Ignis DPA 45NF Instruction for Use
Hieronder vindt u een korte toelichting voor Koelkast. De koelkast is uitgerust met een no frost-systeem, en er is dus geen handmatige ontdooiing nodig. De koelkast is voorzien van een distributiesysteem van geventileerde koude lucht, waardoor de temperatuur in het koelvak bijna homogeen is.
Advertentie
Advertentie
7 GEBRUIKSAANWIJZING VOOR HET GEBRUIK VAN HET APPARAAT .......... PAGINA 46 MILIEUTIPS .......................................................................... PAGINA 46 ALGEMENE VOORZORGSMAATREGELEN EN ADVIEZEN ............................................................................ PAGINA 47 BESCHRIJVING VAN HET APPARAAT ...................... PAGINA 48 KOELVAK.............................................................................. PAGINA 49 VRIESVAK ............................................................................. PAGINA 52 RICHTLIJNEN VOOR HET CONSERVEREN EN ONTDOOIEN VAN HET VOEDSEL ............................. PAGINA 53 ONDERHOUD EN REINIGING ...................................... PAGINA 55 VOORZORGSMAATREGELEN BIJ LANGDURIGE AFWEZIGHEID .................................................................... PAGINA 55 OPSPOREN VAN STORINGEN/ KLANTENSERVICE............................................................ PAGINA 56 KLANTENSERVICE............................................................ PAGINA 57 45 VOOR HET GEBRUIK VAN HET APPARAAT • Het door u aangeschafte apparaat is uitsluitend bestemd voor huishoudelijk gebruik Voor een optimaal gebruik van uw apparaat is het raadzaam de gebruiksaanwijzing aandachtig door te lezen, hierin vindt u een beschrijving van het apparaat en adviezen voor het conserveren van voedingsmiddelen. Bewaar dit boekje zodat u het naderhand nog eens kunt raadplegen. 1. Controleer na het uitpakken van het apparaat of het niet beschadigd is en of de deur goed sluit. Uw leverancier dient binnen 24 uur vanaf de levering van het product van eventuele schade op de hoogte te worden gesteld. 2. Het is raadzaam minstens twee uur te wachten alvorens het apparaat in werking te stellen, om het koelcircuit perfect te kunnen laten functioneren. 3. Zorg ervoor dat de installatie en de elektrische aansluiting door een gekwalificeerd technicus worden verricht overeenkomstig de aanwijzingen van de fabrikant en de plaatselijke veiligheidsvoorschriften 4. Reinig de binnenkant van het product alvorens het in gebruik te nemen. MILIEUTIPS 1. Verpakking Het verpakkingsmateriaal is voor 100% recyclebaar en draagt het recyclingssymbool. Voor de verwerking moeten de plaatselijke voorschriften worden nageleefd. Het verpakkingsmateriaal (plastic zakken, stukken polystyreen enz.) moet buiten het bereik van kinderen worden gehouden, omdat het een bron van gevaar kan vormen. 2. Afdanken van het apparaat Het product is vervaardigd van materiaal dat kan worden gerecycled. Dit apparaat is voorzien van het merkteken volgens de Europese richtlijn 2002/96/EG inzake Afgedankte elektrische en elektronische apparaten (AEEA). Door ervoor te zorgen dat dit product op de juiste manier als afval wordt verwerkt, helpt u mogelijk negatieve consequenties voor het milieu en de menselijke gezondheid te voorkomen die anders zouden kunnen worden veroorzaakt door onjuiste verwerking van dit product als afval. Het symbool op het product of op de bijbehorende documentatie geeft aan dat dit product niet als huishoudelijk afval mag worden behandeld. In plaats daarvan moet het worden afgegeven bij een verzamelpunt voor recycling van elektrische en elektronische apparaten. Maak het apparaat op het moment dat het wordt afgedankt, onbruikbaar door de deuren te verwijderen en de voedingskabel door te snijden, zodat kinderen niet gemakkelijk in het apparaat kunnen kruipen. Volg de plaatselijke voorschriften voor afvalverwerking op wanneer u het apparaat afdankt en breng het naar een speciaal verwerkingsbedrijf. Laat het apparaat zelfs niet voor enkele dagen onbewaakt achter, omdat het een bron van gevaar voor kinderen is. Voor nadere informatie over de behandeling, terugwinning en recycling van dit product wordt u verzocht contact op te nemen met het stadskantoor in uw woonplaats, uw afvalophaaldienst of de winkel waar u het product heeft aangeschaft. 