Samsung | NX1100 | User manual | Samsung NX1000 Handleiding

Gebruiksaanwijzing
See the world in perfect detail
See the world in perfect detail
In deze gebruiksaanwijzing vindt u uitgebreide aanwijzingen voor het gebruik van uw camera.
Lees deze gebruiksaanwijzing aandachtig door.
DUT
Copyrightinformatie
• Microsoft Windows en het Windows-logo zijn geregistreerde
handelsmerken van Microsoft Corporation.
• Mac en Apple App Store zijn gedeponeerde handelsmerken van de
Apple Corporation.
• Google Play Store is een gedeponeerd handelsmerk van Google, Inc.
• microSD™, microSDHC™ en microSDXC™ zijn geregistreerde
handelsmerken van SD Association.
• HDMI, het HDMI-logo en de term
'High Definition Multimedia Interface'
zijn handelsmerken of geregistreerde
handelsmerken van HDMI Licensing LLC.
• Wi-Fi®, het Wi-Fi CERTIFIED-logo en het Wi-Fi-logo zijn geregistreerde
handelsmerken van de Wi-Fi Alliance.
• Handelsmerken en handelsnamen in deze gebruiksaanwijzing zijn het
eigendom van hun respectieve eigenaars.
• Cameraspecificaties of de inhoud van deze gebruiksaanwijzing
kunnen bij een upgrade van camerafuncties zonder kennisgeving
worden gewijzigd.
• Het is niet toegestaan om enig deel van deze gebruiksaanwijzing
zonder vooraf gegeven toestemming te hergebruiken of
verspreiden.
• U kunt de camera het beste laten onderhouden in het land waarin
u deze hebt gekocht.
• Gebruik deze camera op een verantwoorde manier en leef alle wet-
en regelgeving met betrekking tot het gebruik van de camera na.
• Raadpleeg voor Open Source-licentie-informatie de
'OpenSourceInfo.pdf' op de meegeleverde cd-rom.
PlanetFirst duidt op het streven van Samsung
Electronics naar een duurzame ontwikkeling en sociale
verantwoordelijkheid door middel van een milieubewuste
bedrijfsvoering.
1
Informatie over gezondheid en veiligheid
Houd u altijd aan de volgende voorzorgsmaatregelen en gebruikstips
om gevaarlijke situaties te vermijden en ervoor te zorgen dat de camera
optimaal werkt.
Waarschuwing—situaties die bij u of anderen letsel
kunnen veroorzaken
Haal de camera niet uit elkaar en probeer de camera niet
te repareren.
Dit kan een schok veroorzaken of de camera beschadigen.
Gebruik de camera niet dichtbij ontvlambare of explosieve
gassen en vloeistoffen.
Dit kan brand of een explosie veroorzaken.
Plaats geen ontvlambare materialen in de camera en
bewaren dergelijke materialen niet in de buurt van de
camera.
Voorkom oogletsel bij het nemen van foto's.
Gebruik de flitser van de camera niet vlakbij (op minder dan 1 m afstand
van) de ogen van mensen of dieren. Als u de flitser dicht bij de ogen van
het onderwerp gebruikt, kunt u tijdelijke of permanente schade aan het
gezichtsvermogen veroorzaken.
Houd de camera buiten het bereik van kleine kinderen en
huisdieren.
Houd de camera en alle bijbehorende onderdelen en accessoires buiten
het bereik van kleine kinderen en huisdieren. Kleine onderdelen vormen
verstikkingsgevaar of kunnen schadelijk zijn wanneer deze worden
ingeslikt. Bewegende onderdelen en accessoires kunnen ook fysiek
gevaar opleveren.
Stel de camera niet gedurende lange tijd bloot aan direct
zonlicht of hoge temperaturen.
Langdurige blootstelling aan zonlicht of extreme temperaturen
kan permanente schade aan interne onderdelen van de camera
veroorzaken.
Dit kan brand of een schok veroorzaken.
Voorkom dat de camera of oplader wordt bedekt voor
kleden of kleding.
Raak de camera niet met natte handen aan.
Dit kan oververhitting van de camera of brand veroorzaken.
Dit kan een schok veroorzaken.
Gebruik het netsnoer en de oplader niet tijdens een
onweersbui.
Dit kan een elektrische schok veroorzaken.
2
Informatie over gezondheid en veiligheid
Als er vloeistoffen of vreemde voorwerpen in de camera
komen, moet u meteen alle voedingsbronnen, zoals de
batterij, loskoppelen en vervolgens contact opnemen met
een servicecenter van Samsung.
Zorg dat u zich houdt aan regelgeving die het gebruik van
een camera in bepaalde omgevingen beperkt.
Voorzichtig—situaties die kunnen resulteren in
schade aan de camera of andere apparatuur
Haal de batterijen uit de camera wanneer u deze voor
langere tijd opbergt.
Batterijen in het batterijvak kunnen na verloop van tijd gaan lekken of
roesten en ernstige schade aan uw camera veroorzaken.
• Voorkom storing met andere elektronische apparaten.
• Schakel de camera uit als u zich in een vliegtuig bevindt. Uw camera
kan storing met de apparatuur in het vliegtuig veroorzaken. Houd u
aan alle voorschriften van de luchtvaartmaatschappij en schakel uw
camera uit als dit wordt gevraagd door het vliegtuigpersoneel.
• Schakel de camera uit in de buurt van medische apparatuur.
Uw camera kan storing met medische apparatuur in ziekenhuizen
of zorginstellingen veroorzaken. Volg alle voorschriften,
waarschuwingsmededelingen en aanwijzingen van medisch
personeel.
Voorkom storing met pacemakers.
Houd minimaal 15 cm afstand tussen deze camera en pacemakers om
mogelijke storing te voorkomen. Dit wordt aangeraden door fabrikanten
en de onafhankelijke onderzoeksgroep Wireless Technology Research.
Als u vermoedt dat uw camera storing veroorzaakt bij een pacemaker
of andere medische apparatuur, schakelt u de camera meteen uit en
neemt u contact op met de fabrikant van de pacemaker of medische
apparatuur voor hulp.
Gebruik uitsluitend officiële, door de fabrikant aanbevolen
lithium-ionbatterijen ter vervanging. Zorg dat u de batterij
niet beschadigt of verhit.
Niet authentieke, beschadigde of verhitte batterijen kunnen brand of
persoonlijk letsel veroorzaken.
Gebruik alleen door Samsung goedgekeurde batterijen,
opladers, kabels en accessoires.
• Niet-goedgekeurde batterijen, opladers, kabels of accessoires kunnen
de camera beschadigen, letsel veroorzaken of ertoe leiden dat
batterijen exploderen.
• Samsung is niet aansprakelijk voor schade of letsel veroorzaakt door
niet-goedgekeurde batterijen, opladers, kabels of accessoires.
Gebruik de batterij alleen voor het doel waarvoor deze is
bedoeld.
Verkeerd gebruik van de batterij kan brand of een schok veroorzaken.
3
Informatie over gezondheid en veiligheid
Raak de flitser niet aan wanneer deze wordt gebruikt.
Gebruik nooit een beschadigde batterij of geheugenkaart.
De flitser wordt zeer heet en kan brandwonden veroorzaken.
Dit kan een schok, camerastoring of brand veroorzaken.
Gebruik voor het opladen van de batterijen geen
elektriciteitssnoeren of stekkers die beschadigd zijn, of
een loshangend stopcontact.
Controleer voor gebruik of de camera naar behoren
functioneert.
Dit kan brand of een schok veroorzaken.
Forceer de cameraonderdelen niet en oefen geen kracht
uit op de camera.
Dit kan leiden tot camerastoringen.
Wees voorzichtig bij het aansluiten van kabels en het
plaatsen van batterijen en geheugenkaarten.
Door het forceren van aansluitingen, het niet op de juiste manier
aansluiten van kabels of het niet op de juiste manier plaatsen van
batterijen en geheugenkaarten kunt u poorten, aansluitingen en
accessoires beschadigen.
De fabrikant is niet verantwoordelijk voor verlies van bestanden of
schade die kan voortkomen uit defecten aan de camera of onjuist
gebruik.
U moet het kleine uiteinde van de USB-kabel aansluiten
op de camera.
Als u de kabel omgekeerd aansluit, kunnen de bestanden worden
beschadigd. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor enig verlies van
gegevens.
Bescherm de cameralens.
Stel de lens niet bloot aan direct zonlicht. Hierdoor kan de beeldsensor
verkleuren of defect raken.
Houd kaarten met magnetische stroken uit de buurt van
het camera-etui.
Als de camera oververhit raakt, verwijdert u de batterij en
laat u de camera afkoelen.
Informatie die is opgeslagen op de kaart kan worden beschadigd of
gewist.
• Bij langdurig gebruik van de camera kan de batterij oververhit raken
en kan de interne temperatuur van de camera oplopen. Verwijder de
batterij als de camera niet meer werkt en laat deze afkoelen.
• Hoge interne temperaturen kunnen ruis in uw foto's veroorzaken.
Dit is normaal en is niet van invloed op de algehele prestaties van de
camera.
4
Informatie over gezondheid en veiligheid
Voorkom storing met andere elektronische apparaten.
De camera zendt RF-signalen (Radio Frequency) uit die storing kunnen
veroorzaken in elektronische apparatuur die niet of niet voldoende is
beschermd, zoals pacemakers, gehoorapparaten, medische apparatuur
en andere apparatuur thuis of in de auto. Vraag advies bij de fabrikant
van uw elektronische apparatuur om mogelijke problemen met storing
op te lossen. Gebruik alleen door Samsung goedgekeurde apparaten of
accessoires om ongewenste storing te voorkomen.
Gebruik de camera in de normale positie.
Voorkom contact met de interne antenne van de camera.
Gegevensoverdracht en uw verantwoordelijkheden
• Gegevens die worden overgedragen via WLAN, kunnen worden
onderschept. Zorg daarom dat u geen gevoelige gegevens overdraagt
in openbare ruimten op via open netwerken.
• De fabrikant van de camera is niet aansprakelijk voor
gegevensoverdracht die inbreuk maakt op auteursrechten of
handelsmerken, of wetgeving met betrekking tot intellectueeleigendomsrecht en verordeningen aangaande openbare zeden
schendt.
5
Pictogrammen in deze gebruiksaanwijzing
Pictogrammen in deze gebruiksaanwijzing
Pictogram
Functie
Pictogrammen van de opnamemodus
Opnamemodus
Pictogram
Aanvullende informatie
Smart Auto
t
Veiligheidsvoorschriften en waarschuwingen
Programma
P
[ ]
Cameraknoppen. [Ontspanknop] staat bijvoorbeeld
voor de sluiterknop.
Diafragmaprioriteit
A
Sluiterprioriteit
S
( )
Paginanummer van verwante informatie
Handmatig
M
Lensprioriteit
i
Magisch
g
→
De volgorde van de opties of menu's die u moet
selecteren om een stap uit te voeren, bijvoorbeeld:
selecteer J → Kwalit. (staat voor: selecteer J
en vervolgens Kwalit.).
Het getal naast het pictogram kan verschillen,
afhankelijk van de opnamemodus. Dat betekent dat
sommige opties zich bevinden onder K of L.
Deze handleiding is gebaseerd op de
Programmamodus.
Scène
s
Film
v
Wi-Fi
B
*
Voetnoot
6
Inhoudsopgave
Tips
Hoofdstuk 1
Fotografie-concepten en conventies
Mijn camera
Houding ....................................................................................... 13
Aan de slag .................................................................................. 27
Uitpakken ...................................................................................... 27
Onderdelen en functies............................................................... 28
De camera vasthouden .................................................................... 13
Staand fotograferen ......................................................................... 13
Geknield fotograferen ....................................................................... 14
Diafragma .................................................................................... 14
Diafragma en scherptediepte ........................................................... 15
Sluitertijd ...................................................................................... 16
ISO-waarde .................................................................................. 17
Hoe diafragma, sluitertijd en ISO-waarde de belichting
beïnvloeden ................................................................................. 18
Samenhang tussen brandpuntsafstand, beeldhoek en
perspectief................................................................................... 19
Scherptediepte ............................................................................ 20
Wat bepaalt de vervagingseffecten? ................................................. 20
Scherptediepte bekijken ................................................................... 22
Compositie .................................................................................. 22
De regel van derden ......................................................................... 22
Foto's met twee onderwerpen ......................................................... 23
Flitser ........................................................................................... 24
Richtgetal van flitser ......................................................................... 24
Bounce-fotografie ............................................................................ 25
De knop SMART LINK gebruiken .................................................... 30
Pictogrammen op het scherm .................................................... 31
In de opnamemodus ..................................................................... 31
Foto's maken .................................................................................. 31
Video's opnemen ............................................................................ 32
Over de peilmeter............................................................................ 32
In de afspeelmodus ....................................................................... 33
Foto's weergeven............................................................................ 33
Video's afspelen .............................................................................. 33
Lenzen ......................................................................................... 34
Lensindeling .................................................................................. 34
De lens vergrendelen of ontgrendelen ............................................. 35
Markeringen op de lens ................................................................. 37
Accessoires .................................................................................
Onderdelen van externe flitser .......................................................
De flitser aansluiten........................................................................
Indeling van GPS-module (optioneel) .............................................
De GPS-module aansluiten............................................................
38
38
39
41
41
7
Inhoudsopgave
Opnamemodi ............................................................................... 43
t Smart Auto-modus ......................................................... 43
P Programmamodus ..................................................................... 44
Programmaverschuiving ..................................................................
A Diafragmaprioriteitmodus ..........................................................
S Sluitertijdvoorkeuzemodus .........................................................
M Handmatige modus ..................................................................
Kadermodus ...................................................................................
Bulb gebruiken ................................................................................
i Lensprioriteitsmodus ................................................................
De E-modus gebruiken ........................................................
i-Function gebruiken in de modi PASM .........................................
Z gebruiken ...........................................................................
g Magische modus.....................................................................
s Scènemodus ........................................................................
v Filmmodus ..............................................................................
Beschikbare functies in de opnamemodus ....................................
44
45
45
46
46
46
47
47
48
49
50
51
54
55
Hoofdstuk 2
Opnamefuncties
Formaat........................................................................................
Opties voor fotoformaat .................................................................
Opties voor videoformaat ..............................................................
Kwaliteit .......................................................................................
Opties voor fotokwaliteit ................................................................
Opties voor videokwaliteit ..............................................................
57
57
58
59
59
59
ISO-waarde .................................................................................. 60
Witbalans (lichtbron) ................................................................... 61
Witbalansopties ............................................................................. 61
Voorgeprogrammeerde opties aanpassen ....................................... 62
Fotowizard (fotostijlen) ............................................................... 64
AF-modus ....................................................................................
Enkelvoudige AF ............................................................................
Continu AF ....................................................................................
Handmatige scherpstelling ............................................................
AF-gebied ....................................................................................
Keuze AF.......................................................................................
Multi AF .........................................................................................
Gezichtsdet. AF .............................................................................
Zelfportret AF ................................................................................
MF-help........................................................................................
65
65
66
66
67
67
68
68
69
70
Optische beeldstabilisatie (OIS) .................................................
OIS-opties .....................................................................................
Snelheid (opnamemethode) .......................................................
1 opname ......................................................................................
Continu .........................................................................................
Burst .............................................................................................
Timer .............................................................................................
Opnamereeks met verschillende belichtingen (AE BKT)..................
Witbalansbracketing (WB BKT) ......................................................
Fotowizardbracketing (F Wiz BKT) .................................................
Bracketing instellen .......................................................................
71
71
72
72
72
73
73
74
74
75
75
8
Inhoudsopgave
Flitser ...........................................................................................
Flitsopties ......................................................................................
Rode ogen corrigeren ....................................................................
De flitssterkte aanpassen ...............................................................
L.meting .......................................................................................
Multi ..............................................................................................
Centr. gewogen .............................................................................
Spot ..............................................................................................
76
76
77
77
79
79
80
80
De belichtingswaarde in het scherpstelgebied meten .................... 81
HDR-bereik .................................................................................. 82
Kleurselectie ................................................................................ 83
Kleurruimte .................................................................................. 84
Belichtingscompensatie/-vergrendeling ....................................
Belichtingscompensatie .................................................................
Belichtingsvergendeling .................................................................
Videofuncties ...............................................................................
Film AE-modus ..............................................................................
Multi Motion ..................................................................................
In-/uitfaden ....................................................................................
Spraak ..........................................................................................
85
85
86
87
87
87
88
88
Hoofdstuk 3
Weergeven en bewerken
Bestanden zoeken en beheren...................................................
Foto's weergeven ..........................................................................
Miniaturen weergeven....................................................................
Bestanden op categorie weergeven ..............................................
Bestanden weergeven als map ......................................................
Bestanden beveiligen ....................................................................
Bestanden verwijderen ..................................................................
90
90
90
91
91
92
92
Afzonderlijke bestanden wissen....................................................... 92
Meerdere bestanden wissen ........................................................... 93
Alle bestanden verwijderen .............................................................. 93
Foto's weergeven ........................................................................
Een foto vergroten .........................................................................
Een diashow weergeven ................................................................
Automatisch draaien ......................................................................
De miniatuurmodus instellen .........................................................
Video's afspelen ..........................................................................
Een video tijdens het afspelen bijsnijden ........................................
Een beeld tijdens het afspelen afzonderlijk opslaan ........................
Foto's bewerken..........................................................................
Optie .............................................................................................
94
94
94
95
95
96
96
97
98
98
9
Inhoudsopgave
Hoofdstuk 4
Draadloos netwerk
Verbinding maken met een WLAN en netwerkinstellingen
configureren .............................................................................. 101
Verbinding maken met een WLAN ............................................... 101
Netwerkopties instellen ................................................................. 102
Het IP-adres handmatig instellen ................................................... 102
De aanmeldingsbrowser gebruiken .............................................. 103
Tips over netwerkverbinding ........................................................ 104
Tekst ingeven .............................................................................. 105
Bestanden automatisch opslaan op een smartphone ............ 106
Automatische back-up gebruiken om foto's of video's te
verzenden .................................................................................. 117
Het programma voor Automatische back-up installeren op
uw pc .......................................................................................... 117
Foto's of video's verzenden naar een pc ..................................... 117
Foto's of video's weergeven op een tv met TV Link
functionaliteit ............................................................................. 119
Foto's verzenden via Wi-Fi Direct ............................................ 121
Over de WOL-functie Wake on LAN......................................... 122
De pc instellen om wakker te worden uit de slaapmodus ............... 122
De pc instellen om te worden ingeschakeld .................................... 123
Foto's of video's verzenden naar een smartphone................. 107
Een smartphone gebruiken als externe ontspanknop ............ 109
Websites voor het delen van foto's of video's gebruiken....... 111
Een website openen .................................................................... 111
Foto's of video's uploaden .......................................................... 112
Foto's of video's via e-mail verzenden .................................... 113
E-mailinstellingen wijzigen ............................................................ 113
Uw gegevens opslaan ................................................................... 113
Een e-mailwachtwoord instellen .................................................... 114
Het e-mailwachtwoord wijzigen ..................................................... 114
Foto's of video's via e-mail verzenden ......................................... 115
10
Inhoudsopgave
Hoofdstuk 5
Hoofdstuk 6
Camera-instellingenmenu
Verbinding maken met externe apparaten
Gebruikersinstellingen .............................................................. 125
ISO aanpassen ............................................................................ 125
Bestanden weergeven op een HDTV of een 3D-televisie ....... 135
Bestanden weergeven op een HDTV ........................................... 135
Bestanden weergeven op een 3D-televisie .................................. 136
Foto's afdrukken ....................................................................... 137
Foto's met een PictBridge-fotoprinter afdrukken.......................... 137
ISO-stap ....................................................................................... 125
Auto ISO bereik ............................................................................. 125
Ruisonderdrukking ......................................................................
DMF (Direct Manual Focus)..........................................................
AF-prioriteit..................................................................................
Vervormingscorrectie ...................................................................
iFn aanpassen .............................................................................
Gebruikersdisplay ........................................................................
Knoptoewijzing ............................................................................
Rasterlijn .....................................................................................
AF-lamp ......................................................................................
125
125
126
126
126
127
128
128
128
Instellingen 1 ............................................................................. 129
Instellingen 2 ............................................................................. 131
Instellingen 3 ............................................................................. 132
GPS ............................................................................................ 133
Afdrukopties instellen .................................................................... 138
Een afdrukbestelling maken (DPOF) ............................................. 138
DPOF-opties ................................................................................. 139
Bestanden naar de computer overbrengen............................. 140
Bestanden overbrengen naar een Windows-computer ................ 140
De camera aansluiten als verwisselbare schijf ................................ 140
De camera loskoppelen (Windows XP) .......................................... 141
Bestanden overbrengen naar een Mac-computer ........................ 141
Programma's gebruiken op een pc .......................................... 142
Software installeren ..................................................................... 142
Programma's op de cd-rom ..........................................................
Intelli-studio gebruiken .................................................................
Vereisten .......................................................................................
De interface van Intelli-studio gebruiken ........................................
Hiermee kunt u bestanden overbrengen met Intelli-studio .............
Adobe Photoshop Lightroom installeren ......................................
Adobe Photoshop Lightroom gebruiken ......................................
142
143
143
144
145
146
146
11
Inhoudsopgave
Hoofdstuk 7
Voordat u contact opneemt met een servicecenter ................ 157
Bijlagen
Cameraspecificaties ................................................................. 160
Foutmeldingen .......................................................................... 148
Woordenlijst............................................................................... 165
Onderhoud van de camera ....................................................... 149
Reiniging van de camera ............................................................. 149
Optionele accessoires .............................................................. 171
Cameralens en -scherm ................................................................ 149
Beeldsensor .................................................................................. 149
Camerabehuizing .......................................................................... 149
Verklaring in officiële talen ........................................................ 177
Index .......................................................................................... 173
De camera gebruiken of opbergen .............................................. 150
Ongeschikte plaatsen voor het gebruiken of opbergen van de
camera........................................................................................... 150
Gebruik op het strand of aan de waterkant ................................... 150
Camera voor langere tijd opbergen ............................................... 150
Wees voorzichtig bij gebruik in vochtige omgevingen .................... 151
Overige aandachtspunten ............................................................. 151
Geheugenkaart ............................................................................ 152
Ondersteunde geheugenkaart ....................................................... 152
Capaciteit van de geheugenkaart .................................................. 152
Aandachtspunten bij gebruik van geheugenkaarten ...................... 154
De batterij .................................................................................... 155
Batterijspecificaties........................................................................ 155
Opnameduur van de batterij .......................................................... 156
Bericht Batterij bijna leeg ............................................................... 156
De batterij gebruiken ..................................................................... 156
De batterij opladen ........................................................................ 156
12
Fotografie-concepten en conventies
Houding
Een goede houding waarin de camera stabiel kan worden
vastgehouden is noodzakelijk om goed foto's te kunnen maken.
Zelfs als u de camera op de juiste wijze vasthoudt, kan een verkeerde
lichaamshouding voor bewegingsonscherpte zorgen. Sta rechtop en stil
om een stevige ondergrond voor de camera te vormen. Wanneer u met
een lange sluitertijd fotografeert, houdt u uw adem in om te zorgen dat
uw lichaam zo min mogelijk beweegt.
Staand fotograferen
Bepaal de compositie; sta rechtop met uw voeten op schouderlengte
van elkaar en houd uw ellebogen naar beneden gericht.
De camera vasthouden
Houd de camera met uw rechterhand vast en plaats uw rechter
wijsvinger op de ontspanknop. Houd uw linkerhand ter ondersteuning
onder de lens.
13
Fotografie-concepten en conventies
Geknield fotograferen
Bepaal de compositie; kniel met een knie op de grond en houd uw rug
recht.
Diafragma
Het diafragma is de lensopening en bepaalt hoeveel licht er in de
camera binnenvalt. Dit is een van de drie factoren die de belichting
bepalen. De diafragmamodule bestaat uit dunne metalen bladen die
openen en sluiten om meer of minder licht door de opening
(het diafragma) de camera te laten binnenvallen. De formaat van het
diafragma hangt nauw met de helderheid van de foto samen: hoe groter
het diafragma, des te helderder de foto; hoe kleiner het diafragma, des
te donkerder de foto.
Diafragmagrootten
Minimaal diafragma
Gemiddeld diafragma
Donkere foto
(diafragma een klein beetje open)
Maximaal diafragma
Heldere foto
(diafragma wijd open)
14
Fotografie-concepten en conventies
Het formaat van het diafragma wordt aangeduid met een waarde
die bekend staat als een 'F-getal'. Het f-getal staat voor de
brandpuntsafstand gedeeld door de diameter van de lens. Als
bijvoorbeeld een lens met een brandpuntsafstand van 50 mm een
diafragma-aanduiding van F2 (of f/2) heeft, is de diameter van het
diafragma 25 mm (50 mm/25 mm=F2). Hoe kleiner het f-getal, des te
groter het diafragma.
De opening in het diafragma wordt beschreven als de belichtingwaarde
(EV, Exposure Value). Het verdubbelen van de belichtingswaarde
(+1 EV) betekent dat de hoeveelheid binnenvallend licht verdubbelt.
En met het verlagen van de belichtingswaarde (-1 EV) wordt de
hoeveelheid binnenvallend licht gehalveerd. U kunt tevens de
belichtingscompensatiefunctie gebruiken om de hoeveelheid licht
nauwkeurig te regelen door de belichtingswaarden op te delen in 1/2,
1/3 EV, enzovoort.
+1 EV
F1.4
U kunt de achtergrond van een foto vervagen of verscherpen met
behulp van het diafragma. Het diafragma hangt nauw samen met de
scherptediepte (het gebied in een foto dat scherp is).
Foto met een grote scherptediepte
Foto met een kleine scherptediepte
De diafragmamodule bevat verscheidene bladen. Deze bladen bewegen
samen en regelen de hoeveelheid licht die er door het midden van het
diafragma valt. Het aantal bladen is tevens van invloed op de vorm van licht
in nachtelijke opnamen. Als een diafragma een even aantal bladen heeft,
wordt het licht in een zelfde aantal delen verdeeld. Is het aantal bladen
oneven, dan is het aantal lichtdelen dubbel de hoeveelheid bladen.
-1 EV
F2
Diafragma en scherptediepte
F2.8
F4
F5.6
F8
Een diafragma met 8 bladen verdeelt het licht bijvoorbeeld in 8 delen en een
diafragma met 7 bladen verdeelt het licht in 14 delen.
Stappen van de belichtingswaarde
7 bladen
8 bladen
15
Fotografie-concepten en conventies
Hoe korter de sluitertijd, hoe minder licht binnenvalt. Hoe langer de
sluitertijd, hoe meer licht binnenvalt.
Sluitertijd
De sluitertijd is de hoeveelheid tijd die nodig is om de sluiter te openen
en te sluiten. Dit is een belangrijke factor voor de helderheid van een
foto, aangezien hiermee de hoeveelheid licht wordt geregeld die door
het diafragma op de beeldsensor valt.
Meestal kan de sluitertijd handmatig worden ingesteld. De maateenheid
van de sluitertijd wordt wel de 'belichtingswaarde' (EV, exposure value)
genoemd. Deze wordt geregeld in intervallen van 1 s, 1/2 s, 1/4 s,
1/8 s, 1/15s, 1/1000 s, 1/2000 s, enzovoort.
Zoals op de onderstaande foto's te zien is, valt er met een lange
sluitertijd meer licht binnen, waardoor de foto helderder wordt. En
met een kortere sluitertijd valt er minder licht naar binnen en wordt de
foto donkerder, maar is het ook eenvoudiger om de beweging van het
onderwerp te bevriezen.
+1 EV
Belichting
-1 EV
0,8 s
1s
1/2 s
1/4 s
1/8 s
1/15 s
0,004 s
1/30 s
Sluitertijd
16
Fotografie-concepten en conventies
ISO-waarde
De belichting van een beeld wordt bepaald door de gevoeligheid van de
camera. Deze gevoeligheid wordt gebaseerd op internationale normen
uit het tijdperk van analoge film, de ISO-waarden. Bij digitale camera's
wordt deze gevoeligheidsindex gebruikt voor de gevoeligheid van de
digitale sensor die het beeld opvangt.
Als de ISO-waarde verdubbelt, wordt de camera dubbel zo gevoelig
voor licht. Met een waarde van ISO 200 kunnen er bijvoorbeeld twee
keer zo snel foto's worden gemaakt als met ISO 100. Hogere
ISO-waarden kunnen echter tot 'ruis' leiden, kleine deeltjes in een
foto die de opname een korrelig aanzien geven. In de regel is het het
beste om een lage ISO-waarde te gebruiken, tenzij u in een donkere
omgeving of 's nachts fotografeert.
Aangezien een lage ISO-waarde betekent dat de camera minder
gevoelig voor licht is, hebt u meer licht nodig om een optimale belichting
te bereiken. Open daarom bij een lage ISO-waarde het diafragma
verder of gebruik een langere sluitertijd om te zorgen dat er meer licht
de camera binnenvalt. Op een zonnige dag, als er een overvloed aan
licht is, hoeft een lage ISO-waarde niet vergezeld te gaan van een
lange sluitertijd. Op donkere plaatsen echter, of 's nachts, zal een lage
ISO-waarde in combinatie met een lange sluitertijd resulteren in een
onscherpe foto.
Foto op statief gemaakt met een hoge
ISO-waarde
Onscherpe foto met een lage
ISO-waarde
Veranderingen in de kwaliteit en helderheid door de ISO-waarde
17
Fotografie-concepten en conventies
Hoe diafragma, sluitertijd en ISO-waarde
de belichting beïnvloeden
Diafragma, sluitertijd en ISO-waarde hangen in de fotografie nauw
met elkaar samen. De diafragma-instelling regelt de formaat van
de lensopening waardoor het licht de camera binnenvalt, terwijl de
sluitertijd bepaalt hoe lang dat licht naar binnen mag vallen.
De ISO-waarde bepaalt de snelheid waarmee de film op licht reageert.
Samen bepalen deze drie elementen de belichting van een foto.
Een aanpassing van de sluitertijd, het diafragma of de ISO-waarde kan
met een aanpassing van een van de andere twee elementen worden
gecompenseerd, zodat de belichting gelijk blijft. De resultaten in het
beeld verschillen echter, afhankelijk van de gekozen instellingen. De
sluitertijd is bijvoorbeeld het element waarmee beweging in het beeld
wordt geregeld, het diafragma regelt de scherptediepte en met de
ISO-waarde kan de hoeveelheid korrel in een foto worden veranderd.
Instellingen
Resultaat
Instellingen
Sluitertijd
Resultaat
Hoge snelheid
= minder licht
Lage snelheid
= meer licht
Kort = stil
Lang = vaag
ISO-waarde
Hoge ISO-waarde
= gevoeliger voor
licht
Lage ISO-waarde
= minder gevoelig
voor licht
Hoog = korreliger
Laag = minder korrelig
Diafragmawaarde
Wijd diafragma
= meer licht
Nauw diafragma
= minder licht
Wijd = kleine scherptediepte
Smal = grote scherptediepte
18
Fotografie-concepten en conventies
Samenhang tussen brandpuntsafstand,
beeldhoek en perspectief
Lange brandpuntsafstand
De brandpuntsafstand, uitgedrukt in millimeters, is de afstand
tussen het midden van de lens en het brandpunt. Dit is van invloed
op de beeldhoek en het perspectief van de opname. Een korte
brandpuntsafstand vertaalt zich in een grote hoek, waarmee
groothoekopnamen van een breed gebied worden gemaakt. Een
lange brandpuntsafstand vertaalt zich in een kleine hoek, waarmee
teleopnamen van een klein gebied worden gemaakt.
telefotolens
telefoto-opname
nauwe beeldhoek
Korte brandpuntsafstand
Bekijk de verschillen in de onderstaande foto's.
groothoeklens
groothoekopname
grote hoek
20 mm hoek
50 mm hoek
200 mm hoek
Normaal gesproken is een lens met een grote hoek geschikt voor
landschapsfoto's en wordt een lens met een nauwe hoek aanbevolen voor
sportevenementen en portretten.
