belichtingsinstellingen voor de sluitertijd, diafragmawaarde en ISO instelwaarde kiezen. Als u drukt op de groene knop ( ) op uw camera wordt automatisch de belichting voor de geschikte helderheid ingesteld terwijl u de modus M (handmatig) gebruikt. 3. Stel uw eigen ISO gevoeligheidswaarde in met behulp van de Fn > richtingsknop (►). ISO-GEVOELIGHEID 100 4. Nu kunt u foto's maken. : Vrpl. : Inst. EV balk ▲ Vóór het instellen van de belichting met de groene knop ( ). ▲ Nà het instellen van de belichting met de groene knop ( ). M (handmatig) modus 1. Draai de functiekiezer ( voor M. [86] AE-L in M functie Druk op de AE-L knop ( ) om de belichtingswaarde in de M (handmatig) modus op te nemen. Als de sluitertijd of diafragmawaarde vervolgens gewijzigd worden, wijzigt de combinatie van sluitertijd en diafragmawaarde terwijl de belichting wordt behouden. Voorbeeld) Als de sluittijd 1/125e seconde is en de diafragmawaarde op F5.6 staat en met de AE-L knop ( ) een opname wordt gemaakt, en vervolgens de sluitertijd wordt gewijzigd naar 1/30e seconde met draaiknop aan de voorzijde, ( ), wijzigt de diafragmawaarde automatisch in F11. ) om te kiezen 2. Stel uw eigen belichtingswaarde voor de sluitertijd en diafragmawaarde in met behulp ) en de knop aan de ( van de knop aan de voorzijde ( De BW balk verschijnt op het LCD scherm en in de zoeker in de M (handmatig) modus. De juiste belichting wordt ingesteld als V in het midden ▲ BW balk van de BW balk is. Als deze richting - gaat, is de opname onderbelicht. Als deze richting + gaat, is de opname overbelicht. Als de waarde buiten het bereik van de BW balk komt, knippert ‘+’ of ‘-‘. ) achterzijde. Opnamen met lange sluitertijd maken U kunt een lange sluitertijd gebruiken met behulp van de B (tijdopname) modus. B (tijdopname) modus is handig voor foto's van vuurwerk en andere nachtelijke opnamen. De volgende afbeelding zijn gemaakt met de B (tijdopname) modus met een lange sluitertijd. B (tijdopname) modus 1. Draai de functiekiezer ( voor B. ) om te kiezen 2. Draai de knop aa n de achterzijde ( ) en pas de diafragmawaarde aan. 3. De sluiter blijft openstaan zolang u de sluiterknop ingedrukt houdt. Laat de sluiterknop niet los totdat de belichtingstijd is bereikt. 4. Zodra u de sluiterknop loslaat, is het maken van opnamen klaar. ▲ B modus, diafragma: f = 11, Sluitertijd: 2,5 sec, ISO = 100 ▲ B modus, diafragma: f = 11, Sluitertijd: 10 sec, ISO = 100 ● Gebruik een stevig statief en de draadontspanner (wordt apart verkocht) om te voorkomen dat de camera beweegt bij het gebruik van de B (tijdopname) modus. Verbindt de draadontspanner met de aansluiting op het toestel. ● Het maken van tijdopnamen is mogelijk als u de opnamefunctie met afstandsbediening gebruikt. De sluiter blijft geopend zolang de sluiterknopknop van de optionele afstandsbediening ingedrukt wordt gehouden. ● Procedure voor het verminderen van ruis (korrelige of ongelijkmatige opname) door een lange sluitertijd. Stel de [Ruisonderdrukking] in het [AANGEP1] menu in. ● Een sluitertijd langer dan 10 minuten kan ruis op opnamen veroorzaken. (veroorzaakt door de lange belichtingstijd) ● Als u een lange sluitertijd gebruikt, kan het langer duren om opnamen op te slaan nadat ze zijn genomen. U hoeft de batterij niet te verwisselen omdat dit geen storing aan het product is [87] De externe flitser gebruiken X (flitser X synchronisatie) modus Vergrendelt de sluitertijd op 1/180e seconde. Gebruik deze functie als tijdens het gebruik van de externe flitser de sluitertijd niet automatisch wijzigt. 1. Draai de functiekiezer ( voor X. ) om te kiezen 2. Sluit de externe flitser op uw camera aan. - Zie voor meer informatie over het gebruik van de externe flitser de gebruiksaanwijzing van de externe flitser. 3. De flitser gaat nu af zodra u de sluiterknop indrukt. ● Draai aan de knop aan de achterzijde ( ) om de diafragmawaarde aan te passen. ● Druk op de groene knop ( ) om de sluitersnelheid op 1/180e seconde te houden en de diafragmawaarde automatisch aan te passen. ● Als de gevoeligheid is ingesteld op (automatische modus) en de belichtingsmodus is ingesteld op X (flitser X synchronisatie) modus, wordt de gevoeligheid ingesteld op de minimumwaarde volgens "Het bereik van automatische correctie in AUTO instellen". [88] Uw eigen belichtingsinstelling opslaan en de opgeslagen waarde gebruiken User modus Gebruikt de belichtingswaarde die u heeft opgeslagen in het [OPNAMEMENU] > [Gebr.Registratie]. Zie voor meer informatie over de [Gebr.Registratie] functie pagina 57, "Gebruikersregistratie". 1. Draai de functiekiezer ( voor User. ) om te kiezen - De belichtingswaarde die u heeft opgeslagen in de [GEBRUIKERSREGISTRATIE] verschijnt op het LCD scherm. 2. Nu kunt u foto's maken. [89] De belichting instellen Belichting en opname (auto bracket) wijzigen U kunt continuopnamen maken met een verschillende belichting wanneer de sluiterknop wordt ingedrukt. De eerste opname wordt belicht zonder correctie, de tweede wordt onderbelicht (negatieve correctie) en de derde wordt overbelicht (positieve correctie). ▲ Normale belichting ▲ Onderbelichting` ▲ Overbelichting 1. Stel het aantal opnamen in. -Draai aan de knop aan de voorzijde ) terwijl u de belichtingsbracket knop ( indrukt ( ). Kies 3 of 5. 2. Stel de stappeninterval in. Draai aan de draai) terwijl u drukt knop aan de achterzijde ( op de belichtingsbracket knop ( ). U kunt de beschikbare bracketing hoeveelheden wijzigen door de [LW-stappen] in het [AANGEP1] in te stellen. U kunt [Volg. bracketing] instellen in het [AANGEP2] menu. 3. Druk de sluiterknop tot halverwege in. -De scherpstelindicator ( ) verschijnt in de zoeker als er is scherpgesteld. 4. Druk de sluiterknop volledig in. -Als u het [Aantal opn.] op "3" instelt wordt de eerste opname belicht zonder correctie, de tweede opname onderbelicht (negatieve compensatie) en de derde overbelicht (positieve compensatie). 5. Als u de automatische bracket functie wilt annuleren stelt u het aantal opnamen op UIT met behulp van de draaiknop aan de voorkant. Druk op de belichtingsbracket knop en houdt deze ingedrukt ( ) terwijl u de draaiknop ). aan de voorkant gebruikt ( [90] De belichting instellen ● Als de scherpstelmodus is ingesteld op SAF (Enkelvoudige opname) staat, wordt de scherpstelling vergrendeld bij de eerste opname en wordt deze gebruikt voor de volgende opnamen uit de reeks. ● De instelling voor de auto bracketing blijft twee keer zo lang actief als de timer-instelling voor de lichtmeting (de standaardinstelling is 20 seconden) wanneer u uw vinger van de sluiterknop haalt tijdens het gebruik van de automatische bracketing, en u kunt de volgende foto maken met de volgende correctiewaarde. In dit geval werkt de autofocus voor elke opname. Na circa twee keer zo lang als de belichtingsmeterinstelling (de standaardinstelling is 20 seconden) keert de camera terug naar de instellingen voor de eerste opname. ● U kunt automatische bracket combineren met de ingebouwde flitser of een externe flitser (uitsluitend P-TTL auto) om alleen de flitseruitvoer continu te wijzigen. Bij gebruik van een externe flitser bestaat echter de kans dat bij het ingedrukt houden van de sluiterknop voor het maken van drie opeenvolgende opnamen, de tweede en derde opname worden gemaakt voordat de flitser volledig is opgeladen. Maak altijd één opname tegelijk nadat u hebt gecontroleerd of de flitser is opgeladen. ● De functie Auto Bracket is niet beschikbaar als de belichtingsmodus is ingesteld op (Automatische modus) enB(Tijdopname) modus. Met behulp van de auto bracket functie is het mogelijk om uitsluitend overbelichte of onderbelichte foto’s te maken. Met de vooraf gecorrigeerde instelling van de belichtingswaarde kunt u alleen de onderbelichte of overbelichte opnamen kiezen [91] De kleurtemperatuur instellen De witbalans instellen De kleur van het onderwerp wijzigt met de lichtbron. Een wit voorwerp heeft bijvoorbeeld bij daglicht een andere schakering wit dan onder een gloeilamp. Bij camera's die werken met film wordt dit aangepast door een andere film te nemen of filters te gebruiken. Bij digitale camera's wordt de witheid aangepast via de witbalans. Automatisch Hiermee wordt automatisch de witbalans aangepast. (ongeveer 4.000 tot 8.000K) Daglicht Voor gebruik wanneer u opnamen maakt bij zonlicht. (ongeveer 5.200K) Voor gebruik wanneer u opnamen maakt met de ingebouwde flitser. (ongeveer 5.400K) Handmatig Kleurtemp. 1, 2, 3 Gebruik dit om handmatig de witbalans bij te stellen aan de hand van de lichtinval zodat witte voorwerpen er natuurlijk wit uitzien. Gebruik dit voor het instellen van de kleurtemperatuur in afbeeldingen. U kunt drie instellingen opslaan. ● De kleurtemperatuur (K) is een schatting. Deze geeft geen exacte kleuren aan. ● De kleurtemperatuurstap kan worden ingesteld in de [Kleurtemp. Eenheid] van het [AANGEP1]. [92] Heldere hemel Flitser Daglicht (TL-licht) Voor gebruik wanneer u opnamen maakt onder een gloeilamp of andere kunstverlichting. Het vermindert de roodachtige kleurtonen op een foto. (ongeveer 2.850K) Blauwe tint Bewolkt Flitser Daglicht Neutraal wit (TL-licht) Wit (TL-licht) Lamplicht Halogeenlamp Voor gebruik wanneer u opnamen maakt onder TL-licht. Kies het type fluorescerend licht, vanW (wit) (ongeveer 4.200K), N (neutraal wit) (ongeveer 5.000K), tot D (daglicht) (ongeveer 6.500K). Kunstlicht Fluorescerend Licht Rode tint Kaarsvlam Bewolkt Voor gebruik wanneer u opnamen maakt in de schaduw. Het vermindert de blauwachtige kleurtonen op een foto. (ongeveer 8.000K) Voor gebruik wanneer u opnamen maakt op bewolkte dagen. (ongeveer 6.000K) De kleur van het licht krijgt een blauwachtige kleurzweem naarmate de kleurtemperatuur hoger wordt en een roodachtige kleurzweem naarmate de kleurtemperatuur lager wordt. De kleurtemperatuur beschrijft deze verandering in lichtkleur in termen van absolute temperatuur (K: Kelvin). Met deze camera kan de witbalans zodanig worden ingesteld dat u onder een groot aantal verschillende lichtomstandigheden opnamen met natuurlijke kleuren kunt maken. Schaduw Schaduw Kleurtemperatuur 1. Druk op de Fn knop. - Het Fn menu verschijnt. : Vrpl. : Einde De kleurtemperatuur instellen 2. Druk op de richtingsknop (◄) op uw camera. 3. Druk op de richtingsknoppen ( kiezen voor (handmatig). WITBALANS - Het scherm Witbalans verschijnt. ) om te WITBALANS AWB 3. Druk op de richtingsknoppen ( gewenste witbalans te kiezen. ) om een - Na het kiezen van een gewenste witbalans draait u de hoofdschakelaar naar . U kunt de vorige Witbalans controleren. Auto : Vb. Handmatig : Vb. : Inst. 4. Druk op de richtingsknop (▼). - Het scherm voor fijnafstellen verschijnt. 5. Richt de zoeker op een egaal wit of grijs vel papier onder een lichtbron om de witbalans in te stellen. De witbalans handmatig aanpassen U kunt de witbalans aanpassen op de lichtbron die aanwezig is tijdens het maken van opnamen. Via de handmatige witbalans kan de camera verfijnde schaduwen opslaan die niet precies bijgesteld kunnen worden met de witbalans waarden die vooraf zijn ingesteld in de camera. Hierdoor stelt u de optimale witbalans in voor uw omgeving. : Inst. HANDMATIGE WITBALANS : Einde : Inst. 6. Druk de sluiterknop volledig in. - Het getoonde menu zal verschijnen. - Schuif de scherpstel modusknop naar MF als de sluiter niet kan worden ontspannen. : Inst. 1. Druk op de Fn knop. - Het Fn menu verschijnt. De positie van de aangepaste witbalans kan worden gewijzigd met behulp van de draaiknop aan de achterzijde ( ). You can select a desired white balance by using the direction buttons ( ). 2. Druk op de richtingsknop (◄) op uw camera. - Het scherm Witbalans verschijnt. : Vrpl. : Einde : Inst. [93] De kleurtemperatuur instellen 7. Druk op de OK knop 3. Druk op de richtingsknoppen ( gewenste witbalans te kiezen. (Voorbeeld : Daglicht) - Het menu witbalans aanpassen verschijnt. - Druk nogmaals op de OK knop om de instelling op te slaan. ) om een WITBALANS AWB ● Opnamen worden niet opgeslagen als u de sluiterknop loslaat. ● Druk op de Fn knop als de aanpassing niet succesvol was om nogmaals in te stellen. ● Als een opname extreem over- of onderbelicht is, kan de witbalans mogelijk niet worden aangepast. In dat geval stelt u de juiste belichting in en past u daarna de witbalans weer aan. Daglicht 4. Na het kiezen van een gewenste witbalans draait u de hoofdschakelaar naar . U kunt de vorige witbalans controleren. De witbalans fijnafstellen WITBALANS AWB Daglicht 1. Druk op de Fn knop. : Vb. - Het Fn menu verschijnt. 5. Druk op de richtingsknop (▲). - Het scherm fijnafstellen witbalans verschijnt. 2. Druk op de richtingsknop (◄) op uw camera. : Inst. DAGLICHT : Einde : Vrpl. WITBALANS : Einde - Het scherm Witbalans verschijnt. Auto : Vb. [94] : Inst. : Vb. : Inst. : Inst. De kleurtemperatuur instellen 5. Druk op de richtingknoppen ( ) om de witbalans fijn af te stellen. Er zijn zeven niveaus en 196 patronen beschikbaar op de G-M en B-A assen. -G -M -B -A : : : : DAGLICHT Groen Magenta Blauw Amber : Einde : Inst. GM compensatie ▲▼ Pas de kleurwaarden tussen groen en magenta aan. BA compensatie ◄► ● Als de groene knop ( ) wordt KLEURTEMP.EENHEID ingedrukt tijdens het instellen van de witbalans, wordt de witbalanswaarde ingesteld op de standaardwaarde (±0). ● Als de KLEURTEMP. EENHEID (K1, K2, K3) wordt gewijzigd nadat de kleurtemperatuur is gekozen, verschijnt het volgende menu. Wijzig het menu : Inst. : Einde met de draaiknop aan de voorzijde ( ) en aan de achterzijde ( ). ● Zet [Fijnafst. bij AWB] in [AANGEP1] op [Aan] als u fijnafstelt in AWB. Past de toon van de kleuren aan tussen blauw en amber. 