46 Informatie: Dit apparaat bevat geen CFK (het koelcircuit bevat R134a) of HFC (het koelcircuit bevat R600a). Voor apparaten met isobutaan (R600a): isobutaan is een natuurlijk gas dat geen schadelijke invloed heeft op het milieu, maar wel ontvlambaar is. Het is daarom noodzakelijk om te controleren of de leidingen van het koelcircuit niet beschadigd zijn. Conformiteitsverklaring • Dit apparaat is bestemd voor het conserveren van voedingsmiddelen en is vervaardigd in overeenstemming met de Europese Richtlijn 89/109/EEG, 90/128/EEG en 02/72/EEG. • Dit product is ontwikkeld, gefabriceerd en op de markt gebracht in overeenstemming met: - de veiligheidsvereisten van de Laagspanningsrichtlijn 73/23/EEG; - de veiligheidsvereisten van de “EMC”-richtlijn 89/336/EEG gewijzigd door de Richtlijn 93/68/CEE; • De elektrische veiligheid is alleen gewaarborgd wanneer het op de juiste wijze op een efficiënte werkende installatie is aangesloten, die volgens de wettelijke voorschriften is geaard. ALGEMENE VOORZORGSMAATREGELEN EN ADVIEZEN • Gebruik het koelvak uitsluitend voor het bewaren van verse levensmiddelen en het vriesvak uitsluitend voor het bewaren van diepvriesproducten, het invriezen van verse levensmiddelen en het maken van ijsblokjes. • Zorg ervoor dat het product na de installatie niet op de voedingskabel staat. • Bewaar geen dranken in glas in het vriesvak want deze kunnen barsten. • Eet geen ijsblokjes of waterijsjes die net uit de vriezer komen, aangezien deze zo koud zijn dat ze brandwonden kunnen veroorzaken. • Trek de stekker uit het stopcontact of sluit de stroomtoevoer af voordat u met reinigings- of onderhoudswerkzaamheden begint. • Installeer het product niet in de buurt van een warmtebron. • Bewaar of gebruik geen benzine of andere gassen en licht ontvlambare stoffen in de buurt van de koelkast of andere elektrische huishoudelijke apparatuur. De dampen die hieruit voortkomen kunnen brand of explosies veroorzaken. • Laat voor een goede ventilatie een ruimte van 1 cm aan beide zijkanten en boven het apparaat vrij. • Houd de ventilatie-openingen in de behuizing van het apparaat of in de omkasting vrij van enige obstructies. • Alle apparaten met ijsmakers en waterdispensers moeten op een waterleidingnet aangesloten worden dat uitsluitend drinkwater levert (met een waterleidingdruk van tussen de 1,7 en 8,1 bar (25 en 117 PSI)). De ijsmakers en/of waterdispensers die niet rechtstreeks op het waterleidingnet zijn aangesloten, mogen uitsluitend met drinkwater worden gevuld. • Installeer het product waterpas op een vloer die het gewicht kan dragen en in een ruimte die geschikt is voor de afmetingen en het gebruik van het product. • Plaats het apparaat in een droge en goed geventileerde ruimte. Het apparaat is afgesteld om te werken in ruimten waarin de temperatuur binnen de volgende waarden ligt, die op hun beurt weer afhankelijk zijn van de klimaatklasse die op het typeplaatje staat aangegeven: Het is mogelijk dat het apparaat niet goed functioneert als het voor een lange tijd in een ruimte wordt gelaten met een hogere of lagere temperatuur dan het genoemde bereik. Klimaatklasse Omg. temp. (°C) Omg. temp. (°F) SN Van 10 tot 32 Van 50 tot 90 N Van 16 tot 32 Van 61 tot 90 ST Van 18 tot 38 Van 64 tot 100 T Van 18 tot 43 Van 64 tot 110 • Wees voorzichtig bij het verplaatsen van het apparaat om te voorkomen dat de vloer beschadigd raakt (b.v. parket). • Gebruik geen mechanische systemen of andere middelen om het ontdooiproces te versnellen, behalve dan die door de fabrikant zijn aanbevolen. • Beschadig het interne vloeistofcircuit van de koelkast niet. • Gebruik geen elektrische apparaten aan de binnenkant van de vriesvakken voor diepvriesproducten, als die van een ander type zijn dan aanbevolen door de fabrikant. • Het apparaat is niet bestemd om gebruikt te worden door jonge kinderen of zieke personen zonder lichamelijke controle. • Om het risico te vermijden dat kinderen in de koelkast opgesloten raken en stikken, mag hen niet worden toegestaan in het product te spelen of zich erin te verstoppen. • De voedingskabel mag uitsluitend worden vervangen door een bevoegd technicus. • Gebruik geen verlengsnoeren of meervoudige adapters. • Het moet mogelijk zijn het apparaat van het elektriciteitsnet af te koppelen door de stekker uit het stopcontact te halen of via een tweepolige netschakelaar die bovenstrooms van het stopcontact is geplaatst. • Controleer of de spanning op het typeplaatje overeenkomt met de spanning in uw woning • Slik de (niet-giftige) vloeistof uit de vrieselementen niet in (indien bijgeleverd). 47 BESCHRIJVING VAN HET APPARAAT 10 11 9 7 C 6 4 1 2 3a 3 8 5 A. Koelvak 1. 2. 3. 3a. 4. 5. 6. 7. 8. 48 Verlichting Schappen /Zone met schappen Groente- en fruitlade Regeling van de vochtigheid Deurvakken Uitneembare flessenhouder Multiflow-luchtopeningen Eierhouder Flessenkoeler B. Vriesvak 9. 10. 11. C. Schappen vriesvak Deur van het vriesvak Vakken in vriesvakdeur Bedieningspaneel KOELVAK Dit apparaat gebruikt een no frost-systeem, en er is dus geen handmatige ontdooiing nodig. Bovendien is het apparaat voorzien van een distributiesysteem van geventileerde koude lucht, waardoor de temperatuur in het koelvak bijna homogeen is. De voedingsmiddelen kunnen op elk schap geplaatst worden mits ze de ventilatiegaten niet blokkeren, zodat er vrije luchtcirculatie mogelijk is. De beste prestaties worden verkregen bij temperaturen tussen +18°C en +43°C. INSCHAKELEN VAN HET APPARAAT • Inschakelen van het apparaat. • Het apparaat wordt automatisch ingeschakeld • De binnenverlichting gaat branden wanneer de deur wordt geopend GEBRUIK VAN DE KOELKAST • Temperatuurinstelling Om een juiste werking te garanderen en om de conservering van voedingsmiddelen te optimaliseren moet de temperatuur van het koelvak en van het vriesvak apart worden ingesteld. THERMOSTAAT VAN DE KOELKAST Draai voor het instellen van de temperatuur van het koelvak de knop van de thermostaat op de gewenste stand. Temperatuur Minimum Gebruikswijze • Conservering van kleine hoeveelheden voedsel • De deur wordt slechts zelden geopend Gemiddeld • Normaal gebruik Maximum • Conservering van grote hoeveelheden voedsel • De deur wordt vaak geopend • Nadat het apparaat in werking is gesteld, duurt het ongeveer 2 uur voordat de juiste temperatuur wordt bereikt voor het conserveren van een normale belading van het koelvak. Conservering van voedingsmiddelen in het koelvak Plaats de levensmiddelen zoals in de afbeelding. A. Gekookt voedsel B. Vis, vlees C. Groente en fruit D. Flessen E. Boter F. Zuivelproducten Om de vitamines, aroma's, voedingswaarde en versheid van de voedingsmiddelen te behouden, raden wij u aan om ze vooraf in aluminiumfolie of plastic folie te wikkelen, of ze in diepvriesbakjes met deksel te doen. Hiermee vermijdt u bovendien dat de geuren zich vermengen. OPMERKING: • De afstand tussen de schappen en de achterwand mag niet geblokkeerd zijn, om vrije luchtcirculatie te garanderen. • Zet de levensmiddelen niet tegen de achterwand van het koelvak. • Zet geen warm voedsel in de koelkast. • Bewaar vloeistoffen in gesloten houders. • Het bewaren van groente met een hoog watergehalte kan condensvorming veroorzaken op het glazen schap van de onderste lade: dit beïnvloedt het correct functioneren van het apparaat niet. • Het koelvak wordt geheel automatisch ontdooid. • De koelkast kan functioneren bij omgevingstemperaturen tussen +16°C en +43°C. • Het aantal schappen en de vorm van de accessoires kan van model tot model verschillen. • Alle planken, vakken en schappen kunnen worden verwijderd. • De accessoires van het koelvak en het vriesvak mogen niet in de vaatwasmachine worden gewassen. 