19
Fotografie-concepten en conventies
Wat bepaalt de vervagingseffecten?
Scherptediepte
Portretten of stillevens worden meestal als mooi ervaren als de
achtergrond onscherp is, zodat het onderwerp goed naar voren komt.
Afhankelijk van het scherpgestelde gebied, kan een foto wazig of
scherp zijn. Dit wordt de scherptediepte genoemd (Engels: DOF, ‘depth
of field’).
De scherptediepte is het gebied rond het onderwerp dat scherp in beeld
is. Een kleine scherptediepte duidt op een klein gebied dat scherp is en
een grote scherptediepte op een groot gebied dat scherp in beeld is.
Scherptediepte is afhankelijk van de diafragmawaarde
Hoe wijder het diafragma is (hoe lager de diafragmawaarde), des te
kleiner de scherptediepte. Sluitertijd en ISO-waarde hebben geen
invloed op de scherptediepte; alleen de formaat van het diafragma heeft
dat.
Een foto met een kleine scherptediepte, waarbij het onderwerp duidelijk
naar voren springt en de rest onscherp is, kan worden gemaakt met
een telelens of door een lage diafragmawaarde in te stellen. Een foto
met een grote scherptediepte, waarbij alle elementen in de foto scherp
in beeld zijn, kan worden gemaakt met een groothoeklens of door een
hoge diafragmawaarde in te stellen.
20 mm F5.7
Kleine scherptediepte
50 mm F22
Grote scherptediepte
20
Fotografie-concepten en conventies
Scherptediepte is afhankelijk van de brandpuntsafstand
Hoe langer de brandpuntsafstand, des te kleiner de scherptediepte.
Een telelens met een langere brandpuntsafstand is beter om een foto
met een kleine scherptediepte te maken dan een telelens met een
kortere brandpuntsafstand.
Scherptediepte hangt samen met de afstand tussen
onderwerp en camera
Hoe korter de afstand tussen onderwerp en camera, des te kleiner de
scherptediepte. Hierdoor kan een foto die van dichtbij wordt gemaakt
een kleine scherptediepte opleveren.
Een foto genomen met een 100 mm telelens
Een foto gemaakt met een 20 mm
telelens
Een foto gemaakt met een 100 mm
telelens
Een foto die dichtbij het onderwerp is genomen
21
Fotografie-concepten en conventies
Scherptediepte bekijken
Met de knop Aangepast kunt u van tevoren zien hoe de foto gaat
worden. Wanneer u op deze knop drukt, wordt het diafragma op de
ingestelde waarde gezet (de lensopening wordt kleiner) en worden de
resultaten op het scherm weergegeven. Stel de functie van de knop
Aangepast in op Optisch voorb.. (pag. 128)
Compositie
Het is leuk om de schoonheid om ons heen met een camera vast te
leggen. Maar hoe mooi iets ook is, met een slechte compositie kan de
foto toch lelijk worden.
Bij de compositie is het van groot belang om onderwerpen prioriteit te
geven.
Met compositie wordt de plaatsing van de verschillende elementen in
het beeld bedoeld. Meestal levert een compositie volgens de regel van
derden een plezierig resultaat.
De regel van derden
De regel van derden deelt het beeldvlak op in een patroon van drie keer
drie gelijke rechthoeken.
Als u het onderwerp in de compositie wilt benadrukken, is het aan
te raden om het op een van de hoeken van de centrale rechthoek te
plaatsen.
22
Fotografie-concepten en conventies
Met behulp van de regel van derden maakt u foto's met interessante
composities die in balans zijn. Hier ziet u een paar voorbeelden.
Foto's met twee onderwerpen
Als het onderwerp zich in een hoek van de foto bevindt, heeft dat het
effect dat de foto uit balans is. U kunt de foto in balans brengen door
een tweede onderwerp in de tegenoverliggende hoek te plaatsen, om
zo het gewicht van het beeld te verdelen.
Onderwerp 2
Onderwerp 1
Instabiel
Onderwerp 2
Onderwerp 1
Stabiel
Bij landschapsfoto's brengt een horizon in het midden het beeld uit
balans. Geef de foto meer gewicht door de horizon omhoog of omlaag
te brengen.
Onderwerp 1
Onderwerp 1
Onderwerp 2
Onderwerp 2
Instabiel
Stabiel
23
Fotografie-concepten en conventies
Richtgetal van flitser
Flitser
Licht is een van de belangrijkste elementen in fotografie. Het is echter
niet eenvoudig om altijd en overal voldoende licht te hebben. Met
een flitser kunt u de lichtinstellingen optimaliseren en diverse effecten
bereiken.
Een flitser kan u helpen de juiste belichting te creëren in situaties waarin
weinig licht aanwezig is. Het is ook handig in situaties waarin juist erg
veel licht aanwezig is. U kunt een flitser bijvoorbeeld gebruiken om de
belichting van de schaduw van een onderwerp te compenseren of om
bij tegenlicht zowel het onderwerp als de achtergrond duidelijk vast te
leggen.
Het modelnummer van een flitser verwijst naar de kracht van de flitser
en de maximale lichtopbrengst wordt aangegeven met een waarde die
'richtgetal' wordt genoemd. Hoe hoger het richtgetal is, des te groter
de lichtopbrengst van de flitser is. Het richtgetal wordt verkregen door
de afstand van de flitser tot het onderwerp te vermenigvuldigen met de
diafragmawaarde wanneer de ISO-waarde is ingesteld op 100.
Richtgetal = afstand van flitser tot onderwerp X diafragmawaarde
Diafragmawaarde = richtgetal / afstand van flitser tot onderwerp
Afstand van flitser tot onderwerp = richtgetal / diafragmawaarde
Als u het richtgetal van een flitser kent, kunt u daarom de optimale
afstand van de flitser tot het onderwerp schatten wanneer u de
flitser handmatig instelt. Als een flitser bijvoorbeeld het richtgetal
20 heeft en de afstand tot het onderwerp 4 meter is, is de optimale
diafragmawaarde F5.0.
Vóór correctie
Na correctie
24
Fotografie-concepten en conventies
Bounce-fotografie
Bounce-fotografie is een methode van fotograferen waarbij het licht
naar het plafond of de muren wordt geleid, zodat het licht gelijkmatig
wordt verspreid over het onderwerp. Foto's die met een flitser zijn
genomen kunnen er onnatuurlijk uitzien en schaduwen werpen.
Onderwerpen in foto's die met bounce-fotografie zijn gemaakt, werpen
geen schaduwen en zien er vloeiend uit door het gelijkmatig verspreide
licht.
25
Hoofdstuk 1
Mijn camera
Hier leest u alles over de indeling van de camera, de pictogrammen, basisfuncties en optionele
accessoires.
Mijn camera
Aan de slag
Uitpakken
Controleer of de doos de volgende artikelen bevat:
Camera
(inclusief bodydop
en hot-shoe-bescherming)
Batterijhouder/voedingskabel
Externe flitser
Software-cd-rom
(met gebruiksaanwijzing)
USB-kabel
DVD-ROM met Adobe
Photoshop Lightroom
Oplaadbare batterij
Snelstartgids
Polslus
• De afbeelding kan afwijken van de werkelijke artikelen.
• U kunt optionele accessoires aanschaffen bij een wederverkoper of een servicecenter van Samsung.
Samsung is niet verantwoordelijk voor schade die door het gebruik van niet goedgekeurde accessoires ontstaat.
Zie pagina 173 voor informatie over accessoires.
27
Mijn camera
Onderdelen en functies
1
2
3
Nr.
Modusdraaiknop
• t: Smart Auto-modus
12
11
10
9
Naam
•
•
4
5
6
7
8
1
2
•
•
•
•
•
•
•
(pag. 43)
P: Programmamodus (pag. 44)
A: Diafragmaprioriteitmodus
(pag. 45)
S: Sluitervoorkeuzemodus (pag. 45)
M: Handmatige modus (pag. 46)
i: Lensvoorkeuzemodus (pag. 47)
g: Magische modus (pag. 50)
s: Scènemodus (pag. 51)
v: Filmmodus (pag. 54)
B: Wi-Fi (pag. 100)
Nr.
Naam
7
Lensontgrendelknop
8
Lensvatting
9
Lensvattingmarkering
10
AF-hulplampje/Timerlampje
11
Aan/uit-schakelaar
12
Ontspanknop
SMART LINK-knop
Een gewenste Wi-Fi-functie starten.
(pag. 30)
3
Microfoon
4
Oogje voor de polslus van de camera
5
Luidspreker
6
Beeldsensor
28
Mijn camera >
Onderdelen en functies
1 2
3
Nr.
4
5
6
7
12
Naam
1
Hot-shoe-bescherming
2
Hot-shoe
3
4
Nr.
8
Interne antenne
11 10
9
5
Navigatieknop (Slimme draaiknop)
• In de opnamemodus
- D: camera-instellingen weergeven
Video-opnameknop
Een video opnemen.
6
Fn-knop
Belangrijke functies openen en bepaalde
instellingen preciezer afstellen.
o-knop
• Op het menuscherm: de
7
functie uitvoeren. (pag. 128)
verwijderen.
* Vermijd contact met de internet antenne
wanneer u het draadloze netwerk gebruikt.
De status van de camera aangeven.
• Knippert: wanneer een foto wordt
opgeslagen, een video wordt
opgenomen, gegevens naar
een computer of printer worden
verzonden, verbinding met een WLAN
wordt gemaakt of een foto wordt
verzonden.
• Continu aan: wanneer er geen
gegevensoverdracht plaatsvindt of de
overdracht van gegevens naar een
computer of printer is voltooid.
Knop Verwijderen/Aangepast
• In de opnamemodus: de toegewezen
• In de afspeelmodus: bestanden
en opties wijzigen
Statuslampje
8
Naam
- I: de belichtingswaarde instellen/
9
in M-modus een diafragmawaarde of
sluitertijd selecteren
- C: een snelheidsoptie selecteren
- F: een AF-modus selecteren
• In andere situaties
Respectievelijk omhoog, omlaag,
naar links en naar rechts gaan.
(U kunt ook de navigatieknop draaien
om door schermen te bewegen of
door bestanden te scrollen.)
10
Weergaveknop
11
MENU-knop
12
Statiefbevestigingspunt
De afspeelmodus openen.
Opties of menu's openen.
geselecteerde opties opslaan.
• In de opnamemodus: handmatig
een scherpstelgebied selecteren in
bepaalde opnamemodi.
29
Mijn camera >
Onderdelen en functies
Nr.
1
1
2
4
Naam
USB- en sluiterknoppoort
De camera aansluiten op een computer of ontspanknop. U kunt een ontspanknopkabel en
een statief gebruiken om ervoor te zorg dat de camera zo min mogelijk beweegt.
2
HDMI-aansluiting
3
Batterij-/geheugenkaartklepje
4
Scherm
Een geheugenkaart en batterij plaatsen.
3
De knop SMART LINK gebruiken
U kunt de Wi-Fi-functie eenvoudig inschakelen met de knop SMART LINK.
Druk op de knop SMART LINK om de aangegeven Wi-Fi-functie te activeren.
De ring rond de knop gaat branden en de camera activeert de aangegeven
functie.
Een SMART LINK-optie instellen
U kunt instellen dat een Wi-Fi-functie wordt gestart wanneer u op de knop SMART LINK drukt.
Een SMART LINKoptie instellen:
Druk in de opnamemodus op [m] → X → Toetsafbeelding → SMART LINK →
een optie.
30
Mijn camera
Pictogrammen op het scherm
In de opnamemodus
Pictogram Beschrijving
Foto's maken
1
London
2
3
1. Opname-instellingen (links)
Pictogram Beschrijving
Fotoformaat
Fotokwaliteit
Scherpstelgebied
Gezichtsdetectie
AF-modus (pag. 65)
Flitssterkte
Peilmeter (pag. 32)
Meten (pag. 79)
Bewegingsonscherpte
Witbalans (pag. 61)
Histogram (pag. 127)
Fijnafstelling witbalans
Opnamemodus
Gezichtstint
Scherpstelling
Gezicht retoucheren
Flitserindicator
Fotowizard (pag. 64)
Sluitertijd
Intelligent filter (pag. 50)
Diafragma
Magisch kader (pag. 50)
Belichtingswaarde (over-/onderbelicht)
Kleurselectie (pag. 83)
ISO-gevoeligheid (pag. 60)
Beschrijving
Geheugenkaart niet geplaatst***
Resterend aantal foto's
Z-verhouding
•
•
•
AutoShare aan
GPS actief*
Datum
HDR-bereik (pag. 82)
Tijd
Optische beeldstabilisatie (OIS) (pag. 71)
Locatie-informatie*
Pictogram Beschrijving
Snelheidsmodus
Vergrendeling automatische
belichting (pag. 86)
Z aan
Kleurruimte
2. Opname-instellingen (rechts)
Beschrijving
Afstandsschaal (pag. 127)
3. Opnamegegevens
Pictogram
Pictogram
Flitseroptie
Hulpbalk voor scherpstellen
(pag. 70)**
Autofocuskader
Spotmetingsgebied
: volledig opgeladen
: gedeeltelijk opgeladen
(rood): leeg (de batterij opladen)
* Deze pictogrammen worden weergegeven wanneer u een
optionele GPS-module aansluit.
** Dit pictogram verschijnt wanneer u de FA-optie of de
functie MF-help selecteert.
*** Foto's die zijn gemaakt zonder een geheugenkaart te
plaatsen, kunnen niet worden afgedrukt of overgebracht
naar een geheugenkaart of een computer.
Welke pictogrammen worden weergegeven,
is afhankelijk van de geselecteerde modus en
de ingestelde opties.
31
Mijn camera >
Pictogrammen op het scherm
Video's opnemen
2. Opname-instellingen (rechts)
Pictogram Beschrijving
1
Timer
Meten (pag. 79)
Witbalans (pag. 61)
2
3. Opnamegegevens
Pictogram
1. Opname-instellingen (links)
Pictogram Beschrijving
Beschikbare opnametijd
•
•
•
: volledig opgeladen
: gedeeltelijk opgeladen
(rood): leeg (de batterij
opladen)
Welke pictogrammen worden weergegeven, is
afhankelijk van de geselecteerde modus en de
ingestelde opties.
Beschrijving
Datum
Over de peilmeter
Tijd
Automatische scherpstelling
ingeschakeld
Histogram (pag. 127)
Videoformaat
Sluitertijd
Videokwaliteit
Diafragma
Multi Motion
AF-modus (pag. 65)
Belichtingswaarde
(over-/onderbelicht)
In-/uitfaden (pag. 88)
ISO-waarde
Spraakopname aan (pag. 88)
Vergrendeling automatische
belichting (pag. 86)
Optische beeldstabilisatie (OIS)
(pag. 71)
Beschrijving
Fotowizard (pag. 64)
Kleurselectie (pag. 83)
3
Pictogram
Film AE-modus
Met de peilmeter kunt u de camera uitlijnen met
de horizontale en verticale lijnen op het scherm.
Als de niveaumeter niet waterpas is, kunt u
deze kalibreren met de functie Horizontale
kalibratie. (pag. 131)
Verticaal
Geheugenkaart niet geplaatst
Horizontaal
▲ Waterpas
▲ Niet waterpas
32
Mijn camera >
Pictogrammen op het scherm
In de afspeelmodus
1
Foto's weergeven
London
Modus
L.meting
Flitser
Brandpuntafst.
Witbalans
EV
Fotowizard
Formaat
Datum
Pictogram
Video's afspelen
2
Informatie
Beschrijving
Volume
Bestand vastgelegd met continue
opnamefunctie
Locatie-informatie
RAW-bestand
3D-bestand
Afdrukinformatie aan bestand toegevoegd
(pag. 138)
Filmformaat
Datum
3
4
Nr.
1
2
Beschrijving
Stop
Pauze
Pictogram
Beschrijving
Genomen foto
Afspeelsnelheid
RGB-histogram (pag. 127)
Volume
Opnamemodus, Lichtmeting, Flitser,
Witbalans, Fotowizard, Scherpstelbereik,
Belichtingswaarde, Fotoformaat, Datum
Mapnummer - Bestandsnummer
3
4
Sluitertijd, Diafragma, ISO-waarde, Huidige
Bestand/totaalaantal bestanden
Multi Motion
Huidig afspeeltijdstip
Lengte van de video
Beveiligd bestand
Mapnummer - Bestandsnummer
Locatie-informatie
Sluitertijd
Diafragma
ISO-waarde
Huidig bestand/totaalaantal bestanden
33
Mijn camera
Lenzen
U kunt optionele lenzen aanschaffen die exclusief voor de NX-camera
zijn gemaakt. Hier leest u over de functies en voorzieningen van de
lenzen, zodat u er een kunt aanschaffen die aan uw wensen voldoet.
Lensindeling
SAMSUNG 20-50 mm F3.5-5.6 ED II lens (voorbeeld)
7
Nr.
Beschrijving
1
2
Lensvattingmarkering
3
Lens
4
Scherpstelring (pag. 66)
5
i-Function-knop (pag. 48)
6
Zoomring
7
Lenscontactpunten
Zoomvergrendelingsknop
1
Wanneer de lens niet in gebruik is, moeten de lensdop en vattingdop erop
bevestigd zijn om de lens tegen stof en krassen te beschermen.
2
6
3
5
4
34
Mijn camera >
Lenzen
De lens vergrendelen of ontgrendelen
U ontgrendelt de lens door de zoomring linksom te draaien totdat u een
klik hoort.
U vergrendelt de lens door de zoomvergrendelingsknop in te drukken en
van de camera af te schuiven en de zoomring rechtsom te draaien.
U kunt geen foto maken wanneer de lens is vergrendeld.
35
Mijn camera >
Lenzen
SAMSUNG 18-55 mm F3.5-5.6 OIS III-lens (voorbeeld)
8
1
2
SAMSUNG 16 mm F2.4-lens (voorbeeld)
5
1
2
3
3
4
4
5
6
7
Nr.
Beschrijving
1
2
Lensvattingmarkering
1
2
3
Zoomring
4
Lens
3
Scherpstelring (pag. 66)
5
Lenscontactpunten
4
Markering zonnekapbevestiging
5
Lens
6
i-Function-knop (pag. 48)
7
AF/MF-schakelaar (pag. 65)
8
Lenscontactpunten
Nr.
Beschrijving
i-Function-knop (pag. 48)
Lensvattingmarkering
Scherpstelring (pag. 66)
36
Mijn camera >
Lenzen
Markeringen op de lens
Hier leest u wat de nummers op de lens inhouden.
Nr.
1
SAMSUNG 18-200 mm F3.5-6.3 ED OIS-lens (voorbeeld)
Beschrijving
Diafragmawaarde
De ondersteunde maximale diafragmawaarden. 1:3.5-6.3 betekent
bijvoorbeeld een maximale diafragmawaarde van 3,5 tot 6,3.
Brandpuntsafstand
2
De afstand van het brandpunt van de lens tot het beeldvlak (in
millimeter). Dit getal wordt als een bereik aangegeven: minimale
brandpuntsafstand tot maximale brandpuntsafstand.
Grotere brandpuntsafstanden resulteren in een kleinere
beeldhoek en een grotere weergave van het onderwerp. Kleinere
brandpuntsafstanden resulteren in een grotere beeldhoek.
ED
3
1
2
3 4 5
ED staat voor Extra-low Dispersion (extra lage brekingsindex).
Glas met een extra lage brekingsindex is effectief tegen chromatische
abberatie (kleurschifting). Dit is een vervorming die optreedt wanneer
de lens niet alle kleuren in hetzelfde convergentiepunt kan laten
samenkomen.
OIS (pag. 71)
4
5
Optische beeldstabilisatie (Optical Image Stabilization). Lenzen met
deze voorziening kunnen het trillen van de camera detecteren en
deze beweging in de camera opheffen.
Ø
De lensdiameter. Wanneer u een filter voor de lens wilt plaatsen,
moet deze dezelfde diameter als de lens hebben.
37
Mijn camera
Accessoires
U kunt accessoires gebruiken zoals de externe flitser en GPS-module
waarmee u beter en eenvoudiger foto's kunt maken.
Raadpleeg de gebruiksaanwijzing van een accessoire voor meer
informatie over optionele accessoires.
• De afbeeldingen kunnen afwijken van de werkelijke artikelen.
• U kunt door Samsung goedgekeurde accessoires aanschaffen bij een
wederverkoper of een servicecenter van Samsung. Samsung is niet
verantwoordelijk voor schade die door het gebruik van accessoires van
derden ontstaat.
Onderdelen van externe flitser
SEF220A (voorbeeld) (optioneel)
7
8
1
2
3
6
5
4
Nr.
9
Beschrijving
1
Pictogrammen op het scherm
2
READY-lampje/testknop
3
MODE-knop
4
Flitserontspanknop
5
Power-knop
6
Batterijklepje
7
Lamp
8
Modusschakelknop voor telelens/groothoeklens (TELE/WIDE)
9
Hot shoe-aansluiting
38
Mijn camera >
Accessoires
SEF8A (voorbeeld)
De flitser aansluiten
1
1
Verwijder de klep van de hot shoe van de camera.
2
Sluit de flitser aan door deze in de hot shoe te schuiven.
2
3
Nr.
Beschrijving
1
Lamp
2
Vastzetring voor hot shoe
3
Hot shoe-aansluiting
39
Mijn camera >
3
Accessoires
Vergrendel de flitser door de hot-shoe-vastzetring
rechtsom te draaien.
• U kunt een foto maken met een flitser die niet volledig is opgeladen, maar
het wordt aanbevolen een volledig opgeladen flitser te gebruiken.
• Ga naar de pagina met optionele accessoires voor informatie over de
beschikbare externe flitsers. (pag. 173)
• Afhankelijk van de opnamemodus kunnen de beschikbare opties
verschillen.
• Er zit een korte tijd tussen twee afgevuurde flitsen. Beweeg de camera niet
totdat de tweede flits is uitgevoerd.
• SEF8A is mogelijk niet compatibel met andere camera's uit de NX-serie.
• Raadpleeg de gebruiksaanwijzing van de flitser voor meer informatie over
optionele flitsers.
4
Klap de flitser omhoog voor gebruik.
Gebruik alleen door Samsung goedgekeurde flitsers. Gebruik van
incompatibele flitsers kan de camera beschadigen.
40
Mijn camera >
Accessoires
Indeling van GPS-module (optioneel)
1
De GPS-module aansluiten
1
Verwijder de klep van de hot shoe van de camera.
2
Bevestig de GPS-module door deze in de hot shoe te
schuiven.
2
3
4
5
Nr.
Beschrijving
1
Statuslampje
2
Power-knop
3
Vastzetring voor hot shoe
4
Hot shoe-aansluiting
5
Batterijklepje
41
Mijn camera >
Accessoires
3
Vergrendel de GPS-module door de snelvastzetring te
draaien in de richting van LOCK.
4
Druk op de Aan-knop van de GPS-module.
42
Mijn camera
Opnamemodi
Twee eenvoudige opnamemodi, Smart Auto en Scène, maken het u
gemakkelijk met tal van automatische instellingen. Andere modi bieden
weer de mogelijkheid om allerlei instellingen naar behoefte aan te
passen.
Pictogram
In de Smart Auto-modus detecteert de camera de
omgevingsomstandigheden en regelt het toestel zelf de instellingen
voor de belichting, zoals sluitertijd, diafragma, lichtmeting, witbalans en
belichtingscompensatie. Doordat de camera de meeste functies zelf
regelt, zijn bepaalde opnameopties beperkt. Deze modus is handig voor
snelle kiekjes zonder dat u daarbij allerlei dingen hoeft in te stellen.
Beschrijving
t
Smart Auto-modus (pag. 43)
P
Programmamodus (pag. 44)
A
Diafragmaprioriteitmodus (pag. 45)
S
Sluitervoorkeuzemodus (pag. 45)
M
Handmatige modus (pag. 46)
i
Lensvoorkeuzemodus (pag. 47)
g
Magische modus (pag. 50)
s
Scènemodus (pag. 51)
v
Filmmodus (pag. 54)
B
t Smart Auto-modus
De camera kan ook bij hetzelfde onderwerp verschillende scènes detecteren,
onder invloed van externe factoren zoals lichtval, afstand tot het onderwerp
en bewegingsonscherpte door het trillen van de camera.
Wi-Fi (pag. 100)
43
Mijn camera >
Opnamemodi
P Programmamodus
De camera regelt de sluitertijd en het diafragma automatisch voor een
optimale belichting.
Deze modus is handig als u opnamen met een constante belichting wilt
maken, maar wel andere instellingen wilt kunnen aanpassen.
Programmaverschuiving
Met de functie Programmaverschuiving kunt u zowel de sluitertijd als
de diafragmawaarde aanpassen terwijl de belichting van de camera
constant blijft. Als u de navigatieknop naar links draait, wordt de
sluitertijd korter en de diafragmawaarde groter. Als u de navigatieknop
naar rechts draait, wordt de sluitertijd langer en de diafragmawaarde
kleiner.
44
Mijn camera >
Opnamemodi
A Diafragmaprioriteitmodus
S Sluitertijdvoorkeuzemodus
In de Diafragmavoorkeuzemodus berekent de camera automatisch de
sluitertijd die bij het gekozen diafragma past. U kunt de scherptediepte
regelen door de diafragmawaarde te veranderen. Deze modus is handig
voor het maken van portretten en landschapsfoto's.
In de Sluitertijdvoorkeuzemodus berekent de camera automatisch het
diafragma dat bij de gekozen sluitertijd past. Deze modus is handig voor
foto's van snelbewegende objecten of om bewegingssporen vast te
leggen.
Als u het onderwerp wilt bevriezen, stelt u bijvoorbeeld een sluitertijd van
1/500 sec in. Wilt u het onderwerp vervagen, dan stelt u een sluitertijd
van 1/30 sec in.
Grote scherptediepte
Kleine scherptediepte
In omstandigheden met weinig omgevingslicht, moet u wellicht de
ISO-waarde verhogen om onscherpe foto's te voorkomen.
Lange sluitertijd
Korte sluitertijd
Als u de verminderde hoeveelheid licht die bij korte sluitertijden op de
beeldsensor valt wilt compenseren, opent u het diafragma verder om meer
licht binnen te laten. Zijn uw foto's nog steeds te donker, dan verhoogt u de
ISO-waarde.
45
Mijn camera >
Opnamemodi
M Handmatige modus
In de handmatige modus kunt u zowel diafragma als sluitertijd
handmatig instellen. Hiermee hebt u volledig controle over de belichting
van uw foto's.
Deze modus is handig in gecontroleerde opnamesituaties, zoals een
studio, of wanneer het noodzakelijk is om de belichting preciezer
af te stellen. De Handmatige modus is tevens aanbevolen voor
nachtopnamen of opnamen van vuurwerk.
Bulb gebruiken
Met bulb kunt u nachtopnamen of opnamen van een sterrenhemel
maken. Terwijl u op [Ontspanknop] drukt, blijft de sluiter geopend zodat
u speciale effecten met bewegend licht kunt maken.
Als u de Bulbstand wilt
gebruiken:
Druk op [I] om een sluitertijd te selecteren en draai de
navigatieknop linksom naar Bulb → Houd [Ontspanknop] de
gewenste tijd ingedrukt.
• Als u een hoge ISO-waarde instelt of de sluiter lang openzet, kan er meer
beeldruis optreden.
• De functie voor continuopnamen kan niet in combinatie met de functie Bulb
Kadermodus
worden gebruikt.
Wanneer u de diafragmawaarde of de sluitertijd aanpast, wordt de
belichting volgens de instellingen aangepast, zodat het scherm donker
kan worden. Als deze functie is ingeschakeld, is de helderheid van het
scherm constant ongeacht de instellingen, zodat u het beeld goed kunt
kadreren.
Als u de
kadermodus wilt
gebruiken:
Druk in de opnamemodus op [m] → K →
Afst. modus → een optie.
46
Mijn camera >
Opnamemodi
i Lensprioriteitsmodus
3
• Als u op [f] hebt gedrukt om E te selecteren, drukt u op
De E-modus gebruiken
[o] en draait u de navigatieknop of drukt u op [C/F] om een
optie te selecteren.
U kunt een geschikte scène (i-Scene) of filtereffect selecteren voor de
lens die u hebt bevestigd. Afhankelijk van de bevestigde lens kunnen de
beschikbare scènes en filtereffecten verschillen.
1
Draai de modusknop naar i.
2
Druk op [i-Function] op de lens om E te selecteren.
Pas de scherpstelring aan om een scène of filtereffect te
selecteren.
Tegenl.
• U kunt deze functie ook gebruiken door op [f] te drukken.
E
4
Druk [Ontspanknop] volledig in om een foto te maken.
Beschikbare scènemodi en filtereffecten (voor SAMSUNG 20-50 mm F3.55.6 ED II lens): Beautyshot, Portret, Kinderen, Tegenl., Landschap, Zon onder,
Dageraad, Strand/sneeuw, Nacht, Vignetten, Miniatuur, Visoog, Schets,
Anti-nevel, Halftoon
47
Mijn camera >
Opnamemodi
i-Function gebruiken in de modi PASM
3
Pas de scherpstelring aan om een optie te selecteren.
Wanneer u de i-Function-knop op een i-Function-lens gebruikt, kunt
u sluitertijd, diafragmawaarde, belichtingswaarde, ISO-waarde en
witbalans voor de lens handmatig selecteren en aanpassen.
1
Draai de modusknop naar P, A, S of M.
2
Druk op [i-Function] op de lens om een instelling te
selecteren.
AUTO
• U kunt ook de navigatieknop draaien of op [C/F] drukken om een
instelling te selecteren.
4
Druk [Ontspanknop] volledig in om een foto te maken.
AUTO
48
Mijn camera >
Opnamemodi
3
Beschikbare opties
P
A
S
M
Diafragmawaarde
-
O
-
O
Sluitertijd
-
-
O
O
Belichtingswaarde
(over-/onderbelicht)
O
O
O
-
ISO
O
O
O
O
Witbalans
O
O
O
O
Z
O
O
O
O
Opnamemodus
Als u de items wilt selecteren die moeten worden weergegeven wanneer u op
[i-Function] op de lens drukt in de opnamemodus, drukt u op [m] →
X → iFn aanpassen → een optie → [m].
Z gebruiken
Met Z kunt u inzoomen op een onderwerp met minder
kwaliteitsverlies dan met de digitale zoomfunctie. De fotoresolutie kan
echter anders zijn dan wanneer u inzoomt door de zoomring te draaien.
1
Draai de modusknop naar P, A, S, M of i.
2
Druk op [i-Function] op de lens om Z te selecteren.
Pas de scherpstelring aan om een optie te selecteren.
• De resolutie van de foto verschilt afhankelijk van de
zoomverhouding als u Z gebruikt.
3:2
16:9
1:1
x1.2
4560X3040
(13.9M)
4560X2568
(11.7M)
3040X3040
(9.2M)
x1.4
3888X2592
(10.1M)
3888X2184
(8.5M)
2592X2592
(6.7M)
x1.7
3264X2176
(7.1M)
3264X1840
(6.0M)
2176X2176
(4.7M)
x2
2736X1824
(5.0M)
2736X1536
(4.2M)
1824X1824
(3.3M)
Deze cijfers zijn gebaseerd op de maximale resolutie voor elke beeldverhouding.
4
Druk [Ontspanknop] volledig in om een foto te maken.
• Z is niet beschikbaar wanneer u serieopnamen vastlegt.
• Z is niet beschikbaar wanneer u foto's maakt in de bestandsindeling
RAW.
• Z wordt uitgeschakeld wanneer u video's opneemt door op de knop
voor video-opname te drukken.
• U kunt ook de navigatieknop draaien of op [C/F] drukken om
een instelling te selecteren.
49
Mijn camera >
Opnamemodi
g Magische modus
U kunt verschillende filtereffecten en kadereffecten toepassen op uw
foto's of video's om unieke afbeeldingen te maken. De vorm en het
uiterlijk van de foto's of video's verandert afhankelijk van het effect dat u
selecteert.