6. Druk op de OK knop. WITBALANS - Het scherm fijnafstellen witbalans verschijnt. AWB Daglicht : Vb. : Inst. 7. Druk twee maal op de OK knop. - De camera is gereed voor het maken van opnamen met de ingestelde witbalans [95] De gevoeligheid van de opnamesensor aanpassen De gevoeligheid instellen U kunt de gevoeligheid instellen op basis van het omgevingslicht. De gevoeligheid kan worden ingesteld op [AUTO 100-400] of binnen een gevoeligheidsbereik gelijk aan ISO [100] tot [6400]. 1. Druk op de Fn knop. - Het Fn menu verschijnt. Het automatische correctiebereik instellen op AUTO : Einde : Vrpl. 2. Druk op de richtingsknop (►) op uw camera. - Het ISO gevoeligheidsmenu verschijnt. ● Bij een hogere gevoeligheid is er meer kans op ruis in de opname. ● Stel dit menu in in [AANGEP1] > [ISO-stappen]. ● Als [Stel max.ber.ISO in] is ingesteld op [6400] in het [AANGEP1], kan de ISO gevoeligheid worden ingesteld tot 6400. ● De functie [Stel max.ber.ISO in] is bedoeld voor meer gebruiksgemak. Het is mogelijk meer ruis op de opnamen te zien als u de ISO gevoeligheid instelt op 6400; deze functie valt niet onder de garantie. ISO-GEVOELIGHEID Stel het bereik voor automatische correctie van de gevoeligheid in als de gevoeligheid is ingesteld op [AUTO]. De gevoeligheid wordt standaard automatisch gecorrigeerd in het bereik [ISO 100-400]. U kunt het verstelbare ISO bereik voor automatische correctie instellen met behulp van het Fn menu. ISO-GEVOELIGHEID AUTO 100 - 400 : Vrpl. : Inst. AUTO 100 - 400 : Inst. : Vrpl. 3. Druk op de richtingsknoppen (◄►) om de gewenste gevoeligheid te kiezen. ISO-GEVOELIGHEID Draaiknop voorzijde Hiermee stelt u het laagste gevoeligheidsniveau in. Draaiknop achterzijde Hiermee stelt u het hoogste gevoeligheidsniveau in. 100 : Vrpl. [96] : Inst. Als de camera op de volgende manieren is ingesteld, kan de gevoeligheid niet worden ingesteld op AUTO. - De belichtingsmodus in ingesteld op Sv (gevoeligheidsprioriteit), M (handmatig), B (tijdopname) of X (flitser synchronisatie) modus. De flitser gebruiken Dit hoofdstuk legt uit hoe u in het donker een foto maakt met behulp van de flitser. 098 098 099 100 100 101 101 102 102 103 104 104 104 105 105 106 106 107 107 108 De ingebouwde flitser gebruiken Flitsermodus selecteren Automatisch ontladen gebruiken De aanvullende fl itser gebruiken Rode-ogenreductie flitser gebruiken Eerste scherm synchroniseren, laatste scherm synchroniseren Opnamen met daglichtsynchronisatie Flitsopbrengst corrigeren Flitseigenschappen bij elke belichtingsmodus Lange-sluitertijdsynchronisatie gebruiken Afstand en diafragma bij gebruik van de ingebouwde flitser Berekenen van de diafragmawaarde op basis van opnameafstand Berekenen van de opnameafstand op basis van de diafragmawaarde Een externe flitser gebruiken (wordt apart verkocht) Over het LCD scherm van SEF-36PZF Gebruik van de modus P-TTL automatisch Flitsen met korte-sluitertijdsynchronisatie Draadloos flitsen Rode-ogenreductie De externe flitsersynchronisatie schoen gebruiken De ingebouwde flitser gebruiken Als u de flitser wilt ontladen in een donkere of slechtverlichte omgeving, druk dan op de flitserknop ( ) om de flitser te laten opklappen. Kies een [Flitser] modus die u wilt gebruiken uit het scherm flitseropties in het Fn menu. U kunt de flitseropbrengst aanpassen met de knop aan de achterzijde ( ) tot iedere belichtingsmodus anders dan de modus Automatisch. De ingebouwde flitser werkt optimaal bij een afstand van circa 0,7 m tot 4 m van het onderwerp. Er zal geen goede belichting zijn en vervloeiïng kan voorkomen wanneer er op minder dan 0,7 m wordt gefotografeerd. Deze afstand hangt een beetje af van het type lens en de ingestelde gevoeligheid. Flitsermodus selecteren 1. Druk op de Fn knop. - Het Fn menu verschijnt. Compatibiliteit van ingebouwde flitser en lens Afhankelijk van de gebruikte lens en de opnamecondities kan vervloeiïng (delen rondom zijn zwart vanwege een gebrek aan licht) optreden. Wij raden u aan een testopname te maken om dit te controleren. ● Verwijder de lenskap voordat u de ingebouwde flitser gebruikt. ● De ingebouwde flitser wordt volledig ontladen voor lenzen zonder een functie om de diafragmalensring in te stellen op A (Automatisch). Automatisch Ontlaadt automatisch de flitser in donkere of slechtverlichte ruimtes. Steunflits De ingebouwde flitser moet handmatig ontladen worden. Wanneer de opklapflitser gesloten is, ontlaadt de flitser niet. Wanneer de flitser geopend is, ontlaadt de flitser. Auto + Rode ogen Er wordt een vóórflits gegeven voordat de automatische flitser afgaat. Steunflits + Rode De ingebouwde flitser moet handmatig ontladen worden. Verlicht een ogen rode-ogen verminderingslicht vóór een handmatige flits. 1e Sluitergordijn- Stelt de sluitersnelheid in voor een goede opname van de achtergrond. sync 1e Sltrgrdn-sync Er wordt een vóórflits tegen rode ogen gegeven voordat de automati+ Rode ogen sche flitser afgaat. 2e Sluitergordijn- Ontlaadt de flitser onmiddellijk voor het sluiterscherm dichtgaat. sync Beheert de externe flitser (SEF-54PZF of SEF-36PZF) met een Draadloze modus draadloze verbinding en laat de ingebouwde flitser als eerste afgaan. (of de controller.) [98] : Einde : Vrpl. 2. Druk op de richtingsknop (▼) op uw camera. - Het scherm voor flitseropties verschijnt. FLITS Steunflits : Inst. 3. Druk op de richtingsknoppen (◄►) om de [FLITS] modus te kiezen. - Als u drukt op de groene knop ( ) wordt de belichtingswaarde teruggezet als u de belichtingscorrectie op de flitser heeft ingesteld. FLITS Steunflits + Rode ogen : Inst. 4. Druk twee maal op de OK knop. - De camera keert terug naar de opnamemodus. De ingebouwde flitser gebruiken Beschikbare flitserfunctie, per opnamefunctie (O: Te kiezen, X : Niet te kiezen) AutomaP tisch Sv Tv Av TAv M B X Gebruiker Automatisch O X X X X X X X X X Steunflits X O O O O O O O O O Auto + Rode ogen O X X X X X X X X X Steunflits + Rode ogen X O O O O O O O O O 1e Sluitergordijn-sync X O O X O X X X X O 1e Sltrgrdn-sync + Rode ogen X O O X O X X X X O 2e Sluitergordijnsync. X O O O O O O O X O Draadloze modus X O O O O O O O O O In de Gebruiker modus kan de beschikbare flits door de belichtingsfunctie worden gewijzigd. Automatisch ontladen gebruiken Met behulp van de functie automatisch ontladen gaat de flitser af bij slechte belichtingsomstandigheiden in de modus automatisch. 1. Draai de functiekiezer ( ) om te kiezen (Automatische modus). voor 2. Druk op de flitser ( ) knop. - De ingebouwde flitser klapt indien nodig uit en begint met opladen. Als de flitser volledig is opgeladen, verschijnt op het LCD scherm en in de zoeker. 3. Druk de sluiterknop tot halverwege in. - De scherpstelindicator ( ) verschijnt in de zoeker als er is scherpgesteld. 4. Druk de sluiterknop volledig in. - De foto wordt gemaakt. De ingebouwde flitser gaat af terwijl hij wordt opgeladen indien ingesteld op [Aan] in het [AANGEP2] > [Ontsp bij Opladen]. 5. Druk op het afgebeelde deel van de flitser om deze in te klappen. [99] De ingebouwde flitser gebruiken De aanvullende flitser gebruiken Rode-ogenreductie flitser gebruiken Met behulp van de [AANVULLENDE] flitsermodus gaat de flitser onafhaneklijk van de omgevingsbelichtingsomstandigheden af. U kunt deze flitsermodus effectief gebruiken als u tegen het licht in fotografeert. Wanneer in een donkere omgeving opnamen met de flitser worden gemaakt, kunnen de ogen van het onderwerp rood overkomen. Dit wordt veroorzaakt door de weerspiegeling van de elektronische flitser in het netvlies. Deze weerspiegeling treedt op doordat pupillen in het donker wijder zijn. U kunt rode ogen niet voorkomen, maar met de volgende maatregelen kunt u er wel iets tegen doen. 1. Draai de functiekiezer ( ) naar iedere opnamemodus behalve naar de (Automatische modus). 2. Druk op de flitser ( ) knop. - De ingebouwde flitser klapt indien nodig uit en begint met opladen. Ongeacht de flitserfunctie, zal de aanvullende flitser worden geselecteerd. Als de flitser volledig is opgeladen, verschijnt op het LCD scherm en in de zoeker. 3. Druk de sluiterknop tot halverwege in. - De scherpstelindicator ( ) verschijnt in de zoeker als er is scherpgesteld. 4. Druk de sluiterknop volledig in. - De foto wordt gemaakt. 5. Druk op het afgebeelde deel van de flitser om deze in te klappen. [100] ● Maak de omgeving lichter voor de opname. ● Als u een zoomlens gebruikt, stelt u deze in op groothoek en gaat u dichter bij uw onderwerp staan. ● Gebruik een flitser die rode-ogenreductie ondersteunt. ● Het vermijden van het directe gebruik van een externe flitser kan het rode-ogen effect in foto's verminderen. De rode-ogen reductiefunctie van deze camera vermindert het rode-ogeneffect door tweemaal te flitsen. Met de rode-ogenreductie wordt er een voorflits gegeven net voordat de sluiter ontspant. Dit vermindert de verwijding van pupillen. De hoofdflits wordt vervolgens gegeven op het moment dat de pupillen kleiner zijn, waardoor het rode-ogeneffect wordt verminderd. Om de rode-ogen reductiefunctie te gebruiken stelt u [Auto + Rode ogen( )] in de modus Automatisch in( ) en [Steunflits + Rode ogen( )] of [1e Sluitergordijn-sync + Rode ogen( )] in andere modi. De ingebouwde flitser gebruiken Eerste scherm synchroniseren, laatste scherm synchroniseren Het volgende voorbeeld laat het verschil zien tussen eerste scherm en laatste scherm synchronisatie. Laatste schermsynchronisatie wordt gebruikt om beweging aan het eind van de belichting in een scherpe opname te bevriezen. Opnamen met daglichtsynchronisatie In verband met de verschillende richtingen van lichtbronnen is het mogelijk dat u zelfs bij daglicht een onverwachte schaduw ontdekt. U kunt de schaduw van het onderwerp verminderen door de ingebouwde flitser te gebruiken. Het gebruik van de flitser op deze manier heet opnamen met daglichtsynchronisatie. De flitser wordt bij daglichtsynchronisatie handmatig ingeschakeld. 1. Overtuig u ervan dat de flitser is uitgeklapt en de [FLITS] modus is ingesteld op [Steunflits] flitser. 2. Controleer of de flitser volledig is opgeladen. 3. Maak de foto. Het onderwerp bewoog in de richting van de pijl. Het onderwerp bewoog in de richting van de pijl. ▲ 1e Sluitergordijn-sync, Tv modus, Diafragma: f = 8, sluitertijd: 1/15sec ▲ 2e Sluitergordijn-sync, Tv modus, Diafragma: f = 8, sluitertijd: 1/15sec Als de achtergrond te helder is, kan de opname worden overbelicht. ▲ Zonder daglichtsynchronisatie ▲ Met daglichtsynchronisatie [101] De ingebouwde flitser gebruiken Flitsopbrengst corrigeren Flitseigenschappen bij elke belichtingsmodus U kunt de flitser wijzigen over een bereik van -2,0 tot +1,0. De flitser compensatiewaarden zijn als volgt voor 1/2 BW en 1/3 BW. ■ Gebruik van de flitser in de Tv (sluiterprioriteit) modus Trapinterval - Bij het fotograferen van een bewegend onderwerp kunt u de flitser gebruiken om de wazigheid te veranderen. - Binnen de sluitertijdgrens van "1/180" sec of langzamer kunt u de ingebouwde flitser gebruiken voor opnamen. - De diafragmawaarde wordt automatisch het omgevingslicht aangepast. Flitscorrectie 1/2 EV -2.0, -1.5, -1.0, -0.5, 0.0, +0.5, +1.0 1/3 EV -2.0, -1.7, -1.3, -1.0, -0.7, -0.3, 0.0, +0.3, +0.7, +1.0 Stel de interval van stappen in [LW-stappen] in het [AANGEP1] menu in. ➤ Met behulp van de draaiknop aan de achterzijde ( ), past u de correctieflitser in het Fn menu > [FLITS] aan. - Wanneer u de scherptediepte wilt wijzigen of een opname van grote afstand wilt maken, kunt u het gewenste diafragma instellen om een flitsfoto te maken. - De sluitertijd wordt automatisch aangepast aan het omgevingslicht. - De sluitertijd wordt automatisch aangepast tussen 1/180 sec. of langzamer, waarbij minder camerabeweging wordt veroorzaakt. De langzaamste sluitertijd is afhankelijk van de brandpuntsafstand van de lens die wordt gebruikt. FLITS Steunflits + Rode ogen : Inst. ● knippert in de zoeker wanneer de flitser uitklapt tijdens de flitser correctie. ● Correctie van de flitseropbrengst is niet beschikbaar als u gebruik maakt van de (Automatische modus). ● Als de maximale flitsopbrengst wordt overschreden indien deze is gecorrigeerd in de plusrichting (+), wordt er geen correctie toegepast. ● Corrigeren in de minrichting (–) heeft mogelijk geen effect wanneer het onderwerp te dichtbij is, het diafragma klein is of de gevoeligheid hoog is. [102] ■ Gebruik van de flitser in de Av (diafragmaprioriteit) modus De ingebouwde flitser gebruiken Lange-sluitertijdsynchronisatie gebruiken Als u een foto maakt bij slechte belichtingsomstandigheden op de achtergrond ontdekt u het verschil in belichting tussen het onderwerp en de achtergrond. U kunt de achtergrond net zo helder krijgen als het onderwerp met behulp van de lange sluitertijd als u de flitser af laat gaan. ● Een lange-sluitertijdsynchronisatie verlengt de sluitertijd. Maak gebruik van een statief of OIS om trillen van de camera te vermijden. De opname zal ook wazig zijn als het onderwerp beweegt. ● Lange-sluitertijdsynchronisatie is ook mogelijk met een externe flitser. ■ Gebruik van de Tv (sluiterprioriteit) modus 1. Draai de functiekiezer ( ) om te kiezen voor Tv. - Tv (sluiterprioriteit) modus wordt ingesteld. 