49 INTERNE EIGENSCHAPPEN VAN HET KOELVAK VERSVAK (FRESH CONTROL COMPARTMENT) (afhankelijk van het model) Dit schuifvak blijft koeler dan de rest van de koelkast en houdt verse voedingsmiddelen langer goed. Dranken kunnen hierin sneller worden gekoeld. Het is perfect voor het conserveren van zuivelproducten en koude gerechten, worstjes en vlees. Als het versvak moet worden verwijderd om het schoon te kunnen maken, moet het worden uitgetrokken tot de aanslag. Houd de vergrendelingen ingedrukt zoals op de afbeelding, en trek het schap uit totdat het loskomt. • Het wordt geadviseerd het kantelbare voordeksel van het versvak niet te verwijderen. 1 2 VERSCHUIFBARE SCHAPPEN VAN GLAS (afhankelijk van het model) De koelkast heeft verschuifbare schappen van glas, die het gemakkelijker maken de voedingsmiddelen die achteraan op het schap, of op de laagste schappen geplaatst zijn, te bereiken. • De schappen zijn gemaakt van sterk, getemperd glas. • De randen van het schap voorkomen het wegdruppelen van eventueel gemorste vloeistoffen, die op die manier niet in andere vakken terechtkomen. Wijziging van de positie van de schappen: In deze koelkast is het mogelijk de positie van de schappen aan te passen aan uw wensen. • Om het schap te verwijderen, trekt u het naar buiten tot aan de aanslag. • Houd de vergrendelingen naar beneden ingedrukt zoals wordt geïllustreerd op het detail van de afbeelding, en trek het schap naar buiten totdat het loskomt. De vergrendelingen kunnen apart worden ingedrukt. • Trek de pennen naar buiten om de geleiders weg te halen. • Verwijder de geleiders zoals op de afbeelding, en breng ze op de gewenste positie aan. • Bij het plaatsen van de geleiders moet de aanduiding “ ” die in de geleiders gegraveerd is gevolgd worden. • Plaats daarna het schap op de geleiders. V 2 1 4 50 3 5 KOELER FLESSENHOUDER (afhankelijk van het model) Deze koeler richt de stroom koude lucht op de flessenhouder, zodat dranken en vloeistoffen sneller worden gekoeld. Als het nodig is de flessenkoeler te verwijderen om hem schoon te maken, dient u het volgende te doen: • Verschuif de vergrendelingen aan de zijkanten, en houd hen ingedrukt zoals op de afbeelding. Trek de koeler van de flessenhouder naar u toe. LET OP: • Als de koeler van de flessenhouder niet goed op zijn plaats gemonteerd is, zou de stroom koude lucht de extra lade en de lade voor groenten en fruit kunnen bereiken, hetgeen van invloed is op de voedingsmiddelen die hierin zitten. 1 2 GROENTE- EN FRUITLADE (afhankelijk van het model) Voedingsmiddelen zoals groenten en fruit drogen uit als ze rechtstreeks in contact komen met koude, droge lucht tijdens de conservering. Deze lade handhaaft een temperatuur- en vochtigheidsniveau dat geschikt is voor het conserveren van fruit en groente, waardoor de natuurlijke eigenschappen ervan behouden blijven. Dankzij de metalen geleiders van de groente- en fruitlade kan de lade gemakkelijk en veilig geopend en gesloten worden. Regeling van de vochtigheid: • De groente- en fruitlade heeft een vochtigheidsregelaar, waarmee het vochtigheidsgehalte van de lucht die de lade binnenkomt, kan worden gecontroleerd. • Het wordt geadviseerd de regelaar dicht te houden voor het conserveren van bladgroente, en open voor het conserveren van fruit. 