Een effect
instellen:
Druk in de opnamemodus op [f] → Magische modus →
Magisch kader of Intelligent filter → een gewenst effect.
• Als u Schets als filtereffect selecteert, wordt de grootte van de foto
automatisch gewijzigd in 5.9M en lager.
• Als u een frame-effect instelt, wordt de grootte van de foto automatisch
ingesteld op 2M.
• U kunt geen video's met een kadereffect opnemen.
• Als u een filtereffect instelt, is het formaat van de video 640X480 of lager.
50
Mijn camera >
Opnamemodi
s Scènemodus
In de Scènemodus selecteert de camera de beste instellingen voor het
desbetreffende type scène.
U kunt een gewenste scène selecteren door in de opnamemodus op
[f] te drukken.
Pictogram
Beschrijving
Panorama: een 2D- of
3D-panoramafoto maken.
Vastgelegde 3D-panoramafoto's
kunnen alleen worden
weergegeven op een 3D-televisie.
• Het maximumformaat van een 2D-panoramafoto is
•
•
•
•
8000 X 1152 (horizontaal) en 1728 X 4752 (verticaal).
Het maximumformaat van een 3D-panoramafoto is
3300 X 768 (horizontaal).
In de panoramamodus zijn bepaalde opname-opties niet
beschikbaar.
De compositie van de opname of de beweging van het
onderwerp kunnen een reden zijn waarom de camera
stopt met het maken van opnamen.
In de panoramamodus legt de camera de laatste scène
mogelijk niet volledig vast als u ophoudt met het bewegen
van de camera om de fotokwaliteit te verbeteren. Als u de
volledige scène wilt vastleggen, beweegt u de camera iets
verder dan het punt waar u de scène wilt eindigen.
Pictogram
Beschrijving
• In de 3D-panoramamodus legt de camera mogelijk het
begin van het einde van een scène niet vast vanwege
de aard van het 3D-effect. Als u de volledige scène wilt
vastleggen, beweegt u de camera iets voorbij het beginen eindpunt dat u wilt vastleggen.
• In de 3D-panoramamodus worden foto's vastgelegd met
de bestandsindelingen JPEG en MPO.
• U kunt een MPO-bestand dat het 3D-effect ondersteunt,
alleen weergeven op een MPO-compatibel scherm, zoals
een 3D-televisie of 3D-monitor. Op het scherm van de
camera kunt u alleen JPEG-bestanden weergeven.
• Gebruik een 3D-bril wanneer u een MPO-bestand
weergeeft op een 3D-televisie of 3D-monitor.
Beautyshot: imperfecties in het
gezicht verbergen.
Nacht: scènes 's nachts of
bij weinig licht vastleggen.
Gebruik een statief om
bewegingsonscherpte bij een lage
sluitertijd te voorkomen.
51
Mijn camera >
Opnamemodi
Pictogram
Beschrijving
Pictogram
Beschrijving
Landschap: stillevens en
landschapsfoto's maken.
Close-up: details van een
onderwerp of kleine onderwerpen,
zoals bloemen en insecten,
vastleggen.
Portret: menselijke gezichten
automatisch detecteren en daarop
scherpstellen zodat het resultaat
een helder, zacht portret is.
Tekst: tekst in drukwerk of
elektronische documenten
duidelijk leesbaar vastleggen.
Kinderen: kinderen beter laten
opvallen door hun kleding en
de achtergrond levendig vast te
leggen.
Zon onder: zonsondergangen
met natuurlijke rood- en geeltinten
vastleggen.
Sport: snel bewegende
onderwerpen vastleggen.
Dageraad: zonsopgangen
vastleggen.
52
Mijn camera >
Opnamemodi
Pictogram
Beschrijving
Tegenl.: onderwerpen met
tegenlicht vastleggen.
Vuurwerk: 's nachts kleurig
vuurwerk vastleggen. Gebruik een
statief om te voorkomen dat de
camera beweegt.
Strand/sneeuw: onderbelichting
voorkomen door de reflectie van
zonlicht op zand of sneeuw.
3D: vastgelegde 3D-foto's
die alleen kunnen worden
weergegeven op een 3D-televisie.
(pag. 136)
53
Mijn camera >
Opnamemodi
v Filmmodus
In de filmmodus kunt u video's opnemen in high-definition (1920X1080)
en het geluid vastleggen via de microfoon van de camera.
U kunt het belichtingsniveau aanpassen door Programma te
selecteren in het optiemenu van Film AE-modus zodat de
diafragmawaarde en sluitertijd automatisch kunnen worden ingesteld
of door Diafragmaprioriteit te selecteren om de diafragmawaarde
handmatig in te stellen. U kunt ook Sluiterprioriteit selecteren om
de sluitertijd handmatig in te stellen of Handmatig selecteren om de
diafragmawaarde en sluitertijd handmatig in te stellen. Druk tijdens
het opnemen van een video op [F] om de AF-functie in of uit te
schakelen.
• H.264 (MPEG-4 part10/AVC) is de nieuwste videocoderingsindeling die
•
•
•
•
•
Selecteer In-/uitfaden om een scène in of uit te faden. U kunt ook
Spraak selecteren om spraak te dempen of het dempen op te heffen.
•
U kunt videobestanden met een maximale duur van 25 minuten
opnemen bij 30 of 24 fps en de bestanden opslaan in MP4-indeling
(H.264). 24 fps is alleen beschikbaar met 1920X810.
•
•
•
•
in 2003 is ontwikkeld door ISO-IEC en ITU-T. Aangezien deze indeling
een hoof compressieniveau gebruikt, kunnen er meer gegevens worden
opgeslagen op minder geheugenruimte.
Als u tijdens de video-opname de beeldstabilisatie hebt ingeschakeld, kan
het geluid hiervan in de opname hoorbaar zijn.
Het zoomgeluid en andere lensgeluiden kunnen worden opgenomen als u
de lens aanpast terwijl u een video opneemt.
Wanneer u een optionele videolens gebruikt, wordt het autofocusgeluid
niet opgenomen.
Als u tijdens het opnemen van een video de lens verwijdert, wordt de
opname onderbroken. Verwissel de lens niet tijdens het opnemen.
Als u tijdens het opnemen van een video een externe microfoon aansluit,
wordt het geluid niet opgenomen via de externe microfoon. (De eerdere
instellingen blijven behouden.) Als u tijdens het opnemen van een video de
externe microfoon verwijdert, wordt het geluid niet opgenomen. Schakel
de camera uit voordat u de externe microfoon aansluit of verwijdert.
Als u tijdens het opnemen van een video plotseling van beeldhoek
verandert, kan het zijn dat de camera de beelden niet nauwkeurig kan
vastleggen. Gebruik een statief om bewegingsonscherpte te voorkomen.
In de Filmmodus ondersteunt de camera alleen Multi AF. Andere opties
voor het scherpstelgebied, zoals Gezichtsdetectie, kunnen niet worden
gebruikt.
Wanneer een filmbestand groter dan 4 GB wordt, wordt de opname
automatisch gestopt. In dat geval kunt u doorgaan door een nieuwe
filmopname te starten.
Bij geheugenkaarten met een lage schrijfsnelheid, kan het gebeuren dat
de opname wordt onderbroken doordat de kaart het tempo waarin de film
wordt opgenomen niet kan bijhouden. Vervang in dat geval de kaart door
een snellere, of verklein het beeldformaat (bijvoorbeeld van 1280X720 naar
640X480).
Formatteer de geheugenkaart altijd in de camera. Als u de kaart in een
andere camera of op een pc formatteert, kunnen er bestanden op de kaart
verloren gaan of kan de capaciteit veranderen.
54
Mijn camera >
Opnamemodi
Beschikbare functies in de opnamemodus
Uitgebreide informatie over de opnamefuncties vindt u in hoofdstuk 2.
Functie
Beschikbaar in
Formaat (pag. 57)
P/A/S/M/i/g*/s*/
v/t
Kwalit. (pag. 59)
P/A/S/M/i/g*/s*/v
ISO (pag. 60)
P/A/S/M*/v*
Witbalans (pag. 61)
P/A/S/M/v
Fotowizard (pag. 64)
P/A/S/M/v
Kleurselectie (pag. 83)
P/A/S/M/v
AF-modus (pag. 65)
P/A/S/M/i*/g*/s*/v*
AF-gebied (pag. 67)
P/A/S/M/i*/s*
MF-help (pag. 70)
P/A/S/M/i/g*/s/v/
t
OIS (pag. 71)
P/A/S/M/i/g/s/v/
t
Snelheid (Continu/Burst/Timer/
Bracketing) (pag. 72)
P/A/S/M/i*/g*/s*/v*/
t*
Functie
Beschikbaar in
L.meting (pag. 79)
P/A/S/M/v
HDR-bereik (pag. 82)
P/A/S/M
Kleurruimte (pag. 84)
P/A/S/M/i/g/s/t
Flitser (pag. 76)
P*/A*/S*/M*/g*/s*/t*
Belichtingscompensatie (pag. 85)
P/A/S/i/g/s/v
Belichtingsvergendeling (pag. 86)
P/A/S/v*
Ruisonderdrukking (pag. 125)
P/A/S/M
* Sommige functies zijn in deze modi beperkt.
55
Hoofdstuk 2
Opnamefuncties
Hier vindt u informatie over de functies en instellingen van de opnamemodus.
Met de opnamefuncties hebt u uitgebreide controle over de manier waarop u foto's en video's maakt.
Opnamefuncties
Formaat
Als u de resolutie verhoogt, zullen de foto's en video's meer pixels
bevatten en daardoor groter kunnen worden afgedrukt en weergegeven.
Bij een hoge resolutie neemt ook de bestandsgrootte toe. Selecteer een
lage resolutie voor foto's die bedoeld zijn voor weergave in een digitale
fotolijst of op het web.
U stelt de formaat
als volgt in:
Druk in de opnamemodus op [f] → Fotoformaat of
Filmformaat → een optie.
Opties voor fotoformaat
Pictogram
Formaat
Aanbevolen voor
20.0M (5472X3648) (3:2)
Afdrukken op A1-papier.
10.1M (3888X2592) (3:2)
Afdrukken op A2-papier.
5.9M (2976X1984) (3:2)
Afdrukken op A3-papier.
2.0M (1728X1152) (3:2)
Afdrukken op A5-papier.
16.9M (5472X3080) (16:9)
Afdrukken op A1-papier of
weergeven op een HDTV.
7.8M (3712X2088) (16:9)
Afdrukken op A3-papier of
weergeven op een HDTV.
4.9M (2944X1656) (16:9)
Afdrukken op A4-papier of
weergeven op een HDTV.
2.1M (1920X1080) (16:9)
Afdrukken op A5-papier of
weergeven op een HDTV.
13.3M (3648X3648) (1:1)
Een vierkante foto afdrukken op
A1-papier.
7.0M (2640X2640) (1:1)
Een vierkante foto afdrukken op
A3-papier.
4.0M (2000X2000) (1:1)
Een vierkante foto afdrukken op
A4-papier.
1.1M (1024X1024) (1:1)
Bijvoegen bij een e-mail.
57
Opnamefuncties >
Formaat
Opties voor videoformaat
Pictogram
Formaat
Aanbevolen voor
1920X1080 (30 fps) (16:9)
Weergeven op een full-HDTV.
1920X810 (24 fps)
(Ongeveer 2,35:1)
Weergeven op een HDTV.
1280X720 (30 fps) (16:9)
Weergeven op een HDTV.
640X480 (30 fps) (4:3)
Weergeven op een televisie.
320X240 (30 fps) (4:3)
Publiceren op een website
via het draadloze netwerk
(maximaal 30 seconden).
Als u de optie voor video-uitvoer instelt op PAL, wordt de framesnelheid
verlaagd van 30 fps naar 25 fps.
58
Opnamefuncties
Kwaliteit
Foto's worden door de camera in JPEG- of RAW-indeling opgeslagen.
Pictogram
Beschrijving
JPEG
• Gecomprimeerd voor normale kwaliteit.
• Aanbevolen voor afdrukken in klein formaat
Normaal:
Foto’s die met een camera zijn gemaakt, worden vaak omgezet
naar een JPEG-indeling en opgeslagen in het geheugen volgens de
instellingen van de camera op het moment van de opname. RAWbestanden worden niet omgezet naar een JPEG-indeling, maar zonder
aanpassingen in het geheugen opgeslagen.
of voor uploaden naar het web.
RAW-bestanden hebben de bestandsextensie 'SRW'. Voor het
aanpassen en kalibreren van de belichting, witbalans, tonen, contrast en
kleuren van RAW-bestanden en om deze in JPEG- of TIFF-indeling om
te zetten, kunt u gebruikmaken van het programma Adobe Photoshop
Lightroom dat op de DVD-ROM is meegeleverd.
Zorg dat er voldoende geheugen beschikbaar is om foto's in de RAWindeling op te slaan.
U stelt de kwaliteit
als volgt in:
Indeling
RAW
RAW:
• Foto's zonder gegevensverlies opslaan.
• Aanbevolen als u de foto naderhand wilt
bewerken.
RAW+JPEG
RAW + S.Fijn: een foto opslaan in zowel
JPEG- (S.Fine-kwaliteit) als RAW-indeling.
RAW+JPEG
RAW + Fijn: een foto opslaan in zowel
JPEG- (Fine-kwaliteit) als RAW-indeling.
RAW+JPEG
RAW + Normaal: een foto opslaan in zowel
JPEG- (Normal-kwaliteit) als RAW-indeling.
Druk in de opnamemodus op [f] → Kwalit. → een optie.
Opties voor videokwaliteit
Opties voor fotokwaliteit
Pictogram
Indeling
Beschrijving
JPEG
• Gecomprimeerd voor de beste kwaliteit.
• Aanbevolen voor afdrukken op groot
Superhoog:
Pictogram
Extensie
Beschrijving
MP4 (H.264)
Normaal: video's in normale kwaliteit
opnemen.
MP4 (H.264)
Hoge kwaliteit: video's in hoge kwaliteit
opnemen.
formaat.
Hoog:
JPEG
• Gecomprimeerd voor betere kwaliteit.
• Aanbevolen voor afdrukken op normaal
formaat.
59
Opnamefuncties
ISO-waarde
De ISO-waarde geeft de mate aan waarin de camera gevoelig is voor
licht.
Voorbeelden
Hoe hoger de ISO-waarde, des te gevoeliger is de camera voor licht.
Dit betekent dat u met een hogere ISO-waarde op plaatsen met minder
licht foto's kunt nemen met een snellere sluitertijd. Dit kan echter wel tot
meer elektronische ruis en korrelige foto's leiden.
U stelt de ISO-waarde
als volgt in:
Druk in de opnamemodus op [f] → ISO → een optie.
ISO 100
ISO 400
ISO 800
ISO 3200
• Verhoog de ISO-waarde op plaatsen waar geen flitser kan of mag worden
gebruikt. Door een hoge ISO-waarde in te stellen, kunt u heldere foto's
maken zonder dat daar meer licht voor nodig is.
• Gebruik de functie Hoge ISO ruisonderdr. om zichtbare ruis weg te filteren
die bij foto's met een hoge ISO-waarde kan voorkomen. (pag. 125)
60
Opnamefuncties
Witbalans (lichtbron)
De kleuren in een foto zijn afhankelijk van het soort lichtbron en de
kwaliteit daarvan. Als u foto's met realistische kleuren wilt, selecteert
u een toepasselijke lichtomstandigheid om de witbalans te kalibreren,
zoals Auto witbalans, Daglicht, Bewolkt of Kunstlicht, of past u
de kleurtemperatuur handmatig aan. U kunt tevens de kleur voor de
voorgeprogrammeerde lichtbronnen aanpassen, zodat bij een mix van
verschillende soorten licht de kleuren van de foto met de werkelijkheid
overeenstemmen.
U stelt de
witbalans als volgt
in:
Druk in de opnamemodus op [f] → Witbalans →
een optie.
Witbalansopties
Pictogram
Beschrijving
Pictogram
Beschrijving
NW TL-licht*: selecteer deze optie voor foto's die onder een
daglichtlamp worden gemaakt. Speciaal voor wit TL-licht met
een zeer witte tint en een kleurtemperatuur van circa 5000K.
Daglicht-TL*: selecteer deze optie voor foto's die onder een
daglichtlamp worden gemaakt. Speciaal voor wit TL-licht met
een licht blauwe tint en een kleurtemperatuur van circa 6500K.
Kunstlicht*: voor foto's binnenshuis bij gloeilamp- of
halogeenlampverlichting. Gloeilampen hebben een
roodachtige tint. Met deze optie wordt dat effect
gecompenseerd.
WB flitser*: selecteer deze optie wanneer u een flitser
gebruikt.
Aangep. instelling: uw vooraf gedefinieerde instellingen
gebruiken. U kunt de witbalans handmatig instellen door een
wit vel papier te fotograferen. Vul de cirkel van de spotmeting
met het papier en stel de witbalans in.
* Deze opties kunnen worden aangepast.
Auto witbalans*: automatische instellingen die per
lichtomstandigheid verschillen.
Daglicht*: voor foto's in de buitenlucht op een zonnige dag.
Deze optie resulteert in foto's die de natuurlijke kleuren van de
scène het dichtst benaderen.
Bewolkt*: voor foto's in de buitenlucht op een bewolkte dag
of in de schaduw. Foto's die op bewolkte dagen worden
gemaakt, hebben een blauwiger tint dan op zonnige dagen.
Met deze optie wordt dat effect gecompenseerd.
Wit TL-licht*: selecteer deze optie voor foto's die onder een
daglichtlamp worden gemaakt. Speciaal voor wit TL-licht met
een kleurtemperatuur van circa 4200K.
61
Opnamefuncties >
Optie
Witbalans (lichtbron)
Voorgeprogrammeerde opties aanpassen
Beschrijving
Kleurtemperatuur: de kleurtemperatuur van de lichtbron
handmatig instellen. Kleurtemperatuur is een maat in graden
Kelvin waarmee de tint van een lichtbron wordt aangegeven.
Naarmate de kleurtemperatuur toeneemt, wordt de
kleurspreiding koeler. En omgekeerd wordt bij een afname van
de kleurtemperatuur de kleurspreiding warmer.
Heldere lucht
U kunt ook eigen witbalansopties voorprogrammeren.
Eigen opties
voorprogrammeren:
Druk in de opnamemodus op [f] → Witbalans →
een optie → [D] → draai de navigatieknop of druk op
[D/I/C/F].
Witbalans : Daglicht
TL-licht_H
Bewolkt
Daglicht
Daglicht
TL-licht_L
Halogeenlamp
Gloeilamp
Terug
Reset
Kaarslicht
62
Opnamefuncties >
Witbalans (lichtbron)
Voorbeelden
Auto witbalans
Daglicht
Daglicht-TL
Kunstlicht
63
Opnamefuncties
Fotowizard (fotostijlen)
Met de Fotowizard kunt u verschillende fotostijlen op uw foto's
toepassen om ze verschillende uitstralingen en emoties mee te geven.
Tevens kunt u zelf fotostijlen maken door de kleur, verzadiging, scherpte
en het contrast van een bestaande stijl aan te passen en op te slaan.
Als u een optie selecteert, past de camera automatisch de foto aan in
overeenstemming met de optie. Experimenteer met verschillende stijlen
om te ontdekken wat uw voorkeuren zijn.
U stelt als volgt een
fotostijl in:
Voorbeelden
Standaard
Helder
Portret
Landschap
Bos
Retro
Koel
Rustig
Klassiek
Druk in de opnamemodus op [f] → Fotowizard →
een optie.
U kunt ook de waarde van de voorgeprogrammeerde stijlen aanpassen.
Selecteer een optie van Fotowizard, druk op [D] en pas de kleur, de
verzadiging, de scherpte of het contrast aan.
64
Opnamefuncties
AF-modus
Hier vindt u informatie over de scherpstelmethoden van de camera.
Enkelvoudige AF
U kunt een scherpstelmethode kiezen die bij het onderwerp past.
De mogelijkheden zijn enkelvoudige autofocus, continu-autofocus en
handmatige scherpstelling. De AF-functie (autofocus) wordt geactiveerd
op het moment dat u [Ontspanknop] half indrukt. In de MF-modus
(handmatige scherpstelling) moet u aan de scherpstelring op de lens
draaien om handmatig scherp te stellen.
Enkelvoudige AF is geschikt voor niet-bewegende onderwerpen.
Wanneer u [Ontspanknop] half indrukt, wordt er op het gedeelte van
het beeld in het scherpstelgebied scherpgesteld. Het scherpstelgebied
wordt groen wanneer er is scherpgesteld.
In de meeste gevallen is Enkelvoudige AF de geschikte methode. Snel
bewegende onderwerpen en onderwerpen die eenzelfde kleur hebben
als de achtergrond, zijn lastig scherp te krijgen. Kies voor dergelijke
situaties een geschikte scherpstelmethode.
Als de lens voorzien is van een AF/MF-schakelaar, moet u de schakelaar
instellen om een scherpstelmodus te selecteren. Zet de schakelaar op
AF om Enkelvoudige AF of Continu AF te selecteren. Zet de schakelaar
op MF om handmatig scherp te stellen.
Als de lens geen AF/MF-schakelaar heeft, drukt u op [F] om de
gewenste AF-modus te selecteren.
U stelt als volgt de
autofocusmodus in:
Druk in de opnamemodus op [F] → een optie.
65
Opnamefuncties >
AF-modus
Continu AF
Handmatige scherpstelling
Wanneer u [Ontspanknop] half indrukt, blijft de camera voortdurend
scherpstellen. Wanneer het scherpstelgebied eenmaal op het
onderwerp is gericht, blijft het onderwerp altijd scherp in beeld, ook als
het beweegt. Deze modus wordt aanbevolen voor het fotograferen van
bijvoorbeeld fietsers, rennende honden of raceauto's.
U kunt handmatig op het onderwerp scherpstellen door aan de
scherpstelring op de lens te draaien. Met de MF-hulpfunctie kunt u
eenvoudig scherpstellen. Wanneer u aan de scherpstelring draait, wordt
het scherpstelgebied vergroot of verschijnt de focushulpbalk om u bij
het scherpstellen te helpen. Deze modus wordt aanbevolen voor het
fotograferen van onderwerpen die eenzelfde kleur als de achtergrond
hebben en voor nachtelijke scènes en vuurwerk.
66
Opnamefuncties
AF-gebied
Met de AF-gebiedfunctie wordt de positie van het scherpstelgebied
gekozen.
In het algemeen stelt de camera op het dichtstbijzijnde onderwerp
scherp. Wanneer er echter veel verschillende elementen in beeld zijn, kan
het gebeuren dat de focus verkeerd komt te liggen. Om te voorkomen
dat er op een verkeerd beeldelement wordt scherpgesteld, kunt u een
ander scherpstelgebied kiezen zodat er op het gewenste deel van het
beeld wordt scherpgesteld. U kunt zorgen voor een duidelijkere en
scherpere foto door een geschikt scherpstelpunt te kiezen.
U stelt als volgt het
scherpstelgebied in:
Keuze AF
U kunt de focus instellen op een gebied dat uw voorkeur heeft. Pas een
onscherpte-effect toe om het onderwerp er te laten uitspringen.
In de onderstaande afbeelding is het scherpstelgebied verplaatst en in
formaat aangepast zodat het over het gezicht van het onderwerp valt.
Druk in de opnamemodus op [f] → AF-gebied →
een optie.
AF Zoom
Verpl.
Als u het scherpstelgebied wilt verplaatsen of de formaat wilt aanpassen,
drukt u in de opnamemodus op [o]. Druk op [D/I/C/F] om de
locatie van het scherpstelgebied te wijzigen. Draai de navigatieknop om de
grootte van het scherpstelgebied te wijzigen.
67
Opnamefuncties >
AF-gebied
Multi AF
Gezichtsdet. AF
De camera geeft een groene rechthoek weer op de plaatsen waar is
scherpgesteld. De foto wordt in twee of meer gebieden verdeeld en de
camera zorgt voor scherpstelpunten in elk gebied. Dit wordt aanbevolen
voor landschapsfoto's.
De camera geeft bij het scherpstellen prioriteit aan menselijke gezichten.
Er kunnen tot 10 gezichten worden gedetecteerd. Deze instelling wordt
voor groepsfoto's aanbevolen.
Wanneer u [Ontspanknop] half drukt, worden de scherpstelgebieden
groen weergegeven, zoals in de onderstaande foto is aangegeven.
Wanneer u [Ontspanknop] half indrukt, wordt er op gezichten
scherpgesteld, zoals in de onderstaande afbeelding is aangegeven. In
het geval van een groep mensen, wordt het scherpstelgebied op het
gezicht van de dichtstbijzijnde persoon wit aangegeven en de rest van
de gezichten in grijs.
68
Opnamefuncties >
AF-gebied
Zelfportret AF
Bij het maken van een zelfportret kan het lastig zijn om te controleren
of uw gezicht scherp in beeld is. Als deze functie is ingeschakeld, piept
de camera sneller als uw gezicht zich in het midden van de compositie
bevindt.
69
Opnamefuncties
MF-help
In de handmatige scherpstelmodus (MF) moet u aan de scherpstelring
op de lens draaien om scherp te stellen. Als u de MF-hulpfunctie
gebruikt, kunt u beter scherpstellen. Deze functie is alleen beschikbaar
op lenzen die handmatige scherpstelling ondersteunen.
U stelt als volgt
ondersteunde handmatige
scherpstelling in:
Druk in de opnamemodus op [m] →
K of k → MF-help → een optie.
* Standaard
Optie
Beschrijving
Het scherpstelgebied wordt 8 keer vergroot wanneer u
aan de scherpstelring draait.
8x vergroten
* Standaard
Optie
Uit
Beschrijving
De functie MF-help niet gebruiken.
De focus-hulpbalk wordt gevuld als de focus wordt
verbeterd, wanneer u aan de scherpstelring draait.
Het scherpstelgebied wordt 5 keer vergroot wanneer u
aan de scherpstelring draait.
FA
5x
vergroten*
(Hulpbalk
voor
scherpstellen)
70
Opnamefuncties
Optische beeldstabilisatie (OIS)
Stel de Optische beeldstabilisatie (OIS) in om bewegingsonscherpte
tegen te gaan. OIS is mogelijk bij sommige lenzen niet beschikbaar.
OIS-opties
* Standaard
Bewegingsonscherpte kan ontstaan wanneer u op donkere plaatsen of
binnenshuis foto's maakt. In dergelijke situaties gebruikt de camera een
langere sluitertijd om meer licht op de sensor te laten vallen en de foto
kan hierdoor bewogen worden. U kunt dit voorkomen door de OISfunctie te gebruiken.
Als uw lens een OIS-schakelaar heeft, moet u de schakelaar naar ON
draaien om de OIS-functie te gebruiken.
U stelt als volgt
OIS-opties in:
Pictogram
Beschrijving
Modus 1*: de OIS-functie wordt alleen toegepast als u
[Ontspanknop] half of helemaal indrukt.
Modus 2: de OIS-functie is geactiveerd.
Uit: de OIS-functie is uitgeschakeld. (Deze optie is bij
sommige lenzen mogelijk niet beschikbaar.)
Druk in de opnamemodus op [m] → K of k →
OIS → een optie.
Zonder OIS-correctie
Met OIS-correctie
71
Opnamefuncties
Snelheid (opnamemethode)
U kunt verschillende opnamemethoden instellen, zoals Continu, Burst,
Timer, enzovoort.
Selecteer 1 opname om één foto per keer te maken. Selecteer Continu
of Burst voor het fotograferen van snel bewegende onderwerpen.
Selecteer AE BKT, WB BKT of F Wiz BKT om de belichting of
witbalans aan te passen of om Fotowizard-effecten toe te passen.
U kunt ook Timer selecteren om een foto van uzelf te maken.
U stelt de
opnamemethode als
volgt in:
Continu
Wanneer u op [Ontspanknop] drukt, worden er achter elkaar foto's
gemaakt. U kunt maximaal 3 foto's of (Continu laag (3 fps)) of 8 foto's
(Continu hoog (8 fps)) per seconde maken.
Druk in de opnamemodus op [C] → een optie.
1 opname
Wanneer u [Ontspanknop] drukt, wordt er één foto gemaakt. Geschikt
voor algemene omstandigheden.
72
Opnamefuncties >
Snelheid (opnamemethode)
Burst
Timer
U kunt maximaal 10 opnamen per seconde (3 seconden), 15 opnamen
per seconde (2 seconden) of 30 opnamen per seconde (1 seconde)
maken wanneer u [Ontspanknop] eenmaal indrukt. Aanbevolen voor
het vastleggen van snel bewegende onderwerpen zoals raceauto's.
Maak een foto met een vertraging van 2 tot 30 seconden. De vertraging
is in stappen van 1 seconde in te stellen.
Als u het aantal opnamen wilt instellen, drukt u in de opnamemodus op [C]
→ Burst en vervolgens op [D].
Als u de vertraging wilt instellen, drukt u in de opnamemodus op [C] →
Timer en vervolgens op [D].
73
Opnamefuncties >
Snelheid (opnamemethode)
Opnamereeks met verschillende
belichtingen (AE BKT)
Witbalansbracketing (WB BKT)
Wanneer u op [Ontspanknop] drukt, worden er 3 foto's achter elkaar
genomen: één met normale belichting, één een stap donkerder en één
een stap lichter. Gebruik een statief om onscherpe foto's te voorkomen
wanneer er drie foto's achter elkaar worden genomen. U kunt de
instellingen aanpassen in het menu BKT instellen.
Belichting +2
Belichting -2
Origineel
Wanneer u op [Ontspanknop] drukt, worden er 3 foto's achter elkaar
genomen: een normale foto en twee extra met een verschillende
witbalans. De normale foto wordt genomen wanneer u op
[Ontspanknop] drukt. De andere twee worden automatisch volgens de
ingestelde witbalans aangepast. U kunt de instellingen aanpassen in het
menu BKT instellen.
WB+2
WB-2
Origineel
74
Opnamefuncties >
Snelheid (opnamemethode)
Fotowizardbracketing (F Wiz BKT)
Bracketing instellen
Wanneer u op [Ontspanknop] drukt, worden er 3 foto's achter
elkaar genomen, elk met een andere fotowizardinstelling. De camera
maakt een foto en past daarop de drie fotowizardopties toe die u
hebt ingesteld. U kunt in het menu BKT instellen drie verschillende
instellingen selecteren.
U kunt de opties instellen voor AE BKT, WB BKT, F Wiz BKT.
U stelt als volgt
opties voor de
opnametrapjes in:
Optie
Beschrijving
AE BKT instellen
Stel de volgorde en het bereik van het
opnametrapje in.
• BKT volgorde: stel de volgorde in waarin de
normale foto en de lichtere en donkerdere foto
worden gemaakt (aangeduid met 0, + en -).
• BKT bereik: stel het belichtingsbereik in
van de 3 foto's die worden gemaakt met de
bracketingfunctie.
WB BKT instellen
Pas het witbalansintervalbereik aan van de 3 foto's
die worden gemaakt met de bracketingfunctie.
Bijvoorbeeld, met AB-/+3 wordt de waarde voor
oranje plus of min drie stappen bijgesteld. Met
MG-/+3 wordt de magentawaarde met dezelfde
hoeveelheid bijgesteld.
Fotowiz. bkt instel.
Selecteer 3 Fotowizard-instellingen die de camera
gebruikt om de 3 foto's te maken die met de
bracketingfunctie worden gemaakt.
Retro
Helder
Druk in de opnamemodus op [m] → L →
BKT instellen → een optie.
Standaard
75
Opnamefuncties
Flitser
Voor een realistische foto van een onderwerp moet de hoeveelheid licht
constant zijn. Wanneer de lichtbron varieert, kunt u een flitser gebruiken
en daarmee voor een constante hoeveelheid licht zorgen. Selecteer de
juiste instellingen voor de lichtbron en het onderwerp.
U stelt als volgt
flitsopties in:
Druk in de opnamemodus op [f] → Flitser → een optie.