2. Draai de draaiknop aan de voorzijde ( stellen. ) om de gewenste sluitertijd in te - De achtergrond wordt niet juist gecorrigeerd alsde diafragmawaarde knippert tijdens het instellen van de sluitertijd. Wijzig de sluitertijd zodat de diafragmawaarde niet meer knippert. 3. Druk op de flitser ( ) knop. - De flitser wordt uitgeklapt. 4. Maak de foto. In het getoonde voorbeeld kunt u zien dat de achtergrond net zo helder is als het onderwerp. (langesluitertijdsynchronisatie gebruikt onder slechte belichtingsomstandigheden.) ■ Gebruik van de M (handmatig) modus 1. Draai de functiekiezer ( ) om te kiezen voor M. - M (handmatig) modus wordt ingesteld. 2. Stel de sluitertijd (langer dan 1/180 sec) en de diafragmawaarde in voor een correcte belichting. ▲ Tv modus, Diafragma: f = 8, sluitertijd: 1/15sec 3. Druk op de flitser ( ) knop. - De flitser wordt uitgeklapt. 4. Maak de foto. [103] De ingebouwde flitser gebruiken Afstand en diafragma bij gebruik van de ingebouwde flitser ■ Als u opnamen maakt met de flitser, moeten richtgetal, diafragma en afstand op elkaar zijn afgestemd. Bereken de opnamecondities en pas deze aan wanneer de flitser onvoldoende is. ● Richtgetal ingebouwde flitser Gevoeligheid Richtgetal ingebouwde flitser ISO 100 13 ISO 200 18.4 ISO 400 26 ISO 800 36.7 ISO 1600 52 Berekenen van de diafragmawaarde op basis van opnameafstand Met de volgende formule berekent u de diafragmawaarde voor de opnameafstand. Gebruikte diafragmawaarde F = richtgetal ÷ opnameafstand Voorbeeld) Bij een gevoeligheid van [ISO 200] en een opnameafstand van 6.1 m is de diafragmawaarde: F = 18.4 ÷ 6.1 = 3 Als de uitkomst (in bovenstaand voorbeeld 3) niet beschikbaar is als diafragmawaarde, wordt meestal het dichtstbijzijnde lagere getal (in bovenstaand voorbeeld 2,8) gebruikt. [104] Berekenen van de opnameafstand op basis van de diafragmawaarde ■ Met de volgende formule berekent u de flitsafstand voor diafragmawaarden. Maximale flitsafstand L1 = richtgetal ÷ gekozen diafragmawaarde Minimale flitsafstand L2 = Maximale flitsafstand L1 ÷ 5* * De waarde 5 die gebruikt wordt in bovenstaande formule is een vaste waarde die alleen van toepassing is als uitsluitend de ingebouwde flitser wordt gebruikt. Voorbeeld) Bij een gevoeligheid van [ISO 200] en een diafragmawaarde van F4 L1 = 18.4 ÷ 4 = ca. 4.6 (m) L2 = 4.6 ÷ 5 = ca. 0.9 (m) De flitser kan dus worden gebruikt in een bereik van ongeveer 0.9m tot 4.6m. De flitser kan niet worden gebruikt als de afstand kleiner dan 0.8m is. Als de flitser dichterbij dan 0.8m wordt gebruikt, treedt vervloeiïng op in de fotohoeken, wordt licht ongelijkmatig verspreid en is de foto mogelijk overbelicht. Een externe flitser gebruiken (wordt apart verkocht) Met de optionele externe flitser (SEF-54PZF of SEF-36PZF) wordt een aantal flitsfuncties mogelijk, zoals automatisch P-TTL flitsen, flitsen met korte sluitertijdsynchronisatie en draadloos flitsen. Zie het onderstaande schema voor details. (O: Beschikbaar, X: niet beschikbaar) ● Raadpleeg de handleiding van de externe flitser voor details. De volgende informatie gaat over het gebruik van de externe flitser (SEF54PZF of SEF-36PZF). Ingebouwde flitser SEF-36PZF/ SEF-54PZF Flitsen met rode-ogenreductie O O Automatisch flitsen O O Na het opladen wordt automatisch de flitssynchronisatietijd ingesteld O O Het diafragma wordt automatisch ingesteld in de P (programma) modus en de Tv (sluiterprioriteit) modus. O O Automatische P-TTL flitser (geschikte gevoeligheid: 200 tot 3200) O O Lange-sluitertijdsynchronisatie O O Flitser belichtingscompensatie O O AF hulplicht O O Laatste scherm synchronisatieflitser*1 O O Flitsen met contrastregelingssynchronisatie *2 O O Slave flitsen X O Meervoudig flitsen X X Flitsen met korte-sluitertijdsynchronisatie X O Draadloze flitser*3 O O Camerafunctie Flitser *1 : Sluitertijd van 1/90 s of langer. *2 : Beschikbaar bij draadloze modus. *3 : Eén of meer SEF-54PZF of SEF-36PZF eenheden zijn vereist. Over het LCD scherm van SEF-36PZF De SEF-36PZF converteert automatisch het verschil in beeldhoek tussen kleinbeeld en het formaat van de GX-20 op basis van de brandpuntsafstand van de lens die u gebruikt. Brandpuntsafstand van de lens 77mm of langer SEF-36PZF LCD scherm 58mm 50mm 35mm 28mm 24mm 20mm 18mm 48mm 34mm 24mm 19mm 16mm [105] Een externe flitser gebruiken (wordt apart verkocht) Gebruik van de modus P-TTL automatisch Flitsen met korte-sluitertijdsynchronisatie Gebruik deze flitsmodus bij de SEF-36PZF of SEF-54PZF flitser. Als de flitsfunctie is ingesteld op [P-TTL AUTO] geeft de flitser een voorflits net voordat de opname wordt gemaakt. Hierbij wordt gebruik gemaakt van 16-segments lichtmeting, waardoor een nauwkeuriger controle mogelijk is. P-TTL automatische modus is beschikbaar bij de SEF-54PZF en SEF-36PZF modellen terwijl u een draadloze verbinding gebruikt. Met de SEF-36PZF of SEF-54PZF kunt u de flitser activeren om een opname te maken met een sluitertijd die korter is dan 1/180 seconde. Voor een draadloze verbinding zijn meer dan twee externe flitsers nodig. 1. Verwijder de kap van de flitsschoen en bevestig de externe flitser (SEF-36PZF of SEF-54PZF). ■ De SEF-36PZF of SEF-54PZF op de camera aansluiten en gebruiken 1. Verwijder de kap van de flitsschoen en bevestig de externe flitser (SEF-36PZF of SEF-54PZF). 2. Draai de functiekiezer ( ) om te kiezen voor Tv of M. 2. Zet de externe flitser aan. 3. Zet de camera en externe flitser aan. 3. Als u de externe flitser gebruikt wordt de P-TTL modus automatisch voor gebruik ingesteld. 4. Zet de externe flitser synchronisatiemodus op HS (korte-sluitertijdsynchronisatie). 4. Controleer of de externe flitser volledig is opgeladen en maak de opname. ● Automatisch P-TTL flitsen is alleen beschikbaar voor de SEF-36PZF of SEF-54PZF flitser. ● In de zoeker brandt als de ingebouwde flitser gereed is (volledig opgeladen). ● Gedetailleerde gegevens, zoals de bedieningsmethode en de effectieve afstand zijn te vinden in de handleiding van de externe flitser. ● De flitser ontlaadt niet als het onderwerp helder genoeg is als de flitsmodus [AUTOMATISCH ( )] is of [AUTOMATISCH+RODE-OGEN ( )]. Daarom kan de flitser in sommige gevallen ongeschikt zijn voor opnamen met daglichtsynchronisatie. ● Druk nooit op de knop voor uitklappen van de flitser ( ) wanneer er een externe flitser is bevestigd op de camera. De ingebouwde flitser botst dan tegen de externe flitser. ● Raadpleeg de handleiding van de SEF-54PZF of SEF-36PZF voor meer informatie. [106] 5. Controleer of de externe flitser volledig is opgeladen en maak de opname. ● In de zoeker brandt als de flitser gereed is (volledig opgeladen). ● Flitsen met korte-sluitertijdsynchronisatie is alleen beschikbaar bij een sluitertijd die korter is dan 1/180 sec. ● Flitsen met korte-sluitertijdsynchronisatie is niet beschikbaar wanneer de belichtingsfunctie is ingesteld op B (tijdopname). ● Raadpleeg de handleiding van de SEF-54PZF of SEF-36PZF voor meer informatie. Een externe flitser gebruiken (wordt apart verkocht) Draadloos flitsen Draadloze bediening van de flitser (P-TTL flitsmodus) De draadloze flitsmodus is beschikbaar bij de SEF-54PZF of SEF-36PZF modellen. U hoeft niet op de camera aan te sluiten met een flitssynchronisatiekabel. ● Zet de twee flitsers SEF-36PZF / SEF-54PZF op hetzelfde kanaal. ● Raadpleeg de handleiding van de SEF-54PZF of SEF-36PZF voor meer informatie. ■ In de draadloze modus Als u de draadloze flitsersynchronisatie gebruikt, wordt de volgende informatie uitgewisseld tussen de twee SEF-36PZF / SEF-54PZF flitseenheden totdat de flitser afgaat. Druk de sluiterknop volledig in. 1. De flitser van de camera geeft een voorflits (de flitsmodus van de camera wordt verzonden). 2. De externe flitseenheid geeft een voorflits (de belichtingsomstandigheden van het onderwerp worden gecontroleerd). 3. De flitseenheid van de camera geeft een voorflits (de benodige flitsopbrengst wordt verzonden naar de externe flitser). 4. De externe flitser geeft de hoofdflits af. 1. Stel de SEF-36PZF / SEF-54PZF op de gewenste plaats op. Zet de flitsmodus op SLAVE1 en kies vervolgens CH. * Raadpleeg de handleiding van de externe flitser voor details. Rode-ogenreductie 2. Plaats de externe flitser waar u deze wilt hebben. (De externe flitser dient te zijn ingesteld op SLAVE1 in de draadloze modus. Net als bij de ingebouwde flitser is ook voor een externe flitser rode-ogenreductie beschikbaar. 3. Draai de functiekiezer ( TAv, M). ) om de belichtingsmodus te kiezen (P, Sv, Tv, Av, 4. Zet uw camera op [Draadloze modus]. 5. De flitser gaat nu af zodra u de sluiterknop indrukt. ● Om de externe flitser als master te gebruiken zet u [Flitser in draadloze modus] op [Aan] in het [AANGEP1]. Indien deze op [Uit] staat, wordt de externe flitser als controller gebruikt. ● Bij de draadloze verbinding gaat de ingebouwde flitser af als u de externe flitser op uw camera aansluit en de ingebouwde flitser op master is gezet. ● De ingebouwde flitser wordt alleen gebruikt als controller in de draadloze modus als deze als controller is ingesteld. ● De functie voor rode-ogenreductie werkt ook als uitsluitend een externe flitser wordt gebruikt. ● De rode-ogen reductiefunctie is niet beschikbaar als SLAVE1 is ingesteld in de draadloze modus. Gebruik de rode-ogen reductiefunctie niet in de SLAVE2 modus. ● Zie voor informatie over het instellen van SLAVE2 in de draadloze flitsersynchronisatie de SEF-36PZF / SEF-54PZF gebruiksaanwijzing. [107] Een externe flitser gebruiken (wordt apart verkocht) De externe flitsersynchronisatie schoen gebruiken U kunt een externe flitser op de camera bevestigen met behulp van de externe flitsersynchronisatie schoen. ● Het gebruik van externe flitsers met een hoog voltage of een hoge spanning kan ervoor zorgen dat de camera defect raakt. ● Als u de externe flitsersynchronisatie schoen gebruikt, wordt de opnameinformatie van de camera niet gedeeld met het aangesloten apparaat. ● Het wordt aanbevolen om een testopname te maken om het donker worden van de hoeken van de opname als gevolg van gebrek aan belichting te voorkomen. ● Bevestig het afdekkapje op de externe flitsersynchronisatie schoen als deze niet in gebruik is, om de opeenhoping van stof te voorkomen. [108] Hoe speelt u de opnamen af 110 Stilstaande foto's weergeven Legt uit hoe u de foto-opnamen bekijkt of verwijdert, inclusief hoe u de opnamen als miniatuur bekijkt op het LCD scherm. 116 Opnamen verwijderen 110 111 111 111 112 113 115 116 116 117 117 118 119 119 119 120 Opnamen roteren Meerdere opnamen tonen Kies het aantal weer te geven opnamen Een map tonen Diavoorstelling Digitale filters RAW bestanden naar JPEG formaat converteren Eén opname wissen Alle opnamen verwijderen Gekozen opnamen verwijderen (uit het negen-opnamen venster) Mappen verwijderen Opnamen gemaakt met de RAW+ knop verwijderen Opnamen beveiligen tegen verwijderen Eén opname beveiligen Alle opnamen beveiligen Camera aansluiten op audiovisuele apparatuur Stilstaande foto's weergeven Dit hoofdstuk legt uit hoe u stilstaande opnamen afspeelt. 1. Druk op de knop Afspelen ( ). 1. Druk op de knop Afspelen ( - De laatste opname (die met het hoogste bestandsnummer) wordt weergegeven op het LCD scherm. <Speel de volgende opname af> 2. Als u opnamen afspeelt kunt u het zichtveld vergroten of verplaatsen me behulp van de volgende knoppen: - Draaiknop achterzijde ( - Draaiknop voorzijde ( - Richtingsknoppen ( - OK knop <Gekozen opname draait tegen de klok in telkens als u erop drukt> ● Als een opname wordt afgespeeld, drukt u op de INFO knop. De opgeslagen gegevens worden als volgt gewijzigd. ● Als u één maal op de OK knop drukt draait u de afgespeelde opname en wordt de rotatie-informatie opgeslagen. [110] ). - De laatste opname (die met het hoogste bestandsnummer) wordt weergegeven op het LCD scherm. 2. Als opnamen eenmaal van het LCD scherm verdwijnen kunt u de opnamen afspelen of ronddraaien op uw LCD scherm. <Speel de vorige opname af> Opnamen roteren ) ) ) : Vergroot of verkleint de vergrote opname. : Speelt de volgende opname in dezelfde grootte af. : Verplaatst het zichtveld. : Zet het formaat terug naar normaal. Stilstaande foto's weergeven Meerdere opnamen tonen Kies het aantal weer te geven opnamen U kunt 4, 9 of 16 opnamen tegelijk weergeven op het LCD scherm 1. Druk op de knop Afspelen ( 1. In het multi-opname weergavescherm drukt u op de Fn knop. ). - Het multi-opname optiescherm verschijnt. - De laatste opname (die met het hoogste bestandsnummer) wordt weergegeven op het LCD scherm. 2. Druk op de richtingknoppen ( ) op uw camera om het aantal opnamen te kiezen dat u tegelijkertijd wilt tonen. - 4, 9, 16 opnamen : Terug 3. Het gekozen aantal opnamen wordt tegelijkertijd getoond. beelden 2. Draai de knop aan de achterzijde ( naar links ( ). ) - Het multi-opname weergavescherm verschijnt. Er kunnen maximaal 16 miniatuuropnamen tegelijkertijd worden weergegeven. Druk op de richtingknoppen ( ) op uw camera om een opname te kiezen. Er verschijnt rechts op het scherm een schuifbalk. [?] verschijnt voor een opname die niet kan worden weergegeven. 