1 2 51 VRIESVAK Nadat het apparaat is ingeschakeld duurt het ongeveer 3 uur voordat de juiste temperaturen voor het conserveren van de diepvrieslevensmiddelen worden bereikt. Het vriesvak dat gemarkeerd is met het symbool , is uitstekend geschikt voor conservering van ingevroren levensmiddelen, alsook voor het invriezen van verse of voorgekookte levensmiddelen. Bovendien is het geschikt voor het maken van ijsblokjes. De binnenkant van de deur van het vriesvak is bijzonder geschikt voor de conservering van ijs of diepvrieslevensmiddelen die binnen korte tijd dienen te worden geconsumeerd. Op het serienummerplaatje in het koelvak wordt de maximale hoeveelheid voedsel aangegeven die bij een omgevingstemperatuur van 25°C in 24 uur kan worden ingevroren. BEDIENINGSPANEEL VAN HET VRIESVAK • Om de temperatuur in het vriesvak in te stellen moet het gewenste invriesniveau worden geselecteerd met de toetsen op het bedieningspaneel. Selecteer het vriesbereik van de vriezer De ingedrukte toets geeft het maximale niveau aan - snelvriezen Standaardniveau: geschikt voor conservering in het vriesvak van kleine hoeveelheden voedsel en als de deur slechts zelden wordt geopend. Maximaal niveau - Snelvriezen: geschikt voor conservering in het vriesvak van grote hoeveelheden voedsel en als de deur vaak wordt geopend. Met deze instelling wordt het vriesvak het sterkst gekoeld. Automatische temperatuurregeling: dit product is voorzien van een automatische temperatuurregeling van het vriesvak. Deze regelt de temperatuur in het vriesvak op basis van de gebruikscondities (frequentie van het openen van de deur en de hoeveelheid verse geconserveerde voedingsmiddelen). Het systeem detecteert een nieuwe lading en begint het verse voedsel snel in te vriezen. 52 RICHTLIJNEN VOOR HET CONSERVEREN EN ONTDOOIEN VAN HET VOEDSEL VOORBEREIDEN VAN DE VERSE, IN TE VRIEZEN LEVENSMIDDELEN Het is van belang dat de voedingsmiddelen zo worden ingepakt dat er geen water, vocht of condens in kan komen; op die manier wordt voorkomen dat er geuren of aroma's van het ene gebied naar het andere in de koelkast worden overgebracht, en blijven de ingevroren voedingsmiddelen beter geconserveerd. Geadviseerd wordt om het in te vriezen voedsel te verpakken in plastic bakjes met hermetisch sluitende deksels, aluminium bakjes, aluminiumfolie, plasticfolie of waterdichte plastic verpakkingen. Let op: • De diepvriesproducten moeten als laatste worden gekocht en in isolerende tassen worden vervoerd. • Zet de diepvriesproducten bij thuiskomst meteen in het vriesvak. • Variaties in temperatuur moeten vermeden worden of tot een minimum worden beperkt. • De uiterste houdbaarheidsdatum op de verpakking moet worden gerespecteerd. • De instructies op de verpakking voor het conserveren van diepvriesproducten dienen altijd te worden opgevolgd. DICHTMAKEN Verwijder alle lucht voordat u de zakjes dichtbindt. Plaats als u doorzichtige plastic zakjes gebruikt, het etiket in het zakje; gebruik bij niet-doorzichtige zakjes zelfklevende etiketten die u op de buitenkant plakt. Sluit het zakje aan de bovenkant met een strip. ONTDOOIEN Hier volgen enkele nuttige wenken. Rauwe groenten: niet ontdooien, maar gelijk in kokend water leggen en koken op de gebruikelijke manier. Vlees (grote stukken): in de koelkast ontdooien zonder het vlees uit de verpakking te halen. Alvorens het te bereiden, een paar uur op omgevingstemperatuur laten rusten. Vlees (kleine stukken): ontdooien op omgevingstemperatuur of rechtstreeks bereiden. Vis: ontdooien in het koelvak zonder het uit de verpakking te halen, of rechtstreeks bereiden voordat hij helemaal ontdooid is. We herinneren u eraan dat in geval van een stroomuitval, het vriesvak gedurende 12 uur op de juiste temperatuur blijft; laat de deur van het vriesvak echter dicht. Vries voedsel dat gedeeltelijk ontdooid is niet opnieuw in. Kant-en-klare voedingsmiddelen: in de oven verwarmen zonder deze uit het aluminium bakje te halen. Fruit: ontdooien in het koelvak OPMERKING: Zet nooit warme voedingsmiddelen in het vriesvak, maar laat ze 30 minuten op omgevingstemperatuur afkoelen, en zet ze vervolgens in de gewenste verpakking en vries ze in. Als u warm voedsel eerst laat afkoelen voordat u het invriest, bespaart u energie en wordt de levensduur van het apparaat verlengd. 