Flitsopties
Pictogram
Beschrijving
Pictogram
Beschrijving
1e gordijn: er wordt onmiddellijk
na het openen van de
sluiter een flits afgevuurd. Er
wordt vroegtijdig in de actie
een duidelijke foto van het
onderwerp gemaakt.
2e gordijn: er wordt vlak voor
het dichtgaan van de sluiter een
flits afgevuurd. Er wordt laat in
de actie een duidelijke foto van
het onderwerp gemaakt.
Bewegingsrichting van bal
Bewegingsrichting van bal
Uit: de flitser niet gebruiken.
Smart Flitser: de camera past automatisch de helderheid van
de flits aan de hoeveelheid omgevingslicht aan.
• Afhankelijk van de opnamemodus kunnen de beschikbare opties
Auto: op donkere plaatsen gaat de flitser automatisch af.
• Er zit een korte tijd tussen twee afgevuurde flitsen. Beweeg de camera niet
Automatisch rode ogen onderdrukken: de flitser gaat
automatisch af en voorkomt rode ogen.
• U kunt de flitseropties en de flitserintensiteit alleen aanpassen wanneer u
Invulflits: bij elke foto wordt de flitser gebruikt.
• U kunt een foto maken met een flitser die niet volledig is opgeladen, maar
verschillen.
totdat de tweede flits is uitgevoerd.
de exclusieve externe flitser voor de NX gebruikt.
Invulflits + Rode ogen: bij elke foto wordt de flitser gebruikt
en worden rode ogen verminderd.
het wordt aanbevolen een volledig opgeladen flitser te gebruiken.
Gebruik alleen door Samsung goedgekeurde flitsers. Gebruik van
incompatibele flitsers kan de camera beschadigen.
76
Opnamefuncties >
Flitser
Rode ogen corrigeren
De flitssterkte aanpassen
Als de flitser wordt gebruikt wanneer u in het donker een foto van een
persoon neemt, kan er een rode gloed in de ogen verschijnen. Als u het
rode-ogeneffect wilt corrigeren, selecteert u Automatisch rode ogen
onderdrukken of Invulflits + Rode ogen.
Pas de sterkte van de flits aan om over- of onderbelichting te
voorkomen. De sterkte kan met ±2 niveaus worden aangepast.
U stelt de
flitssterkte als
volgt in:
Druk in de opnamemodus op [f] → Flitser → een optie →
[D] → draai de navigatieknop of druk op [C/F].
Flitser : Invulflits
Flitsoptie
Zonder rode-ogencorrectie
Met rode-ogencorrectie
Terug
Reset
Als het onderwerp zich te ver van de camera bevindt of zich beweegt, wordt
het rode-ogeneffect mogelijk niet beperkt.
77
Opnamefuncties >
Flitser
• Het aanpassen van de flitssterkte helpt mogelijk niet in de volgende
•
•
•
•
gevallen:
- Het onderwerp bevindt zich te dicht bij de camera.
- Er is een hoge ISO-waarde ingesteld.
- De belichtingswaarde is te groot of te klein.
In bepaalde opnamemodi kan deze functie niet worden gebruikt.
Als u een externe flitser waarvan de intensiteit kan worden aangepast,
aansluit op de camera, worden de intensiteitsinstellingen van de flitser
toegepast.
Als het onderwerp te dicht bij is wanneer u de flitser gebruikt, kan
een gedeelte van het licht worden geblokkeerd. Hierdoor wordt een
donkere foto veroorzaakt. Zorg ervoor dat het onderwerp zich binnen het
aanbevolen bereikt bevindt. Dit bereik verschilt per lens.
Wanneer een zonnekap is bevestigd, kan het licht van de flitser worden
geblokkeerd door de kap. Verwijder de kap om de flitser te gebruiken.
78
Opnamefuncties
L.meting
De lichtmeetmethode is de manier waarop de camera de hoeveelheid
licht meet.
De camera meet de hoeveelheid licht in een scène en stelt in veel modi
aan de hand van deze meting diverse opties in. Als een onderwerp
bijvoorbeeld donkerder lijkt dan zijn daadwerkelijke kleur, maakt de
camera er een overbelichte foto van. En als een onderwerp lichter lijkt
dan zijn daadwerkelijke kleur, maakt de camera er een onderbelichte
foto van.
Multi
In de Multimodus wordt de hoeveelheid licht in meerdere gebieden
berekend. Wanneer er voldoende of onvoldoende licht is, past de
camera de belichting aan door het gemiddelde van de algehele
helderheid van de scène te nemen. Deze modus is geschikt voor
algemene foto's.
De helderheid en algehele sfeer van de foto kunnen tevens worden
beïnvloed door de manier waarop de camera de hoeveelheid licht meet.
Kies voor elke omstandigheid een geschikte instelling.
U stelt als volgt een
lichtmeetmethode in:
Druk in de opnamemodus op [f] → L.meting →
een optie.
79
Opnamefuncties >
L.meting
Centr. gewogen
Spot
In de modus Centr. gewogen wordt er een groter gebied berekend dan
in de Spot-modus. De hoeveelheid licht in het centrale gedeelte van het
beeld (60 ~ 80%) en dat in de rest van het beeld (20 ~ 40%) worden
bij elkaar opgeteld. Deze optie wordt aanbevolen voor situaties waarin
er een klein verschil in helderheid tussen onderwerp en achtergrond
bestaat, of waarin een gebied binnen het onderwerp groot is in
verhouding tot de algehele compositie van de foto.
In de Spotmodus wordt de hoeveelheid licht in het centrum berekend.
Wanneer u een foto maakt in een situatie waarbij er achter het
onderwerp veel tegenlicht is, wordt de belichting zodanig ingesteld dat
het onderwerp correct wordt belicht. Wanneer u bijvoorbeeld bij sterk
tegenlicht voor de Multimodus kiest, berekent de camera dat de totale
hoeveelheid licht voldoende is, waardoor er een donkere foto ontstaat.
De Spotmodus kan dit voorkomen doordat hiermee de hoeveelheid licht
in een specifiek gebied wordt berekend.
Het onderwerp is helder terwijl de achtergrond donker is. De
Spotmodus wordt aanbevolen voor situaties zoals deze, waarbij er een
enorm belichtingsverschil tussen het onderwerp en de achtergrond
bestaat.
80
Opnamefuncties >
L.meting
De belichtingswaarde in het scherpstelgebied meten
Wanneer deze functie is ingeschakeld, stelt de camera automatisch
een optimale belichting in door de helderheid van het scherpstelgebied
te berekenen. Deze functie is alleen beschikbaar wanneer u Spot- of
Multi-meting en Keuze AF hebt geselecteerd.
U stelt deze
functie als volgt in:
Druk in de opnamemodus op [m] → K →
Koppel AE met AF → een optie.
81
Opnamefuncties
HDR-bereik
Met deze functie wordt automatisch het verlies aan heldere details
gecorrigeerd dat kan optreden door grote verschillen tussen donker en
licht in de foto.
U stelt als volgt HDRbereikopties in:
Druk in de opnamemodus op [f] → HDR-bereik →
een optie.
Zonder Smart bereik effect
Met Smart bereik effect
82
Opnamefuncties
Kleurselectie
Met de functie kunt u een kleur selecteren die u wilt benadrukken en de
kleurverzadiging van de andere kleuren verminderen. U kunt in het menu
rood, groen, blauw of geel selecteren.
U kunt als volgt
Kleurselectie-opties
instellen:
Druk in de opnamemodus op [f] → Kleurselectie →
een optie.
Voorbeelden
Origineel
Als rood is geselecteerd
83
Opnamefuncties
Kleurruimte
Digitale beeldapparaten zoals digitale camera's, monitoren en printers
hebben hun eigen methode voor de weergave van kleuren, de
zogenaamde kleurruimte.
Adobe RGB
Op deze camera kunt u uit twee kleurruimtes kiezen: sRGB en
Adobe RGB.
sRGB wordt algemeen gebruikt voor de weergave van kleuren op pcmonitoren en is tevens de standaardkleurruimte voor Exif. sRGB wordt
aangeraden voor reguliere foto's en voor foto's die u op internet wilt
publiceren.
sRGB
Adobe RGB wordt voor commercieel drukwerk gebruikt en heeft een
groter kleurbereik dan sRGB. Met het grotere kleurbereik van deze
kleurruimte kunnen foto's gemakkelijker op een computer worden
bewerkt. Het is belangrijk om te weten dat afzonderlijke programma's
over het algemeen een beperkt aantal kleurruimtes ondersteunen.
Als u een foto opent in een programma dat de kleurruimte van de foto
niet ondersteunt, zullen de kleuren lichter lijken.
U stelt de
kleurruimte als
volgt in:
Druk in de opnamemodus op [m] → L →
Kleurruimte → een optie.
84
Opnamefuncties
Belichtingscompensatie/-vergrendeling
Belichtingscompensatie
De camera stelt automatisch de belichting in aan de hand van de
gemeten lichtniveaus van de compositie van het beeld en de positie
van het onderwerp. Als de belichting die de camera instelt hoger of
lager is dan u verwacht, kunt u de belichting handmatig aanpassen. De
belichtingswaarde is met ±3 EV-stappen (stops) in te stellen. De camera
geeft de belichtingswaarschuwing in rood weer voor elke stap meer dan
±3 EV.
+2
-2
Origineel
Om de belichtingswaarde in te stellen, drukt u op [I], en draait
u vervolgens de navigatieknop. U kunt de belichtingswaarde ook
aanpassen door op [f] te drukken en EVC (Exposure Value
Compensation; belichtingscorrectie) te selecteren.
U kunt de belichtingswaarde controleren aan de hand van de positie van
de belichtingsniveau-indicator.
Belichtingswaarschuwing
Standaardbelichtingsindicator
Belichtingsniveauindicator
Afgenomen belichting
(donkerder)
Toegenomen belichting
(helderder)
85
Opnamefuncties >
Belichtingscompensatie/-vergrendeling
Belichtingsvergendeling
Wanneer u niet de juiste belichting kunt bereiken vanwege een sterk
kleurcontrast, kunt u de belichting vergrendelen en dan een foto nemen.
Nadat de belichting is vergrendeld, richt u de lens zodanig dat de
gewenste compositie ontstaat en drukt u op de [Ontspanknop].
Om de belichting te vergrendelen, richt u het scherpstelgebied op het
onderwerp waarvan u de belichting wilt berekenen en drukt u vervolgens
op de knop Aangepast. (pag. 128)
86
Opnamefuncties
Videofuncties
Hier worden de functies beschreven die voor video beschikbaar zijn.
Multi Motion
Hiermee kunt u de afspeelsnelheid van een video instellen.
Film AE-modus
Opties voor de
opnamesnelheid
instellen:
Stel de belichtingsmodus voor de video-opname in.
Film AE-opties
instellen:
Druk in de video-opnamemodus op [f] → Film AE-modus
→ een optie.
Pictogram
Druk in de video-opnamemodus op [m] → l →
Multi Motion → een optie.
Beschrijving
x0.25: een video opnemen en afspelen op 1/4 van de
normale snelheid.
* Standaard
Pictogram
Beschrijving
x0.5: een video opnemen en afspelen op 1/2 van de normale
snelheid.
Programma*: de diafragmawaarde en sluitertijd worden
automatisch aangepast.
x1: een video opnemen en afspelen op de normale snelheid.
Diafragmaprioriteit: de diafragmawaarde handmatig instellen
voordat u een video opneemt. Draai de navigatieknop om de
diafragmawaarde te kiezen.
Sluiterprioriteit: de sluitertijd handmatig instellen voordat u
een video opneemt. Draai de navigatieknop om de sluitertijd
in te stellen.
Handmatig: de diafragmawaarde en sluitertijd handmatig
instellen voordat u een video opneemt. Druk op [I] om
een diafragmawaarde of sluitertijd te selecteren en draai de
navigatieknop om de waarde aan te passen.
x5: een video opnemen en afspelen op 5X de normale
snelheid.
x10: een video opnemen en afspelen op 10X de normale
snelheid.
x20: een video opnemen en afspelen op 20X de normale
snelheid.
• Als u een andere optie dan x1 selecteert, wordt er geen geluid
opgenomen.
• De beschikbare opties kunnen verschillen afhankelijk van het filmformaat.
87
Opnamefuncties >
Videofuncties
In-/uitfaden
Spraak
U kunt een scène in- en uitfaden door de faderfunctie op de camera te
gebruiken. Gebruik de functie naar wens en voeg dramatische effecten
aan uw video's toe.
Soms is een stomme video aantrekkelijker dan een met geluid. Schakel
de spraak uit om een stomme video op te nemen.
U stelt als volgt
faderopties in:
Pictogram
Druk in de video-opnamemodus op [f] → In-/uitfaden →
een optie.
U stelt als volgt
spraakopties in:
Druk in de video-opnamemodus op [f] → Spraak →
een optie.
Beschrijving
Uit: de faderfunctie wordt niet gebruikt.
In: de scène geleidelijk infaden.
Uit: de scène geleidelijk uitfaden.
In-uit: de faderfunctie wordt aan het begin en eind van de
scène toegepast.
88
Hoofdstuk 3
Weergeven en bewerken
Informatie over het afspelen en bewerken van foto's en video's.
Zie hoofdstuk 6 voor informatie over het bewerken van bestanden op een pc.
Weergeven en bewerken
Bestanden zoeken en beheren
Leer hoe u foto's en video's snel via de miniatuurweergave kunt
terugvinden en hoe u bestanden beveiligt en wist.
Foto's weergeven
1
Miniaturen weergeven
U kunt foto's en video's zoeken door naar de miniatuurweergave te
gaan. In de miniatuurweergave worden meerdere beelden tegelijk
weergegeven, zodat u eenvoudig naar bestanden kunt zoeken. U kunt
tevens bestanden classificeren en weergeven op type, opnamedag en
opnameweek.
Druk op [y].
• Het bestand met de laatste opname wordt weergegeven.
Menu
Druk op [I] om bestanden als miniaturen weer te geven.
2
Draai de navigatieknop of druk op [C/F] om door de
bestanden te scrollen.
U kunt bestanden die zijn opgenomen met andere camera's, mogelijk niet
bewerken of afspelen, wegens niet-ondersteunde formaten of codecs.
Gebruik een computer of ander apparaat om deze bestanden te bewerken of
af te spelen.
• Druk één keer om 3 miniaturen weer te geven.
• Druk twee keer om 15 of 40 miniaturen weer te geven.
(Druk in de enkelvoudige weergave op [m] → x →
Miniatuurweergave om het aantal weer te geven bestanden te
selecteren. (pag. 95))
U kunt ook in de weergave voor afzonderlijke bestanden op [m] →
x → Tonen → een optie drukken.
90
Weergeven en bewerken >
Bestanden zoeken en beheren
Bestanden op categorie weergeven
Bestanden weergeven als map
1
Druk in de miniatuurweergave op [m].
Doorlopende en burstopnamen worden weergegeven als map. Als u
een map verwijdert, worden alle foto's in de map verwijderd.
2
Selecteer Filter → een categorie en druk op [o].
* Standaard
Optie
Beschrijving
Type
Bestanden weergeven op bestandstype zoals foto
of video.
Datum*
Bestanden weergeven op volgorde van
opslagdatum.
Week
Bestanden weergeven op volgorde van dag van de
week waarin ze zijn opgeslagen.
Locatie
Bestanden weergeven gesorteerd op opslaglocatie.
(Alleen de foto's die met een GPS-module zijn
genomen, bevatten locatiegegevens.)
: Enkele weergave
Als u op [I] drukt in de mapweergave, worden de bestanden in de
huidige map weergegeven als miniatuurafbeeldingen.
91
Weergeven en bewerken >
Bestanden zoeken en beheren
Bestanden beveiligen
Bestanden verwijderen
Beveilig uw bestanden om te voorkomen dat ze per ongeluk worden
gewist.
Wis bestanden in de afspeelmodus en maak zo meer ruimte op de
geheugenkaart vrij. Beveiligde bestanden worden niet gewist.
1
Druk in de opnamemodus op [m] → z →
Beveiligen → een optie. (1 opname, Select., Alles)
2
Draai de navigatieknop of druk op [C/F] om een
bestand te selecteren en druk op [o].
3
Afzonderlijke bestanden wissen
U kunt een afzonderlijk bestand selecteren en dit wissen.
1
Selecteer een bestand in de afspeelmodus en druk op [
].
• U kunt ook in de afspeelmodus op [m] → z → Verwijder
→ 1 opname drukken.
Druk op [f].
2
Wanneer het pop-upvenster verschijnt, selecteert u Ja.
92
Weergeven en bewerken >
Bestanden zoeken en beheren
Meerdere bestanden wissen
Alle bestanden verwijderen
U kunt meerdere bestanden selecteren en deze wissen.
U kunt in één keer alle bestanden op de geheugenkaart wissen.
1
1
Druk in de afspeelmodus op [m].
2
Selecteer z → Verwijder → Alles.
3
Wanneer het pop-upvenster verschijnt, selecteert u Ja.
Druk in de afspeelmodus op [
] → Meer wissen.
• U kunt ook in de afspeelmodus op [m] → z →
Verwijder → Select. drukken.
2
Selecteer de bestanden die u wilt verwijderen door de
navigatieknop te draaien of op [C/F] te drukken en druk
vervolgens op [o].
• Druk nogmaals op [o] op de selectie op te heffen.
3
Druk op [
4
Wanneer het pop-upvenster verschijnt, selecteert u Ja.
].
93
Weergeven en bewerken
Foto's weergeven
Een foto vergroten
Een diashow weergeven
U kunt foto's vergroten wanneer u ze in de afspeelmodus bekijkt.
Tevens kunt u het uitvergrote gedeelte verplaatsen en de bijsnijdfunctie
gebruiken om het deel van de afbeelding dat wordt weergegeven op het
scherm als een nieuw bestand op te slaan.
U kunt foto's als diavoorstelling weergeven, u kunt diverse effecten
aan de diavoorstelling toevoegen en u kunt achtergrondmuziek laten
afspelen.
1
Druk in de afspeelmodus op [m].
Uitvergroot gebied
2
Selecteer
Vergroting (de maximale vergroting
kan per resolutie verschillen)
3
Selecteer een effect voor de diavoorstelling.
.
• Ga naar stap 4 als u een diavoorstelling zonder effecten wilt.
Optie
Volledig beeld
Foto/'s
Kies de foto's die u in een diavoorstelling wilt
weergeven.
• Alles: alle foto's in een diavoorstelling weergeven.
• Datum: alle foto's van een specifieke datum in
een diavoorstelling weergeven.
• Select.: geselecteerde foto's in een diavoorstelling
weergeven.
Effect
Selecteer een overgangseffect. Selecteer Uit als u
geen effect wilt gebruiken.
Interval
Selecteer de weergaveduur van elke foto.
Muziek
Speel achtergrondmuziek af.
Bijsnijden
Druk op [o] en draai de navigatieknop naar rechts om een
foto te vergroten.
(Draai de navigatieknop naar links om een foto te verkleinen.)
Functie
Actie
Uitvergroot gebied verplaatsen
Druk op [D/I/C/F].
Het vergrote beeld bijsnijden
Druk op [f].
(als nieuw bestand opgeslagen)
Terug naar het originele beeld
Druk op [o].
4
Beschrijving
Selecteer Diashow → Afspelen of Herhalen.
• De diavoorstelling begint direct.
94
Weergeven en bewerken >
Foto's weergeven
Automatisch draaien
Als Automatisch draaien is ingeschakeld, worden de foto's die u
verticaal hebt gemaakt automatisch gedraaid, zodat ze horizontaal op
het scherm passen.
U stelt als volgt opties
voor automatisch
draaien in:
Druk in de opnamemodus op [m] → x →
Autom. draaien → een optie.
De miniatuurmodus instellen
U kunt selecteren hoeveel bestanden u in de miniatuurmodus wilt
weergeven.
Opties voor de
miniatuurmodus
instellen:
Druk in de afspeelmodus op [m] → x →
Miniatuurweergave → een optie.
95
Weergeven en bewerken
Video's afspelen
U kunt video's afspelen, afzonderlijke beelden uit video's opslaan,
video's bijsnijden en ze opslaan als een nieuw bestand.
Pauze
Stop
Een video tijdens het afspelen bijsnijden
1
Druk op [o] op het punt waar u de nieuwe video wilt laten
beginnen.
2
Druk op [
3
Druk op [o] op het punt waar u de nieuwe video wilt laten
beëindigen.
4
Druk op [
5
Wanneer het pop-upvenster verschijnt, selecteert u Ja.
] als de video is gepauzeerd.
] als de video is gepauzeerd.
Bediening van videoweergave
Functie
Actie
Terugspoelen
Druk op [C].
De camera spoelt terug met een snelheid van
2X, 4X of 8X wanneer u op [C] drukt.
Pauze/Afspelen
Druk op [o].
Vooruitspoelen
Druk op [F].
De camera spoelt vooruit met een snelheid van
2X, 4X of 8X wanneer u op [F] drukt.
Volume
Draai de navigatieknop naar links of rechts.
Stop
Druk op [D].
Het bijgeknipte bestand wordt als apart bestand met een nieuwe naam
opgeslagen.
96
Weergeven en bewerken >
Video's afspelen
Een beeld tijdens het afspelen
afzonderlijk opslaan
1
Druk op [o] op het punt waarop u een foto wilt opslaan.
2
Druk op [I].
• De opgeslagen foto heeft dezelfde resolutie als de video.
• Het uitgenomen bestand wordt als apart bestand met een nieuwe naam
opgeslagen.
97
Weergeven en bewerken
Foto's bewerken
Fotobewerkingstaken uitvoeren, zoals formaat wijzigen, draaien
of rode ogen verwijderen. Bewerkte foto's worden als nieuw
bestand opgeslagen met verschillende bestandsnamen. 3D-foto's,
panoramafoto's en 3D-panoramafoto's kunnen niet worden bewerkt
met de functie Afbeelding bewerken.
U stelt als volgt
bewerkingsopties in:
* Standaard
Pictogram
Beschrijving
Tegenl.: de helderheid van een onderbelichte foto corrigeren.
(Uit*, Aan)
Druk in de afspeelmodus op [f] → een optie.
Vóór correctie
Na correctie
Optie
* Standaard
Pictogram
Het nieuwe bestand is mogelijk kleiner dan het origineel.
Beschrijving
Intelligent filter: verschillende filtereffecten op foto's
toepassen om unieke beelden te maken. (Uit*, Miniatuur,
Softfocus, Oude film 1, Oude film 2, Halftoon, Schets,
Visoog, Anti-nevel, Negatief)
Het nieuwe bestand is mogelijk kleiner dan het origineel.
Anti-rode ogen: rode ogen uit de foto verwijderen. (Uit*, Aan)
Res.wijz: het formaat van een foto wijzigen.
De beschikbare resoluties verschillen, afhankelijk van de
grootte van de geselecteerde foto.
Draaien: een foto draaien. (Uit*, Rechts 90 gr., Links 90 gr.,
180 gr., Horizontaal, Verticaal)
U kunt beveiligde bestanden of RAW-bestanden niet draaien.
Het nieuwe bestand is mogelijk kleiner dan het origineel.
98
Weergeven en bewerken >
Foto's bewerken
* Standaard
Pictogram
Beschrijving
Gezicht retouch: onzuiverheden in een gezicht verbergen.
Het nieuwe bestand is mogelijk kleiner dan het origineel.
Helderheid: de helderheid van een foto aanpassen.
Het nieuwe bestand is mogelijk kleiner dan het origineel.
Contrast: de scherpte van een foto aanpassen.
Het nieuwe bestand is mogelijk kleiner dan het origineel.
Vignetten: retrokleuren, een hoog contrast en sterke
vignettering van Lomo-camera's toepassen.
Het nieuwe bestand is mogelijk kleiner dan het origineel.
99
Hoofdstuk 4
Draadloos netwerk
Hier wordt beschreven hoe u verbinding kunt maken met WLAN-netwerken en functies kunt
gebruiken.
Draadloos netwerk
Verbinding maken met een WLAN en netwerkinstellingen configureren
Hier wordt beschreven hoe u verbinding maakt via een toegangspunt
wanneer u zich binnen het bereik van een WLAN bevindt. U kunt ook
netwerkinstellingen configureren.
Pictogram/Optie
Vernieuwen
Beschrijving
De lijst met beschikbare toegangspunten
vernieuwen.
Ad-hoctoegangspunt
Beveiligd toegangspunt
Verbinding maken met een WLAN
1
2
3
Draai de modusknop naar B.
Selecteer
,
,
of
.
Druk op [m] en selecteer Wi-Fi-instelling.
• Druk in sommige modi op [m] of volg de instructies op het
scherm totdat het scherm Wi-Fi-instelling wordt weergegeven.
• De camera zoekt automatisch naar beschikbare toegangspunten.
4
WPS-toegangspunt
Raak een toegangspunt aan.
Signaalsterkte
WPS knopverbinding
Draadloos netwerk
toevoegen
Verbinding maken met een
WPS-toegangspunt.
Handmatig een toegangspunt toevoegen.
• Druk op [f] om de netwerkinstellingen te openen.
• Wanneer u een beveiligd toegangspunt selecteert, wordt een
pop-upvenster weergegeven. Geef de vereiste wachtwoorden in
om verbinding te maken met de WLAN. Zie 'Tekst ingeven' voor
meer informatie over het ingeven van tekst. (pag. 105)
• Wanneer een aanmeldingspagina verschijnt, zie
'De aanmeldingsbrowser gebruiken'. (pag. 103)
Wi-Fi-instelling
Vernieuwen
• Wanneer u een niet-beveiligd toegangspunt selecteert, maakt de
camera verbinding met het WLAN.
Samsung 1
• Als u een toegangspunt selecteert dat wordt ondersteund door
Samsung 2
Samsung 3
Samsung 4
Afsl.
Handmatig
het WPS-profiel, selecteert u WPS PIN-verbinding en geeft u
een PIN-code in op het toegangspunt. U kunt ook verbinding
maken met een toegangspunt dat wordt ondersteund door
het WPS-profiel door WPS knopverbinding te selecteren op
de camera en vervolgens de knop WPS te selecteren op het
toegangspunt.
101
Draadloos netwerk >
Verbinding maken met een WLAN en netwerkinstellingen configureren
Netwerkopties instellen
Het IP-adres handmatig instellen
1
Ga op het scherm Wi-Fi-instelling naar een toegangspunt
en druk op [f].
1
Ga op het scherm Wi-Fi-instelling naar een toegangspunt
en druk op [f].
2
Raak elke optie aan en geef de vereiste informatie in.
2
Selecteer IP-instelling → Handmatig.
3
Raak elke optie aan en geef de vereiste informatie in.
Optie
Beschrijving
Verificatie
Selecteer een netwerkverificatietype.
Gegevenscod.
Selecteer een coderingstype.
Netwerksleutel
Geef het netwerkwachtwoord in.
IP-instelling
Stel het IP-adres handmatig in.
Optie
Beschrijving
IP
Hier voert u het statische IP-adres in.
Subnetmasker
Hier voert u het subnetmasker in.
Gateway
Hier voert u de gateway in.
DNS-server
Hier voert u het DNS-adres in.
102
Draadloos netwerk >
Verbinding maken met een WLAN en netwerkinstellingen configureren
De aanmeldingsbrowser gebruiken
U kunt uw aanmeldingsgegevens ingeven via de aanmeldingsbrowser
wanneer u verbinding maakt met bepaalde toegangspunten, sites voor
delen of cloudservers.
Knop
Beschrijving
[D/I/C/F]
Naar een item gaan of door de pagina scrollen.
[o]
Een item selecteren.
[m]
Hiermee hebt u toegang tot de volgende opties:
• Vorige pagina: naar de vorige pagina gaan.
• Volg. pagina: naar de volgende pagina gaan.
• Opn. laden: de pagina opnieuw laden.
• Stop: stoppen met het laden van de pagina.
• Afsl.: de aanmeldingsbrowser sluiten.
[
De aanmeldingsbrowser sluiten.
]
• Sommige items kunt u niet selecteren afhankelijk van de pagina die u
weergeeft. Dit wijst niet op een defect.
• De aanmeldingsbrowser wordt mogelijk niet automatisch gesloten nadat
u zich hebt aangemeld bij bepaalde pagina's. In dit geval sluit u de
aanmeldingsbrowser door op [ ] te drukken en gaat u verder met de
gewenste bewerking.
• Het laden van de aanmeldingspagina kan langer duren wegens het
paginaformaat of de netwerksnelheid. In dit geval wacht u tot het
invoervenster voor aanmeldingsgegevens wordt weergegeven.
103
Draadloos netwerk >
Verbinding maken met een WLAN en netwerkinstellingen configureren
Tips over netwerkverbinding
• U moet een geheugenkaart plaatsen om de Wi-Fi-functies te
gebruiken.
• De kwaliteit van de netwerkverbinding wordt bepaald door het
toegangspunt.
• Hoe groter de afstand tussen uw camera en het toegangspunt, hoe
langer het duurt om verbinding te maken met het netwerk.
• Als een apparaat in de buurt hetzelfde radiofrequentiesignaal gebruikt
als uw camera, kan uw verbinding hierdoor worden verstoord.
• Als uw toegangspunt geen Nederlandse naam heeft, kan de camera
mogelijk het apparaat niet vinden of kan de naam onjuist worden
weergegeven.
• Neem contact op met uw netwerkbeheerder of
netwerkserviceprovider voor netwerkinstellingen of een wachtwoord.
• Als een WLAN moet worden geverifieerd door de serviceprovider, kunt
u mogelijk geen verbinding met het betreffende WLAN maken. Neem
contact op met uw netwerkserviceprovider om verbinding te maken
met het WLAN.
• Afhankelijk van het coderingstype kan het aantal cijfers in het
wachtwoord verschillen.
• Een WLAN-verbinding is wellicht niet mogelijk in alle omgevingen.
• Mogelijk geeft de camera een WLAN-printer weer in de lijsten met
toegangspunten. U kunt geen verbinding met het netwerk maken via
een printer.
• U kunt uw camera niet tegelijkertijd verbinden met een netwerk en
aansluiten op een tv. U kunt ook geen foto's of video's op een tv
bekijken wanneer u verbinding hebt gemaakt met een netwerk.
• Er kunnen aanvullende kosten gelden om verbinding te maken met
een netwerk. De kosten verschillen op basis van de voorwaarden van
uw abonnement.
• Als u geen verbinding met een WLAN kunt maken, probeert u een
ander toegangspunt uit de lijst met beschikbare toegangspunten.
• In bepaalde landen kunt u ook verbinding maken met gratis WLAN's.
• Er kan een aanmeldingspagina worden weergegeven wanneer
u gratis WLAN's selecteert die worden geleverd door bepaalde
netwerkproviders. Geef uw gebruikersnaam en wachtwoord in
om verbinding te maken met de WLAN. Neem contact op met de
netwerkproviders voor informatie over het registreren of de service.
• Wees voorzichtig wanneer u persoonlijke gegevens ingeeft om
verbinding te maken met een toegangspunt. Geef geen betalings- of
creditcardgegevens in op uw camera. De fabrikant is niet aansprakelijk
voor problemen die ontstaan wanneer u dergelijke informatie ingeeft.
• De beschikbare netwerkverbindingen kunnen verschillen per land.
• De WLAN-functie van uw camera moet voldoen aan de wetten op het
gebied van radiozendingen in uw regio. We raden u daarom aan de
WLAN-functie alleen te gebruiken in het land waar u de camera hebt
gekocht.
• De procedure voor het aanpassen van de netwerkinstellingen kan
verschillen, afhankelijk van de netwerkomstandigheden.
• Probeer geen toegang te krijgen tot een netwerk dat u niet mag
gebruiken.
• Voordat u verbinding maakt met een netwerk, moet u ervoor zorgen
dat de batterij volledig is opgeladen.
• Wanneer een DHCP-server niet beschikbaar is, moet u een bestand
autoip.txt maken en dit kopiëren naar de geplaatste geheugenkaart
om verbinding met het netwerk te maken via Auto IP.