3. Draai de knop aan de achterzijde ( ) naar rechts ( ) of druk op de OK knop. - Er verschijnt een volledige schermweergave van de gekozen opname. Een map tonen U kunt de inhoud van de mappen weergeven in het multi-opname weergavescherm. : Wissen Schuifbalk 1. Draai de achterste draaiknop ( ) naar links in het multi-opname weergavescherm. 2. Kies de map die u wilt weergeven en druk op de OK knop. - Opnamen in de gekozen map worden als miniatuur weergegeven. : Wissen Mapnaam [111] Stilstaande foto's weergeven Diavoorstelling ■ Effect van de diashow U kunt alle opnamen op de geheugenkaart achter elkaar weergeven. 1. Druk op de knop Afspelen ( Effect van de diashow ). - De laatste opname (die met het hoogste bestandsnummer) wordt weergegeven op het LCD scherm. Functie Show Afspelen, Herhalen Interval 3, 5, 10, 20, 30 (sec) Uit Effect 1 : Toont overgangseffect tussen 2. Druk op de richtingsknoppen (◄►) op uw camera om een opname te kiezen die als eerste dient te worden getoond. diaopnamen. Effect 3. Druk op de Fn knop. Effect 2 : Toont opnamen van links naar rechts. Effect 3 : Toont opnamen in diagonale - Het Fn menu verschijnt. richting. Effect 4 : Toont opnamen in verticale richting. 4. Druk op de richtingsknop (►). - [Show], [Interval], en [Effect] instellingenscherm verschijnt. 5. Druk op de richtingknoppen ( ) om de afspeelmethode, tijdsinterval, en het effect te kiezen en druk vervolgens op de OK knop. - Het startscherm wordt weergegeven en de diavoorstelling begint. ■ Mogelijkheden beschikbaar tijdens diavoorstelling - OK knop - Richtingsknop (◄) - Richtingsknop (►) - Richtingsknop (▼) [112] : : : : Afspelen/Pauzeren Toont vorige opname Toont volgende opname Stop : Vrpl. : Einde Show Interval Afspelen 3sec Effect : Vrpl. Uit : Terug ● De diavoorstelling stopt wanneer een van de volgende acties tijdens het afspelen wordt uitgevoerd of bij pauzeren. 1 Druk op de richtingsknop (▼) op uw camera. 2 Shutter release button is pressed halfway or fully. 3 Druk op deAF knop. 4 Druk op de knop Afspelen ( ). 5 Hoofdschakelaar wordt gezet op de stand. 6 Draai de functiekiezer ( ). 7 Druk op de MENU knop. ➥ 1, 7 Nadat de diashow is gestopt, schakelt de camera naar de modus Afspelen. 2, 3, 4, 5, 6 Nadat de diashow is gestopt, schakelt de camera naar de opnamemodus. 7 Nadat de diavoorstelling is gestopt, verschijnt het menu Afspelen. ● U kunt de diashowfunctie instellen met behulp van het Fn menu. Stilstaande foto's weergeven Digitale filters 5. Stel een gewenst filter in met behulp van de voorste ( ). draaiknop ( U kunt gemaakte opnamen bewerken met digitale filters. De bewerkte opnamen worden onder een andere naam opgeslagen. KLEUR ) en achterste VLAK 1. Druk op de Fn knop. - Het Fn menu verschijnt. : Terug : Inst ▲ Kleurenfilter : Vrpl. 2. Druk op de richtingsknop (◄) op uw camera. : Terug : Inst. ▲ Vlak filter : Einde ZWART-WIT 6. Druk op de OK knop. - Het scherm voor het kiezen van het filter wordt weergegeven. - Het bevestigingsscherm voor opslaan verschijnt. : Terug : Inst. 7. Druk op de richtingknop (▲) om te kiezen voor [Opslaan als]. Beeld opslaan als nieuw bestand Opslaan als Annuleren 3. Druk op de richtingsknoppen (◄►) om een opname te kiezen. :Terug 4. Druk op de richtingsknoppen (▲▼) om een filter te kiezen. - Kies een filter en bekijk de effecten ervan op de opname. : Inst. 8. Druk op de OK knop. - De gefilterde opname wordt opgeslagen onder een andere naam. [113] Stilstaande foto's weergeven ■ Digitaal filter Filter Functie Draaiknop voorzijde Draaiknop achterzijde ZWARTWIT Converteert naar een zwart/-witopname. Wijzigt het contrast alsof er een Z/W kleurenfilter is gebruikt. - ZW/R/G/B SEPIA Geef uw foto's een antiek uiterlijk door ze te converteren naar een sepiakleur. - Dichtheid (3 niveaus) KLEUR Voegt een kleurenfilter toe aan de opname. Kiest uit 18 filters (6 kleuren x 3 tinten). Kleur Dichtheid van iedere kleur (3 niveaus) SOFT Maakt een zachte opname. - Zachtheid (3 niveaus) Kleur verw. Verwijder de gekozen kleur uit de opname. Illustratie Voegt een illustratie-effect aan de opname toe. Kleur HDR Compenseer de contrastwaarde in de opnamen die een hoog contrast hebben als gevolg van scherp tegenlicht ten opzichte van de camera. VLAK Wijzigt de horizontale en verticale verhouding van opnamen. De hoogte en breedte kunnen tot twee keer het oorspronkelijke formaat worden gewijzigd. - Links : Groothoek Rechts : Bijsnijden HELDERHEID Wijzigt de helderheid van opnamen. Instelbaar met een bereik van ±8 niveaus. - Links : Donker Rechts : Licht HDR (3 niveaus) - Als een andere opname wordt gekozen met de richtingsknoppen (◄►) op uw camera verschijnt de opname in de ingestelde filter. [114] ● RAW opnamen kunnen niet via het digitale filter worden verwerkt. ● U kunt het [Digitaal filter] ook benaderen via het [WEERGAVEMENU]. Stilstaande foto's weergeven RAW bestanden naar JPEG formaat converteren U kunt RAW bestanden converteren naar JPEG bestanden. 1. Kies een RAW bestand in de modus Afspelen. 4. Druk op de OK knop. - De opgenomen parameters van het opnamebestand verschijnen. - Als u de parameters ongewijzigd wilt laten, drukt u nogmaals op de OK knop. 5. Druk op de richting knops ( parameter te wijzigen. Resolutie JPEG-kwaliteit Witbalans 2. Druk op de Fn knop. - Het Fn menu verschijnt. : Vrpl. 3. Druk op de richtingsknop (▼) op uw camera. : Einde Deze opname ontwikkelen Resolutie Standard ) om de : Terug : Inst. 14,6M : 4672 X 3104 / 10M : 3872 X 2592 / 6M : 3008 X 2000 / 2M : 1824 X 1216 (Superfijn (1)) / (Superfijn (2)) / (Fijn) / (Normaal), TIFF (Automatisch) / (Daglicht) / (Schaduw) / (Bewolkt) / (Fluorescerendt (daglichtkleuren)) / (Fluorescerend (daglicht wit)) (Fluorescerend (wit licht)) / (Kunstlicht) / / (Flitser) / (Handmatig) / (Kleurtemperatuur) Gevoeligheid -2.0 ~ +2.0 Opnamewizard Standrd / Levendig / Portret / Landschap / Aangepast 1 / Aangepast 2 Kleurtoon Natuurlijk / Rood / Magenta / Blauw / Cyaan / Groen / Geel / Warm / Koel Scherpte - 4.0 ~ + 4.0 Kleurverz. - 4.0 ~ + 4.0 Contrast - 4.0 ~ + 4.0 6. Nadat u de parameter heeft gewijzigd, drukt u op de OK knop. - Het bevestigingsscherm voor opslaan verschijnt. : Terug : Inst. 7. Druk op de richtingsknop (▲) om te kiezen voor [Opslaan als], en druk vervolgens op de OK knop. - De bewerkte opname wordt opgeslagen onder een andere naam. - Om [Annuleren] te kiezen gebruikt u de richtingknoppen (▲▼) om [Annuleren] te kiezen en vervolgens drukt u op de OK knop. Beeld opslaan als nieuw bestand Opslaan als Annuleren : Inst. [115] Opnamen verwijderen Eén opname verwijderen Alle opnamen verwijderen U kunt één opname per keer verwijderen. U kunt alle opgeslagen opnamen in één keer verwijderen. 1. Druk op de knop Afspelen ( ) en druk op de richtingsknoppen (◄►) op uw camera om een opname te kiezen om te verwijderen. 1. Druk op de knop Afspelen ( ). 2. Druk twee maal op de knop Verwijderen ( ). - Het scherm voor het verwijderen van alle opnamen verschijnt. 3. Druk op de richtingsknop (▲) om te kiezen voor [Alle wsn]. 2. Druk op de knop Verwijderen ( ). 4. Druk op de OK knop. - Het scherm voor het verwijderen van opnamen verschijnt. - Alle opnamen worden verwijderd. 3. Druk op de richtingsknoppen (▲▼) om te kiezen voor [Wissen]. 4. Druk op de OK knop. - De opname wordt verwijderd. Alle beelden van geheugenkaart wissen? Alle wsn Annuleren : Terug Wissen Annuleren : Alle bld : Inst : Inst Geen beeld ● Gewiste opnamen kunnen niet meer worden hersteld. ● Beveiligde opnamen kunnen niet worden verwijderd. ● Gewiste opnamen kunnen niet meer worden hersteld. ● Beveiligde opnamen kunnen niet worden verwijderd. ● Als u probeert alle opnamen te verwijderen verschijnt een [Alle opnamen van geheugenkaart verwijderen?] bericht. [116] Opnamen verwijderen Gekozen opnamen verwijderen (uit het negenopnamen venster) U kunt verscheidene opnamen tegelijk uit de weergave met negen opnamen verwijderen. ● Gewiste opnamen kunnen niet meer worden hersteld. ● Beveiligde opnamen kunnen niet worden verwijderd. ● U kunt alleen gelijktijdig bestanden kiezen uit dezelfde map. 4. Druk op de richtingsknoppen ( ) om de opnamen die verwijderd moeten worden te verplaatsen en druk vervolgens op de OK knop. -Opname wordt gekozen en verschijnt. : Wissen 5. Druk op de knop Verwijderen ( ). -Het Bevestig-verwijderen-scherm verschijnt. 1. Druk op de knop afspelen ( ). -De laatste opname (die met het hoogste bestandsnummer) wordt weergegeven op het LCD scherm. 6. Druk op de richtingknop (▲▼) om te kiezen voor [Kiezen&Wissen]. 7. Druk op de OK knop. -De gekozen opnamen worden verwijderd. 2. Draai de knop aan de achterzijde ( naar links ( ). - verschijnt boven de opnamen. Alle geselecteerde beelden zijn gewist Kiezen&Wissen Annuleren : Terug : Inst. Mappen verwijderen ) U kunt een map kiezen om te verwijderen. -Er worden negen miniatuuropnamen getoond. 3. Druk op de knop Verwijderen ( ). : 1. Draai de knop aan de achterzijde ( naar links in de miniatuurmodus. : Wissen ) 2. Kies de map die u wilt verwijderen met behulp van de richtingsknoppen ( ). 3. Druk op de knop ‘wissen’ ( ) en kies vervolgens [Alles wsn]. De gekozen map wordt gewist zodra u op de OK knop drukt. : Wissen Mapnaam Als zich beveiligde opnamen in de gekozen map bevinden, verschijnt een bericht dat vraagt of u ze alle wilt verwijderen. [117] Opnamen verwijderen Opnamen gemaakt met de RAW+ knop verwijderen U kunt zowel de RAW als de JPEG opnamen tegelijkertijd opslaan door één keer de sluiterknop in te drukken met de [Knop RAW Inst.] functie. Zowel de RAW als de JPEG opnamen kunnen worden in één keer worden verwijderd door de knop Verwijderen in te drukken ( ) terwijl i de "RAW+" opnamen afspeelt. ● Gewiste opnamen kunnen niet meer worden hersteld. ● Beveiligde opnamen kunnen niet worden verwijderd. 1. Druk op de knop Afspelen ( ) en kies de "RAW+" opname met behulp van de richtingsknoppen (◄►). 3. Druk op de richtingsknoppen (▲▼) om het verwijderingstype te kiezen. - [JPEG Wissen] Alleen de JPEG opnamen van de gekozen opnamen worden verwijderd. - [RAW Wissen] Alleen de RAW opnamen onder de gekozen opnamen worden verwijderd. - [RAW+JPEG Wissen ] RAW en JPEG opnamen worden verwijderd uit de gekozen opnamen. JPEG Wissen RAW Wissen RAW+JPEG Wissen Annuleren : Alle bld : Inst. 100-0080 JPEG Wissen RAW Wissen RAW+JPEG Wissen Annuleren : Alle bld : Inst. Alleen [Wissen] of [Annuleren] verschijnt op het scherm als u de knop Verwijderen indrukt ( ) tijdens het afspelen van de RAW opnamen. 2. Druk op de knop Verwijderen ( ). - Het scherm voor het verwijderen van opnamen verschijnt. [118] Opnamen beveiligen tegen verwijderen Eén opname beveiligen Alle opnamen beveiligen U kunt opnamen beveiligen, zodat ze niet per ongeluk kunnen worden gewist. Beveiligde opnamen worden ook verwijderd als u de geheugenkaart formatteert. ). - De laatste opname (die met het hoogste bestandsnummer) wordt weergegeven op het LCD scherm. 1. Druk op de knop afspelen ( ). - De laatste opname (die met het hoogste bestandsnummer) wordt weergegeven op het LCD scherm. 1. Druk op de knop afspelen ( 2. Druk op de AE-L knop ( 2. Druk twee maal op de AE-L knop ( 3. Druk op de richtingsknoppen (▲▼) om te kiezen voor [Beveiligen]. ). - Het scherm voor beveiliging verschijnt. Alle beelden beveiligen 3. Druk op de richtingsknoppen (▲▼) om te kiezen voor [BEVEILIGEN]. 4. Druk op de OK knop. - De gekozen opname wordt beveiligd. ). - Het scherm voor beveiliging van alle opnamen verschijnt. 4. Druk op de OK knop. - Alle opnamen op de SD geheugenkaart worden beveiligd. Beveiligen Beveiliging opheffen : Alle bld : Inst. Beveiligen Beveiliging opheffen : Terug : Inst. Kies [Beveiliging opheffen] in stap 3 om de beveiligingsinstelling voor alle opnamen te annuleren. ● Kies [Beveiliging opheffen] in stap 3 om de beveiligingsinstelling te annuleren. ● Het symbool verschijnt als u beveiligde opnamen afspeelt. [119] Camera aansluiten op audiovisuele apparatuur Met de videokabel kunt u opnamen afspelen op een TV of andere apparatuur met een video-IN aansluiting als monitor. Zorg dat zowel de TV als de camera uit staan voordat u de kabel aansluit. 1. Open het klepje van de uitgang en sluit de videokabel aan op de PC / video uitgang van uw camera. 2. Sluit het andere uiteinde van de videokabel aan op de video-IN aansluiting op het audiovisuele apparaat. 3. Zet het audiovisuele apparaat en de camera aan. ● Als u van plan bent de camera gedurende lange tijd intensief te gebruiken, verdient het aanbeveling een netvoedingsadapter (SAC-82, wordt apart verkocht) te gebruiken. ● Voor AV apparatuur met meerdere video-IN aansluitingen (zoals een TV), raadpleegt u de handleiding van het AV apparaat en kiest u de video-IN aansluiting waarop de camera is aangesloten. ● Zorg ervoor dat de formaatinstelling voor videoingang juist is ingesteld voor uw land of regio. ● Het LCD scherm van de camera wordt uitgeschakeld als de camera wordt aangesloten op het AV apparaat. [120] De software gebruiken Hierin worden de kenmerken van de camera, accessoires en de namen van de verschillende onderdelen beschreven. 