53 TABEL VOOR DE CONSERVERING VAN VOEDINGSMIDDELEN De conserveringstijden variëren op grond van de kwaliteit van het voedsel, het gebruikte type verpakking of omhulsel (bestand tegen vocht en stoom) en van de conserveringstemperatuur (die -18°C dient te zijn). VOEDINGSMIDDELEN EN CONSERVERINGSTIJDEN Fruit Geconcentreerd vruchtensap Fruit (in het algemeen) Citrusvruchten en vers sap Groenten Commerciële diepvriesproducten Zelf ingevroren voedsel Vlees Saucijzen Hamburgers Rundvlees, kalfsvlees, lamsvlees Braadvlees Rundvlees Lams- en kalfsvlees Varkensvlees Verse saucijzen Biefstukken en vleeslapjes Rundvlees Lamsvlees, kalfsvlees, varkensvlees Vis Kabeljauw, schol, tong Zalm Makreel, baars Gepaneerde vis (gekocht) Weekdieren, oesters Gekookte vis, krab Rauwe garnalen Gevogelte Kip of kalkoen (heel of in stukken) Eend en gans Orgaanvlees Gevogelte in saus bereid Vleeslapjes (zonder jus) Stoofvlees Vlees, gevogelte en vis 54 ZUIVELPRODUCTEN Boter 6 tot 9 maanden Margarine 12 maanden 12 maanden 8 tot 12 maanden 4 tot 6 maanden 8 maanden 8 tot 12 maanden 4 weken of minder 1 maand 2 tot 3 maanden 6 tot 12 maanden 6 tot 12 maanden 4 tot 8 maanden 1 tot 2 maanden 8 tot 12 maanden 2 tot 4 maanden 6 maanden 2 tot 3 maanden 2 tot 3 maanden 3 maanden 3 tot 4 maanden 3 tot 4 maanden 12 maanden 12 maanden 6 maanden 2 tot 3 maanden 6 maanden 1 maand 2 tot 3 maanden Kaas Camembert, mozzarella, smeerkaas 3 maanden Roomkazen niet invriezen Brie, Emmenthal, Zwitserse kaas, enz. (het invriezen kan de structuur van de kaas wijzigen) 6 tot 8 maanden IJs, vruchtensap, melk 12 maanden Eieren (Voeg suiker of zout toe aan eidooiers of hele, geklopte eieren) Heel (geklopt), eiwit, eierdooier 12 maanden OVENPRODUCTEN EN BROOD Gegist brood en broodjes 3 maanden Ongebakken brood 1 maand Croissants 3 maanden Taarten (niet geglazuurd) 2 tot 4 maanden Taarten (geglazuurd) en koekjes 6 tot 12 maanden Vruchtentaart 12 maanden Koekjesdeeg 3 maanden Taartdeeg 4 tot 6 maanden ONDERHOUD EN REINIGING Verwijder altijd de stekker uit het stopcontact of koppel hoe dan ook het apparaat af van de stroomtoevoer, alvorens onderhouds- en reinigingswerkzaamheden te gaan verrichten. Reinig het koelvak en het vriesvak regelmatig met een vochtige doek met een oplossing van lauw water en neutrale schoonmaakmiddelen die speciaal bestemd zijn voor het reinigen van de binnenkant van een koelkast. Gebruik geen reinigings- of schuurmiddelen. Maak de onderdelen van de koelkast nooit schoon met licht ontvlambare vloeistoffen. De dampen die hieruit voortkomen kunnen brand of explosies veroorzaken. Reinig de buitenkant en de rubber afdichtingen met een vochtige doek en droog ze af met een zachte doek. • Gebruik geen stoomreinigers. • Zowel het koelvak als het vriesvak worden geheel automatisch ontdooid (no-frost-systeem). • Maak regelmatig de condensor (ventilatieroosters aan de achterkant van het apparaat) schoon met een stofzuiger of een borstel. VOORZORGSMAATREGELEN BIJ LANGDURIGE AFWEZIGHEID Kortstondige afwezigheid Als u minder dan drie weken afwezig bent, is het niet nodig de koelkast af te koppelen van het elektriciteitsnet. Consumeer de bederfelijke voedingsmiddelen en vries de andere voedingsmiddelen in. Als u de vriezer voor langere tijd niet gebruikt Verwijder alle levensmiddelen uit de koelkast als u langer dan drie weken afwezig bent. Haal de stekker van de koelkast uit het stopcontact; reinig het apparaat, spoel na met water en wrijf de oppervlakken droog. Bevestig enkele