104
Draadloos netwerk >
Verbinding maken met een WLAN en netwerkinstellingen configureren
Tekst ingeven
Pictogram Beschrijving
De laatste letter verwijderen.
Hier wordt beschreven hoe u tekst kunt invoeren. Met de pictogrammen
in de onderstaande tabel kunt u de cursor bewegen, hoofdletters in- en
uitschakelen enzovoort. Draai de navigatieknop om naar de gewenste
toets te scrollen en druk op [o] om de toets in te geven.
De cursor verplaatsen.
In de ABC-modus schakelt u hoofdletters in of uit.
'.com' ingeven.
Schakelen tussen de symboolstand en ABC-stand.
Een spatie ingeven.
Gereed
De weergegeven tekst opslaan.
Zie de handleiding voor het ingeven van tekst.
Gereed
Terug
Backspace
• U kunt alleen tekst in het Engelse alfabet ingeven, ongeacht de schermtaal.
• Druk om direct naar Gereed te gaan op [y].
• U kunt maximaal 64 tekens ingeven.
105
Draadloos netwerk
Bestanden automatisch opslaan op een smartphone
De camera kan via een WLAN verbinding maken met smartphones die
de functie AutoShare ondersteunen. Wanneer u een foto maakt met uw
camera, wordt de foto automatisch opgeslagen op de smartphone.
4
Selecteer de camera in de lijst en sluit de smartphone aan
op de camera.
• De smartphone kan maar met één camera tegelijk verbinding
maken.
• De functie AutoShare wordt ondersteund door smartphones uit de
Galaxy-serie of Galaxy Tab-modellen met Android 2.2 OS of hoger of
iOS-apparaten met iOS 4.3 of hoger. Voordat u deze functie gebruikt, moet
u de firmware van het apparaat controleren en bijwerken als dit nodig is.
• Installeer Samsung Samsung SMART CAMERA App op uw telefoon
of apparaat voor u deze functie gaat gebruiken. U kunt de applicatie
downloaden bij Samsung Apps, de Google Play Store of de Apple App
Store.
5
Geef op de camera de smartphone toestemming om
verbinding te maken met de camera.
• Als de smartphone eerder is aangesloten op de camera, wordt
deze automatisch aangesloten.
• Er wordt een pictogram weergegeven op het scherm van de
camera dat de verbindingsstatus (
1
Draai de modusdraaiknop naar B.
2
Selecteer
op de camera.
• Als het pop-upvenster wordt weergegeven dat u vraagt om de
applicatie te downloaden, selecteert u Next.
3
6
) aanduidt.
Maak een foto met de camera.
• De gemaakte foto wordt opgeslagen op de camera en
overgedragen naar de smartphone.
• U kunt geen video opnemen als de functie AutoShare is
ingeschakeld.
Schakel Samsung SMART CAMERA App in op de
smartphone.
• Schakel op iOS-apparaten de Wi-Fi-functie in voordat u de
applicatie inschakelt.
106
Draadloos netwerk
Foto's of video's verzenden naar een smartphone
De camera kan via een WLAN verbinding maken met smartphones die
de functie MobileLink ondersteunen. U kunt eenvoudig foto's of video's
verzenden naar uw smartphone.
1
Draai op de camera de modusknop naar B.
2
Selecteer
• Als het pop-upvenster wordt weergegeven dat u vraagt om de
• De functie MobileLin wordt ondersteund door smartphones uit de
•
•
•
•
Galaxy-serie of Galaxy Tab-modellen met Android 2.2 OS of hoger of
iOS-apparaten met iOS 4.3 of hoger. Voordat u deze functie gebruikt, moet
u de firmware van het apparaat controleren en bijwerken als dit nodig is.
Installeer Samsung MobileLink op uw telefoon of apparaat voor u deze
functie gaat gebruiken. U kunt de applicatie downloaden bij Samsung
Apps, de Google Play Store of de Apple App Store.
Als het camerageheugen geen foto's bevat, kunt u deze functie niet
gebruiken.
Als u bestanden selecteert op de smartphone, kunt u maximaal 1000
recente bestanden weergeven en maximaal 150 bestanden tegelijk
verzenden. Als u bestanden selecteert op de camera, kunt u bestanden
weergegeven die zijn geselecteerd op de camera. Het maximale aantal
bestanden dat kan worden verzonden is afhankelijk van de opslagruimte
van de smartphone.
U kunt geen RAW-bestanden verzenden.
op de camera.
applicatie te downloaden, selecteert u Next.
3
Selecteer een optie voor verzenden op de camera.
• Als u Bestanden selecteren op smartphone selecteert, kunt u
uw smartphone gebruiken om bestanden die zijn opgeslagen op
de camera te bekijken en delen.
• Als u Bestanden selecteren op camera selecteert, kunt u
bestanden selecteren die moeten worden verzonden van de
camera.
4
Schakel Samsung SMART CAMERA App in op de
smartphone.
• Schakel op iOS-apparaten de Wi-Fi-functie in voordat u de
applicatie inschakelt.
107
Draadloos netwerk >
5
Foto's of video's verzenden naar een smartphone
Selecteer de camera in de lijst en sluit de smartphone aan
op de camera.
• De smartphone kan maar met één camera tegelijk verbinding
maken.
6
Geef op de camera de smartphone toestemming om
verbinding te maken met de camera.
• Als de smartphone eerder is aangesloten op de camera, wordt
deze automatisch aangesloten.
7
Selecteer op de smartphone of camera de bestanden die
u wilt overdragen van de camera.
8
Raak op de smartphone de kopieerknop aan of selecteer
op de camera Delen.
• De camera verzendt de bestanden.
108
Draadloos netwerk
Een smartphone gebruiken als externe ontspanknop
De camera maakt verbinding met een smartphone via een WLAN.
Gebruik de smartphone als externe ontspanner met de functie Remote
Viewfinder. De opgenomen foto wordt weergegeven op de smartphone.
3
Schakel Samsung SMART CAMERA App in op de
smartphone.
• Schakel op iOS-apparaten de Wi-Fi-functie in voordat u de
applicatie inschakelt.
• De functie Remote Viewfinder wordt ondersteund door smartphones uit de
Galaxy-serie of Galaxy Tab-modellen met Android 2.2 OS of hoger of
iOS-apparaten met iOS 4.3 of hoger. Voordat u deze functie gebruikt, moet
u de firmware van het apparaat controleren en bijwerken als dit nodig is.
• Installeer Samsung SMART CAMERA App op uw telefoon of apparaat
voor u deze functie gaat gebruiken. U kunt de applicatie downloaden bij
Samsung Apps, de Google Play Store of de Apple App Store.
1
Draai op de camera de modusknop naar B.
2
Selecteer
op de camera.
4
Selecteer de camera in de lijst en sluit de smartphone aan
op de camera.
• De smartphone kan maar met één camera tegelijk verbinding
maken.
5
Geef op de camera de smartphone toestemming om
verbinding te maken met de camera.
• Als de smartphone eerder is aangesloten op de camera, wordt
deze automatisch aangesloten.
• Als het pop-upvenster wordt weergegeven dat u vraagt om de
applicatie te downloaden, selecteert u Ja.
109
Draadloos netwerk >
6
Een smartphone gebruiken als externe ontspanknop
Stel de volgende opnameopties in op de smartphone.
Pictogram
7
Timerinstelling
Fotoformaat
Opslaglocatie
aanraken op de smartphone om scherp te stellen.
• De scherpstelling is automatisch ingesteld op Multi AF.
Beschrijving
Flitsoptie
Blijf
8
Druk op
om de foto te maken.
• Het formaat van foto's die zijn opgeslagen op de smartphone
wordt gewijzigd in 640X424 als u opnamen maakt met de
resolutie en gewijzigd in 640X360 als u opnamen maakt met
de resolutie .
• Wanneer u gebruikmaakt van deze functie, zijn sommige
knoppen niet beschikbaar op uw camera.
• De zoomknop en de ontspanknop op uw smartphone werken
niet als u deze functie gebruikt.
• De modus Remote Viewfinder ondersteunt alleen de fotoformaten
en
.
• Als u deze functie gebruikt, kan de ideale afstand tussen de camera en de
smartphone variëren, afhankelijk van de omgeving.
• De smartphone moet zich binnen een afstand van 7 m van de camera
bevinden als u deze functie wilt gebruiken.
• Het duurt enige tijd om de foto te maken nadat u op
op de smartphone
hebt gedrukt.
• De functie Remote Viewfinder wordt in de volgende gevallen uitgeschakeld:
- Er is een inkomende oproep op de smartphone.
- De camera of de smartphone wordt uitgeschakeld.
- Het geheugen is vol.
- De verbinding van een van de apparaten met het WLAN is verbroken.
- De Wi-Fi-verbinding is zwak of instabiel.
110
Draadloos netwerk
Websites voor het delen van foto's of video's gebruiken
Upload uw foto's of video's naar websites voor het delen van
bestanden. Beschikbare websites worden weergegeven op de camera.
Om bestanden te uploaden naar bepaalde websites, moet u de website
bezoeken en u registreren voordat u uw camera aansluit.
Een website openen
4
Geef uw gebruikersnaam en wachtwoord in en selecteer
Aanmelding.
• Zie 'Tekst ingeven' voor meer informatie over het ingeven van
tekst. (pag. 105)
• Zie 'De aanmeldingsbrowser gebruiken' als u verbonden bent
met SkyDrive. (p. 103)
→ een ID te
1
Draai de modusknop naar B.
• U kunt een ID in de lijst selecteren door
2
Selecteer
• Als u zich eerder bij de website hebt aangemeld, wordt u mogelijk
3
Selecteer een website.
.
selecteren.
automatisch aangemeld.
• Als het pop-upvenster wordt weergegeven dat u vraagt om een
Als u deze functie wilt gebruiken, moet u een bestaande account op de
website voor het delen van bestanden hebben.
account te maken, selecteert u OK.
• De camera probeert automatisch verbinding te maken met een
WLAN via het toegangspunt waarmee het laatst verbinding is
gemaakt.
• Als de camera niet eerder verbinding heeft gemaakt met een
WLAN, wordt er gezocht naar beschikbare toegangspunten.
(pag. 101)
111
Draadloos netwerk >
Websites voor het delen van foto's of video's gebruiken
Foto's of video's uploaden
1
Open de website met uw camera.
2
Scroll naar de bestanden die u wilt uploaden en druk op
[o].
• U kunt maximaal 20 bestanden selecteren. De totale grootte
mag maximaal 10 MB zijn. (Op sommige websites kan het totale
aantal bestanden afwijken.)
3
• U kunt geen RAW-bestanden uploaden.
• U kunt maximaal 20 bestanden per keer uploaden.
• U kunt geen bestanden uploaden als de bestandsgrootte de limiet
•
•
Selecteer Upload.
•
• Als u verbinding hebt gemaakt met Facebook, selecteert u
Upload → Uploaden.
•
• Als u verbinding hebt gemaakt met Facebook, kunt u uw
•
opmerkingen ingeven door het vak Opmerking te selecteren.
Zie 'Tekst ingeven' voor meer informatie over het ingeven van
tekst. (pag. 105)
•
•
overschrijdt. De maximale fotoresolutie die u kunt uploaden, is 2M en de
langste video die u kunt uploaden, is een video die is opgenomen met
. Als de geselecteerde foto een hogere resolutie dan 2M heeft, wordt
deze automatisch verkleind tot een lagere resolutie. Als u bent verbonden
met Facebook, wordt de fotoresolutie gewijzigd in de resolutie 1M.
De manier waarop foto's of video's moeten worden geüpload, is afhankelijk
van de geselecteerde website.
Als u door een firewall of gebruikersverificatie-instellingen geen toegang tot
een website krijgt, neemt u contact op met uw netwerkbeheerder of uw
netwerkserviceprovider.
De datum waarop geüploade foto's of video's zijn opgenomen, kan
automatisch worden gebruikt als naam voor de foto's of video's.
De snelheid waarmee u foto's kunt uploaden en webpagina's kunt openen,
is afhankelijk van de snelheid van uw internetverbinding.
Als het camerageheugen geen foto's bevat, kunt u deze functie niet
gebruiken.
U kunt in de afspeelmodus ook foto's en video's uploaden naar websites
voor het delen van bestanden door op [m] te drukken en vervolgens
z → Delen (Wi-Fi) → en een gewenste website te selecteren.
Wanneer u foto's uploadt naar SkyDrive, wordt het formaat gewijzigd in 2M
terwijl de hoogte-breedteverhouding gelijk blijft.
112
Draadloos netwerk
Foto's of video's via e-mail verzenden
U kunt de instellingen in het e-mailmenu wijzigen en foto's die op de
camera zijn opgeslagen, verzenden via e-mail.
5
Selecteer het vak Naam geef uw naam in en selecteer
Gereed.
Instelling afzender
E-mailinstellingen wijzigen
Naam
In het e-mailmenu kunt u de instellingen voor het opslaan van uw
gegevens of het opslaan van e-mailadressen wijzigen. U kunt ook het
e-mailwachtwoord instellen of wijzigen. Zie 'Tekst ingeven' voor meer
informatie over het ingeven van tekst. (pag. 105)
E-mail
Opslaan
Reset
Terug
Uw gegevens opslaan
1
Draai de modusknop naar B.
2
Selecteer
3
Druk op [m].
4
Selecteer
.
→ Instelling
6
Selecteer het vak E-mail geef uw e-mailadres in en
selecteer Gereed.
7
Selecteer Opslaan om de wijzigingen op te slaan.
• Als u uw gegevens wilt verwijderen, selecteert u Reset.
afzender.
113
Draadloos netwerk >
Foto's of video's via e-mail verzenden
Een e-mailwachtwoord instellen
Het e-mailwachtwoord wijzigen
1
Draai de modusknop naar B.
1
Draai de modusknop naar B.
2
Selecteer
2
Selecteer
3
Druk op [m].
3
Druk op [m].
4
Selecteer
4
Selecteer
5
Geef uw huidige wachtwoord van 4 cijfers in.
6
Geef een nieuw wachtwoord van 4 cijfers in.
7
Geef het nieuwe wachtwoord nogmaals in.
8
Klik op [o] wanneer het pop-upvenster wordt
weergegeven.
.
→ Wachtwoord
instellen → Aan.
• Selecteer Uit om het wachtwoord uit te schakelen.
5
Klik op [o] wanneer het pop-upvenster wordt
weergegeven.
• Het pop-upvenster verdwijnt automatisch, ook als u niet op [o]
drukt.
6
Voer een wachtwoord van 4 cijfers in.
7
Geef het wachtwoord nogmaals in.
8
Klik op [o] wanneer het pop-upvenster wordt
weergegeven.
.
→ Wachtwoord
wijzigen.
• Het pop-upvenster verdwijnt automatisch, ook als u niet op [o]
drukt.
• Het pop-upvenster verdwijnt automatisch, ook als u niet op [o]
drukt.
Als u uw wachtwoord niet meer weet, kunt u dit opnieuw instellen door
Reset te selecteren op het scherm voor het instellen van het wachtwoord.
Wanneer u de gegevens opnieuw instelt, worden eerder opgeslagen
instelgegevens van de gebruiker, e-mailadres en recent verzonden e-maillijst
verwijderd.
114
Draadloos netwerk >
Foto's of video's via e-mail verzenden
Foto's of video's via e-mail verzenden
6
U kunt foto's die op de camera zijn opgeslagen, verzenden via e-mail.
Zie 'Tekst ingeven' voor meer informatie over het ingeven van tekst.
(pag. 105)
Scroll naar de bestanden die u wilt verzenden en druk op
[o].
• U kunt maximaal 20 bestanden selecteren. De totale grootte mag
maximaal 7 MB zijn.
1
Draai de modusknop naar B.
7
Selecteer Send.
2
Selecteer
8
Selecteer het vak Opmerking geef uw opmerkingen in en
selecteer Gereed.
3
Selecteer het vak Afzender geef uw e-mailadres in
en selecteer Gereed.
9
Selecteer Verzenden.
.
• Als u uw gegevens eerder hebt opgeslagen, worden deze
automatisch ingevoegd. (pag. 113)
• Als u een adres uit de lijst met eerdere ontvangers wilt gebruiken,
selecteert u → een adres.
4
Selecteer het vak Ontvanger geef een e-mailadres in
en selecteer Gereed.
• De camera probeert automatisch verbinding te maken met een
WLAN via het toegangspunt waarmee het laatst verbinding is
gemaakt, om de e-mail te verzenden.
• Als de camera niet eerder verbinding heeft gemaakt met een
WLAN, wordt er gezocht naar beschikbare toegangspunten.
(pag. 101)
• Als u een adres uit de lijst met eerdere ontvangers wilt gebruiken,
selecteert u → een adres.
• Selecteer
om meer ontvangers toe te voegen. U kunt
maximaal 30 ontvangers ingeven.
• Selecteer
5
om een adres uit de lijst te verwijderen.
Selecteer Volgende.
115
Draadloos netwerk >
Foto's of video's via e-mail verzenden
• U kunt geen RAW-bestanden verzenden.
• U kunt maximaal 20 bestanden per keer verzenden.
• Zelfs als het erop lijkt dat een foto is overgedragen, kunnen fouten met
•
•
•
•
•
de e-mailaccount van de ontvanger ervoor zorgen dat de foto wordt
geweigerd of herkend als spam.
U kunt geen e-mail verzenden als er geen netwerkverbinding beschikbaar
is of als de instellingen van uw e-mailaccount onjuist zijn.
U kunt geen e-mail verzenden als de bestandsgrootte de limiet overschrijdt.
De maximale fotoresolutie die u kunt verzenden, is 2M, en de langste video
die u kunt verzenden, is een video opgenomen met
.
Als de geselecteerde foto een hogere resolutie dan 2M heeft, wordt deze
automatisch verkleind tot een lagere resolutie.
Als u door een firewall of gebruikersverificatie-instellingen geen e-mail
kunt verzenden, neemt u contact op met uw netwerkbeheerder of uw
netwerkserviceprovider.
Als het camerageheugen geen foto's bevat, kunt u deze functie niet
gebruiken.
U kunt in de afspeelmodus ook een e-mail verzenden door op [m] te
drukken en z → Delen (Wi-Fi) → E-mail te selecteren.
116
Draadloos netwerk
Automatische back-up gebruiken om foto's of video's te verzenden
U kunt foto's of video's die u met de camera hebt vastgelegd, draadloos
verzenden naar een pc. De functie Automatische back-up werkt alleen
met het Windows-besturingssysteem.
Foto's of video's verzenden naar een pc
1
Draai de modusknop naar B.
2
Selecteer
Het programma voor Automatische
back-up installeren op uw pc
1
Installeer Intelli-studio op de pc. (pag. 142)
2
Sluit de camera met de USB-kabel op de pc aan.
3
Klik op OK in het pop-upvenster.
• U moet de informatie voor de back-up-pc configureren om de
functie Automatische back-up te gebruiken. Zie 'Het programma
voor Automatische back-up installeren op uw pc' voor meer
informatie. (pag. 117)
3
4
Verwijder de USB-kabel.
5
Sluit de camera weer met de USB-kabel op de pc aan.
Druk op [m] om opties in te stellen.
• Als u uw pc automatisch wilt uitschakelen nadat de overdracht is
→ Pc afsluiten na back-up → Aan.
voltooid, selecteert u
• Als u de Help voor de functie Automatische back-up wilt
→ Handleiding.
weergeven, selecteert u
• Het programma Automatische back-up wordt geïnstalleerd op
de pc. Volg de instructies op het scherm om de installatie te
voltooien.
.
4
Druk op [o] om de back-up te starten.
• Als u het verzenden wilt annuleren, drukt u op [o].
• U kunt geen afzonderlijke bestanden selecteren om back-ups van
• De camera slaat informatie over de pc op, zodat de camera
bestanden kan verzenden naar de pc.
te maken. Deze functie maakt alleen een back-up van nieuwe
bestanden op de camera.
• De voortgang van de back-up wordt weergegeven op de monitor
van de pc.
Voordat u het programma installeert, moet u ervoor zorgen dat de pc is
verbonden met een netwerk. Als er geen internetverbinding beschikbaar is,
moet u het programma installeren vanaf de bijgeleverde cd.
• Wanneer de overdracht is voltooid, wordt de camera na ongeveer
30 seconden automatisch uitgeschakeld. Selecteer Annuleren
om terug te gaan naar het vorige scherm en te voorkomen dat de
camera automatisch wordt uitgeschakeld.
117
Draadloos netwerk >
Automatische back-up gebruiken om foto's of video's te verzenden
• Als de pc de WOL-functie (Wake on LAN) ondersteunt, kunt u de pc
•
•
•
•
•
•
•
•
•
•
•
automatisch inschakelen door op uw camera naar de pc te zoeken.
(pag. 122)
Wanneer u op de camera verbinding maakt met het WLAN, selecteert u
het toegangspunt dat is verbonden met de pc.
De camera zoekt naar de beschikbare toegangspunten, zelfs als u weer
verbinding maakt met hetzelfde toegangspunt.
Als u de camera uitschakelt of de batterij verwijdert terwijl u bestanden
verzendt, wordt de bestandsoverdracht onderbroken.
Wanneer u deze functie gebruikt, is alleen [Aan/uit-schakelaar]
beschikbaar op uw camera.
U kunt slechts één camera tegelijk verbinden met de pc om bestanden te
verzenden.
De back-up wordt mogelijk geannuleerd vanwege
netwerkomstandigheden.
Foto' of video' kunnen maar één keer naar een pc worden verzonden.
Bestanden kunnen niet opnieuw worden verzonden, zelfs niet als u uw
camera opnieuw aansluit op een andere pc.
Als het camerageheugen geen foto's bevat, kunt u deze functie niet
gebruiken.
U moet Windows Firewall en eventuele andere firewalls uitschakelen
voordat u deze functie gebruikt.
U kunt maximaal 1000 bestanden verzenden.
In de pc-software moet de servernaam worden ingegeven in het Latijnse
alfabet en mag de naam niet meer dan 48 tekens bevatten.
118
Draadloos netwerk
Foto's of video's weergeven op een tv met TV Link functionaliteit
TV Link is een technologie voor het delen van mediabestanden tussen
een camera en een televisie die verbinding hebben met hetzelfde
toegangspunt. Met deze technologie kunt u uw foto's of video's op een
breedbeeld-tv of ander apparaat weergeven.
1
Draai de modusknop naar B.
2
Selecteer
.
• Als het begeleidende bericht wordt weergegeven, drukt u op [o].
• De camera probeert automatisch verbinding te maken met een
WLAN via het toegangspunt waarmee het laatst verbinding is
gemaakt.
4
Zoek op de tv naar de camera en blader door de
gedeelde foto's of video's.
• Raadpleeg de gebruiksaanwijzing van de televisie voor informatie
over het zoeken naar de camera en het bladeren door foto's of
video's op de televisie.
• Afhankelijk van het type tv of de netwerkverbinding kan het
voorkomen dat video's niet vloeiend worden afgespeeld. Als dit
of
gebeurt, neemt u de video opnieuw op met de kwaliteit
en speelt u de video opnieuw af. Als video's niet vloeiend op uw
televisie worden afgespeeld via de draadloze verbinding, sluit u
de camera met een HDMI-kabel aan op de televisie.
• Als de camera niet eerder verbinding heeft gemaakt met een
WLAN, wordt er gezocht naar beschikbare toegangspunten.
(pag. 101)
3
Maak op uw tv verbinding met een draadloos netwerk via
een toegangspunt.
• Raadpleeg de gebruikershandleiding van de tv voor meer
informatie.
AP
119
Draadloos netwerk >
Foto's of video's weergeven op een tv met TV Link functionaliteit
• U kunt geen RAW-bestanden delen.
• U kunt maximaal 1000 foto's of video's delen.
• Op een tv-scherm kunt u alleen foto's of video's bekijken die u met de
camera hebt opgenomen.
• Het bereik van de draadloze verbinding tussen uw camera en een tv kan
verschillen, afhankelijk van de specificaties van het toegangspunt.
• Als de camera is verbonden met 2 tv's, wordt er mogelijk langzamer
•
•
•
•
•
•
•
•
•
•
•
•
afgespeeld.
U kunt deze functie alleen gebruiken met tv's met de TV Link-functie.
Foto's of video's worden met hun originele grootte gedeeld.
Sommige video's worden trager in het buffer opgeslagen.
Gedeelde foto's of video's worden niet opgeslagen op de televisie, maar u
kunt ze op de camera opslaan zodat ze voldoen aan de specificaties van
de televisie.
Het overbrengen van foto's of video's naar de tv kan enige tijd duren,
afhankelijk van de netwerkverbinding, het aantal bestanden dat u wilt delen
of de grootte van de bestanden.
Als u de camera op ongebruikelijke wijze uitschakelt terwijl u foto's of
video's op een tv bekijkt (bijvoorbeeld door de batterij te verwijderen), gaat
de tv ervan uit dat de verbinding met de camera nog intact is.
De volgorde van foto's of video's op de camera kan afwijken van die op de tv.
Afhankelijk van het aantal foto's of video's dat u wilt delen, kan het enige
tijd duren om uw foto's of video's te laden en de instelprocedure uit te
voeren.
Als u tijdens de weergave van foto's of video's op de tv voortdurend de
afstandsbediening van de tv gebruikt of andere handelingen op de tv
uitvoert, werkt deze functie mogelijk niet correct.
Als u bestanden op de camera sorteert of de volgorde van de bestanden
wijzigt terwijl u de bestanden op een tv bekijkt, moet u de instelprocedure
herhalen om de lijst met bestanden op de tv bij te werken.
Als het camerageheugen geen foto's bevat, kunt u deze functie niet
gebruiken.
Wij raden aan dat u een netwerkkabel gebruikt om uw tv op uw AP aan te
sluiten. Zo wordt haperend beeld bij het streamen van de inhoud zoveel
mogelijk beperkt.
120
Draadloos netwerk
Foto's verzenden via Wi-Fi Direct
Als de camera via een WLAN is verbonden met een apparaat dat de
functie Wi-Fi Direct ondersteunt, kunt u foto's verzenden naar het
apparaat. Deze functie wordt mogelijk niet ondersteund op bepaalde
apparaten.
1
Schakel op het toestel de optie Wi-Fi Direct in.
2
Scroll op de camera in de afspeelmodus naar een foto.
3
Druk op [m] en selecteer z → Delen (Wi-Fi) →
Wi-Fi Direct.
• In de weergave met één afbeelding kunt u slechts één foto
tegelijk verzenden.
• In de miniatuurweergave kunt u meerdere foto's selecteren door
naar miniaturen te scrollen en op [o] te drukken. Selecteer Send
wanneer u klaar bent met het selecteren van foto's.
4
Selecteer het apparaat in de lijst met Wi-Fi Directapparaten op de camera.
• Zorg ervoor dat de optie Wi-Fi Direct van het apparaat is
ingeschakeld.
• U kunt uw camera ook selecteren in de apparatenlijst van het
betreffende Wi-Fi Direct-apparaat.
5
Geef op het toestel de camera toestemming om
verbinding te maken met het toestel.
• De foto wordt verzonden naar het apparaat.
• U kunt maximaal 20 bestanden per keer verzenden.
• Als het camerageheugen geen foto's bevat, kunt u deze functie niet
gebruiken.
• Als u de verbinding annuleert voordat deze is voltooid, kan de camera
mogelijk niet opnieuw verbinding maken met het apparaat. In dat geval
moet u uw apparaat bijwerken met de nieuwste firmware.
121
Draadloos netwerk
Over de WOL-functie Wake on LAN
Met de WOL-functie kunt u een pc automatisch inschakelen of wekken met uw camera. Deze functie is beschikbaar voor desktop-pc's van Samsung
uit de afgelopen 5 jaar (niet beschikbaar voor all-in-one-pc's).
Als u andere wijzigingen dan de beschreven wijzigingen aanbrengt in de BIOS-instellingen van uw pc, kan uw pc worden beschadigd. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor
schade als gevolg van het wijzigen van de BIOS-instellingen van uw pc.
De pc instellen om wakker te worden uit de slaapmodus
1
Klik op Start en open het Control Panel
(Configuratiescherm).
3
Klik met de rechtermuisknop op Local Area
(LAN-verbinding) en klik op Properties (Eigenschappen).
2
Configureer de netwerkverbinding.
4
Klik op Configure (Configureren) → het tabblad Power
manage (Energiebeheer) → Allow this device to wake the
computer (Dit apparaat mag de computer uit stand-by
halen).
5
Klik op OK.
6
Start de pc opnieuw op.
• Windows 7:
Klik op Network and Internet (Netwerk en internet) →
Network and Sharing Center (Netwerkcentrum) →
Change adapter settings (Adapterinstellingen wijzigen).
• Windows Vista:
Klik op Network and Internet (Netwerk en internet) →
Network and Sharing Center (Netwerkcentrum) →
Manage network connections (Netwerkverbindingen beheren).
• Windows XP:
Klik op Network and Internet Connection (Netwerken Internet-verbindingen) → Network Connection
(Netwerkverbindingen).
122
Draadloos netwerk >
Over de WOL-functie Wake on LAN
De pc instellen om te worden ingeschakeld
1
• Windows Vista:
Schakel de pc in en druk op F2 terwijl de pc wordt
opgestart.
Klik op Network and Internet (Netwerk en internet) →
Network and Sharing Center (Netwerkcentrum) →
Manage network connections (Netwerkverbindingen beheren).
• Het BIOS-instelmenu wordt weergegeven.
2
Selecteer het tabblad Advanced (Geavanceerd) →
Power management Setup (Energiebeheer instellen).
3
Selecteer Resume on PME (Hervatten bij PME) →
Enabled (Ingeschakeld).
4
Druk op F10 om uw wijzigingen op te slaan en door te
gaan met opstarten.
5
Klik op Start en open het Control Panel
(Configuratiescherm).
• Windows XP:
Klik op Network and Internet Connection (Netwerken Internet-verbindingen) → Network Connection
(Netwerkverbindingen).
7
Selecteer stuurprogramma's voor de netwerkadapter.
8
Klik op de tab Advanced (Geavanceerd) en stel de
WOL-menu's in.
• U kunt deze functie niet gebruiken met een firewall of als er een
beveiligingsprogramma is geïnstalleerd.
• Als u de computer wilt inschakelen met de WOL-functie, moet de
6
Configureer de netwerkverbinding.
• Windows 7:
Klik op Network and Internet (Netwerk en internet) →
Network and Sharing Center (Netwerkcentrum) →
Change adapter settings (Adapterinstellingen wijzigen).
computer een actieve verbinding hebben met het LAN. Zorg ervoor dat
het lampje op de LAN-poort van de computer brandt, wat aangeeft dat de
LAN-verbinding actief is.
• Afhankelijk van het model van uw pc is het mogelijk dat de camera de pc
alleen kan wekken.
• Afhankelijk van het besturingssysteem of de stuurprogramma's van uw pc
kunnen de namen van het WOL-instelmenu verschillen.
- voorbeelden van het instellen van menunamen: PME, Wakeup on LAN
enzovoort inschakelen.
- voorbeelden van het instellen van menuwaarden: Enable, Magic packet
enzovoort
123
Hoofdstuk 5
Camera-instellingenmenu
Hier leest u alles over de menu's met gebruikersinstellingen en algemene instellingen.
U kunt de instellingen aan uw voorkeuren en behoeften aanpassen.
Camera-instellingenmenu
Gebruikersinstellingen
Met deze instellingen kunt u de gebruiksomgeving aanpassen.
U stelt als volgt
gebruikersopties in:
Ruisonderdrukking
Druk in de opnamemodus op [m] → u of X
→ een optie.
Gebruik Ruisonderdrukking om zichtbare ruis in foto's te verminderen.
* Standaard
Optie
Beschikbare items en de volgorde hiervan kunnen verschillen, afhankelijk van
de opnamemodus.
Beschrijving
Hoge ISO
ruisonderdr.
Met deze functie wordt ruis die bij een hoge ISOwaarde optreedt, verminderd. (Uit, Aan*)
Lange
ruisonderdr.