122 122 124 Opmerkingen met betrekking tot software Systeemvereisten De toepassingssoftware installeren 125 PC modus starten 126 Verwisselbare schijf 126 127 127 127 127 128 128 130 131 132 Opgeslagen opnamen downloaden De verwisselbare schijf verwijderen Windows 2000/ME/XP/Vista Het USB besturingsprogramma voor MAC installeren Het USB besturingsprogramma voor MAC gebruiken Samsung Master Afbeeldingen downloaden Opname viewer Afbeelding bewerken Film bewerken 133 De Samsung RAW Converter 2.0 gebruiken 133 134 135 De RAW bestanden ontwikkelen De belichting corrigeren Omgaan met JPEG/TIFF bestanden terwijl u RAW bestanden bewerkt RAW bestanden opslaan in JPEG of TIFF formaat 135 Opmerkingen met betrekking tot software Lees deze paragraaf van de gebruiksaanwijzing zorgvuldig door voordat u deze camera gaat gebruiken ● De meegeleverde software bevat een besturingsprogramma voor de camera en software voor opnamebewerking onder Windows. ● Onder geen enkele voorwaarde mag alle of een deel van ofwel de software ofwel de gebruiksaanwijzing worden verveelvoudigd. ● Het copyright voor software is uitsluitend gelicenseerd voor het gebruik met een camera. ● In het onwaarschijnlijke geval dat zich een fabricagefout heeft voorgedaan, zullen wij uw camera repareren of vervangen. Wij kunnen echter op geen enkele wijze aansprakelijk worden gesteld voor schade als gevolg van onjuist gebruik. ● Zelfgebouwde PC's of een PC en besturingssysteem waarvan de kwaliteit niet wordt gewaarborgd door de fabrikant, vallen niet onder de garantie van Samsung. ● Voordat u deze handleiding gaat lezen, moet u eerst over basiskennis van computers en O/S (besturingssystemen) beschikken. Systeemvereisten Voor Windows De schermafbeeldingen in deze handleiding zijn gebaseerd op de Engelse versie van Windows. Voor Macintosh * PC met een processor hoger dan Pentium III 450 MHz (Pentium 800 MHz wordt aanbevolen) Windows 2000/ME/XP/Vista Minimaal 256MB RAM (512MB aanbevolen) 250 MB beschikbare vrije ruimte op de harde schijf (1GB aanbevolen) USB poort CD-ROM drive 1024x768 pixels, 16-bits kleuren toepasbaar op het beeldscherm (24-bits kleurenscherm aanbevolen) Power Mac G4 of later Mac OS 10.2 of hoger Minimaal 256MB RAM 250MB vrije ruimte op de harde schijf USB poort CD-ROM drive * De inbegrepen software is niet compatibel met Macintosh computers. [122] Opmerkingen met betrekking tot software ■ Samsung Master : Dit is de complete multimedia software-oplossing. Met deze software kunt u digitale opnamen en filmclips downloaden, bekijken, bewerken en opslaan. U kunt de stilstaande opnamen ook bewerken. Deze software kan alleen worden gebruikt met Windows. ■ Met behulp van de Samsung RAW Converter 2.0 kunt u een RAW (*.dng) bestand converteren naar een JPEG of TIFF bestandsformaat. ● Het automatische installatieprogramma heeft 5 tot 10 seconden nodig voor de installatie, afhankelijk van de kracht van uw computer. Als dit venster niet wordt weergegeven, voert u [WINDOWS VERKENNER] en kiest u [setup.exe] in de hoofdmap van het cd-rom station. ● Er bevinden zich PDF documenten van de gebruiksaanwijzing op de software CD-ROM die met deze camera is meegeleverd. Bekijk de PDF bestanden met de Verkenner van Windows. Voordat u de PDF bestanden opent, dient u de Acrobat Reader die zich op de software CD-ROM bevindt te installeren. ● Om Adobe Reader 6.0.1 te installeren dient Internet Explorer 5.01 te zijn geïnstalleerd. Bezoek www.microsoft.com om de Internet Explorer te upgraden. [123] De toepassingssoftware installeren ■ Als u deze camera wilt gebruiken met een PC dient u eerst de toepassingssoftware te installeren. Nadat u dat hebt gedaan, kunnen de opgeslagen opnamen van de camera worden overgezet naar de PC en worden bewerkt door middel van een opnamebewerkingsprogramma. ■ U kunt de website van Samsung bezoeken via internet. http://www.samsungcamera.com : Engels http://www.samsungcamera.co.kr : Koreaans Klik 1. Installeer Samsung Master/ Samsung RAW Converter volgens de instructies op het scherm van de PC. Klik Klik Klik Klik Klik Klik Klik Klik [124] Klik De toepassingssoftware installeren PC modus starten In deze modus kunt u opgeslagen opnamen downloaden naar uw pc via de USB kabel. Het LCD scherm wordt altijd uitgeschakeld in de PC modus. De camera aansluiten op een PC Klik Klik 2. Sluit, nadat u de computer opnieuw hebt opgestart, de PC via de USB kabel aan op de camera. 3. Zet de camera aan. De [Found New Hardware Wizard] opent en de computer herkent de camera. 1. Druk op de MENU knop en kies het [INSTELLINGSMENU] menu. 2. Zet [USB] op de camera op [Computer ]. 3. Sluit de camera aan op uw PC met behulp van de USB kabel. INSTELLINGSMENU Videosignaal USB Computer Auto Uitsch. Printer Bestandsnaam Bestandsnaam wijz. Sensor Reinigen Sensor Stofvrij : Inst. : Annuleren ● Als u met Windows XP/Vista werkt, wordt een opname viewer geopend. ● Als het downloadvenster van Digimax Master wordt geopend nadat Samsung Master is gestart, is de installatie van het besturingsprogramma voor de camera geslaagd. [125] Verwisselbare schijf Opgeslagen opnamen downloaden 4. Kies [Copy] uit het menu [Edit]. U kunt de stilstaande opnamen die u op uw camera heeft opgeslagen downloaden naar de harde schijf van uw PC, en ze afdrukken of met behulp van fotobewerkingssoftware bewerken. 1. Sluit de camera aan op uw PC met behulp van de USB kabel. 2. Kies op het bureaublad van uw computer [My Computer] en dubbelklik op [Removable Disk -> DCIM -> 100_0001]. 5. Kies de bestemmingsfolder en klik op [Paste] uit het menu [Edit]. -De opnamebestanden worden vervolgens getoond. 6. U ziet nu de gedownloade bestanden op uw computer. 3. Kies een opname om te downloaden. ● Wij adviseren u de opnamen eerst naar de PC te kopiëren voordat u ze gaat bekijken. Als u opnamen rechtstreeks vanaf de verwisselbare schijf opent, kan de verbinding onverwachts worden verbroken. ● Als u een bestand upload dat niet met deze camera is gemaakt naar de verwisselbare schijf wordt het bericht [Camera cannot display this image] getoond op het LCD scherm in de modus Afspelen en verschijnt het [?] bericht in de modus MINIATUUR. [126] De verwisselbare schijf verwijderen Windows 2000/ME/XP/Vista 5. Het venster [Unplug or Eject Hardware] wordt geopend. Klik op de knop [Close]. De verwisselbare schijf kan nu veilig worden verwijderd. De afbeeldingen kunnen afwijken van de werkelijke weergave, afhankelijk van het Windows besturingssysteem waarmee u werkt. 1. Controleer of de camera en de PC een bestand uitwisselen. Als het lampje voor kaarttoegang knippert, moet u wachten totdat het lampje uit gaat. 6. U kunt de USB kabel nu veilig verwijderen. Haal de USB kabel uit de aansluiting. Het USB besturingsprogramma voor MAC installeren De digitale camera wordt automatisch herkend door de Macintosh als deze wordt aangesloten. Klik 1. Controleer de versie van Mac OS. 2. Klik met de rechter muistoets op het [Safely remove the hardware] pictogram. - Controleer de MAC OS. Deze camera is compatibel met MAC OS 10.2 of hoger. 2. Sluit de camera op de Macintosh aan en zet de camera aan. - Een nieuw pictogram verschijnt op het bureaublad nadat de camera op de MAC is aangesloten. 3. Het venster [Safely remove the hardware] wordt geopend. Kies [USB MASSAOPSLAG APPARAAT] en klik op de [STOP] knop. Het USB besturingsprogramma voor MAC gebruiken Klik 4. Het venster [Stop a Hardware device] wordt geopend. Kies [SAMSUNG DIGITAL_ CAMERA USB Device] en klik op de [OK] knop. De digitale camera wordt automatisch herkend door de Macintosh als deze wordt aangesloten. 1. Dubbelklik op het nieuwe pictorgram op het bureaublad. - De map in het geheugen wordt getoond. 2. Kies een opnamebestand en kopieer of verplaats dit naar de MAC. Voor Mac OS 10.2 of hoger : Voltooi eerst het uploadproces van de computer naar de camera en verwijder vervolgens de verwisselbare schijf met de verwijderopdracht. Klik [127] Samsung Master Met deze software kunt u digitale opnamen en filmclips downloaden, bekijken, bewerken en opslaan. Deze software kan alleen worden gebruikt met Windows. Om het programma te starten klikt u op [Start J Programma's J Samsung J Samsung Master]. Afbeeldingen downloaden 3. Klik op de knop [Next>]. 4. Kies een bestemming en maak een nieuwe map aan waarin de gedownloade opnamen en mappen dienen te worden opgeslagen. 1. Sluit de camera op uw PC aan. 2. Er wordt een venster weergegeven voor het downloaden van afbeeldingen nadat u de camera hebt aangesloten op uw PC. 5. Klik op de knop [Next>]. - Gebruik de knop [Select All] om de gemaakte opnamen te downloaden. - Kies de gewenste map in het venster en klik op de knop [Select All]. U kunt gemaakte opnamen opslaan in de gekozen map. - Als u klikt op de knop [Cancel] wordt het downloaden geannuleerd. Klik [128] Klik Samsung Master 6. Een venster zoals hiernaast afgebeeld verschijnt. De bestemming van de gekozen map wordt getoond aan de bovenzijde van het scherm. Klik op de [Start] knop om de opnamen te downloaden. Klik 7. De gedownloade opnamen worden getoond. [129] Samsung Master Opname viewer U kunt de opgeslagen opnamen bekijken. 1 5 6 2 1 Menubalk Hier kunt u menuopties kiezen. File (Bestand), Edit (Bewerken), View (Beeld), Tools (Extra), Change functions (Functies wijzigen), Auto download (Automatisch downloaden), Help, enz. 2 Keuzevenster opname in map In dit scherm kunt u de gewenste opnamen kiezen. 3 Selectiemenu voor mediatype 7 3 4 In dit menu kunt u functies van de opname viewer en bewerkingsfuncties voor opnamen en filmclips kiezen. 4 Voorbeeldscherm In dit venster kunt u een voorbeeld van een opname of filmclip bekijken en de multimediagegevens controleren. 5 Zoombalk U kunt de grootte van het voorbeeld wijzigen. 6 Venster voor mapweergave U kunt de locatie van de map van de gekozen opname zien. 7 Opnameweergavescherm Hiermee kunt u opnamen in de gekozen map weergeven. Zie het [Help] menu in de Samsung Master voor verdere informatie. [130] Samsung Master Afbeelding bewerken U kunt de stilstaande opname bewerken. 1 Menu Bewerken U kunt de volgende menu's kiezen. [Tools] 1 4 U kunt de grootte van de gekozen opname wijzigen of delen wegsnijden. [Adjust] U kunt de opnamekwaliteit aanpassen. [Retouch] U kunt de opname wijzigen of effecten aan de opname toevoegen. 2 Tekenattributen Attributen voor het bewerken van een opname. 3 Opnameweergavescherm Een gekozen opname wordt in dit scherm weergegeven. 4 Voorbeeldscherm U kunt de gewijzigde opname als voorbeeld op scherm zien. 2 ● Zie het [Help] menu in de Samsung Master voor verdere informatie. 3 ● Een stilstaande opname die is bewerkt met Samsung Master kan niet worden weergegeven op de camera. [131] Samsung Master Film bewerken U kunt stilstaande opnamen, filmclips, spraakmemo's en muziekbestanden samenvoegen in een filmclip. 1 Menu Bewerken 1 U kunt de volgende menu's kiezen. [Add Media] U kunt andere media-elementen aan een filmclip toevoegen. [Edit Clip] Hiermee kunt u de helderheid, het contrast, de kleur en de kleurverzadiging wijzigen. [Effects] U kunt een effect toevoegen. [Set Text] U kunt teksten invoegen. [Narrate] U kunt een vertelling toevoegen. [Produce] Hiermee kunt u het bewerkte multimedia-item opslaan onder een nieuwe bestandsnaam. 2 Frameweergavescherm In dit scherm kunt u multimedia toevoegen. 2 Zie het [Help] menu in de Samsung Master voor verdere informatie. [132] De Samsung RAW Converter 2.0 gebruiken Met behulp van de Samsung RAW Converter 2.0 kunt u RAW bestanden ontwikkelen en vervolgens naar wens bewerken. U kunt ook JPEG of TIFF bestanden bewerken op dezelfde wijze waarop u de RAW bestanden bewerkt. Deze software kan alleen worden gebruikt met Windows. Deze software kan alleen worden gebruikt met Windows XP en Vista. U kunt deze software ook gebruiken met Windows 98SE, ME, 2000. Het volledig functioneren kan dan echter niet worden gegarandeerd. Om het programma te starten klikt u op [Start -> Programma’s -> Samsung RAW Converter 2.0 -> Samsung RAW Converter 2.0]. De RAW bestanden ontwikkelen 1 Menubalk 2 Opnamebewerkingsattributen 1 [Belichtingseffect] [Witbalans] [Toon] [Kleur] [Scherpte] [Ontwikkeling] 2 Compenseer de belichtingswaarde. Past de witbalanswaarde aan. Past het contrast aan. Wijzigt de kleur. Past de scherpte aan. Voorbeeld op scherm is beschikbaar voor de uiteinde lijke versie. 3 Markering controller Past de kleurverzadiging en markeringen van de gekozen opname aan. 3 4 Histogram Toont de kleurlagen van de gekozen opname. 