houten of plastic blokken met plakband aan de bovenzijde van beide deuren en laat de deuren open staan, zodat in beide vakken voldoende lucht kan circuleren. Op die manier worden nare luchtjes en schimmelvorming voorkomen. Verhuizingen • Haal alle uittrekbare elementen uit de koelkast, verpak hen zorgvuldig en zet hen aan elkaar vast met plakband om te voorkomen dat ze tegen elkaar klapperen of verloren gaan. • Sluit beide deuren en plak ze met plakband dicht en plak ook de voedingskabel met plakband aan het apparaat vast. Stroomuitval Als de stroom uitvalt dient u zich tot het plaatselijke elektriciteitsbedrijf te wenden om te vragen hoe lang de stroomuitval zal duren. 1. Indien de stroomstoring maximaal 24 uur gaat duren, de beide deuren van het apparaat gesloten houden. Zodoende blijven de geconserveerde voedingsmiddelen zo lang mogelijk koud. 2. Als de stroomstoring langer dan 24 uur duurt, moet al het bevroren voedsel worden verwijderd en in een draagbare vriezer worden geplaatst. Als dit type vriezer niet voorhanden is en als er geen pakken kunstijs beschikbaar zijn, probeer dan de levensmiddelen die het snelst bederven te consumeren. 3. Houd er rekening mee dat een vol vriesvak langer koud blijft dan een halfvol vak. 4. Maak de ijsbak leeg. Verder zal een vriezer die gevuld is met bevroren vlees, langer koud blijven dan een vriezer die gevuld is met voorgekookt voedsel. Als er op de voedingsmiddelen ijskristallen zichtbaar zijn, kunnen ze zonder enig risico opnieuw worden ingevroren, ook al zullen de smaak en het aroma waarschijnlijk anders zijn. Wanneer het voedsel duidelijk in een slechte staat verkeert kunt u het beter weggooien. 55 OPSPOREN VAN STORINGEN/ KLANTENSERVICE Sommige geluiden zijn normaal als de koelkast in werking is Voordat u de Klantenservice belt.... problemen bij het gebruik vaak veroorzaakt worden door kleinigheden die u zelf kunt opsporen en verhelpen, zonder gereedschap. Het apparaat functioneert niet • Is de voedingskabel beschadigd? • Heeft u de zekeringen in uw woning gecontroleerd? Er staat water op de bodem van het koelvak: • Is de afvoer van het dooiwater misschien verstopt? Water in de ontdooibak: • Dit is normaal als het klimaat warm en vochtig is. De bak kan zelfs tot halverwege gevuld raken. Controleer of de koelkast goed horizontaal staat, om te voorkomen dat het water uit de bak loopt. De randen van de omkasting van het apparaat die in contact staan met de deurafdichtingen zijn warm: • dit is normaal bij een warm klimaat en als de compressor in werking is. Het licht werkt niet: • Heeft u de zekeringen in uw woning gecontroleerd? • Zit de stekker van de elektrische voedingskabel wel in een stopcontact met de juiste spanning, en staat hier spanning op? • Is het lampje doorgebrand? Als het lampje is doorgebrand: • Altijd de stekker van het apparaat uit het stopcontact halen. • Zie hoofdstuk “Opsporen van storingen/klantenservice”. De motor lijkt te lang in werking te blijven: • Zit er misschien veel stof en pluis op de condensor? • Zijn de deuren wel goed gesloten? • Sluiten de deurafdichtingen perfect af? • Op warme dagen, of als het warm is in het vertrek, zal de motor langer draaien. Het apparaat maakt te veel lawaai: • Staat het apparaat tegen andere meubels of voorwerpen aan? • Raken de buizen aan de achterkant elkaar of trillen ze? Wanneer de deur lang open heeft gestaan, of indien er grote hoeveelheden levensmiddelen in het apparaat zijn geplaatst, blijft de motor langer werken om de binnenkant van het apparaat goed te koelen. 