Met deze functie wordt ruis bij lange belichtingen
verminderd. (Uit, Aan*)
ISO aanpassen
DMF (Direct Manual Focus)
ISO-stap
U kunt het formaat voor de ISO-waarde instellen op 1/3 of 1 stap.
U kunt de scherpstelling handmatig aanpassen door de scherpstelring
te draaien nadat u hebt scherpgesteld door [Ontspanknop] half in te
drukken. Deze functie is mogelijk niet bij alle lenzen beschikbaar.
Auto ISO bereik
U kunt voor ISO Auto de maximale ISO-waarde voor de diverse
belichtingsstappen instellen.
* Standaard
Optie
Waarde
1 stap
ISO 200, ISO 400, ISO 800*, ISO 1600, ISO 3200
1/3 stap
ISO 125, ISO 160, ISO 200, ISO 250, ISO 320,
ISO 400, ISO 500, ISO 640, ISO 800*, ISO 1000,
ISO 1250, ISO 1600, ISO 2000, ISO 2500, ISO 3200
125
Camera-instellingenmenu >
Gebruikersinstellingen
AF-prioriteit
iFn aanpassen
U kunt instellen dat de camera alleen foto's vastlegt wanneer het
onderwerp scherp in beeld is.
U kunt opties selecteren die kunnen worden aangepast wanneer u op
[i-Function] drukt op een i-Function-lens.
Optie
Bij continuopnamen en serieopnamen maakt de camera ook foto's als de
functie AF-prioriteit is ingeschakeld en het onderwerp niet scherp in beeld is.
Vervormingscorrectie
U kunt de vervorming corrigeren die bij bepaalde lenzen kan optreden.
Deze functie is mogelijk niet bij alle lenzen beschikbaar.
Beschrijving
Diafragma
De diafragmawaarde aanpassen.
Sluitertijd
De sluitertijd aanpassen.
EV
De belichtingswaarde aanpassen.
ISO
De ISO-waarde aanpassen.
WB
De witbalans aanpassen.
Z
Het zoompercentage aanpassen.
126
Camera-instellingenmenu >
Gebruikersinstellingen
Gebruikersdisplay
Nr.
Histogram
U kunt opnamegegevens op het scherm weergeven of weglaten.
Het histogram op het scherm in- of uitschakelen.
3
1
2
4
5
Nr.
Beschrijving
4
Het histogram
Een histogram is een grafiek die de verdeling van de helderheid in het
beeld toont. Een histogram dat naar links neigt, duidt op een donker
beeld. Een histogram dat naar rechts neigt, duidt op een licht beeld.
De hoogte van de grafiek houdt verband met de kleurinformatie.
De grafiek wordt hoger als een bepaalde kleur veel voorkomt.
Onvoldoende belichting
Normale belichting
Te veel belichting
Beschrijving
Afstandsschaal
1
Pictogrammen rechts
2
Pictogrammen links
instellen dat de afstand tussen een onderwerp en de camera
wordt weergegeven wanneer u een lens bevestigt die de functie
Afstandsschaal ondersteunt. (Uit, ft, m*)
3
Datum/tijd
Pictogrammen aan de rechterkant weergeven in de opnamemodus.
Pictogrammen aan de linkerkant weergeven in de opnamemodus.
5
Deze functie is alleen beschikbaar als u een lens bevestigt die de
functie Afstandsschaal ondersteunt.
De datum en tijd weergeven.
127
Camera-instellingenmenu >
Gebruikersinstellingen
Knoptoewijzing
Rasterlijn
U kunt de functie wijzigen die is toegewezen aan de knop Aangepast of
de knop SMART LINK.
Hiermee kunt u een raster selecteren om te helpen bij de compositie.
(Uit*, 3 X 3, 2 X 2, Kruis, Diagonaal)
* Standaard
Knop
Functie
Aangepast
Een functie voor de knop Aangepast instellen.
• Optisch voorb.*, waarmee het
scherptedieptevoorbeeld voor de huidige
diafragmawaarde wordt geactiveerd. (pag. 22)
• WB-sneltoets (Witbalans), waarmee de functie
voor aangepaste witbalans wordt uitgevoerd.
• RAW-sneltoets +, waarmee de functie
RAW+JPEG wordt in- of uitgeschakeld.
• Reset, waarmee sommige instellingen opnieuw
worden ingesteld.
• AEL, waarmee de automatische belichting wordt
vergrendeld.
SMART LINK
Een functie voor de knop SMART LINK instellen.
(AutoShare*, MobileLink, Remote Viewfinder,
SNS en cloud, E-mail, Automatische back-up,
TV Link)
AF-lamp
Schakel de AF-lamp in om op donkere plaatsen beter automatisch te
kunnen scherpstellen. De autofocus werkt op donkere plaatsen beter
als de AF-lamp is ingeschakeld.
128
Camera-instellingenmenu
Instellingen 1
Hier leest u alles over de menuonderdelen van Instellingen 1.
* Standaard
Onderdeel
U stelt als volgt
menuopties van
Instellingen 1 in:
Stel de notatie voor bestands- en mapnummering in.
• Reset: na het gebruik van de resetfunctie begint de
bestandsnummering weer bij 0001.
• Serie*: de bestandsnummering loopt door, ook als u
een nieuwe geheugenkaart plaatst, de kaart formatteert
of alle foto's wist.
Druk in de opname- of afspeelmodus op [m] → q
→ een optie.
* Standaard
Onderdeel
Language
Beschrijving
De taal instellen van de informatie op het scherm.
Stel de notatie van bestandsnamen in.
• Standaard*: SAM_XXXX.JPG (sRGB)/
_SAMXXXX.JPG (Adobe RGB)
• Datum:
- sRGB files - MMDDxxxx.JPG. Een foto die 1 januari is
Best.naam
gemaakt, heet bijvoorbeeld 0101xxxx.jpg.
- Adobe RGB-bestanden - _MDDxxxx.JPG voor de
maanden januari tot en met september.Voor de maanden
oktober tot en met december wordt het maandnummer
vervangen door de letters A (okt.), B (nov.) en C (dec.).
Een foto die op 3 februari is gemaakt, heet bijvoorbeeld
_203xxxx.jpg. Een foto die op 5 oktober is gemaakt,
heet _A05xxxx.jpg.
Beschrijving
• De eerste mapnaam is 100PHOTO, en als u de sRGB-
Bestandsnr.
•
•
•
•
•
kleurruimte en de standaardbestandsnaamgeving hebt
gekozen, heet het eerste bestand SAM_0001.
Het bestandsnummer wordt steeds met één
opgehoogd, van SAM_0001 tot SAM_9999.
Ook mapnummers worden steeds met één
opgehoogd, van 100PHOTO tot 999PHOTO.
Het maximum aantal bestanden dat in een map kan
worden opgeslagen, is 9999.
Bestandsnummers worden volgens de DCFspecificaties (Design rule for Camera File system)
toegekend.
Als u een bestandsnaam wijzigt, bijvoorbeeld op een
computer, kan het bestand niet meer op de camera
worden weergegeven.
129
Camera-instellingenmenu >
Instellingen 1
* Standaard
Onderdeel
Maptype
Beschrijving
Stel het type map in.
• Standaard*: XXXPHOTO
• Datum: XXX_MMDD
Formatteer de geheugenkaart. Als u een geheugenkaart
formatteert, wordt deze voorbereid voor gebruik in de
camera en worden alle bestaande bestanden, inclusief
beveiligde bestanden, verwijderd. (Ja, Nee)
Formatt.
Reset
Er kunnen fouten optreden als u een geheugenkaart
door een ander merk camera, door een computer of in
een geheugenkaartlezer laat formatteren. Formatteer
geheugenkaarten in de camera voordat u er beelden op
vastlegt.
Het instellingenmenu en de opnameopties opnieuw
instellen zodat ze weer op de fabrieksinstellingen staan.
(Instellingen voor datum en tijd, taal en video-uitvoer
worden niet gewijzigd.) (Ja, Nee)
130
Camera-instellingenmenu
Instellingen 2
Hier leest u alles over de menuonderdelen van Instellingen 2.
* Standaard
Onderdeel
U stelt als volgt
menuopties van
Instellingen 2 in:
Druk in de opname- of afspeelmodus op [m] → w
→ een optie.
Scherm
auto. Uit
* Standaard
Onderdeel
Snel tonen
Display
aanpassen
Stel de helderheid van het scherm, de automatische
helderheidsoptie, de schermkleur of niveaumeter in.
• Helderheid display: de helderheid van het display
handmatig aanpassen.
• Helderheid autom.: de helderheid van het display
automatisch laten aanpassen. (Uit, Aan*)
• Displaykleur: de kleur van het display handmatig
aanpassen.
• Horizontale kalibratie: De niveaumeter kalibreren. Als
de niveaumeter niet waterpas is, plaatst u de camera op
een vlakke ondergrond en volgt u de instructies op het
scherm.
Spaarstand
• De ingestelde uitschakeltijd blijft ook na het vervangen
van de batterij bewaard.
• Automatisch uitschakelen werkt mogelijk niet als
de camera op een computer, televisie of printer is
aangesloten of een diavoorstelling of film afspeelt.
Stel de datum, tijd, datumnotatie en tijdzone in en of
de datum op de foto's moet worden weergegeven.
(Tijdzone, Datum, Tijd, Type, Afdruk)
Datum/tijd
• De datum verschijnt rechtsonder in het beeld.
• Wanneer u een foto afdrukt, kan het zijn dat sommige
printers de datum niet goed kunnen afdrukken.
• U kunt de optie Horizontale kalibratie niet openen in
de afspeelmodus.
• U kunt de peilmeter niet kalibreren in de staande
stand.
Stel de tijd in waarna het scherm wordt uitgeschakeld. Het
scherm wordt uitgeschakeld als u de camera gedurende
de ingestelde tijd niet gebruikt.
(Uit, 30 sec*, 1 min, 3 min, 5 min, 10 min)
Stel de tijd in waarna de camera wordt uitgeschakeld.
De camera wordt uitgeschakeld als u deze gedurende de
ingestelde tijd niet gebruikt. (30 sec, 1 min*, 3 min,
5 min, 10 min, 30 min)
Beschrijving
Stel de tijd in gedurende welke een foto direct na het
maken wordt weergegeven. (Uit, 1 sec.*, 3 sec., 5 sec.,
Vasthouden)
Beschrijving
Instellen dat Help-tekst over menu's en functies wordt
weergegeven. (Uit, Aan*)
Helpgids
weergeven
Druk op [
] om de Help-tekst te verbergen.
131
Camera-instellingenmenu
Instellingen 3
Hier leest u alles over de menuonderdelen van Instellingen 3.
* Standaard
Onderdeel
U stelt als volgt
menuopties van
Instellingen 3 in:
Druk in de opname- of afspeelmodus op [m] → e
→ een optie.
Anynet+
(HDMI-CEC)
* Standaard
Onderdeel
Beschrijving
• Systeemvolume: stel het geluidsvolume in of schakel het
Geluid
geluid helemaal uit. (Uit, Laag, Middel*, Hoog)
• AF-geluid: schakel het geluid dat de camera in de
AF-modus maakt in of uit. (Uit, Aan*)
• Toetsgeluid: schakel het geluid dat de camera maakt als
u knoppen indrukt in of uit. (Uit, Aan*)
• NTSC: Auto*, 1080i, 720p, 480p, 576p (wordt alleen
HDMI-uitvoer
Video
Kies het video-uitvoersignaal dat in uw land wordt gebruikt.
Dit is nodig voor wanneer de camera op een extern
videoapparaat zoals een monitor of televisie wordt
aangesloten.
• NTSC*: VS, Canada, Japan, Korea, Taiwan, Mexico,
enzovoort
• PAL (Ondersteunt alleen PAL B, D, G, H of I): Australië,
Oostenrijk, België, China, Denemarken, Finland, Frankrijk,
Duitsland, Engeland, Italië, Koeweit, Maleisië, Nieuw
Zeeland, Singapore, Spanje, Zweden, Zwitserland,
Thailand, Noorwegen, enzovoort
geactiveerd als PAL is geselecteerd)
Als de geselecteerde resolutie niet door de
HDTV wordt ondersteund, wordt automatisch de
onderliggende resolutiewaarde geselecteerd.
de sensor telkens bij het inschakelen van de camera
gereinigd. (Uit*, Aan)
Aangezien deze camera gebruikmaakt van
verwisselbare lenzen, kan er bij het wisselen van de
lens stof op de sensor komen. Dit kan resulteren
in zichtbare stofdeeltjes op de foto. Het wordt
aanbevolen om niet in een stoffige omgeving lenzen
te wisselen. Zorg ook dat de lensdop bevestigd is als
de lens niet wordt gebruikt.
Als de camera is aangesloten op een HDTV die Anynet+ (HDMICEC) ondersteunt, kunt u deze met de afstandsbediening van
de tv gebruiken door deze optie in te schakelen.
• Uit: u kunt niet met de afstandsbediening van de tv de
weergavefunctie van de camera gebruiken.
• Aan*: u kunt met de afstandsbediening van de tv de
weergavefunctie van de camera gebruiken.
Als u de camera met een HDMI-kabel op een HDTV
aansluit, kunt u de resolutie van het beeld wijzigen.
• Sensor reinigen: stof verwijderen van de sensor.
• Bij inschakelen: als deze optie is ingeschakeld, wordt
Sensor reinigen
Beschrijving
Controleer de firmwareversie van de body en de lens, Wi-Fi
MAC-adres en het netwerkcertificeringsnummer of werk de
firmware bij.
• Firmware bijwerken: de firmware van de camerabody of
lens bijwerken. (Toestel, Lens)
• U kunt firmware-upgrades downloaden van
www.samsung.com.
Apparaatgegevens
• U kunt geen firmware-upgrade uitvoeren als de
batterij niet volledig is opgeladen. Laad de batterij
volledig op voordat u een firmware-upgrade uitvoert.
• Bij een firmware-upgrade worden de
gebruikersinstellingen gereset. (De datum en tijd,
taal en video-uitvoer worden niet gereset.)
• Schakel de camera niet uit zolang het
upgradeproces actief is.
132
Camera-instellingenmenu
GPS
Hier vindt u informatie over de menu-items van de GPS-instelling.
Voor het gebruik van de GPS-functie moet u een optionele GPS-module
aanschaffen.
GPS-opties
instellen:
Druk in de opname- of afspeelmodus op [m] → U
→ een optie.
* Standaard
Onderdeel
Beschrijving
Geocodering
Stel in dat u met behulp van GPS (Global Positioning
System) foto's met locatiegegevens wilt nemen. De
locatiegegevens worden in de Exif-gegevens van de
foto opgeslagen. (Uit, Aan*)
Geldige tijdsinst.
GPS
Geef de tijdslimiet op waarna de laatste
locatiegegevens moeten worden gebruikt wanneer
de camera geen GPS-signalen ontvangt. Als de
camera na de opgegeven tijd geen GPS-signalen
ontvangt, worden er geen locatiegegevens op de
foto's vastgelegd. (15 sec*, 30 sec, 1 min, 3 min,
10 min, 30 min)
Locatieweergave
Geef de locatiegegevens op die in de opnamemodus
rechtsboven op het scherm verschijnen. De
locatiegegevens worden alleen in het Koreaans
weergegeven wanneer u zich in Korea bevindt en
de schermtaal op Koreaans is ingesteld. Wanneer
er een andere taal is ingesteld, verschijnen de
locatiegegevens in het Engels. (Uit, Aan*)
GPS resetten
Instellen dat er naar GPS-satellieten wordt gezocht
die zich het dichtst bij uw huidige positie bevinden.
(Ja, Nee)
133
Hoofdstuk 6
Verbinding maken met externe apparaten
Profiteer optimaal van de mogelijkheden van deze camera door het toestel op externe apparaten zoals een computer, HDTV of fotoprinter aan te sluiten.
Verbinding maken met externe apparaten
Bestanden weergeven op een HDTV of een 3D-televisie
U kunt foto's of video's bekijken door de camera met een optionele
HDMI-kabel op een HDTV (3D TV) aan te sluiten.
4
Zorg dat de HDTV en de camera zijn ingeschakeld en
selecteer de HDMI-modus op de HDTV.
• Op het scherm van de HDTV wordt hetzelfde weergegeven als
op het scherm van de camera.
Bestanden weergeven op een HDTV
1
Druk in de opname- of afspeelmodus op [m] →
e → HDMI-uitvoer → een optie. (pag. 132)
2
Schakel de camera en de HDTV uit.
3
Sluit de camera met de optionele HDMI-kabel op de
HDTV aan.
5
Bekijk de video's en foto's met behulp van de knoppen
op de camera.
• Als u de HDMI-kabel gebruikt, kunt u de camera via de Anynet+(CEC)methode op een HDTV aansluiten.
• Met de Anynet+(CEC)-functies kunt u aangesloten apparaten met de tvafstandsbediening bedienen.
• Als de HDTV Anynet+(CEC) ondersteunt, wordt de televisie automatisch
•
•
•
•
ingeschakeld wanneer deze samen met de camera wordt gebruikt. Deze
functie is mogelijk niet op alle HDTV's beschikbaar.
Wanneer de camera met een HDMI-kabel op een HDTV is aangesloten,
kunnen er geen foto's of video's met de camera worden gemaakt.
Wanneer de camera op een HDTV is aangesloten, zijn bepaalde
weergavefuncties van de camera mogelijk niet beschikbaar.
De tijdsduur waarna de camera en een HDTV met elkaar zijn verbonden
kan variëren, afhankelijk van de gebruikte geheugenkaart.
Hoewel de hoofdfunctie van een geheugenkaart het zorgen voor
een grotere overdrachtssnelheid is, is het niet noodzakelijk zo dat
een geheugenkaart met een grote overdrachtssnelheid ook snel is in
combinatie met de HDMI-functie.
135
Verbinding maken met externe apparaten >
Bestanden weergeven op een HDTV of een 3D-televisie
Bestanden weergeven op een
3D-televisie
5
U kunt foto's weergeven die zijn gemaakt in 3D-modus of
3D-panoramamodus op een 3D-televisie.
1
Druk in de opname- of afspeelmodus op [m] →
e → HDMI-uitvoer → een optie.
Druk op [I] op de camera of op de
modusschakelknop van de televisie om over te schakelen
naar de 3D-modus.
• Druk nogmaals op [I] op de camera of op de
modusschakelknop van de televisie om over te schakelen naar
de 2D-modus.
6
Schakel de 3D-functie van uw televisie in.
• Raadpleeg de gebruiksaanwijzing van de televisie voor meer
2
Schakel de camera en de 3D-televisie uit.
3
Sluit de camera op de 3D-televisie aan met de optionele
HDMI-kabel.
4
Schakel de camera in.
• U kunt een MPO-bestand niet weergeven in 3D-effect op televisies die
• Als u een Samsung 3D-televisie hebt die compatibel is
• Gebruik een 3D-bril wanneer u een MPO-bestand weergeeft op een
met Anynet+ en u hebt de functie Anynet+ van de camera
ingeschakeld, schakelt de 3D-televisie automatisch in en wordt
het camerascherm weergegeven terwijl de camera automatisch
overschakelt naar de afspeelmodus.
• Als u Anynet+ uitschakelt op de camera, wordt de 3D-televisie
informatie.
7
Bekijk 3D-foto's met de knoppen op uw camera of de
afstandsbediening van de televisie.
deze indeling niet ondersteunen.
3D-televisie.
Bekijk de 3D-afbeeldingen die zijn vastgelegd met uw camera, niet
gedurende langere tijd op een 3D-televisie of 3D-monitor. Dit kan
onaangename symptomen tot gevolg hebben, zoals vermoeide ogen,
vermoeidheid, misselijkheid, en meer.
niet automatisch ingeschakeld.
136
Verbinding maken met externe apparaten
Foto's afdrukken
Druk foto's op uw camera af door het toestel rechtstreeks op een
printer aan te sluiten of door DPOF-informatie (Digital Print Order
Format) op een geheugenkaart op te slaan.
2
• Wanneer het pop-upbericht op het camerascherm verschijnt,
selecteert u Printer.
3
Foto's met een PictBridge-fotoprinter
afdrukken
U kunt foto's met een PictBridge-compatibele printer afdrukken door de
camera rechtstreeks op de printer aan te sluiten.
1
Schakel de camera in.
Druk op [C/F] om een foto te selecteren.
• Druk op [m] om afdrukopties in te stellen.
4
Druk op [o] om af te drukken.
Schakel de printer in en sluit de camera er met een
USB-kabel op aan.
137
Verbinding maken met externe apparaten >
Foto's afdrukken
Afdrukopties instellen
Foto/'s
Een afdrukbestelling maken (DPOF)
Met DPOF (Digital Print Order Format, digitale afdrukbestelling) kunt
u voor foto's de afdrukgrootte en het aantal afdrukken instellen.
De camera bewaart de DPOF-informatie in de MISC-map op de
geheugenkaart. Uw camera toont een DPOF-indicator wanneer er een
foto met DPOF-informatie wordt weergegeven. Als u DPOF-gegevens
voor uw foto's hebt ingesteld, kunt u de geheugenkaart naar een
printshop brengen om de foto's te laten afdrukken.
Eén
Formaat
Lay-out
Type
Kwalit.
Datum
Afsl.
Optie
Printen
U stelt als volgt
DPOF opties in:
Druk in de afspeelmodus op [m] → x → DPOF →
een item.
Beschrijving
Foto/'s
Kies of alleen de huidige foto dan wel alle foto's
moeten worden afgedrukt.
Formaat
Geef het afdrukformaat op.
Lay-out
Het aantal foto's per pagina instellen.
Type
Selecteer het papiertype.
Kwalit.
De afdrukkwaliteit instellen.
Datum
Hier stelt u in of de datum moet worden afgedrukt.
Best.naam
Instellen of de bestandsnaam moet worden afgedrukt.
Reset
De instellingen terugzetten op de standaardwaarden.
Bepaalde opties worden mogelijk niet door alle printers ondersteund.
138
Verbinding maken met externe apparaten >
Foto's afdrukken
DPOF-opties
Optie
Beschrijving
Standaard
Selecteer de foto's die u wilt afdrukken en het aantal
afdrukken.
• Select.: selecteer het aantal afdrukken voor de
foto's die u selecteert. (Scroll naar de foto's die u
wilt afdrukken → Selecteer het aantal kopieën door
de navigatieknop te draaien en vervolgens op [f] te
drukken.)
• Alles: selecteer het aantal exemplaren voor alle foto's.
(Selecteer het aantal exemplaren door op [D/I]
en vervolgens op [o] te drukken.)
• Reset: annuleer alle DPOF-afdrukaantalselecties.
Index
Hiermee worden alle af te drukken foto's als
miniaturen op één vel papier afgedrukt. Het afdrukformaat
dat u hebt ingesteld, is alleen beschikbaar met
DPOF 1.1-compatibele printers.
Formaat
Hiermee kunt u de afdrukgrootte specificeren.
• Select.: selecteer het afdrukformaat voor de foto's die
selecteert. (Scroll naar de foto's die u wilt afdrukken →
Selecteer de afdrukgrootte door de navigatieknop te
draaien en vervolgens op [f] te drukken.)
• Alles: selecteer het afdrukformaat voor alle foto's op de
geheugenkaart. (Selecteer het afdrukformaat door op
[D/I] en vervolgens op [o] te drukken.)
• Reset: annuleer het DPOF-afdrukformaat voor alle
foto's.
139
Verbinding maken met externe apparaten
Bestanden naar de computer overbrengen
Breng bestanden op een geheugenkaart naar de computer over door
de camera op de pc aan te sluiten.
3
Schakel de camera in.
• Wanneer het pop-upbericht op het camerascherm wordt
weergegeven, selecteert u Computer.
Bestanden overbrengen naar een
Windows-computer
De camera aansluiten als verwisselbare schijf
U kunt de camera op de computer aansluiten als een verwisselbare
schijf.
1
2
Schakel de camera uit.
4
Selecteer op uw pc Deze computer → Verwisselbare schijf
→ DCIM → XXXPHOTO of XXX_MMDD.
5
Selecteer de gewenste bestanden en sleep deze naar de
computer of sla ze daar op.
Als Maptype is ingesteld op Datum, wordt de mapnaam weergegeven als
'XXX_MMDD'. Als u bijvoorbeeld op 1 januari een opname maakt, wordt de
mapnaam '101_0101'.
Sluit de camera op de computer aan met de USB-kabel.
• U moet het kleine uiteinde van de USB-kabel aansluiten op de
camera. Als u de kabel omgekeerd aansluit, kunnen de bestanden
beschadigen. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor enig verlies
van gegevens.
• Als u probeert de USB-kabel in de HDMI-poort te steken, werkt de
camera mogelijk niet naar behoren. Zet in dat geval de camera uit en
weer aan.
140
Verbinding maken met externe apparaten >
Bestanden naar de computer overbrengen
De camera loskoppelen (Windows XP)
Met Windows Vista en Windows 7 lijken de manieren waarop de camera
moet worden losgemaakt sterk op elkaar.
1
Zorg dat er op dat moment geen gegevens tussen de
camera en de computer worden uitgewisseld.
Bestanden overbrengen naar een
Mac-computer
1
Schakel de camera uit.
2
Sluit de camera met de USB-kabel op een Macintoshcomputer aan.
• Als het statuslampje op de camera knippert, betekent dit dat er
gegevens worden overgedragen. Wacht totdat het statuslampje
niet meer knippert.
2
Klik op
op de werkbalk rechtsonder in het scherm van
de computer.
3
Klik op het pop-upbericht.
4
Klik op het berichtveld waarin wordt aangegeven dat het
apparaat veilig is verwijderd.
5
Mac OS 10.4 of hoger wordt ondersteund.
• U moet het kleine uiteinde van de USB-kabel aansluiten op de
camera. Als u de kabel omgekeerd aansluit, kunnen de bestanden
worden beschadigd. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor enig
verlies van gegevens.
• Als u probeert de USB-kabel in de HDMI-poort te steken, werkt de
camera mogelijk niet naar behoren. Zet in dat geval de camera uit en
weer aan.
3
Schakel de camera in.
• Wanneer het pop-upbericht op het camerascherm wordt
weergegeven, selecteert u Computer.
Verwijder de USB-kabel.
4
Open de verwisselbare schijf.
5
Breng foto’s of video’s naar de computer over.
141
Verbinding maken met externe apparaten
Programma's gebruiken op een pc
U kunt bestanden bewerken met de meegeleverde programma's.
U kunt de bestanden ook draadloos naar een computer verzenden.
Programma's op de cd-rom
Programma
Software installeren
1
Plaats de cd-rom in de pc.
2
Wanneer de instellingenwizard verschijnt, klikt u op
Samsung Digital Camera Installer.
Doel
Intelli-studio
Foto's en video's bewerken.
PC Auto Backup
Verzend de opgenomen bestanden naar een
aangesloten pc via Wi-Fi.
• Als uw computer niet aan de vereisten voldoet, worden video’s mogelijk
niet naar behoren afgespeeld of duurt het langer om video’s te bewerken.
• Installeer DirectX 9.0c of een nieuwere versie voordat u het programma
gebruikt.
• U moet Windows XP/Vista/7 of Mac OS 10.4 of hogere versies gebruiken
3
Selecteer een programma dat u wilt installeren en klik op
Install (Installeren).
4
Volg de aanwijzingen op het scherm.
5
Klik op Exit (Afsluiten) wanneer de installatie voltooid is.
om de camera als een verwisselbare schijf te kunnen aansluiten.
Het gebruik van een zelfgemonteerde pc of een niet-ondersteunde pc en
besturingssysteem kan tot gevolg hebben dat uw garantie vervalt.
142
Verbinding maken met externe apparaten >
Programma's gebruiken op een pc
Intelli-studio gebruiken
• De vereisten zijn slechts aanbevelingen. Het werkt mogelijk niet correct
Intelli-studio is een ingebouwd programma waarmee u bestanden kunt
afspelen, weergeven of bewerken. U kunt er tevens bestanden mee
naar uw favoriete websites uploaden. Selecteer Help → Help in het
programma voor meer informatie.
•
•
•
Vereisten
•
Onderdeel
Vereisten
Besturingssysteem*
Windows XP SP2, Windows Vista of Windows 7
(32-bits edities)
Processor
Intel® Core 2 Duo 1,66GHz of hoger/
AMD AthlonTM X2 Dual-Core 2,2GHz of hoger
RAM
Minimaal 512 MB RAM
(1 GB of meer aanbevolen)
Schijfruimte
Minimaal 250 MB RAM
(1 GB of meer aanbevolen)
wanneer de computer voldoet aan de vereisten, afhankelijk van de
toestand van de computer.
Intelli-studio is alleen met Windows compatibel.
Intelli-studio ondersteunt de volgende bestandstypen:
- Video's: MP4 (Video: H.264, Audio: AAC), WMV (WMV 7/8/9),
AVI (MJPEG)
- Foto's: JPG, GIF, BMP, PNG, TIFF
De bestanden in de RAW-indeling kunnen niet worden geopend met het
programma Intelli-studio.
Bestanden kunnen niet in de camera worden bewerkt. Breng bestanden
naar een map op de computer over om ze te bewerken.
• Cd-rom-station
• 1024x768 pixels, monitor met ondersteuning
Overig
voor 16-bits kleuren (1280x1024 pixels en
ondersteuning voor 32-bits kleuren aanbevolen)
• USB 2.0-poort
• nVIDIA Geforce 7600GT of hoger/
ATI X1600-reeks of hoger
• Microsoft DirectX 9.0c of hoger
* Er wordt een 32-bits versie van Intelli-studio geïnstalleerd, zelfs bij 64-bits versie van
Windows XP, Windows Vista en Windows 7.
143
Verbinding maken met externe apparaten >
Programma's gebruiken op een pc
De interface van Intelli-studio gebruiken
1
2
3
4
5
Nr.
6
7
15
14
8
13
9
12
10
11
Nr.
Beschrijving
8
Hiermee geeft u bestanden in de geselecteerde map op de
computer weer.
9
Hiermee geeft u bestanden van de aangesloten camera weer of
verbergt u ze.
10
Hiermee geeft u bestanden in de geselecteerde map op de camera
weer.
11
Hiermee kunt u bestanden als miniaturen of op een kaart
weergeven.
12
Hiermee bladert u door de mappen op het aangesloten toestel.
13
Hiermee bladert u door mappen op de computer.
14
Hiermee gaat u naar de vorige of volgende map.
15
Hiermee drukt u bestanden af, geeft u bestanden op een kaart
weer, slaat u bestanden in Mijn map op of registreert u gezichten.
Beschrijving
1
Hiermee opent u menu's.
2
Hiermee geeft u bestanden in de geselecteerde map weer.
3
Hiermee gaat u naar de fotobewerkingsmodus.
4
Hiermee gaat u naar de videobewerkingsmodus.
5
Hiermee gaat u naar de modus Sharing om foto's te delen. (U kunt
bestanden per e-mail verzenden of uploaden naar websites zoals
Flickr of YouTube.)
6
Hiermee vergroot of verkleint u de miniaturen in de lijst.
7
Hiermee selecteert u een bestandstype.
144
Verbinding maken met externe apparaten >
Programma's gebruiken op een pc
Hiermee kunt u bestanden overbrengen met Intelli-studio
Met behulp van Intelli-studio kunt u gemakkelijk bestanden van de
camera naar de computer overbrengen.
1
Schakel de camera uit.
2
Sluit de camera op de computer aan met de USB-kabel.
3
Start Intelli-studio op de computer.
4
Schakel de camera in.
• Wanneer het pop-upbericht op het camerascherm wordt
weergegeven, selecteert u Computer.
5
Selecteer een map op de computer waarin u de
bestanden wilt opslaan en selecteer Ja.
• Nieuwe bestanden worden automatisch naar de computer
overgebracht.
• Als de camera geen nieuwe bestanden bevat, zal het
pop-upvenster voor het opslaan van nieuwe bestanden niet
verschijnen.