5 Voorbeeldscherm 5 4 Toont de gekozen opname. Zie het [Help] menu in de Samsung RAW Converter 2.0 voor verdere informatie. [133] De Samsung RAW Converter 2.0 gebruiken De belichting corrigeren De belangrijkste functie van de Samsung RAW Converter 2.0 is dat u de beste kwaliteit opnamen kunt behouden terwijl u wijzigingen aan de RAW bestanden tijdens het bewerken aanbrengt. Nadat u wijzigingen aan de helderheid of het contrast heeft aangebracht, kunt u nog steeds hetzelfde resultaat bereiken dat u voor de wijzigingen had. De volgende afbeeldingen laten zien hoe u de belichting van de opname met de Samsung RAW Converter 2.0 kunt wijzigen. U kunt de belichting aanpassen door de menuoptie te gebruiken zoals op de afbeelding getoond. U kunt de gewijzigde resultaten in de histogramschermen als de volgende afbeeldingen zien: Menuoptie voor het aanpassen van de belichting. ▲ Originele opname ▲ Originele opname P modus, diafragma: f = 22, sluitertijd: 1/15sec, ISO = 50 [134] ▲ Gewijzigde opname na correctie van de belichting. ▲ Gewijzigde opname na correctie van de belichting. De Samsung RAW Converter 2.0 gebruiken Omgaan met JPEG/TIFF bestanden terwijl u RAW bestanden bewerkt RAW bestanden opslaan in JPEG of TIFF formaat Met behulp van de Samsung RAW Converter 2.0 kunt u met JPEG/TIFF bestanden omgaan terwijl u RAW bestanden bewerkt. U kunt de witbalans en scherpte aanpassen en het verminderen van ruis is ook beschikbaar. De volgende afbeeldingen laten zien hoe het contrast van de TIFF opname met de Samsung RAW Converter 2.0 is gewijzigd. U kunt de RAW bestanden als JPEG of TIFF formaat opslaan met de Samsung RAW Converter 2.0. U kunt het contrast aanpassen door de menuoptie te gebruiken zoals op de afbeelding getoond. 1. Kies de opname die u wilt bewerken en kies vervolgens [Development(D)] J [Development(S)]. Menuoptie voor het aanpassen van het contrast. 2. Kies het type bestand als JPEG of TIFF en klik vervolgens op [Save(S)]. -Het gekozen bestand wordt opgeslagen als JPEG of TIFF formaat. ▲ Originele opname P modus, diafragma: f = 22, sluitertijd: 1/15sec, ISO = 50 ▲ Gewijzigde opname na aanpassen van het contrast. [135] MEMO Hoe maakt u een fotoafdruk Legt uit hoe u een fotoafdruk maakt. 138 Afdrukservice instellen (DPOF) 140 Afdrukken met PictBridge 138 139 140 141 143 144 144 Enkelvoudige opnamen afdrukken Instellingen voor alle opnamen Camera op de printer aansluiten Enkelvoudige opnamen afdrukken Alle opnamen afdrukken Opnamen laten afdrukken op basis van DPOF instellingen De kabel loskoppelen van de printer Afdrukservice instellen (DPOF) U kunt conventionele foto-afdrukken bestellen door de geheugenkaart met opgeslagen opnamen naar een fotozaak te brengen. Met de DPOF instellingen (Digital Print Order Format, digitale printvolgorde formaat) kunt u het aantal exemplaren opgeven of de datumgegevens laten afdrukken. 4. Druk op de richtingsknop (▲). - Het DPOF scherm verschijnt. Als er al DPOF instellingen voor de opname zijn worden het vorige aantal afdrukken en (uit)) de datuminstelling ( (aan) of getoond. Op RAW opnamen kunnen geen DPOF instellingen worden toegepast. : Inst. - Het frame verspringt naar [Datum]. Stel voor elke opname de volgende opties in. • Kopieën : Kiest het aantal afdrukken. U kunt maximaal 99 exemplaren afdrukken. • Datum : Geeft aan of de datum al dan niet moet worden afgedrukt op de afdruk. 6. Druk op de richtingknoppen (◄►) om te kiezen of u de datum wilt laten afdrukken of niet . -( -( ). - De laatste opname (die met het hoogste bestandsnummer) wordt weergegeven op het LCD scherm. ) : De datum wordt afgedrukt. ) : De datum wordt niet afgedrukt. 7. Druk op de OK knop. Kopieën Datum : Alle bld : Inst - De DPOF instellingen worden opgeslagen en de camera keert terug naar de status Afspelen. 2. Druk op de richtingsknoppen (◄►) op uw camera om de gewenste opname te kiezen. 3. Druk op de Fn knop. ● Afhankelijk van de printer of de afdrukapparatuur van het fotolab bestaat de kans dat de datum niet wordt afgedrukt op de opnamen, zelfs als de DPOF instelling hiervoor is gekozen. ● Als u de DPOF instellingen wilt annuleren, stelt u het aantal exemplaren in op [00] in stap 5 en drukt u op de OK knop. - Het Fn menu verschijnt. : Vrpl. [138] : Alle bld 5. Druk op de richtingsknoppen (◄►) om het aantal exemplaren te kizen en druk op de richtingsknoppen (▼). Enkelvoudige opnamen afdrukken 1. Druk op de knop Afspelen ( Kopieën Datum : Einde Afdrukservice instellen (DPOF) Instellingen voor alle opnamen 5. Druk op de OK knop. In de miniatuurmodus kunt u de DPOF (digitale printvolgorde formaat) voor meerdere opnamen tegelijk instellen. - De DPOF instellingen voor alle opnamen worden opgeslagen en de camera keert terug naar de status Afspelen. 1. Druk op de Fn knop in de modus Afspelen. - Het Fn menu verschijnt. ● Het aantal exemplaren dat u opgeeft bij de instellingen geldt voor alle opnamen. Controleer of het aantal correct is voordat u de opnamen afdrukt. ● Wanneer er instellingen worden opgegeven voor alle opnamen, worden instellingen voor afzonderlijke opnamen geannuleerd. : Terug : Einde 2. Druk op de richtingsknop (▲) op uw camera. - Het DPOF scherm verschijnt. Kopieën Datum : Alle bld : Inst. 3. Druk op de Fn knop. - Het scherm voor het maken van DPOF instellingen voor alle opnamen verschijnt. 4. Druk op de richtingsknoppen (◄►) om het aantal exemplaren te kiezen en of u de datum wilt laten afdrukken of niet. DPOF-instelling voor alle beelden Kopieën Datum : Back : Inst. - ( ) : De datum wordt afgedrukt. - ( ) : De datum wordt niet afgedrukt. Zie stap 5 en 6 van "Enkelvoudige opnamen afdrukken" voor details over hoe u de instellingen maakt. [139] Afdrukken met PictBridge Met deze functie kunt u opnamen direct vanaf de camera afdrukken, zonder dat u daarvoor een computer nodig hebt (direct afdrukken). Sluit de camera op de PictBridge compatibele printer aan via de meegeleverde USB kabel om direct af te drukken. Nadat u de camera op de printer hebt aangesloten, kiestu de opnamen die u wilt afdrukken, het aantal exemplaren en of de datum moet worden afgedrukt. Direct afdrukken vindt als volgt plaats. 1. Zet de [USB] in het [INSTELLINGSMENU] op [Afdrukken]. 2. Sluit de camera op de printer aan. 3. Stel de afdrukopties in. - Druk enkelvoudige opnamen af - Druk alle opnamen af - Druk met DPOF instellingen af 1. Zet de camera uit. 2. Sluit de camera aan op de PictBridge compatibele printer via de bij de camera meegeleverde USB kabel. INSTELLINGSMENU Videosignaal USB Computer Auto Uitsch. Printer Bestandsnaam Bestandsnaam wijz. Sensor Reinigen Sensor Stofvrij : Inst. : Annuleren ● Het gebruik van een netvoedingsadapter (SAC-82, wordt apart verkocht) wordt aanbevolen als u de camera op een printer aansluit. Als er geen netvoedingsadapter wordt gebruikt, werkt fe printer mogelijk niet goed of kunnen de opnamegegevens verloren gaan als de batterijen leegraken terwijl de camera op de printer is aangesloten. ● Maak de USB kabel niet los tijdens de overdracht van gegevens. ● Afhankelijk van het type printer zijn mogelijk niet alle op de camera gemaakte instellingen (zoals afdruk- en DPOF-instellingen) geldig. ● Als het aantal exemplaren op meer dan "500" wordt gezet in de afdrukoptie, kan zich een fout voordoen wanneer u probeert te printen. ● U kunt via de camera niet meerdere opnamen kiezen om af te drukken op één vel. Voer de instellingen op de printer uit. Raadpleeg de gebruiksaanwijzing van uw printer voor details. ● RAW afbeeldingen kunnen niet direct worden afgedrukt. Gebruik een PC om RAW afbeeldingen af te drukken. ● Raadpleeg de software-instructies bij het aansluiten op een PC. [140] Camera op de printer aansluiten 3. Zet de camera aan. 4. Nadat de printer is geïnitialiseerd, zet u de camera aan. - Het PictBridge menu verschijnt. Kies Afdrukmodus Een Beeld иииPrint иии ии Alle Beelden ииPrint иии ии Autom.ии Afdr. DPOF DPOFии : Vrpl. : Inst. ● Het PictBridge menu wordt niet getoond als [USB] is ingesteld op [Computer]. ● [Autom. Afdr. DPOF] kan uitsluitend worden gekozen voor printers die de [Autom. Afdr. DPOF] functie ondersteunen. Afdrukken met PictBridge Enkelvoudige opnamen afdrukken 6. Druk op de OK knop. 1. Druk op de richtingsknoppen (▲▼) op uw camera om [Print Een Beeld] te kiezen. Kies Afdrukmodus - Het scherm voor bevestigen van de afdrukinstellingen verschijnt. Ga verder met stap 12 om de opnamen standaard af te drukken. Om de printinstellingen te wijzigen gaat u naar stap 7. Een Beeld иииPrint иии ии Alle Beelden ииPrint иии ии Autom.ии Afdr. DPOF DPOFии 2. Druk op de OK knop. : Wijzigen : Terug 7. Druk op de Fn knop. Deze opname afdrukken Kopieën - U kunt maximaal 99 exemplaren afdrukken. Datum : Datum : Terug 5. Druk op de Fn knop om te kiezen of u de datum ook wilt afdrukken. - : De datum wordt afgedrukt. : De datum wordt niet afgedrukt. : Afdrukken PICTBRIDGE - Het scherm voor wijzigen van de afdrukinstellingen verschijnt. 4. Druk op de richtingsknoppen (▲▼) om het aantal afdrukken te kiezen. Standrd Standrd Standrd Standrd : Inst. : Vrpl. - Het scherm Eén afdruk verschijnt. 3. Druk op de richtingsknoppen (◄►) om een opname te kiezen om af te drukken. Afdrukken met deze inst? Papierafm. Papiertype Kwaliteit Randstatus Papierafm. Papiertype Kwaliteit Randstatus 8. Kies [Papierafm.] en druk op de richtingsknop (►). - Het scherm Papiergrootte verschijnt. : Afdrukken 9. Druk op de richtingsknoppen ( kiezen voor de papiergrootte. ) om te - U kunt alleen het formaat kiezen dat wordt ondersteund door uw printer. Als de Papiergrootte wordt ingesteld op [Standaard], worden opnamen afgedrukt in overeenstemming met de printerinstellingen. Standrd Standrd Standrd Standrd : Terug PAPIERAFM. Standrd Kaart L 100X150 Briefkaart 4"X6" : Annul. 2L 8"X10" A4 Letter 11"X17 A3 : Inst. [141] Afdrukken met PictBridge 10. Druk op de OK knop. 11. Herhaal stappen 8 tot en met 10 om [Papiertype], [Kwaliteit] en [Begrenzing Status] in te stellen. - Na het instellen van elk item wordt het scherm voor het wijzigen van de afdrukinstellingen weergegeven. Als het papierformaat wordt ingesteld op [Standaard], worden opnamen afgedrukt volgens de printerinstellingen. (Best), (Goed), (Beter) - [Papiertype] : Standaard, (Superfijn), (Fijn), (Normaal) - [Kwaliteit] : Standaard, - [Randstatus] : Standaard, Met, Zonder 12. Druk twee maal op de OK knop. - De opname wordt afgedrukt op basis van de instellingen. Druk op de MENU knop als u het afdrukken wilt annuleren. [142] Afdrukken met PictBridge Alle opnamen afdrukken 5. Druk op de OK knop in het scherm voor het bevestigen van afdrukinstellingen. - Alle opnamen worden afgedrukt op basis van de instellingen. Druk op de MENU knop als u het afdrukken wilt annuleren. 1. Druk op de richtingsknoppen (▲▼) op uw camera om [Print Alle Beelden] te kiezen. Bezig met afdrukken Kies Afdrukmodus 2. Druk op de OK knop. - Het scherm Alles afdrukken verschijnt. 3. Kies het aantal exemplaren en geef aan of u de datum wilt afdrukken of niet. - Het aantal exemplaren en het al dan niet afdrukken van de datum zijn van toepassing op alle opnamen. Zie stap 4 en 5 van "Enkelvoudige opnamen afdrukken" voor details over het wijzigen van de instellingen. Een Beeld иииPrint иии ии Alle Beelden ииPrint иии ии Autom.ии Afdr. DPOF DPOFии : Inst. : Vrpl. : Afdrukken afgebroken Alle opnamen afdrukken Kopieën : Datum : Terug Datum Totaal 32 : Afdrukken 4. Druk op de OK knop. - Het scherm voor bevestigen van de afdrukinstellingen verschijnt. Zie stap 7 en 8 van "Enkelvoudige opnamen afdrukken" voor details over het wijzigen van de instellingen. [143] Afdrukken met PictBridge Opnamen laten afdrukken op basis van DPOF instellingen De kabel loskoppelen van de printer Als u klaar bent met afdrukken zet u de camera uit. 1. Zet de camera uit. 1. Druk op de richtingsknoppen (▲▼) op uw camera en kies [Autom. Afdr. DPOF]. Kies Afdrukmodus 2. Koppel de USB kabel los van de camera en printer. Een Beeld иииPrint иии ии Alle Beelden ииPrint иии ии Autom.ии Afdr. DPOF DPOFии : Inst. : Vrpl. 2. Druk op de OK knop. - Het scherm Afdrukken met DPOF instellingen verschijnt. Druk op de richtingsknoppen (◄►) om het aantal exemplaren voor elke opname te controleren, te bepalen of de datum wordt afgedrukt of niet, en het totale aantal exemplaren. De afdrukinstellingen worden ingesteld in de Print Service. Afdrukken met DPOF-instellingen Kopieën Totaal : Terug Datum : Afdrukken 3. Druk op de OK knop. - Het scherm voor bevestigen van de afdrukinstellingen verschijnt. Zie stap 7 en 8 van "Enkelvoudige opnamen afdrukken" voor details over het wijzigen van de instellingen. 4. Druk op de OK knop in het scherm voor het bevestigen van afdrukinstellingen. - De opnamen worden afgedrukt op basis van de instellingen. Druk op de MENU knop als u het afdrukken wilt annuleren. [144] Bijlage Problemen oplossen en introductie van speciale termen die in deze gebruiksaanwijzing worden gebruikt. 