56 Denk aan het volgende De tijd dat de motor draait hangt van verschillende factoren af: het aantal keren dat de deuren worden geopend, de geconserveerde hoeveelheid voedingsmiddelen, de temperatuur in de omgeving, de instelling van de thermostaten. Als uw apparaat na bovengenoemde controles nog steeds niet goed werkt, neem dan contact op met de Klantenservice en leg het probleem duidelijk uit. Geef het type en het serienummer van het apparaat door (deze zijn te vinden op het serienummerplaatje). De temperatuur van de koelkast is te hoog • Staat het apparaat dicht bij een warmtebron? • Zijn de bedieningen van de koelkast wel goed ingesteld? • Zitten er grote hoeveelheden voedingsmiddelen in het koelvak of in het vriesvak? • Controleer of de deuren niet te vaak worden geopend. • Controleer of de deuren perfect sluiten. • Controleer of de luchtopeningen in het vak niet verstopt zitten waardoor de circulatie van koude lucht verhinderd wordt. Er is te veel vochtophoping • Ga na of de voedingsmiddelen goed verpakt zijn. Maak natte houders droog voordat u ze in de koelkast zet. • Controleer of de deuren niet te vaak worden geopend. Door de deur te openen gaat de vochtigheid die in de buitenlucht aanwezig is, de koelkast binnen. Hoe vaker de deur geopend wordt, des te sneller zal het vocht zich ophopen, in het bijzonder als het vertrek zelf erg vochtig is. • Als het apparaat in een erg vochtig vertrek is geïnstalleerd, is het normaal dat er zich vocht ophoopt in de koelkast. • Na automatische ontdooiing is het normaal dat er zich waterdruppels op de achterwand vormen. De deuren sluiten niet of gaan niet correct open • Controleer of de deur niet geblokkeerd wordt door levensmiddelen. • Controleer of de deurvakken, de schappen en de laden op de juiste manier zijn geplaatst. • Controleer of de deurafdichtingen niet vuil of kleverig zijn. • Verzeker u ervan dat het apparaat perfect horizontaal staat. Haal de stekker van de koelkast altijd uit het stopcontact voordat u de lampjes gaat vervangen. De binnenverlichting functioneert niet: • Koppel het apparaat los van het elektriciteitsnet. Afhankelijk van het model • Verwijder het lampenkapje (afhankelijk van het model • Het lampje losdraaien of wegnemen. • Controleer het lampje en vervang het, zo nodig, door een nieuw exemplaar. • Enkele modellen zijn van een speciaal lampje voorzien dat bij vervanging niet losgedraaid mag worden. Trek het lampje naar de binnenzijde van de koelkast. Dit lampje is alleen bij onze Klantenservicecentra verkrijgbaar. Gebruik geen lampjes van meer dan 15W. KLANTENSERVICE Voordat u contact opneemt met de Klantenservice: 1. Ga na of u de storingen niet zelf kunt verhelpen (zie “Opsporen van storingen/klantenservice”). 2. Zet het apparaat opnieuw aan om te zien of het ongemak is verholpen. Is dit niet het geval, schakel het apparaat dan opnieuw uit en herhaal de handeling na een uur. 3. Als ook dat niet helpt, wend u dan tot onze Klantenservice. Vermeld de volgende gegevens: • de aard van de storing, • het model, • het servicenummer (nummer achter het woord SERVICE op het typeplaatje binnenin het apparaat), • uw volledige adres, • uw telefoonnummer Opmerking: De draairichting van de deur kan worden veranderd. Het omkeren van de deur van het apparaat door onze Klantenservice wordt niet beschouwd als een ingreep die onder de garantie valt. 57 ">
Downloaden
Advertentie
Belangrijkste functies
No Frost
Geventileerde koude lucht
Automatische ontdooiing
Apart instelbare temperatuur voor koelvak en vriesvak
Veelgestelde vragen
Draai de knop van de thermostaat op de gewenste stand. Minimum: voor kleine hoeveelheden voedsel, deur wordt zelden geopend. Gemiddeld: normaal gebruik. Maximum: voor grote hoeveelheden voedsel, deur wordt vaak geopend.
Ongeveer 3 uur na het inschakelen van het apparaat.
Verpak het voedsel luchtdicht in plastic bakjes met deksel, aluminiumfolie of plasticfolie. Laat warm voedsel eerst 30 minuten afkoelen voordat u het invriest.
Houd de deuren van het apparaat gesloten. Als de stroomstoring langer dan 24 uur duurt, verwijder dan al het bevroren voedsel en plaats het in een draagbare vriezer.