• Sluit het uiteinde van de kabel met de passende stekker op de camera
aan. Als u de kabel omgekeerd aansluit, kunnen de bestanden
beschadigen. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor enig verlies van
gegevens.
• Als u probeert de USB-kabel in de HDMI-poort te steken, werkt de
camera mogelijk niet naar behoren. Zet in dat geval de camera uit en
weer aan.
145
Verbinding maken met externe apparaten >
Programma's gebruiken op een pc
Adobe Photoshop Lightroom installeren
Adobe Photoshop Lightroom gebruiken
1
Plaats de DVD-ROM Adobe Photoshop Lightroom in de
pc.
2
Selecteer een taal.
3
Volg de aanwijzingen op het scherm.
Foto's die met een camera gemaakt zijn, worden vaak omgezet
naar een JPEG-indeling en opgeslagen in het geheugen volgens de
instellingen van de camera op het moment van de opname. RAWbestanden worden niet omgezet naar een JPEG-indeling, maar zonder
aanpassingen in het geheugen opgeslagen. Met Adobe Photoshop
Lightroom kunt u de belichting, witbalans, tinten, contrast en kleuren
van foto's kalibreren. U kunt ook JPEG- of TIFF-bestanden en RAWbestanden bewerken. Raadpleeg de handleiding bij het programma
voor meer informatie.
146
Hoofdstuk 7
Bijlagen
Informatie over foutberichten, onderhoud van de camera,
tips voor het oplossen van problemen, specificaties en optionele accessoires.
Bijlagen
Foutmeldingen
Als een van de volgende foutmeldingen verschijnt, kunt u de
onderstaande oplossingen proberen.
Foutmeldingen
Lens vergrend
Kaartfout
Mogelijke oplossing
De lens is vergrendeld. Draai de lens linksom totdat
u een klik hoort. (pag. 35)
• Schakel de camera uit en weer in.
• Verwijder de geheugenkaart en plaats deze weer
Foutmeldingen
Max. aant.
mappen en
bestanden bereikt.
Vervang kaart
Bestandsnamen komen niet overeen met de DCFnorm. Breng de bestanden op de geheugenkaart
naar een computer over en formatteer de kaart.
(pag. 130)
Error 00
Schakel de camera uit, ontkoppel de lens en
plaats deze weer terug. Neem contact op met een
servicecenter als de melding blijft verschijnen.
Error 01/02
Schakel de camera uit, verwijder de batterij en
plaats deze weer terug. Neem contact op met een
servicecenter als de melding blijft verschijnen.
terug.
• Formatteer de geheugenkaart.
Batterij bijna leeg
Plaats een opgeladen batterij of laad de batterij op.
Geen foto
Maak foto's of plaats een geheugenkaart met
foto's.
Bestandsfout
Wis het beschadigde bestand of neem contact op
met een servicecenter.
Geheugen vol
Wis onnodige bestanden of plaats een nieuwe
geheugenkaart.
Kaart vergrendeld
U kunt een SD-, SDHC- of SDXC-kaart
vergrendelen om te voorkomen dat bestanden
worden verwijderd. Ontgrendel de kaart voordat u
gaat fotograferen. (pag. 154)
Mogelijke oplossing
148
Bijlagen
Onderhoud van de camera
Reiniging van de camera
Cameralens en -scherm
Verwijder stof met behulp van een kwastje en veeg de lens met een
zachte doek voorzichtig af. Voor eventueel achtergebleven stof brengt
u lensreinigingsvloeistof op een stuk reinigingspapier aan en veegt u de
lens voorzichtig schoon.
Beeldsensor
Afhankelijk van de opnameomstandigheden kan er stof op foto's
zichtbaar zijn doordat de beeldsensor aan de buitenlucht is blootgesteld
geweest. Dit is geen probleem en blootstelling aan stof is iets wat bij
alledaags gebruik van de camera gebeurt. U kunt stof van de sensor
verwijderen met de functie voor sensorreiniging. (pag. 132) Als er na het
reinigen van de sensor nog stof achterblijft, neemt u contact op met een
servicecenter. Steek de blazer niet in de opening van de vatting.
Camerabehuizing
Veeg deze voorzichtig met een zachte droge doek af.
Gebruik nooit benzeen, thinner of alcohol om het toestel te reinigen. Deze
oplosmiddelen kunnen de camera beschadigen of defecten veroorzaken.
149
Bijlagen >
Onderhoud van de camera
De camera gebruiken of opbergen
Gebruik op het strand of aan de waterkant
• Bescherm de camera tegen zand en vuil wanneer u deze op het
Ongeschikte plaatsen voor het gebruiken of opbergen van
de camera
• Stel de camera niet bloot aan zeer hoge of lage temperaturen.
strand of in een andere, soortgelijke omgeving gebruikt.
• Uw camera is niet waterbestendig. Gebruik de batterij of
geheugenkaart niet met natte handen. Als u de camera gebruikt met
natte handen, kan de camera beschadigd raken.
• Gebruik de camera niet in zeer vochtige omgevingen of omgevingen
waar de luchtvochtigheid snel verandert.
• Stel de camera niet bloot aan direct zonlicht en bewaar de camera
niet op warme locaties met slechte ventilatie, bijvoorbeeld in een auto
die in de zon staat.
• Bescherm de camera en het scherm tegen stoten, ruw gebruik en
sterke trillingen om ernstige schade te voorkomen.
• Gebruik of bewaar de camera niet op stoffige, vuile, vochtige of
slecht-geventileerde plaatsen, om schade aan bewegende en interne
onderdelen te voorkomen.
Camera voor langere tijd opbergen
• Als u de camera voor langere tijd opbergt, moet u de camera samen
met absorberend materiaal, bijvoorbeeld silicagel, in een afgesloten
houder plaatsen.
• Haal de batterijen uit de camera wanneer u deze voor langere tijd
opbergt. Batterijen in het batterijvak kunnen na verloop van tijd gaan
lekken of roesten en ernstige schade aan uw camera veroorzaken.
• Batterijen die niet worden gebruikt, ontladen zich na verloop van tijd
en moeten voor gebruik opnieuw worden opgeladen.
• Gebruik de camera niet in de buurt van brandstoffen, brandbare
stoffen of ontvlambare chemicaliën. Bewaar geen ontvlambare
vloeistoffen, gassen en explosief materiaal in dezelfde ruimte als de
camera of de accessoires van de camera.
• Berg de camera niet op met mottenballen.
150
Bijlagen >
Onderhoud van de camera
Wees voorzichtig bij gebruik in vochtige omgevingen
Als u de camera overbrengt van een koude omgeving naar een warme,
kan er condensvorming optreden op de lens of de interne onderdelen
van de camera. In dit geval moet u de camera uitschakelen en minstens
1 uur wachten. Als er condensvorming optreedt op de geheugenkaart,
moet u de kaart verwijderen uit de camera en wachten tot al het vocht is
verdampt voordat u de kaart terugplaatst.
• Leg camera's, batterijen, opladers of accessoires nooit in de buurt
van, op of in verwarmingsapparaten, zoals magnetrons, kachels of
radiatoren. Deze apparaten kunnen worden vervormd en oververhit
raken en brand of een ontploffing veroorzaken.
• Stel de lens niet bloot aan direct zonlicht. Hierdoor kan de
beeldsensor verkleuren of defect raken.
• Bescherm de lens tegen vingerafdrukken en krassen. Reinig de lens
met een zachte, schone doek.
Overige aandachtspunten
• Zwaai de camera niet aan de polslus heen en weer. Hierdoor kunt u
uzelf of anderen verwonden of schade aan uw camera veroorzaken.
• Verf de camera niet, omdat verf tussen de bewegende onderdelen
kan gaan zitten en de werking van de camera kan beïnvloeden.
• Schakel de camera uit wanneer u deze niet gebruikt.
• De camera bevat kwetsbare onderdelen. Zorg daarom dat u de
camera niet blootstelt aan schokken.
• Bewaar de camera in het etui om het scherm te beschermen tegen
externe krachten. Houd de camera uit de buurt van zand, scherp
gereedschap of kleingeld om te voorkomen dat er krassen op de
camera komen.
• Gebruik de camera niet als het scherm gebarsten of beschadigd
• Als de camera een schok opvangt, wordt de camera mogelijk
uitgeschakeld. Dit gebeurt om de geheugenkaart te beschermen.
Schakel de camera weer in om de camera te gebruiken.
• De camera kan warm worden tijdens het gebruik. Dit is normaal en is
niet van invloed op de levensduur of prestaties van uw camera.
• Bij lage temperaturen kan het langer duren voor de camera is
ingeschakeld, kan de kleur van het scherm tijdelijk veranderen of
kunnen nabeelden worden weergegeven. Deze omstandigheden
duiden niet op defecten en worden verholpen als u de camera weer bij
normale temperaturen gebruikt.
• Verf of metaal aan de buitenzijde van de camera kan allergieën, jeuk,
eczeem of bultjes veroorzaken bij mensen met een gevoelige huid.
Als u last hebt van een van deze symptomen, stopt u onmiddellijk met
het gebruik van de camera en raadpleegt u een arts.
is. Gebarsten glas of acryl kan letsel aan uw handen en gezicht
veroorzaken. Breng de camera naar een servicecenter van Samsung
om de camera te laten repareren.
151
Bijlagen >
Onderhoud van de camera
Geheugenkaart
Ondersteunde geheugenkaart
Dit product accepteert de geheugenkaarten SD (Secure Digital),
SDHC (Secure Digital High Capacity), SDXC (Secure Digital eXtended
Capacity), microSD, microSDHC of microSDXC.
Capaciteit van de geheugenkaart
De geheugencapaciteit verschilt, afhankelijk van de opnamemodus en
de opnameomstandigheden. De volgende capaciteiten zijn op een
SD-kaart van 2 GB gebaseerd.
Formaat
Kwaliteit
Hoge kwaliteit
Normaal
Ongeveer
17' 35"
Ongeveer
21' 56"
Ongeveer
19' 00"
Ongeveer
23' 43"
Ongeveer
29' 10"
Ongeveer
36' 20"
Ongeveer
73' 26"
Ongeveer
91' 00"
Ongeveer
236' 16"
Ongeveer
287' 12"
Contactpunten
1920X1080
(30 fps)
Schrijfvergrendeling
Etiket (voorzijde)
1920X810
(24 fps)
Bij SD- , SDHC of SDXC-kaarten kunt u voorkomen dat bestanden
worden gewist door de schrijfvergrendeling op de kaart om te zetten.
Schuif de vergrendeling naar beneden om de kaart alleen-lezen te
maken, en omhoog om de schrijfvergrendeling op te heffen. Ontgrendel
de kaart voordat u foto's en video's maakt.
Geheugenkaartadapter
Geheugenkaart
Als u microgeheugenkaarten wilt gebruiken met dit product, een
computer of een geheugenkaartlezer, moet u de kaart in een adapter
plaatsen.
Video*
1280X720
(30 fps)
640X480
(30 fps)
Om te delen
(30 fps)
* Bij gebruik van de zoomfunctie kan de opnametijd van de hier gegeven waarden
afwijken. Om de totale opnameduur te bepalen, zijn er verschillende video's achter elkaar
opgenomen.
152
Bijlagen >
Onderhoud van de camera
Kwaliteit
Formaat
Foto
Superhoog
Hoog
Normaal
RAW
RAW + S.Fijn
RAW + Fijn
RAW + Normaal
20.0M (5472X3648)
186
364
535
53
37
46
51
10.1M (3888X2592)
378
724
1043
-
47
53
56
5.9M (2976X1984)
626
1168
1642
-
52
57
58
2.0M (1728X1152)
1627
2742
3553
-
58
60
61
Burst
731
1349
1878
-
-
-
-
16.9M (5472X3080)
230
448
655
-
40
49
53
7.8M (3712X2088)
485
919
1310
-
50
55
57
4.9M (2944X1656)
747
1376
1912
-
54
57
59
2.1M (1920X1080)
1573
2666
3468
-
58
60
61
13.3M (3648X3648)
289
560
814
-
44
51
54
7.0M (2640X2640)
536
1010
1432
-
51
56
58
4.0M (2000X2000)
893
1621
2224
-
55
58
59
1.1M (1024X1024)
2645
4057
4936
-
60
61
61
153
Bijlagen >
Onderhoud van de camera
Aandachtspunten bij gebruik van geheugenkaarten
• Vermijd blootstelling van geheugenkaarten aan zeer lage of hoge
temperaturen (onder 0 °C/32 °F of boven 40 °C/104 °F). Extreme
temperaturen kunnen ervoor zorgen dat geheugenkaarten niet goed
werken.
• Plaats een geheugenkaart in de juiste richting. Als u een
geheugenkaart in de verkeerde richting plaatst, kunnen de camera en
de geheugenkaart hierdoor beschadigen.
• Gebruik geen geheugenkaarten die in een andere camera of
door een computer zijn geformatteerd. Formatteer een dergelijke
geheugenkaart opnieuw in uw eigen camera.
• Schakel de camera uit wanneer u een geheugenkaart plaatst of
verwijdert.
• Verwijder de geheugenkaart niet en schakel uw camera niet uit
wanneer het lampje knippert. Hierdoor kunnen de gegevens
beschadigen.
• Wanneer de levensduur van een geheugenkaart is verlopen, kunt
• Voorkom dat geheugenkaarten in contact komen met vloeistoffen, vuil
of vreemde stoffen. Veeg zo nodig de geheugenkaart met een zachte
doek schoon voordat u de geheugenkaart in de camera plaatst.
• Voorkom dat geheugenkaarten, of de sleuf voor geheugenkaarten,
in contact komen met vloeistoffen, vuil of vreemde stoffen. Dergelijke
stoffen kunnen ervoor zorgen dat geheugenkaarten of de camera niet
goed meer werken.
• Wanneer u een geheugenkaart bij u draagt, moet u een hoesje
gebruiken om de kaart tegen elektrostatische ontlading te
beschermen.
• Breng belangrijke gegevens over naar andere dragers, zoals een
harde schijf of cd/dvd.
• Als u de camera langere tijd gebruikt, kan de geheugenkaart warm
worden. Dit is normaal en wijst niet op een defect.
• Gebruik een geheugenkaart die voldoet aan de standaardvereisten.
De fabrikant is niet verantwoordelijk voor enig verlies van gegevens.
u geen foto's meer op de kaart opslaan. Gebruik een nieuwe
geheugenkaart.
• Zorg dat geheugenkaarten niet buigen, vallen of aan zware klappen of
druk worden blootgesteld.
• Zorg dat u geheugenkaart niet gebruikt of opbergt in de buurt van
krachtige magnetische velden.
• Zorg dat u geheugenkaarten niet gebruikt op locaties met hoge
temperaturen of luchtvochtigheid of in de buurt van bijtende stoffen.
154
Bijlagen >
Onderhoud van de camera
De batterij
• Plaats de batterij niet voor langere tijd op ontvlambare oppervlakken, zoals
Gebruik alleen door Samsung goedgekeurde batterijen.
• Laat het toestel, als het is ingeschakeld, niet voor langere tijd in een
matrassen, tapijten of elektrische dekens.
afgesloten ruimte.
• Zorg ervoor dat de polen van de batterij niet in contact komen met metalen
Batterijspecificaties
Onderdeel
voorwerpen, zoals halskettingen, munten, sleutels en horloges.
Beschrijving
• Gebruik uitsluitend authentieke, door de fabrikant aanbevolen lithiumionbatterijen ter vervanging.
Model
BP1030
• Haal de batterij niet uit elkaar en maak er geen gat in met een scherp
Type
Lithium-ionbatterij
Capaciteit
1030 mAh
• Stel de batterij niet bloot aan hoge druk of extreme krachten.
• Stel de batterij niet bloot aan hevige klappen, bijvoorbeeld door deze van
Voltage
7,4 V
Oplaadtijd (Wanneer de batterij
volledig ontladen is)
Ongeveer 140 min
voorwerp.
grote hoogte te laten vallen.
Onzorgvuldig of verkeerd gebruik van de batterij kan lichamelijk
letsel of de dood tot gevolg hebben. Volg voor uw eigen veiligheid de
onderstaande instructies voor het juiste gebruik van de batterij:
• De batterij kan vlam vatten of exploderen als deze niet op de juiste wijze
•
•
•
•
wordt gebruikt. Als u vervormingen, scheuren of andere afwijkingen in
de batterij opmerkt, stopt u onmiddellijk het gebruik hiervan en neemt u
contact op met de fabrikant.
Gebruik alleen authentieke, door de fabrikant aanbevolen batterijopladers
en laad de batterij alleen op de in deze gebruiksaanwijzing voorgeschreven
wijze op.
Plaats de batterij niet te dicht bij warmtebronnen en stel de batterij niet
bloot aan extreem warme omgevingen, zoals een gesloten auto in de
zomer.
Plaats de batterij niet in een magnetron.
Bewaar of gebruik de batterij niet in een hete, vochtige omgeving, zoals
een badkamer of douche.
• Stel de batterij niet bloot aan temperaturen van 60 °C (140 °F) of hoger.
• Stel de batterij niet bloot aan vocht of vloeistoffen.
• De batterij mag niet worden blootgesteld aan overmatige warmte zoals
zonneschijn, vuur of dergelijke zaken.
Richtlijnen voor afvoer
• Voer de batterij met zorg af.
• Werp de batterij nooit in een open vuur.
• Afhankelijk van uw land of regio kan de regelgeving met betrekking tot
de afvoer verschillen. Voer de batterij af volgens de lokale en federale
regelgeving.
Richtlijnen voor het opladen van de batterij
Laad de batterij alleen op volgens de procedure in deze gebruiksaanwijzing.
De batterij kan ontbranden of exploderen als deze niet op de juiste wijze
wordt opgeladen.
155
Bijlagen >
Onderhoud van de camera
Opnameduur van de batterij
Opnamemodus
Gemiddelde tijdsduur/Aantal foto's
Foto's
Ongeveer 160 min/Ongeveer 320 foto's
Video's
Ongeveer 110 min (Video's opnemen met een
resolutie van 1920X1080 en 30 fps.)
• De bovenstaande cijfers zijn op de testnormen van Samsung
gebaseerd. De resultaten die u tijdens het gebruik behaalt, kunnen
hiervan afwijken.
De batterij gebruiken
• Bij temperaturen onder 0 °C/32 °F kunnen de capaciteit en levensduur
van de batterij afnemen.
• Bij lage temperaturen kan de batterijcapaciteit afnemen, maar de
gewone capaciteit wordt hersteld bij gebruik bij hogere temperaturen.
• Als u de camera langere tijd gebruikt, kan het gebied rond de
batterijklep warm worden. Dit heeft geen invloed op de normale
werking van de camera.
• De daadwerkelijk beschikbare opnameduur verschilt en is
afhankelijk van achtergrond, de tijd tussen opnamen en de
gebruiksomstandigheden.
• Om de totale opnameduur te bepalen, zijn er verschillende video's
achter elkaar opgenomen.
De batterij opladen
• Controleer als het indicatielampje uit is of de batterij op de juiste wijze
is geplaatst.
• Trek de voedingskabel niet aan de kabel zelf uit het stopcontact.
Dit kan brand of een schok veroorzaken.
Bericht Batterij bijna leeg
Als de batterij volledig is ontladen, wordt het batterijpictogram rood en
wordt de melding 'Batterij bijna leeg' weergegeven.
• Wanneer de batterij volledig leeg is, moet u deze minimaal 10 minuten
opladen voor u de batterij weer gebruikt in de camera.
• Als het indicatielampje oranje knippert of niet brandt, sluit u de kabel
opnieuw aan of verwijdert u de batterij en plaatst u deze opnieuw in
de camera.
• Als u de batterij oplaadt wanneer de kabel oververhit is of de
temperatuur te hoog is, kan het indicatielampje oranje worden.
Nadat de batterij is afgekoeld, wordt met opladen begonnen.
• Knik de voedingskabel niet en plaats er geen zware voorwerpen op.
Hierdoor zou de kabel kunnen beschadigen.
156
Bijlagen
Voordat u contact opneemt met een servicecenter
Wanneer u problemen met het toestel ondervindt, kunt u eerst de
volgende procedures uitvoeren voordat u contact opneemt met een
servicecenter.
Probleem
• Er is geen ruimte op de geheugenkaart. Wis
•
Wanneer u uw camera naar een servicecenter brengt, moet u ook de
onderdelen meenemen die de oorzaak kunnen zijn van de fout, zoals
bijvoorbeeld de geheugenkaart of de batterij.
Probleem
Mogelijke oplossing
Er kunnen geen foto's
worden gemaakt
• Controleer of de batterij in de camera is
De camera kan niet
worden ingeschakeld
De camera
wordt plotseling
uitgeschakeld
het display wordt automatisch uitgeschakeld.
(pag. 131)
• De camera wordt mogelijk automatisch
uitgeschakeld om te voorkomen dat de
geheugenkaart door extreme hitte beschadigd
raakt. Schakel de camera weer in.
• Bij lage temperaturen (onder 0 °C/32 °F) kan
De batterij raakt snel
leeg
de batterij sneller leeg raken. Houd de batterij
warm door deze in uw zak te steken.
• Met het gebruik van de flitser en het opnemen
van video's raakt de batterij snel leeg. Laad de
batterij indien nodig weer op.
• Batterijen zijn verbruiksartikelen die na verloop
van tijd moeten worden vervangen. Koop een
nieuwe batterij als de levensduur drastisch
afneemt.
•
•
•
geplaatst.
• Controleer of de batterij correct in de camera is
geplaatst.
• Laad de batterij op.
• Laad de batterij op.
• Uw camera staat mogelijk in de spaarstand of
Mogelijke oplossing
•
•
•
onnodige bestanden of plaats een nieuwe
kaart.
Wanneer de functie AF-prioriteit is
ingeschakeld, kunt u geen foto's maken als er
niet is scherpgesteld. Stel AF-prioriteit in op
Uit of stel correct scherp op het onderwerp.
(pag. 126)
Formatteer de geheugenkaart.
De geheugenkaart is defect. Koop een nieuwe
geheugenkaart.
De geheugenkaart is vergrendeld. Ontgrendel
de kaart. (pag. 154)
Controleer of de camera is ingeschakeld.
Laad de batterij op.
Controleer of de batterij correct in de camera is
geplaatst.
De camera loopt vast
Verwijder de batterij en plaats deze weer terug.
De camera wordt
warm
De camera kan warm worden tijdens het gebruik.
Dit is normaal en is niet van invloed op de
levensduur of prestaties van uw camera.
Er wordt onverwachts
geflitst
De flitser wordt mogelijk geactiveerd vanwege
statische elektriciteit. Dit duidt niet op een defect
van de camera.
De flitser werkt niet
• Mogelijk is de flitser ingesteld op Uit. (pag. 76)
• In bepaalde modi kunt u de flitser niet
gebruiken.
De datum en tijd
kloppen niet
Stel in het menu w de datum en tijd in.
(pag. 131)
157
Bijlagen >
Voordat u contact opneemt met een servicecenter
Probleem
Het scherm of de
knoppen werken niet
Mogelijke oplossing
is voor het soort opname dat u wilt maken.
De foto's zijn
onscherp
weer terug.
Uw televisie of
computer kan geen
foto's of video's
weergeven die zijn
opgeslagen op een
SDXC-geheugenkaart.
SDXC-geheugenkaarten gebruiken het
exFAT-bestandssysteem. Zorg ervoor dat het
externe apparaat compatibel is met het exFATbestandssysteem voordat u de camera aansluit
op het apparaat.
Uw computer
herkent een SDXCgeheugenkaart niet.
SDXC-geheugenkaarten gebruiken het exFATbestandssysteem. Als u SDXC-geheugenkaarten
wilt gebruiken op een Windows XP-computer,
kunt u het stuurprogramma voor het exFATbestandssysteem downloaden en bijwerken via
de website van Microsoft.
Kan geen bestanden
weergeven
Als u de naam van een bestand wijzigt, kan
de camera dit bestand mogelijk niet afspelen
(de bestandsnaam moet aan de DCFnormen voldoen). In dergelijke gevallen kunt
u de bestanden op een computer afspelen of
weergeven.
• Gebruik een statief om te voorkomen dat de
camera beweegt.
• Controleer of de lens schoon is. Reinig de lens
indien nodig. (pag. 151)
• Formatteer de geheugenkaart.
Zie 'Aandachtspunten bij gebruik van
geheugenkaarten' voor meer informatie.
(pag. 156)
Mogelijke oplossing
• Zorg dat de gekozen scherpsteloptie geschikt
Verwijder de batterij en plaats deze weer terug.
• Schakel de camera uit en weer in.
• Verwijder de geheugenkaart en plaats deze
De geheugenkaart
heeft een fout
Probleem
De kleuren in de
foto zijn anders dan
de daadwerkelijke
kleuren
Een onjuiste witbalans kan voor onrealistische
kleuren zorgen. Selecteer de juiste witbalansoptie
voor de lichtbron. (pag. 61)
De foto is te licht
De foto is overbelicht.
• Pas de diafragmawaarde of sluitertijd aan.
• Pas de ISO-waarde aan. (pag. 60)
• Schakel de flitser uit. (pag. 76)
• Pas de belichtingswaarde aan. (pag. 85)
De foto is te donker
De foto is onderbelicht.
• Pas de diafragmawaarde of sluitertijd aan.
• Pas de ISO-waarde aan. (pag. 60)
• Schakel de flitser in. (pag. 76)
• Pas de belichtingswaarde aan. (pag. 85)
158
Bijlagen >
Voordat u contact opneemt met een servicecenter
Probleem
Foto's zijn vervormd
Het afspeelscherm
verschijnt niet op het
aangesloten externe
apparaat
Mogelijke oplossing
Deze camera kan een minimale vervorming
hebben wanneer er een groothoeklens wordt
gebruikt waarmee een grote beeldhoek mogelijk
is. Dit is normaal en wijst niet op een defect.
Probleem
Ik kan geen DPOF
voor RAW-bestanden
instellen
Autofocus werkt niet
• Controleer of de USB-kabel correct is
De computer herkent
de camera niet
aangesloten.
• Controleer of de camera is ingeschakeld.
• Controleer of u een ondersteund
besturingssysteem gebruikt.
AEL-functie werkt niet
Tijdens het
overbrengen van
bestanden verbreekt
de computer de
verbinding
De bestandsoverdracht kan door statische
elektriciteit worden gestoord. Koppel de
USB-kabel los en sluit deze weer aan.
De computer kan
geen video's afspelen
Afhankelijk van de gebruikte software, worden
videobestanden mogelijk niet afgespeeld.
Installeer en gebruik het programma Intellistudio op uw computer voor het afspelen van
videobestanden die u met uw camera hebt
opgenomen. (pag. 142)
Lens werkt niet
onderwerp zich buiten het AF-gebied bevindt,
beweegt u de camera zodanig dat het AFgebied over het onderwerp valt en drukt u
[Ontspanknop] half in om scherp te stellen.
• Het onderwerp is te dichtbij. Neem een stap
naar achteren en maak de opname.
• De scherpstelling is op MF ingesteld.
Schakel over naar de AF-modus.
AEL-functie werkt niet in de modi t, M,
i, g en s. Selecteer een andere modus als
u deze functie wilt gebruiken.
• Zorg dat de lens goed is geplaatst.
• Ontkoppel de lens van de camera en plaats
deze vervolgens opnieuw.
• Sluit Intelli-studio af en start het programma
Intelli-studio werkt niet
naar behoren
U kunt DPOF niet instellen voor RAW-bestanden.
• Het onderwerp is niet in focus. Wanneer het
• Controleer of de HDMI-kabel goed op de
externe monitor is aangesloten.
• Zorg dat er bruikbare opnamen op de
geheugenkaart staan.
Mogelijke oplossing
opnieuw.
• Intelli-studio kan niet worden gebruikt op
Macintosh-computers.
De externe flitser of
GPS werkt niet
Controleer of de externe flitser goed is geplaatst
en is ingeschakeld.
Het scherm voor
de datum- en
tijdinstellingen
wordt weergegeven
wanneer u de camera
inschakelt
• Stel de datum en tijd opnieuw in.
• Dit scherm verschijnt wanneer de interne
krachtbron van de camera volledig is ontladen.
Plaats een volledig opgeladen batterij en wacht
ten minste 72 uur in uitgeschakelde toestand
tot de interne krachtbron weer is opgeladen.
159
Bijlagen
Cameraspecificaties
Beeldsensor
Scherm
Type
CMOS
Type
TFT LCD
Sensorformaat
23,5 X 15,7 mm
Formaat
3,0 inch (Ongeveer 7,6 cm)
Effectieve pixels
Ongeveer 20,3 megapixel
Resolutie
VGA (640X480) Ongeveer 921.000 punten
Totaalaantal pixels
Ongeveer 21,6 megapixel
Gezichtsveld
Ongeveer 100 %
Kleurenfilter
RGB-primairekleurenfilter
Gebruikersscherm
Rasterlijn, Pictogrammen, Histogram,
Afstandsschaal, Peilmeter
Lensvatting
Type
Samsung NX-vatting
Beschikbare lens
Samsung-lenzen
Beeldstabilisatie
Type
Lens-shift (afhankelijk van de lens)
Modus
Modus 1/Modus 2/Uit
Lensvervormingscorrectie
Lensvervormingscorrectie voor lens aan / uit (afhankelijk van de lens)
Scherpstelling
Type
Contrast AF
Scherptepunt
• Selectie: 1 punt (vrije selectie)
• Multi: normaal 15 punten, close-up 35 punten
• Gezichtsdet. AF: max. 10 gezichten
Modus
Enkelvoudige AF, Continu AF, Handm.
scherpstellen
AF-hulplampje
Inbegrepen (groene LED)
Sluiter
i-Function
E (afhankelijk van de lens), Z (X1.2, 1.4, 1.7, 2.0)
Type
Elektronisch gestuurde verticaal lopende
spleetsluiter
Sluitertijd
• Auto: 1/4000-30 sec.
• Handmatig: 1/4000-30 sec. (1/3 EV-stap)
• Bulb (tijdslimiet: 4 min.)
Stofreductie
Type
Ultrasoon transport
160
Bijlagen >
Cameraspecificaties
Belichting
TTL 221 (17 X 13) Bloksegment
Lichtmetingssysteem
Lichtmeting: Multi, Centr. gewogen, Spot
Burst-opname
• 10, 15 of 30 frames per seconde
• Maximaal 30 per druk op de ontspanknop
Bracket-opname
Automatische belichtingsbracketing (±3 EV),
Witbalansbracketing, Fotowizardbracketing
Zelfontspanner
2-30 sec. (interval van 1 seconde)
Ontspanknop
SR2NX02 (via micro USB-poort) (optioneel)
Lichtmeetbereik: EV 0-18 (ISO100 · 30 mm, F2)
Compensatie
±3 EV (1/3 EV-stap)
AE-vergrendeling
Knop Aangepast
• 1 stap: Auto, ISO 100, ISO 200, ISO 400,
ISO-equivalent
Type
Alleen externe flitser (bundel met SEF8A)
Modus
Smart Flitser, Auto, Automatisch rode ogen
onderdrukken, Invulflits, Invulflits + Rode ogen,
1e gordijn, 2e gordijn, Uit
Richtgetal
8 (gebaseerd op ISO 100)
Beeldhoek
28 mm (35-mm-filmequivalent)
Synchronisatiesnelheid
Minder dan 1/180 sec.