146 146 146 146 147 152 154 156 Optionele accessoires Externe flitser (SEF-54PZF / SEF-36PZF) Cameratas Overige Problemen oplossen Belangrijkste specificaties Verklarende woordenlijst Correcte verwijdering van dit product Optionele accessoires Er zijn speciale accessoires beschikbaar voor deze camera. Neem contact op met een service centrum voor details over accessoires. Cameratas • Cameratas SCP-D2 Externe flitser (SEF-54PZF / SEF-36PZF) Dit is een automatische flitser met een maximaal richtgetal van 54 (ISO 100/m) / 36 (ISO 100/m). De flitser heeft de volgende functies: slave-flitssynchronisatie, flitsen met contrastregelingsynchronisatie, AF-hulplicht, korte-sluitertijdsynchronisatie, draadloos flitsen en 1e of 2e sluitergordijnsynchronisatie. Overige De onderstaande accessoires zijn dezelfde accessoires die zijn meegeleverd met de camera. • Zoekerkapje • Oogschelp • Riem [146] Problemen oplossen Foutberichten Geheugenkaart vol Geen beeld Camera kan deze opname niet weergeven Beschrijving De geheugenkaart is vol en er kunnen geen opnamen meer worden opgeslagen. Plaats een nieuwe geheugenkaart of verwijder niet-benodigde opnamen. Mogelijk kunt u nieuwe opnamen opslaan door het kwaliteitsniveau of de opnamepixels te wijzigen. Er zijn geen opnamen opgeslagen op de geheugenkaart om af te spelen. U probeert een opname weer te geven met een indeling die niet wordt ondersteund door deze camera. Mogelijk kunt u de opname wel weergeven op een camera van een ander merk of op uw computer. Geen geheugenkaart in de camera Er is geen geheugenkaart in de camera geplaatst. Geheugenkaartfout Er is een probleem met de geheugenkaart, waardoor het maken en weergeven van opnamen onmogelijk is. Wellicht kan de kaart wel worden bekeken op een PC. Geheugenkaart is niet geformatteerd De geheugenkaart die u heeft ingestoken is niet geformateerd of is geformateerd op een computer of ander apparaat en is niet compatibel met deze camera. Gebruik de kaart nadat deze met de camera is geformatteerd. Foutberichten Beeld is beveiligd Rotatie-informatie kan niet worden opgeslagen De gekozen gedraaide opname is beveiligd. Verwijder de beveiliging van de opname. Kaart niet bruikbaar De geplaatste kaart is onbruikbaar in een camera. Plaats een bruikbare kaart. Batterij leeg De batterijen zijn leeg. Laad de huidige batterij op of vervang deze voor een nieuwe. Onvoldoende batterij vermogen om Sensor te reinigen Dit bericht verschijnt tijdens het schoonmaken van de sensor als de batterij onvoldoende stroom heeft. Plaats een nieuwe batterij of gebruik een netvoedingsadapter. Beeldmap kan niet gemaakt worden Het hoogste mapnummer (999) en bestandsnummer (9999) zijn al gebruikt, en er kunnen geen opnamen meer worden opgeslagen. Plaats een nieuwe geheugenkaart of formatteer de kaart. De opname wordt niet opgeslagen De opname kon niet worden opgeslagen vanwege een fout met de geheugenkaart. Instellingen niet opgeslagen Het DPOF instellingenbestand kon niet worden opgeslagen omdat de geheugenkaart vol is. Verwijder niet-gewenste opnamen en stel DPOF opnieuw in. RAW opnamen kunnen niet worden ingesteld DPOF kan niet worden toegepast op RAW opnamen. Geheugenkaart beveiligd Kaart is beveiligd Rotatie-informatie kan niet worden opgeslagen Er is een beveiligde geheugenkaart in de camera geplaatst. Ontgrendel de geheugenkaart. Beschrijving [147] Problemen oplossen Foutberichten Beschrijving RAW opnamen worden niet ondersteund RAW opnamen kunnen niet via het digitale filter worden verwerkt. Deze opname kan niet worden gefilterd. Als het digitale filter wordt gestart via het [MWEERGAVEMENU] menu, verschijnt deze melding wanneer alle opgeslagen opnamen RAW bestanden zijn of opnamen die zijn gemaakt met andere camera's. Geen DPOF bestanden Geen bestand ingesteld met DPOF. Stel DPOF in en druk af. Printerfout De printer meldt een fout en het bestand kan niet worden afgedrukt. Herstel de fout en druk af. Geen papier in de printer Het papier in de printer is op. Plaats papier in de printer en druk af. Geen inkt in de printer De inkt in de printer is op. Vervang inkt en druk af. Papier in printer vastgelopen Er is papier in de printer vastgelopen. Verwijder het vastgelopen papier en druk af. Gegevensfout Er is een gegevensfout opgetreden tijdens het afdrukken. [148] Problemen oplossen Wij raden u aan te controleren of u het probleem aan de hand van de volgende items kunt oplossen voordat u contact opneemt met een servicecentrum. Probleem Camera gaat niet aan De sluiter ontspant niet De functie automatisch scherpstellen werkt niet Oorzaak Probleem Oorzaak Oplossing Onderwerp bevindt zich niet in scherpstellingsbereik Plaats onderwerp in scherpstelkader in de zoeker. Als het onderwerp buiten het scherpstelbereik valt, richt u de camera op het onderwerp en vergrendelt u de scherpstelling (houd de sluiterknop tot halverwege ingedrukt). Stel vervolgens de opname opnieuw samen en druk de sluiterknop volledig in. Onderwerp is te dichtbij Neem meer afstand tot het onderwerp en maak een opname. De scherpstellingsmodus staat ingesteld op MF De scherpstellingsmodus staat op CAF (continumodus) AB vergrendeling is niet beschikbaar indien ingesteld op (Automatische modus), B (Tijdopname) modus of X (Flitser X synchronisatie) modus. Zet de scherpstelfunctieknop op SAF / CAF. Oplossing Batterijen zijn niet geplaatst Controleer of de batterijen zijn geplaatst. Zo niet, plaats batterijen. Batterijen bijna leeg Vervang voor een opgeladen batterijset of gebruik de netvoedingsadapter. De diafragmaring staat niet in de A stand Zet de diafragmaring in de A stand of zet [Gebr. diafr.ring] in het [AANGEP2] op [Aan]. Flitser wordt opgeladen Wacht tot het opladen gereed is. Het is mogelijk dat de flitser niet afgaat, hoewel ingesteld op [Ontsp bij Opladen] [Aan] in het [AANGEP2]. Geen ruimte beschikbaar op geheugenkaart Plaats een geheugenkaart met voldoende vrije ruimte of wis overbodige opnamen. De camera is bezig met opnemen Wacht tot opnemen gereed is. Het onderwerp kan moeilijk worden scherpgesteld De autofocus kan niet goed scherpstellen op onderwerpen met een laag contrast (de lucht, witte muren), donkere kleuren, ingewikkelde patronen, onderwerpen die snel bewegen of landschappen die door een raam of netpatroon worden gefotografeerd. Stel scherp op een ander onderwerp op dezelfde afstand (druk de sluiterknop tot halverwege in), richt vervolgens op het onderwerp en druk de sluiterknop volledig in. Gebruik anders de handmatige scherpstelling. De functie automatisch scherpstellen werkt niet De functie AB vergrendeling werkt niet Zet de scherpstelmodus op SAF (enkelvoudige modus). Gebruik de AB vergrendeling bij iedere instelling anders dan (Automatische modus), B (Tijdopname) modus of X (Flitser X synchronisatie) modus. USB verbinding met computer werkt niet juist* De overdrachtmodus van de [USB] is ingesteld op [Printer] Zet de overdrachtsmodus op [Computer]. USB verbinding met printer werkt niet juist De overdrachtmodus van de [USB] is ingesteld op [Computer] Zet de overdrachtsmodus op [Printer]. [149] Problemen oplossen Probleem Trilling reductie werkt niet Oorzaak Oplossing Trillingsreductie functie staat uit Draai de trillingsreductieschakelaar aan. Trillingsreductie functie is niet correct ingesteld Als een lens wordt gebruikt waarvan de brandpuntsafstand informatie niet kan worden verkregen, stelt u de OIS] [Brandpuntsafstand] in het [ menu in. Sluitertijd is te laag voor trilling reductiefunctie Schakel de functie trillingsreductie uit als u om effectief te zijn een statief gebruikt. bij het verschuiven of maken van nacht opnamen, enz. Optische opname stabilisatie (OIS) werkt mogelijk niet als opnamen op een zeer korte afstand worden genomen. Neem afstand van het onderwerp, of schakel de functie trillingsreductie uit en gebruik een statief. * In zeldzame gevallen werkt de camera mogelijk niet naar behoren door statische elektriciteit. Dit kan worden opgelost door de batterijen uit te nemen en opnieuw te plaatsen. Wanneer de spiegel in de opgeklapte stand blijft staan, neemt u de batterijen uit en plaatst u ze opnieuw. Zet vervolgens de camera aan. De spiegel keert dan terug naar zijn uitgangspositie. Als de camera hierna weer naar behoren werkt, is reparatie niet nodig. * Raadpleeg de software-instructies voor meer informatie over het aansluiten van de camera op een pc. [150] Problemen oplossen Controleer het volgende als de USB aansluiting niet (goed) werkt. Situatie 1 Situatie 2 Situatie 3 Situatie 6 Als ik Apparaatbeheer open (door te klikken op Start (Instellingen) Configuratiescherm (Prestaties en onderhoud) Systeem (Hardware) Apparaatbeheer), staan er [Onbekende apparaten] of [Overige apparaten] vermeld met een geel vraagteken (?) of apparaten met een uitroepteken (!) ernaast. ➜ Klik met de rechtermuistoets op het apparaat met een vraagteken (?) of uitroepteken (!) en kies "Verwijderen". Start de PC opnieuw op en sluit de camera opnieuw aan. Bij een PC met Windows 98 verwijdert u tevens het camerabesturingsprogramma, start u de PC opnieuw op en installeert u het camerabesturingsprogramma opnieuw. Situatie 7 Bij sommige beveiligingsprogramma's (Norton Anti Virus, V3, enz.) kan het zijn dat de computer de camera niet als verwisselbare schijf herkent. ➜ Stop de beveiligingsprogramma's en sluit de camera aan op de computer. Raadpleeg de informatie van het beveiligingsprogramma over hoe u het programma kunt afsluiten. Situatie 8 Als een PC die is aangesloten op de camera niet langer reageert tijdens het opstarten van Windows. ➜ In dat geval koppelt u de PC en de camera los. Windows start nu correct op. Als dit probleem zich blijft voordoen, schakelt u de USB ondersteuning voor oudere systemen uit en start u de pc opnieuw op. De USB ondersteuning voor oudere systemen is te vinden in het instellingsmenu voor het BIOS. (Het instellingsmenu voor het BIOS verschilt per fabrikant en sommige BIOS menu's bevatten geen USB ondersteuning voor oudere systemen). Als u het menu niet zelf kunt wijzigen, neemt u contact op met de PC fabrikant of met de fabrikant van het BIOS. Situatie 9 De camera is verbonden met de USB poort die zich aan de voorzijde van de computer bevindt. ➜ Als de camera is verbonden met de USB poort die zich aan de voorzijde van de computer bevindt, is het mogelijk dat de computer de camera niet herkent. Sluit de camera aan op de USB poort aan de achterzijde van de computer. De USB kabel is niet aangesloten of u gebruikt een kabel die niet aan de specificaties voldoet. ➜ Gebruik een USB-kabel die aan de specificaties voldoet. De camera wordt niet herkend door uw PC. Soms wordt de camera weergegeven onder [Onbekende apparaten] in Apparaatbeheer. ➜ Schakel de camera uit, verwijder de USB kabel, sluit de USB kabel opnieuw aan en schakel vervolgens de camera aan. Er doet zich een onverwachte fout voor tijdens de overdracht van het bestand. ➜ Zet de camera uit en weer aan. Zet het bestand nogmaals over. Situatie 4 Gebruikt u een USB hub? ➜ Er kan een probleem zijn bij het aansluiten van de camera op de PC vanwege een USB hub als de PC en de hub niet compatibel zijn. Sluit zo mogelijk de camera rechtstreeks aan op de PC. Situatie 5 Zijn er andere USB apparaten in gebruik? ➜ De camera werkt mogelijk niet goed als deze op de PC wordt aangesloten tegelijk met een andere USB kabel. In dat geval koppelt u de andere USB kabel los en sluit u slechts één USB kabel aan op de camera. [151] Belangrijkste specificaties Opnamesensor Lens Type Effectieve pixels Totale pixels 23,4×15.5mm, CMOS Bevestiging Bruikbare lenzen Automatisch, 100, 200, 400, 800, 1600, 3200 (1/3BW of 1/2BW stap) 6400 (uitgebreid). Tijdopname: Max. 1600 PENTAX bajonet KAF2 bevestiging Type ngebouwde inklapbare P-TTL handmatige uitklapflitser Schneider D-XENON, D-XENOGON, SAMSUNG lens * Alle PENTAX DSLR lenzen die te koop zijn * Lenzen met KAF2, KAF, KA bevestiging Functies Automatisch, aanvullend, automatisch & rode ogen, aanvullend & rode ogen, voorste scherm synchroniseren, voorste scherm synchroniseren & rode ogen, achterste scherm synchroniseren Draadloze modus Gidsnummer 13 (bij ISO 100) Weergavehoek Dekking 28 mm groothoek (gelijk aan 35 mm) Ongeveer 0,95X (50mm F1,4 lens•∞) Sync. snelheid 1/180sec., rode ogen onderdrukking (bereik : -2 ~ +1 BW) Ongeveer -2,5 ~ +1,5m-1 Oplaadtijd Ongeveer 3,6 sec. SEF-36PZF, SEF-54PZF (optioneel) Type Lage temperatuur polysiliconen TFT kleuren LCD scherm, 2,7" (ongeveer 230,000 pixels), helderheid & kleur beheer, groothoek aanzicht Liveview (tot 3 min.), Optisch voorbeeld, Digitaal voorbeeld TTL fase-aanpassend 11-punts brede AF Externe flitser Functies Enkele AF, Continue AF, Handmatig scherpstellen Type Elektronisch bediende verticaal werkende spleetsluiter Automatisch: 1/4,000sec. ~ 30sec. (niet-getrapt) Handmatig: 1/4,000sec. ~ 30sec. (1/3BW of 1/2BW-stappen) tijdopname TTL 16-segments open diafragma Type Zoeker Gezichtsveld Uitvergroting Diopter aanpassing LCD scherm Voorbeeld Type Scherpstellen Sluiter Belichting Beheer Snelheid Ong. 15,1 megapixels Pentaprisma, Natuurlijk-helder-mat II scherpstellingscherm Ongeveer 95% LichtmetingsyLichtmeting: Meervoudig, gecentreerd, op één punt steem Bereik lichtmeting: BW0 ~ 21 (ISO100•50mm F1,4) Functies Correctie [152] AB vergrendeling ABL Belichting Beheer ISO Ong. 14,6 megapixels Automatisch, programma, gevoeligheidsvoorkeur AB, sluitervoorkeur AB, diafragmavoorkeur AB, sluiter& diafragmavoorkeur, handmatig, tijdopname, flits X-synchroniseren, gebruikersinstelling ±3 BW (1/2 BW stap), ±2BW (1/3 BW stap) Flitser Synchro Flitserschoen, X-synchroniseren houder (synchr. Snelheid: 1/180sec.) Hoge snelheid synchro, draadloze synchro (externe flitser) Wit balans Opnamen maken Functies Automatisch, daglicht, schaduw, bewolkt, kunstlicht, fluorescerend (W, D, N), flitser, handmatig, kleurtemperatuur (1, 2, 3) Functies Automatisch, programma, gevoeligheidsvoorkeur, sluitervoorkeur, diafragmavoorkeur, sluiter- & diafragmavoorkeur, handmatig, tijdopname, flits X-synchroniseren, gebruikersinstelling Liveview Gezichtsveld: Ongeveer 97% Uitvergroting (4x, 8x), rasterweergave, AF frame Transportfuncties Enkelvoudig, continu (hoog, laag), zelfontspanner (12 sec., 2 sec.), afstandsbediening Automatische bracket, uitegebreide bracket, meervoudige belichting Fotowizard Continu Standaard, Levendig, Portret, Landschap, Aangep1, Aangep2 * Parameter : ±4 (9 stappen) JPEG : 3 fps (hoog continu: tot 38 opnamen) 2,3 fps (laag continu: afhankelijk van geheu gencapaciteit) RAW: 3 fps (hoog continu: tot 16 opnamen) 2,3 fps (laag continu: tot 16 opnamen) Belangrijkste specificaties Opnamesensor verschuiven Trilling Type reductie Effectief bereik Max. 4BW (afhankelijk van lens en opnameomstandigheden) Stofvermindering Zelfontspanner Media Ja 2 sec., 12 sec., afstandsbediening, afstandsbediening 3 sec. Afstandsbediening continu (compatibel met Pentax afstandsbediening, optioneel) SD (tot 4 GB gegarandeerd), MMC (tot 2 GB gegarandeerd), SDHC (tot 8GB gegarandeerd) Bestandsfor- RAW (DNG), JPEG (DCF), EXIF 2.21, DPOF 1.1, maat PictBridge 1.0 Opnamegrootte Opslag Capaciteit (512MB) Type Opname Afspelen Bewerken JPEG : 14,6M (4672×3104), 10M (3872×2592), 6M (3008×2000), 2M (1824×1216) RAW: 14,6M (4672×3104 pixels) 14,6M : RAW 21 14,6M : Superfijn (1) 35, Superfijn (2) 61 / Fijn 109 / Normaal 213 10M : Superfijn (1) 52 / Superfijn (2) 87 / Fijn 153 / Normaal 319 6M : Superfijn (1) 91 / Superfijn (2) 147 / Fijn 254 / Normaal 474 2M : Superfijn (1) 239 / Superfijn (2) 381 / Fijn 639 / Normaal 1060 ➥Deze getallen zijn gemeten onder de Samsung standaard omstandigheden en kunnen variëren afhankelijk van de opnameomstandigheden en camerainstellingen. Enkelvoudige opname, miniatuur, ronddraaien, diashow (4 types overgangseffect), histogram, uitvergroting (tot 32x) Opname Afspe- Digitale filter len Z/W (4 types), sepia (3 types), kleurkeuze (18 types), kleur (6 types), zacht (3 types), illustratie, HDB (3 stappen), dun (±8 stappen), helderheid (±8 stappen) Digitale uitvoer : USB 2.0 (HI-SPEED) Videosignaal: NTSC, PAL (door gebruiker te kiezen) Interface DC stroominvoerconnector: DC 8,3V, 2A (100 ~ 240V) Externe vrijgavehouder X-synchronisatiehouder voor externe flitser Speciale batterij Voeding Bron Levensduur batterij Afmetingen (BxHxD) Gewicht Lithium-ion batterij: SLB-1674, oplader: SBC-L6, Ongeveer 500 min./1.000 opnamen (zonder flitser), ongeveer 430 min./860 opnamen (met flitser 50% aan), ongeveer 400 min./800 opnamen (met flitser 100% aan) 142mm×101mm×71,5mm (met uitzondering van de uitstekende delen van de camera) 727g (uitsluitend behuizing) , 806 g (met geheugenkaart & batterij) Bedrijfstemperatuur 0 ~ 40°C Bedrijfsvochtigheid 5 ~ 85% Software Applicatie Samsung Master, Samsung RAW Converter 2.0, Adobe Reader • Specificaties kunnen zonder voorafgaande mededeling worden gewijzigd. • Alle handelsmerken zijn het eigendom van de respectievelijke eigenaar. ronddraaien, digitale filter, [153] Verklarende woordenlijst Adobe RGB Kleurtemperatuur Kleurruimte aanbevolen door Adobe Systems, Inc. voor commercieel afdrukken. Breder bereik van kleurreproductie dan sRGB. Dekt het grootste kleurbereik zodat kleuren die alleen beschikbaar zijn tijdens afdrukken niet verloren gaan wanneer opnamen op een computer worden bewerkt. Als opnamen worden geopend in niet-compatibele software, lijken de kleuren lichter. Beschrijving in getalswaarden van de kleur van de lichtbron die het onderwerp verlicht. Aangegeven als absolute temperatuur in Kelvin (K). De kleur van het licht krijgt een blauwachtige kleurzweem naarmate de kleurtemperatuur hoger wordt, en een roodachtige kleurzweem naarmate de kleurtemperatuur lager wordt. AB lichtmeting De helderheid van het onderwerp wordt gemeten om de belichting te bepalen. Kies bij deze camera tussen [Multi-segment lichtmeting], [Gecentreerde lichtmeting] en [Puntlichtmeting]. Diafragma Het diafragma beheert de hoeveelheid licht die bij de camerasensor komt. Automatische bracket Voor het automatisch wijzigen van de opname-instellingen. Wanneer de sluiterknop wordt ingedrukt, worden er drie opnamen gemaakt. De eerste zonder correctie, de tweede wordt onderbelicht en de derde overbelicht. Camerabewegingen (wazig) Als de camera beweegt terwijl de sluiter open is, ziet de gehele opname er wazig uit. Dit komt vaker voor bij een lange sluitertijd. Voorkom camerabewegingen door de gevoeligheid te verhogen, de flitser te gebruiken en de sluitertijd te verkorten. U kunt ook een statief gebruiken om de camera te stabiliseren. Gebruik de zelfontspanner, de afstandsbediening en de draadontspanner om bewegingen van de camera te voorkomen. CMOS (aanvullende metaaloxide halfgeleider) Heeft betrekking op de aanvullende metaaloxide halfgeleider (CMOS). Deze wordt bij de meeste digitale spiegelreflexcamera's (DSLR) gebruikt om licht naar de camerasensor te "converteren". De CMOS sensor is een belangrijke factor die de kwaliteit van digitale foto's bepaalt. Kleurbereik Een bepaald kleurbereik uit het spectrum dat wordt gebruikt. Bij digitale camera's wordt [sRGB] gedefinieerd als het standaard kleurgebied van Exif. Deze camera maakt ook gebruik van [AdobeRGB], omdat deze een rijkere kleuruitdrukking heeft dan sRGB. DCF (Design Rule for Camera File System, ontwerpregel voor camerabestandssysteem) De ontwerpregel voor camerabestandssysteem is gemaakt door de Japanse Elektronica en Informatietechnologie Industrievereniging (JEITA). DPOF (Digital Print Order Format) Regels voor het schrijven van informatie naar een kaart met gemaakte opnamen met betrekking tot de specifieke opnamen en het aantal exemplaren dat dient te worden afgedrukt. U kunt heel eenvoudig afdrukken laten maken door de kaart naar een fotozaak te brengen die DPOF afdrukken maakt. Scherptediepte Scherpstelgebied. Dit is afhankelijk van het diafragma, de brandpuntsafstand van de lens en de afstand tot het onderwerp. Kies bijvoorbeeld een lagere diafragmawaarde om de scherptediepte te vergroten of een hogere diafragmawaarde om de scherptediepte te verminderen. DNG RAW bestand DNG (digitaal negatief) is een algemeen RAW bestandsformaat ontworpen door Adobe Systems. Belichting Totale hoeveelheid licht die op het te fotograferen medium mag vallen. De belichtingswaarde wordt bepaald door de combinatie van de diafragmawaarde en de sluitertijd. BW (belichtingswaarde) BW stappen zijn getallen die verwijzen naar bepaalde combinaties van lensdiafragma en sluitertijd. Er is bijvoorbeeld één BW stap verschil tussen de diafragmawaarden 4 en 5,6. BW correctie Proces van het instellen van de opnamehelderheid door de sluitertijd en diafragmawaarde te wijzigen. [154] Verklarende woordenlijst Exif (Exchangable Image File Format, uitwisselbaar opnamebestandsformaat) Standaard voor bestandsindelingen op digitale camera's, vastgelegd door de JEITA (Japan Electronics and Information Technology Industries Association). Gradatie Het tooncontrastbereik van een opname. Ook het bereik van lichte en donkere tonen in een scène die de camerasensor kan vastleggen. Histogram Weergave in grafiekvorm van een gradatiereeks van het donkerste tot het lichtste punt in een opname. De horizontale as vertegenwoordigt de helderheid en de verticale as het aantal pixels. Een histogram is handig wanneer u de belichtingsstatus van een opname wilt controleren. Opnameresolutie De term opnameresolutie verwijst naar het aantal pixels op een digitale foto. U kunt een groto foto krijgen in goede conditie met hoge resolutie. Opnamekwaliteit Opnamekwaliteit wordt beïnvloed door de compressieratio van de digitale opname. Een hoge-kwaliteit foto heeft een lage compressieratio. ISO gevoeligheid De gevoeligheid van de camera voor licht; het equivalent van filmsnelheid in een camera die film gebruikt. Met een hoge gevoeligheid kunnen opnamen zelfs op donkere plaatsen worden gemaakt met een korte sluitertijd, waardoor camerabewegingen worden verminderd. Opnamen met hoge gevoeligheid zijn echter gevoeliger voor ruis. JPEG (Joint Photographic Experts Group) Een opnamecompressiemethode. De opname wordt gemaakt in JPEG formaat als het kwaliteitsniveau is ingesteld op (Superfijn (1)), (Superfijn (2)), (Fijn), of (Goed). Opnamen die zijn opgeslagen als JPEG, zijn geschikt voor weergave op een PC of om als bijlage bij een e-mailbericht te worden verstuurd. ND filter (neutrale densiteit) Een filter dat de hoeveelheid licht dat de cameralens binnenkomt vermindert met een afgemeten hoeveelheid, zonder de foto zelf te beïnvloeden. Ruisonderdrukking Bewerking voor het verminderen van ruis (ruwheid of onregelmatigheid in opnamen) veroorzaakt door een lange sluitertijd. NTSC/PAL Dit zijn video-uitgangssignalen. NTSC wordt voornamelijk gebruikt in Japan, NoordAmerika en Zuid-Korea. PAL wordt voornamelijk gebruikt in Europa en China. RAW gegevens Onbewerkte opnamegegevens vanuit de CCD. RAW gegevens zijn nog niet intern door de camera verwerkt. Instellingen als witbalans, contrast, kleurverzadiging en scherpte kunnen individueel bij ieder bestand worden gemanipuleerd. Bovendien zijn RAW gegevens 12-bits gegevens die 16 keer de informatie van 8-bits JPEG en TIFF gegevens bevatten. Rijke gradaties zijn mogelijk. Breng RAW gegevens over naar uw computer en gebruik de meegeleverde software om de opnamegegevens om te zetten naar een andere bestandsindeling zoals JPEG of TIFF. sRGB (Standaard RGB) Internationale standaard voor kleurruimte, vastgesteld door het IEC (International Electrotechnical Commission, International Elektrotechnische Commissie). Dit is gedefinieerd voor kleurruimte voor PC beeldschermen en wordt ook gebruikt als de standaard kleurruimte voor Exif. Sluitertijd De totale belichting is proportioneel aan de sluitertijd. Een snelle sluitertijd kan een stilgezette beweging van een bewegend onderwerp vastleggen. Vervloeiïng Vervloeiïng treedt op wanneer delen van opnamen aan de rand zwart worden omdat het onderwerp is geblokkeerd door de zonnekap of een filter of wanneer de flitsbundel geblokkeerd was. Witbalans Tijdens opnamen wordt de kleurtemperatuur aangepast om overeen te komen met de lichtbron, zodat het onderwerp de juiste kleur krijgt. [155] Correcte verwijdering van dit product Correcte verwijdering van dit product (elektrische & elektronische afvalapparatuur) (Dit merkteken op het product of het bijbehorende informatiemateriaal duidt erop dat het niet met ander huishoudelijk afval verwijderd moet worden aan het einde van zijn gebruiksduur. Om mogelijke schade aan het milieu of de menselijke gezondheid door ongecontroleerde afvalverwijdering te voorkomen, moet u dit product van andere soorten afval scheiden en op een verantwoorde manier recyclen, zodat het duurzame hergebruik van materiaalbronnen wordt bevorderd. Huishoudelijke gebruikers moeten contact opnemen met de winkel waar ze dit product hebben gekocht of met de gemeente waar ze wonen om te vernemen waar en hoe ze dit product milieuvriendelijk kunnen laten recyclen. Zakelijke gebruikers moeten contact opnemen met hun leverancier en de algemene voorwaarden van de koopovereenkomsten nalezen. Dit product moet niet worden gemengd met ander bedrijfsafval voor verwijdering. Correcte behandeling van een gebruikte accu uit dit product (Van toepassing op de Europese Unie en andere Europese landen met afzonderlijke inzamelingssystemen voor accu’s en batterijen.) Dit merkteken op de accu, handleiding of verpakking geeft aan dat de accu in dit product aan het einde van de levensduur niet samen met ander huishoudelijk afval mag worden weggegooid. De chemische symbolen Hg, Cd of Pb geven aan dat het kwik-, cadmium- of loodgehalte in de accu hoger is dan de referentieniveaus in de Richtlijn 2006/66/EC. Indien de gebruikte accu niet op de juiste wijze wordt behandeld, kunnen deze stoffen schadelijk zijn voor de gezondheid van mensen of het milieu. Ter bescherming van de natuurlijke hulpbronnen en ter bevordering van het hergebruik van materialen, verzoeken wij u afgedankte accu’s en batterijen te scheiden van andere soorten afval en voor recycling aan te bieden bij het gratis inzamelingssysteem voor accu’s en batterijen in uw omgeving. De oplaadbare accu in dit product kan niet door de gebruiker zelf worden vervangen. Neem contact op met uw serviceprovider voor informatie over vervanging. Samsung geeft tijdens alle fabricagefasen om het milieu teneinde dit te beschermen, en onderneemt een aantal stappen om klanten te voorzien van milieuvriendelijkere producten. Het Eco-merk staat voor de toewijding van Samsung om milieuvriendelijke producten te maken, en geeft aan dat het product voldoet aan de EU RoHS Richtlijn. [156] Internet adres - http://www.samsungcamera.com/ Zie de garantie die bij het product is meegeleverd toen u het kocht, of bezoek onze website http://www.samsungcamera.com/ voor after sales service of inlichtingen. Het CE merk geeft aan dat het product voldoet aan een Richtlijn van de Europese Gemeenschap (EG). ">
/
Descarcă
Doar o reamintire prietenoasă. Poți vizualiza documentul chiar aici. Dar cel mai important, AI-ul nostru l-a citit deja. Poate explica lucruri complexe în termeni simpli, poate răspunde la întrebările tale în orice limbă și te poate ajuta să navighezi rapid chiar și prin cele mai lungi sau mai complicate documente.
Publicitate
Caracteristici cheie
14.6 MP CMOS Black
TTL
Built-in microphone Voice recording PictBridge
Lithium-Ion (Li-Ion)