1 opname, Serieopname, Burst (5M alleen),
Timer, Belichtingstrap (Automatische belichting,
Witbalans, Fotowizard)
EV flitser
-2-+2 EV (0,5 EV-stap)
Externe flitser
Externe optionele Samsung-flitser:
SEF42A, SEF220A
• JPEG
- Hoog (8 fps): maximaal 11 opnamen mogelijk
- Laag (3 fps): maximaal 15 opnamen mogelijk
• RAW
- Hoog (8 fps), Laag (3 fps): tot 8 opnamen
Synchronisatieterminal
Hot-shoe
ISO 800, ISO 1600, ISO 3200, ISO 6400,
ISO 12800
• 1/3 stap: Auto, ISO 100, ISO 125, ISO 160,
ISO 200, ISO 250, ISO 320, ISO 400,
ISO 500, ISO 640, ISO 800, ISO 1000,
ISO 1250, ISO 1600, ISO 2000, ISO 2500,
ISO 3200, ISO 4000, ISO 5000, ISO 6400,
ISO 8000, ISO 10000, ISO 12800
Transportmodus
Modus
Continuopnamen
Flitser
Witbalans
Modus
Auto witbalans, Daglicht, Bewolkt, Wit TL-licht,
NW TL-licht, Daglicht-TL, Kunstlicht, WB flitser,
Aangep. instelling, Kleurtemperatuur (handmatig)
Microaanpassing
Oranje/Blauw/Groen/Magenta,
respectievelijk 7 stappen
mogelijk
161
Bijlagen >
Cameraspecificaties
• JPEG (3:2): 20.0M (5472X3648),
HDR-bereik
HDR-bereik Aan/Uit
Fotowizard
Modus
Standaard, Helder, Portret, Landschap, Bos,
Retro, Koel, Rustig, Klassiek, Aangepast 1,
Aangepast 2, Aangepast 3
Parameter
Contrast, Scherpte, Kleurverzadiging, Kleur
Formaat
Opname
Modus
Smart Auto, Programma, Diafragmaprioriteit,
Sluiterprioriteit, Handmatig, Lensprioriteit,
Magisch, Scène, Film, Wi-Fi
Scènemodus
Panorama (Live Panorama, 3D), Beautyshot,
Nacht, Landschap, Portret, Kinderen, Sport,
Close-up, Tekst, Zon onder, Dageraad, Tegenl.,
Vuurwerk, Strand/sneeuw, 3D Shot
Intelligent filter
Vignetten, Miniatuur, Visoog, Schets, Anti-nevel,
Halftoonstippen, Softfocus, Oude film 1, Oude
film 2, Negatief
Magisch kader
Oud album, Oude film, Golf, Volle maan,
Oude plaat, Magazine, Krant, Zonnige dag,
Klassieke TV, Muurkunst, Vakantie,
Reclamebord 1, Reclamebord 2
Kleurselectie
Rood, Groen, Blauw, Geel
10.1M (3888X2592), 5.9M (2976X1984),
5.0M (2736X1824) (alleen serieopnamen),
2.0M (1728X1152)
• JPEG (16:9): 16.9M (5472X3080),
7.8M (3712X2088), 4.9M (2944X1656),
2.1M (1920X1080)
• JPEG (1:1): 13.3M (3648X3648),
7.0M (2640X2640), 4.0M (2000X2000),
1.1M (1024X1024)
• RAW: 20.0M (5472X3648)
Kwalit.
Superhoog, Hoog, Normaal
RAW-standaard
SRW
Kleurruimte
sRGB, Adobe RGB
Video
Type
MP4 (H.264)
Indeling
Video: H.264, Geluid: AAC
Film AE-modus
Programma, Diafragmaprioriteit, Sluiterprioriteit,
Handmatig
162
Bijlagen >
Cameraspecificaties
Videoclip
Audio aan/uit (opnametijd: maximaal 25 min)
Intelligent filter
Vignetten, Miniatuur, Visoog, Schets, Anti-nevel,
Halftoonstippen, Softfocus, Oude film 1, Oude
film 2, Negatief
Formaat
1920X1080, 1920X810, 1280X720, 640X480,
320X240 (Om te delen)
Opnamesnelheid
24 of 30 frames per seconde (24 fps is alleen
beschikbaar met 1920X810.)
Multi Motion
x0.25 (alleen 640X480, 320X240),
x0.5 (alleen 1280X720, 640X480, 320X240),
x1, x5, x10, x20
Kwalit.
Hoge kwaliteit, Normaal
Geluid
Stereo
Bewerken
Stilstaand beeld als foto vastleggen,
Video inkorten
Weergave
Intelligent filter
Miniatuur, Softfocus, Oude film 1, Oude film 2,
Halftoonstippen, Schets, Visoog, Anti-nevel,
Negatief
• JPEG (3:2): 5.9M (2976X1984),
5.0M (2736X1824), 2.0M (1728X1152)
Intelligent filter-formaat
• JPEG (16:9): 6.2M (3328X1872),
4.9M (2944X1656), 2.1M (1920X1080)
• JPEG (1:1): 6.0M (2448X2448),
4.0M (2000X2000), 1.1M (1024X1024)
Opslag
Media
Extern geheugen (optioneel):
SD-kaart (tot 1-2 GB gegarandeerd),
SDHC-kaart (tot 32 GB gegarandeerd),
SDXC-kaart (tot 128 GB gegarandeerd)
Bestandsindeling
RAW (SRW), JPEG (EXIF 2.21), DCF,
DPOF 1.1, PictBridge 1.0
Rechtstreeks afdrukken
PictBridge
Type
Eén afbeelding, Miniaturen (3/15/40),
Diashow, Film
Bewerken
Intelligent filter, Anti-rode ogen, Tegenl.,
Res.wijz, Draaien, Gezichtretouch., Helderheid,
Contrast, Vignetten
GPS
Type
Geo-tagging met optionele GPS-module
(WGS 84)
• Locatienaam (alleen beschikbaar in het Engels
Functionaliteit
en Koreaans)
• Koppeling met Google Maps (via Intelli-studio)
163
Bijlagen >
Cameraspecificaties
Draadloos netwerk
Afmetingen (B x H x D)
Type
IEEE 802.11n ondersteund
Functie
SNS en cloud, E-mail, MobileLink,
Remote Viewfinder, Automatische back-up,
TV Link, Wi-Fi Direct, AutoShare
Interface
Digitale uitvoer
USB 2.0 (HI-SPEED) (micro USB-aansluiting)
Video-uitvoer
NTSC, PAL (instelbaar)
HDMI 1.4b: (1080i, 720p, 576p/480p)
Externe ontspanknop
Ja (micro USB)
Externe microfoon
Ja
114 x 62,5 x 37,5 mm (zonder uitsteeksels)
Gewicht
222 g (zonder batterij en geheugenkaart)
Bedrijfstemperatuur
0-40 °C
Bedrijfsluchtvochtigheid
5-85 %
Software
Energiebron
Type
• Oplaadbare batterij: BP1030 (1030 mAh)
• Oplader: BC1030
Intelli-studio, Adobe Photoshop Lightroom, PC Auto Backup
* Deze specificaties kunnen in het kader van prestatieverbeteringen zonder kennisgeving
worden gewijzigd.
* Andere merken en productnamen zijn handelsmerken van hun respectieve eigenaars.
* Afhankelijk van uw regio kan de voedingsbron
verschillen.
164
Bijlagen
Woordenlijst
AP (Toegangspunt)
AEL (Vergrendeling automatische belichting)
Een toegangspunt is een apparaat waarmee draadloze apparaten
verbinding kunnen maken met een bedraad netwerk.
Met deze functie kunt u de belichting vergrendelen op het onderwerp
waarvan u de belichting wilt berekenen.
Ad-hocnetwerk
AF (Autofocus)
Een ad-hocnetwerk is een tijdelijk verbinding voor het delen van
bestanden of een internetverbinding tussen computers en apparaten.
Een systeem dat automatisch de cameralens scherpstelt op het
onderwerp. Uw camera gebruikt het contrast om automatisch scherp te
stellen.
AdobeRGB
Adobe RGB wordt gebruikt voor commercieel afdrukken en heeft een
groter kleurenbereik dan sRGB. Door het grotere kleurenbereik kunt u
foto's gemakkelijk bewerken op een computer.
AEB (Opnamereeks met verschillende belichtingen)
Deze functie maakt automatisch meerdere beelden met verschillenden
belichtingen om u te helpen een goedbelicht beeld te maken.
AMOLED (Active-matrix organic light-emitting diode)/
LCD (Liquid Crystal Display)
AMOLED is een scherm dat erg dun en licht is en waarvoor geen
achtergrondverlichting nodig is. LCD is een scherm dat algemeen wordt
gebruikt in consumentenelektronica. Dit scherm heeft een afzonderlijke
achtergrondverlichting, zoals CCFL of LED, nodig om kleuren te
reproduceren.
Diafragma
Het diafragma bepaalt de hoeveelheid licht die de sensor van de camera
bereikt.
165
Bijlagen >
Woordenlijst
Bewegingsonscherpte (vaag)
Compositie
Als de camera wordt bewogen wanneer de sluiter is geopend, kan het
volledige beeld vaag lijken. Dit komt vaker voor wanneer de sluitertijd
laag is. Voorkom bewegingsonscherpte door de gevoeligheid te
verhogen, de flitser te gebruiken of een hogere sluitertijd. U kunt ook
een statief of de OIS-functie gebruiken om de camera te stabiliseren.
Met compositie wordt de plaatsing van de verschillende elementen in
het beeld bedoeld. Meestal levert een compositie volgens de regel van
derden een plezierig resultaat.
DCF (Design rule for Camera File system)
Cloudcomputing
Cloudcomputing is een technologie waarmee u gegevens kunt opslaan
op externe servers en de gegevens kunt gebruiken op een apparaat met
internettoegang.
Een specificatie voor het definiëren van een bestandsindeling en
bestandssysteem voor digitale camera's die is gemaakt door de Japan
Electronics and Information Technology Industries Association (JEITA).
Scherptediepte
Kleurruimte
Het kleurenbereik dat de camera kan zien.
Kleurtemperatuur
Kleurtemperatuur is een maat in graden Kelvin waarmee de tint
van een bepaald type lichtbron wordt aangegeven. Wanneer de
kleurtemperatuur toeneemt, heeft de kleur van de lichtbron een
blauwiger tint. Wanneer de kleurtemperatuur afneemt, heeft de kleur van
de lichtbron een rodere tint. Bij 5500 graden Kelvin is de kleur van de
lichtbron vergelijkbaar met die van de zon rond het middaguur.
De afstand tussen het dichtstbijzijnde en verste punt waarop kan
worden scherpgesteld in een foto. De scherptediepte verschilt per
diafragma, brandpuntsafstand en afstand tussen de camera en het
onderwerp. Als u bijvoorbeeld een kleiner diafragma selecteert, wordt de
scherptediepte vergroot en wordt de achtergrond van een compositie
vaag.
DPOF (Digitale afdrukbestelling)
Een indeling voor het schrijven van afdrukgegevens, zoals geselecteerde
beelden en het aantal afdrukken, op een geheugenkaart. Printers die
compatibel zijn met DPOF, soms verkrijgbaar in fotowinkels, kunnen de
informatie lezen van de kaart voor eenvoudig afdrukken.
166
Bijlagen >
Woordenlijst
EV (Belichtingswaarde)
Flitser
Alle combinaties van de camerasluitertijd en diafragma die resulteren in
dezelfde belichting.
Een flitslamp die ervoor zorgt dat er voldoende belichting is in
omstandigheden met weinig licht.
EV-compensatie
Brandpuntsafstand
Met deze functie kunt u snel de belichtingswaarde aanpassen die wordt
berekend door de camera, in beperkte stappen, om de belichting van
uw foto's te verbeteren.
De afstand van het brandpunt van de lens tot het beeldvlak (in
millimeters). Grotere brandpuntsafstanden resulteren in een kleinere
beeldhoek en een grotere weergave van het onderwerp. Kleinere
brandpuntsafstanden resulteren in een grotere beeldhoek.
Exif (Exchangeable Image File Format)
Een specificatie voor het definiëren van een beeldbestandindeling voor
digitale camera's die is gemaakt door de Japan Electronic Industries
Development Association (JEIDA).
Histogram
Een grafische weergave van de helderheid van een beeld. De
horizontale as stelt de helderheid voor en de verticale as het aantal
pixels. Hoge pieken aan de linkerkant (te donker) en aan de rechterkant
(te licht) op het histogram geven aan dat een foto niet goed is belicht.
Belichting
De hoeveelheid licht die de sensor van de camera mag bereiken.
Belichting wordt bepaald door een combinatie van sluitertijd, diafragma
en ISO-waarde.
167
Bijlagen >
Woordenlijst
H.264/MPEG-4
JPEG (Joint Photographic Experts Group)
Een video-indeling met hoge compressie die is ontwikkeld door de
internationale standaardisatieorganisaties ISO-IEC en ITU-T. Deze codec
kan video van goede kwaliteit leveren bij lage bitsnelheden ontwikkeld
door JVT (Joint Video Team).
Een lossy-methode van compressie voor digitale beelden. JPEGbeelden worden gecomprimeerd om de algehele bestandsgrootte te
verminderen met minimale afname van de beeldresolutie.
Lichtmeting
Beeldsensor
Het fysieke deel van een digitale camera die een fotosite bevat voor elke
pixel in het beeld. Elke fotosite neemt de helderheid van het licht op dat
de fotosite bereikt tijdens een belichting. Algemene sensortypen zijn
CCD (Charge-coupled Device) en CMOS (Complementary Metal Oxide
Semiconductor).
De lichtmeting heeft betrekking op de manier waarop een camera de
hoeveelheid licht meet om de belichting in te stellen.
MF (Handmatige scherpstelling)
IP (Internet Protocol)-adres
Een systeem dat de cameralens handmatig scherpstelt op het
onderwerp. U kunt de scherpstelring gebruiken om scherp te stellen op
een onderwerp.
Een IP-adres is een uniek nummer dat wordt toegewezen aan elk
apparaat dat verbinding heeft gemaakt met internet.
MJPEG (Motion JPEG)
Een video-indeling die wordt gecomprimeerd als een JPEG-beeld.
ISO-waarde
De gevoeligheid van een camera voor licht, gebaseerd op de
equivalente filmsnelheid gebruikt in een filmcamera. Met hogere ISOwaarden gebruikt de camera een hogere sluitertijd, waardoor vervaging
kan worden verminderd die wordt veroorzaakt door het bewegen van de
camera en weinig licht. Beelden met een hoge gevoeligheid zijn echter
veel gevoeliger voor ruis.
MPO (Multi Picture Object)
Een indeling voor beeldbestanden waarbij een bestand meerdere
beelden bevat. Een MPO-bestand levert een 3D-effect op MPOcompatibele schermen, zoals 3D-televisies of 3D-monitors.
168
Bijlagen >
Woordenlijst
Ruis
Kwaliteit
Verkeerd geïnterpreteerde pixels in een digitaal beeld die mogelijk
worden weergegeven als verkeerd geplaatste of willekeurige, heldere
pixels. Ruis treedt meestal op wanneer foto's worden gemaakt met
een hoge gevoeligheid of wanneer de gevoeligheid automatisch wordt
ingesteld op een donkere locatie.
Een uitdrukking van het compressieniveau dat is gebruikt in een
digitaal beeld. Beelden met een hogere kwaliteit hebben een lager
compressieniveau, wat meestal resulteert in grotere bestanden.
RAW (Onbewerkte sensorgegevens)
NTSC (National Television System Committee)
Een coderingsnorm voor videokleur die vooral wordt gebruikt in Japan,
Noord-Amerika, de Filippijnen, Zuid-Amerika, Zuid-Korea en Taiwan.
De oorspronkelijke, niet-verwerkte gegevens die rechtstreeks
afkomstig zijn van de beeldsensor van de camera. Witbalans, contrast,
verzadiging, scherpte en andere gegevens kunnen worden bewerkt met
bewerkingssoftware voordat het beeld wordt gecomprimeerd naar een
standaardbestandsindeling.
Optische zoom
Dit is een algemene zoomfunctie waarmee beelden kunnen worden
vergroot met een lens en waarmee de beeldkwaliteit niet vermindert.
Resolutie
Het aantal pixels in een digitaal beeld. Beelden met hoge resolutie
bevatten meer pixels en bevatten meer details dan beelden met lage
resolutie.
PAL (Phase Alternate Line)
Een coderingsnorm voor videokleur die in verschillende landen in Afrika,
Azië, Europa en het Midden-Oosten wordt gebruikt.
169
Bijlagen >
Woordenlijst
Sluitertijd
Witbalans (kleurbalans)
De sluitertijd is de hoeveelheid tijd die nodig is om de sluiter te openen
en te sluiten. Dit is een belangrijke factor voor de helderheid van een
foto, aangezien hiermee de hoeveelheid licht wordt geregeld die door
het diafragma op de beeldsensor valt. Met een kortere sluitertijd valt er
minder licht naar binnen en wordt de foto donkerder, maar is het ook
eenvoudiger om de beweging van het onderwerp te bevriezen.
Een aanpassing van de intensiteit van kleuren (meestal de primaire
kleuren rood, groen en blauw) in een beeld. Het doel van het aanpassen
van de witbalans, of kleurbalans, is de kleuren van een beeld correct
weergeven.
Wi-Fi
sRGB (Standard RGB)
Internationale norm voor kleurruimte, vastgesteld door de IEC
(International Electrotechnical Commission). Deze norm is vastgesteld
op basis van kleurruimte voor computermonitoren en wordt ook gebruikt
als de standaardkleurruimte voor Exif.
Wi-Fi is een technologie waarmee elektronische apparaten draadloos
gegevens kunnen uitwisselen via een netwerk.
WPS (Wi-Fi Protected Setup)
WPS is een technologie voor beveiliging van draadloze thuisnetwerken.
Vignetten
Een vermindering van de helderheid of de verzadiging van een beeld bij
de randen in vergelijking met het midden van het beeld. Vignetten kan
de aandacht richten op onderwerpen die in het midden van een beeld
zijn geplaatst.
170
Bijlagen
Optionele accessoires
Lens
Lens
SAMSUNG 18-55 mm
F3.5-5.6 OIS III
SAMSUNG 20-50 mm
F3.5-5.6 ED II
SAMSUNG 85 mm F1.4 ED SSA
SAMSUNG 16 mm F2.4
SAMSUNG 20 mm F2.8
SAMSUNG 45 mm F1.8
SAMSUNG 12-24 mm F4-5.6 ED
Externe flitser
SAMSUNG 30 mm F2
SAMSUNG 50-200 mm
F4-5.6 ED OIS II
SEF42A
SEF220A
GPS
SAMSUNG 60 mm F2.8
Macro ED OIS SSA
SAMSUNG 18-200 mm
F3.5-6.3 ED OIS
GPS10
171
Bijlagen >
Optionele accessoires
Overige accessoires
Overige accessoires
Cameratas
De cameratas kan apart worden aangeschaft.
Draadontspanner (micro USB-type)
De ontspanknop vermindert
bewegingsonscherpte als u deze gebruikt met
een statief.
Camera-etui
Het camera-etui kan apart worden aangeschaft.
Microfoon
De microfoon vangt het geluid van het
onderwerp beter op wanneer u een video
opneemt met de zoomfunctie.
Geheugenkaart
Dit product accepteert de geheugenkaarten
SD (Secure Digital), SDHC (Secure Digital High
Capacity), SDXC (Secure Digital eXtended
Capacity), microSD, microSDHC of microSDXC.
Polslus
De polslussen kunnen apart worden
aangeschaft.
Filter
U kunt allerlei kleureffecten bereiken door filters
voor de lens te plaatsen.
Batterij
U kunt extra batterijen aanschaffen.
USB-kabel
U kunt extra USB-kabels aanschaffen.
Snelle batterijoplader
U kunt een optionele snelle batterijoplader
aanschaffen.
HDMI-kabel
U kunt high-definition foto's en video's
bekijken door de camera met de HDMI-kabel
(HDMI type D) op een HDMI-monitor aan te
sluiten.
• De afbeeldingen kunnen afwijken van de werkelijke artikelen. Raadpleeg de
gebruiksaanwijzing van deze optionele accessoires voor meer informatie.
• Gebruik alleen door Samsung goedgekeurde accessoires. Samsung is niet
verantwoordelijk voor schade die door het gebruik van accessoires van
derden ontstaat.
172
Bijlagen
Index
A
C
F
H
Adobe Photoshop Lightroom 146
Camera
F-getal 15
HDR-bereik 82
Flitser
Houding 13
Aansluiten als verwisselbare
schijf 140
Aansluiten op pc 140
Indeling 28
Loskoppelen (Windows) 141
Autofocus 65
Automatische back-up 117
AutoShare 106
B
Batterij
Levensduur 156
Specificaties 155
Belichtingstrap 72, 74
Foto's
D
Diafragma 14, 18
Diashow 94
Belichtingswaarde (EV) 15, 85
Digitale afdrukbestelling
(DPOF) 138
Bestanden
Draadloos netwerk 101
Beveiligen 92
Foto-indeling 59
Overbrengen naar Mac 141
Overbrengen naar pc 140
Verwijderen 92
Video-indeling 59
Bounce-fotografie 25
Flitsopties 76
Intensiteit 77
Richtgetal 24
Bewerken 98
Opname-instellingen 57
Vergroten 94
Weergeven op 3D-televisie 136
Weergeven op camera 90
Weergeven op HDTV 135
Fotostijlen 64
Fotowizard 64
I
i-Function 48
Intelli-studio 143
In-/uitfaden 88
ISO-waarde 17, 18, 60
i-Zoom 49
K
Kleurruimte 84
E
E-mail 113
Externe zoeker 109
G
Knop Aangepast 128
Knop SMART LINK 30
Geheugenkaart 152
Brandpuntsafstand 19
173
Bijlagen >
Index
Optionele accessoires
L
Lenzen
Markeringen 37
Ontgrendelen 35
Vergrendelen 35
GPS-module aansluiten 41
Indeling van GPS-module 41
Onderdelen van flitser 38
Timer 73
TV Link 119
Optische beeldstabilisatie
(OIS) 71
V
L.meting 79
M
T
P
Video's
Opties 87
Weergeven 96
PictBridge 137
MF-help 70
O
Onderhoud 149
R
W
Regel van derden 22
Woordenlijst 165
Rode ogen-effect 77
Opnamemethode 72
3
Opnamemodi
Diafragmaprioriteit 45
Film 54
Handmatig 46
Lensprioriteit 47
Programma 44
Scène 51
Sluitertijdvoorkeuze 45
Smart Auto 43
S
3D-opname 53
Scherptediepte 15, 20
Sluitertijd 16, 18
Snelheid
(zie Opnamemethode) 72
174
Bijlagen
Correcte afvoer van dit product
(inzameling en recycling van elektrische en elektronische
apparatuur)
(Van toepassing in de Europese Unie en andere Europese landen
waar afval gescheiden wordt ingezameld.)
Dit merkteken op het product, de accessoires of het informatiemateriaal
duidt erop dat het product en zijn elektronische accessoires
(bv. lader, headset, USB-kabel) niet met ander huishoudelijk afval
verwijderd mogen worden aan het einde van hun gebruiksduur. Om
mogelijke schade aan het milieu of de menselijke gezondheid door
ongecontroleerde afvalverwijdering te voorkomen, moet u deze artikelen
van andere soorten afval scheiden en op een verantwoorde manier
recyclen, zodat het duurzame hergebruik van materiaalbronnen wordt
bevorderd. Huishoudelijke gebruikers moeten contact opnemen met
de winkel waar ze dit product hebben gekocht of met de gemeente
waar ze wonen om te vernemen waar en hoe ze deze artikelen
milieuvriendelijk kunnen laten recyclen. Zakelijke gebruikers moeten
contact opnemen met hun leverancier en de algemene voorwaarden
van de koopovereenkomst nalezen. Dit product en zijn elektronische
accessoires mogen niet met ander bedrijfsafval voor verwijdering
worden gemengd.
Correcte afvoer van de batterijen in dit product
(Van toepassing op de Europese Unie en andere Europese
landen met afzonderlijke inzamelingssystemen voor accu’s en
batterijen)
Dit merkteken op de accu, gebruiksaanwijzing of verpakking geeft aan
dat de accu in dit product aan het einde van de levensduur niet samen
met ander huishoudelijk afval mag worden weggegooid. De chemische
symbolen Hg, Cd of Pb geven aan dat het kwik-, cadmium- of
loodgehalte in de accu hoger is dan de referentieniveaus in de Richtlijn
2006/66/EC. Indien de gebruikte accu niet op de juiste wijze wordt
behandeld, kunnen deze stoffen schadelijk zijn voor de gezondheid van
mensen of het milieu.
Ter bescherming van de natuurlijke hulpbronnen en ter bevordering van
het hergebruik van materialen, verzoeken wij u afgedankte accu’s en
batterijen te scheiden van andere soorten afval en voor recycling aan te
bieden bij het gratis inzamelingssysteem voor accu’s en batterijen in uw
omgeving.
Deze apparatuur mag in alle EU-landen worden gebruikt.
In Frankrijk mag deze apparatuur alleen binnenshuis worden gebruikt.
175
ELECTRONICS
Conformiteitsverklaring
en de richtlijn (2011/65/EU) betreffende de beperking voor
het gebruik van bepaalde gevaarlijke stoffen in elektrische en
elektronische apparatuur en Eco-designrichtlijn (2009/125/EC)
geïmplementeerd door reglementen (EC) No 278/2009 voor
externe stroomvoorzieningen.
Productdetails
Voor het volgende
Product : DIGITALE CAMERA
Model(len) : NX1100
Vertegenwoordiger in de EU
Verklaring en van toepassing zijnde standaarden
Wij verklaren hierbij dat het bovenstaande product voldoet aan
de benodigde vereisten van de R&TTE-richtlijn (1999/5/EC) door
toepassing van:
Samsung Electronics Euro QA Lab.
Blackbushe Business Park
Saxony Way, Yateley, Hampshire
GU46 6GG, UK
(JAAR VAN BEGIN AANBRENGEN
8 februari 2013
Joong-Hoon Choi / Lab. Manager
(plaats en datum van afgifte)
(naam en handtekening van gemachtigde
persoon)
CE-MARKERING 2013)
EN 60950-1:2006+A11:2009+A1:2010+A12:2011 EN 55024:1998+A1:2001+A2:2003
EN 55022:2006+A1 :2007
EN 61000-3-2:2006 +A1:2009 +A2:2009
EN 61000-3-3:2008
EN 300 328 v1.7.1
EN 301 489-1 v1.8.1
EN 301 489-17 V2.1.1
EN62311 :2008
* Dit is niet het adres van het Samsung Servicecenter. Voor het
adres of telefoonnummer van het Samsung Servicecenter
raadpleegt u de garantiekaart of neemt u contact op met de
winkel waar u uw product hebt gekocht.
176
Bijlagen
Verklaring in officiële talen
Land
Verklaring
Cesky
Samsung Electronics tímto prohlašuje, že tento digitální fotoaparát je ve shodě se základními požadavky a dalšími příslušnými
ustanoveními směrnice 1999/5/ES.
Dansk
Samsung Electronics erklærer herved, at digitale kameraer overholder de væsentlige krav og øvrige relevante krav i direktiv 1999/5/
EF.
Deutsch
Hiermit erklärt Samsung Electronic, dass sich die Digitalkamera in Übereinstimmung mit den grundlegenden Anforderungen und den
übrigen einschlägigen Bestimmungen der Richtlinie 1999/5/EG befindet.
Eesti
Käesolevaga kinnitab Samsung Electronics digitaalkaamera vastavust direktiivi 1999/5/EÜ põhinõuetele ja nimetatud direktiivist
tulenevatele teistele asjakohastele sätetele.
English
Hereby, Samsung Electronics declares that this digital camera is in compliance with the essential requirements and other relevant
provisions of Directive 1999/5/EC.
Español
Por medio de la presente Samsung Electronics declara que la cámara digital cumple con los requisitos esenciales y cualesquiera
otras disposiciones aplicables o exigibles de la Directiva 1999/5/CE.
Ελληνική
ΜΕ ΤΗΝ ΠΑΡΟΥΣΑ η Samsung Electronics ΔΗΛΩΝΕΙ ΟΤΙ η ψηφιακή φωτογραφική μηχανή ΣΥΜΜΟΡΦΩΝΕΤΑΙ ΠΡΟΣ ΤΙΣ
ΟΥΣΙΩΔΕΙΣ ΑΠΑΙΤΗΣΕΙΣ ΚΑΙ ΤΙΣ ΛΟΙΠΕΣ ΣΧΕΤΙΚΕΣ ΔΙΑΤΑΞΕΙΣ ΤΗΣ ΟΔΗΓΙΑΣ 1999/5/ΕΚ.
Français
Par la présente Samsung Electronic déclare que l'appareil photo numérique est conforme aux exigences essentielles et aux autres
dispositions pertinentes de la directive 1999/5/CE.
Italiano
Con la presente Samsung Electronicsdichiara che questa fotocamera digitale è conforme ai requisiti essenziali e alle altre
disposizioni stabilite dalla Direttiva 1999/5/CE.
Latviski
Ar šo Samsung Electronics deklarē, ka digitālā kamera atbilst Direktīvas 1999/5/EK būtiskajām prasībām un citiem ar to saistītajiem
noteikumiem.
Lietuvių
Šiuo Samsung Electronics deklaruoja, kad šis skaitmeninis fotoaparatas, atitinka esminius reikalavimus ir kitas 1999/5/EB Direktyvos
nuostatas.
Nederlands
Hierbij verklaart Samsung Electronics dat de digitale camera in overeenstemming is met de essentiële eisen en de andere relevante
bepalingen van richtlijn 1999/5/EG.
Malti
Hawnhekk, Samsung Electronics, tiddikjara li din il-kamera diġitali hi konformi mar-rekwiżiti essenzjali u ma' dispożizzjonijiet rilevanti
oħrajn ta' Direttiva 1999/5/KE.
177
Bijlagen >
Verklaring in officiële talen
Land
Verklaring
Magyar
A Samsung Electronics kijelenti, hogy ez a digitális fényképezőgép megfelel az 1999/5/EK irányelv alapvetõ követelményeinek és
egyéb vonatkozó elõírásainak.
Polski
Niniejszym firma Samsung Electronics oświadcza, że ten aparat cyfrowy jest zgodny z zasadniczymi wymogami oraz pozostałymi
stosownymi postanowieniami Dyrektywy 1999/5/WE.
Português
Samsung Electronics declara que esta câmera digital está conforme os requisitos essenciais e outras disposições da Directiva
1999/5/CE.
Slovensko
Samsung Electronics izjavlja, da je ta digitalni fotoaparat v skladu z bistvenimi zahtevami in ostalimi relevantnimi določili direktive
1999/5/ES.
Slovensky
Samsung Electronics týmto vyhlasuje, že tento digitálny fotoaparát spĺňa základné požiadavky a všetky príslušné ustanovenia
Smernice 1999/5/ES.
Suomi
Samsung Electronics vakuuttaa täten että tämä digitaalikamera on direktiivin 1999/5/EY oleellisten vaatimusten ja sitä koskevien
direktiivin muiden ehtojen mukainen.
Svenska
Härmed intygar Samsung Electronicsatt dessa digitalkameror står i överensstämmelse med de väsentliga egenskapskrav och övriga
relevanta bestämmelser som framgår av direktiv 1999/5/EG.
Български
С настоящото Samsung Electronics декларира, че този цифров фотоапарат е в съответствие със съществените изисквания и
другите приложими разпоредби на Директива 1999/5/ЕК.
Română
Prin prezenta, Samsung Electronics, declară că această cameră foto digitală este în conformitate cu cerinţele esenţiale şi alte
prevederi relevante ale Directivei 1999/5/CE.
Norsk
Samsung Electronicserklærer herved at dette digitalkameraet er i samsvar med de grunnleggende krav og øvrige relevante krav i
direktiv 1999/5/EF.
Türkiye
Bu belge ile, Samsung Electronics bu dijital kameranın 1999/5/EC Yönetmeliginin temel gerekliliklerine ve ilgili hükümlerine uygun
olduğunu beyan eder.
Íslenska
Hér með lýsir Samsung Electronics því yfir að þessi stafræna myndavél sé í samræmi við grunnkröfur og önnur ákvæði tilskipunar
1999/5/EB.
178
Raadpleeg voor klantenservice of bij vragen de garantie-informatie die met
het product is meegeleverd of bezoek onze website www.samsung.com.
Was this manual useful for you? yes no
Thank you for your participation!

* Your assessment is very important for improving the work of artificial intelligence, which forms the content of this project

Download PDF

advertising